Issuu on Google+

HKU 24 /7 Studenten vertellen je hoe het echt is om aan HKU te studeren

“Ik noemde de opleiding voor de grap een levenservaring – en besefte dat ik het meende.” Freek, student Graphic Design

Lees wat afgestudeerde HKU-studenten na hun studie doen

“Je leert je creativiteit hanteren. Vanuit die kern kun je alles doen wat je wilt.” Alexander, afgestudeerd Muziektechnologie


HKU 24 /7


INLEIDING

Je hebt net HKU 24/7 opengeslagen. Dat betekent waarschijnlijk dat je erover na zit te denken om een kunstopleiding van HKU te doen – of misschien weet je dat nog helemaal niet, en wil je ons eerst met andere kunsthogescholen vergelijken. We begrijpen hoe lastig het is om een beeld te krijgen van wat studeren aan HKU inhoudt. De informatie kunnen we je geven, maar hoe het straks precies zal zijn, hoe je het zult ervaren?

Juist daarom maken wij HKU 24/7. Want dit blad is speciaal bedoeld om je nú al een zo goed mogelijk beeld ‘van binnenuit’ te geven. Zodat je echt een gevoel krijgt of jij en HKU bij elkaar passen en je straks een goede keuze kunt maken.

Het motto van HKU is ‘nieuwe verbindingen, nieuwe toepassingen’. Wij vinden het belangrijk dat studenten van verschillende disciplines met elkaar samenwerken om tot onverwachte ideeën te komen, en dat je, ook tijdens je studie al, nadenkt over welke plek jij als kunstenaar in de wereld hebt. In HKU 24/7 leer je negen eerstejaars studenten kennen. Je leest hoe hun leven eruitziet, hun leermomenten en twijfels, en het belangrijkste dat ze tot nu toe over zichzelf en hun vak hebben geleerd. Daarnaast geven interviews met oud-studenten je een beeld van hoe je je leven na HKU, ook finan­ cieel, kunt vormgeven.

Verder vind je in HKU 24/7 praktische informatie. De eerstejaars geven tips voor de toelating en om aan een kamer te komen. Het complete studieaanbod komt voorbij, net als een aantal leuke evenementen in Utrecht en speciale projecten van HKU’ers. Tot slot kun je de negen eerstejaars volgen op Facebook. Want alle vragen die je ná het lezen van HKU 24/7 nog hebt, willen zij vast graag beantwoorden. Kijk op pag 087.


Waarom hebben onze studenten voor hun studie bij HKU gekozen en hoe gaat het in het eerste jaar met hen? Voorafgaand aan elke studenten足reportage lees je welke andere aanverwante afstudeerichtingen gegeven worden aan HKU.

/ 06 /HKU KUNST EN ECONOMIE / 012 /HKU MEDIA

1e jaarS studenten:

/ 08 ROBIN /Visual Art and Design

/ / 014 FRANKA 018 FREEK /Graphic Design /Image and

/ 024 JORIS /Product Design

/ 30 RINSKE /Klassieke Muziek

Management

Media Technology

/ 022 /HKU design / 028 /HKU UTRECHTS CONSERVATORIUM

/ 036 SWAEN /Fine Art

/ 034 /HKU Beeldende Kunst / 040 / / /HKU 048 INGE 042 JESKE MUZIEK EN TECHNOLOGIE /Composition for the Media /Interaction Design

/ 054 KAYLIE /Theatre and Education


ALUMNI:

/ 046 /HKU GAMES EN INTERACTIE / 052 /HKU theater

/ 062 TAMAR /Afgestudeerd Theatre Design

/ / / 064 066 Sandra 058 /AlexandEr /Afgestudeerd /Festival Spring Afgestudeerd Muziek足technologie

Game Design and Development

/ 060 /Festival deBeschaving / 078 /HKU Spotlights

/ 068 Geert /Afgestudeerd Music Management

/ 070 GIJS /Afgestudeerd Jazz & Pop

/ 072 Yentl /Afgestudeerd Fine Art and Design in Education

/ 082 /Voor en Na / 084 /Toelating / 086 /Kamer zoeken / 087 /Zoek ons op

/ 074 HIK Ontwerpers /Afgestudeerd Urban Design

/ 076 Ruud /Afgestudeerd 3D Computer Animation and Visual Effects


KUNST ECONO praktisch betrokken bij kunst Je bent geïnteresseerd in kunst en cultuur, maar kunt ook goed plannen en rege­ len. Je vindt het leuk om zakelijke en commerciële toepassingen voor verschil­ lende kunstvakgebieden te bedenken en te organiseren. Tot april van het eerste jaar volg je het algemene Kunst en Economieprogramma. Daarna kies je één van de onderstaande afstudeer­ richtingen. Vanaf dat moment leer je de specifieke ‘taal’ en sfeer van dat vak­ gebied kennen. Uitgebreide informatie over de opleiding Kunst en Economie vind je op hku.nl/kunsteneconomie

Arts and Media Management

Theatre Management

BA of Art and Economics , croho 34951

BA of Art and Economics, croho 34951

Event Management

Visual Art and Design Management

Je wordt opgeleid tot projectmanager en ondernemer in de wereld van games, film en tv, crossmediaproducties en websites. Later kun je meewerken aan nieuwe mediaprojecten en -producten.

BA of Art and Economics , croho 34951

Deze richting bereidt je voor op een creatieve functie in de zakelijke evenementenbranche. Je leert alles over concept­ontwikkeling, marketing, financiering en organiseren. Na je studie kun je zo aan de slag als zelfstandig ondernemer.

Music Management BA of Art and Economics, croho 34951

Je wordt opgeleid voor de organisatorische en zakelijke kanten van de (pop)muziekpraktijk. Later werk je als artiestof muziekmanager, bijvoorbeeld bij een boekingskantoor, podium of / muziekmaatschappij.

06 /

Deze richting leidt op tot theatre manager. Je bent de onmisbare organisator achter de schermen, van toneel, musicals en straattheater tot opera.

BA of Art and Economics, croho 34951

Je wordt opgeleid voor een managementfunctie in pro­ duct design, grafische vorm­ geving, mode of autonome beeldende kunst. Binnen deze vakgebieden ontwikkel en organiseer je projecten, verzorg je het management van ontwerpstudio’s en/of stuur je ateliers en creatieve teams aan. Met deze opleidingen word je bijvoorbeeld zakelijk leider van een toneelgezelschap, je begeleidt kunstprojecten en/ of kunstenaars, of organiseert en produceert evenementen. 24/7 Student Kunst en Economie: (pag 08) 24/7 Afgestudeerde Kunst en Economie: (pag 068)


T EN OMIE

/ 07 /


ROBIN

/ 08 /


Robin (21), HKU Kunst en Economie, student Visual Art and Design Management hku.nl/robin

“Wat mensen niet van mij zouden verwachten? Nou, dat ik soms best de neiging heb om de baas te spelen. Ik ben vrij bescheiden, maar … als ik de kans krijg wil ik toch graag iedereen aansturen. Ik moet gewoon m’n bazige kant op de goede manier leren toepassen. [lacht] Ik was altijd al een planner. Dat ging soms ver, hoor. Ik weet nog wel dat ik klein was, dat mijn ouders zeiden: ‘We gaan morgen naar het strand.’ En ik: ‘Nee, dat kan niet, dat zit niet in mijn planning!’ Die eigenschap is heel nuttig in deze studie, maar je moet er ook mee uitkijken. Dat geplan­ de kan ‘doods’ worden. Het negeert eigenlijk de spontaniteit van het moment, want dat staat niet op het lijstje. Dus dat is absoluut een van de belangrijkste dingen die ik dit jaar geleerd heb: afwijken van je planning en daardoor creatiever kunnen denken. Voor een project­ gestuurde les was ik projectleider bij een eva­ luatiegesprek. Een uitdaging, want je kunt niet plannen hoe een evaluatie gaat verlopen. Het is bijvoorbeeld wel eens gebeurd dat iemand gaat huilen. Maar goed - dan is het eigenlijk een heel goede oefening hoe je daarmee omgaat. Wat ik echt leuk vind is mijn stage bij het ­Dolhuys Museum in Haarlem. Je wordt in het diepe gegooid, maar je krijgt wel gelijk een indruk van hoe het is in het werkveld. Afgelopen donderdag was de opening van een nieuwe expositie, en mijn begeleidster zei: ‘Vandaag ben jij mij.’ Dus ik kreeg het draaiboek in mijn handen: ‘Ga het maar regelen.’ Dat vond ik zo gaaf!”

/ 09 /


Ik mocht bij mijn

stage een complete

expositie openen, inclusief champagne

/ 010 /

“Ik las altijd al veel modeblogs, dat doe ik nog steeds, en ik schilder. Maar ik kwam er al snel achter dat ik het leuk vind als hobby ernaast; het hoeft niet mijn beroep te zijn. Dat is ge­ woon die combinatie in mijn karakter, dat ik het ook leuk vind om dingen te organiseren. En dat kun je met deze studie heel goed toe­ passen op die creatievelingen. [lacht] We hebben een project gehad waarbij we een ondernemingsplan moesten opzetten voor een mode- en tassenontwerpster. Je moet dan bijvoorbeeld een financieringsplan opstellen, en zij had haar financiën totaal niet op orde. Dan merk je dat kunstenaars heel erg creatief zijn en eigenlijk alleen maar bezig willen zijn met maken. Toen zijn we samen met haar gaan kijken: wat zijn nou de kosten, wat zijn de uitgaven, wat heb je nodig. Daardoor kreeg zij ook een beter beeld. Dat moet je leren doen, in plaats van als een soort baas te zeggen: ‘Je moet doen wat wij zeggen.’ Netwerken, dat wordt hier heel erg benadrukt. Je moet studiepunten halen door bijvoorbeeld ergens vrijwilligerswerk te doen op een festival, waardoor je contacten legt met mensen die zo’n festival organiseren, of een opening van een kunstgalerie. Ik vind het soms best lastig omdat ik verlegen ben, maar ik merk dat het toch wel soepel loopt. Als je naar openingen of beurzen gaat blijkt dat mensen het vaak heel interessant vinden als je vertelt wat je stu­ deert. ‘Goh, bestaat dat?’ Dat wekt interesse bij mensen, als je daarover gepassioneerd kunt vertellen. Gewoon dat het over de inhoud gaat, en niet over hoe geweldig jij bent.”


“In alle projecten zit je steeds in nieuwe groe­ pen, die telkens veranderen. Dat is expres, omdat je zo iedereen leert kennen, ook een soort netwerken binnen de studie. Pas aan het eind van het jaar als je een richting hebt gekozen, krijg je een vaste klas. Ik heb nu net voor deze richting, Visual Art en Design, gekozen, maar daarbinnen heb je ook weer richtingen. Fashion, interieur, beeldende kunst, schilderkunst … Je kunt projectmanager worden in een museum, of als freelancer een mode-event organiseren. Maar ook gewoon in loondienst ergens terechtkomen. Ik zag laatst bijvoorbeeld een vacature bij de Rabobank; dan bepaal je hun aankoopbeleid voor kunst. Zoiets lijkt me heel interessant. Het allerbelangrijkste als aankomend stu­ dent is dat je voor in ieder geval één van de richtingen een passie hebt. Het ís een managementopleiding, maar ook heel erg op de kunstsector gericht, dus dat moet je trekken. En daarnaast moet je goed kunnen samenwerken, maar daarin ontwikkel je je. Dus als jij heel verlegen bent, moet dat je niet weerhouden. Je kunt eerder zeggen dat je die managementkant nog bij kan leren dan dat je die passie voor kunst nog moet ontwikkelen. Als je die niet hebt is dat een probleem.

/ 011 /

De studenten die hier zitten zou je bij wijze van spreken ook bij rechten of psychologie kunnen tegenkomen. Het zijn redelijke nononsense types, je ziet hier niet veel gekke haarstijlen enzo. Wij zijn ook niet de creatie­ velingen, wij maken niet de kunst, en ik denk dat je ons daarin kunt onderscheiden. Wij zijn van het projectmatig denken, het plannen. We houden van kunst maar we zijn wel ge­ woon normaal. Ja, zo zou je dat best kunnen zeggen.”

/ 011 /


media vertellen, ontdekken en vernieuwen Je vertelt graag verhalen en combineert hierbij vorm, inhoud en techniek zo dat jouw publiek daar graag naar kijkt of luistert. Je bent nieuwsgierig naar de oorspronkelijke ambachten, maar wilt ook alles weten over nieuwe ontwikkelin­ gen in mediatechnologie. Je weet dat je persoonlijke ontwikkeling net zo be­ langrijk is als jouw rol in het groepsproces. Uitgebreide informatie over de mediaopleidingen vind je op hku.nl/media Met deze opleidingen kun je zelfstandig mediakunstenaar worden of toegepaste mediaproducties maken voor instellingen en bedrijven. 24/7 Studenten Media: (pagina 014 en 018) 24/7 Afgestudeerde Media: (pagina 076)

Animation BA of Design, croho 39111

Je leert met verschillende animatietechnieken van klassieke tot digitale 2D- en 3D-computeranimatie verhalen vertellen voor allerlei toepassingen: van commercials, educatieve animaties, clips en internetanimaties tot vrije animaties in de Nederlandse animatietraditie. Je ontwikkelt een heel eigen manier om je passie voor tekenen, beeldopbouw, beweging en vormgeving te combineren met je interesse in verhalen.

Audiovisual Media BA of Design, croho 39111

Image and Media Technology BA of Design, croho 39111

Als mediavormgever weet je dat het niet alleen om de inhoud gaat. Je begrijpt hoe bepalend de vormgeving van een productie voor de media-exposure kan zijn. Je werkt mee aan heel verschillende soorten producties (tv, internet, reclamespots, huisstijl, vj-werk, clips). De combi­natie tussen animatie en mediavormgeving daagt je uit om te experimen­teren met beeldtechnieken en nieuwe vormen van communicatie.

Graphic Design

Als regisseur of vormgever BA of Design, croho 39111 van documentaires, Als grafisch ontwerper geef fictieproducties, tv-proje vorm aan informatie. gramma’s, items voor Je ontwikkelt je redactioneel internetplatforms of nieuwe en organisatorisch en leert mediatoepassingen en het professioneel met opdrachaudiovisuele deel in multiten omgaan. mediaproducties, ben je Je werkt veel in teams een echte verhalenverteller. en wordt voorbereid op Je ontwikkelt je eigen ideeën verschillende mogelijke en leert ze realiseren door rollen in zo’n team: alle fasen van het productie­ bijvoorbeeld die van regisproces mee te maken. seur of procesbegeleider. Je komt tot verrassende Je leert bewust, effectief resultaten door te experien eigenzinnig te communimenteren met de mogelijkceren in woord en beeld en heden die de nieuwe media weet daarvoor de juiste vorm / bieden en weet hoe je je en taal te kiezen. verhaal moet vertellen om 012 je publiek te bereiken. /


Illustration BA of Design, croho 39111

Je leert relevante concep­ ten ontwikkelen, zodat je beelden kunt maken die de gewenste boodschap overbrengen. Je ontwik­ kelt een eigen visie met een eigen beeldtaal. Je krijgt ervaring in het werken met ambachtelijke en digitale technieken om beelden te ontwerpen en toe te passen. Je leert in professionele werksituaties omgaan met opdrachtgevers en ontwer­ pers uit andere disciplines.

Photography BA of Design, croho 39111

/ 013 /

Als fotograaf laat je jouw visie op de werkelijkheid zien in beelden. Het ade­ quaat en efficiënt inzetten van beeldend vermogen, de juiste techniek en grondig onderzoek zijn belangrijke pijlers van de opleiding. Je leert kijken naar het landschap van media, cultuur en maatschappij en leert op een onderzoekende wijze daar je eigen beeld­ verhaal over te vertellen. Je ontwikkelt je eigen stijl, leert analytisch denken over beelden en beeldverhalen, en leert reflecteren op je eigen werk en op dat van anderen.


