Page 1

Leuven

Station Leuven krijgt vroegere grandeur terug

Ulbeek Bekroonde reconversie Sint-Rochuskerk

Stadhuis van Lo-reninge Combinatie van oud en nieuw


Tekst | Henri Gielen Beeld | Denys

Station Leuven krijgt vroegere grandeur terug De stationsomgeving van Leuven onderging de laatste jaren een grondige facelift. Het station in neorenaissancestijl (18761879) van architect Henri Foucquet zit ingeklemd tussen de nieuwe gebouwen van De Lijn, het Vlaams Administratief Centrum, de Kop van Kessel-Lo en de KBC-gebouwen met het Stadskantoor. Nadat het herdenkingsmonument voor de oorlogsslachtoffers 1914-1918 een tiental jaren geleden al werd gerestaureerd in de kader van de heraanleg van het Martelarenplein, is nu het stationsgebouw zelf aan de beurt. "De transformaties die het in de loop der jaren onderging, zijn met weinig respect voor het historische karakter van het gebouw gebeurd," signaleert Walter Cromheeke, afdelingshoofd renovatie, restauratie en speciale technieken bij aannemer Denys. “Die fouten uit het verleden proberen we met deze restauratie recht te zetten.”

Zwevende verdiepingen Het gebouw bestaat feitelijk uit drie ‘torens’ (gelijkvloers en vier verdiepingen) met twee laagbouwen ertussen. Behalve het houten buitenschrijnwerk

152 | BOUWEN AAN VLAANDEREN

is in de twee buitentorens niets historisch waardevols bewaard gebleven. In deze toekomstige kantoorgebouwen voor de NMBS worden enkel de gevels gerestaureerd. Heel de binnenkant is gesloopt en heropgebouwd, op een nieuwe funderingsplaat in de kelderverdieping. Projectleider Ken Smet van Denys: “Het is een stalen structuur waarop we een staalplaatbetonvloer hebben geplaatst met een epoxy gietvloer op de verdiepingen. De eerste en de derde verdieping blijven 1,20 meter van de buitengevel zodat het gereconstrueerde historische buitenschrijnwerk in een stuk zichtbaar blijft. De glazen wand die er rondom wordt geplaatst versterkt verder het zwevende effect van deze verdiepingen.”


“De perronzijde van de centrale toren hebben we op dezelfde manier vernieuwd. De twee kolommen van metselwerk met een zwaar betonnen korset die er stonden, hebben we vervangen door twee stalen kolommen. Dat was de kritiekste fase van de werken omdat heel de centrale toren erop afsteunt. Om ze te vervangen hebben we het hele gebouw moeten opschoren. Een ander verschil met de zijtorens is de panoramische lift met stalen schacht. De achtergevel wordt in zijn oorspronkelijke staat hersteld, er komen enkel twee toegangssassen met glazen schuifdeuren bij.” “De pleinzijde van de centrale toren, met de inkomhal en de loketten, was zwaar getroffen door de vroegere verbouwingen”, weet Walter Cromheeke. “De bossages (mooi afgelijnde verdieping in natuursteen) en de kroonlijsten waren praktisch helemaal verdwenen en worden nu gereconstrueerd. De pilaren worden geschilderd in marmerimitatie naar oorspronkelijk model. Het prachtige stucplafond was verstopt achter een vals plafond. Gelukkig was het stucwerk, inclusief de borstbeelden en wapenschilden, bewaard gebleven en enkel aangetast door de tand des tijds.”

