Kunnen zijn wie je bent - Verhalen over wat regie over je eigen leven betekent

Page 1

Kunnen zijn wie je bent Verhalen over wat regie over je eigen leven betekent


Colofon Teksten: Eindredactie: Illustraties: Ontwerp en opmaak: Drukwerk: 2

Dana Otten, Cai Vosbeek, Marie-José Dekkers. Karin Wiersema, Saskia van Nieuwland. Gijs Copic. Wapenfeit. Drukkerij Enson.


Voorwoord “Daar ga ik niet naar binnen,” zei mijn vader toen wij op bezoek gingen bij een tante in een verpleeghuis. Mijn vader wilde niet naar een verpleeghuis, mocht het ooit nodig zijn. Hij was bang om zijn zelfstandigheid te verliezen, niet meer te kunnen doen en laten wat voor hem belangrijk was, geen mensen meer te kunnen ontmoeten of zelf te mogen bepalen wanneer hij weg was en thuiskwam. Kortom: hij wilde zijn leven zelf vormgeven, ook op oudere leeftijd. Het verhaal van mijn vader is voor mij tekenend voor eigen regie. Ik heb door de jaren, via persoonlijke en werkgerelateerde ervaringen in onder meer de ziekenhuiszorg en verpleeghuiszorg, ondervonden wat eigen regie voor mensen betekent. Hierdoor is een intrinsieke motivatie ontstaan om bij te willen dragen aan het creëren van een waardevol leven voor (kwetsbare) ouderen, met behoud van zo veel mogelijk zelfstandigheid. De afgelopen jaren is er veel moois ontwikkeld binnen Cliënt in Regie, de visie is daardoor diep geworteld binnen de organisatie. Het raakt alles en iedere discipline. Als programmamanager wil ik de komende tijd samen met de organisatie ontdekken wat Archipel nog nodig heeft om Cliënt in Regie verder te laden. Bijvoorbeeld door de dialoog tussen de cliënten, mantelzorgers en de medewerkers te versterken. En mee te bouwen aan het cyclisch inbedden van de visie, waardoor het nog meer doorleefd wordt binnen de organisatie. Een doorkijkje naar de (nabije) toekomst schetst een beeld van een maatschappij waarin kwetsbare ouderen gewend zijn aan (meer) regie over het eigen leven en andere ideeën hebben over (goed) oud worden. Dit brengt andere verwachtingen met zich mee voor zorg, wonen en welzijn. Ik vind het bijzonder om hier vanuit mijn rol over mee te mogen denken, binnen een organisatie die op een vooruitstrevende en persoonlijke, liefdevolle wijze zorg verleent. De ervaringen die Archipel al heeft opgedaan met eigen regie en die zo mooi onder woorden worden gebracht in de diverse verhalen in dit boek, vormen een goede basis om de visie samen verder tot leven te wekken. Karin Wiersema, Programmamanager Cliënt in Regie

3


Cliënt in Regie zet Archipel op scherp Eppie Fokkema is sinds 2018 voorzitter van de raad van bestuur van Archipel. Door de jaren maakte hij Cliënt in Regie van alle kanten binnen de organi­ satie mee. Samen met Eppie blikken we terug op de ontwikkeling van de visie en bespreken we wat Cliënt in Regie voor hem betekent. “Cliënt in Regie is zo’n tien jaar geleden, nog voordat ikzelf binnen de organisatie werkzaam was, ontstaan als ‘antwoord’ op de vraag hoe we de standaard manier van zorgverlenen kunnen doorbreken”, licht Eppie toe. “Voor Archipel stond toen al voorop dat niet de leiding, maar de cliënt zelf de regie moet voeren over wat er in zijn of haar leven gebeurt. En dat het onze taak is om daar vanuit de zorg zo goed mogelijk bij aan te sluiten. Ik heb door de jaren ontdekt dat er een enorme intrinsieke motivatie in de organisatie schuilt om deze visie na te streven. Cliënt in Regie is daardoor echt een fundamenteel onderdeel van Archipel geworden. Tegelijkertijd is het een prikkelend concept; het daagt ons uit om de visie telkens te finetunen, passend bij de huidige tijd, en de cliënt zo nog meer centraal te stellen in alles wat wij doen. Cliënt in Regie zet ons daardoor op scherp. ” 4

Gezien en gehoord “De oudere en jongere mensen waarvoor Archipel werkt, hebben te maken met de situatie dat ze steeds minder kunnen. Dat proces van beperkter worden in het leven, vormt wat mij betreft de basis voor Cliënt in Regie. Hoe kunnen we, ook in de laatste levensfase, recht doen aan iemands bestaan, hem of haar aan zet laten zijn en waardevolle momenten laten beleven? Volgens mij staat en valt alles met oprecht gezien en gehoord worden; dat geeft erkenning. Het is daarvoor belangrijk te weten welke wensen en behoeften een cliënt heeft en daar zo veel mogelijk naartoe te bewegen. Dat kan alleen door te kijken naar de mens en vervolgens daarop maatwerk te bieden.”


“In dit verhaal is meer dan voorheen de mantelzorger belangrijk. Voor hem of haar is het proces van ouder worden dat de partner, vader, moeder of andere dierbare doormaakt, ontzettend zwaar. Er komt ook verdriet en pijn bij kijken. Daar mogen we nog meer oog voor hebben, bijvoorbeeld door bij de zorg en ondersteuning ook ruimte te maken voor de mantel­zorger. Ik spreek graag van een driehoek van cliënt, mantel­ zorger en medewerker. Juist door elkaar op te zoeken, elkaar te kennen en samen het gesprek aan te gaan, kunnen we de regie van de cliënt versterken.”

Wegwijs in het zorglandschap “Er is vaak discussie over het gebruik van de term ‘cliënt’; het legt te veel de nadruk op de afhankelijkheidspositie. Ook ‘bewoner’ dekt niet helemaal de lading. Ik geloof dat het niet erg is dat we er (nog) geen perfecte term aan kunnen verbinden, zo lang de ‘cliënt’ de regie maar erváárt.” “Eigen regie brengt ook dilemma’s met zich mee. Bijvoorbeeld: hoe ga je om met veiligheid en gezondheid enerzijds en kwaliteit van leven en welbevinden anderzijds? Dit soort dilemma’s dwingt ons om telkens een juiste keuze te maken. De uitdaging daarbij is om de benadering van Cliënt in Regie als uitgangspunt te nemen Het is de basis van ons kwaliteitsbeleid. Hier gaan we ons de komende jaren verder in verbeteren. Ook in dat gesprek mag de mantelzorger nog meer betrokken worden, zodat we samen een juiste afweging kunnen maken.”

“Als Archipel willen we ons continu ontwikkelen en dat moet ook. Alleen zo kunnen we blijven aansluiten bij wat er speelt in de maatschappij. Vanwege de ‘langerthuis-ontwikkeling’ bewegen we ons bijvoorbeeld steeds meer naar buiten toe. Het proces aan de voorkant is vaak nog erg ingewikkeld: wanneer een cliënt of mantelzorger een beroep wil doen op zorg, wonen en welzijn, belandt hij of zij in een wirwar van vaste structuren en systemen. Er schuilt een kans voor ons in het beter wegwijs maken van mensen in het vaak ondoorzichtige zorglandschap. Natuurlijk kunnen we dat niet alleen; het is een maatschappelijke opgave waar we regionaal, samen met andere organisaties en gemeenten aan moeten werken. Een mooie opdracht waardoor we de cliënt én de mantelzorger uiteindelijk nog meer in hun kracht kunnen zetten.” Eppie Fokkema is sinds 2018 voorzitter van de Raad van Bestuur van Archipel.

