Issuu on Google+

03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:05

Pagina 1

#03 jaargang 6, juni 2009

vakblad voor huisartsen - tandartsen - specialisten - fysiotherapeuten en andere onder nemers in de zorg

Vizier op de toekomst En verder:

PROFIE

200 Praktijkplan: Stok achter de deur

Persoonlijk reflecteren kunt u leren

Uitkomsten PM Profiel 2009

Alles over het POP

▲ Praktijkplan voorkomt vrijblijvendheid ▲ Portret rijdende dierenarts ▲ Bijlage: U en uw pensioen ▲ Regeren is vooruitzien ▲ Word lid van de MO LinkedIn-groep


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:05

Pagina 2


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:05

Pagina 3

VOORWOORD

Onderbuikgevoel Strategische plannen: vind er in alle dagelijkse beslommeringen maar eens tijd voor. Een dagje brainstormen is nog net in te plannen, maar dat is in veel gevallen niet genoeg. Ze leveren een te grote en te vage lijst aan ideeën op, die direct na thuiskomst via het bureau in de la en uiteindelijk in de prullenbak belanden. Volgens mij is één van de oorzaken dat we plannen nog te weinig op feiten en cijfers baseren. Want naast het buikgevoel dat bij brainstorms de boventoon voert, spelen ook de harde feiten in een goed plan een cruciale rol. En die zijn vaak heel wat moeilijker boven tafel te krijgen. Om goede, toekomstbestendige keuzes te maken moet u bijvoorbeeld demografische kenmerken van het verzorgingsgebied van uw praktijk hebben en weten welke concurrerende zorgaanbieders er in datzelfde gebied aanwezig zijn. Of welke nieuwe diensten u kunt en wilt gaan aanbieden en hoeveel patiënten daarvoor ‘in de markt’ zijn. Juist deze ‘harde’ kant van de plannenmakerij wordt door gebrek aan tijd, kennis of ervaring nogal eens overgeslagen, en dat baart me zorgen. Langzaam aan moet elke beroepsgroep toch, al is het maar heel beperkt, gaan denken in doelgroepen en diensten. Om zorg en service aan te laten sluiten op het wensenpakket van de patiënt anno 2009. Bemoedigend is dat meer dan de helft van de respondenten van het PM Profiel 2009 aangeeft een beleidsplan of visiedocument voor de praktijk te hebben. Meer over nut, noodzaak en veel praktische tips over plannenmakerij leest u in deze MedischOndernemen met het thema ‘Vizier op de toekomst’. Een mooi nummer om tijdens de vakantie eens rustig door te lezen en op het strand, in de bergen of op de camping eens op u in te laten werken.

Hartelijke groet,

Elsbeth Nijhoff Hoofdredacteur MedischOndernemen

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

3


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:05

Pagina 4

INHOUDSOPGAVE

16 Vizier op de toekomst Wat wil ik en wat zijn mijn doelen? Een praktijkplan is een vizier op de toekomst, met draagvlak bij alle betrokkenen zodat resultaten toetsbaar en meetbaar zijn. En dat levert diverse voordelen op. Lees er alles over in het thema-artikel.

20 Enthousiaste reacties op rijdende dierenarts Na vele omzwervingen startte Marjolein van Loon op 1 januari 2009 als rijdende dierenarts. “Tachtig procent van mijn klanten heeft geen rijbewijs, geen auto of is gehandicapt. Het is geweldig dat ik ze zo kan helpen.”

23 Bijlage: Medisch Praktijkplan Voor u als medisch ondernemer liggen er talloze financiële valkuilen op de loer. MedischOndernemen presenteert in samenwerking met ABN AMRO de bijlage Medisch Praktijkplan, waarin we u met interviews, casebeschrijvingen en achtergrondartikelen voor deze fouten behoeden.

47 PROFIEL

2009

Uitkomsten PM Profiel Onder de naam PM Profiel doet MedischOndernemen voortaan tweejaarlijks onderzoek naar de positie van praktijkmanagers in Nederland. Honderden praktijkmanagers en –houders reageerden en in dit nummer presenteren we de resultaten.

4

MedischOndernemen


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:06

Pagina 5

#3 JUNI 2009

6

Rare vragen

40

48

54

Alles over leiderschap

MedischOndernemen op LinkedIn

Waar liggen de aftrekmogelijkheden?

PM bijlage

39

Oseltamivir

En verder Voorwoord

57 Colofon en lezersservice

4

Resultaten PM Profiel 2009

3

8

POP, goed plan?

12 Praktijk+

60 Plan in de praktijk

10 PM, werk en andere zaken

40 Haal alles uit LinkdIn

62 Levin

11 Train your Brain

42 Column Observer

68 Nascholingsagenda

12 Column Maaike Straathof

43 Mens en Werk

70 Column Jaap Peters

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

5


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:06

Pagina 6

UITGELICHT

VERLENGING ZWANGERSCHAPSVERLOF ONZEKER Er gaan in Europa stemmen op om het zwangerschapsverlof te verlengen van veertien naar twintig weken. Een voorstel met deze strekking is echter door het Europees Parlement op de lange baan geschoven. Nederland kent nu een zwangerschapsverlof van zestien weken en daarmee zitten we binnen Europa aan de lage kant. Veel Europese landen hebben langer verlof na de bevalling, vaak in combinatie met een betaald ouderschapsverlof. Dat laatste is in Nederland nog steeds zeer minimaal betaald. Vooral de Scandinavische landen hebben lang verlof na de geboorte van een kind; in combinatie met het betaalde ouderschapsverlof

een jaar. Dat geldt ook voor een aantal voormalig Oostbloklanden. TsjechiĂŤ kent 28 weken zwangerschapsverlof. Het voorstel om het zwangerschapsverlof in Europa te verlengen stuitte op zoveel verzet dat het is terugverwezen naar de commissie vrouwenzaken van het Europarlement. Hoe het verder gaat is onduidelijk.

DE MAGIE VAN HET KOEKJE Plezierig werken is niet altijd vanzelfsprekend, maar kleine dingen maken soms het verschil. Het weblog plezier op je werk noemt als succesvol voorbeeld het koekje. Met een pak krakelingen begint een vergadering heel anders en ook bij slecht nieuws gesprekken breekt een koekje soms het ijs. Maximale sfeer met een minimale investering.

6

MedischOndernemen


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:06

Pagina 7

DE VIJF GROOTSTE NETWERKBLUNDERS Een eerste indruk maakt u maar een keer en daarom kan deze maar beter goed zijn. De Vlaamse website netto.be zette de vijf meest gemaakte netwerkfouten op een rij. 1. Te weinig tijd Benadert u iemand voor een afspraak, zorg er dan voor dat u plek in uw agenda heeft. Eerst iemand vragen en vervolgens geen tijd hebben om af te spreken komt slordig over. 2. Onduidelijkheid U benadert iemand per mail of telefoon, maar wat wilt u precies van de ander? Is dit voor uzelf duidelijk dan overtuigt u de ander veel makkelijker om moeite voor u te doen. 3. Verkeerde veronderstellingen Mensen vullen snel de bedoelingen van een ander in, maar deze hoeven helemaal niet te kloppen. Probeer er

zo snel mogelijk achter te komen of jullie echt iets voor elkaar kunnen betekenen en niet elkaars tijd verdoen. 4. Netwerken op internet Op websites als LinkedIn kunt u snel en eenvoudig netwerken, maar doe het wel goed. Lukraak mensen uitnodigen of niet reageren op mailtjes werkt averechts. 5. Wees attent Iedereen is gevoelig voor complimenten, laat dus weten dat u de moeite van een ander waardeert. Dat kan met een compliment per e-mail of telefoon, maar ook met een cadeaucheque, een flesje wijn of een aanbeveling op bijvoorbeeld LinkedIn.

RARE VRAGEN TONEN WARE AARD SOLLICITANT Recruiters stellen graag rare vragen aan sollicitanten, meldt ICT-vakblad Computable. Wat zou u bijvoorbeeld doen met een miljoen pingpongballen? De vragen, die onverwacht worden gesteld, doen volgens de wervers een beroep op iemands creativiteit, motivatie en stressbestendigheid. Werving- en selectiebureau YER stuurt kandidaten soms heel bewust het bos in met vragen als ‘Wat bent u voor vader?’ of ‘Zit u nu in uw rol, of bent u echt?’ Een recruiter bij softwarebedrijf Microsoft vraagt standaard hoe de sollicitant de berg Mount Fuji zou verplaatsen. Het is niet verstandig om als sollicitant bij rare vragen in de verdediging te schieten, vinden de recruiters.

Sollicitanten kunnen beter voor bedenktijd zorgen door een tegenvraag stellen, bijvoorbeeld waarom de interviewer de rare vraag stelt. Meer rare vragen volgens wervingsbureau O’Connel Marketing Recruitment: 1. Beschrijf uzelf in één woord. 2. Hoeveel vliegtuigen zijn er in de wereld? 3. Vertel eens een mop? 4. Stel, u hebt een grote zak met geld. Wat zou u ermee doen?

TIP !

Ex libris

OVERSTIJG JEZELF & ONTDEK DE VIER GEDRAGSPATRONEN 'Overstijg jezelf' bespreekt persoonlijke groei vanuit vier gedragstypen. Één heeft u van nature, twee zijn bekend terrein en de laatste is de sleutel tot verbetering. In ieder van ons schuilt een denker, organisator, samenwerker en een leider. Het ene persoonlijkheidstype is alleen net even dominanter dan het andere, maar u heeft ze allemaal nodig. Door ze te herkennen en effectief toe te passen, krijgt uw leven meer balans.

Dit boek geeft een verhelderend inzicht in de vier verschillende gedragspatronen. Auteurs: Ginny Whitelaw, Betsy Wetzig Prijs: € 29,95 ISBN: 9789049100377 www.spectrum.nl MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

7


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:06

Pagina 8

INTERVIEW T E K S T: C O R I E N VA N Z W E D E N FOTO’S: MARTINE SPRANGERS

Persoonlijk reflecteren kunt u leren

8

MedischOndernemen


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:06

Pagina 9

LEO AUKES, ONDERZOEKER CIOMO IN GRONINGEN

“De belangrijkste oorzaak van onprofessioneel gedrag bij medici blijkt een gebrek aan reflectie te zijn.” Dat zegt de Groningse psycholoog Leo Aukes die onlangs promoveerde op een onderzoek naar persoonlijke reflectie in de medische opleidingen. MedischOndernemen sprak met hem. “Persoonlijk reflecteren is iets wat je kunt leren.”

Het is tegenwoordig niet meer voldoende wanneer een arts medisch goed onderlegd is en zijn vak beheerst. Dokters moeten zich daarnaast bekwamen in een goede omgang met de patiënt. Communicatievaardigheden zijn daarbij van groot belang, maar ook het vermogen om zowel wetenschappelijk als persoonlijk te reflecteren is onontbeerlijk voor een goede dokter. Psycholoog Leo Aukes van het Universitair Medisch Centrum Groningen heeft zich in de afgelopen jaren ontwikkeld tot dé specialist in persoonlijke reflectie bij medici. Hij ontwikkelde een instrument om de reflectieve vermogens van medische studenten te meten en hij stelde vast dat persoonlijke reflectie leerbaar is. Leo Aukes: “Er wordt vaak gedacht dat reflecteren iets is wat de ene mens nou eenmaal goed kan, terwijl de ander er geen kaas van gegeten heeft. Datzelfde werd twintig jaar geleden ook over communicatieve vermogens gezegd: je was communicatief ingesteld, of niet.

houden heeft. Een arts die zich echter strikt en zonder nadenken aan al die regels houdt, is levensgevaarlijk voor patiënten. Een goede arts kan gemotiveerd afwijken van de regels. Om dat te kunnen, is het nodig dat de arts persoonlijk kan reflecteren. Een beroep op een persoonlijk gevoel of waardeoordeel is dan niet voldoende. Hij moet zijn afwijkende opstelling ook kunnen relateren aan de regels, de context of de culturele achtergrond.” Er zijn nog meer redenen waarom persoonlijke reflectie van groot belang is voor een goede taakuitoefening van de dokter. Aukes: “In de omgang met patiënten uit een andere cultuur wordt van een dokter verwacht dat hij zijn gedrag effectief kan afstemmen op de verwachtingen van de patiënt, zonder daarbij zijn professionele of persoonlijke waarden te veronachtzamen. Om dat te kunnen is reflectie onontbeerlijk. Verder wordt van

“Een goede arts kan gemotiveerd afwijken van de regels.” Daar moest je het mee doen. Inmiddels zal niemand meer bestrijden dat communicatievaardigheden getraind en ontwikkeld kunnen worden. Ook is wetenschappelijk vastgesteld dat ze van grote invloed zijn op de kwaliteit van de medische behandeling. In mijn onderzoek toon ik aan dat gericht onderwijs in reflectie effectief is. Je kunt reflecteren weliswaar niet instrueren. Het valt niet uit een boek te leren of door college te lopen. Maar je kunt je er wel degelijk in oefenen. En met succes, al is het natuurlijk wel zo dat de ene persoon het sneller en makkelijker oppikt dan de andere.” Gemotiveerd afwijken van de regels Waarom is het voor een dokter zo belangrijk om te kunnen reflecteren? Leo Aukes heeft die vraag al heel vaak moeten beantwoorden. Hij zegt: “Je moet het vermogen om te reflecteren zien als een onderdeel van professioneel gedrag. Iedereen is het erover eens dat een dokter in staat moet zijn om wetenschappelijk te reflecteren. Hij moet gemotiveerd een keuze kunnen maken voor een bepaalde behandeling en zich daarvoor kunnen verantwoorden. Om hem daarbij te ondersteunen, heeft de beroepsgroep richtlijnen en protocollen opgesteld die zoveel mogelijk op wetenschappelijk onderzoek zijn gebaseerd. Ook zijn er talloze wettelijke bepalingen waaraan een arts zich te

artsen in toenemende mate gevraagd om samen te werken. Er zijn steeds meer groepspraktijken en allerhande samenwerkingsverbanden in de zorgsector. De solistische arts die alles in zijn eentje doet, komt weinig meer voor. Goede samenwerking vereist dat een arts niet alleen zijn eigen invalshoek kan bepalen, maar zich ook kan inleven in de opvattingen van een ander en zijn gedrag daarop afstemmen. Daarvoor is ook reflectie nodig. “Tenslotte is persoonlijke reflectie onontbeerlijk voor het welbevinden van de arts en om burnout te voorkomen. Een mens leert niet alleen van boeken, colleges of internet, maar ook, en juist, van zijn eigen ervaringen. Dat kunnen professionele maar ook zeer persoonlijke ervaringen zijn. Leren van ervaringen gaat echter lang niet altijd vanzelf. Om van ervaring naar handelen te komen, is persoonlijke reflectie nodig.” Onzin en veel te soft Niet iedereen zal meteen overtuigd zijn door Aukes’ pleidooi om meer aandacht te besteden aan persoonlijke reflectie bij artsen. “Sommigen vinden het onzin,” lacht hij. “Die vinden het allemaal veel te soft.” Hij erkent dat het lastig is om van medische professionals die in een hectische omgeving en onder grote tijdsdruk werken, te vragen om tijd te nemen voor persoonlijke MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

9


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:06

Pagina 10

INTERVIEW

reflectie. Leo Aukes: “Je zult artsen moeten laten ervaren dat het echt werkt. Het is een houding die je kunt oefenen: even de tijd nemen, een stapje terug doen en je volle aandacht aan de patiënt geven. Ik denk dat mindfulness en persoonlijke reflectie binnen twintig jaar als standaardkwaliteiten van een dokter gelden, net zoals dat de afgelopen jaren met communicatievaardigheden is gebeurd.”

niet worden genegeerd. Als een arts bijvoorbeeld spanning in zijn maag voelt bij een bepaalde beslissing of in een gesprek met een patiënt, zou hij dat serieus moeten nemen en zich af moeten vragen hoe dat komt. Dat vergt bereidheid en vermogen tot persoonlijk reflecteren.” Volgens Aukes ligt de dobber rustig en stabiel in het water als de drie modaliteiten - klinisch redeneren,

“Een mens leert niet alleen van boeken, colleges of internet, maar ook, en juist, van zijn eigen ervaringen.”

Aukes heeft een eenvoudig model ontwikkeld om duidelijk te maken wat persoonlijke reflectie is, hoe het werkt en wat de waarde ervan is. Hij legt uit: “Reflectie is een abstract iets. Om het uit te leggen, heb ik een metafoor gekozen, die voor iedereen helder is: een dobber. Het water waarin de dobber drijft, is de klinische context. Wat boven water uitsteekt, is het concrete gedrag van de arts. Wat doet hij, hoe handelt hij? Dat kun je observeren. Dat gedrag wordt mede ge-stuurd door wat zich onder water bevindt. Allereerst zit daar bij de dokter het klinisch redeneren. Vroeger bestond de artsenopleiding voornamelijk uit het overbrengen van een enorme hoeveelheid kennis. Om iets met al die kennis te kunnen doen, moet de arts klinisch kunnen redeneren en patronen kunnen herkennen. Logisch redenerend komt hij met behulp van zijn kennis tot een bepaalde diagnose. Daarvoor is wetenschappelijke reflectie nodig. Klinisch redeneren en weten- schappelijke reflectie behoren tot het logische domein. Er is debat over mogelijk en er zijn objectieve criteria beschikbaar, die de arts geacht wordt te kennen.” Maar er zit meer onder water. Aukes: “Het klinisch redeneren en wetenschappelijk reflecteren worden mede bepaald door de persoonlijke reflectie en door het onbewuste denken. De arts moet beseffen dat zijn eigen persoon, zijn ervaringen en zijn subjectieve oordelen een rol spelen bij zijn professionele handelen. Persoonlijke gevoelens of lichamelijke signalen moeten

wetenschappelijk reflecteren en persoonlijk reflecteren - met elkaar in balans zijn. Maar dat evenwicht kan gemakkelijk worden verstoord. “Piekert iemand te veel of puzzelt hij te lang, dan zakt de dobber weg, maar reflecteert de arts te weinig, dan ligt de dobber plat en waait gemakkelijk met alle winden mee.” Kloof Aukes heeft een instrument ontwikkeld waarmee hij de reflectieve vermogens van medische studenten kan meten: de GRAS index (Groningen Reflection Abilty Scale). De GRAS-lijst bestaat uit 23 vragen die de student testen op zijn vermogen om te reflecteren. Aukes: “Het is een zelfbeoordelinglijst en dat heeft natuurlijk nadelen, zoals bij elke vragenlijst. Respondenten kunnen antwoorden faken of sociaal wenselijke antwoorden geven. We gebruiken daarom formuleringen als “anderen zeggen wel eens dat ik...” Op die manier wordt het voor de respondenten makkelijker om eerlijk te antwoorden. Een andere toepassing is studenten verzoeken om de lijst voor elkaar in te vullen. Dan wordt de vraag: hoe reflectief vind ik mijn medestudent? Uit mijn onderzoek blijkt dat de GRAS-index goed bruikbaar is, wanneer je groepsverschillen wilt onderzoeken.” Intussen is in de opleiding geneeskunde in Groningen een schat aan ervaring opgedaan met het trainen van studenten in persoonlijke reflectie. “Je kunt persoonlijk reflecteren alleen maar leren door het te doen,” zegt

Het meten van reflectieve vermogens Aukes ontwikkelde de GRAS index (Groningen Reflection Ability Scale), waarmee gemeten kan worden hoe reflectief een arts is. Respondenten reageren op 23 stellingen. Bijvoorbeeld: • Ik wil weten wat ik doe en waarom. • Anderen zeggen wel eens dat ik mijzelf overschat. • Ik ben ertoe in staat om mensen met andere culturele of religieuze achtergronden te begrijpen. • Ik neem verantwoordelijkheid voor wat ik zeg. • Ik ben me ervan bewust dat emoties mijn denken beïnvloeden. • Ik kan mijn eigen gedrag van een afstand beschouwen. • Ik stel commentaar op mijn functioneren niet op prijs.

10

MedischOndernemen


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:06

Pagina 11

LEO AUKES, ONDERZOEKER CIOMO IN GRONINGEN

WIE IS LEO AUKES? GEBOREN:

Steenwijk, 24 januari 1946

OPLEIDING: 1967: Kweekschool in Meppel 1973: Doctoraal Psychologie aan de Rijksuniversiteit Groningen 2008: Promotie in de Medische Wetenschappen, Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) CARRIÈRE: 1973-1981: 1981-1987: 1987-1995:

1995-2003: 2003:

Praktijkonderzoek naar Integrale Geneeskunde, begeleiding gezondheidscentra en organisatieadvieswerk bij het Werkverband Organisatieont-wikkeling in de Welzijnszorg Stafmedewerker patiëntenzorg in het Academisch Ziekenhuis Groningen Coördinator van de Sectie Verplegings-wetenschap van de Vakgroep Gezondheidswetenschappen van de Faculteit der Medische Wetenschappen en docent “Management en Beleid van Gezondheidszorg” in Groningen Coördinator Communicatievaardigheden, Onderwijsinstituut, Faculteit der Medische Wetenschappen, Groningen Onderzoeker vanuit het Centrum voor Innovatie en Onderzoek van Medisch Onderwijs (CIOMO) met als aandachtsgebied onderzoek en ontwikkeling van reflectie, UMCG

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

11


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:06

Pagina 12

INTERVIEW

“Je kunt persoonlijk reflecteren alleen maar leren door het te doen.”

Leo Aukes. “Meteen vanaf het eerste studiejaar krijgen studenten onderwijs in “professionaliteit.” Daartoe worden studenten in coachgroepen ingedeeld. De coaches zijn artsen met veel praktijkervaring die een speciale training hebben gevolgd. Binnen een coachgroep spreken studenten over hun opdrachten en over professioneel gedrag en ze delen praktijkervaringen. Je ziet vaak grote verschillen tussen mannelijke en vrouwelijke studenten. Vrouwen zijn eraan gewend om ervaringen te delen, maar moeten leren om dat op een methodische manier te doen. Mannen moeten vaak eerst nog ervaren dat het zinvol is om persoonlijke ervaringen in te brengen. Soms verschuilt een student zich door niet mee te doen of door voortdurend grapjes te maken. Als coach moet je daar goed op letten. Studenten moeten bovendien leren hun grenzen te bepalen: welke persoonlijke ervaringen breng je in en wat hou je voor jezelf?”