wachtzaal) kreeg een tussenverdieping die het stucplafond verborg, de kroonlijsten en de kapitelen werden volledig weggehaald en een trap doorboorde het plafond. Ken Smet: “We hebben het plafond van bovenaf verstevigd met een kalkmengsel om het stucwerk te kunnen herstellen. Voor de reconstructie van de kroonlijsten hebben we eerst een houten draagstructuur in de vorm van de kroonlijst gemaakt en bekleed met een aluminium strekmetaal. Daarop trekken we de nieuwe lijst in kalkmortel, die zich vastzet achter de mazen van het strekmetaal. Dat is moeilijker dan een kroonlijst in gips. De pilaren reconstrueren we naar oorspronkelijk model. Voor de kapitelen hebben onze steenhouwers eerst een model uit steen gehouwen, op basis waarvan we een mal in kunststof maken, waarin de kapitelen dan afgegoten worden in kalkmotel.” De laagbouw ‘Brussel’ (de vroegere wachtzaal derde klasse en daarna cafetaria, wat zo blijft) kreeg een nieuw stalen dakgebinte. Het plafond, de kroonlijsten en de kapitelen worden op dezelfde manier gereconstrueerd als in de laagbouw ‘Tienen’. HVAC, water ne andere technieken krijgen een plaats in de kelders onder de torens. Een tunnelschacht verbindt ze onder de laagbouwen door. Walter Cromheeke: “Bij het graven van die tunnel zijn we zowat een halve meter diep op de originele cementtegelvloer gestoten. We hebben hem helemaal blootgelegd en het oorspronkelijke legplan gereconstrueerd. In plaats van een marmervloer zoals in de centrale toren, leggen we in de laagbouwen nu een cementtegelvloer identiek aan de oorspronkelijke. De onderste meter van de wanden bekleden we met een natuurstenen lambrisering.” ❚

Kroonlijsten Ook de laagbouwen waren erg verminkt door de verbouwingen. De kant Tienen (oorspronkelijk wachtzaal eerste en tweede klasse, wordt de nieuwe

Participanten aan het woord Roelants Glas -binnenbeglazing Roelants Glas uit Aarschot levert en plaatst al de nieuwe isolerende binnenbeglazing: inkomgehelen, automatische schuifdeuren, binnenwanden en –deuren, rond de liftschacht, trapvloeren, loketten, sanitaire wanden, tabletten en de lichtbakken aan het plafond. Het gaat in totaal om ongeveer 1.300 vierkante meter gelaagd, gehard en brandwerend veiligheidsglas. “Dit is voor ons een eerder uitzonderlijk project,” zegt gedelegeerd bestuurder Jules Roelants. “Niet wat de aard van de werken betreft, wel qua omvang. Een achttal werknemers hebben er ongeveer zes maanden werk mee op de bouwplaats.” Roelants Glas bestaat tachtig jaar en telt 46 werknemers. Het is nog een zuiver familiebedrijf waarin sinds 2009 de vierde generatie mee actief is. Recente projecten zijn onder meer Trekkershostel Wadi in Kasterlee, De Malt in Boortmeerbeek (renovaties) en de Balk van Beel in Leuven (nieuwbouw).

Technische Fiche Opdrachtgever + studiebureau: Studiebureau restauratie: Controlebureau: Aannemer: Start werken: Vermoedelijke einddatum: Aanbestedingsbedrag:

NMBS-Holding – directie stations (Hasselt) Examino (Lovendegem) Seco (Brussel) Denys (Wondelgem) mei 2010 begin 2014 circa 9 miljoen euro, excl. BTW en honoraria.

153 | BOUWEN AAN VLAANDEREN


Leegstraat 34 • 8780 Oostrozebeke T 056/66 74 72 • F 056/66 92 25 decoratie@beel.be • www.beel.be 154 | BOUWEN AAN VLAANDEREN


Energie troef op de Transfo-site in Zwevegem

Oude elektriciteitscentrale krijgt nieuwe toekomst In 2001 besliste Electrabel om zijn activiteiten op de site van de oude elektriciteitscentrale in Zwevegem te stoppen. Onder impuls van het gemeentebestuur werd in 2006 een masterplan met een nieuw toekomstconcept voor de site Transfo uitgewerkt: een groen ankerpunt met een mice-centrum (meetings, incentives, conferences, exhibitions) en ruimtes voor cultuur en recreatie. Dit renovatie- en nieuwbouwproject gebeurt in verschillende fases. De afgewerkte gebouwen worden individueel in gebruik genomen. ›

155 | BOUWEN AAN VLAANDEREN


Participanten aan het woord Beel Decoratie – schilderwerken traphal Beel Decoratie (Oostrozebeke), opgestart in 1974 door Noël Beel, is intussen uitgegroeid tot een bedrijf met 42 vakbekwame medewerkers. Sinds de oprichting heeft de firma, nu geleid door zoon Wouter Beel, veel ervaring opgebouwd in schilderwerken voor industriële toepassingen alsook in het fijnere en creatievere decoratiewerk. “De renovatie van de beschermde Transfosite is een prestigeproject, waarvoor onze medewerkers de schilderwerken in de traphal uitvoerden,” zegt projectleider Thomas Snauwaert. “Voor de muren en de plafonds gebruikten we Idrotop mat velouté, terwijl de trapleuning met siathane werd bewerkt.” De firma werd recent onder andere geselecteerd voor opdrachten bij Renson (Waregem), Alpro (Wevelgem) en Savic (Heule), in basisschool de Zandloper (Middelkerke), de SintHenricus Kerk (Torhout), het Heilig-Hart Ziekenhuis (Menen) en de psychiatrische instelling Sint-Amandus (Beernem).

