Page 1

RICHTLIJNEN RONDOM

Luc Enting brengt de wilde kant van de Veluwe in beeld

LUCKY FONZ III WIL STEWARDS HOUDEN PETER KNOOPE ORDE TIJDENS NIET DE DOMINEE OVER HAAT TEGEN UIT- Op verkenningstocht Chemicus Moniek

in de ecodisplays van Burgers’ Zoo

Tromp over vrouwen in de wetenschap

ZWEEFT ANS IS WILD Algemeen Algemeen Nijmeegs Nijmeegs Studentenblad Studentenblad // jaargang jaargang 32, 31, nummer nummer 5 5


Vooraf Tekst: Redactie P. 2

COMMENTAAR Maandagochtend, acht uur. De Spar University is uitgestorven. Schappen vol met chips, koeken en nootjes vullen de eerste rijen. Achterin: twintig soorten brood, hummus, yoghurt met Oreo’s en meer van dat soort ongein. Een medewerker sjokt heen en weer en zet af en toe iets recht. Waarom werken hier eigenlijk mensen? Achter de kassa’s hoeft niemand te staan. Tegenwoordig ben je je eigen medewerker, en je betaalt er ook nog voor: zelf scannen, zelf pinnen en aan jezelf vragen of je eigenlijk wel een bonnetje wil. De digitalisering van de samenleving creëert een afstand tussen jou en de natuur. Zelfscankassa’s zorgen voor een toenemende vervlakking. Zonder menselijk contact is er geen lol meer aan, dan kun je nog beter een roepende in de woestijn zijn. Het is genoeg geweest: je gaat wild. Het is even zoeken naar een goede habitat. Na uren dwalen kom je terecht in een van de laatste stukjes ongerepte natuur in Nederland. Links plast een hert over zichzelf heen en rechts wordt een dromerig everzwijn overvallen door een hongerige vos. Uiteindelijk vind je een goed hol om je in te verstoppen. Na twintig dagen wild leven ben je volledig bekeerd. Je eten scharrel je bij elkaar zoals jager-verzamelaars dat in de oertijd deden. Toen wisten ze pas wat gezond leven is. Een gebalanceerd dieet van noten, peulvruchten en gevangen vogeltjes houdt je op de been. Ligt daar nou een verdwaald frietje op de grond? Vreemd. Hoe dan ook ben je een met de natuur. Een leven zonder verzorgingstroep is prima mogelijk. Geen chemische producten als tandpasta, deodorant en shampoo meer, ook je persoonlijke verzorging ligt vanaf nu in handen van moeder natuur. Citroenen, kokosnoten of eieren: alles moet het ontgelden voor jouw drang om er als een haantje de voorste bij te lopen. Toch is je nieuwe leefomgeving ook niet zo ongerept als het lijkt. Bij het jager-verzamelen kom je op het spoor van wat wel een heel bijzondere diersoort moet zijn. Avocadoschillen en chiazaad markeren de weg die dit vreemde wezen gebaand heeft. Terwijl je over een aardvarken heen stapt en je een weg baant door het dichte struikgewas sta je opeens oog in oog met een goed gecamoufleerd persoon in dierverzorgertenue. ‘Welkom in de Bush.’ De hoofdredactie

ANS

ONLINE ANS-Online is de digitale tegenhanger van het papieren blad. Hieronder is te lezen over de hoogtepunten van de afgelopen tijd en dingen om naar uit te kijken de komende periode. Nieuw jaar, nieuw nieuws 2018 is goed begonnen op de Radboud Universiteit, met de nodige gebeurtenissen die de aandacht trokken. Zo kwam er veel kritiek vanuit studenten en medewerkers op de toekomstplannen voor de Faculteit der Letteren. Verder kwam Turnitin in opspraak, omdat het niet zo’n onschuldig inleverprogramma is als je zou verwachten. Essays die via het programma worden ingeleverd, blijken te kunnen worden gebruikt voor commerciële doeleinden. Begin februari werden vervolgens theaterzaal C en het Elinor Ostromgebouw, het nieuwe thuis van de Managementfaculteit, officieel geopend. Wel zonder ANS-bakken, want die zijn binnen de muren van de faculteit niet meer welkom. Kiespijn Op 21 maart begeven we ons weer massaal naar het stemhokje, dit keer om onze voorkeuren aan te geven voor de gemeenteraad. Om de keuze wat makkelijker te maken, presenteert ANS in samenwerking met studentenvakbond AKKU een stemwijzer. Dit is de manier om erachter te komen welke partij jouw gevoelens over thema’s als studentenhuisvesting en duurzaamheid deelt. Ook zal ANS in aanloop naar de verkiezingen de campagne scherp in de gaten houden en, als de grote dag eenmaal daar is, verslag doen van de uitslag. Goed verhaal, lekker kort Van 11 tot en met 15 april zijn in LUX weer de beste korte films te zien tijdens de tiende editie van filmfestival Go Short. Het programma bestaat uit een competitie van de 101 beste nieuwe short films in verschillende categorieën, zoals documentaire en animatie, en een terugblik op het afgelopen decennium aan korte films. Bezoekers kunnen tijdens het vijfdaagse festival hun ogen uitkijken en ook ANS zal van de partij zijn om de beste films te bewonderen.

Op de hoogte blijven van al het studentennieuws? Check dan www.ans-online.nl, volg ons op Twitter (twitter.com/ANS_Online) of like de ANS-pagina op Facebook (facebook.com/ANSnijmegen).


DEZE ANS

Tekst: Redactie Deze ANS P. 3

04 De digitale dreiging Het onderwijs op de Radboud Universiteit digitaliseert en hoewel dit studeren comfortabeler maakt, is het niet alleen maar rozengeur en maneschijn. De universiteit moet meer doen om studenten te beschermen tegen de nadelen van digitaliseren.

08 Beestenboel in balans 04

In de ecodisplays Bush en Mangrove van Burgers’ Zoo in Arnhem zijn talloze planten en dieren te bewonderen, zoveel mogelijk in hun natuurlijke leefomgeving. Hoe gaat het nabootsen van zo’n omgeving in zijn werk? ANS nam een kijkje achter de schermen van de dierentuin.

14 Zwanger? Ga naar huis! Nog altijd zijn er maar weinig vrouwen in de wereld van de bètawetenschappen. Tijd dat hier verandering in komt, vindt chemicus Moniek Tromp. Door vrouwenquota, bijvoorbeeld, maar ook door in te gaan tegen de mannencultuur op de werkvloer. ‘Je hoeft je als vrouw niet als een soort man voor te doen om een topfunctie te bereiken.’

08

14

26 De Veluwe ontketend Natuurfilmmaker Luc Enting vertelt wat zijn nieuwste bioscoopfilm Wild bijzonder maakt en waarom goede natuurbescherming zo belangrijk is. ‘Als filmmaker ben ik vooral geïnteresseerd in gedrag. Beelden moeten een verhaal vertellen, anders kun je net zo goed bewegend behang maken.’ 05

De Pipet

07

Het Laatste Oordeel

18

Middenpagina

20

Ten minste onhoudbaar tot

23

De Graadmeter

29

Side Salad

30

Het Issue

32 Kamervragen 34

Deze ANS niet/ GoedVoorEenConsumptie/ Colofon

35 Crypto

26

36 Van de Baan


De digitale dreiging Tekst: Danique Janssen en Vincent Veerbeek/ Illustratie: Simone Zwitserloot P. 4

DE DIGITALE DREIGING Het gebruik van digitale middelen maakt studeren op de Radboud Universiteit (RU) steeds comfortabeler. Met risico’s als privacyschending of commercialisering gaat digitalisering echter niet altijd over rozen. De RU moet de nadelen van digitalisering in de gaten houden en waar nodig actie ondernemen. Hoe makkelijk is het om thuis met je warme badjas aan en een kop zelf gebrouwen koffie in de hand je colleges terug te kijken? Mocht je wel naar college gaan, dan kan je razendsnel aantekeningen maken op je laptop. Digitalisering op de Radboud Universiteit (RU) heeft vanaf 2015 een flinke impuls gekregen. Het College van Bestuur heeft in dat jaar een vierjarenplan opgesteld, waarin doelen zijn vastgelegd met betrekking tot het verder en beter digitaliseren van het onderwijs. Door dit plan is het nu mogelijk om colleges online terug te kijken. Daarnaast is de RU begin dit jaar gestart met pilots voor het digitaal afnemen van tentamens. Toch is een digitale campus niet de utopie die het lijkt, want er liggen ook risico’s op de loer. Een dag achter een laptop kan bijvoorbeeld leiden tot vierkante ogen en een verkrampte houding, maar er zijn ook grootschalige bedreigingen zoals commercialisering, toenemende oppervlakkigheid in het onderwijs en een inbreuk op privacy. De universiteit doet nog niet genoeg om studenten tegen de gevaren van digitalisering te beschermen. Dreiging van de commercie Een van de risico’s van digitalisering is commercialisering. Externe partijen met commerciële belangen krijgen dan een plaats in het onderwijs. Een voorbeeld hiervan is plagiaatchecker Turnitin. Studenten die via Turnitin een essay inleveren, geven het bedrijf achter het programma indirect toestemming hun essay te gebruiken voor commercieel gebruik. De RU moet veel processen uitbesteden aan derden omdat ze niet alle software zelf kan ontwikkelen. Deze

uitbesteding geeft derden toegang tot het onderwijs. Erwin Bleumink, bestuurslid van SURF, een landelijke ICT-samenwerkingsorganisatie voor onderwijs en onderzoek, vreest hiervoor. ‘Sommige commerciële bedrijven hebben heel andere belangen dan het waarborgen van de kwaliteit van het onderwijs, zoals het verzamelen van data van studenten.’ Bovendien kan de invloed van commerciële bedrijven nadelige gevolgen hebben voor studenten, omdat hun leerproces bekeken kan worden door andere mensen dan hun docent. ‘Studenten moeten in hun leeromgeving vrij zijn om te kunnen experimenteren met de leerstof en fouten te maken’, benadrukt Bleumink. Fouten maken hoort bij studeren, maar dat moet tussen docent en student blijven. Met bijvoorbeeld Turnitin is er een risico dat dit niet gebeurt, omdat derden toegang hebben tot de ingeleverde essays. Daarom moet de RU duidelijke afspraken blijven maken met externe partijen om studenten te beschermen. Veiligheid voorop Digitaal studeren betekent ook dat steeds meer gegevens op interne servers of in de cloud staan, met mogelijke dreigingen voor de privacy tot gevolg. Zo staan niet alleen cijfers en persoonlijke gegevens op Osiris, maar ook studentendossiers met gevoelige informatie. Op dit moment voldoet de RU nog niet aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), die op 25 mei ingaat. Op die datum moet de RU onder andere een register hebben van welke gegevens worden bewaard, wie er toegang heeft tot deze gegevens en hoe lang data mag worden bewaard. Ook moeten de over-


