Issuu on Google+

HÈER BOMMEL EN HET EINDE VAN EINDELOOS

HI NR.C-

01678Het herplaatsenvanzo'Ír oud verhaalals de Wenswerksteris natuurlijk een alleraardigstgebaar van de redactie tesenoverheer Bommels bioeraaf. Die kan daardooróp zijn gemakde lijn trekkenlzonder aanhet leedte denkendat aananderenberokkend wordt. Vooral de markiesde Canteclaervan Barneveldwaserpijnlijk doorgetroffen,wanthet had herinneringenaanhet daglichtgebracht,die hij aljaren geledenmet demantelderliefdebedekthad.Aandachtige lezertjeszullenzich herinneren,dat hij in die oude geschiedenis eenduel met heerOllie voerdewaaÍvan hij de voorwaardenniet was nagekomen- en zoiets vreet,alsmenvan eenvoornaamgeslachtis. ,,Fi donc! Het is affreus" sprak hij toen hij op een troostelozeherfstdagmet zijn nichtje Heloisedoor de tuin wandelde.,,Daar rakelt dat platte journaal die heleoude aberratieweerop. Die zit me danig dwars, cousine!Volgensde voorwaardenvan dat duel had ik

Door Marten Toonder

l3 .1 2,' 9 7

moetenverhuizen!" ,,Ach, dat hoefdetoch niet?", vroeg de freule met een mild lachje. ,,Het was alleenmaar een afspraak met die Bommel,en die is toch niemand?" De edelmankeek eenvallendblad na, en schudde weemoedig het hoofd. oblige",hernamhij. ,,Dezestreekis te ,,Noblesse klein voor ons beiden. Ik heb daar al die jaren aan moeten denken, als ik die stuitendehguur zag; en daaromkan ik hemniet meerzien.Eenvan onsis hier te veel;en dat ben ik, volgensde uitslagvan het duel. Ook al is hij hetvergeten..." Hij zweeg,want achter hem ritselden naderende voetstappen,en omkijkend werd hij de ambtenaar Dorknoper gewaar,die beleefdgroette. ,,Mag ik een ogenblikje storen?"vroeg deze.,,Ik heb een bijzonder onaangenamemededeling,die ik graagin eenprettigesfeerwil doen."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN EINDELOOS

01679De markiestrok zijn lorgnon en keek uit de hoogte naar de ambtenaar,die frommelendeen papier uit zijn tashaalde. mededeling?"herhaaldehij. _,,!e_ngnaangename ,,Parbleu!Spaarme uw ambtelijketaal, en zegwaaÍ het op staat,in uw eigendialect." ,,Tja", zei de heer Dorknoper. ,,Ahum. Het zal u niet ontgaan zijn, dat de stad zich uitbreidt. En zodoendeheeft de raad eenplan aangenomenvoor de bouw van een nieuwe stadswiik, ziet u,?Maar eh... jammergenoegzal die gedeelteÍijkin uw park ontwikkeldworden..." De edelmanverstarde,en toenzijn ijskoudeblik de ongelukkigebeambtetrof, brak dezehet zweetuit. ,,Dit is hoogverra4d",riep de heerde Canteclaer.

DoorMartenroond

,,Ik zal onverwijldhoog contactopnemenen de gehele raadlatenontslaan!" ,,Dat kan niet", hernamde ambtenaareersteklasse. ,,Volgensartikel 82 van de aangelijngestaatsgemeenschappenwetheeft de raad de bevoegdheid, hiervoor omschreven.Er is bereidseen sevolmachtigd Inspecteurbenoemd.die mag onteigénen.Maar eh...In ruil voor uw park krijgt u het kasteelTroebeloo terug. De gemeentekan het geldmatigniet overeindhouden.Goedemiddae." Hij zettezijn hoed op ei verwijderdezich, terwijl eensterkewindvlaagdebladerenvan debomenrukte, en eenwolk voor de zon schoof.Het is duidelijk, dat Dorknoper eenduistereschaduwwelpt op het begin vandezegeschiedenis.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN EINDELOOS

01680Een krachtigewestenwindfloot om de torens van Bommelstein,zodat de luiken klapperden.Er trok niet veelverkeerdoor deheuvelsdiehet oudeslot omringdenwant in het najaarkan het daarlelijk tochten. Het enigeleven,dat men er kon waarnemenwas eenvlucht ebels,die zich naarhet zuidenspoedde,en eenpaar zwerversdie geenvast doel voor ogenhadden.Ze gingenwaar de wind hen dreef,totdat ze bij eenkrommingin de weghetbouwwerkin het oog kregen.en verraststil hielden. ,,Dat lijkt me wel wat", sprakde kleinstedie Rippe heette.,,Daaris wat te halen;dat ruik ik. We wachten daar in de buurt evenonzebeurt af- en dan aan de

DoorMartenroond

gang.",,Daarwoont eenrijke stinkerd",zeihetmeisje dat hem vergezelde.,,Het is daar warm en gezellig. 'Wiezo woont, heefthet toch maargoed." Zo ophet oog had ze daar gelijk in, maar somsbedriegt het uiterlijk en wordt daar achterin stilte heel wat afgetobd.Zo ook hier. Heer Bommel stondvoor hetknappendehaardvuurzijn handente warmen,terwijl er eenrilling overzijn rug voer. ,,Ik weetniet wat het is", sprakhij tot zichzelf.,,Ik mis iets,terwijl ik allesheb,zodatik niet weetwat het is. Buiten huilt de windt terwijl hier de haard brandt zodat ik het lekker warm heb. Maar ik voel me koud en kil van binnen,alsiemandbegrijptwat ik bedoel."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN EINDELOOS

01681Hoer Ollie stak een pijp op en bewoogzich loom door de kamer; hier een stoel rechtzettenden daareenasbakjeverschikkend;totdat hij bij eenmuur stilhieldom eenschilderijte bekijken. ,,Het levenvan eenheeris omringd door schoonheid en kunstin eensmaakvolleomgeving",mompelde hij. ,,Entoch ontbreekter ietsaan.Natuurlijk is het nuttig om er soms op uit te trekken en misstanden recht te zetten. Maar als men dan thuiskomt is alles leeg en grijnst de kunst je aan, zodat men zich afvraagt: Waarom?Waarheen?Vooral als de luiken knarsenin de herfstwind."

DoorMartenroond

Hij liet zich in zijn gemakkelijkestoelvoor de haard zakken en staardepeinzendin de vlammen.Achter hem betrad de bediendeJoost met stille tred het vertrek, en zettede middagtheezorgzaamop eentafeltje. ,,Andersnog ietsvan uw dienst?",woeg hij. ,,Nee", zeiheer Bommel met gedoofdestem. ,,Ik heb alles al: Een stamsloten een haardvuur en èen trouwebediendeenvervelendethee.en toch is het een kale boel. Ik heb alles,en toch ben ik niet gelukkig." sprakde knechtvorme,,Zeerbelreure,nswaardig" lijk. ,,Is er andersnog iets van uw dienst?Dit is mijn vrije middag,met uw welnemen."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN EINDELOOS

01682Toen Joost naar buiten trad om zich naar de bushalte te begeven,keekheer Bommel hem vanaf het bordesna. ,,Aan hem heb ik ook niets", sprakhij fronsendtot zichzelf.,,Slappethee en legppraatjes;maar warmte ho maar! En-alshij me nog een keer en meegevoel, laat welnemen,wordt het me te veel..." Tobberig daáldehij de stoep afen betrad het gazon) waaÍ de wind dorre bladeren overheenjoeg. Verwaaidebloemen bogen zonder levenslustin het grasoflagen geknaktter aarde,zodathet hem droevig te moedewerd. ,,Dóor de lCbudeverwelkt, en in de knop gebroken", preveldehij. ,,Net alsik. Ach, het is heelweselijk om éénmet de natuur te zijn..." Met nietsziendeblik schuifeldehii steedsverder

DoorMartenroond

van de voordeuraf, en dat werd geziendoor de beide zwervers,die we al eerder hebben opgemerkt.Ze stondenverscholenachtereendikke boom, evenbuiten de tuin, en Rippe stiet eengoedkeurendgebrom urt. ,,Het kan niet beter", fluisterdehij; ,,Dat is meneer zelf en hij heêftde deur open laten staan.Als jij hem nu een poosje aan de praal houdt, ga ik naar binnen." ,,Maar we weten niet hoeveeldaar nog meer wonen". zei het meisje,eenbeetjeongerust.,,Alsdieje in de gatenkrijgen..." ,,Dan maak ik gehakt van ze", zei Rippe met een ruw lachje.,,Maakje over mrj geenzorgen,mijn vogeltje.Denk liever aanje eigenwerk. Vertel hem de waarheidzodat horen enzien hem versaan."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN EINDELOOS

01683Heer Bommelhad zich naareenperk begeven en daarde droevigstebloemgeplukt. ,,Omgewaaiddoor de stormen des levens", zo sprakhij met'stillestem.,,Doelloossleeptmen zich voort, als eenzaamheerzijnde, terwijl een stervende bloem de enige aanspraakis, zodat men alleen en koud bij hethaardl'uurzit..."

DoorMartenroond

,,Geefme je hand", zeiZettanadatzede munten hadweggefrommeld. ,,Hm...wat eenprachtigelijnen! Je hebt heelwat meegemaakt!De stormendeslevens hebbenjegetroffen.Alleen en koud zit je bij je haardvuur...-,,Hoeweetu dat?'?vroegheerBommeldieponder deindruk.,;Eh...Is er noghoop,denktu?" ,oEris hoop", verklaardede waarzegster.,,Jehebt rijkdom en eenmooi huis, maarje bent eenzaam.Je mist de zotgenvan eengoedevrouw. En kijk, watzie ik daar?" Zeboog zich dieperover heerOllie'shand en liet een.zilverenlachjehoren, dat door de wind overhet tuinmuurtje gevoerdwerd; juist op het rnoment dat juĂ?trduw Doddel in grotehaastnaderde...


HEER BOMMEL

HET EINDE VAN EINDELOOS N R c- 6ls

01684Juffrouw Doddel bleef verstard bij de tuinpoort staan en keek met grote ogen naar heer Bommel, die zich door een onbekendvrouwspersoon door de tuin liet leiden. De wind streek klagend langs de pilaren, maar daar bovenuit hoorde ze duideliik heer Ollie's stem. ,,Wat iiet u daar?" vroeg hij, terwijl hij zijn handen gulzig uitstak. ,,Een prachtige maanberg", riep het mens uit. ,,U zult een lange reis over het water maken. U zult varen in gezelschapvan een

DoorMartenroon ZO.V.I17

toevallig op dezelfdeweg liep, hoorde haar aankomen en bleef verbaasdstaan. ,,Is er iets?",vroeg hij. ,,Kan ik soms helpen?" Het wouwtje hield ademloos halt en veegde haar ogen af. ,,Niemandkan me h-helpen"stameldeze gebroken. ..Ik dacht d-dat d-dat Ollie het kon, m-maar d i e ..."

Maar nu..."


IIEER BOMMEL EN HET EINDE VAN EINDELOOS

01685Jufïrouw Doddel begon snikkend te lopen, en Tom Poesliep met haar mee. ,,Waarvoor had u heer Ollie nodig?", vroeg hij. ;,Is er iets ergs gebeurd? De buurvrouw knikte en haar verdriet maakte plaatsvoor verontwaardiging. ,,Die ambtenaaris bij me geweest",zei ze. ,,Die meneerDorknoper. Mijn huisje wordt onteigend! [Iet wordt afgebroken,want hier moet een nieuwe stadswijk komen, die Buitenrommel heet. Alles gaattegen de vlakte. Alles wat mooi en vertrouwd was. Het is erg voor een vrouw alleen. Ik dacht, Íat Ollie misschien...Maar meneer Bommel zit

Door Marten Toonder

oogjeste trekken met handje vasthouden. Meneer Bommel heeft...Ach, ik wil niets meer over hem horen." Ze draafdehaar tuintie binnen. en Tom Poesliep nadenkendverder. ,,Een nieuwe woonwijk hier?", zei hij bij zichzelf. ,,Dan gaat alles tegen de grond. Bommelstein dus ook. Hm, dat is niet zo best.En wat is er met heer Ollie aan de hand?Ik kan beter eensmet hem gaanpraten." Hij was zo in getob verdiept, dat hij de twee zwerversdie hem tegemoetkwamen, niet opmerkte. En daardoor zaghíj ook niet, dat een van hen een zware zak over de schouderdroee.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VeN EINDELOOS

01686De voordeur van Bommelsteinstond wiid open,.entoen Tom Poesde hall binnenkwam,zaghij dat die rommelig in de kille herfstwind lag, terwijl heer Bommel veiwezenop de drempel vaí'zijn kamer stond. ,,Het is heel vreselijk",hoorde Tom Poes hem ?eggen.,,Eris ingebroken,terwijl ik met die aardige, begrijpende dame stond te praten. Mijn zilveren haardstelen mijn antiekepijpreinigerszijn verdwen en. . . ,,Dat is riet zo leuk", zei Tom Poesmeelevend. ,,Het is gevaarlijkom de deur open te laten als u naar buiten gaat om met een dame te praten. Maar er is iets andersvervelends..." Heer Ollie keerdezich en ging de kamerbinnen. ,,Kijk eens wat een bende ze hier hebben gemaakt", klaagde hij. ,,Gelukkig hebben ze mijn kunst niet meegenomen.Maar mijn bestekwel. Het

DoorMartenroon

is erg!Ik ben toch alzolaag gezonkendoor de koude en de leegheidom me heen,terwijl ik toch alles heb,zodatik niet weet,wat ik eigenlijkmis. En dan haaltmen mijn bezittingennog wegook. ,,Ja",zeíTom Poes.,,Maarer is ietsandersvervelends.Ze gaanhier eennieuwestadswijkbouwen,en nu zijn ze bezigmet onteigenen," Heer Bommelbleef staanen keekmet neersetrokken mondhoekennaarzijnjonge vriend. ,,Aan jou heb ik ookïiÍ<s",-sprakhij misnoegd. ,,Ik voel me lang niet goeden men steeltmijn kostbare erfstukker,wflr ikzo aangehechtben. En wat doejij? Jij gaaÍovernieuwestadJwijken praten.Ach, het is heelvreselijkom altijd met zijn moeilijkheden alleente zijn, zondereen wanne hand, die de leegte lult. Ik ga-eh...Ik ga naar de stad om de politie-te waarschuwen, en de Kleine Club en zo." ,,Ik ga mee",zei Tom Poes.


-'Ei, ..-

HEER BOMMEL HET EINDE VAN EINDELOOS

01687,,Wat ik nodig heb,is vrouwelijkewarmte,en daaromzal ik eenlangereis over het water gaanmaken", zei heerBommel toenze naar Rommeldamreden.,,Datzeidie damedieik in detuin tegenkwam." Tom Poes begreep,dat het een waarzegstergeweestwas,en dat zijn vriendvol zat met onlustgevoelens,die hij toch niet kon begrijpen.Daarom was hij zo verstandigom zijn mond maar te houden,en ook niet verderover de nieuwewoonwijk te praten.Maar hij voelde,dat hij er iets aan doen moest,en daarom staptehij sneluit toen de Oude Schichtvoor de Kleine Club stil stond. ,,Ik ga naar de Stadsbibliotheek",zei hij.

Door MartenToonder

,,Jedoel maar", gaf heerOllie toe. ,,Ik ga hier naar binnen,want hier zal ik wel hoogstaande,begrijpende lieden vinden, die met een heer kunnen meevoelen." Dat bleek echtertegente vallen.Toen hij vol verbinnentradwerd hij gewachtingde conversatiezaal troffen door de gezwollenstemvan de markies,die de anderszo gezelligestilte verscheurde. ,,Het is affreus",zo riep de edelmande burgemeester toe. ,,Na alleswat ik voor dezegemeentegedaan heb!De helft van mijn park onteigenenvoor eenplatte woonwijk! En gij, amice?GĂ­j zit daar achter, als het rode crapule,dat ik eindelijk ontmaskerdheb."


HEEN,BOMMEL EN HET EINDE VAN EINDELOOS

01689 Heer Bommel ontwaakte uit de verdovine waarin het gedichtvan de markieshemgebrachthad, en wenddezich tot de versufteburgemeester. ,,Wat betekentdit?" vroeg hij. ,,Waar had hij het over?Waaromgaathij zijn buitenaaneencaf茅verkopen?" De magistraatantwoorddeniet, doch staardegedachtenloosvoor zich uit: ,,We kunnenhem beter alleenlaten", fluisterdede ambtenaarDorknoper,die eengevoeligeinborst had; al wistendemeesteliedendatniet.,,Komtu mee,dan zalik hetu uitleggen." Heer Ollie volgde hem naar de uitgang,en onder hetlopenverteldedehooggeplaatste beambtehemal-

Door MartenToonder

leswat oplettendelezertjesal weten. ,,Deraadheefthetplanvoordenieuwewoonwijkal aangenomen", besloothij, ,,Daardoorwordt ook de onteigeningeen feit. De burgemeestertrekt het zich erg aan. Hij heeft geprobeerdhet tegen te houden, maar de raad was v贸贸r. Nu, dan houdt allesop; dat zult u begrijpen." Voor het eerstdronghettot heerBommeldoor, wat de bedoelingwas,en hij bleefontdaanstaan. ,,En ik dan?", vroeg hij. ,,Tja", zei de ambtenaar vriendelijk.,,Ik benheelbangdat ook uw huis,Bommelstein,in de weg staat. Maar dat zijn details,die worden geregelddoor de gevolmachtigdeinspecteur."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN EINDELOOS

01691 ,,Het is heel weselijk", zei heer Bommel, Ioen ze naar de Oude Schicht liepen. ,,Ik hoor daar, dat ze een nieuwe woonwijk gaan bouwen, dwars over mij en de markies heen. Maar die gaat weg; de markies, bedoel ik. Want het regent in zijn oprijlaan, en daar kan hij niet meer tegen. Ik trouwens ook nietjonge wieud. Alles is koud en leeg om me heen, terwijl men mijn tafelzilver steelt en mijn huis en haard gaat afbreken. Het is te veel, voor mij; zeg nu zelf." Tom Poes zeiniel, dat hii al veel eerdergelvaarschuwdhad voor het onteigenenvan Bommelstein; daar was hii ĂŻe verstandig voor. Hlj luisterde geduldig naar het klagen van njn wiend, totdat ze bij het zijpad kwamen.dat naar zijn huisje leidde. ,,Laat me er hier maar uit", zei hij toeir. ,,Ik

DoorMartenroond

moet een belangrijkebrief schrijven,voordat ik het nrunmer van dat boek vergeet.D 127 was het." ,,Het is mooi", riep heer Ollie uit. ,,Wat kan er nu belangrijker zijn dan de wereld, die om me heen verandert en vergaat, terwijl het nog mist ook? Maar ga je gangmaar en laat mij maar weer alleen met m[in zorgen." Hij gaf grimmig gas en niet lang daarna stapte hii lusteloosde hal binnen waar de bediendeJoost bezig was zich van zijn jas en hoed te ontdoen, ,,Ik ben ook juist binnen" sprak de trouwe knecht. ,,En weet u wat ik van mijn neef gehoord heb? Die is bode ten stadhuize,en-hij verteldemij dat de burgemeesterontslag heeft genomen, met uw goedvinden.Hij schijnt eeĂ­ ernstig meningsverschil met de raad te hebben."


