Jaarverslag Erfgoedcommissie 2019 | MOOI Noord-Holland

Page 1

1

ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019


2 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

“Ik was zeer te spreken over de manier waarop de Erfgoedcommissie met mijn (principe) aanvraag is omgegaan. Het was prettig om te ervaren, dat ik uitgebreid in de gelegenheid werd gesteld om de plannen voor een nieuwe ontsluiting van ons “Huis van Daatje” op Landgoed Waterland toe mogen te lichten (tot twee maal toe). De Erfgoedcommissie leek een luisterend oor te bieden en bleek open te staan voor mijn plannen en stelde zich op een praktische en behulpzame manier op. Ook de behulpzaamheid en vriendelijke benadering door Masja Gemser van de Gemeente Velsen zou ik niet onvermeld willen laten. Een en ander biedt mij vertrouwen, dat de definitieve plannen voor een nieuwe ontsluiting op redelijke termijn zullen kunnen worden gerealiseerd.” Jaap Boreel, initiatiefnemer

Cover: Beschermd dorpsgezicht ‘s-Graveland, gemeente Wijdemeren


3

Voorwoord Voor u ligt het jaarverslag van de Erfgoedcommissie. Voor ons was 2019 het jaar van de woonhuizen. Meer dan andere jaren zien we dat eigenaren hun woonhuis willen restaureren, opknappen en tevens willen uitbouwen. Daarnaast zien we ook een toename van het transformeren van winkels, gevestigd in monumentale panden tot woonhuizen. Een voorbeeld hiervan is te vinden in het centrum van Enkhuizen. De centrumfunctie wordt meer gecentreerd in de binnenstad waardoor op veel plekken door de functiewijziging oude winkelpanden een woonbestemming krijgen.

In dit jaarverslag kijken we niet alleen terug maar blikken ook vooruit naar de nieuwe omgevingswet. In hoofdstuk drie wordt u geĂŻnformeerd over het scala aan advisering mogelijkheden. Tot slot: de constructieve plantoelichting van ambtenaren en het onderzoek van bereidwillige historische verenigingen hebben ervoor gezorgd dat de commissie haar adviezen goed heeft kunnen onderbouwen. We kijken uit naar 2020 waar we deze goede lijn verder kunnen doorzetten. Marjorie Verhoek, voorzitter Erfgoedcommissie

Binnen de commissies werken we met twee vaste leden, architect lid Kees Doornenbal en architectuurhistoricus Ana van der Mark, met daarnaast elke drie maanden een andere adviseur: Rob de Vries, Nico Zimmerman, Marcel Heijmans of Cees Hooyschuur. Het mooie van deze aanpak is dat er altijd een vaste lijn zit in onze advisering en tegelijk elke drie maanden een frisse blik. Deze werkwijze bevalt ons en zetten we in 2020 verder door. Als Erfgoedcommissie hebben we ook een belangrijke taak binnen het Steunpunt Monumenten & Archeologie Noord-Holland waar we tweemaandelijks een Erfgoedteam mee organiseren. Een goede synergie, want onderwerpen die we tegenkomen in de commissie agenderen we direct als thema in het Erfgoedteam. Een van die onderwerpen afgelopen jaar was de toepassing van nieuwe materialen en technieken bij restauraties van monumenten. Met het team bezochten we het 3Dmaaklab in Haarlem. Een spannende discussie vond plaats over de digitale mogelijkheden versus ambachtswerk: is 3D printen de toekomst of juist niet? De afwisseling tussen lezingen en excursies is een prettige: zo zijn we op excursie geweest naar de Atlantikwall in Den Helder. Hier namen we kennis van de problematiek rondom het instand houden van het erfgoed van de tweede wereldoorlog, zowel onder als boven de grond. De erfgoedteam bijeenkomsten zijn vaak op locatie en worden goed bezocht door ambtenaren die deze vorm van ondersteuning waarderen. Verderop in het jaarverslag kunt u er alles over lezen.


4 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

Provinciaal monument: stolp aan de Krankhoorn, Warmenhuizen

Provinciaal monument: Sintmaartensvlotbrug, Zijpe


5

Inhoud 1 Commissie, beoordelingskaders en werkwijze

6

2. Adviezen in 2019

14

3. Advisering onder de Omgevingswet

32

4. Erfgoedteam

34

5. Aanbevelingen HOE IS HET MET?

38 40

Colofon

42


6 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

Hoofdstuk 1 Commissie, werkwijze en beoordelingskaders MOOI Noord-Holland werkt met een centrale Erfgoedcommissie voor de advisering over bouwplannen voor monumenten en adviesaanvragen op het gebied van cultuurhistorie. De Erfgoedcommissie geeft zelfstandige en deskundige adviezen, opgesteld op basis van een zorgvuldige afweging van cultuurhistorische waarden die bij een bouwplan in het geding kunnen komen. 1.1 Samenstelling Om tot een weloverwogen besluitvorming te kunnen

komen is de Erfgoedcommissie samengesteld uit een kerncommissie van architectuurhistorici en (restauratie-)architecten. Afhankelijk van de aard van de aanvraag kan een bouwhistoricus, interieur- of landschapsspecialist aan de commissie worden toegevoegd. Zij brengen ieder hun specifieke expertise, vakkennis en ervaring in bij de behandeling en beoordeling van de adviesaanvragen. In de maandelijkse bijeenkomst op het bureau van MOOI Noord-Holland aan de Emmastraat te Alkmaar hebben telkens vier commissieleden zitting.

Kerncommisie Marjorie Verhoek, voorzitter Marjorie is sinds 2015 voorzitter van de Erfgoedcommissie en het erfgoedteam van het Steunpunt Monumenten & Archeologie Noord- Holland. Na jaren gewerkt te hebben voor de gemeente Zaanstad werkt ze sinds 2019 als programmaleider voor de Erfgoed Deal. Dit programma heeft tot doel om opgaven rondom duurzaamheid, klimaat, verstedelijking en erfgoed inclusief te maken. Het programma vindt zijn plek bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

Ana van der Mark MA, secretaris Ana is architectuurhistoricus en als beleidscoรถrdinator erfgoed werkzaam voor MOOI Noord-Holland. In die hoedanigheid is zij secretaris en lid van de Erfgoedcommissie en voert zij cultuurhistorische opdrachten uit. Zij is tevens erfgoedadviseur voor het Steunpunt Monumenten & Archeologie Noord-Holland en coรถrdinator van het Erfgoedteam.

Kees Doornenbal Kees is architect en sinds 1995 eigenaar van Rappange & Partners architecten te Amsterdam. Zijn werkzaamheden richten zich op kleinschalige en grootschalige restauraties, herbestemming en binnenstedelijke nieuwbouw. Sinds september 2012 is hij verbonden aan MOOI Noord-Holland als lid van de Welstands- en Monumentencommissie Alkmaar en sinds 2014 als lid van de MOOI Noord-Holland Erfgoedcommissie.


7

Roulerende leden Marcel Heijmans Marcel is architect en monumentenadviseur. Vanuit zijn bureau Studio Architectura richt hij zich op het herbestemmen, transformeren en uitbreiden van historische gebouwen. Voor zowel de eigen projecten als voor derden verricht hij bouwhistorische onderzoeken. Marcel is sinds 2006 verbonden aan MOOI Noord-Holland en is naast de Erfgoedcommissie ook adviseur bij de monumentencommissie Beverwijk en Schagen.

