Page 1

ANDERSOM MAGAZINE VAN OIKOCREDIT NEDERLAND maart 2011

Empower de vrouw Ondernemers helpen ondernemers VBDO: op de bres voor duurzaamheid

Afscheid van een bevlogen vrijwilliger


Colofon Het kwartaalblad Andersom is een uitgave van Oikocredit Neder­land en geeft nieuws en achtergrondinformatie over het werk van Oikocredit en Oikocredit Nederland. Overname van artikelen is toegestaan na toestemming van de redactie. Redactie Ronald Everts (hoofdredacteur) Dee Timmermans (bureauredacteur) Martien Versteegh (eindredacteur) Serana Stockmann Walter van Teeffelen Pieter Verbeek Tonko Vos

Andersom maart 2010

INHOUD

Cocovico Een succesvolle marktvrouwencoöperatie

3

Column Kees van der Maas

MindTheirBusiness Ondernemers hier helpen ondernemers daar

4

Illustratie Age Visser

Op de bres voor duurzaamheid VBDO 15 jaar jong

5

Foto’s Oikocredit, Cathelijne Berghouwer, RVD, Serana Stockmann, Martien Versteegh

Tweespraak Wat moeten we toch met al die particuliere initiatieven?

6

Gera Voorrips, lid van de Adviescommissie: ‘Microfinanciering is broodnodig!’

8

Terrafina Microfinance: Rwanda & Burundi

9

Vormgeving Xplore, Hoevelaken Opmaak Donkigotte Druk De Groot Drukkerij BV, Goudriaan Andersom is gedrukt op kringlooppapier

Verenigingsnieuws: Bert Sweerts Afscheid van een bevlogen vrijwilliger

10

ISSN 1566-368X; oplage: 13.200 exemplaren

Oikocredit Nederland Postbus 85015 3508 AA Utrecht Bezoekadres: Herculesplein 207a Utrecht T: 030 234 10 69 E: nederland@oikocredit.org I: www.oikocredit.org

Verantwoord investeren Prinses Máxima legt principes financiële dienstverlening vast

11

Oikocredit Nederland in 2010

12

Column Kees van der Maas

12

Wat doet Oikocredit? Oikocredit, wereldwijd vooroplopend financier van de microkredietsector, is ervan overtuigd dat arme mensen in ontwikkelingslanden zelf in staat zijn een beter bestaan op te bouwen. Als ze maar een lening kunnen krijgen. Met (micro)krediet kunnen mensen voor hun eigen inkomen zorgen, bijvoorbeeld door een bedrijfje of marktkraam op te zetten. Oikocredit gaat de strijd aan tegen armoede door leningen en investeringskapitaal te verstrekken aan microkredietinstel­lingen, coöperaties en midden- en kleinbedrijf. Het kapitaal daarvoor trekt Oikocredit wereldwijd aan door de uitgifte van aandelen. Oikocredit Nederland, een vereniging met ruim achtduizend leden en donateurs en ruim honderd vrijwilligers, geeft bekendheid aan Oikocredit en verzorgt de administratie van het Oikocredit Nederland Fonds (ONF), een erkend sociaalethisch beleggingsfonds. De Stichting Beheer Oikocredit Nederland Fonds is als beheerder van het ONF opgenomen in het register van de AFM.

2


COCOVICO EEN SUCCESVOLLE MARKTVROUWENCOÖPERATIE het bijbehorende gezondheidscentrum profiteren nog eens tienduizend gezinnen in de omgeving. Voor haar inspanningen is Botti onderscheiden door de president van Ivoorkust. Lening ondanks risico’s Rosalie Botti - voorzitter van de marktvrouwenBotti vertelt dat het jaren coöperatie Cocovico - bracht in oktober een bezoek geduurd heeft voordat de aan Nederland markt eindelijk gebouwd kon Oikocredit maakt zich hard voor worden. De marktvrouwen – empowerment van vrouwen. Dat dat bijna allemaal analfabeet – hebben dit niet alleen woorden zijn, bewijst het resultaat kunnen bereiken met een flinke verhaal van Rosalie Botti. In 2008 portie doorzettingsvermogen en met een maakten we in Andersom al kennis lening en hulp van Oikocredits kantoor ter met haar: een hardwerkende moeder plekke. Botti kon nergens een lening van zes kinderen uit Ivoorkust en krijgen. Totdat ze bij Oikocredit aanklopte. voorzitter van de marktvrouwen- Ondanks de oorlog en risico’s die daaruit coöperatie Cocovico. In oktober voortvloeiden, besloot Oikocredit ver2010 brachten Botti en Mamadou schillende leningen uit te keren. Botti geeft Toure, vertegenwoordiger van Oiko- aan dat je er met een lening alleen niet credit in Ivoorkust, een bezoek aan bent. ‘Je moet dapper zijn en hard werken Nederland. Een mooie gelegenheid om de lening terug te kunnen betalen. Ik voor Andersom om bij te praten over moedig vrouwen aan microkrediet te hun inspanningen voor de markt- nemen. Belangrijke voorwaarde is wel dat vrouwen in Abidjan, de grootste stad je in jezelf gelooft en dat je weet wat je met van Ivoorkust. de lening gaat doen. Stap in een bekende trein.’

Tekst: Serana Stockmann en Dee Timmermans

Zowel Botti als Toure zijn het vleesgeworden bewijs dat het wel degelijk mogelijk is om armoede te bestrijden en mensen van voldoende voedsel te voorzien, zelfs in tijden van oorlog. In 2002 raakte Ivoorkust verwikkeld in een burgeroorlog die een aantal jaren voor hevige onrust zorgde. Botti is een modelvoorbeeld voor vrouwen in West-Afrika geworden. Ondanks dat zij enkel de lagere school heeft afgemaakt, heeft zij bereikt dat er een modern, schoon en veilig marktgebouw van inmiddels 2 hectare is gebouwd in Abidjan. Op de markt verkopen honderden marktvrouwen hun landbouwproducten. Van de markt en

Geen giften maar beleggingen Het is goed, zo geeft Toure aan, dat Oikocredit niet werkt met giften, maar met belegd geld. Door het belegde geld niet weg te geven maar uit te lenen, worden de mensen in ontwikkelingslanden zelf verantwoordelijk gemaakt. ‘Beleggingen leveren naast financieel rendement een hoog sociaal rendement op’, aldus Toure. ‘Oikocredit heeft echt belangstelling voor Afrikaanse landen, voor mensen en organisaties zonder onderpand, zonder een hoog onderwijs-niveau. Oikocredit financiert hardwerkende mensen en geeft hen ondersteuning, want de leningen moeten natuurlijk wel worden terugbetaald.’