HEER BOMMEL

HET EINDE VAN EINDELOOS

01692Heer Bommel wenddezich af en staardemet eenlegeblik voor zich uit. ,,Ook dat nog", preveldehij. ,,De burgemeester heeft ontslaggenomen!Ik dacht al: wat ziet hij er slechtuit. Net als ikzelf..." ,,Mijn neef vertelde me trouwens, dat hier een nieuwe woonwijk gebouwd gaat worden", hernam Joost,die zijn werkgevereenbeetjewilde opbeuren. ,,Heel gezellig,omdat mijn tante dan in de buurt komt wonen.Maar eh...ik ben zo vrij mrj eenweinig bezorgdte makenover Bommelstein.Dat ligt precies op de weg van de Nieuwe Wethouder Kneepstraat, als ik mij verstoutenmag..." Heel Ollie luisterdeniet verder.Hij sloegde handen aan de oren en haasttezich het pand uit, omdat het hem allemaalte veelwerd. ,,Voorzichtig,heer Olivier", riep de zorgzamebe-

DoorMartenroo

diende hem na. ,,Het is vandaagVrijdag de 13de!" ,,Mij wordt n-niets b-bespaard", stameldeheer Bommel,terwijl hij wankelendeenweg door zijn ritselendetuin zocht. Bij het noorderpoortje, dat aan beteretijden herinnerde,bleef hij staanen stak met bevendehandeneenpijp op. Om zijn oren bliesde schralewind en om zijn voetendwarreldendorre bladeren, zodat de verwaaide rook hem geen troost bracht. ,,Wat nu te doen?" zo vroeg hij zich af, terwijl hij moedeloosover het verlaten landschapblikte. ,,Ik ben aan het eindevan mijn latijn. De wijze dame,die mevanmiddagaansprak,zei dat ik gebrekaanwarmte had. Begrip,zei 2e...Een zachtevrouwenhand... Zou...Zou misschien...?" Hij maakte de gedachteniet af, maar als vanielf begonhij te lopen.


HEER BOMMEL HET EINDE VAN EINDEI,OOS N í{c- Utu

01693 Toen hij eenmaalin beweging was, begonnen heer Bommels gedachtenvasterevorÍn aan te nemen. ..Warmte", mompelde hij, terwijl hij als vanzelf naár het huisie van ziin buurwouw liep. ,'Natuurlijk! Dat is wát ik nodig heb. Alles is kaal en leeg, zónder een tere wouwenhand, die zotgzaant de

de deur reeds geoPend. ,,O eh...", stámêlde heer Ollie geheel verward. wilde... Ik bedoel...eh..." ,,Ik ' ..Das meneer Bommel", zei Doddeltje, terwijl ze'de s'Íeutelaan de buitenkant in het slot stak en de deur achter zich sloot. ,,Ik ga hier weg. Vooreoed. Miin huis wordt afgebroken." ,,Weg?n herhaalde heer Ollie. ,,Afgebroken?


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN EINDELOOS

01694Heer Bommelkeekverstardzijn buurwouw na tot ze verdweenin de grijze herfstavond,en toen wenddehij zich huiverendom. ,,Alles wordt afgebroken", mompelde hij. ,,De markiesen de burgemeester.Het hele leÍen. Wat is BommelsteinzonderDoddeltje?En zonderBommelstein?Nu is allesme ontvallen!En wie zou ze met die dame bedoelen?Mischien die waarzegstervan vanmiddag?Zou ze soms...Maar nee...Ze geeftimmers niks om me?MeneerBommel,zeize!" Zo tobbendeslofte hij met nietsziendeblik voort totdat hij aan het eindevan het weggetjeop de heide belandde.Die Wasgrijs enverlaten,en dezon gingonder in een gele lichtstreepaan de einder, die regen voorspelde. Bommelsteinligt op de WethouderKneepstraat'r, fluisterdehij smartelijk in het ritselen van de wind.

DoorMartenroonde

,,Ach, mij rest niets andersdan naar eenvei land te gaan.,,Eenverrereisoverhetwater", zeidiewaarzeglevenleiden,dat is het ster.Een eenzaamenvergeten enige.Er is niemandmeei, die zich iets van me aantrekt. Zelfs Tom Poesschrijft lieverbrieven,dan dat hij naastme staatom het onrechtte bestrijden.Vroeger, ja; toen was alles anders.Geen zee ging ons te hoog, en samengrepenwe iederë poel van verderf aan.Maar nu'- alleende herfstdeslevenstegemoet; dat is mijn lot." Maar zo alleenwas hij toch niet, want Tom Poes was druk met hem bezig. Toen hij zijn brief gepost omdathlj meende,dat had,ginghij naar,Bommelstein heerOllie nu misschienwel in staatzou zijn om over alleste praten.Maar dat viel tegen. wijze ,,Heer Olivier heeft op bêtreurenswaardige het huisverlaten",zeiJoost,die hemopendeed.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01695,,Watbedoelje?" vroegTom Poes,terwijlhij de tochtige hall binnenstapte.,,Waar is.heerOllie naar toe gegaan?" ,,Dat is hetjuist,jongeheer",zeiJoost.,,Ik benzo wij ongerustte wezen,omdatheerOlivier er gcledaan meendete doenhet huis opgewondente verlaten.De kwestiewas,dat ik meveroorloofdeme zorgente maken overBommelsteinen dat greephem aanalsik me zo maguitdrukken." ,,Nou,datgrijpt mij ook aan,hoor", zeiTom Poes. ,,Daaromkom ik juist. Het is tijd om eenseenplan te maken.We moeteniets doen.Ik heb eenstuk uit een boek overgeschreven, dat over Bommelsteingaat,en dathebik..." Joost iuisterdeechterniet naar hem, maar volgde zijn eigengedachtengang..Het is nietsvoor hem om zo aansedaande koude

VAN ElNDElOOSpoorvtartenroonder

natuurin te rennenzonderpiknik-mand", hernamhij. ,,Endat, terwijl dewind zo akeligpiept en de avondzo kil naarbenedenslaat.Als hij nu nog de auto had genomen..." ,,Ja,datis vreemd",gaf Tom Poestoe. ,,Latenwe tot morgenwachten.Als hij dannog niet terugis,gaan wehemzoeken.Het is nu te donker." Op dat moment kreeg ook heer Ollie in de gaten, dat het donker begonte worden,en dat hij beternaar huiskon gaan.Maar hetwasvervelend,dat hetnu ook begonte misten;en toen hij zoekendom zich heen keek,merktehij dat hij de wegkwijt was. ,,Zelfsde wegnaar Tom Poeskan ik niet meervinden", dacht de verdwaaldeheerverslagen.,,En dat, terwijl Joostnu met deport op mewacht,terwijl ik de Ach, wat moet er van me maaltijd heb overgeslagen. worden?"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01696 Het is merkwaardig hoe eindeloosde heide is wanrieer het donker wordt en de herfstnevels grillig over de grond kronkelen. Heer Bommels tred werd dan ook steeds onzekerder en zijn gedachten bewogenzich vormloos door zijn schedel, terwijl de leegtehol door zijn maag rommelde.Het is duidelijk, dat hij op een dieptepunt in zijn bestaan was Ă?urngekomen,en als het niet zo kil was geweest,zou hii zich hebben neergelegdom op zijn einde te wachten. Maar nu tobde hij met lege ogen voort, hijgend en struikelend over de paddestoelen, totdat hij een weemde verhoging gewaar werd, die zich'"schimmigaftekendetegen het licht van de beneveldemaan. Een poosje stond hij er verstard naar te kijken, maar toen liep hij er voorzichtig op af. Het bleek een grijsaard te zijn, die op een stapel stenen zat en hem een eigenaardigeblik toewierp.

VAN EINDELOOS

DoorMartenroond

,,'s Nachts is het mistiger dan buiten", zei deze niet onwiendelijk. ,,O, eh... Ja", stameldeheer Ollie. ,,Eh... Nee, bedoel ik. Waar ben ik?" ,,Je bent hier", verklaarde de oude knikkend. ..Hier." ,,M:aarik zoek eigenlijk naar Tom Poes", legde heer Bommel uit. ,,Gezelschap,bedoel ik. Om mee te praten, omdat zelfs Doddeltje..." Zijn stem stokte, en de grijsaard knikte vol meegevoel. ,,Dwalen is heel anders", gaf hlj toe. ,,Kom maar neer; dat is duidelijker." Hij liet zich van de steenzakken en dook er onder, terwijl hij heer Ollie een helpende hand toestak. Er bleek zich daar een trap te bevinden, die naar behedenleidde; en omdat er warĂ?ne lucht uit het gat opsteeg,liet die zich gewillig meevoeren.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01697De trap voerde kronkelend naar een onderaardseruimte, en de waÍïne lucht die heer Bommel tegemoet kwam, voerde Íurngenameetensgeuren mee, zodat hij zich een beetje beter begon te voelen. ,,Het was een akelige dag",zei hij verontschuldigend. ,,Ik voelde me lang niet goed, en de ene narigheid kwam na de andere, terwijl een natte wind de bladerenbewoog, dat ik een verre reis over het water zou maken...'" ,,Naar benedenis vlugger", onderbrak zijn gastheer, terwijl hij hem voorgrngin de grot, waar een knappendwuf onder een kookpot brandde. Daarnaast stond een boomstronk, waarop een dampend

VAN ElNDElOOSooortvtartenroonder

bord stond, en heer Ollie leefde op. ,,Kijk, kijk", riep hij uit. ,,Een voedzamemaaltijd" Dat is nu net waar ik behoefteaan heb. Hij mag best eenvoudig zijn, maar als men innerlijk verwarmd is, kan men ook warÍner denken, als u begrijpt wat ik bedoel. DaÍ gaat heel diep, hoor; dat heb ik al vaker gemerkt. Want ik heb in mijn leven al heel wat meegemaakt,en dat ging altijd beter als mijn maag gevuld was." De grijsaard knikte instemmend. Hij nam het bord op en nadat hij er glimlachendaan gesnoven had, gooide hij het leeg in de borrelendepot. ,,Na het eten is het goed rusten", zei hij, ,,Zo vindt alles zijn weg."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01698 Heer Bommel keek verdrietig het kostelijke voedselna, toen het in de kookpot verdween. ,,Maar daarhad ik nu netzo'n behoefteaan", sprak hij klagend. ,,En als alles verdwijnt is het leven zo doelloosvoor eenheervan miin stand." ,,Parnas",mompeldede grijsaardpeinzend.,,Een heeleindis dichterbij." ,,Watbedoeltu?" woegheerOllieverward,,,Ik ben bang,dat u niet begrijptwat ik bedoel.Kijk, ik benbezig mijn levenandersin te richten en daaromwilde ik naareenverland." ,,Over het wateĂ?", zei zijn gastheerbegrijpend. ,,Mijn dochterzalje Parnaswljzen,want het water is diep." Hij wendde zich om en liep naar de trap. Maar voordat hij begonte klimmen, stak hij eenwaarschu-

VAN ElNDElOOSooortrlartenroonder

wendevingerop. ,,Wateris diep", herhaaldehij. ,,En varenis veel verderdan gisteren!" Heer Bommel keek hem na, terwijl er diepedenkrimpelsover zijn gelaatspeelden;maar toen het sloĂ&#x160; fende geluid van de voetstappenverstorven was, schuddehij het hoofd en raaptehet bord op. sprak ,,Dat ga ik heelstilletjesweervolscheppen", hij tot zichzelfterwijlhij de daadbij hetwoord voegde. ,,Wantik hebhonger,en diebejaardeheeris gek.Het is hier trouwenslekker warm, na de regendie in mijn oprijlaan ritselt. Daar kan ik niet meertegen,bedoel ik. En kijk: daarligt eenmatras,zodatik eenslaapjega doen.Morgen is de mist misschienweg,zodatik Tom Poeskanvinden.Ik moethemspreken."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN ElNDElOOSpoorMartenroonder

01699Tom Poes zat de volgendemorgen nog aan zijn ontbijt, toen Joost op de deur klopte. ,,Ik ben zo vrij geweest,de Oude Schichtvoor te rijden", sprak de trouwe knecht. ,,Het is-nog wat vroeg, maar tot mijn beweemdingkon ik vannacht niet slapenwegensbezorgdheidover heer Olievier. Men hecht soms toch meer aan een persoon dan men wel weet. Ik stel voor om te gaan zoeken,aI zal dat niet meevallen.Men weet niet, welke richting men in moet slaan." Tom Poes klom in het voertuig en even later reden ze de hoofdwegop. ,,Volgens hot weerbericht hangt er nogal mist over de heide", zei hij. ,,Dus moeten we die kant op, waĂ­t het ligt voor de hand dat heer Ollie in de nevelsverdwaaldis, en dat hij daarom niet is thuis-

gekomen." ,,Zo had ik het nog niet bekeken", zei de bediende bewonderend.,,Maar rijden door de mist en nog ioeken ook is uiterst prikuleus, jonge heer. Kijk: daar hangende dampen al, met uw welnemen.We mogen het grote licht wel aandoen." Ook heer Bommel merkte dat het nog steeds mistte, toen hij die morgen onder de steennaar boven kwam. De grijsaard stond hem op te wachten, met een grote vogel op zijn schouder. ,,Dit is mijn dochter Ima", steldehij trots voor. ,,Ze zalje het water naar Parnasopbrengen." ,,In mist kanje beter graven", zei de vogel. Heer Ollie zocht vergeefsnaar woorden. Hij begreep,dat hij in de handenvan zonderlingengevallen was, en dat toegevende bestehouding zouzijn.

to .o l.' q I


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01700Nadat heer Bommel de grijsaardbedankthad voor zijn gastvrijhêid,liep hij op goedgelukachterde vogelaan.Het beestfladderdein eenrechtelijn, alsof het eenbepaalderichting volgde;maartoenheerOllie boven de nevelseen bekend gebouw zag opijzen, hield hij halt. ,,Daar!" riep hij uit. ,,Dat is het stadslaboratorium: Nu kan ik te wetenkomenwaarik ben!" ,,De riviergaatvlugger",krastedevogel.Maarheer Bommel sloegrechtsafzonder zich aan die opmerking te storen, en het dier ging berustend op zijn schouderzitten.Tot zijn groteopluchtingbereiktehij nu eindelijkwèervertrouwdgebied,enhij stapteglimlachend de werkruimte van professorPrlwytzkofski binnen.Maar jammer genoegtrof hij het niet. De geleerdewasjuistdoendeom de nauwkeurigeplaatsvan de zon ten opzichtevan het middelpuntin het uitdij-

VAN ElNDElOOSooortvtartenroonder

endheelalte berekenen,en hij keekdaniggestoordop toen hij zijn b ezoekerzag. ,,Ik ben dadig!" riep hij uit. ,,Maakt u zich voort." ,,Maar ik ben voort", zei heerOllie verontschuldisend. ,,Ik ben verdwaald,bedoel ik: en nu weet ik niet, welkekant ik op moet gm thuiste komen.Waarbenik precies?" ,,Praw!Dat mocht ik ook gaarnewetenlo',snauwde de professor.,,Al mijn tijd wordt in aanspraakgenomen door het bestemmenonzerplats met betrekking tot der centrum des universums,en daar komt ener lomp met zijnerparkiet mij vragenwaarhij isj!" ' Hij zweeg,door oritroeringovermand,en in de ingetredenstilte krastede vogel:,,Der centrumdesuniversumsis waarmenis."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

0171 De opmerking van de vogel was te veel voor professor Prlwltzkofski. Heer Bommel wilde nog uitleggen dat het geen parkiet was, maar eigenlijk de dochter van een grijsaard die onder een steen woonde; maar daar kreeg hij de tijd niet voor. .Dat was misschien maar goed ook, want het wĂŠtenschappelijkbrein van de geleerdewas reedstot het uiterstebeproefd,en op mwe wijze weeshij zijn bezoekersde deur. Heer Bommel draafde aanvankelijk voort, zonder aan de richting te denken, want hij was door een reageerbuisjeaan het achterhoofd getroffen,maar de vogel hield haar hersenser bij. ,,De rivier !'aat vlugger", kraste zij. ,,Volg mijn staart."

