Issuu on Google+

www.imaintain.info

07 13 tiende JAARGANG – LOSSE VERKOOPPRIJS € 16,-

iMaintain Nr. 07 - 2013

Betrouwbaarheid en risico’s in balans


inhoud 3

18 Maintenance en de gebouwde omgeving De Amstelcampus van de Hogeschool van Amsterdam moet de duurzaamste campus van Nederland worden. Geen makkelijke opdracht, gezien de diversiteit van gebouwen. De combinatie van oud en nieuw maakt het beheer uitdagend. Hoe pakt de HvA dit aan?

20 Opleiding en carrière 2013 In dit nummer extra aandacht voor de arbeidsmarkt, onder meer met een mooi voorbeeld van doorleren tijdens het werk bij NedTrain. Ook schijnen we licht op de nog steeds hoge werkloosheid in ons land en de uitzondering die de techniek vormt.

5

COMMENTAAR

6

ACTUEEL

8

ONDERHOUD OP SCHIPHOL: MIND YOUR STEP

12 WHAT’S NEXT 66 VOLGEND NUMMER

Maint

NL

Het magazine van de NVDO

27

In het eerste nummer na de vakantie trappen we af met een voorbeschouwing op het congres iMaintain Prestatiemanagement. Charles Gevers van TenneT vertelt over de voordelen van Best Value Procurement. En de MMY van 2009 toont zjin visie: ‘Eerst had ik het alleen over de juiste dingen doen op het juiste moment. Maar daar heb ik nu aan toegevoegd: met de juiste mensen.’

Prestatie-inkoop is beter nadenken over risico’s en alternatieven Verjongen voor het te laat is Onderhoud van de lange adem Contractor verbetert ook energieprestaties Rotterdamse parkeergarages Rijnlands assetmanagement benut de keten Assetmanagement geeft optimaal rendement uit rioolslibverwerking Column Frans Stokbrood ‘Je kunt niet alles uitbesteden’ De metro moet betrouwbaarder Energieneutrale brug duurzaam en snel gebouwd Verschil maken tussen klanten verhoogt serviceniveau

30 34 36 41 44 46 47 52 55 56 62

07

iMaintain 13

003_C_inhoud.indd 3

28-08-13 09:08


donderdag 28 november 2013 | De Glazen Ruimte Maarssen

Reserveer 28 november alvast in uw agenda

het NVDO Infra congres

Innovaties in infra-onderhoud 2013

november

De Nederlandse infrastructuur is onderhevig aan veranderingen. Het gebruik verandert in de loop van de tijd, net als de budgetten voor bouwen en behouden. Een ideale basis voor innovaties in infraonderhoud. Daarvoor is niet alleen nieuwe producten nodig, ook het anders inzetten van bestaande technieken zijn als innovatie te bestempelen. Innovatie is namelijk meer dan alleen een technische verbetering. Innovatie kan ook in bijvoorbeeld management plaatsvinden. De gevolgen van het op een nieuwe wijze toepassen van een bestaand product kunnen even groot zijn als de gevolgen van de introductie van het product zelf. Wat zijn de drijfveren per sector om te vernieuwen en waar is de grootste winst te halen? Gaat dat om geld, doorlooptijd, arbeid of bijvoorbeeld duurzaamheid? Tijdens het congres iMaintain INFRA op 28 november in de Glazen Ruimte in Maarssen gaan experts uit de infrasector dieper in op innovaties in infra-onderhoud.

INITIATIEFNEMERS

MEER INFORMATIE: WWW.IMAINTAIN.INFO/INFRA Congresinformatie: Hilde Westerink • hilde@industrielinqs.nl • 020-31 22 791 Partnerinformatie: Anouk Bouwmeester • anouk@industrielinqs.nl • 020–31 22 797 01_INFRA_datumclaimerA5.indd 2

27-08-13 15:25

BIZZ56'' De nieuwe standaard in webvertising Presenteer uw bedrijf, innovatie of project volgens de nieuwe standaard in webvertising: BIZZ56”. Vertel uw verhaal in uw eigen creatieve film van 56 seconden en de boodschap komt aan! Het doordachte stramien van BIZZ56” zorgt ervoor dat u en de filmers zich kunnen concentreren op het communicatieve en creatieve deel van uw boodschap. Bovenal zorgt BIZZ56” voor een snelle, complete en eigentijdse boodschap die de aandacht van uw doelgroep tot het einde vasthoudt. BIZZ56”-video’s zijn multi-inzetbaar: op uw website, via smartphones en tablets en op social media.

Verrijk uw teksten, advertenties en commerciële boodschappen met een BIZZ56” video en integreer tekst, beeld en online voor een crossmediale boodschap.

Meer weten? 004_infra_bizz56.indd 1 _A5_bizz56.indd 43

Als dit icoon bij een afbeelding staat, bekijk dan het bijbehorende filmpje door met uw smartphone of tablet de foto te scannen met de iLinqs app. U vindt de gratis iLinqs app in de appstore voor andriod en apple.

BIZZ56”is een product van Movielinqs video & virals. iLinqs is een app van Industrielinqs pers en platform

Neem contact op met Ellen van den Burg (020-3122088) of movielinqs@industrielinqs.nl 27-08-13 15:27 18-03-13 15:10


COMMENTAAR 5

Vertrouwen De zaak Odfjell geeft nog maar eens aan dat onderhoud een boardroom-prioriteit moet zijn. Gebrek aan goed onderhoudsbeleid kan immers de license to operate kosten. Het was misschien een harde les, maar wel een die tot positieve resultaten kan leiden. Na een aantal incidenten kwam het bedrijf negatief in het nieuws en al snel werd duidelijk dat de terminal met achterstallig onderhoud kampte. Hoe meer nieuws er naar buiten kwam, hoe negatiever het beeld van het bedrijf werd. Want eigenlijk had men deze problemen al vanaf het moment dat de Noren de terminal in 2000 van Vopak hadden overgenomen. En natuurlijk beloofde men beterschap, ze hadden alleen tijd nodig. Twaalf jaar was blijkbaar niet genoeg. Inmiddels is het onderzoek van de Raad voor Veiligheid verschenen en kunnen we hopelijk een periode afsluiten. De conclusies zijn hard en duidelijk: Odfjell heeft weinig moeite gedaan om de veiligheidssituatie te verbeteren en de toezichthoudende instanties zijn te mild geweest. Gelukkig is de schade beperkt gebleven en zijn er geen zware ongelukken gebeurd, maar dat is niet dankzij de goede zorg van Odfjell. Hoewel de rest van de Rotterdamse industrie zich distantieert van de praktijken van het zwarte schaap in de Botlek, raakt het rapport ongetwijfeld ook hen. Sterker nog: de Onderzoeksraad vindt dat de keten juist zijn verantwoordelijkheid moet nemen en van zijn toeleveranciers en dienstverleners moet eisen dat de veiligheidssituatie op orde is. De grootste klant, Shell, had wel zijn contracten verbroken met de terminal, maar dat was alleen maar omdat Odfjell zich niet aan zijn verplichtingen kon houden. Met het rapport van de Onderzoeksraad zijn de rotte plekken in ieder geval aangewezen en nu is het aan de heelmeesters om ze hard aan te pakken. Hoe dit uitpakt voor de zorgvuldig opgebouwde vertrouwensband tussen DCMR, Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond, SZW en de industrie is nog maar afwachten. Ongetwijfeld trekken ook de toezichthouders hun conclusies en zullen ze het niet meer zo ver laten komen. Inmiddels heeft Odfjell grote investeringen aangekondigd voor de Rotterdamse terminal en belooft de nieuwe directie beterschap. Een openbare spijtbetuiging en een cultuurverandering moeten het vertrouwen weer teruggeven. We blijven ze graag volgen, want hoe dan ook leren we ervan. David.vanbaarle@industrielinqs.nl

HOOFDREDACTIE

Mark Oosterveer 020 3122 793 mark.oosterveer@industrielinqs.nl NUMMER 07 - 2013

David van Baarle 020 3122 082 david.vanbaarle@industrielinqs.nl

UITGAVE VAN

EINDREDACTIE

Industrielinqs pers en platform Veembroederhof 7 1019 HD Amsterdam Postbus 12936 1100 AX Amsterdam

PARTNER

Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud (NVDO) Postbus 138, 3990 DC Houten

Ahoy Rotterdam NV Ahoy-weg 10 3084 BA Rotterdam Postbus 5106 3008 AC Rotterdam Organisator van

UITGEVER

Wim Raaijen 020 3122 081 wim.raaijen@industrielinqs.nl

Elise Quaden 020 3122 084 elise.quaden@industrielinqs.nl

MEDEWERKERS

Evi Husson, Liesbeth Schipper, Erik te Roller, Renske van den Berg, Ingrid Rompa, Pieter Pulleman, Teus Molenaar, Francis Voermans

LAY-OUT

Gabriele Köbbemann

ADVERTENTIEVERKOOP Jetvertising BV Arthur Middendorp T: 070 399 00 00 F: 070 390 24 88 arthur@jetvertising.nl

TRAFFIC

Breg Schoen 020 3122 088

DRUKKERIJ

DeltaHage, Den Haag

ABONNEMENTEN (EXCL. BTW)

Nederland/België € 91,Introductie NL/België 25% € 68,25 Overig buitenland € 114,Losse verkoopprijs €16,Studenten € 37,75,Proefabonnement (3x) € 26,50

OPZEGGEN

Dit magazine hanteert de opzegregels uit het verbintenissenrecht. Wij gaan er van uit dat u het blad ontvangt uit hoofde van uw beroep. Hierdoor wordt uw abonnement steeds stilzwijgend met een jaar verlengd. Proef- en kennismakingsabonnementen worden niet automatisch verlengd en stoppen na het aantal aangegeven nummers. Opzeggen kan via www. aboland.nl, per post of per telefoon. De opzegtermijn is 8 weken voor het einde van uw abonnementsperiode. Als opzegdatum geldt de datum waarop uw opzegging door Abonnementenland is ontvangen. Indien u hierom verzoekt, ontvangt u een bevestiging van uw opzegging met daarin de definitieve einddatum van uw abonnement. Adreswijzigingen kunt u doorgeven via www.aboland. nl, per post of per telefoon. Overige vragen kunt u stellen op www.aboland.nl of neem telefonisch contact met Abonnementenland op.

ABONNEMENTENLAND

Postbus 20 1910 AA Uitgeest Tel. 0900-ABOLAND of 0900-226 52 63 € 0,10 per minuut Fax 0251-31 04 05 Site: www.bladenbox.nl voor abonneren of www.aboland.nl voor adreswijzigingen en opzeggingen. Abonnementenland is ook bereikbaar via Twitter. Stuur uw tweet naar: @Aboland_klanten. Prijswijzigingen voorbehouden. ISSN: 2211-6826

© Industrielinqs pers en platform BV Niets uit deze uitgave mag worden gereproduceerd zonder toestemming van de uitgever.

07

iMaintain 13

005_commentaar.indd 5

27-08-13 16:33


6 actueel

MeeSt GeleZeN ONlINe 1. Odfjell weer de fout in Tijdens het overleg van de Rotterdamse gemeenteraad over de problemen bij Odfjell ging er onlangs opnieuw iets mis op de tankterminal in de Botlek. Er werd een verkeerde stof in een verkeerde tank gepompt, meldt RTV Rijnmond op de website. Lees verder op www.imaintain.info

2. Dertien miljoen euro compensaties stroomuitval Regionale netbeheerders hebben vorig jaar 13,3 miljoen euro compensatievergoedingen betaald aan consumenten en bedrijven die door een langdurige stroom- of gasstoring zijn getroffen. De langste storing van 2012 was er één van meer dan 24 uur in het elektriciteitsnet van Stedin in delen van Nieuwegein als gevolg van blikseminslag. Lees verder op www.imaintain.info

3.Vraag naar technici stijgt explosief in Rotterdam Het tekort aan hoger opgeleide technici is structureel en dat blijft voorlopig zo. In het tweede kwartaal van dit jaar lag de vraag 23 procent hoger dan in het tweede kwartaal van 2012. Opvallend is de toename in de regio Rotterdam. Lees verder op www.imaintain.info

4. Rucphen wil af van onderhoud rotondes Om kosten te besparen hoopt Rucphen bedrijven warm te maken voor het onderhoud aan de zeven rotondes die de gemeente sinds kort rijk is. Er zijn inmiddels al gesprekken geweest met kandidaten, maar ondernemers die ook reclame mogen maken op de rotondes hebben nog niet toegehapt. Lees verder op www.imaintain.info

5. Miljardeninvestering Britse infra De Britse regering wil tot 2020 zo’n honderd miljard pond (117 miljard euro) investeren in infrastructuur. Van het geld gaat 28 miljard pond naar wegverbeteringen en 30 miljard pond naar het spoor. Lees verder op www.imaintain.info

07 13 iMaintain

006_7_D_actueel.indd 6

‘Studenten kiezen dit jaar meer voor technische studies’ Studenten kiezen dit jaar meer voor technische studies. Het aantal aanmeldingen voor universitaire studies in landbouw, natuur en techniek is nu twintig procent hoger dan vorig jaar. Dat zegt de vereniging van universiteiten, de VSNU. Rechten en economie trekken nog steeds de meeste studenten. De inschrijvingen zijn nog niet gesloten. Er kunnen nog studenten bij komen en aangemelde studenten kunnen zich nog terugtrekken. De VNSU wijst erop dat de aanmeldcijfers alleen betrekking hebben op wat studenten zeggen te gaan studeren, niet op daadwerkelijke inschrijvingen. De cijfers zijn een opsteker voor de overheid en het bedrijfsleven. Die roepen aankomende studenten al langer op om voor een technische studie te kiezen. Er is een groot tekort aan technisch geschoold personeel. Mogelijk is een oorzaak dat bij technische studies de kans op een baan groter is. Het perspectief op een baan speelt in crisistijd een grotere rol. Overigens ligt ook het totaal aantal aanmeldingen bij de universiteiten hoger dan vorig jaar: 63.000 tegen 59.000.

Italiaanse Fyra-bouwer AnsaldoBreda gaat in beroep AnsaldoBreda is in Arnhem in hoger beroep gegaan tegen het vonnis van de rechtbank in Utrecht in het kort geding dat plaatsvond in juli. Dat meldt het Italiaanse bedrijf in een officiele mededeling. De bouwer van de Fyra eist dat de NS en de NMBS de drie technische rapporten - waarop de NMBS in juli het beëindigen van het contract met AnsaldoBreda baseerde - openbaar maken. ‘Zowel NMBS als de NS hebben tot op heden geweigerd om inzage te geven in de rapporten’, stellen de Italianen. ‘AnsaldoBreda voelt zich gehinderd in zijn streven om een goed product te leveren.’ AnsaldoBreda heeft ook bij de rechtbank in Utrecht een verzoek ingediend voor een nieuw onderzoek door onafhankelijke experts. Hierover vindt een zitting plaats op donderdag 19 september 2013.

Meer daadkracht nodig voor veiligheid risicobedrijven De veiligheid bij enkele honderden meest risicovolle bedrijven in Nederland en het toezicht en handhaving daarop behoeft verbetering. Voor een effectieve veiligheidsbeheersing moet de daadkracht bij de overheid, in het toezicht en de handhaving, vergroot worden. Bedrijven zijn zelf primair verantwoordelijk, en zouden daarop ook aangesproken moeten worden door de branche en de keten. Dit stelt de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) in zijn briefadvies ‘Veiligheid bij Brzo-bedrijven, verantwoordelijkheid en daadkracht’. De Rli constateert dat het toezicht en de handhaving op de meest risicovolle bedrijven in Nederland (die vallen onder het Besluit risico’s zware ongevallen, BRZO), ondanks vele onderzoeken en adviezen in de afgelopen jaren, nog steeds problematisch is. Toezicht en handhaving moeten aangescherpt worden. De Rli adviseert om versnippering in toezicht en handhaving op te heffen en daadkracht in handhaving te vergroten. Ook de bedrijven zelf zijn aan zet.

Kijk voor meer nieuwsberichten op www.imaintain.info

28-08-13 10:52


actueel 7

Productie Duitse industrie neemt sterk toe De Duitse industrie heeft in juni 2,4 procent meer geproduceerd dan een maand eerder. Dat heeft het Duitse ministerie van Economische Zaken bekendgemaakt. De stijging is veel sterker dan verwacht. Economen rekenden in doorsnee op een vooruitgang met slechts 0,3 procent. Uit nieuwe cijfers bleek verder dat de krimp van de productie in mei kleiner was dan eerder gemeld. In die maand zakte de productie met 0,8 procent, in plaats van de eerder geschatte daling met 1 procent. Europa’s grootste industrie produceerde in juni 2 procent meer dan een jaar eerder. Hier werd een afname met 0,3 procent voorspeld. Onlangs bleek al dat de orders voor de Duitse industrie in juni onverwacht sterk zijn gestegen. Duitse fabrieken produceerden in juni 2,2 procent meer goederen, terwijl de productie van energie met 5 procent steeg. Daarnaast werd 1,6 procent meer gebouwd. Volgens het ministerie geven de cijfers aan dat de industrie het dieptepunt voorbij is. De meest recente indicatoren wijzen daarbij op een aanhoudend herstel.

BeDRIJVeNNIeuWS BaM en Siemens onderhouden Stadsbaantunnel leidsche Rijn De gemeente Utrecht heeft BAM Infratechniek Mobiliteit en Siemens Nederland in combinatie opdracht verleend voor de aanleg van verkeers- en tunneltechnische installaties in de Stadsbaantunnel Leidsche Rijn. De opdracht van ruim 11,5 miljoen euro omvat tevens het onderhoud gedurende een periode van drie jaar. De Stadsbaantunnel wordt momenteel gebouwd naast de huidige A2-tunnel bij Utrecht.

Strukton gaat 680 kilometer Zweeds spoor onderhouden

‘Techniekroute app’ moet jongeren interesseren voor techniek Om jongeren tussen de twaalf en vijftien jaar te interesseren voor de techniek hebben studenten van hogeschool Windesheim en vakschool Cibap de ‘Techniekroute app’ ontwikkeld. Hiermee maken jongeren aan de hand van mini-games bij technische bedrijven uit de regio Zwolle kennis met de technieksector. Door het spelen van de game maken jongeren op een speelse en educatieve manier kennis met de technische branche. Ze leren bedrijven uit de regio kennen en ontdekken welke kansen een technische opleiding biedt. De app is nu nog een pilot en wordt in het nieuwe schooljaar verder ontwikkeld. Het is de bedoeling dat de app een echte route wordt langs diverse bedrijven uit de regio Zwolle en hiervoor worden bedrijven gezocht. Marijn Molema, lid van het lectoraat Area Development van Windesheim en vanuit die rol betrokken bij dit project: ‘We zijn op zoek naar ondernemers die hun deuren willen openen voor het jonge, digitale publiek en willen meehelpen om meer jongeren te interesseren voor de techniek sector. Op dit moment is Axxion Industries al aangehaakt en verwerkt in de app.’

Onderzoek naar verband geluidshinder en onderhoud trams Sensornet gaat over een lange periode het geluid van de trams aan de Westvest in Delft meten. Dat doet de organisatie in opdracht van stadsvervoerder HTM. Het onderzoek moet aantonen of er een verband is tussen de geluidshinder en het onderhoud van de rails en de trams. De resultaten van het onderzoek worden gebruikt om de onderhoudswerkzaamheden die HTM uitvoert eventueel aan te passen of anders in richten zodat het geluid blijvend afneemt. Ook dient duidelijk te worden of de automatische smeerinstallatie goed functioneert. Het onderzoek is gestart op 29 juli en loopt tot 1 augustus 2014. De lange meetperiode is van belang om zo een goed beeld van het geluidsniveau bij alle weersomstandigheden te krijgen. HTM inventariseert iedere drie maanden welke verbeteracties aan de rails en het materieel mogelijk zijn. De resultaten zijn online te volgen. Op de site van Sensornet worden in een grafiek de metingen over het laatste uur getoond.

Strukton Rail heeft van de Zweedse spoorbeheerder Trafikverket de opdracht ontvangen voor het onderhoud van 680 kilometer spoor in Zweden, op het traject tussen Stockholm en Malmö. Op 1 mei 2014 gaat het contract in voor een periode van vijf jaar met kans op verlenging van twee jaar. De contractwaarde bedraagt tachtig miljoen euro. Strukton Rail is verantwoordelijk voor het onderhoud van het noordelijke gedeelte van de zogeheten Södra stambanan (de zuidelijke hoofdlijn), de belangrijkste railverbinding tussen Stockholm en Malmö.

Onderhoud installaties Defensie gegund aan SK FireSafety Het onderhoud van onder meer sprinkler- en noodverlichtingsinstallaties in militaire objecten is in handen gekomen van SK FireSafety Group, Hefas Branddetectie en Opgeleid Persoon. Het ministerie van Defensie en de ondernemingen hebben een contract gesloten voor een periode van twee jaar. Het gaat om het onderhoud binnen 3.300 gebouwen. Zolang de overeenkomst van kracht is, wordt werk gecreëerd voor mensen die moeilijk aan de slag komen.

07

iMaintain 13

006_7_D_actueel.indd 7

27-08-13 15:47


8 interview

Onderhoud op Schiphol: mind your step

Floor Felten: ‘we willen veel meer het verband laten zien tussen de keuzes die we in de investeringsfase maken en tot welke operationele kosten dat leidt voor de komende twintig of dertig jaar.’

07 13 iMaintain

008_9_11_H_interview.indd 8

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

27-08-13 15:46


interview 9

Luchthaven Schiphol is een uitgebreide en complexe infrastructuur met vijf hoofd start- en landingsbanen en meer dan 750.000 vierkante meter aan operationele gebouwen met allerlei installaties. Toenemende internationale concurrentie, druk op de kosten en securityregels maken het beheer en onderhoud een ingewikkelde maar mooie klus voor de afdeling Asset Management van Schiphol Group.

Amsterdam Airport Schiphol, onderdeel van Schiphol Group, heeft vier business areas, waaronder Aviation dat het luchtvaartproces ondersteunt. De afdeling Asset Management werkt voornamelijk voor deze tak en is ervoor verantwoordelijk dat alle assets naar behoren werken. Floor Felten is directeur Asset Management en stuurt een afdeling aan van circa 190 medewerkers. ‘We zijn vooral een regieorganisatie. Het feitelijke onderhoud is uitbesteed. Wij voeren de regie in de planning en de uitvoering.’ De afdeling Asset Management werkt hiervoor samen met negen contractors. De afdeling van Felten bestaat uit vijf onderdelen. Utility Services regisseert de energie-, water- en afvalstromen. Felten: ‘We hebben een eigen netwerk van installaties, kabels en leidingen en stemmen de kwaliteit van het systeem continu af op de wensen van onze klanten. Beschikbaarheid en betrouwbaarheid hiervan zijn cruciaal om de continuïteit van de luchthavenprocessen te waarborgen.’ Terminal Real Estate is verantwoordelijk voor de terminal – met 650.000 vierkante meter één van de grootste gebouwen van Nederland – plus nog een aantal andere gebouwen. De afdeling beheert onder meer de bekende rolpaden en alle andere gebouwgebonden installaties. De andere voorzieningen op Schiphol, zoals start/ landingsbanen, pieren, passagiersbruggen, vervoersmiddelen, hemelwaterafvoerleidingen en meer vallen onder Airfield Maintenance Services. Daarnaast is er nog een Design-afdeling voor het aansturen van grote, complexe projecten en is er een team Asset Information Management dat de overige afdelingen ondersteunt door alle data over de bedrijfsmiddelen integraal te beheren. De afdeling Asset Management heeft te maken met veel verschillende stakeholders. Onder andere de gemeente, provincie, het rijk en de luchtvaartautoriteiten aan de ene kant en aan de andere kant de

Pieter Pulleman

klanten: de luchtvaartmaatschappijen, de reizigers en vijfhonderd bedrijven.

Hoe ga je om met zoveel partijen? ‘Veel plannen. Voor werkzaamheden aan de airside plannen we vaak al twee jaar van te voren. Voor de terminal maken we jaarlijks afspraken. Daarnaast zijn er periodes, zoals in de zomervakanties, dat we bijna alle activiteiten bevriezen omdat het dan zo druk is op de luchthaven dat we ons geen enkele verstoring van de operatie kunnen veroorloven.

Totaal gaat het om vier miljard aan bedrijfsmiddelen op Schiphol. Welk percentage van die assetwaarde besteedt Schiphol Group aan onderhoud? ‘Voor de assets onder mijn verantwoordelijkheid, dat is exclusief de bagageafhandeling en het commerciële vastgoed, zijn de kosten van onderhoud rond de drie procent van de boekwaarde. Noot hierbij is dat we nogal wat assets hebben die geheel afgeschreven zijn, maar die nog wel onderhouden en gebruikt worden. Heel veel kosten liggen vast. Security is de laatste tien jaar een grote investering en een andere belangrijke is de kosten van je assets, qua investeringen en onderhoud. Dat onderhoud proberen we slim te contracteren, maar de grote bulk staat vast. Verder proberen we nieuwe onderhoudsconcepten uit en daarvoor doen we veel RCM-studies (reliability centered maintenance, red.). Uiteindelijk zit het echte geld wel in de keuzes die je in het begin maakt. Het is daarbij belangrijk om zaken inzichtelijk en feitelijk te maken, want inves-

terings- en ontwerpbesluiten hebben grote impact op de operationele kosten van de komende jaren. Dat proberen we steeds meer te doen. Neem het toepassen van houten vloeren in het herontwerp van een lounge. Dat is een voorbeeld waar we wel een goede analyse maken van de impact op de operationele kosten. Ook operationeel is analyseren en onderbouwen belangrijk. Stel dat we volgens planning gereed staan om asfalteringswerkzaamheden uit te voeren en Airside Operations besluit dat het vanwege de windrichting niet kan doorgaan. Als ik kan aantonen dat het annuleren 150.000 euro kost, dan kunnen ze hun besluit wellicht heroverwegen, indien mogelijk. Is het echt nodig om af te zeggen? Hierdoor groeit ook bij Operations het besef dat hun besluiten impact hebben op het onderhoud.’ Amsterdam Airport Schiphol heeft vier strategische langetermijnthema’s vastgesteld. De eerste is top connectivity en gaat over het continu verbeteren van het hoogwaardige hubnetwerk. Excellent visit value betekent dat Schiphol alle gebruikers een concurrerende prijs-kwaliteitverhouding wil bieden. Het derde thema, competitive marketplace, gaat over Schiphol als een aantrekkelijke locatie voor werk, verblijf, vestiging, winkelen, ontmoeting en ontspanning. Sustainable performance gaat over ondernemen met respect voor mens, milieu en omgeving.

