Page 1

Januari 2o18

8

Bij zondere huisdieren

9

Slalommen in de sneeuw

11

Heijplaters op het IFFR

12

De nieuwe Coolsingel

De leerlingen bekijken vanuit de cabine wanneer de fietsers wel en niet zichtbaar zijn. Foto: Johannes Odé

ROZENBURG – De leerlingen uit groep 7a van basisschool De Rozenhorst kregen een verkeersles van Veilig op Weg. Vrachtwagenchauffeuse Corina leerde de leerlingen waar ze in het verkeer op moeten letten als ze een vrachtwagen of bus tegenkomen. Tekst: Suzanne Huig

‘Er zijn plekken rondom een vrachtwagen en bus waar voetgangers, fietsers of bromfietsers niet zichtbaar zijn voor de bestuurder. Die plekken noem je de dode hoeken’, vertelt Daphne (10).

Het gevaar

Jay (10) en Bruce (10) zitten in de cabine van

Corina’s vrachtwagen. Faith (10), Kimberley (10) en Danique (10) staan voor de vrachtwagen. ‘Ik zie jullie niet staan’, zegt Jay. ‘Wij zien de vrachtwagen juist heel goed’, zegt Danique. ‘De bestuurder van de vrachtwagen ziet het verkeer om zich heen niet altijd als het verkeer hem of haar wel ziet. Dat is het gevaar’, zegt Faith.

Minimaal 3 meter afstand

‘Houd minimaal 3 meter afstand van een bus of vrachtwagen. Je bent dan pas een beetje zichtbaar voor de chauffeur. Je bent pas helemaal zichtbaar voor de chauffeur op ruim 8 meter afstand’, legt Corina uit.

Danique: ‘Het is belangrijk om te zorgen dat je goed zichtbaar bent. Een chauffeur kan alleen rekening met je houden als hij je ziet.’

Achter het voertuig rijden of staan

Faith: ‘Het is onveilig om naast een vrachtwagen of bus te rijden of staan. De chauffeur kan je aanrijden als hij een bocht maakt en je niet heeft gezien.’ ‘Je moet bij een stoplicht rechts achter een vrachtwagen of bus wachten. Je moet dan ook op minimaal 3 meter afstand van het voertuig blijven’, zegt Bruce. ‘Je staat zo niet in de weg als de vrachtwagen of bus wegrijdt’, zegt Jay.


Januari 2o18

Op straat loopt een man vrolijk te fluiten. Een andere man zegt: ‘Meneer, u heeft 2 verschillende schoenen aan!’ De man zegt: ‘Leuk hè? Thuis heb ik nog zo’n paar staan.’

N D N

I

O

J

E

S A

Femke (11)

W

I

B Jantje zit in de trein met zijn schoenen op de bank. De conducteur zegt: ‘Dat mag niet Jantje, daardoor kan de bank kapotgaan. Jantje reageert beledigd: ‘U knipt toch ook mijn kaartje kapot!’ Shirina (9)

Er zitten 2 koeien in bad. Vraagt de één aan de ander: ‘Mag ik je borstel even lenen? Ik krijg de vlekken er niet af!’ Souad (12)

S

E

I

Z O

E

E N S

I

E

E W E

J

E

E

T

M U S

T

L W N N A

T

R

D B

S R

I

T

A V

O E

A

A R

L

R

E W E

B W

A G W D U A

L

D N R

S U

R

L

S

A S

J

E

N T O G

E

J

I

E

E

A A O A O K

I

G A G N

N

J

U W A A S

R P

D A O E

N S N

E

W N

N O R

U N

S N

E

E

U W P

E

E

I

I

K

N O

L

O P

H

L

GLAD HAGEL IJSBAAN

SJAAL SLEE SNEEUW

NOREN OPWARMEN SEIZOEN

WINTER WINTERSLAAP

IJSDAG JAARGETIJDE JANUARI JAS KOUD NATUUR

SNEEUWPOP SNEEUWVLOK SNERT SNOWBOARDEN WANTEN WIND

antwoord (2 woorDen):

L

regels: DE WOORDEN VIND JE HORIZONTAAL, VERTICAAL EN DIAGONAAL. Je mag letters meerdere keren gebruiken. Als je de overgebleven letters in de juiste volgorde zet krijg je het antwoord. Mail dIT antWOORD samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouders of verzorgers (zodat we contact met je kunnen opnemen als je hebt gewonnen) naar antwoord@jong010.nl. Alleen de winnaar krijgt bericht.

HET ANTWOORD VAN DE WOORDZOEKER VAN DECEMBER IS: oliebollen. DE WINNAAR IS kevin (9).

Puzzelcorner.nl

Wat is het toppunt van geduld?

Op je hoofd staan en wachten tot je sokken afzakken.

Zohra (10)

Hoe kun je zien dat schoenen verliefd zijn? Dan hebben ze de veters aan elkaar geknoopt. Michel (12)

Wat is heel groot en weegt niets? De schaduw van een olifant. Kevin (8)

Jong010 wordt mede mogelijk gemaakt door:

Oprichter: Angelique van Tilburg hoofdredacteur: Suzanne Huig

Jong010 - januari Jaargang Oplage:

8

2018

- Editie

40.000

5

kranten

Fotografen: Johannes Odé, Peter Snaterse, Arjen Jan Stada Vormgeving: Marcel van den Assem redactiemedewerker: sasja hof Aan deze editie werkten mee: Puzzelcorner, Richard van der Ven


Januari 2o18

‘Ik ga in 2018 zoveel mogelijk op mijn fiets naar school en naar mijn verzorgpony. Ik laat me niet meer zo vaak brengen met de auto. Ik zorg daardoor voor een schonere stad.’