VAN ElNDElOOSooo.tvtartenroonder

Achter hen klonk nu het raspendegeroepvan de gestoofde hoogleraar die hen vanuit de deuropening hun plaats wees,en zijn geschreeuwoverstemde het geluid van een naderendeautomotor. Heer Ollie hoorde het dan ook niet. Hij volgde tegenbeter weten in de vogel, en jammei genoegliep hij dbardoor een ontmoeting met Tom Poes mis. Het was een vrije keuze, die zijn lot bepaalde. Maar daar had hij geenweet van. Hij holde nog een eindje; en net toen hij het welletjesvond, begon de mist op te klaren en werden de oeversvan een smal riviertje zichtbaar. ,,Vreemd", dacht hij. ,,Dat heb ik nooit gezien. En kijk daar ligt een soort gondel!"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

0l702De vogel Ima vloog naar de boot en streekop het dek neer. ,,Voort, voort!", riep het dier, terwijl het met kordate pas in het kajuitje verdween.

VAN EINDELOOS

DoorMartenroond

voerd. Het is te begrijpen, dat de onbevarenheer hierdoor het evenwichtverloor en achteroverop het dekje smakte.Enige tijd bleef hij versuft liggen,terwijl de regen op zijn schedeldrupte en het water langsde boordengorgelde. ,,Een bootreis", sprak hij ten slotte tot zichzelf. ,,Dat heeftdie waarzegsterme vanmorgenvoorspeld - en daarom zit ik hier. Wie met gekken omgaat, wordt er meebesmet,en daar kan ik niet tegen.Er is niet eenseenmisstanddie ik moet bestriiden." waarom eigenlijk?Vy'atzoek ik in dit weer op een Hij richtte zich wat op en keek mismoedignaar schip. Het gaat nog regenenook, terwijl ik warmte een dwarrelendboomblad, dat op zijn tors tot rust zoek.Ik ben gek,dat ik het doe..." kwam. Terwijl hij zo wiebelendstond te tobben,had Ima ,,Eenbootreis,die mijn levenvol zal maken",predoor een kajuitraampjehet touw losgegooid,zodat veldehij. ,,Datzei die dame,als iemandbegrijpt wat de gondel met een ruk door de stroom werd meege- ze bedoelde..."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01703De mist was opgetrokken,en daardoor konden Tom Poesen Joost zien waar ze reden. ,,Kijk, daar is het laboratorium!", riep de eerste verrast,terwijl hij remde. ,,Hier kunnen we vragen, of ze heerOllie somshebbengezien.Het ligt vooi de hand, dat hij hier om onderdak gevraagdheeft, of zo. ,,Denkt u?", vroeg de bediende,die wat zuinig naar de regenkeekdie nu begonte vallen.,,Als u me toestaatvraag ik me af of we de politie niet beter kunnen verwittigen. Het gaat tenslotte niet alleen om heer Olivier's betreurenswaardigeverdwijning. Er is ook nog een inbraak gepleegd.Heel verdacht, als u me permitteert." Tom Poeswas echter reedsuitgestapten liep het stadslaboratorium binnen, waar hij profèssor

VAN EINDELOOSooortvtartenroonde

Prlwltzkofski temidden van boeken en papieren aantrof.De geleerdekeekgestoordop uit zijn studie, en wierp een dreigendeblik op zijn bezoeker. ,,Hebtu heerBommelsomsgezien?" , vroegdeze. ,,Wewetenniet waar hij is..." ,,PĂ?aw", riep de hoogleraaropspringend.,,We wetenniet waar WIJ zijn! En dat, groter luml, is wat ik dadig ben in ener formuul vast te stellen; der Prlwytzkofski-formuul" ,,O", zeiTom Poes,eenbeetjeverrast.,,Maarwij zoeken..." ,,Ik zoek", kraste de geleerde,terwijl hij uitzinnig uit zijn boekensprong.,,DerBoml is bereidshier geweestom mij te bevragen.Der centrum is waar men is, zei der vogel!Als ik nog eenmaalover der Boml verneem,geraakik vemrkt! Scheertu zich voort!"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN ElNDElOOSooorvrartenroonder

01704,,Heer Bommel is bij de prof geweest",zei Tom Poes, terwijl hij haastig in de Oude Schicht sprong en gas gaf. ,,}íaar die zit zelf ergensnaar te zoeken,en hij wil niets meer over heer Ollie horen." o,Datis betreurenswaardig",zei Joost. ,,Maar als ik vragen mag: waarom gaan we nu naar de stad?" ,,Het schootme ineenste binnen,dat heer Ollie het had over eenreis op het water", verklaardeTom Poes.,,En toevalliglas ik vanmorgenin de krant dat de Albatros vandaag in Rommeldam verwacht wordt. Daarom kunnen we best evennaar de haven gaan,dacht ik zo." ,,ZeeÍ wel", gaf Joost een beetje stijfies toe. Hij drukte zich de hoed dieperin de ogenom zich tegen de.regen te beschermen,en hernam: ,,Het water trekt heerOlivier somsaan;vooral alszijn gestelwat aangeslagen is. Maar zoudenwe de politie niet beter

kunnen inschakelen?Die heeft tenslottegestudeerd in verdwijningen, als ik zo vrij mag zljn. En zo'n schip ligt misschiennog niet eenslangsde kade,zodat men in de koudemoet staanwachten,met permissie.Trouwens:waar is heerOlivier in die tussenÍijd? Daar gaat het nu maar om." Wel, heerBommelbevondzich in eengondel,zoals oplettendelezertjesweten. Het bootje was door de stroom meegevoerd,totdat het riviertje plotseling uitkwam in de rivier de Rommel, die op die plek flink breedwas,voordat hij in de zeeuitliep. ,,Pasopl" riep heer Ollie, die over de rand hing. ,,Het water wordt hier te groot! Doe dan wat! En daar komt een schip aan! We moetensturen!" ,,Sturen is veel goedkoperin Parnas", kraste de vogel Ima, en ze weesnaar de overkantvan het water.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN ElNDElOOSooorvrarrenroonde r ï .ot.' 90 URC- Hb

*t\ JI

man van de wacht slaakte een uitroep. ;,Bakboordje roer!", schreeuwdehii. ,,Die visser is gek geworden!" De roergangergehoorzaamde,maar hij had nog maaÍ een paar slagen gedaan, toen hij door een bulderendestem werd gestoord.Het wai de gezagvo-erder,die in grote haast de trap naar de'brug beklom. ,,Niks bakboord!", Ioeide deze.,,Daar zijn zand,banken! Volle kracht achteruit. En stuurb-oord" De navigerendeheer raakte door het aanzwellende rumoer achter zich lelijk uit de slag, en het angstzweetbrak hem uit. Hij begreep,dat hij op het punt stond te vergaíln.


H,EER BOMMEL

EN HET EINDE VAN ElNDElOOSooorrvraftenroonde

4áá

0lï)6 Heer Bommel hoorde achterzich het gerinkel van de telegraaf, en roepende stemmendie zich vermengdenmet het gedreun van een scheepsmachine. Al pagaaiendesloot hij de ogen om het einde af te wachten; maar toen er niets gebeurde,keek hij voorzichrrgopzij.Het grote schiplag scheefen bewegingloos in de rivier;hetwas duidelijk dat hetop eenzandbankgelopenwas. ,,Het geluk van de Bommels", mompeldehij ontroerd. ,,En kijk, dat schipken ik! Het is de Albatros!" ,,Linksaf is rechtdoor!", riep de vogel Ima. Maar daar luisterde hij niet naar, omdat hij boven zich een bekendgezicht'gewaarwerd, dat hem ongelovig aankeek. ,,Kapitein Wal Rus!", riep hij opgelucht. ,,}Vat prettig, dat ik u net tref. Kan ik als passagierbij u aan boord komen?Dit gondeltjeis te klein voor eenheer

in mijn positie,die over het water moet,om zijn leven vol te maken..." Verder kwam hij niet. De gezagvoerderhad zwijgend geluisterd,terwijl hij langzaarnopzwol. Bootsman Puit, die hem kende, tikte hem nog waarschuwendop de mouw, maar het was reedste laat. ,,Waai me plat!", bulderde de kapitein. ,oAlsdat Stommelsniet is! Gebarstentopeindtalie!Ik zaljouw levenvol maken,meneer!Kom aan boord, dan zal ik het dek metje dweilen!" ,,Maar u kent me toch?", riep heerOllie terug. ,,lk ben Stommels niet; ik ben heer Bommel, u weet wel..." Zijn stemstierfechterweg,toen de gezagvoerder met eenruk uit het gezichtverdween.En toentrad êr eenstiltein, die slechtsverbrokenwerd door het geklots van water en het gekrasvan de vogel,die 'Recht zodiegaat'nep.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01707De gondelwasdoor de stroom om de Albatros heengevoerd,en omdat het inmiddelsvloed was geworden dreef hij naar de tegenoverliggendeoever, waar zich de voortzetting van de zijrivier bevond. Heer Bommel trachtte het bootje zo veel mogelijk recht te houden, want hij voelde zich geheeluit het lood geslagen. ,,Er is niemand,die me begrijpt", fluisterdehij stil voor zich heen, ,,Snauwenen grauwen,waar ik ook kom. En nu vaar ik eenzaameen duister gebiedbinnen;vergeten.,." Dat wasechterniet waar.Tom Poesen Joostwaren nog steedsbezi$hemte zoeken,enzodoendewaĂ?enze

VAN ElNDElOOSooorvtartenroonder

gekomen,om inbij het kantoor van de havenmeester lichtingenoverde Albatros te vragen. ,,Het schipis er nog niet", zei Joost,toen hij uit het zegt,dat de Alkantoortjekwam. ,,De havenmeester batros in de rivier gestrandis, toen hij probeerdeom een gondel te ontwijken. Een heeleigenaardigegeschiedenis,zei die heer." ,,Een gondel?", herhaalde Tom Poes peinzend. ,,Hoe komt die hier?En dan gevaarlijkin de rivier varend?Hm, zou heerOllie daarsomsachĂŻerzitten?" ,,Precieswat ik had willen zeggen,alsik zo vrijmoedig had durven zijn, jonge heer", sprak de brave bediendeknikkend.


i tfppn

E*

BOMMEL EN HET"FINDE vAN nhĂ&#x2C6;nI-OOS

01708Tom Poes reed met Joost de rivieroever af, totdat hij de Albatros zag liggen. Het goede schip rustte scheef op de zandbank, en hoewel er nog rook uit de schoorsteenkwam. maakte het een teneergeslagen indruk. ,,Gestrand'0,zei de botenverhuurder,die hen in een sloepjehielp. ,,Dat zie je hier niet vaak. Maar ja; het is een ouwe schuit, hè? En de schipper zal ook wel van gisterenzijn." ,,Dat valt te [ezien", zei Joost, en nadat hij zorgelijk de huur betaald had ging hij op het achterbankje zitten, terwijl Tom Poes de riemen greep. ,,Je hebt geliJk", zei die al roeiend. ,,Wal Rus is nogal bij de dag, en ik ben bang dat hij nu een heel slechthumeurheeft." Dat was niet meteente rnerken,De gezagvoerder stond hen onbewegelijkop te wachten, terwijl de meeuwen droevig krasten en de wind door het want klaagde. ,,Dag kapitein", zei Tom Poes beleefd.,,Hebt u

DoorMartenroond

heer Ollie somsgezien?We hoorden,dat..." Hij aarzeldetoen hij het gelaatvan de gezagvoerder paars zag worden, want hij kende hem. Maar Joost was niet bekendmet het verschijnsel. ,,Heer Olivier wordt vermist, met uw permissie", vulde hij aan,,,En nu maken wij ons ongerust,omdat hij een teer gestel heeft. Gisteravond heeft hij zijn warme.melkchocoladeniet gehadvoor het slapen gaan...' ,,Hete bliksem op zijn onderkruier!", bulderdede zeerob. ,,Hou op over Bobbels,meneer,of ik bega een ongeluk!" ,,Excuseer",stameldeJoost,haastigde hoed afnemend.Maar dat hielp niet. ,,Het is die overgehaaldebraambrasin de grauwe erwt geslagen!",loeide Wal Rus. ,,Gooit zich in een opgepolitoerdesloepvoor mijn eerlijk schip,en spoelt dan in dat onkruid daar voordat ik hem kan kraken!"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01709 ,,In welk eh... onkruid is heer Olivier gespoeld?", vroeg Joost geschrokken. De kapitein maakte een vaag gebaar naar de andere oever, en Tom Poes merkte tot zijn opluchting dat zijn tint al iets begon te verbleken. ,,Is het erg, zo'n stranding?",woeg hij, om de gedachtenverder van heer Bommel af te leiden. ,,Het zal me een zorg zijn" , gromde de gezagvoerder, plotseling inzakkend. ,,De vloed is al aan het opkomen, en dan raken we vanzelf vlot. Trouwens: de rederij gaat dit goeie schip verkopen. Aan de sloperij. Te oud, zei meneerKantenklaartegenme. De tijd van de kolen is voorbij." Hij blies een rookwolk uit en keek die zo somber naodat zelfsJoost merkÍe dat er iets ernstigsaan de

VAN ElNDElOOSooortvtartenroonder

hand was. ,,Kunt u niet met olie gaan stoken?", vroeg hij. ,,Op Bommelstein hebben we de verwarming ook om laten bouwen,want heerOlivier was zo goed,op te merken dat ik zwarte handenkreeg.En toen..." ,,Waarom noemt u dat groen daar onkruid?", woeg Tom Poeshaastig.Hij voelde,dat het gesprek weer eenverkeerdewendingnam, en bovendienwilde hij zo veel mogelijk over heer Bommel te weten komen. ,,Het deugt daar niet", zei Wal Rus. ,,Steedswisselendestromen in de drab. En dat groenselis een donderbos.Er groeienbavia's en tarmolijnen. Nee, ik denk dat je Stommelsniet meerterug zal zien. Alles naar de sloperij, meneer.Ik óok."


HEER BOMMEL EN HET EINDE VAN ElNDElOOSoooruartenroonde

01710,,Wal Rus is geenvrolijk iemand", zei Tom Poesbedrukt,toenzeweerterugroeiden. gĂĄf Joosttoe. ,,Wat nu ,,Zeerbetreurenswaardig", te doen,jongeheer?Ik geloofniet,datwe heerOlivier kunnenbijstaanin dezenood.We hebbendit scheepje voor eenuur gehuurd,en dat is haastverstreken.Bovendienheb ik nu reedsblaren.Houdt u mij ten goede:het roeienhoort niet bij mijn professie.En tenslotte trekt de omgevingaan de overkantme niet zo zeer aanialsik zo vrijmagzijn." ,,Dan ga ik alleen"ozei Tom Poes.,,We kunnen heerBommelniet tussendebavia's latenronddriiven; al weetik niet wat bavia'szijn. Leenme wat geld,dan huur ik dit bootje voor een dag of wat, en dan ga ik daarzoeken." De bediendegaf niet direct antwoord. Hij trok kreunendaande riemen,en het waste zien dat hii innerlijkeenstillestrijdvoerde.

,,Ik heb niet zo veelgeld bij me, met uw goedvinden", sprakhij tenslottemet zuinigemond.,,Wanter gegeven moetnatuurlijkook statiegeld worden.Nee; ik voor mij gadepolitieverwittigen.Het lijkt mebeter dat ik nu terug ga naar Bommelstein.Er moet toch ook op hethuisgepastworden." Tom Poesging daarniet op in. Hij keekzwijgend toe, hoe Joost het bootje vastlegdeen in de Oude Schichtklom. Het geroffelvan de motor stierf langzaamwegin de vertĂŠ,en daarnawaser alleenhet ka6belenvan het wateren het ritselenvan de herfstwind. Hij was nogal uit het veld geslagen,totdat hij boven zijn hoofd ietsvoorbij zagdrijven.Het waseenballon met eenopschrift,diegevolgdwerddoor eenandere, en hetwasduidelijkdat ze opstegenachterhet huisje vande botenverhuurder. dacht Tom Poesoplevend. ,,Reclameballonnen", in." ,,Daarzittenmogelijkheden


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN ElNDEloOSpoo.vtartenroonde

01711 Toen hij naar de achterkant van het huisje liep, zagTom Poesdat hij gelijk had gehad.De botenverhuurderwas daar doendeballonnenop te blazen el ze de lucht in te sturen. ,,Kan ik u helpen?",vroeg Tom Poes.,,Voor een florijn doe ik er twintig." ,,Je komt te laat", zei de ondernemer.o,Dewind g4at draaien, en dan waaien ze rLaa�de overkant van de rivier. Waardeloosvoor de reclame.Daar woont niemand; het enigewat daar groeit zijn waaibomen en ontaard gewas. Ik moet de wind naar de stad hebben, anders betalen mijn klanten niet. Nee, dit was mijn laatsfèballon voor vandaag." Dat was natuurlijk een tegenvaller,en Tom Poes trok zich voorlopig terug. Maar hij was vastbesloten

NRc- \tb

ztt.o | ;g &

om zijn zin door te zetten, want dat heer Bommel hulp nodig had begon steedsduidelijker te worden. Heer Ollie zelf had dat nog niet zo in de gaten. Hij voeldezich wel erg alleenen in de steekgelaten, maar het gondeltjegleedrustig voort over het gladde water waaruit nevelsbegonnenop te stijgen.En behalvehet tikken van vallendewaterdruppelsverstoordegeenenkel geluid de stilte. ,,De enigevogel hier ben jij", zeiheer Bommel tegen Ima. ,,Rustighoor. Het is eenmooi boottochtje, maar wel eenzaam.Het was mij eigenlijk om iets heel anders begonnen;en bovendien heb ik honger..." ,,Voort", zei de vogel. ,,Voort is rechter dan nergens."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN ElNDElOOSooo.trtartenroonder

44 +{>

0l7l2,,Hoe vreselijkvoor eenheerom alleenmaar een stommevogel als aanspraakte hebben", sprak heer Bommel to| zichzelf.,,Zij kan het niet helpen, want haar vaderwas niet v€el beter,en daar heeft ze het natuurlijk van. Maar ik zit er maar mee,terwijl ik hier door de mist langshet natuurschoondrijf, zodat het me de keel uithangt. Vooral omdat ik honger heb..." Op dat momentwerd de deur van het kajuitje geopend en staptede vogellma het dek op met eenhoog opgetasteschotelop de vlerk. ,,Maar dat is nu pasaardig!", riep heerOllie verrast. ,,Eindelijkiemztrddie begripvooreen Bommelheeft! Dat is heelwat andersdan demaaltijd,dieje vaderme gisterenniet aanbood.Waarschijnlijkhet vrouwelijke

gevoel,waar men tegenwoordigzo weinig meerover hoort." Hij begonmet eenglimlachte eten,en dat bekwam hem zo goed, dat hij weer oog voor zijn omgeving kreeg.Het wasechterte laat.De avondbegonreedste vallen,en van de oeverswasweiniemèerte zien door de dichter wordendenevels.Dit wérd echtergoedgemaakt toen de stroom eenbredebocht maakteen er plotselingeen aanlegsteigerin het zicht kwam. Aan het eindedaarvanzateeneenzame visserop zijn dobber te staren,en heerOllie stondverheugdop. ,,Net op tijd", steldehij vast.,,Wezijn er net voordat de nacht valt. zodat ik tenminsteeen warm bed kan hebbenom in te slapen.Het begint koud te worden,bedoelik. Eh...dat is toch Parnas?"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01713De gondeldreefvoort door de kille avond,totdat heer Bommel een steunbalkvan de steigerkon grijpen zodat het vaartuigieeindelijk stil bleefliggen, Het riviertje klotstevoort, maar dat was het enigegeluid dat er hoorbaarwas. ,,Eh.,.Goede avond", zei heerOllie, ,,Is dit Parnas?" De vis$erbleef roerlooszitten; het is mogelijk dat hij zijn hoofd schudde,maarin de schemeringis zoiets moeilijktezien. ,,Niet?",hernamheerOllie eenbeetjeontdaan.,,Is dit Parnasniet?" ,,Volgendeaanlegplaats",mompeldede hengelaar onderzijnhoed.

