{' '} {' '}
Limited time offer
SAVE % on your upgrade.

Page 1

gereformeerd 72E JAARGANG • NUMMER 22 • 15 NOVEMBER 2019

KERKBLAD @GerefKerkBlad

KERKELIJK LEVEN

2

Je kunt in de kerk zitten met een wij-gevoel. Heel anders is het zij-gevoel. Dat wil zeggen dat je je niet thuis voelt in de gemeente.

PERISCOOP

4

Als christenen over de schepping spreken en over de zorg die wij daaraan verschuldigd zijn, hoor je hun eerbied voor de Schepper.

WWW.GEREFORMEERDKERKBLAD.NL

KERK ONDERWEG

12 DeWaarVrijmaking bestaat 75 jaar. ging de kerkstrijd van toen over? Eén van de belangrijkste issues was de kuyperiaanse visie op wedergeboorte.

Vooronderstelling Ze zeiden tegen hem: We hebben uit Judea geen brief over u ontvangen, en ook heeft niemand van onze broeders ons bezocht om iets slechts over u te berichten of kwaad van u te spreken. (Hand. 28:21). DOOR JAC DE GROOT MA De Joden in Jeruzalem zorgen er voor dat Paulus gevangen wordt genomen, de Romeinen spreken hem vrij, en de Joden proberen hem te doden, zodat hij zich beroept op zijn Romeins burgerrecht: te verschijnen voor de Keizer als rechter. Na veel omzwervingen, problemen, schipbreuk, adderbeten etc. komt hij dan eindelijk aan in Rome.

In tegenstelling tot de niet-Romeinse burgers mag hij daar een woning huren en daar verblijven tot zijn rechtszaak begint. Na drie dagen laat hij de Joodse leiders van Rome komen en steekt zijn verhaal af, in de verwachting dat zij al geïnformeerd waren door de Joodse leiders in Jeruzalem. Maar in Rome wisten de Joden van niks. Hoe herkenbaar is dat? We denken zo vaak te weten wat er zal gebeuren als er iets is gebeurd; we maken excuses voor fouten, terwijl degene tot wie we spreken helemaal van niks weet. Zal Paulus spijt hebben gehad van zijn beroep op de keizer? Misschien wel, want voor de rest van zijn leven moest hij in Rome verblijven met een schildwacht bij zijn woning. Als ik nou eens dit had gedaan of gezegd in plaats van dat … zou dan?

Voor Paulus was het blijkbaar een vraag die er niet toe deed. Hij ging door met zijn werk: Christus verkondigen. Dit kon hij doen, zonder dat hem een strobreed in de weg gelegd werd. Ook al had hij spijt van zijn daad in Jeruzalem, God keerde het toch ten goede. Paulus’ tijd in Rome was wellicht één van zijn vruchtbaarste periodes. Veel van wat hij heeft geschreven is daardoor in het Nieuwe Testament gekomen. In plaats van de focus op een verkeerd ingeschatte of zelfs foute beslissing te leggen, ging Paulus door met wat hij altijd al deed. Zijn beslissing in Jeruzalem bracht hem op Malta en in Rome, waar hij door woord en wonder het Evangelie kon verkondigen en daar plukken wij nog elke dag de vruchten van, want door Paulus’ werk is er in Nederland een Kerk.


KERKELIJK LEVEN

Wij en zij Je kunt in de kerk zitten met een wij-gevoel en met een zij-gevoel. Een wij-gevoel wil zeggen dat je je thuis voelt in een groep. Als je over de kerk praat gebruik je het woordje wij: wij zingen al een paar jaar opwekking, wij hebben sinds kort vrouwelijke diakenen. Heel anders is het zij-gevoel. Dat wil zeggen dat je je niet thuis voelt in de gemeente. Dat is een naar gevoel. Het komt ook tot uiting in hoe je over de kerk praat: ze moeten daar eens wat aan doen. Of: ze doen toch wat ze zelf willen.

jij. Daarmee wilde de overheid zeggen: voel je verantwoordelijk voor de samenleving en neem ook je verantwoordelijkheid. Als je rommel op straat ziet liggen kun je zeggen: daar moeten ze eens wat aan doen. Je kunt het ook zelf opruimen. Als je ziet dat iemand wordt lastig gevallen op straat, kun je zeggen: ze moeten eens zorgen voor meer blauw op straat. Je kunt er ook zelf op afstappen. Met een variatie op die commercial zou je kunnen zeggen: de kerk dat ben jij.

Verbondenheid DOOR DS RUTGER HEIJ Deze gevoelens gaan dieper dan het wel of niet ergens mee eens zijn. Je kunt bij bepaalde ontwikkelingen in de kerk je vragen hebben, en toch dat wij-gevoel hebben: het is en blijft jouw gemeente. Omgekeerd is het lastiger, je vindt dat dingen anders zouden moeten in de kerk, dat gebeurt niet en dus neem je afstand. Ik denk dat je altijd één van beide gevoelens hebt. Misschien dat het soms wat sterker is dan op andere momenten, maar let maar eens op je eigen spreken over de kerk: gebruik je het woordje wij of het woordje zij?

Afstand nemen

Nu schrijft de apostel Paulus in 1 Korintiërs 12 dat wie lid is van de gemeente zich niet tegelijkertijd van de gemeente kan distantiëren: ‘u bent het lichaam van Christus en ieder van u maakt daar deel van uit’ (vers 27). Als je lid bent van de gemeente mag je daar niet in je hoofd of hart afstand van nemen. Want je hebt je eigen functie. Jij bent noodzakelijk en kunt niet gemist worden. Voel je verantwoordelijk voor de gemeente. Zij hebben jou nodig en jij hebt de anderen nodig. Het voorbeeld van het lichaam maakt dat duidelijk. Stel dat mijn hand zou denken: wat ze allemaal doen daar in dat lichaam daar ben ik het totaal niet mee eens, daar hoor ik niet bij, en mijn hand deed niet meer mee. Dat zou behoorlijk vervelend zijn. Nu komt dit bijna niet

2

voor in het menselijk lichaam, als het voorkomt noemen we het een auto-immuunziekte. Dat betekent dat je lichaam zich tegen zichzelf keert. Je lichaam maakt zichzelf ziek en breekt zichzelf af. Dat is een ernstige ziekte. In de gemeente noem ik dat het zij-gevoel.

De kerk dat ben jij

Het voorbeeld van het lichaam maakt nog iets anders duidelijk: verschillen tussen mensen zijn de bedoeling. Als we allemaal gelijk waren, waren we heel eenzijdig. Misschien denk je: dat is handig, dan hadden we ook weinig gedoe. Als je dan ook nog eens allemaal hetzelfde denkt hoef je ook nergens meer over te praten. Maar als alle lichaamsdelen hand waren en je probeert dat aan elkaar te denken krijg je iets heel geks. Of misschien kan dat niet eens aan elkaar. Dan heb je dus een bergje handen, dat is geen lichaam. Het kan ook niks. Ja het kan heel veel pakken maar het kan niet zien wat het moet pakken. Het kan ook niet ergens naar toe lopen om het te pakken (vers 17-20). De verschillen zijn de bedoeling en toch is dit nog maar de helft van het verhaal want die verschillen moeten aanvullend worden gebruikt. Elly en Rikkert zingen ‘wat ik niet kan, kan jij juist goed, we hebben elkaar nodig.’ In een bekende TV-commercial van de overheid werd een aantal jaar geleden gezegd: de maatschappij dat ben

Waarom wil God verbondenheid? Omdat dit mooi is en verwijst naar Hem. Onverbondenheid is lelijk. Laat je corrigeren wanneer je in denken of spreken afstand neemt van de gemeente. Eenheid verwijst naar God, naar zijn kracht en zijn liefde, want eenheid brengen we niet zelf op. Het is Gods liefde die we doorgeven. Het is Gods kracht waarmee we elkaar de hand reiken en in de ogen zien. En wat geeft dat een energie. Verbondenheid maakt enthousiast. Het wij-gevoel maakt dat je mee wil doen. Dan gebeurt er iets, dan komen er krachten vrij die stimuleren. En de gemeente bloeit op. Vraag je eens af: hoe verhoud jij je tot de gemeente? En ben je daar blij mee of wil je het eigenlijk wel anders? Ben je bereid om te ontdekken wat jouw rol in de gemeente is, waar jij op je plek bent met de gaven die God je heeft gegeven? Laat je niet misleiden door minderwaardigheidsgevoelens, dat niemand op je zit te wachten en je nooit ergens voor gevraagd wordt.