Cees Hooyschuur Cees is architect en gespecialiseerd in restauratie , renovatie en binnenstedelijke stadsvernieuwingsprojecten. Voor MOOI Noord- Holland is hij adviseur van de commissie stedelijk schoon Velsen – IJmuiden, monumenten adviseur voor de gemeente Heiloo, Bergen en Uitgeest en sinds 2013 verbonden aan de Erfgoedcommissie.

Rob de Vries Rob is eigenaar van architectenbureau De Vries Urban Architecture (DVUA BV). Hij studeerde cum laude af aan de Academie van Bouwkunst. Zijn bureau is gespecialiseerd in verschillende vormen van nieuwbouw en in hergebruik van oude gebouwen en restauraties. Sinds 2002 is hij zowel als architect en als monumentendeskundige verbonden aan MOOI Noord-Holland..

Nico Zimmermann Nico is architect en sinds 1993 eigenaar van ITZ-Architecten in Amsterdam. Behalve als ontwerper van kleine en grote projecten die zowel de nieuwbouw als de herbestemming van bestaande gebouwen betreffen, is hij als deken actief voor de BNA regio Amsterdam en als redacteur voor Jellema Hogere Bouwkunde, het standaardwerk voor de bouw in Nederland. Sinds 2003 heeft hij zitting in diverse welstandscommissies en is hij sinds 2007 betrokken bij MOOI Noord-Holland als architect-lid van o.a. de Erfgoedcommissie.

Meer informatie over de samenstelling van de commissie en de achtergrond van haar leden vindt u op de website van MOOI Noord-Holland in de brochure: Goed voor uw Erfgoed.


8 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

1.2 Werkwijze De commissie vergadert ten minste één keer per maand op de woensdag volgens een per jaar vastgesteld rooster. Om tot een goede beoordeling te kunnen komen, moeten de plannen voor een omgevingsvergunning voldoen aan indieningsvereisten die horen bij het aanvragen van een omgevingsvergunning activiteit monumenten. De commissie kan op verzoek van de gemeente ook preadviezen uitbrengen, dan worden er geen indieningsvereisten gesteld, en heeft het meer het karakter van een vooroverleg. Bij gecompliceerde en/of ingrijpende plannen kan een bezoek op locatie door de commissie plaatsvinden, altijd in overleg met de gemeente. De commissie vergadert ten minste één keer per maand op de woensdag volgens een per jaar vastgesteld rooster. Om tot een goede beoordeling te kunnen komen, moeten de plannen voor een omgevingsvergunning voldoen aan indieningsvereisten die horen bij het aanvragen van een omgevingsvergunning activiteit monumenten. De commissie kan op verzoek van de gemeente ook preadviezen uitbrengen, dan worden er geen indieningsvereisten gesteld, en heeft het meer het karakter van een vooroverleg. Bij gecompliceerde en/of ingrijpende plannen kan een bezoek op locatie door de commissie plaatsvinden, altijd in overleg met de gemeente.

Betrokkenheid in vroeg stadium De Erfgoedcommissie wil in een zo vroeg mogelijk stadium van het omgevingsvergunningstraject bij het bouwplan betrokken worden. Dit kan in de vorm van een preadvies of vooroverleg, waarbij aanvrager, architect en commissie met elkaar overleggen over de spankracht van het monument en de optimale uitwerking van het plan. De ervaring van de commissie van de afgelopen jaren is dat deze bijeenkomsten heel vruchtbaar kunnen zijn. Vaak is meer mogelijk dan een eigenaar in eerste instantie denkt en blijken er meerdere alternatieven te zijn. Bovendien wordt het traject verkort omdat de architect al in een vroege fase door het overleg met de commissie weet waar hij aan toe is en een plan kan ontwikkelen dat rekening houdt met de monumentale waarden die behouden dienen te blijven. Kennis van commissieleden over actuele ontwikkelingen in de bouw, bijvoorbeeld met betrekking tot verduurzaming van monumenten, kan in dat stadium nog van pas komen.

Openbaar De vergaderingen van de commissie zijn openbaar. Het is van belang dat eigenaren, opdrachtgevers of initiatiefnemers bij de vergadering aanwezig zijn en hun zienswijze kenbaar maken. Na een toelichting door de plantoelichter van de gemeente en van de architect en/of de opdrachtgever, beoordeelt de commissie het plan vanuit het gezichtspunt van monumentenzorg. De monumentale waarden van het object of ensemble vormen het uitgangspunt. De centrale vraag bij de planbeoordeling is of de ingreep zodanig is vormgegeven dat het monumentale karakter van het object of ensemble geen geweld wordt aangedaan en er toch sprake zal zijn van optimale gebruikswaarde.

1.3 Beoordelingskader De basis voor de beoordeling van bouwplannen wordt gevormd door de Erfgoedwet 2016 en de gemeentelijke monumentenverordeningen. Bij haar advisering maakt de commissie gebruik van een aantal algemeen geldende principes die zijn opgesteld in samenwerking met andere regionale adviesorganisaties. Meer informatie is te vinden op de website van MOOI Noord-Holland in de brochure ‘10 uitgangspunten voor het omgaan met monumenten’.

Gemeentelijke plantoelichter De commissie werkt gedurende het hele traject nauw samen met de gemeentelijke plantoelichter. Hij of zij is degene die met de aanvrager heeft gecommuniceerd en de commissie kan voorzien van achtergrond en lokale informatie.


9

Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaart kerk te Heemstede

1.4 Activiteiten van de commissie Binnen de organisatie MOOI Noord-Holland is de Erfgoedcommissie niet alleen verantwoordelijk voor de advisering over monumenten en cultuurhistorie maar zorgt zij er ook voor dat de kennis over en de afstemming van de advisering met de verschillende erfgoedadviseurs bevorderd wordt. Dit doet zij onder meer door het organiseren van themagerichte bijeenkomsten. Doordat het Steunpunt Monumenten & Archeologie Noord-Holland van de provincie Noord-Holland is ondergebracht bij MOOI Noord-Holland is het Erfgoedteam in het leven geroepen waar adviseurs van de Erfgoedcommissie zitting in hebben. Het Erfgoedteam agendeert actuele thema’s en organiseert daar kortdurende bijeenkomsten over. In hoofdstuk vier van dit jaarverslag kunt u daar meer over lezen.


10 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

Verwondering bij de projectmedewerkers over het oorspronkelijke interieur van de stolp.


11

1.5 Onderzoek en publicatie Leden van de Erfgoedcommissie leveren regelmatig bijdragen aan onderzoek en publicaties van MOOI Noord-Holland. Net als bij adviesaanvragen kan een team van deskundigen worden samengesteld, aangevuld met externe partijen, al naar gelang de onderzoeksvraag. Als voorbeeld een onderzoeksvraag uit de gemeente Heemstede. De gemeente legde de vraag voor welk traject gevolgd diende te worden voor het aanwijzen tot gemeentelijk monument van de Onze-LieveVrouw-Hemelvaart kerk, dit naar aanleiding van een brief van het Cuypersgenootschap waarin zij een monumentenstatus voor de kerk aanvroeg. De kerk is in 1926 in gebruik genomen en ontworpen door de architect Joseph Cuypers samen met zijn zoon Pierre. Van de kerk was op verzoek van het Parochiebestuur door een externe partij een waardebepaling gemaakt. Namens de commissie bracht Ana van der Mark, architectuurhistoricus van de commissie een bezoek aan de kerk samen met Willy Meekes, architectuurhistoricus en coรถrdinator van de commissie Ruimtelijke Kwaliteit Heemstede waarbij de ambtenaren van de gemeente en het kerkbestuur aanwezig waren. In het gesprek op locatie werd uitgelegd hoe een dergelijke procedure in zijn werk gaat en welke stappen er ondernomen zouden moeten worden. Tijdens het gesprek sprak het kerkbestuur haar zorgen uit over de gevolgen van een eventuele status, met name voor wat betreft de bescherming van het interieur. De bevindingen werden teruggekoppeld naar de Erfgoedcommissie die adviseerde de kerk aan te wijzen tot gemeentelijke monument. De commissie is zich er van bewust dat de aanwijzing van een kerk tot gemeentelijk monument - in een tijd waarin kerken worden gesloopt en herbestemd - vragen kan oproepen. Toch is een dergelijke status het enige middel om sloop tegen te gaan en hoeft de monumentenstatus geen belemmering te zijn voor een eventuele herbestemming maar zorgt dit er juist voor dat bewuste afwegingen gemaakt worden.

