Page 1

GRENZENLOOS MAGAZINE

Grenzenloos.nl

Voor emigranten, expats en tweedehuisbezitters

NR

35

Mei / juni 2017 Vivian Oskam Wereldwijf

‘INSPIRATIE OP ST. MAARTEN’ Merel Dubelaar vertelt

KLEINE BABY, GROTE OCEAAN Het verhaal van ‘Wereldwijf’ Vivian Oskam

‘FRISSE START IN FRANKRIJK’ Anke de Bruijn gooit het roer om Uitgeverij

1

Grenzenloos


Welkom

Colofon

GRENZENLOOS MAGAZINE Gratis online magazine voor emigranten, expats en tweedehuisbezitters. Verschijnt 11 x per jaar, rond de eerste week van de maand. Een uitgave van Uitgeverij Grenzenloos, een imprint van VanDorp Uitgevers Voor meer informatie of adverteren, kijk op www.grenzenloos.nl of mail naar info@grenzenloos.nl In dit nummer staan bijdragen van:

EEN MOOI STEL WERELDWIJVEN

H

oeveel Nederlandse vrouwen in het buitenland wonen? Ik heb geen idee, maar vast heel wat. Honderdvijftig daarvan schreven de afgelopen jaren voor LINDAnieuws over hun belevenissen. Nu het blad die activiteit gestopt is, hebben 27 van hen nog een keer hun verhaal op papier gezet. Dit resulteerde in de prachtige bundel ‘Wereldwijven’, die deze maand verscheen. Minister Ploumen kreeg het eerste exemplaar uitgereikt, zij schreef ook een enthousiast voorwoord. De opbrengst van het boek doneren de Wereldwijven aan de stichting She Decides, opgericht door dezelfde minister. In dit nummer leest u een van de verhalen van de Wereldwijven: het boeiende relaas van Vivian Oskam, die tijdens een zes jaar durende wereldreis per zeiljacht, haar eerste kindje kreeg. Veel leesplezier met alle artikelen in het magazine van deze maand!

Marielle Saegaert Ludique le Vert Vivian Oskam Anke de Bruijn Merel Dubelaar

Coverfoto: Joshua Earle Copyright©2017 VanDorp Uitgevers Op de teksten en foto’s in deze uitgave rust auteursrecht. Niets uit deze uitgave mag worden opgeslagen, gekopieerd of op andere wijze dan ook worden verveelvoudigd en/of verspreid, zonder uitdrukkelijke en schriftelijke toestemming van de uitgever.

Eric Jan van Dorp - Uitgever/hoofdredacteur Twitter: @ericjanvandorp


Inhoudsopgave

Inspiratie op St. Maarten

8

Marielle Saegaert: Marzo / Abril

Frisse start in La Douce France

18

12

Grenzenloos uitzicht

Stef Smulders - Il Giro

24

4

20

Woonbelasting in Frankrijk

Kleine baby, grote oceaan

30


ISPIRATIE VINDEN OP

ST. MAARTEN


Merel Dubelaar

I

n 2015 vertrok Merel Dubelaar samen met haar man en kinderen voor het werk van haar man naar Sint Maarten, terwijl ze niet wisten voor hoelang. Het zou in principe voor een half jaar tot een jaar zijn, maar misschien ook wel langer. “We zouden wel zien”.

jetlag en ontdekten op wat voor een prachtig tropisch eiland we beland waren. Compleet met mooie stranden, fantastisch eten en uiteraard heerlijk weer. Hoewel wij aan de ‘Dutch side’ woonden, sprak iedereen daar Engels en vrijwel niemand Nederlands.

Ik zat al eventjes zonder werk thuis en toen deze kans voorbij kwam wilde ik niets liever dan de boel de boel laten en helemaal even opnieuw beginnen op een mooi zonnig eiland. Dat klonk heel wat aanlokkelijker dan weer een donkere winter in Nederland in te gaan met de zorg voor twee kleine kinderen en elke dag sollicitatiebrieven schrijven. We hadden twee maanden voorbereidingstijd waarin uiteraard een heleboel geregeld moest worden. Omdat dit misschien alleen een korte uitzending zou worden, was alles wel voor mijn man, maar weing voor mij en de kinderen opgezet. Er moest dus veel geregeld worden, maar wat gaf dat tegelijkertijd veel energie! En als de dingen niet gingen zoals het moest, dan moest het maar zoals het ging. Uiteindelijk komt er overal wel een oplossing voor. Twee maanden later zaten we met de maximale toegestane hoeveelheid bagage, waaronder kinderwagen, autostoeltjes, speelgoed en natuurlijk de kids zelf, in het vliegtuig. Onze zoon was net vier jaar geworden en was zo blij dat hij eindelijk naar school zou gaan. Daar stond hij dan in z’n uniformpje. Maar tja, het was wel een Engelstalige school en hij sprak geen woord Engels. De eerste maanden waren zwaar voor hem en mijn moederhart, “maar mama niemand begrijpt mij en ik begrijp niet wat zij zeggen”. Maar als dan het moment komt dat juf stralend vertelt dat hij een verhaal in het Engels heeft verteld, geeft dat een onbeschrijfelijk trots gevoel.

De eerste dagen op Sint Maarten waren even flink aanpoten vanwege het tijdsverschil, de warmte en de kinderen die in dit appartement samen op een kamer moesten slapen. Ook was het wennen om aan de ene kant van ons appartement de vliegtuigen te horen opstijgen en landen en aan de andere kant de zee te horen, die grote golven liet omslaan. Al snel gingen we op pad om het eiland te ontdekken en langzaam ontwaakten we uit onze

5


Merel Dubelaar Ondertussen bracht ik ook de jongste ’s ochtends naar een pre-school zodat zij met andere kinderen kon spelen en ik ook even wat tijd voor mezelf had. Ik ging sporten, boodschappen doen of afkoelen met een duik in zee en even simpelweg genieten van wonen aan het strand. De weekenden waren sowieso een feest. Vrijdagmiddag borrelen en eten op het strand met collega’s en daarna twee dagen volop genieten van het tropische eiland.

sector terugkwam, maar waar we ook met een heel fijn team in volle vrijheid mooie dingen konden opzetten en waardoor ik ontdekte hoezeer ik het arbeidsproces gemist had. Na een paar maanden weer gewerkt te hebben, ben ik begonnen met de opleiding tot Mindful Analyst. En toen ik het traject eenmaal zelf doorlopen had, was ik verkocht. Wat had ik een spijt dat ik dit niet al op St. Maarten had gedaan, dat had me al zoveel eerder veel meer rust en minder chaos in mijn hoofd kunnen geven, maar ach, het heeft vast zo moeten zijn. Nu run ik met veel voldoening mijn eigen online praktijk MetMerel waarin ik partnerzorg voor expats bied.

Toen er bijna een half jaar om was, rees toch de vraag, hoe nu verder? We konden nog twee jaar door naar Curaçao, wat we eigenlijk wel graag wilden - ik had al contact gezocht met een leuke internationale school daar -, maar na veel wikken en wegen voelde het toch beter om weer terug te keren naar Nederland. Ook voor mijn ambities was het beter om terug te gaan. Ik was tot dan toe altijd werkzaam geweest in de technische sector en dat wilde ik niet meer. Vlak voordat we naar St. Maarten vertrokken was ik begonnen aan een loopbaancoaching traject, omdat ik er alleen niet meer uitkwam en maar in kringetjes bleef ronddraaien. Mijn coach stelde voor om via Skype nog enkele sessies te plannen, zodat ik mijn verblijf op Sint Maarten juist kon gebruiken om mijn richting te bepalen. Dankzij deze sessies en door de vele strandwandelingen op het eiland, werden mijn plannen steeds concreter. Ik wilde graag mensen helpen vanuit mijn eigen intrinsieke motivatie. Gelukkig kon ik bij terugkomst toch nog even tijdelijk aan de slag bij mijn oud werkgever, waardoor ik wel weer even in de technische

Nu ik van dit leven in het buitenland een beetje heb kunnen proeven, blijft het wel kriebelen om meer op deze manier van de wereld te gaan ontdekken, maar als we een volgende keer weer gaan, willen we wel iets beter voorbereid op pad. Hoewel aan de andere kant deze juist onvoorbereide sprong in het diepe me ook weer zoveel heeft gegeven. Tekst: Merel Dubelaar Foto’s: Merel Duberlaar, Diana Ritchy