15 NOVEMBER 2019


NOG EVEN DIT

Omgekeerd betekent dit ook dat we ieder in de gemeente zien staan en dat we elkaar in de gemeente accepteren (zelfs de leden die het meest van elkaar verwijderd lijken te zijn -hoofd en voeten, vers 21- hebben elkaar hard nodig). In beide dingen probeert de zonde zijn doorwerking te krijgen en onverbondenheid te creëren. Dat kan vanuit jezelf gebeuren, die minderwaardigheidsgevoelens, het kan ook van de andere kant komen, mensen gunnen je geen plek. Het evangelie wil dit doorbreken, 1 Korintiërs 12 zegt: er is voor ieder plek in de gemeente. Anders had jijzelf er toch ook niet gezeten? Lid zijn van het lichaam betekent daar deel van uit maken. Daarom is het niet goed als je afstand in stand houdt en maar blijft praten over ‘ze’. Daarmee raak je niet alleen de gemeente en je broeders en zusters, maar ook Jezus. Jezus heeft veel gegeven voor de gemeente, Jezus heeft de gemeente eindeloos lief. De gemeente is kostbaar voor Hem en daarom is Hij zuinig op zijn gemeente. Afstand nemen van de gemeente heeft daarom ook iets in zich van afstand nemen van Jezus. Nu kun je het heel moeilijk hebben met de kerk, er kunnen dingen gebeurd zijn en je kunt (terechte) kritiek op de kerk hebben waardoor je het moeilijk vindt om mee te doen en jezelf te geven. Want dat betekent dat je je kwetsbaar opstelt. Toch hoop ik dat je er nog eens over na wilt denken. De kerk is van de Heer. En ja, je hebt in de kerk met mensen te maken. De kerk is een samenleving van mensen die door God bij elkaar zijn gebracht, waarin Hij centraal staat en waarin Hij aanbeden wordt. Daarmee is de kerk een voorbode van de nieuwe hemel en aarde. Wanneer je worstelt met de kerk, laat het je dan bemoedigen dat de kerk van Jezus is. Hij houdt zijn gemeenten in de gaten, Hij geeft zijn liefde in de gemeenten, zijn liefde die mensen verandert. Wie zich verantwoordelijk voelt voor de gemeente en ook zijn verantwoordelijkheid neemt, die ontdekt wat het hart is van gemeente zijn: God liefhebben en de naaste als jezelf.

Verweren DOOR HEERCO WALINGA Wat een rare week, ergens in september. Een proces tegen een gepensioneerde arts die euthanasie toepaste op een demente vrouw (‘naar eer en geweten’ dat geloof ik direct), en het gebeuren in de Assense wijk Peelo, van die dove man die door vijf wijkgenoten in bedwang werd gehouden en overleed. Waaraan? Aan geweld? Dat denken alleen de snelle, asociale mediagebruikers, die er zelf niet bij geweest zijn, maar wel hun oordeel hebben. In onze comfortabele tuin, onder een warm zonnetje en met koffie en de krant op tafel, hadden mijn vrouw en ik het over deze dingen. Comfortabel… koffie… Dat maakte de tegenstelling tussen wat er in de wereld gebeurt – in dit geval dichtbij in Nederland – en onze vredige tuin toch wat ongemakkelijk. Immers… wat wisten wij van de details, de drijfveren, de gebeurtenissen? Zoals aangegeven: op de sociale media hadden velen al hun oordeel klaar. ‘Pedo’ en ‘jurisprudentie over de rug van een integere arts’ vlogen door cyberspace. En wij dachten na over ‘verweren’. Kon die dove man zich verweren? Kon hij duidelijk maken dat hij niets kwaads in de zin had? We weten het niet. Kon de patiënte van die arts haar handen afwerend opheffen? En wat was daarvan dan de betekenis, gezien haar uitdrukkelijke verklaring van toen ze nog wilsbekwaam was? We weten het niet. Toen kwamen die honderdduizenden piepkleine mensjes in onze gedachten. Veilig in de baarmoeder, omringd door warm water, gevoed met prima stoffen en vitamines en wat niet al, heeft dat kind niet de mogelijkheden om de handen afwerend op te heffen tegen de tang, of tegen de sluipende, chemische werking van een pilletje. Natuurlijk… kleine mensjes, vaak verwekt in omstandigheden die weinig of niets met liefde te maken hebben, misschien verwekt door een brute verkrachting, of verwekt in een turbulent moment van hartstocht. Zeg het maar wat de omstandigheden waren. Maar niettemin… verwekt. En levend. Maar daarover hoor je in de sociale media niets. En niet alleen daar, ook in de nieuwsrubrieken, die we doorgaans wel betrouwbaar achten, horen of zien we geen afwerende handjes van enkele centimeters. Verweren. Dat kunnen alleen mensen die bij hun volle verstand zijn, ‘normaal’ functioneren en – zo lijkt het – onafhankelijk van anderen kunnen beslissen. Maar we leven in een maatschappij waarin mensen en mensjes die wel, gedeeltelijk of volledig van anderen afhankelijk zijn, zich niet kunnen verweren. En die anderen nemen die verantwoordelijkheid vaak niet over, helaas. hwalinga@walinga.org

3


PERISCOOP

Het klimaat en de levende God Over de klimaatnood spreken veel christenen op een manier waarin je hun christelijk geloof proeft. Als ze over de schepping spreken en over de zorg die wij daaraan verschuldigd zijn, hoor je hun eerbied voor de Schepper. Ze doen niet aan ontkennen, bagatelliseren of wegkijken. Maar ze raken ook niet in paniek en worden niet hysterisch; in hun toon klinkt hun vertrouwen op God door. Ze zijn niet op polarisatie uit; ze willen zoveel mogelijk mensen meenemen. Toch ontbreekt er iets wezenlijks: de levende God als Actor, als Iemand die zélf actief bezig is met zijn wereld en ermee ergens naar toe werkt. DOOR DRS PIET HOUTMAN

Begrijpelijk is dat wel. Actie is urgent! De handen uit de mouwen! Als er oorlog uitbreekt, komt het erop aan paraat te staan om je plicht te doen. Zo is het hier ook. Toch stroomden in de oorlog de kerken vol. Mensen wilden het woord van God horen over het wereldgebeuren, en ze voelden zich gedrongen om te bidden. Is daar, nu het om het klimaat gaat, niet evenveel reden voor? En gebeurt het ook? Tussen neus en lippen door kwam er wel een erkenning van Gods voorzienigheid. Maar alleen om te benadrukken dat die ons niet ontslaat van onze verantwoordelijkheid. Dat is weer begrijpelijk: te vaak wordt naar Gods voorzienigheid verwezen door ‘klimaatontkenners’, of in ieder geval mensen die vinden dat je je niet druk hoeft te maken. Tegelijkertijd is het niet zuiver om beide tegenover elkaar te stellen. Gods soevereiniteit en onze verantwoordelijkheid concurreren niet met elkaar, het een komt niet in mindering op het ander. Niet als het om ons dagelijks brood gaat, waarvoor we God bidden en danken én waar we voor werken.

4

Onze krachten te boven

Dat geldt nog sterker als het gaat om de dreigende klimaatramp. Dit is iets dat ons boven het hoofd groeit, dat onze krachten te boven gaat. Daarvoor herinner ik aan de beide boeken die in eerdere artikelen zijn besproken. Jelmer Mommers hield ons in ‘Hoe gaan we dit uitleggen’

voor hoe verschrikkelijk de dreiging is. Met velen zegt hij: het is nog niet te laat; het kan nog goed komen – maar erg waarschijnlijk is dat niet. En Trees van Montfoort herinnerde ons er in ‘Groene theologie’ aan dat wij mensen, al hebben wij een verantwoordelijke positie in de schepping, toch evengoed schepsel blijven, in die schepping ingebed. Wees voorzichtig als je het woord ‘schepping’ gebruikt. De Schepper heeft ons wel als beheerders aangesteld, maar daarmee niet de regering over die schepping uit handen gegeven. Hij regeert er nog steeds over. En die schepping is niet meer zoals ze in het begin was.

