Page 1

Zuid-Tirol

Het andere ItaliĂŤ


“In Zuid-Tirol klaarde het op, de zon van Italië liet haar nabijheid al voelen, de bergen werden warmer en lumineuzer, ik zag al wijnstokken erlangs omhoogranken en kon al vaker naar buiten leunen.”

uit: Heinrich Heine, Reistaferelen III, hoofdstuk XIII (1828-1832)


Inleiding: couleur locale

Pagina 18

Hoofdstuk 1 Berg Het toppunt van stoutmoedigheid

Hoofdstuk 4 Aan de top Pagina 21

Eenzame hoogte

Pagina 65

Dolomieten: de bleke bergen

22

Ötzi: de man uit het ijs

Sagen en legenden: gewoon fabelachtig

25

Haflingers: blond heeft de voorkeur

67

27

Burchten: het wapengekletter van de ridders

70

Mijnbouw: ondergronds

30

Romaanse fresco’s: de hemel op aarde

72

Vergezichten: het oneindige landschap

31

Kabelbanen: op weg naar de top

73

Water: kristalhelder

32

Matteo Thun: de volmaakte vormgever

74

Natuurlijk groen: energie-efficiëntie & duurzame energie

77

Koning Laurin: de rozen hebben me verraden

66

Hoofdstuk 2 Levensgevoel Het geluk langs de grens

Pagina 35

Hoofdstuk 5 Traditie

Autonomie: slechte tijden, goede tijden

36

De kunst van het bewaren

Spontaan en betrouwbaar: drie oogpunten en een kruispunt

37

Boerinnen: de boodschap van de boerinnen

80

40

Oude gebruiken: sporen uit het verleden

81

Ladiniërs: ‘é pa mé da dì’ – ik wil alleen maar zeggen

42

Tradities: rood lint, groen lint

82

43

Geraniums: de brand in de erker

86

Knoedels en spaghetti: gewoon samenzijn

46

Dialect: in goed Zuid-Tirools

87

Hoofdstad: Bolzano/Bozen

47

Kunstnijverheid: ‘fingerspitzengefühl’

88

Fragment uit ‘Die Walsche’ (De Italiaan) van Joseph Zoderer Rut Bernardi ‘la ie pa da rì’ (Dat is toch lachwekkend)

Reportage: het land van de holes

Knoedels en spek: armeluiseten

Pagina 79

90 94

Hoofdstuk 3 Landschap Een titanenwerk

Pagina 49

Wijn: in de wijngaarden

50

Hoofdstuk 6 Verandering

53

Een frisse wind door Zuid-Tirol

Törggelen: het vijfde jaargetijde

54

De steden: stadsschetsen

Tuinen en kuren: promenades en de Tappeiner

57

Architectuur: warme blikken daken

100

Appels: goudappeltjes

58

Hedendaagse kunst: kunstconcept

102

Waalen: de boer als ingenieur

59

Musea: Zuid-Tirol in de vitrine

103

Almen: even ertussenuit

61

Messner Mountain Museum: topmuseum

104

Badcultuur: een bad in het hooi

62

Terlaner witte wijnsoep

Zuid-Tirol informatie

Pagina 97 98

Pagina 107

Ter oriëntatie: achterin het boek vindt u een overzichtskaart van Zuid-Tirol waarop u gemakkelijk de plaatsen, dalen en bergmassieven kunt vinden. In elk hoofdstuk zijn verschillende punten aangegeven die in de rubriek ‘Links naar het onderwerp’ zijn voorzien van geografische coördinaten (bijv. Bolzano [C4]). |5


De Alpe di Siusi/Seiser Alm met op de achtergrond de bergen Sassolungo/Langkofel en Sassopiatto/Plattkofel. De grootste alpenweide van Europa is een waar wandelparadijs

6


|7


’s Winters trekken skiÍrs, snowboarders en wandelaars hun sporen over de uitgestrekte Alpe di Siusi/Seiser Alm