Hoe zijn deze strategische thema’s vertaald naar het assetmanagement? ‘We zijn een professionele assetmanagementorganisatie die op basis van de klantenwens ervoor zorgt dat er betrouwbare en

Je data moeten op orde zijn en dat geldt ook voor je financiële gegevens over je assets. Die twee moet je op de juiste manier combineren. Dat doen we met een model dat we zelf ontwikkelen. 07

iMaintain 13

008_9_11_H_interview.indd 9

27-08-13 15:46


Het onderhoud van een high tech ziekenhuis begint al op de bouwtekening

Onderhoud is meer dan het oplossen van problemen.

in gebouwen. En de investeringen daarvoor vallen een stuk

Ook een high tech ziekenhuis wordt ingehaald door de

lager uit als er vooraf goed over is nagedacht. Daarom

tijd. Nieuwe generaties medische apparatuur zullen

waren onze technici al met het onderhoud van het Martini

wellicht veel meer van de gebouwgebonden installaties

Ziekenhuis bezig, toen het nog gebouwd moest worden.

vragen. Misschien moet er straks weer extra worden be-

In een ziekenhuis kennen ze het belang van preventie.

spaard op elektriciteit. En wanneer gaan we oplaadpunten

Wilt u meer weten over het grootste in elektrotechniek

bouwen voor bezoekers met elektrische auto’s? Maat-

gespecialiseerde bedrijf, of wilt u een onderhoudend ge-

schappelijke ontwikkelingen vragen vaak om aanpassingen

sprek over uw gebouw, kijkt u dan op onze site croon.nl

ontwerp . realisatie . maintenance croon.nl

0540.00.523 Adv 1iMaintain_bs210x297.indd 1 010_croon.indd

8/13/13 10:05 AM 27-08-13 15:18


interview 11

beschikbare assets geleverd worden. Een organisatie waar mensen graag willen werken en die waarde toevoegt aan Schiphol. Die waarde zit er uiteindelijk in dat we heel erg sturen op beschikbare en betrouwbare assets, die voldoen aan de klantwens tegen zo laag mogelijke kosten over de gehele levensduur. Het is telkens een balans tussen de functionaliteit die nodig is, en de risico’s die je bereid bent daarmee te nemen. Wat zijn de kosten als iets het niet doet en hoeveel onderhoud stop je er dan in om die faalkosten te reduceren, maar nog wel tegen zo laag mogelijke kosten? Dat wil je doen vanaf de ideefase tot en met de sloop van een asset. Daar willen we meer op sturen. Dus de investering niet los zien van de operationele fase, maar veel meer het verband laten zien tussen de keuzes die we in de investeringsfase maken en tot welke operationele kosten dat leidt voor de komende twintig of dertig jaar. Je data moeten op orde zijn en dat geldt ook voor je financiële gegevens over je assets. Die twee moet je op de juiste manier combineren. Dat doen we met een model dat we zelf ontwikkelen.’

Door de crisis rust er veel druk op de kosten, maar ondertussen blijft Schiphol een kapitaalintensief bedrijf dat heel veel moet investeren, vooral voor de lange termijn.

impact zien van het vervangen van bijvoorbeeld een versleten hemelwaterafvoerleiding. Dat helpt wel. Het maakt de investeringsaanvragen een stuk concreter.’

U werkt met negen contractors in de uitvoering. Worden die betrokken bij het halen van de strategische doelen?

‘Jazeker. Als je wilt werken in beveiligd gebied, dan moet je uiteraard voldoen aan de securityregels. Dat betekent dat security alle materialen screent die je meeneemt. Gereedschap, maar ook een auto met asfalt. Het kost tijd en dus ook geld. Samen met security kijken we of het slimmer kan. Voor bepaalde kritische assets, zoals de vliegtuiglichtinstallaties bij de landingsbanen, ligt er voorraad op airside. Dat geldt ook voor bepaalde gereedschappen. De input van de contractors is hierbij belangrijk. Het is wel eens lastig, al die security, maar het hoort bij het werken op een luchthaven.’ Felten noemt het werken op Schiphol een ‘gaaf proces’. ‘Het is een ontmoetingsplaats van allerlei culturen en een stad op zich. Er komen hier heel veel dingen bij elkaar en er is altijd leven in de brouwerij.’

‘We willen zo veel mogelijk toegroeien naar nog meer resultaatgerichte contracten en installatiebeheerscontracten. Niet alles kan namelijk op resultaatbasis. Het gaat om contracten voor een periode van vijf jaar met een verlengoptie voor drie jaar. Er zijn KPI-structuren die onder meer meten op betrouwbaarheid, beschikbaarheid, responsetijden, datacorrectheid, de planning en de verhouding preventief versus correctief. De overeenkomsten komen tot stand op basis van een aanbesteding. Dat zijn langdurige trajecten waarbij veel informatie over en weer gaat, maar uiteindelijk leidt dit tot partnerships. De contractors brengen ook veel specifieke kennis in. We verwachten van onze partners ook dat ze een bijdrage leveren aan de strategische doelen. Om dat te bereiken, zitten we op verschillende niveaus regelmatig bij elkaar. Van dagelijks overleg, tot wekelijks, maandelijks et cetera. Onderhoudsconcepten ontwikkelen we ook samen.’

Is maintenance een gespreksonderwerp in de boardroom?

Hoe hou je controle op die complexe processen?

‘Ja, je ziet dat onderhoud in toenemende mate aan bod komt in de boardroom. Hoeveel geld zit er in de assets en hoe besluiten we daarover? Als er grote projecten plaatsvinden, nodig ik de directie uit voor een bustour, zodat ze zelf de

‘Wij werken op basis van de nieuwe ISOnorm ISO55000, de beoogde opvolger van PAS55. Er loopt nu een scan om te kijken of we daaraan voldoen. We hebben nog niet besloten of we ook willen certificeren. Aan de ene kant disciplineert

Hebben de securityregels op de lucht– haven invloed op het onderhoudswerk?

het je om de modellen in te voeren. Maar er is misschien een risico dat er meer of veel tijd gaat zitten in administratieve werkzaamheden. Daar zijn we nog niet uit. Certificeren is ook kostbaar. Wat levert het op? We willen als luchthaven in ieder geval naar een world class-niveau als het om assetmanagement gaat. Verder is er veel aandacht voor datamanagement en rapportage. We verzamelen heel veel gegevens. Totaal gaat het om 1,5 miljoen objecten en 800 kilometer kabels en leidingen. Het is een enorme opgave om daarvan alle data te verzamelen. De vraag die we ons nu stellen is of het nodig is om van álles gegevens te verzamelen. Het is een grote klus, maar we maken veel progressie.’

En welke uitdagingen ziet u voor de nabije toekomst? ‘Wat je ziet is dat de omstandigheden voor de luchthaven gewijzigd zijn de laatste jaren. Het zijn uitdagende tijden voor de luchtvaart. Je ziet de druk op de kosten toenemen. Ondertussen is dit een heel kapitaalintensief bedrijf dat veel moet investeren, vooral voor de lange termijn. Dat komt op gespannen voet met elkaar te staan. Dus je moet goed kijken waar je in investeert. De concurrentie neemt ook toe. In het Midden Oosten en op Heathrow en Frankfurt worden nieuwe terminals en landingsbanen opgeleverd. We zitten in een proces van transitie naar een regieorganisatie en resultaatcontracten. Daarnaast is er de toenemende aandacht om slimmer met assets om te gaan in het kader van de levensduurkosten. Dat is een uitdaging die we met elkaar aangaan.’ ■

07

iMaintain 13

008_9_11_H_interview.indd 11

27-08-13 15:46


12 WHAT’S NEXT

Boskalis heeft zijn transportschip de Dockwise Vanguard op een spectaculaire manier ingezet voor onderhoud. Bij gebrek aan een droogdok in de regio, kwam het bedrijf met de oplossing om een halfafzinkbaar boorplatform in de Middellandse Zee uit het water te lichten, zodat de onderzijde bereikbaar is voor inspectie en onderhoud.

Boskalis licht boorplatform voor onderhoud op transportschip De Dockwise Vanguard was aanvankelijk gebouwd om grote, zware objecten over zee te vervoeren, maar het project met het boorplatform is voor Boskalis naar eigen zeggen ‘van strategisch belang’, omdat er ook een andere markt mee aangeboord kan worden: die van het onderhoud. Daarbij wordt de Vanguard letterlijk als een drijvend droogdok ingezet. Bij dit project waren overigens meerdere divisies betrokken, waaronder dochterfirma SMIT, dat vooraf inspecties en tijdelijke repara-

ties onder de waterlijn mocht uitvoeren. ‘Dat bewijst hoe veelzijdig onze Dockwise Vanguard wel is’, aldus Boskalis, ‘maar ook dat we voor zulke projecten maritieme diensten en materieel van over de gehele breedte van de onderneming kunnen aanbieden.’ Het maritieme bedrijf haalde onlangs een eerste opdracht binnen voor het vervoeren van een FPSO (Floating Production, Storage and Offloading unit), die nu dus gevolgd wordt door deze droogdokklus.

Het transportschip de Dockwise Vanguard is door Boskalis ingezet als drijvend droogdok. Een booreiland werd erop getakeld zodat de onderkant onderhouden kon worden.

07 13 iMaintain

012_13_15_17_L_whatsNEXT.indd 12

27-08-13 15:46


WHAT’S NEXT 13

BEDRIJVEN BLIJVEN INNOVEREN

SMC REIKT PRIJS UIT AAN VAKOPLEIDING TECHNIEK IN CUIJK

Het aantal ondernemingen dat in 2012 gebruik maakte van een fiscale regeling die onderzoek en vernieuwing bevordert bij bedrijven, is voor het vijfde jaar op rij toegenomen. In 2012 vielen 22.220 ondernemingen onder de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO), acht procent meer dan in 2011. 13.860 bedrijven maakten daarbovenop gebruik van de Research & Development Aftrek (RDA). Dit staat in de uitgave ‘Focus op speur- en ontwikkelingswerk’, waarin de jaaroverzichten van deze regelingen staan. Dankzij de WBSO hoeven bedrijven minder loonheffing te betalen over de loonkosten. De RDA is bedoeld om financiële lasten voor speur- en ontwikkelingswerk te verlagen. In 2012 werd bijna 5,9 miljard euro aan private Research & Development (R&D) ondersteund door de WBSO en de RDA, waarvan 3,9 miljard aan toegekende loonkosten en 2 miljard aan andere uitgaven voor R&D. Vergeleken met 2011 nam het aantal R&D-uren toe met zes procent en de loonkosten voor R&D met zo’n acht procent.

Onlangs vond de diploma-uitreiking plaats voor de leerlingen van de Vakopleiding Techniek in Cuijk. Bij die gelegenheid werd meteen ook de prijs van de wedstrijd ‘Test je Talent voor Techniek’ van leverancier SMC overhandigd aan Mark Cöp, eerstejaars student mechatronica. Hij mocht een Samsung Galaxy S3 smartphone in ontvangst nemen. De school - Vakopleiding Techniek Cuijk - krijgt een gratis trainingsmodule. Via de wedstrijd wil de leverancier naar eigen zeggen ‘leerlingen en studenten al op jonge leeftijd vertrouwd maken met techniek en zodoende hun affiniteit aanwakkeren’. ‘Dat leerlingen op jonge leeftijd met onze materialen kunnen werken om iets te leren over techniek, is bij deze gelukt’, aldus Gabri Bostens, initiator van deze wedstrijd. ‘In totaal hebben maar liefst 26 scholen zich ingeschreven en hebben we zeer veel deelnemers gehad. De kennis die ze tijdens deze wedstrijd hebben opgedaan, is zowel voor hen als voor ons mooi meegenomen. We kunnen dus rustig van een succes spreken.’ De wedstrijd die SMC uitgeschreven had, was tweeledig. Enerzijds moest de school de leerlingen motiveren om mee te doen en posters ophangen in een technieklokaal. Anderzijds moesten leerlingen ook hun steentje bijdragen door de productcode van een cilinder op te zoeken in de documentatie van SMC. Deze cilinder moest aan een aantal eisen voldoen die vooraf bepaald waren door de leverancier.

VALUE DRIVEN MAINTENANCE-METHODOLOGIE VALT IN PRIJZEN Adviesbureau Mainnovation laat in zijn nieuwsbrief weten dat drie bedrijven (onder meer) dankzij hun VDM-methodiek - Value Driven Maintenance - onlangs drie awards in de wacht hebben weten te slepen. Half juni kwam maintenance manager Marc Begijn van Volvo Cars Gent als winnaar uit de bus voor de Maintenance Manager van het Jaar-prijs van de Belgian Maintenance Association. Dat bedrijf past sinds 2005 de VDM-methode toe. ‘Bij het commentaar van de plant manager en de motivatie van de jury werd het model en het sturen op toegevoegde waarde als doorslaggevend beschouwd voor het succes’, stelt Mainnovation. Naast Volvo Cars vielen een week eerder twee andere bedrijven in de prijzen. Tijdens het IBM-event ‘Maximo Comes To You 2013’ ontvingen NedTrain en Boskalis beide een award voor hun prestaties op het gebied van Maximo. NedTrain won de Best Practice-award voor de meest prestigieuze implementatie in de Benelux. Boskalis ontving de Lifetime Achievement-prijs voor het gebruik van Maximo binnen de organisatie gedurende de afgelopen vijftien jaar. ‘In beide bedrijven wordt VDM toegepast om het onderhoud te besturen en te optimaliseren’, aldus Mainnovation.

Mark Cöp, eerstejaars student mechatronica aan de Vakopleiding Techniek in Cuijk, heeft de wedstrijd ‘Test je Talent voor Techniek’ gewonnen. De wedstrijd is bedoeld om leerlingen en studenten op jonge leeftijd vertrouwd te maken met techniek.

07

iMaintain 13

012_13_15_17_L_whatsNEXT.indd 13

27-08-13 15:46


Ik zorg ervoor dat onze papiermachine vlot blijft draaien aan 1.900 meter per minuut.

U maakt er een succes van – met Loctite®. De onderhoudsexpert voor verlijming, afdichting, reiniging en smering. Ontdek hier meer: www.loctite-maintenance.be www.loctite-maintenance.nl

Uw totaalleverancier voor alle MRO onderdelen “Een uniek assortiment, snelle levering en specialistische kennis.” Hydrauliek, elektrotechniek, aandrijftechniek, pneumatiek, voertuigtechniek, werkplaats en onderhoud, water- en reinigingstechniek, leiding- en fittingmateriaal, machinedelen, veiligheid en PBM, gereedschap en bevestigingsmateriaal.

T 088 0666 000

014_henkel_indi.indd 1

27-08-13 14:53


WHAT’S NEXT 15

DUURZAMERE GASTURBINES DANKZIJ LIMOUSINEPROJECT De nieuwe generatie gasturbines is betrouwbaarder, stoot minder schadelijke stoffen uit en genereert minder trillingen en drukschommelingen. Dankzij het Europese Limousineproject, waarin vier jaar lang zes verschillende universiteiten (18 promovendi), vijf industriële partners en twee onderzoeksinstituten samenwerkten, worden in deze sector doorbraken gerealiseerd. De Universiteit Twente vertolkte in het project een grote rol met algeheel coördinator Jim Kok en vijf promovendi. Onder hen Juan Carlos Roman Cassado en Can Altunlu ‘Er zijn rampscenario’s bekend waarbij een gasturbine na het ontstaan van instabiliteit binnen tien minuten compleet vernield was’, vertelt Jim Kok. ‘Door de waarde van zo’n turbine, inkomstenderving en boetes kan de schadepost voor een energiecentrale oplopen tot tientallen miljoen euro’s. We hebben er hard aan gewerkt die risico’s te beperken. De nieuwste generatie gasturbines is klaar voor de markt. Zo heeft Siemens de eerste commerciële modellen nu in ontwikkeling.’ Het Limousineproject kon vanuit de Europese Unie op een subsidie van 4,4 miljoen euro rekenen en valt onder de zogeheten Marie Curie-actie. Daarbij wordt samenwerking tussen onderzoekers van verschillende nationaliteiten gestimuleerd en uitmuntende innovatie in Europa bevorderd. Limousine is het eerste project waarin de faculteit CTW participeert dat zo’n toelage binnenhaalt. Veel elektriciteitscentrales werken met gasturbines die door verbranding van aardgas elektriciteit opwekken. Om de rookgassen zo schoon mogelijk te houden en de uitstoot van schadelijke stoffen te beperken, moet de vlamtemperatuur zo laag mogelijk zijn. Door de steeds hogere eisen voor de emissies worden de vlamtemperaturen daarom steeds lager. Hierdoor kan de vlam instabiel worden en veel geluid produceren, waardoor de onderdelen van de gasturbine sterk vibreren. Dit kan leiden tot kapotte onderdelen en totale vernieling van de gasturbine. Daarom is het belangrijk te weten met welke snelheid een breuk ontstaat die

Gasturbines worden steeds betrouwbaarder, robuuster en energiezuiniger. Dit is onder andere te danken aan het Limousineonderzoeksproject, waarin vier jaar lang zes verschillende universiteiten, vijf industriële partners en twee onderzoeksinstituten samenwerkten.

tot afscheuren van de component kan leiden. Dankzij de tests en computermodellen van Altunlu kunnen gasturbines zodanig worden ontworpen dat ze veilig op lage vlamtemperaturen kunnen werken met een zo laag mogelijke uitstoot van schadelijke stoffen. De Spanjaard Juan Carlos Roman Cassado onderzocht Limit Cycle Oscillation, oftewel drukoscillaties. Hij bracht de condities in kaart waaronder deze schommelingen ontstaan en wat voor eigenschappen ze hebben. De vlam in de gasturbine vormt een geluidsbron die bij een instationair karakter resonantie veroorzaakt. In een open atmosfeer is dit niet erg, maar in een buis (zoals in een gasturbine) des te meer. De geluidsdruk, die kan oplopen tot 190 decibel, belast de componenten van de turbine en veroorzaakt versnelde scheurgroei. Roman Casado werkte op de Universiteit Twente in een testopstelling aan zijn onderzoek. Deze atmosferische verbrandingskamers werden ontworpen door de UT, gemaakt in zesvoud in Twente, en vervolgens eveneens gebruikt in Londen, Zaragoza, Stuttgart en München.

TECHNIEKMEDEWERKER TEVREDEN OVER SALARIS, NIET OVER MARKT Ruim de helft van de techniekmedewerkers (54,3 procent) in Nederland is tevreden over het salaris in de huidige baan. Wel geeft een groot deel aan dat het moeizaam gaat in hun bedrijf en dat er waarschijnlijk niet snel een nieuwe baan gevonden kan worden. Dit blijkt uit een onderzoeksrapport van Monsterboard over mobiliteit en motivatie van de Nederlandse beroepsbevolking. Uit het rapport blijkt dat medewerkers in de technieksector afwisseling in het werk en het vertrouwen in het bedrijf erg belangrijk vinden. In vergelijking tot andere sectoren valt op dat techniekmedewerkers dit belangrijker vinden. Als positieve punten aan hun werk noemen de medewerkers de inhoud van het werk, de zelfstandigheid en de werksfeer. Hoewel 41,7 procent van de medewerkers in de techniek open staat voor iets nieuws, is slechts 10,4 procent echt actief op zoek naar een nieuwe baan. Technische medewerkers oriënteren zich voornamelijk via zoekmachines en vacaturesites op een nieuwe baan. Bijna de helft doet dit één of twee keer per week. Driekwart heeft weinig moeite om een baan te vinden die aansluit bij zijn capaciteiten. Als reden om een nieuwe baan te willen, noemen de geïnteresseerden vooral een beter salaris (50,6 procent), meer uitdaging (31,3 procent) of meer doorgroeimogelijkheden (28,9 procent). Van de ondervraagden die niet direct open staan voor iets nieuws, kunnen potentiële werkgevers ze toch over de streep trekken door het bieden van een beter salaris (73,3 procent), een vast contract (45 procent) of een kortere reistijd (20 procent). Een groot deel van de werknemers in de techniek geeft aan dat er reorganisaties en/of ontslagen zijn aangekondigd. Ook zijn technici weinig positief over hun mogelijkheden: 78 procent verwacht dat het meer dan drie maanden duurt om een nieuwe baan te vinden.

07

iMaintain 13

012_13_15_17_L_whatsNEXT.indd 15

27-08-13 15:46


26 september • Plant One • Rotterdam

ROI = Return On Innovation Innovatie kan Nederlandse bedrijven helpen om voor te blijven lopen op de Europese en globale competitie. Denk aan Innovatie in producten, productieprocessen en dienstverlening. De vraag is of er ook echt animo is voor die vernieuwing. Houdt de economische situatie innovaties tegen of is het juist de perfecte schrale voedingsbodem waardoor de beste ideeën overleven? Zien de bedrijven in Nederland kansen genoeg om te verbeteren of behouden we de schijnbaar veilige status quo. Deze tweede editie, van Profion Maintenance Linqs, in 2013 wordt gehouden bij Plant One. Deze proeffabriek op het terrein van Huntsman Holland biedt ruimte voor testopstellingen en unieke samenwerkingsverbanden.

beschikbaarheid. Een belangrijk deel in deze verbetering is sociale innovatie. Wat is er nodig qua werkprocessen,

Sprekers

hoe moet de organisatie eruit zien en hoe worden deze

Directeur Karin Husmann doet bij de bijeenkomst meer uit

processen controleerbaar? Wat is de Return on Innovation

de doeken over Plant One, innovaties in de industrie en de

voor LyondellBasell?

bereidheid van bedrijven om te veranderen. JanWillem van der Voordt, is Maintenance Supervisor static

Met deze experts op het gebied van innovatie, investeringen

& civil bij LyondellBasell, onderzocht de gevolgen van

en terugverdienen wordt het publiek uitgedaagd en

betere planning & scheduling op veiligheid, efficiency en

bijgepraat over de Return On Innovation.

Aanmelden

Programma

Aanmelden kan via www.industrielinqs.nl/pml.

15.45 uur

Ontvangst

Deelname is gratis voor Profion-en Vomi leden. Vraag

16.00 uur 

Opening

de vipcode aan via het Profion secretariaat. Niet-leden

16.15 uur 

Lezingen en discussie

betalen €150,–.

17.30 uur 

Borrel en netwerk  

WWW.INDUSTRIELINQS.NL/PML Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: hilde.westerink@industrielinqs.nl • Tel: 020 - 31 22 791 Initiatiefnemers:

01_adv_A4_PML.indd 1

Leden iMaintain Platform:

Partners:

27-08-13 14:36


WHAT’S NEXT 17

CAMPAGNE VOOR MEER STAGEPLEKKEN EN LEERBANEN VAN START Ambassadeur Aanpak Jeugdwerkloosheid Mirjam Sterk heeft de aftrap gegeven voor de campagne ‘Word leerbedrijf, daar word je beter van’. Daartoe nam Sterk in de Rotterdamse haven de SBB-barometer in ontvangst. Deze barometer van de Stichting Samenwerking Beroepsonderwijs Bedrijfsleven (SBB) meldt een groeiend tekort aan stageplaatsen en leerbanen voor het mbo: op dit moment zijn er ruim 20.000 minder leerbanen dan twee jaar geleden. Vooral voor de leerlingen met mbo niveau 1 en 2 en in de sectoren bouw en zorg is de schaarste groot. ‘Een stage- of leerbaan is vaak verplicht om een diploma te behalen. Door het huidige tekort staan veel jongeren al met 1-0 achter’, aldus Sterk. ‘Gelukkig bleek uit de cijfers van het CBS dat de jeugdwerkloos-

heid de afgelopen maanden vrijwel niet is toegenomen. Maar met 137.000 werkloze jongeren is er allerminst reden om achterover te leunen.’ De uitreiking van de barometer vormde de start van het stage- en leerbanenoffensief ‘Word leerbedrijf, daar word je beter van’. In de campagne roept Mirjam Sterk, in samenwerking met de SBB, bedrijven op om leerbedrijf te worden. Zij wordt hierin ondersteund door lokale overheden en kenniscentra. Het eerste campagnemateriaal werd daarom overhandigd aan de gemeente Rotterdam en het kenniscentrum voor de sector Transport en Logistiek (VTL). Ook heeft de gemeente Rotterdam toegezegd dat zij de komende periode zorg zal dragen voor 1.350 extra stageplekken en leerbanen.

Ambassadeur Aanpak Jeugdwerkloosheid Mirjam Sterk heeft de aftrap gegeven voor de campagne ‘Word leerbedrijf, daar word je beter van’. Er is een tekort aan stageplaatsen en leerbanen voor het mbo. In de campagne roept Sterk bedrijven op om leerbedrijf te worden.

EERSTE TEKENEN DAT EUROPESE INDUSTRIE UIT RECESSIE KLIMT Uit de economische enquête die de Europese Commissie elk kwartaal houdt, blijkt dat industrieel Europa mogelijk op het punt staat om uit het recessiedal te klimmen. In de eurozone zijn de industriële ondernemers en managers namelijk optimistischer over hun orderportefeuille. Ze zijn naar verluidt ook positiever over hun concurrentiepositie op de exportmarkten buiten de EU en schroeven overeenkomstig hun verwachtingen inzake exportvolumes omhoog. Dat gebeurt overigens voor het derde kwartaal op rij. Dat wijst er, aldus de Commissie, op

Volgens een onderzoek van de Europese Commissie gaat het beter met de Europese industrie. De productie is gestegen en het vertrouwen in de economie groeit.

dat de industrie zich opmaakt om de recessie achter zich te laten. Die prognose wordt nog door andere indicatoren ondersteund. In lijn met de positieve trend nam bijvoorbeeld een aantal maanden onderhanden werk in portefeuille toe, vergeleken met de laatste peiling van april 2013. Bovendien daalde de Europese (over)productiecapaciteit als geheel, en steeg de bezettingsgraad tot 78,3 procent. De trend in de bredere Europese Unie volgt grotendeels dezelfde lijnen, aldus de Commissie. Opmerkelijk is dat daar het aantal maanden onderhanden werk momenteel op een historisch hoge piek zit. Ook de economische vertrouwensindex (ESI, Economic Sentiment Indicator) steeg in juli voor de tweede maand op rij, met 2,4 punten tot 95,0 punten in de bredere Unie en met 1,2 punten tot 92,5 in de eurozone. Opmerkelijk: het vertrouwen neemt toe in de industrie, dienstverlening en detailhandel, maar daalt in de bouwsector. De stijging is uitgesproken in België: van 90,7 punten in juni tot 92,9 punten in juli 2013. Ook een positief signaal: het positieve sentiment wordt gedragen door vier van de vijf grootste economieën van de eurozone, namelijk Italië (+2,9), Spanje (+1,2), Frankrijk (1,2) en Duitsland (0,7), terwijl het verslechterde in Nederland (-2.0).

07

iMaintain 13

012_13_15_17_L_whatsNEXT.indd 17

27-08-13 15:46


18 Gebouwde oMGevinG

duurzame Amstelcampus maakt installatiebeheer uitdagend in een mengeling van bestaande bouw en nieuwbouw ontstaat langzaamaan de Amstelcampus van de Hogeschool van Amsterdam. Metin Kircadag is als clustermanager techniek van de HvA verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud aan de gebouwgebonden installaties van de verschillende locaties. Het College van bestuur wil dat de gebouwen zo energiezuinig mogelijk worden gemaakt. dat betekent soms wel wat uitdagingen voor het beheer van de installaties. David van Baarle De Hogeschool van Amsterdam (HvA) bouwt alweer een tijd aan de zogenaamde Amstelcampus. Als de campus in 2018 klaar is, biedt deze ruimte aan 30.000 studenten en medewerkers. Vijf van de acht gebouwen van de Amstelcampus zijn inmiddels gereed en in gebruik genomen. Verder komen er circa 280 woonunits voor studenten, een nieuwe sporthal, restaurants, terrasjes, coffeecorners en serviceshops. De Amstelcampus voorziet bovendien in leercentra, parkeergarages en (inpandige) fietsenstallingen. Het College van Bestuur, dat zowel leiding geeft aan de HvA als de Universiteit van Amsterdam (UVA), heeft aan het begin van de plannen direct al aangegeven dat de campus zo duurzaam mogelijk moest worden ingericht. Dat betekent dat men bij de bouw al rekening houdt met het energieverbruik van de gebouwen. Die wens is best ambitieus, zeker gezien het feit dat de campus is samengesteld uit een mengeling van bestaande gebouwen en nieuwbouw. Metin Kircadag is als clustermanager techniek van de HvA verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud aan de gebouwgebonden installaties van de verschillende locaties. ‘In totaal beheren we een areaal van twaalf gebouwen, wat neerkomt op 240.000 kubieke meter bruto vloeroppervlakte’, zegt Kircadag.