5


“Kunnen leven zoals je dat zelf wilt, met zo veel mogelijk kwaliteit, keuzevrijheid én zelfstandigheid. Dat is waar ‘Cliënt in Regie voor mij in een notendop voor staat.” Femke de Jong, directeur van Archipel Thuis, was drie jaar lang programmaleider Cliënt in Regie en daardoor nauw betrokken bij de doorontwikkeling van de visie. “In de ouderenzorg werkten we lange tijd vanuit de overtuiging dat wij, vanuit onze expertise en de beste intenties, wel konden bepalen wat goed is voor een cliënt. Hierdoor gingen we vaak voorbij aan wat iemand zelf nog kan én wil. Zodra een cliënt een stap over de drempel van het verpleeghuis zette, was zijn of haar leven gericht op de geboden zorg en ondersteuning. Terwijl iemand vaak maar een paar uur per dag zorg of ondersteuning nodig heeft, de rest staat in het teken van wonen en welzijn. Als Archipel zeiden we daarom: iemand is altijd gewend geweest zelf keuzes te maken, dat mag niet ineens veranderen. Een cliënt moet het leven kunnen leiden dat hij gewend is. Aan ons de taak datgene te bieden waardoor dit mogelijk wordt. ‘Ik werk waar u woont’, in plaats van ‘u woont waar ik werk’. Die gedachte ligt aan de basis van Cliënt in Regie.”

In het DNA van Archipel “Algauw ontdekten we: willen we eigen regie faciliteren, dan moeten we ook medewerkers eigen regie geven,” vervolgt Femke. “Deze gedachte sloot naadloos aan bij de transformatie naar een zelfsturende organisatie. Hierdoor kwam er in korte tijd veel op medewerkers af. Dat bleek ook uit een evaluatie: de visie van eigen regie werd breed gedragen, maar vroeg in de praktijk af en toe wel de nodige aandacht. Door knelpunten als het tekort aan tijd en personeel kregen medewerkers regelmatig het gevoel dat ze onvoldoende konden beantwoorden aan de wensen van de cliënt. Terwijl het bieden van oprechte aandacht, het aangaan van een gesprek en het luisteren naar wat iemand 6

écht nodig heeft, in veel gevallen juist tijd en kwaliteit opleveren! Die gedachte staat nu veel meer op de voorgrond. Hiervoor hebben we wel een behoorlijke denkomslag doorgemaakt, samen gebouwd aan een nieuwe koers. Ik vind het bijzonder om te zien hoe eigen regie daardoor steeds dieper in het DNA van de organisatie geworteld zit. Het levert ook mooie gespreksstof op: wat als iemand met suikerziekte heel veel geluk ervaart door iedere dag een stukje taart te eten? Hoe ga je dan om met de wensen van de cliënt enerzijds en de gezondheid en veiligheid anderzijds? Door hierover met elkaar in dialoog te treden krijgt de visie ook nu nog steeds meer vorm.”

Mogelijkheden van de cliënt centraal Sinds 1 januari 2018 is Femke directeur van Archipel Thuis. In deze rol deed ze de afgelopen jaren nieuwe ervaringen op met eigen regie. “Het grappige is dat binnen de thuiszorg Cliënt in Regie eigenlijk heel vanzelfsprekend is. We stappen over de drempel van de voordeur van de cliënt en passen ons daardoor automatisch aan aan zijn of haar leven. Daarbij is onze zorgverlening met name gericht op het bevorderen van de zelfredzaamheid. Dit doen we bijvoorbeeld met de inzet van


Leven zoals je dat gewend bent innovatieve hulpmiddelen. Daarnaast geloof ik in brede samenwerkingen om eigen regie te stimuleren. Door corona zijn we in de thuiszorg al meer met elkaar gaan samenwerken over organisatiemuren heen. Ik hoop dat we naar een situatie toe kunnen werken waarbij alle zorg- en ondersteuningsvragen gebundeld zijn in één loket, die mensen aanspreekt op de eigen mogelijkheden. Er wordt al zo veel van je afgenomen als je een beroep moet doen op zorg, laten we dan samen de eigen regie versterken op de gebieden waar dit nog wel mogelijk is!” Femke de Jong is directeur Archipel Thuis en was drie jaar lang programmaleider Cliënt in Regie. 7


Cliënt in Regie volgens meneer Mackintosh:

‘Ik heb de vrijheid’ Meneer Mackintosh woont in Kwadraat: “Ik ben op mijn 25e vanuit Suriname naar Nederland gekomen en ben nu 76. Ik woonde eerder in Limburg en Veldhoven en ben door ziekte hier terechtgekomen. In het oude Kwadraat had ik maar één kamer, nu een woonkamer, slaapkamer en badkamer. We zijn er wat dat betreft heel veel op vooruit gegaan.” Hij heeft het goed naar zijn zin in de nieuwbouw: “Alleen, vroeger hadden we in de gezamenlijke woonkamer een televisie en de meeste mensen keken daar. Nu heeft bijna iedereen, ik ook, een eigen tv in het appartement, dus praktisch niemand zit meer beneden ’s avonds. Niet zo gezellig maar niet erg. Soms kijken we samen beneden voetballen. Maar in mijn eigen appartement kan ik kijken wat ik wil, en hoef ik niets te zien waar ik geen interesse in heb. Ik kan zelf die keuze maken.”

men en hoef alleen maar door te geven dat ik weg ben. Niet iedereen hier heeft dat. Ik ga drie keer per week met een andere bewoner boodschappen doen en ik kook elke woensdag. We gaan meestal naar de Kruisstraat en de Woenselse markt, soms naar Winkelcentrum Woensel als we zin hebben, dat is iets verder fietsen. Ik ga drie keer per week op de fiets naar het Stads Hobby Centrum in Tongelre, maar dat is nu dicht door corona. Daar kom ik al vier jaar, om te timmeren. Dat kan hier ook, in de schuur, maar daar heb ik machines. Met de hand duurt veel langer. Ik maak borrelplanken, vogelhuisjes en bloembakken, om bezig te zijn. Ik krijg zelfs opdrachten. Van de verkoopopbrengst maken de begeleiders een potje. Daarvan ben ik met familie naar Suriname gegaan, daar was al ik al meer dan 45 jaar niet meer geweest.”

