Page 1

­

t ransfer

vakblad over internationalisering in het hoger onderwijs

Vangnet voor internationale studenten

3

ontbreekt jaargang 17 | november 2009

ontsporingen in australische onderwijsindustrie  |  mensensmokkel in den haag  |

internationale kenniswerkers onder dak  |  topdrukte op eaie-congres  |  gebrekkig huisvestingsbeleid nekt instellingen  |  neso’s hebben meer in hun mars


3 Transfer is een onafhankelijk vakblad voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs en onderzoek. Transfer is ook online: www.transfermagazine.nl. Transfer is een uitgave van de Nuffic, de Nederlandse organisatie voor internationale samenwerking in het hoger onderwijs. Verschijnt negen keer per jaar. Redactie Els Heuts (hoofdredacteur), Annelieke Slappendel en Elleke Bal Aan dit nummer werkten mee Annemieke Bosman, Xander Bronkhorst, Hans Dieleman, Yvonne van de Meent, Martine Postma, Robert Visscher, Martine Zeijlstra Beeld Guy Ackermans, Caro Bonink, Flip Fuxa/ Shutterstock, Rob Griffith/AP, Marcel Hemelrijk/ANP, Vincent Jannink/ANP, Serge Ligtenberg, Ed Louwen/Corus, Johannes Odé, Gregorio Reche, Joke Schot, Studio Leon Thier, Koen van Weel/ANP, Redactieraad Riekele Bijleveld (ITC), David Bohmert (Nether), Patrick Cramers (Codarts), Madeleine Gardeur (Rijksuniversiteit Groningen), Frans Godfroy (Delta), Joep Huiskamp (Technische Universiteit Eindhoven) Redactieadres Nuffic, Postbus 29777, 2502 LT Den Haag, tel. 070 – 426 0126 / 426 0144 / 426 0122 fax 070 – 426 0399 e-mail: eheuts@nuffic.nl, aslappendel@nuffic.nl, ebal@nuffic.nl website: www.transfermagazine.nl Abonnementen Transfer is gratis verkrijgbaar. Geïnteresseerden kunnen zich voor een gratis abonnement aanmelden via www.ikabonneermij.nl/transfer, bellen naar DUO-tijdschriftenservice 030 – 263 1089 of een e-mail sturen naar info@ikabonneermij.nl. Abonnementenadministratie DUO-tijdschriftenservice Postbus 681 3500 AR Utrecht tel 030 – 263 1089 Advertenties Bureau van Vliet, tel 023 – 571 4745 Vormgeving en lay-out Sabrina Luthjens BNO en Brigitta Opstal (www.makingwaves.nl) Druk Drukkerij Deltahage, Den Haag Overname artikelen Het overnemen en vermenigvuldigen van artikelen uit Transfer is slechts geoorloofd na schriftelijke toestemming van de hoofdredactie. Foto omslag Gertrude uit Oeganda met foto van haar zussen en haar baby. Foto: Serge Ligtenberg Transfer 4, jaargang 17, verschijnt op 17 december 2009 en bevat een Neso-special.

transfer

Slechte reputatie Reclamecampagnes en actief wervingsbeleid hebben de laatste jaren hun vruchten afgeworpen. Steeds meer buitenlandse studenten zien Nederland als een aantrekkelijke studiebestemming. Maar de randvoorwaarden om studenten hier op een prettige manier te laten wonen en studeren, zijn vaak niet goed op orde. Zo ontbreekt op het gebied van huisvesting een consistent langetermijnbeleid,waardoor ieder jaar opnieuw studenten in caravans en bungalowparken terechtkomen. Uit internationale onderzoeken blijkt dat Nederland inmiddels een slechte reputatie heeft op dit gebied, terwijl internationale studenten veel waarde hechten aan goede en betaalbare woonruimte. Internationalisering behelst meer dan Engelstalige opleidingen aanbieden. Goede faciliteiten en een soepel toelatingsbeleid zijn minstens zo belangrijk. Daarvoor is het noodzakelijk dat de verschillende ministeries hun krachten bundelen. De Tweede Kamer bedong daarom eind vorig jaar dat er een kabinetsbrede internationaliseringsagenda moest komen. Afgesproken werd dat het stuk voor 1 juni klaar moest zijn, maar dat lukte niet. Half oktober was het dan zo ver. De eerste vraag die oprijst bij het lezen van de notitie Internationale positionering van de Nederlandse onderwijs- en kennisinstellingen, is waarom dit stuk zo lang op zich heeft laten wachten. Het is een opsomming van de huidige inspanningen die de verschillende departementen plegen op het gebied van internationalisering. Een doorwrochte integrale visie ontbreekt. De Christenunie liet de minister dan ook weten ontevreden te zijn over de agenda. Volgens de fractie had Plasterk wat rond gemaild met andere ministeries, iets wat door de bewindsman ten stelligste werd ontkend. Niet alleen de huisvestingsperikelen maken duidelijk dat er meer aandacht moet komen voor de randvoorwaarden. Wat doe je bijvoorbeeld met buitenlandse studenten die in de knel komen door ziekte, psychische problemen of een sterfgeval in de familie? Voor Nederlandse studenten zijn allerlei vangnetten beschikbaar. Bij internationale studenten ligt dat een stuk lastiger, blijkt uit een inventarisatie van Transfer. Sinds de collegegelden voor niet-Europese studenten fors gestegen zijn, is de financiële schade als gevolg van studievertraging bovendien aanzienlijk toegenomen. Studentendecanen, die deze studenten zo veel mogelijk bij proberen te staan, pleiten voor een nationaal noodfonds. “Vergelijk het met de marketing van het Nederlands hoger onderwijs in het buitenland. Dat wordt ook gezamenlijk aangepakt.” Els Heuts eheuts@nuffic.nl


r

i n hou d

8

24-42

12

Indiase studenten krijgen de schuld Australië worstelt met racistisch geweld tegen Indiase studenten. Waar komt dat racisme vandaan? Antropoloog Michiel Baas, die zich al jaren bezighoudt met Indiase studenten in Australië, denkt het antwoord te weten: Indiërs fungeren als zondebok voor het falen van de internationale onderwijsindustrie in het land.

‘Nationaal noodfonds hoort bij internationalisering’ Als een Nederlandse student door onvoorziene omstandigheden tijdelijk niet kan studeren, zijn er tal van vangnetten. Maar wie voorkomt dat een buitenlandse student in geldproblemen komt bij ziekte of een sterfgeval in de familie? Studentendecanen pleiten voor de oprichting van een nationaal noodfonds. ‘Hoe centraler je dit regelt, hoe beter.’

18

Kenniswerkers zoeken beschutting bij universiteit

Veel buitenlandse kenniswerkers uit het bedrijfsleven gaan de komende maanden tijdelijk aan de slag bij universiteiten en kennisinstellingen. Ze maken gebruik van de kenniswerkersregeling, waarmee het kabinet in deze crisistijd braindrain wil voorkomen. ‘Ik zie deze regeling als een kussen om zacht op te landen.’

24

Wel buitenlandse studenten, geen huisvestingsbeleid Het actieve internationaliseringsbeleid van de afgelopen jaren heeft meer en meer buitenlandse studenten naar Nederland gehaald. Maar de huisvesting van deze groep is nog altijd niet onder controle. Elk jaar weer moeten in diverse steden noodmaatregelen worden getroffen. Transfer analyseert hoe dat komt.

En verder 2 Colofon en redactioneel  4 Nieuwsberichten  11 Mensensmokkel in Den Haag  16 De expat  21 Column 22 Topdrukte op EAIE-congres  27 Vliegende Hollander  28 Twaalf jaar Journal of Studies in International Education  30 Evaluatie: Taken Neso’s fors uitbreiden  31 Agenda

Hans Dieleman 


Uitwisseling aan

Foto: Joke Schot, www.rotterdamcircusstad.nl

n i euwsb er ic hten

de trapeze

Acrobaten en clowns doen ook aan uitwisseling. Studenten van circusopleidingen in Brussel, Toulouse, Londen en Kiev trainden onlangs een week mee met de acht vierdejaarsstudenten van Rotterdam Circus Arts in Vlaardingen, onderdeel van hogeschool Codarts. Gezamenlijk vertoonden zij hun kunsten aan het Nederlandse publiek tijdens twee voorstellingen in de Rotterdamse Schouwburg. Codarts hoopt op uitbreiding van het uitwisselingsprogramma.

Weinig nieuws in kabinetsbrede notitie Minister Plasterk onderzoekt samen met minister Cramer (Volkshuisvesting) of tot 2015 extra maatregelen nodig zijn om het woningtekort voor internationale studenten te bestrijden. Dat staat in de kabinetsbrede internationalise­ ringsagenda, waarin Plasterk opsomt welke inspanningen het kabinet levert om internationalisering in het hoger onderwijs te bevorderen. De Tweede Kamer vroeg eind vorig jaar om een kabinetsbrede reactie op de internationaliseringsagenda Het grenzenloze goed. Ook belangen­ organisaties zoals de VSNU en de

4 | november 2009 | transfer

HBO-raad riepen het kabinet op de krachten te bundelen, om een echte omslag naar een internationale cultuur en een stevige inter­nationale concurrentiepositie te kunnen maken. Daarvoor zou allereerst meer geld nodig zijn. Dat komt er niet. Zoals eerder aan­gekondigd wordt zelfs 21,8 miljoen euro bezuinigd op de bekos­ tiging voor niet-EU-studenten. Alleen de Nuffic-Neso-programma’s krijgen in de toekomst jaarlijks 2 miljoen extra. In de nieuwe notitie staat vooral welke ministeries samen met OCW werken aan de internatio­

nalisering van het onderwijs. De notitie gaat uitgebreider in op de relatie ontwikkelingssamen­ werking-onderwijs. Nederlandse instellingen moeten studenten uit ontwikkelings­landen blijven aantrekken, schrijft de minister, door bijvoorbeeld beurzen te verstrekken uit het profilerings­ fonds. Dat fonds wordt ingesteld voor bijzondere studenten die bijvoorbeeld een bestuursfunctie bekleden, of uit het buitenland komen.  (EB)


UvA rukt op naar top-50 van The Times De Universiteit van Amsterdam heeft als enige Nederlandse instelling een plaats veroverd in de top-50 van de World University Rankings 2009. Leiden, Utrecht en Delft behoren, net als vorig jaar, tot de beste honderd universiteiten ter wereld, volgens de ranglijst van het Times Higher Education Supplement. Elf van de dertien Nederlandse universiteiten staan in de top-200. Hekkensluiter is de Universiteit Twente op plaats 200. Tilburg en Nijmegen komen in de ranglijst niet voor. Het klassement wordt, net als voorgaande jaren, aangevoerd door Harvard, Cambridge en Yale. De samenstellers van de THES-ranglijst hebben voor vijf wetenschapsgebieden een aparte top-50 opgesteld. De TU Delft doet het met een vijftiende plaats goed op het gebied van techniek en informatietechnologie. Leiden staat op nummer 29 bij de geesteswetenschappen en de UvA springt eruit bij sociale wetenschappen: plaats 32. Bij natuurwetenschappen mag Utrecht zich tot de beste 35 instellingen rekenen. In de top 50 van de begin november verschenen Sjanghai ranking komt geen enkele Nederlandse universiteit meer voor. De Universiteit van Utrecht bezette vorig jaar nog de 47ste plaats, maar is afgezakt naar plaats 52. De Universiteit Leiden is vier plaatsen gestegen en staat nu genoteerd op plek 72. Het kabinet sprak in 2006 al de ambitie uit om drie Nederlandse universiteiten tot de top 50 van de wereld te laten behoren.  (EH)

Het Maagdenhuis

Foto: Marcel Hemelrijk/ANP

van de UvA.