6


Een Spaanse maand

MARZO - ABRIL

MARIELLE SAEGAERT N

et toen ik dacht: “laat ik het deze maand nou eens niet over de corruptie hebben...”, werd er weer een netwerk van liegende politici, hun glibberige vriendjes en overige gretige handlangers ontdekt.

kopstukken uit de Madrileense PP konden allemaal een weekendtasje inpakken. Hun familie zal onderhand wel de rest hebben gebracht, want ze zullen lang in de gevangenis moeten blijven. President Rajoy doet zoals hij altijd doet als zijn partij weer eens blijk geeft van een wel zeer hoog corruptiegehalte: alsof zijn neus bloedt. In dit geval kon hij zich lekker verschuilen achter het feit dat het gaat om de Madrileense en niet de landelijke PP. Wél kritische en wél nadenkende mensen trappen hier natuurlijk niet in, maar jammergenoeg zijn er nog altijd mensen die dit beschamende gedraai om de waarheid nog altijd voor koek en ei slikken. Je ziet aan hun gezicht hoe ze verzachtende beschrijvingen zoeken om

Wederom was het raak in Madrid en wederom was het de beurt aan de PP. Het moeten drukke maanden voor de politie zijn geweest: de laatste eindjes moesten aan elkaar geknoopt worden voordat ze de kantoren van de hoofdverdachten van deze ‘Operatie Lezo’ in konden vallen op zoek naar bewijsmateriaal in deze -ik zeg het er nog maar een keer bij: zoveelste- corruptiezaak. Eind april was het eindelijk zo ver en grote

8


Marielle Saegaert hun dolksteken aan de kiezers over te brengen: een belastingverhoging wordt een “toeslag”, prijsactualisatie in plaats van prijsverhoging… Stuitender is dat al dit gekonkel en gelieg geen enkele politieke verantwoordelijkheid voor hen met zich meebrengt. Ze komen er hier altijd mee weg. Een paar dagen de Twitterstorm weerstaan en over tot de orde van de dag… De voormalige president van de Madrileense autonome regio was de laatste jaren geobsedeerd met het bellen van verschillende mobiele telefoons en het afschermen van zijn telefoontjes op allerlei slinkse manieren. Hij hoopte op deze manier het afluisteren door de politie te ontwijken; een order die de Spaanse rechters jammerlijk genoeg dus al erg vaak hebben moeten ondertekenen de afgelopen jaren. Toch viel hij, en hard ook, door de mand. Het kostte tevens de positie aan een van de nationale kopstukken van de PP, de voormalige presidente van de autonome regio Madrid. (De Spaanse hoofdstad is een stad en de gelijknamige provincie is tevens een van de 18 autonome regio’s waarin Spanje is onderverdeeld). Deze dame die normaliter spijkerhard is en een uitermate geslepen politica, moest huilend toegeven dat haar “número 2” haar bedrogen had. Referendum Maar laat ik bij het begin beginnen: maart. Midden maart werd de voormalige president van Cataluña, Artur Mas, veroordeeld tot onverkiesbaarheid voor publieke functies. Hij had met het organiseren van een referendum over de onafhankelijkheid van Cataluña in november 2014 een rechterlijke order, namelijk het verbod op het organiseren van dit referendum, genegeerd. Zijn karakteristieke

grijns vervaagde want als de straf wordt bevestigd, dan zal zijn droom niet uit kunnen komen: de droom de eerste president van een onafhankelijk Cataluña te worden. Diezelfde maand liet een peiling overigens zien dat de Catalanen die niet onafhankelijk willen worden, nu in de meerderheid zijn. Twee grote corruptieschandalen (…) hebben de onafhankelijkheidsstrijd toch een heel klein beetje naar de achtergrond geschoven in het dagelijkse leven van veel Catalanen, zo lijkt het. Bus Een van de meest spraakmakende gebeurtenissen was de Spaanse tournee van een wel erg opvallend gekleurde bus. Een extreemkatholieke organisatie met de naam ‘Hazteoír’ (haz te oir: laat je horen) had het in principe prijzenswaardige idee gekregen de vrijheid van meningsuiting te verdedigen. Het probleem echter werd al snel duidelijk: hun mening is uitermate denigrerend en beledigend voor enkele van onze medemensen. Het ging zo: ze charterden een personenbus, verfden hem fel oranje (waarom kon dit nou geen andere kleur zijn!!) en op de flanken kalkten ze overtuigd hun “mening” over transseksuelen. Naast de symbolen voor het mannelijke en het vrouwelijke geslacht, verkondigden ze hun “waarheid”. De gehele tekst luidde: “Jongetjes hebben een penis, meisjes hebben een vagina. Laat hen je niet bedriegen. Word je als man geboren, dan ben je man. Als je vrouw bent, zal je dat blijven.” Op een handjevol bejaarde bisschoppen en overige extremisten na, keek de Spanjaard eerst uit totaal ongeloof naar de bus en vervolgens, na bevestigd te hebben wat er toch echt op de zijkanten geschreven stond, met diepe afkeuring. De ophef was groot: een populair satirisch politiek

9


Een Spaanse maand televisieprogramma verfde hun eigen bus groen met een grote afbeelding van hun grijnzende presentator op de zijkant: “wat is dit dan” stond er boven zijn hoofd. “Seksuele indentiteit kies je niet. Laat niemand die voor jou kiezen.” Maar de oranje bus reed stug door en deed verschillende grote Spaanse steden aan om hun boodschap te verkondigen. Ze reden hem zelfs door New York! Dit reisje zal een flinke duit gekost hebben; geld dat ze verkrijgen uit de opbrengsten van hun lidmaatschap en particuliere donaties. Enkele jaren geleden heeft de toenmalige Minister van Binnenlandse zaken, die bekend staat zeer gelovig te zijn, Hazteoír zelfs “van publiek belang” verklaard. Dit heeft als gevolg dat de Spaanse belastingplichtige zijn of haar donatie kan aftrekken op de jaarlijkse aangifte. Geen vrijblijvend gebaar dus van de minister! Naast Greenpeace en Artsen zonder grenzen, kan je je donatie aan deze oerconservatievelingen dus sinds en paar jaar ook aftrekken. Op de New Yorkse bus hadden ze erbij gezet: “You can’t change sex. Respect all.” Dit laatste zinnetje is meer dan stotend. Franco De vrijheid van meningsuiting was niet alleen door deze idiote bus maar ook door een andere

om het leven is gekomen. De komende zeven jaar mag ze geen publieke functies bekleden waardoor ze haar geplande carrière als lerares zal moeten vervangen door een andere. De veroordeling heeft veel kritiek gekregen van de meerderheid van de politieke partijen. Het toeval wil dat de hoofdpersoon en beklaagde in de rechtszaak een transseksuele vrouw is met de naam Cassandra. Gelaten zat ze in de rechtszaal. Vernederend voor haar moet zijn geweest dat ze door de aanklager steevast in mannelijke termen werd beschreven en aangesproken. De Spaanse taal geeft duidelijk aan wanneer een woord mannelijke (el) en vrouwelijk (la) is. Ze was dus ‘el acusado’ en niet ‘la acusada’. Had ze even door het raam naar buiten gekeken, had ze ook nog die oranje bus voorbij kunnen zien rijden. Geen wonder dat ze er zo terneergeslagen bij zat. Dan wordt de weg naar erkenning van je identiteit wel erg lang en moeilijk. Je zou je af kunnen vragen of het haar steevast aanspreken in mannelijke termen als “aanval op een groep personen” gezien kan worden en dan zal de aanklager hier op zijn beurt over aan de tand gevoeld kunnen worden. Wat volgens de rechter wel als een mogelijke “aanval op een groep personen” gezien kan worden, was een grap van hetzelfde satirische politieke programma dat ik eerder noemde, ‘El

zaak een frequent onderwerp van gesprek bij de dagelijkse ‘caña’ (fluitje bier) na het werk deze afgelopen maanden. Enkele tweets over de moordaanslag op de rechterhand van Franco in 1973, waren volgens de Officier van Justitie “een vernedering van de slachtoffers van terrorisme”. De twitteraarster, een 21-jarige studente geschiedenis, is uiteindelijk veroordeeld tot een jaar gevangenisstraf voor het schrijven van 13 beledigende tweets over deze Luís Carrero Blanco die in 1973 in een door ETA opgeëiste aanslag

Intermedio’. Ook deze grap was gerelateerd aan Franco wat weer eens onderstreept hoe gevoelig dit onderwerp nog altijd is hier. De aangifte door een vereniging Franco-aanhangers is door de rechter toegelaten en dus zullen hoofdpresentator ‘El Gran Wyoming’ (nee, hij heet niet echt “Het grote Wyoming”) en een van de komieken, Dani Mateo, voor moeten komen. Wyoming en Mateo hadden een sketch gemaakt over “El Valle de los Caídos”: de Vallei van de Gevallenen: een enorm oorlogsmonument iets