Column Maurits Vercammen Ans deze maand P.P.55

eenkomsten met externe partijen die nog niet aan deze eisen voldoen vernieuwd worden. ‘In deze contracten wordt met leveranciers afgesproken tot welke gegevens ze toegang hebben’, vertelt Ronald Sarelse, Corporate Information Security Officer en eindverantwoordelijke voor de nieuwe privacyregels op de RU. Nu is er dus nog veel mis en of de RU dit voor eind mei kan oplossen, valt nog te bezien. Nieuwe initiatieven, bijvoorbeeld het contract met Brightspace en het opslaan van digitale tentamenresultaten, zijn gelijk zo geregeld dat ze voldoen aan de AVG. Toch blijft het risico op privacyschending door menselijke nalatigheid ook na de invoering van de AVG aanwezig. Zo blijft het voor partijen die bij gegevens kunnen mogelijk om deze gegevens uit Osiris te exporteren en door te spelen naar anderen. Surfen aan de oppervlakte Naast commercialisering en privacygevaren, beperkt online colleges volgen het contact met anderen, terwijl dit cruciaal is voor de persoonlijke ontwikkeling. Jelle van Baardewijk, docent-promovendus Wijsbegeerte aan de Vrije Universiteit van Amsterdam en redacteur van het boek Onderwijs in tijden van digitalisering, noemt online studeren een shortcut. ‘Ik zie een toenemende vervlakking. Studeren draait niet alleen om het opdoen van kennis, maar ook om motivatie en inspiratie. Dit kan een docent het beste overbrengen in een collegezaal.’ Bovendien kom je door je aanwezigheid makkelijker in contact met mensen met wie je normaal niet zo snel in aanraking zou komen. ‘Het internet daarentegen past zich aan op jouw beleving, en sluit je daarmee ook af van ideeën en mensen die daarbuiten vallen’, legt Van Baardewijk uit. Bij sommige grotere studies worden bijna alle colleges al digitaal aangeboden, wat ertoe leidt dat studenten minder vaak naar college gaan. Dit is bijvoorbeeld het geval op de Faculteit der Rechtsgeleerdheid. De RU moet zorgen dat studenten niet te afhankelijk worden van digitale hulpmiddelen. Deze verantwoordelijkheid ligt nu vooral bij gebruikers. Niet geheel naïef De RU is zich tot op zekere hoogte bewust van de risico’s die bij digitalisering komen kijken, maar er valt nog veel te winnen. Hoewel in het vierjarenplan expliciet is opgenomen dat digitalisering het studeren dient te verrijken en niet te vervangen, zijn deze plannen op een aantal punten niet concreet genoeg. De RU is hard bezig haar zaken op orde te krijgen op het gebied van privacy, maar er kunnen duidelijkere afspraken worden gemaakt met commerciële partners over hun rol in het onderwijs. Volgens Jos in den Bosch, programmamanager van ICT in het Onderwijs, moeten studenten erop kunnen vertrouwen dat de RU op een verantwoordelijke manier omgaat met digitale gegevens. Toch ontbreekt precieze communicatie naar de student over hoe de RU deze gegevens beschermt. Ook lijkt de RU zich te weinig bewust te zijn van de toenemende oppervlakkigheid door de hoeveelheid aan weblectures op sommige opleidingen. Digitalisering is een verrijking van het onderwijs, maar de RU moet meer doen om studenten tegen de gevaren te beschermen. ANS

DE PIPET De Pipet is het satirische nieuwsmedium voor (studerend) Nijmegen, dat als doel heeft lezers op een luchtige en humoristische manier te informeren over campusnieuws en het Nijmeegse studentenleven. De Pipet: geen speld tussen te krijgen! Vliegend Spaghettimonster aangetroffen in Hoogeveldt-keuken Forensische onderzoekers hebben eindelijk bewijs gevonden voor het bestaan van het Vliegend Spaghettimonster. Ze ontdekten onlangs dat het monster tot leven moet zijn gekomen in een keuken van studentencomplex Hoogeveldt. Uit sporenonderzoek bleek dat er zich kleine hoeveelheden spaghettigoddelijkheid bevonden tussen de vieze vaat, E. coli bacteriën en schimmels. Al jarenlang wordt gespeculeerd of het spaghettimonster in levende lijve op aarde aanwezig is en nu is er eindelijk bewijs gevonden voor zijn bestaan. Uit een recent gevonden 21e-eeuwse wandtekening blijkt dat het monster niet alleen bestaat uit spaghetti en gehaktballen, maar ook uit stukken koelkast, een dobbelsteen, en onderdelen van een fornuis. Hierdoor is men tot de conclusie gekomen dat Hoogeveldt de enige plek is waar het monster ontstaan kan zijn. De Hoogeveldt-gang waar het spaghettimonster tot leven kwam, is inmiddels omgetoverd tot bedevaartsoord voor hipsters met een vergiet op hun hoofd. Het is nog onduidelijk waar het monster zelf zich momenteel bevindt. De SSH& verzoekt huurders daarom om ramen en deuren gesloten te houden en ook niets rond te laten slingeren dat het monster zou kunnen lokken. ‘Het spaghettimonster leeft bij voorkeur op W5-afwasmiddel, beschimmelde schuursponsjes en restjes pasta. Dus kijk uit!’ Nadat het nieuws zich over de campus had verspreid, werden veel studenten bang dat hun pasta in een monster zou veranderen. Een studente besloot zelfs al haar pasta preventief te verbranden, wat onlangs leidde tot een kleine brand op Hoogeveldt. De SSH& roept de studenten op om rustig te blijven. ‘Er is maar een spaghettimonster. Zolang het onduidelijk is waar dit monster is, hebben we de Hoogeveldt-gluurder gevraagd om een oogje in het zeil te houden. Niets aan de hand dus.’


Adverteren? Kijk op ANS-Online.nl P. 6


Tekst: Danique Janssen/ Foto: Vincent Veerbeek Het Laatste Oordeel Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 7 P. 7

HET LAATSTE OORDEEL Duffe opsommingen of ultiem entertainment? ANS verschanst zich in de collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU. STUDIE: Bestuurskunde COLLEGE: Binnenlands Bestuur, 8 februari,

EINDCIJFER:

13:45-15:30, CC3 DOCENT: Dr. M.L. van Genugten UITSTRALING: Kort, niet pittig PUBLIEK: Geconcentreerde monniken INHOUD: De status van de Nederlandse staat

‘Goedemiddag allemaal’, klinkt het voorzichtig boven het geklets van de eerstejaars Bestuurskundestudenten uit. Voor de zaal staat een glimlachende Marieke van Genugten, die begint met haar uitleg over de inrichting van de Nederlandse staat. Ondanks dit ogenschijnlijk droge onderwerp verkeren de studenten zich in opperste staat van concentratie. Alle ogen zijn op de docent gericht, laptops worden voor niks anders dan aantekeningen gebruikt en bij vragen van de docent schieten er telkens meerdere handen de lucht in. Het is maar goed dat de studenten zo’n onverwoestbare concentratie hebben, want Van Genugten doet weinig om de stof aansprekend te maken. Haar uitleg is helder en informatief, maar blijft serieus en formeel. Na het bespreken van de koning en de minister-president volgen de ministeries, die nogal eens van naam veranderen. De naamswijziging van bijvoorbeeld het ministerie van Veiligheid en Justitie naar Justitie en Veiligheid is minder triviaal dan het lijkt. ‘Het belangrijkste voor dit ministerie is dat we in een rechtstaat leven, dus Justitie moet voorop’, legt Van Genugten uit. De docent, die er een handje van heeft de kennis van haar studenten te willen peilen, vraagt vlak voor de pauze welke ministeries bij welke ministers horen. Een voor een gaat ze de ministeries af. Tijdens deze langdradige ondervraging ziet een deel van de studenten hun kans schoon om eindelijk hun weekendplannen te bespreken, terwijl een ander deel haar vragen beantwoordt. De docent lijkt de aandacht van haar publiek even te verliezen, maar na de pauze zijn de studenten weer bij de les. Ze doorstaan de tweede helft wederom in stilte, terwijl Van Genugten de organisatie van de nationale

politie onder de loep neemt. ‘Dit is geen bestuursorgaan, maar een instelling met een wettelijke taak. De nationale politie heeft haar eigen financiën en gaat hier ook zelf over, maar de minister van Veiligheid en Justitie is verantwoordelijk voor de organisatie.’ Of was het nu Justitie en Veiligheid? Ze raakt er zelf van in de war. De rest van de tweede helft is gereserveerd voor een uiteenlopende uitleg over onder andere zelfstandige bestuursorganen en de vorming van wetten. Hoewel de geconcentreerde luisteraars zich het hele college heldhaftig door de droge stof heen hebben geworsteld, zijn ze er klaar mee zodra de klok half vier slaat. Tassen en etuis worden alvast dichtgeritst terwijl de docent nog doorpraat. Zelfs de concentratie van deze ijverige studenten heeft een limiet.

Het Laatste Oordeel der Studenten De studenten zijn niet voor niks zo gefocust: ze geven massaal aan het onderwerp interessant te vinden. Toch zijn ze in het algemeen slecht voorbereid, dus het is indrukwekkend dat de studenten zoveel vragen van Van Genugten weten te beantwoorden. De studenten zijn ook lovend over de uitleg van de docent. ‘Ze weet waar ze het over heeft’, of korter gezegd: ‘Goed verhaal’. Wel willen ze haar aanraden om rustiger en minder monotoon te praten. Ondanks de grote belangstelling voor de stof zeggen sommige studenten het toch niet te kunnen laten om alvast te dagdromen over de genugten van carnaval. ANS


BEESTENBOEL IN BALANS Van aardvarkens tot zeekoeien, in de ecodisplays van Burgers’ Zoo in Arnhem leven tropische dieren en planten uit allerlei exotische oorden kriskras door elkaar. Welke uitdagingen komen kijken bij het nabootsen van de natuurlijke leefomgeving van deze dieren? ANS gaat op verkenningstocht en dompelt zich onder in de wondere wereld van de dierentuin.


Tekst: Edwin Jonkman/ Foto’s: Syl Bogers Beestenboel in balans P. 9 Ans deze maand P. 9

Metershoge planten, tsjilpende vogels en op de achtergrond het gekletter van een waterval, in het nagebootste tropisch regenwoud van Burgers’ Zoo worden de zintuigen maximaal geprikkeld. De Bush behelst anderhalve hectare waar de exotische flora en fauna uit Afrika, Azië en Zuid-Amerika te bewonderen zijn. Een deel van de dieren, zoals hagedissen en vleermuizen, beweegt vrij door de hal, terwijl aardvarkens, capibara’s en kaaimannen een afgebakend verblijf hebben. Het idee van een ecodisplay, waar op kleine schaal de natuur wordt nagebootst, was bij de opening dertig jaar geleden uniek in Nederland en werd met de nodige scepsis ontvangen. Zelf de dieren opzoeken, in plaats van aapjes achter tralies bekijken, was een revolutionair concept. Inmiddels is de Bush een van de grootste publiekstrekkers van de dierentuin. Meer ecodisplays volgden, met de Mangrove, die vorig jaar is geopend, als nieuwste aanwinst. Hier is een tropisch droogbos uit het Caribisch gebied nagebouwd, inclusief een waterpoel voor zeekoeien. Of het gebied nu dertig jaar bestaat of net open is, bij het verzorgen van alle bijzondere dieren en planten komt een hoop kijken. ANS trekt de kaplaarzen aan en neemt een kijkje achter de schermen van de kunstmatige ongereptheid van Burgers’ Zoo. Wormenpapje Rond half negen ’s ochtends, nog voordat het park opengaat, is het etenstijd voor de vijf aardvarkens. Langzaam ontwaken de Afrikaanse zoogdieren uit een diepe slaap. Op het menu staat een papje van hondenbrokjes, fruit en wormen, aangelengd met warm water. In het wild eten aardvarkens met gemak duizenden termieten op een dag, maar die kan Burgers’ Zoo niet bieden, al was het maar

omdat de insecten al het hout opvreten. ‘Dit is een prima vervanger’, legt hoofdverzorger Christiaan Luttenberg uit. Nadat hij de voerbak achter een bruingrijze, namaak termietenheuvel heeft neergezet, vallen de beesten na enige aarzeling aan. ‘Zo lijkt het aan de voorkant net alsof ze echt uit een termietenheuvel eten.’ Als ze tien minuten later hun buik rond hebben gegeten, graven de aardvarkens een gat waarin ze hun behoeften doen. Voldaan zoeken de beesten hun slaapplek weer op om vervolgens tevreden de ogen te sluiten.

