Page 1

Afgiftekantoor Antwerpen X, Maguza 84, Tijdschrift – kwartaalblad, apr – mei – jun 2011, v.u. Johnny Van der Straeten, Universitair Ziekenhuis Antwerpen, Wilrijkstraat 10, 2650 Edegem

zorgmagazine van het UZA – april 2011 – #84 – www.maguza.be

Neuromodulatie Stroom als medicijn

Alcohol Op uw gezondheid?

Patiëntenbegeleiding Wat na het ziekenhuis?

Dossier darmkanker

Genezen van darmkanker www.maguza.be


advertentie

VOETCENTRUM E R K E N D O R T H O P E D I S T• B A N D A G I S T RIZIV 16/10596/19/131 • RIZIV 6-42896-20-241

nummer 1 in trendy comfortschoenen van maat 20 tot 50

• KINDEREN VAN MAAT 20 TOT 40 • DAMES VAN MAAT 34 TOT 45 • HEREN VAN MAAT 39 TOT 50 • PARAMEDISCHE VOETVERZORGING (terugbetaald door verschillende mutualiteiten) • DIGITALE VOETANALYSE • STEUNZOLEN • STEUN-EN THERAPEUTISCHE KOUSEN • BANDAGES • THERAPIESCHOENEN (diabetes,reuma, obesitas) • MAATWERK SCHOENEN VOETCENTRUM ......... WHERE COMFORT MEETS FASHION

10% Chr. Pallemansstraat 2 2950 KAPELLEN Tel.: 03/664 84 25

Antwerpsestraat 158 2640 MORTSEL Tel.: 03/844 64 29

Oude Koornmarkt 52 2000 ANTWERPEN Tel.: 03/294 60 03

De Vrijheid 208 HOOGSTRATEN Tel.: 03/314 27 87

ma 10 -17u di - vrij 9-18u za 9 - 17u

di - vrij 9.30 - 18u za 9.30 -17u

ma - za 10-18u

di - vrij 9.30-12.30u 13.30 tot 18u za 9.30 tot 17u

KORTING

OP VERTOON VAN DEZE BON


vAN Alchemie tot GeNomicA t

ot eind zeventiende eeuw waren alchemisten respectabele onderzoekers. Zij zochten naar kennis door gebruik te maken van schijnbaar logisch opgebouwde theorieën, die achteraf helaas verkeerd bleken te zijn. De alchemisten haalden hun kennis uit metaalkunde en farmaceutica die door de antieke Grieken waren ontwikkeld. De filosofen die de eerste universiteiten stichtten, vonden alchemie echter niet wetenschappelijk – lees filosofisch – genoeg om het op te nemen in het curriculum. Eind zeventiende eeuw probeerden enkele alchemisten nieuwe technieken uit. Om status te verwerven bij de universiteiten noemden ze zichzelf ‘chemisten’, scheikundigen, en begonnen ze hun broeders ‘alchemisten’ af te schilderen als charlatans. Uiteindelijk zouden de ‘chemisten’ opgenomen worden in de wetenschapsfaculteiten van de universiteiten. Het probleem van de alchemisten was niet dat ze fundamenteel fout zaten, maar dat ze niet kritisch genoeg waren voor hun eigen kennistheorie. Ze bleven vasthouden aan vastgeroeste theorieën, terwijl de kennis overal in de wereld toenam. Een gelijkaardige verschuiving doet zich nu ook voor in de farmaceutische industrie. De zoektocht naar nieuwe geneesmiddelen is de voorbije twintig jaar grondig veranderd. Medicijnen ontdekken kost steeds meer tijd en geld. De grootschaligere ziekenhuisproeven en de steeds ingewikkeldere overheidsreglementering maken dat overschakelen naar een nieuw onderzoeksmodel een harde dobber wordt. Moleculaire biologie, genomica en biomedische research geven vorm aan nieuwe wetenschapsmodellen. België kan het zich niet veroorloven geen stimulerend beleid te voeren om vooraan te blijven in die nieuwe onderzoeksdomeinen. Anders worden we een land van alchemisten. GSK Biologicals is de onbetwiste wereldmarktleider voor vaccins. Het wereldhoofdkwartier ligt in Waver. Maar de prioriteit van GSK Biologicals ligt nu in Azië, zegt de gedelegeerd bestuurder. De steun die in België en Vlaanderen het voorbije decennium is gegeven aan het wetenschappelijk onderzoek in de farmaceutische sector en de universiteiten is stilgevallen. Budgetten voor grote meerjarenprojecten worden niet meer goedgekeurd, er worden geen nieuwe initiatieven van enige betekenis meer genomen. Daardoor valt België meer en meer weg uit de internationale onderzoeksnetwerken. Gezocht: politici die de moed hebben in tijden van besparing te investeren om de overgang van wetenschappelijke projecten naar nieuwe onderzoeksmodellen mogelijk te maken.

Gezocht: moedige politici om overgang naar nieuw onderzoeksmodel mogelijk te maken.

Johnny Van der Straeten Gedelegeerd bestuurder

maguza 003


advertentie

Perfect Chair

Sonsie

Gravity

Perfect Chair Club

ZERO-GRAVITY relaxzetels: Hoe erger de rugpijn, hoe groter het voordeel

LAATSTE STOCKMODELLEN “GRAVITY” EN “SONSIE” AAN ZEER INTERESSANTE PRIJZEN !

Massagezetels:

Geniet dagelijks van een deugddoende massage

MASSAGEZETELS: ZEGRAMAX : 3995 NU 2750 EURO - OLYMPIC : 2395 NU 1500 EURO

Relaxzetels: Zetels op maat Relaxzetels op maat voor mensen van 1,50 tot 2,10m b Zeer geschikt bij rugpijn, spataders en oedeem omwille van de kantelpositie en knieknik b In hoogte en dikte regelbare rugsteun b Kantelbare neksteun b Verkrijgbaar in 12 modellen en alle kleuren en bekledingen. b

exclusief verdeler van

en

Slaapcomfort – Relaxzetels De Bedstee – Ergorelax Dorp 78 – 2230 Herselt Tel.: 014/54 55 11 e-mail: info@debedstee.be www.debedstee.be www.ergorelax.be

Open: ma-di-do-vr: 10 – 12.30 en 13.30 – 18u. Zaterdag: 10 – 12.30 en 13.30 – 17u. Gesloten op woensdag, zon- en feestdagen AANGERADEN DOOR ARTSEN, KINESISTEN EN BINNENHUISARCHITECTEN


iN dit Nummer

medisch

010

Neuromodulatie

010

Neuromodulatie gebruikt stroom als medicijn. Een nieuwe vorm van therapie die wordt ingezet bij patiënten met chronische pijn, oorsuizen, de ziekte van Parkinson …

013

Eindelijk remedie voor aangeboren vaatafwijkingen zoals wijnvlekken en hemangiomen

014

Nieuwe hartklep via de lies

Gezond

028

hooikoorts

028

Hooikoorts: het is weer die tijd van het jaar …

032

Alcohol en uw gezondheid: hoe diep kijkt u in het glas?

zorg

036

034

Wat als iemand na het ziekenhuis niet zomaar naar huis kan? De dienst patiëntenbegeleiding zoekt mee naar een oplossing.

036

Angst voor scanners: bibberen in de buis

038

Wie staat er nu aan mijn bed … Kunt u een arts van een verpleegkundige onderscheiden? En hoe herkent u een student?

Angst voor scanners

Als darmkanker tijdig wordt opgespoord, is er een goede kans op genezing Prof. dr. Paul Pelckmans

019

Darmkanker maakt steeds minder doden. Over behandeling, screening en erfelijke belasting.

darmkanker

019

DOSSIER DARMKANKER en verder

016

intensieve zorg

015

U zegt? Ziekenhuisbacterie

016

UZA 2020. Intensieve zorg: grenzen aan de groei?

041

Witjas: de GA-verpleegkundige op intensieve neonatale zorg

043

Onvergetelijk maguza 005


doorgelicht

006


Baby aan boord

Een foetus van 24 weken haarscherp in beeld:  met 3D-echografie kunnen gynaecologen als het ware binnenkijken in de moederschoot.  Voor de toekomstige ouders een prachtige ervaring, maar ook op medisch vlak biedt 3D-echografie heel wat mogelijkheden. Als universitair ziekenhuis krijgt het UZA vaak patiënten over de vloer voor prenatale diagnostiek: ongeboren baby’tjes met soms erg complexe problemen. ‘Bij aangezichtsafwijkingen geeft 3D-echografie een goed idee van hoe het kindje eruit zal zien,’ zegt prof. dr. Yves Jacquemyn, diensthoofd gynaecologie. Maar het gaat veel verder dan dat. ‘Met 3D-echografie kun je ook doorsnedes maken, zoals bij een CT-scan. Dat is  heel interessant om in detail hersenafwijkingen, hartafwijkingen, afwijkingen van de wervelkolom … te kunnen bekijken.  Eender hoe de baby ligt, je kunt zien wat je wil zien. Dat helpt ons een precieze diagnose te stellen. Bovendien krijgen de kinderchirurgen ook een beter beeld van wat ze kunnen verwachten eens het kindje geboren is.’

maguza 007


kort

WAAR ZIJN

die handjes? Een goede handhygiëne is een belangrijk wapen in de strijd tegen ziekenhuisinfecties. Bacteriën worden immers vooral via de handen verspreid. Ook u kunt helpen! - Was vaak genoeg uw handen: in elk geval voor het eten, na een toiletbezoek en voor elke handeling waarbij propere handen nodig zijn. - Goed wassen doet u door twee maal zeep te pompen en 30 seconden lang in uw handen te wrijven. Let erop dat alle delen van uw handen aan de beurt komen. Droog uw handen af met een papieren wegwerpdoekje. Gebruik ook een doekje

om de kraan dicht te draaien, zodat uw handen niet opnieuw besmet worden. - Gebruikt u handalcohol, dan is twee maal pompen voldoende om handpalmen, handrug, vingers en polsen helemaal bacterievrij te maken. - De UZA-medewerkers zorgen ervoor dat hun handen proper zijn als ze patiënten verzorgen, door ze te wassen of in te wrijven met handalcohol of handschoenen te dragen. Ook mogen ze geen ringen, armbanden en polshorloges dragen. Als u merkt dat een medewerker dat vergeet, mag u hem of haar daar gerust op wijzen.

wordt u VRIJWILLIGER? Hebt u een warm hart, een luisterend oor en een beetje tijd op overschot? Misschien is vrijwilliger worden in het UZA dan wel iets voor u. De vrijwilligers houden patiënten gezelschap, gaan met hen naar de cafetaria of de winkel of maken samen een wandeling. Ook om mensen wegwijs te maken in de inkomhal worden nog vrijwilligers gezocht. Een heel zinvolle en bevredigende tijdsbesteding! iNfo bij Nora Lens (T 03 821 40 11 of nora.lens@uza.be)

FOUTJE IN maguzA 83 In het dossier over beroerte in de vorige editie van MagUZA is een foutje geslopen. We vertelden u dat er elke 53 seconden iemand in België een beroerte krijgt. Een wakkere lezer vond dat toch wel heel erg veel. En inderdaad: het zijn er zo’n 25.000 per jaar, of 65 à 70 per dag. Met excuses van de redactie. 008

1000 kilometer tegen kanker, dat is de afstand die acht UZA-medewerkers met de fiets zullen afleggen in het Hemelvaartweekend, van 2 tot 5 juni. De 1000 kilometer van Kom op tegen Kanker (een intiatief van de Vlaamse Liga tegen Kanker) staat symbool voor de lange zware tocht die kankerpatiënten moeten afleggen. Met de fietstocht wordt ook geld ingezameld: elke deelnemersgroep brengt minstens 5000 euro startgeld mee. Ook u kunt onze UZA-fietsers helpen om aan dat bedrag te komen, door een bijdrage te storten op rekeningnummer 001-0893155-55 met als mededeling ‘21BZK18 Gift: 1000km tegen kanker’. Het ingezamelde geld gaat integraal naar het kankeronderzoek. iNfo www.1000km.be Stort uw bijdrage op reknr. 001-0893155-55 met mededeling ‘21BZK18 Gift: 1000km tegen kanker’


KANKERPATIËNTEN

verwend

Vorig jaar werden in het UZA 1500 mensen met kanker behandeld. Gemiddeld komen elke dag 50 patiënten naar de raadpleging en het oncologisch dagziekenhuis, en verblijven zo’n 100 kankerpatiënten op de verpleegeenheden. Met Valentijn werden die patiënten eens extra verwend, met een gelaatsverzorging, een handmassage, aromatherapie of een nek- en bovenlichaammassage. Ook relaxatiesessies en extra voedingsadvies stonden op het programma. Met dank aan de medewerkers van het MOCA (Multidisciplinair Oncologisch Centrum Antwerpen), de vrijwilligers uit het UZA en de Stichting tegen Kanker!

maguzA

IN UW MAILBOX Wilt u op de hoogte blijven van wat er verschijnt in MagUZA? Abonneer u dan op onze elektronische nieuwsbrief. Bij het verschijnen van een nieuwe editie van MagUZA, krijgt u telkens een overzicht van de voornaamste artikels. Zo hoeft u niets te missen! Schrijf u in via www.maguza.be in de rubriek Nieuwsbrief

Niks vergeten?

Is je brIl gaan vlIegen?

uzA werkt

SAMEN MET SINTNORBERTUS Het UZA gaat samen met het Psychiatrisch Ziekenhuis Sint-Norbertus in Duffel een universitair psychiatrisch centrum vormen. Sinds enkele jaren was er in het UZA enkel nog een polikliniek psychiatrie, en dus geen mogelijkheid tot hospitalisatie. Het universitair psychiatrisch centrum omvat beide: de ambulante consultatie psychiatrie en drie hospitalisatiediensten met korte verblijfsduur, voor de behandeling van psychose, angst en depressie. Aan het hoofd komt prof. dr. Bernard Sabbe. In de toekomst zullen psychiatrische patiënten die op de dienst spoedgevallen terechtkomen, dus sneller kunnen worden doorverwezen naar een gespecialiseerde dienst psychiatrie. Ook biedt de samenwerking meer mogelijkheden voor opleiding en wetenschappelijk onderzoek. iNfo dienst psychiatrie T 03 821 39 38

. spullen . voor je dan je denkt d e o g r g e ll e Zor n s est ze Je verli

Regelmatig worden kleine spullen zoals brillen, hoorapparaten, gsm’s en gebitten vergeten. Wij trachten er zo goed mogelijk voor te zorgen. U ook?