10


Marielle Saegaert buiten Madrid waar Generaal Franco begraven ligt. Officieels het een monument voor de slachtoffers van de Spaanse Burgeroorlog. Ook een aantal Republikeinse strijders, die dus tegen de militaire coup van Franco en zijn kornuiten vochten, liggen hier begraven. Het bouwwerk is in de jaren veertig en vijftig van de vorige eeuw gebouwd door dwangarbeiders, de tegenstanders van het regime, in erbarmelijke omstandigheden. Op de berg staat een enorm kruis dat over het mausoleum van Franco uitkijkt. Of erop neerkijkt. En over dit kruis ging de grap. Deze grap kan ik hier wel citeren want hij is kort en bondig: “De Vallei van de gevallenen, herbergt het grootste christelijke kruis van de wereld, met een gewicht van tweehonderdduizend ton en

een hoogte van honderdvijftig meter, dat is drie keer de Toren van Pisa. En het is zo hoog omdat Franco wilde dat het kruis van ver te zien kon zijn, en dat is logisch want wie wil die shit nou van dichtbij zien?” De Franco-vereniging voelde zich diep beledigd door de sketch van de komieken die in mei vorig jaar uitgezonden werd op de televisie en deden aangifte. En voor deze grap moeten Wyoming en Dani Mateo dus voor de rechter verschijnen… Tot mayo-junio! Tekst: Marielle Saegaert Foto pag 8: Dennis van den Worm

11


12


Anke de Bruijn

T

oen ik Weber op een snoeihete zaterdagmiddag in hartje Rotterdam zag omvallen in de verzamelde menigte, wist ik dat het tijd was. Aan deze jarenlange stress, de steeds maar voortdurende ratrace van het moderne leven van de gemiddelde werkende mens zoals wij, moest een keer een eind komen en daarvoor had het lijf van Weber nu het ultieme teken gegeven.

bestaan, net voor zijn 55e levensjaar, vakkundig vermalen werd in een reorganisatie.

We waren in de drukke stad voor Webers drukke werk als PR-man bij een drukke particuliere school. Het was de finish van een estafetteloop, waar studenten en leraren zich voor hadden opgegeven. Ik fotografeerde de binnenkomers. De mensenmassa was groot, de temperaturen zomers en de sfeer verstikkend. Ik vond al dat hij bleek zag. Vanaf de stoep waar ik met mijn camera stond, keek ik achterom, zoekend, al bezorgd. Het ene moment zag ik zijn gezicht, het volgende moment was het weg. Ik wurmde me door de massa tot waar hij overeind geholpen werd. ‘Gaat het?’ vroeg iemand. Hij knikte. Hij zag spierwit. Ik greep hem bij de armen. Hij stond rechtop, maar niet stevig. Weber keek me met holle ogen aan. Zweetdruppeltjes glinsterden op zijn voorhoofd. ‘Ik wil naar huis,’ fluisterde hij. Het gefluister paste niet bij de energieke beer van een kerel die ik kende.

Een donkere novembermiddag. Ik peddel op de fiets door het uit de kluiten gewassen dorp waar we tot voor kort nog een mooi vrijstaand huis tegenover de bossen hadden. Dat is nu verkocht. We gaan. Het regent. Een laatste blik op de huizen en de minirotondes. Bomen glanzen nat-zwart, donkere reuzen in het bos waar ik als kind soldaatje speelde met broer en neven. De straat waar ik na het Utrechts studentenleven terugkwam en Weber tegen het lijf liep. Nu, vijftien jaar later, slaan we samen de vleugels uit naar een nieuw leven in het

Dit was het begin van een langdurige burn-out en van een periode waarin Webers werkend

13


Frankrijk buitenland. Webers burn-out heeft de plannen uitgelokt. Ze zeggen wel dat een plotselinge ziekte vaak de aanleiding is om het roer radicaal om te gooien. Mijn werk als koordirigent en piano/zangjuf in Nederland zit erop. Een laatste leerlingenconcert en afscheid nemen. Door etsen nu, het kringloopcentrum gaat bijna dicht. Ik luister naar het ritmische spatten van de banden op het natte asfalt en mijn gedachten dwalen af. Ik heb nooit beeld gehad bij het idee eeuwig in Nederland te blijven wonen. Als je muziek maakt en tekstschrijver bent, kun je overal wonen waar mensen en internetverbindingen zijn. Mijn studententijd-beeld van de ideale toekomst voert terug in de tijd naar het balkon van de oude familieboerderij in het Teutoburgerwoud waar nicht en ik naar de

sterren kijken en fantaseren over biologisch boeren op het erfgoed, een Bauernhof-winkeltje met eigen hammen en confitures. Zon en warmte, maar niet tĂŠ. Frisse lucht. Rendiermos aan de bomen. Uitgestrekte bossen om in te verdwalen. Volledige stilte onder een met sterren bezaaide nachthemel, compleet met duidelijk zichtbare sterrennevels. De zwarte driehoek, zei onze gastheer over de regio, een paradijs voor astronomen. Dorpjes als in een openluchtmuseum. Een leven dat nog te overzien is. De plaats die voor grote stad doorgaat (want grote supermarkten en autodealers) hee nog minder inwoners dan Renswoude onder de rook van Veenendaal. Een jaren-vijftigparadijs! Met ook nog eens een gastvrije en hoffelijke bevolking, veel tijd en

14


Anke de Bruijn aandacht voor eten, een relaxte sfeer waarin een claxon bij voorkeur gebruikt wordt om iemand te groeten. Dat klonk natuurlijk allemaal te mooi om waar te zijn. Eerst maar eens die afspraken met de Duitse makelaars nakomen. In een mistig najaarsregentje toerden we naar Duitsland. Met de Frankrijk-idylle nog in de roze bril viel het ons plotseling op dat hier wel erg veel stoplichten en mini-rotondes waren. Eigenlijk was het verkeer er net zo druk als in Nederland. Voor het eerst realiseerde ik me dat het pittoreske Lippe uit mijn jeugd veranderd was. Het eerste huis was voor de makelaarsbrochure met een groothoeklens gefotografeerd. Het piepkleine boerderijtje stond op zo’n steile helling dat je er in de natte herfst nauwelijks kon komen, laat staan in een Germaanse winter. Als dit een voetbalwedstrijd was, dan stond het nu 1-0 voor Frankrijk. Het tweede huis stond in de slagschaduw van een windmolenpark. Het derde huis was een kanshebber, een oud en karakteristiek boerenhuis met schuren, gelegen in een idyllisch dalletje. We konden alleen niet naar binnen. De makelaar had geen sleutel want de eigenaar wilde liever geen pottenkijkers. Van dichtbij zag het huis er een paar graden verwaarloosder uit dan we op de foto’s hadden

balkon hing wasgoed te drogen aan rekjes die waren ingeklemd tussen een indrukwekkende verzameling plastic speelgoed en een net zo grote collectie volle vuilniszakken. ‘Oh, dat is het huurhuis,’ zei de makelaar met een kuchje. ‘Dat hoort er niet bij.’ ‘Maar het staat wel op het erf.’ ‘Het is eh, van de broer van de verkopende partij. Ze moesten delen, begrijpt u.’ We begrepen het. Frankrijk-Duitsland 3-0. Het volgende huis lag naast een sportvliegtuigveldje en te midden van een indrukwekkend arboretum met een vijftigtal huizenhoge exotische bomen. De sympathieke dochter van de gestorven eigenaar stond er met tranen in de ogen bij te kijken. ‘Het levenswerk van mijn vader,’ zei ze. ‘Die mag u allemaal omkappen,’ zei de makelaar nonchalant. Nu kreeg ook Weber tranen in de ogen. Volgende pand. Het was een droomhuis, zij het met een beetje achterstallig onderhoud en een modderige toegangsweg van drie kilometer door hoog, duister naaldbos. Maar het was dan ook niet duur. Honderdduizend euro voor honderden vierkante meters boerenvakwerkhuis, een ruime deel, schuren, een erf, een linde, een eik, een waterput, precies de boerderij van opa en oma waar ik gelukkige zomers doorbracht. Ik sprong

kunnen ontdekken. De dakgoot was deels in elkaar gestort en de noordwand van het houten vakwerkhuis stond met een paar centimeter afstand tegen een rots waar regenwater uit sijpelde. ‘En de schuren?’ vroeg Weber. ‘Die staan daar.’ De makelaar wees naar de overkant van de straat. Een nieuwe verkeersweg bleek het boerenensemble te doorkruisen. ‘En wat is dat?’ Ik wees naar een nieuwbouwhuis dat op een hoekje van het erf stond. Op een

de auto uit en snelde naar binnen. In de grote hal met tegelkachel en donker gebeitste balken, waar een imposante trap naar de eerste verdieping leidde, kwam ons een vriendelijke man tegemoet. Hij schudde ons warm de hand en stelde zich voor als Dieter. ‘Ik laat jullie even alleen,’ zei de makelaar en liep naar buiten. Dieter ging ons voor naar een ruime en gezellige keuken. In het midden stond een grote tafel met twaalf stoelen eromheen. ‘We houden erg van samen koken,’ vertelde hij. ‘Hier is jullie