‘We willen liever niet dat de verzorgers knuffelen met de dieren.’ Burgers’ Zoo, de enige dierentuin in Nederland die aardvarkens houdt, leidt een succesvol fokprogramma voor deze diersoort. Vorig jaar nog kwam een gezond aardvarkenjong ter wereld in de Arnhemse dierentuin. Samen met zijn moeder rust het jong in een apart verblijf. Een bijzondere prestatie, aangezien de beesten de ongelukkige eigenschap hebben nogal lomp te zijn. Klungelig beuken ze tegen elkaar en Luttenberg aan. ‘Ze doen wat ze willen en houden met niemand rekening’, grinnikt hij. Hoe komisch hun matige motoriek ook lijkt, er schuilt ook gevaar in. Het kan namelijk gebeuren dat het vrouwtje in de cruciale tijd na de geboorte weigert melk te geven of pardoes op haar jong gaat liggen, iets wat het jonge


Beestenboel in balans Leef, woon, werk, feest... met ANS P. P. 10 10

aardvarken zomaar fataal kan worden. Reden genoeg voor de dierentuin om een pasgeboren jong met extra zorg te behandelen. Een verzorger neemt het beestje de eerste weken mee naar huis om hem daar de fles te geven. Zodra de beesten volwassen zijn, kunnen ze gelukkig zorgeloos stoeipartijen voeren. Terugtrekken in de Bush De aardvarkens hebben hun eigen verblijf, maar het gros van de dieren in de Bush kan zich vrij bewegen door de hele hal. Een knalblauwe waaierduif die ineens uit de bosjes vandaan komt of een vleermuis die razendsnel voorbij scheert, het is een beestenboel van jewelste. Voor Burgers’ Zoo is het belangrijk dat alle dieren zo natuurlijk mogelijk kunnen samenleven, legt bioloog Willeke Huizinga uit. Als curator is zij verantwoordelijk voor het behoud van de planten en dieren in de Bush en Mangrove. ‘Dierenwelzijn is voor mij gewaarborgd als dieren hun natuurlijke gedragingen kunnen laten zien en daar ook een zekere keuze in hebben.’ Vergeleken met een regulier verblijf, omringd met hekken, zitten de dieren in de ecodisplays er volgens haar comfortabel bij. ‘Een vogel kan hier vrijer rondvliegen dan in een klein verblijf en besluit zelf wanneer hij iets gaat eten bij een van de vele voederplekken.’ Toch heeft de grootschaligheid van de Bush ook een nadeel, geeft Huizinga toe. ‘Het is zo dichtbegroeid dat het moeilijk is dieren te monitoren. Vogels laten bijvoorbeeld niet zien dat ze ziek zijn, want dat is een teken van zwakte’, vertelt ze. ‘Als je het beestje weet te pakken, is het negen van de tien keer al te laat.’ De dichte begroeiing is naast een ideale verstopplek voor vogels ook onderdeel van de Nederlandse botanische collectie. Plantenverzorger Ernst Kamphuis ontfermt zich over de talloze cactussen, cacaoplanten, dracaena’s en ander

exotisch groen. Vol trots laat hij de lange rij kweektafels en hangplanten achter de schermen zien. ‘De zaadjes planten we hier buiten het bereik van vogels’, vertelt hij. ‘Zodra ze zijn uitgegroeid tot een levensvatbaar struikje, plaatsen we die beneden in de hal.’ Sommige planten doen er heel lang over. Zo hangen een paar orchideeën al ruim tien jaar in de kas. De meeste bezoekers gaan gelukkig goed om met het groen, maar soms wil het gebeuren dat iemand op een van Kamphuis’ levenswerken staat. ‘Dat hoort er nu eenmaal bij’, zegt hij enigszins schoorvoetend. Terug in de hal wijst hij de ene na de andere plant aan, elk met een eigen verhaal. ‘Hier, de panamahoedenplant. Als hij bloeit, is het een witte pluizenbol en ruikt hij heerlijk. Zijn naam ontleent hij aan de dure hoeden die van zijn vezels worden gemaakt.’ Winter of niet, in de Bush moet constant worden gewerkt. ‘We zijn nu volop aan het snoeien, vooral om de begroeiing onderop in deze donkere dagen meer licht te geven.’ Verboden te voeren Een ecosysteem als dat van de Bush in stand houden is bepaald geen sinecure. ‘Continu maak ik beslissingen over wat mooi is qua beeld, wat goed is voor de dieren en welke planten we moeten behouden’, vertelt Huizinga. ‘Dat is altijd een groot conflict tussen dieren, planten en bezoekers.’ Het komt nog wel eens voor dat bepaalde dieren niet samengaan met planten die in de Bush groeien. ‘Twee jaar geleden bijvoorbeeld begonnen we met drie Madagaskarwevers, kleine roodgekleurde vogels. Niet veel later hadden we er zeshonderd rondvliegen. Omdat ze massaal planten gebruiken als nestmateriaal, liep het groen veel schade op. Toen hebben we besloten vijftien mannetjes te houden en de rest uit te plaatsen naar andere dierentuinen.’ In dit geval won de flora het van de fauna, maar vaker is het andersom. ‘Een dier dat zeldzaam is in het wild of


Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 11

weinig voorkomt in dierentuinen heeft toch vaak de prioriteit.’ En waar staat de bezoeker in de hiërarchie? ‘Hier’, zegt Huizinga lachend, terwijl ze naar de grond wijst. ‘Tenminste, voor mij dan. Voor marketing is dat anders.’ De hordes bezoekers die zich dagelijks een weg door de hal banen, maken van Huizinga’s werk een grote uitdaging. Voor Burgers’ Zoo staat de beleving van bezoekers hoog in het vaandel, maar dat streven gaat niet altijd samen met het open karakter van de Bush. Zo krijgt het voorbijlopende publiek veel dieren niet te zien, omdat een aantal soorten van nature schuchter is en zich het liefst tussen de dichte begroeiing verstopt. ‘Dat is jammer’, bekent ze. ‘Maar dieren die toegankelijker zijn, zoals trompetvogels, kunnen we hier niet houden omdat ze te tam worden. Die komen op buggy’s af, wat mensen dan weer eng vinden. In die zin houden we rekening met het publiek bij het introduceren van diersoorten.’ Direct contact tussen mens en dier is uit den boze. Bij het terras aan de rand van de Bush maakt een bordje duidelijk dat zelf voeren verboden is. ‘Toch hebben mensen de neiging om kruimels aan bedelende dieren te geven, dat kunnen we helaas niet voorkomen. Dieren moeten wat ons betreft zichzelf zijn en zich niet op mensen focussen.’ Dat is ook de reden waarom de dieren zonder naam door het leven gaan en er geen aardvarken Henk of otter Ingrid te vinden is. ‘We willen liever niet dat de verzorgers knuffelen en een band opbouwen met de dieren’, vertelt Huizinga. Zeekoeien op transport Verderop in het park ligt de gloednieuwe Mangrove, een glazen, ronde koepel waarin een tropisch droogbos uit Belize is nagebootst. De binnenkomende zonnestralen zorgen voor een aangename warmte en in vergelijking met de Bush is het veel stiller, bijna vredig zelfs. Alleen subtiel vogelgekwetter en een kabbelend beekje zijn in de verte te horen. Rustig dobberen drie zeekoeien in het zoetwaterbassin. De enorme zoogdieren hebben hun maaltijd al achter de kiezen, zo blijkt uit de restjes andijvie en kool die op het water drijven. Vorig jaar zijn de logge beesten, elk vijfhonderd

kilo, van de Bush naar hun nieuwe stek verhuisd. Dat was volgens dierenverzorger Thomas Dros een helse klus. Met een hijskraan zijn ze uit het water getakeld, waarna twintig man ze via transportkisten het bassin van de Mangrove in hebben geholpen. Binnenkort zullen de zeekoeien gezelschap krijgen van een tropische baarsachtige. ‘De vissen die nu in het bassin zitten, planten zich zo snel voort, dat we deze roofvis gaan introduceren om het systeem in balans te houden’, vertelt hij.

‘Dode vlinders halen we weg. Dat doen we voor het publiek.’ Boven water fladderen kleurige vlindersoorten speels over de paden en door de jonge begroeiing. Als er vol in het zicht van de bezoekers een vlinder in een spinnenweb verstrikt raakt, grijpt Dros in. Na enige moeite is het beestje verlost en kan het weer verder vliegen. ‘Dat is een van de problemen waar je tegenaan loopt in zo’n nieuwe hal’, legt hij uit. Omdat de Mangrove nog in de kinderschoenen staat, komen de verzorgers regelmatig voor verrassingen te staan. Zo bleek een aantal kruisspinnen de hal zijn binnengekomen. ‘Bestrijdingsmiddelen gebruiken we niet, dus we halen de spinnetjes zelf weg zodra we ze tegenkomen.’ Voor het toch al korte leven van veel vlinders is zulk spinnenrag maar wat vervelend. De bijna-fluwelen vleugels van de blauwe morpho slijten binnen drie weken af, waarna het diertje sterft. ‘Dode vlinders halen we weg. Dat hoeft niet per se, maar we doen het vooral voor het publiek.’ Nu doet de Mangrove nog een beetje leeg aan, maar dat zal niet altijd zo blijven. ‘Als de struiken en bomen groter zijn, willen we graag leguanen en saki’s, een apensoort, toevoegen.’ Wellicht dat deze toekomstmuziek de stilte in de Mangrove zal verbreken. ANS


Interview Roy Santiago Tekst: Tijs Sikma/ Foto’s: Simone Both P. 12

Universitaire Studentenraad NU!Medezeggenschap Universitaire Studentenraad (USR) Nijmegen Wil jij op de hoogte blijven van de bezigheden van de USR? Like ons op Facebook, volg ons op Twitter en neem eens een kijkje op onze website. Heb je tips of opmerkingen? Loop gerust even langs bij de USR-kamer (TvA 1.034) of stuur een mail naar usr@ru.nl. Website: www.numedezeggenschap.nl Twitter: @NUMedezeggsch Facebook: www.facebook.com/NUmedezeggenschap E-mail: usr@ru.nl

Hallo studerend Nijmegen! We zijn alweer twee maanden verder in het nieuwe jaar. De tijd gaat ontzettend snel en er is in de afgelopen maanden veel gebeurd. Zo hebben we weer een Gemeenschappelijke Vergadering-cyclus achter de rug, zijn we verhuisd en hebben we een aantal leuke activiteiten op het programma staan. Afschaffen van de propedeutische fase Zoals jullie wellicht niet is ontgaan, is het College van Bestuur van plan om de propedeutische fase af te schaffen. Door de propedeutische fase af te schaffen worden er veel administratieve kosten bespaard. Denk hierbij aan alle propedeusediploma’s die worden gedrukt en de ceremonie die hieraan is verbonden om de diploma’s uit te reiken. Wij, als Universitaire Studentenraad, staan achter de afschaffing vanwege de kostenbesparing. Echter, wij zijn ook voorstander van het vieren van het behalen van je eerste jaar. Het is belangrijk om niet alleen de studenten die de eerste 60 EC nominaal halen in het zonnetje te zetten, maar ook de studenten die in het tweede jaar de eerste 60 EC behalen te feliciteren met hun prestatie. Komende maanden zullen we ons hiervoor blijven inzetten.

Aankomende evenementen De werkgroepen van de USR krijgen het de komende maanden vrij druk. Vooral onze werkgroep activiteiten zal in de maanden februari en maart zeker niet stil zitten! Op woensdag 21 februari zal namelijk wederom de Dag van de Medezeggenschap plaatsvinden. Tijdens deze dag wordt er met verschillende acties aandacht gevraagd voor alle medezeggenschapsorganen op de universiteit. Ook zullen we naar jouw ideeën en suggesties vragen ter verbetering van de universiteit. Daarnaast organiseert de USR op donderdag 22 maart weer de Campusnacht, ditmaal onder de noemer Radboud by Night. Tijdens Radboud by Night kunnen studenten de campus eens op een heel andere manier beleven. Zo organiseren uiteenlopende studentenorganisaties vette activiteiten en zullen jouw docenten tot in de vroege uurtjes fungeren als dj in het Cultuurcafé en de (rave)kelder onder het Cultuurcafé! En dat wil je toch niet missen? Sinds januari zijn wij te vinden in de Thomas van Aquinostraat 1.034. Loop vooral een keer binnen als je vragen of ideeën hebt of neem contact met ons op via usr@ru.nl. Om op de hoogte te blijven van onze activiteiten kun je natuurlijk ook onze Facebookpagina liken!

(Advertentie)


Ans deze maand P. 13


www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon P. 14

ZWANGER? GA NAAR HUIS! Moniek Tromp is op dit moment een van de drie vrouwelijke professoren aan de bètafaculteit van de Universiteit van Amsterdam. Ook in de rest van Nederland zijn er maar weinig vrouwen die een topfunctie in de bètawetenschap beoefenen. ‘Je hoeft je vrouwelijkheid niet te verstoppen om het te redden in de wetenschap.’


