Page 1

SPECIAL

DE DAGELIJKSE PENDEL

LEES P. 4-9 IN DEZE KRANT

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

KUNSTENDAG VOOR KINDEREN: DE BOOT IN MET HANNEKE PAAUWE En ook: Kenji Minogue, Beth Orton en Reggie Watts.

15 11 12

Twee derde van alle pendelaars komt met de auto naar Brussel. Zolang zij niet degelijk kunnen parkeren en overstappen op het openbaar vervoer, zal de verkeersstroom blijven groeien.

© BART DEWAELE

Hoewel De Lijn met een nieuw tramnetwerk een flinke bijdrage levert, is lang niet iedereen bereid om mee te werken aan oplossingen die goed zijn voor pendelaar én stad. Deze exclusieve BDW-pendelspecial, p. 4-9, brengt 101 parkeermogelijkheden nabij het Gewestelijk Expresnet in kaart, ziet de gemiste kansen en stelt de problemen scherp.

BRUSSEL – Er komt geen nieuwe treintunnel onder Brussel om de verzadigde noord-zuidverbinding te ontlasten. Er wordt niet genoeg geld vrijgemaakt, en de Brusselse regering wil er niet van weten.

H

et nieuwe investeringsplan 20132025 van de NMBS-Groep is klaar, maar moet nog ter goedkeuring worden voorgelegd aan de raad van bestuur van de NMBS-koepel. Daarna keert het, al dan niet in gewijzigde vorm, terug naar minister van Overheidsbedrijven Paul Magnette (PS), om daarna voorgelegd te worden

Mobiliteit > Idee treintunnel noord-zuidverbinding geschrapt

Geen geld, geen tunnel

aan de gewesten en de federale overheid. Een nieuwe treintunnel voor de verzadigde noord-zuidverbinding valt in het investeringsplan echter uit de boot. Hoewel er tot 2025 alles bij elkaar 24,4 miljard euro geïnvesteerd kan worden, is er maar anderhalf miljard euro uitgetrokken voor nieuwe infrastructuur. Een treintunnel of een spooruitbreiding valt daar niet onder, want eerder begrootte infrastructuurbeheerder Infrabel, onderdeel van de NMBS-koepel, zulke werkzaamheden op 3,5 tot 5 miljard euro. Wat het dan wel wordt, wil Tineke Sonck, woordvoerster van minister Magnette, niet

zeggen. “Er worden verschillende alternatieven onderzocht,” klinkt het. “De noordzuidverbinding krijgt in het investeringsplan het label ‘prioritair’ zonder dat er een concreet project naar voren geschoven is.” Wat de alternatieven dan zijn, wil Sonck ook niet kwijt. Maar hoewel het project dus als prioritair bestempeld zou zijn in het plan, is het te besteden geld niet exclusief gekoppeld aan de noord-zuidverbinding. Het anderhalf miljard euro moet ook dienen voor andere investeringsprojecten op het spoor. Sonck: “Ook andere partners, zoals de deelstaten, kunnen aan investeringsprojecten bijdragen.”

Het is maar de vraag of de treintunnel onder Brussel als serieuze optie is onderzocht. In een basisversie van het investeringsplan 2013-2025 was het dossier gewoonweg niet opgenomen. Magnette zou zelf aangedrongen hebben om het alsnog op te nemen. Bovendien ligt de Brusselse regering dwars. Die wil dat de federale overheid investeert in een eigen Brussels treinnetwerk, waarbinnen geen plaats is voor een uitgebreide noordzuidverbinding. “Brussel is geen passageplek,” zegt staatssecretaris voor Mobiliteit Bruno De Lille (Groen). Christophe Degreef

N° 1353 VAN 15 TOT 22 NOVEMBER 2012 ¦ WEEK 46: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE


OPMERKELIJK

BDW 1353 PAGINA 2 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012 © ERFGOED.BE

Uitgelicht > Werkloosheid piekt; Actiris voert charmeoffensief naar werkgevers

EINDELIJK WEER BEWEGING IN PATHÉ PALACE BRUSSEL – De werkzaam­ heden voor de omvorming van de Pathé Palace tot een arthouse bioscoop met vier zalen zijn begonnen. Dat be­ vestigt het kabinet van minister van Cultuur van de Franse Gemeenschap Fadila Laanan (PS) aan brusselnieuws.be. De opening van het complex Le Palace, met ook een bar-res­ taurant, een evenementenbar en culturele winkel, is gepland voor september 2014. Het dossier sleept al jaren aan, maar de werkzaamheden zijn nu eindelijk begonnen, op 22 oktober. De tijd drong, want de bouwvergunning vervalt in januari 2013. Palace wordt een arthouse bio­ scoop met vier zalen. Er is ook plaats voor een bar-restaurant, een vipbar, een culturele winkel (met onder meer dvd’s), en een onthaalruimte. Het architectenbureau AAAR uit Herstal tekende de plannen. Het project is een initiatief van de vzw Le Palace, met als drijvende krachten de filmbroers Dardenne, directrice Eliane Du­ bois van het filmdistributiebedrijf Cinéart en Patrick Quinet van Artemis Productions. De bioscoopingang komt aan de kant van de Anspachlaan, de ingang van het restaurant aan de zijde van de Van Praetstraat. Dat restaurant met vijftig plaatsen is verspreid over twee niveaus en zal zeven dagen op zeven open zijn. De vipbar zal enkel toegankelijk zijn voor avant-premières en speciale evenementen. Aan de drie bestaande zalen (400, 220 en 80 zitplaatsen), geërfd van de vroegere Kladaradatschbioscoop, wordt niet geraakt. Er komt wel een vierde zaal bij met 120 plaatsen, boven het restaurant. In 2001 kocht de Franse Gemeenschap het gebouw voor 5 miljoen euro. Dat lukte maar na een juridische strijd met de Vlaamse Gemeenschap, die zelf dacht het gebouw te hebben gekocht. De totale kostprijs voor de renovatie bedraagt 9 miljoen euro. De Franse Gemeenschap legt dit geld op tafel in de vorm van een bankgarantie. De vzw Le Palace moet dit bedrag gespreid over twintig jaar terugbetalen. Eric Vancoppenolle / brusselnieuws.be

‘Wij hebben grootste databank en we werken gratis’ BRUSSEL – Onheilspellende berichten deze week over de Brusselse werkloosheid. Die overstijgt de twintig procent en zal de komende maanden nog groeien. Ook blijkt uit een nieuwe studie dat de mismatch tussen vraag en aanbod op de Brusselse arbeidsmarkt groter wordt. Maar er is ook goed nieuws: Actiris biedt eindelijk een deftige service voor werkgevers op zoek naar personeel.

H 

et begon vorige maandag met het nieuws dat drukkerij Enschedé-Van Muy­ sewinkel in Evere en tandpastabedrijf Colgate in Oudergem heel wat banen schrappen. Daarna was er het Brussels Instituut voor Statistiek en Analyse, dat een werkloosheidspiek voorspelt omdat er onvoldoende jobs bijkomen om de effecten van de crisis en de sterke stijging van de actieve bevolking in Brussel op te vangen. Alleen vorig jaar al groeide de actieve bevolking met 21.500 personen. Afgelopen woensdag presenteerde Brussels Metropolitan een studie van de Leuvense hoogleraar Joep Konings, waaruit blijkt dat de mismatch tussen vraag en aanbod op de Brusselse arbeidsmarkt alsmaar groeit. Het platform Brussels Metropolitan werd enkele jaren geleden

opgericht door werkgeversorganisaties VBO, Voka, UWE en Beci met de bedoeling de Brusselse regio om te vormen tot een economische metropool die ook Halle-Vilvoorde en Waals-Brabant omvat. In de studie wordt de werkloosheid van heel de metropool onder de loep genomen. Zoals bekend is de werkloosheid in de Rand veel lager dan in de negentien Brusselse gemeenten: drie à negen procent in Halle-Vilvoorde en negen à veertien procent in WaalsBrabant, tegenover een dikke twintig procent in Brussel. In het Brussels Gewest is de discrepantie tussen vraag en aanbod ook veel groter. Terwijl de vraag naar hooggeschoolden toeneemt, groeit het legertje laaggeschoolde werklozen. En met de crisis wordt dat nog erger. Meer dan twee derde van de Brusselse werklozen heeft

geen diploma secundair onderwijs. Terzelfder tijd raken in de Rand de vacatures voor laaggeschoolden

De overheid zou het voor ondernemers fiscaal interessant moeten maken om in Brussel low-skilled jobs te creëren maar moeilijk ingevuld, zegt Konings. “De inwoners van de Rand zijn doorgaans hooggeschoold en werken vaak in Brussel. Maar de

laaggeschoolden uit Brussel vinden hun weg niet of onvoldoende naar deze banen. Er is dus niet alleen een scholingskloof, maar ook een ruimtelijke mismatch. In Brussel zijn er voor elke ‘laaggeschoolde’ vacature 112 werklozen, in Waals-Brabant tien en in Halle-Vilvoorde amper vier.” Konings vindt dat de betrokken overheden – Brussel, Vlaanderen en Wallonië – dringend werk moeten maken van een betere opleiding en een betere mobiliteit. Ook moeten er eenvoudige jobs bijkomen: koeriers, personeel in strijkateliers, parkeerwachters, iemand die bij de metro toeristen op weg helpt. “Net als in Parijs, daar zijn weinig laaggeschoolde werklozen. De overheid zou het voor ondernemers fiscaal interessant moeten maken om in Brussel low-skilled jobs te creëren.” Brussels minister van Economie en Werkgelegenheid Benoît Cerexhe (CDH) veegt de resultaten van de studie alvast van tafel. “Professor Konings houdt alleen rekening met de vacatures van Actiris. Daarnaast worden ook via uitzendbureaus en

DE WEEK IN BEELD DOOR BART DEWAELE

11 november. Koning Albert II (l.) herdenkt de wapenstilstand aan het Graf van de Onbekende Soldaat.

© BART DEWAELE


© SASKIA VANDERSTICHELE

BDW 1353 PAGINA 3 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Actiris biedt vanaf nu een uitgebreide service aan werkgevers op zoek naar personeel.

andere kanalen mensen gezocht. Bovendien vergeet hij te vermelden dat door de samenwerking tussen Actiris, VDAB en Forem het aantal Brusselaars dat buiten Brussel werkt, almaar toeneemt. Vorig jaar

waren het er al 66.000, het jaar daarvoor nog maar een goeie zestigduizend.” Cerexhe wil er alles aan doen opdat er zoveel mogelijk banen in het gewest en het hinterland naar Brusse-

laars gaan. Eind vorige week kon hij trots melden dat Actiris nu eindelijk een puike dienstverlening aanbiedt aan werkgevers die nieuwe mensen zoeken. De Actiris-directeurs Grégor Chapelle en Yves Bastaerts hebben de dienst Werkgevers grondig hervormd en uitgebreid. Ook hebben ze met een tachtigtal overheidsen privébedrijven akkoorden gesloten, bijvoorbeeld met de MIVB, de Gomb, Schindler, Delhaize en afgelopen vrijdag ook de Edith Cavellziekenhuizen. “Bedrijven die met ons een akkoord sluiten, sturen vrijwillig al hun vacatures door,” legt Chapelle uit. In ruil biedt Actiris nu een ‘uitgebreide’ service. “Wij hebben met 109.000 werklozen de grootste kandidatendatabank van Brussel en we werken volledig gratis. De bedrijven krijgen bij ons voortaan een vaste contactpersoon en een stevige begeleiding. Als er een vacature binnenkomt, melden we binnen de 48 uur of het gezochte profiel voorhanden is. Zo ja, dan garanderen we dat we binnen de twee weken een zestal kandidaten voorstellen. En dat zullen kandidaten zijn die al een eerste keer getest zijn op motivatie en vaardigheden.” De bedrijven beloven dat ze in die tijd niet zelf op zoek gaan naar geschikte kandidaten. Vandaag passeert maar een op de vijf werkgevers met zijn Brusselse vacatures langs Actiris. “We willen richting honderd procent te gaan,” zegt Chapelle. Om de mentaliteitswijziging bij de werkgevers er sneller door te krijgen werkt minister Cerexhe aan een voorstel om alle grote bedrijven te verplichten hun vacatures door te geven aan Actiris.   Bettina Hubo

WEEKOVERZICHT WOENSDAG 7 NOVEMBER VRIJZINNIGEN KOPEN SAINCTELETTE 17. De vzw Sainctelette 17 koopt het Sainctelettegebouw naast het Kaaitheater. De voormalige eigenaar, de Vlaamse Gemeenschapscommissie, wilde ervan af: die administratie verhuisde eerder al naar de Jacqmainlaan. De vzw betaalt 2,85 miljoen euro voor het gebouw. Het gebouw zal ter beschikking gesteld worden van sociale organisaties die hulp bieden aan armen, drugsverslaafden en bejaarden. MAN GERAAKT DOOR METRO. Een 38-jarige man wordt ’s middags aan het hoofd geraakt door een voorbijrijdend metrostel op het perron van het station Ribaucourt. Hij wordt afgevoerd naar het ziekenhuis, maar is niet in levensgevaar. Volgens de politie is de man onder invloed van alcohol of drugs. Het metroverkeer op de lijnen 2 en 6 is tien minuten onderbroken.

DONDERDAG 8 NOVEMBER HUISZOEKING BIJ STADSVERNIEUWING. De politie houdt een huiszoeking bij de Regie voor Stadsvernieuwing in Sint-Joostten-Node. De huiszoeking past binnen een onderzoek naar corruptie en prijsafspraken in openbare aanbestedingen. Over welke dossiers het precies gaat, wil het parket niet meedelen.

VRIJDAG 9 NOVEMBER WERKLOOSHEID PIEKT. De Brusselse werkloosheid overstijgt de twintig procent en zal de komende maanden nog groeien. Dat blijkt uit een nieuwe studie van de Leuvense hoogleraar Joep Konings. Positief nieuws is wel dat Actiris een vernieuwde dienst aanbiedt voor werkgevers die op zoek zijn naar personeel. SCHEPMANS VERLAAT PARLEMENT. Françoise Schepmans (MR) neemt ontslag uit het parlement van de Franse Gemeenschap. Ze wil zich helemaal kunnen concentreren op haar nieuwe taak als burgemeester van Sint-Jans-Molenbeek. Ze is ook niet langer fractieleidster in de Cocof, de Franstalige tegenhanger van de VGC. Schepmans blijft wel Brussels parlementslid.

ZATERDAG 10 NOVEMBER CAMBIO AAN CENTRAAL STATION. Er is een nieuwe Cambio-standplaats aan het Centraal Station. Voortaan staan er vijf Citroëns C3 op de hoek van de Keizerslaan en de Kardinaal Mercierstraat. Het Brusselse gewest telt ondertussen al meer dan negentig Cambio-stekken. Elke Cambio-auto vervangt zes tot zeven personenwagens in Brussel.

ZONDAG 11 NOVEMBER

“ “ HET WOORD

We gaan Italiaanse toestanden tegemoet waar iedereen doet wat hij wil, bouwt zoals hij het zelf goed vindt, een boete betaalt en vervolgens wacht op amnestie.” Parlementslid Joël Riguelle (CDH) is niet te spreken over de plannen van de Brusselse regering om soepeler om te springen met bouwovertredingen (in het Brussels parlement).

Salafisme is gevaarlijker dan een terroristische aanslag.” Alain Winants, baas van de Belgische Staatsveiligheid, waarschuwt voor het sluimerende gevaar van moslimfundamentalisme in de steden (in La Libre Belgique).

MAANDAG 12 NOVEMBER PETITIE VOOR BEHOUD KERSTBOOM. Een petitie voor het behoud van de traditionele kerstboom op de Grote Markt verzamelt in een paar dagen tijd 9.400 handtekeningen. De veronderstelling dat de kerstboom moet wijken als christelijk symbool, lokt veel verontwaardigde reacties uit. Als alternatief komt er een digitale kerstboom, betaald door Electrabel. Die kost 44.000 euro, het zesvoud van de traditionele boom. DRIE JAAR MET UITSTEL VOOR DE TANDT. Het Brusselse parket-generaal eist een celstraf van drie jaar met uitstel voor Francine De Tandt. De voormalige voorzitster van de Brusselse rechtbank van koophandel wordt beschuldigd van valsheid in geschrifte, gebruik van valse stukken en schending van haar beroepsgeheim. Haar advocaten vechten de geldigheid van het hele onderzoek aan.

DINSDAG 13 NOVEMBER PERSONENONGEVAL MET TRAM. Een tram grijpt een man die de Tervurenlaan plots oversteekt op een plaats waar dat niet bedoeld is. Het verkeer op de lijnen 39 en 44 tussen Montgomery en het Trammuseum is hierdoor verstoord, maar komt na enige tijd weer vlot. Het slachtoffer wordt bij bewustzijn naar het ziekenhuis gebracht. Hij is gewond aan het hoofd, maar verkeert niet in levensgevaar.

HopiTAAL

HopiTAAL is het nieuwe computerprogramma waarmee het Brusselse ziekenhuispersoneel Nederlands kan leren. Het programma werd ontwikkeld door het Huis van het Nederlands, de Irisziekenhuizen en het Centrum voor Informatica van het Brussels Gewest. “Artsen, verpleegkundigen en het onthaalpersoneel zullen online hun Nederlands kunnen oefenen. Het gaat om Neder-

ACHTERVOLGER DIEVEN NEERGESTOKEN. Een man die twee dieven achtervolgt in Anderlecht, wordt neergestoken. Hij krijgt verschillende steken in de hartstreek, maar verkeert niet in levensgevaar. De man zet de achtervolging in op twee mannen die inbraken in het café van zijn zoon aan de Poincarélaan. De daders zijn nog altijd voortvluchtig.

lands op de werkvloer, vooral medische terminologie dus,” zegt Lauriane Van der Eecken van het Huis van het Nederlands. Het programma wordt beschikbaar voor alle Brusselse ziekenhuizen. “In sommige ziekenhuizen zullen artsen en verpleegkundigen met een taalcoach werken, in andere zullen ze op eigen houtje oefenen.”  HUB



Samengesteld door Nick Vervaeck

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF


BDW 1353 PAGINA 4 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

SPECIAL

DE DAGELIJKSE PENDEL

Pajottenlander zoekt parkeerplek ANDERLECHT – De zoektocht naar een parkeerplaats in de rand van Brussel en de westkant (Pajottenland) jaagt de pendelaar vroeg uit de veren. We zoeken de snelste manier om in Anderlecht in de metro te geraken. Geen sinecure om de auto te dumpen. Maar we vinden nog enkele gratis transitparkeerplaatsen. Ook voor u, als u snel bent. bestemd) 639 parkeerders toe, nu zijn dat er om en bij de 740. Voor zonsopgang slibt de inrit daarnaar al vol. Het tarief is 2,20 euro per uur en 120 euro per maand. Eigenaar is Vinci Park, die in januari ook P-Lennik overnam van de Société Immobilière des Parkings Erasme (SIPE). P-Lennik is hét grote overstapterrein aan de westelijke grens. Van alle zijden zie je die vol staan, dus probeerde ik het nooit uit. P-Erasme/ Lennik en de Brusselse openbaar-

Na het slakken­ gangetje vanuit het hinterland naar metrohalte Erasmus begint de zoektocht naar een parkeerplaats

Acht parkeerders kozen voor jaarkaart © BART DEWAELE

D 

e proef op de som nemen is de beste manier om het dagelijkse pendelleed te schetsen van de Pajottenlander die in Brussel wil werken. We negeren het aanbod van De Lijn en de MIVB om van Gooik tot Elsene twee uur te spenderen aan een enkele pendel (’s ochtends of  ’s avonds) met het openbaar vervoer. En dus rijden we met de auto tien kilometer tot metrohalte Erasmus in An­derlecht, op enkele honderden meters van de grens met Vlaanderen. Daar ligt een eerste transitparkeerterrein. Van dit aanbod gebruikmaken sluit braaf aan bij het beleid dat Vlaams minister van Mobiliteit Hilde Crevits (CD&V) voorstaat, namelijk ‘zo dicht mogelijk bij huis voortransport gebruiken (auto, fiets of te voet) in relatie met overstapparkings en snel openbaar vervoer naar Brussel’. Autorijden tot de metrohalte Erasmus biedt bovendien het grote voordeel dat we, mits we de auto kunnen parkeren uiteraard, in één uur tijd het traject van 23 kilometer van Gooik tot Elsene kunnen afleggen. Eenvoudig door de combinatie auto, twee metrolijnen en een bus. Niet ideaal, maar wel de tweede snelste vervoersoptie, na ‘alles met de auto’ tot diep door de stad.

vervoersmaatschappij MIVB hebben nochtans een deal, valt al eens te lezen: honderd pendelaars met MIVB-abonnement (Mobib) kunnen er gratis hun vierwieler kwijt. Maar hoe dat in zijn werk gaat, wordt nergens aangegeven. Wel is parkeren in P-Lennik goedkoper dan in P-Erasme: 1,40 euro per uur en 100 euro per maand. Officieel geeft het parkeerterrein 675 plaatsen aan. In realiteit wordt met de capaciteit gegoocheld. Met de vinger tellen we bijna negenhonderd parkeerders, waarvan een honderdtwintigtal naast de parkeerlijnen, op verhoogde bermen, naast plantsoenen en voor hekken die oude inritten afsluiten. Zolang de circulatie op het terrein niet gehinderd wordt, geen probleem; “U vindt altijd wel een plekje, ook na negen

Goochelen

ANDERLECHT – Sinds het gemeentelijk Parkeerplan in juni 2010 van kracht werd, trappelt de verkoop van de ‘individuele abonnementen’ ter plaatse.

Na het slakkengangetje vanuit het hinterland naar metro-eindhalte Erasmus (extra gehinderd doordat het grondtransport van de GEN-  werf in de Pedevallei voorrang krijgt), is het zoeken naar een parkeerplaats. Eerste mogelijkheid: de privéparkings Erasme en Lennik, op wandelafstand van de metro. In 2010, toen we voor het eerst op onderzoek gingen, stond Erasme (in eerste instantie voor de ziekenhuisbezoekers

Een schamele 115 pendelaars kochten in de eerste helft van 2012 een dag-, week- of ander abonnement. Acht mensen hadden 600 euro veil voor het jaarabonnement om op straat te mogen parkeren. Het abonnementstarief voor parkeren op de openbare weg, dat in Brussel van gemeente tot gemeente verschilt, biedt in Anderlecht de pendelaar niet het verhoopte alternatief. De dienst Parkeerplan licht de statistieken toe. Van juni tot december 2010 namen 165 niet-Anderlechtenaren een ‘individueel abonnement’ (voor een week, maand, trimester of jaar). Sinds 2010 en tot juli 2012 kochten 34 mensen een

jaarabonnement van 600 euro. Met dat soort abonnement kan de Anderlecht-bezoeker vrij stationeren in de blauwe en groene zones waar de parkeertijd gelimiteerd wordt. Die zones beslaan het gros van de gemeente én elke buurtzone van de metrohaltes. In 2011 daalde de verkoop op jaarbasis lichtjes tot 316 abonnees (gemiddeld dus 158 per halfjaar), van wie er dertien een jaarabonnement namen. De eerste zes maanden van 2012 werden nog amper 115 abonnementen verkocht, waarvan acht jaarabonnementen. De verklaring voor de desinteresse in de abonnementen van 600 euro volgens de dienst Parkeerplan te vinden bij het ruime aanbod aan alternatieven. Veel andere betaalformules, meer toegespitst op de effectieve parkeertijd, halen het van de kaart. Zo raakt het sms-parkeren stilaan ingeburgerd: sms het nummer 4411 bij aankomst op een parkeerplek en de letter Q bij vertrek; enkel de verbruikte parkeerminuten worden aangerekend. Naar andere redenen voor de desinteresse in de jaarabonnementen is het gissen. Toenemend tijdverlies op het pendeltraject misschien, of de groene en blauwe zones, of het feit dat automobilisten moeilijk of geen parkeerplaats vinden, of slechte parkeer­ ervaring (glasbreuk,...) tot de economische recessie en minder terugbetaling van de kosten (via werkgever, belastingaftrek of andere).  JMB

uur,” sussen de wachters. Evident is dit in de praktijk niet. De overcapaciteit blijkt al bij het ochtendkrieken. Risicoloos is het evenmin. Bij een tweede try-out vinden we al een kaartje ‘geïnteresseerd in de aankoop van uw auto’. Hoe waterdicht is de bewaking van een transitparking die de overheid aanduidt? Het is duidelijk dat een privéparking weinig te dicteren valt. “Dit is privédomein, we hoeven de pers geen gebruikscijfers te geven,” stelt Vinci Park scherp. We proberen dan maar de straat als parkeerzone. Aan de overzijde liggen braakliggende velden die van parkeren doen dromen ( fuchsia vlek links boven in de kaart). Maar tussen de Simonetlaan én de oude en nieuwe spoorwegen (van het GEN) wil de gemeente een immens woonpark laten bouwen. Alsof duizend extra bewoners geen enkele extra auto zullen toevoegen aan dit al moeilijke transitknooppunt. Misschien is de oplossing wel helemaal terugrijden, Sint-PietersLeeuw door, en in de buurt van de treinstations van Ruisbroek en Lot, waar parkeren nog kan, de auto te dumpen. Maar moeten we de Ring dan eerst niet op? Eerst zoeken in Anderlecht lijkt de enige redding.