07 13 iMaintain

018_19_I_artikel.indd 18

‘In 2005 zijn we al begonnen met de renovatie van de oude gebouwen. Het eerste dat aan de beurt was, was het Koetsier Montagnehuis (de modeacademie, red.). In 2007 namen we het Benno Premselahuis (Singelgrachtgebouw, red.) onder handen en inmiddels (start 2009 en klaar 2011, red.) zijn ook het voormalig belastingkantoor Kohnstammhuis en het Theo Thijssenhuis gereed. In 2009 sloopte men het Wibautgebouw waar momenteel twee nieuwe panden worden gebouwd: het Muller-Lulofshuis (gereed in 2013, red.) en het Wibauthuis (gereed in 2015, red.). Het Rhijnspoorgebouw is het laatste gebouw dat nog wordt gebouwd en zal in 2018 worden opgeleverd.’

‘Je zult constant moeten overwegen wat waarde toevoegt aan het systeem.’ Een bijzonder onderdeel is volgens Kircadag het sportcomplex in Osdorp voor de Academie voor Lichamelijke Opvoeding. ‘In 2009 is fase 2 ingegaan van de bouw van een unieke sportfaciliteit: het Dr. Meurerhuis. Recent heeft hier nog een flinke dakrenovatie plaatsgevonden.’  

Energie-efficiënt Facility service is vanaf het begin betrokken bij de bouwplannen. ‘Het college had al besloten de MJA3-convenanten te ondertekenen en we hebben dan ook een energie –efficiencyplan laten uitvoeren. De afdeling Nieuwbouw van de HvA leidt de nieuwbouwprojecten, maar wij worden als Beheer en Onderhoud wel degelijk meegenomen in het beslissingstraject. Wij moeten uiteindelijk de gebouwen overnemen en de installaties beheren en onderhouden. Voor het nog te bouwen Rhijnspoorgebouw willen we zelfs opgaan voor een BREEAM-certificering. Dit cer-

tificaat beoordeelt gebouwen op drie niveaus: gebouw, beheer en gebruik. Om zo’n traject te laten slagen, is dan ook een integrale benadering nodig.’ De maatregelen die zijn genomen om het energieverbruik binnen de perken te houden, zijn dan ook talloos. ‘Verlichting is voor een hogeschool een grote energieverslinder’, weet Kircadag. ‘En dus kijken we waar we kunnen innoveren en uiteindelijk ook besparen. Zo onderzoeken we diverse soorten LED-verlichting, maar kijken ook wanneer verlichting nodig is. Er zijn momenteel armaturen waar de bewegingssensor al in zit zodat je heel lokaal kunt verlichten. Bijkomend voordeel is dat je het daarmee tevens direct ziet als er ongenode gasten in een gebouw verblijven terwijl een lokaal dan wel verdieping leeg zou moeten zijn. Je hebt dus een alternatief inbraakalarm.’ In alle beslissingen staat het comfort van de gebruikers voorop. ‘Je kunt wel de zuinigste verlichting aanschaffen, maar als de gebruikers daar last van ondervinden, zul je naar alternatieven moeten zoeken. We betrekken de klant dan ook in alle facetten van de nieuwbouw. We moeten tenslotte een goede omgeving creëren om te studeren of te sporten. Dat betekent ook dat je niet alles dicht kunt isoleren. Je zult ook rekening moeten houden met de luchtkwaliteit. We hanteren het programma van eisen ‘frisse scholen’ maar kunnen helaas niet alle aspecten hiervan toepassen. Luchtverversing en isolatie zijn wel twee conflicterende eisen waar we op een goede en verantwoorde manier mee om moeten gaan.’ Inmiddels is Kircadag op een nieuw luchtsysteem gestuit dat niet alleen verse lucht inblaast, maar ook de temperatuur gelijk verdeelt. ‘Een zwembad in IJmuiden maakt al gebruik van dit zogenaamde BaOpt-systeem (Bauer Optimalisatie, red.) en ik ben eens gaan kijken hoe dit werkte. Met behulp van drukverschillen wordt de koude en warme lucht gemengd waardoor

Abonnees lezen meer op www.imaintain.info

28-08-13 09:12


Gebouwde oMGevinG 19

in een mengeling van bestaande bouw en nieuwbouw ontwikkelt de Hogeschool van Amsterdam de Amstelcampus. om zo duurzaam mogelijk te worden, doet de afdeling beheer en onderhoud volop onderzoek naar geschikte technieken.

de gelaagdheid van de lucht verdwijnt en een homogene temperatuur wordt verkregen. Dat verhoogt niet alleen het comfortgevoel, maar verlaagt bovendien de energiekosten. Heel bijzonder en zeker de overweging waard.’

WKO Een van de meest ingrijpende duurzame oplossingen is de warmte-koude-opslag (WKO) waarvoor men heeft gekozen bij de nieuwbouw op het campusterrein. Basisidee is dat je twee bronnen aanboort: een voor koude en een voor warmte. Die bronnen mogen niet te dicht bij elkaar liggen omdat anders op termijn het koude water zou kunnen mengen met het warme water. In de zomer gebruikt men het koele grondwater om gebouwen te koelen, het opgewarmde water slaat men op in de bodem totdat het in de winter wordt gebruikt om gebouwen te verwarmen. Het water wordt uit de ene bron onttrokken en via een warmtewisselaar geleid en in de andere bron geïnfiltreerd. Helaas is de techniek nog vrij nieuw en het beheer van zo’n installatie is nog best lastig. ‘Het duurt zeker twee jaar voor je zo’n systeem echt goed hebt ingeregeld’, zegt Kircadag. ‘Bij ons is het een extra uitdaging omdat de binneninstallatie nog veel optimalisatie vraagt, waardoor we extra moeten regelen.’ Op het campusterrein zijn twee bronnen aangeboord met een diepte van 160

meter, de onderlinge afstand is honderd meter. Via leidingen wordt het warme, dan wel koude water naar een warmtewisselaar gepompt en overbrugt een gasketel de eventuele tekorten aan warmte. ‘Imtech is onze technische partner en samen met zijn subcontractor Tsjaden verantwoordelijk voor het juist inzetten van de installatie. Met beiden hebben we dan ook beheer en onderhoudscontracten lopen voor de WKO. Om het complexe systeem van wateronttrekking en –injectie, verwarming en warmte/koude-transport te monitoren en te regelen, heb je veel en complexe meet- en regeltechniek nodig die goed moet worden ingeregeld. Bovendien vereist de vergunning van de provincie voor het onttrekken van grondwater een uitgebreide rapportage van de waterverplaatsing en de brontemperatuur. Als we meer water onttrekken dan de vergunning toestaat, kunnen we boetes tegemoet zien en dus zijn we erbij gebaat dat het systeem van begin af aan goed werkt. Omdat dat in de praktijk complexer werkt dan we oorspronkelijk dachten, hebben we advies ingewonnen bij DWA. Het adviesbureau heeft een eigen monitoringsysteem met de naam ‘Monavisa’ dat dagelijks inzicht geeft in de prestaties van de technische installaties. Afwijkingen worden automatisch gemeld en je ziet snel wat de status van de installaties is. Als de installatie niet doet wat hij moet doen, moet je eerst kijken of dat

aan de installatie zelf ligt of aan de bron. Daarnaast kun je spelen met de instellingen en kijken wat dat verandert. Het heeft ons veel geholpen om te optimaliseren.’ Ook een WKO moet worden onderhouden. ‘Normaal gesproken heb je last van vervuiling die meekomt met het opgepompte water. Uiteraard zitten er filters in het systeem die de meeste vervuiling eruit halen, maar eens per jaar moet het systeem uit bedrijf worden genomen om te worden gereinigd. De infiltratiedrukken moeten goed in de gaten gehouden worden in verband met vervuiling. Je kunt de onderhoudsstops dus goed voorspellen.’ En zo zijn er nog veel meer plannen om de Amstelcampus een van de duurzaamste van Nederland te maken. ‘We hebben een doelstelling van dertig procent energiebesparing in 2020. Bovendien kijken we naar manieren om de energie die we gebruiken duurzaam op te wekken. Bijvoorbeeld met ‘Join the Pipe’, een initiatief om kraanwater te promoten, en zonnepanelen. Slimme meters moeten ervoor zorgen dat het energieverbruik inzichtelijk wordt. Gelukkig hebben we veel ruimte van het bestuur gekregen om onderbouwd te onderzoeken, alhoewel ook de HvA niet ontkomt aan bezuinigingen. Je zult dus constant moeten overwegen wat waarde toevoegt aan het systeem. Terugverdientijd en netto contante waarde spelen hier een belangrijke rol bij.’ ■

07

iMaintain 13

018_19_I_artikel.indd 19

28-08-13 09:12


KENNIS

FOTO: AMsTerdAM rAil

Carrière én opleiding

Kennis en ervaring gaan hand in hand bij de carrière van Frits Neuteboom. In een loopbaan die in 1979 als 16-jarige schoolverlater bij de spoorwegen begon, zijn techniek, training en verbetering terugkerende thema’s. Inmiddels is Neuteboom Master of Engineering Maintenance & Asset Management en ziet hij met bijna 35 jaar ervaring steeds dat investeren in de juiste kennis snel wordt terugverdiend.

Mark Oosterveer

20 Opleiding en carrière 2013

020_21_M_cariere_special_artikel .indd 20

28-08-13 09:06


FOTO: AMsTerdAM rAil

Neuteboom begint zijn loopbaan in 1979 met een combinatie van werken en leren als aspirant-monteur bij één van de werkplaatsen van de NS, in Leidschendam. Hij klimt vrij snel door naar de functie van hoofdmonteur. De avond-MTS biedt daarbij de inhoudelijke onderbouwing van de zaken die dagelijks in de praktijk geleerd werden. Na een aantal jaar krijgt Neuteboom de kans om Technisch Medewerker Nieuwbouw te worden. Op deze hbo-functie verzorgt hij alles wat nodig is om onderhoud te kunnen doen; van organiseren en inrichten van de processen en werkzaamheden tot leveranciersgesprekken, garantietermijnen en relatiebeheer. De werkzaamheden richten zich op de motorwagens van de dubbeldekkertreinen die sinds 1991 in Nederland rijden. Als Verbetermanager Uitvoering Techniek houdt Neuteboom zich hierna bezig met de analyses van storingen en problemen. Hij kijkt in deze rol naar de prestaties van het materieel en waar, wanneer en waardoor er problemen optreden. Een pragmatische functie bestaande uit een mix van maintenance engineering en reliability engineering. De kennis en ervaring die Neuteboom tot dan toe inzet, is voornamelijk opgebouwd bij de spoorwegen. Maar ‘buiten’ is er meer te zien. Daarom volgt Neuteboom de post-hbo-opleiding Onderhoudstechnologie. Hier komt hij in aanraking met vakgenoten, nieuwe technieken en inzichten en de vaardigheid om veel breder dan de eigen werkzaamheden naar een situatie te kijken. Neuteboom: ‘Ik heb daar geleerd om opnieuw te kijken naar de dingen die ik al jaren deed. En ik kon met nieuwe technieken een verschil maken. Ik werd als het ware consultant voor mijn eigen werk.’ Vakmanschap wordt business Met het nieuwe inzicht gaat Neuteboom ook aan de slag met de informatievoorziening. Hij stimuleert zijn omgeving om ook te gaan leren en gaat tevens zelf lesgeven. Zijn aandacht gaat uit naar de vraagstukken met betrekking tot welke informatie nodig is om je werk in lijn met de bedrijfsdoelstellingen uit te voeren. Van heel abstract tot meetbaar op functieniveau. De aandacht voor informatie en de invloed die mensen op het resultaat kunnen hebben, maakt dat vakmanschap wordt omgezet naar business. De mix van nieuwsgierigheid en ambitie zorgen dat Neuteboom toch weer wil gaan studeren. Na een toelatingstoets start hij een opleiding voor Master of Engineering Maintenance & Asset Management. Dat bleek een pittige maar haalbare opleiding. Kortweg vat Neuteboom het als volgt samen: ‘Ik heb over de hele keten een focus gekregen op de zaken die écht moeten gebeuren.’ Met een collega die de opleiding ook volgt, stapt Neuteboom tijdens de studie naar de directeur van NedTrain Fleet Services, Leo van Dongen. Samen met zijn collega pleit Neuteboom met succes voor een afgeleide in-company training van de Masteropleiding waarna de meest relevante delen in masterclasses aan groepen van circa veertien personen worden overgedragen.

‘Ik werd als het ware consultant voor mijn eigen werk.’

De opleiding van de teams die zijn samengesteld uit collega’s van allerleiwerkplaatsen heeft verschillende effecten. Om te beginnen wordt het kennisniveau van de mensen op een gelijk vlak getrokken. Bovendien zorgt de samenwerking voor betere kennisuitwisseling tussen specialisten van verschillende onderhoudsbedrijven van NedTrain. En bovenal zorgt de aanpak dat er meer wordt gedacht met een Risk Based Maintenance-focus over de impact van onderhoudswerkzaamheden op de processen. Kennis en kunde Tegenwoordig is Frits Neuteboom Reliability Engineer bij NedTrain in Leidschendam. Neuteboom: ‘Deze functie is een soort spin in het web. Vroeger keek ik vanuit de techniek, nu kijk ik vanuit het contract naar de prestaties van de installatiedelen waar ik verantwoordelijk voor ben. Waar gaat het goed, waar zitten de verschillen en waar kunnen we grote stappen maken in verbetering.’ Daar volgt een advies uit voor de materieelmanager om een specifiek onderwerp aan te pakken en in de gehele keten te verbeteren. En ook in dat proces speelt actuele kennis een belangrijke rol. Voor de technisch specialisten die met de verbeteringen aan de slag moeten, is op maat een in-company training gemaakt op basis van de opleiding Onderhoudstechniek, met dezelfde voordelen als de eerder genoemde trainingen. De investeringen in kennis en kunde

NOMINATIE Bouwen aan kennis en ervaring van zichzelf en collega’s gaan hand in hand bij de carrière van Frits Neuteboom. En niet zonder gevolgen. De aanpak en de resultaten voor het verbeteren van de betrouwbaarheid van de SGM-serie zijn onlangs genomineerd voor de World Class Maintenance Award.

op verschillende lagen van de technische diensten van NedTrain verdienen zich terug. Frits Neuteboom vertelt trots: ‘Voor een van de materieelseries, de SGM II, hebben we echt behoorlijke verbeteringen gerealiseerd. Dit type trein reed al een tijd bij ons rond en begon na een revisie veel problemen aan de tractie te vertonen. De prestaties gingen achteruit en de kosten omhoog. Onze aanpak heeft gezorgd dat de storingen, afhankelijk van het type storing, met dertig tot vijftig procent zijn gereduceerd.’ Neuteboom heeft voor zijn thesisonderzoek van de masteropleiding een meetinstallatie gebouwd die onder alle gebruiksomstandigheden in beeld bracht hoe warmte, belasting en gebruik het falen beïnvloeden. En met succes. De resultaten uit het onderzoek hebben zowel technische als procedurele gevolgen gehad. Neuteboom: ‘Als iets faalt, moet je het goed herstellen. Daarvoor hebben we de afhandelscenario’s verbeterd. Veel van het falen van installaties zit in de processen, niet in de techniek.’ ■

De investeringen in kennis en kunde op verschillende lagen van de technische diensten van NedTrain verdienen zich terug.

Opleiding en carrière 2013

020_21_M_cariere_special_artikel .indd 21

21

28-08-13 09:06


Identificeer defecten. Vermijd productie uitval. De testo 885 warmtebeeldcamera identificeert betrouwbaar fout oorzaken in minerale olieraffinaderijen, en verbetert de systeembeschikbaarheid.

23 0983 13TI-15

• SuperResolution infraroodbeelden met 320 x 240 pixels • Automatische hot spot herkenning • Verwisselbare lens voor nauwkeurige beelden op verschillende afstanden

www.testo.nl/testo885

De kracht van Knowledge Engineering En kracht betekent een sterke positie in de markt. Dus is het belangrijk om het beste in uw mensen naar boven te halen en die vooraanstaande positie te behouden of zelfs uit te bouwen. Uw mensen dienen dan wel over het vereiste kennisniveau te beschikken. Een goede, praktijkgerichte opleiding ondersteunt deze doelstelling. Door uw mensen zelfstandiger te laten werken, zullen zij een nog meer gemotiveerde bijdrage leveren aan uw bedrijfsdoelstellingen. SKF biedt u praktijkgerichte opleidingen, geeft advies en besteedt veel aandacht aan de individuele werksituatie van uw medewerkers. Voor het volledige overzicht van de SKF opleidingen, ga naar www.nederland.skf.com/opleidingen. Ook dat is The Power of Knowledge Engineering.

www.nederland.skf.com

020_testo_SKF.indd 1

27-08-13 14:53


ARBEIDSMARKT

Technische banen nog steeds voor het oprapen

De werkloosheid blijft groeien. Maar de industrie is nog steeds hard op zoek naar nieuwe collega’s. Vooral de regio Rotterdam heeft het moeilijk in de zoektocht naar mankracht.

De nieuwste cijfers over de werkloosheid in Nederland schetsen geen rooskleurig beeld van de arbeidsmarkt. Wederom steeg deze tot bijna 700.000 werklozen. Maar er zijn analyses die een positief perspectief schetsen voor de komende twaalf maanden. Ondertussen blijft de industrie schreeuwen om mankracht en wijzen de statistieken uit dat de techniek een van de weinige vakgebieden is waar er juist wel werk is, voornamelijk in de regio Rotterdam. Toch zou ook daar de vraag naar personeel langzaam aan het afnemen ijn. z

Elise Quaden Opleiding en carrière 2013

023_25_N_cariere_special_artikel.indd 23

23

28-08-13 09:28


Ben je op zoek naar een cursus over Procesveiligheid, Externe veiligheid of BRZO? Kijk dan snel bij PHOV! Wil je bijvoorbeeld meer weten over onderhoud, MOC of de organisatie van grote projecten en turnarounds in de procesindustrie? Of meer over procesveiligheid zelf? Wil je een helder overzicht van de wet- en regelgeving rond externe veiligheid? Draag je als manager of als medewerker VGM (eind-)verantwoordelijkheid voor het ontwikkelen, uitvoeren en het bewaken van de aspecten die samenhangen met dit VGM werkveld?

Dan heeft PHOV de volgende cursussen voor jou: Coördineren BRZO binnen bedrijven

11 september 2013

Opleiding Procesveiligheid

25 september 2013

Basiscursus BRZO/Externe Veiligheid

7 november 2013

Basiscursus Managen VGM

29 oktober 2013

Vervolgcursus Managen VGM

14 november 2013

Meer informatie? www.phov.nl Voor persoonlijk studieadvies: 030 231 82 12, info@phov.nl Weerdsingel WZ 32 | 3513 BC Utrecht | T 030 231 82 12 | www.phov.nl | info@phov.nl

“Uw toekomstige operators en

maintenance technici zijn in de maak!”

PRODEX is de specialist in leer/werktrajecten in de procesindustrie en heeft als doel om het tekort aan geschikte operators en maintenance technici te voorkomen. MBO-geschoold personeel met een technische achtergrond is zeer schaars. Prodex werft en selecteert kandidaten met potentie die wij met onze kennis en ervaring opleiden, om- of bijscholen tot operator en maintenance technici. De praktijk heeft inmiddels uitgewezen dat er echt voldoende technici zijn voor wie dat een uitgelezen kans is.

hoe doen we dat?

Bedrijven die al met ons samenwerken kennen onze beproefde en succesvolle aanpak: het voor u gewenste profiel, onze geavanceerde selectiemethodes, de begeleiding gedurende het gehele opleidingstraject door de PRODEX-jobcoaches en… de zeer nauwe samenwerking met gespecialiseerde opleiders. Kortom,

prodex maakt werk van technisch talent. Karel Doormanweg 9e, 3115 JD Schiedam, Havennummer 565 T +31 (10) 42 777 16

E mail@prodex.nl

Prodex maakt onderdeel uit van de Laurensgroep, sinds 1988 gespecialiseerd in de procesindustrie

www.prodex.nl

024_POV_prodex.indd 1

27-08-13 14:53


Het Centraal Bureau voor de Statistiek kan het niet mooier maken dan het is: nog steeds groeit het aantal werklozen. De voor seizoensinvloeden gecorrigeerde werkloosheid nam in juni 2013 toe met 16.000 en kwam uit op 675.000 personen, blijkt uit de nieuwste cijfers. Daarmee is de werkloosheid in juni opgelopen tot 8,5 procent. Vergeleken met zes maanden eerder waren er ruim 100.000 meer werklozen. De afgelopen drie maanden kwamen er gemiddeld 11.000 werklozen per maand bij. Vooral onder 45-plussers nam het aantal werklozen de afgelopen drie maanden flink toe: maandelijks met gemiddeld 7.000 mensen. Deze stijging hangt samen met de toegenomen participatie van 45-plussers op de arbeidsmarkt. Dit vertaalt zich in meer werkenden, maar vooral ook meer werklozen in deze leeftijdsgroep. Bij jongeren en 25- tot 45-jarigen kwamen er gemiddeld 2.000 werklozen per maand bij. Techniek en gezondheidszorg Een opleiding in de techniek of in de gezondheidszorg blijkt nog steeds een goede keuze te zijn wat betreft de kansen op de arbeidsmarkt. Alleen in de sector gezondheidszorg lag het percentage van het aantal werklozen anderhalf jaar na het afstuderen lager dan bij techniek. Dit blijkt uit de HBO-Monitor 2012. De HBO-Monitor wordt jaarlijks door het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) samengesteld. Uit het onderzoek ‘Schoolverlaters tussen onderwijs en arbeidsmarkt 2012 blijkt onder meer dat afgestudeerden met een voltijd hbo-opleiding na hun studie langer zonder werk blijven zitten dan in 2011. Afgestudeerden die in het bezit zijn van een hbo-technische opleiding vindt 73 procent binnen een maand tijd werk. 13 procent vindt werk tussen de een en drie maanden. Maar de relatieve werkloosheid in de technische sector is in 2012 naar 8 procent gestegen, terwijl dit percentage in 2011 nog 4 procent was. Van de afgestudeerden voltijd hbo-techniek vindt bijna 90 procent een baan op minimaal hbo-niveau; ook hiermee scoort de technische sector boven het gemiddelde (76 procent). Vaste aanstelling Het aandeel van technische hbo’ers die na anderhalf jaar na het afstuderen een vaste aanstelling krijgen, ligt op 52 procent, wat 10 procent boven het gemiddelde percentage ligt. De technische sector scoort hiermee het beste van de onderzochte sectoren. Naast een hoog percentage vaste aanstellingen ligt ook het bruto uurloon van voltijd hbo-technici die zijn afgestudeerd relatief hoog: 14,10 euro per uur. Alleen in de gezondheidszorg wordt met 15,10 euro bruto per uur meer verdiend. Het aantal gewerkte uren valt in de technische sector met 38 uren het hoogst uit, mede een reden waardoor het bruto maandloon (gemiddeld 2.382 euro) voor starters in deze sector op het hoogste niveau ligt. De sector economie volgt met een gemiddeld bruto maandloon van 2.065 euro en de sector gezondheidszorg kent een startsalaris van rond de 2.000 euro.

Een opleiding in de techniek of in de gezondheidszorg blijkt nog steeds een goede keuze

Dalende vraag Over de ontwikkeling van de technische arbeidsmarkt zijn de onderzoeksbureaus het niet eens. Het tekort aan hoger opgeleide technici is structureel en dat blijft voorlopig zo, zegt Yacht in de analyse ‘Trends en ontwikkelingen op de technische arbeidsmarkt eerste helft 2013’. In het tweede kwartaal van dit jaar lag de vraag 23 procent hoger dan in het tweede kwartaal van 2012. Opvallend is de toename in de regio Rotterdam, waar in het tweede kwartaal van dit jaar de vraag met 59 procent is gestegen ten opzichte van het hetzelfde kwartaal van afgelopen jaar. De vraag naar hoogopgeleide technici in de regio Rotterdam stijgt al drie jaar, maar sinds het vierde kwartaal 2012 stijgt de vraag in deze regio hard. Enige nuancering met betrekking tot de vraag naar technici is wel geboden, zegt een analyse van de Intelligence Group. De vraag is nog steeds groot (meer dan 40.000 vacatures in Q2 2013),maar zwakt af. Dit betekent niet dat er geen tekorten meer zijn in de techniek: de vraag is nog altijd groter dan het aanbod, alleen minder groot dan een jaar geleden. Op dit moment zijn er per 1.000 actieve baanzoekers nog steeds 1.152 vacatures. Herstel Volgens de Intelligence Group blijkt dat we binnen twaalf maanden een herstel op de arbeidmarkt mogen verwachten. Macroeconomisch gezien is de huidige arbeidsmarkt nog steeds slecht, maar doordat het actieve aanbod van personeel harder afneemt dan de vraag en met een herstellende bouwsector als aanjager van de economie, lijkt een kantelpunt binnen twaalf maanden in zicht. Hoewel het totale vacatureaanbod in het tweede kwartaal van 2013 met 6,9 procent is gedaald ten opzichte van 2012, zijn er nog steeds groeimarkten op de Nederlandse arbeidsmarkt. De ICT-sector laat al twee jaar op rij een sterke groei zien in het vacatureaanbod (+10 procent in 2012; +21 procent in 2013). De functiegebieden research & development en het onderwijs laten eveneens een lichte groei zien in de vraag naar personeel. Discouraged workers effect Het actieve aanbod van arbeid daalt, waarmee de eerste signalen van een discouraged workers effect zichtbaar zijn. Was in het tweede kwartaal van 2012 nog bijna 21 procent van de (potentiële) Nederlandse beroepsbevolking actief werkzoekend, in dezelfde periode van 2013 is dat gedaald tot 17,9 procent. Dit impliceert dat mensen ontmoedigd raken in het vinden van een baan. Doordat het aanbod van medewerkers, ondanks een stijgende werkloosheid, harder daalt dan de vraag, lijkt het perspectief van werkzoekenden te draaien. Macro-economisch gezien blijft het een slechte arbeidsmarkt maar het toekomstperspectief verbetert door (potentiële) verkrapping op de arbeidsmarkt. De vraag neemt in totaliteit af ten opzichte van het tweede kwartaal in 2012. Doordat het actieve aanbod van werknemers sterker daalt is het perspectief positief. ■

Het aantal technische hbo’ers dat snel na afstuderen een vaste aanstelling krijgt, is bovengemiddeld hoog

Opleiding en carrière 2013

023_25_N_cariere_special_artikel.indd 25

25

28-08-13 09:28


3P Quality Services zoekt: 3P Quality Services B.V. is een onafhankelijk technisch inspectiebureau binnen de petrochemische industrie, process industrie, offshore en energiesector. Wij bieden een breed scala aan support services, Onze sleutelwoorden zijn: Inspectie, Maintenance en Vendor inspectie activiteiten.

3P Quality Services B.V. bemiddelt vanuit een projectmatige aanpak en/of vanuit een vaste bemiddeling binnen de vakgebieden Engineering, Construction management, Shutdown management en Project management. Voor diverse nationale en internationale functies op het gebied van inspectie en aanverwante diensten, zijn wij doorlopend op zoek naar:

Werktuigbouwkundigen MBO/HBO niveau De ideale kandidaten beschikken minimaal over: • MBO/HBO werktuigbouwkunde • Opleiding IKT/SKK (II/III) – en/of MLT/EWT/IWT • Beheersing van Microsoft Office • Goede contactuele eigenschappen • Grote mate van zelfstandigheid 3P Quality Services biedt kansen en mogelijkheden ook voor 50 plussers en starters op de arbeidsmarkt. 3P Quality Services is gecertificeerd volgens ISO 9001/VCA. Een kwaliteitsgarantie gaat echter niet alleen om systemen en standaarden, maar vooral om mensen. Daarom investeren wij voortdurend in onze professionals door middel van opleidingen en coaching. Voor meer informatie en vragen kunt u contact opnemen met Dhr. C.J. de Graaf of Dhr. K. van Oevelen T +31(0)161 438 500. Bent u onze juiste kandidaat? Mail dan uw sollicitatie met CV naar 3pqs@3pgroup.com onder vermelding van 3P zoekt werktuigbouwkundigen en jong talent.