HET DOBBERMODEL

Het coachgroepen-model blijkt te werken. De studenten die op deze manier worden opgeleid, scoren beter op de GRAS-index dan anderen. Maar kunnen die studenten daarmee ook uit de voeten als ze straks de praktijk in gaan? Leo Aukes: “Er gaapt op dit moment nog een kloof tussen de opleiding en de praktijk en tussen de verschillende generaties artsen. Er zijn nog altijd dokters die als halve godheden regeren en niet openstaan voor zoiets als de persoonlijke kant van hun functioneren en persoonlijke reflectie. De hoge werkdruk en de no nonsense cultuur in veel ziekenhuizen zorgen ervoor dat artsen in opleiding vaak alleen maar bezig zijn met overleven. Voor persoonlijke reflectie is domweg geen tijd en geen plek.” Toch denkt Aukes dat het tij aan het keren is. Hij zegt: “Het gaat veranderen, ook bij oudere generaties. Wij werven vaak coaches onder oudere artsen, die soms al gestopt zijn met werken. Laatst zei een van hen tegen mij: “Nu leer ik pas wat mijn vak destijds had kunnen zijn.” Een andere zei: “Dit is precies wat ons in de jaren zestig bij de onderwijsvernieuwing voor ogen stond”. Het is een kwestie van tijd. Persoonlijke reflectie is een onderdeel van professioneel handelen en heeft aantoonbaar effect op de kwaliteit van zorg. Over een paar jaar vinden we het doodnormaal om er aandacht aan te besteden.” MO

Het water: De klinische context waarin de arts opereert. Boven water: Het zichtbare gedrag. Hoe handelt de arts? Onder water: 1. Klinisch redeneren: met behulp van zijn kennis, stelt de arts een diagnose en schrijft een behandeling voor. 2. Wetenschappelijk reflecteren: om het evidence based karakter van diagnose en behandeling te versterken, is wetenschappelijke reflectie nodig. 3. Persoonlijk reflecteren: om het evenwicht te handhaven, is persoonlijke reflectie op eigen ervaringen nodig. 4. Onbewust denken: onbewuste irrationele maar ook rationele gedachten en gevoelens.

12

MedischOndernemen


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:07

Pagina 13

PRAKTIJK+

DARTPIJLEN VOOR DE JAS Steken daar dartpijlen in de muur? Klopt, maar deze pijltjes zijn in werkelijkheid kapstokhaakjes. Leuk voor in de wachtkamer.

Prijs vanaf € 27,90 per drie stuks Bron: www.bestel.nl/catalog/dart-coat-hooks-p-970

OPVALLENDE LAPTOP

Waarom zijn laptops altijd saai en grijs, vroegen de ontwerpers van Asus zich af. Daarom ontwierpen ze een opvallende laptopserie met bamboo-bekleding.

GRATIS BELLEN VIA INTERNET

Met Skype kunt u gratis bellen via internet naar andere abonnees, waar ter wereld ze zich ook bevinden. Het nadeel is dat uw computer aan moet staan, maar daar maakt deze Philips-telefoon met ingebouwde internetontvanger een einde aan. Uiteraard is hij ook te gebruiken als gewone telefoon.

Prijs vanaf 1.650 dollar Prijs vanaf € 175,Vanaf juli leverbaar. Bron: Asus

Bron: www.ciao-shopping.nl MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

13


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:07

Pagina 14

SEMINAR EN MASTERCLASS MET DR. ROGER LEVIN NOTEER ALVAST IN A UW AGEND

Seminar 2 oktober 2009 - Voor tandartsen en hun team Ontwikkel uw droompraktijk en uw droomteam! Vergroot de productiviteit en winstgevendheid en verminder de stress.

Get rid of the stress and enjoy your practice like never before. Datum: Doelgroep: Locatie: Tijden: Inschrijfgeld: Teamleden: Beide dagen: Abonnees:

2 oktober Tandartsen en hun team Barbizon Palace Amsterdam n.t.b. Tandartsen: € 595 € 495 € 1.200 10% korting

Masterclass 3 oktober 2009 - Voor tandartsen "Greenlight Case Presentation - Een systeem om patienten te motiveren en te scholen. Voor tandartsen. Rediscover the excitement and re-energize your team.

Ga voor het complete programma en inschrijvingen naar: www.medischondernemen.nl/mo/levin.html Datum: Doelgroep: Locatie: Tijden: Inschrijfgeld: Beide dagen: Abonnees:

3 oktober Tandartsen Barbizon Palace Amsterdam N.t.b. Tandartsen: € 695 2 en 3 oktober, € 1.200 10% korting


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:07

Pagina 15

NU OP MEDISCHONDERNEMEN.NL MedischOndernemen.nl geheel vernieuwd! MedischOndernemen is volop in ontwikkeling en daarom presenteren we me trots een geheel vernieuwde website en e-mail nieuwsbrief. Een van de belangrijkste nieuwe functies van de website is het nieuwsfilter. Uit meer dan 6.000 bronnen filtert en ontdubbelt MedischOndernemen voor u alle relevante nieuwsberichten en zet ze overzichtelijk op een rij, zodat u tijd bespaart en niets mist. Bezoek snel de nieuwe website en laat u verrassen.

Nieuw dossier: De perfecte praktijksite Een goede website is een must voor iedere praktijk. Het is een visitekaartje en met de juiste informatie beperkt u het aantal vragen dat anders telefonisch wordt gesteld. Maar wat is een goede website? En hoe realiseert en onderhoudt u deze? U leest het in het dossier.

Tandarts geen ondernemer?! Recent heeft een gerechtshof zich uitgesproken over een tandarts die met een overeenkomst van opdracht werkzaamheden verrichtte in een praktijk van een andere tandarts. De overeenkomst was uiteraard gesloten om te voorkomen dat sprake was van een loondienstsituatie, maar de belastingdienst ging daarmee niet akkoord. Wat de consequenties zijn leest u op de website.

Huisartsen slepen Agis voor de rechter 545 huisartsen hebben een jurist ingeschakeld om te procederen tegen de weigering van Agis om nog langer herdeclaraties van zorgverleners in behandeling te nemen. De wijzigingen van het zorgstelsel hebben vanaf 2006 voor veel administratieve problemen gezorgd, zowel bij huisartsen, LDD als bij Zorgverzekeraars. Agis stuurt volgens LDD nog steeds onjuiste retourinformatie en dupeert daarmee huisartsen. Reageer op MedischOndernemen.nl

Nieuwe nieuwsbrief MedischOndernemen Niet alleen de website, maar ook de nieuwsbrief van MedischOndernemen is flink onder handen genomen. Als ontvanger krijgt u gratis de interessantste en relevantste nieuwsberichten voor het uitoefenen van uw vak in uw mailbox. Op de website staat een archief waarin u oude nieuwsbrieven terugvindt en nieuwsberichten kunt filteren per beroepsgroep.

Bonussen topmanagers vaak wel te rechtvaardigen Het klopt niet dat topmanagers zichzelf verrijken met exorbitante bonussen die niet of nauwelijks te rechtvaardigen zijn, concludeert de accountancy-econoom Peter Kroos na uitgebreid onderzoek. De meeste beloningspakketten zijn keurig gebaseerd op economische motieven. Reageer op MedischOndernemen.nl.

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

15


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:07

Pagina 16

THEMA THEMA THEMA T E K S T: K O O S J E D E B E E R

Praktijkplan VIZIER OP DE TOEKOMST

Wat wil ik? Wat zijn mijn doelen op korte, middellange en lange termijn? Een praktijkplan is een vizier op de toekomst. Het liefst uitgeschreven op papier met draagvlak bij alle betrokkenen zodat resultaten toetsbaar en meetbaar zijn. Dat levert voordelen op voor de interne praktijkvoering, maar ook in uw onderhandelingspositie met anderen, want de kans is groot dat u met een goed doortimmerd plan meer voor minder voor elkaar krijgt.

16

MedischOndernemen


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:07

Pagina 17

PRAKTIJKPLAN: AKKOORD OP HOOFDLIJNEN VOOR DE PRAKTIJK

‘We hebben wel ideeën voor de toekomst en we hanteren een praktijkplan, maar dit staat nog niet op papier’. Deze situatie, verwoord door een praktijkmanager, lijkt exemplarisch voor de werkomgeving van veel zelfstandig ondernemende medici. Iedereen denkt zo nu en dan weleens na over de toekomst en heeft daar bepaalde verwachtingen bij. Deze visie op langere termijn gestructureerd schriftelijk in kaart brengen, is echter een stap die lastig te nemen lijkt. Niet dat de beroepsgroep het belang van een praktijkplan waarin missie en doelstellingen op langere termijn zijn geformuleerd, niet inziet, maar het ontbreekt vaak aan tijd, kennis en moed om hier echt voor te gaan zitten. Zo liet een huisarts ons weten zelf nog geen vastgelegd plan te hebben, maar het in principe belangrijk te vinden dit wel op papier te zetten ‘omdat beslissingen daardoor inzichtelijk worden voor personeel en partner. Bovendien kunnen nieuwe initiatieven dan - door mijzelf, personeel, instanties van buitenaf – inzichtelijk worden getoetst.’ Kaakchirurg Rutger Batenburg heeft de stap wel gezet. “Onze maatschap bestaat sinds 1976. In 1999 kwam ik erbij en vond de praktijk op een aantal punten gedateerd. Het idee om een praktijkplan te schrijven kwam niet in een dag, maar kreeg na een half jaar vorm. Ik begon op te schrijven waar ik tegen aanliep, welke zaken ik anders zou willen. Aan de hand van deze aantekeningen heb ik in 2001 mijn eerste plan geschreven.” Te vaak onbeantwoorde vragen Ton van Groeningen, manager dienstverlening NMT, raadt elke medicus aan om een bedrijfsplan te maken en deze visie voor de toekomst gaande de rit bij te stellen. “Een onderliggend plan geeft de mogelijkheid om de onderneming voortdurend te sturen en de praktijkvoering te blijven bijstellen aan ontwikkelingen in de omgeving.” Van Groeningen vindt dat vooral tandartsen die een nieuwe vestiging beginnen of een praktijk overnemen zich meer moeten verdiepen in de koers die zij willen varen. “Ik mis bij hen te vaak een gedegen analyse van de toekomst. Een visie: waar wil ik met de

organisatie naar toe? En die visie –en daar ontbreekt het nogal eens aan- moet zijn onderbouwd met marketingelementen. Wat is mijn doelgroep? Hoe kom ik aan personeel in mijn regio? Hoe bind ik zowel patiënten als medewerkers aan mijn praktijk? Deze vragen blijven te vaak onbeantwoord, dan worden er mooie plannen gemaakt waarin de markt is vergeten.” Daarbij heeft een goed praktijkplan ook een financiële paragraaf volgens Van Groeningen waarin gewenste investeringen en verwachte opbrengsten in kaart zijn gebracht.” Ook Chris Sonneveld, hoofd praktijkvoering bij LHV,

“Een praktijkplan is een stok achter de deur. Het voorkomt vrijblijvendheid en ad hoc beleid.”

benadrukt het belang van een financiële planning voor de praktijkvoering. “Huisartsenpraktijken worden vaak gemanaged door naar kasstromen te kijken. Aan de hand van bankafschriften wordt gevolgd of de praktijk wel of niet goed loopt. Een weinig bedrijfsmatige aanpak. Ik vind het verstandig als medici periodiek hun eigen praktijk doorlichten. Een praktijkplan is hiervoor aangewezen. Bij dit plan hoort ook een exploitatiebegroting over meer jaren. Het manco is dat artsen vooral medisch inhoudelijk geschoold zijn en deze kennis niet hebben. Dat wil niet zeggen dat ze zich deze niet eigen moeten maken. ” Sterkere onderhandelingspositie De financiële paragraaf in het bedrijfsplan van de Groepspraktijk Huizen waar Evelyne Bloemink – Haarsma coördinator is, is in samenhang geschreven met het praktijkplan waarin vooral een inhoudelijke

Het praktijkplan: wat staat erin? Ieder praktijkplan is uniek, maar volgens Ton van Groeningen van NMT en Chris Sonneveld van LHV is het verstandig de volgende punten in ieder geval op te nemen. 1. Visie en missie 2. Doelstellingen op korte, middellange en lange termijn. Zover mogelijk dusdanig uitgewerkt dat de resultaten op een gestelde deadline meetbaar zijn. 3. Marktonderzoek waaronder een sterkte-zwakte analyse van de praktijk en de omgeving: Hoe bereik in mijn patiënten? Is hier ruimte voor een nieuwe praktijk? Kan ik in deze omgeving voldoende geschikt personeel vinden? Wat zijn de demografische ontwikkelingen? Welke andere ontwikkelingen spelen nu in mijn omgeving? zijn voorbeelden van vragen die in dit deel moeten worden beantwoord. 4. Risico-analyse. Wat gebeurt er bij arbeidsongeschiktheid? Hoe speel ik in op ziekte bij personeel? 5. Financiële analyse met begroting, winst en verliesrekening en balans

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

17


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:07

Pagina 18

THEMA THEMA THEMA

visie is neergelegd. “Onze maatschap met zeven huisartsen is opgericht in 1973. Het eerste praktijkplan is na 32 jaar in 2005 geschreven. In dat jaar kwamen er berichten in de media dat verzekeraars een bedrijfsplan verplicht zouden stellen. Voor ons was dat aanleiding om onze visie op de toekomst voor het eerst vast te leggen.”Achteraf bleek dat de verplichting was bedoeld voor gezondheidscentra en niet voor maatschappen. Ook was het niet zozeer de bedoeling dat een visie op de toekomst werd vastgelegd, maar vroegen verzekeraars vooral om een cijfermatige onderbouwing. “Wij hebben ons praktijkplan in de originele vorm echter in ere gehouden en het onlangs bijgesteld”, zegt Bloemink. “Het grote voordeel van een praktijkplan is

en twintig mensen in dienst. “Financiële instellingen waarderen het zeer wanneer je concreet heb opgeschreven hoe je denkt de praktijk te runnen, hoe omzet wordt behaald en kosten worden ingeperkt. Of het me echt in rente heeft gescheeld, kan ik natuurlijk niet met zekerheid zeggen, maar ik heb wel een hele goede financiering voor elkaar gekregen.” Ook door de algemene trend waarin de solopraktijk plaatsmaakt voor een meermanspraktijk met nieuwe functies, groeit de behoefte om kritisch naar de eigen onderneming te kijken, merkt Sonneveld. “Bestaande praktijken nemen nog vaak niet deze moeite, maar wanneer een praktijk wordt gestart of overgenomen, wordt vaak een praktijkplan opgesteld. Ook wanneer

“In veel praktijken bepaalt de patiënt wat er gebeurt, ik wil doen wat ik zelf belangrijk vind.” dat het houvast biedt en afspraken vastlegt met het ‘commitment’ van alle betrokkenen.” Daarbij zorgt het ervoor dat beslissingen worden begrensd volgens Bloemink. “Wanneer begin je? Wie doet het? Een praktijkplan is een stok achter de deur. Voor mij is het een akkoord op hoofdlijnen voor de praktijk. Het voorkomt vrijblijvendheid en ad hoc beleid. Er zijn praktijken die worden meegesleurd in de waan van de dag.” Voor Rutger Batenburg is het plan naast het concretiseren van de eigen visie ook belangrijk in de onderhandelingen met de ziekenhuisdirecties. “Als maatschap binnen een ziekenhuis kunnen wij voor nieuwe initiatieven investeringsvoorstellen indienen, maar wij zijn vanzelfsprekend niet de enigen die dat doen. Ook andere maatschappen binnen het ziekenhuis zien graag hun wensen vervuld. Het praktijkplan helpt ons om onze eigen onderhandelingspositie te versterken.” De maatschap in Zeeland is overgegaan van conventionele röntgenapparatuur naar digitale röntgenfoto’s. Een doelstelling uit vorige praktijkplannen die nu is gerealiseerd. Batenburg: “Daarvoor was een digitaal röntgenapparaat nodig dat het ziekenhuis moest aanschaffen. Het heeft ons zeker geholpen dat we met praktijkplannen van nu en uit het verleden bij ziekenhuisdirecties konden aantonen dat deze wens niet uit de lucht kwam vallen, maar paste in onze visie, missie en doelstellingen om onze administratie te professionaliseren en patiëntvriendelijker te maken.” Duidelijkheid, ook voor financiers Voor medisch ondernemers met een eigen praktijk is het opstellen van een praktijkplan weliswaar niet nodig om ziekenhuisdirecties te overtuigen, maar kan het wel helpen met het krijgen van een gunstige financiering, is de stellige overtuiging van tandarts Thomas Wermenbol, eigenaar van een praktijk met vijf behandelkamers 18

MedischOndernemen

er plannen zijn voor een nieuwe activiteit of functie in de huisartspraktijk, rekenen praktijkeigenaren dit apart door.” Een kwaliteitssysteem kan een goed middel zijn om gestructureerd aan voorspelbare kwaliteit te werken. Sonneveld sluit niet uit dat overheid en verzekeraars hier in de toekomst ook om gaan vragen. De praktijk van Evelyne Bloemink is begin dit jaar door de NHG geaccrediteerd. “Een groot voordeel van dit keurmerk is dat we nu de praktijkvoering in zijn geheel kunnen doorlichten en toetsen aan de landelijke norm.” Ook is de praktijk verplicht - om het keurmerk te kunnen behouden - een kwaliteitscyclus met verbeterplannen uit te voeren die zich richten op medisch inhoudelijke doelen, praktijkvoering en patiëntenoordeel.

Wat doen beroepsverenigingen? Leden van NMT kunnen voor de financiële paragraaf een beroep doen op een hulpprogramma dat door NMT samen met ACTA is ontwikkeld. Via ledenservice is actuele informatie voorhanden over demografische opbouw in verschillende regio’s en over marktbewegingen in de tandheelkunde. Voor specifieke hulp kunnen leden tegen vergoeding een beroep doen op experts van NMT met juridische en bedrijfseconomische kennis. De LHV biedt leden een rekenmodel ondernemersplan waarmee het mogelijk is de praktijk financieel te monitoren. Met dit rekenmodel kunnen ook verschillende scenario’s worden doorgerekend en kunnen praktijken hun informatie delen met andere deelnemers.


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:07

Pagina 19

PRAKTIJKPLAN: AKKOORD OP HOOFDLIJNEN VOOR DE PRAKTIJK

Bloemink: “Deze plannen moeten binnen een jaar kunnen worden getoetst. Vandaar dat ons beleidsplan nu bestaat uit meerdere kleinere plannen die volgens het SMART-principe zijn opgesteld met duidelijke deadlines voor resultaat.” Veel gepraat, weinig resultaat Het schrijven van een praktijkplan vergt de eerste keer de meeste tijd, is de ervaring. Wanneer het eenmaal staat, is het periodiek bijstellen relatief eenvoudig. Batenburg begon aan zijn eerste plan na een half jaar rondkijken en het verzamelen van aantekeningen, Bloemink geeft aan veel gehad te hebben aan een cursus projectmanagement. Voor Wermenbol was het volgen van de Masterclass Tandheelkunde bij opleidingsinstituut Catan de aanleiding om zijn visie op papier te zetten. “De eerste keer kost het heel veel tijd! Voor een goed plan moet een heel lastigste vraag worden beantwoord: ‘wat wil ik nu?’ Wanneer je daar achter bent, is er een missie en komt de rest eigenlijk vanzelf. In veel praktijken bepaalt de patiënt wat er gebeurt. Om het vak leuk te blijven vinden, vind ik het belangrijk om ook te kijken naar wat ik zelf belangrijk vindt. Bij ons hangt de missie aan de muur.” Aan de andere kant moet het opstellen van een prak-

tijkplan ook weer niet worden overschat, zeggen zowel de medici als de vertegenwoordigers van de belangenorganisaties. Het inhuren van grote aantallen deskundigen is voor een goed plan niet direct nodig. Met elkaar erover praten binnen de maatschap of praktijk en

“Dan wordt er een mooi plan gemaakt waarin de markt is vergeten.”

advies inwinnen bij ervaren collega-medici is effectiever en goedkoper. Ook de belangenverenigingen hebben veel informatie voorhanden waar leden hun voordeel mee kunnen doen. Het belangrijkste is echter de stap te nemen om ambities vast te leggen en te structureren zodat de daad bij het woord wordt gevoegd. Want zoals ook Rutger Batenburg het stelt: “In de gezondheidszorg wordt veel gepraat en veel gepland. Maar wat wordt er nu daadwerkelijk gerealiseerd? Door een praktijkplan op papier kunnen goede ideeën het borreltafelniveau overstijgen.” MO

“Financiële instellingen waarderen het zeer wanneer je concreet heb opgeschreven hoe je denkt de praktijk te runnen, hoe omzet wordt behaald en kosten worden ingeperkt.”

Verder lezen Op internet is veel informatie te vinden over het opstellen van een plan met hulp van SWOT-analyses en door het stellen van SMART-doelen. Kijk bijvoorbeeld op: http://www.leren.nl/cursus/management/plannen-organiseren/planningscyclus.html http://www.leren.nl/cursus/professionele-vaardigheden/schrijven/aantrekkelijk-schrijven.html De visie van Thomas Wermenbol is te lezen op www.beekparktandartsen.nl onder menu-optie ‘praktijk’.

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

19


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:07

Pagina 20

PORTRET TEKST EN FOTOGRAFIE: RUTGER STEENBERGEN

Enthousiaste reacties op rijdende dierenarts Marjolein van Loon werkte jarenlang als dierenarts in diverse klinieken, maar wilde ooit voor zichzelf beginnen. Op 1 januari 2009 kwam de droom uit en startte ze als rijdende dierenarts. “Tachtig procent van mijn klanten heeft geen rijbewijs, geen auto of is gehandicapt. Het is geweldig dat ik ze zo kan helpen.”

Een echt dierenmeisje, zo omschrijft Marjolein zich. Als kind wilde ze altijd dieren beter maken en was ze niet weg te slaan bij de manege. Na het atheneum was de keuze voor een vervolgopleiding dan ook snel gemaakt: dierengeneeskunde. In Utrecht werd ze uitgeloot, maar in Antwerpen was er wel plaats en zo reisde ze de eerste jaren op een neer tussen de 20

MedischOndernemen

Belgische studentenstad en haar ouderlijk huis in Bergen op Zoom. Een zware tijd, kijkt ze terug, en dat kwam niet alleen door het reizen. “De colleges begonnen om 8.15 en om 18.00 stond je weer buiten. Het was heel schools en hiërarchisch en als jong, onzeker meisje had ik daar veel moeite mee.“ Ook de toetsvorm op de Universiteit was anders dan ze in Nederland gewend


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:07

Pagina 21

RIJDENDE DIERENARTS

was. “De meeste examens waren mondeling en je kreeg vaak twee vragen. Wist je er een niet dan was het meteen over en uit.” De Brabantse ontpopte zich tot een hardwerkende student en kreeg zo de steun van de professoren, waardoor ze zich steeds verder bekwaamde. Na drie bachelorjaren in Antwerpen vond ze haar draai ‘op kot’ in Gent, waar ze haar opleiding voltooide. De wereld lag open voor de pas afgestudeerde dierenarts, maar terug in Nederland lagen de banen allerminst voor het oprapen.