8


|9


Warm water in de Zuid-Tiroolse wijngaarden: het meer Lago di Caldaro/Kalterer See ten zuiden van de hoofdstad Bolzano/Bozen

10


| 11


De hoofdstad Bolzano/Bozen, te midden van de wijngaarden

12


| 13


Vrij zicht op de bergen vanaf de op 1000 en 3000 meter hoogte gelegen pistes, loipes en rodelbanen

14


| 15


Zover het oog reikt: 13.000 kilometer wandelpad verbindt de Zuid-Tiroolse bergen met elkaar

16


| 17


Couleur locale Inleiding

Pakkend – dat is een omschrijving die bij Zuid-Tirol past. De streek bestaat uit sterk materiaal met een stevige structuur. Rotsen geven het gebied vorm, steensoorten zoals porfier, marmer, graniet en dolomiet domineren het afwisselende landschap en de vegetatie. Met blote handen hebben de bewoners hun akkers bewerkt, rekening houdend met het feit dat met de steensoort ook de kleuren en planten veranderen. Natuur en cultuur gaan hand in hand, tradities en oude gebruiken staan hoog in het vaandel. Als het gaat om vernieuwingen, weten de Zuid-Tirolers eveneens van aanpakken. In 1999 besluit Michael graaf GoessEnzenberg zijn wijnkelder Manincor bij het dorp Caldaro/Kaltern uit te breiden en te moderniseren. In het ontwerp van de architecten Walter Angonese, Rainer KÜberl en Silvia Boday spelen het landschap, de geschiedenis en doelmatigheid een belangrijke rol. De nieuwe wijnkelder wordt aan de oude aangebouwd. Op de scheidslijn tussen oud en nieuw gaat de Zuid-Tiroolse kunstenaar Manfred Alois Mayr aan de slag. Hij is een kleurenzoeker, zegt de schilder van zichzelf. In Manincor verwijdert hij oude verflagen en gaat hij op zoek naar verfspo-

18


ren uit het verleden van het wijngoed en de traditionele ZuidTiroolse wijnbouw. Hij onderzoekt, documenteert en legt zijn kleurconcept voor. Hij wil de enorme muur die de oude van de nieuwe kelder scheidt met kopersulfaat besproeien, waardoor de wand een turkooizen kleur krijgt. Hij krijgt hiervoor niet alleen toestemming, de graven zijn ook laaiend enthousiast. Eeuwenlang werden schadelijke insecten in de landbouw met kopersulfaat bestreden en nog steeds glanzen de muren van oude wijnboerderijen in een zachte blauwgroene kleur. In Manicor is volop kopersulfaat te vinden. Tot de sluiting in 1893 was de kopermijn in het dal Valle Aurina/Ahrntal eigendom van de familie Enzenberg, die aan de hele streek kopersulfaat leverde. Zo houdt het een verband met het ander: geschiedenis, traditie en vooruitgang. Manincor is hiervan een schoolvoorbeeld, maar er zijn ook andere. Een stroming in de hedendaagse Zuid-Tiroolse cultuur ziet Zuid-Tirol als een moderne streek die alleen op basis van het verleden een eigen identiteit kan ontwikkelen. “Met kleuren vertel ik verhalen”, zegt kunstenaar Manfred Alois Mayr. In Zuid-Tirol zijn dat verhalen over de natuur en de aarde, over armoede en de alomtegenwoor-

