Issuu on Google+

Familiefestival plazey telt twintig zomers En ook: Photomaton, Een weekje weg en Jazz Jette June.

21 06 12

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

© BART DEWAELE

Open brief van Philippe Van Parijs aan burgemeester Thielemans:

“Moeten we wachten op

een Picnic the Squares om de Zavel autovrij te krijgen?”

HET GROTE VLAAMSE SCHEPENEN INTERVIEW:

4 -5

17

“Gemeenten moeten onderwijs aanbieden voor iedereen, ook voor Vlamingen”

GEVANGENISDIRECTEUR PETER PLETINCX:

“De nieuwe gevangenis in Haren zal de overbevolking niet oplossen, noch het personeels­tekort” LEES PAGINA 6

STUDENTEN & OPENBAAR VERVOER

Wel geld, abonnementen toch geschrapt

Café Marché wint Prijs Van de Voorde

“Wij doen met het geld wat we willen”

BRUSSEL – Als Café Marché speelt, luisteren zelfs de weergoden. Op de zonnige binnenplaats van De Markten bekoorde de Brusselse fanfare zaterdag de aanwezigen op het Laplan-feest. Laplan is de naam voor de artistieke werking met professionele en niet-professionele kunstenaars in het gemeenschapscentrum, die met ensembles als D°eFFeKt (toneel), Stemmer (koor) en Café Marché al verschillende successen boekte. Later op de avond kreeg Café Marché dan ook de Prijs Roger Van de Voorde voor amateurkunsten, waarnaar 25 groepen en individuen uit Brussel en de Rand meedongen. LEES OOK P. 21 EN 22 IN DEZE KRANT

MB

ADVERTENTIE

SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF

2 3

ADVERTENTIE

academie beeldende EINDEJAARS kunsten E X P O S I T I E

anderlecht 22-26 JUNI 2012 Zie blz BLZxx 5

www.academieanderlecht.be N° 1334 VAN 21 TOT 28 JUNI 2012 ¦ WEEK 25: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE


© MARC GYSENS

HOMMELES OVER INSCHRIJVING IN SECUNDAIR BRUSSEL – Vrij onderwijs en gemeenschapsonderwijs raken het niet eens over voorrangspercentages en aanmeldingsprocedure in het secundair. “Het failliet van het overlegmodel,” vindt LOPvoorzitter Vic Anciaux.

Uitgelicht > Echter: Vlaamse Gemeenschapscommissie heeft andere plannen

Gewest heeft geld veil voor studentenabonnementen BRUSSEL – In mei besloot de Brusselse regering 4,1 miljoen euro uit te trekken voor MIVB-abonnementen voor jongeren. Dat gebeurde op vraag van de Franse Gemeenschap. Ook de VGC krijgt 821.500 euro. Maar het VGC-college is niet van plan om daarmee de geschrapte goedkope studentenabonnementen voor Vlaamse studenten te financieren. “Er zijn grotere prioriteiten.”

D 

e Vlaamse Gemeenschap begon in 2003 met de financiering van spotgoedkope MIVB-abonnementen voor studenten van het Brusselse Nederlandstalig hoger onderwijs. Aanvankelijk moesten de studenten tien euro betalen. Later werd het telkens iets meer, tot vorig jaar 102 euro gevraagd werd. Telkens waren er achtduizend abonnementen beschikbaar. Het kostte de Vlaamse Gemeenschap jaarlijks ruim een miljoen euro. Intussen waren ze aan Franstalige zijde met een soortgelijke actie begonnen. Sinds 2008 kunnen Franstalige studenten, en ook de

scholieren, in Brussel een MIVBabonnement kopen voor 102 euro, de helft van de officiële jongerenprijs. De korting werd gefinancierd door de Franse Gemeenschap. Die besloot er enkele maanden geleden mee te stoppen. Het Waals Gewest nam de financiering over, maar alleen voor de jongeren in Wallonië. Na zware discussies bleek in maart dat de Franse Gemeenschap toch nog 3,5 miljoen euro over had voor de Franstalige studerende jongeren in Brussel. Brussels ministerpresident Charles Picqué (PS) beloofde de rest op te hoesten. In mei keurde de regering een begrotingswijziging goed, die deze week door

het parlement goedgekeurd wordt. Daarin zit 4,1 miljoen euro, waarvan tachtig procent voor de Franse en twintig procent voor de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC), de gebruikelijke 80/20-verdeelsleutel. “Dat geld is voor scholieren- en studentenabonnementen,” zegt het kabinet-Picqué. De VGC is echter niet van plan de 821.500 euro te besteden aan studentenabonnementen. “In de tekst van de begrotingswijziging staat niet vermeld waarvoor het geld moet dienen. We doen ermee wat we willen,” laat collegevoorzitter Guy Vanhengel (Open VLD) weten. “We mikken volledig op de capaciteitsuitbreiding van het onderwijs.” Dit is een tegenvaller voor de Vlaamse studenten in Brussel. Die vernamen afgelopen weekend dat Br(ik, de Vlaams-Brusselse studentenservicedesk, volgend academiejaar geen goedkope MIVB-abonnementen meer verdeelt. Studenten zullen dus 204 euro moeten betalen.

Br(ik is een fusie van Quartier Latin en Vlophob, het Vlaams Overlegplatform Hoger Onderwijs Brussel.

“In de tekst van de begrotings­ wijziging staat niet vermeld waarvoor het geld moet dienen. We doen ermee wat we willen” De nieuwe organisatie heeft een globaal budget van 2,268 miljoen euro. Vlaanderen geeft niet langer een afzonderlijk bedrag voor goedkope studentenabonnementen. “Bovendien moeten we dik een miljoen

DE WEEK IN BEELD DOOR SASKIA VANDERSTICHELE © SASKIA VANDERSTICHELE

Het inschrijvingsdecreet van 25 november 2011 bevestigt de voorrang van minimaal 55 procent voor Nederlandstaligen in Brussel en breidt die ook uit naar het secundair onderwijs. Het Lokaal Overlegplatform (LOP) moet dan de exacte voorrangspercentages voor 2013-’14 vastleggen en ervoor zorgen dat het aandeel GOK-leerlingen overeenstemt met het percentage kansarmen in de buurt. Nu hebben kansarmen een voorrang van dertig procent in het basisonderwijs. Binnen het LOP Basisonderwijs en Secundair wordt hier al weken over onderhandeld. Tot voor kort werd geprobeerd om een allesomvattend akkoord te bereiken voor het basis- én secundair onderwijs, maar binnen het LOP Secundair zitten de onderhandelingen muurvast. Het gemeenschapsonderwijs wil niet praten over de voorrangspercentages zolang er geen akkoord is over een andere kwestie, de aanmelding. Het gemeenschapsonderwijs pleit voor aanmelding via het web. “Dat biedt meer garantie op gelijke kansen dan een callcenter, waarbij meer gegoeden andere mensen kunnen inschakelen om massaal te bellen,” vindt Jacky Goris van Scholengroep Brussel. “Ik vind ‘eerst komt, eerst maalt’ ook geen goed criterium. Met een webapplicatie kun je nog andere criteria opnemen.” Maar het vrij onderwijs wil niet weten van het web: te duur, te veel risico, niet nodig. “De paar overbevraagde scholen kunnen samen een callcenter inhuren,” zegt Petrus Van den Cruyce. Omdat men voor het secundair nog ver van een akkoord staat, gaat het LOP nu proberen om eerst een consensus te vinden voor het basisonderwijs. Daar draait de discussie alleen over de voorrang. “We wilden in juni afronden, maar mikken nu op september,” zegt Walentina Cools, voorzitster LOP Basisonderwijs. Vic Anciaux, voorzitter LOP Secundair, betreurt het vastlopen van de gesprekken: “Een fiasco.” En wat als ook na de zomer geen akkoord bereikt wordt? “Dan zal de minister de voorrangspercentages vast­ leggen. En dan komt er hele­maal geen aanmeldingsprocedure, met mogelijk opnieuw rijen tot HUB gevolg.”

BDW 1334 PAGINA 2 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

In de nacht van donderdag op vrijdag brandde het sportcomplex aan de Guillaume Degreeflaan in Jette uit. Het meisje vertelt: “Ik ben heel erg bang geweest, c’était comme un apocalypse. Het mooie uitzicht zie ik niet meer, ik zie alleen nog de brand.”


WEEKOVERZICHT

BDW 1334 PAGINA 3 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

© MIVB

WOENSDAG 13 JUNI GLENN AUDENAERT IN VERDENKING. Het parket van Dendermonde stelt Glenn Audenaert, de directeur van de Brusselse federale gerechtelijke politie, officieel in verdenking voor schriftvervalsing en schending van het beroepsgeheim. Tijdens het onderzoek ontdekten speurders verdachte stortingen op Audenaerts bankrekening. Audenaert is voorlopig geschorst en bekent de feiten grotendeels.

DONDERDAG 14 JUNI VAKANTIEAANBOD VGC GROEIT. Het vakantieaanbod van de Vlaamse Gemeenschapscommissie voor Brusselse jongeren stijgt deze zomer met meer dan twintig procent. Jeugdcentrum Aximax spant de kroon en verdubbelt zijn aanbod tegenover vorige zomer.

VRIJDAG 15 JUNI BRAND IN SPORTCOMPLEX. Rond drie uur ’s nachts breekt er brand uit in een sporthal aan de Guillaume De Greeflaan in Jette. Op dat moment is er niemand aanwezig in het complex. Een vijftigtal mensen die in het gebouw ertegenover wonen, worden uit voorzorg geëvacueerd. De oorzaak van de brand is onbekend.

Studentenservicedesk Br(ik schrapt de goedkope MIVB-abonnementen voor Vlaamse studenten. Voortaan zullen ze 204 euro moeten betalen voor hun openbaarvervoerskaart, het dubbele.

ANSPACHLAAN AUTOVRIJ OP ZONDAG. De Brusselse burgemeester Freddy Thielemans (PS) kondigt aan dat de Anspach- en de Lemonnierlaan vanaf 24 juni elke zondagmiddag tussen 12 en 16 uur autovrij zullen zijn, en dat de hele zomer lang. Met dit voorstel komt de burgemeester het evenement Picnic the Streets! tegemoet. Thielemans belooft ook een nieuw Brussels mobiliteitsplan tegen eind 2013.

ZATERDAG 16 JUNI euro spenderen aan huisvesting,” zegt Kasper Demeulemeester van Br(ik. “Afgelopen academiejaar was er voor het eerst in de geschiedenis van het Vlaams-Brusselse hoger onderwijs een tekort aan koten.” Een ander groot deel van het budget gaat naar de promotie van Brussel als studentenstad. “Voor de studentenabonnementen is er nog 300.000 euro over. Wat kun je daarmee doen?” Volgens Demeulemeester waren de goedkope studentenabonnementen

“ “

altijd bedoeld als teaser, om de studenten uit hun kot te halen en hen te laten kennismaken met Brussel, nooit om de basismobiliteit van de studenten te ondersteunen. “Anders was er wel voor alle 25.000 studenten en niet voor de achtduizend snelsten een abonnement geweest.” Br(ik vindt dat het Gewest nu over de brug moet komen. Maar minister Grouwels weigert. “We doen al veel voor jongeren en studenten. Ze betalen 204 euro, minder dan de helft van het normale tarief. Bovendien

vinden we het nogal makkelijk dat Vlaams minister Pascal Smet via Br(ik een last probeert af te schuiven op het Gewest. Zeker in de huidige budgettaire omstandigheden,” laat haar woordvoerder weten. “Het klopt dat de VGC extra geld krijgt. Maar daar staat geen bestemming bij. Dit najaar beslist het college wat ermee gebeurt. Gezien de sterke bevolkingstoename wordt het wellicht gebruikt voor kinderopvang en scholen.”  Bettina Hubo

Het kan vreemd klinken, maar de N-VA betreurt dat ze de splitsing van B-H-V niet kan goedkeuren.” Volgens N-VA-senator Danny Pieters blijft er na de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde nog altijd een ‘mini-B-H-V’ over en zet het akkoord de Nederlandstalige Brusselaars in de kou (op Belga).

Door het invoeren van de nieuwe rechtsaf-borden bestaat de kans dat blinden of slechtzienden aangereden worden door een fietser die plots onhoorbaar opduikt op kruispunten waar zij denken dat het veilig oversteken is.” Het Slechtzienden en Blinden Platform Vlaanderen is niet te spreken over de nieuwe verkeersborden waarmee fietsers rechtsaf of rechtdoor mogen, zelfs al staat het licht op rood (in een persbericht).

DRUGSKOERIERS OPGEPAKT. Tijdens een controle betrapt de politie twee personen met cocaïne in hun lichaam op Brussels Airport. De Spaanssprekende ‘bolletjesslikkers’ van 22 en 24 jaar zaten op een vlucht uit Punta Cana (Dominicaanse Republiek). Ze worden ter beschikking gesteld van het Brusselse parket.

ZONDAG 17 JUNI POLITIE PAKT TEGENBETOGERS OP. Een ‘mars tegen het islamitisch fascisme’, georganiseerd door de Parti Populaire/Personenpartij (PP), trekt veel aanhangers van het extremistische Nation. Een dertigtal tegenbetogers van socialistische en christendemocratische jongeren wordt in metrostation Troon hardhandig aangepakt door de talrijk aanwezige ordediensten. Daarop komt heel wat kritiek. Volgens een politiewoordvoerder waren de arrestaties onvermijdelijk omdat er geen toestemming was gevraagd voor de tegenbetoging. CAFÉ MARCHÉ VALT IN DE PRIJZEN. De bonte muzikantenbende Café Marché is de trotse winnaar van de Prijs Roger Van de Voorde, een tweejaarlijkse wedstrijd voor diverse disciplines binnen de Brusselse amateurpodiumkunsten. De prijs van 3.000 euro is een initiatief van het Vlaams Huis voor Amateurkunsten Zinnema.

MAANDAG 18 JUNI NIEUWE VERKEERSBORDEN VOOR FIETSERS. Brussels minister van Openbare Werken en Vervoer Brigitte Grouwels (CD&V) en staatssecretaris voor Mobiliteit Bruno De Lille (Groen) onthullen de verkeersborden B22 en B23. Die laten fietsers in bepaalde omstandigheden toe om door het rood te rijden. Het gaat om een proefproject dat nog tot september op tien plaatsen in Brussel loopt. Het Brussels Gewest is de eerste wegbeheerder die de maatregel invoert. BR(IK SCHRAPT VOORDEELTARIEF STUDENTEN. Vanaf volgend academiejaar kunnen studenten van Vlaamse onderwijsinstellingen in Brussel niet meer genieten van een verminderd tarief voor een MIVB-abonnement. De studentendienst Br(ik stopt met de subsidiëring van de vervoersabonnementen omdat die te zwaar op het budget wegen. Vanaf september betalen studenten 204 euro voor een MIVB-abonnement, het vaste tarief voor scholieren.

DINSDAG 19 JUNI

HET WOORD

Taxus baccata

Vijftig procent van de chemokuren tegen kanker wereldwijd gebeurt op basis van taxussnoeisel. De Taxus baccata, die enkel in België en het zuiden van Nederland als haag wordt aangeplant, bevat baccatine III, een product met een sterke antikankerwerking. Omdat er voor chemomedicatie véél taxus nodig is, zamelt Vergroot de Hoop voor de achtste keer taxus in. Prof. dr. Denis Schallier, medisch oncoloog aan het UZ

Brussel, en van in het begin betrokken bij de experimenten, roept iedereen op om taxussnoeisel in het containerpark af te geven; Brusselaars zullen even de grens over moeten om hun snoeisel in een naburig containerpark te deponeren. Belangrijk is dat de twijgjes jong (eenjarig snoeisel) en zuiver zijn. De actie loopt nog tot en met 31 augustus: www.vergrootdehoop.be. SM

CEREXHE VOOR TEWERKSTELLINGSPACT. Brussels minister van Werk en Economie Benoît Cerexhe (CDH) pleit voor een groot tewerkstellingspact tussen de federale regering, de regio’s en de werkgevers. “Brusselaars moeten gaan werken in Antwerpen, Gent, Mechelen en Leuven.” Samengesteld door Stien Mommaerts en Tuur De Moor

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF


BDW 1334 PAGINA 4 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Twee neofieten en twee nestors rond de vlag van de Vlaamse Brusselaars: Jutta Buyse, René Coppens, Luc Denys en Vincent Riga. “Symbolen zijn belangrijk.”

Politiek > Het Grote Vlaamse Schepenen-Interview

‘Schepen in Zaventem? Nee, dan liever Ganshoren’ BRUSSEL – Vier Vlaamse schepenen, vier Brusselse gemeenten, zes jaar bestuur. Hoe moeilijk is het om je te handhaven in een dominant Franstalig bestuur? Hoe vermijden de Vlaamse schepenen dat ze mogen opdraven als flamand de service? “Respect moet je afdwingen.”

D 

e voorzitter van het Vlaams parlement, Jan Peumans, sprak onlangs krasse taal. De Vlaamse schepenen in Brussel dragen jaarlijks elk gemiddeld twee miljoen euro bij aan de gemeentekas, enkel en alleen door hun aanwezigheid. Met dat geld worden de putten van de gemeente gevuld. Dat kan niet, vindt Peumans. De Vlaamse schepenen moeten zich flinker opstellen. Ze moeten de komende legislatuur een betere Nederlandstalige dienstverlening afdwingen en belangrijke bevoegdheden binnen-

halen. Ze mogen geen excuustruus of -guus zijn. Wat vinden de Vlaamse schepenen daar zelf van? We zitten om de tafel met Jutta Buyse (SP.A, schepen in Vorst sinds 2009), Vincent Riga (CD&V, Sint-Agatha-Berchem, sinds 2006), René Coppens (Open VLD, Ganshoren, sinds 2000) en Luc Denys (Groen, Schaarbeek, sinds 2000). Jutta Buyse: “Gemeenten met een Vlaamse schepen krijgen inderdaad een smak geld. Maar dat geld heeft geen kleur. Zolang die mid-

delen in de grote pot terechtkomen, rest alleen nog de onderhandeling. En het is als schepen niet erg interessant om de hele tijd geld te eisen voor Nederlandstalige bevoegdheden en tegelijk te zeggen: ‘Ik werk in het algemeen belang en voor de hele bevolking.’” Vincent Riga: “We kennen allemaal de financiële situatie van de Brusselse gemeenten. Mijn gemeente staat onder voogdij van het Gewest. De cijfers moeten kloppen op het einde van het jaar. We brengen inderdaad een groot bedrag mee,

maar zo werkt het niet. Schepenen moeten collegiaal meewerken aan elk positief project, of dat nu Nederlandstalig of Franstalig is. In SintAgatha-Berchem hebben we niet te klagen. We hebben veel kunnen realiseren voor de Nederlandstaligen en hebben nooit hard op tafel hoeven te kloppen.” Peumans’ uitspraak staat dus ver van de realiteit? Riga: “Ik kan alleen voor Berchem spreken. Ik weet wél dat er in zeven Brusselse gemeenten geen Nederlandstalig onderwijs wordt georganiseerd. Daar stelt zich wel een probleem.” Luc Denys: “Volledig mee eens. De gemeenten moeten onderwijs aanbieden voor iedereen, ook voor Vla-

mingen. Dat is altijd mijn stelling geweest. Ook Vlamingen betalen belastingen in hun gemeente.” Meneer Coppens, uw gemeente biedt geen Nederlandstalig onderwijs aan. René Coppens: “Klopt. Daar is een historische reden voor. Een halve eeuw geleden heeft minister Frans Grootjans (van de liberale PVV, red.) beslist om twee gemeenschaps­ scholen op te richten, zodat het noodlijdende Ganshoren geen gemeentelijk onderwijs hoefde te organiseren. Er is op dit moment geen vraag naar extra Nederlandstalige scholen in Ganshoren, al is het natuurlijk zo dat, als we een school zouden oprichten, die dadelijk vol zou lopen.”


BDW 1334 PAGINA 5 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

U bent schepenen met een Vlaamse electorale achterban. Hoe positioneert u zich in een dominant Franstalig bestuur? Riga: “De gemeenten zijn geen Franstalige, maar tweetalige besturen. Zo wordt het althans in Berchem opgevat. Daarom zijn er ook twee Vlaamse schepenen. De geloofwaardigheid van de schepen hangt niet af van de moedertaal. We willen competente mensen op de beste plaats.”

