Skip to main content

Max-mavo 3 - Module 2 Allez! - inkijk

Page 1


Proef

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Het is stil in het laboratorium …

En dan schiet de bliksem los!

Witte vonken kronkelen door de ruimte, recht uit een machine achter hem.

En toch zit Nikola Tesla rustig op een stoel, met een boek in zijn handen. De machine is een Tesla-spoel, een toestel waarmee hij experimenteerde met elektriciteit.

Wat voor anderen levensgevaarlijk leek, was voor hem een manier om ideeën te testen. Zonder dit idee zou je je smartphone vandaag niet kunnen opladen. Niet voor niets noemden sommigen hem “de magiër van de elektriciteit”.

Deze iconische foto is niet echt, maar vertelt wel iets belangrijks: Tesla wilde laten zien dat hij elektriciteit niet vreesde, maar begreep. Al vertelt dit beeld nog lang niet alles.

Achter de vonken schuilt een man met grootse dromen, botsend met wantrouwen en tegenstand. Zijn ideeën veranderd en de wereld. Maar het bracht hem zelf niet altijd geluk.

Veel van wat hij bedacht, was zijn tijd ver vooruit.

En niet iedereen was klaar voor die toekomst …

Meer dan honderd jaar geleden experimenteerden wetenschappers zoals Nikola Tesla dus al met elektriciteit. Voor veel mensen was elektriciteit toen iets gevaarlijks en mysterieus. Vandaag is dat helemaal anders. Energie en elektriciteit zijn overal om ons heen. We gebruiken ze elke dag, vaak zonder er nog bij stil te staan. Denk maar aan je smartphone, verlichting, transport of zelfs je eigen lichaam. Maar waarvoor gebruiken we eigenlijk nog allemaal energie in ons dagelijks leven?

1 Bekijk het onderstaande schema. Werk samen met je buur en noteer per categorie zoveel mogelijk situaties waarin je energie gebruikt. Volg het voorbeeld.

transport

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

elektrische step

microgolfoven

beamer

2 Markeer nu de voorbeelden waarvoor je elektriciteit nodig hebt. Hou daarna een klasgesprek om te zien of je klasgenoten andere ideeën hadden.

Denkwijs

“Technologie lost meer problemen op dan ze veroorzaakt.”

Ben je het eens (of oneens) met deze stelling? Waarom?

Duid jouw mening met een pijltje aan op de fact-o-meter.

Geef twee redenen waarom je die mening hebt. Dat heet ‘argumenteren’.

Lees hieronder eerst nog eens goed hoe je moet argumenteren.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Argumenteren, hoe doe je dat?

Soms kom je in situaties terecht waarin je de ander wilt of moet overtuigen van jouw standpunt. Dat doe je door goede argumenten te geven.

1

Je neemt een standpunt in:

Ik vind dat …

Ik denk dat … Volgens mij …

2

Je legt uit waarom je iets vindt: want … omdat … aangezien … = argumenteren

argument 1: argument 2:

Bespreek je standpunt met je buur.

Gooi het ten slotte in de groep. Wat denkt de klas hierover?

Vonken, bliksem en briljante ideeën

1.1 Wat is energie?

Energie is overal om ons heen. Zonder energie zou een lamp niet branden, een auto niet rijden en ons lichaam niet bewegen. Er zijn verschillende soorten energie.

1 Bekijk de foto’s. Welke soort energie past erbij? Kies uit het woordkader en noteer onder de foto.

elektrische energie – bewegingsenergie – stralingsenergie – warmte-energie – chemische energie

2 Energie kan ook omgezet worden in een andere energiesoort. Lees de situaties en noteer telkens welke energieomzetting plaatsvond.

Je wrijf t in je handen om ze op te warmen.

Lisa droogt haar gewassen haar met een haardroger.

Martine tankt haar auto vol en rijdt daarna naar het werk.

Je steekt de lamp aan om een boek te lezen.

Energieomzetting

Bij energieomzetting wordt de ene energiesoort omgezet naar de andere energiesoort.

3

Energie moet natuurlijk eerst ergens gehaald worden. Waar halen de volgende voorwerpen of personen hun energie vandaan? Verbind.

De afstandsbediening werkt.

De atleet loopt.

De plant groeit. benzine batterijen zon energiereep

De auto rijdt.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Energiebron

Een energiebron is iets dat energie bevat die we kunnen omzetten in een andere soort. Zoals zon, wind, brandstof, voedsel.

Een energiebron kan duurzaam of niet-duurzaam zijn. Duurzame energiebronnen zoals wind of zon raken nooit op. Terwijl niet-duurzame energiebronnen zoals steenkool of aardgas het milieu belasten en op kunnen geraken.

4 We kijken even wat je hebt onthouden. Speel het energiespel, volg het stappenplan. Vul daarna op de volgende pagina's de mindmap over energie aan met de woorden die je hoorde in het spel.

Stap 1: Je krijgt een post-it met een woord dat te maken heeft met energie.

Stap 2: Kleef de post-it op je voorhoofd zodat je het zelf niet kan lezen.

Stap 3: Stel ja/nee-vragen om te ontdekken wie of wat je bent.

Stap 4: Luister goed naar de antwoorden en denk logisch na.

Stap 5: Raad op het juiste moment wie of wat je bent.

Dit zijn enkele vragen die je zou kunnen stellen:

– Heb ik energie nodig om te werken of te bewegen?

– Komt er licht/warmte/beweging bij mij vrij?

– Heb ik een stroombron? nodig (bv. batterij of stopcontact)?

– Ben ik iets natuurlijks/door mensen gemaakt?

– Ben ik duurzaam?

– Kan ik leeg raken of opraken?

nodig voor levende wezens en niet-levende voorwerpen

elektrische energie

1. Wat is het?

eenheden: joule (J) en kilowattuur (kWh) bij elektriciteit

nodig om iets te laten werken of bewegen (bv. lopen, koken, opladen)

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

bewegingsenergie

2. Soorten energie

stralingsenergie

chemische energie

potentiële energie

stofzuiger, lamp, fiets, skateboard, …

haardvuur, barbecue, …

springveer, katapult ener

3. Energie besparen

goed voor de goed voor het milieu minder energie verbruiken

4. Wat levert energie?

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

duurzame energie niet-duurzame energie

waterkracht

aardwarmte aardolie

Energie verdwijnt niet:

bv. nuttige energie (wat je gebruikt)

bv. niet nuttige energie (wat je niet gebruikt)

Energie wordt omgezet (energie verandert van soort):

bv. lamp: elektrische energie  stralingsenergie  warmte-energie

bv. ventilator: elektrische energie  bewegingsenergie 5.

1.2 Genie of groot verhaal?

1 Even terug naar Nikola Tesla. Wie was hij en wanneer leefde hij? Zoek op en beantwoord de vragen.

Geboortejaar:

Overlijdensjaar:

In welke eeuwen leefde Nikola Tesla? Kruis aan. 18e 19e 20e 21e

Wat is het begin- en eindjaar van deze eeuwen?

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Bij welk historisch domein hoort Nikola Tesla? Kruis aan. sociaal economisch cultureel politiek

In welke historische periode leefde hij? Omcirkel.