dige kerk, over een trotse samenleving die het hoofd heeft geboden aan keizers, soldaten en dictators en nu grotendeels autonoom haar eigen weg gaat. De huizen waren wit gekalkt, machines natuurbruin en ijzergrijs, de klederdracht was alleen op feestdagen fleurig, de fascisten gingen in het zwart gekleed en hun partijgebouwen waren krachtig rood. Blauw is in Zuid-Tirol de kleur van het boerenschort. Vroeger kregen de jongens het schort op hun eerste schooldag. Een man zonder schort is maar half aangekleed, zei men toen. Maar ook nu nog dragen sommige boeren een ‘voordoek’, zoals het schort hier ook genoemd wordt. En iedereen weet wat daarmee wordt bedoeld. In 1997 krijgt de fruitcoöperatie van de boeren in het dal Val Venosta/Vinschgau een nieuw gebouw. Met de stijl van architect Arnold Gapp kunnen de boeren niet veel beginnen. Opnieuw raadpleegt men Manfred Alois Mayr. Hij schildert een deel van het gebouw in lapislazuliblauw. Nu krijgt het gebouw voor de boeren een gezicht en een kleur waarin ze zichzelf en hun werk weer kunnen herkennen. Plotseling is de hedendaagse architectuur ook voor hen tastbaar.

Couleur locale | 19


De Ortles/Ortler, de koning onder de Zuid-Tiroolse bergen in het dal Val Venosta/Vinschgau, steekt boven alles uit

20


Hoofdstuk 1 Berg

Het toppunt van stoutmoedigheid In Zuid-Tirol is de berg het referentiekader. Hoog en laag liggen dicht bij elkaar. De stedelingen waren de eersten die bergen beklommen en daarmee voor de bergbewoners onverwachte perspectieven openden.

Tot 1804 wist niemand hoe het er op de berg Ortles/Ortler uitzag. In dat jaar klom gemzenjager Josef Pichler uit het dal Val Passiria/Passeiertal als eerste naar de top. Hij hield het er vier minuten uit, want het was er ijskoud. Een jaar later beklom hij de berg opnieuw, deze keer zwaaide hij op de top met een vlag. Nu was iedereen ervan overtuigd dat de Ortles, een bijna 4000 meter hoge berg en de ‘hoogste top van heel Tirol’, was bedwongen. Ter herinnering aan deze prestatie zou op de top geen kruis, maar een stenen piramide worden geplaatst. De bergbewoners in het zuidelijke deel van Tirol hadden er geen goed gevoel bij. Nog in de 19e eeuw was bergbeklimmen voor velen het toppunt van brutaliteit. Waar zou dat goed voor zijn? Kon je bovenop de berg überhaupt ademhalen? Tot 1786 hadden de boeren geen berg beklommen. Ze geloofden dat ze op alpenweiden en bergpassen al te dicht bij de hemel waren en plaatsten kruisen als teken van berouw. Men groef zich een weg door de bergen als daarin schatten verborgen lagen, zoals zilver, koper en marmer. Alleen nietsnutten waagden zich in de hooggelegen rotsige woestenijen, waar men niet kon zaaien en oogsten. In de berg woonde God of de duivel, dat wist men niet precies. Zo bezien is Zuid-Tirol een paradijs voor nietsnutten. Het grootste deel ligt boven de 1000 meter hoogte, slechts drie procent van het oppervlak wordt bewoond, de rest bestaat uit velden, bossen, alpenweiden en rotsen. Zuid-Tirol telt meer dan 300 bergen van 3000 meter en hoger. De berg is het referentiekader voor alles, zowel voor vergezichten als voor opvattingen. In Zuid-Tirol liggen hoog en laag, smal en breed dicht bij elkaar. Reinhold Messner ging nog niet naar school, toen hij in zijn dorp in het dal Val di Funes/Villnösser Tal aan de voet van de bergpieken Le Odles/Geislerspitzen de wolken voorbij zag drijven en wilde weten waar ze heengingen. Ook alpinist