Vrijheid “Ik vind het hier fijn wonen. Ik heb de ruimte en de tuin is fijn, ook om te zitten. Mensen staan altijd klaar om je te helpen. Vragen mag altijd, misschien als ik ziek ben, maar ik doe alles zelf: wassen, strijken, stofzuigen en dweilen. Ik kan hier doen wat ik wil, ben eigen baas. Ik heb de vrijheid, kan gaan en ko8

“Ik kan zelf mijn tijd indelen, heb alle vrijheid. Ik schilder ook; alles dat hier hangt heb ik zelf geschilderd. Ik ga drie keer per week met een andere bewoner boodschappen doen en ik kook elke woensdag, dat doen we ook met z’n tweeën, voor twee woonkamers. Ik kook graag, het komt zelden voor dat ik geen


. zin heb om te koken. Dat doe ik al sinds ik als technisch tekenaar met de VUT ben. Vanavond eten we gestoofde sukadelappen met aardappels en spitskool met een soort zoutvlees. Koken gebeurt beneden, in de keuken bij de gezamenlijke woon- en eetkamer. Daar ontbijten en lunchen we ook. In de appartementen mogen we wel een koffieapparaat en een waterkoker hebben, maar absoluut geen fornuis of magnetron. Dat is vanwege brandgevaar, als bewoners iets vergeten. Voor de veiligheid; dat neem ik dan maar voor lief, dat accepteer ik.”

laag zijn. Ik zou het fijn vinden om er plantjes neer te zetten, op mijn zelfgemaakte tafeltje. En het zou fijn zijn om dat op het balkon te kunnen schuren en aflakken, zodat alle stof buiten is. Ook mogen er van mij meer activiteiten ontplooid worden. Vroeger was er meer te doen; we gingen fietsen, iets schilderen. Dat moet opnieuw opgestart, heb ik ook ter tafel gebracht. We hebben om de maand of twee een huiskameroverleg; daar heb ik dat ook gezegd. En ik zou ook wel weer op vakantie willen gaan. Misschien komt dat ook door corona. De laatste keer vakantie was naar Zeeland, jaren geleden. Daar kijk ik wel naar uit.”

Nog wensen? “Wat zou ik nog willen? Dat de balkondeur open mag. Alleen de tuimelramen in de woonkamer en de slaapkamer mogen open. Dat is ook voor de veiligheid; ze zeggen dat de balustrades te

Cliënt meneer Mario Mackintosh woont in Kwadraat, de kleinschalige woonvorm van Archipel met 24 appartementen in vier woongroepen. 9


Cliënt in Regie volgens Noortje Verhoeven:

‘Ik ben hier voor de mensen’ “Cliënt in Regie betekent voor mij dat cliënten, zoals ze thuis woonden, hier hun eigen leven kunnen voortzetten, hoe zij het willen en niet hoe wij het willen.” “Voor goede Cliënt in Regie heb je goede contactverzorgenden nodig, om alles neer te zetten zoals de cliënt graag ziet, binnen de mogelijkheden. We gaan met de klantondersteuner op huisbezoek bij de nieuwe cliënt. Dan zie je thuis de omgeving, de inrichting en je voert gesprekken waaruit naar voren komt wat de cliënt belangrijk vindt. Je weet dan hoe een cliënt zich thuis 10

voelt en hoe we dat mee kunnen nemen, hoe je een cliënt hier meer in regie kunt zetten. Tijdens het thuisbezoek kijken we ook wat iemand voor zorg nodig heeft. We gaan de dialoog aan, bijvoorbeeld over hoe laat iemand verzorgd wil worden en wat de wensen zijn voor de huishoudelijke hulp. Aan de hand daarvan kunnen we naar het formulier voor persoonsvolgend budget (PVB) kijken. Heeft iemand zelf huishoudelijke hulp, dan blijven er financiële middelen over voor iets anders. We praten over hoe mensen graag eten en drinken; in de Gasterij of een koelverse maaltijd in het appartement. Het gaat erom hoe cliënten hun leven willen hebben, zodat wij daarmee aan de slag kunnen en het grootste deel al geregeld is voordat mensen hier komen wonen. De dag van opname kan al verdrietig zijn, als je ergens vijftig jaar hebt gewoond. Door de verhuizing is er al genoeg hectiek. We proberen dus zoveel mogelijk papierwerk van tevoren te doen, maar wel gedoseerd. Als we merken dat het op is, gaan we op een ander moment verder, via mail of telefoon.”


PVB “We leggen ook het PVB goed uit. Cliënten ervaren het positief. Wat ik wel wil benoemen: valkuil is dat cliënten hun budget kunnen zien als dat wij alles helemaal overnemen; ‘u vraagt, wij draaien’. Als cliënten zien dat er nog budget over is, gaan ze het misschien besteden aan zaken die nog niet nodig zijn. Een cliënt kan bijvoorbeeld om zorg vragen bij de toiletgang, terwijl wij zien dat diegene dat nog prima zelf kan. De ene collega zal wel helpen, de andere niet; kleine dingen die mensen nog zelf kunnen, worden dan toch overgenomen. Als je me tien jaar geleden had gezegd dat ik, in plaats van mevrouw om 10.00 uur wassen, met haar naar de supermarkt ga voor een boodschap, had ik je voor gek verklaard want ik moet toch mijn collega’s nog helpen met de zorg? Het maakt niet uit of ik iemand help met douchen of haar blij maak door samen boodschappen te doen; die twintig minuten staan er. Het is een zorgafspraak, iets dat de cliënt gewoon graag wil. Het gaat om samen kijken: hoe vervullen we de wens van mevrouw. Nieuwe collega’s weten wel globaal hoe PVB en de formulieren werken, maar nog te weinig. Daarom gaan we nu met andere contactverzorgenden alles uitschrijven, zodat we hen daarin kunnen meenemen. Want je kunt er mooie dingen mee bereiken.”

Veranderingen “Mijn eigen werk is er wel positief door veranderd; je ziet dat mensen tevreden zijn. Voorbeeld: we hebben nu een route die is gebaseerd op de zorgvragen van cliënten. Als contact­ verzorgende waarborg je dat de gewenste tijden blijven staan. Vroeger werkten we kamer voor kamer, nu – al is dat soms

vervelend – gaan we door naar het volgende gebouw en weer terug. Toch zijn er collega’s die zelf de volgorde bepalen. Dat vergt omdenken en hen meenemen in waarom die afspraak zo is gemaakt; gesprekken en luisteren naar wat hen tegenhoudt, je verantwoordelijk voelen. Je merkt ook dat cliënten veranderen. Ik heb de stappen gezien van bloemetjesjurken naar spijkerbroeken, spreek desgewenst mensen met de voornaam aan – maar zeg wel ‘u’, want ‘jij’ vind ik lastig; dat leggen we ook vast in het zorgplan. Waarom kan iemand niet om 01.00 uur naar bed, alleen omdat de nachtdienst al tien jaar gewend is dat iedereen al slaapt? Iemand moet ook om 5.30 uur gedoucht kunnen worden, als diegene dat wil. We moeten het samen doen, niet meteen zeggen ‘kan niet’. Wat we ook hebben aangepast: jaren geleden was de hele etage één team, maar mensen mopperden dat ze zo veel verschillende gezichten zagen. Nu we zelfsturend zijn is elke etage weer één team maar je hebt nu een route die cliënten vastigheid geeft. De ene collega vindt dat fijn, de andere niet; ik ben hier niet alleen om het fijn te hebben maar voor de mensen. Elkaar kennen, hetzelfde gezicht; dat zorgt voor vertrouwen bij cliënten. Zo waarborg je ook de continuïteit.” “Iedereen werkt natuurlijk voor inkomen, maar je hart moet erin liggen om de juiste zorg te kunnen bieden, een mooi laatste stukje van iemands jaren. Je gaat ervan uit dat iedereen op de eigen manier de beste zorg levert.”