Geboorteplaats (stad + land):

Land waar hij vooral werkte:

Welk(e) beroep(en) beoefende Nikola Tesla? Kruis aan. politicus uitvinder kunstenaar wetenschapper

Welke vorm van elektriciteit wordt het meest aan Tesla verbonden? Kruis aan.

gelijkstroom (DC) wisselstroom (AC)

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

2

Werd Nikola Tesla tijdens zijn leven als een genie gezien? Bekijk de bronnen. Wat zeggen ze? Welke bron zou je sneller geloven? Markeer het vinkje of het kruisje.

Historykids

Historykids �� Wist je dit?!

Nikola Tesla was al tijdens zijn leven het grootste genie van zijn tijd.

��⚡ Iedereen bewonderde hem en wist toen al dat hij de toekomst van elektriciteit in handen had. Deze foto bewijst hoe mensen vol ontzag naar hem keken. ��

‼ Zonder Tesla hadden we vandaag geen elektriciteit, geen technologie en geen moderne wereld.

�� Deel dit als jij ook vindt dat Tesla veel te weinig erkenning krijgt!

#NikolaTesla #Genie #VerbodenGeschiedenis

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

De grootste uitvinder aller tijden. Dat is de titel die Nikola Tesla nog altijd met recht en reden op zijn naamkaartje zou mogen zetten. Zijn erfenis zit in zowat alle elektrische toestellen die we vandaag gebruiken. En toch kreeg de Amerikaans-Servische ingenieur op het einde van zijn leven de stempel van een gekke, dolgedraaide professor. Tesla stierf vereenzaamd in een hotelkamertje, met enkel het gezelschap van duiven.

Cedric Lagast Misdaadreporter

Wat we vandaag weten over het verleden, komt uit bronnen: teksten, beelden, websites, video’s … Maar niet elke bron vertelt het verleden op dezelfde manier. Soms ontbreken er feiten, soms worden zaken overdreven of vereenvoudigd. Ook vandaag zien we dat. Op TikTok, Facebook of websites kom je vaak video’s of berichten tegen die spectaculair klinken, maar niet altijd kloppen. Een video kan veel likes krijgen en toch onjuist zijn. Daarom is het belangrijk om informatie te controleren. Door verschillende bronnen te vergelijken, kan je beter inschatten wat betrouwbaar is en wat niet. Dat geldt voor nieuws van vandaag, maar ook voor verhalen over het verleden, zoals die over Nikola Tesla.

Nikola Tesla in zijn laboratorium
Nikola Tesla: even geniaal als Gobelijn. Maar ook even gek
BRON: Nieuwsblad

3

We nemen de twee bronnen van oefening 2 verder onder de loep. Met het bronnenverkeerslicht beoordeel je hoe betrouwbaar deze bronnen zijn. Volg de stappen.

Stap 1: Onderzoek de bronnen

– Bron 1 – Kruis aan wat klopt:

De titel wil choqueren of aandacht trekken.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Er staat niet bij wie de informatie maakte.

Er worden dingen gezegd zonder uitleg of bewijs.

Andere bronnen zeggen iets anders.

Er wordt overdreven en/of foutieve taal gebruikt.

Sommige info lijkt juist, andere niet.

Er is weinig uitleg of detail.

Het is niet duidelijk waar de info vandaan komt.

Je blijf t met vragen zitten.

De bron geeft een duidelijke en rustige uitleg.

Je weet wie de maker of organisatie is.

De info komt ook voor in andere bronnen.

De bron wil informeren, niet choqueren.

– Bron 2 – Kruis aan wat klopt:

De titel wil choqueren of aandacht trekken.

Er staat niet bij wie de informatie maakte.

Er worden dingen gezegd zonder uitleg of bewijs.

Andere bronnen zeggen iets anders.

Er wordt overdreven en/of foutieve taal gebruikt.

Sommige info lijkt juist, andere niet.

Er is weinig uitleg of detail.

Het is niet duidelijk waar de info vandaan komt.

Je blijf t met vragen zitten.

De bron geeft een duidelijke en rustige uitleg.

Je weet wie de maker of organisatie is.

De info komt ook voor in andere bronnen.

De bron wil informeren, niet choqueren.

Waar heb je de meeste kruisjes gezet bij de bronnen? Markeer.

bron 1

= Deze bron is niet betrouwbaar.

= Deze bron is nog twijfelachtig.

= Deze bron is betrouwbaar.

Stap 2: Vergelijk de bronnen

bron 2

= Deze bron is niet betrouwbaar.

= Deze bron is nog twijfelachtig.

= Deze bron is betrouwbaar.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

– Welke bron kreeg het meest groen? Markeer. 1 – 2

– Welke bron kreeg oranje of rood? Markeer. 1 – 2

Stap 3: Besluit

– Bron 1 / 2 is het meest betrouwbaar, omdat …

Betrouwbaarheid van bronnen

Historische bronnen vertellen ons iets over het verleden, maar zijn niet altijd objectief of correct. Dit komt, omdat:

– mensen vroeger (en nu) een eigen mening hadden.

– sommige bronnen gemaakt zijn om te overtuigen of te manipuleren.

– informatie verkeerd kan zijn door fouten, propaganda of overdrijving.

– niet alles uit het verleden volledig bewaard is gebleven.

Als je bronnen niet controleert, kan je:

– verkeerde conclusies trekken.

– een fout beeld van het verleden krijgen.

– misleid worden door onbetrouwbare info.

Daarom controleren we elke bron zorgvuldig om te weten wat we kunnen vertrouwen. We gebruiken het bronnenverkeerslicht om te beslissen of een historische bron betrouwbaar is of niet.

Stap 1: Onderzoek de bronnen

– Je bekijkt één bron per keer.

– Lees de bron en kleur de bolletjes die passen bij wat je ziet.

• rood (niet betrouwbaar): je ziet dingen zoals choqueren, geen maker, geen bewijs, overdrijving …

• oranje (twijfelachtig): het is niet helemaal duidelijk, weinig uitleg, je hebt nog vragen …

• groen (betrouwbaar): rustige uitleg, maker gekend, info komt ook voor in andere bronnen …

– Daarna tel je bij welke kleur je de meeste bolletjes hebt. Dat is het resultaat.

Stap 2: Vergelijk de bronnen

– Welke bron kreeg het meest groen? Die bron is meestal het best bruikbaar.

– Welke bron kreeg oranje of rood? Die bron is minder zeker of niet bruikbaar.

Stap 3: Besluit

– Welke bron is het meest betrouwbaar en waarom?

1.3 De magiër van de elektriciteit

Nikola Tesla wordt vaak “de magiër van de elektriciteit” genoemd, omdat zijn werk voor veel mensen onbegrijpelijk leek. Dankzij Tesla komt elektriciteit veilig in onze huizen terecht, waardoor we licht hebben, toestellen kunnen gebruiken en onze smartphone kunnen opladen. Wat ooit magisch leek, is dankzij Tesla nu heel gewoon.

1 Lees de strip op de volgende pagina en los het kruiswoordraadsel op. De letters in de paarse vakjes vormen samen een woord.