Tip: Breng geen waardevolle spullen mee.

affiches_verloren voorwerpen.ind1 1

15/03/2010 8:43:26

Niks VERGETEN? Een kunstgebit dat op een plateau blijft liggen, een bril die tussen de lakens sukkelt en zo meegaat naar de wasserij … het gebeurt regelmatig dat patiënten persoonlijke spullen kwijtraken tijdens hun ziekenhuisverblijf. Het is vooral een kwestie van aandachtig te zijn en uw spullen – ook hoorapparaten en gsm’s bijvoorbeeld – steeds op een veilig plekje weg te leggen. Waardevolle voorwerpen laat u hoe dan ook beter thuis. Als er iets is zoekraakt, meld dat dan zo snel mogelijk aan het personeel van de afdeling waar u wordt behandeld. maguza 009


mediSch

Stroom

prof. dr. Dirk De Ridder ÂŤ Transcraniale Magnetische Stimulatie (TMS) 010


Met neuromodulatie kan een arts de activiteit in de hersenen beïnvloeden via elektrische stroom. Voor sommige patiënten met chronische pijn, oorsuizen of de ziekte van Parkinson is die behandeling intussen de normaalste zaak van de wereld. Tegelijk ligt er nog een enorm onderzoeksdomein open voor prof. dr. Dirk de Ridder en zijn team.

Neuromodulatie

als medicijn N

euromodulatie houdt in dat er magnetische of elektrische stroom wordt gestuurd naar gebieden of netwerken in de hersenen die klachten – zoals pijn of oorsuizen of depressie  – veroorzaken. De arts kan op die manier de activiteit in die netwerken beïnvloeden en zo de klachten verminderen. Bij een aantal medische aandoeningen blijkt dat goed te werken. Neuromodulatie kan op verschillende manieren gebeuren: via elektroden die op de huid worden gekleefd, maar ook via elektroden die worden ingeplant bij de patiënt. Een groot voordeel tegenover medicijnen is de lokale en vaak ook snellere werking.

‘Bij de ziekte van Parkinson is zogenaamde Deep Brain Stimulation (DBS) via een ingeplante stimulator een gekende vorm van neuromodulatie. Het geeft patiënten opnieuw controle over hun bewegingen. Samen met Dr. Barbara Pickut, die sinds kort ook in het UZA actief is, stellen we nu ook de behandeling via niet-invasieve technieken – dus zonder implantaat – op punt. We zien het ook ruimer dan Parkinson: ook patiënten met tremor (beven) en patiënten met dystonie (verkramping) willen we behandelen.’ Bovendien komen ook de depressie en mentale achteruitgang die vaak met zo’n bewegingsstoornis gepaard gaan, in het vizier.

 Ook voor   bewegingsstoornissen  In het UZA worden patiënten met oorsuizen en pijnpatiënten al geruime tijd met neuromodulatie behandeld. Ook bij depressie wordt het meer en meer toegepast. ‘Nu bouwen we de behandeling ook uit voor bewegingsstoornissen zoals Parkinson,’ vertelt prof. dr. Dirk De Ridder, die aan het hoofd staat van BRAI2N, het onderzoeks- en behandelcentrum voor neuromodulatie van het UZA (voluit Brain Research center Antwerp for Innovative and Interdisciplinary Neuromodulation).

 Hersenactiviteit   zichtbaar maken  Het principe van neuromodulatie is altijd hetzelfde. Als er een klacht is, en je kunt die erger of beter maken – bijvoorbeeld pijn verergeren door aanraking – dan kun je die klacht meestal ook zichtbaar maken op een EEG (elektroencefalogram) of scan van de hersenen. ‘Zo ontdekken we welk mechanisme de klacht veroorzaakt en waar in de hersenen dat gebeurt. Meestal gaat het niet om één plek, maar om een heel netwerk. Eens we weten waar het zit, kunnen we het proberen te beïnvloeden

Neurostimulatie bij slaapapneu? Prof. dr. Paul Van de Heyning, dienst­hoofd neus-keel-o­or­­­­ziekten van het UZA, behandelde intussen ook al 13 patiënten die l­ijden aan een ernstige vorm van obstructief slaapapneu met neuro­ modulatie. Obstructief slaap­apneu (OSA) is een ziekte waarbij de keelholte geheel of gedeeltelijk dichtklapt tijdens de slaap. Hierdoor ontstaat er een zuurstoftekort en verstoring van de slaapkwaliteit. Tijdens de ingreep wordt een implantaat ingebracht dat de tongzenuw op basis van elektrische stimulatie activeert en zo voorkomt dat de keelholte tijdens de slaap wordt afgesloten (UAS of Upper Airway Stimulation). Het resultaat is veelbelovend. Ook de tweede fase van de studie, bij 120 patiënten in de VS en Europa, is gestart. Verwacht wordt dat meer dan 80% genezen zal zijn met de therapie.

info

www.inspiresleep.com

maguza 011


« Transcraniale wisselstroom stimulatie (tACS)

mediSch

via neuromodulatie.’ In eerste instantie wordt altijd nietinvasief gewerkt, dat wil zeggen met elektrodes die op het hoofd of op de huid worden gekleefd of met magnetische pulsen. Er bestaan verschillende technieken: » TMS: transcraniale (= door de schedel) magnetische stimulatie » TENS: transcutane (= door de huid) elektrische zenuwstimulatie » tDCS: transcraniale gelijkstroom stimulatie » tACS: transcraniale wisselstroom stimulatie De Ridder: ‘Die laatste, tACS, is nieuw in het UZA. Als je overactiviteit van de hersenen wil verminderen, gebruik je tDCS; als je de normale activiteit wil versterken, gebruik je tACS. In de toekomst willen we de twee ook combineren: eerst de overactiviteit verminderen en dan de normale activiteit versterken. Ook nieuw in het UZA is LORETA neurofeedback. Daarbij trainen we de abnormale hersenactiviteit via een computergestuurd systeem dat bij minder gunstige hersenactiviteit een negatief signaal geeft en bij gunstige hersenactiviteit een positief. Nieuw is dat we nu ook specifieke hersengebieden kunnen trainen.’ communiceren met de hersenen? Een geïmplanteerde neurostimulator is altijd een laatste optie, omdat er

iNfo 012

ook risico’s aan verbonden zijn zoals hersenbloeding. Ook voor de implanteerbare neurostimulatoren blijft BRAI2N zoeken naar verbetering. ‘We werken samen met de universiteit van Delft aan een nieuwe hersenstimulator. Die zou op meer dan één plaats moeten kunnen stimuleren en ook zelf kunnen detecteren wanneer hij in gang moet schieten, net zoals een pacemaker dat doet.’ De nieuwe stimulator moet ook nieuwe stimulatiedesigns of stimulatiepatronen mogelijk maken. ‘De huidige implanteerbare stimulatoren zijn eigenlijk middeleeuws van concept. Het patroon is constant en altijd hetzelfde. Eigenlijk leggen ze de hersenactiviteit op die plaats helemaal stil. Bij Parkinson heeft dat succes, maar bij oorsuizen en depressie helpt het maar bij de helft van de patiënten. De hersenen wennen ook aan die constante stimulatie, en dan werkt het niet meer. Met de nieuwe stimulator willen we met de hersenen kunnen communiceren in een taal die ze begrijpen. We willen ze niet platleggen, maar sturen en dat is natuurlijk veel moeilijker. Het zal nog minstens 4 à 5 jaar duren voor die nieuwe stimulator productieklaar is.’ dwangstoornissen, afasie en fibromyalgie Het onderzoek richt zich voorts ook op de mogelijkheden van neuromodulatie bij nieuwe aandoeningen. ‘We doen onderzoek bij verslavingsproblematieken en andere dwangstoornissen. Ook rond de behandeling van taalstoornissen als afasie en stotteren lopen er studies. En bij fibromyalgie, een syndroom voornamelijk gekenmerkt door spierpijn, hebben we goede resultaten behaald door een elektrode in de planten ter hoogte van de tweede nekwervelzenuw. De essentie is dat we bij BRAI2N steeds blijven streven naar een beter begrip van hoe hersenen werken, zodat we de patiënten steeds (fysio-) logischer kunnen behandelen.’

BRAI2N, onderzoeks- en behandelcentrum voor neuromodulatie, T 03 821 45 38, www.brai2n.net

PijNPAtiËNte riet: ‘eiNdelijk ietS wAt helPt’ Riet is 79 jaar en heeft sinds een hersenbloeding constant pijn in de linkerkant van haar lichaam. Neuromodulatie is het enige wat een beetje verlichting brengt. ‘Na mijn hersenbloeding was de linkerkant van mijn lichaam verlamd. Beetje bij beetje kon ik weer bewegen, maar naarmate de verlamming wegging, kwam er pijn in de plaats. Dat was heel moeilijk: ik wilde weer zoveel mogelijk doen, maar door de pijn kon dat niet. Constante pijn kost heel veel energie. Op de duur wil je alleen nog op je bed liggen. Twee jaar lang ging ik van de ene dokter naar de andere, en niks hielp. Tot ik begin 2010 naar het UZA en prof. De Ridder werd doorverwezen.’ ‘De eerste keer dat ze de behandeling hebben gedaan, had ik meteen resultaat. Ik zie mij nog zitten in de inkomhal, zo blij en opgelucht dat er eindelijk iets was wat hielp. De behandeling duurt zo’n 20 minuten, om de twee weken. Dan kan ik er weer een tijdje tegen. Tegen het einde van de tweede week voel ik de pijn wel toenemen, maar nu kan ik tenminste weer iets doen in het huishouden, mezelf weer verzorgen. Ik kan weer aan andere dingen denken dan aan de pijn. Het maakt de pijn leefbaar. Op een schaal van 1 tot 10 zakt de pijn na de behandeling van een 9 naar een 5. Ik hoop dat het ooit nog minder wordt.’


medisch

Aangeboren vaatafwijkingen, met de wijnvlek als bekendste voorbeeld, zijn soms een regelrechte handicap. Het UZA behandelt ze sinds enkele jaren door schuim in de zieke aders te © Project Aardbeesie

spuiten, een eenvoudige ingreep met spectaculaire resultaten.

Eindelijk remedie voor aangeboren vaatafwijkingen

B

ij een aangeboren vaatafwijking is er sprake van een kluwen van misgroeide aders. Soms uit zich dat heel zichtbaar, bijvoorbeeld in een wijnvlek, een hemangioom (ook wel framboos genoemd) of een zwelling of bult. Vaker zit de misgroeiing echter ergens diep in de spieren. De veelal jonge patiënten hebben dan last van een drukgevoel of voortdurende pijn, vooral bij bepaalde bewegingen of sport. ‘Het zijn zeldzame afwijkingen waarvoor tot voor enkele jaren geen effectieve behandeling was’, zegt UZA-vaatchirurg dr. Chantal Vandenbroeck. ‘Nu is er Foam Echo Sclerotherapy: met een dun buisje spuiten we schuim in de zieke ader, waarna die verschrompelt en geen last

info

meer berokkent. De techniek wordt in België vrij vaak toegepast bij spataders. Een handvol artsen schakelt de therapie echter ook in voor aangeboren vaatafwijkingen.’ Vandenbroeck werkt voor de behandeling samen met de diensten orthopedie, pediatrie, dermatologie, oogheelkunde en radiologie van het UZA.  Pijn binnen twee weken weg  Meestal zijn in totaal twee of drie behandelingen onder volledige narcose nodig, afhankelijk van de omvang van het letsel. Per behandeling wordt de patiënt één of twee dagen opgenomen. Vandenbroeck: ‘De pijn is binnen de twee weken weg, al kan het tot twee jaar duren voor een zwelling of wijn-

vlek niet meer zichtbaar is. Niet alle wijnvlekken kun je overigens met deze techniek behandelen.’ Na de ingreep kan de patiënt zowat onmiddellijk weer naar school of aan de slag. Op een kleine honderd patiënten waren er nog geen complicaties. ‘Het is een heel dankbare behandeling, omdat je patiënten op een eenvoudige manier van een aanslepend probleem kunt afhelpen’, aldus nog Vandenbroeck. ‘Zo behandelde ik een 20-jarig meisje dat zowat het hele land had afgereisd op zoek naar een behandeling. Twee weken na de ingreep zei haar moeder met tranen in de ogen dat haar dochter voor het eerst in haar leven pijnvrij kon stappen. Daarvoor doe je het.’

dienst thorax- en vaatheelkunde, T 03 821 37 85 maguza 013


mediSch

Nieuwe hArt Behoorlijk wat zeventigplussers krijgen vroeg of laat vernauwingen aan de aortaklep. Met een nieuwe techniek, waarbij een nieuwe hartklep wordt ingebracht via de lies, is behandeling nu ook weggelegd voor patiënten die geen openhartoperatie aankunnen. Het UZA leverde daarbij pionierswerk.

k

Via de lies wordt een katheter ingebracht. Die brengt de nieuwe aortaklep naar het hart. Het hart blijft intussen gewoon kloppen.

»

De stent wordt uit de katheter geduwd. De stent gaat open en de klep komt eruit. De nieuwe klep duwt de aangetaste klep opzij.

katheter

ontplooiende stent

verankerde stent

nieuwe klep

ortademigheid, pijn in de borst en flauwvallen: dat zijn de voornaamste klachten van mensen met vernauwingen aan de aortaklep, ook wel aortaklepstenose genoemd. In een ver gevorderd stadium krijgen patiënten ook water op de longen. Aortaklepstenose is een frequent probleem: 6 tot 7% van de 75-plussers krijgt ermee te maken. ‘Zonder operatie sterft de helft binnen het jaar’, zegt prof. dr. Inez Rodrigus, diensthoofd cardiochirurgie. De klassieke behandeling is een openhartoperatie. Maar vooral voor oudere patiënten is dat niet altijd haalbaar. Velen vallen uit de boot vanwege bijkomende gezondheidsproblemen die het operatierisico verhogen. Voor hen is er sinds een paar jaar een alternatief: de percutane hartklepvervanging. De diensten cardiologie en cardiochirurgie kregen in 2007 de kans om de techniek als eersten in België te evalueren, op een moment dat er wereldwijd nog maar een paar tientallen percutane hartklepvervangingen waren gebeurd. ‘Met behulp van een katheter, een klein buisje zeg maar, schuiven we een

iNfo 014

nieuwe hartklep gemaakt uit dierlijk weefsel tot in het hart’, zegt prof. dr. Johan Bosmans, adjunct-diensthoofd cardiologie. ‘Daarvoor volstaat een klein sneetje in de lies. In het hart neemt de opgeplooide hartklep de gewenste vorm aan.’ De techniek is de afgelopen jaren nog verder op punt gesteld en vereenvoudigd. Zo is de katheter smaller geworden, waardoor meer mensen de ingreep kunnen ondergaan. De meeste patiënten verblijven een kleine tien dagen in het ziekenhuis. 93% na jaar nog in leven Op dit moment is de ingreep enkel gereserveerd voor patiënten die niet in aanmerking komen voor openhartchirurgie. Rodrigus: ‘Aangezien de behandeling nog maar een vijftal jaar bestaat, weten we immers nog niet wat de resultaten op lange termijn zijn. Bovendien is er nog geen terugbetaling. De ingreep wordt deels gefinancierd door het UZA.’ Tot nu toe zijn de resultaten uitstekend: na een jaar is gemiddeld 93% van onze patiënten nog in leven. ‘Dat is een hoog percentage als je weet dat het voornamelijk om 80-plussers gaat die niet fit genoeg zijn voor een openhartoperatie’, zegt Bosmans. Intussen heeft het UZA een 90-tal ingrepen uitgevoerd en mag het zich zonder meer een autoriteit noemen. ‘We hebben de meeste ervaring in België en behalen de beste resultaten. De afgelopen jaren zijn we uitgegroeid tot een opleidingscentrum voor artsen uit de hele wereld.’

dienst cardiologie, T 03 821 35 38, dienst cardiochirurgie, T 03 821 30 71


u zeGt?

viA de lieS

huiS

wAt is een ziekenhuisbacterie?

