__MAIN_TEXT__
feature-image

Page 1

RU BLIJFT ACHTER MET MASSIVE OPEN ONLINE COURSES

BETER STUDEREN DOOR JEZELF MET RITALIN TE DROGEREN

ESTHER GERRITSEN OVER HET BOEKENWEEKGESCHENK

SANDER ‘LUCKYTV’ VAN DE PAVERT OVER HET ABSURDE VAN TV

ANS KNUTSELT Algemeen Nijmeegs Studentenblad / jaargang 30, nummer 5


Vooraf Tekst: Redactie P. 2

commentaar ‘Alles op televisie is gemaakt, terwijl we doen alsof het natuurlijk is. Dat is absurd’, meent Sander van de Pavert, de filmpjesknutselaar van LuckyTV. ’s Avonds voor de tv sta je er niet bij stil, maar alles wat op het scherm voorbijkomt, is zorgvuldig uitgedacht. Er is weinig romantiek te bespeuren in de laatste scène van een romantische komedie, wanneer je bedenkt dat er tientallen cameramensen omheen staan en scriptschrijvers het verhaal volledig hebben uitgestippeld. Acteurs gaan even pissen als ze een scène verlaten en elk shot wordt honderd keer opnieuw gedaan, omdat er iets nét niet naar wens van de regisseur is. Aan elk detail is tot in den treure aandacht besteed om het geheel zo natuurlijk mogelijk te laten overkomen. Ook de paringsdans van gewone stervelingen verloopt volgens zorgvuldig geregisseerd script. Wanneer je op donderdagavond in de kroeg loopt te shinen met de moves uit Grease en Saturday Night Fever, is alles volledig uitgedacht. Je gooit soepel je heupen op en neer, terwijl je nonchalant wat arm- en beenbewegingen maakt en je probeert geen achterlijk gezicht te trekken. Als iemand het waardeert dat je lekker gaat, doe je alsof je neus bloedt en antwoord je met een strak gezicht: ‘Oh, echt? Ik doe maar wat.’ ‘Je doet maar wat.’ Jaja. Je weet dondersgoed dat je liegt. Zelfs die ‘spontane’ reactie op het compliment was niet spontaan. Maar nu heb je beet. Nu is het nog zaak je doelwit in te pakken met het web van jouw waarheid. Zelfverzekerd alsof het de gewoonste zaak van de wereld is, knutsel je voor je prooi een aantrekkelijke werkelijkheid in elkaar. Een leugentje om bestwil. Je voegt elementen toe die waar zijn en enkele kleurrijke details, totdat je er zelf in gelooft. Twee lustvolle ogen nemen gretig je zorgvuldig uitgewerkte kunstwerkje in zich op. Ook elk artikel dat wij maken is als een zorgvuldig in elkaar geknutselde verleiding. Wij schaven aan elk artikel om deze zo natuurlijk, waarachtig en prachtig mogelijk over te laten komen. Bij elke editie herschrijven we iedere zin vele malen, proberen we elk citaat pakkend te maken, speuren we synoniemen.net af en steken we elk verhaal zo in elkaar zodat het mooi ‘rond’ is. Ondanks dat mensen in de werkelijkheid nooit in logische, pakkende zinnen spreken, voortdurend woorden herhalen en hun verhalen nooit rond maken, knutselen we toch een vloeiend lopend interview in elkaar. Ook dit commentaar is met zorg in elkaar geknutseld. Onze artikelen hebben geen vanzelfsprekend verband met elkaar, maar toch proberen we hier een natuurlijke samenhang te creëren rondom het thema ´knutselen´. Dat is absurd. Maar wel heel vermakelijk.

De hoofdredactie

ans

Online In januari en februari was er van alles te beleven op ANSOnline. De Radboud Universiteit maakte bijvoorbeeld bekend dat ze een eigen app ontwikkelt. Carolus Magnus gaf een gala in Het Arsenaal, waar de volgende avond plotseling een grote hoeveel schade werd geconstateerd en de studentengluurder mag voortaan achter de tralies verder gluren. Bovendien spraken we met De Nijmeegse StadsNomaden over hun recente erkenning door de Nijmeegse gemeente, vertelde Martin Koolhoven over zijn stampotwestern, vroegen we aan Philip Zimbardo hoe je het best een held kan worden en gaf de band Cymbaline een inkijkje in hun creatieve proces. ANS 30 ans Lang zal ze leven, hiep hiep hoera! ANS viert in maart dat ze nu al dertig jaar journalistiek bedrijft. Om het feestje op gang te krijgen, interviewen we drie ‘prominente’ oud-ANS’ers. Bert Brussen (oprichter ThePostOnline), Mark Retera (tekenaar van Dirkjan) en Mark Renne (een van de oprichters van ANS) vertellen over hun tijd bij ANS. Daarnaast plaatsen we in deze maand de mooiste artikelen van de afgelopen dertig jaar online. Lees Het Verhaal van ANS van deze editie om alvast een impressie te krijgen van een aantal van die stukken. RAGweek Van 2 tot en met 9 maart zal de RAGweek weer plaatsvinden. Tijdens deze week worden door heel de stad voor Stichting Kinderdroomwens en Stichting Friends for Life allerlei activiteiten georganiseerd. De redactie strijkt over haar inktzwarte, verzuurde hart en neemt een kijkje bij de tofste acties tijdens deze week. Studentenhuur en populisme Meer huur betalen? Of minder, minder, minder? ANS zoekt uit hoe het is gesteld met de huur van studentenwoningen in Nijmegen. Worden Nijmeegse studenten uitgemolken? In dat geval moet de huur voor alle studenten omlaag, net als belastingen, overheidsbemoeienis en het aantal asielzoekers trouwens. Oeps, dat is wel een beetje populistisch. Koen Vossen, expert op het gebied van populisme, zal op de site hier zijn licht over laten schijnen. Zijn geblondeerde kapsels een vloek of een zegen voor de democratie? Op de hoogte blijven van al het studentennieuws? Check dan www.ans-online.nl, volg ons op Twitter (twitter.com/ANS_Online) of like de ANS-pagina op Facebook (facebook.com/ANSnijmegen).


deze ANS

Tekst: Redactie Deze ANS P. 3

04 In de mood voor MOOCs Universiteiten in heel Nederland wagen zich aan een nieuwe manier van lesgeven: Massive Open Online Courses zijn op zichzelf staande cursussen die je via het internet kan volgen. De Radboud Universiteit blijft achter en doet daarmee haar studenten tekort.

08 Bijles van tante Riet 04

Saaie teksten lezen of taaie stof stampen blijft een zware opgave. Gelukkig weet ‘tante Riet’ daar raad mee. Ritalin is bedoeld voor mensen met ADD of ADHD, maar omdat het middel de concentratie verhoogt is het ook populair onder studenten zonder deze aandoeningen. ANS sprak kenners en gebruikers over de effecten van Ritalin.

13 Jezelf niet of nooit geweest De in Nijmegen geboren Esther Gerritsen schrijft dit jaar het Boekenweekgeschenk. De novelle Broer gaat over zelfkennis en de betwistbaarheid van de eigen perceptie. ‘We weten nooit wat werkelijkheid is en wat je er zelf van maakt.’

08

13

22

22 ‘Televisie is een grote berg klerezooi’ Sander van de Pavert is het meesterbrein achter LuckyTV. Voor inspiratie kijkt hij de hele dag televisie en negen van de tien keer gelooft hij zijn ogen niet. ‘Ik kijk naar sommige beelden en denk: “Dit is zo absurd, hier moet ik wat mee doen.”’

05

Kroegtheoloog

07

Het Laatste Oordeel

16

Middenpagina

18

Verhaal van ANS

21

De Graadmeter

25

De Marsman

26

ANS geeft raad

28

Stamgasten

30

Deze ANS niet / Kutkunst / Colofon

31

Crypto

32 Gevonden Voorwerp


In de mood voor MOOCs Tekst: Vera Crienen/ Illustratie: Jurgen Tesselaar P. 4

In DE mood VOOR moocs

Massive Open Online Courses schieten als paddenstoelen uit de grond in Nederland. De Radboud Universiteit is echter een eigenwijze kabouter en gaat niet mee in deze ontwikkelingen. De RU doet zichzelf en haar studenten hiermee tekort.

Massive Open Online Courses (MOOCs) zijn gratis online cursussen waar iedereen zich voor kan inschrijven. Deze bestaan niet alleen uit online colleges en lesstof, maar ook uit opdrachten die via het internet moeten worden ingeleverd. Een MOOC is een compleet op zichzelf staande cursus die duizenden deelnemers kan hebben. Minister Bussemaker van Onderwijs startte vorig jaar de stimuleringsregeling Open en Online Onderwijs, omdat ze wil dat hogeronderwijsinstellingen meer gaan experimenteren met online onderwijs in hun opleidingen. Bussemaker stelt tot 2018 in totaal een miljoen euro per jaar beschikbaar voor projectvoorstellen van instellingen, zoals de ontwikkeling van een MOOC. De Technische Universiteit Delft, Universiteit Leiden (UL), Rijksuniversiteit Groningen (RUG) en andere Nederlandse universiteiten zijn al enkele jaren bezig met het maken of gebruiken van MOOCs. De Radboud Universiteit (RU) is een van de universiteiten die nog mist in dit rijtje. Ondanks de vele ontwikkelingen op het gebied van MOOCs blijft de RU terughoudend ten opzichte van deze vernieuwende vorm van onderwijs. De RU heeft niet alleen zichzelf daarmee, maar benadeelt ook haar studenten. MOOC-power Zowel Minister Bussemaker als de deelnemende universiteiten zien kansen in het gebruik van MOOCs. Volgens Michiel Hendrikx, woordvoerder van het ministerie van Onderwijs, geven MOOCs de mogelijkheid voor instellingen om gebruik te maken van het beste onderwijs van over de hele wereld. ‘De student profiteert hier direct van en kan breder dan alleen binnen de eigen instelling op zoek naar uitleg, verdieping en verbreding’, stelt Hendrikx. MOOCs vergroten volgens hem daarnaast de toegankelijkheid van het onderwijs. ‘Daardoor krijgt de student meer keuzemogelijkheden in zijn studieprogramma.’ Universiteiten profiteren zelf ook van MOOCs. Gideon Shimshon, directeur van het Centre for Innovation van de UL, noemt internationale verspreiding van kennis een van de belangrijkste redenen

voor het maken van MOOCs. ‘Als publieke organisatie streeft een universiteit naar wereldwijde kennisverspreiding en dat is mogelijk met MOOCs’, vertelt hij. De UL is de eerste onderwijsinstelling in Nederland die begon met het maken van een MOOC in 2013. Inmiddels staan er vijftien cursussen online die massaal worden gevolgd. ‘We hebben 22 duizend studenten aan onze universiteit, maar met de MOOCs bereiken we 350 duizend mensen in meer dan 180 landen’, zegt Shimshon. MOOCs geven een universiteit de mogelijkheid om zichzelf internationaal te profileren. Tom Spits, MOOC-coordinator van de RUG, vertelt dat duizenden mensen zich inschrijven voor hun MOOCs. De eerste MOOC van de RUG werd in 2014 gelanceerd en op dit moment staan er vijf verschillende cursussen online. ‘Je kunt dit zien als reclame voor je instituut. Wanneer veel mensen zich inschrijven en vervolgens de kwaliteit van de cursus goed beoordelen, zorgt dat voor een goede, wereldwijde reputatie’, legt hij uit. Eigenzinnige RU-kabouter Ondanks de voordelen staat de RU niet te springen om MOOCs. Volgens Martijn Gerritsen, woordvoerder van de RU, wordt ICT op de RU als ondersteuning van onderwijs gebruikt. ‘ICT is geen