Elihu

Grote rampen – of het nu natuurrampen zijn of door de mens veroorzaakte rampen zoals oorlog met alle gevolgen daarvan – hebben mensen altijd herinnerd aan onze kleinheid, onze nietigheid. Wij mensen hebben de wereld niet in de hand. Daardoor zijn mensen altijd geschokt geweest. Daar geven nu de ontwikkelingen in het klimaat alle reden voor. We horen in dit verband telkens de uitdrukking ‘de planeet redden’, en ook als wij die zelf niet gebruiken, mogen we er wel wat meer allergisch voor zijn en tegen protesteren. Wij de planeet redden? Wat een aanmatiging!

15 NOVEMBER 2019


Rampen hebben mensen altijd doen denken aan Gods oordeel. Daar kun je weliswaar allerlei kanttekeningen bij plaatsen. Wij zien een zonsverduistering heel anders dan vorige generaties. En bovendien, voorspoed is nog geen zegen en tegenspoed is nog geen stsraf. Maar hoe dan ook, rampen doen ons beven. Dat overkwam Elihu, de vierde en jongste vriend van Job, toen hij in een storm God zag naderen. En het overkwam de profeet Habakuk – God had inderdaad met zijn oordeel gedreigd.

Ons bekeren

Ook nu, naar aanleiding van de dreigende klimaatramp, is er reden om aan Gods oordeel te denken. De verschijnselen waar wij ons vandaag druk over maken, doen sterk genoeg denken aan de bazuinen in het boek Openbaring. En zelfs al zou je er helemaal van afzien om de link tussen Openbaring en de feiten op de grond – het boek op zichzelf is al duidelijk genoeg: God komt de wereld oordelen, dat leidt tot ontwrichting en verwoesting, en dat houden wij niet tegen. Er is wel een sta-in-de-weg om het zo te zien: namelijk het inzicht dat de klimaatproblematiek voor een overweldigend deel door de mens is veroorzaakt. Dat leidt tot de gedachte: het is onze eigen verantwoordelijkheid, dus moeten we het zelf ook weer oplossen. We komen hier op het terrein van schuld en verlossing. En als we daarin niet het klassieke bijbelse verhaal volgen dat we als christenen altijd hebben beleden, dan komt er iets anders voor in de plaats dat er op het eerste gezicht op lijkt. In dít verband is de term ‘klimaatreligie’ op z’n plaats. Het wordt een verhaal van: wij hebben gezondigd, door de manier waarop wij met het milieu en met onze (‘onze’!) wereld zijn omgegaan. Dat leidt tot ellende en rampen. Wij moeten onze schuld belijden, het oordeel serieus nemen en ons bekeren. Van nu af aan moeten we het totaal anders doen. We hebben vernieuwing nodig.

Maakbaarheidsdenken

Voor dat verhaal zijn wij, christenen, vandaag vatbaar. Het lijkt op het klassieke christelijke verhaal, er is een analogie, het loopt parallel. Maar er is een beslissend verschil. Er komt geen levende God in voor, die regeert. We hebben niet tegen Hém gezondigd, we staan niet schuldig tegenover Hém. In plaats daarvan hanteren we een gesloten wereldbeeld, dat beheerst wordt door de keten van oorzaak en gevolg. Het ‘oordeel’ dat wij ervaren is niet zíjn oordeel. Dat heeft in ieder geval twee ernstige consequenties. In de eerste plaats blijven we kleven aan het maakbaarheidsdenken. Als wíj het van nu af aan maar beter doen, met z’n allen en uit alle macht, dan kunnen we een ramp nog afwenden, of tenminste de gevolgen een beetje binnen de perken houden. Dat eerste gaat niet gebeuren (jammer, maar helaas), en het laatste lijkt niet waarschijnlijk. De mogelijkheid dat het uiteindelijk allemaal nog mee zal vallen hoeven we niet uit te sluiten; zo is het vaker gegaan. Maar Gods oordelen, en zijn uiteindelijke oordeel over deze wereld, ontlopen we niet.

Binnenbocht

In de tweede plaats isoleren we één zonde, die ons nu vooral opvalt, uit het geheel van onze schuld tegenover God. We gaan er de nadruk op leggen dat we ons van die éne zonde moeten bekeren. Dat horen we nu aldoor, ook in christelijke kring. Laat de auto vaker staan. Isoleer je huis en leg zonnepanelen op je dak. Eet minder of helemaal geen vlees. Korter douchen en geen vliegvakanties meer. Enzovoort. Dat is de binnenbocht. Het alternatief vinden we als we leven uit het geloof en de belijdenis van de kerk van de kerk van alle tijden en plaatsen. Dan blijkt onze schuld veel breder en dieper. Dat gaan wij niet repareren, hoe we ook alles op alles zetten. Maar dan houden we ons uitzicht open naar de levende God, die regeert en een plan heeft met deze wereld en daaraan bezig is te werken: om ons en de hele schepping te verlossen door Jezus Christus. Dat is verruimend en bevrijdend. Het komt erop aan dat we het verhaal van het klimaat integreren in dat grote, klassieke verhaal van de Bijbel, dat wij belijden.

5


SCHRIFT WERK

Mens en dier U, HEER, BENT DE REDDER VAN MENS EN DIER. PSALM 36:7 God is niet alleen de redder van de mensen, maar ook van de dieren. Hebben die dan ook redding nodig? Ze hebben toch niet een soort zondeval gehad, waardoor de schuldig staan tegenover God? En wat zegt het dat hier de mens in één adem met het dier wordt genoemd. Hebben we misschien te lang gedacht dat de mens in het middelpunt staat van de schepping? DOOR DS HENK JAN VISSER Boeren zijn met hun protest naar het Malieveld in Den Haag geweest. En overal hebben ze van zich laten horen in verband met de stikstofproblematiek. Ook de bouwsector heeft van zich laten horen vanwege de regelgeving. Werk en banen staan op het spel. Het aantal dieren in Nederland dat in de intensieve veehouderij gehouden wordt is hoog. Megastallen zijn er verrezen in de afgelopen decennia. De kritiek erop neemt toe. Wat hebben we over voor een duurzame veehouderij in Nederland? Of moeten we inkrimpen door het aantal dieren te halveren en daarmee de uitstoot te verminderen? Allemaal vragen die aan de politiek gesteld worden, maar die ons allen aangaan. God heeft ons de verantwoordelijkheid gegeven om voor de schepping te zorgen. We kunnen dat niet zonder schade toe te brengen aan het milieu.

Vloek

Mens en dier moeten worden gered. Vanwege de val van onze eerste voorouders in het paradijs is de vloek over heel de schepping komen te liggen. We hebben dagelijks te maken met de gevolgen daarvan. De dood is gaan heersen op aarde. En niet alleen mensen moeten sterven ook de dieren zijn aan de vergankelijkheid onderworpen sinds de zondeval. Wij mensen hebben heel de wereld in de val meegesleurd. De taak die God op

6

onze schouders heeft gelegd kunnen we niet volbrengen. De aarde wordt uitgebuit. Dieren en planten sterven uit. De mens zorgt niet goed voor deze wereld. Er gaat zoveel mis aan wanbeleid, overproductie, economisch denken, consumentisme en noem maar op. Het ene schandaal op dat gebied is nog niet boven water of het andere duikt al weer op. Je wordt er moe van en verzucht: waar moet het allemaal op uit lopen. Nee, het zijn geen eenvoudige dilemma’s waar je dan voor komt te staan. En ik geef het de minister te doen om hier wijze woorden te spreken en goede en duidelijke maatregelen te nemen.