156 | BOUWEN AAN VLAANDEREN


In 1911 werd langs het kanaal Kortrijk-Bossuit één van de eerste elektriciteitscentrales in de regio gebouwd. Door zijn unieke collectie stoomturbines en representatieve gebouwen werd de site in 1999 deels erkend als industrieel erfgoed. In 2001 stopte Electrabel echter met de productie van elektriciteit in de centrale. De gemeente Zwevegem en de intercommunale Leiedal zochten dan een nieuwe bestemming voor de site. Het masterplan van de architectuurgroep Ralf Coussée-Klaas Goris in samenwerking met het Spaanse architectenbureau RCR Aranda Pigem Vilalta vormt de basis voor het complete project, ook voor de huidige fase van de restauratie- en herbestemmingswerken onder leiding van Monument Vandekerckhove. De oude elektriciteitscentrale wordt omgevormd tot een multifunctioneel centrum voor evenementen, cultuur en recreatie.

Zicht op turbines Het hart van de site, de historische machinezaal, biedt dankzij de unieke collectie turbines een verrassend decor voor evenementen tot 400 personen. Bovendien kunnen bezoekers vanop een passerelle de machinezaal van bovenaf als museum bewonderen. Het voormalige pompgebouw doet nu dienst als polyvalente feestzaal en daarboven komt nog een grote ruimte met een uitschuifbare tribune en eigen keukenvoorzieningen. Op die manier ontstaat een volwaardig mice-centrum voor evenementen, conferenties, seminaries, beurzen, personeelsfeesten en andere activiteiten.

Duiken in olietank Er is ook plaats voor kunst en cultuur, want op de twee bovenste verdiepingen van het transformatorgebouw zijn twee zalen voor tentoonstellingen, optredens en andere kunstevenementen. Een nieuwe trappenkoker maakt een vlotte verbinding met de machinezaal mogelijk. Ook bijgebouwen, zoals het locomotiefgebouw of de directeurswoning, kunnen voor culturele evenementen ingezet worden. Verder is er ook ruimte voor recreatie en avontuur. Zo loopt doorheen de site een fietsroute, die aangesloten is op het pad langs het kanaal Kortrijk-Bossuit. ›

157 | BOUWEN AAN VLAANDEREN


Het ketelhuis wordt binnen en buiten gerestaureerd en ingericht als een ruimte voor avontuurlijke sporten met onder andere een klimmuur en een touwenparcours. Uniek toekomstproject is de herbestemming van de grootste olieciterne tot een duiktank. De kleinere tanks zullen dan weer gebruikt worden voor de waterzuivering en als administratief dienstgebouw. En het mechaniekersgebouw –de voormalige smidse– biedt ruimte voor een informatiepunt en een onthaal.

RESTAURATIE IN FASES

Participanten aan het woord Socoi –Zandstralen en schilderwerken Socoi (Hoboken) was verantwoordelijk voor het zandstralen en de schilderwerken in de machine- en ketelzaal op de Transfosite. “Door hun jarenlange ervaring zijn onze arbeiders wel gespecialiseerd in dergelijke opdrachten, maar door de hoge concentratie van asbest was dit toch een ongewoon project voor ons,” zegt projectleider Gino Walschap. “Vanaf begin mei tot op vandaag waren we met zes personen op deze bouwplaats bezig.” Familiebedrijf Socoi werd in 1996 opgericht en telt nu 35 medewerkers. Dit service-bedrijf richt zich op de bouw- en industriebouwsector en levert bekwame arbeiders voor specifieke opdrachten, zoals zandstralen en schilderwerken, maar ook dakwerken, metselwerken, renovatiesloop, …. Socoi werd recent ook ingeschakeld voor opdrachten in onder andere Tessenderlo (Marlux), Herenthout (Air Liquide) en Geel (Borealis).

