N
I
E
U
W
S
B
R
I
E
F
V
A
N
D
E
D
U
T
C
H
D
I
R
E
C
T
O
R
S
G
U
I
L
03 2003
5 jaar DDG 8+9 Gastcolumn 11 Interview met Arnold Heslenfeld 12-14
Redactioneel 2+3 Berichten 4+10 Eregasten 5 De papieren documentaire 6+7+10
I N T E R V I E W
M E T
D E
D I R E C T E U R
V A N
In memoriam Job Pannekoek 14 Internationaal pitch platform 15 In de wachtkamer 16
H O L L A N D
F I L M
Het Fingerspitzengefühl van
Claudia Landsberger Op filmfestivals, markten en beurzen hoef je van dorst niet om te komen. Recepties, happy hours en party’s bij de vleet. Zie je er een mediterraan ogende vrouw in geanimeerd gesprek, grote kans dat ze geen Italiaanse journaliste of sales agent is, maar de welbespraakte directeur van Holland Film, Claudia Landsberger. Een leuk leventje lijkt het: reisje hier, etentje daar en af en toe een film. Maar schijn bedriegt: ‘Ook als je me aantreft met een glas in de hand, ben ik aan het werk.’
Het lijkt een curieuze overstap die Claudia Landsberger een jaar of acht geleden maakte van freelance (still)fotografe naar een vaste baan als gezicht van de Nederlandse film in het buitenland.
Claudia Landsberger
Ze werkte al eerder voor festivals en woonde enige tijd in Rome, maar één aspect van haar huidige baan ligt duidelijk in het verlengde van haar vorige werk: het promotionele belang van goed
publicitair materiaal. Met name foto’s die de sfeer van een film – voordat hij klaar is – goed kunnen overbrengen, raakt meteen een gevoelige snaar bij Landsberger. Ze verbaast zich hoofdschuddend over het grote onbegrip bij Nederlandse filmmakers. Ze laat de catalogus Dutch Film 2002 zien. Op een aantal plekken waar niet de minste speelfilms vermeld worden, staat een grijs vierkant met de tekst ‘no stills available’. ‘Ik begrijp best dat je bij de realisering veel sores hebt, die je belemmeren in het denken over de fase daarna. Maar een film op de markt krijgen, is net zo goed onderdeel van het proces. Op dat gebied moet de producent actief zijn. Het is soms bedroevend wat ik als promotiemateriaal te zien krijg. Er is niet over nagedacht. Het is niet ‘klik, even een foto maken’. Overweeg welk beeld je van je film wil geven en stem daar je promotiemateriaal op af. Geef een beeld, laat iets zien, ensceneer, maak een groepsfoto van de crew.’ Als goed voorbeeld noemt ze de producenten van De Grot, die al een poster hadden zonder dat er een scène gedraaid was. Een poster die de film een duidelijk gezicht gaf qua sfeer en genre. ‘Het moet van twee kanten komen. Wij betalen bijvoorbeeld veel voor de betacam (van iedere speelfilm maakt Holland Film een ondertitelde betacam met twintig VHSsen voor de producent; red.). Er is iemand
D