© IVAN PUT

U heeft wel tien jaar moeten onderhandelen om een Vlaamse school te mogen bouwen. Denys: “In 2006 heb ik het FDF voor het blok gezet: ‘Als er geen school komt, treed ik niet toe tot het

“Het is soms zwaar in Brussel, maar iemand moet het doen. Anders is Brussel verloren voor de Nederlandstaligen”

college.’ Daar zou de gemeente miljoenen door verliezen.”

afdwingen. Dat kan door een goede dossierkennis én door goed tweetalig te zijn. In mijn gemeente zetelt een schepen met Congolese roots (Pierre Kompany, SVG/DV). Die man verstaat geen woord Nederlands. Wil ik hem overtuigen, dan moet ik Frans spreken. Doet hij moeilijk, dan begin ik in het Nederlands. Dan weet hij dat het menens is (lacht).” “Om dat respect af te dwingen heb je voorts best meer dan alleen Vlaamse Aangelegenheden in de portefeuille. Ik ben schepen van Financiën, en alleen al daardoor word je in de gemeente voor vol aangezien. Een schepen van Financiën, daar kijkt men naar op. Tot slot is ook het politieke gewicht van belang. Honderd stemmen of duizend, dat maakt een groot verschil.” Riga: “Geloofwaardigheid bouw je op. Schepenen worden op het eind van de rit op hun beleid afgerekend. Dat staat los van het feit of ze Nederlandstalig of Franstalig zijn.”

U klinkt allemaal erg optimistisch. Denkt u soms toch niet: ‘Was ik maar schepen in Vlaanderen’? Denys: “Natuurlijk is het makkelijker in Evere dan in Schaarbeek, en in Tervuren is het nog makkelijker. Maar je zoekt de gemakkelijkheidsoplossing niet op. Het is soms zwaar in Brussel, maar iemand moet het doen. Anders is Brussel verloren voor de Nederlandstaligen.” Buyse: “In Brussel stel je jezelf toch altijd de vraag: wie is bevoegd? Zonder het institutionele kluwen zou het toch allemaal slagkrachtiger kunnen. Een deel van het probleem in Brussel is, ironisch genoeg, de gemeente zelf.” Riga: “Ik vind het leuk om in Brussel schepen te zijn. Het is zwaar, dat klopt. Campagne voeren doe ik in drie talen. En op het vlak van beleid? Ook in Vlaanderen moet een schepen met de andere bestuursniveaus rekening houden.” Coppens: “In Brussel kun je fier zijn schepen te zijn. Zou ik schepen in Zaventem willen zijn? Ik weet het niet. Hier is het moeilijker, anders, meertalig, een echte uitdaging.”

Steven Van Garsse en Danny Vileyn

ADVERTENTIE

22-26 JUNI 2012 VERNISSAGE VRIJDAG 22 JUNI 18-21U OPEN ZATERDAG 23 JUNI, 14-18U ZONDAG 24 JUNI, 14-18U MAANDAG 25 JUNI, 18-21U DINSDAG 26 JUNI, 18-21U

40 JA

AR ACA

LO

MIE

EINDEJAARS EXPOSITIE

DE

Hoe staat het met de samenwerking tussen de gemeenten en de Vlaamse Gemeenschap? Voor cultuur is er heel wat bereikt, op het vlak van welzijn loopt het een stuk moeilijker. Denys: “Sinds het Vlaamse decreet van 2001 op het lokaal cultuurbeleid heeft de samenwerking tussen het gemeenschapscentrum en de gemeente in Schaarbeek op cultureel vlak een enorme boost gekregen. Veertien van de negentien gemeenten passen dat Vlaamse decreet intussen toe. Dat is dus een succesverhaal.” “Sociaal beleid is inderdaad moeilijker, maar het OCMW werkt toch al samen met het Lokaal Dienstencentrum.” Buyse: “De cultuurbeleidscoördi-

Het aantal Nederlandstaligen daalt jaar na jaar. Hoe gaat u daarmee om? Denys: “Het aantal kiezers met een Nederlandstalige identiteitskaart in Schaarbeek ligt op een kleine acht procent. Maar ik wil me daar niet blind op staren. Ik ben ervan overtuigd dat ik evenveel Franstalige als Nederlandstalige kiezers heb. De discussie over het afkalvende Nederlandstalige electoraat is niet de juiste. Ook het aantal Franstaligen daalt.” Coppens: “In Ganshoren waren er bij de vorige verkiezingen vijftien procent Nederlandstalige kiezers. Dat is minder dan voorheen, maar niets is onomkeerbaar. Er is een Amerikaans socioloog die stelt dat een minderheid een kritische massa moet hebben van twintig procent, anders is die gedoemd om te verdwijnen. Ik ben het daar niet mee eens. De omstandigheden kunnen wijzigen. Het Nederlandstalig onderwijs is erg in trek bij anderstaligen. Worden die leerlingen toekomstige Vlamingen zoals we die kennen van de IJzerbedevaart? Neen, maar het zullen wel moderne Nederlandskundige kosmopolieten zijn die ook deel zullen gaan uitmaken van het Nederlandstalige electoraat.” Riga: “Berchem telde 3.500 kiezers met een Nederlandstalige identiteitskaart in 2010. Dat is nog altijd een kwart van het totaal.”

O

Dus is het Lombardgeld toch een hefboom? Denys: “Niet noodzakelijk. Eerder al, in 2002, heb ik het voor elkaar gekregen dat het Feest van de Vlaamse Gemeenschap in het gemeentehuis werd gevierd, mét een Vlaamse leeuw die aan het gemeentehuis wappert. De burgemeester heeft nadien veel boze telefoontjes

“Het Lombard­geld is onderdeel van de grote Belgische evenwichten. Daar morrel je niet zomaar aan”

In Vorst is de situatie misschien nog het meest precair? Buyse: “In Vorst zijn er een dikke duizend Nederlandstalige kiezers. Dat maakt het niet eenvoudig om als Nederlandstalige verkozen te raken. Zeker niet met een Vlaamse eenheidslijst, zoals Vorst die in 2006 heeft gekend (Open VLD, CD&V en N-VA kwamen toen samen op, SVG/ DV). Die duizend stemmen is ongeveer het aantal dat je nodig hebt om een zetel te halen met een aparte lijst. Daarom zijn aparte Vlaamse lijsten een slecht idee. Je maximaliseert het aantal stemmen beter door op een Franstalige lijst te gaan staan.” Riga: “Bovendien kun je makkelijker een Franstalig electoraat bereiken op een tweetalige lijst dan op een eenheidslijst.” Coppens: “De Franstaligen bespelen ons electoraat trouwens ook. Denkt u dat onze burgemeester (de PS’ster Michèle Carthé, SVG/DV) geen Vlaamse stemmen probeert te halen?” Riga: “Het is toch niet erg verstandig om zes jaar te verkondigen dat je je inzet voor de hele bevolking, en dan met de verkiezingen op een exclusief Vlaamse lijst te gaan staan.”

EXP

“Om terug te komen op de stelling van Peumans: gewoon al de aanwezigheid van een Vlaamse schepen in een Brussels gemeentebestuur is een voordeel op zich. De Vlamingen hebben een aanspreekpunt. In Sint-Lambrechts-Woluwe (zonder Vlaamse schepen, SVG/DV), kan ik me voorstellen, wordt een Vlaming als vreemdeling behandeld. Twee: het Lombardgeld voor de Vlaamse schepen maakt deel uit van de grote Belgische evenwichten. Daar morrel je niet ongestraft aan. En drie: het algemeen belang primeert. Een beleid voor de hele gemeente komt ook de Vlamingen ten goede.” Denys: “De aanwezigheid van een Vlaamse schepen is niet alleen een voordeel, het is een evidentie! Ik kan me niet inbeelden dat er in Schaarbeek geen zou zijn. Ik was al schepen in mijn gemeente vóór de beslissing over het Lombardgeld. Mijn gemeente krijgt elk jaar tussen de vier en de vijf miljoen euro. Daarmee wordt de put in de begroting gevuld: dat wil niet zeggen dat het naar Franstalige initiatieven gaat, hé.” “Er zijn bovendien heel wat Vlaamse schepenen in Brussel met een mooie bevoegdheidsportefeuille. Ik ben er zelf een voorbeeld van. Daarom heb ik nooit de titel van Vlaamse schepen willen voeren. Ik ben schepen voor alle inwoners. Of je veel kunt bereiken voor de Nederlandstaligen, hangt vooral af van de samenwerking met de andere collega’s,

In een FDF-gemeente als Schaarbeek ligt dat vast anders, meneer Denys? Denys: “Makkelijk is het niet. Maar door vol te houden krijg je de dossiers wel vlot. Ik ben 24 jaar gemeenteraadslid. De FDF-schepenen en -burgemeester ken ik al bijna even lang. Compromissen sluiten is dus mogelijk.”

Vlaamse vlaggen aan Brusselse gemeentehuizen, ook bij u? Coppens: “Of er een vlag hangt, weet ik niet, maar het Feest van de Vlaamse Gemeenschap wordt in het gemeentehuis gevierd.” Buyse: “Wij hangen de vlag uit. Het is symbolisch belangrijk dat 11 juli in het gemeentehuis gevierd kan worden.” Riga: “In Berchem is het nooit anders geweest.” Coppens: “Over die geloofwaardigheid wou ik nog iets kwijt. Waar komt het op aan? Je moet respect

natoren zijn inderdaad een succes. Daaruit leren we dat de band tussen de gemeente en de Vlaamse Gemeenschap niet problematisch hoeft te zijn. Het Nederlandstalig lokaal cultuurbeleid staat in mijn gemeente verder dan het Franstalig. Noteer wel dat het personeel door Vlaanderen wordt betaald. Extra personeel waar ze niet voor op hoeven te draaien, dat vindt een gemeente altijd een goede zaak.” Riga: “Het gaat niet alleen over financiering. Het kan ook gaan over een eenvoudig bouwdossier. In Berchem wordt het gemeenschapscentrum verbouwd. Een bouwdossier dat vlot loopt: ook dat is een teken van goede samenwerking met de Vlaamse Gemeenschap.” Coppens: “Brussel heeft op dat vlak een verbazingwekkende evolutie doorgemaakt. In 1970 was er een Nederlandstalige Cultuurcommissie, die voor de Vlamingen kon doen waar de Brusselse gemeenten schromelijk in tekortschoten. Vandaag is er geen principieel probleem meer voor samenwerking met de Vlaamse Gemeenschap.”

Het Lombardgeld is dus geen hefboom voor meer Vlaamse initiatieven? Denys: “Neen. Die redenering houdt juridisch gezien geen steek. Als de wetgever het zo gewild had, dan had die dat zo moeten stipuleren, bijvoorbeeld door een quotum in te voeren.” Buyse: “Het is nog maar de vraag of de Brusselse gemeenten zich een Vlaamse schepen zouden laten opdringen als het bijbehorende geld  alleen naar de Vlaamse schepen gaat. Het is trouwens geen Vlaams, maar federaal geld.”

heeft gekregen. ‘C’est l’invasion flamande,’ klonk het. Vandaag is die Vlaamse vlag de normaalste zaak van de wereld. Voor één ding heb ik altijd gestreden: dat het normaal is dat Vlamingen in hun taal bediend worden.”

• 40

niet zozeer van het Lombardgeld.”

KETTE

N

INFO@ACADEMIEANDERLECHT.BE T + 32 2 523 03 71 DAPPERHEIDSPLEIN 17 1070 ANDERLECHT WWW.ACADEMIEANDERLECHT.BE

+ EXPO KUNSTONDERWIJS ATHENEUM ANDERLECHT


BDW 1334 PAGINA 6 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Gevangenisdirecteur Peter Pletincx: “De honderd nieuwe plaatsen in Sint-Gillis werden in een mum van buitenaf opgevuld, gewoon door het aanzuigeffect van nieuwe cellen.”

Veiligheid > Gevangenisdirecteur Peter Pletincx ziet geen heil in cellen alleen

‘Justitie is politiek’ SINT-GILLIS – De nieuwe vleugel van de gevangenis Sint-Gillis blijkt, een maand na ingebruikname, geen oplossing te zijn voor de overbevolking in de Brusselse gevangenissen. “Het aanzuigeffect van nieuwe cellen heeft voor honderd nieuwe gedetineerden, vooral van buiten Brussel, gezorgd,” stelt Peter Pletincx. Die uitspraak maakt duidelijk dat één nieuwbouw in Haren de overbevolking in Vorst en Sint-Gillis amper zal ontlasten.

O 

nder impuls van minister van Justitie Annemie Turtelboom (Open VLD) trekken alle politieke partijen aan één zeel als het om meer korte strafuitvoeringen gaat. “De ministerraad gaat half juli het nodige budget bespreken, en de minister zal een visie en stappenplan ontwikkelen,” zegt haar woordvoerder. We laten criminoloog Peter Pletincx, eerder directeur in Vorst, nu adviseur-directeur in Sint-Gillis, aan het woord. Pletincx hielp destijds het systeem voor elektronisch toezicht mee ontwikkelen en werkte als assessor penitentiaire zaken in de strafuitvoeringsrechtbank van Brussel. Hij stond aan de wieg van Justitieel Welzijnswerk Brussel. Zijn

klok binnen de gevangenis tikt anders dan de bel waarmee politici luiden in de aanloop naar de bouw van de gevangenis van Haren. Zal Haren de druk van de ketel halen? Peter Pletincx: “Haren zal het probleem van de overbevolking niet oplossen, en ook het huidige personeelstekort niet. Het is een criminologische wetmatigheid dat je voor elke cel die je bouwt, twee gedetineerden krijgt. Wat nu hier in Brussel gebeurt, toont dat goed aan. Vorige maand ging in Sint-Gillis de nieuwe vleugel open. Toen zat Vorst aan ruim zevenhonderd gedetineerden, en wij aan 620. Iedereen dacht dat Vorst door onze capaciteits-

uitbreiding van honderd plaatsen wat ademruimte zou krijgen. Maar wat blijkt? Er zitten nu 710 gedetineerden in Vorst en straks 750 in Sint-Gillis. De oorzaak is dat het aantal personen die onder aanhoudingsmandaat geplaatst werden, is toegenomen. Dus die honderd nieuwe plaatsen werden zo goed als allemaal van buitenaf opgevuld, gewoon door het aanzuigeffect van nieuwe cellen.” Met de regelmaat van een klok protesteert het personeel in Vorst, en Sint-Gillis doet niet minder moeilijk. Biedt de politiek geen antwoord op uw problemen? Pletincx: “Het probleem van Jus-

titie is dat het lang wachten bleef op een visie op het gevangeniswezen. Voormalig minister Stefaan De Clerck (CD&V) was met zijn Oriëntatienota strafbeleid en gevangenisbeleid de eerste die na de wet-Lejeune van 1888 een globale visie op detentie uitschreef. Inmiddels is die tekst goed twintig jaar oud. De heisa na de affaire-Dutroux heeft gemaakt dat De Clerck zijn ideeën niet heeft kunnen uitvoeren. Sindsdien hebben we een opeenvolging van ministers gehad, uit verschillende partijen, wat de noodzakelijke hervormingen ernstig vertraagd heeft.” Hoe moet Justitie dan te werk gaan, vindt u? Pletincx: “Ik doe geen politieke uitspraken. Er zullen altijd twee sporen zijn in België: beleid en politiek. Penitentiair beleid is altijd ook ‘politiek’ beleid, omdat er constant naar een politiek compromis moet worden gezocht. Syndicale druk en publieke opinie spelen daarin ook hun rol. Zo werkt het hier, terwijl in

© IVAN PUT

Groot-Brittannië en Nederland de administratie een beleid ontwikkelt en vandaaruit in dialoog gaat met de minister, die beslist. Ons systeem staat een langetermijnvisie op detentie in de weg.” De gevangenisdirectie kan toch een visie en een rapport voorleggen? Pletincx: “Wat is onze inbreng? De middelen worden centraal aangestuurd vanuit het hoofdbestuur. Wij beslissen niet zelf over budget of personeel. Inhoudelijk kunnen we wel een visie uitwerken, al heeft die doorgaans budgettaire consequenties, waarvoor je dan opnieuw in dialoog moet treden. En in tijden van besparingen is hiervoor weinig ruimte.” Horen we daar frustratie? Pletincx: “Het zorgt alleszins voor heel wat druk op het gevangeniswezen. Elk kwartaal wordt een nieuw record in bezetting gebroken. En het specifieke hoofdstedelijke publiek maakt de uitdaging er niet kleiner op. Brussel is een internationaal knooppunt, ook wat criminaliteit betreft. We zien hier een serieuze toename van zware delinquenten, zoals Oost-Europese dievenbendes en georganiseerde misdaad.” Geldt in Sint-Gillis de filosofie nog dat ‘eens vastzitten hem goed zal doen’? Pletincx: “Als je met een gevangene tijdens de detentieperiode niets


BDW 1334 PAGINA 7 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

doet, dan zal die er niet beter uitkomen, integendeel. De compensaties die hij nadien wil, zullen groot zijn, de frustratie en de woede navenant. Resocialisatie is, naast het garanderen van de maatschappelijke veiligheid, een belangrijke functie van het gevangeniswezen, zeker ook inzake veiligheid achteraf in de samenleving. Maar: dat kost geld en personeel.” “We moeten er dus voor zorgen dat er geïnvesteerd wordt in die reïnte-

“Elk kwartaal wordt een nieuw record gebroken in gevangenenaantallen” gratie, omdat het de samenleving ook beveiligt na de straftijd. Het huidige aanbod voor gevangenen is veel te beperkt om dit voor iedereen mogelijk te maken.” Heeft de PSD (Psychosociale Dienst) voldoende slagkracht? Die diensten staken deze week. Pletincx: “Bij onze PSD werken een vijftiental mensen: psychologen, psychiaters, maatschappelijk werkers. Dat is meer dan de helft te weinig voor een totaal van 740 gedetineerden, van wie er bijna vierhonderd veroordeeld zijn tot een straf van meer dan drie jaar. Er is personeel te kort om voor elk van deze gedetineerden een dossier op te maken. Daardoor loopt de behandeling door de strafuitvoeringsrechtbank serieuze vertraging op. En vertragingen komen het probleem van de overbevolking niet ten goede.” Dan lijkt de uitbouw van het elektronisch toezicht een goed alternatief? Pletincx: “Op dit moment staan er minder dan duizend gedetineerden onder elektronisch toezicht. En als directeur in Sint-Gillis stel ik vast dat het in Brussel gemiddeld zeven à acht maanden duurt vooraleer iemand een enkelband krijgt. Gedurende die periode loopt die persoon wel vrij rond, natuurlijk. Die wachttijd is veel te lang. Voor elke gedetineerde die je vrijlaat, is er een risico dat die opnieuw strafbare feiten pleegt. (Er zijn geen betrouwbare statistieken over recidive in België, red.) En wat als die persoon op een Luiks plein mensen gaat neerknallen?” Ook Europa kijkt al met argusogen naar hoe we het Brussels gevangeniswezen doen draaien. Pletincx: “Er zijn algemene Europese regels die België niet haalt, zoals één man op één cel (de norm in Haren wordt twee man per cel, red.). Europa gaat meer kwaliteitseisen stellen inzake leefomstandigheden in de gevangenis. Dat het Folter­comité onlangs in Vorst langskwam, is op zijn zachtst gezegd een teken aan de wand voor de Europese hoofdstad. België mag daar niet trots op zijn.” Tuur De Moor en Jean-Marie Binst

P-PRAAT Voor Fransen moet je opletten, die raad gaven wij u al. Dat vlucht naar Brussel met de centjes, en stemt hier om contrair te doen op de Franse PS. En misschien wel ook op le PS belge, de zusterafdeling. Het rode Franse gevaar is al doorgedrongen tot in het anders zeer vredige Vorst, waar de lokale PS-afdeling (belge, dus) een debatavond heeft georganiseerd over ‘les enjeux des communales en Belgique et des législatives en France’. Naast uitleg over het belang van verkiezingen in Frankrijk en in haar kolonie vertelde ULB-politicoloog Pascal Delwit ook nog hoe het electoraal systeem in Frankrijk werkt, en hoe het in België werkt. Als in: ooit moeten ze op elkaar gelijken. Tijd voor wat tegengewicht. Om de Fransen in het gareel te houden is er maar één probaat middel: Duitsland. Geen rood decadent feest, maar de buikriem, besparingen, ernst. Niet toevallig is ernst ook een Duitse voornaam. Maar we wijken af. Is het u ook al opgevallen dat er opvallende gelijkenissen zijn tussen Kanzlerin Angela Merkel en ons eigenste Mädchen Brigitte Grouwels? Allebei christen­ democratisch, allebei in een permanent gevecht met zuiderse temperamenten en allebei, euh, ernstig. Grouwels voert binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest een strijd om de MIVB te zien als een bedrijf, en niet als een tewerkstellingsadministratie die af en toe een tram laat rijden. Merkel kant zich tegen een heel grote administratie die al bijna vier jaar in crisis verkeert, maar toch het geld laat rollen. U ziet het: één strijd. Bianca Debaets verhuist naar Brussel-stad. De Elsense christendemocrate verlaat de belangrijkste gemeente van het Gewest om in de Vijfhoek en omstreken het mooie weer te maken. Dat de christendemocratie meebestuurt in Brussel, zal er ook wel iets mee te maken hebben. Niet langer tegen, maar met de PS.

