Page 1

RICHTLIJNEN RONDOM HERINVESTERING STUFI MOETEN CONCRETER

LUCKY FONZ III WIL NIET DE DOMINEE UITHANGEN

STEWARDS HOUDEN PETER KNOOPE ORDE TIJDENS OVER HAAT TEGEN N.E.C. - ADO HET WESTEN

ANS ANS TRAPT AF ZWEEFT

Algemeen Algemeen Nijmeegs Nijmeegs Studentenblad Studentenblad // jaargang jaargang 32, 31, nummer nummer 1 5


Vooraf Tekst: Redactie P. 2

commentaar Door de aanwas van nieuwe studenten is de vraag naar studentenkamers nog hoger dan de Erasmustoren. Nieuwe studenten fladderen uit het ouderlijk nest als de naïeve eendjes die zich in de natuurdocumentaire Earth onbevangen naar de grond storten: vol zelfvertrouwen, maar als je de grond raakt valt de werkelijkheid tegen. De keuze om je luxe villa met roomservice in te ruilen voor een opberghok met bedwantsen als huisgenoten, lijkt ineens naïef en overmoedig. Een beetje vernedering mag dan goed zijn, maar het is wel heel gênant om in handen te vallen van een huisjesmelker. Van schaamte zak je door de grond, of komt dat door de rotte planken? Op hoge poten eis je beter onderhoud, maar al die discussies met je vervelende huisbaas kosten behoorlijk veel energie. Om een smerige keuken of toilet schoon te maken, schimmel van de muren te krabben en rattenpoep op te ruimen moet je bovendien een behoorlijke conditie hebben. Gelukkig werkt samen fysiek afzien verbroederend, maar als je huisgenoten nergens te vinden zijn, sta je er alsnog alleen voor. Na al deze ellende komt het stoom uit je oren, maar een tripje naar de Bisonbaai werkt gelukkig verkoelend. In deze idyllische oase van rust lijken al je problemen ineens relatief. Adem in, adem uit. Voor een paar minuten voel je je compleet ontspannen. Alles komt goed. Na tien jaar kan je hier vast om lachen – maar nu is het helaas nog niet zo ver. Dit is niet het studentenleven waar je vroeger van droomde. Gelukkig bestaat er nog een tweede optie: op de Berg en Dalseweg staat een luxueuze inrichting met zwembad en pooltafel. Hier investeert de overheid wel in je: huur hoef je niet te betalen en colleges volg je gewoon binnenshuis. Na een aantal jaar ben je volledig klaargestoomd voor de maatschappij. De hoofdredactie

ans

Online ANS-Online is de digitale tegenhanger van het papieren blad. Op de website is dagelijks nieuws te vinden over het hoger onderwijs in Nederland, de gang van zaken op de Radboud Universiteit en alles wat verder in het Nijmeegse studentenleven gebeurt. Hoe gaat de nieuwe minister van Onderwijs studenten te grazen nemen als we eenmaal een kabinet hebben? Vertrekken er dit jaar nog leden van het College van Bestuur? Worden er archeologische vondsten ontdekt bij de sloop van TvA? Je leest het allemaal op onze site. Verder vind je er vaste rubrieken als ANS kijkt en ANS luistert, met film-, tv- en muziekrecensies. Zo hoef je nooit ver te zoeken naar afleiding van je studie. Een goed begin is het halve werk Tijdens de introductie is er de hele week van alles te beleven in Nijmegen, van karaokefeestjes tot kroegentochten, van sportdag tot spelletjesmiddag. Zowel op de campus als in de binnenstad kom je de hele week om in de activiteiten. Daarom doet ANS de hele week verslag van de leukste feestjes en alles wat er nog meer gebeurt. In de rubriek ‘Broodje Bal’ gaan we langs bij de eetacties van verschillende studentenverenigingen. We zetten op een rijtje waar je het beste kunt schaften met je introgroepje en welke warme hap je beter kunt vermijden als je geen voedselvergiftiging wilt. Gratis genieten Op 14 september trapt het rondreizende festival Popronde de zestiende editie af in Nijmegen. Dit gratis muziekfestival vindt plaats in 41 verschillende steden, met acts van in totaal 144 artiesten. In 2016 was de Nijmeegse variant van het evenement groter dan ooit tevoren, met meer dan honderd voorstellingen van een breed scala aan artiesten, verspreid over de hele binnenstad. ANS brengt een bezoek aan het festival en velt haar mening over het gevarieerde muziekaanbod.

Op de hoogte blijven van al het studentennieuws? Check dan www.ans-online.nl, volg ons op Twitter (twitter.com/ANS_Online) of like de ANS-pagina op Facebook (facebook.com/ANSnijmegen).


deze ANS

Tekst: Redactie Deze ANS P. 3

04 Zinloos gemeld De universiteit gebruikt evaluatieformulieren om de onderwijskwaliteit te verbeteren, maar studenten krijgen nauwelijks inzicht in de resultaten van de formulieren. Inzicht kan echter juist leiden tot een hoger invulpercentage en meer toezicht op de verbetering van het onderwijs.

08 Tuig weg van de richel 04

Rijks Justitiële Jeugdinrichting De Hunnerberg herbergt jongeren die een straatroof hebben gepleegd, of soms zelfs iemand hebben neergestoken met een dodelijke afloop. Een team van medewerkers, onder wie gedragswetenschapper Jean-Paul Robbertz, zet zich in om een nieuw misdrijf te voorkomen.

13 Ontspannen druktemaker Met Adem in, adem uit staat Jochem Myjer met zijn zesde voorstelling in het theater. Zijn voorstellingen zitten vol energie en drukte, maar toch wil de komiek dat je ontspannen de zaal uitkomt: ‘Ik hoop dat je ontzettend hard bij me lacht, en ik hoop dat je heel vrolijk bij me weggaat.’

08

13

22

22 Vernederde feuten, verenigt u! Sociaal psycholoog Liesbeth Mann onderzocht de emotie vernedering en deed een belangrijke ontdekking: vernedering verbroedert niet. Mann vertelt over haar onderzoek en de do’s en don’ts tijdens een van een ontgroening. ‘Samen afzien zonder te horen dat je een dik rund bent, kan wél een groepsgevoel opwekken.’

05

Side Salad

07

Het Laatste Oordeel

16

Middenpagina

18

Vastgoed genaaid

21

De Graadmeter

25

De Pipet

26

Het Issue

28

Stamgasten

30

Deze ANS niet/ GoedVoorEenConsumptie/ Colofon

31

Crypto

32 Gevonden Voorwerp


Zinloos gemeld Tekst: Aaricia Kayzer/ Illustratie: Anne Rombouts P. 4

zinloos gemeld

De evaluatieformulieren die studenten aan het eind van een cursus of tentamen invullen, zijn bedoeld voor verbetering van de onderwijskwaliteit. De resultaten hiervan worden echter bijna nooit teruggekoppeld naar de student. De universiteit moet er strenger op toezien dat studenten inzicht krijgen in de resultaten van evaluatieformulieren. Het invullen van een evaluatieformulier komt voor menig student als een vervelende nakomer; vragen die nog ingevuld moeten worden terwijl je liever na je tentamen meteen de zaal verlaat. Deze feedback is echter belangrijk voor de verbetering van de onderwijskwaliteit. De Universitaire Studentenraad (USR) pleit al sinds 2011 voor het universiteitsbreed invoeren van een terugkoppeling van cursusevaluaties aan studenten. Toch hebben studenten op de meeste faculteiten nog steeds geen zicht op de uikomsten van evaluatieformulieren. ‘Het is geen centrale verplichting voor docenten om de resultaten van zulke formulieren terug te koppelen’, vertelt Martijn Gerritsen, woordvoerder van de Radboud Universiteit. Terugkoppeling wordt wel aangemoedigd, maar daar blijft het bij. ‘In Nijmegen is alles behoorlijk decentraal geregeld. We willen faculteiten keuzevrijheid geven in hun beleid, zodat ze zo goed mogelijk kunnen evalueren.’ Isa Corbeek, vicevoorzitter van de USR, vindt het jammer dat eerder gemaakte afspraken hierover niet op alle faculteiten worden nageleefd. ‘Vanuit het Bestuursgebouw krijgen we veel erkenning over de ernst van dit probleem, maar de terugkoppeling van evaluatieformulieren staat laag op de prioriteitenlijst van docenten.’ Studenten geven echter niet voor niets feedback. Onderwijsdirecteuren en docenten moeten afspraken nakomen en consequent terugkoppelen naar studenten. Zoek de verschillen Op de Faculteit der Natuurwetenschappen, Wiskunde en Informatica (FNWI) wordt sinds vijf jaar gewerkt met een terugkoppeling van cursusevaluaties aan studenten. Zowel studenten als docenten ontvangen na afloop van een cursus een mail met daarin statistische gegevens over de cursusevaluatie, zoals gemiddelde cijfers. Daarnaast krijgen studenten ook een reflectie van de docent met daarin mogelijke actiepunten en een oordeel van de opleidingscommissie (OLC). ‘Een student die niet tevreden is over een specifiek aspect van de cursus, kan daardoor zien wat de docent hiermee van plan is, of wat ermee wordt gedaan’, vertelt Floris Rutjes, vicedecaan Onderwijs van het faculteitsbestuur van de FNWI. Céline Borst, lid van de OLC van Biowetenschappen, is positief over het systeem. ‘Je kan als student terugzien wat je hebt ingevuld en de

OLC kan iets doen met deze informatie. Als dit niet gebeurt hebben mensen het idee dat er niets met hun feedback wordt gedaan.’ Meer terugkoppeling van cursusevaluaties stimuleert studenten dus om feedback te leveren, wat goed is voor de verbetering van de onderwijskwaliteit. Lang niet alle faculteiten zijn zo transparant richting studenten. Op de Faculteit der Medische Wetenschappen blijven terugkoppelingen steken bij één van de vele instanties die een rol spelen bij de verwerking van evaluatieformulieren. Ferhat Beyaz, studentassessor van de Raad van Bestuur van het Radboudumc, legt uit dat evaluaties bij het onderwijsmanagementteam (OMT) terecht komen. Het OMT spreekt hierover met docenten en kwartaalcoördinatoren. Rianne Damhuis, studentlid van het OMT, vult aan: ‘De kwartaalcoördinator koppelt resultaten terug naar de SOOS, de jaarvertegenwoordiging van bachelorstudenten Geneeskunde. Zij kunnen dit vervolgens doorspelen naar hun achterban,


Column Thom Wijenberg P. 5

maar dit is niet verplicht.’ Terugkoppeling naar studenten is hier dus niet gegarandeerd. . Afspraken verzaken Het systeem dat de FNWI hanteert is echter niet zonder problemen. De participatie van docenten laat te wensen over, waardoor een deel van de cursussen niet volledig geëvalueerd kan worden. Borst geeft aan dat docenten vaak de deadline voor het reageren op evaluaties missen. ‘Als ze te laat zijn, wat vaak gebeurt, kan de OLC geen advies geven en krijgen studenten geen inzicht in wat er met hun kritiek gebeurt.’ Het probleem ligt dus bij de naleving van afspraken door docenten en opleidingsdirecteuren. Het systeem van de FNWI is, mits zij op tijd reageren op evaluaties, een goede manier om terug te koppelen. Gerritsen doet een andere suggestie voor directe terugkoppeling: ‘Een idee van de rector was om direct na afloop van een college te vragen: “Wat vonden jullie ervan?” Het voordeel hiervan is dat je een gesprek hebt, in plaats van een aankruisvakje of kort woordje.’ Een groot nadeel is dat evaluaties dan niet worden vastgelegd en daarom niet op lange termijn kunnen worden bekeken. Het is belangrijk om zicht te hebben op de meerjarige verbetering van een cursus. Immy Niemeijer, studentlid van de OLC Nederlandse Taal en Cultuur, legt uit dat docenten een verantwoording over de evaluaties naar de OLC sturen. De OLC vergadert hierover en stuurt commentaar naar de docent. De docent zet dit in theorie op Blackboard, maar in de praktijk komt hier weinig van terecht. ‘Er is sprake van een beleid maar docenten voeren dit niet uit. Hier moet strenger op worden gelet.’ Dat hierin wordt verzaakt, heeft niet alleen als nadeel dat studenten evaluaties minder invullen. Studenten vormen ook een extra controleorgaan voor de verbeterpunten van docenten omdat ze kunnen letten op de naleving van deze punten. Als studenten de resultaten van evaluatieformulieren überhaupt niet onder ogen krijgen, mist deze extra controle. Transparante terugkoppeling Door de decentrale organisatie van de Radboud Universiteit zijn niet alle beleidszaken op elke faculteit hetzelfde geregeld. De terugkoppeling van evaluatieformulieren is hier een voorbeeld van. ‘Door transparant te zijn met resultaten hopen we studenten te stimuleren vaker evaluatieformulieren in te vullen’, aldus Rutjes. Corbeek is het hiermee eens: ‘Het communiceren van de resultaten is echt belangrijk, want je ziet dat studenten minder snel geneigd zijn een formulier in te vullen als ze hiervan nooit het resultaat zien.’ De FNWI laat zien dat het systeem voor terugkoppeling reeds bestaat, maar dat het probleem vooral ligt bij het naleven van afspraken door docenten en onderwijsdirecteuren. Zij moeten strengere afspraken maken met docenten en zorgen dat deze worden nageleefd, zodat resultaten van cursusevaluaties structureel worden teruggekoppeld naar studenten. Enkel aanmoedigen is niet genoeg, alleen met echte afspraken kan worden gescoord. ANS