De provincie gaf opdracht tot het actualiseren van de redengevende omschrijvingen van eenendertig provinciale monumenten in de gemeente Schagen. Met medewerking van projectmedewerkers Reinier Mees en Renee Stomer werd dit project uitgevoerd in de zomermaanden. Het ging hierbij niet alleen om stolpen maar ook om gemalen, bruggen en een tweetal kerken. De objecten werden niet alleen van buiten maar ook van binnen bezocht en dat leverde soms interessante vondsten op.


12 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

INTERMEZZO

Branden in monumentale panden Door Kees Doornenbal, restauratiearchitect Helaas werd de erfgoedwereld de afgelopen twee jaar geconfronteerd met vele branden. Zo waren er de kerk in Limmen, het voormalige stadhuis in Obdam, en meerdere stolpboerderijen in de Purmer, Alkmaar en Zuidschermer die ten prooi vielen aan de vlammen. Vooral bij stolpboerderijen blijft er bij een grote brand meestal niets meer over. Dat komt omdat een stolpboerderij uit een houten vierkant en gordingen of sporen bestaat. Daarnaast hebben veel stolpen rieten kappen of riet onder de dakpannen, een erg brandbaar materiaal. De oorzaken van het ontstaan van branden zijn divers. Zeker is dat rieten kappen zeer brandgevoelig zijn en dat blikseminslag of vuurwerk tot een vernietigende brand kan leiden. Het kan ook dat onderhoudswerkzaamheden zoals bijvoorbeeld het afbranden van verf tot brand leiden. Iets dergelijks deed zich voor bij de kerk in Limmen waar de Erfgoedcommmissie over de restauratie en wederopbouw van de kerk adviseerde. Een klein vonkje van een loodgieter of dakdekker dat in de kapconstuctie komt kan zelfs nog na een uur tot een grote brand leiden. Gelukkig is de kerk in Limmen weer hersteld dankzij de inzet van velen. Ook het voormalige Gemeentehuis van Obdam, waar net een bouwvergunning voor afgeven was, is na een brand deels behouden gebleven en kan weer hersteld worden. Bij stopboerderijen is alleen herbouw vaak de enige optie maar de historische waarde, het oorspronkelijke materiaal is verdwenen. Tot behoud van onze monumenten en de nog overgebleven stolpboerderijen zouden we heldere regels kunnen opstellen en preventieve maatregels kunnen nemen die bijvoorbeeld binnen de subsidie bij een renovatie meegenomen kunnen worden. Te denken valt aan een sprinkler installatie bij een rieten kap of een eenvoudige huissprinkler op de waterleiding in brandgevaarlijke ruimten zoals keukens en ruimtes met wasdroger of bij gevoelige apparatuur. De regels bij onderhoudswerkzaamheden zullen, zeken bij monumenten, aangescherpt moeten worden zodat een brand zoals in Limmen zich niet op andere plaatsen herhaald.

De toren van de kerk in Limmen is inmiddels gerestaureerd maar het dwarsschip staat nog in de steigers.


13

Interieur voormalige stadhuis Obdam door brand verwoest

Dit bleef er over van de kap


14 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019


15

Hoofdstuk 2 Adviezen in 2019 In dit hoofdstuk wordt per gemeente een adviesaanvraag besproken. Zij zijn representatief voor de diversiteit aan plannen die jaarlijks aan de commissie worden voorgelegd. In 2019 heeft de Erfgoedcommissie in totaal 108 adviezen uitgebracht voor de volgende gemeenten: • Amstelveen • Beemster • Castricum • Diemen • Drechterland • Enkhuizen • Heemskerk • Medemblik • Ouder-Amstel • Purmerend • Velsen • Wijdemeren


16 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

2.1 AMSTELVEEN

MONUMENTENSTATUS VOOR DE PAULUSBUNKER (1943)

Door Nico Zimmermann, architect Bunkers genieten in Nederland niet vaak de monumentenstatus. Toch zijn militaire kunstwerken de stille getuigen van de vele oorlogen die op ons continent hebben plaatsgevonden, en genieten ze grote populariteit bij toeristen. In het huidige tijdsbestek van belangrijke herdenkingen, dringt de vraag zich na 75 jaar op hoe de verhalen kunnen worden doorverteld. Los van geschreven erfgoed zijn het juist de militaire relicten die een visueel beroep doen op onze verbeelding en die van onze kinderen. In de kosterswoning van het echtpaar Sijtsema naast de Pauluskerk, zaten joodse onderduikers, vlak onder het oog van de bezetter die eigenlijk om dezelfde reden tijdens de geallieerde bombardementen het vege lijf probeerde te redden en via een ondergronds gangenstelsel vanuit een nabij gelegen villa, de bunker kon bereiken. Kerk, kosterswoning en bunker vormen daardoor als het ware een ensemble. Niet zozeer in architectonische zin maar als plaats van handeling van zowel dader als slachtoffer. Alleen is nog niet bekend onder welke villa de gang zich bevindt. De Erfgoedcommissie is verheugd over de aanwijzing van de Paulusbunker als gemeentelijk monument en over het voornemen om hier een historische educatieve functie aan te verbinden om schoolkinderen kennis te laten maken met dit verhaal.


17

2.2 BEEMSTER

NIET BESCHERMD KOETSHUIS BLIJFT BEHOUDEN EN WORDT ONDERDEEL VAN EEN NIEUWE ONTWIKKELING

In het voorjaar werd de commissie gevraagd te adviseren over de sloop van een koetshuis dat niet was omschreven in de redengevende omschrijving van het monument waar het hoogstwaarschijnlijk ooit bij gehoord heeft. Het betreffende rijksmonument is het Herenhuis, in de negentiende gebouwd als raadhuis op de plaats van een zeventiende-eeuwse voorganger. Later in gebruik als hotel en nu restaurant. Sloop van het koetshuis was volgens de opdrachtgever nodig om in een nieuw volume hotelkamers te kunnen onderbrengen. De sloopaanvraag vormde een dilemma voor de commissie. Het pand was geen rijksmonument, wel onderdeel van het beschermde dorpsgezicht. Dientengevolge had de commissie geen bevoegdheid te adviseren over de sloop maar wel over de passendheid van nieuwbouw in het dorpsgezicht. Zij zette in op behoud en vroeg in het gesprek met aanvrager, architect en gemeente te onderzoeken of het koetshuis geen nadere cultuurhistorische of architectuurhistorische waarden had. In het najaar kwam de opdrachtgever terug met een plan waarin hij het koetshuis behoudt en restaureert. De hotelkamers worden ondergebracht op de verdieping van het Herenhuis en in het koetshuis komt op de begane grond een zaal voor partijen met op de verdieping woonruimte. Bij het schrijven van dit jaarverslag moeten de plannen nog worden uitgewerkt maar de commissie is zeer verheugd over deze ontwikkeling. Niet alleen blijft het koetshuis behouden, het krijgt wederom een functie waardoor de relatie met het hoofdgebouw wordt hersteld en versterkt.