15


Frankrijk

woonkamer.’ We stapten een klein vertrek binnen, het begin van een serie kamers en suite. ‘Daar achter is een extra wc en jullie badkamer, twee slaapkamers, en een werkkamertje,’ wees Dieter. ‘Kom, we gaan naar boven.’ Jullie? Weber en ik keken elkaar aan. ‘Hier woon ik,’ zei Dieter. Hij wees naar een gesloten deur op de overloop. ‘En daar,’ hij wees naar de andere kant van de trap, ‘wonen Petra en Johann.’ Hij ging de trap weer af. ‘En nu gaan we even kijken bij Fritz...’ ‘Wacht,’ riep Weber vanaf de overloop naar beneden. ‘Hoeveel mensen wonen hier?’ ‘In de hele Wohngemeinschaft? Vijf in totaal.’ Hij grijnsde. ‘Losse vrienden en liefdes niet meegerekend.’ ‘En wanneer gaan jullie verhuizen?’ vroeg ik

voorzichtig. ‘Verhuizen?’ Dieter keek vragend omhoog en nam ons fronsend op. ‘We gaan helemaal niet verhuizen.’ ‘Maar het huis is te koop,’ zei ik lam. ‘Maar jullie hebben al die ruimte toch niet nodig?’ riep Dieter ontsteld. ‘Het hele beneden is voor jullie. De keuken is offcieel ook van jullie. Dus we kunnen ook af en toe bij onszelf koken, als je niet steeds samen wilt eten. En we betalen natuurlijk gewoon huur.’ We keken sprakeloos vanaf de overloop het gat in. Achter Dieter lag lonkend de mooie gang met zware eikenhouten balken en de warmrode zeventiende-eeuwse tegelvloer. ‘Doe het nou,’ zei Dieter met een begin van teleurstelling in zijn stem, ‘ik weet zeker dat de anderen jullie ook aardig vinden.’ Achter hem was inmiddels op de tegeltjesvloer het spel Frankrijk-

16


Anke de Bruijn Duitsland in volle gang. Frankrijk scoorde het ene doelpunt na het andere. ‘Heeft de makelaar daar niks over gezegd?’ vroeg Dieter.

gedurende de dag steeds kouder wordt in huis. Al onze spullen zijn nu opgeslagen in een gehuurd stuk loods, het broodnodige zit in de verhuisbus gepropt die we speciaal hebben gekocht. Weber heeft vanmiddag de alarminstallatie nog uit de gang gesloopt. Die heeft nu geen zin meer, maar de stem van de elektronische mevrouw klinkt nog na in de oren, als een Pavlov-reactie op het rammelen van de huissleutels: ‘Alarm ingeschakeld. Verlaat het pand.’ Piep, piep, piep en dan had je vijftien seconden om weg te komen. Nu is het rigoureuzer. Als ik de laan inloop, zie ik onze grote witte bus klaarstaan. De aanhanger met auto erop is al vastgekoppeld. Alles klaar. Weber start de motor. Alarm uitgeschakeld. Verlaat het land.

Ik fiets het terrein van de kringloopwinkel op en zet mijn fiets neer bij het bord ‘Inzamelen grote spullen’. Het sleuteltje laat ik in het slot zitten en ik loop weg. Niet omkijken nou. Ze gaan die fiets vanzelf vinden. Door de grauwe wijken wandel ik terug naar ons verkochte huis. Vandaag hebben we het echt leeggemaakt en twintig keer gekeken of er echt niets meer stond dat van ons was, dat mee wilde. Twintig keer nog zwerven door de lege kamers, luisteren naar het vertrouwde kraken van planken, het geluid van de dichtslaande balkondeur, het piepen van de bajonetsluiting van het terras, voelen hoe het

Tekst: Anke de Bruijn

Frisse start in La Douce France ‘Een plotselinge ziekte is vaak de aanleiding om het roer radicaal om te gooien’, schrijft Anke de Bruijn in de proloog van haar nieuwe verhalenbundel. Ze maakt het zelf mee: na de burn-out van haar partner nemen hun buitenlandpretenties een vlucht en betrekken ze een huisje in Zuidwest-Frankrijk. Daar zet de gedreven piano- en zangjuf haar werk voort, tot groot enthousiasme van de Franse dorpelingen. Kijk en bestel op grenzenloos.nl

17


Grenzenloos uitzicht Foto: Anthony Tori


Italië

Il Giro STEF SMULDERS

S

tef Smulders trakteert de lezers van Grenzenloos Magazine elke maand op prachtige verhalen uit het alledaags leven in het mooie Italië. Ieder jaar kijken we er weer even naar: het rondeschema van de grote Giro d’Italia, dé wielerwedstrijd van het jaar. Maar nee, moeten we steeds weer teleurgesteld constateren, ook dit jaar komt de ronde niet naar de (volgens ons dan) o zo geschikte heuvels van de mooie Oltrepò Pavese. Goed, de wegen zijn hier niet best, maar de ciclisti rijden toch over de kasseien van … en op de muur van …? Of zouden het juist de Italianen zijn die niet voor het aanzien van de internationale gemeenschap met hun slecht onderhouden wegen te kijk willen staan? Fare bella figura, ook op twee wielen. Dus geen

20

wielerfestijn voor onze deur helaas. Een keer, een paar jaar geleden, scheerde de Giro vlak langs. Ze kwamen door Stradella (“La città che vive! De stad die leeft!”) dat net aan de voet van de eerste heuvels ligt. Jammer, gemiste kans op gratis wereldwijde publiciteit voor ons onbekende wijngebied. Toch zijn we wel gaan kijken en toegegeven, het is een enerverend evenement zo’n wielerwedstrijd. Het peloton is binnen 15 seconden voorbij maar voorafgaand aan de echte sporters passeert er een hele karavaan aan reclamewagens, motorrijders, een mobiel radiostation etc. Het was leuk om een keer gezien te hebben en de komende tien tot twintig jaar zal de Giro wel niet meer zo dichtbij komen, dachten we. Maar wat wil het toeval? Ieder jaar gaan we twee weekjes op vakantie (ook B&B houders willen wel


Stef Smulders eens weg) naar Sardinië, we prikken twee weken in het nog niet volbezette voorseizoen, bij voorkeur in mei (ook B&B houders in Italie willen graag mooi weer op vakantie), en rijden met ons hebben en houwen naar de traghetto in Genua. De avond voor vertrek horen we bij Studio Sport (ook B&B houders kijken graag naar de tv programma’s uit hun land van oorsprong) dat Il Giro de volgende dag zal starten! Helemaal vergeten om te kijken of ze dit jaar in de

nog wat te eten en dan langzaamaan naar de plaats Dorgali te gaan. Dat plaatsje hadden we een vorige vakantie al bezocht vanwege de beroemde cantina sociale, coöperatieve wijnmakerij, die daar gelegen is. Misschien konden we dan na het wielerfestijn gelijk wat flesjes van die overheerlijke Sardijnse cannonau inslaan … We reden met verheugd gemoed op Dorgali aan en … werden een kilometer buiten het dorp staande gehouden. Dranghekken blokkeerden

buurt komen! Stel je voor dat ze een etappe op Sardinië rijden, haha, dat zou wat zijn! Snel kijk ik even op internet en rol daarna bijna van de bank: op zaterdag, onze dag van aankomst, vertrekt de Giro vanuit Olbia, onze haven van aankomst, langs de oostkust van Sardinië naar het zuiden! En passeert daarbij Dorgali, dat op een halfuurtje rijden van ons vakantiehuis ligt. Krijg nou steunkousen! Als de Giro niet naar de Oltrepò komt, komt de Oltrepò (nou ja, in de persoon van twee B&B houders) wel naar de Giro. Het tijdschema van de Giro vertelde ons dat de start om 10 uur zou zijn, ruim na onze geplande ontscheping van 8:30. We reden dus voor de karavaan uit en hadden ruim de tijd om eerst onze bagage naar het vakantiehuis te brengen,

de weg, bewaakt door allerlei politieachtige ordepersoneel. Uren voordat de wielrenners verwacht werden, waren de toegangswegen al afgesloten. Er zat niets anders op dan te doen wat de andere automobilisten deden: langs de weg parkeren en de laatste kilometers te voet afleggen. Hoewel dat laatste stuk nog aardig omhoog ging, was het toch leuk om gedaan te hebben want nu was er alle tijd om de versieringen en kunstwerken die de enthousiaste bevolking van Dorgali langs de weg had geplaatst te bewonderen. Roze linten, roze spandoeken, roze bloemen, alles was roze wat de klok slaat: het roze van de Gazzetta dello Sport, de sportkrant die de Giro honderd jaar geleden, jawel, uitgerekend dit jaar precies 100 jaar geleden, georganiseerd had. Bij de versieringen waren de

