Issuu on Google+

FoliaMagazine weekblad voor HvA en UvA

De kunst ligt op straat Een wandeling langs Amsterdamse streetart

Louise Gunning The best man for the job De Vuijsjes Zoon Robert en vader Bert over het boek & zichzelf

nr. 21 15/02/2012


BEZOEK > LEES > VOLG > LIKE > KIJK!

43e editie met

BRUCE SPRINGSTEEN & THE E-STREET BAND

LIVEXS POPmaGaZInE GEEft 250 GaStEnLIJStPLaatSEn WEG VOOr dE PInKPOP PErSPrESEntatIE 2012.

THE CURE SOUNDGARDEN

Woensdag 29 februari wordt van 12:00 tot 14:00 uur in Paradiso Amsterdam de volledige line-up van Pinkpop 2012

MUMFORD & SONS

bekend gemaakt en vinden er verschillende optredens en de uitreiking van de Jan Smeets Award 2012 plaats.

more to follow

POPMA GRATIS

NR 1+2

JAARGA

JANUAR

NG 17

I/FEBR

A' S

POPMA

PPODIA VA N D E P O

DER LAGE LANDEN

NR 1+2

JAARGA

JANUAR

NG 17

A' S

POPMA

PPODIA VA N D E P O

GRATIS

DER LAGE LANDEN

NR 1+2

JAARGA

JANUAR

NG 17

I/FEBR

POPMA GRATIS

DER LAGE LANDEN

NR 1+2

I/FEBR

NK DRUGS, DRA S SEX MET EZEL

N

OFF 5 DAYS

LIV EXS

SPE

LIVEX S

DE WERELD

LIVEXS

IS GRATIS

VERKR

EN

IJGBAA

R IN POPPO

EN, NET BEGONN E? BEST NU AL DE

SPECI AL

DOPE D.O.D. UW MEN RA "WE KO

CIA L

GAZINE POPMA GRATIS

NR 1+2

PLATENSPEC DIA, BIJ

EN VIES!"

ERL RD, NU NED IS VEROVE

IAALZA

VOORV KEN EN

ERKOO

PPUNT

OFF 5 DAYS

HET ALLES OVER FESTIVAL LIV EXS

SPE

N

CONCE EN VAN

RTKAA

RTEN

LIVEXS

IS GRATIS

VERKR

LIVEX S

IJGBAA

R IN POPPO

EN, NET BEGONN E? BEST NU AL DE

SPECI AL

EN, NET BEGONN E? BEST NU AL DE

SPECI AL

OFF 5 DAYS

HET ALLES OVER FESTIVAL

DE WERELD

AND NOG

JANUAR

NG 17

I/FEBR

LIVEXS.NL UARI 2012

KAARTVERKOOP START ZATERDAG 3 MAART 2012

N

PLATENSPEC DIA, BIJ

EN VIES!"

LIV EXS

VOORV KEN EN

ERKOO

PPUNT

UW MEN RA "WE KO

EN VIES!"

CONCE EN VAN

RTKAA

RTEN

IAALZA

OnLIn LIVEXS

OFF 5 DAYS

HET ALLES OVER FESTIVAL LIV EXS

SPE

CIA L

IS GRATIS

VERKR

IJGBAA

R IN POPPO

PLATENSPEC DIA, BIJ

LIVEX

VOORV KEN EN

ERKOO

PPUNT

CONCE EN VAN

E!

RTKAA

RTEN

DOPE D.O.D.

DE WERELD

LIVEXS

IS GRATIS

VERKR

IJGBAA

R IN POPPO

EN, NET BEGONN E? BEST NU AL DE

SPECI AL LIVEX S

UW MEN RA "WE KO

CIA L

ERLAND NOG RD, NU NED IS VEROVE DE WERELD

ERLAND NOG RD, NU NED IS VEROVE

IAALZA

SPE

RA FTS RATS ON

EN

RA FTS RATS ON

EN

DOPE E P L EE DO DS.O.D. . L D I . V EXS D.O LIVEX S

UW MEN RA "WE KO

CIA L

JAARGA

LIVEXS.NL UARI 2012

KASA BIA

RA FTS RATS ON

RA FTS RATS ON

EN

HET ALLES OVER FESTIVAL

JANUAR

NG 17

NK DRUGS, DRA S SEX MET EZEL

N

DER LAGE LANDEN

NK EN DRUGS, DRA S SEX MET EZEL

KASA BIA

EN, NET BEGONN E? BEST NU AL DE

DER LAGE LANDEN

A' S

PPODIA VA N D E P O

LIVEXS.NL UARI 2012

LIVEXS.NL UARI 2012

RA FTS RATS ON

JAARGA

I/FEBR

LIVEXS.NL UARI 2012

NK DRUGS, DRA S SEX MET EZEL

KASA BIA

PPODIA VA N D E P O

PROGRAMM

GAZINE

A' S

PPODIA VA N D E P O

N KASA BIA

KASA BIA

NK DRUGS, DRA S SEX MET EZEL

60

60

GAZINE

PROGRAMM

PROGRAMM

A' S

GAZINE

PROGRAMM

GRATIS

60

60

60

GAZINE

RUIM

RUIM

RUIM

RUIM

RUIM

chEcK: WWW.LIVEXS.nL/WIn En maaK KanS!

PROGRAMM

PLATENSPEC DIA, BIJ

EN VIES!"

ERLAND NOG RD, NU NED IS VEROVE

IAALZA

VOORV KEN EN

ERKOO

PPUNT

CONCE EN VAN

RTKAA

RTEN

OFF 5 DAYS

HET ALLES OVER FESTIVAL LIV EXS

SPE

LIVEX S

DOPE D.O.D. UW MEN RA "WE KO

CIA L

DE WERELD

LIVEXS

IS GRATIS

VERKR

IJGBAA

R IN POPPO

SPECI AL

PLATENSPEC DIA, BIJ

EN VIES!"

Dagkaart (ZA/ZO/MA): € 80,- / Weekendkaart (3-dagen incl. camping): € 160,(prijzen excl. servicekosten). Kaarten vanaf 3 maart verkrijgbaar via TicketService bij de grotere VVV-kantoren, de grote Free Record Shops, www.ticketservice.nl, tel: 0900 - 300 1250 (45 cpm) en eigen voorverkoopadressen Buro Pinkpop.

ERLAND NOG RD, NU NED IS VEROVE

IAALZA

VOORV KEN EN

ERKOO

PPUNT

CONCE EN VAN

RTKAA

RTEN

zie voor alle informatie en het laatste nieuws

www.pinkpop.nl

S.nL

LIVEXS POPmaGaZInE IS OffIcIEEL mEdIaPartnEr Van PInKPOP 2012 LIVEXS.nL > tWIttEr.cOm/LIVEXS > facEBOOK.cOm/LIVEXSPOPmaGaZInE > YOUtUBE.cOm/LIVEXStV

tWIttEr.cOm/PInKPOPfESt > facEBOOK.cOm/PInKPOPfEStIVaL > PInKPOPfEStIVaL.hYVES.nL


inhoud #21 De straat als museum 10

redactioneel 10

Kunst op straat – streetart – in Amsterdam blijkt vooral braaf. ‘Er is niet zo veel om tegen te vechten.’

It gie net oan 23

Johan Hendriks bereidde zich voor op de Tocht der Tochten. Tevergeefs.

Schrijven in het bloed 28

23

De familie Vuijsje bezweert haar verlegenheid door te schrijven. Romancier Robert in gesprek met zijn vader: journalist en docent Bert Vuijsje.

Ongezonde heelmeesters 34

Geneeskundestudenten drinken te veel en eten ongezond. Maar worden ze daardoor slechtere artsen?

Mevrouw de voorzitter 36

28

Louise Gunning is de nieuwe voorzitter van het College van Bestuur van UvA-HvA. Een profiel. ‘Ze laat zich niet onder tafel praten.’

34

en verder uitgelicht 6-7 de week/het moment/navraag 8-9 passie 17 opinie 18-21 Asis Aynan 19 promoties 20 Emma Curvers 21 objectief 26-27 drift 40 de adviesdienst 41 op de tong 43 lezingenladder 44 overigens 45 prikbord 46-47 wasdom 48-49 stage 49 toehoorders 50 de lezer/deining 51

4

FoliaMagazine

Aantekeningen uit de Bijenkorf

Op vrijdagmiddag liep ik in de Bijenkorf op zoek naar een cadeau toen ik tegelijkertijd gebeld werd, een sms kreeg en gewhatsappt werd. Kennelijk was zojuist bekend geworden dat ‘we’ een nieuwe voorzitter van het College van Bestuur (CvB) hadden, in de persoon van Louise Gunning. In het altijd sfeervolle café van de Bijenkorf bestelde ik een kop koffie en schreef de volgende invallen op een servet. Drie weken geleden verscheen er in Folia Magazine een groot stuk over wie de nieuwe CvB-voorzitter zou kunnen worden. Alexander Rinnooy Kan en Ernst Hirsch Ballin gooiden hoge ogen. Eén ding dachten we zeker te weten: het zou geen vrouw worden. Het bestuur bestond immers met Dymph van den Boom en Jet Bussemaker al voor twee derde uit vrouwen. Maar we hadden buiten de waard gerekend: de sollicitatiecommissie zocht ‘niet naar een man of een vrouw, maar naar kwaliteit.’ Louise Gunning is de derde vrouw in het CvB en de UvA-HvA is daarmee waarschijnlijk de enige instelling voor hoger onderwijs die grotendeels wordt gerund door vrouwelijke bestuurders. Vorig jaar werd Gunning benoemd tot erelid van Mfas, de studievereniging van het AMC. Studenten roemden Gunning als een betrokken, bereikbaar én enthousiast AMC-voorzitter. Hopelijk spreekt de rest van de studenten van de UvA en de HvA aan het einde van Gunnings termijn als collegevoorzitter even lovende woorden. De voorzitter van het CvB wordt automatisch lid van de Raad van Toezicht van het AMC. Dat kan eventueel ingewikkeld worden, omdat Gunning toezicht gaat houden op een organisatie waar ze zelf tot voor kort het beleid mede heeft bepaald. Dat is een aandachtspunt. Mensen die met haar gewerkt hebben, zeggen dat Louise Gunning standvastig is, goed kan debatteren en inhoudelijk zeer sterk is. Daarnaast schijnt ze erg goed te kunnen luisteren. Ik wens mevrouw Gunning veel succes en kijk uit naar de samenwerking. Vanaf pagina 36 kunt u een profiel van de nieuwe voorzitter van het CvB lezen. Jim Jansen, hoofdredacteur Folia Magazine, jim@folia.nl, @jimfjansen (twitter)

36

FoliaMagazine

5


Kunst of kinderhand? Is het een heus kunstwerk van Paul Klee of een hoogst kunstzinnige kindertekening? En ziet iemand überhaupt het verschil tussen echte kunst of het werk van een kinderhand?

N

aar deze vragen wordt sinds begin februari onderzoek gedaan in twee wetenschappelijke onderzoeken. Samen met het Cobra Museum heeft de afdeling ontwikkelingspsychologie van de UvA de onderzoeken Onderzoekslab in het museum en op scholen en Online Experiment opgezet. In het online experiment worden de werken van kunstenaar Paul Klee vergeleken met kindertekeningen. Het experiment, geleid door experimenteel psycholoog

Thomas Pronk (UvA), richt zich via een aantal aspecten, zoals vaardigheid, originaliteit, opwekkend karakter en schoonheid, op de vraag of deelnemers het verschil kunnen zien tussen de werken van kunstenaar Paul Klee (1897-1940) óf de tekenhand van een kind. Hiervoor gebruikt Pronk kindertekeningen die zijn gemaakt op een buitenschoolse opvang. De experimenteel psycholoog zal de resultaten vervolgens meten via een waarderingsmodel van de Noorse kunstonderzoeker Henrik Hagtvedt. Het Cobra

5

3

1

Museum in Amstelveen werkt voor het eerst met de wetenschap samen, voor de internationale tentoonstelling Klee en Cobra. Het begint als kind. Het museum verwacht dat de echte meester Klee zich met zijn schilderijen duidelijk zal onderscheiden van de verzameling kindertekeningen. Het online experiment is gedurende de hele tentoonstellingsperiode (28 januari tot en met 22 april) toegankelijk via www.cobramuseum.nl/psychologie. yyy Annemarie Vissers

Vogelpaar (Vogelpaar), 1939, 1077 Gekleurde lijmverf op papier op karton 20,8 x 29,4 cm Zentrum Paul Klee, Bern, schenking Livia Klee Pferd am Waldsee (Paard bij bosmeer), 1940, 309 Aquarel en gekleurde lijmverf op papier op karton 29 x 20,7 cm Particuliere collectie, Zwitserland

4

De nummers 1, 5 en 6 zijn kindertekeningen. De nummers 2 t/m 4 zijn litho’s van Paul Klee: Muttertier (Moederdier), 1937, 32 Olieverf op behandeld papier op karton 20,9 x 32,8 cm Zentrum Paul Klee, Bern

6 2

6

FoliaMagazine

FoliaMagazine

7


de week

‘E

Zwakke broeders en het erotisch kapitaal van de Medezeggenschapsraad

8

foto Danny Schwarz

foto Johan Koopmans

uropa maakt geesten rijp voor euro-exit Grieken’ opende de Volkskrant deze week. Volgens de krant zijn Europese regeringsleiders en diplomaten druk doende om iedereen geestelijk voor te bereiden op het lozen van de zwakke broeder uit de eurozone. Ook de Hogeschool van Amsterdam dumpte deze week een zwakke broeder, namelijk de ­opleiding Inter­ national Management. Geen idee of de geesten daar al rijp voor waren, maar dat het niet goed gaat met de opleiding was al een tijdje bekend. Brandbrieven, ontslagen managers en rechtszaken over ontslagen managers gingen eraan vooraf. Volgens de huidige opleidingsmanager Irith Kist wordt de opleiding opgeheven omdat zij geen duidelijk profiel heeft. Inderdaad, een opleiding zonder lekker uitgesproken profiel: wat moet je daar nou mee? Daarnaast waren er wat ondergeschikte probleempjes met de financiën, het personeelsbeleid en de externe betrekkingen. Maar – in tegenstelling tot wat veel mensen geloven – heeft het helemaal niets te maken de kwaliteit van het onderwijs, drukte Kist ons op het hart. Hoe zouden die mensen daar nu bij komen? Misschien zijn ze op het verkeerde been gezet door het onderzoek dat de onderwijsinspectie op dit moment uitvoert naar de opleiding. Een onderzoek dat de inspectie is gestart nadat een keuring van de HvA zelf uitwees dat de kwaliteit te wensen overlaat.

gelijken. Misschien wijs om er ook meteen een waarschuwing aan toe te voegen als: ‘Dat deze opleiding nu nog bestaat geeft geen garanties voor de toekomst.’

De kwaliteit van het hbo, het lijkt ondertussen een soort open wond die maar blijft etteren. Gelukkig komt de HBO-raad nu met zwaar geschut: de studiebijsluiter. Alle hbo-opleidingen worden verplicht om er een op te nemen in het studiemateriaal. Hierin moeten opleidingen verplicht informatie verschaffen over het aantal contacturen, het studiesucces en de baankansen, zodat studenten opleidingen beter kunnen ver-

Een schone taak voor de Medezeggenschapsraad (MR) om deze ideeën door te drukken. Grote kans trouwens dat je nog nooit van deze club geëngageerde studenten hebt gehoord. Uit een debat afgelopen week over de zin of onzin van de MR werd namelijk één ding heel duidelijk: de MR is voor veel studenten onzichtbaar en ontbeert een sexy imago. Willen ze verleidelijker voor de dag komen, dan doen ze er goed aan in de leer

FoliaMagazine

Het is wellicht aan uw aandacht ontsnapt, maar afgelopen donderdag was dé dag van het erotisch kapitaal. Volgens Opzij dan. Het feministisch maandblad riep vrouwen op om die dag hun hoogste hakken en strakste rok aan te trekken. HvArector Jet Bussemaker vertrouwde Opzij toe dat ze altijd iets opvallends aantrekt om te laten zien dat ze geen man is. Of dat is gelukt mag u zelf beoordelen.

te gaan bij Jet Bussemaker. Met haar ‘erotische kapitaal’ zit het namelijk wel goed. In het februarinummer van feministenblad Opzij vertelde de HvA-rector dat ze altijd iets opvallends aantrekt als ze naar een vergadering met veel mannen gaat. ‘Om te laten zien dat er een vrouw aan tafel zit.’ yyy Eva Rooijers en Gijs van der Sanden 10 februari 2012

tweet van de week @Bart Verbruggen Bart Verbruggen Zo’n beetje het enige wat níet gedateerd is op site studentenraad FMG zijn de fotootjes van de raadsleden... #tsja https://twitter.com/#!/BartvanBruggen/

Voor het eerst in vijftien jaar kon er op 11 februari weer een Keizersrace worden geschaatst, een afvalrace tussen steeds twee deelnemers over 160 meter op het stuk gracht ter hoogte van de Leidsestraat en de Nieuwe Spiegelstraat. Bij de dames won publiekslieveling en (tijdelijk gestopte) JCU-student Annette Gerritsen (foto), die zich nu Keizerin van Amsterdam mag noemen. yyy

navraag Jiske Griffioen Gala met een rood randje, dat was het thema vrijdag 10 februari op het Amsterdamse Studenten Sportgala. Hoogtepunt van de avond was de uitreiking van de prijzen voor de beste studenttopsporters van 2011. Tennisster Jiske Griffioen (26), die onlangs ook al ‘Sportvrouw Amsterdam 2011’ werd, won de prijs in de categorie ‘beste gehandicapte sporter’.

Gefeliciteerd! Raak je al een beetje gewend aan winnen? ‘Nee hoor, het blijft altijd ontzettend leuk. Bovendien zijn de andere meiden met wie ik genomineerd was ook hartstikke goed bezig. De helft van het jaar ben ik in het buitenland voor allerlei toernooien, maar nu ben ik toevallig een tijdje in Amsterdam. Vrijdag kon ik er dus gelukkig gewoon bij zijn.’ Hoe lukt het je nog te studeren als je zoveel onderweg bent? ‘Op de Johan Cruyff University wordt je daar heel goed bij begeleid. Ze geven je veel vrijheid in het verzetten van examens als je in het buitenland zit. Vaak speel ik tijdens toer-

nooien twee wedstrijden op één dag, dan heb je ’s avonds gewoon echt geen puf meer om te studeren. En als ik weer thuis ben is het gewoon een kwestie van goed plannen. Maar dat moet iedere student natuurlijk doen!’

schakelen naar het studieritme. Bovendien kwam ik er wel achter dat ik het op de JCU heel goed getroffen heb. Topsporters die aan de UvA studeren moeten bijvoorbeeld echt alles helemaal zelf regelen.’