Redding

Het is wel opmerkelijk dat deze psalm spreekt over redden van mens en dier. We kunnen denken aan de profeet Jona. Hij moet naar Ninevé gaan om het oordeel van God aan te kondigen. Maar op de prediking van Jona vernedert heel de stad zich voor de HEER. En dan lezen wij dat de HEER zegt: ‘…zou ik dan geen verdriet hebben om Ninevé die grote stad, waar meer dan honderdtwintigduizend mensen wonen die het verschil tussen links en rechts niet eens kennen, en dan nog al die dieren?’ Ook de dieren worden gered door God. Het oordeel wordt ingetrokken. God heeft de bekering gezien van de stad. Hij is de stad genadig. We kunnen ook

denken aan de tijd van Noach. Hij moet een ark bouwen, zo groot, dat er ook van alle dieren twee aan twee in de ark kunnen worden meegenomen. Zo redt God mens en dier. Samen met de dieren zijn wij mensen geschapen op de zesde dag. En wij moeten ons niet verheffen boven de dieren. Toen koning Nebukadnessar dacht dat hij heel wat was en in zijn hoogmoed zichzelf een god waande heeft God hem zelf laten zien, dat hij niet meer was dan een dier. Hij at gras als een rund. Daniël 4: 25vv. Het koningschap werd hem ontnomen en er gingen zeven jaren voorbij, totdat hij in ere werd hersteld. De HEER is het die voor mensen en dieren zorgt. Hij laat het gras groeien en de maïs en het graan en de soja, en alle gewassen die tot voedsel dienen voor het vee en voor de mensen. We zijn allemaal afhankelijk van zijn goede Vaderzorg. Daarom moeten we goed omgaan met dieren en met de natuur, want het is Gods schepping. Hij maakt zich bekend in alles wat er groeit en bloeit, in alles wat er zich voortbeweegt en in de lucht vliegt. Hij is het die niet alleen zich bekommert om de mensen maar ook om de dieren. God zelf zal ons redden van de vergankelijkheid. Jezus Christus is ook voor de dieren gestorven om heel deze schepping met God te verzoenen. In de herschepping krijgen ook de dieren een volwaardige plaats.

15 NOVEMBER 2019


DENKEN EN DOEN

Lekker lummelen Ben net begonnen met een cursus timemanagement. Hoe kan ik mijn tijd zo effectief mogelijk besteden? Nu ben ik niet van het type, dat altijd zo bezig is met zo zinvol mogelijk mijn tijd te besteden. Graag loop ik wat rond te kijken in de tuin. Soms kan ik rustig een tijd naar buiten zitten staren zonder dat ik ook maar een letter op het scherm krijg. Moet ik me daarover schuldig gaan voelen of niet? Mag ik ook rustig de tijd nemen om zalig te niksen? Nu vond ik een boek met de titel ‘In Praise of Wasting Time’ van Alan Lightman, hoogleraars menswetenschappen aan het Massachusetts Institute of Technology. DOOR DS HENK JAN VISSER De titel spreekt tot de verbeelding. Het loflied op verspillen van tijd. Dat is me echt uit het hart gegrepen. In je kindertijd kon je nog op weg naar huis ineens een andere route nemen, spelen, voetballen op een veldje, wat kattenkwaad uithalen. Dan verloor je alle gevoel voor tijd en kwam je pas uren later thuis. Nu is tijd voor veel mensen een strikte meeteenheid die je optimaal moet gebruiken. De kunst om te lummelen moeten we weer leren. De mens heeft ook wel iets van een dier, dus zou hij zich best wat meer als zodanig mogen gedragen. Bijvoorbeeld als het gaat om de balans tussen inspanning en ontspanning: ‘Vooral mannelijke leeuwen voeren geen flikker uit.’ Alan Lightman vindt het hard nodig dat we terugkeren naar de kinderlijke, losse, ongedwongen blik op tijd. “De drukke leefstijl die we nu hebben, kost ons ontzettend veel. Te weinig niksen levert schade op aan ons vermogen om na te denken, te fantaseren. We moeten inzien welke schade het toebrengt aan onze mentale staat en ons geestelijk welzijn. Die schade is subtieler dan de schade van zoiets als roken, maar misschien uiteindelijk wel net zo erg.” Lightman probeert zelf ongeveer een derde van zijn dag te lummelen. Hij gebruikt al twintig jaar vrijwel geen e-mail. “In stilte kom ik toe aan nadenken over de échte vragen: wat zijn mijn waarden, wat is be-

langrijk voor me, waar wil ik dat mijn leven naartoe leidt.” De grootste wetenschappelijke ontdekkingen zijn gedaan door wetenschappers die tussen hun drukke werk door aan het lummelen waren. Ze waren bezig in de tuin of stonden onder de douche. Hij voorspelt dat als we ons niet realiseren dat niksen en lummelen een essentieel element is van goed en gezond functioneren, zelfs ons gevoel van identiteit minder wordt. “Het gevoel dat je weet wie je bent en wat je wilt, is afhankelijk van stille reflectie.”

Dieren als voorbeeld

Schrijver en evolutiebioloog Tijs Goldschmidt (66) citeerde in 2013 uit het essay in zijn Kousbroeklezing Vis in bad, opgenomen in de gelijknamige bundel die een jaar later bij Athenaeum verscheen. In Vis in bad beschrijft Goldschmidt een experiment in Groningen onder leiding van de chronobioloog Serge Daan, die met zijn groep tien jaar lang het gedrag van torenvalken bestudeerde. De vrouwtjes leggen gemiddeld vier eieren, de mannetjes besteden een uur of vier per dag aan flight hunting, biddend jagen, wat zeer arbeidsintensief is. De rest van de tijd voeren ze op het oog weinig uit. Dat leek niet te kloppen met de aanname dat dieren er alles aan doen hun genen zo efficiënt mogelijk te verbreiden: waarom werkten ze niet wat langer dan die vier uur?

Serge Daan onderzocht wat er gebeurde als hij per legsel twee eieren toevoegde en het nest dus groter werd. Zouden de mannetjes dan minder gaan niksen en harder gaan werken? Het antwoord was ja: de mannetjes gingen langer jagen om het grotere aantal kuikens in het nest van voedsel te voorzien. Maar ze gingen ook veel eerder dood. Goldschmidt: ‘Met het oog op lifetimefitness, zoals biologen dat noemen, de biologische fitness over het hele leven gemeten, is het dus gunstiger dat ze zich niet helemaal doodwerken bij het grootbrengen van elk legsel. Ze doen het precies goed.’

De luiaard

Dat lummelen niet zo slecht is, kun je goed illustreren aan het leven van de luiaard. Want wat is het geheim van de luiaard. In de Amsterdamse dierentuin Artis hangt een luiaard aan een boom, met zijn kop naar beneden en zijn pootjes om een tak, want zo hangen luiaards aan bomen; alsof ze een hangmatje zijn. Hij wiegt hypnotiserend zacht heen en weer. Om hem heen is het een drukte van belang. Als er één dier is dat de kunst van het lummelen onder de knie heeft, is het de luiaard wel. Op de grond beweegt de luiaard zich voort met een gemiddelde snelheid van 0,3 kilometer per uur, trager dan een schildpad. Oké: wat meespeelt is dat de luiaard met zijn slecht ontwikkelde oren en ogen in een soort constante roes leeft, schrijft zoöloog Lucy Cooke in Wilde verhalen – De ware aard van onbegrepen beesten (2018). En dan kauwt hij ook nog eens de hele dag op bladeren die alkaloïde bevatten, een spulletje dat ongeveer dezelfde werking heeft als valium: ‘Deze diertjes lijken dus niet alleen stoned, ze zíjn stoned.’ Maar evolutionair is het beest een groot succes. Hij gaat al 64 miljoen jaar mee, schrijft Cooke, en heeft kanonnen als de sabeltandtijger en wolharige mammoet overleefd. Luiaards zijn uitstekende overlevers. ‘Hun geheim? Precies: hun luie aard.’ Dat geeft in deze prestatiemaatschappij wel te denken.