“Ik wil handelen, terwijl ik zou moeten kijken of mensen me wel kunnen betalen.” Twijfel over het vak Er volgde een waarneming in Rotterdam, waar ze het vak echt leerde en de theoretische kennis omzette in praktisch handelen. Daarna kwam ze via haar zus in contact met een veearts die haar een kans wilde geven. Van Loon: “Hij heeft me in korte tijd het vak geleerd. Dat was echt een goede leermeester, maar het was vaak ’s nachts eruit en veel rijden.” De twee waren actief in drie provincies en het werk was nooit af. De weekenddiensten wisselden om de week, maar alles bij elkaar werd het haar op een gegeven moment te veel. “Ik ben er toen met pijn in het hart mee gestopt, maar het ging echt niet meer. Ik heb toen aan het vak getwijfeld, maar na een rustperiode ging het toch weer kriebelen en ontstond het plan voor de rijdende praktijk.” Het idee van de rijdende dierenarts was geboren, maar financieel en persoonlijk was de Brabantse er nog niet aan toe. Ze ging weer solliciteren en kwam in Raamsdonksveer terecht, bij een kliniek waar meerdere dierenartsen in alle rust en op afspraak werkten. Het voelde als een verademing, temeer daar de vergoedingen voor extra diensten en overuren netjes waren geregeld. “Zo kon het dus ook. Ik zat in een vervelende periode, maar ik kreeg weer plezier in mijn werk.“ De praktijk werd echter verkocht en een collega nam haar werkzaamheden over. Van Loon stond weer op straat en besloot haar droom nu eindelijk te verwezenlijken. De rijdende dierenarts moest en zou er komen. Per 1 januari 2009 is de rijdende dierenarts actief in de omgeving van Bergen op Zoom en helpt ze mensen die niet zomaar naar een dierenarts kunnen. “Tachtig procent van mijn klanten heeft geen rijbewijs, geen auto of is gehandicapt. Die bellen mij, dan maken we een afspraak en dan bepaal ik mijn route.” Van Loon stelt op locatie diagnoses, voert niet-steriele operaties uit en kan bloedonderzoek doen dat binnen een dag geanalyseerd wordt in een laboratorium. Ook euthanasie is

mogelijk, en deze service wordt door mensen zeer gewaardeerd. Van Loon: “Dieren zijn heel anders in een thuissituatie. Het is veilig en vertrouwd en dat neemt heel veel stress weg bij de eigenaren.” Steriele operaties zijn er tot spijt van de dierenarts in de huidige opzet niet bij, omdat ze geen beschikking heeft over röntgen en echo. “Voor een eigen praktijkruimte moet ik een nieuw businessplan schrijven en extra investeren. Met een goede klantenkring heb ik daar wel vertrouwen in, maar met mijn huidige inkomsten is die stap te groot.” Totaal niet zakelijk Het ondernemerschap bevalt haar tot dusver goed, hoewel ze er nog niet van kan leven. “Ik ben ook totaal niet zakelijk,” geeft ze eerlijk toe, “dat moet ik echt leren. Ik ben nog niet in situaties gekomen dat ik dingen weggeef, maar voor mij wordt het moeilijk als ik dieren in nood zie. Dan wil ik handelen, terwijl ik zou moeten kijken of mensen me wel kunnen betalen.” Klanten rekenen bij elke behandeling contant af en de prijzen staan op de website. Van Loon vindt het lastig telefonisch over geld te beginnen, maar de meeste mensen vragen er gelukkig zelf naar. Toch beaamt ze dat ze in zakelijk opzicht moet groeien. “Anders kan ik mijn hoofd niet boven water houden, hoe leuk het vak ook is.” De nadruk ligt daarom op het uitbreiden van het aantal huisbezoeken en de teller staat voorlopig op zo’n twaalf per week. “Dat lijkt niet veel, maar ik begon met vier afspraken, dus dat is een stijgende lijn. Het is de bedoeling dat ik uiteindelijk naar de twintig ga waar ik zo’n dertig uur mee bezig ben. Heb ik een eigen ruimte gevonden dan is de overige tijd voor operaties.” Na een jaar maakt de dierenarts de balans op van alle inspanningen. Verdient ze te weinig dan wordt het misschien zoeken naar een tweede baan, maar het liefste begint ze haar eigen praktijk. Van Loon: “Dat is mijn droom en zo krijg ik extra omzet met operaties, maar het is wel een nieuwe investering en ik kan het niet alleen. Dat moet dan toch samen met iemand doen, om het weekend de nachtdiensten verdelen zodat je niet altijd beschikbaar hoeft te zijn.” Aan haar keuze voor het dierenartsenvak heeft ze na haar aarzelende start nooit meer getwijfeld, want het hulpverlenen blijft

“Met mijn huidige inkomsten is de stap naar een eigen praktijkruimte te groot.” trekken. En dan niet alleen het helpen van dieren, knikt ze zelfverzekerd. “Ik ben tevreden als de mensen tevreden zijn. Een dier is afhankelijk van zijn baas en als het met beiden goed gaat doe ik mijn werk goed. Daar haal ik mijn voldoening uit.” MO MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

21


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:08

Pagina 22


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:08

Pagina ABN1

Bijlage: Het Medisch Praktijkplan

vakblad voor huisartsen - tandartsen - specialisten - fysiotherapeuten en andere onder nemers in de zorg

Maak een ondernemersplan en voorkom financiĂŤle valkuilen. Juist nu!

Advisering met ervaring

Tien tips voor een maatschap

NIEUW: het Juridisch Service Abonnement


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:08

Pagina ABN2


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina ABN23

VOORWOORD

Financiële valkuilen Een MedischOndernemen waarin nut en noodzaak van een goed ondernemersplan centraal staan, staat uiteraard bol van de goede adviezen. Neem de tijd voor een goed plan waarin voor uzelf, de maten en zeker ook het personeel duidelijk is vastgelegd waar u nu staat en waar u in de toekomst wilt komen. Welke zorg biedt u aan, op wie richt u zich, aan welke kwaliteitseisen moet uw praktijk voldoen, welke collega’s zitten in uw werkveld, hoe organiseert u uw praktijk en ga zo maar door.

Wat zou het mooi zijn wanneer de beloning voor al dit geïnventariseer en gediscussieer een zorgeloos leven als medisch ondernemer zou zijn. Helaas, ondanks een gedegen plan zijn er legio financiële valkuilen waar de medisch ondernemer met open ogen in kan tuinen. Wellicht herkent u één of, we durven het bijna niet te zeggen, meerdere van de onderstaande voorbeelden: • Er wordt voor een verhuizing een gedegen plan gemaakt, maar gaandeweg wordt steeds vaker afgeweken van planning en budget. • Onverwachtse of niet gereserveerde betalingen zoals BTW, loonheffing of vakantiegelden kunnen zelfs gezonde praktijken in acute financiële problemen brengen. • Door iets te veel priveonttrekkingen uit de zaak te doen, verdwijnt het overzicht en kan de zaak er wel eens slechter voorstaan dan men vermoedt. • Praktijken die te snel groeien qua aantallen patiënten en dus ook qua pand en personeel verliezen grip op kwaliteit,de organisatie en de financiën • Contracten die in goede tijden met goede bedoelingen worden gesloten, blijken bij een conflict toch meer vragen op te roepen dan je zou willen. In dit gezamenlijke katern van ABN AMRO en MedischOndernemen geven we u hopelijk weer de nodige achtergrondinformatie om het leven voor u als ondernemer weer wat zorgelozer te maken. Wij wensen u veel leesplezier. Met vriendelijke groet,

Arno Kouwenhoven Hoofd RegioSpecialisten regio Rotterdam ABN AMRO

Elsbeth Nijhoff Hoofdredacteur MedischOndernemen

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

25


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina ABN24

INTERVIEW T E K S T: G E E R T D I J K S T R A F O T O ’ S : A L B E R T VA N B A A R E N

Sabrina Hübner en Arjan Wijnands

26

HET MEDISCH PRAKTIJKPLAN


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina 1

“Maak een ondernemersplan en wees alert op de financiële valkuilen, zeker nu!” Met een vrij autonome vraag en een grotendeels gereguleerde prijsstelling is het logisch dat een gedegen ondernemersplan het qua prioriteit wel eens verliest van de dagelijkse beslommeringen in een eerstelijns zorgpraktijk. Verstandig? Zeker niet, in de ogen van Sabrina Hübner en Arjan Wijnands, beiden specialist medische beroepen in de regio Rotterdam. Een gesprek over het nut en de noodzaak van ondernemersplannen en de meest voorkomende financiële valkuilen. Sabrina Hübner en Arjan Wijnands zijn beiden Specialist Medici en Vrije Beroepers in de regio Rotterdam. Een brede functie waarbij ze niet alleen verantwoordelijk zijn voor het inhoudelijk advies van complexe vraagstukken aan bestaande en nieuwe klanten in hun werkgebied. Ze worden ook geacht om meer en meer te doen aan hun eigen marketing. En organiseren bijvoorbeeld bijeenkomsten voor medici waarbij ze een stuk kennis overdragen, bepaalde thema’s bespreken en in gaan op vragen die er leven. En houden ook hun eigen deel van de ABN AMRO website bij, leggen contacten met accountants en bouwen actief aan hun netwerk in de regio. Voor hen is bankieren dus meer dan een hypotheekadvies of pensioenplan. Al moeten alle extra activiteiten uiteraard wel leiden tot een betere en intensievere relatie met bestaande en nieuwe klanten. Waar gaat op dit moment met name de behoefte van de klanten naar uit? Sabrina Hübner neemt het woord: “In het huidige economische klimaat ligt de nadruk sterk op bedrijfsrisico’s. Samen met de klant bespreken we de risico’s van leveranciers, debiteuren, prijs etc.. Samen met de klant lopen we daarbij nog een keer heel goed de bestaande portefeuille door. Zijn de doelen en uitgangspunten die de klant destijds formuleerde nog steeds actueel? Zijn de gekozen oplossingen en producten nog steeds de juiste en kunnen daarmee de doelen qua studie van de kinderen, groei van de praktijk, pensioen nog gerealiseerd worden? Dat soort vragen lopen we nog een keer goed door en waar nodig passen we zaken aan”. Niet vergoede behandelingen lopen terug Als er zo nadrukkelijk naar risico’s wordt gekeken, is er dan helemaal geen behoefte meer aan nieuwe financieringen? Wat merken jullie van de recessie? Arjan Wijnands geeft zijn visie: “Zeker komen er nog nieuwe aanvragen binnen, maar minder dan voorheen. De impact van de slechte economische situatie verschilt sterk per beroepsgroep. En daarbinnen heb je uiteraard

individuele zorgverleners die het relatief goed of minder goed doen. Daarbij spelen lokale marktomstandigheden een belangrijke rol zoals de locatie, het aantal collega’s in de directe omgeving en de mate van specialisatie. Maar in algemene zin zien wij dat de huidige economische ontwikkelingen nauwelijks effect hebben op de vraag naar medische zorg. Bij de meeste huisartsen die ik adviseer zie ik een toename van het aantal patiënten. Bijvoorbeeld door een toename van stress en onzekerheid bij hun patiënten. Fysiotherapeuten merken er meer van, zeker wanneer ze bijvoorbeeld hun behandelingspakket hebben uitgebreid met een fitnessvoorzie-

“In principe worden aanvragen op dezelfde manier behandeld als voorheen.” ning en daar recent in geïnvesteerd hebben. De patiënt kijkt kritischer naar wat wel of niet vergoed wordt in de basisverzekering en maakt eerder de keus om een behandeling niet te doen of uit te stellen. En dus lopen vooral de niet-vergoede behandelingen terug.” Financiering met ervaring En hoe kijkt ABN AMRO tegen financieringen aan? Hoe stelt ABN AMRO zich qua financieringsbeoordeling op? Sabrina Hübner wil graag duidelijkheid verschaffen: “In principe worden aanvragen op dezelfde manier behandeld als voorheen. We maken dezelfde risicoanalyses, stellen dezelfde vragen en hanteren dezelfde interne voorwaarden die je als bank altijd dient te stellen. Niet alleen geredeneerd vanuit het belang van de bank, maar zeker ook vanuit de zorgplicht naar onze cliënten die we ook voor onverantwoorde stappen willen behoeden. En wat dat laatste betreft, zijn we wel kritischer dan een jaar geleden.” Wijnands haakt nog even op dat laatste in en vervolgt: “Zowel voor starters als voor nieuw op te richten groepspraktijken of bij overMO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

27


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina 2

INTERVIEW

Sabrina Hübner Sabrina Hübner (1980) heeft aan de Universiteit van Bern (Zwitserland) bedrijfskunde gestudeerd. Daarna heeft ze bij de Zwitserse Bank Credit Suisse een trainee programma gevolgd en vervolgens in verschillende functies (marketing en MKB accountmanagement) gewerkt. 2006 kwam ze naar Nederland waar ze naar een korte opleidingsperiode als Preferred Banker Medici & Vrije Beroepers aan de slag ging. Sinds 2009 werkt ze als Specialist Medici & Vrije Beroepers voor de regio's Drechtsteden en Zeeland. Ze gaat in het najaar 2009 met de opleiding tot geregistreerd financieel planner beginnen. names is en blijft onvoorspelbaar hoe cliënten gaan reageren en hoeveel er zich bij je aanmelden voor welke behandelingen. Met die wetenschap telt juist onze specialistische kennis van de zorgmarkt zwaar mee en krijgen we zelfs van collega bankiers de zwaardere cases doorgespeeld. Het feit dat we marktleider zijn is niet alleen voor ons natuurlijk prettig maar leidt ook voor de klant tot een beter advies. Bijna voor elke nieuwe aanvraag geldt dat we in het verleden al vergelijkbare aanvragen hebben behandeld. Die kennis nemen we mee. Ook worden we als specialisten binnen de bank ondersteund door marktgegevens en kunnen we zogenaamde benchmarks uitvoeren om te zien hoe een zorgondernemer het ten opzichte van ‘de markt’ doet. Dat alles leidt tot een goed onderbouwd advies richting cliënten, noem het financiering met ervaring.” Goed plan nu nog belangrijker Wegens het huidige economische ontij is het des te belangrijker om een goed onderbouwd ondernemersplan te hebben. Een plan dat grofweg uit drie delen zou moeten bestaan, licht Wijnands toe: “Allereerst moet je in een marketingplan beschrijven wat voor praktijk je wilt zijn, voor welke patiënten, in welk werkgebied en vanuit welke filosofie. In marketingtermen heb je het dan over een visie, missie, doelgroep, behoeftes en dergelijke. Daarbij kunnen zorgondernemers zich laten ondersteunen door een deskundig adviseur zoals een Preferred Banker of een Regiospecialist voor Medici en Vrije Beroepers van ABN AMRO die medisch ondernemers, in samenwerking met de eigen accountant, op financieel gebied ter zijde kunnen staan.” Vervolgens geeft Wijnands aan dat het marketingplan vertaald zou moeten worden naar een Investeringsplan en een Financieringsplan. En daarbij denkt de bank graag mee in een vroeg stadium. Op basis van een intakegesprek van een uur en een gedegen voorbereiding door de ondernemer zijn die plannen overigens binnen afzienbare tijd op papier te zetten. 28

HET MEDISCH PRAKTIJKPLAN

Valkuilen En is met een dergelijk plan dan stabiliteit in de praktijk gecreëerd? Nee, want er zijn nog flink wat (financiële) valkuilen waar medisch ondernemers in kunnen vallen. Hübner en Wijnands komen tot de volgende meest gemaakte misstappen: Afwijken van het oorspronkelijke plan Elke gezonde investering moet binnen een bepaalde periode terugverdiend worden. En daar gaat het wel eens mis. Niet zo zeer aan het begin van het traject. Een verbouwing of verhuizing wordt namelijk meestal goed doorgesproken met de maten, de accountant en de bank. De valkuil zit ‘onderweg’ wanneer kosten gaan tegenvallen of de verbouwing toch duurder wordt dan gedacht. Of één van de maten loopt tegen een prachtige balie aan die net een paar duizend euro duurder is dan begroot. Al die kleine wijzigingen op het oorspronkelijke plan en budget kunnen tot grote problemen leiden. En dat maakt het lastig om de investering binnen de afgesproken termijn terug te verdienen. Een advies kan zijn om de planning en het budget goed op elkaar af te stemmen. Acute liquiditeitsproblemen In het verlengde van bovenstaand probleem ligt een tekort aan liquiditeiten waardoor zelfs een gezonde onderneming in hele korte tijd in grote problemen kan komen. Wanneer er net fors is geïnvesteerd in het pand, de apparatuur of mensen, dan kunnen onverwachte uitgaven heel ongelukkig uitkomen. Denk aan een kwartaalbetaling van de BTW, het vakantiegeld in mei of juni en het feit dat de ondernemer tijdens de verbouwing uiteraard wat minder declarabel is geweest omdat hij zelf mee heeft geholpen. En uiteraard lopen de huur, salarissen en de loonheffingen ook gewoon maandelijks door. Zeker ondernemers die te scherp gerekend hebben bij hun investeringen, kunnen zo in acute betalingsproblemen komen.


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina 3

Arjan Wijnands Arjan Wijnands (1972) heeft na zijn middelbare school gewerkt als kapper. Na een jaar in het kappersvak werkzaam te zijn geweest, startte hij in 1995 bij een verzekeringsmaatschappij waarna hij diverse verzekeringsopleidingen heeft gevolgd. In 1997 heeft hij de overstap gemaakt naar ABN AMRO Bank waar hij diverse functies heeft vervuld. Vanaf 2003 is hij werkzaam geweest als Preferred Banker Medisch & Vrije Beroepers in Leiden Sinds 2009 is hij Specialist Medici & Vrije beroepers in de regio Den Haag. Hij is geregistreerd financieel planner (FFP) en erkend hypotheekadviseur (SEH). Privé-onttrekkingen Een derde valkuil zijn de privéonttrekkingen uit de zaak. Vooral bij eenmanszaken is dat verleidelijk omdat de financiën tussen zakelijk en privé niet zo strak gescheiden zijn. Te veel uit de zaak halen, leidt dan tot te weinig vermogen in de zaak waardoor bij tegenvallers of noodzakelijke investeringen er ‘te weinig vet op de botten’ is. Hou dus privé en zakelijk strikt gescheiden is het advies van de specialisten. Te snel groeien In de categorie luxeproblemen scharen we de te snelle groei. Bij groei moet je veel zaken tegelijk managen. Je moet de kwaliteit van zorg bewaken, goed personeel aannemen, wellicht taken delegeren bijvoorbeeld aan een praktijkmanager en continu financiële zekerheden blijven inbouwen. Voor je het weet rijzen de kosten de

pan uit en kom je ondanks een snelle omzetgroei toch in de financiële problemen. Geen zicht op de juridische risico’s Tot slot vormen alle juridische risico’s vaak een blinde vlek voor de medisch ondernemer. In arbeidsovereenkomsten, huurovereenkomsten of maatschapcontracten moeten veel belangrijke zaken geregeld worden, terwijl men niet altijd het complete gebied overziet. Er zijn uiteraard standaardmodellen beschikbaar, maar elke situatie is anders. En ook al is het vaak geen onwil dat zaken niet goed zijn geregeld, juist in een conflictsituatie kunnen lacunes vaak grote consequenties hebben. Speciaal voor dit risico heeft ABN AMRO recentelijk het Juridisch Service Abonnement geïntroduceerd. Meer informatie hierover is te vinden in de productinformatie pagina’s elders in deze ABN AMRO special. MO

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

29


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina 4

A A N D A C H T S P U N T E N B I J H E T O P R I C H T E N VA N E E N M A AT S C H A P

Een maatschap in tien stappen Een van de veelvoorkomende alternatieven voor een solopraktijk is de maatschap, een samenwerkingsvorm tussen twee of meer personen('maten') die ieder iets inbrengen (arbeid, geld of goederen). Het resultaat uit de maatschap wordt gedeeld op basis van de afspraken uit het maatschapcontract. De maatschap is populair, maar heeft ook zijn specifieke kenmerken. Vandaar deze top tien van punten waar u op moet letten wanneer u een maatschap overweegt of start. Vooraf is het belangrijk om u te realiseren dat, naast alle formele en financiële afspraken, u bovenal gaat samenwerken met verschillende personen die allemaal verschillende ambities en verwachtingen hebben. Deze zijn niet altijd voor iedereen even duidelijk of zijn onuitgesproken. Dat heeft gevolgen voor zowel de rolen taakverdeling als voor de onderlinge communicatie. Duidelijkheid over visie, ambities, doelstellingen kunnen prima besproken worden aan de hand van een Medisch Praktijk Plan dat daarna de leidraad vormt voor het dagelijks beleid. Nu volgen een aantal belangrijke aandachtspunten die u mee moet nemen bij het oprichten van een maatschap. 1. Oprichting van de maatschap Het is niet verplicht om een akte op te stellen bij de oprichting van een maatschap. Het is wel aan te raden 30

HET MEDISCH PRAKTIJKPLAN

om de afspraken tussen de maten schriftelijk vast te leggen en eventueel juridisch te laten toetsen. U kunt hiervoor gebruik maken van een nieuwe dienst van ABN AMRO namelijk De Medisch Bedrijfsjurist, daarover meer elders in dit katern. In het maatschapcontract staan ondermeer de volgende afspraken: • De inbreng van de maten. • De winstverdeling. • Afspraken over de voortzetting van de activiteiten bij beëindiging van de maatschap. • Afspraken voor bij overlijden of arbeidsongeschiktheid. Een nieuwe maatschap dient vanaf 1 juli 2008 verplicht te worden ingeschreven in het handelsregister. Voor al bestaande maatschappen geldt een overgangsregeling. Zij hebben tot 1 januari 2010 de tijd om zich in te schrijven bij de kamer van koophandel.