Ontmoedigen De gemeentelijke politiek inzake langparkeren voor pendelaars is niet veranderd sinds 2007. De Anderlechtse beleidsnota Mobiliteit stelt: “Pendelaars moeten ontmoedigd worden hun auto langdurig in de buurt van metrostations te parkeren (…) om de verkeersdruk te verminderen en het gebruik van (alternatieve) parkeerterreinen in de rand van Anderlecht te promoten.” Of die overstapparkings er op Vlaamse bodem kunnen komen, wordt nog onderzocht. Twee jaar geleden zetten de bevoegde CD&V-ministers Hilde Crevits (Vlaanderen) en Brigitte Grouwels (Brussel) een interregionale Werkgroep Mobiliteit op. “Het overleg loopt nog, het is te vroeg om meer informatie te geven,” stelt het kabinet-Crevits. Ook bij Grouwels heet het een ‘work in progress’. Grouwels belooft vanaf 2013


BDW 1353 PAGINA 5 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

DE DAGELIJKSE PENDEL werk  te  maken  van  een  zoektocht  naar  publiek-private  samenwerking  om  het  tekort  aan  transitparkings  op te lossen. Zonder privégeld en/of  subsidiëring  door  de  federale  overheid  (Beliris)  kan  het  Brussels  Gewest die nood niet lenigen.

I  n  afwachting  van  de  alternatieven  moeten  we  op  straat  parkeerplaats  zoeken,  het  liefst  naast  de  metro.  Het  nieuwe  Parkeerplan  van  de  gemeente  heeft  heel  Anderlecht  in  parkeerzones  ingedeeld,  met  eigen  tarieven,  anders  dan  wat  Brussel  net  heeft  ingevoerd.  Waar,  hoe  en  tegen  welke  prijs  geparkeerd  kan  worden,  moet  de  pendelaar  maar  per gemeente uitzoeken. Op de parkeermeters  langs  de  Lenniksebaan  (Erasmus)  vinden  we  niet  terug  op  welk  telefoonnummer  of  welke  website  uitleg  te  krijgen  is  over  het  systeem;  een  automaathersteller  van  de  fi rma  Krautli  weet  het  ook  niet. Bij  de  Parkeerdienst  van  de  gemeente Anderlecht – in een uithoek  van  de  gemeente,  op  de  grens  met  Vlezenbeek  en  maar  één  dag  tot  18 uur open – krijgen we een plannetje  met  witte,  groene,  blauwe  en  rode  parkeerzones,  zonder  enige  aanduiding van metro- of buslijnen.  Van metro Erasmus tot metro Eddy  Merckx  en  verder  tot  metro  Coovi  kan  trouwens  op  straat  niet  (of  in  ieder  geval  niet  de  hele  dag)  geparkeerd  worden.  In  2010  moest  over  de  middag  uit  het  centrum  teruggekeerd worden om de parkeerschijf  te  draaien  of  muntjes  bij  te  steken.  Nu is sms-parkeerbetalen mogelijk,  al dringt de communicatie hierover  niet door tot de pendelaar. De helft  van  de  parkeerzone  rond  Erasmus  blijft  daarom  leeg.  De  witte  zones  (gratis  parkeren)  in  het  bedrijvenpark  bij  Erasmus  staan  wel  vroeg  vol.  Op  de  gevaarlijke  Ring-afrit  Henri Simonetlaan is een zeldzame  plek te vinden tussen de buitenlandse vrachtwagens die er overnachten.

JACQUES BREL L

P

AUMALE E

DELACROIX D DE ELA

P

CLEMENCEAU

KUREGEM KURE KU REG RE GEM

BRUSSEL-ZUID

SINT-GUIDO

Dilbeek

Anderlecht

P 825

181 202 2

PEDE

P

KLEINEILAND

VEEWEIDE EEWEIDE

P

BIZET HET RAD HE

P

WIELEMANS

Vorst

COOVI CO ERASMUS E RAS ASMU

EDDY Y MERCKX

P740

VORST-OOST

VORST-ZUID

UKKEL-STALLE

Sint-Pieters-Leeuw

RUISBROEK

Drogenbos Ukkel

MOENSBERG LOT

In Anderlecht zijn er voldoende mogelijkheden om snel met metro (of trein) in het centrum van Brussel te raken, maar waar laat de pendelaar zijn auto?

drukke  Bergensesteenweg)  is  de  eerste  gemeentelijke  transitparking  Bizet.  De  Brusselse  Grondregie  gaf  het  terrein  vorig  jaar  in  erfpacht  aan de gemeente. Die heeft nog niet 

beslist  of  er  een  slagboom  komt,  en  gereserveerde  plekken  voor  Mobib-abonnees.  P-Bizet  telt  181  parkeerplaatsen.  Een  overbezetting  met  dertig  tot  veertig  auto’s,  nog 

vóór acht uur, bemoeilijkt de circulatie op het hele terrein. 

Eureka!  De  zoektocht  naar  een  parkeerplek 

Grijze zone   e  transitparking  Coovi  bij  de  BerD gensesteenweg  en  de  afrit  van  de  Ring is ook nog een optie. Ook daar  stroomt  tussen  zeven  en  halfacht  het parkeerterrein al vol; na acht uur  kun  je  het  schudden.  De  capaciteit  bedraagt 202 plaatsen. Er staan nog  ook 99 wildparkeerders bij, die soms  nét doorgang laten voor een auto die  de buitenspiegels dichtklapt. Ook  de  brug  naar  de  bovenparking bulkt van de sluikparkeerders.  Minister  Grouwels  stelt  dat  de  politie  ‘bijtijds’  optreedt.  Maar  in  de  praktijk  wordt  er  vooral  opgetreden  als  de  bushalte  op  het  parkeerterrein geblokkeerd wordt. Verbaliseren op dit terrein bevindt zich  in  de  ‘grijze  zone’  van  de  wettelijkheid,  gaf  Mobiel  Brussel  in  2010  al  toe. Na  metrohalte  Het  Rad  (aan  de 

METROSTATION BESTAAND TREINSTATION POTENTIEEL TREINSTATION

CARTOGRAFIE: PETER DHONDT/BDW. MET DANK AAN KEVIN LEBRUN, UNIVERSITÉ SAINT-LOUIS. BRONNEN: NMBS EN BROH (BESTUUR RUIMTELIJKE ORDENING EN HUISVESTING)

Betalen met sms

P

WESTSTATION STATION

SPECIAL

Na fileleed (foto: Lenniksebaan) door het Pajottenland moet de pendelaar nog op zoek naar parkeer­ en overstapgelegenheid bij de metro. Doorrijden tot de werkvloer is ook een optie.

P

BESTAANDE PENDELPARKING

P

POTENTIËLE PENDELPARKING

zuigt ons dieper de stad in. We weten dat de Sint-Annakliniek een parkeerterrein  van  250  plaatsen  heeft,  waar we op dit vroege uur nog kans  maken. Daarvandaan is het 250 meter wandelen tot metrohalte Jacques  Brel. Niet slecht, maar omslachtig. Op  de  hele  witte  zone  bij  het  kanaal  langs  de  Nijverheidskaai  –  we  zijn  dan  wel  al  bij  de  Slachthuizen  van  Anderlecht  en  niet  ver  van  het  Zuidstation – is het gratis parkeren.  Er staat overdag amper iemand. Wie  de  buurt  kent,  weet  dat  zijn  auto  op  vier  lege  bakken  trappist  teruggevonden  kan  worden,  of  in  het  geheel niet. We lonken jaloers naar  het grote privéparkeerterrein van de  Erasmushogeschool en de Abattoirparking. Potentiële kleine overstapplekken, maar al veel te ver het gewest in, en niet betaalbaar. Er  lijkt  niks  anders  op  te  zitten  dan  geduld  te  oefenen  tot  de  uitbreidingspoging  richting  extra  overstapparkings  is  geslaagd.  Minister  Grouwels  roept  de  nieuwe  Brusselse  gemeentebesturen  alvast  op om constructief samen te werken  met het Gewest. Voorlopig  ten  einde  raad  rijden  we  dus  terug  naar  het  vertrekpunt:  overstapparking  P-Lennik  bij  Erasmus.  Na  vier  dagen  een  portier  en  een  overste  gesproken  te  hebben  wordt  het  ons  duidelijk.  Er  is  ‘onbeperkt  toegang’  voor  wie  een  Mobib-abonnement  heeft.  Eureka!  We  krijgen  een  formulier  waarop  naam,  Mobib-abonnementsnummer,  nummerplaat,  het  adres  van  de  werkgever  en  de  afstand  tot  de  werkplek  (minstens  twee  kilometer  van Erasmus) moeten worden ingevuld. Hoeveel  Mobib-abonnees  gebruikmaken van de ‘honderd transitplaatsen’, komen we ook na tien keer vragen  van  niemand  te  weten.  Tot  een  nachtwacht  zich  op  een  avond  verspreekt: “Jullie hebben al 120 plaatsen, maar het mag tot 150 gaan, en  er zijn een tachtigtal pendelaars die  ervan  gebruikmaken.”  We  zijn  dolblij  met  het  gratis,  semi-bewaakte  parkeren achter een slagboom. Wat  wel  een  wrang  gevoel  geeft,  is  dat  de  Vlaamse  pendelaar  positief  gediscrimineerd  wordt  doordat  hij  het  formulier  zelf  mag  signeren.  In  de Franse versie moet de werkgever  ondertekenen. Vast een tikfout... En  zo  eindigt  de  zoektocht  naar  een  parkeerplaats alweer op een surrealistische noot.  Jean-MarieBinst


BDW 1353 PAGINA 6 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

SPECIAL

DE DAGELIJKSE PENDEL

Parkeren voor pendelaars ZOTTEGEM: 856 (1.100) HILLEGEM: 0 (0) HERZELE: 204 (204) TERHAGEN: 13 (13) BURST: 168 (168) EDE: 139 (139) HAALTERT: 338 (338) WELLE: 35 (35) DENDERLEEUW: 1.148 (1.500) LIEDEKERKE: 512 (570) ESSENE-LOMBEEK: 80 (80) TERNAT: 90 (350) SINT-MARTENS-BODEGEM: 90 (90) DILBEEK: 67 (67) GROOT-BIJGAARDEN: 70 (70)

MECHELEN: 1.562 (2.000) MUIZEN: 74 (74) HOFSTADE: 172 (172) WEERDE: 129 (129) EPPEGEM: 181 (181) VILVOORDE: 429 (600) MACHELEN: nieuw (0) BUDA: 26 (26) LEUVEN: 1.246 (3.200) HERENT: 225 (225) VELTEM: 228 (28) ERPS-KWERPS: 52 (52) KORTENBERG: 50 (50) NOSSEGEM: 58 (58) ZAVENTEM: 259 (259) DIEGEM: 33 (33) LUCHTHAVEN: n.v.t.

Dendermonde nde de d e AALST: 554 (900) EREMBODEGEM: 105 (105)

Leuven

Zo Zotteg Zot ott o Zottegem GERAARDSBERGEN: 407 (407) SCHENDELBEKE: 34 (34) IDEGEM: 70 (70) ZANDBERGEN: 25 (25) Geraardsbergen APPELTERRE: 60 (60) EICHEM: 6 (6) NINOVE: 208 (208) GERAARDSBERGEN: 407 (407) Edingen OKEGEM: 66 (66) VIANE-MOERBEKE: 320 (320) IDDERGEM: 25 (25) GALMAARDEN: 222 (222)

BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST

Halle

TOLLEMBEEK: 58 (58) HERNE: 80 (80) EDINGEN: 414 (550)

GEN-spoorlijn Snelweg Station, met het huidige aantal parkeerplekken en tussen haakjes het aantal plekken na uitbreiding. Station minder dan 2,5 km van afslag snelweg en niet in woonkern.

ve e Louvain-la-Neuve

Ottignies

Nijvel RUISBROEK: 133 (133) LOT: 112 (112) BEERSEL: 67 (67) HUIZINGEN: 118 (118) BUIZINGEN: 76 (76) HALLE: 816 (816) LEMBEEK: 109 (109) TUBEKE: 579 (124) HENNUYÈRES: 25 (150) 's-GRAVENBRAKEL: 353 (400)

Villers--

LINKEBEEK: 100 (87) HOLLEKEN: 8 (24) SINT-GENESIUS-RODE: 60 (164) DE HOEK: 38 (14) WATERLOO: 280 (439) EIGENBRAKEL: 623 (445) EIGENBRAKEL-ALLIANCE: nieuw (232) LILLOIS: 60 (60) NIJVEL: 375 (740)

GROENENDAAL: 98 (81) HOEILAART: 10 (38) TERHULPEN: 210 (445) GENVAL: 280 (600) RIXENSART: 225 (112) PROFONDSART: 3 (108) OTTIGNIES: 1.209 (1.209) LOUVAIN-LA-NEUVE-UNIVERSITÉ: 0 (0) CÉROUX-MOUSTY: 40 (40) COURT-SAINT-ÉTIENNE: 40 (40) FAUX: 10 (10) LA ROCHE: 8 (8) VILLERS-LA-VILLE: 0 (0)

BRUSSEL – Twee derde van de pendelaars naar de hoofdstad komt met de auto, met enorme files tot gevolg. Waarom nemen ze niet vaker de trein? Een exclusieve kaart zet de parkeermogelijkheden bij 101 stations op een rij, plus de plannen voor de nabije toekomst. De kaart trekt grofweg een cirkel van dertig kilometer rond Brussel. Dit is het werkterrein van het Gewestelijk Expresnet (GEN), waar in 2019 viermaal per uur een trein moet rijden.

D 

e meeste pendelaars weten uit eigen ervaring hoe dramatisch de situatie in en om Brussel is. Toch even een paar cijfers om de ernst te schetsen. Meer dan de helft van de Brusselse banen wordt door mensen van buiten het gewest in­ gevuld: elke dag komen 240.000 Vlamingen en 132.000 Walen hier werken. Twee van de drie komen met de auto, en omdat bijna ie­ dereen in zijn eentje rijdt, moeten dus elke

dag bijna een kwart miljoen auto’s de stad in. Navigatiespecialist TomTom maakte twee  jaar terug een top tien van de Europese file­ steden, en Brussel stond op de onbetwiste eerste plaats. Dat kost geld, veel geld. Werk­ geversorganisaties becijferen de kosten van de files voor de zone rond Brussel op 207 mil­ joen euro per jaar; in hun eigen woorden is dat ‘pakweg het equivalent van 4.500 jobs of de aanleg van 4 kilometer metro’.

LEUVEN: 1.246 (3.200) HEVERLEE: 160 (160) ARENBERG: nieuw (0) OUD-HEVERLEE: 13 (13) SINT-JORIS-WEERT: 68 (68) PÉCROT: 8 (8) FLORIVAL: 20 (20) ARCHENNES: 12 (12) GASTUCHE: 30 (30) BASSE-WAVRE: 35 (35) WAVER: 116 (116) BIERGES: 0 (0) LIMAL: 48 (48)

CARTOGRAFIE: PETER DHONDT/BDW. MET DANK AAN KEVIN LEBRUN, UNIVERSITÉ SAINT-LOUIS. BRONNEN: NMBS EN BROH (BESTUUR RUIMTELIJKE ORDENING EN HUISVESTING)

DENDERMONDE: 872 (872) SINT-GILLIS: 3 (3) LEBBEKE: 98 (98) HEIZIJDE: 43 (7) OPWIJK: 138 (138) MERCHTEM: 144 (144) MOLLEM: 24 (24) ASSE: 130 (250) ZELLIK: 10 (10)

Slecht nieuws voor wie verwacht dat de pro­ blemen vanzelf overgaan: juist in Brussel zal het Belgische verkeer het sterkst toenemen; voor 2020 wordt een groei met ruim een kwart verwacht. Van alle verplaatsingen in Brussel gebeurt nu 57 procent met de auto. In steden als Zürich en Kopenhagen is dat bijna de helft minder. Dat de rol van de auto zal moeten worden te­ ruggedrongen ten gunste van de fiets en het

openbaar vervoer, daarover is iedereen het eens. Maar hoe? De strategie was lang om au­ tomobilisten aan de rand op te vangen en ze daar te laten overstappen op de metro. In Iris 2, het mobiliteitsplan van het Gewest uit 2010, is vastgelegd dat het autoverkeer met een vijfde moet afnemen. Daarvoor zijn onder andere overstapparkings nodig, en de belofte was dat er in totaal 16.200 plaatsen komen. Inmiddels zijn we twee jaar verder en zijn er krap 1.900 plekken gerealiseerd, de bezet­ tingsgraad is op veel parkeerterreinen meer dan honderd procent. Het Gewest gaat nu op zoek naar privépartners voor de bouw en het beheer van nieuwe transitparkings, liet mi­ nister van Openbare Werken en Vervoer Bri­ gitte Grouwels (CD&V) enige weken geleden


BDW 1353 PAGINA 7 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

weten. Maar ook als alle beloofde plekken ooit gereed komen, dan is dat – met bijna een kwart miljoen auto’s – een druppel op een hete plaat.

Voorstadstrein De parkings zijn altijd alleen maar bedoeld geweest voor de mensen die aan de grenzen van het Gewest wonen. De andere pende­ laars moeten volgens Iris 2 ‘zo ver mogelijk “stroomopwaarts” van de dagelijkse files naar de hoofdstad’ worden opgevangen. Een cruciale rol is weggelegd voor het GEN, het Gewestelijk Expresnet. Naar het voor­ beeld van Parijs krijgt ook de hele metro­ poolregio rond Brussel een systeem van snelle voorstadstreinen, die je met een fre­ quentie van viermaal per uur naar Brussel brengen, waar je kunt overstappen op de metro, tram of fiets. De crux van het GEN is niet de bouw van nieuwe spoorlijnen en nieuwe stations, maar de verdubbeling van de bestaande lijnen, zodat er meer treinen kunnen rijden. Over het GEN is veel te doen geweest. Ob­ structie van gemeentes bij het afgeven van vergunningen en technische problemen zorgden ervoor dat het project eerst werd uitgesteld tot 2016; inmiddels wordt het op z’n vroegst eind 2019 voor het klaar is. Vreemd genoeg is er tot nu toe nauwelijks aandacht besteed aan de belangrijkste vraag: hoe komen treinreizigers eigenlijk bij die stations? Verkeerskundigen weten dat pendelaars een hekel hebben aan overstappen op een an­

Auto en trein zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, en dus zijn geïsoleerde plannen voor een snel treinsysteem zinloos der soort vervoermiddel. Aan het begin van de reis maken ze een keuze voor de auto of het openbaar vervoer. Als ze eenmaal in de auto zitten, zijn ze geneigd om die te blijven gebruiken. Wie met zijn auto naar Brussel rijdt, wil liever niet aan de rand van het Ge­ west stoppen en daar overstappen op de me­ tro. Het ligt anders als mensen dicht bij hun woonplaats de trein kunnen nemen, dan is de drempel veel lager om in het Gewest over te stappen op de metro, tram of Villo-fiets. Maar dan moeten mensen dus wel bij de sta­ tions in de Rand kunnen komen. Er moeten dus, in de woorden van Iris 2, dringend ‘par­ keerterreinen met afradend effect in Vlaan­ deren en Wallonië’ komen.

Nieuwe parkeerplaatsen Het GEN voorziet op het eerste gezicht in een grote hoeveelheid parkeerplaatsen bij de stations in de regio. Zo krijgt Meche­ len 2.000 plaatsen, Denderleeuw 1.500, en Leuven spant de kroon met 3.200 plek­ ken. Maar ook de kleinere stations zijn niet vergeten: Edingen krijgt bijvoorbeeld 550 plaatsen en Eigenbrakel 445. Een centraal overzicht ontbreekt, maar we hebben alle plannen bij elkaar opgeteld en komen tus­ sen nu en 2020 op ruim vijftienduizend parkeerplaatsen. Goed nieuws op het eerste

gezicht. Navraag bij de NMBS leert echter dat de bestaande parkeergelegenheid vaak is meegeteld in de nieuwe plannen, of dat er in ruil oude plekken verdwijnen. Neem Mechelen: daar is slechts iets meer dan een kwart van de plekken echt nieuw. In Edin­ gen komen er de facto slechts 136 plaatsen bij, en in Eigenbrakel verslechtert de situatie zelfs, een min van 178. Gemiddeld leidt een derde van alle plannen tot extra plekken, in totaal dus net iets meer dan vijfduizend. Leen Uyterhoeven, woord­ voerster van de spoorwegen, waarschuwt bovendien dat de plannen nog niet definitief zijn, niet alle vergunningen binnen zijn en ook het geld nog lang niet overal rond is. Vervolgens hebben we alle bestaande par­ keerplekken bij stations op een kaart gezet (links) en steeds tussen haakjes het beoogde aantal vermeld. Gezien de doelstellingen van het GEN – de mobiliteitsproblemen rond Brussel aanpakken – zou je verwachten dat er vooral parkeerplaatsen komen op plekken waar veel mensen de trein kunnen nemen: dat zijn de grotere gemeentes en de plekken waar mensen met de auto makkelijk kun­ nen komen. De eerste kans blijkt redelijk benut te worden, alhoewel het vreemd is dat er in bijvoorbeeld Geraardsbergen geen en­ kele parkeerplaats bij komt. Maar de tweede kans blijft liggen: er is nauwelijks oog voor de potentie die de combinatie van een sta­ tion en een afslag van de snelweg biedt. Op de kaart hebben we met groen de sta­ tions gemarkeerd die minder dan 2,5 kilo­ meter van een afslag liggen, die niet mid­ den in een dorpskern liggen en waar nog ruimte is. De plannen blijven hier achter bij het gemiddelde. Voor veertien van de acht­ tien stations zijn er geen plannen voor extra parkeerplaatsen. Positieve uitzonderingen zijn Eigenbrakel-Alliance en Ternat. Maar ook hier zijn kanttekeningen te plaatsen. Eigenbrakel-Alliance is een van de weinige GEN-stations die nog gebouwd moeten wor­ den, en onduidelijk is waneer het klaar zal zijn. En Ternat, dat zich tooit met de slagzin ‘Meer dan een filebericht op de radio’, heeft een station dat weliswaar slechts achthon­ derd meter van de snelweg ligt, maar dat toch slecht bereikbaar is door het vele sluip­ verkeer op de Assesteenweg. Ook de woor­ den van de vorige schepen van Mobiliteit, Jean Dooms (LVB), zijn niet bemoedigend: “Wij moeten toch geen parking inplannen voor heel het Pajottenland.” Veel beleid blijkt er achter de nieuwbouw­ plannen niet te zitten. De meeste gemeentes willen hun inwoners nog wel bij het station laten parkeren om naar Brussel te gaan, maar mensen van verder weg zeker niet. Dat is niet alleen een probleem voor de fi­ les en de parkeerproblemen in Brussel, het trekt ook een zware wissel op het GEN zelf. Zonder parkeerplaatsen zullen de spoorwe­ gen namelijk minder klanten trekken, en dat kan de doelstelling van de hoge frequentie in gevaar brengen. NMBS-woordvoerder Bart Crols zegt dat het weliswaar de bedoeling is dat er vier treinen per uur gaan rijden als de extra spoorlijnen zijn aangelegd, maar dat de werkelijke frequenties zullen afhangen van de reizigersvraag. Auto en trein zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, en dus zijn geïsoleerde plannen voor een snel treinsysteem zinloos. Zonder parkeerplaatsen in het hele achterland van Brussel zal de stroom auto’s naar de hoofd­ stad blijven aanzwellen. 