7


KORTE BERICHTEN

Nieuwe brochure over hulp bij trauma

Bezinningsdag De bezinningsgroep Man Vrouw en Ambt (bezinningmvea) is opgericht naar aanleiding van het besluit van de GS Meppel 2017 om per direct de ambten van diaken, ouderling en predikant open te stellen voor alle zusters. Deze bezinningsgroep heeft moeite met de onderbouwing van dit besluit en heeft een concept-revisieverzoek opgesteld dat door kerkenraden kan worden gebruikt. Dit concept-revisieverzoek is samen met allerlei artikelen te vinden op de site www. bezinningmvea.nl. Op zaterdag 18 mei jl. is een eerste bezinningsdag gehouden in Bunschoten. Uit de reactie van de 325 aanwezigen is gebleken dat een tweede bijeenkomst zeer op prijs wordt gesteld om door te spreken over de situatie binnen de GKv. Er is vooral behoefte aan helderheid over de vraag of in de GKv wissels worden genomen in de uitleg van de Schriften. Op zaterdag 14 december a.s. zal een tweede bezinningsdag worden gehouden. Prof. Dr. Henk van den Belt zal spreken over het onderwerp ‘Schriftgezag en Hermeneutiek’. Verder zal ds. Jan Wesseling spreken over de ommekeer die binnen de GKv heeft plaatsgevonden. Ds. Gert Treurniet zal in zijn toespraak aandacht geven aan de katholiciteit van onze confessie. Er zal worden geprobeerd handreikingen te bieden aan mensen die in de moeite zijn gekomen door de ontwikkelingen in onze kerken. Datum: 14 december 2019 Plaats: Immanuelkerk, Plevier 2, Bunschoten. Tijdstip: 10.00 – 15.00 uur Kosten incl lunch: € 10,- p.p. Aanmelden: graag uiterlijk op 7 december via het aanmeldingsformulier op www.bezinningmvea.nl

8

Stichting Gave biedt inzicht bij contact met vluchtelingen. Veel vluchtelingen in Nederland hebben traumatiserende dingen meegemaakt. Gave heeft de brochure ‘Vang mijn tranen’ ontwikkeld voor christenen die contact hebben met getraumatiseerde vluchtelingen. De brochure biedt inzicht en geeft advies wat christenen voor hen kunnen betekenen. De meeste vluchtelingen hebben traumatiserende ervaringen opgedaan. Bijvoorbeeld een onverwachts intimiderend politiebezoek of een bombardement. Van alleenstaande vluchtelingenvrouwen is dertig procent seksueel misbruikt. Bij jongeren zien we vaak een breuk in hun verhouding met hun ouders als ze zonder hen naar Nederland zijn gevlucht. Hoe pak je als vluchteling je leven dan weer op? Dat is voor velen een ingewikkelde worsteling.“Mensen die trauma’s hebben meegemaakt, voelen zich vaak erg alleen. Toch hebben ze juist behoefte aan gemeenschap. Wees als kerk een open en veilige gemeenschap”, aldus Bert Nanninga, psychiater onder vluchtelingen. In

het verwerkingsproces is het daarom voor veel vluchtelingen heel waardevol dat Nederlandse christenen een relatie met hen willen opbouwen. Met deze brochure geeft Gave kerken en christenen inzicht in trauma’s bij vluchtelingen. De brochure biedt bijbelse handvatten die helpen bij het contact en geeft handreikingen hoe je als niet-professional veiligheid kan bieden aan een vluchteling met een pijnlijk verleden. Naast de brochure heeft Gave ook de trainingsavond ontwikkeld ‘Helpen bij trauma’s’. Op aanvraag kan de training door Gave worden gegeven. Informatie Titel: Vang mijn tranen, verbonden met getraumatiseerde vluchtelingen Omvang: 40 pagina’s, A5-formaat Prijs: 2,50 euro per stuk (korting bij meerdere aantallen), gratis als download verkrijgbaar via www.gave.nl/bibliotheek/traumas-bij-vluchtelingen Training: Meer informatie over trainingsavond ‘Helpen bij trauma’s’ via www.gave.nl/advies-en-begeleiding/training

Weet jij je betrokken bij het Joodse volk? Misschien heb je wel eens zo’n programma gezien, waarin iemand te horen kreeg dat hij/zij nog een broer of zus elders op de wereld heeft. En dat vervolgens een zoektocht wordt gehouden om hem/haar te ontmoeten. De organisatie Yachad, die namens de GKV contacten onderhoudt met messiasbelijdende Joden in Israël en in Nederland, vraagt in de GKV aandacht voor de bijzondere positie van het Joodse volk als onze oudste broer in het huisgezin van God. Een broer om wie Paulus’ hart diep ontroerd raakte. Een broer die de wereldkerk helaas vaak vergeten is. Een broer die we in de loop der eeuwen veel pijn hebben gedaan. Door een verkeerd beeld van Christus te geven. Yachad maakt zich er sterk voor dat de GKV die broer leert kennen. En dat we, net als Paulus, een verlangen koesteren dat nog veel meer Joden hun eigen Messias ontmoeten. Graag willen we daar meer over vertellen op zaterdag 30 november in de GKV te Ede van 11 tot ongeveer 15 uur Ook mensen uit de NGK nodigen we van harte uit. Iedereen is welkom die meer over het werk van Yachad en aanverwante organisaties wil horen. Ook voor mensen die een reis naar Israël hebben gemaakt, kan dit een heel interessante dag zijn. Het complete programma verschijnt binnenkort op www.yachad.nl

15 NOVEMBER 2019


EREDIENST

Schuldbelijdenis Als een kerkdienst een programma was dat aan een publiek wordt aangeboden, dan zou de schuldbelijdenis daar moeilijk in passen. Mensen weten best dat ze fouten gemaakt hebben, en misschien is het wel een goed idee om daarover met God in het reine te komen. Maar als je zou vragen: waarom ga je naar de kerk?, zullen mensen niet over dit onderdeel beginnen.

DOOR DRS PIET HOUTMAN

Voor de een is het overbodig. De ander kent wel het gebed om vergeving, de vaste formule in het Onze Vader ‘Vergeef ons onze schulden…’, regelmatig in het persoonlijk gebed, maar gaat ervan uit dat het dan wel goed zit. Waarom zou er in een kerkdienst zo uitvoerig bij moeten worden stilgestaan? Je komt in de kerk met je eigen verwachtingen. In een gereformeerde kerkdienst waarschijnlijk vooral voor de preek: dat je daar iets van meekrijgt voor je eigen leven. Er zullen ook mensen zijn voor wie de voorbeden bijzonder belangrijk zijn: om genezing, om troost, om kracht in beproeving. Maar je komt niet alleen ieder voor zich als individuen in de kerk. Je komt als gemeente. En je verschijnt voor God. Eredienst vindt plaats in het heiligdom. Dat is niet het kerkgebouw op zichzelf. Maar je moet je het heiligdom voorstellen zoals de brief aan de Hebreeën daarover spreekt, tegen de achtergrond van de afbeelding, het plaatje, in het Oude Testament. Je verschijnt met elkaar voor de troon van God.

Troon der genade

Hij is al Vader. We hebben Hem beleden in het ‘votum’. Zijn heiligdom staat er al. Voor zijn troon staat het

altaar. Daar heeft Jezus Christus zijn offer gebracht, eens voor altijd. Met zijn bloed is Hij het heiligdom binnengegaan, naar Gods troon. Hij heeft de toegang naar de ‘troon der genade’ (de Engelse term voor het verzoendeksel: de ‘mercy seat’) voor ons vrij gemaakt. Wij hebben nu 24/7 toegang. Ook wie zwaar gebukt gaat onder zijn zonden, of het nu van de afgelopen week is of van zijn jonge jaren, mag zo komen. Dat is ook de enige toegang tot de troon van God. Je kunt niet zomaar doorlopen, je kunt niet bij Hem komen zonder dat bloed, dat op het altaar, aan het kruis, geofferd is. Wat er aan schuld tussen God en ons in gekomen is moet uit de weg, zodat de gaven van zijn Geest en de verlangens van ons hart ongehinderd tussen Hem en ons kunnen stromen. Daarom heeft de schuldbelijdenis een vaste plaats in de eredienst. We belijden onze schuld tegenover God. Dat veronderstelt dat je, in ieder geval in principe, weet wat Hij wil. Het is ook belangrijk dat we onderscheiden tussen wat mensen van ons verwachten, niet altijd terecht, en waar we niet aan hebben kunnen voldoen, waar we in onszelf teleurgesteld zijn, én wat God van ons had mogen verwachten.

Hier waar wij wonen, worden we niet zo vaak neergedrukt door een gemeenschappelijke ramp – overstroming, een epidemie, ziekte bij vee of gewas – die ons ons voor God doet verootmoedigen: ‘we hebben niet beter verdiend’. Het is zinvol om van tevoren iets over die wil van God te lezen. Dat kunnen de ‘Tien Geboden’ zijn. Die zijn in de geschiedenis van de gemeente van God, vanaf het begin in het Oude Testament, fundamenteel. God heeft ons bevrijd, daar begint het mee, en van daaruit vraagt Hij gehoorzaamheid aan Hem. Die basistekst is ook in het Nieuwe Testament nog fundamenteel. Het kan ook een ander bijbelgedeelte of een andere formulering zijn.