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina 5

2. Aansprakelijkheid Een maat die daartoe bevoegd is, kan een overeenkomst sluiten namens de maatschap, waarna alle maten voor gelijke delen aansprakelijk zijn. Als een maat onbevoegd handelt, dan zijn de andere maten in beginsel niet aansprakelijk. De onbevoegd handelende maat heeft dan alleen zichzelf gebonden. Bij de maatschap is er in principe geen 'afgescheiden vermogen' (een vermogen dat is afgescheiden van het privé-vermogen van de maten). Schuldeisers kunnen bij de individuele maten uitsluitend terecht voor gelijke delen. Schuldeisers van de maatschap hebben geen voorrang op privé-schuldeisers. 3. Investeringsbegroting U weet welke zorg u wilt aanbieden, waar u de praktijk vestigt en hoe uw praktijk eruit zou moeten zien. Tijd om een financieel plan te maken. Welke investeringen zou u moeten doen? Hoe komt u aan de financiën daarvoor? Wat brengt u zelf in, wat moet u lenen? En natuurlijk: wat levert het op? Al met al vragen die leiden tot een verantwoorde investeringsbegroting. 4. Personeel Als u gaat uitbreiden cq gaat samenwerken, krijgt u veelal te maken met een personeelsbeleid en dus met zaken als werving en selectie, opleiding en coaching, functieprofielen, arbeidsovereenkomsten, ziekteverzuim. Veel extra (administratief) werk waarvoor veel praktijkhouders geen tijd voor of zin in hebben. Een praktijkmanager is een oplossing, waarbij kleinere praktijken bijvoorbeeld gezamenlijk een praktijkmanager aantrekken om zo de kennis te bundelen en de personeelskosten van de praktijkmanager te delen. 5. Belastingen Iedere maat betaalt zelf inkomstenbelasting over het eigen deel van de winst. Iedere maat wordt door de belastingdienst in principe gezien als zelfstandig ondernemer en heeft daarom recht op belastingfaciliteiten als ondernemersaftrek, investeringsaftrek en de fiscale oudedagsvoorziening. 6. Bedrijfsopvolging Volgens de wet eindigt de maatschap als één van de maten uittreedt (bijvoorbeeld bij arbeidsongeschiktheid) of overlijdt. Om het voortbestaan van de maatschap veilig te stellen, kunnen in het maatschapcontract regelingen worden opgenomen die het de overblijvende maten mogelijk maken de maatschap (al dan niet met een nieuwe maat) voort te zetten. Het is belangrijk hier goede afspraken over te maken. Veel maatschapcontracten zijn op dit punt onduidelijk. 7. Invoering nieuwe maatschapvormen Binnen afzienbare tijd zal de wet Personenvennootschappen van kracht worden. Door deze wet wordt de

rechtsvorm "maatschap" vervangen door de vennootschap. 8. Openbare of stille maatschap Stille maatschappen (vennootschappen) hoeven zich niet in te schrijven in het Handelsregister, omdat zij niet voor de buitenwereld kenbaar zijn (niet in het openbaar als maatschap naar buiten treden). Wel heeft een maat van een stille maatschap meestal een inschrijfplichtige onderneming. Vaak zijn dit eenmanszaken. Om te bepalen of er sprake is van een stille of een openbare vennootschap is de wijze van samenwerken van belang. Is er voor derden een duidelijke samenwerking onder een gemeenschappelijke naam, dan is er veelal sprake van een openbare vennootschap. Is dit niet het geval, dan kan er sprake zijn van een stille vennootschap (bron KvK). 9. Omzetting van uw bestaande eenmanszaak of maatschap naar een BV Veel ondernemers die een geschikte rechtsvorm zoeken, twijfelen tussen de eenmanszaak en een BV. Deze keuze is niet altijd eenvoudig, omdat hierbij veel (fiscale) factoren een rol spelen. De grootste verschillen tussen de eenmanszaak en BV zijn die op het gebied van de aansprakelijkheid en belasting. 10. BV aantrekkelijk bij hoge winst Een BV wordt fiscaal aantrekkelijk als de winsten hoger worden. In dat geval is het gecombineerde tariefsvoordeel groter dan de extra fiscale aftrekmogelijkheden van de eenmanszaak. Van groot belang hierbij is de hoogte van de omzet ten opzichte van de kosten. Er moet wel een ruime winst overblijven. Bij de keuze voor een BV spelen vaak ook argumenten mee als imago, status en het eenvoudiger kunnen overdragen of verkopen van het bedrijf. In zijn algemeenheid kan worden gesteld dat zuiver op tariefsaspect een overgang naar de BV-vorm pas zin heeft bij winsten vanaf EUR 60.000- EUR 80.000. Let wel; dat is de winst na aftrek van alle kosten (inclusief salariskosten) én van de belasting. Het is goed om dit eerst te bespreken met uw accountant. Tot slot Veel eerstelijns ondernemers lopen met de gedachte om hun solopraktijk uit te breiden cq een samenwerkingsverband aan te gaan door het starten van een groepspraktijk. Zeker omdat het geen dagelijkse kost is en de materie complex, is het bij dergelijke afwegingen aan te raden een deskundig adviseur te betrekken. Zoals de Preferred Bankers of regiospecialisten voor Medici van ABNAMRO. Die kunnen medisch ondernemers, vaak in samenwerking met de eigen accountant, op fiscaal en financieel gebied ter zijde staan. En met het nieuwe Juridisch Service Abonnement biedt de bank nu een compleet en onderscheidend dienstenpakket. MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

31


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina 6

PRAKTIJKCASE

Investeringen onder controle houden, een hele klus! Een verhuizing, verbouwing, renovatie van de behandelkamers, bij grote projecten lopen kosten snel uit de pas. Al is de investeringsbegroting solide, dan nog kunnen er gaandeweg tegenvallers ontstaan doordat kosten hoger uitvallen dan vooraf gedacht. Of je komt gaandeweg toch een iets mooiere behandelstoel of balie tegen. Financieel management is een vak apart, zoals ook onze fictieve klant Hans Snijders heeft ervaren. Hans Snijders is drie jaar geleden als orthodontist afgestudeerd. Sindsdien heeft hij in verschillende praktijken waargenomen. Hij verdiende de afgelopen drie jaar gemiddeld € 120.000,- per jaar. Nu wil Hans een eigen praktijk gaan opstarten. Gelukkig heeft hij hiervoor een geschikte ruimte gevonden en beschikt hij over de benodigde vergunningen. Hij is voornemens om een assistente en een mondhygiëniste in dienst te nemen. In samenwerking met extern adviseurs en de bank komt hij tot de volgende financiële overzichten. 1. De investeringsbegroting Totaal Pand Verbouwing Instrumentarium Inventaris Automatisering Voorraad Aanloopkosten Werkkapitaal Onvoorzien

€ € € € € € € € € €

672.000 200.000 144.000 168.000 25.000 55.000 15.000 20.000 30.000 15.000

2. De financieringsopzet Pand Verbouwing Inventaris, Automatisering, Instrumentarium Werkkapitaal

€ € € €

3. De winst uit onderneming: Praktijkopbrengst Omzet patiënten Inkoop en techniekkosten Brutowinst

€ 400.000 € 42.000 € 358.000,

Afschrijvingen Pand Verbouwing Inventaris Auto

Praktijkkosten Personeelskosten Huisvestingskosten Autokosten Administratie Algemene kosten

€ € € € €

72.000 9.000 1.900 3.500 30.000

180.000,184.000,248.000,80.000,-

10-jarige, aflossingsvrije lening 10-jarige lineaire lening 5-jarige lineaire lening rekening courant

Rentes Lening I Lening II Lening III rekening courant

6.65% 6.65% 6.7% 7.5%

Winst uit onderneming 32

HET MEDISCH PRAKTIJKPLAN

€ € €

6.000 14.400 49.600

€ € € €

11.970 12.236 16.616 4.500

€ 126.278


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina 7

PRAKTIJKCASE

4. De inkomenssituatie Hans is getrouwd en heeft 2 kleine kinderen. Zijn echtgenote werkt part time in de zorg en verdient € 10.000,- netto op jaarbasis. Het echtpaar heeft een woonhuis voor € 250.000,- gekocht en volledig gefinancierd. Misschien willen ze in toekomst wel groter gaan wonen. De toekomstige inkomenssituatie van familie Snijder wordt als volgt berekend. Winst uit onderneming Zelfstandigenaftrek MKB Winstvrijstelling

€ 126.278 € 4.412 € 12.186

Aftrekbare lasten Premie arbeidsongeschiktheidsverzekering€ 6.000 Premie lijfrenteverzekering/banksparen€ 9.996 Hypotheekrente prive + WOZ bijtelling€ 10.415 Belastbaar inkomen Winst uit onderneming Afschrijvingen Aftrekbare lasten

€ € € €

83.269 126.278 70.000 27.621

niet aftrekbare lasten Aflossingen Diverse verzekeringen Onderhoud huis Gas, water, elektra Kinderopvang Belasting Box 1

€ 76.000 € 4.700 € 2.500 € 3.600 € 10.000 € 36.414

Arbeidskorting Heffingskorting Netto inkomen partner

€ 1.443 € 2.007 € 10.000

Vrij besteedbaar inkomen

€ 48.893

Kostenoverschrijding! Het vrij besteedbaar inkomen van het gezin is ruim € 49.000,-. Dit is voldoende voor hun consumptieve uitgaven (eten, drinken, kleding, vakanties etc.). Na een paar manden belt Hans de bank op en vertelt dat de investeringen ondanks alle begrotingen en goede zorg zijn uitgelopen en dat hij in de tussentijd een auto heeft gekocht. Begroting Totaal Pand Verbouwing Instrumentarium Inventaris Automatisering Voorraad Aanloopkosten Werkkapitaal Onvoorzien

Daadwerkelijke investeringen € € € € € € € € € €

672.000 200.000 144.000 168.000 25.000 55.000 15.000 20.000 30.000 15.000

Totaal Pand Verbouwing Instrumentarium Inventaris Automatisering Voorraad Aanloopkosten Werkkapitaal Onvoorzien Auto

€ € € € € € € € € € €

792.210 220.000 205.000 135.000 67.000 52.000 8.210 20.000 30.000 15.000 40.000

De fiscale looptijd van de extra investeringen is gemiddeld 7 jaar. De bank financiert de uitloop en de aanschaf van de auto dan ook in 7 jaar. Inmiddels zijn ook de rentetarieven gestegen, waardoor Hans voor de extra financiering een hogere rente betaalt. Bij de herberekening van het vrij besteedbaar inkomen blijkt dat de uitgelopen investeringen grote invloed op zijn privé bestedingen heeft. Zijn gezin heeft door de uitloop per jaar € 12.500,- minder te besteden. De verhuizing is dus voorlopig geen thema meer. Als we kijken naar de mogelijkheden om deze situatie te voor-komen, zijn het de voor de hand liggende zaken die naar voren komen, maar die toch nog regelmatig spelen: • •

Vraag vooraf verschillende offertes van aannemers op. Laat u door een professional bij de verbouwing begeleiden. Dat kost wellicht wat tijd en geld, maar de praktijk leert dat dat geld dubbel en dwars wordt terug verdiend.

Hou nauwkeurig uw administratie/cash in's en out’s bij zodat u continu actueel zicht heeft op uw financiële positie. Bij eventuele dreigende overschrijdingen kunt u desgewenst tijdig schakelen met uw bank.

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

33


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina 8

PRODUCTEN EN DIENSTEN

Wonen, werken, leven, sparen en genieten!

FINANCIËLE PRODUCTEN BEGELEIDEN MEDICI VAN STUDIE TOT PENSIOEN

Een Medisch Praktijk Plan is pas compleet wanneer de financiële doelstellingen en wensen zijn vertaald naar concrete financiële producten, voor zakelijk en privé. We geven u indruk van de mogelijkheden aan de hand van een overzicht van producten en diensten die ABNAMRO speciaal voor de medische doelgroep heeft ontwikkeld. Bediening voor medici Preferred Banking voor medici ABN AMRO biedt persoonlijke dienstverlening die uw zakelijke en privé financiën integreert: Preferred Banking voor Medici. Dat maakt voor u de zaken een stuk eenvoudiger, want u heeft één aanspreekpunt voor al uw bank- en verzekeringszaken. Uw Preferred Banker heeft kennis van de medische sector, geeft nuttige adviezen en vertaalt uw financiële vraag naar een optimale financiële oplossing. Alle informatie vindt u op www.abnamro.nl/medici Ook voor AIOS Bent u “Arts in Opleiding tot Specialist” en bent u op zoek naar iemand die uw financiële zaken optimaal regelt? Ook dan kunt u profiteren van Preferred Banking voor Medici. Wilt u meer weten? Neem contact op met één van onze specialisten voor Medici van ABN AMRO. Betalingsverkeer voor medici 34

HET MEDISCH PRAKTIJKPLAN

Bankrekening Medisch Een goede organisatie van het betalingsverkeer en vooral een juiste afstemming van inkomende en uitgaande geldstromen is voor iedere medische praktijk van belang. Een eerste stap daarbij is het scheiden van zakelijk en privé-betalingsverkeer. Bij ABNAMRO regelt u het zakelijke betalingsverkeer via de Bankrekening Medisch, een betaalrekening met uitstekende faciliteiten voor inkomend betalingsverkeer uit de praktijkvoering. Aan deze betaalrekening wordt ook een eventueel Rekening Courant Krediet, bijvoorbeeld voor voorfinanciering van debiteuren en aanloopkosten, gekoppeld. Gold Card Medisch Met de Gold Card Medisch kunt u op elk moment, overal ter wereld modern, snel en comfortabel betalen. Leningen voor medici Medisch Praktijk Lening De Medisch Praktijk Lening is een financieringsvorm om


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina 9

PRODUCTEN EN DIENSTEN

plannen op de lange termijn te verwezenlijken voor zaken die een lange afschrijvingstermijn kennen. Zoals de aanschaf van instrumentarium, inventaris en machines. Medisch Praktijk Krediet Wanneer een medicus een praktijk wil overnemen of wanneer hij of zij al een lopende praktijk heeft en snel wil investeren, dan is het Medisch Praktijk Krediet daarvoor de oplossing. Er is een snelle aanvraagprocedure via de Preferred Banker en er wordt een passend krediet opgesteld afhankelijk van de persoonlijke situatie van de klant. Hypotheken voor medici Naast de algemene hypotheken die ABNAMRO aanbiedt, zijn voor de medische sector twee speciale hypotheekproducten ontwikkeld. Professionals Hypotheek Deze hypotheekvorm is bestemd voor vrijgevestigde medici of voor vennoten/DGA’s met een meerderheidsbelang in een goed renderende onderneming. Buitenland Hypotheek Met deze Buitenland Hypotheek kunt u een huis kopen in het buitenland. De hypotheek biedt alle voordelen van een reguliere hypotheek, met daarnaast specifiek advies op maat, uitgebreide service door Nederlandse deskundigen en plaatselijke contactpersonen. De hypotheek is bedoeld voor een aankoop in Frankrijk, Italië, België, Duitsland of Spanje van een eerste of tweede huis of appartement voor eigen gebruik. Verzekeringen voor medici Ondernemen is risico lopen en nemen. Dus kan geen enkele medische praktijk zonder uitgekiend risicobeheer en een adequaat verzekeringspakket, zowel zakelijk als privé. Bedrijfspolis De meeste zakelijke schadeverzekeringen van ABN AMRO, zoals het afdekken van het risico van aansprakelijkheid, arbeidsongeschiktheid en bedrijfsschade vallen onder de Bedrijfspolis, een verzekeringspakket speciaal ontwikkeld voor de zelfstandige ondernemer. Tevens is er een aantrekkelijke pakketkorting bij het afsluiten van 3 of meer verzekeringen in een pakket. Overlijdensrisicoverzekering zit niet in de Bedrijfspolis, is een aparte verzekering. Tandarts Praktijk Polis Deze bedrijfspolis voor tandartsen en orthodontisten die lid zijn van de NMT bevat een gebouwverzekering, een huurdersbelangverzekering, een inventarisverzekering, een bedrijfsschadeverzekering en een glasverzekering.

Pakketverzekering Privé-verzekeringen, zoals een ongevallen-, aansprakelijkheids-, auto-, inboedel- en doorlopende reisverzekering, zijn ondergebracht in de Pakketverzekering. Al deze verzekeringen zijn zorgvuldig op elkaar afgestemd. Omdat alle verzekeringen uit het pakket één gezamenlijk polisnummer hebben, kan deze met één betaling per maand of per jaar worden voldaan. Dat scheelt veel administratief werk. Tevens is er een aantrekkelijke pakketkorting bij het afsluiten van 3 of meer verzekeringen in een pakket. Arbeidsongeschiktheidsverzekering In samenwerking met MOVIR verzorgt ABNAMRO arbeidsongeschiktheidsverzekeringen voor medici. Pensioenen voor medici Ook na uw werkzame leven wilt u verzekerd zijn van een goed inkomen. Onze specialisten kunnen u inzicht bieden in uw toekomstige inkomens- en vermogenspositie en een persoonlijk pensioenplan voor u opstellen. Hierbij staan uw wensen en doelstellingen centraal. Beroepspensioen Een aantal beroepsgroepen in de medische sector neemt verplicht deel aan een beroepspensioenregeling. Onze specialisten kunnen u desgewenst adviseren over een aanvullend pensioen en een nabestaandenpensioen. Aanvullend pensioen Voor het opbouwen van een aanvullend pensioen hebt u verschillende mogelijkheden: • Via een levensverzekering Om uw inkomen na pensionering te verhogen, kunt u gebruik maken van de lijfrenteaftrek. Hiermee kunt u, tot een bepaald maximum, fiscaalvriendelijk sparen voor een aanvullend pensioen. De premies voor een lijfrenteverzekering kunt u fiscaal aftrekken in Box 1. De uitkeringen zijn pas op einddatum weer belast. Voor het nabestaandenpensioen kunt u een levensverzekering afsluiten.

Het Medisch Studenten Pakket Voor studenten geneeskunde, tandheelkunde, diergeneeskunde, farmacie en verloskunde is er het gratis Medisch Studenten Pakket. Dit is een compleet betaalpakket met onder andere een Studentenrekening, een Wereldpas, Internet-bankieren en als bijzonderheid het Medisch Anticipatie Krediet met: • Extra bestedingsruimte op je betaalrekening • In je eerste jaar tot € 5.000,- rood staan • Maximaal € 25.000,- in je zevende jaar

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

35


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina 10

PRODUCTEN EN DIENSTEN

• Via banksparen Via banksparen kunt u bij het opbouwen van extra inkomen voor later profiteren van dezelfde fiscale voordelen als bij een verzekering, zonder dat u een verzekering hoeft af te sluiten. Daardoor blijven de kosten laag en houdt u meer geld over voor de opbouw van uw vermogen. U kunt banksparen via de ABN AMRO Leefrente en de ABN AMRO Pensioen Aanvulling. • Via sparen of beleggen U kunt ook vermogen opbouwen door te sparen of te beleggen. ABN AMRO beschikt over uitgebreide mogelijkheden. Sparen en beleggen voor medici Medici starten hun relatie met de bank in de meeste gevallen via een lening. Na verloop van tijd wordt in de meeste gevallen echter een punt bereikt waarbij men over een groeiende hoeveelheid zogenaamde creditgelden beschikt. Denk aan specialisten en apothekers, die de goodwilllening hebben afgelost na respectieve-

Juridisch Service Abonnement van De Medisch Bedrijfsjurist Met het Juridisch Service Abonnement kunt u onbeperkt telefonisch juridisch advies inwinnen, waarmee u direct op uw advocaatkosten bespaart. De medisch Bedrijfsjurist helpt om geschillen te voorkomen en verricht ook uw incassowerkzaamheden (sommatiebrief en herinnering). Arbeidsovereenkomsten en (huur)contracten tot en met 4 pagina’s kunt u laten screenen waardoor u niet voor verassingen komt te staan doordat uw contracten niet compleet zijn. Als klant van ABN AMRO geniet u van een special tarief.

Ook als u uw bestaande praktijk wilt uitbreiden kan het Medisch Praktijk Plan u helpen al uw vragen te beantwoorden. Zijn mijn uitbreidingsplannen te financieren? Hoe financier ik de verbouwing of de uitbreiding van mijn praktijk? Hoe krijg ik inzicht in mijn pensioensituatie? Wat zijn de financiële gevolgen van het omzetten van mijn eenmanszaak naar een BV? Daarnaast vindt u in het Medisch Praktijk Plan nog veel meer nuttige informatie. Zoals hoe richt u uw administratie in? Welke verzekeringen heeft u nodig voor een veilige praktijkuitvoering? En uitgebreide informatie over onze Bankrekening Medisch. Een betaalrekening met uitstekende faciliteiten voor inkomend betalingsverkeer uit de praktijkvoering. Alle informatie vindt u op www.abnamro.nl/medischepraktijk. lijk 5 en 10 jaar. Daarvoor biedt ABNAMRO alle mogelijke spaar- en beleggingsproducten die op maat ingevuld worden afhankelijk van de omvang van de beschikbare middelen, het gewenste risicoprofiel, de doelstellingen en meer.

Het Medisch Praktijk Plan

Een eigen praktijk starten Hebt u het voornemen om een eigen praktijk te beginnen? Dan komt er nogal wat op u af. Op financieel, fiscaal en juridisch terrein. Het Medisch Praktijk Plan kan u inzicht bieden in alle vraagstukken waar u mee te maken krijgt. Zoals welke risico’s moet ik afdekken? Welke gevolgen heeft het starten van een praktijk op het opbouwen van mijn pensioen? Is er nog financiële ruimte om na het starten van de praktijk een privéwoning te kopen? En moet ik een praktijkpand kopen of huren?

Het Medisch Praktijk Plan is een op maat gemaakt plan dat een helder inzicht biedt in alle zaken waarmee u te maken krijgt bij de start of uitbreiding van een praktijk. Het Plan wordt opgesteld in samenwerking met onze specialisten en adviseurs voor medici. Zij kunnen u deskundig advies geven, hebben jarenlange ervaring en beschikken over uitgebreide kennis van de medische branche. Ze zijn op de hoogte van alle recente ontwikkelingen binnen de gezondheidszorg en van uw beroepsgroep. Daarnaast hebt u toegang tot hun uitgebreide regionale netwerk in de medische sector.

Uw bestaande praktijk uitbreiden 36

HET MEDISCH PRAKTIJKPLAN


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:09

Pagina 11

C O N TA C T G E G E V E N S

Contact De ABN AMRO specialisten zijn er voor u op elk moment in uw carrière. Wilt u meer weten? Bel vrijblijvend een specialist in uw regio tijdens kantooruren. Buiten kantooruren kunt u terecht bij het Preferred Banking Service Center via telefoonnummer 0900 92 19 (lokaal tarief).