Voel je je nog wel eens student dan? ‘Weinig. Ik kom eigenlijk nog maar zelden op school en omdat ik langer over mijn studie Commerciële Sporteconomie doe, zijn alle mensen met wie ik ben begonnen al klaar. Daarom was het ook extra leuk tijdens het gala ervaringen uit te kunnen wisselen met andere studententopsporters. Iedereen loopt toch tegen dezelfde dingen aan. Bijvoorbeeld dat het heel lastig is na een aantal toernooien weer om te

Hoe is je schema de komende tijd? ‘Tot 17 maart ben ik nog hier, dan vertrek ik naar Amerika voor drie toernooien. Ook Wimbledon en Roland Garros komen er natuurlijk weer aan. Verder sta ik er goed voor in de kwalificatie voor de Paralympics, dus als het goed is vertrek ik half augustus sowieso naar Londen.’ yyy Clara van de Wiel

FoliaMagazine

9


Brouwersgracht/Willemsstraat

‘Is dit illegaal?’ De openbare ruimte is van iedereen en niemand. Wat voor de een slechts een weg is om van A naar B te komen, is voor de ander een expositieruimte, of zelfs materiaal om kunst van te maken. Die ander is de streetartist. tekst Rutger Lemm / foto’s Fred van Diem

M

ensen krabbelen graag doelloos op papier. Zodra ze verveeld of afgeleid zijn, beginnen ze automatisch met het neerpennen van willekeurige figuren, woorden en zinnen. Het is dan ook niet verrassend dat deze hobby ook buiten de collegezalen navolging kent en graffitikunstenaars hun krabbels op muren, metro’s en bushokjes achterlaten. Sterker nog, deze neurose is zo oud als de mensheid zelf. De oudste gevonden grotschilderingen dateren van dertigduizend jaar geleden, en ook tijdens de oudheid werden muren wellustig beklad. Wat

10

FoliaMagazine

wij nu als graffiti zien, stamt uit de punk- en hiphopculturen van de jaren zeventig en tachtig van de twintigste eeuw. Deze anarchisten met spuitbussen voerden door middel van hun tags een strijd met de lokale overheid en elkaar. De streetart is een veel nieuwer verschijnsel. Deze stroming, opgekomen aan het eind van de jaren tachtig, mixt de illegale werkwijze en het anarchisme van graffitispuiters met de esthetische waarden van de beeldende kunst. Door speels gebruik te maken van de omgeving wordt er politiek commentaar geleverd en krijgt de stad een opstandig karakter. Hét gezicht

van deze stroming is ongetwijfeld de anonieme Britse kunstenaar Banksy, die vanaf de jaren negentig furore maakte met provocerende beelden en fysieke props in de straten van Engeland, Amerika en Israël. De politieke statements werden echter al snel omarmd door het kunstestablishment en Banksy’s werken brachten op celebrity-veilingen miljoenen dollars op. Deze omslag werd door de kunstenaar zelf succesvol geparodieerd in de mockumentary Exit Through the Gift Shop (2010), waarin een talentloze fan van Banksy uiteindelijk net zo succesvol wordt als hijzelf.

Brouwersgracht 77

Streetart in Amsterdam Hoe zit het met de streetart van onze eigen hoofdstad? Nicole Blommers van Amsterdam Street Art (ASA) is nog niet tevreden, maar wel optimistisch. ‘Ik viel voor streetart toen ik in Londen woonde en in 2008 een Banksy-festival bezocht. In mijn wijk zag je het ook veel terug. Dat niveau lag veel hoger dan wat we nu in Amsterdam zien, maar met ASA proberen we dat te verbeteren. Je merkt dat men er hier nog niet voor openstaat, er zou hier nooit zo veel publiek op een opening afkomen als in Londen. Streetartists gaan dus ook liever daar naartoe. Wij zijn nu begonnen met een jaarlijks evenement, waarbij we exposities organiseren en streetartists uit de hele wereld uitnodigen. Dat werkt goed, de aandacht groeit. Onze Facebookpagina heeft al bijna tienduizend fans.’ ASA stelde een wandelroute door de binnenstad samen en Folia Magazine trok er samen met UvA-kunsthistoricus Jeroen Boomgaard op uit om te kijken wat er op de Amsterdamse muren prijkt. Boomhaard heeft een speciale interesse in kunst in de openbare ruimte en schreef hier

Hoek Haarlemmerstraat/Korte Prinsengracht

voor het BKVB-fonds een essay over, met de titel Wild Park. 1. Hoek Haarlemmerstraat/Korte Prinsengracht Boomgaard kijkt lang naar de eerste schildering. ‘Je ziet hier het typische gebruik van een sjabloon, de thuis uitgeknipte vorm waarmee je vervolgens makkelijk een vorm op de muur

‘Hoe repressiever het bestuur, hoe beter de kunst’ kan aanbrengen. Dit sjabloon is afgeleid van een foto, dat gebeurt ook vaak.’ Hij peinst. ‘Maar volgens mij is dit gewoon in opdracht gemaakt. Ja, kijk.’ Hij wijst op het gebouw ernaast. ‘“Centrum voor fotografie”, dat zal het zijn.’ Als een ontevreden klant beent hij het gebouw binnen. De vrouw achter de balie glimlacht. ‘Mag ik wat vragen? Die muurschildering, is die van jullie?’ vraagt Boomgaard op pedante toon. De vrouw schudt haar hoofd. Heeft hij dan toch

Brouwersgracht/Willemsstraat

geen gelijk? ‘Hij is van de snackbar hiernaast,’ zegt ze. Triomfantelijk kijkt Boomgaard om zich heen. ‘Zie je wel?’ De baliemevrouw gaat verder: ‘Wij vinden het mooi, dus we hebben die kunstenaar ook gevraagd om onze rolluiken te beschilderen. Hij heeft vandaag de toestemmingsbrief gekregen.’ Buiten zegt Boomgaard: ‘Die samenwerking is op zich een mooie ontwikkeling, maar is het dan nog streetart? Dat gaat toch over een strijd binnen de openbare ruimte. Dit is meer een mooie reclame voor de snackbar.’ 2. Brouwersgracht 77 ‘Een voorbeeld van de meer realistische stripstijl, weer met sjabloon gemaakt. Jeetje, die jongen heeft lang op zijn hurken moeten zitten. Wel mooi dat het zo verstopt is, dat maakt het toch charmant.’ 3. Brouwersgracht/Willemsstraat Hier wordt Boomgaard eindelijk enthousiast van. ‘Hier zie je de hele geschiedenis van de moderne straatkunst. Het begint met graffiti, waarvan een deel behoorlijk oud lijkt, dan zie

FoliaMagazine

11


Prinsengracht/Tuinstraat

Prinsengracht/Noordermarkt

Prinsengracht 46

Prinsengracht, ten tijde van de foto was de beschreven streetart al overgespoten

Prinsengracht 392

Ferdinand Bolstraat

Jeroen Verboom Verdieping -3 van de Leeuwenburg

je langzaam de overgang naar meer figuratieve beelden, en dan eindigt het met tegels, grote vellen papier en meer experimenten.’ Hij bekijkt alle werken aandachtig en spot veel details. ‘Ik weet nog dat ik voor het eerst een graffititekst in Amsterdam zag, begin jaren zeventig, bij de Vondelbrug. Daar stond heel groot: “De mensen sterven en zijn niet gelukkig.” Prachtige tekst. Later werd de vormgeving van die teksten belangrijker.’ Hij wijst naar de muren. ‘Dit is nu een soort expositieruimte, wat dat betreft is het conventioneel. Ze hebben respect voor elkaars werk, misschien is het wel een samenwerkende groep. Aan de andere kant zie je ook steeds vaker dat gemeentes bepaalde muren weggeven voor graffiti en streetart. Typisch Hollandse regulering. Daar staan die jochies dan braaf te spuiten.’ Hij draait zich om: ‘Kijk, daar verderop is er nog een!’ Boomgaard heeft de smaak te pakken.

12

FoliaMagazine

4. Prinsengracht/Noordermarkt (in een lantaarn aan de grachtkant) Deze tape art is gemaakt door de kunstenaar Max Zorn, die beeltenissen voor straatlampen hangt, zodat ze ’s nachts verlicht worden. ‘Heel apart. Mooi dingetje, knap gevonden,’ zegt Boomgaard.

‘Met Wilders als premier krijgen we echt interessante streetart’ 5. Prinsengracht 46 Eerst ziet Boomgaard achter het bord van de winkel op de hoek een tegeltje met een vreemde, Chinese beeltenis erop. Om de hoek vinden we een beeltenis van mensen die uit een raam

klimmen. ‘Kijk!’ zegt hij vervolgens, en wijst naar een gietijzeren beeldje van een man die tegen de muur opklimt. ‘Typisch streetart, hè, het gebruikmaken van vaste structuren, en er vervolgens een eigen draai aan geven.’ Is dit illegaal? ‘Ik twijfel. Het feit dat al deze werkjes bij elkaar staan en ook nog enigszins hetzelfde verhaal vertellen, maakt het wel verdacht. Bovendien, zo’n driedimensionaal ding is echt veel moeilijker om op te hangen, dan moet je gaan boren en zo. Ik vermoed dat dit weer een opdracht van de eigenaar is. Maar ik vind die klauteraar wel erg leuk.’ 6. Prinsengracht/Tuinstraat Een enorme schildering stijgt boven ons uit. ‘Ja, dit doe je natuurlijk nooit zonder permissie. Dit is in opdracht.’ Hij wijst naar een ondergekalkte garage in de straat ernaast. ‘Dat is wat anders, daar zit echte opstandigheid in. Maar ja, het is

ook enorm moeilijk in de Amsterdamse binnenstad. Het is vrij makkelijk te controleren en sinds de grachten op de erfgoedlijst van Unesco staan, is het ook strenger geworden. Er staat bovendien bijna niets leeg, zoals in bijvoorbeeld Berlijn wel het geval is. Alles is meteen bezet. Maar misschien mocht dit wel van de eigenaar en niet van het stadsdeel. Half illegaal. Zo deden ze dat in de jaren zeventig al, met kunstcollectief Kukeleku. In samenspraak met de bewoners toverden ze de hele buurt om.’ In een hoek van de afbeelding is een tegeltje aangebracht met de initialen ‘SKG’. ‘Stadskunstguerilla’s. Misschien is dat een klein protest tegen deze vorm van gereguleerde streetart. Of misschien zijn ze gewoon de makers.’ 7. Prinsengracht (vlak voor de Elandsgracht) ‘Dat roze beest is een duidelijke rip-off van de

graffitikunstenaar Keith Haring, die ook altijd van die dansende figuurtjes maakte. Je ziet hier ook de machtsstrijd tussen de straatkunstenaars onderling; er wordt een hoop overgespoten. Met smerig resultaat. Het is grappig om te zien hoe er ook binnen die cultuur regels zijn: lelijke dingen overleven het niet, maar als het mooi is, wordt het met rust gelaten.’

‘Als het mooi is, wordt het met rust gelaten’ 8. Prinsengracht 392 De kunstenaar Karma maakte hier gebruik van een sjabloon. ‘In het begin werden die hergebruikt, nu zie je dat beeltenissen toch vaak uniek moeten zijn.’ Boomgaard is gecharmeerd van dit werkje,

ook al is het erg duidelijk op Banksy geïnspireerd. ‘Kijk, ze hebben zelfs plantjes aangebracht. Dat geeft het ook een driedimensionaal aspect.’ De bewoners van het huis stellen desgevraagd dat ze blij zijn met de streetart: ‘Er komen vaak mensen foto’s maken, en er wordt over gesproken op internet. Het stond zelfs in NRC Handelsblad. Graffiti halen we weg, maar dit vinden we geen probleem.’ 9. Ferdinand Bolstraat (tegenover de Maoz) Een koorddanser loopt over een prikkeldraad tussen ‘future’ en ‘past’. In een schedel staat overal ‘dode wereld’. Een meisje en een jongen staan tegenover elkaar; hij met een bos bloemen achter zijn rug, zij met een knuppel met spijkers erin. ‘Het lijkt erop dat dit dezelfde kunstenaar is als op de Haarlemmerstraat,’ zegt Boomgaard. Hij wijst naar de jongen en het meisje en zegt:

FoliaMagazine

13


Streetarm

Alternatief

Zelf ook een bijdrage leveren aan een creatieve openbare omgeving? Investeer dan eerst in een zwarte capuchontrui, want wie gepakt wordt tijdens het plaatsen van graffiti betaalt een boete van € 75. Klom je toevallig net ook op een bankje, dan bevind je je op daarvoor niet bestemd straatmeubilair en mag je nog eens € 50 neertellen. Vermijd tot slot de bivakmuts: sinds het beruchte boerkaverbod levert die je een boete van € 150 op.

Volgens Jeroen Boomgaard is de meest vernieuwende streetart te vinden in buitenwijken. Toch valt er ook in hartje centrum voldoende straatkunst te zien die verder gaat dan de huis-tuin-en-keuken graffiti. Folia Magazine zette wat fraaie voorbeelden op een rij. Bekijk de fotoserie op Foliaweb.nl/foliavond/streetart.

Before Banksy

Voor het grote publiek is Banksy de onbetwiste godfather van de streetart. Niet veel mensen weten dat hij een voorloper heeft, de zestigjarige Xavier Prou. Prou werkt onder de naam Blek le Rat en trakteert al vanaf 1981 de straten van Parijs op gestencilde figuren. Kenmerkend is zijn rat, volgens hem behalve het ‘enige vrije dier in de stad’ ook een mooi anagram van ‘art’.

Fokke Simonszstraat / Vijzelgracht

‘Duidelijk postfeministisch.’ Toch is hij niet onder de indruk. ‘Dit is toch ook gewoon in opdracht? Hoe kun je op deze plek iets stiekem maken, van deze grootte? Banksy’s werk is toch vaak klein, niet voor niets.’ 10. Fokke Simonszstraat/Vijzelgracht ‘Kijk, kijk, kijk!’ Boomgaard draait met een ruk zijn fiets om. ‘Zie je? Hetzelfde hoofd dat we eerder op de Haarlemmerstraat zagen. Het sjabloon is opnieuw gebruikt, waarschijnlijk in opdracht van deze bakker. Toch jammer. Dit is puur decoratie, met een politiek statement heeft het weinig te maken. Misschien een vaag ideetje over de multiculturele samenleving.’ Hij vindt het aanbod in de binnenstad toch wat braaf.

14

FoliaMagazine

‘Er is blijkbaar in de streetart ook een soort establishment ontstaan, met bekende namen en mooi maar weinig spannend werk. Het lijkt erg incrowd.’

‘Ik denk dat je voor de vernieuwing toch naar de buitenwijken moet’ 11. Spuistraat/Wijdesteeg Rondom kraakcafé Vrankrijk zijn de huizen en stegen bezaaid met streetart. ‘Dit gebied is door de gemeente opgegeven,’ zegt Boomgaard. ‘De kraakcultuur maakt hier de dienst uit. Zij laten hun kunstenaars het pand beschilderen. Maar

volgens mij trekt dat ook streetartists van buiten die scene aan. Je ziet hier veel verschillende stijlen.’ Hij wijst op een ‘Banksy-rat’, een beschilderd stukje piepschuim en posters van ‘Hero de Janeiro’. ‘Hier vindt meer experiment plaats. Maar ik denk dat je voor de echte vernieuwing toch naar de buitenwijken moet.’ In een café warmt Boomgaard zijn handen aan zijn cappuccino. Zijn eigen anarchisme bleef beperkt tot een rol in het straattheater, maar hij heeft iets met onverwachte beelden in de openbare ruimte. ‘Kunst bestaat altijd uit paradoxen. Streetart is ooit voortgekomen uit de tegencultuur, en is nu opgeslurpt door het kunstestablishment en gereguleerd door de gemeente. Maar die betekenisverandering is ook mooi. Kijk maar

naar “De zuil van Lely”, die Hans van Houwelingen voor de stad Almere maakte. Een enorme zuil met daarbovenop een kleine Cornelis Lelyfiguur. Het moest gaan over de schoonheid van Lelystad, maar was eigenlijk een enorm ironisch gebaar, een middelvinger naar de gemeente. Die waren dus eerst fel tegen, maar later draaide de stemming om en werd het toch geplaatst. Nu is het enorm geliefd onder de inwoners.’ Hij neemt voorzichtig een slokje. ‘Streetart is een strijd tussen het bestuur en de anarchie, en die strijd maakt de openbare ruimte. Als je geen graffiti in een stad ziet, weet je dat er sprake is van een onvrije openbare ruimte, met bestuurlijke overheersing. Maar als alle muren volgekalkt staan, moet je goed over je schouder blijven

kijken. Dan is er te weinig bestuur. Ze hebben elkaar dus nodig, deze krachten. Die spanning is belangrijk. Bij streetart heb je bovendien een derde partij: de burgers, die zwijgend goedkeu-

‘Streetart is een strijd tussen het bestuur en de anarchie’ ren of fel afkeuren wat er gemaakt wordt.’ Waarom is de Amsterdamse streetart zo braaf? ‘Nederlandse kunst is meestal niet zo politiek. Ik weet niet waarom. Er is niet zo veel om tegen te vechten, mensen hebben het te goed. Graffiti kwam ook pas naar Nederland nadat er

exposities van Amerikaanse voorbeelden waren geweest. Dat waren gewoon nette jongetjes die met hun ouders naar het museum waren geweest. In buitenlandse steden met meer armoede zie je dat er een bepaalde agressie in openbare uitingen zit, die hier compleet ontbreekt. Hoe repressiever het bestuur, hoe beter de kunst. Dat gaat wel de goede kant op. Met Wilders als premier krijgen we misschien echt interessante streetart. Sowieso kunnen mensen beter in hun eigen wijk blijven, dan dat ze naar het centrum gaan om het werk te bekijken.’ Wat voor streetart zou hij in zijn eigen straat willen zien? ‘Ach weet je, voor mij is “mooi” of “lelijk” niet zo belangrijk. Kunst kent zo veel lagen. Ik ben een wetenschapper, ik vind alles interessant.’ yyy

FoliaMagazine

15


en hol-

e om ent ef je

passie

RESEARCH BATTLE HET BESTE ONDERZOEK VAN DE HVA

Cabaret Claar van der Does (44, docent informatica op de HvA) krijgt haar kick op het podium.

7 DOmEiNEN 7 ONDERZOEKERS 1 wiNNAAR

fiNALE 13 mAART, 19.00 uuR KOHNSTAmmHuiS (Bij fLOOR), wiBAuTSTRAAT 2-4 HOOfDpRijS € 2.000,- REiSCHEquE puBLiEKSpRijS ipAD pRESENTATiE pAuL VAN DE wATER (fOLiA) juRy jET BuSSEmAKER, mARCELLE pEETERS, LOuiS TAVECCHiO, wijNAND DuyVENDAK, pAuL VAN DE wATER KijK VOOR mEER iNfORmATiE Op www.HVA.NL/RESEARCH-BATTLE CREATiNG TOmORROw

FLOOR AGENDA

KOHNSTAMMHUIS, WIBAUTSTRAAT 2-4 | WO 15 FEBRUARI - WO 22 FEBRUARI SEKSUALITEIT EN DE ISLAM 16 februari, 18.30-21.00, Arena Denk en debatteer mee met Barbara Schouten (Gedragswetenschapper UvA) en Zakaria Buhktari (Organisator stichting OntdekIslam). Met Stand-up comedy van Omar Ahaddaf (winnaar Leids Cabaret Festival en nu al bij floor).

workshop. Zeer interessant voor docenten. Mick Healey is bekend van “de docent als reflective practioner”. Hou de floor agenda in de gaten voor meer informatie.

VVAO AMSTERDAM 20 februari, 20.00-22.00, Kohnstammzaal Lezing van Annette Evertzen zij zal vertellen over de “Subtiele belemmeringen voor vrouwen op weg naar de top”.

LEARNING TOMORROW 20 februari, 15.00-17.00, Broedplaats Hoe kunnen we het leren versterken en de kwaliteit van onderwijs verhogen met ICT (social media, webcolleges, open leermiddelen, DLWO, E-books) binnen de HvA? Vertel je ideeën, denk en inspireer mee. Geef je op via j.r.gorter@hva.nl

WORKSHOP MICK HEALEY Binnenkort komt professor Mick Healey naar floor voor een unieke 1 daagse

FLOOR.HVA.NL Agenda en nieuws vind je op onze website.