FRANKA

/ 014 /


Franka (19), HKU Media, student Image and Media Technology hku.nl/franka

“Mensen bij wie vogels uit hun mond komen. Beelden die in een droom logisch zouden zijn, terwijl het in de echte wereld niet kan … Ja, zo kun je mijn verbeelding wel omschrijven. Dit wordt mijn eerste betaalde opdracht; ik ben gevraagd om videoclips te maken voor bij een cd, akoestische muziek met zang. Ja, en daar zie ik dan mensen bij met vogels uit hun mond. Blijkbaar. [lacht] Voordat ik hier kwam ben ik twee keer naar de Open Dag geweest. Ik wist eigenlijk niet wat ik wilde. Nu hoor ik van mensen dat ze dit wel van me verwacht hadden, want ik was altijd aan het tekenen en schilderen. Op een gegeven mo­ ment ben ik thuis ook animatiefilmpjes gaan maken. Hoe ontdek je zoiets? Ja, internet hè! Ik kijk sowieso veel filmpjes op Youtube. En dan gewoon zelf uitproberen. Zo ben ik op de opleiding eigenlijk nog steeds. Bijvoorbeeld bij een opdracht tijdens de semi­ nars, dan krijg je les van vierdejaars: ‘Maak een videoclip met mixed media.’ Ik wil me graag technisch ontwikkelen, dus ik gebruikte die opdracht om beeldovergangen te leren maken met After Effects. Toen heb ik ook een heleboel tutorials opgezocht. Af en toe kwam ik ergens echt niet uit en dan vroeg ik de studenten om hulp. Wat daarbij ook typisch voor mij is, is ’s nachts werken. Dan zit ik op mijn kamertje, geïsoleerd van de wereld … ja dat klinkt mis­ schien heel lonely, maar … Ik ga graag in mijn eigen wereld om dingen te ontdekken. Zo van: laat mij maar even, dan leer ik het wel. En dan kom ik wel met iets goeds weer uit die kamer.”

/ 015 /


Iemand zag mijn werk

op Facebook en gaf me

mijn eerste betaalde opdracht

“De omschrijving van IMT die wij meestal geven is ‘een opleiding film, en je doet alles met film, behalve film zelf’. Dus je maakt geen speelfilms; het zijn meer promo’s, reclamefilmpjes, videoclips. Je krijgt allerlei vakken die met beeld te maken hebben. Met de hele klas samen een tijdschrift maken, maar ook een seminar Mediacultuur of een vak Programmeren. Dat brede spreekt mij aan, dat je veel uit kunt proberen. Dat zijn werelden die ik in mijn hoofd al zie. Ik zet die om in videoclips en filmpjes, maar daar wil ik ook gekke dingen in kunnen verwerken, zoals animaties.

/ 016 /

Ik denk dat ik wel een typische IMTstudent ben. Van de drie richtingen hier: AVM (film dus), Animatie en IMT, valt op dat AVM iets meer … De studenten zijn iets meer prestatiegericht. De studenten van animatie zijn juist erg teruggetrokken. De IMT’ers zitten er tussenin. Het zijn zelfstandige mensen, die het liefst een beetje hun eigen gang gaan. Maar het is wel een hechte groep hoor. Er zijn geloof ik nog vijf meisjes over, en iets van vijftien jongens. We begonnen met meer mensen, maar er is een groot deel afgevallen.

Waarom ik het tot nu toe wel heb gered? Nou ja, ik ben gewoon heel hard aan het werk. Als ik een opdracht heb ga ik ervoor. Op een voor mij typische dag volg ik een of twee vakken, die drie uur duren. Soms maak je lange dagen, want je werkt naast de vakken ook nog aan opdrachten, vooral groepsopdrachten. Vaak ben ik pas om zeven, acht uur thuis. Ja, ik heb ook nog een sociaal leven!”


“In de klas is er niet echt een duidelijke vriendengroep. We zijn wel heel gezellig allemaal, we wachten altijd op elkaar als we naar de trein gaan. Maar niet dat we standaard met elkaar in de kroeg zitten. Het klopt ook wel dat iederéén een beetje op zichzelf is. Dat is niet een eigenschap die je moet hebben; ik denk dat het ook juist goed is als je open bent naar iedereen. Maar blijkbaar trekt het zulke mensen aan. Ik denk sowieso dat ‘t wel bij het vakgebied hoort, want je zit veel achter je computer te werken. Dat moet je kunnen, in je eentje, zonder de hele tijd met iedereen te hoeven kletsen. Je hebt het nodig dat je goed met jezelf kunt opschieten.

/ 017 /

Er is eigenlijk weinig dat ik niet leuk vind. Die projecten waar je alles zelf aan het doen bent, ook de montage, waar je alle taken zelf in de hand hebt … dat vind ik het allerleukst. Dat heeft eigenlijk altijd in me gezeten. Wereldjes maken. Ik zou dat later het liefst zo blijven doen, videoclips maken, waar ik dan die wereldjes in kan verwerken. Lekker vanachter mijn laptopje. Het belangrijkste wat ik dit jaar heb geleerd zijn technische vaardigheden. Levenslessen? Nee, dat zou ik echt niet weten. [lacht] Oh, je bedoelt wat ik over mezelf heb geleerd? Dat ik toch iets harder kan werken dan ik dacht. Op het vwo had ik altijd zoiets van ‘het zal allemaal wel’, en hier ben ik echt hard aan het werk. Dat had ik van mezelf eerder niet zo gezien. Eigenlijk leer ik dus hoe ik ben als ik echt ergens voor gemotiveerd ben. Dat is wel een fijne ontdekking. [lacht]”

/ 017 /


FREEK

/ 018 /


Freek (22), HKU Media, student Graphic Design hku.nl/freek “Als klein jongetje wilde ik al striptekenaar worden. Ik tekende mijn rekenschriften altijd vol met superhelden. Halverwege moest ik van de havo naar het vmbo … toen zat ik alléén nog maar in het tekenlokaal. Ik wilde specifiek naar HKU; de sfeer hier is belangrijk voor mij. Je komt binnen, overal zit verf op de muren het leeft, er mag gewerkt worden. Het is vrij, heel experimenteel. Bij de auditie moet je je thuisopdracht en je portfolio neerleggen. Je krijgt een naambordje, en als dat er aan het eind nog staat mag je door naar het gesprek. Dat moment … dat is even zenuwen. Wat ik er wel bij wil zeggen: je hoeft niet te kunnen tekenen. Het eerste jaar is vooral het creatieve proces stimuleren, en je eigen openingen daarin vinden. Daar hoef je niet voor te kunnen tekenen, of allerlei programma’s voor te kennen. Dat leer je allemaal.

/ 019 /

Omdat ik al een mbo-studie achter de rug had, had ik het gevoel dat ik een tipje van de … ijsberg … sluier? [lacht] Dat ik het topje van de ijsberg kende, maar ik wilde graag verdieping. Je kan wel iets leuks maken, maar ik wil ook weten waaróm je iets op een bepaalde manier zou ontwerpen. Dus dat heb ik bij de toelating verteld. Dat ik die ijsberg onder dat topje wilde ontdekken. Dat is ook zeker gebeurd, dit jaar. Bijvoorbeeld bij typografie. Je leert dat je met alleen het lettertype en de plaatsing al zo veel kunt zeggen: een woord dat in zijn eentje in de hoek staat, kan verlatenheid uitdrukken. Daar hoeft dan geen zielig plaatje meer bij.”


“Mijn leraren en klasgenoten omschrijven me als aanwezig. Op een goede manier. [lacht] Tijdens de lessen bespreek je je werk, dus je zit er niet alleen voor jezelf maar ook voor de anderen. Samenwerken is leuk, maar het botst ook wel eens. We moesten een krant maken. Dan zit je met z’n vijven in een groep en zijn er vier mensen die alles doen. Die ander heeft zijn artikel aangeleverd zonder punten, zonder hoofdletters, gewoon één lap tekst … Ja, dan confronteer je iemand daarmee. Dat gaat ook steeds beter. In het begin is het allemaal lief en aardig, maar aan het einde van het jaar zit iedereen er doorheen, dus dan krijgt alles veel meer lading … en ontploft het soms. Ik durf in die confrontaties best het voortouw te nemen. Dat ik rustig ben, maar ook fel kan zijn als het moet? Ja, dat klopt wel. Dat is gewoon drive, maar ook,

Ik noemde de opleiding

VOOR DE GRAP een levenservaring en besefte dat ik het meende

/ 020 /

eh gerechtigheid. Ik kan gewoon niet tegen onrecht: als ik iets op straat zie gebeuren grijp ik in. Dat heb ik van thuis meegekregen. Het is goed om te botsen, maar daarna moet je het ook uitpraten. Anders levert het niks op. Het is niet dat ik die botsing opzoek, maar ik ben er niet bang van. Daar heb je zeker wat aan op deze opleiding, want je moet tegen een stootje kunnen. De feedback wordt gegeven op je werk, niet op jou, maar het voelt toch persoonlijk, want je stopt er veel energie in. Het zijn allemaal kindjes die je op de muur hangt. Nee, er gingen dit jaar gelukkig geen kindjes van mij door de gehaktmolen. [lacht]”


“Je gaat hier wat vrijer denken. Dit jaar heb ik geleerd dat je ook gewoon dingen over elkaar heen kan plakken, dat je een radicale ingreep mag doen, in plaats van altijd heel netjes te werken. Bijvoorbeeld: Salvador Dali, dat vond ik vroeger echt de top. Het is nog steeds een mastermind, hoor, maar zijn werk vind ik nu heel erg netjes, alles staat precies op zijn plek. Daar moet het ook staan, maar ik vind het nu interessanter als iemand bijvoorbeeld alleen een silhouet neerzet, of ergens verf over­heen gooit. Dat je het meer sugge­reert dan dat je in de vorm helemaal de perfectie opzoekt. Bij mijn laatste project was het uitgangspunt ‘de nacht van 12 op 13 april’. In die nacht moest je iets gaan doen, maakte niet uit wat. Mijn uitgangspunt was ‘verandering’: hoe je uit je cocon treedt als je ’s nachts gaat stappen, of juist een masker opzet. Ik begon met filmpjes van vrienden van die nacht, maar vervolgens heb ik ‘verandering’ geradicaliseerd naar ‘mutatie’. Toen kwam ik weer bij superhelden uit, maar ook bij het syndroom van Down. Opgezocht wat voor kunst die mensen maken, en dat weer toegepast. En dat dan uiteindelijk weer over die filmpjes heen gemonteerd. Dat is de groei die ik heb gemaakt dit jaar. Van denken in een eindproduct, naar durven uitwaaien en weer terugkomen. Kun je tegelijk een held zijn en een grafisch vormgever? Pfff … Als je een superheld bent sta je op een hoger niveau, dan heb je het overzicht over alles. En vanuit daar kunnen ontwerpen, omdat je een stap vooruit bent … dan ben je wel een superheld als grafisch ontwerper, denk ik. Oh, nee. Dit gaat terugkomen in het interview, hè?”

/ 021 /


DESIGN artistiek vernieuwend Heb je een kritische blik op je omgeving? Zie je allerlei dingen om je heen die beter, mooier of handiger kun­ nen? Word dan ontwerper met een opleiding Design. Je leert ideeën ontwikkelen, met verschillende mate­ rialen werken, onderzoek doen en werken voor echte opdrachtgevers. Uitgebreide informatie over de Designopleidingen vind je op hku.nl/design Met deze opleidingen word je designer, zelfstandig of binnen een organisatie of bedrijf. 24/7 Student Design: (pagina 024) 24/7 Afgestudeerde Design: (pagina 074)

Product Design BA of Design, croho 39111

Je leert vanuit onderzoek naar materiaal, ideeën of gebruikers vernieuwende producten te ontwerpen. Je ontwikkelt je eigen visie en ook vaardigheden in het werken met diverse ­materialen en technieken. Onderzoek naar het vakgebied van ­productontwerpen, culturele en maatschappelijke ontwikkelingen, materiaal en gebruikers speelt een belangrijke rol in deze afstudeerrichting.

Fashion Design BA of Design, croho 39111

Je hebt een creatieve geest en bent geïnteresseerd in cultureel-maatschappelijke ontwikkelingen. Daarnaast heb je ruimtelijk inzicht, oog voor trends en een passie voor mode. Bij HKU Fashion

leer je vernieuwende mode ontwikkelen in de praktijk. Je onderzoekt en experimenteert veel en leert vanuit een idee te werken naar een passend ontwerp en product. Je ontwerpt kledingcollecties, stoffen, dessins of communicatieconcepten.

Spatial Design BA of Design, croho 39111

Je ontwikkelt je als ruimtelijk ontwerper met een eigen kijk op vragen over interieurs, architectuur, stedelijke en landschappelijke ruimte. Door te werken aan zeer diverse projecten ontdek je je eigen kwaliteiten en sterke kanten. Je leert de opdracht te onderzoeken, te analyseren en je eigen visie te ontwikkelen. Oorspronkelijke concepten en ontwerpoplossingen combineer je met vakkennis, culturele kennis en tech­ nische vaardigheden.

/ 022 /


/ 023 /


JORIS

/ 024 /


Joris (21), HKU Design, student Product Design hku.nl/joris

“Ik heb eerst een vierjarige opleiding gedaan voor hovenier, maar dat paste niet helemaal bij me. Het is een vak aanleren; er is maar één manier om het goed te doen. Het was niet genoeg vanuit mezelf. Ik had een vriend die product design deed op de HvA, en dat beviel me heel erg. Voor de zekerheid ging ik ook kijken op HKU én was ik in één keer verkocht. Het is hier zo vrij: de opdrachten, maar ook het sfeertje dat op school hangt. Voor de toelating kreeg je een thuisopdracht toegestuurd: ‘Maak een product naar een gebeurtenis die jij interessant vond.’ Ik koos voor ontbossing. Toen heb ik een stam in holle ringen gezaagd, en daar doorheen weer een boompje laten groeien. Nog steeds in de tuinsfeer, ja. [lacht] Pot meegenomen naar de toelating, over het station gestrompeld in Utrecht, hartstikke zwaar. Kom ik dat lokaal binnen en beginnen ze meteen te bladeren door mijn werk en vragen te stellen. Ik had wel een praatje in mijn hoofd, maar eigenlijk werd ik helemaal overrompeld. En aan het eind was het: ‘Oh ja! Ik heb ook nog een boom meegebracht!’ Ik heb het idee dat ze niet per se iemand toelaten die heel goed is, maar iemand die een eigen manier van denken heeft. Ik heb die hoveniers­ achtergrond; juist om al die mensen met verschillende soorten kennis in één groep te krijgen, dat is heel mooi. Ik denk dat ze dat leuk vonden. En ik was gewoon enorm gedreven. Het was ook de enige opleiding waar ik me voor had aangemeld, dus ik moest wel. [lacht]”

/ 025 /


“Het eerste jaar is voor mij één grote ontdekkingsreis, dat kun je wel zeggen. Ik ben heel leergierig en gedreven, maar mijn werk vind ik nog niet het sterkste. Maar ja, dat is één van de belangrijkste dingen van deze opleiding: je moet jezelf eigenlijk helemaal niet vergelijken met anderen. Je bent jezelf en je hebt kwaliteiten, en je mag zelf beslissen welke kwaliteiten jij wilt laten groeien. We moesten een preekstoel maken voor een ketter. Ik had een grote stoel van wilgentenen gemaakt. Omdat ik als zaterdagbaantje bijklus als tuinman … ik kom bij een klant en die wil al die takken gesnoeid hebben. Dan ben je gek als je dat niet gebruikt. Maar of ik nou zo veel had nagedacht over de uitstraling? Eigenlijk was het gewoon: ‘die wilgen­ tenen had ik nog liggen’. [lacht]

/ 026 /

Het was ook één van de eerste opdrachten hoor … Je groeit natuurlijk op zo’n opleiding. In het begin maak je maar wat, later ga je zien dat het een heel proces is. Ze laten je experimenteren. Als je iets op veel verschillende manieren doet, weet je pas echt wat het beste is en waarom. Onderzoeken: wat doet dit materiaal? Wat gebeurt er als ik hier iets wegschaaf? Leraren geven niet aan hoe zij het willen zien. Je moet iets doen zoals jíj het wilt, maar je moet het wel kunnen onderbouwen. Waarom maak je dit rood? Omdat in die kleur passie zit, en dat past bij het ontwerp. Zoiets. Ze kunnen op een goede manier mensen in een hoek drijven. Niet om je te pesten, maar om je verder te helpen.”