Ziekenhuisbacteriën is een verzamelnaam voor bacte-

riën die resistent zijn geworden tegen een grote groep

antibiotica. Dat wil zeggen dat die antibiotica er geen vat meer op hebben. Je vindt ze in ziekenhuizen, waar

er veel antibiotica worden gegeven en er dus een grotere kans is dat kiemen resistent worden. Vandaar ook

de benaming ziekenhuisbacterie. Intussen vind je ze

80-plussers: oud, maar daarom niet out Dat het UZA goede resultaten behaalt, heeft ook te maken met de zorgvuldige patiëntenselectie. De cardioloog en cardiochirurg beslissen altijd samen of een patiënt in aanmerking komt. ‘Mensen moeten niet alleen fysiek in staat zijn om de ingreep te doorstaan, ze moeten er ook voor willen gaan’, zegt Rodrigus. ‘Als het voor de patiënt allemaal niet meer hoeft, heeft de operatie geen zin. Maar ik sta er regelmatig van versteld hoe vitaal en levenslustig tachtigplussers nog zijn.’ ‘Onze voorlaatste patiënt was zelfs al 91 jaar’, haalt Bosmans aan. Als de operatie slaagt, wacht de patiënt een tweede leven. ‘We zien mensen die hun activiteiten al jaren systematisch hebben afgebouwd en in een rolstoel naar de consultatie worden gereden. Als de aortaklep hun grootste probleem was, is het resultaat van de ingreep bijna spectaculair te noemen. Eens hersteld van de operatie zijn die mensen opnieuw mobiel en kunnen ze weer hun normale activiteiten oppikken’, vertelt Bosmans.

BActerie

kleP

ziekeN

echter ook in rust- en verzorgingstehuizen en zelfs buiten de zorg. Een bekend voorbeeld is MRSA of Methi-

cilline-resistente Staphylococcus Aureus. Een andere,

steeds vaker voorkomende ziekenhuisbacterie is ESBL, voluit Extended Spectrum Beta-Lactamase. Dat zijn bac-

teriën die eiwitten produceren die bepaalde antibiotica afbreken, zodat die niet meer werken.

wAArom zijn ze gevaarlijk?

Uit een studie in 2007 bleek dat 6% van de Belgische ziekenhuispatiënten met een ziekenhuisinfectie kampte. Zo’n infectie is daarom niet gevaarlijker dan een andere

besmetting, maar ze reageert niet op de gebruikelijke antibiotica. Dat een bacterie in het geheel niet kan wor-

den behandeld, is echter nog altijd uiterst zeldzaam. Toch is dat het doemscenario waar wetenschappers wereldwijd voor vrezen: dat er op een dag een bacte-

rie is waar geen enkel antibioticum tegen opgewassen

is. Als je weet dat bepaalde bacteriën nog maar op een paar medicijnen reageren, is dat zeker niet onrealistisch.

hoe het probleem indijken?

In de eerste plaats moeten artsen en verpleegkundigen

de regels van de handhygiëne nauwgezet toepassen, zodat bacteriën zo min mogelijk de kans krijgen van de

ene patiënt naar de andere over te gaan. In de tweede

plaats moeten we allemaal zuinig omspringen met antibiotica. Hoe vaker ze worden gebruikt, hoe groter de kans dat er resistente kiemen ontstaan.

hoe succesvol is de strijd tegen ziekenhuisbacteriën? Het probleem is beter onder controle dan pakweg vijftien jaar geleden. Ziekenhuiscampagnes voor een betere handhygiëne blijken een rechtstreeks effect te hebben

op het aantal besmettingen met ziekenhuisbacteriën. Ook de nationale campagnes rond verstandig antibioprof. dr. Inez Rodrigus

prof. dr. Johan Bosmans

ticagebruik hadden succes. Toch blijft sensibilisering

nodig. Zo start er dit voorjaar een nieuwe campagne rond handhygiëne.

maguza 015


uzA 2020 ruBriek

iNteNSieve

GreN

U

ziet de komende jaren heel wat uitdagingen voor de afdelingen intensieve zorg. wat zijn de voornaamste? Een eerste uitdaging is dat de nood

aan intensieve zorg alleen zal toenemen. Vandaag hebben we in het

UZA 45 inzo-bedden op een totaal van 573 bedden. Nergens in Vlaanderen is dat relatieve aandeel zo

hoog. Die trend zal zich alleen maar doorzetten. Alleen is het de vraag of

ook de financiering zal volgen. Een tweede uitdaging is heel praktisch:

ruimte. Wij hebben nu zo’n 2000 m2

voor 45 bedden. Internationaal kun-

nen ze op die oppervlakte maar

16 à 20 bedden kwijt. Intensieve zorg neemt heel veel plaats in. Je

hebt veel technologische ondersteuning en dus toestellen nodig, en er

gebeurt ook steeds meer aan het bed zelf, tot operaties toe.

ziet u op het vlak van apparatuur grote revoluties de komende jaren? De intensieve zorg is in de ziekenhuizen veelal de voorloper die nieuwe

technieken als eerste gebruikt. Dat geldt voor de monitoring van hart-

slag, bloeddruk, hersenfunctie enzo-

voort, maar ook voor het creëren van een omgeving waarin dag en 016


Hoe evolueert de intensieve zorg de komende tien, vijftien jaar? Diensthoofd prof. dr. Philippe Jorens ziet een groeiende nood, maar beperkte middelen.

zorG

‘Op intensieve zorg zullen we voor het eerst in de Belgische gezondheidszorg keuzes moeten maken.’

zeN AAN de Groei? nacht worden nagebootst via geluid

opleiding nodig, maar ze mogen

moeten maken, over wie op inten-

ratuur zoals nierdialyse, kunstharten,

ben voor wat met technologie en

Nederland en het Verenigd Koninkrijk

en licht. Ook ondersteunende appakunstlongen … is ontwikkeld om en rond intensieve zorg.

Grote revoluties verwacht ik op het

vlak van technologie niet. Wel kunnen we steeds meer ter plaatse doen, aan het bed. We hebben toegang tot

elke foto of scan en ook point-of-

ook absoluut geen watervrees hebICT te maken heeft. Tegelijk moeten

ze heel invoelend en menselijk zijn, want ook de psychologische onder-

steuning van de patiënten en hun familie is voor hun rekening.

sieve zorg terecht kan en wie niet. In

worden bepaalde zware chirurgische

ingrepen nu al niet meer uitgevoerd boven een bepaalde leeftijd. In België

kunnen we dat tot nu toe gelukkig nog steeds patiënt per patiënt bekijken, maar we voelen de druk toenemen.

care-testen maken opgang. Dat zijn

Met de verouderende bevolking zal

bloed- of andere testen die vandaag

er is ook een trend naar aparte intensieve zorg voor kinderen?

nog in het labo gebeuren, maar binnenkort aan het bed. Voor de rest

Ja, kinderen zouden de komende

maken: welke patiënten kunnen we

blijven de basistechnieken dezelfde,

jaren nog verder moeten worden afgescheiden van volwassenen op

maar toestellen worden wel gesofis-

intensieve zorg. Kinderen hebben

die druk alleen groter worden. Op een dag zullen we de afweging moeten nog iets bieden, of beter: welke pati-

enten kunnen we nog een bepaalde levenskwaliteit

garanderen?

Dat

een eigen aanpak nodig. Zo heb-

wordt ethisch een heel zware vraag.

Er zijn ook andere technieken voor

kinderen, zoals specifieke pijnstil-

intensieve zorg wordt ook op dat vlak een voorloper?

welke uitdagingen brengt de technologie mee?

ling. Ze moeten voorts opgevangen

Ik denk van wel. Nu al draait een

Het personeel moet met die hoog-

worden door mensen die getraind zijn om met kinderen om te gaan. En

groot deel van het wetenschappelijk onderzoek

ticeerder en duurder. En aan al die technologie zitten ook opnieuw heel wat uitdagingen vast.

technologische zaken om kunnen gaan. Sinds 2007 zijn we overge-

schakeld op een volledig elektronisch medisch patiëntendossier. Per

minuut worden tientallen gegevens

ben ze meer nood aan hun familie.

er worden simpelweg andere materialen en toestellen gebruikt. Kortom, het is een expertise op zich.

binnen

het

vakgebied

intensieve zorg om het creëren van

prognostische markers. Men wil zo

goed mogelijk kunnen voorspellen

hoe groot de kans is dat een patiënt

gestockeerd. Je moet nu niet meer

met die of die kenmerken met een

noteren, maar iemand moet natuur-

heel wat uitdagingen dus, maar wat voor consequenties zal dat hebben?

lijk al die gegevens bekijken en opvolgen. En met de hoeveelheid

Naarmate de financiering en de omka-

hallucinant, maar uiteindelijk is en

gegevens nemen ook de valkuilen

dering door artsen en verpleegkundigen aan hun limiet geraken, zullen

toe. Het personeel heeft daarvoor

we op een bepaald moment keuzes

Prof. dr. Philippe Jorens Diensthoofd intensieve zorg

goede levenskwaliteit intensieve zorg zal verlaten. Dat klinkt misschien

blijft dat wel ons voornaamste doel: dat patiënten de intensieve zorg ver-

laten in een aanvaardbare toestand. maguza 017


advertentie

Niks vergeten?

. n e l l u p je s kt. r n o e o d v e j d e n Zorg go ze sneller da st e i l r e v Je

Regelmatig worden kleine spullen zoals brillen, hoorapparaten, gsm’s en gebitten vergeten. Wij trachten er zo goed mogelijk voor te zorgen. U ook?

Tip: Breng geen waardevolle spullen mee.


rubriek

Dossier Darmkanker

Darm kanker:

Darmkanker treft jaarlijks

4250 Vlamingen. Bij zowat de helft van de patiënten is er sprake van erfelijke

belasting. Darmkanker maakt echter steeds minder doden. Als de ziekte tijdig wordt opgespoord, is er een goede kans op genezing. Vandaar ook dat het UZA zijn medewerking verleent aan

er is

Hoop

een proefproject om darmkanker bij de bevolking vroegtijdig op te sporen.

maguza

zorgmagazine van het UZA – april 2011 – #84 maguza 019


dossier Darmkanker

Darmkanker in de familie? » Als Belg hebt u 6% kans om in uw leven darmkanker te krijgen. » Hebt u een eerstegraads­ verwant (ouder, broer, zus of kind) met darmkanker, dan hebt u 12 tot 18% kans om darmkanker te krijgen. » Hebt u twee eerstegraads­ verwanten die de ziekte hebben, dan loopt dat risico op tot 18 à 36%. » Was de eerstegraadsverwant in kwestie jonger dan 50 jaar bij de diagnose, dan bedraagt uw risico eveneens 18 à 36%. » Hebt u een tweede- of derde­ graadsverwant (nonkel, tante, neef, nicht of verdere familie) met darmkanker, dan bedraagt uw risico zo’n 9%. » Hebt u een eerstegraads­ verwant met poliepen, dan hebt u zo’n 12% kans dat u ooit een darmtumor ontwikkelt. Bent u familiaal belast, bespreek dan de mogelijkheid van preventief onderzoek met uw huisarts. Doorgaans wordt aangeraden om het eerste onderzoek te laten plaatsvinden tien jaar voor de leeftijd dat uw familielid ziek werd.