030_3pquality.indd 1

3P zoekt ook jong talent 3P heeft in samenwerking met diverse klanten een overeenkomst om jonge talenten een kans te geven. 3P en onze klanten willen graag investeren voor nu en in de toekomst en 3P verzoekt kandidaten die als lasser of NDO-er reeds 5 jaar ervaring hebben en een MTS diploma hebben en/of dit willen behalen te solliciteren. In overleg en in samenwerking met onze klanten zoekt 3P een geschikte werklocatie om op termijn door te groeien naar een volwaardige QC-er en/of inspecteur. Voor een volledig overzicht van de vacatures bekijk het aanbod op: www.3pgroup.com

Continuïteit door deskundigheid.

27-08-13 14:22


Maint

NL

Het magazine van de NVDO

Onderhoud van de lange adem | Prestatie-inkoop is beter nadenken over risico’s en alternatieven | Energieneutrale brug duurzaam en snel gebouwd 027_MA_NVDO_cover.indd 27

27-08-13 15:46


Neem nu een abonnement op PT Industrieel Management en ontvang gratis het Polytechnisch Zakboek

PT Industrieel Management is het magazine voor de maakindustrie. Engineering, manufacturing en supply chain management zijn de pijlers onder dit gezaghebbende tijdschrift. Als productiviteit en flexibiliteit uw uitdagingen zijn, dan leest u PT Industrieel Management. Neem nu een abonnement en profiteer van onze unieke aanbieding! • Het eerste jaar 50% korting of • Gratis Polytechnisch Zakboek ter waarde van € 175,–

GA NAAR WWW.BIMMEDIA.NL/PTIM

028_BIM.indd 1

27-08-13 14:53


Van de voorzitter

Het is maar de vraag … De Tweede Kamer is onlangs akkoord gegaan met de nieuwe Aanbestedingswet. En iedereen maakt zich zorgen. Het is maar de vraag of de nieuwe wet haar doelstellingen behaalt, want van alweer een nieuwe wet is het deze keer de bedoeling dat de regels van aanbestedingen duidelijk, eenduidig en eenvoudig zijn. Het is maar de vraag of de nieuwe Aanbestedingswet leidt tot lagere kosten voor bijvoorbeeld bouw, beheer en onderhoud en innovatie in de bouwsector. De wet beoogt ongewenst bundelen van percelen tegen te gaan en kleinere bouwbedrijven ook een eerlijke kans te geven bij gunningen. Zo mogen bijvoorbeeld instellingen met verschillende vestigingen het onderhoud aan al hun gebouwen niet meer als vanzelfsprekend aan een enkele partij uitbesteden. Anders dan vroeger, waar met complexe raamcontracten werd gewerkt, leidt dit tot minder complexe en kleinere aanbestedingen waardoor de kansen voor het mkb op een overheidsopdracht toenemen. Niet alleen raamcontracten, maar ook de zogenaamde geïntegreerde contracten behoren onder de nieuwe wet tot het verleden. Opsplitsing van contracten leidt echter tot versnippering van aanbieders en dat werkt innovatie in de bouw weer tegen. Die was immers gebaseerd op meer klantgerichtheid middels verregaande ketenintegratie. De kans dat de wet vernieuwing in de bouw weer vertraagt, is dan ook groot.

Het is de vraag wanneer groepen zelfstandigen opstaan om de paragraaf ‘clustering is verboden’ aan te vechten en wanneer de eerste herzieningen in de Aanbestedingswet komen. Dat zal vast niet lang duren, want de Europese Commissie wil het nog eens grondig bekijken. In de nieuwe wet is nog niets veranderd aan de korte termijn tussen de Nota van Inlichtingen (NvI) en de deadlines voor inschrijvingen, welke nog steeds op zes dagen staat. Het is maar de vraag wanneer hier een herziening in de Aanbestedingswet komt, want die termijn mag best langer. Of aanbesteders moeten meer en eerder in het proces NvI’s beschikbaar geven. Want soms begrijp je pas na de antwoorden echt wat de vraag inhoudt en moet je met je team tot diep in de nacht aan de slag met de inschrijving. Het is de vraag of dit eerlijk is. Waar de aanbesteder al maanden van voorbereiding had, rest de inschrijver dan nog minder dan een week! Het is maar de vraag of de nieuwe Aanbestedingswet slaagt. Voor wat betreft de juridische dienstverlening wel, want er worden overal in het land, speciaal voor de inschrijvers, dure informatiedagen georganiseerd om nieuwe tips en tricks mee te geven. Ik ga het graag ervaren.

De kans dat de nieuwe Aanbestedingswet vernieuwing in de bouw weer vertraagt, is groot.

Bas P. Kimpel Voorzitter

MaintNL 07 – 2013 29

029_MB_NVDO_Voorzitter.indd 29

27-08-13 15:45


Prestatiemanagement

Beter nadenken over risico’s en alternatieven Best Value Procurement of prestatie-inkoop is een methode om een leverancier te selecteren die de meeste waarde levert tegen de beste prijs. Dat is meer dan scherp onderhandelen om zo goedkoop mogelijk in te kopen. ‘Je zoekt de beste leverancier’, zegt Charles Gevers van TenneT. ‘Maar alle partijen verbeteren hierdoor.’ Pieter Pulleman Best Value Procurement (BVP) komt uit de koker van professor Dean Kashiwagi (Arizona State University). Hij ontwikkelde de methode circa twintig jaar geleden nadat hij vaststelde dat bij veel bouwprojecten budgetoverschrijdingen of vertragingen te wijten waren aan de opdrachtgever. BVP stelt de expertise van de marktpartijen centraal en reduceert het aantal beslissingen aan de opdrachtgeverszijde. Verder legt het de verantwoordelijkheid daar waar deze het beste kan worden beïnvloed. Onderhandelen gebeurt met het oog op win-win, in plaats van ik-win. In plaats van nadruk op controle achteraf, ligt bij Best Value Procurement de focus op het voortraject. Beoordeling van leveranciers vindt niet alleen plaats op basis van prijs en prestaties in het verleden, maar ook op grond van een risico- en kansendossier. Met name daar kan de leverancier laten zien wat hij waard is: welke harde toegevoegde waarde hij kan leveren?

Denkwijze Gevers is manager Corporate Procurement bij TenneT en verantwoordelijk voor alle inkoopactiviteiten in Nederland en Duitsland. Dat omvat  de onshore en offshore projecten, energie-inkoop en de corporate services. Gevers is al sinds de start van BVP in Nederland betrokken bij het uitrollen van het concept. Eerst bij Heijmans, daarna bij Gasunie en nu bij TenneT. Hij definieert BVP als een methode of eigenlijk een denkwijze die leidt tot de keuze voor de beste toeleverancier. De denkwijze bestaat uit drie stappen, zegt

Gevers. ‘Je moet eerst goed nadenken over de risico’s en alternatieven die bij een project komen kijken. Vervolgens houd je interviews met de mensen die betrokken zijn bij de uitvoering. Zijn zij op de hoogte van de risico’s en de alternatieven? Daarna beoordeel je alle informatie.’ Een expertteam met projectleider, de onderhoudsexpert, de inkoper et cetera weegt de onderdelen en geeft die een score. ‘Iedere betrokkene geeft een eigen score op alle onderdelen. Dus op de aangeboden oplossing, op de risicoanalyse en op de interviews. Die score moet hij of zij ook onderbouwen. Stel, je geeft het beste risicodossier een 10 en het slechtste een 1. Vervolgens stel je vast dat je bereid bent om de beste tien procent extra te betalen. Zo geef je alle elementen in het voortraject een prijs en daar houd je de EMVI aan over, de economisch meest voordelige aanbieding, en dat is niet per se de laagste prijs.’

‘De beste is vaak ook de goedkoopste. Dat komt omdat je vraagt om goed over de risico’s na te denken.’ Niet wereldschokkend De grote winst van de BVP-aanpak zit in het feit dat de kosten voor meerwerk enorm dalen. ‘Omdat er aan de voorkant beter is nagedacht’, zegt Gevers. Ook worden projecten beter volgens schema opgeleverd.

‘De beste is vaak ook de goedkoopste. Dat komt omdat je vraagt om goed over de risico’s na te denken. Als een leverancier de externe risico’s kan uitsluiten, dan kan hij een betere prijs neerzetten. Beter nadenken leidt tot een betere planning en uitvoering.’ Wereldschokkend is de BVPdenkwijze niet, zegt Gevers. ‘Door de aanbestedingsverplichting ligt er een sterke focus op de prijs. In de bouwsector ligt die vooral op techniek en bestek. De BVPmethode is een tool om dat bij elkaar te brengen. Het zet kwaliteit naast prijs en functionele specificaties naast technische.’

Resultaatverplichting Een project hoeft niet volledig via de BVPmethode ingekocht te worden, zegt Gevers. ‘In projecten met een nieuwe lijn die we voor de eerste keer aanleggen, willen we graag zelf kennis opbouwen. Die lijnen zijn voor ons essentieel, omdat wij leveringsplicht hebben. Maar stukjes ervan kan je wellicht wel in de markt zetten. Dan doen we het ontwerp zelf, maar vragen we marktpartijen of ze meedenken bij de uitvoering van het project, of dat efficiënter kan.’ Op dit punt verschilt Gevers van mening met andere partijen die juist complexe technische projecten in de markt zetten. ‘Dat is niet helemaal mijn ding, want ik vind dat je het pas in de markt kunt zetten als je zeker weet dat de markt er wel kennis van heeft. Als de markt er ook geen kennis van heeft, dan doe ik het liever zelf. Tenminste, als het voor ons van strategisch belang is.’ Voorheen besteedde TenneT alle onderdelen van het werk apart uit, coördineerde dat en deed het projectmanagement. ‘Langzaam maar zeker passen de aannemers in Nederland zich aan en willen ze de coördinatie op zich nemen. Dan zit je niet helemaal in de technische kant maar wel in de uitvoeringstechniek. Op deze manier zullen we volgend jaar wel werken in de markt zetten. Dan mag de aannemer vertel-

30 MaintNL 07 – 2013

030_31_33_MM_NVDO-artikel.indd 30

27-08-13 15:45


Bij de Best Value Procurement-methode vindt de beoordeling van leveranciers niet alleen plaats op basis van prijs en prestaties in het verleden, maar ook op grond van een risico- en kansendossier.

len hoe hij het overneemt en uitvoert. In het contract ga je dan meer op de resultaatverplichting zitten in plaats van de inspanningsverplichting.’

Meer werk met minder mensen Het vijvertje van aannemers in Nederland waaruit TenneT kan putten is niet heel groot. Zowel voor civiel als technisch gaat het om vijf tot tien bedrijven die de grote klussen aankunnen, schat Gevers. Toch is prestatie-inkoop in die situatie ook zinvol, meent hij. ‘De kwaliteit van de dienstverlening gaat omhoog en dat is wat je wilt; alle partijen op een hoger niveau krijgen. Het is een instrument om de beste partij te zoeken, maar ook om alle partijen te verbeteren. Want ze moeten beter nadenken over hun business; over de risico’s en de alternatieven. Bovendien wordt de markt interessanter voor andere partijen, bijvoor-

beeld buitenlandse aanbieders.’ Daarnaast vindt Gevers dat als infrastructuurpartijen als Rijkswaterstaat, Gasunie, Prorail en TenneT BVP inzetten, iedereen daarvan profiteert. ‘Je doet meer werk met minder mensen. Er is meer ervaring, er zitten minder schakels in, het wordt allemaal efficiënter. En de aannemers vergroten hun portefeuille. Hun werk wordt interessanter, wat hun positie op de arbeidsmarkt verbetert.’ Zet je dat allemaal in het licht van het tekort aan technici, dan is er geen keuze, zegt hij. ‘We moeten samenwerken.’

Anders denken Best Value Procurement vraagt om een andere manier van denken van alle betrokkenen. ‘Wij moeten loslaten, de leverancier moet oppakken. Afleren is moeilijker dan aanleren. Wat wij moeten afleren, is ingrijpen en vertellen hoe het moet. Voor een aantal pro-

jectleiders is dat lastig. Die mensen moet je meenemen in een verandertraject van directief sturen naar een tweedelijnsachtige aanpak van die aannemer. Hoe je dat in gang zet? Door te beginnen met een paar projecten en met mensen waarvan je denkt dat ze het kunnen.’ Overigens benadrukt Gevers dat niet alle projecten op de BVP-manier verlopen en dat er dus nog steeds behoefte is aan traditionele projectleiders. Het is ook mogelijk om een deel van een BVP-project eruit te halen als de situatie daarom vraagt. ‘Zo kun je verschil van inzicht hebben over bijvoorbeeld de bemalingsplannen. Dan kies je: doen we het op onze manier, of op de manier van de aannemer?’

Geschikt of niet geschikt BVP is een intensieve selectieprocedure, die minder geschikt is voor kleine opdrachten die niet in de kernstrategie zitten van een MaintNL 07 – 2013

030_31_33_MM_NVDO-artikel.indd 31

31

27-08-13 15:45


Prestatiemanagement

Congres van NVDO Sectie SUTO en iMaintain

Woensdag 25 september • De Glazen Ruimte • Maarssen n Schrijf nu i Prestatiemanagement

/

/

,

Programma

CaleidoSCOOP! samenwerking, visie,

, missie, ketenoptimalisatie, macro-economisch, , contractduur, conjunctuur, Op 25 september staat Prestatiemanagement in de kijker. Prestatiemanagement vertaalt de visie, missie en strategie van een project, team of organisatie naar succesfactoren en acties. Sturen op die succesfactoren en constant monitoren van de effecten ervan, zorgt voor optimaal beheer van activiteiten en, nog belangrijker, van de prestaties van organisaties.

strategie

10.30 uur  Ontvangst en registratie 11.10 uur Welkom door de dagvoorzitter projectmanagement 11.15 uur  Prestatie als wetenschap Onderzoeksresultaten van de Suto Benchmark door Prof Dr A.J. van Weele, TU/e 12.15 uur  Lunch 13.15 uur  Prestatie van de contractduur Welke ontwikkelingen in contractlengte zijn merkbaar in de huidige economie? door Charles Gevers, TenneT 13.45 uur  Prestatie van de Asset Pieter Ahsman van Asset Rail vertelt over prestatiegericht onderhoud voor ProRail 14.15 uur  Prestatie met de klant

concurreren, delen, , partner, opdrachtnemer, iMaintain, NVDO SUTO, onderzoek, perspectief, Goed Prestatiemanagement heeft positieve effecten op de totale keten van assetmanager tot toeleverancier. Dit blijkt onder meer uit de Suto Benchmark 2013. Deze resultaten staan centraal tijdens het congres Prestatiemanagement CaleidoSCOOP! Een afwisselend en inhoudelijk programma belicht verschillende aspecten van goed Prestatiemanagement: Van wetenschappelijke onderbouwing tot ervaring uit de praktijk; van klantervaring tot contractduur.

opdrachtgever

Een goede prestatie is de verantwoordelijkheid van zowel de opdrachtgever als de opdrachtnemer. Wat is daarbij

,

essentieel? Door Jaap de Koning, Witteveen+BosBenchmark

14.45 uur Pauze 15.15 uur Jouw prestatie/mijn prestatie

Videoverslag en discussie over verschillende ketensamenwerkingen m.m.v. onder andere

Het woord ‘caleidoscoop’ komt van het Grieks (kalos), ‘mooi’ + (eidos), ‘vorm, gestalte’ + (skopeo), ‘kijken’. Het woord caleidoscopisch wordt ook in figuurlijk/overdrachtelijke zin gebruikt, indien een grote keuze aan aspecten, meningen, standpunten in een bepaald domein mogelijk is. Bij het congres iMaintain prestatiemanagement Caleido­ SCOOP worden veel aspecten, meningen en standpunten rond prestatiemanagement besproken en gedeeld.

discussie, , inhoud, essentie, CaleidoSCOOP RGD/Koninklijke Bibliotheek

15.45 uur  Perspectief voor de toekomst

Een macro-economische vooruitblik op basis van

marktgegevens marktgegevens door Marc Hoppenbrouwers, Accenture

Initiatiefnemers:

INFORMATIE: HILDE WESTERINK

Tel.: +31 (0)20–31 22 791

hilde.westerink@industrielinqs.nl

01_A4.indd 2

16.15 uur  Prestatie vanuit een branchevreemd perspectief  Nuon Solar Challenge team 17.00 uur  Netwerkborrel 17.45 uur   Diner

Partners iMaintain Platform:

Leden iMaintain Platform:

www.imaintain.info/prestatie 28-08-13 11:09


bedrijf. Het is wel toepasbaar als die kleine opdrachten een repeterend karakter hebben. ‘Bijvoorbeeld het schilderen van de masten, of het controleren van de funderingen. Enig volume is dan wel nodig.’ De aanpak is ook niet geschikt voor sectoren die gewend zijn op prijs of commodity in te kopen, bijvoorbeeld bij het inkopen van schoonmaakdiensten. ‘Als je nu ineens aan een schoonmaakbedrijf vraagt om toegevoegde waarde te leveren … Die sector is volledig uitgeknepen. Die zijn daar niet aan toe en wij ook niet.’ Ook als er veel wettelijk is geregeld, bijvoorbeeld waaraan werk technisch moet voldoen, zoals bij specifieke transformatoren, dan is BVP geen goede methode. Er is dan weinig ruimte voor onderscheidend vermogen. ‘Dan kun je wel kijken naar andere elementen, bijvoorbeeld het onderhoud. Hoe kun je zorgen dat de leverzekerheid van zo’n trafo gegarandeerd wordt? Hoe kun je dat met onderhoudsprogramma’s oplossen? Hoe kun je duurzaamheidsprincipes een rol laten spelen, anders dan prijs? Dat zijn wel dingen waar wij mee aan de slag willen. Tot nu toe hebben we dat wat minder gedaan. We zaten heel sterk op de zekerheid, maar op het moment dat die vaststaat en niemand eraan kan tornen, kun je wel andere elementen gaan zoeken. Hoe groter de ruimte is voor partijen om zelf iets te doen, hoe meer je BVP kunt toepassen. Als er geen onderscheidend vermogen is in kwaliteit of product, dan gaat het alleen om prijs. In onze sector is BVP vooral geschikt voor werkgebieden met een gemiddelde complexiteit aan techniek en een hoge toegevoegde waarde in de uitvoering.

‘Hoe groter de ruimte is voor partijen om zelf iets te doen, hoe meer je Best Value Procurement kunt toepassen.’ Continu monitoren De Best Value-filosofie gaat ervan uit dat alles voorspelbaar is, wanneer je over hon-

Charles Gevers rolt BVP uit bij TenneT. De grote winst zit in het feit dat de kosten voor meerwerk enorm dalen. ‘Omdat er aan de voorkant beter is nagedacht.’

derd procent informatie beschikt. Is dat bereikbaar? ‘De filosofie snap ik. Je doet je planning, je verzamelt informatie, haalt de experts erbij, maar honderd procent is in de praktijk niet haalbaar. Wij weten waar onze onzekerheden zitten, maar wij weten niet wanneer ze optreden. Bijvoorbeeld de afgifte van vergunning voor een tracé of locatie. Je weet dat er een ambtenaar komt met een aanpassing, maar je weet niet wanneer. Datzelfde geldt voor landeigenaren. Je weet dat je met sommige moeite kunt hebben, maar je weet niet met welke.’ De kunst is om dat samen met de aannemer in kaart te brengen en er afspraken over te maken. ‘Wat doen we als het optreedt, welke risico’s lopen we en welk deel van het risico is voor wie? Dat wil je wel enigszins abstract houden, anders ben je weer terug bij af. Je moet wel afspreken hoe de aannemer aantoont dat hij aan zijn inspanningsverplichting heeft voldaan.’ Het gaat niet om het geven van vertrouwen, maar om feiten en zekerheden. ‘Een expert heeft geen vertrou-

MEER HOREN? Charles Gevers spreekt op iMaintain Prestatiemanagement over Best Value Procurement en de ontwikkelingen in contractlengte onder de huidige economische omstandigheden. iMaintain Prestatiemanagement, het congres van de NVDO Sectie SUTO en iMaintain, vindt plaats op 25 september in de Glazen Ruimte in Maarssen. Meer informatie? www.imaintain.info/prestatie

wen nodig en ik weet gewoon dat de informatie klopt.’ Het meten van de geleverde prestatie neemt een belangrijke positie in bij de methode. Gebeurt er wat er is afgesproken en is de leverancier zich bewust van de risico’s? ‘Je meet op de elementen tijd, resultaat en geld. Daarop moet je continu monitoren. Traditioneel werd daar wel de hand mee gelicht. Dat kon vanwege het ontbreken van een plan. Met BVP is dat niet mogelijk, juist omdat plan en risico’s bekend zijn.’

Onderhoud en TCO Een nadeel van de BVP-methode is dat het vooral van toepassing is op projecten. Daar ligt nog een uitdaging die Gevers graag zou oppakken. ‘Hoe maak je onderhoud en total cost of ownership onderdeel van de selectie? Dat zit er nog niet in. De methode is ook minder ontwikkeld voor meerjarige onderhoudscontracten. Dan gaat het om andere indicatoren en rapportages. Daar wil ik wel mee aan de slag. Misschien ligt daar een rol voor NEVI en de NVDO. In de bouwsector zie je dat het onderhoudscontract vaak wordt afgesloten bij ingebruikname. Maar de bouwer wil het onderhoudscontract niet, want dan komt hij zijn eigen gebreken tegen. Op dat vlak zoek je naar partnerships, want het gaat niet om onderhoud maar om beschikbaarheid. Dat aan elkaar knopen van de voor- en achterkant, dat staat nog in de kinderschoenen.’ n MaintNL 07 – 2013

030_31_33_MM_NVDO-artikel.indd 33

33

27-08-13 15:45


Arbeid en onderhoud

Verjongen voor het te laat is Waar de industrie kampt met almaar groter wordende tekorten aan technisch personeel en een grote uitstroom van kennis, weet spoorbeheerder ProRail voorlopig nog de problemen af te weren. Maar het besef dat ook zij getroffen kunnen worden, zorgt ervoor dat er nu al vooruit wordt gedacht, voor het te laat is. Meer en meer wil het bedrijf laten zien welke uitdagingen het jongeren te bieden heeft. Elise Quaden Het tekort aan technici bij ProRail is te overzien. Op een aantal vakgebieden, zoals elektro, ziet het bedrijf wel dat personeel schaars is. Over het algemeen merkt het bedrijf dat hoe specifieker een functie is, hoe moeilijker het wordt om er geschikte medewerkers voor te vinden. Dit geldt voor zowel jongeren als ouderen. Recruiter Angelic Vloemans: ‘Voor de spe-

cialistische functies zijn er weinig potentiele werknemers te krijgen. Ook is het soms lastig om hen te bereiken. Daarom zoeken wij voornamelijk in de netwerken van het huidige personeel.’ Ook de vergrijzing valt nog mee binnen bij de spoorbeheerder. Maar het bedrijf wil er op tijd bij zijn voor als het personeelsbestand wel gaat verouderen. ‘De

grootste groep bestaat nu nog uit 40- tot 50-jarigen. Maar naarmate de tijd vordert, zal dit veranderen en zal ook hier de vergrijzing intreden en de uitstroom groter worden. We willen daarom nu al jongeren een kans geven.’ Door uit te dragen hoe mooi werken bij hen is, wil de spoorbeheerder voor nieuwe, jonge aanwas zorgen. Want het biedt starters de kans om carrière te maken op een bijzondere werkplek. Vloemans: ‘Helaas zien we dat jongeren niet altijd de juiste werkervaring met zich meedragen. Daarom hebben we een aantal initiatieven genomen, zoals een technisch traineeship. Dit traineeship

Hoe specifieker een functie is, hoe moeilijker het wordt om er geschikte medewerkers voor te vinden. is nog in ontwikkeling. Uiteindelijk willen we technisch talent in twee jaar vier opdrachten laten uitvoeren, waarna ze ergens anders binnen het bedrijf kunnen instromen met de nodige bagage. Het gaat dan om technici van hbo- en wo-niveau. Zij worden volop gecoacht en zo klaargestoomd voor een managementfunctie met een focus op techniek.’

Opleiden

Jonge mensen hoeven zich bij ProRail niet ‘eenzaam’ te voelen. Zij krijgen de kans om kennis te delen en een netwerk op te bouwen.’

Het merendeel van de ProRail’ers is van hbo- of wo-niveau. Er zijn wel mbo’ers werkzaam, maar het grootste deel zit bij de aannemers die het bedrijf inschakelt. ProRail investeert wel in deze groep, omdat de taakomschrijvingen niet alledaags zijn. Vloemans: ‘De meeste mbo-opgeleiden zijn in de regio aan het werk. Denk aan inspecteurs en elektrotechnici. In veel gevallen zijn dit mensen die al heel lang bij ons werken en daardoor het werk door en door kennen. Jongeren die de kennis en

34 MaintNL 07 – 2013

034_35_MO_NVDO-artikel.indd 34

28-08-13 10:52


Als er een kapotte trein op het spoor staat en deze moet worden weggehaald, dan moet de spanning van de bovenleiding. ProRail biedt technici een betaalde opleiding aan om dit werk veilig uit te kunnen voeren.

vaardigheden voor dit werk missen, laten we daarom meelopen met de ervaren krachten. Zo blijft de kennis behouden.’ Ook biedt het bedrijf opleidingen aan om personeel de benodigde specialistische kennis op te laten doen. Bijvoorbeeld voor het werken met hoogspanning. Het bedrijf investeert dus fors in nieuwe ProRail’ers. ‘Als er een kapotte trein op het spoor staat en deze moet worden weggehaald, dan moet de spanning van de bovenleiding. Als je hierbij een fout maakt, word je geëlektrocuteerd en dat vertel je niet na. Dit is een verantwoordelijke taak en daarom bieden we technici een door ons betaalde opleiding aan om het werk veilig uit te kunnen voeren. Ook wordt deze kennis continu onderhouden en worden certificaten steeds weer vernieuwd. Al dit soort initiatieven moeten een strategie gaan vormen die geldt binnen de hele organisatie.’