1 Waaruit bestaat alles wat ruimte inneemt?

2 Hoe noemen we stroom waarbij elektronen altijd in dezelfde richting bewegen?

3 Hierin zorgt een chemische reactie voor een min en een plus.

4 Hoe heten de kleine deeltjes die rond de atoomkern bewegen?

5 Hoe heet de gesloten weg die elektronen volgen van de energiebron naar het toestel en terug?

6 Wat geeft energie aan elektronen, zodat ze kunnen bewegen?

7 Welke stoffen houden elektrische stroom tegen en zorgen voor veiligheid?

8 Welke soort energie zit in een batterij voordat die elektriciteit levert?

9 Hoe heet stroom die steeds van richting verandert?

10 Wie ontdekte dat wisselstroom geschikt is om elektriciteit ver te vervoeren?

11 Hoe noemen we het wanneer energie van soort verandert, zoals van elektrische energie naar licht en warmte in de strip?

12 Koper is een voorbeeld van een …

13 Welk toestel kan wisselstroom sterker of zwakker maken om elektriciteit te vervoeren en veilig te gebruiken?

Hier komt een strip die hoort bij oefening 1 op pagina 15.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

De energie die uit een energiebron komt, is niet altijd de energie die we ook effectief gebruiken. Om van die energie elektriciteit te maken, hebben we een stroombron nodig.

Stroombron

Een energiebron is iets waar energie uit komt, zoals de zon, wind of gas. Met die energie kan elektriciteit worden gemaakt, maar een energiebron levert meestal niet meteen elektriciteit aan een toestel.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Een stroombron zorgt daar wel voor. Een stroombron laat elektronen door de draden bewegen. Die beweging van elektronen noemen we elektrische stroom. Door die stroom kan een toestel werken, zoals een lamp of een gsm. Om elektrische stroom te krijgen, is er altijd eerst een energiebron nodig.

bv. De zon schijnt als energiebron op een zonnepaneel. Het zonnepaneel vangt de stralingsenergie op en zet die energie om naar elektrische energie. Die elektrische energie kan gebruikt worden als stroombron zodat het stopcontact elektriciteit levert om een lamp te laten branden.

2 Lees de uitspraken. Doorstreep de uitspraken die fout zijn. Bespreek daarna klassikaal waarom die uitspraken fout zijn.

– Een batterij is een energiebron, omdat ze elektriciteit maakt.

– De zon kan geen stroom leveren aan een lamp zonder tussenstap.

– Een stopcontact is een stroombron, maar geen energiebron.

– Wind is een stroombron, omdat windmolens elektriciteit maken.

– Een stroombron werkt altijd met een energiebron.

3 Bekijk de afbeelding. Je ziet hoe energie omgezet wordt in elektriciteit om een elektrisch voertuig te laten werken. Noteer de juiste begrippen in de tabel naast het nummer dat overeenkomt met de nummers op de afbeelding. Kies uit het woordkader.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Tesla-auto’s genoemd zijn naar Nikola Tesla? De wetenschapper die belangrijke ideeën had voor het transport van elektriciteit. De Tesla-auto’s staan vooral bekend om hun elektrische aandrijving, groot rijbereik en snelle technologische ontwikkeling. Ze maakten elektrische auto’s bekender bij een groot publiek.

Wist je dat …

Oriëntatie

Onderzoeksvraag

Is een gom een goede geleider van elektriciteit?

Hypothese

Ik denk van wel / niet, omdat

Voorbereiding

Materiaal (online)

een batterij (battery) draden (wire) een lampje (light bulb) gom (erasor) en andere materialen zoals: grafiet (pencil), muntje (coin) en paperclip

Ga naar https://phet.colorado.edu/nl/. Tip: Alles wat je nodig hebt, staat links in beeld. Je kan de pijltjes gebruiken om meer te ontdekken.

Uitvoering

Stappenplan

1 Plaats een batterij en lampje op het werkvlak.

2 Verbind de batterij en het lampje met draden.

3 Brandt het lampje?  Ja?  De stroomkring is gesloten.

4 Haal één draad even weg, zodat de stroomkring open is.

5 Plaats nu de gom tussen de opening. Brandt het lampje?

6 Test nog andere materialen om te vergelijken.

Resultaat

Waren deze materialen een geleider of isolator? Markeer.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

– gom = geleider / isolator – grafiet = geleider / isolator – muntje = geleider / isolator – paperclip = geleider / isolator – biljet = geleider / isolator

Reflectie

Besluit

Geef het antwoord op de onderzoeksvraag en leg uit.

Oriëntatie

Onderzoeksvraag

Kan je door wrijving statische elektriciteit opwekken met je lichaam?

Hypothese

Ik denk van wel / niet, omdat

Voorbereiding

Materiaal

tapijt of droge vloer metalen deurklink donkere ruimte (optioneel)

Uitvoering

Stappenplan

1 Trek je schoenen en sokken uit.

2 Schuifel met je blote voeten over het tapijt.

3 Raak met je vinger een metalen deurklink aan.

4 Let op wat je voelt.

5 Doe dit ook in het donker en kijk of je iets ziet.

Resultaat

Wat voel je?

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Wat zie je?

Reflectie

Besluit

Geef het antwoord op de onderzoeksvraag en leg uit.

Elektrische stroom vs. statische elektriciteit

Elektrische stroom en statische elektriciteit werken allebei met elektronen, maar niet op dezelfde manier.

Bij elektrische stroom blijven elektronen voortdurend bewegen. De min duwt de elektronen weg en de plus trekt ze aan. Bij gelijkstroom bewegen de elektronen altijd in dezelfde richting, bij wisselstroom bewegen ze heen en weer. Zolang de stroomkring gesloten is, blijft de energie stromen en werken toestellen.

Bij statische elektriciteit bewegen elektronen niet voortdurend. Ze hopen zich eerst op en springen daarna plots over. Er is geen gesloten stroomkring en de ontlading gebeurt maar één keer. Daarom is statische elektriciteit iets anders dan elektrische stroom en kunnen we er geen toestellen mee laten werken.

4 Het onderzoek op pagina 20 toonde statische elektriciteit. Ook hier bewegen elektronen. Bekijk de video en beantwoord de vragen.

Zet de stappen van het waterexperiment in de juiste volgorde. Van 1 naar 6.

Door het wrijven verplaatsen elektronen (−) zich naar de ballon.

Je houdt de ballon dicht bij een dunne waterstraal.

De ballon wordt over het haar gewreven.

In het water schuiven de + en − ladingen een beetje: de + kant komt dichter bij de ballon.

Het water wordt aangetrokken en buigt naar de ballon toe.

De ballon heeft nu extra elektronen (−) en is elektrisch geladen (statische elektriciteit).

Waarom kan je haar overeind gaan staan bij onweer? Kruis aan. door windstoten door elektrische lading in de lucht door de koude lucht

Wat moet je doen als dit gebeurt, volgens de video? Kruis aan.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

blijven staan en lachen naar een open plek gaan zo snel mogelijk weggaan

Waarom is bliksem een vorm van elektriciteit? Kruis aan.

Omdat bliksem altijd warmte maakt.

Omdat bliksem bestaat uit licht.

Omdat bliksem ontstaat door een ontlading van elektrische lading.