18 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

2.3 CASTRICUM

Witte kerkje Woonfunctie voor witte kerkje van Duin en Bosch Het kerkje werd gebouwd in 1908 en maakte onderdeel uit van de Psychiatrische inrichting Duin en Boch. Het gebouw heeft een rechthoekig grondplan en werd gebouwd als een eenvoudig zaalkerkje afgedekt met een zadeldak. De bijnaam ‘wit’ kreeg het bakstenen kerkje pas na 1969 na een renovatie waarbij de muren in een witte kleur werden gesausd, de ingang werd verplaatst en de ramen gewijzigd. In 1990 kreeg het een bestemming als kunstgalerie en werden de ramen met trespa plaatmateriaal dichtgezet. Anno 2019 is er een nieuwe eigenaar die van het kerkje een woning wil maken. Uitgangspunt van de renovatie is behoud en versterking van de toevoegingen uit de jaren '60. In de linkerzijgevel (zuid) blijven de ramen als bestaand. In de rechterzijgevel (noord) worden zij iets verhoogd en voorzien van stalen kozijnen. De ontsluiting gaat plaatsvinden via de oorspronkelijke entree aan de westzijde. Aangezien alleen de begane grondvloer en het dak worden geïsoleerd is een los bouwdeel in het interieur geplaatst waarbinnen de woonfunctie wordt gerealiseerd. Deze stalen “doos” is voorzien van isolatie en de gehele constructie wordt opgenomen in de bestaande architectuur. Kortom, een creatieve oplossing die de architectuur respecteert.

Langsdoorsnede ontwerp D.M. Alferink, architect 210 schets

WITTE KERKJE BAKKUM OPDRACHTGEVER: PETER NOHLMANS | ESTHER KWAKS

D.M. ALFERINK ARCHITECT - WWW. DMALFERINKARCHITECT.NL


19

Andere zijde

Werkzaamheden aan het interieur zijn gestart


20 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

2.4 DIEMEN

GROTE RIETSCHUUR AANGEWEZEN ALS GEMEENTELIJK MONUMENT

De commissie werd gevraagd te adviseren over de aanwijzing tot gemeentelijk monument van De Grote Rietschuur, het voormalige hoofdgebouw van A.G.O. Diemen, een werkinrichting voor mensen met een verstandelijke beperking. De Rietschuur, gebouwd in de Wederopbouwperiode, is ontworpen door architect Frank van Klingeren. Het gebouw dat oogt als een combinatie van hoge schuur en boerderij maakte onderdeel uit van een door van Klingeren ontworpen complex in een landelijke setting dat indertijd een flink eind buiten het dorp lag. Inmiddels heeft de nieuwe wijk de Sniep het terrein vrijwel geheel omsloten. Bijzonder is dat in het interieur, op de muur van de hal, een wandschildering is aangebracht door de kunstenaar Pierre van Soest met daarop vier mannen in werkkleding, uitgevoerd in felle, primaire kleuren, ongetwijfeld een verwijzing naar de mannen hier in het verleden te werk zijn gesteld. De Rietschuur is eigendom van de gemeente Diemen en aangezien het gebied rondom het gebouw wordt herontwikkelt wil de gemeente de Grote Rietschuur als monument behouden. Uit de cultuurhistorische waardestelling en het bezoek van de architectuurhistoricus van de commissie ter plaatse, blijkt dat het gebouw naast een hoge cultuurhistorische waarde ook een hoge stedenbouwkundige en architectuurhistorische waarde heeft. De commissie geeft een positief advies voor bescherming af.


21

2.5 DRECHTERLAND

“Het zijn de eenvoudige woningen die ons veel vertellen over de geschiedenis van een dorp. Het gering aantal resterende verdient extra bescherming.” Marcel Heijmans

EENVOUDIGE WONING VOOR SLOOP BEHOED

Door Marcel Heijmans, architect In de zomer van 2018 ontving de commissie het verzoek te adviseren over de voorgenomen sloop van het gemeentelijk monument Oostergouw 5 te Venhuizen. Het betreft een woonhuis, bestaande uit één bouwlaag met zadeldak dat in 1909 door een lokale aannemer is ontworpen en gebouwd. Het pand is in het verleden aangewezen tot monument vanwege de architectuurhistorische en stedenbouwkundige waarde. Daarbij is het een voorbeeld van de lokale traditie in vroeg twintigsteeeuwse bouwstijl dat fraai is gelegen aan een open stuk van het lint de Oostergouw. De huidige eigenaren verkiezen om financiële redenen tot sloop en nieuwbouw boven restaureren. Naar mening van de eigenaren is de woning te bouwvallig, waardoor de kosten voor restaureren hoog zullen uitvallen. Omwille van een gedegen advies stelde de commissie voor de situatie ter plaatse en in het bijzijn van de erfgoedambtenaar en restauratie-architect te beoordelen. Zij ontving intussen ook een bouwhistorisch rapport met een onderbouwing van de waardevolle elementen. Aan de hand van dit rapport, de bevindingen van de beoordeling ter plaatse en een uitgewerkte schadeanalyse, concludeerde de commissie dat de woning op grond van cultuurhistorie waarde behouden dient te blijven en dat de woning nog op restauratieve wijze te herstellen is. Daarbij benadrukt zij dat juist dit soort eenvoudige woningen te gemakkelijk aan de sloophamer ten prooi vallen, waarmee een belangrijk deel van de lokale geschiedenis verloren dreigt te gaan.


22 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

2.6 ENKHUIZEN

Zorgvuldige restauratie van klein maar fijn monumentje Net in het begin van het nieuwe decennium werd de voltooide restauratie van het Staverse Poortje gevierd. Een meerjarenproject waar de commissie al sinds 2014 bij betrokken was. Toentertijd werd voorgesteld het poortje in zijn geheel te ontmantelen waar de commissie geen voorstander van was. Zij adviseerde eerst onderzoek te doen en dan met een restauratieplan te komen. Het poortje, gelegen aan de Wierdijk, is in 1833 herbouwd uit zeventiende-eeuwse onderdelen van een voorganger. Vanaf de haven vormt het de toegang tot de stad met aan de landzijde een zichtas gericht op het zeventiende-eeuwse stadhuis en aan de waterkant zicht op het stadje Stavoren aan de overkant van het IJsselmeer. Het poortje maakt onderdeel uit van de waterkering en is eigendom van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. In de loop der tijd echter verslechterde de staat en waren er scheuren ontstaan in het metselwerk en dreigde het poortje om te vallen. Vier jaar later in 2018 werd op basis van bouwhistorisch onderzoek een restauratieplan aan de commissie voorgelegd waarin het poortje in delen wordt gerestaureerd. Bij het onderste deel, links en rechts van de doorgang, wordt het metselwerk hersteld. Het deel daarboven wordt opnieuw opgemetseld waarbij zoveel mogelijk gebruik gemaakt wordt van de bestaande stenen. Het bovenste deel, de kroon, wordt losgemaakt en op een binnen locatie geplaatst waar herstel van het metselwerk en de kroon plaatsvindt. De restauratie werd in 2019 afgerond waarna de oplevering begin 2020 volgde.