info www.dikkedarmkanker.be

020

D

armkanker is na borstkanker de meest voorkomende kanker bij vrouwen, en nummer drie onder de kankers bij mannen, na prostaat- en longkanker. Hoewel het aantal darmkankers in Vlaanderen toeneemt, sterven er dankzij de verbeterde behandeling almaar minder mensen aan de ziekte. ‘Een niet-uitgezaaide darmtumor die niet voorbij de darmwand is gegroeid, kun je perfect behandelen met een operatie. En ook in een later stadium hebben we vandaag meer mogelijkheden’, zegt prof. dr. Paul Pelckmans, diensthoofd gastro-enterologie hepatologie. Toch sterven er jaarlijks nog zo’n 1800 Vlamingen aan de ziekte. Darmtumoren ontwikkelen zich het vaakst in de dikke darm, meestal bij de overgang naar de endeldarm. De meeste patiënten zijn 45 jaar of ouder. Bij het ontstaan van darmkanker spelen verschillende factoren een rol. De grootste risicofactor zijn darmpoliepen: dat zijn uitwassen in de darm die op zich goedaardig zijn, maar in zo’n 5% van de gevallen kwaadaardig worden. 99% van alle darmkankers ontstaat uit een darmpoliep. ‘Het duurt gemiddeld tien jaar voor er zich vanuit normaal darmslijmvlies een poliep en vervolgens een darmtumor heeft ontwikkeld. Het is dus perfect mogelijk om darmkanker vroegtijdig op te sporen en overlijdens te voorkomen’, zegt Pelckmans.  Overdaad schaadt  Naast poliepen zijn er nog andere risico­ factoren voor darmkanker: overgewicht, te weinig calcium in de voeding – lees

info

kaas- en melkproducten –, overmatig alcoholverbruik, roken, veel rood vlees eten en chronische darmontsteking. Ook mensen die al een keer darmkanker hebben gehad, lopen een groter risico om het weer te krijgen. Zij krijgen dan ook de raad om iedere vijf jaar een preventief onderzoek te ondergaan. Verder staat vast dat darmkanker in veel gevallen minstens gedeeltelijk erfelijk bepaald is. Bij zowat de helft van de patiënten is er sprake van familiale belasting. Bij 15% daarvan gaat het om een duidelijk erfelijke vorm. De belangrijkste symptomen van darmkanker zijn bloed bij de stoelgang of een verandering in het stoelgangpatroon. ‘Het probleem is dat die klachten pas optreden als de tumor al een zekere grootte heeft’, zegt gastroenterologe dr. Elisabeth Macken. ‘Hoe snel er symptomen zijn, hangt ook af van de plaats van de tumor. Hoe dichter het gezwel tegen de aars zit, hoe sneller er bijvoorbeeld sprake is van bloed bij de stoelgang.’  Binnenkijken in de darm  Als patiënten klachten hebben die op darmkanker kunnen wijzen, wordt een colonoscopie aangeraden. Dat is een kijkonderzoek waarbij een flexibele buis via de aars tot in de dikke darm wordt gebracht. ‘Zeker als patiënten 45 jaar of ouder zijn, kiezen we relatief snel voor een darmonderzoek. Vanaf die leeftijd neemt het risico immers sterk toe, om nog verder te stijgen na 50 jaar’, licht Pelckmans toe. Patiënten worden voor een colono-

dienst abdominale, kinder- en reconstructieve heelkunde, T 03 821 33 30, dienst gastro-enterolo


scopie licht verdoofd of ondergaan, als ze dat wensen, een volledige narcose. ‘Het onderzoek zelf is niet echt pijnlijk of vervelend, maar de patiënt moet vooraf zo’n vier liter water drinken om de darm te spoelen, ongeveer een liter per uur. Dat vinden veel patiënten onaangenaam’, legt Pelckmans uit. Als er tijdens de colonoscopie poliepen aan het licht komen, worden die meteen verwijderd. De arts neemt indien nodig ook een klein stukje weefsel weg om na te gaan of een afwijking al dan niet kwaadaardig is. Wordt er darmkanker vastgesteld, dan bestaat de behandeling meestal uit een operatie, vaak gekoppeld aan chemotherapie of radiotherapie, of een combinatie van beide (zie verder in dit dossier). Patiënten die met succes zijn geopereerd, hebben nadien meestal weinig klachten en leiden een normaal leven.

!

Alarmsignalen Symptomen die op darmkanker kunnen wijzen, zijn: » bloed bij de stoelgang. Zelfs als er sprake is van aambeien, is verder onderzoek nodig, zeker vanaf de leeftijd van 45 jaar. » een valse aandrang om stoelgang te maken » veranderingen in het stoelgangpatroon, bijvoorbeeld constipatie, diarree, minder vaak stoelgang … » onverklaarbaar gewichtsverlies » bloedarmoede » aanhoudende buikpijn » een darmobstructie, waarbij de buik heel opgezet is en u geen stoelgang kunt maken

gie hepatologie, T 03 821 33 23, dienst oncologie, T 03 821 32 50 maguza


dossier Darmkanker

‘Ik wist: echo’s en een CT-scan. Op de CT-scan waren twee vlekjes ter hoogte van de ruggenwervel te zien. Een botscan moest meer duidelijkheid brengen. Het onderzoek kon gelukkig al de volgende dag. ‘Het wachten was verschrikkelijk. Als het uitzaaiingen waren, stond ik er slecht voor. Gelukkig bleken het slijtage­letsels te zijn.’ Al vrij snel kwam de psychologe zich voorstellen. ‘Ik had niet meteen behoefte aan begeleiding, maar was wel blij dat ik indien nodig bij iemand terecht kon’, vertelt Wilfried.

«

Wilfried revalideert op de dienst fysische geneeskunde

W

ilfried en zijn vrouw Lief, ook verpleegkundige in het UZA, doen hun verhaal in de gezellige zitkamer van hun recent gerenoveerde huis. Twee jaar had Wilfried er met veel enthou­ siasme aan gewerkt. Toen verhuisden ze en werd hij ziek. Een woord dat nooit in zijn woordenboek had gestaan. ‘In twintig jaar heb ik hooguit vijf dagen ziekteverlof moeten opnemen. En dan opeens de volle lading’, blikt Wilfried terug. Het begon onschuldig. Af en toe wat bloedverlies na de stoelgang. Aambeien, dacht Wilfried. En hij stelde een doktersbezoek almaar uit. Toen hij in februari 2010 dan toch bij de gastro022

enteroloog in het UZA langsging, vond die niet meteen een oorzaak. Er volgde een colonoscopie. ‘Ik was licht verdoofd, maar toen ze mijn vrouw en de chirurg binnenriepen, wist ik: dit is niet goed. De arts wond er geen doekjes om: er zat een kwaadaardig gezwel van zo’n drie centimeter in mijn endeldarm. Terug op mijn kamer, nog half verdoofd, viel ik in slaap. Weer wakker dacht ik nog even dat het een droom was geweest. Maar er stond al een assistent aan mijn bed met een pak aanvragen voor onderzoeken. Geen droom dus.’ De week nadien onderging Wilfried een PET-scan, een NMR, verschillende

 ‘Misschien hebben ze   zich vergist’  Op basis van de biopsie, genomen tijdens de colonoscopie, zou een behandeling worden uitgestippeld. Maar de weefselanalyse bracht geen kankercellen aan het licht en een tweede biopsie evenmin. Wilfried: ‘Even dacht ik, ze hebben zich misschien vergist. Maar de oncoloog zei me dat die kans minder dan een halve procent bedroeg.’ ‘Dat zette hem weer met z’n voeten op de grond’, zegt Lief. Om de operatie niet verder te moeten uitstellen, werd voorgesteld meteen te opereren en nadien, op basis van de tumoranalyse, de definitieve behandeling te bepalen. ‘Omdat de tumor vrij dicht tegen de sluitspier zat, was het kantje boordje: definitief stoma of niet.


Al meer dan twintig jaar verzorgt hij met hart en ziel patiënten op intensieve zorg, maar nu was UZA-verpleegkundige Wilfried Van Roy (49) zelf de man in het ziekenhuisbed. De diagnose darmkanker was de start van een lang medisch avontuur. ‘Sindsdien heb ik nog meer begrip voor patiënten en hun familie.’

dit is niet goed’ Maar ik had geluk: er was net genoeg plaats om de sluitspier te sparen. Wel zou ik een voorlopig stoma krijgen om de wonde te laten genezen.’ Wilfried werd begin maart geopereerd en verbleef een kleine vier weken in het ziekenhuis. De prognose was uitstekend. ‘De artsen gaven me 95% kans op volledige genezing, mits nabehandeling met radiotherapie en chemo­ therapie. Dan twijfel je niet, ook al weet je waar je voor staat.’  Dagen doorstrepen   op kalender  Niet lang na zijn ontslag begon een vijf weken durende behandeling met radiotherapie én chemotherapie. Wilfried: ‘Net toen ik dacht dat ik er zonder veel klachten vanaf zou komen, kreeg ik brandwonden, een veelvoorkomend neveneffect van radiotherapie. Dat was erg pijnlijk.’ Vanaf half mei volgde een chemokuur van een half jaar. Om de twee weken kwam Wilfried naar het dagziekenhuis. Vooral de eerste sessies waren zwaar. ‘Ik kreeg steevast last van misselijkheid, een hoge hartslag en rusteloosheid. Uiteindelijk bleek dat ik allergisch was voor het medicijn tegen misselijkheid. Met een ander middel ging het beter. Het ergste vond ik echter al dat wachten tijdens de dagopname, ook al wist ik meestal waarom ik moest wachten.

Het was een lastige periode.’ ‘Hij doorstreepte de dagen op een kalender’, herinnert Lief zich. Ook met zijn stoma had hij het heel moeilijk. ‘Ik had een stoma op de dunne darm, wat veel lastiger is dan één op de dikke darm, doordat het zich continu vult’, legt Wilfried uit. De praktische implicaties en de voortdurende angst voor een ongelukje beheersten hun dagen en zetten een domper op hun sociaal leven. ‘Als we van huis gingen,

Het was kantje boordje: definitief stoma of niet? waren we altijd voorbereid op eventuele problemen. We hebben ons aangepast, maar gemakkelijk was het niet’, vertelt Lief. En dan kon Wilfried zich nog gelukkig prijzen. ‘Ik had geen verpleegkundige aan huis, ik had er één in huis.’  Geen garanties  Half november was Wilfrieds behandeling afgerond en begin december werd zijn stoma verwijderd. Intussen is hij bezig met een revalidatie van drie

maanden op de dienst fysische geneeskunde. ‘Ik merk dat mijn conditie heel wat minder is. Wellicht niet alleen door de behandeling, maar ook omdat ik een jaar nauwelijks actief ben geweest.’ Garanties dat de kanker wegblijft, kan niemand Wilfried geven, maar hij is optimistisch. De eerstvolgende controle is over een paar maanden. Of zijn ziekte zijn kijk op het leven heeft veranderd? ‘Niet echt’, klinkt het na wat nadenken. ‘We staan niet anders tegenover het leven en moeten ons ook niet voornemen om meer van het leven te genieten, want dat deden we al. En ik voel me ook niet mentaal uitgeput. Ik ben altijd positief blijven denken. Als ik met sommige andere patiënten praatte, besefte ik dat ik bij de gelukkigen was.’ ‘Wilfried is blij dat hij binnenkort weer aan het werk kan en dat hij opnieuw de gewone dingen van elke dag kan doen’, zegt Lief. Als er één ding is veranderd, dan is het misschien dat hij nu nog beter kan meeleven met patiënten en hun familie, denkt Wilfried. ‘Ik heb nu nog meer begrip voor de familie in de wachtkamer. En ik besef meer dan ooit hoe belangrijk concrete uitleg is tijdens een onderzoek. En ook: ik zal tijdens een vervelende procedure nooit aan een patiënt zeggen dat hij maar aan iets anders moet denken.’ maguza 023


dossier Darmkanker

Darmkan

beter D

MOCA brengt specialisten samen Sinds 2010 worden kankerpatiënten in het UZA behandeld binnen het Multidisciplinair Oncologisch Centrum Antwerpen (MOCA), een overkoepelende structuur voor iedereen die in het UZA kanker behandelt. De verschillende soorten kanker zijn gegroepeerd in tien tumorclusters. Zo brengt de cluster gastro-enterologische oncologie alle specialisten op het vlak van maag-

en darmkanker samen. Ook voor psychologische en sociaalmaatschappelijke ondersteuning is er veel aandacht. Elke patiënt kan van in het begin een beroep doen op een maatschappelijk werker en een psychologe. De oncologische verpleegkundigen zijn een aanspreekpunt voor de patiënt en begeleiden hem doorheen de behandeling.

e genezingskansen bij darmkanker hangen samen met het stadium van de ziekte. Als de tumor zich tot de darm zelf beperkt, bedraagt de kans op volledige genezing 85 tot 95%. In een meer gevorderd stadium, als de tumor is uitgezaaid tot in de lymfeklieren of andere organen, is de prognose een stuk slechter. Als een patiënt zich aandient met een vermoeden van darmkanker, wordt aan de hand van een colonoscopie (zie p. 20) en analyse van een weefselstaal de diagnose gesteld. Ook wordt bepaald hoe vergevorderd de kanker is. Vervolgens wordt een behandelingsplan uitgewerkt. ‘Kanker behandelen is geen zaak van één specialist, maar van een multidisciplinair team’, zegt prof. dr. Marc Peeters, diensthoofd oncologie en hoofd van het Multidisciplinair Oncologisch Centrum Antwerpen (MOCA). ‘In het UZA wordt elke nieuwe patiënt besproken door de maag-darmspecialist, abdominaal chirurg, radiotherapeut, oncoloog, patholoog en radioloog en andere betrokken specialisten. Elke nieuwe stap in de behandeling wordt door datzelfde team bekeken.’

 Operatie als eerste stap  De hoeksteen van de behandeling is meestal een operatie. Als de tumor volledig is verwijderd, krijgen bepaalde patiënten nog chemotherapie. Patiënten met endeldarmkanker ondergaan meestal radiotherapie voor de operatie, al dan niet in combinatie met chemo-

info 024

dienst abdominale heelkunde, T 03 821 33 30,


De behandeling van darmkanker is de afgelopen jaren sterk geëvolueerd. Door nieuwe chirurgische technieken hebben nog maar weinig patiënten een stoma nodig en is er minder kans dat de tumor

ker steeds

op dezelfde plaats terugkeert. Ook bij uitzaaiingen in de lever is genezing soms nog mogelijk.

te behandelen therapie. Zo wordt de tumor vooraf verkleind en is er nadien minder kans op lokale uitzaaiingen.  Stoma of niet?  Bij tumoren in de endeldarm, zowat 35% van alle darmkankers, is na de operatie soms een stoma nodig. ‘Gelukkig is het steeds vaker mogelijk een stoma te vermijden’, zegt prof. dr. Wouter Vaneerdeweg, diensthoofd abdominale, kinder- en reconstructieve heelkunde. ‘Uit onderzoek is namelijk gebleken dat een tumor in de endeldarm zich in opwaartse richting uitbreidt. Onder de tumor hoef je dus niet veel weefsel weg te nemen. Daardoor kunnen we bij 75 tot 80% van die patiënten de sluitspier ongemoeid laten. Dik tien jaar geleden was dat maar bij 60 tot 70% mogelijk. Wel is soms nog een voorlopig stoma nodig als een soort veiligheidsklep. Die wordt na verloop van tijd weer gesloten.’ Ook als de patiënt met succes is geopereerd, bestaat de kans dat de tumor op dezelfde plaats terugkeert. ‘Sinds een paar jaar weten we dat een eventueel herval meestal vanuit het vetweefsel rond de darm komt. Door meer van dat vetweefsel weg te snijden, hebben we het risico op herval sterk kunnen terugschroeven’, legt Vaneerdeweg uit.  Kanker uitgezaaid  Wordt de tumor pas ontdekt als hij al lokaal is uitgezaaid, dan liggen de kaarten slechter. Al is er ook dan een behoorlijke kans op volledige genezing. Peeters:

‘Tot pakweg 15 jaar geleden kregen die mensen alleen een operatie, nu geven we ze ook een nabehandeling met radioof chemotherapie. Dat heeft de overleving in die groep verhoogd met zo’n 15%: tegenwoordig is 30 à 60% na vijf jaar nog in leven.’ Als de kanker is uitgezaaid naar andere organen, is de kans op volledig herstel klein. ‘Vroeger was er voor die patiënten geen behandeling. Ze hadden gemiddeld maar zes maanden meer te leven. Nu kunnen we hen behandelen met chemotherapie en is de overleving gestegen tot gemiddeld 26 à 30 maanden. Soms kunnen uitzaaiingen ook worden behandeld met plaatselijke chemotherapie’, zegt Peeters. Bij uitzaaiingen in de lever is genezing soms nog mogelijk via een combinatie van chemotherapie en chirurgie (zie kaderstuk). Daarnaast is er nog een andere, relatief nieuwe behandeling: met behulp van een katheter (een dun buisje) worden radioactief geladen bolletjes tot in de lever gebracht en worden de kankercellen bestreden. Die techniek heeft een bewezen effect op de overleving. Naast klassieke chemotherapie worden ook meer en meer doelgerichte therapieën ingeschakeld. ‘Dat betekent dat we aan de hand van specifieke laboratoriumtests het profiel van de tumor bepalen en zo voorspellen of een therapie al dan niet kans op slagen heeft. Op basis daarvan schrijven we dan welbepaalde medicatie voor’, licht Peeters toe. Met de juiste behandeling lukt het soms patiën-

ten met uitzaaiingen volledig kankervrij te krijgen, zij het niet altijd definitief. ‘In vergelijking met een tiental jaar geleden hebben we in elk geval al een grote stap vooruit gezet’, zegt Peeters.