Noortje Verhoeven werkt al twintig jaar bij Archipel als contactverzorgende in Berkenstaete. 11


Op zoek naar wederkerigheid Archipel wil aansluiten bij wat er in de samenleving leeft en ondersteunt de wens van mensen om zo lang mogelijk thuis te wonen. Dat doet Archipel met ouderen zelf maar ook met organisaties die actief zijn in de wijk. Mooie, creatieve organisaties zoals Ontmoet & Groet waarmee Archipel al twee jaar samenwerkt. Samen participeren ze in het netwerk GOudT om met anderen de belangen van ouderen te behartigen, uitgaande van de kracht en zeggenschap van ouderen. Binnen­ kort komt er zelfs een Ontmoet & Groetplein in Archipel Zuiderpark. Aan het woord is Hubert Cornelis, voorzitter van Ontmoet & Groet. Bij sommige onderwerpen, zegt hij zelf, hoef je het ventiel maar open te draaien en hij begint te praten.

12

De paradox van Cliënt in Regie Hubert: “Wat ik vind van de term Cliënt in Regie? De benaming klopt volgens mij niet. Een ‘cliënt’ zit namelijk altijd in een afhankelijkheidsrelatie ten opzichte van iemand of anderen. In het geval van Archipel krijgt deze cliënt dan ook nog eens de ‘regie’. Dat klinkt als een paradox. Ik zou het daarom liever ‘gast, bewoner of oudere in wederkerigheid’ willen noemen. Want wederkerigheid in relaties is hetgeen waar we naar op zoek zijn. Dat heeft namelijk te maken met gelijkwaardigheid. Ik vraag me bovendien af waar Cliënt in Regie vandaan komt? Het is tien jaar geleden ergens geboren en sindsdien nemen we het over. Ik zelf mis de visie erachter. Of zijn er wel eens cliënten geweest die gevraagd hebben om in regie te mogen zijn? Dringen we het op misschien? Ik denk dat we ons beter kunnen afvragen hoe we zélf oud zouden willen worden en wat we daarbij belangrijk vinden. Dat zouden we vervolgens in moeten zetten bij de ouderen van nu.”


Meedoen is erbij horen “Bij GOUdT spreken we over samen komen, samen zijn, samen blijven, samen werken, samen doen om uiteindelijk samen te leven”, legt Hubert uit. “Dat kunnen we volgens mij het beste bereiken door op zoek te gaan naar de competenties van mensen. Als je die naar boven haalt, creëer je wederkerigheid. Dat is anders dan Cliënt in Regie omdat je daarbij uitgaat van een aanbod vanuit een bepaald gedachtengoed. Bij Ontmoet & Groet kijken we wat wij voor gasten kunnen betekenen maar tegelijkertijd denken we na wat iemand voor ons kan betekenen. Want ieder mens heeft zijn kwaliteiten maar soms moet je daar even naar zoeken. Kun je goed knutselen, ben je goed in koken, of bak je liever? Samen met onze vrijwilligers bakken we taarten die wij bij de koffie serveren of zorgen ‘soeptrienen’ voor heerlijke soep in ons Ontmoet & Groethuys. We zijn in onze benadering van ouderen te probleemgericht geworden. Iemand met diabetes héeft diabetes maar is niet alleen

suikerpatiënt. Hij is nog zoveel meer. Er zijn ouderen die niet meer gewend zijn om een antwoord te formuleren op een vraag als: ‘hoe kan ik u helpen?’. Dan is het goed een laagdrempelig aanbod te doen en eenmaal binnen, krijgt iemand de tijd om te bedenken of en op welke manier hij kan bijdragen. Mensen worden gelukkig als ze meedoen, als ze gezien en gewaardeerd worden en als ze voelen dat ze ertoe doen. Niets bijzonders hoor. Dat geldt voor ieder van ons.”

13


Cliënt in Regie volgens Maggy van den Brand:

‘Cliënt in Regie zit in de Archipelmuren’ “Je wordt specialist ouderengeneeskunde omdat je holistisch arts wilt zijn, dokter voor de mensen en hun systeem. Je wilt de mensen ook kennen, op de afdeling, met het team. Elke specialist staat dicht bij de cliënt en diens omgeving; dat hoort erbij, daar kies je voor.” “Cliënt in Regie is een gegeven, bij ons is het meer dan woorden geworden. In teamgesprekken over en met cliënten, kijken we wat cliënten nodig hebben en of we dat kunnen realiseren; wat is het probleem en is het wel een probleem? Voorop staat dat we met cliënt en vertegenwoordiger de dialoog aangaan. Maar dat we ook kritisch zijn. Als we bijvoorbeeld merken dat op alle gangen om 7.00 uur de lampen aan en om 22.00 uur uit gaan, omdat dat centraal geregeld is, dan zeggen we meteen tegen elkaar: ‘Hé, dat is toch geen Cliënt in Regie?’ We kijken bijvoorbeeld naar wat mensen lekker vinden en gaan daar speciaal boodschappen voor doen. Dat soort kleine dingen zijn geen issue.” “We staan er allemaal voor – van management en behandelaren tot verzorgenden – en wijzen elkaar erop; ‘is dit Cliënt in Regie?’ Dat is geen oordeel maar een vraag. Helpend, niet verwijtend. Als de vraag van de cliënt of vertegenwoordiger 14

buitensporig is, dan gaan we daarover in gesprek. Negentig procent van cliënten hier heeft dementie, zijn niet geheel wilsbekwaam. Niet alles wat ze willen, kan. Kiezen tussen koffie of thee is natuurlijk, naar buiten of naar huis willen niet meteen. Dan bekijken we wat kan; wil iemand echt naar huis of betreft het alleen het gevoel van thuis zijn? Hoe doen we dat? Iemand van thuis afscheid laten nemen, wat betekent dat voor de part-


ner? Of moeten we veel van thuis naar de kamer brengen; spulletjes, foto’s, herinneringen? We kijken hoe we zo dicht mogelijk bij die wens komen. Deuren gaan dicht maar elders weer open. Letterlijk: op Landrijt en Akkers werken we steeds meer met tags, voor zoveel mogelijk vrije ruimte. De tags sluiten deuren als het nodig is, maar veel mensen mogen van de afdeling en naar buiten. Daarin zijn we een exercitie aan het maken; hoe gaan we van vrijheid uit en beperken we waar nodig, in plaats van andersom.”