Tijs van den Boomen

ADVERTENTIE


BDW 1353 PAGINA 8 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

SPECIAL

DE DAGELIJKSE PENDEL wegen naar Brussel kan. Afrit 12 van de Ring wordt beschouwd als een belangrijke oorzaak van het sluipver­ keer. Er gaan al lang burgerstemmen op om de afrit af te sluiten op Dil­ beekse bodem. “De Ninoofsesteen­ weg hoeft geen busbaan, laat staan een sneltramspoor; dat alles zorgt voor nog meer lokaal autostrada-ef­ fect,” schermen wakkere burgers die de studie willen bijkleuren. Inzake ‘overstapparkings’ is ner­ gens een voorstel te vinden om het Gewest te ontlasten. Parkeerzo­ nes bij de treinstations Dilbeek en Groot-Bijgaarden dienen alleen voor locals. Hetzelfde voor de eindhalte van tram 19 die Berchem, Koekel­ berg, Jette (metro Simonis) en La­ ken aandoet. Het kleine aantal par­ keerplaatsen volstaat blijkbaar. Het kabinet-Crevits is nu ook gevoelig voor de pendelregio’s: “De afdeling Beleid Mobiliteit en Verkeersveilig­

Eiland Dilbeek heeft eigen masterplan

“De Ninoofsesteenweg hoeft geen busbaan, laat staan een sneltram. Dat zorgt voor nog meer snelwegeffect”

Dilbeek zag en ziet zichzelf niet als deel van het organische geheel van de metropool, ontkent een stuk hoofdstad op Vlaamse bodem te zijn, wil het doorgaand verkeer ontraden.

DILBEEK – De Vlaamse Rand en het Brussels Gewest kunnen hun plannen maar moeilijk op elkaar afstemmen: het tanende overleg tussen de beide ministers van Mobiliteit maakt dat al gauw duidelijk. Een groot struikelblok is Dilbeek. Die gemeente schakelde de Vlaamse Bouwmeester in voor een Masterplan Dilbeekse Kern. De studie blijkt een strijdbijl aan de onderhandelingstafel met hogere overheden.

D 

e Vlaamse Bouwmeester werd twee jaar geleden door Dilbeek in de arm genomen om (onder meer) de mobiliteit van de gemeentekern in kaart te brengen. Het Masterplan Dilbeekse Kern reikt tot over de Ring (en grenst aan SintJans-Molenbeek) en omsingelt de Ninoofsesteenweg. Toch wordt in de studie geen relatie gelegd met buur Brussel. Het was mooi geweest had de Bouw­ meester dit gedragen in een totaal­ studie van de verkeersellende in alle gemeenten rond Brussel. Maar neen, de studie bekeek Dilbeek als

een eiland zonder buren. “Naden­ ken over nieuwe overstapparkings voor pendelverkeer hoorde niet tot de opdracht,” verduidelijkt het studiebureau Maarch, dat door de Bouwmeester werd aangesteld. Al tien jaar kijkt de westrand van Brussel met lede ogen naar de pen­ delstroom vanuit Vlaanderen. De Ring, de Ninoofsesteenweg en de sluiproutes naar de eerste metro­ halte Erasmus (2003) hebben de verzadiging al lang bereikt. Toch stelde de Dilbeekse burgemees­ ter Stefaan Platteau (Open VLD) in 2003 onomwonden over het tekort

aan transitparkings voor de pende­ laars: “Het Brussels Gewest en An­ derlecht moeten maar voor nieuwe parkeerplaatsen zorgen.” Dilbeek zag en ziet zichzelf niet als deel van het organische geheel van de me­ tropool, ontkent een stuk hoofdstad op Vlaamse bodem te zijn, wil het doorgaand verkeer ontraden. Het eerste projectplan hing een week (tot en met 5 november) uit in het cultuurcentrum Westrand. Een deel daarvan gaat over verkeerscircula­ tie, sluipverkeer, een mobiliteitsplan en openbaar vervoer. Bedoeling is ‘sterker te staan in de discussie die

© MARC GYSENS

de gemeente met het Gewest moet voeren, doordat de burgers het project mee dragen’, luidt de verde­ diging van de gemeente. Naar het verkeer dat door de gemeente moet stromen, is geen studie gedaan; er zijn nochtans vier Ring-afritten naar Dilbeek. Hoeveel auto’s Dil­ beek in komen, is niet bekend. En er is vooral de problematische gewest­ weg Ninoofsesteenweg (N8). “Wis­ seling van stoelen binnen de Afde­ ling Wegen en Verkeer (Vlaams Gewest) heeft tot gevolg gehad dat de studie van de verkeersinstroom niet meer wordt opgevolgd,” is het excuus van de gemeente. De studie stelt simpelweg dat ‘het doorgangsverkeer zoveel mogelijk beperkt moet worden en onderge­ schikt moet blijven aan het bestem­ mingsverkeer’. Alsof niemand meer via de Ninoofsesteenweg en laveer­

heid begint met de opmaak van een parkeerstudie in voorstedelijke ver­ voersnetwerken,” luidde het eind ok­ tober nog. “Vlaanderen zal in overleg met de gemeenten en het Brussels Gewest werk maken van de plan­ ning van kleinere overstapparkings.” Ook Grouwels verwacht wat van de Vlaamse Rand: “De Brusselse tran­ sitparkings vormen enkel een aan­ vulling op de overstapparkings op Vlaams en Waals grondgebied.” Wel is de Brusselse minister slecht geïn­ formeerd, want ze ziet een te volgen voorbeeld in ‘de transitfunctie van de parkings op de Heizelvlakte’. Dat is een fata morgana: de Stad Brussel reserveert daar enkel parkeergele­ genheid voor beurzen; er zijn amper transitplekken die aansluiten op het openbaar vervoer. Dilbeek blijkt in het eerste studie­ voorstel alle opties ten gunste van de pendelstromen in te willen dij­ ken. “De Lijn en het Vlaams Gewest zitten boven onze hoofden zaken te ontwikkelen. Wat Dilbeek wil, moe­ ten we nog uitmaken. Vandaar dit masterplan,” stelt de administratie. Het studiebureau heeft in die geest gewerkt. Eind dit jaar moet Platteau de sjerp afstaan aan een N-VA-bur­ gemeester. Die erft twaalf jaar anti­ gewestelijk beleid. 

Jean-Marie Binst


BDW 1353 PAGINA 9 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

P-PRAAT Het is nu al een tijdje herfst in de stad, en dan dwarrelen er allerlei blaadjes naar beneden, te pas en te onpas. Het raam op de redactie hier te Elsene staat nog vaak open, want de redactie is een zeer warme plek, en wanneer het te warm is, kunnen wij niet werken. Enfin, u ziet het al, er vliegen dus af en toe blaadjes binnen.

De vertramming van de Rand Boom

Bornem

BOOM

BORNEM

Puurs

P 

robleem voor pendelaars is dat som­ mige gebieden nauwelijks door de trein worden bediend, er zitten na­ melijk flinke gaten in het spoorwegnet. Nog bezwaarlijker is dat bijna alle lijnen naar het centrum van Brussel leiden: mensen die van de ene plek in de Rand naar de andere willen, zijn onverbiddelijk op de auto aangewezen. Daardoor zijn tien van de zestien structurele fileknelpunten te vinden in Vlaams-Brabant en op de Ring rond Brussel. De Lijn wil beide problemen tackelen met de aanleg van vier tramlijnen, die de voorbode vormen van een plan met in totaal dertien tramlijnen die het GEN-netwerk moeten aan­ vullen. In eerste instantie zullen drie lijnen door de ‘lege’ gebieden richting Brussel gaan lopen; de vierde is een Ringtram aan de noordkant van het gewest. De tramlijnen richten zich nadrukkelijk op mensen die nu nog de auto nemen. Met maximaal één overstap moeten deze pendelaars naar de belangrijkste be­ stemmingen binnen het gewest kunnen rei­ zen.

Willebroek

Londerzeel A12

E19

Haacht / Heist-opden-Berg

Meise E40

RO

Jette

HEIZEL

ZAVENTEM

E40

Ninove

BRUSSEL-NOORD

Eizeringen

Tervuren

Gooik

E411

De vier lijnen van Brabantnet. “Twee opties: een langzame tram die mensen bij wijze van spreken thuis ophaalt, of een snelle tram die weinig stopt.”

citeit van de lijnen wordt daarmee groter: bij een gemiddelde snelheid van vijftig kilometer per uur zouden de vier lijnen, die de naam Brabantnet hebben gekregen, 38.000 mensen per uur kunnen vervoeren. Maar dat is theo­ rie. De Lijn heeft het afgelopen jaar veel tijd ge­ stoken in het creëren van draagvlak, er is uit­ gebreid gesproken met de besturen van de ge­ meentes waar de lijnen doorheen voeren. Ook met de MIVB en de Brusselse administratie was er nauw overleg, beide hebben zitting in de stuurgroep. Die samenwerking is hard no­ dig: niet alleen moeten de tramlijnen aanslui­ ten op het MIVB-net, ze zullen ook letterlijk over het grondgebied van het Hoofdstedelijk Gewest voeren, tot aan het Noordstation

en het Weststation. “Historisch is dat deze Vlaamse trams de grens met het Brussels Gewest zullen oversteken,” reageerde De Standaard enthousiast. Maar in feite is het andersom, Brussel krijgt trams die tot diep in het achterland rijden. Voor dit project stapt De Lijn namelijk af van zijn traditionele smal­ spoor en schakelt de maatschappij over op de Brusselse breedte van iets meer dan een meter en veertig centimeter, het zogenaamde normaalspoor dat ook bij de trein in zwang is. Brussel strekt zich dus voortaan uit tot Ninove, Boom en Heist-op-den-Berg. “Mobi­ liteit laat zich aan grenzen niets gelegen lig­ gen,” zegt Peeters nuchter. 

Enkele passages. Wij selecteren, want het meeste is toch niet leesbaar. “Meerdere parlementsleden (...) Gulden Ontsporing (...) toe aan een evaluatie (...) vernieuwende aanpak wenselijk (...) brainstormsessies (...) culturele huizen.” Mmmja, niets opzienba­ rends tot hier. Verder: “De organisatie van het 11 julifeest wordt vanaf nu toegewezen aan het extern verzelfstandigd agentschap Muntpunt. Die meer neutrale partner moet erin slagen meer partners actief te betrek­ ken. (...) De formule met een slotconcert op de Grote Markt als zichtbare afsluiter heeft zijn tijd gehad. Het is tijd voor een nieuwe formule waaraan meer partners, maar vooral ook meer mensen participeren. De 11 juliviering moet Brussel weer op de kaart zetten (...) jonger en mobieler publiek.” Wij vlug naar onze correspondent 11 julifeesten: “Zeg, 11 juli vorig jaar, was daar geen volk, en het volk dat er wel was, Vilvoorde zaten die allemaal in een rolstoel?” Zaventem

Kapelleop-den-Bos

VILVOORDE

Brabantnet Voor de tracés zijn alleen grove zoekgebieden vastgesteld, die sinds afgelopen maandag ter inzage liggen. Tot en met 11 januari 2013 kunnen burgers opmerkingen en suggesties indienen, en mede op basis daarvan worden de voorkeurtracés vastgesteld. Dan wordt ook de keuze gemaakt om de tramlijnen over bestaande wegen te laten rijden, of om vrije trambanen aan te leggen. Francy Peeters, directeur van De Lijn VlaamsBrabant: “Er zijn twee mogelijkheden: een langzame tram die mensen bij wijze van spre­ ken thuis ophaalt, of een snelle tram die wei­ nig stopt. Passagiers moeten dan met de fiets, bus of auto naar de halteplaatsen komen.” In dat laatste geval komen er overstapparkings bij de afslagen van de snelweg A12 en bij de gewestwegen zoals de Haachtse- en de Ni­ noofsesteenweg. Hoewel De Lijn benadrukt dat er nog geen keuze is gemaakt, lijkt de voorkeur uit te gaan naar de snelle variant. Peeters: “De grootste kosten bij openbaar vervoer zijn niet de in­ vesteringen, maar de loonkosten van de be­ stuurder.” Met andere woorden: hoe sneller die man of vrouw op en neer kan rijden, hoe goedkoper de exploitatie wordt. Ook de capa­

CARTOGRAFIE: PETER DHONDT/BDW. BRON: DE LIJN

BRUSSEL – Met een snelle tram van Ninove, Boom en Heist-op-den-Berg naar Brussel, en omgekeerd. Vanaf deze week kunnen burgers reageren op de plannen van De Lijn.

Op een dag werden wij echter opgeschrikt door een dikke bundel wit papier die binnen kwam waaien. Met een rotsmak werden we uit onze gedachten gehaald. Niet door die smak – wij zijn meer gewoon –, maar door de inhoud ervan. Jawel, het was de be­ leidsbrief van Brusselminister Pascal Smet (SP.A).

Tijs van den Boomen

CHIEN ÉCRASÉ ONZE CORRESPONDENT – “11 juli 2012? Wacht, eens denken, want ik heb er zoveel meegemaakt. Beetje drinken op het stadhuis, beetje praatjes maken. Ah ja, juist ja, Ray­ mond van het Groenewoud. Nee jong, boezjevol stond de Grote Markt, veel volk van buiten Brussel ook, je begrijpt dat, hé: Vlamingen. Maar rolstoelen? Nee, niet gezien.” MUNTPUNT – Wat is dat eigenlijk, Munt­ punt? Was dat niet die bibliotheek waaraan ze zo lang bouwen? De beleidsbundel-Smet biedt geen uitsluitsel: “Het verzelfstandigd agentschap Muntpunt werkt met actieve inbreng van de diverse partners een gedragen concept uit. Naast de professionele cultu­ rele huizen zal ook de socioculturele sector betrokken worden.” Nee, daar worden we niet wijzer van. Gelukkig staat er even verder wat Muntpunt moet worden, dat is toch al iets. “Collectieaanbod maximaal laten renderen (...) sterker en frequenter op resultaat sturen (...) collectie geënt op winkelconcept (...) vraag en aanbod.” En nog: “Intense samenwerking met de key stakeholders (...) Muntpunt kiest er ook voor om via co-funding, crowdfunding en sponsoring projecten te realiseren.” En dan staat er nog iets over community-journalistiek, maar daar begrijpen we al helemaal geen snars van. BIG BIRD – Straks vraagt Smet nog om Big Bird uit Sesamstraat zijn geld af te pakken. U weet wel, die subsidieverslindende socialisti­ sche vogel die tijdens de Amerikaanse presi­ dentsverkiezingen uit de kast werd gehaald.


BDW 1353 PAGINA 10 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Stedenbouw > Franse architect Alexandre Chemetoff buigt zich over kanaalzone

‘Een richtplan komt altijd te laat’ De Fransman Alexandre Chemetoff haalde het, in een wedstrijd uitgeschreven door het Brussels Gewest, van de Belg Xaveer De Geyter en het Nederlandse bureau DeZwarteHond. Chemetoff krijgt negen maanden om zijn plannen voor de kanaalzone uit te werken. De keuze voor de Franse architect is opmerkelijk. Chemetoff komt expliciet niet op de proppen met een groot ruimtelijk plan voor de kanaalzone, een gebied van 2.850 hectare dat zich over veertien kilometer uitstrekt en als een breuklijn door de hoofdstad loopt. “Zo’n plan belandt toch alleen maar in de lade,” zegt Chemetoff. Hij stelt vast dat er al heel wat beweegt in de kanaalzone. Vastgoedontwikkelaars staan te dringen om lofts te bouwen langs het kanaal. De overheid heeft al een tijdje het belang van de kanaalzone als ontwikkelingsgebied ontdekt.

Er staan tientallen projecten in de steigers, een heleboel andere zijn al afgerond. Chemetoff stelt tegelijk vast dat de stad in crisis is, dat de werkloosheid piekt en de armoede in de kanaalzone groot is. Het is zijn overtuiging dat het beter is om met kleine ingrepen in de publieke ruimte de verschillende projecten aan elkaar te kneden. “De bakstenen zijn er al, wij moeten voor het cement zorgen. In de projecten die nu op stapel staan in de kanaalzone, is sport – om maar een voorbeeld te noemen – een blinde vlek. Het richtplan kan soelaas brengen.” Chemetoff heeft ervaring met de opwaardering van publieke ruimte in moeilijke gebieden aan de waterkant. In Nancy bijvoorbeeld legde hij langs de Meurthe watertuinen aan. Het was een gebied waar niemand naartoe wou;

© ALEXANDRE CHEMETOFF

BRUSSEL – De Franse architect Alexandre Chemetoff mag het richtplan voor de kanaalzone maken. Een groot visionair plan moet niet verwacht worden, wel kleine ingrepen die het geheel aan elkaar kneden.

Watertuinen in Nancy. Chemetoff heeft ervaring met de opwaardering van moeilijke gebieden aan het water.

nu pieken de vastgoedprojecten. Vraag is of het richtplan voor de kanaalzone niet te laat komt; heel wat ontwikkelaars hebben hun posities al ingenomen. Chemetoff

vindt die vraag irrelevant. “Elk richtplan komt te laat. Stedenbouw moet rekening houden met wat er al bestaat en kan nooit in het ijle uitge­dacht worden.”

De Franse architect heeft zes zones in de kanaalzone uitgepikt waar een ingreep in de publieke ruimte voor een coherent geheel kan zorgen. Het moeten testzones worden, voorbeelden voor de rest van de kanaalzone. Het gaat om Buda, Van Praet, Reders, Sainctelette, Birmingham en Biestebroek. Hoe dat er concreet uitziet, is nog niet bekend, maar aan Buda bijvoorbeeld stelt Chemetoff vast dat het Militair Hospitaal een enorm onbenut potentieel heeft. Door het te betrekken bij de kanaalzone kan met een relatief kleine aanpassing een wereld van verschil worden gemaakt. Ook groen terugbrengen in de grijze stad is een belangrijk element in de plannen van Chemetoff, net als burgerparticipatie. Hij stelt cartografische ateliers voor waar de bevolking zo concreet mogelijk kan aanvoelen in welke richting de plannen gaan.    Steven Van Garsse

ADVERTENTIE

We danken u voor het vertrouwen

Alle 56 CD&V kandidaten danken u:

Walter Vandenbossche - Anne Mertens - Erik Longin - Pieter-Jan Mattheus- Bianca Debaets - Véronique Peters - Dries Cools - Heleen Goubert Christian Boone - Gertie Lindemans - Jan Kindermans - Bernard Dufour - Frank Van Bockstal - Ingrid Haelvoet - Marina Dehing - Veerle Moreau-Eygenraam Kristine Bormans - Diana Degreef-Deneef - Frederik Van Gucht - Brigitte De Pauw - Joëlle Electeur - Margriet-Marie André-Dumont Emmanuel Boodts - Jos Leysen - Marie-José Soumillion-hovelynck - André Carnier - Sabine Daenens - Sarah Nelen - Liesbeth Peeters Geert Vandenabeele - Peter Decabooter - Carine Dehaen-Cackebeke - Vincent Riga - Maude Van Gyseghem - Agnes Vanden Bremt - André Beeckman Martine Motteux-Abeloos - Arnout Justaert - Katja Vanaelst - Laura Pinti - Johan Degroote - Lieven Lemmens - Ria Desmet - Didier Van Bossuyt Fabian Dominguez - Georges De Smul - Lieve Lippens - Helmut De Vos - Paul Delva - Natalja Stevens - Hélène Morel - Patricia Stalpaert Alexis Van Maercke - Fatima-Zahra Amine - Jeannine Bedin-Kempeneers - Joris Poschet Op de foto ziet u alle lijsttrekkers in onze Brusselse gemeenten

We werken verder aan een betere toekomst voor Brussel. Blijf ons volgen op www.visieopbrussel.be.


BDW 1353 PAGINA 11 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

© IVAN PUT

Welzijn > Crèchenood in Brussel

‘Alleen overleg brengt soelaas’ BRUSSEL – Een nieuw Vlaams decreet stelt de verschillen tussen Franse en Vlaamse crèches in de hoofdstad op scherp. “De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) moet een initiatief nemen,” zegt Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V).

BRUSSEL – Onoplettende voetgangers veroorzaken geregeld ongevallen met trams. Daarom herhaalt de MIVB aan het begin van de herfst dat de tram altijd voorrang heeft. Verschillende Europese vervoersmaatschappijen nemen maatregelen om conflicten tussen trams en voetgangers te vermijden. Een overzichtje.

V 

orige maandag stierf een tiener in Sint-Pieters-Woluwe. Toen de jongen ’s ochtends achter een stilstaande bus de vrije busbedding overstak, werd hij aangereden door een bus die uit de andere richting kwam. Vrijdag van die week raakte een tram een meisje dat de Louizalaan overstak; nu dinsdag werd een man geschept door een tram op de Tervurenlaan. Vooral trams raken gemakkelijk betrokken bij ongevallen: ze hebben een lange remafstand en kunnen niet uitwijken. Als een tramchauffeur plots moet remmen, kan hij enkel hopen dat zijn vehikel tijdig tot stilstand komt. Boven­ dien maakt de nieuwe generatie trams weinig geluid. “Buurtbewoners wil­len dat de tram zo stil mogelijk rijdt,” weet MIVB-woordvoerster An Van hamme, “maar andere weggebruikers horen stille trams minder goed aankomen. Voetgangers worden vaak afgeleid door gsm’s of mp3-spelers.” Dit jaar overleden in Brussel al vier mensen na een aanrijding door een tram. In 2011 noteerde de MIVB één ongeval met dodelijke afloop. In Berlijn, een stad met een sterk uitgebouwd netwerk van trams, bussen en metro’s, zijn de statistieken vergelijkbaar. In 2012 veroorzaakten trams er drie dodelijke slachtoffers, in 2011 zeven (al vervoert de Berlijnse vervoersmaatschap-

pij wel drie keer meer reizigers). Al enkele jaren voert de BVG de campagne ‘Achte auf deine Linie’ (‘let op je lijn’). Toevallig daags na het dodelijk ongeval lanceerde de MIVB de campagne ‘Uw veiligheid begint met goed opletten’ opnieuw. De kernboodschap is: trams hebben altijd voorrang, ook op voetgangers.

Luid de bel Zowel de MIVB als de BVG wil de veiligheidssituatie rond trams verbeteren. Zo rijden trams in Brussel en Berlijn continu rond met brandende lichten. Daarnaast rustte de BVG de nieuwste tramstellen uit met een luide elektronische bel. De Berlijnse vervoersmaatschappij verwierp wel het idee om trams permanent te laten claxonneren. Uit vrees voor klagende buurt­ bewoners staat ook de MIVB weigerachtig tegenover zulke voorstellen. De Duitse tramreizigersvereniging vroeg onlangs om oversteekplaatsen uit te rusten met stroboscopen die kort en fel flitsen wanneer een tram een gevaarlijke plek nadert. De BVG vreest dat dergelijke apparaten de andere weggebruikers zullen verblinden; de MIVB sluit soortgelijke veiligheidsmaatregelen in Brussel dan weer niet uit. De kleur van de tramstellen is belangrijk voor hun zichtbaarheid.