ROTTERDAM – Burgemeester Ahmed Aboutaleb hoort graag van de Rotterdammers wat zij van de stad vinden. Ook naar de mening en ervaring van basisschoolleerlingen is hij benieuwd. Wat is jouw goede voornemen voor jezelf en de stad Rotterdam? Tekst en foto’s: Suzanne Huig

‘Januari is de maand van de goede voornemens. Mijn voornemen is om wat vaker de stad in te gaan en een praatje te maken met mensen. Dat is leuk en leerzaam. Wie weet komen we elkaar binnenkort tegen. Ik ben benieuwd wat jouw goede voornemen is en wat je goed en belangrijk vindt voor de stad’, zegt Ahmed Aboutaleb.

‘Ik ga in 2018 vaker voor mezelf opkomen. Ik denk dat andere kinderen dan minder vaak iets bij mij doen wat ik vervelend vind.’

eveline (11)

samara (11)

Ahmed Aboutaleb.

‘Ik heb op televisie gezien dat veel ouderen in Rotterdam eenzaam zijn. Ik ga in 2018 daarom af en toe een dag op bezoek in een bejaardentehuis.’

foto: gemeente rotterdam

‘Ik ga in 2018 zieke kinderen opvrolijken. Ik ga mijn knuffels doneren aan ziekenhuizen. Ik hoop dat de kinderen blij worden van mijn knuffels.’

silvijn (11)

nikkie (12)

‘Ik ga dit jaar vrijwilligerswerk doen. Ik denk dat ik Rotterdammers een blij en fijn gevoel geef als ik vrijwilligerswerk voor hen doe.’

‘Ik ben net verhuisd. Ik wil mijn buurtkinderen goed leren kennen. Mijn goede voornemen is daarom om een voetbaltoernooi te organiseren in de wijk.’

‘Ik ga er dit jaar voor zorgen dat de natuur in Rotterdam minder wordt vervuild. Ik ga in de stad borden plaatsen met de tekst: ‘Stop met vervuilen’.’

fedson (12)

lukas (11)

‘Mijn goede voornemen is om dit jaar geld op te halen voor Rotterdammers die in armoede leven. Ik ga bijvoorbeeld lege flessen ophalen en mijn oude speelgoed verkopen.’

lara (11)

‘Mijn goede voornemen is om iedere maand afval weg te halen uit de sloot achter mijn huis. Vissen en eenden kunnen stikken in het afval. Dat vind ik zielig.’

max (11)

Wat is jouw goede voornemen voor jezelf en de stad Rotterdam?

‘Ik zit in de kinderraad van mijn school. Ik ga er dit jaar voor zorgen dat alle leerlingen 2 keer per maand techniekles krijgen, zodat ze later bijvoorbeeld kunnen werken in de Rotterdamse haven.’

AMIENjoep (10) (11)


Januari 2o18

ROTTERDAM – Veel leerlingen vinden het spannend om naar de middelbare school te gaan. Dat is heel gewoon en hoort erbij. De meeste leerlingen voelen zich vanzelf fijn op hun nieuwe school.

Leerlingen die op de basisschool bijvoorbeeld worden gepest, vaak ruzie hebben of heel verlegen zijn, kunnen het extra spannend vinden om naar een nieuwe school te gaan. Zij zijn soms bang dat ze op hun nieuwe school dezelfde problemen krijgen.

Tekst: Suzanne Huig

Cursus ‘Plezier op School’

De tweedaagse cursus ‘Plezier op School’ helpt leerlingen zodat ze met zelfvertrouwen een goede start kunnen maken op een nieuwe school. Nikita en Timothy hebben de cursus gevolgd en vertellen erover. Kijk voor meer informatie op www.plezieropschool.nl

HILLEGERSBERG-SCHIEBROEK – Nikita (12): ‘Ik was heel onzeker en werd gepest op school. Ik werd dagelijks geduwd en uitgescholden. Ik was daardoor vaak verdrietig. Ik vroeg me af waarom mijn schoolgenoten zo tegen mij deden.’ Tekst: Suzanne Huig ‘Ik twijfelde aan mezelf. Ik wilde graag zelfverzekerd worden, zodat ik op de middelbare school niet zou worden gepest. Mijn juf dacht dat ik zelfverzekerder kon worden door de cursus ‘Plezier op School’ te volgen.’

Met elkaar praten

‘Ik volgde de cursus met 5 andere meisjes. We praatten over wat we op school meemaakten en hoe we ons voelden. Ik vond het fijn om te horen wat zij meemaakten. Ik wist daardoor dat ik niet de enige was die werd gepest.’

Zelf beïnvloeden

‘Als mijn gedachten negatief zijn, worden mijn gevoel en gedrag ook negatief. Ik durf dan bijvoorbeeld niets te zeggen

en kom onzeker over. De kans is daardoor groter dat anderen negatief tegen mij doen en mij bijvoorbeeld pesten. Ik kan dus veel zelf beïnvloeden. Ik probeer nu altijd positief te denken. Ik gedraag me positief door bijvoorbeeld vragen aan anderen te stellen. Anderen reageren daardoor positief en vriendelijk op mij. Ik word minder gepest.’

Veranderd door de cursus

‘Ik ben veranderd door de cursus. Ik kom nu voor mezelf op en zeg duidelijk wat ik wel en niet leuk vind. Ik ben minder verlegen en praat makkelijker met leeftijdsgenootjes. Ik ben daardoor bijvoorbeeld minder vaak alleen tijdens de pauzes op school. Ik voel me blijer over mezelf. Ik ga nu met plezier naar school.’

Timothy: ‘De meeste mensen reageren aardig als ik vragen stel.’ Foto’s: Arjen Jan Stada

PRINS ALEXANDER – Timothy (13): ‘Ik ben 2 jaar geleden van Curaçao naar Nederland verhuisd. Ik had op Curaçao heel veel vrienden. Ik had in Nederland nog geen vrienden op school. Ik was verlegen waardoor ik het moeilijk vond om vrienden te maken.’ Tekst: Suzanne Huig ‘Mijn juf zag dat ik het lastig vond om nieuwe vrienden te maken. Zij zette mij daarom naast klasgenootjes die heel sociaal zijn. Die klasgenootjes stelden vragen aan mij en waren heel aardig. Ik kreeg daardoor vrienden en leerde steeds meer mensen kennen. Ik vind het heel lief dat mijn juf mij heeft geholpen.’