Achttiende-eeuwse landkaart waarop poortje al is te zien


23

Vóór de restauratie in 2017

Poortje in de schijnwerpers bij de oplevering januari 2020


24 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

“Door behoud en restauratie van eenvoudige, vaak kleine monumenten blijft de geschiedenis van de samenleving waar ze onderdeel vanuit maken afleesbaar.” Cees Hooyschuur


25

2.7 HEEMSKERK

VOORMALIGE TUINDERSWONING IN ERE HERSTELD

Door Cees Hooyschuur, restauratiearchitect Gemeentelijk monument Rijksstraatweg 132 is een voormalige tuinderswoning, een uit een reeks van meerdere van deze objecten die Heemkerk vanwege zijn tuindersgeschiedenis rijk is, en de tweede waarover de commissie heeft geadviseerd. Eerder is in 2016 Rijksstraatweg 217 (de Vlotter) aan de commissie voor advies voorgelegd. De redengevende omschrijving geeft aan dat het woonhuis met achterliggende schuur en bijbehorende leilinden van algemeen belang is vanwege architectuur en cultuurhistorische waarde met een karakteristieke eigentijdse architectuur waarbij rijk gebruik is gemaakt van kalkzandsteen, een voor die periode vanuit kosten overweging veel gebruikte steensoort. Bij de eerste planbehandeling bleek uit de aangeleverde stukken dat de eigenaar zich niet bewust was van de monumentale status van het pand en eerder een renovatie dan een restauratie voor ogen had. Na een bouwhistorisch onderzoek en verdere advisering van de commissie, werd de eigenaar overtuigd van de bijzondere status en koos hij voor behoud en restauratie van de karakteristieke achter aanbouw van kalkzandsteen. Na een zorgvuldig en constructief overleg met de eigenaar is er weer een monumentaal pareltje opgeleverd.


26 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

2.8 MEDEMBLIK

DILEMMA BIJ HET AANBRENGEN VAN ISOLATIE BIJ GLAS IN LOOD RAMEN VAN EEN KERK.

De Bonifatiuskerk is een driebeukige hallenkerk met een lange bouwgeschiedenis die teruggaat tot het begin van de vijftiende eeuw. Het gebouw heeft een aantal gebrandschilderde ramen uit de zeventiende en het begin van de achttiende eeuw met één laatste toevoeging uit 1904. Om de hoge stookkosten te drukken wil het kerkbestuur de ramen aan de noord- en oostzijde van de kerk voorzien van voorzetbeglazing aan de buitenkant. Dit omdat bij wind uit het noorden/oosten het klimaat in de kerk zo koud is dat het multifunctionele gebruik van de kerk daarbij in het gevaar komt. Er is gekozen voor de buitenzijde vanwege de te verwachten verandering van akoestiek bij plaatsing binnen. Het gaat om totaal twaalf ramen die in staal zijn gezet voorzien van een traditionele tracering. Montanten en bruggen zijn niet meer aanwezig. Het kerkbestuur en een vertegenwoordiger van de glaswerkplaats zijn voor overleg bij de Erfgoedcommissie omdat zowel isolatie aan de buiten - als aan de binnenzijde nadelen heeft voor het monument. Aan de buitenkant is het de afmeting van de platen en de impact van het moderne glas. Zoals gezegd heeft isolatie aan de binnenzijde gevolgen voor de akoestiek. De commissie begrijpt het dilemma maar heeft niet direct een oplossing. Zij adviseert de verschillende scenario’s nader uit te werken in samenwerking met de glasspecialisten van de RCE. En op basis daarvan een gedegen en gemotiveerde richting te kiezen.


27

2.9 PURMEREND

DILEMMA BIJ HET AANBRENGEN VAN ISOLATIE BIJ GLAS IN LOOD RAMEN VAN EEN KERK.

In ieder jaarverslag van de Erfgoedcommissie wordt wel een voorbeeld beschreven van een functiewijziging van een kerk. Dit is een terugkerend thema maar in dit geval is het ook een kerk waar de commissie al vaker over heeft geadviseerd. Sinds 2008 is de commissie betrokken bij de advisering over de Lutherse kerk, die dateert uit ca. 1880. Het gebouw, een zaalkerk met een rechthoekige plattegrond met een smalle, driezijdig gesloten absis aan de wand op het westen, ligt met de nokrichting dwars op de Hoogstraat. De gevels zijn opgetrokken van in kruisverband gemetselde machinale baksteen. Het zadeldak is gedekt met zwarte, oudhollandse pannen, de torenspits aan de voorgevel is bedekt met leien. De kerk is ontworpen door de Purmerendse stadsarchitect P. Mager. De centraal in het historische centrum gelegen Lutherse kerk is in 2016 door Stadsherstel aangekocht en geschikt gemaakt om zaalverhuur voor culturele activiteiten mogelijk te maken. De commissie had indertijd grote moeite met het verwijderen van de oorspronkelijke houten kerkbanken maar kwam tot een compromis. De herbestemming van de kerk gaat een volgende fase in want in 2019 wordt een vooroverleg aangevraagd over de verbouwing van de kerkzaal en de consistoriekamer ĂŠn het realiseren van een glazen tussenbouw aan de achterzijde. De nieuwbouw aan de achterzijde is noodzakelijk in verband met de bouw van een nieuw appartementengebouw achter de kerk met daarin op de begane grond horecafaciliteiten ten behoeve van de kerkzaal. De plannen verkeren nog in een vroeg stadium en de commissie geeft aan dat nieuwbouw mogelijk is maar wil nader onderzocht hebben wat de impact is van een enventueel nieuwe volume op het monument.


28 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

2.10 VELSEN 17 m

22 m

55 m

m 111,5

368 m2

24 m

+/- 2-3 m2 ?

69 m

15 m

8

m 30

7

300 m2 1

5

11 m

4

6

9m

2

m 12

169 m2 3

m 14

39 m

Nader in te vullen en overeen te stemmen beplantingsplan (slechts een voorbeeldje)

4m

4m

m 13

1. Linde 2. Berk (schuin hangend) 3. Grote Spar 4. Kleine Berk (vork met 2 stammen) 5. 2 Berkjes en een Taxus gegroepeerd 6. Taxus 7. Es 8. Es

2

97 m

24 m

NIEUWE ONTSLUITING VOOR GROEN ERFGOED

Op buitenplaats Waterland staan meerder gebouwen waaronder het Huis van Daatje waar een nieuwe eigenaar gaat wonen. Omdat het hier een van oorsprong achttiende -eeuwse dienstwoning betreft werd het huis bereikt via de achterkant van het hoofdhuis. Er was geen directe toegang vanaf de hoofdweg en zeker geen parkeerplaats. Faciliteiten waar de nieuwe bewoner behoefte aan heeft. Vanwege de rijks monumentale status van het landgoed als geheel, zijn zowel de opstallen als de tuin/ parkaanleg beschermd en dient er bij de aanleg van een nieuwe ontsluitingsweg rekening te worden gehouden met de historische structuur van de (beschermde) parkaanleg. De eigenaar heeft vier opties laten uitwerken door een landschapsarchitect en wil deze met de commissie bespreken samen met de ambtenaar van de gemeente. De commissie, in dit geval aangevuld met landschapshistoricus Jeroen Zomer, is van mening dat alle opties voldoen maar spreekt haar voorkeur uit voor optie D omdat bij deze variant geen landschappelijke en cultuurhistorische waarden worden aangetast, er geen monumentale bomen worden gekapt, een zo kort mogelijke route ontstaat met parkeren uit het zicht ĂŠn de toegangsweg en parkeerplaats logisch op elkaar aansluiten. Een paar maanden later komt de eigenaar opnieuw langs met een vijfde optie weliswaar gebaseerd op optie D maar met een kleine wijziging die is aangebracht na overleg met de omwonenden.