In Berlijn zijn de trams en bussen sinds de val van de Muur knalgeel, zoals vroeger in Brussel. Bovendien mag op de voorkant van de trams geen reclame hangen. In 2006 besliste de MIVB alle voertuigen grijs te schilderen, ‘uit louter esthetische overwegingen’. Onlangs verving de MIVB de oude halogeenkoplampen van de trams door beter zichtbare ledlampen; de BVG plant volgend jaar een eerste experiment met ledverlichting. Ten slotte plaatste de MIVB aan verschillende tramsporen chicanes, in Berlijn Z-Hekken genaamd. Die zigzagvormige hekken verplichten overstekende voetgangers om te stoppen op een tussenberm. Daarbij draaien ze zich automatisch in de richting vanwaar de trams komen. In de Ierse hoofdstad Dublin reden tot 2004 geen trams rond. Toch veroorzaken de moderne, stille trams er weinig ongevallen. “En bij de enkele ongelukken die hier plaatsvonden, lag onoplettendheid van voetgangers aan de basis,” stelt woordvoerster Dervla Brophy. Toch breken niet alle Europese vervoersmaatschappijen zich het hoofd over de gevaren van trams. “Amsterdammers wéten dat het verkeer in de stad erg druk is en dat ze zich alert moeten gedragen,” reageert Leonie Scholten, woordvoerster van het Gemeentelijk Vervoersbedrijf. “Met de actie Trammelant leggen wij scholieren uit hoe ze met het openbaar vervoer moeten omgaan. Maar voorts voeren we geen campagnes.”  Lukas Vanacker

ADVERTENTIE

auteur:Shakespeare William – verbrusseling: Claude Lammens – regie: Marc Bober auteur: Shakespeare William Shakespeare – verbrusseling: Claude – regie: Marc Bober auteur: William – verbrusseling: Claude Lammens – regie:Lammens Marc Bober

BRUSSELS VOLKSTEJOÊTER BRUSSELS VOLKSTEJOÊTER BRUSSELS VOLKSTEJOÊTER

Kathleen Seghers-Kevin Van Doorslaer-Vanessa Daniëls-Geert Dehaes-Claude Lammens-Josy Restiaen Restiaen Kathleen Seghers-Kevin Van Doorslaer-Vanessa Daniëls-Geert Dehaes-Claude Lammens-Josy Kathleen Seghers-Kevin Van Doorslaer-Vanessa Daniëls-Geert Dehaes-Claude Lammens-Josy Restiaen Carlo Otten-Kris Vanden Driessche-Kurt Parewyck-Wies Mertens-Gertjie Bryssinck-Ani Leroy CarloDriessche-Kurt Otten-Kris Vanden Driessche-Kurt Parewyck-Wies Mertens-Gertjie Leroy Carlo Otten-Kris Vanden Parewyck-Wies Mertens-Gertjie Bryssinck-Ani LeroyBryssinck-Ani Niki D’Heere-Anita Vanhoutvinck-Patrick Peeters-Elie Devuyst-Seppe Verbist-Marcel Van Keer Van Keer Niki D’Heere-Anita Vanhoutvinck-Patrick Peeters-Elie Devuyst-Seppe Verbist-Marcel Niki D’Heere-Anita Vanhoutvinck-Patrick Peeters-Elie Devuyst-Seppe Verbist-Marcel Van Keer

VERTONINGEN IN ZINNEMA ANDERLECHT VERTONINGEN IN ZINNEMA ANDERLECHT VERTONINGEN IN ZINNEMA ANDERLECHT 1 DECEMBER 2012 2012 T.E.M. 3 FEBRUARI VANAF 1 DECEMBER T.E.M. 3 FEBRUARI VANAFVANAF 1 DECEMBER 2012 T.E.M. 3 FEBRUARI 2013 2013 2013 info en 02/524.60.95. - www.beeveetee.be infotickets: en tickets: 02/524.60.95. - www.beeveetee.be info en tickets: 02/524.60.95. - www.beeveetee.be

V.U.: Robert Delathouwer - Leopoldstraat 25 - 1000 Brussel

Spanning tussen geruisloos en veilig

V.U.: Robert Delathouwer - Leopoldstraat 25 - 1000 Brussel

Mobiliteit > Vierde dodelijk ongeval met tram in 2012

V.U.: Robert Delathouwer - Leopoldstraat 25 - 1000 Brussel

Oversteekplaats in de Gallaitstraat, Schaarbeek: kijk uit voor de tram!

Dat Franse en Vlaamse Gemeenschap in hetzelfde gebied opereren (het Brussels Gewest), veroorzaakt al langer problemen. Het bekendste voorbeeld is dat van de honderden Franstalige crèches die hun heil hebben gezocht bij Kind & Gezin, omdat die organisatie soepelere normen hanteert: zo volstaat één begeleider per acht kinderen, terwijl dat bij het Office de la Naissance et de l’Enfance (ONE) één per vijf is. Crèches hebben hun rekening dan snel gemaakt. Een nieuw Vlaams decreet Kinderopvang maakt komaf met die bizarrerie. Een crèche in Brussel krijgt alleen nog een erkenning als de directeur en minstens één begeleider Nederlandstalig zijn. Vlaams minister Jo Vandeurzen beseft dat hiermee mogelijk duizenden opvangplaatsen in Brussel op de tocht staan. Hij bekijkt met de Franse Gemeenschap of de Franstalige Kind & Gezin-crèches kunnen overgaan naar het ONE. Daarnaast kondigt hij ook een overgangsfase aan, om de situatie niet te bruuskeren. Een en ander heeft gevolgen voor het aantal Nederlandstalige crèches in de hoofdstad. Vlaanderen stelt zich als doel de helft van de baby’s en

peuters op te vangen. Dat betekent dat er in Brussel tegen 2016 zo’n drieduizend plaatsen zouden moeten bijkomen. Een schier onmogelijke opdracht, “zeker nu blijkt dat er de laatste twee jaar maar 62 plaatsen zijn bijgekomen,” zegt Brussels parlementslid Elke Roex (SP.A). De Vlaamse Brusselaars zijn ervan overtuigd dat de crèchenood in de hoofdstad alleen kan worden aangepakt via overleg met de Franstaligen. Vandeurzen deelt die mening. “De Vlaamse Gemeenschap kan de regeling niet sluitend te maken. Dat is iets voor de GGC,” zei hij. Samenwerken met de Franstaligen wordt echter bemoeilijkt door een juridisch steekspel over het nieuwe decreet. De Franse Gemeenschap vecht het Vlaamse decreet aan voor het Grondwettelijk Hof. Doorn in het oog is de 55%-voorrang voor Nederlandstaligen. Daarmee wil de Vlaamse regering de Vlamingen in Brussel alle kansen bieden op een plaats in een crèche, maar het zorgt ook voor een pervers effect, vindt parlementslid Elke Van den Brandt (Groen). “Stel dat de Franse Gemeenschap ook voorrang verleent aan Franstaligen, dan valt een hele groep anderstaligen uit de boot.” Van den Brandt vraagt zich ook af of het decreet de toets van de grondwet zal doorstaan. Vandeurzen hoopt dat een uitspraak van het Hof duidelijkheid zal scheppen. “En als de voorrangsregel niet aanvaard wordt, dan betekent dat nog niet dat het hele decreet op de schop gaat,” zegt Vandeurzen.  Steven Van Garsse

Met de steun van de

Met de steun van de

Met de steun van de

De Smet Brussels

Just a little more

De Smet Brussels

Just a little more

De Smet Brussels

Just a little more


BDW REGIO

BDW 1353 PAGINA 12 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Voor de oorlog in de Joodse wijk > Stichting Auschwitz brengt eerste dvd met getuigenissen uit

Leven en overleven in de Marollen © SOMA

© SOMA

© JOODS MUSEUM BELGIË © SOMA

Links boven: herenconfectie bij Charles Friedman, ‘Au Progrès’, Huidevettersstraat, jaren 1930. Links onder: ‘Joodse solidariteit’ in de kantine, 1946. Foto’s rechts: ‘Verboden toegang voor Joden’, 1940-’45.

BRUSSEL – De Stichting Auschwitz opent met een reeks dvd’s haar archief aan interviewopnames. De eerste getuigendocumentaire Herinneringen aan een Joods verleden in de wijk Marollen-Zuidstation, 1930-1942 is klaar. De toon is sec: de Holocaust heeft de overlevenden getekend. Elk persoonlijk verhaal levert een puzzelstuk van het warm-sociale wijkleven, aan de vooravond van de gruwel.

I 

n Brussel wonen vandaag ruim tweemaal zoveel Joden als in Antwerpen. Die versnipperde aanwezigheid blijft grotendeels onopgemerkt, maar ooit was het anders. Eerst waren er de Joden die de Belgische Grondwet als hét vrijhedenmodel in Europa zagen, en daardoor België koesterden. Eind negentiende en begin twintigste eeuw waren er migratiegolven uit Polen, Rusland en Oekraïne, vaak solitaire of dorpsvluchtelingen van de pogroms onder de tsaren. In de jaren 1930 kwamen daar Oostenrijkse en Duitse Joden bij; zij vluchtten voor het nazisme.

Hirsch par Terre De som van dat alles maakte dat er tussen de twee wereldoorlogen in de Marollen makkelijk vierduizend Joden leefden, een derde van de hele wijkpopulatie. Ze leefden ook rond het Rouppeplein, en voorts bij het

Zuidstation, in Anderlecht en bij de Hallepoort in Sint-Gillis. Het Vossenplein (d’Aa Met) stond bij Brusselaars bekend als ‘Hirsch par Terre’: het Brusselse modehuis Maison Hirsch was dé klassereferentie toen. De naam zinspeelt op Joodse kleermakers die er met hun stikmachine op de grond snelherstellingen uitvoerden – een Mister Minute avant la lettre, zeg maar. In de wijk krioelde het van Joodse huisnijverheid, van naaien tot bont bewerken. Ook voddenboeren, kleine ateliers en kruideniers etaleerden hun Joodse herkomst. Niet zelden ging dat gepaard met enige ‘nationale’ trots, zoals het uithangbord ‘Maison Belge’ in de Blaesstraat (tegenover de Vossenstraat) nog altijd duidelijk maakt. Het was een buurtleven van geven en nemen, van aanvaarden en plagerig met de vinger wijzen. Maar met de economische crisis van de

jaren 1930, gevolgd door de Tweede Wereldoorlog, werd de jaloezie van de autochtonen de Marollenjoden fataal. Hun zwartwerk en overlevingsijver maakten vijanden. Het isolement en het stigma dat ze van

selse Joden (‘gedeeltelijk’, want in Brussel bleef men al met al nog het best gespaard). Vandaag helpt elk persoonlijk verhaal van de getuigen het totaalplaatje van (over)leven in de Marollen te reconstrueren, als menselijk attachment op het Wikipedia-plaatje.

Duizend uur film Levende getuigen zijn schaars geworden. Af en toe verschijnt er een boek dat de geschiedenis beklijvend

“Uiteraard is deze kijk op de wijk subjectief en persoonlijk, maar het voedt het collectieve geheugen: school, het werk van vader of henzelf, het leven van alledag, contact met de buren” de bezetter kregen, werd ook te laat ‘begrepen’. Daar ligt de context van het ‘gedeeltelijk’ slagen van het grote vervolgingsverhaal van de Brus-

en doorleefd verslaat. De Stichting Auschwitz begon in de vorige eeuw een audio- en videoarchief van getuigenissen aan te leggen. De jong-

ste jaren kwam daar nog sporadisch een veldgetuigenis bij. Joden, verzetsstrijders en andere belangrijke getuigen van het Joodse leven werden voor de camera gehaald. Vanaf 1992 kon dat in een studio in de ULB. Later werd ook al eens aan huis gefilmd. Iedere getuige mocht vrijuit en zonder richtlijnen of sturende vragen zijn herinneringen ophalen. De ene deed dat in twee uur, een andere had achttien uur nodig – die kwam drie dagen terug. Alles bij elkaar passeerden er 228 getuigen, goed voor 1.250 uur filmbeelden.

Streng protocol De periode die deze ‘Marolliens van toen’ bespreken, is de tijd van vóór de razzia’s en deportatie. “Uiteraard is deze kijk op het dagelijkse leven in de wijk subjectief en persoonlijk,” zegt Daniel Weyssow, projectleider van de Auschwitz Stichting en de vzw Auschwitz in Gedachtenis. “Maar ze voeden het collectieve geheugen met heel specifieke ervaringen in deze wijk: naar school gaan, het werk van hun vader of van henzelf, het leven van alledag, de verbondenheid met de buren...”


Verwacht geen documentaire die historische of amateurfilmfragmenten van 1930-1945 bundelt. De documentaire van driekwart uur is zeer strak geconcipieerd. Het protocol dat hiervoor gebruikt werd, is dat van het Fortunoff Video Archive for Holocaust Testimonies: een vast camerabeeld, steeds dezelfde afstand tussen lens en geïnterviewde, een uniforme blauwe achtergrond, geen onderbrekingen door derden en dies meer. Het maakt dat alle getuigenissen ‘eenvormig’ gecommuniceerd worden, en dat latere documentaires eenzelfde stijl kunnen hanteren. De ‘vertellers’ nemen ook geen slachtofferrol aan, al is de ingehouden emotie vaak voelbaar. De blik en de gestes, de intonatie en het ritme, alles voegt zoveel kracht toe aan het verhaal dat het lijkt of iemand gewoon tegen je spreekt.

Esterwegen

De Sint-Lazaruslaan, met klinkers en bomen, krijgt pleinallures; het autoverkeer wordt afgeleid naar de Ginestestraat.

Heel dit audio- en beeldarchief rustte jaren bij de Stichting Auschwitz in de Huidevettersstraat, naast het Stadsarchief. Om de eerste documentaire te maken werd regisseur Marta Marín-Dòmine aangezocht, hoogleraar aan de Université Wilfrid Laurier in Toronto (Canada). Ze werkte er, in verschillende fasen, twee jaar aan sinds 2011. Marín-Dòmine plukte ‘maar’ zes getuigenissen uit het hele archief, voor haar genoeg om de Herinneringen te voeden. We verklappen u het levensverhaal van deze getuigen niet, om de documentaire nog een plaats te geven in uw huiskamer. Er is de Marollien Joseph Berman (1929-1996), die bij een Russische Jood in een kleermakersatelier opgeleid wordt en die als verzetsstrijder naar een Frans werkkamp wordt gestuurd. Daar ontsnapt hij; hij komt terug naar Brussel en wordt na mishandeling door de Gestapo gedeporteerd naar Esterwegen en Ichtershausen. In 1945 wordt hij bevrijd. Naast Berman zijn er ook David Blum, Hélène Gancarska, baron Maurice Goldstein, Henri Kichka en Maurice Pioro, de enige overlevende van het Tiende Konvooi naar Auschwitz. Elk van de zes vertelt het verhaal van hun school- en jonge leven in de wijk. Het zijn er maar zes, maar ze staan voor velen. Het is nu zaak dat het opnamemateriaal grondig wordt geëxploiteerd door onderzoekers en studenten. En dat nieuwe filmthema’s als ‘verborgen Joodse kinderen’ of ‘gevluchte Joodse Belgen in Zuid-Frankrijk’ ook tot een dvd worden verwerkt. Als daar geld voor is. De Stichting Auschwitz krijgt fondsen van de federale overheid, van de Fédération Wallonie-Bruxelles en projectmatig ook van het Brussels Gewest, maar (nog) niet van de Vlaamse overheid. 

© BUREAU BAS SMETS

BDW 1353 PAGINA 13 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Sint-Joost-ten-Node > Driehoek Kruidtuin-Rogier-Brabantstraat heringericht

Klein, vaag, belangrijk stukje stad De verbinding maken tussen de commerciële assen van de Nieuwstraat en de Brabantstraat, en een groene vallei creëren op de Sint-Lazaruslaan, die zo meteen de twee delen van de Kruidtuin weer bij elkaar brengt. Dat zijn enkele van de ambities van het winnende project voor de heraanleg van een stukje Noordwijk in Sint-Joost. Begin dit jaar schreef de gemeente Sint-Joostten-Node samen met het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en Beliris een internationale architectuurwedstrijd uit voor de heraanleg van een klein en vaag, maar belangrijk stukje openbare ruimte in de problematische driehoek tussen Rogierplein, Kruidtuin en Noordstation. Op maandag 19 november wordt de tentoonstelling geopend waarop het ontwerp van de winnaar aan het publiek wordt voorgesteld. Die winnaar is het Brusselse bureau voor landschapsarchitectuur en publieke ruimte van Bas Smets, die zich voor de gelegenheid  geassocieerd heeft met de Franse stedenbouwkundige Jean-Pierre Charbonneau en de  studiebureaus Greisch en Bureau Bouwtechniek. Hun werkgebied concentreert zich op en om de overmaatse Sint-Lazaruslaan. Die ligt op het traject van de noord-zuidverbinding, snijdt de Kruidtuin in twee en mondt verderop uit aan

de achteringang van het Noordstation en het begin van de Brabantstraat.

Link met Nieuwstraat In een eerste fase wordt de Sint-Lazaruslaan aangepakt. Dat zou een groene, autoluwe vallei moeten worden die zich inschakelt in de keten van publieke ruimtes die zich op het Brusselse deel van de noord-zuidverbinding hebben ontwikkeld, zoals het Ursulinenplein, de Kunstberg, het Centraal Station, het plein voor de kathedraal van Sint-Michiel en Sint-Goedele en de tuinen van het Rijksadministratief Centrum. Concreet zou de Sint-Lazaruslaan op die manier een aanschakeling van twee pleinen worden: één op het kruispunt van de laan met de Ginestestraat en de Rivierstraat, waar binnenkort ook de hoge Silver Tower moet verrijzen, en één op wat nu het Victoria Reginaplantsoen heet, maar eigenlijk één grote parkeergelegenheid is. Een nieuw verkeersplan leidt het grotendeels lokale autoverkeer langs de Ginestestraat, terwijl gekleurde kleiklinkers en heel wat bomen van de heraangelegde SintLazaruslaan een aangename plek moeten maken. De bomen zouden de wind die tussen de hoogbouw giert, meteen van het straatniveau kunnen weghouden. Verderop, tussen de twee delen van de Kruidtuin, zou een speelstraat het weefsel van het park weer kunnen hechten.

In een tweede fase wordt dan de andere as aangepakt, die een hoofdzakelijk commerciële functie krijgt. Het tracé dat van aan het Rogierplein, rechts van de Dexiatoren, onder de spoorweg duikt, wordt niet gemarkeerd met kleiklinkers en bomen, maar met blauwe hardsteen en aangepaste verlichting. Zo kan de historische verbinding tussen de Nieuwstraat en de Brabantstraat hersteld worden. De herwaardering van de handelszaken en panden met een culturele bestemming onder de spoorwegbrug moet daartoe bijdragen. De as loopt ook langs de onderbenutte achteringang van het Noordstation, die op die manier opgewaardeerd wordt. Het nieuwe gemeentebestuur heeft aangegeven te willen doorzetten met het project. Van dinsdag 20 tot en met zaterdag 24 november wordt een Week van Buurtoverleg georganiseerd: dan gaan tien werkgroepen samen met de bewoners aan de slag. Tegelijk is op het Victoria Reginaplantsoen een proefopstelling van de gekozen materialen te zien: de blauwe hardsteen, kleiklinkers, zitbanken en bomen. Daarna volgt de bouwaanvraag, in de hoop dat in 2014 met het werk begonnen kan worden. De drie bouwheren trekken samen een budget uit van 1,8 miljoen euro in de eerste fase, en 2,4 miljoen in de tweede.  Michaël Bellon

Schaarbeek > Gemeenteraad in teken van afscheid

Gemeente wuift schepenen uit

Jean-Marie Binst

De documentaire 1930-1942. Herinneringen aan een Joods verleden in de wijk Marollen-Zuidstation Brussel duurt ruim 42 minuten en kost 12,50 euro. In het Frans met Nederlandse, Engelse en Franse ondertiteling. Bestellen op 02-512.79.18 of info@auschwitz.be

Schepenen en gemeenteraadsleden die niet herverkozen zijn, werden tijdens de laatste gemeenteraad met een kleine laudatio bedacht. Er was een staande ovatie voor de aftredende schepenen Tamimount Essaïdi (Ecolo), Luc Denys (Groen), Christine Smeysters (Ecolo), Afaf Hemamou (MR) en Georges Verzin (MR), die in de oppositie belandt. Ook voor afscheidne-

mend gemeenteraadslid Bernadette Vriamont (SP.A) werd lang en warm geapplaudisseerd. Jean-Marie Charels (LB), gemeenteraadslid sinds 1971 en terminaal ziek, krijgt een ereteken. Over de nieuwe coalitie, die begin december aantreedt, viel weinig te vernemen. De bevoegdheden zijn min of meer verdeeld over de partijen, maar de bijbehorende budgetten nog niet. Denis Grimberghs (CDH) zou Financiën,

Mobiliteit en Openbare Werken krijgen. Mohamed El Arnouki (CDH) zou Woonbeleid krijgen. Sadik Köksal (LB), die een aardig woordje Nederlands spreekt, krijgt Cultuur en Openbare Netheid. Onderwijs gaat naar Michel De Herde (LB). Dominique Decoux (Ecolo) houdt het OCMW-voorzitterschap. Adelheid Byttebier (Groen) zou naast Vlaamse Aangelegenheden Sociale Cohesie kunnen krijgen, maar SVG zeker is dat nog niet.


BDW 1353 PAGINA 14 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Sint-Joost-ten-Node > Minister Grouwels zet door met heraanleg Leuvensesteenweg

Clash om autoluw Madou

Mobiel Brussel dient eerstdaags een bouwvergunning in voor de heraanleg van de Leuvensesteenweg tussen Madou en het Sint-Joostplein. Het moet een autovrije winkel-wandelstraat worden waar alleen nog bussen, stapvoets, door kunnen. Sinds half april is de Leuvensesteenweg al, bij wijze van test, autovrij. Walking Madou werd gepresenteerd als een nieuwe manier om met mobiliteit om te gaan: minder auto’s, een aangenamere en veiligere publieke ruimte. Het Madouplein kreeg een rotonde, het verkeer dat Brussel in en uit gaat, moet door de smalle Scailquinstraat. Al bij al heeft het Brusselse verkeer die test goed doorstaan. De doorstroming verloopt vlot en de veilig-

© BART DEWAELE

Minister Brigitte Grouwels (CD&V) ligt op ramkoers met Emir Kir (PS), haar collega in de Brusselse regering. Kir wordt over enkele weken burgemeester van SintJoost-ten-Node en wil onder geen beding een autovrije Leuvensesteenweg.

De concessie voor het benzinestation loopt af in 2014. Als Sint-Joost ze verlengt, zit minister Grouwels met een probleem.

heid voor fietsers en voetgangers is beter dan voordien. Daartegenover staat dat de invalsweg aan capaciteit heeft moeten inboeten: er kunnen minder auto’s Brussel binnen. De handelaars van de autovrije Leuvensesteenweg hebben hun omzet zien stijgen. Niet spectaculair,

“maar dat komt ook omdat de straat nog niet is heraangelegd,” verdedigt Grouwels het project. Zij wil nu overgegaan tot het indienen van de bouwaanvraag voor de definitieve heraanleg, van gevel tot gevel. “Alleen de afwikkeling van het verkeer in de omliggende straten is

ADVERTENTIE

nog een probleem,” zegt Grouwels. “Daar zijn nog aanpassingen nodig om het verkeer vlot te houden.” Wie de plannen niet kan smaken, is Emir Kir (PS), staatssecretaris voor Stedenbouw en over enkele weken burgemeester van de gemeente SintJoost. Hij liet al tijdens de verkiezingscampagne weten dat een autovrije Leuvensesteenweg een brug te ver is. “We zullen niet aanvaarden dat Sint-Joost een bourgeoisgemeente wordt,” aldus Kir. Sint-Joost telt veel grote gezinnen, en die moeten met de auto boodschappen kunnen doen en moeten hun gemeente ook vlot in en uit geraken. Dat was voor de verkiezingen, maar nu Kir een duidelijk plebisciet van de Sint-Joostse kiezer heeft gekregen, stelt hij alles in het werk om de plannen van Grouwels te dwarsbomen. In januari wil Mobiel Brussel, bij wijze van test, bussen laten rijden door de autovrije Leuvensesteenweg. Daar is weerstand tegen omdat de Leuvensesteenweg een steile helling vertoont. Critici vrezen dat de bus er hoge snelheden zal halen,

wat gevaarlijk is voor de winkelende voetgangers. Uit de test moet blijken hoe aan die bezorgdheid tegemoet kan worden gekomen. Het uitgangspunt is: wat in het buitenland kan, moet ook in Brussel lukken. Kir weigert de bustest. Dat kan een domper zetten op het hele project. En Kir heeft nog meer ijzers in het vuur. Uit de commissie Infrastructuur in het Brussels parlement bleek dat Sint-Joost de concessie voor een benzinestation zou kunnen verlengen in de Scailquinstraat, de straat waar al het pendelverkeer van en naar Madou langs moet. De concessie loopt normaal gezien af in 2014. Het pompstation moet weg om de doorstroming van het verkeer te kunnen garanderen. Verlengt Sint-Joost de concessie, dan zit met Grouwels met een probleem. Over anderhalf jaar zijn er regionale verkiezingen. Het ziet ernaar uit dat de strijd om de automobiliteit op het scherpst van de snee zal worden uitgevochten. 

Steven Van Garsse


BDW 1353 PAGINA 15 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Het bord is duidelijk genoeg: blauw, rond en drie witte pijlen. Voor alle duidelijkheid staat er nog een driehoekig voorrangsbord bovenop. Maar als je het Van Hoegaerdeplein oprijdt, vraag je je verbaasd af waar die rotonde dan wel mag zijn. Het enige wat je ziet, is een parkeerplaats omgeven door huizen. De auto’s beperken zich overigens niet tot de officiële plaatsen, dubbelparkeren is hier de norm. Welkom in Koekelberg, de Brusselse gemeente met de hoogste autodichtheid. Als je alleen naar de ruwe cijfers kijkt, lijkt die eerste plaats overigens naar Evere te gaan, maar dat komt alleen omdat daar zoveel bedrijfswagens geregistreerd staan.