Gezongen

De schuldbelijdenis heeft in onze traditie z’n plaats in de kerkdienst als het eerste deel van het eerste gebed. Dat stelt hoge eisen aan de voorganger. Hij moet er de gemeente in voorgaan, het moet oprecht zijn, niet voor de vorm, het moet ook niet te lang en slepend zijn. Het kan ook een afzonderlijk onderdeel van de kerkdienst zijn. Voordeel daarvan is dat het meer accent krijgt. Het Gereformeerd kerkboek biedt daar een speciale orde van dienst voor. Traditioneel wordt na de wet al een psalm of ander lied van schuldbelijdenis gezongen; dan kan de voorganger daarop teruggrijpen zonder te veel in herhaling te vervallen. Gebruik van formulierteksten is zinvol, maar afwisseling ook. De bewoording kan soms algemeen zijn, soms bepaalde zonden met name noemen zonder al te concreet te worden – behalve als er iets speelt wat openbaar is en de hele gemeente aangaat. Het kan wat zwaarder of wat minder zwaar zijn. Maar als de wekelijkse herhaling ons irriteert en we vinden dat het er ook best zonder kan, is er iets mis. Kom je wel eens uit de kerk met de gedachte: wat fijn dat we in de schuldbelijdenis ons hart konden uitstorten, ik voel me opgelucht?

9


UIT DE CLASSES

Classis Utrech

23 mei en 20 juni 2019 23 mei Op 23 mei 2019 is de Classis Utrecht te gast in Nieuwegein. Eén van de onderwerpen die langs komen is het missionair project ‘Geloof in IJsselstein’. In IJsselstein worden sinds begin 2016 1x per maand (sinds dit jaar 2x per maand) gastvrije samenkomsten gehouden, met het doel het evangelie dichtbij mensen in de IJsselstein te brengen. Hieruit is een gemeenschap ontstaan die toewerkt naar zelfstandigheid. De komende tijd wordt gekeken hoe de moedergemeente (GKv Nieuwegein) en GiIJ elkaar op een goede manier kunnen loslaten. We zijn dankbaar voor de ontwikkelingen in IJsselstein en zien uit naar het vervolg. Verder krijgt Ganpat Berrevoets verlenging van zijn beroepbaarstelling. Br. Berrevoets is twee jaar geleden door de classis beroepbaar gesteld. Hij wilde toen nog niet weg uit Houten, waar hij jongerenwerker is. Hij heeft in deze periode ook geen beroepen ontvangen. Houten kan / wil hem niet beroepen. Inmiddels is hij in diverse GKv-kerken voorgegaan, en leert men hem beter kennen. Hij staat er nu voor open om predikant te worden in bredere zin, bijv. binnen een gemeente of als predikant met een speciale roeping (evangelisatie, zorginstelling of bij defensie). Zijn en ons gebed is dat God hem in het komende jaar duidelijk wil maken wat Zijn bedoeling is. We doen ook een ‘rondje’ langs de classiskerken. Een greep uit de genoemde zaken: - We staan stil bij het overlijden van Idelette van Benthem, de vrouw van ds. Hans van Benthem van Utrecht (Centrum). We bidden voor hem en zijn familie en de gemeente. - In verschillende kerken zijn samensprekingen met de NGK gaande. - Huis van Vrede heeft enkele nieuwe mensen in het leiderschapsteam benoemd.

10

- In Leidsche Rijn zal het nieuwe kerkgebouw (dat wordt gedeeld met Rijnwaarde) deze zomer worden opgeleverd. 20 juni Op deze avond staat één onderwerp op het programma: het aanvragen van preekconsent door Anton Broekema uit Houten. Nadat hij een preek heeft gehouden en we zijn motivatie en preken hebben besproken, verlenen we hem als classis het preekconsent. Het ondertekeningsformulier wordt ondertekend en ook de Akte van beroepbaarstelling wordt aan Anton overhandigd, net als de felicitaties. We wensen hem Gods zegen toe bij het verkondigen van het evangelie. NAMENS DE CLASSIS, THIJS VAN DE KAMP

Classis Hardenberg 5 september 2019

Het grootste gedeelte van de rustig verlopen vergadering in Het Morgenlicht werd besteed aan het doorspreken van aandachtspunten die door de vistatoren naar aanleiding van de ronde 2019 in hun samenvattend rapport zijn gemaakt. De visitatoren, de brs. Tonnis Bolks, Sybren Stelptra, Bert Runhaar, ds. Dick Dreschler en ds. Adrian Verbree waren ter vergadering aanwezig. De visitatoren stellen voor in de ronde van 2020 bijzondere aandacht te schenken aan: 1. De stand van zaken t.a.v. de positie van de zusters en de ambten 2. De samenwerking van de predikanten binnen de classis 3. De bearbeiding van de jeugd (zeg 18 – 30) na afsluiting van de catechisatiejaren Met name de punten 2 en 3 werden uitgebreid besproken. Twee rode draden die door deze bespreking liepen: 1. de behoefte aan meer samenwerking en afstemming wordt breed gevoeld. 2. Er is de behoefte niet te wachten met het oppakken van deze punten tot de

visitaties van volgend jaar. Ad 1. De predikanten krijgen de suggestie mee: gaan jullie nu eerst eens bij elkaar zitten en inventariseer waar jullie mogelijkheden tot het breder dan in de eigen gemeente gebruik maken van ieders specifieke gaven zien. Dien bij voorkeur de decemberclassis met het resultaat van dat overleg. Ad 2. Om de kerkenraden - zonder commitment van wie dit niet uit de verf gaat komen- een handvat aan te reiken van waaruit de bearbeiding van de 18 -30 groep geoptimaliseerd kan worden, wordt een commissie van drie benoemd. De brs. Jannes Janssen, Sybren Stelpstra en Adrian Verbree zullen proberen de decemberclassis een voorstel voor te leggen dat ter verdere bespreking aan de kerkenraden kan worden toegestuurd. Br. Bert Runhaar is aftredend als kerkvisitator. Hij wordt bedankt voor zijn inzet, die er o.a. mee voor heeft gezorgd dat de vorm van de visitatie zich meer dan in het verleden richt op het in kaart brengen van sterkte- en aandachtspunten ter gemeente. De kerkenraden worden opgeroepen namen om hem te vervangen aan te dragen. Verder bestaat er een vacature voor een predikant visitator. De visitatoren zullen voor deze vacature een predikant benaderen. Verder: De notulen werden dik in orde bevonden, de kerken van Hardenberg Centrum en Heemse Marslanden gefeliciteerd met de aangenomen beroepen door respectievelijk ds. Boerma en ds Bondt en uit onze kring zijn de brs. Sybren Stelpstra en Rutger Heij benoemd als afgevaardigden naar de Generale Synode van Goes (2020). We zijn dus goed vertegenwoordigd. Zoals vermeld, er werd rustig vergaderd. Er werd ook regelmatig gelachen; al met al konden we dankbaar zijn voor de broederlijke sfeer waarin de vergadering verliep. Laten we hopen dat de volgende reguliere classis die zal worden samengeroepen door Hardenberg Centrum en DV zal worden gehouden op 28 november in dezelfde sfeer zal verlopen. Met dank aan de Here werd de vergadering gesloten.

15 NOVEMBER 2019


UIT DE CLASSES

Classis Hoogvliet 12 september 2019

Op donderdag 12 september kwam de classis van Hoogvliet bijeen. De gemeenten brengen elkaar op de hoogte van gebeurtenissen en activiteiten die ondernomen worden. Enkele gemeenten zijn hun kerkelijk seizoen begonnen door middel van een startzondag. Verschillende gemeenten gaan nu weer aan de slag met al eerder ingezet jeugdbeleid, of het bespreken van het Man/Vrouw-vraagstuk. Ook is in een gemeente een Premarriage Course opgezet, met een flink aantal deelnemers daarvoor.