CHIEN ÉCRASÉ UKKEL – De tijd dat Ukkel een lichtend voorbeeld was voor Brussel, is voorbij. Begin deze week zakte een vuilniswagen er door het wegdek. Slok. De trottoirs in Ukkel zijn schots en scheef en staan vol onkruid. En het is ook in Ukkel dat een welbepaald politicus uit Luik handtekeningen uitdeelt aan het Ukkelse volk om hen een hart onder de riem te steken. Ter info: de politicus uit Luik woont in Ukkel, maar zag onlangs nog zijn nachtrust verstoord toen onverlaten zijn Luikse huis bekladden met rode verf. ELSENE – Het is de tijd van de opgeslokte voertuigen. Na een onweer vorige week bereikten ons beelden vanuit Elsene waarin een MIVBtram door vijftien centimeter water moest waden. Het ontlokte op brusselnieuws.be een lezer de reactie: “Heeft de MIVB ook amfibievoertuigen?” Haha. ELSENE-BIS – Bij zulke stevige regenbuien stroomt het Flageyplein altijd vol met auto’s en het stormbekken eronder vol met water. Het volk dat tram of bus moet nemen op het plein, kruipt dan op een kluit, want het glazen afdak van de halte is even lek als het alibi van Didier Reynders. Wij denken dan altijd dat burgemeester Willy Decourty zich moet inhouden om niet vliegensvlug af te zakken naar het plein om de geparkeerde auto’s te bewonderen van onder de paraplu, net als vroeger. Vroeger, toen stedenbouwkundigen nog smaakvolle parkeerplaatsen ontwierpen.

ADVERTENTIE


BDW 1334 PAGINA 8 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Veiligheid > Staatssecretaris De Lille neemt maatregelen tegen fietsdiefstal

Voor het eerst meer fietsen dan auto’s gestolen niet de proporties van Brussel aan.” Het Brussels Gewest blijft intussen niet bij de pakken zitten. Staatssecretaris Bruno De Lille (Groen) stelt deze week een fietsdiefstalplan voor. Speerpunt is een centraal depot waar teruggevonden fietsen uit heel Brussel verzameld worden. Nu heeft elke politiezone een eigen opslagplaats. Dat is weinig efficiënt. Wordt een fiets in Schaarbeek gestolen en in Brussel teruggevonden, dan wordt de eigenaar daar nooit van

“We zijn ervan overtuigd dat er in Brussel professionele bendes actief zijn”

Staatssecretaris voor Mobiliteit Bruno De Lille (Groen): “Fietsdiefstallen zetten een rem op de populariteit van het fietsen in ons gewest.”

BRUSSEL – Met het aantal fietsers in Brussel stijgt ook het aantal gestolen fietsen. Vandaag worden er voor het eerst meer fietsen dan auto’s gestolen in Brussel.

E 

en verhaal van enkele weken geleden: dieven dringen een Lakens huis binnen langs een zijdeurtje. Dat geeft toegang tot een ruimte die door het gezin van vijf als fietsstalling wordt gebruikt. De volgende ochtend zijn alle fietsen verdwenen. Het is een verhaal uit duizenden. Plooifietsen die verdwijnen uit kantoorgebouwen, dieven die doodleuk wuivend naar de bewakingscamera een fiets uit een ondergrondse parkeergarage halen: fietsdieven gaan steeds driester te werk. Het aantal fietsdiefstallen in Brussel is de laatste tien jaar spectaculair gestegen. In 2000 werden er achthonderd fietsdiefstallen aangegeven. Elf jaar later zijn dat er 3.200, of negen per dag. En het gaat hier alleen over de aangegeven diefstallen. Volgens de federale politie wordt maar een kwart van de diefstallen aangegeven.

Opmerkelijk: in dezelfde tijdspanne is het aantal autodiefstallen sterk gedaald: van 6.800 naar 2.400. Vandaag worden er in Brussel meer fietsen dan auto’s gestolen.

Straffeloos De politie doet wat ze kan, maar een echte prioriteit lijkt ze van fietsdiefstal niet te maken. En doet ze dat wel, dan steekt het parket stokken in de wielen. Onlangs stootte de politie in Vorst bij een huiszoeking bij Bulgaren op twee bestelwagens, volgestouwd met fietsen. Een maand na de inbeslagname beval de onderzoeksrechter... de fietsen terug te bezorgen aan de dieven. Vreemd, want het gaat om bewijsmateriaal, geeft ook de politie toe. “Maar het parket oordeelde dat het onmogelijk was om de eigenaars te traceren,” zegt commissaris Mario Ninanne van de politiezone Brussel-Elsene.

Bij de Franstalige fietsersbeweging Gracq zijn ze er niet over te spreken. “De politie had contact met ons opgenomen om de fietsen te identificeren,” zegt Eric Nicolas van Gracq. “Zo zouden we de eigenaars kunnen terugvinden. Met wat foto’s op onze website of in de sociale media kan dat niet moeilijk zijn. Maar de onderzoeksrechter had de fietsen al teruggegeven nog voor wij aan de slag konden!” Bij het parket bevestigen ze de teruggave. “We konden niet bewijzen dat het om gestolen fietsen ging. Bovendien ging het om oude fietsen die bij verkoop door ons niet veel zouden opbrengen,” klinkt het daar. Dat fietsen stelen een ware plaag is geworden in Brussel, heeft volgens Eric Nicolas één duidelijke reden. “Alles heeft te maken met straffeloosheid,” zegt hij. “De politie vervolgt nauwelijks. Toen de politie het hoge aantal autodiefstallen zag in 2000, heeft ze daar iets aan gedaan. En met resultaat.” “Je zou kunnen zeggen: een fiets brengt minder op dan een gestolen wagen. Maar als je tien fietsen per

© SASKIA VANDERSTICHELE

dag steelt en die voor vijftig euro verkoopt: tel uit je winst,” zegt Nicolas. De fietsherstellers van het Fietspunt van het Luxemburgstation weten waarover Nicolas spreekt. Onlangs zagen ze hoe dieven tientallen fietsen aan de stallingen van het Europees parlement in een bestelwagen laadden. De politie wou niet optreden omdat de feiten zich voordeden op een terrein van de NMBS. Intussen zou de NMBS het probleem wel ter harte nemen, nadat gebleken was dat er ook een partij Blue-bikes van de NMBS gestolen was.

Oud ijzer Fietsen stelen is niet alleen lucratief op de tweedehandsmarkt. Door de gestegen metaalprijzen worden onverkoopbare fietsen steeds meer als oud ijzer gesleten. “We zijn er daarom van overtuigd,” zegt Nicolas, “dat er in Brussel professionele bendes actief zijn. Het gaat niet om fietsdiefstal zoals in Leuven of Gent, waar studenten een fiets stelen om ermee rond te rijden. Dat is ook erg, maar het neemt ten minste

op de hoogte gebracht. Het centrale depot, dat aan de Leuvensesteenweg komt, moet soelaas bieden. Daarnaast gaat Bruno De Lille het graveren van fietsen promoten. Wie dat wil, kan zijn of haar fiets laten graveren in een van de Brusselse Fietspunten. Het Brussels Gewest heeft hiervoor graveermachines aangekocht. “Fietsdiefstallen zetten een rem op de populariteit van het fietsen in ons gewest,” zegt De Lille. “Daarom willen we hier echt werk van maken. Deze maatregelen zijn trouwens opgenomen in het Fietsplan.” Bij Gracq en Fietsersbond zijn ze tevreden dat het Brussels Gewest enkele eerste stappen zet om de plaag van de fietsdiefstallen in te dammen, “maar het kan nog beter,” zegt Nicolas. “Zolang de politie er geen prioriteit van maakt, zoals ze dat wel heeft gedaan bij autodiefstal, blijft het aanmodderen. Kijk maar naar de fietsen in de Bulgaarse bestelwagens. Die waren misschien zelfs gegraveerd, maar ze zijn niet bij de eigenaars terechtgekomen.” Gracq en Fietsersbond stellen daarom een alternatief voor. Nicolas: “Een fiets zou herkenbaar moeten zijn van bij de aankoop, via het nummer in het frame, en opvolgbaar via een databestand voor de rest van de levensloop. In Frankrijk bestaat al zo’n systeem. Iedere koper van een tweedehandsfiets kan in een oogopslag zien of een fiets gestolen is of niet.”  Steven Van Garsse


BDW 1334 PAGINA 9 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

voorde) is uiteindelijk wel gebleven. Het is frustrerend om mensen te zien vertrekken. We merken dat ook in de lokale partijafdelingen. Er wordt in Brussel veel verhuisd, zeker door jonge mensen.” “Belangrijker is dat we niet met excuus-Vlamingen naar de kiezer trekken. Groen levert de lijsttrekker in Ganshoren en bezet vijf keer de tweede plaats. We gaan in een sterke positie naar de verkiezingen.”

Politiek > Gemeenschappelijke lijst van Ecolo-Groen in alle negentien

Groen is overal BRUSSEL – De Vlaamse groenen komen in alle gemeenten op bij de gemeenteraadsverkiezingen op de lijst Ecolo-Groen. “Tweetalige lijsten, het werkt,” zegt Groenvoorzitter Rik Jellema. Negentien op negentien. Met die slogan kan Groen naar de kiezer. In alle negentien gemeenten is er minstens één kandidaat voor Groen. En overal is dat onder de vlag Ecolo-Groen. Groen is daarmee tot nu toe de enige Vlaamse partij die in alle gemeenten opkomt. “Dat het gelukt is, heeft met media-aandacht te maken,” zegt Rik Jellema. “Het project EcoloGroen heeft mobiliserend gewerkt. Eerst hadden we 15/19, dan 16/19 en zo verder. Het is niet alleen een kwantitatieve stap – in 2006 was Groen niet overal present –, maar ook een kwalitatieve. Het betekent dat een tweetalige lijst kan werken.” Hoe belangrijk is een lokale mandataris voor Groen? Rik Jellema: “Heel belangrijk. Een Nederlandstalige gekozene in Brussel is een aanspreekpunt, zeker

Groen: “In de lokale politiek kunnen we tonen dat we doeners zijn, niet alleen bezig met dossiers.”

waar er maar weinig Nederlandstalige gekozenen zijn. Bovendien kunnen we als partij tonen dat het ons menens is met de lokale politiek. Dat we doeners zijn, en niet alleen bezig met dossiers.” Groen had in 2006 drie schepenen. Een schepen raakte jullie kwijt, een andere bijna.

© IVAN PUT

Jellema: “In 2006 konden we zeggen: negen mandatarissen, zes keer in de meerderheid en drie keer schepen. 3-6-9, dat was een mooi beeld. Maar we hebben dat jammer genoeg niet kunnen aanhouden. Luckas Vander Taelen (ex-schepen in Vorst) werd Vlaams parlementslid en hij mag niet cumuleren. Annemie Vermeylen (schepen in Watermaal-Bos-

In Oudergem dwarsbomen jullie de Vlaamse eenheidslijst door met Ecolo op te komen. Terwijl elke Vlaamse stem er telt om een schepen te halen. Jellema: “Wij zijn kop van Jut, en volkomen onterecht. We waren bereid om te praten. Eenheidslijsten zijn verleden tijd. Democratie is  het georganiseerde meningsverschil. Het is mij niet duidelijk wat het programma van die eenheidslijst zal zijn. Als het de enige betrachting is om een Vlaamse schepen te halen, dan kan de kiezer net zo goed een stem op ons uitbrengen.” In Schaarbeek heeft Groen een voorakkoord met het FDF. Een stem voor Groen is een stem voor het FDF. Dat is een lastige boodschap aan de Vlaamse kiezer. Jellema: “Het gaat om een intentieverklaring, niet om een voorakkoord. FDF-burgemeester Bernard Clerfayt is de kwaadste niet. Kijk naar het

ADVERTENTIE

iedereen in Brussel inbegrepen

Joris Poschet Watermaal-Bosvoorde

Helmut De Vos Emmanuel Boodts Frank Van Bockstal Sint-Pieters-Woluwe Etterbeek Georges De Smul Oudergem Sint-Lambrechts-Woluwe

Vlaamse schooltje dat er dankzij onze schepen is gekomen. Daarnaast verhoogt elke stem voor Ecolo-Groen het groene gewicht binnen die gedoodverfde coalitie. Kiezen voor Groen in Schaarbeek is dus helemaal geen verloren of duivelse stem.” In Etterbeek heeft Ecolo-Groen een voorakkoord op zak met Vincent De Wolf (MR), niet bepaald een progressieve stem. Jellema: “De Wolf is een goede burgemeester, geen luiwammes. Dat hij weer met ons in zee wil, bewijst dat hij openstaat voor nieuwe ideeën.” Hij heeft wel het gewestelijk parkeerplan van minister Brigitte Grouwels (CD&V) getorpedeerd. Jellema: “De samenwerking tussen de gemeenten en het Gewest moet beter. Door te praten kun je heel wat bereiken. De Wolf wou ook niet weten van Villo (gewestelijk fietsverhuursysteem, SVG). We zijn met hem rond de tafel gaan zitten, mét resultaat.” “En wat het parkeerplan betreft: je kunt niet ontkennen dat de gemeente heel wat terreinkennis heeft. Misschien heeft De Wolf gewoon gelijk als hij zegt dat een plan dat vanuit het Gewest wordt opgelegd, zonder rekening te houden met lokale bekommernissen, niet kan werken.” 

Steven Van Garsse


BDW REGIO

BDW 1334 PAGINA 10 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Deze week door Ukkel > Fietspaden in het slop

‘Je ziet meteen waar hier de prioriteiten liggen’ © NIELS FAMAEY

Idyllisch fietsen over... kasseien. De Kamerdellelaan staat sinds 2006 als fietsroute ingekleurd, maar daarvan werd nooit werk gemaakt.

westelijke fietsroute (GFR) van het centrum naar Sint-Job en Sint-Ge­ nesius-Rode moeten vervolledigen. Het is een alternatieve weg die fiet­ sers op een aangename manier door de gemeente moet leiden. Famaey neemt ons mee om de route per tweewieler te verkennen. Plan­ netje bij de hand volgen we het tracé van de fietsroute. Het leidt ons door pittoreske straatjes waar Ukkel er nog zoveel van heeft. Probleem is alleen dat er van bewegwijzering, wegmarkering, laat staan een aan­ gelegd fietspad helemaal geen spra­ ke is. Integendeel, onderweg moe­ ten we een paar serieuze obstakels overwinnen. Triest dieptepunt: op het einde van de Drossaardgaarde in de buurt van Sint-Job loopt de route verder via een steegje. Twee bloem­ bakken versperren er de weg. Even verder maken de kinderkopjes het fietsen loodzwaar. “Met een paar simpele ingrepen zouden ze het fietsen in deze gemeente een stuk aangenamer kunnen maken. Maar er is de afgelopen jaren helaas niets gebeurd,” zegt Famaey.

Afwachten

Fietsroute met verbodsbord, gevaarlijke oversteek van de drukke Cavellstraat en vervagende fietssignalisatie.

Voetpaden worden nauwelijks onderhouden in Ukkel. Hier: de Sterrewachtlaan.

UKKEL – ‘De mobiliteit in de gemeente verzekeren’: dat is het allereerste programmapunt van de liberale MR, die al decennia de meerderheid vormt in Ukkel. Wij gingen eens na wat de gemeente de voorbije jaren gedaan heeft om het fietsen in deze mooie gemeente aantrekkelijker te maken.

D 

e laatste zin uit het mobili­ teitshoofdstuk van het MR-programma: de MR pri­v ilegieert, “als het mogelijk is”, de aanleg van fietspaden. Veel pro­ minenter staan het verzet tegen de sluiting van het Ter Kamerenbos voor auto’s en het vergroten van de parkeermogelijkheden. Een ander MR-stokpaardje: ‘aandringen op de versnelde komst van een metro tot in Ukkel’. “Dat zegt veel over waar de prioritei­ ten hier liggen,” zegt Pierre Desmet, die voor Ecolo in de oppositie zetelt. “Deze meerderheid schreeuwt van de daken dat de gemeente slecht be­ diend wordt door het openbaar ver­ voer, maar ze heeft de voorbije jaren bijna niets gedaan om de mobiliteit zelf te verbeteren. Van de voorstel­

len in het mobiliteitsplan werd deze legislatuur bijna niets gerealiseerd. Er werden amper initiatieven geno­ men om de mobiliteit van en naar de GEN-stations te verbeteren, er kwam zelfs geen behoefteonder­ zoek. De meerderheidsleden liggen er niet van wakker. Ze hebben alle­ maal een gratis MIVB-abonnement, maar ik vraag me af wie dat ook echt gebruikt. Deze meerderheid kiest resoluut voor de wagen.” Desmet geeft een voorbeeld van een paar jaar geleden: “In het begin van deze legislatuur had de Association des Comités de Quartier Ucclois, ACQU, op eigen initiatief een wan­ delroute bewegwijzerd langs de vele steegjes. De bewegwijzering was van tijdelijke aard. Ik heb toen voor­ gesteld om die wegwijzers perma­

nent te maken, maar daar is niets mee gedaan. In plaats van het initia­

nabij gevolgd wat de MR-PS-meer­ derheid de afgelopen jaren gedaan heeft om het fietsen in Ukkel te promoten. “Op dat vlak is de enige verdienste van deze meerderheid dat ze de beperkte eenrichting (straten waar je enkel als fietser in twee richtingen mag rijden, red.) heeft in­

“Bij het gemeentebestuur hebben ze allemaal een gratis MIVBabonnement, maar ik vraag me af wie dat ook echt gebruikt. Ukkel kiest resoluut voor de wagen” tief te nemen gaat men eerder een excuus vinden om iets niet te doen.”

Drossaardgaarde Niels Famaey is zes jaar geleden in Ukkel komen wonen en heeft van

gevoerd en dat ze de wegmarkering vrij goed onderhoudt.” Famaey neemt er het gemeentelijk mobiliteitsplan bij. In het plan wor­ den vier gemeentelijke fietsroutes gesuggereerd die de bestaande ge­

Gevraagd naar een stand van za­ ken bij schepen van Mobiliteit en Openbare Werken Marc Cools (MR) worden we getrakteerd op een tech­ nische uitleg. “We willen vanuit de gemeente zo snel mogelijk werk maken van de fietspaden, maar het probleem is dat we op een steden­ bouwkundige vergunning van het Gewest wachten. Het Gewest zou die vergunningen dit jaar al afge­ leverd moeten hebben, maar alles heeft vertraging opgelopen.” Dit gaat dus over de gewestelijke fietsroute. Maar hoe zit het dan met de gemeentelijke fietsroute, een initiatief dat helemaal van de ge­ meente moet komen? “Eerst moeten alle gewestelijke fietsroutes afge­ werkt worden; daarna pas kunnen we beginnen met die routes aan de gemeentelijke fietsroutes te linken.” Navraag bij het kabinet van Bruno De Lille (Groen), die als staatsse­ cretaris bevoegd is voor het fietsbe­ leid, leert dat die uitleg slechts ge­ deeltelijk klopt. Er loopt inderdaad nog een studie-bouwaanvraag voor sommige gewestelijke fietsroutes, die bijna afgerond is. Pas dan kan er werk worden gemaakt van de aan­ leg van de GFR. Maar de gemeente zou wel al proactief kunnen begin­ nen met het bewegwijzeren van de gemeentelijke fietsroutes. Evere en Anderlecht hebben dat bijvoorbeeld al gedaan; Ukkel heeft nog geen ini­ tiatieven in die richting genomen. 

