Issuu on Google+

21 juli 2012 , pag. 10

¬ Waterschapshuis Hunze en Aa’s, Veendam.

¬ Gemeentehuis, Zuidhorn.

¬ Tuin museum De Buitenplaats, Eelde.

Volg de sporen van Rutger Kopland Rutger Kopland dichtte: ’Nu is hij weg – ik zie hem/ alleen nog voor me/ als ik aan hem denk.’ Tien plekken om aan Rutger Kopland te denken. Foto’s: DvhN/Ducan Wijting Tekst: Joep van Ruiten

¬ ’Rutger Kopland’ door Natasja Bennink bij Museum De Buitenplaats in Eelde. Foto: Reyer Boxem

aags na het bekend worden van de dood van R.H. van den Hoofdakker (1934 – 2012) lagen op de binnenplaats voor het Typografengasthuis aan de Petrus Campersingel in Groningen tien afgebroken rozenknoppen. Precies op de plek waar in 2003 een plaquette met het in steen gehouwen gedicht Hof was onthuld bij het 100-jarig bestaan van het gasthuis. Samen met twee waxinelichtjes en een tuiltje bloemen vormden de knoppen een eerbetoon aan Rutger Kopland. De psychiater en hoogleraar mag dan overleden zijn, zijn gedichten leven voort. En niet alleen bij het Typografengasthuis, Kopland heeft op meer plekken zijn sporen achtergelaten. Een oproep in deze krant leverde reacties op uit heel Nederland. Zijn poëzie kan worden aangetroffen op een bankje bij Museum Coda in

D

¬ Typografengasthuis, Groningen.

Apeldoorn, op een muur aan de Surinamestraat in Den Haag, bij de entree van letterkundig centrum Tresoar in Leeuwarden, in park Sonsbeek bij Arnhem, bij psychiatrisch centrum Delta in Rotterdam. Maar het meest aanwezig is hij in Drenthe en Groningen, waar hij woonde en werkte. Zoals in Eelde, waar in de tuin van museum De Buitenplaats het beeld is te zien dat Natasja Bennink van hem maakte. Elders in dezelfde tuin zijn dichtregels uitgehakt in een steen in het gras: ’Ga nu maar liggen liefste in de tuin,/ de lege plekken in het hoge gras, ik heb/ altijd gewild dat ik dat was, een lege/ plek voor iemand, om te blijven.’ De regels zijn onderdeel van een project waar meer dichters bij zijn betrokken; ook van Jean Pierre Rawie, Driek van Wissen, Gerrit Krol en recent Kader Abdolah zijn in Eelde woorden te lezen. Iets vergelijkbaars is gaande in Sellingen, waar jaarlijks bij het Theater van de Natuur van Adriaan Nette een dichtregel in een traptrede wordt aangebracht. Kopland deed de vijfde trede. In september wordt de vijftiende regel onthuld, dit keer bedacht door Jan Mulder. Kopland leverde ook een bijdrage aan de poëzieroute op het terrein van Lentis in Zuidlaren. En de tekst voor de vloersteen bij de ingang van leescafé Belcampo in de Groninger bibliotheek. En het gedicht Psalm bij het Indië-monument op de begraafplaats Selwer-

¬ Poëzieroute Lentis-terrein, Zuidlaren.

derhof: ’Dan zullen deze geluiden wind zijn/ als ze opstijgen uit hun plek, dan/ zullen ze verwaaien, zijn ze wind.’ Het waterschapshuis van Hunze en Aa’s in Veendam heeft twee gedichten van Kopland: Beek en Maar. Beide werden geschreven ter herinnering van de band tussen de Groningse waterschappen. Het gedicht Maar is daarom tevens te lezen in de stad Groningen, waar het monumentaal op een pilaar in het waterschapshuis van Noorderzijlvest is aangebracht. Spectaculair is ook de uitvoering van het gedicht Lieve beste gedachte dat hij in 1997 maakte voor het nieuwe gemeentehuis van Zuidhorn: 37 regels die de lezer van het treinstation naar het gemeentehuis leiden. Misschien wel het meest bijzondere spoor kan worden aangetroffen op het Zernicke-complex aan de rand van Groningen, waar bij het Centrum voor Levenswetenschappen aan de Nijenborgh de figuren van een man, een vrouw, een hondje en een kat verscholen in het gras liggen. Het is een landart-werk getiteld Low profile, gemaakt van staal. Bedenker Gunnar Daan liet zich inspireren door het proefschrift Behaviour and EEG of drowsy and sleeping cats dat Rudy van den Hoofdakker in 1996 schreef over slaapstoornissen. Hetzelfde jaar debuteerde hij als de dichter Rutger Kopland.

¬ Openbare bibliotheek, Groningen.

¬ Indië-monument Selwerderhof, Groningen.

¬ Nijenborgh Zernicke-complex, Groningen.

¬ Theater van de Natuur, Sellingen.

¬ Waterschapshuis Noorderzijlvest, Groningen.


Volg de sporen van Rutger Kopland