29

2.11 WIJDEMEREN

BEPERKTE IMPACT VAN DAKKAPEL OP MONUMENT

Het Noordereinde te ‘s-Graveland is een langgerekt lint waar aan de ene kant al sinds de zeventiende eeuw landgoederen zijn aangelegd en aan de andere kant veelal woonhuizen voor het dienstdoend personeel zijn gebouwd. In de loop der tijd zijn hier winkels en kleine bedrijven aan toegevoegd en transformeerde het dorp, maar behield toch zijn afwisseling en kleinschaligheid mede doordat het gebied als beschermd dorpsgezicht is aangewezen. Dat er door eigenaren zorgvuldig met de gebouwen wordt omgegaan blijkt uit de aanvraag voor een dakkapel op een bijgebouw bij de zeventiende -eeuwse Ned. Hervormde Kerk. De kerk (ontwerp van Daniel Stalpert) is een sober, bakstenen gebouw in de vorm van een gelijkvormig kruis. De aanvraag betreft dus niet de kerk zelf maar een bijgebouw dat in 1996 aan een ouder gedeelte van de consistorieruimte is geplaatst en een multifunctionele functie heeft. Aangezien deze ruimte steeds meer wordt gebruikt was een dakkapel voor meer daglichttoetreding de wens van de stichting die de kerk in eigendom heeft. Uitgangspunt hierbij is dat de monumentale waarden van de kerk, dat ook een rijksmonument is, niet in het geding mogen komen door de nieuwe toevoeging. In goed overleg wordt met de architect besproken dat zijn voorstel eigenlijk net iets te massief en te groot is maar dat de totale afmeting van ž van het huidige voorstel niet op bezwaar zal stuiten.


30 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

INTERMEZZO

De waarde van waardestelling Door Rob de Vries, architect en bouwhistoricus Veel architecten en aannemers die betrokken zijn bij restauraties hoef je als bouwhistoricus niets te vertellen, dat zijn zelf vakspecialisten. Een groot aantal architecten heeft echter geen enkele ervaring met monumenten of heeft hooguit enige affiniteit. Hetzelfde geldt voor sommige aannemers en de meeste particulieren. Maar ook heeft niet elke gemeente een goed bezette erfgoed afdeling. Ongewild en onwetend verdwijnen dan de meest waardevolle materialen en delen van de geschiedenis van een gebouw en daarmee onze bouwgeschiedenis. Een bouwhistoricus kan helpen bij het vaststellen van monumenten waarden, daarin wordt onderscheid gemaakt tussen hoge, positieve of indifferente waarde. Belangrijke bronnen om deze waarden te bepalen zijn het gebouw zelf en het doen van literatuur- en archiefonderzoek. Maar ook belangrijk is de ervaring die een bouwhistoricus opdoet in de loop van de tijd, hierbij gaat het om het vaststellen van de context door waardevolle en bijzondere bouwdelen te herkennen. Een onderzoek levert altijd iets bijzonders op, dat kunnen verhalen zijn maar ook bijzondere toepassingen van materialen of constructies. Die vondsten kunnen van invloed zijn op de mogelijkheden van een gebouw. Het is belangrijk ze te zien als cadeautjes uit het verleden. Cadeautjes die soms wel aanspraak doen op het ontwerptalent van de architect maar toch vooral een bijzonder toevoeging zijn op de beleving van de ruimten of het gebouw.

Groene eikenbalk met corbeel- en muurstijlgat, 17e eeuw. Deze werd aangetroffen bij een pand in Egmond aan den Hoef. Mede door deze vondst is de waarde van het gebouw bepaald en sloop voorkomen


31

De Leeuwenhof, stolp uit 1633. Hier kwam een prachtig kwartiers gezaagde wagenschot met visbek te voorschijn


32 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

Hoofdstuk 3 Advisering onder de Omgevingswet Omgevingswet zet de toon Terugkijkend op het afgelopen jaar zien we dat de Noord-Hollandse gemeenten zich intensief aan het voorbereiden zijn op de Omgevingswet. Het is een immense opgave om op tijd klaar te zijn met de nieuwe vergunning processen en het digitale stelsel. De omgevingsvisie en het omgevingsplan moeten de komende jaren geleidelijk gestalte krijgen. En dan komt - daarmee samenhangend - ook het vraagstuk van de kwaliteitsadvisering om de hoek kijken. Dat is urgent, want voor het inwerkingtreden van de Omgevingswet moeten alle gemeenteraden in Noord-Holland hun wettelijke gemeentelijke adviescommissie ingesteld hebben. Zelfs als u niets wilt veranderen aan de advisering zoals die nu plaatsvindt, moet de adviescommissie opnieuw worden ingesteld omdat de wettelijke grondslag van de oude commissie(s) vervalt. Wel is het daarbij mogelijk om de oude commissie(s) over te laten gaan naar de nieuwe gemeentelijke adviescommissie. Handreiking om uw kwaliteitsadvisering ‘Omgevingswet-proof’ te maken Het afgelopen jaar heeft MOOI Noord-Holland actief meegewerkt aan de totstandkoming van een handreiking voor het adviesstelsel onder de Omgevingswet. Deze handreiking werd gemaakt in opdracht van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) en de Federatie Ruimtelijke Kwaliteit (FRK). Op 17 februari 2020 werd het eerste deel van de handreiking gepubliceerd. Deel twee, met de Modelverordening voor de nieuwe gemeentelijke adviescommissie, verschijnt deze zomer. De handreiking is een handig hulpmiddel om in de komende periode de advisering over goede omgevingskwaliteit inclusief het erfgoed ‘Omgevingswet-proof’ te maken.

Hoe zit het precies? Na het inwerkingtreden van de Omgevingswet blijft veel beleid en regelgeving gewoon van kracht. Hier zorgt de ‘bruidsschat’ voor die het Rijk aan de gemeenten meegeeft. Uw bestemmingsplannen, maar ook uw welstandsnota en lokaal cultureel erfgoedbeleid gaan automatisch over naar de nieuwe situatie en maken straks direct of indirect onderdeel uit van het omgevingsplan. De erfgoedcommissie en de welstandscommissie zijn in hun huidige vorm echter niet in die ‘bruidsschat’ opgenomen. In artikel 17.9 van de Omgevingswet wordt namelijk een nieuwe commissie geïntroduceerd: de Gemeentelijke Adviescommissie. Gemeenten hebben de taak om zelf invulling te geven aan deze commissie. Art 16.15a van de wet stelt dat gemeenten in ieder geval advies vragen aan de gemeentelijke adviescommissie bij een ingreep aan een rijksmonument (met uitzondering van archeologische rijksmonumenten) en daarnaast bij alle andere door de gemeenteraad en/of het college van B&W aangewezen gevallen. Dit kan zowel over omgevingsvergunningen als over beleid gaan. Op den duur kan in het omgevingsplan precies worden aangeven bij welke (omgevingsplan)activiteiten advies gevraagd moet worden aan de commissie. Keuzes Met uitzondering van de genoemde advisering over de door het rijk aangewezen monumenten, bepaalt de gemeente dus zelf hoe de advisering over omgevingskwaliteit wordt ingevuld, welke adviseurs daarbij worden ingeschakeld en in welk stadium. De huidige adviescommissies, inclusief de MOOI Noord-Holland Erfgoedcommissie, kunnen vrij eenvoudig overgaan in de nieuwe gemeentelijke adviescommissie. Maar de gemeente kan ook kiezen voor verdere doorgroei naar bredere en vroegtijdige advisering, waarvoor de Tweede Kamer in een vrijwel unaniem aangenomen motie zijn voorkeur heeft uitgesproken. Ook de VNG, opdrachtgever van de handreiking, benadrukt dit streven: brede en vroege kwaliteitsadvisering is nodig bij uitnodigend