Jong voelen De focus op jongeren en ProRail op het netvlies krijgen is niet iets van de laatste

tijd. Al in 2009 rolde men een campagne uit die mensen moest interesseren voor een baan bij het bedrijf. Op dit moment zijn er geen plannen voor een vervolg. De beheerder probeert wel continu geschikte mensen aan te trekken. Het heeft onder meer een doelgroepanalyse gemaakt. Welke mensen zijn essentieel voor de toekomst? En wat is hun zoekgedrag? Hiervoor wordt een webpagina opgezet waar de technische doelgroep kan zien

‘Jongeren die kennis en vaardigheden missen, laten we meelopen met de ervaren krachten.’ welke kansen het bedrijf biedt voor hun carrière. Want er zijn meer mogelijkheden voor jongeren dan vaak wordt gedacht, met allerhande technische en organisati-

onele uitdagingen in een unieke werkveld. Het bedrijf kampt met beeldvorming die niet strookt met de werkelijkheid, zegt Vloemans: ‘Wij hebben zoveel bijzondere projecten waar we aan werken. We willen mensen dit laten ervaren. Wij hebben de intentie om meer te laten zien wat er zo mooi is aan werken bij onze organisatie.’ Het bedrijf werkt aan zijn imago. ‘Want we zijn niet stoffig, terwijl dat beeld soms nog leeft.’ Eenmaal binnen, zijn er mogelijkheden voor de jonge werknemers om in contact te komen met andere jongeren. Zij hoeven zich dus niet ‘eenzaam’ te voelen. Daarvoor is het platform Young ProRail opgericht. Vloemans merkt op dat ‘jong’ hier breed geïnterpreteerd kan worden: ‘Young ProRail is voor jonge mensen en mensen die zich jong voelen. Zij krijgen de kans om kennis te delen en een netwerk op te bouwen. Demografisch gezien is het deel ‘jong’ in het bedrijf klein. Young ProRail maakt het makkelijker voor deze mensen om elkaar te vinden.’ n MaintNL 07 – 2013

034_35_MO_NVDO-artikel.indd 35

35

28-08-13 10:52


Onderhoud en opdrachtgever

Onderhoud van de lange adem Over goed industrieel onderhoud valt veel te zeggen en te schrijven. Voor Bernard Arends van IJssel Technologie is het een mix van beheersen en accepteren van risico’s. En bij de júiste mix, voegt dat waarde toe voor de opdrachtgever. Renske van den Berg ‘Onderhoud is onlosmakelijk verbonden met het operationele proces. En dat op zijn beurt weer met de dynamiek van de markt. Richt je productie en onderhoud op de juiste manier in, dan levert dat daadwerkelijke meerwaarde’, stelt Bernard Arends, Regio Manager Noord. IJssel Technologie wil de klant daarom graag onderhoud technisch, productietechnisch én bedrijfskundig helpen - in de breedte dus - om sterker en concurrerender te worden en te blijven. Het bedrijf doet dat voor zowel industriële multinationals als grotere productiebedrijven in het mkb in de food-, maak- en procesindustrie in Nederland. ‘Onze ondersteuning bestaat dan ook uit drie activiteiten: productieontwikkeling, ontwerp & realisatie en onderhoud. De markt vereist dat productieprocessen steeds efficiënter, flexibeler en betrouwbaarder worden. Wil je op dat vlak verbeteren, dan is dat één complex geheel’, aldus Arends. Bij IJssel Technologie werken grofweg drie typen mensen, legt hij uit. ‘Bedrijfskundigen buigen zich over het optimale productieproces voor de klant, óók in relatie tot diens financiële doelen en diens markt. Engineers zorgen voor het ontwerpen en realiseren van de productielijn en eventueel latere modificaties daaraan. Onderhoudsmensen - maintenance engineers en monteurs - verzorgen vervolgens de betrouwbaarheid en beschikbaarheid van de productielijn.’ Samen dekken ze de hele levenscyclus van een productiefaciliteit. ‘Van bedenken via bouwen, onderhouden, beheren en verbeteren of verhuizen tot afbreken.’

IJssel Technologie ondersteunt zo de processen bij onder meer Douwe Egberts, Heineken, Friesland Campina, Storteboom, Scania, TATA Steel, NedMag en papierindustriebedrijven zoals Smurfit Kappa. Het bedrijf werkt vanuit vier regio’s: Noord, Midden, Oost en West. West bestaat vooralsnog uit een IJssel Technologie-vestiging die specifiek is opgezet voor TATA Steel.

Organisatie afstemmen op de vraag Bernard Arends mag als eindverantwoordelijke voor de regio Noord de activiteiten van IJssel Technologie in overeenstemming brengen met de klantvraag. ‘Samen met onze specialisten vertaal ik de klantvraag naar een dienst. De klantvraag is leidend voor de ondersteuning die we als servicebedrijf willen verlenen. Maar als Regio Manager probeer ik op basis daarvan ook te zorgen dat onze organisatie zich zo ontwikkelt dat we kunnen blijven inspelen op de trends in de wereld van de klant.’

Arends noemt als voorbeeld dat klanten soms onderhoud willen uitbesteden, of soms juist weer meer zelf willen doen. ‘We willen een klant op maat uit de brand kunnen helpen. Of dat nou is met enkele monteurs of met de gehele onderhoudsverantwoordelijkheid bij de klant.’

‘Als we een lange adem met een klant houden, leren we diens visie, productieprocessen en ‘ritme’ beter kennen.’ Door in goede en slechte tijden goed op de wens van de klant af te stemmen, hoopt Arends langdurig relaties met opdrachtgevers te kunnen onderhouden, zonder zichzelf voor de klant onmisbaar te maken. ‘Als we een lange adem met een klant houden, leren we diens visie, productieprocessen en ‘ritme’ beter kennen. Daardoor kunnen we te allen tijde beter ondersteunen. We zorgen ook dat medewerkers - van verschillende disciplines - die bij een klant werken, regelmatig met elkaar overleggen en betrokken zijn.’

REgIO NOORD Bij de Regio Noord werken ongeveer honderd mensen. Zij werken verdeeld over twee vestigingen in Joure en Veendam én bij diverse klanten op locatie waar zij al dan niet een eigen onderhoudsverantwoordelijkheid dragen. De groep bestaat uit bedrijfskundigen, onderhoudsmonteurs, engineers, werkvoorbereiders, technisch managers, interim managers, maintenance engineers en ondersteunend personeel. Van de monteurs werkt een deel voor een langere periode bij één klant, bijvoorbeeld ter ondersteuning van de technische dienst. Een ander deel van de monteurs, engineers en bedrijfskundigen werkt vanuit de andere twee vestigingen en pendelt hoofdzakelijk tussen klanten om hier werkzaamheden voor uit te voeren.

36 MaintNL 07 – 2013

036_37_39_ME_NVDO-artikel.indd 36

28-08-13 10:53


FOTO’S: HENK JAN DIJKS

Een mix van beheersen en accepteren van risico’s. Volgens Bernard Arends is dat de basis van goed onderhoud.

Kennis ontwikkelen Een voortdurend aandachtspunt in dat afstemmen is voor Arends kennis en expertise. ‘goed onderhoud, als onderdeel van het ondersteunen van de hele ‘life cycle’ van een productieproces, vereist dat we ons als dienstverlener samen met onze medewerkers voortdurend moeten blijven ontwikkelen’, zegt Arends. ‘Dat doen we door ons personeel op te leiden en kennis te delen en te ontwikkelen. De markt verwacht dat wij ons technisch multidisciplinair ontwikkelen. Daarom wordt onderhoudspersoneel - met name monteurs liefst in zowel werktuigbouwkunde als elektrotechniek opgeleid.’

Daarnaast verzamelt en deelt IJssel Technologie kennis en ervaringen over verschillende disciplines en thema’s in interne vakgroepen. Ook voor onderhoud natuurlijk. ‘Daar stellen wij ons steeds de vraag ‘wat is

goed onderhoud?’ en ‘wat kunnen we doen om via onderhoud waarde te creëren voor de klant?’ We gebruiken daarvoor onze eigen ervaringen en modellen. We streven naar het continu verbeteren van processen.’

VERKIEzINg MAINTENANCE MANAgER OF THE YEAR Ieder jaar roepen de NVDO en vakblad iMaintain een maintenance manager uit tot Maintenance Manager of the Year. Deze award wordt na afloop van het congres iMaintain 2014 tijdens een feestelijk diner uitgereikt. Kent u een maintenance manager die het verdient om een jaar lang boegbeeld van de onderhoudsmarkt te zijn? Aanmelden of nomineren voor deze verkiezing kan via info@nvdo.nl

MaintNL 07 – 2013

036_37_39_ME_NVDO-artikel.indd 37

37

27-08-13 15:44


Conditiebewaking Veiligheid Maintenance Expertise - Techniek Netwerk en?

n! a a e j Meld vdo.nl www.n ap atsch

> lidma

Deel kennis en ervaring >> word lid! Ervaar netwerken in groter verband

De Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud

houdsprofessionals biedt de NVDO een ongeëvenaard

(NVDO) is de toonaangevende branchevereniging op het

netwerk van branchegenoten. De NVDO kent diverse bran-

gebied van onderhoud. Het overdragen van kennis en het

che- en aspectgerichte secties en regionale kringen. De

realiseren en in stand houden van het grootste onder-

vereniging draagt bij aan (wetenschappelijk) on-

houdsnetwerk van Europa, ziet de NVDO als belangrijke

derzoek en brengt trends, ontwikkelingen en visies

doelstelling. Met een groeiend aantal leden van onder-

binnen de branche in kaart.

Lidmaatschap van de NVDO biedt vele voordelen • • • • • • • • • •

Professioneel netwerk op het gebied van onderhoud Kringbijeenkomsten en seminars over specifieke thema’s Cursussen over onderhoudsmanagement Studiedagen met actuele thema’s Secties en werkgroepen gericht op specifieke onderhoudsaspecten Vacaturebank Lidmaatschap van de NVDO Group op LinkedIn (wetenschappelijke) Onderzoeken NVDO Corrosie Helpdesk Jongerenboard

• • • •

NVDO Onderhoudskompas Platform Materiaalkunde (wetenschappelijke) publicaties, waaronder Visiedocumenten Kortingen op ons cursusaanbod van de NVDO Maintenance Academy • Korting op NVDO-studiedagen • (gratis) abonnement op de vakbladen iMaintain/MaintNL en MaintWorld Asset Management, Duurzaamheid en Veiligheid zijn belangrijke thema’s waaraan de NVDO regelmatig en in breder verband aandacht besteedt!

Ga naar www.nvdo.nl en meld je aan... NVDO - Lange Schaft 7G - 3991 AP Houten | Postbus 138 - 3990 DC Houten Telefoon 030 - 634 60 40 | Fax 030 - 634 60 41 | E-mail info@nvdo.nl | www.nvdo.nl

038_MG_.indd 38

27-08-13 15:44


Bernard Arends: ‘De markt verwacht dat wij ons technisch multidisciplinair ontwikkelen. Daarom wordt onderhoudspersoneel in zowel werktuigbouwkunde als elektrotechniek opgeleid.’

Soms verricht IJssel Technologie bijvoorbeeld in opdracht van een klant een studie naar faaloorzaken en -gevolgen. ‘Op basis daarvan kan de klant namelijk het juiste planmatige en preventieve onderhoud inrichten om zo risico’s in te perken.’ Vanuit de opvatting dat het juiste productieproces en het juiste onderhoud in elkaar grijpen, neemt IJssel Technologie daarin graag ook de ervaringen van operators aan de productielijn mee. ‘Die weten als geen ander precies wanneer de vreemde trilling zich steeds voordoet. Of hoe vaak en in welke omstandigheden onverwachte haperingen zich voordoen.’ Door te werken in vakgroepen, worden opgedane nieuwe inzichten bewaard en gedeeld binnen de vakgroep. Ook ‘Verbeteren en Vernieuwen’ is zo’n vakgroep. ‘We ontwikkelden daarbinnen zelf een prestatieverbetermodel. Door deze gestructureerde probleemaanpak in vijf fases en zeventien stappen, zoek je naar dieper liggende oorzaken van een bepaald probleem. Daardoor vind je een goede verbeteroplossing met zichtbaar resultaat.’

Verbetercyclus Omdat Arends’ bedrijf integrale ondersteuning van productieprocessen hoog in het

vaandel heeft staan, werken medewerkers uit de verschillende disciplines waar nodig ook veel samen. Om het proces van de klant continu te kunnen laten ‘leren’, kunnen terugkerende afwijkingen in de productiecyclus waar onderhoudsmensen tegenaan lopen zo ook weer het beginpunt vormen voor modificaties aan de engineerskant: een continue verbetercyclus.

‘Ik acteer als een soort ondernemer, maar dan binnen een groot bedrijf.’ Buigt de bedrijfskundige zich met het verbetermodel over een te verbeteren lijn, dan kan er een technische oorzaak gevonden worden, waarop er onderhoudsmensen en engineers aan te pas moeten komen. Maar misschien schuilt de verbeterkans wel in het opleidingsniveau van, of de afspraken met de operator aan de productielijn. Behalve technische vakgroepen is daarom ook het menselijk gedrag onderwerp van een vakgroep: Mens en Leiderschap. Arends: ‘Verbeteren betekent ook veran-

deren en dat kan weerstand betekenen. Hoe krijg je voor elkaar dat mensen de verandering zich goed eigen kunnen maken? Voor iemand die al bij drie verschillende werkgevers als teamleider werkte, is dat makkelijker. Voor een operator die al jaren een vertrouwde machine bedient kan dat moeilijker zijn. Kennis over de draagkracht voor veranderingen en over change management borgen we in deze vakgroep.’

Ondernemer Voor Arends biedt zijn baan alle aspecten die hij mooi vindt. ‘In mijn rol krijg ik met alle facetten van de bedrijfsvoering te maken. Dat is natuurlijk mooi voor een technisch bedrijfskundige. Ik kan mijn ervaring volledig kwijt. Ik opereer op de markt én geef vorm aan de eigen organisatie: ik acteer als een soort ondernemer, maar dan binnen een groot bedrijf.’ Mooi vindt Arends ook dat IJssel Technologie een lerende organisatie wil zijn die open staat voor initiatieven van eigen mensen met verantwoordelijkheid, zelfstandigheid en initiatief. ‘Dat een monteur inziet dat er bij een klant iets te reviseren valt en daar ook initiatiefrijk mee omgaat.’ n MaintNL 07 – 2013

036_37_39_ME_NVDO-artikel.indd 39

39

27-08-13 15:44


Applus RTD is de wereldwijde referentie voor Asset Integrity Services, met een solide basis in Niet-Destructief Onderzoek en Inspecties. Onze focus ligt op het leveren van totaal oplossingen op het gebied van testen, inspecteren en certificeren, die de integriteit van uw installatie waarborgen. Dit doen we al sinds 1937. Onze Asset Integrity Services, standaard en op maat gemaakt, verzekeren de integriteit en conformiteit van uw installaties. Applus RTD Nederland Delftweg 144 3046 NC Rotterdam T + 31 10 716 60 00

www.ApplusRTD.com

Postbus 10065 3004 AB Rotterdam E info.netherlands@applusrtd.com

iMaintain.info

geeft nog meer waarde voor uw geld Meer nieuws dan ooit • • • • • • • •

Actuele berichtgeving over de gehele onderhoudssector Alle productinnovaties overzichtelijk bij elkaar Volledig evenementenoverzicht Online catalogi met producten en diensten Multimediale bedrijfspresentaties Tweewekelijkse Nieuwsbrief Live twitter updates LinkedIn interacted

iMaintain-abonnees krijgen meer • De nieuwste iMaintain staat een week voor verschijnen online • Abonnees krijgen toegang tot alle eerder verschenen artikelen • Volg de status van nieuwe projecten en uitbreidingen in de projectendatabase • Ga naar www.imaintain.info en kies abonneren

imaintain.info

Ga direct naar imaintain.info en blijf iedereen voor _adv_www_iMaintain-A5.indd 43 040_abo_applus.indd 1

28-08-13 11:00 10:59 28-08-13


Onderhoud en gebouwde omgeving

Beheer parkeergarages steeds energiezuiniger De aanbesteding van het onderhoud aan 45 Rotterdamse parkeergarages werd aangeboden als een tamelijk sober contract. Door ook energiebesparing in de aanbieding mee te nemen, wordt het contract zowel voor de opdrachtgever als de aannemer een stuk interessanter. David van Baarle De gemeente Rotterdam wil het technisch beheer van een groot aantal gemeentelijke objecten beperken tot strategisch beheer, contractmanagement en kwaliteitscontrole. In deze nieuwe regisseursfunctie kan men de aankomende jaren het beheer van ongeveer 1.500 objecten in de stad in diverse portefeuilles aanbesteden. Inmiddels is de eerste portefeuille aanbesteed: het beheer van 45 parkeergarages. De aanbesteding die de gemeente uitschreef is gegund aan Strukton Worksphere. Strukton heeft eerder diverse werken bij de gemeente Rotterdam binnengehaald, zoals een contract voor onderhoud en beheer aan negen Rotterdamse zwembaden. Dit zogenaamde Esco-contract, wat staat voor energy service company, gaf de regisseur (de aannemer) de ruimte om het energiegebruik van de zwembaden te verlagen en verduurzamen. De ervaring die beide par-

tijen hebben met dat contract heeft zeker bijgedragen aan de gunning van het nieuwe contract, daar is Marcel van Liere van Strukton van overtuigd. ‘We hebben in de Esco van de Rotterdamse zwembaden meer dan een jaar ervaring op kunnen doen met dit regisseurscontract waarmee we de technische onderaannemers aansturen. Eenzelfde soort contract voeren we ook uit voor de parkeergarages. Ook hier willen we proberen het energieverbruik omlaag te krijgen door de energiecomponent mee te nemen en de gemeente maximaal te ontzorgen, wat voor de opdrachtgever veel aantrekkelijker is. Uiteraard zorgen we naast de installatietechnische werkzaamheden ook dat de bouwkundige staat in orde blijft. Deze integrale benadering geeft veel meer mogelijkheden om de totale beheerskosten te verlagen terwijl de kwaliteit omhoog gaat.’

De uitbesteding van het technisch beheer aan 45 Rotterdamse parkeergarages gaat de gemeente meer opleveren dan alleen installatietechnische ontzorging. Energiebesparing is ook een groot onderdeel van het contract.

Verlichting De meeste energiebesparing die Strukton denkt te behalen, zit in de verlichting en ventilatiesystemen. ‘We merken in de praktijk dat er bij de beheerders van parkeergarages potentie is met betrekking tot de verlichting en dat daar veel energie mee te besparen is. In de meeste gevallen heeft men standaard overal de verlichting aan, ook als er niemand aanwezig is. Een parkeergarage is geen kantoor en dus zul je eerst goed de functies moeten benoemen om te kijken waar verlichting echt nodig is en waar je ook met minder afkunt. Natuurlijk is verlichting nodig en vergroot het de veiligheid. We zullen met elkaar op zoek gaan naar de mogelijkheden en onze ervaring met parkeergarages inzetten.’

Beschikbaarheid Het contract is afgesloten voor een periode van vijf jaar, mits de samenwerking naar tevredenheid verloopt. Het eerste jaar gebruiken de partijen om aan elkaar te wennen. ‘Het eerste jaar is de implementatieperiode waarin het contract echt vorm krijgt. We gebruiken dat jaar om de installaties te inventariseren en een kwaliteitsplan voor de komende vier jaar op te stellen. We zullen eerst moeten kijken wat voor soort systemen in de parkeergarages worden gebruikt, wat de leeftijd ervan is en het storingenverloop. Dat geeft kansen, want het zou best kunnen dat een vervangingsinvestering veel energiebesparing oplevert.’ Strukton wordt uiteindelijk op zijn prestaties beoordeeld en beloond. ‘We worden vooral afgerekend op de beschikbaarheid en het regisseursschap van de garages’, zegt Van Liere. ‘Dat betekent niet alleen dat we snel op storingen moeten reageren, maar ook dat we er alles aan doen om ze te voorkomen. We richten de systemen zo in dat we op afstand kunnen monitoren of een inspectieroutine kunnen opzetten waarbij prestatiekillers tijdig worden ontdekt.’ n MaintNL 07 – 2013

041_MK_NVDO-artikel.indd 41

41

28-08-13 10:55


LABTECHNO

6 ďšť 7 N OV E M B E

R 2013

LOGY

3

Jaarbeurs Utre

cht

De vakbeurs vo

or professiona

ls in het labora torium

TOEGANG IS GR Registreer nu v ATIS www.labtechnoia logy.nl/registra tie BEURSVLOER Op de uitgebreide beursvloer van Labtechnology 2013 is de nieuwste laboratoriumtechnologie te vinden. Naast innovatieve technologie is er ruimte voor producten ter ondersteuning van de dagelijkse werkzaamheden in het laboratorium. Een overzicht van de exposanten is te vinden op www.labtechnology.nl

PROGRAMMA Op beide dagen is er een stevig inhoudelijk programma. Op woensdag 6 november staan er onder andere lezingen van het KennisPlatform LabManagers en LIMO op het programma. Onderwerpen die aan bod komen zijn o.a.: biobanking, biomarkers, robotics, labautomatisering,

partners:

042_beta.indd 1 176_adv_labtech_210x297NW.indd 1

laboratoriuminrichting, labmanagement. Op donderdag 7 november vindt The Analytical Challenge plaats met een programma over de laatste ontwikkelingen binnen de analytische chemie. The Analytical Challenge wordt georganiseerd door de Sectie Analytische Chemie (SAC) van de KNCV en vakblad C2W. Meer informatie: ww.theanalyticalchallenge.nl

REGISTREREN

Toegang tot Labtechnology 2013, de beursvloer en het programma m.u.v. The Analytical Challenge is gratis. Deelname aan The Analytical Challenge op donderdag 7 november kost â‚Ź 50,-. Registreer vandaag nog via www.labtechnology.nl/registratie

organisatie:

27-08-13 15:18 15-08-13 14:41


Agenda

september 9 september ’t IJsselhuys, Gouda www.nvdo.nl Materialenloop NVDO Platform Materiaalkunde organiseert de Materialenloop. Op het programma staan onder meer lezingen van Edward Uittenbroek, voorzitter van het Platform Materiaalkunde, over materialen, betrouwbaarheid en beschikbaarheid en van Mark Lodema, inspectiespecialist bij Nebest, over innovatieve inspectiemethoden van hout, staal en beton. Na de loop, van ongeveer anderhalf uur, wordt deze middag afgesloten met een netwerkborrel.

24 t/m 26 september Brabanthallen ’s-Hertogenbosch www.energievakbeurs.nl Energie 2013 Energie is de enige nationale vakbeurs gericht op energiebesparing en duurzame energie. Energie besparen is noodzakelijk en loont. Het aanbod op de beurs loopt uiteen van duurzaam bouwen tot biomassa en van windenergie tot decentrale energie. Naast een breed exposantenaanbod, biedt Energie 2013 een uitgebreid inhoudelijk programma vol inspirerende congressen en lezingen.

24 t/m 26 september Brabanthallen, ’s-Hertogenbosch www.veiligwerktbeter.nl Veilig Werkt Beter Van 24 tot en met 26 september vindt de eerste editie van het vakevent Veilig Werkt Beter plaats. In navolging van andere landen heeft Nederland nu haar eigen vakevent over veilig en gezond werken. Veilig en gezond werken is goed voor de werknemer, de werkgever en de samenleving. Het reduceert het ziekteverzuim, voorkomt ongevallen en gevolgschade en leidt tot extra omzetkansen. Veilig Werkt Beter biedt alles voor het tiptop in orde hebben van veilig en gezond werken.

27 september NVDO Verenigingsgebouw, Houten www.nvdo.nl Jongerenboardspel ‘Gedragskompas; Persoonlijke Effectiviteit’ Onderhoudsprestaties verbeteren als gevolg van de effectiviteit van de organisatie. Hoe vergroot je de effectiviteit van je team? Dat kan alleen maar als je persoonlijk effectief bent. Om je persoonlijke effectiviteit te vergroten is inzicht in jezelf nodig, laat het gedragskompas je daarbij helpen! Gedragskompas is een spel dat wordt gespeeld met kabouters als pionnen. Door het spelen van straten maak je kennis met methoden en technieken die je helpen je persoonlijke effectiviteit te vergroten. Speel en leer daarom mee met andere jonge onderhoudsprofessionals!

oktober 3 oktober Hogeschool Utrecht www.cvnt.nl/onderhoudstechnologie Start post-hbo Onderhoudstechnologie Werkt u als technisch specialist in bijvoorbeeld de procesof voedingsmidddelenindustrie dan wel de energie- of transportsector en heeft u beroepsmatig te maken met industrieel onderhoud? Wilt u op de hoogte blijven van de laatste trends en innovaties, zichzelf verder professionaliseren of doorgroeien naar een managementfunctie in het vakgebied? Dan is de opleiding Onderhoudstechnologie iets voor u.

12 oktober Groningen www.groningenmakerfaire.nl Groningen Maker Faire Op zaterdag 12 oktober 2013 vindt in de stad Groningen de derde editie plaats van de Groningen Mini Maker Faire. De Groningen Maker Faire is het jaarlijkse podium voor makers: mensen die meestal in hun vrije tijd innovatieve dingen maken en daarbij techniek en kennis gebruiken die voor iedereen toegankelijk is.

november 25 september De Glazen Ruimte, Maarssen www.imaintain.info/prestatie

12 november BASF, Nijehaske www.nvdo.nl

iMaintain Prestatiemanagement: CaleidoSCOOP!

Corrosie Centraal

Prestatiemanagement vertaalt de visie, missie en strategie van een project, team of organisatie naar succesfactoren en acties. Sturen op die succesfactoren en constant monitoren van de effecten ervan, zorgt voor optimaal beheer van activiteiten en, nog belangrijker, van de prestaties van organisaties. Goed prestatiemanagement heeft positieve effecten op de totale keten van assetmanager tot toeleverancier. Dit blijkt onder meer uit de Suto Benchmark 2013. Deze resultaten staan centraal tijdens het congres Prestatiemanagement CaleidoSCOOP!.

NVDO Kring Friesland organiseert, in samenwerking met het NVDO Platform Materiaalkunde, een bijeenkomst bij BASF Nederland Resins & Additives in Nijehaske. Het thema van de dag is ‘Corrosie Centraal’. Onder meer Bernhard Rijpkema, Materials Engineering Consultant bij AkzoNobel Engineering & Operational Solutions, zal spreken over corrosiepreventie door toepassing van de juiste kunststoffen. René Baron, maintenance & engineering manager bij BASF Nederland Resins & Additive, houdt een lezing over breekplaatcorrosie en materiaalkeuze. MaintNL 07 – 2013

043_MH_NVDO_agenda.indd 43

43

27-08-13 15:44


Assetmanagement

Rijnlands model benut de keten Hoewel veel Nederlandse bedrijven volgens het Angelsaksische model werken, vragen de huidige demografische ontwikkelingen om een herijking. Het Rijnlandse model lijkt een beter vertrekpunt te zijn voor ketensamenwerking en duurzame bedrijfsvoering. Hennes de Ridder breekt dan ook een lans voor Rijnlands assetmanagement. David van Baarle Om grip te houden op ons dagelijkse leven, leggen we veel vast in modellen. Ook de industrie legt werkprocessen vast in modellen, bedenkt regels en procedures om mensen binnen het kader van het model te laten werken en waardeert uiteindelijk de prestaties op het functioneren van het model. Je zou soms bijna vergeten dat een model een vereenvoudigde weergave van de werkelijkheid is en dat de dagelijkse praktijk soms net even anders uitpakt dan wat de modellen voorschrijven of voorspellen.

Twee modellen Op maatschappelijk niveau is in de westerse landen een tweedeling ontstaan tussen twee modellen: het Rijnlandse en het Angelsaksische model. Grofweg kun je stellen dat de Engels sprekende landen, en dan met name Groot-Brittannië en de Verenigde Staten, het Angelsaksische model volgen en het Europese vasteland kiest voor het Rijnlands model. Nou ja, bijna het gehele Europese vasteland, want Nederland lijkt toch vooral te kiezen voor het Angelsaksische model. Of dat een goede keuze is, waagt Hennes de Ridder te betwijfelen. De hoogleraar Integraal Ontwerpen aan de faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen van de TU Delft breekt dan ook een lans voor het Rijnlands model, met name omdat dit beter past in een duurzame samenleving. ‘Engelsen willen alles graag controleren’, begint De Ridder zijn betoog. ‘Tenminste, ze denken dat ze alles beheersen. Ik weet niet of u wel eens in Engeland op vakantie bent geweest,

maar als je in een gemiddeld hotel zit, zul je merken dat er veel stuk is. Voor de infrastructuur geldt hetzelfde. Op papier zal het allemaal wel kloppen, maar de praktijk laat toch een ander beeld zien. Dat is nu typisch het gevolg van het Angelsaksische model. Men gaat uit van een utopische wereld waarin alles ordelijk verloopt en regels en procedures worden opgevolgd. Men gaat uit van een model en probeert daar de wereld op aan te passen. Het gevolg is dat alles op papier dik in orde is, terwijl dat niet altijd een realistische weergave van de werkelijkheid is.

