Skip to main content

Memorandum "De Zevensprong"

Page 1


DE ZEVENSPRONG

Vlaanderen telt, anno 2011, ongeveer 400 jeugdhuizen en jongerencentra. Deze organisaties nemen een belangrijke plek in hun gemeente in. Ze bieden jongeren een laagdrempelige ontmoetingsplaats en een eigen stek aan. Vanuit deze ontmoeting ontstaan boeiende processen tussen jongeren. Ze leren elkaar kennen, organiseren er de zotste activiteiten en geven samen richting aan het beleid van het jeugdhuis. Het zijn leer- en experimenteerplekken waar jongeren kansen krijgen.

Formaat Jeugdhuiswerk Vlaanderen helpt jeugdhuizen en jongerencentra waar we kunnen. Formaat beantwoordt vragen, brengt mensen samen, geeft vorming en versterkt de stem van jonge jeugdhuisvrijwilligers. Samen met de jeugdhuizen – en vooral met de jongeren die er actief zijn – bouwt de federatie zo aan een sterk jeugdbeleid met nog straffer jeugdhuiswerk.

Maar dit kunnen we niet alleen. De lokale overheid speelt een cruciale rol.

Al tientallen jaren erkennen gemeentebesturen het belang van jeugdhuizen voor het lokale beleid. Ze stellen gebouwen ter beschikking, bieden subsidies aan, ondersteunen jeugdhuismedewerkers bij inhoudelijke vragen.

Met dit memorandum wil Formaat zijn steentje bijdragen om het lokale jeugdbeleid nog te versterken. We schuiven zeven uitdagingen naar voren die volgens ons de nodige aandacht verdienen in de komende legislatuur. Zet in op deze zevensprong voor een kwaliteitsvol jeugdbeleid met succesvolle jeugdhuizen en een sterke positie van jongeren in de gemeente.

KWALITEITSVOLLE SUBSIDIEREGELING

De meeste jeugdhuizen en jongerencentra krijgen van hun gemeentes subsidies. Het subsidiebeleid is echter te vaak een keurslijf met strakke criteria. Formaat pleit voor een subsidieregeling waar kwaliteit primeert boven kwantiteit. Een kwaliteitsvol subsidiebeleid is immers de motor voor een goede relatie tussen jeugdhuizen en hun gemeente.

Betrokkenheid als basis

Essentieel is dat jeugdhuisvrijwilligers betrokken zijn bij de ontwikkeling van de subsidieregeling en dat ze zich kunnen vinden in de subsidiecriteria. Op die manier zullen ze ook gedreven zijn om er in de praktijk werk van te maken.

Aanpasbaar

Jeugdhuizen zijn een product van jongeren. Ze zijn dus continu in ontwikkeling. Vrijwilligers komen en gaan en ook de samenstelling van het bestuur wijzigt regelmatig. Daardoor veranderen de doelstellingen, de cultuur en de visie van het jeugdhuis van tijd tot tijd. Het is belangrijk dat jeugdhuis en jeugddienst regelmatig de koppen bij elkaar steken om de subsidieregeling te evalueren.

Ruimte voor eigen accenten

Subsidiecriteria worden best niet te strak geformuleerd. In het ideale geval bepalen de kwaliteitscriteria de grote lijnen. Vrijwilligers kunnen dan zelf beslissen hoe ze deze algemene doelstellingen in de praktijk zullen realiseren. Een subsidieregeling mag richting geven aan jeugdhuizen, maar mag geen strak keurslijf worden.

Formaat stelt voor om een vaste basissubsidie op basis van kwaliteitscriteria te koppelen aan een jaarlijks aanpasbare afsprakennota. Op die manier krijgen jeugdhuismedewerkers de kans om zelf bepaalde accenten te leggen. Ze worden hier ook effectief in ondersteund en voor beloond. Zo creeer je een gedeelde verantwoordelijkheid en leg je de basis voor een goede relatie tussen het jeugdhuis en de gemeente.

Formaat droomt van • gemeenten die jeugdhuisvrijwilligers betrekken bij het ontwikkelen of aanpassen

van een subsidieregeling.

• kwaliteitsvolle subsidieregelingen waarin jeugdhuismedewerkers eigen accenten kunnen leggen.

