Issuu on Google+

22 08 13 AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

CONFLICT OVER WATERZUIVERINGSSTATION DUURT VOORT P.4-5

Op de vlakte waar de leerlingen van De Radar vorig schooljaar speelden, staan nu de containerklasjes van De Telescoop. De Radar verhuist naar een prachtig herenhuis wat verderop.

© SASKIA VANDERSTICHELE

Onderwijs > Op vraag van ongelukkige ouders

Nog een Freinetschool in Laken LAKEN – Op verzoek van een flink aantal ouders van de Lakense Freinetschool Radar, die vorig jaar openging in de Tivolistraat, begint het gemeenschapsonderwijs met een eigen Freinetschool: De Telescoop.

D 

e Radar ging vorig jaar in september open als onafhankelijke Freinetschool. Coördinator Christine Dewitte wilde een methodeschool die noch tot het gemeenschapsonderwijs, noch tot het katholieke net behoorde. Na lang zoeken kon ze de benedenverdieping huren van een rijhuis in de Tivolistraat. Spelen konden de kinderen aan de overkant van de straat, op een braakliggend terrein van de Gomb.

Geen oudercontact In de loop van het schooljaar bleek dat heel wat ouders toch moeite hadden met de aanpak van de directie. “De lijst met wat fout liep is onwaarschijnlijk lang,” zegt Rik Staelens, een van de ouders. “Op de

speelplaats lag glas en oud ijzer, uitstappen werden slecht begeleid en leerkrachten mochten niet tussenkomen als kinderen aan het vechten waren. Er waren ook telkens andere leerkrachten, op één jaar tijd passeerden er wel twintig, en dat voor een groep van 35 kinderen. De besten werden ontslagen of weggepest.” Bovendien was er volgens Staelens geen inspraak en is er tijdens het schooljaar nooit een oudercontact geweest. De ouders probeerden een oplossing te vinden via de raad van bestuur en namen ook contact op met de inspectie. Omdat dat niets opleverde, dienden ze uiteindelijk klacht in bij Vlaams minister van Onderwijs Pascal Smet (SP.A). Ook klopten ze eind juni aan bij

Scholengroep Brussel, het gemeenschapsonderwijs dus, met de vraag of die de school niet wilde overnemen. “Wij wilden helpen en hebben contact gezocht met de raad van bestuur. Die wilde alleen met ons in zee als ook de coördinatrice mee overgenomen zou worden. Dat

van Dewitte moest sowieso weg uit het rijhuis in de Tivolistraat. Op het Gomb-terrein staan inmiddels de nodige containerklasjes. Eromheen komt nog een speelplaats van klinkers. Bedoeling is dat er inhoudelijk samengewerkt wordt met De Klimpaal en De Boomhut, de twee andere

“De afspraak met de Gomb is dat we over een paar jaar aan de andere kant van het terrein gaan bouwen”

was voor ons onbespreekbaar,” zegt Jacky Goris, directeur van Scholengroep Brussel. Daarom besloot de Scholengroep om inderhaast zelf een Freinetschool op te richten en wel op de vroegere speelplaats van De Radar. De school

Freinetscholen van Scholengroep Brussel. Goris: “We beginnen hier met een veertigtal kinderen, verdeeld over de kleuterklasjes en het eerste en tweede leerjaar. Op den duur wordt dit een school met 180 tot 200 leerlingen. De afspraak met

de Gomb is dat we over een paar jaar aan de andere kant van het terrein gaan bouwen.”

Grote tuin Intussen heeft De Radar vlakbij een nieuw – tijdelijk – onderkomen gevonden in een subliem herenhuis in de Prudent Bolsstraat. Daar reageren de nieuwe buurtbewoners enigszins verontrust op de onverwachte komst van een school. Maar voor Dewitte is de vroegere B&B met een oppervlakte van 800 vierkante meter en een grote tuin ideaal voor de ongeveer zeventig kindjes die ze op 2 september verwacht. Van ontevreden ouders of een klacht tegen haar school heeft ze geen weet. “Een tweede Freinetschool in de buurt is alleen maar fijn. Misschien zullen sommige van onze kinderen nu daarheen gaan, maar dat is alleen omdat ze dichter bij Tivoli wonen.”    Bettina Hubo

N° 1390 VAN 22 TOT 29 AUGUSTUS 2013 ¦ WEEK 34: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE


OPMERKELIJK

GORDELFESTIVAL LEGT DE VLAAMSE LAT VERDER BRUSSEL – Na 32 jaar Gordel hertekent het grootste familiale sportevenement van Bloso zich tot het Gordelfestival, met 40 procent aan nieuwe fiets- en wandelcircuits. Nu met extra hoofdpartners als de provincie Vlaams-Brabant en vzw De Rand, die de hele coördinatie stuurt. De nieuwe formule gaat naast het sportaanbod de muzikale festivaltoer op én zet toeristische troeven meer in de kijker, met als focus de gemeente Pepingen (klassiekers als Dilbeek zijn geen trefpunt meer) én de overheidsdomeinen in Hofstade en Huizingen. Dit jaar wordt de happening verspreid over twee dagen: 1 september voor sport en animatie, 30 augustus voor een heus muziekfestival in Huizingen. Er is veel goesting om volgend jaar alle lokale festivals in de provincie een maand lang mee onder de noemer Gordelfestival te promoten. Opmerkelijk is echter dat het accent niet meer op de klassieke trefpuntgemeenten ligt, waaronder Dilbeek en Zaventem. Vzw De Rand neemt haar trefcentra in de Oostrand van Brussel in de arm: Jezus-Eik, Kraainem, Linkebeek en Wezembeek-Oppem. Een symbolische locatie als SintGenesius-Rode (initiator van de Gordel) is nog goed voor randanimatie, muziekoptredens en workshops. “De fundamenten van de Gordel blijven, met uitbreiding naar cultuurtroeven,” stelt Philippe Paquay, waarnemend administrateur-generaal Bloso. “Het Gordelfestival wordt het decor van de ‘groene Rand’, de twee ankerpunten liggen in het uiterste Noorden en Zuiden van Brussel. Maar het Vlaamse accent blijft belangrijk voor het Gordelfestival, dat meer biedt dan een politieke boodschap. Karolien De Sadeleer, Sportadviseur van minister Muyters stelt wel: “We herbevestigen de boodschap van Vlaams karakter van de Rand, ditmaal in een ruimer toeristisch afgebakend gebied (tot aan twee provinciegrenzen, jmb). Wil je als deelnemer de Vlaming naast Brussel steunen, dan ga je naar Linkebeek of Vilvoorde, wil je daar afstand van nemen, dan kan je verder van Brussel deelnemen. Ons doelpubliek is niet omschreven als Vlaming, maar iedereen die zich aangesproken voelt, ook de Franstalige burger in – euh – Zemst.” Jean-Marie Binst

BDW 1390 PAGINA 2 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

Uitgelicht > Brussel heeft geen eigen scheepvaartpolitie

‘We hebben een kapitein’ BRUSSEL – Er is geen scheepvaartpolitie voor de Brusselse Haven, zegt MR-parlementslid Vincent De Wolf. “Een hoofdstad met een haven onwaardig,” klinkt het. Bij de Haven zelf zegt men dat een havenpolitie eigenlijk niet nodig is. Maar minister van Binnenlandse Zaken Joëlle Milquet (CDH) laat weten dat ze het probleem toch zal bespreken met de top van de federale politie. 85 hectare beslaan de terreinen van de Brusselse Haven. Daarmee is het de tweede grootste binnenhaven van België en een regionale economische motor voor Brussel. En toch wordt die haven niet bewaakt door politieagenten van de scheepvaartpolitie, een onderdeel van de Federale politie. Dat kan niet, vindt Brussels MR-parlementslid Vincent De Wolf (oppositie). “Al sinds 2004 is er sprake van een havenpolitie voor Brussel. Dat is er totnogtoe niet van gekomen, en dus patrouilleert de Antwerpse haven-

politie nu af en toe eens in de hoofdstad. Uit de contacten die ik heb gehad, heb ik kunnen opmaken dat zo’n politie wel nodig is in Brussel. Er is veel vandalisme en diefstal op de terreinen van de Haven van Brussel. De individuele Brusselse politiezones kunnen daar niets tegen beginnen.” De criminaliteit in de Haven van Brussel kwam twee jaar geleden al eens ter sprake tijdens een handelsmissie van bevoegd Brussels minister Brigitte Grouwels (CD&V) in Parijs. Toen kloegen enkele on-

dernemers uit de Haven over de onveiligheid in Brussel, in schril contrast met Parijs. Sindsdien werd er geïnvesteerd in omheiningen en camera’s, laat Grouwels’ woordvoerder Philippe Vanstapel weten. Van statistieken over de criminaliteit in de Brusselse Haven - en dus over de eventuele noodzaak voor een eigen scheepvaartpolitie - heeft men echter geen weet. “Wij zouden ook graag eerst meer gegevens hebben over criminaliteit in de haven vooraleer we oordelen.” Eenzelfde verhaal bij de Brusselse havengemeenschap, de vereniging van bedrijven die actief zijn op de haventerreinen. “Er zijn geen cijfers over criminaliteit in de haven,” zegt woordvoerder Fabrice Tiels. “Wel is de problematiek al meermaals aan bod gekomen op de vergaderingen van onze havengemeenschap. Diefstal en vandalisme komen veel voor, al moet ik daar aan toevoegen dat er sinds twee jaar beterschap is.”

Bij de Haven van Brussel zelf zegt men geen vragende partij te zijn voor een scheepvaartpolitie. “We hebben nu een havenkapitein die bevoegd is

Met het oog op de uitbreiding van de Haven van Brussel zal de nood aan een eigen scheepvaartpolitie prangender worden voor de veiligheid van onze terreinen,” zegt directeur Philippe Matthis. Die havenkapitein beschikt over personeel dat met een boot mag patrouilleren en hijzelf mag ook pv’s uitschrijven. Daarnaast maken we

DE WEEK IN BEELD DOOR SASKIA VANDERSTICHELE

Boa constrictors of zijn het reuzenhondendrollen? Bij nader toezien blijken het gewoon draineerslangen te zijn, nodig voor de heraanleg van het Poesjkinplein in Laken. De grote Russische dichter maakt er zich van op zijn sokkel alvast niet druk om. Hij krijgt binnenkort eindelijk een waardig plein.

© SASKIA VANDERSTICHELE


WEEKOVERZICHT

BDW 1390 PAGINA 3 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

© FEDPOL

WOENSDAG 14 AUGUSTUS DURE STEMBUSSLAG. De ‘moeder aller verkiezingen’ in mei 2014 zal financieel zwaar doorwegen. De federale overheid schrijft voor de samenvallende stembusslag 10 miljoen euro in de begroting van 2014 in. Maar ook de deelstaten moeten mee betalen. Samen met Wallonië moet Brussel meer dan 1 miljoen euro neertellen, Vlaanderen 1,5 miljoen euro. HOMMAGE AAN DRUMMER CHANNEL ZERO. De groepsleden van de Belgische metalband Channel Zero brengen een eerbetoon aan hun overleden drummer op het Brussels Summer Festival. Phil Baheux sterft het weekend ervoor aan een aderbreuk. Alle komende shows worden geannuleerd. De opnames van een nieuwe plaat vallen voorlopig in het water.

DONDERDAG 15 AUGUSTUS BRUSSELAAR kampioen BETAALDE Mandatencumul. Christian Dereppe, FDF-gemeenteraadslid in Sint-LambrechtsWoluwe, is nationaal recordhouder wat betreft aantal bezoldigde mandaten. In 2012 cumuleert hij er 20, leert de website cumuleo.be. Brusselse parlementsleden oefenen gemiddeld 9,3 mandaten – betaalde en onbetaalde – uit. Nationaal vullen politieke mandatarissen gemiddeld 6,64 mandaten in.

Momenteel patrouilleert de Antwerpse scheepvaartpolitie af en toe in Brussel.

VRIJDAG 16 AUGUSTUS ‘s nachts gebruik van de diensten van G4S, een beveiligingsfirma die onder meer met honden patrouilleert en een oogje in het zeil houdt. Er zijn geen echte grote problemen, wat ons betreft zit het dus goed met de veiligheid.” “Er is natuurlijk al langer sprake van een mogelijke scheepvaartpolitie voor Brussel,” zo vervolgt Matthis. “Mocht die mogelijkheid vandaag nog bestaan, dan zijn we natuurlijk niet tegen een eigen scheepvaartpolitie. Alleen: dat verhaal circuleert al sinds 2004, om u maar te zeggen dat wij niet gewacht hebben om zelf maatregelen te nemen.”

Dan toch een Brusselse post? Bij de federale politie zelf zegt men

“ “ HET GETAL

dat “het momenteel wel lukt zo.” Volgens woordvoerder Astrid Kaisin volstaat de huidige samenwerking met de Antwerpse havenpolitie. “Maar of er een eigen post voor Brussel moet komen, is een politieke vraag, waarvoor u bij Binnenlandse Zaken moet zijn.” Ingrid Van Daele, woordvoerder van bevoegd minister Joëlle Milquet (CDH), laat weten dat een Brusselse scheepvaartpolitie alvast besproken zal worden bij de op til zijnde politiehervorming. Welke richting het zal uitgaan, is niet geweten. De Haven van Brussel sloot enkele maanden geleden nog een nieuw beheerscontract af met voogdijminister Grouwels. Vijftien miljoen euro wordt er tegen 2018 geïnvesteerd.

Grouwels aast op een uitbreiding van de Brusselse Haven met enkele bijzonder grote terreinen op de site Schaarbeek-Vorming. Er zou daar onder meer een distributie- en overslagcentrum komen. Die grootse plannen voor de Brusselse Haven kunnen het debat over een eigen scheepvaartpolitie prangender maken. Vincent De Wolf zelf belooft alleszins binnenkort een interpellatie voor Brigitte Grouwels. “We gaan toch niet wachten tot er iets ergs gebeurt?”, zegt hij. Met zijn onthulling mist hij zijn politieke rentree na de vakantie alvast niet.  

Christophe Degreef

Exit Thielemans voor nieuwjaar? Freddy Thielemans zou al in september zijn aftreden aankondigen als burgemeester van de stad Brussel. De PS’er zou nog voor het einde van het jaar vertrekken, ten voordele van partijgenoot en huidig OCMW-voorzitter Yvan Mayeur. Het gerucht over de burgemeesterwissel, dat overigens al langer circuleert, wordt deze keer nieuw leven ingeblazen in De Standaard en Le Soir. architect en dichter Puttemans is niet meer. Pierre Puttemans - in 1933 geboren in Ukkel - groeit op in een familie van architecten. Hij studeert architectuur aan La Cambre. Naast de renovatie van De Munt tekent hij ook de bibliotheek van Nijvel en enkele gebouwen van de ULB. Naast zijn werk als architect verwerft Puttemans ook faam als architectuurcriticus en dichter. BRUSSELSE NOOD AAN EIGEN SCHEEPVAARTPOLITIE? De Haven van Brussel heeft dringend een eigen post van de scheepvaartpolitie nodig, meent Brussels parlementslid Vincent De Wolf (MR). Voorlopig hangt Brussel af van de Antwerpse afdeling van de scheepvaartpolitie. Een beslissing voor zo’n Brussels detachement dateert al van 2004, maar is tien jaar later dode letter.

ZATERDAG 17 AUGUSTUS

Yvan balanceert soms op de rand van het cliëntelisme, maar hij kan zeker niet beschuldigd worden van corruptie.” Brussels OCMW-voorzitter Yvan Mayeur, waarvan wordt gezegd dat hij dra Freddy Thielemans zal opvolgen als burgemeester, wordt verdedigd door een anonieme kameraad binnen de PS (in De Morgen).

DRONKEN BROKKENRIJDERS. Brussel controleert chauffeurs die bij een ongeval betrokken zijn minder vaak op alcoholgebruik dan Vlaanderen en Wallonië. Slechts ruim één op de twee (59 procent) van de Brusselse brokkenrijders moet blazen. In Wallonië en Vlaanderen worden respectievelijk minder dan twee op de drie (62,4 procent) en drie op de vier (74 procent) chauffeurs verplicht tot een ademtest. N-VA & BRUSSEL. De Brusselse N-VA laat bij monde van Brussels N-VA-voorzitter Lieven De Rouck in De Standaard weten dat de partij tijdens de verkiezingscampagne voor 2014 haar pijlen ook zal richten op Franstalige kiezers. De N-VA moet zo haar plaats in de gewestregering verzekeren.

MAANDAG 19 AUGUSTUS

Ik kom van Albanië. En in heel dat land was er twee jaar geleden niet één discotheek waar niet op ’Alors On Danse’ is gedanst.” De portier van Hotel Metropole, waar Stromae de pers te woord stond naar aanleiding van zijn nieuwe cd, was onder de indruk van diens aanwezigheid (in Het Laatste Nieuws).