Verschillende gemeenten zijn vacant en ervaren daar soms moeiten in, zoals het rondkrijgen van het preekrooster. Goede berichten zijn er ook, zoals dat in een gemeente een begin gemaakt wordt met een beroepingsprocedure en dat catechisanten van een vacante gemeente bij een buurgemeente kunnen aansluiten. In tegenstelling tot wat eerder vermeld is, heeft er geen voortgezette vergadering plaatsgevonden om een appelschrift te behandelen. Dat doen we tijdens deze vergadering. Voorafgaand aan die behandeling is een nieuw classisreglement aangenomen, met nieuwe bepalingen voor

een beroepsprocedure, en die nu ook voldoen aan de Generale Regeling van de synode. Vanwege de hoeveel tijd die er in de behandeling van het appelschrift zit, schuiven we enkele agendapunten, zoals het bespreken van de visitatierapporten en het invullen van alle Deputaten, door naar de volgende vergadering. Op DV donderdag 12 december 2019 hoopt de classis weer bijeen te komen. MARLEEN VAN HOUWELINGEN, DAO CLASSIS HOOGVLIET

11


KERK ONDERWEG

75 jaar Vrijmaking – Waar gíng het eigenlijk over? Dit jaar bestaat de Vrijmaking 75 jaar. Waar ging de kerkstrijd van toen over? Eén van de belangrijkste issues was de kuyperiaanse visie op wedergeboorte. In dit artikel wil ik nagaan wat de visie van Kuyper destijds zo populair maakte. Ook schets ik de historische vergissing, die de synode van de Gereformeerde Kerken in oorlogstijd beging. Tenslotte wil ik graag een les uit dit verleden trekken. DOOR DR J.H. SOEPENBERG

Kiemkracht van zaad

Om met het eerste te beginnen: het spreekt tot de verbeelding dat sommige zaden langdurig hun kiemkracht behouden. Zo vond een Nederlandse historicus in 2003 in de National Archives in Londen zaden, die de Engelsen op een gekaapt Nederlands schip hadden buitgemaakt. De zaadjes konden, na 203 jaar opgeborgen te zijn, alsnog ontkiemen. Ook Abraham Kuyper wist van de kiemkracht van zaad. Dit beeld paste hij toe op het geloof. Als geloof ontkiemt en vrucht gaat dragen, komt dat niet uit de lucht vallen. Nee, dat zaad lag al jarenlang op ontkiemen te wachten. Kuyper heeft dit beeld niet zelf bedacht, het komt al voor bij de beroemde Nederlandse theoloog Gisbertus Voetius (1589-1676). Ook deze theoloog gebruikte het beeld van het zaad van wedergeboorte dat als een kiem lange tijd in de aardkluit verborgen kon blijven. Dit beeld werd in de orthodoxie gebruikt in de strijd tegen de remonstranten. De remonstranten stelden in het geloof de menselijke keuze centraal. Van de weeromstuit gingen orthodoxe theologen de goddelijke

12

soevereiniteit accentueren. Al lang voordat een mens kan kiezen, heeft God in zijn soevereiniteit mensen uitverkoren, om aan hen het geloof te geven. God zelf legt het zaad van wedergeboorte in het hart van mensen. En bij het opgroeien zorgt Hij, via de prediking, ervoor dat dit zaad gaat ontkiemen en vrucht dragen. Mannen als Voetius en Kuyper wezen op de apostelen Jacobus en Petrus, die spreken over het Woord van God als het zaad van wedergeboorte (Jac. 1:18, 1 Petr. 1:23).

een mensenleven werkzaam is. Van Jeremia en Paulus wordt gezegd dat God hun taak al bij de geboorte had vastgesteld. Paulus noemt in Titus 3:5 doop en wedergeboorte in één adem. En in Handelingen 22:26 vallen doop en afwassing van zonden samen. Nu leert het doopformulier dat we in het rijk van God niet kunnen komen, of we moeten opnieuw geboren worden. Als je dit combineert met de Dordtse Leerregels, die zeggen dat gelovige ouders niet moeten twijfelen aan het behoud van hun jonggestorven kinderen, moet dit volgens Kuyper betekenen, dat deze jonggestorven kinderen wedergeboren zijn. Voeg hierbij het gegeven dat God sacramenten geeft tot versterking van het geloof, dan gebeurt er voorafgaand aan de doop heel wat. God zorgt bij zijn kinderen niet alleen voor de natuurlijke geboorte, maar ook voor de geestelijke wedergeboorte. Op een mystieke, verborgen wijze wordt de dopeling weggetrokken uit

Creatieve toepassing

Op creatieve wijze verbond Kuyper vervolgens het beeld van dit geloofszaad met de doop. God is er vroeg bij als Hij de geloofskiem in mensen plant. Het is deze kiem van wedergeboorte die in de doop verzegeld wordt. Geen mens kan zichzelf het geloof geven. In dit licht las men de woorden van Jesaja: ‘Luister naar mij, volk van Jakob en al wat er van Israël nog over is, van de moederschoot af door mij gedragen, door mij gekoesterd vanaf de geboorte’ (Jesaja 46:3). De Bijbel geeft concrete voorbeelden dat God al vanaf het prilste begin in

15 NOVEMBER 2019


de wereld en in Christus ingelijfd. Bij de doop is God hoogst actief in het verborgene aan het werk! Hij doet zijn werk, zonder ons, voor ons. De kuyperianen lazen deze gedachte terug in het doopformulier, zowel in het onderwijzende gedeelte (‘de Geest eigent ons toe wat we in Christus hébben’) als in het dankgebed na de doop: ‘Wij danken en loven U, dat U ons en onze kinderen (…) al onze zonden vergeven hébt, en ons (…) tot uw kinderen hébt aangenomen.’ Waar zonden zijn vergeven en de Geest je in Christus inlijft, deel je in het heil.

Een historische vergissing

Alleen doemt er nu een knelpunt op: niet iedere gedoopte gaat later geloven. In dat geval kun je niet zeggen dat iemand bij de doop door de Heilige Geest bij Christus is ingelijfd en vergeving van zonden heeft ontvangen. Vandaar dat we alleen kunnen dopen op basis van een ‘veronderstelde wedergeboorte’. Deze

visie was dominant in de jaren voor de Vrijmaking. De synode legde deze visie vast als de enig juiste. Maar dit was een historische vergissing. Want de visie die door Klaas Schilder en anderen werd uitgedragen, en als gevaarlijke nieuwigheid werd veroordeeld, had juist oude papieren in de Gereformeerde Kerken. Sterker nog: juist de kuyperiaanse visie op verbond en doop werd in de eerste decennia van de 19e eeuw in Gereformeerde kring, bijvoorbeeld door professor L. Lindeboom uit Kampen, als afwijking van het gereformeerd belijden onder vuur genomen.

Pacificatieformule van 1905

De synode van 1905 kwam de bezwaarden tegen Kuypers visie tegemoet, door expliciet uit te spreken dat het minder juist is de doop te bedienen op grond van de veronderstelde wedergeboorte. Want de grond voor de doop is het bevel en de belofte van God. De pacificatiefor-

mule van Utrecht 1905 klonk op het eerste gehoor weliswaar kuyperiaans (‘houden voor wedergeboren’), maar was tegelijk omgeven door formuleringen die de gereformeerden uit de Afgescheiden traditie uit het hart gegrepen waren (‘krachtens Gods belofte’ en: ‘in Christus geheiligd’). De nadruk lag bij hen op Gods verbondsbeloften als grond voor de doop en op heiligheid van kinderen in hun gelovige ouders. Ook gaven ze een andere interpretatie aan de woorden ‘houden voor wedergeboren’: niet een wedergeboorte die al had plaatsgevonden, maar als deel uitmakend van het door God beloofde heil. De pacificatieformule werd door beide groepen aangenomen. Per saldo schiep de synode van Utrecht 1905 ruimte voor beide opvattingen in de kerken. Wat tragisch dat de synode van 1943-1944 de historische vergissing beging, één standpunt als verplichte leer op te leggen, en de ruimte voor principieel andersdenkenden af te snijden.