Hij vervolgt: ‘Ivoorkust is een grote producent van onder meer cacao, palmolie en rubber en heeft de ambitie om in ieder geval niet arm te zijn. Maar tien jaar onrust heeft veel hoop de grond in geboord. Ivoorkust is nu toch een arm land. Oikocredit is wereldleider op het gebied van microfinanciering, maar in Ivoorkust begint dit nu pas een plek te krijgen. Men raakt ervan overtuigd dat het echt de armoede kan bestrijden.’ Gevraagd naar haar toekomstplannen, zegt Botti dat ze wil blijven vechten tegen armoede. Het is haar droom vrachtauto’s in te zetten om vanuit Abidjan onder meer yams - wortelknollen - te distribueren naar het noorden en om de grens over te gaan voor handel met de buurlanden.

Huidige situatie in Ivoorkust De verkiezingen en het daarmee gepaard gaande geweld in Ivoorkust van de afgelopen tijd hebben hun weerslag op Cocovico. De aanvoer van voedsel stagneert of het wordt met zoveel vertraging geleverd dat het na één dag op de markt te rijp is voor de verkoop. Dit is sinds de verkiezingen de dagelijkse praktijk voor de vrouwen van Cocovico. Door hun ondernemersmentaliteit is het Rosali Botti en haar leden echter gelukt om de groententelers rechtstreeks te benaderen en een aangepaste logistiek op te zetten. Daarmee is de markt tot op moment van schrijven (27 januari) verzekerd van een regelmatige, minimale aanvoer van vers voedsel voor de klanten van de Cocovicomarkt.

3


MINDTHEIRBUSINESS ONDERNEMERS HIER HELPEN ONDERNEMERS DAAR

Sinds vorig jaar kunnen ondernemers hier investeren in ondernemers daar, zonder hun geld weg te geven. Dat kan via MindTheirBusiness, een uniek ondernemersnetwerk. Bedrijven kunnen maatschappelijk verantwoord ondernemen door te investeren in microkrediet. De lancering van MindTheirBusiness vond op 19 september plaats op de ETFAM Trade Fair in Eindhoven. We vroegen Han Rijndorp, de initiatiefnemer van het project, om toelichting.

Tekst: Walter van Teeffelen Waarom heeft u dit initiatief genomen? ‘Omdat ik besef dat we het hier in Nederland heel goed hebben. Beter dan veel mensen in andere landen. Ik ben niet iemand die handig is met hamer, nijptang en spijkers. Dus praktisch gezien kan ik geen bijdrage leveren. Ik ben altijd zelf ondernemer geweest. Vandaar dat het mij erg aanspreekt om ondernemers in andere

landen te helpen, samen met ondernemers hier in Nederland. Met dit initiatief slaan wij een brug naar hen. We investeren in de opbouw van ondernemingen in onwikkelingslanden.’ Wat voor bedrijf heeft u zelf? ‘Ik ben adviseur in de bloemenbranche. Ik werk voor de Vereniging BloemistWinkeliers. We staan bloemisten met raad en daad terzijde, op allerlei terreinen. Hiervoor ben ik eigenaar geweest van een interieurbeplantingsbedrijf.’

Han Rijndorp

Hoe slaat het initiatief aan? ‘Het is nog een heel nieuw concept, maar toch doen er flink wat ondernemers mee. Nu moeten we zorgen dat we naamsbekendheid krijgen.’

bovendien het geld dat je investeert niet kwijt; je krijgt zelfs een bescheiden rente over je investering. En interessant is het netwerk dat je krijgt met andere ondernemers die zich net als jij bekommeren om rechtvaardige verhoudingen in de wereld.’

Wat zijn de voordelen voor ondernemers om mee te doen? ‘Je helpt ondernemers in andere landen, die een onderneming willen opzetten of uitbreiden in veel moeilijkere omstandigheden dan wij gewend zijn. Je bent maatschappelijk verantwoord bezig. Je bent

Kan iedereen meedoen? ‘Iedere ondernemer kan meedoen. Het maakt niet uit of je nu al investeert in Oikocredit of niet; hierbij nodig ik elke ondernemer uit om zichzelf op de website www.mindtheirbusiness.nl te profileren en mee te doen!’

Waarom doen wij mee? Jan van Egmond van Quality in Wind in Gouda: ‘Omdat het - uit eigen ervaring - een goede zaak is te werken aan je eigen idealen, deze uit te bouwen en gekregen kansen te benutten. Door via Oikocredit te investeren in deze - startende of opkomende - bedrijven, help je mensen hun idealen uit te werken en te realiseren.’

Hiltje Begieneman van HB Management Support Secretariële ondersteuning: ‘Al kort na de start ontstond het idee om met mijn verdiende geld ook anderen te helpen om hun droom te verwezenlijken. De keus voor MindTheirBusiness was snel gemaakt.’

Goof Rijndorp van Bras Fijnaart Groenvoorziening in Fijnaart (Noord-Brabant): ‘Persoonlijke capaciteiten om minder bedeelden te helpen vooruit te komen, is belangrijk. Ik vind dat iedere ondernemer zijn verantwoordelijkheid moet nemen en op welke wijze dan ook zijn capaciteiten moet aanwenden om minder bedeelden vooruit te helpen.’

4

MEER WETEN? Vraag een presentatie aan! dtimmermans@oikocredit.org 030 2341069

www.mindtheirbusiness.nl


Op de bres voor duurzaamheid

VBDO 15 JAAR JONG transparant zijn over hoe hun geld wordt Foto: Kuyichi belegd. Charitatieve instellingen hebben nog onvoldoende in de gaten dat ze hun vermogen ook kunnen laten werken vóór hun idealen.’ Maar duurzaamheid geeft toch minder rendement? ‘Dat sprookje zou ik graag de wereld uit willen hebben! Er is al veel onderzoek naar gedaan en daaruit blijkt dat duurzame beleggingen niet minder renderen. Soms renderen ze zelfs beter.’