23

Precies 23 meter lang is de voetgangersbrug die over de Berenkuil in Schaarbeek zal gespannen worden. Vorige week werd de laatste hand gelegd aan de passerelle die de Navez-Portaelswijk achter het Eugène Verboekhovenplein toegankelijker moet maken. Zo wordt de verbinding van en naar het gemeenteplein ook heel

wat makkelijker richting station. Het stalen gedrocht kost de gemeenschap om en bij de 600.000 euro en is vervaardigd door het bedrijf MSA-Ney & Partners. Dezer dagen worden de laatste onderdelen van de megaconstructie gemonteerd. Als de bouwtermijn geen hinder ondervindt, moet de voetgangersbrug (van 4 tot 14 meter breed) in de nacht van 10 op 11 september boven de Berenkooi juist afgesteld worden. Vorig jaar nog werd de Berenkuil getipt als een van de beste locaties om een GEN-station te voorzien. JMB

NETWERKPROBLEMEN na BRAND IN VILVOORDE In het noorden van Brussel kampen operatoren Mobistar en Base met netwerkproblemen. Oorzaak is een brand aan een watertoren in Koningslo, waarbij een telecominstallatie beschadigd raakt. Fraudeklacht tegen VUB-professor. Professor Herman Matthijs (VUB, UGent) is aangeklaagd wegens wetenschapsfraude. Matthijs verdedigt zich dat het om een afrekening gaat met een ex-collega. De ex-collega om wie het zou gaan, is communicatiewetenschapper Frank Thevissen. Die laatste ontkent een klacht te hebben ingediend. De Gentse universiteit onderzoekt de zaak. REISAGENTSCHAP VERKOOPT FICTIEVE REIZEN. Het reisagentschap Jet Travel uit Schaarbeek, sinds april failliet verklaard door de handelsrechtbank, wordt ervan verdacht na zijn faillissement fictieve reizen aan de man te brengen. Daarover sijpelen in het gerechtelijk arrondissement Brussel al meer dan zeventig klachten van gedupeerde reizigers binnen.  Samengesteld door Kim Verthé

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF


BDW 1390 PAGINA 4 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

Milieu > Zuiveringsstation Noord levert goed werk, maar conflict met het Gewest blijft

Omstreden water BRUSSEL – Eind 2009 stopte Aquiris, de uitbater van het waterzuiveringsstation Brussel-Noord, haar behandeling van rioolwater waardoor gedurende dagen ongezuiverd afvalwater de Zenne in stroomde. Na dat ‘Zennedebacle’ herpakte Aquiris zich en leverde het zuiver water af. Het fundamentele probleem, het capaciteitstekort van het station, blijft echter onopgelost.

H 

et was na een hevig onweer, op 8 december 2009, dat de raad van bestuur van Aquiris de opdracht gaf om de waterzuivering van Brussels afvalwater stop te zetten. Volgens de directie van het dochterbedrijf van het Franse Veolia Eau was er door het hoge debiet te veel puin in de installaties terechtgekomen, een probleem dat al sinds de opening van het station in 2006 regelmatig voorkwam. Na de sluiting lag de waterzuivering van het afvalwater van meer dan één miljoen mensen elf dagen stil. Brussels minister van Leefmilieu Evelyne Huytebroeck (Ecolo) werd onder vuur genomen, onder meer omdat ze pas laat reageerde op de gang van zaken. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gaf de indruk dat het niet op kon tegen de eenzijdige beslissing van een privébedrijf, ook al was er een duidelijk contract dat het bedrijf verplichtte tot waterzuivering. Aquiris zou later trouwens ongelijk krijgen van een expertcommissie voor de stillegging. Ook zou blijken - en dat is eigenlijk de kern van de zaak - dat het contract tussen Brussel en Aquiris verschillend geïnterpreteerd kan worden, én wordt. Meer daarover later.

Strenger dan Europa Om het verhaal goed te begrijpen, moeten we eerst uitleggen wat er juist gebeurt in het zuiveringsstation Brussel-Noord. De nv Aquiris kreeg in 2001 een contract van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest om het afvalwater van ongeveer 1,1 miljoen mensen te zuiveren. Dat gebeurt volgens een publiekprivate samenwerking van het type Build-Own-Operate-Transfer: het privébedrijf bouwt en beheert de installaties nodig om rioolwater te zuiveren, zuivert het water en laat het gecontroleerd de Zenne in stromen, en draagt in 2027 haar installaties over aan het Brussels Gewest.

Waarom? Omdat dergelijke operaties peperduur zijn, veel te duur voor overheden. Daarnaast bezit Veolia Eau, een multinational met hoofdzetel in Frankrijk, ook de nodige kennis om deze klus te klaren. Een win-winsituatie, zo u wil: Brussel hoeft niets te doen, buiten de regels vastleggen voor de waterzuivering,

‘Wij zuiveren meer water dan we contractueel verplicht zijn’ en een gespecialiseerd bedrijf doet het moeilijke werk. Klaar. Om het contract op te stellen gaat het Brussels Gewest – toen nog onder bevoegd minister Didier Gosuin (FDF) – niet over één nacht ijs. De regels die opgesteld worden, zijn strenger dan de Europese richtlijn uit 1991. Tot zover de regels. Het Gewest heeft in het eerste decennium van de 21ste eeuw echter nog maar weinig ervaring met de praktische kant van waterzuivering. De eerste drie werkjaren van station Noord zijn er dan ook van alsmaar cumulerende problemen. Uitbater Aquiris merkt meermaals op dat er te veel puin in haar installaties zit, en dat de situatie telkens erger wordt. Ook is het inkomende afvalwater van een te slechte kwaliteit, althans volgens Aquiris, en is dat een verantwoordelijkheid van Brussel, niet van het privébedrijf. Het Brussels Gewest beantwoordt de smeekbeden van Aquiris om hier iets aan te doen niet. Ook al zitten twee vertegenwoordigers van Brussel in de raad van bestuur van het Belgisch-Franse bedrijf. De problemen blijven aanslepen, tot Aquiris

Drie rechtszaken tussen gewest en Aquiris BRUSSEL – Het ‘Zennedebacle’ gaf aanleiding tot drie Brusselse rechtszaken, die tot op vandaag nog altijd niet beslecht zijn. Tussen de Brusselse Maatschappij voor Waterbeheer (BMWB) en Aquiris lopen drie rechtszaken. Een eerste heeft betrekking op het eigenlijke voorval zelf: de sluiting van het waterzuiveringsstation Noord. Vermits de biologische schade toen echter gering was door de winter, heeft die zaak dezelfde status als geseponeerd. Een tweede, meer belangrijke zaak, loopt bij de rechtbank van eerste aanleg en gaat over de meerkosten die Aquiris heeft door het niet-conforme afvalwater dat de installaties binnenstroomt. Volgens Aquiris is dat de verantwoordelijkheid van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, en moet dat Gewest dan ook maar tussenbeide komen in die extra kosten. De derde zaak loopt voor de Handelsrechtbank en handelt over dotaties die Aquiris misgelopen is in de periode 20102011 en 2011-2012. In het eerste geval maakt het bedrijf aanspraak op 4,2 miljoen euro, geld dat het niet gekregen heeft van het Gewest omdat de resultaten van het station ondermaats waren. In het tweede geval gaat het om een bedrag van 7,8 miljoen euro. In de kern misloopt Aquiris dat bedrag omdat volgens hen incidenten binnen een bepaalde tijdspanne altijd voorkomen, en dat zij geen incidentvrije periodes kunnen garanderen. De BMWB ziet dat anders.

■ OOK VLAANDEREN Naast de ‘intra-Brusselse’ zaken dienden ook enkele Vlaamse gemeenten, de provincie Antwerpen alsook het Vlaams Gewest, klachten in tegen Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, het Brussels Instituut voor Milieubeheer, Aquiris en de BMWB. In het meest recente jaarverslag van de BMWB staat te lezen dat er nog geen uitspraken zijn in deze zaken en dat veroordelingen de BMWB met andere woorden nog altijd boven het hoofd hangen. Brussels minister van Leefmilieu Evelyne Huytebroeck (Ecolo) is van mening dat Aquiris in geval van veroordeling dient op te draaien voor de kosten. “Wij hebben het expertenrapport aan onze kant: het station is anders opgevat dan afgesproken, en dus zijn we zeker dat de rechter ons gelijk zal geven,” laat woordvoerder Pascal Devos weten. Marc Rigal, de directeur van Aquiris, is gek genoeg eveneens van mening dat de rechtbank in zijn voordeel zal oordelen. “Daarom dringen wij aan op een regeling in der minne.”CD

er in december 2009 genoeg van heeft. Gedurende de weken voor die datum was er een piek in het puin dat het zuiveringsstation binnenkwam, maar op een inderhaast samengeroepen bestuursvergadering om dat probleem op te lossen, op die bewuste achtste december, sturen de twee vertegenwoordigers van de BMWB, de Brusselse Maatschappij voor Waterbeheer, hun kat. Dat kan eigenlijk ook niet anders, want zij zijn gek genoeg niet gemachtigd om tussenbeide te komen in de beslissingen van een privébedrijf omdat er dan een belangenconflict ontstaat. Het ingebouwde controlemechanisme werkt met andere woorden niet, en Aquiris legt als laatste redmiddel haar installaties dan maar stil.

Te veel water, te vuil water Dat redmiddel van Aquiris blijkt bijzonder effectief, want de storm die opsteekt dwingt Huytebroeck er toe om kleur te bekennen en de situatie in het noorden van Brussel te evalueren. Er komt een onafhankelijke commissie van drie experts. Die geven, zoals eerder gezegd, Aquiris ongelijk en zeggen dat het Brussels Gewest haar verplichtingen wel nakomt. Nadien wordt de raad van bestuur vervangen, en sinds 2011 functioneert Brussel-Noord eigenlijk naar behoren, ja, levert het zelfs zeer goede kwaliteit af. Ondertussen investeert Aquiris ook volop in het Brusselse ‘topstation’. Ons verhaal zou hier moeten eindigen, met andere woorden. Maar dat doet het niet. Los van de nasleep van het Zennedebacle - er lopen nog altijd drie rechtszaken tussen de publiek-private partners (zie kaderstuk) - blijft het fundamentele meningsverschil over het beheerscontract nog altijd bestaan. “Het probleem is,” zo stelt Yvan Huyghebaert, de voorzitter van de raad van bestuur van Aquiris, “dat wij eigenlijk water zuiveren dat in grotere mate vervuild is dan wat toegelaten is. In het contract is sprake van afvalwater van 1,1 miljoen inwoners, terwijl we nu het water van 1,3 miljoen inwoners zuiveren. We moeten dus uitbreiden, maar we zien het niet zitten om dat allemaal zelf te bekostigen. Het contract uit 2001 zou heronderhandeld moeten worden en zou de bijkomende kosten netjes moeten verdelen.”


BDW 1390 PAGINA 5 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

Brussel komt van ver, maar het water is zuiver, ook al leidt het tot een breuk tussen privébedrijf en overheid.

meer gekost,” weet men bij Aquiris.

‘Aquiris draait op verlies’ Jean-Pol Rosière, de directeur van de BMWB, windt er alvast geen doekjes om. “Wij aanvaarden het expertenrapport.” Daarmee stelt de man impliciet dat Aquiris dat eigenlijk niet doet, of anders doet. “Eigenlijk heeft het probleem deels met de geschiedenis te maken,” legt Rosière uit. “Het Brussels Gewest dacht oorspronkelijk dat het Zenne-

bekken geen zwaar vervuilde zone zou zijn. Dat was fout, zo adviseerde de Raad van State later. Helaas was men toen al aan het zuiveringsstation Zuid aan het bouwen, dat wel water zuivert, maar volgens de lagere Europese norm. Toen men aan het zuiveringsstation Noord begon te werken, moest men dus veel strengere normen voor dat station opleggen om het water zuiverder te kunnen maken. In de beginjaren van station Noord was het water dan

ook niet conform de strenge regels. Sinds 2011 worden de normen wel gehaald.” Dat de jaarlijkse dotatie van de BMWB aan Aquiris - 41 miljoen euro - niet zou volstaan, wijst Rosière van de hand. “Aquiris boekt jaar na jaar verlies, uiteraard hebben ze geld nodig voor de nodige investeringen.” “Kijk, eigenlijk is het probleem eenvoudig: het station van Brussel-Noord is te klein, en dat is hun © BART DEWAELE

“De expertencommissie heeft geoordeeld dat het afvalwater dat bij ons binnen komt vervuilder is dan wat contractueel is afgesproken. Het contract verplicht ons bovendien niet om inkomend water dat niet conform de regels is, te zuiveren. Veertig procent van de tijd zitten we boven de contractuele norm, en zijn we dus eigenlijk niet meer verplicht om dat overtollige water te zuiveren. We doen het toch, volgens de mindere Europese richtlijn, omdat we het ethisch gezien niet kunnen maken om ongezuiverd afvalwater te lozen,” zegt Huyghebaert. “We willen echter investeren om de situatie de baas te kunnen, maar we krijgen geen geld van de BMWB. Eigenlijk hebben we vijf miljoen euro bijkomende middelen nodig.” Het rapport dat de expertencommissie vorig jaar afleverde, is een veelzijdig interpreteerbaar document. Wat is het probleem? Er bestaat een verschil in opvatting over welke vervuilingswaarden bij het opstellen van het contract werden gebruikt, de waarden die nu gebruikt worden en de methode die in het contract werd vooropgesteld tegenover de eigenlijke zuiveringsmethode die nu gebruikt wordt. Kort gesteld komt het er zo op neer: Aquiris heeft in 2006 een te klein station gebouwd dat gaandeweg anders is gaan functioneren, met hogere kosten tot gevolg. Indien ze het station direct anders hadden gebouwd, dan zou het probleem zich niet stellen. “Maar dan had het ook bij aanvang

© BART DEWAELE

“Het pleit voor ons dat mensen van Natuurpunt zeer geïnteresseerd zijn in de natuur rondom onze installaties,” hoort men wel eens bij Aquiris.

verantwoordelijkheid. Daardoor ondervindt Aquiris technische problemen. Die technische kwestie heeft Aquiris eerst met een chantagemaatregel proberen op te lossen, namelijk door het stilleggen van hun installaties in 2009. Toen ze van de experts hun gelijk niet kregen wat betreft de sluiting van het station, zijn ze dan maar op financiële argumenten overgegaan: er is te weinig geld voor hun taak. Er moet capaciteit bij komen. De rechtbank zal beslissen wie dat moet betalen.” Rosière zegt dat sinds het nieuwe management de situatie wel verbeterd is en dat Aquiris sindsdien aanstuurt op een regeling in der minne. Yvan Huyghebaert van Aquiris legt zich echter niet neer bij die lezing van de feiten. “U moet weten dat waterzuivering in Brussel voor de jaren 2000 niet bestond. Dat wil zeggen dat wij met pionierswerk bezig zijn en gaandeweg ontdekt hebben hoe slecht de werkelijke - dus niet de contractuele - situatie in Brussel was. Een groot deel van het afvalwater dat wij moeten behandelen is gewoonweg niet conform, en dat is niet onze verantwoordelijkheid. Wij vinden soms koeienhuiden en betonafval in onze filters. Dat is toch niet normaal?” “Brussel-Noord is het pronkstuk van West-Europa,” weet Huyghebaert nog. “Maar ik denk dat het Brussels Gewest dat onvoldoende begrijpt.” 

Christophe Degreef


BDW 1390 PAGINA 6 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

Samenleving > Anissa Tahri kiest voluit voor vrijwilligerswerk in Brussel

‘Humanitair werk en politiek horen niet samen’

E 

r zijn naar schatting meer dan 45 miljoen mensen wereldwijd op de vlucht. Ongeveer de helft daarvan is minderjarig. Ieder jaar stromen ook enkele duizenden vluchtelingen België binnen, op zoek naar een veilige en stabiele plek. Anissa Tahri heeft geen ervaring met vluchten voor geweld, maar offert maar al te graag haar tijd op om vluchtelingen in ons land bij te staan in hun asielproces. De jonge vrouw die voor ons zit, straalt met haar zachte blik en warme glimlach rust uit. Maar als ze over vrijwilligerswerk en het asielbeleid spreekt, klinkt ze serieus. “Niets doen is geen optie,” vertelt ze. “Zeker als het kinderen betreft, moeten er mensen zijn die hen behoeden voor nog meer kwaad.”

