INTERVIEW De uitdaging dus om iets 'goeds' te doen. En dan kom je automatisch moeilijkheden tegen. Zonder strijd geen zegepraal. Waar ik wel van wakker lig, is dat ze me valselijk beschuldigen. Als er geïnsinueerd wordt of stemming gemaakt. Aan oneerlijkheid heb ik een gruwelijke hekel. Bij wat ik nu of in de toekomst ook fantaseer, ik wil het 'open'
In 1990 hoopt André Van Spaendonck nogmaals bij de eerste 10 van de wereld te geraken. doen. Ik ben niet naar de topjongens gegaan met de vraag: 'Help me daar eens even mee.' Ik heb het hier op gemeentelijk vlak gedaan. Ik heb een avond gesproken tegenover de Middenstand, een avond met de Groene Kring, met de omwonenden, met de sportraad. Ik heb alles verteld wat ik wilde doen. Ik heb ook geluisterd naar bezwaren en naar meningen en daar zaten echt terechte dingen bij. Die negatieve dingen hebben wij hier intern omgebouwd tot een positief verhaal. Er waren mensen die me zeiden: 'Met die en die, daar moet je niet mee praten, dat is levensgevaarlijk.' Ik wou dat ze hier om de 3 weken eens kwamen praten. Die mensen kunnen genuanceerd denken en al ben ik het er niet altijd mee eens, ze zetten je aan het denken. Ik hou ervan openlijk en eerlijk te zijn. Maar als men mij valselijk beschuldigt, dan ben ik geen typische zakenman meer. Want die zou zeggen: 'nou en', terwijl ik me dat aantrek. Geld Ik ben helemaal geen filantroop. Maar ik ben ervan overtuigd, wat je ook doet, het moet gebaseerd zijn op winst, anders ga je failliet. Je moet altijd speelruimte hebben. Geld is voor mij geen doel maar een middel om andere dingen goed te doen. Alleen zo blijf je bezig. Mijn auto is 5 jaar oud, ik hoef geen 2 keer per jaar te gaan skiën of naar de Middellandse Zee. Ik heb niet de minste behoefte aan een yacht. Geld als middel, ja, niet als doel. Soms wek je daar afgunst mee op. Maar daar sta ik wèl boven. Die mensen zien ook niet dat ik minimaal 14 uur per dag werk, meestal langer. Paarden Toen ik 18 werd, had ik stilletjes gehoopt een autootje te krijgen maar ik kreeg het paard, de hit en de pony die al jaren in onze stal stonden. Maar ik moest hun onderhoud van dan
af wel zelf betalen. Daarom verkocht ik dezelfde dag nog de hit en de pony en met het paard heb ik later mijn eerste auto, een Renault Dauphine, verdiend. Ik heb eigenlijk 2 paarde-periodes gehad. Toen ik klein was had ik astmatische bronchitis. Mijn vader dacht: 'Die kan geen sport doen, laten we hem maar op een paard zetten daar moet ie maar gewoon gaan opzitten.' Dat is natuurlijk niet waar. Zodoende ben ik op mijn 6de jaar op een paard gezet en dat duurde tot mijn 22ste. Toen werd ik geselecteerd voor de Olympische Spelen in Mexico (1968) als enige Nederlander. Toen puntje bij paaltje kwam, beweerde het comité dat paardrijden eigenlijk een teamsport was en vermits ik alleen was, mocht ik niet gaan. Dat was een desillusie tot en met natuurlijk en ik zei: 'Ik schei er mee uit.'
ik: 'Ik breid mijn stal uit, ik zorg dat ik een stel goede paarden heb en dan is het weer wel verantwoord mensen in dienst te nemen met meer kwaliteiten. En dan hoef ik er zelf minder tijd in te steken.' Daarbij komt dat, als je een goed paard hebt en iemand wil er veel geld voor geven, je een marge moet hebben. Je kunt het rustig verkopen want je hebt er nog 5. Dus hoe meer paarden, hoe minder ze kosten. En zo speel ik momenteel 'quitte', niet door handelaar te zijn maar door af en toe een paard te verkopen. In 1984 was ik eventjes lOde op de wereldranglijst en mijn streefdoel is om volgend jaar bij de wereldkampioenschappen weer bij de eerste 10 te komen. Nog één keer voor ik te oud ben. Daarom ben ik 2 jaar geleden begorinen met een totaal nieuwe stal en ik geloof wel dat het zal lukken.