Deze week bij Folia Magazine

‘Alles bij elkaar sta ik zo’n dertig keer per jaar op de planken. Als onderdeel van cabarettrio Rijp & Groen speel ik in het hele land en daarnaast presenteer ik het Amsterdams Kleinkunstfestival. Ik geniet van het optreden; het geeft een waanzinnige adrenalinekick om goed te spelen en je publiek te raken. Na afloop van een goede show heb ik echt het gevoel dat ik zweef en loop ik hyper naar de foyer voor een borrel. Kleinkunst is belangrijk voor me, omdat het me uitdaagt. Ik schrijf al mijn teksten zelf. Ik speel geen rol, maar sta als mezelf op het podium. Ik heb een kwetsbaar programma en het luistert nauw hoe ik een grap precies breng. Ik zing bijvoorbeeld een vrolijk lied over mijn eigen begrafenis en als ik dat niet enthousiast genoeg zing, komt de ironie niet over en lijkt het een treurig lied. Door veel op te treden kom ik achter zulke dingen. Rijp & Groen betekent voor mij overigens niet alleen maar spelen. Het brengt veel rompslomp met zich mee. Ik ga met flyers en posters langs cafés en regel repetitieruimtes en optredens. Ik ben minder gaan lesgeven om genoeg tijd over te houden voor regelen, repeteren en optreden. Momenteel draaien we ongeveer quitte, maar als we op den duur geld overhouden, zou ik de organisatie graag uitbesteden. Het lekkerst speel ik voor een zaal vol onbekenden. Ik sta achter alles wat ik op het podium doe, maar vind het toch spannend als er vrienden of familieleden komen kijken. Zij zijn immers speciaal voor mij naar het theater gekomen en dan moet ik hun verwachtingen wel waarmaken.’ yyy Marieke Buijs Rijp & Groen treedt 17 februari om 20.30 uur op in het Pleintheater in Amsterdam.

‘FLOOR’

CREATING TOMORROW

FoliaMagazine floor_ agenda Folia_1-2_Folia 21_v2.indd 1

13-2-2012 12:23:06

17

foto Fred van Diem

em

(advertenties)


Aynan

opinie

Amsterdam moet de Spelen niet willen Het is om vele redenen een slecht plan om de Olympische Spelen van 2028 in Amsterdam te houden, vindt Saar Boerlage. illustratie Marc Kolle

I

s het een goed plan om de Olympische Spelen die straks honderd jaar geleden (zij het niet vlekkeloos) in Amsterdam gehouden werden weer naar Amsterdam te willen halen? Is het fiasco waarmee de Amsterdamse kandidatuur voor de Spelen van 1992 werd afgestraft vergeten? Toen eindigde Amsterdam in de stemming op de allerlaatste plaats. Er zijn talloze redenen om de olympische ambitie van het Amsterdamse gemeentebestuur snel te schrappen. En er zijn slechts weinig steekhoudende argumenten te noemen om dat niet te doen. Wie een wereldberoemde schaatstocht in Friesland met de Olympische Spelen vergelijkt, vergist zich. Daar is het een volksfeest. Gewone mensen laten doorzettingsvermogen zien. De Olympische Spelen zijn gericht op veelal jarenlange training, waarbij commercie en nationale trots de boventoon voeren. De belangrijkste nadelen van de Olympische Spelen zijn als volgt. Ten eerste de onvermijdelijke onfrisse competitie met andere kandidaat-steden. Het Internationaal Olympisch Comite bestaat uit zo’n honderd mensen die afkomstig zijn uit adellijke families of uit de sport(attributen)industrie, of gelieerd zijn aan mediaorganisaties en/of nationale politieke belangengroepen. Verder zitten er ex-sporters in het IOC, die net

18

FoliaMagazine

als de anderen gevoelig zijn voor smeergeld. Dat vriendjespolitiek bij dergelijke machtige, aan niemand verantwoording schuldige personen helaas toen en ook nu in verschil-

1995 lende kringen voorkomt, zien we zowel in de internationale handel alsook bij de sport (de Fifa-schandalen). Daarnaast spelen (net als in de jaren tachtig) nationale belangen en voorkeuren een grote rol. Wie kans wil maken op de Olympische Spelen moet de IOC-leden naar de mond praten, eigen politieke overtuigingen inslikken en forse cadeautjes geven. De in Amsterdam bestaande afkeer van een dergelijke onwaardige opstelling zal in deze tijd nog minder de

Het is onmogelijk de Spelen eerlijk binnen te halen mond gesnoerd kunnen worden dan in de jaren tachtig. De nieuwe media kennen immers geen grenzen. Een tweede probleem is de ontransparante besluitvorming. De reeds geschetste samenstelling van het IOC stond in de jaren tachtig borg voor het bij voorkeur kiezen van een stad waarin de Spelen rustig zouden kunnen verlopen. Dat is niet veranderd. Een wereldstad als Bejing met een streng regime bijvoorbeeld vond men ideaal. En toen men voor Londen koos, had die stad ook een goede naam. Amsterdam heeft die naam niet, en Nederland is – mede door de successen van Wilders – steeds minder populair in een aanzienlijk deel van de wereld. Er is ook geen eendracht in Nederland op dit gebied te verwachten. Mocht de kandidatuur serieus worden voortgezet, dan zullen de debatten en demonstraties de IOC-leden afschrikken.

Dan zijn er natuurlijk ook nog de kosten. Naast het lobbywerk vooraf dat geld kost, is er, stel dat men Amsterdam zou kiezen, een megabudget nodig om de Spelen te huisvesten en om in het betreffende jaar alle officials te betalen. Het is onwaarschijnlijk dat de inkomsten in de buurt komen van de uitgaven. Bovendien is er op andere aspecten schade te verwachten. Aantasting van landschap en recreatiegebied, een soort politieregime in de betreffende zomer, en naast leegstaande kantoren komen er dan ook leegstaande sportpaleizen. Erger is nog het feit dat het jarenlange focussen op topsport kaalslag zal veroorzaken binnen andere sectoren zoals cultuur, welzijn, woningbouw (met uitzondering van het olympisch dorp), gezondheidszorg en armoedebestrijding. Maar nog erger is het aanslagrisico dat Amsterdam loopt in 2028. Het wereldnieuws geeft aanleiding om daarmee rekening te houden. Conclusie: het is een onmogelijke taak om op een eerlijke wijze de Olympische Spelen naar Amsterdam te krijgen en dus is het tijd om het betreffende geld en de betreffende energie anders te gaan inzetten. Ondergetekende, een oud-medewerker van de UvA, doet hierbij een beroep op u, om uw inzet vooral te richten op internationale activiteiten die – in tegenstelling tot de Spelen – daadwerkelijk vrede en gerechtigheid trachten te realiseren. yyy

Saar Boerlage is oud-politicus van de PSP en GroenLinks en werkte van 1972 tot 1997 als docent en onderzoeker aan de UvA. In de jaren tachtig was ze lid van de actiegroep No-Olympics.

Het was mijn vijftiende verjaardag. Mijn bovenlip werd bedekt door een zwarte strook donshaartjes. Ik at van de slagroomtaart van de Hema. Op mijn gezicht prijkte een lach die deed vermoeden dat ik een gelukkige jongen was. Maskerade. Ik was diep verzonken in gepeins. Ik had twee grote doelen voor ogen. Het eerste en meest gewichtige plan was door een echt levend wezen ontmaagd worden. Ik was volledig uitgekeken op het misbruiken van mijn slaapkussen. Wat had het arme kussen met mijn lusten te maken? Het eerste streven kon alleen slagen als het tweede lukte; vakkenvuller bij Albert Heijn worden. Als ik daar aan de bak kwam, kreeg ik geld tot mijn beschikking. Dan kon ik populaire kleding aanschaffen, de entree van de plaatselijke disco’s betalen en een rondje geven. Misschien maakt geld niet gelukkig, maar de afwezigheid ervan is hetzelfde als dood water. De taart smaakte mij niet meer. Ik had te veel last van mijn hoofd en kruis. Het schoteltje legde ik op tafel en ik rende naar de supermarkt om te solliciteren. De volgende dag droeg ik een blauwrood hesje en vulde producten bij in de schappen van het sauzen-en-zurenpad. Een paar weken later werd een bedrag op mijn bankrekening bijgeschreven dat mogelijkheden verschafte. 231,85 gulden. Ik hees mij in de mode van die tijd en schoor mijn snor. In de week dat het salaris werd gestort, was het traditie dat de vulploeg en de caissières zaterdagavond gezamenlijk gingen dansen. Ik ging mee. In de deuropening van bardancing Lobbes stond een uitsmijter met een koekenpanvoorhoofd, die de rol van goedaardige sukkel uitstekend vervulde. De toegang was vanaf zestien jaar. Ik zag eruit als twaalf, maar mocht doorlopen. Uit de boxen klonk: ‘Don’t wanna short dick man.’ Het was een goed jaar. yyy Asis Aynan

FoliaMagazine

19


promoties DINSDAG 21/02 12.00 uur: Said Rezaeiejan – Geschiedenis Duitse Iranpolitiek 1871-2005 (Agnietenkapel)

14.00 uur: Jeremy Veillard – Geneeskunde

Performance Management in Health Systems and Services: Studies on its Development and Use at International, National/Jurisdictional, and Hospital Levels (Agnietenkapel)

DONDERDAG 23/02

VRIJDAG 24/02

10.00 uur: Fuusje de Graaff – Antropologie

10.00 uur: Sonja Zahner – Geneeskunde

Partners in Palliative Care? Perspectives of Turkish and Moroccan Immigrants and Dutch Professionals (Agnietenkapel)

13.00 uur: Farah Falix – Geneeskunde

DLK1 and the Notch Pathway in the Liver (Aula)

14.00 uur: Jo Heirman – Klassiekgriekse letterkunde

Space in Archaic Greek Lyric: City, Countryside and Sea (Agnietenkapel)

(advertenties)

opinie

Curvers

Speel in op studeergedrag

Bang

Who Controls the Controllers? β-Catenin and E-Cadherin Signaling in DC Function (Agnietenkapel)

12.00 uur: Wietske van Osch – Economie Generative Collectives (Agnietenkapel)

14.00 uur: Nick Schopman – Geneeskunde

Interplay Between the RNA Interference Machinery and Hiv-1 (Agnietenkapel) Voor uitgebreide informatie zie www.uva.nl/agenda.

De UvA moet zich niet blindstaren op vaste studieplekken, maar tijdelijke studieplekken creëren tijdens piekmomenten, vindt John Klappe.

How do we get to tomorrow? with Dom Sagolla (co-creator Twitter) 28th of February | grote zaal | 15.30 - 18.00 pm english spoken | free admission information and registration: www.dezwijger.nl/twitterevent A moderated session focused on the challenges and technologies of tomorrow. This event emphasizes on how governments, corporations and education systems need to collaborate and work towards a shared goal. With a presentation by Twitter co-creator Dom Sagolla about his firm and vision on what’s next. Furthermore a Q&A between panel members and the audience. The program will focus on:

1. Innovation challenging social and economic orders. 2. Changing the world with technology. 3. Amsterdam as a breeding place where ideas canflourish.

Free admission; registration required via: >> www.dezwijger.nl/domsagolla

Pakhuis de Zwijger | www.dezwijger.nl | info@dezwijger.nl | Piet Heinkade 179 | 1019 HC Amsterdam | 020 7884444

S

tudieplekken, of eigenlijk het gebrek daaraan. Een onderwerp dat elk jaar weer voorbijkomt en waar studenten veel hinder van ondervinden. De Centrale Studentenraad (CSR) besteedt hier logischerwijs dan ook veel aandacht aan en heeft er de afgelopen jaren talloze malen contact over gehad met het College van Bestuur (CvB). Toch zijn er nog steeds te weinig studieplekken. Het is zeker niet zo dat de Universiteit van Amsterdam zich niet bekommert om studieplekken. Sterker nog, de UvA heeft een hele nette doelstelling geformuleerd, namelijk om vóór 2020, één studieplek per tien studenten te realiseren. Het is alleen de vraag of deze doelstelling relevant is als dertigduizend studenten op hetzelfde moment willen studeren, tijdens en vlak voor tentamenperioden. Op dit moment zijn studenten vooral overgeleverd aan hun instinct en hun hardloopvermogen om de laatste studieplekken te bemachtigen. De universiteit heeft zich echter niet ten doel gesteld om topatleten op te leiden die binnen negen seconden de honderd meter kunnen lopen, maar om volwaardige academici op te leiden. Academici in spe hebben de behoefte duidelijker en tijdiger geïnformeerd te worden waar studieplekken beschikbaar zijn. Een ander probleem is dat de UvA zich alleen richt op het realiseren van een xaantal vaste studieplekken. Als je als UB, die verantwoordelijk is voor het beheer van alle

studieplekken op de UvA, van je opdrachtgever, het CvB, de opdracht meekrijgt om een vast aantal studieplekken te creëren en je ook alleen per vast gerealiseerde studieplek betaald wordt, dan is er totaal geen prikkel om na te denken over tijdelijke studieplekken. Het is dan ook niet meer dan logisch dat de UB niet in staat is om tijdelijk meer studieplekken te creëren. Nu de UvA ervoor heeft gekozen om het onderwijssysteem voor alle studies te uniformeren naar een 8-8-4-systeem stijgt de piekbelasting van het gebruik van de studieplekken. Volgens de CSR is het verstandig als het College van Bestuur in de toekomst zo goed mogelijk inspeelt op het studeergedrag van de student, en zich niet, zoals nu het geval is, blindstaart op een vast aantal studieplekken. Daarom heeft de CSR vier eisen neergelegd bij het CvB: Creëer meer tijdelijke studieplekken op piekmomenten, zorg voor heldere informatievoorziening over waar studieplekken beschikbaar zijn, breng het studeergedrag van studenten in kaart en richt openbare ruimtes zo in dat ze geschikt zijn om in te studeren. Als deze maatregelen worden genomen, zal de discussie over studieplekken misschien eindelijk tot het verleden gaan behoren. yyy John Klappe studeert economie & bedrijfskunde en is lid van de Centrale studentenraad.

Ik zeg het maar meteen: ik háát Derek Ogilvie. Ik zou een degelijk stukje met meer tegens dan voors kunnen schrijven, om over dertien zinnen tot die conclusie te komen– maar dan leid ik u met een omweg naar het bekende end. Ik háát hem, en toch kijk ik steevast naar zijn shows. ‘Hoe kan Derek nou via kleine Wesley weten dat z’n oma door een val van de trap aan haar einde is gekomen?’ Voorkennis, foeter ik. Nu is het aan Derek te bewijzen dat hij niet handelde in voorkennis, wat nauwelijks uitgesloten kan worden. Of heeft het slachtoffer in alle opwinding per ongeluk meegebouwd aan de reading, en gaandeweg verklapt op wiens geest stiekem werd gehoopt? De kritiek waaraan sceptici mediums onderwerpen is altijd min of meer hetzelfde. De bewijzen die de wetenschapper zoekt zijn er niet, dus de discussie heeft altijd dezelfde vorm. Filosofe Angela Roothaan pakt het interessant aan in haar boek Geesten. Zij begint bij: ‘Ik geloof dat die ervaring bestaat.’ Er zijn mensen met onverklaarbare en onwaarschijnlijke ervaringen, en mensen zonder die ervaringen. Ondanks dat de sceptici vinden dat de moderne rede en wetenschap heeft weerlegd dat zulke ervaringen een reële basis hebben, blijven ze massaal aanspreken. De geestenwereld blijft ‘bestaan’ in de geest. Jaren geleden al ging Ogilvie in op de uitdaging van James Randi, die één miljoen dollar uitloofde voor degene die zijn paranormale gave geloofwaardig kon maken. Derek faalde jammerlijk, iedereen kon het zien, maar dat weerhield hem er niet van een handeltje op te zetten in boodschappen van gene zijde. En de mensen stroomden toe. Misschien is het aantrekkelijke voor de gelovers dat ze ook oneindig zullen rondwaren. Dat ze nooit dood hoeven te gaan, en hun geliefden ook nooit echt dood zijn gegaan. Misschien hoop zelfs ik daar stiekem op. Niet dat ik bang ben voor de dood – ­alleen voor de lange tijd daarna, waarin Derek ­Ogilvie me zou kunnen aanspreken. yyy Emma Curvers

FoliaMagazine

21


(advertenties)

Is Amsterdam jouw stad en heb je interesse in nieuws? Altijd al radioprogramma’s willen maken over politiek, muziek, cultuur of sport? Word dan vrijwilliger bij AmsterdamFM. Kijk voor meer informatie op www.amsterdamfm.nl

Radio AmsterdamFM: De stem van de hoofdstad! is op zoek naar

redacteuren en presentatoren

Folia maakt radio Folia Live geeft je iedere week nieuws en informatie over het hoger onderwijs in Amsterdam. Luister iedere woensdag van 16:00 - 17:00 naar Folia Live op Amsterdam FM (106.8 in de ether en 103.3 op de kabel).

voor het programma Kunst en Cultuur. Stuur je motivatie en cv naar pz@amsterdamfm.nl Kijk voor meer informatie op www.amsterdamfm.nl

Daarna te beluisteren als podcast op www.foliaweb.nl. Of: luister via een app op je mobiel of je tablet. Kijk voor meer informatie op www.amsterdamfm.nl

Folia het platform voor hoger opgeleid Amsterdam Amsterdam FM.nl de stem van de hoofdstad

Universiteit Leiden. Universiteit om te ontdekken.

DO DE e E

1

1

UW

01

O

N LE

www.mastersinleiden.nl

TR

Kom in maart naar de Masterdagen en ontdek meer dan zestig masters van de Universiteit Leiden en veel bijzondere specialisaties.

GOE

Ontdek de masters van de Universiteit Leiden

2

welzijn en cultuur

Mede mogelijk gemaakt door het UAF

Het UAF helpt al 60 jaar hoger opgeleide vluchtelingen om zich hier te ontwikkelen door studie. Voor duizenden getalenteerde vluchtelingen hebben we dat al mogelijk gemaakt: artsen, ingenieurs, economen, juristen en vele anderen. We zijn trots dat dit is beloond met de 1e plaats in het Trouw-onderzoek naar de prestaties van 800 goede doelen. Ook nieuw gevlucht talent willen wij de kans geven zich te ontwikkelen. En dat kun jij mede mogelijk maken! Kijk op www.uaf.nl

Alles moet wijken voor het ijs Heel Nederland was in de ban van de Elfstedentocht. Ging het door of niet? Maar waar de Tocht der Tochten voor de meesten vooral een goede gelegenheid is om ’s ochtends te beginnen met bier drinken, is het voor schaatsers als Johan Hendriks een jongensdroom om de tocht te rijden. De wiskundestudent en natuurijsman in hart en nieren hield voor Folia Magazine een dagboek bij. tekst Johan Hendriks / foto’s Danny Schwarz

FoliaMagazine

23


1

2 10 4

3

Maandag 6 februari

Het schaatspeloton is zondag teruggekeerd van de Weissensee. Halverwege de terugreis kregen we een sms: ‘Vanavond komen de rayonhoofden bij elkaar!’ De voorbereidingen kunnen beginnen. Vandaag is de dag van de kleine dingetjes regelen, want de eerste wedstrijd op Nederlands natuurijs is morgen al. Vooral geen gekke dingen doen. Alles deze week zal in het teken staan van heel blijven, om fit te zijn voor de grote tocht. Ik heb vandaag het nieuwe semester maar twee weken uitgesteld: ijsvrij. Studeren komt wel weer als het dooit. Normaal ben ik een van de eersten in Amsterdam die op het ijs staat; nu bleken alle Nederlandse tenen eraf te vriezen terwijl wij in Oostenrijk aan het schaatsen waren. Vandaag moest ik daarom wel even het centrum infietsen, de fiets tegen een paaltje zetten, de buik over de kade-rand en het ijs van de Keizersgracht op.

