Issuu on Google+

HET DRAMATISCHE OORLOGSJAAR 1943

JONATHAN COE: IN DE SCHADUW VAN HET ATOMIUM En ook: Stijn, Wouter Krokaert en Festival des libertés.

10 10 13

VERZETSGROEP KOMEET GEDECIMEERD OP NATIONALE SCHIETBAAN. LEES P.4-5

© SASKIA VANDERSTICHELE

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

EEN REUS VAN 150 JAAR

Politiek > VGC-vakbonden zeggen njet tegen besparingen en plannen acties

‘Liever jobs dan een cheque’ BRUSSEL – Het personeel van de Vlaamse Gemeenschapscommissie wijst het Globaal Akkoord af dat het VGC-college heeft voorgesteld. Vooral een personeelsinkrimping en bezuinigingen op de ‘motiverende loopbaanmogelijkheden’ zijn een doorn in het oog van de vakbonden. Het vakbondsfront trekt de stekker uit de onderhandelingen en dient een stakingsaanzegging in.

D

e Vlaamse Gemeenschapscommissie wil vanaf 2014 structureel drie miljoen euro per jaar besparen. De helft van die inspanning wordt gevraagd van het personeel. Het VGC-college (Vanhengel, Open-VLD, Grouwels, CD&V en De Lille, Groen) stelt in zijn Globaal Akkoord voor om het personeelskader met 55 banen te laten inkrimpen (-7,5 procent). Er zouden geen naakte ontslagen vallen. De VGC wil jobs laten uitdoven door ambtenaren die op pensioen gaan niet te vervangen. Personeel met een contract van bepaalde duur krijgt geen verlenging. Vooral in de lagere echelons sneuvelen banen.

De VGC sluit ook een aantal ateliers: de schrijnwerkerij, klusjesdienst, etc. Die taken zullen uitbesteed worden. Tot slot voert de VGC een arbeidsduurvermeerdering in. Vanaf 2014 gaat het personeel van een 36,5- naar een 38-urige werkweek. Het college stelt hier een financieel pakket van om en bij de 1 miljoen euro tegenover. Zo worden de maaltijdcheques en de eindejaarspremies gefaseerd verhoogd. De VGC trekt daarnaast 527.340 euro uit voor ‘motiverende loopbaanmogelijkheden’. Met dat geld kan personeel in een hogere rang worden benoemd. Maar de vakbonden vinden de tegemoetkomingen totaal onvoldoende.

“In 2008 was voor die loopbaanmogelijkheden al 447.000 euro per jaar afgesproken, voor de kernadministratie,” zeggen de secretarissen van de drie vakbonden VSOA, ACOD en ACV. “Dat geld is nooit besteed! Bovendien stemden we toen in met zo’n 20 afvloeiingen. Nu wordt dat bedrag voorgesteld als een gunst.” Volgens de bonden was bovendien op een eerdere vergadering in het voorjaar met de leidend ambtenaar een bedrag afgesproken van bijna 800.000 euro voor de motiverende loopbaanmogelijkheden, opdat ook de niet-kernadministratie zou kunnen genieten van die opties. Op een personeelsvergadering vorige week, is het Globaal Akkoord door ruim 90 procent afgewezen. Liever dan allerlei financiële tegemoetkomingen, eisen de bonden het behoud van de 55 banen. “De werkdruk is enorm gestegen. Bovendien sneuvelen jobs op lagere echelons.

Iedereen weet dat Brussel kampt met veel laaggeschoolden.” De vakbonden zien ook een toenemende greep van de politiek op het personeel. De vroegere coördinatoren worden voortaan in een mandaatsysteem aangesteld, rechtstreeks aangeduid door het College. En voor de 15 directeurs die nu al met een mandaat worden aangesteld, wijzigt de aanwervingsprocedure. De jury zal geen rangorde meer bepalen, het College kiest uit een shortlist. “Dit zet de deuren wagenwijd open voor politieke benoemingen. Het VGC-College wil zo voor de verkiezingen nog enkele benoemingen kunnen doorvoeren.” Aan werkgeverszijde is men karig met commentaar. “Eind deze week wordt een tegenvoorstel voorgelegd aan het College,” zegt een woordvoerder van De Lille, bevoegd voor ambtenarenzaken. Steven Van Garsse en Kim Verthé

NEDER-OVER-HEEMBEEK – De Belgische chemiereus Solvay heeft op zijn nieuwe stek dicht bij het kanaal een tijdelijke koepel laten bouwen om het spektakel ‘Odyseo, the chemistry of dreams’ op te voeren. Die dansvoorstelling met Cirque du Soleil-allures stelt de ontdekkingstocht van de mens voor in een wereld van wetenschappen. Solvay bouwde de tijdelijke koepel ter ere van zijn 150-jarig bestaan. Volgens het bedrijf gaat het om de grootste tijdelijke constructie in zijn soort ter wereld. Het bedrijf werd in 1863 opgericht door de gebroeders Alfred en Ernest Solvay en is erg verweven met de Belgische geschiedenis. Tot voor kort waren zij in Elsene gevestigd. CD ADVERTENTIE

Kijk snel op blz. 32

Opendeur weekend

S L APE N

AM/DB37/517236J3

ADVERTENTIE

Brussel, ChiC et pas Cher?

Ga dan niet naar pagina 7

N° 1397 VAN 1O TOT 17 OKTOBER 2013 ¦ WEEK 41: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE


BDW 1397 PAGINA 2 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

OPMERKELIJK © SASKIA VANDERSTICHELE

Uitgelicht > Werkloze jongeren krijgen garantie op job, stage of opleiding

OCMW BRUSSEL WERKT AAN DERDE BEDRIJVENCENTRUM LAKEN – Ondanks de obstakels gaat het Brusselse OCMW door met zijn plan voor een logistiek bedrijvencentrum in het beschermde Byrrh-gebouw. En vlakbij, aan Bockstael, komt nog zo’n centrum, ditmaal voor bedrijfjes uit de artistieke en audiovisuele sector. Om de lokale werkgelegenheid te stimuleren laat het OCMW van Brussel-Stad zich al enkele jaren in met grote economische projecten. In 2005 ging een eerste bedrijvencentrum open in de Marollen, Les Ateliers des Tanneurs. Vervolgens kocht het OCMW het markante gebouw van de vroegere alcoholfabrikant Byrrh in de Lakense Dieudonné Lefèvrestraat. Bedoeling was om er kleine ondernemingen uit de bio- en logistieke sector onderdak te geven. Ook zou er een grote crèche komen. Maar het renovatieproject kreeg dit voorjaar tegenkanting. De Commissie Monumenten en Landschappen van het Gewest maakte bezwaar, onder meer tegen de geplande ondergrondse parking. OCMW-voorzitter Yvan Mayeur (PS) reageerde verbolgen en zocht steun bij de Brusselse regering. Tevergeefs: het project moest aangepast worden. Inmiddels heeft het OCMW een compromisvoorstel voorgelegd aan de regering, ditmaal zonder ondergrondse garage. “De parkeerruimte van duizend vierkante meter is nu verhuisd naar het gelijkvloers. Gevolg is wel dat de crèche uit het plan is verdwenen,” zegt Mayeur, die het nog altijd onverantwoord vindt dat de Commissie Monumenten en Landschappen zoveel te zeggen heeft. Als het project groen licht krijgt, zal het zeker nog drie tot vier jaar duren voor de renovatiewerken achter de rug zijn. Veel sneller zal het nieuwe bedrijvencentrum aan de Bockstaellaan opengaan. Het OCMW kocht enkele jaren geleden vlakbij het Poesjkinplein een groot pakhuis achter een leegstaand kantorengebouw van de stad. De magazijnen deden vroeger dienst als opslagruimte van een farmaceutische firma. Het OCMW wil er nu artiesten en beginnende bedrijfjes uit de culturele sector in onderbrengen. Volgens Mayeur zouden de casco-ateliers al vanaf januari beschikbaar zijn. Bettina Hubo

Actiris: ‘Dit is een Copernicaanse revolutie’ BRUSSEL – Actiris heeft een nieuwe dienst speciaal voor werkloze jongeren. De Youth Guarantee, zoals de nieuwe afdeling heet, biedt in eerste instantie instapstages aan. Vanaf januari garandeert de dienst aan elke werkloze schoolverlater een job, een stage of een opleiding.

H 

oewel de jongerenwerkloosheid in Brussel lichtjes gedaald is, is ze nog altijd torenhoog: 32,3 procent. Maar Brussel is niet de enige stad in het land met dit probleem. Minister van Werk Monica De Coninck (SP.A) trok enige tijd geleden dan ook geld uit voor 10.000 instapstages per jaar, waarvan 1.650 in Brussel. Schoolverlaters die normaal gesproken het eerste jaar geen recht op uitkering hebben, krijgen zo de mogelijkheid om een betaalde stage te doen. Actiris greep de maatregel aan om een geheel nieuwe dienst op te zetten. Ze neemt hiermee ook een voorsprong op een Europese aanbeveling

die bepaalt dat alle Europese jonge werklozen vanaf 1 januari 2014 een deugdelijk aanbod moeten krijgen: hetzij een job, hetzij een opleiding, hetzij een stage. Europa stelt hiervoor 6 miljard euro ter beschikking. De nieuwe dienst Youth Guarantee, gevestigd op het De Brouckèreplein, werd dinsdag ingehuldigd door Brussels minister van Werk, Céline Frémault (CDH). Alles is er gericht op werkloze jongeren. “Tot nu toe werden de jongeren wel nauwer opgevolgd, maar een aparte dienst bestond niet,” zegt adjunct-directeur van Actiris Yves Bastaerts. Elk jaar schrijven ongeveer 12.000 Brusselse schoolverlaters zich in bij Actiris.

De helft vindt binnen de eerste zes maanden op eigen kracht werk. De andere helft vormt de doelgroep van de dertien jobcoaches van Youth Guarantee. “Heel wat werkloze jongeren raken gedestructureerd in hun dagelijkse bezigheden. Ze missen daardoor de juiste werkhouding,” zegt Bastaerts. Voorlopig houden de jobcoaches zich vooral bezig met het selecteren van geschikte kandidaten voor de instapstages. Die zijn betaald: de stagiair ontvangt 860 euro per maand, 200 euro van de werkgever, de rest uit het federale potje van De Coninck. Momenteel zijn er 79 stagiairs aan de slag, onder meer bij C&A, Euroclean en Carrefour. Voor Sophie D’Havé, Talent Management Director van Carrefour, zijn de instapstages een volwaardige rekruteringstool geworden. “Wij kunnen op deze manier talenten identificeren en hen na afloop meteen een

job aanbieden.” Ze legt uit hoe het systeem in zijn werk gaat. “Actiris doet een eerste selectie, wij nog een tweede. Bij ons staat de klant centraal en daar moet het profiel van de

“Je kan geen halve garantie geven, dat is verraad”

stagiair helemaal in passen. Eenmaal aan de slag worden de stagiairs van nabij begeleid en regelmatig geëvalueerd. Als de stage van drie maanden goed is verlopen, kunnen wij een job aanbieden. Wanneer er in de ene winkel geen plaats is, kijken we of er een vacature is in een andere winkel.” Voor de tien stagi-

DE WEEK IN BEELD DOOR JO VOETS

De mooie nazomer doet even vergeten dat de herfst nu voor de deur staat, en daarna weer de winter. De vlinders zien we wellicht pas in het voorjaar terug.

© JO VOETS


WEEKOVERZICHT

BDW 1397 PAGINA 3 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

© DIDIER LEBRUN / PHOTO NEWS

WOENSDAG 2 OKTOBER TIPPELEN na TIEN UUR. De prostituees van de Alhambrawijk moeten voortaan vanaf tien uur ‘s avonds verhuizen naar de Koning Albert II-laan verderop. Die maatregel moet de levenskwaliteit van de buurtbewoners verbeteren en de prostitutie beter omkaderen.

DONDERDAG 3 OKTOBER VAN TOURING NAAR BECI. Thierry Willemarck, CEO van mobiliteitsorganisatie Touring, volgt Jean-Claude Daoust op aan het hoofd van de Brusselse werkgeversorganisatie BECI. LEERKRACHTEN VERLATEN BRUSSELS ONDERWIJS. Veertig procent van de Brusselse leerkrachten zoekt binnen de vijf jaar na aantreden een job buiten het gewest. Een verbetering, want enkele jaren geleden gaf de helft er binnen de vijf jaar de brui aan. Dat vertelt Onderwijsminister Smet (SP.A) in het Vlaams parlement. CHLOORLEK. Een dertigtal bezoekers van fitnessclub Aspria in de Nijverheidsstraat worden onwel na een chloorlek door een technisch defect. De slachtoffers worden overgebracht naar het ziekenhuis. ATRIUM WORDT ATRIUM BRUSSELS Atrium wijzigt haar naam naar Atrium Brussels, en wordt een Gewestelijk Handelsagentschap dat zich over de handel in het hele Brussels Gewest ontfermt.

Via de instapstages krijgen jonge Brusselse werklozen de gelegenheid om een eerste betaalde werkervaring op te doen.

airs die nu aan het werk zijn in een Brusselse Carrefour zijn de vooruitzichten alvast goed: momenteel zijn er 28 vacatures.

Twee voorwaarden Vanaf 1 januari zet Youth Guarantee een volgende stap: dan wil ze de jonge schoolverlaters een garantie geven op een opleiding, stage of baan. “Youth Guarantee is niet zomaar een extra dienst. Dit is een Copernicaanse revolutie in de aanpak van de jongerenwerkloosheid,” zegt directeur Grégor Chapelle van Actiris. “Tot nu toe had alleen de

“ “ HET WOORD

werkloze een middelverbintenis, hij moest aantonen dat hij voldoende inspanningen deed om aan werk te komen. Dit wordt nu aangevuld met een middelverbintenis van de overheid.” Dit is volgens hem nodig omdat onze arbeidsmarkt een van de ongelijkste van Europa is. “Wie in een kansarm gezin wordt geboren, een slechte opleiding genoot en een slecht netwerk heeft, voelt dat meer dan ooit als hij zijn eerste job zoekt. Dan blijven alle deuren dicht. Wij willen nu helpen door hen een stage, job of opleiding aan te bieden.” Maar opdat het systeem goed zou

werken, moeten twee voorwaarden vervuld zijn, waarschuwt Chapelle: de werkgevers moeten meewillen en de Brusselse regering moet voldoende geld geven. Want 1.650 stages per jaar is te weinig en ook de opleidingsmogelijkheden moeten uitgebreid worden. “Je kan namelijk geen halve garantie geven, dat is verraad.” Actiris berekende dat het project voor twee jaar een kleine 40 miljoen euro kost: als het Brussels Gewest 12,9 miljoen geeft, vult Europa de rest aan.  Bettina Hubo

VRIJDAG 4 OKTOBER Nieuwe treinhaltes. Brussel krijgt tegen 2025 een handvol nieuwe treinhaltes, onder meer aan het Schaarbeekse Verboekhovenplein. Dat staat in het nieuwe investeringsplan van de NMBS. Die halte zal bediend worden door het Gewestelijk Expresnet (GEN) en een overstap op de toekomstige Noord-Zuidmetro bieden. METRO TOEGANKELIJKER. Liften in de Brusselse metrostations moeten ervoor zorgen dat mensen met een beperkte mobiliteit overal de metro kunnen nemen. Tegen 2018 moeten alle stations over een lift beschikken, belooft Brussels minister van Vervoer Brigitte Grouwels (CD&V). Momenteel is dat bij de helft het geval. GROEPSAANKOPEN. Samen Sterker, de coöperatieve van de socialistische beweging die groepsaankopen organiseert in Oost- en WestVlaanderen, gaat in heel Vlaanderen en ook in Brussel samenaankopen organiseren. Dat kondigt SP.A-voorzitter Tobback aan. AFGHAANSE ODYSSEE. Tweehonderd Afghaanse asielzoekers die eind september uit hun gekraakte woning in Elsene zijn gezet, vinden tijdelijk onderdak in een verlaten gebouw in Sint-Gillis. Van eigenaar Ecotack mogen ze tot donderdag 10 oktober blijven.

ZONDAG 6 OKTOBER

Verkiezingen zijn ooit bedacht om rust in de tent te brengen. Nu zorgen ze voor zeer grote onrust.”

JETTE VECHT VOOR ZIJN BOS. Inwoners van Jette protesteren samen met het gemeentebestuur tegen de mogelijke verbreding van de Ring. 5 hectare van het Jetse Laarbeekbos dreigt te verdwijnen.

MAANDAG 7 OKTOBER David Van Reybrouck over zijn nieuwe boek Tegen Verkiezingen (in het Radio 1-programma Interne Keuken).

Brussel heeft nog een lange weg te gaan als het met gezag wil meepraten over cultuur en musea. Ondertussen keren David en Alice van Buuren zich om in hun graf.” Werner Adriaenssens (VUB) en Bart Suys (Brusselse Museumraad) vinden het een schande dat het museum van Buuren werken veilt om de restauratie van het interieur te betalen (in De Standaard).

citydev

Citydev.brussels is de nieuwe naam van de Gomb, de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij Brussel. Volgens de Gomb werd hun naam te veel verward met andere gewestelijke instellingen, zoals de Gimb, de Gewestelijke Investeringsmaatschappij Brussel en de Franstalige naam voor de Gomb, de SDRB deed dan

weer te veel denken aan de gewestelijke instelling SLRB (Société du Logement de la Région de Bruxelles-Capitale, Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij) of aan de SRIB, dat de Gimb is in het Frans. Citydev.brussels dus, waarbij ‘dev’ staat voor development, Engels voor ‘ontwikkeling’. De hele operatie past binnen de stadsmarketing waarmee het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wil uitpakken. Zo werd de gele iris, het klassieke logo van het gewest, omgevormd tot CD een meer gestileerde bloem met een hartje. 

DRINGENDE MEDISCHE ZORG, NIET VOOR IEDEREEN? Het Brussels OCMW weigert dringende medische zorg aan gezinnen met kinderen die illegaal in het land zijn. Alleenstaanden krijgen dergelijke hulp wel. Die ongelijkheid klaagt het Platform Kinderen op de vlucht aan in De Standaard. Het OCMW werd voor de praktijk al een paar keer veroordeeld, maar verweert zich dat gezinnen met kinderen recht hebben op opvang in centra van Fedasil of het Rode Kruis, waar ook medische hulp te krijgen valt.

DINSDAG 8 OKTOBER URINEGEURTJES. De netheid in de Brusselse metro- en premetrostations gaat erop achteruit. Vooral urinegeur stoort de reizigers, blijkt uit een netheidsenquête van de Brusselse SP.A. De MIVB brengt daar tegenin dat er steeds minder klachten zijn over netheid. ULB-professor NOBELPRIJSWINNAAR. François Englert, professor emeritus aan de ULB, wint de Nobelprijs voor de Natuurkunde, samen met de Brit Peter Higgs. Englert ontdekte samen met vijf anderen het Higgs-boson, ook wel het ‘godsdeeltje’ genoemd. Het Atomium besliste al om een bol te noemen naar de laureaat. JOBGARANTIE? Een nieuwe dienst van Actiris, ‘Youth Garantee’, belooft vanaf 2014 elke Brusselse jongere aan een opleiding, job of stage te helpen na het afstuderen of na jobverlies. Samengesteld door Kim Verthé

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF


BDW 1397 PAGINA 4 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

© BART DEWAELE

© WIKIPEDIA CREATIVE COMMONS ATTRIBUTION

Boven: In januari 1943 werd Andrée de Jongh, de oprichtster van de Komeetlijn, gearresteerd terwijl ze op het punt stond de Pyreneeën met enkele piloten over te steken. Zij zou de kampen van Mauthausen en Ravensbrück overleven. Onder: enkele verzetsleden in Saint-Jean-de-Luz op 5 september 1942. Bovenste rij, tweede van links is “Tante Go”.

Het Ereveld der gefussilieerden vandaag. De helden van de verzetsgroep Komeet zijn nog niet vergeten.

Het dramatische oorlogsjaar 1943 (3) > Binnenkort opnieuw speciale herdenkingsbijeenkomst

Verzetsgroep gedecimeerd op Nationale Schietbaan BRUSSEL – Zeventig jaar geleden was het 1943, een gemakkelijke som. Maar niet iedereen beseft dat dat jaar voor Brussel misschien wel het zwaarste was van de twintigste eeuw. Na de slag bij Stalingrad aan het Oostfront en de slag bij El Alamein in Noord-Afrika, beide in het voordeel van de geallieerden, leken de nazi’s plots niet meer onoverwinnelijk. Het verzet kreeg hierdoor nieuwe hoop, maar de bezetting werd er alleen maar grimmiger door. De nazi’s verscherpten hun jacht op verzetslui.

O 

p 20 oktober 1943 werden er bijvoorbeeld elf leden van de verzetsgroep Komeet geëxecuteerd op de Nationale Schietbaan. De vereniging Comete Kinship, die familieleden en sympathisanten van de verzetsgroep verenigt, plant daarom dit jaar een speciale herdenkingsbijeenkomst. Zo zal een van de meest vergeten oorlogsmonumenten van Brussel voor een keer wat meer aandacht trekken. De Nationale Schietbaan is een bijna idyllisch zakdoekje groen op een boogscheut van de VRT-toren, naast de crèche voor het VRT-personeel. Tegelijkertijd is het een van de meest tragische plekken van Brussel, met een extreem hoge concentratie heldengraven. Verzetsheld Edith Cavell werd er tijdens de Eerste Wereldoor-

log geëxecuteerd en begraven. Youra Livschitz, een van de drie mannen die in april 1943 in Boortmeerbeek een transport naar Auschwitz tot stand bracht, werd er in 1944 geëxecuteerd en begraven. Saint Vé, de jaarlijkse patroondag van de VUB en de ULB, begint nog altijd elk jaar op 20 november met het leggen van een krans op de Nationale Schietbaan ter herdenking van de verzetshelden van de ULB die er werden geëxecuteerd. Een maand eerder, op 20 oktober, worden elk jaar de helden van Komeet herdacht. Dit jaar zal deze herdenkingsbijeenkomst extra groot zijn, vanwege de zeventigste verjaardag van die tragische dag. De groep Komeet hield zich bezig met het opvangen en naar veiliger oorden smokkelen van gevallen pi-

loten en parachutisten. In totaal redden ze zo het leven van meer dan 700 geallieerde piloten. Daarvoor lieten wel meer dan 200 Komeetleden hun leven. In januari 1943 werd Andrée de Jongh, de oprichtster van de Komeetlijn, gearresteerd terwijl ze op het punt stond de Pyreneeën met enkele piloten over te steken. Zij zou de kampen van Mauthausen en Ravensbrück overleven. In juni werd ook haar vader gearresteerd. Hij werd een jaar later gefusilleerd.