VAN EINDELOOSpoortvtartenroonder

Het is te begrijpendat dit de reizigerdanig tegenviel.De boottochtbegonhemergtegente staan,ennu hij daarzo lag tussende grillige nevelslierten,begonnen de stilte en de ongastvrijeomgevinghemdanigte bedrukken.Maar daar gaf hij niet aantoe, en moedig legdehij de gondelvast. ,,Alsje slaapt,moetje varen",zeide vogel,die onrustig om hem heenvloog. ,,Anderslig je stil. En hier is hetverderdanheteinde." Maar heer Bommel liet zich niet afleiden,en even laterliep hij overde plankenvan de steiger. ,,Hetis goedevende benente strekken",zeihij tot zichzeff,terwijl hij zich behagelijkuitrekte. ,,En in dit plaatsjezalik beterkunnenslapen,danin datbootje."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN EINDELOOS

DoorMartenroond

biina op barsten stond bond hij dat stevig om de oóeninÉheen,op zo'n manier dat er een langelus oirtstoÀd.Tenslottedraaidehij de afsluitschroeflos, en toen de ballonde lucht in schoot,spronghij in de lus zodat hij door de overspannengasbalwerd meesevoerdop de sterkewind. Boven hem scheende íraan op áe voortjagendewolkenvelden,en enigszins ongerust zag híi, dat die een andere richting haddendan hij. ,,Er zijn verschillendewindrichtingen", stelde.hij vast. ,,Vèrvelend.Ik ben nu gelukkig over de rivier, maar het is de vraag hoe ik heer Bommel kan vinden,met al die bomenonderme' Als zo'n ballonnu maarbestuurdkon worden..." Maar dat kan niet, zoalsontwikkeldelezertjeswewat er op het ogenblik met hem gebeurt.l' Hij zette de gastoevoeraan, zodat de ballon ver- ten. En dat was des te vervelender,toen hij tot zijn der werd opge6lazen,en zocht toen op het veldje schrik zag dat hij weer terug geblazenwerd over,de totdat hij eendoos met onderdelenvond. Daar haal- stroom.'\y'eranderlijkewindrichtingen'noemt het de hij eén dun, stevig koord uit, en toen de ballon weerberichtzoiets.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01715Ook heer Ollie had last van de veranderlijke wind, die joelend door de bomenjoeg en zijn jaspanden deedwapperen.Hij had al eenheel eind gelopen 2onderergenseentekenvan levente zien,en tenslotte begonnende zwiependetakkenen de krakendestammenhem ergte bedrukken. ,,Nergenseen herberg", preveldehij klappertandend, terwijl hij op een open plek steunzocht tegen eendoorbuigendeboom. ,,Hier is nietsdan wildernis, en de wind huilt akelig,en het is koud. Ik had beter aanboord kunnenblijven." Hij keek met tranendeogenom zich heen,en beklemd steldehij vast dat hij tussenal dat bewegende gewasde weg was kwijtgeraakt, zoals zijn gewoonte was. ,,Met mij gaathet beryaf ', klaagdehij. ,,Allesis vij-

VAN EINDELOOSooo'tvlartenroondeĂ?

andigtegenme;zelfsde natuur. Het lijkt alsofdie bomeh..." Op dat momentgierdeer eenhevigevlaagdoor het bos, en de woudleus die zich achter hem bevond, raakte hem met een maanbeschenentak vol op de schedel,zodathij buitenkennistussende dorrebladeren stortte. In Bommelsteinwerd de bediendeJoostjuist gewekt door hetgierenvan dewind om zijn torenkamer, en hij richtte zich onggrustop. ,,Geenwonder dat ik slechtslaap", dacht hij in de koudetocht. ,,Ik heb mij tot mijn leedwezenniet delikaat gedragentegenoverheer Olivie-r,al heb ik dan ook de politie verwittigd. Maar wie weet,in welk ongeriefhij zich nu bevindt,zonderzijn warmechocolademelk?"


HEER BOMMEL EN HET EINDE VAN EINDELOOSp..'naartenroond

0l7ló Joost had gelijk: heer Bommel bevond zich in ongerief, al wist hij nog niet direct, hoe groot dat wel was. Om hem heen huilde de wind en ritselden de dode bladeren, terwijl het dode hout krakend naar beneden kwam. Maar dat was niet alles. Toen hij bijkwam en voorzichtig zijn buil betastte, werd hij zich bewust van de vreemd zwiepende takken, en ook voelde hij onder zich de aarde bewegen. ,,Een o-overv-val", stamelde hij. ,,R-rovers! Er zit er een onder de grond. Ik moet hier weg, bedoel Hij kwam overheid om een veilig heenkomen te zoeken; maar dat bleek niet zo gemakkelijk te zijn. Op het moment dat hij opstond, verhief zich een grote boomwortel uit de grond, de zich dreigend naar hem toe bewoog, en een lange boomtak dreig-

de hem te omhelzen. Het werd de ontredderde heer duidelijk, dat dit niet alleen de aanzwellende wind kon ziin. maar dat er andere krachten in het spel waren. EÏ dat werd hem nog duidelijker, toen'hij het op een lopen zette. Om hem heen kwamen de bomen in beweging; ze rukten hun wortels los en schoven in zijn richting, zodat de open plek al spoedig gevuld was met dreigend en zwiepend loof. Het is mij niet mogelijk de gedachtengang van heer Ollie te schetsen,want die hing als los zand aan elkander. Geen wonder; het is nu te begrijpen wat kapitein Wal Rus bedoelde, toen hij het over een donderbos met bavia's en tarmolijnen had. En iedereen, die wel eens in zo'n woud geweestis, weet dat daar geen plaats is voor geordend denkwerk.


TIEER BOMMEL EN HET EINDE VAN

01717 Heer Bommel rende verwilderd voort. Om hem heen kraakte het; de wind huilde door de bomen en de stammen piepten op een vreemde manier, die de vluchtende heer het ergste deed vrezen. Die vrees werd nog erger, toen de jonge maan door de wolken brak en een mat licht op de grijpende takken en \ryortels wierp. Dit was meer dan de ongelukkige verdragen kon, en hij bleef verlamd van schrik staan. ,,Help!" riep hij met zwakke stem. Maar die ging verloren in het akelige lawaai om hem heen, en het drong dan ook tot hem door, dat hij het krachtiger aan moest pakken, zodat hij om Tom Poes begon te roepen. Maar toen dacht hij plotseling aan de vogel. ,,Ima!" schreeuwde hii boven het lawaai der ele-

EINDELO

O S ooorvartenToonder

Nltc-Hb

menten uit. ,,Helpl Waar ben je?" De wind nam wat af, en ook het gezwiep van de boomtakken werd minder. Daardoor was het eefladder van de vogel duidelijk te horen toen ze vanรกchter een oude eik te voorschijn kwam. ,,Ik ben hier", kraste ze. ,,Maar jij niet. Als je er niet .bent kan je niet verder. Loop achter mijn staart aan.' Heer Ollie gehoorzaamde, en slofte versuft langs de geschrokken bomen over de aanlegsteigernaar de boot. Hij merkte nauwelijks dat ze even later weer verder dreven in het maanlicht. Maar hij hoorde wel de stem van de hengelaar. ,,Parnasis de volgende aanlegplaats",zei die.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN ElNDElOOSooortrlartenroonder

01718De volgendemorgenhing de bediendeJoost weemdeling. in een lustelozehouding op het bordes en staarde ,,Goedemorgen", sprak de eerste.,,Is de heer peinzendnaar een vallend blad. Hij had slecht ge- Bommel thuis? Dit is de heèr Schifter, adjunct van slapenen nu probeerdehij door het inademenvan het bouwwezen.Hij heeft een brief ontvangen,die vochtige herfstluchtweer op krachten te komen. een onderzoek van dit pand noodzakelijk maakt. ,,Nog steedsgeenspoor van heer Olivier", mom- Dat is met het oog op de bouw van de nieuwe pelde hij, het blad naogend,,,En toch heb ik de po- woonwijk BuitenRommel." litie gewaarschuwd,en die heeft hulp toegezegd. ,,Gezier foliant D127", vulde de heer Schifter Maar waar zijn ze?" aan. Op dat moment werd zijn opmerkzaamheidge,,Moeten de zaakgrondig doorpeilen." trokken door het geluid van een naderendeauto, en ,,Het spijt me", zei Joost. ,,Ik kan geentoestemhij keek vol verwachtingom. Maar tot zdn grote te- ming geven om mee te werken aan die woonwijk, leurstellingwas het slechtsde ambtenaarDorkno- 'die zonder goedvinden van heer Olivier plaats per die er uit stapte,in gezelschapvan een magere vindt, zolanghij er niet is."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01719Toen het dag werd, zweefdeTom Poesnog steedsop de gekeerdeluchtstroom over het landschap.Dat begonhem natuurlijk erg tegente staan, want het is geenpret om uren lang op eentouw te zitten; vooral niet als men de verkeerdekant opgaat. Toen hij dan ook slot Bommelsteinin het oog kreeg, zette hij zijn voet in de lus en greepde spijker,die hij tot dat doel had meegenomen. ben,is het toppunt",zeĂ­ ,,Dat ik hierheengeblazen hij tot zichzelf.,,Ik ga die ballon kapot prikken, want ik heb er genoegvan." Hij voegdede daadbij het woord, en al gauw siste het gasuit de ddbrboordehuls.Maar hij had er niet op gerekenddatzo'n gat nogal inscheurtals eenballon krachtig is opgepompt,en daardoordaaldehij vluggerdan hij verwachthad.

VAN ElNDElOOSooortvtartenroonder

,,We willen dit pand alleen maar even vluchtig doornemen", verklaarde de ambtenaarDorknoper onderhem. ,,Even vergelijkenmet het gesteldein foliant D 127",vuldedeheerSchifteraan.,,Hetis urgent." ,,Met uw welnemenis heer Olivier afwezig", zeĂ­ Joost afuijzend. ,,En zonder hem kan ik niet zo vrij zijn om medewerkingte gevenaan de bouw van een woonwijk op dit slot. Ik ken mijn plicht. Al zou de hemelvallen..." Yerder kwam hij niet, want op dat moment viel Torn Poeshemop het lijf, zodatdeverschrikteknecht lelijkdubbelsloeg. ,,Tut-tut!" merkte de heer Dorknoper op. ,,Men moet voorzichtigzijn met het gebruikvan sterketaal; rnaardit gaattoch wel heelverl"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE i^ftAtb,l teà!t('

VAN EINDELOOS

DoorMartenroond

" ^\)

@à5

01720Tom Poes maakte zich los uit de lus van de leeggelopenballon en boog zich bezorgd over Joost. ,,Heb je j. ptjtt gedaan?"vroeg hij. De knecht richtte zich op en mompelde iets, maar de ambtenaar en de adjunct hadden daar geen belangstellingmeer voor. ,,Het is zeker een misverstand",zei de eerste, naar zijn auto lopend. ,,Heel jammer van de vermorste overheidstijdeenheid. De brief leek me toch ernstmatigbedoeld." , ,,Zeker gezien het gesteldein foliant D l2'7" gaí de ander toe. ..Wat kwamen die twee doen?" vroeg Tom

Poes, toen Joost zich een beetje hersteld had. ,,Wie was die magere?" ,,Een hoge van de bouwcommissie",mompelde de bediende. ,,Als ik mlj zo mag uitdrukken. Kwam Bommelstein onderzoeken zonder heer Oliviers soedvinden. Had het over voliant honderdzoveá. Ik heb mij verstout hem de toegang te ontzeggen. Wat denkt u, jonge heer: zou een aspirientje helpen tegen hoofdpijn en een zere rug?" riep Tom Poes uit. ,,Van de bouwcommissie?" Hij liet de beklagenswaardige knecht aan zijn lot over en holde de heuvel af. Hij was maar net op tijd om de vertrekkendeauto tegen te houden.


BOMMEL

EN HET EINDE

01721Joost krabbelde langzaamovereind en keek glazignaardienstwagen onderaande heuvel. ,,U kunt rustig binnenkomen", hoorde hij Tom Poeszeggen.,,Ik weetallesvan die brief af, en ik ben er zekervan dat heerOllie geenbezwarenzal hebben. Maar Joostwist dat niet." ,,Mooi", zeide adjunctuitstappend.,,Hetgaatom foliantD 127.Evendoorpeilen.Is zo gepiept." ,,Vreemd", sprak de bediendegeschokttot zichzelf. ,,Daar staat de jonge heer aan te pappen met de bouwcommissie.Wat zou hij van plan zijn?Zou heer Olivier dat wèfkelijk goedkeuren?Ach, was hij er maar! Ik heb de politie verwittigd, maar men doet niets!" Dat wasniet helemaalwaar. Om half elf staptebrieadierSnufhet bureauvan commmissarisBasbinnen

VAN EINDELOOSoooTn'lartenro.onde

om rapport uit te brengen,zoalszijn gewoontewas. melddehij. ,,Eenwegenshet ,,Drie bekeuringen2', uitsliepenvan de agentKloppers,eenwegensdiefstal En eh...o vaneenbroodje,eneenparkeerovertreding. ja, eenvermissing.MeneerBommelO.B. is verdwenen sindsgistermorgen.Weggelopenin overspannen toestand,zondermedenemingvan kleding,levensbe" hoeftenof chocolademelk. ,,Bommel", mompeldede politiechefvermoeid. ,,Altijd dezelfde.Verdwenen,he?Niet de eerstekeer." Hij trommeldeenigetijd met zijn vingersop het bureauen begonzetoente verzorgen. ,,Bommelkomt wel weerterug",besloothij. ,,Dat doet hij altijd. Is trouwensaltijd in overspannentoestand. Niks bijzonders.Houd eenoogjeopen,Snuf;maar doevoorlopig niks."


HEER BOMMEL EN HET EINDE VAN

01722Omstreeksdezelfdetijd had de burgemeester bezoekvan de heerSchifter,de adjunctvan de bouwcommissie. ,,Ik heb gehoorddat u ontslaghebt aangevraagd", sprakdeze.,,Jammer;maar geenredenom de boel te verslonzen." ,,Verslonzen?"riep de magistraatopspringenduit. ..Hoezo?Wat..." ,,Eenvan uw belangrijksteinwoners,de heerBommel, is verdwenen",onderbrak de adjunct. ,,Ik heb het vermoeden,dat er een complot achterzit dat de nieuwewoonwijk betreft.Daar zijn immerskapitalen meegemoeid!Maar waar is de heerBommel?" ,,D-dat weet ik niet", stameldede burgemeester. ,,D-datis eenzaakvoordepolitie.Die zal..." ..En waarom doet u niets voor die nieuwe woon-

E INDEL

O O S Poortvtarten Toonder

wijk?" vervolgdede heer Schiftermet verheffingvan stem. ,,Kent u foliant D 127somsniet?Waarombentu de raad niet goed voorgegaanmet informatie?Ontslag zalu niet helpen,waardeheer.Ik zalde Inspecteurinlichten en hem venvijzennaar artikel Z 13, dalhet Eindebehandelt." Na dezewoorden verdweenhij, de magistĂ?aal geheelverslagenachterlatend.Maartoen dezezich een beetjeherstpldhad, haasttehij zich naar het bureau van commissarisBas. ,,W-waar is Bommel?" riep hij overspannenuit. ,,Wat heb je daar aangedaan?Daar,zit het complot van eenkapitalewoonwijk achter!Waarom hebje er nietsaangedaan,Bas?Ik waarschuwjevoor arllkelZ l 3 !"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01723Het was een stille herfstdag,en het enigegeluid was het getrommelvan regendruppelsop de paraplu van Joost, die zich in de fuin had begevenom na te denken. ,,Men moet mij ten goedehouden", preveldehij terwijl hij mistroostig over het muurtje leunde. ,,Ik heb er geen rust bij, zodat ik erg ongerustben. Ik had gisterenwat geld voor een boot moetenvrijmaken, zoals de jonge heer voorstelde.Maar ik heb niet naar hem geluisterd,en daarom brengt hij nu weemde bouwvakkersin huis, terwijl heer Olivier afuezig is. We haddendat riviertje moetenopvaren. De politie doefimmersniets..." Hij zweeg,want voor zijn verbaasdeogen hield eenpolitiejeephalt, en brigadier Snuf spronger uit.