33

en meer op ondersteuning van de initiatiefnemer gericht omgevingsbeleid. Dat gebeurt bij voorkeur in een helder en samenhangend adviesstelsel, zodat iedereen weet wie wanneer over wat adviseert. En waarbij de onafhankelijke advisering de ambtelijke processen aanvult en ondersteunt. De gemeenten die in Noord-Holland voor hun erfgoedadvisering een beroep doen op de MOOI Noord-Holland Erfgoedcommissie komen ook voor deze keuzes te staan. Blijven de monumenten ‘naar Alkmaar gaan’? Of wordt er een nauwere samenwerking met de lokale adviescommissie (ARK, CRK of welstandscommissie) georganiseerd, bijvoorbeeld met een mandaatstructuur voor de ondergeschikte plannen? MOOI Noord-Holland is een voorstander van een nog sterkere band tussen de lokaal werkende commissies en de specialistische kennis in de MOOI Noord-Holland Erfgoedcommissie. In overleg met de gemeenten gaan we de komende periode op zoek naar het juiste maatwerk hiervoor. De inhoud van het kwaliteitsbeleid Uiteraard zijn dit vooral procedurele zaken. Eigenlijk gaan we veel liever met uw gemeente in gesprek over de inhoud van het kwaliteitsbeleid onder de Omgevingswet. Wat zijn uw ambities? Wat is uw opvatting van omgevingskwaliteit. In welke mate neemt de gemeente regie en wat wordt aan de mensen zelf overgelaten. Wat betekent dat voor de verschillende gebieden in de gemeente? En hoe weerspiegelt dat in de omgevingsvisie, het omgevingsplan en ander beleid? De nieuwe vormgeving van het kwaliteitsbeleid onder de Omgevingswet is een zaak van onderzoeken en uitproberen. We doen dat graag samen met u.


34 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

Hoofdstuk 4 Erfgoedteam 4.1 Steunpunt Monumenten & Archeologie Noord-Holland Medewerkers en bestuurders van Noord-Hollandse gemeenten kunnen bij het Steunpunt Monumenten & Archeologie Noord-Holland terecht met vragen over alles wat met erfgoed en cultuurlandschap te maken heeft. Het Steunpunt is een samenwerking tussen MOOI Noord-Holland en Stichting NMF en wordt mogelijk gemaakt door de provincie Noord-Holland en de RCE. Het Steunpunt organiseert diverse netwerk- en kennisbijeenkomsten door het jaar heen en levert informatie over erfgoed in de Omgevingswet en het landschaps- en erfgoedbeleid van diverse overheden. Ook kunnen gemeenten concrete zaken voordragen voor een expertmeeting, een onderzoek of als interessant voorbeeldproject op het gebied van duurzaamheid en herbestemming of het inpassen van zonnevelden in een kwetsbaar cultuurlandschap. Kijk voor inspiratie en voorbeelden eens op www.steunpunterfgoednh.nl. En de Steunpunt-kaartviewer biedt een rijke bron aan informatie over allerlei erfgoedzaken, ook in uw gemeente. 4.2 Erfgoedteam Eén van de activiteiten van het Steunpunt is het Erfgoedteam. Het Erfgoedteam bestaat uit leden van de Erfgoedcommissie, aangevuld met de archeoloog van het NMF en een vertegenwoordiger van de Provincie Noord-Holland en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Het Erfgoedteam agendeert actuele vraagstukken die binnen de gemeenten spelen. Op basis van een case komt een erfgoedthema aan de orde tijdens een bijeenkomst of excursie waarvoor alle erfgoedambtenaren worden uitgenodigd. In 2019 kwam het Erfgoedteam 8x bijeen op verschillende locaties vaak in relatie tot het thema en zo veel mogelijk verspreid over de provincie zodat alle gemeenten ervan kunnen profiteren.

De volgende thema’s kwamen aan bod. Jong Archeologisch Erfgoed (1750-1950) Noord-Holland heeft als provincie naast het ‘gebruikelijke’ Jong Archeologisch Erfgoed van dorpen, steden en platteland uit de periode 17501950, te maken met bijzonder erfgoed: verdedigingslinies zoals de Stelling van Amsterdam, de Nieuwe Hollandse Waterlinie en de Atlantikwall. Delen van deze grote structuren zijn beschermd als rijksmonument en provinciaal monument; de Stelling van Amsterdam is daarnaast UNESCO Werelderfgoed. Deze bijeenkomst ging vooral over de soms onbekende maar ook onmisbare delen: de kleine elementen en het landschap rondom de forten. Hoe ga je om met die stellingen en linies? Bouwhistorisch onderzoek in de praktijk Gemeenten kunnen bij een rijks- of gemeentelijk monument een bouwhistorisch onderzoek verplicht stellen in het kader van een omgevingsvergunning aanvraag. Wat het nut en de noodzaak is van een dergelijk onderzoek werd in deze bijeenkomst onderzocht. Post ’65, Waardering voor en mogelijkheden tot bescherming van toekomstig erfgoed De bijeenkomst werd gehouden in de Raadzaal van een gemeente die flink wat van dit toekomstige erfgoed in huis heeft namelijk Heerhugowaard. Doel van deze bijeenkomst was een actueel onderwerp aan de orde te stellen waar nog maar weinig gemeenten mee bezig zijn. Erfgoed WO II, De Atlantikwall Tijdens deze bijeenkomst werd onder meer de kroontjesbunker en het nieuwe Atlantikwall centrum bezocht waar de geschiedenis van de tweede wereldoorlog wordt verteld in het Casino, de voormalige officiers mess van de het Duitse leger.


35

Museumingang

Binnen gevel in ruĂŻneuze staat bewust zichtbaar gelaten


36 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

Houten molenschuur bij molen de Paauw

3DMZ: discussie over digitaal geprinte ornamenten


37

Houtbouw, Behoud door restauratie en reconstructie Het Erfgoedteam wil de problematiek rondom houtbouw onderzoeken en ter discussie stellen door een aantal bijeenkomsten aan dit onderwerp te wijden. De aftrap was op een locatie in Assendelft die exemplarisch is, namelijk de onlangs herbouwde en gerestaureerde houten molen de Paauw met de erbij behorende houten molenschuur, beide gemeentelijk monument. Erfgoed binnen Regionale Energiestrategieën Provincie Noord-Holland is dit voorjaar gestart met de Regionale Energiestrategie (RES). Per deelregio is een inventarisatie opgesteld met de mogelijkheden, landschappelijke karakteristieken en ruimtelijke beperkingen. Vanaf oktober 2019 gaan deze deelregio’s zelf aan de slag met de lokale invulling van de RES. In de bijeenkomst werd besproken wat de impact is die de energietransitie op het bovengronds en ondergronds erfgoed zal hebben, en de rol die (erfgoed)ambtenaren hierbij kunnen spelen. De toekomst van de historische openbare ruimte Aanleiding hiervoor was het onderzoek door Team Erfgoed van de gemeente Haarlem naar de historische openbare ruimte in de binnenstad. De gemeente wilde als vervolgstap onderzoeken hoe de uitkomsten van dit onderzoek – waar mogelijk – zijn om te zetten in beleid. Doel van deze Erfgoedteambijeenkomst was de gemeente Haarlem, maar ook andere Noord-Hollandse gemeenten in deze verkenning te inspireren. Innovatie bij restauratieprojecten, is monumentaal erfgoed te 3D- printen? Met deze bijeenkomst wilde het Erfgoedteam onderzoeken welke kansen nieuwe technieken bieden bij de restauratie van erfgoed. Het is bijvoorbeeld mogelijk om gebouwen te scannen of verloren gegane onderdelen zoals sierornamenten te printen. Tevens konden de aanwezigen met eigen ogen zien hoe dat in zijn werk gaat omdat we te gast waren in 3DMZ te Haarlem waar sinds het voorjaar van 2019 een Bouwlab is geïnstalleerd voor innovaties binnen de bouwsector waarin zij onder

andere experimenteren met digitalisering en 3D-printing. Van iedere bijeenkomst komt een verslag op de website van het Steunpunt, aangevuld met presentaties of verwijzing naar relevante literatuur of websites, zodat ook andere gemeenten er kennis van kunnen nemen. Voor meer informatie over het Erfgoedteam, als ook de verslagen van de bijeenkomsten die al geweest zijn en een overzicht van de toekomstige bijeenkomsten. Zie de website www.steunpunterfgoednh.nl.