/ 027 /

Voor een onderzoek

gooide ik een enorme gipsen ballon kapot In de klas

“Overal in het leven zit kunst. Kunst in de zin van vormgeving dan: waarom ziet iets eruit zoals het eruitziet? Dat is veel groter en gaat veel verder dan je in eerste instantie zou denken. Door deze opleiding krijg je daar een soort inzicht in. Als ik nu naar een stoel kijk weet ik dat er twintigduizend andere stoelen zijn – veel meer, natuurlijk – dus waarom is deze ene stoel zó gemaakt? Laatst was ik in de Pont [museum in Tilburg, red.] voor een expositie van Katharine Grosse. Allemaal gigantische ballonnen in verschillende kleuren, en daar kun je tussendoor lopen. Als je dat doet krijg je een soort … besef hoeveel kleuren er zijn, wat dat doet met een mens. Dat fysieke aspect vind ik heel gaaf: kunst die direct iets doet met je gevoel. Eigenlijk hoe je als kind iets beleeft. Dat je voor het eerst koeien ziet en denkt ‘woooooooow, koeien!’ Als ik later degene ben die mensen zoiets kan laten beleven … dat lijkt me geweldig! Het moeilijkst aan de opleiding is om het te combineren met je sociale leven. Dat is echt … wow. De klas wordt wel een soort vriendengroep; je hebt dezelfde lessen, je helpt elkaar. Dat jij klaar bent, en iemand anders staat met tranen in zijn ogen in de werkplaats, ‘ik ga het nooit af krijgen’ … túúrlijk blijf je dan helpen. Creëren is niet van ‘zo moet het’: je moet overal je eigen input aan geven, vanuit het niets iets maken. Daar gaat veel energie in zitten, dat merk ik elk dag. Maar als je de juiste mensen om je heen hebt, geeft dat je motivatie. Je wordt meegenomen in de inspiratie van al die mensen bij elkaar die dingen willen maken. Dat is iets heel moois.”


utrEcht conserv professioneel, flexibel, initiatiefrijk Als je talenten in de muziekwereld liggen en je er een eigen invulling aan wilt geven, helpen wij je graag verder. Tot de muziekprofes­ sional die optimaal commu­ niceert met het publiek. Via podia die je ook zelf weet te creëren doordat je muziek maakt die de publieksverwachtingen steeds verrassend overtreft.

Klassieke Muziek Je kiest voor een instrumentaal of vocaal hoofdvak, of voor compositie, koordirectie, kerkmuziek of beiaard. Je doet veel ervaring op met medestudenten in gezamenlijke projecten en concerten. Hierdoor staat tijdens je studie de praktijk waar je straks mee te maken krijgt al centraal.

Uitgebreide ­informatie over HKU Utrechts Conservatorium opleidingen vind je op Historische hku.nl/utrechts Instrumenten conservatorium BA of Music, croho 34739 Met deze opleidingen word je uitvoerend zanger of musicus (klassiek/historisch/jazz/pop), of docent muziek. 24/7 Student HKU Utrechts Conservatorium: (pagina 030) 24/7 Afgestudeerde HKU Utrechts Conservatorium: (pagina 070)

Musician 3.0

BA of Music, croho 34739

Creating Performing Communicating

BA of Music, croho 34739

Deze genreoverstijgende studievariant verenigt drie aspecten van muziek maken in zich: creëren, uitvoeren en communiceren. Als afgestudeerd Musician 3.0 ben je naast multi-instrumentalist/ vocalist en maker (componist/arrangeur/ improvisator) ook een muzikale ondernemer.

Je verdiept je in de specifieke aspecten van historische instrumenten. Daarom krijg je naast je hoofdvak ook clavecimbel-les, theoretische vakken en ensembleprojecten. Je wordt opgeleid tot allround professional met een eigen muzikale identiteit.

/ 028 /


ts vatorium Jazz & Pop BA of Music, croho 34739

Met deze opleiding kun je je breed oriĂŤnteren: jazz, pop en alle cross-overs hieraan gerelateerd. Je wordt opgeleid tot uitvoerend muzikant, producer en docent. Je ontwikkelt daarin je eigen muzikale identiteit.

Docent Muziek BA of Music in Education, croho 39112

Je wordt opgeleid tot muziekdocent met een eerstegraads onderwijsbevoegdheid voor basis- en voortgezet onderwijs, mbo en hbo. Ook kun je werken bij organisaties voor kunsteducatie (zoals muziekscholen), ensembles, orkesten en podia.

/ 029 /


RINSKE

/ 030 /


Rinske (21), HKU Utrechts Conservatorium, student Klassieke Muziek hku.nl/rinske

“Het heeft me twee jaar vooropleiding gekost om hier te komen. En ik heb soms nóg het idee dat ik de slechtste cellist van de klas ben, hoor. Die anderen winnen allemaal concoursen enzo, en ik doe heel andere dingen. Ik vind het leuk om vernieuwende composities te spelen, en shows te maken met theatermensen en bands. De cello meer te zien als een toegepast instrument, een element dat iets toevoegt aan een show of film. Als je als cellist in een theater staat, moet je iets anders met die cello doen dan als je in een orkest speelt. Vanuit het conservatorium is er ruimte voor studenten die van iets anders dromen dan een baan in een orkest. Ze zien wel dat dat belangrijk is, denk ik. Op dit moment maak ik alle muziek voor een Theater eindexamenvoorstelling. Die speelt in een winkelstraat hier vlakbij, met modeshows, muziek en acteurs in de etalages. Het plan is dat ik op straat ga staan, samen met een metal-gitarist en een melodicaspeler, zo’n kleine blaaspiano. Een heel aparte combinatie, ja. [lacht] Die brede manier van kijken heb ik altijd gehad. Mensen verwachten meestal niet dat ik ook naar metal luister, bijvoorbeeld, of vaak in mijn eentje op reis ga. Kom ik aan met mijn cello en mijn omabrilletje, en denken ze: Daar heb je zo’n schattig klassiek cellomeisje. Dat vind ik heel grappig: daarom doe ik ook geen gothic make-up op en neem ik geen andere bril. Van die verwarring kan ik intens genieten.”

/ 031 /


“Ik heb dit jaar onder andere geleerd hoe je moet studeren. Best lastig, in je eentje in een oefenhok zitten. Een stukje spelen, een oefeningetje bedenken, en dan zelf keuren of je het goed hebt gedaan … Je hebt gigantisch veel discipline nodig om in zo’n oefenhok drie uur door te komen. Je kan ook drie uur friet gaan eten, dat merkt niemand. Nou ja, bij de voorspeelavond natuurlijk. Of ik het idee heb dat mijn leraar me ziet zitten? Nou … de ene week wel en de andere week niet. [lacht] Dat hoort ook bij deze wereld. Je moet het heel erg uit jezelf halen. Er is niet iemand die zegt: ‘Ik ben jouw fan, je kunt het’; je moet het écht zelf willen. Op het conservatorium hang ik veel rond met mensen die andere instrumenten bespelen. Ook wel met de andere cellisten hoor, die helpen elkaar allemaal en zijn heel vriendelijk. Maar toch voel ik mij vaak aangetrokken tot andere muzikanten. De lessen in de bacheloropleiding zijn ingedeeld per afstudeerrichting. Je hebt muziekgeschiedenis en solfège en harmonieleer samen met alle ‘klassiekers’. Handig om mensen te leren kennen. Ook klusjes buiten school krijg je vaak op die manier. Dat netwerk, dat sociale gebeuren hier is best belangrijk. Ik vind het zelf bijvoorbeeld leuk om ook moderne componisten te spelen, dus ik vind het belangrijk dat ik veel studenten Compositie ken. En dan is het handig als je ze tegenkomt bij muziekgeschiedenis.”

Tijdens een

project leerde een Griekse violist me

fiddlen Op de cello

/ 032 /


“Waar andere cellisten zich bijvoorbeeld richten op het zo snel mogelijk instuderen van een Beethovensonate, vind ik het leuk om mensen van verschillende schools te leren kennen. Die ruimte krijg ik op het conservatorium. Dan bellen er mensen van KMT (nu HKU Muziek en Technologie, red.) in Hilversum: ‘We moeten voor volgende week een soundtrack opnemen voor een kunstinstallatie.’ Ga ik daar even heen om te helpen. Dus ik dacht ‘willen ze nu een standaard klassiek muzikant? Want dat ben ik totaal niet’. Maar er is hier ook plek voor wat ík doe. Wat me drijft om door te gaan, ook al staat er niemand te klappen? Ik vind het héél leuk om samen te spelen. Dat je iemand echt zo aankijkt en dan … Dan is het er. Wat ‘het’ is? Ja, gewoon, communicatie. Met andere mensen en het publiek. Dat vind ik echt het allerallermooiste wat er is. Hier studeren is een soort chaos. Aan de ene kant is het gestructureerd, je moet gewoon toonladders doen; maar die toonladders zijn aan de andere kant nooit goed genoeg. Uiteindelijk moet je met jezelf uit­ vechten wat ‘goed genoeg’ is. Dat je eigenwijs moet zijn en het uit jezelf moet halen, geldt voor mij, maar zeker ook voor iemand die dit leest en denkt ik wil gewoon op de klassieke manier een instrument studeren. Er wordt van je verwacht dat je je eigen klank hebt, dat je je eigen interpretaties maakt. Mijn visie is afwijkend van wat de meeste anderen doen, maar je hebt sowieso een visie nodig, anders verveelt iedereen zich dood bij je optreden. Dus in die zin pas ik er ook wel weer goed in.”

/ 033 /


BEELDEN KUNST artistiek vernieuwend Je verwerkt graag jouw indrukken van de wereld tot autonome kunstwerken. Je bent eigenwijs en kijkt kritisch naar je omgeving, maar je staat wel open om te leren. Je wil je vele ideeën en visies graag met anderen delen. Uitgebreide informatie over de beeldende kunstopleidin­ gen vind je op hku.nl/beeldendekunst Met deze opleidingen word je autonoom beeldend kunstenaar en/of docent. 24/7 Student Beeldende Kunst: naam (pagina 036) 24/7 Afgestudeerde Beeldende Kunst: naam (pagina 072)

Fine Art BA of Fine Art, croho 39110

Ben je beeldend ingesteld, gedreven, nieuwsgierig, kijk je kritisch naar de wereld en zit je vol met ideeën? Misschien is de opleiding Fine Art dan iets voor jou. Je leert jouw ideeën te ontwikkelen, te sturen en uiteraard om te zetten in beeldend werk. Dit kan zijn in de vorm van digitale media, schilderen, beeldhouwen, grafiek, tekenen, intermedia en alles daartussenin.

maak je zelf ook beeldend werk van een hoog niveau. Na de opleiding kun je (interdisciplinair) lesgeven als vakleerkracht in het basisonderwijs, voortgezet onderwijs, beroepsonderwijs, hoger beroepsonderwijs, volwassenenonderwijs en in de buitenschoolse kunsteducatie.

Docent Beeldende Kunst en Vormgeving deeltijd BA of Fine Art and Design in Education (dt), croho 39100

Docent Beeldende Kunst en Vormgeving voltijd BA of Fine Art and Design in Education (vt), croho 39100

Bij deze docentenopleiding is er grote aandacht voor jouw eigen beeldende ontwikkeling. Zo ben je niet alleen kwalitatief hoog opgeleid als docent, maar

De deeltijdopleiding is bedoeld voor mensen met een bachelorgraad in de beeldende kunst die willen lesgeven, maar een (eerstegraads) onderwijsbevoegdheid missen. Beeldend kunstenaars kunnen zo in twee jaar hun onderwijsbevoegdheid halen zonder beeldende vakken te volgen.

/ 034 /


NDE

/ 035 /


SWAEN

/ 036 /


Swaen (19), HKU Beeldende Kunst, student Fine Art hku.nl/swaen

“Bij Schilderen moesten we vijftig studies maken en daar vier werken van maken. Ik had een heel moeilijk onderwerp gekozen: ‘angst voor het onbekende’. Ik schilderde vallende mensen, want ik dacht dat het zo voelde, angst voor het onbekende. Alsof je valt. Maar daar raakte ik mee in de knoop. Toen zei mijn docente: ‘Denk verder, ga collages maken, niet meteen uit je hoofd iets schilderen.’ Uiteindelijk heb ik vier werken gemaakt waar ik echt trots op ben, maar het was een heel proces. Dat geeft wel goed weer hoe ik in elkaar zit, denk ik. Ik wil soms gewoon te veel. En halverwege denk ik oeps, dit is echt heel moeilijk. Van nature ben ik ambitieus, maar ik heb dit jaar geleerd dat je niet altijd meteen een geweldig eindproduct af hoeft te leveren. Je moet vooral onderzoeken, en dan komt dáár uiteindelijk wel een eindproduct uit. Je eerste idee is nog niet je werk – dat is de aanleiding voor je werk pas. Waarom zou jij ook meteen het meest geniale idee hebben? Dat slaat eigenlijk nergens op. Hedendaagse kunst is soms moeilijk te begrijpen, vind ik. Dan heb je een wit vierkant op een wit doek, en dan denk ik: Ik snap het eigenlijk helemaal niet. Uiteindelijk heb ik maar aan mijn docent gevraagd: ‘hoe moet je nou naar zoiets kijken?’ En toen vond ze dat juist heel goed, en heeft ze het uitgelegd. Het heeft te maken met veel kijken, lezen over kunstenaars, zodat je meer van de achtergrond begrijpt. Of het al werkt? Een beetje. [lacht]”

/ 037 /


“Mijn schouw ging heel goed, ik had een ‘goed’, dat komt niet zo vaak voor. Ik ben onzeker, maar blijkbaar weet iets in mij het dus wel. Die angst voor het onbekende is eigenlijk wel een mooie metafoor voor deze studie. Ik wil een duidelijke definitie van wat kunst is, en op het moment dat ik die niet krijg, denk ik: zit ik hier wel goed, want ik begrijp het niet. Je leert hoe je een uitgangspunt kunt nemen en dan op allerlei ideeën kunt komen, maar dat roept ook nieuwe vragen op. Hoe denken anderen, hoe komen zij op hun ideeën? Hoe weet je wat goed is, zijn het niet gewoon allemaal meningen? Misschien is deze studie wel filosofischer dan filosofie studeren. Je zit je de hele tijd dingen af te vragen. Maar ik denk ook dat veel mensen van mijn leeftijd, die zeggen dat ze het wel begrijpen … dat die het stiekem ook niet begrijpen. [lacht] Het heeft een bepaalde openheid dat ik gewoon toegeef als ik iets niet snap. Je leert ook dat frustraties nog niet meteen hoeven te betekenen dat je hier niet goed zit. Ik zie frustratie eigenlijk juist als een teken dat ik iets aan het leren ben. En door die denktrant die wij aanleren, krijg ik veel meer middelen, merk ik. Ik was altijd al gefascineerd door kleine dingen; patronen in de schaduwen in de stad, of het geluid van mensen op het station. Eerst consumeerde ik die indrukken passief, nu denk ik: misschien kan ik er iets mee. Van die patronen in de stad heb ik een hele fotoserie gemaakt … nou, ik kon niet meer stoppen!”

/ 038 /


“Ik heb door de sprong in het onbekende van deze studie meer vragen dan antwoorden gekregen, maar ik denk dat het supergoed is voor mijn ontwikkeling. Dat ik mijn eigen mening kan vormen, en anders kan kijken naar alles om me heen. Het is eigenlijk de hele tijd een gevecht tussen controle willen hebben, en ‘met hoeveel vragen kan ik leven?’ Dat is misschien wel de echte waarde van deze opleiding. Niet dat je beter gaat schilderen of heel goed gaat beeldhouwen, maar vooral – voor mij dan – dat ik mezelf ontwikkel. Dat ik echt leer kijken en denken. Ondanks de onzekerheid hoop ik natuurlijk stiekem dat ik aan het eind van deze vier jaar gewoon een steengoed beeldend kunstenares ben. Maar ik probeer een beetje … voorzichtig te dromen. [lacht] Je moet er wel op voorbereid zijn dat het een intensieve studie is. Ik ben dit jaar denk ik drie keer tot tien uur op school geweest, maar elke keer dacht ik: dit doe ik niet meer.