Column Joanne Vrijhof P. 5

doel op zichzelf, maar een middel om ons onderwijs te verbeteren. We houden de ontwikkelingen rond MOOCs in de gaten en zullen het zeker niet nalaten de mogelijkheden die ons onderwijs kunnen verbeteren, te gebruiken’, verklaart Gerritsen. MOOCs vallen blijkbaar op dit moment niet onder die mogelijkheden. Ze passen niet in de onderwijsfilosofie van de universiteit volgens Gerritsen. De RU vindt het namelijk belangrijk om studenten en docenten met elkaar te verbinden. ‘Studeren aan de RU doe je niet alleen thuis achter je computer, kijkend naar een online cursus. Het is een proces dat je met elkaar doet, waarbij persoonlijk contact belangrijk is. Daarom hebben wij geen MOOCs’, legt Gerritsen uit. Massaal maar persoonlijk Het gebruik van MOOCs in het onderwijs hoeft echter helemaal niet te betekenen dat het persoonlijk contact tussen studenten en docenten op de campus minder belangrijk wordt. Shimshon vindt dat die fysieke ontmoeting juist effectiever wordt met MOOCs. ‘Hoe groter de groep studenten, hoe groter en onpersoonlijker de hoorcolleges worden. Door een MOOC in te zetten, kunnen de studenten thuis online het college bestuderen. Tijdens het college op de campus, dat niet verdwijnt door het inzetten van MOOCs, wordt in kleinere groepen gediscussieerd en samengewerkt bij projecten of opdrachten. In hetzelfde aantal contacturen als normaal kunnen de studenten meer diepgang bereiken’, redeneert hij. Shimshon denkt dat MOOCs er over vijf jaar heel anders uit zullen zien vanwege de snelheid waarmee digitale ontwikkelingen in het onderwijs veranderen. Toch vindt hij het belangrijk om hier mee te experimenteren. ‘Het is belangrijk daar nu veel van te leren. Op die manier weet je als instelling waar je precies mee te maken hebt en kun je er een mening over vormen’, vertelt Shimshon. Ook Spits vindt dat de onderwijsfilosofie van de RU niet in strijd hoeft te zijn met het gebruik van MOOCs. ‘In Groningen vinden we de binding tussen docenten en studenten zeker belangrijk. Een component van het onderwijs zal altijd op de campus zijn’, vertelt hij. Op de RUG worden MOOCs bijvoorbeeld gebruikt om Small Private Online Courses (SPOCs) te maken. Een SPOC is een online cursus met een beperkt aantal studenten van de eigen instelling. Studenten binnen een bepaalde opleiding delen hun kennis en ervaring online, maar blijven elkaar ook op de campus ontmoeten tijdens colleges. ‘Door het werken met MOOCs hebben we ervaring gekregen in de techniek van online lesgeven, we gebruiken namelijk veel materiaal van onze MOOCs voor de SPOCs’, legt Spits uit. Omarm de MOOC De RU doet zichzelf en haar studenten tekort door terughoudend te blijven met het gebruik van MOOCs. De voordelen van MOOCs voor studenten zijn toegang tot het beste onderwijs en meer keuzemogelijkheden in het studieprogramma. Als een koppige kabouter laat de RU een kans om haar onderwijs wereldwijd te verspreiden en zich internationaal te profileren, aan de neus voorbijgaan. Dat de RU deze voordelen voorlopig wilt laten schieten is jammer en haar motivatie daarvoor is niet afdoende. Meegaan met de ontwikkelingen van online onderwijs zonder de eigen onderwijsfilosofie te verliezen, kan op allerlei manieren. In plaats van veilig in haar boomholletje af te wachten, zou de RU bovenop de ontwikkelingen moeten zitten. ANS

KroegTHEOLOOG ‘Als je alleen maar de regels volgt en niet geniet, doe je het geschenk van het leven geen eer aan.’ Theologiestudente Joanne denkt na over de balans tussen geloven en plezier maken en beschrijft het studentenleven met een zakbijbel in haar hand. ‘Wat doet zo’n jong meisje als jij bij zo’n ouderwetse studie?’ Donderdagavond in de kroeg, geen onbekende vraag. Mijn automatische antwoord: ‘Mensen zijn steeds meer met zingeving bezig, maar de kerk zullen ze niet snel instappen. Die staat voor veel mensen voor onbekende rituelen en vage taal. Theologie is voor mij de uitdaging om op die behoefte aan zingeving in te spelen en de rol van de kerk daarin te bekijken. Niet ouderwets dus, maar superactueel.’ Een goede vriendin, atheïstisch opgevoed, vroeg me eens naar de Heilige Geest. Als kroegtheoloog dacht ik dat wel even uit te kunnen leggen. ‘Het is een deel van de Drie-eenheid die ook God en de Zoon is. Na de Hemelvaart van Jezus, zendt Hij de Heilige Geest om mensen te inspireren zodat ze Zijn boodschap kunnen doorgeven.’ Terwijl ze me steeds waziger aankijkt, realiseer ik me dat ik een superdogmatisch praatje aan het houden ben. Vage taal. Ik probeer een persoonlijker antwoord. ‘Inspiratie, je gegrepen voelen, vervuld zijn van een energie die je het idee geeft dat het goed komt en je aan het werk zet’. Ik denk een glimp van begrip te zien, maar die vervaagt snel. Frustrerend! Ik zeg wel stoer dat theologie juist nu zo spannend is, maar wanneer ik zondagmorgen tussen de grijze koppen zit, voel ik weinig avontuur. Ik kan mijn vriendin niet eens uitleggen wat de Heilige Geest is, laat staan dat ze zoiets uit een kerkdienst haalt. Ik houd van die kerkdienst, maar dat er weinig dertigminners zitten verbaast me niets. We hebben een andere belevingswereld nu: bij het woord koning denken we aan onze gezellige Prins Pils, die door zijn vrouw ‘een beetje dom’ werd genoemd. Waar denk je dan aan bij ‘God de Koning’? Mijn vriendin kwam terug op ons gesprek. ‘Ik zat gisteren aan het raam een sigaretje te roken. Het was een mooie avond en ik had uitzicht op Nijmegen. Toen streek de wind langs mijn gezicht en ik voelde me gelukkig. Is dat wat je bedoelt met die Heilige Geest?’ Eerst gniffel ik om deze eenvoudige opvatting van de Heilige Geest. Dan voel ik een energie die met het idee geeft dat het goed komt en dat ik door wil met theologie. De vage taal wordt voor haar duidelijk door een ervaring die ze aarzelend toeschrijft aan iets Groters. In de theologie gaat het om deze ervaringen, hoe men ze heeft vertaald en hoe we er nu opnieuw over kunnen praten. En juist daarom zijn er jonge mensen nodig bij zo’n ‘ouderwetse studie’.


Adverteren? Kijk op ANS-Online.nl P. 6

ansjes Een Ansje mag maximaal 35 woorden bevatten en kost 5 euro voor studenten en 10 euro voor externen. De waarde van de aangeboden goederen mag de 900 euro niet te boven gaan. Mail naar: stichtingmultimedia@gmail.com Wintertuin zoekt vrijwilligers voor het Boekenbal voor Lezers op zaterdag 19 maart! Heb jij zin om een bijdrage te leveren aan deze avond als zaalwacht, artiestenbegeleider of publieksbegeleider? Geef je dan nu op! vrijwilligers@wintertuin.nl.

ansjes Kortefilmfestival Go Short is op zoek naar een handige student met ICT-kennis die op oproepbasis beschikbaar is. Verstand van Office 365 is een vereiste. Ge誰nteresseerd? Neem dan contact op via 0246636789 of vacatures@goshort.nl. Zonder vrijwilligers geen Go Short. Zij zijn de helden die het festival tot een succes maken. Weet jij van aanpakken en wil je je steentje bijdragen aan Go Short? Meld je dan nu aan! www.goshort.nl/ vrijwilliger


Tekst: Auke van der Veen/ Foto: Mike Ruth Het Laatste Oordeel Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 7 P. 7

het laatste oordeel Duffe opsommingen of ultiem entertainment? ANS verschanst zich in de collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU. Studie: Politicologie

Eindcijfer:

College Democracy and Measuring Democracy, 4 februari, 10.45-12.30, LIN6 Docent: dr. A. Zaslove Uitstraling: I Zaslove it Publiek: Het volk der politicologiestudenten Inhoud: Democratie, maar dan snel en effectief

Ietwat stotterend verwelkomt de vrolijke Andrej Zaslove de muur van studenten tegenover zich. Hij loopt verstrooid rondjes om zijn bureau. De tweedejaars politicologiestudenten kletsen rustig met elkaar tot de docent met een licht Canadees accent zijn college begint. Zaslove start rustig en laat de studenten een paar minuten nadenken over democratie. ‘It is the rule of the people, but who are the people?’ Met zevenmijlslaarzen wandelt hij vervolgens door de geschiedenis van de stem van het volk. ‘Democracy has a long tradition, so it’s useful to go back in time’, licht de enthousiast gebarende Canadees toe. De driftig meeschrijvende studenten blijven goed bij de les, wanneer ze leren wat ‘democratie’ inhield voor de oude Grieken tot aan hoe Marx erover dacht. In het tweede deel van het college verhoogt Zaslove het tempo. Met bezwete hoofden en grote ogen concentreren de toehoorders zich om de verschillende hedendaagse modellen van democratie uit elkaar te houden. ‘If I’m going too fast, please tell me’, drukt Zaslove de studenten tevergeefs op het hart, terwijl zijn stem van geestdrift overslaat. De politicoloog racet door om uit te leggen wat electorale, liberale en radicale democratieën zijn. De schuchtere student krijgt geen enkele kans te reageren. ‘It’s complex, right?’, knikt Zaslove sympathiek, terwijl hij door het lokaal ijsbeert. Het zou beter zijn geweest als hij in het tweede deel van het college naar een lagere versnelling was geschakeld. Ondanks de haast blijven de meeste studenten knikkend aantekeningen maken. Wat hen helpt om enigs-

zins de aandacht te houden, is de PowerPoint-presentatie. De methodes waarmee organisaties als Freedom House en Polity IV de democratie meten, staan hier duidelijk op afgebeeld. Doordat Zaslove zijn uitleg met fanatiek wijzende bewegingen ondersteunt, is de te hoge spreeksnelheid minder erg. Zasloves constante vragenregen is in dit tweede deel van het college bovendien effectief. Met benadrukte stemverheffingen aan het eind van zinnen als ‘How is a republic different from a liberal democracy?’, laat Zaslove zijn studenten diep nadenken over wat democratie inhoudt. Vermoeid gaan de studenten aan het einde van het college naar buiten. Als zij het voor het zeggen hadden gehad tijdens het college, had Zaslove waarschijnlijk rustiger gepraat.

Het Laatste Oordeel der Studenten De aanstormende politicologen zijn erg te spreken over het college en de meeste studenten vinden de stof interessant. Een hierbij veel geplaatste kanttekening is dat Zaslove de inhoud af en toe minder chaotisch en wazig zou kunnen overbrengen. De studenten zijn verder alleen maar Zaslovend. ‘Een docent die altijd enthousiast en geëngageerd les geeft’, pent eentje vol affectie neer. ‘One magnificent bastard’, vindt een ander, die zijn mening overtuigender probeert te brengen door er hartjes bij te tekenen. De studenten laten hun gedachten bijna nooit afdwalen, want ze geven aan constant aan democratie te denken. ANS


Tekst: Auke van der Veen/ Illustraties: Carmen Groenefelt Bijles van tante Riet P. 9

Bijles van tante riet Om onder tijdsdruk van tentamens uit te komen, slikken studenten wel eens een pilletje Ritalin of een ‘supervitaminepil’. Meestal hebben ze geen idee of dit wel een goed plan is. ANS focuste zich op stimulerende middelen voor het studeren en vond zowel pluspunten als keerzijden. Tweedejaarsstudent Pablo gebruikt al een jaar lang Ritalin. Soms slikt hij een pilletje wanneer hij op een feestje te diep in het glaasje heeft gekeken, om weer helder in zijn hoofd te worden en de dreigende kater te temmen. Meestal neemt hij echter een ‘Rita’tje’ tijdens de tentamenperiode. ‘Ik ben dan drie uur lang ontzettend gefocust en gemotiveerd om te studeren. Misschien is het ook wel een placebo-effect, maar ik word dan echt euforisch en heb dan gewoon zin om te studeren.’ Zesdejaarsstudent Daan gebruikt al langer Ritalin om beter te kunnen studeren en is ook zeer te spreken over het medicijn. Af en toe gaat hij ‘strijden’ tijdens een van zijn UB-sessies. ‘Om de race tegen de klok te winnen, neem ik soms meerdere Rita’s en verschans me een hele dag in de bieb om teksten door te spitten.’ Het stimulerende middel, dat soms liefkozend ‘tante Riet’ wordt genoemd, is echter helemaal niet bedoeld voor de gezonde Pablo en Daan. Het middel mag alleen op voorschrift worden gebruikt door mensen met ADD en ADHD. Met een pilletje Ritalin achter de kiezen lukt het hen zich zonder telkens te worden afgeleid effectief op taken te richten. Hoe werkt een middel als Ritalin? Zitten er gevaren aan vast, zijn er gezondere alternatieven en is dit niet gewoon doping? ANS kreeg bijles van tante Riet. Ritaleren Hoewel Ritalin volgens Pablo goed werkt bij het opnemen van informatie, kan een student het middel beter niet slikken voor het schrijven van een paper. ‘Rita heeft het grootste effect wanneer je probeert collegestof te onthouden, vooral wanneer deze saai is. Je moet daarbij denken aan lange, moeilijk door te komen teksten. Ga geen essay schrijven, want dan ben je vaak te gefocust en blijf je te veel stilstaan bij details.’ Als enige nadeel noemt Pablo dat

hij naderhand soms wat moe is en dat hij tijdens de ‘trip’ vergeet genoeg te eten. Verslaving zou volgens Daan een ander nadeel kunnen zijn, maar hij denkt niet dat die net zo erg is als bij alcohol of drugs. Om deze reden vindt hij dat Ritalin af en toe best kan worden gebruikt om een tentamen voor te bereiden. Dit past volgens hem bovendien prima bij onze tijd. ‘Tegenwoordig is er zo veel afleiding: sociale media, werk, studie en andere extracurriculaire activiteiten. Dan maak je al snel de keuze andere dingen te doen dan studeren. Ritalin komt als geroepen wanneer je daadwerkelijk wat moet gaan doen voor je studie.’