Nederland aangeklaagd:

stufi ‘discriminerend’ De Europese Commissie heeft Nederland aangeklaagd bij het Europese Hof van Justitie, omdat zij de wet Meeneembare studiefi­ nanciering discriminerend vindt. Volgens de Nederlandse wet mogen alleen studenten die drie van de afge­ lopen zes jaar in Nederland hebben gewoond, hun beurs meenemen naar het buitenland. Deze zogenaamde 'woonplaatsvereiste' is in strijd met EU-regels voor vrij verkeer van werk­ nemers. De commissie heeft Nederland

vorig jaar april al gevraagd de wet Studiefinanciering aan te passen, maar dat is niet gebeurd. Begin oktober meldde de Commissie naar de rechter te stappen. Het Hof legt Nederland een dwangsom op als de Commissie gelijk krijgt. De wooneis is destijds ingevoerd om misbruik van meeneembare studie­ financiering door studenten die geen band hebben met Nederland, te voor­ komen. Maar de Europese Commissie vindt dat de eis dat studenten drie van de zes jaar in Nederland moeten

hebben gewoond, discriminerend is voor migrerende werknemers. Het is voor hen moeilijker om aan de wooneis te voldoen dan voor natio­ nale werknemers. Het ministerie van Onderwijs heeft laten weten aan de regel vast te houden en de uitspraak van het Europees Hof met vertrouwen tege­ moet te zien.  (EH) Meer over meeneembare stufi in het dossier op www.transfermagazine.nl

transfer | november 2009 | 5


n i euwsb er ic hten

Overleg over titulatuurkwestie uitgesteld doet, brengt in februari advies uit. Plasterk stelt de commissie in naar aanleiding van signalen dat het Nederlandse hogeronderwijsstelsel tegen zijn grenzen aanloopt. De commissie gaat het stelsel verge­ lijken met toonaangevende stelsels in het buitenland. Bij het oordeel over

Foto: Koen van Weel/ANP

Minister Plasterk stelt overleg met de HBO-raad over het mogelijk maken van de graden ‘of Applied Arts’ en ‘of Applied Sciences’ voorlopig uit. Hij wil dat betrekken bij het debat over de toekomstbestendigheid van het Nederlandse hogeronderwijsstelsel. De commissie die daar onderzoek naar

Cees Veerman.

de toekomstbestendigheid worden aspecten betrokken als de verwachte toename van het aantal studenten, de groeiende diversiteit van de studenten­ populatie en internationale herkenbaar­ heid van het stelsel. Dat laatste aspect speelt ook een belangrijke rol in de titu­ latuurdiscussie. Oud-landbouwminister Cees Veerman is voorzitter van de commissie toekomstbestendig hogeronder­ wijsstelsel. Die bestaat verder uit SER-voorzitter Alexander Rinnooy Kan, HAN-bestuurder Ron Bormans en Koen Geven, oud-voorzitter van de European Students Union. Buitenlandse inbreng komt van Robert Berdahl (Association of American Universities, ex-collegevoorzitter Berkeley) en Ellen Hazelkorn (Dublin Institute of Technology). Hazelkorn bekleedt verschillende functies op het gebied van internationaal hoger onderwijs, onder meer bij de OESO. Zo leidt zij een onderzoek naar de invloed van rankings.  (AS)

Plasterk: we moeten ons niet laten inhalen Nederland heeft voorop gelopen met het doorvoeren van vernieuwingen in het wetenschappelijk stelsel. Dat blijkt uit een vergelijking door het Rathenau Instituut met de situatie in vijf andere Europese landen. “Het is wel zaak ons niet te laten inhalen”, vindt minister Plasterk, die opdracht gaf voor het onderzoek. De studie beschrijft vooral recente ontwikkelingen in de wetenschappelijke stelsels in Denemarken, Duitsland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Italië. De landen­ rapporten moeten nog verschijnen, maar er is al wel een samenvatting. Conclusie: veel van de institutionele veran­ deringen in die landen zijn hier al in de jaren negentig of

6 | november 2009 | transfer

eerder doorgevoerd. En Nederland scoort hoog wat betreft publicaties en citaties. De internationale vergelijking toont een aantal ­opvallende kenmerken van het Nederlandse wetenschapssysteem. Zo is hier, in tegenstelling tot Engeland, nauwelijks verschil in reputatie tussen de universiteiten en behoort geen enkele universiteit tot de internationale elite. In het huidige systeem is volgens de studie niet te verwachten dat dit verandert. Daarnaast stelt het Rathenau Instituut onder meer vast dat de rol van de overheid in strategieontwikkeling en plan­ ning kleiner is dan in andere landen.  (AS)


Buitenlands nieuws

Vrouwelijke hoog­

Foto: Vincent Jannink//ANP

leraren in Groningen.

Nog altijd weinig vrouwelijke profs

VSN-073

Het aantal vrouwelijke wetenschappers in Nederland stijgt gestaag. Niettemin staat Nederland wat betreft het percentage vrouwelijke hoogleraren zeer laag op de Europese ranglijst. Dat blijkt uit de Monitor vrouwelijke hoogleraren 2009 van Stichting de Beauvoir. Het gemiddelde percentage vrouwelijke hoogleraren in de EU is 19. In Nederland was dat in 2007 ruim 11 Monitor VH_WT3GVK:170x240 28-09-2009 14:15 Pagina 8 procent. Alleen in België, Cyprus, Luxemburg en Malta was dat percentage nog lager. Aanvoerders van de lijst zijn Ierland, Roemenië en Letland. Volgens het Lissabonakkoord moet in 2010 een op de 1 - VROUWEN IN DE WETENSCHAP IN NEDERLAND vier hoogleraren in de EU vrouw zijn. Als Nederland zo doorgaat, is dat doel pas in 2030 bereikt. Opvallend is dat in Nederland TABEL vrouwen in weten­ De ondervertegenwoordiging van vrouwen in de 1.1 Nederlandse wetenschap is -nog steeds- enorm. Tabel schappelijke functies gemiddeld vaker in een lagere 1.1 en Grafiek 1.1 geven het percentage vrouwen en Man-vrouwverdeling bij ingeschreven studenten, mannen weer. In 2008 is het aantal vrouwen en mangeslaagden, promovendi, universitair docenten, salarisschaal zitten dan mannen. Het verschil is bij nen dat aan een universiteit studeert nagenoeg gelijk, universitair hoofddocenten en hoogleraren. het percentage vrouwenhet dat afstudeert is zelfs Een 6% Ultimo 2008. hoogleraren grootst. verklaring daarvoor zou hoger dan het percentage mannen dat het diploma Mannen Vrouwen behaalt. Daarnazijn neemt het aandeel vrouwen sterk kunnen dat mannen inafhoge functies vaak ouder bij iedere stap in de wetenschappelijke carrière: van Studenten 51,3% 48,7% Geslaagden bijna 42% vrouwelijke via zo’n 31% zijn dan hunpromovendi, vrouwelijke collega’s en daardoor al47,1% langer52,9% vrouwelijke universitair docenten en 18% Promovendi 58,1% 41,9% Universitair docenten 68,9% 31,1% vrouwelijke universitair hoofddocenten, een werken en dus in een naar hogere schaal zijn ingedeeld. kleine 12% vrouwelijke hoogleraren. De cijfers Universitair hoofddocenten 81,8% 18,2% Maar dat zou nadersamen, moeten onderzocht,88,3% wordt 11,7% betreffen alle wetenschapsgebieden exclusiefworden Hoogleraren het gebied Gezondheid. in de monitor benadrukt. In Grafiek 1.1 zijn de gegevens uit Tabel 1.1 weerAan van en Utrecht zijn gegeven de in eenuniversiteiten zogenaamde schaardiagram. De Leiden presentatie in een schaardiagram is een gangbare wijze de meeste vrouwelijke hoogleraren te vinden, in van presenteren van man-vrouwverhoudingen in de internationale literatuur. Wageningen en Twente de minste.  (EB) 1, 3

2

4

GRAFIEK 1.1 Man-vrouwverdeling bij ingeschreven studenten, geslaagden promovendi, universitair docenten, universitair hoofddocenten en hoogleraren. Ultimo 2008.1, 3 100% 90% 80% 70% 60% 50% 40% 30%

Zweden wikt en weegt over collegegeld Hoe kan worden voorkomen dat er minder buitenlandse studenten naar Zweden komen als zij vanaf 2011 collegegeld moeten gaan betalen? Dat is de belangrijkste vraag voor een Zweeds forum over internationaal onderwijs, aldus University World News. In de begroting voor 2010 heeft de Zweedse regering laten weten vanaf 2011 collegegeld te willen vragen aan niet-EER-studenten. Binnenkort verschijnt een wetsvoorstel over de zaak. Nu al is duidelijk dat instelAnno 2008 is het percentage vrouwen in verschilAspasia programma van NWO. Vrouwen die hun lende wetenschappelijke functies weliswaar nog onderzoeksvoorstel gehonoreerd zagen in dit prolingen zelf de hoogte van het bedrag mogen bepalen. Ook laag, maar bemoedigend is dat er een positieve gramma, werden bevorderd tot universitair hoofdtrendkomen te zien is: voor functies is het Volgens percentage docent. Een evaluatieWorld van dit programma uit erallebeurzen. University Newswees vrezen de vrouwen in 2008 hoger dan in het verleden. Grafiek dat de stijging van het percentage vrouwelijke uni1.2 laat de ontwikkeling zien tussen 1990 enjaar 2008. juist versitair hoofddocenten vrijwel geheel op het van conto interinstellingen volgend meer aanmeldingen Bij de universitair docenten zien we een stijging van van dit programma - en de ruimhartige benoeming die de van invoering van het collegegeld 15%nationale in 1990 naar ruim studenten 30% in 2008. Bij de univervrouwen door de universiteiten als gevolg daarsitair hoofddocenten is er vanaf 1999 een duidelijke van - kon worden geschreven (Visser e.a. 2003). voor willen zijn. Zweden telt nu circa 30.000 buitenlandse versnelling in de groei, terwijl er in de jaren daarvoor nauwelijks ontwikkeling te zien is. Een mogelijke studenten.  verklaring hiervoor is (AS) de instelling van het 5

GRAFIEK 1.2

Studenten dood bij aanslag Pakistan 45% Veel Pakistaanse universiteiten en scholen waren eind 40% oktober een week gesloten na een zelfmoordaanslag op een 35% internationale islamitische universiteit in Islamabad. Daarbij 30% kwamen zes studenten om en vielen achttien gewonden, zo 25% meldde de BBC. 20% De aanslag werd opgeëist door de Taliban. Sinds het 15% 10% Pakistaanse leger een offensief tegen deze militante groepe5% ring is begonnen om hun macht in de regio Zuid-Waziristan 0% terug te dringen, wordt Pakistan steeds vaker opgeschrikt 1990 1993 1996 1999 2002 2005 2008 door aanslagen. De Taliban bedreigt volgens de BBC regelmatig onderwijsinstellingen met aanslagen. Het zijn vaak meisjesscholen. De universiteit die eind oktober door een zelfmoordaanslag werd getroffen is een instelling met bijna 18.000 studenten, van wie bijna de helft vrouw is. Ook 9 studeren er veel buitenlandse studenten.  (EB)

Ontwikkeling van het percentage vrouwen naar functiecategorie tussen 1990 en 2008.1

Hoogleraren

20% 10% 0% Studenten N=189.476

Geslaagden N=25.912

Promovendi N=7.170

Universitair docenten N=4.184

Universitair hoofddocenten N=2.015

Vrouwen

8

VS minder populair bij studenten Studenten uit de hele wereld zien Amerika niet meer vanzelfsprekend als het meest vooraanstaande studieland. Dat schrijven onderzoekers van het Californische Center for Studies in Higher Education. De VS vrezen concurrentie uit Azië, Australië en Europa. Het onderzoek benadrukt dat Amerika in aantallen nog altijd de populairste bestemming is voor internationale studenten, maar dat concurrenten als Canada, China en Korea zich snel ontwikkelen. Ook worden Europese landen genoemd die steeds vaker speciale Engelstalige curricula ontwerpen en financiële hulp bieden aan buitenlandse studenten door fondsen op te zetten. De onderzoekers raden Amerika aan zich als doel te stellen het aantal internationale studenten te laten verdubbelen van 625.000 in 2008 naar 1,25 miljoen in 2020. Amerika moet volgens hen ook een flexibeler visumbeleid gaan voeren, meer beurzenprogramma’s opzetten en meer leenmogelijkheden voor internationale studenten bieden.  (EB)

MONITOR VROUWELIJKE HOOGLERAREN 2009

Mannen

Bron: Monitor vrouwelijke hoogleraren 2009

Hoogleraren N=2.321

Universitair hoofddocenten

Universitair docenten

Promovendi

MONITOR VROUWELIJKE HOOGLERAREN 2009

transfer | november 2009 | 7


i ntervi ew

Zondebok voor het falen van het systeem


De afgelopen jaren heeft hij het internationaal onderwijs in Australië zien ontsporen: van een systeem dat op een handige manier geld in het laatje bracht, tot iets wat op mensenhandel lijkt. Michiel Baas promoveerde vorige maand op de rol van Indiase studenten in het Australische hoger onderwijs.

De Indiase student Sourabh Sharma (21) werd op 9 mei dit jaar in een trein in Melbourne mishandeld door een groep Australische jongeren die een sigaret van hem wilden hebben. De beelden die beveiligings­ camera’s maakten van het gewelddadige incident, werden snel verspreid via internet. Het leidde tot grote verontwaardiging bij Indiase immigranten in Australië en in India zelf. Begin juni maakte de politie in Melbourne bekend dat het aantal berovingen en mishandelingen van Indiërs in een jaar tijd met eenderde was toegenomen. In twaalf maanden zouden volgens andere bronnen meer dan honderd Indiase studenten het slachtoffer zijn geworden van racistisch geweld. De mishan­ delingen kregen in de pers al snel een naam: curry bashing. Antropoloog Michiel Baas is niet echt verbaasd over de gewelddadigheden. “Er zijn al eerder incidenten geweest waaruit je kon afleiden dat de vlam in de pan zou gaan slaan”, stelt hij. Baas promoveerde vorige maand aan de Universiteit van Amsterdam op antropologisch onderzoek onder Indiase studenten in Australië (zie kader). Bij veldwerk in Melbourne in 2005 interviewde hij 230 Indiase studenten, immigratie­agenten, docenten en mensen uit de Indiase gemeenschap. Toen Baas vorig jaar terug was in Australië, merkte hij al dat de sfeer was verhard. “Australiërs en Indiërs spraken op een veel scherpere manier over elkaar dan drie jaar daarvoor. Als ik vertelde dat ik onderzoek deed onder Indiase studenten, volgde er meteen een lawine aan commentaar. Gewone Australiërs klaagden zelfs dat het zo vol is geworden in treinen en op straat, terwijl Australië een van de dunst bevolkte landen ter wereld is. Er wonen net zo veel mensen als in Bombay, terwijl het land tweeënhalf keer zo groot is als heel India.”