Ontsnappingsroute Eind 1942 was de organisatie geïnfiltreerd door Duitsers die zich voordeden als Britse piloten. Een golf van arrestaties was het gevolg. Van de elf Komeetleden die op 20 oktober 1943 op de Nationale

“Omdat sommige mensen fantaseren, controleer ik alle verhalen”

Schietbaan gefusilleerd werden, is niet veel geweten, behalve hun namen: Eric de Menten, Georges Marechal, Jean Ingels, Emile Delbruyère, Albert Marchal, Henri Rasquin, Ghislain Neybergh, Gaston Bidoul, Robert Roberts-Jones, Édouard Verpraet en Antoine Renaud. Nochtans doet Brigitte d’Oultremont, voorzitster van de Comete Kinship Association, er al jaar en dag alles aan om zoveel mogelijk informatie te verzamelen over alle mensen die terloops of intensief hebben meegeholpen aan het netwerk van Komeet. “We hebben al een lijst van 1.000 à 2.000 leden die in verschillende

mate officieel erkend zijn voor hun rol. Ikzelf zit al aan een lijst met een 3.000 namen. Zelfs dat zijn ze nog niet allemaal. In onze vereniging is iedereen welkom die ook maar iets voor de Komeet heeft gedaan, al was het maar kleren geven of een nacht onderdak te bieden. Ik controleer wel alle verhalen, want er zijn ook mensen die fantaseren. Maar het speciale aan de Komeet was net dat alles spontaan verliep, dat de mensen het normaal vonden om te helpen, zelfs als ze er hun eigen leven mee in gevaar brachten. Daarom ook hebben ze na de oorlog niet allemaal over hun activiteiten verteld.” In haar familie waren er verschillende mensen actief bij de Komeet. “Het waren allemaal vrienden en kennissen die elkaar introduceerden. Veel Komeetleden waren van adel, omdat dat nu eenmaal zo was. Die families kenden elkaar al sinds lang. Maar er waren ook veel hoge industriëlen. Andrée de Jongh kwam uit Schaarbeek, maar ook de Leopoldwijk was een centrum van de Komeetactiviteiten. Ik herin-


ner me hoe mijn vader telkens als we door de Leopoldwijk reden een huis aanwees en zei: ‘Daar drukten we onze valse papieren.’ Overlaatst heb ik de dochter van de eigenaar van dat huis ontmoet. Nu kunnen we dat verhaal dus eens uitspitten. En dan was er La Cantine Suèdoise, een kantine waar goedkope maaltijden werden aangeboden en kleren gegeven. Daar kwamen de leden van Komeet regelmatig samen. Jean de Gand kwam daar een keer per maand vanuit Gent polshoogte nemen. Tegelijkertijd kwam ook generaal Von Falkenhausen (de Duitse militaire bevelhebber van België en Noord-Frankrijk, nvdr.) daar. Hij was namelijk een persoonlijke vriend van mevrouw Scherlinck, de dame die de kantine runde. Dat was soms wel oppassen. Von Falkenhausen was ook van adel, en als er iets was, dan stapten de mensen van de Komeet soms ook gewoon op hem toe om dat te bespreken. Onder andere toen Jean Greindl gearresteerd werd en in de kazerne van Etterbeek gevangen zat, gebeurde dat. Helaas zat hij daar nog gevangen toen de kazerne door de Amerikanen werd gebombardeerd. Toen hebben ze het gedaan gekregen dat het lichaam van Greindl aan de familie werd vrijgegeven.”

Gedenkmanifestaties Onderzoekster Adeline Remy bevestigt dat het verhaal van de groep Komeet uniek is. “Niet alleen het netwerk tijdens de oorlog, maar ook de vriendenkring die de herinnering aan deze groep in stand houdt, is heel speciaal. Je moet weten dat veel mensen die aan het verzet hebben deelgenomen daar na de oorlog eigenlijk niet over wilden praten. Het zijn vaak hun kinderen die achteraf zelf op zoek zijn gegaan naar informatie om de wederwaardigheden van hun ouders te reconstrueren.

Een beetje idealisering komt daar soms wel bij kijken. De groep Komeet was een heel diverse groep uit alle lagen van de bevolking en met contacten in het hele land en daarbuiten. Andrée -Dédée- de Jongh had via haar werk als verpleegster in een ziekenhuis haar eerste contacten met gewonde Britse militairen gelegd. Arnaud Deppé was dan weer opgegroeid in Baskenland en had daar de nodige contacten om een ontsnappingsroute door de Pyreneeën uit te bouwen. Spanje was een neutraal land, dus eenmaal daar waren de piloten en parachutisten in veiligheid. Spijtig genoeg ging de eerste tocht al fout en werd Arnaud Deppé in Bergen gearresteerd.’ Andrée de Jongh werd in januari 1943 in Baskenland gearresteerd. Nog altijd worden jaarlijks in hun sporen voettochten door Baskenland gehouden door de organisaties die hun herinnering in stand willen houden. Veel van de helden uit het bewogen

De toer van de gemeente Schaarbeek begint op 01/11 om 10 uur aan het gemeentehuis. De herdenkingsbijeenkomst van Komeet vindt op 20/10 plaats om 10.30 uur aan de Nationale Schietbaan, gevolgd door een mis in de Basiliek van Koekelberg om 11.30 uur. Meer informatie over de vereniging van familie en sympathisanten van de verzetsgroep Komeet is te vinden op de website www.cometeline.org. Lees het volledige dossier over oorlogsjaar 1943 op www.brusselnieuws.be/ dossier/oorlogsjaar-1943

jaar 1943 werden net als andere helden na de bevrijding geëerd met een straatnaam of monument in Brussel. “Het was soms zelfs een wedloop tussen verschillende gemeentes om als eerste de naam van een held te kunnen geven aan een straat of plein,” legt SOMA-medewerkster Chantal Kesteloot uit. “Vooral voor de grote helden als Montgomery, Eisenhouwer of Churchill moest er op elkaar worden afgestemd. Stalin wou ook iedereen meteen na de oorlog eren, maar uiteindelijk werd gekozen voor de benaming Stalingradlaan, om de aandacht niet zozeer op de persoon, maar op de belangrijke veldslag te vestigen.” Maar straatnamen veranderen is geen sinecure en brengt voor de bewoners veel rompslomp mee. Daarom werden er vooral straten naar oorlogshelden vernoemd in gemeenten waar er nog nieuwe straten werden aangelegd. “En sinds kort zijn er de herinneringstegels, bronzen tegeltjes die in het voetpad worden aangebracht op de plek van een gedenkwaardige gebeurtenis.” Het is duidelijk dat veel Brusselaars de gebeurtenissen van de Tweede Wereldoorlog nog lang niet vergeten zijn. Sommige gemeenten houden regelmatig speciale gedenkmanifestaties. In Schaarbeek organiseert schepen van Burgerlijke Stand Bernard Guillaume telkens op 1 november een bezoek aan de verschillende oorlogsmonumenten van de gemeente, een traditie die zijn oorsprong vindt in de herdenking van WO I, en waaraan nadien de herdenking van WO II werd toegevoegd. De toer begint met een bezoek aan de Voltairelaan, waar Komeetlid Victor Michiels werd neergeschoten. Vervolgens komt een resem zeer uiteenlopende oorlogsmonumenten aan bod, waaronder de Nationale Schietbaan. Jo Govaerts

© VERZAMELING JACQUES EICKHOFF

SOMA verwerft Archief Freddy Eickhoff BRUSSEL – Het Studie- en Documentatiecentrum Oorlog en Hedendaagse Maatschappij heeft een zeer kostbaar archief kunnen verwerven dat belangrijke nieuwe inzichten kan opleveren over de Duitse repressie tijdens de Tweede Wereldoorlog, de militaire rechtspraak en het verzet. Het betreft het archief dat de Brusselaar Freddy Eickhoff samen met zijn medewerkers Delhaize en Van Hecke tijdens de oorlog heeft aangelegd over zijn werkzaamheden als advocaat van meer dan 2.000 verzetstrijders. Aangezien de Duitsers zoveel mogelijk documenten hebben verbrand vooraleer ons land te verlaten, zijn er maar weinig bronnen over dit onderwerp. Dit archief is bijgevolg een onverwachte goudmijn voor historici. Frédéric (Freddy) Eickhoff was de verdediger van een 2.500-tal verzetslui, die in het bezette Brussel moesten verschijnen voor de Duitse militaire rechtbanken. De beschuldigingen varieerden van spionage, wapenbezit, hulp aan de geallieerden tot het beluisteren van de Engelse radio. In vele gevallen slaagde hij erin strafvermindering te verkrijgen voor zijn klanten, waarvoor hij vaak veel respect had. Over zijn werk schreef hij na de oorlog enkele interessante boeken, die illustreren met hoeveel toewijding deze man zijn delicate werk uitvoerde. Meester Eickhoff en zijn medewerkers bewaarden al die tijd de procesdocumenten van hun zaken. Meer dan een

halve eeuw later overhandigt de familie Eickhoff dit bijzondere archief aan SOMA. Hieraan gingen wel de nodige onderhandelingen vooraf.

Quarantaineruimte Dirk Martin, Hoofd Archief van het studiecentrum, legt uit dat het omgaan met een dergelijk archief geen sinecure is. Zo mogen er geen namen uit de dossiers openbaar worden gemaakt: “Het beroepsgeheim op dit soort documenten verjaart immers niet. Maar het interessante zit hem in het onderzoek van conjuncturen en structuren: hoe ziet de groep verzetslui die voor de Duitse militaire rechtbanken moet verschijnen eruit (geslacht, leeftijd, beroep...), waarom  worden zij vervolgd,  wanneer noteert men de meeste aanklachten, wat is de procedure van de rechtbanken, hoe zwaar zijn de veroordelingen, slaagt de advocatuur erin om ondanks de nazi-rechtspraak  strafvermindering te verkrijgen, enz. Dit zijn allemaal interessante vragen die zonder naam en toenaam te noemen perfect te bestuderen zijn.” Een ander probleem dat opduikt bij het openen van dozen die al meer dan een halve eeuw gesloten zijn gebleven is van fysieke aard. Dit mag alleen gebeuren in een quarantaineruimte, waarbij het personeel gehuld is in speciale kleding met masker en oogbeschermer. Alles moet met de grootste voorzichtigheid worden bekeken en geordend, en ook nog eens ontsmet. Kortom, deze archieven zullen nog niet meteen morgen beschikbaar zijn. Maar dat we er nog van zullen horen, is nu al zeker. Jo Govaerts

© BART DEWAELE

BDW 1397 PAGINA 5 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Willy Segers (links) en Hans Bonte: één strijd.

Randspecial > Veel interesse voor BDW-debat

Tussen afzijdigheid en slechte wil BRUSSEL – De Vlaamse Rand zit geprangd tussen een afzijdige Vlaamse regering en een Brussels kluwen van slechte wil. Dat blijkt althans uit het Rand-debat dat Brussel Deze Week vorige week organiseerde tussen de burgemeesters Hans Bonte (SP.A) en Willy Segers (N-VA). Voor het debat in het Literair Salon van Muntpunt, de Hoofdstedelijke Bibliotheek, waren er heel wat mensen afgezakt. Uit de Rand, uiteraard, maar evengoed uit de regio Leuven. En uit Brussel zelf, natuurlijk. Volgens ingewijden waren er rond de 90 mensen aanwezig. Maar net zoals bij Congolese betogingen willen wij dat cijfer relativeren. Gezien het opgemerkte percentage VlaamsBrusselse politici achteraan de zaal, ook. Opvallend: eigenlijk was het debat geen debat, want Willy Segers, nog geen jaar burgemeester van Dilbeek, en Hans Bonte, nog geen jaar burgemeester van Vilvoorde, waren het vaak met elkaar eens. Zeker, de laatste zegt dat het voorstel van de eerste - een afzonderlijk statuut voor de Vlaamse Rand - nu niet zo dringend is, en dat er vooral geld op tafel moet komen. En dat de bevoegde Randminister Geert Bourgeois, van dezelfde partij als Willy Segers, de Rand niet kent. Maar voorts: burgemeester zijn is vooral een praktisch beroep; praktische oplossingen bedenken voor praktische problemen op kleine en grotere schaal. En net in die filosofie vinden Segers en Bonte elkaar. Wil dat zeggen dat beide heren de problemen op dezelfde manier willen aanpakken? Nou, nee, en wel omdat Dilbeek nog iets anders is dan Vilvoorde. In Dilbeek geeft Segers zichzelf de ruimte om te experimenteren met taalbeleid: hij gelooft dat de eerste contacten van inwijkelingen met de overheid soepeler kunnen, vooropgesteld dat men die goede wil niet als definitief verworven beschouwt. In Vilvoorde is men ook soepel, maar hamert men

toch sterk op het Nederlands. Niet alleen omdat het zo’n mooie taal is, maar vooral omdat men zich opwerkt als men Nederlands spreekt. Men kan vrienden maken, de kleine wegbrengen en een woordje wisselen met de juf, en men kan naar de bakker gaan en gewoon doen wat generaties Franstaligen zo moeilijk vonden. Zeggen: “Een bruin gesneden brood, alstublieft.” Sociaal weefsel, weet u wel. Hij zal het misschien niet zo zien, maar eigenlijk is de Vlaamse strijd voor Hans Bonte een sociale strijd. Toch? Maar waar beide heren echt de stuipen van krijgen, is van Brussel. Ja, men wil samenwerken, maar men kijkt eigenlijk meer

“Als we de problemen niet grensoverschrijdend aanpakken, zal de Rand worden zoals Brussel” met een zekere treurnis naar de hoofdstad, die aangrenzende chaos. Bonte heeft heimwee naar de stad waar hij ooit uit weg ging, Molenbeek, maar zegt ook onomwonden dat Brussel erop achteruitgaat. De verschillende bevoegdheden. De versnippering. “Als we problemen niet grensoverschrijdend aanpakken, zal de Rand worden zoals Brussel,” vertelde Hans Bonte. Eigenlijk wil hij zich dus meer actief kunnen moeien met het Brusselse beleid. Segers wil daarentegen vooral samenwerken van gemeente tot gemeente: hij zou graag contact leggen met Molenbeek, dat grenst aan Dilbeek. Bonte en Segers willen zich met zoveel mogelijk steden en gemeenten profileren als De Vlaamse Rand. Want Brussel is dan wel ver weg, de Vlaamse regering is dat ook. Nochtans zitten zowel SP.A als N-VA in die CD regering.


BDW 1397 PAGINA 6 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Spiritualiteit > Carlo Luyckx over de leegte en de politiek

Boeddha in ieder van ons SINT-GILLIS – “Leven is lijden,” leert boeddha. “Maar geluk en ongeluk moeten we niet in de wereld zoeken, maar in onszelf.” Het boeddhisme zit in de laatste rechte lijn om als niet-confessionele levensbeschouwing erkend te worden. In het Tibetaans studiecentrum Samyé in Sint-Gillis wacht de vicevoorzitter van de Boeddhistische Unie van België ons op.

C 

arlo Luyckx is tevens schepen in Sint-Gillis en directeur van het Verbindingsbureau Brussel-Europa. In het Tibetaans studiecentrum in Sint-Gillis staan er in de tempel tussen de kussens en zitbankjes glazen kasten met soetra’s. In de tuin staat een stoepa – boeddhistisch herdenkingsmonument waarvan de ronde vorm naar Boeddha verwijst – en hangen kleurrijke vlaggetjes. Luyckx: “Toen de put voor de stoepa gegraven werd, zijn Charles Picqué en Laurette Onkelinx wapens in de put komen gooien. Dat gebaar moest de verbanning van agressie uit de wereld symboliseren.” Luyckx trekt ieder jaar naar een grot in Spanje om de batterijen op te laden: “Ik beken, in mijn grot, ver van de drukte van alledag, is het zoveel makkelijker om geduld te hebben, vrijgevig en niet jaloers te zijn.” Maar voor we ons gesprek aanvatten, willen we graag weten wat het verschil is tussen boeddhisme en het populaire mindfulness: “Ik hoor al 42 jaar over mindfulness praten.

Mindfulness is een techniek die erg in zwang is, ook in bedrijven en bij hoge ambtenaren. Mindfulness is boeddhisme zonder het essentiële aspect van mededogen, zonder altruïsme.” Dat vraagt om uitleg.

Spirituele shopping Luyckx: “Net zoals veel van mijn leeftijdgenoten heb ook ik in volle hippietijd aan spirituele shopping gedaan. Ik studeerde aan de Academie voor Schone Kunsten in Antwerpen en begon met yoga. Daarna heb ik me verdiept in het hindoeïsme om te eindigen bij het boeddhisme. Net zoals velen in dit land kom ik uit een katholiek gezin, maar ik geloofde al niet meer sinds mijn veertiende.” “Op mijn zeventiende ben ik naar Schotland getrokken, naar het enige Tibetaanse klooster dat West-Europa toen telde: het Samye-ling monastery. Het werd in 1967 gesticht door twee jonge Lama’s die uit Tibet gevlucht waren. Toen ik naar huis ging was ik achttien jaar oud, ik ben in de dokken gaan werken om terug naar Schotland te kunnen

gaan. De derde keer was er een hoge Lama, de Karmapa – het hoofd van een van de vier grote scholen van de Tibetaanse traditie – bij wie ik een hele maand onderricht heb gevolgd. Nadien volgde tweeënhalve maand eenzaamheid in een hutje. Na afloop ben ik zes maanden intensief op reis getrokken met de Karmapa, van Amsterdam naar Parijs, met een tussenstop in Antwerpen waar ik veertig jaar geleden een klein Tibetaans centrum heb gesticht. Het was inmiddels 1974, ik was 21 jaar oud.” Luyckx: “Soms lijkt Boeddhisme op een vlucht uit de werkelijkheid, een vlucht voor het ongeluk, maar dat is het niet, geluk en ongeluk zitten in ons. De frustraties waar een mens mee zit zijn het gevolg van egoïsme en egocentrisme. Egoïsme en egocentrisme moeten we omdraaien in altruïsme. Egoïsme en egocentrisme liggen ook aan de basis van emoties die onze geest vergiftigen: haat, woede, jaloezie, arrogantie, hebzucht en domheid. Het Tibetaans boeddhisme zet die ondeugden met behulp van meditatieve technieken om in wijsheid.” “De tweede teaching van de boeddha vraagt zich af hoe het mogelijk is om gelukkig te zijn als we zoveel lijden rondom ons zien. Mensen die anderen helpen putten daar voldoening uit, zij verwijten de anderen niet dat zij de bron van ongeluk zijn. Boeddhisten vinden het geluk in zichzelf

P-PRAAT Madame Schep staat in Le Soir, maar daarover gaan we het deze week niet hebben. Niets tegen Schep, maar haar verhaal wordt een beetje... Hoe zullen we het stellen... Kijk, ze is al een keer of drie in deze rubriek opgevoerd, steeds met de beste bedoelingen, want wij houden van Schep, maar driemaal is Scheprecht en zo is het wel genoeg geweest. En als wij Schep te veel eer aandoen, worden de Molenbeekse socialisten weeral boos. En die mensen zijn al een jaar aan een stuk boos, zeer boos. Dus kunnen we het hen niet aandoen om nog bozer te worden. Stel u voor dat ze weer met Philippe Moureaux beginnen te dreigen, dan is al ons werk voor niks geweest. Of met Jef Van Damme, nog veel erger. Nee, we gaan het over de andere kant van het Brusselse gemeentespectrum hebben. Ons oog viel meer bepaald op een schrijfseltje verderop in Le Soir. Naar ‘t schijnt heeft Yves de Jonghe d’Ardoye, de voormalige MR-burgemeester van Elsene, nu schepen van Cultuur en iets met sociale samenhang, gezegd dat er nog rijke Fransen met een hart zijn. Volgens de liberaal zouden er al zeker twintig op de elfduizend Elsense Fransen bij hem langsgekomen zijn voor een gesprek van man tot man. Dat gaat zo: “Yves, wij Fransen weten dat we hier zijn omdat we in Frankrijk geen belastingen willen betalen, en dat naar België vluchten ons heel wat geld laat overhouden. Wel, wij willen iets terugdoen voor België. Wij willen armen helpen.” De Jonghe d’Ardoye drukt de lezer op het hart dat het om bedragen gaat “niet van 50, maar wel van 5.000 tot 10.000 euro!” Uw commentator is niet alleen een adept van Le Soir, maar leest ook wel eens graag La Libre Belgique, al is het maar omdat ze daar geen Beatrice Delvaux hebben. In La Libre staat een interview met Jean-Luc Mélenchon, Frans presidentskandidaat van de Parti de Gauche. Hij zegt: “Souvent, ceux qui ont de l’argent n’ont qu’une patrie: leur argent.” We kunnen dus tot de conclusie komen dat die rijke Elsense Fransen dus gewoon met subsidies strooien.

door alleen aan anderen te denken. Dat is de paradox.“ Luyckx: “Is het boeddhisme niet nihilistisch, ook die vraag krijg ik wel eens voor de voeten geworpen. Mahayana, een ‘superieure’ vorm van boeddhisme, spreekt over de leegte van de geest. Leegte is essentie zon-

“In mijn grot, ver van de drukte van alle dagen, is het zoveel makkelijker om geduldig, vrijgevig en niet jaloers te zijn.”

der grenzen, zonder centrum, leegte is de vorm, vorm is leegte. Leegte is de matrix van alle dingen.” “Het boeddhisme is een heel lopen levensbeschouwing, iedereen die ervoor openstaat kan er zich in terugvinden, hier komen dokters en arbeiders, advocaten en leefloners, professoren en commerçanten. De Dharma, de leer van de boeddha, is weids als een oceaan. De wegen naar de wijsheid zijn veelvuldig: devotie en contemplatie, muziek, kunst en cultuur, maar ook logica. Ikzelf ben ertoe gekomen langs de weg van de tanka-schilder-

kunst, schilderijen van Boeddha.” “De beste omschrijving van Boeddhisme is een niet-confessionele levensbeschouwing of een filosofie met spirituele kantjes. Maar een godsdienst zonder God, daar ben ik het niet mee eens. Hoogstens een religie zonder God; een godsdienst zonder God is geen godsdienst. Maar boeddhisme is vooral een levenshouding.” “Iedere dag moeten we de zes perfecties nastreven: een onvoorwaardelijke edelmoedigheid, de vrijgevigheid. Dat is nummer één. Ten tweede: discipline en ethiek, geen lijden veroorzaken. Niet door ons lichaam, noch door spraak, noch door de geest. Geduld staat op drie en enthousiasme op vier, concentratie en meditatie op vijf. En ten slotte: de wijsheid om de ware natuur van de fenomenen en het menselijk bestaan te ontdekken, de realisatie van de leegte en het mededogen.”