side salad Thom Wijenberg serveert in het ANS een vers en gezond bijgerecht op basis van studentikoze belevenissen en frustraties. Kan sporen van ironie, fictie en zelfverheerlijking bevatten. Eerlijk gezegd heb ik columns altijd gezien als ordinaire goocheltrucs. De columnist – lees illusionist – presenteert zijn lezers een zogenaamd openhartig en betrokken verhaal. De actualiteit is een goed startpunt, of een geinige anekdote. Maar pas als we het gordijn oplichten, komen we erachter dat de columnist een bedrieger is. Hij doet alsof hij zich blootgeeft, maar ondertussen verschuilt hij zich achter een rookgordijn van ironie en valse intimiteit. Het meest persoonlijke wat we van hem te weten komen, is dat hij in de Refter het liefst op de donkerblauwe banken zit en in de clinch ligt met een bepaalde buschauffeur. Zelfverheerlijking en dramatisering tovert hij schaamteloos uit zijn hoge hoed. Zo las ik een keer een column waarin de schrijver beweerde dat hij op een vrijdagmiddag verdwaald was geraakt in de krochten van TvA, waarna hij een heel weekend in het gebouw opgesloten had gezeten. Op maandagochtend liep hij de deur uit als Christus met Pasen, de herboren profeet van sloopkogel en nieuwbouw. Ik ben niet zo’n columnist. Ik wil me niet verbergen achter een masker, maar mijn meest persoonlijke gedachten en emoties met mijn lezers delen. Om jullie van mijn intenties te overtuigen, wil ik mijn eerste column beginnen met een bekentenis Mijn leven bevindt zich op dit moment in een diep, duister dal. Een van mijn beste vrienden heeft recent het tijdelijke voor het eeuwige verruild. Alle pogingen om hem te redden waren tevergeefs. En hoewel onze vriendschap met drie jaar nog aan de korte kant was, kan ik me mijn leven moeilijk zonder hem voorstellen. Deze zomer hebben we onze laatste herinneringen gemaakt. We hebben verschillende musea bezocht, gegeten in de betere Nijmeegse restaurants en zijn nog een laatste keer op vakantie geweest. Maar uiteindelijk was het afscheid onvermijdelijk, hoe stellig Borsato (2003) het bestaan daarvan ook ontkent. Dit semester zul je me langzaam zien vermageren. Na zo’n hartverscheurend afscheid krijg ik immers geen hap meer door mijn keel. Dat bedoel ik in de meest letterlijke zin van het woord. Mijn vriend – ik mag hem bij zijn koosnaam Stufi noemen – bracht namelijk het brood op de plank en bekostigde mijn dure verslaving, studeren. Excuses, het wordt me allemaal even te veel. Ik ga gauw mijn laatste kans pakken om de Spotify breakupplaylist reclamevrij te luisteren. En misschien haal ik dan het visitekaartje tevoorschijn dat ome DUO me op de begrafenis van mijn vriend toestopte.


Adverteren? Kijk op ANS-Online.nl P. 6

ansjes De ARGENTIJNSE TANGO, een dynamische, intieme en gepassioneerde dans. Misschien iets voor jou? Kom de tango eens proberen tijdens GRATIS PROEFLESSEN op 11 en 12 september. Fikse studentenkorting op al onze cursussen. Meer informatie: www.tango-entero.nl.

Een Ansje mag maximaal 35 woorden bevatten en kost 5 euro voor studenten en 10 euro voor externen. De waarde van de aangeboden goederen mag de 900 euro niet te boven gaan. Mail naar: stichtingmultimedia@gmail.com


Tekst: Jules Schmeits/ Foto: Caspar Sararlou Het Laatste Oordeel Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 7 P. 7

het laatste oordeel Duffe opsommingen of ultiem entertainment? ANS verschanst zich in de collegebanken om een genadeloos oordeel te vellen over het onderwijs aan de RU. Studie: Psychologie

Eindcijfer:

College: Gedrag en Omgeving 1: inleiding, 30 mei, 13.45-15.30, CC2 Docent: dr. C.P.M. van Halen Uitstraling: Gebrilde grapjas Publiek: Tikkende tijgerfans Inhoud: Cultuurpsychologie en opvulcartoons

Voor de eerstejaars Psychologie staat het laatste hoorcollege van het jaar op het programma. Terwijl enkele studenten zich een weg banen naar een vrije plek, begint Cor van Halen zijn college over de psychologische definitie van cultuur. Behalve de duidelijke stem van Van Halen is alleen getik op de laptops te horen. Als eerste komt het verschil tussen universeel gedrag en cultuurgebonden gedrag aan bod. ‘Baltsgedrag is evolutionair bepaald. Afrikaanse bosjesmannen jagen met pijl en boog, terwijl computernerds hiermee alleen virtueel overweg kunnen. Dat is sociaal bepaald.’ Van Halens powerpoint is overzichtelijk en de afbeeldingen die met wisselend succes grappig worden gevonden, illustreren zijn verhaal goed. Tijdens het praten loopt hij kalm rond. Om het publiek alert te houden vraagt hij: ‘Waar hebben wij gedrag voor nodig?’ Enkele studenten geven aarzelend suggesties in de goede richting. Van Halen vat de antwoorden mooi samen: ‘Wij gedragen ons, omdat we iets willen bewerkstelligen in onze omgeving. Daarom moeten we de omgeving bij het verklaren van gedrag betrekken.’ Plots gaat Van Halen onder de studenten op zoek naar een tijgerdeskundige. Een student zegt dat deze dieren alleen leven, tenzij ze paren. Van Halen beaamt dit en legt uit dat tijgers solitair leven, maar dat leeuwen groepsdieren zijn. ‘Leeuwen leven op een savanne met andere kuddedieren waardoor ze in hun eentje veel te kwetsbaar zijn tijdens de jacht. Tijgers leven daarentegen in jungles waar ze een hinderlaag opzetten.’ Ter illustratie laat hij afbeeldingen van tijgers zien en meteen beginnen studenten te googelen naar andere tijgerplaatjes. Er volgt wat geroezemoes, maar Van Halen praat

rustig door: ‘Dieren passen zich aan hun leefgebied aan, maar de mens past juist zijn omgeving aan. Het resultaat daarvan noemen we cultuur.’ Na de pauze is de aandacht voor nieuwe schoenen en smakelijke recepten groter dan voor de grapjes van Van Halen. Aan de hand van cartoons die aansluiten bij het college probeert hij de studenten bij de les te houden. Het is geen succes; de belangrijkste stof is al behandeld. Toch weet Van Halen tegen het einde de aandacht te trekken met een fragment uit de Arabische versie van het tv-programma Big Brother. Het filmpje toont hoe de producenten van dit westerse programma tegen problemen aanlopen in de behoudende Arabische cultuur. Als het college is afgelopen, doen de studenten hun eigen cultuur eer aan: sneller dan een tijger die zijn prooi opjaagt, verlaten ze hun laatste hoorcollege van het jaar.

Het Laatste Oordeel der Studenten De meeste studenten vinden de behandelde stof interessant, al zijn de meningen over de docent zelf verdeeld. Waar de een vindt dat hij ‘enthousiast’ is en ‘op een rustig tempo vertelt’, waardeert de ander de vele vragen aan het publiek minder. Bij een student dwalen de gedachten af naar ‘lijgers’ (een kruising tussen leeuwen en tijgers). Daarnaast hebben veel studenten het college niet echt voorbereid omdat de presentatie nooit van tevoren op Blackboard staat. ANS


Tuig weg van de richel In Rijks JustitiÍle Jeugdinrichting De Hunnerberg verblijven zo’n zeventig jongeren die worden verdacht van een delict of ervoor zijn veroordeeld. ANS sprak in De Hunnerberg met gedragswetenschapper Jean-Paul Robbertz over de resocialisatie van deze jongeren.


Tekst: Noor de Kort/ Foto’s: Melis Ulubas Tuig weg van de richel P. 9

Een lekkere bank, een grote televisie, een pooltafel en een opblaaszwembad. Vrijheid maakt echter geen onderdeel uit van de inboedel. In Rijks Justitiële Jeugdinrichting De Hunnerberg aan de Berg en Dalseweg komen jongeren terecht die een zwaar delict hebben gepleegd, of daarvan worden verdacht. De inrichting biedt plaats aan maximaal 72 jongeren van 12 tot 24 jaar. Zij blijven hier voor een periode van een week, of soms wel zes jaar. Hoewel De Hunnerberg in de volksmond ‘jeugdgevangenis’ wordt genoemd, is deze term verkeerd gekozen, aldus Jean-Paul Robbertz, gedragswetenschapper bij De Hunnerberg. ‘Jeugdgevangenissen bestaan niet in Nederland.’ Hij legt uit dat gedetineerden in gevangenissen voor volwassenen vaak het grootste deel van de dag in hun cel doorbrengen. In een jeugdinrichting ligt de nadruk veel meer op de ontwikkeling van de gedetineerden. Een groot team medewerkers gaat dagelijks met de jongeren aan de slag om te voorkomen dat ze na terugkeer in de samenleving een nieuw misdrijf plegen. Gedragswetenschappers als Robbertz stellen voor iedere gedetineerde een behandelplan op dat wordt uitgevoerd met onder andere pedagogisch medewerkers, therapeuten en trainers. ‘Onze belangrijkste taak is te ontdekken welke problemen bij een gedetineerde spelen waardoor hij in het verleden

een delict heeft gepleegd. Daarnaast willen we de kans verkleinen dat dit nog een keer gebeurt.’ Geen kinderachtige vergrijpen Bij de ingang van De Hunnerberg moeten telefoons en tassen direct in een kluisje worden opgeborgen, waarna het detectiepoortje bepaalt of een bezoeker welkom is. Na het poortje piepvrij te hebben gepasseerd, gaat Robbertz voor door de gangen van de inrichting. ‘De gangen zijn zo lang en recht, omdat toezicht houden dan makkelijker is’, vertelt hij. Door de vele knutselwerken aan de kleurrijk geschilderde muren doet het gebouw denken aan een middelbare school, maar om de twintig meter moet wel steeds een zware deur worden geopend met een medewerkerspas of sleutelbos. Robbertz legt uit dat alle bewoners van De Hunnerberg worden verdacht van een delict of daarvoor zijn veroordeeld. Hierbij gaat het volgens hem om het ‘uiterste topje’ van de groep die delicten pleegt: jongeren die een straatroof hebben gepleegd, maar ook die iemand hebben neergestoken, soms met dodelijke afloop. ‘Wij krijgen de jongeren bij wie de Raad voor de Kinderbescherming, de Officier van Justitie en de Rechter Commissaris verwachten dat er een grote kans is dat zij ofwel gaan

De binnenplaats met opblaaszwembad van een van de leefgroepen.