Directeur van VBDO Giuseppe van der Helm tijdens het lustrum

Vijftien jaar geleden werd de Vereniging van Beleggers voor Duurzame Ontwikkeling (VBDO) opgericht. Deze organisatie is in Nederland een van de weinige die onderzoek doet naar duurzaam beleggingsbeleid en de enige die tijdens aandeelhoudersvergaderingen vragen stelt over duurzaamheid. Een gesprek met de directeur Giuseppe van der Helm.

Tekst: Tonko Vos Wat verstaat u onder duurzaamheid? ‘Duurzaamheid is breder dan alleen ‘groene producten’ en het rekening houden met het milieu. Het omvat een scala van wat men noemt ESG-factoren (Environmental, Social en Governance). Het gaat dus om de manier waarop omgegaan wordt met werkgeverschap, mensenrechten, veiligheid, diversiteit en integer bestuursbeleid. Op deze punten beoordelen wij de wijze waarop financiële instellingen, zoals verzekeraars en pensioenfondsen, het hen toevertrouwde geld beleggen. Dat doen we door het opstellen van benchmarks, waarin de onderzochte organisaties een ranking krijgen. En reken maar dat de meeste graag bovenin de lijst willen uitkomen! Als we eenmaal een benchmark hebben ingesteld, evalueren we die elk jaar. Ook reiken we jaarlijks de Verantwoord Ketenbeheer Award uit aan een bedrijf dat door een onafhankelijke jury wordt aangewezen.’

Verantwoord Ketenbeheer? ‘Naast onderzoek naar de wijze van beleggen door financiële instellingen, onderhouden we al jaren een Benchmark Ketenbeheer. Daarmee onderzoeken we in hoeverre beursgenoteerde ondernemingen duurzaamheidscriteria hanteren ten aanzien van hun toeleveranciers. Zien ze toe op handhaving van mensenrechten en milieuaspecten bij hun leveranciers, vaak in een ver buitenland? In december reikten wij de Award uit aan Philips.’ Wie betaalt de kosten van deze onderzoeken? ‘We hebben zelf maar een beperkt budget. Voor elk project zoeken we één of meer sponsoren. Zo werken we veel samen met Oxfam-Novib en ICCO. NGO’s streven een gezond milieu, maatschappelijk-ethische doelen en het naleven van mensenrechten na. Zij zien in hoe belangrijk het is dat deze doeleinden in de zakelijke en financiële wereld in acht worden genomen. Dat is precies onze focus. Wij willen een bruggenbouwer zijn tussen deze organisaties, bedrijven en de financiële wereld.’ Goede doelen ‘Onlangs hebben we ons ook verdiept in het vermogensbeheer van charitatieve instellingen. Verschillende goede doelen hebben de beschikking over een aanzienlijk vermogen en we vroegen ons af hoe duurzaam zij dat beleggen. Toen bleek dat veel goede doelen niet

En Oikocredit? ‘Oikocredit is de gangmaker in microkrediet en actief lid van onze vereniging. Ik voel verwantschap, want Oikocredit steunt op veel vrijwilligers, net zoals onze vereniging een klein corps van actieve vrijwilligers kent. In ons land is Oikocredit een voorbeeld van het in het buitenland veel populairdere faithbased beleggen. Dat betekent dat je op grond van je religieuze of ideële overtuiging belegt.’ Plannen voor de komende jaren? ‘We willen een website waarin we alle kennis over duurzaam beleggen inzichtelijk maken voor kleine fondsen en particuliere beleggers. Zij lopen nog achter qua kennis en mogelijkheden. En verder gaan we meer onderzoek doen naar de duurzaamheid van grote ondernemingen, vooral naar hun ketenbeheer. Ook willen we ze met elkaar in gesprek brengen. Laatst bleek dat Unilever en Albert Heijn niet met elkaar over hun duurzaamheidsbeleid communiceren, terwijl Unilever de producent is van producten die AH in zijn winkels heeft! Dat is toch op zijn zachtst gezegd merkwaardig en een gemiste kans!’ Dit voorjaar doet de VBDO in samenwerking met Oikocredit Nederland onderzoek naar het beleggingsbeleid van kerken en kerkelijke instellingen.

www.vbdo.nl - zoek op benchmark

5


Tweespraak

WAT MOETEN WE TOCH MET AL DIE De afgelopen jaren zetten steeds meer mensen zich in voor ontwikkelingshulp via kleine particuliere initiatieven. Met name over de professionaliteit van die kleine projecten bestaat de nodige discussie. Moeten de subsidies aan het groeiende aantal particuliere initiatieven wel in stand blijven? Kan het ontwikkelingswerk niet beter door een aantal grote professionele organisaties worden gedaan? ‘Ja’, zegt Theo Ruyter, oprichter van het Comité Stop de Goede Doelengekte. ‘Maar dan wel op een heel andere manier.’ Chief Operating Officer Henri van Eeghen van Cordaid juicht de samenwerking tussen grote en kleine organisaties juist toe.