Laat je die buiten beschouwing, dan heeft Koekelberg het meeste auto’s per vierkante meter, zelfs als je het grote park aan de voet van de Basiliek meerekent. Sinds 1 september mag je op het



Tijs van den Boomen

www.brusselnieuws.be/rondbrussel



‘Tijdperk Hermanus is afgelopen’

zoveel coulanter is voor zijn autobezitters? Nee, integendeel, deze gemeente wil hier betaald parkeren

BDW REGIO

Jette > Nieuwe PS-ploeg neemt het vanaf maart over

plein officieel alleen nog maar kort parkeren, tenminste aan de noorden oostzijde. De andere kant van het plein is namelijk Molenbeeks grondgebied, en daar mag je onbeperkt gratis parkeren. Omdat Molenbeek

invoeren, maar alleen als dat wordt afgestemd op Koekelberg. Wat dus al jaren niet lukt. Eendrachtig zeggen beide gemeenten dat er een gewestelijk parkeerbeleid moet komen, dan zal alles beter worden. Maar je mag nu toch  ook al niet dubbel parkeren? Je hebt toch geen bestuurlijke hervorming nodig om bonnen uit te schrijven en auto’s weg te slepen? Zo sim­ pel blijkt dat niet te zijn: voor dit  plein zijn twee verschillende handhavingsdiensten verantwoordelijk. Dus niemand. Een mooie lege rotonde zal nog even op zich laten wachten. Mocht het ooit zover komen, dan is er al een passend standbeeld beschikbaar. Twee gestileerde bronzen mannen die met uitgestoken hand gracieus naar elkaar reiken. Het staat nu een paar honderd meter verderop voor het gemeentehuis van Koekelberg en siert de gemeentelijke website. Voorlopig reikt de gemeente alleen zichzelf de hand.

© IVAN PUT

Vlaanderen heeft de reputatie dat de rotondes er vol staan met bespottelijke beelden. Maar hoe zit het in Brussel? Voor BDW onderneemt de Nederlandse rotondoloog Tijs van den Boomen de komende maanden een zoektocht naar rotondes in de negentien Brusselse gemeenten. Welke spiegel houden ze ons voor?

© TIJS VAN DEN BOOMEN

ROND BRUSSEL (3): KOEKELBERG

PS-lijsttrekster Mireille Hermanus-Francq neemt haar zetel in de gemeenteraad niet op. Haar echtgenoot, huidig schepen-zonder-bevoegdheden Merry Hermanus, stond al niet meer op de lijst en is nu ook nog eens veroordeeld voor het pesten van de gemeente­ secretaris. “Het tijdperk Hermanus is afgesloten,” zegt de Jetse PS-voorzitter Cyril Segers. Voor de verkiezingen had Mireille Hermanus nog grootse plannen: de lijst van burgemeester Hervé Doyen (LBJ) verslaan en zelf burgemeester worden. Dat is niet gelukt. Zelf behaalde ze 1.671 stemmen, een dikke duizend minder dan Doyen, en haar PS-SP.A-lijst moest, met tien zetels, onderdoen voor LBJ (twaalf zetels). Nu trekt Mireille Hermanus, bijna 61, zich terug uit de politiek. Ze wil samen met Merry een ‘serener’ leven tegemoet, schrijft ze in haar brief aan de fractie. Segers: “Ze blijven nog wel PS-militant, maar willen geen mandaten meer. Eind dit jaar komt er een feest ter ere van hun vertrek.” In maart gaat mevrouw Hermanus ook met pensioen als directeur van de Gomb. Normaal gesproken zou Mireille Francq opgevolgd worden door Clara Quaresmini, echtgenote van Cyril Segers. Maar omdat Quaresmini nog tot 1 maart voorzitster is van het OCMW, moet ze haar zetel

afstaan aan Halima Amrani. Quaresmini gaat weer fulltime voor de Gomb werken en vertrekt uit de actieve politiek. Net als haar man. “In de lente zijn er nieuwe voorzittersverkiezingen. Ik ben bijna 61 en sta na drie termijnen mijn plaats af,” zegt Segers. “Het is aan de jongeren om de strategie voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2018 voor te bereiden. Er komt dus een nieuwe PS-ploeg in Jette.”

Correctioneel Veel rust wacht het echtpaar Hermanus overigens niet. Merry en Mireille Hermanus moeten binnenkort allebei voor de correctionele rechtbank verschijnen op verdenking van fraude bij de verbouwing van het militair hospitaal in Elsene. Afgelopen week werd Merry Hermanus ook door de correctionele rechtbank veroordeeld voor het pesten van de gemeentesecretaris, PaulMarie Empain. Hermanus moet een boete van 1.650 euro en een schadevergoeding van 10.000 euro betalen voor de onophoudelijke stroom van kritiek. Empain zegt dat er met deze uitspraak een einde komt aan een ‘twaalf jaar durende nachtmerrie’. “En misschien geldt het als jurisprudentie voor alle ambtenaren die door een gekozene gepest worden.” Hermanus heeft nog niet beslist of hij in beroep gaat.  Bettina Hubo

De Moutstraat krijgt het statuut van ‘woonerf’, met voorrang voor voetgangers. Zo is het beloofd. Het verkeersbord is nergens te bespeuren.

Brussel > Werf ligt al anderhalve maand stil

Moutstraat nog altijd autostraat Begin oktober, net voor de verkiezingen, werd de Moutstraat feestelijk geopend. In een voorlopig jasje: tal van ingrepen moesten nog volgen. Anderhalve maand later is daar nog niets van in huis gekomen. Auto’s alom, een oncomfortabel grindpad over de hele breedte van de straat en een troosteloze aanblik. De Moutstraat staat ver van wat de Stad Brussel had aangekondigd: een autoluwe straat met originele banken en magnolia’s waar de duizend kinderen die er in de verschillende onderwijsinstellingen op school zitten, zich kunnen uitleven. Dat was de uitkomst van een inspraakproject, waarbij de leerlingen hun zeg hadden

over de inrichting van de publieke ruimte. De weg zal het statuut van woonerf krijgen, met voorrang voor voetgangers, maar het verkeersbord daarvoor staat er nog niet. De banken, die door Recyclart worden gemaakt, kunnen nog maanden op zich laten wachten. Zolang kan er aan beide zijden van de straat geparkeerd worden. Willem Stevens, kabinetschef van schepen Ahmed El Ktibi (PS), wijt de vertraging van de werf aan het nieuwe hoekgebouw dat wordt opgetrokken. “Zolang de stelling stond, kon dat stuk straat niet worden aangelegd,” zegt Stevens. De stelling is nu weg. Hoe snel de straat definitief kan worden aangelegd, hangt af van de planning SVG van de aannemer.


BDW 1353 PAGINA 16 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Pieter T’Jonck ergert zich aan het intergewestelijke gebrek aan coöperatie: “Onverkwikkelijk is het dat de andere gewesten aan de grenzen van Brussel tewerkstellingspolen uitbouwen die het Gewest beconcurreren.”

© GOOGLE EARTH

Stadsplanning > Geïntegreerd beleid niet mogelijk, zegt architect-criticus Pieter T’Jonck

Waarom Brussel de dorpspolitiek niet ontstijgt BRUSSEL – Ja, Brussel is een bestuurlijk zootje. Maar hoe hard de andere gewesten ook kakelen dat het Brussels Gewest ‘eerst orde op zaken moet stellen’, de bestuurlijke janboel ligt niet enkel aan het Gewest, maar is doelbewust gecreëerd en wordt moedwillig in stand gehouden. Pieter T’Jonck legt uit hoe dat zo gekomen is.

BDWOPINIE In België werpen Brussel en Antwerpen economisch en cultureel veel gewicht in de schaal. Intrigerend, zeker voor een buitenstaander, is echter hoe verschillend het beleid in (en de perceptie van) die twee zwaargewichten is. Neem nu de laatste gemeenteraadsverkiezingen. In Antwerpen kreeg het politieke steekspel de allures van een koningsdrama, met scherpe maatschappelijke keuzes als inzet; in Brussel ging het over de slagen onder de gordel bij de coalitievorming in de negentien gemeenten. Het deed erg kleinsteeds aan voor de hoofdstad van het land, van Vlaanderen en zelfs van Europa. Essentiële, dringende vragen over mobiliteit, maatschappelijke integratie of stedenbouw raakten ondergesneeuwd onder triviale vetes. Alsof ze er niet waren: de stad verslonst, en de onheilstekenen stapelen zich op. Dat Brussel een bestuurlijk kluwen

is, weet iedereen. Iedereen weet ook waarom dat zo is: Brussel wordt niet als één stad bestuurd, maar bestaat uit negentien gemeenten die niet noodzakelijk aan één zeel trekken. Daarnaast zijn er het Gewest, de agglomeratie, Beliris en nog wat Europese, nationale en gewestelijke parlementen en administraties. Zoveel beleidsniveaus voor 161 vierkante kilometer, dat dwarsboomt een krachtdadig beleid. Hebben de Brusselaars het dan aan zichzelf te wijten dat de stad er zo slonzig bij ligt? Dat geloven de andere gewesten graag. Elke keer als Brussel meer middelen vraagt voor zijn hoofdstedelijke functie, grommelen de andere gewesten dat Brussel eerst orde op zaken moet stellen. Maar is dat terecht? Het Gewest staat het komende decennium voor enorme problemen die om oplossingen schreeuwen, maar beschikt op cruciale terreinen zoals mobiliteit, onderwijs of tewerkstelling niet over de hefbomen om een volwaardig beleid te voeren. Frappante voorbeelden te over. Er komt een demo-

“De Ring: een levensader voor de hoofdstad, maar Brussel heeft er niets over te zeggen en wordt nauwelijks geraadpleegd” Pieter T’Jonck.

grafische explosie aan: tegen 2030 telt het gewest 150.000 inwoners meer. Het merendeel van hen zal in ‘kansarmoede’ en wellicht ook in reële armoede verzeilen. Waar zullen zij gehuisvest worden? Hoe zullen ze werk vinden? Het zijn stedenbouwkundige en sociale vraagstukken waar niet eens een begin van een oplossing voor is. Er is werk zat in de hoofdstad, maar meer dan de helft van de banen wordt ingevuld door mensen die in Vlaanderen of Wallonië wonen en niet van plan zijn die comfortabele diaspora op te geven. Financieel bloedt het Gewest elke dag leeg. Even onverkwikkelijk is dat die gewesten er hun hand niet voor omdraaien om aan de grenzen van

Brussel tewerkstellingspolen uit te bouwen die het Gewest beconcurreren. En om het plaatje compleet te maken: belangrijke wapens in de strijd tegen werkloosheid en sociale verdringing zoals onderwijs of kinderopvang behoren niet tot de bevoegdheid van het Gewest, maar van de gemeenschappen. Voer zo maar eens een geïntegreerd beleid! Daarnaast zucht het Gewest onder

een nog steeds toenemende verkeersdruk, onder meer door de horden forensen die de stad aandoen met de auto. Toch legt niemand Koning Auto een strobreed in de weg, ook al mompelt de Brusselse burgemeester Thielemans nu iets over het verkeersvrij maken van de centrale lanen. Zolang dat plan echter niet past binnen een globaal plan voor het hele Gewest, blijft dat een twijfelachtige belofte. Als de burgemeester zijn belofte niet nakomt, zal hij dus zeker zondebokken vinden. De werkelijke reden van de verkeerscongestie is dat het Brusselse openbaar vervoer ver achterop hinkt bij andere Europese grootsteden als Berlijn of Parijs. Al jaren wordt er bijvoorbeeld nagedacht over een Gewestelijk Expresnet dat naar het voorbeeld van de Franse RER of de Berlijnse Regionalbahn vlotte verbindingen met het hinterland biedt. De implementatie wordt echter steeds weer verdaagd. Verbijsterend is bovendien dat de planning ervan overgelaten wordt aan Infrabel, de infrastructuurpoot van de nationale spoorwegmaatschappij NMBS. Infrabel verwaardigt zich nauwelijks om het Gewest behoorlijk te informeren over de plannen. Met gerechtvaardigde wensen van de Brusselaars houdt de maatschappij ook al geen rekening. Integratie met de (liefst drie) andere vervoersmaatschappijen is onbestaande. De overstap van spoor naar tram of bus is daardoor in Brussel een heikele onderneming. Eenzelfde verhaal geldt voor de Ring rond Brussel: een essentiële levensader voor de hoofdstad, maar de stad heeft er geen bevoegdheid over en wordt nauwelijks geraadpleegd als er aanpassingen op til zijn. Beide voorbeelden wijzen erop dat de bestuurlijke janboel die Brussel is, niet enkel aan het Gewest ligt, maar als het ware doelbewust gecreëerd werd en in stand gehouden wordt. Dat is geen toeval: de verzelfstandiging van het Gewest volgde op een lange periode waarin de stad de speelbal was van groeiende onenigheid tussen Vlamingen en Franstaligen en daarnaast het favoriete wingewest van avonturiers en projectontwikkelaars van alle slag. De andere gewesten kunnen het zich niet langer permitteren om vanaf de zijlijn meewarig toe te kijken hoe de Brusselaars verder ploeteren. Al is Brussel een apart gewest, het is historisch, economisch en sociaal zo intens vervlochten met zijn hinterland dat de problemen vroeg of laat zullen ‘overlopen’ naar de Rand. In huisvesting en onderwijs is dat zelfs al duidelijk merkbaar. Het is de hoogste tijd dat zij zich actief engageren in een opwaardering van Brussel. Anders krijgen ze vroeg of laat de rekening gepresenteerd die ze nu doorschuiven naar de hoofdstad.  Pieter T’Jonck

Pieter T’Jonck is architect. Deze bijdrage is gebaseerd op zijn veel uitgebreidere traktaat ‘What about Brussels?’ in Architectuurboek Vlaanderen: Radicale gemeenplaatsen (uitg. VAi, 39,50 euro, bestellen op www.vai.be). Met T’Joncks bijdrage als uitgangspunt is er op donderdag 29 november om 19 uur een debat in het Atelier Vlaams Bouwmeester (Ravensteingalerij 54-59; voertaal Engels; gratis, maar inschrijven verplicht op www.vai.be)


BDW 1353 PAGINA 17 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

BRIEVEN VAN LEZERS   lezersbrieven@bdw.be

BDWOPINIE

Tuinafval

Opvoeden

Er zijn zo van die beloften waar de goedgelovige burger gemakkelijk intrapt. Een ervan is de wekelijkse ophaling van het tuinafval. Met veel poeha werd aangekondigd dat de groene zakken vanaf 1 april wekelijks en zelfs het hele jaar door zouden worden opgehaald. Voor Sint-Joost-ten-Node werd zondag de ophaaldag. Ik weet niet hoe het gesteld is in andere wijken of gemeenten, maar hier draait deze ophaling op z’n zachtst gesteld vierkant. Van de 24 zondagen waarop wij groene zakken tijdig en goed zichtbaar op het trottoir hebben gezet, werden ze maar twaalf maal opgehaald. Schrijven of mailen naar de bevoegde staatssecretaris (o ja, binnenkort burgemeester van deze gemeente), naar het Agentschap Net Brussel of zijn klachtendienst, helpt niet. Het enige resultaat zijn nietszeggende antwoorden met als ondertoon “Laat ons alstublieft met rust.” Spijtig van onze aankoop van groene zakken, maar één ding is zeker: eens die voorraad op is, vliegt het tuinafval gewoon in de witte zakken voor het restafval... Die worden tenminste nog op de afgesproken dagen opgehaald.  Karel van den Akker, Sint-Joost-ten-Node

Jeugdhuis In tegenstelling tot wat in het artikel ‘Jeugdhuis verliest vaste man’ (in BDW 1352 van 8 november, p. 1) wordt geschreven, heeft Jeugdclub JIA het niet voor bekeken gehouden. Momenteel wordt samen met de leden en het gemeenschapscentrum gekeken wat de toekomstmogelijkheden zijn. 

Kris Van Kerkhoven, voorzitter JC JIA, Anderlecht

Vlaamse schepen In BDW blijft Jean-Marie Binst maar beweren dat Vincent Riga een Vlaamse schepen is. (...) Een Vlaamse schepen, alleen maar omdat hij zogezegd als CD&V’er opkomt op de lijst van CDH-burgemeester Riguelle... Zo kun je ook stellen dat Freddy Thielemans de Vlaamse burgemeester van Brussel is, verkozen op de PS-lijst. Thielemans heeft ook Vlaamse roots en leerde van zijn grootvader zelfs Brussels! Vincent Riga heeft bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen inderdaad een mooi resultaat behaald. Dat komt dan vooral omdat hij, in tegenstelling tot Peter Decabooter en Agnès Vanden Bremt, al geruime tijd zeer nadrukkelijk op een Franstalig kiezerspubliek mikt. Kijk maar even naar zijn eentalig Franse verkiezingsdrukwerkje (lezer stuurt ons een scan, red.). Nog veel duidelijker is het op youtube.com als u eventjes ‘Vincent Riga’ intikt (en niet ‘Vincent Riga 2012’) en de video van Eric Koninckx bekijkt. Dan kunt u 33 minuten lang meegenieten van het aloude “Et pour les Flamands, la même chose.” En dat van wat u een ‘Vlaams’ schepen durft te noemen. Beschamend! 

Bob Verdonck, Sint-Agatha-Berchem

De meertalige lijsten in het gewest, zoals de Lijst Burgemeester Riguelle (LBR) in Sint-Agatha-Berchem, werden

door de redactie bij de gemeenteraadsverkiezingen verduidelijkt door de Nederlandstalige kandidaten aan te stippen. ‘Nederlandstalig’ betekent in de eerste plaats zich als zodanig opgeven op een lijst, met een Nederlandstalige identiteitskaart als overheidsvoorwaarde. De LBR werd gevormd door kandidaten van CDH en CD&V en onafhankelijken. In het geval van CD&V-kandidaat Vincent Riga kan er geen twijfel zijn omtrent de ‘gemeenschap’ waartoe hij behoort. Zelf bevestigde hij overigens aan de redactie dat hij CD&V’er is.  JMB

Mijn Brussel? Op 23 en 24 oktober was ik op tweedaagse in Brussel samen met 1 Orthopedagogie. We keken er allemaal naar uit om eens de stad in te gaan. De sfeer, de cafee tjes, de winkels – kortom, we zagen het zitten. In de jeugdherberg werden we verdeeld in groepen en hop, we waren weg. Samen met zes andere studenten trokken we de stad in naar de Brabantwijk. En daar zijn mijn ogen opengegaan! De Grote Markt, de Nieuwstraat en het stadhuis leken opeens zo ver weg. Het leek of ik in een vliegtuig stapte en naar een ander land werd gebracht. De verloedering was aanzienlijk en greep me naar de keel. Kinderen hebben absoluut geen plaats om te spelen. De enige plek waar ze naartoe kunnen, is de Nieuwstraat. En daar worden ze telkens weggejaagd omdat ze voor overlast zorgen. Maar hoe zou u zelf zijn als u veertien jaar was en nergens heen kon? Ouderen kunnen hun boodschappen niet vervoeren omdat het zo slecht gelegen is. Ook mensen met een rolstoel kunnen deze zware bergop niet aan. Aan de wijk ligt een park dat er mooi zou kunnen uitzien. Een plek waar jongeren zouden kunnen spelen, tot rust komen of met vrienden afspreken. Maar helaas, het park ligt er zo slecht bij dat het gewoon niet veilig is om er ook maar enige activiteit te doen. Nochtans, studenten Sociaal Werk hebben al tal van acties ondernomen om het park in de Brabantwijk schoon te maken en er een leuke plek van te maken. ’s Anderendaags ligt het park weer vol met afval en is de moeite telkens voor niets. Stank voor dank! Iets verder van de wijk is er zo’n plek waar in de jaren ’90 ambtenaren ’s middags kwamen eten of waar je gezellig in het zonnetje kon zitten, met veel groen en fonteinen. In 2012 is de realiteit anders: een verwaarloosd plein met enkele stenen banken en veel graffiti. Van de fon­ teinen is er geen sprake meer, van het groen nog min­ der. Gelukkig wordt deze plek nog benut voor enkele leuke activiteiten zoals een voetbaltoernooi, filmavonden, optredens... Het kan niet van één kant blijven komen. Brussel betekent niet alleen shoppen, uitgaan en lekker eten. De stad bevat een bikkelharde realiteit waar ik niet langer naast kan kijken. Ik vind dat er meer initiatieven moeten worden ondernomen voor onze hoofdstad helemaal wegkwijnt. 

Lore De Pessemier, Ternat

Eerste Wereldoorlog In de krant van vorige week sloop een foutje: reserveren voor de monumentenparcours per bus van E-Guides (‘Ontmoeting met een held’, p. 5) kan op het nummer 0499-21.39.85 of met een mailtje naar eguides.expo@gmail.com.

SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.

door Danny Vileyn De Sint-Martinusschool in Sint-Jans-Molenbeek werkt twee weken lang rond holebi’s, transgenders, seksuele weerbaarheid en de positie van de vrouw. Sint-Martinus is een katholieke lagere school met een groot aantal kinderen uit moslimgezinnen. Sint-Martinus wil (ook aan de buitenwereld) laten zien dat er Brusselse scholen zijn die thema’s als homoseksualiteit durven aan te pakken. Dat is belangrijk in een wereld die steeds meer op perceptie gericht is. De school verdient hiervoor lof. Vandaag zijn het de baardige mannen van Sharia4Belgium die het beeld van Molenbeek bepalen. De gemeente kwam in het nieuws met reclamebedrijven die noodgedwongen versterkte burchten werden. Sint-Jans-Molenbeek staat – in de ogen van velen – voor al wat niet deugt. Het is zonder meer waar dat Molenbeek veel problemen kent, maar de gemeente heeft ook de perceptie tegen. Sint-Martinus doet daar wat aan. De school drukt ons met de neus op onze vooroordelen. Directe aanleiding voor het schoolproject zijn reportages over homohaat en gaybashing; vorige week nog volgde het Eén-programma Volt journalist Sven Pichal en Michiel Vanackere van Wel Jong Niet Hetero, die hand in hand langs de Lemonnierlaan liepen. Hoon en bedreigingen waren hun lot. “Er zijn hier kinderen,” klonk het meer dan eens verwijtend aan hun adres. In het vijfde leerjaar krijgen de leerlingen seksuele voorlichting. Homoseksualiteit ligt moeilijk. De kinderen kennen geen homo’s en dus roepen die weerstand op. Een tentoonstelling in de gangen van de school – met onder anderen kussende vrouwen en mannen met rokje – moet de kinderen vertrouwd maken met de diversiteit van Brussel. De Sint-Martinusschool maakt die diversiteit heel zichtbaar. Het project is zoveel belangrijker dan de GAS-boetes die de Stad Brussel oplegt aan scheldend tuig. Opvoeden moet repressie voorafgaan. Het idee voor het project rijpte een jaar geleden. In oktober ondertekende minister van Onderwijs Pascal Smet (SP.A) een charter met de onderwijskoepels over het bespreekbaar maken van gender en seksuele geaardheid. Sint-Martinus laat zien hoe het er in de praktijk kan uitzien. Een reportage van onze collega’s van tvbrussel laat kinderen zien die ontroerend reageren. Sint-Martinus nodigt ook de ouders uit om de tentoonstelling te komen bekijken. Unaniem positieve reacties verwacht de school niet, maar ze gaat de confrontatie niet uit de weg. Ook hiervoor verdient de school lof.

EVA HILHORST


BDW 1353 PAGINA 18 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

VEERTIEN DAGEN RESPECT

DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

© SASKIA VANDERSTICHELE

BRUSSEL – Met de slogan ‘Respect voor diversiteit, we gaan ervoor!’ is afgelopen vrijdag de derde editie van de Veertiendaagse van de Gelijke Kansen en Diversiteit ingeluid. Nog tot en met zondag 25 november organiseren verschillende verenigingen evenementen die dit thema centraal stellen. Ook ondertekenden een aantal bekende namen een Charter voor het respect.