VOLDOENDE VORMINGSSUBSIDIES

Vorming, training en opleiding hebben een positief effect. Zowel jeugdverenigingen als jongeren zelf hebben er baat bij. Enerzijds geeft kadervorming een belangrijke impuls om de kwaliteit van een jeugdvereniging te verbeteren. Anderzijds verbreedt vorming de leefwereld van jongeren. Vorming activeert, motiveert en inspireert hen.

Brede interpretatie

Dat gemeentes willen investeren in vorming, kunnen we alleen maar toejuichen. Verschillende gemeentes bieden nu al vormingssubsidies aan. Maar de reglementen en budgetten zijn aan verbetering toe.

Gemeentes interpreteren het begrip kadervorming soms zeer eng. Formaat vindt dat deze term net heel breed geïnterpreteerd mag worden. Alle vormingen, trainingen en opleidingen die aansluiten bij datgene waar jongeren zich voor engageren, moeten in aanmerking komen voor subsidies.

Eenvoudig

Wie vorming echt wil stimuleren, maakt het jongeren liefst zo gemakkelijk mogelijk. Verschillende jongeren betalen opleidingen van hun eigen cen-

ten. Betaal daarom 100% van de vormingskosten terug.

Laat ook toe dat jeugdverenigingen de subsidies aanvragen voor hun vrijwilligers … Ook al komen die vrijwilligers uit buurgemeenten. Op die manier hoeven jongeren zelf niet te prefinancieren en bespaar je hen ook wat administratief geregel. Ga er niet vanuit dat jongeren het systeem zullen misbruiken. Dubbele subsidiëring valt gemakkelijk uit te sluiten.

Voldoende budget

Tot slot vragen we ook om voldoende budget te voorzien voor vormingssubsidies. Neemt het budget jaar na jaar af omdat er te weinig subsidies aangevraagd worden? Concludeer dan niet meteen dat jongeren geen vorming meer willen volgen. Vraag je af of de vormingssubsidies wel genoeg gekend zijn. Maak je aanbod bekend.

Formaat

droomt van

• een jeugdbeleid met voldoende geld om kadervorming te subsidiëren. • gemeenten die aan jongeren de volledige vormingskost terugbetalen. • jeugdverenigingen die vormingssubsidies kunnen aanvragen voor hun vrijwilligers. • gemeenten waar jongeren weten dat er vormingssubsidies zijn.

INFRASTRUCTUUR

Jeugdhuizen en jongerencentra zijn niet enkel organisaties, het zijn ook fysieke plekken. Om elkaar te kunnen ontmoeten en een gezellige werking uit te bouwen, hebben jongeren nood aan een eigen plek. Een kwaliteitsvolle plek die veilig en flexibel is.

Veilig

Jeugdhuizen moeten onderhouden worden. Jongeren kunnen gelukkig veel zelf. Maar ondersteuning is zeker welkom. Infrastructuur blijft een belangrijk aandachtspunt in het jeugdbeleid. Veiligheid kost geld. Gemeenten kunnen subsidies toekennen voor herstellingswerken, brandveiligheidsmateriaal, inbraakwerend glas …

Maar ook andere vormen van ondersteuning zijn mogelijk. Je kan materiaal en kennis ter beschikking stellen. De gemeente kan zwaar materieel, zoals bijvoorbeeld een betonmolen, ontlenen aan het jeugdhuis. Bovendien heeft een gemeente vaak heel wat deskundigen in huis: ingenieurs, architecten, brandweer, politie, klusjesmannen … Zij kunnen de vrijwilligers vanuit een ondersteunende rol adviseren of zelfs een handje toesteken.

Flexibel

Het ideale jeugdhuis is die plek waarin jongeren ten volle een kwaliteitsvolle jeugdhuiswerking kunnen uitbouwen. Veel hangt dus af van de jongeren zelf. Als je gemeente werk maakt van het bouwen of verbouwen van een jeugdhuis of jongerencentrum, betrek dan de jongeren die het in de toekomst zullen gebruiken. Jongeren voelen zich immers heel verbonden met hun plek.

Formaat droomt van jeugdhuizen die over verschillende ruimtes beschikken. Ruimtes die flexibel genoeg zijn om allerlei soorten activiteiten mogelijk te maken: concerten, gezellige ontmoetingsmomenten, fuiven, vormingsmomenten, vergaderingen … En ook ruimtes die flexibel genoeg zijn om allerlei jongeren een fijne plek te bieden: de huidige generatie, de jongeren van morgen, de jeugdvereniging uit de buurt … Zo kunnen jeugdhuizen een open werking uitbouwen in een open infrastructuur.