Tekst: Pieter Verbeek

‘Kleine initiatieven helpen maar stukjes van een samenleving, terwijl de rest ongemoeid blijft’ Wat heeft u tegen kleine initiatieven? ‘Toen ik na mijn laatste verblijf in Afrika, eind 2003, weer terug was in Nederland, viel me dat meteen op: de golf projecten van enkelingen of groepjes mensen die zich geroepen voelden zelf de problemen in die Derde Wereld maar eens aan te pakken en dan ook nog vaak dachten dat ze het beter konden dan de grote ervaren hulporganisaties. Alsof ze het wiel weer opnieuw wilden uitvinden. Ze maken dezelfde fouten, vallen in dezelfde valkuilen en zo meer. Ik heb geprobeerd tegen die stroom in te roeien, maar de drang van die zogenaamde doe-hetzelvers om iets te doen bleek en blijkt enorm.’ Wat is er op tegen om een ander te helpen? ‘Je kunt er tenminste op tegen hebben dat mensen voornamelijk van zichzelf uitgaan en als het ware anderen gebruiken om zichzelf beter te voelen. In de geschiedenis kom je dat van het begin af aan tegen: dat hulpverleners maar aannemen dat de mensen in ontwikkelingslanden daar op hen zitten te wachten en

6

Theo Ruyter, oprichter van Comité Stop de Goede Doelengekte

zich niet afvragen of ze op den duur met hun hulp niet eerder schade aanrichten dan goed doen.’ Er zijn toch mensen die er beter van worden? ‘Er is in mijn ogen zoiets als recht op ontwikkeling. Dat kennen we ons zelf toch ook toe? In noodsituaties vind ik best dat je iets mag en moet doen. Maar in het algemeen moet je mensen in relatief stabiele landen verantwoordelijk stellen voor hun eigen zaken.’ Wat houdt die eigen verantwoordelijkheid dan in? ‘Dat ze bijvoorbeeld een fatsoenlijk eigen belastingsysteem op poten zetten in plaats van telkens maar weer hun hand op houden. De ontwikkelingshulp is een doorlopende bron van inkomsten geworden, waar bovendien de meer welgestelden meer van profiteren dan het merendeel van de bevolking. Je moet naar het ontwikkelingsproces van een staat of samenleving in zijn geheel kijken. Met de hulp van kleine initiatieven worden als het ware stukjes van die samenleving

opgekrikt, terwijl de rest ongemoeid blijft. Dat gaat vroeg of laat wringen.’ Doen de grote organisaties het dan beter met al hun professionaliteit? ‘In de traditionele zin wel ja, als je het hebt over hulp die van hier naar daar gaat. Maar hun makke is in mijn ogen dat ze feitelijk met de rug naar de eigen samenleving zijn gaan staan. Ze weten alles van de economie of bijvoorbeeld van onderwijs of de gezondheidszorg in land X of Y, maar wat hier - in het land waar ze zelf hun boterham verdienen en steun zoeken voor hun werk overzee - allemaal gaande is, ontgaat ze. Me dunkt dat de huidige financiële crisis eens te meer laat zien dat lokale en regionale ontwikkelingsprocessen in de wereld met elkaar samenhangen en dan verwacht ik van een zogenaamde ontwikkelingsorganisatie dat ze zich ook met het Nederlands vreemdelingenbeleid of de hervorming van de financiële sector bezighoudt. Als je wel het een en niet het ander doet, houd je jezelf voor de gek.’


PARTICULIERE INITIATIEVEN?

‘Wat wij toevoegen is onze professionaliteit’ Henri van Eeghen van Cordaid

Moeten we het ontwikkelingswerk overlaten aan de grote organisaties? ‘Nee. Juist de samenwerking tussen particuliere initiatieven en grote organisaties kan ongelofelijk positief werken. Het is heel bemoedigend dat steeds meer mensen zich willen inzetten om anderen te helpen. Organisaties als Cordaid, Wilde Ganzen en andere zorgen voor een kanaal waarmee die mensen hun initiatief goed kunnen uitvoeren. Cordaid heeft een jaarbudget van 3 miljoen euro gereserveerd voor particuliere initiatieven, waarbij de eigen bijdrage van de particuliere initiatieven normaal gesproken verdubbeld wordt. Dat komt ten goede aan vierhonderd projecten. Wij zijn goed in het managen van relatief kleine projecten. Wat wij toevoegen aan die kleine initiatieven is onze professionaliteit. ’ Raad je dus particuliere hulpinitiatieven aan om bij grote organisaties aan te kloppen? ‘Ja. Het helpt om die professionaliseringsslag te maken. Om effectiever te werken. Wij hebben de tools waarmee je goed je initiatief kunt uitvoeren. Hoe verzorg je bijvoorbeeld de controle over de besteding van het geld? Is het verstandig om langs te gaan bij het project zelf?

En hoe vaak? Wij hebben overal partners, kennen de lokale regelgeving.’ Kijken jullie kritisch naar de projecten die bij jullie aankloppen? ‘Ja. Wij hebben criteria waaraan de initiatieven moeten voldoen. Die staan op onze website. Ruim achthonderd projecten melden zich aan per jaar. De helft daarvan voldoet niet aan onze eisen. We willen bijvoorbeeld dat een initiatief goed georganiseerd wordt, het liefst in een stichting. Verder stimuleren we dat bij een project zoveel mogelijk lokaal wordt gekocht. Ten eerste is de behoefte ter plekke veel beter bekend, ten tweede stimuleer je dan de lokale economie. Als je bijvoorbeeld een project met tweedehands goederen vanuit Nederland opstart, zal een schoenmaker in Dar es Salaam daar niet beter van worden. Soms heb je een heel goed idee, maar bereik je niet de resultaten die je wilt.’ En Cordaid kan helpen die resultaten wel te bereiken? ‘Wij hebben meer dan tweeduizend partners waarmee we samenwerken. Dat betekent dat als een klein project een probleem heeft, wij goed hulp kunnen bieden. Denk aan een potentieel fraudeprobleem bij de bouw van een school in

Kenia. Als daar het geld niet goed wordt besteed, kunnen wij veel beter helpen om dat uit te zoeken. Als particulier in Nederland zit je wel heel ver weg.’ Wat vind je van de ontwikkeling dat er steeds meer kleine hulpinitiatieven komen? ‘De kritieken zullen best deels gebaseerd zijn op valide argumenten. Maar ik vind het vooral mooi dat er zoveel mensen zijn die de medemens willen helpen.’