Tuig van de richel Leef,weg woon, werk, feest... met ANS P. P. 10 10

weglopen, ofwel op korte termijn een nieuw delict plegen. De maatschappij moet dan tegen ze worden beschermd. Daar zorgen we ook voor; er is hier nog nooit iemand over de hekken geklommen.’ De groep bewoners van De Hunnerberg is volgens Robbertz op te delen in ‘drie smaken’. Jongeren die nog niet zijn veroordeeld, verblijven in preventieve hechtenis. Wanneer zij worden veroordeeld, kunnen ze jeugddetentie krijgen. De derde groep heeft een PIJ-maatregel: plaatsing in een inrichting voor jeugdigen, in de volksmond ook wel “jeugd-tbs” genoemd. Robbertz vervolgt dat het overgrote deel van de gedetineerden in de inrichting jongens zijn; in heel Nederland zijn op dit moment slechts acht meisjes gedetineerd en zij verblijven allemaal in De Hunnerberg. De meisjes wonen op twee afdelingen, gescheiden van de jongens. De inrichting is namelijk opgedeeld in leefgroepen voor acht tot tien personen met elk een gezamenlijke woonkamer, keuken en buitenplaats. Geen warm bad De plek waar de jongeren aankomen in De Hunnerberg, de Binnenkomst Afdeling Delinquenten (BAD), is grijs en in de ruimte staat alweer slechts een detectiepoortje. Medewerker Henk Weeren begeleidt de binnenkomst. ‘Ik ben badmeester Henk’, grapt hij. Weeren legt uit dat nieuwe jongeren eerst een medische vragenlijst moeten invullen, waarna hun kleren en spullen worden gecontroleerd. Dan is het tijd voor de visitatie: de jongeren moeten helemaal

uit de kleren en worden visueel gecontroleerd. ‘Om te zien of ze niets hebben verborgen, moeten ze drie keer door de knieën.’ Hij schat dat dit in negentig procent van de gevallen door een medewerker van hetzelfde geslacht als de nieuwe bewoner wordt gedaan. Op de vraag of hij wel eens te maken heeft met jongeren die zich verzetten, reageert Weeren: ‘Af en toe willen jongeren niet uit de kleren, maar dat is verplicht. Daarom spreken we ze dan streng aan. Als ze zich vervolgens nog niet uitkleden, gebeurt het onder dwang.’ Robbertz voegt toe dat dit is om de veiligheid in de inrichting te waarborgen. ‘Visitatie is noodzakelijk om het binnensmokkelen van verboden goederen zoals drugs of telefoons te voorkomen. We nemen het zekere voor het onzekere.’

‘Je wilt meteen weten of er acute psychiatrische problemen spelen.’ Om eventuele problemen meteen op te sporen, wordt een jongere die binnenkomt in De Hunnerberg meteen psychisch gescreend. Robbertz legt uit dat gedetineerden door de plaatsing namelijk wat instabiel kunnen worden. ‘Je wilt daarom weten: spelen er acute psychiatrische problemen?’ Van de Raad voor de Kinderbescherming verkrijgt

Gedragswetenschapper Jean-Paul Robbertz vertelt over de resocialisatie van jongeren.


Tuig weg van de richel Leef, woon, werk, feest... met ANS P. 11 P. 11

De Hunnerberg vaak al nuttige informatie. ‘De Raad bezoekt de jongere in de politiecel en praat met de ouders.’ Aan de hand van de uitkomst van de screening stellen de gedragswetenschappers direct een behandelplan op als dat nodig is. ‘Soms komt naar voren dat een jongere er wel eens aan heeft gedacht een einde aan zijn leven te maken. Dan proberen we ervoor te zorgen dat hij in ieder geval geen zelfmoord pleegt. We kijken ook verder: wat gebeurt er in zijn leven dat hij zichzelf misschien iets aan wil doen?’ Alles voor AXE Nadat de belangrijkste zorg is georganiseerd, zoekt een team van deskundigen uit hoe het delict heeft kunnen ontstaan, en hoe herhaling kan worden voorkomen. Sommige jongeren verblijven maar heel kort in De Hunnerberg, maar ook zij werken aan het verkleinen van de kans op een nieuw misdrijf. ‘We gaan meteen aan de slag met het oefenen van vaardigheden’, zegt Robbertz. Hij legt uit dat de meeste jongeren in De Hunnerberg namelijk kampen met vaardigheidstekorten. ‘Sommigen vinden het bijvoorbeeld moeilijk om contact te maken. Je kent ze wel: jongens die met een ongeïnteresseerde houding solliciteren bij bijvoorbeeld de McDonald’s.’ Robbertz zakt onderuit in zijn stoel, legt zijn armen over elkaar en vervolgt in straattaal: ‘“Ik moet baan, ik moet baan, want, je weet zelf, ik moet geld.” Ik overdrijf een beetje, maar je begrijpt: die worden dus niet aangenomen.’ Groepsleiders proberen hun houding te veranderen door middel van feedback. ‘Daar hebben we een methode voor, want als je alleen zegt: “Je moet je niet zo gedragen”, is het afgelopen’, lacht de gedragswetenschapper. In plaats van het opleggen van gedragsregels werken de medewerkers met judotechnieken, het zogenaamde “spiegelen” waarbij ze voordoen hoe een jongere zich gedraagt, en motiverende gespreksvoering. ‘Eerst moet je contact maken met de jongere en vervolgens het probleem snel bespreken: “De manier waarop je overkomt, is niet zo geïnteresseerd en volgens mij ben je dat wel, want je wilde die baan bij McDonald’s toch?”’

‘De meeste jongeren in De Hunnerberg kampen met vaardigheidstekorten.’ Bij jongeren die langer dan een paar weken in de inrichting wonen, is er meer tijd om te onderzoeken welke factoren hebben bijgedragen aan het ontstaan van het delict. Wanneer de oorzaken in beeld zijn, kunnen deze worden aangepakt om de kans op herhaling van het delict te verkleinen. Jongeren die laten zien dat ze zijn veranderd met betrekking tot de factoren achter het delict, krijgen een beloning, zoals eten met een begeleider in de kantine,

een luxe fles shampoo van bijvoorbeeld AXE of verlof wanneer de kans op het plegen van een nieuw delict is verminderd. Robbertz legt uit dat de beloningen de extrinsieke motivatie vormen om gedrag te veranderen. Dat is echter niet de enige reden; vaak hebben de jongeren ook een intrinsieke motivatie. ‘Ze zullen nooit zeggen: “Ja, ik heb echt een groot probleem”, zegt hij lachend. In plaats van het bestaan van een probleem te bespreken, vragen de medewerkers naar het ontstaan ervan, legt Robbertz uit. ‘Dan zeggen sommigen bijvoorbeeld: “Op school ging het niet goed.”’ Met als intrinsieke motivatie de wil om het goed te doen op school kunnen de medewerkers vervolgens aan de slag met deze jongeren. Bijna buiten Gedetineerden die de hoge hekken van De Hunnerberg niet nodig hebben, komen in aanmerking voor de Kleinschalige Voorziening (KV). De KV is een tijdelijk project van het Ministerie van Veiligheid & Justitie waarbij wordt geëxperimenteerd met het zo veel mogelijk behouden van zaken uit het leven van jongeren die wel goed gaan. In dit woonhuis, dat zich op het terrein van De Hunnerberg bevindt, is de maatschappij volgens Robbertz minder ver weg dan in de inrichting zelf. ‘Als een jongen een sportclub heeft waar het goed gaat, dan moet hij juist naar die club blijven gaan.’ Robbertz is als gedragswetenschapper aan de leefgroep van de KV verbonden en wil de ruimte graag laten zien. Waarom medewerkers het gebouw soms ‘De Villa’ noemen, wordt duidelijk wanneer de deur opengaat en een ruime, marmeren hal met wenteltrap zichtbaar worden. Robbertz laat een slaapkamer van een van de jongeren zien. De deur mag hier, in tegenstelling tot in De Hunnerberg, gewoon openblijven en op het bureau ligt een telefoon. De jongeren die hier verblijven, krijgen zorg en beveiliging op maat, omdat van hen wordt verwacht dat ze om kunnen gaan met de verantwoordelijkheden van meer vrijheid. Een eigen telefoon behoort dan ook tot de mogelijkheden. Robbertz vertelt dat de jongen die hier slaapt nu buiten de hekken van De Hunnerberg aan het werk is. ‘Hij heeft een PIJ-maatregel en is al heel ver in zijn traject: hij is bijna elke dag weg om te werken en heeft net toestemming gekregen om binnenkort twee nachten per week bij zijn vriendin te slapen.’ In de KV kan het netwerk van de jongere nog meer worden betrokken bij het proces van terugkeer in de maatschappij dan in De Hunnerberg. ‘Nadat de jongere is geplaatst, willen we alle belangrijke personen uit zijn netwerk binnen een week om tafel hebben.’ Robbertz vervolgt dat dit niet alleen de ouders of verzorgers van de jongere hoeven te zijn. ‘Soms horen we: “Mijn voetbalcoach is de enige die me echt begrijpt.” Wij willen die coach dan hier hebben; hij kan ons helpen met de jongere om te gaan.’ De eerste resultaten van de pilot zijn volgens Robbertz positief. ‘Bewoners hebben het idee dat het een gezamenlijk traject is, in plaats van een opgelegd traject.’ ANS


Interview Roy Santiago Tekst: Tijs Sikma/ Foto’s: Simone Both P. 12

Universitaire Studentenraad NU!Medezeggenschap Wil jij op de hoogte blijven van de bezigheden van de USR? Houd dan NU!Medezeggenschap in de gaten! Like ons op Facebook, volg ons op Twitterenneemeenseenkijkjeoponzewebsite. Heb je tips of opmerkingen? Loop gerust even langs bij de USR kamer (TvA 3) of stuur een mail naar usr@ru.nl. Website: www.numedezeggenschap.nl Twitter: @NUMedezeggsch Facebook: www.facebook.com/NUmedezeggenschap E-mail: usr@ru.nl

Beste studenten, Voor iedereen die dit jaar zijn of haar eerste stap op onze campus zet: welkom! Alle oudgedienden heten we uiteraard ook weer welkom op onze universiteit. Het hele jaar door kun je in het ANS updates lezen van de Universitaire Studentenraad (USR), de centrale medezeggenschapsraad van de Radboud Universiteit. Hieronder vind je de eerste van dit collegejaar. Onderwijs Een nieuw collegejaar staat voor de deur en als student betekent dat een wereld aan nieuwe mogelijkheden. Om je studie goed te beginnen, is het erg fijn om op de hoogte te zijn van je rechten en plichten als student. Wist je bijvoorbeeld dat je geen horloges mag dragen tijdens je tentamen? Dat je met klachten over examens terecht kunt bij de examencommissie en met een klacht over bijvoorbeeld ongewenst gedrag bij de vertrouwenspersoon? Of dat je bij je tentamen een bepaalde tijd te laat mag komen? Om effectief te kunnen shinen tijdens je studie raden we je daarom vooral aan om het universitaire studentenstatuut en het onderwijs- en examenreglement (OER) van je studie te lezen! Deze documenten kun je vinden op de website van de RU.

Studentenleven Naast het halen van studiepunten is het ook ontzettend leuk en belangrijk om je tijdens je studie te mengen in het (actieve) studentenleven. Het is erg waardevol om lid te worden van één van de vele studentenverenigingen en -organisaties. Nijmegen heeft een breed scala aan kleine en grote verenigingen op het gebied van cultuur, sport, gezelligheid, religie, internationale connecties en je studie. Actief worden bij deze verenigingen, bijvoorbeeld door in een commissie te gaan, is een erg goede manier om Nijmegen en andere studenten te leren kennen. Doen! Medezeggenschap op de RU Op elk niveau op onze universiteit is de medezeggenschap actief. De opleidingscommissies zetten zich bijvoorbeeld in om jouw studie nóg beter te maken. Facultaire Studentenraden komen op voor alle opleidingen die verspreid zijn over de zeven faculteiten. De USR zet zich tot slot centraal in om onderwijs en onderzoek, maar ook het studentenleven en faciliteiten op onze universiteit te waarborgen en te verbeteren. De drie niveaus van medezeggenschap zijn erg laagdrempelig te bereiken en zitten altijd te wachten op jouw input. Heb je een goed idee, een opmerking of een klacht? Schroom dan niet om ze te benaderen!

(Advertentie)


ontspannen druktemaker

In zijn nieuwe voorstelling Adem in, adem uit vertelt komiek Jochem Myjer over zijn liefde voor de natuur, met name vogeltjes en Texel. In zijn shows probeert hij het leven van alledag te verwerken. ‘Als je al mijn voorstellingen op een rij zet, krijg je een soort dagboek.’