VADROUILLE

Aan de voet van de Kunstberg zijn metershoge letters geplaatst die samen het woord respect vormen. Ook verschillende bekende mensen betuigden hun steun aan de actie. Zo zakten Julien Vrebos, Els De Schepper, Johan Verminnen en Eric Corijn af naar de Kunstberg om een Charter voor het respect te ondertekenen. Met dit initiatief willen de organisatoren wijzen op het belang van respect voor elkaar. Tot zondag 25 december organiseren meer dan dertig verenigingen activiteiten in de stad zoals colloquia, debatten, film, theater, tentoonstellingen en workshops. “Brusselaars zouden de diversiteit aan mensen en opvattingen in de stad beter zien als een rijkdom dan als een bedreiging,” vertelt Brussels staatssecretaris voor Gelijke Kansen Bruno De Lille (Groen). “Elkaar tolereren volstaat niet, want als mensen zeggen dat ze elkaar tolereren, dan geven ze ook toe dat ze iets of iemand niet normaal vinden en zichzelf daarboven stellen,” verduidelijkt hij. De organisatie gaat elk jaar op zoek naar actuele problemen in de samenleving. Met steeds meer gevallen over homohaat en de blijvende berichtgeving over racisme is respect voor diversiteit een gepaste slogan voor deze veertiendaagse. Nog tot en met 25 november zijn er verschillende activiteiten. Op vrijdag 23 november worden alle deelnemers uitgenodigd op het grote slotfeest in de tenten van Magic Mirrors op het terrein van Thurn & Taxis.  NV www.brusselrespect.be ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

✆ 0800-15045

alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

Katherine Ennekens (r.) te gast in de Gasthuisstraat, bij Coutellerie Jamart/Au Grand Rasoir.


© SASKIA VANDERSTICHELE

BDW 1353 PAGINA 19 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Choesels, NU OOK MET BOEK Choesels, al dan niet au madère: elke Brusselaar van boven de veertig heeft erover horen spreken. Maar gegeten? Zelden of nooit. Staan ze nog ergens op de kaart in de Brusselse cafés, zoals vroeger, toen donderdagavond (vanaf 19 uur!) choeseldag was? LEES MEER OP PAGINA 22-23

RAPPEN MET ACHILLE, BAVO & FELIX “Wij drie coole gasten, de ladykillers / Pop, disco, breakdance, dat zijn onze trillers.” Deze ladykillers zijn op rapcursus geweest bij Bronks. Benieuwd naar hun teksten? “En nu werken we verder aan ons protestlied op onze juf Stefanie.” LEES MEER OP PAGINA 28-29

Erfgoed > Katherine Ennekens zoekt oude handelsinterieurs voor ‘schattenboek’

BRUSSEL – U kent er vast eentje, zo’n parel van een authentiek, nog niet vertimmerd winkelinterieur. Waar de patina van vroeger aan rekken, tegels en verkoopbank is blijven hangen. Katherine Ennekens maakt er een boek over. Haar zoektocht begon na de faliekant afgelopen reddingsactie voor een Antwerpse snoepwinkel. Nu kunt u haar helpen.

‘N 

eem het interieur dan maar mee, na al je aandringen,” had de eigenaar van de snoepwinkel Juar bij het station van Antwerpen haar ten einde raad toegeroepen. De bekende snoepwinkel met authentiek interieur uit 1962 – op en top sixties – stond te koop. Katherine Ennekens had de alarmklok geslagen. Ze wou de winkel met al zijn charme redden van de sloop. Een overnemer vinden, het decor laten beschermen, de sfeer in stand houden. Maar de verkopers dachten uitsluitend aan de hoogste bieder. Het was 2011, en academici, erfgoedbewaarders, zelfs Monumentenzorg schaarden zich achter Ennekens’ actie om het prachtige interieur vijf voor twaalf te redden. Het liep met een sisser af. De zaak werd verkocht, een pitabar kwam. De nieuwe eigenaar lag niet wakker van het decor. Ennekens mocht met haar vzw Arsène, een vereniging die bewustmakingsacties rond erfgoed opzet, alles uitbreken. Gelukkig maar. Genummerd per plank ligt het snoepwinkelinterieur nu te wachten op een tweede leven. Het geeft Ennekens een wrang gevoel, we horen het meteen aan haar stem. Dergelijke verhalen halen soms de pers. Andere oude winkeldecors verdwijnen als de laatste lamp uitgaat. De winkelier is te oud, wordt plots ziek, gaat dood. Het rolluik gaat naar beneden en roest. Niemand ligt wakker van het voorbije middenstandsleven in het erfgoedwaardige interieur. Soms komt een volgende uitbater de boel afbreken; er was per slot van rekening niets beschermd. “De sfeer van de plek en het decor zijn dan passé, voorgoed,” zegt Ennekens met een zucht. “Jammer dat de geschiedenis door opvolging of herbestemming van het interieur geen overheidsaandacht krijgt. De winkels-in-gebruik zitten nog te vers in het geheugen en worden daarom niet beschermd. Zo kunnen ze vertimmerd of gesloopt worden; ze horen de gebruikers niet toe. Ik wil een signaal geven: ze zoeken, beschrijven en laten fotograferen.” Na haar tentoonstellingen Verhalenbazaar, waarin mensen oude foto’s en winkelverhalen

te grabbel gooien, kwam Ennekens op het idee om op zoek te gaan naar winkelinterieurs die minstens een halve eeuw oud zijn. Van 1962 of vroeger dus. Haar pelgrimstocht brengt haar door Vlaamse dorpen en steden. Brussel komt er net aan. “Ik heb op het internet, door artikels en tips van kennissen al een lijstje van interessante winkelinterieurs in Brussel gevonden,” vertelt ze. “Die neem ik waarschijnlijk op in het boek.” Ze overhandigt ons een lijstje van twintig adressen, een achttal krijgen het prioriteitslabel. Ze begint met boekhandel Tropismes in de Prinsengalerij. “Prachtige plafonds en zuilen, maar verschrikkelijke boekenstands,” geeft ze mee over het getransformeerde café- en rendezvoussalon uit de negentiende eeuw. Dan liever Librairie Saint-Hubert om de hoek, want cafés komen niet in het boek. Zo wikt ze met onze Brusselse krant aloude adressen waarvan het interieur ofwel chic is, of waar kwaliteitsproducten werden of worden gesleten. Of het kan een winkelinterieur zijn dat geschiedenis schreef. De art-nouveaugevel van de bloemenzaak van Daniël Ost aan de Koningsstraat volstaat bijvoorbeeld niet, want heel het interieur is verkocht. Het kan ook gaan om een ‘simpel ouderwetse’ zaak waar charme en patina belangrijker zijn dan de kostprijs van het ambachtelijke schrijnwerk.

WINKEL GEZOCHT Misschien winkelt u er nog. Misschien sluit een rolluik vol graffiti de zaak al jaren af. Of misschien staat de commerce leeg, over te nemen, wachtend op om het even welke nieuwe bestemming. U kunt het ons allemaal melden. Zoek in de negentien Brusselse gemeenten mee naar erfgoedwaardige winkelinterieurs van minstens vijftig jaar oud. Dat er nu andere spullen in worden verkocht dan in (over)grootmoeders tijd, doet er niet

© SASKIA VANDERSTICHELE

Winkels om te koesteren

La Maison du Thé aan de Plattesteen, sinds 1897.

Haar lijstje tipt verder: Crémerie de Linkebeek op de Oude Graanmarkt, Teinturier De Geest (oké, een wassalon is wel marginaal, vindt ze, maar... dat fiftiesdecor!). En voorts het decor van slagerij Crabbe (Alsembergsesteenweg) en kunstgalerie Cosmos Cosmos (Paul Dejaerlaan), ook al in een vroegere slagerij. En – een twijfelgeval – Au Suisse op de Anspachlaan: ze vindt dit niet echt een winkel, maar een eet- en kaasparadijs. “Maar zo’n pracht van een bewaard interieur!” Voorts zijn er La Maison du Thé ( foto boven) aan de Plattesteen, antiekzaak Van Loock in de Sint-Jansstraat en het origineel bewaarde

toe, als het interieur maar authentiek gebleven is. We bezorgen de adressen aan Katherine Ennekens, en de eerste die haar een adres bezorgt dat ze in haar boek wil, krijgt het luxeboek bij publicatie (in 2013) cadeau. Zoeken maar! Mail naar win@bdw.be met de trefwoorden ‘Winkel gezocht’ (vermeld de naam en het adres van de winkel én uw gegevens), of stuur een brief naar BDW-Winkel gezocht, Eugène Flageyplein 18, 1050 Brussel.

herenkleermakerspand Arthur Orlans (Dansaertstraat), waar de stoffenetagères en de paskamer gesmaakt blijven bij eurocraten en internationale artiesten als Demis Roussos. De verhalen achter die winkels moet Ennekens nog allemaal optekenen. De geschiedenis en anekdotes ook. Daar kan iedereen op Facebook ( facebook.com/verhalenbazaar. antwerpen) aan meehelpen. Eén kunstwerk van een Brusselse winkel, eentje die al vóór de onafhankelijkheid bestond, vergeten we niet: Coutellerie Jamart/Au Grand Rasoir in de Gasthuisstraat. De winkel vol vlijmscherpe knipmessen, nagelschaartjes, kreeftscharen en scheerkwasten ( foto links) is internationaal bekend. Net als Le Paradis de la Babouche, voor pantoffels, in de Verversstraat, al is het interieur wellicht te rudimentair voor opname in haar boek. “De winkels die ik zoek, mogen vandaag gerust ook een andere functie hebben, als hun charmante decor maar de tand des tijds doorstaan heeft,” benadrukt ze andermaal. Dat brengt ons bij trieste verhalen als dat van schoenwinkel Stan aan de Waterloosesteenweg: vandaag huist hier een matrassenwinkel die niets over heeft gehouden van hoe het was. We laten Ennekens achter in ons BDW-archief. Daar zoekt ze tussen de foto’s. En u, lezer, zoekt u mee naar die Brusselse schatten?  Jean-Marie Binst


BDW 1353 PAGINA 20 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Evenement > Tien jaar Globe Aroma

Feest in mineur © DIETER TELEMANS

BRUSSEL – Globe Aroma bestaat tien jaar en dat moet gevierd! Drie dagen lang zal in de Beursschouwburg een brede waaier aan creaties te zien zijn die de socio-artistieke organisatie de voorbije tien jaar met nieuwkomers en vluchtelingen opgezet heeft. De vzw verloor zonet haar structurele subsidies, maar ze klinkt strijdvaardig: “We doen voort, zelfs wanneer de overheid twijfelt!”

D 

e spits wordt vrijdagnamiddag afgebeten met een debat over het belang van de socio-artistieke praktijk in Brussel. Op het programma staat voorts Hotel Globe Aroma, een tentoonstelling van dertig beeldende kunstenaars die de voorbije jaren bij Globe Aroma actief waren, en de filmvoorstelling Home and away, waarbij hedendaagse nomaden of transmigranten (zowel expats en avonturiers als vluchtelingen en daklozen) brainstormen over privacy en intimiteit, de fundamenten van ieder thuis. Eten kan aan De Tafel Keuken aan de Karperbrug, waarbij (ex-)bewoners van het Klein Kasteeltje hun culinaire specialiteit uit Georgië, Afghanistan, Marokko, Congo en Iran aanbieden. Het dansgezelschap Agoo brengt het beste van de Togolese dans. Zaterdagavond gaat het muziektheater Le mouton et la baleine over de grens tussen twee

Uit tien jaar Globe Aroma: muzikale showcase in februari 2011. Door het wegvallen van de subsidie liggen nu uitgerekend de muzikale projecten onder vuur.

werelden en botsende beschavingen in avantpremière, en nadien is het feesten met Aroma Collectif, een ‘all stars’-formatie van muzikanten die bij Globe Aroma passeerden. Op zon-

wat Globe Aroma de voorbije tien jaar zoal gerealiseerd heeft met artistieke nieuwkomers; het wil een ode zijn aan de kansen die een kosmopolitische stad als Brussel biedt. Lijkt zo’n portfolio ook niet een beetje op een afscheidszucht? Hoegenaamd niet, zegt directrice Els Rochette. “Het boek is een gelegenheid om alles samen te brengen in een mooi document, als geschenk aan alle kunstenaars en vrijwilligers die meegebouwd hebben aan Globe Aroma.” Stellig zegt ze dat er van ophouden geen sprake is. “Het schrappen van de subsidie gaat helemaal in tegen de recente ontwikkelingen bij Globe Aroma. De vzw werkt steeds kwaliteitvoller, met structurele partners als Beursschouwburg en Kaaitheater. Ons doelpubliek blijft doorstromen en is supercontent met wat we bieden. Er is echt een gat in de markt voor mensen die hier in Brussel in precaire omstandigheden leven, we moeten dus voortdoen!” De VGC heeft al laten weten Globe Aroma verder te willen steunen, met een verhoging van het Cultuurlijn-project dat bewoners van het Klein Kasteeltje tien keer per maand de kans biedt naar theater, concerten of een tentoonstelling te gaan. “We hebben ook een projectsubsidie ingediend bij het Kunstendecreet voor een filmproject in de Noordwijk,” zegt Rochette. “Het enige waarop we echt zullen moeten inbinden, is muziek. Zonder structurele steun wordt het onmogelijk om de dagelijkse werking, de begeleiding en doorverwijzing van muzikanten draaiende te houden.”

 Benjamin Tollet dagnamiddag zijn er workshops schilderen op glas, sprookjes en meer activiteiten voor kin- Volledig programma op www.beursderen. schouwburg.be. Meer op 02-511.21.10 en Het boek Se Ma Fami biedt een mooie kijk op www.globearoma.be

ADVERTENTIE


BDW 1353 PAGINA 21 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

ADVERTENTIE

Tuin der lusten en lasten

Praat

als een commerciële en een publieke functie  te  vervullen  in  een  wetenschapsgebied  dat  zich  nog  voortdurend  ontwikkelt  en  zware  investeringen  vraagt.  Zeker  in  het  begin  kweekt de tuin vooral schulden en amateurisme.  Volgens  de  auteur  zag  de  Kruidtuin  er  tegen  het  einde  van  zijn  eerste  decennium  een  beetje  uit  als  een  tuincentrum.  Er  was  inderdaad  een  bazaar  gevestigd  waar  Brusselaars  sierplanten,  paddenstoelen,  seizoensgroenten  en  zelfs  meloenen  en  pompelmoezen  konden  kopen.  In  haar  permanente  zoektocht  naar  geld  deed  de  Maatschappij  zelfs  een  tijdje  mee  met  wijdverspreide,  maar  mislukte  pogingen  om munt te slaan uit de kweek van zijderupsen. De Kruidtuin kon een eerste keer gered worden door de verkoop van wat grond ten behoeve van de bouw van het Noordstation in  Gelezen: The Botanic Garden of 1841. Door zich bezig te houden met visculBrussels (1826-1940) – Reflection of a tuur en door publiek te lokken met de eerste  changing nation door Denis Diagregrote aquaria op het Europese vasteland kon  Vanderpelen (uitg. Nationale Plande  Kruidtuin  daarna  zelfs  even  de  concurtentuin van België/ULB 2011, 312 rentie  met  de  Zoo  in  het  Leopoldpark  aan.  p., 50 euro. Meer op 02-260.09.42, Reisgidsen en buitenlandse auteurs prezen  sales@br.fgov.be, www.plantende decoratieve pracht van wat vooral als een  tuinmeise.be). ontmoetingsplaats  voor  de  elite  fungeerde.  Internationale  contacten  zorgden  voor  de  De  Nationale  Plantentuin  is  als  Fe- uitbreiding  van  de  collecties,  herbaria  en  derale Wetenschappelijke Instelling  het  taxonomisch  werk,  maar  de  slechte  op  Vlaams  grondgebied  een  geval  organisatie  van  de  wetenschappelijke  acapart.  Aanvankelijk  lag  de  Plan- quisities en publicaties, en vooral de uit de  tentuin  gewoon  in  Brussel,  aan  de  pan rijzende onderhoudskosten maakten de  Kruidtuin.  Hoe  het  de  instelling  in  overname door de Belgische staat onvermijdie  periode  verging,  is  nu  vastgelegd  in  een  delijk. boekwerk  van  de  Brusselse  doctor  in  de  ge- De  staatsinmenging  zorgde  dan  weer  voor  schiedenis  Denis  Diagre-Vanderpelen.  Als  politieke problemen, bijvoorbeeld tussen de  onderzoeker  en  archivaris  bij  de  Nationale  katholieke  ministers  van  Landbouw  en  de  Plantentuin  onderzocht  hij  voor  het  eerst  professoren  van  de  ULB  die  aan  de  Kruidtuin  gelieerd  waren.  Zelfs  de  ingrondig  het  archief.  Het  boek  is  al  P EL EN. DER AN stallatie,  op  het  einde  van  de  in  het  Engels  en  het  Frans  uitV EGR negentiende  eeuw,  van  de  gegeven.  In  afwachting  van  een  Nederlandse  versie  bekende  bronzen  standvatten  wij  een  en  ander  beelden  zorgde  voor  onsamen. enigheid.  De  allegoriDe  ‘Brusselse’  geschiesche beelden van vogels  denis van de Plantentuin  die  een  haring  verslinbegint  vóór  het  ontstaan  den,  of  van  een  leeuw  van België (1826) en loopt  die  een  eend  beschermt,  tot  het  Expojaar  1958,  weerspiegelden wel fi  losofi  sche  en  politieke  waarden  wanneer  de  Plantentuin  in  Meise  offi cieel  wordt  geopend.  als  kracht  en  loyauteit,  maar  Diagre-Vanderpelen  behandelt  de  waren niet bepaald natuurgetrouw. verhuizing nog kort, maar focust op de decen- Congo zorgde wel voor inspiratie. De Kruidnia voor de Eerste Wereldoorlog. Hoewel zijn  tuin  speelde  niet  alleen  een  rol  in  het  beboek  bedoeld  is  voor  een  breder  publiek,  zag  studeren  en  verzamelen  van  planten  uit  de  de auteur het in de eerste plaats als zijn taak  kolonie,  maar  ook  in  het  doorsturen  van  om  de  beleidsmatige  en  institutionele  kwes- planten  en  zaden  uit  de  rest  van  de  wereld  ties  van  zijn  instelling  in  kaart  te  brengen.  bestemd voor plantages in Congo. De orgaOver romantische episodes zoals de beroem- nisatie van de derde internationale Botanide ballonvaart van Félix Nadar in 1864 of de  sche Conferentie van 1910 in Brussel zorgde  witloofkweek in de Kruidtuin kom je dus wei- voor een hoogtepunt. nig of niets te weten. Toch is de geschiedenis  Op dat ogenblik speelde echter al de kwesvan de ‘Koninklijke Maatschappij van Kruid-,  tie van een eventuele gedwongen verhuizing  Bloem-  en  Boomkwekerij  der  Nederlanden’  naar aanleiding van de aanleg van de noordinteressant.  Nauwelijks  is  het  vuurwerk  van  zuidverbinding.  De  tunnel  voor  die  verbinhet  openingsfeest  gedoofd,  of  het  vuurwerk  ding zou de tuin inderdaad in twee snijden.  van  de  Belgische  revolutie  zorgt  voor  schade  Uit  verschillende  opties  koos  de  ministeraan  de  infrastructuur.  Toch  zetten  de  initia- raad  in  1937  Meise  als  nieuwe  locatie.  De  tiefnemers – rijke ondernemers uit de burge- verhuizing begon tijdens de Tweede Wereldrij die buitenlandse voorbeelden als de Jardin  oorlog,  maar  zou  bijna  25  jaar  aanslepen  des  Plantes  in  Parijs  of  de  Royal  Gardens  in  omdat  verschillende  botanici  communauKew navolgen – door. taire problemen op de nieuwe locatie voorDit boek maakt bij herhaling duidelijk dat het  zagen. MichaëlBellon niet meevalt om zowel een wetenschappelijke  

Brussel Deze Week vzw is uitgever van de weekbladen Brussel Deze Week en Agenda en van de nieuwssite brusselnieuws.be. De bladen kennen een ruime verspreiding in en om Brussel en in de grote Vlaamse steden.

VOOR HET WEEKBLAD BRUSSEL DEZE WEEK ZIJN WIJ OP ZOEK NAAR EEN VOLTIJDS

Eindredacteur (m/v) TAKEN

Geïnteresseerden sturen voor woensdag 28 november 2012 een brief met motivatie en cv naar Brussel Deze Week vzw, hoofdredacteur Anne Brumagne, E. Flageyplein 18, 1050 Brussel of mailen naar anne.brumagne@ bdw.be, trefwoord 'eindredacteur'.

n Tekstcorrectie en proeflezen; verbeteren van fouten, stijl, lengte, structuur en informatie n Medewerkers aanspreken; de levering van artikels opvolgen n Creatief omspringen met titels, tussentitels en foto-onderschriften n Zorgen voor het tijdig afleveren van de pagina’s PROFIEL n Opleiding taal- en letterkunde n Nauwkeurig, zin voor verantwoordelijkheid n Stressbestendig, kunnen werken tegen deadlines n Zowel zelfstandig als in team functioneren n Interesse hebben voor Brussel in al zijn facetten n Minstens vijf jaar ervaring

n Een boeiende baan in een dynamische ploeg n Een voltijds contract van onbepaalde duur n Een goed salaris en voordelenpakket Xp@ Ad Brussel Top 100 125x178:Layout 3 10/24/12 3:30 PM Page 1 ADVERTENTIE

DE

NI

SD

IA

achteraf

WIJ BIEDEN

KIES JOUW FAVORIETE BRUSSELSE DRIE op FMBRUSSEL.BE EN WIN 1 JAAR GRATIS CONCERTEN in AB & BOTANIQUE zaterdag 17 november van 09:00 tot 17:00 DE BRUSSELSE TOP 100 MET chantal de smedt


BDW 1353 PAGINA 22 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Culinair > Choesels, boek over Brussels meest mysterieuze gerecht

De ballen, hé! BRUSSEL – Het zat eraan te komen: het meest mysterieuze streekgerecht van Brussel heeft nu eindelijk een eigen, modern boek gekregen. Het past in de tijdgeest. Is het tijd voor een heropstanding van de choeselmania uit het begin van vorige eeuw?

C 

hoesels zijn een mysterie. Elke Brusselaar van boven de veertig heeft erover horen spreken. Maar gegeten? Zelden of nooit. De alleroudsten kunnen nog vertellen hoe voor de oorlog ‘choesels au madère’ razend populair waren in het volkse Brussel. De reputatie van het gerecht ging de stad ook ver te buiten. Oude buitenlandse (Franse en andere) reisgidsen verwonderen zich in hun hoofdstuk over de Brusselse keuken over de talrijke plaatsen waar de schotel wordt aangeboden. Maar sinds de Tweede Wereldoorlog is het gerecht verdwenen, een culinaire schim waar folkloristen mee dwepen en soi-disant Brusselaars alles over menen te weten. De waarheid werd uitgeplozen door Jo Van Caenegem (streekproductenspecialiste bij Vlam), Ghislaine Steps en Danny Crauwels. Zij schreven eerder al een boek over Brusselse wafels. Dit nieuwe project was een initiatief van de Vlaamse Gemeenschapscommissie en Erfgoedcel Brussel en leidde tot een boek: Choesels, een boek met ballen. In het boek wordt getoond tot welke hoogten choeselmania kan reiken.

De alleroudste literaire vermelding is bij Charles De Coster in zijn Légende d’Ulenspiegel. Met niet minder dan vier vermeldingen in het boek doet de choesel daar zijn intrede in de geschiedenis. Er is ook een handschrift bewaard van Guido Gezelle waar hij het over soeselbollekes heeft. Rond 1890 breekt het gerecht echt door en wordt het vermeld in een serieuze culinaire krant, en vandaar de grens over, totdat Escoffier ‘choesels à la bruxelloise’ opneemt in zijn Guide culinaire. Het is een volkse bereiding met verschillende goedkopere vleessoorten en slachtafval, maar steeds worden choesels apart vermeld als ingrediënt. Ook Escoffier legt niet uit wat choesels nu eigenlijk zijn.