Van slimme ideeën tot stopcontacten

2.1 Een bron

van energie …

en teamwork

Elektrische energie ontstaat wanneer andere energiesoorten worden omgezet in elektriciteit, met behulp van een stroombron en diverse technieken. Zo kunnen we elektriciteit gebruiken in huizen, scholen, winkels en andere plaatsen. Grote hoeveelheden elektriciteit worden gemaakt in elektriciteitscentrales. Die gebruiken hiervoor elk hun eigen duurzame of niet-duurzame energiebron.

1 Maar hoe gebeurt dat? Dat ontdekken jullie in de volgende groepsopdracht. Elke groep onderzoekt een manier van elektriciteit opwekken. Luister naar de leerkracht en volg het stappenplan.

Stap 1: Denk samen na

Zoek op de volgende pagina's de fiche van de stroombron die jullie kregen. Bespreek eerst deze vragen samen:

Wat zie je op de afbeelding?

Welke energiebron denk je dat hier gebruikt wordt?

Wat weet je al over deze manier van elektriciteit opwekken?

Bespreek kort jullie ideeën. Jullie hoeven nog geen juist antwoord te hebben.

Stap 2: Spreek goed af

Maak duidelijke afspraken in je groep:

Wie leest de informatie?

Wie vult de fiche in?

Wie controleert of alles klopt?

Zorg ervoor dat iedereen alles begrijpt.

Stap 3: Onderzoek samen jullie stroombron

Bekijk eerst samen de video. Lees daarna aandachtig de informatie die je hebt gevonden. Denk samen na over de vragen en vul de fiche volledig en duidelijk in.

Stap 4: Bereid de uitleg voor

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Bereid een korte uitleg voor om aan de klas te vertellen. Gebruik je fiche als steun, lees niet letterlijk voor.

Stap 5: Denk terug en vergelijk

Beantwoord samen deze vragen:

Hoe hebben jullie samengewerkt?

Wat liep goed? Wat kon beter?

Wat heb je vandaag nieuw geleerd?

Elektriciteit opwekken met zonnepanelen

Welke energiebron wordt hier gebruikt? Noteer.

Welke energieomzetting gebeurt hier? Kruis aan.

bewegingsenergie  elektrische energie

warmte-energie  elektrische energie stralingsenergie  elektrische energie

Vul de zinnen aan met de juiste woorden. Kies uit: zonlicht – elektriciteit – zonnecel –elektrische stroom – elektronen – spanningsverschil – bewegen

Wanneer op een schijnt, gaan in het materiaal

Doordat ze naar allerlei kanten worden geduwd, ontstaat er een .

Wanneer de twee kanten van de zonnecel met elkaar verbonden zijn, gaat er een lopen. En dat kunnen we gebruiken als

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Wat hebben zonnepanelen niet nodig dat veel andere centrales wel nodig hebben? Kruis aan.

turbine generator zonlicht brandstof

Zoek een voordeel van zonnepanelen. Noteer.

Zoek een nadeel van zonnepanelen. Noteer.

Waar zien jullie zonnepanelen in jullie omgeving? Noteer.

Is deze energie duurzaam of niet? Omcirkel.

Elektriciteit opwekken met windturbines

Welke energiebron wordt hier gebruikt? Noteer.

Welke energieomzetting gebeurt hier? Kruis aan.

bewegingsenergie  elektrische energie warmte-energie elektrische energie chemische energie  elektrische energie

Vul de zinnen aan met de juiste woorden. Kies uit: elektrische energie – draaien – wind –generator – wieken

Wanneer de waait, beginnen de van de windturbine te

Deze beweging wordt doorgegeven aan een , die de beweging omzet in .

Waarmee kan je de werking van een generator vergelijken? Kruis aan. een batterij een fietsdynamo een zonnepaneel

Kruis aan: Een grote windturbine kan elektriciteit maken voor … +- 100 mensen +- 1000 mensen > dan 10 000 mensen

Zoek een voordeel van windturbines. Noteer.

Zoek een nadeel van windturbines. Noteer.

Waar zien jullie windturbines in jullie omgeving? Noteer.

Is deze energie duurzaam of niet? Omcirkel.

Elektriciteit opwekken met waterkrachtcentrales

Welke energiebron wordt hier gebruikt? Noteer.

Welke energieomzetting gebeurt hier? Kruis aan.

bewegingsenergie  elektrische energie warmte-energie  elektrische energie stralingsenergie  elektrische energie

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Vul de zinnen aan met de juiste woorden. Kies uit: water – hoogteverschil – elektriciteit –turbine – waterkracht

Om elektriciteit te maken met is een nodig tussen twee waterniveaus. Dit zorgt ervoor dat sneller gaat stromen. Het stromende water laat een draaien. Door deze

beweging ontstaat .

Wat hebben waterkrachtcentrales niet nodig dat veel andere centrales wel nodig hebben? Kruis aan.

turbine generator zonlicht brandstof

Kruis aan: Waterkrachtcentrales in België leveren elektriciteit voor ongeveer …

6 000 gezinnen 60 000 gezinnen 600 000 gezinnen

Zoek een voordeel van waterkrachtcentrales. Noteer.

Zoek een nadeel van waterkrachtcentrales. Noteer.

Waarom vind je deze centrales vooral in de Ardennen en niet overal in België? Noteer.

Is deze energie duurzaam of niet? Omcirkel.

Elektriciteit opwekken met thermische centrales

Welke energiebron wordt hier gebruikt?

Zoek dit op internet. Noteer.

Welke energieomzetting gebeurt hier? Kruis aan.

warmte-energie  bewegingsenergie  elektrische energie warmte-energie  elektrische energie chemische energie  elektrische energie

Vul de zinnen aan met de juiste woorden. Kies uit: warmte – elektriciteit – generator – water –brandstof – turbine – stoom

In een thermische centrale wordt verbrand.

Door deze verbranding ontstaat . Dit verwarmt , waardoor er ontstaat.

Deze laat een draaien en is verbonden met een . Die zet de beweging om in .

Wat stroomt er uiteindelijk door de elektriciteitskabels naar onze huizen? Kruis aan. water gas elektronen

Zoek een voordeel van thermische centrales. Noteer.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Zoek een nadeel van thermische centrales. Noteer.

Hoeveel thermische centrales hebben we in ons land? Noteer.

Is deze energie duurzaam of niet? Omcirkel.

Elektriciteit opwekken met

Welke energiebron wordt hier gebruikt? Noteer.

kerncentrales

Welke energieomzetting gebeurt hier? Kruis aan.

chemische energie  elektrische energie warmte-energie  bewegingsenergie  elektrische energie stralingsenergie  elektrische energie

Vul de zinnen aan met de juiste woorden. Kies uit: warmte – turbine – generator – water –elektriciteit – stoom – uranium

In een kerncentrale wordt gespleten. Door

deze kernreactie ontstaat en verwarmt het . Waardoor er ontstaat.

Dat laat een draaien. Deze is verbonden met een , die de beweging omzet in

Waarom is de kernreactor zo sterk afgeschermd? Noteer.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Wat gebeurt er met gebruikte splijtstofelementen? Noteer.

Zoek een voordeel van een kerncentrale. Noteer.

Zoek een nadeel van een kerncentrale. Noteer.

Hebben we een kerncentrale in ons land? Noteer.

Is deze energie duurzaam of niet? Omcirkel.

