Issuu on Google+

BRAHMS, SCHUMANN, RiHM, SJOSTAKOVITSJ za | 18.12.10 | 20:00 Busch, Brotbek, WitthoeffT

PROGRAMMA Johannes Brahms (1833-1897) Trio voor piano, viool en cello nr. 2 in C, opus 87 (1880/82) 1. Allegro - Animato - In Tempo Animato 2. Andante con moto 3. Scherzo. Presto - Trio. Poco meno presto - Presto 4. Finale. Allegro giocoso

Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975) Trio voor viool, cello en piano nr. 2 in e, opus 67 (1944) 1. Andante - Moderato - Poco più mosso 2. Allegro con brio 3. Largo 4. Allegretto - Più mosso - Adagio UITVOERDERS

Robert Schumann (1810-1856) Verrufene Stelle (Beruchte plek) opus 82, Nr. 4 (1848) uit ‘Waldszenen’ Transcriptie voor viool, cello en piano by Cornelis Witthoefft (2010)

Christine Busch | viool Cornelis Witthoefft | piano Conradin Brotbek | cello

Wolfgang Rihm (°1952) Fremde Szenen (Vreemde scènes) III voor viool, cello en piano (1983/84) pauze

Aandacht! Gelieve uw mobiele telefoon uit te schakelen.


2

TOELICHTING Fascinatie voor het pianotrio Cornelis Witthoefft, vertaling : FRANK PAUWELS De componisten van dit programma waren reeds vroeg gefascineerd door het pianotrio. Brahms schreef zijn eerste pianotrio toen hij 18 was, Rihm was 20 en Sjostakovitsj nog maar 16 toen hij zich aan die specifieke bezetting waagde. Enkele jaren tot decennia later keerden ze terug naar dit genre om meteen de meesterwerken af te leveren die vanavond worden vertolkt. Als 20-jarige woonde Johannes Brahms ten huize Robert Schumann in Düsseldorf de creatie bij van zijn nieuwe compositie ‘Phantasie’ én het ‘Pianotrio opus 110’ van Schumann. Schumann moedigde Brahms aan de Phantasie als zijn opus 1 te publiceren. Brahms, toen al een notoir zelfcriticus, ging daar niet op in en trok het werk terug, wellicht te veel onder de indruk van het meesterwerk dat Schumann had afgeleverd. Brahms zou trouwens zijn hele leven lang veel van zijn kamermuziek naar de prullenmand verwijzen. We kunnen daar rouwig om zijn, maar het heeft wel als resultaat dat wat Brahms goed genoeg achtte om bewaard te blijven voor het nageslacht zonder uitzondering meesterwerken zijn, zoals het tweede pianotrio. Dit pianotrio bestaat uit een goed geproportioneerd eerste deel in sonatevorm, een innig tweede deel dat vijf variaties op een gestileerde Hongaarse zigeunermelodie bevat, een wat spookachtig scherzo en een wat vreemde, hilarische finale in de trant van Schumanns laatste trio. Ook Wolfgang Rihm heeft op het terrein van het pianotrio banden met Robert Schumann. In de jaren ‘80 van de vorige eeuw werd hij zich bewust van zijn sterke affiniteit met Schumanns late stijl, gefascineerd als hij was door wat Schumann zo verschillend maakte van de anderen: het ingaan tegen de te verwachten progressies, zijn ‘rotating forms’ en ‘ghost lights’ (dixit Rihm over Schumann in een lezing in 1984), de obstakels die hij in de ontwikkeling van zijn muzikaal gedachtegoed invoerde, het ongemak dat daaruit voortvloeit. Vanavond wordt het derde stuk van Rihms dramatisch geconcipieerde trilogie uitgevoerd. Het werk is opgevat als een soort antwoord op Schumanns muziek vanuit het perspectief van de late 20ste eeuw, toen nogal meewarig werd neergekeken op een genre als het pianotrio, een relict uit de 19de eeuw te vergelijken met een oud meubelstuk dat niet langer van nut is en dat in de kamer achtergelaten staat. Zo getuigt Rihm van wat vreemde, zelfs wat onrechtmatig aandoende scènes. Hij evoceert in dit werk quasi romantische, onbestemde sferen door de tonale schrijfwijze te incorporeren in een niet-tonaal framework. Om dit alles op te roepen gebruikt Rihm de woorden ‘Verrufene Stelle’ (beruchte plek), wat refereert aan de titel van één van de ‘Waldszenen’