Cuisine canaille 1890 is het sleuteljaar. Het is waarschijnlijk geen toeval dat het het jaar is waarin de Slachthuizen van Anderlecht hun deuren openen? Het slachten wordt gecentraliseerd en grootschalig, slachtafval is in grote hoeveelheden te krijgen. Er wordt geslacht op woensdag, en dat zorgt er dus voor dat choesels op donderdagavond in de cafés verschij-

nen. Runder- en schapenkarkassen verwerken heeft tijd nodig, en ook het bereiden en koken neemt uren in beslag. Donderdag zal van dan af choeseldag zijn. Op donderdagavond rond zeven uur verschijnen de aficionado’s – Herman Teirlinck was er één – in hun geliefde cafés. Laat voor die tijd, maar wederom te wijten aan de lange bereidingstijd. Men eet de hele avond, het gelag overspoeld met lambiek of geuze. Er worden gedichten geschreven over choesels, er worden ernstige geschriften aan gewijd, in brieven van Brusselaars in het buitenland heeft men heimwee naar het gerecht. Ten slotte zal de choeselmania verdwijnen in de jaren 1930, om alleen nog te overleven in de boeken van nostalgici en in sommige folkloristische cafés en feesten. Maar de tijd van de choesel is voorbij. De auteurs van Choesels, een boek met ballen staan erbij en kijken ernaar. Hoe kon zo’n eigenaardig volksgerecht zo’n reputatie opbouwen in België en zelfs in Parijs? Ik vrees dat ze de geest van de Brusselse zwans niet helemaal doorhebben. Als er iets typisch is aan Brusselse humor, dan is het lachen met de eigen armoede door die voor te stellen als iets heel luxueus en verhevens. Vroeger stond er een karikollenkraam voor de Beurs met een lichtbak erboven die fier ‘Brussels Palace’ liet rondschijnen. Goedkope kipkap werd aangeboden als ‘royal

‘cuisine canaille’ van Brussel, maar werden voorgesteld als godenspijs en koningsdis. Mogelijk zijn ook de Parijzenaars daarin getrapt, want Parijs kende voor de Eerste Wereldoorlog een soort Brusselmania met het succes van het toneelstuk Le mariage de mademoiselle Beulemans van Fonchon en Wicheler in 1910. Voorts staan er in het boek spijtig genoeg nogal wat herhalingen, mogelijk te wijten aan het onafhankelijke werk van de drie auteurs. Maar de verdienste ligt in het weer naar boven brengen van deze speelsmysterieuze specialiteit op een moment dat orgaanvlees herleeft. “Orgaanvlees van runderen en schapen is iets van de stad,” pleitte Dirk De Prins bij de boekvoorstelling in het Slachthuis van Anderlecht. “Op de buiten aten ze pensen, vooral van varken.” In een tijd waarin men spreekt over een vleeskeuken met respect voor het dier, gaat men terug naar een respectvol gebruik van alles tussen snuit en staart. Verschillende tekens wijzen erop dat slachtafval bij de beau monde weer ‘in’ wordt. En wat choesels nu écht zijn, daarvoor zult u het boek moeten lezen.

Typisch Brusselse humor: de eigen armoede voorstellen als iets heel luxueus en verhevens



Nick Trachet

Choesels, een boek met ballen kost 10 euro voor 96 pagina’s; online bestellen bij Erfgoedcel Brussel, www.erfgoedcelbrussel.be

tremblant’ en rauwe mosselen als ‘huîtres des Marolles’. Zo’n soort humor dus. Choesels behoorden tot de

Festival > Programma Europalia India deels bekend

Van Bollywood tot ayurveda De virtuele fototentoonstelling www.facebook.com/Europalia met prijzenpot is al in oktober van start gegaan, en vorige week zijn ook de grote lijnen van het najaarsfestival Europalia India 2013 bekendgemaakt. Het hoofddoel van Europalia is Europa cultureel-toeristisch informeren en verleiden, al helpt Europalia ook bij de diplomatieke relaties en wederzijdse economische investeringen. “Elk imagoevenement heeft een hefboomeffect, al is het maar tijdelijk,” zegt Patrick Herman, hoofd Bilaterale Zaken bij minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders, na de pers-

conferentie in het Egmontpaleis. Naar aloude Europalia-traditie wordt het plaatje ingevuld met kunstschatten, muziek, literatuur, fotografie, film (Bollywood en andere producties) en folklore, maar er staan ook debatten en lezingen (bedacht door Belgische universiteiten) en ayurvedische en andere massages op het programma. In Flagey komen een filmfestival, een tentoonstelling en debatten. Bozar mag traditiegetrouw de hoofdtentoonstelling in huis halen. Werktitel is Het lichaam, met de oude beschaving als vertrekpunt en thema’s als het ideale en imperfecte lichaam,

© PASCAL MANNAERTS

BRUSSEL – De volgende Europalia, rond gastland India, loopt van 4 oktober volgend jaar tot en met 26 januari 2014. Na de andere BRIC-landen Rusland (in 2005), China (2009) en Brazilië (2011) mag India, als vierde van de Grote Vier, vijfduizend jaar cultuurgeschiedenis uit de kast halen.

het evenwicht tussen man en vrouw en ‘What controls the body’. Daarnaast brengt Bozar Indomania, een expositie over de invloeden van India op de westerse muziek, dans, film, literatuur en meer, van Claude Debussy, Gustave Moreau en Henri Cartier-Bresson tot The Beatles, Hans Opdebeeck en Anne Teresa De Keersmaeker. Steden als Kortrijk, Louvain-la-Neuve en Luik (met een parcours vol actuele kunst langs de Maas) krijgen ook een deel van de koek. Richting grote Europese steden, zoals al langer verhoopt werd, groeit het Europalia-project andermaal niet. Het volledige programma zal rond Pasen bekend zijn. 

Europalia 2013 stelt groeiland India centraal.

www.europalia.eu

JMB


BDW 1353 PAGINA 23 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

© NICK TRACHET

Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT

Het nieuwe oesterseizoen Maak van armemensenkost iets exclusiefs: een karikollenkraam heette ‘Brussels Palace’, goedkope kipkap werd aangeboden als royal tremblant, rauwe mosselen als huîtres des Marolles.

Woensdag was slachtdag; op donderdagavond rond 19 uur arriveerden de choesels in de Brusselse cafés.

ADVERTENTIE

S OCIALE V ERHUURKANTOREN

Verhuur uw woning zorgeloos Gegarandeerde huur elke maand Verzekerd verhuurbeheer Onderhoud van uw woning Steun voor de renovatie Fiscale voordelen

www.fedsvk.be 02 412 72 44

M�� �� ����� ��� ��� B������� H������������� G�����

Het oesterseizoen is weer aan de gang. We mogen ons weer verblijden in alle soorten schelpen en tweekleppigen. En er is goed nieuws. Schelpjes eten is uitstekend voor het klimaat. De mens heeft altijd een grote liefde gehad voor tweekleppige weekdieren. Mosselen, kokkels, arkschelpen of oesters, archeologen kijken nog altijd verbaasd naar de gigantische heuvels die onze verre voorouders ophoopten met die schelpen, getuigen van voorwereldlijke schranspartijen. Duizenden jaren lang stilden mensen hun honger langs het strand. Misschien is dat de reden waarom mensen ook vandaag nog zo aangetrokken worden door de zee? De trek in fruits de mer zit in onze genen. In het binnenland moest men, om te kunnen eten, op oeros of mammoet jagen. Geen gemakkelijke klus. Aan de kust daarentegen lagen de proteïnen letterlijk voor het oprapen. Vandaag, bevrijd als we zijn van de gevaren van hongersnood, gaan we anders kijken naar ons eten. Dat is het ondertussen beroemde dilemma van de omnivoor. Eens er keuze komt, eens de primaire strijd om genoeg voedsel is overwonnen, gaan we ons vragen stellen. De eerste vraag is of onze keuze wel gezond is. Vroeger ging het om gif of bederf, maar daarvoor hebben we nu het FAVV. Vandaag gaat het dilemma om cholesterol of omega 3 onverzadigde vetzuren. De meningen erover lopen uiteen, wij zijn de zekerheid kwijt van mijn grootmoeder, die beweerde dat “alles goed is wat in een goede maag gaat.” En naarmate we steeds verwender worden, gaan we ook politieke en filosofi sche denkbeelden projecteren op ons eten: dierenrechten, fair trade, vegetarisme, halal of koosjer. Eten voedt niet alleen ons lichaam, maar ook ons schuldgevoel. Maar naarmate de eindejaarsfeesten naderen, wordt eten ook een vorm van redding, van verlossing. In België hebben we een flinke traditie van de wereld redden door te eten. Kijk naar de 11.11.11-etentjes van het voorbije weekend. Wij vreten in dit land de honger uit de wereld! We helpen de genezing van kankerpatiëntjes met kilo’s gekookte mosselen of kopen dozen wafels en pralines ten bate van een hospitaal in Afrika. Niet veel culturen doen ons dat na, of toch niet op die schaal.

Ik ken landen waar men een dag vast voor het goede doel. Ze doen maar. Dit jaar zullen we de twee even combineren: het oesterseizoen en het goede doel. We gaan eten tegen de opwarming van het klimaat. Hoe? Door schelpdieren op te dienen met de feestdagen. Schelpdieren zitten – de naam zegt het – in een jasje van schelp. Sommige weekdieren hebben één schelp, de landslakken bijvoorbeeld; de meeste in de zee hebben er twee: de tweekleppigen. Die schelpen worden opgebouwd uit calciumcarbonaat. Het diertje haalt opgelost calcium uit het water, en maakt er een carbonaatje van: CaCO3. Het dier bindt dat calcium met een koolzuurmolecule uit de lucht (via het water). Even terug naar de schoolboeken: koolstof heeft een atoomgewicht van 12, zuurstof 16, calcium 40: een molecule calciumcarbonaat heeft dus een atoomgewicht van 100. Koolzuurgas (CO2) heeft een gewicht van 44, wat betekent dat er in een kilogram lege schelpen 440 gram CO2 zit opgesloten. Eén kilo mosselen bij de visboer bevat (als het Zeeuwse zijn) gemiddeld 25 procent vlees; er blijft dus na de feestmaaltijd 750 gram schelp over: dat is per maaltijd dus 330 gram koolzuur. Daar mogen we al een tijdje voor ademen. De Belgen eten in een goed jaar allemaal samen zo’n 50.000 ton mosselen. Reken uit: 16,5 miljoen kilo CO2 uit de atmosfeer. Hier met die mosselpot! Maar we eten niet alleen mosselen, oesters zijn nog beter, want die bevatten procentueel heel wat minder vlees. Dan zijn er sint-jakobsschelpen, die zo weinig vlees per schelp bevatten dat de invoerder de schelp alvast achterwege laat, anders lopen de transportkosten te hoog op. Venusschelpen (vongole) en kokkels (berberechos) zijn ook vooral schelp met hier en daar een vlekje vlees. En dan zijn er nog de mesheften, de clams, de praires. Een zeevruchtenschotel is één feest voor het klimaat. Het koolzuur wordt uit de lucht gezogen door de moedige beestjes die onze feestvreugde dragen. Voor eeuwig, want tenzij in bijzonder zure of hete omstandigheden ontbindt calciumcarbonaat niet meer. U mag ze

We gaan eten tegen de opwarming van het klimaat. Hoe? Door schelpdieren op te dienen met de feestdagen

dan wel niet naar de verbrandingsoven sturen. Leg er een tuinpad mee aan of zo. We kunnen het effect van de schelpen zien in de steengroeven van Wallonië: daar zien we metersdikke lagen kalk van diertjes die miljoenen jaren geleden hebben geleefd en er hun calciumcarbonaat hebben achtergelaten. Niet alleen schelpen, maar ook koralen leggen koolzuur vast op een gigantische schaal. Het Justitiepaleis in Brussel bestaat uit Waalse kalksteen en dus voor 44 procent uit CO2! En dan willen ze dat afbreken? Oesters en mosselen kunnen de wereld redden. Reken er ook nog bij dat maar een fractie van de gekweekte diertjes onze tafel bereikt. Het grootste deel heeft nooit de marktwaardige grootte gehaald, en ook die schelpjes liggen veilig op de zeebodem, voor altijd. Maar ze zijn er wel gekomen omdat wij graag schelpdieren eten. Red het klimaat. Niet door te zingen, maar door oesters te eten. Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet


BDW 1353 PAGINA 24 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Agnes Tarnai, van Hongaars plattelandsmeisje tot expat in Europese hoofdstad

‘Leven en laten leven’

Agnes Tarnai: van het Hongaarse platteland naar het hart van Europa, van het Formule 1-circuit naar de Europese Unie.

SCHAARBEEK – “Verhuizen naar een land waar ik de talen niet sprak, was best hard. Maar gelukkig heb ik een stad gevonden waar ik me thuis voel. Verdraagzaam en ontspannen, leven en laten leven. Helaas brengt dat ook wel met zich mee dat het niet makkelijk is om door te dringen in de Belgische gemeenschap. Daardoor hebben expats de neiging elkaars gezelschap op te zoeken en de plaatselijke bevolking een beetje links te laten liggen. Het vraagt tijd om het vertrouwen en het hart van een Belg te winnen, heeft mijn toffe Belgische lerares Frans uitgelegd.” Agnes Tarnai woont nu al bijna twaalf jaar in Brussel. Op het Secretariaat-Generaal van de Raad van de EU is ze verantwoordelijk voor de Hongaarse vertalers.

A 

ls kind van communistisch Hongarije groeide Agnes Tarnai op op het platteland. “Erop terugkijkend ben ik gelukkig dat ik mijn jeugd op die manier heb mogen beleven. Het contact met de natuur, het steeds buiten kunnen zijn in de zomer... Het comfort van de westerse wereld was ons vreemd, maar wat een mens niet kent, mist hij niet. Niet dat we compleet onwetend waren, maar met de westerse way of life hadden we geen ervaring.” Voortstuderen deed Tarnai in de tweede grootste stad van Hongarije, Debrecen. Ze

studeerde er Engels en Duits. “Ik heb er een diploma als taalleerkracht behaald, maar heb nooit voor de klas gestaan. Dat was ook niet mijn bedoeling, ik had voor talen gekozen omdat ik daar achteraf veel kanten mee uit kon. Lesgeven werd het dus niet, wel werken voor de Hongaarse automobielclub, in Boedapest. Om een bijkomend inkomen te hebben ging ik motorsportartikels vertalen en begon ik motorsportwedstrijden bij te wonen, waar ik als tolk fungeerde. Niet dat ik een fan was: ik ben erin gerold omdat de Hongaarse automobiel-

club en de National Motorsport Association hun kantoren deelden.”

Formule 1 Ongeveer in die periode, midden jaren 1980, begonnen de onderhandelingen voor de organisatie van een Grote Prijs Formule 1 in Hongarije, de eerste achter het toenmalige IJzeren Gordijn. Tarnai had het geluk daaraan te kunnen meewerken. “Ik stond niet alleen in voor de vertalingen van de drafts van het contract, ik heb ook de onderhandelingen met

© MARC GYSENS

Bernie Ecclestone mogen bijwonen. Daarna ben ik medewerker van de Hungaroring geworden. Dat racecircuit kende een moeilijke start – klachten van de rijders over te veel stof, te veel bochten, te weinig inhaalmogelijkheden –, maar het is gaandeweg allemaal goed gekomen en de Grote Prijs van Hongarije heeft standgehouden.” “Door vervolgens aan de slag te gaan voor de sponsor van een F1-team heb ik het wereldje nog beter leren kennen. Hoe de teams functioneren, hoe het wereldje is georganiseerd, hoe het gemanaged wordt. Ook het contact met de piloten was leerrijk, opwindend. Sommigen waren droogstoppels, anderen meer ontspannen, praatgraag. Met name voor Nelson Piquet, die toen reed voor een door ons gesponsord team, had ik een boontje. Hij heeft me onder meer uitgelegd dat Formule 1-rijders niet alleen klein moeten zijn, maar ook kleine voeten moeten hebben omdat de ruimte tussen de pedalen verwaarloosbaar is.


BDW 1353 PAGINA 25 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

FREDDI SMEKENS Weireld

W  Een heel aardige man, Nelson. Ik heb ook een speciaal plaatsje in mijn hart voor Zuid-Amerika. Misschien wel omdat Zuid-Amerikanen doorgaans heel warm, open en vriendelijk zijn.” “Ook met Damon Hill heb ik goede ervaringen gehad. Een Hongaarse televisiejournalist, een kennis van jaren, vroeg mij Damon zijn vragen te stellen, in de plaats van ze te vertalen. We hadden tien, vijftien minuten de tijd, maar Damon, normaal gezien geen praatvaar, geraakte in de mood en zo is het interview tot

“Deze stad is moeilijk voor fietsers, en daardoor ook moeilijk voor automobilisten”

dertig minuten uitgelopen. De pr-mensen, met grote ogen: ‘Hoe heb je dat in godsnaam klaargespeeld?’ (lacht) Nog een bonus: kennis mogen maken met wijlen de Camel Trophy, in Argentinië en Chili, waar ik Hongaarse journalisten begeleidde. Fascinerend.”

Music Village “Ik heb het geluk altijd werk te mogen doen dat ik graag doe,” zegt Tarnai. Zo is ze ook in Brussel beland. “Nadat ik in contact was gekomen met Hans Beck, het hoofd van de delegatie van de Europese Commissie in Boedapest, ben ik voor hem freelance gaan tolken en ben ik hem gevolgd naar Brussel. Ongemeen interessant: Beck had ongeveer dertig jaar ervaring binnen de gemeenschap, ik heb erg veel van hem opgestoken. Na zijn pensioen, in 2001, werd hij door de Hongaarse regering gevraagd te assisteren bij de opening van een kantoor voor de representatie van Hongaarse regio’s in Brussel en werd ik zijn assistente. Zo stond ik onder meer in voor de organisatie van evenementen en bezoeken van Hongaarse notabelen. Het maakte deel uit van de voorbereiding van de toetreding van Hongarije tot de Europese Gemeenschap in 2004. Weer een interessante baan, die ik drie jaar heb uitgeoefend. Uiteindelijk heb ik mijn freelancewerk opgegeven en ben ik fulltime Europees ambte-

“Spreken in het openbaar: een passie” (foto: Tarnai op een Toastmasters-bijeenkomst in Bergen, 2011).

naar geworden.” In Brussel, de hoofdstad van Europa. Tarnai woont er graag – “Heel internationaal en toch op mensenmaat” –, maar toch is het niet allemaal rozengeur en maneschijn. “Dat het weer zo slecht is, daar kan de stad niets aan doen. Maar het verkeer! In de bijna twaalf jaar dat ik hier ben, heb ik de situatie gestaag zien verslechteren. Mensen die hun auto in het midden van de straat achterlaten met de vier knipperlichten op, zonder dat de politie er iets van zegt... Het is bovendien een moeilijke stad voor fietsers en omdat het moeilijk is voor de fietsers, is het ook moeilijk voor automobilisten. Ik heb niets tegen fietsers, integendeel, ik fiets zelf graag, maar dat de voorzieningen voor hen zo slecht zijn, maakt dat automobilisten dubbel moeten uitkijken. Niet altijd even makkelijk, zeker als het pokkenweer is. Zomer in Brussel is dan ook een zegen. Rustig, geen opstoppingen, minder luchtvervuiling, steeds parkeerplaats. Dit jaar was de eerste keer dat ik de zomermaanden volledig in Brussel heb doorgebracht, en het was ongelooflijk aangenaam.” “Het verkeer is een probleem voor mij, maar voor de rest heb ik het hier werkelijk naar mijn zin. Ik heb zo mijn favoriete plekjes gevonden. Onder meer The Music Village, een jazzclub tussen de gaybars in de schaduw van de prachtige Grote Markt. Dagelijks zijn er optredens van jazzmuzikanten van uitstekende kwaliteit, Belgische en internationale, én je kunt er lekker eten, wat het dubbel aangenaam maakt. Ik heb hier ook mijn stukje muzikaal Hongarije. Met dank aan Roby Lakatos, telg van een zigeunermuziekdynastie die de eerste prijs klassieke viool behaalde aan het Béla Bartókconservatorium in Boedapest en die nu al bijna dertig jaar in Brussel woont. Zijn repertoire gaat van traditionele zigeunermuziek tot klassiek. Een concert van Lakatos is een plezier, telkens weer. Hij is een schitterend ambassadeur voor Hongarije en voor de Roma.” “Ik ben ook lid van de Toastmasters, een internationale organisatie zonder winstoogmerk, opgericht in Californië en nu verspreid over de hele wereld. De vereniging wil spreken in het openbaar promoten, mensen hun leiderschapskwaliteiten doen ontwikkelen. Heel praktisch: als je naar het buitenland gaat en je voelt je een beetje verloren, dan vind je altijd wel een Toastmasters Club die je op weg helpt. Dikwijls krijg ik de vraag: ‘Is het een sekte?’ Helemaal niet, het heeft ook niets te maken met politiek. Wel samenkomen en oefenen in het spreken in het openbaar. In België zijn er verschillende clubs, en hier komen zowel het Engels – de originele taal – als Frans, Nederlands, Spaans, Duits en zelfs Iers aan bod.” Blijft Tarnai in Brussel? “In elk geval nog een tijd voor mijn werk, maar wat ik na mijn pensioen ga doen, weet ik nog niet. Weggaan of het voorbeeld volgen van nogal wat collega’s: ‘Mijn kinderen zijn hier, ik heb mijn leven in Brussel, mijn vrienden. Dus blijf ik’? Ik ben er nog niet uit. Al moet ik wel zeggen dat het weer aangenamer is in Hongarije dan in België...”   Karel Van der Auwera De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet

anneer ik het goed naga, zou men gerust kunnen stellen dat we in het dagelijkse leven voortdurend van den iene weireld in den andere terechtkomme. Hoe zit dat nu eigenlijk met al die werelden die ons omringen, waarde lezer? Lot ons beginne mè de stad. De bewoners ervan doen het dan misschien onbewust, maar ze splitsen de stad op om ze, zeg maar, niet in haar geheel te hoeven bewonen. Onderdelen ervan kunnen dan weer op hun beurt verder verkaveld worden. Zo kunnen we de wijk (het koteer, zeg maar) verder reduceren tot onze stroet en, nog kleiner, tot het hoois woe da we in wuune. In feite gaat  het hier stuk voor stuk om werelden op zich. Die indeling maken we echter niet zomaar en dus ook niet willekeurig. Integendeel. We hebben ze nodig om onze stad te structureren en ons als het ware ni dui hui te loete opfrette. We hebben dus raakpunten, repairs en weirelde vandoon om onze stad leefbaar of in sommige gevallen zelfs aangenaam en sympathiek te maken (en te houden). Het spreekt uiteraard voor zich dat elke stadsbewoner op zijn of haar manier uitmaakt welke de weirelde zoal zijn die, eens samengeklit, ne weireld op zaain aaige zullen vormen. In bovenstaand geval gaat het dus wel degelijk over een stad, maar de redenering gaat uiteraard ook op voor een dorp en voor welke door ons bewoonde plaats dan ook. Maar laten we niet op de dingen vooruitlopen en het nog even bij de stad houden. Daarnet heb ik het hoois woe da we in wuune als kleinste entiteit aangegeven. Maar wanneer we onze redenering verder doortrekken, dan komen we tot de vaststelling dat ook da hoois in weirelde opgedield kan weude, als daar zijn de verdiepingen en de kamers ervan, bijvoorbeeld. Wanneer we in een van die kamers ook een zithoek, een badkuip of een bed als ne weireld onderkennen, dan zitten we zowat aan de kleinste gemene deler wat onze indeling in weirelde betreft. Iets hoger op de ladder kwamen we dus het

koteer of de wijk al tegen. Dat koteer zou men, althans als weireld in de stad, als een geval apart kunnen beschouwen. Ik zeg wel degelijk ‘zou men’, waarde lezer, want zijn bij nader inzien ni alle weirelde spesjoele gevalle? Gelukkig wel, zou ik zo zeggen. Als dat niet het geval zou zijn, dan zouden het stadsleven en het leven op zich een saaie bedoening kunnen worden. Graag nog even terug naar ons koteer. Om mezelf alvast verder opzoekwerk te besparen zal ik maar meteen als een vaststaand feit aannemen dat ons Brusselse woordje koteer van het Franse quartier afstamt. Uiteraard ben ik, zoals steeds, vatbaar voor eventuele aan- of opmerkingen van de lezer op mijn theorie. Maar laat mij gerust stellen dat ik me weinig of zelfs helemaal geen zorgen maak over de juistheid ervan. Dat één enkele pientere lezer daarbij een opmerking zou maken in de zin van “Awel, vi iene ki kan ik hem gien oengelaaik geive”, neem ik er graag bij. Laten we alvast dat koteer woe da we in wuune, even als weireld in ogenschouw nemen. Misschien is het wel zo, waarde lezer, dat elke bewoner van e koteer de grenzen ervan zelf afbakent. Dat moet ergens wel, want een wijk is nu eenmaal geen vaste entiteit, zoals bijvoorbeeld een gemeente, een stad, een land of een continent dat wel is. E koteer heit dus volgens maa mier mè oenveule dan mè grenze te moeke. Wat we wel bij grote benadering van iemand kunnen zeggen, is dat hij of zij in hetzeulfde koteer as waaile wuunt. Ook in dit specifieke geval is elk van ons aangewezen op weirelde die op hun beurt van dat koteer deel uitmaken. Weirelde als daar zijn: cafés, winkels, eventueel een post- of politiekantoor. Maar er zijn uiteraard nog ettelijke andere weirelde binnen dat koteer waarop we ons kunnen baseren om de wijk in kwestie structuur en inhoud te geven. Ook de mensen van wie men zegt da ze van ons koteer zaain, kunnen gerust een aanwijzing zijn om dat koteer min of meer af te bakenen. Dat laatste geldt dan als bewijs da zeulfs ne meens ne weireld op zaain aaige kan zaain.