Ontspannen druktemaker Tekst: Aaricia Kayzer/ Foto’s: Tim Zeeman P. 14

Twintig jaar na zijn beslissing om te stoppen met zijn studie Biologie keert Jochem Myjer alsnog terug naar het groen; in zijn nieuwste voorstelling Adem in, adem uit staat zijn liefde voor de natuur, specifiek het waddengebied, centraal. ‘Als je vierhonderd keer over iets moet praten, moet je iets kiezen waar je graag over wil vertellen.’ Nadat Myjer in 1997 het Groninger Studenten Cabaret Festival won, stopte hij vroegtijdig met zijn studie om zich fulltime op theater te kunnen richten. Deze beslissing leverde hem zes succesvolle shows en verschillende prijzen op, waaronder de CabaretAward en de André van Duin Comedy Award. Myjer moest zijn carrière noodgedwongen op pauze zetten nadat in 2011 een tumor werd ontdekt in zijn ruggenmerg, maar in 2012 stond hij na een intensieve revalidatie weer op het podium. In Theater Geert Teis in Stadskanaal wordt Myjers belangstelling voor de natuur meteen duidelijk. Hij banjert door de ontvangsthal met een vishengel met een neongroene lijn in zijn handen. Het is een oefenstok voor vliegvishengelen. Myjer vertelt enthousiast over zijn hobby: ‘Vliegvissen is een aparte techniek en die moet je leren.’ In de middag voor een van zijn voorstellingen legt Myjer zijn hengel aan de kant om met ANS te praten over zijn schrijfproces, zijn liefde voor de natuur en wat hij met zijn voorstellingen wil bereiken. Hoe lang duurde het voordat je nieuwe voorstelling klaar was voor het theater? ‘Voordat ik begin met het schrijven van mijn nieuwe voorstelling, ga ik er drie of vier maanden op uit met het gezin om leuke dingen te doen. Daarna begin ik langzaam met

de uitwerking. Dan speel ik ongeveer veertig voorstellingen in kleine zaaltjes met tachtig á negentig man. Vervolgens doe ik de voorstelling nog tachtig keer, en dan gaat-ie pas in première. Ik speel de voorstelling dus 120 keer voordat hij in première gaat. Ter vergelijking: de meeste cabaretiers spelen in totaal maar 120 keer en ik driehonderd tot vierhonderd keer.’ Gaat dat je niet tegenstaan? ‘Als mensen dat vragen, vergelijk ik het spelen van een voorstelling met een voetbalwedstrijd. Een voetballer heeft altijd een bal en een veld, en het doel is om te winnen. De enige verschillen tussen de wedstrijden zijn een ander publiek, een andere tegenstander en ander gras. Dat is bij mij ook zo. In Stadskanaal reageert het publiek anders dan in Limburg. Vandaag is het heel mooi weer, dan weet ik dat mensen zich wat duffer voelen. Als het regent is het juist dolle boel, dan zijn mensen blij dat ze naar het theater kunnen. Elke weersomstandigheid heeft een andere invloed op een voorstelling.’ Je voorstellingen gaan vooral over het alledaagse leven, niet over de actualiteit. Is daar een reden voor? ‘Een cabaretier praat over politiek en actualiteit, maar ik ben een komiek. Als ik een conference zou houden over de mislukte formatie, dan weten mensen na driehonderd voorstellingen niet meer waar ik het over heb. Het nadeel van de actualiteit is dat het maar korte tijd relevant is. Ik gebruik mijn eigen leven en het leven van mensen uit de zaal als inspiratiebron. Dat is een bewuste keuze. Als ik alleen over mijn eigen leven zou praten, zouden mijn


Ontspannen druktemaker Leef, woon, werk, feest... met ANS 15 P.P.15

voorstellingen gaan over hoe ik niet meer kan vissen, omdat ik door dertig man word belaagd. Dat is mijn leven, niet het leven van mensen uit de zaal. Toch is mijn leven voor vijftig procent hetzelfde: ik sta ook op, poets mijn tanden, ga naar de supermarkt en moet mijn lakens verwisselen.’ Welke elementen uit het alledaagse leven gebruik je in je voorstellingen? ‘Als je al mijn voorstellingen op een rij zet, krijg je een soort dagboek. Eerst heb ik het het over student zijn: feesten, lol maken, boem boem, geen kinderen. Dan gaat het over buurtkinderen die krijsen, later over kinderen en vlak daarna krijg ik ze zelf. Als je het zo bekijkt, zijn mijn shows dus een documentatie van de levensfase waar ik in zit. Ik maak ook gebruik van de tijd waarin we leven. Zen zijn, gezond eten en yoga zijn bijvoorbeeld helemaal hot, dus het is logisch dat ik daar iets mee doe. Dat noem ik geen actualiteit, maar de tijdgeest. Waarschijnlijk maak ik over tien jaar een voorstelling over, weet ik veel, dat mijn ouders dood zijn.’

‘In Stadskanaal reageert het publiek heel anders dan in Limburg.’ Zou je daar ook een grap over kunnen maken? ‘Nee, maar er zullen automatisch meer verhalen over ouders in een show zitten. Dat merk ik ook bij collega’s, zoals Youp en Theo. Als je net kinderen hebt gekregen, heb je het de hele voorstelling alleen maar over kinderen. Heel irritant. Je gebruikt zoiets als inspiratie, daar kom je niet onderuit.’ In je nieuwe voorstelling ga je terug naar de biologie. Waarom is dat? ‘Grappen zijn leuk, maar je moet ook praten over dingen die je interesseren. Mijn drie grote hobby’s zijn vissen, theater en vogeltjes. Mijn kinderboek, De Gorgels, gaat ook over de natuur. Daar heb ik mijn passie voor biologie al in verwerkt, maar ik wilde het ook op het podium laten zien.’ Waarom heb je besloten om een kinderboek te schrijven? ‘Toen ik bijna doodging, dacht ik bij mezelf: “Fuck, ik had nog een kinderboek willen schrijven”. Na mijn revalidatie zou ik het doen ook. Ik ben zelf altijd fan geweest van kinderboeken en ik vind het mooi om in de fantasie van kinderen te kruipen. Ik heb bijvoorbeeld Pietje Paniek gespeeld. De manier waarop kinderen compleet in iets geloven, zoals in Sinterklaas, vind ik geweldig. Ik heb het manuscript van De Gorgels anoniem inge-

zonden, want anders krijg je dat gelul over mijn naam; daarmee kan je sowieso iets uitgeven. Ik ben zes keer afgewezen maar de zevende keer was het wel raak.’ Wat waren de uitdagingen bij het schrijven van een kinderboek? ‘Kinderboeken zijn vaak didactisch en moralistisch, maar ik vind het niet leuk om mensen dingen op te leggen. Bij De Gorgels heb ik kinderen bewust proberen te maken van de natuur zonder iets op te dringen. Op die manier heb ik mijn boodschap verwerkt. Ik kan niet tegen geëngageerde kinderboeken, of tegen het afdwingen van engagement. Ik spreek liever iets aan bij mensen, zodat iemand er zelf mee aan de slag gaat. Ik laat tijdens Adem in, adem uit bijvoorbeeld de MatthaüsPassion horen met vogelgeluidjes. Dat vind ik grappig, want er zitten een hoop mensen in de zaal die de muziek helemaal niet herkennen, maar na afloop toch zeggen dat ze het leuk vonden.’ Voel je niet juist de noodzaak een boodschap te verwerken in je voorstellingen, omdat je zo’n groot publiek bereikt? ‘Nee. Laatst ging ik na mijn voorstelling met iemand op de foto en ze zei achteraf dat ze er heel ontspannen uitzag, alsof ze op vakantie was. Al haar vriendinnen waren ook heel kalm, dus kennelijk doe ik iets waardoor mensen heel ontspannen de zaal uitkomen. Laatst had ik Alexander Pechtold in de zaal en als je zijn gezicht na afloop zag – dat was een totaal andere Pechtold dan wij kennen van TV. Ik maak mensen liever vrolijk, dan dat ik ze weg laat gaan met de gedachte: “Mooi wat hij zei over Donald Trump.” Dat is niet mijn missie en daar ligt ook niet mijn kracht. Ik hoop twee dingen te bereiken: ik hoop dat je ontzettend hard bij me lacht, en ik hoop dat je heel vrolijk bij me weggaat. Dat is mijn engagement. Ik hoop dat je eens anderhalf uur niet hebt gedacht aan Trump, of aan je kanker, of aan wat dan ook, maar gewoon echt even ontspant.’ ANS


www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon P. 16

Nijmegen kent veel historische bezienswaardigheden. Zowel voor eerstejaars als voor doorgewinterde studenten is het van levensbelang om je eigen stad goed te kennen. Altijd al willen weten op welk monumentaal gebouw in de keizerstad jij het meeste lijkt? Vul snel deze vijf vragen in en kom erachter. 1. Om half één wandel je de collegezaal binnen. De zaal barst bijna uit zijn voegen wegens een recordaantal eerstejaars. Er is nergens meer een plekje vrij voor jou en je laptop. Wat doe je? A) Je wurmt je langs een kudde studenten met een gestamelde ‘sorry, het spijt me, pardon’, gaat op de trap zitten en doet een verwoede poging om door de grond te zakken. B) Je draait je om en loopt de collegezaal uit. Belachelijk, je betaalt toch zeker collegegeld? Je loopt naar de UB om daar in alle rust een boze brief te schrijven aan de Rector Magnificus, maar ook daar zijn geen zitplekken vrij. Teleurgesteld druip je af. C) Dit is de derde keer dat je dit college volgt, dus je kunt de inhoud inmiddels dromen. Op zoek naar een terrasje, dus! 2. Het is je eerste dag op kamers. Je bescheiden stekje van elf vierkante meter staat vol met half in elkaar gezette IKEAmeubels. Je besluit de schroevendraaier

erbij neer te gooien en als welkome afleiding ga je boodschappen doen. Wat ligt er in je mandje? A) Een avocado. Je merkt thuis pas dat het ding rot is, maar je durft niet terug te gaan. B) Foie gras met truffelmayonaise. Eenmaal buiten blijkt dat de caissière vergeten is de korting te verrekenen. Op hoge poten eis je een deel van het bedrag terug. C) Een degelijke diepvriespizza. Geen moeilijk gedoe met koken: een pizza kan wonderen verrichten. 3. Je wordt wakker na een gezellig avondje stappen. Uitgedroogd en gedesoriënteerd kom je tot de realisatie dat je gisteravond een essay van vierduizend woorden in had moeten leveren. Wat doe je? A) Je mailt de docent met een eerlijke uitleg, vermeldt erbij dat dit je normaal nóóit overkomt en blijft de rest van de dag ellendig naar je plafond staren. B) Het is niet jouw schuld dat je de deadline

Meeste A: De Waalbrug Je wilt niemand tot last zijn en vooral mensen helpen waar nodig. Als er ergens een conflict is, probeer jij alle partijen te verbinden. Vergeet niet voor jezelf op te komen, want soms laat je makkelijk over je heen lopen.

Meeste B: De St. Stevensker Soms kom je wat stekelig over ten ben je zeker geen heilig b je afstandelijk overkomen op d Zorg er goed voor dat je jezelf toren.


Tekst en illustraties: Aaricia Kayzer en Jean Querelle Ans deze maand P. 17

hebt gemist. Je studentenvereniging stond erop dat de borrel een verplichte bijeenkomst was. C) Geen man overboord: je begint rustig een opzetje te maken voor de herkansing. En anders doe je het vak volgend jaar opnieuw. 4. Na een drukke dag kom je thuis met een volle boodschappentas en een lege maag. In de keuken wacht je een onaangename verrassing: het fornuis staat vol met vieze pannen en de vloer is bezaaid met een drab waar de TweeKeerBellen nog een puntje aan kan zuigen. Wat doe je? A) Je weet dat je huisgenootjes het ook druk hebben, dus je ruimt de boel op en begint een uur later met rammelende maag aan je avondeten. B) Je maakt een foto van de troep en stuurt deze in de groepsapp met het passief-agressieve onderschrift: ‘Heerlijk, zo’n fris gepoetste keuken!’ C) Je kijkt op het schoonmaakrooster en spreekt de schuldige aan op zijn gedrag. 5. Het is de 17e van de maand en er staat nog €1,10 op je rekening. Je moet nog drie dagen overbruggen tot je zorgtoeslag wordt gestort. Wat doe je met je laatste geld? A) Je loopt naar de supermarkt met het plan noodles in te slaan, maar onderweg vraagt een dakloze je om een euro. Met een bezwaard gemoed geef je de arme man het geld en keer je terug met een schamele tien cent en zonder eten. B) Je maakt een lijstje van alle mensen die je nog geld schuldig zijn. Je huisgenoot heeft laatst een peuk gebietst, dat is alweer twintig cent gewonnen! C) Je bent altijd voorbereid op een eventuele crisis: je hele voorraadkast staat vol met ingeblikte groenten en broodjes bapao.

rk r en in sommige opzichboontje. Daardoor kan de mensen om je heen. f niet opsluit in een ivoren

Meeste C: De Barbarossa-ruïne Je bent al zo lang als men zich kan herinneren in Nijmegen. Je hebt een stevige fundering en laat niet zomaar over je heen walsen. Hoewel je soms veel zorgen hebt over de meest uiteenlopende zaken, laat jij je het hoofd niet zomaar op hol brengen.