Lees meer over de criteria voor de particuliere initiatieven op: www.cordaid.nl

7


Gera Voorrips, lid van de Adviescommissie:

‘MICROFINANCIERING IS BROODNODIG!’ iedereen toegankelijke financiële dienstverlening zijn!’ Maar er wordt toch al heel veel aan microkrediet gedaan? Gera helpt mij uit de droom. ‘Van de zes miljard mensen op deze aarde zijn naar schatting 2,5 miljard volwassenen verstoken Gera Voorrips aan haar keukentafel in Leiden van financiële dienstverlening. Nu worden In mei 2010 trad Gera Voorrips circa 150 miljoen huishoudens bereikt toe tot de Adviescommissie van door microkrediet. Maar de rest heeft Oikocredit Nederland. Wie is zij en geen toegang tot een bank, is unbanked. wat beweegt haar? Het geldverkeer vindt alleen onderling plaats tussen familie en dorpsgenoten. Tekst: Tonko Vos Als men niet kan lenen om een zaakje te beginnen, als men niet kan sparen, Dit interview brengt mij naar een gezellig wanneer er geen geldverkeer mogelijk is, woonhuis in Leiden, waar Gera als zzp’er dan kunnen geen kleine ondernemingen kantoor houdt. Zij ontvangt mij gastvrij ontstaan en blijft een bevolking op aan haar keukentafel met thee en koek- hetzelfde armoedige niveau jes en vertelt: ‘Vanaf mijn jonge jaren was functioneren.’ Om dáár wat aan te doen, ik geïnteresseerd in ontwikkelingswerk. daarvoor klopt Gera’s hart sneller! Haar Ik heb ontwikkelingseconomie gestu- credo: ‘Microfinanciering is broodnodig!’ deerd en toen ING in 2004 voor haar nieuwe afdeling Microfinance Support Wat kun je daar als projectmanager een projectmanager zocht, was dit een aan doen? baan die helemaal bij mij paste.’ In vier ‘Ik ken de financiële wereld, ik heb jaar tijd (2004-2008) zette Gera dit pro- verstand van de verschillende financiële ject op. Hier leerde zij de wereld van het producten, van geldverkeer via het microkrediet kennen; zij verpandde er mobieltje, de regelgeving, de vereisten, haar hart aan. Toen dit project klaar was, de vergunningen. Die kennis kan ik stapte ze over naar een andere afdeling gebruiken om in ontwikkelingslanden binnen ING om twee jaar later te beslui- bankjes, microfinancieringsinstellingen ten voor zichzelf te beginnen. Op 1 janu- (MFI’s) en non-gouvernementele orgaari 2010 startte ze haar eigen consultan- nisaties te helpen hun plannen te cybureau. realiseren.’ Als ik met haar praat, besef ik hoe groot de wereld van microfinanciering is. Ze heeft het dan niet alleen over microkrediet, maar over het verhaal van kleinschalige financiële dienstverlening in arme gebieden: rekeningen courant, het overmaken van gelden, sparen, verzekeren. ‘Wil een arm land verder komen, wil het zich economisch ontwikkelen, dan moet er een voor

8

Maar hoe kom je daar dan aan het werk? ‘De wereld van microkrediet is weliswaar groot, maar de wereld van de deskundigen is klein. Door mijn werk bij ING ken ik veel bankiers en consulenten op dit gebied en zij kennen mij. Door dat netwerk kom je aan wat ik noem ‘klussen’. Die spelen zich dan wel in een ver ontwikkelingsland af.’

Hoe kijk je tegen Oikocredit aan? ‘In de wereld van de microfinanciering is Oikocredit zeer bekend. Er wordt met ontzag tegen deze organisatie aangekeken. Oikocredit is één van de grootste investeerders wereldwijd in microkrediet. Het bijzondere daarbij is dat Oikocredit twee functies verenigt: zij verstrekt leningen aan al langer bestaande MFI’s, maar daarnaast biedt zij hulp bij de ontwikkeling van startende MFI’s met kredieten en technische assistentie. De meeste investeerders in microfinanciering (vooral banken) beperken zich tot het verstrekken van leningen aan gevestigde grote MFI’s.’ Hoe stel je je het werk in de Adviescommissie voor? ‘Ik besef dat de taak van de Adviescommissie vooral adviserend en controlerend is. Het bestuur voert het beleid. Maar het is goed dat er checks and balances zijn. Als projectmanager zal ik me moeten inhouden, want mijn taak in deze commissie is geen uitvoerende. Waar ons oordeel wordt gevraagd over de meerjarenbegroting of een meerjarenplan, krijg ik echter wel de kans om mijn visie te geven en daar heb ik zin in.’ Wat is je volgende klus? ‘Over enkele dagen vertrek ik naar Papoea-Nieuw-Guinea. Daar zal ik gedurende zes weken een bank assisteren bij productontwikkeling.’ Ver weg dus van haar knusse keuken in Leiden.

Gera Voorrips met een microfinancieringsklant


TERRAFINA MICROFINANCE: RWANDA & BURUNDI

Frank Bakx op veldwerk in Burundi

‘Rwanda is vijftien jaar na de genocide politiek stabiel en de economie floreert. Maar over Burundi maak ik me zorgen.’ Aan het woord is Frank Bakx (58), Senior Adviseur Microfinanciering. Hij is via de Rabobank gedetacheerd bij Terrafina Microfinance. Andersom sprak met hem tijdens zijn vakantie in Nederland.

Tekst: Ronald E. Everts Hoe zou u uw werk omschrijven? ‘Mijn werk is heel divers. Ik help de aanbieders van microfinanciering, zowel banken als MFI’s. Doordat dergelijke organisaties klein zijn, is er behoefte aan generalisten. Ik coach managers en geef organisatieadvies. Daarnaast trainen we operationeel personeel. Als er behoefte is aan gespecialiseerde technische assistentie op IT- of communicatie-gebied, dan zorg ik dat die er komt. We gebruiken daarvoor zowel lokale experts als professionals uit Europa.’ U bent bezorgd over Burundi? ‘Ja, vorig jaar leek het de goede kant op te gaan, maar nu wordt de overheid verlamd door het opgelaaide en politiek geïnspireerde geweld. Dat schrikt internationale investeerders en donoren af. De financiële crisis viel ook nog eens samen met een mindere oogst. De economie is dan ook vrijwel tot stilstand gekomen. Het vertrouwen in microfinanciering heeft een knauw gekregen, nadat een aantal MFI’s door

fraude failliet is gegaan. Veel leningen hebben een (terug) betaalachterstand. Microfinanciering in Burundi is technologisch onderontwikkeld, mobiel bankieren bijvoorbeeld bestaat niet. Zeker in de afgelegen gebieden zijn er geen MFIkantoren, maar spaargroepen of dorpsbankjes. Die hebben vaak een voorzitter / penningmeester, die rekeningen opent en de gelden beheert. Leden kunnen een klein bedrag lenen uit de eigen ‘pot’. Dit is de onderkant van de markt en daar is Terrafina actief. We helpen de ‘dorpsbankjes’ te professionaliseren door ze met de juiste MFI’s in contact te brengen.