Bij de Australiërs zijn de racistische uitingen hard aangekomen. “Vijf jaar geleden verkocht Melbourne zich nog als het grootste multicul­ turele succes van deze planeet”, vertelt Baas. Nu is het land ruw ontwaakt uit die roze droom waarmee de erfenis van de White Australia Policy werd wegge­

“Indiërs worden afgeschilderd als profiteurs die onder valse voorwendselen naar Australië komen”

Michiel Baas.

Foto: Caro Bonink

Foto: Rob Griffith/AP Photo

Blank paradijs

poetst. Tot ver in de twintigste eeuw hield Australië gekleurde immigranten bewust buiten de deur. “Het land wilde een blank paradijs worden, dat bij de Angelsaksische wereld hoort”, aldus Baas. Pas in 1972 kregen niet-Europese immigranten dezelfde rechten als andere immigranten. Baas meent dat het recente racistisch geweld samen­ hangt met de ontsporingen in de ‘onderwijsindu­ strie’, zoals het internationaal onderwijs in Australië wordt genoemd. Geen misplaatste benaming. De bedrijfstak verkoopt onderwijs aan 389.000 inter­ nationale studenten, van wie een kwart uit India komt. Samen droegen zij vorig jaar 15 miljard dollar (9,5 miljard euro) bij aan de Australische economie; Indiërs vormen 18 procent van de totale Australische studentenpopulatie. Het internationaal onderwijs is sterk verknoopt met het migratiebeleid. Australië heeft goedge­ schoolde vakmensen nodig en stelde tot voor kort buitenlandse studenten die kapper, kok, sociaal werker of accountant wilden worden, een perma­ nente verblijfsvergunning in het vooruitzicht. De Australische universiteiten en colleges, die in de jaren negentig door bezuinigingen werden gedwongen de internationale onderwijsmarkt op te gaan, gingen opleidingen aanbieden die punten opleverden voor de verblijfsvergunning. Ook gingen ze actief op zoek naar een markt voor deze cursussen. Die vonden ze vooral in India waar bij de opkomende middenklasse vraag naar een studie in het buitenland ontstond. Die vraag werd extra gestimuleerd via afspraken met banken die studieleningen konden verstrekken.

transfer | november 2009 | 9


En zo groeide de stroom Indiase student-migranten en ontstond er een lucratieve markt waar ook parti­ culiere onderwijsinstellingen zich op wierpen. ‘Verblijfsvergunningfabrieken’ noemt Baas deze instellingen in zijn publicaties, om duidelijk te maken waar hun prioriteit ligt. Deze instellingen kwamen regelmatig in het nieuws door gesjoemel met taal­ toetsen of het verkopen van diploma’s aan studenten die helemaal geen onderwijs volgden. De Australische overheid heeft geprobeerd dergelijke malafide praktijken uit te bannen, maar de ingrepen hebben nog weinig uitgehaald. “Een paar jaar geleden is het migratiebeleid aangescherpt omdat er dankzij die verblijfsvergunningfabrieken afgestudeerden op de markt kwamen met kwalificaties die niks voor­ stelden”, vertelt Baas. Om een verblijfsvergunning te krijgen, moesten studenten voortaan werkervaring opdoen in het beroep waarvoor ze worden opgeleid. “Daar wisten die colleges natuurlijk snel raad mee. Ze sloten bijvoorbeeld een deal met een Indiaas restau­ rant om hun horecastudenten werkervaring te laten opdoen. Of ze zetten desnoods zelf een restaurant op.” Door het gesjoemel in de onderwijsindustrie komen Indiase studenten al jaren negatief in het nieuws, vertelt Baas. “Ze worden afgeschilderd als profi­ teurs die onder valse voorwendselen naar Australië komen.” Maar ook hun werkgedrag zet kwaad bloed. “Indiase studenten werken veel naast hun studie omdat bang zijn dat ze anders hun studielening niet kunnen afbetalen. Omdat internationale studenten in Australië maximaal twintig uur per week mogen werken, accepteren ze ook vaak slechtbetaald zwart werk. Dat heeft allemaal een voedingsbodem voor curry bashing gecreëerd”, meent de antropoloog. Volgens hem zijn Indiase studenten de zondebok geworden voor het falen van het systeem. “Australië wilde gewoon te veel tegelijk: de geldproblemen in het onderwijs oplossen, een onderwijsindustrie in

dr i ekwa rt van i n diase ver b lij fsvergu n n i ng

stand houden die voor economische groei en meer werkgelegenheid zorgt en ook nog immigranten rekruteren om het tekort aan goedgeschoolde vakmensen op te lossen.” De overheid wil nu de koppeling tussen studie en verblijfsvergunning loslaten. Maar hoe dat moet zonder de hele onder­ wijsindustrie te laten instorten, is nog niet duidelijk. Ook de gevestigde universiteiten zijn afhankelijk geworden van de inkomsten door internationale studenten.

Mensenhandel Wat kan Nederland leren van het Australische fiasco? “Internationalisering is goed voor een universiteit, maar ik denk dat het onverstandig is om univer­ siteiten afhankelijk te maken van zo’n dubieuze inkomstenbron”, stelt Baas. Om van Nederland een kenniseconomie te maken, moet alles gericht zijn op het versterken van de onderwijskwaliteit. Ook het werven van kennismigranten, vindt Baas. “Zodra je internationale studenten nodig hebt om je onderwijs financieel overeind te houden, moet je je afvragen waar je mee bezig bent.” Echt link wordt het als kennismigratie handel wordt. “Als er in Nederland te weinig natuurkundigen zijn, moet je een universiteit een zorgvuldig plan laten opstellen voor het rekruteren van studenten in China of India. En voordat die studenten hier komen, moet duidelijk zijn wat ze na hun studie gaan doen. Ik zou niet alle instellingen de mogelijkheid geven kennis­ migranten te werven en commerciële instellingen zeker niet toestaan campussen op te zetten voor Aziatische studenten. Dat is vragen om moeilijk­ heden. Dan kom je op een hellend vlak dat eindigt bij een gelegaliseerde vorm van mensenhandel waar Australië nu mee worstelt.”

Yvonne van de Meent

stu d e nte n

wi l

au stra l i s c h e

Michiel Baas (34) studeerde culturele antro-

motieonderzoek. In zijn proefschrift toont Baas

tig terugkeren naar India. Om die droom werke-

pologie en niet-westerse sociologie aan

aan dat driekwart van de Indiase studenten in

lijkheid te laten worden, hebben ze een buiten-

de Universiteit van Amsterdam. Voor zijn

Australië een verblijfsvergunning wil bemachti-

lands paspoort of verblijfspapieren nodig. “Met

masterscriptie deed bij onderzoek onder

gen. Niet zozeer om zich in Australië te vestigen,

een Indiaas paspoort moet je overal een visum

IT-professionals in de Indiase stad Bangalore. Hij

als wel omdat die verblijfspapieren het mogelijk

aanvragen, dat ook vaak wordt geweigerd”, weet

ontdekte dat veel Indiase jongeren in Australië

maken om transnationaal mobiel te zijn.

Baas. “Een Australische verblijfsvergunning geeft

willen gaan studeren. “Dat intrigeerde me.

Want dat is de gedroomde toekomst van veel

je de mogelijkheid om India te verlaten als je dat

Waarom Australië?”

Indiase jongeren: werken als hoogopgeleide spe-

wil.”  (YvdM)

Die verbazing was het vertrekpunt voor zijn pro-

cialist in de VS, Canada of Europa, maar regelma-

10 | november 2009 | transfer


actu eel

Hbo-opleiding verdacht van

mensenhandel

De Amerikaanse directeur van de European University for Professional Education (EUPE) zit sinds begin oktober vast op verdenking van mensensmokkel, mensenhandel en oplichting. De Haagse

Foto: Serge Ligtenberg

particuliere hbo-opleiding dreigde in 2007 al gesloten te worden wegens wanpraktijken.

Drie Indiase studenten hebben aangifte gedaan. Het Openbaar Ministerie (OM) verdenkt de 63-jarige direc­ teur en twee handlangers ervan dat zij in het buitenland onder valse voorwendselen jongeren hebben benaderd om aan de EUPE een opleiding te gaan volgen. Zij moesten een aanzienlijk bedrag vooruit betalen, maar eenmaal in Nederland aangekomen, bleek er nauwelijks onderwijs te worden aangeboden. De jongeren voelden zich gedwongen om slecht betaald werk aan te nemen dat de verdachten voor hen hadden geregeld. De zaak kwam aan het rollen toen de Vreemdelingenpolitie Haaglanden de afgelopen maanden signalen kreeg dat er dingen niet klopten met de inschrijving en verblijfsstatus van een aantal studenten. Het voorarrest van de directeur is inmiddels twee keer verlengd. Een van de handlangers is weer op vrije voeten, maar de Officier van Justitie overweegt hiertegen in beroep te gaan. De European University, waar ongeveer 150 buiten­ landse studenten staan ingeschreven, heeft de Gedragscode internationale student ondertekend. Daarmee garandeert de instelling dat zij buitenlandse studenten van de juiste informatie voorziet en goed onderwijs biedt. De site van de IB-groep, waar inter­ nationale studenten kunnen zien welke instellingen de code hebben ondertekend, is inmiddels aangepast. Bij de EUPE staat nu ‘under criminal investigation’. De Landelijke Commissie Gedragscode, die toeziet op naleving van de code, maakt zich grote zorgen over de zittende studenten en roept het ministerie van OCW op “erop toe te zien dat de EUPE haar onderwijsverplichtingen nakomt”. De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) heeft de behandeling van aanvragen van EUPE-studenten voor een verblijfsver­ gunning opgeschort. De zittende studenten kunnen voorlopig in Nederland blijven, maar over een verlen­ ging van hun aanvraag zal pas worden beslist als er meer duidelijkheid is over de situatie bij de European University.

Ernstige tekortkomingen De particuliere hbo-instelling heeft al een aantal jaren een dubieuze reputatie. In een aantal rapporten consta­ teerde de Onderwijsinspectie ernstige tekortkomingen op het gebied van kwaliteitszorg, registratie, onderwijs, examens en vooropleidingseisen. Ook de accreditatie bleek verlopen te zijn. Een tijdlang mocht de EUPE geen nieuwe studenten inschrijven en PAEPON, de vereniging van erkende particuliere instellingen, royeerde de Haagse opleiding. Maar nadat de instelling verbeteringen had doorgevoerd en de opleiding in mei 2008 opnieuw was geaccrediteerd, konden de werk­ zaamheden worden voortgezet. Vorige zomer werden er weer studenten geworven, vooral uit India, Nepal en de Filipijnen. Onafhankelijk van het justitiële onderzoek startten ook de Landelijke Commissie Gedragscode en de Onderwijsinspectie eerder dit jaar een onderzoek naar de EUPE. Beide onderzoeken zijn opgeschort, in afwachting van het strafrechtelijk onderzoek.

Els Heuts Meer over de EUPE op www.transfermagazine.nl, dossier European University

Studenten van de EUPE in 2007.

transfer | november 2009 | 11


ac htergron d

'c

entrale

r egeli ng

ho ort

b i j

i nte r n ati o n a l i s e r i n g

'

Hulp voor buitenlandse stu Voor Nederlandse studenten die door onvoorziene omstandigheden studievertraging oplopen, zijn allerlei vangnetten beschikbaar. Buitenlandse studenten moeten bij ziekte, of een sterfgeval in de familie, vaak maar afwachten wat hun instelling aanbiedt. Hoog tijd voor een nationaal noodfonds, vinden studentendecanen.

De gevolgen van ziekte en familie­ omstandigheden zijn voor niet-EER-

Foto: Serge Ligtenberg

studenten onevenredig groot.