Bij mijn beoordeling zag ik ineens dat

mijn werk de leraren raakte

Van tien tot tien op school … dat is zó vermoeiend. Normaal gesproken blijf ik één avond op school; de andere avonden werk ik thuis door, naast sporten en mijn bijbaantje. Mijn hele week zat bomvol, het was wel heftig. Volgend jaar wil ik opnieuw kijken hoe ik het allemaal ga doen. Het lijkt nu misschien allemaal best kritisch, maar het is heel mooi om deze opleiding te doen, hoor. Je leert kijken, je leert denken, je bent de hele tijd bezig met waar je van houdt! Het jaar is afgelopen en ik heb nu alweer zin om een nieuw schilderij te maken. Voor mij is het gewoon … ja - alles is iets mooier geworden, eigenlijk. De wereld.”

/ 039 /


MUZIEK TECHNO experimenteren en vernieuwen in muziek Je houdt ervan de mogelijk­ heden van muziek, geluid en technologie te verkennen. Je combineert je artistieke kwaliteiten met je technisch inzicht. Om nieuwe toepas­ singen van muziek en geluid te produceren waarmee je je kunt profileren in de creatie­ ve en culturele industrie of die mensen verder helpen. Uitgebreide informatie over de Muziek en Technologie­ opleidingen vind je op hku.nl/muziek entechnologie Met deze opleidingen word je ontwikkelaar van technische geluidstoepassingen, componist, producent of uitvoerend artiest. 24/7 Student Muziek en Technologie: (pagina 042) 24/7 Afgestudeerde Muziek en Technologie: (pagina 064)

Audio Design BA of Art and Technology, croho 34713

Je leert nieuwe concepten voor technologie te ontwikkelen en toe te passen in muziekcompositie en productie (studio en live), digitale distributie en onderzoek van muziek en geluid.

Sound Design BA of Art and Technology, croho 34713

Je bent sterk op het gebied van sound design in alle facetten. Dit kan variëren van het ontwerpen van klanken tot een totaal geluidsontwerp of een geluidscompositie.

Composition Electronic Music

Composition for the Media BA of Music, croho 34739

Je wordt componist voor o.a. speelfilm, televisie, theater, dans, reclame, animatie, documentaire, radio, internet of games. Je maakt gebruik van moderne muziekproductionele middelen.

Composition and Music Production BA of Music, croho 34739

Je bent straks een musicus met een visie op compositie én op de productie van muziek. Je creëert de best mogelijke omstandigheden voor jouw compositie met moderne muziekproductionele middelen.

BA of Music, croho 34739

Je wordt opgeleid tot componist en werkt met nieuwe concepten voor muziek, en nieuwe compositorische werkwijzen die door technologie mogelijk worden. Je richt je op het componeren van ‘georganiseerd geluid’, live gespeeld of in een studio gemaakt.

Composition and Sound Design for Adaptive Systems BA of Music, croho 34739

Je wordt componist/sound designer voor adaptieve systemen, zoals computergames, adaptieve installaties en theatervoorstellingen.

/ 040 /


K EN OLOGIE

/ 041 /


JESKE

/ 042 /


Jeske (20), HKU Muziek en Technologie, student Composition for the Media hku.nl/jeske “Nee, ik was helemaal nooit technisch, ik heb Cultuur en Maatschappij gedaan met alleen maar talen. Op de middelbare school was ik het lieve meisje met de gitaar. Ik ben wel twee jaar geleden met mijn gitaarleraar gaan opnemen, maar ik wist echt helemaal niks. ‘Huh, wat is dit? Wát voor microfoon?’ Dat dacht ik eerst bij mezelf ook: wil ik dit wel, tussen allemaal computernerds. Toen heb ik de basisopleiding gedaan en vond ik het fantastisch. Misschien omdat het voor mij nog een onontdekte wereld is. Er kan zo veel. Ik weet waarschijnlijk van de helft nog niet eens wát er kan. Eigenlijk moet je vooral openstaan in deze studie: ‘Dit is niet de definitie van muziek die ik tot nu toe had, maar ik sta ervoor open.’ Ik denk dat het sowieso ook de leraren zijn, die je motiveren. Je leert zo veel in het eerste jaar. Je kunt op school komen en nog nooit met een sequencer gewerkt hebben. En als je drie maanden bikkelt weet je daarna hoe die sequencer werkt.

/ 043 /

Ik had deze vakken zelf nooit gekozen, maar nu vind ik ze eigenlijk zo leuk en vernieuwend dat ik juist daarin door wil gaan. Bijvoorbeeld Adaptieve systemen, waarbij je in groepen moet nadenken over hoe computersystemen werken met muziek. De bedoeling van een adaptief systeem is dat het zich aanpast aan de situatie. Dat soort systemen wordt veel gebruikt in games. Dat je bijvoorbeeld op een plek loopt waar weerwolven kunnen komen, en dat het spel weet ‘nu moet ik eng worden’. Dat is echt een wereld die voor me open is gegaan.”


“Ik heb dit jaar een heel tof vak gehad, Nooit Van Gehoord Concerten; dan moet je een concert organiseren, en dat in de kantine opvoeren voor alle eerstejaars. Wij hadden bedacht om alles live te doen. We hadden twee gitaristen en een bassist, én twee mensen, tja – die spelen computer. Dat moesten we dus proberen te verwerken. Toen hebben we echt een heel vet optreden neergezet. Aan het eind vroeg de leraar: ‘Jongens, hoe hebben jullie dit samengesteld, want volgens mij vergde dit best veel voorbereiding.’ En die jongens in koor: ’Ja, eh … Jeske.’ Zo van, duh. Maar dat is niet waar, hoor. Ik heb meer het kader geschapen, en dan gaat het daarna vanzelf rollen. Sowieso ben ik een regelneef. ’Oké jongens. Nu. Hier. Tijd.’ Een beetje een moedereend. Dat gaat snel hoor, dat gemotiveerde, want je hebt allemaal studenten die dat ook hebben, en de leraren zijn heel motiverend. Je wilt niet voor die zes, je wilt echt voor die acht, weet je wel. Het is de school en de vibe die dat veroorzaakt. Je bent bijna een buitenbeentje als je níet bezig bent.

Op een vrijdagmiddag dansten we op onze

eigen nummers door het lokaal

Het belangrijkste dat ik hier heb geleerd? Ik denk samenwerking in verschillende contexten. Ik ben best een prominent persoon, maar dat is niet altijd goed. Vooral niet bij vakken waar ik minder in thuis ben. Dan kan ik zien: nu kan ik beter een beetje dimmen, want er zijn mensen die er veel meer van afweten. Ja, in zo’n groep moet je ook een soort adaptieve houding hebben. Het is eigenlijk één grote adaptieve bende! [lacht]”

/ 044 /


/ 045 /

“Ik heb hier een close, fijne vriendengroep gekregen. Gisteren nog biertjes gedronken en gepingpongd. Het zijn allemaal mensen met dezelfde instelling: open, benieuwd naar alles. Het is wel een mannenopleiding. Ik vind het heerlijk, want ik ben helemaal niet van dat meisjesgedoe, maar je moet wel kunnen overleven tussen de kerels. Da’s niet zo moeilijk hoor. Gewoon af en toe een biertje geven en met ze pingpongen. [lacht] Het proces van deze studie is een soort open veld, waarin je steeds met iets nieuws wordt geconfronteerd. Je moet eerder iemand zijn met een bepaald soort mind, die kan reageren op deze studie, dan zo iemand die op zijn vijfde al precies wist wat-ie wilde. Ik was heel erg een nummertjesluisteraar; coupletje-refreintje, coupletje-refreintje. Terwijl iets ingewikkelder muziek, klassieke muziek of moderne, dat zit zo patronisch in elkaar. Ik heb opnieuw leren luisteren. Dan ontdek je dat er een systeem inzit, en dat kun je ook gewoon toepassen op je eigen muziek. Net alsof je er ineens een hele extra bouwstof bij hebt. Wat zouden mensen niet van mij verwachten? Dat ik een computernerd word. Stiekem. Toch wel. Ehm … ja [schaterlacht] De buitenwereld ziet me denk ik nog steeds als het lieve gitaarmeisje. Het is ook nooit een wens van mij geweest, ik wist niet eens dat ik het kon. Muziek maken heb ik mijn hele leven gedaan, dus dat is voor de mensen om me heen ook prominenter aanwezig dan dat ik me bijvoorbeeld bezighoud met live-coding. Maar ik maak nu nog steeds muziek. Alleen mijn mindset is verbreed over wat muziek eigenlijk is.”


GAMES EN INTERACT experimenteren, ontdekken en vernieuwen Games, apps, sociale me­ dia. Ze veranderen onze maatschappij: wat we doen in onze vrije tijd, hoe we communiceren, leren en samenwerken. Dus willen en­ tertainmentbedrijven, uit­ gevers, scholen, de overheid, jonge startups, allemaal graag een eigen digitaal product. Wat zijn precies de (on)mo­ gelijkheden van deze midde­ len? Hoe zetten we ze zinvol in, zodat mens en wereld er beter en blijer van worden? Dat leer je bij Games en Interactie. Je gaat con­ ceptueel en onderzoekend, maar vooral praktisch aan de slag. Je maakt vernieu­ wende installaties, games, apps en andere digitale producten. Uitgebreide informatie over de Games en Interactieopleidingen vind je op hku.nl/gameseninteractie

Game Design and Development

Interaction Design

BA of Art and Technology, croho 34713

BA of Art and Technology, croho 34713

Interactive Toy Design

Game Art

Deze studie leidt je op voor verschillende functies binnen de game-industrie, met name game designer en level designer. De focus ligt op conceptontwikkeling, game design en level design. Onze game en level designers zijn visionairs die de games van de toekomst ontwerpen.

BA of Art and Technology, croho 34713

Met deze studie word je opgeleid tot ontwerper van (interactief) speelgoed en ‘smart objects’ voor spel en werk. De focus ligt op conceptontwikkeling, play design en de vormgeving van speelse objecten. De visie op games en play verandert voortdurend. Daar horen nieuwe interactieve producten bij. Onze toy designers ontwerpen die producten.

Je wordt opgeleid tot ­ontwerper van interactieve tools, interfaces, services en play. De nadruk ligt op het ontwerpen van menselijke­ interactie. Aan welke pro­ ducten heeft de maatschappij van morgen behoefte? Onze interaction designers geven het antwoord met de interactieve producten die zij ontwerpen.

BA of Art and Technology, croho 34713

Je wordt grafisch ontwerper voor games (game artist). De nadruk ligt op de (interactieve) visuele aspecten van games. Game artists kunnen game design vertalen naar een unieke, functionele en artistieke vormgeving. 24/7 Student Games en Interactie: (pagina 048) 24/7 Afgestudeerde Games en Interactie: (pagina 066)

/ 046 /


N TIE

/ 047 /


INGE

/ 048 /


Inge (22), HKU Games en Interactie, student Interaction Design hku.nl/inge

“We hadden het vak Rituelen, daarbij moest je door middel van een ritueel iemand in een creatief proces brengen. Wij hadden een soort photo booth gemaakt. Er werd een foto van je gemaakt en vervolgens mocht je op jezelf tekenen; je kon jezelf een ander kapsel geven, of een snorretje. Het belangrijkste voor ons was dat mensen uit zichzelf op het beeldscherm zouden tekenen. Dat was best een drempel, bleek. We hebben er een transparant velletje tussen gelegd, zodat tussen het beeldscherm en jouw stift nog iets zat. En er uiteindelijk ook gewoon een bordje bijgezet: ‘ja, het mag.’ [lacht] Ik wou vroeger altijd autonoom kunstenares worden. [lacht heel hard] Ja, leuk, maar eh … met acrylverf op zo’n canvas, dat zie ik nu echt niet meer voor me. Ik heb eerst een mboopleiding gedaan, een reclamevormgevingsopleiding. Daar zaten ze al steeds tegen me: ‘Jij bent echt zo’n HKU-meisje.’ Geen idee wat dat was, het leek me raar. Maar toen ben ik naar de Open Dag gegaan, en vond ik de opleiding toch zodanig interessant dat ik dacht: hier móet ik heen. Na één proefles. [lacht] Ik had gewoon een veel grotere interesse in dat interactieve dan op mijn vorige opleiding werd aangeboden. En breder: ik ben mede naar de HKU gegaan omdat daar cognitieve psychologie gegeven wordt. Je leert hoe menselijk gedrag überhaupt werkt, dat vind ik hartstikke interessant. Wat in op deze studie leer vat ik vaak samen met het zinnetje: ‘Ik ontwerp gedrag.’ En ik denk dan: ja, als je gedrag wilt ontwerpen, moet je het toch eerst begrijpen.”

/ 049 /


“Ik blijk goed te passen tussen de HKUmensen, ik zit helemaal op mijn plek. Het is gewoon heel open, ze zijn ook gemotiveerder dan mbo’ers. We zijn gewoon een stel gezellige nerdjes. [lacht] We zijn ook met de hele klas naar Parijs en Disneyland geweest. De eerste avond hebben we met dertig man een hotelkamer bezet, die stond hé-le-maal volgepropt … waren we daar een feestje aan het bouwen. Creatief gezien is het vele samenwerken wel nieuw. Ik moest daaraan wennen, om dat toe te laten. Je kunt het gewoon niet allemaal zelf op je nemen. Bijvoorbeeld in brainstorms … stel, ik vind één idee leuk, en dat ga ik uitleggen, maar het is me zelf ook nog niet helemaal helder. En op een gegeven moment laat ik dat los; als zij het niet oppikken, moeten we iets anders gaan doen. Dan moet je dus niet zo’n groot ego hebben. Bij Interaction Design zit je creativiteit niet zozeer in dat het van jóu moet zijn, maar dat je samen een goed ding maakt. Dat is denk ik wel anders dan bij bijvoorbeeld autonoom. ik bekijk deze studie ook het liefst heel breed. Je kunt een game maken, maar ook iets voor een willekeurige ruimte, waardoor de beleving van de gebruiker van die ruimte verandert. Verrijkt wordt, misschien. Wat ik zelf een gaaf voorbeeld vond, zijn die blauwe plastic glazen die je op Utrecht Centraal ziet in het plafond. Dan kun je denken: dat is lelijk, maar die dingen hangen daar tegen junks. In blauw licht kun je je aderen namelijk niet vinden. Dat is óók Interaction Design.”

/ 050 /


“Het belangrijkste wat ik dit jaar heb geleerd is dat ik moet loslaten ‘wat ik zou moeten zijn’. Eerst was ik best bang dat ik hbo niet aan zou kunnen. Maar ik kom er nu achter dat ik hier veel meer geprikkeld word. Juist omdát ze zo streng zijn: als je te weinig punten hebt aan het eind van het jaar, heb je pech gehad. Dan denk ik: ik wil dit gewoon. En dat moet ik zelf doen. Het ligt aan veel dingen, die motivatie: de mensen om me heen en de lesstof. Ik zit in een college vaak anderhalf uur gepassioneerd te kijken naar alles wat op me afkomt.

Een van mijn leraren kwam glunderend uit onze installatie

Het mooiste compliment was met mijn midyear, denk ik, m’n tussentijdse beoordeling. Toen zat ik met twee docenten en van eentje had ik nog helemaal geen les gehad. Ik liet dat Rituelen-project zien, en toen zei hij: ‘Ik zie ernaar uit om met je te werken.’ Wat voor mensen deze opleiding moeten gaan doen? Het is heel breed. Een soort algemeen principe – interactie en het ontwerpen van gedrag – dat je kunt toepassen op allerlei manieren. Ik leer ook niet op een normale manier, zoals op het mbo, dat je gewoon aardrijkskunde leert. Nee, ik krijg ineens zin om te gaan koken, dan ga ik als een gek dingen uitproberen, en na twee maanden is dat klaar. Dan ga ik weer salsadansen. [lacht] Dat is een groot onderdeel van waarom ik mezelf geschikt vind voor deze opleiding: ik generaliseer graag. Je wilt een abstract principe doorgronden, en daarna kijk je waarop je dat concreet kunt toepassen. En de volgende maand, met een ander principe, alles weer opnieuw.”