Bruno Schols


BDW 1334 PAGINA 11 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Brussel > Gemiddeld twee dringende interventies per dag

Zestig voetbalvelden nieuw asfalt “Ik weet het, Openbare Werken is geen sexy bevoegdheid,” zegt schepen Ahmed El Ktibi. Per maand krijgt de dienst Openbare Werken zowat honderd klachten van inwoners, van losliggende stoeptegels tot omvergereden paaltjes. El Ktibi maakte maandag een balans op van zijn beleid. De Stad Brussel heeft een enorm grondgebied dat loopt van Wemmel tot het Ter Kameren­ bos: alles bij elkaar beslaat de Stad een vijfde van het grondgebied van het gewest. De Stad Brussel, dat zijn ook 1.120 wegen met een to­ tale lengte van 250 kilometer. Een overzicht is dus zeer nuttig. “We zijn geen enkele wijk uit het oog verlo­ ren,” zegt El Ktibi. Toch zijn er verschillen. Zo slokte deelgemeente Neder-Over-Heembeek 35 procent van de investeringen voor openbare verlichting op. “En terecht,” zegt El Ktibi. “De verlichting was er versleten, en er lopen grote verkavelingsprojecten.” Op heel het grondge­ bied van Brussel werden 1.065 lichtpunten vervangen door 1.815 nieuwe lampen, maar toch is intussen het elektriciteitsverbruik met bijna twintig procent gedaald. De foto’s van de Romeinsesteenweg met her­ stellingen aan één kant (Wemmels grondge­ bied) en putten aan de andere (Brussels grond­

werden opnieuw geplaveid en zeventig trot­ toirs heraangelegd.

Voetgangers

De autovrije zone rond de Grote Markt. Dat smaakt naar meer. gebied) haalden in het voorjaar van 2011 de media. “Uiteindelijk hebben we goed samen­ gewerkt met de Vlaamse gemeenten,” zegt El Ktibi. De Romeinsesteenweg is nu heraange­ legd met een fietspad en aparte busbaan.

Om voetgangerszones te vrijwaren van auto’s werden zeventien verdwijnpaaltjes geplaatst, onder meer aan de Oude Graanmarkt. El Ktibi: “De verkeersvrije Oude Graanmarkt is een heus succes.” En om auto’s te verhinderen op de trottoir te parkeren, kwamen er vierdui­ zend paaltjes. De voetgangerszone rond de Grote Markt – zeer mooi opnieuw aangelegd – moet het nu nog doen met betonblokken. De afgelopen jaren werd ook naarstig gewerkt aan de beveiliging van de schoolomgeving. “85 procent van de scholen is nu in orde,” zegt El Ktibi. En wat heeft dat allemaal gekost? Het asfalte­ ren 10 miljoen euro, de heraanleg van voetpa­ den en bestrating 25 miljoen euro en het dich­ ten van gaten in het wegdek 90.000 euro. De © SANDER DE WILDE / IMAGEDESK.BE voorbije vijf jaar werden er 2.500 reparaties uitgevoerd: gemiddeld twee per (werk)dag. El Ktibi, die Vlaams minister en verhinderd De voorbije vijf jaar waren er 110 werven om schepen Pascal Smet (SP.A) vervangt, hoopt wegen te asfalteren; andere voorbeelden zijn de dat hij het gevoerde beleid ook na de gemeen­ Pacheco- en de Berlaimontlaan. Totale opper­ teraadsverkiezingen kan verderzetten. vlakte: zestig voetbalvelden. 36 straten werden Danny Vileyn vernieuwd ‘van gevel tot gevel’, vijftien wegen 

ADVERTENTIE

iedereen in Brussel

inbegrepen

Martine Motteux-Abeloos Sint-Gillis

Fatima Amine Vorst

Jan Kindermans Elsene Patricia Stalpaert Ukkel

Walter Vandenbossche Anderlecht


BDW 1334 PAGINA 12 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

DE SUKKELSTRAAT (20)

Haren wordt een slaapdorp

Geen bowling, geen bioscoop, niets kunnen de trein niet nemen; zelfs voor validen is het station bereiken een lastige klus. Aan de Harenberg wil de Stad een nieuwe wijk bouwen met woningen voor gehandicapten. Woningen voor gehandicapten zijn een prima idee, maar hoe moeten die mensen zich verplaatsen? Evere ligt 2,3 kilometer verderop, Diegem ook. In Haren moet je een gemeen­ schap vormen.”

Op 14 oktober zijn er gemeenteraadsverkiezingen. Nog drie weken legt BDW in de reeks De Sukkelstraat elke week een pijnlijk aanslepend dossier uit een van de 22 Brusselse gemeenten op tafel. Deze week laten we de Harenaren aan het woord. Zij voelen zich zo’n beetje door iedereen verlaten.

Boevenauto’s Haren ligt er op een woensdagmid­ dag rustig bij. Aan de toog van The Old Time hangt een man pinten te pakken. In de kruidenierszaak ben ik alleen. Johan Serkeyn van het gemeen­ schapscentrum De Linde: “De klein­ handel is nu al ongeveer helemaal weg. En ja, Haren is nu nog groen, maar als de gevangenis er komt, dan wordt dat ook alweer minder. Het ongenoegen groeit bij de mensen, we zijn een achterafhoekje waar ze kwijt kunnen wat niemand anders wil. Bovendien worden de lapjes grond die nog resten, helemaal vol­ gebouwd, zij het met laagbouw. Ha­ ren wordt een slaapdorpje bij Brus­ sel.” Haren, dat is een groot MIVB-depot en het rangeerstation van Schaar­ beek, dat ook al op Haren ligt. En de Navo is er ook. Binnenkort komt er zelfs een gevangenis. “Een gevange­ nis die steeds dichter bij het dorp komt,” stelt Laurent Moulin van het Inwonerscomité van Haren. “Eerst was er sprake van om de gevangenis op de Wanson-site te bouwen, maar dat terrein ligt deels op Vlaanderen, en met twee gewesten onderhan­

Laurent Moulin met dochter Elisabeth, en dorpsgenote Bernadette Decharneux in de achtergrond: vechten voor wat er nog is.

delen is moeilijker dan met één ge­ west. De gevangenis komt dus vol­ ledig op Harens grondgebied.” “We vrezen nu dat de Keelbeek, een pad tussen Haren en Diegem, een wegel die veel joggers gebruiken, gaat sneuvelen,” zegt Moulin, “en er is al niets voor de jeugd.” Niets voor de jeugd: Haren heeft geen jeugd­ huis en – waar al lang naar gevraagd wordt – ook geen Agoraspace, zo’n multifunctioneel sportveldje met houten panelen. Nochtans is er plaats voor een Agoraspace: een ter­ rein aan de Ganzenweidestraat waar geen dichte buren zijn. Moulin: “Voor de kleintjes tot tien, twaalf

“Wij zijn een achterafhoekje waar ze kwijt kunnen wat niemand anders wil” jaar is er aan de Beemdgrachtstraat een speelplein met enkele zitbanken voor senioren, maar voor pubers is er niets. We hebben geen bioscopen,

© JO VOETS

geen bowling, en de tijd dat Toogen­ blik een jeugdclub was, ligt ook al­ weer lang achter ons.” Moulin is een Franstalige wiens Nederlands meer dan behoorlijk is. Acht jaar geleden ruilde hij SintPieters-Woluwe in voor Haren. Hij woont hier graag en wil duidelijk vechten voor wat er nog is. “Haren is tof, eigenlijk heel Vlaams – en dat heeft niets te maken met de taal die de mensen spreken. Het is een men­ taliteit.” Om hier te raken heb ik de trein ge­ nomen, maar de trappen die je op moet, zijn een ware marteling. Mou­ lin: “Mensen die minder mobiel zijn,

Haren, dat zijn 1.700 huishoudens, 4.500 inwoners en 2.000 jongeren. Er zijn ook problemen. Hangjon­ geren bijvoorbeeld, die de ouderen bang maken. Moulin: “En dealers die uit Schaarbeek komen. Er is hier ook amper politie, en zelfs de alom­ tegenwoordige preventiemedewer­ kers van Bravvo hebben de weg naar Haren nog niet gevonden.” Er is ook het gerace van auto’s en motors, en daarbovenop zou nog meer verkeer komen als de boevenauto’s van de gevangenis van Haren door de Ver­ dunstraat razen op weg naar het Justitiepaleis. Moulin: “Nu al rijden er tweehonderd auto’s per uur door het noordelijke deel van de Verdun­ straat.” Haren heeft een visie op de toe­ komst, zegt Moulin, maar krijgt die niet verkocht. Komt dat, zo vraagt hij zich af, doordat er weinig PSstemmers en relatief veel Vlamingen wonen? “Kijk maar naar de cultuur: alleen het gemeenschapscentrum De Linde is actief en werkt rond de toekomst van Haren.”  Danny Vileyn www.brusselnieuws.be/ sukkelstraat

ADVERTENTIE

HET WORDT EEN GEWELDIG SEIZOEN…

MET CHOREOGRAFEN & DANSGEZELSCHAPPEN ALS

ROSAS OPENT HET SEIZOEN IN VILLERS-LA-VILLE

2 0 1 2 2 0 1 3

ROSAS, LUCINDA CHILDS, MEG STUART, JONATHAN BURROWS, RAIMUND HOGHE, BORIS CHARMATZ, CIE WILLI DORNER, PIETER AMPE, ELEANOR BAUER, METTE INGVARTSEN ...

MET THEATERMAKERS & PERFORMERS ALS

ER IS ALTIJD MEER TE ZIEN DAN JE DENKT!

GRACE ELLEN BARKEY & NEEDCOMPANY

JAN FABRE, JAN DECORTE, NEEDCOMPANY, FC BERGMAN, TONEELGROEP AMSTERDAM, NATURE THEATER OF OKLAHOMA, IVO DIMCHEV, KRIS VERDONCK, MARTIN CREED …

FRANK BÖLTER OP FESTIVAL KANAL

ABO = –50%

KIES 10 OF MEER VAN JE FAVORIETE VOORSTELLINGEN EN JE KRIJGT JE TICKETS TEGEN HALVE PRIJS!

–26 = € 8

JONGER DAN 26? JE KAN ELKE VOORSTELLING ZIEN VOOR DE VRIENDENPRIJS VAN 8 EURO!

GRATIS

BESTEL JE GRATIS SEIZOENSMAGAZINE OP KAAITHEATER.BE OF BEL 02 201 59 59


ADVERTENTIE


© SP.A

© SASKIA VANDERSTICHELE

Sint-Agatha-Berchem > Lijst voorgesteld

Burgervader trekt LBR Joël Riguelle heeft zijn Lijst Burgemeester Riguelle (LBR) voorgesteld, dertien vrouwen en veertien mannen.

Ans Persoons (l.) en Bianca Debaets doen het van op de achtste en de zesde plaats.

Brussel > Socialisten, christendemocraten en de verkiezingen

Pascal Smet wel, Steven Vanackere niet Federaal minister Steven Vanackere en gewestelijk minister Brigitte Grouwels staan niet op de CDH-lijst van Brussel-Stad, waar CD&V zes plaatsen krijgt. Bij de socialisten staat Vlaams minister Pascal Smet wél op de PS(-SP.A)-lijst.

wer is Salvatore Bongiorno, ex-Sabénien en res­ taurantuitbater in Sint-Lambrechts-Woluwe. Tot slot: de lijst heet CDH, niet CDH-CD&V, en huidig schepen Jean De Hertog doet niet meer mee.

De locatie, het typisch Brusselse eethuis Mon Fou d’Mari, bleek goed gekozen. In de toiletten hing een Franstalig bordje: ‘Alles zit in je hoofd; je moet de overwinning aanvaarden, niets is ertegen be­ stand.’ LBR voelt zich sterk, doordat ze een hele rist verwezenlijkingen uit 2006-2012 kan voorleggen. De huidige meerderheid LBR/MR boekt een positief saldo van 1,9 miljoen euro, het boekjaar 2010 werd met 1,6 miljoen afgesloten, weliswaar met forse hulp van het Gewest. LBR heeft voor oktober dus troeven in handen. De vlot tweetalige burgemeester trekt de lijst. Lijstduwer is eerste schepen Jean-Marie Colot, nu be­ voegd voor Financiën, Openbare Werken en Mobiliteit, domeinen waarin de afgelopen zes jaar veel werd gerealiseerd. Bij de Neder­ landstaligen krijgt schepen Peter Decabooter een verdiende derde

plaats; schepen Vincent Riga klimt naar 7, net na raadslid Carine De­ haen-Cackebeke. Voorts telt LBR nog vier Nederlandstaligen: de OCMW-raadsleden Agnès Vanden Bremt, André Beeckman en Gust Aernaudts (van VK Berchem) en nieuwkomer Maude Van Gyseghem. Het valt op dat bijna de helft van de kandidaten op de lijst in overheids­ dienst werkt, van politieadviseur Marie Kunsch op 2 tot federaal ambtenaar Yildiz Bardio Pereira op 18. Ook de vele jongeren vallen op, zoals de al genoemde Maude Van Gyseghem (23), studente rechten en actief in het jeugdhuis en bij Chiro, onderwijzeres Julie Elbers (23), en wellicht de jongste verkiesbare Belg in heel het land: Romain Chevalier, die 18 wordt op de verkiezings­ dag. Van contrast gesproken: Paula Croon (voorlaatste) is 79 jaar. “De Berchemnaars van vreemde origine, (zeven, red.) staan niet op de lijst om hun gemeenschappen te bereiken,” zegt Riguelle, “maar omdat zij mee de waarden van LBR en onze Ber­ chemse cultuur uitdragen.”  Jean-Marie Binst

PS-SP.A? De verklaring voor de afwezigheid van de mi­ nisters is dat CD&V jonge mensen een kans wil geven. “De mensen op de lijst zullen daadwerke­ lijk zetelen en mikken ook op een schepenambt,” zegt Vanackere, die het Elsense gemeenteraads­ lid Bianca Debaets een paar weken geleden kon overhalen om naar Brussel te verhuizen. Debaets, die ook Brussels parlementslid is, krijgt de zesde plaats. De overige vijf CD&V’ers zijn Véronique Peters, Heleen Goubert, Dries Cools, Christian Boone en Gertie Lindemans. De lijst wordt aangevoerd door federaal minister van Binnenlandse Zaken Joëlle Milquet. Op nummer 2 staat de niet-onom­ streden schepen Bertin Mampaka. Schepen van Stedenbouw Christian Ceux staat op vijf. Lijstdu­

Bij de socialisten in de Stad Brussel is de knoop over hoe de lijst gaat heten, nog niet doorgehakt. Wel staat vast dat Ans Persoons, die bij het Ver­ bindingsbureau Brussel-Europa werkt, de achtste plaats krijgt. Ze staat onmiddellijk na het sche­ pencollege en de OCMW-voorzitter. Pascal Smet duwt de lijst van op de 49ste plaats. Lijsttrekker is burgemeester Freddy Thielemans, die voor een (gedeeltelijke) derde termijn gaat. Tot de top drie behoren nog schepen van Onder­ wijs Faouzia Hariche en OCMW-voorzitter Yvan Mayeur. Mayeur is de gedoodverfde opvolger van Thielemans. Schepen van Toerisme Philippe Close staat op vijf. 

Ukkel > Zwembad zeker tot september dicht

Longchamp: dakgebinte komt los © ARCHIEF BDW

BDW REGIO

BDW 1334 PAGINA 14 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Danny Vileyn

ADVERTENTIE

6 NEDERLANDSTALIGE KANDIDATEN met een

V VOOR SINT-AGATHA-BERCHEM

Steunbalk plafond naar beneden gekomen, “experts onderzoeken.”

10

17

14 oter 3. Peter Decabo -Cackebeke en ha 6. Carine De 7. Vincent Riga Gyseghem 10. Maude Van en Bremt nd 14. Agnès Va kman ec 17. André Be

3

6

7

10

6

Geef ze alle op 14 oktober uw stem !!! G U mag op dezelfde lijst onbeperkt voor meerdere kandidaten stemmen

Maak van de verkiezingen geen loterij en noteer nu alvast uw winnende nummers:

3

7

14

17

de lijst waar je kan op rekenen VOLG AL ONZE KANDIDATEN OP

www.lbr.be

Deze zomer zult u geen frisse duik kunnen nemen in het Longchampzwembad. Het zwembad sluit preventief de deuren omdat de steunbalken van het dak los­ komen. Experts onderzoeken de oorzaak; daarna kan er hersteld worden. Het zwembad is zeker tot en met september gesloten. Er lijkt wel een vloek te rusten op het Longchamp-zwembad. In 2008 werd er brand in het zwembad ge­ sticht, waardoor een deel van het zwevende dak beschadigd werd. Nadat dat dak de voorbije jaren vol­ ledig vernieuwd werd, kwam vorige maand een steunbalk uit het pla­ fond los. Uit veiligheidsoverwegin­

gen besloot het gemeentebestuur het zwembad te sluiten. “Ondertussen komen er ook andere balken los,” zegt schepen van Sport Boris Dilliès (MR). “Experts onder­ zoeken de precieze oorzaak. We weten nog niet of het aan de schroe­ ven ligt of aan de aannemer, die de schroeven misschien te hard heeft aangespannen.” Na het onderzoek moet in allerijl een aannemer worden gevonden. “Niet simpel, want er zijn niet veel firma’s die dat doen, en we moeten de hele openbare aannemingspro­ cedure opstarten. Tegen het begin van het schooljaar hopen we de klus geklaard te hebben.”  Bruno Schols


ADVERTENTIE

www.mivb.be


BDW 1334 PAGINA 16 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Cultuur > Eensgezind in de bres voor belaagde sociaal-artistieke sector

‘Een medicijn tegen zieke stad’ BRUSSEL – Twintig sociaal-artistieke organisaties betoogden woensdag samen in de neutrale zone naast het Vlaams parlement. Don Verboven, voorzitter van Globe Aroma, was erbij. “Nooit gezien,” noemt hij de manifestatie, “noch een betoging in die neutrale zone, noch de solidariteit tussen organisaties die niet voor hun eigenbelang opkwamen, maar wel om de uiterst fragiele sociaal-artistieke sector gezamenlijk te verdedigen.”

BDWOPINIE

Mogen we een keer eisen dat de dure woorden die van op alle mogelijke politieke tribunes worden gelanceerd (‘diversiteit’, ‘interculturaliseren’, ‘samenwerken’, ‘verbinden’...), en die Globe Aroma en andere sociaal-artistieke organisaties nu al in de praktijk brengen, eindelijk eens worden gehonoreerd? De diagnoses zijn gesteld, de remedies zijn bekend. Mogen de medicijnen die klaar liggen om deze stad te genezen (of zeker niet meer te laten verzieken), uitgedeeld worden, in plaats van ze weer in het kastje te steken, verborgen onder pleisters en oplapmiddelen? Mogen we dat vragen?  Don Verboven, voorzitter Globe Aroma © EVY MENSCHAERT / VICTORIA DELUXE

Het gaat hier om organisaties die artistiek werk maken met (of werk tonen van) mindervaliden, minderbedeelden of – in het geval van Globe Aroma – mensen met net iets minder papieren dan u en ik. Maar daarom niet met minder creativiteit en lef. Een aparte commissie besliste in deze ronde van het Kunstendecreet (in het kort: de wet die regelt hoeveel geld organisaties de komende jaren van de Vlaamse Gemeenschap voor hun werking mogen verwachten) dat die sector het wel met iets minder mag doen. Waarschijnlijk werd die beslissing ingegeven door een algemene tendens (noem het schrik) om toch maar overal op te besparen. De commissieleden adviseerden aan Vlaams minister van Cultuur Joke Schauvliege (CD&V) dat een aantal organisaties het best uit hun blikveld verdwenen. Niet dat er veel in hun blik gekomen was, want de meeste van de organisaties kregen van deze commissie amper één visitatie. Een enthousiaste supporterskern mogen we hen dus niet noemen. Terwijl deze sociaal-artistieke sector, pril en in volle ontwikkeling, een essentiële rol vervult in het hele kunstenlandschap, en nog veel meer in het kwetsbare sociale weefsel van Brussel. Deze sector ontwikkelt nieuwe methodes om artistiek werk te maken, te vertalen, te communiceren of te initiëren. Deze organisaties halen banden aan met bevolkingsgroepen waarin andere organisaties nooit zouden slagen. Het zijn trage en tijdrovende processen, die nu en dan eens in de schijnwerpers komen, maar meestal in de coulissen van de kunstensector worden ontwikkeld. Globe Aroma is zo’n Brusselse organisatie die bruggen bouwt en gemeenschappen lijmt. Kunstenaars zonder papieren worden er opgevangen en artistiek begeleid. Artiesten die gevlucht zijn uit hun thuisland om politieke, sociale, economische of andere redenen vertalen in het atelier vaak treffend de situatie waarin ze verkeren. Maar Globe Aroma is ook een interme­ diair om sans-papiers naar ons eigen rijke culturele veld te leiden. Met een zeventigtal vrijwilligers loodsen we hen binnen bij voorstellingen, con-

Brussel, symbolisch vaak een laboratorium genoemd, krijgt vanuit het advies van de commissie slechts 90.000 van de ongeveer 2,5 miljoen euro voor de sociaal-artistieke sector toegewezen. Een minuscuul deel van de koek, in een stad die zoveel meer nodig heeft. Onze collega’s van de Zinneke Parade zouden deze kruimels krijgen. Lachwekkend weinig, en bijna beschamend welke

verantwoordelijkheid Vlaanderen in Brussel wil opnemen op het vlak van het sociaal-artistieke werk. Globe Aroma zou volgens het advies helemaal van de kaart verdwijnen. Mogen we de wenkbrauwen fronsen en hopen dat het hier om een ongewilde uitglijer gaat? Zeker nadat we onlangs wel werden gewaardeerd met onze nominatie voor de Gouden Ketjes van de Vlaamse Gemeenschapscommissie? Mogen we vragen om in plaats van Globe Aroma af te schaffen of Zinneke met een kluitje in het riet te sturen, nog honderd andere en nieuwe organisaties in Brussel op te zetten? We gaan ze hard nodig hebben om Brussel in de toekomst op het juiste spoor te houden.