Een les voor vandaag

In de Gereformeerde Kerken bestonden destijds dus twee verschillende opvattingen over verbond en doop: een meerderheid dacht op kuyperiaanse wijze vanuit de verkiezing, een minderheid dacht verbondsmatig. De vrijgemaakten hebben altijd gezegd: als de synode de leer van Kuyper nou maar niet bindend had opgelegd, dan was kerkscheuring niet nodig geweest. Ook voor de visie van de kuyperianen mocht ruimte bestaan. Toegepast op vandaag: ook als je persoonlijk vindt dat de visie van de ander niet correct bijbels is, mag er dan toch ruimte zijn voor de ander? Of geldt alleen jouw visie als bindend? Misschien zit in het DNA van de GKV wel meer ruimte dan we beseffen. Ook bij stevige verschillen van inzicht over het toepassen en verwerken van bijbelse gegevens. Gebonden aan de belijdenis, schep je dan ruimte voor de ander. Noot van de redactie: dr Jan-Henk Soepenberg is predikant te GKv Assen-Zuid.

13


LITURGIE

Lied van de maand november 2019 EÉN IS DE HEER, DE GOD DER GODEN - LB 310 We kennen de wet van de zwaartekracht, de wet van Archimedes en de wet van Newton. Ken je ook de wet van Troost? Het is traditie om in een erediensten, ‘s morgens, de Tien Woorden voor te lezen. De laatste jaren zien we een verandering. Er worden leefregels uit het Nieuwe Testament gelezen, bijvoorbeeld uit de Bergrede of uit Paulus brieven. Voorgangers geven aan dat ze meer variatie willen. De vaak monotone voordracht in hetzelfde taalkleed kan leiden tot sleur. Een goede liturgische traditie kan verworden tot een uitgesleten ritueel.

om de Tien Woorden op verschillende plekken in de eredienst te zingen: aan het begin als spiegel voor de schuldbelijdenis, of na de preek als genadeverkondiging ziende op Jezus Christus. En ook voorafgaande aan de viering van het Avondmaal of aan het einde van de dienst als heenzending. Steeds zal het klinken als een wet van troost voor het leven van elke dag. En dat niet alleen: het reikt leefregels aan voor een leven voor Gods aangezicht, een leven van vrede en gerechtigheid. Ga eens na wat de diaconale reikwijdte van de Tien Woorden is. Noot van de redactie: deze tekst is overgenomen van de website van het Steunpunt Liturgie van de Gereformeerde Kerken.

DOOR HENK SCHAAFSMA Weet je, dat het in de kerk van de Middeleeuwen en van de Reformatie helemaal niet de gewoonte was om de Tien Woorden op te zeggen of voor te dragen? Ze dienden als boetedoening van de gemeente. Calvijn en Luther wilden hieraan vasthouden. Zij schreven zelf berijmingen. De berijming uit Calvijns omgeving kwam in een vertaling in de gereformeerde bundel van Nederland terecht. Voor elk gebod een couplet met daarbij een inleidend en uitleidend couplet. Vele generaties hebben na de plechtige, gedragen voorlezing van de Tien Woorden het laatste couplet van Gezang 1 gezongen: ‘Och, of wij uw geboôn volbrachten’. ‘Op de wijs van Psalm 140’ werd er dan bijgezegd voor de organist. En daar ging het dan mis, want de berijmde Psalm 140 kreeg de al bestaande melodie van het Tien Woordenlied! Het zingen van de Tien Woorden raakte buiten gebruik, o.a. door de lengte van de berijming. De samenstellers van het Liedboek uit 2013 wil-

14

den de liturgische gewoonte nieuw leven inblazen. Ze zochten een goede, nieuwe, eigentijdse berijming. Dat werd de Wet van Troost! Vijf coupletten, twee geboden per vers en geen in- en uitleiding. Zelf zei Troost erover: ‘Ik heb geprobeerd de Tien Woorden niet kort- en domweg op elkaar te stapelen, maar de tekst zo te schrijven dat een zeker verband tussen de opeenvolgende woorden oplicht.’ Geen moraliserende teksten dus, maar mooie taal met zeggingskracht, zoals in vers 3: ‘Sla wat het voorgeslacht ons leerde / niet onnadenkend in de wind. Dood nooit wie zich niet kan verweren / wie drift bemint wordt ziende blind.’ In vers 1 en 5 geeft Troost in de laatste twee regels een mooi kernachtig motto mee aan de verkondiging van de Tien Woorden: ‘Ga op de weg van Gods geboden- er is geen god die zo bevrijdt!’ Deze berijming maakt het mogelijk

15 NOVEMBER 2019


COLOFON

Zonder commentaar Verleidingen (Lees: Prediker 1) Mijn ogen kunnen mij verleiden. Ze houden van mooie, afwisselende vormen en van mooie stralende kleuren. Ik moet me niet aan deze dingen overgeven maar aan de God die ze gemaakte heeft. De koningin van de kleuren, het licht, kan verleidelijk en gevaarlijk zijn. Maar ik kan U ook loven om het licht, o God, Schepper van alles. En dat wil ik doen. Mijn God en mijn luister, ik zing een loflied voor U en ik offer mijn lof aan U, want alle schoonheid die kunstenaarshanden kunnen maken, komt van de hoogste schoonheid, waar mijn ziel dag en nacht naar verlangt. Er is een andere verleiding die veel gevaarlijker is: kennis en wetenschap. De nieuwsgierige weetzucht. In dit onmetelijke woud vol valkuilen en gevaren heb ik al veel weggekapt en uit mijn hart verdreven, met de kracht die U me hebt gegeven, God van mijn heil. Maar wie kan zeggen hoeveel kleinigheden en nutteloze dingen onze weetgierigheid elke dag opwekken en hoe vaak wij dan struikelen. Mijn leven is vol van zulke dingen. Ik heb maar één hoop: uw heel grote barmhartigheid. Want als in ons hart dat soort onbenulligheden verzameld worden, dan worden onze gebeden verhinderd, in plaats dat ons hart zich tot U richt. Uit: De belijdenissen van: Augustinus Verkort en bewerkt door Sipke van der Land Zonder Commentaar is een rubriek waarin redacteuren doorgeven uit allerlei bladen hoe men schrijft over christenen, geloof, bijbel, kerk enz. De redactie hoeft het helemaal niet eens te zijn met wat hierin wordt weergegeven, maar wil de lezer iets aanreiken van hoe men denkt.

REDACTIE-SECRETARIAAT Aanleveradres voor classisverslagen en persberichten: Jac. de Groot, Ballade 12, 8265 SB Kampen gereformeerd.kerkblad@gmail.com De redactie behoudt zich het recht voor verslagen en berichten in te korten EINDREDACTIE Ds Henk Jan Visser (eindredacteur) Jac de Groot MA REDACTIE mr E. Bos e.bos01@hetnet.nl J.A. de Groot MA groot.jac.de@gmail.com ds R.P. Heij rheij@hetnet.nl drs P. Houtman piet.houtman@hotmail.com ds H.J. Visser henkjanvisser8@gmail.com H. Walinga hwalinga@walinga.org (vacature) REDACTIONEEL MEDEWERKER A.M. Pathuis anne-maaike@live.nl BLADMANAGEMENT BDUvakmedia Postbus 67, 3770 AB Barneveld Telefoon: 0342 49 48 46 Fax: 0342 49 29 99 Aanleveradres voor kerkdiensten: Kerkdiensten.gkb@bdu.nl Telefoon: 0342 494882

UITGEVER, ABONNEMENTEN EN BEZORGING BDUvakmedia, afd. abonnementen Postbus 67, 3770 AB Barneveld Tel. 0342 494884 – fax 0342 494299 abonneeservice@bdu.nl OPGAVE ADVERTENTIES Roel Abraham Tel. 06 54274244 r.abraham@bdu.nl PRIJS JAARABONNEMENT - binnenland - studenten - buitenland - proefabonnement (10 nrs)

€ 64,93 € 35,43 € 103,54 € 14,35

OPZEGTERMIJN 2 kalendermaanden voor de nieuwe betalingsperiode Voor mensen met een leeshandicap zijn de artikelen uit dit blad verkrijgbaar op CD. Informatie: CBB tel. 0341 565499, e-mail info@cbb.nl www.gereformeerdkerkblad.nl

15

Profile for BDUVakmedia

GKB 22-2019  

Gereformeerd Kerkblad voor de gereformeerde kerken vrijgemaakt.

GKB 22-2019  

Gereformeerd Kerkblad voor de gereformeerde kerken vrijgemaakt.