21


Italië roze racefietsen in de meerderheid. Op toegangshekken bij uitritten van bedrijven langs de weg had de organisatie waarschuwende teksten geplakt: niet de weg op gaan tussen 11 en 17 uur! Stel je voor dat er opeens een trage tractor het parcours opreed terwijl het peloton met 45 km/h aan kwam denderen! Naarmate we dichter bij het dorp kwamen nam de drukte toe. We probeerden een café te vinden waar we zittend aan een tafeltje de wedstrijd zouden kunnen volgen maar alle terrassen waren (uit veiligheidsoverwegingen?) ontdaan van meubilair. Maar we hadden enorm geluk: we stapten een pub binnen en vonden een tafel aan het raam op een verhoging, zodat we door het open raam perfect zicht hadden op de hoofdstraat én op de finish van de tussensprint. Elk dorp van een beetje statuur heeft namelijk haar eigen finish om de feestelijkheid nog te vergroten. Nog mooier was het dat we ook recht voor een groot televisiescherm zaten, zodat we de vorderingen van het peloton konden volgen. We bestelden een tweetal grote glazen bier en besloten om deze eersterangs plek onder geen beding nog te verlaten, kome wat komt. Desnoods bestelden we nog wel een paar glazen bier. De aankomst van het wielerlegioen bleek echter langer te duren dan voorzien: de sporters hadden zichzelf vandaag een rustig dagje beloofd en peddelden kalmpjes door het prachtige Sardijnse landschap. Tegen de tijd dat ze eindelijk in

Dorgali waren, had uw sportverslaggever al aardig wat gele schuimende jongens achter de gevulde kiezen. Ik begon al wat weg te doezelen toen er opeens luid claxonnerende motorrijders voorbijstoven. De reclamekaravaan was in aantocht! Even later reed er inderdaad een colonne van zo’n dertig auto’s in alle vormen en maten en van divers allooi het dorp binnen, om er vervolgens een half uur te blijven staan voor de verkoop van petjes, shirtjes, vlaggen en dergelijke. Ook was er een oorverdovende radiodame die je via de op alle wagens gemonteerde geluidsboxen toeschreeuwde. Nadat deze groep vertrokken was duurde het nog lang voor de wielrenners verschenen. Ik dacht wel even te kunnen berekenen wanneer ze zouden moeten passeren (de wiskunde verlaat mij nooit). In de lokale sufbode stond dat de lengte van de etappe 221 km was en dat Dorgali op 144 km van de start lag. Dus lag Dorgali 77km van de finish. E=mc^2! A kwadraat plus B kwadraat is C kwadraat! Zelfs Brigitte Kaandorp snapt het. Op de tv lieten ze zien hoever de wielrenners nog van de finish verwijderd waren en dus wist ik, quod erat demonstrandum, hoever nog van Dorgali, namelijk de afstand op het tv scherm minus 77. Leuk geprobeerd maar het klopte niet. Net toen

22


Stef Smulders op het tv scherm als afstand tot de finish 77 km getoond werd en ik de fietsers dus vanuit het raam van de pub had moet kunnen zien passeren, verscheen op dezelfde tv ook het verkeersbord ‘Dorgali 10 km’. Lekker dan. De krant had kennelijk verkeerde gegevens afgedrukt. Maar uiteindelijk moesten de wielrenners natuurlijk wel voorbijkomen. Om 16:30, anderhalf uur later dan oorspronkelijk gepland racete de groep voorbij. Of beter: passeerde er eerst een kopgroep van vijf man en anderhalve minuut later het peloton. We hadden twee passages voor één prijs! En de aanloop tot zo’n passage is eigenlijk het leukste van het hele evenement: na uren wachten, slenteren, op je mobiel kijken, weglopen, terugkomen, een praatje maken, blijft iedereen

opeens stokstijf op zijn plek en passeert er eerst een luid toeterende motor en kort daarop nog een en nog korter daarop nog een en dan een groep en dan een luid claxonnerende auto en nog een en en en … Jaaaaaaa! Daar zijn ze, luid applaus en gejoel en … zoef, weg zijn ze weer. Het kijken naar de passage van een wielerpeloton is als het bijwonen van een collectief orgasme: een lang voorspel, een kort hoogtepunt en … Tja, het naspel? Dat laatste is een beetje deprimerend. Een half uur na de passage zijn de meeste versierselen al weer weggehaald en lijkt het of er nooit iets gebeurd is. Maarrrr … volgende keer weer? Jazeker! Maar kom nou eens een keer naar de Oltrepò Pavese, caro Giro. Tekst: Stef Smulders

(Nog) (meer)Italiaanse toestanden Leven en overleven in Italië

Humoristische korte verhalen over het emigreren naar Italië en de kennismaking met tal van karakteristieke Italianen. In drie delen.

Oa te koop via Emigratieboek.nl

23


Frankrijk

g n i t s a l e b n o Wo k j i r k n a in Fr A

ls je in Frankrijk woont of een tweede huis bezit krijg je te maken met woonbelasting taxe d’habitation: (lokale) woonbelasting De woonbelasting is een lokale belasting waarvoor bewoners jaarlijks worden aangeslagen en waarvan de hoogte verschilt per gemeente. De belasting wordt berekend naar de valeur locative van de woning en wordt betaald zowel door de eigenaar/bewoner van een vaste woning als door de bezitter van een tweede huis. kijkgeld TV Bij de woonbelasting inbegrepen is de contribution à l’audiovisuel public (CAP,

24

voorheen redevance TV ) van 138 €. Is de tweede woning niet voorzien van een TV of men betaalt deze bijdrage al voor een andere (vaste) woning in Frankrijk, dan vervalt die contributie voor het tweede huis. Daarvoor dient jaarlijks een formulier te worden ingevuld en ondertekend dat in het begin van het jaar wordt toegestuurd. hogere woonbelasting tweede huis De woonbelasting voor een tweede huis is hoger dan die voor een vaste woning. Kortingen en vrijstellingen gelden alleen voor een vaste woning (zoals vrijstelling van betaling voor 60 plussers, korting voor gehandicapten of inwonende kinderen). Ook door het tweede huis tijdelijk te verhuren ontsnapt de eigenaar niet aan betaling.


Belastingen Voor 2017 is voor een aantal gemeentes (o.a.Parijs, Nantes, Toulouse, Montpellier, Draguignan, Nice, Menton) bovendien een verhoging van de woonbelasting op het tweede huis voorgesteld, variërend van 5% tot 60%, afhankelijk van de gemeente. Voor een tweede woning in Parijs geldt voor 2017 de hoogste variant van 60%. herberekening woonbelasting Om de koopkracht te bevorderen heeft de nieuwe regering daarentegen een herziening aangekondigd van de woonbelasting op de vaste woning, waarbij rekening wordt gehouden met het fiscaal inkomen per huishouden. Zo zal een alleenstaande met een fiscaal inkomen onder de 20.000€ vrijgesteld worden, eveneens samenwonenden zonder kinderen met en fisc. inkomen onder de 40.000€ en een huishouden met 2 kinderen onder de 60.00€. Naar verwachting zullen daardoor ± 75% van de belastingplichtigen verlichting of vrijstelling van belasting krijgen. De maatregel zal vanaf 2018 tot 2020 progressief worden ingevoerd.