Politiek en boeddhisme Luyckx: “Ik weet het, politiek is niet altijd mooi – ik ben bezig met een boek te schrijven over spiritualiteit en politiek. Alles begint met idealisme: de levensomstandigheden van mensen verbeteren. Maar politiek is macht en die kan in goede of slechte zin gebruikt worden. Toen ik op mijn dertigste politieke wetenschappen ging studeren aan de ULB luidde mijn eerste les: le pouvoir ne se donne pas, le pouvoir se prend. Je verwerft

CHIEN ÉCRASÉ STERCHAUFFEUR – Zo heel soms, wanneer de sterren goed staan, is het een waar plezier om met de MIVB te rijden. Toegegeven, de chauffeurs van onze geliefde vervoersmaatschappij zijn wel heel ontvankelijk voor zelfs maar het kleinste komeetje in de kosmos, en dus meestal hebben ze gewoon een rothumeur. Maar soms... Dus: komt er een school kinderen op de bus die aan het Museum voor Natuurwetenschappen moeten zijn. Een bestemming naar het hart van uw commentator ook, want wat is er nu belangrijker dan natuurwetenschappen in het leven? Uw commentator was in een ver verleden nog een aspirant-geoloog, u begrijpt dus dat kinderen die naar het Museum voor Natuurwetenschappen gaan zijn povere geduld dus zeker op de proef mogen stellen. Maar goed, de chauffeur. De bevallige juffrouw die de kinderen begeleidde vroeg aan de chauffeur of de bus naar het museum ging. De chauffeur zei van wel, en weg waren we. Op het Luxemburgplein gekomen stapte er een horde eurocraten op, waardoor de idylle zeer grondig werd verstoord en wij begonnen te vrezen voor het humeur van de chauffeur, en wanneer niet voor dat van hem, dan zeker voor dat van ons. De moedige chauffeur stond echter recht en zei tegen het klasje dat het beter was om uit te stappen zodat ze via een rustige weg naar het museum konden. BIDCHAUFFEUR – Heel wat MIVB-chauffeurs zijn echter nogal beïnvloed door de kosmos, we zeiden het al. Sommigen maken het daarbij wel heel bont. Zo zijn er per jaar ongeveer tien klachten over chauffeurs die onderweg plots stoppen om te bidden, zo weet La Capitale. Ons niet gelaten, maar doe het dan wel op het Luxemburgplein, en bij voorkeur op donderdagavond wanneer de eurocraten zich daar massaal laven aan bier en vluchtig seksueel contact. Wij houden van contrast.


macht door te vechten, verkiezingen zijn een strijd van ieder voor zich.” “Zolang je met gif als narcisme in je lijf rondloopt moet je opletten voor de valkuilen. Democratie is het beste wat we hebben als politiek systeem, maar om bekend te worden en op te klimmen moet je jezelf verkopen, terwijl het boeddhisme nederigheid predikt. Dat is zeer moeilijk. Het grote probleem is: als kind wordt lichaamshygiëne je aangeleerd, maar geen mentale hygiëne, we hebben er geen methodologie voor. Mensen leggen zich te vlug neer bij hun tekortkomingen. Zowat iedereen bewondert mensen die nederig en vrijgevig zijn, ook zij die het niet zijn maar ze maken er zich van af met ‘ik ben jaloers, maar ik ben zo tant pis pour les autres.’” “Mandaten en politici, het is het verhaal van de hond en het been. Hij begint te grommen als je zijn been wil afpakken en ondertussen ziet hij niet meer helder bij de gedachte aan een nog groter been. Het is een karikatuur, ik weet het wel, en de politici zijn heus niet de enigen in de maatschappij die in die valkuil lopen, maar ik spreek over politici omdat ik tot de klasse behoor. Die ken ik het best.” “Ook ik loop nog altijd in valkuilen, als politicus ben je omringd door mensen die je vleien. Het risico om jezelf heel erg au serieux te nemen, je te vereenzelvigen met je functie is enorm groot. Maar je moet er rekening mee houden dat dezelfde mensen die bij je staan als het goed gaat, de eerste zijn die je een stamp geven als het bergaf gaat. Humor en het besef van vergankelijkheid van alle fenomenen, is zeer belangrijk. Politiek is wereldse macht en kan evenmin als rijkdom ooit voldoening schenken.” Danny Vileyn

Carlo Luyckx voor de stoepa in de tuin van het Tibetaans centrum in Sint-Gillis.

© BART DEWAELE

Tibetaans studiecentrum Samyé Capouilletstraat 33, 1060 Sint Gillis. Meer info: www.samye.be

© DIAMANTWEG

BDW 1397 PAGINA 7 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Spiritualiteit > Diamantweg verhuist

Meer Boeddha in Brussel SINT-LAMBRECHTS-WOLUWE – Het Diamantweg-boeddhisme is een andere van de vier scholen van de Tibetaanse traditie. Wegens succes verhuizen de meditaties van een woonkamer in Sint-Gillis naar een nieuw centrum in Sint-LambrechtsWoluwe.

legt de nadruk op meditatie en kennisoverdracht van leraar op leerling, en benadrukt persoonlijke verantwoordelijkheid.” Sinds 1999 vonden er meditaties plaats in een huiskamer in Sint-Gillis, maar nu krijgt het Diamantwegboeddhisme een eigen centrum.

Gelukkiger persoon Het Diamantwegcentrum is nog niet aangesloten bij de Boeddhistische Unie van België, maar het is wel de bedoeling op termijn aansluiting te zoeken. Het Diamantweg-boeddhisme is in België (nog) klein, in tegenstelling tot Duitsland bijvoorbeeld. Zegt woordvoerster Anja Mangels: “Diamantweg-boeddhisme is de meest verbreide vorm van Boeddhisme buiten de traditioneel boeddhistische landen. Sinds 1972 werden er 640 Diamantwegcentra gesticht wereldwijd. De centra staan onder de leiding van de 17de Karmapa Thaye Dorje. Het Diamantweg-boeddhisme

Volgens Mangels zijn de resultaten van meditatie al vlug merkbaar: “Ik zie vaak hoe meditatie mensen helpt om storende gewoontes in hun dagelijkse routine achterwege te laten. Zo word je een gelukkigere persoon en terzelfdertijd nuttig voor de anderen - zowel privé als in je professionele leven.” 

Danny Vileyn

Het Diamantwegcentrum houdt nu zaterdag 13 oktober 2013 tussen 13 uur en 18 uur open deur aan de Sint-Hendrikstraat 73 te 1200 Brussel. Meer info: www.boeddhisme-belgie.be/nl

ADVERTENTIE

luXeFlat te huur Huren in Brussel is duur en huurders kunnen op weinig steun rekenen. De regering doet niets aan de stijgende prijzen. De bouw van betaalbare woningen staat stil. Premies of de woonbonus zijn er enkel voor de eigenaars en de beloofde huurtoelage is dode letter. Nochtans is meer dan de helft van de Brusselaars huurder. Om van Brussel een woonstad te maken, is er werk aan de winkel. Le loyer à Bruxelles est bien trop élevé, les locataires ne peuvent pas compter sur beaucoup d’aide. Le gouvernement ne fait rien contre l’augmentation des prix. La construction de logements abordables est à l’arrêt. Les primes et le bonus logement sont destinés aux proprietaries et l’allocation loyer reste lettre morte. Pourtant, plus de la moitié des Bruxellois est locataire. il reste encore beaucoup à faire avant que Bruxelles ne soit transformée en une ville résidentielle.

FOuaD ahiDar Brussels parlementslid

www.spa-brussel.be


Philippe, de grootvader van striptekenaar Wauter Mannaert, had als jeugdheld Johnny Weissmuller en overwoog om circusacrobaat te worden. Een carrière in de Brusselse bouw bracht echter meer dan genoeg spanning en avontuur. Met de anekdotes van Philippe als rode draad, wordt de beruchte Brusselse stedenbouw van de jaren 1950 tot nu tegen het licht gehouden. Vandaag: Expo ’58 (aflevering 2 van 3).

© WAUTER MANNAERT WORDT VERVOLGD


ADVERTENTIE

is u Th in

Kom binnen en zet u en proef van de activiteiten tijdens de

bibliotheekweek van 12 tot 20 oktober

www.bruno.be


BDW 1397 PAGINA 10 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Technologie > VUB opent toplab voor duurzame lichtinnovaties in Pajottenland

‘Ver weg van de stadstrillingen’

Boven: B-Phot, het Brussels Fotonicateam rond VUB-professor Hugo Thienpont (uiterst links). Onder: een kijkje in het nieuwe lichttechnologielabo van de VUB in Gooik.

GOOIK - Een volgebouwde campus, luchtbezoedeling en vooral storende trillingen deden de Vrije Universiteit Brussel uitkijken naar een ‘stiltegebied’ voor de bouw van haar hoogtechnologisch en innovatief lichtlabo: Photonics Innovation Center. De keuze viel op een voormalig magazijn voor peren in de dorpskern van Oetingen (Gooik), op een steenworp van het huis van Hugo Thienpont, de prof die het onderzoeksteam B-Phot leidt. Europa is vandaag de koploper van de lichtindustrie, productietechnologie en de optische telecommunicatie. 300.000 mensen vinden rechtstreeks een job in alle toepassingen van de fotonica. Een troef voor ons land is dan ook dat een universitair onderzoekslabo haar expertise

toetst aan nieuwe toepassingen die op de markt kunnen gebracht worden, via KMO’s en de industrie. In die geest werkt het Brussels Fotonica Team (B-Phot), een internationale onderzoeksgroep van vijftig onderzoekers onder leiding van professor Hugo Thienpont van het

departement Toegepaste Natuurkunde en Fotonica van de VUB, aan nieuwe markt- en werkkansen voor onze regio’s. “Met onderzoek en begeleiding van Europese KMO’s rond nieuwe lichtbronnen, zoals lasers voor medische toepassingen, LED’s voor energiezuinige verlichting, ef-

© VUB

ficiënte zonne-energiecollectoren, optische lab-on-chips (voor medische tests) en driedimensionele beeldschermen staan we aan de top van Europa,” stelt Thienpont.  Waarom de VUB naar het verre Pajottenland verhuist, willen we wel weten. Thienpont: “In ons lab maken we componenten die nanometerprecies zijn (een nanometer is een miljardste deel van een meter of ongeveer 100.000 keer kleiner dan de diameter van een haartje, red.).

Dat betekent dat de minste trilling bij de aanmaak van die precisiecomponenten fataal is. We zijn immers uren bezig met een diamantdraaimachine om een nieuwe component te prototyperen (voorstadium van een fabricage, red.), en daarvoor zijn omgevingstrillingen absoluut nefast. We zochten dus een goede, betaalbare locatie, en die vonden we in het rustige Pajottenland. Moesten we onze toestellen in hartje Brussel opstellen, dan zou dit nooit werken.” Thienpont: “De VUB was beperkt tot Brussel, en had extern een goede site nodig vermits de campus te Etterbeek langzamerhand volgebouwd raakt. Bovendien is de Vlaams-Brabantse regio een belangrijk rekruteringsgebied voor studenten, de top van onze onderzoeksgroep woont tussen Halle en Vilvoorde. Ook zij vinden het fijn om niet iedere dag richting Brussel en verkeer te pendelen. Maar de primordiale reden is van zuiver technologische aard. Bovendien kon onze ‘clean room’,  - nu al de zuiverste plek in het Pajottenland - onmogelijk ergens op een industrieterrein buiten de stad gevestigd worden. We vonden een voormalig magazijn met frigo voor 100 ton peren in Gooik, perfect geïsoleerd en precies wat we zochten. De renovatie tot innovatielab is gebeurd met alle respect voor de omgeving.” In de nabije toekomst gaat de internationale onderzoeksgroep BPhot, een van de grootste groepen van de VUB, ook gastdocenten en onderzoekers van Japan tot NieuwZeeland naar Gooik halen. Daarvoor worden twee residenties ingericht in de voorbouw, maar ook op het streektoerisme gaan we beroep doen. Professor Thienpont wil de Pajot geruststellen: “Ik begrijp dat het invasief lijkt, maar in Gooik een Optics Valley maken in navolging van Silicon Valley, zal nooit lukken – en het is de bedoeling niet.”  Jean-Marie Binst © IRIS VERHOEYEN

Jongeren > Jeugdsector thuis op het Muntplein

‘Open huis voor jongeren’ BRUSSEL – De Ambrassade heeft sinds vrijdagavond officieel een nieuwe stek: centraal in Brussel, in de schaduw van de Muntschouwburg. Het ‘bureau voor jonge zaken’, zoals de organisatie zichzelf ook omschrijft, is het resultaat van een fusie van drie organisaties uit de jeugdsector: Steunpunt Jeugd, de Vlaamse Jeugdraad en Vlaams Informatiepunt Jeugd. “Een fusieoperatie was ergens logisch, want er waren overlappingen in het beleidswerk en in onze vertegenwoordigende opdracht,” zegt persverantwoordelijke Kurt Jacobs. “Samen kunnen we een krachtigere organisatie vormen.”

Het gebouw in de Leopoldstraat huisvestte vroeger het Seniorencentrum. Met een heel beperkt budget – 65.000 euro – bouwde architect en scenograaf Kristof Morel het gebouw om tot een frisse en open werkplek voor de 37 medewerkers. Bij de fusie zijn geen jobs gesneuveld. De Ambrassade beschikt nog over een achterbouw, die momenteel nog leeg staat en onbenut blijft. “Daar is veel mogelijk. Voor de gelijkvloerse verdieping denken we aan een polyvalente ruimte. De drie overige etages kunnen in de toekomst misschien dienstdoen als uitvalsbasis voor allerlei jongerenorganisaties, of als vergader- of repetitieruimte,” geeft Jacobs nog mee. Kim Verthé

Veel jong geweld bij de instuif van de werkplek van De Ambrassade.


ADVERTENTIE


BDW 1397 PAGINA 12 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Corneel kocht een coupon voor Aken, maar stapte uit in Brussel-Noord. “Ik heb een klein jaar rondgezworven in de buurt, ik sliep onder de trappen van het station.”

© IVAN PUT

er voor mij geen plaats meer aan tafel. Ik was niet meer welkom omdat ik zou scheiden.”

CORNEEL VERHUISDE 26 JAAR GELEDEN HALSOVERKOP NAAR BRUSSEL

Een pak Princekoeken

‘Niemand kan alleen zijn’ BRUSSEL – Corneel* leefde in het Pajottenland, toen hij 26 jaar geleden wegens familiale problemen halsoverkop naar Brussel vluchtte. Zonder valies, zonder geld. Eén jaar lang overleefde hij op straat. Een verhaal over vallen en opnieuw opstaan, opgetekend voor de campagne Armoede (op den) buiten van Welzijnszorg vzw.

‘H 

et Pajottenland is eigenlijk een beetje een achterlijke buurt, al mag ik dat niet zeggen (lacht). We woonden aan de rand van het dorp. Thuis konden ze me niet helpen met mijn huiswerk, al is dat geen verwijt. Ik zou het zelf ook niet kunnen uitleggen aan mijn kinderen. Ik heb mijn diploma van het lager middelbaar gehaald. Ik had niet de moed om verder te studeren. Tegenover ons huis was er een drukkerij. Daar kon ik aan de slag als papiersnijder. Mijn moeder zei me: “Doe een hemd en een das aan, de mensen mogen niet weten dat je met je handen gaat werken.” Dat is typisch voor het platteland van toen. Dat werk heb ik enkele jaren gedaan. Daarna ben ik in dienst gegaan bij mijn vader, die bij de ‘spaarkas’ werkte.” “Ik ben vrij laat getrouwd, ik was al 31 jaar. De zaken gingen goed. Ik deed mijn werk graag.

Niet veel later is mijn vader gestorven. Daarop moest ik bij de directeur langsgaan – ik wou hetgene wat mijn vader had opgebouwd, niet verloren laten gaan. Ik heb hem gevraagd om zo snel mogelijk een vervanger van mijn vader aan te stellen. Daarop heeft de directeur mij benoemd. Ik had ook een secretaresse nodig. De directeur heeft er toen niets beter op gevonden dan mijn vrouw aan te stellen. Dat bleek helaas een grote vergissing.”

Spelletje kaarten “In mijn contract stond dat het zakencijfer er jaarlijks met tien procent op vooruit moest gaan. We waren maar met twee beroepskrachten en het werd ieder jaar moeilijker en moeilijker om dat cijfer te halen. Dat bracht veel stress met zich mee, waardoor er ook spanningen in het huwelijk kwamen. Als je overdag

werkt, stop je normaal om vijf uur. Daarna kan de boel ontploffen. Bij ons was dat niet het geval. Wij moesten heel vaak ’s avonds doorwerken. Na een tijdje ben ik ergens troost gaan zoeken, omdat ik nergens terecht kon met mijn problemen. Dat had ik natuurlijk niet mogen doen.” “Het nieuws deed snel de ronde in het dorp en de bom is gauw gebarsten. We zaten ’s ochtends aan tafel en de jongste van mijn twee kinderen zei: “Papa, we gaan verhuizen.” Mijn vrouw had iets gevonden om te huren, ze wou van me scheiden. We hadden net een mooie villa gekocht en ik had in een stommiteit een papier getekend dat ik alle schulden op mij zou nemen. Het ging over zes miljoen Belgische frank, veel geld in die tijd. Scheiden was toentertijd een grote zonde en ik voelde goed hoe ik met de vinger werd nagewezen. De emotionele armoede joeg me weg van het platteland. Ik kon er niet meer blijven. Op de zondag voor Pasen, op Palmzondag, heeft de pastoor mij de communie geweigerd. Na de mis gingen we traditiegetrouw een spelletje kaarten in het plaatselijke café. Opeens was

“Toen is het snel gegaan. ’s Anderendaags heb ik om vier uur ’s ochtends mijn valiesje gemaakt, een briefje achtergelaten en de trein genomen. Ik had een coupon gekocht voor Aken, maar ben uitgestapt in Brussel-Noord. Ik heb een klein jaar rondgezworven in de buurt, ik sliep onder de trappen van het station. Tijdens de eerste nacht kwam een bewaker naar me toe. Hij zei: “Je bent hier nieuw, zeker? Een goede raad: doe nooit je schoenen uit als je slaapt, want dan worden ze gepikt.” Ik heb nu terug last van mijn voeten, want die rotten letterlijk weg als je op straat leeft.” “Ik sprak geen woord Frans. De eerste weken beleefde ik als in een roes: je kan je niet wassen, je kan niet eten. Toen ik vertrok, had ik 200 Belgische frank op zak, maar dat geld was snel op. Ik heb zelfs nog gebedeld. Dat is heel erg zwaar: ik ben ermee gestopt en vond een ander middel om aan een inkomen te geraken. Je had in die tijd bagagekarretjes die je aan het station kon nemen. Niemand zette dat karretje terug, dus deed ik dat. Dan had ik telkens vijf of twintig frank.” “Van op straat te leven, heb ik een dikke buik gekregen. Je kan niet naar de supermarkt gaan, want je stinkt heel erg. Dus met dat beetje geld ging ik naar een of andere lokale winkel om een pak Princekoeken te kopen. Dat kost niet veel geld en suiker neemt de honger weg. Zo voelde ik me even voldaan. Ik heb gelukkig nooit gedronken. Natuurlijk wel frisdrank – geen cola, want die was te duur – en zo had ik weer wat suiker binnen.” “Na een tijdje leer je andere mensen kennen die in hetzelfde schuitje zitten. Dat zijn geen kameraden, maar lotgenoten. Af en toe deel je iets, of vertel je aan elkaar waar je je gratis kunt wassen, bijvoorbeeld in Sint-Gillis ach-


BDW 1397 PAGINA 13 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

ter de kerk. Ik schat dat ik negen maanden op die manier geleefd heb. Na verloop van tijd leer je ook de straathoekwerkers kennen. Op een dag kwam een vrijwilliger naar me toe. Hij verwees me naar een opvangtehuis voor dakloze mannen. Het eerste dat je daar kreeg, was een douche. Het was al negen maanden geleden dat ik me grondig gewassen had. Ik kreeg er tweedehandskleren en een lekkere maaltijd – niet veel, maar voor mij was het een hemels gerecht. We sliepen met twintig mannen in een slaapzaal en de volgende dag moest ik naar een sociaal werker.” “Ik was met niets in orde, mijn adres klopte niet. Ik moest naar de daklozendienst, waar

“Doe nooit je schoenen uit als je slaapt, want dan worden ze gepikt”

een lange rij stond. De persoon achter het loket vroeg me wat mijn laatste adres was. Ik antwoordde: “Op straat.” Waarop hij behoorlijk luid antwoordde: “Wat zeg je, op straat?” Iedereen had het gehoord, dat was vernederend. Toen had ik onmiddellijk zin om terug in mijn schelp te kruipen. Maar ik ben teruggekeerd en werd ingeschreven. Ik pikte de draad opnieuw op en deed interims. Bij het interimbureau aan De Brouckère was er iemand die in mij geloofde en die stuurde mij naar brouwerij Belle Vue, de bottelarij. Dat was erg slopend werk.”

pastoor vanuit de kerk roepen. “Potverdorie: en de paus die deugt niet!” Ik ging binnen, veel volk was er niet. Hij sprak me na de mis aan. “Het is de eerste keer dat ik u zie. Kom mee, we gaan een stuk taart eten en een koffie drinken.” Zo heb ik Daniel ontmoet. Die man stond mij aan, hij vecht voor de gerechtigheid van de mens.” “‘Je kan niet alleen zijn, niemand kan dat,’”zei mijn vader altijd. “Zelfs de grootste kampioenen hebben iemand nodig die hun benen masseert. Als Eddy Merckx niemand zou hebben gehad om zijn benen te masseren, dan had hij nooit de Tour de France kunnen winnen.” En gelukkig kwam ik op het juiste moment de juiste mensen tegen.” “Na mijn depressie ging ik ook af en toe helpen in een dienstencentrum. Ik leerde er een vrouw kennen, een Franstalige. Die vrouw woonde tezamen met iemand, dat wist ik maar al te goed. Ze was van borstkanker genezen en had een geweldige culturele bagage. Cultuur is duur, maar we trokken onze plan. We gingen vaak samen naar het Théâtre du Parc en naar het Théâtre des Martyrs, waar Franstaligen via artikel 27 gratis naartoe konden. Aan Nederlandstalige kant kon je via de cultuurwaardebons gratis naar musea. Via het Dienstencentrum had je recht op groepskortingen, maar niemand maakte daarvan gebruik. Zo kon ik vaak naar de Bozar. Ik voelde me gelukkig bij haar, zij voelde zich ook gelukkig bij mij. Ik deed alles voor haar: ik kookte voor haar en voor haar man. Ondertussen had ik een tweede hartinfarct gekregen. Niet veel later heeft ze zelfmoord gepleegd. Dat is mijn leven: hoge pieken en diepe dalen, maar de pieken worden minder hoog en de dalen worden dieper.”