TOELICHTING van Schumann ; Rihm beschrijft zijn werk als een geheel van niets anders dan beruchte plekken. Om de relatie met Schumann in de verf te zetten, spelen de musici ‘Verrufene Stelle’ van Schumann, in een speciaal voor dit concert gemaakt arrangement voor pianotrio van Cornelis Witthoefft. De spookachtige atmosfeer werd door Schumann benadrukt door het vermelden van twee strofen uit een gedicht van Friedrich Hebbel, waarin een beschrijving gegeven wordt van een bloem die haar rode kleur verkreeg door het bloed afkomstig van een moord begaan op die plek in het woud. Het is interessant om vast te stellen dat componisten het pianotrio als genre gebruiken om heel persoonlijke statements te maken. Veelal zit er een al of niet verborgen extramuzikaal programma in, ook al omdat de componisten heel dikwijls pianisten waren die de pianopartijen zelf vertolkten, minstens toch in gedachten. Ten tijde van de publicatie van Brahms’ ‘Tweede pianotrio’ in 1882 componeerde de Rus Tsjaikovski zijn enige ‘Pianotrio opus 50’ als herinnering aan zijn een vriend-pianist en dirigent Nikolai Rubinstein die een jaar eerder overleden was. Smetana schreef in 1855 zijn ‘Pianotrio opus 15’ als reactie op de dood van zijn 4-jarig dochtertje. De jonge Rachmaninov volgde het voorbeeld van Tsjaikovski met zijn ‘Trio élégiaque opus 9’, geschreven als herinnering aan Tsjaikovski na zijn dood in 1893. Rachmaninovs oud-leraar Arensky componeerde een jaar later zijn eerste ‘Trio opus 32’ als herinnering aan de cellist en componist Carl Dawidow. Het was in die traditie dat Dmitri Sjostakovitsj zijn monumentale ‘Tweede pianotrio’ componeerde, opgedragen aan zijn dichtste en meest invloedrijke vriend, de musicoloog Ivan Sollertinski, die na een plotselinge hartaanval in februari 1944 overleden was. Toevallig had hij al plannen om een pianotrio te componeren, maar hij vernietigde de schetsen en creëerde een totaal nieuw werk. Het eerste deel was de dag na de begrafenis van zijn vriend al af. Het thema van het eerste deel verwijst naar de melodie van ‘opus 62, nr. 5’, een compositie van Shakespeares sonnet nr 66 die hij twee jaar eerder had geschreven en ook had opgedragen aan Sollertinski. De tekst van het sonnet mondt uit in de bittere gedachte dat men zijn vriend alleen achterlaat bij de dood. De andere drie delen werden een halve maand later gecomponeerd. De muziek schijnt hier nu uitdrukking te geven aan het verdriet en de onrust die de hele natie trof eerder dan aan de expressie van individueel verdriet. Sjostakovitsj introduceerde in de finale twee Joodse volksmelodieën. Hoewel hij daar zoals gewoonlijk zelf geen commentaar rond gaf, moeten we niet te ver zoeken naar het hoe en het waarom. In de zomer van 1944 drongen de

3


4

TOELICHTING berichten van de gruwelen tegen de Joden en de concentratiekampen door in de Sovjet-Unie. Sollertinski was van Joodse origine. Sjostakovitsj had bovendien in het begin van 1944 de onvoltooide opera ‘Rothschild’s Violin’ van zijn in 1941 gestorven Joodse leerling Benjamin Fleichman (ook gedood door de nazi’s) voltooid. Daarin wordt de herinnering aan een 19de-eeuwse Russische shtetl (Joodse wijk) opgeroepen. Het laatste deel dat uitmondt in chaotische vertwijfeling komt over als een mokerslag. Er is een sprekende getuigenis van Rostislav Dubinsky, de primarius van het Borodin String Quartet, die aanwezig was op de première in Moskou in november 1944 met de componist aan de piano: “The music left a devastating impression. People cried openly. The last, ‘Jewish’ part of the Trio, by popular demand had to be repeated.”