Manier van gesprekvoering “Ik ben met de beleidsmedewerker al een paar jaar geleden bezig geweest om vooral de cliënt centraal te stellen in het gesprek over het behandelplan: ‘Hoe vindt ú dat het gaat en wat kunnen we voor u doen?’ De zaken die spelen komen vanzelf voorbij. Deze manier van gesprekvoering heeft in elk geval mij veel gebracht. Daardoor laat je in het gesprek zien dat je dienstbaar bent en de cliënt belangrijk vindt. Het behandelplan is meer dan de SAMPC-kapstok; hoe gaat het lichamelijk (Somatisch), met de algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL) en zelfzorg, Maatschappelijk en met activiteiten, Psychisch en mentaal, en met de Communicatie. Natuurlijk moeten wij met de cliënt bespreken hoe we de hoge bloeddruk behandelen, maar dat kan beter als je uitgaat van wat de cliënt en vertegenwoordigers eigenlijk willen bespreken. Dat is het eerste dat je hoort, behandelt en neerzet. Daarom is het woord ‘dialoog’ geïntroduceerd in plaats van ‘ja maar, we kunnen niet alles doen wat de cliënt wil’. Cliënt in Regie wordt soms wel erg vertaald in ‘de cliënt vraagt en wij moeten dus draaien’. Nee, dat kan niet altijd. Maar je moet wel in dialoog zijn en weten wat de cliënt wil. En de cliënt moet weten wat wij kunnen en

willen. Het woordje dialoog geeft veel beter aan hoe je met elkaar praat. Daarom is het een belangrijk woord geworden in Cliënt in Regie én Medewerker in Regie. Beide hebben met elkaar te maken maar zijn verschillend. Medewerker in Regie kwam omdat we zelfsturend zijn, dat past in ons model. De medewerker wordt gehoord, is in regie en wordt ondersteund op de manier die voor hem of haar van belang is. De term Cliënt in Regie is beter ingebed, gaat over autonomie, over weten wat de cliënt nodig heeft. Dat zit intussen in de Archipelmuren, is vanzelfsprekend.”

Slagen maken “Waar we nog een slag kunnen maken, is in aansluiten op de wensen van onze cliënten: ‘Wat zou u nog willen, wat vindt u nog belangrijk?’. Zoals de Wensambulance bedacht is; mensen zijn in de laatste levensfase beland en waar ligt dan de nadruk? Dat weten we eigenlijk nog niet. Het is nog geen onderdeel van onze integrale anamnese. Het leven is hier eindig; waar moet de focus op liggen? Wat moet je nog gedaan hebben, wanneer is het goed? Ik vind daarnaast dat er meer private ruimtes zouden moeten zijn in verpleeghuizen. Families komen nu samen op de kamer of in de woonkamer, met andere mensen. In een private ruimte kun je met familie en naasten je leven inrichten zoals je wilt, je feestje vieren, en niet in de slaapkamer die ziekenkamer is. Daar zie ik nog kansen en mogelijkheden.”

Maggy van den Brand werkt sinds 2006 bij Archipel, op diverse locaties. Ze is specialist ouderengeneeskunde, voorzitter medische vakgroep, opleider en voorzitter van de professionele adviesraad (voorheen zorginhoudelijk beraad) waarin alle zorgmedewerkers en behandelaren beleid maken met de raad van bestuur, CCR en OR. Ze werkt in gerontopsychiatrie en de observatieafdeling, beide in Landrijt. 15


16


Horen, zien en spreken Lilian van Dinther is voorzitter van de lokale cliëntenraad van Archipel Nazareth en Kanidas in Best. Lilian: “Cliënt in Regie betekent voor mij dat het belang van de cliënt bij alles het uitgangspunt is. Daarvan is respectvolle en liefdevolle zorg een wezenlijk onderdeel. Bewoners hebben zorg nodig, eten, drinken en een warme douche maar aandacht, genegenheid en liefde zijn misschien nog veel belangrijker.” Elke Archipel-locatie heeft een eigen lokale cliëntenraad die regelmatig overlegt met de bestuurder van de betreffende locatie. Lilian: “De cliëntenraad is een soort ‘waakhond’ die zorgt dat Cliënt in Regie goed wordt uitgevoerd en dat de belangen van de cliënt goed worden behartigd. Familieleden die ons aanspreken zijn meestal niet tevreden omdat ze zich niet gehoord voelen of omdat zorg niet verleend wordt als afgesproken. Daarnaast hebben we vier keer per jaar overleg met de medewerkers om ook hun ervaringen te horen.”

Het begrip “Cliënt in Regie is best een moeilijk begrip want in eerste instantie zeg je daarmee: die persoon bepaalt alles zelf ”, vervolgt Lilian. “Maar dat kan niet iedereen. Neem het voorbeeld van een mevrouw die om 11.00 uur in de ochtend nog in bed ligt. Een medewerker loopt de kamer binnen en denkt: ‘Goh, die mevrouw ligt nog in bed, dat zal ze wel fijn vinden’. Deur dicht. Is dit Cliënt in Regie? Maakt deze bewoner een bewuste keuze? Een goede medewerker gaat in gesprek met

deze mevrouw. Cliënt in Regie betekent voor mij ook dat cliënten tijd en begeleiding krijgen bij het maken van keuzes. Dat geldt voor de somatische bewoners maar zeker ook voor mensen met dementie. ‘Samen in regie’, zou wat dat betreft een betere term zijn.” Naast voorzitter is Lilian mantelzorger voor haar moeder die bij Archipel woont. “Cliënt in Regie begint voor mij bij het levensverhaal van een bewoner. Het levensverhaal van mijn moeder heb ik uitgebreid beschreven toen ze hier kwam wonen, maar ik vraag me wel eens af of dit gelezen is. Als je weet hoe je met mijn moeder moet omgaan, is het de liefste oma die er is. Gelukkig maak ik van mijn hart geen moordkuil want als er iets gebeurt waar ik het niet mee eens ben, trek ik aan de bel. Er zijn echter ook mantelzorgers die dat niet durven omdat ze bang zijn dat hun familieleden daar last mee krijgen. Ik stimuleer hen om het wél te doen want iedere klacht is een gratis advies.”

Geen formule maar maatwerk Hoe blijven we zorgen dat Cliënt in Regie blijft werken? Daar hoeft Lilian niet lang over na te denken. “Bij Cliënt in Regie hoort een goede na- en bijscholing. Over goed communiceren en feedback geven in zelfsturende teams maar ook over wat dementie precies inhoudt. Wat zijn de laatste inzichten? Wat betekent het voor bewoners? In mijn optiek is nascholing nog te vrijblijvend en dat geldt ook voor de vrijwilligers. Meer kennis leidt tot meer inzicht en meer inzicht leidt tot meer begrip. Cliënt in Regie is geen abstracte formule, maar maatwerk dat bij een bewoner past.”