12 | november 2009 | transfer

Acht jaar heeft een 33-jarige vrouw uit West-Afrika gespaard voor haar master development studies aan het International Institute of Social Studies (ISS) in Den Haag. Die opleiding zou haar carrière een boost kunnen geven. Alles lijkt in kannen en kruiken. Maar vlak voor haar vertrek naar Nederland, sterft haar vader. De studente stapt toch op het vliegtuig, ze heeft immers al een ticket. Wel keert ze korte tijd later terug om de uitgebreide begra­ fenis te organiseren. Haar familie heeft geen geld, dus ze betaalt ook de kosten voor onder meer de opvang van de vele gasten. Het is een aanslag op haar spaargeld, van haar financiële plan voor de studie in Nederland blijft weinig over. Gelukkig is er een fonds voor ISS-studenten die buiten hun schuld in problemen raken. Als de WestAfrikaanse kan aantonen dat haar vader is overleden, krijgt ze van de Stichting Studenten Hulpfonds (SSH) een toelage van 175 euro per maand. Daarvan kan ze een deel van haar huur betalen. Ook met een baantje erbij blijft het behelpen. Maar het is beter dan niets. Het is een verhaal zoals er meer zijn, helaas vaak zonder happy end. Buitenlandse studenten kunnen ziek worden, zwanger raken, psychische problemen krijgen of een sterfgeval meemaken. Net als Nederlandse


udenten in nood studenten. Maar waar Nederlanders een beroep een fonds dat kleine bedragen vergoedt, geen colle­ kunnen doen op het afstudeerfonds of soms op gegeld. extra studiefinanciering, is er voor internationale Rauh adviseert studenten in voorkomende gevallen studenten wettelijk niets geregeld. Loopt hun studie te kijken welke fondsen en beurzen er zijn in het vertraging op door persoonlijke omstandigheden of land van herkomst en in het bestand van de Nuffic. doordat een docent de scriptie niet op tijd nakijkt, “Maar vrijwel alle particuliere fondsen stellen de dan betekent dat vaak einde oefening. Net zoals Nederlandse nationaliteit als voorwaarde. En beurzen wanneer de ‘sponsor’ van hun studie in het thuisland zijn meestal voor toptalenten. Dat is jammer voor de overlijdt of geldproblemen krijgt. doorsnee student.” Internationalisering staat in Nederland allang niet Creatief meer in de kinderschoenen. Veel zaken worden Ook Eindhoven loopt regelmatig tegen de beper­ professioneel aangepakt en buitenlandse studenten kingen van particuliere fondsen aan. “Die hebben krijgen de indruk dat alles hier goed geregeld is. vaak strikte statuten van soms honderd jaar geleden.” Totdat ze tijdens hun studie problemen onder­ Wat ze dan doet? “Heel vaak gebeuren dingen ad vinden. Dan blijkt dat gezamenlijk beleid ontbreekt hoc”, aldus de UvA-studentendecaan. “Dan word je en hebben ze geluk als hun instelling zelf een finan­ creatief, ga je toch een fonds bellen. ciële regeling biedt. Is dat niet het Het geld van een beurs zit vaak aan geval, dan wordt de situatie al snel “Sommige studenten zijn een bepaald jaar vast, en dat is door penibel. Zeker voor studenten van een accountant geaccordeerd. Dan buiten de EER, die hoge college­ liever dood dan dat ze hun probeer je soms toch te kijken of je gelden moeten betalen. met de betreffende organisatie iets De West-Afrikaanse studente familie onder ogen komen kunt regelen. Het liefst zou je de vertelt haar verhaal uit schaamte beurs opschorten, net als de studie­ anoniem. En ze is niet de enige zonder diploma” financiering voor een zieke student die haar problemen liever niet aan uit Nederland.” de grote klok hangt. Hoe groot de De gevolgen van ziekte en familie­ groep is die in een vergelijkbare omstandigheden zijn voor niet-EER-studenten situatie terechtkomt, is dan ook niet bekend. Bij de onevenredig groot. ‘Wie financieel krap zit, ziet zich Universiteit van Amsterdam gaat het om vijf tot zes binnen de kortste keren gesteld voor een onoplos­ gevallen per jaar, schat studentendecaan Jeanette baar probleem’, concludeerden twee leden van de Eindhoven. Kommissie Buitenlandse Studerenden (KBS) die deze Eigen middelen problematiek nader onderzochten. De KBS is onder­ “Ze komen hier echt niet bedelen”, benadrukt deel van het Landelijk Beraad Studentendecanen, Annette Rauh, collega van Eindhoven bij Stenden waarin alle universiteiten vertegenwoordigd zijn. Hogeschool. “Wij stimuleren ook dat studenten eerst Zich tijdelijk laten uitschrijven, zoals de studenten­ hun eigen middelen aanspreken.” Ze haalt een voor­ decanen Nederlandse en EER-studenten vaak advi­ beeld aan van studenten uit Kameroen, die geld voor seren met het oog op restitutie van het collegegeld, een vliegticket bij elkaar legden toen de vader van een is voor niet-EER-studenten niet aan te raden. Hun landgenoot overleed. verblijfsvergunning is gekoppeld aan de inschrijving Noodfondsen van instellingen zelf bieden doorgaans als student. Wie zich uitschrijft, verliest het verblijfs­ nauwelijks soelaas voor wie structureel financieel recht. achter de feiten aanloopt. Studenten van Stenden De KBS boog zich ook over eventuele oplossingen. Hogeschool kunnen een rentevrije lening tot 545 Met de Gedragscode Internationale Student hebben euro krijgen bij een acuut probleem. De UvA heeft instellingen zich verplicht de Immigratie- en

transfer | november 2009 | 13


Naturalisatiedienst in te lichten als een student geen onderwijs meer volgt. De toevoeging ‘zonder dat daartoe dwingende of zwaarwichtige redenen bestaan’ leek een aanknopingspunt te bieden voor een uitweg. Tijdelijke uitschrijving als gevolg van ziekte zou zo’n ‘zwaarwichtige reden’ kunnen zijn, dachten de studentendecanen. Maar navraag leerde dat de strenge IND dat toch anders zag. Is het dan juridisch mogelijk collegegeld terug te geven zonder de inschrijving te beëindigen, vroegen de KBS-leden zich vervolgens af. Maar ook dat biedt geen soelaas: in de Wet op het hoger onderwijs zijn beide zaken direct gekoppeld. Het collegegeld verminderen tot bijvoorbeeld het wettelijke college­ geld voor de periode dat iemand niet kan studeren, zou een optie kunnen zijn. Daartoe moeten inschrij­ vingsbesluiten dan worden aangepast. Een beroep doen op de hardheidsclausule daarin, is volgens de notitie ook een mogelijkheid. Maar dat vergt een enorme ­procedure per individueel geval, benadrukt studentendecaan Eindhoven. Wat rest is het instellen van een regeling voor finan­

on dersteu n i ngsr egeli ng e n

vo o r

ciële ondersteuning van buitenlandse studenten, concluderen de opstellers van de notitie. Volgens hen zouden universiteiten daarvoor een apart fonds moeten vormen. Dat fonds zou deels gevuld moeten worden uit de hoge collegegelden die niet-EERstudenten betalen. Bij de Rijksuniversiteit Groningen gebeurt dat inmiddels, vertelt studentendecaan Ineke Jansen. “Tot 2008 hadden we een summiere regeling, waarbij buitenlandse studenten bij vertraging een bedrag conform de basisbeurs kregen. Een druppel op een gloeiende plaat dus. Nu wordt per niet-EER-student 100 euro in een potje gestopt.” Daaruit worden maxi­ maal drie maanden per jaar vergoed. Jansen vindt deze regeling, die volgens haar navolging lijkt te gaan krijgen in Wageningen, zeker voldoende. De TU Delft gooit het over een andere boeg en loopt vast vooruit op de wijziging van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek (WHW) die nu bij de Eerste Kamer ligt. Treedt die in werking, op z’n vroegst in januari 2010, dan komt er een profi­ leringsfonds in plaats van het huidige afstudeerfonds.

b u ite n l a n d s e

stu d e nte n

Rijksuniversiteit Groningen

onvrijwillige omstandigheden die Nederlandse

TU Eindhoven

Wat: financiële ondersteuning van buitenlandse

studenten wel steun opleveren, zoals relatie-,

Wat: regeling financiële ondersteuning studen-

studenten.

woon- en leefproblemen, of echtscheiding

ten (zelfde als voor Nederlandse studenten)

Wanneer: ziekte/zwangerschap/functiebeper-

ouders, worden vooralsnog niet meegenomen

Wanneer: vertraging door ziekte.

kingen, overlijden familieleden eerste graad,

aangezien de beoordeling daarvan vooralsnog

Hoeveel: basisbeurs uitwonend, in voorkomende

onvoldoende studeerbare opleiding, andere

niet haalbaar lijkt.

gevallen meer vanwege hoger collegegeld.

omstandigheden indien afwijzing zou leiden tot

Hoeveel: basisbeurs uitwonend (259,76 euro

een onbillijkheid van overwegende aard.

EER-studenten), 970 euro per maand (niet-EER),

Universiteit Utrecht

Hoeveel: basisbeurs (EER-student) + verschil

renteloze lening die na afronding van studie

Wat: noodfonds (voor zowel Nederlandse als

instellings-/wettelijk collegegeld (niet-EER-stu-

wordt omgezet in gift.

dent), maximaal drie maanden op jaarbasis.

buitenlandse studenten). Wanneer: overmacht of bijzondere (niet voor-

TU Delft

zienbare) omstandigheden.

Wat: regeling afstudeersteun studenten (zelfde

Hoeveel: financiële steun in de vorm van een

Wat: regeling afstudeersteun voor internatio-

als voor Nederlandse studenten).

gift, dan wel een waiver voor (een gedeelte van)

nale studenten.

Wanneer: vertraging door overmacht (bijzonde-

het bovenwettelijk deel van het collegegeld.

Wanneer: ziekte en zwangerschap, overlijden

re omstandigheid zoals geformuleerd in WHW).

Geen grote bedragen.  (AS)

partner/ouders/kinderen/broer/zus. Andere

Hoeveel: basisbeurs uitwonend

Universiteit Twente

14 | november 2009 | transfer


Daaruit moeten instellingen studenten die onder het wettelijke collegegeld vallen, financieel tegemoet komen bij onvoorziene omstandigheden als ziekte en zwangerschap. Nieuw is dat ze het profileringsfonds daarnaast naar eigen inzicht kunnen besteden aan financiële ondersteuning voor niet-EER-studenten.

Hoe centraler, hoe beter Daarom staat de regeling afstudeersteun studenten van de TU Delft met ingang van dit collegejaar ook open voor buitenlandse studenten. Onlangs deed een van hen met succes een beroep op de regeling, die bedragen uitkeert gebaseerd op de basisbeurs voor uitwonende studenten. Het hoge collegegeld blijft buiten beschouwing, anders dan bij de regelingen van de RUG, de TU Eindhoven en Universiteit Twente (zie kader). Voor de UT en TU/e is weer alleen ziekte een grond voor financiële steun. Hoe goed bedoeld en effectief de verschillende rege­ lingen ook mogen zijn, toch pleit Annette Rauh voor een natio­naal noodfonds. “Hoe centraler je het kunt regelen, hoe beter”, vindt ze. “Vergelijk het met de marketing van het Nederlandse hoger onderwijs in het buitenland, dat wordt ook gezamenlijk aangepakt. Bovendien is het een maatschappelijk probleem, dat het instellingsniveau overstijgt. Internationalisering is meer dan alleen alles in het Engels vertalen.” Jeanette Eindhoven voegt daaraan toe dat een lande­ lijke regeling meer zekerheid geeft aan studenten en willekeur tegengaat. “Het zou mooi zijn als alle instellingen het nu goed regelen binnen het profi­ leringsfonds”, zegt ze. “Dan is de status duidelijk. Misschien is een gezamenlijke regeling van instel­ lingen mogelijk. De Nuffic zou daartoe het initiatief kunnen nemen, die staat immers voor buitenlandse studenten in Nederland."

wordt nog ander beeld voor gezocht

Eindhoven hoopt dat er in elk geval een discussie op gang komt over dit onderwerp. Onverrichterzake naar huis terugkeren is voor veel buitenlandse studenten geen optie, weet Rauh. “Ik heb al twee keer meegemaakt dat studenten zeiden liever dood te zijn dan hun familie onder ogen te komen zonder diploma.”

Annelieke Slappendel De studente op de foto komt niet in het artikel voor.

Geen optie Nuffic-directeur Sander van den Eijnden is het met de studentendecanen eens dat buitenlandse studenten dezelfde aanspraken moeten hebben als Nederlandse. “Maar de zorgplicht voor hen ligt eerst en vooral bij de instelling”, benadrukt hij. “Daar schrijven ze zich in, betalen ze collegegeld, volgen ze onderwijs en doen ze examens.”

transfer | november 2009 | 15


de

expat

‘Ik zeg soms dingen waar Veel talentvolle wetenschappers zoeken – in elk geval tijdelijk – hun heil in het buitenland. Wie zijn deze expats? Transfer praat met negen van hen. Deze maand werktuigbouwkundige Leo de Vin, hoogleraar intelligente automatisering aan de Skövde Universiteit in Zweden.

Puur toeval was het dat Leo de Vin (52) in 1997 in Zweden terechtkwam. De werktuigbouwkundige was na zijn promotie aan de Universiteit Twente als postdoc naar Belfast gegaan. Zijn contract in NoordIerland was net afgelopen, toen een Zweedse dele­ gatie zijn oude universiteit in Enschede aandeed. De Zweden hadden een vacature voor een onderzoeker in geïntegreerde productontwikkeling. Zijn voorma­ lige promotor liet direct de naam van De Vin vallen. Zo kwam de Nederlander in contact met de universi­ teit van Skövde. “Ik had Zweden nog maar een keer bezocht”, vertelt De Vin. “De universiteit kende ik alleen van horen zeggen. Maar de gesprekken verliepen zeer goed.” Hij besloot het erop te wagen en vertrok naar Zweden. “Ik had op dat moment geen relatie, dat maakte de beslissing om te gaan wel eenvoudiger”, zegt hij. Een jaar lang hield hij voor de zekerheid zijn flat in Nederland aan. Als het hem niet zou bevallen, kon hij zo weer terug.