Uitzaaiingen in lever soms nog te opereren De chirurgische behandeling van leveruitzaaiingen nam de afgelopen tien jaar een enorme vlucht. Het UZA speelt op dat vlak een voortrekkersrol. ‘Uitzaaiingen in de lever betekenden vroeger een doodvonnis op korte termijn’, zegt UZA-lever­ chirurg dr. Thiery Chapelle. ‘Leveroperaties waren erg gevaarlijk. Vandaag zijn ze wel veilig dankzij een grotere kennis van de leverheelkunde en sterk verbeterde technische mogelijkheden, onder meer om bloedingen te controleren. Het is voor die patienten bovendien de enige kans op definitieve genezing. Met nieuwe technieken en voorafgaande chemotherapie kunnen we nu zowat 25% van hen opereren. Van die groep is na vijf jaar ongeveer 50% nog in leven, na tien jaar nog 25%.’ Voorwaarde is dat de tumoren volledig kunnen worden verwijderd en dat er nadien nog minstens een derde van de lever overblijft. ‘De omvang en het aantal leveruitzaaiingen spelen daarbij geen rol. Voor elke darmkankerpatiënt met leveruitzaaiingen moet daarom altijd zorgvuldig worden overwogen of opereren een optie is ’, beklemtoont Chapelle.

dienst gastro-enterologie hepatologie, T 03 821 33 23, dienst hepatobiliaire heelkunde, T 03 821 56 60, dienst oncologie, T 03 821 32 50, MOCA, T 03 821 53 28 maguza 025


doSSier dArmkANker

Dikkedarmkanker komt heel vaak voor en kan perfect in een vroeg stadium worden opgespoord. Dat maakt screening heel zinvol. De Universiteit Antwerpen en het UZA organiseerden op vraag van de Vlaamse overheid een proefproject in Schilde, Vosselaar en Borgerhout.

ScreeNiNG kAN leveNS reddeN

D

e Vlaamse overheid nodigde alle Vlaamse universitaire centra en andere mogelijke kandidaten uit om een projectvoorstel in te dienen voor een proefonderzoek rond darmkankerscreening. Het voorstel van het Centrum voor Kankerpreventie van de Universiteit Antwerpen, waaraan onder anderen UZA-gastro-enterologe dr. Elisabeth Macken meewerkte, werd geselecteerd. Promotoren waren prof. dr. Guido Van Hal en prof. dr. Joost Weyler, beiden van de vakgroep epidemiologie en sociale geneeskunde, prof. dr. Paul Pelckmans, diensthoofd gastro-enterologie, en prof. dr. Joke Denekens van het Centrum voor Huisartsengeneeskunde. wat hield de screening precies in? Prof. dr. Guido Van Hal: ‘Alle inwoners van Borgerhout, Schilde en Vosselaar van 50 tot en met 74 jaar, in totaal zo’n 20.000 mensen, werden uitgenodigd om een stoelgangstaal op te sturen. De respons was verrassend hoog. De stalen werden microscopisch onder-

iNfo 026

www.dikkedarmkanker.be

zocht op minuscule bloedpartikels, een mogelijke aanwijzing van darmkanker. Binnen de tien dagen kregen de deelnemers de uitslag.’ wat mag je van een screening verwachten? Van Hal: ‘Uit eerder onderzoek weten we dat een darmkankerscreening bij 10.000 mensen gemiddeld zo’n 25 gevallen aan het licht brengt. Als er genoeg mensen meedoen aan een algemeen bevolkingsonderzoek, sterven er op termijn tot 30% minder mensen aan darmkanker.’ levert zo’n onderzoek niet veel vals-positieve resultaten op? Van Hal: ‘Vals-positieven zijn onvermijdelijk. Bij 5%  van de deelnemers werd bloed in de stoelgang gevonden. Zij werden uitgenodigd voor een colonoscopie. Bij de helft van die groep bleek er sprake van darmkanker of een poliep, de andere helft is nodeloos ongerust geweest. Dat komt doordat

we voor een vrij gevoelige methode hebben gekozen. Dat heeft echter als voordeel dat je met een tweejaarlijkse screening na vijf rondes 95% van de kankers tijdig onderschept. De ideale screeningstest, die elke kanker opspoort en geen vals-positieven geeft, bestaat niet.’ wordt de screening veralgemeend naar heel vlaanderen? Van Hal: ‘De Vlaamse werkgroep Bevolkingsonderzoek zal daarover een advies formuleren. We verwachten dat Jo Van Deurzen, Vlaams minister van Volksgezondheid, tegen eind dit jaar een beslissing neemt.’


advertentie

de

Speelvogel kinderopvang

gratis professionele kinderopvang tot 12 jaar alle werkdagen open van 8.00 tot 17.30 uur

meer info aan het onthaal


gezond

Met de lente zijn ook de pollen weer in het land. Hooikoortslijders houden de zakdoeken en de

Ha- ha- ha-

oogdruppels in de aanslag. Maar wat is hooikoorts eigenlijk en hoe behandel je het? Een vervelende kwaal in zes vragen samengevat.

 Wat is hooikoorts?  Hooikoorts heeft niets te maken met hooi of koorts. Het is een verzamelnaam voor allergieën voor de stuifmeelkorrels of pollen afkomstig van bomen, gras of onkruid. Het afweersysteem reageert op die rondvliegende pollen door antistoffen aan te maken, wat zich uit in allerlei symptomen. Veel patiënten zijn allergisch voor verschillende pollen. Zowat 20% van de Belgen lijdt aan hooikoorts, waarmee het de meest voorkomende allergie in onze streken is. Ongeveer de helft van de hooikoortslijders ontwikkelt vroeg of laat ook een groente- en fruitallergie.

info 028

 Wat zijn de symptomen?  Mensen met hooikoorts hebben voornamelijk last van niezen, een verstopte, jeukende of lopende neus en tranende, rode, jeukende ogen. Soms voelen mensen zich ook behoorlijk belabberd, een beetje zoals bij een griep, of hebben ze slaap- of concentratieproblemen. Anderen vertonen astmasymptomen, zoals benauwdheid of een piepende ademhaling. Mensen met eczeem krijgen tijdens het hooikoortsseizoen soms meer last van opstoten. De symptomen van hooikoorts zijn niet bij iedereen even ernstig. Afhankelijk van het type pollen waarvoor je allergisch bent, situeren de klachten zich tussen februari en augustus. In het slechtste geval heb je die hele periode last van hooikoorts, in het beste geval heb je maar enkele weken klachten.  Op welke leeftijd krijg je het?  Vroeger dook de kwaal voornamelijk op

rond de tienerleeftijd, vandaag worden almaar vaker ook kinderen getroffen. Zelfs kleuters met hooikoorts zijn geen uitzondering meer. In principe kan hooikoorts ook op latere leeftijd de kop opsteken, al is dat zeldzamer.  Hoe wordt   de diagnose gesteld?  Het verhaal van de patiënt is de belangrijkste houvast. Daarnaast is er een bloedonderzoek en wordt een reeks huidtests uitgevoerd. Door de huid van de patiënt in contact te brengen met mogelijke allergenen – dat zijn stoffen waarvoor je allergisch kunt zijn – wordt duidelijk waarvoor hij precies overgevoelig is.  Hoe behandelen?  Bij de meeste patiënten wordt ervoor gekozen alleen de symptomen te behandelen, meestal met behulp van antihistaminica in de vorm van tabletten of een neusspray met cortisone. Patiën-

dienst immunologie, allergologie en reumatologie, 03 821 51 44, dienst pediatrie, 03 821 32 51, www.airallergy.be


advertentie

Nirwana verwent u en uw rug.

tsjie!  Wat is immunotherapie?  Een minderheid van de patiënten heeft aan een symptomatische behandeling niet genoeg. Voor hen kan immunotherapie een oplossing bieden. De oudste vorm zijn inspuitingen. De patiënt krijgt dan maandelijks een inspuiting met de stof waarvoor hij allergisch is. Na drie tot vijf jaar zijn de klachten met gemiddeld 50% geminderd. De therapie gebeurt strikt gecontroleerd, om heftige allergische reacties te voorkomen. Immunotherapie bestaat tegenwoordig ook in de vorm van druppels die de patiënt moet innemen. Die behandeling is veiliger, maar mogelijk iets minder doeltreffend. Nadeel is ook dat de patiënt de druppels dagelijks moet innemen en dat er geen terugbetaling is. Sinds kort is er ook immunotherapie voor graspollen in de vorm van tabletten, een behandeling die momenteel evenmin wordt terugbetaald.

DC090202 © Dimitri Cools / foto: © Getty Images

ten met astmasymptomen gebruiken een puf om opstoten te onderdrukken of, bij chronische last, ontstekingsremmende medicatie in de vorm van een puf of tabletten. Ook voor kinderen is er perfect veilige medicatie. Bij ernstige klachten moet u de behandeling starten een tweetal weken voor de symptomen gewoonlijk beginnen en pas stoppen als de pollen waarvoor u allergisch bent, niet meer in de lucht aanwezig zijn. Als u zich daar aan houdt, is het probleem meestal goed onder controle te houden. In het UZA wordt hooikoorts multi­ disciplinair aangepakt: bij hardnekkige problemen wordt soms ook de neuskeel-oorarts of de oogarts ingeschakeld.

Reeds meer dan twintig jaar selecteert en adviseert Nirwana op onafhanke lijke en transparante wijze oplossingen voor gezond liggen, zitten en gaan: van ergonomische slaapsystemen, stoelen, tafels en relaxzetels, tot en met kantoor- en kindermeubilair, babyproducten en schoenen. Nirwana verwent u en uw rug.

Open van dinsdag t.e.m. zaterdag van 10u00 tot 18u00. ONAFHANKELIJK ADVIES VAN ONZE KINESISTEN I DIENST NA VERKOOP

www.nirwana.be I De Bruynlaan 127 2610 Antwerpen I 03-820 98 30 maguza 029


www.amcogroup.be * Raadpleeg steeds je arts als je een Health Mate® infraroodcabine wil gebruiken voor medische doeleinden.

( )

Last van spierof gewrichtspijnen?

32

ANTWERPEN: Arak Wellness NIJLEN 03 295 50 25 | Schrauwen BRASSCHAAT 03 645 24 79 | Van den Berg HOOGSTRATEN 03 315 75 31 | Sanik GEEL 014 58 86 70 | AquaVision BEERSE 014 35 91 71 | Fonne Smeulders KALMTHOUT 03 62 01 620 | Wida MELSELE 03 336 54 94 | Reborn Wellness SCHOTEN 03 685 44 50 | LIMBURG: ‘t Hoveniertje WELLEN 012 74 53 60 | Schrauwen GENK 089 30 86 20 | Varey LOMMEL 011 54 43 69 | Sleurs & Vangompel BOCHOLT 089 46 56 00 | Knapen DIEST 013 35 52 20 | WEST-VLAANDEREN: Spa-Wellness ZWEVEGEM 0477 59 58 13 | Ovalco OOSTKAMP 050 82 75 86 | Esento KNOKKE 050 62 83 42 | Delaere IZEGEM 051 30 11 82 | ’t Rozenrijk GISTEL 059 27 61 84 | Florisan VEURNE 058 31 53 15 | Vanderhaeghe IEPER 057 21 37 23 | Vermeersch KORTEMARK 051 57 52 08 | Lamo Ruiselede 051 68 75 13 | OOST-VLAANDEREN: Aquatropic MALDEGEM 050 71 93 92 | Aquazure NINOVE 054 50 01 69 | Het Buitenhuis DENDERMONDE 052 25 61 16 | Wellness Decor KRUISHOUTEM 09 383 70 83 | Esento BRAKEL 055 42 76 08 | Esento GENT 055 42 76 08 | Vepa ZELZATE 09 345 56 25 | Van Poucke Zottegem 09 360 16 91 | VLAAMS-BRABANT: Van Poucke LENNIK 02 582 35 03 | L’air et l’eau BEGIJNENDIJK 016 41 42 66 | Ventimec LEUVEN 016 23 39 74 | Pool+ HAACHT 016 85 09 55 | Running Mate KAMPENHOUT 016 65 05 86

UMME EN

R

Surf naar www.healthmate.be voor de verschillende toepassingen, getuigenissen, wetenschappelijke studies en het volledige dealeroverzicht. Bel 03 295 50 25 voor een gratis proefsessie.

Worldleader in the Infrared Sauna Industry since 1979

D

Ervaar het pijnverlichtend effect* van een Health Mate® infraroodcabine. Doe de test in onze proefruimte.


advertentie

Heilzaam relaxen bij je thuis met een Health Mate® infraroodcabine Een Health Mate® infraroodsessie kan bijzonder heilzaam zijn bij tal van ongemakken: Verbetert je algemene conditie Verzacht spier- en gewrichtspijnen Verlicht nek- en rugklachten Vermindert hoofdpijn en verjaagt stress Verdrijft afvalstoffen uit je lichaam Verlicht astma en bronchitis Verbrandt calorieën Vermindert cellulitis Een klassieke sauna kan deugd doen, maar is lang niet zo efficiënt als een infraroodcabine van Health Mate®. De temperatuur in een Health Mate® infraroodcabine is comfortabel en het effect is groter omdat de infraroodstralen direct op je lichaam

inwerken. Je verliest niet alleen gifstoffen maar je verbrandt ook calorieën. Je lichaam komt tot rust, je spieren ontspannen en al na één beurt voel je je herboren. Geen wonder dat ook topsporters er graag gebruik van maken.