Voorstellen en vragen stellen

‘Mijn juf heeft mij aangeraden om de cursus ‘Plezier op School’ te volgen. Ik heb tijdens de cursus geleerd hoe ik nieuwe vrienden maak. Ik weet nu dat ik een gesprek kan beginnen door mezelf voor te stellen. Ik vertel bijvoorbeeld hoe ik heet en waar ik vandaan kom. Daarna vraag ik waar de ander vandaan komt. Ik leer mensen kennen door vragen aan hen te stellen.’

Voor mezelf en anderen opkomen

Nikita heeft zelf een bord met complimenten gemaakt.

‘Ik heb veel aan de cursus gehad. Ik kom nu voor mezelf en anderen op, terwijl ik dat voor de cursus niet durfde. Ik denk positief en laat goed gedrag zien. Ik ben bijvoorbeeld aardig tegen anderen. Ik merk dat de meeste kinderen aardig tegen mij doen doordat ik aardig tegen hen doe.’


Januari 2o18

ROTTERDAM - Er zijn 2 grote gevangenissen in Rotterdam. De meest bekende is De Schie. Deze gevangenis heeft 286 cellen.

Foto: frits eveleens

ROTTERDAM – In Nederland zijn er ongeveer 25.000 kinderen met een vader of moeder die vastzit in de gevangenis. Maaike (12) haar vader zit 3 jaar in de gevangenis. ‘Gevangenen zijn gewone mensen, maar ze hebben iets gedaan dat niet mag’, zegt Maaike. Tekst: Suzanne Huig

‘Ik was bij mijn tante toen ik mijn vader zijn naam in de nieuwsberichten op de radio en televisie hoorde. Hij was aangehouden in het buitenland. Ik schrok en ben gelijk naar mijn moeder gegaan.’

Luisteren zonder oordeel

‘Een paar vriendinnen weten dat mijn vader in de gevangenis zit. Zij proberen er voor mij te zijn en me af en toe op te vrolijken. Ik vind het lastig om erover te praten. Ik vind het fijn als mensen naar mijn verhaal luisteren zonder te oordelen. Ik schaamde me eerst, maar ik kan er niets aan doen dat mijn vader in de gevangenis zit.’

Iedere dag bellen

‘Mijn vader kan ons iedere dag bellen als hij voldoende beltegoed heeft. Ik weet wat hij iedere dag doet en hoe het met hem gaat. Ik vind het fijn dat ik hem vaak kan zien en iedere dag spreek. Dat geeft me het gevoel dat hij toch bij mij is.’

Vader-kinddag

‘Eén keer per maand is het vader-kinddag. Ik mag die dag zonder andere volwassen familieleden op bezoek bij mijn vader. In de kerkzaal van de gevangenis komen de vaders en kinderen bij elkaar. Alle kinderen mogen 2 uur blijven. We spelen spelletjes en kletsen. Ik vind het fijn dat ik mijn vader dan alleen kan spreken en een knuffel kan geven.’

Kijken op de afdeling

‘Ik mag één keer per maand op de afdeling bij mijn vader kijken. Dat is heel bijzonder en mag niet in iedere gevangenis. Gevangenen komen daarvoor alleen in aanmerking als ze zich heel goed gedragen en aan bepaalde eisen voldoen. Mijn vader werkt, kookt, wast en maakt schoon op zijn afdeling. Hij moet om 21:45 uur naar zijn cel. De celdeur gaat dan dicht tot de volgende ochtend. In zijn cel heeft hij een spelcomputer, koelkast, douche, wc, televisie en bureau. Ik vind het fijn dat ik kan zien hoe hij daar leeft, dat stelt me gerust.’

Voor het eerst op bezoek

‘Ik mocht voor het eerst bij mijn vader op bezoek toen hij 3 maanden vastzat. Ik vond het eerste bezoek in de gevangenis in het buitenland eng. Mijn vader zat in een oude gevangenis. Ik schrok dat het er zo vies was en vond het een nare plek. Mijn moeder, zus en ik mochten één keer per maand 2 uur op bezoek komen. Ik vond het lastig om mijn vader weinig te zien en hem daar achter te laten.’

Brieven, kaarten en moppen

‘Ik schreef af en toe brieven en kaarten naar mijn vader. Mijn vader en ik hebben elkaar ook een lijst met moppen gestuurd. Ik las de moppen als ik dacht aan de nare plek waar hij zat. De moppen vrolijkten mij een beetje op.’

Naar Nederland

‘In 2016 is mijn vader overgeplaatst naar een gevangenis in Nederland. Ik telde de laatste maand de dagen af tot hij naar Nederland kwam. Ik ben heel blij dat mijn vader nu dicht bij mij in de buurt is. De gevangenis in Nederland is veel schoner en ik mag mijn vader vaker zien en spreken. Dat vind ik fijn.’

2 keer per week op bezoek

‘Ik mag op dinsdag en zaterdag één uur bij mijn vader op bezoek. Alle bezoekers en gedetineerden zitten dan in één ruimte. De bezoekers zitten aan de ene kant van een lange tafel. De gedetineerden zitten aan de andere kant van de tafel. In het midden van de tafel staat een scherm. Ik vertel meestal aan mijn vader hoe mijn dag was en wat er op school allemaal is gebeurd.’

Gedetineerden zijn mensen die in de gevangenis zitten.

Foto: Johannes Odé

Met het Ouders, Kinderen en Detentieprogramma (OKD) zorgen vrijwilligers ervoor dat kinderen van gedetineerde ouders minstens één keer per maand extra tijd kunnen doorbrengen met hun vader of moeder in de gevangenis. Het OKD helpt kinderen en ouders contact te houden en soms ook te herstellen. Een vrijwilliger haalt een kind thuis op en brengt het kind naar de gevangenis. Tijdens een speciaal bezoekuur kunnen kinderen spelen en knuffelen met hun moeder of vader in de gevangenis.