38 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

Provinciaal monument: Jacob Claessluis, Warmenhuizen


39

Hoofdstuk 5 Aanbevelingen Schaalvergroting We hebben afgelopen jaar een toename gezien met name in binnensteden - van panden die omgezet worden naar meerdere appartementen, soms wel zes tot acht kleine starterswoningen. Er wordt daarbij lang niet altijd vanuit het monument gedacht maar vanuit de wens zoveel mogelijk woningen in het pand te krijgen. Een monument heeft een grens in wat het aankan. We adviseren gemeenten hier gewenst beleid op te ontwikkelen waarbij kwaliteit van het monument voorop staat. Terrasverwarmers en overkappingen Sinds er niet meer binnen gerookt mag worden zijn zij al jaren in opkomst: de overdekte terrassen. Hele installaties en constructies worden aangevraagd, vaak over meerdere panden. Deze constructies volgen niet de historische context van het gebouw. Daarnaast zijn ze groot, worden ze vaak voorzien van glazen wanden en fungeren ze als een aangebouwde serre aan een monument in plaats van een flexibele zonwering. Er zijn weinig plekken die van deze constructies mooier worden. We adviseren gemeenten om hier zorgvuldig beleid op te ontwikkelen om zo de kwaliteit van de binnen gebieden aangenaam te houden. Duurzaamheid Het is duidelijk dat ook monumenteneigenaren vinden dat zij hun pand moeten verduurzamen. We zien eigenaren die van alles willen, maar tegelijkertijd zien we dat gemeenten worstelen met dit soort vraagstukken en dat er meerdere opties mogelijk zijn. Het zou goed zijn als gemeenten van elkaar kunnen leren en hierop beleid gaan maken. Hier is het Erfgoedteam het platform voor. In dit voorjaar wordt aan dit thema tijdens twee bijeenkomsten aandacht aan besteed. Zie de website van het Steunpunt voor data en onderwerpen. Voortraject We merkten ook in 2019 weer dat aanvragers ons steeds vaker in het voortraject weten te vinden. Dat is gunstig, omdat de commissie kan meedenken vanaf het eerste moment waardoor voor aanvragers het proces makkelijker kan worden. Waar soms geen kansen worden gezien voor een monument kan de

commissie daarop wijzen en het gesprek daarover aangaan. Wij adviseren gemeenten deze trend voort te zetten omdat et deze werkmethode goede resultaten worden geboekt. Samenwerking met RCE en kwaliteits-teams en commissies We hebben ook het afgelopen jaar weer gewerkt met informeel vooroverleg waarbij verschillende partijen aanwezig zijn. Dat kan zijn op locatie met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, de gemeente en de initiatiefnemer. Maar ook dat er een afgevaardigde van de Erfgoedcommissie aanschuift bij een commissie ruimtelijke kwaliteit of een kwaliteitsteam. We ervaren dit als zeer positief, het is goed om elkaars overwegingen te kennen waardoor we elkaar scherp houden. Deze interdisciplinaire overleggen komen de kwaliteit van de advisering ten goede. Advisering en bezoek in situ De laatste aanbeveling is zowel gericht aan gemeenten als aan onszelf. Als Erfgoedcommissie adviseren wij over veel plannen. We zien natuurlijk niet altijd hoe deze plannen worden uitgevoerd. Door in de praktijk panden en locaties te bezoeken waarover geadviseerd is kunnen wij reflecteren op ons advieswerk wat het in gesprek gaan met initiatiefnemers kan verbeteren. We gaan 2020 gebruiken om dit te onderzoeken en verder vorm te geven: hoe is met ons advies omgegaan, wat kunnen we er van leren? Tot slot Met dit jaarverslag geven we inzicht in de manier waarop de Erfgoedcommissie aan de hand van de geldende beleidskaders, adviseert over de ontwikkeling van het erfgoed binnen uw gemeente. Dit is een doel waar wij ons graag voor inzetten en aan bijdragen. We doen dat zoveel mogelijk in het openbaar en in dialoog met betrokkenen. De plannen in dit jaarverslag zijn slechts een greep uit de vele en uiteenlopende plannen waarover de commissie dit jaar heeft mogen adviseren. Wij nodigen u van harte uit om in 2020 bij ons binnen te lopen en zelf te ervaren hoe boeiend en genuanceerd de advisering over erfgoed is!


40 40 ERFGOEDCOMMISSIE PROJECT JAARVERSLAG 2019 HOE IS HET MET....

ENKHUIZEN

Het Rijksmagazijn in Enkhuizen dat werd getransformeerd tot eeten drinklokaal Op het havenhoofd aan de Zuiderhaven van Enkhuizen staat het voormalige Rijksmagazijn, gebouwd in 1908 in opdracht van Rijkswaterstaat. Het ontwerp van het sober gedetailleerde in baksteen opgetrokken gebouw (met een muurdikte van 22 cm vanwege explosiegevaar!) werd gemaakt door Rijkswaterstaat ingenieur V.J.P. de Blocq van Kuffeler. Het gebouw stond al een tijdje leeg toen twee enthousiaste ondernemers het plan bedachten er een horeca functie in onder te brengen. Vanwege de kleinschaligheid van het monument werd in overleg met de commissie gezocht naar de mogelijkheid een nieuw volume aan het bestaande gebouw toe te voegen. Het uiteindelijke resultaat is een kubusachtig volume dat enigszins gedraaid wordt gepositioneerd aan de achterzijde van het magazijn en daarmee is verbonden door middel van een klein glazen tussenlid. Door het gebruik van glas oogt het luchtig en transparant en zijn er doorkijkjes mogelijk naar het achtergelegen water. In de toepassing van materialen zoals cortenstaal in de naam aanduiding en de dakrand zit een subtiele verwijzing naar het havengebied. De commissie is tevreden over het resultaat: nieuw- en oudbouw vormen samen een spannend, functioneel geheel. Het voormalige Rijksmagazijn is een prominente ontmoetingsplek geworden in de haven.


41


42 ERFGOEDCOMMISSIE JAARVERSLAG 2019

Colofon Auteur Ana van der Mark, secretaris Erfgoedcommissie Met bijdragen van José van Campen, Woord en Plaats Jef Mühren, directeur MOOI Noord-Holland Dorine van Hoogstraten, adjunct-directeur MOOI Noord-Holland Primo Reh, communicatieadviseur MOOI Noord-Holland Basisontwerp Funcke Creatieve Partners Uitwerking IAAY | Merijn Groenhart MOOI Noord-Holland adviseurs omgevingskwaliteit Alkmaar, mei 2020

MOOI NOORD-HOLLAND Emmastraat 111 1814 DP Alkmaar T 072 520 44 59 info@mooinoord-holland.nl www.mooinoord-holland.nl @overmooinh