‘Door Ritalin te gebruiken, kunnen mensen zich beter focussen op één taak.’ De beide heren hebben geen ADD of ADHD, maar krijgen hun Ritalin wel via via van iemand met een dergelijke stoornis. Volgens Daan is er een echte handel in. ‘Meestal leg je tussen de een en twee euro neer voor een pilletje. Ik ga er niet te veel over uitwijden, maar op de universiteit is er zeker een circuit. Ik heb voor het begin van een tentamen wel eens iemand horen vragen: “Hé, heb je nog een Rita’tje voor me?” Ik denk dat ongeveer 10 procent van de studenten op de Radboud Universiteit regelmatig Ritalin gebruikt zonder ADHD of ADD te hebben.’ Next level Marieke van der Schaaf deed voor haar promotie aan de Radboud Universiteit onderzoek naar het effect van Ritalin


Bijleswoon, van tante Riet Leef, werk, feest... met ANS P. 10 10 P.

op de werkgeheugencapaciteit, het vermogen van de hersenen om tijdelijke taak-relevante informatie op te slaan. Ze legt uit hoe Ritalin precies werkt in het brein: ‘Ritalin remt de heropname van dopamine in je brein, waardoor de totale hoeveelheid van deze neurotransmittor stijgt. In een van onze onderzoeken vonden we bijvoorbeeld dat een verhoogd dopamineniveau verschillende effecten had op het werkgeheugen. Een groep gezonde studenten kreeg na inname van Ritalin informatie te zien die ze moest onthouden. Vervolgens kregen de studenten nieuwe informatie te zien die ze ofwel moesten negeren of juist onthouden, in plaats van de oude informatie. Ritalin verbeterde het negeren van nieuwe informatie, maar verslechterde tegelijkertijd het “updaten” van nieuwe informatie.’ Hoe hoger het dopamineniveau is, des te hoger vervolgens de werkgeheugencapaciteit wordt. Door een verhoging van deze capaciteit kunnen mensen zich beter concentreren en ergens langer de aandacht bij houden.’ Van der Schaaf vindt Ritalin voor het studeren echter om die reden niet ideaal. Een optimaal dopamineniveau moet namelijk worden bereikt om effectief te presteren en dat niveau verschilt per denktaak. Daarnaast is het standaard dopamineniveau bij elk individu anders, waardoor het lastig in te schatten is wanneer het precies goed is. Als je over het punt heen gaat waarbij er te veel of te weinig dopamine in je hersenen is, word je slechter in een bepaalde taak. ‘Door Ritalin te gebruiken, kunnen mensen zich beter focussen op één taak. Wanneer je echter out-of-thebox wilt denken, zoals bij het schrijven van een essay of creatieve processen, moet je juist niet te gefocust zijn en dus niet een te hoog dopamineniveau hebben.’ No brainer? Volgens Raoul Koning, projectmedewerker van het Trimbos-instituut voor onder andere verslavingszorg, is het niet verstandig voor studenten om een Ritalinnetje te pakken. ‘Je staat als gezond persoon niet onder medisch toezicht en Ritalin beïnvloedt je hart- en vaatsysteem. Sommige mensen hebben een onderliggend probleem waarvan ze niet op de hoogte zijn. Door Ritalin te slikken kan een hart- of vaatsysteem zodanig extra worden belast dat er gevaarlijke situaties kunnen ontstaan, zoals hartkloppingen gevolgd door een hartaanval.’ Koning noemt ook verslaving als aandachtspunt. ‘Sommige studenten denken snel: “Dit werkt wel erg fijn. Ik wil die Ritalin ook voor mijn komende tentamen gebruiken.” Pas op voor deze geestelijke verslaving.’ Leon Kenemans, psychofarmacoloog en hoogleraar psychologie aan de Universiteit Utrecht, geeft aan dat het effect van Ritalin bij gezonde mensen nog niet in de praktijk is onderzocht. ‘Onder labaratoriumcondities is vastgesteld dat Ritalin de cognitieve prestaties van gezonde mensen verbetert, maar wat dat in de pratijk van het studeren betekent en of er een probleem onder studenten bestaat, is nog nooit met veldonderzoek vastgesteld.’

Het Trimbos-instituut heeft bijvoorbeeld nog niet in kaart kunnen brengen of studenten kampen met problemen omtrent Ritalin. Koning heeft, ondanks het gebrek aan cijfers, wel een onderbouwd idee. ‘Ik heb het idee dat het gebruik van dit soort stimulerende middelen voor het studeren is toegenomen. Dat baseer ik op gesprekken met studenten en andere medewerkers van mijn instituut. De oorzaak van dit toegenomen gebruik is al helemaal niet onderzocht, maar het kan te maken hebben met een verhoogde studielast of de grotere verkrijgbaarheid.’ De meningen over de mogelijke gevaren van Ritalin zijn echter verdeeld. Volgens Kenemans vallen deze namelijk wel mee. ‘Ritalin zie ik als relatief onschuldig, omdat de range van hoeveelheden die je ervan kunt gebruiken zonder systematische bijwerkingen te krijgen behoorlijk groot is.’ Hij stelt ook dat de kans op verslaving laag is.

‘Na een uur is Study Buddy ingewerkt en zijn je cognitieve prestaties vier tot vijf uur verhoogd.’ ‘Ritalin is een pilletje dat eerst door de maag moet om in het bloed te komen. Pas wanneer je het gaat snuiven of roken, kom je in de gevarenzone. Een simpele vuistregel is dat een middel dat langzaam van het bloed in de hersenen komt, het beloningscircuit in het brein nauwelijks stimuleert, waardoor afhankelijkheid minder waarschijnlijk is.’


Bijles van tante Leef, woon, werk, feest... met Riet ANS p.11 P. 11

gezien kan bij een te hoge dosering je hartslag omlaag gaan, veel speeksel worden geproduceerd, ongewild plassen optreden en wordt de ademhalingsspier mogelijk aangetast.’ Plasje plegen na het tentamen? Ritalin en Study Buddy zijn stimulerende middelen die op bepaalde vlakken de studieprestaties verbeteren. Grote gevaren liggen alleen op de loer bij hoge doserigen, maar Kenemans vergelijkt Ritalin niet voor niets met een middel dat veel mensen een gevaar voor de sport vinden: doping. ‘Het aspect van eerlijkheid speelt dan de belangrijkste rol, omdat de gestimuleerde student dankzij Ritalin een stapje voor ligt op zijn medestudent.’

Een ludiek alternatief Aan Ritalin kleven een aantal nadelen: geestelijke verslaving ligt op de loer en mensen met een zwak hart- en vaatsysteem moeten oppassen. Wanneer je toch snakt naar stimulatie voor betere studieprestaties, zal je in de apotheek geen wondermiddel vinden. Tegenwoordig komen wel steeds vaker legale alternatieven op de markt. Een voorbeeld hiervan is Study Buddy. Oud-student psychologie Wimme Klaver ontwikkelde samen met een huisgenoot deze ‘supervitaminepil’. Zij werden geïnspireerd door de film Limitless, waarin een man dankzij een pil 100 procent van zijn hersencapaciteit kan benutten. Deze pil is echter uiterst schadelijk. Klaver wilde juist de hersenen boosten met onschuldige voedingssupplementen in plaats van met een medicijn. ‘Study Buddy bestaat uit natuurlijke, legale stoffen die je zelf online kan bestellen. Wij hebben deze mix tussen bronnen voor neurotransmittors en vitaminen zo samengesteld, dat je geheugen tijdelijk wordt verbeterd, je focus wordt verhoogd en je in de ‘flow’ van het studeren komt. Na een uur is Study Buddy ingewerkt en zijn je cognitieve prestaties vier tot vijf uur lang verhoogd.’ Net als bij Ritalin is het met dit middel achter de kiezen lastiger te multitasken dan te focusen op een ding. Klaver denkt dat Study Buddy een onschadelijk middel is. Alleen als je de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid ver overschrijdt, zou je na ongeveer acht capsules last kunnen krijgen van moe- of misselijkheid. Kenemans gaat hier nog iets dieper op in en beargumenteert dat Study Buddy in theorie best gevaarlijk kan zijn. ‘Hierin zitten stoffen die in de hersenen kunnen worden omgezet in de neurotransmittor acetylcholine. In Study Buddy is de concentratie van deze stoffen relatief laag. Puur theoretisch

‘Doping richt zich specifiek op het presteren van het lichaam, terwijl Ritalin een enhancer is van mentale capaciteiten.’ Pieter Lemmens, filosoof van de Natuurwetenschappen en verbonden aan de RU, is het eens met Kenemans, maar nuanceert hun gedeelde standpunt. ‘In onderwijssituaties is Ritalin nog niet verboden. Dat zou in de toekomst natuurlijk nog kunnen gebeuren, waarna het als doping kan worden gezien. Dan moeten er wel eerst excessen plaatsvinden die bewijzen dat er een oneerlijke competitie aan de gang is. Eerst moet bijvoorbeeld een domme student cum laude afstuderen.’ De scheidslijn tussen doping en Ritalin lijkt nu volledig willekeurig, maar Lemmens geeft aan dat er wel degelijk een onderscheid bestaat. ‘Het verschil is dat doping zich specifiek richt op het presteren van het lichaam, terwijl Ritalin een enhancer is van iemands mentale capaciteiten.’ Doping of niet, Lemmens voorspelt dat cognitief stimulerende middelen steeds meer geaccepteerd zullen worden in de maatschappij. ‘We tweaken, oftewel optimaliseren, ons brein steeds meer. Dit komt doordat we steeds meer inzicht krijgen in de werking van onze hersenen. Ook zullen steeds meer middelen zoals Study Buddy op de markt komen en zal een groeiend aantal mensen die gebruiken om bijvoorbeeld beter te kunnen studeren.’ Het ziet er naar uit dat we in de toekomst onze cognitieve prestaties steeds vaker kunnen boosten. Misschien zien we studenten als Pablo en Daan over 25 jaar wel als dappere pioniers. ANS

Op verzoek zijn de namen van Pablo en Daan gefingeerd en worden hun studies niet vermeld.