goed vooruit. MFI’s die onder overheidstoezicht staan, mogen spaargeld beheren. Klanten kunnen uit steeds meer producten kiezen en naast de kantoren is ook mobiel bankieren mogelijk. De transformatie van microfinanciering – van hulporganisaties naar lokale kredietcoöperaties en commerciële instellingen – is succesvol verlopen. Terrrafina heeft volop werk, want het platteland, waar wij het meest actief zijn, blijft duidelijk achter. Maar voor stedelingen ziet de toekomst in Rwanda er zonnig uit.’

Toch doorstaat de microfinancieringsector de crisis beter dan de banken. Burundi heeft een liberaal MFI-beleid, waardoor MFI’s spaargeld kunnen aantrekken. Dat gaat door de crisis minder goed, maar toch komt er zo goedkoop, lokaal kapitaal beschikbaar om leningen uit te zetten.’ U woont in Rwanda. Hoe is de situatie in dat land? ‘Rwanda is de genocide aan het verwerken. Dat gaat moeizaam. De waarheidscommissies of volksrechtbanken, die ‘Gacaca’ heten, zijn nog actief. De daders van mindere vergrijpen kunnen gratie krijgen als zij schuld bekennen. Minder positief is bijvoorbeeld een wet die de visie van de regering op de genocide weergeeft. Uit je een afwijkende mening, dan ben je in overtreding en word je opgepakt! Maar er is politieke stabiliteit en de wil om te breken met het vreselijke verleden is sterk. De sleutel tot een betere toekomst is voor mij de leerplicht. Die is ingevoerd voor kinderen tot vijftien jaar. Maar liefst 95 procent van de kinderen gaat daadwerkelijk naar school! De economische groei is geconcentreerd in mijn woonplaats, de hoofdstad Kigali. De microfinancieringsector gaat daar

Krachten bundelen In het Terrafina Microfinance programma hebben ICCO, Rabobank Foundation en Oikocredit de krachten gebundeld om actief te kunnen zijn in Afrikaanse landen met een hoog risico. Terrafina helpt jonge MFI’s – vooral op het platteland – om rendabeler en duurzamer te worden.

9


Bert Sweerts

AFSCHEID VAN EEN BEVLOGEN VRIJWILLIGER Sinds 1 januari jongstleden moet Oikocredit Nederland het doen zonder Bert Sweerts: een bevlogen vrijwilliger. Vlak voor zijn afscheid blikte Andersom samen met Bert terug op zijn lange staat van dienst.

Tekst: Serana Stockmann Stel Bert een vraag over zijn ervaringen en er komt een enthousiaste stortvloed aan verhalen. Niet zo gek als je bedenkt dat Bert zich meer dan 25 jaar inzette voor Oikocredit. Zijn verhaal begint in 1984. ‘Ik had wat geld over en ik wist van het bestaan van Oikocredit. Ik kocht twee certificaten van aandelen en woonde mijn eerste ledenvergadering bij. Daar werden wel zinnige dingen gezegd en zodoende bezocht ik er nog een en nog een. Tot ik ten slotte werd gevraagd plaats te nemen in het bestuur.’ En zo kwam voor Bert van het een het ander. Een duizendpoot met een duidelijke voorkeur Het bureau van de steunvereniging (Nederlandse Vereniging tot steun aan de Oecumenische Ontwikkelingscoöperatie), zoals Oikocredit Nederland toen heette, verhuisde in 1993 van Leeuwarden naar Utrecht. Bert begon er als ‘hoofd’ van het bureau. Daar was hij de duizendpoot: PR, administratie, ondersteuning van het bestuur; Bert deed het allemaal. Ook voedde hij als bureauredacteur de redactie van Andersom. ‘Maar’, zegt hij met klem, ‘de hoofdredacteur van Andersom is van begin af aan een externe, onafhankelijke partij geweest.’ Oikocredit Nederland draaide in die jaren veel op vrijwilligers. Voor de continuïteit was het echter belangrijk ook vaste krachten aan te trekken. En daarmee kon Bert steeds meer uit handen geven. Bijzonder is dat hij zelf altijd vrijwilliger is gebleven en de rol is blijven vervullen van zijn voorkeur: de zorg voor de leden en deelnemers. ‘Deze mensen zijn de voornaamste ambassadeurs. Ook de laatste indruk die mensen van Oikocredit hebben, moet goed zijn. Ik ben niet altijd makkelijk geweest voor mijn colle-

10

ga’s. Vrijwilliger of betaalde kracht, van iedereen verlangde ik professionaliteit. Ik accepteer geen half werk. De betaalde kracht krijgt daarvoor een salaris, de vrijwilliger ontvangt voldoening.’ Microkrediet toen en nu Zo bekend als het begrip microkrediet nu is, zo nieuw was het in 1976. Oikocredit begon met microkrediet aan coöperaties. Zoals bijvoorbeeld een coöperatie van koffieverbouwers. Zij kregen hun geld pas nadat de koffie verkocht was. Met Oikocredit kreeg de coöperatie op voorhand een financiële garantie. Daar stond tegenover dat de coöperatie een businessplan met perspectief moest overhandigen. Bert: ‘Met het verlenen van kredieten was Oikocredit een outsider binnen de wereld van ontwikkelingsorganisaties. In de wereld van geven doorliep de hulpverlening verschillende fases, van ‘een vis geven’ naar ’een hengel geven om zelf vis te vangen’. Oikocredit bracht een nieuwe variant: geef een lening voor de hengel en laat die terugbetalen.’ Na 35 jaar is kredietverlening als hulp algemeen geaccepteerd, hoewel Oikocredit zelfs tot de dag van vandaag daarin een unieke positie inneemt door de manier waarop de kredieten worden gefinancierd. ‘Niet dankzij giften, maar door investeringen. De componenten ‘veilig beleggen’ en ‘een bescheiden dividend’ benadrukken dat de financiering bij Oikocredit niet draait om giften’, aldus Bert. Ontwikkelingen in de sector Berts stokpaardje is de geefmentaliteit van de Nederlanders. Een mentaliteit die wat hem betreft negatief uitpakt. ‘Je stimuleert mensen niet door te geven en ze afhankelijk te maken. Met een lening ontstaat een andere verhouding. In de westerse wereld geeft geven een goed gevoel, maar als je geeft, ben je sowieso je geld kwijt. Waarom dan niet investeren? Met spaargeld kun je een veelvoud aan hulp mobiliseren.’ ‘Door het succes van microkrediet zijn in de loop der jaren andere organisaties in-