In de gevangenis kan het kind zonder andere volwassen familieleden tijd doorbrengen met de gedetineerde ouder. Wil jij zelf gebruik maken van dit speciale bezoekuur? Of wil je iets vragen of vertellen over een familielid in de gevangenis? Kijk voor meer informatie op www.exodus.nl


Januari 2o18

ROTTERDAM – Word jij weleens voorgelezen? En lees je misschien zelf weleens voor? Toine (11), Zoë (11), Bink (11) en Tess (12) van basisschool De Stelberg en Naomi (11) en Shainiska (10) van de Nicolaasschool vertellen wat zij belangrijk vinden als iemand voorleest. Tekst: Suzanne Huig

‘Ik vind dat een goede voorlezer zich echt in het verhaal moet verdiepen. De voorlezer moet weten waar het boek precies over gaat. Hij of zij moet de omgeving zo goed kunnen omschrijven dat ik het gevoel heb dat ik er zelf ben.’

‘Ik vind het leuk als een voorlezer een klein toneelstuk van het verhaal maakt. Als een persoon uit het boek huilt, moet de voorlezer bijvoorbeeld ook snikken. Ik kan mij daardoor beter verplaatsen in de personen uit het boek.’

‘Ik vind het belangrijk dat iemand zijn publiek aankijkt als hij voorleest. Ik let beter op als iemand mij aankijkt.’

‘Ik vind het belangrijk dat de voorlezer mij meeneemt in het verhaal. De voorlezer moet bij een spannend boek de ruimte bijvoorbeeld donker maken. En hij of zij kan griezelige geluidjes maken met zijn stem of handen.’

‘Ik vind het leuk als iemand voor ieder persoon uit het boek een ander stemmetje gebruikt. Ik vind dat de personen uit het boek daardoor een beetje tot leven komen.’

‘Ik vind het belangrijk dat een voorlezer duidelijk voorleest. Hij moet bijvoorbeeld goed laten merken of er een punt, vraagteken of uitroepteken aan het eind van een zin staat. Ik vind het fijn als iemand rustig voorleest en af en toe een plaatje laat zien.’

Foto's: Suzanne Huig

NAAM: Ik vind het belangrijk dat...

GENERATION

DISCOVER Proefje in samenwerking met Centrum JongerenCommunicatie Chemie. Foto’s: Arjen Jan Stada.


Januari 2o18

Isabella: ‘Ik slaap op de eerste verdieping in ons huis. Ik word soms wakker ’s nachts. Ik denk dan dat ik beneden voetstappen hoor. Ik ben dan bang en kan niet meer slapen. Wat kan ik doen als ik bang ben in het donker in de nacht?’

Hallo Isabella, Wat vervelend voor je dat je soms bang bent in het donker en dan niet meer kan slapen. Het is belangrijk dat je goed uitrust. Je lichaam herstelt door te slapen. Slapen geeft je energie voor de volgende dag.

Waarom ben je bang?

Iedereen wordt weleens wakker ’s nachts. De meeste mensen vallen vanzelf weer in slaap. Als je bang bent, lukt het niet om snel in slaap te vallen. Probeer overdag na te denken waarom je bang bent voor de geluiden van voetstappen. Zijn het voetstappen op straat die je hoort? Zijn het je ouders die in huis lopen? Of is het je verbeelding? Illustratie: Copal en Consorten

ROTTERDAM – Linda van het Centrum voor Jeugd en Gezin reageert iedere maand in Jong010 op een vraag of probleem van een leerling of klas. Ze beantwoordt deze maand de vraag van Isabella (11). Tekst: Suzanne Huig

Heb jij een vraag aan Linda of zit je ergens mee? Stuur een mail naar redactie@jong010.nl of stuur een brief naar Jong010, Overschieseweg 10G, 3044 EE Rotterdam.

Linda beantwoordt ingestuurde brieven. Foto: Arjen Jan Stada

Aan fijne dingen denken

Probeer aan iets fijns te denken als je bang bent. Je nare gevoel gaat daardoor misschien weg. Het klinkt misschien een beetje raar, maar jij bent de baas over je eigen gedachten. Denk bijvoorbeeld aan een leuke vakantiedag, je vriendinnetje of je lievelingsdier.

Praat erover

Praat erover met je ouders en bespreek met hen wat jou kan helpen. Misschien helpt het om een nachtlampje te laten branden of een zaklamp mee te nemen naar je slaapkamer. Het is goed om zelf oplossingen te bedenken, want jij weet het beste wat bij jou past. Je kunt ook altijd bij de jeugdverpleegkundige van jouw school terecht als je erover wilt praten. Dit artikel is gemaakt in samenwerking met

Groetjes, Linda

Anne Mieke Zwaneveld

Armoede door de verblijfsstatus van een ouder

kinderombudsman van Rotterdam

foto: jong010 / Suzanne Heikoop

ROTTERDAM – In het verdrag van de Verenigde Naties staan 40 kinderrechten. Een verdrag

is een afspraak tussen landen. 193 landen hebben het kinderrechtenverdrag ondertekend. Daarmee geven ze aan deze rechten te respecteren en zich eraan te houden. Tekst: Suzanne ‘Eén van de rechten is dat kinderen het recht hebben om op te groeien in een gezin waar genoeg geld is om te leven. Honderden Nederlandse kinderen hebben een vader of moeder zonder verblijfsvergunning. Deze kinderen worden achtergesteld op kinderen met ouders die wel in Nederland mogen wonen. Dit kan niet en dit mag niet’, zegt kinderombudsman Anne Mieke Zwaneveld.