Zwanger? Ga naar huis! Tekst: Julia Mars/ Foto’s: Lin Woldendorp P. 15

‘Ga toch naar huis, als je kinderen hebt hoor je niet te werken.’ Dit kreeg chemicus Moniek Tromp nog geen vier jaar geleden in Duitsland van haar collega’s te horen toen ze zwanger werd. In de wereld van de bètawetenschap heerst nog altijd een conservatieve houding tegenover vrouwen die werken. Tromp trok zich niets van het commentaar van haar collega’s aan en bleef onverstoord doorgaan met haar onderzoek. Tegenwoordig is ze universitair hoofddocent Sustainable Materials Characterisation aan de Universiteit van Amsterdam (UvA). Haar onderzoek richt zich op het ontwikkelen van technieken voor het analyseren van materialen en chemische reacties in bijvoorbeeld batterijen en katalysatoren. Daarnaast maakt Tromp zich hard voor de positie van vrouwen in de wetenschap. Zo werkt ze momenteel samen met het VHTO, een landelijk netwerk ter bevordering van meisjes in de techniek, aan een project dat basisschoolkinderen bewust moet maken van de gender bias. Voor haar inzet voor gendergelijkheid in de wetenschap ontving Tromp afgelopen december de Athenaprijs van de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, een prijs die vrouwelijke rolmodellen in de scheikunde in de schijnwerpers zet.

‘Toen mijn kind geboren was, heb ik gewoon borstvoeding gegeven onder een sjaal.’ Een prijs speciaal voor vrouwen, wat vindt u daar van? ‘Ik voel me nooit helemaal op mijn gemak bij activiteiten en prijzen die alleen op vrouwen zijn gericht. Ik wil worden gewaardeerd op basis van het onderzoek dat ik verricht, niet vanwege mijn geslacht. Toch merk ik aan mijn studenten en mijn promovendi dat ze het fijn vinden een rolmodel te hebben. Ik hoor vaak van vrouwen om me heen dat ze de indruk krijgen dat er in de wetenschap geen plek voor ze is, omdat ze zo weinig vrouwen in topfuncties zien. Ik kreeg veel aandacht vanwege de onderscheiding. Omdat de uitslag al voor de uitreiking was bekendgemaakt, was ik diezelfde ochtend nog te gast bij Radio 1. Laatst ben ik ook nog geïnterviewd door BNR Radio en Het Parool. Een prijs als de Athenaprijs bewijst aan zowel mannen als vrouwen dat het voor vrouwen mogelijk is om een topfunctie te bekleden in de wetenschap. De onderscheiding moet vrouwen stimuleren om door te zetten om hogerop te komen.’ Wat merkt u zelf van de genderkloof in de academische wereld? ‘Ik merk dat veel vrouwen om me heen zich niet serieus genomen voelen. Van 2010 tot 2014 was ik aan de Technische Universiteit München Gender Equality Officer, een vertrouwenspersoon voor vrouwen die problemen op de werkvloer ervaren. Daar heb ik van veel vrouwen gehoord dat hun mening bijvoorbeeld niet wordt meegenomen bij belang-

Ans deze maand P. 15

rijke beslissingen, dat ze niet eerlijk worden beoordeeld in evaluatiegesprekken of niet in aanmerking komen voor promotie. Omdat de kans bestaat dat vrouwen zwanger kunnen worden, gaven mijn mannelijke collega’s in Duitsland hun vrouwelijke assistenten in opleiding steeds een halfjaarcontract in plaats van een vierjaarcontract. Gelukkig heb ik ervoor kunnen zorgen dat dit nu niet meer mag. Ik merk dat Nederland minder conservatief tegenover vrouwen staat dan Duitsland, maar ook op de UvA komen vrouwen regelmatig naar me toe met soortgelijke verhalen.’ Hoe houdt u zich staande in de mannenwereld van de wetenschap? ‘Mijn vader was installateur en had een eigen bedrijf. Ik ben dus opgegroeid in een mannencultuur. Dit heeft ervoor gezorgd dat ik redelijk assertief ben. Ook op de universiteit maken collega’s regelmatig flauwe grappen en daar kan ik wel in meegaan. Wanneer ze mijn grens overschrijden, trek ik mijn mond open. Ik denk dat veel vrouwen in dit soort situaties al snel te geprikkeld reageren. Ze voelen zich aangevallen, maar lopen vervolgens weg in plaats van dat ze er iets van zeggen.’ Hoe zouden vrouwen hier dan tegenin moeten gaan en is dat wel een realistische verwachting voor vrouwen die nog onderaan de carrièreladder staan? ‘Door een grap terug te maken, of gewoon te zeggen dat je er niet van gediend bent. Het is natuurlijk gevaarlijk om te zeggen in deze #MeToo-tijd, maar ik vind dat vrouwen wel wat meer tegengas mogen geven. Wanneer je het niet eens bent met een negatieve beoordeling omdat je je niet serieus genomen voelt, mag je deze weigeren. Veel vrouwen weten niet dat dit kan, of waar ze hun klacht moeten indienen. Ik denk dat het belangrijk is dat duidelijk wordt gemaakt waar deze vrouwen terecht kunnen. Ik kan me voorstellen dat wanneer iemand nieuw is in een groep, of als ze zich afhankelijk voelt van haar supervisor, ze niet zomaar voor zichzelf opkomt. Op de UvA is sinds kort een Gender Diversity Officer aangesteld, die naast het College van Bestuur werkt om van bovenaf bekend te maken waar deze vrouwen hun problemen kunnen melden.’ Naast diversity officers is er sprake van een wettelijk vastgelegd vrouwenquotum in de wetenschap. Wat vindt u daarvan? ‘Een vrouwenquotum is nodig om vrouwen een kans te bieden zichzelf te bewijzen. Bij een sollicitatie bepaalt een commissie wie er wordt aangenomen. Als deze commissie voornamelijk bestaat uit mensen met conservatieve opvattingen over de positie van een vrouw, dan is zij altijd in het nadeel. Het vrouwenquotum helpt vrouwen aan een baan, maar dat betekent niet dat je het ze daarmee makkelijker maakt. Ze moet zich nog steeds bewijzen. In mijn omgeving hoor ik wel eens vrouwen klagen dat ze elke dag netjes hun werk doen, maar niet hogerop komen. Dat mag je tegenwoordig ook niet verwachten in de wetenschappelijke wereld. Voor iedere euro onderzoeksfinanciering moet worden gevochten, dat geldt voor beide geslachten. Je


Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 16

zult jezelf moeten laten zien door bijvoorbeeld congressen te bezoeken of zitting te nemen in commissies om op die manier een netwerk op te bouwen.’

‘De wetenschap lijkt nog altijd te worden gedomineerd door conservatieve mannen.’ Zijn er nog andere manieren dan de Athenaprijs en een vrouwenquotum om de genderkloof aan te pakken? ‘Samen met het VHTO zet ik me in voor een programma voor kinderen in de groepen een en twee van de lagere school. Het schijnt namelijk zo te zijn dat kinderen rond hun zesde levensjaar een gender bias ontwikkelen, die later nog maar moeilijk kan worden veranderd. Bij mijn eigen kinderen merk ik dat ook. Ik heb zelf altijd gewerkt, ook nadat ik moeder werd. Toch kwam mijn dochter van negen thuis van school en zei: “Ik wil later moeder worden, dus dan kan ik niet werken.” Vreemd, want ze heeft aan mij een ander voorbeeld gehad. In het project laten we kinderen mensen met verschillende beroepen tekenen, zoals kapitein, politieagent of piloot. Zowel jongens als meisjes tekenen vrijwel altijd mannen. Daarna laten we een vrouw

Zwanger? Ga naar huis! P. 16

die dat beroep uitoefent de klas binnenkomen om erover te vertellen. De kinderen denken vaak dat de vrouw verkleedkleren aanheeft, maar na afloop krijgen we van veel ouders te horen dat hun dochter nu kapitein wil worden.’ Zijn er ook keerzijden aan de aandacht voor vrouwen in de wetenschap? ‘Ik heb een aantal vriendinnen die ook gepromoveerd zijn, maar er daarna bewust voor hebben gekozen om niet te gaan werken en voor hun kinderen te zorgen. Daar krijgen zij regelmatig commentaar op van hun omgeving. Ze zijn gepromoveerd, de maatschappij heeft in ze geïnvesteerd, dus mensen vragen zich af waarom ze thuis blijven. Natuurlijk wil ik meer vrouwen aan het werk zien, maar ik vind het ook belangrijk dat vrouwen hun eigen keuzes kunnen maken, ook als ze ervoor kiezen om thuis te blijven om de kinderen op te voeden.’ Welke boodschap wilt u jonge studenten meegeven? ‘De wetenschap lijkt nog altijd te worden gedomineerd door conservatieve mannen. Ik wil laten zien dat je je als vrouw niet als zo’n man hoeft voor te doen om een topfunctie te bereiken. Ik heb me als vrouw nooit verstopt. Toen mijn kinderen waren geboren, heb ik tijdens vergaderingen gewoon borstvoeding gegeven onder een sjaal. Ik wil laten zien dat vrouwen in de wetenschap gewoon zichzelf kunnen zijn. Je moet opstaan om jezelf te laten zien en van jezelf te laten horen.’ ANS


Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 17


www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon P. 18


Ans deze maand P. 19


Ten minste onhoudbaar tot Tekst: Aaricia Kayzer/ Illustraties: Bibi Queisen P. 20

TEN MINSTE ONHOUDBAAR TOT Nederlanders eten elk jaar kilo’s avocado’s, blauwe bessen en asperges. Goed voor de gezondheid, maar minder voordelig voor bijvoorbeeld het milieu. Daarentegen zijn sommige duurzame producten, zoals vleesvervangers, slecht voor de gezondheid. Wat zijn de keerzijden van ons eetgedrag? Supermarkten bieden een overweldigende hoeveelheid producten aan. Pindakaas in allerlei texturen, tientallen smaken chips en zelfs schappen vol met lactosevrije of glutenvrije alternatieven. De meeste supermarktbezoekers doen hun best bewust bezig te zijn met voedsel. Frikadelbroodjes en pizza’s zijn ongezond en eieren met een biologisch keurmerk zijn beter dan eieren van opgehokte legkippen. Menig bezoeker zal zichzelf heimelijk een schouderklopje geven bij het kopen van een gezonde maaltijdsalade. Toch is het maken van een bewuste voedselkeuze moeilijker dan het lijkt. Mango’s zijn bijvoorbeeld gezond, maar voor de teelt is vaak veel water nodig. Ontbijtgranen zijn dan weer duurzaam geproduceerd, maar bevatten vaak veel toegevoegde suikers. Daarnaast zorgt de drang om gezond te eten ervoor dat sommige producten, zoals quinoa of avocado’s, opgehemeld worden. Voor de consument is zo’n aankoop een gezonde keus, maar elders in de productieketen leidt dit tot verspilling en grote transportafstanden. Wat is de nare bijsmaak van onze ‘bewuste’ voedselconsumptie?