Waar werkt u als vrijwilligster? Anissa Tahri: “Ik geef Franse les aan niet-begeleide minderjarigen in het observatie- en oriëntatiecentrum in Neder-Over-Heembeek, waar ik woon. Tijdens de opvangcrisis ben ik in het Soeppunt (BDW 1377, p.6-7) begonnen, waar vluchtelingen op de eerste dag van hun asielaanvraag terechtkunnen voor een kom soep en praktische informatie. En sinds vorig jaar werk ik ook in het Klein Kasteeltje, het grootste opvangcentrum voor asielzoekers in België, waar ik families met kinderen begeleid. In het Klein Kasteeltje verblijven ongeveer 800 vluchtelingen, voornamelijk Afghanen, Somaliërs, Albanezen en de laatste tijd ook Syriërs. Ze blijven bij ons tot ze uitsluitsel krijgen over hun asielaanvraag. Zoals je merkt is er genoeg werk hier in Brussel. Je moet niet nodig naar vluchtelingenlanden reizen om mensen te helpen.” En ondertussen studeert u? Tahri: “Ja, ik heb net mijn eerste jaar Psychologie afgerond. Tijdens mijn lerarenopleiding ben ik als vrijwilligster begonnen in het opvangcentrum in Neder-Over-Heembeek. Daar ben ik voor het eerst in contact gekomen met vluchtelingenkinderen. Ik merkte op dat ze vaak aan trauma’s lijden, een kwestie waar je als onderwijzer niet voor opge-

© SASKIA VANDERSTICHELE

BRUSSEL – Vrijwilligerswerk zit sommige mensen in het bloed. Anissa Tahri (22), lerares en studente Psychologie, kan er van meespreken. Ze is vrijwilligster bij drie hulpcentra in Brussel, waar ze voornamelijk vluchtelingenkinderen begeleidt. Over liefdadigheid en altruïsme, verbittering en machteloosheid, pijn en verdriet. Het asielbeleid in zijn puurste vorm. leid bent. Als er bijvoorbeeld een pen valt in het klaslokaal, kunnen sommige kinderen enorm schrikken omdat het lawaai hen doet terugdenken aan de oorlog. Om hen beter te begrijpen, heb ik gekozen voor de studie sociale en interculturele psychologie, waarbij je de mens in de samenleving en binnen zijn of haar eigen culturele context bestudeert. Het contact met de kinderen verloopt nu vlotter, omdat ik hen naast hen iets bij te leren ook op een dieper niveau aanvoel.” Hoe legt u het eerste contact met een kind op de vlucht? Tahri: “De meeste families die in België aankomen zijn hier te voet, letterlijk à pied. Afghanen doorkruisen Pakistan, Iran, Turkije en Griekenland om hier te geraken. Daarom dat de kinderen vaak niet weten wat het is om een thuis te hebben. Ze kennen geen stabiliteit en zijn bovendien zeer wantrouwig, vooral ten aanzien van autoritaire figuren. Als hulppersoon moet je dus eerst proberen hun vertrouwen te winnen. Dat doe je door hen een veilig gevoel te geven, leuke activiteiten te organiseren, en hen nooit te dwingen om hun angsten te delen.” “Eens ze zich meer op hun gemak voelen zal de verdedigingsmuur geleidelijk aan afbrokkelen, en laten ze je een glimp zien van wat hen bezighoudt. Een tijdje geleden organiseerden we in het Klein Kasteeltje een schildersessie met Tsjetsjeense jongeren. Instinctief grepen ze allemaal naar de zwarte verf. De kinderen schilderden afschuwelijke oorlogstaferelen, met verminkte en dode mensen. Zonder woorden te gebruiken, gaven ze vorm aan hun verdriet. Voor ons is dat even schrikken, maar het geeft aan dat het vertrouwen groeit.” Merkt u hetzelfde op bij volwassenen? Tahri: “Met volwassenen is het anders, en vaak ook moeilijker. Zij zijn zich zeer goed bewust van het feit dat ze asielzoeker zijn en in een bureaucratische en langdurende maalmolen zijn beland. Veelal weten ze niet waar ze hun kinderen morgen of volgende week mee naartoe moe-

Anissa Tahri: “Vluchtelingen in België willen hier een leven opbouwen en zijn bereid zich aan te passen. Wij zijn het die te onopmerkzaam zijn en het als een ver-van-mijn-bed-show beschouwen.”

ten sleuren. Het grootste probleem is dat deze vluchtelingen relatief snel ingeburgerd geraken. In tegenstelling tot wat vele mensen denken, zijn ze hier niet om van onze samenleving te profiteren en zich af

te zonderen. De mensen die bij ons terecht komen, willen een leven opbouwen in België, met vrienden, een loopbaan en een veilige plek voor hun kinderen. Gaandeweg, tijdens hun asielproces, doen ze dit ook. Dat

maakt het dan ook extra moeilijk als ze na een jaar te horen krijgen dat ze weer weg moeten. Maar wij kunnen moeilijk zeggen ‘hecht je maar niet te hard want de kans is groot dat je niet mag blijven.’ Dus zwijgen we


en hopen we samen met hen op een gunstige afloop.” Wat gebeurt er als het oordeel negatief is? Tahri: “In het Klein Kasteeltje krijgen de mensen dan dertig dagen om te vertrekken. Sommigen keren terug naar hun land, maar er zijn er ook die kiezen om in de illegaliteit verder te leven. Het is moeilijk om deze families los te laten nadat je maandenlang je best hebt gedaan om iets op te bouwen. Een tijd geleden zag ik nog kinderen terug waarmee ik gewerkt heb. Ze wonen nu op straat. Als hulppersoon moet je een olifantenhuid kweken. Ik houd mezelf nu voor dat ik toch al enkele maanden met de kinderen krijg, wat beter is dan niets. Maar veel vrijwilligers houden het niet vol en gooien na een tijd de handdoek in de ring.” Wat vindt u van het Belgisch asielbeleid? Tahri: “Het asielbeleid is hoe dan ook een precaire kwestie, omdat het over mensen gaat maar in het politieke speelveld behandeld wordt. Humanitair werk en politiek horen

“Je hoeft niet naar het buitenland om mensen te helpen. Er is meer dan genoeg humanitair werk in Brussel”

eigenlijk niet samen. Een asielzoeker moet kunnen bewijzen dat hij of zij in gevaar is en voldoet aan de voorwaarden van een politieke vluchteling. Maar hoe kan je nu voorwaarden stellen aan iemand die een toevluchtsoord zoekt? Van Kosovaren en Albanezen weten we op voorhand al dat ze waarschijnlijk weggestuurd zullen worden, omdat hun landen als ‘veilig’ worden beschouwd. Voor de regering is een verblijfsvergunning gewoon een vel papier, voor vluchtelingen is het een recht op leven.” “Met de komst van staatssecretaris (voor Asiel en Migratie, red.) Maggie De Block is er veel veranderd. De procedures zijn aanzienlijk verkort, tot een drietal maanden. Dat is enerzijds positief, omdat de slepende wachttijden vaak het moeilijkst zijn. Anderzijds worden veel vluchtelingen nu aan de grenzen geblokkeerd. We merken een enorme daling in het aantal asielzoekers. Verschillende centra hebben hun deuren moeten sluiten omdat ze geen volk meer hebben. Kan je je dat voorstellen, te véél opvangplaats, terwijl er miljoenen mensen op de vlucht zijn? Maar ik moet toegeven dat het er in andere landen, zoals Frankrijk, nog slechter aan toe gaat. Het vluchtelingenprobleem is helaas van permanente aard.” Céline Vincent

© SASKIA VANDERSTICHELE

BDW 1390 PAGINA 7 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

P-PRAAT

De afzetting rond de verzakte huizen zorgt al vijf jaar voor verkeershinder.

Mobiliteit > Bockstaellaan al vijf jaar versperd

Sloopwerk verzakte huizen verrast Mobiel Brussel BRUSSEL – Er zit beweging in het dossier van de verzakte huizen aan de Bockstaellaan. Sinds enkele weken zijn er breekwerken aan de gang. Misschien maar voor even, want Mobiel Brussel onderzoekt nog of de nieuwe eigenaar de nodige vergunningen heeft om de panden, die al vijf jaar lang gestut worden, te renoveren. In de vroege ochtend van 12 september 2008 moesten de bewoners van vijf huizen aan de Bockstaellaan onverwijld geëvacueerd worden na een grondverzakking. Bij nachtelijke verstevigingswerken aan de ondergrondse metrotunnel waren grote hoeveelheden modder en water de tunnel binnengedrongen. Het resultaat was een voetpad dat een halve meter lager lag en flink toegetakelde huizen. De bewoners van drie van de vijf panden konden snel terugkeren naar hun woning. Maar de nummers 338 en 340 waren zo beschadigd dat ze door stad Brussel onbewoonbaar werden verklaard. Omdat er instortingsgevaar dreigde, bracht Mobiel Brussel binnen en buiten forse stutpalen aan. Stad Brussel, die verantwoordelijk is voor de Bockstaellaan, bakende een ruime veiligheidsperimeter af. Deze situatie zorgt nu al vijf jaar voor heel wat verkeershinder. Over een afstand van meer dan vijftig meter is er richting centrum nog maar één rijvak over. De busbaan met fietspad is versperd en ook het trottoir is deels afgezet. Bovendien is de afslag links naar de Karel Bogaerdstraat afgesloten. Op vragen waarom deze lastige verkeerssituatie maar bleef voortduren, antwoordde minister van Openbare Werken Brigitte Grouwels (CD&V) in het verleden dat er een rechtszaak met de nodige expertises liep over de verantwoordelijkheid en de schadevergoeding. Zolang hierover geen duidelijkheid was, moesten de blauwe stutten en de wegafzetting blijven om de veiligheid te garanderen.

Koffiedik kijken Vandaag is de rechtszaak tussen de verzekeraars van de eigenaars en van Mobiel Brussel nog steeds aan de gang. Toch lijkt er iets te bewegen. Sinds enkele weken zijn arbeiders bezig met sloopwerken in een van de panden. Navraag bij het kabinet van Brussels schepen van Stedenbouw Geoffroy Coomans de Brachène (MR) leert dat de huizen intussen

verkocht zijn en dat de nieuwe eigenaar een bouwaanvraag heeft ingediend. Tegen alle verwachtingen in worden de huizen niet volledig met de grond gelijk gemaakt. Het nummer 338 wordt gerenoveerd. Van het schots en scheve nummer 440 zou alleen de voorkant worden afgebroken en weer opgebouwd. De vergunningen zijn nog niet afgeleverd, maar de overlegcommissie heeft vorige maand positief geadviseerd over de plannen. Over de mogelijke instabiliteit van de huizen werd niet gerept. Eigenaardig is dat Mobiel Brussel, dat al vijf jaar lang elke maand 3.000 euro betaalt voor de stutpalen, tot vorige week niet op de hoogte was van de plannen en de aan de gang zijnde breekwerken. De administratie belegde begin deze week dan ook halsoverkop een vergade-

“Wij moeten weten of het veilig is, of er van de verzekering mag gewerkt worden, wanneer die stutpalen eindelijk weg mogen en of de aannemer de kost op zich neemt” ring met de aannemer om na te gaan hoe het zit met de vergunningen. “De verzekeringsmaatschappijen, de advocaten, wijzelf, niemand wist dat er arbeiders aan de slag waren. Wij moeten weten of het veilig is, of er van de verzekering mag gewerkt worden, wanneer de stutpalen weg mogen en of de aannemer de kost van de stutpalen en afzetting overneemt,” zegt Inge Paemen van Mobiel Brussel. Pas als de stutten weg zijn, kan de Bockstaellaan vrijgegeven worden. “Dat zal pas gebeuren als we van de politie het bericht krijgen dat de situatie veilig is,” aldus de woordvoerder van Brussels schepen van Mobiliteit Els Ampe (Open VLD). “Wanneer dat zal zijn, is koffiedik kijken. Maar we zijn blij dat er toch wat schot in de zaak zit.”   Bettina Hubo

Syriëstrijders. Hans Bonte, SP.A-burgemeester van Vilvoorde, was er enkele maanden geleden nogal duidelijk over: hij ziet ze liever niet terugkeren naar zijn stad. “Beetje te radicaal - het begint al als ze hier zijn - en ronduit geestelijk gestoord als ze teruggekeerd zijn. Dus waarom zou ik ze terugwillen?” Zoiets zei Bonte, maar wij hebben het een beetje naar mensentaal vertaald, want u weet, politici... Wat een verschil echter met Brussel. Molenbeeks MR-burgemeester Madame Schep is eigenlijk dezelfde mening toegedaan als Hans Bonte, maar mag dat niet zeggen omdat dat in Brussel niet zo goed bekt, dat soort Vlaamse praat. En dus laat ze haar Ecolo-schepen van Jeugd en Integratie Sarah Turine het woord voeren. Turine moet zo nu en dan voor de progressieve noot zorgen in wat doorgaat voor een rechtse coalitie. Het is te zeggen: in een coalitie zonder Philippe Moureaux, niet extreemlinks dus, eerder dan rechts. Turine zegt letterlijk: “Il n’est pas possible de viser spécifiquement le départ de jeunes vers la Syrie (...) Ce qui m’inquiète davantage, c’est de ne pas avoir d’informations à leur retour. Il faut permettre aux services de première ligne de la commune de se rendre vers ces jeunes et de leur proposer un accompagnement professionnel, psychologique, etc., pour leur permettre de donner un sens positif à leur vie en Belgique.” Het zal je maar overkomen: moe en voldaan kom je rechtstreeks van het slagveld met een Jetairvlucht aan op Zaventem. Eenmaal in Molenbeek gaat de bel. Ding dong. “Hallo, Sarah Turine hier. Ik kom u helpen. Wenst u werk? Een knuffel?” Ons dunkt dat zelfs de meest getormenteerde Syriëheld dan de relatieve rust van een oorlog verkiest boven de goede bedoelingen van een groene. Tiens... Misschien is dat de tactiek van Turine om ze in Syrië te houden? Dan toch rechts.

CHIEN ÉCRASÉ RAMMELTRAM – Het kind heeft een naam gekregen: tram 62 van de MIVB is door brusselnieuws.be tot ‘rammeltram’ omgedoopt. Een rammeltram is wat het is: een tram die rammelt als hij voorbij rijdt. Is behoorlijk effectief, omdat je weet dat er een tram voorbijrijdt, maar een tikkeltje lastig als je aan een tramroute woont. U weet dat de burgemeester van Schaarbeek, Bernard Clerfayt (FDF), daarom tram 62 verboden heeft op het grondgebied van zijn gemeente, het is te zeggen: trams van het type T2000, nu dus rammeltram genoemd. De MIVB wist niet goed hoe ze op deze demarche moest reageren, deed er het zwijgen toe, maar stapt nu naar de Raad van State om Clerfayts beslissing ongedaan te maken en de tram opnieuw als vanouds te laten rammelen. Of toch niet, want de MIVB heeft al beloofd om stillere trams in te zetten op lijn 62. Stiltetrams bestaan tegenwoordig ook al. Zij rammelen niet, maar zwijgen. Zo nodig nog gevaarlijker. DEFECT – Hebt u ook al willen zien dat een aanzienlijk deel van bussen 38 en 71 tegenwoordig last heeft van een defecte display? U kan in dat geval dus niet lezen waar de bus heen gaat, noch wat haar nummer is. Geen ramp, want alle bussen van de MIVB gaan naar Brussel, u weet dus altijd waar u terechtkomt. Attent in dat geval is wanneer menslievende chauffeurs toch papiertjes voor de ruit schuiven waar het nummer van de bus op vermeld wordt. Anderen doen dat dan weer niet, en dus ontvouwen er zich taferelen van MIVB-klanten die elke bus doen stoppen om het nummer te vragen. Allemaal voor een nummer.


BDW 1390 PAGINA 8 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

Rabbi Michael Rosenblum: “Religie is geen zaak die begint en ophoudt met sacrale ruimtes.”

‘Niet gedefinieerd door mijn keppel’ BRUSSEL – Nabij station Schuman heb ik een afspraak met rabbi Michael Rosenblum. Ik wacht hem op in de European Jewish Library. “We zijn gestart met twee rekken,” hoor ik plots in Amerikaans Engels achter mij zeggen. “Ik hoop er echt iets groots van te kunnen maken.”