Vastgoed genaaid Tekst: Vince Decates en Chiel Nijhuis/ Illustraties: Bibi Queisen P. 18

vastgoed genaaid Veel studenten betalen te veel huur voor hun kamer en worden geconfronteerd met de meest bizarre onderhoudsproblemen. ANS zocht uit hoe studenten kunnen opkomen voor hun rechten en hoe huisjesmelkers aan te pakken zijn. Lekkende leidingen, schimmel in de hoek van het plafond, kapotte kozijnen of ongedierte dat zich in de muren nestelt en dat alles voor maarliefst 500 euro in de maand. Met name particuliere verhuurders vragen soms exorbitant hoge prijzen voor kamers waar zelfs de kakkerlakken nog kaplaarzen dragen. De huurprijs voor studentenkamers is bij de wet aan een maximum gebonden, maar dit bedrag wordt zelden nageleefd. Uit onderzoek van de Landelijk Studenten Vakbond (LSVb) blijkt dat studenten in Nijmegen per maand gemiddeld 52 euro te veel betalen voor hun kamer. Hiermee staat de stad op de vijfde plek in de ranglijst van steden waar studenten te veel huur betalen. Daarnaast laat de kwaliteit van de kamers soms te wensen over. Studenten lopen tegen de meest uiteenlopende problemen aan. Wat kan er daadwerkelijk worden gedaan tegen dit soort misstanden? Een goed gesprek is het halve werk Je moet je eigen verantwoordelijkheid nemen. ‘Studenten zijn in de eerste plaats zelf verantwoordelijk om de boel netjes te houden’, meent Irene van Setten, directeur van Stichting Huurteams Nijmegen. Deze stichting staat studenten bij wanneer zij tegen misstanden aanlopen of in conflict zijn gekomen met hun verhuurder. ‘Soms zie ik panden waar de trap vol staat met pizzadozen. Ik begrijp dat de verhuurder dan niet zo veel zin heeft om het pand goed te onderhouden, hoewel hij hier wel toe verplicht is’, aldus Van Setten. Als je wilt dat de verhuurder bepaalde gebreken aan je kamer verhelpt of vindt dat je te veel huur betaalt, dan is het volgens Huurteams Nijmegen de eerste stap om te gaan praten met je huisbaas. Het beste is een conflict te voorkomen en dat doe je door een goede relatie met je pandeigenaar te onderhouden. ‘Een open gesprek scheelt vaak een hoop juridisch gestoei.’ Helaas is de praktijk vaak minder rooskleurig: een gesprek komt soms niet of nauwelijks op gang en een

verhuurder wil ook niet altijd meewerken aan een oplossing. Verhuurders zijn verplicht op je voorstel in te gaan, maar jammer genoeg gebeurt dat zelden. Wanneer je huisbaas niet welwillend tegenover je voorstellen staat, is het mogelijk om een zaak te starten bij de Huurcommissie. Dit is een onafhankelijke instantie die geschillen tussen huurders en verhuurders oplost met een bindende uitspraak. Het is echter niet eenvoudig om op eigen houtje een procedure bij de huurcommissie te starten om de huur te laten verlagen. Voor hulp kan je terecht bij Huurteams Nijmegen.

‘Een open gesprek scheelt vaak een hoop juridisch gestoei.’ Check your privileges Laat je kamer controleren en start een procedure. Mocht je een kamer aangeboden krijgen waarvan je vermoedt dat de huur te hoog is, dan is het volgens Van Setten toch verstandig om het contract gewoon te ondertekenen. ‘Het is lastig om al voor het ondertekenen van het contract de huurprijs te verlagen, want een verhuurder weet dat hij voor jou zo tien anderen kan vinden.’ Wel is het slim om daarna gelijk de hulp van Huurteams Nijmegen in te schakelen. De meeste studentenkamers vallen namelijk binnen de sociale huursector. Voor deze woningen geldt dat de maximale prijs van de kale huur wordt bepaald met een wettelijk vastgelegd puntensysteem. Huurteams Nijmegen kan aan de hand van dit systeem een hoeveelheid punten toekennen aan kamers. ‘Onder andere het aantal vierkante meters woonoppervlak en


Vastgoed genaaid P. 19

de aanwezige voorzieningen in een woning spelen mee’, zegt Van Setten. ‘Door middel van een meting maken wij een inschatting van de maximale huurprijs die voor een kamer mag worden gevraagd. Als uit deze meting blijkt dat de daadwerkelijke huurprijs hoger ligt dan op basis van het aantal punten is toegestaan, proberen wij te bemiddelen tussen de huurder en verhuurder. Indien dit overleg niet tot een oplossing leidt, ondersteunen wij de huurder in een procedure bij de huurcommissie of zelfs bij de kantonrechter als dat nodig is.’

Een procedure bij de huurcommissie is een laatste redmiddel. Trek ook bij ander soort problemen aan de bel. Hoewel de meeste huurgeschillen draaien om de hoogte van de huurprijs, kan achterstallig onderhoud volgens Van Setten in veel gevallen ook een reden zijn om naar de huurcommissie te stappen. ‘Wij komen de meest bizarre problemen tegen, zoals deuren van een restaurant die midden in de algemene ruimte uitkomen of voordeuren die opeens zijn vervangen door tuindeuren.’ Als de huurder door de commissie in het gelijk wordt gesteld over de problemen, dan krijgt hij een tijdelijke huurverlaging totdat het probleem door de verhuurder is opgelost. Daar

komt bij dat een te hoge huurprijs niet alleen ontstaat door een torenhoge kale huur. ‘Voor veel kamers is een zogenaamde all-in-huur afgesproken’, legt Van Setten uit. ‘Bij dit soort overeenkomsten heb je zelf vaak nauwelijks zicht op de hoogte van bepaalde servicekosten. Wij kunnen deze kosten aan de huurcommissie voorleggen en zij controleren of deze redelijk zijn.’ Praatjes vullen geen gaatjes Mooi dat je zelf stappen kan ondernemen, maar waarom pakt de gemeente huisjesmelkers niet gewoon aan? Bert Velthuis, wethouder Wonen, erkent dat er problemen zijn rondom kamerverhuur. De gemeenteraad weet ook dat er problemen zijn, maar er is in de politiek nog geen overeenstemming over welke maatregelen echt nodig en haalbaar zijn. Het college van burgemeester en wethouders (B&W) is namelijk nog in overleg met de gemeenteraad over eventuele maatregelen. Een van de ideeën van B&W is om een lijst van goede verhuurders te publiceren. Dit zou huisbazen moeten stimuleren om hun werk beter te doen. ‘Een lijst met verhuurders die zich niet aan de regels houden kan wegens privacyredenen niet zomaar worden opgesteld. Verhuurders zouden eerst toestemming moeten geven om op die lijst te komen en dat doen ze natuurlijk niet’, licht Velthuis toe. ‘Een lijst met goede verhuurders is daarentegen wel toegestaan. Daarnaast zouden wij graag een online klachtenmeldpunt willen oprichten, waar verschillende soorten klachten over studentenkamers kunnen worden gemeld.’ Huurteams Nijmegen is van mening dat er meer kan worden gedaan


Vastgoed genaaid P. 20

dan alleen een lijst of een meldpunt. ‘Wij zijn met de gemeente Nijmegen in overleg over enkele maatregelen die we graag willen invoeren. Deze maatregelen moeten het mogelijk maken huisjesmelkers actief aan te pakken, zodat studenten minder vaak te veel huur betalen. Zo zien wij graag dat bij iedere verhuizing een brief wordt verstuurd waarin de nieuwe bewoner wordt opgeroepen contact op te nemen met Huurteams, indien hij vermoedt dat hij te veel huur betaalt. Daarnaast zou het een goede zaak zijn om een maximumbedrag aan huur in de vergunning van de verhuurder op te nemen. Dan zou de gemeente namelijk kunnen optreden als dit bedrag wordt overschreden’, vertelt Van Setten. Volgens Velthuis is de gemeenteraad al een tijd lang in overleg over hoe deze maatregelen precies vorm moeten krijgen. ‘We denken ook na over boetes bij herhaaldelijke overtredingen. We willen zoveel mogelijk doen om misstanden aan te pakken, maar we moeten rekening houden met de kaders van de wetgeving. Bovendien moeten we rekening houden met het beschikbare geld.’

De huurprijs van studentenkamers is bij wet aan een maximum gebonden. Door gebrekkige regelgeving komt het nu voor dat een verhuurder de nieuwe bewoners wederom te veel laat betalen, ondanks eerdere uitspraken van de huurcommissie. Om de kamerprijs weer vast te laten stellen op basis van het aantal punten moet de nieuwe huurder vaak weer opnieuw een zaak aanspannen. Volgens Van Setten is dit een belachelijke situatie. ‘Het liefst zouden wij zien dat de gemeente de vergunning intrekt wanneer de huurcommissie een verhuurder meermaals terecht heeft gewezen. Het zit ‘m in de regelgeving, die is niet effectief genoeg. Het is voorgekomen dat we met drie verschillende studenten voor dezelfde kamer naar de huurcommissie zijn gestapt, omdat de huisbaas de prijs steeds weer verhoogde’, aldus Van Setten. Zolang studenten vanuit de gemeente weinig hoeven te verwachten, zijn er enkele middelen die tot je beschikking staan. Ten eerste moet je ervoor zorgen dat je de relatie met je verhuurder onderhoudt. Het net houden van je huis speelt hierbij een belangrijke rol. Wanneer redelijkheid niet helpt en de problemen aanblijven, dan is stap drie om het huurteam in te schakelen. Zij kunnen je kamer controleren en eventueel proberen te bemiddelen met de verhuurder. Een procedure bij de huurcommissie is een laatste redmiddel. Idealiter zou de gemeente actie ondernemen, maar voorlopig moet je het toch met je kapotte kraan en je kakkerlakken zien te redden. ANS


Tekst en foto’s: Teun Freriks en Dennis van der Pligt/ Illustraties: Joost Dekkers De Graadmeter P. 21

De graadmeter In De Graadmeter zijn de mogelijkheden niet te overzien. Waar kun je het beste wildkamperen, wat is het hipste kapsel en hoe scoor je het snelst een bedpartner? In De Graadmeter onderzoekt ANS de opties. Deze keer: Verkoeling in Nijmegen

Wat: Waterballonnenexecutie Moeite: Logistiek kinderspel Koelte: Nat pak Wie vindt het hilarisch om jou flink in de kou te zetten? Iedereen die ooit langs een kind met een Super Soaker is gefietst, kan zich vast de gretige ogen herinneren. Normen en waarden, beter bekend als de papa’s en de mama’s, zorgen er dan voor dat je buiten schot blijft. Maar wat als je juist verkoeling zoekt? Maak je borst dan maar nat voor wat organisatiewerk. Na een groep 7 van RKSB Klein Heyendaal te hebben gerekruteerd, vul je een flinke hoeveelheid waterballonnen waarmee je ze bewapent. Je voelt aan je water dat dit een ware executie wordt. Onder aanstekelijk kindergelach lost de groep een aantal salvo’s natte munitie. Op het moment dat je zeiknat bent gegooid, is je kleding hittewerend. Voldaan druip je af.

Wat: De Bisonbaai Moeite: Een fietstochtje Koelte: Bisonder Als je bijna sterft door hoge temperaturen, biedt de paradijselijke Bisonbaai wellicht uitkomst. Deze oase van serene rust, gelegen in de Ooijpolder, is een uitstekende plek om verkoeling te vinden. Sportievelingen kunnen er zwemmen. Eenmaal te water daalt je bloeddruk direct: niks geen kopzorgen of oververhitting. Haat je nattigheid of ontbreekt het je aan diploma A, B, C of propedeuse? Dan kan je in de schaduw rustig een studieboekje openslaan. De omgeving doet denken aan een ansichtkaart, maar wiebelende genitaliën en mensenuiers maken dat je een enkele keer met gepast ongemak wegkijkt van een wilde nudist. Gelukkig vertoeven de meeste naaktlopers op een apart gedeelte van het strand. Bovendien is het niet zo dat je warmloopt voor al dat bloot.