Oorzaken armoede

Anne Mieke Zwaneveld: ‘Een ouder zonder verblijfsvergunning mag in Nederland niet werken. Hij of zij kan dus geen geld verdienen. Daarnaast is er een wet waarin staat dat een gezin geen geld krijgt van de overheid als één ouder niet in Nederland mag wonen. De overheid heeft besloten dat kinderen zelf geen geld krijgen van de overheid. Door deze redenen groeien veel kinderen op in armoede.’

Regels veranderen

Huig

De kinderombudsman vindt dat de regels moeten veranderen zodat kinderen met een ouder zonder verblijfsrecht niet arm hoeven te zijn. ‘Er moet beter worden gekeken naar wat goed is voor kinderen. Als er maar één ouder voor de kinderen zorgt, moet de overheid helpen om van de andere ouder geld te krijgen om te kunnen leven. Daarnaast moet de wet worden aangepast. Een gezin met een ouder zonder verblijfsvergunning moet geld kunnen krijgen van de overheid. Ook moeten kinderen zelf geld kunnen krijgen van de overheid als dat niet via hun ouders kan’, zegt Anne Mieke Zwaneveld.

De Nederlandse overheid heeft gezegd dat ze arme kinderen wil helpen door geld te geven aan hun ouders. Sommige kinderen hebben een ouder die niet in Nederland mag wonen. Deze ouder krijgt geen geld, waardoor de kinderen in armoede leven. Wat vind jij dat daaraan gedaan moet worden?

Sinem (9): ‘Ik vind dat een ander familielid voor je moet zorgen als je ouders dat niet kunnen. Als je geen familieleden hebt, moet de kinderombudsman een gezin voor je kiezen waar je bij kunt wonen.’

Nessim (9): ‘Kinde-

Je kunt van 09:00 uur tot 16:00 uur gratis bellen naar 0800 2345 111 of mailen naar info@kinderombudsmanrotterdam.nl

ren hebben geen invloed op of hun ouders hier kunnen en mogen wonen en werken. Ik vind dat een juf of meester het geld voor een kind in ontvangst moet kunnen nemen als ouders dat niet kunnen of mogen.’

foto's: Suzanne Huig


Januari 2o18

ROTTERDAM – Heb jij een huisdier? Samsarah (10) heeft tenreks. Nikita (7) en Bindi (7) hebben slangen. Ze vertellen over hun bijzondere huisdieren. Tekst: Suzanne Huig

ROTTERDAM – Nikita en Bindi hebben allebei een slang. Nikita: ‘Mijn slang heet Saar.’ Bindi: ‘Mijn slang heet Snoet. Snoet en Saar zijn allebei één jaar oud.’ ‘Het zijn haakneusslangen. Ze heten zo omdat ze een haakje aan hun neus hebben’, vertelt Nikita. Tekst: Suzanne Huig Bindi: ‘Ik knuffel iedere dag met Snoet.’ ‘Saar klimt soms in mijn haar of in mijn mouw. Dat vind ik leuk’, zegt Nikita. Bindi: ‘Het is belangrijk om een slang zijn eigen gang te laten gaan tijdens het spelen.’ ‘We mogen onze slangen niet te stevig vasthouden. Ze kunnen zich dan niet bewegen en voelen zich niet fijn. Dat is zielig’, zegt Nikita.

De slangen verzorgen

‘De slangen krijgen één keer per week eten. Ze krijgen dan allebei een muis. In ongeveer 2 minuten hebben ze hun muis op’, vertelt Nikita. Bindi: ‘Ze eten allebei in een apart hok. De slang die het snelst eet, eet anders ook het eten van de ander op.’ Nikita: ‘We geven de slangen iedere dag een beetje water. In het hok liggen stenen, speelzand en hout waarmee Saar en Snoet kunnen spelen.’ Bindi: ‘Onze moeder maakt het hok schoon.’

Nikita en Bindi met hun slangen.

Vervellen

‘Een jonge slang vervelt ongeveer één keer per maand. Het slangenvel is dan te klein geworden voor de slang. De slang vervelt zodat hij kan groeien’, vertelt Bindi. ‘De ogen van een slang veranderen van kleur als de slang gaat vervellen. Dat duurt ongeveer 4 dagen. Daarna trekt die kleur weer weg. De slang schuurt zich dan een paar dagen aan stenen in zijn hok’, zegt Nikita. Bindi: ‘Het vel van de slang rolt door het schuren los van het lichaam. De slang kruipt uit het vel en heeft dan een nieuwe huid.’

Bindi: ‘Onze vader houdt heel erg van slangen. Dit is één van zijn cobra’s.’ Foto’s: Johannes Odé

Samsarah speelt met haar tenreks.

ROTTERDAM – Samsarah heeft 2 tenreks. ‘Een tenrek is een soort egel uit Madagaskar. Mijn tenreks heten Poca (2) en Rajar (4). Het zijn 2 vrouwtjes’, vertelt Samsarah. Tekst: Suzanne Huig Samsarah: ‘Ik vind het heel leuk om exotische huisdieren te hebben. Ik vind het leuk om met mijn tenreks te spelen. Ik laat ze bijvoorbeeld klimmen op mijn rug en armen.’

Het lichaam

‘De rug en kop van een tenrek zijn bedekt met stekels. Poca en Rajar zetten hun stekels uit als ze iets niet leuk vinden. Een tenrek is ongeveer net zo groot als een grote hamster. Tenreks hebben kleine ogen waar ze weinig mee zien. Ze kunnen heel goed ruiken en horen.’

Eten in drinken

‘Tenreks zijn jagers. Ik geef ze bijvoorbeeld levende krekels en wormen te eten. Ze doden die zelf. Ze eten ook vlees, eieren, kattenvoer en af en toe fruit en groente. Ze drinken water.’

‘De tenreks klimmen en spelen graag’, zegt Samsarah. Foto's: Suzanne Huig

Het hok

‘Mijn tenreks zitten in een glazen hok. Het hok is hoog zodat ze kunnen klimmen. In het hok is het 22 graden of warmer. Ze verschuilen zich graag. In het hok ligt daarom een kokosnoot waarin ze zich kunnen verstoppen. In het hok liggen takken en een loopwiel waarmee ze kunnen spelen. Ik maak het hok om de week schoon.’