Samenleving > Welzijnszorg trapt campagne 2013 af

‘Op zoek naar een beter leven’ BRUSSEL – Armoede (op den) buiten is dit jaar het campagnethema van Welzijnszorg. “Ook in Brussel is dat een relevant onderwerp,” zegt Bart Van Walle. “Voor de campagne namen we vijf diepte-interviews af van mensen die uit armoede van het platteland naar Brussel zijn verhuisd,” vertelt Van Walle van Welzijnszorg Brussel. “Het verhaal van Corneel (op de bladzijde hiernaast, red.) toont aan dat er op het platteland heel wat problemen zijn rond armoede. Zo hebben mensen die op het platteland leven, moeite om zich te verplaatsen: het openbaar vervoer neemt er af. Veel gemeentes en OCMW’s hebben bovendien te kampen met financiële problemen, waardoor hun draagkracht afneemt. Armoede betekent overigens niet enkel een tekort aan geld, ze kan ook van emotionele aard zijn, zoals bij Corneel.” “Om al die redenen verhuizen veel mensen van het platteland naar Brussel, op zoek naar een beter leven. Corneel heeft het geluk gehad dat hij op een sociale organisatie is gestoten die hem een duwtje in de rug heeft gegeven. Maar let wel: zijn verhaal is nog altijd een uitzondering. Daarom voeren we met Welzijnszorg politieke actie. We heb-

ben een achtergronddossier geschreven en binnenkort gaan we lobbyen bij de politieke overheden. Voor de campagne van vorig jaar verzamelden we maar liefst 110.000 handtekeningen via onze website. We hopen dit jaar minstens even goed te doen.”

Verteldis “Daarnaast willen we veel mensen sensibiliseren met onze actie. Mensen beseffen nog altijd niet dat er zoveel armoede in onze maatschappij is. De cijfers spreken nochtans voor zich: in Brussel leeft meer dan een kwart van de bevolking onder de armoedegrens,” besluit Van Walle. Bovenstaand interview en nog vier andere verhalen worden tijdens het startmoment van de campagne gepresenteerd door Verteldis, een Brussels collectief van verhalenvertellers onder leiding van actrice Chris Lomme. De muzikanten van Globe Aroma zorgen voor een muzikaal intermezzo.  Ken Lambeets

Armoede (op den) buiten, vrijdag 11/10, De Markten, 14u00 tot 16u30. Meer info op www.welzijnszorg.be

Iemand van bij ons “Ik ben vrij snel vertrokken uit het opvangtehuis. Ik voelde me daar niet thuis. Ik zag dat er een appartement te huur stond in een zijstraat van de Louizalaan, een klein kamertje van tweeënhalf op tweeënhalf. Ik sprak met de huisbaas af dat ik per week kon betalen. Een interim werd maar per week betaald, ik heb dus enorme risico’s genomen. Ik mocht gelukkig blijven van de eerste tot de laatste dag van mijn interimcontract, in totaal zes maanden lang. Ik had een zekere reserve opgebouwd, leefde zeer spaarzaam en betaalde ondertussen ook onderhoudsgeld voor mijn twee kinderen.” “Enkele dagen na het einde van mijn eerste interim kon ik opnieuw aan de slag, bij een transportfirma waar ik vooral ’s avonds en ’s nachts moest werken: camions lossen en laden. Mijn bazen zagen dat ik een zekere opvoeding had genoten, dat ik niet vloekte en niet snoefde. Ze wisten dat er iets niet klopte. Ze vroegen me: “Waarom kom je hier werken?” Ik zei: “Ik heb geld nodig, ik kan niet stempelen.” Dat had ik beter niet gezegd. Toen wisten ze dat ze van me konden profiteren, wat ze ook gedaan hebben. Ik werkte van negen uur ’s ochtends tot elf, twaalf uur ’s nachts. Desondanks was ik de hemel te rijk, want ik had een inkomen.” “Toen begon mijn eigen motor helaas te haperen. Ik kreeg een eerste hartinfarct. In het UZ in Jette zei een dokter tegen me: “Meneer, het is gedaan met werken.” Ik dacht: “Het is gedaan met mij, want ik heb een inkomen nodig.” Ik ben in een depressie gesukkeld. Ik kreeg zestig procent ziektevergoeding op mijn wettelijk loon, niets op mijn overuren. Ik ben toen naar Molenbeek verhuisd, ik betrok een appartement voor driehonderd euro per maand, maar ik moest ook nog medicatie betalen. Stilletjes ben ik uit het dal gekropen.” “Op zondag ging ik de stad in om rond te kijken wat er gratis was: de kerken zijn dan open, het is er warm en je kan er even zitten. Vanop het plein van de Begijnhofkerk hoorde ik een

“Op dat moment, twaalf jaar geleden, waren de mensen van de KWB-Brussel met een nieuw project bezig. Ze wilden tonen aan mensen van buiten Brussel hoe Brussel in elkaar zit. Ik zat door de zelfmoord van mijn vriendin in een diepe depressie. Gelukkig hebben ze me toen gevraagd om mee te werken met hun nieuwe project. Wij organiseren wandelingen waarin we Brussel willen tonen zoals het is. We vertellen waarom er problemen zijn en wat er aan gedaan kan worden. Vorig jaar hebben we 121 wandelingen begeleid. We hebben een aanbod van zestien verschillende wandelingen. Als gids help ik met het uitschrijven van de wandelingen.” “Ik denk dat er heel wat arme mensen in de stad afkomstig zijn van het platteland, al kan ik er geen percentage op plakken. Vaak trekken ze uit schande naar de stad. Drie jaar geleden kwam er een groep uit mijn oude dorp naar Brussel. Ik had me voorgenomen om nooit een groep uit die regio rond te leiden. Het was de gewestelijke OKRA. De man die normaal gezien gidst, zat in het buitenland. Ik moest het dus doen. Toen ik binnenkwam op de plaats waar we hadden afgesproken, hoorde ik dat ze over mij aan het roddelen waren. “Het schijnt dat er bij de organisatie een gids is die van bij ons komt.” Toen ze me zagen, vielen de gesprekken stil. Dat soort mentaliteit begrijp ik niet. In Brussel heeft er mij nooit iemand gevraagd wat ik vroeger deed. Het is wat je nu doet, dat van belang is.” “Vroeger had ik veel geld, reed ik met een chique auto. Ik had absoluut niet te klagen. Maar nu ben ik veel gelukkiger dan vroeger, met veel minder geld. Nu heb ik vrienden, op het platteland had ik kennissen die zeiden dat ze vrienden waren. Ik zie het platteland graag, maar enkel om op vakantie te gaan.”  Ken Lambeets * Om privacyredenen werd een fictieve naam gebruikt. De persoon op de foto is niet het hoofdpersonage van het artikel.

ADVERTENTIE

Brussel

Sportel-Kicks donderdag 24 oktober 2013 www.sportelkicks.be

VU: Bloso, Arenberggebouw, Arenbergstraat 5, 1000 Brussel - Vrij van zegel KB 2-3-1927. Art 135.

De hemel te rijk

www.sportelen.be

HealtHcity VGC-sportdienst - 02-563 05 14 Jette

• prijs: 4 euro bij voorinschrijving

• inlichtingen: Bloso - 015-61 41 64


BDW REGIO

BDW 1397 PAGINA 14 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Deze week in Oudergem > Schimmel en andere verontreiniging in woning opsporen

Groene ambulance, gezondheid uit balans telt Bladt met gefronst voorhoofd. “Daarnaast komen huidziekten voor, alsook vermoeidheid en hoofdpijn. Ten slotte kunnen zich allergieën ontwikkelen.”

Lichte verbetering

Twee werknemers van de Regionale Cel voor Interventie bij Binnenhuisvervuiling meten de verontreiniging in het appartement.

Na de zomer rijdt de groene ambulance traditiegetrouw vaker uit richting bewoners die ademhaling- en andere problemen hebben. Komt dat door vochtigheid, schimmel en andere vervuiling in en rond de woning? Met piepende apparatuur neemt de groene ambulance de situatie onder de loep.

E 

erst kwam de hoest, jaren later begon hij steeds meer te lijden aan longfibrose, een chronische ziekte met als gevolg kortademigheid en minder energie. Een 75-jarige, die niet met naam in de krant wil, vertelt zijn gezondheidsklachten aan Céline Liebens. De jonge sociaal verpleegkundige vult een uitgebreide vragenlijst in. Liebens wil weten hoelang de man en zijn vriendin al in dit appartement wonen. “Mijn vriendin sinds 20 jaar, ikzelf sinds 2008.” Heeft hij onlangs verf gebruikt? “Neen.” Wanneer voelt hij zich het slechtst? “In de winter,” zo antwoordt de oud-ingenieur, die een bril draagt en kort, grijs haar heeft. Of hij de poetsproducten even kan tonen? “Daar heb ik geen idee van.” Terwijl Liebens de woonomstandigheden van de grijsaard onder de loep neemt, meten haar twee vrouwelijke collega’s van de Regionale Cel voor

Interventie bij Binnenhuisvervuiling de (on)zichtbare verontreiniging in het appartement. Deze dienst van Leefmilieu Brussel ging in 2000 van start en heet ook wel ‘groene ambulance’, naar Duits voorbeeld. Voor hun job rijden de vrouwen echter met een witte dienstwagen. Het appartement, dat zich op de vierde en laatste verdieping bevindt en eind jaren 1950 gebouwd is, ruikt een beetje muf. Zowel op de muur van de computerkamer als op het plafond boven de douche tiert de schimmel welig. In de computerkamer zijn er een tiental tegels losgekomen en verwijderd. Volgens de oude man heeft de woonst altijd al met vochtigheid te kampen gehad, vermoedelijk door infiltratie via het dak.

Vochtigheid en schimmels Tijdens het huisbezoek zeulen de drie vrouwen zes zware koffers mee waarin apparatuur zit om onder

meer de temperatuur, vochtigheidsgraad en CO2 te bepalen. Tegelijk stellen ze de schimmels in de lucht en op de hoogste meubels vast. Met

© BART DEWAELE

sultaten, maar ook raad om de vervuiling aan te pakken. Zonder voorschrift van een arts is het bezoek, dat een uur duurt en kosteloos is, trouwens onmogelijk. Ondanks die voorwaarde rukt de dienst jaarlijks meer dan 150 keer uit, zo berekende Sandrine Bladt. Het diensthoofd, dat doctor in de chemie is, legt uit dat er in Brusselse woningen “toch veel

“Schimmels verhogen het risico op gezondheidsklachten. Vaak gaat het om ademhalingsproblemen, zoals chronische hoest, astma en bronchitis” een soort stofzuiger onderzoeken ze de matras op schimmel en huisstofmijt. De analyse van de genomen stalen gebeurt in samenwerking met het Wetenschappelijk Instituut voor Volksgezondheid en Fonds des Affections Respiratoires, oftewel Fares. Na drie maanden krijgen de gepensioneerde en zijn arts de re-

problemen zijn wat betreft vochtigheid en schimmels.” Tegelijk wijst ze erop dat bewoners onvoldoende verluchten. Zonder gevaar is dat trouwens niet. Door de schimmels verhoogt namelijk het risico op gezondheidsklachten. “Vaak gaat het om ademhalingsproblemen, zoals chronische hoest, astma en bronchitis,” ver-

Meestal bezoeken ze patiënten tussen 18 en 65 jaar. “Maar: één aanvraag op zes gaat om een baby. Dat is opletten geblazen.” Daarom controleren ze sinds enkele jaren ook in crèches, en vanaf dit jaar in kleuterscholen. Dat maakt het iets makkelijker om te bepalen waar iemand zijn gezondheidsprobleem vandaan komt. Wie de resultaten trouwens voor juridische doeleinden wil aanwenden, is er aan voor de moeite. Het huisbezoek gebeurt immers niet door gerechtelijke experts. Een vrederechter daarentegen zal wellicht niet ongevoelig zijn voor de resultaten. Maar hoe reageren bewoners op het bezoek? Pakken ze nadien de vervuiling aan en vooral: verdwijnen de klachten? Uit de tweede vragenlijst, die de dienst routinematig een jaar na het huisbezoek opstuurt, blijkt dat de helft van de patiënten de raadgevingen trouw opvolgt. De andere helft volgen de tips ‘niet’ op, of ‘weten het niet’. Van alle patiënten die de vragenlijst beantwoorden, zegt 66 procent een ‘lichte tot duidelijke verbetering’ te ondervinden na het bezoek van de dienst. Nog volgens de statistieken ondervinden ze de meeste problemen in huizen van vòòr 1950. En hoewel ze vaker in privéwoningen langsgaan, constateren ze toch meer gezondheidsklachten bij huurders van sociale woningen. Ten slotte valt het ook op dat bewoners van huizen met kelder makkelijk bij hen aankloppen. De gepensioneerde ingenieur verblijft in een appartement met twee façades waar het weer aan kan. Bezorgd vraagt de man zich af welke soorten schimmels in het appartement ontwikkelen. Eens de resultaten in handen kan zijn arts uitleggen of en hoe de verontreiniging een invloed op zijn longfibrose heeft. Al heeft hij daar niet op willen wachten. Een paar weken terug verhuisde hij naar een ander appartement, waar hij naar eigen zeggen geen hinder ondervindt. Zijn vriendin is gebleven, aangezien zij geen klachten heeft. Na een goed gesprek met de eigenaar besliste deze laatste, na jaren van kleine, ontoereikende reparaties, het dak ten gronde aan te pakken.  Steven Vandenbergh


BDW 1397 PAGINA 15 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Nederlandstalig Jezuïetenonderwijs in hartje Brussel

Sint-Jans-Molenbeek > SP.A klaagt uitblijven jeugdhuis aan

‘Net daar is nood het hoogst’

Tezamen met enkele buurtbewoners heeft de voorzitter van de lokale SP.A-afdeling Saliha Raiss (niet verkozen in de gemeenteraad, red.) een burgerinterpellatie gehouden tijdens de jongste gemeenteraad. Raiss, die eveneens in de Maritiemwijk woont, zegt dat plannen van de vorige meerderheid onder PS-burgemeester Philippe Moureaux om een jeugdhuis te bouwen in de wijk, geschrapt zijn. “Uit elk degelijk sociologisch onderzoek blijkt dat de Maritiemwijk net een van de Molenbeekse wijken is waar er nood is aan een jeugdhuis. De jeugd wordt hier meestal met de vinger gewezen, maar kunnen we het ook eens over de broodnodige structuren hebben die jongeren op het rechte pad kunnen houden?” Volgens Raiss is de relatieve rust in de Maritiemwijk – in 2009 nog geplaagd door rellen – slechts schijn, en broeien er nieuwe conflicten. “Het gaat nog steeds niet goed. Men wil er graag werken, maar men geraakt niet aan werk.”

© SASKIA VANDERSTICHELE

Volgens de SP.A-oppositiefractie schrapt het gemeentebestuur een gepland jeugdhuis in de Maritiemwijk. Voorzitter Saliha Raiss vindt dat een drama. “De Maritiemwijk heeft net nood aan jeugdhuizen.” Schepen Sarah Turine (Ecolo) zegt dan weer dat er een jeugdhuis komt, maar volgens aangepaste plannen.

ADVERTENTIE

Schepen van Jeugd Sarah Turine (Ecolo) meent dat de plannen voor een jeugdhuis niet afgevoerd zijn, maar herzien worden binnen het wijkcontract Leopold II. “Er zijn al drie jeugdhuizen in Sint-Jans-Molenbeek, en een klassiek jeugdhuis zou de Franse Gemeenschap veel geld kosten. Geld dat er niet is. Het lijkt ons daarom ook verstandiger om binnen het wijkcontract een ‘Jongerenafdeling’ (Pôle Jeunesse, red.) op te richten. Die afdeling wordt dan niet alleen gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap.” (wijkcontracten worden gesubsidieerd door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, red.) “Op die manier - via het wijkcontract - zou de jeugdafdeling door alle jongeren binnen de wijk gebruikt kunnen worden,” zegt Turine.   Christophe Degreef

Sint-Jan Berchmanscollege

OPENDEURDAG Zaterdag 19 oktober 2013 • 13.30 uur - 18.00 uur Wil u weten welke mogelijkheden ons college te bieden heeft aan jongens en meisjes vanaf 12 jaar? Breng dan een bezoekje aan ons college en maak o.a. rond 15.00 uur het optreden van ons jeugdkoor mee. Alle inlichtingen betreffende inschrijvingen kunnen op deze opendeurdag verkregen worden. Zie hiervoor ook onze website www.sint-jan-brussel.be Voor meer info: Sint-Jan-Berchmanscollege, Ursulinenstraat 4, 1000 Brussel tel 02/5120370 fax 02/5126475 ADVERTENTIE

© JO VOETS

Brusselbazaar.be

Brussel > Afbraak in het centrum

Het mysterieuze gebouw met wc-potten Het gebouw op de foto – op de hoek van de Jonkerstraat en Leuvenseplein – deed tot twee jaar geleden onder meer dienst als kantoor voor Het Punt vrijwilligerswerk. Daarvoor stond het leeg. Volgens een medewerkster van Het Punt werd er ook voor deze locatie gekozen net omdat het gebouw leegstond. Wat er nog in het gebouw gebeurde, weet ook de medewerkster niet. We weten dat er nog een apotheek en een kapperszaak was op het gelijkvloers. Ook bij Bral, de Brusselse Raad voor Leefmilieu,

weet men ons niet direct te zeggen wat het gebouw ooit was. Onze gok: een federale administratie, gezien de vlaggenmasten aan de gevel. Gelukkig heeft men bij de afbraakwerkzaamheden geen ambtenaren aangetroffen die nog snel even hoogdringend moesten. Voor die situatie zou de uitdrukking in medias res wel erg passend zijn. Moest u toch nog een tip hebben over de aard van het gebouw, mag u het ons altijd CD laten weten.

Voor de Brusselse jeugd! Zoek je een jeugdhuis? Heb je een vraag waarmee je nergens terechtkunt? Of zit je boordevol energie die je kwijt wil? Op Brusselbazaar.be vind je info over Brusselse activiteiten, verenigingen, feestjes, musea en nog zoveel meer. In de vakanties of tijdens het schooljaar: er is altijd wel iets leuks te doen. Ontdek dus snel de laatste nieuwtjes voor kinderen en jongeren in Brussel!


BDW REGIO

BDW 1397 PAGINA 16 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Elsene > MR zet kanttekeningen bij opening naar MIVB

Liberalen zoeken hulp binnen Gewestregering Waar Elsens mobiliteitsschepen Caroline Desir (PS) de deur op een kier zet voor gesprekken met de MIVB over ‘tram 71’, daar slaan de collega-schepenen van de MR die deur weer hard dicht. “En we krijgen hulp uit de Brusselse regering,” klinkt het.

De Brugmannlaan is volgens voorstanders van een oversteek een heuse autosnelweg.

Vorst > Proefproject of nutteloze werken?

Brugmann had (heel even) oversteekplaats Het is (voorlopig) wachten op een veilige oversteekplaats voor de bezoekers van het Park Abbé Froidure. In augustus zag het er nochtans (heel even) ‘goed’ uit: een aannemer was twee weken druk doende om een oversteekplaats aan te leggen. Tot het kabinet van minister van Openbare Werken Brigitte Grouwels (CD&V) de opdracht gaf om de Brugmannlaan ter hoogte van nummer 52 in de toestand van voor de werken te herstellen. De ‘berm’ kwam er op vraag van Leefmilieu Brussel. Dirk Berckmans (N-VA) die door boze buurtbewoners – voorstander van de ‘berm’ – gecontacteerd werd, spreekt van geldverspilling. De berm heeft 30.000 euro gekost. De burgemeester van Vorst stak eind augustus in de krant La Capitale de pluimen op zijn hoed voor het verwijderen van de

berm, maar het was het kabinet-Grouwels dat de opdracht gaf. Woordvoerder Philippe Vanstapel: “Het ging om een opstelling die we op het einde van de zomervakantie geëvalueerd hebben. Er bleken meer nadelen dan voordelen aan verbonden: de berm was gevaarlijk voor voetgangers en automobilisten.” Het kabinet-Grouwels wil wel dat de administratie de voetgangersoversteek nader bestudeert, maar wijst erop dat er al twee oversteekplaatsen in de buurt zijn. Vanstapel: “Er is ook een petitie tegen een oversteekplaats.” En de voorstanders? Die nemen contact op met de N-VA van Molenbeek. Berckmans: “Er is volgens mijn info 50.000 euro verspild en bezoekers van het park kunnen nog altijd niet veilig oversteken.” 

Danny Vileyn

Dominique Dufourny, de burgemeester van Elsene in 2015, heeft zich (opnieuw) fel uitgelaten over de vertramming van buslijn 71, de drukste buslijn van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. De MIVB denkt na of die lijn niet beter kan vervangen worden door een tram. Op zich is het geen nieuws dat Elsene, en meer bepaald, de MR, zich tegen die plannen verzet. Maar opmerkelijk is het wel, temeer omdat de nieuwe schepen van Mobiliteit, de socialiste Caroline Desir, vorige week in deze krant liet uitschijnen dat Elsene wel moet blijven overleggen met de MIVB, en zich niet altijd unilateraal kan blijven verzetten tegen projecten die over het algemeen belang gaan. Volgens Dufourny “dringt de MIVB de gemeente Elsene een tram op. We hebben nog altijd niet vernomen wat er met de mogelijke problemen die die tram met zich zal meebrengen gedaan wordt.” Ook over andere dossiers waarvoor een gewestelijke instantie bevoegd is, zoals de heraanleg van de Generaal Jacques- en Buyllaan, dirigeert Dufourny haar gemeente verder in het defensief. “Tijdens de overlegcommissie die over dat project moest oordelen was de gemeente Elsene in de minderheid, tegenover gewestelijke instan-

ADVERTENTIE

Dufourny gaat echter ook in de aanval. “De vergunningen zijn nog niet toegekend. Bovendien gaan er ook binnen de Brusselse regering stemmen op om die dossiers toch nog eens te herbekijken. Zo is gewestminister van Economie Céline Frémault (CDH) het niet eens met haar collega op Vervoer Brigitte Grouwels (CD&V). Grouwels wilde niet naar ons luisteren. En Staatssecretaris van Stedenbouw Rachid Madrane (PS) moet zijn fiat nog geven voor de heraanleg van de Generaal Jacqueslaan.” De MR dringt ook aan op een evaluatie van de werkzaamheden aan de Elsensesteenweg. Die gewestweg op Elsens grondgebied – waarlangs bus 71 rijdt – werd pas heraangelegd. Dat was eveneens een project van Grouwels waarvoor een compromis moest gezocht worden tussen gemeente en gewest. In dat licht is het begrijpelijk dat Elsens schepen Viviane Teitelbaum (MR) een panische angst heeft om de Elsense financiën onder gewestelijke voogdij geplaatst te zien. Dat scenario hangt Elsene boven het hoofd als er niet bespaard wordt. Teitelbaum: “De hoofdzaak is dat we onze financiële onafhankelijkheid kunnen bewaren.” “Zoniet zou het een schande zijn voor ons,” voegt haar MR-collega van cultuur Yves de Jonghe d’Ardoye, tevens de laatste MR-burgemeester van Elsene, er aan toe. CD 

Sociale Verhuurkantoren (SVK)

TAKEN

MEDEWERKER DISTRIBUTIE (m/v) • • • •

WIJ BIEDEN

Geïnteresseerden sturen voor 14 oktober 2013 een brief met motivatie en cv naar: Brussel Deze Week vzw, algemeen directeur Marijke Vandebuerie, E. Flageyplein 18, 1050 Brussel of via e-mail naar marijke.vandebuerie@bdw.be.