17


Jezelf kunnen zijn én blijven Als programmaleider strategische vernieuwing maakt Frank Hendriks zich hard voor een samen­ leving waarin mensen kunnen (blijven) leven zoals ze dat zelf willen. Eigen regie vormt daarvoor een belangrijke randvoorwaarde. “Cliënt in Regie betekent voor mij dat je mensen hun eigen keuzes laat maken, zodat ze zo dicht mogelijk bij zichzelf blijven en zo lang mogelijk zelfstandigheid ervaren,” vertelt Frank. “Tegenwoordig moeten en vooral willen mensen langer in de eigen vertrouwde omgeving blijven wonen. Ik vind het mooi dat we als Archipel steeds meer de beweging naar buiten toe maken, vanuit de gedachte dat we kwetsbare ouderen hierdoor kunnen ondersteunen bij het zo lang mogelijk leven op de plek waar zij zich thuis voelen. Ons takenpakket breidt zich als het ware uit; naast het bieden van welzijn, wonen en zorg in een fysiek gebouw, delen we onze expertise met de inwoners van de wijken en buurten waar wij als Archipel met onze huizen en voorzieningen vertegenwoordigd zijn. In plaats van ‘cliënt’, ‘bewoner’ of ‘inwoner’, spreek ik dan ook liever van gewoon ‘mens’. Want ondanks eventuele beperkingen en aandoeningen, is iemand in de eerste plaats een persoon. Iemand met een leven. En dat leven moet je op je eigen manier kunnen leiden, ook als er zorg of ondersteuning nodig is. Juist daarom is het 18

belangrijk dat iemand, in welke fase dan ook, zichzelf kan zijn én blijven. De langer thuis-beweging sluit daar heel mooi bij aan. Maar ook als iemand in een verpleeghuis komt wonen, moet dit het uitgangspunt vormen.”

Wat kan iemand nog wél? “De afgelopen jaren hebben we daarvoor binnen Archipel hele mooie stappen gezet,” vervolgt Frank. “Zo bieden we ook medewerkers eigen regie, vanuit de visie dat we hierdoor ‘cliënten’ beter kunnen ondersteunen. Dat vind ik een mooie ontwikkeling, hoewel we, denk ik, niet moeten vergeten dat het primair om de ‘cliënt’ draait. Om een voorbeeld te geven: in de ouderenzorg hebben we vaak de neiging om, vanuit de beste intenties, dingen van iemand over te nemen. Omdat wij het als professionals goed weten. Maar hoewel je het zo misschien makkelijker maakt, betekent het niet automatisch dat het er voor de ‘cliënt’ beter op wordt. In plaats van iemand aan te spreken op zijn afhankelijkheid en beperking, is het mooi om te kijken naar de mogelijkheden. Wat kan iemand nog wél? En hoe kunnen we dat, samen met bijvoorbeeld het eigen netwerk, in stand houden en vervolgens daarop aanvullen met onze expertise? Maar ook: wat kan die persoon ons brengen? Misschien heeft iemand wel hele mooie levenslessen of specifieke kennis. Door ook daar oog voor te hebben, ontstaan gelijkheid en wederkerigheid. En blijft iemand erbij horen.”


Zelfvoorzienende wijken Daarnaast ligt er een belangrijke rol weggelegd voor de samenwerking met andere (in)formele organisaties, aldus Frank. “In verbinding met elkaar kunnen we een sterke basis bouwen die mensen ondersteunt bij eigen regie op het leven. Zo werken we vanuit Archipel mee aan verschillende initiatieven gericht op het creëren van een gezonde wijk waarin mensen gelukkig thuis oud kunnen worden. Op die manier ontstaan zelfvoorzienende wijken, waarin er met en voor elkaar gezorgd wordt. Met Archipel als ankerpunt, waarbij de expertise niet alleen in een fysiek gebouw blijft, maar juist de wijk in wordt gebracht in de

vorm van faciliteiten en diensten in de buurt. Laatst kregen we de vraag van een thuiswonende oudere of het mogelijk was om bij haar in de buurt dagbesteding te organiseren. Zodat zij, in plaats van met een busje, gewoon een paar honderd meter verderop, samen met buurtgenoten een leuke middag of ochtend kan beleven. Een prachtig voorbeeld van eigen regie!” Frank Hendriks is programmaleider strategische vernieuwing, zoekt in die rol de verbinding in de wijken en buurten en kijkt hoe Archipel er, samen met anderen, voor kwetsbare mensen kan zijn. 19


Over omhullen in veiligheid

20


Lennie en haar partner Sasja hebben al geruime tijd contact met Archipel. Sasja heeft namelijk de ziekte van Huntington. Na een poliklinische behandeling thuis werd ze kortgeleden opgenomen bij Archipel Landrijt. Lennie is een betrokken mantelzorger die meeleeft met wat er op de afdeling gebeurt. Lennie: “Gelukkig heeft Sasja het erg goed naar haar zin. Ze wordt gezien om wie zij is en krijgt de aandacht die ze verdient.” Lennie heeft veel waardering voor de zorg maar desgevraagd heeft ze twee mooie dilemma’s over Cliënt in Regie op de plank liggen. Lennie: “Een mantelzorger kan een belangrijke rol spelen bij Cliënt in Regie. Er is niemand die Sasja zo goed kent als ik. Ik kan haar emotioneel ‘lezen’, ken haar ziektegeschiedenis en weet precies wat er aan de opname vooraf is gegaan en word daarom graag serieus genomen. Maar mantelzorger zijn betekent ook loslaten en vertrouwen dat iemand anders jouw partner passende zorg geeft. Natuurlijk denk ik te weten wat goed voor haar is. Tegelijkertijd is het belangrijk dat iemand met een professionele blik meedenkt. Dichtbijheid en afstand moeten in harmonie zijn zodat er ruimte is voor ieders perspectief. Ik moet zeggen dat ik daar samen met de afdeling in gegroeid ben.”

Voorstander “Ik ben een voorstander van Cliënt in Regie. Het is goed als mensen worden aangesproken op hun menswaardigheid. Ik zie ook bewoners die elkaar helpen. Wederkerigheid in wat mogelijk is. Heel mooi. Maar er zijn ook momenten waarop ik me afvraag of er sprake is van eigen regie of opgelegde regie? Sasja heeft slik- en eetproblemen en de kans op vallen is groot.

Kan zij samen met medebewoners naar de Gasterij beneden om koffie te drinken? Zonder professionele begeleiding? Ik vind dat niet veilig. Bovendien is Sasja stuurbaar in haar keuzes. Misschien moeten we ons afvragen of we cliënten überhaupt een keuze moeten geven als het over veiligheid gaat. Want kunnen cliënten risico’s voldoende inschatten? Wat zijn de alternatieven? In reactie hierop hoor je wel eens het woord ‘betuttelen’ vallen. Betuttelen betekent voor mij overrulen. Ik heb het over omhullen met warmte.” Cliënt in Regie betekent bewoners cognitief en motorisch uitdagen zodat ze mentaal en fysiek fit blijven om zo lang mogelijk zelfstandig te zijn. Hoe ver ga je hierin? Lennie: “Wat is eigen regie? Zelf kiezen? Eigen kracht; zelf kunnen? Of is het zelfredzaamheid, zelf doen? En misschien kun je zelf kiezen maar kun je het dan ook zelf doen? En verloopt het succesvol? Ik denk dat je niet altijd het uiterste uit zelfredzaamheid hoeft te halen en dat heeft wederom met omhullen te maken. Als alles om je heen onveilig wordt, zelfs je eigen lichaam en geest, dan heb je nabijheid, veiligheid en omhulling nodig. Ik denk dat we voortdurend moeten afwegen wat op dat moment de juiste keuze is. Daarbij gaat het over verbale maar zeker ook over non-verbale communicatie. Soms kunnen cliënten hun keuzes niet verwoorden. En ja, dan zou het kúnnen dat de regie wordt overgenomen. Die dialoog, dat gesprek moet voortdurend gevoerd worden. Het vereist kennis van de cliënt, inzicht in het ziektebeeld en een voortdurende alertheid. Dat is nogal wat. De term Cliënt in Regie? Ik zou er sowieso liever bewoner van maken, cliënt vind ik te medisch en te afstandelijk. En als het toch cliënt blijft dan zou ik kiezen voor ‘Cliënt in Regie in samenspraak’. In samenspraak met de personen die belangrijk zijn; de verzorgenden, behandelaren, medebewoners, mantelzorgers en vooral in samenspraak met de cliënt zelf.”