Een plotse verandering in het voedselsysteem is per definitie negatief. Placebo-gezondheid Elk jaar worden er talloze nieuwe diëten de wereld ingestuurd. Mensen die bijvoorbeeld het oerdieet volgen, eten zoals jager-verzamelaars deden. Andere voorbeelden van populaire diëten zijn koolhydraatarm of glutenvrij eten, veganisme, detoxkuren, eitwitshakes of het achtweeksebloedsuikerdieet om een verhoogde bloedsuikerspiegel tegen te gaan. Deze diëten maken maar een klein deel uit van de eetregimes die Joost Drenth, afdelingshoofd van de Maag-, Darm- en Leverafdeling van het RadboudUMC, tegenkomt. Sommige

diëten kunnen weinig kwaad. Glutenvrij eten zonder allergie is bijvoorbeeld niet schadelijk. Drenth ziet veel patiënten die klachten hebben als een gezwollen buik of misselijkheid. Vaak zijn ze ervan overtuigd dat ze een allergie hebben voor gluten. Zelfs als onderzoek uitwijst dat dit niet het geval is, blijven ze hieraan vasthouden. ‘Toch ervaren deze patiënten door het volgen van een glutenvrij dieet vaak een verlichting van hun klachten.’ Dit effect is waarschijnlijk toe te schrijven aan de houding van de patiënt, vertelt Drenth. ‘Ze zijn ervan overtuigd dat zo’n dieet het beste voor hen is. Daardoor voelen ze zich beter en dat maakt de weerstand om van het dieet af te stappen erg groot.’ De gezondheidsvoordelen getuigen dus van een placebo-effect. Glutenvrij eten zonder daadwerkelijke allergie is hooguit irritant voor restaurants en gastvrije vrienden, maar negatieve gevolgen voor de gezondheid heeft het niet. Koolhydraten, die veelal in producten met gluten zitten, zijn namelijk ook uit glutenvrije producten te halen. Andere diëten, zoals veganistisch eten, kunnen wel schadelijke gevolgen hebben. Het enkel eten van plantaardige producten is misschien goed voor het milieu, maar vaak minder gunstig voor de gezondheid. ‘Veganisten moeten hard werken om genoeg onverzadigde vetzuren, vitamines en ijzer binnen te halen. Dat is niet makkelijk’, vertelt Drenth. Mensen lezen zich vaak niet in en zijn daarom slecht op de hoogte van de supplementen die ze moeten slikken. Het risico op een tekort bestaat bij alle diëten die snel eenzijdig worden, zoals een koolhydraat- of vetarm dieet. Verloren oogst De drang om gezond te eten leidt tot bijzondere diëten. Deze diëten bevatten vaak producten die bekend staan om hun zogenaamd bovennatuurlijke gezondheidseffecten. Avocado’s schijnen bijvoorbeeld goed te zijn voor de hersenen, het zicht, de bloeddruk en het hart. Daarnaast zouden ze zelfs kanker tegengaan. De verkoop van de vrucht is de afgelopen drie jaar dan ook verdubbeld.


Ten minste onhoudbaar tot Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 21 P. 21

De avocado’s die massaal worden verorberd, moeten vanzelfsprekend ergens vandaan komen. Zo’n sterke toename in de vraag naar een product kan een heel voedselsysteem ontregelen, legt Sanderine Nonhebel, onderzoeker bij het Centrum voor Energie en Milieukunde in Groningen, uit. ‘Een boer die nu iets zaait, kan pas over een half jaar oogsten.’ Wanneer de vraag naar een bepaald product ineens afneemt, is de reeds gezaaide oogst ineens nutteloos. Dit leidt tot enorme verspilling. ‘Een voedselsysteem moet in balans zijn’, aldus Nonhebel. Om te voldoen aan de groeiende vraag naar bepaalde producten moeten supermarkten steeds vaker de grens over voor voldoende aanbod, omdat lokale leveranciers tekort schieten. ‘Daardoor krijg je grote transportafstanden’, aldus Nonhebel. Dat zorgt voor meer uitstoot en meer vervuiling. Een plotselinge verandering in een voedselsysteem is daarom per definitie negatief, vertelt Nonhebel. ‘Zo’n systeem heeft tijd nodig om opnieuw in evenwicht te komen.’ Veranderingen in ons eetpatroon kunnen best op een duurzame manier tot stand komen, maar dan moeten ze wel geleidelijk gaan. ‘Stel we worden morgen allemaal vegetariër. Dat is een probleem, omdat er dan een overschot aan vlees en veehouderijen ontstaat. Wanneer we elk jaar geleidelijk iets minder vlees eten, kan het systeem zich aanpassen.’ De juiste keuze De duurzaamheid of gezondheidswaarde van een product is afhankelijk van veel factoren. Bij het maken van een product kan bijvoorbeeld sprake zijn geweest van beroerde werkomstandigheden, dierenmishande-

ling, ontbossing of uitputting van landbouwgrond. Het is moeilijk om producten te produceren die op al deze gebieden duurzaam zijn. Zo kan een product biologisch zijn, terwijl er sprake is van kinderarbeid of uitbuiting. Vis die door de supermarkt als ‘duurzaam’ wordt bestempeld, kan alsnog slecht zijn voor het milieu wegens overbevissing of vangtechnieken die schadelijk zijn voor de zeebodem. Het besef dat bewust eten niet alleen berust op hoe gezond een product is, leidt tot de ontwikkeling van nieuwe voedseladviezen. Nog geen vijf jaar geleden was het advies van het Voedingscentrum bijvoorbeeld om twee keer in de week verse vis te eten. Dat is niet houdbaar, vertelt Nonhebel. ‘Zoveel vis is er niet in de wereld. Moeten Nederlanders dan alle vis opeten?’ In recente voedseladviezen wordt daarom steeds meer rekening gehouden met duurzaamheid. ‘Een combinatie van instituten, waaronder verschillende universiteiten, het Voedingscentrum en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, zijn bezig met het ontwikkelen van een voedseladvies waarbij ook de milieu-effecten worden meegenomen’, aldus Nonhebel. Ook deze adviezen zullen echter onderhevig zijn aan de veranderende kennis over de invloed van ons consumptiegedrag op de rest van de wereld. Eerlijke voorlichting Voor de meeste consumenten is het echter een stuk makkelijker om af te gaan op een keurmerk in de supermarkt dan op een uitgebreid geformuleerd voedingsadvies op internet. Keurmerken zijn net als voedingsadviezen constant in verandering. Zo is het


Ten minste onhoudbaar tot P. 22

in uitdagen. Zo geeft Tony Chocolonely toe dat slaafvrije chocolade simpelweg niet bestaat. Door hier zelf naar te streven, hopen ze het goede voorbeeld te stellen voor andere chocolademerken. Daarnaast moeten supermarkten transparanter zijn om de consument op die manier beter voor te lichten, vindt Linnebank. ‘Op het etiket van een product staan ingrediënten en voedingswaarden. Hoewel merken verplicht zijn om alle ingrediënten te vermelden, wordt van veel ingrediënten niet verteld hoe ze zijn geproduceerd.’ Op producten die palmolie bevatten, zoals Oreo’s, Cup-à-Soup of Calvé-pindakaas, staat niet of die palmolie duurzaam is geproduceerd. ‘Supermarkten kunnen zich hard maken voor meer keurmerken’, aldus Linnebank. Of supermarkten dit uit puur idealistische overwegingen gaan doen, is natuurlijk maar de vraag. Wellicht werpt een wettelijke verplichting meer duurzame vruchten af. ANS

ANS ZOEKT MEDEWERKERS, Vinkje, dat aangeeft of een product binnen een productgroep de meest gezonde of meest bewuste keuze is, in 2016 afgeschaft. Toenmalig minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Edith Schippers meende dat de meest gezonde of bewuste keus voor een individu niet te vatten is in een logo.

‘Bedrijven moeten worden uitgedaagd om te voldoen aan een hogere standaard.’ Hoewel dus niet alle keurmerken evenveel zeggen, vormen ze een goede leidraad, vindt Charlotte Linnebank, directeur van Stichting Questionmark. Deze stichting geeft onafhankelijke voedseladviezen in vier categorieën, namelijk milieu, dierenwelzijn, mensenrechten en gezondheid. ‘Wanneer het keumerk ‘biologisch’ op een product staat, kun je ervan uitgaan dat dit product echt op biologische wijze is geproduceerd. De controle op keurmerken is streng.’ Het is volgens Linnebank niet effectief om consumenten af te raden naar keurmerken te kijken. De vraag is wat haar betreft namelijk niet of de huidige keurmerken betrouwbaar genoeg zijn, maar of de eisen die aan keurmerken worden gesteld hoog genoeg zijn. ‘Bedrijven moeten worden uitgedaagd om te voldoen aan een hogere standaard.’ Merken kunnen zichzelf hier ook

VERTALERS EN FOTOGRAFEN Vind jij het leuk om te schrijven, te vertalen of te fotograferen? Kom dan langs op ons kantoor (onder het Gymnasion) of stuur een mail naar redactie@ans-online.nl.


Tekst en foto’s: Naomi Habashy en Aaricia Kayzer/ Illustraties: Joost Dekkers Graadmeter Ans De deze maand P. 23 P. 23

DE GRAADMETER In De Graadmeter zijn de mogelijkheden niet te overzien. Waar kun je het beste wildkamperen, wat is het hipste kapsel en hoe scoor je het snelst een bedpartner? In De Graadmeter onderzoekt ANS de opties. Deze keer: Alternatieve verzorgingsproducten

Wat: Citroen als deodorant Moeite: Wrijf het er maar in Resultaat: Gele oksels Je hebt in je leven heel wat bussen deodorant leeggespoten voor een aangename lichaamsgeur. Ondanks de verbloemende werking kom je tot inkeer, want het gat in de ozonlaag is groot genoeg. Wanneer alle chemische troep je het leven zuur maakt, is met een schijfje citroen onder je armen wrijven een natuurlijke en milieuvriendelijke oplossing. Hoewel je op de koop toe moet nemen dat je door het citroensap naar een pas gedweilde keuken ruikt, prikt het niet en kost het slechts een prikkie. Het vergt wel iets meer moeite dan een traditionele anti-transpirant, want even snel sprayen of rollen is er niet bij. Daarnaast blijven je oksels niet zo lang fris als gehoopt. Maar kop op, zuurpruim, het milieu bedankt je!

Wat: Tanden poetsen met kokosolie Moeite: Geklieder met exotisch vet Resultaat: Schoon zonder mint Eerder dan verwacht ben je door je voordeelpak Prodent heen. Hierdoor sta je met een mond vol tanden, want het komende uur heb je een belangrijke afspraak en voor die tijd moet de eethoek natuurlijk worden schoongemaakt. In zo’n geval is kokosolie een redder in nood. Het spul doet keurig zijn werk en is daarnaast ook nog eens scherp geprijsd: je hebt al een halve kilo kokosolie voor slechts drieënhalve euro. Het poetsen zelf is een beetje behelpen, want een klodder op je tandenborstel leggen vereist opperste concentratie en het kost moeite om alles binnensmonds te houden. Ook levert het geen tandpastaglimlach op, want van extra whitening en mintfresh is geen sprake. Toch voelt het schoon aan, dus over je gebit zal niemand je aan de tand voelen.

Benieuwd naar meer alternatieve verzorgingsproducten? Kijk op ANS-Online.nl.

Wat: Pindakaas als scheerschuim Moeite: Smeren en scheren Resultaat: Beste beentje voor ’s Ochtends blijkt het laatste restant scheerschuim uit je bus zelfs niet genoeg om een vierkante centimeter beenhaar mee weg te scheren. Gebukt onder sociale normen voel je de noodzaak koste wat kost de jungle op je benen te kappen. Gelukkig werkt een pot pindakaas niet alleen als smeuïg smeersel voor op brood, maar ook als beenbeleg in karige tijden. Sierlijk steek je een been in de lucht om de haren te bedekken met een laag bruine smurrie. Het goedje is dik waardoor de boel niet gesmeerd gaat. De pindakaas bevat kleine korrels die blijven steken tussen de mesjes, waardoor het scheerproces tergend langzaam verloopt. De enige troost is dat je benen door de olie in de pindakaas na het afspoelen lekker zacht zijn. ANS


www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon P. 24


Ans deze maand P. 25


DE VELUWE ONTKETEND


Tekst: Chiel Nijhuis/ Foto’s: Vincent Veerbeek De Veluwe ontketend P. 27

In zijn nieuwste film Wild brengt natuurfilmmaker Luc Enting de ruige kant van de Veluwe in beeld. Met zijn werk wil hij natuurliefhebbers de schoonheid en de kwetsbaarheid van het natuurgebied tonen. ‘Wat je in de film te zien krijgt, zijn de laatste stukjes ongerepte natuur op de Veluwe.’