Benieuwd naar meer mogelijkheden tot verkoeling? Kijk op ANS-Online.nl.

Wat: Fonteindouche Moeite: Poseren Koelte: In your face De hitte slaat toe wanneer je haar het minst verwacht. Stel, het gebeurt tijdens het shoppen. Het zweet breekt je uit en in paniek speur je de omgeving af naar iets dat je kan bevrijden uit deze brandende hel. De rij bij ijssalon Vincenzo is te lang; die tien minuten kunnen fataal zijn. Geen nood: de gemeente Nijmegen zorgt goed voor haar inwoners en heeft op het Koningsplein voor dergelijke noodsituaties twee rijen fonteintjes geplaatst. De koninklijke straaltjes zijn helaas vrij dun en het is even zoeken naar de meest rendabele houding. Wanhopig door de aanhoudende hitte ga je op de spuitmond zitten. Doe dit niet te lang; voor je het weet zit je tjokvol water en moet je klotsend naar huis. ANS


Vernederde feuten, verenigt u!


Tekst: Eva Vervoort/ Foto’s: Kelley van Evert Vernederde feuten, verenigt u! P. 23

Ondergegooid worden met poep en al zoemend worden uitgescholden. De Amsterdamse sociaal-psycholoog Liesbeth Mann ontdekte dat deze vernederende acties van studentenverenigingen niet verbroederen. ‘Toch ben ik niet voor het afschaffen van ontgroeningen.’ In 1997 overleed Reinout Pfeiffer na het drinken van een liter jenever, in 2005 raakte een student in coma na het drinken van zes liter water en dit jaar wordt een student vervolgd voor een incident waarbij een aspirant-lid van Vindicat een ernstig hoofdletsel opliep. De groentijd van studentenverenigingen staat in een kwaad daglicht en krijgt de laatste tijd flink wat media-aandacht. De vaste tradities binnen deze proeftijd hebben als doel de onderlinge band te versterken, maar als ze vernederend zijn, doen ze dat volgens Liesbeth Mann niet. Ze schreef aan de Universiteit van Amsterdam haar proefschrift over vernedering en deed hiervoor onder andere onderzoek naar het fenomeen ontgroeningen. ‘Vernedering is zowel een handeling als een emotie; je kan iemand vernederen en je kan je vernederd voelen. Mijn onderzoek gaat specifiek over de emotie. Wat voelen mensen als ze zeggen: “Ik ben vernederd”? Ik heb gekeken naar de aspecten van dat gevoel en wat de gevolgen hiervan zijn.’ ANS sprak met de wetenschapper in een studentikoos café over ontgroeningen en vernedering. ‘Ontgroeningen zijn goed, maar niet op de manier waarop ze nu worden georganiseerd.’ Stelletje kutfeuten, zoemen! Een voorbeeld van een vernederende ontgroening is de openingsscène van de NPO-serie Feuten: ‘Welkom stelletje kutfeuten! Kin op je borst! Vingers in je oren! En zoemen! HARDER! HARDER! HARDER!’ Een kennismakingstijd voor feuten is volgens Mann een prima middel om verbondenheid binnen een groep te creëren. Aspirant-leden vernederen tijdens een ontgroening zorgt daar echter niet voor. Mann onderzocht de emotie vernedering in drie verschillende situaties: tussen individuen onderling, tussen groepen onderling en binnen een groep. Voor deze laatste categorie deed ze uitgebreid onderzoek naar ontgroeningen bij studentenverenigingen. Onder streng toezicht van de ethische commissie kreeg ze goedkeuring om mensen in het lab een klein beetje te vernederen. Proefpersonen moesten in groepjes gaan dansen en sommige werden vervolgens verbaal vernederd door de proefleider. Deze leider had kennis van het experiment. ‘Eén van de dingen die we ontdekten, was dat mensen die zich vernederd voelden meer geneigd waren zich terug te trekken. Ze wilden weg van de groep. Hiermee hebben we een ontgroeningsritueel gereconstrueerd. Natuurlijk is dit niet exact hetzelfde als een echte ont-

groening: proefpersonen weten dat ze meedoen aan een experiment. Uiteindelijk bleek uit het experiment dat vernedering er helemaal niet voor zorgt dat je graag bij een groep wilt horen; je wilt juist weg van die mensen.’ Dat was niet het enige gevolg van vernederen. Uit de experimenten bleek dat vernederde mensen agressief werden: ze waren geneigd om wraak te nemen op de proefleider. Naast een reconstructie deed de onderzoekster ook nog andere studies met betrekking tot ontgroeningen. ‘We hebben mensen ondervraagd die zelf een ontgroening hebben doorlopen en mensen gevraagd mee te werken aan een scenariostudie. We vroegen deze personen zich sterk in te leven in de beschreven situaties. Uit deze experimenten bleek weer hetzelfde: vernedering wekt naast schaamte ook agressie op. Dat maakt het een enorm interessante emotie’, aldus Mann.

‘Mensen die zich vernederd voelen, zijn geneigd zich terug te trekken.’ Plagen mag, pesten niet Mensen die op een podium werden gezet en vervolgens onder hard gelach werden ondergegooid met eten en bier. Vrouwelijke aspiranten die in de sauna naakt moesten rondlopen terwijl de mannelijke corpsleden hen bekeken en beoordeelden. Studentes die in het zwembad in een bikini door de groencommissie op een rijtje werden gezet van knap naar lelijk. Dit zijn een aantal vernederende acties waar Mann over las. Het vernederen van mensen heeft, als dit niet te ver gaat, ook een functie. Schaamte kan dienen als middel om je plek te leren kennen. Het leger is hiervan een mooi voorbeeld. ‘Ze willen daar alleen de sterkste militairen overhouden en de hiërarchie benadrukken. Het is voor nieuwe militairen belangrijk om te zien wie de baas is.’ In hun introductieperiode wordt een aspirant-militair vaak flink uitgefoeterd. Deze vorm van vernedering heeft een heel ander doel dan ontgroeningen van studentenverenigingen. ‘Het leger wil dat militairen die naar Syrië of Afghanistan worden gestuurd tegen een stootje kunnen. Het gaat er bij hen vooral om dat je echt moet kunnen afzien.’ Ondanks de enorme media-aandacht voor ontgroeningen, wil Mann niet per se een punt maken met de resulta-


ten van haar onderzoek. Ze schreef haar proefschrift uit pure interesse en wist ook niet wat het resultaat zou zijn. ‘De emotie vernedering is boeiend, omdat het zowel schaamte als woede en agressie opwekt. Vernedering is een belangrijk onderdeel van ontgroeningen en daarom ben ik het gaan onderzoeken. Het was nooit mijn intentie om specifiek iets aan te tonen. Dit is wat we ontdekten, maar het resultaat heeft niet tot doel om studentenverenigingen te vertellen wat ze wel en niet mogen doen. Als een vereniging mij vraagt hoe ik een ontgroening in zou richten, dan zou ik wel zeggen dat elementen die vernedering kunnen oproepen eruit moeten. Je mag iemand best op een speelse manier plagen, maar pesten gaat te ver. Het is grappig zolang de geplaagde persoon er zelf ook nog om kan lachen, maar mentaal iemand neerhalen hakt er bij sommigen te hard in.’ Samen pijn lijden Als groep een beetje fysiek lijden zou een alternatief kunnen zijn. Uit onderzoek is namelijk gebleken dat samen lichamelijk afzien wél verbroedert. ‘Australische wetenschappers hebben ontdekt dat gezamenlijk pijn lijden leidt tot saamhorigheid. Dat is interessant. Ze hebben gevraagd of een groep mensen hun handen in ijswater wilde leggen. Na een tijdje gaat dat uiteraard behoorlijk pijn doen. De onderzoekers vertelden de

proefpersonen dat ze het zo lang mogelijk vol moesten houden. Uiteindelijk merkten de wetenschappers op dat wanneer mensen dit samen deden, dit leidde tot meer cohesie onder de deelnemers. Mede door dit experiment concludeerden de wetenschappers dat fysieke pijn en lichamelijk afzien wel leiden tot saamhorigheid binnen groepen.’ Het is natuurlijk ook weer niet de bedoeling dat de groencommissie mensen extreem veel pijn gaat doen. Dit kan namelijk leiden tot verwondingen, zoals bij het Groningse aspirant-lid dat hersenletsel opliep nadat iemand op zijn hoofd ging staan. Samen afzien door te rennen, te survivallen of een dropping te doen zonder als feut te horen dat je een dik rund bent, kan wél een sterk groepsgevoel opwekken. Faalsjaarzen opgelet Mann doorliep zelf nooit een ontgroening en heeft er dus geen ervaring mee. ‘Ik ben in Amsterdam geboren en getogen en ik ben er later ook gaan studeren. Ik had daardoor al een heel sociaal netwerk in de stad en had niet zo’n behoefte om lid te worden. Als ik naar Groningen was gegaan, was ik misschien wel lid geworden van een studentenvereniging. Je hoort toch vaak dat mensen dan vrienden voor het leven maken. Ik heb daarentegen weleens afschrikwekkende verhalen gehoord van een vriendin die lid was in Amsterdam. Zij speelden


Column Maurits Vercammen P. 25

een soort spel waarbij ze de hele avond gingen zuipen. Wanneer ze moesten kotsen, deden ze dat in een bak die in de kroeg stond. Daarna dronken ze weer verder. Dat zou ik nooit doen.’ Ondanks dit soort verhalen vindt Mann dat studentenverenigingen een heleboel nuttige functies hebben. ‘Dit is zeker het geval als je naar een andere stad gaat waar je nog niemand kent en alles nieuw is. Je komt van de veilige middelbare school en staat er ineens alleen voor. Dan is het prettig om bij een groep mensen te horen die allemaal hetzelfde ervaren als jij.’ Mochten verenigingen tijdens de groentijd toch blijven vasthouden aan vernederende activiteiten, dan heeft Mann nog wel een aantal tips voor aspiranten in spe: ‘Neem het niet te serieus. Als de groencommissie je vernedert, zie het dan als een grapje of spel. Stel voor jezelf een aantal grenzen voordat je aan de introductietijd begint. Probeer ook vast te houden aan die grenzen; zeg nee als je water uit een wc-pot moet drinken en steek jezelf niet in de fik in een Sinterklaaspak. Tenslotte: blijf vooral jezelf.’ Dus faalsjaarzen, let een beetje op en laat die liter jenever gewoon staan. ANS

Verenigingen opgelucht: genoeg ongelukken tijdens ontgroening Studentenverenigingen Carolus Magnus, Ovum Novum en Phocas zijn opgelucht over het aantal incidenten dat tot nu toe tijdens de ontgroening is voorgevallen. De voorspelling was dat er door de strengere maatregelen minder incidenten zouden plaatsvinden, maar gelukkig blijkt de schade groter dan verwacht. Carolus Magnus maakt zich daarom niet druk over de toekomst. ‘We zullen er met z’n allen voor zorgen dat er zoveel mogelijk incidenten voorvallen. We hebben een reputatie hoog te houden en dat kan natuurlijk niet zonder ontgroeningsschandalen.’ Waar de vereniging Ovum Novum vorig jaar zelden negatief in het nieuws kwamen, ging het bij Groningse vereniging Vindicat wel behoorlijk fout. Ondanks de vele commotie bij Vindicat is Ovum Novum niet van plan in te grijpen in het eigen ongroeningsprogramma. ‘We hebben jaarlijks voldoende incidenten, dit wordt alleen niet altijd opgepakt door de media. Helaas hebben onze leden een geheimhoudingsplicht en daarmee schieten we onszelf eigenlijk behoorlijk in de voet’, aldus voorzitter Gijs Heldens. Rector magnificus Han van Krieken ziet geen reden tot ingrijpen. Hij wijst op de van oudsher ‘mooie traditionele gebruiken’ om tijdens de ontgroening geslagen te worden met een stok, door een corpsbal in de Waal gegooid te worden, of je eigen hartmedicijnen door het toilet te moeten spoelen. ‘Als je geluk hebt krijg je zelfs een aantal pittige opmerkingen over het vermoedelijke beroep van je moeder op je afgevuurd. Dat hoort er allemaal bij!’ RU steunt goed doel tijdens introductie: voor elk verkocht biertje gaat 20 cent naar de Maag Lever Darm Stichting Voor elk biertje dat wordt verkocht tijdens de introductie van de Radboud Universiteit gaat er 20 cent naar de Maag Lever Darm stichting. Op deze manier hoopt de RU iets bij te dragen aan de strijd tegen leverfalen, waar jaarlijks tienduizenden Nederlanders mee te maken krijgen. ‘Zo kunnen de studenten iets teruggeven aan de maatschappij. Door zoveel mogelijk bier te drinken tijdens de introductie, komt er een hoop geld vrij voor onderzoek naar leverfalen. Hoe meer bier ze drinken, des te sneller kunnen we allemaal genieten van een gezonde lever’, aldus een woordvoerder van de universiteit. De RU heeft ook overwogen om voor elk verkocht pakje sigaretten een euro te doneren aan KWF Kankerbestrijding, maar van dit plan werd uiteindelijk afgezien. ‘Dan zouden we mensen motiveren om te roken, en dat vinden we vrij ongepast. Weet je niet hoe ongezond roken voor je is?’