Drie jaar voor Los Angeles (1984-3 = 1981) heb ik de draad weer opgenomen, met 4 paarden. Als Nederland naar Los Angeles ging, wou ik in het team zitten, dat was mijn doelstelling. Ik werd weer gekwalificeerd maar ter elfder ure ging de zaak weer niet door. Maar ja, ik was weer begonnen en ik had er hard voor gewerkt. Als ik eens 3 weken afwezig ben, moet ik eigenlijk een goede vervanger hebben die de paarden voor mij berijdt en verzorgt. Maar voor 2 of 3 paarden is dat eigenlijk niet verantwoord en toen zei
Of het hem ook inderdaad zal lukken weten we natuurlijk niet. Wel weten we dat een eventuele mislukking, Van Spaendonck niet zal tegenhouden om opnieuw plannen te maken, op een heel ander terrein wellicht. Aan ideeën ontbreekt het hem zeker niet en tegenkanting werkt bij hem als de spreek woorde/ijke rode lap: met alle energie ertegen aan!•
DE RUBRIEK DIE U SCHRIJFT? 0
Over het OCMW De beleidsnota 1990 van het OCMW-Hoogstraten is geen beleids-PLAN, maar is veeleer een afschildering van de huidige ongelukkige beheerstoestand van dat OCMW. De stad moet met 27 miljoen tussenkomen. Dit betekent dat iedere inwoner van Hoogstraten die nog belasting betaalt, nu bijna 5% van zijn totaal belastingggeld uitlegt voor de OCMW-werking van Hoogstraten. Bejaardentehuis, Gezins- en Bejaardenhulp, Poetsdienst, Warme Maaltijden, zelfs de eigen centrale keuken, het zijn allemaal begrotingsposten die zwaar met verlies werken. Ofwel is de produktiekost van deze diensten te hoog, ofwel wordt te weinig voor deze diensten gevraagd. In principe voorziet de wetgever in een volledige terugbetaling van alle geleverde diensten door diegenen die het KUNNEN betalen. Dat principe wordt in Hoogstraten niet toegepast. De personeelskost ligt 20% hoger dan bij de Stedelijke Diensten, ook de werkingskost ligt procentueel beduidend hoger. Hier zal een en ander moeten herdacht en herschikt worden, te meer daar er diensten zijn die sterk onderbemand zijn: bv. de sociale dienst. Heroriëntering is ook nodig voor de besteding van de sociale bijstand. Enkele miljoenen
Deze rubriek staat open voor bijdragen van lezers in verband met verschenen artikels, gebeurtenissen of wat dan ook. De inzender - en niet de redaktie - is dan ook verantwoordelijk voor zijn tekst. Niet ondertekende stukken worden niet opgenomen. worden nu verdeeld of toegekend zonder enige regel, zonder enig barema. Steun moet er komen waar die echt nodig is, en in die gevallen hoeft steun dan niet geminimaliseerd te worden tot een irreële aalmoes. Van dit alles vinden wij niets terug in het beleids'plan'. Wel wordt er opnieuw een optie genomen voor nieuwe bouwprojecten: 25 service-flats. Wij zijn voorstander van een vooruitdenkend en toekomstgericht beleid. Maar alvorens weer opnieuw uit te breiden willen we eerst het duidelijke bewijs dat het OCMW de huidige situatie behoorlijk, dit is zonder verlies, kan beheren. Zoniet, laat dan dergelijke projecten over aan het privé-initiatief, waar blijkbaar concurrentiëler én effectiever kan gewerkt worden. Als we in 2025 in onze streek 19,5% vijfenzestigplussers zullen hebben, moet men zich goed realiseren dat er tegen die tijd ook maar 47% aktieven zullen zijn. En die gaan niet meer akkoord met dergelijke ongelukkige beheerstoestanden. In de toekomst zou de stad alleen moeten tussenkomen op het vlak van de sociale bijstand (reëel en eerlijk) en op het vlak van de werkingskosten (efficiënt). Alle andere voorzieningen en dienstverleningen moeten zichzelf terugbetalen. Winst maken hoeft niet. Dit is wel een beleidsvisie. Democratische Eenheid, Jef Haseldonckx