/ 051 /


theater passie voor theater, oog voor de wereld Je leert je publiek te ráken via regie, acteren, schrijven, interactieve installatie of vormgeving. Altijd in onder­ linge samenwerking en met een ondernemende houding richting onze maatschappij. Om eigentijds, betekenisvol theater te maken. Uitgebreide informatie over de theateropleidingen vind je op hku.nl/theater Met deze opleidingen kun je zelfstandig acteur, regisseur of cabaretier worden, theatervormgever, docent, schrijver, theatermaker of je wordt ontwerper van interactieve (theater)ervaringen. 24/7 Student Theater: (pagina 054) 24/7 Afgestudeerde Theater: (pagina 062)

Acting BA of Theatre, croho 34860

Je wordt opgeleid tot acteur voor de professionele beroepspraktijk. Afgestudeerden spelen bij grote en kleine gezelschappen, maken hun eigen voorstellingen, spelen in films of op televisie, treden op als cabaretier of vormen een eigen gezelschap. Je kunt afstuderen als acteur of als acteur-theatermaker.

Docent Theater BA of Theatre in Education, croho 34745

Je wordt opgeleid tot docent theater met een eerstegraads lesbevoegdheid voor alle typen onderwijs, van basisvorming tot hbo. Daarnaast kun je ook werken in de buitenschoolse kunsteducatie, zoals kunstencentra, jeugdtheaterscholen, buurthuizen etc. Omdat het vak zo divers is, word je breed opgeleid. Je leert zelf spelen en maken maar ook lesgeven en begeleiden.

Interactive Performance Design BA of Art and Technology, croho 34713

Je wordt opgeleid tot ontwerper van interactieve ervaringen. De aandacht ligt op de gebieden tussen kunst, theater en technologie, waarbij o.a. gaming ingezet wordt om interactie met publiek te creëren. Interactive Performance Designers zijn kunstenaars die nieuwe verhalen vertellen door gaming en performances te combineren.

Theatre and Education BA of Theatre, croho 34860

Na deze opleiding ben je docerend theatermaker in de buitenschoolse kunsteducatie, en kun je spelen, theater maken en mensen begeleiden. Dat doe je bijvoorbeeld bij kunstencentra, jongerentheatergroepen, buurthuizen en in het amateurkunstenveld. Omdat het vak zo divers is, word je breed opgeleid. Je ontwikkelt je als speler en begeleider, maar met name als theatermaker. (NB met deze studierichting krijg je geen onderwijsbevoegdheid.)

/ 052 /

Theatre Design BA of Design, croho 39111

Met deze opleiding word je theatervormgever. Je ontwerpt alle zichtbare onderdelen van een theatervoorstelling: decor, kostuums, techniek, objecten en soms ook geluid. Je betrekt ook licht, grime en ruimtegebruik in jouw visie, en maakt daar één samenhangend geheel van. Je kunt voor veel theatersoorten kiezen: toneel, locatietheater, muziek­theater, dans, mime, opera, etc. Afgestudeerden werken ook voor televisie, reclame, tentoonstellingen of richten een ontwerp­bureau of theatermaak­collectief op.

Writing for Performance BA of Theatre, croho 34860

Je studeert af als professioneel dramaschrijver van teksten voor theater, film, televisie, radio en nieuwe media. Ook heb je ervaring in het schrijven van andere literaire teksten zoals proza, poëzie, libretto, essays en jeugdliteratuur.


r

/ 053 /


KAYLIE

/ 054 /


Kaylie (25), HKU Theater, student Docent Theater hku.nl/kaylie

“Wat ik tot nu toe het meest heb geleerd binnen deze opleiding, is bewustwording. Hoe leg ik dat uit? Het is alsof wij samen een wijntje zouden drinken. We nemen allebei een slok, maar als ik al héél vaak wijn heb geproefd, zal ik kunnen zeggen: ‘De nuances liggen zo en zo in deze wijn.’ Terwijl jij alleen maar denkt: lekker. Je proeft hetzelfde, alleen je moet het leren benoemen. Ik heb hiervoor de Hotelschool gedaan, ik had nog nooit echt iets met theater gedaan. Maar ik liep tegen het einde van die studie en toen zat ik van: wat zou ik graag willen doen. Ik ben toen na gaan denken: wat zijn mijn vaardigheden, wat zijn mijn compe­ tenties? En toen kwam ik bij heel verschillende studies uit. Ik vind het leuk om in een kleine groep te werken, om echt contact met mensen te maken, en ze het liefst dan ook nog op een of andere manier te helpen. Daar kwam theater uit, maar ook journa­ listiek. En biologie. [lacht]

/ 055 /

Waarom ik geen kookdocent ben geworden maar theaterdocent? Omdat ik houd van verbreding. Ik vind de hotellerie heel leuk, maar ik kon me niet voorstellen dat ik dat mijn hele leven zou doen. Vooral dat mensen helpen is iets wat in mij zit. Dat heeft denk ik ook te maken met mijn eigen etniciteit en achtergrond. Ik denk dat zoiets in je bloed kan zitten. Dat je collectiever gericht bent, dat je het gewoon fijn vindt om te zien dat andere mensen het leuk hebben en groeien.”


“Docenten en makers gaan verschillend om met het fenomeen spel. Wij richten ons meer op het proces: dat je van a tot z het beste uit je spelers probeert te halen. Dat doet een maker natuurlijk ook, maar die krijgt tijdens de studie meer mogelijkheden om zijn eigen artistieke stempel te zetten. Nee, je leert niet ‘allochtone jongeren reageren goed op … ’ [lacht] Je krijgt handvatten van school: ‘Kijk, dit kun je doen, zo kun je de les begeleiden … en ga het maar proberen!’ Je voert een lesplan uit, en na de les reflecteer je met z’n allen. Dus het onderzoek ‘hoe spreek je allochtone jongeren aan’, doe je ín de klas, mét allochtone jongeren.

Deze opleiding voelt alsof ik toestemming heb gekregen voor

fantasie en expressie

De eerste anderhalf jaar krijgen de docerend theatermakers en de docenten theater samen les. Het is niet zo dat een docent uiteindelijk niet kan gaan maken of dat een maker niet kan gaan doceren; zoals ik het zie, krijg je vooral binnen de opleiding de kans om ergens meer nadruk op te leggen. Het zijn nuances. In het eerste jaar ga je vooral met jezelf in gevecht: wat zijn mijn kwaliteiten, wat zijn mijn grenzen? Wie ben ik in een klas? Ik merkte op een gegeven moment dat ik het doceren erg had onderschat. Dus toen ben ik zelf buiten school les gaan geven aan kinderen, gewoon om er achter te komen hoe ik voor de klas sta. Mezelf filmen en dat terugkijken. Ik zie dat analyseren ook terug bij klasgenoten. Bedenken, uitvoeren, reflecteren, evalueren, opnieuw: die cirkel staat centraal in de leerlijn van Educatie. Dat betekent trouwens ook dat je goed met kritiek en feedback om moet kunnen gaan.”

/ 056 /


/ 057 /

“Bij de meeste blokken heb je elke dag de hele dag les. De klas vormt een hechte groep, dat gebeurt automatisch. Want iedereen bij ons zit natuurlijk in hetzelfde schuitje. Vooral op sociaal gebied. Mensen denken van: shit, mijn beste vriend(in) is boos op me want ik heb zo weinig tijd … Ik moet ook wel zeggen dat het op je sociale leven best een aanslag kan zijn. Je moet er vol voor gaan. Wat ik vooral zo gaaf vind aan theater is verbeelding en mensen daarin meenemen. Of dat je mensen echt tot hun binnenste kan raken. Dat theater mensen kan veranderen, ja, dat geloof ik echt. Ik zie bijvoorbeeld vaak voorstellingen die erg gericht zijn op de wijk of op jongeren, die zijn meestal vrij direct. Je kunt situaties ook heel duidelijk neerzetten in theater; je ziet letterlijk wat er gebeurt. En dat bijvoorbeeld jongeren dan ineens kunnen denken: hé, dat is eigenlijk niet goed. Het leukste moment van dit jaar was een oefening, die vond ik echt geweldig. De helft van de mensen werd geblinddoekt en kreeg de opdracht ‘ga dansen als een zevenjarig kind, dat al zijn hele leven blind is’. De andere helft van de groep was ‘buddy’ en moest opletten voor botsingen. Toen werd de muziek aangezet … mensen waren megawild rond aan het rennen … en niemand heeft elkaar aangeraakt. Niemand. Dan merk je toch dat iemand kennelijk iets uitstraalt, dat je de aanwezigheid van anderen gewoon voelt. Twee mensen die helemaal uit hun dak gaan op een straal van een meter, en ze raken elkaar niet. Toen dacht ik: wat ik nu zie … dáárom wil ik nou met mensen met theater, en verbeelding en alles, bezig zijn. Zodat zij dat ook kunnen ervaren.”

057


Het jonge festival SPRING is een samenwerkingsverband tussen Springdance en Festival aan de Werf. Vanaf 2013 is SPRING het toonaangevende, internationale platform voor ontwikkelingen in de podiumkunsten. Op SPRING kun je dans zien, theater, muziek en beeldende kunst, maar ook vernieuwende cross-overs die nog niet eens een naam hebben. In heel Utrecht kun je tegen ­performances, installaties en voorstellingen aanlopen; voor informatie, drankjes en de echte festival-experience moet je op het festivalhart bij de Stadsschouwburg zijn.

SPRING Acteur Kuno Bakker staat na de voorstelling weer op uit een bak met potgrond: “Het was leuk om Paradijs in een theater te spelen! We hebben de plantjes gekweekt in een kas; hier krijgt alles een heel andere lading.”

/ 058 / De voorstelling Paradijs is het resultaat van een team-up tussen De Warme Winkel en Dood Paard. Deze ‘groenterevue’ is een ­grappig én raak commentaar op de consumptiemaatschappij.


Het festival draait voor een groot deel op vrijwilligers van alle leeftijden. Zij doen hier werkervaring op of grijpen gewoon de kans om veel voorstellingen te bezoeken.

/ 059 /

De installatie Ceci n’est pas van Dries ­Verhoeven, met elke dag iets anders erin, staat op de Stadhuisbrug, midden tussen het winkelpubliek. De naakte vrouw van vandaag trekt veel bekijks. Passerende racefietsers: “Oei! Je moet maar durven.” Twee giechelende ­moslima’s: “Respect, mevrouw! Hou vol!”


Kabouters Perky en Fiddle proberen op hun ­driewielers te ontkomen aan de autoriteiten. ­Toeschouwster: “Fantastisch hoe je met zulke ­simpele middelen iets leuks neer kunt zetten.”

/ 060 / De zeer charmante Flying Buttresses sjokken gemoedelijk over het ­festivalterrein en laten de toeschouwers op een heel andere manier naar dingen kijken. “Oh look, dear, we seem to be approaching a two-headed monster. Beg your pardon? It’s called a … baby? Extraordinary!”

de bes In 2003 werd in Leidsche Rijn het avontuurlijke cross-overfestival deBeschaving geboren, uit een drive om mensen te plezieren en te prikkelen. Mensen verrassen met nieuwe dingen: daar heeft het bij deBeschaving altijd om gedraaid. Tegenwoordig speelt het festival zich af in de Botanische Tuinen van Utrecht, een prachtige omgeving waar achter elk struikje wel iets te beleven valt. ­ De verrassende mix van live­ muziek, wetenschap en (locatie-) theater maakt van deBeschaving een uniek ontdekkingsfestival voor mensen met een open blik.


/ 061 /

Stuur je stiekeme liefde een brief of doe het hele festivalpubliek de groeten: flessenpost!

TV Wartburg is een piepkleine mobiele ­openluchtbioscoop en gamestation in de smalste auto ter wereld. Toeschouwers spelen ouderwets ‘pong’ tegen elkaar, met veel gelach maar ook bloedfanatiek. “Zo. Het hoogtepunt hebben we gehad. Wat gaan we nu doen?”

schaving


Tamar Stalenhoef(28) studeerde in 2008 af in de richting Theatre Design. Ze heeft een atelier in Rotterdam en reist daar­naast veel voor haar werk. Als freelancer werkt ze onregel­matig; in 2010 begon ze bij het Ro Theater en vanaf die tijd kan ze rondkomen in haar vakgebied. Daarvoor had ze verschillende bijbaantjes. In 2013 won de voorstelling ‘Woef Side Story’ met haar hondenpoppen de Zilveren Krekel. Momenteel werkt ze aan kattenpoppen voor ‘Minoes de Musical’ (verwacht eind 2014).


Ogen dicht en springen Hoe kom je erbij? Toen ik klaar was heb ik meteen een KVKnummer aangevraagd. Mijn bedrijf heet gewoon Tamar Stalenhoef. Want stel dat je het Klein Lief Vogeltje noemt; vind je dat dan over vijf jaar nog leuk? Ik wilde gelijk zelfstandig zijn: naast mijn freelancewerk heb ik doosjes gevouwen, mobiele telefoons ingepakt … heel suf werk gedaan. Uiteindelijk heb ik gesolliciteerd bij het Ro Theater, als requisiteur, en werd ik vervolgens gevraagd om poppen te maken voor Woef Side Story. Wat heb jij in het werkveld moeten bij- en afleren? Een bepaalde rommeligheid heb ik moeten afleren. Bij het Ro ging ik bijvoorbeeld altijd op de grond zitten. Maar: je zit in de weg, het is slecht voor je houding – maak even een tafeltje voor jezelf. Dat heeft met professionaliteit te maken. Ik heb geleerd voor mezelf te zorgen. En wat ik ook heb geleerd … vaak als ik ergens werd aangenomen, dacht ik: dit is toeval. Ik ben nu zekerder van wat ik kan. Dat heeft ook met de hondenpoppen te maken, ik heb zo veel positieve reacties gehad! Had je voor je gevoel ook een band met de honden? [lacht] Ja … ‘ik ga lekker aan Rover werken’. De spelers hadden het ook. Aan het eind van de voorstellingenreeks vroeg iemand: ‘Wat gebeurt er nu met mijn hond? Hij ruikt precies zoals mijn teddybeer vroeger.’ Dat vond ik zo lief! Maar helaas. Hij ligt gewoon op de zolder van het Ro.

/ 063 /

Wat ik fijn vond aan deze klus is dat je in een vast kader werkt. Je hebt planningen: ik heb nu een uur om dit oog te schilderen. Bij mij brengt dat het beste naar boven. Als theatervormgever sta je sowieso in dienst van een voorstelling. Hoe beter jij je tijd benut, hoe beter de voor­ stelling wordt. Is dit leven, inclusief bijbaantjes en dilemma’s, wat je verwachtte? Het is een langzame opbouw. Daar moet je op voorbereid zijn: je bent niet meteen honderd procent aan de bak. Je wilt die klus krijgen waarvan je denkt: hè hè, nu ben ik gevestigd, maar ik denk dat die nooit komt. Een bepaald soort realisme heb ik wel gekregen. De enige zekerheid is dat ik voor altijd op zoek zal zijn naar werk. Dat klinkt grimmig. Maar zo ervaar ik het niet. Want ik doe wel het allerleukste werk van de wereld. Dat is ook a ­ mbitie. Ik blijf doorgaan, mailen, bellen: ik wil het echt graag. Financieel is het heel verschillend. Soms werk ik tachtig uur in een week, maar kan ik me de maanden daarna weer redden. Zolang je een beetje met geld kunt omgaan, red je het wel. De twijfel of je goed genoeg bent … die moet je wel aankunnen. Niet eens ‘heb ik volgende maand geld voor de huur’, maar twijfel over je artistieke kunnen. Maar ik denk dat je je daar niet door moet laten afschrikken. Ik heb ook altijd getwijfeld, en ik ben nog steeds bezig. Ik denk: durf met de twijfel te zijn en het toch te doen. Even je neus dichtknijpen, ogen dicht en in het diepe springen.