Lexique (zie ook: Frans onroerend goed woordenboek) abattement : heffingskorting avis d’imposition : aanslagformulier contribuable : belastingplichtige dégrèvement : belastngverlichting économiser : besparen, goedkoper uit zijn exonération : vrijstelling van belasting foyer fiscal : fiscaal huishouden imposition : belatingheffing location saisonnière : tijdelijk verhuur majoration : verhoging montant : bedrag redevable(de l’impôt) : belastingplichtige redevance TV : kijkgeld résidence principale : vaste woning, hoofdwoning résidence secondaire : tweede huis revenu fiscal : fiscaal inkomen surtaxe : heffingstoeslag valeur locative : huurwaarde Tekst: Tin vanArkel (dicotech.nl)

Meer onmisbare woordenschat vindt u in onderstaande woordenboeken:

25


Archief

ALLE EDITIES VAN GRENZENLOOS MAGAZINE ALTIJD TERUG TE LEZEN

26


27


Nieuwe boeken

FRANKRIJK IN 50 FRAGMENTEN CASPAR VISSER ‘T HOOFT

In 50 fragmenten geeft Caspar Visser ‘t Hooft iets van de verscheidenheid in Frankrijk weer. Nu eens een grappige situatie in een restaurant, een sportschool of tijdens een groepsreis in de bergen. Dan de beschrijving van een verlaten streek, een oude ruïne, of een afgedankte kolenmijn. ...

NIEUW!

Nu te bestellen

FRISSE START IN LA DOUCE FRANCE

ANKE DE BRUIN

NIEUW!

‘Een plotselinge ziekte is vaak de aanleiding om het roer radicaal om te gooien’, schrijft Anke de Bruijn in de proloog van haar nieuwe verhalenbundel. Ze maakt het zelf mee: na de burn-out van haar partner nemen hun buitenland-pretenties een vlucht en betrekken ze een huisje in Zuidwest-Frankrijk. Nu te bestellen

WERELDWIJVEN 27 PORTRETTEN

Allemaal waren ze lid van het Wereldwijven netwerk, schrijvend voor LINDAnieuws.nl. Nu hebben ze hun eigen verhaal opgeschreven. Boeiende en kleurrijke lotgevallen van Nederlandse vrouwen op diverse continenten. Neem een kijkje in het leven van de Wereldwijven. Nu te bestellen

28

NIEUW!


29


Wereldreis

KLEINE BABY, GROTE OCEAAN VIVIAN OSKAM

I

n plaats van een leven met hypotheek, carrière en crèche kozen Vivian en haar partner Bram voor iets anders. Ze kochten een klassieke zeilboot van 10,5 meter lang om de wereld mee te verkennen. Na jaren renoveren gooiden ze in Rotterdam de trossen los met geld voor één jaar en plannen voor zes.

aarde. Dochter Flora werd geboren in Chili en als jong gezin zeilden ze langs de afgelegen paradijzen van de Stille Zuidzee tot aan NieuwZeeland. Na zes jaar wereldzeilen besloot het gezin zich in Auckland te vestigen, waar Vivian werkt als grafisch ontwerper en schrijfster. Naast vele artikelen en columns , schreef Vivian ook een boek over hun reis. Blijven Drijven is in recordtijd herdrukt en kreeg vele lovende recensies. “Dit boek leest als een trein. Blijven drijven gaat behalve over zeilen vooral over wilskracht. Heel goed geschreven, je bent mee op reis. Ik heb het in één ruk uitgelezen,” Pieter Jan Hagens, AVRO presentator.

Onderweg vonden ze een balans tussen werken en zeilen en beleefden ze fantastische maar ook huiveringwekkende momenten. Een storm vernietigde bijna hun dromen. Zwanger voeren ze door Patagonië, de mooiste wildernis op

30


Vivian Oskam Ik kijk in de grote angstogen van mijn baby. Ze voelt de spanning perfect aan. Buiten schreeuwt Bram boven het windgeraas uit: “Vief! De boot stuurt niet meer! Kom NU helpen!” Met een loden hart geef ik Flora een zoen en klik dan het veiligheidsnetje dicht dat de voorpiek afsluit. Zodra ik wegloop, hangt ze er als opgesloten babyaapje in. Moeizaam draai ik me om en vlieg naar buiten. “Oké, snel dan!” Ik pak het stuurwiel over terwijl Flora mijn moederhart aan stukken krijst. “Ja hoor eens, onze veiligheid is toch belangrijker dan dat ze even huilt!” Mijn verstand kan het daar misschien mee eens zijn, maar mijn oerinstinct maakt zich woest om die opmerking. Ik verbijt me en concentreer me op het sturen over de schuimende golven. Ze blikkeren in het maanlicht. Bram hangt intussen over de achtersteven om de zelfstuurinrichting te bekijken. “Het roerblad is afgebroken!” Goddank hebben we er nog één. “Ik ben wel even bezig om het te vervangen,” zegt Bram hijgend met het reserve-exemplaar in zijn handen. Het had me niets uitgemaakt als Flora niet zo hartstochtelijk bleef huilen. Tergende minuten later is Bram eindelijk klaar en stuurt de boot zichzelf weer. Nadat Flora weer in slaap is gevallen, klim ik over het slingerzeiltje de bank op. Nog een paar uur voor mijn wacht begint. Ik lig te woelen in mijn slaapzak. We zijn pas vertrokken uit Flora’s geboorteplaats Valdivia, halverwege de langgerekte Chileense kust. Paaseiland is het eerstvolgende speldenprikje op de kaart waar we hopelijk even kunnen stoppen. Minimaal zeventien dagen non-stop op zee. Was het wel

zo’n goed idee om de Grote Oceaan op te zeilen nu we een baby aan boord hebben? Tot Valdivia zeilden Bram en ik drie jaar samen op onze kleine klassieke boot, genaamd Duende. Vanaf Rotterdam vertrokken we voor een wereldreis waar we jaren van hadden gedroomd. Via Gambia staken we over naar Brazilië en Argentinië. Onderweg bleek dat we in ons levensonderhoud konden blijven voorzien door freelance te schrijven, ontwerpen en websites te bouwen. We besloten verder zuidwaarts langs de kust te trekken naar Ushuaia, de zuidelijkste stad ter wereld. Hier, bij het enige ziekenhuis in de verre omtrek, kwam ik erachter dat ik zwanger was. “NEE, NEE, GROENTES EN FRUIT ZIJN NIET BELANGRIJK, MAAR JE MOET WEL VEEL VLEES ETEN!” Mijn nog embryonale kind liet een perfect gevoel voor timing zien. Dit was dé plek waar we het liefst de controle echo’s afwachtten. We maakten een wekenlange vaartocht door het Beagle kanaal. Ik keek duizenden jaren terug in de tijd naar de wereld zoals hij gemaakt was. Fjorden sneden diep in de stompe bergen bedekt met gletsjers, sneeuw en bomen. Niets leek hier ooit veranderd. Als een nietig pluisje lag ons bootje in hoekjes van het gigantische decor. Ik voelde me nederig en klein, terwijl mijn hart zwol van de grootsheid. Terug in Ushuaia zette dokter Guillermo het echoapparaat op mijn buik en hij sprak de toverwoorden: “Nou, dat ziet er allemaal

31


Wereldreis prima uit.” Mijn mondhoeken waren niet meer omlaag te dwingen. Ik legde de Nederlandse voedseladviezen aan hem voor. “Nee, nee, groentes en fruit zijn niet belangrijk,” zei hij ernstig. “Maar je moet wel veel vlees eten. Kip en vis mag. Maar rood vlees moet absoluut.” Ik knikte braaf. We waren tenslotte in Argentinië, het land van de biefstukken. Nadat hij me nogmaals op het hart drukte niet te veel fruit te eten, namen we met hartelijke zoenen afscheid. Guillermo drukte me zijn visitekaartje in de

wilden we door de onherbergzame scherenkust van Zuid-Chili naar het volgende ziekenhuis trekken. In deze verlaten uithoek van de wereld die alleen te bezoeken is per boot, moesten we volledig zelfredzaam zijn. Er was hier niets dan woestheid. Geen wegen, geen winkels, geen bereik. Maandenlang zouden we maar een handjevol mensen tegenkomen. Communicatie was beperkt tot e-mailen via onze radio. Drie maanden moest genoeg zijn om de bewoonde wereld weer te bereiken. Klonk haalbaar. Móést

hand. “Dit is mijn privé-mailadres. Mail me alsjeblieft als je nog vragen hebt, ik ben wel een beetje bezorgd.” Zijn chique kaartje zou onze enige medische hulplijn zijn in drie maanden Patagonische wildernis. In de relatief veilige zwangerschapsmaanden

haalbaar zijn. Mijn buik was onverbiddelijk. Elke dag voelde ik de tijdbom steeds duidelijker bewegen. Al was ik weleens zenuwachtig als het dagenlang te slecht weer was om verder te varen, toch ervoer ik het nooit als gevaarlijk.