Winterslaap

‘Ik leg een deken over het hok als Poca en Rajar traag worden en stoppen met eten. Ze gaan dan in winterslaap. Hun winterslaap duurt ongeveer 4 maanden. Ik haal aan het eind van de winter het deken van hun hok. Ze worden dan weer wakker.’


Januari 2o18

Tijdens het Nederlands kampioenschap schoolteams ski en snowboard kun je het met je schoolgenootjes opnemen tegen andere scholen. In januari, februari en maart zijn de regionale voorrondes. In april vindt de finale plaats. Iedereen die op de basisschool zit, kan meedoen. Je team moet uit minimaal 3 en maximaal 6 deelnemers van dezelfde school bestaan. Voor skiërs en snowboarders zijn er aparte teams. Kijk voor meer informatie op www.wintersport.nl/evenement/nkschoolteams/

ROTTERDAM – Jens (8) is lid van Skiteam Midden Nederland. ‘Ik train met het skiteam voor nationale en internationale wedstrijden. Ik wil een heel goede wedstrijdskiër worden en ooit meedoen aan de Olympische Spelen’, vertelt Jens. Tekst: Suzanne Huig

Jens: ‘Ik train met het skiteam minstens 4 keer per week. We trainen op een binnenbaan in een skihal in Nederland. We doen ook conditietraining. Een paar keer per jaar gaan we op trainingsweek naar het buitenland. Ik vind het leuk dat ik dan in de echte sneeuw kan skiën. Maar ik vind het minder leuk dat ik dan zonder mijn ouders op reis ben.’

Verschillende wedstrijden

Jens

‘Ik ski ongeveer 15 wedstrijden per jaar. De helft van de wedstrijden ski ik in Nederland op een skibaan. Ik ski de andere helft in de bergen in het buitenland. Ik doe mee aan slalomwedstrijden en reuzeslalomwedstrijden. Bij allebei de wedstrijdsoorten staat er een parcours van rode en blauwe palen op de piste. Ik maak bij de slalomwedstrijden heel korte bochten. Ik moet bij de reuzeslalomwedstrijden grotere bochten maken.’

Materiaal en kleding

‘Ik heb 2 paar ski’s. Ik gebruik voor de slalomwedstrijden lichte en korte ski’s, zodat ik scherpe en korte bochten kan maken. Tijdens de reuzeslalomwedstrijden gebruik ik langere en zwaardere ski’s. Ik kan daarmee sneller langere bochten maken. Ik ski tijdens wedstrijden met een snelheid tussen de 45 en 60 kilometer per uur. Ik draag dan een helm, rugbeschermer en scheenbeschermers. Ik raak daardoor minder snel geblesseerd als ik val of een paal op het parcours raak.’

De baan controleren

‘Ik ski vooraf aan een wedstrijd eerst rustig het parcours om de route te bekijken. De kans is daardoor kleiner dat ik een paaltje mis. Ik word gediskwalificeerd als ik tijdens de wedstrijd een paal mis, bocht oversla of aan de verkeerde kant langs een paal ski. Ik ben gelukkig nog nooit gediskwalificeerd.’

Tactiek

‘Alle deelnemers skiën het parcours 2 keer. De skiër die het snelst de baan 2 keer skiet, wint. Mijn tactiek is om me bij de start goed af te zetten met mijn stokken. Ik probeer het hele parcours zo dicht mogelijk langs de palen te skiën en scherpe bochten te maken. Ik ben tijdens een wedstrijd vaak zenuwachtig. Ik ben dan benieuwd hoe mijn teamgenoten en ik het doen. We skiën meestal allemaal heel goed.’

Jens oefent in de skihal met slalomskiën. Foto's: Peter Snaterse

Nationale wedstrijden zijn wedstrijden met deelnemers uit één land. Internationale wedstrijden zijn wedstrijden met deelnemers uit verschillende landen. Het team gaat met de skilift omhoog.

Diskwalificeren betekent iemand niet meer mee laten doen aan een wedstrijd omdat hij of zij de regels heeft overtreden.


Januari 2o18 ROTTERDAM – Van 24 januari tot 3 februari

zijn het De Nationale Voorleesdagen. Wat is jouw favoriete voorleesboek?

Tekst en foto’s: Suzanne Huig

‘Het boek ‘Treiterkoppen, kangoeroes en geheimen’ is mijn favoriete voorleesboek. Het verhaal speelt zich af in Rotterdam. Ik herken daardoor dingen in het boek, dat vind ik leuk.’

Xiamara (10)

Kralingen-Crooswijk

‘Het boek ‘Tom Groot, is dat even mazzel?’ is mijn favoriete voorleesboek. Tussen de zinnen in staan tekeningen, dat vind ik leuk. Het is een grappig verhaal. Ik moet vaak lachen als ik het boek lees of uit het boek wordt voorgelezen.’

Bichar (10)

Hoogvliet

‘Mijn lievelingsboek is ‘Superjuffie op de Zuidpool’. Het boek gaat over een juf die een heldin is. Ze redt dieren die in nood zijn. Ik vind het een leuk voorleesboek omdat het een spannend verhaal is. Ik ben steeds benieuwd hoe de reddingsacties aflopen.’

‘Ik vind het boek ‘Lena Lijstje’ het leukste voorleesboek, omdat ik me herken in sommige dingen die de hoofdpersoon meemaakt. Het boek gaat over een meisje dat heel veel lijstjes maakt. In het verhaal gebeuren leuke en verdrietige dingen.’

Marouan (9)

Kralingen-Crooswijk

esther (9) hoogvliet

‘Ik vind het boek ‘Gi-ga-geitenkaas, ik heb gewonnen!’ het leukste voorleesboek. Het is een grappig en spannend boek. In het boek staan ook tekeningen. Ik vind het leuk om bij een verhaal plaatjes te zien als ik lees of wordt voorgelezen.’