Verbetert de bloeddoorstroming Verhelpt diverse huidproblemen Verbetert je algemene weerstand Vergroot je immuniteit Opgelet: raadpleeg steeds je (huis)arts als je een infraroodcabine om medische redenen wilt gebruiken.

“Zeg nooit gewoon ‘sauna’ tegen een Health Mate®!” Dat een regelmatige infraroodbeurt heilzaam is, wist je al. Maar dat er een hemelsbreed verschil is tussen merken en types, wist je misschien niet. Daarom, àls je voor een infraroodcabine gaat, kies dan voor de enige, echte Health Mate®. • Uniek aan een Health Mate® is het gepatenteerd M-type incoloy stralingselement, met een veilige golflengte van precies 7.080 Nm. Een bereik dat veel hoger ligt dan dat van andere stralingselementen. • De Health Mate® cabines zijn gemaakt van Western red Cedar.

Een mooi, geurig hout met een natuurlijk oliegehalte waardoor het perfect weerstaat aan zweet. Bovendien weerkaatst dit hout de infraroodstraling. Het blijft ook vormvast bij grote vocht- en temperatuurverschillen. • Health Mate® heeft meer dan 30 jaar ervaring en biedt levenslange garantie (behalve op de radio/cdspeler). • De nieuwste cabines hebben extra stralingselementen ter hoogte van de lage rug én vloerverwarming, voor nog meer comfort.

Meer info? Surf naar www.healthmate.be of bel ons voor een brochure: 03 295 50 25

• Health Mate® is het enige merk dat in haar gamma een cabine met zitbanken op twee niveaus heeft en een cabine voor mindervaliden. • Elke cabine heeft standaard een Blaupunkt radio/cd-speler en een sterrenhemel voor kleurentherapie. • Health Mate® is het enige merk dat het FSC-certificaat kan voorleggen.

Worldleader in the Infrared Sauna Industry since 1979


gezond

Een glaasje drinken – en meer dan een ook – wordt door de meeste mensen als gezellig en normaal beschouwd. Maar is alcohol wel zo onschuldig? Welke gezondheidsrisico’s loopt u als u regelmatig te diep in het glas kijkt? En hoe diep moet u daarvoor kijken?

Op uw gezond A

Verslaafd? De zogenaamde CAGE-vragenlijst van de Amerikaanse arts dr. John Ewing wordt vaak gebruikt om alcoholverslaving op te sporen. Antwoordt u op 2 vragen met ja, dan bent u vermoedelijk alcoholverslaafd. » Hebt u al ooit het gevoel gehad dat u minder zou moeten drinken? » Hebt u zich al ooit gestoord aan kritiek van uw omgeving op uw drinkgewoonten? » Voelde u zich ooit al schuldig over uw drankgebruik of de gevolgen ervan? » Dronk u ooit al ’s morgens alcohol om rustiger te worden of om een kater te bestrijden?

lcohol is een sociaal aanvaarde drug. ‘De Food and Drug Administration (FDA), de Amerikaanse overheidsinstantie die onder meer voedingsproducten keurt, zou alcoholische dranken vandaag nooit op de markt toelaten’, zegt prof. dr. Peter Michielsen, adjunct-diensthoofd gastro-enterologie hepatologie. Algemeen wordt aangenomen dat de veilige grens voor alcoholgebruik voor een gezonde persoon ligt op 21 glazen per week voor een man en 14 voor een vrouw, met een maximum van respectievelijk vier of twee glazen per dag en met minstens twee alcoholvrije dagen per week. Met een glas wordt een standaard consumptie bedoeld, bijvoorbeeld één glas bier of een klein glaasje jenever. Naar schatting 560.000 Belgen overschrijden regelmatig die grens. Daarmee zien ze het risico op allerlei medische problemen toenemen. Maar om welke problemen gaat het?  Kapotte lever  Leverspecialisten danken zowat de helft van hun werk aan alcohol­gebruik, schat Michielsen. Alcohol wordt immers grotendeels afgebroken in de lever. Drinken mensen lange tijd te veel, dan kan de lever beschadigd raken. Mogelijke gevolgen van overdreven alcohol­ gebruik zijn lever­vervetting, leverontsteking, levercirrose en leverkanker.

info 032

Eén derde van de levertransplantaties in Europa zijn een gevolg van alcoholmisbruik. Van alle zware drinkers krijgt naar schatting 6% levercirrose. Of je al dan niet prijs hebt, hangt af van genetische factoren maar ook van wat voor drinker je bent. Veel soorten alcohol drinken, drinken buiten de maaltijd en dagelijks drinken verhogen bijvoorbeeld het risico. Hetzelfde geldt voor een vette voeding. ‘Het verraderlijke is dat symptomen als een gelige gelaatskleur meestal pas optreden als de lever al sterk beschadigd is’, aldus Michielsen.  Kanker  Drinken verhoogt rechtstreeks of onrechtstreeks het risico op keel-, slokdarm-, lever-, pancreas- en darmkanker. ‘Niet iedereen die stevig drinkt, krijgt kanker’, zegt prof. dr. Marc Peeters, diensthoofd oncologie. ‘Maar je hoeft ook geen alcoholist te zijn om je risico te vergroten. Drink je regelmatig meer dan het aanbevolen maximum, dan loop je meer risico. Laat ons zeggen dat alcohol een bijkomende risicofactor is, naast andere omgevings- en genetische factoren.’  Hart- en vaatziekten  Studies hebben aangetoond dat 2 tot 7 glazen alcohol per week het risico op slagaderverkalking of een hartinfarct met 40 tot 70% doen dalen. Drinkt u echter

dienst cardiologie, T 03 821 35 38, dienst gastro-enterologie hepatologie T 03 821 33 23, dienst


heid? méér dan het toegelaten maximum, dan gebeurt het omgekeerde: uw kans op hartfalen, pijn op de borst, hartritmestoornissen en een hartstilstand stijgt. Drinkt u meer dan twee glazen per dag, dan heeft u ook tot 2 keer zoveel kans op een te hoge bloeddruk. Voorts kan over-

Symptomen treden meestal pas op als de lever al sterk beschadigd is. dreven alcoholgebruik ook leiden tot een te hoog cholesterol- en triglyceridengehalte, en dus hart- en vaatziekten.  Neurologische ziekten  Te veel alcohol drinken kan de hersenen en het zenuwstelsel aantasten. Het verhoogt het risico op een beroerte en een hersenbloeding en kan – vooral bij zwaar neurologie T 03 821 34 23, dienst oncologie, T 03 821 32 50

misbruik – ook leiden tot een epilepsieaanval of een pijnlijke zenuwontsteking. Alcoholici kunnen alcoholdementie krijgen, vaak mee veroorzaakt door hun eenzijdige voeding en bijhorend vitaminetekort. Het goede nieuws is dan weer dat gematigd drinken het risico op een beroerte of dementie net verkleint.  Pancreasontsteking  Comazuipen, ook gekend als binge drinking, kan leiden tot een acute pancreasontsteking, wat geweldig pijnlijk en niet ongevaarlijk is. ‘Zo’n 20% van de patiënten ontwikkelt heel ernstige symptomen en een enkele keer is er zelfs een dodelijke afloop’, zegt prof. dr. Paul Pelckmans, diensthoofd gastro-enterologie hepatologie. Alcoholici kunnen dan weer een chronische pancreasontsteking of verkalkingen in de pancreas ontwikkelen.  Maagklachten Het is geen geheim dat overdreven alcoholgebruik kan leiden tot maagklachten en braken. Gaat iemand echt zwaar over de schreef, dan kan hij zelfs bloed overgeven of last krijgen van een maagontsteking.

Ontwennen kan vaak ambulant Naar schatting 6% van de Belgen is alcoholverslaafd. Voor een stuk is die afhankelijkheid genetisch bepaald, al spelen ook omgevingsfactoren een rol. ‘Amper een op tien laat zich voor zijn verslaving behandelen’, zegt psychiater prof. dr. Geert Dom, verbonden aan de Universiteit Antwerpen (CAPRI) en hoofdgeneesheer van het psychiatrisch centrum Broeders Alexianen in Boechout. ‘Daarin schuilt een grote uitdaging voor de huisartsen. Een behandeling bestaat meestal uit een combinatie van gedragstherapie, medicatie en, indien nodig, een behandeling van bijkomende psychiatrische problemen zoals depressie of een angststoornis. Zowat een derde van de alcoholici heeft namelijk ook een ernstig psychiatrisch probleem.’ Twee derden van wie zich laat behandelen, is nadien van zijn verslaving verlost of kan er op zijn minst beter mee omgaan. Meestal kan de behandeling ambulant gebeuren. Kampt u met een alcoholverslaving, dan kunt u hulp zoeken via uw huisarts, een centrum voor geestelijke gezondheidszorg of bij een therapeut. maguza 033


zorG

weer NAAr huiS? Ontslagen worden uit het ziekenhuis gaat voor sommige patiënten met veel kopzorgen gepaard. Want wat als je het thuis niet meer alleen redt en er geen pasklaar alternatief is? De dienst patiëntenbegeleiding zet voor die mensen alles op alles om een goede oplossing te vinden.

B

ij het ontslag van een patiënt zijn heel wat mensen betrokken: arts, verpleegkundige, kinesitherapeut, ergotherapeut, logopedist, diëtist en psycholoog werken vaak al lang op voorhand naar het ontslagmoment toe, door de patiënt te informeren en klaar te stomen voor de dag dat hij het ziekenhuis verlaat. Daarnaast zijn een aantal ziekenhuismedewerkers heel specifiek met ontslagmanagement bezig. De maat-

Patrick Gillis, verpleegkundige-transfercoördinator, Kelly Beterams, maatschappelijk werker en Ken Verheyden, maatschappelijk werker-transfercoördinator. 034

iNfo

patiëntenbegeleiding, T 03 821 37 00

schappelijk werker begeleidt de patient als hij na zijn opname nood heeft aan thuiszorg of als hij naar een instelling moet. Verder heeft het UZA twee transfercoördinatoren: Patrick Gillis, verpleegkundige-transfercoördinator, en Ken Verheyden, maatschappelijk werker-transfer coördinator. wat doen jullie als transfercoördinator voor de patiënt? Gillis: ‘Wij proberen de overgang naar de thuissituatie of een ander centrum vlotter te laten verlopen, vooral voor patiënten die in een complexe situatie zitten. Denk maar aan een oudere dame die voordien al nauwelijks zelfredzaam was, een lelijke val maakt en tijdens de opname ook verward blijkt. Zo’n patiënt stuur je niet gewoon naar huis. Op dat moment contacteer ik de juiste zorgverleners, zowel in als buiten het UZA, en speel een coördinerende rol, altijd in nauw overleg met de maatschappelijk werker. Welke


middelen zijn nodig voor die patiënt? Wie moeten we allemaal inschakelen? Soms nodig ik de thuisverpleegkundige hier uit om te tonen hoe ze een patiënt moet verzorgen. Als transfercoördinator ben ik de figuur op de achtergrond bij wie alle draden samenkomen. De maatschappelijk werkers zijn daarbij mijn ogen en oren in het ziekenhuis. Vaak zijn zij het die signaleren dat een patiënt extra begeleiding nodig heeft. ’ Verheyden: ‘Ik richt mij niet op de individuele patiënt, maar werk meer op lange termijn. Zo leg ik contacten met allerlei externe partners om tot

Voor bepaalde patiënten ­vinden we heel moeilijk plaats in een revalidatie­ centrum.  Hoe lossen jullie zoiets op?  Gillis: ‘Soms krijg je instellingen over de brug door heel concreet te bekijken wat het probleem is en mee te

de maatschappelijk werker, terwijl ik mee de praktische kant ondersteun. Wat wil de patiënt zelf? Kunnen we bijkomende zorg aan huis organiseren? Zijn er eventueel familieleden of vrienden die kunnen helpen? Wat zijn de financiële mogelijkheden? Dat proces duurt soms weken en de aanvaarding van de nieuwe situatie is minstens even belangrijk als de praktische ondersteuning.’ Beterams: ‘Voor patiënten en hun familie is het ook niet altijd gemakkelijk om onze begeleiding te aanvaarden. Ze moeten al met een ziekte of beperking leren leven, en dan komen wij ook

Ontslagvoorbereiding een betere samenwerking te komen: woon- en zorgcentra, revalidatiecentra, thuiszorgdiensten, mutualiteiten, palliatieve netwerken  … Knelpunten signaleer ik aan de ziekenhuisdirectie, waarna we tot een oplossing proberen te komen.’  Wat zijn typische knelpunten?   Verheyden: ‘Voor bepaalde patiënten vinden we maar heel moeilijk plaats in een revalidatiecentrum. Bijvoorbeeld dialysepatiënten of mensen die beademing nodig hebben. Als die na een ongeval of een operatie moeten revalideren, is dat niet vanzelfsprekend. Kelly Beterams, maatschappe­ lijk werker: ‘Ook bejaarde patiënten die niet geopereerd zijn maar die na hun opname wel tijdelijk extra hulp nodig hebben, kunnen vaak niet terecht in een revalidatiecentrum. Ook al hebben die mensen soms precies dezelfde hulp nodig als bejaarden die wel een operatie hebben gehad.’

zoeken naar een praktische oplossing. Met voorlichting raak je vaak een heel eind. Zo organiseert de UZA-directie halfjaarlijks een minisymposium voor externe zorgverleners rond een specifiek thema, bijvoorbeeld wondzorg of de verzorging van hiv-patiënten. Op dat moment geef je niet alleen informatie, je legt ook contacten.’  Ik neem aan dat zo’n ontslag-   voorbereiding soms een werk   van lange adem is?  Gillis: ‘Ja, een moeilijk ontslag regel je niet zonder slag of stoot. Stel: een patiënt lijdt aan een slepende ziekte, wordt opgenomen met nieuwe verwikkelingen en is vanaf dan bedlegerig en afhankelijk van sondevoeding en beademing. Op dat moment zit die familie met allerlei vragen en twijfels. Kunnen wij ons familielid nog wel thuis houden? Kunnen wij dat wel aan? Hoe gaan we dat praktisch bolwerken? Zoiets vergt heel wat begeleiding door

nog eens advies geven over hoe ze hun thuissituatie het best organiseren.’  Hoe slaag je erin om alle   violen gelijk te stemmen?  Gillis: ‘Dat lukt alleen door veel te communiceren. Je moet voortdurend overleggen met de zorgverleners in en buiten huis. Soms zit ik tegelijk met de familie, de maatschappelijk werker, de huisarts, de behandelende arts, de thuisverpleegkundige en de thuiszorgcoördinator aan tafel. Een ontslag regelen is vaak een puzzel. De ene keer heb je maar twee stukjes nodig, de andere keer een heleboel.’  Hebben jullie na het ontslag   nog contact met de patiënt?  Gillis: ‘Na verloop van tijd informeer ik vaak hoe het is gegaan, meestal via de thuisverpleegkundige. Zo hoor je het ook als het een keer niet goed is verlopen. Dat is niet leuk, maar je leert er uit.’