Interview Roy Santiago Tekst: Tijs Sikma/ Foto’s: Simone Both P. 12

Universitaire Studentenraad Website: www.numedezeggenschap.nl Twitter: @NUMedezeggensch Facebook: www.facebook.com/NUmedezeggenU schap E-mail: usr@student.ru.nl

Studentbesturen: bedankt! Naast het tijgeren door saaie beleidsstukken en andere serieuze zaken, is de USR medeorganisator van de Dag van het Studentbestuur, georganiseerd door het SNUF. Deze dag is bedoeld om de studentbestuurders, die het studentenleven draaiende houden, eens in het zonnetje te zetten. De meeste studentbestuurders zijn zo langzamerhand ook bezig met opvolgers zoeken, dus deze dag is ook zeer geschikt om wervingsverhalen uit te wisselen met andere besturen. Op welke ludieke manier werven zij? Wat kunnen andere besturen daarmee? Om het feest heelmaal compleet te maken, is er die dag ook een lunch voor de bestuurders. De Dag van het Studentbestuur zal plaatsvinden op 22 maart, de besturen krijgen tegen die tijd een uitnodiging waarmee ze zich kunnen aanmelden. We hopen zoveel mogelijk bestuurders te zien om ze van harte te kunnen bedanken! De USR ruimt op voor de RAGweek Twee jaar geleden heeft de USR voor de RAGweek voor de laatste keer de actie ‘de USR ruimt op’ georganiseerd. Dit jaar gaat de USR deze actie in samenwerking met het Facilitair Bedrijf (FB) weer oppakken. Wat gaan we doen: We gaan alle bestuurs- en verenigingskamers langs om zoveel mogelijk servies en bestek van het FB terug te halen. Het FB doet in ruil hiervoor een donatie aan de RAGweek. Dus, heb jij inmiddels ook wel 25 Refterborden en 10 -kopjes in je kastje staan, breng ze dan terug voor het goede doel!

Nog even dit: een cyclus vol met feiten en cijfers Wij van WC-eend Het zal de meeste mensen niet ontgaan zijn: de Universiteit van Wageningen (WUR) kwam eind januari in het nieuws met ongenadige kritiek die werd geleverd op een onderzoek naar statiegeld wat in opdracht van Coca Cola werd uitgevoerd. Al in 2013 was er felle kritiek op de WUR en haar nieuwe strategieën om geld binnen te halen voor onderzoek. Deze zaak heeft inmiddels een lange nasleep gekregen en dat is absoluut niet goed voor de geloofwaardigheid van de wetenschap. Wij van de Radboud Universiteit Staan niet bekend om gesponsord onderzoek. Wat we dit jaar wel (voor het eerst) gaan doen, is actief inzetten op fondsenwerving. Hiermee worden bij externen (denk aan bijv. alumni) fondsen geworven voor de RU in het algemeen, dus geen directe sponsoring voor onderzoek. Dit is dus voor de RU nog relatief nieuw. Andere universiteiten hebben al wel veel succes geboekt op dit gebied dus we hopen op mooie resultaten. Wij van de USR Zien ook dat de geldstromen vanuit de overheid steeds meer onder druk komen te staan en dat onderzoek in de toekomst mogelijk op andere manieren gefinancierd zal moeten worden. De Facts & Figures die in de afgelopen GV-Cyclus bevestigen dit beeld nogmaals. De RU doet het over de breedte erg goed, maar is afhankelijk van de overheid en het binnenhalen van beurzen voor onderzoek. Deze situaties zijn dus niet waarschijnlijk op de RU.

(Advertentie)


JEZELF NIET OF NOOIT GEWEEST Schrijver Esther Gerritsen zet in het Boekenweekgeschenk vraagtekens bij de mate waarin mensen zichzelf kunnen kennen. ‘De ene dag denk ik: “Ik ben een hysterische, emotionele, sentimentele dweil” en de andere dag denk ik: “Nee, ik laat geen gevoelens toe.”’


Interview Esther Gerritsen Tekst: Noor de Kort/ Foto’s: Elise Talsma P. 14

‘Ik dacht als puber altijd: “Als alles mislukt, schrijf ik wel een boek”’, zegt schrijver Esther Gerritsen lachend. Schrijven vond ze toen geen echt beroep, maar ondertussen mag het toch een wezenlijk onderdeel van haar leven worden genoemd. Na haar debuut in 2000 met Bevoorrecht Bewustzijn volgden nog zes romans en twee columnbundels. Voor de komende Boekenweek schreef ze de novelle Broer. Op 19 maart komt ze naar De Vereeniging in Nijmegen voor het Boekenbal. Gerritsen bracht de eerste zes jaar van haar leven door in Nijmegen, verhuisde daarna naar Gendt, maar keerde weer terug naar de stad voor de studie Dramatherapie. Nijmegen heeft ze inmiddels ingeruild voor Amsterdam, waar de uitgeverij van het Boekenweekgeschenk huist in een statig pand aan de Herengracht. In een ruime kamer met aan de muur posters van Suske & Wiske en naakte, lezende mensen, vertelt Gerritsen over het Boekenweekgeschenk Broer. In deze novelle is de betwistbaarheid van de eigen perceptie een belangrijk thema. ‘Mensen kunnen zichzelf zo goed voor de gek houden.’

‘Mijn boeken gaan altijd over hoe de werkelijkheid wordt gevormd door je eigen perceptie erop.’ Vertekend beeld Gerritsen vindt het een grote eer dat ze is gevraagd het Boekenweekgeschenk te schrijven. ‘Het is een enorm prestigieuze Nederlandse traditie, want de rij auteurs waarin ik aansluit, is niet de minste’, zegt ze. Het Boekenweekgeschenk Broer verhaalt over Olivia die haar leven op orde heeft, tot haar broer Marcus zijn been moet laten amputeren. Ze besluit haar broer, met wie ze tot de operatie nauwelijks contact had, tijdens zijn revalidatie in huis te nemen. Zijn logeerpartij leidt tot opschudding binnen Olivia’s gezin en bij haarzelf, want ze wordt steeds onzekerder over het beeld dat ze van haar broer heeft. Dat je eigen beeld van de wereld vertekend kan zijn, is een terugkerend thema in het werk van Gerritsen. ‘Mijn boeken gaan altijd over hoe de werkelijkheid wordt gevormd door je eigen perceptie erop. We weten natuurlijk nooit wat werkelijkheid is en wat je er zelf van maakt.’ Gedurende het verhaal bekijk je de gebeurtenissen door de ogen van Olivia, wat consequenties heeft volgens Gerritsen. ‘Zij heeft een bepaald beeld van de werkelijkheid, waar je als lezer in eerste instantie in meegaat. Naarmate je meer te weten komt over hoe anderen naar haar en haar broer kijken, begin je te twijfelen over wat je krijgt voorgeschoteld.’ Gerritsen vervolgt dat niet alleen de perceptie van de lezer begint te kantelen; ook Olivia’s eigen visie verandert. ‘Ze erkent op een gegeven moment dat er iets niet helemaal klopt met hoe ze haar broer ziet. Iedereen vindt haar broer namelijk leuk, behalve zijzelf.’ Baldadige bui Gerritsen noemt het ‘wel een beetje sneu’ dat de rij met auteurs

van het Boekenweekgeschenk bijna alleen maar uit mannen bestaat. Anna Enquist was in 2002 de laatste vrouw. Dit doet volgens Gerritsen geen recht aan de kwaliteit van vrouwelijke schrijvers. ‘Het is extreem lang geleden dat een vrouw het geschenk schreef. Je kunt natuurlijk besluiten het ene jaar een man en het andere jaar een vrouw te vragen, maar ik hoop dat de man-vrouw-verdeling op een gegeven moment vanzelf gelijk wordt.’

‘Ik wil zoveel mogelijk fantasie van personages in actie omzetten.’ Dat het Boekenweekgeschenk altijd uit maximaal 96 pagina’s mag bestaan, vond Gerritsen ‘lekker overzichtelijk’. Het schrijven ging goed, ‘want ik was steeds een beetje melig’, lacht ze. Tijdens een melige bui gaf ze een van de personages met een bedrijf in serviezen de achternaam Kyvon, de echte naam van André van Duin. Tijdens het schrijven van Broer stond er een groot interview met Van Duin in de Volkskrant. ‘Andrés vader liet de achternaam in de jaren zestig van Kloot in Kyvon veranderen, dus het bedrijf heet eigenlijk Kloot Serviezen, flauw hè?’, vertelt ze enigszins beschaamd. Deze meligheid helpt haar vooral als het schrijven een beetje stroef verloopt. ‘Ik zeg dan altijd “wees baldadig” tegen mezelf. Ik schrijf vervolgens stukken waarin de personages iets doen dat ik in eerste instantie een beetje flauw vind, maar dan denk ik: “Ah joh, doe maar!”’ Gerritsen vindt dat je dit soort passages juist wel moet invoegen. ‘Ik wil mijn personages niet teveel laten


Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 15

nadenken. Zodra een personage denkt: “stel je nou toch eens voor dat mijn broer hier binnenstapt”, laat die broer dan écht binnenstappen. Ik wil zoveel mogelijk fantasie van personages in actie omzetten.’ Volgens Gerritsen is haar werk beter geworden door het verbod op fantasie dat ze haar personages oplegt, omdat het nu meer humor en actie bevat. ‘Fantaseren doe je in het echt en boeken zijn de fantasie, dus in het boek moet alles juist wel gebeuren.’

‘Aan beginnende schrijvers zou ik adviseren vooral schaamteloos anderen na te doen.’ Lekker onwetend Aan de perceptie van mensen schort het volgens Gerritsen nog wel eens. ‘Mensen kunnen soms denken dat iets hen niet meer raakt, dat ze ergens overheen zijn, maar dat blijkt plots niet te kloppen’, legt ze uit. Ook in Broer is er sprake van een omslag in de zelfperceptie. Olivia denkt aan het begin van het verhaal dat ze niet echt een emotioneel persoon is. Door de confrontatie met Marcus, die meer ruimte voor gevoel brengt in het gezin van zijn zus, is Olivia hier niet meer zo zeker van. Volgens Gerritsen kan je nooit zeker zijn dat je weet wie je bent. ‘Ooit was ik met een groep mensen waarin iedereen een percentage moest koppelen aan zijn hoeveelheid zelfkennis. De meesten schatten ongeveer tachtig procent, maar er was ook een persoon met een bescheiden twintig procent. Ik vroeg me af wie dan het meest weet over zichzelf.’ Beter goed gejat Bij Gerritsen lijkt er geen gebrek aan zelfkennis te zijn. Als kind

was ze al een fanatiek schrijver, maar ze erkent dat zelf verzinnen er toen nog niet bij was. In haar eerste verhalen imiteerde ze boeken die ze goed vond, zoals haar lievelingsboeken Meester van de zwarte molen en Pinkeltje en de boze tovenaar. ‘Als kind kon ik me helemaal niet voorstellen dat ik iets uit het niets kon verzinnen.’ Ook bij haar eigen dochter van zeven ziet ze het nabootsen terug. ‘Bij haar eerste verhaal pakte ze een boek en ging dat letterlijk overschrijven’, lacht Gerritsen. Pas tijdens haar studententijd had ze voor het eerst het idee zelf iets te hebben verzonnen. ‘Op een gegeven moment heb je zoveel gelezen, dat je niet meer imiteert. Je zou echter ook kunnen zeggen dat je het verhaal baseert op driehonderd verschillende boeken.’ Gerritsen gelooft met volle overtuiging in de kracht van nabootsing. ‘Aan beginnende schrijvers zou ik adviseren eerst vooral schaamteloos anderen na te doen. Alles begint daarmee: kinderen leren ook door imitatie.’ Gerritsen mag dan een realistische kijk hebben op haar schrijftalent als kind, toch zegt ze weinig vertrouwen te hebben in haar eigen zelfkennis. ‘Ik schrik er soms van hoe weinig ik weet over mezelf. Je denkt op een gegeven moment toch dat je wel weet wie je bent en waar je van houdt. Dat blijkt soms allemaal anders te zijn. De ene dag denk ik: “Ik ben een hysterische, emotionele, sentimentele dweil” en de andere dag denk ik: “Nee, ik laat geen gevoelens toe.” Ik geloof het allebei.’ Of je nou veel of weinig zelfkennis denkt te hebben, Gerritsen benadrukt dat het handig is om in ieder geval een soort gebruiksaanwijzing van jezelf te hebben. ‘Ik bedoel dat praktisch, door bijvoorbeeld te zeggen tegen jezelf: “Nee Esther, als jij drie dagen niemand ziet, wil je daarna van een brug springen, dus dat moet je niet doen.”’ Buiten deze noodzakelijke zelfpreventie ziet ze een gebrek aan zelfkennis vooral als iets positiefs. ‘Misschien is het wel veel fijner om los te laten wat je denkt te weten over jezelf en je gewoon te laten verrassen. De overtuiging over wie je bent, houdt je tegen om echt te leven.’ ANS


Nienke Toeter is premasterstudent Kunstbeleid en mecenaat. Naast haar studie is ze werkzaam als beeldend kunstenaar. www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon(2016) Voor ANS maakte ze dit nieuwe werk: Leemte P. 16


Ans deze maand P. 17


Het verhaal van ANS Tekst: Maaike Pleging/ Illustratie: Jeroen Wintraecken P. 18

HET VERHAAL VAN ANS Dit jaar bestaat ANS dertig jaar. Iedere maand levert een andere schrijver een bijdrage aan dit fictieve doorloopverhaal, geïnspireerd op de geschiedenis van ANS. Deze keer: dertig jaar deadlineavond 17.45 uur ‘Hallo ANS-heren!’ roept Feli, de eigenaar van snackbar Corry, die de bestelling hoogstpersoonlijk komt bezorgen. Hij plaatst de twee dozen met friet en snacks op de tafel. ‘Alles bij elkaar wordt het dan 44 euro’ , zegt Feli terwijl hij met moeite wat wisselgeld uit zijn zak graait. ‘Ik heb er gratis extra mayonaise en curry bij gestopt, speciaal voor jullie! Geloof me op mijn blauwe ogen.’ De redactieleden wachten al een tijd hongerig op het traditionele avondmaal. Voor elke deadlineavond eten we met de hele redactie en alle medewerkers friet van Corry op het ANS-kantoor. Pim haalt de inhoud van de dozen vast leeg: kaassoufflés, bamischrijven, kroketten en genoeg met saus doordrenkte friet om op te teren voor de lange avond die komen gaat. Vera overhandigt Feli het geld en na een onverstaanbare opmerking over Marokkanen loopt Feli de deur weer uit richting zijn busje. ‘Bedankt, hè. Tot de volgende keer, ANS!’