Hans Kammerlander was nieuwsgierig. Hij beklom zijn eerste berg door stiekem twee toeristen te volgen die op weg waren naar de top van de Moosstock in het dal Valli di Tures e Aurina/ Tauferer Ahrntal. Het waren de stedelingen die 200 jaar geleden hun passie voor bergen ontdekten. Ze klommen naar de top en lieten zich door boerenjongens uit de omgeving gidsen. Het was een ongelijke groep die, met een touw verbonden, aan de bergwand hing: de toerist op weg naar de top, de gids op zoek naar kristallen en gemzen. De een maakte de top beroemd, de ander verdiende er zijn brood mee. Zo verloren de bergen hun afschrikwekkende beeld. Alle toppen zijn beklommen, ze hebben een naam gekregen en staan op de kaart, inclusief hoogtemeters, klimroutes en berghutten. Men weet allang dat bergen niet als tanden door het aardoppervlak steken. De Dolomieten, de beroemdste bergen van Zuid-Tirol en sinds 2009 werelderfgoed, zijn zelfs versteende koraalriffen die oprijzen uit een verzonken oerzee. Wandelpaden en liften zorgen ervoor dat men nu veilig van de bergwereld kan genieten. De bergen, die ooit angst inboezemden, worden nu als mooi ervaren. Ze zijn veranderd in een plek om te recreëren en te behouden. In acht natuurparken en in het Nationaal Park Stelvio/Stilfser Joch worden de Zuid-Tiroolse natuur- en cultuurlandschappen op grote schaal beschermd. In 1954 heeft de Ortles toch nog een kruis op de top gekregen. De oorspronkelijk geplande stenen piramide lag – verpakt in kisten – jarenlang beneden in het dal langs de kant van de weg. In 1899 werd met deze stenen een gedenkzuil opgericht op de Passo dello Stelvio/Stilfser Joch, de bergpas in het Ortlesgebied tussen Zuid-Tirol en Lombardije. Niet meer ter herinnering aan de triomf van de mens over de berg, maar als monument voor de keizer in Wenen.

Berg | 21


Dolomieten De bleke bergen

Architect Le Corbusier noemde de Dolomieten het mooiste bouwwerk ter wereld. Inderdaad hebben versteende algen- en koraalriffen de Dolomieten ‘gebouwd’. 250 miljoen jaar lang groeiden deze riffen in de warme Tethyszee. Toen de zeespiegel daalde, rezen ze omhoog – wit, majestueus en bizar van vorm. Het waren ‘bleke’ bergen die anders waren dan alle andere bergen in de omgeving. In 1788 ontdekten onderzoekers waarom: ze bestaan uit magnesiumhoudend kalksteen. De Dolomieten worden genoemd naar geoloog Deodat de Dolomieu en zijn meteen populair. De rond de Dolomieten ontstane sagen worden beroemd, ansichtkaarten met de bergpieken Tre Cime di Lavaredo/Drei Zinnen gaan de hele wereld over. In films van de uit het dal Val Gardena/Gröden afkomstige regisseur Luis Trenker speelt de berg Sassolungo/Langkofel een belangrijke rol. De Dolomieten zijn al sinds de ijstijd bewoond, Reto-Romanen, Romeinen en Langobarden lieten hier hun sporen achter. Tijdens de Eerste Wereldoorlog liep het Oostenrijks-Italiaanse front dwars door de bergen. Van oudsher wonen hier Ladiniërs, het oudste volk in de Dolomieten. Hun taal is de derde officiële taal van Zuid-Tirol. In 2009 werden de Dolomieten opgenomen in de UNESCO-lijst van werelderfgoederen die beschermd dienen te worden. De bleke bergen zijn het derde natuurerfgoed in de Alpen, naast de JungfrauAletsch-Bietschhorn en de Monte San Giorgio in Zwitserland.

Feiten: » Vier van de acht Zuid-Tiroolse natuurparken liggen in de Dolomieten. www.provinz.bz.it/parchi.naturali » Zuid-Tirol heeft 80 klettersteigen, ook via ferrata genoemd. De eerste ontstonden in de Eerste Wereldoorlog langs het front in de Dolomieten en bij de Ortles. 14 bergsportscholen bieden veilige tochten aan. www.guidealpine-altoadige.it » De vereniging Bellum Aquilarum organiseert in Sesto/Sexten in het dal Val Pusteria/Pustertal wandelingen onder leiding van een gids naar het openluchtmuseum Rotwand 1915-1918. www.bellumaquilarum.com 22


UNESCO-werelderfgoed de Dolomieten met de Tre Cime di Lavaredo/Drei Zinnen bij het dorp Sesto/Sexten

Berg | 23


Wie zorgt ervoor dat het Catinaccio-/Rosengartenmassief rood oplicht: koning Laurin of de avondzon?