‘Angelsaksische landen werken met onzekere zekerheden terwijl de Rijnlanders uitgaan van zekere onzekerheden.’ Het Rijnlandse model lijkt wat dat betreft beter aangepast aan de echte wereld. Men kijkt minder dogmatisch naar de systemen maar leidt meer axiomatisch uit de resultaten af hoe ze het systeem beter kunnen inrichten. Rijnlanders deduceren liever dan dat ze inductief redeneren, zoals de aanhangers van het Angelsaksische systeem doen. Het gevolg van die redenatie is dat Angelsaksische landen werken met onzekere zekerheden terwijl de Rijnlanders uitgaan van zekere onzekerheden. De bedrijfsvoering van beide modellen is ook heel anders. Waar in de

Angelsaksische landen vooral orders worden uitgedeeld en werknemers die zonder al te moeilijke vragen moeten uitvoeren, staat bij de Rijnlanders de missie voorop en probeert iedereen daar zijn bijdrage aan te leveren. Als gevolg daarvan zie je dan ook veel hiërarchische verhoudingen bij de Britten en Amerikanen, terwijl de Europeanen hun werknemers meer vertrouwen en sturen op operationele bevoegdheden. Een typisch Angelsaksische manager probeert via planning en controle grip te houden op het proces en vergeet daarmee nog wel eens wat het doel was. Met name Engelsen kunnen tot in het kleinste detail voorschrijven wat er moet gebeuren, met als gevolg dat ze de creativiteit van hun werknemers niet benutten. Als werknemers intrinsiek gemotiveerd zijn om de gestelde doelen te halen of zelfs beter te presteren, behaal je betere resultaten dan wanneer je ze extrinsiek moet aansturen. Je ziet in Europa dan ook plattere organisatiestructuren met decentrale bevoegdheden, terwijl in Engeland en Amerika de baas alles bepaalt.’

Oosters model De Ridder is groot voorstander van functioneel aanbesteden en ziet dan ook het liefst dat een opdrachtgever zijn wensen op één A4-tje kenbaar kan maken. ‘De basis voor zo’n contract is vertrouwen. In plaats van je aannemer gedetailleerd voor te schrijven wat hij moet doen, vertel je wat je nodig hebt en vertrouwt op zijn expertise. Dat is iets heel anders dan de huidige DBFMcontracten waar een project gedetailleerd wordt uitgeschreven en vervolgens aanbesteed. Diegene die het beste kan raden wat de opdrachtgever bedoelde, krijgt vervolgens de opdracht. Ik heb die bedrijven wel eens aangeraden een hacker in te huren die de tekeningen kan achterhalen.’ In de Angelsaksische manier van aanbesteden schuilt ook het gevaar dat een project uiteindelijk in een juridisch conflict verzandt.

44 MaintNL 07 – 2013

044_45_ML_NVDO-artikel.indd 44

27-08-13 15:43


Door de keuze voor het Angelsaksische model zie je veel hiërarchische verhoudingen bij de Britten en Amerikanen, terwijl de Europeanen hun werknemers meer vertrouwen en sturen op operationele bevoegdheden.

‘De Amerikanen dekken eerst alles juridisch af, kijken dan naar de organisatie en werken als laatste aan de relatie. Het Rijnlandse model richt zich eerst op de organisatie, dan op de relatie en kijkt dan pas naar de juridische consequenties. Het Oosterse model past eigenlijk nog het beste bij duurzaam functioneel aanbesteden. Wanneer je een relatie met elkaar aangaat, zul je namelijk eerst aan elkaar moeten wennen. In China en Japan zie je dan ook dat eventuele partners eerst kijken of ze elkaar aardig vinden en of ze hetzelfde over de relatie denken, voordat ze de organisatie inrichten. Dan pas worden de contracten juridisch beklonken. Overigens kunnen Chinezen ook na het ondertekenen van een contract nog dooronderhandelen over de details. Dat is in Europa en de Angelsaksische landen ondenkbaar. Toch lijkt de Oosterse manier van samenwerken de meest natuurlijke. Je gaat een relatie aan, maakt gaandeweg afspraken en spreekt je verwachtingen uit en als het beide partijen bevalt, volgt een huwelijk.’ Het zal niet geheel verrassen dat de visies op assetmanagement van het Angelsaksische en het Rijnlandse model behoorlijk verschillen. ‘Met name de benadering is anders. Angelsaksisch assetmanagement denkt van groot naar klein. Men begint bij de asset, maakt op strategisch niveau een verkenning, op tactisch niveau een planstudie, dan volgt op operationeel niveau de realisatie terwijl

beheer en onderhoud daarna op institutioneel niveau plaatsvinden. Men betrekt het netwerk dus pas op het laatst bij de beslissingen. In het Rijnlandse model is het netwerk het vertrekpunt om bij de asset te eindigen. Men begint met meten en regelen, ofwel de operationele netwerksturing. Daarna volgt de tactische netwerksturing, waarin men kennis en inzicht vergaart en overzicht probeert te krijgen om zo eventuele knelpunten te kunnen voorspellen. Als dat in orde is, kijkt men naar optimalisatie van het netwerk op strategisch niveau. Daarna volgt de programmering of planning van de benodigde ingrepen, gevolgd door de uiteindelijke uitvoering.’

Verrassingen Het moge duidelijk zijn dat De Ridder gecharmeerd is van de bottom-up-benadering van het Rijnlandse model. Hij geeft nog wel wat voorwaarden mee voor inkopers die volgens het Rijnlandse model willen werken. ‘Contracteer wat je weet en betaal wat je meet. Je kunt niet alles van tevoren voorspellen, maar je kunt wel achteraf meten welke prestaties geleverd zijn. Daarbij moet je genoeg controle houden om je niet negatief te laten verrassen, maar je moet een contract ook weer niet zo dichttimmeren dat er geen ruimte is voor positieve verrassingen. En koop alleen bij de specialist. Een stadion bouwen is iets anders dan een

kantoorgebouw. Toch bieden vaak dezelfde partijen op aanbestedingen van beide assets. Hou er ook rekening mee dat een bouwwerk na plaatsing in het netwerk een verzameling elementen wordt. Het gaat tegen de duurzaamheidprincipes in om een gebouw in zijn geheel af te schrijven terwijl bijvoorbeeld dakpannen nog vele jaren langer meegaan dan de overige delen. Organiseer competitie op het snijvlak van waarde versus prijs. En trap niet in de val dat je innovatie op je project wil. Nu komt het nog wel eens voor dat aannemers trots vertellen dat ze dertig innovaties hebben doorgevoerd. Stel je voor dat ze dat in de luchtvaartindustrie zouden zeggen: we hebben op de nieuwe Airbus dertig innovaties doorgevoerd. Wie zou er nog mee durven vliegen? Ik ben niet tegen innovatie, maar je introduceert daarmee wel onbekende risico’s. Om die reden moet je ook ingrepen zo klein mogelijk houden.’ De Ridder ziet een professionele assetmanager in een rol die ten dienste staat van het proces, in plaats van dat hij het proces naar zijn hand probeert te zetten. ‘Een professionele assetmanager maakt zich klein tussen zijn klanten en leveranciers. Hij maakt daarbij geen onderscheid tussen nieuwbouw en onderhoud. Alles is tenslotte een ingreep. Daarbij moet hij zich ervan overtuigen dat operationele netwerksturing beter is dan projectmanagement.’ n MaintNL 07 – 2013

044_45_ML_NVDO-artikel.indd 45

45

27-08-13 15:43


Maintenance Academy

Optimaal rendement uit rioolslibverwerking Integrale implementatie van assetmanagement maakt dat asset owners hun kapitaalgoederen klaar kunnen stomen voor de toekomst. Het verschaft inzicht in waar de winst te behalen valt, en niet enkel op de korte termijn. Rioolslibverwerker DRSH heeft ter ondersteuning van haar bedrijfsdoelstellingen de assetmanagementmethodiek ingevoerd en geborgd. Met onder meer aanzienlijk lagere energie- en onderhoudskosten tot gevolg. Met ondersteuning van NVDO-partner Traduco voerde de rioolslibverwerker de assetmanagementmethodiek in. Een primaire doelstelling heeft zich gefocust op het significant verbeteren van de kosteneffectiviteit van de gehele slibdrooginstallatie, ofwel verbetering van de operationele,

technische en milieuprestatie en optimalisatie van de levensduurkosten. Een absolute voorwaarde om de levensvatbaarheid aan te tonen en de continuïteit van de betreffende productielocatie te waarborgen. Toepassing van assetmanagement heeft

geresulteerd in twintig procent verhoging van de systeemprestaties tegen dertig procent verlaging van operationele kosten. Dit resultaat is onder voorwaarde van optimale risicobeheersing bereikt door verbetering van de technische en operationele prestaties en verbetering van de milieuefficiëntie.

Technische prestaties Verschillende factoren droegen bij aan de verbeteringsslag. Invoering van een effectief storingsproces en verbetering van de communicatie rondom registratie en afhandeling van storingen hebben sterk bijgedragen aan de verbetering van de technische prestatie. Invoering van risk based onderhoud heeft ertoe geleid dat men zich meer kon richten op preventief onderhoud in plaats van correctief onderhoud. Met toepassing van de FMECA/RCM-analyse is inzicht opgebouwd in het storingsgedrag van het productieproces. De FMECA/RCManalyse heeft tevens zichtbaar gemaakt wat de meest kritische en risicovolle assets waren die de technische levensduur ruim hadden overschreden.

Operationele prestaties

LEERgANg AssET MANAgEMENT Op 25 september start de Leergang Asset Management. Het achtdaagse programma bestaat uit vijf modules waarbij de technische bedrijfskundige onderwerpen worden afgewisseld met onderwerpen ter versterking van de sociale aspecten, die een belangrijke rol spelen bij de implementatie van assetmanagement. De leergang is zo opgezet dat de onderwezen theorie direct door middel van praktijkoefeningen wordt toegepast. Daarnaast wordt u gevraagd een aantal opdrachten uit te werken waarbij de theorie direct op een vooraf bepaalde bedrijfssituatie wordt toegepast. Deze opdrachten vormen aan het eind van de leergang een plan van aanpak om assetmanagement, dat als leidraad kan fungeren voor invoering en borging van assetmanagement, binnen uw eigen bedrijf toe te passen. Aanmelden kan eenvoudig via de Maintenance Academy op www.nvdo.nl

Verhoging van de operationele prestaties is gerealiseerd door optimalisatie van de onderhoudsplanning, de omvang en door de onderhoudsplanning integraal onderdeel te maken van de productieplanning. Het nieuwe risk based onderhoudsconcept heeft geleid tot effectieve taakpakketten die in vergelijking met de oude situatie een veel efficiëntere balans van capaciteitsinzet mogelijk maakten in relatie tot productie en geplande onderhoudsstops. De assessment heeft vastgesteld dat intensief energiemanagement bijdraagt aan een aanzienlijk lager energieverbruik en verminderde uitstoot van CO2 voor de gasturbine en stoomketel. Ook heeft de methode bijgedragen aan structurele verlaging van de algehele operationele kosten. n

46 MaintNL 07 – 2013

046_MS_NVDO-artikel.indd 46

27-08-13 15:43


Column

3x12 Een ondernemer pleitte onlangs in een landelijk zakelijk dagblad voor een nieuw arbeidstijdenmodel. Werkdagen maken van acht uur en dat vijf dagen in de week, dat is niet meer van deze tijd, zegt hij. Het werkt productiebeperkend, het vele forenzen tussen werk en wonen is slecht voor het milieu en ondertussen houden je werknemers amper nog tijd over voor hun kinderen en leuke dingen. Als alternatief stelt hij voor om personeel in driedagelijkse shifts van twaalf uren te laten zwoegen. Volgens deze ondernemer kun je hiermee extra mensen aannemen en meer produceren. Vreemd idee of niet: zo gauw het gaat over het verhogen van de productie, begin ik natuurlijk te luisteren. Al doorlezend kom ik toch de haken en ogen tegen die ik al van mijlenver aan had zien komen. Deze meneer heeft zijn nieuwerwetse model bedacht toen zijn steengroeve verhuisde van Vlaanderen naar Wallonië. Veel personeel wilde mee, maar de afstand bleek wel erg groot om elke dag te bereizen. De oplossing was de twaalfurige werkdag. De kompels sliepen enkele nachten in een hotel en hoefden maar eenmaal heen en weer terug. Na drie dagen werken konden ze vier dagen thuis luieren bij vrouw en/of kind. Door de ene ploeg op maandag, dinsdag en woensdag in te roosteren en de andere op donderdag, vrijdag en zaterdag, kwam er een extra productiedag bij: de zaterdag. In mijn bedrijf zie ik dit al helemaal misgaan. Misschien

dat diensten van twaalf uur het goed doen in het steengroevewezen, maar ik verwacht van mijn personeel continu opperste paraatheid en alertheid. We worden al vaak genoeg onverwacht bezocht door veiligheidsinspecteurs, dan kan ik niet een clubje oververmoeide monteurs gebruiken die er al 11,5 uur op hebben zitten. Want hoe veilig werk je dan nog? En ik vraag me werkelijk af of zulke roosters de productiviteit ten goede komen. Ik weet van mezelf dat ik tegen 17:00 toch al begin te knikkebollen achter mijn pc. Dan komt er niet veel meer uit mijn handen! Niet vreemd dat je dan een extra productiedag inlast ter compensatie. Als je de extra loonkosten er überhaupt uithaalt. Het mag dan ‘ouderwets’ zijn, maar voorlopig blijf ik bij mijn eigen achtuursmodel. En als mijn mensen geen zin hebben om elke dag heel ver heen en weer te reizen, dan komen ze maar wat dichter bij hun werk wonen. Dat scheelt ook CO₂-uitstoot en dan kan ik ze nog eens van hun bed bellen met een spoedje. En zeg nou zelf: wat heeft u aan een echtgenoot of vader die in zijn vier vrije dagen afgepeigerd op de bank ligt omdat hij net 36 uur in drie dagen heeft moeten proppen?

Misschien dat diensten van twaalf uur het goed doen in het steengroevewezen, maar ik verwacht van mijn personeel continu opperste paraatheid en alertheid.

Ing. Frans Stokbrood Directeur FS Virtual Enterprise

MaintNL 07 – 2013

047_MF_NVDO-Column.indd 47

47

27-08-13 15:43


DIMENSYS KENT DE UITGEBREIDE MOGELŽKHEDEN VAN SAP TOT IN DETAIL

CITYTEC STROOMLŽNT PROCESSEN MET SAP OPLOSSINGEN VAN DIMENSYS CityTec is gespecialiseerd in het leveren en onderhouden van dynamisch straatmeubilair in de openbare ruimte. Het bedrŨf is verantwoordelŨk voor het beheer en onderhoud van 600.000 lichtmasten, 30.000 verkeerslichten en 2.000 parkeerinstallaties. Om storingen aan deze systemen snel en accuraat op te lossen, heeft Dimensys voor CityTec een portal ontwikkeld op basis van SAP Web Dynpro. Wim de Wƃs, business analist bƃ CityTec legt uit waarom zƃ voor Dimensys kozen: “Dimensys is uitgegroeid tot een vertrouwd partner die onze systemen door en door kent. We schakelen Dimensys op projectbasis in voor alles wat het dagelƃks functioneel beheer overstƃgt, waarbƃ de focus ligt op het verbeteren van onze bedrƃfsprocessen. De kracht van Dimensys zit in de exibiliteit en klantgerichtheid van hun medewerkers. Bovendien kent Dimensys onze branche en de processen waarmee wƃ te maken hebben erg goed.“ Informatie trechteren Een van de verbeteringen die Dimensys voor CityTec heeft doorgevoerd, is een portal waarmee de front ofce sneller

048_49_dimensys.indd 2

en accurater storingen kan verwerken. De medewerkers van CityTec verwerken zo’n 70.000 storingen per jaar. De Wƃs: “Met goede dienstverlening kunnen wƃ ons onderscheiden, dus we willen snel en adequaat reageren op storingsmeldingen van klanten. De SAP systemen helpen medewerkers in ons callcenter om de meldingen snel bƃ de juiste monteurs te krƃgen. Dimensys hielp ons om de beste oplossing te bedenken om dit proces te stroomlƃnen.” CityTec formuleerde een functioneel ontwerp met de wensen en liet de vertaling in een goed werkende SAP oplossing over aan Dimensys. De Wƃs: “Dimensys kwam terug met concrete aanpassingen die als basis dienden voor een inhoudelƃke discussie over de vervolgstappen. De consultant van Dimensys had heel goed nagedacht over hoe de nieuwe oplossing zou aansluiten op onze bedrƃfsprocessen. Aan de andere kant stond Dimensys ook open voor onze inbreng en kritische opmerkingen, zodat we verder een gezamenlƃke blauwdruk konden ontwikkelen.”

27-08-13 14:52


ADVERTORIAL

SNELLER EN ACCURATER STORINGEN VERWERKEN

Dimensys zich altƃd als een zeer betrouwbare partner opgesteld. Als er een keer fouten zƃn gemaakt, dan herstelt Dimensys die snel.”

Het leidde uiteindelƃk tot een overzichtelƃke portal gemaakt met SAP Web Dynpro. Deze portal toont niet meer opties dan nodig en vult veelgebruikte gegevens automatisch in. Web Dynpro is een modelleeromgeving voor het maken van webgebaseerde gebruikersschermen, waarbƃ de weergave van data en de business logic van elkaar gescheiden blƃven.

Creatieve oplossingen De Wƃs: “De samenwerking met Dimensys heeft CityTec tot nu toe altƃd toegevoegde waarde geboden. We hebben niet eens formele afspraken gemaakt over service level agreements, maar toch staat er altƃd een consultant bƃ Dimensys voor ons klaar als wƃ met een vraag aankloppen. Niet altƃd kan de vraag direct beantwoord worden, maar Dimensys vindt uiteindelƃk altƃd wel iemand met de juiste expertise. Dat is veel jner dan formeel opdrachtgeverschap en het bespaart ons tƃd en geld.”

‘Medewerkers kržgen op hun scherm alleen informatie te zien die zž echt nodig hebben. De onderliggende data blžft ongemoeid.’

Dimensys is ook altƃd kritisch geweest als het gaat om de prƃs/kwaliteitverhouding. Als de kwaliteit zou lƃden onder te lage prƃzen, dan zal Dimensys dat ook eerlƃk zeggen. Het bedrƃf durft een hogere prƃs te vragen voor de eigen producten en diensten, omdat het juist staat voor de kwaliteit van de eigen oplossingen.”

De front ofce van CityTec boekt inmiddels een forse snelheidswinst. De Wƃs: “Als een medewerker een telefonische storingsmelding krƃgt, maakt het systeem nu automatisch een melding en serviceorder aan na een druk op de knop. Routinetaken worden standaard toegevoegd, waardoor de foutgevoeligheid van het systeem aanzienlƃk is verminderd. De order gaat vanzelf naar degenen die de storingen moeten oplossen. Daarnaast kunnen we nu de storingsinformatie overzichtelƃker groeperen en het systeem laat zelf overbodige informatie weg. Hierdoor beschikken we over zeer accurate informatie en is het aantal fouten afgenomen.”

CONSULTANTS HEBBEN FLEXIBILITEIT EN BRANCHEKENNIS “De kracht van een SAP partner als Dimensys zit echt in de expertise van de medewerkers en die is over het algemeen uitstekend”, stelt De Wƃs. “Natuurlƃk zƃn er altƃd verbeterkansen. In al die jaren dat we samenwerken, heeft

Dimensys Europalaan 8 5232 BC ’s-Hertogenbosch info@dimensys.nl +31(0)73 – 68 68 750 www.dimensys.nl

048_49_dimensys.indd 3

BEZOEK DIMENSYS OP HET SERVICE & MAINTENANCE CONGRES Wilt u meer weten over Dimensys? Bezoek onze stand op 7 februari bƃ het Service & Maintenance Congres 2013 in het Amrâth Hotel Brabant in Breda. Hier vertellen wƃ u graag meer over Linear Asset Management van SAP en de mogelƃkheden om met IT oplossingen uw bedrƃfsprocessen te verbeteren en te integreren met die van aannemers.

IT & BUSINESS CONSULTING

27-08-13 14:52


Cursussen

Kennis is onze kracht! Inschrijven kan eenvoudig via de Maintenance Academy op www.nvdo.nl Locatie: NVDO Verenigingsgebouw, Houten 18 september Storingsanalyse, maar dan Anders! De NVDO-cursus ‘Storingsanalyse, maar dan Anders!’ biedt deelnemers een complete aanpak voor het effectief en efficiënt oplossen van storingen. Deelnemers worden getraind in een stap voor stap aanpak, een systematische manier van denken voor het analyseren en oplossen van storingen. De deelnemer krijgt daarbij antwoord op de volgende vragen: • Hoe meld ik storingen duidelijk en welke vragen moet ik (mezelf) stellen om ervoor te zorgen dat ik alle relevante informatie verzamel die nodig is voor het oplossen van de storing? • Op welke wijze kan ik alle gegevens met betrekking tot een storing het beste (visueel) vastleggen, zodat de feiten door iedereen eenvoudig begrepen worden? • Hoe kan ik een nog niet opgeloste storing zorgvuldig overdragen aan een collega, zodanig dat hij direct met de analyse kan beginnen? • Hoe pak ik de analyse van de storing efficiënt en effectief aan, zonder voorbarige conclusies te trekken? • Hoe bepaal ik op basis van de beschikbare informatie de juiste storingsoorzaak, zonder te vervallen in een aanpak van trial and error? • Hoe bepaal ik de beste maatregelen om de storingsoorzaak weg te nemen? Tijdens deze eendaagse cursus worden eigen ervaringen uitgewisseld. De deelnemers krijgen een beeld van hun huidige werkwijze bij het analyseren van storingen. Vervolgens wordt stap voor stap een systematische aanpak voor storingsanalyse getraind. Daarbij worden korte stukken theorie steeds afgewisseld met vele praktische voorbeelden en oefeningen om vaardigheid te ontwikkelen in een kritische aanpak.

19 en 20 september Onderhoudsconcepten op basis van Risico! De deelnemer wordt in deze cursus meegenomen in een proces dat start bij het vaststellen van onderhoudsdoelstellingen en leidt tot een geoptimaliseerd onderhoudsconcept op basis van risico. Daarnaast zal duidelijk worden dat een onderhoudsconcept niet statisch is en continu onderhevig is aan veranderende factoren zoals onder andere het gebruik van de installatie, de economische situatie en wet- en regelgeving. Centraal in dit proces staat het risicodenken: wat zijn risico’s ten aanzien van uw bedrijf, hoe worden potentiële risico’s in kaart gebracht en op welke manier kunnen deze vermeden worden? De behandelde methodiek is algemeen toepasbaar en niet

afhankelijk van bepaalde typen installaties. Het proces om tot een onderhoudsconcept op basis van risico te komen is generiek en toepasbaar in alle markten waarin technisch onderhoud gepleegd wordt. Een belangrijke methodiek is de FMECA (Failure Mode, Effects and Criticality Analysis). De FMECA ondersteunt het denken in termen van risico’s en helpt u het onderhoud in uw organisatie naar een hoger plan te tillen.

Onderwerpen • H et herkennen en formuleren van bedrijfsdoelstellingen • Het definiëren van risico’s • Verschillende methodieken van risicoanalyses (een voorbeeld: FMECA) • Opstellen van een onderhoudsconcept naar aanleiding van de risicoanalyse • Optimaliseren van onderhoudsconcepten Een goed onderhoudsconcept bestaat uit onderhoudsactiviteiten waarmee geïnventariseerde risico’s kunnen worden beheerst. De cursus ‘Onderhoudsconcepten op basis van Risico’ is ook geschikt als incompany. Bij ten minste acht deelnemers wordt de cursus op locatie gegeven.

25 en 26 september Preventief Denken Tijdens deze intensieve tweedaagse cursus leert u een goed inzicht te krijgen in de belangrijkste aspecten van en methoden/technieken voor optimaal onderhoud van installaties. Gezamenlijk wordt een visie op de problematiek ontwikkeld en u kunt vervolgens in uw bedrijf op een meer systematische en gezamenlijk doordachte manier aan de slag met wat u geleerd heeft.

Onderwerpen • V isie op onderhoud en High Reliability Maintenance • Overzicht van de belangrijkste concepten (onder andere RCM, TPM, 6Sigma, PAS55) en toepasbaarheid • Installatiestructuur als ruggengraat voor onderhoudsbeheersing • Relatie tussen onderhoud en bedrijfsresultaten (ROI, RONA, EBIT, Cashflow) • Soorten onderhoud en relatie met budget en registratie • Technische onderhoudsfunctie en de centrale rol van de reliability engineer • Bepalen van kritische installaties en delen van installaties • Onderzoeken van storingen en oorzaken • Technieken, statistische methoden en rapporteren • Opstellen van een onderhoudsplan • Kenmerken van een betrouwbare organisatie en de weg daar naartoe • Benchmarks en prestatie-indicatoren • Terugkoppeling naar de diverse betrokkenen

50 MaintNL 07 – 2013

050_51_MI_NVDO_cursussen.indd 50

27-08-13 15:42


Cursussen

Tijd voor scholing 2013 Boek nu de cursussen ‘Het Bouwbesluit’ of ‘Storingsanalyse, maar dan Anders’ In Company met 15 procent korting op de reguliere prijs. • Het Bouwbesluit: wat betekent dit voor doelmatig beheer en onderhoud? Leer de nieuwe en aangepaste regelgeving in het Bouwbesluit direct toe te passen! • Storingsanalyse, maar dan Anders: wat als een storing niet wordt opgelost of blijft terugkomen? Dan is een systematische vorm van storingsanalyse gewenst! Leer in een stap voor stap aanpak, een systematische manier van denken voor het analyseren en oplossen van storingen.

Maatwerk:

Waarom In Company?

Actievoorwaarden:

Hierin is het mogelijk dat u ten behoeve van de cursus eigen aandachtspunten inbrengt. Denk daarbij aan uw bedrijfsprotocollen, incidenten, niveaus, werkmethodieken of werkwijzen. Zo creëert u de gelegenheid om persoonsgebonden werkwijzen te toetsen aan die van collega’s en bewerkstelligt u dat de deelnemers ‘dezelfde taal spreken’.

• U boekt voor 10 september a.s. een In Company cursus • De In Company wordt voor 1 maart 2014 uitgevoerd • Minimaal acht en maximaal twaalf deelnemers. Heeft u niet voldoende deelnemers? Dan adviseren wij u dit met een collega bedrijf te organiseren!

• U w bedrijf levert een aantal cases aan dat gebruikt wordt tijdens de cursus. Dit kan gedaan worden door een telefonische intake tussen docent en uw organisatie • De cursus wordt afgesloten met een certificaat

Locatie: Voor de cursus wordt gebruikgemaakt van een zaal in u-opstelling met beamer en twee flipovers in een door u gekozen locatie. Behoort dit niet tot de mogelijkheden, dan stelt de NVDO haar cursuslokaal gratis beschikbaar!