VAN ElNDElOOSoooruartenroonder

tlRc- Hg

1 .0 2 .' q D

,,Je hebt toch de vermissingvan meneerBommel gĂŠrapporteerd?",woeg deze. ,,Juist. De politie is onmiddellijk aan het werk gegaan.Wat weetje van die veidwijning?" ,,O, eh...", zei Joost beduusd.,,lk ben onmiddellijk aan het werk gegaan.Kijk; heerOlivier heefteen schiplaten strandenen is toen in eenverdachtwoud verdwenen.Dat heb ik vernomenvan eenbevoeede zeevaalder,als ik me zo maguitdrukken. Heer Ă&#x201C;fivier moet wel erg van streek zijn geweest.Geen wonder; zonder voedzamemaaltijd of chocolademelk..." ,,Goed", onderbrak Snuf. ,,Je moet de plaats wijzen,waat dat gebeurdis. We gaanmet eenboot van de waterpolitie de rivier op."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01724Niet lang daarnakon men in de rivier de Rommel de snel varendemotorboot van de havenpolitie waarnemen.Brigadier Snuf en de bediende Joost stondenop de voorplechten speurdende legewatervlakte af, terwijl de regenhen droefgeestigin,het gelaat drupte. ,,Een kale boel", bromde de eerste.,,Je kan zien, datde zeevaartslechtgaat.Ik zie geenschip!" ,,Houdt u mij ten goede",zei Joost stijfies.,,Dat schip lag ongeveerhier. ik weet het zeker,hoewel ik me niet zo goedvoel omdat ik niet tegeneenstorm op zeeben opgewassen.Maar ik zie het aandat huisje; daar hebbenwâ&#x201A;Ź eenroeiboot gehuurdmet uw goedvinden."

VAN EINDELOOSpoortrlartenroonder

,,lk zie geenschip", herhaaldede brigadiergemehjk. denk ,,Hetis nu weg",gafJoosttoe.,,Weggevaren, ik. Maar tegenoverdat huisjemoet de ingangvan de stroomzijn waar heerOlivier in verdwenenis." aan,en de motorboot Snufgafdekoersverandering voer op de rechteroeveraf. Maar daarwasslechtseen wilde plantengroeiwaarneembaar,en in plaats van het riviertje waser alleeneenkleinebaai te vinden. ,,Eendoodlopendspoor",snauwdedebrigadieruit zijn humeur.,,Aan dat soort verklaringenhebbenwe geweest zijn." niks.Moet verbeelding ,,MaardeheerWalRusheefthetookgezien,alskapiteinzijnde!",riepde miskendeknechtuit.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

naar het huisje 01725Joost begafzich rechtstreeks van Tom Poes,én deedklagendverslagvan zijn wêdervaren, ,,lk zie in, dat ik verkeerd gehandeldheb, jonge heer", besloothij. ,,Gisterenwas dat riviertje er wel, en nu niet meer.lk had met u eenbootje moetenhuren, omdat men het ijzer moet smedenalshet heetis. Nu is het te laat.Acht ik heb spijt, en ik ben graagbereid om mijn spaarpotaante spreken,alsu somsnog eenlist weet." ,,Hm", zei Tom Poes.,,Ik weetgeenlist, maar ik moetdie ballonbetalen.En misschienkan ik nog eens eenanderebalftonproberen,hoewelhet behelpenis, hoor. Het isjammer dat depolitie nu is uitgeschakeld,

VAN ElNDEl-OOSooo.tvtartenroonder

want die heeftallehulpmiddelen." Hij vergistezich echter;depolitie wasnog helemaal niet uitgeschakeld.Als die eenmaalin bewegingis, zit zeniet stil. Zo stondbrigadierSnufop dat momentbij de havenvan Rommeldam,waar het stoomschipAlbatros die morgenwas aangekomeh.De loodserten pakhuizenlagener verlatenbij, en er was niemandte zien die hem terechtkon wijzen. Maar over de kade naderdeeenoude zeerob,gevolgddoor eenmatroos die eenplunjezakdro eg. ,,Dattreï1", sprakde brigadiertot zichzelf.,,Kapitein Wal Rusl Die moet ik juist hebben,want die kan me vertellenof Bommelsbediendeonzin heeft sepraatofniet."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN EINDELOOS

DoorMartenroond

oilrâ&#x201A;Ź,(

01726Kapitein Wal Rus bleef staantoen Snuf hem bakboord rimboe. Die oever deugt niet, meneer! aansprak,en de matroos Smeergarenzette de plun- Drijfgrond met waaibomen. Lijkt mooi, maar je jezak zolang maar op de grond. komt er niet meer uit. Jammer van Bobbel. Een toen de brigadier overgehaaldebuitenkluiver, maat altijd goed van ,,2o", sprak de gezagvoerdero uitgepraat was. ,nDie stranding?Niks om je druk schadevergoeden. Ik heb heel wat met hem meegeover te maken. Met de vloed kwamen we weer vlot. maakt, als ik het goed naga." Geen verbogenplaten en geen lekje, meneer. Een Zijn trekken verzachttenzich en hij keek peingoed schip, maar niet jong meer. Ze gaat naar de zend een rookwolk na. sloop." Heer Ollie was zich niet van deze zachte qevoeHij zuchtte diep, en Snuf maakte daarvan ge- lens bewust.Hij liet zich willoos in de gondeftp de bruik, door weer over heer Bommel te beginnen. Stroom meedrijvenen beklaagdezijn droevig lot. ,,Ja, ja; die Joop heeft gelijk", gaf Wal Rus toe. ,,Ik weet niet waar ik ben; maar ik wou dat ik er en toen hij ons niet was-",mompeldehij stil voor zich heen. ,,Zort ,,Bobbelszat iit een fantasie-sloepje, op een zandbank had gejaagd,verdweenhij in de er nooit een einde aan dit tochtie komen?"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN ElNDElOoSooortvtartenroonde

ge01727 Tom PoesenJoostwarennaarBornmelstein gaan,omdat de trouwebediendenaarde stadwilde. ,,Ik zal zo vnj zijn mijn aandeeltjeste geldete maken", verklaardehij, toen hij in de Oude Schichtzat. ,,Dan hebbenwe wat geldom handenom ietste gaan doen. Als u dan intussenverzint wàt we gaandoen, kunnenwe aanhet werk gaan,met uw permissie." ,,HÍn", zei Tom Poes,,,Het is niet gemakkelijk, Joost.We kunnende OudeSchichtniet gebruikenom heerOllie te vinden'in die rare bossen,en die ballon wasongeschikt,heb ik gemerkt.En eenvliegtuigkan er niet landen." ,,Daarvoor2óumijn geldook niet toereikendzijn", zei de knecht geschrokken.,,Ik ga nu maar, jonge heer;voordatde bank sluit." Het voertuigreedweg,en Tom Poesbegondezelf-

de weg op te lopen. Zodoendekreeghij de lieden rn het oog, die zich met onduidelijkeinstrumentenom het oudeslot bewogen. ,,Landmetersof zo", dacht hij ,,Hier komt dg Nieuwe Wethouder Kneepstraat die dwars door Bommelsteingaat.Als heerOllie er Íiraarwas,zouden we er misschienietsaankunnendoen.Maar hij is nog nooit zo onvindbaargeweestalsnu." Op dat momentwerd hij ingehaalddoor eenfraaie limousine,en ho€welhetvoertuigsnelvoortreed,herkendehij in de inzittendetoch de heerSteenbreek, die alssecretarisvan de BovensteTien heelwat zakenbeheerde. ,,Daar hebje hem ook", zei Tom Poesbij zichzelf. ,,Het zou me nietsverbazenalshij ietsmet die nieuwe woonwijk te makenheeft."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01728 Tom Poes volgde het spoor van Steenbreeks voertuig uit nieuwsgierigheiden omdat hij toch niets anders te doen had dan een list verzínnen. Hij hoefde niet ver te lopen, want toen hij het buiten van de markies naderde, zag hij de wagen voor de heg staan. Dat gaf hem te denken. ,,Zóuden die twee zaken doen?" vroeg hij zich af. ,,Wie had dat kunnen denken!" Zijn twijfel was gegrond, want het was alleen de heer Steenbreekdie zaken op het oog had. ..Ik hoorde dat u dit huis aan de horeca wilt verkopeno', spïak hij. ,,Welnu: de Internationale Bouwondernemingsmaatschappij heeft er interesse in. Wij kunnen het opnemen in onze schakel Kasteelhotels.Wat is uw prijs?"

VAN EINDELOOSooo.tvtartenroonder

,,Een De Cantecler heeft geen prijs", zei de markies, die met groeiende tegenzin geluisterd had. ,,Parbleu! Ik onderhandel niet met plat bouwgrauw, dat deze fulpen heuvels in een steenwoestijnwil herscheppen." ,,Let op uw woorden!" riep Steenbreekuit. ..Ik ben de directeur van de N.V. Interbouw! En mijn president-commissarisis niemand minder dan AWS! De heer Steinhacker persoonlijk! De eigenaar van de multinationale neutronium..." De edelman stond op en greep een zilveren tafelbelletje. toen hij bij een bocht een aanlegsteigergewaar werd, richtte hij zich op.,,Ik wens niet beledigd te worden in mijn eigen buiten", prevelde hij. ..lk zal een lakei ontbieden om u uit te laten."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01729TomPoeshoefdeniet langte wachten,want na vijf minuten zaghij de heer Steenbreekal weer met eenbleekgelaatnaarbuitenkomen. ,,Hij heeftdusgeenzakenmet de markiesgedaan'.', steldeTom Poesvast.,,Datvalt me mee.Maar het is niet zo best,dat de bovenbazenachter de bouw van die nieuwe woonwijk schijnente zitten, want dan is het eenhopelozezaak.En ik ben bang,dat mijn probeerselniet geholpenheeft. Het zit met niet mee;ik hebgeenideeënengeenlisten.Niet eens,hoewe heer Olliekunnenhelpen.Niks." Dat laatstebedrukteook commissarisBas,toen hij die ochtendverslaguitbrachtbij de burgemeester. ,,Ik ben bang,dat meneerBommelniet te redden is", zei de politiechef.,,Hij is volkomenzoekgeraakt

VAN ElNDElOOSooortvtartenroonder lL { . O 2 . N RC- H$

in de WoesteGronden.Op het bureauhebbenwe die haarhjnuitgezocht;maar het is daar allemaalmoeras entarmolijnbomen..." ,,WoesteGronden?"herhaaldede burgemeester met ingehoudenontstemming.,,Nooit van gehoord. En sindswanneeris depolitie bangvoor bomen?Hier wordt geblunderd,Bas!De inspecteurzelf zit achter dezezaak!Ik waarschuwjemaareven.Denk toch aan artikelZ l3l" ,HeÍ zijn geengewonebomen", hernamde commissariszwakjes.,,Een oerwoudvan grijpstengels, kanlanden..." waaringeenvJiegtuig ,,Slappepraatl" snauwdede magistraat.,,Als je Bommelniet vindt kan je beterje ontslagindienen, Bas.En ik ben bang,dat het nieteewolzalzíjn."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

0l 730De avondbegonal vroegte vallen,en uit de nevelsreeSdejonge maanbleekjesop. Heer Bommelzat lusteloostegenhet kajuitje van zijn gondelen at zonder veel eetlustvan de maaltijd die de vogelIma hem gebrachthad. ,,Weer een dag om", sprak hij tot zichzelf.,,Met nietsdoen. Met zitten en drijven maar, en drijven rnaar,zodatmijnhelelevenaanmijn geestesoogvoorbijtrekt. Is dit nu de (nanierom mijn levenvol te makenmet eenreisoverhetwater?Aan dewal kan ik niet komen, want daar deugt het niet voor een heer van mijn stand.Men wordt er omstrengeldvoordat men er ergin heeft.En dezerivier loopt eindeloosnaarhet westen,terwijler niemandis die aanme denkt..." Op dat momentviel zijn verveeldeblik op eenaan-

VAN ElNDElOOSoooruartenroonder

legsteiger die in de verte zichtbaar was, en hij sprong overeind. ,,De volgende halte!" riep hij blij. ,,Findelijk! We zijn er! Dit moet dat Parnas zijn, dat die hengelaar me gewezen heeft!" Vol ongeduld wachtte hij totdat het vaartuigje op de hoogte van de steiger was, en toen greep hij een van de steunbalken. ,,Goede avond", riep hij naar de eenzame visser, die daar zaltehengelen. ,,Kunt u mij ook zeggen, of dit Parnas is?" De hengelaar maakte een vage beweging met zijn arĂ?n en wees naar het westen. ,,De volgende aanlegplaats",zei hij met holle stem.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN ElNDEl-OOSooo.tvtartenroonder @95

01731HeerBommelliet de paal los,zodatde gondel <ioor de stroom verder naar het westen werd gevoerd. ,,De volgendeaanlegplaats",preveldehij, terwijl hij zich verslagentegenhet kajuitje liet zakken..Dat zei die visservan gisteravondook. Ofzou dit dezelfde visserzijn, als ik begrijp wat ik bedoel?Ach, het wordt me te veel.Misschienis de tijd stil gaanstaan. Hoe laat is het?" ,,Later dan je denkt!" riep de vogel achter hem. De tijd stond echter niet stil, want de bediende Joost had zijnzaken in de stad gedaan,en zat nu bij Tom Poesgeld te tellen. ,,Men is zo goed geweest,mij 3025florijnen voor mijn aandeeltjeste geven",sprakhij. ,,Ik trof het, zei die bankheer.Een mooie koers, zei hij, en dat zal

wel, want het is veel geld voor een eenvoudigpersoon. Maar zou het genoegzijn voor heer Olivier, voor wie geld geen rol speelt?Dat vraag ik me af, met uw welnemen." ,,Hm", zei Tom Poes.,,Ik ben bang.Vanmiddag heb ik alle mogelijkhedenbekeken,en de enigemanier om dat bos te onderzoekenis in eenhelikopter. Die kan je huren voor vijfduizendflorijnen per twee uren. En tweeuren is niet eensgenoeg,Joost." Het gezichtvan de brave knecht betrok. ,,Niet genoeg",mompeldehij. ,,Dat vreesdeik al. 誰ja... Dan zal ik mijn centjesmorgen maar terugbrengen." ,,Morgen hebben we geen tijd", zei Tom Poes. ,,We hebben al twee dagen verloren, en het wordt tijd dat we iets gaan doen."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

0l732Toen Tom Poesde volgendemorgenal vroeg het politiebureaubinnenkwam,trof hij de commissaris en de brigadier die daar over een kaart gebogen stonden,aan,en ze kekengemelijkop. ,,Hebtu al nieuwsoverheerBommel?"woeg hij. je .,,Denk dat we kunnen heksen?'lwoeg de commlssans. ,,Die Bommel zit in eengebieddat ontoegankelijk is. Het staatwit op dezekaart, dusje kan nagaan." ,,Maar als u uw helicopterzou gebruiken?"woeg Tom Poes.

VAN EINDELOOS

DoorMartenroond

,,ZeuÍ nielt" snauwdedepolitiechef,diezijn geduld verloor. ,,We hebbengistermiddaghet terrein met de heli verkenden alleenmaar boomkruinen eezien.En dalenkunnenwe er niet; er is nergenseenofen plek." ,,Het is er gevaarlijk", lulde brigadier Snuf aan. ,,Eenuitloper van het DonkereBomènBos,waar taÍmolijnbomen op schuifgrond groeien volgens de Stadsuniversiteit." ,,Een uitloper van het Donkerebomenbos?"herhaaldeTorn Poesverbluft. ,,Maar natuurlijk! Mag ik de kaart eenpoosjelenen!"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN ElNDElOOSnoorvrartenroonder @s

01733 Joost had net zijn ontbijtbordje gewassen, toen Tom Poes de keuken van Bommelstein binnenkwam. , ,,Kíjk",.zei die, terwijl hij een kaart op de tafel legdp. ,,Dit is een stafkaartvan de politié. We zijn dom geweest.Dat rare gebied waar heer Ollie in verdwenen is, hoort bij het Donkerebomenbos! Dat had ik kunnen bedenken,wanneer ik eerder op de kaart had gekeken." ,,Yanzelfl,"zei Joost bewonderend...Je moet er Ínaar op komen! Maar wat hebben we er aan om dat te weten?" ,,Hier is de',,rivier",legde Tom Poes uit. ,,Heer Ollie is er aan die kant in gegaan,maar die is nu gesloten.Dan gaan wij er aan de andere kant in. Het zal wel even zoeken worden: zelfs met die kaart. Neem dus wat eten mee. En berg je geld

goed op, voofdat je weggaat." ,,Weggaat?"herhaalde Joost onthutst. ,,Had u gedacht dat ik van dienst kon zijn door mee te gaan,jonge heer?Het is daar erg gevaarlijk,heb ik vernomen,en ik ..." ,,De Oude Schicht staat nog voor de deur'', zeí Tom Poes.,,Doe maar gauw je jas aan," De brave knecht gehoorzaamde,en even later waÍen ze op weg naar het bos. o,Prettig,dat je meegaat", zei Tom Poes, die achter het stuur zat. ,,Je kunt heer Ollie toch niet in de steek laten?" ,,Nee", gaf Joost toe. ,,Dan zou ik niet kunnen slapenoheb ik gemerkt.Hoewel ik even in het midden moet brengen, dat heer Olivier MIJ in de steek heeft gelaten. Hij had genoegvan alles, met uw goedvinden."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN ElNDElOOSpoorrvranenroonde

01734 }Iet behulp van de kaart vonden ze een soort weg door het duistere bos, waar de Oude Schicht rijden kon, en daardoor schoten ze goed op. Het was windstil en de woudreuzen stonden onbeweeglijk om hen heen, terwijl het zonlicht er maar moeilijk doorheen kon dringen, ,,Ik geloof niet, dat heer Ollie genoeg van alles had", zei Tom Poes, nadat ze lange tijd bedrukt hadden gezwegen. ,,Hlj zocht iets; en daardoor is hij zoek geraakt." ,,O, juist", gaf Joost beleefd toe. Hij ritselde wat met de kaart, en hemam: ,,Ik vind het hier niet zo prettig, jonge heer. Als we zelf maar

niet zoek raken! Kaartlezen is niet mijn sterkste punt, als ik u attent mag maken. Het ligt niet zozeer in mijn professie. Waar gaan wij heen?" Datzelfde woeg de heer Bommel zich ai toen hij na een onrustige sluimer gewekt werd door de ochtenpap van Ima. ,,Er zitten klonten in", prevelde hij. ,,En wat doe ik hier eigenlijk? Ik miste iets, al weet ik ook niet wat. Maar dit kan nooit mijn bedoeling geweest zijn. Dit is toch geen leven? Ik voel, dat ik geestelijk onmerkbaar achteruit ga. En waar ga ik heen? Dit water is eindeloos." ..Het westen is zachter dan eindeloos". zei de vogel krassend.