Tijdens de restauratie is geprobeerd om de unieke atmosfeer van deze monumentale industriële locatie te behouden. “De daken werden hersteld of vernieuwd, terwijl ook in de machinezaal, het ketelgebouw en de traphal restauratiewerken uitgevoerd werden,” zegt Rik Willems, projectleider bij Monument Vandekerckhove. “In de machinezaal werden de turbines gereinigd. Alle metaalwerk werd gestraald, behandeld tegen roest en geschilderd. De binnenmuren kregen een nieuwe verflaag, de wandtegels werden hersteld en de ramen vervangen door nieuwe stalen ramen met dubbele beglazing. Tot slot werd een nieuwe rolbrug voorzien om materiaal gemakkelijk in en uit de zaal te krijgen.” Ook het ketelhuis en de historische traphal werden gerestaureerd. “De metaalstructuur van de gevel van het ketelgebouw werd gestraald, behandeld tegen roest en geschilderd en de oude ramen werden hersteld,” vervolgt Rik Willems. “Verder hebben we de muren van de traphal opnieuw gecementeerd en geschilderd, terwijl de ramen hersteld werden en een nieuw likje verf kregen.” Dit project startte in 2007, gebeurt in verschillende fases en zal tussen 10 en 12 jaar in beslag nemen. ❚

Technische Fiche Project: Opdrachtgever: Architect: Aannemer ruwbouw en afwerking: Stellingen: Straal- en schilderwerken: Schilderwerken: Start werken: Duur werken:

Transfo Zwevegem stad Zwevegem Architecten Ralf Coussée & Klaas Goris i.s.m. Piet en Pol Sileghem, Zwevegem + tijdelijke vereniging Coussée & Goris, Gent/RCR Aranda Pigem Vilalta, Girona (Spanje) Monument Vandekerckhove, Ingelmunster MSC, Ingelmunster Socoi, Hoboken Beel, Oostrozebeke januari 2007 10 tot 12 jaar

159 | BOUWEN AAN VLAANDEREN


Journaal Vlaamse Monumentenprijs 2012 voor Sint-Rochuskerk Ulbeek Het totaalproject van de restauratie en herbestemming van de voormalige Sint-Rochuskerk in Ulbeek (Wellen) wint de Vlaamse Monumentenprijs 2012 en ontvangt een geldprijs van 15.000 euro. Vlaams minister van onroerend erfgoed Geert Bourgeois (NVA) kent de Monumentenprijs elk jaar toe aan een privĂŠ- of overheidsinitiatief met bijzonder belang of belangrijke verdiensten op het vlak van monumentenzorg, landschapszorg of archeologie. Volgens Bourgeois was de vernieuwende herbestemming doorslaggevend voor de keuze van winnaar. "De herbestemming als begraafplaats, columbarium en stille ruimte met veel respect voor de kerkruĂŻne en archeologische resten, maakt van deze site een echte herdenkings- en bezinningsplaats. Bovendien is de herbestemming van zulke sites brandend actueel in het kader van de herbestemming van kerken en de eigentijdse rol van religieus erfgoed in de begraafproblematiek. Ulbeek is een inspirerend voorbeeld binnen deze discussies." Voor de Vlaamse Monumentenprijs 2012 waren er 31 geldige kandidaten. De Vlaamse regering koos daaruit, op advies van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen, vijf laureaten. Deze krijgen elk 2.500 euro. De Sint-Rochuskerk krijgt daar als winnaar nog eens 12.500 euro bovenop. De vier andere laureaten zijn het kalvariekruis van de Sint-Niklaaskerk in Veurne, het huisje Mostinckx in Sint-Martens-Bodegem (Dilbeek), brouwerij en alcoholstokerij Wilderen (Sint-Truiden) en het Centraal Station in Antwerpen. (meer over de herwaardering van de kerk van Ulbeek op de volgende bladzijden) Meer info: www.openmonumenten.be

Vooroorlogse liften gerestaureerd Lift Service Brasschaat heeft in het appartementsgebouw langs de Antwerpse Carnotstraat, waarin ook de lokaal erg gekende bruidswinkel Le Chapeau is gevestigd, twee vooroorlogse liften gerestaureerd. Beide liften (een Thiery en een Daelemans) hebben zes stopplaatsen. De uitdaging bestond erin de originele esthetiek te verzoenen met de hedendaagse comfort- en veiligheidseisen. Een van de oplossingen was de toevoeging van extra traliewerk (in de hoogte), naar de oorspronkelijke vormen en van extra glas. Omdat het om liften in een opbrengstgebouw gaat, mochten de kosten niet doorwegen. Meer info: www.liftservicebrasschaat.be

Antwerpse historische liften gerestaureerd.