5

Vrijdag 10 februari

Dinsdag 7 februari

Vandaag de eerste echte klassieker gereden, op het Schildmeer bij Steendam. Dat werd een beetje een teleurstelling, want er stonden veel minder mensen aan de start dan we verwacht hadden. Met de ploeg hebben we geprobeerd de kopgroep terug te pakken, maar na zestig kilometer in de achtervolging is het niet gelukt. Uiteindelijk dus veel te hard gereden zonder resultaat, en na afloop waren we wel allemaal helemaal naar de klote. Daar was ik flink chagrijnig over. ’s Avonds geslapen bij de ouders van een ploeggenoot in een klein Gronings dorpje. Daarvoor nog met z’n allen in De Wereld Draait Door een geinige discussie over de Elfstedentocht gezien, tussen Erik Hulzebosch en langebaanrijders. Hulzebosch heeft gelijk: die langebaanrijders hebben niks te zoeken in de Elfstedentocht en doen alleen mee voor de media-aandacht. Om 21.30 uur uitgeput op bed gevallen.

Soms denk je voor de koers: dit zou wel eens wat kunnen worden. Vandaag had ik dat niet zo. Na dertig kilometer komt soms ook de gedachte: dit wordt hem. Ook dat viel vandaag wel mee bij mij. Na veertig kilometer kwam de omslag, het gevoel dat er bloed in je benen komt. Al die kopgroepen met die versnellingen. Al een paar keer deze week ben ik naar de kopgroep toegesprongen, nu mogen ze naar mij toespringen. Opeens reed ik dus in m’n eentje voor het peloton. Omdat het eigenlijk best lekker ging, deed ik het nog maar een keer toen ik werd teruggepakt, en daarna nog maar een keer. Wat is er nou mooier dan lekker je eigen slagje rijden, en het hele peloton ver achter je. En dan die NOS-camera op je neus. Eerst je kop filmen, dan je hele lichaam, dan je schaatsen, dan uitzoomen. Daar wil ik best even voor in de camera lachen.

12

11

Zaterdag 11 februari

De hele week heb ik alleen nog maar wedstrijden gereden op natuurijs. Van koers naar koers, en tussendoor herstellen. Het jagende peloton moet altijd door. Om toch nog even echt te kunnen genieten van het onbezorgd rijden, zonder peloton en zonder publiek, zijn we vandaag naar Friesland geweest om lekker te toeren. Lekker op een ouwelullentempo, koek en zopie tussendoor. Tachtig kilometer genieten, langs Bolsward, IJlst, Sneek, Sloten, Workum. Friesland is fantastisch, wat een prachtig land. Het kanaal van Bolsward naar IJlst, het bevroren Slotermeer. Er ligt zelfs ijs onder de watertoren van Sneek. Het eerste stuk van de Elfstedentocht moeten we in het donker rijden, dus het is ook een mooie verkenningstocht. Wat zou het lullig zijn als je rechts gaat in plaats van links op het Slotermeer, omdat je de weg niet kent.

13

Woensdag 8 februari

Om 09.00 uur ging de wekker. Eerst hebben we de schaatsen geslepen en daarna tijdens het ontbijt het NK voor de dames gekeken. Achteraf was het niet verstandig om gister die klassieker te rijden: we waren allemaal nog veel te moe van de Weissensee. Nu zit iedereen er nog steeds doorheen. Toch met een stampvol busje richting het NK gereden. De sfeer daar was goed: ontzettend veel cameraploegen en massa’s publiek. Dat werkt heel motiverend, al heb ik door die drommen mensen de hele dag mijn ploegleider niet kunnen vinden. Bij het NK ben ik niet tot het gaatje gegaan: na vijftig kilometer ben ik er uitgestapt. Als de Elfstedentocht nog doorgaat heb ik al mijn krachten nodig. Gister waren we ervan overtuigd dat hij door zou gaan, maar dat is nu opeens minder zeker. Het blijkt zondag te gaan dooien: dat wordt dus echt de allerlaatste kans.

8

9

24

FoliaMagazine

6

Zondag 12 februari

Johan proeft het ijs bij Durgerdam

Donderdag 9 februari

7

Gisteravond viel het doek, de Elfstedentocht gaat niet door. Op slag ben ik chagrijnig, alles voor niks voorbereid! Als het bij zo’n winter niet doorgaat, wanneer dan wel? Vanuit mijn benen komt een ander geluid; die getergde spieren zijn maar wat opgelucht. Vandaag wordt door het tragische nieuws een extra rustig hersteldagje, alles in het teken van de rust. En eten, veel eten. Eerst zijn vanochtend de benen losgemasseerd. Ze voelen best goed, ik ben blij dat ik gister niet zo diep gegaan ben. Gelukkig kon ik vandaag voor de fotoshoot van Folia Magazine nog even het ijs bij Durgerdam proeven. Wat is nou mooier dan als eerste op het ijs stappen en te proberen of het dik genoeg is? ‘Hier kan het makkelijk!’ roep ik dan ook uitgelaten, op het moment dat de fotograaf met een gilletje tot aan haar knieën door het ijs zakt.

Na de Elfstedentocht is de Hollands-Venetiëtocht de mooiste wedstrijd. Het is ook een van de weinige wedstrijden waarbij je maar één rondje aflegt, onder ontelbaar veel bruggetjes door, met op elke brug juichend publiek. Er zijn smalle slootjes en weidse meren, rietkragen links en rechts. Ons onervaren peloton kreeg te maken met een traditioneel fenomeen in de schaatssport: het gevreesde klunen. Als een stel dolle stieren vliegen we de tapijtmatten op. Niemand weet hoe het moet, slechts drie man in het peloton waren erbij in 1997. Gelukkig is het maar vijftig meter. Na de koers gaat bij mij het licht uit. Bij de chocomel in het café lopen de rillingen over mijn rug en alles doet pijn. De volgende paar dagen ga ik lekker rustig aan doen, want donderdag zit ik in het vliegtuig naar Zweden om daar weer honderdvijftig kilometer te rijden. yyy

14

15

1 Bidon van schaatsteam Skits 2 Skibril, zodat de ogen niet bevriezen 3 Vier paar handschoenen, van dun tot heel dik, afhankelijk van het weer 4 Transponders om de rondetijd te meten, te dragen op de bovenarm 5 Energierepen. ‘De duurdere zijn neutraal, de blauwe smaakt heel vies.’ 6 Vaseline, tegen gebarsten lippen 7 Coltrui, voor het warm 8 Schaatsbeschermers worden bij wedstrijden over de schaats gedragen 9 Hoofdlampje, voor als de Elfstedentocht voor zonsopgang zou zijn begonnen. Ongebruikt.10 Draagbare reparatieset voor schaatsen 11 Schaats met isolatiefolie, tegen koude voeten 12 Wedstrijdpak, met nummer 86 en Amsterdamse Andreaskruisen 13 Zelfgemaakte knie- en scheenbeschermers van schuimrubber 14 Mutsen en team-bandana (wit) 15 Thermoondergoed

FoliaMagazine

25


objectief Geen warm onthaal Twintig jaar geleden ondertekenden Wim Kok (l) en Ruud Lubbers (r) het Verdrag van Maastricht, waarmee de Europese Unie een feit was. Tien jaar later zagen ze de geboorte van hun geesteskind, de euro. Dat was niet wat ze zich ervan hadden voorgesteld, zeiden de oud-premiers deze week bij de presentatie van het boek De euro van journalist Roel Janssen. Het tienjarig jubileum van de invoering van de munt, vorige maand, was zo kil als de vrieskou waar Lubbers (per elektrische auto) en Kok (per tram) zich een weg door baanden naar de Singelkerk. In gesprek met Janssen trokken Kok, Lubbers en toenmalig directeur van De Nederlandsche Bank André Szász collectief hun handen ervan af. Zo hadden ze het nooit bedoeld, zei Kok: ‘Wat er uiteindelijk is ontstaan, is iets heel anders dan wij voor ogen hadden’. De discussie was de eerste in de reeks ‘Europa in debat’, georganiseerd door de Alumnikring van de opleiding Europese Studies. yyy Bob van Toor foto Martijn van de Griendt

26

FoliaMagazine

FoliaMagazine

27


Vader en zoon Vuijsje 28

FoliaMagazine

De een was adjunct-hoofdredacteur bij de Volkskrant en hoofdredacteur van HP/ DeTijd; de ander werkte bij Nieuwe Revu voor hij doorbrak als schrijver met Alleen maar nette mensen. Schrijven zit in het bloed van de familie Vuijsje, en zeker bij Bert en zijn zoon Robert. ‘Ik kan met mijn vader beter over schrijven praten dan met een buitenstaander.’ tekst Greta Riemersma / foto’s Marc Deurloo

FoliaMagazine

29


O

f hij trots is op zijn zoon, luidt de vraag aan Bert Vuijsje, de vader van bestsellerauteur Robert. Het antwoord is verpakt in een anekdote die hij vaker vertelt. Je hebt de vader van Marco van Basten, Joop, en je hebt de zoon van Willem van Hanegem, Gert. Beiden voetbalden en beiden werden geen hoogvliegers. ‘Ik zeg altijd maar,’ besluit Bert Vuijsje zijn verhaal, ‘je kunt beter de vader van Marco van Basten zijn dan de vader van Gert van Hanegem.’ Ze zitten naast elkaar in het College Hotel in Amsterdam-Zuid: Bert (69), vrolijk erop los pratend; Robert (41), in woord en gebaar aarzelender. De aanleiding voor hun samenkomst is de verschijning van Beste vriend, de nieuwe roman van Robert Vuijsje. Het boek gaat over een beroemde figuur die door zijn optredens in de gekste tvprogramma’s hoopt dat zijn vader hem ziet staan. Zijn vader is weggegaan bij hem en zijn moeder toen hij klein was, een band hebben ze nauwelijks. Laten nou ook de ouders van Robert Vuijsje zijn gescheiden toen hij zeven was. Hij en zijn jongere broertje bleven wonen bij hun moeder, vader Bert ging weg. Dus ja, die vader-zoonrelatie tussen de twee Vuijsjes intrigeert nogal. Hoe zit het met hún band? Beste vriend is fictie, benadrukt Robert Vuijsje sinds de presentatie van het boek overal, maar toch spreekt er duidelijk een bepaald gevoel uit: in de steek gelaten door vader. Aan het begin van het gesprek memoreert Bert Vuijsje dat hier twee alumni zitten van de Universiteit van Amsterdam (UvA). ‘Maar ik ben afgestudeerd,’ zegt Robert fijntjes, wat zijn vader lachend bevestigt: ‘Jij bent doctorandicus en ik ben een gesjeesde student.’ In 1966 haalde Bert zijn kandidaatsexamen wis- en natuurkunde, waarna hij stopte met de studie. Hij bracht het vervolgens tot adjunct-hoofdredacteur van de Volkskrant en hoofdredacteur van HP/De Tijd. Sinds 2002 werkt hij als docent journalistiek bij de UvA. Robert Vuijsje haalde een propedeuse in de sociologie en studeerde in 1997 af in de Amerikanistiek, waarna hij als journalist begon bij Nieuwe Revu. In 2008 brak hij door met Alleen maar nette mensen, waarvan 175.000 exempla-

30

FoliaMagazine

ren zijn verkocht. Het boek won literaire prijzen en wordt nu verfilmd. Wat vind je van zijn nieuwe boek, Bert? ‘Ik heb het met grote belangstelling gelezen. Als schildering van het milieu “beroemd wegens beroemd” is het geslaagd. Daarnaast heb je het perspectief van de vader en de zoon, en die zoon weer met zijn zoon, en dat is ook interessant, maar ik heb er een tweeledige reactie op. Natuurlijk, ieder kind zal gevoelens van verlatenheid hebben en misschien zelfs van verraad als een van de ouders weggaat. Dat is legitiem en dat mag iedereen in een boek verwerken. Wat mij irriteert, is dat Robert deze algemene constellatie illustreert aan de hand van een aantal details die van geen kant kloppen met de

‘De lat ligt erg hoog als je vader op het hoogste niveau heeft gewerkt’ werkelijkheid zoals ik die heb beleefd. De vader in dat boek is nog te belazerd om met zijn kinderen naar zwemles of voetbal te gaan. Nou, het aantal uren dat ik ’s ochtends om half acht bij het Heiligewegbad was met twee kinderen of dat ik zaterdagochtend vroeg naar het voetballen, honkballen of kanoën ging, zijn niet te tellen.’ Jouw commentaar, Robert? ‘Die details kloppen inderdaad niet. Maar ik wilde niet letterlijk schrijven “ik mis hem” of “ik ben verdrietig” en daarom heb ik geschikte voorbeelden gezocht waaruit dat gevoel zou blijken, zodat de lezer zelf de conclusie kan trekken. Ik denk dat ik een slechte schrijver zou zijn als ik het boek zou aanpassen om te voorkomen dat één lezer beledigd zou zijn. Dat mijn vader nu zegt dat bepaalde dingen niet waar zijn en dat hij dat vervelend vindt, nou ja, dat is dan jammer.’ Wilde je inderdaad erin leggen: als kind van gescheiden ouders voelde ik me in

de steek gelaten? ‘Ik ben zelf gescheiden toen mijn oudste zoon Sonny anderhalf was – ik denk dat dat gevoel meer in het boek zit dan iets wat mijzelf vijfendertig jaar geleden is overkomen. Dat was vervelend, maar ik zag dat mijn ouders vaak ruzie hadden. Ik kon toen al begrijpen dat ze niet bij elkaar pasten. Mijn eigen scheiding is veel traumatischer geweest dan die van mijn ouders.’ Bert: ‘Hoe zit het ook alweer: heb je die scène in het boek verwerkt dat Sonny terugkomt op Schiphol?’ Robert: ‘Ja.’ Bert: ‘Het allesbeslissende moment: ziet mijn zoontje me nog staan nadat hij een paar weken weg is geweest? De diepe emoties die dan bovenkomen...’

Die passage is naar de werkelijkheid geschetst? Robert: ‘De details waren anders, maar het is echt gebeurd. Sonny was toen een maand met zijn moeder weggeweest naar het buitenland.’ Wil je zeggen dat je nauwelijks met de scheiding van je ouders hebt gezeten? Robert: ‘Als je ouders gescheiden zijn, maak je per definitie minder uren met degene die weg is, in mijn geval met mijn vader. Maar het is niet zo dat ik daar nog dagelijks over nadenk.’ Bert: ‘En ik was er dus een stuk meer dan in het boek. Ik woonde op vijfhonderd meter afstand, we gingen samen naar voetballen, we deden van alles.’

Vertel eens wat meer over jullie band vroeger. Robert: ‘Om het weekend gingen mijn broertje en ik naar mijn vader, waar we allebei onze eigen slaapkamer hadden. Het is wel zo: met elkaar in één huis wonen, is de enige manier om een band te krijgen. Niet dat je iedere dag uren met elkaar op de bank moet doorbrengen, maar als je elkaar dagelijks ziet, raak je met elkaar vertrouwd. En dat is anders dan één keer in de twee weken een weekend bij elkaar zijn.’ Hebben jij en je vader dat later niet ingehaald? Robert: ‘Eh ja, ja, we hebben een goede band, maar die met mijn moeder is anders door de hoeveelheid uren die we samen hebben doorgebracht.’

Hoe anders? Intiemer? Warmer? Robert: ‘Ik denk: alledaagser.’ Voel je je aangesproken Bert, door het gevoel van verlaten zijn dat Robert in het boek schetst? ‘Tuurlijk. De lering die ik eruit heb getrokken is dat de impact van mijn vertrek destijds aanzienlijk was, ondanks al mijn pogingen om contact te houden. Maar het is vruchteloos daar bij stil te staan, want de geschiedenis laat zich niet veranderen. En zoals Robert al zei: het is geen motief om een rampzalig huwelijk in stand te houden. Dus je kunt er verder niets mee.’ Je kunt het erover hebben. Hebben jullie

FoliaMagazine

31


CV Robert Vuijsje

CV Bert Vuijsje

1970 geboren op 12 oktober in Amsterdam 1990-1996 sociologie en master Amerikanistiek, UvA 1997-2007 Verslaggever Nieuwe Revu 2008 Debuutroman Alleen maar nette mensen 2009 Winnaar Gouden Uil 2012 Tweede roman Beste vriend

1942 geboren op 13 april in Amsterdam 1959-1966 kandidaats Wis- en Natuurkunde, GU 1967 verslaggever Het Parool 1969-1981 medewerker Haagse Post 1985-1996 adjunct-hoofdredacteur De Volkskrant 1996-2000 hoofdredacteur HP/De Tijd 2001-heden Freelance jazzjournalist 2002-heden docent UvA

twee romans heeft geschreven, is Robert. Ook daarin zie je zijn behoefte zich te onderscheiden.’ Wilde je dat inderdaad? Robert: ‘Misschien wel.’ Bert: ‘Je jongere broer is naar de televisie gegaan om niet in het patroon van de familie terecht te komen en jij bent fictie gaan schrijven.’ Robert: ‘Dat is ook omdat ik het schrijven zelf altijd leuk heb gevonden. Toen ik nog als journalist werkte, vond ik het componeren van een verhaal prettiger dan het binnenhalen van het materiaal.’ Bert: ‘Dat neemt niet weg dat je een behoorlijk goeie interviewer was.’ Robert: ‘Maar de kwaliteit lag meer in hoe ik het opschreef.’ Was je bang voor de confrontatie met mensen? Robert: ‘Ja, ik ben verlegen. Ik heb meer plezier in schrijven dan in praten.’

naar aanleiding van dit boek over jullie relatie gesproken? Robert: ‘Nee.’ Bert: ‘Je schiet er niet veel mee op. En we hebben in ieder geval een heel grappige relatie op het ambachtelijke, professionele niveau. Dat blijkt wel uit het feit dat achter in zijn beide boeken mijn naam wordt genoemd. Stel je voor dat achter in De avonden had gestaan: met dank aan mijn vader Gerard Vanter die dit manuscript van tevoren heeft gelezen en van kritische kanttekeningen heeft voorzien. Van dien aard was de relatie tussen Reve en zijn vader niet. Die van ons klaarblijkelijk wel.’ Robert: ‘Wat dat professionele betreft: toen ik bij Nieuwe Revu kwam, maakten collega’s toespelingen dat ik daar mocht werken omdat mijn vader een bekende journalist was. Ik ben wel blij dat ik nu zelf ergens ben gekomen.’ Is dat een drijfveer voor je geweest: ik wil iets op eigen kracht bereiken?

32

FoliaMagazine

Robert: ‘Misschien wel. Daarom ben ik blij dat mijn eerste boek zo goed loopt. Ik neem aan dat de meeste mensen het niet hebben gekocht

‘Dat mijn vader dingen vervelend vindt, dat is dan jammer’ omdat hij mijn vader is. Waarschijnlijk weten ze dat niet eens.’ Volgens mij heb je nu een bekendere naam dan je vader. Bert: ‘Ik zeg altijd: ik ben een journalist die bekend is onder journalisten. Dat is iets anders dan wat Robert nu heeft bereikt. Er zitten trouwens meer journalisten in de familie Vuijsje, ik denk dat je met al hun boeken makkelijk twee boekenplanken kunt vullen, allemaal non-fictie. De eerste die met een roman is gekomen en intussen

Je vader is nogal aanwezig. Hij kan buitengewoon goed formuleren, hij is erudiet, hij weet alles. Het lijkt me niet altijd gemakkelijk een kind van hem te zijn. Robert: ‘Hij weet inderdaad heel veel.’ Bert: ‘Nou, niet hoe je een auto repareert, hoor.’ Robert: ‘Maar verder kan ik hem alles vragen. Dat is enerzijds makkelijk, maar aan de andere kant: de lat ligt wel erg hoog als je vader op het allerhoogste niveau heeft gewerkt.’ Bert: ‘Zoals ik al zei: je was een prima interviewer.’ Robert: ‘Maar ik zou als journalist nooit in de hoofdredactie van de Volkskrant terechtkomen. Dat ambieerde ik niet, maar als ik het wel had gewild, was het me nooit gelukt. Er zijn maar heel weinig journalisten die zo hoog komen.’ Je zei net dat je verlegen was, komt dat doordat je vader zo aanwezig is? Bert: ‘Er is een boek verschenen van onze nicht Marja Vuijsje over de hele familie en daarin schetst ze als een wezenskenmerk van alle Vuijsjes dat ze verlegen zijn.’ Dat ben jij toch niet, Bert?