HEER BOMMEL EN HET EINDE VAN EINDELOOSoooruartenroond NRc-tlb n ,o z ,\+ Ă&#x2C6;

01735In het hoofdkantoor van de N.V. Interbouw stond de heer Steenbreekin de plannenkamereen ontwerpvan architectRoffel te bekijken. ,,Zoietshad ik me gedachtvoor de algemenestijl van Buitenbommel", sprak de bouwkundige.,,Een ultimum'aanutiliteit. Vrijstaandis ditpand eenherenhuis met eenschoorsteen,en huis aan huis is het een luxewoonwijk. Iederpandheefttweeslaapkamers, en desgewenst kan de gangkastomgebouwdwordentot een douchecel.Voorlopig heb ik het gepland voor tienduizendstuks..." ,,Ja, ja", onderbrak de directeur ongeduldig. ,,Maar hoe staaYhetmet de vergunningen?" ,,DepapierenzijninordĂŠ",zeideheerRoffelhaastig. ,,Alleen de onteigeningvan dat oude Bommel-

steinis nog niet rond, en dat vertraagtde bouw." ,,Hetis niet alleendie steenklomp!"zeiSteenbreek ongeduldig.,,Hetzijn ook de aanpalendelanderijen. Die behorentot..." Op dat momentwerd hij gestoorddoor zijn secretaresse,die het bezoekvan de commissarisvan de politie aankondigde. ,,Geentijd, geentijd", zeide directeur;maarreeds stonddepolitiechefinde deuropening. ,,Eenogenblikje",sprakdeze.,,Kuntu mevertellen waareenzekereBommelis?Volgensdeperszit Interbouw achter de raadselachtigeverdwijning van genoemdeheer. Deze zolude ondernemingtegenwerken. Dat beweertArgus van de RommeldamseCourant. Bevatdat berichtwaarheid?"


IIEER

E INDEL

O O S ooor vtaftenToonder

.-/^AÊIEd ( Pfcr.íi_-'"'

01736,,Denktu werkelijk,dat mijn ondememingde heerBommel ontvoerdheeft?"vroeg Steenbreekongelovig.,,Wateenonzin!We hebbengenoemdeheer juist dringend nodig, omdat we anders niet verder kunnenmet onzeontwikkelingsplannen!En het is uw plicht om hem zo spoedigmogelijk op te sporen! Bommel is een gevaarlijk frguur, mijn waarde! Hij schrikt er niet voor terug om de vooruitgangmet ragflrjn spel tegente houden! Ik reken op uw medewerking; anderszal ik me tot uw meerderenwenden.Noteertu dat!" ,,lk zalhet opschrijven",snauwdede commissaris, en hij zette vergramdzijn pet op. De directeur keek hem uit de hoostena. maartoen de dreunendevoet-

stappen verklonken waren, verzakte hij. ..OBB verdwenen?" kon men hem horen mompelen. ,;Wat is hij nu weer van plan? Kent die figuur dan geen rust? Altijd bezig ons dwars te zitten..Altijd zaken doen. Dag en nacht." Wanneer de nerveuzeondernemer heer Ollie op dat moment echter had kunnen zien. zou hii wel van mening veianderd zijn. De voortdrijvende Éeer lag lusteloos tegen het kajuitje van zijn gondel, zonder belangstelling voor zijn omgeving te hebben. Het gekabbel van het water tegen de boorden hoorde hij niet meer, en de zon die in nevels ten onder ging interesseerde hem niet. Pas toem hij bij eem bocht een aanlegsteiger gewaar werd, richtte hij zich op.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01738Tom Poeshadgelijkgehad: toenzedevolgende morgenverdergingen,redenze al gauwhet bcisuit en bereiktenze eenopen,kalevlakte. ,,Nu begrijp ik, waaromdit hier wit staataangegeven op de kaart" , zei Joost. ,,Er is niks, als ik me zo maeuitdrukken." ,iH-", zeiTom Poes.,,Ik benbangdat er nog een anderereden is. We kunnen beter voorzichtig zijn. Kijk; daar in de vertebeginteenanderbos,en ik heb zo het idee,dat we daarheenmoeten." Hij stuurdede Oude Schichtvoorzichtigde heuvel

VAN EINDELOOS

DoorMartenroond

af, en aande voet daarvanwerd het duidelijk dat hij gelijkhad gehad.Het trouwevoertuigzaktetot aande voorassenin het rulle zand weg, zodat de motor afsloeg. ,,Dijfzandl" riep hij uit. ,,Daarhebje het al." Hij stapteuit enliep voorzichtigom dewagenheen. ,,Het d-deugthier n-niet'n,zei Joost handenwringend.,,Ik ben bang,dat verdergaanb-buitenmijn mmogelijkheden ligt." ,,Ja,we kunnende OudeSchichtwel vergeten", gaf Tom Poestoe...Wezullente voetverdermoeten."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN ElNDElOOSoooruartenroonder

01739Tom Poesen Joostlieten de Oude Schichtdus voorovergezaktstaan,en gingente voet verder over dekalevlakte.De eerstegingvoorop,vootzichtigvoelehd ofde grond hem hield, en de bediendevolgde hem terwijl hij zich krampachtig aan zijn hoedrand vasthield. ,,De bodemis wel stevig", zei'lom Poes.,,Maar ik vertrouwhet niet; er zit eensoort bewegingin." ,,'t B-Bob-bobbelt", gaf de knecht bevangentoe. ,,Eenm-mol, d-denkik. Denkt u niet?" Tom Poeskreeggeengelegenheidom zijn mening te uiten, want de heuveltjesdie om hen heen rezen, barsttenplotselihgopenen spoteneenlauwevloeistof omhoog.Dat wastoch ook voor Tom Poeste veel.Hij

keerdezich om en holdeterugnaarde bosrand,die ze verlatenhadden. riep hij onder het gĂ an.,,Maar we ,,Geysertjes!" wetenniet wat ze spuiten.Het kan wel vergif zijn." ,,D-denktu?" vroegJoost,die hem radeloosvolgde. ,,Ik-ikkik-ik b-ben ge-geraakt!Z-zou er n-nog hoopz-zijn?" Tom Poesgaf daar geenantwoord op. Hlj wist het ook niet, want behalvevoor de spuiterswas hij bang voor het drijfzand, dat de Oude Schicht gevangen had. ,,Hoezullenwenu ooit heerOlliekunnenhelpen?" vroeghij zich ademloosaf. ,,Als hij tenminstenog geholpenkan worden!"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01740Joost en Tom Poesslaagdener in om ongedeerdde bosrandweerte bereiken;maardegeysertjes haddenhen met een vochtige,witte laag bedekt,die kleverigaanvoelde. ,,Eensoort leem", zei Tom Poes,toen ze hijgend tussende oudeeikenstonden.,,Hetkon erger." ,,Proeksel!"riep eenkrakendstemmetje,en toenze verrastrondkekenzagenzeeenklein ventjetussende wortelsvan eenboom uit de grond komen. ,,PeePastinakel!"riep Tom Poesuit. ,,Misschien kan je ons helpen.We moetennaar het bos aan de overkant,maarhoekom je daar?" ,,Niet over spuitgrond", zei Pastinakel.,,Die gaat

VAN ElNDElOOSoooruartenroonder

verzakkenofverspuiten,rnaarverderkomje niet." ,,Kunt u mij ook zeggenhoe ik dezesmurriekwijt raak?"vroegJoost,dievoorzichtiggenaderdwas.,,Ik vreesdat mijn bol en mijn bottines geheelbedorven zijn,metuw welnemen.Het is wit en hetplakt." Dat is ,,Geensmurrie", zeiPeehoofdschuddend.,, proeksel.Latendrogenen danwegkloppen." ..Maar hoe komenwe aan de anderekant?" hield Tom Poesvol. ,,Daarmoetenwe heen,omdat heer Olliedaaris." ,,Niet bovenlangsover de spuitgrond", verklaarde Onderdezeboomis hetventjegeduldig.,,Onderdoor. eennoppigegang.Diep enver."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN EINDELOOSnoorvtartenroonder

N RC- Hb

28 .o2.tgB

gapendeopeningstak. ..,,Diep is het ook", sprak hij beklemd, terwijl hij zijn gereinigdhoofddekselvastklemde.,,Er zijn geen treden,met uw welnemen,en... ik mis... een l-leuning..." ,,Er zljn wortelswaarje op kan stappen",zei Tom Poesonder hem. Maar todn Joostzich op eendergelijk houvasthad laten zakken,werd het hèm te vee-l. , ,,Excuseer,j-.iongeheer", stameldehij, terwijl hij halverwegede wortels bleef hangen. ,,D-dit g-gaat boven mijn kompetentie. Lange, donkere gangen hebbenme altijd bibberatiesgegeven.Er kan io licht ietsbetreurenswaardigs gebeuren..." ,,Ik gawelalleen!"riep Tom Poes,dieponderhem. ,.Probeerjij intussenmaar de Oude Schichtuit het drijfzandte halen."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN ElNDElOOSooo'vranenroonder

1742Achterde N.V. lnterbouw,die bij Rommeldam gevestigdwas, lag een ruim terrein, waarop een gepantserdehelikopterstond.Die morgenwashetvliegtuig nog nagekeken,en nu stond de bemannin! er in kranigehouding,voor, om zijn ordersin ontvangstte nemâ&#x201A;Źn. ,,Dit is eenkaart van hetbetreffendegebied",sprak directeur Steenbreek.,,Er staat niets op, omdat het terrein nooit onderzochtis; maar dat kan voor jullie geenbelemmeringzijn. Onderzoekhetgrondig,meter voor meter,totdatje OBB gevondenhebt.Brenghem staat.Voorwaarts!" terugin onbeschadigde Terwijl de helikopterratelendhet luchtruim koos, stondencommissarisBasen bligadier Snufin het po-

litiebureauoverhetzelfdeonderwerpte overleggen. ,,Dit moet groot wordenaangepakt",zei depolitiechef.,oBommelMOET gevondenworden." ,,Wat moetenwe dan nog doen?",vroegSnuf.,,De helt hebbenwe al geprobeerd,zonder..." ,,Nog eenkeer!", bevalzijn meerdere.,,Grondiger en lager.Dat is gevaarlijkenhet is onzin,want hij kan daar niet landen.Daarom waag ik tweewijwilligers. We moetenwel, anderskrijg ik lastmet Hogerhand.'l De brigadier verwijderdezich schouderophalend, en de heerBasbleefbekommerdachter. ,,Die Bommel schijnt ineenserg belangrijkte we-, zen", mompeldehij. ,,Het is dondersstorenden vervelend.'o


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01743Heer Bommel wist niets van de drukte die er voor hem gemaaktwerd. Hij zat op het dak van zijn gondeldezoete,rauwebonente eten,die Ima hemgebracht had. Er wasgeenrvind, en het vaartuigjedreef roerloosvoort door de eindelozerivierdampen,zonder dat de oeversvan uiterlijk schenente veranderen. ,,Ik had me het leventoch andersvoorgesteld", sprakde reizigerneuzelendtot zichzelf.,,Ik dacht dat ik iets miste,en nu mis ik alles,behalveetenen drinken, wat vroegerveellekkerderwas.Ach, ik weetzeker dat hier nooit een einde aan komt, zodat dit het eindeis van mijn jonge leven,zonderaanspraak." ,,Goeiedag,mooi weer!"riep de vogelIma, die op devoorplechtzat.HeerOllie namdroevigeenteugge-

VAN EINDELOOSooortvtartenroonde

kleurd water uit de fles naastzich en legdezijn lepel neer. ,,En niemand,die me helpenkan", preveldehij in doffeberusting.,,Aan dewal vergaatalles,en derivier stroomtverder." Tom Poeswist van al die dingennatuurlijk nietsaf, toen hij op de tast door de donkereonderaardsegang kroop. Het was geenprettigetocht en het was er te donker om er iets van te kunnen tekenen.Daarom washet eenheleopluchtingtoenhij aanhet eindelicht zag terwijl de ruimte om hem heen wijder begon te worden.Maar hetis te begrijpen,dathij eenbeetjeongerustwasover het landschapdat hij daarbuiten zou vinden.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN EINDELOOS

01744Aan het eindevan de onderaardsetunnel bleef Tom Poeseenpoosjerond staankijken.Op heteerste gezichtzaghetbos er net zo uit alsaande anderekant van de gang,maartoch aarzeldehij. ,,Die bomenzijn anders",steldehij vast.,,Tarmolijnen, zei Wal Rus. Hm;ze hebbeneenvreemdsoort takken,enveelbladzit er nietaan." Aarzelendbegonhij te lopen,en al gauwkreeghij in de gaten,wat er vreemdwasaande plantengroei.Om hem heentrokken de woudreuzenhun wortelsuit de grond en begonnente naderen,terwijl de takken in zijn richting bewogen. ,,AlsheerOlliein dit bosgeraaktis, ziethet er niet bestuit", zeihij bij zichzelf.,,Ikheb het geluk,dat ik

DoorMartenroon

op een open plek ben terechtgekomen;maar ik moet hierwee!" Daaihad hij gelijk in. Krakend en bonkend waren de bomen in beweginggekomen, en toen hij boven het natuurgeweld ook nog een vreemd, ratelend geluid hoorde, brak het angstzweethem uit. Geen wonder; het was de helikopter van de N.V. Interbouw, die met zijn flinke bemanning boven de kruinen verschenen was. ,,Ik zie een open plek", zei de waarnemer, ,,En daat loopt iemand." ,,Mooi!", riep de piloot uit. ,,De gezochteOBB. We gaandalen."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN ElNDElOOSooorvartenroonder

bedathij in moeilijkheden 01745Tom Poesbegreep, gon te raken.De tarmolijnboomis zeldzaam,en bijna uitgestorvendoor de zure regen.Maar hij had daar geenoog voor.Vooraltoenhet gewasmet eensteeds groteresnelheidop hemtoedrong,maaktehij zich los uit zijn verstarringen keerdezich met eenruk om. ,,Terugnaar de grot", dacht hij in paniek.,,Dat is de enigeplekdieveiligis." Maar toen hij terug wilde draven,zaghlj daĂ?het al te laat was.Uit de aardevoor hemkronkeldeeenzeer grotegrijpwortel omhoog,die hem de wegversperde. Als hij gewetenhad dat het vooral alle soortentrilling zijn, die de plantenin bewegingbrengen,zou hij misschienzachterhebbengelopen.Maar omdat de westaat, tenschapsceptischtegenoverhet verschijnsel

had geengeleerdehem kunnen inlichten. Datzelf de was het geval met de piloot en de waarnemer in de helikopter, die ook niet biologisch waren voorgelicht. De ongelukkigen daalden voorzichtig naar de open plek, waar Tom Poes was waargenomen. Maar zoals iedere bevlogeneweet, veroorzaakt het geratel van dat soort vliegtuig een sterke trilling. Hierdoor opm erkzaam gemaakt, geraakten de boomtoppen in wilde beweging;en voordat de piloot iets in de gaten had, was zijn machine reeds gegrepen.Het hielp niet dat de sterke propeller op volle kracht trok, want hoe harder hij draaide, hoe meer plantengroei er gulzig op af kwam. Voor vandaagziet het gebeurener van alle kanten slechtuit. De natuur is nu eenmaaloppermachtig.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

0l746lí.et vasthoudenvan de helikopter duurdeniet lang.Waarschijnlijkwas de aanrakingvan het koude staalafstotendvoor het gewas,en bovendienhad de piloot de motor afgezetom de propellerte sparenbij . In iedergevalontspandende takdit natuurgebeuren. ken zich met zo'n ruk, dat het toestelde lucht in geworpenwerd en daaralseenbal rondcirkelde. Nu bleek,hoe prettig het wasdat men het vliegtuig gepantserdhad, want het had van het voorgevallene maarweiniggeleden. ,,Deugthier niet'.',steldedewaarnemervast.,,Alles op dekop." ,,Moetenhièt weg", gaf de piloot toe, terwijl hij de

VAN ElNDElOOSooo'tvtartenroonder

propellerweeropgangbracht.,,Onmiddellijkrapport uitbreneen. enhij Tom-Poes hadnietgezienwatergebeurdwas, hoorde alleenmaar het wegstervendegeratelvan de vertrekkendemachine.Maar wàt hij wel had gemerkt, wasdat de bomeneenpoosjealle aandachtvoor hem verlorenhadden,en datzezichschokkendachterover bogen.Zo blevenze een tijdje staan,want stammen bewegenzich niet gemakkelijk,en het wegwelpenvan het tuigiekostteveelbladgroen. o,Water aan de hand is, weetik niet", mompelde Tom Poes.,,Maar zo kan ik verder, zonder ten-lgte saan."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01747 Het wegwe{pen van een vliegtuig is geen kleinigheid, en het had de bomen dan ook veel inspanning gekost. Ze wargn danook worteltrekkend en krakend bezig om weerreenrechte stand aan te nemen en Torn Poes maakte daar gebruik van door tussen de bezige stammen door te rennen. Voor zich zag hij namelijk een opening in het bos, en die probeerde hij te bereiken voordat de grijptakken weer in actie konden komen. Het gelukte hem bijna, maar net toen hij de lucht weer boven zichzag,werd,zijn voet gegrependoor een wortel die op het laatste moment nog uit de grond schoot. Hij vielmet eenlelijke smak en bleefeenpoosje versufltliggeh,terwijl de avondnevelsom hem heen kronkelden. Dat dederize trouwens ook om heer Borrmrelsgondel. die stil en onverstoorbaar naar het westen dreef.