Alexander Kraaij (34) studeerde in 2002 af in de richting Muziektechnologie. Hij startte in hetzelfde jaar zijn eigen onderneming en kan daar vanaf 2004 van leven. Alexander werkt fulltime. In 2013 stond hij met zijn inktbesparende lettertype Ecofont op nummer 1 in de MKB Innovatie Top 100 en eerder won hij de Accenture Innovation Award, European Environmental Design Award, PUG Award en de Sprout Challenger Award. Ecofont haalde de ‘New York Times’, ‘National Geographic’ en ‘O Magazine’ van Oprah Winfrey.

/ 064 /


Vanuit de kern Hoe kom je erbij? Ik heb Muziektechnologie gestudeerd [nu Composition and Music Production, red.] in de richting Adaptieve Compositie. Na mijn afstuderen ben ik muziek gaan schrijven; langzamerhand kwam daar steeds meer ontwerpen bij. Op een gegeven moment is het verder naar grafisch doorgeschoven. Nu heb ik een communicatiebureau, SPRANQ, dat alles doet van het ontwerpen van de visuele identiteit van een organisatie – dus het logo en de huisstijl – tot de middelen die daarbij komen: brochures, maar ook websites of games. Toen we SPRANQ oprichtten stond in ons bedrijfsplan dat we elk jaar één project wilden doen waarvoor we geen opdrachtgever hadden. Ecofont is zo’n project; een lettertype met kleine gaatjes waarmee je inkt kunt besparen. Maar dat is een eigen leven gaan leiden. Het is over de hele wereld in de media geweest, we hebben internationale prijzen gewonnen … Heel verrassend, voor een project ‘voor de lol’. [lacht] Je doet geen werk waarvoor je bent opgeleid. Had je net zo goed niet naar HKU kunnen gaan? Nee, zeker niet! Ik heb die vier jaar echt gebruikt om mijn creativiteit te ontwikkelen. Hoe zorg je bijvoorbeeld dat je binnen de kaders van een project kunt werken? Bij creativiteit is dat natuurlijk best lastig. Het ene moment heb je een fantastische ingeving en dan komt er een week niks. Dat leer je heel goed op HKU, hoe je dat kunt aanpakken. Wat heb je na de opleiding bij moeten leren? Het zakelijke, sowieso. Veel creatieve mensen hebben intrinsieke motivatie, die vinden het

/ 065 /

ontzettend gaaf wat ze doen. Maar dat betekent niet dat de prijs omlaag kan! Dat moet je leren scheiden: het feit dat jij iets leuk vindt én de waarde die het heeft voor je opdrachtgever. Verder moet je gewoon ieder project zo goed mogelijk doen, en telkens bijleren. Ik denk dat ik succesvol ben omdat ik de lat heel hoog leg. SPRANQ staat voor sprankelende dingen maken: soms vernieuwend, zoals Ecofont, en soms gewoon van een heel hoge kwaliteit. Een héél mooi logo. ‘Mooi’ is dan esthetisch, maar mensen binnen die organisatie moeten zich er ook mee identificeren, het gevoel hebben ‘dit zijn wij’. Je klinkt … verantwoordelijk, denk ik: ook voor je houding op de opleiding. Moet je dat zijn als HKU-student? Ik denk dat je er dan wel het meeste uithaalt. Je krijgt die vier jaar één keer, zeker nu met alle bezuinigingen … dan denk ik: grijp die kans! Niet ‘wat verwacht de opleiding van jou’, maar ‘wat verwacht jij van de opleiding’. Doe het voor jezelf, omdat jij iets wil leren waar je verder mee kunt. En of je die vaardigheden nou in het ene of het andere beroep gaat uitoefenen … dat zie je vanzelf. Mijn overtuiging is sowieso dat creativiteit iets universeels is. Ik ben opgeleid tot ontwerper van muziek, nu ontwerp ik grafisch, maar het denkproces is hetzelfde. Je leert een houding aannemen ten aanzien van je creativiteit. Vanuit die kern kun je alles doen wat je wilt. Had je dan echt niet liever een grafische oplei­ ding gedaan? … Had gekund. Maar misschien was ik dan nu componist geweest. [lacht]


Bloed zweet en teamsport Hoe kom je erbij? Toen ik afgestudeerd was startte ik als freelancer. Ik doe de visuele kant van 2D-games: vooral assets uitwerken en karakters en werelden maken voor in-game gebruik. Ik kon ervan leven, alleen, het is heel veel werk. Je steekt er veel meer uren in dan je zou doen als je op kantoor zit. En ik wilde ook liever de zekerheid van een vaste baan. In mijn derde jaar had ik al bij Flavour stage gelopen, dus toen heb ik ze gebeld: ‘Hebben jullie nog een plekje voor me?’ En toen kon ik de week daarop beginnen. Is het werk binnen zo’n bedrijf niet té toegepast? Nee, dat heb ik helemaal niet. Met games heb je een ingebouwd publiek, en een klant die de opdracht geeft. Dus het kader is er al. En ik vind het juist leuk om binnen dat kader te werken, de opdracht zo uit te werken dat zowel de spelers als de klant er plezier aan hebben. Op welke opdracht ben je trots? Ehm ik ben nu met hele coole dingen bezig, maar daar mag ik nog niets over zeggen, dus ik kies een game die ik maakte als freelancer, Lightwatch. Die hadden we op een portal gezet, en toen kregen we opeens bericht: Cartoon Network wil een aangepaste versie voor een van hun cartoons! Die game, All Nighter, werd op een vrijdag gelanceerd en in dat weekend was ‘ie al meer dan honderdduizend keer gespeeld. Ik heb filmpjes op Youtube gezien, dan zie je zo’n jongetje van tien: ‘Ik ga nu All Nighter reviewen!’ Surreëel, gewoon.

/ 066 /

Wat is het belangrijkste dat je in het werkveld hebt moeten bij- en afleren? Oh, ik was op de opleiding véél te perfectionistisch. [zucht] Ik maakte soms dagen van tien tot tien uur. Ik heb veel sneller leren werken, eigenlijk. In de echte wereld. [lacht] Op zich is het altijd goed om voor 100% te gaan, maar ik had in mijn hoofd dat mijn 100% nooit genoeg was. En ik heb meer eigenwaarde gekregen, ik zie nu: ‘zo is het ook al mooi.’ Wat ik echt heb bijgeleerd in het werkveld is softwarekennis: hoe een game van het begin tot eind afgewerkt wordt. Ik moest programma’s leren die ik nog niet kende, mijn skills verbeteren. Gewoon crunchen: doen, doen, doen. Dat is de sleutel tot succes? Ja, en hoe je je gedraagt op HKU zelf. Kijk, voor mij is games maken een teamsport. Geef jezelf voor de volle 200%, geen divagedrag. Gewoon, be a decent person. Ik zou mensen echt op het hart drukken: je moet vlieguren maken. Bloed zweet en tranen, en uiteindelijk loont het. [lacht] Eén van de redenen dat ik voor game design had gekozen is ook: ik werk graag met mensen. Ik zit nu bij Flavour helemaal op mijn plek. Om negen uur beginnen we met een scrum. Iedereen komt bij elkaar – we zijn met z’n elven – en dan kijken we wat we die dag gaan doen. Om één uur pauze … en dan om zes uur lekker naar huis. [lacht]


Sandra da Cruz Martins (23) studeerde in 2011 af in de richting Game Design & Development. Ze woont in Amsterdam. Na een jaar fulltime freelancen in 2012, besloot ze te gaan werken bij Flavour, een bedrijf dat leerprocessen en merken ‘gamificeert’. Ook als freelancer kon ze leven van haar werk. Ze won onder meer een Dutch Game Award voor ‘Vogels!’, een game voor mensen die een hersenbloeding hebben gehad, en werkte voor grote namen als Cartoon Network en Disney XD.

/ 067 /


Geert Verhoeff (24) studeerde in 2012 af in de richting Music Management. Al vóór zijn studie was hij actief in de Utrechtse muziekscene. Met samenwerkingspartner Martijn Mannak runt hij Staplab, een website met muzieknieuws en uitgaans­ mogelijkheden in de regio Utrecht. Voor het geld werkt Geert bewust in andere vakgebieden (onder andere productie, regie en ‘showcalling’). Hierdoor heeft hij een afwisselend leven, waarbij hij de ene week in het Staplabkantoor op Kytopia zit, en de andere week op een game-evenement in Zweden.


Als alles klopt Hoe kom je erbij? Al tijdens mijn opleiding heb ik samen met een vriend, Martijn, Staplab opgericht, een website met muzieknieuws uit Utrecht. We nemen ook sessies op met muzikanten, en we organiseren evenementen. Mijn geld verdien ik vooral met freelance werk: regie en showcalling voor game-evenementen en livestreams. Dat heeft niks te maken met mijn studie, daar ben ik ingerold. Dus ik doe van alles wat. Waar ik echt trots op ben is de vorige editie van Festival In Vervoering. Daar deed ik de programmering voor, samen met Martijn, en we hadden het voor elkaar gekregen om Peter Katz te boeken. Het moment dat je op dat veld staat, met het enige biertje dat je die dag mag drinken – en er komt ineens een hoosbui. Peter Katz komt op, zet ‘I can see clearly now, the rain is gone’ in … en de zon begint weer te schijnen. Zó vet. Klinkt wel alsof je dag en nacht bezig bent. Ja. In dit vak moet je veel werken, anders word je niet opgemerkt of de volgende keer niet gevraagd. Als je bij een festival bent ingeroosterd tot twaalf uur, ga er dan maar vanuit dat je er bent tot drie uur ’s nachts. Want je moet nog een drankje doen met iemand, of iemand helpen … Goodwill kweken. Ja. Ook met Staplab. Als wij een feest geven, dan komen artiesten voor weinig, maar zorgen wij wel dat er eten is, genoeg bier, dat soort dingen. Gewoon, dat ze het leuk hebben. Je moet een beetje een regelaar zijn. En favors opbouwen, dus een keer iets voor anderen doen voor niks, dan doen zij dat ook voor jou. De ongeschreven regels van de underground muziekwereld. [lacht]

Door mijn andere werk kan ik de muziek doen uit passie. Uiteindelijk zou ik er ook best van willen leven, maar het moet voor mezelf iets meer betekenen dan ‘weer een feestje’. Kun je onder woorden brengen wat dat ‘meer’ is? Het moment dat je op je eigen feestje bent en het gevoel hebt dat het zin heeft dat je het hebt georganiseerd, omdat mensen ervan genieten. En dat je niet de grootste acts nodig hebt om iets tofs neer te zetten; dat het meer om de sfeer gaat dan om ‘wij hebben die ene grote DJ’. Dat vind ik het leukst, als die hele sfeer klopt. Is het leven als kunstprofessional wat je ver­ wachtte? Nou, ik wist wel een beetje hoe het in de muziek ging, maar – de perceptie dat alles leuk is, is de slechtste perceptie die je kan hebben. Oh? Ik kreeg het idee dat je alles best leuk vindt. Ik vind het geheel leuk. Er zijn altijd dingen waar je tegenop ziet, die je liever niet wil doen. Je moet steeds het einddoel in je hoofd houden. Als jij ergens een band ziet staan, moet het er zo simpel uitzien dat je denkt dat je dat zelf ook wel had kunnen organiseren. Daar werk ik uiteindelijk zo hard voor: om iets neer te zetten dat vanzelfsprekend aanvoelt voor de mensen die erbij zijn.

/ 069 /


De fakkel doorgeven Hoe kom je erbij? Ik had tijdens mijn laatste jaar een instrumentale jazzband. Met dezelfde mensen maak ik nu Nederlandstalige popmuziek, onder de bandnaam Panc. Ik werk ook met verschillende artiesten en ik ben docent, onder andere op HKU Utrechts Conservatorium. Na mijn afstuderen lag de focus heel erg op ‘gitarist zijn’. Ik merk dat dat steeds meer verschuift naar ‘muzikant zijn’. Dat moet je even uitleggen. Aan de ene kant heb je de pure instrumentalist; aan de andere kant heb je het meer over een breed begrip van wat het is om muziek te maken. Je weet beter wat de functie is van wat je doet in een groter geheel. Hoort lesgeven daarbij? Ja, lesgeven is voor mij net zo’n wezenlijk iets als spelen. Je kunt vanuit die verantwoordelijkheid als docent de fakkel doorgeven. En dan hoop je dat dat vonkje overspringt. ‘Muzikant zijn’ is voor jou dus veelzijdig. Valt dat samen met het verdienen van geld, of doe je ook dingen die buiten je muzikantschap vallen? Toevallig speelde ik pas geleden op een opening van een grote juwelier. Dan parkeer je je gare oude auto tussen alle Ferrari’s en Porsches … dat is echt geld verdienen, een gig. Maar daar heb ik niet zo veel problemen mee, sowieso niet met commercie. Een kunstenaar die alleen iets voor zichzelf maakt is niet interessant. ‘Hoe kan ik wat ik belangrijk vind, overdragen op mijn publiek?’ Dat is jouw verantwoordelijkheid.

Ik denk dat je sowieso eerst moet vinden: dit is wat ik wil doen, los van wat ik ermee verdien. Een soort ei dat je móet leggen. En als je dat ei hebt gevonden, vind je altijd een manier. Of het nou een bijbaantje is, of dat je geld kunt verdienen met dingen die tegen dat ei aanzitten, zoals ik doe. Zou je leven er anders uitzien als je een paar miljoen erfde? Misschien, maar ik heb altijd het gevoel gehad dat ik genoeg geld hád. Wel dat je bang kunt zijn, bijvoorbeeld als je een belastingaanslag krijgt en daarna gaat je auto kapot. Dat is de realiteit als freelancer: je staat er alleen voor. Voor mij is dat heel gezond, ik denk dat ik een saai, passief iemand zou zijn als de context voor mijn werk er al was. Maar daar moet je dus wel voor in de wieg gelegd zijn. Je weet nooit wat er morgen gaat gebeuren, maar dat geldt voor iedereen. Ook met een negentot-vijfbaan kun je iedere dag doodgaan. Als jij morgen dood zou gaan, waar ben je dan trots op? Dat ik impulsen volg zonder dat ik weet of het iets oplevert. Een voorbeeld is Panc. Als iemand drie jaar geleden tegen me had gezegd dat ik Nederlandstalige muziek zou gaan maken, had ik ‘m uitgelachen. Het begon vanuit een soort grap, maar toen ging er een blik aan materiaal open … een universum, dat daar lag te wachten. Dat had ik nooit ontdekt als ik niet durfde te denken: laat ik dit spoor gewoon eens volgen.

/ 070 /


Gijs Batelaan

(31)

studeerde in 2008 af aan HKU Utrechts Conservatorium in de richting Gitaar (Jazz en Pop). Hij is al vanaf 1995 bezig met muziek en werkte met veel verschillende artiesten in wisselende muziekstijlen. In 2006 won hij de Holland Casino Jazz Award. Hij schrijft partijen, werkt als studiomuzikant, treedt op en geeft les. Sinds 2009 kan hij zijn brood verdienen met muziek. In 2013 komt onder de bandnaam Panc zijn plaat met Nederlandstalige muziek uit.


Yentl van Stokkum (22) studeerde in 2012 af in de richting Fine Art and Design in Education (Docentenopleiding Beeldende Kunst en Vormgeving, red.). Direct na haar afstuderen werd ze gevraagd voor een aantal exposities, onder andere door Stichting Jonge Kunst Amersfoort en het Radboud Ziekenhuis in Nijmegen. Daarnaast selecteerde de Nijmeegse Galerie Bart haar voor de tentoonstelling Nieuwe Oogst 2012, waarvoor zij de dertien beste afstudeerders van de academies in Nederland selecteerden. Ze verdient haar brood met een combinatie van werk verkopen en les geven.