32


Vivian Oskam Ik zal nooit vergeten hoe die betoverende tournee ten einde kwam met een toegift. Een mistgordijn onthulde de mythische fjord Seno Iceberg in al haar schoonheid. Het water weerspiegelde perfect de groen-witte bergen. Voorzichtig duwden we Duende naderbij, kleine ijsbergjes opzij duwend op weg naar het hoofdpodium. Er werd een spectaculair schouwspel van blauwgrijze massa en ijsblokken opgevoerd, alweer speciaal en alleen voor ons tweeën. De spitse kantelen van het ijspaleis torenden hoog boven me uit. Ik voelde me weemoedig, alsof we na een reis door het paradijs terug op aarde werden gezet. Maar één blik op mijn dikke buik vertelde me dat het de hoogste tijd was.

wist niet hoe snel ik beleefd en wel zijn kamer uit kwam. Een paar dagen later hadden we een andere gynaecoloog gevonden. Zoals gebruikelijk in Zuid-Amerika smakte Francisco Guerra meteen een dikke zoen op mijn wang. “In Chili bevalt 70% met een keizersnede. Dat is nou eenmaal de cultuur hier,” verklaarde hij. “Maar ik vind het geweldig dat jij een natuurlijke bevalling wilt.” Hij keek me vanonder zijn dikke wenkbrauwen even onderzoekend aan met zijn pretoogjes. Ik kon het meteen uitstekend met hem vinden. “En wat betreft de ruggenprik: ongelofelijk dat ze dat in Nederland niet standaard doen. Stoer hoor. Maar ik spreek je nog wel tijdens de bevalling…” Francisco kreeg gelijk - al was het pas tussen twee persweeën door, wanneer je in Nederland nooit meer een ruggenprik zou krijgen. Maar ik kon hem wel zoenen. En op het moment dat de geelhals-ibissen luid kakelend hun ochtendgekrijs inzetten, zag mijn dochter het levenslicht. Ze was perfect, van boven tot onder. Wauw. Mijn kleine Flora Isabel.

Nadat we de boot in Valdivia hadden vastgeknoopt, liepen we naar de meest overtuigende privékliniek. Nog maar zes weken te gaan: ik wilde graag weten hoe we dit gingen aanpakken. Ik had wekenlang gewerkt aan mijn vragenlijst, maar de dokter zei dat hij daarvoor te weinig Engels sprak. Hij wimpelde mijn zorgen weg. “Ach bevallen, dat is zo simpel. Even flink pijn lijden en dan is het eruit.” Ik had het dan wel nog nooit gedaan en hij was vast een expert, maar dit vond ik wel heel kort door de bocht. “But don’t worry,” zei hij opeens toch in het Engels, “I am very good with the knife.” Hij lachte hard en demonstreerde een snijbeweging in de lucht. “Vijf minuten en je baby is eruit.” Ik sloeg een arm om mijn buik en

33


Wereldreis Nu is ze inmiddels vijftien maanden, en nog geen dag ziek geweest. Dat hielp mee in de beslissing weer verder te zeilen de Grote Oceaan op, met al zijn droombestemmingen. Net als andere familieboten hebben we heel bewust de risico’s afgewogen. Na drie jaar samen zeilen kennen we de vele gezichten van de zee. We zijn ons tot op het bot bewust van onze kwetsbaarheid. Ik val uiteindelijk in een onrustige slaap. Al snel daarna gaat mijn wekker, met oplopend volume. “Mama... máááama…” Kon ik me vroeger op zee nog wel eens vervelen als ik al tig boeken had gelezen, nu is dat er niet meer bij. We hebben 24 uur per dag óf bootwacht óf babywacht.

Overdag komt het er heel traditioneel op neer dat Bram het meeste fysieke zeilwerk doet en ik de luiers handwas en Flora vermaak. De wind neemt steeds verder af, waardoor Flora het steeds beter naar haar zin krijgt. Duende schommelt zachtjes, maar niet genoeg om haar te weerhouden de boekenkast leeg te trekken. Ze leest graag in het kookboek of speelt in een krakende berg lichtweer-zeil. Papa komt met een verrassing terug van een zeilwissel. Flora kijkt haar ogen uit als hij de enorme vliegende vis laat zien die op het dek was geland. “Wat is dit?” vraagt hij aan haar. ‘“Vis,” zegt ze eerst beslist. Dan: “Vogel!” Dan zeef ik de kefirkorrels die van de pot poedermelk weer frisse yoghurt hebben gemaakt. Ik verdeel de laatste verse sinaasappel over de bakjes en strooi er een rantsoen muesli over. Na de lunch zet ik Flora buiten in de wasteil met zout water. Als ze genoeg heeft van haar speelbadje banjert ze aangelijnd rond. Ze weet steeds beter haar evenwicht te bewaren, trekt professioneel aan de lijnen en draait achteloos aan het stuurwiel. Na zeventien dagen op zee snuif ik de groene geur van Paaseiland gretig op. Die heerlijke geur die zoveel betekent. Een hele nacht doorslapen. Schoon schip maken. Onze benen strekken. Het zijn niet zozeer de beroemde beelden zélf die me verbazen, als wel de hoeveelheid. Ze zijn overal. Ze wachten ons op bij de haven, met hun kleine handjes tevreden gevouwen op hun buik. Een wandeling langs de kust, fruit uitzoeken bij de rondrijdende pick-ups, spelen op het strand; het gebeurt allemaal onder toezicht van de stenen hoofden.

34


Vivian Oskam Na acht dagen verandert de situatie van licht oncomfortabel naar problematisch. We hijsen het anker weer op, nog veertien dagen oceaan te gaan. Flora ligt zwetend op de bank. Dapper probeert ze wat te spelen met de Duplo tot ze het gefrustreerd opgeeft. Het enige waar ik haar nog goed mee kan vermaken, zijn animatiefilms en puzzels op de iPhone. Ik voel me een slechte moeder dat ik haar niet meer kan bieden dan dat. Finding Nemo kan ik intussen dromen. “Zal ik eten maken?,” zegt Bram. “Ik pak gewoon even een zak pastasaus.” Dat klinkt ambitieus. De pan kokend water slingert vervaarlijk op het fornuis. Tijdens Brams circuskunsten met pan en theedoek slinger ik Flora in haar hangstoeltje aan tafel. Bram veegt het zweet uit zijn ogen en zet het bordje op het anti-slipmatje voor haar neer. Met een gedecideerd “No, no” duwt ze het weg. Wat ik ook probeer, ze houdt peuterpuberaal vol en neemt geen hap.

Al golft de ankerplaats bij het dorp behoorlijk, we hebben geluk dat we midden op de oceaan even kunnen pauzeren. De weersomstandigheden wisselen hier sterk, waardoor je als zeiler soms niet eens kán stoppen.

35


Wereldreis Tja. Ik zou ook boos zijn als ik zestien maanden oud was en niet kon rennen, springen of zelfs gewoon maar zítten spelen terwijl je dat allang kon. Slapen lukt nauwelijks door het gerol en de hitte. We zijn alle drie moe en prikkelbaar, maar het normale leven gaat door. Ik moet nog brood bakken. Als het meel voor de tweede keer over de vloer keilt, spring ik uit mijn vel. “Ik heb er he-le-maal genoeg van, dat stomme zeilen!” Vier dagen later varen we eindelijk de lagune van de Gambier archipel binnen, de allereerste veilige stop na twee maanden nonstop slingerend wonen. Ik kijk uit over het smaragdgroene water naar het witte strandje honderd meter achter Duende. Onder de stralende zon verbleekt de lange oversteek razendsnel. Zeezeilen is eigenlijk net als bevallen, bedenk ik: als je er eenmaal doorheen bent is het resultaat geweldig en vergeet je ogenblikkelijk alle pijn. Flora zit heerlijk te spelen op het achterdek.