maguza 035


zorG

BiBBereN

E

en scheur in de meniscus, een hersenbloeding, een tumor, een pijnlijke wervelkolom … heel veel letsels en aandoeningen kunnen opgespoord worden dankzij een NMR-scanner. Om een scan te laten maken, moet je plaatsnemen in een smalle tunnel, vaak niet veel breder dan je schouders. Hoewel de tunnel open is aan hoofd- en voeteinde, brengt de smalle ruimte bij velen claustrofobische gevoelens teweeg.

iNfo 036

‘Op tien patiënten is er toch meestal één iemand die in meer of mindere mate angstig wordt bij het scannen,’ vertelt Eddy Van Gucht, NMR-unitverantwoordelijke in het UZA. ‘Vaak gaat het om personen die voor de eerste keer onder de scanner moeten en schrik hebben voor het onbekende, of die zich hebben laten opjagen door wilde verhalen van kennissen. Andere patiënten dragen een trauma uit het verleden mee, bij-

dienst psychiatrie T 03 821 39 38 – Vlaamse Vereniging voor Gedragstherapie: www.vvgt.be


Het zal je maar overkomen: je moet voor een onderzoek onder de NMR-scanner

in de buis

en wordt in de smalle tunnel overmand door angst. Waar komt die paniek eigenlijk vandaan? En wat gebeurt er als een angstaanval zo groot is dat het onderzoek

‘Zelfs speleo­ logen raken wel eens in paniek’

niet kan plaatsvinden?

voorbeeld dat ze eens vastzaten in een lift of een autowrak. We kregen zelfs ooit een speleoloog met een paniekaanval over de vloer. Nochtans kroop die man vaak door nauwe, donkere spleten onder de grond. En dan zijn er nog de mensen met claustrofobie en andere fobieën. Met andere woorden, het kan iedereen overkomen.’  Binnen enkele   seconden bevrijd  Op welke manier kunnen dokters en verplegend personeel een patiënt met een angstaanval overtuigen de scan toch te laten uitvoeren? ‘Bij de meesten zijn bemoedigende woorden al voldoende. Uiteindelijk kan er ook niets ergs gebeuren. Een NMR-scan is ongevaarlijk als hij volgens de veiligheidsregels wordt uitgevoerd, en de straling heeft geen schadelijke effecten. Tijdens de scan zien wij het gezicht van de patiënt op een tv-scherm en via een intercomsysteem kunnen we ook met hem praten. Ook de aanwezigheid van een familielid werkt meestal kalmerend. Krijgt iemand toch een paniekaanval, dan kan hij op een alarmknop drukken en bevrijden we hem binnen enkele seconden.’ Soms zijn bemoedigende woorden echter niet voldoende. ‘Maar we zullen

een patiënt nooit verplichten,’ gaat Van Gucht verder. ‘Dat heeft trouwens geen zin, want iemand die panikeert, blijft niet perfect stil liggen. Is de angstaanval té erg, dan beginnen we er gewoon niet aan. Op dat moment zal de behandelende arts moeten uitmaken wat de beste oplossing is voor zijn patiënt. Hij kan eventueel een kalmeringsmiddel voorschrijven, of samen met de patiënt beslissen om de scan onder lichte narcose te laten uitvoeren. Elke week

Meestal zijn bemoedigende woorden al voldoende. voorzien we op de afdeling radiologie een halve dag om scans te nemen onder gehele verdoving. Een groot deel van die patiënten zijn kinderen, omdat die zich hoe dan ook moeilijk twintig minuten kunnen stilhouden, maar het kan evengoed met patiënten met claustrofobie. Al blijft een oplossing op lange termijn nog altijd dat die persoon zijn angst zelf leert beheersen.’

 Gedragstherapie   als oplossing  Dat brengt ons bij Filip Van Den Eede, waarnemend medisch coördinator van de dienst psychiatrie in het UZA. ‘Om een angst als claustrofobie op een duurzame manier aan te pakken, raden we gedragstherapie aan. In essentie bestaat die behandeling uit een geleidelijke blootstelling aan de gevreesde situatie onder leiding van de therapeut. Op die manier dooft de angstreactie uit. Dat hoeft heus geen jarenlange therapie te zijn. Enkele sessies volstaan meestal.’ Adressen van erkende gedragstherapeuten vindt u op de website van de Vlaamse Vereniging voor Gedragstherapie (www.vvgt.be). Van Den Eede benadrukt het belang van een goede opvang door familie en kennissen. ‘Veel patiënten schamen zich voor hun fobie. Daarom is het ontzettend belangrijk dat hun familie begrip toont en de angst niet te snel wegwuift. Voor de naasten kan het nuttig zijn om informatie over angsten op te zoeken, zodat ze oorzaken en symptomen beter kunnen kaderen. Wat ook kan helpen, is op voorhand al eens met de patiënt komen kijken hoe een scansessie eraan toegaat.’

maguza 037


zorG Artsen en artsen in opleiding dragen een witte jas met knoopjes vooraan.

Verpleegkundigen en zorgkundigen herkent u aan het witte pak met rode bies. Ook kinesisten en ergotherapeuten dragen dit pak.

Onderhoudspersoneel is uitgedost in het grijs.

Artsen, verpleegkundigen, paramedici, technisch personeel … in een ziekenhuis ziet u veel volk passeren. In een opleidingsziekenhuis als het UZA komen daar ook nog eens studenten bovenop. Een overzicht.

wie iS wie?

… iN het ziekeN

Artsen en artsen in opleiding U wordt tijdens uw opname behandeld door een aantal artsen, deels stafleden van het ziekenhuis, deels specialisten die nog in opleiding zijn. Aangezien het UZA een opleidingsziekenhuis is, krijgt u daarnaast soms ook studenten geneeskunde aan uw bed. Artsen en artsen in opleiding herkent u aan hun witte jas. Iedereen draagt ook een badge met daarop naam en functie. Bovendien is het de bedoeling dat iedereen zich voorstelt bij het eerste contact. ‘Patiënten worden in principe elke dag gezien door een arts,’ zegt prof. dr. Paul Van Schil. ‘Studenten 038

worden wel betrokken in de behandeling van de patiënten, maar nemen nooit beslissingen. De patiënten hebben eigenlijk heel veel begrip voor hun aanwezigheid. En voor ons, artsen, zijn ze een grote hulp.’ verpleegkundigen en zorgkundigen Verpleegkundigen en zorgkundigen dragen allemaal een wit pak met een rood biesje. Op het eerste gezicht zijn ze dus niet van elkaar te onderscheiden, maar ze hebben wel hun eigen taken. ‘Zorgkundigen ondersteunen de verpleging, bijvoorbeeld door de

mensen te wassen en te helpen met het eten,’ vertelt hoofdverpleegkundige Vera Nauwelaers. ‘Zorgkundigen mogen geen verpleegkundige taken uitvoeren. Daardoor kunnen ze niet altijd op een vraag van een patiënt ingaan, zoals een leeg infuus vervangen bijvoorbeeld. Ze kunnen natuurlijk wel een verpleegkundige roepen.’ Ook verpleegkundigen en zorgkundigen dragen een badge. ‘Patiënten mogen natuurlijk altijd vragen met wie ze te maken hebben. Dat doe ik ook als ik iemand tegenkom die ik niet ken.’ Ook studenten verpleegkunde en zorgkunde lopen vaak stage in het UZA.


columN

In het operatiekwartier dragen chirurgen en ander personeel een donkerblauw pak.

dAt het Niet helPt, hout vASthoudeN

t

egen vriendinnen die klaagden over hun lastige pubers had ik nog net gezegd dat het bij mij thuis

wel meeviel. Dat ik gestopt was met mijn hart vast te houden. Dat zat namelijk in een houdgreep sinds de dertiende

verjaardag van mijn oudste. Maar intussen we zijn drie jaar verder, en het was nergens voor nodig gebleken. Zelfs

zoon twee werd een vrolijke veertienjarige. Het leven is nooit rustiger geweest.

Dus dat had ik niet zonder trots verteld aan mijn vrien-

Annemie Peeters is radiojournaliste en columnist, maar ook mama, partner, dochter, vriendin. Met twee voeten stevig in het leven heeft ze het in haar column over gezondheid, ziekte, lief en leed.

dinnen. Waarop zij lachend hadden geroepen ‘afkloppen Annemie!’, wat ik ook effectief had gedaan. Op spaanderplaat weliswaar – we zaten in mijn Ikea-keuken.

Maar het helpt dus niet. Mijn vriendinnen hadden hun

hielen nog niet gelicht of zoon zei: ‘Ik ga hem niet meer dragen’. Zoon van 14, terwijl hij zijn fietshelm afzette.

Ostentatief. Als om te zeggen: ‘dit was de laatste keer en

ik geef het moment dus enig gewicht’. Hij hing de helm ook niet aan de kapstok, waar hij altijd hangt.

Nu ben ik redelijk ruimdenkend. Ik wil met pubers pra-

ten over sluitingsuren (van het huis), en bedtijd (multiple choice) en ook over condooms hoeven er geen taboes te heersen. Maar waar NIET over te redetwisten valt, is de

fietshelm. Ze dragen hem vanaf hun eerste ritten op de fiets. En ze houden hem op, toch tot ze meerderjarig zijn.

huiS

Voor oudste zoon is dat geen probleem: hij is naast

puber ook wielrenner, en de helm ziet hij als een ver-

uitwendiging van zijn passie. Een statement. Maar de

jongste is anders en als hij al een statement nodig heeft, dan zeker geen helm. ‘Niemand op school draagt er één’, mopperde hij.

‘Dan zijn dat stomme ouders’, affronteerde ik veel

Ander personeel » Ook paramedische beroepen zoals kinesisten, diëtisten enzovoort zijn actief in het ziekenhuis. Kinesisten en ergotherapeuten dragen meestal hetzelfde witte pak met rode bies als de verpleegkundigen. Diëtisten en logopedisten hebben dan weer een witte jas, die een beetje op een doktersjas lijkt. » Onderhoudspersoneel heeft een grijs pak met een rood biesje. » Daarnaast kunt u ook in contact komen met administratief personeel, medewerkers van patiëntentransport, technische onderhoudsmedewerkers, en wie weet zelfs een reporter van MagUZA …

mama’s met wie ik op ouderavonden nochtans goed over-

eenkom. Maar ik meen het wel. Niet van dat stom. Wel dat de helm moet. Hoe vaak is het geen opener van het

nieuws: kind op weg naar school doodgereden? Je hebt

ouders die de angst daarvoor omzeilen door hun kroost met de wagen te brengen. Maar dàt lijkt me pas ongezond. Dus mogen de mijne fietsen. Mét een helm.

We hebben het opgelost door zoon zelf een nieuwe

helm te laten kiezen. De ouwe was misschien wat kinder-

achtig, daar had hij een punt. Hij koos een héle coole. Hij kostte 175 euro. Daar moest ik even bij slikken. Maar hij zet ‘m wel op. En qua prijs voor een kinderleven vind ik het nog wel meevallen.

Annemie maguza 039


advertentie

advertentie

ThyssenKrupp Monolift Comfort voor nu en later Trapliften

SPectrumleziNGeNreekS Deze lezingenreeks wordt georganiseerd door ActUA vzw (Actie Universiteit Antwerpen). Het uitgebreid programma vindt u ook op www.ua.ac.be/ActUA di 5/04/2011 Verzekeringen, een uitgesteld geluk? Prof. dr. Rene Dhondt, UA / TEW dept. Accounting en financiering

Platformliften

Dhr. Jean Paul Servais, dir. Hoofd v/d toezichthouder CBFA Centrale Bank Financiën en Assuratiewezen Het bankgeheim overleeft 2011 niet … Prof. dr. Luc De Broe, Instituut voor Fiscaal Recht, K.U.Leuven

do 14/04/2011 ‘Beleggen in een snel veranderende wereld’ De heer Werner Wuyts, Hoofd studiedienst Effectenbank Dierckx & Leys “Beleggen, het aangename & het nuttige” De heer Paul Huybrechts, Voorzitter Vlaamse Federatie van Beleggingsclubs en Beleggers

do 19/05/2011 Europa en Internationale Financiële Politiek: het spel van de knikkers! Prof. dr. Dirk De Bièvre, UA / Fac. PSW, Departement Politieke Wetenschappen, Europese en internationale politiek De staatsschuld anders financieren – allen richting Rue Quincampoix … Prof. dr. Eric De Keuleneer, Solvay Brussels School (ULB), Gedelegeerd Bestuurder Centraal Bureau voor Hypothecair Krediet (CREDIBE NV)

do 28/04/2011 Van beursgenoteerde aandelen en bescherming van de consument Controle op de financiële instellingen

Inschrijven kan voor alle lezingen en activiteiten via secretariaat ActUA, Tel. 03 265 34 22, e-mail: actua@ua.ac.be of via www.ua.ac.be/ActUA

advertentie

Huisliften

© www.marcscheepers.be

SteuN het uzAmeceNAAtSfoNdS

Meer info?

BEL 0800 94 365 GRATIS www.thyssenkruppmonolift.be Wij adviseren u de ideale oplossing, geheel vrijblijvend!