Natuurfilmmaker Luc Enting komt twintig minuten later dan afgesproken bij zijn kantoor in Ede aan. ‘Ik had nog wat harde schijven met beeldmateriaal thuis laten liggen die ik op moest halen.’ Het mag dan een slechte smoes zijn, toch heeft Enting de laatste drie jaar genoeg beeldmaterieel verzameld. Voor zijn nieuwste film Wild, die sinds februari in de Nederlandse bioscopen draait, heeft hij meer dan duizend uur op de Veluwe doorgebracht. In Wild wordt de kijker onder begeleiding van een voice-over van André van Duin meegenomen naar het natuurgebied. De film onderscheidt zich volgens Enting van andere natuurdocumentaires doordat er een verhaallijn in is verwerkt en de dieren karakters hebben. Enting volgt een gezin met jonge everzwijnen en hij laat zien hoe jonge vossen opgroeien en op eigen benen leren staan. ‘Als filmmaker ben ik vooral geïnteresseerd in gedrag. Beelden moeten een verhaal vertellen, anders kun je net zo goed bewegend behang maken.’ Zijn films hebben volgens Enting vooral een maatschappelijke functie. ‘Ik wil het belang van natuurbescherming laten zien. De Veluwe lijkt groot maar dat valt vies tegen.’ De Veluwe heeft een ruwe oppervlakte van ongeveer 100.000 hectare en is daarmee het grootste aaneengesloten natuurgebied van West-Europa, maar door de dorpen die er staan en andere menselijke activiteit is de hoeveelheid ongerepte natuur beperkt. Entings interesse voor de natuur ontstond toen hij als planoloog werkte bij de gemeente Ede, waar hij als amateur begon met het filmen van wilde dieren. Uiteindelijk is hij natuurfilms gaan maken voor de publieke omroep en natuurorganisaties. Bevlogen vertelt hij hoe het idee voor Wild is ontstaan en hoe hij denkt dat zijn films kunnen bijdragen aan de bescherming van natuur in Nederland. Eten of gegeten worden Een van de redenen dat Enting natuurfilms is gaan maken, is om het belang van natuurbeheer in Nederland te onderstrepen. ‘Mijn werk heeft altijd een missie. Ik wil dat door mijn films gesprekken op gang komen over het bevorderen van natuurzonering.’ Lang heeft Enting dat gedaan met films voor televisie. Producties als Ambassadeur van de natuur over edelherten in Nederland en Oosterschelde over Nationaal Park Oosterschelde, behoren onder andere tot zijn oeuvre. ‘Ik heb een tijd lang het idee gehad om een film te maken over de toekomstige

verbinding tussen de Veluwe en de Oostvaardersplassen.’ Door alle menselijke activiteit versnippert de Nederlandse natuur. Het aanleggen van een ecoduct tussen de Veluwe en de Oostvaardersplassen was een van de plannen om de versnippering van groen tegen te gaan. ‘De verbinding tussen deze twee natuurgebieden is er helaas nooit gekomen. De film is daarom in de ijskast gezet omdat financiers er geen brood in zagen.’ In 2013 is er toch een film uitgebracht over de Oostvaardersplassen, De Nieuwe Wildernis, maar deze is gemaakt door een concurrent van Enting. ‘De regisseur van deze film, Ruben Smit, kende ik goed, dus ik was verrast dat hij hier wel een film over mocht maken. Daar heb ik mij bij neer gelegd. Ook in de filmwereld geldt: de een zijn dood is de ander zijn brood.’

In de film krijgen dieren menselijke eigenschappen toegedicht. Hoewel de productie van De Nieuwe Wildernis een tegenslag was voor Enting, kwam er hierdoor wel meer publieke belangstelling voor natuurfilms. Mede dankzij het succes van de concurrent is Wild mogelijk geworden. ‘Na het succes van De Nieuwe Wildernis ben ik gaan praten met AVRO/TROS over een biosscoopfilm over de Veluwe. Bij de omroep waren ze gelijk enthousiast. De film mocht alleen niet te veel lijken op De Nieuwe Wildernis, wat echt een documentaire is. Daarom hebben wij ervoor gekozen om Wild filmisch op te zetten en er een verhaallijn in te verwerken.’ Door deze keuze wijkt Wild erg af van de doorsnee natuurdocumentaire. In de film krijgen de dieren die in beeld komen menselijke eigenschappen toegedicht. Zo wordt in de film verteld dat vader everzwijn thuiskomt bij zijn gezin, dat bestaat uit een zeug en zes biggen. Volgens Enting is de analogie tussen mensen en dieren minder vergezocht dan het lijkt. ‘Als je lang genoeg naar dieren kijkt, valt het op dat ook dieren een eigen persoonlijkheid hebben.’ Hij noemt als voorbeeld een jong hert dat ligt te rollen in de urine van een ouder hert, om zo zijn geur over te nemen. ‘Dat gedrag kan je vergelijken met een puber die voor het eerst aftershave op doet voor het uitgaan. Natuurlijk gaat


deze vergelijking niet op, maar het is wel een manier om dierlijk gedrag aan mensen uit te leggen.’

‘Raven zijn zo slim dat ze de dummycamera’s doorhadden en hun nest verplaatsten.’ Shot van de stagiair Tijdens het filmen is het Enting gelukt een aantal zeldzame momenten vast te leggen. Zo zit er een scène in de film waarin een vos een jong everzwijn te pakken krijgt. ‘Voor mensen die de film zien, is het vaak een verrassing dat vossen op jonge biggen jagen. Het komt zo zelden voor dat zelfs boswachters zeiden dat het ons nooit zou lukken dit in beeld te brengen.’ Dat het toch is gelukt, ligt vooral aan het aantal uren dat Enting met een filmploeg in het veld heeft doorgebracht. ‘Toen we te horen kregen dat in het gebied een vos aanwezig was, zijn we daar direct gaan zitten tijdens de uren waarop de dieren actief zijn. Gelukkig stond de wind in die week erg gunstig, waardoor we het gedrag van de

dieren niet met onze geur verstoorden. Hierdoor konden we daar met twee camera’s werken.’ Glimlachend voegt hij daaraan toe: ‘Uiteindelijk is het shot gemaakt door een stagiair en niet door mijzelf.’ Volgens Enting is tijdens de opnames het belang van de dieren vooropgesteld, ook als dit ten koste ging van bepaalde scènes. ‘We hebben maatregelen getroffen om te voorkomen dat we tijdens het filmen het natuurlijke gedrag van de dieren verstoren. Van tevoren hebben we afgesproken dat we niet in een gebied gaan lopen, maar dat we werken vanuit vaste hutten. Ook al is er nog zoveel activiteit die dag.’ Doordat Enting terughoudend te werk ging, is het hem niet gelukt alle scènes te maken die hij van tevoren had gepland. ‘Een van de karakters die ik graag in de film had verwerkt, was de raaf. Die beesten zijn echter zo slim dat ze de dummycamera doorhadden en hun nest steeds verplaatsten.’ Een andere beperking bij het filmen was dat bepaalde plekken ontoegankelijk waren vanwege menselijke activiteiten. ‘Het is ons bijvoorbeeld niet gelukt te filmen in de buurt van defensieterreinen. Daar werd zoveel geoefend dat we erg vroeg van tevoren moesten aangeven wanneer we wilden filmen. Dat is niet te doen als je in de natuur werkt.’


Column Thom Wijenberg P. 29 Ans deze maand P. 29

Natuur in Nederland De defensieterreinen, dorpen en andere vormen van menselijke beschaving die op allerlei plekken in de Veluwe te vinden zijn, zorgen ervoor dat de natuur in het gebied erg versnipperd is. ‘Als je naar de oppervlakte van het gebied kijkt, lijkt het met de natuur op de Veluwe goed gesteld. Wat je in de film te zien krijgt zijn echter de laatste stukjes ongerepte natuur.’ Enting vindt het belangrijk dat het groen niet verder uitdunt. ‘Als natuur te weinig ruimte krijgt, hebben dieren onvoldoende kans om voor mensen te vluchten en worden ze uiteindelijk tam.’ Op bepaalde plekken in Europa, zoals Jægersborg in Denemarken, gebeurt dit al. ‘De edelherten zijn daar zo aan mensen gewend geraakt, dat ze niet meer voor mensen wegvluchten.’ Dit probleem speelt volgens Enting ook in de Waterleidingduinen in ons eigen land. ‘De vossen zijn daar zo tam dat ze uit je hand eten. Dagjesmensen hebben hierdoor de tijd van hun leven, maar voor mij is de lol eraf. Gelukkig zijn de dieren op de Veluwe nog erg schuw.’ Door het geven van lezingen over zijn film hoopt Enting bestuurders van de provincie Gelderland en de Veluwse gemeenten bewust te maken van het belang van goed natuurbeheer. Met enige trots vertelt hij dat zijn presentaties hun vruchten beginnen af te werpen. ‘Je ziet dat dankzij de film gesprekken op gang komen onder bestuurders van de provincie Gelderland en de Veluwse gemeenten om de Veluwe meer als een geheel te beheren.’ Het zal nog even duren voor er een nieuwe film van Enting op het witte doek verschijnt. Toch geeft de filmmaker aan niet stil te zitten. ‘Ik ben in opdracht van natuurorganisaties bezig met het plaatsen van webcams binnen natuurgebieden.’ Een van die webcamprojecten is Beleef de Lente, een initiatief van Vogelbescherming Nederland, waar geïnteresseerden live naar het gedrag van vogels kunnen kijken. Enting houdt zich daarnaast graag bezig met het overbrengen van zijn enthousiasme. ‘Een tijd geleden gaf ik een presentatie aan 250 vrijwilligers van Staatsbosbeheer. Ik vind het leuk om te zien dat ik mensen die zelf vaak in de natuur komen toch nog kan verrassen.’ ANS

SIDE SALAD Thom Wijenberg serveert in het ANS een vers en gezond bijgerecht op basis van studentikoze belevenissen en frustraties. Kan sporen van ironie, fictie en zelfverheerlijking bevatten. Net als een flink deel van de Nijmeegse studenten liggen mijn wortels in Limburg. Deze provincie beroept zich op een aantal exclusieve exportproducten, zoals vlaaien, heuvels en een zekere politicus die zijn haar al bleekte voordat Amerikaanse popsterren het deden. Veruit het belangrijkste is echter de Limburgse vastelaovend, die kortgeleden weer als een orkaan door het zuidelijkste stuk van Nederland raasde. Vlak voor het feest dit jaar losbarstte, was in de documentaire Nao ’t Zuuje op NPO3 te zien wat die vastelaovend nou precies inhoudt. Radiopresentator Lex Uiting, die in 2017 in Venlo werd uitgeroepen tot prins carnaval, maakte de film in de hoop de vooroordelen omtrent deze Limburgse traditie te verwerpen. Dat vastelaovend inderdaad geen banaal zuip- en hosfeest is, weet ik uit eigen ervaring. Als echte Venlonaar liep ik immers al van kinds af aan mee in de optochten en polonaises. Sinds ik in Nijmegen studeer, is mijn enthousiasme voor het feest echter getaand en ben ik er ook anders naar gaan kijken. Kritischer, of in ieder geval vanuit een ander perspectief. Allereerst ligt er natuurlijk een flinke dosis cultural appropriation ten grondslag aan het verkleedfeest en ook de man-vrouwverhouding is niet bepaald gelijk. Zo worden de belangrijkste ceremoniële functies in een carnavalsvereniging steevast door mannen vervuld: prins, vorst, ceremoniemeester etc. De enige positie die een vrouw kan vervullen, is die van ‘dansmarieke’. Hoewel haar rol per dorp lichtelijk verschilt, bestaat haar weinig prestigieuze takenpakket vooral uit dansen, cadeaus uitdelen en mannen bekleden met status verschaffende objecten als mantels en scepters. En dan is er ook nog de boerenbruiloft, waarbij een stel in ouderwetse klederdracht in de ‘onecht’ wordt verbonden. Je raadt het al: nog altijd een heteroseksueel stel. In Noord-Brabant zijn recentelijk al wat prinsessen gekroond en homoseksuele stellen in het huwelijksbootje gestapt (alaaf!). De Limburgse traditie is echter ouder en gelaagder, wat betekent dat men minder open staat voor veranderingen. ‘We doen het immers toch al decennia lang zo’, wordt er dan vaak gezegd. Maar is er in de wereld en in Limburg gedurende die decennia niet ook van alles veranderd, zeker wat betreft de visie op gender en seksualiteit? Bij het horen van mijn kritiek zullen ze in Limburg waarschijnlijk zeggen dat ik een Hollander geworden ben. Of, om het maar te vertalen naar een carnavaleske metafoor: ik ben van een bloemetjesgordijn veranderd in een duffe, politiekcorrecte stoflap.