‘Ja, ik ook. De theorie is dat de Vuijsjes zo veel zijn gaan schrijven omdat ze dat makkelijker vinden dan praten. In het boek haalt ze een grap aan van mijn jongste zoon, een variant op Seinfeld: een Vuijsje zal bij een begrafenis liever in de kist willen liggen, dan dat hij een toespraak moet houden.’ Die karakteristiek lijkt me meer op Robert van toepassing dan op jou. Bert: ‘Ik heb in de loop der jaren wat geleerd, zoals Robert ook wat heeft geleerd. Als je Robert laatst zag bij Pauw & Witteman: dat was een wereld van verschil met twee jaar geleden.’ Je hebt beide boeken voor publicatie aan je vader laten lezen, Robert. Waarom? ‘Omdat ik benieuwd was wat hij ervan vond.’ Als journalist of als vader? ‘Allebei. En hij is een goede eindredacteur.’ Bert: ‘Ik heb niet alleen op punten en komma’s gelet. Ik adviseerde bijvoorbeeld ook om passages prominenter te maken of het omgekeerde. Sommige adviezen heeft hij helaas niet opgevolgd. In de tweede helft van Alleen maar nette mensen had van mij wel wat minder seks gemogen.’ Robert: ‘Er stond helemaal niet zo veel seks in. Echt, ik heb het weleens geteld. Er waren maar vijftien pagina’s met seksscènes op een totaal van driehonderd pagina’s, dat vond ik dik meevallen. Je hebt trouwens wel een spelfout uit het eerste boek gehaald. Ik had het woord “cunnilingus” verkeerd gespeld.’ Bert begint te bulderen van het lachen. Ik weet niet eens wat het is. Bert: ‘O, nou, google maar even. Het is met dubbel-n, cun-ni-lin-gus.’ Robert: ‘Hij zei: “Als je het woord dan toch gebruikt, zorg dat je het goed hebt geschreven.”’ In het nieuwste boek zaten dus dingen die jou, Bert, onaangenaam hebben getroffen. Heb je nog geprobeerd iets te veranderen? ‘Dat weet ik niet meer. Heb ik dat gedaan?’ Robert: ‘Nee.’

Bert: ‘Ik denk dat ik heb gedacht: het is zijn tweede boek, hij zal erover hebben nagedacht, ik respecteer zijn keuze om het zo te doen.

‘Ik ben blij dat ik nu zelf ergens ben gekomen’ Maar ik heb mijn kritiek vanaf het begin in een wisecrack gegoten. Ik heb tegen Robert gezegd: “Je kunt het boek beter Louter leugens noemen” – wat de titel was van een bundel van Simon Carmiggelt. Mensen die mij oppervlakkig kennen, wil ik duidelijk maken dat ik niet samenval met de vader in het boek.’ Is jullie band intensiever geworden doordat jullie nu min of meer in hetzelfde vakgebied zitten? Robert: ‘Ik kan met mijn vader beter over schrijven praten dan met een buitenstaander.’

Bert: ‘Dat geeft inderdaad een soort vertrouwelijkheid.’ En zien jullie elkaar vaker dan vroeger? Bert: ‘We bellen bijna dagelijks.’ Robert: ‘Elke dinsdag is Sonny bij hem. We zien elkaar dus ook geregeld.’ Door dit nieuwe boek moet je steeds over de vader-zoonrelatie praten, Bert. Hoe vind je dat? ‘O, dat vind ik alleen maar leuk. Er moeten boeken verkocht worden, hè?’ Daar doe je het allemaal voor? Bert: ‘Ik zie dit toch een beetje als een professionele onderneming.’ Je mag best zeggen: ik ben trots op hem, ik vind het helemaal geweldig wat hij doet. Bert: ‘Ja, natuurlijk. Maar dat is toch duidelijk? yyy

FoliaMagazine

33


Jonge dokter: ongezonde patiënt Studenten geneeskunde eten ongezond, de helft drinkt te veel en zes procent rookt of gebruikt stimulerende middelen. Dat bleek uit een enquête onder 900 geneeskundestudenten. Ze zitten ver onder het landelijk gemiddelde van studenten, maar is dat goed genoeg? Onderzoek wijst uit dat gezonde artsen gezondere patiënten opleveren, en daarom is het misschien tijd voor een interventieprogramma. Tekst en foto’s Bob van Toor

M

atthias Cabri (23, vierdejaars geneeskunde), vindt de cijfers van het onderzoek ‘heel erg meevallen’. De voorzitter van de Studentenraad van het AMC – sprekend op persoonlijke titel – betwijfelt of interventie effectief zou zijn. ‘De studenten hier weten al wat de risico’s zijn van roken en drinken, maar het blijven studenten, hè? Met de stelling dat een rokende arts een slechtere arts zou zijn ben ik het helemaal niet eens. Het is altijd een eigen keuze, en een arts zou altijd moeten proberen de patiënt zo goed mogelijk te helpen. Ook als de arts zegt dat een patiënt moet stoppen is het nog de eigen keuze van

de patiënt.’ Uit de enquête, uitgevoerd door het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid, een afdeling van het AMC, bleek verder dat studenten steeds slechtere patiënten worden. Naarmate ze langer studeren vinden ze het minder een probleem dat een arts aan zichzelf voorschrijft of via een bevriende arts medicatie krijgt. ‘Het syndroom van Amice’, lacht Cabri. ‘Dat is een bekend verschijnsel, dat artsen snel even aan een collega vragen wat eraan zou kunnen schelen. Dat levert problemen op, omdat artsen elkaar sneller en minder zorgvuldig helpen dan patiënten.’ Dat artsen zichzelf medicijnen voorschrijven vinden ze wel een kwalijke zaak.

FoliaMagazine

(23, vijfdejaars geneeskunde, coassistent oogheelkunde) Rookt: niet Drinkt: ‘alleen op zaterdagavond’

‘Als ik in mijn omgeving zie dat mensen drugs of bijvoorbeeld slaapmiddelen gebruiken, dan zou ik daar altijd wel wat van zeggen, zowel bij artsen als niet-artsen. Ik merk dat ik zelf door de jaren een steeds slechtere patiënt ben geworden. Gisteren had ik een zalfje nodig voor wat ik denk dat eczeem is, toen heb ik zelf een recept uitgeschreven en dat door een assistent laten ondertekenen. Anders moet je helemaal naar de bedrijfsarts, en heb je een verwijsbrief nodig, enzovoort. Daar had ik geen tijd voor. Artsen worden daar naar verloop van tijd makkelijker in, maar ik denk niet dat het problematisch is.’

(24, tweedejaars geneeskunde) Rookt: niet Drinkt: ‘bij vlagen best veel’

‘Ik weet van mijn vrienden dat ze wel eens drugs als xtc gebruiken, op festivals en zo. Maar dat heeft geen invloed op je werk als arts, omdat het onzichtbaar is. Ook roken kun je prima verbergen. Al is het natuurlijk wel vreemd als die patiënt ziet dat je buiten staat te paffen, maar je hebt als arts toch ook een eigen leven. Ik merk dat ik zelf minder geneigd ben naar een huisarts te gaan, en als je weet dat je een blaasontsteking hebt vind ik het niet raar dat je even zelf een recept uitschrijft. Ik zou mezelf alleen nooit slaapmiddelen of antidepressiva voorschrijven.’

Alex Schuurman

(19, eerstejaars geneeskunde)

(19, eerstejaars geneeskunde)

Rookt: niet Drinkt: ‘af en toe’

Rookt: niet Drinkt: niet veel

‘Die cijfers zijn niet zo verbazend. We hebben het al gehad over rokers tijdens college, toen het longkankerverhaaltje werd verteld. Het percentage rokers is laag, maar nog te veel. Als ik zelf gezondheidsklachten heb ga ik goed voorbereid naar de huisarts, en ik ben ook wel kritisch. Het lijkt me een onmogelijke taak om te proberen van artsen betere patiënten te maken. Er is laatst onderzoek naar “de arts als patiënt” gedaan, waaruit bleek dat artsen de kwaliteit van zorg enorm vinden tegenvallen als ze zelf een keer ziek worden.’

Aniek Bagijn

Ward van Bilsen

(19, schakeljaar geneeskunde)

(23, vierdejaars geneeskunde)

(20, tweedejaars geneeskunde)

Rookt: wel Drinkt: ja

Rookt: niet Drinkt: ‘als ik college heb de volgende dag niet, maar in het weekend wel eens’

Rookt: niet Drinkt: gemiddeld

‘Als een arts zelf rookt is het natuurlijk wel een beetje hypocriet als hij zijn patiënten adviseert te stoppen. Toch denk ik niet dat hij daardoor per se een slechtere arts wordt. In mijn omgeving zie ik het nauwelijks. Natuurlijk, iedereen drinkt wel eens, maar geen drugs en zo. Zelfs dan vind ik dat mijn vrienden dat zelf moeten weten. Ik weet niet of ik een slechte patiënt zou zijn, maar het is nou eenmaal veel makkelijker om een collega aan te spreken als je het heel druk hebt. Het is verstandiger om naar een huisarts te gaan, maar ja… ’

Maartje Dijkstra

Marina Huijboom

Daan Kinsbergen

‘Ik denk niet dat roken mijn adviezen aan patiënten zou beïnvloeden. Ik ga binnenkort proberen te stoppen met roken, en zeg tegen mijn vrienden ook dat ze er echt niet aan moeten beginnen. Ik denk dat ik een slechte patiënt zou zijn. Ik ben al eens, toen ik pijn had, naar het afdelingshoofd gegaan om even kort te vragen wat het kon zijn. Je zou sowieso altijd naar een arts moeten gaan die je niet kent, anders beïnvloed je zijn mening. Ik zou het zelf ook moeilijk vinden om een diagnose te stellen bij iemand die ik goed ken.’

34

‘Iedere basisarts is bevoegd om recepten uit te schrijven, maar of je als je jezelf diagnosticeert ook bekwaam bent is de vraag, zeker als je klachten buiten je specialisatie vallen. Bij slaapmiddelen en dergelijke moet je daar heel erg mee oppassen.’ Toch vinden beide voorzitters het voorgestelde interventieprogramma onnodig. ‘Studenten krijgen al heel veel voorlichting, na verloop van tijd denken ze: het zal allemaal wel,’ meent MFASvoorzitter Emelie Schuts (22, derdejaars geneeskunde). ‘Daardoor worden ze na verloop van tijd wat lakser, maar medische studenten opvoeden om goede patiënten te worden hoeft van mij niet: dat zouden we toch echt zelf moeten kunnen.’

Tom Kemper

‘Als arts ben je geneigd meteen zelf op te zoeken wat de reden voor je gezondheidsklachten zou kunnen zijn. Daardoor denk je trouwens wel sneller dat je aan een heel erge ziekte lijdt, je gaat sneller doemdenken. Je gaat minder snel naar de huisarts omdat je de informatie al binnen bereik hebt. In een boek kun je uren lezen over gezondheid, een huisarts moet toch na vijf minuten een diagnose stellen. Toch kun je zelf geen objectief oordeel vellen over je gezondheid. Eigenlijk zouden artsen geen recepten voor zichzelf moeten uitschrijven, maar ik zou het denk ik ook wel doen, als het straks kan.’

‘Ik ben nu nog geen slechte patiënt, en ik merk ook in mijn omgeving niet dat studenten minder snel naar de dokter gaan. Ik kan me wel voorstellen dat je denkt dat je het zelf wel in kunt schatten, of het een vriend vraagt. Artsen weten natuurlijk wel beter dan gemiddeld wat ze zelf mankeren, maar het is niet objectief. Voor een second opinion kun je beter naar een onbekende arts gaan. Zelf recepten uitschrijven lijkt me een slechte zaak. Ook al doe je dat dagelijks voor je patiënten, als je een gezondheidsprobleem hebt moet je je ook als patiënt opstellen.’

Kansen voor het onderwijs ‘Aanstaande arts drinkt veel’ kopte Het Parool vorige week. ‘Het uiteindelijke onderzoek, dat de komende jaren nog de gegevens van drie Universitaire Medische Centra inzamelt, is veel breder dan dat, zegt Judith Sluiter, een van de onderzoekers. ‘We kijken naar de manier waarop de student tegen zijn eigen gezondheid en zijn toekomstige rol als arts aankijkt. Op het moment is er binnen het onderwijs geen aandacht voor de medische professional zelf, en waar de valkuilen van die rol zitten. Ik zeg niet dat je nooit een sigaret mag roken, maar zoals iemand in een beveiligingsfunctie strenger wordt aangesproken op zijn veiligheidsgedrag, kan een persoon in de gezondheidszorg ook strenger op zijn gezondheid worden aangekeken, als het zijn functioneren kan beïnvloeden. Daar liggen kansen voor het onderwijs. De studenten moeten zich realiseren dat hun eigen mening hun handelen beïnvloedt, en dat artsen zichzelf vaak tekortdoen als ze zichzelf behandelen of snel naar een collega gaan. Je leert wel over ziektes, maar het gaat om je handelen als arts tegenover jezelf.’

FoliaMagazine

35


Gunning wil de beste zijn Zelfverzekerd, gedreven, werklustig, een natuurlijke leider. Grenzen zoekt ze op op het water, als ze haar sloep bestuurt. Als bestuurder is ze juist eerder voorzichtig. ‘Louise neemt geen risico’s.’ Portret van de eerste vrouwelijke collegevoorzitter van UvA en HvA. tekst Eva Rooijers / foto’s Bob Bronshoff

D

e juiste vrouw op de juiste plek. Dat is de eensgezinde reactie op de benoeming van Louise Gunning tot collegevoorzitter van de UvA en de HvA. Geen van de negen ondervraagde bestuurders en wetenschappers die eerder met haar samenwerkte, denkt daar anders over. Het is om die reden dat de sollicitatiecommissie alleen met haar in gesprek is gegaan. ‘We hebben samen met het headhuntersbureau een grondige vooranalyse gedaan, maar Louise Gunning was gewoon de ideale kandidaat,’ zegt Inge Brakman, die als waarnemend voorzitter van de Raden van Toezicht van de UvA en de HvA de sollicitatiecommissie voorzat. Het lijkt haast of het functieprofiel, met ronkende kwalificaties als bestuurlijk boegbeeld, dienstbaar leider, bewezen wetenschapper en excellent communicator, is geschreven met het cv van Louise Gunning in de hand. Haar wetenschappelijke sporen verdiende Louise Gunning (60) in de sociale geneeskunde, als hoogleraar bij het Academisch Medisch Centrum Amsterdam. Tien jaar bestuursvoorzitter van diezelfde organisatie en anderhalf jaar van de Gezondheidsraad: ook achter de eis bestuurlijk boegbeeld kan dus een vinkje. Maar het zijn vooral haar communicatieve vaardigheden en

36

FoliaMagazine

haar leiderschapskwaliteiten die haar voormalige en toekomstige collega’s roemen. De moeilijkste studie Het is een vrouw met ontzettend veel energie, zeggen ze. Iets wat haar rustige en beheerste voorkomen niet direct verraadt. Gunning, die haar dikke grijze haar in een kort kapsel draagt en altijd voorbeeldig gekleed is, straalt klasse

‘Ze had haar proefschrift een halfjaar eerder af dan gepland’ uit. Een soort klasse die ze waarschijnlijk van huis uit heeft meegekregen. Als jong meisje zag Gunning al veel van de wereld omdat haar vader carrière maakte bij Shell. Ze woonde in Spanje, Canada en Marokko. Toen ze twaalf was keerde het gezin, met daarin naast Louise twee jongens, terug naar Nederland. Dat ze ging studeren was vanzelfsprekend. Het werd geneeskunde omdat dat in die tijd werd gezien als de moeilijkste studie, vertelt haar broer Jan in een profiel dat NRC Handelsblad van haar maakte in 2010. Want: Gunning wil de beste zijn. Dat herkent professor Krom-

hout, vicevoorzitter van de Gezondheidsraad, maar al te goed. ‘De uitspraak van Johan Cruijff: “Als ik niet had gezegd dat ik de beste was, zou ik het nooit zijn geworden”, is zeker op haar van toepassing. Ze is zelfverzekerd en dat straalt ze ook uit.’ Haar promotor, emeritus hoogleraar Van der Maas, prijst haar doelgerichte aanpak en werklust. ‘Ze had haar proefschrift een halfjaar eerder af dan gepland. Dat maak je niet vaak mee.’ Na haar promotie aan de Erasmus Universiteit eind jaren tachtig werd ze in 1991 hoogleraar sociale geneeskunde aan het AMC. ‘Daar heeft ze zich snel in de kijker weten te spelen,’ zegt Marianne de Visser, die destijds als divisievoorzitter Neurozintuigspecialisme veel met haar te maken kreeg. In 1997 trad Gunning toe tot de Raad van Bestuur van het AMC en in 2001 verzilverde ze het voorzitterschap. ‘Dat komt omdat ze ontzettend ambitieus is en bovendien een heel goede netwerker die zich op de voorgrond weet te plaatsten als dat nodig is. En het belangrijkste van allemaal: ze heeft enorm veel kwaliteiten,’ aldus Visser. Met kleine pasjes vooruit Gunning is een charmante, maar zo nodig ook harde bestuurder, zegt Jacomine Ravensbergen, voorzitter van het Domein Bewegen, Sport en

FoliaMagazine

37


Voeding. Ze werkte nauw samen met Gunning in haar vorige functie bij ZonMW, een landelijke organisatie die gezondheidsonderzoek financiert en stimuleert. ‘In bestuursvergaderingen bestaat er bij Louise geen onduidelijkheid over de vraag wie de voorzitter is. Maar dat doet ze met een ongelooflijke charme, ze zal er altijd voor zorgen dat elke gespreksdeelnemer duidelijk zijn standpunt naar voren kan schuiven,’ aldus Ravensbergen. ‘Ik heb vergaderingen meegemaakt waarin mensen lijnrecht tegenover elkaar stonden. Toch kreeg Louise het voor elkaar ze op één lijn te krijgen.’ Een kwaliteit die meer mensen in haar roemen en die ze hard nodig zal hebben bij de hete hangijzers die haar te wachten staan als collegevoorzitter. De samenwerking met de VU is daarvan misschien wel het meest sprekende voorbeeld. In de wandelgangen wordt nog steeds gefluisterd dat de vorige collegevoorzitter Karel van der Toorn voortijdig is weggegaan omdat hij op dat gebied te ver op de troepen vooruitliep. Dat zal Gunning niet gebeuren, volgens hoogleraar sociale geneeskunde aan het AMC Karien Stronks. ‘Ze gaat niet over een nacht ijs.’ Integendeel. ‘Ze is juist iemand die haar oor eerst heel goed te luisteren legt voor ze een beslissing neemt,’ zegt De Visser. Iets wat alle ondervraagden beamen. Voor sommige, wat meer ongeduldige collega’s, ging dat nemen van beslissingen soms zelfs iets té langzaam, vertelt de huidige bestuursvoorzitter van het AMC Marcel Levi. ‘Bij het AMC heerst een ontzettende hands on mentaliteit. Dan is het fijn als beslissingen snel worden genomen. Ik dacht af en toe ook: kom op, alle argumenten liggen op tafel, nu moet er een knoop worden doorgehakt. Maar dan wilde Louise er nog langer over nadenken. Dat is een kwestie van smaak. Ik ben zelf wat impulsiever en ongeduldiger. Ik heb overigens wel van haar geleerd dat het soms heel verstandig kan zijn om nog eens drie dagen na te denken over een besluit.’ Ook Maarten Lubbers, chirurg en oud-lid van de ondernemingsraad van het AMC, zegt dat ze uiterst voorzichtig en behoedzaam opereert. ‘Ze neemt geen risico’s. Gaat met kleine pasjes