Historische liften wachten op nieuwe wet

De voormalige Sint-Rochuskerk in Ulbeek. (foto Onroerend Erfgoed)

160 | BOUWEN AAN VLAANDEREN

De wetgeving over de aanpassing van historische liften aan de huidige veiligheidseisen staat nog altijd niet op punt. Het behoud van het historisch karakter valt soms moeilijk te rijmen met die eisen. De federale ministers Johan Vande Lanotte en Monica De Coninck (SPA) hebben op 16 juli 2012 hun wetsontwerp hierover naar de Raad van State gestuurd. In tegenstelling tot een eerder voorstel, is er geen onderscheid meer tussen de liften voor professioneel gebruik en die voor residentieel gebruik. De ministers volgen hiermee de adviezen van de Commissie voor de Veiligheid van de Consumenten en de Hoge Raad voor Preventie en Bescherming op het Werk. Het voorstel is besproken met de liftinstallateurs, de keuringsorganismen en de eigenaars en werd unaniem goedgekeurd door hun respectievelijke verenigingen. Het feit dat de liften die het gemakkelijkst te moderniseren zijn, eerst worden aangepast vormt het sleutelelement. Voor de oudste liften, die dikwijls een historische of esthetische waarde bezitten, krijgen de eigenaars veel meer tijd. Deze tijd moet de sector toelaten om specifieke oplossingen op maat te ontwikkelen die aanvaardbaar zijn qua veiligheidsniveau en die tegelijk het esthetische karakter van de lift vrijwaren. Meer info: www.economie.fgov.be/veiligheid


Journaal

Art deco-getinte villa langs de Engerstraat (nr. 111) (foto Tijl Vereenooghe, Onroerend Erfgoed)

Bourgeois beschermt bourgeoisie-huizen in Erps-Kwerps Vlaams minister Geert Bourgeois heeft de voorlopige bescherming van dertien landhuizen en villa’s en een dorpswoning langs de Engerstraat in Erps-Kwerps ondertekend. De Engerstraat wordt zo een beschermd dorpsgezicht, zodat bouwen in de toekomst er enkel nog kan met respect voor de erfgoedwaarden van deze straat. Recent keurde de gemeenteraad van Kortenberg nog het ruimtelijk uitvoeringsplan Engerstraat goed, zodat het klassieke karakter van het park en de villa’s bewaard blijft. De woningen dateren allemaal uit de periode 1875-1925. "Deze gaaf bewaarde, imposante landhuizen en villa’s ademen de luxueuze en verfijnde levenssfeer van de Belle Epoque uit," aldus minister Bourgeois. "Kelderkeukens, koetshuizen, conciërge- en hovenierswoningen maakten hiervan standaard deel uit. Weg van de stad dienden deze villa’s als woning of buitenverblijf voor de welgestelde burgerij." De Engerstraat schetst op een representatieve manier de ontwikkelingen die de gemeente vanaf de negentiende eeuw doormaakte van plattelandsgemeente tot een belangrijke villagemeente. Adellijke eigenaars vormden eeuwenoude pachthoven om tot prestigieuze lusthoven en luxueuze buitenverblijven. De akkergronden werden verkaveld tot ruime percelen waarop de hogere burgerij en ook lokale notabelen tweede verblijven optrokken in de vorm van ‘kasteeltjes’, villa’s en burgerhuizen. Meer info: www.erf-goed.be

van marmer, mozaïek en terrazzo in ere. Het familiebedrijf is gevestigd in Eeklo, maar de wortels liggen in Italië. De Tondats werken zowel in nieuwbouw als in restauratieprojecten. Ze waren al aan de slag in onder meer het - Paleis voor Schone Kunsten in Rijsel, in Residentie Palace in Zeebrugge (200 m² marmer in de traphal en 140 m² terrazzovloeren met marmerdecoraties), in het Museum voor Schone Kunsten in Gent (1.270 m² Venetiaanse terrazzo en 55 m² marmermozaïekboorden), in het Paleis voor Schone Kunsten (Bozar) in Brussel (540 m² terrazzo), in de Sint-Bernarduskerk in Nieuwpoort (circa 300 m² terrazzorestauratie) en in de koninklijk paleizen in Brussel en Laken. Meer info: www.tondat.be Nino Tondat mocht in Gent de Publieksprijs in ontvangst nemen.