Formaat droomt van • gemeenten die jeugdhuizen ondersteunen op vlak van infrastructuur op financieel, ma- terieel en inhoudelijk vlak. • gemeenten die werk maken van kwaliteits- volle jeugdhuisinfrastructuur met oog voor veiligheid en flexibiliteit.

NIEUWE GELUIDSNORMEN

Vanaf 1 januari 2013 is de vernieuwde VLAREM van kracht. Dit heeft impact op alle jeugdhuizen en jongerencentra in Vlaanderen, en bij uitbreiding op alle permanente en tijdelijke fuif- en concertplekken in de gemeente. Toch hoeft deze nieuwe regelgeving geen domper te zijn op de muziekvreugde.

Deze nieuwe regels zullen heel wat inspanningen vragen van jonge organisatoren. Ze verdienen dan ook voldoende ondersteuning. Formaat is ervan overtuigd dat kwaliteitsvolle muziekbeleving binnen deze normen dan mogelijk blijft.

Administratieve eenvoud

Vele jeugdhuizen zullen een Klasse-3-melding doen. Dit houdt in dat zij permanent een geluidsvolume mogen realiseren tot 95dB(A)LAeq,15min. Ze mogen hier echter uitzonderingen op vragen om verschillende keren tot 100dB(A)LAeq,60min. te gaan: • onbeperkt aantal uitzonderingen tussen 12u en 24u (ideaal voor concerten).

• 12 keer per jaar een uitzondering voor een langere periode (ideaal voor fuiven).

De gemeente kan ervoor zorgen dat organisatoren de uitzonderingen eenvoudig kunnen verkrijgen. Meerdere aanvragen voor een heel kalenderjaar kunnen best gezamenlijk gebeuren. Zo kan het jeugdhuis bijvoorbeeld voor het wekelijkse concert op vrijdag een aanvraag voor een heel jaar indienen.

Akoestische sanering

Jeugdhuizen zijn vaak kleine ruimtes. Het is dan extra moeilijk om onder 100dB(A)LAeq,60min. te werken. Jeugdhuizen die willen inzetten op kwaliteitsvolle concerten en fuiven moeten akoestisch gesaneerd worden op basis van een akoestische screening door een erkend geluidsbureau. Dit is specialistenwerk!

Geluidsmeter

Elk jeugdhuis zal permanent moeten beschikken over een geluidsmeter. We rekenen erop dat de gemeenten deze meter zullen voorzien indien Vlaanderen hiervoor geen middelen ter beschikking stelt. De milieudienst kan een ondersteunende rol opnemen in de ondersteuning van het gebruik van deze meter.

Formaat droomt van • jeugdhuizen en jongerencentra die hun fuif- en concertwerking kwaliteitsvol kunnen uitbouwen. De kosten voor geluidsmeters dienen de werkingen niet zelf te dragen. • milieudiensten die jeugdhuizen en jongerencentra ondersteunen met hun expertise over het meten van geluidsniveaus. • jeugdhuizen en jongerencentra die een goede binnenakoestiek hebben waardoor de nieuwe geluidsnormen haalbaar zijn.

AUTONOME JEUGDHUIZEN

Jeugdhuizen zijn er voor en door jongeren. Ze ontstaan uit een groep jongeren die de handen in elkaar slaan om een aantrekkelijk vrijetijds- en ontmoetingsaanbod voor jongeren te organiseren. Dat betekent dat jongeren de eindverantwoordelijkheid dragen in de organisatie, zowel formeeljuridisch als informeel. Jeugdhuizen zijn een dynamisch product van jongeren zelf.

Gelijkwaardige dialoog

Daarom is het belangrijk dat gemeenten jongeren voldoende vrijheid en autonomie geven om hun werking vorm te geven en beslissingen te nemen. Deze autonomie – lees: de kans om zelf het jeugdhuis vorm te geven – is een belangrijke motivator voor het engagement van jongeren.

Natuurlijk stellen gemeentebesturen ook een aantal verwachtingen naar jeugdhuizen die ze subsidieren en ondersteunen. Formaat gelooft dat jeugdhuizen en jeugddiensten best regelmatig samen zitten. Om samen de uitdagingen te formuleren en samen op zoek te gaan naar manieren om deze te realiseren.