Werkwijze: • I nteractieve cursus waarin praktijkvoorbeelden van uw bedrijf centraal staan • Interactie kan worden verhoogd door het aandragen van eigen casussen

Preventief denken is anticiperen en voorkomen! Het onderhoudsconcept is de onmisbare basis voor preventief onderhoud. Reliability engineers en maintenance engineers denken na over storingsvormen en storingsoorzaken, maar natuurlijk ook over de consequenties van een storing. Daarvoor zijn handige methoden ontwikkeld. Preventief denken gaat verder dan preventief onderhoud en is vooral een eigenschap van een organisatie. Preventief denken is zeker geen activiteit die is voorbehouden aan een maintenance engineer of reliability engineer. Want preventief denken gaat vooral over ongewenste gebeurtenissen die we tijdig willen zien aankomen en wensen te voorkomen. Natuurlijk is in veel gevallen een storing zo’n ongewenste gebeurtenis, maar er zijn meer van die gebeurtenissen denkbaar en daarmee wordt in een onderhoudsconcept meestal geen rekening gehouden. Een korte casus: een grote ventilator moet geïnspecteerd en gereviseerd worden. Er is veel tijd gestoken in het ontwikkelen van een goed onderhoudsconcept: het is duidelijk wat er moet worden gedaan. Desondanks kan er toch veel misgaan, vooral wanneer verwachtingen niet overeenkomen met de werkelijkheid.

Meer informatie en aanmelden kan via info@nvdo.nl of bel naar 030 6346040

• J e verwacht dat het werk wordt gedaan door eigen, ervaren en zeer competente technici. Maar deze keer is de klus uitbesteed aan een externe firma die mensen stuurt die geen ervaring hebben met dit type ventilator • Je verwacht dat de benodigde reservedelen in het magazijn liggen of tijdig zijn besteld. Maar ze zijn er niet! • Je verwacht dat de ventilator tijdig uit bedrijf is genomen, maar dat blijkt niet zo te zijn • Je verwacht dat het onderhoudsconcept is gebaseerd op het gebruiksprofiel, maar het gebruiksprofiel is recent gewijzigd van vol-continu naar start/stop en het onderhoudsconcept is niet aangepast • De ventilator is vaker blootgesteld aan warmte-koudecycli, de technici wisten dat niet en krijgen de ventilator niet goed uitgebalanceerd Veel vermijdbare kosten en productiestilstanden vinden hun oorsprong in onverwachte gebeurtenissen. Hoe die kunnen worden voorkomen, hoe je ze kunt zien aankomen en hoe je ze zo snel mogelijk onder controle krijgt: daarover gaat de cursus ‘Preventief Denken’. MaintNL 07 – 2013

050_51_MI_NVDO_cursussen.indd 51

51

27-08-13 15:42


Hoe is het nu met … MMY 2009

‘Je kunt niet alles uitbesteden’ Henk Broeke, maintenance manager van FrieslandCampina, loopt tegen een probleem aan: het vinden van de juiste mensen. ‘Want je moet wel medewerkers hebben die weten hoe het is om onderhoud te plegen in de voedselindustrie. En alles uitbesteden, dat kan niet, want contractors kunnen nooit die ervaring opbouwen die je soms nodig hebt.’ Teus Molenaar De Maintenance Manager of the Year 2009 vindt dat onderhoudsmanagers hun ‘sport’ te weinig promoten, waardoor het werk niet die plek krijgt in de organisatie die het verdient. ‘Nog te vaak wordt onderhoud alleen maar gezien als een vervelende kostenpost. Maar dat gaat volkomen voorbij aan de werkelijkheid. Het is echt niet moeilijk om te laten zien dat goed onderhoud geld oplevert voor de onderneming. Bij mijn bedrijf heb ik geen problemen op dit vlak, maar er zijn genoeg maintenance managers die hun belang niet goed weten over te brengen. Ik denk dat er soms te reactief gereageerd wordt of te veel achterover wordt geleund. Dat is jammer, want we moeten met z’n allen ervoor zorgen dat het ‘kostenstempel’ van onderhoud verdwijnt en wordt omgebogen naar meerwaarde.’

Melkpoeder Wie in dit tijdsgewricht bij FrieslandCampina op bezoek gaat, komt onherroepelijk op het thema melkpoeder voor baby’s. De schandalen in China, waar de substantie in 2008 werd aangelengd met melamine en begin dit jaar een distributeur Nederlandse melkpoeder verkocht die al over de houdbaarheidsdatum was door de etiketten te vervalsen, hebben een ware stormloop op het Nederlandse kwaliteitsproduct veroorzaakt. En juist bij dit onderwerp geeft Broeke aan hoe belangrijk het is om bepaalde ervaring binnen het onderhoudsteam in eigen huis te hebben. Hij legt uit hoe poedermelk wordt gemaakt. Dat gebeurt in een melk-

poedertoren waarin verstuivers zijn gemonteerd. Daarvan staan er vijf in Lochem. De verstuivers maken van de melkstroom allemaal druppeltjes. Tegelijkertijd wordt er hete lucht in geblazen; het water verdampt en wordt afgevangen, de poeder blijft over. Er gaat honderdduizend kubieke meter lucht per uur de toren in met een temperatuur van tweehonderd graden Celsius.

‘Ik heb mijn motto uitgebreid. Eerst had ik het alleen over de juiste dingen doen op het juiste moment. Maar daar heb ik nu aan toegevoegd: met de juiste mensen.’ ‘Dat zijn geweldige krachten. Als er iets misgaat, dan kan het ook meteen goed misgaan door de hoge temperaturen. Het risico op brand is hier continu aanwezig. Natuurlijk kunnen we er water naar toevoeren om af te koelen, maar de temperatuur kan zo razend snel oplopen dat, als het proces niet goed functioneert, je in gevaarlijke situaties kunt belanden. Dit is een kritiek element in de bedrijfsprocessen. Naast alle conditiemonitoring, inspecties en preventief onderhoud moet je dan specialisten hebben die aan het geluid van de machine kunnen horen of het allemaal goed draait, die aan de kleur van de smeerolie kunnen

zien of alles in orde is. Dat zijn ervaringsgegevens die je opdoet als je er dagelijks mee te maken hebt, als je de machine als jouw broekzak kent. Dat kun je niet uitbesteden; echt niet’, zegt Broeke vol overtuiging. Ja, de gangbare onderhoudstaken, die liggen in handen van derden, maar de echt kritische onderdelen in de bedrijfsprocessen zijn de verantwoording van de eigen onderhoudsafdeling. Bij FrieslandCampina wordt ongeveer de helft door de eigen technische dienst gedaan en is de andere helft uitbesteed.

Jonge mensen ‘Daarom heb ik mijn motto uitgebreid. Eerst had ik het alleen over de juiste dingen doen op het juiste moment. Maar daar heb ik nu aan toegevoegd: met de juiste mensen’, vertelt Broeke. En dat valt altijd nog niet mee. ‘Ik heb het geluk dat er weinig verloop is binnen de technische dienst. En dat ik onlangs een paar jonge mensen heb kunnen aantrekken. Maar die moeten nog veel leren als ze net van school komen. Waarbij dan ook nog eens komt dat ze nu in de voedselindustrie werken.’ Daarmee bedoelt Broeke dat er strenge voedselveiligheidsregels gelden, dat alles goed gedocumenteerd moet zijn om eventueel te kunnen opsporen waar en wanneer er iets fout is gegaan, mochten producten verontreinigingen bevatten. ‘Wij vragen tegenwoordig ook wel heel veel van onderhoudsmonteurs’, stelt hij vast. ‘Het is niet meer het eenvoudige sleutelwerk van vroeger; er komt veel meer bij kijken.’ Steeds handen wassen, desinfecteren, gereedschap en materialen desinfecteren, op een hygiënische manier sleutelen en installaties openmaken; dat zijn een paar zaken die specifiek gelden voor de voedingsmiddelenindustrie. Passend gedrag bij de voedingsmiddelenindustrie neemt in belang toe. Daar wordt nauwlettend op toegezien, weet Broeke.

52 MaintNL 07 – 2013

052_53_54_MP_NVDO-artikel.indd 52

27-08-13 15:42


Henk Broeke werd Maintenance Manager of the Year in 2009. Volgens hem is zijn werk de afgelopen jaren ongeveer hetzelfde gebleven, maar wordt onderhoud meer omgevormd tot assetmanagement.

In systemen Het mag dan zo zijn dat je niet het fingerspitzengefühl van contractors mag verwachten, maar het is toch niet de bedoeling dat alle kennis en ervaring in de hoofden van enkelingen blijven zitten. Is de benodigde kennis niet te borgen door haar in de geautomatiseerde systemen op te slaan? ‘Je komt daar een heel eind mee’, reageert Broeke. ‘Maar je kunt niet alles in een systeem stoppen. Ervaring kun je niet op papier krijgen. Natuurlijk probeer je de meeste zaken van ervaring vast te leggen in systemen, maar een ervaren monteur is een onmisbare schakel in het onderhoudsproces en dus onmisbaar voor een onderneming.’ Daarbij komt dat monteurs een broertje dood hebben aan administratie. Zij willen sleutelen, niet schrijven. ‘Maar ze moeten wel, want alles moet worden gelogd. Je moet in het systeem melden wat voor storing er was, hoe je die hebt opgelost, met welke materialen, enzovoorts. Zodat we kunnen terugzien wat er is gebeurd, als het

nodig is. Maar ook om patronen te ontdekken als iets vaker stuk gaat, en om te kunnen nagaan hoe iets is verholpen.’ Broeke vertelt dat de onderneming met een goed onderhoudsbeheersysteem werkt. Maar enige tijd geleden is besloten om binnen FrieslandCampina wereldwijd met hetzelfde systeem te gaan werken. Dat is SAP geworden. Dat systeem is de eer te beurt gevallen om de inrichting van de nieuwe programmatuur tot een goede implementatie te brengen. ‘We hebben altijd goed kunnen werken met ons huidige onderhoudssysteem, maar we liepen wel tegen een paar tekortkomingen aan. Vooral op het vlak van werkvoorbereiding en capaciteitsplanning. Dat kun je wel in het systeem regelen, maar je moet er veel energie in steken om dat goed te doen. Dat gaat in SAP beter. Maar dat is niet de reden voor de overstap; we willen gewoon op corporate niveau met dezelfde systemen werken om ook op die manier synergievoordelen te behalen.’ Broeke zegt dat FrieslandCampina al een paar jaar bezig is om de onderhoudspro-

cessen te beschrijven zodat op alle locaties op een zelfde manier wordt gewerkt. ‘Het is een hele uitdaging’, klinkt zijn understatement. ‘Maar het is de bedoeling dat we het systeem in mei 2014 op de eerste locaties gaan implementeren.’

Projecten Eigenlijk is zijn werk hetzelfde gebleven als toen hij in 2009 werd gelauwerd tot Maintenance Manager of the Year. ‘Toch gaan we nu meer en meer richting assetmanagement. Steeds vaker voeren we risicoanalyses uit om de bedrijfsdoelstellingen te realiseren. Het wordt steeds duidelijker dat onderhoud een prominente plaats in de onderneming heeft.’ Ook projecten en investeringen vallen onder de verantwoordelijkheid van Broeke. Zo ontstaat een integrale aanpak voor (technische) projecten en onderhoud. Er start geen project voordat de assets in het onderhoudssysteem benoemd, opgenomen en geanalyseerd zijn. Er worden standaarden toegepast om meer en meer goed MaintNL 07 – 2013

052_53_54_MP_NVDO-artikel.indd 53

53

27-08-13 15:42


FOTO: DEN HOLLANDEr

Hoe is het nu met … MMY 2009

onderhoudbare installaties en machines te krijgen. ‘Beter bij de aanschaf van een machine of installatie eenmalig 25.000 euro meer uitgeven om vervolgens jaarlijks 50.000 euro in de ketenkosten te besparen. Een design-FMECA geeft hier voor de start van een project een goede richting aan. Momenteel zijn we ook bezig om eenheid te brengen in de besturing van machines in de fabrieken. Daarmee verklein je de kans op het maken van fouten, zowel in de bediening als in de software zelf.’

‘We gaan niet altijd meteen voor nieuwe machines.’ Of hij medewerking krijgt van de leveranciers om eenheid in de systemen te krijgen? Niet alle, zo laat hij weten, maar de meeste zijn welwillend om mee te werken.

Duurzaamheid Een ander project is de uitbreiding van verpakkingslijnen. ‘We gaan niet altijd meteen voor nieuwe machines’, legt hij uit. ‘We doen tegenwoordig veel meer aan levensduurverlengend onderhoud. We hadden een machine kunnen vervangen door nieuwe. Dat zou ongeveer twee en een half miljoen euro hebben gekost. Maar nu hebben we haar zo aangepast dat ze weer heel wat jaartjes mee kan. Dat kost zeven tot acht ton. En dan hebben we machines die functioneel en qua technische staat hetzelfde kunnen en zijn als nieuwe. Tel uit je winst.’ Maar het gaat hem niet alleen om de kostenbesparing. ‘Het past ook heel goed in de duurzaamheidsprincipes die Friesland Campina nastreeft. Je gaat niet iets wegdoen wat nog goed is. Consumptisme past niet bij duurzaamheid. Als de onderneming dit wil naleven en uitdragen, dan moet je als onderhoudsafdeling daarin mee. Ook daarom is het noodzakelijk goed te beschrij-

ven welke assets je hebt en hoe je die onderhoudt.’

Meer analyseren ‘Je hebt de FMECA’s, je hebt een onderhoudsbeheersysteem en toch zijn er nog storingen. Via vaste methodieken proberen we dan de oorzaak van de storingen boven water te krijgen. Eigenlijk zijn we voortdurend bezig met verbeteringsplannen. Wat dat betreft wordt er meer en meer op feiten geanalyseerd binnen de onderhoudsafdeling.’ Natuurlijk staat ook zijn budget onder druk in deze barre economische tijden. ‘Ik ben dan ook druk bezig een doelmatigheidsslag door te voeren. Daarbij gaan we extra inzetten op de werkvoorbereiding om de efficiency in de uitvoering terug te krijgen. Want een goede aanloop is meer dan het halve werk.’ Om te eindigen met de opmerking dat er eigenlijk de afgelopen vier jaar niet veel is veranderd: nog steeds is onderhoud plegen het voldoen van de eisen van de klant. n

54 MaintNL 07 – 2013

052_53_54_MP_NVDO-artikel.indd 54

27-08-13 15:42


Infra

De metro moet betrouwbaarder Metrorijtuigen kunnen niet zonder lucht. De remmen, de stroomafnemers, de deuren, de claxon, de klimaatregeling en de zandstrooiers bijvoorbeeld, werken alleen maar mits ze worden voorzien van gecomprimeerde lucht. Als de luchtsuppletie uitvalt, wordt het voertuig door de lagedrukbeveiliging tot stilstand gebracht. Dat zou toevallig bij een perron kunnen zijn. Meestal is dat niet het geval. De bestuurder roept dan om dat er een storing is, verontschuldigt zich voor het oponthoud en verzoekt iedereen enig geduld te hebben. Toch zijn er passagiers die hun geduld niet kunnen bewaren. Ze willen eruit. Dat lukt met de noodknop. Het komt zelfs voor dat onwelwillende passagiers een ruit intrappen. Eenmaal buiten lopen ze de kans aangereden of geĂŤlektrocuteerd te worden. Het verlagen van dit veiligheidsrisico was een van de doelstellingen van de Reliabilitycentred Maintenance (RCM) 2-analyse van het luchtsuppletiesysteem van de SG2metrorijtuigen van de Rotterdamse metro.

Vervangend vervoer Het kwam gemiddeld ruim duizend keer per jaar voor dat voor metroreizigers vanwege het uitvallen van de luchtsuppletie vervangend vervoer moest worden geboden. Voor een specifiek rijtuig komt dat overeen met gemiddeld eens per drie weken. De tweede doelstelling was daarom dit aantal vertragingen te verminderen en zo de omzetderving door het afhaken van ontevreden klanten te verlagen. Het bieden van vervangend vervoer vereist het investeren in en het beschikbaar houden van reservematerieel. Die investering bedraagt ongeveer twee

Metrorijtuigen van het type SG2 kampen gemiddeld eens per drie weken met een storing. Dat kost de vervoerder veel geld, terwijl veel storingen met periodieke toestandsbeoordeling voorkomen kunnen worden.

miljoen euro per rijtuig zodat de afschrijving alleen al zo’n 100.000 euro per jaar kost. De derde doelstelling was dan ook het verkleinen van die reserve.

Autonomous maintenance Een RCM2-analyse toont vaak aan dat het merendeel van de storingen beter kan worden bestreden met periodieke toestandsbeoordeling dan met periodieke revisie of vervanging. Dat was ook bij deze analyse het geval. Voorbeelden zijn visuele inspecties van luchtslangen op scheuren in de buitenmantel, visuele inspecties van olieslangen op zweten en het meten van de lengte van de koolborstels van de elektromotor van de compressor. Bovendien bleek de regeling van de druk mogelijkheden te bieden om storingen te voorspellen. De compressor slaat aan bij een druk van 7,2 bar en weer af bij 8,2 bar. Dat biedt twee mogelijkheden. Je kunt meten hoe lang de compressor nodig heeft om, zonder dat er lucht wordt verbruikt, de druk van 7,2 naar 8,2 bar te verhogen. Als dat langer duurt, is dat een waarschuwing dat de druk aan het wegvallen is. Bovendien kun je meten hoe lang het duurt voordat de druk is gezakt van 8,2 bar naar 7,2 bar. Het afnemen van die tijd is eveneens een waarschuwing. Beide beoordelingstaken kunnen door de bestuurder worden uitgevoerd. Een mooi voorbeeld van autonomous maintenance. Veel meer casussen leert u tijdens de cursus Reliability-centred Maintenance (RCM2). U leert de zeven RCM-vragen te beantwoorden en zo te beslissen welke periodieke taken de beste strategie vormen in de strijd tegen bepaalde storingen. U leert bovendien hoe te beslissen welke storingen beter op een andere manier kunnen worden bestreden. De eerstvolgende mogelijkheid om mee te doen is op 24, 25 en 26 september. Kijk voor het gehele programma, inhoud, prijzen en locatie op www.nvdo.nl n MaintNL 07 – 2013

055_MT_NVDO-artikel.indd 55

55

28-08-13 11:19


Infra

Energieneutrale brug duurzaam en snel gebouwd De Ramspolbrug veroorzaakte veel files en werd daardoor opgenomen in de Spoedwet wegverbreding. De nieuwe brug is breder en hoger waardoor er meer verkeer tegelijk over kan, dat bovendien minder vaak voor een dichte brug staat. Infrateam N50 Ramspol bouwde de duurzame brug in zeer korte tijd. Een prestatie die alleen maar kon plaatsvinden door intensieve communicatie en een strakke organisatie, met hulp van Lean. David van Baarle Dat de toenmalige Spoedwet wegverbreding helpt projecten sneller te laten verlopen, had hij al eerder bewezen. Toen Rijkswaterstaat besloot het knelpunt bij de Ramspolbrug op te lossen, voegde het daar nog een extra uitdaging aan toe: de brug moest energieneutraal worden. Na een snelle gunningperiode sleepte bouwcombinatie Infrateam N50 Ramspol het design en construct-contract binnen. De bouwcombinatie die de klus uiteindelijk klaarde, bestaat uit VolkerWessels-ondernemingen KWS Infra en Van Hattum & Blankevoort, Boskalis en Hollandia. Het installatiewerk in het project werd verzorgd door Vialis. Inmiddels is de brug klaar en is men begonnen met de sloop van de oude brug. Aart Veldhuis die als projectmanager betrokken was bij de bouw van de brug geeft tekst en uitleg over het project dat Rijkswaterstaat nu als showcase gebruikt. ‘Het idee om de nieuwe brug energieneutraal te maken, kwam van Rijkswaterstaat. De uitvoering liet men aan de aannemers over. Uiteraard waren we niet de enigen die op het project inschreven. In de gunning waren met name veel punten te vergeven voor het versnellen van het project en het beperken van de overlast voor de (vaar)weggebruiker. Daar hebben we dan ook voornamelijk op gewonnen.’

Energieneutraal Dat de brug energieneutraal is, heeft met name te maken met de energieterugwinning die men bereikt via de beweegbare

klep in de brug. Als de klep daalt, genereert deze energie die wordt opgeslagen en gebruikt wanneer de brug weer moet worden geopend. Uiteraard is dat niet voldoende: de overige benodigde energie wordt opgewekt door 320 zonnepanelen die aan weerszijden van de brug zijn gemonteerd. ‘De zonnepanelen leveren energie aan het net en de brug zal ook energie van het net halen als dat nodig is. Per saldo wordt in ieder geval evenveel energie opgewekt als gebruikt’, verduidelijkt Veldhuis. Overigens is de nieuwe brug ook

hoger gemaakt dan de oude, waardoor er überhaupt minder brugopeningen nodig zijn. Daarmee hoeft het wegverkeer minder te wachten, wat ook de emissies terugdringt.

‘Er waren momenten dat zo’n honderd man tegelijkertijd in hetzelfde gebied bezig was. Met name in de afbouwfase leverde dat nog wel eens stressvolle situaties op.’ De tijdwinst is met name te danken aan de keuze die het consortium maakte voor prefabelementen. ‘Die keuze diende twee doelen. Ten eerste konden we dankzij de prefabconstructiedelen sneller bouwen, maar

PROjecT Het project N50 Ramspol-Ens is één van de projecten die in het kader van de Spoedwet wegverbreding door Rijkswaterstaat (RWS) wordt uitgevoerd. Doel van het project is om op de N50 tussen Ramspol en Ens de veiligheid en doorstroming van weg- en scheepvaartverkeer te verbeteren. Dit willen ze realiseren door een goede weg- en terreininrichting van het gebied te maken. Het asfalteren van een nieuw wegdek zorgt voor de wegverbreding. Eind 2009 werd de reconstructie Ramspol-Ens aangeboden en in januari 2010 gegund aan Infrateam N50 Ramspol. Om de veiligheid te verbeteren is de kruising van de N50 bij Ens ongelijkvloers gemaakt en is een dertien meter hoge brug met een beweegbaar deel gerealiseerd. Het asfalteren van een nieuw vierbaans wegdek van circa zes kilometer verbindt deze werken met elkaar. Ook zijn het onderliggende wegennet en de waterhuishouding aangepast. Als laatste wordt de oude Ramspolbrug gesloopt. Met de openstelling van de brug is de verbinding van de nieuwe N50 een feit. Het grootste deel van de nieuwe N50 is in gebruik sinds 26 september 2011. Door de ongelijkvloerse kruising en de nieuwe geïsoleerde ligging van de N50 is de verkeersveiligheid in de omgeving aanmerkelijk verbeterd.

56 MaintNL 07 – 2013

056_57_59_MQ_NVDO-artikel.indd 56

27-08-13 15:39


Behalve het knelpunt Ramspolbrug oplossen, wilde Rijkswaterstaat de brug ook energieneutraal maken. Dat is gelukt door energie terug te winnen via de beweegbare klep.

daarbij leverde het ook minder hinder op voor het (vaar)verkeer. Alle liggers werden in de fabriek gemaakt en kant en klaar aangevoerd. Zo werden de zeven betonnen pijlerbakken ook over het water aangevoerd, wat uiteraard minder hinder oplevert, maar ook veel energiezuiniger is dan transport over het land. Hetzelfde geldt voor het zand

dat nodig was voor de weg. Ook dat werd aangevoerd via het water en via een transportband naar het werk gebracht.’

Balgstuw Het project kende een aantal mijlpaaldata dat in ieder geval moest worden gehaald en streefmijlpalen waaraan een bonus was

BeST VAlUe PROcUReMeNT Best Value Procurement (BVP) is een aanpak die uitgaat van de meeste waarde voor de laagste prijs. Aanbieders krijgen de kans om hun expertise maximaal te laten zien. Zo krijgen aanbieders de ruimte om zich van elkaar te onderscheiden. Best Value Procurement is gebaseerd op de volgende principes: ● Meeste waarde voor de laagste prijs ● Vergroten van winst voor de leveranciers ● Verminderen van risico’s door gebruik van expertise en transparantie ● Minimaliseren van communicatie, besluitvorming en transacties ● Luisteren, begrijpen en stroomlijnen in plaats van management, controle en inspectie ● Wekelijkse rapportages

gekoppeld. ‘We hebben alle mijlpalen gehaald en ook de bonussen kunnen innen. Met name de samenwerking met de opdrachtgever, maar misschien nog meer de samenwerking met de beheerder van de brug, zorgde ervoor dat we eventuele obstakels snel konden bespreken en tackelen. Vaak is de opdrachtgever van een project niet de uiteindelijke beheerder ervan, terwijl die beheerder wel zijn wensen heeft. We hebben dan ook meerdere keren met zijn drieën overleg gehad zodat we snel konden schakelen op de wensen van de beheerder. Hetzelfde geldt voor de samenwerking met waterschap Groot-Salland. De brug werd namelijk vlak bij de balgstuw gebouwd, een opblaasbare dam die het gebied moet beschermen bij hoog water. Men had dan ook zorgen over de activiteiten die op het water zouden plaatsvinden. Door al vroeg samen met Rijkswaterstaat en het waterschap de dialoog aan te gaan, konden we de zorgen wegnemen en kregen we de benodigde toestemming om onze plannen uit te voeren.’ MaintNL 07 – 2013

056_57_59_MQ_NVDO-artikel.indd 57

57

27-08-13 15:39


Wij feliciteren de NVDO met haar 50-jarig jubileum About-Blank, Accenture, Ahoy Rotterdam, Ardee, Baker Tilly Berk, Balance, BAM, Bemas, BP, BraintainEr, Bureau Veritas, CMS Asset Management, Cofely-Noord, CoThink, D.O.N. Bureau, D&F Consulting b.v., Royal Haskoning DHV, Dijkoraad, EasyFairs, Ernst & Young, Europoort Kringen, Focal Point, Nederlandse Gasunie, Gekas & Boot Groep b.v., Hogeschool Utrecht, IJsseltechnologie, Kepner Tregoe, Kennis en Informatie Management (KIM), Lloyd’s Register EMEA, LT-People, Mainnovation, MaxGrip, Mikrocentrum, NedTrain, NEM Energy Services bv, Nexct, NoMondai, Operational Excellence Transfer, PDM, Quercus, Qurius, ROC van Amsterdam, SKF, SmartWare Solutions Facilitair en Asset Management Software, Traduco, Urenco, Van Soest Zuid, Vesta, Westfalen Gassen, WivÉ

Deel kennis en ervaring >> word lid! Ga naar www.nvdo.nl en meld je aan... NVDO - Voorveste 2 - Postbus 138 - 3990 DC Houten Telefoon 030 - 634 60 40 | Fax 030 - 634 60 41 | E-mail info@nvdo.nl | www.nvdo.nl

058_MU_.indd 58

27-08-13 15:39


Door de open dialoog met Rijkswaterstaat, waarbij we samen optrokken, konden we ook tegenslagen eenvoudig overwinnen. De winter van 2012 zette namelijk laat in, maar was wel direct heel streng. Net op het moment dat het leggen van de liggers was gepland, konden we niet werken vanwege vorst. De planning liep dus uit, maar door slim activiteiten te bundelen konden we die verloren tijd op den duur weer inhalen. Dat betekende wel dat we de opdrachtgever ervan moesten overtuigen dat we de gestelde mijlpalen toch zouden gaan halen. Dat kan alleen als je open en transparant communiceert.’