38

FoliaMagazine

kamertje. Daar baalde ik enorm van. Louise was toen al voorzitter en belde me op om iets te bespreken. Op een gegeven moment zei ze: “Weet je wat, ik kom wel even langs.” Ik dacht: dit is een uitgelezen kans. Toen heb ik mijn kamer helemaal vol gezet met dozen en ordners zodat je direct zag: die kamer is veel te klein. Maar Louise kwam binnen en had binnen een seconde door wat ik had gedaan en zei: “Wat fijn dat je een eigen kamer hebt. Helemaal voor jezelf!” Mijn plan was direct in duigen gevallen. Dat vind ik heel tekenend voor haar. Ze ziet dingen snel, kan daar ad rem op reageren en de zaken meteen omdraaien.’

vooruit. Die mentaliteit heeft het AMC aan de ene kant een stevige positie gegeven, aan de andere kant heeft het AMC geen grote sprongen vooruit gemaakt onder haar bestuur. Vergelijk het met Rotterdam, waar het Erasmus MC met verschillende andere ziekenhuizen is gefuseerd. Een echte samenwerking of zelfs fusie met het

‘Het AMC heeft geen grote sprongen vooruit gemaakt onder haar bestuur’ VUmc en het Antonie van Leeuwenhoekziekenhuis is nooit van de grond gekomen. De risico’s dat dit zou mislukken vond zij te groot. Het gevolg daarvan is wel dat het AMC qua hoeveelheid bedden, qua staf, qua aantal promoties en qua hoeveelheid wetenschappelijke artikelen niet meer op de eerste plaats staat, maar op nummer drie of vier.’ Warm en benaderbaar Maar als Gunning eenmaal een visie heeft uitgestippeld, houdt ze daar ook heel sterk aan vast,

volgens Stronks. Bovendien is ze er heel goed in om mensen ervan te overtuigen dat haar visie de beste is, aldus Levi. ‘Ook als er weerstand tegen haar plannen is, weet ze zich goed te handhaven. Bij het AMC heb je af en toe natuurlijk te maken met een collectief van heftige ego’s, maar zij kon daar heel goed mee omgaan. Ze is communicatief heel sterk en laat zich niet onder tafel praten.’ De Visser: ‘Ze is zelf natuurlijk ook een echte AMC’er. Eigenwijs dus. Je bereikt deze positie natuurlijk niet door alleen maar heel vriendelijk en aardig tegen mensen te zijn.’ Volgens Lubbers is ze zeer benaderbaar en warm, maar houdt ze niet van gezwam. Je moet je probleem helder kunnen verwoorden. ‘Mensen die daas en onnozel haar kamer binnen komen, daar moet ze niets van hebben.’ De Visser: ‘Ze is zelf inderdaad ongelofelijk vlot van de tongriem gesneden. We zeiden altijd: als je het AMC aan de buitenwereld wil verkopen, moet je Louise Gunning vragen.’ Daarnaast is ze volgens Levi iemand die mensen snel doorziet. ‘Toen ik zo’n tien jaar geleden terugkwam uit het buitenland en weer bij het AMC aan de slag ging, kreeg ik een superklein

Altijd wind mee Volgens Niek Urbanus, die in 2001 het stokje als voorzitter van het bestuur van het AMC overdroeg aan Gunning, is het een groot voordeel dat Gunning de universiteit van haver tot gort kent. ‘Het is bijzonder triest dat Karel van der Toorn ermee ophield. Er dreigde een periode aan te komen waarin de nieuwe voorzitter nog heel lang ingewerkt moest worden. Bij Louise is dat gelukkig helemaal niet nodig.’ Toen ze na tien jaar als bestuursvoorzitter vertok naar de Gezondheidsraad, werd ze overladen met complimentjes, herinnert De Visser zich. ‘Dat gebeurt echt niet als je geen goed bestuurder bent geweest.’ Of ze helemaal geen tegenslagen heeft gekend? ‘Niet dat ik weet’ zegt Levi. Natuurlijk waren er wel eens kleine dingetjes, maar ze heeft de wind mee gehad. Dan blijft het natuurlijk de vraag of je die wind zelf genereert of meekrijgt, maar dat ze wind mee heeft is zeker.’ Na anderhalf jaar voorzitter te zijn geweest van de Gezondheidsraad keer ze nu alweer terug naar de UvA. ‘Heel jammer,’ zegt vicevoorzitter van diezelfde raad professor Kromhout. ‘Ik denk dat ze in deze nieuwe functie een grotere uitdaging ziet.’ Ook hij verwijst naar de samenwerking met de VU. ‘Maar ze houdt juist van uitdagingen.’ Op 1 april begint Gunning met haar nieuwe functie. Ze is de eerste vrouw die het vierkop-

pige bestuur van de UvA en de HvA gaat leiden. Een bestuur waar bovendien al twee andere vrouwen – Jet Bussemaker en Dymph van der Boom – in zitten. Dat lijkt opvallend. Brakman: ‘We zijn op zoek gegaan naar kwaliteit en niet naar een man of vrouw. Bovendien, als er al twee mannelijke leden in het college van bestuur hadden gezeten, had niemand gezegd: goh, wat opvallend dat jullie nog een man aannemen.’ De hele man-vrouwdiscussie houdt Gunning evenmin bezig. Ze gelooft niet in het beruchte glazen plafond, zegt ze in een interview met Het Parool in 2010. ‘Mannen en vrouwen hebben hier nu echt gelijke kansen om carrière te maken. En om de top te bereiken.’ Bewust of niet, volgens De Visser heeft Gunning er in haar tijd als bestuursvoorzitter van het AMC wel voor gezorgd dat er veel vrouwen werden aangenomen op topposities. Uitstel aan het begin De vrouw áchter de succesvolle carrière laat zich moeilijker kennen. Gevraagd naar anekdotes die haar persoonlijkheid of kwaliteiten illustreren, vallen bijna alle ondervraagden stil. ‘Ik kan over veel mensen een anekdote vertellen, maar over Louise?’ Kromhout denkt nog even na. ‘Nee, er schiet me echt niets te binnen. Dat komt denk ik omdat ze heel zakelijk en to the point is.’ Volgens Stronks is Gunning inderdaad heel zakelijk. ‘Ze is niet iemand die in het leidinggeven veel van haar persoon laat zien of zich snel blootgeeft.’ Die zakelijke aanpak bevalt Kromhout wel. ‘Ik kom niet naar mijn werk om vrienden te ontmoeten. Dat geldt voor Louise denk ik ook.’ Urbanus leerde haar wel persoonlijk goed kennen. ‘Het is een gezellig mens. Haar man [prof. Jan Willem Gunning, red.] is ook zo’n vrolijke vogel. In hun vrije tijd mogen ze er graag op uittrekken met hun sloepje,’ vertelt hij aan de telefoon. ‘Ze is dan echt een avonturierster,’ roept zijn vrouw op de achtergrond.’ Urbanus lacht. ‘Ja, we hebben ons hart wel eens vastgehouden als we bij haar in de sloep zaten. Ze verkent dan de grenzen.’ Volgens hem is Gunning echt een familiemens. ‘Ze heeft twee kinderen en

twee kleinkinderen, de derde is op komst. Daar brengt ze graag tijd mee door.’ Opvallend is dat Gunning zelf al op haar 23e haar eerste kind kreeg, toen ze nog studeerde in Groningen. Iets wat ze alle vrouwen van harte aanbeveelt. In Het Parool zegt ze in 2010: ‘Ik gun iedere jonge vrouw een foutje met de conceptiepil. Er komen nog genoeg carrièrekansen. Een beetje uitstel aan het begin merkt niemand.’ Het heeft haar eigen carrière in ieder geval niet in de weg gezeten. De Visser: ‘Ik denk dat ze een mooi boegbeeld van de UvA en de HvA zal worden. Het is altijd vervelend als er een collegevoorzitter voortijdig weggaat, zoals dat bij van der Toorn is gebeurd. Daar kleeft een smetje aan. Dan is het erg mooi als er iemand zoals Louise Gunning voor terugkomt. Dat poetst het imago van onze universiteit weer wat op.’ yyy

CV Louise Gunning Schepers 1951 geboren in Amsterdam 1973 geneeskunde, Groningen 1973-1979 werk en studie in Washington en Baltimore 1980-1991 onderzoeker in Brussel, Rotterdam en het ministerie van VWS 1991-2010 hoogleraar sociale geneeskunde, UvA 1995-1997 lid Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid 1995-1997 voorzitter afdeling publieke gezondheid AMC 1997-2001 lid raad van bestuur AMC 2001-2010 voorzitter raad van bestuur AMC 2006 schreef mee aan het verkiezingsprogramma van de PvdA 2010 voorzitter Gezondheidsraad 2010 universiteitshoogleraar Gezondheid en Maatschappij, UvA 2010-2011 voorzitter commissie-Gunning,die onderzoek deed naar de Amsterdamse zedenzaak 2012 voorzitter College van Bestuur van de UvA en de HvA (per 1 april)

FoliaMagazine

39


de adviesdienst

illustratie Denise van Leeuwen

drift

‘Ik wilde veel aandacht en veel seks’

B

illie (24), masterstudent geschiedenis: ‘Ik erger me altijd ontzettend als vriendinnen tegen elkaar klagen: “Ik heb al zo lang geen vriendje meer gehad, al zo lang geen seks meer.” Dan gaan ze zitten wachten tot er iemand voorbijkomt. Sorry hoor, maar als jij een leuke jongen wilt, dan moet je gewoon gasten regelen als je uitgaat. Ga gewoon tongen, ga seksen! Mij kost het weinig moeite. Als je vaak een jongen mee naar huis neemt, is het na een tijdje totaal niet eng of moeilijk meer. Het is niet eens echt versieren. Het gaat erom dat je elkaar aankijkt en laat merken dat je die ander interessant vindt. Opkijken, en die drie fucking beschamende seconden uittellen in je hoofd. 1, 2, 3. En dan pas wegkijken. Dat alleen al is goud. Daarna het langeafstandspel. Kijken, lachen, blijven kijken, dichter bij elkaar in de buurt gaan dansen. Na een tijdje raak je vanzelf in gesprek. Meestal bleef ik tot sluit, dan kun je nergens anders meer heen. Dus: “Ga je mee?” Mannen zeggen niet snel nee tegen een chick. Ik heb weleens een jongen gehad die twijfelde.

40

FoliaMagazine

“Dit doe ik normaal nóóit,” zei hij alsmaar. Maar hij ging wel mee. Na de seks zei hij: “Voor mij is seks heel speciaal, voor jou ook?” “Ja tuurlijk,” zei ik. “Zéker.” Ik koos altijd lieve, grappige jongens uit. Geen arrogante versierders, daar kots ik op. Ik denk

‘Mannen zeggen niet snel nee tegen een chick’ dat ik onbewust jongens koos van wie ik wist dat zij mij leuker vonden dan ik hen. Ik wilde geen vriendje, maar wel aandacht, liefde, en veel seks. Ik móést elke week met een jongen naar bed, iemand bij me hebben. De volgende ochtend dacht ik bijna altijd: o mijn god, ik wil dat-ie nú weggaat. Dan sprong ik uit bed, gooide de gordijnen open en schreeuwde: “Shit, helemaal vergeten! Ik heb college, je moet nu echt weg!” Meestal liet ik daarna nooit meer iets van me horen. Nu heb ik al anderhalf jaar een vriendje, ik zou niemand anders meer willen. Hij was een

collega van me in het café waar ik werkte. Na een leuke avond uit heb ik hem – uiteraard – mee naar huis genomen. De volgende dag kon ik me alleen maar druk maken over hoe ik in godsnaam nog met hem moest samenwerken. Hoe leuk ik hem ook vond, het kwam geen moment in me op dat het tussen ons verder zou gaan dan die ene avond. Hij wilde afspreken na werk. Bij onenightstands was ik geen moment onzeker, maar een date – de gedachte alleen al! Ik was afschuwelijk zenuwachtig. In het begin was het erg wennen. De truc was altijd geweest niet emotioneel betrokken te raken. Ik moest echt omschakelen, dan deed ik alsof hij me niet raakte en dacht ik daarna: o nee, nu mág het. Nog steeds heb ik veel bevestiging nodig: alsmaar zoenen, knuffelen, handjes vasthouden. ’s Nachts kan hij bijna niet slapen omdat ik me zo aan hem vastklamp. Maar hij is zó lief, hij doet dat allemaal graag.’ yyy Catrien Spijkerman De naam van de geïnterviewde is op haar verzoek gefingeerd. Wil je ook meedoen aan deze rubriek, mail dan een korte motivatie naar redactie@folia.nl.

Lenen

V

anaf het begin van mijn studie hebben mijn ouders me aangeboden om mij geld te lenen als ik niet rondkom van mijn bijbaantje. Dat gebeurt regelmatig, en ik heb nu een niet al te grote schuld bij mijn ouders opgebouwd. Ik vind het echter steeds vervelender om ze om geld te vragen, omdat het voelt alsof ik me dan moet verantwoorden voor mijn uitgaven. Daarom heb ik laatst voor het eerst bijgeleend bij DUO. Ik vind het erg makkelijk en heb de neiging het vaker te doen. Is het stom om de mogelijkheid op de rentevrije lening van mijn ouders op te geven, of is de vrijheid van zelfbeschikking dat wel waard? J. (21, bèta-gamma)

Lange termijn Er is niets mis met lenen, mits verantwoord. Het nadeel op lange termijn is dat hypotheekverstrekkers ook naar de hoogte van je studieschuld kijken. Daar zou ik zéker rekening mee houden. Succes. Nina Manuhutu (25, media, informatie & communicatie, HvA)

waarschijnlijk puur gericht zijn op jou helpen af te studeren en niet het uitoefenen van controle over jouw leven. Als ‘schuldgevoel’ een belemmering wordt, zou ik dit überhaupt tegen je ouders uitspreken of je nou (meer) bij DUO wilt gaan bijlenen of niet. Elwyn van Zanten (planologie,UvA)

Schuldgevoel

Zelfstandig

Ik denk niet dat jij je zelfbeschikking op zou geven, omdat de intenties van jouw ouders hoogst-

Ik begrijp wel dat je een soort schuldgevoel opbouwt als je bij je ouders leent. Hoewel het natuurlijk

wel handiger is om bij je ouders te lenen, lijkt het mij toch het beste bij DUO te lenen. Dan heb je tenminste echt het gevoel dat je zelfstandig kunt bepalen wat je met je geld doet. Mocht je nou een keer echt in hoge nood zitten, dan kun je altijd alsnog bij je ouders aankloppen. Joost (student sociologie, Rijksuniversiteit Groningen)

Vast bedrag Mij lijkt het het beste een vast

illustratie Pascal Tieman

bedrag met je ouders af te spreken dat je maandelijks van ze krijgt. Dan ligt dat vast en hoef je je er maandelijks niet schuldig over te voelen. Bij alle twee lenen lijkt me sowieso niet zo praktisch: dan moet je straks ook aan twee dingen terug gaan betalen. Als je ouders het kunnen missen, wat uit je vraag lijkt, dan spreek je gewoon een standaardbedrag af en daarover hoef je je dan niet te verantwoorden. Sam (20, media & cultuur, UvA)

volgende week: Stelen van de baas Ik werk met veel plezier en geweldige collega’s in een ontzettend leuke kroeg. Dat het salaris verschrikkelijk laag is neem ik op de koop toe, alleen mijn baas is ook nog eens een ontzettende hufter die de hele winst in zijn eigen zak steekt. Dat we af en toe een biertje achter de bar nemen zonder daarvoor te betalen kan ik dus wel verantwoorden. Alleen: sommige collega’s zijn nu ook begonnen met het stelen van hele flessen

drank. Hoewel ik dat ergens wel terecht vind, is het toch diefstal. Moet ik meedoen, wegkijken of ze aangeven bij de baas? Studente sociologie, UvA Mail je advies voor de studente sociologie., of een eigen kwestie waarin je geadviseerd wilt worden, aan redactie@folia. De redactie behoudt zich het recht voor bijdragen in te korten.

FoliaMagazine

41


(advertentie)

op de tong Voor een kopje koffie of broodje kon

fatsoenlijke, maar dure maaltijd. Een

je tot voor kort bij Sorbon terecht. Per

echte middenweg ontbreekt en hier ligt

1 januari hebben de UvA en HvA een

dan ook ruimte voor verbetering. Eurest

nieuwe cateraar: Eurest. Met de intrede

biedt overal dezelfde producten aan

van Eurest kwam een hele rits aan

houdt het vast aan één standaard voor

beloften. Zo zou de nieuwe cateraar

de UvA en HvA. Dit is aan de ene kant te

goedkoper zijn dan voorganger Sorbon

begrijpen, aangezien de cateraar zich

en werd studenten kwalitatief hoog-

aan zijn contract moet houden. Aan de

staande producten beloofd, waaronder

andere kant gaat deze werkwijze ten

een breed aanbod aan gezonde en

koste van het individuele karakter van

biologische producten. Een maand

de verschillende kantines. Het beste

later regent het echter klachten over de

voorbeeld is het verdwijnen van de fa-

cateraar.

meuze broodjes van Tony in het Atrium.

In de eerste week van januari ging het

De ASVA studentenunie vertegenwoor-

al mis. De prijzen van een aantal pro-

digt samen met de studentenraden van

ducten, waaronder de daghap, bleken

de UvA en HvA de stem van de student

hoger te zijn dan was afgesproken.

en voert regelmatig overleg met Eurest

Inmiddels heeft Eurest de prijzen aan-

om klachten van studenten te bespre-

gepast, maar nieuwe problemen dienen

ken. Via dit studentenpanel worden

zich alweer aan. Op de meeste locaties

jullie wensen serieus genomen. ASVA

van de UvA en HvA hanteert de cateraar

houdt de mening van studenten over

de minimumopeningstijden, waardoor

Eurest nauwlettend in de gaten. Ben

studenten beperkt worden. Studenten

jij niet tevreden over de producten die

eten niet op vaste tijdstippen en een

de nieuwe cateraar aanbiedt of zijn de

cateraar dient daar rekening mee te

prijzen jou een doorn in het oog? Meld

houden. Ook blijken sommige produc-

je klacht of opmerking bij ASVA! Op

ten, zoals een laaggeprijsde kop koffie,

www.CaterComments.nl kun je jouw

niet makkelijk te vinden.

mening kwijt. Alle klachten zal ASVA zelf aan Eurest voorleggen, zodat het

Daarnaast kunnen studenten op dit

oordeel van studenten direct wordt

moment kiezen tussen een goedkope

meegenomen.

maaltijd van lage kwaliteit en een

De centrale belangenbehartiger van Amsterdamse studenten

foto Danny Schwarz

Cater Comments

Gebroeders Niemeijer Nieuwendijk 35 (Centrum)

H

et is een straat waar maar weinig Amsterdammers komen, de Nieuwendijk. Vol met coffeeshops, souvenirwinkels met glow-in-the-darkfiguurtjes en seksshops met dildo’s en vergeelde dvd’s in de etalage. Maar heb je geen tijd of zin om te koken en is brood

je enige levensbehoefte tijdens tentamenweken, dan moet je je toch eens wagen in die kermis aan het begin van de Nieuwendijk, aan de kant van de Spuistraat. Bij de Franse bakkerij Gebroeders Niemeijer kun je niet alleen het lekkerste brood kopen om thuis te beleggen, het is ook nog eens niet

duur. Knapperige stokbroden, zoals je die zelfs in Frankrijk niet veel meer tegenkomt, worden er de hele dag door vers gebakken. Het is niet alleen een bakkerswinkel, je kunt er ook ontbijten met bijvoorbeeld een Saint Joseph, een soort gevuld croissantje overgoten met wat rum. Klinkt goed, smaakt nog beter. Daarbij drink je dan een goede espresso. De ontbijtjes gaan tot het middaguur, na 11.00 uur kun je lunchen. Een salade, soep, of een verse baguette opgepimpt met van alles lekkers. Hoewel je een houten kont krijgt van de schoolstoeltjes, kom je tot rust dankzij de klassieke muziek op de achtergrond. Je bent zomaar een uur verder. Gelukkig kun je blijven zitten en later op de middag een high tea doen met bijvoorbeeld een tarte tatin (€ 3,95), of een tartelette au citron (€ 2,95). Je kunt ook kiezen voor een kaasplankje van Fromagerie Kef (klein € 7,50/groot € 11,95). Het enige manco is het ontbreken van een glas wijn. Volgens de studentikoze bediening is bijna alles huisgemaakt en wordt er zo veel mogelijk met biologische producten gewerkt. Ook leuk, de fruittaartjes gaan met het seizoen mee. yyy Tim van Dalen Folia Magazine ontvangt graag je restaurant­recensie en vergoedt tot € 50,-. Maximaal 270 woorden, (suggesties voor de) kaders zijn welkom, maar niet verplicht. Mail redactie@folia.nl.