Regio Amsterdam (Noord-Holland, Almere en Lelystad) E-mail: abnamro.medici.amsterdam@nl.abnamro.com Gery Dijksman Paula Fruytier Antoinette Groeneveld-Dijkstra Laura Udo

020 020 020 020

-

629 628 629 628

44 77 49 66

96 44 33 39

Regio Midden (Amersfoort, 't Gooi, Ede, Zeist, Utrecht en Nieuwegein) E-mail: abnamro.medici.midden@nl.abnamro.com Henk Noordkamp Heidi Delwig

030 - 232 71 39 030 - 232 71 40

Regio Noord (Groningen, Friesland en Drenthe) E-mail: abnamro.medici.noord@nl.abnamro.com Wieke van Gosliga Els Hogenbirk

050 - 316 00 23 050 - 316 16 20

Regio Rotterdam (Zuid-Holland en Zeeland) E-mail: abnamro.medici.rotterdam@nl.abnamro.com Marnix Simpelaar Sabrina HĂźbner Arjan Wijnands Rene Werner

010 010 010 010

-

402 402 402 402

57 53 43 53

12 81 63 24

Regio Oost (Stedendriehoek, Gelderland-Zuid, Zwolle, NO-Polder en Twente) E-mail: abnamro.medici.oost@nl.abnamro.com Anita Douma Marijke Aaldering Dirk Jan van Winkelen

055 - 369 52 52 055 - 369 58 76 055 - 369 57 77

Regio Zuid (Brabant en Limburg) E-mail: abnamro.medici.zuid@nl.abnamro.com Wil Hameleers Peter de Klerk Ben Rijnkels

040 - 257 65 26 040 - 257 65 27 040 - 257 67 60

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

37


03 MO juni 2009:A5design

38

12-06-2009

HET MEDISCH PRAKTIJKPLAN

14:09

Pagina 12


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 13

COLUMN

REMON HENDRIKSEN

Oseltamivir

REMON HENDRIKSEN huisarts

De Gezondheidsraad heeft begin mei de overheid geadviseerd om 34 miljoen vaccins tegen de Mexicaanse griep te bestellen. Het vaccin bestond nog helemaal niet, maar dat weerhield dit panel van deskundigen er niet van om de minister alvast te adviseren om de portemonnee te trekken. 34 miljoen! Voor iedere Nederlander 2 vaccins! Vogelgriep, Mexicaanse griep, Sars. Er zijn ons de laatste jaren heel wat apocalyptische dreigingen voorbij getrokken. De WHO hoeft slechts de woorden “nieuw griepvirus” in de mond te nemen of dagelijks krijgen we op de journaals te horen in welk land er nu weer een patiënt gevonden is met de gevreesde ziekte. Om er vervolgens dikwijls weer aan toe te voegen dat de desbetreffende patiënt gelukkig ook weer aan de beterende hand is. Spannend, dit soort berichten. Mooie TV levert dit ook op. Vooral als Minister Klink hoogstpersoonlijk zelf voor de camera’s komt vertellen dat er “voldoende Tamiflu wordt ingeslagen om een eventuele pandemie met de Mexicaanse griep het hoofd te kunnen bieden” Tamiflu. Ik heb het nog even voor de minister opgezocht. De generieke naam van Tamiflu is Oseltamivir. Dat is belangrijk om te weten, want van dezelfde minister mag ik geneesmiddelen alleen maar bij hun generieke naam noemen. Dat is goedkoper waardoor we de zorg een beetje betaalbaar kunnen houden. Maar dat geldt kennelijk niet voor de Minister zelf.

Griep is big business geworden. Er wordt door sommige mensen heel veel geld mee verdiend. Oseltamivir is een aantal jaren geleden door de Farmaceutische industrie op de markt gezet. Er is geen dokter die het ooit voorschrijft, want, zo hebben we geleerd, griep gaat meestal vanzelf weer over en Oseltamivir bekort de ziekte hooguit met 1 dag.

Gelukkig voor de industrie dreigt de WHO om de zoveel jaar met een pandemie.

Gelukkig echter voor de industrie dreigt de WHO om de zoveel jaar met een pandemie. En als de WHO dreigt met een pandemie, dan komen overheden met rampenplannen aanzetten waarbij miljoenen tabletten Oseltamivir dienen te worden ingeslagen. Die vervolgens na een aantal maanden volledig ongebruikt weer in de Kliko gedonderd kunnen worden. Of worden gedumpt via het internet. Want er zijn inmiddels heel wat sites waar u het middel zonder recept kunt bestellen. U krijgt er zelfs een set gratis mondkapjes bij! Inderdaad. Griep is big business geworden.

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

39


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 14

NIEUWE DIENST MEDISCHONDERNEMEN

Meld u aan voor de MedischOndernemen LinkedIn-groep! LinkedIn is de grootste profielensite voor professionals in alle beroepsvelden. Wereldwijd gebruiken veertig miljoen mensen de gratis dienst om contacten te onderhouden en kennis uit te wisselen. Netwerken was nog nooit zo eenvoudig, en dankzij de onlangs opgerichte MedischOndernemen-groep wordt dit nog makkelijker. Hoe het werkt Lidmaatschap van de MedischOndernemen LinkedIn-groep groep heeft drie voordelen: 1: U krijgt toegang tot de profielen van alle leden van de groep. 2: U kunt direct contact opnemen met de leden, zonder ze eerst uit te hoeven nodigen. 3: Bij het aanmaken van een groep kunt u een logo toevoegen, dat getoond wordt op de groepspagina's en de groepenlijsten. U speelt uw onderneming dus in de kijker. Met onderstaande stappen meldt u zich aan bij de Medisch Ondernemen LinkedIn-groep.

Nog geen lid? Bent u nog geen lid van LinkedIn dan maakt u eenvoudig een profiel aan. Dit doet u als volgt: 1: Bezoek de pagina LinkedIn.com. 2: Klik rechtsboven op Join Today. 3: Vul de gegevens in en klik op de knop Join LinkedIn. 4: U ontvangt een verificatie e-mail, klik op de link in het bericht om uw inschrijving te bevestigen.

Profiel aanmaken LinkedIn kunt u zien als een enorme database met CV's. Uw werkervaring noemt LinkedIn Position, en daar valt alles onder. Van gevolgde cursussen tot stages en behaalde diploma's. Met de volgende stappen maakt u een eigen profiel aan. 1: Log in met uw gebruikersnaam en wachtwoord en klik aan de linkerzijde op Profile. 2: Klik op Current, Add Current Position en geef aan waar u momenteel werkt. Herkent LinkedIn het bedrijf dan vult hij de gegevens automatisch aan, anders moet u dit zelf doen. 3: Herhaal de stappen voor Past Experience en vul hier uw werkervaring in. 4: Onder Education kunt u gevolgde opleidingen invullen. 5: Bij websites kunt u drie websites opgeven, bijvoorbeeld van uw praktijk. Handig, want deze worden opgenomen in Google.

40

MedischOndernemen


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 15

MO OP LINKEDIN

Profiel delen Is uw profiel af dan kunt u hem ook openbaar maken op internet, zodat hij gevonden wordt door zoekmachines. Het werkt als volgt: 1: Klik op de knop Edit Public Profile Settings rechtsboven in de blauwe balk. 2: Kies een makkelijke url, bijvoorbeeld linkedin.com/in/uw-achternaam. 3: Geef met de vinkjes aan wat u openbaar wilt maken. 4: Bevestig de instellingen met Save.

Netwerken maar Uw profiel is af en het netwerken kan beginnen 1: Ga naar de homepage van LinkedIn en log indien nodig in. 2: U ziet een lijst met veelgebruikte e-maildiensten. Gebruikt u een van deze diensten dan kunt u het adresboek importeren. 3: LinkedIn leest alle adressen in en bekijkt of ze een LinkedIn-profiel hebben. Dit ziet u aan het blauwe icoontje IN achter hun naam. 4: Standaard vinkt LinkedIn alle namen aan. Klik op het vinkje bij Select All om ze te deselecteren. 5: Klik de personen aan die u wilt toevoegen, ze worden in de wachtlijst aan de rechterzijde gezet. 6: Klaar? Zet dan desgewenst rechts een vinkje bij 'Add a personal note to your invitation', typ een korte introductie en klik op de knop Invite Selected contacts. 7: U kunt deze procedure herhalen voor andere adresboeken, of handmatig zoeken naar contacten.

Word lid van de MedischOndernemen LinkedIn-groep Met de volgende stappen sluit u zich aan bij de MedischOndernemen LinkedIn 1: Voor het zoekveld rechtsboven staat standaard Search People. Wijzig dit in Search Groups. 2: Zoek naar de groep MedischOndernemen (aan elkaar vast). 3: Meld u aan voor de groep en u ontvangt een bevestigingsmail.

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

41


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 16

COLUMN

OBSERVER

Hoe houden we de gezondheidszorg betaalbaar?

De kosten voor de gezondheidzorg rijzen de pan uit. Een kleine bloemlezing van artikelen over de zorgkosten die de afgelopen maanden in de kranten verschenen, maakt dit eens te meer duidelijk. Eind maart berichtte het Financieel Dagblad over de boterzachte ingeboekte bezuinigingen voor de zorg van 1,2 miljard die in het regeerakkoord zijn opgenomen. Deze bezuinigingen zijn gemaakt op basis van een aanname dat meer marktwerking de kosten op lange termijn binnen de perken kan houden. Kostenbesparingen zouden onder meer worden gerealiseerd door het vergroten van het vrije segment in de ziekenhuismarkt en het verschuiven van de behandeling van chronisch zieken van ziekenhuizen naar de huisarts. Inmiddels bestaat er volgens deze krant in toenemende mate twijfel over de mogelijkheid deze bezuinigen te realiseren. De Volkskrant berichtte in dezelfde tijd dat minister Ab Klink op zoek moet gaan naar een list. De minister van VWS wil ziekenhuizen de mogelijkheid geven om voor de helft van de behandelingen de tarieven zelf te onderhandelen. Daarnaast wil Klink ook toestaan dat ziekenhuizen winst uitkeren aan aandeelhouders, bijvoorbeeld de medisch specialisten. De Partij van de Arbeid en de Socialistische Partij voelen hier niets voor.

42

MedischOndernemen

De minister moet nog een list verzinnen om de Tweede Kamer achter zijn plannen te krijgen. Ondertussen dreigen de zorgpremies te exploderen. Het Centraal Planbureau berekende onlangs dat voor de periode 2009-2014 ruim vier miljard euro extra beschikbaar komt voor de gezondheidszorg. Dit lijkt veel, maar de verwachting is dat de zorgkosten in deze periode zullen stijgen met 15,5 miljard euro. Ook als het minister Klink lukt alle voorgestelde bezuinigen te realiseren, blijft een gat over in de begroting van 8,8 miljard euro. Wanneer we deze berichten en cijfers op een rij zetten wordt het glashelder dat- zeker in een situatie van een terugvallende conjunctuur en economische recessiehet omslagstelsel in de gezondheidszorgfinanciering leidt tot een groeiende kloof tussen inkomsten en uitgaven. Gupta Strategists, een adviesbureau van het Ministerie van VWS, berekende dat de premies voor de basisverzekering in de periode 2009-2014 bijna zullen worden verdubbeld van duizend euro naar achttienhonderd euro gemiddeld per persoon. In het licht van mijn vorige columns waarin ik mijn visie over het zorgstelsel heb gegeven, stel ik u daarom nogmaals de vraag: Waarom veranderen wij het omslagstelsel niet in een gemengd stelsel van omslag en kapitaaldekking?


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 17

MENS EN WERK

TON WILLEMS

TANDARTS TE MAASTRICHT

Ik bewonder mensen met een handicap, vooral zij met een niet aangeboren handicap, dat zij passie in hun leven vinden.

neer ik rust nodig heb trek ik er even alleen op uit en na anderhalf tot twee uur ben ik geheel ontspannen.

Ik erger me vreselijk aan overheden die goed bedoelde plannen voor de bevolking zodanig kunnen vertragen dat de initiatiefnemer alle positieve kracht wordt ontnomen.

Mijn leukste reisbestemming van de afgelopen 5 jaar is: wanneer alles goed loopt heb ik in principe altijd vakantie. Ik geniet van mijn eigen omgeving en ontdek er steeds nieuwe plekken. Ik ga wel op vakantie, maar daar ligt niet mijn hoogste prioriteit.

Ik word vrolijk als het werk lekker loopt en het hele team daardoor plezier in haar werk uitstraalt. In mijn vak geef ik extra aandacht aan de patiĂŤnt als mens.

Het mooiste van een medisch beroep is dat je met mensen te maken hebt en als tandarts ook nog technisch bezig bent.

Tijdens mijn werk kan ik niet zonder mijn team. Ik probeer de ruggengraat te zijn, zij zijn de rest.

Het grootste nadeel van mijn vak is dat je hele leven gepland is.

Het laatste congres/seminar dat ik bezocht ging over botopbouw.

De spannendste ontwikkeling op mijn vakgebied is de driedimensionale ontwikkeling.

Mijn favoriete restaurant is een grote houten tafel waaraan gezin en vrienden zitten, en dan zelf kleine gerechtjes maken.

Met mijn pensioen ga ik... zolang door als ik gezond ben en mijn passie heb, daarna ga ik de natuur in en al mijn voornemens op kunstgebied proberen uit te voeren, hopelijk in samenwerking met mijn vrouw.

Ik zou met Wouter Bos een goed gesprek willen hebben over zijn werkelijke gedachten. Mijn favoriete ontspanning is hardlopen en fietsen. Wan-

Wat wilt u een startende collega meegeven? Kijk veel naar anderen, maar blijf jezelf en probeer altijd te handelen alsof jij de patiĂŤnt bent.

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

43


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 18


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina PM1

BIJLAGE

jaargang 2, juni 2009

#03

Bijlage speciaal voor de PraktijkManager

Resultaten PM Profiel

PROFIEL

2009

Dank u wel voor uw klacht

POP, goed plan?


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina PM2


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina PM3

VOORWOORD

Een vrouw van veertig Eindelijk weet ik wie ik voor me heb, als ik me via dit voorwoord tot de praktijkmanagers in Nederland richt. Dankzij het PM Profiel, dat we dit jaar samen met ABN AMRO voor het eerst via een online enquĂŞte uitvoerden, hebben velen van u zich aan mij voorgesteld. Waarvoor dank! Ik praat dus tegen een vrouw van veertig jaar die dertig uur per week werkt als praktijkmanager in de praktijk waar ze 4,6 jaar geleden in die rol begon. U bent vooral druk met personeelszaken, planning en bedrijfsuitjes. En dertig procent doet er nog regelmatige medische taken bij. De meesten van u vinden een managementopleiding niet perse nodig voor een goede praktijkmanager. En u vindt ook dat praktijken die een (nieuwe) praktijkmanager zoeken vooral iemand van buiten moeten nemen. En daar denkt uw baas heel anders over. Meer cijfers over het profiel van de praktijkmanager, de rol in de praktijk, de informatiebronnen die u raadpleegt in uw dagelijks werk en de visie op uw vak vindt u in de uitgebreide samenvatting van PM Profiel 2009 die u in deze PM bijlage aantreft. Veel leesplezier en een fijne zomervakantie!

Met vriendelijke groet,

Elsbeth Nijhoff PraktijkManagers Netwerk

PM - jaargang 2 - juni 2009 - #03

3


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

BIJLAGE

14:10

Pagina PM4

PM PROFIEL 2009

T E K S T: G E E R T D I J K S T R A

PM Profiel 2009: De cijfers en de feiten PM PROFIEL 2009 GEEFT HELDER BEELD VAN DE POSITIE VAN DE PRAKTIJKMANAGER

PROFIEL

2009 Praktijkmanagers zijn vrouwen van 40 met een HBO-opleiding die vooral druk zijn met personeelsbeleid, planning, de interne communicatie en de sfeer in de praktijk. Zelf vinden ze een managementopleiding niet van belang om hun functie goed uit te oefenen. En adviseren ze praktijkhouders om eerder een praktijkmanager van buiten aan te nemen in plaats van iemand uit het team. Daar denken praktijkhouders heel anders over!

Een greep uit de interessante resultaten van PM Profiel 2009. Dit online onderzoek brengt de positie van praktijkmanagers binnen de eerstelijns zorgpraktijken in Nederland in beeld en wordt voortaan jaarlijks gehouden door MedischOndernemen in samenwerking met ABN AMRO. De antwoorden uit de online enquĂŞte onder praktijkmanagers en praktijkhouders geven een beeld van het profiel van de praktijkmanager, de taken en verantwoordelijkheden en hun informatiegebruik. Ook wordt er een aantal prikkelende stellingen voorgelegd aan zowel praktijkhouders als praktijkmanagers om hun mening te peilen. En om eventuele verschillen in visie PM4

PM BIJLAGE - MO

op de rol van de praktijkmanager boven water te krijgen. Door PM Profiel voortaan jaarlijks te herhalen, wordt bovendien de ontwikkeling van deze nog jonge beroepsgroep in de komende jaren gevolgd. Het profiel van de praktijkmanager Van de respondenten is bijna 87% vrouw. Niemand is jonger dan 25 jaar, de meerderheid is tussen de 40 en 60 jaar en de gemiddelde leeftijd is 44 jaar. Ruim 57% heeft minimaal een HBO-opleiding gevolgd. Slechts 11% werkt fulltime, de gemiddelde werkweek is 30 uur. Van de respondenten werkt 72% in een tandartsenpraktijk en 11% in een huisartsenpraktijk. Omdat exac-


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina PM5

te marktgegevens ontbreken, is overigens niet te bepalen of dit een juiste afspiegeling van de markt is. De meerderheid gaat onder de naam PraktijkManager door het leven, een enkeling als Office Manager (10%). Bijna driekwart werkt op basis van een vast contract, 7% heeft een tijdelijk contract en in de grote groep ‘overigen’ zien we vooral gedetacheerden terug. De grootste groep respondenten werkt vanaf 2003 als PraktijkManager en gemiddeld werken de respondenten 4,6 jaar als PraktijkManager. Die cijfers overlappen met de vraag hoe lang men in de huidige praktijk als PraktijkManager werkt. Dat betekent dat velen dus in hun eerste baan als PraktijkManager zitten en nog niet of nauwelijks van praktijk zijn veranderd. Exact de helft van de respondenten heeft ooit een medische opleiding gevolgd. Deze tweedeling zien we later ook terug in het onderzoek wanneer wordt gevraagd ‘of de ideale praktijkmanager wel of geen medische achtergrond moet hebben’. Tot slot blijkt 25% van de respondenten partner van de praktijkhouder te zijn.

De PraktijkManager De PraktijkManager is een hoog opgeleide vrouw van gemiddeld 44 jaar. Ze werkt nu bijna vijf jaar als PraktijkManager en nog steeds in haar eerste praktijk en werkt gemiddeld 30 uur per week op basis van een vast contract. De helft heeft een medische opleiding.

Rol in de praktijk Nadat we een beeld hebben gekregen van het profiel van de PraktijkManager zoomen we in op de rol die hij of zij vervult binnen de praktijk. We kijken naar de prioriteiten binnen de praktijk en vervolgens naar het takenpakket en de verantwoordelijkheden van de praktijkmanager. Allereerst blijkt dat 30% van de respondenten er nog medische taken bij verricht. Daarbij gaat het in veel gevallen om tijdelijke assistentie (bij ziekte of andere bezettingsproblemen) of wanneer bijvoorbeeld door vacatures posities langere tijd niet ingevuld zijn. In ruim 70% van de praktijken is een Management Team aanwezig, en daarin heeft 85% van de praktijkmanagers zitting. Als we kijken naar de belangrijkste managementgebieden binnen de eerstelijns zorgpraktijk anno 2009 steken personeelszaken en financiën er met kop en schouders boven uit. Met automatisering als goede derde. Daarna volgt een middengroep met Fiscale zaken, Huisvesting, Onderhoud en Inkoop. Het aandachtsgebied PR en marketing scoort verreweg het laagst. Praktijkmanagers over hun takenpakket De PraktijkManager blijkt anno 2009 een breed scala aan taken op het bordje te hebben. Van de negentien

voorgelegde taken worden door praktijkmanagers de volgende acht met name genoemd (in afnemend belang): Personeelszaken, Planning, Bedrijfsactiviteiten/uitjes, Inkoop kantoorartikelen, Huisstijlbewaking en PR, Debiteurenbeheer, Aanname van personeel en Kasbeheer. Praktijkhouders blijven in de lead voor wat betreft de inkoop van medische apparatuur en opvallend genoeg ook voor de huisvesting en inrichting van de praktijk, onderhoud aan apparatuur en het pand. Verder valt op dat 10% aangeeft dat niemand verantwoordelijk is voor de website en dus kennelijk ook geen website heeft. En dat 13% aangeeft dat niemand binnen de praktijk verantwoordelijk is voor de externe communicatie. Verder speelt de accountant een te verwachten rol bij de financiële en vooral fiscale zaken, meestal in samenwerking met de praktijkhouder. Praktijkhouders over takenpakket praktijkmanagers Vervolgens is ook praktijkhouders gevraagd wat in hun ogen de belangrijkste taken zijn voor de praktijkmanager. Na analyse van de antwoorden op de open vragen komen hier achtereenvolgens als belangrijkste taken naar voren: Personeelszaken, Administratie, Planning, Kwaliteitszorg, Interne overlegstructuur, PR en communicatie en Voorraadbeheer. Prioriteiten in 2009 Als we kijken naar de prioriteiten die praktijkmanagers zichzelf voor 2009 stellen dan staan personeelsbeleid, planning, financiën, kwaliteit, teamsfeer, huisvesting en interne communicatie bovenaan. Dat lijstje wijkt sterk af van de prioriteiten die praktijkhouders voor hun praktijk in 2009 hebben gesteld. Daarin ligt de nadruk op kwaliteit, het stroomlijnen van de praktijk, huisvesting, financiën, groei van het aantal patiënten, de website, nascholing, automatisering en innovatie. Geen praktijkmanager Praktijkhouders zonder praktijkmanager die aan het onderzoek hebben meegewerkt, geven aan dat ze niet met een praktijkmanager werken omdat de organisatie er te klein voor is cq de kosten te hoog. Een paar incidentele opmerkingen willen we u niet onthouden: ‘de rest van het personeel zou een praktijkmanager niet accepteren’, of ‘ik heb graag zelf de touwtjes in handen’ en ‘weer iemand erbij om verantwoording voor te dragen’.

Praktijkprioriteiten en taken en verantwoordelijkheden van PraktijkManagers Drie op de tien praktijkmanagers verricht nog (incidenteel of soms structureel) medische taken naast de praktijkmanagers werkzaamheden. En bijna 90% heeft zitting in het Management Team. In algemene zin vormen personeelszaken en financiën de belangrijkste managementgebiePM - jaargang 2 - juni 2009 - #03

5


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina PM6

BIJLAGE

den van eerstelijnszorgpraktijken. PR en marketing staat stijf onderaan. Qua concreet takenpakket vinden praktijkmanagers achtereenvolgens personeelszaken, planning, bedrijfsactiviteiten, inkoop kantoorartikelen, huisstijlbewaking en pr en uitvoerende financiële taken het belangrijkst. Praktijkhouders zijn het daar grotendeels mee eens, aangevuld met HKZ/Kwaliteitszorg en de interne overlegstructuur. Praktijken die geen praktijkmanager hebben, zien de beperkte omvang cq de hoge kosten de bijna unanieme als oorzaak.