‘Iemand nog een AKKUbiertje?’ 19.00 uur Onderuitgezakt zit ik op de versleten bank in het kantoor. De lege frietzakken en snackbakjes worden van de redactietafel geveegd en samen met de eerste verbruikte blikken Schultenbräu in de vuilniszak geschoven. Voor de after dinner dip inslaat, installeer ik me met een nieuw blik bier aan tafel. Terwijl Bas de artikelen print, kiept Noor de bak met pennen in alle soorten en kleuren in het midden van de oude redactietafel leeg. Tom komt het kantoor in met nieuw bier: ‘Iemand nog een AKKU-biertje?’ Pim en Tijs knikken gretig. ‘Vanavond gaan we lezen en overlezen en nog eens lezen, tot we erbij neervallen’ , roept Bas. ‘Het wordt een veldslag,

dus slijpt uw penselen, stroopt de mouwen op!’ Hij smakt de stapel artikelen op de redactietafel, slaat er met zijn vuist nog een keer demonstratief op en stroopt zijn mouwloze armen op. ‘Laat het redigeren beginnen!’ De eerste ronde wordt gedraaid. We lezen alles – elke zin, elk woord, elke letter. Er wordt gestreept, geschrapt en gekrast. Waar nodig wordt een aantekening gemaakt. Elk artikel wordt voorzien van verschillende kleuren; ieder gebruikt een andere pen. Totdat de stukken perfect zijn. ‘Mag ik van iemand de metallic gelpennen? Dan ga ik aan de slag met Het Laatste Oordeel.’ Vera grabbelt met haar hand in de pennen op tafel. ‘ Voor de gouwe ouwe?’ Auke houdt een gouden glitterpen omhoog. Er zijn veel rubrieken de ANS-revue gepasseerd, maar met vijftien jaar bestaat Het Laatste Oordeel het langst. Met de glitterpencorrecties moet het stuk ook dit keer weer tot zijn recht komen in ANS. 03.35 uur ‘Goaaal!’ Pim, Bas en Tom juichen als ze hebben gescoord. We spelen ANS-bal in de gang, een variant op voetbal, maar dan met stapels ANS’en als doelpalen. ‘Losers!’ roept Tom tegen ons, net iets te wild springend in de smalle Ondergang. Hij stoot zich tegen een verdwaald winkelwagentje. Natuurlijk gaat er tijdens ANS-bal altijd iets mis. Dit spel wordt namelijk pas gespeeld als de meesten op een punt zijn dat ze niet meer kunnen. Terwijl Tom op en neerspringt door de pijnscheut in zijn telefoonbotje, rolt het winkelwagentje tegen de blikken bier die aan de zijlijn van het ANS-balveld stonden. ‘Ai…’ zegt Auke droog. ‘Die Schultie voelt-ie.’ We lachen veel te hard om deze slechte woordspeling. 4.15 uur Tom verwerkt de laatste aanpassingen in het openingsartikel en sluit het document. Hij kijkt op van zijn scherm. Het laatste halfuur hebben ze hard doorgewerkt. Af en toe klonk er een


Het verhaal van ANS P. 19

flauwe grap of een boer van het goedkope bier, maar daar bleef het bij. Zijn blik glijdt langs de voorovergebogen hoofden van de redactieleden. ‘Zeg, eigenlijk hebben we best een fatsoenlijke ANS’

‘In 2007 verscheen een artikel over vrouwen met een extreme behoefte aan seks.’ Iedereen kijkt op van de artikelen waarin ze strepen. ‘Dat mag ik hopen, ja!’ klinkt het vanuit Tijs’ hoek. De anderen lachen. ‘Ik bedoel, als je het vergelijkt met het nymfomanienummer…’ Tom leunt achterover op zijn stoel, die nu balanceert op de achterste twee poten. Hij kijkt naar de muur tegenover hem en de anderen volgen zijn blik. De covers van september 2004 tot en met juni 2007 hangen aan deze wand, waaronder het beruchte nummer uit mei 2007. ‘En dat is…’ Pim kijkt vragend naar Tom. Pim zit pas kort bij ANS. ‘In 2007 is er in ANS een artikel verschenen over vrouwen met een extreme behoefte aan seks,’ legt Tom uit. ‘Een foto kon bij dit onderwerp natuurlijk niet ontbreken.’ Bas grijnst en vult aan: ‘Het duurde wel even voor ANS een geschikte foto had gevonden. Uiteindelijk is er een uitstapje naar de Eroworld gemaakt ter inspiratie. De meest geschikte foto werd op de omslag van de ANS geplaatst: een naakte vrouw die nogal uitdagend poseert.’ ‘De universiteit was – op het zachtst gezegd – wat minder blij toen ze hier achter kwamen. ANS moest alle nummers verwijderen, anders was het gedaan met de subsidie van SNUF!’ Tom zet de ernst van deze zin kracht bij door hem haast te schreeuwen. ‘Er zat niets anders op dan alle verspreide nummers te censureren; de edele delen beplakten ze - totaal in stijl – met Radboudstickers. Al snel verspreidde het nieuws zich als een lopend vuurtje en kwam er een enorme run op het niet-gecensureerde nummer. Op een gegeven moment was het niet meer aan te slepen.’ ‘En het mooiste was dat er uiteindelijk geen enkele nymfomaan op de uni bleek rond te lopen!’, lacht Tom. ‘Haha, net als dat artikel over een studentenvereniging voor a-seksuelen! A-seksuelen zullen hier vast rondlopen, maar de vereniging was door ANS verzonnen, toch?’ ‘Wauw, Noor, dat was ik bijna vergeten!’ Bas denkt even na en vervolgt: ‘Dat artikel werd toen opgepikt door dat oude sensatieprogramma van RTL 4: Berg je voor Berg. De ANS-redactie werd uitgenodigd in de studio, waar de redactieleden vertelden over hun a-seksuele bestaan en deze leugen de hele avond bleven volhouden. Ik zou het niet kunnen hoor, als ik alleen al denk aan mijn vriendin…’ Bas dwaalt af en krijgt een stomp van Tijs, die verdergaat:

‘Het nummer erna had de redactie toch maar verklapt dat het om een grap ging. Voor de landelijke televisie hield de redactie het verhaal overeind, maar stuurde naar de redactie van Berg je voor Berg wel een nummer op waar de onthulling in stond.’ ‘Daar kreeg de redactie vervolgens geen antwoord op. Volgens mij is dat wel vaker gebeurd, bijvoorbeeld bij dat interview met Alexander Pechtold. Hij en zijn woordvoerder waren niet blij met het kritische verhaal van ons studentenblad,’ grinnik ik. ‘Maar dat heeft de woordvoerder wel duidelijk gemaakt!’ Bas kijkt me vreemd aan. Het interview met Alexander Pechtold vond vlak voor de drukkersdeadline plaats. Tijdens de deadlineavond had de redactie er heel goed naar gekeken. Ze hadden op dat moment nog geen bericht terug van de woordvoerder en in de hoop dat hij ermee akkoord zou gaan, is het interview geplaatst. ‘Die woordvoerder was ziedend, terwijl de redactie het interview toch vrij letterlijk in het geschreven woord had vertaald. Er was in dit geval niets verzonnen!’ lacht Bas. ‘En ANS kwam er nog goed vanaf. De redactie moest van de woordvoerder alleen in de volgende ANS te vermelden dat het interview verzonnen was. Toen dat niet gebeurde, heeft ANS er niets meer over gehoord’, leg ik uit. 7.55 uur De zon komt al op. Het voelt als een overwinning, maar tegelijk ook als een ontmoediging. Auke kijkt naar een derde draai en vloekt. ‘Godsamme, dit gaat nog even duren.’ Het komende anderhalf uur zijn we nog wel bezig. Tijs zucht even. Dan komt er een grijns op zijn gezicht. ‘Iemand koffie?’ Hij veegt een stapel Schultenbräublikjes van tafel en zet er een paar bontgekleurde mokken voor in de plaats. Sommige dingen veranderen nooit. ANS


ANS ZOEKT MEDEWERKERS Vind jij het leuk om te schrijven? Kom dan langs op ons kantoor (onder het Gymnasion) of stuur een mail naar redactie@ans-online.nl. Schrijfervaring is niet nodig!


Tekst: Noor de Kort/ Foto’s: Redactie/ Illustraties: Joost Dekkers De Graadmeter P. 21

De graadmeter In De Graadmeter zijn de mogelijkheden niet te overzien. Waar kun je het beste wildkamperen, wat is het hipste kapsel en hoe scoor je het snelst een bedpartner? In De Graadmeter onderzoekt ANS de opties. Deze keer: Dansmoves

Wat: De Rups Dansbaardheid: Halve hernia Ontvangst: Verdwaald feestbeest

Wat: Discomoves Dansbaarheid: Op z’n Travolta’s Ontvangst: Disco Fever

Wat: De Robot Dansbaarheid: Inhumaan Ontvangst: Stalen blikken

Deze beweging is uitermate geschikt als je het fistpumpen en stappen op de plaats zat bent en eens het beest wilt uithangen op de dansvloer. Om lekker over de vloer te kunnen kronkelen, ga je allereerst op je buik op de grond liggen. Negeer de geur van bedorven bier. Terwijl de rups zich afzet met de handen, gaan de benen steeds omhoog en omlaag, waardoor je als het goed is vooruit gaat. ‘Een goede partystarter’ en ‘uitdagend’, zo typeert het publiek de Rups. In een stampvol café waar je zonder dat je het wilt het eerste beste tienermeisje schuurt, zal rupsen je echter niet in dank worden afgenomen. Minder leuk is bovendien dat je de volgende ochtend geen vlinder bent geworden, maar met smerige kleding en een halve hernia uit je cocon moet klimmen.

Op advies van paps en mams zit je meestal niet te wachten, maar als het om discodanstips gaat, ben je aan het juiste adres. Discodansen op het nummer Drank en Drugs is wat lastig, maar na het aanvragen van Stayin’ Alive kan het boogien beginnen. Knoop het bovenste knoopje van je overhemd los en trek de broek goed hoog op. Met John Travolta in je achterhoofd maak je de welbekende Grease-bewegingen en om bij Travolta te blijven, mag de ultieme discomove uit Saturday Night Fever natuurlijk niet ontbreken. Na het doen van de Snorkel ben je helemaal de cool cat van de avond. In een groepsuitvoering valt deze dansstijl bovendien nog meer in de smaak. ‘Een en al feest’ luidt het oordeel van het publiek.