VAN EINDELOOSooo'trlartenroonder

,,Weer een dag om", klaagdede opvarende met stille stem. ,,Een lege dag, vol nietsdoen, waar ik helemaal niet tegen kan." ,,Nietsdoen is veel leger dan overdag", zei de vogel op de achtersteven. ,,Houje snavel!", riep heerOllie driftig. ,,Benjij een gids? Je zou me de weg wijzen, zei je vader. En je zit daar maar te kletsen,zodat ik..." Hij zweegplotseling, want al roepende was hij opgestaan,en daardoor kreeg hij een aanlegplaatsin het oog, die zich vaag tegen de ondergaandezon aftekende. Een eenzamevisser zat er te hengelen;en het was een vreedzaamtoneeltje,dat meer was dan heer Bommel kon verdragen. Hij kcerde zich om en sloeg de handen voor de osen.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN ElNDElOOSpoorruartenroonde

01748,,HeerOllie!",riepeenstemin deverte,entoen heer Bommel met een schokvan verrassingomkeek, zaghij Tom Poesop de aanlegsteiger staan.Er kwam eengroteveranderingoverhem,die eeneindemaakte aande stille avondstemming,die over het neveligeriviertjehing. ,,Dejonge vriend!" riep hij opspringenduit. ,,Hij is in gevaar!HĂŠ daar! Heer visserlZiet u niet dat er iemand in nood achteru staat?Doe dan wat! Waarom doetniemandiets?" De hengelaarbewoogzich echterniet, en de vogel verhiefzichnerveusfladderendin de lucht. ,,Tewapen!'riephet dier.,,Tewapen!"

HeerOllie aarzeldeniet. Met eengeweldigesprong, die de gondelen hemzelfin gevaarbracht, werkte hij zich op het plankier en sneldeop Tom Poesaf. Die stond nog steedsaan de wortel te rukken die om zijn voet geslingerdwas, want door een gelukkig toeval was hij vlak bij de aanlegsteigertoen hij gegrepen werd. Hij was dan ook evenverrastals heerBommel toenhij de gondelzag.Maar delaatstegundezich niet detijd om zijn verbazingte tonen.Hij greepTom Poes bij de armenen begonmet zo'n geweldte trekken,dat de hengelaareen luid gesisliet horen. Want het gebonk stoordedevissen.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN ElNDElOOSooorvartenroonder

0l'749De wortel die Tom Poesvasthield,schoofvan ,,Het is toch wonderlijk wat een heer vermag", zijn enkelaf, en plotselingschoothij los. HeerBom- hoorde Tom Poeshem mompelet. ,,Zotr de jonge mel was daar niet op verdacht,en meervliegenddan wiend me in de steekhebbengelaten?dacht ik. En lopendbewooghij zich achterwaartsoverhet steiger- hoepla,daaris hij!" ,,Stomtoeval",zeiTom Poes.,,Joosten ik hebben heelwat afgezocht.Maar ten slbttevondenweeenonderaardsegang, die vlak bij die aanlegsteigeruitkwam. Ik wist dat natuurlijk niet; ik werd door een wortel gegrepenvoordatik de rivier in de gatenhad.." ,,Erbestaatgeentoeval",begonheerBommel.,,Jij kwam omdat..." N4aarhij werd in de rede gevallen door de vogelIma. oudekoershervond. De opvarendenlagennogal versuftop eenkluitje, ,,Voordathij kwam washij er niet!" krastehet dier maar op heer Ollie's gelaattekendezich langzamer- opgewonden. hand eenmooieglimlachaf.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01750 Tom Poes stond op en greep de roeispaan die nog steedsaan dek lag. ,,Ik ben erg blij dat ik u gevondenheb", zei hij. ,,MaaĂ? nu moeten wâ&#x201A;Ź zorgen dat we uit dit rare bos komen. Ik stel voor..." Wat hij van plan was werd echter niet duidelijk, want Ima, die steeds onrustiger was geworden, dook plotseling op hem af en pikte venijnig in de schedel. De blijde glimlach van heer Bommel doofde uit en hij keek verschrikt naar het gebeuren. ,,Helat" riep hij uit. ,,Dat mag niet! De jonge vriend komt ,qns helpen! Ik zal het aan je vader

VAN EINDELOOS

DoorMartenroond

vertellen..Het is heel stout, hoor!" Tom Poes maakte echter kortere metten. Hij sprong op het dak van het kajuitje en gaf de rondfladderendevogel zo'n klap met de roeispaan,dat ze onder het slaken van een rauwe kreet in de nachtelijke duisternisverdween. ,,Ziezo, die zijn we kwijt", zei hij tevreden.,,Dat beestdeugdeniet." ,,Maar ze was mijn gids", klaagde heer Ollie. ,,Ze weesme de weg naar Parnas,zoals haar vader haar had opgedragen.Niet, dat we veel opschoten, want 's avondswas het altijd dezelfdeaanlegplaats, zodat de tijd stil stond. Maar nu zijn we nergens!"


BOMMEL

EN IIET EINDE

hoewelhij 01751Joosthaddie avondniet stilgezeten, zichlang niet op zijn gemakvoeldetoen hij de vlakte opgingom de Oude Schichtuit het drijfzandte halen. Maar toen denachtviel, zathij in eendekengehuldbij een luurtje, terwijl het voertuig achter de eik stond waarvoorhij zijn picknickmandledigde. ,,G-gevaarlijkw-werk", sprak hij klappertandend totzichzelï.,,Het is geluktdoordatik de vrijheid nam hemhéélvoorzichtiginzijnachteruitte zetten.Achja; ik kan ook mijn hersensgebruiken,al ben ik eeneenvoudigpersoon.Maar hetbevaltmein het geheelniet, wanneermen mij ten goedehoudt. De jonge heer is niet teruggekol'tren, en het is b-bitter koud temidden van de gevarendie in zo'n woud rondwaren." Een gierendewindvlaagwoei hem de hoedvan het hoofd, zodathij dieperin zijn dekenkroop en angstig

VAN EINDELOOSnoorr,laftenroonder

rondgluurde. als ik mij verstoutenm,,Tistev-veelge-gevraagd, mag", murmeldehij. ,,N-niemandkan mij euvelduidenalsik morgennaarhuis ga.De mand is leeg,trouwens." Het slechteweerdathemplaagde,wasaandeandere kant van de vlakteniet te voelen.De gondeldreef geruisloosdoor de stille herfstnacht,en het enigegeluid washetpratenvan de opvarenden. ,,Het is allemaalheelvreselijk",zeiheerBommel, nadathij zijn avonturenverteldhad.,,Het deugthier niet;derivieris eindeloosendievisserhebik nu al drie dagenzienzitten,zodatik niet meerweethoe laat het is. Dezetochtis eindeloos." ,,Datkan niet", zeiTom Poes.,,Aanalleskomt een einde.Waar kwam die vogeltrouwensvandaan?"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN EINDELOOSooormartenroonde

01752 ,,Dievogelwasde dochtervan eenwijze,oude drijven leidt nergens toe. Stroomopwaarts zal hard heer,waarik geentouw aanvastkon knopen",legde werken worden, maar als we elkander aflossenkunheerOllie uit. ,,Zij moestmij de wegnaar Parnaswij- nen we in een paar dagen weer bij de hoofdrivier zijn. zen.Daar was het eindevan al mijn moeilijkheden, Ik zal beginnen, en na een uur is het uw beurt." dieik niet meerzogoedweetomdatik diephebnageTerwijl de gondel zodoende dus weer terugvoer, dacht.En nu ben ik nergens.Jij ook niet, trouwens. bracht de bediendeJoost een slapelozenacht door bij vriend?" Kanje geenlist verzinnen.jonge de oude eik. En zodra de ochtend aanbrak, vouwde ,,Ik kan wel wat verzinnen",zeiTom Poes.,,Maar hij de deken op en laadde de picknickmand in de auto. eenlist is hetniet." Met die woordengreephij de roeiriemen klom op ,,B-ben geheel ve-verstijfd, als men mij toe-toewaar hij begonte wrikken. staati', preveldehij. ,,En nog steedsgeenspoor van de de achtersteven, ,,Wat ga je doen?"vroegheerBommelverbaasd. jonge heer. Ik ben bevreesddat de wilde bomen hebben toegeslagen,en ik zal zo vrij zijn me nogmaalstot ,,De stroomdoethetwerktoch?" ,,Wegaankeren",legdeTom Poesuit. ,,Dat mee- de politie te wenden. Nu zijn er twee vermisten!"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN ElNDElOOSoooruartenroonder it 'tt "o ir NRC-HL 3." ',?í! "o3 98

cme-

I 01753Joost reedbekommerdnaar de stadterug en begafzich rechtstreeksnaar het politiebureau,waar hij de commissariste sprekenvroeg, ,,Nu is het helemaalmooi, als u mij permitteert", sprakhij. ,,Dejonge heeris ongewapendeenboom binnengegaanom heerOlivier te zoeken,en hij is niet terug.gekomen.Ik vrees het ergste,met uw welnemen. ,,Wat heb ik te maken met een slungel in een boom?",gromdede politiechefverveeld. verbin,,De boomgaftoegangtot eenonderaardse ding", legdeJoostuit. ,,Daardoorkon hij in het gebied komen wààr heer Olivier verdwenenis. Met levensgevaar,m.agik wel zeggen.Maar hij moestwel, omdat ik zo vrij ben er op te wijzen dat niemandandershet doet. En nu is hij ook het slachtoffergewor-

den! Ik kan het niet meer aan, met uw goeclvinden! Het kniewaterslaatme op de keel.Ik zit hier tweevermissingenaante geven,waarik alleenvoor sta,omdat depolitienietsdoet." ..Nietsdoet?"herhaaldecommissarisBas.die zich méí moeite beheerste.,,De helikopterstaat alweer klaar om met twee vrijwilligers naar dat rampboste gaan!Ik stelme daarnietsvan voor, want er is nergens eenopenruimte.Maar meerkunnenweniet doen." Op dat moment werd fle deur geopenddoor de ambtenaarDorknoper, die groetendbinnentrad. om deheerBommel ,,Ermoetmeergedaanworden te vinden",sprakdeze.,,Ik heb nu de inspecteurzélf aande lijn gehad,en die staater op dat de zakenvandaagnog geregeldworden.Andersstuurt hij de GVD. Nu. danweetmenhetwel."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01754Diemorgenom elf uur stondheerBommel op de achterstevenvan zijn gondel.rivieropwaarts te wrikken. ,,Het is heelvreselijk",klaagdehij. ,,Dit roeientegende stroom in is heelslechtvoor mijn teer gestel." ,,U bent nog maar net begonnen",zei Tom Poes die op het dekje zat uit te rusten. ,,Van tien tot elf was het mijn beurt. Ieder eenuurtje; dat haddeĂ­ we afgesproken,weet u nog wel?" ,,En waar leidt het toe?" hemam heer Ollie. ,,Ik moet naar Parnas, zei die oude heer, zodat zijn dochterme maar liet drijven zonder dat ik er kwam. En wat doejij?rJij laat me terug varen,terwijl we nu ook nergenskomen. We haddenal lang weer bij die aanlegsteiger moetenzijn, bedoelik."

VAN ElNDElOOSnoortrlartenroonder

,,Nog evenvolhouden",zei Tom Poestroostend, maar heer Bommel luisterdeniet. ,,En dat niet alleen", vervolgdehij hijgend. ,,De rivier wordt alsmaar...alsmaarbreder. Anders was hij... Ik bedoel,dat dit niet...niet dezelfderivier is... alsje begrijptwat ik bedoel." Tom Poes schrok en keek onthutst naar de oevers. ,,Nee",gaf hij toe. ,,\ile zijn op eenmeerterecht gekomen.Een groot meer;het eindeis niet te zien!" ,,En het ergsteis, dat ik nu ook de rivier niet meer zie waar we uitgekomen zljn", klaagde heer Ollie, terwijl hij zijn roeispaan liet zakken. ,,D-de schschuifgrondenzzzijn aantwerk! W-we komen hicr nooit meeruit!"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01755Heer Bommelen Tom Poesklommenop het dakvan het kajuitje en speurdende oeversaf. ,,Zie je wel?" riep heer Ollie smartelijkuit. ,,Er is nergenseenuitgang!Of zou dit somsParnaszijn?" ,,Parnaskenik niet", zeiTom Poesongerust.,,Het is trouwensetenstijd,en het vervelendeis dat ik geen etenin dat kajuitje heb kunnenvinden." Nu werd hetheerBommelte veel,enhij keerdezich toornig om. ,,Wasde vogeler nog maar!" sprakhij bitter. ,,Het is allemaaljouw schuldmet dat tegende stroom oproeienen het wegiagenvan Ima. Was dejonge wiend er maar,dacht''iktoenje er niet was.Die zou wel een listverzinnen,dachtik.Nou; eenmooieIistisdit!" ,,Hm", zei Tom Poesverontwaardigd.,;Wie is in

VAN ElNDElOOSooortrlartenroorrder

dezegondelgaanvaren?En wie wilde naarParnas?" ,,Ik!" verklaardeheerOllie met grotewaardigheid. ,,En waarom?Omdat de wereldom me heenin stukken viel. Omdat het regendein mijn oprijlaan; daarom! Niets bleef me bespaard,zodat ik eetlzaamachterbleefindeWethouderKneepstraal,waarBommelsteineensgestaanheeft.En toen Doddeltje...ewouw Doddel,bedoelik..." Zijn síêmbrak, en in de invallendestilte werd een weemdgeratelhoorbaar. ,,Ze wilde me niet rneer kennen", fluisterdeheer Boàmel. ,,Terwijl haar huis werd afgebroken>zodat ik..." ,,Stileens",zeiTom Poes.,,Ik hoorwat.En daarin devertezieik ietsvlieeen!"


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01756Wat Tom Poesgezienhad was de helikopter van de Rommeldamsepolitie, die een laatstezoekvlucht boven de Woestè Gronden maakte. ,,Een plas water", sprak brigadier Snuf, die de expeditie als vrijwilliger leidde. ,,Gek; dat meer hebben we vorige keer gemist!" ,,ln deze buurt blijven de dingen nooit hetzelfde", zei de agent Stevel. ,,Maar ziet u wat daar drijft? Een bootje, lijkt me. Ik ga een eindje zakken." - Hij voegdede daad bij het woord, en de brigadier greep haastigde microfoon.

VAN EINDELOOS

DoorMartenroond

' ,,Hebben gemistengevonden"omeldde hij. ,,Zijn recht boven hen. Laten touwladder zakken..." Hij zweegen luisterde oplettend naar opgewonden geroep dat uit het toestelklonk. ,,Begrepen", sprak hij toen er een stilte intrad. ..Komt in orde. Over en uit." Stevel had intussen niet stilgezetenozodat heer Bommel en Tom Poes het dak van de gondel konden verlaten door de zwaaiendeladder te beklimmen. Gelukkig was er geen wind, zodat ze zonder ongelukkenuit de nevelskonden opstijgenen in het toestel klimmen.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01757 Heer Bommel en Tom Poes lieten zich rn vallen, en de piloot Stevelzette de passagierszetels zonder tijd te vermorsenkoers naar de stad. Heer Ollie had de ogen gesloten en glimlachte breed, terwijl hij naar het klapperendegeratel van de machine lui5terde. ,,Wat prachtig", fluisterde hij. ,,Heel wat anders dan het watergekabbelwaar ik zo ijlhoofdig van werd. Ik dacht werkelijk dat ik mijn jonge leven op die eindelozerivier zou einigen. Het was héél vreselijk. Vooral door het gezelschapvan mijn gids, die waÍlaal praatte, waar ik helemaalniet tegen kan. Maaf dank zij de dapperepolitie en jou, jonge wiend, ben ik gered van een ellendig lot." ,,Ja", zèi Tom Poes; ,,Het is goed afgelopen.