Bert Sweerts tijdens zijn afscheid

gesprongen op de markt. Er vond een verschuiving van perspectief plaats: niet langer armoedebestrijding maar winstbejag kwam voorop te staan. De verstrekking van die leningen is vaak niet vraaggestuurd zoals bij Oikocredit, maar aanbodgestuurd. Met als gevolg dat leners zó makkelijk aan leningen komen dat de ene lening met de andere wordt afgelost. Die ontwikkeling bezorgt de sector een slechte naam. Krediet verlenen is meer dan geld uitlenen. Het betekent tevens doelen stellen, instrumenten ontwikkelen om te kunnen bepalen of het geld goed terecht komt. Naast de ontvangers van microkrediet zijn ook de investeerders heel belangrijk. Met de vele kleine investeerders bewerk je een mentaliteitsomslag, met de grote investeerders kun je financieel een vuist maken. We moeten afkicken van het geven.’


Prinses Máxima legt principes financiële dienstverlening vast

VERANTWOORD INVESTEREN Oikocredit wil dat het geld van haar investeerders goed terecht komt en loopt daarom wereldwijd voorop om de sociale belangen van de eindklanten te behartigen. Oikocredit promoot klantbescherming, resultaatmeting en transparantie in de microfinancieringssector. In 2010 hebben de media regelmatig hoge rentes in de microfinancieringssector aan de kaak gesteld, vaak wordt daarbij India aangehaald. Een aantal microkredietklanten blijkt niet in staat om terug te betalen met alle te betreuren gevolgen van dien. Als microfinanciering verkeerd wordt gebruikt, kan het aanzienlijke schade toebrengen aan het leven van kredietnemers. Als het goed wordt gebruikt, daarentegen, kan microfinanciering een belangrijke rol spelen bij de vermindering van de wereldarmoede. Toegang tot financiering is essentieel voor de economische groei van een samenleving. Sociaal rendement De meeste instellingen in de microfinancieringssector blijven gelukkig de focus op armoedebestrijding houden. Maar om te groeien, om meer mensen te bereiken, moeten microfinancieringsinstellingen voldoende winst maken. Helaas ging de groei de laatste jaren soms ten koste van het sociale rendement. Er moet beter gekeken worden of de klant wel behoefte heeft aan een lening; of zij/

In Memoriam: Dick van Rheenen Bedroefd, maar dankbaar voor wat hij betekend heeft voor Oikocredit Nederland, stellen we u ervan op de hoogte dat in december 2010 Dick van Rheenen - erelid van Oikocredit Nederland – is overleden. Hij maakte van 1985 tot eind 2000 deel uit van het algemeen bestuur van Oikocredit Nederland. Met zijn financiële en commerciële  deskundigheid gaf hij richting aan het beleid.  Tot in 2010 bleef Dick nog zeer betrokken bij Oikocredit en bij Andersom.

hij niet teveel schulden aangaat en of wel terugbetaald kan worden. Máxima legt principes vast Oikocredit is één van de partijen die op 27 januari een serie principes ondertekende voor investeerders in microfinancieringsinstellingen. De principes moeten uitwassen in de sector tegengaan. Op speciaal verzoek van prinses Máxima, die namens de VN ijvert voor het toegankelijk maken van financiële diensten voor armen, zijn de principes opgesteld. De principes gaan over klantbescherming, een eerlijke behandeling, verantwoorde financiële dienstverlening, transparantie en een ’normale’ marktrente. De bedoeling is dat deze principes wereldwijd door alle verstrekkers van microkrediet worden ondertekend. Oikocredit bekroond Bij het internationale kantoor van Oikocredit in Amersfoort en bij de regiokantoren wereldwijd zijn mensen in dienst die zich speciaal op sociale resultaten richten. Er is al veel in beweging gebracht in de sector. Oikocredit loopt al jaren voorop om consumenten te beschermen door middel van het promoten van de Client Protection Principles (klantbeschermingsregels). Oikocredit bevordert de transparantie van rentetarie-

ven en ondersteunt microfinancieringsinstellingen om efficiënter te werken, waardoor de rentes omlaag kunnen. Als blijk van erkenning voor haar bijdrage aan maatschappelijk verantwoord investeren in de microfinancieringssector, is Oikocredit recent bekroond door het prestigieuze CGAP, een onafhankelijk centrum voor beleid en onderzoek ondergebracht bij de Wereldbank. Meer info: www.oikocredit.org en het vorige nummer van Andersom (nov. 2010). Ook in de volgende Andersom besteden we aandacht aan deze thematiek.

Prinses Máxima tijdens het Responsable Finance Forum in Den Haag, waar de investeerdersprincipes werden getekend. Foto: RVD.

IKV Pax Christi Bij deze Andersom is een brief van IKV Pax Christi bijgesloten. Vredesorganisatie IKV Pax Christi zet zich wereldwijd in voor de bescherming van burgers, het voorkomen en beëindigen van gewapend geweld en het werken aan een rechtvaardige vrede. Oikocredit Nederland draagt het vredeswerk van IKV Pax Christi een warm hart toe. Solidariteit en respect voor de menselijke waardigheid zijn onze gezamenlijke uitgangspunten.