Don Verboven:

“De dure woorden die op alle mogelijke politieke tribunes klinken, brengt Globe Aroma al lang in de praktijk” certen en vernissages in onder andere Kaaitheater, Beursschouwburg, Wiels en Art)&(Marges. We geven hun waardigheid, en we schenken de Brusselse kunstenorganisaties een fris en nieuw publiek. Globe Aroma creëert ook projecten ‘op-maat-vande-wijk’, begeleid door kunstenaars in relatie met de buurt en met een sterk artistiek project als resultaat. En ten slotte is ons personeelsbestand op zich al een experiment, met personeel uit vijf verschillende landen dat met veel zorg en in het Nederlands wordt opgeleid tot culturele medewerkers. Investeringen in de toekomst van de stad, dus.

Kluitje in het riet Mooie ideeën en veel werk. Wat verborgen in de stad, maar met een directe relatie tussen deelnemers, kunstenaars en bewoners. Broodnodig ook, in deze stad die balanceert tussen extremisme, rijkdom, armoede, radicalisme, schoonheid en lelijkheid. Essentieel in een stad die in deze tegenstellingen ook de kracht van een toekomstig beleid ziet. Tekenend dus, wanneer een simpele rekensom plots de ontnuchterende cijfers blootlegt.

In het Kunstendecreet kwam het advies voor veel sociaal-artistieke verenigingen neer op bijltjesdag, vaak op basis van amper één visitatie. Tegen die kortzichtigheid protesteerden ze woensdag aan het Vlaams parlement.


© SASKIA VANDERSTICHELE

BDW 1334 PAGINA 17 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

BDWOPINIE Pak de leegstand aan door Danny Vileyn

Picnic the Streets > Philippe Van Parijs zet de volgende stap

‘Dit is nog maar een begin’ Geachte burgemeester, Met ruim tweeduizend zaten we op het Beursplein op zondag 10 juni: vooral jongere, maar ook oudere Brusselaars, Belgen en niet-Belgen, Nederlandstaligen en Franstaligen, met glimlachjes en boterhammen, maar zonder uw toestemming. Het was een magisch moment. Zelfs de Wall Street Journal en Al Jazeera berichtten erover. U heeft niet gewacht met reageren. Vijf dagen na de picknick besliste u de Anspachlaan in de zomer op zondagmiddag af te sluiten voor het autoverkeer. Veel tegenstand viel er niet te verwachten: de picknick kon op ruime bijval rekenen bij Brusselse mandatarissen van alle kleur en gezindte. De schepenen Christian Ceux (CDH) en Philippe Close (PS), de parlementsleden Marie Nagy (Ecolo), Els Ampe (Open VLD), en Brigitte De Pauw (CD&V), de senator Alain Courtois (MR), staatssecretaris Bruno De Lille (Groen) en minister Pascal Smet (SP.A) hebben allen hun sympathie betoond. Dit is een mooie overwinning op het fatalisme. Laten we dit vieren op zondag 24 juni tijdens de eerste Anspachpicknick waarvoor u de toestemming verleent. We hopen dat u van de partij zult zijn. Maar deze overwinning zal zeker niet volstaan om de picknickers tevreden te stemmen. Het gaat om twee procent van de tijd, op tien procent van de centrale lanen, gedurende twee van de twaalf maanden. Iedereen vindt dat een volledige heraanleg van de centrale lanen broodnodig is. U trouwens ook, want u heeft een mobiliteitsplan klaar, zegt u, dat gerealiseerd kan worden vanaf 2014. Het probleem, en dat weet u zeer goed, is dat de Stad al veel studies heeft besteld en veel plannen heeft gemaakt voor dit deel van de Vijfhoek. Op 26 maart 2004 werd in de pers een masterplan voorgesteld, op basis van studies van Groep Planning, die hiermee al zes jaar eerder was begonnen. Toen, in 2004, konden we lezen: “De grote lanen in het hart van Brussel worden verkeersluw heraangelegd op maat van de flaneur. De drie kilometer lange centrale as tussen het Zuidstation en het Rogierplein krijgt brede voetpaden, bomen en slechts twee rijstroken op het hele traject”; het De Brouckèreplein wordt “een grote publieke ruimte”. Meer nog: “De Stad Brussel steunt het plan, het geld is er al. De bouwaanvraag is voor binnenkort. Het werk kan vermoedelijk eind 2005 beginnen.” Vandaag wachten we nog steeds. U antwoordt hierop dat het nieuwe plan beter is. En u hebt gelijk. In tegenstelling tot het plan uit 2004 sluit het nieuwe plan het doorgaande autoverkeer tussen noord en zuid volledig af. Het Beursplein wordt een

voetgangerszone. Bravo! Maar u begrijpt dat uw plannen na tien jaar immobilisme niet meteen vertrouwen inboezemen. Gelukkig kunt u deze zomer de daad bij het woord voegen. Ik zal u enkele suggesties aan de hand doen, met al de bescheidenheid van iemand die niet de zware verantwoordelijkheid van burgemeester draagt of zich zorgen hoeft te maken over de komende verkiezingen. 1. U heeft van bij het begin gezegd dat een autovrije zondagse Anspachlaan met uitzonderingen gepaard kan gaan. De eerste uitzondering komt er al op 1 juli, het begin van de koopjes. Denkt u nu echt dat de koopjesjagers minder plezier beleven aan een brede autovrije laan dan aan smalle trottoirs, autolawaai en vervuilde lucht? 2. U heeft ingestemd met de zondagse zomerse picknicks. Behoudens onverwachte rampen – monsterfiles, massale dronkenschap? – kunt u zonder meer tegen september beslissen om voortaan de voetgangerszone uit te breiden, zowel in de ruimte als in de tijd. 3. Van alle plekken in Brussel is de Zavel bij uitstek het plein waarvan bewoners en bezoekers vinden dat het op een schandalige manier door auto’s wordt overspoeld. Moeten we wachten op een Picnic the Squares om de Zavel op zijn beurt autovrij te krijgen? 4. Het lussenplan, zonder doorgaand verkeer op de noord-zuidas, zoals het in uw nieuwe plan staat, is de logica zelve. Het plan moet getest worden. Daar zijn geen nieuwe studies of een dure heraanleg voor nodig. Een paar welgeplaatste betonblokken volstaan. Brusselse kunstenaars kunnen die versieren met zwierige graffiti. Dit zijn maar enkele suggesties. U heeft er misschien nog betere in petto. Maar als hier niets van in huis komt tussen nu en september, dan heeft de Facebook-generatie niet alleen het recht, maar ook de plicht om opnieuw een initiatief te nemen, zoals ze dat zo prachtig op 10 juni heeft gedaan. Niet om u op de zenuwen te werken, maar om u te helpen de juiste beslissingen te nemen, wars van egoïsme en kortzichtigheid, ten dienste van het algemeen belang. De openbare ruimte in de stad radicaal renoveren is veel meer dan ‘une idée tout à fait charmante’, mijnheer de burgemeester. Het is een absolute noodzaak willen we onze kinderen en kleinkinderen de mogelijkheid geven om een beter leven te hebben dan het onze, ondanks een noodgedwongen lagere consumptie. Het is aan onze stad, de hoofdstad van Europa, om de weg te tonen. Hopelijk tot zondag op de Anspachlaan. 

Philippe Van Parijs, inwoner van Brussel

Het Brussels Gewest steekt een tandje bij in de strijd tegen de leegstand. Het werd tijd. In de negentien gemeenten staan naar schatting dertigduizend woningen leeg. Dat privé-eigenaars aangepakt worden, is niet meer dan normaal, op voorwaarde wel dat de overheid ook haar eigen leegstand wegwerkt. En dat gebeurt nog altijd te weinig en veel te traag. Een vijfde van de leegstand zou eigendom zijn van de overheid. Politiek is een trage stiel. In het voorjaar van 2009 heeft het Brussels parlement een ordonnantie goedgekeurd die het Gewest toelaat langdurige leegstand te beboeten. Sinds een paar maanden is de cel die de strijd tegen leegstand moet voeren, eindelijk geïnstalleerd. Ondertussen kregen al honderdvijftig eigenaars een brief, waarop ze binnen de drie maanden moeten antwoorden. Ze hebben de keuze tussen hun pand op de markt brengen of een boete betalen. Hebben de eigenaars geen geldig excuus – bijvoorbeeld een erfenisdispuut dat niet opgelost raakt – of beantwoorden ze de brief niet, dan krijgen ze elk jaar een boete van vijfhonderd euro per strekkende meter gevel, vermenigvuldigd met het aantal verdiepingen. Dat is niet min, maar speculanten moet je hard aanpakken. De Brusselse bevolking groeit jaar na jaar. Die mensen moeten wonen, werken, zich verplaatsen; hun kinderen moeten naar school of naar de crèche. Maar open ruimtes blijven volbouwen is met een dergelijke leegstand geen alternatief. Een stad heeft groene ruimten nodig. Staatssecretaris Christos Doulkeridis (Ecolo) vraagt terecht dat de gemeenten hun leegstandsheffingen schrappen. Die heffingen spekken de gemeentekas, maar ze zijn geen efficiënt middel in de strijd tegen de leegstand. Evenmin als de andere negen maatregelen, ook stimulerende, die te weinig zoden aan de dijk hebben gebracht. Al 25 jaar hoor ik het cijfer van dertigduizend woningen citeren. Dat het aantal nog nooit exact becijferd is, is onbegrijpelijk. Met de boete beweegt Doulkeridis zich op het snijpunt recht op eigendom/recht op wonen. En dat beseft hij ook: “De leegstandsboete is geen klopjacht op eigenaars.” Terecht; dat zou ook dom zijn. Eigendom is niet alleen een recht – in België zelfs een heilig recht –, het is ook een goede verzekering voor de oude dag. Toch kost eigenaar zijn veel geld. En de overheid legt ook veel stedenbouwkundige verplichtingen op. Dat is allemaal waar. Maar een eigenaar moet zijn vastgoed als een goede huisvader beheren. Dat is evenzeer waar.

EVA HILHORST


© EURAPART

Reuzenmosselen in warandepark

BDW 1334 PAGINA 18 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

© AN DEVROE

BRUSSEL – Vanaf 1 juli zal het Brusselse straatbeeld er een beetje kaler uitzien: de 35 kleurrijke Brusselicious XXL-sculpturen die sinds begin april straten en pleinen opfleuren, verhuizen die dag naar het Warandepark. Van 1 juli tot en met 23 september worden de monumentale BXXLsculpturen in de lanen van het Park van Brussel (Warandepark) verzameld, waar toeristen en Brusselaars ze kunnen bewonderen. De vijf ‘superhelden’ van de Brusselse gastronomie vormen een onderdeel van Brusselicious, het Brusselse jaar van de gastronomie. De beelden, op originele wijze versierd en gepersonaliseerd door kunstenaars, sierden de voorbije drie maanden centrale plaatsen in twaalf Brusselse gemeenten. Wie de gelukkige eigenaar van een uit de kluiten gewassen mossel, frietzak, chocoladereep, spruit of glas bier wil worden, kan op het einde van de tentoonstelling een beeld kopen.  SM

FeestEN op z’n ANDERLECHTS ANDERLECHT – Op 30 juni trapt Anderlecht voor het elfde jaar op rij de zomer af met het familiefestival Tournee General. Het Dapperheidsplein wordt omgetoverd in een zomers feestterrein. Op zaterdag 30 juni organiseert het gemeenschapscentrum De Rinck in samenwerking met de cultuurdienst het festival Tournee General. ’s Ochtends opent het festival met een kinder- en boekenmarkt. Na de middag kunnen kinderen zich uitleven met activiteiten zoals kwakvangen, koppeke rollen en volksspelen. Daarna is het de beurt aan jong en oud om de dansvloer in vuur en vlam te zetten tijdens Tournee Dansant. Anderlechtse verenigingen zorgen voor multiculturele hapjes en drankjes. Soulbrothers en Les Truttes sluiten SM het feest af.

ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

✆ 0800-15045

alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

In Het geluk in het kwade staat de bestuurder in de file op de Franklin Rooseveltlaan. De ik-persoon kan de ogen niet afhouden van Huis Delune op de hoek met de Nachtvlinderlaan en begint te vertellen.

Literatuur > Romans van Jacqueline Harpman lezen als wandeling door Brussel

De geheime gangen in Brussel en in onszelf BRUSSEL – Jacqueline Harpman zit voor altijd op een bankje van het Constantin Meunierplein, terwijl ze haar ogen laat glijden over de gebouwen als waren het spiegels van onszelf. De grote Belgische schrijfster en psychoanalytica is vorige maand overleden, maar sommige plekken in Brussel heeft ze voor altijd bezield.

I 

n de bibliotheek van Casablanca stond Flaubert naast Freud, en zo laafde Harpman zich als jonge tiener al aan de liefdes van haar leven: literatuur en psychologie. Met een Joodse vader van Nederlandse afkomst was Marokko het toevluchtsoord voor de familie in de oorlogsjaren. Terug in Brussel zag ze dat de stad veranderd was, en in haar boeken zou ze daarvan een soort seismograaf blijven. Ze debuteerde met Brève Arcadie in

1959 en ging als psychoanalytica werken. In Ukkel bouwde ze haar leven op met haar man en twee dochters. In drie van de vier boeken die in het Nederlands vertaald zijn, is het zuiden van Brussel heel aanwezig. De emotie die straten en gebouwen bij haar oproepen, wilde ze doorgeven.

Met een deur te veel Na het lezen van Orlanda (1997, Prix Médi-

cis) zal het wat monotoon ogende Constantin Meunierplein nooit meer hetzelfde zijn. Een armzalig parkje waar drie narcissen (niet toevallig!) elkaar treurig de rug toekeren, maar waar een jongeman, Orlanda, loert naar de spiegelende appartementen van Aline en Albert op de derde verdieping van een gebouw op de hoek met de Molièrelaan. Naar de eerste winkel of het eerste café is het een halve kilometer wandelen, maar Orlanda en Aline kunnen naar het ijssalon op de hoek van de Vanderkinderestraat – dat kan alleen Zizi zijn. Ze spreken voortaan af aan de discrete ingang van Alines appartementsgebouw, aan de kant van Molière. Het appartement is een metafoor voor Aline, “die ook gesloten is maar met een deur te veel, waardoor Orlanda is ontsnapt.”


© AN DEVROE

BDW 1334 PAGINA 19 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

scène van het neerstortende gordijn in de oude bioscoop in de Ransfortstraat.

Smaak der Brusselaars Voor wie de beau monde van verschillende Brusselse generaties wil leren kennen, geeft Het strand van Oostende een hilarisch portret. Het cruciale eerste diner dat een getrouwde vrouw moest geven, maar Émilienne maakt een “uitstekend debuut”, of het ideale tijdstip

In de jaren 1980 wordt niet meer naar Oostende, maar naar Knokke afgezakt “aangezien de bon-ton van strand was veranderd”

Het appartementsgebouw op de hoek van Meunierplein en Molièrelaan. De symmetrie van het gebouw en de gebouwen eromheen doet Harpman mijmeren over onze spiegelende helften, mannelijk/vrouwelijk. © AN DEVROE

© AN DEVROE

waarop je in het Ter Kamerenbos op het Robinsoneiland een ijsje at. In al Harpmans romans leer je de smaak van de Brusselaars kennen. We zien een mopperende architect Louis De Koninck omdat hij het huis in de Schepenijlaan niet met een atelier mag uitbreiden. De schilder Léopold houdt liever zijn atelier in de Ransfortstraat in Molenbeek, “een armoedige wijk waar we niet het risico liepen betrapt te worden door mensen uit het mondaine wereldje”. Van twee Spilliaerts kon tijdens de oorlog enkele jaren geleefd worden, en in de jaren 1980 wordt niet meer naar Oostende, maar naar Knokke afgezakt “aangezien de bon-ton van strand was veranderd”.

Stemvork

Bij ijssalon Zizi, hoek Vanderkinderestraat/Onderlinge Bijstandstraat. Hier spreken Orlanda en Aline af: “Twee zielen in een lichaam?”

Via vensterscènes wordt bij Harpman vaak veel duidelijk: Clément die met een verwrongen glimlach Emma’s minnaar volgt die de laan oversteekt, Émilienne die na de housewarming van Hôtel Hannon haar ouders ziet vertrekken die er plots oud uitzien, en Aline en Orlanda, elk aan hun kant van het raam: “Ze

posteerde zich achter het raam en tuurde naar de hoek van de Rodenbachstraat en het plein: blijkbaar wacht ik op hem, zei ze bij zichzelf, en zag verbijsterd hoe hij het plein op kwam rennen.” Orlanda vráágt gewoon om een verfilming, net als Het strand van Oostende, alleen al voor de © AN DEVROE

Ook in Het strand van Oostende (1991, Prix Point de Mire), wanneer Émilienne op het punt staat het Hannonhuis aan de Brugmannlaan te kopen, wordt haar innerlijk op het gebouw geprojecteerd. De liefde tussen Émilienne en Léopold hoeft niet langer in het geheim beleefd te worden, en het huis heeft dan ook bijna geen muren, vooral vensters: “Ik had het gevoel alsof ik mijn weg door dicht struikgewas had gebaand alvorens uit te komen op de open plek in het bos.” Maar vooral in Het geluk in het kwade (1993) staat Huis Delune voor onze psyche. De verteller in de file op de Franklin Rooseveltlaan kan zijn ogen niet van het huis afhouden: “Het bevindt zich, als het ware afgesneden van het stadsrumoer, in een denkbeeldige enclave en staat er wat hooghartig bij, als een prinses in ballingschap die van haar omgeving het protocol blijft verlangen dat haar rang vereist, zich afsluit van de buitenwereld en vol geheimen zit.” Het huis is zo raar ingeplant omdat het het enige nog overblijvende gebouw van voor de Wereldtentoonstelling van 1910 is. Welke bedoelingen moet de opdrachtgever toch gehad hebben, vraagt de verteller zich af, met de onzichtbare tussenverdiepingen, de geheime en de “nog geheimere gangen” die alleen broer en zus Clément en Emma helemaal verkend hebben?

Op een bankje op het Constantin Meunierplein kijkt Orlanda naar boven, naar de derde verdieping.

In Het strand van Oostende koopt Émilienne het Huis Hannon op de Brugmannlaan voor zichzelf en haar Léopold.

Harpman amuseerde zich zo goed tijdens het schrijven aan Het strand van Oostende dat ze bijna niet kon stoppen. Ook in Orlanda, waar de ‘ik’ die Aline de keel uithangt, haar heeft verlaten, maakt de auteur zich vrolijk over de mogelijkheden die dat met zich meebrengt. In ware cameostijl betrapt ze zich erop dat ze zich te veel laat meeslepen door Orlanda’s eerste seksuele verovering: “Ik geloof dat ik hier te veel ben!” Ze vermaakt de lezer ook met haar pogingen om Virginia Woolf, die Orlando schreef, ervan te overtuigen dat Orlanda geen plagiaat, maar een hommage is. Maar de toon van Harpman wisselt geregeld. “Ze wilde graag leuk gevonden worden, en dat doodt de jongen in een meisje” is zo’n zinnetje dat blijft hangen. Haar personages zijn Tristans en Isoldes, altijd op zoek om een eind te maken aan de ondraaglijke amputatie: “Liefde maakt ons kapot, omdat we haar nooit bereiken.” Harpman noemt onze tweeledigheid in meer dan een boek het resoneren van de twee benen van een stemvork, en die vergelijking gebruikte ze ook voor de band tussen haar metiers, psychoanalyse en literatuur. Als je je afvraagt waar Harpman zit in al haar verhalen – in de opdracht van Orlanda bedankt ze tenslotte voor het appartement –, dan is er dat typische antwoord van haar, dat ze juist schreef over wat haar niet overkwam, opdat het haar zou overkomen terwijl ze het schreef. “Ze zou de afloop van de geschiedenis niet kennen, want die blijft altijd onbekend, op het moment dat de dood het boek dichtslaat, zijn er altijd verhalen over waarvan het einde open blijft.” 