BIO Christine Busch Christine Busch is een van de meest gevraagde barokviolistes van haar generatie. Ook het hedendaagse repertoire op modern instrumentarium is haar niet vreemd. Na haar studies in Freiburg, Winterthur en Wenen gaf ze concerten in heel Europa. Als soliste en als concertmeester werkte ze meermaals samen met de Deutsche Bachsolisten en het Freiburger Barockorchester. Ze verleende haar medewerking aan tournees met Concentus Musicus Wien onder leiding van Nikolaus Harnoncourt en Chamber Orchestra of Europa met Claudio Abbado, Sir Colin Davis en Sandor Vegh. In kamermuziekverband en als soliste werd ze uitgenodigd door de Berliner Bach Tage, NDR Hamburg en SWF Freiburg. In 1991 won Christine Busch de eerste prijs van de internationale muziekwedstrijd Gernsbach en het jaar daarop de eerste prijs van de Stennebrüggen Wedstrijd van de Karl Flesch Akademie van Baden-Baden. In 2004 richtte ze het Salagon Quartett op, een strijkkwartet met een historisch instrumentarium, dat zich qua repertoire tussen Haydn en Mendelssohn beweegt. Momenteel is Busch eveneens professor aan de Stuttgarter Musikhochschule. Conradin Brotbek Conradin Brotbek is geboren in 1960 in Biel (Zwitserland). Sinds 1987 leidt hij een klas voor cellosolo en kamermuziek aan de Academie voor Schone Kunsten in Bern en sinds 2001 aan de Internationale Zomeracademie in Lenk. In 2007 kreeg hij een leerstoel voor cello aangeboden aan de Staatsacademie voor Muziek en Podiumkunsten in Stuttgart. Conradin Brotbek speelt op een Joseph filius Andrea Guarnerius cello “ex Jules Delsar, André Levy” uit 1700 en is de cellist van het Aria Quartet Basel. Als kamermusicus en solist speelde hij tal van concerten in belangrijke muziekcentra en op festivals in Europa, Azië, Australië en Amerika. Meerdere radio en televisieopnames, naast cd-opnames prijken op zijn palmares (ECM, Novallis, Pan Classics, Derecha, …) Conradin Brotbek is ook actief als componist en leeft in Basel. Cornelis Witthoefft Cornelis Witthoefft is geboren in Hamburg in 1964. Hij studeerde kerkmuziek aan de Muziekacademie van Hamburg en later orkest- en koordirectie en vocale coaching aan de Universiteit voor Muziek in Wenen; daar was hij onder meer leerling bij de befaamde professor Dr. Erik Werba in liedinterpretatie. Hij volgde masterclasses voor piano bij Prof. Conrad Hansen en Prof. Helena Costa. In 1989 ontving hij de speciale prijs voor Hedendaagse Muziek op de wedstrijd ‘Franz Schubert en Hedendaagse Muziek’ voor Liedduo in Graz (Oostenrijk) en werd hij aangenomen als solorepetitor aan de Weense

5


6

BIO Staatsopera. Van 1991 tot 1997 studeerde hij nog Literatuurwetenschappen en Filosofie aan de Universiteit van Stuttgart. Als repetitor en dirigent werkte hij in belangrijke opera’s zoals de Staatsopera Stuttgart, de Opéra Bastille Paris, de Vlaamse Opera, het Teatro di San Carlo Napoli, het Teatro Massimo Palermo, het Nieuw Nationaal Theater Tokyo en bij het Salzburger Festival. Cornelis Witthoefft heeft een rijke carrière als solopianist, chambrist en liedbegeleider. Uit zijn vele projecten citeren we de uitvoeringen van de integrale van de liederen van Anton Webern, de Goetheliederen van Schubert en al diens liedcycli. In 2004 werd hij professor voor Lied aan de Staatliche Hochschule für Musik und Darstellende Kunst Stuttgart waar hij de klas voor Liedkunst en voor piano onder zijn hoede heeft. Hij gaf masterclasses Kunstlied aan de Geddai Muziek Academie Tokyo, de Muziekacademie Vilnius, de Universiteit voor Muziek Berlijn en de Deutsche Liedakademie Trossingen.