/ 072 /


Radertjes laten draaien Hoe kom je erbij? Na mijn afstuderen in juni 2012 ben ik eerst benaderd voor een aantal exposities, onder andere door Galerie Bart in Nijmegen. Zij selecteerden me voor de Nieuwe Oogst 2012. In november ben ik begonnen met het geven van cursussen en nu ben ik daarnaast tijdelijk op een middelbare school aangenomen als docent. En, hoe vind je het lesgeven? Erg leuk. Ik ben nog heel jong, dus soms zien de leerlingen me aan voor een nieuwe klasgenoot. Ik moet mezelf wel manifesteren. Ik ben van nature niet dominant, dus ik moet veel halen uit vakkennis en een goede voorbereiding. Op het moment dat je een steek laat vallen, ben je de jonge docent die onzeker is. Dat ruiken ze. Gelukkig ben ik niet echt een onzeker iemand. Ik probeer altijd vol kracht de dingen te doen die ik doe, dat voelen ze aan, denk ik. Een heersend vooroordeel is dat kunstdocen­ ten eigenlijk liever zelf kunstenaar willen zijn. Ik heb juist bewust gekozen voor een docentenopleiding. Ik ben geïnteresseerd in van alles, en deze opleiding is erg breed. Je hebt bijvoorbeeld ook filosofie en kunstgeschiedenis. Drie dagen per week lesgeven en de rest van de tijd in mijn atelier zitten, dat lijkt me een mooie mix. Daar is wel drive voor nodig. Sowieso moet je in dit werkveld zelfstandig alle kansen aangrijpen. We zitten nu eenmaal in een kleine vijver. Als je dit wilt doen moet je flexibel zijn. Niet alleen qua tijd, maar ook van geest. Als je alles wat je overkomt kunt zien als een interessante ervaring, in plaats van een weg naar doem of succes, ben je al een heel eind.

/ 073 /

Hoe zat het ook weer met het nut van kunst­ educatie? Oh, dat wordt zó vaak gevraagd in de klas. ‘Ik heb hier toch niks aan later?’ Mijn visie is dat het voor iedereen belangrijk is om zich creatief te ontwikkelen. In de kunst werk je vaak niet aan het oplossen van een probleem, je bent juist bezig het probleem te vinden. Je leert de wereld op een minder simplistische manier te benaderen en breed te kijken. Ze noemen dat problem finding. Meestal, als die pubers beginnen van ‘waarom moet ik dit leren’, zeg ik dat het goed is voor de ontwikkeling van hun hersenen. Want dat ís het. [lacht] En dan nog even over geld: kun je ervan leven? De opbrengst van parttime lesgeven, cursussen geven en af en toe een werk verkopen is geen vetpot, maar ik kan er prima van leven. Als je veel lesgeeft ga je op een gegeven moment ook in schaal stijgen. Docent zijn is zeker geen ‘bijbaantje’. Gelukkig ken ik veel mensen bij wie het echt wérkt, die samensmelting tussen de beroepspraktijk en het vrije werk. Voor mij is dat zeker ook zo. Dingen vertellen, dat wil ik. En of ik dat nu doe met mijn vrije werk of als docent: het belangrijkste is dat ik radertjes aan het draaien breng in iemand anders’ hoofd.


Geheel in beeld Hoe kom je erbij? Klaas: We zijn na de opleiding met HIK Ontwerpers begonnen in de vorm van een stichting, omdat we voor het eerste project gelijk subsidie kregen. Toen waren we heel verbaasd: ‘Oh, we krijgen geld … nu moeten we ook iets.’ [gelach] Henk: Naast buurtprojecten zijn we wat meer dingen gaan doen voor commerciële partijen, zoals NS en Prorail. Maar ook voor commer­ciële projecten proberen we de gebruikers zoveel mogelijk te betrekken bij het ontwerpproces. Hoe benaderen jullie die mensen? Henk: Gewoon echt heel persoonlijk. Voor ons eerste project hebben we letterlijk tenten opgezet voor de deur. Dus bewoners konden niet naar huis voordat ze door ons werden verwelkomd met koekjes, koffie en een muziekje. En voor je het weet zit je met de helft van zo’n flat te praten. Marije: De mooiste opmerking die we ooit kregen was over een geveldoek, van een oud vrouwtje, veel volkser krijg je ze niet: “Oh, maar is dít kunst? Ja, dat vind ik dan wél mooi.”

Henk: Dat heeft ook wel te maken met het feit dat we opgeleid zijn als architecten …, maar we doen eigenlijk alles … Festivals, community art, koekjes bakken; wij zijn gewoon gek. [gelach] Het is natuurlijk ook anders of je bij een landschapsarchitectenbureau werkt, of dat je hier zit. Over het algemeen voelt dit niet als werk. Marije: Ik moet er wel een kanttekening bij zetten. Nu lijkt het één grote vrolijke boel, maar we hebben wel een ontzettend strakke bedrijfsvoering. We hebben ook ons leven erop ingericht om dit te kunnen doen: geen hoge hypotheken of dure auto’s. Voor ons is het gewoon belangrijk om ons werk te doen op de manier die we willen, en ons leven te leiden op de manier die we willen. Henk: Dat moet je jezelf wel af en toe vertellen. Omdat je dan alsnog keihard zit te werken, soms eentonig werk – maar dat zal altijd zo zijn. Ook al maak je elke dag zwembaden van bladgoud met diamanten en snoep … Klaas: Eigenlijk heel saai. Dan ben je gewoon metselaar. Henk: … maar dat je het ook nog mag opeten. [gelach]

Zien jullie ook letterlijke effecten van jullie werk? Klaas: Ja, neem Station Overvecht. Er zat ­betonrot in de trap, er werden camera’s opgehangen. Mensen wilden daar echt zo snel mogelijk weg. Nu zit het ’s middags helemaal vol mensen die zitten te lunchen en is er een koffiezaak gestart. Dat is dankzij de leefbaarheid die daar gecreëerd is.

Hebben jullie nog een tip hoe je een goede professional wordt? Marije: Stel je dienstbaar op. Als je in de samenleving mooie dingen wil maken, moet je ook goed luisteren naar wat mensen willen hebben. Je moet observeren wat er om je heen gebeurt en daarop reageren. Dan kom je pas tot kunstwerken waar mensen iets mee kunnen. Dan maak je iets dat in een groter geheel past.

Wat is het belangrijkste dat jullie hebben moeten bijleren? Klaas: De zakelijke kant van projecten. Hoe groter het project, hoe complexer de organisatie eromheen.

/ 074 /


HIK Ontwerpers Klaas Schotanus Henk Mareck Verhagen (31) Marije van Bork (30) studeerden in 2007 (Klaas) en 2008 (Henk en Marije) af in de richting Urban Design (valt nu onder Spatial Design, red.). Ze vestigden zich direct na hun afstu­deren in de Utrechtse wijk Overvecht. Met inspirerende buurtprojecten lieten ze deze zogenaamde ‘probleemwijk’ van een heel andere kant zien. Ze hingen gevel­doeken op anonieme flats en transformeerden Station Overvecht van gribus tot gezellige ontmoetingsplek met glijbaan. Tegenwoordig wisselen ze gesubsidieerde projecten af met commerciële opdrachten.

(30)


Ruud Coenen

(25)

studeerde in 2012 af in de richting 3D Computer Animation and Visual Effects. In januari 2013 startte hij als freelancer. Hij woont en werkt in Hilversum, maar zit ook veel bij opdrachtgevers op kantoor. Doordat hij zelf nog niet veel hoeft te investeren in apparatuur, lukt het hem al meteen om quitte te spelen. Op het moment van het interview maakte hij de shading en rendering voor ‘Life is Beautiful’, een korte artistieke animatiefilm voor NTR Kort.

/ 076 /


Een ongebaand pad Hoe kom je erbij? Ik was eind augustus 2012 klaar. Tijdens mijn studie was ik nog redelijk breed bezig; ik hoop nu, door als freelancer bij veel bedrijven te komen en met mensen te praten, steeds scherper in beeld te krijgen wat ik wil. Begin januari ben ik echt gestart, daarvóór heb ik allerlei dingen uitgezocht. Hoe begin je een bedrijf, wat is ervoor nodig? Ik probeer nu op elk vlak projecten te scoren. Ik kan me voorstellen dat niet alle opdrachten artistiek even interessant zijn? Ik denk dat je 3D sowieso gaat doen omdat het een technische kant heeft – als je héél artistiek bent, ga je eerder schilderen. En aan elke opdracht zit technisch gezien wel een uitdaging. Ik merk wel dat het moeilijk is qua projecten; het is veel schrijven, veel mailen. Tot nu toe kan ik ervan leven - nog in een studentenhuis weliswaar, maar toch. Waar ik wel tegenaan loop is dat ik op school alles interessant vond, maar nu echt moet kijken: waar wil ik naartoe? Dat ik kan zeggen: ‘Ik ben Ruud Coenen en als je X nodig hebt, moet je mij hebben.’ Waardoor je op nummer één staat, snap je? In plaats van dat je overal nummer twee in bent. Wat is een recente opdracht waar je trots op bent? Deze, denk ik. 3D is niet zoals een schilderij, waar je een lijn tekent en zegt: ‘Dit is de zijkant van iemands hoofd.’ In 3D moet je echt de zijkant van dat hoofd maken. Zeker bij een arty project als dit, moet je kijken hoe je dat qua stijl oplost. Bij deze film is me dat gelukt. Pixarfilms zijn een mooi voorbeeld - alleen zijn die naar mijn smaak dan weer iets té afgewerkt. Ik zou er qua rauwheid nog net onder willen zitten.

Dus eigenlijk heb je best een idee welke kant je op wilt. Eh … ja. [lacht] En hoe ga je daar komen? Proberen om de juiste projecten te krijgen, denk ik, zodat ik die weer als portfolio kan gebruiken. Misschien met wat ‘huurbetaalopdrachten’ ernaast. Zeker de eerste jaren moet je hard werken. Connecties opdoen, langsgaan bij bedrijven - niemand gaat uit zichzelf jouw website intypen. Dus: veel mensen ontmoeten, veel handen schudden. En hopen dat er iets uitrolt. Is het leven als kunstprofessional wat je verwachtte? Ik denk dat ik een redelijk realistisch beeld had; ik heb ook echt zin om er iets van te maken. Mijn handtekening ben ik weliswaar nog aan het ontwikkelen, maar ik hoop in ieder geval, als ik ergens een project heb gedaan, dat er een goed gevoel achterblijft. Daarbij is je werk­ houding misschien wel net zo belangrijk als talent: aardig, niet moeilijk doen, alles op tijd af hebben en vooral hard werken. In het werkveld kom je er snel achter wat je niet leuk vindt en wat wel. Ik zou zeggen: zet een pad voor jezelf uit. Uiteindelijk is het natuurlijk afwachten of dat pad het goede is … maar het kiezen van dat pad moet je sowieso doen. Anders kom je zéker nergens uit.

/ 077 /


Succesvol samenwerkingsproject:

HKU spotlight

Lisa van der Pluijm (tweedejaars VADM) won met haar team de prijs voor het beste concept. Hun ‘opdrachtgever’ was het Nederlands Film Festival, dat vooral worstelde met de vraag ‘waarom komen er zo weinig studenten naar het NFF?’ Een typisch geval ‘verander het probleem in een oplossing’, zegt Lisa: “We hebben ons afgevraagd waarom wij zélf eigenlijk niet naar het NFF gaan.” Haar team bedacht onder andere een rode loper door alle straten van het filmfestivalterrein. “De bezoeker moet centraal staan, niet de bekende Nederlander; daarom wilden we juist díe een rodeloper­ ervaring geven.” Wat kunnen creatieve mensen goed? Ja, een rommeltje maken van hun werkplek. Maar ze zijn vooral goed in nadenken op onverwachte manieren en – daardoor – in het vinden van bijzondere antwoorden.

/ 078 /

Robert-Jan Hofhuis, hoofddocent Visual Art and Design Management (VADM), bedacht samen met collega’s van Kunst en Economie; Beeldende Kunst en Vormgeving; en Kunst, Media & Technologie , het project Imagining Tomorrow. Hierbij werkten studenten van verschillende disciplines in teams samen voor Utrechtse bedrijven. Ze kregen de opdracht ‘ondernemersdromen’ vorm te geven, bijvoorbeeld ‘een wereld die geen gebruik meer maakt van fossiele brandstoffen’ (Viriciti). Robert-Jan: “We vragen te veel van deze wereld qua grondstoffen, we worden ouder. Wat betekenen dat soort kwesties voor bedrijven? Creatievelingen kunnen daar goed ‘vrij’ over nadenken.”

En de reacties? Lisa: “Wij praten nu elke maand op het kantoor van het NFF met Claire van Daal (programmeur) over wat ons leuk lijkt voor het NFF 2013.” Ook Robert-Jan hoort goede verhalen: “Het Prinses Maxima Centrum was zo onder de indruk van het ‘Boomconcept’ voor de nieuwbouw, dat ze er zelfs over nadenken om het uit te voeren!” Lisa: “Het mooie van deze opdracht was dat we in totale vrijheid een concept mochten bedenken, zonder praktische belemmeringen. Imagining Tomorrow: hoe zie jij de toekomst?”


HKU spotlight

op de Bijenkorf-expositie 2013

Exposeren op een beurs of in een galerie, dat klinkt logisch. Maar Utrecht heeft ook een aantal minder voor de hand liggende expositieplekken. Wat dacht je van de Bijenkorf? Jaarlijks organiseren HKU en de ­Bijenkorf samen een eindexamen­ expositie. René Bijsterveld (Product ­Design) werd dit jaar gevraagd om zijn afstudeerwerk, de AUTOFZO, te showen. René: “Dat is een bouw­pakket waarmee kinderen een carrosserie op hun skelter kunnen bouwen en schilderen. Als kind heb ik veel karren gebouwd met mijn vriendjes, en het gevoel als je iets zelf gemaakt had en ermee kon spelen vond ik fantastisch! Dat wil ik kinderen ook bieden.” In eerste instantie was hij gevraagd voor de AUTOFZO, maar bij navraag mocht hij ook wat meubels meebrengen. Hij had mazzel: “Toen ik de meubels ging afleveren kwam ik rechtstreeks van een beurs en lagen al mijn spullen nog in de bus. Eigenlijk kwam ik alleen lamp Voetlicht, krukje Zittie en bureau Stittie brengen, maar toen ze de vuurkorf en kandelaars in de vorm van een fabriek zagen, vroegen ze of ik die er ook bij wou zetten.”

/ 079 /

Uiteindelijk kreeg René een plek recht voor de roltrappen. “Super! Dat is de looproute die bezoekers nemen, dus vol in hun zicht. En het feit dat er ruimte was voor zoveel werk vind ik bewonderenswaardig.” Ook de reacties van bezoekers waren erg leuk. “Een vader vertelde dat zijn zoontjes laatst nog een kartonnen ombouw voor hun skelter hadden gemaakt, maar toen het karton nat werd viel het eraf. Toen ze de houten ombouwen zagen waren ze niet meer bij de skelters weg te slaan!” Hij zou zó nog een keer bij De Bijenkorf willen staan: “Voordat je klandizie krijgt moeten mensen eerst weten dat je bestaat. Exposeren is daarvoor een fantastische mogelijkheid.”

Kandelaars en ‘Stittie’ en ‘Zittie’ van René Bijsterveld.


erik-jan de boer wint oscar

HKU spotlight

voor animaties Life of Pi

computer kunt doen. Beeldmanipulatie, animeren, fantastisch. Door een stage kwam ik in Londen terecht, bij de ­Moving Picture Company. Na zeven jaar ben ik naar Los Angeles gegaan om aan speelfilms te werken.”

Erik-Jan (rechts) en zijn collega’s met hun Oscars. Foto: Getty Images

Erik-Jan de Boer is geen dompteur: toch won hij een Oscar met het dresseren van een tijger. In 2013 kreeg hij samen met drie collega’s de prijs voor beste animatie, voor zijn werk aan de grote tijger en andere dieren die in Life of Pi met hoofdrolspeler Pi in een bootje zitten. Als animatieregisseur werkt Erik-Jan samen met de filmregisseur aan alle animatie voor een film: camera­ bewegingen, digitale monsters, maar ook instortende gebouwen. Erik-Jan: ­“Eigenlijk alles wat niet direct ­gefilmd kan worden omdat het te duur, ­onmogelijk of te gevaarlijk is.”