Het Issue Tekst: Bram Jodies en Julia Mars/ Illustratie: Jesse Timmermans P. 30

HET ISSUE

In deze rubriek staat iedere editie een ander issue centraal dat de gemoederen flink bezighoudt. Deze editie: cryptocurrency.

Inwoners van “Bitcoinstad” Arnhem hebben de primeur om een Whopper bij de Burger King met de Bitcoin af te rekenen. Het betalen gaat net als internetbankieren, alleen gaat de transactie vanuit een Bitcoinbeurs. Het goedkeuren gebeurt met een cryptografische handtekening, een wiskundige code waarmee de eigenaar een transactie kan ondertekenen en kan aantonen dat hij de eigenaar van deze munten is. De code wordt gecontroleerd door een openbaar gedeeld netwerk van computers, genaamd de blockchain. Dit proces heet mining. Hoewel veel economen de cryptorevolutie toejuichen, waarschuwen toezichthouders, zoals de Autoriteit Financiële Markten en De Nederlandsche Bank, voor de risico’s die de cryptomunten met zich meebrengen. Naar aanleiding van deze waarschuwingen wil de Nederlandse overheid regels invoeren die voor strenger toezicht op de handel in Bitcoins moeten zorgen. Hierbij is sprake van een mogelijk verbod op speculeren over de koers van cryptocurrency. Wordt cryptocurrency het betaalmiddel van de toekomst of is het slechts een hype? Thomas van der Bijl, CEO en medeoprichter van Follow Coin, investeringsplatform voor cryptocurrency ‘Cryptocurrency is het betaalmiddel van nu, niet van de toekomst. Je kunt de munten altijd en overal versturen, naar elk land en naar elke persoon. De opties zijn eindeloos. Het grootste voordeel is dat er geen inflatie mogelijk is, omdat het aantal munten van te voren is vastgesteld op een specifieke hoeveelheid. Je kunt dus niet zomaar munten bijmaken, zoals dat bij papiergeld wel kan. ‘Wat de invoering van een cryptomunt als regulier gebruikt betaalmiddel voornamelijk tegenwerkt, is dat banken en de overheid er huiverig voor zijn. Vaak roepen ze dat een cryptomunt speculatief is, een “bubbel”. Neem nu de Bitcoin als voorbeeld. Deze is al acht of negen keer “geknapt”, maar daarna is de munt ook weer sterk in waarde toegenomen. Kun je dat wel een bubbel noemen? De Bitcoin was allang verdwenen als hij geen potentie had. ‘Daarnaast wordt cryptocurrency vaak door critici neergezet als anoniem witwasmiddel voor criminelen. Via het zogenaamde darkweb kun je inderdaad digitaal geld witwassen naar cryptomunten, maar aan geld dat je vasthoudt op internet heb je niks. Je zal de munten ook weer moeten omzetten in normale valuta, zoals euro’s of dollars. Dat kan alleen op de beurs, waar men zich moet legitimeren. Bovendien zijn transacties van persoon tot persoon meestal vrij makkelijk te traceren in de blockchain. Cryptocurrency is dus toch niet zo anoniem als veel mensen denken. Uiteindelijk kan een cryptomunt alleen maar succes hebben wanneer mensen er vertrouwen in hebben.’

Karel Mercx, beleggingsspecialist bij Beleggers Belangen ‘Ik denk dat het zeker mogelijk is dat cryptocurrency ons huidige betaalsysteem vervangt, maar ik verwacht niet dat dit snel gaat gebeuren. De huidige economie is redelijk stabiel, dus er is geen reden om over te stappen op een ander betaalmiddel. Bovendien is cryptocurrency momenteel een hype die gebaseerd is op hebzucht. Mensen gebruiken het niet als betaalmiddel, maar als beleggingsmiddel om snel rijk te worden. Op het moment zijn er meer dan duizend soorten munten in omloop. Het is de vraag welke munten het vermogen hebben om echt als betaalmiddel te worden gebruikt. Uiteindelijk zal er een munt moeten komen die eenvoudig in het gebruik is en waar men makkelijk mee moet kunnen werken. Ik denk dat het systeem van cryptocurrency pas echt kans heeft als Google of Facebook besluit om met zo’n betalingssysteem te gaan werken. Facebook wordt bijvoorbeeld al door twee miljard mensen gebruikt, dus zo’n munt kan heel snel officieel worden gemaakt. ‘De technologie achter de blockchain werkt nu nog niet optimaal, maar heeft wel potentie. Hierin kunnen bijvoorbeeld ook contracten worden opgenomen, waardoor een derde partij zoals een notaris overbodig wordt. Dit spaart geld uit, want de blockchain is bijna gratis, terwijl een contract vastleggen bij een notaris behoorlijk prijzig is. Daarentegen verwacht ik niet dat het in de komende jaren eenvoudiger wordt om met cryptocurrency af te rekenen dan met een eurobiljet of je pinpas.’


Het Issue P. 31

Jaap-Henk Hoepman, hoofddocent Privacy enhancing technologies en Identity management aan de Radboud Universiteit ‘Ik geloof niet dat cryptocurrency het betaalmiddel van de toekomst wordt. De grootste problemen van cryptocurrency zijn de decentrale ideologie en de technologie waarop het betaalsysteem is gebaseerd. Bitcoin gaat ervan uit dat zijn miners betrouwbaar zijn. Dat wil zeggen dat ze de juiste transacties goedkeuren en er geen twee transacties met dezelfde Bitcoin worden gedaan. Uit onderzoek is gebleken dat zelfs wanneer een kwart van de miners onbetrouwbaar is, de blockchain al ontregeld kan worden. Een ander probleem voor de ideologie van cryptocurrency is dat veel miners zich in China bevinden, waar ze niet onafhankelijk van de overheid zijn. Dit betekent dat als de Chinese overheid de stekker uit Bitcoin wil trekken, ze dat ook kunnen. ‘De technologie achter cryptocurrency gaat ook moeilijk samen met de decentralisatie. Transacties met cryptovaluta zijn gebaseerd op een blockchain, waar ieder blok maximaal duizend à tweeduizend transacties bevat. De regel bij Bitcoin is dat er elke tien minuten een blok is. Dat komt uit op zeven transacties per seconde. Bij een transactie met VISA zijn dat er al gauw vierduizend. Dit gigantische verschil maakt Bitcoin of andere cryptocurrency als betaalmiddel gewoonweg onbruikbaar. Om de blockchain sneller te maken, moet je een aantal vaste, betrouwbare controlepunten invoeren. Op die manier wordt het weer een gecentraliseerd systeem. Het lijkt er dus op dat snelle betalingen en decentralisatie van een valuta simpelweg niet samengaan.’

Hoe populair zijn cryptomunten? Tijdens de kredietcrisis van 2008 daalde het vertrouwen in banken tot een dieptepunt. Dit was voor Satoshi Nakamoto, de bedenker van het de Bitcoin, de perfecte gelegenheid om een nieuw betaalsysteem te ontwikkelen, dat zich onttrekt aan de invloed van de banken en overheden. De Bitcoin werd al gauw een groot succes. In zeven jaar tijd explodeerde de waarde van de munt van een initiële waarde van 0,001 euro naar meer dan 16.000 euro. Duitsland was het eerste land dat Bitcoin erkende als valuta en de Verenigde Staten volgden snel. De koers van de Bitcoin wordt gekenmerkt door extreme schommelingen. Inmiddels is de munt nog zo’n 7000 euro waard. Een veelgehoorde term in de cryptowereld is HODL: Hold On for Dear Life. Dit doelt erop dat je ondanks de schommelingen toch aan je munten moet vasthouden. Het is voor investeerders en handelaren namelijk van groot belang zich niet te vroeg terug te trekken, want dan lijden ze mogelijk verlies. In de nasleep van het succes van de Bitcoin zijn talloze andere cryptomunten opgericht, zoals Monero, Ripple of de Dogecoin. Sommige munten zijn gespecialiseerd in veiligheid of anonimiteit. Ook bestaan er munten die zich specifiek aan de dollarkoers binden. Inmiddels zijn er ruim duizend zogenaamde altcoins. ANS


Kamervragen Tekst: Joep Dorna/ Foto’s: Mayke Postma P. 32

KAMERVRAGEN IN KAMERVRAGEN GAAN TWEE STUDENTEN OP ONTDEKKINGSTOCHT IN ELKAARS KAMER EN SPECULEREN ZE OVER DE PERSOONLIJKHEID, ACTIVITEITEN EN VREEMDE TREKJES VAN DE BEWONER. KUNNEN ZE UITVINDEN WAT VOOR PERSOON ER ACHTER DE KAMER SCHUILGAAT? DEZE EDITIE: YVETTE EN EILEEN. Yvette op bezoek bij Eileen ‘Hipsterkamer’, stelt Yvette meteen bij binnenkomst. ‘Met van die interieurideeën die ik zelf ook op mijn Pinterestbord heb staan, zoals de gehaakte mandala’s en het gebruik van een kledingrek als kast. De bewoner heeft hier veel aandacht aan besteed.’ Yvette is duidelijk onder de indruk van de lichte kamer aan de Willemsweg. ‘Waarschijnlijk heeft ze veel moeite gedaan om alles bij elkaar te zoeken. Alles matcht heel goed’, vindt ze. Tijdens het bewonderen van de kamer valt haar blik op een oude stoel in de hoek. ‘Het grappige aan deze kamer is dat alle spullen heel zorgvuldig uitgekozen lijken te zijn, behalve die stoel. Die valt van ellende uit elkaar.’ In een hoek van de kamer zijn op een aantal foto’s tropische bestemmingen en katten te zien. ‘Ik denk dat het een gezellig persoon is, die veel van reizen houdt en een obsessie voor katten heeft. Dat laatste is overigens zeker geen veroordeling’, lacht ze. Yvette verlegt haar aandacht naar de boekenkast. Op basis van de aanwezige

Eileen op bezoek bij Yvette Als Eileen door het trappenhuis naar de kamer van Yvette loopt, kijkt ze haar ogen uit. De glas-in-lood-ramen, de brede, lichte gang en de wc-poetsende schoonmaker maken indruk. ‘Die hebben wij niet’, lacht Eileen. Eenmaal aangekomen op de tweede verdieping begint ze haar ontdekkingstocht. ‘Ik denk dat hier een meisje woont, vanwege deze vlinders’, zegt ze, wijzend naar kleurrijke plastic vlinders boven het bed. Naast het bed staat een platenspeler, waarop een LP van Barbra Streisand ligt. ‘Niet mijn smaak’, grinnikt ze. Ook vallen haar enkele kattenfoto’s op. ‘Waarschijnlijk houdt ze van katten’, zegt Eileen terwijl ze naar de afbeeldingen kijkt. Ze pakt enthousiast een boek van Remco Campert op dat in de buurt ligt. ‘Dagboek van een poes, dat klinkt als een leuk boek.’ ‘Ik denk dat ze geïnteresseerd is in kunst en andere culturen’, merkt Eileen op wanneer ze de goed gevulde boekenkast bekijkt. Ze pakt Kunstgeschiedenis voor Dummies uit de kast. ‘Het is moeilijk te zeggen wat de bewoner pre-


Kamervragen Ans deze maand P. 33 P. 33

VRAGENUURTJE Tijd voor de confrontatie: hadden de studenten het bij het juiste eind of sloegen ze de plank compleet mis?