7

NIEUWS Fijne feesten Muziekcentrum De Bijloke wenst u een prettige eindejaarsperiode en een fantastisch 2011 vol muziek ! Op zoek naar een muzikaal eindejaarsgeschenk? Doe dan een Bijloke-geschenkbon cadeau! U bepaalt zelf de waarde van de bon en gedurende één jaar (vanaf de datum van uitgifte) kan de ontvanger de bon inruilen voor alle voorstellingen uit ons programma en dit tot het totaalbedrag is bereikt. Om de bon extra feestelijk te maken, voorziet Muziekcentrum De Bijloke een leuke verpakking. De Bijloke is eveneens opgenomen in de ‘Bongo Theater’-bon. Eindejaarssluiting Kantoren en onthaal van Muziekcentrum De Bijloke Gent zijn gesloten vanaf vrijdag 24 december tot en met maandag 3 januari.

Bespreekbureau Muziekcentrum De Bijloke Gent J. Kluyskensstraat 2, 9000 Gent Di - vr 10:00 - 12:00 & 13:00 - 17:00, za 13:00 - 17:00 t. 09 269 92 92 e. tickets@debijloke.be w. www.debijloke.be Colofon Tekst programmaboekje | Cornelis Witthoefft en Frank Pauwels programmaboekjes | Sophie Cocquyt, Frank Pauwels, Frederik Styns, Johan Van Acker en Veerle Vogelaere v.u. | Daan Bauwens © Muziekcentrum De Bijloke Gent Muziekcentrum De Bijloke is mobiel dankzij het partnership met Gent Motors (www.gentmotors.be)


8

BiNNENKORT WO | 22.12.10 20:00 | Symfonisch 3+

ZO | 23.01.11 16:00 | De Bijloke Jong

Nathan Braude (altviool), Jean-Claude

deFilharmonie, Dirk Brossé (dirigent),

Van den Eynden (piano)

Sven Ronsijn, Dominique Collet (acteur)

Penderecki, Sjostakovitsj, Jongen, Clarke

Kidconcert: Robin Hood (6+)

WO | 12.01.11 20:00

VR | 28.01.11 20:00 | Voix gras +

B’Rock, Lod, Frank Vandenbroucke

RIAS Kammerchor, Michael Alber

(redenaar)

(dirigent)

De triomf van de menselijkheid, Lecture

Liebeslieder

Songs part 2 VR | 04.02.11 20:00 | Miry+ DO | 13.01.11 20:00 | Musica Antiqua 1

Carolyn Sampson (sopraan), Kristian

Le Concert Spirituel, Hervé Niquet

Bezuidenhout (piano)

(dirigent)

Mozart, Schubert, Mendelssohn

Ode aan leven en dood DO | 10.02.11 20:00 | Jazz Mix (in Vooruit) VR | 14.01.11 20:00 | Miry

Anouar Brahem Quartet

Aviv Quartet Haydn, Sjostakovitsj, Brahms

VR | 12.02.11 20:00 | Musica Antiqua 2 Anima Eterna, Jos van Immerseel

VR | 14.01.11 20:00 | Symfonisch 2

(dirigent), Pascal Amoyel (pianoforte)

Symfonieorkest Vlaanderen, Jonas Alber

Totentanz

(dirigent), Isabelle Faust (viool) Wagner, Stravinski, Rachmaninov

WO | 16.02.11 20:00 | Jazz+ Pierre Vaiana Quartet, Stefano Bollani

ZA | 15.01.11 20:00 | Symfonisch 1

Quintet

deFilharmonie, Philippe Herreweghe

Itinerari Siciliani

(dirigent), Dietrich Henschel (tenor)

I Visionari

Rott, Mahler VR | 18.02.11 20:00 | Miry DO | 20.01.11 20:00 | East of Eden

Arcanto Quartet

Ashkan Kamangari (zang), Sardar

Dutilleux, Brahms, Mozart, Britten

Mohammadjani (tar), Ali Rahimi (tombak & daf)

ZO | 20.02.11 15:00 | Symfonisch 3

Perzische liedkunst

Brussels Philharmonic, Vlaams Radio Koor, Yoel Levi (dirigent), Alexander

VR | 21.01.11 20:00 | Musica Antiqua 2+

Gavrylyuk (piano)

Theatrum Affectuum

Mendelssohn, Liszt, Holst

Versiering en improvisatie


Brahms, Schumann, Rihm, Sjostakovitsj