Een halve Zweed Twaalf jaar later woont De Vin nog steeds in het hoge noorden. Binnen de universiteit is hij helemaal ingeburgerd. “Ik heb bijvoorbeeld in verschillende raden voor onderwijs en onderzoek gezeten. Ze zien me hier als een halve Zweed. Maar ik zeg nog wel eens dingen waar ze van schrikken. Een paar maanden geleden discussieerde onze afdeling erover of iedereen een passende werkdruk heeft. Dat werd

16 | november 2009 | transfer

Leo de Vin valt in Zweden op door zijn directheid.


r ze van schrikken’ berekend met behulp van een Excel-sheet. Ik zei dat die toepassings­gericht en we hebben vrijwel altijd twee of cijfers niet de werkelijkheid weergeven. Het afdelings­ meer bedrijven aan boord. Het is dus niet mogelijk om in hoofd keek me verbaasd aan, want zo direct zou een een project specifiek iets voor een bedrijf te ontwikkelen. Zweed dat nooit hebben gezegd. Een collega nam mij een Zo’n voorstel zou ook niet door de toetsing komen.” keer apart voor zijn belangrijke presentatie. Hij vertelde Vervelende ervaringen heeft de werktuigbouwkundige wat hij ging zeggen en vroeg wat ik ervan vond. ‘Want jij vooral met wat hij noemt de surrealistische Zweedse zegt tenminste altijd wat je vindt.’ Mijn directheid valt op. bureaucratie. Hij wilde een keer een cheque inwisselen op De een schrikt ervan, de ander voelt zich er prettig bij.” het postkantoor. “Maar ze accepteerden mijn Nederlandse De sfeer tussen collega’s op de universiteit in Skövde is rijbewijs niet als legitimatie en vroegen naar een Zweedse vergelijkbaar met die in Nederland, vindt De Vin. Er is identiteitskaart. Daar staat namelijk een persoonsnummer bijvoorbeeld geen strakke hiërarchie. “Het is gebruikelijk op en dat is hier heel belangrijk. Maar dat nummer had om elkaar bij de voornaam te noemen, ongeacht je functie ik nog niet. Ik kon me wel legitimeren met een ‘Posten of niveau.” De omgang buiten het werk is wel anders. ID kaart’. Die kon ik krijgen door me te legitimeren met “Het is lastig om in contact te komen met mijn Nederlandse rijbewijs. Dat Zweden. Je moet vooral zelf veel initiatief ik met mijn Nederlandse rijbewijs “Zweedse studenten hebben geen cheque kon inwisselen, maar nemen als je contact wil. Ik woon in een typisch rood Zweeds huis in een klein dorp. wel hun identificatiekaart kon meer werkervaring dan Daar merk ik dat ook.” aanvragen, vonden ze uiteindelijk De studenten zijn volgens De Vin minder toch wel wat onlogisch. Ik kreeg Nederlandse, dat is een zelfredzaam dan in Nederland. “Het meest mijn geld, maar ze gaven het niet extreme geval dat ik heb meegemaakt, van harte.” verrijking” was een student die een rapport inleverde Skiën dat onvoldoende was. Hij vroeg of ik daar Over het Zweedse klimaat is De niet wat aan kon doen, omdat hij anders Vin opvallend positief. “Als het sneeuwt sta ik binnen problemen kreeg met de financiering van zijn studie. een uur op de piste om te skiën.” Maar de winterse kou Daar had hij natuurlijk over moeten nadenken voordat hij heeft ook nadelen. “Toen ik hier net woonde, kwam ik slecht werk inleverde.” terug van vakantie terwijl het min dertien graden was. Iets ouder De verwarming bleek kapot te zijn. Dan heb je hier echt De studenten die hij heeft, zijn vaak iets ouder dan de een probleem. Het was ijskoud binnen. Gelukkig kwam er gemiddelde Nederlandse student, vertelt de werktuig­ midden in de nacht nog een monteur langs.” bouwkundige. “Veel Zweden onderbreken hun studie om Aan een terugkeer naar Nederland denkt De Vin niet. “Ik een paar jaar te werken. Als ze weer gaan studeren, merk heb inmiddels een vriendin uit Zuid-Afrika, die ik hier je dat ze meer ervaring hebben. Dat is een verrijking.” op mijn werk heb ontmoet. Zij heeft hier ook een goede De Vin werkt op het gebied van productsimulatie. “Wij baan. Dat maakt een terugkeer minder waarschijnlijk." Hij simuleren in een vroeg stadium de gehele productielijn. mist Nederland ook steeds minder. “Ik ga alleen terug naar Bijvoorbeeld door de cilinderbouw aan het systeem te Nederland voor een geweldige carrièreverbetering. Anders koppelen in de vrachtwagenindustrie of door techno­ zie ik geen aanleiding om terug te keren.” logie te ontwikkelen om ergonomie op werkplekken te Robert Visscher verbeteren.” Hij werkt nauw samen met de industrie. “Als wij extern geld willen, moet daar medewerking van de industrie tegenover staan.” Hij maakt zich geen zorgen dat die werkwijze de academische vrijheid beïn­ vloedt. “Onderzoek in de technische wetenschap is vaak

transfer | november 2009 | 17


r eportage

ken n iswer kersr egeli ng

ho u dt

o n d e rzo e k e rs

a a n

h e t

we r k

Zachte landing voor onderzoekstalent Om in economisch slechte tijden een braindrain te voorkomen, voerde de regering onlangs de kenniswerkersregeling in. Onderzoekers van bedrijven gaan tijdelijk aan de slag bij universiteiten en kennisinstellingen. Ook veel internationale kenniswerkers zitten zo de storm in Nederland uit.

De economische crisis heeft zijn werkgever flink Shishir Sable kwam zo’n tien jaar geleden vanuit bij de kladden. Toch kijkt Shishir Sable (32) uit naar India naar Nederland voor een mastertraject in de komende maanden. In het kader van de kennis­ Enschede. Na een promotie aan de TU Delft trad werkersregeling gaat de Indiase medewerker van hij in 2007 in dienst van Corus. Hij wil maar al te Corus Research & Technology aan de slag met een graag in Nederland blijven werken. “Nederland is op onderzoeksproject naar efficiënter gebruik van mijn vakgebied – energieonderzoek – een voorloper. brandstoffen. Hij werkt samen met een collega en Daarnaast doet mijn vrouw in Delft een master­ twee studenten, onder supervisie van een hoogleraar opleiding, zij is dus ook gebonden aan Nederland.” van de TU Delft. “In een universitaire context heb Stilstand je veel vrijheid, ik zie het als een mooie gelegen­ Echt veel zorgen hoeft Sable zich voorlopig niet te heid om nieuwe ideeën uit te werken”, zegt Sable in maken. Na afloop van zijn detachering in het kader het uit staal opgetrokken gebouw waarin de Corusvan de kenniswerkersregeling gaat hij werken aan onderzoekers zijn gehuisvest. een Europees gesubsidieerd project waarbij staalbe­ Sable is een van de R&D-medewerkers die de drijven gezamenlijk onderzoek doen naar effectievere komende anderhalf jaar gedetacheerd worden bij verbrandingsovens. universiteiten en kennisinstellingen. De ministe­ Hoeveel internationale kennis­ ries van Economische Zaken en werkers net als Sable via de Onderwijs stelden in totaal 180 “Een slimme zet: je versterkt kenniswerkersregeling aan miljoen euro beschikbaar om het werk blijven, is onbekend. kenniswerkers te behouden voor de regionale banden Subsidieverstrekker Senter Novem het noodlijdende Nederlandse heeft geen gegevens paraat. Zeker bedrijfsleven. In september werd tussen bedrijfsleven en is wel dat een flink aantal van 135 miljoen uitgedeeld waarmee de betrokken werknemers geen 1.336 medewerkers van bedrijven universiteiten” Nederlander is. en 136 jonge onderzoekers aan de Volgens programmamanager slag kunnen. Begin oktober sloot de Wim Moonen komt bij Corus in inschrijving voor een tweede tender Nederland 10 tot 15 procent van de meer dan vijfhon­ waarvoor nog eens 45 miljoen is uitgetrokken. derd onderzoeksmedewerkers uit het buitenland. Van De onderzoekers werken aan projecten met maat­ de 45 onderzoekers die werden voorgedragen voor schappelijk relevante thema’s. In ruil daarvoor de kenniswerkersregeling, hebben er zestien geen vergoedt de overheid het grootste deel van hun loon­ Nederlands paspoort. “Wij zoeken vaak specialisti­ kosten. Ook mogen de universiteiten in het kader van sche kennis en werven daarvoor wereldwijd. Goede de nieuwe onderzoeksinitiatieven jonge onderzoe­ metallurgen zijn zeldzaam. Wij denken niet in natio­ kers aanstellen. naliteiten.”

18 | november 2009 | transfer

Foto: Ed Louwen/Corus Research, Deverlopment & Technology

­


De Indiase kenniswerker Shishir Sable wil graag in Nederland blijven werken.

Moonen moet erkennen dat de internationale mobi­ liteit vrijwel tot stilstand is gekomen, nu er de facto een vacaturestop geldt. Volgens hem heeft de onder­ zoeksafdeling van Corus op dit moment een tekort van “enkele tientallen manjaren” aan interne onder­ zoeksopdrachten.

Beter Hij prijst zich echter gelukkig dat er, mede door de ondersteuningsmaatregel van het kabinet, niet gesneden hoeft te worden in onderzoekersaanstel­ lingen. “Bij de fusie van Hoogovens met British Steel verdwenen tien jaar geleden veel researchplaatsen. Dat verlies aan expertise hebben we lang gevoeld. Nu kunnen we onze kennis behouden. Sterker nog: we denken er door de aangetrokken banden met de universiteiten beter uit te komen.” Corus is betrokken bij zeven van de 128 projecten die in de eerste tender voor de kenniswerkersregeling werden gehonoreerd en heeft nog twee aanvragen openstaan in de tweede tender. Het bedrijf werkt vooral samen op thema’s die zijn vastgesteld in het kader van het innovatieprogramma materialen, M2i,

en met bekende partners binnen dat programma. Chipsmachinegigant ASML is een andere grote speler in de regeling. Het Veldhovense concern besloot onder meer een groot eigen onderzoeksgebied onder te brengen bij de TU Eindhoven (TU/e). Die is nu hoofdaannemer voor het metrologieonderzoek, het analyseren van de resultaten van lithografiemachines. “We overwogen die expertise af te stoten, dat is door de kenniswerkersregeling voorkomen”, zegt Rob Hartman, directeur van het strategic technology programme. “Ons onderzoeksbudget van ongeveer 120 miljoen per kwartaal wordt nu slechts marginaal teruggeschroefd. Gelukkig maar, want niet investeren is in onze branche een dodelijke oefening.”

Groep zes Fahong Li (40) begon in september via een gespeciali­ seerd uitzendbureau bij ASML. Door de economische crisis bezorgd geworden, was de Chinese onder­ zoeker blij met het aanbod om mee te werken in een van de kenniswerkersprojecten van ASML en de TU/e. “Dit paste helemaal bij mijn belangstelling.” Li kwam zo’n tien jaar geleden naar Nederland voor

transfer | november 2009 | 19


een promotietraject in Enschede. Na een periode van postdocaanstellingen, werkte hij in Eindhoven bij een Philips-dochter die gespecialiseerd is in nieuwe display-technieken. “Omdat mijn kind inmiddels in groep zes van de basisschool zit, wilde ik graag in Nederland verder”, vertelt Li. Hij denkt dat er over anderhalf jaar nieuwe mogelijkheden voor hem zullen zijn. “Met mijn multidisciplinaire achtergrond moet dat lukken.” Li is zeker niet de enige internationale kenniswerker bij ASML. Naar schatting 10 tot 20 procent van de ongeveer 1.250 onderzoeksmedewerkers komt uit het buitenland. Bij de circa tweehonderd researchers die zijn ondergebracht in de kenniswerkers­regeling, is dat percentage vergelijkbaar. Net als Moonen van Corus vindt Hartman van ASML dat een weinig opzienba­ rende vaststelling: “So what, we zijn een internatio­ nale techneutenorganisatie.” De TU/e mag verreweg de meeste tijdelijke kennis­ werkers verwelkomen. Eindhoven is bij eenderde van de toekenningen betrokken. “Niet verbazingwek­ kend”, vindt corporate accountmanager Pieter de Bock. “Wij hebben de regeling geïnitieerd. Bovendien zijn wij nu al wereldwijd de universiteit met de meeste gezamenlijke publicaties met het bedrijfsleven.”

Valorisatie De Bock vindt dat de TU/e door de inzet voor de kenniswerkersregeling gezicht geeft aan de maatschap­ pelijke betrokkenheid van de universiteit. “Nu komen er geen onderzoekers op straat te staan.” Daarnaast ziet hij door de contacten tussen universiteiten en bedrijfsleven veel mogelijkheden voor “meer inter­ actie en valorisatie”. Eindhoven heeft nog meer voordeel van de regeling: in de eerste toekenningsronde mocht de universi­ teit vijftig jonge onderzoekers een postdocpositie aanbieden. Het lijdt volgens De Bock geen twijfel dat er bij die groep veel buitenlanders zullen zijn. “Wij kunnen – helaas moet ik zeggen – al jaren zeer moeilijk

20 | november 2009 | transfer

Nederlands onderzoekstalent vinden voor onze aioplaatsen. De campus hier is uitermate internationaal.” Een van die jonge onderzoekers is de Chinese promovendus Wu Yan (34). In november hoopt hij zijn proefschrift te verdedigen, daarna gaat hij een halfjaar werken binnen een project voor draadloze communicatie, samen met medewerkers van Catena Radio Design BV. “Ik zie de kenniswerkersregeling als een kussen om even zacht op te landen”, zegt de onderzoeker. “Het is niet gemakkelijk om nu een postdocpositie te verwerven, maar ik vertrouw erop dat dat op termijn wel gaat lukken.”