Onder voogdij

ADVERTENTIE

Voor de levering van Brussel Deze Week en Agenda op de distributiepunten zijn wij op zoek naar een

PROFIEL

Brussel Deze Week vzw is uitgever van de weekbladen Brussel Deze Week en Agenda. De krant is dé marktleider voor nieuws over Brussel. Het meertalige (N, F, E) uitmagazine Agenda is dé gids door cultureel Brussel. Beide kennen een ruime verspreiding in en rond Brussel en in een aantal grote Vlaamse steden.

ties die allemaal voor waren. Onze mening werd dus niet gehoord.”

• • • •

Opmaak routeplanning. Snelle en betrouwbare levering van Brussel Deze Week én Agenda. Zorgen voor een goede zichtbaarheid van de publicaties op de distributiepunten. Opvragen en doorgeven van feedback i.v.m. oplage.

• •

U hebt minstens een humanioradiploma. U bent vlot in de omgang, commercieel aangelegd en stressbestendig. U werkt gedreven, zelfstandig en nauwgezet. U bent graag op de baan, heeft een goed oriëntatievermogen en bent minimum 3 jaar in het bezit van een rijbewijs. U vindt makkelijk uw weg in Brussel en woont bij voorkeur in de regio. U bent perfect tweetalig Nederlands/Frans.

• • •

Een boeiende baan in een dynamische ploeg. Een deeltijdse opdracht (28u30) van onbepaalde duur. Een vaste verloning met extralegale voordelen. Brussel Deze Week

Verhuur uw woning zonder risico en zonder zorgen

a Gegarandeerde huur elke maand a

Verzekerd verhuurbeheer

a

Onderhoud van uw woning

a Hulp bij renovatie a Fiscale voordelen

www.fedsvk.be 02 412 72 44


BDW 1397 PAGINA 17 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Ukkel > Candelaershuys en Lotus bereiden entree voor

Kalevoeters en Stallenaren, verenigt u! Wie benieuwd is waar het gemeenschapscentrum Candelaershuys en lokaal dienstencentrum Lotus onderdak zullen krijgen, is welkom op het Huysaperitief op vrijdag 11 oktober in de knik van de Egide Van Ophemstraat. Van 18 tot 20 uur worden de (bouw)plannen ontvouwd.

omgevingsanalyse bevestigde dat dit westelijk deel van Ukkel, het dichtst bij het kanaal, het meest baat zou hebben bij een gemeenschapshuis. Hier kunnen we de zwakke sociale samenhang, een gevolg van de bevolkingsexplosie, versterken. Taalbruggetjes maken we sowieso al door onze inzetstukjes in het Frans in ons maandblad De Hoorn en programma’s waarbij we bijvoorbeeld Franstaligen proberen te lokken naar Guido Belcanto en Nederlandstaligen naar de Franse chansons van Patrick Riguelle. Als we willen overleven, moeten we onze laarzen aandoen en het veld intrekken.”

Intimiteit Met zijn motto ‘licht door Ukkel’ sluit het Candelaershuys zich allang niet meer op. Het GC vind je geregeld in alle uithoeken van de gemeente met publieke debatten, artistieke pistes, laatst nog een Aperitief van het Huys in de gerestaureerde Nekkersgatmolen. Ook in de wijken Kalevoet en Stalle, die door de Egide Van Ophemstraat zijn verbonden, werden al contacten gelegd met de wijkcomités, handelsverenigingen en figuren als plaatselijk burgemeester Johan Joli van de superette. “Met onze nieuwe uitvalsbasis krijgen deze wijken nu ook permanent ondersteuning en nieuwe kansen,” en daar heeft Bart De Smedt van het Candelaershuys die opgroeide in Ukkel een goed gevoel bij: “Onze

Projectontwikkelaar BPI bouwt het kantoorgebouw waarvan de VGC het gelijkvloers aankocht voor het Candelaershuys en Lotus: “Gelukkig is er veel feedback en zal ons sociaalcultureel programma mee de inrichting bepalen, dat is wel anders dan aan de Brugmannlaan waar we onze activiteiten in een woonhuis moesten inpassen. Onze sterke punten zullen we daarbij niet vergeten, zo kunnen we met modulaire ontmoetingsruimten alvast de intimiteit van onze concerten behouden. Het is nog een lange weg, maar we zullen onderweg al pikuurkes geven, in december organiseren we er een bal.” Ontwerpschets van het Candelaershuys (gelijkvloers van het rode gebouw).

© A2RC ARCHITECTS

An Devroe

ADVERTENTIE

rs. urs tou nto on oo wo /w k m/ o om o .co b k.c e o c o a b .f e w c w a .f w w ww

Tijdens een woontour verkennen we alle wijken van Brussel met een woonbril. U verneemt alles over huren en kopen in de hoofdstad. U krijgt er een heleboel praktische informatie over de buurten bovenop: de bereikbaarheid met het openbaar vervoer, de aanwezigheid van scholen en groen, de sfeer … Info en inschrijving via 0800 20 400 of www.woneninbrussel.be.


BDW 1397 PAGINA 18 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

© XDGA ARCHITECTS

© SUM PROJECTS

© XDGA ARCHITECTS

De buiten in de stad

Het regent simulaties in Brussel. De praktijk is vaak veel minder mooi. Linksboven: de plannen voor De Brouckère. Rechtsboven: Rogier. Linksonder: het Schweitzerplein in Sint-Agatha-Berchem. Rechtsonder: zo moet Schuman er binnenkort uitzien. © XDGA ARCHITECTS

© P612ASSOCIATES

Stedenbouw > Eric De Kuyper over verschil tussen bouwplannen en werkelijkheid

Boompje spons, blokje beton BRUSSEL – “Schetsen van architecten zien er vaak anders uit dan de gebouwde werkelijkheid,” stelt regisseur en schrijver Eric De Kuyper. Hij behoort tot het deel van de bevolking dat meent dat er in de Anspachbuurt geen heraanleg nodig is. “Wel kan er voor mijn part een en ander worden afgebroken,” zegt hij.

BDWOPINIE Het was kinderspel. Je plukte een brokje van een oude spons (een echte; geen synthetische!), dompelde het in de groene plakkaatverf en zie, na bevestiging op een piepklein takje, had je een boompje. Even mooi als de boompjes die je zag op de prachtige professionele maquettes van steden en buurten. Dat er zoiets bestond als stedenbouw wist ik niet. Wat duidelijk was: de groene boompjes rijkelijk gestrooid – of geplant – tussen de witte plaasteren blokken, hielden in dat de toekomstig te bouwen buurt er paradijselijk groen zou uitzien. Op de getekende

schetsen van die bouwplannen was er nog meer vreugde. Onder de groene vlekken waterverf dartelden lustig de kinderen. Kinderen ontbraken nooit, zoals overigens ook nooit een bal. En twee geliefden die arm in arm liepen. Dat de gebouwde werkelijkheid er, zovele jaren later, onmiskenbaar anders uitzag, zette mij ertoe aan om dat soort ontwerpen kritischer te bestuderen en te evalueren. Ondertussen had ik op mijn eentje, nu eens systematisch, dan weer toevalligerwijze, heel wat buurten van Brussel geëxploreerd. In een interview vertelt de etnoloog Lévi-Strauss dat hij als klein jongetje zo ongeveer hetzelfde deed, maar dan in zijn geboortestad Parijs, en als adolescent in de Cévennes. Om

“Ik houd mijn hart altijd stevig vast wanneer in Brussel de term ‘heraanleg’ valt. Hoe dikwijls hebben we het Rogierplein zien heraanleggen?” dan later als hij volwassen was geworden, echt veldwerk te verrichten in Brazilië. In dezelfde documentaire zie je de oude geleerde etnoloog paddestoelen plukken in het woud en zijn bewondering uitspreken voor New York. “Geen stad, zegt hij, maar een prachtig landschap.” “De stad op den buiten!” Zo formuleerde de Franse satiricus Alphonse Allais begin twintigste eeuw een ideaalbeeld van zijn tijdsgenoten.

Een goede eeuw later zijn we zo ver. Ik woon in een dorp van een kleine vijfhonderd inwoners, waarvan het bewonersaantal tijdens de voorbije decennia stabiel is gebleven. Wel zijn én de post, én de bakker, én de kruidenier verdwenen. Er rest de kerk. De enige weg die door het dorp loopt, heeft nu een rotonde gekregen. Waar moest die gebouwd worden? Aan de ingang van het dorp? Of aan de uitgang? Het dorp kent

ingang noch uitgang. Wel bevindt er zich ergens tussen twee woningen een landweggetje. Op dat kruispunt kwam de rotonde te liggen. Veel verkeer is hier niet. Buiten de dagelijkse schoolbus en – inderdaad – soms heel wat tractoren. Hun conducteurs vloeken: ze kunnen de bocht niet nemen, en rijden er dus maar recht over de rotonde heen. De hele streek stond bekend voor zijn slingerende wegen, waarlangs aan weerszijden rijen oude bomen stonden. Bijzonder mooi. Het gaf aan het landschap van dit deel van de Niederrhein een bijzondere charme. Ze zijn nu allemaal weggehaald en vervangen door ‘stadsbomen’. Waarom? Ouderdom? Ziekte? Wel viel er tijdens de wintermaanden af en toe eens een tak op een voorbijrijdende auto. De verzekeringsmaatschappijen vonden dat waarschijnlijk niet leuk.

Ik wandel en flaneer erg graag in de straten van Brussel. De buurt rondom het Rouppe- en het Anneessensplein ken ik vrij goed; ik ben in die buurt naar het college geweest. En de laatste jaren kom ik er vrij dikwijls. Tot mijn vreugde is de hele buurt van de Beurs tot aan de Zuidlaan opnieuw gaan leven. Er is een grote diversiteit aan winkels, met enkele zeer aparte zaken. Er zijn een paar goede kleinere restaurants. En de bevolking is er vrij gemengd. Er is natuurlijk stadsverkeer, maar het is dan ook een stadsdeel. Tot mijn afgrijzen zijn er plannen om hier een Anspachpark aan te leggen. Hoezo? Waarom? Wat scheelt er aan de Anspachlaan? Ik lees veel mooie plannen in het tijschrift van Bral – een vereniging van bewonersgroepen, organisaties en Brusselaars met hetzelfde engagement: een leefbare stad, waar iedereen zich kan verplaatsen, kan wonen en vertoeven op een milieuvriendelijke, betaalbare en aangename manier. Als half-Brusselaar sta ik volmondig achter een dergelijk programma, dus heb ik een abonnement. Ik heb overigens ook een abonnement op de Franse tegenhanger van Bral. Maar nu zeg ik beide abonnementen op. De laan autoluw maken is de eerste stap, en het verkeer verschuiven naar de Kleine Ring. Arme Kleine Ring! En er zijn toch middelen om snelheid te beperken? Ik begrijp dat fietsers nu een strijd voor hun bestaansrecht voeren met het autoverkeer. Maar eenmaal de auto’s verdwenen, zullen de voetgangers een strijd moeten voeren voor hun bestaansrecht. Je krijgt dan een soort Amsterdamse toestanden. Eenmaal van de auto’s verlost, volgt een heraanleg. Zestien ontwerpen werden ingediend en door een jury van deskundigen beoordeeld. De projecten worden besproken in het recentste nummer van het tijdschrift, dat voor de gelegenheid tweetalig werd. De projecten hebben allemaal hetzelfde kenmerk: de huidige laan onherkenbaar maken, door er zoveel mogelijk groen neer te potten, groene bomen te planten, waterpartijen te ontwikkelen. Kortom, nog net niet de ‘buiten in de stad’, maar wel een park in een stadsdeel dat daar niet om vraagt.


BDW 1397 PAGINA 19 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Ach, het gaat om onze kindjes, nietwaar? Maar waar spelen kinderen het liefst? Ja, op straat. Er zijn genoeg straten zonder einde in de buurt, waar nauwelijks auto’s komen. Ik houd mijn hart altijd stevig vast wanneer in Brussel de term ‘heraanleg’ valt. Hoe dikwijls hebben we het Rogierplein zien heraanleggen? En ocharme, we kunnen de allerlaatste heraanleg van ons Muntplein nu in volle glorie bewonderen, net als het recentste stukje Brusselse horrorarchitectuur: de Vlaamse Bibliotheek. De arme Muntopera blikt er droevig op neer. Ze tracht nostalgisch haar blik af te wenden van het betonnen onding dat daar midden op het plein werd neergezet. En droomt van een nieuw 1830, met echte barrikaden, in plaats van bunkers… Dan zijn er voor de Anspachbuurt nog een paar varianten van ‘ondersteboven’: in plaats van de metro onder de grond laten rijden, de auto’s er laten razen en een tram boven de grond. En een verbinding van Oost naar West, naar de bovenstad en het Flageyplein. Alsof buslijn 71, die ik geregeld neem om van Oost naar West en West naar Oost te gaan, niet bestond. En dan die tuin-esthetiek! Onze Lenôtre, René Pechère heeft helaas zijn stempel achtergelaten. Herinner u: het tuinlandschap van ons Versailles, het administratief centrum? Dat, zoals vele andere Brusselse lusthoven (de Kunstberg, de Kruidtuin, ...) van zijn hand was! Het heraangelegde De Brouckèreplein vertoont op een van de projectschetsen eenzelfde tristesse, niettegenstaande de vrolijke passanten die er in rondlopen en het vele groen. En een waterpartij! Want natuurlijk blijft de Zenne-nostalgie spoken. ‘De Zenne oproepen’, heet dat. Bij mij komt dan het beeld op van een gezelschap in een duister salon, gezeten aan een ronde tafel, waarbij de medium van dienst fluistert: ’Zenne, ben je daar ? Senne estu là?’! Ik ben niet nostalgisch naar het Zenne-Brussel, maar vind daarentegen wel dat dit stuk authentiek Brussels stadszicht niet hoeft heraangelegd - er staan nu toch ook (stads)bomen op de Anspachlaan! Ach ja, je had die grote picknick aan de Beurs een paar jaren geleden. Tijdens de zomermaanden kan dat voor mijn part elke zondag. Vroeger – en helaas ook nu nog – hield je opnieuw je hart vast wanneer onze politici hand in hand door de Brusselse straten wandelden met bouwpromotoren. Nu picknicken onze politici met de bevolking, en smeden plannen voor een Anspachpark. Ik behoor tot een deel van de bevolking – autoloos en meestal wandelend als ik het openbaar vervoer niet benut – dat meent dat er in de Anspachbuurt geen heraanleg nodig is. Wel kan er voor mijn part een en ander worden afgebroken, zoals de Parking 58 of het oude postkantoorgebouw tussen De Brouckère en de Munt. 

Eric De Kuyper, regisseur en schrijver, winnaar van de vijfjaarlijkse prijs van de Koninklijke Academie voor Taal en Letteren voor het boek ‘Applaus’

BRIEVEN VAN LEZERS  

BDWOPINIE

Werken Simonis

Koud gepakt

lezersbrieven@bdw.be

Sinds 1 mei 2011 zijn er werken op het Simonisplein. Eindelijk beginnen we klaarheid te zien in deze zoveelste miskleun. Eerst en vooral de enorme stoepen aan het begin van de Vrijheids- en de Jetselaan. Blijkbaar heeft men aan de diefjes gedacht. Aangezien in de toekomst op beide lanen meer dan waarschijnlijk opstopping zal ontstaan tijdens de spitsuren, hoeven zij niet veel moeite te doen om te ontsnappen via het park. Als er ooit een brand uitbreekt in de Wapenstilstandstraat, waar onder meer Godiva gelegen is, wordt het voor de brandweer een ramp om er te geraken. De straat is immers eenrichtingverkeer, het staat er vol met vrachtwagens en de brandweer die van het UZ komt, moet eerst naar het begin van de Leopold II-laan rijden om daar aan de samenkomst van de Leopold II-laan en de Leon Fourezstraat te draaien en zo naar de Wapenstilstandstraat te gaan. Anders gaat niet, want de vorige afrit werd afgeschaft en men heeft er verkeerspaaltjes geplaatst. Op het Simonisplein zelf werden aan beide kanten twee op-en afstapperronnetjes geplaatst. Geen slecht idee. Aan de kant om de stad te verlaten is een perron voorzien voor de bussen van De Lijn en eentje voor de bussen van de MIVB. Voor de bussen richting centrum is er een perron voorzien voor zowel de bussen van de MIVB als van De Lijn, en een perron enkel voor Bus 87. Bus 13 (waarvan Simonis ook de terminus is) moet wel doorrijden naar de Leopold II-laan. Resultaat: opstoppingen als de bussen samen aankomen. In de toekomst moet er nu nog een tramlijn getrokken worden van de Heizel naar Simonis. Wordt metrolijn 6 dan afgeschaft? Welke gevolgen gaat dat geven in deze economische zware tijden? Een tweede Flageyramp op het Astridplein en omliggende straten, daar mag men al zeker van zijn. Vergeet niet dat het daar allemaal moeras is… Of weten diegenen die daarover beslissen dat niet? Het wordt volgens de hoogste tijd dat aan de Mobiliteit in Brussel een geboren en getogen Brusselaar wordt geplaatst, die het reilen en zeilen van Brussel kent, en die naar het volk luistert, en niet iemand die in Brussel kwam studeren en zogezegd zijn hart verloren heeft aan Brussel. Hopelijk houden ze hiermee bij de volgende Gewestregering rekening. 

Francis Michiels, Ganshoren

Meer taalhoffelijkheid Het valt op dat we na de vakantieperiode in onze brievenbussen heel wat reclame te slikken krijgen voor een beperkte reeks producten en/of diensten. Vaak op kleine blaadjes van A4- of A5-formaat, ook voor meer lokale firma’s. Ik vond er enkele met een Franstalig verantwoordingsadres. Opvallend is dat hun reclame tweetalig is opgesteld. Soms met enkele taalfoutjes zoals “de rolluik bied u...”. Dat is niet erg. Dat Franstalige firma’s in het Brussels Gewest dat doen, is een verheugend feit: zij ervaren wel dat er hier in onze regio ook een Nederlandstalig koperspubliek woont en werkt. Zeer vele Brusselse adverteerders verspreiden hun tonnen reclame eentalig in het Frans. In het achterhoofd denken zij dat de minderheid Vlamingen alhier toch allemaal Frans kennen. Het Brussels Gewest is officieel tweetalig. Bedienden in winkels, supemarkten en restaurants moeten wettelijk gezien niet tweetalig zijn, maar zouden best toch wat Nederlands kennen. Als je ergens binnenstapt, word je meestal in het Frans aangesproken. Welnu, vele Vlamingen antwoorden op de uitnodigende vraag in het Frans! Dat is een foute houding. Hij of zij zou eerst in het Nederlands moeten antwoorden. En, als hij of zij niet begrepen worden, moet men de vraag in het Engels, Duits, Spaans of Italiaans stellen. Desnoods in een gebroken Frans, om zijn misnoegdheid te laten voelen. Met zulke houding aan Nederlandstalige kant zullen die winkelbedienden meer druk voelen, zodat zij ook wat meer Nederlands moeten kennen. De werkgevers en directies van die handelsbedrijven zullen die druk ook aanvoelen en dan zoeken naar personeel dat de Nederlandse taal kent. Want als op termijn dit soort betere tweetaligheid niet plaatsvindt, dan zullen die bedrijven een deel van hun Nederlandstalig klantenbestand in het Brussels Gewest verliezen. Conclusie: op dit vlak kunnen de Nederlandstaligen van hun Franstalige landgenoten heel wat leren. Herman A.O. Wilms, Vorst SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@ bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.

door Danny Vileyn Brussels OCMW-voorzitter Yvan Mayeur (PS) is een hardvochtige zak die illegale gezinnen met kinderen dringende medische hulp weigert. En de OCMW-raadsleden – van alle kleuren die in de gemeenteraad een zitje hebben – zijn al geen haar beter. Bovendien biedt het OCMW wel dringende medische hulp aan illegale alleenstaanden. Een zware discriminatie. Deze boodschap stuurde een dertigtal verenigingen - gezondheidscentra, parochies, huisartsenverenigingen en de (Franstalige) Liga voor de Rechten van de Mens - de wereld in. Mayeur is wel vaker dan hem lief is de schietschijf van de Ligue des Droits de l’Homme en aanverwante liga’s. Hij is dan ook zwaar verontwaardigd over de zoveelste aanval, en dat is allerminst een stijlfiguur. Zijn verontwaardiging is heel erg begrijpelijk. Beschuldigd worden van het weigeren van hulp aan mensen in nood – want daar komt het op neer – is geen kattenpis. Mayeur zweert met de hand op het hart dat het OCMW van Brussel nog nooit dringende medische hulp geweigerd heeft. En toch is het OCMW al 52 keer veroordeeld. Dat gaat over de betaling achteraf, niet over de verzorging. Het eerste is een steekspel tussen Fedasil en het OCMW. Of een patiënt dringende medische hulp nodig heeft of niet, daar beslist het OCMW niet over. Daar beslist een geneesheer in eer en geweten over. Desnoods op de dienst Spoedgevallen. Met andere woorden: dit is een politiek geïnspireerde aanval op Mayeur. Of het nu gaat over alleenstaanden of gezinnen met kinderen zonder wettig verblijf: de wet zegt dat zij recht hebben op dringende medische hulp. En zo hoort het ook. Op vraag van het Sint-Pietersziekenhuis werd het toepassingsveld uitgebreid met bevallingen. Zo asociaal en zo erg anti-’gezinnen met kinderen’ zal het Brusselse OCMW dus wel niet zijn. Maar misschien kan Mayeur van deze aanval gebruik maken om heel het land (nog eens) uit te leggen wat het OCMW precies doet. In 2011 kwam het Brusselse OCMW 4.069 keer tussenbeide in de kosten voor dringende medische hulp aan mensen zonder wettig verblijf. In heel Wallonië 2.023 keer, in heel Vlaanderen 4.645 keer. En toch sturen Antwerpse, Ieperse en Naamse OCMW’s nog altijd mensen naar Brussel. Met de trein of met de taxi. Laat ze hiermee ophouden, dat is een OCMW onwaardig. Mensen zonder wettig verblijf verkiezen Brussel boven Vlaanderen en Wallonië. Als Vlaanderen en Wallonië vinden dat dit zo moet blijven – in Wallonië en in Vlaanderen werd een asielcentrum gesloten, in Brussel niet – dan moeten Vlaanderen en Wallonië het ook er mee eens zijn dat de federale overheid alle kosten voor dringende medische hulp terugbetaalt aan het OCMW. Mayeur kan alvast een gedetailleerde rekening voorleggen.