21


Sinds ruim vier jaar vervult Marlies Wijnen met veel enthousiasme de rol van dagbestedingscoach bij Archipel. In die functie is ze onder andere verantwoordelijk voor het samenstellen van dagbesteding­sarrangementen op maat. Door individuele wensen, mogelijkheden en interesses centraal te stellen, wordt recht gedaan aan het levensverhaal van bewoners en cliënten.

Zelfportret en dagbesteding 2.0 Om bewoners en cliënten beter te leren kennen, ontwikkelde Marlies samen met enkele collega’s het Zelfportret. Hierin wordt het levensverhaal van bewoners/cliënten opgetekend. Marlies: “Het Zelfportret helpt om de persoon achter de beperking of aandoening te zien. Hierdoor ga je iemand met andere ogen bekijken, op een veel volwaardigere manier. Mevrouw Janssen is bijvoorbeeld niet meer ‘die mevrouw met dementie’ maar ‘de eerste vrouwelijke fietsenmaker van het dorp’. Die kennis helpt om iemand gerichter te ondersteunen en makkelijker het gesprek aan te gaan. Daarnaast zijn we op dit moment druk

Marlies straalt wanneer ze over haar werk vertelt: “Ik voel me als een vis in het water als dagbestedingscoach, ik haal er zo veel voldoening uit. Het grootste deel van de week werk ik bij Akkers, daarnaast ben ik één dag per week werkzaam op de revalidatieafdeling van Dommelhoef. Die combinatie is mooi: in Akkers zie ik vooral dezelfde gezichten, in Dommelhoef zijn er veel wisselende contacten. Dat maakt mijn werk divers en bijzonder.”

De mens aan zet “Mijn drijfveer is iemand écht zien. Het contact met bewoners/ cliënten en naasten vormt daarom een belangrijk onderdeel van mijn werk. Op die manier probeer ik te achterhalen waaruit iemand geluk haalt. Met het samenstellen van de arrangementen sluit ik daar zo goed mogelijk bij aan. Wanneer iemand bijvoorbeeld altijd graag in de tuin heeft gewerkt, kijken we of we buitenactiviteiten zoals tuinieren kunnen organiseren. Met het bieden van dat stukje maatwerk dragen we actief bij aan de levenskwaliteit die iemand ervaart. Er zijn natuurlijk ook bewoners en cliënten die van heel andere activiteiten gelukkig worden, zoals winkelen of het bijwonen van een concert. Ook daar zoeken we dan een passende oplossing voor. Zo hebben we een bewoonster die haar dagbestedingsbudget inzet om eens in de zoveel tijd een uitstapje te maken naar de Bijenkorf. Dat vind ik een mooi voorbeeld van iemand eigen regie geven, of: ‘de mens aan zet’.” 22

met de invulling van dagbesteding 2.0. Door corona is er veel veranderd in de dagbesteding; zo vragen de maatregelen bijvoorbeeld om een ander gebruik van de ruimtes en werken we meer in kleinere groepjes. Ook zijn er bewoners en cliënten die vanwege een aandoening bijvoorbeeld maar een korte tijd aan een activiteit kunnen deelnemen. Dit leidt regelmatig tot nieuwe ideeën. Zo organiseren we in overleg met de zorg wellness voor een bewoonster, waarbij zij één keer in de week geniet van een


De persoon achter het ziektebeeld zien warm bad, inclusief een passende zintuig­lijke beleving met muziek en geur. Aan de rust in haar ogen kun je zien dat het haar goed doet.”

Belangrijke schakel in huishouden Ook de rol van de medewerker moet niet vergeten worden wanneer het gaat om het nastreven van eigen regie, vertelt Marlies. “Als medewerker maken we de kwaliteit en vormen we een belangrijke schakel in het huishouden en welzijn van een groep bewoners of cliënten. Die rol kun je niet zomaar even stopzetten, het vraagt om continue flexibiliteit. Ik denk dat we ons daar af en toe meer bewust van mogen zijn en dat we, in het verlengde daarvan, nog meer kunnen samenwerking met andere disciplines, afdelingen, maar ook met mantelzorgers. Wat het ons als medewerkers oplevert? Van dichtbij zien hoe iemand, ondanks beperkingen, geluk ervaart. En voor mij persoonlijk betekent het nóg meer werkplezier!” Marlies Wijnen is dagbestedingscoach in Akkers te Nuenen. Het gebouw werd enkele jaren geleden grondig verbouwd en er werd een nieuwe woonvisie ontwikkeld, passend bij de visie van Archipel. 23


Cliënt in Regie volgens Mariënne van Dongen:

‘Netwerk om de Cliënt in Regie’ “Mijn perspectief is dat de cliënt – of patiënt, of bewoner – centraal moet blijven staan, dat het voor de professional te doen moet zijn en dat je daarin vereenvoudiging en vernieuwing nastreeft waardoor de kwaliteit van de zorg beter wordt.” “Er is veel in deze regio, met name in zorgondersteuning, maar de combinaties zijn niet altijd bekend of handig gelegd. Er zijn diverse projecten gericht op het verbeteren van de informatievoorziening tussen verschillende partijen, zodat je niet steeds hetzelfde verhaal hoeft te vertellen of het dossier moet overdragen. De meeste richten zich op directe toegevoegde waarde voor cliënten, dáár moet het over gaan. Zo is het belangrijk dat mensen bij één loket terechtkunnen met hun vragen over wonen, welzijn en zorg, en dat zo’n ideaal loket overal hetzelfde werkt. Dat is ambitieus, ja. Verder zijn we druk met het ontsluiten van het voorliggend veld. Er zijn tal van websites en regelingen, informatie is openbaar en iedereen kan erbij maar het wordt nooit gevonden. Daarvoor maakten we in Veldhoven gezamenlijk de Morgen-gezond-weer-op-kaart, digitaal en op papier. Het idee is dat ouderen ‘m op de keukentafel hebben liggen en concrete vragen invullen, inclusief namen en telefoonnummers van wie je helpt op allerlei terreinen, met wie je een hobby deelt. In Veldhoven gaan ouderenadviseurs met de kaart onder de arm naar alle 75-plussers toe. Zo komen ze ook achter de voordeur en kunnen zien wat nodig is voor 24

mensen die zelf niks vragen, ook financieel niet. De kaart wordt nu ook in onder meer Oirschot, Best en wellicht Eindhoven gebruikt. Ziekenhuizen worden er bijvoorbeeld blij van, vooral de transferverpleegkundigen. De kaart wordt goed ontvangen en gebruikt, ook door huisartsen. In de pilot met 500 Veldhovenaren bleek dat mantelzorgers het hele gesprek voeren wat lastig vinden, dat het ouderenadviseurs gemakkelijker afgaat en dat het invullen wel wat arbeidsintensief is; het enige nadeel. Het is gewoon een flink gesprek om bij iemand goed en breed problematiek uit te vragen. Maar ouderen en mantelzorgers vinden het overzicht van voorzieningen en gegevens fijn, plus dat het contact fysiek is.”