Oikocredit Nederland en IKV Pax Christi hebben afgesproken elkaars achterban over hun werk te informeren. IKV Pax Christi heeft vorig jaar Oikocredit-bijlagen in het tijdschrift Vrede.Nu opgenomen en dit keer is er bij Andersom een bijsluiter van IKV PaxChristi bijgevoegd. Om alle misverstanden te voorkomen: er zijn geen adresbestanden uitgewisseld, zodat uw privacy gegarandeerd is. Van harte aanbevolen: IKV Pax Christi. Steun het werk voor vrede, ontwikkeling en mensenrechten.

11


OIKOCREDIT NEDERLAND IN 2010 Oikocredit vierde haar 35-jarig bestaan in 2010. Oikocredit Nederland maakt al 34 jaar deel uit van de wereldwijde financiële ontwikkelingscoöperatie die Oikocredit is. Zo lang al komen we met elkaar op voor het recht van mensen om een menswaardig bestaan op te bouwen.

Ivo en Esmeralda gingen zelf kijken

In het afgelopen jaar hebben we het belang van de toegang tot financiële dienstverlening weer uit kunnen dragen, vooral dankzij de inzet van onze vrijwilligers. We zijn gestart met de mogelijkheid voor Nederlandse ondernemers om solidair te zijn met collega’s elders, via het digitale netwerk MindTheirBusiness. Ongeveer tweehonderd kerken zijn aan de slag gegaan met de Oikocreditcampagne Geloven in het kleine. Veel mensen zijn aan het denken gezet over anders omgaan met geld, via bijvoorbeeld een kerkdienst, ‘omgekeerde collecte’ of presentatie. Op basisscholen werden bijna honderdveertig gastlessen verzorgd in het kader van de campagne Day for Change en op middelbare scholen bijna dertig gastlessen. Het African Spirit evenement was met sprekers uit Ivoorkust (zie p.3), dynamische workshops, een Afrikaanse band en honderd deelnemers een groot succes.

Het was eigenlijk een spontane reactie op de Boekestijnen en de Bolkesteinen, die in ons land de discussie over de toekomst van ontwikkelingssamenwerking proberen te beheersen. Met beweringen dat het toch allemaal weggegooid geld is en dat het maar zo weinig uithaalt. Ivo en Esmeralda uit Deventer werden daar wat kregel van. Daarom besloten ze, op vakantie in Cambodja, zichzelf te wapenen met voldoende stevige argumenten om terug thuis tegenwicht te kunnen leveren aan het afbrokkelend draagvlak voor internationale solidariteit. Natuurlijk, ze maakten hun toeristische uitstapjes naar Sihanoukville, naar de tempels van Angkor Wat en in de omgeving van Phnom Penh. Maar daar bleef het niet bij. Tussendoor gingen ze ook op zoek naar kleine ondernemers op het platteland, die vooruitkomen dankzij een steuntje in de rug van een ontwikkelingsproject. Veel moeite kostte dat niet. Het familiebedrijfsleven op microschaal is populair in Cambodja.

Tijdens de kredietcrisis is het Oikocredit Nederland Fonds gegroeid, zij het minder hard dan tevoren. In 2010 is wel een duidelijk herstel opgetreden in de instroom. Het gaat onze beleggers vooral om het maatschappelijk rendement. Wij hopen dan ook op weinig effect van de geleidelijke afschaffing van de heffingskorting op sociaalethische beleggingen. Die wordt niet direct afgeschaft, maar over een periode van drie jaar. In 2011 wordt de heffingskorting verlaagd van 1,3 procent naar 1 procent. De vrijstelling in de vermogensrendementsheffing in box 3 (1,2 procent) blijft ongewijzigd.

Vanaf mei kunt u de jaarverslagen van Oikocredit International, Oikocredit Nederland en het Oikocredit Nederland Fonds bekijken op: www.oikocredit.org. Kijk onder: ‘Wie zijn we?’ bij ‘Jaarverslagen’.

AGENDA Maandag 23 mei Ledenvergadering Oikocredit Nederland en participantenvergadering ONF (Aanvang avond: 18:00 uur) 12

COLUMN

Kees van der Maas

In het dorp Pursat, vijftig kilometer van het Tonlé Sap Meer, raakten ze aan de praat met Cheam Ket en zijn gezin. De ontvangst op het boerderijtje, ver van de bewoonde wereld, was joviaal en gastvrij, zoals in Cambodja bijna overal. Cheam troonde zijn bezoekers mee naar de veldjes, waar maniok en bananen worden geteeld. Hij liet zien hoe zijn hele gezin – vrouw en vijf kinderen – meewerkt in de productie van noedels. En aan de maaltijd vertelde hij honderduit, hoe het allemaal was begonnen zo’n jaar of vijf terug. Met collega-boeren uit de buurt werd hij lid van een coöperatie. Zo konden ze als groep aansluiten bij een project dat krediet- en spaarprogramma’s beschikbaar heeft voor dorpshuishoudens en voor micro-ondernemers. Een eerste lening gebruikte Cheam als startkapitaal voor zijn ‘commercieel opgezette private onderneming’. De familie is trots op wat ze in korte tijd aan duurzame bedrijfsvoering hebben opgebouwd. De zaken gaan goed. Terug in Nederland lazen Ivo en Esmeralda in de krant dat het nieuwe kabinet een andere wind laat waaien rondom de financiering van ontwikkelingssamenwerking. In het budget wordt drastisch gekort. En staatssecretaris Ben Knapen zegt dat de aanpak anders, zakelijker moet. Dat onze hulp meer moet bijdragen aan economische ontwikkeling. Dat ook beter zichtbaar moet worden wat we als Nederland op de werkvloer van de internationale hulp doen. Voor de twee Cambodjagangers uit Deventer allemaal weinig opzienbarend, die verse inzichten vanuit Den Haag. Microkredietleningen op ideële basis zorgen er al tientallen jaren voor dat vele duizenden kleine ondernemers in ontwikkelingslanden de lokale economie omhoog trekken. Trouwens, ze hebben met eigen ogen gezien hoe dat werkt bij het familiebedrijfje van Cheam Ket. Op verjaardagen, feestjes en bij de koffieautomaat op het werk vertellen ze erover. Zó werkt draagvlak.

Profile for Donkigotte

Andersom  

Magazine van Oikocredit Nederland

Andersom  

Magazine van Oikocredit Nederland