Als de coördinatie van de ledematen nog niet is ontregeld door een teveel aan biertjes, kan je de Robot uitproberen. Houd de bewegingen klein en zorg steeds voor korte onderbrekingen. Met een druk op de knop beginnen de grijpers te bewegen en laat je ook je hoofd schokkerig naar voren vallen. Een robot heeft geen emoties, dus houd je gezicht in de plooi. Bij weinig oefening is de kans groot dat de machine vastloopt of dat de bewegingen te vloeiend worden, waardoor het publiek de mens achter het apparaat ontmaskert. Oefen daarom thuis voor de spiegel om de software up-to-date te houden. De Robot leent zich helaas niet voor iedere muziekprogrammering en soms kan het apparaat dus even op de slaapstand. Toeschouwers noemen het geheel ‘een beetje statisch’, wat wel lijkt te duiden op een goede uitvoering. Een error blijft dus gelukkig uit. ANS

Benieuwd naar meer moves om mee te shinen in de kroeg? Kijk op ANS-Online.nl


Interview Sander van de Pavert Tekst: Bas van Woerkum/ Foto’s: Ted van Aanholt P. 22

‘Televisie is een grote berg klerezooi’ Sander van de Pavert, het meesterbrein achter LuckyTV, beschouwt televisie als een grote verzameling absurditeiten. Dat levert genoeg materiaal op voor humoristische filmpjes. ‘Op televisie moet alles natuurlijk overkomen, terwijl het ontzettend gemaakt is. Dat is absurd, maar ook heel grappig.’

‘Ik heb voor vandaag een filmpje gemaakt over van die knullige volkszangers in paarse glimjasjes, die met hun low-budget-videoclips op TV Oranje komen’, begint Sander van de Pavert wanneer hij zich eenmaal in een stoel heeft genesteld. ‘Ik weet nu al dat eigenlijk niemand daar om kan lachen, maar zelf geniet ik heel erg van het filmpje.’ Van de Pavert ontdekte zijn fascinatie voor videobewerking toen zijn ouders hem een camera gaven, nadat hij in 2000 als grafisch vormgever was afgestudeerd. In 2003 verschenen zijn filmpjes in VARA Laat voor het eerst op televisie, onder het pseudoniem LuckyTV. Sinds 2005 maakt Van de Pavert iedere dag een humoristische video die aan het einde van De Wereld Draait Door (DWDD) wordt uitgezonden. Uit zijn werk zijn al een paar iconische personages voortgekomen, zoals Koning Willy, Geile Geert en een ongelooflijk hyperactieve Freek Vonk. De beeldbuis is Van de Paverts beste vriend. De komische beelden die hij dagelijks voorbij ziet komen, bieden al meer dan tien jaar lang inspiratie voor zijn korte video’s. Terwijl hij geniet van zijn bagel en zwarte koffie, vertelt hij over televisiebeelden, wat hij daar absurdis-

tisch aan vindt en hoe die hem stimuleren om lekker op zijn computer te gaan knutselen. ‘Ik zie op televisie veel dat in mijn ogen gewoon absurdistisch is.’ Televisie is toch gewoon gekkigheid ‘Een groot deel van de televisieprogramma’s is idioot’, vertelt Van de Pavert stellig. Van kinds af aan heeft hij zich hierover verwonderd. ‘Televisie is heel onnatuurlijk; alles is volledig uitgedacht, maar er wordt gedaan alsof het spontaan is. Ik vind dat absurdistisch: iets dat kunstmatig is, wordt gepresenteerd als de werkelijkheid. Vaak heb ik de neiging om met de makers van programma’s mee te kijken. Als je dat doet, voel je het ongemak dat om zo’n programma heen hangt.’ Van de Pavert kan zo een scala aan dit soort ongemakkelijke en voor hem absurdistische televisiemomenten opnoemen. ‘Bijvoorbeeld het tweehonderd-jaar-koninkrijkconcert op de Amstel, met Jeroen van de Boom, Claudia de Breij en Herman van Veen die over vrijheid zingen. De mensen daar omarmen “vrijheid” als iets wat ze allemaal willen, terwijl die term ontzettend vaag en op verschillende manieren te interpreteren is. Ik kijk daarnaar en denk:


“dit is zo absurd, hier moet ik wat mee doen.” Waar dat gevoel precies vandaan komt, kan ik niet beschrijven.’

‘Kwaadheid, opgewondenheid en creatieve impuls liggen bij mij heel dicht bij elkaar.’ Knutselen met bewegend beeld Vol ongeloof, onbegrip en enthousiasme tegelijkertijd, kijkt Van der Pavert naar bepaalde fragmenten die hij voorbij ziet komen op de beeldbuis. Het gaat hem dan letterlijk om de bewegingen en handelingen, niet om wat er wordt gezegd. ‘Ik heb de hele dag de televisie aan

staan, want als iets mij aanzet om een filmpje te maken, is het bewegend beeld. Het is niet zozeer de inhoud van de tv-beelden, maar de vorm die mij aanspreekt.’ ‘ ‘Een voorbeeld daarvan is volkswoede of een misplaatst gevoel van saamhorigheid bij het volk, zoals bij een informatieavond met boze Groningers. Daar kan ik me over opwinden. Niet dat die mensen onterecht boos zijn – dat staat er los van. Wat mij aanspreekt is een concrete situatie, de manier waarop de politiek zich daarmee bemoeit en waarop de media daar vervolgens mee aan de slag gaan. Ik ben nooit echt geëmotioneerd kwaad; kwaadheid, opgewondenheid en creatieve impuls liggen bij mij heel dicht bij elkaar.’ Het complete plaatje geeft Van de Pavert kriebels. Hij wil meteen aan de slag. Geen plot, draaiboek, script, niets; zodra hij geïnspireerd is, duikt hij achter zijn computer en begint hij te knutselen aan een nieuw filmpje.


‘Ik doe echt gewoon maar wat’, lacht Van de Pavert. ‘Soms ben ik de hele dag in de weer met knippen, plakken, stemmen inspreken en synchroniseren. Pas op het allerlaatste moment valt alles samen en zie je het resultaat. Het komt voor dat ik denk: “Kut. Het is helemaal niet grappig geworden. Dit is veel te plat, de humor is van poep- en piesniveau.” Dat is het gevaar van de manier waarop ik werk. Het maken van mijn filmpjes is als het bouwen met een blokkendoos – de toren kan op het allerlaatste moment nog instorten.’

‘Ik heb niets tegen Freek Vonk, maar dat programma gaat helemaal nergens over.’ Freek Vonk op de kinderboerderij, geweldig! In een onverwachte beweging hijst Van de Pavert zijn rechterhand op en beweegt deze met volle snelheid richting een onschuldige vlieg op de muur. ‘Bah’, zegt hij, terwijl hij wat er over is van het insect van zijn hand afveegt. Daarna vertelt hij vrolijk verder over de grote dierenvriend Freek Vonk, hoofdrolspeler in twee populaire Lucky-video’s. ‘Wat Freek doet is echt absurdistisch. Als ik naar dat programma kijk, praat ik gewoon hardop mee met wat ik zie. Ik heb absoluut niets tegen Freek, maar dat programma gaat helemaal nergens over. Hij is volledig opgefokt en rent overal schreeuwend achteraan. Het wordt ook nog op prime time uitgezonden, maar het is echt van kinderniveau.’ Freeks avonturen zijn enorm populair onder Luckyliefhebbers, dus het is het wachten op Freek Vonk deel drie. Als het aan Van de Pavert ligt, komt dat vervolg er absoluut. Deze zal hij niet baseren op Freeks individuele avonturen, maar op een dagje uit met Mister Lucky. ‘Ik stuurde hem een tijd geleden een bericht toen hij in een tent in Kenia lag. We hebben toen afgesproken dat we een keer samen wat gaan opnemen. Misschien gaan we een keer naar de dierentuin, of naar de kinderboerderij. Dan kan hij daar achter een geit aanrennen. Dat lijkt me wel grappig.’ Cadeautjes van de koning De kroon op LuckyTV is natuurlijk de persiflage van Koning Willem-Alexander: ’Willy’. Televisiebeelden van het koningspaar of de koning zijn cadeautjes voor Van de Pavert. ‘Wanneer ik beelden voorbij zie komen waarin Willem-Alexander een fietsfabriek gaat openen, kan het niet misgaan.’ Overtuigd als hij hierover spreekt, ontvangt hij toch ook veel hatelijke reacties op zijn koningshuisvideo’s. ‘Deze komen van royalistische Nederlanders’, beweert Van de Pavert.


Column Finn Roelofs P. 25

‘Ik trek me niet veel van hen aan.’ Hij gaat uit van zijn eigen humor; als hij het zelf grappig vindt, is hij tevreden. ‘Ik maak genoeg filmpjes die voor mij en een paar vrienden grappig zijn, maar voor een heleboel mensen helemaal niet. Voor mij is dat alleen maar een bemoedigend idee.’ Als LuckyTV een volkssentiment wordt, vindt Van de Pavert het genoeg geweest. ‘Op de dag dat al mijn filmpjes door iedereen grappig worden gevonden, is het echt tijd om te stoppen.’ Luisteren naar Willy’s waanzinnige stem Van de Pavert kijkt de hele dag naar in zijn ogen absurdistische televisie en maakt filmpjes waarmee hij tevreden is als hij er zelf om moet lachen. Dit klinkt als een bescheiden insteek, maar de populariteit van LuckyTV blijft groeien. Zijn personage Willy heeft zelfs al een uitstapje gemaakt naar het pop-upmuseum van DWDD in Amsterdam. ‘In dat museum is er nu een audiotour met de stem van Willy. De mensen die daar komen, kijken nu allemaal naar achttiende-eeuwse schilderijen, terwijl Willy er iets over vertelt’, lacht Van de Pavert. Binnenkort zal Willy’s prachtige stem zelfs te horen zijn in een heus voorleesverhaal. Van de Pavert is namelijk gevraagd om het Luistergeschenk in te spreken, ter ere van de Luisterweek, die dit jaar voor de tweede keer plaatsvindt. Van de Pavert kan al een tipje van de sluier oplichten. ‘Willy loopt naar zijn boekenkast en kijkt of er iets leuks tussen zit’, begint hij. Door vervolgens net wat Haagser te spreken, zet hij zijn Willy-stem in: ‘“Nee, dit is niks. En dit ook niet. Ja, ja. Dit is beter.” Dan begint hij uit dat boek te lezen.’ In mei zal dit Haagse hoorspel te beluisteren zijn tijdens de Luisterweek. ‘Het gaat “de boekenkast van Willy” heten, of “de Billy van Willy”, voor de IKEA-liefhebbers.’

‘I don’t give a shit of televisie goed is of niet. Televisie hoeft helemaal niet goed te zijn.’ Grote berg klerezooi Het grootste deel dat op de buis wordt uitgezonden, vindt Van de Pavert dus idioot. Wat vindt hij wel goede televisie? ‘Bij programma’s als “de vijfentwintig meest verschrikkelijke eetstoornissen”, denk ik: “Ja, goed format.” Onderzoeksjournalistiek of een mooie documentaire is ook wel goede televisie, maar I don’t give a shit of het goed is of niet. Televisie hoeft helemaal niet goed te zijn. Het is gewoon een hele grote berg klerezooi, waar je alles uit kunt pakken wat je wil.’ Precies dat doet Van de Pavert met zijn geesteskindje LuckyTV: beelden pakken uit een absurde berg troep, om er vervolgens mee aan de haal te gaan. Zolang er dat soort idiote beelden zijn, is Mister Lucky gelukkig. ANS

DE MARSMAN Hij werd geboren in het Nijmeegse Waterkwartier. Als eerste in zijn familie ging hij naar het Stedelijk Gymnasium. Terwijl hij koffie drinkt op het Erasmusplein, voelt hij zich zo nu en dan een Marsman. Vrijdagochtend negen uur komt hij zijn bed uit. Compleet krachteloos staat hij op en opent een raam. De frisheid van de lucht is allesoverheersend in tegenstelling tot de brakke alcohollucht die in zijn kamer hangt. De lucht die door zijn neusgaten opgesnoven wordt, is even welkom als een glas koude melk na een vette maaltijd. Hij draait zich weg van het raam, loopt de gang op en weet dat de frisheid van korte duur was. Zweet parelt over zijn gezicht terwijl hij tegen beter weten in naar de koelkast loopt. Als hij halverwege is, neemt hij de afslag naar de wc en braakt deze onder. De wc-pot is ongeveer even koud als de lucht buiten, maar biedt niet dezelfde verfrissing. Wanneer het over is, zet hij zijn tocht naar de koelkast voort, bakt hij twee eieren met spek en drinkt hij een glas koude melk. Het is duidelijk vrijdagochtend. Tegenover hem zit een meisje dat hij gisteren nog in de kroeg zag. Een paarse kleur onder haar ogen verraadt dat ze niet honderd procent fit is. Ook zij heeft gedronken en ze is niet alleen onder de studenten. Waarom is de combinatie van studenten en bier zo onlosmakelijk? De Marsman gaat zitten en laat het even bezinken. Het zijn de ongekende mogelijkheden die bij het uitgaan komen kijken: je spreekt makkelijker mensen aan, alles wordt een stuk leuker en gesprekken verlopen een stuk vloeiender. De hele week door staat de Rede aan het stuur van je brein, met alcohol valt de rem er een beetje af. Dat is met betrekking tot je studie wel anders. Je wordt gestimuleerd om een weloverwogen pad uit te stippelen. Studenten zijn op die manier ijverige, leergierige mensen die een carrière of iets wat daar op lijkt nastreven. Wanneer je daarmee bezig bent, kan je niet van je pad afwijken. Ik heb nooit beweerd dat bier drinken en studeren een gezonde combinatie is, wel een begrijpelijke. Na wat studeren is de Marsman weer een afspraak met zichzelf nagekomen. Nu mag hij, brak als hij is, weer naar bed.