R 

abbi Rosenblum is directeur van de EU Jewish Building. “Je vergelijkt het misschien nog het best met een bedrijvencentrum, maar dan voor Joods-Europese organisaties. We zorgen dat ze hier allemaal onder één dak kunnen zitten, vlakbij de Europese instellingen.” Een muur in de hal hangt vol affiches van Joodse ngo’s, de Europees-Joodse studentenvereniging en de European Jewish Press, The Rabbinical Center of Europe... Een uitvalsbasis voor lobbyisten, dus? “Neen, zeker niet exclusief. In veel gevallen gaat het voornamelijk om het creëren van een intern Europees netwerk, eerder dan om belangen-

groepen die hun aandachtspunten op de drempel van de Europese instellingen in deze buurt willen leggen.” Michael Rosenblum gelooft in de meerwaarde van zulk intern overleg. “Ook in wat misschien op het eerste zicht plaatselijke kwesties lijken. Een kleine lokale gemeenschap in het oosten van Frankrijk kan misschien iets leren uit de ogenschijnlijk even ‘lokale’ ervaringen van een andere gemeenschap ergens in het Verenigd Koninkrijk.” Het gebouw huisvest ook de Europese synagoge Ohel Eliezer. “Het is zeker niet de ‘Great European Synagogue’ of iets van die aard. We hebben hier een kleine lokale gemeenschap, maar

een minstens even belangrijk aspect voor ons is dat we ook gericht zijn op wie bijvoorbeeld om professionele redenen in Brussel is en hier de Shabbat wil vieren.” Of hij zelf ook aan lobbying doet, vraag ik. “Neen, zeker niet in de traditionele betekenis die men onder dat woord verstaat. Maar ik draag wel mijn overtuiging uit,” lacht de rabbi. “Men ziet, of meent te zien, waar ik voor sta. En net daarom wil ik dat ook altijd weer onderstrepen door te tonen hoe ik in het leven sta. Het is dus niet zozeer mijn keppel die me definieert, al zet net die me er in zekere zin wel toe aan om in mijn dagelijks doen en laten mijn le-

© MARIE WYNANTS

Onze zomerreeks Metrolijn 5 wordt verzorgd door studenten Journalistiek en medewerkers van HUB, Luca en ISFSC. Elke week gaan ze bovengronds aan een metrohalte tussen Erasmus en HerrmannDebroux om het verhaal van een bijzondere persoon uit de buurt te vertellen.

vensfilosofie van verdraagzaamheid en mijn gemeende belangstelling in anderen rondom mij zoveel mogelijk te tonen. Een filosofie die wezenlijk heel universeel is, die gedeeld wordt door vele gelovigen, onafhankelijk van hun precieze religie, en trouwens ook door niet-gelovigen.” Oorspronkelijk komt hij uit Brooklyn. Als ik hem vraag een vergelijking te maken, zegt hij even dat New York “meer vibreert.” Maar hij voelt zich zeker ook thuis in zijn wijk, die hij als de Brusselse “EU bubble” omschrijft. “Een wijk waar diversiteit troef is. Waar je ziet dat de stad vandaag niet echt meer van iemand specifiek is en dus vooral van iedereen. Waar de diversiteit zeker ook gestalte krijgt door anderen dan alleen de ambtenaren. Ze deint

DEM EY HER RMA NNDEB RO U X

BEA ULIE U

DEL TA

HAN K AR

LON PÉT IL

THI EFFR Y

MER ODE

AN UM SCH

ALB EEK MA

ET KUN ST-W

PAR K

N STA T IO A AL

CEN TR

OUC KÈR E

DE B R

ELIJ NE SIN T-K A T

GR A A

F VA

NV

LAA

RTE

VIJV

NDE REN

ERS

NT Z WA

BEE KK A

N TS T ATIO WES

E

UES BRE L

JACQ

AUM AL

SIN T-

WEI DE VEE

GUI DO

Een Brusselse zomerreis van Erasmus tot Herrmann-Debroux (6): Michael Rosenblum uit Schuman

BIZE T

AD HET R

CER IA

EDD YM ERC KX

ER A SMU S

METROLIJN 5

uit, ze zit ook in de hoofden van de oorspronkelijke bewoners, de huiseigenaren, de mensen die hier een zaak hebben. De diversiteit deint ook uit naar de rest van de stad.” Een stad waarin hij allang niet meer schrikt wanneer iemand eerst zegt geen Engels te spreken, maar je vervolgens wel lang in diezelfde taal te woord staat. Niettemin lag de verhuis naar Europa niet zo voor de hand. “Mijn aankondiging veroorzaakte wel wat schokgolven in de familie.” Terug naar het continent waar zijn grootmoeder Auschwitz overleefde. Het continent waar zijn eigen moeder in een kamp werd geboren. Het continent ook waar hij zich nu zorgen maakt over het antisemitisme dat er hier en daar weer de kop opsteekt. Ik vraag hem of we hier in zijn ogen de lessen van de geschiedenis verleerd zijn, of de slinger van die geschiedenis ons terug naar pakweg de jaren net voor de Eerste Wereldoorlog of de jaren 1930 drijft, zoals sommigen beweren. Michael Rosenblum schudt zijn hoofd. “Neen,” zegt hij nadrukkelijk. “Er is wel degelijk een groot verschil met die periodes: burgers zijn nu meer ‘empowered’ dan vroeger. Dat betekent voor mij niet alleen dat je sneller negatieve stromingen zal zien opduiken, omdat men ze makkelijker en breder kan verspreiden dan vroeger. Neen, dat houdt precies ook in dat je hetzelfde kan doen met de strijd tegen die negatieve stromingen, of met positieve initiatieven tout court. Misschien, toegegeven, nemen die laatste wat meer tijd om opgezet te geraken, maar ze brengen uiteindelijk altijd licht in een duisternis, en zijn in die zin duurzamer van aard.” We staan op en de rabbi leidt me rond in het gebouw. Achteraan in een aanbouw staat een tafel gedekt voor de familieleden en vrienden van een overledene. “Hier komen we ook altijd samen na het middaggebed.” Er zijn bureaus. En er is de synagoge zelf. Niet zo heel groot, dezelfde ruimte wordt ook gebruikt voor conferenties, lezingen, recepties. Op zulke evenementen worden de deuren gesloten van de ark waarin men de Thorarollen bewaart. Kan je door het aanpassen van het uitzicht van de ruimte diezelfde ruimte ook echt inhoudelijk transformeren, ze als het ware tijdelijk van haar religieus karakter ontdoen? “Je moet dat omkeren”, zegt Rosenblum. “Religie is geen zaak die begint en ophoudt met sacrale ruimtes. Het is niet de plaats, maar wie in die plaats is, die de religie vorm geeft. Het gaat om leven in een gemeenschap. Dat bidden is belangrijk, dat je het met vrienden doet allicht evenveel: de religie heeft beide nodig.”  Tom Van Puyenbroeck


BDW 1390 PAGINA 9 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

ADVERTENTIE

© MARC GYSENS

De driehoek Tweestations-, Goederen- en Dr.Kubornstraat: in 2014 opnieuw bebouwd.

Anderlecht > Gomb laat werf kraaknet zomeren

Witte strandhuisplankjes in afwachting van 100 woningen Net voor het bouwverlof sloop IPB-Benelux voor de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij Brussel (Gomb) de leegstand op de driehoek Dokter Kubornstraat, Goederenstraat en Tweestationsstraat. Het terrein van 11.000 vierkante meter werd gesaneerd en kraaknet omheind door witte planken met strandhuisallures. Het hoge lattenwerk moet verhinderen dat de site betreden wordt of dat er sluikvuil wordt gedumpt. De grond werd in 2012 door de Gomb verworven en krijgt woonbouw als bestemming. “Op 19 augustus is de oproep naar kandidaat-promotors afgerond,” weet gedele-

geerd bestuurder Julien Meganck, “het is nu zaak om te bekijken wie beantwoordt aan wat het lastenboek en andere criteria voorschrijven. In september volgt dan de definitieve toewijzing aan een bouwpromotor. Die mag hier honderd woningen bouwen.” De nieuwe bouwpromotor zal deze herfst en winter de stedenbouwkundige aanvraag moeten bolwerken. De Gomb zou de werf graag al in 2014 zien opgestart worden. Het geheel past in het driedelig bouwproject dat de Gomb in Anderlecht heeft gepland.   JMB

© HERMAN RICOUR

LOD / JOSSE DE PAUW & KRIS DEFOORT

An Old Monk DO 29 & VR 30.08, 20 30 u

ZONZO COMPAGNIE

Starend Meisje DI 3.09, 19 u & WO 4.09, 16 u BRONKS

KAAITHEATER

TRISTERO / KRISTIEN DE PROOST

Toestand DO 29 & VR 30 & ZA 31.08, 20 u 30

PIETER DE BUYSSER & HANS OP DE BEECK

Book Burning WO 4 & VR 6.09 (NL), DO 5.09 (ENG), 20 u 30, KAAITHEATER

KAAISTuDIO’S

TG STAN

Nora

LOTTE VAN DEN BERG / OMSK

Pleinvrees

DO 29.08, 20 u 30

DO 5.09, 17 u (FR) & 19 u (NL),

BRONKS

VR 6.09, 16 u (NL) & 19 u (FR) VERSCHILLENDE LOCATIES

MIGHTYSOCIETY / ERIC DE VROEDT

Mightysociety 10 VR 30.08, 21 u

Sint-Jans-Molenbeek > Automaat serveert frieten in anderhalve minuut

Friettoestel met groeipijnen

BRONKS

BreakTime Solutions, onder meer van frituren die ‘s nachts hun klanten willen blijven bedienen, valt nog af te wachten of de frietautomaat succesvol wordt. Eerdere gelijkaardige initiatieven, zoals de geflopte Speedy Fryer van ovenfabrikant Leventi, doen alvast niet vermoeden dat het gat in de markt is ontdekt. Van de toestellen die in België werden verspreid, heeft de laatste frietautomaat vorige maand de geest gegeven. Bedrijfsleider Rob Bouman windt er geen doekjes om. “Het lag niet aan de kwaliteit van de frietjes, er was gewoon geen vraag naar.”   KV

Duikvlucht DO 5 & VR 6.09, 19 u ,

THEATER FROEFROE

Tropoi

ZA 7 & ZO 8.09, 15 u & 19 u STEENKAAI 44, VILVOORDE

ZA 31.08 & ZO 1.09, 16 u BRONKS

In de friethoek bij de uitgang van de Proxy Delhaize in Molenbeek kan je voortaan je honger stillen met een pakje friet uit de automaat. Een sms verwittigt de uitbater wanneer hij de voorraad diepvriesfrieten moet aanvullen of de olie moet verversen. Maar amper twee dagen na lancering stelden nieuwsgierigen zondagavond via een handgeschreven briefje vast dat er iets mis was: de frietvoorraad bleek uitgeput. “Door de vele interesse,” zegt Tuline Bey van distributeur BreakTime Solutions. Maandagmiddag kon alweer besteld worden. Ondanks de (internationale) vraag naar automaten van

STUDIO ORKA & THEATER ANTIGONE

NTGENT

Platonov ABATTOIR FERMÉ

ZA 7.09, 20 u 30, KAAITHEATER

A Brief History of Hell ZA 31.08 & ZO 1.09, 20 u 30 KAAITHEATER

ONTROEREND GOED & LAIKA

All That Is Wrong ZO 1 & MA 2.09, 20 u 30 KAAISTuDIO’S

TROUBLE MAN / SADETTIN KIRMIZIYÛZ

Somedaymyprince will.com ZA 7.09, 20 u 30 BRONKS


BDW 1390 PAGINA 12 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

sieke afmetingen. Twee voetpaden van 6 meter breed zijn beplant met 300 platanen en in het midden is er een steenweg van 18 meter breed, met anderhalf miljoen kasseien in porfyrie. Ondanks het gebrek aan onderhoud, heeft de Havenlaan tijd doorstaan, als verkeert de Havenlaan tegenwoordig in slechte staat. Het is de laatste havenlaan van België: een patrimonium dat we moeten beschermen.

Kasseileggers

“De kasseien aan de Havenlaan, die in 1903 werd aangelegd om de kaaien en merkwaardige site van Thurn & Taxis te bedienen, moeten heraangelegd worden,” stelt Patrick Wouters.

© BART DEWAELE

Mobiliteit > Actiecomité Havenlaan richt zich tot minister Grouwels

Waarom de kasseien behouden moeten blijven

BDWOPINIE “De Havenlaan lijkt sinds vele jaren op een piste van de Parijs-Dakarrally vanwege haar geavanceerde staat van verval. Het wordt dringend noodzakelijk deze belangrijke as van penetratie in het noordwesten van de hoofdstad om te bouwen,” zei minister van Mobiliteit Brigitte Grouwels op 18 juli aan Belga. Dat zijn voor kritiek vatbare argumenten, maar we moeten er een belangrijke kanttekening bij maken. De Havenlaan werd gedurende 40 jaar niet goed onderhouden door de wegendienst, die geleid wordt door dezelfde minister. Daarbij willen we graag twee opmerkingen plaatsen. Ten eerste moet men de weerstand, zonder onderhoud, van het wegdek

© SASKIA VANDERSTICHELE

BRUSSEL – In het dossier van de Havenlaan redeneren onze politici op korte termijn en durven ze niet te gaan voor duurzame oplossingen. Aktie Patrimonium, Kasseien, Platanen helpt een handje: de kasseien heraanleggen is een goede oplossing voor het milieu en zorgt bovendien voor werkgelegenheid. in kasseien bewonderen. Ten tweede wijzen we op de tegenspraak met het officiële beleid van de Brusselse regering: deze regering zou het autoverkeer van pendelaars naar Brussel net willen ontmoedigen.

“De oplossing die wij voorstellen is goedkoper en soepeler, remt de snelheid van de autobestuurders en respecteert het Brussels patrimonium”

Porfyrie Maar nu herontdekt men plotseling de Havenlaan, precies op het moment dat de kanaalzone het nieuwe eldorado van de betonboeren dreigt te worden. Er worden heel wat kantoren en luxeappartementen gebouwd, en dat allemaal dankzij goedkope en oude industriegronden. Het is verbazend hoe onze politici zich haasten om de belangen te dienen van deze bouwpromotoren. Overal gaan de immobiliënlobby’s aan de slag: men spreekt van marina’s, van lofts met zicht op het trendy waterfront. Brussel zou het water

Patrick Wouters (APKP).

willen herontdekken... We horen van politici en journalisten steeds hetzelfde refrein. John le Carré zei het al in 2003: onze politici liegen aan de pers, zij zien hun leugens afgedrukt en noemen dit de publieke opinie. De Havenlaan is een industriële en havenlaan, ontworpen in 1903 om de kaaien en de merkwaardige site

van Thurn & Taxis te bedienen, met het oog op een intense, zware en trage trafiek. De laan is 1600 meter lang, 30 meter breed, en heeft klas-

Binnen dertig jaar, als door klimaatopwarming en petroleumschaarste het massaal wegenvervoer voorbijgestreefd is, ontdekken we opnieuw hoe noodzakelijk de vaart is voor de bevoorrading van Brussel. Het watervervoer verbruikt namelijk weinig energie. Maar onze politici redeneren op korte termijn en durven niet te gaan voor duurzame oplossingen. En dan verspillen ze de gronden in de kanaalzone die nog vrij zijn, waardoor ze onbruikbaar worden voor het lossen en stapelen van goederen. Nochtans is geweten dat de stapelhuizen in de zones langs de autowegen naar de oevers van de waterwegen zullen moeten verhuizen. Een steenweg in kasseien heeft het groot voordeel het autoverkeer te vertragen. Daardoor kunnen ook de vele vrachtwagens gemakkelijker manoeuvreren naar betoncentrales, handelaars in bouwmaterialen en pakhuizen. In de Groenlaan, de parallelweg aan de andere oever van de vaart, is dat niet het geval: die bevordert overdreven snelheid. Onlangs werd een autobestuurder er aan 152 kilometer per uur geflitst. Om die snelheden te vermijden, denken de bedenkers van een geasfalteerde Havenlaan aan radarcontroles. De kasseien volgens de kunst heraanleggen in de Havenlaan is een duurzame oplossing met een uitstekend koolstofbalans: de kasseien (in Belgische porfyrie) kunnen onbeperkt hergebruikt worden en ze zijn al ter plaatse. Het geeft ook 7 maanden werk aan 40 kasseileggers. Overal klaagt men over het gebrek aan werkgelegenheid: hier is er nuttig werk en een unieke kans om geschoolde werkmannen op te leiden. Kasseien zijn ook veel soepeler in de aanwending, bijvoorbeeld om een tramlijn aan te leggen, en het werk kan in schijven gebeuren zonder het verkeer en de toegang tot de aangrenzende bedrijven volledig te blokkeren. Kortom, de oplossing die wij voorstellen is goedkoper en soepeler, remt de snelheid van de autobestuurders, vergemakkelijkt de toegang tot de bedrijven, creëert werkgelegenheid, geeft een betere koolstofbalans en respecteert het Brussels patrimonium. Aan iedere zijde van de rijbaan hebben fietsers een veilig, doorlopend fietspad en voetgangers nieuwe voetpaden. 