Toekomst “Kijk ik zo’n twintig jaar vooruit, dan zijn er steeds minder mensen om voor een steeds grotere groep mensen te zorgen. De roep om langer thuis te blijven, zal alleen maar sterker worden. Ik denk dat er nog een wereld te winnen is in digitalisering. Hulp op afstand – en dat wordt makkelijker voor de nieuwe ouderen – gaat helpen. De Zelfredzaamheidskoffer is een voorbeeld, en er zijn tal van mogelijkheden voor monitoring op afstand. Het is onze gezamenlijke taak om te zorgen dat de infrastructuur klaar en veilig is voor deze toekomst. En de grootste opgave wordt maatschappelijk. We moeten niet iedereen die alleen thuis is zielig vinden maar er is ook een grote groep die ongelukkig is en zelf geen zorg- of ondersteuningsvraag kan bedenken. Partner weggevallen, kinderen die op afstand wonen, geen sociaal netwerk; hoelang duurt het dan voordat er iemand binnenkomt? En wat dan ook vaak gebeurt; je bent blij dat er iemand is en je gaat je goed voordoen. Tegelijk is er een groeiende groep zorgmijders en mensen die overlast veroor­zaken in de wijk, door dementie, verward gedrag. We zullen moeten investeren in hoe we het samen in de wijken gaan doen. Pittige taak. Dat kunnen we alleen met alle partners samen.”

Cirkel vormen “In plaats van Cliënt in Regie zou ik eerder zeggen: netwerk om de Cliënt in Regie. Soms is de regie klaar; dan is een situatie zo schrijnend dat die moet worden overgenomen, omdat mensen

het zelf niet kunnen. Dan is er zo’n ten-einde-raderigheid dat mensen alles loslaten. Toen ik in 2014 begon als wethouder, was net de opmaat naar de Participatiewet en er werd veel gesproken over zelfredzaamheid; ik ben de afgelopen jaren de beperkingen ervan gaan zien. Geen populaire opvatting, maar ik ben van mening dat je sommige mensen echt bij de arm moet nemen en ondersteuning moet bieden, omdat het hele zelfredzaamheidsverhaal niet op hen van toepassing is. Dan is het aan de mensen om hen heen – kinderen, partner, buren, en die moeten ondersteund en geholpen worden. We zien nu dat mantelzorg een uitputtingsslag aan het worden is. Als gemeente moeten wij er zo vroeg mogelijk zijn om te vertellen wat er allemaal is, want het is nog een heel traject voor je in de zorgfase komt. Vandaar het standaard huisbezoek. En vandaar het samenwerken in de ketens; daar is het te verdienen. Als we beter op elkaar aansluiten, kunnen we een mooie cirkel vormen om kwetsbare mensen. Dat moet de ambitie zijn.” Mariënne van Dongen-Lamers heeft als wethouder Sociaal Domein bij de gemeente Velhoven sinds zeven jaar onder meer Participatiewet, Wmo, Jeugd, gezondheidsbeleid en welzijn in haar portefeuille. Ze neemt ook deel aan diverse netwerkoverleggen, waaronder het Zorgprogramma kwetsbare ouderen met 25 regionale (zorg)organisaties. Daaruit is Programma Precies! voortgekomen voor precies de juiste zorg op de juiste plek voor kwetsbare ouderen en mensen met dementie.

25


‘Ik ben een tevreden mens’ De heer Van Aarle, ‘noem mij maar Sjef’, zit met Harma aan de koffie. Hij woont met zijn vrouw in Eindhoven en bezoekt drie keer per week de dagbe­ steding in Dommelhoef. Sjef: “Ik heb het hier prima naar mijn zin. Ik kom ook zodat mijn vrouw dan even haar eigen dingen kan doen. Fijn hoor om hier onder de mensen te zijn; praatje maken, gezellige dingen doen. Soms word ik boos op mezelf omdat ik veel dingen vergeet want mijn kortetermijn­ geheugen is niet meer zo goed. Maar verder ben ik een tevreden mens, behalve over PSV.”

26

Cliënt in Regie is heel belangrijk bij Archipel maar wat betekent het? Sjef: “Misschien dat we af en toe van ons moeten laten horen? Het is wel goed dat wij het middelpunt zijn. Ik kan hier met al mijn vragen terecht en dan wordt er ook iets mee gedaan. Als ik geen zin heb bijvoorbeeld in een geheugenspel dan kan ik dat gewoon zeggen. ‘Doen waar je zin in hebt’, zeggen ze hier altijd. En dat is zo. Dan ga ik mandala’s kleuren. Verder is de lunch lekker. Enige dat af en toe mis gaat, is het busje dat te laat komt maar daar kan de chauffeur niks aan doen.”

Keuze is reuze Harma van Zonneveld is begeleider dagbesteding in Dommelhoef voor de Wmo-groep, de long-stay en de revalidatie­ afdeling. “Cliënt in Regie betekent voor mij dat we proberen activiteiten te organiseren die aansluiten bij de interesses van de cliënt. We laten mensen zelf kiezen. Houden deelnemers van kunst? Dan start ik een kunstclub. Toch liever yoga, dan kunnen ze meedoen bij de dagbehandeling. Wij gaan echt uit van wat cliënten willen. We evalueren regelmatig en dan kijken we of er nog aan de behoeften van de cliënt voldaan wordt.”


“Cliënt in Regie betekent ook dat wij cliënten kennen. Wat deed iemand in het verleden, wat vindt iemand fijn of waar is iemand gevoelig voor?”, meent Harma. “Wij hebben een dagbestedingscoach die altijd op huisbezoek gaat om daar meer inzicht in te krijgen. Vervolgens kunnen wij daarop anticiperen. Cliënt in Regie houdt ook in dat je soms voor iemand op moet komen. Als een cliënt daar niet zo goed in is, zijn wij er om hem te beschermen of juist te stimuleren zodat een cliënt ook de regie hóudt. Een rol die overigens ook voor de cliëntenraad is weggelegd. Zij zijn hun spreekbuis en vervullen daarmee ook een belangrijke taak.”

Flexibiliteit een vereiste Harma: “Cliënt in Regie betekent tenslotte eveneens dat medewerkers in regie moeten zijn zodat we de ruimte hebben om in te spelen op situaties. De heer Van Aarle zit hier maar eigenlijk zou het gesprek met een andere cliënt zijn. Die meneer zag het bij nader inzien toch niet zitten en toen hebben we naar een andere oplossing gezocht. Die flexibiliteit is absoluut onderdeel van de Cliënt in Regie-aanpak. Anders werkt het niet.” De koffie is op, het gesprek voorbij. “Kom”, zegt Sjef. “Ik begeleid jullie even naar de uitgang.”

27


28