/ 080 /

Hoe komt een eenvoudige Hollandse jongen aan zo’n topbaan? “Ik studeerde eerst mode. Maar toen kwam ik in contact met Ad Wisman [voormalig docent en bestuursvoorzitter HKU, red.] en zijn computerlab, en raakte ik compleet gefascineerd door alles wat je met de

Zijn dagelijkse werk is erg afwisselend. “Tijdens het filmen ben ik op de set om ervoor te zorgen dat de fotografie ­ge­schikt is voor ons latere werk. Dat ­begint eigenlijk na het filmen pas. Samen met een team van s­ upervisors, leads en animatoren verfijnen we elke beweging tot de scène klaar is voor de film.” Wat Erik-Jan nog altijd meeneemt van zijn studie: “Op HKU heb ik geleerd dat je goed je gereedschap moet kennen, voordat je werk kunt maken dat eruit springt. Je moet kunnen scripten en programmeren, maar ook traditionele kunstvormen beheersen.” Of hij hiervan naast zijn schoenen gaat lopen? “De Oscaruitreiking was op zondagavond en in de zaal, voordat we wonnen, herinnerde mijn telefoon me eraan dat ik de vuilnisbakken buiten moest zetten die avond. [lacht] Het leven gaat gewoon door.”


vlambeer wint apple design award HKU spotlight

met Ridiculous Fishing Het leest als een sprookje. Twee jongens die elkaar kennen van hun studie Game Design richten in 2010 gamestudio Vlambeer op - drie jaar later staan ze in Los Angeles en winnen ze met hun iOS-game Ridiculous Fishing een ­Apple Design Award. Rami Ismail en Jan Willem Nijman kunnen het zelf nog nauwelijks geloven. Rami: “Overweldigd is het goede woord, denk ik.” Jan Willem kwam op het idee voor het spel na het zien van een documentaire over tonijnvissers. Hij vroeg zich af wat er zou gebeuren als je de dramatiek van het binnenhengelen van grote vissen zou combineren met het principe van een schietspelletje. Het resultaat is een verslavende app-game waarbij je zoveel mogelijk vissen uit de zee omhoog sleurt, de lucht in slingert en vervolgens afschiet. In 2010 was het spel al te spelen als flashgame, onder de naam R ­ adical ­Fishing. Zoals alle sprookjes heeft ook het verhaal van Ridiculous Fishing een donkere kant: terwijl Rami en Jan ­Willem een versie voor iOS ontwikkelden, was een ander bedrijf ze voor en bracht precies hetzelfde spel op de markt onder een andere naam. “Daar waren we echt een paar weken kapot van,” zegt Jan Willem. “Creativiteit is een kwetsbaar iets, hebben we hiervan geleerd.”

/ 081 /

Toch gaven de twee niet op. Drie jaar lang werkten ze aan hun eigen versie van de game. Met succes, gelukkig: Ridiculous Fishing kreeg laaiend enthousiaste recensies, stond weken in de top vijf van de app-store, en nu is er dus die Apple Design Award. Eind goed, al goed? Rami: “Hiermee laten mensen, of het nou gamemakers of gamers zijn, ons weten dat creativiteit uiteindelijk wint. Games maken omdat je games wilt maken, niet om geld te verdienen dat is de beste manier.”

Beelden uit game Ridiculous Fishing


voor en na HKU biedt ook een aantal voor- en masteropleidingen aan. Hieronder alles kort op een rij.

Vooropleidingen

Een vooropleiding kan nuttig zijn, bijvoorbeeld als je nog te jong bent of een beter idee wilt krijgen van wat bij je past. Je kunt tot sommige bachelor­ opleidingen toegelaten worden met een succesvol afgeronde vooropleiding. Er zijn vooropleidingen voor Muziek en Beeldende Kunst/Vormgeving. Je kunt de Vooropleiding Music and Technology volgen als je geïnteresseerd bent in de technische muziekrichtingen. Het Utrechts Conservatorium biedt daarnaast de Vooropleiding ­Muziek aan, die je onder andere voorbereidt op het theoretische toelatingsexamen. Voor de Beeldende Kunst- en ­Vormgevingopleidingen kun je een Basisopleiding Beeldende Kunst en Vormgeving doen (voor alle geïnteresseerden). Dit is een voorbereidend jaar dat je naast je opleiding of werk kunt volgen. Je ontwikkelt je creatieve en beeldende vermogen en wordt wegwijs gemaakt in de beide vakgebieden, Beeldende Kunst en Vormgeving. Zo ontdek je wat het beste bij jou past. Duur: 32 zaterdagen naast je havo, vwo, mbo of werk. Verder is er de cursus Pixelpalace (voor jongeren) en is er de Basisopleiding Plus. Ook voor de andere interessegebieden zijn er mogelijkheden om je op de bacheloropleiding voor te bereiden. Kijk voor alle informatie op: hku.nl/web/Studiekeuze/ Basisvooropleidingen.htm

/ 082 /


/ 083 / Masteropleidingen

Na een bacheloropleiding kun je in veel gevallen nog doorleren, aan een ­masteropleiding. HKU heeft drie masters die ­geaccrediteerd zijn door de ­Nederlands-Vlaamse Accreditatie ­Organisatie (NVAO) en daarmee onder de Nederlandse wet vallen. Dit zijn: Master of Music (MMus) - Pathway Performance - Pathway Music Design Master Interior Architecture Master of Education in Arts (MEd)/ Master Kunsteducatie Master Scenografie (Wordt waar­ schijnlijk vanaf september 2014 in Utrecht aangeboden en niet meer in Groningen.) Daarnaast heeft HKU nog een aantal masters dat gevalideerd is door de Open University Validation Services in Groot-Brittannië. Dat betekent dat je diploma overal waar een Britse graad geldig is, wordt erkend (zie ook hku.nl/validation).

Deze masters zijn: Master of Arts in Fine Art Master of Arts in Arts Management Master of Arts in Creative Design for Digital Cultures: - Music and Sound Design - Games and Interaction Design - Film, Animation and Media Design - Editorial Design Kijk voor alle informatie op: hku.nl/masters


toelating Toelating doen

Voor bijna alle opleidingen van HKU moet je een toelatingstest doen. Wat voor test, dat verschilt per opleiding. Je hoeft echt niet nu al briljant te zijn in het gekozen vakgebied – je gaat natuurlijk naar school om te leren. Het is belangrijker dat we zien dat je inzicht hebt en kritiek kunt verwerken. Een goede motivatie en artistieke aanleg tellen ook mee. In één zin zijn wij op zoek naar mensen met talent, lef om te experimenteren en zich te ontwikkelen, en het ondernemerschap om later hun brood te verdienen. De toelating is trouwens niet alleen voor ons. Voor jou is het ook een check: passen HKU en deze studie bij jou? Bij de meeste studies krijg je een thuisopdracht die je op de toelatingsdag laat zien, samen met je portfolio. Daarnaast kan er gevraagd worden om tijdens deze dag een lesopdracht uit te voeren. Bij de muziekopleidingen wordt je theoretische muziekkennis getoetst en speel je voor een toelatingscommissie. De meeste theateropleidingen hebben een selectieprogramma van meerdere dagen, waarbij je in lessen meedraait en opdrachten doet.

Aanmelden

Voordat je toelating aan HKU kunt doen, moet je je aanmelden. Dat doe je via hku.studielink.nl. Je hebt hiervoor een DigiD nodig. Pas als je je hebt aangemeld, kun je uitgenodigd worden voor een toelating. Kijk voor alle stappen op het gebied van aanmelding en toelating op hku.nl/aanmelden Informatie over de ­toelatingsprocedure? hku.nl/toelating Weten hoe je een portfolio samenstelt? hku.nl/portfolio Ervaringen van studenten? Alle eerstejaars studenten uit dit ­magazine bloggen over hun studie: Zie pagina 087 Ook kun je terecht op Facebook: facebook.com/dekunstvanhku

/ 084 /

/ 084 /


Tips voor de toelating Robin

Het is echt een tip om contact te zoeken met de 24/7 student van jouw opleiding. Lienke [nu derdejaars Arts and Media Management, red.] kon mij bijvoorbeeld heel goed vertellen wat er in de motivatiebrief moest komen en hoe zo’n selectie eruit zou zien. Zij gaf vooral de tip ‘wees gewoon ­jezelf’, daar heb ik veel aan gehad. Ze prikken er zo doorheen als je je voordoet als iemand anders. Voor de rest zou ik er vooral open in gaan staan, en niet te veel ­voorbereiden of over nadenken. Gewoon laten gebeuren. En voor de motivatiebrief: kijk goed naar wat er allemaal in moet. In principe lezen ze natuurlijk de eerste zin, en dan gaan ze kijken ‘is het de moeite om verder te lezen’. Dus geef daar een creatieve draai aan, gebruik bijvoorbeeld een quote of zoiets.

Joris

Het belangrijkste bij de toelating is dat je echt laat zien wie je bent. Je moet heel duidelijk weten wat de opleiding inhoudt en of het bij je past; dat doe je door Open Dagen te bezoeken en op internet te kijken. En als je zeker weet dat het bij je past, laat het dan zien. Vooral het waarom vinden ze belangrijk. Pak een groot vel papier en schrijf je kwaliteiten op. Wees niet verlegen, vraag mensen uit je om­geving die jou elke dag meemaken: ‘Noem eens kwaliteiten van me op.’ Positieve en negatieve. Dan krijg je een heel goede reflectie van hoe je in elkaar zit, en van daaruit kun je zelf die connectie maken. ‘Oh ja, dat is iets wat ik zelf ook zie, en dat is waarom ik zo goed bij deze opleiding pas.’

/ 085 /

Franka

Ze willen op deze opleiding graag video zien, dus gooi het niet op alleen maar papieren met tekeningen. Zorg dat je veel verschillende dingen meeneemt, dat ze zien dat je allerlei verschillende richtingen op kunt denken. En dat je nieuwsgierig bent om dingen met beeld te onderzoeken. Bij het gesprek vroegen ze bij alles waaróm ik het zo gemaakt had. Bijvoorbeeld waarom ik iets in een heel precieze stijl getekend had. Gelukkig had ik daar zelf ook over nagedacht. Dus bereid je voor op waarom­-vragen over je werk, en weet die van tevoren al te beantwoorden!

Rinske

Ik zou proeflessen nemen bij de leraar waar je heen wilt, want die leraar is heel belangrijk. En die kan je ook tips geven over welke stukken je wel en niet moet doen. Waar je nog aan moet werken, en of je überhaupt kans maakt. Je krijgt dan ook al een beetje een beeld van hoe diegene les geeft, of jij daar eigenlijk wel les bij wilt hebben. En of je wel naar die stad wilt – daar zou ik me in verdiepen. Als je voor de jury zit: het gaat meestal niet puur om de techniek. Dat is waar je de hele tijd op hebt zitten oefenen, dus dan wil je echt alle loopjes doen, alles zuiver en technisch perfect. Maar uiteindelijk gaat het erom dat zij willen zien dat je muzikaal bent, dat je begrijpt wat je aan het doen bent en dat er potentie in zit. Je kunt beter jezelf laten zien, in plaats van je techniek.

Jeske

Blijf niet te veel hangen in wat je eigenlijk wilt maken, wat je al doet. Wees een beetje openminded. Maak eens iets totaal nieuws en anders dan wat je eigenlijk maakt. En zeg dat er ook gewoon bij, van: ‘Ja, eigenlijk maak ik dit niet, maar het leek me leuk om uit te proberen, en ik wil jullie mijn eerste probeersel wel laten horen.’ Dus durf je proces te laten zien. Dat kunnen ze heel erg waarderen hier.


een kamer ZOEKEN

Als je naar HKU gaat, wil je waar­ schijnlijk in of rond Utrecht wonen. Ruim twintig procent van de inwoners van Utrecht is student, wat betekent dat het lastig kan zijn een kamer te ­vinden. Toch kun je best aan woonruimte komen, als je op tijd start met zoeken en de mogelijkheden kent.  Voor je gaat zoeken is het handig om na te denken over de verschillende soorten woonruimte. Zet de huur­ mogelijkheden op een rij: een kamer in een studentenhuis; een kamer bij een hospes of hospita (huiseigenaar); een kamer in onderhuur; een tijde­ lijke ­kamer, bijvoorbeeld antikraak; een zelfstandige woning via de gemeente. Ook is het handig om iemand die al een kamer heeft te vragen welke kamerzoeksites hij/zij kan aanraden. Op de site van het Studenten Service Centrum van HKU vind je onder sscweb. hku.nl/wonenenleven heel veel informatie en tips over kamers zoeken. Hou in de gaten dat je legaal woont, met een huurcontract. Dat heb je nodig om je in te schrijven bij de GBA ­(belangrijk voor je studiefinanciering en de hoogte van je collegegeld). sscweb.hku.nl/wonenenleven utrechtstudentenstad.nl woningnet.nl

/ 086 /

Rinske Een tip is ‘wachten’ (of een tijdelijke kamer nemen), want je komt er toch pas tussen als je mensen kent. Je hebt speciale Conservatoriumhuizen waar je tot elf uur ’s avonds kunt oefenen, maar er zijn ook veel onofficiële huizen waar mensen van het Conservatorium samenwonen. Van die commerciële sites waar je je moet registreren werken vaak niet echt. Je moet gewoon je netwerk onderhouden en met mensen kletsen. En als iemand je een tip geeft: METEEN bellen, anders is-ie weg. Jeske Ik woonde al in Amsterdam, die afstand is prima. Als KMT’er hoef je dus echt niet in Hilversum te wonen. Antikraak kan een goede optie zijn, alleen moet je er dan wel op rekenen dat je er elk moment uit moet. Dus niet te veel zware kasten verzamelen! Robin Ik heb een Facebookpagina opgericht voor het hele eerste jaar. Dat is wel een tip. Als je daarop zet dat je zoekt krijg je veel reacties, want het zijn ongeveer 250 studenten. Dus dat is een makkelijke manier om veel mensen in één keer om hulp te vragen.


zoek ons op

Colofon Volg de 24/7 studenten het hele jaar op Facebook: Franka en Freek hku.nl/franka hku.nl/freek

Inge

hku.nl/inge

Jeske

hku.nl/jeske

Joris

hku.nl/joris

Kaylie

hku.nl/kaylie

Rinske

hku.nl/rinske

Robin

hku.nl/robin

Swaen

Wil je meer informatie over HKU of onze opleidingen? Bezoek één van onze Open Dagen op: zaterdag 30 november 2013, van 10.00 tot 16.00 uur zaterdag 22 maart 2014, van 10.00 tot 16.00 uur

uitgave: HKU teksten: Rinske Verberg Germaine Baijer (HKU) eindredactie: Germaine Baijer (HKU) Rinske Verberg

Kijk op hku.nl

correcties: Lambertha Souman

Studenten Service Centrum

Concept/vormgeving: Thonik Amsterdam

Heb je vragen over dingen die je ­rondom je studie moet regelen? Of wil je meer weten over de praktische kant van studeren aan HKU en wonen en leven in Utrecht? Dan kun je terecht bij ons Studenten Service Centrum. Je vindt heel veel informatie op sscweb.hku.nl

Fotografie en beeldbijdragen:
 Shira Koopman (studenten)
 Jordi Huisman (Spring en deBeschaving) Anneke Hymmen (afgestudeerden)


Of volg HKU

Overige bijdragen: Engelbert Fellinger pag 079, 082,083 Getty Images pag 080

twitter.com/ hkutrecht

Druk: Drukkerij Mart.Spruijt bv

hku.nl/swaen facebook.com/dekunstvanhku

adresgegevens HKU: Lange Viestraat 2b 3511 BK Utrecht

Het copyright van de gebruikte beelden en

/ 087 /

teksten berust bij HKU.
Niets uit deze uitgave mag worden gebruikt of vermenigvuldigd zonder toestemming van HKU.


de kunst van hku

/ nieuwe verbindingen 088 / nieuwe toepassingen


HKU Magazine 2013 2014