2.2 De oorlog van de stromen

1 Nikola Tesla heeft ons belangrijke waarschuwingen gestuurd over elektriciteit. Maar … er is iets misgelopen. De veiligheidsregels zijn in codetaal geschreven. Er is gelukkig wel een code-alfabet. Gebruik dit alfabet en kraak de codes op de volgende pagina.

code-alfabet:

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Heb je alle codes kunnen kraken? Noteer nu het nummer van elke code in de juiste bol op de afbeelding.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

2 Nikola Tesla wist veel over elektriciteit, maar niet iedereen was het eens met zijn ideeën. Beluister het verhaal en voer de opdrachten uit.

Stel je voor dat je in de stad van Edison en Tesla wandelt. Kruis aan wat je zou kunnen tegenkomen.

elektrische straatverlichting fabrieken met machines koelkasten

elektriciteit in elk huis televisies huizen met kaarsen of olielampen

Noteer drie belangrijke uitvindingen van Thomas Edison. Zoek op internet.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Welke gevoelens kunnen mensen vroeger én nu hebben bij nieuwe technologie, zoals in die tijd over wisselstroom? Noteer.

Welke technologie van vandaag roept gelijkaardige gevoelens op? Noteer.

Dit lijkt op de discussie over wisselstroom, omdat …

3 Het systeem dat Tesla beschreef, gebruiken we vandaag nog steeds om elektriciteit te hebben in huis. Plaats de woorden uit het woordkader op de juiste plaats op de afbeelding en toon zo hoe elektriciteit tot in ons stopcontact komt. Noteer telkens het nummer in de bol.

1 meterkast – 2 transformator (spanning omhoog) – 3 stopcontact – 4 transformator (spanning omlaag) – 5 hoogspanningskabels – 6 elektriciteitscentrale

Elektriciteit moet een lange reis maken om vanuit een elektriciteitscentrale tot bij onze huizen te komen. Hiervoor wordt de elektriciteit heel sterk gemaakt. Dat noemen we hoge spanning, die we kunnen meten in volt (V). In sommige kabels zit wel 10 000 volt of meer.

Aangezien dit heel gevaarlijk is, blijven deze kabels ver boven ons hoofd of diep onder de grond. Dicht bij onze huizen komt de elektriciteit langs een transformatorhuisje

Daar wordt ze minder sterk gemaakt. Uit ons stopcontact komt elektriciteit van 230 volt. Ook dat is gevaarlijk, dus raken we nooit stopcontacten of draden aan. Een batterij is heel anders. Die heeft bijvoorbeeld maar 1,5 volt en is veilig om vast te nemen.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Rendement

Wanneer je energie gebruikt, wordt niet alles nuttig ingezet.

Een deel van de energie wordt omgezet in niet-nuttige energie, vaak warmte

Rendement vertelt hoeveel van de energie nuttig wordt gebruikt.

Een LED-lamp heeft een hoog rendement, want bijna alle energie wordt omgezet in licht en niet in warmte.

Een oude gloeilamp heeft een laag rendement, want een groot deel van de energie wordt omgezet in warmte in plaats van licht.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Ook bij het vervoeren van elektriciteit naar ons huis hebben we te maken met rendement. Wanneer elektriciteit door kabels stroomt, wordt een deel van de energie omgezet in warmte. Om dit zo beperkt mogelijk te houden, wordt elektriciteit over lange afstanden vervoerd met een hoge spanning. Daardoor komt er meer nuttige energie aan bij onze huizen en is het rendement hoger. Dicht bij onze woning wordt de spanning opnieuw verlaagd, zodat de elektriciteit veilig gebruikt kan worden.

4 Lees de zinnen. Gaat het hier om een hoog of laag rendement? Kruis aan.

hoog rendementlaag rendement

Een gsm-oplader blijft warm, ook als de gsm al vol is.

Een elektrische trein die veel mensen tegelijk vervoert.

Een oude verlengkabel die warm aanvoelt wanneer er veel stroom doorheen gaat.

Een broodrooster die warm wordt om brood te roosteren.

Een inductiekookplaat die vooral de pot verwarmt en niet de lucht eromheen.

Een waterkoker die snel water aan de kook brengt.

5 Lees de stelling. Beantwoord daarna de vragen mondeling.

Stel: Toestel A verbruikt meer elektriciteit, maar doet zijn taken heel goed. Toestel B verbruikt minder elektriciteit, maar verspilt veel energie en warmte.

Welk toestel heeft het hoogste rendement? Waarom betekent minder elektriciteit verbruiken niet automatisch een hoger rendement? Ken je een toestel thuis dat weinig verbruikt, maar toch veel warmte maakt? A B

2.3 Snel, sneller … vermogen!

Vermogen

Het vermogen zegt hoe snel een toestel energie gebruikt of afgeeft. Je kan het vergelijken met snelheid:

• Een toestel met een laag vermogen gebruikt energie traag

• Een toestel met een hoog vermogen gebruikt energie snel.

Hoe hoger het vermogen, hoe sneller het toestel werkt, maar ook hoe meer energie het verbruikt in een korte tijd.

Het vermogen van een toestel staat meestal op het toestel of op het energielabel en wordt uitgedrukt in Watt (W). Toestellen met een groot vermogen, zoals bv. een waterkoker of een laadpaal, worden vaak in kilowatt (kW) aangeduid. 1 kilowatt (kW) = 1000 watt (W)

1 Bekijk de foto’s en beantwoord de vragen.

10 W

Bereken hoeveel Watt deze waterkoker heeft. Noteer.

Een ledlamp gebruikt ongeveer 10 W. Hoeveel ledlampen samen gebruiken ongeveer evenveel vermogen als deze waterkoker? Kruis aan.

22 220 2 200

Waarom heeft een waterkoker een veel hoger vermogen nodig dan een lamp? Noteer.

Een waterkoker van 2,2 kW staat 5 minuten aan. Denk je dat hij dan meer of minder energie gebruikt dan een lamp van 10 W die 2 uur brandt? Kruis aan.

meer minder

2,2 kW

2 Bekijk de foto’s. Orden de toestellen van laag naar hoog vermogen. Noteer telkens de letters. Tip: Denk na over hoe snel het toestel werkt en hoeveel energie het nodig heeft. Bespreek daarna de twee vragen klassikaal.

a haardroger b smartphone oplader c elektrische step d laptop

laag vermogen – > > > – hoog vermogen

Welk toestel gebruik je lang, maar met laag vermogen?

Welk toestel gebruik je kort, maar met hoog vermogen?

Kilowatt vs. kilowattuur

Kilowatt (kW) zegt hoe snel een toestel energie gebruikt. Het gaat over het vermogen van het toestel op dat moment. Een toestel met een hoog vermogen gebruikt veel energie tegelijk.

Kilowattuur (kWh) zegt hoeveel energie je in totaal gebruikt. Het gaat over de hoeveelheid energie over een bepaalde tijd. 1 kWh komt overeen met het verbruik van een toestel van 1 000 W (1 kW) gedurende 1 uur.