‘Mijn lievelingsboek is ‘Fantasia VII’. Ik vind het een leuk voorleesboek omdat het een spannend fantasieverhaal is. De spanning zorgt ervoor dat bijna alle kinderen aandachtig naar het verhaal luisteren.’

finn (9)

Nikita weet dat ze zelf veel kan beïnvloeden. ‘Ik probeer nu altijd …….. te denken.’ Vul het ontbrekende woord in. Pagina 4 Eén keer per maand mag Maaike zónder andere volwassen familieleden haar vader opzoeken in de gevangenis. Hoe heet die dag? Pagina 5 Water bestaat uit heel veel kleine deeltjes. Hoe heten die deeltjes? Pagina 6 Hoe noem je een afspraak tussen landen? Pagina 7

Mijn favoriete voorleesboek is ... Omdat ...

esma (11)

charlois

Door de cursus ‘Plezier op School’ krijgen leerlingen meer … pagina 4

Teken jezelf en vul in...

charlois

Wat voor een soort slang hebben Nikita en Bindi? Pagina 8 Samsarah heeft 2 exotische huisdieren. Ze lijken op egels. Wat is de soortnaam van dit dier? Pagina 8 Noem één van de wedstrijden waaraan Jens meedoet. Pagina 9 Francis Neslo geeft urban dansles. Hoe heet haar dansschool? Pagina 11 Welk kunstwerk wordt er tijdens de cursus Kinderkunstklas gemaakt? Pagina 11 Wie was van 1906 tot 1923 burgemeester van Rotterdam? Pagina 12

De letters in de gele balk vormen het antwoord. Mail dit antwoord, samen met je voornaam, leeftijd en het telefoonnummer van je ouders of verzorgers, naar

HET ANTWOORD VAN DE PUZZEL VAN DECEMber IS: kerstslinger. DE WINNAAR IS imane (11). GEFELICITEERD!

We verloten de prijs onder de goede inzendingen. Alleen de winnaar krijgt bericht.

Wil je nog meer puzzelen? Kijk dan eens op PUZZELCORNER.NL voor meer leuke puzzels!

antwoord@jong010.nl


Januari 2o18

DELFSHAVEN – Een groep meiden van basisschool DUO2002 kreeg 6 urban danslessen op school. Op donderdag 14 december was de laatste les. Francis Neslo gaf de les. Ze is eigenaar van dansschool Got2Groove. Tekst: Angelique van Tilburg

‘Ik vind de opwarmoefeningen het leukst, omdat ik die helemaal op mijn eigen manier kan doen’, zegt Amal (10). ‘Ik ben blij met de danslessen op school. Ik kan tijdens het dansen de energie loslaten die ik op school moet binnenhouden.’

Dansjes instuderen

De les begint met opwarmoefeningen.

Foto’s: Peter Snaterse

Tip van docent Francis

Laila (10): ‘We krijgen tijdens de lessen opdrachten. Ik vind dat fijn, omdat ik dan ideeën krijg over hoe ik kan dansen. We repeteren steeds oefeningen. We maken dansjes op liedjes die we leuk vinden.’

Geluk

Ga naar www.youtube.com. Tik in de zoekbalk de naam van je favoriete liedje in met daarachter het woord ‘choreografie’. Je vindt dan dansjes die je kan nadoen.

‘Ik voel me prettig als ik dans. Ik was dat bijna vergeten, omdat ik lang niet had gedanst. Ik weet niet zo goed waar ik danslessen kan volgen. Ik heb geluk dat ik nu op school kan dansen’, zegt Tasnime (10).

Talent

Noraly (10): ‘Ik merkte tijdens de danslessen op school dat ik goed ben in dansen en dat ik dansen heel erg leuk vind. Francis zag dat ik talent heb. Ik zit nu ook op dansles bij Got2Groove.’

ROTTERDAM – Varad (8), Isabella (6), Shloak (6), Fien (7), Eeke (9), Ericka (10), Iris (6), Nora (7), Kaya (9), Emilio (10), Fiducia (7), Qing-Qing (6) en Michelle (10) volgen de cursus Kinderkunstklas van SKVR op locatie SKVR Rotterdam centrum. Ze leggen in 5 stappen uit hoe je een winterlandschap maakt.

De meiden voeren de dans uit die ze de afgelopen weken hebben ingestudeerd.

Wil jij dansen, muziek maken, toneelspelen of zingen, en is er thuis geen geld voor lessen? Kijk dan met je ouders, verzorgers of leerkracht op

www.jeugdcultuurfonds.nl/rotterdam.

Of vraag of er bij jou op school een contactpersoon is van het Jeugdcultuurfonds.

‘Bedenk wat je gaat schilderen. Je kunt inspiratie opdoen door in een boek te kijken of aan een bekende plek te denken. Ik denk aan het parkje tegenover mijn huis’, zegt Eeke.

Fien: ‘Trek een schort aan. Zorg dat je de volgende spullen hebt: een donker vel papier, houtskool, een kwast en witte en zwarte verf.’

Tekst: Suzanne Huig / Foto’s: Johannes Odé

Isabella: ‘Schets met houtskool je winterlandschap. Je kunt de houtskool uitgummen als je nog iets wilt veranderen.’

‘Meng de witte en zwarte verf met elkaar. Hoe meer wit je erbij doet, hoe lichter grijs het wordt. Maak minimaal 3 verschillende tinten grijs’, zegt Varad.

Qing-Qing: ‘Verf je winterlandschap met de witte, zwarte en grijstinten verf. Je mag je houtskool tekening blijven zien, maar je mag er ook overheen schilderen.’