Nino Tondat wint (publieks)prijs Ambacht in de Kijker Meester-marmerbewerker Nino Tondat heeft in Ambacht in de Kijker de publieksprijs gewonnen. Hij haalde het van ongeveer 240 andere deelnemers. Nino leerde het vak van zijn vader Romano en via diverse stages in België, Frankrijk en in Italië. Zijn specialiteiten zijn marmer inlegwerk, terrazzo (granito) en beeldhouwwerk. De familie Tondat houdt de ambachtelijke tradities

161 | BOUWEN AAN VLAANDEREN


Tekst | Tim Janssens

Sint-Rochuskerk in Ulbeek (Wellen)

Van vervallen kerkgebouw tot overdekte begraafplaats De knappe reconversie van de Sint-Rochuskerk in Wellen is een schoolvoorbeeld van een functionele herbestemming. De in 1938 ontwijde kerk werd nochtans lange tijd met de sloop bedreigd. Aangezien er plannen bestonden om de omliggende begraafplaats uit te breiden, opteerden het gemeentebestuur van Wellen en het agentschap Onroerend Erfgoed echter voor een uitbreiding mĂŠt behoud van het oude volume. De gerestaureerde Sint-Rochuskerk, die voortaan dienst doet als overdekte begraafplaats, werd onlangs bekroond met de Vlaamse Monumentenprijs 2012. Gered van de sloop Achter de wanden van de bescheiden Sint-Rochuskerk in Wellen gaat een lange geschiedenis schuil. Archeologische opgravingen wezen uit dat er op deze locatie al in het jaar 1000 sprake was een kerkgebouw. Voorafgaand aan de restauratie legden archeologen ook resten van eerdere romaanse en gotische bouwfasen bloot. Het huidige volume dateert uit 1841. Spoedig na de ontwijding raakte de kerk in verval. Ze fungeerde onder andere als parochiezaal, schrijnwerkerij en opslagplaats voor een nabijgelegen brouwerij en leek na jaren van verwaarlozing af te stevenen op de sloop. Dit was echter niet naar de zin van de gemeente Wellen, temeer omdat het lokale dorpsgezicht (en dus ook de gevel van de Sint-Rochuskerk) beschermd is. Het gemeentebestuur zocht naar een oplossing en vond die in de reconversie van de kerk tot overdekte begraaf- en herdenkingsplaats.

In het schip van de voormalige Sint-Rochuskerk bevinden zich sinds kort veertig grafzerken. Verderop zien we het nieuwe dak van het koor, dat opgebouwd is uit een stalen basisconstructie met Spider Glass.

162 | BOUWEN AAN VLAANDEREN

De vervallen Sint-Rochuskerk in Ulbeek is omgevormd tot een overdekte begraafplaats. Aangezien alleen de gevel van de kerk beschermd is, konden architecten en aannemer bij de restauratie zeer ver gaan.

Om het omringende kerkhof te laten doorlopen in de kerk, brak aannemer PIT de vier verticale raamopeningen in het midden van de kerk volledig open.


Verregaande reconversie Dit alles resulteerde in een intensieve restauratie, waarbij aannemer PIT gedurende twee jaar heel wat kleine en grote ingrepen uitvoerde om de kerk om te vormen tot wat ze vandaag is. Eerst brak hij bepaalde delen van de kerk af (waaronder de daken van het schip en het koor), voerde enkele balkkoprestauraties uit, saneerde het metselwerk en bracht het boven het schip een loopbrug van geperforeerde staalplaten aan. PIT verwijderde het dak van het koor en verving het door een staalconstructie met 'Spider Glass' (beglazing met geschroefde bevestigingspunten). Het met glas overdekte koor toont blootliggende sporen van oudere In het koor zijn archeologische resten van eerdere bouwfasen te bezichtigen. Een houten beeld van een treurende familie staat symbool van de serene bouwfasen. Rondom deze ressfeer die er heerst. tanten is er nu een glazen loopvloer, die zowel aan de muur als aan de stalen dakconstructie bevestigd is. Een eikenhouten beeld van een treurende familie en strategisch geplaatste lichtarmaturen dragen bij tot de serene sfeer.