Gebroeders

Brood

Dode bever

De Gebroeders Niemeijer zijn Issa en Marco. Issa is de bakker. Hij studeerde sociologie, maar belandde uiteindelijk in de wereld van het brood. Hij werkte o.a. bij bakkerij Gosselin in Parijs, en bij de volkoren bakker Hartog in Amsterdam. Marco is de kok. Hij runt de winkel en horeca. Hij studeerde af aan de Rietveld Academie, maar werd uiteindelijk kok en muzikant.

De baguettes en bijzondere broden van Gebroeders Niemeijer worden met de hand gevormd en in de Franse steenoven gebakken en krijgen zo de karakteristieke knapperige korst en luchtige, stevige structuur. Het meel wordt geleverd door een biologische molen uit Frankrijk en wordt verwerkt zonder kunstmatige toevoegingen; er gaat niets anders in dan desem, zeezout en water.

In Franse bakkerijen moet je soms uitkijken, leren we van de Amerikaanse reisboekenschrijver Bill Bryson: ‘You would go into a bakery and be greeted by some vast sluglike creature with a look that told you you would never be friends. In halting French you would ask for a small loaf of bread. The woman would give you a long, cold stare and then put a dead beaver on the counter. “No, no,” you would say, “not a dead beaver. A loaf of bread!”’

FoliaMagazine

43


lezingenladder

het cultureel studentencentrum van de UvA & HvA

Voor eenieder die geïnteresseerd is in lezingen en debatten is er de Folia Magazine-lezingenladder. Wij streven ernaar hierin de meest interessante lezingen en debatten in Amsterdam op één plek te verzamelen.

Gasthuislezing: Semmelweis, een weerbarstige held

Belasting in Europa

AMC, collegezaal 4 WO 15/02, 13.00 uur

Een Europese deskundige beantwoordt vragen over zijn vakgebied. Dit keer Peter Reinders van de belastingdienst.

Dr. Maria Pel van de vrouwenkliniek van het AMC spreekt over Ignác Fülöp Semmelweis, de vader van de antiseptische methode.

Real World Economics Crea Theater MA 20.00 uur Is economische groei nog steeds een relevante doelstelling, in het licht van eindige grondstoffen en toenemende milieuschade? Willem Hoogendijk van de Earth Foundation spreekt met economen Lou Keune en Martijn van der Linden.

Valse wetenschap De Balie MA 20/02, 20.00 uur Ondermijnt de enorme ratrace in de wetenschap, inclusief publicatiedruk, de betrouwbaarheid van de wetenschap? En wie houdt die eigenlijk in de gaten? Met o.a. schrijver Frank van Kolfschooten, en emeritus hoogleraar sociologie en lid van de Raad van State Kees Schuyt.

Language and cognition Two distinct skills? Euclides DO 16/02, 16.00 uur Hoe zien onderzoekers op dit moment de relatie tussen taal en cognitie? Met Rens Bod, Annette de Groot, Jeanette Schaeffer en Hedde Zeijlstra.

De salon #2

44

OBA ZA 18/02, 14.30 uur

Rousseau Rode Hoed MA 20/02, 20.00 uur In 2012 vieren we Rousseau’s driehonderdste geboortedag. O.a. filosoof Maarten Doorman en prominent VVD’er Frits Bolkestein spreken over leven, werk en de invloed van de Franse filosoof.

Voskuil compleet Rode Hoed DI 21/02, 20.00 uur Een avond over leven en werk van J.J. Voskuil, naar aanleiding van de verschijning van zijn postume roman De buurman. Met o.a. Hanneke Groenteman, Arjan Peters en Frits Abrahams.

Ouwe meuk?! Spui 25 MA 20/02, 20.00 uur Nieuwe koersen in de museale sector worden kritisch bekeken aan de hand van drie stellingen over collectie, koers en publiek.

De geschiedenis van Joods Amsterdam Stadsarchief DO 19/02, 15.00 uur Joël Cahen, directeur Joods Historisch Museum, over de geschiedenis van Joods Amsterdam tussen 1600 en 1890.

CREA RoeterSeiland ! We zijn open!

Adres: Nieuwe Achtergracht 170 Bereikbaar via de Sarphatistraat en de Plantage Muidergracht

CREA Open Podium Een afwisselende avond met singer songwriters, stand up comedians, theatermakers en cabaretiers. Toegang gratis.

cREA Cafe HouSEWArming

CREA Theater: Goedkoop Cabaret Met Max van den Burg, Sander van Opzeeland en Yora Rienstra. Toegang: e 7,-

Muziekzaal: Plug & Play Hét CREA Poppodium. Toegang gratis. Met bandjes, Dj’s, visuals en foto’s. Toegang gratis.

cabaret

za 18/2 20.30 uur Goedkoop Cabaret

Met Wouter Monden, Vincent Geers en Kees van Amstel. Toegang: e 7,-

comedy

za 18/2 20, 21 & 22.00 uur Easylaughs

Hilarious improvised comedy. Admission: e 5,-

debat

ma 20/2 20.00 uur

debat

Felix & Sofie: Nietzsche en ‘ik’

I need a Hero

wo 22/2 20.00 uur

FoliaMagazine

naar harmen@folia.nl onder vermelding van ‘Aanmelding lezingenladder’.

Stan Bentvelsen hoogleraar hoge energiefysica

CREA Café: Housewarming

Economic Recession: an opportunity for degrowth and new alternatives. Free admission.

graag op deze pagina staan? Stuur tijdig een mailtje

Damiaan Denys hoogleraar psychiatrie

vr 17/2 vanaf 20.30 uur

Diepgaande gesprekken over de rol van kunst bij de ontwikkeling van individu en samenleving. Met schrijver Charlotte Mutsaers, ontwerper Ronald van Tienhoven en kunstenaar Jonas Staal.

Gesprekken met filosofen Gerard Visser en Maarten Doorman over echtheid en onzekerheid bij Nietzsche en Rousseau.

Annemarie Mol hoogleraar antropologie van het lichaam

do 16/2 20.30 uur

Real World Economics

U organiseert een lezing of debat en wilt daarmee

In deze rubriek reflecteren wetenschappers op een actuele stelling.

Wetenschappelijke uitgeverijen misbruiken hun macht met hun exorbitant dure bladen. Onderzoekers moeten een boycot steunen.

Theater & Muziek

Felix Meritis ZO 19/02, 15.00 uur

Felix Meritis DI 21/02, 20.00 uur

overigens

In de Amerikaanse politiek vloeien de werkelijkheid en de populaire cultuur soms vreemd samen. Toegang gratis.

WWW.CREA.UVA.NL

Damiaan Denys ‘Absoluut mee eens. Ik vind dat onderzoeksresultaten voor iedereen toegankelijk moeten zijn. Het publicatiesysteem zoals dat nu bestaat vind ik compleet onbegrijpelijk. Iedereen betaalt belasting, daar wordt onderzoek uit gefinancierd. Wetenschappers besteden dat geld aan het vergaren van nieuwe informatie. Dikwijls moeten zij zelf fors bijdragen aan de kosten die de uitgeverij maakt voor het publiceren van die informatie. Daarnaast hebben uitgeverijen reclame-inkomsten. En vervolgens moet het publiek nogmaals geld neertellen voor het inzien van de resultaten. Uitgeverijen worden dus rijk, ten koste van wetenschappers en publiek. Het argument dat uitgeverijen en hun peer review-netwerk de kwaliteit van onderzoek garanderen, vind ik ook niet legitiem. De gefingeerde onderzoeken van Diederik Stapel stonden in gerenommeerde tijdschriften. Peer reviewers hebben de fraude dus niet ontdekt. Het lijkt me goed als organisaties die onderzoek financieren niet alleen de subsidieaanvraag, maar ook de kwaliteit van het eindproduct beoordelen.’

Annemarie Mol ‘Het is geweldig dat het machtsmisbruik van uitgeverijen aan de kaak wordt gesteld. Maar iedere onderzoeker tot boycotten manen, gaat te ver. Niet iedereen kan zich dat veroorloven. De bladen waarin je publiceert zijn immers bepalend voor je wetenschappelijke ranking. Je subsidie of baan kunnen er van afhangen. We moeten dus ook meteen op zoek naar andere evaluatiemethoden. Ieder systeem heeft beperkingen en brengt perverse prikkels met zich mee. Het is verstandig om af en toe van systeem te veranderen. Waarom kijken we niet naar de inhoud? Dat kan als onderzoekers jaarlijks hun beste artikel insturen naar een wisselde leescommissie. Tegelijk moeten we goede peer-reviewed-open access-tijdschriften organiseren. Dat kost geld. Het is geen goed idee om individuele onderzoekers of onderzoeksgroepen te laten opdraaien voor de productiekosten van elk afzonderlijk artikel. Het lijkt me beter als bibliotheken of universiteiten collectief en naar vermogen bijdragen. Dan hebben mijn collega’s in Lusaka evenveel mogelijkheden om te publiceren als ik.’

Stan Bentvelsen ‘Volstrekt mee eens. Delen van informatie is hét bindmiddel voor samenwerking. Winstmarges van een uitgeverij moeten dat niet belemmeren. Wij werken op internationaal niveau samen en vooral voor collega’s in Zuidoost-Azië en Zuid-Amerika is het lastig het geld voor die bladen op te brengen. Daarnaast zetten uitgeverijen hobbywetenschappers en andere geïnteresseerden buitenspel. Binnen de hoge energiefysica is het gebruikelijk om onderzoeksgegevens op het web te zetten, waar iedereen ze kan inzien. Vaak publiceren we dezelfde onderzoeken daarnaast in “officiële” tijdschriften. Die maken er geen bezwaar tegen dat informatie ook online te vinden is. Wanneer je onderzoeken alleen online zet, moet je natuurlijk wel de kwaliteit kunnen waarborgen. Wij regelen dat onderling, met collega’s binnen ons onderzoeksinstituut. Maar je kunt kwaliteitscontrole ook op grotere schaal organiseren, zonder dat daar een uitgeverij voor nodig is. Vakgenoten blijven dan vrijwillig elkaars onderzoek controleren, Elsevier betaalt reviewers nu ook niet.’ yyy Marieke Buijs

FoliaMagazine

45


prikbord HvA DMR Beste

46

prikbord UvA

ideëen voor deze rubriek: redactie@folia.nl

DEM Lunchbijeenkomst

FGw Toekomst

FGw Gerry

De beste docenten van het jaar van het Domein Maatschappij & Recht zijn bekend. Malcolm Biezeveld (sph), Nick Bolte (cmv), Radboud Dam (tp), Jacob Eikelboom (sjd), Marco Hofman (bestuurskunde), Diana Huizer (hbo-rechten) en Han Vlaar (mwd) werden door studenten verkozen als de beste docenten. De docent met het hoogste aantal stemmen gaat het domein vertegenwoordigen tijdens de finale op de onderwijsconferentie op donderdag 29 maart 2012. Maandag 20 februari wordt bekendgemaakt wie dat is. Van 16.00-18.00 uur in de kantine van het Jan Bommerhuis.

De rol van China op het wereldtoneel wordt steeds belangrijker. Alumnivereniging Hou’ en Trouw organiseert daarom 28 februari in café-restaurant Soeterijn een lunchbijeenkomst om deze opkomende wereldmacht beter te begrijpen. In het Tropenmuseum kunnen geïnteresseerden vervolgens kennismaken met qi (spreek uit tsjie), de energie die volgens de Chinezen door alles en iedereen stroomt. De lunch is vanaf 13.00 uur, om 14.15 uur begint de rondleiding. Aanmelden is verplicht en kan via www.houentrouw.nl.

De facultaire studentenraad organiseert op 22 februari onder de titel ‘Is er toekomst voor de geesteswetenschappen?’ een symposium ter verwelkoming van de nieuwe decaan Frank van Vree. Aan de orde komen vragen als: zouden we moeten werken aan numeri fixi voor alfaopleidingen en stufivoordeeltjes voor de bèta’s? Hebben we wat aan de hordes studenten filosofie, geschiedenis of Frans? Kortom: is er in de toekomst nog een rol weggelegd voor de geesteswetenschappen zoals wij die nu kennen? Aanvang: 16.00 uur. Locatie: Doelenzaal (UB), Singel 425.

Op 1 februari is Gerry Wanders geheel onverwachts op 61-jarige leeftijd overleden. Zij was sinds 1994 werkzaam bij de afdeling taalwetenschap. Ze begon als onderzoekster in opleiding met een vergelijkend onderzoek naar het Catalaans, Portugees en Spaans. Ze ontwikkelde zich later tot webmaster, editor en organisator van congressen en workshops. Zij was ‘een bijzondere persoon, die door haar onconventionele optreden in eerste instantie vaak verbazing, maar in tweede instantie altijd genegenheid en bewondering opwekte,’ laat de faculteit weten.

DBSV Bondscoach

DT Onderzoek

AMC Corrie

FMG Kennisclips

Guido Vermeulen, docent aan de opleiding sport, management & ondernemen, is de nieuwe bondscoach van de Nederlandse volleybalsters. Vermeulen volgt Avital Selinger op die na een tegenvallend EK werd ontslagen. De taak werd sindsdien waargenomen door Bert Goedkoop. Vermeulen krijgt als belangrijke taak het Nederlandse elftal naar de Olympische Spelen te loodsen. In mei spelen ze een olympisch kwalificatietoernooi. Vermeulen was eerder al assistent bij de nationale vrouwenploeg en stapte vorige maand op als bondscoach van de Spaanse volleybalsters.

Docenten en medewerkers van het domein die willen deelnemen aan de HvA Research Battle moeten zich 22 februari van hun beste kant laten zien. Samen met een aantal lectoren zal jury- en domeinvoorzitter Gerard van Haarlem de presentaties beoordelen op kennisontwikkeling, de inbedding in de onderzoeksprogrammering van het domein en de doorwerking van het onderzoek in het onderwijs, de beroepspraktijk en de maatschappij. Op woensdag 22 februari, van 16.00-18.00 uur in lokaal C1.04. De winnaar neemt het 13 maart op tegen onderzoekers uit andere domeinen.

AMC-cardiologe Barbara Mulder krijgt op 31 maart de Corrie Hermann-prijs 2012 uitgereikt. De prijs is ingesteld door de Vereniging van Nederlandse Vrouwelijke Artsen (VNVA). Barbara Mulder krijgt de prijs voor haar werk op het gebied van aangeboren hartafwijkingen bij volwassenen. Daarnaast is ze betrokken bij verschillende nationale en internationale patiëntenorganisaties, zet ze zich in voor bestrijding van discriminatie op grond van geslacht, en stimuleert ze wetenschappelijk onderzoek op het gebied van vrouwen en gezondheidszorg.

Antropoloog John Kleinen heeft een subsidie van 11.000 euro gekregen uit het Icto-fonds van de UvA. Met het geld gaat hij dit jaar, samen met drie studenten, kennisclips maken over het gebruik van beeld als wetenschappelijke bron. De clips kunnen worden gebruikt door antropologen en andere sociaal wetenschappers. ‘Wie de juiste methoden en technieken toepast, kan een foto of filmscène lezen als een tekst,’ zegt Kleinen. Het aanleren van die vaardigheid is het hoofddoel van het project Camera Lucida, waarvoor Kleinen de subsidie heeft ontvangen.

DOO Duurzaamheid

HvA Toezicht

FMG Chemotherapie

Debat BG-terrein

HvA-studenten zijn ondervertegenwoordigd in de commissie duurzaamheid. De commissie die is opgezet vanuit de UvA en de HvA zoekt daarom nieuwe enthousiaste leden. Heb je goede ideeën over hoe het in jouw omgeving beter en duurzamer kan en vind je het leuk om praktisch en idealistisch bezig te zijn? Eens in de drie weken bespreekt de commissie lopende projecten en bedenkt nieuwe projecten. Kijk voor meer informatie en de aanmelding op het intranet van het Domein Onderwijs & Opvoeding of kijk op de Facebook-pagina van de HvA.

Het toezicht in het hoger onderwijs wordt komend jaar verder opgevoerd. Misstanden zoals zijn ontstaan bij hogeschool Inholland wil het kabinet ‘tot een minimum beperken’. Staatssecretaris Halbe Zijlstra van onderwijs scherpt de controles aan vanwege klachten over ondermaats onderwijs en misstanden op verschillende hogescholen. Vergelijkbare opleidingen worden voortaan tegelijkertijd gecontroleerd. Studenten worden zo in staat gesteld opleidingen onderling beter te vergelijken. Ook de manier waarop hogescholen worden gecontroleerd wordt strenger.

Communicatiewetenschappers doen onderzoek naar de kennis en beeldvorming over de effecten en bijwerkingen van chemotherapie. Iedereen vanaf achttien jaar kan meedoen door een vragenlijst in te vullen. Volgens onderzoeker Julia van Weert is er veel veranderd in het doorlopen van chemotherapie en het hanteren van bijwerkingen. ‘Wat we willen weten is of er mythes, attitudes en (on-)waarheden bestaan over chemotherapie en of die afwijken van de werkelijke ervaringen van patiënten.’ Meedoen? Ga naar www.chemo­ therapie.nl/kennisonderzoek/.

De centrale studentenraad (CSR) organiseert op 28 februari een debat over wat er moet gebeuren met het BG-terrein, want dat is volgens de CSR ‘een gouden stukje Amsterdam’. Het zou wel eens het laatste debat kunnen worden, want in maart valt er een definitieve beslissing over het terrein. De CSR organiseert het Lagerhuisdebat samen met de PvdA-afdeling Centrum, Dwars (GL), JS (PvdA) en Asva met als doel een plan te vinden waarin de belangen van alle gebruikers van het gebied centraal staan. Locatie: Perdu, Kloveniersburgwal. Aanvang: 20.00 uur.

DG Pluim

DMCI Bewaartermijn

FNWI Kampioen

FNWI Scheikunde

In een door hbo-keuringsbureau Hobeon uitgegeven tijdschrift oordeelt het bureau opnieuw positief over de opleiding fysiotherapie van de HvA. De keurmeesters roemen de uitgebreide praktijkervaring van de opleiders en noemen het een pluspunt dat de opleidingsdirecteur tegelijkertijd lector is. Bovendien heeft de opleiding een eigen poli waar studenten praktijk- en onderzoekservaring opdoen. Het hele verhaal waarin de keurmeesters – die eerder de opleiding officieel accrediteerden – aan het woord komen, is te lezen op www.hobeon.nl.