EVA’s en IVA’s

Het nieuwe Gemeentedecreet stelt dat (para)gemeentelijke vzw’s die taken van gemeentelijk belang uitoefenen, omgevormd moeten worden tot interne of externe verzelfstandigde agentschappen (IVA’s of EVA’s). Een grotere verzelfstandiging van (para)gemeentelijke jeugdhuizen kan een boost geven aan de jeugdhuiswerking maar de (beheers) structuur moet werkbaar blijven. De inspraak van de jongeren zelf is in zo’n proces cruciaal.

Problematischer is de omgekeerde beweging. De meeste jeugdhuizen zijn autonome vzw’s. Omvorming van de autonome vzw’s tot EVA/IVA is niet wenselijk noch werkbaar. Mogelijks komen jeugdhuizen die personeelssubsidies krijgen van de gemeente in het vizier bij de omvorming naar EVA/ IVA. Formaat pleit resoluut voor het voortbestaan van jeugdhuizen als onafhankelijke, autonome vzw’s.

Formaat droomt van

• autonome jeugdhuizen en jongerencentra, ook wanneer de gemeente personeelssubsidies ter beschikking stelt. • een goede band tussen jeugdhuizen en jeugddiensten, gebaseerd op vertrouwen en gelijkwaardige dialoog.

RELEVANT JEUGDWERK

Jeugdwerk is maar relevant als het vertrekt van wat kinderen en jongeren belangrijk vinden. De inhoud en doelstellingen primeren dus op de vorm. Alle kinderen en jongeren hebben immers recht op voor hen nuttig jeugdwerk.

Allochtone jongerenorganisaties

Sinds 2008 ondersteunt Formaat een 50-tal jongerenorganisaties van jongeren met een andere etnische afkomst. Ze slagen er onder meer in om met weinig middelen en ondersteuning heel wat jongeren te bereiken, organiseren laagdrempelige activiteiten, en schrijven mee aan een sterk lokaal jeugdwerk.

Deze organisaties hebben het niet makkelijk om zich in ons traditioneel plaatje van jeugdhuizen, jeugdbewegingen en speelpleinen in te passen. Het zijn vaak jonge verenigingen die sterk vertrekken vanuit behoeften. Daardoor houden ze zich naast ontmoeting ook bezig met voetbaltraining, huistaakbegeleiding … Ze werken ook vaak intergenerationeel: naast kinderen jongeren zijn er ook volwassen actief in de vereniging. De vrijwilligers vinden niet of moeilijk de weg naar de ondersteunende gemeentediensten.

De vrijwilligers vinden niet altijd de weg naar de ondersteunende gemeentediensten. Ze werken vaak intergenerationeel: naast kinderen jongeren zijn ook volwassen actief in de vereniging.

Formaat pleit ervoor de verengingen erkenning te geven voor wat ze doen in plaats van wat ze niet doen of wat ze te veel doen. De gemeente dient zijn traditioneel plaatje aan te passen zodat verenigingen erin kunnen passen en niet andersom.

Uitdagen en ondersteunen

In heel wat steden en gemeenten zal – niet in het minst door de demografische evoluties – het gevestigde jeugdwerk zich de volgende jaren moeten heruitvinden. Formaat pleit ervoor jeugdhuizen te prikkelen hierover na te denken. Als open jeugdwerkorganisaties hebben ze troeven om zich flexibel op te stellen. Vanuit de lokale context kan een dialoog opgestart worden over de buurt, doelstellingen en bereik. Ook hier geldt dan dat relevantie primeert op de vorm. Daar moet ruimte en ondersteuning voor zijn.

Formaat droomt van • een jeugdbeleid dat verenigingen erkent en subsidieert om wat ze doen in de praktijk, en niet om wie ze zijn of onder welke jeugd- werkvorm ze al dan niet vallen. • een jeugdbeleid dat jeugdhuizen prikkelt om zich als open jeugdwerkorganisaties flexi- bel op te stellen zodat nieuwe jongeren- groepen kunnen aangesproken worden.

GAS TERUGNEMEN

Gemeentes gebruiken de GAS, de gemeentelijke administratieve sanctie, om overlast op een gemakkelijke manier te bestrijden. Met het huidige systeem worden jongeren sterk geviseerd. Bovendien duiken er regelmatig voorstellen tot uitbreiding van de GAS op, die de situatie alleen nog zullen verergeren.

Jongeren moeten jong kunnen zijn. Dit betekent dat ze ruimte moeten krijgen om te experimenteren. Letterlijk en figuurlijk. Die ruimte komt meer en meer onder druk te staan. De aanwezigheid van jongeren in de publieke ruimte wordt te vaak als problematisch ervaren.