Toepassingsgericht Ook Wu Yan hoopt in Nederland te kunnen blijven. “Nederlandse universiteiten zijn erg toepassings­ gericht. In Eindhoven zijn er nauwe contacten met bedrijven als Philips en ASML: ik zie snel waar mijn onderzoek toe leidt. Daarom vind ik de kenniswer­ kersregeling ook een slimme zet van de Nederlandse regering. Je versterkt de regionale banden tussen bedrijfsleven en universiteiten.” De bedrijven mogen het dan weinig opzienbarend vinden, geconstateerd moet worden dat een behoor­ lijk aantal internationale kenniswerkers – vaak in Nederland opgeleid – van de regeling profiteert. Daarmee blijft hun kennis belangrijk in de ontwik­ keling van Nederland Kennisland die veel tegenwind kent. Illustratief is misschien de samenstelling van de onderzoeksgroepen van de drie geïnterviewde internationale kenniswerkers. Bij Fahong Li (ASML) is bijna driekwart van de projectmedewerkers Nederlander, maar Wu Yan (TU/e) zit in een groep met collega’s uit vijf of zes verschillende landen; er is één Nederlander. Corus-onderzoeker Shishir Sable werkt samen met een Indiase collega, een Indiase student en een van oorsprong Franse student. “Alleen de hoogleraar is Nederlands.”

Xander Bronkhorst


c

o

l

u

m

Cruijff, kaas en kansen Confronteer je Mexicanen met hun koloniale verleden, dan denken ze aan Spanje. En zeg je ‘globalisering’, dan doemen de Verenigde Staten op. De Mexicanen zien het goed. De VS zijn de grootste buiten­ landse investeerder in Mexico, met een aandeel van maar liefst 56,9 procent. En Spanje volgt op de tweede plaats met 13,8 procent. Zeg je daarentegen ‘Nederland’, dan denkt iedereen aan bloemen, molens, koffieshops, kaas en voet­ ballers als Cruijff of Van Nistelrooy. Dat is niet onjuist, maar wel een beetje scheef. Want wat wil het geval? Nederland staat nummer drie op diezelfde lijst, direct achter Spanje, en is goed voor 11,3 procent van alle buitenlandse investeringen (de cijfers zijn van 2007). Nederland is belangrijk in Mexico, en Mexico is belangrijk voor Nederland als een van de opkomende economische grootmachten in de wereld. Het is daarom goed dat Neso-Mexico Nederland promoot als land om een jaartje te studeren. Alleen zit er ook hier iets een beetje scheef. Bijna alle Mexicaanse studenten die naar Nederland komen, zijn afkomstig van particuliere universiteiten. Dat terwijl het overgrote deel van de studenten aan een publieke universiteit studeert. Dat grote deel bereikt Nederland nu niet. Jammer, want het kennisniveau is daar niet echt minder. Ik durf dat uit ervaring te zeggen. Het verschil tussen particulier en publiek zit ergens anders: in geld, cultuur en taal. Studenten van parti­ culiere universiteiten hebben rijke ouders en geld om in het buitenland te studeren. Daarnaast is er vooral een cultureel verschil. Publieke universiteiten zijn vaak niet zo op het westen gericht. Een westers cultureel klimaat met trefwoorden als asser­tiviteit, individuele verantwoordelijkheid, creativiteit,

competitie en ondernemerszin is er lang niet altijd te vinden. Aan de particuliere universiteiten is dat klimaat er wel. Verder wordt bij de publieke universiteiten het leren van de Engelse taal ook niet echt gestimuleerd. Maar de kloof wordt kleiner. De jongere generatie is namelijk anders. Zij omarmt vaak wel de trefwoorden die ik hierboven noemde en is juist wel geïnteres­ seerd in het westen. De studenten van nu leren graag Engels en dat gaat hun beter af dan hun collega’s van tien jaar terug. En ondanks het niet altijd op het westen gerichte klimaat zijn er individuele docenten die wel uitwisse­ ling met vooral Europa willen en hun studenten daar graag in stimuleren. Beetje bij beetje krijgen deze docenten meer ruimte. Als de studenten nu een reële kans krijgen om in Nederland te studeren, dan zullen ze die kans grijpen en hun Engels graag verbeteren. Taal en cultuur zijn steeds minder het probleem. Wat nog wel ontbreekt, is geld. Daarom wil ik een pleidooi houden voor meer beurzen, specifiek voor Mexicaanse studenten van publieke universiteiten. Laat Nederland in Mexico naast ‘kaas’ en ‘Cruijff’ ook equivalent worden van ‘kansen’. Dat is verlicht eigenbelang, want Mexico ís belangrijk voor Nederland.

Hans Dieleman Hans Dieleman werkt in Mexico als (gast)hoogleraar aan de Universidad Autónoma de la Ciudad de México en de Universidad Autónoma Metropolitana en is tevens verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Meer columns van hem zijn te lezen op www.transfermagazine.nl in de rubriek Onze m/v in... waarvoor hij maandelijks bericht.

transfer | november 2009 | 21

n


r eportage

ken n is

b i jspij ker en

en

n e t we r k e n

i n

ma d r i d

‘Ik kom visitekaartje Internationalisering is mainstream geworden. Dat bleek eens te meer op de jaarconferentie van de European Association for International Education (EAIE) die drukker dan ooit werd bezocht. Ruim 3.600 deelnemers uit ongeveer tachtig landen kwamen in september naar Madrid, waar ‘Bologna’ een belangrijk thema was.

Een kleine vierduizend congresgangers opvangen, meer dan honderd sessies en workshops organiseren en huisvesten en daarnaast nog een verstrooiend programma bieden. Geen eenvoudige klus, maar het leek de Europese beroepsvereniging voor internationaliseerders moeiteloos af te gaan. De conferentie die van 16 tot en met 19 september in Madrid werd gehouden, liep gesmeerd. Voor het eerst in het 21-jarig bestaan van de EAIE vond het evenement niet plaats bij een universiteit, maar in het imposante Palacio Municipal de Congresos. Met zijn talloze zalen en zaaltjes bleek het Palacio een passend onderkomen te zijn, ook voor de informa­ tiemarkt waar meer dan driehonderd instellingen en organisaties op het gebied van hoger onderwijs zich presenteerden. Overdag konden de deelnemers tijdens de vele sessies hun kennis bijspijkeren over bijvoorbeeld accre­ditatie, ontwikkelingssamenwerking, mobi­ liteit, joint degrees en alle andere mogelijke onder­ werpen op het gebied van internationalisering. Daarnaast was er veel gelegenheid om te netwerken of bijvoorbeeld problemen met de partnerinstelling op te lossen. “Ik kom nauwelijks aan de workshops toe”, verzuchtte een deelnemer. “Ik ga van afspraak naar afspraak en kom visitekaartjes te kort.”

Bij de Dutch Drink, inmiddels ‘famous’ geworden, was het ook dit jaar weer een drukte van belang. Veel deelnemers verdrongen zich bij de bar in de oranje Study in Holland-stand om een drankje en een dropje te bemachtigen. ’s Avonds diende het oude centrum van Madrid als decor voor recepties, diners, een rondwandeling en andere ontspannende activiteiten.

22 | november 2009 | transfer

Foto: Gregorio Reche

Dutch drink


es te kort’ : De receptie voor deelnemers die voor het eerst op de EAIE waren, werd druk bezocht.

Veel aandacht was er op de conferentie voor het Een mijlpaal noemde EAIE-voorzitter Aas de Bolognaproces. “De grootste en belangrijkste veran­ belangstelling vanuit de rest van de wereld voor het dering in het Europese hoger onderwijs sinds de Bolognaproces. Hij refereerde aan de ministersconfe­ Franse Revolutie”, zei Bjørn Einar Aas, de Noorse rentie in Leuven waar in april vijftien niet-Europese voorzitter van de EAIE, tegen Transfer. Maar er is landen aan een forum deelnamen. “Op die manier nog een lange weg te gaan, weet hij. De inbreng kunnen we met landen als China, de VS, Japan en van Frankrijk en Duitsland acht Aas voor de voort­ Australië de dialoog aangaan. Zo kun je global undergang van het proces cruciaal. “Het zijn landen met standing creëren over de toekomst van het hoger grote excellente onderzoeksinstituten op bijna alle onderwijs in Europa en de rest van de wereld.” gebieden en met een cultuur die Het thema van de EAIE-conferentie getuigt van respect voor onderzoek getiteld connecting continents sloot “Tel ieder ECTS-punt dat en intellectuele ontwikkeling. goed bij deze ontwikkeling aan. Onderzoek wordt niet gezien als Was de conferentie een aantal jaren in het buitenland is behaald geleden vooral een Europese aange­ luxe. Als deze landen echt werk gaan maken van Bologna, zal dat legenheid, nu waren bijvoorbeeld de dubbel” grote invloed hebben op de rest Aziaten goed vertegenwoordigd. “De van Europa.” volgende uitdaging is om hervor­ Maar tijdens het seminar The next mingen in het Afrikaanse hoger decade of the Bologna process sloeg Christian Bode, onderwijs en onderzoek te realiseren en dit continent voorzitter van de Deutscher Akademischer Austausch bij de dialoog te betrekken”, zei de EAIE-voorman. Dienst (DAAD) die hoop de bodem in. “We moeten Kredietcrisis een pas op de plaats maken”, betoogde hij. “In korte Op de conferentie werd uiteraard ook over de krediet­ tijd zijn er veel maatregelen genomen. Nu moet crisis gepraat. ‘Tempest in a teapot or a real concern’, eerst op natio­naal niveau de dialoog over het hoger was de titel van de hieraan gewijde bijeenkomst. onderwijs worden geïntensiveerd.” Bovendien heeft De voordracht van John Hudzik, voorzitter van de de nadruk in het Bolognaproces tot nu toe veel te Amerikaanse EAIE-tegenhanger Nafsa, maakte duide­ veel op de structuur gelegen, in plaats van op de lijk dat er in de VS geen sprake is van een storm in een inhoud, stelde Bode. “Ik mis een onderwijskundige glas water. “Door de enorme staatstekorten is de finan­ visie. Zo is diversificatie een absolute must binnen ciering vanuit de overheid al gedaald. Daardoor zijn de het Europese hoger onderwijs. Er moeten meer collegegelden omhoog gegaan”, vertelde hij. In de VS tweejarige programma’s komen zoals in de VS. Over wordt 51 procent van het hoger onderwijs bekostigd dat soort zaken moeten we het hebben.” via collegegelden. “Als de deelname terugloopt, zullen De DAAD-voorzitter toonde zich ambitieus wat de collegegelden nog meer stijgen. De toegang tot het betreft studentenmobiliteit. Wat hem betreft moet hoger onderwijs wordt op die manier bedreigd en de 50 procent van de studenten in Europa mobiel middenklasse wordt hierdoor het hardst getroffen. Het worden. Maar de huidige erkenningsprocedures hoger onderwijs zal meer en meer een private aangele­ van in het buitenland gevolgde cursussen belem­ genheid worden”, voorspelde Hudzik. merende mobiliteit. Bode betitelde die procedures De conferentie, waar een flink prijskaartje aan hangt, als bekrompen en provin­c iaals. “Studeren in het trok dit jaar minder Amerikaanse deelnemers dan buitenland wordt te vaak als verloren tijd gezien”, voorgaande jaren. Maar gezien het grote aantal overige benadrukte hij. Die mentaliteit moet veranderen. deelnemers, en de vele diners en ­recepties, was er “We moeten een instrument vinden om de opge­ verder in Madrid weinig van de crisis te merken. dane culturele competenties te belonen. Tel ieder ECTS-punt dat in het buitenland is behaald dubbel Els Heuts en voeg een halfjaar aan de studie toe”.

transfer | november 2009 | 23


analyse

ontb r eken

van

h u isvesti n g s b e l e i d

n e kt

i n ste l l i n g e n

Chaotische communicati Actief internationaliseringsbeleid heeft de afgelopen jaren steeds meer buitenlandse studenten naar Nederland gehaald. Maar de huisvesting van deze groep blijft een zorgenkind. De oorzaak? Instellingen geven geen prioriteit aan dit onderdeel van internationalisering. En consistent langetermijnbeleid ontbreekt. Transfer analyseert de situatie.