VAN ElNDElOOSnoo'uartenroonder

Alles is weèr in ordê." Deze woorden gaven heer Ollie te denken. Zijn glimlach doofde langzaam uit, en met een gesmoorde uitroep veerde hij omhoog. ,,Alles in orde?" herhaaldehij met rauwe stem. ,,Wat bedoel je? Er is niets in orde, want alles is nog net zoals het was, toen ik voelde dat ik naar een ver land moest gaan omdat alles was zoals het is! De wereld is om me heen in duigen gevallen, en jij zegt dat alles in orde ist ZeEt het jou dan niets dat Bommelsteinen de markies worden afgebroken, zodat de burgemeester...zodat Doddeltje... Ach, niets is er over, en jij zit daar te zeggen dat het goed is afgelopen,terwijl voor mij het enige is om naar Pamas Íe gaan."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01758De helikopter daaldeop een grasveldachter eengroot gebouw,enbrigadierSnufspronger haastig uit. Tom Poesen heerBommelvolgdenhem,toen hij met grote stappennaar de uitgangmarcheerde,maar van hun blijde stemmingwasniet veelover. ,,[J moet het zich niet zo aantrekken", zei Tom Poes.,,De wereldveranderteenbeetje,en de kunst is om meete veranderen.Avonturenzijn er altijd, en dat is de hoofdzaak." ,,Avonturen de,hoofdzĂ ak",herhaaldeheer Ollie met trillende stem.,,Diejeugd, diejeugd.Wat eengebtek aandiepte.Begrijpje danniet, dat allesmeis ontvallen wat hetileven waarde geeft?Huis en haard, vriendenen bekenden;alleswaĂŻme fiefwas?Ach, had

VAN ElNDElOOSooortvtartenroonder

memaarlatendrijven.Mijn levenis toch immersafgelopen. Het'enigewat me rest zijn mijn herinneringen..." ,,Onzirr",zei Tom Poes.,,U vindt ergensheusnog wel eenkasteelofeen huis ofzo, enfigurenalsdemarkieszijn overalte vinden.Net alsmisstanden.'o ,,Jebegrijpter nietsvan",zeiBommel.,,Jevergeet dehoofdzaak.Ik gaeentaxi nemenom naareenvliegveld te gaan.Naai eenver land ofzo, bedoelik." BrigadierSnufbleefmet eenruk staanen stak een hand op. ,,Dat zal nietgaan",sprakhij.,,Ik hebopdrachtom u naarde raadkamerte brengen.De Gevolmachtigde Inspecteurwil u persoonlijkinterrogeren."


HEER BOMMEL EN HET EINDE VAN ElNDElOOSooo'vrartenroonder

0l 759Jooststondvoor het stadhuiste wachten,en hij keekverbaasd,optoen Tom Poesdoor eenzijpoortje naarbuitenkwam. ,,Jongeheer!'oriep hij uit. ,,Ik benblij u te zien,alsik zo wij magzijn.MaarisheerOliviererniet?De politie belde mij op om te zeggendat hij gevondenwas, en hier naar toe gebrachtzou worden." ,,Dat is waar", zei Tom Poes.,,We zijn samenin een helikopter naar Rommeldam gevlogĂŤn.Maar toen we gelandwareriis hij gearresteerden hier naar binnengebracht.Wat nu te doen?" ,,Misschienmag ik voorstellenevente wachten", zei de trouwe bediende.,,Eris toc'hwel kans dat hij weer.vrijgelatenryordt, denkt u niet? En we hebben bestevende tijd, want ik hebmijn aandeeltjesal weer belegd.Weet u waarin?In het nieuweBouwproject,

metuw welnemen.Dat werdmesterkaangeraden. En misschienkan ik heer Olivier als aandeelhouderde helpendehandbieden," Nu, zo op het eerstegezichtleekhet, dat heerBommel eenbeetjehulp wel kon gebruiken.Hij werd door brigadier Sriuf naar de Kleine Raadzaal gebracht, waar de ambtenaar eerste klasse Dorknoper en de Adjunct-inspecteurvan het BouwwezenSchifterachter eengroenetafel zaten,en de burgemeester onrustig door hetvertrekijsbeerde. ,,Watbetekentdit allemaal?"riep heerOllie verhit. ,,Waaromword ik door de politie opgebracht,terwijl ik degeneben die slechibehandeldisdoor Hogerhand die me allesontfrutselt?Waar is die inspecteurdie me wil rogeren?Met hemwil ik wel eenseenappeltjepel' len!"


HEER BOMMEL

EN ffnf

EINDE

01760,,Kalm, mijn waarde'l,sprak de burgemeester sussend.,,We zijn heel blij dat onzedapperepolitie er in geslaagd isje op te sporen..." ,,Onzin!" riep heer Bommel rood. ,,Met de ene hand bent u blij en met de andereberooft u me van huis en haard!" ,,Daar gaathet nu juist om", verklaardede magistraat glimlachend.,,De inspecteurvan het Bouwwezen heeft een briefgehad van eenzekereTom Poes, die hem op foliant D 127 wees.Daarin wordeí de Heerlijke Rechten omschreven,die aan Slot Drakenborgverbondenzijn. De Inspecteurheeftónmiddellijk zijn AdJUnctgestuurd,zodat we de zaak met uw medewerkingevenkunnen regelen." ,,W-wah?"vroeg heer Ollie onthutst. ,,D-Drakenborg?" Hij keerde zich naar de tafel en keek glazig naar de onbekende,die daar eengezegelddocument

VAN ElNDElOOSooorvtartenroonder

ontrolde. ,,De Drakenborgis liet oudsteslot van het land" verklaardedeze. ,,Door een Vorstelijk Statuut vari ll32 heeft het onaantastbareRechten op het gebouw en de aanpalendegebieden.Die Rechtenbestaannog steeds,omdat men vergetenheeft ze af te schaÍfen.Wat gaatu er mee doen?" Heer Bommel stond met open mond te kijken, en de ambtenaarnaar Dorknoper, die een goed hart had, hoewel niet iedereendat wist, schoot hem te hulp. ,,U hebt de rechten van de Drakenborg bij de koop overgenomen",legde hij uit. ,,Dat u het gebouw nu Bommelsteinnoemt, verandert niets aan die rephten.De waag is wat u met het slot en de omringendegebiedengaat doen.Yerkopenofniet? Dat willen we graagweten."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01761Omdat het wachten op heer Bommel nogal lang duurde,gavenTom Poesen Joost de moed op en reden terug naar huis. ,,Het is duidelijk, dat hij wordt vastgehouden", zei Tom Poes.,,Maar waarom?" ,,Het zijn me de toestandenwel, tegenwoordig", klaagdede knecht. ,,Men gaat BominelsteinaÍbreken; en niemand vraagt zich af wat er dan met mij gaat gebeuren!En kijk juffrouw Doddel is al aan het verlluizen.Daar loopt ze." ,,Ik dènk, dat heer Ollie dit nogal erg vindt", zei Tom Poespeinzend.,,Rem even, Joost. Ik wil weten waar ze nààr 1toegaaÍ." Doddeltje schrok op uit diepegedachten,toen hij

VAN ElNDElOOSooorvartenroonder

voor haar op de weg stapte, en keek hem droevig aan. ,,Benjij er nog?",vroegze. ,,Moetjij niet weg?" ,,Dat zal wel", zei Tom Poes.,,Maar ik vind ergenswel een plek. Weet u al waar u heen gaat?" ,,Voorlopig naar' een nicht in dè stad", zei heer Bommels buurvrouw. ..Het is het eniee wat me overblijft. En mijn meubelslaat ik zolang-ergens opslaan.Kom, ik moet verder, want de bus gaat over tien minuten." Tom Poeswist niet goed wat hij zeggenmoestna dezetreurige woorden, zodaÍ er een pijnlijke stilte viel. Een kleine wind klaagdedoor de kale takken, en in de verte naderdezoevendeen auto.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01762Tom Poes stond nog vergeefsnaar een passend afscheidswoordte zoeken,toen zijn aandacht getrokken werd door een fraaie automobiel, die met grote snelheid naderde. ,,Hela", mompelde hij. ,,Daar gebeurt wat!" Daar had hij gelijk in, want terwijl het voertuig suizendpasseerde,werd het portier opengerukten sprong de inzittende naar buiten. Zoiets is natuurlijk altijd gevaarlijk,want men kan zich licht bezeren. De onvoorzichtige kwam dan ook met een dreun op het wegdekterecht en rolde ordeloos een eindweegsvoort, totdat hij bij de berm tot stil-

VAN EINDELOOS

DoorMartenroond

stand kwam. ,,O, wat ergl", riep juĂ?frouw Doddel. ,,Het...Het is Ollie! Zot hij... zou hij..." Ze zweeg, door aandoening overmeesterd,en ook Tom Poes stond verbijsterd te kijken zonder tot daden te komen. De enige, die zijn tegenwoordigheidvan geest niet verloren had, was natuurlijk heer Bommel. Hij nam voorzichtig een zittende houding aan en terwijl hrj met gevoeligevingers zijn schedelbetastte, plooide een brede glimlach zijn gelaat. ,,G-ge-gelukkig",fluisterde hij in de herfstwind.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN EINDELOOSooo.trrartenroond

01763 Juffrouw Doddel en Tom Poes haastten zich naar de gevallene en bogen zich bezorgd over hem heen. ,,Ben je erg gewond, Ollie?", vroeg de buurvrouw! en Tom Poes wilde weten wat hij in de auto van de burgemeester deed. ,,Bent u gevlucht?", vroeg hij. ,,Wat wilde de politie van u?" ,,Och". zei heer Bommel. ,,Ik eh... ik ben gewoon maar even uit die auto gesprongen, omdat ik eh... omdat ik na een leven van lijden eindelijk eh... ik bedoel, dat ik eindelijk Doddeltje weer zag en het niet laten kon, zodat ik eh... Ik weet niet of ik me pijn gedaan heb, bedoel ik." ,,Maar hoe kwam u in die auto?", hield Tom Poes aan. Heer Ollie stond op en keek bevangen naar zljn

buurvrouw. ,,U hoeft toch helemaal niet te verhuizen?", vroeg hij. ,,Ik bedoel eigenlijk dat Bommelstein groot genoeg is, vooral omdat het eigenlijk Drakenborg heet, zodat de burgemeester me thuis liet brengen, terwijl er niks hoeft worden afgebroken, omdat het van een heer is. Vorsteliike Statuten en zo, u weet wel. Dat legde die inspecteur me haarfijn uit, als u begrijpt wat ik bedoel. Ik bedoel eigenhjk..." ,,Ja, wat bedoel je eigenlijk, Ollie?", vroeg juffrouw Doddel met een klein stemmetie. ,,Mag ik een eindje met u opwandelen?". vroeg heer Bommel. ,,Kljk, dan nemen we deze weg waarop we... onder twee ogen eh... en zo; u weet wel." Terwijl hij zo praatte, liepen ze de heuvel op, en Tom Poes en Joost bleven sprakeloos achter.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

01764Joost en Tom Poesklommen zwijgend in de Oude Schicht en reden verder naar Bommelstein. ,,Wat zou dit allemaal betekenen?",vroeg Joost bedrukt. ,,Ik kon heer Olivier niet helemaalvolgen, als ik mij verstoutenmag. Zou het betekenen,wat ik denk dat het betekent?" ,,HĂ?rl", zei Tom Poes.,,Ik weethet niet; maar we ku1n9p beter een stukje omrijden. Anders halen we ze tn.' Joost wenddehet stuur, en zodoendekwamenze op de weg die langs het buiten van de markies de Cantecler leidde. Ze troffen het, want net op dit moment bracht de ambtenaar Dorknoper een bezoek aan de edelman,en Joost minderdeals vanzelf snelheid.

VAN ElNDElOOSoooruartenroonder

,,Ik ben een brengervan goedeberichten,markies", hoordenze de beambtezeg9en.,,De NV Interbouw ziet van het bouwproject af." ,,Tiensl", sprak de edelmanverrast.,,Inderdaad een surprise. Mijn park blijft dus ongeschonden. Hoe komt dat zo?" ,,Dat komt, omdat de heerlijke rechten van de heer Bommel het project te veel doorkruisenom er een winstgevendobject van te maken", legde de heer Dorknoper uit. ,,De heer Bommel heeft het heleplan afgewezen." De markiesliet zijn lorgnon zakken en staardede beambtemet lege ogen aan. ,,Parbleu",bracht hij er met moeite uit. ,,Bommel?Bommel heeft...Dat is waaratiete mal."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

VAN ElNDElOOSpoortvtartenroonder

NRc-gPI

01765Hét was duidelijk, dat de ambtenáarDorknoper het plezierigvond om de brengervan blijde boodschappente zijn. Hij namnlet eenprettigeglimlachafscheidvan de markies en besaf zich naar Bommelstein,waar hij net voor Tom Pies en Joostaankwam. ,,Ik stoor toch niet?", vroeg hij, de hal betredend. ,,Wat toevalligdat ik u hier tref, juffrouw DoddeMk zag dat u bezig bent te verhuizen,maar ik dacht er goedaante doen,u êvente vertellendat de NV Inderbouw van het bouwproject afziet.U kunt zonderbezwaar weer naar huis gaan. Wij, beambten,zijn de kwaadstenniet,en ik eh..." Hij zweeg,vlanthij kreegin degatendat er nietnaar hem geluisterdwerd, en bovendienwas er iets in de stemming,dat hem onzekermaakte. ,,Ahum", hernamhij na eenkleine pauze.,,Het is

28"63- \gB

natuurlijk mogelijk,dat de heerBommel...Misschien hebtu het eoedenieuwsal van hém sehoord..." ,,Ja", zeíTomPoes,diê debraveàmbtenaarhelpen wilde. ,,HeerOllie heefthet haaral verteld.U ziettoch hoe blij zeis?" ,,Iedèreenis blij", verklaardede heer Dorknoper. zijn ontslagaanvrage dan ook ,,Deburgemeesterheeft ingetrokken.En juffrouw Doddel krijgt haarverhuiskostenvan gemeentewege vergoed!" Nu keek heer Bomtnel op, want het drong plotseling tot hemdoor dat er bezoekerswaren. ,,Vergoest?",herhaaldehij.,,Verguiskotsen,bedoelik? Ik bedoel:Doddeltjeblijft thuis, alsu begrijpt wat ik bedoel.Eh...Ik eh...Kijk, ik hebhaarwand gehaagd...en ze heeft stoegetemd...We gaantrouwen; d-datis wat ik eigenlijkzeggenwilde."


HEER BOMMEL

EN HET EINDE

0l 766De ambtenaarDorknopertrok zich bescheiden terug,toen hij hoordedat heerBommelzich verloofd had, en Joost maaktesneleenhaard aan voor de gezelligheid. ,,Ik hoop nu maar, dat ik je niet te erg heb laten schrikken,Doddeltje", zei heer Ollie, toen ze bij het luur zaten.,,Het was eigenlljkwel eenbeetjeonverwachtvoorje. Maar toenik zo voort voeroverdat eindelozewater,terwijl die vogelzeidat het gisterenvandaagwas,zodat ik me heelerg alleenvoelde...Ik bedoel,toen dachtik ineensmet eenschok,dat het mogelijk was, dat héél misschien,nu ja, dat u eh... dat jlj..." ,,Ach mallerd", zei Doddeltje. ,,Het was helemaal geenschok."

VAN ElNDElOOSpoortvtartenroonder

,,Voor mij ook nie!, met uw goedvinden", sprak Joost. ,,Ik heb het al heel lang zien aankomen,en ik neem de wijheid u mijn gelukwensenaan te bieden, mewouw. Ik voor mij ben eeneenvoudigpersoonen ik schikme graag;maarik moet u er op attent maken, dat er in mijn keukengeendameskomen." Hij verdween,en Doddeltje keek hem wat beteuterd na. ,,Nu ja", zei heerBommel.,,Op ons huwelijksfeest kunnen we niet zo'n êrgeenvoudigemaaltijd geven, moetje denken.En daar zitveel werk in, hoor. Laat Joostmaar.Als hij wij heeft,kanjij dekeukengebruiken;zegnuzelf.Zo, dat is dan ook weergeregeld." ,,Hm", zei Tom Poes.Hij begreepdat hij te veel was,en daaromverliethij onopvallendhet vertrek.


HEER BOMMEL

EN HET EINDE VAN EINDELOOSnoorvtartenroonde

NRc-F lb

.+ftEl +

3 t.0 3 .' ,9 8

,2 'os.1OrreA-,ilt ,

heerBommelenAnneMa01767Het huwelijktussen rie Doddel werd op wensvan de bruid heeleenvoudig door de ambtenaarDorknoper op het stadhuisvoltrokken. Maar de bruidegom stond er op geeneenvoudigefeestmaaltijdte geven,zodat Joost er dagen langde handenaanvol had.Hij had echtereervanzijn hield, eentoespraakje werk,en toende burgemeester liet hij zicher lovendoveruit. ,,Eenmooiebekroningop eenmoeilijketijd, magik wel zeggen",sprakhij. ,,Wezijn je dankbaarvoorje ingrijpen, Bommel.Daardoor blij ft Rommeldamzoalshet is, ook al verandertde wereldom onsheenop onherkenbarewijze. Ik hoop, datjullie lang en gelukkig zullenleven;waarbij ik vooral mevrouwBommel veelkrachttoewens." De markies nam zijn glas op en keek er peinzend naar.

,,Er schietmij eenpoĂŤemte binnen,dat ik u niet onthoudenwil", preveldehij. ,,Eenspontaneinspiratie: Reedszijn de dagenaan het lengen/ Een knop berstte gister in mijn gaard' / Laat ons thans een dronk uitbrengen/ Op hem die 't erf der vaad'ren trouw bewaart." Hij wilde verdergaan;maargelukkigwasheerOllie hemvoor. ,,Ik dank u allemaalvoor uw hartelijkewoorden", zei hij. ,,En Tom Poesvoor zijn hulp, want zonder hemzatenwe hier niet. Het waseenlangereis,terwijl deAlbatroser doorgestrandis,zodatik hetschipheb eekocht.En alsheerRus ons meewil nemen,kunnen Ă­e er een leuke huwelijksreisop maken. Ik stel nu voor om eendronk op de bruid uit te brengen,die ik gevondenheb na een eindelozetijd, waarvanzij het eindeis."


HEER BOMMEL EN HET EINDE VAN EINDELOOS DoorMarrenroon

Nqc-Fl.bla,t-

t,óq.v4e

0 | 768Oplettendelezertjes zullenwaarschiinliikal wel recht te hebbener verslagvan te doen. Maar voorlobegrepen hebben,datdit ook heteindeis vánhetlaat- pig is allesrustig en geeftheerBommelzich over aan steverhaal,dat ik over heerBommel te vertellenheb. zijn huiselijkgeluken aanzijn herinneringen, waarhij nog rangop t€n teren.

EINDE VAN D E V E R H A LE N V A N H E E R B OMME L


Bv177