De HvA moet de bewaartermijn voor tentamens en afstudeerscripties verhogen. Bij onderwijscontroles moet het zo gemakkelijker worden de kwaliteit van een opleiding onder de loep te nemen. Daar pleiten leden van de Centrale Medezeggenschapsraad (CMR) voor die zich bezighouden met de Onderwijs- en Examenregeling (OER) voor komend studiejaar. In het voorstel moeten tentamens en de beoordelingen twee jaar worden bewaard en afstudeerscripties zeven jaar. Tentamens en scripties worden nu maximaal één jaar bewaard.

Op het NK allround schaatsen in Heerenveen wist studente Future Planet Studies Marrit Leenstra (22) voor het tweede jaar op rij Nederlands kampioen te worden. Leenstra toonde zich verrast met haar titel. Over haar superioriteit op de 500 en 1.500 meter zei de Friezin dat ze daar al op gehoopt had. ‘Maar van mijn drie en vijf kilometer wist ik niet hoe het zou gaan. Dit is super,’ sprak de kampioen. Haar tijd van 7.19,64 op de vijf kilometer was ruim voldoende voor de eindzege. Komend weekend doet ze mee aan het WK allround in Moskou.

UvA en VU gaan hun krachten bundelen in een brede bacheloropleiding scheikunde. Vanaf deze maand volgen de eerstejaars bachelorstudenten scheikunde voor het eerst gezamenlijk onderwijs. Door de bundeling van expertise omvat de opleiding allerlei verschillende scheikundige disciplines, waardoor er een breder palet aan vakken ontstaat. Ze kunnen daarnaast projecten en onderzoeken doen bij onderzoeksinstituten aan zowel de VU als de UvA. Studenten volgen colleges op zowel de UvA en de VU. Op mastergebied bestond de samenwerking al.

FoliaMagazine

docenten

ideëen voor deze rubriek: redactie@folia.nl

strijd

Hermann-prijs

Wanders

FoliaMagazine

47


wasdom Met voedsel de wereld verbeteren Samuel Levie Leeftijd: 28 (geboren op 3 mei 1983) Beroep: Oprichter Young Food Movement Nederland, eigenaar van worstenmakerij Brandt & Levie en voedseladviesbureau The Green Peas Studie: Politicologie Afgestudeerd: 2010 Docent: ‘John Grin, afdelingshoofd bij de master bestuur & beleid. Zijn kennis en zijn bevlogenheid, maar ook zijn warrigheid, maken hem tot een bijzondere docent. Hij is een soort nutty professor die ontzettend veel weet en studenten graag verder wil helpen. Ook Robin Pistorius, mijn afstudeerbegeleider, is belangrijk voor mij geweest, omdat hij begaan is met zijn studenten en mij door mijn afstudeerperiode heeft gesleept.’ Locatie: ‘Het Spinhuis. Het is er lekker klein, persoonlijk en kneuterig op een goede manier.’ Café: ‘’Skek, dat heb ik helpen opzetten in 2006 en vanaf dat moment was het natuurlijk mijn favoriete café.’ Afknapper: ‘De slechte organisatie. Als de studieadviseur niet opeens een halfjaar afwezig was, dan raakte mijn mail wel zoek of kon ik me niet meer inschrijven voor een vak. Gek werd ik ervan.’

48

FoliaMagazine

stage Hij studeerde politicologie en werd worstenmaker en voedseldeskundige: Samuel Levie. tekst Julie de Graaf / foto Bob Bronshoff

‘M

ijn moeder was een goede kokkin. Ik keek vroeger met haar mee in de keuken en was vijf toen ik mijn eerste taart bakte. Na de middelbare school heb ik een jaar gewerkt als kok voordat ik besloot dat het zonde was om niet te gaan studeren. Ik wilde een studie waarbij ik meer te weten zou komen over rechtvaardigheid in de wereld en koos voor politicologie. Tijdens mijn studie bleef ik in de keuken werken. In restaurants vonden mijn collega’s me maar een rare kwast omdat ik studeerde en op de universiteit werd ik juist raar aangekeken omdat ik vaak tot diep in de nacht aan het werk was. In die eerste jaren had ik niet echt een studentenleven. Althans, niet het soort leven waarvan ik mij voorstelde dat de meeste studenten dat hadden. Ik kwam al uit Amsterdam, kende veel mensen en werkte in de horeca. Ik stond niet open voor contacten met mede-studenten. Pas toen ik met een groep mensen het door studenten gerunde eetcafé ’Skek begon, werd alles anders en heb ik een paar jaar het studentenleven volop meegemaakt. In eerste instantie zou ik ’Skek alleen advies geven over het keukenteam, maar toen het door mij samengestelde team vlak voor de opening uiteenviel, ben ik zelf maar in de keuken gaan staan. Het was een leuke, maar ook een loodzware tijd. We werkten hard en we feestten hard. Nadat ik mijn bachelor had afgerond, lastte ik een tussenjaar in. De combinatie van studeren en tachtigurige werkweken draaien, was me iets te veel geworden. Met een vriend heb ik toen een halfjaar door Italië gereisd. We kwamen er in aanraking

met de slowfoodbeweging. Slow food is de tegenhanger van fastfood en draait om eerlijk voedsel dat wordt geproduceerd met respect voor mens, dier en milieu. Voor die tijd was ik natuurlijk al bezig met voedsel en de vraag hoe je de wereld een betere plek kan maken, maar stonden die twee onderwerpen voor mij los van elkaar. Pas toen ik hoorde hoe oneerlijk het voedselsysteem is en hoeveel schade en ongelijkheid de voedselindustrie kan aanrichten, viel het kwartje en wist ik: dit is waar ik me mee bezig wil houden. Voedsel is een ongelooflijk politiek onderwerp. Het raakt veel thema’s in de wereld en is een sterk middel om mensen te laten nadenken over ecologische en sociale duurzaamheid, maar ook over kwaliteit van het leven en gezondheid. In Italië zag ik in hoe ik mijn studie daarvoor kon gebruiken en na die reis heb ik de politicologiemaster bestuur & beleid gevolgd, met de nadruk op duurzame voedselproductie. Tijdens mijn master heb ik de Nederlandse tak van de Young Food Movement (YFM) opgezet. YFM is een organisatie die jonge mensen wil betrekken in het debat rondom de toekomst van voedselproductie en ze wil enthousiasmeren om daar zelf mee aan de slag te gaan. Daarnaast wil de YFM jonge producenten en beleidsmakers laten nadenken over de vraag hoe zij kunnen bijdragen aan een duurzame toekomst. Inmiddels ben ik afgestudeerd, ben ik het voedseladviesbureau The Green Peas begonnen en heb ik met vrienden de worstenmakerij Brandt & Levie opgericht. Met deze bedrijven wil ik mij blijven verdiepen in voedsel, duurzaamheid en een betere wereld. Er is op dat vlak nog genoeg te doen.’ yyy

Paul Steeman (25) Studie American Studies (UvA) Stage Atlantische Commissie Verdiensten € 150,- per maand Beoordeling JJJJJ ‘De Atlantische Commissie in Den Haag is een platform voor het debat over internationale veiligheidskwesties. De werkzaamheden van mijn stage zijn ontzettend breed. Op kantoor heb ik vooral een ondersteunde rol, in het doorgeven van bestellingen en het bemannen van de telefoon. Maar ik help ook mee bij de organisatie van projecten, zoals bij het organiseren van bijeenkomsten met sprekers van over de hele wereld, bijvoorbeeld in perscentrum Nieuwspoort. Ook verzorg ik het nieuwsbulletin voor het tijdschrift Atlantisch Perspectief. Daarvoor moet ik dagelijks een aantal internationale kranten doornemen, de artikelen over veiligheidsnieuws selecteren en die in een bulletin kort samenvatten. Wat bovendien ontzettend leuk is, is dat de stagiair automatisch plaatsneemt in het bestuur van jongerenorganisatie Jonge Atlantici. Daarin zitten acht jongeren uit verschillende steden, die gezamenlijk lezingen en debatten organiseren over veiligheidsvraagstukken. Zo was er afgelopen week bijvoorbeeld een paneldiscussie over de Afghaanse Nationale Politie in Dudok in Den Haag. De bestuurlijke ervaring die ik zo opdoe is ontzettend mooi meegenomen en ieder bestuurslid mag zijn eigen bijeenkomst opzetten. Het grootste pluspunt van mijn stage is dat ik heel veel eigen initiatief mag tonen en het een heel open organisatie is. De directeur is bijvoorbeeld heel benaderbaar. Wat ik na mijn afstuderen deze zomer wil gaan doen weet ik nog niet precies, maar de contacten en ervaringen die ik hier opdoe zijn alvast ontzettend handig.’ yyy Clara van de Wiel

FoliaMagazine

49


FoliaMagaz ine weekblad

toehoorders

voor HvA

en UvA

nr. 21 15/02/201 2

De kunst ligt op straat

cover Pascal Tieman

Hoorcollege ‘Toegepaste mechanica’ door Marcel Engelsman, donderdag 10 februari, 12.00 uur, Leeuwenburg tekst en foto’s Bob van Toor

Een wand langs Amste eling rdamse streetart

Louise Gunn ing The best man for the job De Vuijsjes Zoon Rober vader Bert t en over het boek & zichzelf

colofon

Weekblad voor de HvA en

UvA Folia Magazine is in 2011 voortgekomen uit Folia (1948) en

Telefoons afgegaan: 3 Petjes en mutsen: 13 Verdeling van aandacht tussen smartphone en college: circa 60-40 Scrabblewoorden: schuifspanning, elasticiteitsmodulus, rekstijfheid, dimensiecontrole

R

ijen rode stoelen gericht naar een lichtend scherm, gevuld met enthousiast kletsende mensen die af en toe een slokje cola of een koekje eten. Het bioscoopgevoel is compleet als het licht in de grote collegezaal van de Leeuwenburg automatisch dimt en er zelfs een ‘sst!’ klinkt. Dat laatste is aan dovemansoren gericht: een paar jongens piekeren er niet over hun gesprek over de rugbytrainingen te onderbreken. De docent zet dan ook laag in: ‘We hebben tijd zat jongens, als jullie er doorheen willen praten, dan wacht ik gewoon even.’ Die techniek hadden we sinds de vierde niet meer gehoord, maar Engelsman past hem verbeten toe. Naarmate het college vordert laat hij steeds meer stiltes vallen, vaak meerdere per zin, waardoor de uitleg ook voor de welwillende toehoorder stokt. De tactiek zou effectiever zijn als de studenten er niet totale maling aan hadden. Een jongen in bloemetjesoverhemd laat steeds aan zijn net iets stoerdere vriend een plaatje op zijn Blackberry zien, waarop nauwelijks onderdrukt gegrinnik volgt: ‘Ah, stuur even door ouwe!’ Af en toe dringt een zin van de docent door tot ons gedeelte van de zaal. ‘Bij drukkracht wordt de dragende kolom korter. Je had het bijna zelf kunnen verzinnen, maar daar ben je net honderd jaar te laat voor.’ Dergelijk cynisme zou het totale gebrek aan concentratie bijna legitimeren. Na drie kwartier gooit hij het over een andere boeg. ‘Jongens, ik stop even. Jullie krijgen geen pauze meer, ik ga gewoon wachten. Als er mensen weg willen, kan dat nu.’ De stoere jongen staat op en loopt de zaal uit, om zijn waterflesje te vullen. Engelsman klaagt dat aandacht voor lessen verdwijnt, van de TU Delft tot hier op de HvA. Hij is niet kwaad, maar wel – inderdaad – teleurgesteld. Na een lange stilte gaat hij verder. ‘Dus: hoe minder oppervlakte, des te hoger de druk. Daarom is het moeilijk om op naaldhakken te lopen.’ ‘Hoe weet-ie dat?’ klinkt uit de zaal, tot grote hilariteit van eenieder. Mijn buurman legt zijn hoofd in zijn ellebogen. ‘Je leert hier gewoon helemaal niks,’ zucht hij. yyy

50

FoliaMagazine

Mart-Jan Spaans (26, bouwkunde)

Havana (1996). Redactieadres Prins Hendrikkade 189b, 1011 TD

‘Dit is best een goed college, Engelsman is een fijne docent. Mechanica is moeilijk, maar hij legt zo rustig uit dat het voor iedereen begrijpelijk wordt. Ik ben maar vooraan gaan zitten, want aan dat geklets heb ik een hekel. Ik moet er wel om lachen hoe erg het de docent irriteert, maar hij wordt er wel erg cynisch door. En aan het eind gaat iedereen dan nog zitten klappen, dat slaat nergens op. Het is bijna een beetje zielig.’

Amsterdam, telefoon 020-5253981, e-mail: redactie@folia.nl Hoofdredacteur Jim Jansen Chef redactie Mirna van Dijk Art director Pascal Tieman Redactie (print/web) Marieke Buijs, Luuk Heezen, Wim de Jong, Jeff Pinkster, Eva Rooijers, Gijs van der Sanden, Danny Schwarz, Youri Straver, Bob van Toor, Annemarie Vissers, Clara van de Wiel, Dirk Wolthekker Aan dit nummer werkten mee Asis Aynan, Bob Bronshoff, Emma

Isj Manrique

Curvers, Marc Deurloo, Fred van

(23, bouwkunde)

Diem, Julie de Graaf, Martijn van

‘Het college is op zich wel informatief, maar door slaapgebrek en dat lawaai kan ik me er niet op concentreren. Nu zit ik de hele tijd te whatsappen. Het komt ook wel door die docent; hij was bozig en gaf geen pauze. Als het een vrouw was geweest dan had ik gezegd: het is vast die tijd van de maand. Zo gaat het altijd, al was hij vorig semester wel chiller. Misschien heeft hij er geen zin meer in.’

(20, bouwkunde)

‘We applaudisseren altijd na colleges, als een soort bedankje. Deze leraar legt duidelijk uit, maar er is altijd veel geroezemoes. Dat ligt denk ik aan de grootte van het college. Dit is het meest theoretische vak, en ook het lastigste. Het is duidelijk dat de meeste studenten niet op zitten te letten. Veel mensen zullen de eindtoets niet gaan halen, maar ikzelf heb er wel vertrouwen in.’

‘Samenwonen is gezellig maar als het over korfbal gaat dan moet je gewoon altijd je vriendin gelijk geven anders is dat niet goed voor haar humeur.’ Korfballer en student HRM Sander van der Straten heeft een vriendin die óók korfbalt, in Zaanstreek Dichtbij. ‘De bijdrage van niet-westerse immigranten voor het nationaal inkomen is nul.’ Emeritus hoogleraar Joop Hartog vindt dat immigranten bij aankomst een diploma moeten hebben, op nu.nl. ‘Lang niet iedereen is een tanker: er zijn veel mensen die wendbaarder varen in het leven en aan een minder intensieve therapie genoeg kunnen hebben.’ Docent psychoanalyse Wouter Gomperts legt uit waarom de speedbootjes onder ons wellicht niet op de sofa hoeven, in De Groene Amsterdammer.

de Griendt, Marc Kolle, Denise van Leeuwen, Rutger Lemm, Won Tuinema, Tjebbe Venema Eindredactie Harmen van der Meulen Correctie Martien Bos Opmaak Hannah Weis, Carl Zevenboom Uitgever Stichting Folia Civitatis Redactieraad Wouter Breebaart, Simon Dikker Hupkes, Ilse Duijn, Jurriaan Gorter, Jaap Kooijman, Ronald Ockhuysen (voorzitter),

Sjoerd Beemster

deining

Jean Tillie, Sebas Veeke Secretariaat Stephanie Gude (projectbegeleider) Zakelijke leiding Paul van de Water Drukker Roularta Printing, Roeselare België Advertenties Bureau van Vliet, Zandvoort, 023-5714745,

‘Als mannen écht belangrijk willen overkomen, trekken ze een jurk aan.’ UvA-hoogleraar Robbert Dijkgraaf over de volgens hem ten onrechte sleets geraakte toga, in de Volkskrant. ‘Gewone huis-tuin-en-keukenseks, waarin beide partijen het voor elkaar een beetje leuk maken, is belangrijker dan het nastreven van allerlei seksuele prestaties en onmogelijke acrobatiek.’ Hoofd seksuologie van het AMC Rik van Lunsen houdt een pleidooi voor het ‘ouderwetse verwennen’, in HP/De Tijd. ‘Ik ben groot fan van het olympisch plan, dat stapsgewijs moet leiden tot maatschappelijk verantwoorde sportbeleving en inspiratie voor de hele samenleving.’ Lector topsport Cees Vervoorn over zijn olympische voornemen, in de Volkskrant.

zandvoort@bureauvanvliet.nl

Opvallende quotes uit de afgelopen week van

de lezer

In de rubriek ‘de lezer’ blikt wekelijks iemand terug op het vorige nummer. Wil jij diegene een keer zijn? Meld je dan aan via redactie@folia.nl.

Edwin Ravesteijn (46), Facility Services, HvA ‘Folia volg ik eigenlijk alleen nog maar via Twitter en de nieuwsbrief van de website. Het is dus nu voor het eerst dat ik het blad weer eens onder ogen krijg. In de verdeling tussen stukken over de UvA en de HvA zit volgens mij geen onbalans. Wel merk ik dat de stukken die over de UvA gaan gewoon minder herkenbaar zijn en ik die daarom eerder oversla. Het artikel over de gebedsruimte was interessant. Persoonlijk heb ik er ook wel moeite mee dat er voor één groep een uitzondering gemaakt zou moeten worden. Iedereen zou dan ineens recht hebben op een kamer, en die ruimte hebben we gewoon niet. Het stuk hierover was gelukkig erg in balans en helemaal niet activistisch of zo. Ook het artikel over Joris Kila vond ik erg boeiend, vooral omdat ik oorlog en vernietiging van erfgoed zelf echt niet begrijp. Journalistiek gezien vind ik Folia Magazine trouwens beter dan het vroegere Havana. Dat was toch wel erg sensatiebelust en vooral bezig overal tegenaan te schoppen. Nu is het echt een goed magazine, met heel diverse stukken die zowel serieus als luchtig zijn. Wel vraag ik me oprecht af of het nog wel zo veel gelezen wordt. Ik zie op veel HvA-locaties altijd hele grote stapels liggen. Een papieren versie pakt men kennelijk niet meer zo snel mee – ikzelf ook niet. Maar dat ligt niet aan het blad.’ yyy tekst en foto Clara van de Wiel

over twee weken De vader van Twitter

Tegen beter weten in

Twitter-oprichter Dom Sagolla komt naar de UvA. Een interview van meer dan 140 tekens.

Allochtone ouderen willen niet horen dat ze terminaal zijn. Fuusje de Graaff deed onderzoek naar palliatieve zorg bij patiënten met een Turkse of Marokkaanse achtergrond.

Stemmen in je hoofd

Gido Vermeulen

Hoe is het om een psychose te krijgen? En hoe voorkom je dat?

Een profiel van docent sport, management & ondernemen bij de HvA, Gido Vermeulen, de nieuwe bondscoach van het Nederlandse vrouwenvolleybalteam.

(voormalig) HvA’ers en UvA’ers. Iets leuks gezien, mail het naar redactie@folia.nl.

FoliaMagazine

51


SCHUILT ER EEN HELD IN JOU?

Kijk jij overal dwars doorheen? Kun jij problemen doorgronden? Zie jij dingen vaak in breder perspectief? Ben je kritisch en onafhankelijk? Dan ben jij de held die geschikt is voor de medezeggenschapsraad. Meld je nu aan als kandidaat voor de Centrale Medezeggenschapsraad en/of jouw Domeinraad via www.kiesmr.hva.nl. Daarmee help je de HvA ĂŠn jezelf verder vooruit.

CREATING TOMORROW


Folia Magazine #21