Het Issue Tekst: Tijn Oostenbrink en Eva Vervoort/ Illustratie: Anne Rombouts P. 26

HET ISSUE

In deze rubriek staat iedere editie een ander issue centraal dat de gemoederen flink bezighoudt. Deze editie: vrijheid van meningsuiting op het internet. Anoniem je gal spuwen: voor de gemiddelde azijnpisser is er geen makkelijkere plek om dit te doen dan op het internet. Onder de naam Anoniempje1234 lijkt het een stuk eenvoudiger om te zeggen waar je zin in hebt, maar online zitten dezelfde grenzen aan vrijheid van meningsuiting als offline. Volgens artikel 7 van de Nederlandse grondwet mag naar de rechter worden gestapt als je iemand beledigt, bedreigt of discrimineert. Een online bedreiging is niet alleen kwetsend voor het slachtoffer, het heeft tevens strafrechtelijke gevolgen voor de dader. Het Openbaar Ministerie vervolgde dit jaar maar liefst tweeëntwintig mensen die Sylvana Simons racistisch beledigden en bedreigden. De rechterlijke uitspraken wisselden van geldboetes tot werkstraffen. De rechtbank hoopte dat het vervolgen van deze verdachten toekomstige daders zou afschrikken. Online beledigen en cyberpesten vormen een steeds groter probleem. ANS onderzocht daarom hoe het ervoor staat met de vrijheid van meningsuiting op het internet. Rekt het internet de grenzen van de vrijheid van meningsuiting te ver op? Dr. Jaap-Henk Hoepman, wetenschappelijk directeur van het Privacy & Identity Lab, universitair hoofddocent Digital Security aan de Radboud Universiteit ‘Enige vorm van controle is belangrijk, maar vrijheid van meningsuiting mag je naar mijn idee maar beperkt begrenzen. Commerciële partijen of overheden willen de macht in het begrenzen nogal eens overnemen op het internet. De onduidelijke criteria waarop Facebook censureert en de maatregel van Turkije om hun inwoners van Twitter af te sluiten, zijn voorbeelden van ingrepen die de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van informatie beperken. Als je al begrenst of censureert, moet dit onder heel duidelijke regels. Privacy speelt normaliter ook een rol, maar wanneer je op het internet iemand met de dood bedreigt, heb je geen recht meer op privacy en mag de politie je gegevens achterhalen om je op te sporen. ‘Dat Facebook bepaalde content censureert, daar kan ik me wel in vinden. Dit moet wel op een duidelijke en transparante manier gebeuren. Overheden moeten de commerciële partijen op hun censuurbeleid kunnen aanspreken en aansturen, maar op dit moment zijn de partijen zoals Facebook en Twitter te machtig. Zij maken hun eigen regels en zijn niet transparant. De wetgeving loopt achter de technologie aan. Het is niet alleen aan deze partijen om beslissingen te maken. De uiteindelijke verantwoordelijkheid om te definiëren wat grote bedrijven mogen doen, ligt bij de samenleving en de politiek. De verantwoordelijkheid om stappen te ondernemen, ligt bij de bedrijven zelf.’

Prof. mr. Henny Sackers, hoogleraar Sanctierecht aan de Radboud Universiteit ‘Of een belediging, bedreiging of discriminatoire uitspraak nou publiekelijk, persoonlijk of digitaal wordt verkondigd, maakt in wezen niets uit. De wetgeving werkt op dit vlak naar behoren en aanpassingen zijn dus niet nodig. Mensen denken dat ze online meer kunnen zeggen, maar dat is een misvatting. Het maakt ze zelfs makkelijker vervolgbaar. Een online belediging of bedreiging staat zwart op wit en is daardoor sneller te herleiden naar degene die de uiting deed. Voor de politie is dit prettig bij de vervolging, want de bewijslast is een stuk makkelijker te verkrijgen. Hoewel het strafrecht op dit gebied prima functioneert, moeten we vooral niet de illusie hebben dat ingrijpen van bovenaf bijdraagt aan onze normen en waarden. Negatieve uitingen op het web zullen nooit volledig worden uitgewist: we kunnen hooguit de excessen aanpakken. ‘Ondanks dat rechters een toename in online beledigingen zien, hoeft dit niet als zorgelijk te worden ervaren. Het is een logisch gevolg van het toenemende gebruik van sociale media in Nederland. In de rechtsspraak is dit dan ook geen discussiepunt. Rechters houden wel rekening met de context waarin de uiting is gedaan en met de impulsiviteit die vaak gepaard gaat met zo’n uitspraak. De rechtszaak tegen de verdachten die Sylvana Simons online beledigden is een mooi voorbeeld. Hier heeft de rechter elk geval afzonderlijk onderzocht en beoordeeld.’


Het Issue P. 27

Matthijs Pontier, lijsttrekker Piratenpartij Amsterdam ‘Online vrijheid van meningsuiting staat in Nederland onder druk. Volgens de wet is de vrijheid van meningsuiting in de fysieke en online wereld hetzelfde, maar in de praktijk niet. De grote bedrijven werken samen met de overheid en hebben zo een monopoliepositie op het internet. Het internet wordt steeds meer een middel van massasurveillance voor de overheid en grote bedrijven. Dit leidt tot zelfcensuur, omdat mensen hier rekening mee houden. Daarnaast wordt censuur al toegepast door bedrijven als Facebook en Google. Dit doen ze door middel van algoritmes die bepaalde woordcombinaties censureren. Die fungeren eigenlijk als een soort filters. Deze algoritmes houden geen rekening met de context en daardoor worden ook artistiek bedoelde uitingen zoals parodieën gecensureerd. Niet alleen bedrijven gebruiken dit soort filters, ook overheden doen hieraan mee. Het Europees Parlement heeft een motie ingediend voor een uploadfilter op verschillende websites. Dit zijn beperkingen van de online vrijheid van meningsuiting. ‘De Piratenpartij pleit voor een eerlijkere online machtsverdeling en vrij verkeer van informatie. De wetgeving moet worden aangepast om grote bedrijven ter verantwoording te kunnen roepen. Dat kan nu ook wel, maar de belangen die de overheid bij deze bedrijven heeft, zijn simpelweg te groot. Hun macht moet aan banden worden gelegd. Daarnaast verlangen wij meer transparantie van monopolisten zoals Facebook en Google. Zij moeten duidelijk zijn over de filters die ze gebruiken en de criteria waarop content wordt gefilterd.’

De wetgeving omtrent vrijheid van meningsuiting op het internet De wetgeving maakt geen onderscheid tussen vormen van vrijheid van meningsuiting. Daarom valt ook vrijheid van meningsuiting op het internet onder artikel 7 van de Nederlandse grondwet. Dit houdt in dat je alles kunt schrijven en zeggen zonder dat het van tevoren mag worden gecensureerd. Je kunt alleen achteraf vervolgd worden als jouw uiting als beledigend, bedreigend of discriminatoir is ervaren. Ondanks dat cyberpesten en haatcomments diverse problemen veroorzaken, ziet de overheid geen heil in het aanscherpen van de wetgeving. Ook internationaal mengt Nederland zich in het debat over vrijheid van meningsuiting op het internet. Nederland maakt zich sterk voor activisten om hen zowel online als offline dezelfde rechten te garanderen, zoals die staan beschreven in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Middels deelname aan de Freedom Online Coalition, een organisatie die bestaat uit landen over de hele wereld, proberen ze dit doel te realiseren. ANS


Stamgasten Tekst: Wout Zerner/ Foto’s: Immy Niemeijer en Pia Rademacher/ Illustratie: Josse Blase P. 28

Stamgasten Lallende disputen, vage figuren aan de bar of uitbundige dansers; elke kroeg heeft zijn eigen publiek. ANS duikt de vaste stek van een groep studenten in, velt haar oordeel over het café en test de kennis van de trouwe gasten. deze keer: Nijmeegse Studenten Surf Vereniging Aeolus in Café Van Rijn.

Thijs, Frank, Emma en Hans

V.l.n.r.: Hans, Emma, Jorryt, Frank, Sander, Thijs

Frank, Emma en Jorryt

Het is nog relatief rustig aan het begin van de avond in Café Van Rijn. De surfers van Aeolus komen een voor een aanwaaien. ‘Dat is het Aeolus-halfuurtje’, lacht Emma (24), masterstudent Orthopedagogiek. ‘We zijn vaak allemaal wat later.’ Het te laat komen typeert de sfeer binnen de vereniging. Frank (26), afgestudeerd aan het conservatorium, vervolgt: ‘De borrels zijn bij ons zo onvoorspelbaar als de wind. De ene keer is het heel druk en de andere keer kan het heel rustig zijn. Daardoor zijn we soms om twaalf uur al thuis, maar het kan ook later worden’, vertelt hij. ‘Binnen onze vereniging heerst er een beetje een surferlifestyle’, vertelt Hans (33), afgestudeerd in werktuigbouwkunde. ‘Dat heb je ook wel nodig bij het windsurfen, omdat je heel afhankelijk bent van de wind. Op een weekend gaan we als er wind staat het water op en wat we verder doen plannen we niet. Wij zijn geen zuipvereniging. In plaats daarvan gaan we het liefst zo vaak mogelijk op vakantie om te surfen.’ Het meest recente uitstapje van de vereniging was naar Denemarken. ‘We hebben een bus waar al onze materialen inpassen en daarmee zijn we daarheen gereden’, vertelt Sander (23), masterstudent Scheikunde. ‘In Denemarken was een groot meer dat vlakbij de zee lag. Hierdoor stond er een harde wind. Als je goed genoeg was, kon je ook op de zee surfen, maar dat lukte ons alleen de eerste tien meter’, lacht hij. Naast de surfweekenden worden er ook andere evenementen georganiseerd. Zo gaat Aeolus op liftweekend. ‘De bedoeling was om zo snel mogelijk vanuit Nijmegen in Luxemburg te komen’, vertelt Emma. ‘In Duitsland stonden we een tijdje vast en na lang wachten hadden we eindelijk een lift. Bij de auto aangekomen zagen we dat er maar één zitplaats was en een hondenbench. Dus mijn reisgenoot en ik hebben afwisselend tijdens de rit allebei een uur in deze kooi gezeten.’ Jorryt (23), masterstudent Moleculaire Wetenschappen, lacht en vervolgt: ‘Tijdens het liften kom je de gekste mensen tegen. De chauffeur van mijn eerste lift vertelde ons al binnen vijf minuten over de negen relaties die hij heeft gehad.’ Naast deze activiteiten organiseert Aeolus een keer per jaar de Surfin’. ‘Ons clubhuis is tijdens dit festival de plek waar alles gebeurt’, legt Jorryt uit. ‘Het hele weekend draait dan om de relaxte surfersmentaliteit’, vervolgt Thijs (22), student Bio-Informatica aan de HAN. ‘We gaan barbecueën, feesten, chillen en surfen. We organiseren ook altijd twee themafeesten. Twee jaar geleden was dat ‘Gender in de blender’.’ Frank zegt lachend: ‘Alle mannen hebben de hele avond aan hun borsten gezeten.’ Sander vervolgt glunderend: ‘Het was mooi dat de vrouwen nu de mannen gingen versieren.’ ANS


Stamgasten P. 29

kroegpraat

Sander: ‘Misschien Robbie Nash; hij is heel oud en heeft een windsurfmerk.’ Hans: ‘Ik heb geen idee.’ Thijs: ‘Wat weten wij weinig jongens, we moeten echt iets aan onze kennis gaan doen.’ Sander: ‘Of Jason Polakow? Laten we voor Nash en Polakow gaan.’ De kennis over de geschiedenis van hun eigen sport moet worden bijgespijkerd bij de leden van Aeolus. NASA-ingenieur Jim Drake en golfsurfer Hoyle Schweitzer worden namelijk als uitvinders van het windsurfen gezien.