Mijn eerste zorg is verse vitamines. In het winkeltje op het hoofdeiland bestaat de groenteafdeling uit drie lege manden. Aardappels, uien en wortelen komen eens in de maand met de bevoorradingsboot. Fruit wordt niet verkocht, want dat hangt aan de bomen in de tuinen. Sociaal netwerken is de truc om aan vers voedsel te komen. We zeilen binnen de lagune naar een ander eiland. Er staat één huisje op. Met de bijboot roeien we naar het strand. Een mollige, jonge vrouw in kleurige omslagrok komt lachend op ons af schommelen. Ze heeft een kleine jongen op haar arm en een bloem in haar haar. “Bonjour, ik ben Valérie en dit is Ariki. Zijn jullie van de zeilboot?” We knikken. Ze wijst op Flora: “Hoe oud is ze?” Flora en Ariki blijken allebei anderhalf. Na een praatje worden we uitgenodigd voor de lunch, die de mannen de volgende ochtend speervissend gaan vangen. Valérie’s man begroet me op het strand met

36


Vivian Oskam een grote, rode hibiscusbloem in zijn hand. Die moet ik achter mijn oor schuiven. Uren zitten we te tafelen aan het strand met uitzicht op de azuurblauwe lagune en de bergen in de verte, midden in een driedimensionale ansichtkaart omlijst door sierlijke palmbomen. “You don’t know how lucky you are,” zeg ik tegen Valérie. Ze kijkt me stralend aan. Misschien weet ze het wel. Als we weer bij onze bijboot staan geeft Hervé ons een zak boontjes, avocado’s en passievruchten uit eigen tuin mee. En natuurlijk een stam bananen. Hij had me geen groter plezier kunnen doen.

even niet kijkt, staat ze op de giek te dansen of gooit ze papa’s slippers over de reling. Zonder crèche in de buurt is het elke dag, elk uur, elke minuut aan een van ons om te letten op Flora the Explorer, zoals onze medezeilers haar hebben gedoopt. En op het strand is dat een stuk makkelijker. ‘IN DE SUPERMARKT VAN TAHITI DUIZEL IK VAN ALLE WEELDE DIE IK OOIT VANZELFSPREKEND VOND.’ Zonder dat we het onderling afspreken, verzamelt iedereen elke namiddag op het strand. Na vijf maanden zonder echte supermarkt raken op alle boten duidelijk de voorraden op. Langzaam wordt het een sportieve kookwedstrijd ‘Creatief met blik’, waarbij de uitkomst altijd verrassend is. Elke avond worden de bijgerechten belangrijker, elke avond hebben we minder om te barbecueën. Een Duitser weet een kokoskrab te vangen, die we samen delen. Sommigen hebben écht niets meer aan boord en leven van wat er bij de vuurplaats wordt gedeeld. Het is tijd om te gaan. Sommigen zullen we snel weerzien, anderen misschien nooit. Nog één laatste keer delen we ons eten bij de vuurplaats, het centrum van ons universum. De zon schildert een laatste panorama van de zes bootsilhouetten in een zee van pastelkleuren.

Vanaf Gambier zijn de oversteken hooguit een paar dagen voordat we weer in een nieuw, afgelegen paradijs belandden. De atollen van de Tuamotu’s -ringen van koraalzand waar alleen wat palmbomen groeien - zijn eveneens spaarzaam bewoond. Tahanea is zelfs onbewoond. We liggen er met een groepje van zes zeilboten. Ons drijvend dorp dat elk eiland wisselt van samenstelling. Ons dorp waar het niet belangrijk is wat je achternaam is of hoe groot je boot is, waar iedereen altijd voor elkaar klaarstaat. “Ik ga tijdens Flora’s middagslaapje even bij Rod langs,” zegt Bram bij het ontbijt. “Hij heeft een probleem met zijn computer en ik denk dat ik het wel kan fiksen.” Fijn, dan durf ik zo wel te vragen of ik hun wasmachine mag gebruiken voor onze zoute lakens en handdoeken. “Ik moet zo eerst de watermaker spoelen. En ik heb nog wat andere klusjes aan boord te doen,” gaat Bram verder, maar wat hij eigenlijk bedoelt is dat ik met Flora naar het strand moet. Het strand is de enige oplossing om niet door te draaien van onze inmiddels twintig maanden oude peuter die nergens bang voor is. Als je

In de grote supermarkt van Tahiti duizel ik van alle weelde die ik ooit vanzelfsprekend vond. Ik sta in shock voor de muur met verschillende soorten muesli. Goed bevoorraad trekken we eiland hoppend weer verder door Polynesië, richting de Cookeilanden en Tonga.

37


Wereldreis

Net buiten de lagune van Maupiti, het buureiland van Bora-Bora, wacht ons een verrassing. Twee walvisruggen breken vlak bij onze bijboot door het wateroppervlak. Een enorme staart verschijnt en glijdt soepel het water weer in. Flora schrikt ervan en jammert zachtjes. Bram springt in het water; ik twijfel even, maar dan spring ik er ook in met Flora naast me in haar babydrijfstoel. Ik kijk door mijn duikbril. Uit het grote blauwe niets zie ik de walvissen weer omhoogkomen. Ik lig in peilloos diep water met mijn baby naast me, voor twee aanstormende supertankers. Even voel ik een lichte paniek. Flora ziet gelukkig niet wat er onder haar voeten doorglijdt. Twee

zwart-witte flanken halen naast ons adem boven water. Ik zie een oog, het ziet mij denk ik ook. Ze passeren ons rakelings en verdwijnen dan weer in het bodemloze blauw. Aangekomen in Nieuw-Zeeland kijk ik uit over de haven vol zeilboten van over de hele wereld. Terugdenkend aan dat moment toen we net deze machtige oceaan op zeilden kan ik mezelf volmondig antwoorden: ja, dit was een heel goed idee. Een van de beste beslissingen in mijn leven; om de Grote Oceaan op te zeilen - ook met onze kleine baby. Toch nemen we het besluit om te stoppen. Met een klein kind aan boord hebben we niet genoeg

38


Vivian Oskam tijd meer om tussentijds geld te verdienen en daarbij wordt Duende ook steeds kleiner. Onze tweejarige peuter heeft meer ruimte nodig voor haar ontdekkingsreizen. Daarbij voelen we ons voldaan. Er past nauwelijks nog iets bij in mijn database. Nieuw-Zeeland lijkt erg geschikt voor een nieuw avontuur op één plek. Er ligt een zee van mogelijkheden voor onze voeten. Ik weet dat ik geen eeuwige zwerver wil zijn en ik weet zéker dat ik genoeg heb van het alsmaar afscheid nemen, maar het afscheid van dit bijzondere bootleven te midden van ons internationale dorp doet pijn. Ik probeer het vertrouwde toplicht van Duende te ontdekken in het woud van masten. Zij gaf me al die jaren houvast, een thuis, een richting.

Dit verhaal is samen met 26 andere boeiende portretten verschenen in het boek ‘Wereldwijven’. Allemaal waren ze lid van het Wereldwijven netwerk, schrijvend voor LINDAnieuws.nl. Nu hebben ze hun eigen verhaal opgeschreven. Boeiende en kleurrijke lotgevallen van Nederlandse vrouwen op diverse continenten.

Geluidloos lopen de tranen over mijn wangen. Niet van verdriet, niet van geluk, maar om de trouwe boot, die mijn wensen vervulde. We zullen haar moeten verkopen om een nieuwe start te kunnen maken. Ik bedank haar uit het diepst van mijn hart. Zonder haar had ik niet ervaren dat écht alles kan als je er maar voor kiest. Zonder haar had ik niet het mooiste kind ter wereld in Patagonië gemaakt. Zonder haar zou ik geen stormen hebben overleefd, niet hebben gezwommen met zeeleeuwen en manta roggen, geen zandschilderij hebben gekregen, geen afgelegen paradijzen hebben ontdekt. Zonder haar zou ik niet hebben geweten dat de wereld, die ons overal met open armen ontving, niets minder dan mijn thuis is.

Wereldwijven

27 portretten van grensverleggende Nederlandse vrouwen

UItgeverij Grenzenloos ISBN 9789461852007 Prijs € 19,95 O.a. te koop bij: Emigratieboek.nl en VanDorp.net

Tekst & foto’s: Vivian Oskam

39


Het volgende nummer van Grenzenloos Magazine verschijnt begin juli 2017

P O O K E AL T R E V O 95 , 9 NU 1 â‚Ź s t h voor slec 40

Profile for Grenzenloos Magazine & Books

Grenzenloos Magazine 35 - Mei/Juni 2017  

Het gratis online magazine voor (potentiële) emigranten, expats en tweedehuisbezitters.

Grenzenloos Magazine 35 - Mei/Juni 2017  

Het gratis online magazine voor (potentiële) emigranten, expats en tweedehuisbezitters.

Advertisement