3 Vergelijk elektriciteit met water uit een kraan. Verbind elk begrip met de juiste uitleg.

vermogen (W)

tijd (uur)

energie (kWh) spanning (V) rendement

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

hoelang de kraan openstaat

hoeveel water er in totaal uitkomt

hoe hard de kraan openstaat

hoeveel druk er op het water staat

hoeveel water we echt gebruiken

4 Lees de situaties. Over welk element gaat het? Kruis het juiste antwoord aan.

Een lamp die 3 uur brandt en 0,03 kWh verbruikt.

vermogen spanning energie rendement

Een waterkoker kookt water snel, maar staat maar 2 minuten aan.

vermogen spanning energie rendement

Tijdens concerten van Coldplay wordt soms een speciale dansvloer gebruikt. Wanneer fans springen en dansen, wekken ze elektriciteit op. Die energie kan bijvoorbeeld gebruikt worden voor lichten of schermen tijdens het concert.

5 Beantwoord de vragen. Kruis telkens het juiste antwoord aan.

Wat gebeurt er op deze dansvloer?

Er wordt energie verbruikt. Er wordt energie opgewekt.

Welke energiesoort gebruiken de mensen het eerst?

elektrische energie bewegingsenergie warmte

Wat gebeurt er met het vermogen als er meer mensen tegelijk springen?

Het vermogen neemt toe. Het vermogen neemt af.

Wat gebeurt er met het vermogen als mensen harder springen?

Het vermogen neemt toe. Het vermogen neemt af.

Wat gebeurt er met de energie (kWh) als mensen langer blijven dansen?

De energie neemt af. De energie neemt toe.

Stel dat de dansvloer 500 W levert en de fans 2 uur dansen. Wat meet de energiemeter?

500 W 1 kWh

Vind jij deze manier van energie opwekken duurzaam of niet? Leg uit waarom. Noteer.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Elektriciteit en klimaat

3.1 Er hang t spanning in de lucht

De atmosfeer bestaat uit meerdere lagen met telkens een andere naam. Nikola Tesla wilde een van die lagen gebruiken om elektriciteit in op te slaan. Namelijk de ionosfeer. Door de straling van de zon raken de deeltjes in de ionosfeer elektrisch geladen. Met zijn Tesla-toren wilde hij extra elektriciteit in die laag opladen en daarna elders weer ‘downloaden’. Hiermee hoopte hij later ook radioboodschappen, berichten en foto’s door te kunnen sturen.

1 Deze ideeën van Tesla zien we vandaag de dag ook nog terug in ons dagelijks leven. Weet jij hoe? Beantwoord de onderstaande vragen en kom het te weten. Noteer.

Bekijk de afbeelding bovenaan de pagina. Waar doen de wolk en Tesla’s idee voor downloaden je aan denken? (Tip: ‘Cloud’ is het Engelse woord voor ‘wolk’.)

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Nikola Tesla was op zoek naar een mogelijkheid om energie op te slaan. Op welke manier slaan wij nu energie op?

De aarde heeft een ‘noordpool’ en een ‘zuidpool’, een magneet heeft een ‘noordpool’ en een ‘zuidpool’. Welk element om energie op te slaan heeft ook twee polen (een positieve en een negatieve)?

Welke voorwerpen die je dagelijks gebruikt, hebben allemaal zo'n ‘opslagplaats van energie met twee polen’?

Nikola Tesla geboren werd tijdens een warme zomernacht met hevige donder en felle bliksem? Dit past wel bij iemand die later alles wilde begrijpen over elektriciteit. Bliksem is namelijk geen gewoon lichtflitsje. Hij kan temperaturen bereiken tot 30 000 °C, dat is veel heter dan onze zon. Door die enorme hitte zet de lucht plots razendsnel uit en dat veroorzaakt een luide knal. Dat is donder.

Wist je dat …

Oriëntatie

Onderzoeksvraag

Kan je het thuis laten bliksemen?

Hypothese

Ik denk van wel / niet, omdat

Voorbereiding

Materiaal

een grote metalen bakvorm klei plastic placemat een muntje of paperclip

Uitvoering

Stappenplan

1 Druk een stevige klomp klei midden op de bakvorm als 'greep'.

2 Zet de bakvorm op de plastic placemat.

3 Wrijf de bakvorm 20 seconden heen en weer over de placemat. Raak alleen de klei aan.

4 Ga naar een donkere plek.

5 Hou het muntje 1-3 mm van de rand van de bakvorm.

Resultaat

Wat zie je?

Reflectie

Besluit

Geef het antwoord op de onderzoeksvraag en leg uit.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

3.2 We leven in een broeikas

Een broeikas is een ander woord voor ‘serre’. De aarde is een gigantische serre die omhuld wordt door de atmosfeer, een dun deken van lucht. Die atmosfeer zorgt ervoor dat het op aarde kan regenen en dat de temperaturen aangenaam zijn voor de mens om in te leven. Het beschermt ons ook tegen straling uit het heelal.

1 Bekijk de video over het natuurlijk broeikaseffect. Beantwoord daarna de vragen.

Waardoor is het niet te koud om op onze aarde te leven?

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Voor welke gemiddelde temperatuur op aarde zorgt het natuurlijk broeikaseffect?

Hoeveel graden zou het op aarde zijn zonder dit natuurlijk broeikaseffect?

Bekijk de afbeelding. Markeer telkens het juiste antwoord in de stappen van het broeikaseffect. Noteer daarna het cijfer van elke stap op de juiste plaats op de afbeelding.

1

De zon schijnt op de aarde. De zonnestralen gaan door / gaan niet door de atmosfeer. Dat is stralingsenergie.

2 De aarde warmt op / koelt af door de zonnestralen. De stralingsenergie wordt op de aarde omgezet naar warmte-energie.

3

4

Een groot deel van die warmte blijft rond de aarde / wordt afgegeven aan de ruimte.

Een deel van de warmte wordt door de broeikasgassen in de atmosfeer tegengehouden. Hierdoor gaat de aarde opwarmen / afkoelen.

De atmosfeer bestaat uit verschillende gassen die we broeikasgassen noemen. Ongeveer 78 % stikstofgas, 21 % zuurstofgas en 1 % ‘andere gassen’ (zoals methaan, koolstofdioxide, waterdamp…).

Een deel van deze broeikasgassen ontstaat door de natuur, een ander deel door de mens en soms kan het zijn dat ze door beiden ontstaan.

2 Bekijk de foto's. Ontstaan de gassen door de natuur (N), door de mens (M) of door beide (M+N)? Noteer de juiste letter(s) in de bol(len). Beantwoord daarna ook de vragen op de volgende pagina.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Vul de zinnen aan. Noteer of markeer.

Door menselijke activiteiten komen er steeds meer in de atmosfeer.

– De mens versterkt / verzwakt het broeikaseffect.

– De verbranding van duurzame / niet-duurzame energiebronnen is daarvan een belangrijke oorzaak.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

waterdamp een van de belangrijkste broeikasgassen is? Door de opwarming van de aarde is er steeds meer waterdamp en wordt het broeikaseffect nog extra versterkt.

Door verbranding van niet-duurzame energiebronnen komen er extra gassen in de atmosfeer terecht. Deze extra gassen zorgen ervoor dat het natuurlijk broeikaseffect versterkt wordt en de aarde sneller opwarmt. Dit noemen we het versterkt broeikaseffect

Is er iets wat jij zou kunnen doen om je invloed hierop (een héél klein beetje) te verkleinen? Vertel.