Voor echte drukte is het nog te vroeg, maar het terras van Van Rijn wordt bevolkt door plukjes borrelende studenten. Binnen wordt de muziek langzaam maar zeker harder gezet om de kroeg klaar te maken voor de stapavond. Waar de leden van Aeolus bij Van Rijn rustig kunnen opstarten, is het later op de avond ook de plek voor de surfers om op stap te gaan.

De pubquiz Hoe heette de baai waar tijdens de Olympisch Spelen van 2016 in Rio de Janeiro de windsurfwedstrijden werden gehouden? Hans: ‘Tja, mogen we een mobiel gebruiken?’ Sander: ‘Ik weet alleen dat de baai heel vies was en dat Dorian van Rijsselberghe er heeft gewonnen.’ Jorryt: ‘Misschien de baai van Maria?’ Hans: ‘Doen we die, maar dat klopt niet.’ De leden van Aeolus slaan hier de plank volledig mis. Ze zijn goed op de hoogte van de vervuiling van het water, maar de naam van de baai is een te grote opgave. Het water waarop Van Rijsselberghe goud won heet de baai van Guanabara. Het biertje gaat aan hun neus voorbij. In welk jaar surfte er een windsurfer over de A2 bij Den Bosch? Jullie mogen er twee jaar naast zitten. Emma: ‘Ik denk ergens in de jaren tachtig.’ Thijs: ‘Hoe dan? Met wieltjes?’ Jorryt: ‘Je hebt toch water nodig?’ Sander: ‘In ’93 of ’95 was er een overstroming, dus misschien toen.’ Emma: ‘Oké, dan doen we ’94.’ Na het horen van de vraag kijken de windsurfers alsof ze water zien branden. Ondanks de verbazing komen ze verrassend snel op het idee dat er wel een overstroming moet zijn geweest. Met het antwoord 1994 zitten ze één jaar naast het juiste jaartal: 1995. Dit levert hun het eerste biertje op. Wie waren de uitvinders van het windsurfen?

Waar bewaarde de Griekse god Aeolus volgens de mythe de winden? Thijs: ‘In een grot.’ Sander: ‘Huh, waar bewaarde hij wat?’ Thijs: ‘Hij had de Noordenwind, Oostenwind, Westenwind en de Zuidenwind alle vier verslagen. Ja, ik wist dat deze vraag ging komen.’ De voorbereiding van Thijs legt de groep geen windeieren. Volgens de mythologie bewaarde Aeolus inderdaad de winden in een grot van waaruit hij ze de wereld overstuurde. Met de wind vol in de zeilen gaat Aeolus door dit goede antwoord voor het tweede biertje. Hoelang had Dennis Klaaijssen nodig om de Noordzee over te steken op een surfplank? Jullie mogen er 15 minuten naast zitten. Sander: ‘Zullen we 6 of 7 uur doen? Hij heeft ook pauze nodig.’ Hans: ‘Nou, ik denk niet dat hij een pauze neemt hoor.’ Emma: ‘Ik denk 6 uur.’ Sander: ‘6 is wel snel. Laten we 7 uur doen.’ Het idee van Emma wordt door de rest van de groep in de wind geslagen, waardoor het definitieve antwoord fout is. Klaaijssen had voor zijn oversteek 6 uur, 2 minuten en 15 seconden nodig.

De Afrekening

Het gaat de leden van Aeolus niet voor de wind tijdens de pubquiz. Door de voorbereiding en kennis over overstromingen in het verleden valt het feestje toch niet compleet in het water. Gelukkig zit de sfeer er goed in bij de windsurfers. Daarnaast is Café Van Rijn een gezellige locatie om te borrelen en later op de avond met de voetjes van de vloer te gaan. Dit levert Aeolus een bonuspilsje op, waardoor het totaal op drie biertjes komt.


Deze ANS niet/ GoedVoorEenConsumptie/ Colofon Tekst: Redactie P. 30

DEZE ANS NIET

Kamer Betalende Sukkels Tijdens het onderzoek naar de praktijken van verhuurders in Nijmegen sprong een kamer van KBS Vastgoedbeheer in het oog. Voor niet minder dan 395 euro per maand kon een kamer van maar liefst dertien vierkante meter worden gehuurd. Navraag bij Huurteams leerde dat je voor dit bedrag minimaal drie bezemkasten en een garage kan huren. KBS bleef echter stug volhouden dat 200 euro aan servicekosten volkomen redelijk was. Bij ANS vinden wij dat veel geld om een keer goed genaaid te worden.

GeenZin GeenStijl staat bekend als een van Nederlands grootste voorvechters van vrijheid van meningsuiting op het internet. ANS vroeg het medium daarom om hun reactie voor in Het Issue. Hun antwoord was als altijd genuanceerd en goed onderbouwd. De organisatie noemt vrijheid van meningsuiting op het internet hun ‘favo dingetje’ en real life is ‘iets voor sukkels’. Op drie andere vragen volgde een geniaal, goed gevonden ontkennend antwoord in drie letters. Woorden werden zelden treffender gekozen: wederom een journalistiek pareltje van GeenStijl.

32e jaargang Hoofdredactie Aaricia Kayzer en Vincent Veerbeek Redactie Anne Rombouts, Jean Querelle en Eva Vervoort Medewerkers Vince Decates, Teun Freriks, Bram Jodies, Noor de Kort, Chiel Nijhuis, Tijn Oostenbrink, Dennis van der Pligt, Jules Schmeits en Wout Zerner Illustraties Josse Blase, Joost Dekkers, Anne Rombouts en Bibi Queisen Foto’s Kelley van Evert, Teun Freriks, Immy Niemeijer, Dennis van der Pligt, Pia Rademacher, Caspar Sarfarlou, Melis Ulubas en Tim Zeeman Voorpagina Tim Zeeman Columnisten Thom Wijenberg en Maurits Vercammen Eindredactie Tom Plaum, Anne Rombouts, Tijs Sikma, Rein Wieringa en Marit Willemsen Crypto Janneke Elzinga Cartoon Dennis van der Pligt Ontwerp Marloes de Laat en Roel Vaessen Lay-out Aaricia Kayzer Dagelijks bestuur Manon Abbo (voorzitter), Liselotte Noordhuizen (secretaris), Pia Rademacher (penningmeester)

Druk MediaCenter Rotterdam Uitgave, abonnementen en advertentie-acquisitie Stichting MultiMedia: stichtingmultimedia@gmail.com Redactieadres Heyendaalseweg 141 6525 AJ Nijmegen Tel: 06-36428931 Mail: redactie@ans-online.nl

Het Algemeen Nijmeegs Studentenblad is een onafhankelijk blad dat gratis in de binnenstad en op de Radboud Universiteit Nijmegen wordt verspreid. Het verschijnt 7 keer per jaar in de maanden september t/m juni. De uitgave van ANS wordt mede mogelijk gemaakt door:


CRYPTO

Crypto Ans deze maand P. 31 P. 31

1

dit cryptogram maakt elke kersverse student wegwijs in Nijmegen, maar ook voor de ingeburgerde Nijmegenaar is deze puzzel de ultieme test. Hotspots, wijken, gebouwen of omliggende dorpen: weet jij welke plekken in nijmegen omschreven worden?

3

2

4

5

6

7

De oplossingen van de crypto in de zesde editie van ANS vind je op www.ans-online.nl. 8

ANS mag dit keer drie keer twee kaarten voor het Afrika Museum weggeven. 9

10

11

6

12

13

Het Afrika Museum vind je in de bosrijke en heuvelachtige omgeving van Berg en Dal bij Nijmegen. In het museum kom je van alles te weten over Afrika en Afrikaanse kunst. Het binnenmuseum toont verschillende traditionele en hedendaagse kunst uit Afrika. In het buitenmuseum komt Afrika heel dichtbij door de verschillende woonerven. Wil jij kans maken op kaarten voor twee personen? Stuur dan voor 2 oktober je oplossingen naar redactie@ansonline.nl.

14

Horizontaal: 4. Stroomt hier niet (4), 7. Deze wijk is tevens berucht om een nijdige peulvrucht (6), 8. Die berk kan niets, als je hem schudt (12), 9. U biedt een park, stadion en een station aan de goden aan! (7), 11. Geen wieken, maar plaatjes (11), 12. Dit stadsdeel inspireerde Bono in 1987 (9), 14. Als je je hier niet thuis voelt, pak je ze (6). Verticaal: 1. Als we er constant overheen marcheren, zijn alle… (16), 2. ‘Hallo, boom’, klonk een schorre stem uit de wijk (4), 3. Hier left men op z’n dooie akkertje (10), 5. Hoe je het ook wendt of keert, ik ken er al plezier (6, 11), 6. Hier horen Nijmeegse baby’s te slapen (6), 10. Deze kronkelvormige vis zal je er niet tegenkomen (4), 13. Deze moer hoort de universiteit draaiende te houden (7).


GEVONDEN VOORWERP www.ans-online.nl. Tekst: De redactie / colofon P. 32

Tekst: Bram Jodies/ Foto: Caspar Sarfarlou

Wie: Liselotte Noordhuizen (21), derdejaarsstudent Nederlands Recht Voorwerp: Kat met strikje

denken: “Waar is zij mee bezig?”. Als kers op de taart heb ik een renaissanceportret van Pablo en de hond van mijn vriendin opgehangen.’

Waarom heeft dit poezenbeest een strikje om? ‘Pablo, vernoemd naar drugsbaron Pablo Escobar, heeft op speciale gelegenheden zoals verjaardagen een strikje om. Naast dit zwarte strikje heeft hij ook een zwart-wit gestreept exemplaar, een roze en zelfs een stropdas. Winkels speciaal voor katten hebben een hele collectie aan strikjes voor huisdieren. Je moet natuurlijk wel een beetje lef hebben om zo’n winkel zonder schaamte te bezoeken. Ik merk aan hem dat hij met een strikje om op z’n best is. Zijn stropdas zit soms wel in de weg, want Pablo is een echte avonturier en hij klimt graag in bomen.’

Is het lastig om een kat te houden op een studentenkamer? ‘Honden kan je africhten, maar een kat heeft een eigen wil. Zo raak ik Pablo wel eens kwijt op de gang. Je zou denken dat je een kat niet uit het oog kan verliezen op dertig vierkante meter, maar het is mogelijk. Net als zijn naamgenoot probeert hij steeds te ontsnappen. Daarnaast is hij erg slim; binnen een week wist hij de IKEA-bakken met kattenvoer open te krijgen. Escobar is een beetje vadsig, maar ik wil niet dat Pablo het figuur van zijn naamgenoot krijgt.’

Waarom wilde je een kat? ‘Op elke advertentiefoto van het meisje dat voor mij in deze kamer woonde stond een kat en ik ben een groot fan van dieren. Toen ik erachter kwam dat je huisdieren mag houden in Mariënbosch wilde ik meteen een kat. Ik was heel enthousiast en had Pablo al gekocht voordat mijn meubels waren geleverd. Toen de bezorgers mijn bed kwamen brengen en alleen maar drie krabpalen zagen staan, zag ik ze

Hoe reageren andere studenten op Pablo? ‘Pablo schijnt een hit te zijn op Jodel, want hij heeft er een keer met zijn strikje, met een stropdas, en met zijn krabpaal opgestaan. Ook laat ik Pablo soms uit met een kattentuigje, of laat ik hem de omgeving ontdekken vanaf de vensterbank. Laatst was er in Mariënbosch een feestje en van een vriendin hoorde ik dat iedereen het had over die rare kat die op de begane grond uit het raam hing. Hij trekt zeker veel bekijks.’ ANS

ANS trapt af  

Eerste editie van de 32e jaargang van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

ANS trapt af  

Eerste editie van de 32e jaargang van het Algemeen Nijmeegs Studentenblad

Advertisement