Patrick Wouters

APKP (Aktie Patrimonium, Kasseien, Platanen bestaat onder andere uit Inter-Environnement Bruxelles, A.R.AU, Brusselfabriek, buurtcomités Maria-Christina/Koninginne/Stefania…) Meer info op www.havenlaan.be


BDW 1390 PAGINA 13 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

BRIEVEN VAN LEZERS   lezersbrieven@bdw.be Islamisering (1) In de lezersbrief van Lieven Van Mele van N-VA Schaarbeek (BDW 1389, p.11) wordt een zeer eng, veralgemenend en bijwijlen ergerlijk relaas gegeven van één feit dat, volgens hem, de steeds vorderende islamisering van het Brussels Gewest moet weergeven. Hoe durft de heer Van Mele, aan de hand van één zogezegd gekend voorval, een dergelijk discours afsteken? Het leek eerder op een ophitsend pamflet dat we gewoon zijn te lezen in de boekjes van het Vlaams Belang. Waar velen in Brussel proberen om een way of life te vinden waar al de bevolkingsgroepen in rust en vrede kunnen samenleven, begint nu blijkbaar ook N-VA zich even populistisch te gedragen als het Vlaams Belang. Waarschijnlijk past deze lezersbrief perfect in hun hele electorale strategie. Graag stoer doen om zo stemmen van Vlaams Belang af te snoepen. Het wordt nu wel erg duidelijk hoe dicht N-VA bij het Vlaams Belang staat. Misschien kunnen ze zich beter eens meer wat verdiepen in wat ze effectief willen met Brussel in plaats van steeds uit te pakken met vage slogans zoals “wij laten Brussel niet los.” Zulke belangrijke studies, daar pak je niet mee uit vier maanden voor de verkiezingen.  Lieve Cochoul, Evere

Islamisering (2) Dhr. Van Mele spreekt over de “islamisering” van Brussel op basis van één feit waarvan hij getuige was. Men moet opletten wanneer men spreekt over zulk gevoelig onderwerp en vooral veralgemeningen mijden. Zou ik over “racistisch” Vlaanderen of België mogen spreken als ik getuige of slachtoffer was van racistische opmerkingen en/of daden van een autochtoon? Neen, want dat zou weer een veralgemening zijn, een strategie dat vaak gebruikt wordt door racistische en xenofobe bewegingen. Dhr. Van Mele spreekt over “de snelle groei van de moslimbevolking in België en de rest van het westen, en de groei van de radicale Islam wereldwijd.” Ten eerste mag hij gerustgesteld worden. De cijfers tonen aan dat de moslimbevolking noch sneller, noch langzamer groeit dan de ‘autochtone’ bevolking. Deze argumenten van de aanhangers van de “Eurabia theorie” dienen om burgers af te schrikken door hen te laten geloven dat in een nabije toekomst de sharia zal worden ingevoerd in Europa en dat de moslimbevolking de meerderheid zal bemachtigen in West-Europa. Mag ik er ook aan herinneren dat wij eerst en vooral Belgische burgers zijn en dat in een seculiere staat mensen niet op basis van hun godsdienst maar op basis van hun burgerschap moeten worden aangesproken? Ten tweede maakt Dhr. Van Mele een schandelijk verband tussen de groei van de “moslimbevolking” en “de groei van de radicale Islam wereldwijd”, alsof er een automatisch causaal verband tussen beiden bestond. Weet Dhr. Van Mele dat de meeste slachtoffers van terroristische daden, gepleegd in de naam van de Islam, zelf moslims zijn? Ten derde gebruikt Dhr.Van Mele nog een ander argument om de moslims te stigmatiseren, wanneer hij de situatie in België vergelijkt met, aldus hem, de situatie van de christenen in Egypte. België is niet Egypte. Ik woon zelf in Schaarbeek en sinds 18 jaar heb ik een gelijkaardige situatie nog nooit meegemaakt. Wat ik wel zie is dat tijdens de ramadan snacks en restaurants overdag open blijven op het Liedtsplein of in de Brabantstraat – allen uitgebaat door allochtonen - en iedereen die wil kan daar gewoon iets bestellen en het ter plaatse opeten. Ten slotte spreekt dhr. Van Mele blijkbaar namens N-VA Schaarbeek. Ik ben benieuwd of de Brusselse afdeling van de N-VA dezelfde standpunten steunt. Voor alle duidelijkheid: het gedrag gerapporteerd door Dhr. Van Mele is voor mij, zoals voor de grote meer-

derheid van de Brusselse moslims, onaanvaardbaar. Dat iemand kiest om te vasten om religieuze motieven is zijn eigen goed recht, maar dat geeft hem op geen enkele wijze het recht om die praktijk aan iemand anders op te leggen. Godsdienstvrijheid is en moet een individuele vrijheid blijven.  Saïd Zayou, Schaarbeek

Brussels Summer Festival De organisatie van Brussels Summer Festival, meer bepaald de organisatie van het concert van Les Innocents, was lamentabel. Wij hebben uren moeten wachten. De communicatie was slecht en men bleef tickets verkopen terwijl de zaak al dubbel uitverkocht was. Dit is Brussel onwaardig! Mocht u denken dat ik de enige ben die klaag, neem dan eens een kijkje op de website van Le Soir en lees de commentaren erop na. Iedereen is het erover eens dat dit een staaltje van amateurisme is dat echt niet meer van deze tijd is. Wij hadden een pasje voor tien dagen gekocht en daar sta je dan, buiten. Ik vraag u dan ook hoe het zit met compensatie voor de frustraties en het tijdverlies waar uw organisatie voor gezorgd heeft? Ik hoop dat men voor Brussel vlug met een oplossing komt om de organisatie snel te verbeteren.  Jan Brouckaert, Brussel

Vlaming in Brussel Wat de lezersbrief van Lieven Van Mele (BDW 1389, p.11) betreft: ik hoop dat hij tussenbeide kwam en die twee Marokkaanse Brusselaars erop wees dat zij geen rookverbod hebben op te leggen aan om het even welke vrouw in openlucht. Ik ben overigens benieuwd hoe het komt dat Lieven Van Mele zo precies weet wat de nationaliteiten en religies van betrokken partijen zijn. Maar wat ik vooral jammer vind: hij vertelt niet of hij iets zei of tussenbeide kwam. Niet alleen dat: Lieven Van Mele is dubbelzinnig. Enerzijds zegt hij dat de vraag niet is of dit gedrag representatief is voor de doorsnee moslim; wat verder verwijst hij naar excessen in moslimlanden. Goed, dat ze er minder tolerant zijn, weten we ook wel. Wat wil Van Mele? Een agent op elke hoek van de straat die ingrijpt, repressie die onze waarden zou verdedigen? Of roept hij op om in discussie te gaan bij dergelijke incidenten? De eerste oplossing past in het N-VA-pakje; de tweede vraagt meer durf en is moeilijker. Maar in debat gaan lijkt mij de enige oplossing. Dit is geen recuperatie voor een politieke partij. Ook wil ik graag reageren op het opiniestuk van Rik Dhoest (BDW 1389, p.10). Ik ben het helemaal met hem eens dat het Nederlands in Brussel aan belang wint en dat het Nederlandstalig onderwijsnet in Brussel daar zijn rol in speelt (net als de andere Nederlandstalige, al dan niet door de Vlaamse Gemeenschap gesubsidieerde) initiatieven. Brussel zal nooit weer volledig Nederlandstalig zijn, als het dat ooit al was. En ja, Vlamingen zijn een minderheid in Brussel en hebben nood aan steun van hun sterke broer, Vlaanderen. Dat is wat juist ontbreekt in het programma van uw partij, de N-VA. Dat laat duidelijk blijken dat het Brussel liever kwijt is, want daar moet je vertrekken vanuit een minderheidspositie en onderhandelen. Nee, ik word liever wakker in een Brussel waar mijn rechten als Vlaming beschermd worden door mensen die weten te onderhandelen in wederzijds respect. Groen en Ecolo hebben bijvoorbeeld in Schaarbeek bereikt dat voor het eerst in jaren gemeentelijke Nederlandstalige scholen worden geopend, nochtans met FDF-burgemeester. Steven Lambrecht, Schaarbeek

SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.

BDWOPINIE Verboden? door Danny Vileyn Een Elsense straatveger moet één week loon inleveren omdat hij in februari geweigerd heeft om schepen van Openbare Reinheid Viviane Teitelbaum (MR) – zijn werkgever – de hand te drukken. Dat is een lichte straf, maar wegens het proportionaliteitsbeginsel wou het schepencollege niet verder gaan. Elsene wil het risico niet lopen dat de man in beroep gaat en de zaak in eindeloze procedures verzandt. Hij heeft overigens al laten weten dat hij de straf aanvaardt, maar ook in de toekomst vrouwen geen hand zal geven omdat zijn godsdienst - de islam - hem dat verbiedt. Het voorval in Elsene is niet het eerste in zijn soort en het zal waarschijnlijk ook niet het laatste zijn. In april van dit jaar werd een museumbediende van de stad Brussel - een bekeerde Belg - ook al ontslagen omdat hij een vrouwelijke schepen weigerde de hand te schudden. Die weigering was echter de druppel die de emmer deed overlopen: de man weigerde eerder ook een uniform aan te trekken en dienbladen met alcohol rond te dragen.  Tuchtsancties staan frequent op de agenda van de gemeenteraden, zeker in een grote stad als Brussel met duizenden personeelsleden, maar tenzij de gestrafte er zelf ruchtbaarheid aan geeft, blijven ze binnenskamers. Het symbolische gehalte van deze tuchtsanctie is echter zo groot, dat ze wel moest naar buiten gebracht worden. Een medemens de hand weigeren omdat die persoon van het vrouwelijk geslacht is, gaat regelrecht in tegen alles waar onze samenleving voor staat, of op z’n minst zegt voor te staan. De straatveger riep religieuze redenen in, maar die doen hier absoluut niet ter zake, zelfs al heeft de man zich verontschuldigd met de hand op het hart. Samenleven in een kosmopolitische stad kan niet zonder een sokkel van gemeenschappelijke normen en waarden en bij een bepaalde baan hoort een gedragscode. De gelijkwaardigheid van man en vrouw hoort hier alvast bij. De overheid moet niet alleen ferm optreden tegen flagrante overtredingen in haar diensten, de bevolking moet ook weten dat er tegen opgetreden wordt. Te veel Brusselaars zijn er (ten onrechte dus) van overtuigd dat in naam van de godsdienst - vaak: de islam - alles toegelaten is. Teitelbaum waarschuwt dat de sanctie de volgende keer zwaarder zal zijn. Dat de man volhardt in de boosheid is onbegrijpelijk, bij herhaalde inbreuken dreigt hij zelfs zijn baan te verliezen. Hij riskeert bovendien in de maatschappelijke marginaliteit te belanden. Hoeveel mensen die zich buiten de maatschappij plaatsen, kunnen we ons veroorloven?

WAUTER MANNAERT


Operette van nu tot kerst SINT-AGATHA-BERCHEM/BRUSSEL - De reservering voor de kerstvoorstellingen (19 tot 21 december) van het Brussels Operettetheater is van start gegaan. Een grote bezetting werd opgetrommeld om samen met het City of Brussels Orchestra en het Koor van het BOT de grote Straussklassieker Die Fledermaus op te voeren. De frivole operette vol spielereien en meezingers wordt met boventitels in Nederlands en Frans opgevoerd in het Kaaitheater. Lieven Baert verzorgt de regie en Stijn Saveniers dirigeert. Het Brussels gezelschap vindt het een hele uitdaging om het werk in drie bedrijven te presenteren. Toch moet het andermaal het bewijs leveren dat het genre kansen krijgt in de hoofdstad en in de Rand. Wie op zijn honger zit, krijgt eerstdaags nog de kans om het Brussels Operettetheater aan het werk te zien. De vereniging sluit de reeks ‘Jong talent’ af met twee concerten in de Oude Kerk van Sint-Agatha-Berchem. Volgende week donderdag zijn er namiddag- en avondconcerten met sopraan Laura Gils, als kind al te zien in de kinderopera Cinderella. Met Matthias Coppens aan de piano brengt zij aria- en liederenparels van Franse topcomponisten zoals Debussy, Poulenc, Saint-Saëns, Bizet en Fauré. Een maand later, op 26 september, zingen de tenoren Mitch Raemaekers en Mixalich Chulpajev, twee afgestudeerden van het Conservatorium van Maastricht. Na de concerten (8 en 9 euro) wordt een drink aangeboden. JMB  Meer info: 02-201.11.90

1914-1918 IN KAART ELSENE – Het Koninklijk Legermuseum en het Nationaal Geografisch Instituut (Ter Kamerenabdij) hebben in de aanloop naar de eeuwviering van de Eerste Wereldoorlog de detailkaart ‘1914-1918 The Great War from Liege to the Yser and the Somme’ uitgegeven. Alle troepenbewegingen en -gevechten zijn er op terug te vinden. Van de invasieroutes van de keizerlijke legers en de gruwelacties van de bezetter tot de forten, loopgraven, bunkerlinies en militaire begraafplaatsen. Ereluitenant-kolonel Fons Wuyts puzzelde alle documentatie bij mekaar.  JMB Kaart en mapje kosten 12 euro, www.ngi.be ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

✆ 0800-15045

alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

BDW 1390 PAGINA 14 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

ZOMERREEKS (6) ANNA FRANZISKA JÄGER WAS DERTIEN IN 2010

‘Toen was ik nog zo naïef’ BRUSSEL – In de laatste aflevering van onze zomerreeks zijn we in 2010 aanbeland. Slechts drie jaar geleden vierde Anna Franziska Jäger (16) haar dertiende verjaardag. “Intussen is er al zoveel veranderd,” zegt ze. “Ik stelde me drie jaar geleden vaak voor hoe het zou zijn om zestien jaar te zijn. Wel, het is nog beter dan ik dacht!”

Z 

e is de dochter van gepassioneerde en bekende ouders, de choreografe Anne Teresa de Keersmaeker en Gerhard Jäger, de bezieler van Art Basics for Children. “Je gaat dat waarschijnlijk ook wel moeten vermelden in het artikel, over mijn ouders?” vraagt Anna Franziska (A-F) halverwege ons gesprek, een beetje argwanend. Niet dat ze erom verlegen zit, verzekert ze mij, integendeel: ze kijkt echt op naar haar creatieve vader en moeder. Maar ze wil ook graag voor zichzelf staan. “Ik heb het daar vaak over met Hana De Pauw (dochter van Josse De Pauw, red). We beseffen heel goed wat we van onze ouders hebben meegekregen, maar hopelijk zien de mensen ons toch niet alleen maar als de dochters van.” Vijf jaar geleden stond A-F voor het eerst zelf in de spotlights toen ze de hoofdrol wegkaapte van de film My queen Karo van Dorothée Vandenberghe. Waarvoor ze met goeie kritieken en enkele prijzen overladen werd. “In die periode, van mijn tiende tot mijn dertiende, leek acteren vanzelfsprekend. Maar hoe ouder ik word, hoe minder zeker ik daarvan ben. Ik kreeg de kriebels om te spelen voor een groot deel door mijn omgeving, omdat mama en mijn tante Jolente vaak op scène stonden en staan. Maar ik weet nu niet meer zo goed wat het echt voor mij betekent. Ik ben onzekerder dan toen ik dertien was, op dat vlak dan toch. Je hebt meer verantwoordelijkheid nu, je bent niet meer dat kleine meisje dat gewoon maar wat doet, eerder onbezonnen nog. Nu kan je achteraf, als het niet goed gaat, ook niet meer

zeggen “Ah ja, maar ik was nog zo jong…”

Kunst en media Film, dans, toneel, fotografie… het mag niet verwonderen dat A-F gezien haar stamboom al uitgebreid heeft mogen proeven van de schone kunsten. “Op mijn dertiende volgde ik dansles

“Naar de buitenwereld beweer je meestal dat je graag ouder wil zijn, volwassen wil worden. Maar stiekem, diep van binnen, wil je soms nog graag met de poppen spelen. En bij elke halve kus van een jongen op de mond sla je tilt” bij Dancing Kids van Rosas, en ging ik naar de muziekacademie van Wemmel. Nu doe ik geen van beide meer. Ik dans wel nog graag, maar dan vooral als ik uitga met mijn vriendinnen. En nu en dan zit ik nog aan de piano, maar veel minder dan vroeger. Ik wil graag nieuwe dingen ontdekken. Hoe ouder ik word, hoe meer

Anna Franziska Jäger in 2010: “De hele zomervakantie dacht ik na over hoe de eerste schooldag zou verlopen.”

ik me voel als een spons die vanalles wil opnemen. Ik heb bijvoorbeeld een abonnement bij Cinematek en soms zit ik uren op het internet om foto’s te verzamelen van kunstfotografen.” Via het net komen we natuurlijk bij Facebook, en of dat, zoals voor zoveel jongeren vandaag, ook een rol in haar leven speelt? “Ja, toch wel,” lacht ze. “Maar ik zeg vaak tegen mezelf dat ik er minder tijd aan wil besteden. Het is heel verleidelijk, en soms best leuk, maar het draait toch te dikwijls om dingen die me niet genoeg interesseren.”