An Devroe


BDW 1334 PAGINA 20 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Muziek > Cumali Bulduk stelt zijn debuut Dost voor

‘Turkije en Brussel vervlochten’ Het album Dost tapt zowel uit het vaatje van de populaire Turkse muziek als uit dat van flamenco, jazz, funk, rock en klassiek. Daardoor maak je kennis met de Turkse traditie, via onder meer het prachtige saz-spel van Bulduk (een saz is een Turkse luit), maar toch blijft de muziek toegankelijk voor een groter publiek. Saz Ground is ontstaan tijdens Le Monde en Scène, jamsessies georganiseerd door Tanju Goban van de vzw CBAI (Centre Bruxellois d’Action Interculturelle). “Sinds 2005 neem ik deel aan die sessies,” vertelt Bulduk. “Eerst kwam ik er Dahlia Mees (violiste van de groep, BT) tegen, dan de drummer, de bassist… Ik leerde er ook Manu Hermia (bekend jazzsaxofonist, BT) kennen: hij maakt geen deel uit van de groep, maar hij is wel eens te gast op het podium. Zo heb ik een groep gevormd met goede mensen die van Turkse muziek houden, maar in feite uit andere genres komen: jazz, rock, flamenco… Ik vind het wel intrigerend dat zij niet verstaan wat ik zing. Maar ik stel ze al-

© YASAR YAGCI

SINT-JOOST-TEN-NODE – De Brusselse Turk Cumali Bulduk bracht zonet zijn debuutalbum Dost uit. In zijn groep Saz Ground brengt hij muzikanten van verschillende culturen en muziekstijlen samen. Op vrijdag 22 juni te ontdekken in Sazz’n’Jazz.

autobiografie: ik zing over de verschillende periodes van mijn leven. Bij het lezen van de teksten (allemaal in het Engels vertaald in het cd-boekje, BT) zullen de mensen voelen wat ik beleefd heb. Door mijn muziek leren ze me kennen. Het is een heel persoonlijk album.” Bulduks roots staan centraal. “Ze zijn onzichtbaar, maar ze hebben een sterke invloed op wie je bent en wat je doet. De saz is uit hout en komt dus uit de grond, van de wortels. Het instrument vertegenwoordigt mijn wortels.” Fusion is voor Bulduk de normaalste zaak van de wereld. “Ik heb altijd van fusie gehouden. Het begon met de componist Zülfü Livaneli, die klassieke orkesten traditionele Turkse muziek liet spelen. Ik was toen twaalf jaar en was er helemaal weg van. En door hier in Brussel op te groeien ga je automatisch naar verschillende stijlen luisteren. Die zitten vervlochten in mijn album.”  Benjamin Tollet

Cumali Bulduk: “Door mijn muziek leren de mensen mij kennen.”

tijd gerust: mijn teksten gaan over liefde, over menselijke verhoudingen en wat er goed is in de mens. Er zit ook wat mystiek in.” Dost betekent ‘vriend’ in het Turks. Die vriend

is Bulduks vader, die in 2000 overleed. “Ik ben toen door een moeilijke fase gegaan, met veel verdriet.” Toch staat er niet uitsluitend trieste muziek op het album. “In feite is het een soort

Dost is uit bij Diyar Müzik in Turkije. Er is (nog) geen distributie in België; bestellen kan op www.cumalimusic.com. Cd-voorstelling op vrijdag 22 juni om 22 uur bij Sazz’n’Jazz, Koningsstraat 241. Kaartjes kosten 5 euro. Meer op www.sazznjazz.be

ADVERTENTIE

agenda verschijnt ook deze zomer maandelijks Tijdens de maanden juli en augustus vervangt AGENDA zijn wekelijkse publicaties door twee extra dikke maandnummers die alle activiteiten tijdens de zomer in Brussel bundelen. Het eerste maandnummer verschijnt op 27 juni en pakt uit met interviews met artiesten van Couleur Café, Recyclart Holidays en Bruksellive, signaleert welke expo’s u niet mag missen tijdens de Summer of Photography, tipt welke nieuwe terrasjes de places to be zijn én maakt u wegwijs in het volledige filmaanbod van de maand. Met de ZOMERAGENDA binnen handbereik is je vervelen tijdens de zomermaanden onmogelijk.

agendamagazine.be


ADVERTENTIE

BDW 1334 PAGINA 21 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Alles verliep volgens Laplan © BART DEWAELE

22 juni CC Brass in Wiels 19u

Eindwerken modestudenten SYNTRA Brussel Inkom 10€ Wiels: Av. Van Volxemlaan 354 | Vorst Is mode jouw ding? Zoek en vind je modeopleiding op www.syntrabrussel.be

Praat

Onder de vleugels van Laplan broeit er heel wat: straat- en improtheater, fotografie, dans, fanfare, dansmariekes...

Gezien: Laplan feest!, zaterdag 16 juni in De Markten (www.laplan.be).

achteraf

Laplan is de overkoepelende naam voor de artistieke activiteiten van professionele en niet-professionele kunstenaars in het Brusselse gemeenschapscentrum De Markten. Daaronder vallen de workshops en creatieve cursussen Modeltekenen, Toneel of Poëzie, maar ook de zesmaandelijkse Revue, én de steeds meer gesmaakte optredens en producties van de los-vaste ensembles Borrris (improvisatie), D°eFFeKt (toneel), Café Marché (fanfare), Majoretteketet, Stemmer (koor) of Stadsbiografie (fotografie), die uit die workshops en cursussen zijn voortgevloeid. Deze formule, waarbij cursisten doorgroeien naar echt productiewerk, heeft de voorbije jaren naam gemaakt. Bovengenoemde groepen vinden aansluiting bij grote evenementen als het Kunstenfestival, Festival Canal en Museum Night Fever, en hebben ook al verschillende stapjes buiten Brussel gezet. Pol Vervaeke van De Markten geeft toe dat het succes van Laplan ook zijn verwachtingen te boven is gegaan. “Het was een gok om zo hoog in te zetten, maar het is goed uitgepakt. Al onze productiegroepen staan op eigen benen en vinden hun weg buiten onze gebouwen. We moeten alleen in de gaten houden dat ze Brussel blijven uitdragen, en daarom halen we ze af en toe weer binnen, zoals vandaag. Zo blijven ze ook nieuwe deelnemers aantrekken die voor de doorstroming zorgen. Voor nieuwelingen die erin worden gegooid, is het altijd even zwemmen, maar ze haken vlug aan.” Zaterdag presenteerden de Laplanners hun werk in De Markten, dat dankzij het goede weer de binnenplaats als uitvalsbasis kon gebruiken. De fotografen van Stadsbiografie presenteerden hun beelden, die inderdaad tot een biografie van Brussel aan het uitgroeien zijn. Borrris speelde een longform-improvisatie; de koren De Zingende Brug en Zinnefolee (een project van het Vlaams Huis voor Amateurkunsten Zinnema en de vzw voor het Brusselse dialect Ara!) droegen op geheel eigen manier bij tot een geanimeerde, maar rustig kabbelende namiddag.

Toen de Brusselse fanfare Café Marché in actie kwam, ging het nog een toontje hoger. Café Marché ontstond uit een workshopreeks die werd geleid door Chris Carlier, een multi-instrumentalist die lesgeeft aan de academie van Sint-Agatha-Berchem en ook nog deel uitmaakt van groepen als Les Confrères de Saint-Lazaire, Cro Magnon of Elvis Peeters & De Legende. Carlier haalde er Guido Schiffer bij, ooit een van de Vieze Gasten van Vuile Mong. Beiden schrijven, arrangeren en dirigeren een uiteenlopend repertoire, van zangnummers, straatmuziek en orkestwerk tot het punky programma dat ze op 1 juli ook op Plazey zullen brengen, met Elvis Peeters en Mark Poukens (frontman van De Brassers) mee op het podium. Voor de uitreiking van de Prijs Roger Van de Voorde (zie verslag op p. 22), waarvan Café Marché later op de avond de winnaar bleek te zijn, verscheen de bonte stadsfanfare met een verkorte versie van hun programma Komenete, een muzikale enscenering van een traditioneel Felliniaans trouwfeest, waarbij de muzikanten ook voor het eten en de bediening zorgen, in een soms verstilde, soms komische ambiance. Of het nu ging om het door drie zangeressen gezongen ‘Complainte pour Sainte Catherine’, om hun al wat oudere compositie ‘Arabica’ met zingende zaag en buikdanseres, of om het met kazoo aangeblazen ‘Black cat, white cat’ van Goran Bregović, de fanfare speelde alsof het feestje nooit zou ophouden. Uiteindelijk moest het dat wel doen om de mensen van het naaiatelier hun creaties te laten tonen op de rode loper, maar na de regenbui die zich dan toch aandiende, marcheerde Café Marché de Spiegelzaal in om samen met Zinnefolee de uitreiking van de Prijs Roger Van de Voorde feestelijk in te zetten. In de geïmproviseerde chaos daar kwam de fanfare nog beter tot haar recht. Met het walsje ‘Viva Café Marché’ brachten ze een hymne aan zichzelf. Daarna werd er getoost tijdens het ‘Portomoment’ dat werd ingevoerd door Zinnema, de organisator van de Prijs, omdat Roger Van de Voorde, de in 2007 overleden voorvechter van de amateurkunsten, op zo’n middag steevast een porto dronk.  Michaël Bellon

Met de steun van FCC – Brass en het College van burgemeester en schepenen van de gemeente Vorst ADVERTENTIE

ilh Eva H

orst

Ontdek het andere Brussel in het Museum van de Stad Brussel

Grote Markt 1000 Brussel T 02 279 43 50 www.museumvandestadbrussel.be


BDW 1334 PAGINA 22 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Geschiedenis > Tentoonstelling Feestelijk tafelen toont evolutie in eetgewoonten

Etiquette, mondjesmaat BRUSSEL – “Schenk nooit bloemen aan de gastvrouw. En als je het toch doet, geef er meteen de vaas bij.” Dwaas en dwangmatig zijn gedragsvoorschriften echter niet. Ze beantwoorden aan een logica van wellevendheid, en ze stremmen het egoïsme. In feite stroomlijnen ze het samenleven, hapje per hapje.

‘D 

e wereld heeft zo haar eisen, haar wetten en voorschriften, waarnaar wij ons moeten schikken. Doen we dat niet, dan dreigen we onszelf uit te sluiten.” Dat is de openingszin van Le guide des convenances, hét referentiewerk voor savoir-vivre van eind negentiende en een groot deel van de twintigste eeuw. La vie chez soi et dans le monde, dat soort titels van etiquetteboeken ziet het daglicht door de opkomst van de bourgeoisie. Die nieuwe, economisch sterke klasse heeft nu eenmaal niet altijd savoir-vivre, is wat onhandig in het omgangsleven. Gedragsregels zijn dus een ideale ruggensteun in de maatschappelijke omgang. Net zoals in het geïndustrialiseerde achttiende-eeuwse Engeland de silver spoon novels opduiken om de nieuwe rijken mores te leren: welke lepel, welk mes gebruik je voor welk gerecht? Hoe eet je aardbeien? Oesters? Sop je brood niet in de saus met je vingers. Etiquetteboeken weerspiegelen de sociale mobiliteit en de promotie op de maatschappelijke ladder. “Opdat gasten zich goed zouden voelen, moesten ze de gedragsregels

kennen: hoe je niemand choqueert of schoffeert. Het gaat om het opheffen van het egoïsme. Veel dingen die we nu nog doen,” verklaart Werner Adriaenssens, conservator Decoratieve Kunsten bij de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis in het Jubelpark, die aan deze zomertentoonstelling in BELvue meewerkte. “Etiquetteboeken waren voor vrouwen: rijke vrouwen, maar ook voor vrouwen met minder ‘faciliteiten’. Voor een alleenstaande dame is het gepermitteerd om schotels uit een restaurant te halen. Huispersoneel kan voor de gelegenheid worden ingehuurd en als mevrouw zelf kookt, dan geen ‘frituur’, geen sauzen en gerechten die vooraf klaargemaakt kunnen worden.” De rol van de vrouw des huizes was belangrijk. Madame was de baas in huis. Zij leidt alles in goede banen. Het einde van de maaltijd bepaalt zij, en zij is het die de arm van haar eregast neemt om naar salon en fumoir te gaan. Die leidende vrouwenfiguur is de voortrekker van een komende emancipatiegolf. De dame des huizes houdt alles – discreet – in het oog en in het gareel. Ze is ménagère en dus ook manager.

Jules-Alexandre Grün, ‘Fin de souper’, 1913.

Het gekke is dat er aan de lezeressen van het etiquetteboek le service à la russe werd aangeprezen omdat die manier van opdienen ‘plus élégant et plus français’ (!) is: iedereen krijgt een eigen gedresseerd bord voorgeschoteld, waardoor er in het midden van de tafel plaats vrijkomt voor een ovaal tafelstuk. Kunstmatige bloe-

men werden daarbij niet ontzien. Sterk geurende bloemen werden sowieso geweerd omdat een doordringende odeur na een tijdje misselijk maakt. De kleur van de bloemen op tafel werd ook aangepast aan de gebakjes en de bonbons. En dan zeker bij sommige diners de tête, verkleedde themadiners. Eén uitnodiging

luidde: ‘On sera en devanture de pâtissier’, we liggen bij de banketbakker in de vitrine. Aan gasten werd dan gevraagd om kapsels in de vorm van taartjes of gebakjes op te tutten. Op tafel stonden boutonnières, vaasjes voor de anjers in het knoopsgat van de gasten. Ook de Brusselse zilversmidfamilie Wolfers heeft die © BART DEWAELE

Amateurkunsten > Café Marché krijgt Prijs Roger Van de Voorde

Fanfare van eten en drinken BRUSSEL – Zaterdag werd in het gemeenschapscentrum De Markten de Prijs Roger Van de Voorde uitgereikt. De Brusselse fanfare Café Marché kwam, zag en overwon. De Brusselaar Roger Van de Voorde (1927-2007) was als eerste voorzitter van het Centrum voor Amateurkunsten in Anderlecht – nu Zinnema – een voorvechter van de amateurkunsten. Naar hem werd de tweejaarlijkse prijs genoemd waarnaar groepen en individuen uit Brussel en de Rand die aan vrijetijdskunst doen, kunnen meedingen. In de loop van het voorjaar gaven 25 kandidaten in verschillende podiumdisciplines een staaltje van hun kunnen, gespreid over zes presentatiezondagen in Zinnema. De jury onder leiding van journalist Guido Fonteyn maakte zaterdag in

De Markten de drie laureaten bekend. De jury keek naar Brusselse verankering, artistieke visie en vernieuwing, maar wilde ook ontroerd worden. Voor één keer was er eens geen sprake van een ‘moeilijke beraadslaging’, maar over een ‘vlotte consensus’: de eerste prijs ging naar de Brusselse fanfare Café Marché uit de Laplan-werking van De Markten (zie ook ‘Praat Achteraf’, p. 21) voor ‘de niets ontziende kracht waarmee ze muziek en theater tot één geheel smeden’. Café Marché krijgt van organisator Zinnema een waardebon van drieduizend euro om in het volgende jaar aan een nieuwe

productie te werken, plus een geldprijs van 1.500 euro uit handen van Bruno De Lille (Groen), VGCcollegelid bevoegd voor Cultuur. Café Marché had zelf even voordien de feestelijkheden van de uitreiking muzikaal mogen openen, en er zo meteen voor gezorgd dat niemand iets tegen hun overwinning in kon brengen. Guido Schiffer, samen met Chris Carlier componist, arrangeur en dirigent van de bonte bende muzikanten, ziet de prijs als een beloning voor zeven jaar werk. “Onze groep draait gesmeerd, en wat we doen, spreekt alle leeftijden aan. Waarschijnlijk heeft het totaalspektakel dat we getoond hebben, de jury over de streep getrokken.” Café Marché trakteerde jury en publiek op een Felliniaans trouwspektakel met muziek, eten en drinken.

Café Marché, afgelopen zaterdag op Laplan feest!: overtuigend.

De twee andere genomineerden die eeuwige glorie te beurt valt, waren de Molenbeekse vzw Foyer met

Meulebeik forever en Teenage Theater met Assepoester.  MB


BDW 1334 PAGINA 23 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

© NICK TRACHET

© GIRAUDON / BRIDGEMAN ART LIBRARY

zilveren kleinoden gemaakt. Val Saint-Lambert maakte dan weer kleine kristallen asbakjes, verkocht per zes, die naast elk couvert werden gezet. Nadat ze nog even gekeuveld hadden met de dames, trokken man-

De dame des huizes houdt alles discreet in het oog en in het gareel. Ze is ménagère en dus ook manager

nen zich na de maaltijd (maar vóór de koffie) terug in een fumoir, een aparte rookruimte. In dat fumoir stond een lampe de fumeur, die als permanente aansteker voor de sigaren diende. Op kleine bijzettafeltjes

stonden likeuren. Nadien vervoegden de heren de dames in de salon voor de koffie. Het was de vrouw des huizes, geholpen door een vriendin of de dochter, die de koffie uitschonk. ‘Un bain de pied’, gemors op het onderschoteltje, was ‘tout à fait de mauvais genre’. Het eerste kopje ging naar de eregast en de huisdame hield met haar linkerhand het suikerpotje met het suikergrijpertje vast. Aan de dames werd gesuikerde likeur geoffreerd, de heren kregen cognac of rum. Acht dagen na het diner was het de gewoonte une viste de digestion, een dankbezoekje, af te leggen. “Het is allemaal een kwestie van wellevendheid,” zegt levensgenieter Adriaenssens. “Veel dingen zijn vergeten, maar evenzoveel leeft voort. Sommige voorschriften lijken wel de choreografie van een ballet.” En vergeet niet: een bord mag je niet schuin houden, zelfs niet voor soep. En een servet nooit helemaal openplooien op je schoot… ’t is maar dat u het weet!  ElianeVandenEnde

Vier historische feesttafels worden deze zomer in het BELvue Museum gereconstrueerd: het huwelijksbanket van prinses Louise in 1897, het diner van de Koloniale Tentoonstelling van Tervuren in 1897, de trendsettende art-decotafel op de Exposition Internationale in 1925 in Parijs, de feesttafel bij de openingsplechtigheid van Expo 58. De belangrijkste kunstvoorwerpen behoren tot het Erfgoedfonds van de Koning Boudewijnstichting. Van 23 juni tot en met 9 september in het BELvue Museum, Paleizenplein 7. Meer op www.belvue.be en www.roerend-erfgoed.be

ADVERTENTIE

S OCIALE V ERHUURKANTOREN

Verhuur uw woning zorgeloos Gegarandeerde huur elke maand Verzekerd verhuurbeheer Onderhoud van uw woning Steun voor de renovatie Fiscale voordelen

www.fedsvk.be 02 412 72 44

M�� �� ����� ��� ��� B������� H������������� G�����

Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT

Horsmakreel Horsmakreel: het is een naam die absoluut niet klinkt. Maar het is dan ook een plebejische vissoort, een die nooit in de Vlaamse vishandels ligt. Gelukkig wel bij de Brusselse. De allereerste keer dat ik een horsmakreel te zien kreeg, was als kind, vissend in een open boot buiten Nieuwpoort. De schipper, Fonse, was een oude visser en havenloods die tijdens de oorlog nog op de konvooien naar Moermansk had gevaren. Hij was overigens alle dagen van zijn werkende leven zeeziek. Ook als vrijetijdsvisser. Maar dat vond hij niet erg. Fonse liet ons vissen met lange lijnen en vijf haken, zonder aas. De lijnen gingen recht naar beneden en ik voelde het bonken van het lood op de zandbodem. Niet lang daarna had de eerste van ons gezelschap beet. Gretig werd de lijn opgehaald, en daar verscheen deze vis. “Wat voor vis is dat?” Dat is de vraag van elke landrot die eens iets anders te zien krijgt dan kabeljauw of tongfilet. Gek genoeg, Fonse wist het ook niet. “Het is een vis die altijd in de buurt van de makreel zwemt,” zei hij ontwijkend. Het zou nooit in hem zijn opgekomen om zo’n beest mee naar huis te nemen, want dat was ‘geen eten’. Maar er werden stukjes vel afgesneden om aan de haken te doen: “Dat blinkend vel zal de makreel aantrekken.” We vingen die dag geen enkele horsmakreel meer, maar wel enkele plastic zakken vol groenblauwe makreel. De vis zonder naam bleek later, toen ik meer van vissen had geleerd, horsmakreel of marsbanker te heten. Andere streeknamen zijn poer, Engelse makreel of stekvis. Trachurus trachurus noemde de wetenschapper Karl von Linné het dier. Hij stopte het in een eigen familie, maar andere wetenschappers klasseerden de horsmakreel samen met de pompano’s, jacks en andere vissen die men eerder in Amerikaanse vissersromans tegenkomt. In het Engels heet hij horse mackerel. Het is duidelijk dat onze Nederlandse naam van die Engelse is overgenomen. Zo weinig woorden maakten onze vissers aan dit diertje vuil, dat ze er geen eigen naam voor hadden. Was paardenmakreel te moeilijk? De Fransen moeten er ook weinig van weten: chinchard. De uitdrukking “C’est du chinchard” komt overeen met ons “’k Heb bot gevangen.” We moeten al zuidelijker gaan, bij de Spanjaarden (chicharro) en de Portugezen (carapau), om waardering te vinden.