WAUTER MANNAERT


BDW 1397 PAGINA 20 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

VADROUILLE

UW FAVORIETE BRUSSELSE TOP 100

DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

BRUSSEL – Het wordt weer volop genieten van 14 tot 31 oktober. Zender FM Brussel graait dan in de oude hoezen en speelt ook hits van jong talent. Alles om het u makkelijk te maken om volop, met kennis van vermaakmuziek, te stemmen voor de BRUTOP100 van 2013. Die kwam al twee jaar na elkaar verrassend uit de hoek. Vorig jaar klom nieuwkomer Stromae met Alors on danse naar de vijfde plaats. En wie haalde op 27 september jongstleden 18.000 fans naar de Grote Markt en de buurt daarrond? Inderdaad: Stromae. Of hoe nieuw talent snel op sleeptouw kan worden genomen, als het blijft prikkelen na een muzikale top honderd. Andere songs kamperen dan weer al jaren op de speeltafel van FM Brussel. Ze lijken nooit in het hoesje te geraken. Het zal dus weer volop kermis zijn met Arno, Raymond van het Groenewoud, Johan Verminnen, Will Tura en Jacques Brel, die altijd bij de eerste tien favoriete platen zitten. Maar hun evergreens zijn dan ook keigoed om de aanstormende jeugd een brok chanson, kleinkunst en soul van eigen bodem in het hart te planten. En vergeet niet: er is ook Irene (Rossi) van De Mens, No Shuffle van Front 242 en Toots, Lange Jojo, Axelle Red – eeuwige top honderden waard. Lady Nadia Scheys die de BRUTOP100 presenteert, en dit najaarsspel ‘superplezant’ vindt, doet alvast een gok: “Uiteraard kunnen we niet rond de gouden ouwe heen, ze vallen niet van hun troon te stoten. Maar als ik vorig jaar De Fanfaar (rockband die in het Brussels dialect zingt, red.) op nummer 21 zag staan of Sarah Carlier op 35, dan merk je dat miskend talent plots heel hoog kan scoren. Ik verwacht dan ook veel stemmen voor het nieuwe materiaal van The Magician en de popgroep Puggy dit jaar.” Stemmen dus, voor het mooiste uit de JMB hoofdstad.

Architectuur > Eerste week van de architectuur wil debat op gang trekken

‘Brussel is toekomst, toekomst, toekomst’ BRUSSEL – Als het op hedendaagse architectuur en urbanistiek aankomt, krijgt Brussel vaak heel wat kritiek. Toch komt er langzaam maar zeker meer aandacht voor de architecturale cultuur, en worden nieuwe initiatieven zoals A.Week in het leven geroepen. Want goede architectuur moet in de eerste plaats over de tongen gaan.

B 

russel heeft geen al te beste reputatie op het vlak van hedendaagse architectuur en stedenbouw. Het ontbreekt de stad aan een duidelijke visie, en de projecten die toch gebouwd worden zijn vaak van een middelmatige kwaliteit. “Toch is er voelbaar verandering op til: een aantal jaar geleden zag ATO (Agentschap voor territoriale ontwikkeling vzw) het levenslicht en werd er een bouwmeester, meer bepaald Olivier Bastin, aangesteld. Met dank aan instanties zoals ATO komen er meer en meer initiatieven, zoals voor de hertekening van de wijk rond het Zuidstation die mijn bureau NFA samen met AUC en Bas Smets zal uitvoeren. Het gaat om een echt masterplan waarbij we de komende vijftien jaar de stedenbouw, architectuur en mobiliteit in de wijk volledig zullen herzien. Dat er nu op initiatief van staatssecretaris voor stedenbouw, Rachid Madrane, een week van de architectuur komt, is opnieuw een stap in de goede richting,” zegt Nicolas Firket die als curator van A.Week nauw samenwerkte met een divers samengesteld team gespecialiseerd in culturele communicatie en coördi-

Stemmen op www.fmbrussel.be vanaf 14/10

natie, met daarin onder meer Stijn Verlinden en Tom Tack.

“Wat er effectief gebouwd wordt, is slechts het topje van de ijsberg”

Juwelendoosje Met A.Week wil het team ervoor zorgen dat architectuur over de tongen gaat, dat er meer debat komt en dat de kloof tussen de architectuurwereld enerzijds en de man in de straat en de overheid anderzijds minder diep wordt. “Die kloof bestaat niet alleen in Brussel natuurlijk, maar hier is ze op dit moment wel dieper dan op andere plaatsen. Dat komt omdat Brussel een relatief nieuwe stad is, maar ook door haar specifieke geschiedenis, waarin de ambitie vaak veel groter was dan de middelen en de schaal van de stad. Er heerste een soort chaotische ambitie: ofwel waren de projecten zoals ten tijde van Leopold II of de Europese Commissie extreem, ofwel gebeurde er niets. Door die constante gemoedswisseling was het moeilijk om een eigen project, een eigen gezicht te vinden,” stelt Firket. “De situatie is intussen al verbeterd, maar bijvoorbeeld in het hele debat rond het nieuwe museum staat de wereld weer op zijn kop. Nor-

maal heb je eerst een inhoudelijk project, en creëer je vervolgens een architecturaal project dat daarop aansluit. In dit debat dreigt de architectuur een soort juwelendoosje te worden. En dat is niet de bedoeling, ook al zou het een mooi alibi zijn om de architecturale ambities van Brussel te verstevigen. Brussel is dus nog steeds een stad die op zoek is naar zichzelf. Al is het tegelijk net dankzij deze complexe situatie dat het stedelijke project hier zo rijk is en nog zo veel uitdagingen biedt. Want alles wat toekomst is, is een kans. En in Brussel is alles toekomst, toekomst, toekomst,” stelt de curator.

Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

© © MARIE-FRANÇOISE PLISSART

Handicap & informatie

© BAS PRINCEN

ADVERTENTIE

✆ 0800-15045

alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

“In Brussel kampen we met een chaotische ambitie: ofwel zijn de projecten extreem, ofwel gebeurt er niets. Al is er voelbaar verandering op til.”

Bewijsstukken Dat A.Week plaatsvindt tussen 13 oktober, de Vlaamse Dag van de Architectuur, en 20 oktober, de Journée de l’Architecture, is allesbehalve toevallig. “A.Week wil bruggen bouwen: tussen gemeenschappen, maar ook tussen instellingen zoals het VAI, Bozar, het Civa en A+. Die leveren al fantastisch werk en verdienen daar alle krediet voor. Daarom focussen wij op een aspect dat vooral in Brussel iets minder aan bod komt, namelijk het terrein en de architecturale praktijk zelf. We hebben in ons programma voorbeelden samengebracht van goede architectuur, of van architectuur die onlosmakelijk verbonden is met de sociale en politieke Brusselse context. Daarom noemen


© FILIP DUJARDIN

Linksboven: “Brussel is een stad die nog op zoek is naar zichzelf, naar een gezicht.” Links: Voor A.Week fungeren projecten als Muntpunt van B-architecten als ‘bewijsstukken’ van goede architectuur in de stad. Onder: Ook de publieke ruimte maakt deel uit van het stedelijk beleid, hier te zien op de SNJ Buitenspeelplaats. Rechtsonder: Low Architecten bouwde dit innovatieve gastenhuis Teddy Picker annex restaurant annex privéwoning op de Vlaamsesteenweg in hartje Brussel. Rechtsboven: In de voormalige Zeepziederij Heymans bouwde MDW Architecture een ‘dorp’ in opdracht van het OCMW.

© TIM VAN DE VELDE

© MUNTPUNT

© FILIP DUJARDIN

© STRABAG

BDW 1397 PAGINA 21 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

we die voorbeelden bewijsstukken. Ze vormen een reality check en geven de juiste richting aan,” vertelt Firket. Concreet bestaan die bewijsstukken uit een vijftiental gerealiseerde projecten en een vijftal werven die hun deuren zullen openen. Zo kan het publiek een kijkje nemen op de werf van Brasserie Belle-Vue en het Rogierplein, of gebouwen zoals Guesthouse Teddy Picker, Muntpunt en de Jaax-appartementen ontdekken. Daarnaast stelt bouwmeester Olivier Bastin zijn kantoor open, en verwelkomen ook een tiental architectenbureaus het publiek. En komt tijdens een resem lezingen de specifieke Brusselse architectuurpraktijk aan bod. Een ander punt van het programma dat de nieuwsgierigheid wekt, is de tentoonstelling met de zogenaamde ‘verloren projecten’ die uiteindelijk nooit gerealiseerd werden. “Aan de hand van een dertigtal voorbeelden willen

we tonen hoeveel energie architectenbureaus in zo’n wedstrijden en projecten investeren, en hoe Brussel er uit had kunnen zien. Met mijn eigen bureau heb ik bijvoorbeeld ook deelgenomen aan het project voor de Heizel of dat van de Wetstraat, dat ik samen met mijn oud kantoor OMA van Rem Koolhaas ingediend heb. Op de expo zullen mensen dus zelf kunnen ervaren dat wat er effectief gebouwd wordt, slechts het topje van de ijsberg is. Met het oog op de verderzetting van het debat hebben we A.Week ook opgevat: we hebben getracht om een visie te ontwikkelen die op lange termijn interessant blijft.”  Elien Haentjens

A.Week, van 13 tot 20 oktober op diverse locaties in Brussel. Het zenuwcentrum bevindt zich in Bozar. www.aweek.be

FESTIVAL IN DE RAND Ook de Brusselse Rand en de daarmee gepaard gaande problemen op vlak van ruimtelijke ordening, mobiliteit en leefmilieu komen op de Vlaamse dag van de Architectuur aan bod. Voor deze eerste editie van Periferia trekt City3, een Brusselse doetank voor interventie in de fysieke leefomgeving, naar de omgeving van de Navo-kantoren, de drukke A201 en het Woluweveld. Want nu al is duidelijk dat dit verstedelijkte landschap met acute problemen kampt en zal kampen. Ontwerpers en onderzoekers zullen er hun licht laten schijnen over thema’s als de mobiliteitsproblematiek, de omgang met de openbare ruimte in de Rand en een nieuwe bestemming voor de oude Navo-gebouwen. Maar het Periferia Festival heeft ook heel wat andere activiteiten in petto, die City3 samen met de buurt organiseert. Zo brengt Velodroom een spannende wielercinemacompetitie, doen de kunstenaars van Wolke interventies en wordt de biodiversiteit met Schiet de Parkiet in evenwicht gebracht. Met hun initiatief pleit EH City3 voor een duurzame ruimtelijke herinrichting, over de gewestgrenzen heen.  Periferia Festival, op 13 oktober tussen 12 en 17 uur in en rond het Woluweveld, www.periferiafestival.be


ADVERTENTIE

Nederlandstalige basisscholen in Brussel Een school kiezen? www.in

schrijve

LOP Brussel BaO 02 553 30 20

Voor al le kindere n gebore n in 20 12 of vroe ger

e aarschool.b n n e m a .s w ww

ninbruss

el.be

Bent u op zoek naar een Nederlandstalige school in Brussel? Hoe een school kiezen voor uw kind? En biedt diversiteit in de klas een meerwaarde? Kom naar het startmoment van Samen naar School in de Buurt voor een antwoord op deze vragen. U krijgt er informatie over het Nederlandstalig onderwijs in Brussel en de meerwaarde van diversiteit in de klas. Het Lokaal Overlegplatform Brussel Basisonderwijs geeft informatie over de aanmeldingsen inschrijvingsprocedure.

Waar en wanneer? Donderdag 17 oktober 2013 om 19.30 u. Gemeenschapscentrum De Markten, Oude Graanmarkt 5, 1000 Brussel Schrijf u in via www.samennaarschool.be. Alle informatie over de aanmeldings- en inschrijvingsprocedure: www.inschrijveninbrussel.be

A70-007-00.vgc.adv.bas+samen.kiezen.bdw.255x178.060813.indd 1

ADVERTENTIE

29/08/13 15:34


BDW 1397 PAGINA 23 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Literatuur > Nieuw cultureel tijdschrift © RAPHAËL VERWILGHEN

Bruselské toulky en andere onbevroede passages BRUSSEL – In Het Goudblommeke in papier werd vorige zaterdag Passage, een nieuw tijdschrift over Europese literatuur en cultuur, voorgesteld. Het eerste nummer, over literaire ontmoetingsplaatsen, bevat meteen een essay over het ‘curiositeitenkabinet van de geest’ dat het Goudblommeke is: “Als dat geen historische sensatie is,” zegt hoofdredacteur Stefan Van den Bossche (HUB).

Praat

Ondertekend, Henry van de Velde achteraf

Gezien: Henry van de Velde. Brieven van architecten, Centrum Vlaamse Architectuurarchieven, Archives & Musée de la Littérature, en de Koninklijke Bibliotheek (KBR). Nog tot 30 november in de KBR, www.henryvandevelde2013. be, www.kbr.be en www.cvaa.be.

In het Jubelpark kan je momenteel gaan bekijken hoe ontzettend veelzijdig de honderdvijftig jaar geleden geboren kunstenaar Henry Van de Velde (1863-1957) wel was. In zijn lange leven bereikte hij de absolute top als schilder, vormgever én architect. Een kleinere, aanvullende tentoonstelling in de Koninklijke Bibliotheek (KBR) legt de klemtoon op Van de Velde als architect. Niet die van de art nouveau, maar de Van de Velde die halverwege de jaren 1920 – na een lang verblijf in Duitsland, Zwitserland en Nederland – terugkeerde naar België. Curatoren Luc Verpoest en Ellen Van Impe putten hoofdzakelijk uit het archief Van de Velde dat in de KBR bewaard wordt, en selecteerden daaruit vooral brieven (in alle talen) van collega’s. Want naast al zijn andere activiteiten had HvdV ook nog de tijd om een uitgebreide correspondentie te onderhouden met het kruim van het nationale en internationale architectengilde. Een brievententoonstelling aantrekkelijk maken voor een groot publiek is niet evident. Er werd gezorgd voor een bezoekersgids waarin verschillende citaten uit de brieven getranscribeerd werden. De verschillende handschriften en handtekeningen in de kijkkasten worden hier en daar verlucht met publicaties en foto’s. Zo bevat de entree van de tentoonstelling zelfs een aantal curieuze visuele en auditieve documenten: je kan er zien en horen hoe de laatste les van HvdV aan de universiteit van Gent in 1936 klonk. Archieffoto’s en tijdschriften tonen onder meer zijn ‘Nouvelle Maison’ in Tervuren, of zijn Belgische paviljoen voor de Wereldtentoonstelling in Parijs in 1937. En dan is er nog een andere historische groepsfoto: die van de bijeenkomst van het Congrès Internationaux d’Architecture Moderne CIAM in 1930 in het Paleis voor Schone Kunsten. Temidden van Le Corbusier, Mies Van der Rohe, Gropius

en tientallen andere architecten staat HvdV centraal. Hij is ook de enige die niet in de lens kijkt. Hij moet een innemende persoonlijkheid geweest zijn die zich altijd wist te omringen met de juiste mensen om zo heel veel dingen gedaan te krijgen. Wie bij hem op bezoek was geweest, stuurde hem altijd bedankjes en groeten. Het eerste gedeelte van de tentoonstelling gaat net over de moeite die de Belgische avant-garde zich getroostte om HvdV terug naar België te krijgen. Hijzelf wilde wel, maar omdat hij sinds 1899 in Duitsland en Zwitserland had verbleven, was hij voor bepaalde mensen niet welkom na de oorlog. De avant-garde architecten daarentegen wilden een progressieve autoriteit als hem aan hun zijde, omdat ze tijdens de wederopbouw al weinig kansen hadden gekregen. Het was uiteindelijk zijn vriend, de socialistische voorman Camille Huysmans, die ervoor zorgde dat HvdV in 1925 professor Architectuur en Kunstgeschiedenis kon worden in Gent, en in 1926 directeur aan La Cambre. HvdV begon op zijn zestigste dus nog aan een nieuwe carrière. Uit de stukken op de tentoonstelling blijkt dat het koningshuis zijn terugkeer steunde, wat op zijn beurt weer leidde tot hevige opiniestukken in de kranten. Vervolgens gaat collega Huib Hoste voor hem op zoek naar een stuk grond om La Nouvelle Maison te bouwen, sturen Gropius en andere collega’s hun brieven aan ‘Lieber Herr Professor’ voortaan naar Tervuren, en wordt HvdV uitvoerig gevierd als hij zeventig wordt. Ten slotte herhaalt de geschiedenis zich wanneer HvdV onder de bezetter in dienst is van het commissariaat-generaal van ‘s lands werderopbouw. Een proces komt er niet, maar HvdV trekt zich terug in Zwitserland, waar grootheden als Frank Lloyd Wright, Richard Neutra en Alvar Aalto, hem nog attenties blijven sturen tot na zijn negentigste verjaardag. Van de Veldes laatste brief dateert van 18 oktober 1957 en is aan Huysmans gericht. Hij schrijft nog dat de ‘Aziatische griep’ zijn hele omgeving treft behalve hemzelf, maar op 25 oktober gaat hij toch het hoekje om. Michaël Bellon

De Brusselse Taverne du Passage, literaire pleisterplek, of passages met internationale allures als Paul van Ostaijen in Berlijn of Maurice Maeterlinck in de Franse letterkunde: de titel van het tijdschrift dekt vele ladingen. Het tijdschrift wil citeren uit de Nederlandstalige en Europese literatuur om eens anders te kijken naar de wereld die zo vaak in eerste instantie via digitale en andere beelden tot ons komt. Oneindig veel culturele thema’s werden en worden door auteurs genuanceerd en bijgestuurd, naast de literatuur zelf, ook het landschap, het immaterieel erfgoed, artistieke dorpen, steden, oorlog, vervolging. In het eerste bewaarnummer komen heel wat ‘bezielde plekken’, zoals Adriaan Roland Holst ze noemde, aan bod, zoals Rose Street in Edinburgh, Auerbachs Keller in Leipzig, het ZuidFranse dorp Cabris en literaire ontmoetingen op een louter tekstueel niveau bij Paul Celan.

Het coverbeeld met de Taverne du Passage van Marcel Stobbaerts illustreerde ooit Bruselské toulky. Bruxelles, la perle du Brabant (vertaald als Brusselse zwerftochten) dat de Tsjech Miloš Sliva in 1933 er ter plekke schreef. Het is een van de onvermoede passages naast de bekendere van bannelingen en expats in deze taverne in de bijdrage van Manu van der Aa. In het essay over het Goudblommeke wijst Eric Min erop dat elke avant-gardestroming gedijt op schaarse, goed gekozen plekken in de stad. Bij zijn inspanningen om kroegbaas en ‘onvermoeibare trekker’ Geert van Bruaene te vatten, trof Min dit jaar in een antiquariaat een uitgave aan met de opdracht van Van Bruaene aan een jonge Simon Vinkenoog. De zwart-witfoto’s van het schemerige Goudblommeke van Thomas Min zijn gedrukt in alle grijswaarden en daarvoor is een respectvolle uitgeverij nodig. Uitgever Huug van Gompel van Garant verheugt zich op zijn beurt over de redactieploeg: “In tijden van opdringerig gsm-gesjirp nog naarstig documenten uitspitten: Passage is een plaats van geduldige zorgvuldigheid.” An Devroe Abonnementen: Garant Uitgevers, Somersstraat 13-15, 2018 Antwerpen, 03-231.29.00, uitgeverij@garant.be, 36 euro voor 4 nummers per jaargang (studenten 28 euro)

ADVERTENTIE

woensdag

16.10

17:00– 21:00

Bloed Serieus Bloed geven doet leven! 21:00 Concert No Age (us) + Beach Gratis voor wie bloed geeft (in samenwerking met Buzz On Your Lips)

in samenwerking met Rode Kruis Vlaanderen en Bloedserieus

beursschouwburg .be


BDW 1397 PAGINA 24 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Fotografie > Max Pinckers gefascineerd door het echte en filmische India

Andere lichtbak voor India ELSENE/BRUSSEL - Met zijn relationele fotografie, die rechtstreeks ingrijpt in de omgeving, is Brusselaar Max Pinckers tweemaal present tijdens Europalia India. Nog tot 27 oktober met zijn solo-expositie The Fourth Wall in Flagey. Vanaf volgende week ook met een aparte kijkbox in de tentoonstelling Indomania van Bozar. Voor wie weggelopen tortelduifjes en dromers van filmidealen uit India wil zien.