De stad is de school Terug naar 2010. Als ik haar vraag welke de strafste herinnering is van de periode waarin ze dertien jaar was, moet ze niet lang nadenken: “Mijn eerste schooldag op de middelbare school, natuurlijk! De hele zomervakantie zit je daarover na te denken, over hoe dat gaat zijn. En dan is het eindelijk zover! Je hebt echt het gevoel dat het allemaal gaat beginnen. Ik herinner me ook dat ik toen nog heel erg positief stond tegenover de school, je verwacht nog zoveel. Eigenlijk was ik behoorlijk naiëf toen, niet alleen op vlak van school. Terwijl nu... (lacht) Soms is school echt wel ‘balen’, zeker


BDW 1390 PAGINA 15 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

Anna Franziska Jäger: “Weet je dat er 98 verschillende nationaliteiten zijn bij ons op school? Ik vind dat fantastisch...”

tijdens de examenperiodes. Maar al bij al valt het best mee. Ik vind dat ik op een goeie school zit, omdat er verwacht wordt dat de leerlingen er mee voor zorgen dat het interessant genoeg is. We krijgen een gezonde vorm van vrijheid. Niet te veel en niet te weinig. Je kan ook echt in discussie gaan met de leerkrachten, je wordt er au sérieux genomen.” Die lovende woorden zijn voor het Maria Boodschaplyceum, pal in het hart van de stad, en ook de locatie steekt een stevig handje toe om de schooltijd te kunnen harden. “Ja, dat is super, alles is vlakbij en de school pikt daar goed op in. Als je het toch even niet meer ziet zitten binnen de schoolmuren, ga je gewoon na school samen met de vrienden de stad in. En daar gebeurt het, hé!” lacht ze. A-F is geboren en getogen in Brussel en dat zal je geweten hebben. Haar liefde voor onze hoofdstad lijkt onvoorwaardelijk: “Ik kan er enorm van genieten om met vrienden op een plek in Brussel te zitten, te kletsen en gewoon naar de mensen te kijken. Toen ik dertien was, ging ik vaak naar Recyclart. Met het skateboard, jaja, maar ik had het meestal gewoon maar vast (lacht). Ik was daar toen vooral om rond te kijken. Nu ga ik ook nog naar Recyclart, maar eerder voor de feestjes. Als we overdag afspreken is dat meestal aan de 5-4 (Cinq-quat’, red.) Zo noemen we Place SainteCatherine, als we sms’en. De Begijnhofkerk en Parking 58 boven de GB zijn ook twee van onze favorieten. Om zomaar wat ‘rond te hangen’, noemt mijn mama dat dan.” “Ik zie mezelf helemaal niet in Antwerpen of Leuven wonen. Er zijn zoveel toffe aspecten aan Brussel. Eerst en vooral is het groot en klein tegelijkertijd. Je kunt er verdwijnen in de

TIJDSBAROMETER Van welke verenigingen was je lid? “Van Dancing Kids bij Rosas, van de muziekacademie in Wemmel, en van een tennisclub.”

Welke historische gebeurtenis in Brussel bleef je bij? “Mijn eerste schooldag op de   middelbare school”

massa, en toch kom je gemakkelijk bekenden tegen. Ik geraak er ook nooit op uitgekeken, er zijn altijd weer nieuwe plekken te ontdekken. En nochtans heb ik al op veel verschillende plaatsen gewoond, van Vorst tot Molenbeek, van Schaarbeek tot Laken. Ik snap ook die vooroordelen niet tegenover de verscheidenheid. Weet je dat er 98 verschillende nationaliteiten zijn bij ons op school? Ik heb Spaanse, Nederlandse en Marokkaanse vrienden en ik vind dat alleen maar fantastisch... Ik geloof echt dat ik voor een deel ben wie ik ben dankzij Brussel. En op dat vlak heb ik zeker ook veel geluk met mijn ouders, dat ze mij toelaten om van de stad te ‘profiteren’. En ook dat we daar de middelen voor hebben, natuurlijk.”

De tyrannie van de looks

Wie was je held? “Had ik niet echt. Maar van mijn tante, Jolente de Keersmaeker, heb ik veel opgestoken, op allerlei vlakken”

Welk voorwerp was je dierbaar? “Een oud sigarendoosje dat ik ooit zelf gevonden heb: daar bewaarde ik onder andere de vele briefjes van mama in.”

Een plek waar je graag vertoefde? “Het dak van de Parking 58 op de tiende verdieping, ofwel ‘den tien’, zoals wij zeggen.”

Ik dring nog eventjes aan en vraag haar of er misschien ook wat minder leuke kanten zitten aan opgroeien in de grootstad. Maar ze is niet te vermurwen: “Die zijn er, natuurlijk, maar de negatieve kanten worden overstemd door al het positieve. Wat ik op mijn dertiende wel moeilijk vond om mee om te gaan – maar dat heeft met Brussel op zich niets te maken – was de druk van de buitenwereld op hoe je eruit ziet. Dat was soms heel belastend. Rond je twaalf, dertien jaar screenen leeftijdsgenoten je heel hard op je uiterlijk... Nu nog, maar ik kan er beter tegen, kan het beter relativeren. Mijn vader vond dat ik in die periode te veel bezig was met shoppen. Maar de sociale controle was soms heel extreem. Ik had ooit eens iets aangetrokken dat er redelijk ongewoon uitzag. Hoe mijn klasgenoten daarop reageerden toen, jongens! Soms zijn jongeren op dat vlak te hard voor elkaar. En langs de

© SASKIA VANDERSTICHELE

andere kant begrijp ik wel dat we ons op die manier willen uiten, dat is iets van alle tijden, denk ik. Via je kleren wil je tonen wie je bent. In zekere zin is iets lelijks aantrekken dan minder erg dan iets te gewoons, als je maar een eigen stijl hebt. Het gekke is dat iedereen wel doet alsof hij of zij een persoonlijke stijl heeft, maar eigenlijk lijkt iedereen nogal hard op elkaar. Als je gaat shoppen met vriendinnen bijvoorbeeld... Als je niet oplet, zijn zij het die alles voor jou beslissen.” “Te groot voor de poppen, te groot voor de merels. Te klein voor de liefde, te klein voor de kerels,” zo bezong de Nederlandse chansonnier Paul van Vliet die beloftevolle maar vertwijfelde tussenin-leeftijd in ‘Meisjes van dertien’, een klassieker uit 1971 alweer. Veertig jaar later is er nauwelijks iets veranderd, als ik A-F mag geloven. “Ik herken me in die woorden, ja. Het is een rare leeftijd eigenlijk. Naar de buitenwereld beweer je meestal dat je graag ouder wil zijn, volwassen wil worden. Maar stiekem, diep van binnen, wil je soms nog graag met de poppen spelen, ja. En bij elke halve kus van een jongen op de mond sla je tilt (lacht). Om eerlijk te zijn, ik voel me toch beter nu, als zestienjarige. Ik geniet van de vrijheid én van de onafhankelijkheid. Een paar weken geleden ben ik voor het eerst op reis gegaan zonder ouders maar met zeven vriendinnen, naar Lissabon. En met mijn zelf verdiende centjes dan nog! Dat gaf een heel speciaal gevoel. En we hebben ons daar gewoon illegaal goed geamuseerd... Ik bedoel: zo goed als het eigenlijk niet zou mogen! (lacht)”   Patrick Jordens


BDW 1390 PAGINA 16 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

OP VADROUILLE MET NICK TRACHET (6): MET DE TREIN NAAR TERNAT

Burcht met vleermuizenkelder

V 

anaf het station loop ik naar het centrum. Dat is zo’n vijfhonderd meter en op een doordeweekse dag is er hier druk verkeer. Ternat is dé markt- en scholenplek van Groot Fermettegem, de villawijk die vroeger bekend stond als het Pajottenland. Maar de reden waarom ik eens in Ternat wou gaan kijken, ligt op de plaats waar de Stationsstraat de Dreef kruist. Rechtsaf is er een openbaar park met een scholenconcentratie: Kruikenburg. Al duizend jaar staat er hier een burcht, als verweer van de hertog tegen de opdringende Vlamingen. De sfeer die zich in het park ontplooit, doet nauwelijks onder voor dat van het kasteel van Meise, maar dan bescheidener. Het is er verbazend rustig, maar met het geraas van de E40 ver op de achtergrond. Ik neem mijn tijd om doorheen het park te wandelen. Het is voor een groot deel bebost, maar met een mooie hooiweide aan één kant. In een uithoek bij de sportvelden van de voetbalploeg (derde klasse) bevindt zich een

vleermuizenkelder. Men stootte er tijdens werken op een oude sceptische put en die werd door Natuurpunt met succes gerecycleerd tot Hotel Dracula. Zouden we in Brussel ook eens moeten proberen. Wat er nu zo belangrijk is aan deze plek? Het kasteel van Ternat was in de veertiende eeuw de domicilie van Everard ‘t Serclaes, schepen van Brussel. Hij is een voorbeeld voor die vele huidige Brusselse mandatarissen die in werkelijkheid ook niet in de stad wonen, maar er enkel een brievenbus hebben. ‘t Serclaes bevrijdde de stad van de bezetting door de graaf van Vlaanderen en werd een historische held. In een vete met de heer van Gaasbeek werd Everard aangevallen en verminkt. Ze sneden zijn tong uit en hakten zijn voet af. Hij stierf enkele dagen later in een huis op de Grote Markt.

© BART DEWAELE

TERNAT – Het is misschien een flauwe mop, maar na Tervuren besliste ik om een kijkje te gaan nemen in Ternat. Er is nog meer geks met die twee aan de hand, kijk maar op een kaart: als men een as trekt door hun kernen loopt die dwars door het centrum van Brussel. Beide dorpen liggen net even ver van de Grote Markt!

Traptorentje Na rond de slotgracht (met kikkers) te hebben gewandeld, verlaat ik het park weer door de poort. Aan de overkant begint een mooie dreef met statige huizen. Zij lijdt naar de Sint-Gertrudiskerk. De toren in Brabantse gotiek is vanaf de E40 erg goed te zien, maar lijkt kleiner wanneer men er dichtbij staat. Ze werd niet zo lang geleden opgefrist. De wijding aan Gertrudis herinnert ons aan het feit dat Ternat en de omliggende dorpen toebehoorden aan de abdij van Nijvel. De robuuste

Ternat, met op de achtergrond de Sint-Gertrudiskerk. De robuuste toren heeft een traptorentje met een spits in de vorm van een kruik.

“In een vete met de heer van Gaasbeek werd Everard aangevallen en verminkt. Ze sneden zijn tong uit en hakten zijn voet af. Hij stierf enkele dagen later in een huis op de Grote Markt”

ADVERTENTIE

toren heeft een traptorentje met een spits in de vorm van een kruik. Het kasteel moet er vroeger ook enkele hebben gehad, vandaar de naam Kruikenburg. Het interieur oogt bescheiden, alleen de preekstoel en het beeld van Gertrudis rechts van het koor zijn opvallend. Het beeld dateert uit het einde van de zestiende eeuw. Op Gertrudis’ staf klimmen


BDW 1390 PAGINA 17 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

muizen. Die muizen zouden de zielen  van  overledenen  voorstellen.  De  Nijvelse heilige werd immers gezien  als  de  begeleidster  van  de  doden,  zoals Anubis. Ze werd uiteraard ook  aangeroepen tegen muizenplagen.

Doodgraversgrijs   adat  Everard  ‘t  Serclaes  gestorven  N was, werd hij hier in de kerk begraven. Waar precies weet men niet. Hij  was het ook die de dries liet aanleggen. Langs het tracé ligt een onderaardse gang tussen kasteel en kerk.  Spijtig genoeg valt die niet te bezoeken. Er zou een wijnkelder in zitten. Voorbij de kerk kom ik op een bijzonder  groot  dorpsplein  met  alles  wat  een  suburbiaan  nodig  heeft,  zoals  kaas en bloemen of telefoons en een  haarsnit.  Vele  gevels  zijn  beschilderd in doodgraversgrijs, dat is hier  blijkbaar nog steeds de mode. Maar  wat verderop wenken vlaggen op het  gemeentehuis  in  de  gelijknamige  straat.  Het  blijkt  een  renaissancegebouwtje  uit  de  vroege  achttiende  eeuw, maar ernaast zijn ze een blokkendozend  nieuw  administratief  centrum aan het neerpoten. Tot mijn  vreugde  ligt  aan  de  overkant  ook 

het  eetcafé  Manu.  Het  ietwat  groezelige  etablissement  dat  door  verschillende  panden  loopt,  heeft  een  aantrekkelijke kaart met traditionele  Belgische gerechten. Er zit blijkbaar  vooral jong volk. Er wordt ook in de  tuin  gegeten  waar  een  speeltuin  de  kleine  mannen  kan  bekoren.  Dan  is het terugwandelen naar het oude  stationnetje, met misschien nog een  glas of een hapje in Brasserie ‘t Serclaes, een beetje verder dan het station? Tot zover een ‘t Serclaesdagje. Ternat is bijzonder goed te bereiken  vanuit  Brussel  met  de  boemeltrein  naar  Aalst  (via  Jette).  Je  bent  er  in  24  minuten.  De  plek  moet  vroeger  zijn  invloed  hebben  gehad,  want  de  spoorlijn  van  Brussel  naar  Aalst  werd  over  Ternat  aangelegd  en  niet  over  Asse,  wat  logischer  ware  geweest. Verder komen er ook frequent  Lijnbussen  aan  op  het  marktplein,  zowel  vanaf  het  Noordstation  als  vanaf  het  Zuidstation.  Op  donderdagochtend is er markt op het plein,  altijd  leuk  om  te  combineren.  In  de  even weken is er een grote markt, in  de oneven een kleinere.

Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT

Latuw

Nick Trachet © BART DEWAELE

Kasteel Kruikenburg, in vroegere tijden nog het bezit van Everard ‘t Serclaes, schepen van de stad Brussel.

ADVERTENTIE

S OCIALE V ERHUURKANTOREN

Verhuur uw woning zorgeloos Gegarandeerde huur elke maand Verzekerd verhuurbeheer Onderhoud van uw woning Steun voor de renovatie Fiscale voordelen

www.fedsvk.be 02 412 72 44

M�� �� ����� ��� ��� B������� H������������� G�����

De latuw is een van de oudste rauwe groenten. Vroeger had men het niet zo voor konijnenvoer. Ik  schrijf  hier  latuw  en  niet  sla.  Omdat  sla  geen  plant is, maar een bereidingswijze. Het woord komt  van  ‘salade’,  wat  van  alles  kan  betekenen,  als  het  maar  met  zout  is  klaargemaakt:  salade  is  ‘gezouten’,  dus.  De  naam  latuw  is  eenduidig,  het  woord  is afgeleid van het Latijnse lactuca. Latuw, Lactuca  sativa voor de wetenschap, is een eenjarige composiet,  een  plant  dus  van  de  Asterfamilie.  Wanneer  men bloem of bladeren afbreekt, loopt er een witte  melk uit het breukvlak. De paardenbloem, die nauw  verwant is aan de latuw, heeft dat ook. Latuw groeide oorspronkelijk wild in Azië en rond  de  Middellandse  zee,  maar  de  oude  Egyptenaren  zijn  de  plantjes  beginnen  te  kweken.  In  hun  voetspoor  volgden  de  Grieken  en  Romeinen,  die  allemaal gek waren van rauwe latuwsla. Eerst dienden  de  Romeinen  het  op  als  voorgerecht.  Een  salade verte staat hier en daar nog bij de entrées op de menukaart in het diepe Frankrijk, dit tot verwondering  van de meeste Belgen. Enkele eeuwen later gingen  de  Latijnen  dan  weer  latuw  eten  na  het  hoofdgerecht  en  dat  zien  we  nog  steeds  in  Italië,  waar  de  insalata steevast het middagmaal afsluit. De Antieke Romeinen hadden het hoog op met de  latuw. Vooral de melk vonden ze interessant, want  die  zou  slaap  verwekken.  Er  werd  een  keizer  mee  genezen  en  de  arts  Galenus  sprak  er  zich  lovend  over uit. Naar het schijnt heeft men ooit variëteiten  latuw  gekweekt  om  er  een  soort  Westerse  opium  uit te trekken. Doorheen de eeuwen ontstonden en verdwenen er  meerdere  soorten  latuw.  Vandaag  kennen  we  de  vooral de kropsla, de IJsberg- en de eikenbladversie.  Hobbytuiniers hebben vaak ook snijsla in de tuin.  Latuw wordt in de goedkope restaurants vooral opgediend als bordversiering. Die restaurateurs lijken  te denken dat een laag sla een meerwaarde creëert  voor de klant, maar vaak is het gebruik ervan ongepast en gastronomisch waardeloos. Het is een soort   horror vacui van de horeca. Een bord moet blijkbaar  stampvol liggen om goed te ogen. Men zou er nostalgie  van  krijgen  naar  de  N   ouvelle cuisine,  toen  borden grotendeels leeg waren.  Ik pleit graag voor de optie van een kom sla naast  mijn bord, als alternatief voor de frietjes of de pasta  die men ons steevast wil voorschotelen. Maar laat  die ongeïnspireerde losse blaadjes alsjeblieft in de  keuken! Hoe kiezen we een krop sla op de markt? Het punt 

waar de plant werd afgesneden van de wortel,  moet  zo  wit  mogelijk  zijn.  Dat  bewijst  dat  de  krop  recent  werd  geoogst.  Na  verloop  van  tijd  gaat  dat  snijvlak  rood  verkleuren.  Hoe roder, hoe ouder de latuw. Voel ook aan de krop, knijp erin, de bladeren  moeten  zo  dens  mogelijk  rond  het  groeipunt  zitten.  Een  krop  moet  stevig zijn en iets wegen. Vandaag zijn  zo’n  stevige  kroppen  steeds  moeilijker  te  vinden.  Moderne  latuws  zijn  zo  slap  dat  ze al uiteenvallen als men toevallig niest.  De  betere  bioboer  zou  daar  wat  aan  moeten kunnen verhelpen. Ik herinner mij een krop sla die ik kocht op  de markt van Sélestat in de Elzas. De  bladeren  wogen  zwaar  en  waren  donkergroen, anders dan die bleke dingen die we hier in  de supermarkt zien. Aan tafel vielen we van de ene  verbazing in de andere. Niet alleen was de krop mooi  en zwaar, er moest bovendien nog echt op gekauwd  worden. De krop ging zowaar twee dagen mee!  Onze  voorouders  hielden  niet  van  rauwe  groenten,  voor  latuw  maakten  ze  al  eens  een  uitzondering.  Groen vonden ze ook niet lekker, de groene bladeren  werden  weggegooid  en  alleen  het  witte  hart  werd  gegeten.  Maar  deze  bladgroente  werd  veel  vaker  gekookt op tafel gezet. In de kookboeken van Gaston Clément  –  de mediakok van mijn grootouders  – wordt bijna uitsluitend melding gemaakt van gekookte  latuwrecepten:  latuwsoep,  latuwstamppot,  worteltjes  met  jonge  latuw  zoals  we  dat  vandaag  met erwtjes doen. Maar in een Bordelees kookboek  uit 1908 vond ik dit recept. Ik dacht even dat het van  een andere planeet kwam: “Neem één latuw per persoon; verwijder de groene  bladeren,  snij  de  kroppen  in  twee  en  laat  ze  een  kwartuur  blancheren  in  zout  water,  doe  ze  schrikken in koud water en druk ze goed uit. Doe in een  kookpot een gehakte ajuin, wortel en spekjes en laat  stoven. Bind de kroppen latuw op met draad en laat  ze  even  aanbakken  in  dezelfde  pot.  Blus  dan  met 