Overregulering

Door het toenemend aantal regels, die verschillen van gemeente tot gemeente en soms zelfs van straat tot straat, begrijpen jongeren niet altijd wat mag en niet mag. Bovendien zijn er veel betere alternatieven om mensen te laten samenleven dan het opstellen van een eindeloos politiereglement.

Overlast

Overlast is een subjectief gegeven. Nu is het vooral de oudere generatie die bepaalt wat overlast is.

Jongeren hebben hier geen inspraak in. Zij worden zelden gehoord in het veiligheidsdebat. Ze worden louter als dader bestempelt, als veroorzaker van overlast. Jongeren hebben nochtans een mening. De publieke ruimte maakt deel uit van hun leefwereld en zij maken deel uit van de publieke ruimte. Hun stem telt.

Vrijwilligers

Formaat ving verschillende signalen op van jonge vrijwilligers die omwille van hun engagement

in het jeugdhuis een GAS kregen. De GAS wordt misbruikt om aan burgers te laten zien dat de gemeente optreedt tegen wat mensen als overlast ervaren. Maar mogelijke conflicten tussen jeugdhuizen en de mensen in hun omgeving worden hiermee niet opgelost. Op lange termijn heeft dit zelfs een tegengesteld effect.

Bovendien zijn het niet enkel de jeugdhuisvzw’s die een GAS krijgen. Ook jonge vrijwilligers – die op het moment van overlast zelfs niet eens aanwezig waren in het jeugdhuis – krijgen een GAS in de brievenbus. Evoluties die Formaat op z’n zachtst gezegd verontrustend vindt.

Formaat droomt van

• gemeenten die het opnemen voor jongeren en hun verenigingen wanneer deze geconfronteerd worden met onverdraagzaamheid.

• gemeenten die jongeren betrekken bij het veiligheidsdebat.

• gemeenten die een positief beleid voeren waarin regels beperkt, duidelijk en gekend zijn.

EEN MEESTERLIJK PLAN

Op 14 oktober 2012 trekken we massaal naar de stembussen. We bepalen wie onze gemeentes zullen besturen tijdens de komende zes jaren. Onder de stemmers zijn er heel wat jongeren. Jongeren met dromen, jongeren met plannen, jongeren die uitspreken in welke politici zij vertrouwen hebben. Maar op 14 oktober ontbreken er ook heel wat jongeren. De generatie -18-jarigen kiest niet mee.

Gelukkig is 14 oktober 2012 slechts een beginpunt. De dagen, weken, maanden en jaren die volgen, daar draait het om.

In 2013 maken alle gemeentes werk van een meerjarenplan. Een grote uitdaging. Het lokale jeugdbeleid vormt ongetwijfeld een onderdeel van dit gemeentelijk masterplan. Maar in welke mate, op welke manier en – niet onbelangrijk – met hoeveel middelen kunnen we niet voorspellen. En dat baart ons soms zorgen.

Formaat roept op om jongeren een cruciale plaats te geven in de meerjarenplannen. Want jongeren nemen een cruciale plaats in de gemeente in. Betrek hen op alle mogelijke vlakken, zowel bij de opmaak als de uitvoering van het plan. Maak werk van een breed en sterk jeugdbeleid waarin jongeren hun ding kunnen doen, waarin jonge vrijwilligers naar waarde geschat worden en waarin jeugdhuiswerk kan groeien.

Een jeugdhuis in je gemeente

Formaat wil schepenen en jeugdconsulenten inspireren over hoe een gemeentelijke subsi- dieregeling jeugdhuizen tegelijk kan ondersteu- nen en stimuleren om hun werking verder uit te bouwen. We bieden ook een werkvorm aan met een stappenplan om de subsidieregeling samen met jeugdhuizen te evalueren en aan te passen. Ook los van de financiële ondersteuning geeft de brochure tips en tricks over gemeentelijke jeugd- huisondersteuning.

We ontwikkelden deze brochure met de mede­ werking van VVJ, de Vereniging Vlaamse Jeugd­ diensten. Bestellen kan via www.formaat.be.

Met de steun van de Vlaamse Gemeenschap Gedrukt op gerecycleerd papier
V.U.: Tom Willox, Moerheide 9, 9220 Hamme

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Memorandum "De Zevensprong" by Formaat vzw - Issuu