De afgelopen jaren is de toestroom van interna­ tionale studenten naar Nederland spectaculair gestegen. Waren er in 2003 nog 23.000 buiten­ landse studenten, in 2008 zochten maar liefst 55.500 buitenlanders hun studieheil in ons land. Een mooie score, als internationalisering alleen om deze aantallen zou draaien. Maar succesvol internationaliseren is meer. Het

houdt ook in: de aangetrokken studenten onderdak bieden, en wel op zo’n manier dat er niet ieder jaar problemen ontstaan met de huisvesting. In die fase zijn veel instellingen nog altijd niet beland. Veel instellingen hebben geen idee hoe veel buiten­ landse studenten zij in een bepaald studiejaar gaan trekken. Vaak gokken ze hoeveel het er zullen zijn. Komen er meer, dan wordt voor de huisvesting een

Een tentenkampje voor het hoofdgebouw van

Foto: Guy Ackermans

Wageningen Universiteit.

24 | november 2009 | transfer


ie en vage ambities ad-hocoplossing bedacht die vaak geen schoon­ heidsprijs verdient. Een consistent langetermijnbe­ leid ontbreekt. Doordat hogeronderwijsinstellingen niet goed weten hoeveel internationale studenten ze onder dak moeten brengen, verloopt de communicatie met de lokale studentenhuisvesters vaak chao­ tisch. De huisvesters willen een vast aantal kamers reserveren en willen dat in een vroeg stadium al weten, zodat deze kamers op tijd beschikbaar zijn. Maar instellingen geven zelden op tijd aan hoeveel kamers ze nodig hebben. Bovendien willen ze liever niet te veel kamers bespreken omdat ze voor de kosten van niet bewoonde kamers opdraaien.

weer een deel van de nieuwe lichting buitenlan­ ders gehuisvest in bungalowpark Miggelenberg te Hoenderloo. De 250 studenten wonen daar tussen de toeristen die de Hoge Veluwe bezoeken. De universiteit ligt bijna 45 kilometer verderop en is slechts beperkt met de bus bereikbaar. De betrokken studenten gaven onlangs in een enquête massaal aan dat hun studie leed onder het wonen in het bungalowpark. Maar hoewel ook de universiteit de oplossing niet als ideaal beschouwt, is er na vorig jaar toch geen alternatief bedacht. Waarom niet? Omdat zich meer studenten in Wageningen inschreven dan was verwacht. En zo zijn er meer hogeronderwijsinstellingen waar het ontbreken van langetermijnbeleid problemen Duidelijke ambities tot gevolg heeft. Sinds 2001 werden buitenlandse Ook in de vorige maand verschenen kabinetsbrede studenten door allerlei instellingen tijdelijk gehuis­ internationaliseringsagenda vest in caravans, hostels en nood­ wordt geconstateerd dat er niet gebouwen. “Instellingen wegen in hun voldoende kamers zijn voor Een instelling die het beleid wel buitenlandse studenten en dat het afstemt op de kamernood, is de ambities zelden mee hoe tekort alleen maar zal toenemen Technische Universiteit Delft. Die door het stijgende aantal buiten­ hanteert inmiddels het principe veel studenten ze eigenlijk landse studenten. Het ministerie dat er niet meer kamergaranties van VROM onderzoekt daarom worden afgegeven dan er daad­ aankunnen” of er tot 2015 extra maatregelen werkelijk kamers beschikbaar nodig zijn. Maar VSNU-voorzitter zijn. Andere instellingen zouden Sijbolt Noorda ziet daar weinig dit beleid kunnen volgen. Het heil in, zo liet hij eind september op een congres zou hen dwingen huisvesting serieuzer te nemen. van het Kenniscentrum Studentenhuisvesting Want wie in die situatie te weinig woningen voor (Kences) weten. “We moeten niet uitgaan van de buitenlanders beschikbaar heeft, snijdt zichzelf in situatie zoals die nu is, maar van de toekomstige de vingers. omstandigheden. Pas dan kan er duidelijkheid Kamergarantie komen tussen vraag en aanbod.” Ook instellingen die structureel minder buiten­ Hogeronderwijsinstellingen zouden duidelijk landse studenten trekken dan ze in hun ambitie moeten aangeven hoeveel studenten ze over vijf aangeven, zoals Hogeschool InHolland, zouden jaar verwachten. Daar zouden ze, in nauw overleg baat hebben bij een dergelijke maatregel. Daardoor met gemeente en huisvester, het aantal woningen zouden zij genoodzaakt zijn een realistischer beleid op moeten aanpassen. Vervolgens zouden ze te ­formuleren. ook aan hun uitgesproken ambities moeten vast­ Een andere oplossing voor de huisvestingspro­ houden. Dat gebeurt nu lang niet altijd; veel te vaak blematiek zou zijn dat de kamergarantie helemaal wordt van eerder vastgestelde ambities afgeweken. wordt losgelaten. Studenten moeten in dat geval Wageningen Universiteit is zo’n instelling zonder zelf een kamer zoeken. Het probleem dat instel­ consistent langetermijnbeleid. De universiteit lingen iets beloven wat ze niet kunnen waarmaken, klopt zichzelf al jaren op de borst vanwege het wordt daarmee opgelost. Maar dat geldt niet voor grote aantal internationale studenten in de college­ het nijpende kamertekort. banken. Maar net als vorig jaar, wordt ook dit jaar

transfer | november 2009 | 25


Instellingen die meer internationale studenten willen trekken, mét een kamergarantie, zullen hoe dan ook moeten investeren in geschikte huisvesting. Zij ontkomen er niet aan om een langetermijnvisie op te stellen. Want met het (om)bouwen van woningen zijn vaak jaren gemoeid. De UvA heeft in het verleden al een aantal keren oude gebouwen uit het eigen pandenbestand laten ombouwen voor internationale studenten. En de Erasmus Universiteit Rotterdam leverde in augustus het oude bedrijfskundegebouw op als flat voor internationale studenten. Door studenten op deze manier te huisvesten, nemen beide universiteiten hun verantwoordelijkheid. Helaas is een dergelijke constuctie niet voor alle instellingen weggelegd; sommige hebben het geld dat ze voor een pand kunnen krijgen als ze het aan een commerciële partij verkopen, hard nodig. Universiteiten, die vaak grootgrondbezitter zijn, kunnen er ook voor kiezen om grond voor een symbolisch bedrag te verkopen aan een huisvester als die er flats voor internationale studenten wil bouwen. Maar ook in zulke gevallen verloopt het overleg tussen gemeente, huisvester en universiteit niet altijd even soepel. Wageningen Universiteit kwam er onlangs niet uit met huisvester Idealis en verkocht grond aan een bouwfonds. Slechts een klein deel van de woningen die op de grond gebouwd zullen worden, komt straks beschikbaar voor buiten­ landse studenten. En dat terwijl de universiteit over­ duidelijk grote behoefte heeft aan zulke woningen.

Niet rooskleurig Creatieve oplossingen hoeven niet te worden geschuwd. De UvA bijvoorbeeld heeft de huisvesting sinds het ‘rampjaar’ 2001 bijvoorbeeld prima op orde. Destijds belandden buitenlandse studenten in nood­ gebouwen. Dat hoeft niet meer sinds de universiteit een deel van de 2.000 nieuwe buiten­landers elk jaar plaatst in leegstaande woningen die gerenoveerd moeten worden. Dat de huisvesting van internationale studenten alle aandacht krijgt is des te belangrijker, omdat de toekomst er niet rooskleurig uitziet. Op 20 mei deed de kantonrechter uitspraak in de zaak Motazacker. Die uitspraak geeft instellingen minder mogelijk­ heden om vrij te beschikken over hun kamervoor­ raad. Instellingen brengen buitenlandse promovendi, bachelor- en masterstudenten met een kamergarantie nu vaak onder in de short stay-huisvesting. Daar hebben de huurders een contract voor een jaar. In dat contract zit een clausule dat de student de kamer na die tijd verplicht moet verlaten. Op die manier garanderen instellingen dat er in het volgende studie­

jaar weer kamers vrij zijn voor nieuwe buitenlandse studenten. De Iraanse promovendus Motazacker verzette zich tegen de verplichting om zijn kamer te verlaten. Hij had als promovendus bij het Academisch Medisch Centrum een contract voor drie jaar en wilde al die tijd dezelfde woning huren. De rechter gaf hem gelijk.

Abominabele reputatie Universiteiten trekken al hun conclusies uit die uitspraak. De UvA biedt buitenlandse studenten die langer dan twee jaar gaan studeren, geen kamer in de short stay meer aan. De TU Delft overweegt studenten alleen nog voor een of twee semesters te huisvesten in de short stay. Er is nog een laatste reden waarom instellingen de huisvesting van internationale studenten snel op orde moeten krijgen: Nederland heeft een abo­minabele reputatie wat betreft huisvesting. Dat blijkt onder meer uit internationale onderzoeken van de afge­ lopen jaren, waaronder de International Student Barometer van de website I-Graduate. Betere voor­ lichting is daarom ook gewenst. Op beurzen waar instellingen studenten werven, dient te worden aangegeven dat er huisvestingsproblemen zijn en welke prijs normaal is voor een kamer. Consistent langetermijnbeleid is daarnaast een must. Alleen zo kan de beschamende vertoning van de afgelopen jaren in de toekomst worden voorkomen.

Robert Visscher Studio Leon Thier U Gebouw Erasmus Universiteit, Rotterdam

Studio Leon Thier U Gebouw Erasmus Universiteit, Rotterdam

Nieuwe situatie

3

Voorlopig Ontwerp Den Haag, 2 oktober 2009

samen

Ontwer gebouw erasmus Universiteit (Studio Leon Thier).

26

26 | november 2009 | transfer

Nieuwe situatie 3

Voorlopig Ontwerp Den Haag, 2 oktober 2009

45


vl i egen de

holl an der

‘Ik wil anderen enthousiast maken voor verantwoord leven’ Michaela Hogenboom (23) gaat in december als jongerenvertegenwoordiger duurzame ontwikkeling naar de VN-klimaattop in Kopenhagen. Ze wil bijdragen aan een mentaliteitsverandering die duurzaam leven vanzelfsprekend maakt.

Foto: Johannes Odé

lers van het bedrijfsleven stonden. Onze generatie is praktisch en verenigt in z’n toekomstplannen het beste van beide kampen. Dat resulteert bijvoorbeeld in maatschappelijk verantwoord ondernemerschap. Ik zie dat als een grote stap vooruit. Toen ik afgelopen voorjaar op de website van omroep Llink zag dat de Nationale Jeugdraad een nieuwe VN-vertegenwoordiger duurzame ontwikkeling zocht, heb ik me meteen gemeld. Na een publiek debat met mijn medefinalist ben ik uitgekozen. Dat vind ik natuurlijk fantastisch. Aan mij nu de taak om, naast het bijwonen van conferenties zoals straks de klimaattop in Kopenhagen, bij te dragen aan duur­ zame ontwikkeling in het bedrijfsleven en in het onderwijs. “Op mijn achtste verhuisden we van de stad naar het platteland. Ik kreeg vriendinnetjes die op een kippen­ boerderij woonden en werd er zo mee geconfron­ teerd hoe die beesten moeten leven. Dat was voor mij genoeg om te besluiten vegetariër te worden. Ik was van mijn leeftijdgenoten zo’n beetje de enige, maar dat kon me niets schelen. Ik denk dat dat de voorbode is geweest van mijn huidige idealistische levens­ houding. Ik zie het als een uitdaging zo verantwoord mogelijk te leven en ook anderen daarvoor enthou­ siast te maken. Ik heb daarom bewust niet gekozen voor een studie in een links georiënteerde omgeving als Wageningen, maar voor Human Resources and Quality Management aan de Hogeschool Arnhem en Nijmegen. Een internationale managementopleiding zou me precies daar brengen waar wat betreft duur­ zame ontwikkeling nog veel winst te behalen valt: in het bedrijfsleven. Nu ik bijna ben afgestudeerd, kan ik zeggen dat ook een min of meer rechts klimaat ruimte biedt voor idealisme. Het is niet meer zoals dertig jaar geleden, toen de arme vrijwilligers van Greenpeace lijnrecht tegenover de grote, boze vervui­

Spannend Ik heb in korte tijd veel ervaring met conferenties opgedaan. In mei mocht ik samen met vijftig andere jongeren uit de hele wereld naar de commissie voor duurzame ontwikkeling in het VN-hoofdkantoor in New York. Daar heb ik landendelegaties en ministers toegesproken over het belang van jongerenpartici­ patie in het ontwikkelen van duurzaam beleid. Dat was spannend. In Kopenhagen gaan we vooral in de wandelgangen aan de slag. Onze formele zeggenschap als jongeren­ vertegenwoordiger is niet groot, dus we moeten ter plaatse de wereldleiders achter de broek zitten om onze standpunten over te brengen. Waar we op hopen, is een progressief klimaat­ akkoord. Dertig procent CO2-reductie, minimaal. Niemand wil inleveren, maar ik zie dat als noodzaak willen we ons milieu leefbaar houden. Om het van wereldschaal terug te brengen naar microniveau: eet wekelijks twee keer vlees in plaats van iedere dag en je hebt al een hoop gewonnen.”