ANS geeft raad Tekst: Dennis van der Pligt en Bas van Woerkum/ Illustratie: Jeroen Wintraecken P. 26

ANS GEEFT RAAD In ANS geeft raad bepalen studenten zelf de collegestof. ANS schakelt wetenschappers in voor praktisch advies over alledaagse kwesties en maakt hieruit de balans op. Deze keer geven een sociotherapeut, exrechercheur en psycholoog antwoord op de vraag: hoe kom ik weg met een leugen?

Frank van Marwijk, sociotherapeut, lichaamstaalexpert en schrijver van het boek Manipuleren kun je leren ‘Vertoon als je liegt geen gedrag dat mensen van een leugenaar verwachten. Mensen hebben allerlei clichés in hun hoofd over leugenaars. De drie grootste zijn dat ze altijd wegkijken, het gezicht aanraken en hun benen niet stil kunnen houden. De waarheid van deze clichés wordt door onderzoek eerder weerlegd dan bevestigd, maar die stereotype verwachtingen zijn zo wijdverbreid dat mensen deze geloven. Houd dus oogcontact, raak je gezicht niet aan en houd je benen onder de tafel. ‘Geloof de leugens door ze voor jezelf te verantwoorden. Dat is mogelijk door de cognitieve dissonantie te verlagen: je probeert twee tegenstrijdige gedachten te verenigen in een middenweg die je zelf kunt accepteren. Je vindt je baan bijvoorbeeld geweldig, maar je baas jou niet. Wanneer je wordt ontslagen, maak je jezelf wijs dat die baan eigenlijk niet iets voor jou was, in dit geval vanwege de baas. Op deze manier wordt de leugen een soort waarheid en breng je deze overtuigender. ‘Spreek nonchalant bij het verspreiden van leugens en toon enige desinteresse. Hoe zichtbaarder het is dat je het onderwerp waarover je liegt belangrijk vindt, hoe nerveuzer je overkomt. ‘Als je liegen moeilijk vindt, kun je ten slotte de telefoon gebruiken. Als je belt of een bericht stuurt, kan de ander jouw gezicht niet lezen. Schat wel goed in wat je doet. Het feit dat je de ander niet persoonlijk wilt spreken kan juist verdacht zijn. Als de ander vermoedt dat je bijvoorbeeld bent vreemdgegaan, kan je beter even langsgaan.’


ANS geeft raad P. 27

Guido de Ville, ex-rechercheur, docent verhoortechnieken en schrijver van de boeken Het grote leugenboek en Leer liegen ‘Maak de leugen niet te ingewikkeld. Als je te veel moet onthouden, val je bij detailvragen door de mand. Het is daarom verstandig om niet alles meteen prijs te geven. Wees goed geïnformeerd over het onderwerp waar je over spreekt. Als een automechanicus mij iets wil wijsmaken over een auto, krijgt hij dat heel gemakkelijk voor elkaar. Ik heb daar namelijk geen enkel verstand van. ‘Om je verhaal aannemelijker te maken, doe je na een tijd alsof je eerder in het verhaal informatie bent vergeten te vertellen. Een serie gebeurtenissen die je perfect van voren naar achteren vertelt, is meestal minder betrouwbaar dan een rommelig verhaal. Als je perfect chronologisch vertelt, heb je het verhaal waarschijnlijk voorbereid. Dit hoef je niet te doen wanneer je de gebeurtenissen uit je geheugen haalt. Blijf daarom dicht bij de waarheid. ‘Stop een ongeloofwaardig, maar waar element in je verhaal, dat zo onwaarschijnlijk is voor de ander dat hij het gaat controleren. Als het dan echt gebeurd blijkt te zijn, creëer je een grote voorsprong. Goede leugenaars gebruiken deze techniek vaak. Details die men niet verwacht, kunnen je ook helpen. Maak je leugens aannemelijker door zintuigelijke ervaringen toe te voegen als kleur, geur en smaak. Door deze methoden groeit het vertrouwen in je bij de ander. Dat creëert argeloosheid.’

Job Boersma, psycholoog en schrijver van het boek Ik weet dat u liegt ‘Voorbereiding is alles. Zorg ervoor dat je een goed verhaal paraat hebt, dat je van achter naar voren kent. Wanneer je gebeurtenissen alleen chronologisch kan vertellen, wordt duidelijk dat het verhaal is verzonnen. Je bedenkt een verhaal immers van voren af aan. ‘Alles wat afleidt van de inhoud, is handig om voor een leugen te gebruiken. Het inspelen op emoties is een techniek om dit te doen. Door bijvoorbeeld tegen je partner te zeggen “als je nu doorvraagt, verpest je onze relatie”, laat je de ander terugschrikken om verder onderzoek te doen. Ook kun je à la Lance Armstrong de tegenaanval inzetten. Toen aan hem werd gevraagd of hij doping gebruikte, zei hij: “Hoe kun je mij nou beschuldigen? Ik ben net genezen van kanker. Dit is gewoon riooljournalistiek.” De volgende dag hadden journalisten het alleen over hoe Armstrong onheus was bejegend. ‘De acute dementie is ook een veelgebruikte leugentechniek. Door te doen alsof je iets niet meer weet, dwing je de ander in een welles-nietesmodus. Het gesprek valt hierdoor snel stil, omdat een ander moeilijk kan achterhalen of je iets echt bent vergeten. ‘Tot slot zijn er mensen die niet kunnen liegen. Die moeten het gewoon echt niet doen.’ ANS

De balans van ANS 1. Bereid je verhaal goed voor. Leer het van achter naar voren uit je hoofd. 2. Gebruik afleidingstechnieken. Doe een tegenaanval of speel in op de emoties van de ander. 3. Zeg dat je het niet meer weet, het liefst op een nonchalante manier. 4. Voorkom dat je verhaal onnodig ingewikkeld wordt. Verander de waarheid slechts een beetje. 5. Maak het geheel een beetje rommelig. Een perfect, chronologisch verhaal klinkt voorbereid en dus gelogen. 6. Voeg enerzijds ongeloofwaardige elementen die toch waar zijn en anderzijds specifieke details toe. Zo win je vertrouwen. 7. Voldoe niet aan clichés. Mensen denken bijvoorbeeld dat je wegkijkt als je liegt, houd dus oogcontact. 8. Maak jezelf wijs dat je leugen waar is. Als je jezelf kan overtuigen, geloven anderen je ook eerder. 9. Wanneer je je ledematen en emoties niet onder controle hebt, lieg dan via de telefoon. Over een moord liegen aan de telefoon is echter weer verdacht. 10. Als je echt niet kan liegen, doe het dan niet.

Heb jij ook een prangende vraag voor de wetenschap? Mail deze naar redactie@ans-online.nl


Stamgasten Tekst: Vera Crienen/ Foto’s: Loren Brouwer/ Illustratie: Josse Blase P. 28

Stamgasten

Lallende disputen, vage figuren aan de bar of uitbundige dansers, elke kroeg heeft zijn eigen publiek. ANS duikt de vaste stek van een groep studenten in, velt haar oordeel over het café en test de kennis van de trouwe gasten. Deze keer: StudentenDartVereniging Geen bull voor ogen in café pool

Vlnr: Jochem, Raymon, Guy, Marnix

Jochem

Vlnr: Raymon,Guy, Marnix

In café Pool wordt een spannende wedstrijd gespeeld. Vanavond meten de leden van Geen Bull Voor Ogen als de nummer vijf van de poule hun krachten met de nummer vier. De gezichten van de darters staan strakgespannen en af en toe klinkt er een oerkreet na een goede worp. De concentratie en gedrevenheid mochten niet baten. De heren van Geen Bull Voor Ogen hebben de wedstrijd verloren. Teleurgesteld ploffen ze op de bank met een biertje. Toch klaart het humeur van de darters direct op als ze over de oprichting van hun dartvereniging vertellen. ‘Wij kenden elkaar al van Bouncer, een andere studentendartvereniging in Nijmegen. Daar wordt echter niet competitief gespeeld’, vertelt Marnix (24), masterstudent Internationale Betrekkingen en Diplomatie. ‘We kwamen al vaker in café Pool om een potje te darten’, zegt Guy (20), derdejaarsstudent Geschiedenis. ‘Vorig jaar in mei vroeg de barman of ik een team wilde vormen dat uitkomt voor café Pool. Ik moest daarvoor vier mannen bij elkaar zoeken. In augustus was alles rond en konden we ons inschrijven voor de competitie.’ Sinds die tijd is de groep gegroeid naar zeven leden. Niet alleen na de wedstrijden, maar ook tijdens een potje darten drinken de mannen bier. ‘Bij de professionele wedstrijden mag dat niet, maar wij kunnen er best een drankje bij houden’, vertelt Raymon (20), tweedejaarsstudent Logistiek en Economie. Marnix begint voor de wedstrijd al met een paar pilsjes. ‘Ik ben altijd een beetje zenuwachtig voor een wedstrijd. Een paar biertjes helpen daar tegen’, bekent hij. Jochem (21), student Nederlands, begint te lachen. ‘Wij staan een uur voor de wedstrijd in te gooien, Marnix begint dan alvast in te drinken.’ Net als de professionele darters hebben de mannen van Geen Bull Voor Ogen ieder een bijnaam. Volgens Guy moeten bijnamen vanzelf ontstaan, al was dat bij hem niet het geval. ‘Als je mijn naam in het Engels uitspreekt kun je er “Bad Guy” van maken, dus daar ga ik maar voor.’ Fluffy, de bijnaam van Jochem, is vanwege zijn wilde haardos geen onverwachte keuze. De heren zijn het erover eens dat Raymon de beste bijnaam van de groep heeft. ‘Mijn achternaam is Van Beest, dus dat was snel besloten: The Beast’, vertelt Raymon. Marnix heeft nog geen bijnaam, want hij speelde vandaag pas zijn tweede wedstrijd. Spontaan beginnen de darters een brainstormsessie. ‘Gooit Mar Nix!’, roept Jochem lachend. ‘Ja hoor, die staat’, zegt Guy tevreden. Het is geen toeval dat de dartvereniging alleen uit mannen bestaat. ‘Darten is niet heel populair onder de dames. Wij spelen maar heel af en toe tegen vrouwen’, vertelt Guy. De meeste vrouwen die ze tegenkomen bij het darten zijn bovendien veertigplussers. ‘Het merendeel van die vrouwelijke darters valt in de categorie huisvrouw met kortpittig kapsel’, lacht Jochem. Marnix grinnikt, maar wil hier toch even iets rechtzetten. ‘Ooit stond er wel een vrouwelijke darter in de Playboy: Mieke de Boer. Zij is een mooie vrouw hoor. Dat nummer heb ik toen zelfs gekocht’, zegt hij zonder schaamte. ANS


Stamgasten P. 29

kroegpraat Café Pool is niet een kroeg die de gemiddelde student kiest voor een gezellig avondje stappen. Het meubilair bestaat voornamelijk uit dartborden, pooltafels en een paar oncomfortabele banken. Op deze maandagavond zijn er naast

de darters slechts een paar vrienden en een stelletje aan het poolen. De barman brengt enige levendigheid en kletst honderduit. Hij praat echter uitsluitend over de dartcompetitie. Het café is duidelijk bedoeld om te poolen of te darten.