Yvette

Eileen

studieboeken concludeert ze dat de bewoner Psychologie studeert. ‘Dat is zo’n brede studie met zulke verschillende mensen, daar kan je geen stereotype aan plakken. Wel hoor ik van veel mensen dat die studie erg zwaar is, dus dat er weinig tijd overblijft voor andere dingen.’ Verstopt onder het bureau hangt een gedetailleerde, met potlood getekende afbeelding van een vrouw. ‘Als ze die tekening zelf heeft gemaakt, is dat echt amazing. Aan de andere kant, als ze het zelf heeft getekend, zou ze het misschien wat hoger hangen.’ Ook denkt Yvette dat de bewoner groene vingers heeft. ‘Gebaseerd op de plantjes in de vensterbank, denk ik dat ze van tuinieren houdt. In deze kamer staan echt veel planten trouwens. Dat is knap van haar, ik laat mijn planten altijd doodgaan.’ Als andere bezigheid komt Yvette terug op de eerdergenoemde obsessie van de bewoner. ‘Waarschijnlijk knuffelt ze vaak met katten. Leuke hobby hoor. Maar verder, wie weet, binnenhuisarchitect? Ze heeft zeker oog voor detail.’

cies studeert. Misschien Genderstudies? Of iets cultureels? Ze lijkt me in veel verschillende dingen geïnteresseerd’. Op basis van de inhoud verwacht Eileen dat de bewoner een rustig en open-minded meisje is. In de boekenkast ligt ook een dvd-box van Harry Potter. Wanneer ze verder de kamer rondspeurt, vindt ze al snel een deurstopper, een dekentje en spellen met het logo van de tovenaarsleerling. ‘Wat leuk, ze houdt duidelijk van Harry Potter.’ De innerlijke binnenhuisarchitect van Eileen komt naar boven wanneer ze het interieur van de kamer beoordeelt. ‘Sommige dingen passen niet echt bij elkaar. Deze vlinders en deze plastic bloemen zijn gecombineerd met dingen van hout. Dat maakt het een beetje een ratjetoe.’ Toch heeft ze ook veel lof voor de inrichting. ‘In de kamer staan veel verschillende dingen, dat is gaaf om te zien. Ik vind het tapijt en dit houten kastje mooi’, zegt ze. ‘Ook houdt ze alles netjes.’ Hoewel de schoonmaker hier nooit langskomt, ziet de kamer er inderdaad brandschoon uit. ‘Klein, knus en interessant’, vat Eileen de kamer samen.

Het gesprek komt wat onwennig op gang en de dames gaan weinig op elkaar in. Wel wil Yvette (19, tweedejaars Algemene Cultuurwetenschappen) meer weten over de kamer van Eileen (25, eerstejaars Psychologie). ‘Ik vind het fijn om veel ruimte te hebben en geniet ervan dat ik nu een grote kamer met weinig spullen heb’, legt Eileen uit. Ze vertelt dat ze uit Duitsland komt en veel kleine kamers heeft gehad. In haar moederland heeft ze twee modegerelateerde studies gedaan, waarvoor ze vaak moest tekenen. ‘Na mijn modestudie wilde ik nooit meer tekenen, maar nu geniet ik er weer van.’ De student bloost als Yvette haar met de tekeningen complimenteert. ‘Je hebt zeker talent.’ Yvette tekent zelf ook graag, maar noemt zichzelf ‘niet zo goed’. ‘Daar ga ik mijn geld niet mee verdienen, maar ik vind het bestuderen van tekeningen en kunst ook heel tof. Misschien wil ik later in die richting verder.’ Beide studenten leven op zodra de kattenfoto’s ter sprake komen. Yvette pakt meteen het boek erbij dat Eileen eerder aanwees: Dagboek van een poes van Remco Campert. ‘Het boek is geschreven vanuit het perspectief van een huiskat. Ik vind het echt supergrappig’, glundert Yvette. Beide dames zeggen zeker een kat te nemen zodra ze de kans krijgen. Ook zijn ze allebei vaste bezoekers van het kattencafé aan de Van Welderenstraat. ‘Dat vind ik echt leuk. In Duitsland ben ik ook vaak in kattencafés geweest’, zegt Eileen. Yvette voegt lachend toe: ‘Het is hier vlakbij, dus ik ga er vaak naartoe. Ik ken nu zelfs bijna alle katten bij naam.’ ANS


Deze ANS niet/ GoedVoorEenConsumptie/ Colofon Tekst: Redactie P. 34

DEZE ANS NIET Stilte voor de storm In de rustige uren voor de afronding van deze ANS werd de kalmte op kantoor abrupt verstoord door orkaan Annemarie. Hoewel er eerder die dag nog geen vuiltje aan de lucht was, zorgde een voorgelegd citaat over de onafhankelijkheid van Vox voor een onverwacht lagedrukgebied. Beschuldigingen als ‘kinderachtig’ en ‘flauw’ vielen als hagelstenen uit de lucht. Gelukkig komt na regen zonneschijn, of in dit geval een vage belofte: ‘De volgende keer ben ik vast aardiger.’ We gaan het meemaken. Oant moarn. De prijs van Femke Halsema De euforie op kantoor was groot toen niemand minder dan Femke Halsema ‘ja’ zei tegen een interview. Na haar theatervoorstelling zou er tijd zijn voor het stellen van vragen. Overmoedig vroeg de redactie in verband met een lege portemonnee naar perskaarten,

maar dit bleek een stap te ver: Halsema had ineens toch geen tijd meer. Wellicht ging de ticketverkoop zo slecht dat het weggeven van perskaarten spontaan zou leiden tot faillissement. Haar gedroomde vluchtelingenstad moet per slot van rekening ook ergens van betaald worden. Misverstand Hoewel bij het afronden van deze ANS nog niet bekend is of de Faculteit der Managementwetenschappen gewoon normaal gaat doen, schijnt er volgens Tanja van Voorst helemaal geen sprake te zijn van censuur, maar van ‘een misverstand.’ Hierbij onze welgemeende excuses voor het verkeerd interpreteren van de woorden: ‘Wij hebben als faculteit besloten dat wij geen bakken binnen de faculteit geplaatst willen hebben.’

32e jaargang Hoofdredactie Aaricia Kayzer en Vincent Veerbeek Redactie Danique Janssen, Julia Mars en Elisa Ros Villarte Medewerkers Joep Dorna, Naomi Habashy, Bram Jodies, Edwin Jonkman, Noor de Kort en Chiel Nijhuis Illustraties Joost Dekkers, Bibi Queisen, Jesse Timmermans, Roos in‘t Veld en Simone Zwitserloot Foto’s Ted van Aanholt, Syl Bogers, Naomi Habashy, Aaricia Kayzer, Mayke Postma, Vincent Veerbeek en Lin Woldendorp Voorpagina Syl Bogers Columnisten Maurits Vercammen en Thom Wijenberg Eindredactie Pieter Hengst, Kiki Kolman, Tom Plaum, Dennis van der Pligt, Tijs Sikma, Rein Wieringa en Wout Zerner Crypto Janneke Elzinga Cartoon Dennis van der Pligt Ontwerp Marloes de Laat en Roel Vaessen Lay-out Aaricia Kayzer Dagelijks bestuur Stijn Verhagen (voorzitter), Aniek de Vries (secretaris), Roy van den Heuvel (penningmeester)

Druk MediaCenter Rotterdam Uitgave, abonnementen en advertentie-acquisitie Stichting MultiMedia: stichtingmultimedia@gmail.com Redactieadres Heyendaalseweg 141 6525 AJ Nijmegen Tel: 06-36428931 Mail: redactie@ans-online.nl

Het Algemeen Nijmeegs Studentenblad is een onafhankelijk blad dat gratis in de binnenstad en op de Radboud Universiteit Nijmegen wordt verspreid. Het verschijnt 7 keer per jaar in de maanden september t/m juni.


z

CRYPTO

Crypto Ans deze maand P. 35 P. 35

AFGELOPEN WINTER BRACHT ONS SNEEUW, EEN STORM MET MILJOENENSCHADE EN DE WARMSTE 24 JANUARI OOIT GEMETEN. EN MAART? DIE ROERT ZIJN STAART! IN AFWACHTING VAN WAT DEZE MAAND ONS GAAT BRENGEN, HIER ALVAST EEN CRYPTOGRAM OVER HET WEER.

1 3

2

4 5

6

6 7 9

8

10

11 12 13 6

De oplossingen van het cryptogram in de vierde ANS vind je op www.ans-online.nl. ANS mag dit keer twee kaarten voor Go Short weggeven. Go Short is het festival voor de korte film in Nederland. Bekijk van 11-15 april de beste shorts in competitie, blik terug op 10 jaar hoogtepunten of laat je verrassen in een van de speciale filmblokken. Go Short 2018 maakt van Nijmegen de internationale korte film hotspot. Ervaar de grootse ideeën van een nieuwe lichting filmmakers op het witte doek. Wil jij kans maken op twee kaartjes voor Go Short? Stuur dan voor 2 april je oplossingen naar redactie@ans-online. nl.

HORIZONTAAL: 3. DEEL VAN EEN RUSTDAG (6), 8. RAPPER MET EEN STORMACHTIGE CARRIÈRE? (7), 9. STEVIGE WIND IN DE RUG? (11), 11. DONDERT HIERBIJ STIKSTOFMONOXIDE TERUG? (6), 13. EEN ZONNETJE, WAT WOLKJES, HIER EN DAAR EEN BUITJE (12). VERTICAAL: 1. TWEEDERANGS GRAP; OM TE HUILEN (3), 2. EEN BEWEGING IN DE VLAMMENZEE (9), 4. WAT ER DAN AANSPOELT? EEN WALVIS IS MOGELIJK, MAAR ‘K NIET! (6), 5. EEN LOODZWARE STEMMING (8), 6. HET ZICHT ONTBREEKT (4), 7. IJSKOUDE KONINGSDAG (12), 9. ELKE DAG OPNIEUW EEN MELDING (11), 10. KLINKT ALSOF HET TOENEEMT IN STERKTE (10), 12. HIEROP IS SCHAATSEN GEEN (KOUD) KUNSTJE (9).


VAN DE BAAN www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon P. 36

Tekst: Noor de Kort/ Foto: Ted van Aanholt

Wie: Jelle (23), eerstejaars Biologie Bijbaan: Medewerker hasj- en wietverkoop bij coffeeshop Kronkel, 11 euro per uur Wat doe je precies bij coffeeshop Kronkel? ‘Ik sta tegenwoordig vooral bij de hasj- en wietverkoop, maar ik ben begonnen achter de bar en in de bediening. Meestal kom je pas achter de verkoopbalie terecht als de werkgever je wat beter kent. Hij moet je kunnen vertrouwen, want vijf gram wiet levert meer omzet op dan een kopje koffie. Daarnaast is het als verkoper belangrijk dat je vriendelijk bent, maar ook autoriteit uitstraalt. Dronken mensen moet ik bijvoorbeeld wegsturen, want zij mogen de coffeeshop niet in. Ze kunnen moeilijk gaan doen en bullshit uitkramen als: “Ik ben volwassen en bepaal zelf of ik hier kom.”’ Krijg je wel eens te maken met serieuze incidenten? ‘Dat komt heel af en toe voor. Ooit drong er een jongen voor door naast zijn vriend aan de balie te komen staan. Een man achter hem zei toen: “Nee gast, zo werkt het niet.” Een van de jongens schold de man vervolgens uit voor kankermarokkaan. Ik heb die jongen toen een toegangsverbod gegeven en weggestuurd. De man die werd uitgescholden, vertelde later dat hij zich erg moest inhouden. Hij was namelijk net met verlof na zes jaar

in de gevangenis te hebben gezeten.’ Wat vindt jouw omgeving ervan dat je hier werkt? ‘Mijn ouders hebben er helemaal geen problemen mee. Ongeveer twintig jaar geleden, toen ik nog een baby was, werkte mijn moeder hier namelijk ook. In die periode heeft zij mijn oma een keer rondgeleid in de coffeeshop. Dat was het domste idee ooit, want haar ouders zijn juist erg tegen coffeeshops. Mijn moeder heeft hen daarom pas een jaar nadat ik was begonnen bij Kronkel verteld dat ik hier werk. Zij wilden er vervolgens nooit met mij over praten. Aan vrienden vertel ik gewoon waar ik werk en als ze het niet leuk vinden, is dat hun probleem. Gelukkig vinden de meesten het prima, want zij blowen zelf ook.’ Zet je dit bijbaantje op je cv? ‘Dat is afhankelijk van het bedrijf ik solliciteer. Ik zou het wel op mijn cv zetten als ik werk zoek bij een café. In de horeca boeit het niet of je in een coffeeshop of in een café hebt gewerkt, zolang je maar hard werkt. Bij een belangrijkere sollicitatie, zoals voor een stage of onderzoeksplaats, zou ik dit baantje niet op mijn cv zetten. Ik wil geen slapende honden wakker maken. Als een werkgever een vooroordeel over blowen heeft, ben je fucked.’ ANS

ANS is wild  

Vijfde editie van de 32e jaargang van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

ANS is wild  

Vijfde editie van de 32e jaargang van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

Advertisement