Het broeikaseffect zorgt er dus voor dat de temperatuur op aarde steeds warmer wordt. Dat heeft verschillende gevolgen. In de eerste graad leerde je al over ‘de streepjescode van het klimaat’. Daarop kan je goed zien hoe het klimaat de laatste jaren is veranderd.

Wat stel je vast over de kleuren van de streepjes over de jaren heen? Bespreek met je buur.

Welke mogelijke gevolgen hebben deze veranderingen? Noteer er drie.

Wist je dat …

3.3 Hoe werkt onze serre?

Het broeikaseffect zorgt ervoor dat de temperatuur op aarde leefbaar is voor de mens. De atmosfeer zorgt ervoor dat de aarde een grote ‘serre’ is.

1 Voer het onderzoek uit en kom er meer over te weten.

Oriëntatie

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Onderzoeksvraag

Welke invloed heeft een broeikas op de temperatuur?

Ik denk dat de temperatuur in de serre

Voorbereiding

Materiaal

twee thermometers een plastic bakje een mini-serre (Je kan dit ook zelf maken door een tweede plastic bakje af te dekken met transparant folie of een stuk glas) de fiche voor je resultaten op pagina 42 eventueel een bureaulamp

Uitvoering

Stappenplan

1 Leg een van de thermometers in een plastic bakje. Leg de andere thermometer in de serre. Tip: Je kan een bureaulamp als ‘zon’ gebruiken.

2 Noteer de temperatuur van de thermometers bij ‘tijdstip 1’ in het schema.

3 Wacht een uur en noteer de temperatuur van de twee thermometers bij ‘tijdstip 2’ in het schema.

4 Herhaal dit enkele keren doorheen de dag. Tip: Je kan dit ook doen met kleinere pauzes tijdens een halve dag of tijdens één les. Je zal dan wel extra nauwkeurig moeten zijn.

Resultaat

Nadat je alles gemeten hebt, kan je de resultaten vergelijken. Wat stel je vast?

Reflectie Besluit

Geef het antwoord op de onderzoeksvraag en leg uit.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Onderzoeksfiche

Fiche voor je meetresultaten. Vul hier de resultaten in van je metingen: temperatuur in de serre temperatuur buiten de serre

tijdstip 1

tijdstip 2

tijdstip 3

4

5

6

Wat is het verschil tussen je eerste en laatste meting?

– in de serre:

– buiten de serre:

3.4 Het reliëf geeft ons energie

Onze wereld heeft energie nodig om huizen te verwarmen, auto’s te laten rijden en fabrieken te laten werken. Er zijn twee grote soorten energiebronnen: fossiele en hernieuwbare brandstoffen.

1 Lees de voorbeelden van energiebronnen in het woordkader. Zijn het fossiele brandstoffen of gaat het om hernieuwbare energie? Noteer in de juiste kolom. Tip: Als je een van de woorden niet kent, zoek dan de betekenis op.

aardolie – zonlicht – steenkool – wind – aardgas – waterkracht – biomassa

Soorten energiebronnen

– Fossiele brandstoffen: Dit zijn brandstoffen zoals aardolie, aardgas en steenkool. Ze ontstonden miljoenen jaren geleden uit resten van planten en dieren onder hoge druk en temperatuur in de aardkorst. Deze brandstoffen raken ooit op en veroorzaken meestal veel CO₂-uitstoot, wat een invloed heeft op het broeikaseffect en het klimaat.

– Hernieuwbare energie: Dit is energie uit bronnen die nooit opraken en milieuvriendelijker zijn. Zoals wind, zon, water en biomassa. Ze zijn minder vervuilend en vernieuwen zichzelf. Ze zijn dus ‘oneindig’.

Als je goed om je heen kijkt, zie je steeds meer tekenen van duurzame energie in ons landschap. Denk aan windmolens die hoog boven de velden uitsteken, of zonnepanelen op daken van gebouwen. Soms zie je ook grote zonneparken op braakliggende terreinen. Deze installaties zijn er om energie op te wekken zonder fossiele brandstoffen te gebruiken, zodat we minder CO₂ uitstoten en het klimaat beschermen.

Duurzame energiebronnen zoals zon, wind en waterkracht veranderen hoe ons landschap eruitziet. Waar vroeger alleen akkers en huizen stonden, zie je nu moderne technologie die helpt om onze toekomst groener te maken. Het is een duidelijk teken dat we stap voor stap overschakelen naar een duurzamere manier van leven.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Het is echter niet overal mogelijk om de duurzame energiebronnen te plaatsen. Het reliëf (en het landschap) bepalen voor een groot deel hoe we op een duurzame wijze energie kunnen opwekken.

2 Bekijk de foto’s. Welke omgevingsvoorwaarden zijn nodig om deze duurzame energiebron te kunnen gebruiken? Noteer het nummer van de foto op de juiste plaats in de tabel. Je kan de nummers meermaals gebruiken.

vlakteshellingengebergtes zee warm klimaat hoogvlaktes

Welke vormen van 'hernieuwbare energiewinning' zijn mogelijk in België? Omcirkel de nummers op de foto’s.

©Belga Image

3 In België kan alles. Je leerde al dat er meerdere vormen van ‘hernieuwbare energie’ mogelijk zijn in België. Bekijk de foto’s en koppel ze aan de juiste beschrijving. Noteer het nummer van de omschrijving in de bol op de foto.

1 De waterkrachtcentrale van Coo-TroisPonts is gebouwd op de rivier Amblève. De hellingen en de rivier zorgen ervoor dat het hier mogelijk is.

2 De hoogste windmolen staat in de haven van Gent (247 m hoog).

3 De windmolens op de Thorntonbank liggen op 30 km van Oostende. De bouw van dit windmolenpark wordt georganiseerd vanuit Oostende. De molens zijn ongeveer 185 meter hoog.

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

4 Het grootste zonnepanelenpark van de Benelux bevindt zich in Lommel. Het is even groot als 200 voetbalvelden.

In de tabel hieronder vind je de ‘reliëfgebieden’ van België terug. Waar liggen de voorbeelden van hierboven? Noteer de nummers in de juiste kolom. Laag-België

Bekijk de kaart van België. Duid op de kaart de plaatsen aan waar je voorbeelden vindt van de vorige oefening. Noteer de nummers van de omschrijvingen op de kaart. Tip: Als je het niet weet, gebruik dan een atlas om het antwoord op te zoeken.

En in jouw gemeente? Je kan op het GIS-loket van de Vlaamse Overheid een ‘energie-atlas’ bekijken waar je kan zien waar er welke hernieuwbare energie mogelijk is of opgewekt wordt. Hoe ziet die eruit voor jouw gemeente? En voor de gemeente van de school? Bespreek met je buur.

3.5 Kleef een label op je energie

1 Op de verpakking van een elektrisch toestel kleeft er altijd een energielabel. Bekijk de afbeelding en beantwoord de vragen. Noteer.

Wat is het nut van dit label?

Waar is dit label geldig?

Welke letters gebruikt men om de energieklassen weer te geven?

Welke letter staat voor het laagste energieverbruik?

Welke letter staat voor het hoogste energieverbruik?

Van welk toestel zou dit een energielabel kunnen zijn?

2 Je bent samen met je gezin bewust bezig om minder energie te verbruiken. In de winkel zie je bij toestellen een energielabel. Beantwoord de vragen.