Informatiezoekgedrag Een praktijkmanager staat er bij alle taken die hij of zij op het bordje hebben niet alleen voor. Gelukkig maar, er zijn allerlei bronnen waar de praktijkmanager gebruik van kan maken wanneer er zich vragen voordoen. Waar doet men een beroep op? De praktijkhouder als eerste aanspreekpunt Allereerst geeft ruim vijftig procent van de praktijkmanagers aan dat in hun praktijk wordt gewerkt met een beleidsplan cq visiedocument waarin de belangrijkste strategische vragen worden beantwoord. Bij dagelijkse vragen in de praktijk is de praktijkhouder het eerste aanspreekpunt. Op enige afstand gevolgd door collega’s binnen de praktijk en op respectabele afstand de diverse vakbladen en websites en medewerkers van andere praktijken. Toeleveranciers en ook de beroepsverenigingen zijn de laatste informatiebronnen waar men een beroep op doet. Vakinformatie en nascholing Gevraagd naar de vakbladen die men leest staat MedischOndernemen inclusief het PraktijkManagers katern op de eerste plaats. Gevolgd door het Nederlands Tandartsenblad en een reeks andere, vaak meer beroepsgroep georiënteerde bladen. Bij de websites scoort juist de site van het NMT het hoogst gevolgd door MedischOndernemen/Praktijkmanagers Netwerk en veel andere sites. Opvallende verschijning is nog de site van Vecozo. Driekwart heeft de afgelopen twee jaar een nascholingscursus gevolgd, waarbij een praktijkmanagerscursus bovenaan staat. Bankzaken ABN AMRO wordt door ruim een derde van de respondenten beschouwd als de belangrijkste bank waarmee de praktijk zaken doet. Bij de praktijkhouders ligt dat nog iets hoger op 38%. Gevolgd door ING/Postbank (25%) en Fortis Bank (16%). De praktijkhouders is ook nog gevraagd met welke banken ze zakelijk en/of privé zaken doen. Dan blijkt 63% zaken te doen met ABN AMRO, 58% met ING/Postbank, 43% met de Rabobank en 17% met Fortis gevolgd door lagere percentages PM6

PM BIJLAGE - MO

voor een groot aantal andere banken. Twaalf procent van de praktijkmanagers geeft aan een stem in het kapittel te hebben bij de keuze van de bank. Visie op het vak Tot slot zijn er een aantal stellingen voorgelegd aan zowel praktijkmanagers als praktijkhouders over hoe zij aankijken tegen het belang en de rol van een praktijkmanager binnen een eerstelijns zorgpraktijk. Wanneer we de antwoorden van de twee groepen tegen elkaar leggen, vallen een aantal zaken op. Men is het met elkaar eens Op een aantal punten zijn praktijkmanagers en praktijkhouders het met elkaar eens. Beide groepen vinden een praktijkmanager inmiddels onmisbaar in hun praktijk, vinden dat hun praktijk efficiënter functioneert na de komst van de praktijkmanager en zijn het er niet mee eens dat een praktijkmanager er meer voor directie is dan voor het team. Al zijn praktijkhouders over dat laatste iets minder stellig dan praktijkmanagers. Men verschilt enigszins van mening Dat brengt ons bij de punten waarover men al enigszins anders gaat denken. Allereerst vinden praktijkmanagers meer dan praktijkhouders dat de kosten van een praktijkmanager ruimschoots worden goedgemaakt. En vinden praktijkmanagers bijna unaniem dat de arts zich meer kan concentreren op zijn werk wanneer een praktijkmanager andere taken op zich neemt. Terwijl de praktijkhouders daar iets terughoudender in zijn. Hetzelfde verschil zien we terugkomen bij de vraag of elke professionele praktijk een praktijkmanager zou moeten hebben. Men verschilt echt van mening Tot slot komen we uit bij de stellingen waar de twee groepen nadrukkelijk van mening over verschilden. Allereerst blijkt dat praktijkmanagers een managementopleiding als basis voor een praktijkmanager minder belangrijk vinden dan de praktijkhouders. Verder vinden praktijkmanagers dat een nieuw aan te stellen praktijkmanager beter van buiten de praktijk kan komen. Terwijl praktijkhouders toch de voorkeur geven aan het benoemen van iemand uit de praktijk. Tot slot zien praktijkhouders de praktijkmanager meer als moederfiguur dan dat praktijkmanagers dat van zichzelf vinden. De vraag of een medische opleiding vereist is verdeelt zowel praktijkhouders als praktijkmanagers tot op het bot. Dat bleek al eerder in het onderzoek bij de vraag of huidige praktijkmanagers een medische achtergrond hebben. Daarbij gaf de helft aan wel ooit een medische opleiding te hebben gevolgd en de andere helft niet. Eenzelfde tweedeling komen we ook tegen bij de vraag of een medische opleiding vereist is. Met bij de praktijkmanagers nog een lichte voorkeur voor ‘nee’. MO


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina PM7


03 MO juni 2009:A5design

BIJLAGE

12-06-2009

14:10

Pagina PM8

PERSONEEL

T E K S T: C H A R L O T T E VA N D E N WA L L B A K E , H E E F T H A A R E I G E N C O A C H I N G E N C O N S U LTA N C Y B E D R I J F

POP: tijdrovende exercitie of zinvolle investering? POP is een veelgehoorde term, waar u bijna niet omheen kunt. Mogelijk is er door de teamleden om gevraagd. Misschien heeft u het POP al ge誰ntroduceerd in uw praktijk? Het introduceren van een POP valt of staat met draagvlak, zorgvuldige implementatie, tijd en budget. Zomaar doen heeft geen zin, dus zorg dat het zorgvuldig gebeurt en dat het zinnig is.

Sommige praktijkmanagers hebben het POP al ge誰ntroduceerd. Anderen deinzen terug uit angst voor een tijdrovende klus. Het heeft geen zin het anders voor te spiegelen dan het is: het implementeren, borgen en naleven van een POP kost tijd. Maar kost het investeren

PM8

PM BIJLAGE - MO

in personeel niet altijd tijd? Gestructureerde aandacht voor uw teamleden levert niet alleen betrokkenheid op, maar ook ontwikkelde en gemotiveerde medewerkers en daarmee een gezonde praktijk.


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina PM9

P O P, G O E D P L A N ?

POP invoeren in 8 stappen Op pagina 54 van MedischOndernemen kunt u lezen over motieven voor het invoeren van het POP. Een POP is geen op zichzelf staand instrument, het werkt alleen als het onderdeel is van een personeelscyclus, er herkenbare richtlijnen zijn, de leidinggevende zelf tijd vrijmaakt en tijd geeft voor het uitvoeren van het POP. Stappenplan voor introductie 1. Breng de verschillen tussen de huidige en gewenste situatie in kaart. 2. Inventariseer welke middelen een bijdrage kunnen leveren. 3. Concretiseer wat u wilt bereiken met het POP en met welk budget. 4. Onderzoek of er nog acties nodig zijn om het introduceren tot een succes te maken. 5. Ontwikkel een POP-formulier (kijk op www.praktijkmanagersnetwerk.nl voor een voorbeeld). 6. Communiceer met de medewerkers over wederzijdse verwachtingen. 7. Plan afspraken in en geef alle medewerkers een blanco POP-formulier ter voorbereiding. 8. In het eerste gesprek wordt het POP-formulier ingevuld en worden er afspraken gemaakt over de doelstellingen. Tijdige communicatie voorkomt misverstanden Het POP staat niet los van de personeelscyclus. Maak helder wat de relatie is tussen het POP enerzijds en taakafspraken, functioneringsgesprekken, beoordelingen, ambitie en doorgroeimogelijkheden anderzijds. Vaak wordt dit pas gaandeweg bedacht. Tijdig communiceren over regels voorkomt dat er misverstanden kunnen ontstaan. Denk bij het bepalen van de richtlijnen onder andere aan de volgende zaken: • Welke prioriteit krijgt een POP in de dagelijkse hectiek? • Hoe verhoudt zich de ontwikkeling van competenties tot vakinhoudelijke ontwikkeling? • Welke middelen zijn er om het doel te behalen? Training-on-the-job, coaching, cursus etc. • Zijn er consequenties verbonden aan het wel of juist niet bereiken van de persoonlijke doelstellingen? Niets is goed of fout, maar het is wel belangrijk dat er een collectief besef is onder alle medewerkers en dat willekeur wordt voorkomen. Waak echter voor een te groot aantal spelregels, dit kan namelijk juist tot weerstand en verstarring leiden. Het is daarom belangrijk dat u samen met de praktijkhouder stilstaat bij de balans tussen wat wenselijk en wat mogelijk is.

Hart van het POP Het POP-gesprek tussen leidinggevende en medewerker is het hart van het POP. Door het POP consequent toe te passen en met regelmaat stil te staan bij de ontwikkeldoelstellingen is het mogelijk om de doelstellingen te realiseren. Voorwaarde voor een constructief POP-gesprek is een leidinggevende die in staat is te luisteren, te onderzoeken, mee te denken, te faciliteren en zelf het goede voorbeeld te geven. Verplicht of vrijwillig? Persoonlijke ontwikkeling is niet af te dwingen, iedereen heeft andere ambities, talenten en potentie. Iedere POP is daarom ook verschillend. Een POP kan niet worden opgedrongen, wel kan er worden geëist dat een medewerker tenminste bijblijft in zijn functie. Als dit, door onwil of onvermogen, niet lukt dan is er sprake van een functioneringsprobleem. Als een medewerker zich niet lijkt te willen ontwikkelen, wees dan voorzichtig met het trekken van conclusies. Het kan ook zijn dat het voortkomt uit onzekerheid of gebrek aan zelfkennis. Onderzoek samen de oorzaak en sta uitvoerig stil bij wat de medewerker motiveert. Zeker wat oudere medewerkers kunnen nogal eens afwijzend reageren op een POP. Als hiervan sprake is, dan kunt u hen vragen wat zij graag willen overbrengen aan hun jongere collega’s en wat zij zélf graag in de komende periode nog willen doen. Conclusie Als u investeert in draagvlak zullen de medewerkers graag investeren in hun ontwikkeling. Houd het POP simpel en zorg voor meetbare en haalbare doelstellingen. Een POP is meer dan een persoonlijk opleidingsplan, wanneer leidinggevende en medewerker samen investeren in persoonlijke groei zal de praktijk hier onherroepelijk van profiteren in de vorm van gemotiveerde en ontwikkelde medewerkers. Uit de praktijk “Jaren geleden zijn POP’s in onze praktijk geïntroduceerd. Ik ontdekte laatst dat nog niet eens de helft van de POP’s gerealiseerd was! Dit kwam omdat de plannen niet verbonden waren aan gesprekken, cursus of opleiden aan de stoel. Een preventieassistente wilde zich bijvoorbeeld gaan toeleggen op angstpatiëntjes. Het was er alleen nog nooit van gekomen. Toen we de POP’s nieuw leven inbliezen en bleek zij nog steeds deze ambitie te hebben. We maakten concrete afspraken wat er voor nodig was om dit voor haar te bereiken. Onze praktijk had weer de enthousiaste medewerkster terug. Niet alleen had dit een positief effect op het hele team, maar haar specialisatie trok bovendien veel nieuwe patiënten aan.” MO

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

9


03 MO juni 2009:A5design

BIJLAGE

12-06-2009

14:10

Pagina PM10

PRAKTIJKMANAGER, WERK EN ANDERE ZAKEN

CARLA HENNIPHOF WERKZAAM BIJ DIERGENEESKUNDIG CENTRUM NUNSPEET Wat vind je zo leuk aan je werk? Dat het afwisselend is. Het is nooit saai, er gebeurt eigenlijk altijd wel wat. Je hebt veel persoonlijk contact in een dynamisch omgeving. En hoewel ik zelf niet met de dieren werk, sta je er toch dicht bij. Tijdens mijn werk kan ik niet… Zonder computer.

Hoe lang werk je als praktijkmanager? Ik ben nu tweeënhalf jaar werkzaam als praktijkmanager bij een dierenartsenpraktijk. Hiervoor heb ik vijf jaar als proevencoördinator in het onderzoek gewerkt ten behoeve van de biologische en gangbare melkveehouderij. Heb je een speciale opleiding gevolgd? Niet specifiek op het gebied van management. Ik heb de Hoger Agrarisch School in Dronten gedaan. De opleiding Veehouderij, richting Diergezondheid heb ik gevolgd. Hoeveel uur werk je? Ik werk 32 uur per week Heb je een pure kantoorfunctie of doe je ook nog ander werk in de praktijk? Mijn werk bestaat voornamelijk uit niet veterinaire taken, dus voornamelijk kantoorwerk en werk op de werkvloer. Welke werkzaamheden behoren tot jouw takenpakket? Algemeen aanspreekpunt en aansturen van zaken en mensen. Organiseren van maatschap-/ dierenarts- en assistentenoverleg, dit voorzitten en notuleren. Vervolgens zorgen dat iedereen zich aan de afspraken houdt, die in de overleggen zijn gemaakt. Daarnaast ben ik verantwoordelijk voor het personeelsbeleid: planning, contracten, functioneringsgesprekken voeren etc. Financiële analyses uitvoeren, zodat er beter op cijfers gestuurd kan worden, is waar ik mij de laatste tijd meer mee bezig houd.

PM10 P M B I J L A G E - M O

Waar heb je binnen je werk moeite mee? Wat vind je lastig? De positie binnen de organisatie maakt dat je overal een beetje tussenin staat. Je wordt geacht ieders belangen zo goed mogelijk te behartigen. Dat is soms lastig als iedereen net iets anders wil en je kunt het nooit voor iedereen goed doen. Wat zijn je hobby’s? Zingen bij een gospelkoor en paardrijden (dressuur) in wedstrijdverband. Wanneer staat je eerste volgende vakantie gepland en wat ga je dan doen? Afgelopen winter zijn mijn man en ik op wintersport geweest. Momenteel heb ik nog geen vakantieplannen. Thuis hebben we een melkvee- en paarden opfokbedrijf, dus heel gemakkelijk kunnen we niet weg. Maar meestal beslissen we dit kort van tevoren. Wat is je favoriete muziek? Onder andere Adele, Ilse de Lange en Christina Aguilera. Heb je recent een boek gelezen dat je anderen wilt aanraden om ook te lezen? Eten, bidden en beminnen van Elizabeth Gilbert. De zoektocht van een vrouw van rond de 30 naar antwoorden op haar vragen, die veel vrouwen hebben. Heel herkenbaar. Heb je een tip voor andere praktijkmanagers waar ze hun voordeel mee kunnen doen? Probeer je werk echt te plannen en houd je zo veel mogelijk aan deze planning. Anders blijf je vaak bezig met dingen die ‘steeds tussendoor komen’. Hierdoor ben je minder efficiënt. Schrijf deze dingen op, want het is te veel om allemaal te onthouden.


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 23

TRAIN YOUR BRAIN

TRAIN YOUR BRAIN: LEIDERSCHAP Als praktijkmanager stuurt u personeel aan, en leiderschap is daarbij onontbeerlijk. Want hoe zorgt u ervoor dat uw medewerkers doen wat u vraagt, hoe inspireert en enthousiasmeert u ze en wat is leiderschap eigenlijk? Daarom In deze Train your brain zeven vragen over leiderschap. Met dank aan The Question Library.

VRAAG 1 ANTWOORD

Wat is leiderschap? Leiderschap gaat vooral over persoonlijke aspecten en het beïnvloeden van medewerkers door aansturen, motiveren, enthousiasmeren, stimuleren en ontwikkelen om hun gedrag en prestaties in de gewenste richting te sturen. Is managen de dingen goed doen, leidinggeven is goede dingen doen.

VRAAG 2 ANTWOORD

Wat is autocratisch leiderschap? Een autocratische leider neemt alle beslissingen zelf, legt taken op, controleert en straft bij het niet juist uitvoeren. De relatie tussen leidinggevende en medewerkers is er een van baas en knecht.

VRAAG 3 ANTWOORD

Wat is democratisch leiderschap? Bij democratisch leiderschap betrekt de leidinggevende zijn medewerkers bij beslissingen en delegeert hij taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden. De leidinggevende vertrouwt er op dat de medewerkers zelfstandig klussen klaren. Bij problemen of uitdagingen gaan leidinggevende en medewerkers samen op zoek naar oplossingen en acties.

VRAAG 4 ANTWOORD

Wat zijn belangrijke competenties voor een leidinggevende? Enkele belangrijke competenties voor effectief leiderschap zijn: visie / ondernemerschap / strategische sturing / resultaatgerichtheid / informatiemanagement / operationele coördinatie en controle / persoonsgericht leiderschap / groepsgericht leiderschap.

VRAAG 5 ANTWOORD

Wat zijn taken voor een leidinggevende? De theorie onderscheidt vier soorten taken die leiders in organisaties hebben: beslissingen nemen / problemen oplossen, plannen en organiseren / zoeken naar en voorzien in informatie / ontwikkelen van relaties (conflicthantering, teambuilding, netwerken) / beïnvloeden van mensen. De eerste twee punten zijn vooral taakgericht en de laatste twee punten vooral mens- of relatiegericht.

VRAAG 6 ANTWOORD

Wat zijn belangrijke vaardigheden voor een leidinggevende? Een vaardigheid is een bekwaamheid om een taak of handeling effectief uit te voeren. Onderzoeker Bennis onderscheidt er vijf: richtinggevende visie (de manager weet waar hij heen wil en waarom) / passie (de manager houdt van wat hij doet en houdt ervan om het te doen) / integriteit (zelfkennis, oprechtheid, rijpheid) / vertrouwen (een manager kan dit niet aanleren, maar moet dit verdienen) / nieuwsgierigheid en durf (een manager moet willen leren van ervaringen).

VRAAG 7 ANTWOORD

In welke hoofdprocessen valt leiderschap uiteen? Leiderschap valt onder te verdelen in drie hoofdprocessen: richten (visie ontwikkelen, missie en strategie opstellen, doelen stellen) / inrichten (daar de condities voor scheppen, processen inrichten) / verrichten (het met eigen en andermans handen en voeten laten gebeuren). Bron: The Question Library

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

11


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 24

M A A I K E S T R A AT H O F

COLUMN

Dank u wel voor uw klacht!

MAAIKE STRAATHOF

Er zijn van die dagen dat het lijkt alsof iedereen wel wat te klagen heeft. Het begint thuis al vroeg als blijkt dat het brood toch weer eerder op was dan ik dacht (koop op school maar een broodje gezond!). Tijdens mijn ochtendwandeling met de hond hoor ik diverse klachten aan over de nieuwe regels in het park en de wijze waarop andere hondenbezitters daarmee om gaan. Op weg naar de praktijk luister ik naar twee fietsers voor me die het verkeersbeleid (plus nieuwe stoplichten) belachelijk vinden. Op de praktijk aangekomen spring ik meteen in de telefoon om de tandtechniek te bellen dat het techniekwerk niet zoals afgesproken is geleverd en ligt er een briefje met de vraag een patiënt te bellen die een klacht heeft over een rekening. Het blijkt zo te zijn dat van de vijftien mensen met een klacht er maar een die klacht ook daadwerkelijk vertelt. Maar die vijftien mensen vertellen hem wel aan elf mensen door! Dat is slechte reclame voor elk bedrijf en dus ook voor praktijken. Als praktijk streef je tenslotte naar tevreden patiënten en een goede naam waardoor

PM12 P M B I J L A G E - M O

je weer aantrekkelijk bent voor nieuwe patiënten. Ik bel de betreffende mevrouw meteen en luister. Ze is boos, boos omdat ze deze rekening niet had verwacht. Zo te horen is ze boos om meer zaken die momenteel thuis spelen en dit kan ze er nu net niet meer bij hebben. Het vergt nogal wat uitleg en energie maar uiteindelijk sluiten we beiden het gesprek met een goed gevoel af. Was het nu een klacht, een misverstand of een druppel die de emmer deed overlopen? Op dat moment weet ik het niet zeker. In het proces van indicatie, begroting en akkoordverklaring lijkt niets verkeerd te zijn gegaan. Maar het is wel duidelijk dat de verwachting van mevrouw anders was dan wat er gebeurde. Met behulp van een klachtenformulier waarop ik de klacht, het gesprek en het resultaat vermeld, kan ik dit bespreken in het eerstvolgende werkoverleg. Daar kunnen we dan samen overleggen of we ergens in het proces iets moeten aanpassen. Weer wat geleerd en wellicht andere klachten voorkomen. Nou alleen nog een oplossing voor het chronisch tekort aan brood in mijn vriezer!


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 25

LEZERSSERVICE

MedischOndernemen is een vaktijdschrift dat de vrije beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg ondersteunt bij het organiseren van hun praktijk. Artikelen in het tijdschrift geven antwoord op een vraag, zijn praktisch en aktueel. MO geeft u achtergrondinformatie, stappenplannen en handige tips. Als zorgverlener met een eigen praktijk blijft u zo op de hoogte van de belangrijkste ontwikkelingen en trends in de praktijkvoering. MedischOndernemen organiseert eveneens congressen en cursussen over diverse onderwerpen uit het tijdschrift.

COLOFON

MedischOndernemen Jaargang 6, nummer 3, juni 2009

een uitgave van MedischOndernemen b.v. Faradaystraat 4a 8013 PH Zwolle T (038) 460 63 84 F (038) 460 63 18

UW MENING TELT! TEVREDEN? SUGGESTIES? Uiteindelijk telt alleen of u tevreden bent over het magazine, de nascholingsactiviteiten en de website. Daarom nodigen we u van harte uit om uw mening, wensen, ideeën aan ons door te geven. Stuur een e-mail naar redactie@medischondernemen.nl.

info@medischondernemen.nl www.medischondernemen.nl

hoofdredactie Elsbeth Nijhoff

art direction A5design

fotografie Martine Sprangers

drukker Thieme Nijmegen

OPROEP DEELNEMERS ADVIESRAAD

aan dit nummer werkten mee Koosje de Beer, Edwin Brugman, Geert Dijkstra, Remon Hendriksen,

De redactie van MedischOndernemen komt graag in contact met medici met een eigen praktijk of met medici die in een samenwerkingsverband werken. Graag horen we van u wat u bezighoudt. Met welke (ondernemers)vragen wordt u bijvoorbeeld geconfronteerd? Wat zijn uw struikelblokken, waarin heeft u zich bekwaamd en waarin moet u nog groeien? Vier keer per jaar willen we met u over deze onderwerpen van gedachten wisselen, zodat we de inhoud van het blad nog beter kunnen afstemmen op de wensen van de lezers. Bent u geïnteresseerd, laat het ons weten per e-mail en wij nemen contact met u op. Het e-mailadres is: redactie@medischondernemen.nl.

Erna Jansen, Roger Levin, Dick Monster, Observer, Jaap Peters, Rutger Steenbergen, Maaike Straathof, Charlotte van den Wall Bake, Niels Wildering en Corien van Zweden.