Ook in de dartsport wordt er gebruik gemaakt van doping. Welk geneesmiddel wordt gebruikt in het dartsmilieu? Raymon: ‘Alcohol helpt wel tegen trillingen.’ Jochem: ‘Dan zou het wel een naaivraag zijn. Het moet een geneesmiddel zijn.’ Jochem: ‘De enige doping die ik ken is epo.’ Raymon: ‘Ik houd het op bier.’ Guy: ‘We gaan gewoon voor epo.’ De kennis van de heren schiet opnieuw tekort. Het goede antwoord is bètablokkers. Dit geneesmiddel zorgt ervoor dat de handen van darters minder trillen en ze een lager hartritme krijgen. Hoe wordt darten in Vlaanderen ook wel genoemd? Guy: ‘Pikvogelen.’ Raymon: ‘Ik sluit me bij Guy aan. Hij klinkt zo overtuigd.’ Guy: ‘Ik kom uit Limburg, dat is praktisch België. Mijn opa gebruikt dat woord nog steeds.’

De pubquiz Tijdens de European Darts Open gooide Dirk van Duivenbode hoge ogen, met zijn opkomst welteverstaan. Wat was er zo opvallend aan deze opkomst? Marnix: ‘Dat weet ik! Hij kwam op met een hardstyle nummer.’ Jochem: ‘Er was volle bak ambiance in die zaal.’ Guy: ‘Het was DJ Titan met Apocalypse.’ Marnix: ‘Dirk stond wel lekker strak, ja.’ Guy: ‘Het antwoord is dus dat hij hakkend op hardstyle het podium opkwam.’ De heren hebben niet alleen verstand van darten, maar ook van muziek. Ze verdienen pijlsnel hun eerste biertje. Velen beschouwen Phil Taylor als de beste darter aller tijden. In 2001 werd hij genomineerd voor Member of the Order of the British Empire (MBE) maar de nominatie werd ingetrokken voor de uitreiking. Waarom werd de nominatie nietig verklaard? Jochem: ‘Ik wist niet eens van de nominatie. Misschien is het iets met doping?’ Marnix: ‘Of iets met alcohol.’ Guy: ‘Is het een incident met een andere speler?’ Raymon: ‘Taylor is wel een arrogante hond dus laten we voor een incident met andere speler gaan.’ De darters zitten er helemaal naast. Taylor liep de MBE mis omdat hij werd veroordeeld voor aanranding van twee vrouwelijke fans na een demonstratietoernooi.

Het antwoord is een schot in de roos en daarmee is het tweede biertje binnen voor de Nijmeegse pikvogelaars. De term vogelpik is afkomstig van een soortgelijk spel dat vroeger werd gespeeld in cafés. Hoe lang duurde het langste potje darten dat ooit is gespeeld volgens het Guinness Book of Records? Jullie mogen er drie uur naast zitten. Raymon: ‘Gaat dit over een wedstrijd op televisie?’ Marnix: ‘Nee, gewoon een potje. Als de hutu’s en de tutsi’s hebben gedart, telt dat dus ook. Zouden ze het een dag hebben volgehouden?’ Guy: ‘19 uur! We mogen er drie uur naast zitten dus het moet wel lang zijn.’ Marnix: ‘Ik gok 19 uur, 23 minuten en 36 seconden.’ Hoewel er uitgebreid wordt overlegd, zitten de mannen ver onder het juiste antwoord van 50 uur, 50 minuten en 50 seconden. Het record werd gevestigd door Wayne Mitchell en Mark Dye in Engeland van 13 tot 15 maart 2014.

De Afrekening

De darters hebben genoeg verstand over pikvogelen, maar hun kennis over dopinggebruik in de dartwereld laat bijvoorbeeld te wensen over. Misschien hadden de heren zelf een bètablokker kunnen gebruiken voor de quiz, want slechts twee vragen werden juist beantwoord. In het uitgestorven café ontbreekt de gezelligheid voor een bonusbiertje, waardoor de eindstand op twee biertjes blijft hangen.


Deze ANS niet/ Kutkunst/ Colofon Tekst: Redactie P. 30

DEZE ANS NIET Kapot vet feestje Als de leden van Carolus Magnus een feestje vieren, dan doen ze dat goed. Een gala van de studentenvereniging liep een beetje uit de hand. ANS kopte als eerst: ‘Grote hoeveelheid schade na gala Carolus Magnus.’ Andere media gingen iets minder lichtzinnig met de informatie om en gooiden met titels als ‘Carolus Magnus sloopt restaurant tijdens gala’ en ‘Nijmeegse studenten richten slagveld aan’. Jafar Alhashime, de praeses van Carolus liet ons in ieder geval weten dat

het ‘wel een leuk feestje’ is geweest. Jammer dat wij niet waren uitgenodigd. Trage technologen aan de RU De RU was zo traag dat een student maar vast een roosterapp lanceerde, precies één dag voor de aankondiging dat er een universiteitsapp komt. Wellicht wilde hij wat vaart achter de ontwikkelingen zetten. De RU wil voorlopig ook nog niet aan de MOOCs, dus dat biedt mogelijkheden. Wie waagt zich aan deze uitdaging?

30e jaargang Hoofdredactie Tijs Sikma en Bas van Woerkum Redactie Pim ten Broeke, Vera Crienen, Noor de Kort, Tom Plaum en Auke van der Veen Medewerkers Max Bosschaart, Maaike Pleging, Dennis van der Pligt Illustraties Josse Blasé, Joost Dekkers, Carmen Groenefelt, Jurgen Tesselaar, Jeroen Wintraecken Foto’s Ted van Aanholt, Loren Brouwer, Noor de Kort, Mike Ruth, Elise Talsma Voorpagina Ted van Aanholt en Thijs van Woerkum Columnisten Finn Roelofs en Joanne Vrijhof Eindredactie Evy van der Aa, Tim Hebbink, Anders Hoendervanger, Wisse de Jonge, Kiki Kolman, Anne Martens, Ronald Peeters, Annemarie Segeren, Felix Wagner Crypto Bas Dikmans Cartoon Anne van der Heijden Ontwerp Marloes de Laat en Roel Vaessen Lay-out Bas van Woerkum Dagelijks bestuur Loes Tijssen (secretaris), Dennis van der Pligt (penningmeester)

Druk MediaCenter Rotterdam

Uitgave, abonnementen en advertentie-acquisitie Stichting MultiMedia: stichtingmultimedia@gmail.com Redactieadres Heyendaalseweg 141 6525 AJ Nijmegen Tel: 06-36428931 Mail: redactie@ans-online.nl

Het Algemeen Nijmeegs Studentenblad is een onafhankelijk blad dat gratis in de binnenstad en op de Radboud Universiteit Nijmegen wordt verspreid. Het verschijnt 7 keer per jaar in de maanden september t/m juni. De uitgave van ANS wordt mede mogelijk gemaakt door:


z

CRYPTO

Crypto Tekst: Redactie/ Illustratie: Bas van Woerkum niet AnsDeze dezeANS maand P.31 31 P.P.31

HET ZONNETJE SCHIJNT, DE LUCHT IS BLAUW... ANS IS WEER UIT EN DE LENTE VOLGT GAUW! MET DEZE CRYPTO KOM JIJ HELEMAAL IN HET VOORJAARSGEVOEL. VIND JIJ LENTE OOK ZO’N FIJN JAARGETIJ? NEEM EEN WITBIERTJE EN EEN CHOCOLADEPAASHAAS EN PROOST VOORDAT JE AAN DEZE CRYPTO BEGINT OP HET BEGIN VAN DE ZOMERTIJD!

De winnaar van de crypto in de de vierde editie van ANS is Hafid Chetouani. De oplossingen vind je op www.ans-online.nl.

1

ANS mag dit keer een dinerbon t.w.v. 25 euro weggeven bij dinercafé Altijd Lente. Bij dinercafé Altijd Lente kun je terecht voor een heerlijk diner, een goed glas wijn of een lekker biertje van de tap. Van woensdag tot en met zondag zijn wij geopend vanaf 12.00 uur. Hopelijk mogen wij je een keer begroeten. Wil je kans maken op de twee kaarten? Stuur dan voor 24 maart je oplossingen naar redactie@ans-online.nl

2 3

5

4

7

6

8

9 10

11

12

13

14

15

16

17

18 19

20

21

Horizontaal: 4. Ga, dram heel vast en hervorm jezelf op deze viering! (14), 6. Kledingstuk van gemiddelde grootte aan deze boom (7), 7. Luchtige kazen? (5), 8. Valt vroeg in het alfabet? (5), 10. (Christelijk) Partijtje van de beroemdheid met de speciale vinger (13), 14. Voorjaarstripje laat je huilen? (10), 16. Halverwege de ontkenning gaan er een paar zitten (8), 17. Hongerig dier? (9), 19. Hiermee toont deze Publieke Omroep zijn affectie (6), 20. Uitgeput van dit etmaal! (9), 21. Soort plek om wat te drinken (6). Verticaal: 1. Deze Belgische stad openbaart zich (9), 2. Dit deel van het jaar is te zien in ‘t raam (5), 3. Zulke felheid! (8), 5. Het jonge dier blijft bij je in de buurt (8), 9. Zet de krib en slee in de lente bijeen (8). 11. Deze vogel houdt de hoeveelheid kevers nauwkeurig bij! (10), 12. Oeps, de pijn is weg bij deze kleur! (5), 13. Kledingstuk uit Flevoland? (4), 15. Tuintje achter deze kamer is populair in de lente. (9), 18. Lekkernij alleen voor vader? (6)


GEVONDEN VOORWERP www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon P. 32

Tekst: Max Bosschaart/ Foto: Loren Brouwer

Wie: Ikara (22), eerstejaarsstudent Religiewetenschappen Voorwerp: Hoofddoek Waarom draag je een hoofddoek? ‘In de Koran staat dat je bescheiden moet zijn en niet te veel van jezelf moet laten zien. Ik draag dit kledingstuk om ingetogen te zijn, maar ook om mijn identiteit uit te dragen. De hoofddoeken die ik draag, hebben felle kleuren. Hierdoor val ik misschien nogal op, maar dat is op mijn manier bescheiden zijn. Wat veel mensen niet weten, is dat er een hele mode achter de hoofddoeken schuilt. Ik heb me hierin verdiept. Laatst gaf ik bijvoorbeeld een workshop aan studenten van de HAN over islamitische klederdracht.’ Wat bespreek je tijdens deze workshops? ‘Ik vertel meestal over de regionale verschillen die er zijn in het dragen van hoofddoeken. Turkse meiden dragen bijvoorbeeld vaak een punt aan de voorkant, zodat de hoofddoek een beetje omhoog staat. In tegenstelling tot de vrij strakke en nette stijl, die kenmerkend is voor het Midden-Oosten, dragen vrouwen in Indonesië hun hoofddoek veel losser. Zij gebruiken maar één speld om de hoofddoek bij elkaar te houden. Zelf heb ik niet echt een vaste stijl. Ik varieer juist met verschillende kleuren en stijlen.’

Hoe reageren mensen op jou en je hoofddoek? ‘Heel wisselend eigenlijk. In Opheusden, een gereformeerd dorpje waar ik ben opgegroeid, waren mensen altijd vrij lomp en direct tegen me. Veel van mijn klasgenoten hadden een hekel aan allochtonen en buitenlanders. Op de middelbare school kreeg ik vaak het woord ‘‘theedoek’’ naar mijn hoofd geslingerd. Op de universiteit heb ik eigenlijk nog nooit vervelende opmerkingen gehad. Ik krijg wel regelmatig te maken met onbegrip. Vaak denken mensen dat ik conservatief en gesloten ben, iets waar mensen na een gesprek met mij op terugkomen. Ik ben namelijk heel spontaan en misschien soms wel te direct.’ Word je vanwege dit kledingstuk anders aangekeken? ‘Het komt wel eens voor dat een oud vrouwtje me een beetje angstig aanstaart in de bus. Het enige moment dat ik echt vervelend ben bejegend vanwege mijn geloof, was toen een dronken man naast mij kwam zitten in de bus. Hij vertelde mij dat hij nog nooit een moslima had gezien en begon mij vervolgens allerlei vragen te stellen over wat er in het Midden-Oosten gebeurt. Ik word daar de laatste tijd wel regelmatig op aangesproken. Gelukkig ben ik realistisch genoeg om te weten dat het niets uitmaakt wat ik hierover zeg. Ik kan er namelijk niets aan doen.’ ANS

Profile for Algemeen Nijmeegs Studentenblad (ANS)

Ansknutselt  

Ansknutselt  

Advertisement

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded

Recommendations could not be loaded