Verder vindt men de soort langs heel de Afrikaanse Westkust tot aan Kaapstad in Zuid-Afrika. Een zeldzaamheid is de horsmakreel dus zeker niet. Onbekend is onbemind? Onze mediterrane stadsgenoten weten hem wel te appreciëren, want op dit ogenblik liggen er overal. Meestal heel kleintjes, maar ook nu en dan zo’n grote als die op de foto, achthonderd gram zwaar. Zelfs Pierre Wynants, toen hij nog achter de vuren van Comme chez Soi stond, heeft deze vis ooit op zijn menukaart gezet. Marsbanker is een ondergewaardeerde soort. Al wordt hij hier nauwelijks aangevoerd, elders is er wel wat horsmakreel te krijgen. Het is een vette vis, dus ook nog boordevol omega-3-vetten, en daar eten we te weinig van. Koop er maar eens. Het is een goedkope vis: zes, zeven euro per kilo; voor minder is er hier nauwelijks vis te vinden. Neem er een waarvan de kleuren schitteren en het oog mooi bol staat. Zuiderse vis wordt nooit gestript, en dus dreigen de ingewanden het visvlees alsnog te verteren. Bij maatjes vinden we dat lekker, maar bij andere vissen is dat te vermijden. Duw dus ook eens op het buikje, dat mag niet te slap zijn en niet beschadigd. Reken af en bekijk het beestje thuis van naderbij. Het is een ‘blauwe’ vis, zoals de Spanjaarden zeggen, een vis van de hoogzee, net als sardienen en tonijnen. Hij heeft schubben, maar ook scutes, puntige grote schubben langs de zijlijn. Dat vel moet eraf, want een Franse bijnaam voor de chinchard is étrangle-belle-mère. Experimenteren maar. Hebt u ooit al vis zelf gefileerd? Dan is het nu het moment om te proberen. Pelagische vissen hebben doorgaans een grotere ‘uitlevering’ dan bodemvis, daarmee bedoelt men dat er een groter percentage vlees aan zit. Bij een platvis blijft vaak niet meer dan 35-40 procent vlees over. Bij makreelachtigen is dat tot zeventig procent, maar dan wel bij grote individuen en in handen van ervaren fileerders. Ik ga hier niet uitleggen hoe u moet fileren, maar probeer het toch zelf eens. Juist met goedkope vis mag het al eens mislukken, en u hoeft er zeker niet doorgestudeerd voor te hebben. Gelukkig staan er tal van filmpjes over fileren op YouTube en dergelij-

Zo weinig woorden maakten onze vissers aan dit diertje vuil, dat ze er geen eigen naam voor hadden ke. Zien is beter dan uitleggen op papier. Na zevenhonderd keer proberen zult u het zeker in de vingers hebben. Het vlees van de marsbanker is mooi blank, daar waar rauw makreelvlees roder is. Er ligt wel een donkere laag aan de huidkant. Die bevat extra veel ijzer, en ook veel smaak. Kleinere vissen kunnen in hun geheel op de barbecue en zo uitgepeuzeld worden (vel verwijderen tenzij voor schoonmoeder, zie hoger). Hele kleintjes doen onze Marokkaanse koks in de frituur, maar ik vind gefrituurde vette vis een beetje van het goede te veel. Neem het schoongemaakte vlees, snij het in grote hapstukken en laat het, samen met gesnipperde ajuin en wat peper en zout, enkele uren marineren in citroensap. Dan laten uitdruppen, anders is het té citroenig. Fidjianen doen er dan een scherp pepertje bij en mengen alles met kokosroom. Zo heet het gerecht kokoda, en het past echt bij de zomer. Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet


BDW 1334 PAGINA 24 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Laïla Amezian: “Tot mijn twaalfde leefde ik heen en weer geslingerd tussen de vierde wereld van de Marollen en de comfortabele zuidrand. Uiteindelijk heeft dat mijn horizon verbreed, mijn leven verrijkt.”

‘I 

k voel me evenveel Belgische als Marokkaanse,” zegt Laïla Amezian. En dat is niet bepaald wat haar ouders voor ogen hadden toen ze aan het begin van de jaren 1960, uit economische noodzaak, naar België uitweken. “Hun plan was na een tiental jaar met hun kinderen naar het thuisland terug te keren. Daarom zijn we al redelijk snel van mijn geboortestad Antwerpen naar Brussel verhuisd. Het leek hun beter dat hun kinderen in een Franstalige omgeving zouden opgroeien, want Frans is nu eenmaal Marokko’s tweede taal. Maar van de geplande terugkeer is nooit iets in huis gekomen. Bij gebrek aan geld. En dan, dan waren wij, de kinderen, plots groot en gingen we onze eigen weg. Uiteindelijk zijn vader en moeder dan maar gebleven, omdat hun kinderen zijn gebleven, omdat hun kleinkinderen hier zijn.” “Ik heb lang geen voet gezet in Marokko. Ik wilde de wereld ontdekken, en mijn reizen voerden me elders. De hernieuwde kennismaking kwam er door optredens. Daardoor vond

ik het contact met mijn roots terug, kon ik de banden weer aanhalen. Nu ga ik terug telkens als ik de kans krijg. Om de familie te zien, om te zingen.” “Mijn moeder heeft een prachtige stem, ze deed niets liever dan zingen. Thuis, met vriendinnen ook. Heel normaal voor die generatie was dat, iets wat helaas met de jaren teloor is gegaan. De liederen waren dikwijls emotioneel, nostalgisch. Nostalgie naar de tijd dat mijn lieve moeder zelf nog kind was, nostalgie naar Marokko, nostalgie naar wat ze heeft moeten achterlaten. Dat alles maakte dat ik bijna niets anders kon dan zelf gaan zingen. Met mijn moeder als muze.” “Er mijn broodwinning van maken? Daar dacht ik toen nog lang niet aan. Op school was ik een heel goede leerlinge, en verder studeren was mijn ambitie. Na mijn middelbareschooltijd heb ik dat zes jaar lang gedaan, verschillende richtingen. Maar een diploma heb ik niet behaald. Ik deed nochtans mijn uiterste best, ik was werkelijk gemotiveerd, maar op de een of andere manier kon ik me niet voldoende

concentreren op mijn boeken. Tja, blijkbaar was het mijn lot dat ik mijn weg elders zocht – in de muziek, dus. Op een bepaald moment heb ik de knoop doorgehakt. Het kon eigenlijk niet anders, ik heb het zingen meegekregen met de moedermelk, het zit in mijn opvoeding. Vandaar ook dat ik, nu de generatie van mijn moeder stilaan verdwijnt, een project wil opzetten rond muzikale erfenis en overlevering door de zang van vrouwen.”

© LAÏLA AMEZIAN

ETTERBEEK – “Het besef dat ik mijn ouders waarschijnlijk zal overleven, dat hun generatie langzaam verdwijnt, heeft me zin gegeven om mijn tanden te zetten in een project rond vrouwenzang. Opdat hun muzikale erfenis niet verloren gaat. Een hommage aan al die Marokkaanse vrouwen die naar hier geëmigreerd zijn. Helaas kan mijn moeder niet meer meezingen, maar haar geest zal alom aanwezig zijn.” Nooit zal Laïla Amezian vergeten van wie ze de passie voor het zingen heeft geërfd.

© MARC GYSENS

TriOde Op tafel ligt TriOde, Amezians jongste cd, die onlangs is uitgekomen. TriOde is ook de naam van het trio waarvan ze nu al enkele jaren de spil is. “Het is een woordspeling. Trio, omdat we een trio zijn, ode in de betekenis van het gezongen gedicht. De O verenigt, maar je kunt er ook de abstractie van het getal nul in zien. De nul die de wiskunde toestaat het onderscheid te maken tussen positief en negatief.” “Het is de tweede cd die ik opneem onder mijn naam. Er was er al een midden jaren 1990, maar TriOde is de eerste plaat die echt toont wie ik ben, als artieste en als mens. Je zou de tien nummers op TriOde met een beetje goede wil een best of kunnen noemen van het parcours dat ik heb afgelegd. Er zitten eigen composities in, maar ook eigenzinnige reprises van liederen die ik bij andere groepen heb gebracht. Als je er al een stempel op kunt zetten, dan zou ik zeggen: ‘Arabo-jazz-klassiek’. Ik wou me vooral toespitsen op de tekst – vooral in het Arabisch, een beetje in het Engels – en de melodie. Daarom heb ik gekozen voor een

Vorige zomer in Marokko. “Tegenwoordig ga ik terug zodra ik de kans krijg.”

heel minimalistische instrumentatie: Anja Naucler op cello, Stephan Pougin op drums en percussie en, als gastmuzikanten in enkele van de nummers, Laurent Blondiau op blazers en Michaël Grébil op gitaar.”

Tussen Marollen en Oudergem “Het zwaartepunt van mijn werk heeft altijd op identiteit gelegen. In wat ik zing, druk ik een deel van mezelf uit. Altijd maar dat ver-


BDW 1334 PAGINA 25 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

FREDDI SMEKENS Inspiroese

W 

“Het wordt tijd dat mensen zoals ik hun identiteit aanvaarden, een identiteit die uit imperfecties is gegroeid”

Laïla Amezian, zangeres

‘Ik eis het recht op imperfectie’ langen om te zoeken naar wie ik ben, en uit te drukken wie ik ben.” Het is een proces dat zijn wortels heeft in Amezians prille jeugd, en dat nog altijd niet afgerond is. “Ik was nog geen vier toen we verhuisden naar de Marollen. We woonden er in de schaduw van het Justitiepaleis: indrukwekkend, zeker voor een kleuter. Ik had er mijn vriendinnetjes en vriendjes, ging naar school in de wijk. Het was mijn kleine wereldje. Althans: in de week; tijdens de weekends en een deel van de vakantie verbleef ik bij een Belgisch gastgezin in Oudergem. Om mijn moeder, die alleen was te komen te staan met de zorg voor drie kinderen, een beetje te ontlasten. Het huis daar was groot en comfortabel. Nog geen steenworp verder lag het Zoniënwoud. Een compleet ander universum dan de Marollen.” “Zo komt het dat ik tot mijn twaalfde heen en weer werd geslingerd tussen de vierde wereld van Brussel en de comfortabele zuidrand. Tussen een Marokkaans gezin en een Belgisch. Die mensen in Oudergem hebben me onder hun vleugels genomen; ik kreeg een Belgische familie naast mijn Marokkaanse familie die er al was. Ik heb een Marokkaanse zus en broer, ik heb Belgische halfbroers en -zussen. Een dubbel verhaal. Het zadelde mij op met vragen over wie ik was, het destabiliseerde me. Maar net zo goed heeft het me kracht gegeven, mijn horizon verwijd, mijn leven verrijkt. Een dubbel verhaal, een mooi verhaal uiteindelijk: ik heb er niets dan positieve dingen aan overgehouden. Het heeft gemaakt dat ik me zowel Marokkaanse als Belgische voel, en allebei

voor de volle honderd procent. Juist daardoor zit de notie van het uitdrukken van een identiteit zeer sterk verweven in mijn muziek. Een hybride identiteit, die een identiteit op zich aan het worden is. Voor meer en meer kinderen van de migratie is dat zo. En ook: ik eis imperfectie op. Hier geboren worden, hier opgroeien, maar met een culturele identiteit van een land waar alles anders is, dat geeft onvermijdelijk imperfectie. En dat trekt zich door in mijn muziek: door het parcours dat ik heb afgelegd, zing ik niet zoals mijn moeder, ik probeer ook niet op de klassieke Arabische manier te zingen. Daarvoor zijn er anderen, echte meesters voor wie ik heel veel bewondering heb. Ik heb mijn eigen stem, met de invloeden die ik hier heb opgedaan, én met invloeden van de klassieke Arabische muziek. De imperfecties die in mijn muziek zitten, maken deel uit van mijn identiteit. Het wordt tijd dat mensen zoals ik hun identiteit aanvaarden, een identiteit die aan de basis uit imperfecties is gegroeid. Dat we ons spiegelen aan voorbeelden van anderen. Neem nu de Afro-Amerikanen. Die hebben ook hun stem gevonden, hun eigen muziek. De blues, zo verweven in de Amerikaanse cultuur, komt uit Afrika: prachtig, toch?” 

Karel Van der Auwera

www.lailaamezian.com De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet

anneer ik het nu over inspiroese zal hebben, komt het er in de eerste plaats op aan even te vermelden waar ik ze haal. Het zal niemand verwonderen dat die eer de Brusselaar in het algemeen toekomt – dus ook u, waarde lezer. Mo oek onze stad zeulf mag ik doebaa ni vergeite. Een en ander belet natuurlijk niet dat ik mij telkens weer afvraag woe da ’k het noste ki auver zal hemme. Maar dat maakt nu eenmaal deel uit van het opdoen van die inspiratie. Zoals elke schrijver heeft ondergetekende niet zelden last van wat in de volksmond ‘het witte blad’ heet. Angst is in dit geval misschien een groot woord, maar op dit eigenste ogenblik kan ik er geen kleiner bedenken. Het is in elk geval een gezonde angst. Zoals er trouwens ook gezonde nieuwsgierigheid blijkt te bestaan. Laat ik het zo stellen dat ik maain inspiroese te velde opdoon. En met te velde bedoel ik wel degelijk het contact dat ik, tot hiertoe althans, haast dagelijks heb met mijn medebewoners van onze toffe stad. Dat het daarbij niet zelden over deze Brusselse Rubriek gaat, is uiteraard een groot pluspunt. Een voorbeeldje misschien om dat te illustreren. Laatst, tijdens de pauze van een theatervoorstelling, kwam een wat oudere dame tot mij met de vraag: “Zaaide gaa daan menier ni dee alle weike dat stukske auver het Brussels in de gazet schraaift?” Ik heb niet lang hoeven nadenken over wat die dame bedoelde. “Ja, madam,” antwoordde ik, niet zonder trots, maar ook wel benieuwd naar wat er daarna zou volgen. Mijn lichte vrees bleek echter duidelijk ongegrond. “Awel, menier,” ging de dame verder, “ik snaai da stukske elke weik ooit en hem er al draa schoonduuze van vol. Ik weit ni of ik in de tookomst nog genoeg duuze zal hemme vè z’er nog allemoe in te kraaige!” Of ik die laatste uitspraak als een compliment moest opvatten, was mij in eerste instantie een raadsel. Toch nam ik het zo op, en ik sprak: “Da’s ni zu erg, madam, ik hem thoois wel nog ’n schoonduus stoen.” Van een even heuglijk als bemoedigend contact met een lezer gesproken! Ik zou zeggen: terug naar onze inspiroese.

Maar heeft voorgaande anekdote niet veel, zo niet alles met een vorm van inspiratie te maken die ik meer dan af en toe met veel sympathie en vriendelijkheid zomaar in de schoot geworpen krijg? Voor mij staat dat alvast buiten kijf. Maar laat mij het niet te veel over mezelf hebben. Ook al mijn collega’s zullen ongetwijfeld het contact dat zij met onze lezers hebben, vaak als een bron van inspiroese beschouwen. Tot die bron behoren natuurlijk ook de lezersbrieven en andere, nog persoonlijker correspondentie die wij elke week weer van de lezers op de redactie mogen ontvangen. Wat dat betreft zou ik gerust willen stellen: blaaft het veu oenwakkere! Want tenslotte zou zonder uw nieuwsgierigheid, uw aanmoedigingen en vaak terechte en gegronde kritiek, de journalistiek die wij bedrijven, maar een saaie boel zijn. En zou onze inspiroese vè e stuk kunne wegsmelte as snie veu de zonne. Misschien nog een voorbeeldje van het feit dat inspiroese door de buitenwereld aangescherpt en eventueel bijgeschaafd kan worden. De grote Engelse dichter William Wordsworth schreef ooit een gedicht dat begon met de woorden ‘I wandered lonely as a cow’. Toen hij de complete tekst aan zijn zus liet lezen, maakte die de opmerking (vrij vertaald in het Brussels): “Da’s ’n hiel schuun gedicht. Mo van ‘a cow’ zou ik masscheen toch ‘a cloud’ moeke.” En  aldus geschiedde. Persoonlijk zou ik voor  ‘a cowboy’ of eventueel ‘a clown’ gekozen hebben, maar wie ben ik om een groot dichter als Wordsworth (of zijn zus) de les te lezen? Bij alles wat voorafging, waarde lezer, durf ik te hopen dat een eenvoudig Brussels woordje als inspiroese mijn angst voor het witte blad als een veertje in de wind heeft weggeblazen. Wat mij natuurlijk niet belet ook te hopen dat iedereen van u, elk op zijn of haar manier, de inspiroese van giel de redakse van taaid tot taaid e klaain stoempske in de rugge geift. Ik twijfel er uiteraard niet aan dat zoiets in de toekomst zal gebeuren, zoals het ook in het verleden altijd al het geval is geweest.

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Elsene, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels hoofdstedelijk gewest. Rest van België 15 euro per jaar; IBAN: BE07424552982266, BIC: KREDBEBB van vzw Brussel Deze Week. Buiten België 25 euro per jaar. DISTRIBUTIE EN PROMOTIE Ute Otten (ute.otten@bdw.be), Lien Annicaert (lien.annicaert@bdw.be), Paul De Weerdt. RECLAME IN BDW Rika Braeckman (rika.braeckman@bdw.be), 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. OPLAGE 70.490 exemplaren. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne (anne.brumagne@bdw.be). EINDREDACTIE Katrien Stroobants (katrien.stroobants@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst (jeanmarie.binst@bdw.be), Christophe Degreef (christophe.degreef@bdw. be), Tuur De Moor (tuur.demoor@bdw.be), Bettina Hubo (bettina.hubo@bdw.be), Patrick Jordens (patrick. jordens@bdw.be), Steven Van Garsse (steven.vangarsse@bdw.be), Danny Vileyn (danny.vileyn@bdw.be). REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele (isabelle.devestele@bdw.be), Gerd Hendrickx (gerd. hendrickx@bdw.be). MEDEWERKERS Michaël Bellon, Lieven Bulckaert, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Karolien Merchiers, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, Freddi Smekens, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt (peter.dhondt@bdw.be). FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh (manu.dehertogh@bdw.be). VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie (marijke.vandebuerie@bdw.be). Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie. ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1334 PAGINA 26 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Parapente > Thomas de Dorlodot zweeft de wereld rond

Vliegen met de adelaren BRUSSEL – Thomas de Dorlodot (26) is een avonturier van de nieuwe generatie. Met zijn parapente reist hij de wereld rond, en daarbij schuwt hij het avontuur allerminst. Of het nu een gapende krater is of een militair met slechte bedoelingen, niemand staat hem in de weg. Zijn volgende doel? Een berg in Pakistan op zijn naam zetten. “Als je op zevenduizend meter hoogte vliegt, dan voel je op een heel intense manier dat je leeft,” zegt Thomas de Dorlodot. “Ik maak onschatbare dingen mee. Wat me nog meer motiveert, zijn de vrienden die zeggen dat ik hen doe dromen. De records zijn leuk, ja. Maar de verhalen en beelden die ik meebreng, zijn minstens even belangrijk.” De Dorlodot leerde de parapente en de paramotor via een vriend kennen op internaat in Maredsous. “Vanaf het moment dat mijn voeten de eerste keer van de grond kwamen, wist ik dat dit was wat ik wou.” Na een studie communicatie trok hij naar het Spaanse Granada voor een master fotografie, en om te vliegen. “Ik had er een topsportstatuut en deed er ook een pak ervaring op door samen met twee Spaanse wereldtoppers te vliegen. Ik had voorgesteld hen in de lucht te fotograferen, en dus mocht ik mee op allerhande wedstrijden en expedities.” En zo baande de Brusselaar zich een weg in het wereldje. Hij doet zowel aan paramotor als aan parapente, al concentreert hij zich nu eerder op dat laatste. Tegenwoordig leeft hij volledig van zijn sport, mede dankzij een paar opgemerkte avonturen. “Als prille twintiger ben ik in Peru

de  CLUB

Thomas de Dorlodot boven de Victoriawatervallen op de grens van Zambia en Zimbabwe.