Annemieke Bosman

transfer | november 2009 | 27


ac htergron d

wetensc h appelij k

tij dsc h r i f t

ove r

i nte r n ati o n a l i s e r i n g

Reflecteren op de hectische pra De ontwikkelingen in de internationalisering van het hoger onderwijs wetenschappelijk duiden. Dat is wat het Journal of Studies in International Education al twaalf jaar doet. Vanaf januari 2010 gaat de verschijningsfrequentie omhoog naar vijf keer per jaar.

bezighielden met internationalisering wilden meer verdieping in hun werk. Daar biedt het tijdschrift de mogelijkheid toe. Het geeft een reflectie op de praktijk. En voor onderzoekers is het tijdschrift het ideale platform. Zij kunnen hier de resultaten van hun onderzoek laten zien. Tijdens een conferentie in Madrid vertelde een grote groep wetenschappers mij dat zij mede door het tijdschrift geïnteresseerd waren geraakt in het onderwerp. Het heeft dus ook een katalyserende werking.”

Hard nodig Inmiddels wordt het Journal financieel ondersteund door dertien organisaties, waaronder de Nuffic. “Ik vind dit tijdschrift belangrijk omdat iedereen een mening heeft over internationalisering, maar een debat dat alleen op meningen is gebaseerd, vind ik niet interessant”, zegt Teekens. “Het Journal meet de

De beroemde bibliotheek van Strahov in Praag.

28 | november 2009 | transfer

Foto: Flip Fuxa, Shutterstock

Vijftien jaar geleden leek internationalisering een overzichtelijk onderwerp. Buitenlandse studenten waren op de universiteiten een uitzondering, en Nederlandse studenten gingen ook nog maar spora­ disch de grens over. “Inmiddels is de situatie veel complexer; ook de hogeronderwijsinstellingen zelf internationaliseren”, weet Nuffic-directeur commu­ nicatie Hanneke Teekens. Zij is voorzitter van het Journal of Studies in International Education. “Door onze geglobaliseerde wereld krijgt iedereen met internationalisering te maken.” Het Journal is al jaren bezig die stormachtige ontwik­ keling te duiden. Hoofdredacteur en lector van de Hogeschool van Amsterdam Hans de Wit kwam in 1997 met het idee voor het tijdschrift. “Er was toen nog geen tijdschrift met wetenschappelijke arti­ kelen over internationalisering”, zegt De Wit. “Maar er was al wel grote behoefte aan. Mensen die zich


aktijk van alledag ontwikkelingen en doet kwalitatieve case studies. Die reflectie op het vakgebied is hard nodig om beter te begrijpen waar we mee bezig zijn. Internationalisering kan niet zonder een gedegen, wetenschappelijke visie en reflectie op de praktijk van alledag.” Het tijdschrift wordt jaarlijks vier maal uitgegeven door de Amerikaanse wetenschappelijke uitgeverij Sage en zal vanaf 1 januari 2010 vijf keer verschijnen. In het recentste nummer staat het opvallende artikel Native and Non-Native Uses of English van Juliet Henderson (Oxford Brookes University). Zij beschrijft hoe complex de taalproblemen van buitenlandse studenten op haar universiteit zijn. Henderson inter­ viewde vele Engelse en buitenlandse studenten. Ze kwam erachter dat zelfs uitmuntende internationale studenten met een goede beheersing van de Engelse taal niet altijd een probleemloos buitenlands verblijf hebben. Bij groeps­opdrachten worden veel buiten­ landers uit de groepjes geweerd, omdat de natives bang zijn dat zij met een buitenlander in de groep het risico lopen van een lager cijfer. Het is een veelzeg­ gend detail, dat een fascinerende blik biedt op de gevolgen van een internationale leeromgeving.

moet bij het tijdschrift passen, de auteur moet zelf onderzoek hebben gedaan voor het artikel, en moet vergelijkende studies en literatuuronderzoek doen.” De Wit en zijn mede-hoofdredacteur Tony Adams krijgen per jaar 130 papers opgestuurd, die ze op diepgang en academisch niveau beoordelen. “Vervolgens sturen we de artikelen die wij geschikt vinden door naar twee peer reviewers die niet weten wie het artikel heeft geschreven. Vaak komt nog geen 20 procent van de papers door de selectie heen.”

Lat steeds hoger

“Er wordt meer onderzoek naar internationalise­ ring gedaan en er wordt vaker over geschreven. We merken dat de kwaliteit van de inzendingen ook toeneemt”, stelt De Wit. Ook het aantal Journalabonnees stijgt. In 2008 had het tijdschrift bijna 6.000 abonnees. Vooral biblio­theken namen de afge­ lopen jaren vaker een abonnement. In 2006 waren 970 instellingen geabonneerd, vorig jaar 4.764. De onderwerpen die in het Journal aan bod komen, zijn de laatste jaren veelzijdiger geworden. “In het begin lag de nadruk vooral op Noord-Amerika en Europa. Nu krijgen we ook artikelen uit Canada, Australië, Azië, Opvallend Afrika en Latijns-Amerika, omdat internationalisering In het artikel How Study Abroad daar nu ook van de grond komt”, zegt Shapes Global Careers onder­ De Wit. De dertien organisaties die “Iedereen heeft een mening zochten Emily Mohajeri Norris het blad financieel ondersteunen, en Joan Gillespie (Institute for the zijn eveneens over de hele wereld over internationalisering, International Education of Students) verspreid. Die internationale focus hoe belangrijk een studie of stage wordt voor het tijdschrift steeds maar het debat moet op in het buitenland is voor de latere belangrijker. Teekens prijst haar blad aan bij loopbaan. Ze enquêteerden 17.000 iedereen die werkzaam is in de feiten worden gevoerd” alumni die tussen 1950 en 1999 internationalisering of daar inte­ met hulp van hun instituut in het resse in heeft. "Ons tijdschrift buitenland studeerden of stage­ draagt eraan bij dat er een debat op feiten over dit liepen. Ze wilden meer te weten komen over de onderwerp kan worden gevoerd." langetermijneffecten van een buitenlands verblijf op carrièrekeuzes, taalkundigheid en persoonlijke Martine Zeijlstra ontwikkeling. De uitkomsten zijn opvallend. De ondervraagde alumni kregen twee keer zo vaak een Voor abonnees van Transfer geldt een speciale actie. Zij kunnen zich baan in het buitenland als leeftijdgenoten die geen abonneren op een digitaal jaarabonnement op het Journal of studies internationale ervaring opdeden. Ook voelen zij for international education tegen betaling van 10 euro. Meer inforzich door hun buitenlandverblijf zekerder over hun matie hierover via www.nuffic.nl/asie persoonlijke ontwikkeling. “We maken voor ieder nummer een strenge selectie”, vertelt hoofdredacteur De Wit. “Het onderwerp

transfer | november 2009 | 29


actu eel

Veel potentieel van Neso’s

nog onbenut

Het concept van de Neso’s wordt gewaardeerd: minister Plasterk trekt er in de toekomst jaarlijks zelfs 2 miljoen euro extra voor uit. Maar op de buitenlandse kantoren van de Nuffic is ook kritiek. Vooral de communicatie tussen de Nuffic en de onderwijsinstellingen is een zwak punt.

Dat blijkt uit een onafhankelijke evaluatie van het Neso-programma die onlangs naar de Tweede Kamer is gestuurd. De evaluatiecommissie voerde gesprekken met medewerkers van international offices, de VSNU, de HBO-raad, de Nuffic en ambte­ naren van OCW. Veel van hen vinden dat de Neso’s meer in hun mars hebben. Tot nu toe was het niet mogelijk om objectief te meten hoe de Netherlands Education Support Offices hun werk doen. Daarom wil minister Plasterk zo snel mogelijk met prestatie-indicatoren gaan werken, zoals het aantal studenten uit Nesolanden dat naar Nederland komt en de tevredenheid van instellingen over de Neso’s. In opdracht van het ministerie van Onderwijs opende de Nuffic de afgelopen jaren tien Neso’s in Indonesië, China, Taipei, Vietnam, Mexico, India, Zuid-Korea, Brazilië, Rusland en Thailand. In die landen overstijgt de vraag naar hoger onderwijs het aanbod. De Neso’s promoten het Nederlandse hoger onderwijs en zijn een springplank voor individuele Nederlandse instellingen die bijvoorbeeld studenten in het betreffende land willen werven. Ook fungeren ze als makelaar en bieden steun bij het opzetten van samenwerking tussen Nederlandse en buitenlandse instellingen.

De commissie schrijft ook dat de communicatie tussen de Nederlandse onderwijsinstellingen en de Nuffic niet goed verloopt. Instellingen vinden dat de Nuffic te veel beslissingen op eigen houtje neemt. Bijvoorbeeld als het gaat om de vestigingsplaats van een kantoor (waarom Zuid-Korea en niet Maleisië?). De Nuffic vindt dat instellingen niet goed weten wat ze willen en niet meedenken over de opzet en dien­ sten van de Neso’s. De ‘programmaraad’, het overlegplatform waarin instellingen en Nuffic samenwerkten, liep zelfs stuk door dit onbegrip. De raad vormde zich vervolgens op eigen initiatief om in een klankbord­ groep genaamd Dhenim. Om de communicatie te ­verbeteren, oppert de commissie het plan om instel­ lingsmedewerkers te detacheren op Nesokantoren. Ook moeten er volgens de commissieleden nieuwe overlegstructuren worden opgezet.

Elleke Bal Het decembernummer van Transfer bevat een Neso-special waarin ook de Neso-evaluatie uitgebreid aan bod komt.

De evaluatiecommissie concludeert dat het taken­ pakket van de Neso’s fors moet worden uitgebreid om Nederland op de kaart te zetten in Neso-landen. Er is meer aandacht nodig voor alumniactiviteiten, en samenwerking met het bedrijfsleven is een must om bijvoorbeeld beurzen te creëren. De Orange Tulip Scholarships in China moeten daarbij als voorbeeld dienen. Op het gebied van promotie, marketing en kennis van de onderwijsmarkt moeten de Neso’s professionaliseren om Nederlandse instellingen nog beter de weg te kunnen wijzen op de buitenlandse markt.

30 | november 2009 | transfer

Het Neso-kantoor in Bangkok.

Foto: Nuffic

Meer alumniactiviteiten


A G E N D A

Naast vele andere onderwerpen komt internationalisering aan de orde bij het Nationaal Onderwijscongres op 25 en 26 november in Eindhoven. Op de eerste dag verzorgt hoofd afdeling financiën van OCW Ron van der Meer een sessie over het nieuwe bekostigingsstelsel en wijzigingen in de WHW. Zo vertelt hij hoe om te gaan met joined education. Paul Schnabel, directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau spreekt op de verdiepingsdag, de 26e, over toekomstverwachtingen. Daarbij heeft hij het ook over ‘nationale competentie en internationale competitie’. Meer informatie en aanmelden op www.nationaalonderwijscongres.nl

november

2009

Niemand lijkt meer te twijfelen aan het belang van internationalisering voor het hoger onderwijs. Maar wanneer doe je het goed? Daarover gaat het Executive Forum van de EAIE en CHE Consult op 27 november in Malmö, Zweden: Quality in the internationalization of higher education. Deelnemers bespreken in kleine groepen hun eigen ervaringen en ideeën om de kwaliteit van internationalisering te bevorderen. Meer informatie en aanmelden op www.eaie.org Als paddenstoelen schieten ze uit de grond in Europa: Engelstalige opleidingen. Welke factoren bepalen het taalbeleid van instellingen? Leveren zij studenten af met vaardigheden waar de arbeidsmarkt om vraagt? En hoe verhoudt dit zich tot de doelstellingen van de EU voor diversiteit en meertaligheid? Onder anderen Martin Lammers van Vodafone Nederland komt hierover aan het woord tijdens de ACA European Policy Seminar op 4 december in Brussel met als thema Better taught in English? Institutional strategies in European higher education. Meer informatie en aanmelden op www.aca-secretariat.be

december

2009

Vorig jaar in Maastricht waren er ruim 75 deelnemers uit meer dan vijftien landen. Ook de tweede S-ICT conferentie Student Mobility and ICT: Dimensions and Transition vindt plaats in Nederland, en wel op 16 en 17 december in Amsterdam. Mogelijkheden die ICT biedt om mensen met verschillende achtergronden voor te bereiden op een bachelor- of masteropleiding staan er centraal. Meer informatie en aanmelden op http://www.s-ict.eu/ Om vast in uw agenda te zetten: het Nuffic Jaarcongres 2010 vindt plaats op 30 maart in Mediaplaza (Jaarbeurs) te Utrecht. Meer informatie volgt.

Zie ook www.transfermagazine.nl/nieuws/agenda

Fairs Meer informatie via fairs@nuffic.nl Europosgrados Mexico City Monterrey

21 – 22 nov 25 nov

www.europosgrados.org

Facon Education Fair – KL Maleisië 12 – 13 dec www.faconex.com

transfer | november 2009 | 31


Journal of Studies in International Education Het vakblad voor professionals binnen de internationalisering van het hoger onderwijs Met onderwerpen zoals: • internationalisering van het curriculum; • mobiliteit van studenten en academici.

Abonnees van Transfer kunnen zich nu voor € 10,– per jaar aanmelden voor een online lidmaatschap op het Journal of Studies in International Education. Aanmelden kan via www.nuffic.nl/asie Het Journal of Studies in International Education is een uitgave van de Association for Studies in International Education (ASIE).

Transfer 3, jaargang 17  

In deze Transfer: ontsporingen in de australische onderwijsindustrie, mensensmokkel in Den Haag en internationale kenniswerkers onder dak.

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you