N 

a een jongerenleven in Zuidoost-Azië en Australië studeerde Max Pinckers (°1988) fotografie in ons land. Vandaag woont hij op het Bloemenhofplein. Met zijn ‘documentaire’ Lotus over transseksuelen in Thailand (www.maxpinckers.be) zette hij de toon voor een eigen beeldaanpak van een stuk leefwereld. The Fourth Wall, een fotografie-installatie en kunstboek, was het eindwerk voor zijn master in 2012. Eerder dit jaar werd The Fourth Wall geselecteerd voor The Young Belgian Photography, te zien in het Fotomuseum van Antwerpen. Nu staan de bakken die dit werk oplichten in Flagey. Ze vormen er de perfecte spiegel voor het alledaagse Indische droomleven, met een knipoog naar de Indische filmindustrie. Waarom Pinckers naar India trok voor inspiratie? Pinckers: “Mijn ouders vertelden me dat ik verwekt was in India. En enkele jaren terug werkte ik als ‘extra’ op de sets van een Indische tv-show. Daar pikte ik de fascinatie op voor het medium. Film is in India bijna een religie, zo sterk. Ik wou met The Fourth Wall tonen dat de big film industry een

sterke invloed heeft op het doen en laten van miljoenen Indiërs. Dat gaat van mode en haarstijl, die wordt overgenomen van filmsterren, tot filmsongs die worden gehyped. Ik zocht locaties op in de stad, en trok er met alle licht- en cameraapparatuur naartoe. Daar creëerde ik een scène, bijvoorbeeld bij een publiciteitspaneel, en vroeg passanten of ze hun eigen ‘filmrol’ wilden uitbeelden. In Delhi, waar veel moslims leven, bleek het moeilijk om medewerking te krijgen. In Bombay lukte dat meteen, omdat mensen er compleet vertrouwd zijn met film, entertainment en media. Dat passanten snel toezegden, en direct een typetje voor zichzelf voor ogen hadden, maakte duidelijk dat bepaalde films hen sterk hadden beïnvloed. Zo creëerden we op straat een eigen filmsituatie. Verder gebruikte ik vaak links naar nieuws uit kranten en magazines.”

Links: In The Fourth Wall vervaagt de grens tussen realiteit en filmwereld. Rechts: Pinckers zet weggelopen tortelduifjes in scène die opgevangen worden door de Love Commandos.

ken. Op het eerste gezicht lijkt The Fourth Wall – en ook zijn werk in Indomania – een documentair verhaal te brengen, waarin hij constant ingrijpt. De objectiviteit tegenover het klassieke medium fotografie wordt een hak gezet, door de vele veranderingen die de fotograaf in eenzelfde kadrering zet. Het spel van fictie en realiteit, en vooral de leef- en droomwereld die erachter schuilt,

Officiële huwelijksstaat Pinckers vergrijpt zich dus aan ‘relationele kunst’, of een vorm van artistiek ingrijpen in de omgeving. Daarbij wordt enige interactie belangrijk om het totaalplaatje te ma-

gaat door het medium fotografie een eigen leven leiden. Pinckers zoekt in zijn themaprojecten altijd naar een dualiteit, die flirt op de grens tussen realiteit en fictie. Ook voor zijn bijdrage aan Indomania is dat het geval. Daarvoor ging Pinckers op stap met de non-profit organisatie The Love Commandos (met hoofdzetel in New-Delhi), die jongeren helpt vluchten als hun

liefdesrelatie thuis of door hun gemeenschap niet aanvaard wordt. De vrijwilligersvereniging die op mecenaat draait telt 600.000 leden, en heeft overal in het land antennes. Duizenden vrijwilligers staan 24 uur op 24 paraat om ‘tortelduifjes’ te helpen. “Ik beschouw hun werk als iets wat in de marge ligt van de liefdesthema’s van de Bollywoodfilms,” zegt Pinckers, “al gaat het

ADVERTENTIE

WIM VANDEKEYBUS ULTIMA VEZ & KVS

TOM LANOYE KVS & BEHOUD DE BEGEERTE

BOOTY LOOTING

SPRAKELOOS OP DISISIT DE PLANKEN LA LANGUE DE MA MÈRE SUR SCÈNE

OKT 23 > 31

Bibliotheekweek > Kom binnen en zet u. Thuis in de bib

BENJAMIN VERDONCK KVS & TONEELHUIS

Bib als tweede thuis

NOV 13 > 16

BRUSSEL – Tijdens de bibliotheekweek van 12 tot 20 oktober kunt u gewoon thuis genieten van de Nederlandstalige gemeentebib om de hoek. Want huiselijker kan het bijna niet met soep die staat te pruttelen in Anderlecht, een stripverhalenspeurtocht in Elsene, een scrabblecafé in Ukkel en languit naar familiefilms kijken (‘Hugo’ in Jette, ‘Een weekje weg’ in Ukkel).

HET BRUSSELSE STADSTHEATER WWW.KVS.BE – 02 210 11 00

© KOEN BROOS

© PHILE DEPREZ

© DANNY WILLEMS

NOV 02 & 03

Handen en baby’s worden in Jette verwend met een massage. Achterstallige klusjes wegwerken kan ook, want uw verstelwerk mag mee naar Anderlecht en Jette, en uw kapotte fiets naar Jette. Gasten ontvangen is een erezaak voor bibs: jeugdauteur Aagje Vernelen komt in Oudergem vertellen hoe ideetjes in haar boeken terechtkomen, Jolien Janzing heeft het in Molenbeek over de liefde van Charlotte Brontë in Brussel en Geert Vanden-

bon in Watermaal-Bosvoorde over honderd jaar Ronde van Vlaanderen. In Schaarbeek staat een multiculturele babbeltafel en overal ligt er ook wat lekkers op. High tea in Molenbeek, brunch in Oudergem, exotisch in het Etterbeeks reiscafé, ontbijt in Sint-Agatha-Berchem en ook in Elsene waar Tom Lanoye mee aanschuift. De bibs van Sint-Gillis en Vorst gaan buurten bij elkaar en onderweg nemen kinderen stadsgeluiden op en kunnen volwasse-


BDW 1397 PAGINA 25 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

om  een  maatschappelijk  probleem.  Binnen  de  nog  bestaande  cultuur  van  verstandshuwelijken  blijft  het  vaak  verboden  verliefd  te  worden  op  iemand  van  een  andere  sociale  status,  een  andere  kaste  of  religie.  Deze  koppels  vluchten,  dromend  van  het  ideaal  dat  ze  soms  ook  uit  fi lms  meedragen.  Vaak  worden  ze  door  familieleden  of  hun  lokale  gemeenschap  achtervolgd,  gemarteld 

nen  naar  stadslegenden  luisteren.

Eerste Leesfeest   untpunt  zorgt  voor  een  globaal  M thuisgevoel.  Bladeren  in  een  boek  met op de achtergrond of wat dichterbij  fl arden  soefi muziek  en  fl amenco  tijdens  de  showcase  van  Stalin  &  Gernas  en  Globe  Aroma,  waarom  niet?  De  dj’s  van  Mensch,  erger  je  niet!  linken  boeken  aan  beats. Dat boeken en koffi e samen-

The Fourth Wall, solo exhibition, nog tot 27/10 in Flagey, Studio 3, Heilig-Kruisplein, Elsene. www.maxpinckers.be Picnkers exposeert ook op Indomania, van 16/10 tot 26/1 in PSK, Ravensteinstraat 23, Brussel, www.europalia.eu

gaan, dat wisten bibliotheken al. De  Brusselse  koffi ebar  Corica  -  Comptoir  Oriental  des  Cafés  laat  u  proeven  van  arabica’s  van  over  heel  de  wereld.  Afsluiter  van  de  bibweek  is  het  eerste  Leesfeest  van  Muntpunt  op  19  oktober.  Aanschuiven  aan  de  dialoogtafels  van  het  Regionaal  integratiecentrum  Foyer  of  leeservaringen  uitwisselen  tijdens  korte,  intieme  contacten.  Kinderen  kunnen de staf van de vertelfee beroeren  als  ze  een  verhaaltje  willen  horen,  Stephan  Dierickx  en  Judith  Vanistendael  brengen   De kronieken van Qrom  en  illustrator  Tom  Schamp  voorziet een pop-up atelier. Boeken  in  levende  lijve  zijn  Marc  Didden  met  Brusselse verhalen. Een gehucht in het moeras,  Tom  Lanoye  met  G   elukkige slaven  en  Celia  Ledoux  met   Goddelijke kleintjes, menselijke moeders. Uitgeleide gebeurt door de  Brusselse  brassband  L’amical  de  la  Nouvelle Orléans. An Devroe Programma en reservaties: www.bruno.be

te  hopen  dat  de  natuur  er  wat  van  terecht  brengt,  hebben  deze  kraakbeenvissen  een echt seksueel contact. Elke mamahondshaai legt daarna keurig  een  twintigtal  eieren.  Die  zijn  beschermd  in  een  leerachtig  omhulsel  met  lange  tentakels,  die  vast  blijven  hangen  in  zeewier  en  op  rotsen.  De  jonge  haaitjes  ontwikkelen  zich  daar  in  relatieve  veiligheid  gedurende  een  maand  of  negen en komen in onze streken  uit tijdens de winter. Op het strand  komen  dan  de  lege  eikapsels  aangespoeld.  De  pas  uitgekomen  hondshaaitjes  zijn al heel actief en hebben een veel hogere overlevingskans dan andere vislarven. De vis wordt hier in België uitsluitend ‘gevild’ aangeboden, zonder vel dus. Villen is specialistenwerk.  Het  vel  van  de  vis  zit  bijzonder  stug  aan  het  vlees  vast, en wordt volgens een heel eigen procedure verwijderd  samen  met  ingewanden  en  buiklappen.  Zo  houdt men een cilindrisch stuk vlees over dat inderdaad wat op paling lijkt.  Vanuit Duitsland is de traditie van de ‘locken’ naar  BRUSSEL EN DE WERELD ons  overgewaaid.  De  buiklapjes  van  de  haaien,  die  CULINAIR ONTDEKT er bij het schoonmaken af gingen, worden warm gerookt. Tijdens het rookproces krullen de lapjes visvlees mooi op als haarlokken of pijpenkrullen. Een  aperitiefhapje. Vroeger ging ook de huid niet verloren. Haaien hebben geen schubben, maar tandjes op hun vel. Het vel  werd  vroeger  verkocht  aan  meubelmakers,  die  het  gebruikten voor schuurpapier: segrijn, heette dat. In  het Frans spreekt men van een  peau de chagrin, een  uitdrukking die we nu alleen nog fi guurlijk kennen. Hondshaai is uitgeroepen tot vis van de maand okVroeger lag er bij de vishandelaar ‘zeepaling’ in tober. U kunt het nu vaker vinden of toch minstens  de vitrine. Mensen wisten het niet, maar dat was bestellen.  Net  zoals  rog,  moet  schoongemaakte  haai, hondshaai. Een heel lekker wit visje. hondshaai fris roze van kleur zijn. Haaien en roggen  bederven sneller dan andere vis, verbleken en gaan  Die zeepaling was volksvoedsel. Niet duur, wit van  dan naar ammoniak geuren. Zorg ervoor dat u altijd  vlees, fi jn van smaak en zonder graten. Daarenbo- heel verse haai koopt in een winkel met veel omzet. ven bevat de vis zo goed als geen vet. Vis zoals men  Over  duurzaamheid  hoeft  u  zich  geen  zorgen  te  ze vandaag graag heeft. Men kon ze kopen zonder  maken. Men zegt wel dat haaien met uitsterven bevel,  als  warm  gerookte  stukken  of  opgelegd  in  ‘t  zuur. Maar plots verdween de zeepaling uit de handel. Het was 1993 en een Koninklijk Besluit regelde  van  dan  af  de  namen  waaronder  vis  mocht  worden  verkocht.  Hondshaai  ‘zeepaling’  noemen  was  fraude. Zeepaling is eigenlijk een andere soort vis.  Controleurs traden repressief op. Op een dag ging  het  zelfs  zo  ver  dat  een  vishandelaar  een  procesverbaal kreeg omdat hij maatjes verkocht. Volgens  het KB had daar ‘haring’ moeten staan! Ondertussen  zijn  de  ambtenaren  wat  bijgedraaid,  maar  de  naam  zeepaling  is  nooit  meer  teruggekeerd.  “Zeepaling,  dat  was  erg  lekker,  maar  dat  vind je niet meer,” zei een klant mij in de viswinkel  waar we stonden aan te schuiven. In werkelijkheid  stond hij er met zijn neus bovenop te kijken, alleen  stond  er  nu  hondshaai  op  het  plaatje.  Maar  wie  dreigd zijn, maar welke haaien? Er bestaan meer dan  koopt er nu hondshaai? In  andere  talen  bestaat  iets  gelijkaardigs.  In  het  driehonderd soorten haaien die sterk verschillen in  Engels wordt  dogfish vaak verkocht als  rock salmon,  verspreiding,  levenswijze  en  voorplantingswijze.  al heeft de haai evenmin iets met zalm te maken.  De  hondshaaien  staan  bij  het  Ices  (de  Rode  Lijst)  In Frankrijk en Wallonië heet hij  roussette, maar op  in  de  kolom  van  l  east concern,  wat  betekent  dat  er  de spijskaart staat vaak  saumonette. Nog een valse  geen  enkele  bedreiging  van  de  soort  bekend  is.  De  zalm. In Italië wordt deze haai een (hout)duif:  pa- toestand van deze dieren is dus zelfs beter dan van  lombo. makreel of haring. De kleine hondshaai ( Scyliorhinus canicula L.) leeft  Thuisgekomen moet u alleen nog de haai in beetklavan Noorwegen en IJsland tot voorbij het zuiden van  re  stukken  snijden.  Er  zit  een  stompe  ruggengraat  Senegal en staat overal bekend als lekkere vis. In de  in,  maar  daar  kunnen  kinderen  mee  overweg.  Bak  Middellandse Zee komt hij ook voor. Er bestaat ook  ze in de pan of gaar ze in een groene saus, of in een  een grote hondshaai ( Scyliorhinus stellaris L.), maar  roomsaus met een julienne van groenten. Het is een  die  moet  volgens  dezelfde  wet  als  kathaai  worden  lichte, heerlijke dis. Toen ik klein was, werd hondsverkocht. In werkelijkheid is er geen controleur die  haai vaak gefrituurd opgediend met een tartaresaus.  het verschil tussen de twee kan maken, zo sterk lij- In het zuiden van Engeland verdwijnt  dogfish /  rock salmon dan ook in de  fish & chips. Probeer maar, het  ken ze op elkaar.  De hondshaai is een diertje dat op de rotsige zeebo- is een erg lekker visje. Smakelijk. dem  leeft  en  daar  inktvissen  en  krabbetjes  vangt.  Het  is  vooral  ’s  nachts  actief  en  leeft  in  scholen.  nick.trachet@bdw.be Haaien  hebben  een  zuinige  voortplantingsmethode. In plaats van, zoals de haring of de kabeljauw,  De hele reeks nalezen? sperma  en  eieren  in  het  wilde  weg  te  schieten  en  www.brusselnieuws.be/trachet

Nick Trachet

© NICK TRACHET

© MAX PINCKERS

of gedood uit eerroof. De vereniging  heeft een noodlijn, biedt de gevluchte koppels (voorlopig) onderdak, en  zorgt  voor  de  trouwformaliteiten,  vaak al dezelfde dag. Ze verwittigen  de  familie  over  de  offi ciële  huwelijksstaat, en proberen te onderhandelen over een terugkeer. In andere  gevallen  regelen  ze  onderkomen  of  werk  voor  het  gevluchte  koppel,  zodat  ze  een  nieuw  leven  kunnen  starten.”  “Ik  maakte  beelden  van  de  Love  Commandos  in  Delhi  en  van  koppels die in die situatie verzand waren.  Om  verder  te  gaan  dan  deze  sociale  documentaire,  en  omdat  iedereen  deel  uitmaakt  van  dit  systeem,  gebruikte  ik  ook  metaforen. Zo zit er in de reeks ook een  foto  van  een  blind  koppel  en  stel  ik  de  kijker  vragen  over  de  liefdescultuur  in  India.  Zo  vroeg  ik  een  parfummaker  om  de  geur  van  de  liefde  te  maken,  wat  hij  voor  ons  ook  deed.  Ook  deden  we  scènes  na  over bestaande verhalen die we van  de Love Commandos hoorden, of uit  krantenartikels van ouders die hun  kinderen  onterven  omdat  ze  zonder  hun  goedkeuring  trouwden.  Zo  wordt  de  realiteit  ook  een  stuk  fi ctie en fi lm, en iets heel herkenbaars  voor  wie  ernaar  kijkt.  Ik  wil  de  situatie  op  sociaal  vlak  niet  bekritiseren, en ga me niet uiten over het  feit of een verstandshuwelijk slecht  is. Maar in een foto iets insinueren,  dus niet tonen, kan een sterke vorm  van protest zijn.” Pinckers brengt de  toeschouwer  dus  in  vertwijfeling,  dat  biedt  stof  tot  nadenken  over  de  wereld. Jean-Marie Binst

Hondshaai

“Villen is specialistenwerk. Het vel van de vis zit bijzonder stug aan het vlees vast, en wordt volgens een geheel eigen procedure verwijderd samen met ingewanden”


BDW 1397 PAGINA 26 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Schrijver Laurent Berger, hier bij zijn boekenkast: “Als Paul Auster zegt dat New York de States niet zijn, dan is Brussel België niet.”

© MARC GYSENS

Laurent Berger: leraar, schrijver, filosoof

‘Ik ben een bevoorrecht persoon’ ELSENE – “Ik hou van mijn beroep, voel me een bevoorrecht persoon. Inspecteurs, administratief werk, ik neem het er allemaal graag bij. Vanaf het moment dat de deur van het klaslokaal dichtgaat, kan ik me uitleven. Binnen een inhoud die ik zelf kies. Mijn liefde voor het mooi geschreven woord uitdragen, mijn liefde voor kunst. Passie doorgeven.” Laurent Berger is leraar Frans, schrijver en filosoof.

V 

ader – een Nederlander, al doet de naam het niet vermoeden – was acteur en regisseur. Moeder is actrice, heeft lang toneelles gegeven in academies en middelbare scholen. Zoonlief Laurent heeft van beiden wat meegepikt en is vervolgens zijn eigen weg gegaan. De weg naar het klaslokaal, al waren de schoolbanken aanvankelijk voor hem niet iets waar hij van hield. “In de lagere school heb ik veel problemen gekend, pas in de middelbare school is het verbeterd. Door één persoon eigenlijk, mijn leraar Frans. Een schitterende leerkracht wiens

enthousiasme en gedrevenheid aanstekelijk werkten. Een man die de zoekende jongeling die ik was, veel heeft laten begrijpen. De schoonheid van de taal, vooral. Literatuur, poëzie in de eerste plaats. Te beginnen met de grote klassieke poëten van het einde van de negentiende eeuw. Verlaine, Rimbaud, Apollinaire... Fascinerend vond en vind ik nog steeds hoe elke grote dichter, elke grote woordkunstenaar, zijn uitgesproken stijl heeft. Net als een schilder dat heeft. Een Picasso herken je als een Picasso, een Modigliani als een Modigliani. Onmiskenbaar. Van bij de eerste blik.

Lees Louis-Ferdindand Céline, lees Camus, lees Beckett en je weet na enkele passages wie het geschreven heeft. Nog meer dan wat ze vertellen, is het de manier waarop ze het doen die me boeit. Ook de surrealisten zoals André Breton, hebben me later aangesproken. Dat, gecombineerd met filosofisch denken, is mijn lange leven.”

Geschreven woord Het heeft van Laurent Berger op zijn beurt een schrijver gemaakt, een dichter. Het lesgeven is met de jaren een passie geworden. “Nog tijdens mijn studies heb ik een literair blad uitgegeven. Waarin ik een ander beeld wilde uitdragen dan dat van de stereotypen van de poëzie. Maar al snel begreep ik dat ik van het schrijven alleen niet kon leven. Na mijn studies Romaanse Filologie aan de ULB ben ik dan ook les beginnen te geven. Beetje bij beetje is het een queeste geworden.

Jonge, ongevormde geesten helpen mens te worden, te leren denken. Het is een voorrecht. En in mijn vrije tijd, als ik niet bezig ben met mijn gezin, schrijf ik nog steeds.” “De Franse taal onderwijzen heeft me tegelijkertijd de kans geschonken mijn passie door te geven. Mijn passie voor de schoonheid van het geschreven woord. Een beetje tegengas geven, in tijden dat het onderwijs doorgedreven geformatteerd is, het zich bijna uitsluitend richt op het ontwikkelen van competenties, op het meedraaien in onze kapitalistische maatschappij. Gelukkig prijs ik me, dat ik binnen dat systeem een beetje het subversieve element kan spelen. Dat ik kan helpen om intelligentie te ontwikkelen, een kritische kijk op het leven en de maatschappij. Alles begint met een goed onderwijs, het is goed om weten dat wat ik doe op lange termijn iets kan opbrengen. Wat ik doe, of tenminste hoop te doen, is de zaadjes strooien.”


BDW 1397 PAGINA 27 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

De eenzame leraar Tien jaar lang heeft Laurent Berger gewerkt in een positieve discriminatie school. Het Koninklijk Atheneum Brussel II. Waar er van een mix weinig of geen sprake is. Waar de leerlingen voor bijna de volle honderd procent van Maghrebijnse afkomst zijn. “Ik heb van die periode geen spijt, allerminst. Maar als er geen steun komt van de top van de piramide, is het vechten tegen de bierkaai. Ik heb daar heel erg de eenzaamheid van de leraar gevoeld, de leraar die helemaal alleen aan een klas is overgeleverd. Een klas waar iedere leerling, al van bij het binnenkomen, zijn ‘rugzakje’ heeft. Problemen waarover niet gepraat wordt, waarover men niet durft te praten.” “Het was interessant, intens. Na tien jaar was het voor mij de hoogste tijd om weg te gaan, wilde ik niet verbitterd geraken, cynisch. Maar één illusie ben ik onderweg wel kwijt geraakt: onderwijs dat voor iedereen naar een stap hogerop de sociale ladder leidt. Het bestaat niet meer, door het getto-aspect. En dat brengt spanningen met zich mee. Frustraties, geweld. Hoewel het een frustratie is die zich uit op een manier die ik niet goedkeur, kan ik er tegelijkertijd begrip voor opbrengen. Nu werk ik sinds acht jaar in het Athenée Royal Uccle II, dat echt meer gemengd is. Zowel wat betreft etniciteit als sociale afkomst. Van de ‘gettoschool’ naar een school, waar de leerlingen betere sociale vooruitzichten hebben.”