Raamopeningen vergroot Om het omringende kerkhof te laten "doorlopen" in de kerk, brak de aannemer de vier verticale raamopeningen in het midden volledig open. Hier bevinden zich veertig donkere grafstenen, geplaatst op nieuwe betonnen grafkelders. In de zijkapellen installeerde PIT 21 columbaria met een bekleding in wit Carrara-marmer. Het doksaal met houten balustrade, voortaan toegankelijk via een op maat gemaakte staaltrap, kreeg een grondige opknapbeurt. Aan de buitenkant verving PIT het voegwerk. Tot slot restaureerde het ook het enige resterende glas-in-loodraam. “Grote restauratiewerken voor een relatief kleine kerk dus, maar aangezien het in feite enkel de gevel is die een beschermd statuut geniet, konden we zeer ver gaan bij de restauratie van de rest van het gebouw. Met het plafond van geperforeerde staalplaten en het Spider Glass hebben we hedendaagse elementen kunnen integreren die je anders nooit mag gebruiken bij de restauratie van historische kerken. Hierdoor konden we er echt iets bijzonder van maken,� vertelt projectleider Koen Hechtermans (PIT). �

Technische Fiche Opdrachtgever: Architecten:

In de zijkapellen installeerde aannemer PIT 21 columbaria met een bekleding in wit Carrara-marmer.

Aannemer: Start werken: Einde werken:

gemeente Wellen Vantilt Houben Architect (Wellen) en Architectenbureau De Wyngaert (Hasselt) PIT (Antwerpen) 1 april 2010 mei 2012

163 | BOUWEN AAN VLAANDEREN


MONUMENTAAL GLAS MET PERSPECTIEF

CLASSICO FRANKI FOUNDATIONS BELGIUM S.A. Parc des Activités Economiques de Saintes 2, Avenue Edgard Frankignoul 1480 Saintes - België T F E W

164 | BOUWEN AAN VLAANDEREN

+32 2 391 46 46 +32 2 391 46 47 mail@ffgb.be www.ffgb.be


Beeld | Filip Dujardin

Combinatie van historische en hedendaagse architectuur

Stadsbestuur Lo-Reninge treedt in het klooster Oorspronkelijk wou het stadsbestuur van Lo-Reninge het stadhuis aan de Oude Eiermarkt uitbreiden. Maar toen de Grauwzusters hun klooster te koop aanboden, wijzigde het de plannen. NoAarchitecten kreeg de opdracht een project uit te werken, dat perfect binnen de architectuur van het stadscentrum paste, maar toch opviel tussen de andere gebouwen. Burgemeester en schepenen kregen een nieuw onderkomen in het klooster, terwijl de publieke diensten in een nieuwbouw geïntegreerd zijn. ›

165 | BOUWEN AAN VLAANDEREN


In 2006 werkte het stadsbestuur het dossier voor de uitbreiding van het toenmalige stadhuis aan de Oude Eiermarkt volledig uit. Nadat de Grauwzusters hun klooster te koop aanboden liet het stadsbestuur noAarchitecten onderzoeken of het mogelijk was het nieuwe stadhuis op de kloostersite te integreren. Uiteindelijk moesten architect en bouwheer niet alleen rekening houden met de resultaten van die haalbaarheidsstudie, maar ook met de eisen van de dienst Monumenten en Landschappen, aangezien het klooster een beschermd pand is. Het nieuwe stadhuis werd een perfecte combinatie van oud en nieuw.

RENOVATIE VAN HET KLOOSTER

Participanten aan het woord AGC Glass Europe Dubbele beglazing AGC Glass Europe (vroeger Glaverbel) leverde dubbele beglazing voor het nieuwe stadhuis in Lo-Reninge. De Europese tak van vlakglasproducent AGC Glass telt ongeveer 13.000 medewerkers. Het produceert en verwerkt vlakglas voor de bouwsector, auto-industrie, zonne-industrie en gespecialiseerde industriële sectoren. “Voor dit stadhuis leverden we dubbele beglazing type Thermobel Clearvision,” zegt sales manager Patrick De Paepe. “Clearvision is vlakglas, dat door de beperking van het ijzergehalte een extra blank aspect vertoont in vergelijking met normaal blank glas dat een groene tint heeft. Het Silver Cradle to Cradle-certificaat bewijst dat zijn levenscyclus geen negatieve invloed heeft op mens en milieu.” Het gamma omvat ook het monumentaal glas Thermobel Classico, dat als oplossing voor renovatieprojecten een historisch uitzicht met de prestatie-eisen van vandaag combineert.