Wat betekent energielabel A? Kruis aan.

Het toestel verbruikt veel energie.

Het toestel verbruikt weinig energie.

Het toestel is goedkoop. Het toestel maakt veel lawaai.

Welk toestel heeft meestal het hoogste energieverbruik? Kruis aan.

led-lamp smartphone wasmachine tv

Je ouders twijfelen tussen twee televisies. Welke tv zou jij kiezen? Kruis aan.

tv 1: energielabel A, iets duurder tv 2: energielabel C, goedkoper

Welke tv zou op lange termijn de beste keuze zijn? Noteer en leg uit waarom.

Niet alleen toestellen hebben een energielabel, ook huizen hebben dat. In 2008 werd in Vlaanderen het EPC-attest ingevoerd waar een gebouw een ‘energiescore’ krijgt. Bij die score hoort sinds 2019 een label (A tot F).

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

3 Bekijk via de QR-code de website van de Vlaamse overheid en zoek op wat er allemaal invloed heeft op de ‘energiescore’. Bespreek klassikaal. Beantwoord daarna ook mondeling de onderstaande vragen.

Onderzoek je schoolgebouw. De school is een ‘openbaar gebouw’ en ook die gebouwen moeten een EPC-attest en energielabel hebben. Kan je dit opzoeken? Waar zou je met deze vraag terecht kunnen?

– Wat is de ‘energiescore’ van het schoolgebouw?

– Wat is het energielabel van het schoolgebouw?

– Wat zou je kunnen veranderen om het nog beter te maken?

4 Welke duurzame ontwikkelingsdoelen (SDG’s) passen volgens jou bij de EPC-score? Omcirkel op de afbeelding en bespreek klassikaal.

Denkwijzer

We herbekijken nu even de stelling van ‘Denkwijs’.

“Technologie lost meer problemen op dan ze veroorzaakt.”

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Toen was ik het met de stelling.

Nu ben ik het met de stelling.

Staaf je antwoord met twee nieuwe argumenten.

Argumenteren, hoe doe je dat?

Soms kom je in situaties terecht waarin je de ander wilt of moet overtuigen van jouw standpunt. Dat doe je door goede argumenten te geven. 1

Je neemt een standpunt in:

Ik vind dat … Ik denk dat … Volgens mij … 2

Je legt uit waarom je iets vindt: want … omdat … aangezien … = argumenteren

argument 1: argument 2:

In de module leerde je hoe elektriciteit werkt, waarom Nikola Tesla belangrijk was voor het elektriciteitsnet dat we vandaag gebruiken en wat begrippen zoals energie, vermogen en rendement betekenen.

Nu is het aan jou om die kennis toe te passen. Je maakt in groep een korte TikTok-video waarin je meerdere concrete tips geeft om energie te besparen. Je toont niet alleen wat je kan doen, maar ook waarom dat werkt.

1 Een goede voorbereiding is het halve werk

Stap 1: Maak groepen en denk na over de volgende vragen

Wat betekent energie besparen? Noteer.

Waarom is energie besparen belangrijk (klimaat, geld, milieu)? Noteer.

2 Tijd voor actie

Stap 1: Verzamel ideeën

Noteer minstens drie energiebesparingstips.

Kies minstens drie vakbegrippen die je in je video gebruikt. Noteer.

Stap 2: Maak een kort plan

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Verdeel de taken (filmen, spreken, monteren).

Maak een scenario in 3-4 korte scènes. Schrijf op een kladblad uit wat er moet gebeuren.

Stap 3: Filmen – houd rekening met de volgende regels

Maak een TikTok-video van maximaal 45 seconden.

Toon minstens drie energiebesparingstips.

Gebruik tekst in beeld en/of voice-over.

Je hoef t zelf niet herkenbaar in beeld te komen.

Stap 4: Controleren

Zijn alle tips duidelijk?

Zijn de vakbegrippen juist gebruikt?

Leg je uit waarom deze tips energie besparen?

Stap 5: Presenteren

Toon jullie video in de klas. Bekijk ook aandachtig de video's van de andere groepen.

3 We kaarten na

Bespreek klassikaal de volgende vragen over de opdracht:

Welke energietip vond jij het belangrijkst?

Welke tip ga jij zelf toepassen?

Wat heb je bijgeleerd over energie besparen?

Colofon

opnoemen waar we in ons dagelijks leven energie en/of elektriciteit voor nodig hebben. verschillende soorten energie herkennen en uitleggen wat energieomzetting is. verschillende termen over energie herkennen en correct aanvullen in een mindmap. uitleggen wie Nikola Tesla was en wat hij heeft gedaan. bronnen beoordelen op betrouwbaarheid. de werking van elektriciteit uitleggen en verschillende termen begrijpen. het begrip stroombron uitleggen en het verschil met energiebron begrijpen. het verschil tussen elektrische stroom en statische elektriciteit uitleggen. de verschillende stroombronnen en energiebronnen herkennen en linken. de verschillende veiligheidsregels over elektriciteit opsommen. het verhaal van Edison en Tesla uitleggen en hun discussie begrijpen. de reis die elektriciteit aflegt tot in onze huizen volgen en interpreteren. de begrippen rendement en vermogen uitleggen. het verschil tussen kilowatt en kilowattuur uitleggen. begrijpen hoe energie wordt opgeslagen. de begrippen broeikas en broeikaseffect uitleggen. herkennen welke broeikasgassen zijn ontstaan door de mens of de natuur. de werking van een serre onderzoeken. fossiele brandstoffen en hernieuwbare energie van elkaar onderscheiden. duurzame energiebronnen linken aan het reliëf. energielabels interpreteren en de EPC-score linken aan de SDGs. een TikTok-video maken over energie besparen.

Woordenlijst

broeikasgassen: gassen in de atmosfeer die warmte vasthouden en de aarde op temperatuur houden fossiel: een overblijfsel of spoor van een dier of plant dat op natuurlijke wijze bewaard is gebleven

transformatorhuisje: apparaat dat de spanning van elektriciteit aanpast

INKIJKEXEMPLAARDIEKEURE

Auteurs Faith Casier, Tina Lava en Stephan Fiers

Eerste editie

ISBN 978 90 4865 271 6 - KB D/2026/0147/015

Bestelnummer 90 850 0103 (module 2 van 5) - NUR 127 - Thema YPW 4CL

Verantwoordelijke uitgever die Keure, Kleine Pathoekeweg 3, 8000 Brugge

RPR 0405 108 325 - © Copyright by die Keure, Brugge

Niets uit deze uitgave mag verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No parts of this book may be reproduced in any form by print, photoprint, microfilm or any other means without written permission from the publisher. De uitgever heeft naar best vermogen getracht de publicatierechten volgens de wettelijke bepalingen te regelen. Zij die niettemin menen nog aanspraken te kunnen doen gelden, kunnen dat aan de uitgever kenbaar maken.

Die Keure wil het milieu beschermen. Daarom kiezen wij bewust voor papier dat het keurmerk van de Forest Stewardship Council® (FSC®) draagt. Dit product is gemaakt van materiaal afkomstig uit goed beheerde, FSC®-gecertificeerde bossen en andere gecontroleerde bronnen.

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Max-mavo 3 - Module 2 Allez! - inkijk by die Keure - Issuu