Lijkt het jou leuk om kunstwerken te maken? In de Kinderkunstklas ga je aan het werk met allerlei technieken en materialen. Je gaat tekenen, schilderen, linoleumsneden maken, boetseren en ruimtelijk werken. Kijk voor meer informatie op www.skvr.nl/kinderkunstklas

ROTTERDAM – De Rotterdamse vrienden David (12), Emre (11), Hilson (12), Jash (13) en Max (12) spelen de hoofdrol in de documentaire Heijplaters. Tekst: Angelique van Tilburg

David, Emre, Hilson, Jash en Max wonen op Heijplaat. Foto: IFFR/ Heijplaters Mirjam Marks

Heijplaat is een wijk in Rotterdam die helemaal omringd is door industrieterrein. De wijk ligt aan het water.

Er varen bijna constant vrachtschepen voorbij. De 5 vrienden zitten samen in groep 7/8. Ze vertellen in de documentaire hoe het is om op Heijplaat te wonen. Ze vertellen ook over hun vriendschap en over hun verschillende culturen. Heijplaters is te zien tijdens het Internationaal Film Festival Rotterdam en op zondag 11 maart om 19.25 uur op NPO Zapp.


Januari 2o18

ROTTERDAM – De Coolsingel is een belangrijke straat in het centrum van Rotterdam. De Coolsingel verbindt het Hofplein met de Blaak. In de straat staan bijvoorbeeld het Stadhuis en grote winkelpanden. De Coolsingel wordt de komende jaren verbouwd. Kijk voor meer informatie op www.decoolsingel.nl Tekst: Suzanne Huig

Van singel tot belangrijke straat Groeiende stad Lily: ‘Ik vind de oude Coolsingel met water mooier dan de Coolsingel van nu.’ Melanie: ‘Ik vind het goed dat de Coolsingel is veranderd. Rotterdam is daardoor groter geworden.’ ‘De winkels hebben ervoor gezorgd dat meer mensen komen werken en winkelen in Rotterdam. De economie van de stad is daardoor gegroeid’, zegt Nessrine.

ROTTERDAM – Lily (10), Nessrine (10), Melanie (10), Jaymie-lee (11), Esmée (12) en Jona (10) bezochten op 4 januari de tentoonstelling Coolsingel in Museum Rotterdam. Ze kregen een rondleiding van Beatrijs van Museum Rotterdam. Tekst: Suzanne Huig

‘De Coolsingel was vroeger een singel met daarin water. Langs de singel stonden huizen en een molen’, vertelt Beatrijs. Burgemeester Zimmerman ‘Burgemeester Zimmerman was van 1906 tot 1923 de burgemeester van Rotterdam. Hij wilde van de stad een wereldstad maken. Hij liet het water in de Coolsingel dempen. Hij liet brede verkeerswegen aanleggen en grote winkelpaleizen bouwen’, zegt Esmée.

Lily, Nessrine, Melanie, Jaymie-lee, Esmée, en Jona krijgen een rondleiding van Beatrijs. Foto’s: Arjen Jan Stada

Belangrijke straat ‘De Coolsingel is een belangrijke straat voor Rotterdam. Mensen komen op de Coolsingel bijvoorbeeld bij elkaar voor de huldiging van Feyenoord of de finish van de marathon’, zegt Jona.

ROTTERDAM – De Coolsingel wordt verbouwd. In 2021 is de nieuwe Coolsingel klaar. Lily (10), Nessrine (10), Melanie (10), Jaymie-lee (11), Esmée (12) en Jona (10) bekeken de nieuwe plannen voor de straat met Jane van de gemeente Rotterdam. Tekst: Suzanne Huig ‘De Coolsingel is nu een drukke straat waar veel verkeer rijdt’, zegt Jaymie-Lee. ‘De wethouders willen dat mensen een fijn gevoel krijgen als ze op de Coolsingel lopen. De straat moet een boulevard worden met winkels, restaurants en hotels. Er komt weinig plek voor automobilisten en juist veel plek voor voetgangers en fietsers’, vertelt Jane. Veilig, mooi en gezellig Melanie: ‘Ik vind het goed dat er straks maar aan één kant van de trambaan auto’s mogen rijden. Daardoor komt er niet zoveel verkeer en wordt het veiliger en schoner.’ Nessrine: ‘Er komen veel bomen, struiken en kunstwerken. Ik vind dat er mooi en gezellig uitzien.’

Ze bekijken de plattegrond van de nieuwe Coolsingel.

Gekleurde en sierlijke bestrating ‘Ik vind de nieuwe Coolsingel er op de tekeningen heel gezellig uitzien. De tegels op straat worden geel. De lantaarnpalen worden groen’, zegt Esmeé. Lily: ‘De stenen worden in bogen gelegd. De straat wordt daardoor heel sierlijk en niet saai. Ik denk dat de meeste mensen dat leuk vinden.’

‘Dit zijn tekeningen van de nieuwe Coolsingel’, zegt Lily.

Wat zou jij willen veranderen aan de Coolsingel? Tekst en foto’s: Suzanne Huig

Wat zou jij willen veranderen aan de Coolsingel?

Meubels op straat ‘Op de Coolsingel komen ook meubels te staan zoals stoelen en zitranden rondom bomen. Mensen kunnen daar bijvoorbeeld picknicken of met elkaar zitten. Het lijkt me een leuke plek om met mijn vrienden te komen’, zegt Jona.

Jane en Melanie bekijken samen de tekening. Foto’s: Arjen Jan Stada

Israe (10): ‘Ik zou in het midden van de straat een grote speeltuin maken met een hek eromheen. Kinderen kunnen in de speeltuin spelen als hun ouders in een winkel zijn. Dat is leuk en handig.’

Imad (10): ‘Ik zou ieder gebouw aan de Coolsingel in een andere kleur verven. De straat wordt daardoor heel kleurrijk, dat vind ik leuk.’

JONG010 JANUARI 2018  

Jong010, de Rotterdamse kinderkrant, jaargang 8, editie 5, januari 2018.

JONG010 JANUARI 2018  

Jong010, de Rotterdamse kinderkrant, jaargang 8, editie 5, januari 2018.

Advertisement