© JOHN STAPLES

Brussels United (‘subbuteo, geen kicker’)

Spanning in Subbuteoland © MARC GYSENS

BRUSSEL – Tafelvoetbal is meer dan kicker alleen. Ook subbuteo wordt met plastic mannetjes gespeeld, met dat verschil dat je ze los over het veld kunt bewegen. Techniek, tactiek en spelinzicht zijn van groot belang. Franz Hipfinger (67), voormalig bondsvoorzitter en vandaag lid van Brussels United, schetst de context: “Een paar jaar geleden is de Brusselse ploeg uit elkaar gevallen door misverstanden. De Brussels Subbuteo Club draagt nog altijd de naam van de hoofdstad, maar speelt in het Waals-Brabantse Rozieren en heeft amper een Brusselaar in de ploeg. Niet echt terecht, dus.” Subbuteo is een individuele sport die in twee helften van vijftien minuten wordt gespeeld. Wie in balbezit is, blijft aan zet tot hij de bal verliest of scoort. Na elke zet mag de tegenstander zijn spelers wel verplaatsen, zolang hij de tegenspelers of bal niet raakt. Op doel schieten mag alleen vanuit welbepaalde zones. “Het spel vraagt heel wat vaardigheden, en tactisch lijkt het op het grote voetbal. Je hoeft

Tactisch lijkt subbuteo op het ‘grote’ voetbal. niet per se fan voetbalfan te zijn, al zijn de meeste spelers dat uiteraard wel. Er wordt ge-

zegd dat het geen echte sport is, maar het is hetzelfde verhaal als bij biljart en schaken... Je

moet toch heel de tijd voorover buigen en dat voel je wel aan je rug. En daarbij: een spannende match spelen is best intens.” In België zijn er ongeveer 225 spelers. Onze reputatie valt best goed mee, al zijn we met de jaren ingehaald door onder meer Italië. “Sommige Belgen spelen ondertussen voor Italiaanse ploegen, al is dat alleen voor bepaalde toernooien die dichter in de buurt worden gespeeld. Veel geld gaat er in ons wereldje niet om. Toch heb je spelers die op reis gaan naar pakweg Argentinië of Amerika om daar te gaan spelen.” Brussels United heeft een zevental spelers, die vooral in de veteranencategorie uitkomen. In het verleden verdedigden ook vrouwen en jongeren de kleuren bordeaux en blauw, maar zij zijn vertrokken of gestopt. “De jongeren kunnen vandaag de dag zoveel andere dingen doen, daar kun je weinig tegen beginnen. Bij hen gaat het er uiteraard heviger aan toe dan bij ons. Onder veteranen is het gemoedelijker. We zijn eigenlijk een groep vrienden die voor het plezier wat subbuteo spelen, en af en toe een pot pakken. Als je speelt, is alcohol uit den boze, maar achteraf zeggen we uiteraard geen nee.” O ja, nog dit: normaal gezien wordt het wereldkampioenschap subbuteo tijdens het weekend van 21 juli gespeeld. “In het stadion van Manchester City. Dat kan toch tellen.”  TS Meer over Brussels United bij Franz Hipfinger: 0497-63.20.67


BDW 1334 PAGINA 27 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

van de Machu Picchu gevlogen, wat verboden is. Bij mijn landing stond de politie me op te wachten om me in de boeien te slaan. Na de nodige onderhandelingen en het overhandigen van mijn jas van Red Bull aan de commissaris lieten ze me even vrij, waarop ik kon ontsnappen. Dat is in het wereldje wel rondgegaan.”

Spion De avonturen stapelen elkaar de laatste jaren op. Met zijn Search Projects gaat De Dorlodot op zoek naar de mooiste plekken om te parapenten, waarmee hij op idyllische plekken terechtkomt. “Pakistan is dé plaats om aan parapente te doen; daar heb ik ook bijna het hoogterecord gebroken. Ik kwam tot 7.400 meter, maar het wereldrecord ligt op 7.750 meter. Je maakt gebruik van thermische winden om zo hoog mogelijk te geraken. Ik hoop alvast ooit achtduizend meter te halen.” “In Pakistan ondernemen we ook bivak-

“In Soedan vlogen we boven een militaire basis. Zodra we neerstreken, kwamen ze ons met veel spierballenvertoon halen” vluchten. Dat is met een zo licht mogelijk gepakte zak je vlucht inzetten, ’s avonds op een berg landen en slapen, om de dag erna weer te vertrekken. Als het eten op is, zakken we af naar de dorpjes, waar we altijd met open armen worden ontvangen. De parapente is een prima ontmoetingsmiddel.” Tijdens zijn vluchten levert de Brusselaar een topprestatie. Bij een record als dat van de langste vlucht in de Himalaya – 225 kilometer met de parapente – is de inspanning zowel fysiek als mentaal uiterst zwaar,

en dat terwijl onder hem de kraters dreigen. Onlangs brak hij opnieuw een paar records toen hij Afrika doorkruiste, maar hij stootte er ook op gevaren. “We reisden met zeven mensen, onder wie een geluidsman en een producer, van Egypte naar Zuid-Afrika. In een jeep en een vrachtwagen zat al het materiaal om alles in beeld te brengen voor de reportages die we maken en doorverkopen. Ik was de teamleider. Telkens als we een berg zagen, haalden we onze parapente boven om onze grenzen te verleggen. We hebben onder meer boven de piramides van Soedan en de Victoriawatervallen gezweefd. Ongelooflijk! We hebben er ook met adelaren gevlogen. Dat is geen probleem, zolang je niet te dicht bij hun nest komt.” “Maar ook: elke dag dook er wel een probleem op. In Soedan zijn we per ongeluk boven een militaire basis gevlogen. Zodra we neerstreken, zijn ze ons met veel spierballenvertoon komen halen. De militaire leider sloeg me, we moesten mee naar de basis. Ze dachten dat we spionnen waren. Uiteindelijk hebben we met de hulp van de ambassade de zaak kunnen regelen.”

De berg van Thomas De Dorlodot is een van de vijf mensen in de wereld die van de parapente kunnen leven. Af en toe neemt hij deel aan een wedstrijd, maar hij zweert vooral bij expedities. De volgende brengt hem opnieuw naar Pakistan. “Eerst gaan we een tocht van driehonderd kilometer maken. Met de parapente vliegen we van een berg, om dan op de gletsjer te voet en met klimmateriaal verder te gaan. Tijdens deze expeditie wil ik ook een eigen berg achter mijn naam zetten. In dat gebied heb je enorm veel bergen, waarvan vele zonder naam. Ik wil op de top landen en een berg een naam geven. Ik weet nog niet welke naam precies, iets Belgisch alleszins. In de buurt is daar al een berg die bij de dorpelingen bekendstaat als ‘de berg van Thomas’, omdat ik de top met mijn voet heb geraakt. Maar dat is niet officieel.”  Tim Schoonjans www.thomasdedorlodot.com

Nostalgische rally

David Steegen Walter Walter Baseggio is ziek. Schildklierkanker, voor de tweede maal. Als voetballer hield ik onvoorwaardelijk van hem. Een halve landgenoot (via mijn moeder). Een technisch vaardige nummer tien. En daarbovenop een mooie mens en lieve jongen. Walt deelt zijn geluk onbaatzuchtig, met iedereen. Dat stond een loopbaan bij de absolute voetbaltop in de weg. Walter had een gewichtsprobleem, ondanks veelvuldige vermageringskuren. Daar werd hij vaak om uitgelachen. ‘Dikke Baseggio’ weerklonk, luidkeels en snoeihard, in de stadions van de tegenstanders. Het hoort bij het voetbal, maar het moet pijn gedaan hebben. Gelukkig antwoordde hij regelmatig met zijn voeten. Baseggio heeft nooit de loopbaan gekregen die hij verdiende. Verkeerd geadviseerd door opportunisten. Buiten RSC Anderlecht voetbalde hij bij het piepkleine Treviso, dat heel even in de Italiaanse hoofdklasse mocht aantreden. Walt speelde ook bij Moeskroen. Ach, hij verdiende meer en beter. Misschien geen AC Milan, maar wel Sampdoria of AS Roma. Een volledige loopbaan bij Anderlecht zou ook niet misstaan hebben. Baseggio stond, zoals vele aanvallende middenvelders van Sporting Anderlecht, en vooral diegenen die door club zelf opgeleid waren, onredelijk vaak ter discussie. Vincenzo Scifo kreeg ermee te maken. Zelfs Pär Zetterberg werd ontzettend kritisch benaderd toen hij zijn eerste wedstrijden speelde in het Astridpark. De norm ligt altijd hoog in Brussel. Ook de nationale voetbalploeg kampt ermee. De Belgische ziekte. We houden niet altijd van onszelf. Als het slecht gaat, hebben we de neiging om op zelfdestructieve wijze om onszelf te lachen en de eigen helden af te kraken. Zelfspot is soms lafheid. Afbreken wat ‘van ons’ is, is een nationale sport.

Marc Wilmots wordt de nieuwe bondscoach. Hij heet nu al ‘de keuze van de armoede’ te zijn. Dat schrijft een vooraanstaand hoofdredacteur van een al even vooraanstaand Nederlandstalig sportblad. Ten zuiden van de taalgrens heeft Marc ‘Willie’ Wilmots veel meer krediet. Hoewel de man een tweetalige Franstalige Belg is die in Vlaanderen woont, worden zijn prestaties communautair beoordeeld. Masochisme. Als voetballer was Wilmots een nationaal symbool, geliefd door noord en zuid. Een krachtpatser die nooit versaagde. Als na­ tionale bondscoach staat hij nu al ter discussie. Iedereen geniet van de Ieren op het Europees kampioenschap. Winnen doen de Ieren zelden. Na de 4-0-pandoering tegen Spanje zong het indrukwekkend goedlachse Ierse legioen unisono in een van die prachtige EKstadions (België heeft op dat vlak lichtjaren achterstand, en het wordt alleen maar erger). Het Spaanse vak was muisstil. Let wel, dit was echt uniek. De commentator werd er stil van. “Dit zouden alle fans van de wereld moeten kunnen opbrengen,” fluisterde Frank Raes, alsof hij de mooie, melancholische Ierse gezangen niet wilde onderbreken. Klopt. Maar Italianen zullen hier nooit aan deelnemen. Bij hen is het winnen of diepe schaamte. Dat is de volksaard. Walter komt naar Neerpede om de eerste training af te trappen. De club wil hem eren en steunen. RSCA houdt van hem. Baseggio heeft zijn dokter gevraagd om zijn chemotherapie uit te stellen. Mogen diegenen die hem ooit beschimpt hebben, nu heel even slikken. www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

ADVERTENTIE

BRUSSEL – De SeaSunRally brengt legendarische Belgische rallyetappes tot leven in een driedaagse wedstrijd. De Rally van Ieper, de Bianchi Rally van Charleroi of de Ardennen Classic: alle grote Belgische rallywedstrijden hebben hun aandeel in de SeaSunRally. Die doet de legendarische etappes herleven door in drie dagen tijd het land te doorkruisen. Onderweg worden een paar van de mooiste plekjes van het land aangedaan. Zowel onder de wagens als onder de piloten treft u een pak oude gloriën en voormalige wereldtoppers aan.

De historische rally gaat op vrijdag 29 juni van start aan het Autoworld Museum in het Jubelpark. De zowat tachtig wagens zullen er om halfelf de driedaagse inzetten, om ongeveer honderdvijftig kilometer verderop, in Ieper, te eindigen. De tweede dag rijden de auto’s ongeveer 330 kilometer naar Dinant, alvorens op zondag na iets van een 210 kilometer omstreeks 13 uur te eindigen op de citadel van Namen. Tijdens de drie dagen staan naast sportiviteit ook gezelligheid en zelfs gastronomie centraal.  TS www.seasunrally.com

Balletje slaan met de familie UKKEL – Royal Leopold Club sluit het hockeyseizoen feestelijk af met een familietoernooi. Na een slopend seizoen zijn de prijzen uitgedeeld. Tijd dus om even uit te blazen – of toch niet helemaal, want op zaterdag 23 juni staat, voor de tweede keer alweer, het grote familiefeest van Leopold gepland. Iedereen is welkom: mannen en vrouwen van alle leeftijden (vanaf zes jaar), leden en niet-leden van Leo (minstens één speler per ploeg moet wel

lid zijn). Het toernooi wordt gespeeld met ploegen van tien spelers met een gemengde samenstelling: mannen, vrouwen en kinderen. Ploegen van minder dan tien spelers worden gewoon aangevuld met andere spelers. De wedstrijden zullen 25 minuten lang met zes tegen zes gespeeld worden op een kwart veld. Tijdens het toernooi staan plezier en sfeer centraal. De sportdag wordt dan ook afgesloten met een grote barbecue en een swingende TS soiree. Meer op www.leopoldclub.be.

Al het stadsnieuws in 3 talen Toute l’info régionale en 3 langues The local news in 3 languages


BDW 1334 PAGINA 28 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

© SASKIA VANDERSTICHELE

Media - Date: 15.09.2009

Page: 4

za Z

I

9 TOT N A

OOR

EREE N V ED

Van links naar rechts: ‘sportjournalisten’ Abdel, Saoudatou en Alexander, net na hun babbel met meneer Huyssens. Helemaal vooraan zie je een stukje van zijn basketbaltrofee uit 1945.

IE

WV D

1

AAR • B J 3

Derde-graadsklas van de Klimpaal in Molenbeek en de sportieve senioren

A FL E VERIN

10

‘Sport nu?

Dat is pure commerce!’

G

DOOR PATRICK JORDENS

Het EK voetbal is volop aan de gang, het tennistoernooi van Wimbledon komt ©2009 Turtle Industries eraan en de olympische koorts stijgt... Nogal logisch dat de derde graad van de Klimpaal het schooljaar eindigt in... sport-outfit. Voor hun project gingen ze als echte sportjournalisten in een rusthuis bejaarde mensen interviewen over hun liefde voor sport, vroeger en nu. Zoals Robert Huyssens, 98 jaar, ex-voetballer en ex-basketter. ™

“Goeiedag meneer, ik heet Abdel en ik zit in het zesde leerjaar. Mag ik u voor ons project op school een paar vragen stellen?” Robert (R): Je moet wel wat luider spreken, hé, manneke.

Abdel (A): (luider) Hoe oud bent u? R: Ik ben 98 jaar. Alexander (Al): En waar bent u geboren? R: In België, in Vorst om precies te zijn.

A: En welke sporten hebt u vroeger gedaan? R: Vooral voetbal en basketbal, en ook een beetje tennis. En als ik daar iets aan mag toevoegen: vroeger waren er nog geen professionele sporters, toen was sport een hobby. Op woensdag- en vrijdagavond gingen we na school of na het werk trainen. Dat is helemaal veranderd na de Tweede Wereldoorlog. Toen begonnen ze stilaan geld te verdienen met sport. A: Welke sport deed je graag als kind? R: Ik ben eigenlijk beginnen voetballen bij ons thuis in de tuin, samen met mijn vader. Ik was acht jaar. Met basket ben ik begonnen toen ik


12,5 jaar was, door een leraar die ook basketbaltrainer was. Zazie (Z): En wanneer ben je bij een club beginnen voetballen? R: Toen ik zeventien of achttien was. Ik was toen al doelman van de ploeg van de school, het Atheneum van Brussel. En op een dag, we waren aan het trainen ergens buiten de school, kwamen de trainers van Racing Brussel naar ons kijken, om te zien of er goeie spelers bij zaten. Toen hebben ze mij gevraagd om bij Racing te komen keeperen. Eerst heb ik drie matchen bij de junioren gespeeld. Maar toen raakte de doelman van de eerste divisie geblesseerd, en mocht ik hem vervangen. Ik was amper achttien!

© SASKIA VANDERSTICHELE

BDW 1334 PAGINA 29 - DONDERDAG 21 JUNI 2012

Niet goed voor de pezen

IDENTIKIT

GOAAAAAAAAL!!! De kinderen van de derde graad lijken heel hard te zitten supporteren voor een voetbalmatch.

De klas van Klaus Met hoeveel zijn jullie?

Welk nieuw vak zouden jullie graag krijgen?

“Met twaalf.”

“Koken.”

Welk cijfer geven jullie je school?

Wat is jullie lijflied van het moment?

“7,5 op 10.”

“‘Vamos a la playa’ van Loona.”

Kennen jullie een leuke bijnaam voor de meester? “Klaus Ipoe.”

MISSING LINK

Al: Is er veel veranderd in de sport tegenover vroeger? R: Ja ja, na de oorlog is alles veranderd. Sporten nu? Dat is pure commerce, dat is business. Het draait allemaal om geld verdienen. En sporters hebben nu veel gemakkelijker kwetsuren dan vroeger. Te veel trainen is ook niet goed, zeker niet voor uw pezen. Toen ik achttien was, moest ik kiezen tussen basket en voetbal, omdat ik in de voormiddag basket deed en in de namiddag voetbal. De dokter zei dat dat niet goed was voor mijn lichaam. Dat was niet makkelijk, kiezen. Het is basket geworden omdat al mijn vrienden in de basketploeg zaten. Al: Voor welke sport zou je wel een olympische medaille willen winnen? R: Voor voetbal. Basketbal nu, dat gaat te snel voor mij. Vroeger speelden we basket met maar vijf spelers in een ploeg. Nu zijn ze met meer, en ze wisselen ook altijd van positie. Dat is te druk voor mij. Maar vroeger deed ik het graag. Ik oefende thuis altijd in springen, en als ik het plafond kon raken, dan was ik in goeie vorm! We hebben in 1945 een belangrijke wedstrijd gewonnen met de ploeg van Vorst tegen de ploeg van Moortebeek. Toen heb ik een trofee gekregen omdat ik de beste speler was. Kijk, die prijs staat daar. (Robert toont hem: je ziet hem op de foto.) Ik mocht ooit zelfs meedoen aan de Olympische Spelen in Duitsland. Maar ik wou niet gaan omdat Hitler toen aan de macht was. En Hitler, dat was de vijand, hé. Z: Kijk je nog naar sportwedstrijden op tv, zoals het Europees kampioenschap voetbal? R: Natuurlijk, gisteravond zelfs tot elf uur! Dat is het enige wat ik nog echt de moeite waard vind. Ik ben 98 jaar, hé, en nu kan ik niet meer bewegen. Nochtans, toen ik jong was, heb ik veel en graag gesport... A + Al + Z: Bedankt voor het interview, meneer Huyssens.

‘Als ik niet sport, voel ik me zo... lomp’ Alexander vertelt aan Zazie waarom hij regelmatig sporten zo belangrijk vindt. Alexander (A): “Ik heb vijf jaar aan jiujitsu gedaan, maar ik ben gestopt omdat ze mij op het laatst pestten. Nu doe ik al een jaar judo. Voor jiujitsu deed ik soms mee aan nationale wedstrijden, en ik heb er vijf medailles mee gewonnen: één gouden, twee zilveren en twee bronzen. Wow! Een echte kampioen in deze klas. Wat is het verschil tussen judo en jiujitsu? A: Judo komt eigenlijk van jiujitsu, maar de grepen zijn een beetje anders. In judo hebben de grepen ook namen van dieren. Als je bijvoorbeeld op iemands rug springt, dan heet dat de koala. Of als je met je benen de benen van je tegenstander omklemt, dan doe je de vogelspin (glimlacht). En welke gordel heb je intussen gehaald in judo? A: De gele. Maar ik wil me nog verbeteren. Ik zou het wel spannend vinden om ooit aan de Olympische Spelen mee te doen. Maar ja, ik ben natuurlijk lang niet de enige goeie! (lacht)

Meer weten over dit project? Luister naar Klets op FM Brussel 98.8 (zaterdag van 12 tot 13 uur), kijk naar Brussel vandaag op tvbrussel (zondag vanaf 18 uur) en surf naar www.klasindemedia.be.


BDW - editie 1334