Lean De complexiteit van dit project zat met name in het grote aantal partijen dat aan het project meewerkte. ‘er waren momen-

ten dat zo’n honderd man tegelijkertijd in hetzelfde gebied bezig was. Met name in de afbouwfase leverde dat nog wel eens stressvolle situaties op. We hebben dan ook tijdens dit project lean ingevoerd waarbij we niet alleen de weekplanning gezamenlijk doornamen, maar ook dagelijks keken waar we nog konden optimaliseren in de verschillende werkzaamheden of zaken konden combineren. Behalve dat we hiermee veel verspillingen voorkwamen, voelde het personeel zich ook meer betrokken bij het project waardoor men bereid was geschillen snel op te lossen. Hoewel we al weekoverleggen hadden en deze manier van werken dus niet geheel nieuw was, denken we toch door te gaan met lean. Met name voor integrale projecten, waar diverse disciplines moeten samenwerken helpt zo’n methode om de activiteiten

WIe WORDT INFRA PROjecTTeAM VAN HeT jAAR 2013? Op 28 november organiseren iMaintain en de NVDO het congres iMaintain Infra. Aan het eind van de dag wordt bekendgemaakt wie zich Infra Projectteam van het Jaar mag noemen. Bewijs de sterkte van uw team en profileer beheer en onderhoud als key succes-factor binnen uw project! Aanmelden voor de verkiezing kan op www.nvdo.nl

te optimaliseren. je ziet sneller clashes ontstaan waardoor je direct kunt bijsturen.’

Risicofonds De gekozen contractvorm is volgens Veldhuis voor de samenwerking niet eens zo heel belangrijk. ‘Dit was een design en construct-contract, maar we voeren ook een DBFM-contract voor RWS uit bij de A1/A6. Belangrijk is dat je tijdig wijzigingen meldt als het speelt. Zeker bij het Ramspol-project moesten we een vliegende start maken. Dat betekent dat veel doelstellingen tussentijds werden bijgesteld. Het vergt een flexibele houding van zowel opdrachtgever als aannemer om daar professioneel mee om te gaan. Rijkswaterstaat zorgde voor een risicofonds dat onverwachte uitgaven zou moeten dekken en zorgde tevens voor financiële prikkels om te kiezen voor de meest efficiënte oplossing.’ Inmiddels is de nieuwe brug af en wordt de oude gesloopt. In november moet ook dat werk erop zitten en is de klus geklaard. ‘De keuze van Rijkswaterstaat voor het Best Value Procurement-principe heeft in dit project zeer goed gewerkt. Daarnaast hebben we het idee dat we met lean nog grotere optimalisatieslagen kunnen maken in de volgende projecten die we gaan uitvoeren.’ n MaintNL 07 – 2013

056_57_59_MQ_NVDO-artikel.indd 59

59

27-08-13 15:39


Nieuws

Fysieke belasting bouw is verbeterd, maar blijft prioriteit De naleving in de bouw rondom fysieke belasting is duidelijk verbeterd. Dit constateert de Inspectie SZW naar aanleiding van een groot aantal inspecties. Desondanks constateert de Inspectie nog steeds veel overtredingen. De Inspectie richt zich met haar acties op de top 15 van beroepen met fysiek zware taken. In 2012 lag de focus op de blokkensteller ruwbouw, betonstaalvlechter, glaszetter, metselaar en de monteur metalen dak- en gevelelementen. In totaal zijn toen 602 inspecties uitgevoerd. Bij 57 procent van de bedrijven zijn 397 overtredingen geconstateerd. De meeste daarvan, 305, betroffen overtredingen op het gebied van fysieke belasting. In 2013 richt de Inspectie zich vooral op de beroepen dakdekker platte daken, gipsblokkensteller, wand- en plafondplatensteller, stukadoor en vloerenlegger zand/cement.

Naast het uitvoeren van inspecties is tot 1 september 2012 ook veel aandacht besteed aan kennisoverdracht en voorlichting in nauwe samenwerking met de brancheorganisaties. Toen is ook aangegeven dat de Inspectie na 1 september strenger zou handhaven. Op deze manier wil de Inspectie berei-

ken dat de onwelwillende achterblijvers in de sector de fysieke belasting van hun werknemers gaan terugdringen. Na 1 september nam de naleving van de regels duidelijk toe. Wel heeft de Inspectie in het laatste kwartaal van 2012 nog 46 boetes uitgedeeld aan niet-nalevers van de regels.

Energieverbruik voor productieproces gedaald bij stijgende productie De industrie is een grootverbruiker van energie, zowel om productieprocessen te laten draaien als door het gebruik van energiedragers als grondstof voor producten, zoals olie voor kunststof of aardgas voor kunstmest. Het aandeel van de industrie in het Nederlands energieverbruik ligt al jaren rond de 37 procent. Uit milieu- en kostenoverwegingen is het besparen van energie steeds belangrijker voor bedrijven. De industrie maakt duidelijk stappen om de benodigde energie in haar productieprocessen te verminderen. Sinds 2002 is dit verbruik gedaald met ruim 10 procent, terwijl het productievolume ruim 10 procent is gestegen. De meeste energie binnen de industrie wordt gebruikt door de chemiesector, een natuurlijk uitvloeisel van de activiteiten van deze sector. Van de ruim 1.200 petajoule die de industrie aan energie nodig heeft, gaat bijna 70 procent naar de chemie. Een andere sector met een relatief hoge energie-intensiteit is de basismetaal, die circa 11 procent van de energie die naar de industrie gaat, verbruikt. Een vergelijking tussen de belangrijkste branches binnen de Nederlandse industrie laat zien dat de energieintensiteit binnen de voedings- en genotmiddelenindustrie het snelst daalt. De energie-intensiteit is hier berekend als de ontwikkeling van het energieverbruik ten opzichte van de ontwikkeling van het geproduceerde volume. Ook de papierindustrie weet steeds efficiënter

te produceren. Het totale energieverbruik van de chemiesector is toegenomen door een groeiende hoeveelheid energie die als grondstof dient voor eindproducten. De relatief snelle groei van de basischemie, een zeer energie-intensieve sector, is hierin een belangrijke factor. Het totale productievolume nam de afgelopen tien jaar echter iets toe. De komende jaren zal het relatieve energieverbruik binnen de industrie naar verwachting verder afnemen. Voor steeds meer bedrijven is energiebesparing een speerpunt en er komen zuiniger machines en installaties op de markt. Daarnaast liggen er tussen diverse sectoren en de overheid meerjarenafspraken. De komende jaren zullen deze afspraken meer en meer vertaald (moeten) worden in acties. Er zijn echter redenen waarom toch minder snel in deze energiezuiniger systemen wordt geïnvesteerd. Ten eerste is het in de praktijk niet eenvoudig een modernere IE2-, IE3- of IE4-motor te integreren in een bestaand systeem. Ten tweede wordt er bij (vervangings)investeringen vooral gekeken naar de hoogte van het initiële investeringsbedrag in plaats van de total cost of ownership (TCO). Bij de TCO gaat het erom dat alle kosten gedurende het gebruik van een productiemiddel in ogenschouw worden genomen. Dat is meer dan de initiële investering; hierbij betrek je onderhoudskosten, overige gebruikskosten en dus ook energiekosten.

60 MaintNL 07 – 2013

060_61_MJ_NVDO_neuws.indd 60

27-08-13 15:39


Nieuws

Trends in warehousing Door de economische crisis zijn veel organisaties genoodzaakt opnieuw naar hun uitgavepatroon te kijken om winstgevend te blijven. Sommige organisaties besluiten om hun logistieke activiteiten zelf te verzorgen. Dit zijn voornamelijk organisaties in de hightech sector. Anderen hebben hun logistieke activiteiten juist uitbesteed voor het creëren van meer flexibiliteit. De wereldwijde crisis heeft een grote impact gehad op de algehele logistieke sector. Zo is de vraag van de consument aanzienlijk gedaald, waardoor er minder productie nodig was. Dit leidde weer tot lagere shipping volumes. Ondanks deze impact op de logistieke sector en het feit dat een aantal economieën de komende jaren verder zal verslechteren, zijn er al voorzichtig verbeteringen in de sector te zien. Het blijft een feit dat transportmarges schommelen als gevolg van de lokale retailperformance, maar volumes stabiliseren en met name weg- en spoorvervoer nemen langzaam toe. Een belangrijk onderdeel binnen de logistieke sector is warehousing. Warehousing wordt vaak ondergedaan als het niet-technische, niet-innovatieve onderdeel van de supply chain, maar dat is niet terecht. Warehousing is en blijft in de toekomst een belangrijk onderdeel binnen de logistieke sector. Door de trends in beeld te brengen kan er tijdig worden ingespeeld op veranderingen in de sector. Door krappe en schommelende marges die voor de toekomst worden voorspeld, blijft de efficiënte inrichting van

Productie terug uit lagelonenlanden Waar Nederlandse bedrijven in de jaren negentig hun productie naar lagelonenlanden in Azië en Oost-Europa brachten, gebeurt nu vaker het tegengestelde: ondernemingen halen hun productiewerk terug. Door de gestegen personeelskosten in lagelonenlanden en hoge transportkosten als gevolg van de opgelopen olieprijs wordt het aantrekkelijker om de fabricage naar huis te halen. Daar komt bij dat het een goede manier is om banen te creëren voor grote groepen Nederlanders die nu niet of nauwelijks een plek op de arbeidsmarkt weten te veroveren. Politici en maatschappelijke organisaties maken zich daarom in toenemende mate sterk voor ‘reshoring’. In Nederland maken bedrijven die hun productiewerk terughalen vaak gebruik van werknemers uit de sociale werkvoorziening. Gemeenten geven ze daar namelijk een loonkostensubsidie voor. Daardoor is het verschil met de loonkosten in een lagelonenland minder groot. Daar staat wel de inspanning van extra begeleiding tegenover. Voor gemeenten is het aantrekkelijk om de mensen van hun sociale werkplaats te detacheren bij een bedrijf omdat zij steeds minder geld krijgen van het Rijk voor deze voorziening.

warehousing een belangrijk punt. Logistieke dienstverleners moeten een balans vinden tussen de klantvraag en het laag houden van operationele kosten. Daarnaast blijft het optimaliseren van de goederenstroom voor de hele supply chain een belangrijk zorgpunt. Logistieke dienstverleners behouden een voorkeur voor opslag en valueadded logistics (VAL)-faciliteiten die vlak bij de belangrijkste regionale havens en spoorterminals gelegen zijn. Het belang van multichannel wordt alsmaar groter. Binnen de logistieke sector worden procesaanpassingen steeds meer beïnvloed door e-commerce en de behoefte van klanten aan flexibiliteit op het gebied van product-

beschikbaarheid, levertijden en locaties. De dynamiek van de dienstverlening in een omnichannel-omgeving maakt dat dit proces complexer gaat worden. De dienstverlening verandert onder andere doordat het vaker voorkomt dat goederen door middel van labeling/packaging worden geleverd zonder tussenkomst van de retailer. Als value-added services worden aangeboden, dan kunnen twee kanten van dezelfde operatie worden bediend door verschillende afdelingen. Een andere verandering door de multichannelomgeving is distributie van de voorraad. Toen multichannelling nog nieuw was, werd de e-commerce-voorraad soms gescheiden van de normaal gedistribueerde voorraad. Om efficiëntie te kunnen garanderen wordt alle niet-toegewezen voorraad gebundeld en zichtbaar voor orderverwerking. Het is zeker dat er in 2020 een hoop veranderingen in de logistieke sector zullen plaatsvinden. Sommige zijn te voorzien, zoals de verschuiving naar multichannel-omgevingen. Andere minder, zoals ontwikkelingen op economisch en politiek vlak. Logistieke dienstverleners moeten klaar zijn om op veranderingen in te springen en strategieën, structuren en activiteiten aan te passen, zodat ze klaar zijn voor de toekomst. MaintNL 07 – 2013

060_61_MJ_NVDO_neuws.indd 61

61

27-08-13 15:39


Onderhoud en onderzoek

Verschil maken tussen klanten voor betere service Serviceverleners hebben vaak met elke klant andere afspraken, omdat elke klant andere eisen stelt aan bijvoorbeeld de beschikbaarheid van assets. Vooral in de logistiek levert dit nog wel eens rare situaties op omdat reserveonderdelen zijn gereserveerd voor ‘topklanten’ terwijl klanten met een minder hoogstaand servicecontract op dat moment hetzelfde onderdeel hard nodig hebben. Maar volgens promovendus Elisa Alvarez kan differentiatie tussen klanten wel effectief zijn. Elise Quaden ties in moeten richten als serviceniveaus per klant verschillen en promoveerde hierop aan het Instituut CTIT (Centre for Telematics and Information Technology). Haar proefschrift heet ‘The value of customization: on differentiation in service logistics’.

Elisa Alvarez van de Universiteit Twente onderzocht hoe fabrikanten hun serviceorganisaties in moeten richten als serviceniveaus per klant verschillen en promoveerde hierop.

Serviceniveaus Medische apparatuur, defensiematerieel en hoogwaardige productiesystemen. Een storing aan deze systemen leidt meestal tot een fors productie- en inkomstenverlies of

foTo: VAnDErLAnDE

Binnen de kapitaalintensieve industrie moet de productie het altijd doen. Stilstand is achteruitgang en kost geld. Goed onderhoud van kritieke systemen is cruciaal. Dit onderhoud wordt vaak uitbesteed en daar ligt meestal een service level agreement (SLA) aan ten grondslag. Binnen dit contract kan de klant kiezen voor een bepaald serviceniveau. Dure servicecontracten leveren een hoog serviceniveau en goedkopere contracten een lager serviceniveau. Elisa Alvarez van de Universiteit Twente onderzocht hoe fabrikanten hun serviceorganisa-

tot het ontstaan van onveilige situaties. Een onderhoudscontract bevat daarom vaak een service level agreement met daarin het gewenste serviceniveau. Voorbeelden zijn een minimale beschikbaarheid van het systeem over een bepaald tijdsinterval en een maximale reactietijd als er een storing optreedt. Vaak hebben gebruikers van dezelfde systemen verschillende eisen ten aanzien van het serviceniveau. Systeemfabrikanten spelen hierop in door zowel dure servicecontracten te leveren die een hoog ser-

viceniveau bieden als goedkopere contracten met een lager serviceniveau. Het doel van de fabrikant is om zijn serviceorganisatie zodanig in te richten dat de verschillende serviceniveaus nagekomen worden tegen minimale kosten. In de praktijk blijkt dit een grote uitdaging: het leveren van een uniforme hoge service aan alle klanten is een dure optie waarbij standaardklanten een te hoge service krijgen, mogelijk ten koste van klanten met hogere service-eisen. Differentiatie bij het leveren van reserveonderdelen bijvoorbeeld kan in theorie wel gerealiseerd worden door voorraad te reserveren voor hoge

62 MaintNL 07 – 2013

062_63_MN_NVDO-artikel.indd 62

27-08-13 15:38


foTo: ESSErS

Effectief differentiëren bij het leveren van onderdelen kan. Bijvoorbeeld door selectief gebruik te maken van spoedleveringen vanaf andere locaties wanneer het dichtstbijzijnde magazijn buiten voorraad is. prioriteitsklanten (de zogenaamde critical level policy). Deze strategie blijkt in de praktijk echter slecht werkbaar, onder andere omdat service engineers niet bereid zijn om onderhoud uit te stellen voor een standaardklant als een onderdeel feitelijk beschikbaar is.

Effectief differentiëren In het proefschrift van Alvarez staan verschillende logistieke opties voor onder andere reserveonderdelen en service engineers. Uit het onderzoek blijkt dat je effectief kan differentiëren bij het leveren van onderdelen. Bijvoorbeeld door selec-

onDErzoEk Elisa Alvarez is geboren op Curaçao en is 28 jaar. Na het afronden van haar vwo-opleiding kwam zij in 2002 naar Nederland om Technische Bedrijfskunde te studeren aan de Universiteit Twente. Tijdens haar Masteropleiding kwam zij in aanraking met servicelogistiek toen zij een Capita Selecta-opdracht uitvoerde bij het Service Logistics Forum Research (SLFR) over de knelpunten die bedrijven ervaren bij het opstellen en nakomen van servicecontracten. Een belangrijk knelpunt – dat uiteindelijk het primaire onderwerp in haar proefschrift werd – was het inrichten van de organisatie van de systeemfabrikant om met differentiatie in serviceniveaus om te kunnen gaan. Alvarez is in 2008 begonnen met haar promotieonderzoek in de vakgroep ‘Industrial Engineering and Business Information Systems’ (IEIBS) van de faculteit Management en Bestuur. Haar promotor is Henk Zijm en haar assistent-promotor is Matthieu van der Heijden. Alvarez’ proefschrift is opvraagbaar bij de Universiteit Twente.

tief gebruik te maken van spoedleveringen vanaf andere locaties wanneer het dichtstbijzijnde magazijn buiten voorraad is of door het hanteren van (deel)voorraden bij klanten. De effectiviteit is afhankelijk van een aantal factoren, bijvoorbeeld van het soort onderdeel dat geleverd moet worden. Een andere mogelijk-

Uit het onderzoek blijkt dat je effectief kan differentiëren bij het leveren van onderdelen. heid om differentiatie toe te passen is door service engineers steeds aan de klant met de hoogste prioriteit toe te wijzen. Het is dan mogelijk om snel en nauwkeurig voor ieder type klant de verdeling van de wachttijd te bepalen. Hierdoor krijgen fabrikanten de mogelijkheid om hun prestaties op verschillende serviceniveaus te toetsen. n MaintNL 07 – 2013

062_63_MN_NVDO-artikel.indd 63

63

27-08-13 15:38


CONDITIE BEWAKING Trilingsanalyse

Onze diktemeters en flawdetectors zijn robuust, betrouwbaar en accuraat

Infrarood thermografie

Of het nu gaat om inspecties in de fabriek of de Poolcirkel, het Elcometer NDT assortiment – diktemeters en flawdetectors – is robuust, snel, accuraat en gebruiksvriendelijk.

Olieanalyse

Motordiagnose

Ultrasoon analyse

www.elcometerndt.com Diktemeters – Flawdetectors – Onderwatermeters Boutspanningsmeters – Data Management software

www.coservices.eu

info@coser vices.nl

NL: +31 46 702 23 61 BE: +32 16 400 136

NDT Quarter Page Dutch.indd 1

6/5/2013 4:19:14 PM

Bezoek vast en vloeibaar samen

2 & 3/10/2013 - AHOY ROTTERDAM

SOLIDS2013 DE NEDERLANDSE VAKBEURS VOOR DE BE- EN VERWERKING, OPSLAG EN TRANSPORT VAN VASTE EN DROGE STOFFEN Registreer voor een gratis bezoek www.easyFairs.com/Solids-nl

2 & 3/10/2013 - AHOY ROTTERDAM

PUMPS & VALVES2013

DE NEDERLANDSE VAKBEURS VOOR TECHNOLOGIE & INNOVATIE IN INDUSTRIËLE POMPEN, KLEPPEN EN AFSLUITERS Registreer voor een gratis bezoek www.easyFairs.com/Pumps-nl

WAREN ALLE VAKBEURZEN MAAR ZO GEMAKKELIJK! 185_64_SOLIDS_P&V_2013_NL_01.indd 7

13/08/2013 16:43:34

ADVERTENTIE INDEX IMAINTAIN

3P Quality Services ............................................................... 26 Applus RTD .......................................................................... 40 BETA Publishers .................................................................... 42 BIM Media ........................................................................... 28 Coservices International ......................................................... 64 Croon Elektrotechniek ............................................................ 10 Dimensys Nederland .......................................................48, 49 EasyFairs ............................................................................. 64 Elcometer NL ........................................................................ 64 Elektroraad .................................................................... bijlage Henkel Nederland................................................................. 14

064_index_coserv_elcometer.indd 1

Hogeschool Utrecht Centrum voor N&T ..................................... 2 iMaintain Infra 2013............................................................... 4 iMaintain Prestatiemanagement .............................................. 32 INDI .................................................................................... 14 Mainnovation Meeting House NL............................................ 68 Prodex ................................................................................. 24 Profion Maintenance Linqs ..................................................... 16 SKF .................................................................................... 22 Stichting PHOV ..................................................................... 24 Testo ................................................................................... 22 VNU Exhibitions Europe ........................................................ 67

28-08-13 09:29


Column Pivo Waar ik was in de zomervakantie hebben ze pivo. Waar u was, hadden ze misschien wel ale of bière of bira. Of dronk u een cerveza, een birra, een öl of een sör? Bij het drinken van het goudgele vocht heeft u er waarschijnlijk niet bij stilgestaan dat bier voor 93 procent uit water bestaat. Brouwers hechten daarom veel belang aan schoon water en zo min mogelijk waterverbruik. Om die reden doen zij al jarenlang aan watermonitoring om trends in het waterverbruik te signaleren, onderlinge vergelijking mogelijk te maken, waterbesparingsdoelstellingen te formuleren, kostenreducties te behalen en milieubelasting in beeld te brengen. In vijfentwintig jaar tijd hebben de brouwerijen het gebruik per liter geproduceerd bier teruggebracht van twintig liter naar zes liter. Bij het brouwen van bier komt een bepaalde geur vrij. En ik kan het weten, want tijdens onze zomervakantie in Tsjechië hebben we diverse brouwerijen bezocht. Deze geur wordt de ‘huisgeur’ van de brouwerij genoemd. Door technische ontwikkelingen wordt deze geur gelukkig tot een minimum beperkt. Veel brouwerijen maken hierbij gebruik van zogenoemde wortdampcondensatie. Deze methode brengt de vrijkomende geur met minstens 85 procent terug. Hiermee voldoen de brouwerijen ruimschoots aan de geurregeling voor bierbrou-

werijen in de NER (Nederlandse Emissie Richtlijn). De afspraken inzake brouwerijgeur die de brouwerijen met de overheid hebben gemaakt, zijn in 1999 vastgelegd. Hoewel die richtlijn natuurlijk niet in een land als Tsjechië geldt, doet men ook daar echt haar best en worden technische ontwikkelingen ook serieus gevolgd en vaak ook uitgevoerd. Daar hoorde ik dan ook voor het eerst over een gadget genaamd Chill Puck. Uitvinder Curt Peters heeft een schijf bedacht die onder een blikje pivo wordt geklikt. Met een techniek die NASA oorspronkelijk gebruikte voor het koelen van kernreactoren, wordt de warmte als het ware uit het blikje gezogen waardoor de Puck vast blijft zitten aan het blikje. Een berichtje hierover staat op de NVDO Facebookpagina. Daar sta je toch niet bij stil als je op een terras, je balkon, in je tuin of op de camping een biertje drinkt? Ik denk dat het maar weer eens tijd wordt om bij een van de NVDO-bierbrouwleden op bezoek te gaan om alle nieuwe technieken in combinatie met duurzaamheid met eigen ogen te aanschouwen. Proost!

Bij het drinken van het goudgele vocht heeft u er waarschijnlijk niet bij stilgestaan dat bier voor 93 procent uit water bestaat. Brouwers hechten daarom veel belang aan schoon water en zo min mogelijk waterverbruik.

colofon

Ellen den Broeder-Ooijevaar Verenigings Manager

MaintNL is het verenigingsmagazine van de Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud. De naam MaintNL is eigendom van de NVDO.

Postbus 138 3990 DC Houten t +31(0)30 634 60 40 f +31(0)30 634 60 41

e info@nvdo.nl • www.nvdo.nl • www.nvdovac.nl

MaintNL 07 – 2013

065_MC_NVDO_Vmanager.indd 65

65

27-08-13 15:38


66 volgend nummer

In HeT volgende nummer Onderhoud in de aerospace De onderhoudskosten voor de Joint Strike Fighter (JSF) vallen maar een fractie hoger uit dan die van de F16. Dat zei de Amerikaanse luitenant-generaal Christopher Bogdan in de Tweede Kamer. Hij leidt in het Pentagon het JSF-project. Goed nieuws voor de voorstanders van de Joint Strike Fighter als opvolger voor de verouderde F16 van de Nederlandse luchtmacht. Is dit ook goed nieuws voor de Nederlandse onderhoudsbranche?

De auto-industrie in Nederland De automotive-industrie en Nederland hebben een enigszins stroeve verhouding. De echte productie verdwijnt en wat er overblijft is voornamelijk assemblage, zoals voor Tesla dat onlangs een assemblagecentrum in Tilburg opende. Terwijl de kennis aanwezig is om veel breder service te bieden. Wat kan Nederland nog meer bijdragen aan de automotive?

Safetyspecial Na het rapport van de Onderzoeksraad van de Veiligheid over Odfjell staat veiligheid weer volop in de belangstelling. Inmiddels is de Plant Manager van het Jaar Michel Meertens begonnen met het koppelen van plantmanagers om bij elkaar de veiligheidssituatie kritisch onder de loep te nemen. Ook op technisch gebied zijn er nog steeds ontwikkelingen die de veiligheid verbeteren. We geven een overzicht van hulpmiddelen.

THemA: maintenance en automotive/aerospace EN VERDER MaintNL In MaintNL komen wederom uiteenlopende onderwerpen aan bod. Ieder zijn vak laat het werk zien van een rĂśntgenspecialist bij KLM die zijn kennis inzet om vliegtuigen te inspecteren, het projectteam van de Slimme Snelweg vertelt waarom hun infraproject zo bijzonder is en wat zijn nu de verschillen tussen PAS55 en ISO55000?

iMaintain Nummer 8 verschijnt 28 september 2013

Thema’s 2013 iMaintain 09-2013 maintenance & food

iMaintain 10-2013

maintenance in de infra

07 13 imaintain

066_F_volgend nummer.indd 66

28-08-13 09:11


Discover the hidden treasure in Maintenance

In iedere onderhoudsorganisatie zit waarde verborgen. Ieder bedrijf heeft de potentie om verder te verbeteren, dit kan door op bepaalde kosten te bezuinigen of door slim onderhoud te plegen zodat de beschikbaarheid omhoog gaat. De vraag is alleen waar je als onderhoudsmanager deze verborgen waardes vindt en waar je moet starten. Het antwoord op deze vraag vindt u bij Mainnovation. Met Value Driven Maintenance速 en de bijbehorende tools zoals het VDM Control Panel, helpen wij u om de verborgen schat in uw organisatie te vinden. Wilt u de schat in uw onderhoudsorganisatie ontdekken? Ga naar www.mainnovation.com

CONTROLLING MAINTENANCE, CREATING VALUE.


KENNIS MOET JE OOK ONDERHOUDEN. • Hoeveel onderhoud is juist genoeg? • Kunnen we met de onderhoudsfunctie geld verdienen? • Hoeveel kan onderhoud bijdragen aan het bedrijfsresultaat? • Wat is Excellent Onderhoud en hoe geef ik dit vorm?

Kom naar stand 4.10 5

Maintenan

ce Ne

xt en ontdek uw

WAARDECREATIE DOOR GOED ONDERHOUD Een onderhoudsopleiding bij Hogeschool Utrecht helpt u in uw eigen bedrijf de antwoorden te vinden op deze vragen. In de afgelopen jaren zijn vele mooie resultaten en forse besparingen bereikt bij de deelnemende bedrijven. Door de brede scope op zowel Materiaalkunde, Engineering, Inspectie als Onderhoud bieden onze opleidingen op het gebied van Onderhoud precies die (integrale) kennis die nodig is om verder te kunnen kijken dan het eigen vakgebied, en daardoor aantoonbaar betere resultaten te boeken. • Post-MBO Onderhoudstechniek • Post-HBO Onderhoudstechnologie • Post-HBO Onderhoud en Management • Master of Engineering in Maintenance & Asset Management

Start 2 oktober 2013 Start 3 oktober 2013 Start 3 oktober 2013 Start 2 september 2013

Alle genoemde opleidingen kunnen naar wens in-company (op maat) verzorgd worden. Informeer naar de mogelijkheden. Meer weten? Bel 088 481 88 88, mail naar info@cvnt.nl of kijk op www.cvnt.nl.

ER VALT NOG GENOEG TE LEREN


Ima07 lr