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Elsene, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels hoofdstedelijk gewest. Rest van België 15 euro per jaar; IBAN: BE07424552982266, BIC: KREDBEBB van vzw Brussel Deze Week. Buiten België 25 euro per jaar. DISTRIBUTIE EN PROMOTIE Ute Otten (ute.otten@bdw.be), Paul De Weerdt. RECLAME IN BDW Rika Braeckman (rika.braeckman@bdw.be), 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. OPLAGE 70.490 exemplaren. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne (anne.brumagne@bdw.be). EINDREDACTIE Katrien Stroobants (katrien.stroobants@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst (jeanmarie.binst@bdw.be), Christophe Degreef (christophe.degreef@bdw.be), Bettina Hubo (bettina.hubo @bdw.be), Patrick Jordens (patrick.jordens@bdw.be), Steven Van Garsse (steven.vangarsse@bdw.be), Danny Vileyn (danny.vileyn@bdw.be). REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele (isabelle. devestele@bdw.be), Gerd Hendrickx (gerd.hendrickx@bdw.be). MEDEWERKERS Michaël Bellon, Lieven Bulckaert, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Karolien Merchiers, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, Freddi Smekens, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Tijs van den Boomen, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt (peter. dhondt@bdw.be). FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh (manu.dehertogh@bdw.be). VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie (marijke.vandebuerie@bdw.be). Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie. ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1353 PAGINA 26 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Baanwielrennen > Bondscoach Stéphane Wernimont begint seizoen vol vertrouwen

‘Conservatorium voor coureurs’ BRUSSEL – De wielersport verplaatst zich de komende maanden grotendeels van de weg naar de piste en het veld. Stéphane Wernimont (50) ziet het graag gebeuren. De bondscoach van de junioren is verliefd op de piste en wil graag wat meer aandacht voor zijn discipline. Toppers als Mark Cavendish en Bradley Wiggins leggen overtuigende argumenten op tafel.

‘I 

k heb maar één wens: dat het pistewielrennen zich verder ontwikkelt,” vertelt Stéphane Wernimont. “Het zou de discipline deugd doen om een echte vedette te hebben. Jongens als Cavendish en Wiggins tonen dat het een doeltreffende en mooie opleiding is voor een wielrenner. Noem het het conservatorium van de coureur. De piste is de ideale leerschool: je ontwikkelt er behendigheid, stuurvaardigheid, traptechniek. Het wielrennen is vooral bekend door wedstrijden als de Ronde van Vlaanderen en de Tour, maar er is méér.” Wernimont belandde zelf als puber op de piste nadat hij zijn snelle benen had getoond in kermiskoersen. Hij voelde zich er meteen in zijn sas. “De snelheid, het reflexenwerk en het intensieve, maar ook de gezelligheid, de veiligheid en toch ook het droge (lacht) trekken me aan.” De specialiteit van Wernimont waren de kortere sprintnummers zoals de kilometer staande start en de sprint. Zesdaagsen reed hij niet zo vaak, omdat zijn nummers er amper aan te pas kwamen. Hij moest naar landen als Duitsland of Italië om Grands Prix te rijden. “Ik ben nooit professioneel wielrenner geweest, al heb ik het

de  CLUB

Stéphane Wernimont (r.) bij zijn jonge pisterijders: “De jeugd verdient het om gesteund te worden. Ik hoop alleen dat de slechte reclame rond het wielrennen geen negatieve invloed heeft op ons werk.”

De Toffe Turnsters, Schaarbeek

‘Gezellig stormachtig’ SCHAARBEEK – De Toffe Turnsters hebben hun naam niet gestolen. Toch moet u zich geen koffieklets voorstellen bij de lessen van de seniorenturners. Er wordt gezweet en gezwoegd, maar het doet toch o, zo’n deugd. “De naam hebben we gekozen toen we de club een tiental jaar geleden overnamen,” legt medeoprichtster Madeleine Colpaert (78) uit. “Toen waren het nog allemaal dames, maar ondertussen komen ook twee mannen meeturnen. En de sfeer is echt tof.” Toen de club dreigde te verdwijnen, nam Colpaert op vraag van de senioren over. De Toffe Turnsters hielden jarenlang hun trainingen in het Rogiercentrum; sinds kort hebben ze het gemeenschapscentrum De Kriekelaar als thuisbasis. “We zitten daar met 23 leden, en dat is wel genoeg. We zijn bij wijze van spreken blij als er eens iemand niet kan komen (lacht). Al wil dat niet zeggen dat er een inschrijvingsstop is. Geïnteresseerden mogen altijd contact met me opnemen.” “Elke maandag turnen we echt actief tussen

halfelf en halftwaalf. Dat zijn dan ritmische oefeningen waarbij we twee à drie dingen tegelijkertijd doen, zodat onze hersenen ook moeten werken. We moeten dan bijvoorbeeld passen met de benen doen en met de armen iets helemaal anders. Je mag niet met je verstand ergens anders zitten. Elke les doen we ook liggende oefeningen, onder meer voor de buikspieren. De lesgeefster past zich goed aan en spreekt luid genoeg zodat iedereen haar hoort. Het is een gezellige, maar ook stormachtige les. Het is echt wel zweten. Achteraf is iedereen pompaf.”

Spieren ontdekken Ondanks het harde labeur komt iedereen met veel plezier naar de les. Achteraf blijven plakken is evenwel een uitzondering. “Dat gebeurt maar een paar keer per jaar. Maar het is echt een familiale sfeer. Leden bekommeren zich om elkaar als ze wat last hebben van het een of het ander. Ze komen niet alleen om te sporten. De meeste leden komen wat vroeger om bij te praten. De club heeft ook een sociale functie. Nieuwelingen verbazen zich er altijd over hoe sterk die is.” Leden moeten minstens 55 jaar oud zijn, maar ze-

ventigers en tachtigers zijn geen uitzondering. Het succes van de club hangt ook samen met seniorenclub Die Schare. “Dat is de enige overblijvende Nederlandstalige seniorenclub in Schaarbeek. Ik ben daarin ook actief, en de leden overtuigen elkaar om te komen sporten. En eens je gekomen bent, wil je terugkomen. Nieuwelingen ontdekken er spieren die ze tevoren nooit gevoeld hadden.” Met de vergrijzing voor de deur groeit het doelpubliek voor seniorenclubs als de Toffe Turnsters. Toch denken ze niet meteen aan uitbreiding. “We werken zonder subsidies en krijgen de huidige zaal gratis ter beschikking van De Kriekelaar. We zijn al blij met wat we hebben. Ons doel blijft senioren uit hun luie zetel halen en hen ervan overtuigen dat dit goed is voor hun algemene toestand. Zo ben je ook eens weg, hé. Voor de meesten is het een echte uitstap, want ze komen te voet of met het openbaar vervoer. Eén uur per week is dus helemaal niet mis. Het is een wekelijkse afspraak die veel mensen goed doet, en dat willen we zo houden.”  TS madeleine.colpaert@skynet.be

© MARC GYSENS


BDW 1353 PAGINA 27 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

na mijn studie en tijdens mijn legerdienst wel een tweetal jaar zeer serieus gedaan. Wat me vooral bijblijft, is mijn deelname aan het wereldkampioenschap in 1986, zonder veel succes, en een bronzen medaille in de kilometer staande start op een WK voor studenten.” Maar als allermooiste herinneringen haalt Wernimont de vriendschapsbanden met collega’s en een karrenvracht anekdotes boven. Pistewielrenners leven in een kleine wereld, die zich vooral op de piste en in het middenplein afspeelt. “Ik herinner me een avondmaal in een Milanese jeugdherberg waar een paar Oost-Duitsers een flesje tabasco ontdekten. Ze kenden dat niet. Een van hen vulde zijn soeplepel met tabasco en slikte door. Ik dacht dat we daar wat gingen

“Niet iedereen kan een medaille behalen, maar iedereen kan er als mens iets uithalen”

meemaken, maar hij zei gewoon: ‘Stark’ (lacht). Toen was ik onder de indruk. Je zag duidelijk dat die gasten niet veel van het Westen kenden. Sommigen fotografeerden echt álles om herinneringen mee te nemen. Ze waren meestal vrij open, behalve over hun trainingsmethoden. Ze hadden instructies gekregen om die geheim te houden.”

Riskant verkeer Een ingewikkelde sleutelbeenbreuk na een valpartij beëindigde in 1988 de carrière van Wernimont. De fiets zei hij evenwel geen vaarwel. Hij ging zich bezighouden met jeugdwerking op provinciaal vlak aan de buitenpiste in Elewijt. Na een paar jaar afwezigheid door privéproblemen werd hij een vijftal jaar geleden pistebondscoach van de junio-

David Steegen

ren. “Het vraagt wat meer werk dan ik had verwacht, maar ik doe het met veel plezier. Ik stel limiettijden op die de junioren – zowel jongens als meisjes – moeten halen tijdens het seizoen, dat nu nog tot februari loopt. Vanaf maart houden we een wekelijkse pistetraining aan de Gentse Blaarmeersen, onze enige overdekte piste. Eind juni maak ik dan een definitieve selectie: de geselecteerden mogen deelnemen aan de grote competities. Het EK en het WK zijn onze hoofddoelen.” Het Belgische pistewielrennen verdient volgens Wernimont nog meer aandacht, maar is alvast op de goede weg. De federatie levert inspanningen om pistewielrenners (ook financieel) te ondersteunen en te omkaderen. Infrastructureel kan het wel nog veel beter. “We zouden ten minste nog één echte overdekte wielerbaan moeten hebben. Er zijn ideeën voor Louvain-la-Neuve en voor de buurt van Zolder, maar dat is afwachten. En toch: het riskante verkeer van nu kan de piste misschien een duw in de rug geven.” “Onze Belgische renners slaan zeker geen modderfiguur in topcompetities, en er zijn een paar talenten die klaarstaan om door te breken. Bij de bond hebben we coaches die echt heel goed werk leveren. De structuur en motivatie zijn alvast aanwezig om de pisterenners te helpen bij hun doorbraak.” Wernimont staat voor een drukke periode, waarin hij ook regelmatig naar buitenlandse competities zal trekken. Hij ziet een grotere interesse in sprintonderdelen en kan dat alleen maar aanmoedigen. Zijn werk met de jeugd wil hij voortzetten. “Werken met de profs trekt me niet echt aan. De jongeren die ik begeleid, zou ik wel graag blijven opvolgen, ook in hogere leeftijdsklassen, maar ik wil echt wel bij de jeugd blijven. Zij verdienen het om gesteund te worden. Niet iedereen kan een medaille behalen, maar iedereen kan er als mens iets uithalen. En als dat lukt, dan ben ik blij. Ik hoop dat de slechte reclame rond het wielrennen (dopingperikelen, red.) geen negatieve invloed heeft op onze werking. Jeugdwerking blijft belangrijk en de sponsors mogen er met een gerust hart in blijven investeren.”  Tim Schoonjans

Eerst de rechterschoen Veel beroepsvoetballers en topsporters eerbiedigen voor het neerzetten van een prestatie een ritueel. Sommigen noemen het bijgeloof, anderen zien het volgen van eenduidige en steeds weerkerende handelingen als noodzakelijk om de stress en de spanning te beheersen. De legendarische Engelse voetballer en wereldkampioen Jackie Charlton weigerde steevast de kapiteinsband, omdat hij dan als eerste het veld op moest; hij wou als laatste het voetbalveld betreden. Ik zie het elke dag bij Sporting Anderlecht. Sommigen laten de namen van hun kinderen op hun schoenen aanbrengen, samen met de vlag van hun land van herkomst. Allemaal om tegenslag af te wenden. Silvio Proto tikt de bovenkant van elke deur aan waar hij op wedstrijddag door moet, hij kust zijn polsen, hinkelt op een welbepaalde en nooit veranderende manier het veld op en schiet de bal in de linkerbovenhoek van het doel voordat hij begint op te warmen. Marcin Wasilewski wil altijd met gloed­ nieuwe kousen spelen. De materiaalman moet ze zelfs in de ongeopende verpakking laten, of hij weigert de klaargemaakte kousen aan te trekken. Sommige voetballers spelen elke wedstrijd in dezelfde onderbroek, soms seizoenenlang. Als die onderbroek verloren raakt na een wasbeurt, slaat de schrik de bijgelovige om het hart. Op stages in het buitenland of in hotels bij uitwedstrijden eerbiedigen vele spelers een bepaalde plaats, naast iemand die geluk zou brengen. Dat bijgeloof, of het volgen van rituelen, is niet uitsluitend weggelegd voor atleten. Ook wij, gewone stervelingen, zoeken referentiepunten die, in onze beleving, de meeste kansen op succes bieden. Een studiegenote aan de universiteit kon uitsluitend studeren

met haar beertje uit haar langvervlogen kindertijd bij zich. De paniek brak uit als je het beertje afnam. Ondergetekende volgde altijd dezelfde weg naar school tijdens de examens. Alleen de rechterstoep werd bewandeld, of de resultaten zouden eronder lijden. En wanneer er gevoetbald wordt, doe ik nog steeds eerst mijn rechterkous en rechterschoen aan, en dan pas de rest. Ik ben niet de enige. De BBC heeft vorig weekend via Twitter aan voetbalstadionbezoekers gevraagd of ze zich op wedstrijddagen onderwerpen aan bepaalde rituelen of bijgelovige handelingen. Er werd massaal gereageerd op de oproep. Veel van de reacties waren prachtig. Een voetballiefhebber twitterde openlijk dat hij bij elk bezoek aan de thuiswedstrijd van zijn favoriete club zijn zitje bereikt door tegen de klok in rond het stadion te stappen. Herkenbaar. Een andere fan ruimt onveranderlijk zijn kamer op voordat hij van huis vertrekt om ‘zijn’ Arsenal te steunen. Vandaag zijn de wedstrijden van Anderlecht werk geworden. Een uur sporten, langs dezelfde weg rijden, het juiste hemd aantrekken… ach, het is te belachelijk voor woorden. Toch maar geen risico’s nemen. Al vier seizoenen lang. Voor de topper tegen Club Brugge eer­ bie­dig ik elk onderdeel van het ritueel,  mijn ritueel. Coach John van den Brom boe­ zemt vertrouwen in. Hij brengt rust. Maar toch... Het wordt 6-1, het beste resultaat in dertig jaar tegen Brugge. Zou het dan toch allemaal geholpen hebben? www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

© MARC GYSENS

Vechten op z’n Braziliaans KOEKELBERG – De Brussels Brazilian Jiu Jitsu Academy (BBJJA) organiseert voor de tiende keer een Challenge. De BBJJA zet op zondag 25 november opnieuw de deuren van sportzaal Victoria (Léon Autriquestraat 4) open voor jiujitsu-vechters uit Brussel en omstreken. Vorig jaar verwelkomden ze liefst 330 deelnemers, een aantal dat ze dit jaar minstens willen evenaren. De deuren gaan al om halfnegen open; de eerste kampen beginnen om tien uur. Aan

alle competities gaat een halfuur opwarming vooraf. Er wordt begonnen met kinderen die in 2008 en later geboren zijn, om zo op te klimmen naar de jongvolwassenen, die om 15 uur van start gaan. De tiende BBJJA Challenge zal omstreeks 18 uur afgelopen zijn. Deelnemen kost zes euro, behalve voor BBJJA-leden, die niets hoeven te betalen. Ook supporters mogen gratis binnen. Zoals elk jaar krijgen respect en vriendschap voorrang op de competitie. Meer op bbjja.be.  TS

Senioren in actie LAKEN – De ‘doe-beurs’ Zenith prikkelt de actieve vijftigplusser, en dan mag een rijk sportaanbod niet ontbreken.

Toffe Turnsters (m/v) aan het werk, maandagvoormiddag in De Kriekelaar.

Van woensdag 21 tot en met zondag 25 november worden de Paleizen 1 en 3 van Brussels Expo gereserveerd voor senioren. Zij krijgen een mix van informatie, animatie en ontspanning voorgeschoteld. In Paleis 1 heeft Bloso een stand met onder meer gratis sportinitiaties pilates, zumba gold, fitball en salsa. Bloso zet ook zijn campagne Sportelen,

beweeg zoals je bent in de kijker. De sportadministratie wil de niet-actieve vijftigplusser aan het sporten krijgen en degenen die al sporten, motiveren om dat te blijven doen. De nadruk ligt op plezier, sociaal contact en sporten op eigen tempo. Bij het Sportelteam kunt u als senior ook uw algemene fysieke conditie laten testen aan de hand van lichaamsmetingen, motorische tests en uithoudingsproeven. De toegang tot de beurs bedraagt 8 euro. TS Meer op www.zenith.be.


BDW 1353 PAGINA 28 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

ZI

ER

J

O T 13

zaE

OR IE D

9T

• BD W

VO

R A A

Bavo, Achille en Felix (van links naar rechts) rappen hun eigen nummer ‘Ons leven’. Beter (en stouter) dan 50 Cent!

© BART DEWAELE

EEN VAN

Brusselse tieners leren rappen bij Bronks

Ons leven is een rapsong DOOR PATRICK JORDENS

Wij drie coole gasten, de ladykillers Pop, disco, breakdance, dat zijn onze trillers. Alle vrouwen vallen voor onze voeten Ze willen ons echt supergraag ontmoeten ... zo begint de swingende rapsong die Felix (11), Bavo (10) en Achille (9) in een paar uur tijd in elkaar hebben gebokst. Bij jeugdtheater Bronks kregen ze een snelcursus rap. “Of het moeilijk was? Neeeeu!” zegt Felix heel zelfverzekerd, als een van de coole gasten die hij beschrijft in zijn song. “Eerst hebben we samen nagedacht over een onderwerp.” “We wilden iets vertellen over ons leven,” vult Bavo aan, “allez, over hoe ons leven er zou uitzien als we stoere macho’s waren.” (gelach) “We hebben veel verschillende woorden gezocht die op elkaar rijmen, grappige dingen ook, en daar hebben we

1

zinnen mee gemaakt. En de melodie van het refrein hebben we gepikt van een liedje van een tv-programma, Zonde van de zendtijd. Ken je dat?” vraagt Felix.

Refrein: OOOOOOOOOOONS leven, leven, leven / bestaat alleen uit feestjes (Bavo), feestjes (Achille), ooooow feestjes (Felix) / De hele avond op de fuif zijn wij als wilde beestjes (Bavo), beestjes (Achille), oooow beestjes (Felix) / En dan en dan slaan wij meisjes aan de haak, aan de haak / En dan... kaak kaak kaak (pauze) kaak kaak kaak / Oeoeooeoeoeoeh yeah baby (2x)

“Rappen, dat is eigenlijk ritmisch spreken op muziek,” vertelt Bronksbegeleider Erik aan Zazie. “En elk kind kan het, daar ben ik van overtuigd. Ze voelen dat gewoon spontaan aan. Als ze klaar zijn met hun tekst – soms kan het ook gewoon een reeks woorden zijn die rijmen –, dan kiezen we samen een van de vele beats die in mijn computer zitten. Dan beginnen ze op die beat te rappen, en neem ik ook hun stemmen op. Uiteindelijk mix ik alles, met hier en daar nog wat effectjes erbij. Dan komen hun songs op cd, en voilà! Veel kinderen staan op het eind van de dag van zichzelf te kijken.”

2


BDW 1353 PAGINA 29 - DONDERDAG 15 NOVEMBER 2012

Strofe: Soms snappen wij de wereld niet, al die armoedzaaiers dat doet ons verdriet / En dan en dan, die stomme school, die staat op de laagste rang van de lijst van Mijn Idool / Gelukkig viel de kleuterschool nog mee / Toen mocht in onze pamper nog een ferme diarreeeee

Als het nummer ‘Ons leven’ in een paar uurtjes helemaal is ingeblikt, zetten de drie jonge componisten zich weer lustig aan het schrijven. “We gaan nu verder werken aan de raptekst die we vorige week op de speelplaats hebben bedacht. Over onze juf Stefanie. Het is een soort protestlied, omdat ze te veel huiswerk geeft. Wil je horen hoe het gaat?” vraagt Bavo. En nog voordat ik kan antwoorden, vliegen de jonge rappers er weer helemaal in:

3

BLIKVANGER

In de buik van een schip

Juf Ste-fa-nie / ze zoekt ze zoekt de hele tijd ruzie / Juf Ste-fa-nie / het wicht het wicht gaat de hele tijd in discussie / Juf Ste-fa-nie / het vliegt in haar gezicht als een bord spaghetti...

“Waar kom je terecht? Wie kom je zoal tegen? Hoe zal het daar zijn? Als je op reis vertrekt, dan spelen er altijd veel vragen door je hoofd.” Dat vertelt Hanneke Paauwe aan Zazie naar aanleiding van haar gloednieuwe toneelvoorstelling, Russische rolmops.

Nu zondag 18 november kan je naar Russische rolmops gaan kijken, in de buik van een echt vrachtschip op het Brusselse kanaal nog wel! Het verhaal draait rond een jongetje, Harald Ole Faldbakken, dat voor zijn zieke mama op zoek gaat naar geluk. Daarvoor reist hij zo ongeveer de halve wereld rond. Onderweg komt hij gekke wezens tegen: een neushoorn met heimwee, een muzikale mummie, een krokodillenkind, een reanimeermin... Wie in de donkere buik van de boot durft af te dalen, komt te weten of Harald zijn opdracht tot een goed einde brengt. (PS: Bange ouders laten zich best vergezellen door hun kinderen.)

Alle rapsongs kan je beluisteren op www.bronks.be (doorklikken naar Studio Bronks). Daar kom je ook te weten welke workshops je bij Bronks in de kerstvakantie kan volgen.

Het toneelschip van Hanneke Paauwe ligt aan de Akenkaai in Brussel. Meer info vind je op www.gemeenschapscentra.be, en reserveren kan op 02-413.04.10. Snel zijn, want in de boot is maar plek voor vijftig toeschouwers. Nog goed om te weten: op zondag 18 november struikel je in Vlaanderen en Brussel zowat over theater, dans, tentoonstellingen, workshops,... Het is dan de eerste officiële Kunstendag voor Kinderen. Het hele programma vind je op www.kunstendagvoorkinderen.be. © BART DEWAELE

WANTED:

X-perts!

© ILAH

16 NOVEMBER: INTERNATIONALE DAG VAN DE VERDRAAGZAAMHEID

HEB JIJ EEN PASSIE VOOR STRIPS, MUZIEK, BOEKEN, CINEMA, KOKEN, MODE...? Zazie zoekt jonge redacteurs (tussen 10 en 13 jaar) die af en toe een kort artikel willen schrijven over een nieuwe cd of dvd, een kersvers toneelstuk of bijzonder stripverhaal, een meeslepend boek of geheim recept. Vanaf 6 december verschijnt Zazie één keer per maand, als een apart en uitneembaar krantje bij BDW. Daarin maken we telkens graag plaats voor de keuzes van onze X-perts. Heb je een vlotte pen en een kritische blik? Heb je zin om als jonge journalist mee te werken aan de nieuwe Zazie? Stuur ons dan snel een mailtje op zazie@bdw.be, met daarin je naam, adres, leeftijd én telefoonnummer. En vermeld natuurlijk ook waarin jij een heuse X-pert bent (dat wil zeggen, waarvan je heel wat af weet). We nemen contact met je op. Vragen? Bel gerust op 02-226.45.54, en vraag naar Patrick.

In het Klein Kasteeltje, een opvanghuis voor vluchtelingen, wonen ook kinderen die samen met hun ouders hun huis en land hebben verlaten, op zoek naar een beter leven. Hanneke Paauwe schilderde samen met de kinderen lachende gezichten op reiskoffers. Die lachen je breed toe als je naar Russische rolmops gaat kijken.

BDW - editie 1324  

Brussel Deze Week van 14 november 2012

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you