Klinisch wetenschappelijk onderzoek en ontwikkeling van nieuwe behandelingsmethoden zijn een essentiële opdracht van het UZA. Om dat wetenschappelijk onderzoek en zijn klinische toepassingen te ondersteunen, werd het mecenaatsfonds opgericht. Zowel bedrijven als particulieren kunnen giften of legaten overmaken aan het fonds, hetzij op naam, hetzij toegewezen aan een specifiek onderzoeksdomein. De giften kunnen worden gestort op rekening 001-0893155-55 van het UZA met vermelding mecenaatsfonds.


witjAS

Ouders met een kindje op intensieve neonatale zorg hebben het vaak behoorlijk zwaar. De GA-verpleegkundige kan op dat moment een rots in de branding zijn.

vertrouwd gezicht in onzekere tijden

Anne De Ba c GA-verpleeg ker, kundige

w

anneer krijgen we de arts te

bijna twintig jaar verpleegkundige

tot vertrouwenspersoon. Al is ze

zoek afgelast? Weet die nieuwe

verpleegkundige is de afkorting van Globale-Aandachtsverpleegkundige. Maar de naam zegt ook: ik ga deze weg met jullie mee.’ De GA-verpleegkundige neemt één kindje en zijn ouders specifiek onder zijn of haar vleugels. Hij of zij neemt de zorg voor het kind zoveel mogelijk op zich, waakt over de kwaliteit van zorg, is vast aanspreekpunt voor ouders en zorgverleners en woont gesprekken met de arts bij. Daardoor is er meer continuïteit en herwinnen ouders een gevoel van controle. Concreet wordt in een aantal specifieke situaties een GA-verpleegkundige aangesteld. Bijvoorbeeld als een baby na minder dan 29 weken zwangerschap wordt geboren, als er zware medische problemen zijn of als de ouders in een sociaal zwakke positie zitten. Doorgaans is er GAbegeleiding voor zowat de helft van de kinderen op de afdeling.

nemen twee deeltijds werkende ver-

zien? Waarom is dat onder-

verpleegkundige wel hoe ons kindje graag zijn flesje drinkt? Ouders van

een prematuur kindje zitten vaak met allerlei praktische vragen. Dat

ze in de loop van de opname heel wat wisselende gezichten zien, kan voor onzekerheid zorgen. ‘Om de

stress bij ouders te verminderen, riepen we dik vijf jaar geleden de

functie van GA-verpleegkundige in het leven’, zegt Anne De Backer,

op intensieve neonatale zorg. ‘GA-

‘Niet samen naar de zoo’ De GA-verpleegkundige is voor de

ouders een houvast tijdens de vol-

ledige opname en groeit vaak uit

er natuurlijk niet elke dag. Soms pleegkundigen

de

GA-begeleiding

samen op zich. Zeker als het niet goed gaat met een kindje, heeft een GA-verpleegkundige het vaak extra

zwaar. En ook de ouders vragen soms veel aandacht. Dat maakt de

functie niet altijd even gemakkelijk.

‘Als het allemaal wat te veel wordt, mogen we een time-out vragen’, zegt Anne.

Als een kindje verschillende maan-

den op de afdeling ligt, groeit er vaak

een band tussen de verpleegkun-

dige en het gezin. Anne: ‘Dat is fijn, maar ik hou toch bewust afstand. Als

ouders nadien nog af en toe willen

mailen, is dat oké, maar ik ga niet

mee naar de zoo. Ik wil mijn werk niet mee naar huis nemen.’

Het werk op de afdeling heeft haar

gesterkt, vertelt ze. ‘Het heeft mij

geleerd te relativeren. Als ik beloofd heb om naar het voetbal van mijn

zoon te gaan kijken, en het regent

die dag pijpenstelen, dan denk ik wat zouden sommige ouders er niet voor geven om hun kindje te zien voetballen?’ maguza 041


Puzzel

Puzzel & wiN! 1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

15

16

1 2 3 4

1

5

4

6

7

7 8 9

8

10

5

11 12

6

12 13 14 15 16

3

13 14

argentum – regenzeiltje – plantaardige kleurstof knaagdier – dunne plank – aansporing – Chinese maat loofboom – bezittelijk voornaamw. – wit miskleed – muzieknoot bloedkanaal – kinderdoek – chemisch element lekkere smaak – tijdmaat

15 16

verticaal 1 soort geneesmiddel 2 askruik – grassoort – Turks bevelhebber – muzieknoot 3 idem – recht stuk van een rivier – voorval – telwoord 4 Afrikaans land – intelligent – zeer 5 bijbelse hogepriester – vrieswater – glazen klok 6 mensensoort – openbaar vervoer – speelgoed – achter – luitenant 7 balletrokje – geneeswijze d.m.v. naalden 8 sint – West-Vlaamse stad – inhoud – welke persoon 9 tuinkruid – zover als – Oude Testament – meetstok 10 kelner – rhodium – grote papegaai – Indisch gewaad 11 moerasvogel – deel van een hospitaal 12 verdwijn! – haarkleur – slede – binnen – verborgen microfoon 13 contra – vriend (Fr.) – drugshandelaar 14 soort spade – titanium – uitroep van pijn 15 infiltrant – gezichtsorgaan – honingschijf – plaaggeest 16 verdoving d.m.v. ruggenprik (voor pijnloze bevalling) – giftige stof

2 1

2

3

4

5

6

7

8

horizontaal 1 dokter – seksueel hoogtepunt 2 regelmaat – snelweg – doodmoe 3 radon – broedplaats – opstootje – koord (Mal.) 4 zangvogel – melkklier – koraalbank 5 opgeld – kluitenbreker – op die wijze – stuiver 6 zwaardwalvis – verstuiver 7 natrium – scheepszijde – cerium – helium – heel groot 8 sprakeloos – sprint – Turks vaartuig 9 hooivork – boven – gekleurde aarde – lof 10 een injectie toedienen – binnenkort 11 aardappel – nomen nescio – werelddeel – a tempo 1

doe mee eN wiN! Heb je het letterwoord ontdekt? Mail het dan voor 10 mei 2011 naar maguza@uza.be of stuur een briefkaart naar Maguza, UZA – afdeling Communicatie, Wilrijkstraat 10, 2650 Edegem en maak kans op één van de vijf Vivaboxes-cadeaubonnen.

k A 3 r 4 N 5 e 6 m 7 e 8 l 9 k 1

2

10 11 12 13 14 15 16

042

v A c c i N

2

3

4

5

o l i e l om i mA e v e l e r 2 A l G l o G e d P u o P r o l m 8 r o e d m e r A B o 9 r e P e m A f e u S

6

7

8

9

10

11

12

k c h r o N A A r d e P 10 r G e S t A e mm e r P N e u m1 o l o d G m e A f A B t P e B r o e m l A S S l i r e e A v r o uw G i t4 e ij z7 e S d o N A l e o z o t e r o o k m i N d f u l

13

14

15

16

i S c h 3 A N t y e r G c l i o G i e 5 l o e N e d e o d e o r P k e A A r e N l N c G S r 6 e l o e e v A N e S S

oPloSSiNG mAGuzA 83 MANTELZORG – Nicole Bousmans (Beveren-Waes), Gerda Claes (Beveren), Dirk Franckaert (Dendermonde), Julien Ronsse (Antwerpen), M. Van Peborgh (Antwerpen) winnen elk een Vivaboxcadeaubon. De winnaars krijgen hun Vivabox-cadeaubon binnenkort in de bus!


onvergetelijk

info

UZA-medewerkers over een patiënt of moment om nooit te vergeten.

tot uw dienst Nuttige Telefoonnummers » algemeen nummer UZA: T 03 821 30 00 » onthaal en opname: T 03 821 31 01 » patiëntenbegeleiding: T 03 821 37 00 (maatschappelijk werk, ­ vrijwilligers, intercultureel bemiddelaar, transfer­coördinator, ­levenbeschouwelijke begeleiding, tolken en tolken Vlaamse gebarentaal) » ombudsdienst: T 03 821 31 60 » inlichtingen facturen: T 03 821 31 28 » mobiele medische urgentiegroep: T 03 821 38 06 » school in het UZA: T 03 821 58 86 Kinderopvang De Speelvogel In de kinderopvang zijn kinderen van patiënten en bezoekers van harte welkom. U vindt De Speelvogel in de rechtervleugel op het gelijkvloers. Pijlen vanop de parking wijzen de weg. Meer info: T 03 821 38 87 Gastenkamers Ter Weyde Wilt u in de buurt van het ziekenhuis overnachten, dan kunt u terecht in onthaaltehuis Ter Weyde. Vrijwilligers bieden er een eenvoudig maar warm onthaal aan een billijke prijs. Ter Weyde bevindt zich op 200 meter van het UZA (Edegemsesteenweg 240, 2610 Wilrijk). Voor meer info: T 03 440 48 18. Let op: Ter Weyde zal gesloten zijn tussen 01/09/2010 en 06/12/2010 wegens verbouwingen. Winkelgalerij In de inkomhal vindt u: » de cafetaria, in de week open van 8.30 tot 20 uur en in het weekend van 12 tot 20 uur » een broodjeszaak, in de week open van 9.30 tot 14.30 uur » enkele shops (bloemen, ­geschenken, voeding, lectuur enz.) in de week open van 8 tot 20 uur, zaterdag van 10 tot 19 uur, zondag van 13.30 tot 19 uur » een bankautomaat Restaurant Het restaurant vindt u op -1 op het einde van de bezoekersgang. Het is elke dag open van 12 tot 14 uur.

Intercultureel bemiddelaar Naïma Alou Issa zal nooit die patiënt vergeten die

op zijn 27e door een hersentumor werd getroffen. ‘Ik ben nog altijd blij dat hij echt afscheid heeft kunnen nemen.’

Een zoon thuisgebracht ‘Dertien jaar geleden bood een patiënt zich in het ziekenhuis aan met hoofdpijn. Hij bleek een hersentumor te hebben.

Zijn vrouw was 21 jaar en hoogzwanger. Ze sprak alleen Arabisch. In eerste

instantie wilde hij niet dat zij wist hoe

ziek hij was. Onder meer daarom werd

ik erbij betrokken. Hij was een van mijn eerste patiënten. Uiteindelijk hebben we hem kunnen overtuigen om zijn vrouw

op de hoogte te brengen. Toen zijn vrouw moest bevallen, was hij te ziek

om erbij te zijn. Ik heb haar dan bijgestaan, wat erg emotioneel was voor alle

betrokkenen. Het was een hele intelligente man, die alles zelf in handen wilde

houden. Maar beetje bij beetje heeft hij de dingen aan ons overgegeven.’

‘Toen hij voelde dat het slechter ging,

kwam hij bij mij aankloppen. Hij wilde

terug naar zijn ouders in Marokko, maar

colofon Maguza – driemaandelijks tijdschrift van het Universitair Ziekenhuis Antwerpen – jaargang 23, april 2011 – Redactieadres: UZA, afdeling Communicatie, Wilrijkstraat 10, 2650 Edegem, communicatie@uza.be – Verantwoordelijke uitgever: Johnny Van der Straeten – Hoofdredacteur: Ann Segers – Redactiesecretariaat: Françoise Lippevelt – Redactieraad: Patrick Cras, Annick Deckers, Glen De Cock, Anneleen De Vos, Marc Peeters, Geert Roeyen, Ann Segers, Elke Smits, Kris Thieren, Paul Van Aken, Miranda Van De Wiele – Redactie & realisatie: Jansen & J­anssen Uitgeverij, www.jaja.be – Fotografie: Eric De Mildt, Jan Locus, iStock Photography – Illustratie p. 16: Debora Lauwers – Kruiswoordraadsel: Freddy Roegiest – Reclameregie: Little Joe, www.littlejoe.be – De inhoud van de advertenties valt niet onder de redactionele verantwoordelijkheid van het UZA

wist niet hoe hij dat moest organiseren, ziek als hij was en bovendien met zo’n

klein baby’tje. Ik ben nog altijd heel blij dat het ziekenhuis er geen probleem

mee had dat ik dat gezin in mijn vrije

tijd begeleidde tot in Marokko. Het was heel emotioneel. Hij was daar vertrokken als een sterke, jonge man vol leven

en kwam doodziek terug. Na enkele weken is hij daar overleden. Met de

familie heb ik nog altijd contact. Zijn

moeder koestert het feit dat ze die laat-

ste dagen zelf voor hem heeft kunnen zorgen. Het was heel triest, maar tegelijk ook heel mooi om iemands laatste wens te kunnen helpen vervullen.’

 www.maguza.be  maguza 043


GeholPeN?

Jarenlang leed Roland De Backer (69) aan slaapapneu, een ademhalingsstoornis die mensen tijdens hun slaap letterlijk naar adem doet happen. Sinds hij met een aangepast toestel slaapt, voelt hij zich een ander mens.

ik slaap nu alleen nog ’s nachts A

ls

drukbezet

zaakvoerder

van een groothandel gunde

Roland zichzelf nooit de tijd om ziek te zijn. Dat hij ’s nachts behoor-

Dat is een apparaat dat lucht onder licht verhoogde druk in de neusholte blaast en zo de keel openhoudt.’

lijk snurkte en zijn echtgenote hem

Slapen met masker op de neus

leek te ademen, vond hij hoog-

zo’n masker op mijn neus te slapen,

vaak aanporde omdat hij niet meer

‘Natuurlijk was het wennen om met

uit een praktisch probleem. ‘Maar

maar als je weet dat het je gaat hel-

het werd erger en erger. Ik werd ’s morgens wakker met spierpijn en

voelde me altijd doodmoe. Langer in bed blijven hielp niet. En op de duur viel ik ook overdag in

slaap, aan

pen, zet je je daar over. En het helpt

inderdaad geweldig. Ik voel mij veel beter uitgerust dan vroeger. Overdag in slaap vallen is verleden tijd.

Intussen slaap ik al zes jaar met

mijn bureau of zelfs in de zetel bij

mijn CPAP-toestel. Jaarlijks ga ik

zomaar, ik moest dan gewoon slapen.

en om mijn toestel te laten nakijken.

mensen op bezoek. Dat overviel me Uiteindelijk zocht ik hulp in een

regionaal ziekenhuis, waar ik werd doorverwezen naar het UZA. Tij-

dens een nacht slaaponderzoek in het UZA werd vastgesteld dat ik aan

naar het UZA voor een onderzoek Ik ben heel tevreden over de begeleiding. Prof. Verbraecken is een joviaal man die luistert naar wat je te zeggen hebt.

Ik ben ook lid geworden van

een heel ernstige vorm van obstruc-

de

is

over de aandoening en nieuwe

tief

slaapapneu

een

lijd.’

Slaapapneu

ademhalingsstoornis

die

gepaard gaat met snurken. Tijdens

de slaap klapt de keelholte telkens toe, waarna de ademhaling stopt

en de patiënt, al dan niet bewust,

wakker schrikt. In Ronalds geval gebeurde dat tot zestig keer per uur.

‘Als behandeling stelde prof. Johan Verbraecken een CPAP-toestel (Con-

tinuous Positive Air Pressure) voor.

oProeP!

Vereniging

Apneu

Patiënten

(VAPA). Zo kom ik veel te weten

behandelingsmogelijkheden. Af en toe is er in mijn omgeving iemand

met dezelfde klachten als ik destijds. Dan por ik die altijd aan om zich ook te laten onderzoeken.’

iNfo Slaapcentrum, T 03 821 38 00, www.slaap-apneu.be

Hebt u ook iets bijzonders meegemaakt in het UZA? Laat het ons weten via maguza@uza.be

MagUZA 84  

Patientenmagazine van het UZA