MedischOndernemen verschijnt zes maal per jaar oplage: 17.500

advertentieverkoop Acquire Media B.V. Harald Jansen en Gerjan Raidt T (038) 460 63 84 info@acquiremedia.nl

WILT U MEDISCHONDERNEMEN BLIJVEN ONTVANGEN? Om er zeker van te zijn dat u ook de volgende uitgaven van MedischOndernemen ontvangt, kunt u zich opgeven als abonnee van MedischOndernemen. Als nieuwe abonnee ontvangt u het eerste nummer gratis. Het abonnement (€ 60 per jaar) zal het daaropvolgende nummer ingaan. U kunt zich opgeven via www.medischondernemen.nl, een mail sturen naar info@medischondernemen.nl of bellen naar (038) 460 63 84.

abonnementen Bent u een vrije beroepsbeoefenaar in de gezondheidszorg, meldt u dan aan voor een abonnement tegen het tarief van € 60 per jaar. Vermeld uw beroep en afstudeerjaar. Wanneer u zich opgeeft als abonnee ontvangt u het eerste nummer gratis. Het abonnement zal het daaropvolgende nummer ingaan. Bent u geen medicus, dan betaalt u € 90 voor een jaarabonnement. Opgeven kan via www.medischondernemen.nl, bovengenoemd (e-mail)adres, telefoon- en faxnummer.

reageren op artikelen in deze uitgave? Stuur een e-mail naar redactie@medischondernemen.nl.

Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie of welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande toestemming van de uitgever.

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

57


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 26

FISCAAL T E K S T: D I R K M O N S T E R , AV I V O S C V A C C O U N TA N T S E N B E L A S T I N G A D V I S E U R S

Alles over uitgaven voor specifieke zorgkosten WAAR LIGGEN DE AFTREKMOGELIJKHEDEN?

Afgelopen najaar was er een ware run op de opticiens, omdat veel mensen nog van de mogelijkheid gebruik maakten om snel een bril of contactlenzen aan te schaffen, voordat de aftrek hiervan verviel. Ook was de ‘drempel’ voor de aftrek zodanig verlaagd, dat veel meer mensen dat jaar in aanmerking kwamen voor die aftrek.

Tot en met het jaar 2007 was de ‘drempel’, die u moest overschrijden 11,5% van het verzamelinkomen. Zowel de basis- als de procentuele premie voor de Zorgverzekering was daarbij aftrekbaar. Bij een modaal of 48

MedischOndernemen

hoger gezamenlijk inkomen kwam u alleen met echt hoge overige ziektekosten boven die drempel uit . In 2008 drempel was de drempel flink lager: 1,65%. Maar de premies voor de Zorgverzekeringswet (met uit-


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 27

AFTREKPOSTEN IN 2009

zondering van de premies voor de aanvullende verzekering) waren niet meer aftrekbaar. Wanneer u bijvoorbeeld voor een bril of contactlenzen minimaal € 325 aan kosten had, kreeg u ook een extra bedrag van € 825 aan aftrek ‘wegens chronische ziekte’. Mensen van 65 jaar en ouder kwamen sowieso in aanmerking voor de aftrek van € 825 op grond van de ‘aftrek wegens ouderdom’. Dankzij deze extra aftrek kwam u ook bij een hoger inkomen vaak boven de drempel uit en dus in aanmerking voor aftrek. Wat verdwijnt er als aftrekpost in 2009? Ten opzichte van 2008 verdwijnen de onderstaande posten: • Na de basis- en de procentuele premies ook de premies voor de aanvullende verzekering • De € 23 per persoon voor de huisapotheek • Brillen en contactlenzen • Kosten wegens adoptie en kraamhulp • Kosten wegens overlijden van partner of kind jonger dan 27 jaar, die uiteraard gelukkig weinig voorkomen, maar als het gebeurt wel erg hoog kunnen zijn • De kosten wegens de ‘eigen bijdragen’ AWBZ/Wmo en de al eerder genoemde vaste aftrek wegens ouderdom, arbeidsongeschiktheid en chronische ziekte. De inkomenseffecten van het afschaffen van deze laatste posten kunnen erg groot zijn. Als compensatie is er een volledig nieuwe regeling ‘wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten’ gekomen. Ook zijn er kortingen gekomen op de facturering van de eigenbijdragen van de AWBZ; erg ingewikkeld allemaal. Wat is er nog wel aftrekbaar in 2009 en hoe ziet de drempel eruit? In de eerste plaats zijn de niet vergoede kosten wegens genees- en heelkundige hulp nog altijd aftrekbaar, met uitzondering van de ooglaserbehandelingen. Concreet betekent dit de kosten van huisarts, medisch specialist,

BV en levensloop Als u via een BV werkzaam bent en overtollige liquiditeiten heeft dan kan het interessant zijn om uzelf als directeur een levensloopvergoeding te geven. Deze vergoeding mag 12% van uw bruto-jaarsalaris zijn en dient te worden afgestort op een aparte bankrekening. De verhoging van het salaris levert de BV een fiscale aftrekpost op terwijl de reservering op de levenslooprekening pas belast wordt op het moment dat deze wordt uitgekeerd aan u. U mag in totaal maximaal 210% van uw salaris opsparen. Hierdoor kunt u een leuk extra

tandarts, fysiotherapeut en andere reguliere zorgverleners. In de praktijk gaat het daarbij vooral om de kosten, die aanvullende verzekeringen vergoeden, zoals tandartskosten. Medicijnen op recept en de zogenaamde ‘hulpmiddelen’, zoals hoorapparaten’ blijven aftrekbaar. Ook blijven een aantal van oudsher bekende aftrekposten, die wat minder frequent zijn intact. Zo blijven posten als extra gezinshulp, de dieetkosten en kosten voor extra kleding en beddengoed en reiskosten wegens regelmatig ziekenbezoek in deze nieuwe regeling aftrekbaar. Met uitzondering van de uitgaven voor genees- en heelkundige hulp en de kosten wegens regelmatig ziekenbezoek, worden de gemaakte kosten bij een inkomen onder de € 32.127 voor de toepassing van de drempel nog eens verhoogd met 113%. De komende jaren wordt dit percentage voor mensen onder de 65 jaar trouwens stapsgewijs verlaagd. De drempel, waarboven de kosten effectief tot aftrek leiden blijft in deze fors uitgeklede regeling vooralsnog en met name tot een modaal inkomen erg laag. In 2009 is de drempel tot een (eventueel gezamenlijk) verzamelinkomen van € 7.152 slechts € 118. Bij hogere inkomens tot € 38.000 is de drempel net als in 2008 1,65% van het inkomen. Bij een inkomen van € 38.000 is de drempel dus slechts € 627. Vanaf een inkomen van € 38.000 gaat de drempel oplopen met 5,75% van het inkomen boven die € 38.000. Naarmate het inkomen stijgt, loopt de drempel dus flink op. In die gevallen zal het moeilijk worden nog voor aftrek in aanmerking te komen. Waar liggen nu vooral nog de aftrekmogelijkheden? Voor mensen, die op diëten zijn aangewezen, blijft het van belang in de tabel (gidsen, informatie van de Belastingdienst) te kijken of het bedrag, dat bij hun dieet hoort hoog genoeg is voor aftrek. Verder blijven eenmalige hoge kosten die niet worden vergoed voor veel mensen fiscaal interessant. Uiteraard blijft het nog altijd het advies om die kosten zoveel mogelijk in één jaar te maken. MO

pensioenpotje creëren. Bijkomstig voordeel is dat uw pensioengrondslag ook nog eens wordt verhoogd, waardoor extra dotaties mogelijk zijn. Kijk voor de overige NotaBenes op MedischOndernemen.nl

NotaBene MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

59


03 MO juni 2009:A5design

THEMA THEMA THEMA

12-06-2009

14:10

Pagina 28

FINANCIEEL

T E K S T: E D W I N B R U G M A N , V E R B O N D E N A A N V VA A F I N A N C I E E L E N E C O N O M I S C H A D V I E S B U R E A U

Plan in de praktijk In het verleden was het vaak relatief simpel: een zorgprofessional trad toe tot een maatschap, nam een bestaande praktijk over of startte zelf een nieuwe praktijk op een plek waar sprake was van een zorgbehoefte. De organisatie was er al, of ontwikkelde zich wel in de praktijk. En de concurrentieomgeving was eigenlijk niet zo belangrijk. Er waren toch genoeg patiënten. De tijden zijn veranderd. Een nieuw initiatief, maar ook een overname vergt de nodige voorbereiding. Want de risico’s nemen fors toe. En een goed plan is eigenlijk onontbeerlijk. Waarom? En hoe ziet zo’n plan er eigenlijk uit?

Een goed plan is om een aantal redenen belangrijk. Allereerst zorgt het maken ervan al dat een ondernemer zich bewust wordt van allerlei verschillende aspecten – denk vooral aan omgevingsfactoren – die rondom een onderneming een rol spelen. Het kan een zogenaamde ‘tunnelvisie’ helpen voorkomen. Een tunnelvisie komt vaak voor bij mensen die alleen vanuit zichzelf denken, 60

MedischOndernemen

en niet vanuit de omgeving en hun klanten. Een ander belangrijk voordeel is dat een ondernemingsplan de ondernemer eigenlijk dwingt na te denken over de toegevoegde waarde van zijn of haar ondernemer voor de klant. En dat levert grote voordelen op bij het opstellen van een communicatieplan. Het maakt het aanzienlijk gemakkelijker voor de ondernemer om uit te leggen


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 29

FINANCIEEL

aan derden – denk aan de bank, toekomstig personeel, zakenpartners – wat de doelen zijn van de onderneming, en wat de verwachtingen zijn. Ook de haalbaarheid van het idee wordt tijdens het maken van een plan concreter. De risico’s worden concreet zichtbaar en de ondernemer zal al op voorhand moeten nadenken over het beperken van die risico’s.

Verder hoort uiteraard aandacht gegeven te worden aan de concurrentie.

Hoe ziet een goed plan eruit? Er zijn zeer veel soorten plannen in omloop. Vrijwel allemaal kennen ze een soort basisindeling. Een eenvoudig plan kan er qua inhoudsopgave ongeveer als volgt uitzien:

Marketing en communicatie In het plan wordt aandacht besteed aan de wijze van marketing. Hoe benadert de zorgonderneming de potentiële klanten en eventuele verwijzers? Hoe wordt de onderneming onder de aandacht van de consument gebracht? Welke communicatiemiddelen worden daarvoor ingezet? Besteed aandacht aan de ontwikkeling van een huisstijl. Vergeet niet om de daarmee gepaard gaande kosten te begroten (investeringsbegroting én exploitatiebegroting).

De initiatiefnemer(s) In deze paragraaf is aangegeven wie de initiatiefnemers zijn. In ieder geval hoort daarbij hun c.v. Ook kan het van toegevoegde waarde zijn wat hun motivatie is.

Rechtsvorm De initiatiefnemers moeten kiezen voor een rechtsvorm. Deze keuze zal moeten worden gemotiveerd in deze paragraaf.

Visie In deze paragraaf kan de visie worden weergegeven van de initiatiefnemers op de zorgmarkt in het algemeen, en op hun specifieke activiteit in het bijzonder binnen die markt. Die visie kan worden gestaafd met verwijzingen naar rapporten en ontwikkelingen, bijvoorbeeld van de kant van de overheid of onderzoeksinstellingen als Nivel.

Investeringsbegroting In een plan hoort vanzelfsprekend een goede investeringsbegroting. Daarin staat uitgebreid aangegeven welke investeringen nodig zijn, en wordt – onderbouwd met bijvoorbeeld offertes – aangegeven wat deze investeringen gaan kosten. Denk daarbij ook de aan de BTW, die voor veel zorgondernemingen niet kan worden verrekend! Neem ook de aanloopkosten als investering mee, en denk ook aan de rente die direct na het opnemen van een geldlening verschuldigd is. Tussen het moment van starten en het moment waarop de eerste gelden binnen komen kunnen soms maanden zitten!

Missie De missie van de onderneming vat feitelijk samen wat de waarde van de onderneming zal moeten zijn voor de klant. Welke zorg wordt concreet geleverd? Aan wie? Hoe onderscheidt de onderneming zich ten opzichte van andere aanbieders? Doelen In deze paragraaf wordt uiteengezet welke concrete doelen de onderneming op de korte en middellange termijn heeft. Dat zijn doelen die worden uitgedrukt in cijfers. Denk aan omzet, winst, klanten, professionele staf, aantal vestigingen, aantal soorten behandelingen et cetera. Strategie Hier wordt beschreven op welke wijze de onderneming de doelen zal realiseren. Hoe komt de onderneming bijvoorbeeld aan nieuwe klanten? Op welke manier zorgt men ervoor dat de onderneming zich onderscheidt? Omgevingsanalyse In de omgevingsanalyse worden de algemene trends beschreven die relevant zijn voor het specifieke zorgaanbod van de onderneming. Ook wordt heel specifiek ingegaan op de wijze waarop de klant de dienstverlening ervaart. Van belang is dat de initiatiefnemer echt moet proberen om vanuit de klant te denken, en niet zijn of haar eigen beleving als uitgangspunt neemt.

Exploitatiebegroting en cashflowprognose Het verdient aanbeveling om een exploitatiebegroting voor meerdere jaren te maken. Licht per post toe hoe deze tot stand komt. Met name de verklaring van de omzet is van belang. Want hoe wordt deze omzet gerealiseerd? Maak ook een zogenaamde cashflowprognose. Die wijkt af van de exploitatiebegroting, onder meer doordat in de cashflow afschrijvingen niet zijn verwerkt. Wél de aflossingen op leningen. Neem ook op hoeveel de initiatiefnemer(s) moet(en) onttrekken om in hun levensonderhoud te voorzien, en onderbouw die behoefte (met bijvoorbeeld een specificatie van uitgaven als verzekeringspremies, hypotheekrente, woonlasten et cetera). Conclusie Het is de kunst een plan niet vol te schrijven met wollig taalgebruik maar concreet te zijn. Hou het kort en bondig, zonder de relevante issues over te slaan. Als het concept klaar is, houdt dan een aantal ‘klankbordsessies’ met goede maar kritische bekenden, en een adviseur. Scherp het plan vervolgens aan alvorens ermee naar de bank of andere financiers te stappen. MO

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

61


03 MO juni 2009:A5design

THEMA THEMA THEMA

12-06-2009

14:10

Pagina 30

PR TIJKVOERING INTER VA I EKW

T E K S T: R O G E R P. L E V I N , D D S ( V S )

Regeren is vooruitzien Regeren is vooruitzien, luidt een aloud gezegde. Dit gaat zeker op voor bedrijven en dus ook voor uw praktijk. Of deze nou groot of klein is, succesvolle bestuurders gebruiken een businessplan als routekaart naar succes. Een businessplan is tamelijk eenvoudig van opzet, maar er moet wel goed over worden nagedacht. Uiteraard varieert die inhoud per onderneming, maar een aantal onderdelen komt altijd terug: • Korte samenvatting (met de 5 W’s en de H) • Visie en doelen • Marktanalyse • Praktische haalbaarheid • De cijfers De 5 W’s en de H De korte samenvatting is het businessplan in een notendop. Aan de hand van de vragen wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe geeft u aan: 1 Welk doel u wilt bereiken (wat) 2 Waarom u dit wilt bereiken (waarom) 3 Met wie u dit wilt doen (wie) 4 Op welke locatie u wilt werken (waar) 5 Hoe u dit wil doen (hoe) 6 Wanneer het doel bereikt moet zijn (wanneer) Voor een medische praktijk moet dit op maximaal een A4-tje passen. Praktische haalbaarheid Kunt u uw korte en lange termijn doelen halen met de huidige inrichting van uw praktijk en met de huidige bezetting? Hebben uw medewerkers de juiste vaardigheden? Of is het nodig dat u een efficiencyslag maakt om efficiënt te kunnen (blijven) opereren? Moet u extra personeel aannemen? En wat doet u met de openingstijden? Heeft u behoefte aan extra administratieve krachten en welke invloed hebben uw plannen op uw patiënttevredenheid? Moet u wellicht extra aandacht aan uw patiënten geven? Stel u zelf al deze vragen om er zeker van te zijn dat uw doelen haalbaar zijn. Visie en doelen In uw visie geeft u weer welke verwachtingen u heeft

voor uw praktijk over drie tot vijf jaar. Verwacht u een omzetgroei van 23%? Zodra u uw visie heeft geformuleerd kunt u uw korte termijn en lange termijn doelen hierop laten aansluiten. Denk eraan dat u ervoor zorgt dat uw doelen specifiek, meetbaar en reëel zijn binnen de gestelde tijd. Marktanalyse De volgende stap is het analyseren van uw marktomgeving. Hoeveel concurrenten zijn er in uw omgeving? Welke veranderingen hebben plaats gevonden? Wat is het potentieel voor de korte en lange termijn? Heeft de huidige economische situatie invloed op uw doelen? Wie zijn uw directe concurrenten? Kortom, u maakt een SWOT-analyse. De cijfers De kosten en de baten zijn een belangrijk onderdeel van het businessplan. Wat kost het om uw doelen te realiseren? Moet u veel investeren? En wat levert u het u uiteindelijk op? Het laatste element van uw businessplan is het financiële overzicht; een lijst met inkomsten en uitgaven en een balans. De lijst geeft u inzicht in de uitgaven en opbrengsten en de financiële cijfers. Het is tenslotte de bedoeling dat er onder de streep voldoende geld over blijft. De balans geef u inzicht in uw bezittingen, uw eigen vermogen en uw leningen. U kunt de solvabiliteit, rentabiliteit en de liquiditeit (laten) berekenen om een goed inzicht te krijgen in de financieringsmogelijkheden. Uw accountant zal de balans en de resultatenrekening gebruiken om te bepalen hoe gezond uw organisatie financieel is. Iedere praktijkhouder zou een businessplan moeten hebben. Door het plan te schrijven wordt u gedwongen om over allerlei zaken na te denken die u inzicht geven in de kansen en bedreigingen die u op termijn kunt verwachten. De toekomst is altijd onbekend maar één ding is zeker: regeren is vooruitzien. MO

SEMINAR EN MASTERCLASS MET DR. ROGER LEVIN 2 en 3 oktober 2009, Amsterdam • voor tandartsen en hun team • kijk voor meer informatie op pagina 14 62

MedischOndernemen


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 31

DE VISIE VAN THIJS UDO T E K S T: G E E R T D I J K S T R A

De drijfveren van de particuliere gezondheidszorg In de ‘Visie van …’ peilt MedischOndernemen bij de diverse beroepsverenigingen hoe het is gesteld met het ondernemerschap in hun sector. In dit nummer een gesprek met Thijs Udo, Secretaris van de vereniging Zelfstandige Klinieken Nederland (ZKN).

Allereerst zoomen we in op de positie die Zelfstandige Behandel Centra (ZBC’s) innemen in verleden, heden en toekomst van de zorgsector in Nederland. Lang tegengewerkt door de politiek Ondanks dat ZKN al bijna twintig jaar bestaat, als we de voorganger NRPK meetellen, maken de zelfstandige klinieken pas met de invoering van de Wet Toelating Zorg Instellingen in 2004 echt stappen. “Met die wet is de basis gelegd om de gezondheidszorg van een aanbodgestuurd naar een vraaggestuurd systeem om te turnen. Een systeem waarin de patiënt via de zorgverzekeraars de leading factor is. Maar we zijn er nog lang niet. De 34% vrij onderhandelbare zorg zal snel stijgen naar 70% en pas dan is er een echt level playing field. Een omgeving met gelijke kansen voor alle aanbieders en met een patiënt die echte keuzevrijheid heeft. Maar we zijn veel te lang tegengewerkt door de wantrouwende politiek, die vasthield aan bestaande structuren en verhoudingen. En nog steeds doet het ministerie veel te weinig. Als wij de rol als luis in de pels van de zorg goed willen invullen, een rol die de politiek ons nota bene heeft toebedeeld, moet het ministerie bijvoorbeeld qua voorlichting en qua vrij onderhandelbare prijzen echt veel meer laten zien”, aldus Udo. Die overigens op meer terreinen eenzelfde tegenwerking ervaart voor ZBC’s. Bij de arrogante, bijna monopolistische verzekeraars die zich bijvoorbeeld onredelijk opstelden bij de zeer moeizame onderhandelingen over de tarieven voor 2009. Of bij het afdwingen van een vrije keuze voor de pensioenvoorziening om de verplichte aansluiting bij het pensioenfonds PGGM te voorkomen. Of de enorme druk van wet- en regelgeving die ook deze categorie medisch ondernemers ervaart. En ook minister Klink zet kwaad bloed met zijn opmerking dat ziekenhuizen niet failliet kunnen, terwijl ZBC’s vol in de wind staan en in een volledig vrije markt opereren.

totale zorgmarkt schat, verder te laten groeien. Want ‘zonder patiënt geen zorg’. Udo: “We willen met het ZKN-keurmerk ons imago verder versterken en de voordelen van een ZBC helder overbrengen. Denk aan het ontbreken van wachttijden, de hoge kwaliteit, de persoonlijke aandacht en de innovatieve behandelmethoden.“ Dat zal volgens Udo leiden tot een vervijfvoudiging van het marktaandeel met grote, gespecialiseerde ketens die bijvoorbeeld zorg aanbieden op het gebied van oogheelkunde, dermatologie, cardiologie, (tand)heelkunde en KNO-behandelingen. Een tendens die hij nog versterkt ziet worden doordat de afstudeerders van de toekomst nog moderner denken op dit vlak. Afnemend aantal dubbelfuncties Van oorsprong zijn veel klinieken gestart met behulp van specialisten die ook in ziekenhuizen actief bleven. Dat zal niet zo blijven. Udo: “Het aantal neemt snel af. Inmiddels wordt de helft van de ZBC’s door ondernemers aangestuurd en de andere helft door specialisten die ook nog in een ziekenhuis werkzaam zijn. Ziekenhuizen hebben er, begrijpelijk, steeds meer moeite mee om hun kennis en mensen met ‘concurrenten’ te delen.” Zeker net zo belangrijk is volgens Udo dat steeds meer specialisten het werken in een ziekenhuis zat zijn. “Ze kunnen bij een ZBC niet alleen meer verdienen maar ervaren ook veel minder bureaucratie, kunnen werken met de beste apparatuur en ervaren aantoonbaar meer plezier in hun werk.” Al hebben ZBC’s een commercieel imago, toch kiest dus maar een klein deel van de specialisten vanuit een echte ondernemersdrang voor een rol in een ZBC. Vooral de arbeidsomstandigheden en –voorwaarden zijn de grote trekkers. MO

Vervijfvoudiging marktaandeel Naast een aantal lobby activiteiten in Den Haag is op dit moment de primaire doelstelling van ZKN om een zichtbare kwaliteitsnorm in de markt te leggen. Om zo het kaf van het koren te scheiden en mede daardoor het marktaandeel, dat Udo nu op 2 tot 5 procent van de MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

63


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 32

PERSONEEL T E K S T: C H A R L O T T E VA N D E N WA L L B A K E , H E E F T H A A R E I G E N C O A C H I N G E N C O N S U LTA N C Y B E D R I J F

Waarom een POP De term POP - Persoonlijk Ontwikkel Plan - is regelmatig te horen, ook steeds vaker in medische praktijken. Met een POP investeert u in de persoonlijke ontwikkeling van uw medewerkers. Veel praktijkhouders en praktijkmanagers ervaren het echter als een extra belasting, terwijl u een POP juist kunt inzetten als het ultieme middel om uw teamleden meer aan uw praktijk te verbinden.