Franki Foundations Belgium Paalfunderingen “We hebben de paalfunderingen voor het stadhuis in Lo-Reninge uitgevoerd,” vertelt Yves Buyse, Project Manager bij Franki Foundations Belgium (Koekelare). “In april 2010 waren we met twee arbeiders op de bouwplaats actief. Technisch was dit voor ons geen uitzonderlijk project, maar de funderingen vormen toch altijd de basis voor de solide constructie van een bouwwerk.” Franki Foundations Belgium, opgericht in 1910, is gespecialiseerd in het ontwerp en de uitvoering van funderingswerken voor bedrijven, civiele werken en allerlei projecten. De onderneming met dochters in Nederland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Arabische Emiraten telt meer dan 200 medewerkers en voert jaarlijks zowat 450 bouwwerken uit. Franki was ook actief betrokken bij onder meer de werken aan de Onze-Lieve-Vrouw Hemelvaartkerk in Ruiselede en de kastelen van Nokere en Olsene.

166 | BOUWEN AAN VLAANDEREN

Het klooster van de Grauwzusters is een beschermd monument, waarvan het oudste gedeelte in de gotische kapel dateert van 1497. “Monumenten en Landschappen eiste dat het kloostergebouw niet te zwaar belast zou worden,” zegt architect Philippe Viérin. “Daarom hebben we alle publieke diensten in de nieuwbouw ondergebracht.” De burgemeester en schepenen namen wel hun intrek in het klooster. De voormalige kapel lieten ze herinrichten als raadzaal, terwijl de vroegere woonkamer van de zusters nu dient als vergaderzaal voor het schepencollege. De kantoren van de burgemeester en de schepenen vinden we in de


oude slaapruimtes op de tweede verdieping en in de toenmalige refter is het bureau van de gemeentesecretaris ondergebracht. Op het gelijkvloers is ook het Sociaal Huis gevestigd. Alle ruimtes zijn gerenoveerd en kregen onder andere een nieuwe planken vloer. Bovendien is ook de toegankelijkheid verbeterd. Er is een kleine lift naar de raadzaal of de vergaderzaal van het schepencollege en op het gelijkvloers is een bijkomende spreekruimte geïntegreerd om mindervalide bezoekers te ontvangen.

LAAGENERGIE-NIEUWBOUW Na afbraak van een vleugel uit de jaren vijftig bouwde aannemer Verstraete een laagenergiegebouw dat oogt als een grote schuur met hellend dak. Deze nieuwbouw huisvest alle publieke diensten. Op de zolder plaatste de stad haar archief. De binnenkant bestaat uit een houtskelet met dikke geïsoleerde wanden en de gevel is bekleed met de typische gele bakstenen van de streek. NoAarchitecten gebruikte dezelfde dakpannen als die van het klooster en behandelde recuperatiebakstenen, waardoor het gebouw perfect in de omgeving past. “Aangezien dit nieuwe gedeelte niet aan het klooster aangebouwd mocht worden, hebben we beide gebouwen verbonden met een glazen gang, die ook de ingang omvat,” zegt Philippe Viérin. “Door de glaspartij kijkt de bezoeker ook in de tuin, waar straks de boomgaard moet groeien.” De nieuwe stadslokalen zijn nog niet helemaal af. In de toekomst komt er onder meer nog een betere isolatie en de vervanging van de enkele beglazing in het oude klooster. ❚

TECHNISCHE FICHE Opdrachtgever stad Lo-Reninge Architect noAarchitecten, Brussel-Brugge Aannemer ruwbouw en afwerking Verstraete Bouw, Roeselare Glas AGC Glass Europe, Brussel Paalfunderingen Franki Foundations Belgium, Koekelare Start werken voorjaar 2008 Einde werken december 2011 (renovatie) en mei 2002 (nieuwbouw)

167 | BOUWEN AAN VLAANDEREN

Bouwen aan monumenten 04 2012  

Tijdschrift over monumentenzorg, restauratie, beheer en behoud van cultureel erfgoed

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you