Paradox Het zijn dingen die spelen in Brussel. Bergers Brussel. “Brussel is aan de ene kant kosmopolitisch, zoals men het graag zegt, maar tegelijkertijd zijn er wel getto’s. Zowel wat betreft etniciteit als wat betreft sociale afkomst. En dat werkt langs twee kanten: de kansarme zijde en de gegoede zijde. Het multiculturele is een concept dat me steeds een lach met kiespijn bezorgt. Een façade, een illusie die maar wat graag wordt uitgedragen door links, maar die wordt tegensproken door een realiteit die voelbaar en zichtbaar is. Een probleem ook dat maar wat graag wordt doodgezwegen, is de overbevolking in de scholen. De realiteit is dat er zeker tien middelbare scholen te weinig zijn, zeker veertig kleuterscholen.” “Ik heb ook steeds graag in buurten gewoond waar het een beetje door elkaar loopt. Waar

3 VRAGEN AAN REIN CALLEWAERT

het niet eenvormig is. Twintig jaar in SintGillis, nu woon ik in Elsene. De verhuis is onder meer in de hand gewerkt door de stijging van de huurprijzen in Sint-Gillis, dat meer en meer ten prooi begint te vallen aan gentrificatie. De tijd dat de dienst hier op het SintGillisvoorplein werd uitgemaakt door Brasserie Verschueren en den Union – waar nogal wat linkse denkers over de vloer kwamen – is voorbij. Het begint aan de Parvis steeds meer afgelikt te worden. Weliswaar met een zekere authenticiteit, een zekere sociale mix, maar als je beurs niet deftig gevuld is, dan blijf je er beter weg.” En dan is er nog het paradoxale van Brussel dat Laurent Gerber zo aanspreekt. “Hoewel Brussel ongelooflijk aanlokkelijk kan zijn, wekt het tegelijkertijd ergernis op. Steeds speelt dat ambigue gevoel, steeds is er wel spanning. Spanning tussen mooi en lelijk, onder meer. Brussel is rotzooi, troep, chaotisch. Maar tegelijkertijd schoonheid. Soms kan ik

© BART DEWAELE

“Er wordt ook gezegd dat er niet meer gelezen wordt, dat de schoonheid van het geschreven woord de jongeren niet meer aanspreekt. Maar dat is niet mijn ervaring. Ik vind het een pervers discours, een verkeerd discours. Sprekend voor deze tijd, waarin cultuur, het denken over en creëren rond de essentie van de dingen in het verdomhoekje zit. Onder het voorwendsel van anti-elitair te zijn. Zelfs links heeft in deze boter op het hoofd: socialisme is neoliberaal geworden.”

Rein Callewaert (links, wit T-shirt): “Als je naast een Roma zit, ervaar je zijn verhaal plots anders.”

“Eén illusie ben ik onderweg wel kwijt geraakt: onderwijs dat voor iedereen naar een stap hogerop de sociale ladder leidt, bestaat niet meer”

Praattafels naast de metro en trein BRUSSEL – Met tien personen rond de tafel bij verenigingen, instellingen en in de stad. Het lijkt wat op het bruine-kroegleven van toen, maar dan zonder drank. Na zes edities van Brussel in Dialoog organiseert het Regionaal Integratiecentrum Foyer een hele week lang dialoogtafels, van 14 tot 20 oktober. Om te ‘leren’ praten met vreemden, gedurende twee uur. “Je kan inschrijven via www.foyer.be en in de metro kan het zelfs zonder reservatie,” zegt Rein Callewaert van Foyer.

daar écht van genieten, soms hangt het stevig mijn voeten uit. Het helpt me te leven, het helpt me bij het schrijven.” “Als Paul Auster zegt dat New York de States niet zijn, dan is Brussel België niet. Voor Auster zou New York een onafhankelijke staat moeten zijn; zo ook is Brussel uniek binnen ons kleine landje, een beetje als een eiland. Een bespottelijk iets misschien, maar het maakt dat hoogmoed deze plek vreemd is. Bescheidenheid siert. Brussel is bovendien het levende bewijs dat separatistisch denken absoluut absurd is. Zowel langs Waalse als langs Vlaamse kant. Niemand die weet wat in dat geval met Brussel aangevangen. Eén jongere op drie in Brussel is van Maghrebijnse afkomst. Ga je Rachid of Mohammed vragen of hij zich Waal of Vlaming voelt?!”   Karel Van der Auwera

De Dag van de Dialoog wordt nu een Week. Waarom? Rein Callewaert: “Uit evaluatiekritiek bleek al jaren dat je op zaterdagnamiddag enkel Brusselaars kunt bereiken. We hebben nu veel meer partners, naast de zelforganisaties, gemeenschapscentra en KBC. Er zullen gesprekstafels staan in Muntpunt, de Senaat, de Europese Commissie en het Centraal Station (metro- en treinlokettenhal). Toen we de baas van de MIVB om medewerking vroegen, kregen we te horen dat dit volledig past in het diversiteit- en dialoogbeleid van de MIVB.” Wie wil je mee aan tafel in de metrohal?

Callewaert: “Gedurende twee dagen plaatsen we twee tafels waaraan mensen lukraak kunnen zitten om te converseren. Het gesprek duurt vijf minuutjes. Elders duurt het twee uur, in Muntpunt is het één uur. De taal van de meerderheid zal telkens de voertaal worden, misschien dus plots Italiaans. Elke tafelbegeleider breekt het ijs door vragen in de groep te gooien zoals ‘Wat roept het jaarthema ‘Onderweg’ op?’ of ‘Waar droom je van?’” Wat steek je op aan een dialoogtafel? Callewaert: “Als je naast een Roma zit, ervaar je zijn verhaal plots anders, en leer je die mensen ook echt kennen, van dichtbij. Als laatste conversatiepunt praten de mensen over de plannen die ze hebben om hun droom te realiseren. We polsen eigenlijk naar de acties en initiatieven die mensen willen nemen om iets aan te pakken in hun leven. Als die droom aansluit bij die van anderen, kunnen ze misschien samen de handen in elkaar slaan. Mooi toch?” Jean-Marie Binst Inschrijving en adressen: www.foyer.be

De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet © MITMENSCH0812

Albert Camus is een van de grote helden van Laurent Berger.

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 15 euro per jaar; IBAN: BE07424552982266, BIC: KREDBEBB van Brussel Deze Week vzw. Buiten België 25 euro per jaar. OPLAGE 70.490 exemplaren. PROMOTIE EN DISTRIBUTIE Ute Otten, Paul De Weerdt, Maurice Droogh. ADVERTISING MANAGER Rika Braeckman: 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. MARKETING MANAGER Frederik Welslau. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne. COÖRDINATIE Kim Verthé. EIND­REDACTIE Ken Lambeets (eindredactie@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst, Christophe Degreef, Bettina Hubo, Patrick Jordens, Steven Van Garsse, Danny Vileyn. BRUSSELNIEUWS Kris Hendrickx (nieuwsmanager), Sandra Schreurs (projectcoördinator), Jelle Couder, Goele de Cort, Eric Vancoppenolle, Laurent Vermeersch. REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele, Gerd Hendrickx. MEDEWERKERS Michaël Bellon, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Karolien Merchiers, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, Freddi Smekens, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt. FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh. VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie. Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.

ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1397 PAGINA 28 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

Straatvoetbal > Léamssi behoort tot de top en blijft groeien

‘Waar gaat dit eindigen?’ SINT-GILLIS – Brusselse pleintjes lopen elke dag vol met voetballende ketjes. Zij dromen ooit even goed te worden als Ismael ‘Léamssi’ Azzahafi (20). De Brusselaar schaart zich bij de top van het straatvoetbal en profiteert van de opmars die zijn sport maakt. Hij overstijgt zijn dromen met regelmaat en wordt binnenkort misschien getraind door Zinedine Zidane. “Mijn eerste stappen in het voetbal maakte ik op het klassieke voetbalveld,” vertelt Léamssi. “Na zeven jaar bij Union Sint-Gillis kwam ik via FC Brussels bij KV Mechelen. Ik voetbalde er twee jaar en het bestuur was van plan om mij een nieuw contract aan te bieden. Maar ik weigerde. Ik was zestien en voelde dat er een ongelooflijke hype ontstond rond het straatvoetbal. Dus stapte ik van het ‘klassieke’ pad af en ging ik voor freestyle.” Dat de jonge Brusselaar voor straatvoetbal koos, was eigenlijk evident. Hij is altijd een speler geweest die het verschil maakt met zijn techniek en voor spektakel zorgt. Een ‘showmanneke’, ja, maar dan zonder dikke nek. Hij aardde beter in het artistieke milieu: respect is geen loos woord in street soccer en de competitiedruk is er heel anders dan in het klassieke voetbal. “Dat is mijn wereld. Ik heb vroeger al de nodige opofferingen gedaan en leefde volledig voor mijn vak, maar met het straatvoetbal heb ik een discipline gevonden die mij op het lijf is geschreven. Al sinds ik klein ben, speel ik op Brusselse pleintjes. Mijn thuisbasis is het Moricharplein, want ik woon er vlakbij. Heel wat jongeren komen er dagelijks samen om te spelen.” “Toen ik bij Brussels speelde, begon ik video’s op internet te plaatsen. Ik was een van de eersten, samen met Soufiane Bencok. We geloof-

de  CLUB

Ismael ‘Léamssi’ Azzahafi: “Had je me drie jaar geleden verteld dat ik zou staan waar ik nu sta, dan had ik je nooit geloofd.”

den in onszelf en plukken daar nu de vruchten van. Internet is een grote bron van informatie. Je kunt er spelers van over de hele wereld aan het werk zien en zelf je tricks laten zien. Ik

steek veel tijd in het creëren van nieuwe bewegingen. Het is meer dan voetbal, er zitten bijvoorbeeld ook danselementen in. In straatvoetbalduels wordt mijn spel getypeerd door

BXLR Cup

‘Voetbal is niet het belangrijkste’ BRUSSEL – De BXLR (lees: Brusseleir) Cup zet de Brusselse dak- en thuislozen aan het voetballen. Voor de derde editie van de competitie gaan de organisatoren een samenwerking aan met vierdeklasser BX Brussels. De Cup loopt lekker.   “Eigenlijk is de BXLR Cup uit noodzaak opgericht,” vertelt Yannick Roels (28), verantwoordelijke van de competitie. “De Barons de Bruxelles vertegenwoordigen de hoofdstad tijdens de nationale tornooien van de Belgian Homeless Cup, maar we merkten dat de vraag veel te groot was voor dat ene ploegje. Dus begonnen Foyer de Bruxelles, Buurtsport Brussel en Hobo vzw met het organiseren van onderlinge vriendenmatchen. Twee jaar geleden werd dan beslist om de BXLR Cup op te richten: twaalf ploegen, met (sinds dit jaar) een hondertwintigtal spe-

lers, die deelnemen via sociale instellingen.” Vanaf 22 oktober wordt elke tweede en vierde dinsdag van de maand afgesproken in de sportzaal van het Jan-van-Ruusbroeckollege. Tussen half zes en half negen ‘s avonds vinden er drie opeenvolgende wedstrijden plaats en kunnen de spelers samen iets eten. “Sinds dit jaar moeten de ploegen het eten en de drank zelf organiseren. Elke ploeg is een keer gastheer. Zo maken we hen duidelijk dat het hun competitie is, al staan wij uiteraard klaar om te helpen. Dit soort initiatieven willen we in de toekomst verder begeleiden.” “Voetbal is tof, maar niet het belangrijkste. We willen de spelers een uitlaatklep geven waar ze hun gedachten eens kunnen verzetten. Er wordt veel gewerkt rond armoede, gebrek aan huisvesting, etcetera. Vooral miserie oplossen, eigenlijk. Tijdens de BXLR kunnen de spelers en de begeleiders eens op een an-

dere manier met elkaar omgaan. We krijgen alvast veel positieve feedback, dus veronderstellen we dat we goed bezig zijn (lacht).”  

Supportersclub van BX De editie 2013 – 2014 wordt op donderdag 10 oktober gelanceerd aan kunstencentrum Recyclart. Van drie uur tot halfzeven is iedereen er welkom om te genieten van allerlei activiteiten: er wordt gevoetbald, het nieuwe logo wordt voorgesteld, er zal gekookt worden … en vooral: de samenwerking tussen de BXLR Cup en BX Brussels wordt voorgesteld. “Hun spelers zullen er de tiende bij zijn en ze zullen ook meespelen. Onze samenwerking houdt in dat hun spelers vanaf de maand november af en toe training zullen geven aan onze jongens. Wij zullen dan een supportersclub oprichten waarmee we zoveel mogelijk van hun matchen zullen bijwonen. We zijn ook van plan om een

© MARC GYSENS

snelle tikjes om dan ineens in snelheid langs mijn tegenstrever te gaan.” Léamssi sloot zich snel aan bij Freestyle Academy en nam de afgelopen jaren aan allerlei

atelier op te zetten waarin allerlei supportersspullen in elkaar worden gestoken. Daarom zullen wij ook aanwezig zijn op de opendeurdag van BX, op 13 oktober.” De voetbalcompetitie voor dak- en thuislozen kan op heel wat enthousiasme rekenen bij de spelers. Ontmoeting, beweging en gezondheid zijn sleutelelementen en dat slaat aan. De inzet van de organisatoren valt niet te onderschatten in dat succes. “Ploegen die moeilijkheden hebben om te trainen, helpen we door de sportzaal ook op de dinsdagen dat er geen competitievoetbal is ter beschikking te stellen. Dan kan bijvoorbeeld de eerste vrouwenploeg trainen, die gevormd is uit een samenwerking tussen Hobo vzw en Corvia vzw. Het is leuk om te zien dat de BXLR Cup echt wel leeft.” “Brussel is de enige stad in België die een eigen competitie heeft, al hopen we dat ons voorbeeld ook in steden als Gent en Antwerpen navolging krijgt. Dat is alleen maar positief en toont toch dat we goed bezig zijn.”   Tim Schoonjans

Meer info op www.facebook.com/BxlrCup


BDW 1397 PAGINA 29 - DONDERDAG 10 OKTOBER 2013

competities deel. Hij maakte faam in het wereldje en het leverde hem onder meer een paar passages op in het veelbekeken voetbalprogramma Telefoot, op het Franse TF1. Om zo ver te geraken traint hij elke dag, urenlang. “Elke dag zonder training betekent achterstand op andere straatvoetballers die wel trainen. Om bij de top te horen, moet je in topvorm zijn. Daarom train ik elke dag met mijn groep. Meestal vind je ons in het Noordstation: van 19 uur tot middernacht. We delen er de hal en de muziekinstallatie met een groep dansers. De mannen van de veiligheid

“Elke dag zonder training betekent achterstand op andere straatvoetballers die wel trainen”

laten ons doen omdat ze weten dat we niets verkeerd doen. Soms huren we ook een zaal in de Pianofabriek.”

Naar Frankrijk “Behalve Freestyle neem ik ook onder meer deel aan pannacompetities (waarbij het ultieme doel een bruggetje is, red.). Daarvoor trek ik regelmatig naar allerlei pleintjes om te spelen. Soufiane Bencok (eveneens een topper) en ik krijgen regelmatig vragen van jongeren om eens langs te gaan en dat doen we zoveel mogelijk. Zij leren bij en voor ons is het

David Steegen

een leuke training. Het helpt ons ook om het deelnemersveld in het oog te houden, want er zijn heel wat goede spelers die maar al te graag onze plaats willen innemen.” Op het palmares van Léamssi prijken al een paar mooie prijzen. Zo werd hij in 2010, tijdens zijn eerste grote tornooi, meteen Europees kampioen panna. Hij verzamelde ook al een zilveren medaille na zijn goede vriend Bencok. Vorig jaar werd hij met België, in de discipline vier tegen vier, tweede op het EK street soccer in Denmarken. “De twee titels van Frans kampioen Profutsal betekenen ook veel voor me. Dat is een zaalvoetbalcompetitie die in het zuiden van Frankrijk wordt gespeeld. Van september tot december spelen verschillende ploegen er een competitie, en in december worden de beste spelers van de drie regio’s samengezet in een ‘dream team’ dat die regio vertegenwoordigt. Op dat moment kom ik in actie. Ik speel voor de ploeg van Istres, de andere twee zijn Marseille en Aix-en-Provence.” “Op vier maanden tijd worden verschillende confrontaties gehouden en dan trek ik dus regelmatig naar Frankrijk. Het is een jonge competitie die de ambitie heeft uit te breiden naar heel Frankrijk. Ik lig onder contract bij de ploeg van Istres en wil samen met deze competitie groeien.”

De Waarheid Na verlies van RSC Anderlecht gaat elke clubmedewerker, collega, speler, trainer, bestuurslid en supporter op zijn of haar eigen manier om met de nederlaag. Nu ja, de ene verliesbeurt is de andere niet. Na de verloren Champions League wedstrijd tegen Olympiakos Piraeus, stonden de fans op de banken en waren vriend en vijand het eens: alleen pech had paars-wit van een verdiende overwinning tegen de gepokt en gemazelde Grieken gehouden. Als er tegen KV Kortrijk, drie dagen later, zo gezwind gespeeld zou worden, dan zou er geen maat staan op het jeugdige Sporting Anderlecht. Zou. Helaas, de dartele frisheid was zondag verdwenen. Paars-wit verloor voor de vierde maal dit seizoen in de nationale competitie. Dat is, in vijftien seizoenen, niet meer gebeurd. De competitie zag er toen helemaal anders uit. Er werd toen nog wekelijks gewoon voor drie punten gevoetbald zonder play-offs. Op Anderlecht is een sportieve ontgoocheling bijna onverteerbaar. Dat heeft met status, ongebreidelde ambitie en het roemrijke verleden te maken. Dat zal en mag nooit veranderen. Op tien jaar tijd wordt paars-wit zes keer kampioen en wint het een nationale beker. Zeven op tien kansen om een prijs te pakken. Benijdenswaardig. Wanneer succes een gewoonte wordt, zijn de eisen hoog. De liefhebbers van Anderlecht verschillen van mening. De ene fluit de ploeg uit, de andere spoelt de tegenslag door met enkele pinten extra. Sommigen sluiten zich volledig af van de buitenwereld. Enkelingen tonen ingetogen begrip voor de hoogtes en laagtes van de jonge ploeg. Jongeren inpassen neemt tijd in beslag. Daar is de trainer van Anderlecht de geknipte man voor. Als hoofd opleidingen van Ajax Amsterdam stoomde hij Jan Vertonghen

Zidane Straatvoetbal is aan een sterke opmars bezig en Léamssi surft graag mee op die golf. De Brusselaar leeft een droom en durft niet meer te spreken over doelen die hij wil bereiken, want... “Waar gaat dit eindigen? Had je me drie jaar geleden verteld dat ik zou staan waar ik nu sta, dan had ik je nooit geloofd. De limieten die ik voor ogen had, zijn ruimschots overtroffen. Zo was ik de afgelopen maanden in Madrid voor video-opnames voor een tornooi van Adidas. Ik heb er verschillende spelers van Real Madrid ontmoet en als ik doorstoot in de competitie, dan kom ik in een ploeg terecht die het wereldkampioenschap straatvoetbal met vijf speelt. Zinedine Zidane, die ik ondertussen al een paar keer heb ontmoet, zal die ploeg trainen. Dat is toch ongelooflijk. Het is het bewijs dat als je in jezelf gelooft, je ver kunt geraken. Hopelijk blijf ik blessurevrij en blijft mijn avontuur duren. Wat fantastisch is, is dat je niet weet waar dit gaat eindigen.” 

(Tottenham Hotspur), Toby Alderweireld (Atletico Madrid) en Thomas Vermaelen (Arsenal FC) klaar voor het eerste. Nacer Chadli (Tottenham Hotspur) en Dries Mertens (SS Napoli) hebben de start van hun loopbaan aan John van den Brom te danken toen hij de hoofdtrainer was van de (toen nog) Nederlandse tweedeklasser AGOVV. De vijf voetballers zijn uitgegroeid tot Europese voetbalsterren en maken deel uit van de, waarschijnlijk beste Belgische voetballichting ooit. Een gokbedrijf tipt de huidige Rode Duivels zelfs als toekomstig wereldkampioen. De vijf voetballers doorkruisen mijn gedachten wanneer ik, vermoeid na de moeilijke zondag, huiswaarts keer. Daar word ik familiaal omarmd. We eten samen en praten over alles behalve voetbal. Alledaagsheid, het echte leven, is het ideale serum tegen machteloosheid. Na het avondmaal kijk ik bij wijze van ontspanning naar buitenlands voetbal. Sunderland - Manchester United van de dag eerder. Het grote Manchester United ontsnapt aan een blamage dankzij een Brusselaar van achttien jaar, opgeleid door Royal Sporting Club Anderlecht. Ik kruiste zijn vader regelmatig toen die in het Elisabethpark jogde. Hij kon niet aan de (financiële) lokroep van Manchester United weerstaan. Jammer. Adnan Januzaj is, twee seizoenen verder, de revelatie van de Premier League geworden. Hij had ons vandaag kunnen helpen. Er is één enkele troost, Man United bewijst dat het inpassen van jonge talentvolle spelers de enige echte waarheid is. Alles komt goed. www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

Steun strijd tegen borstkanker

Tim Schoonjans

© SANDER DE WILDE

ANDERLECHT – Lopen of wandelen, zoals u wil. Tijdens de Breast Cancer Walk/ Run komt het steunen van de strijd tegen borstkanker op de eerste plaats. Het is de American Woman’s Club of Brussels die dit evenement op poten heeft gezet. Zij hopen op zondag 13 oktober zoveel mogelijk sporters te verzamelen aan het Erasmusziekenhuis. Het onthaal is om negen uur ’s ochtends gepland en een uurtje later gaan de deelnemers van de tien kilometer van start. Om elf uur wordt aan de vijf ki-

lometer begonnen. De deelnemers kunnen die afstanden zowel al lopend als stappend afleggen. Het parcours leidt de deelnemers langs de mooie paden en wegen van Neerpede. Het evenement draait ook rond het inzamelen van geld. Die middelen zullen naar het Fonds Jean-Claude Heuson gaan, dat zich inzet voor borstkankeronderzoek. Inschrijven kost 20 euro, studenten en zestigplussers betalen 15 euro. Ook kinderen zijn uiteraard welkom. Meer info op bcwr.be.  TS

de rode markt BRUSSEL – De steeds groeiende hype rond de Rode Duivels zou de hoofdstad wel eens stevig op zijn kop kunnen zetten.

Dankzij de BXLR Cup kunnen dak- en thuislozen voetballen in competitie.

Iedereen heeft de beelden al eens gezien: de Rode Duivels die in 1986 op de Brusselse Grote Markt door een mensenmassa worden verwelkomd na een knappe vierde plaats op het wereldkampioenschap in Mexico. Die beelden zouden op vrijdag 11 oktober, misschien in afgezwakte vorm, opvolging kunnen krijgen. Onze Rode Duivels nemen het dan in Zagreb op tegen Kroatië en de match

wordt live op een groot scherm uitgezonden. Indien onze jongens niet verliezen, plaatsen ze zich voor het wereldkampioenschap dat volgend jaar in Brazilië plaatsvindt. Het relatief vroege aftrapuur, om 18 uur, zou sommige supporters wel eens kunnen laten afhaken. Indien er een echte volkstoeloop zou zijn: dan wordt een tweede scherm opgesteld op de Kunstberg. De rode armada zal ook op 15 oktober in Brussel neerstrijken. Dan staat de laatste groepmatch op het programma, tegen Wales.   TS


BDW - editiei 1397