Waar ben ik goed in? Welke competenties wil ik ontwikkelen? Wie en wat heb ik daarbij nodig? Vragen die wellicht soms uw aandacht verlangen. Ongetwijfeld ook vragen die uw teamleden bezighouden. Als u deze vragen serieus neemt, stelt u samen met uw medewerker een POP op. Zo bent u samen uitstekend in staat te 64

MedischOndernemen

investeren in de ontwikkeling van uw teamlid en (dus) van uw praktijk. Wat is een POP? Een POP bevat concrete afspraken over persoonlijke ontwikkeling op korte en lange termijn. Deze afspra-


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 33

WAAROM EEN POP

ken zijn gemaakt tussen u als praktijkhouder en de medewerker. Een POP is gebaseerd op de ambities, talenten, aandachtspunten en de ontwikkelrichting van de medewerker. Een POP prikkelt om na te denken over functioneren en om verbeterpunten te formuleren. Hierbij speelt feedback uit directe omgeving een belangrijke rol. Aanleiding De aanleidingen voor het introduceren van een POP kunnen erg uiteen lopen. ‘Ooit iets over gelezen’ of ‘Een medewerker vroeg erom’. Iedere praktijk is anders. Niet iedere praktijk is er klaar voor en niet bij iedere praktijk voegt een POP iets toe. Voordat u overgaat tot het invoeren van een POP, is het belangrijk dat u zich afvraagt wat u wilt bereiken met dit instrument. Een ander belangrijk punt om van te voren bij stil te staan is wanneer er sprake is van succes. Zonder een heldere doelstelling kan het invoeren van een POP leiden tot onhaalbare verwachtingen en daarmee juist een negatief effect hebben. Resultaat Naast de aanleiding is het belangrijk om, voor het invoeren, stil te staan bij een meetbaar waarom en waartoe. Investeren in een POP kost tijd en geld, het is dus niet iets dat u alleen doet om tegemoet te komen aan de persoonlijke ontwikkeldoelen van de medewerker. Ook uw praktijk heeft er baat bij. Wat levert een POP op? • Aantrekkelijke werkgever • Inzicht in talenten • Inzicht in ambities • Inzicht in wel/niet investeren in welke medewerkers • Gezonde praktijk • Bredere inzetbaarheid van medewerkers • Minder verloop • Lager ziekteverzuim Een POP heeft alleen nut als het goed is ingebed in de personeelscyclus. Op www.medischondermen.nl kunt u het eerder gepubliceerde artikel over het ‘aandachtswiel’ terugvinden. Hierin staat beschreven hoe een POP onlosmakelijk verbonden is met een functieprofiel, functioneringsgesprekken, medewerker ontwikkel gesprekken en feedback. In deze editie van MedischOndernemen treft u op pagina 00 een artikel over hoe u een POP het beste introduceert in uw praktijk. Met een POP kunt u uw medewerkers zich laten ontwikkelen: • Versterken: zwakke competenties versterken • Verdiepen: sterke competenties verder verdiepen • Verbreden: breder ontwikkelen • Veranderen: richting andere functie

Voorwaarden voor introduceren van een POP • Personeelscyclus op orde (functieprofielen, dossiers etc) • Heldere organisatie doelen • Draagvlak onder personeel • Budget en tijd beschikbaar • Zorgvuldige vastlegging met behulp van standaardformulier • Elkaar aanspreken op 'oud' gedrag en elkaar helpen bij het zoeken naar oplossingen Valkuilen van een POP • Introduceren van een POP zonder duidelijke toegevoegde waarde en/of verwachting • Alleen het POP op papier, zonder koppeling aan ontwikkelingsgesprekken • Geen concrete acties benoemd • Geen termijnen benoemd Geen speeltje Een POP is geen speeltje, het moet echt duidelijk een toegevoegde waarde hebben én geïntegreerd zijn in de personeelscyclus. Maak een POP niet onnodig moeilijk, u bent geen professionele loopbaancoach. Teveel maakt het onwerkbaar, onrealiseerbaar of roept weerstand op. Zorg voor een goed functie- en competentieprofiel; dit helpt om een gesprek te voeren over de ontwikkelpunten en ambities. Kijk daarom kritisch naar wat echt functioneel is en wat niet. Houd het simpel. Het gaat in eerste instantie niet om formuliertjes en testjes, maar om een goed POP gesprek, waar beide partijen tevreden uitkomen. En uiteindelijk gaat het natuurlijk om het bereiken van de POP doelen. Handreikingen ten aanzien van aandachtspunten medewerker Deze vragen kan de medicus laten beantwoorden in een ontwikkelgesprek: • Ik ga het komend jaar… resultaat/gedrag bereiken/ontwikkelen • Ik ga dit doen door… • Ik weet dat het gelukt is als… • Ik wil dit bereikt hebben op… datum • Ik rapporteer de voortgang (tussendoor) aan… op… • Ik wil graag de volgende steun… • Van… • Wanneer… Als de antwoorden op bovenstaande vragen zo concreet mogelijk worden gemaakt is de kans op resultaat het grootst. MO CONCLUSIE Het invoeren van een POP bij uw praktijk is succesvol als u heldere spelregels vaststelt en concreet benoemt wat u ervan verwacht. Maakt u verder tijd en budget vrij dan kunt u met uw medewerkers zoeken naar een win win situatie voor zowel de praktijk als het personeel.

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

65


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 34

A U T O M AT I S E R I N G T E K S T: R U T G E R S T E E N B E R G E N

10 tips: Haal alles uit LinkedIn

Het sociale netwerk Hyves is bij velen bekend, maar voor zakelijk gebruik zet LinkedIn wereldwijd de standaard. LinkedIn is een online ontmoetingsplek voor professionals en de site helpt u bij het vinden van personeel of een nieuwe baan. Ook kunt u contacten onderhouden met collega's en vragen stellen aan deskundigen. Met deze tien tips haalt u alles uit LinkedIn.

LinkedIn in een notendop WAT IS LINKEDIN? Net als Hyves is LinkedIn een sociaal netwerk waarop u een profiel kunt aanmaken met informatie over uw opleiding en werkervaring. Door dit profiel zichtbaar te maken en te koppelen aan andere gebruikers ontstaat een netwerk. Bijna veertig miljoen mensen gebruiken de dienst wereldwijd en in Nederland zijn er al meer 66

MedischOndernemen

dan een miljoen gebruikers. Daar zitten ongetwijfeld collega's tussen. HOE WERKT LINKEDIN? Meldt u zich aan bij LinkedIn dan stelt de website uvoor aan mogelijk interessante gebruikers. Dit gebeurt op basis van uw CV en werkervaring en deze gebruikers kunt u toevoegen aan uw netwerk. Ook kunt u zelf leden benaderen en niet leden uitnodigen per e-


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 35

HAAL HET ALLES UIT LINKEDIN

mail.Uw gebruikersprofiel is standaard zichtbaar voor leden, maar u kunt hem ook gedeeltelijk of in zijn geheel openbaar maken, zodat bezoekers u kunnen vinden via bijvoorbeeld Google. Naast individuele contacten kent LinkedIn groepen van gelijkgestemden, die kennis en ervaringen uitwisselen. WAAROM ZOU U LINKEDIN GEBRUIKEN? Sociale netwerken kunnen u helpen bij het vinden van mensen met specialistische kennis, maar u bent ook zelf beter vindbaar. Ook houdt u mensen eenvoudig op de hoogte van veranderingen in uw functie en onderhoudt u eenvoudig en snel contact met oud-collega's. Natuurlijk zijn er ook nadelen. LinkedIn speelt zich volledig af op internet en bij onbekende profielen weet u nooit wie er achter schuil gaat. Netwerken kost ook tijd en groeit uw netwerk dan krijgt u regelmatig berichten en uitnodigingen waar u tijd voor vrij moet maken. Doordat veel mensen wel een profiel aanmaken, maar deze vaak niet onderhouden, verouderen profielen snel en raakt de database vervuild met achterhaalde informatie. Met deze tien tips haalt u alles uit LinkedIn. TIP 1: DE JUISTE UITSTRALING Een professionele uitstraling van uw profielpagina vergroot de kans op succes. Zorg voor een passende foto en een korte en krachtige omschrijving van uw werkzaamheden. Met de trefwoorden in de 'summary' kunnen mensen u vinden, dus zorg ervoor dat hier de woorden staan waarop u gevonden wilt vonden. Zorg er tot slot voor dat u de profielpagina geregeld bijwerkt, al zijn het maar kleine wijzigingen. Pas bijvoorbeeld regelmatig de What Are You Working On-functie aan. De wijziging verschijnen op de voorpagina van LinkedIn en worden getoond in de Network Activityemails van de site. Zo komt u gemotiveerd en betrokken over. TIP 2: BETERE SOLLICITATIEGESPREKKEN Zoekt u nieuw personeel of heeft u zelf een sollicitatiegesprek voor een andere functie dan kunt u kijken of de gesprekspartner op LinkedIn staat. Zo krijgt u een beeld van zijn achtergrond, opleiding en interesses en komt u beter beslagen ten ijs. TIP 3: VERGROOT UW ZICHTBAARHEID Zakelijke contacten kunnen u op meerdere manieren vinden en een ervan is Linkedin. Door u aan te sluiten bij collega's en een degelijk netwerk op te bouwen levert dit wellicht toekomstige carrièrekansen op waaraan u zelf nooit heeft gedacht. TIP 4: LAAT GOOGLE U VINDEN LinkedIn maakt het mogelijk uw profiel te delen met zoekmachines. Omdat Google de site goed indexeert is dit een interessante extra mogelijkheid om gevonden

te worden. Het werkt als volgt. Ga naar de instellingen van uw profiel onder 'Public Profile', maak er een makkelijk internetadres van - bijvoorbeeld uw voor- en achternaam - en maak uw profiel zichtbaar voor zoekmachines ("Full profile information"). Reageert u op internet op artikelen en vermeldt u naast uw naam de link naar uw profielpagina dan indexeert Google deze ook. Gratis reclame dus. TIP 5: MET WIE GAAT U IN ZEE? Overweegt u een samenwerking met een bedrijf dat u niet goed kent dan kan LinkedIn van pas komen. Door geavanceerd te zoeken op de naam van het bedrijf en de optie 'Current Companies Only' uit te vinken krijgt u een overzicht van mogelijke overnames en oud-personeelsleden. U kunt ze benaderen voor objectieve aanvullende informatie. TIP 6: KENNIS UITWISSELEN EN VERGROTEN Zoekt u het antwoord op een specifieke vraag of wilt u kennis uitwisselen dan kunt u via de geavanceerde zoekfunctie van LinkedIn geĂŻnteresseerden benaderen. Zoeken kan op een combinatie van trefwoorden, functieomschrijving, bedrijfstak, locatie en overeenkomsten met uw profiel. TIP 7: VRAAG HET UW COLLEGA'S Staat u voor een grote uitgave of ingrijpende beslissing en twijfelt u aan uw besluit dan kunt u via LinkedIn informatie inwinnen bij collega's. Misschien stonden ze voor dezelfde beslissing en kunnen ze u voor vergissingen behoeden of leidt het tot nieuwe inzichten. TIP 8: HOUD CONTACT MET OUD-COLLEGA'S Krijgt u een nieuwe baan of vertrekt een personeelslid dan verliest u uw oud-collega's gemakkelijk uit het oog. Meestal is dat niet erg, maar soms kunt u nog iets voor elkaar betekenen en dan is het handig als u over de laatste contactgegevens beschikt. Met LinkedIn is dit een fluitje van een cent. TIP 9: VERKOOP UZELF EN NIET UW PRODUCT Profielen-sites als LinkedIn gaan over mensen en niet over bedrijven. Probeer dus niet te verkopen, maar laat zien wie u bent, wat u drijft en waar u mee bezig bent. Dit werkt veel beter dan gladde promopraatjes waarin u zichzelf op een voetstuk plaatst. TIP 10: VOEG UW WEBSITE TOE LinkedIn biedt de mogelijkheid drie websites aan uw profiel te koppelen. Is uw profiel openbaar dan is dit een extra mogelijkheid gevonden te worden door Google. Heeft u geen praktijksite dan kunt u een eenvoudig blog aanmaken, bijvoorbeeld bij blogger, waarop u de adresgegevens en een korte omschrijving van de praktijk zet. Dit verdubbelt de kans om gevonden te worden. MO MO - jaargang 5 - februari 2008 - #01

67


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 36

NASCHOLINGSAGENDA

Bedrijskunde in 1 Dag! - Catan Een programma waar leiding geven, organisatie, strategie en uitvoering in de tandartsenpraktijk aan bod komt. Het seminar heeft een uniek programma waarin de juiste instrumenten voor goed ondernemerschap worden aangereikt. Beslissers vóór 1 juli 2009 ontvangen ‘n ipod shuffle Red+Sennheiser sport II-koptelefoon.

9 september 2009

datum voor wie? plaats duur accreditatie

tandarts, praktijkmanager, mond-hygiënisten, orthodontist Ugchelen 1 dag nee

datum

10 september 2009

voor wie? plaats duur kosten geaccrediteerd

gehele praktijkteam Ugchelen 1 dag afhankelijk van teamgrootte ja

CONGRESAGENDA EN CURSUSPROGRAMMA

Pimp je Team - Catan Een superkrachtig seminar waar samenwerking binnen het tandheelkundige team centraal staat. Het programma is een mix van veel informatie en een prettig vleugje spektakel. Er worden verrassend heldere antwoorden op vragen geleverd en geheimen onthuld van topteams.

Coördineren van personeel, praktijk en werkplek - NMT Heet u de NMT-basiscursus ‘Organisatie van de tandheelkundige praktijk’ gevolgd? Wilt u deze basiskennis verder verdiepen? Wilt u meer vaardig worden in het aansturen van medewerkers en processen in de praktijk? Doe dan mee aan ‘Coördineren van personeel en werkprocessen’. Hiermee krijgt u nog meer extra kennis en vaardigheden voor uw dagelijkse ‘organisatiepraktijk’.

datum

16, 17, 23 september, 1 oktober

voor wie?

assistenten die de cursus Praktijkorganisatie hebben gedaan Maarn 4 dagen € 1.495,-

plaats duur kosten

Management in de gezondheidszorg - VVAA Een negendaagse leergang die u op zeer praktische wijze de managementtaken leert waar u als zorgprofessional onvermijdelijk mee te maken hebt of krijgt, maar niet voor bent opgeleid:

datum

16 september, 13 oktober, 5 november, 4 december (startdata)

voor wie? plaats duur kosten geaccrediteerd:

zorgprofessionals Utrecht 9 dagen € 2.900,-; niet-leden VVAA: € 3.250,zie www.vvaa.nl/opleidingen

datum voor wie?

17 september 2009

Training Communicatie In de training " Essentie van Communicatie" krijg je kennis over de principes voor optimale communicatie en inzicht in (non-)verbale communicatie. De focus ligt op kennis en inzicht in primaire communicatieprocessen, waardoor situaties sneller herkend en beter aangepakt kunnen worden.

plaats duur kosten geaccrediteerd

praktijkmedewerkers, receptionistes, assistentes, mondhygiënisten Ugchelen 2 dagdelen € 595,ja

Persoonlijke effectiviteit in de zorg - VVAA Wie goed kan samenwerken, lukt het meestal ook conflicten te voorkomen. Wie naar zichzelf durft te kijken, kan meestal ook goed feedback vragen en geven Logisch om dit in een integraal leerproces te gieten, een training ‘persoonlijke effectiviteit’

68

MedischOndernemen

datum

24 en 25 september, 20 november, 10 en 11 december, 29 januari

voor wie? plaats duur kosten geaccrediteerd

zorgprofessionals Hoevelaken 3 dagen € 1.450,-; niet-leden: € 1.650,zie www.vvaa.nl/opleidingen


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:10

Pagina 37

2 en 3 oktober 2009, Amsterdam • voor tandartsen en hun team • kijk voor meer informatie op pagina

14

Praktijkorganisatie - NMT Heeft u organisatietaken in uw praktijk, maar zou u graag extra handvatten willen hebben om deze optimaal uit te kunnen voeren? Doe dan mee aan de nieuwe NMT-cursus Praktijkorganisatie voor assistenten. Hiermee krijgt u extra kennis en vaardigheden voor uw dagelijkse ‘organisatiepraktijk’.

datum

8, 9, 15 oktober, 5 november

voor wie? plaats duur kosten

assistenten die management en organisatie taken vervullen Maarn 4 dagen € 1.495.-

datum

9 oktober

voor wie? plaats duur kosten geaccrediteerd:

zorgprofessionals Utrecht 5 dagen € 1.550,-; niet-leden: € 1.750,zie www.vvaa.nl/opleidingen

Praktisch leiding geven - VVAA De meeste leidinggevende zorgprofessionals doen dat er ‘gewoon’ bij. Meestal verloopt dat prima. Totdat er zich vraagstukken aandienen die u als leidinggevende (para)medicus voor problemen stellen. In deze leergang, waar de nadruk vooral ligt op het hoe, wordt daar uitgebreid op ingegaan.

Assistent met managementtaken - NMT In steeds meer tandheelkundige praktijken wordt gewerkt met taakdelegatie. Hierbij worden ook specifieke managementtaken gedelegeerd aan een van de assistentes. In deze training komen de verschillende vaardigheden aan bod vanuit zowel theoretisch oogpunt (kennis) als praktisch oogpunt (toepassing).

datum

12, 13 oktober 2009

voor wie?

planverantwoordelijken / praktijkmanagers / medewerker met gedelegeerde managementtaken Nieuwegein 3 dagen, derde dag op afspraak € 1.395,-

plaats duur kosten

CONGRESAGENDA EN CURSUSPROGRAMMA

SEMINAR EN MASTERCLASS MET DR. ROGER LEVIN

M E E R I N F O R M AT I E E N A A N M E L D I N G :

Catan, School of Excellence T (0180) 41 38 09 www.catan.biz

Edin T (0343) 44 99 70 www.edin.nl

MedischOndernemen T (038) 460 63 84 www.medischondernemen.nl

Postgrade T (030) 693 83 43 www.postgrade.nl

VVAA opleidingen T (030) 247 43 28 www.vvaa.nl

MO - jaargang 6 - juni 2009 - #03

69


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:11

Pagina 38

COLUMN

JAAP PETERS

5/11

JAAP PETERS

Maandag 11 mei 2009 is waarschijnlijk de doorbraak geweest bij de inrichting van de marktwerking is de gezondheidszorg in de kapitalistische samenleving. Niemand merkte het, want onze kranten hebben er nauwelijks aandacht aan besteed. Maar president Barack Obama stond voor de pers en noemde 5/11 ‘a historic day’ en hij kondigde aan in het bijzijn van ‘The Groups’ (verzekeraars, geneesmiddelenindustrie, artsen/ziekenhuizen en vakbonden) dat marktwerking en healthcare in de VS, volgens hem, op een uitermate gevaarlijke route, zitten: het is onbetaalbaar, er is geen vrije keuze voor de verzekerden, ze krijgen niet de gezondheidszorg die ze verdienen en er zijn teveel Amerikanen (46 miljoen van de 300 miljoen) onverzekerd.

Gelukkig hebben wij geen healthcare crisis. Toch? De helft van alle faillissementen onder particulieren is het gevolg van het gegeven dat ze hun healthcare costs niet meer kunnen betalen. De premies voor medische zorg verdubbelden vier keer sneller dan de salarissen. Van het Bruto Nationaal Product gaat twintig procent naar de gezondheidszorg. De VS hebben het aller-

duurste systeem van de wereld en het is daardoor voor bijna iedereen onbetaalbaar. Artsen staan niet aan het bed, maar zijn vooral bezig formulieren in te vullen. Barack Obama spreekt over de Health Care Crisis op die gedenkwaardige dag: 5/11. Ik zou zeggen, ga even naar YouTube en tik in bij Zoeken: ‘’President Obama on Coming Together to Bring Down Health Care Costs’’. Een videootje rechtstreeks van het Witte Huis. Een MindBlower!!! Wat Hillary Clinton niet lukte, gaat Obama alsnog uitvoeren. De tijd is er rijp voor. Health Care Reform in de VS komt eraan en het moet geregeld zijn voor het einde van 2009. Want ‘the groups’ doen het vrijwillig en in gezamenlijk overleg met de overheid. Het lijkt wel het Rijnlandmodel. Ze hebben elkaar recht in de ogen (eye to eye with each other) gekeken, aldus de president, en ze beseften dat het afgelopen moest zijn met dit heilloze pad. En ......... Obama ziet het als een nieuw fundament onder de gehele Amerikaanse economie. Want iedereen lijdt er chronisch onder: gezinnen, bedrijven en overheid. Gelukkig hebben wij al deze problemen niet en die gaan wij ook nooit krijgen volgens onze overheid en onze zorgverzekeraars. Toch? Een man in Amerika, president Obama, krijgt iets voor elkaar wat in Canada ook lukte door een man die in 1979 het licht zag: Tommy Douglas (1904-1986, zie Google). Wie is de ene vrouw/man bij ons in Nederland? Wat zeggen Obama & Douglas? Het drijft een wig in de samenleving die je niet moet willen. Wat zegt u eigenlijk?

JAAP PETERS is organisatieactivist en werkt bij ‘DeLimes organisatieontwikkeling’. Hij is auteur van het boek Intensieve Menshouderij en uitgever van het kwartaal-magazine Slow Management.

70

MedischOndernemen


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:11

Pagina 39


03 MO juni 2009:A5design

12-06-2009

14:11

Pagina 40

PREFERRED BANKING VOOR MEDICI: UW EIGEN SPECIALIST VOOR AL UW FINANCIËLE ZAKEN ALSOF UW FINANCIËN EEN BEHANDELING KRIJGEN Bij medici lopen zakelijk en privé vaak in elkaar over. ABN AMRO biedt daarom persoonlijke dienstverlening die uw zakelijke en privéfinanciën integreert: Preferred Banking voor Medici. Onze gespecialiseerde adviseurs kennen de medische wereld goed en anticiperen daardoor snel op veranderingen. En daar hebt u in alle fasen van uw medische loop-

baan voordeel van. Want of u nu een huis koopt, een praktijk start, een samenwerkingsverband aangaat of juist uw praktijk overdraagt, uw persoonlijke Preferred Banker regelt het. Alsof uw financiën een behandeling krijgen. Meer informatie over de services van ABN AMRO Preferred Banking voor Medici vindt u op www.abnamro.nl/medici


2009-06-MO-3