“Hoe kiezen we een krop sla op de markt? Het punt waar de plant werd afgesneden van de wortel, moet zo wit mogelijk zijn. Dat bewijst dat de krop recent werd geoogst” bouillon tot ze net onderstaan en laat ze in de oven  anderhalf  uur  garen  onder  deksel.  Maak  een  witte  saus  met  het  kookvocht,  schik  de  latuws  op  een  schotel; napeer met de saus en dien op.” Ik heb het geprobeerd. Al na het blancheren had ik al  enkel nog wat dunne puree over. Wat voor latuws de  auteur van dit recept (Alcide Bontou, 1835-1912) ter  beschikking had, is mij een raadsel, maar het moet  bijzonder  stevig  loof  zijn  geweest!  Ik  zou  echt  zo’n  ouderwetse  kroppen  willen  vinden  om  het  recept  eens volledig uit te voeren. Maar bestaan die nog?  Tot  wanneer  ze  ergens  opnieuw  gekweekt  worden,  zullen we het met rauwe sla moeten doen, konijnenvoer.  “Om  sla  op  te  maken,”  citeerde  J.W.F.  Werumeus  Buning  ooit  in  het  Frans,  “zijn  vier  mensen  nodig:  een  kwistige  met  de  olie,  een  wrek  met  de  azijn, een wijze met het zout en een gek met de peper.” Zo eenvoudig is dat. Smakelijk.

nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet


BDW 1390 PAGINA 18 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

Luc Simonet: “Het is mijn hoop dat ons land het model wordt voor alle volkeren ter wereld die in oorlog zijn, voor de oplossingen van alle conflicten in de wereld.”

© MARC GYSENS

Luc Simonet, oprichter Optimistenbond

‘Berusting is de grootste pollutie’ WATERMAAL-BOSVOORDE – Luc Simonet is de oprichter en voorzitter van de Optimistenbond van het Koninkrijk België, die ondertussen zowat 4.500 leden telt. “Hoe kan u optimistisch zijn in deze tijden van crisis? Een vraag waar ik steevast op antwoord: het is juist omwille van de crisis dat ik optimistisch ben.”

‘O 

mdat ik een grote voorstander ben van de filosofie van Immanuel Kant: We moeten ons zodanig gedragen dat, indien iedereen zich gedraagt zoals ik mij gedraag, de orde van de wereld niet wordt verstoord. Van primordiaal belang is het: indien iedereen zou beginnen te leven naar ons Westers kapitalistisch financieel model – een wereld van overconsumptie en overproductie – zal de toekomst niet leefbaar zijn voor onze kinderen en onze kleinkinderen.” Luc Simonet is jurist, gespecialiseerd in fiscaal recht. Met een stevige reputatie. “In 2005

was het echter op. Telkens een cliënt me contacteerde, had ik zin om te zeggen: het kan me gestolen worden! Een teken was het om andere wegen te bewandelen. Want zonder enthousiasme ben je nergens. Enthousiasme komt van het Griekse En Theou athmos en betekent letterlijk: in de adem van het goddelijke. Met godsdienst heeft het niets te zien, wel met spiritualiteit. Met de zin die we aan ons leven hier op aarde wensen te geven. En wat ik tot dusver had gedaan, had voor mij geen zin meer. Dus heb ik mijn zes medewerkers uitgenodigd voor een brunch en gezegd: ‘ik

ga een beetje afstand nemen. Mijn kantoor is voortaan het uwe, zorg goed voor de cliënten, zorg goed voor de dossiers.’ Waarop ik hier een beetje begon te golfen, als een beginneling. Wist ik toen veel dat een Optimistenbond voortaan mijn levenswerk zou worden.”

Wat een mooie regendag Het zaadje voor de oprichting van de Optimistenbond is eigenlijk gestrooid door Simonets kinderen. Kinderen die, met een knipoog, over vader zeggen: “Hij kan moeiteloos over het behang van de muur filosoferen, maar vraag hem niet een barbecue aan te steken. Sommigen zeggen dat hij een beetje gek is. Toegegeven, buitenissige ideeën zijn hem nooit vreemd geweest. Voor ons is de Optimistenbond de weg van het minste kwaad.” Simonet: “Toen Adrien, Antoine en Charlotte nog klein waren en al eens zaagden over het

weer, wees ik hen steevast met de vinger. Zo ook op een vakantie in Toscane. ‘Zeg liever: wat een mooie regendag! Ik vind trouwens dat we een regenscherm zouden moeten maken met die slogan.’ Ze antwoordden: ‘Stop nu eens met die flauwekul. Als het dan toch zo is, doe er dan iets aan!’ Terug van Toscane heb ik onmiddellijk 50 regenschermen laten maken. ‘Wat een mooie regendag, C’est un beau jour de pluie.’ In diezelfde periode werd ik uitgenodigd op een internationaal golftornooi in Utrecht, dat ik toevallig ook won. Dus moest ik op de prijsuitreiking een kleine speech houden. Veel inspiratie had ik niet, dus begon ik over mijn paraplu’s. Waarop een Ier riep: ‘Dat is fantastisch, we hebben nood aan positieve ideeën.’ Ik: ‘Absoluut, ik vind trouwens dat het hoog tijd wordt om een Optimistenvereniging op te richten.’ Applaus op alle banken. Dertig Nederlan-


BDW 1390 PAGINA 19 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

Cynisme Luc Simonet vertelt het me thuis, waar tevens de hoofdzetel van de Optimistenbond is gevestigd. Een art-décopand dat van buiten gezien betere tijden heeft gekend, maar dat binnenin prachtig gerenoveerd is. “Een complete puinhoop was het, toen ik het zeven jaar geleden kocht. Ik ben tot op de baksteen moeten gaan. Letterlijk. De wandschilderingen in pastelkleur, die de magie van het

“Pessimisten kunnen dan wel ongelukkig zijn, gevaarlijk zijn ze niet. Het is eigenlijk meer hun probleem. Veel erger is het cynisme”

reizen per pakketboot uitademen, zijn van de hand van een lid van de Optimistenbond, een ingenieur. Onlangs heb ik vernomen dat de zolder ooit nog het atelier van Paul Delvaux is geweest. De vorige eigenaar vond hem overbodig, wou mij hem zelfs niet tonen. Opengegooid heb ik hem om er mijn bureau van te maken,” zegt Simonet, voor wie het optimisme niet het tegengestelde van het pessimisme is. “Pessimisten kunnen dan wel ongelukkig zijn, gevaarlijk zijn ze niet. Het is eigenlijk meer hun probleem. Veel erger is het cynisme. Daar heb ik het pas echt moeilijk mee. Ik ben ervan overtuigd dat het financieel kapitalisme kapot zal gaan door zijn eigen cynisme, net zoals het communisme zichzelf heeft vernietigd door cynisme. Dus denk ik dat het aan ons, de optimisten, is om voorstellen, initiatieven aan te dragen voor een een wereld die meer broederlijk is. Over rassen en gezindten heen.” “Ik sta er ook op dat we alles tweetalig doen. Onze raad van bestuur is voor de helft Ne-

derlandstalig, voor de helft Franstalig. En ik verplicht iedereen zijn eigen taal te spreken. Het is mijn vaste overtuiging dat wij hier in België op een zeer speciale plaats leven, een grote troefkaart in de hand hebben, een privilege. We leven hier op het ontmoetingspunt tussen twee grote culturen: de Germaanse en de Latijnse. Wij Belgen hebben ook het voorrecht een hoofdstad te hebben die waarschijnlijk de meest kosmopolitische stad ter wereld is geworden. Waar je alle talen hoort spreken, waarvan de Amerikaanse vice-president Joe Biden heeft gezegd dat ze wellicht de werkelijke hoofdstad is geworden van de vrije wereld. Het stemt me dan ook ongelukkig dat onze politici eigenlijk een culturele muur hebben gebouwd met de regionalisatie. Regionalisatie is op zich niet slecht, maar bruggen opblazen in plaats van ze te bouwen is uit den boze. Onvoorstelbaar is het dat de hoofdstad van Europa een stad is die zich niet mag uitbreiden.” “Mijn hoop is het, dat ons land het model wordt voor alle volkeren ter wereld die in oorlog zijn, voor de oplossingen van alle conflicten in de wereld. Ondertussen hebben we ook al “zusterkes” verwekt in Nederland, Duitsland, Frankrijk, Spanje, Zwitserland, Monaco, Noorwegen, Luxemburg, Canada, Congo, Mauritanië, Niger, Marokko, Congo-Brazzaville, Gabon... Uitbreiding van ons gedachtengoed, die aanleiding heeft gegeven tot de oprichting van de Internationale Vereniging Optimisten Zonder Grenzen nu vijf jaar geleden op het stadhuis van Brussel. Het zijn zusterverenigingen waarvan belangrijke mensen deel uitmaken, net als er belangrijke mensen deel uitmaken van de Optimistenbond van het Koninkrijk België. Onder wie politici van de meest verscheiden partijen. Allemaal mensen die zich afvragen: ‘Wat kan ik doen?’ in de plaats van te zeggen: ‘Wat gebeurt er nu?’ Mensen met visie. En dat iemand als Mario Draghi, de president van de Europese Centrale Bank, mijn wekelijkse nieuwsbrief opent, bewijst dat we wel degelijk iets te vertellen hebben.” “Het optimisme dat ik wil uitbouwen, is een optimisme dat gestoeld is op individuele verantwoordelijkheid. Wij zijn allemaal verantwoordelijk voor de wereld die we aan het opbouwen zijn. Berusting is volgens mij dan ook de grootste pollutie: we kunnen er toch niets aan veranderen! Mocht ik berust hebben, er zou er nooit een Optimistenbond geweest zijn. Ik ben ook bezig met een surrealistisch concept dat Optimistan heet. Een metaforische staat, waarvan alle optimisten de burgers zijn. Ik ben nu aan het zien of we een volwaardig paspoort kunnen maken voor de burgers van Optimistan. Een staat van een hoger bewustzijn.”  Karel Van der Auwera Meer info op www.optimistenbond.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet

Luc Simonet, hier met permanent voorzitter van de Europese Raad Herman Van Rompuy.

3 VRAGEN AAN WILLEM ELIAS © MARC GYSENS

ders aan tafel: ‘Fantastisch! Wij doen mee!’” “Niet meer te houden was ik, de volgende dag schreef ik de statuten uit. De woorden vloeiden zomaar uit mijn pen. Met als begin: ‘Het optimisme is geen aangeboren aanleg voor geluk, die ons zou vrijwaren van alle pijnlijke en droevige momenten in ons leven. Optimisme is een lering waarbij een mens vanuit een bewuste beslissing zichzelf vormgeeft. Het is een oefening in discipline en zelfkennis. Optimisme leidt tot de intuïtieve zin van het leven.’ De Optimistenbond van het Koninkrijk België was geboren.

“Specialisten zijn het zelden oneens over de kwaliteit van een kunstwerk.”

‘We bieden ons netwerk aan’ ETTERBEEK – Wie zich wil ontpoppen tot kenner in de schone kunsten kan vanaf komend academiejaar aan de VUB een tweejarig postgraduaat volgen. Op het programma staan vakken zoals kunstgeschiedenis, laboratoriumtechnieken en authentificering. Maar ook intensieve excursies – onder meer naar Roemenië, Parijs, Maastricht en Wenen – moeten de deelnemers klaarstomen tot kunstexperts. Bezieler en professor Willem Elias wil vooral het netwerk helpen verbreden van geïnteresseerde veilingmeesters, museummanagers en kunsthandelaars. Maar ook vrijetijdskunstliefhebbers zijn welkom. Vereiste voor inschrijving: passie voor kunst. Wanneer mag iemand zich ‘connaisseur’ noemen? Willem Elias: “Het begrip is afkomstig uit het Oudfrans. Een connaisseur is een kenner door ervaring. Bijvoorbeeld een kunstverzamelaar die op het einde van zijn leven duizenden kunstwerken gezien en beoordeeld heeft. En die uit dat aanbod honderden werken heeft gekocht en zich daar dagelijks mee omringd heeft. Iemand die in de verhandeling van kunst telkens bezig is geweest met de vraag: ‘Is dit goed, echt en

de moeite waard om aan te bieden?’ Dat leer je niet op de schoolbanken.” Wat mogen studenten verwachten? Elias: “De gerenommeerde galerist Roberto Polo en ikzelf zullen ons netwerk aanbieden in het domein van de moderne kunst. Collega Jan De Maere zal dat doen rond oude kunst. De bedoeling is haast privébegeleiding. We gaan niet het handje vasthouden, maar we willen onze mensen samenbrengen met specialisten. En die netwerken bekijken we heel internationaal. Uit nieuwe contacten kunnen vervolgens altijd nieuwe jobs ontstaan, al is dat niet de hoofddoelstelling.” Vanwaar kwam het idee voor het postgraduaat? Elias: “Het idee is spontaan en haast al lachend gegroeid uit gesprekken met mijn collega en vriend Jan De Maere, die zelf zo’n connaisseur is. Al zijn hele leven heeft hij een kunsthandel in werken uit de 15de, 16de en 17de eeuw. Vorig jaar verdedigde hij met klank een doctoraat over het kennerschap. We dachten: ‘tiens, het zou interessant zijn om dat door te geven aan een ruimer publiek.’” Kim Verthé

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 15 euro per jaar; IBAN: BE07424552982266, BIC: KREDBEBB van Brussel Deze Week vzw. Buiten België 25 euro per jaar. OPLAGE 70.490 exemplaren. PROMOTIE EN DISTRIBUTIE Ute Otten, Paul De Weerdt, Maurice Droogh. ADVERTISING MANAGER Rika Braeckman: 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. MARKETING MANAGER Frederik Welslau. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne. COÖRDINATIE Kim Verthé. EIND­REDACTIE Ken Lambeets (eindredactie@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst, Christophe Degreef, Bettina Hubo, Patrick Jordens, Steven Van Garsse, Danny Vileyn. BRUSSELNIEUWS Kris Hendrickx (nieuwsmanager), Sandra Schreurs (projectcoördinator), Jelle Couder, Goele de Cort, Eric Vancoppenolle, Laurent Vermeersch. REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele, Gerd Hendrickx. MEDEWERKERS Michaël Bellon, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Karolien Merchiers, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, Freddi Smekens, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt. FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh. VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie. Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.

ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1390 PAGINA 20 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

Basketbal > Manu Lecomte trekt naar Amerika en droomt van de NBA

‘Ik ben klaar voor dit avontuur’ BRUSSEL – Manu Lecomte (17) gaat recht op zijn doel af. De Brusselaar heeft tijdens zijn jonge carrière nooit getwijfeld om ingrijpende beslissingen te nemen en volgt nu terug zijn torenhoge ambitie. Hij trekt naar de universiteit van Miami om te studeren, maar toch vooral om te basketballen. Met één groot doel voor ogen: een plaats afdwingen in de NBA. “Basketbal is iets dat in mijn lijf zit,” vertelt het Brusselse talent. “Ik ben er op mijn vierde mee begonnen en was meteen verkocht. Mijn nonkel trainde een ploegje en ik ben onder zijn hoede begonnen in ploegverband. Hij heeft altijd een belangrijke rol gespeeld in mijn sportieve carrière. Op vakantiedagen train ik nog steeds met hem. Je mag hem zowat zien als mijn privécoach.” Lecomte leerde als jongeling de knepen van het vak bij Atomia Brussel, in al zijn gedaantes. Hij doorliep er de jeugdreeksen tot hij, in het derde jaar secundair onderwijs, naar Namen vertrok om er in het opleidingscentrum opgenomen te worden. De Brusselaar gold toen al als een groot talent. “Ik heb ook veel geleerd op de pleintjes in Brussel-centrum. Daar wordt toch een ander spel gespeeld. Je hebt bijvoorbeeld geen scheidsrechter en dat wil zeggen dat de wet van de sterkste geldt. Ik heb er deels mijn karakter gevormd.” “In Namen kwam ik in de perfecte omgeving terecht om te groeien als basketbalspeler. De lessen worden er ingepast in het trainingsschema, de aanwezige infrastructuur is uitstekend, je krijgt dagelijks uitgebreide trainingen voorgeschoteld en er wordt echt wel op een hoog niveau gespeeld. De jongens die daar

de  CLUB

terechtkomen zijn een selectie van de beste spelers uit Brussel en Wallonië. Toen ik het voorstel kreeg om tot het opleidingscentrum toe te treden, heb ik niet getwijfeld.” Lecomte kende het centrum maar al te goed en was sowieso van plan om naar Namen te trekken. Hij wist op jonge leeftijd dat basketbal zijn toekomst zou kleuren. Zijn gestage progressie zorgde ervoor dat zijn naam bij kenners steeds bekender in de oren ging klinken. “Mijn spelvisie, snelheid en atletisch vermogen maken van mij een van de beste spelers van mijn generatie. Maar verwacht niet dat ik op mijn lauweren ga rusten. Ik moet bijvoorbeeld nog meer een leider zijn op het veld. Dat komt met ervaring, maar ook door in alle situaties positief te blijven. Na een gemist shot moet je de armen niet laten zakken, maar er voor blijven gaan. Je moet een voorbeeld zijn voor je ploegmaats.”

Show in het bloed

gespeeld in de carrière van Lecomte, verliet de club en ook Lecomte besloot andere oorden op te zoeken. Zo belandde hij bij eersteklasser Bergen, waar hij met de eerste ploeg trainde en in competitieverband voor de ploeg uitkwam die in de tweede klasse speelt. “Het was een zeer goede ervaring. Door met die spelers uit de eerste klasse te spelen, heb ik echt veel vooruitgang geboekt. Ze zijn op dat niveau vooral fysiek veel sterker. Je hebt er heel wat Amerikanen rondlopen en zij hebben wat meer show in hun spel, dat zit gewoon in hun bloed. Dat is niet per se mijn spel, maar ik kan het zeker wel aan.” De vruchten van dat seizoen plukte onze nationale ploeg begin juli. Op het Europees kampioenschap U20 in de B-divisie leidde Lecomte de ploeg naar de halve finales en werd hij tot een van de vijf beste spelers van het kampioenschap uitgeroepen. Hij kan hiermee een knap visitekaartje afgeven in de Verenigde Staten, want net als zijn hartsvriendin Hind Ben Abdelkader – een Brusselse speelster die als een toptalent wordt aanzien – steekt hij nu de oceaan over. “Het is een droom om voor de universiteit van Miami te gaan spelen. Dit is terug een belangrijke stap in mijn carrière. Maar pas op, ik ga er ook naartoe om Economie te studeren. Gelukkig heb ik een beurs gekregen, anders zouden die studies me vijftig- tot zestigduizend dollar gekost hebben. Dat kadert in mijn ultieme droom: in de NBA spelen. Daar ben ik al sinds ik klein ben mee bezig. Ik kan niet wachten om eraan te beginnen. Ik ben er zeker van: ik ben klaar voor dit avontuur.”

Het avontuur bij Boom was van korte duur. Coach Vervaeck, die een belangrijke rol heeft



maak. Uiteraard staan ze me altijd bij en geven ze mij raad, maar ik maak de eindbeslissing. Tot nu ben ik tevreden met de weg die ik heb afgelegd.” Lecomte heeft dankzij zijn sterke prestaties steeds ruime keuzemogelijkheden. Een dergelijk talent is gegeerd. Die situatie kan voor sommigen negatieve gevolgen hebben, maar

“Dat ik vandaag sta waar ik sta en nog steeds als een talent wordt aanzien, is dankzij al dat harde werk”

Doe geen domme dingen Tijdens de twee jaar in het opleidingscentrum maakte de Brusselaar al het goede waar dat van hem werd verwacht. Door de goede omstandigheden en de uitstekende band die hij er met zijn ploegmaats had, werd de diamant steeds meer gepolijst. Toch besloot hij er te vertrekken. “Na twee jaar volgde ik trainer Paul Vervaeck naar tweedeklasser Kangoeroes Boom. De meeste jongeren maken de opleiding af in Namen, dus ik versta wel dat mijn keuze vreemd overkomt. Maar voor mij was het een logische stap: door elke dag met volwassen spelers te trainen, kon ik mijn spelpeil nog verhogen. Al verstop ik niet dat het een moeilijke keuze was.” “Mijn familie laat me vrij in de keuzes die ik

niet voor de Brusselaar, die het harde werk niet schuwt. “De sleutel tot succes is discipline. Je moet een goede levenshygiëne hebben en geen domme dingen doen. Anders is al het harde werk voor niets. Als je erin gelooft en er alles voor doet, zal je er wel geraken.” “Ik vind het niet moeilijk om de status van talent te dragen. Het is niet dat de pers me elke dag opbelt, hoor. Het is iets waar ik fier op ben. Dat ik vandaag sta waar ik sta en nog steeds als een talent word aanzien, is dankzij al dat harde werk.”

Tim Schoonjans

Dansclub Terpsichore

Glitterballen na het werk

“We proberen zo goed mogelijk in te spelen op tendensen,” vertelt voorzitster Linda Hebberecht (60). “Onder meer door de aanwezigheid van de VUB en de studenten, hebben we ons aanbod aangepast tijdens de loop der jaren. Zo bieden we kortere cursussen van acht lessen aan, want een jaar lang les volgen, blijkt voor jongeren niet zo gemakkelijk. Maar sinds ons ontstaan in 1972 is onze kernactiviteit ballroom- en latindans. Denk maar aan dansen als disco, swing, chacha en rumba.” De nieuwste aanwinst is discorobics: een combinatie van discodanspassen en een stevige work-out. Vanaf oktober wordt de zaal van

© LINDA HEBBERECHT

ETTERBEEK – Disco is back. De muzieken dansstijl is aan een opmars bezig en dansclub Terpsichore springt met discorobics graag mee op de trein. Maar hun hoofdactiviteit blijft ballroom en latin, voor (al dan niet verliefde) koppels.

Terpsichore (in gemeenschapscentrum De Maalbeek) elke donderdag van 18 tot 19 uur omgetoverd tot een feestruimte. “Zie het als een opvolger van de zumbarage. Een stevige work-out waarbij je ook de nodige danspassen aanleert. Wij maken er een afterwork feest van: in onze zaal zal de sfeer van een discobar hangen, glitterballen en discolichten incluis. We gaan er een echte party houden zodat onze leden kunnen ontspannen na een harde werkdag. Hopelijk trekken we zo wat meer jongeren aan.” “Al moet ik zeggen dat we nu al jongeren over de vloer krijgen: onze leden zijn zowel twintigers als zestigers. Dat levert een leuke mengelmoes en dito sfeer op. Per cursus dagen er telkens een tiental koppels op.”

Verliefde koppeltjes

Bij dansclub Terpsichore zijn al koppeltjes gevormd, en uit elkaar gegaan.

De clubwerking van Terpsichore beperkt zich tot één dag per week, op donderdag. U loopt er voornamelijk koppels tegen het lijf, want op discoro-


BDW 1390 PAGINA 21 - DONDERDAG 22 AUGUSTUS 2013

© BENOÏT BOUCHEZ/PHOTONEWS

David Steegen Lukas

Manu Lecomte: “Mijn spelvisie, snelheid en atletisch vermogen maken van mij een van de beste spelers van mijn generatie.”

Tijdens zijn eerste allereerste persconferentie rilde hij als een blad. De jonge Tsjech werd plots een hoofdrolspeler in een wereld die de zijne niet was. De blonde jongen met de bleke huid praat stil, zo nu en dan laat hij stiltes vallen omdat hij het juiste woord niet vindt. Zijn Engels is beperkt. Na een goede prestatie had de club hem gevraagd om de pers te woord te staan. Hij had, na lang aandringen, schoorvoetend aanvaard. Zelden een profvoetballer meegemaakt die zo zenuwachtig was voor de persbabbel. Die schroom is er nooit helemaal uitgegaan. Braaf, lief en verlegen. De persconferentie verliep goed, maar zijn antwoorden ontstegen de gebruikelijke clichés niet. “Ik zal blijven werken om de coach te overtuigen.” En: “Ja, we hebben een goed ploeg en de club helpt me om door te breken.” De jongen uit Brno is een heel goede voetballer, daar was iedereen in Neerpede het over eens. Het soort speler waarvoor je, als clubmedewerker van de tweede lijn, hoop blijft koesteren, hoop op succes, hoop op eer en glorie. Mooie voetballer, (te) lieve mens. Een centrale middenvelder moet hard kunnen zijn, tegen tegenstanders en medespelers. Te veel soldaat, niet genoeg generaal. Nemanja Rnic was ook zo iemand. De onfortuinlijke rechtsback met veel te zachte ogen. Zijn eerste wedstrijden waren slecht. Dat is ie nooit meer te boven gekomen. Na enkele verloren jaren in de hoofdstad keerde het eeuwige twijfelgeval terug naar zijn vaderland. De Serviër had de pech om een slechte historische wedstrijd te hebben gevoetbald. Aan de Theo Verbeecklaan krijgt een aankoop slechts één enkele kans. De tragische uitschakeling tegen Bate Borisov is hij nooit meer te boven gekomen. Er zijn verschillende soorten voetballers. Extraverte persoonlijkheden als Aleksandar Mitrovic die, zonder ooit een bal voor Anderlecht te hebben getrapt, grijnzend de pers te woord staat en de ene boude verklaring na de andere uit zijn mouw schudt. “Ja, ik zal de strafschoppen nemen en Anderlecht helpen kampioen

Move it BRUSSEL – Sportdag Move-it presenteert een knap aanbod sportactiviteiten voor volwassenen met een psychische beperking.

bics na worden al de aangeboden dansen per twee beoefend. Alleenstaanden moeten niets vrezen, want ook zij zijn uiteraard welkom. “Wie twijfelt, kan altijd een gratis proefles volgen om het eens te proberen. Op onze opendeurdag (donderdag 26 september van 20 uur tot 23 uur) kan dat uiteraard ook.” “Het is zeer leuk om als koppel samen een hobby te beoefenen. Je ziet ze soms al lopend en puffend toekomen, maar na de dans kunnen ze er terug tegenaan. Vroeger wisselden we soms van partner, maar daar zijn we van afgestapt. Hier zijn ook al koppeltjes gevormd, ja. Maar er zijn er ook uiteengevallen.” Terpsichore is niet het soort club waar alles tot vervelens toe wordt herhaald om absolute perfectie te behalen. Neen, hier gaat het om plezier maken. Daarom wordt er ook altijd gezorgd dat de sfeer er goed in zit. “We wisselen onze lessen regelmatig af met een oefenavond. Dat zorgt inderdaad voor

de nodige sfeer. De dansers van de verschillende stijlen komen dan samen en kunnen op elkaars dansen plezier maken. Iedereen komt er aan bod.” “Televisieprogramma’s als Sterren op de Dansvloer hebben de interesse in ballroom en latin opgewekt. Dat voel je wel. Het nadeel is dat de mensen denken dat het heel gemakkelijk is, maar ze vergeten dat de deelnemers van die programma’s er elke dag, wekenlang mee bezig zijn. Wij maken het onderscheid tussen een dansschool en een dansclub. We willen dat iedereen zich goed voelt en er iets aan overhoudt. Wij zijn een club waar plezier nog steeds centraal staat.”   Tim Schoonjans

Meer info op www.dansclubterpsichore.be

De sportdienst van de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) organiseert, in samenwerking met de vzw Psylos, op donderdag 5 september omnisportdag Move-it. Volwassenen met een psychische beperking krijgen dan een hele dag lang een rijk sportaanbod voorgeschoteld. De sportdag op maat

nieuw seizoen Aximax BRUSSEL – Jeugdcentrum Aximax laat de Brusselse jeugd proeven van zijn uitgebreide sportaanbod. Het schooljaar staat voor de deur en allerlei sportclubs draaien stilaan op volle toeren. Ook Aximax begint aan haar nieuwe seizoen. Naar aanleiding daarvan opent het op woensdag 11 september de deuren. Jongeren tussen 2,5 en 18 jaar kunnen dan al de activiteiten die het jeugdcentrum aanbiedt

te spelen.” Een journalist vraagt “Of de recordprijs (5 miljoen euro, red.) die voor hem betaald werd geen grote druk voor hem betekent?” De achttienjarige Serviër leunt grijnzend achterover en lacht de vraag weg. De toekomst zal uitwijzen of hij het haalt, maar hij is goed op weg. Dan zijn er de meer behoedzame, intellectuele professionals. Lucas Biglia. Hij sprak, in zeven jaar paarswit, steeds als een leider. Vanaf het prille begin. Bedachtzaam, eerlijk maar slim. Biglia zei wat ie te zeggen had op de goede manier. Voor medespelers was hij duidelijk. De problemen besprak hij binnenkamers. Naar de buitenwereld vertegenwoordigde hij de club voortreffelijk. Vorig weekend voetbalde hij negentig minuten vol met zijn nieuwe club Lazio Roma in de Supercup tegen Juventus Turijn. Gelouterde professionals als Guillaume Gillet en Silvio Proto hebben seizoenen geleden hun plaats genomen en gevonden. De jonge Tsjech komt afscheid nemen. Glimlachend. Na een half geslaagde uitleenbeurt aan SC Heerenveen, werd hij naar de beloften verwezen. De technische staf van RSC Anderlecht is duidelijk. Streng maar rechtvaardig. Voor diegenen die niet in de sportieve plannen van de club passen, moet een oplossing gevonden worden. Hij keert definitief terug naar Tsjechië waar hij voor Sparta Praag zal spelen, de eerste club van het land. We zijn blij dat er een oplossing gevonden is. Nog geen twee seizoenen geleden had hij, in afwezigheid van Biglia, geschitterd in en tegen Club Brugge. Hij speelde een dijk van een wedstrijd en was de inspirator van de glansrijke 0-2 overwinning. Ik had zijn ontdekker een sms gestuurd. “We hebben onze eigen Pirlo!” Die prestatie heeft ie nooit echt meer kunnen bevestigen. We duimen. Lukas Marecek verdient een mooie carrière. www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

gaat om 9 uur ’s ochtends van start en loopt door tot 16 uur. Over variatie gesproken: met Afrikaanse dans gaan de deelnemers de exotische toer op, bij geocoaching wordt hun oriëntatiegevoel op de proef gesteld en met de volkssporten gaan ze de traditionele toer op. Maar wie het liever bij de klassiekere sporten houdt, moet niet vrezen. Badminton, basketbal, frisbee, golf: noem maar op. Iedereen vindt hier een activiteit die hem of haar zal plezieren. Plaats van afspraak is de VGC-sporthal in Koekelberg. Voor inschrijvingen en informatie: 02-563.05.14 en TS sportdienst@vgc.be. 

gratis komen uitproberen. Kleuters kunnen in de bewegingsschool met de hulp van hun ouders een parcours afleggen, in de Axibox (klim- en speelbox) ravotten, een creatief atelier volgen, dansen en turnen. Kinderen uit de lagere school mogen zich onder meer opmaken voor een fietsparcours en zelfverdediging. Tieners kunnen zich uitleven in theater- en circusactiviteiten. De startdag vindt plaats van 13.30 tot 17 uur en is volledig gratis. Vanaf zaterdag 14 september kunnen jongeren zich inschrijven voor het nieuwe seizoen. Meer informatie op aximax.vgc.be. TS


BDW - editie 1390