24


Sagen en legenden Gewoon fabelachtig

In de bergen heeft de natuur het voor het zeggen. Als ze uit haar humeur is, is het leven er onaangenaam, wie tegenstand biedt, is een held of wordt bestraft. Voordat wetenschappers begonnen de wereld te verklaren, werd het dagelijks leven bepaald door geheimzinnige machten, door geesten die de melk lieten verzuren, wilde mannen die de goden uitdaagden en heksen die op de Alpe di Siusi/Seiser Alm dansten. Zo zijn er honderden sagen ontstaan die op lange winteravonden steeds weer werden (door)verteld. Ook nu nog slaat bij bepaalde uitzichtpunten en vreemde steenformaties de fantasie op hol. De langgerekte, afgelegen Dolomietendalen zijn het middelpunt van grote legendarische rijken. Zo zijn de rotspieken van het Latemarmassief betoverde poppen en licht het Catinaccio-/ Rosengartenmassief rozerood op door de toverspreuk van dwergkoning Laurin, niet door de avondzon.

Feiten: Âť Zuid-Tiroolse sagen en legenden vindt u op www.suedtirol.info/sagenensprookjes Âť In het spoor van de sagen: in totaal 13.000 kilometer wandelpad doorkruist de Zuid-Tiroolse natuur en bergen, dat is acht keer Utrecht-Rome vice versa. Alleen al de Alpe di Siusi [D/E 5], de grootste alm van Europa, telt 300 kilometer wandelpad. In het dal doorkruist 600 kilometer fietspad de provincie. www.suedtirol.info/wandelen Berg | 25


“De

rozen

hebben

me verraden� 26


Sagen vertellen mythen.

Zoals die van koning Laurin en zijn rozentuin... Lang geleden heerste dwergenkoning Laurin in het binnenste van de berg Catinaccio. Hij bezat immense schatten, maar zijn grootste schat was een kap waardoor hij onzichtbaar werd. Voor de poort van zijn rotsburcht lag een schitterende tuin. Het hele jaar door bloeiden daar ontelbare rozen, en om ze te beschermen was er een gouden zijden draad omheen gespannen. Wee degene die het waagde de draad door te snijden en ook maar één roos te plukken! Op een dag zag Laurin op een naburig kasteel de mooie prinses Simhild. Hij werd verliefd en ontvoerde haar. Voortaan moest Simhild in het bergrijk van de koning leven. Op het kasteel van haar broer Dietleib was iedereen verdrietig. Dietleib ging op zoek naar zijn zus en kwam daarbij Dietrich van Bern, de koning van de Goten, tegen. Samen met hem en andere ridders ging hij op pad naar het rijk van koning Laurin. Dietrich was vol verbazing over de prachtige, met een gouden draad omgeven rozen. Maar zijn begeleiders sneden de draad stuk en vertrapten de rozen. Woedend stormde Laurin op zijn witte paardje op hen af. Er ontstond een ongelijke strijd. Toen de onzichtbaar makende kap van zijn hoofd werd getrokken, viel hij hulpeloos op de grond en riep hij kwaad: “De rozen hebben me verraden!” Zo werd hij gedwongen de overwinnaars zijn rijk binnen te voeren, waar ze Simhild bevrijdden. Door een toverspreuk van Laurin verdween de rozentuin voor altijd. Niemand zou de prachtige rozen ooit nog te zien krijgen, niet op klaarlichte dag en evenmin in de nachtelijke duisternis. Maar Laurin was vergeten de schemering in zijn toverspreuk te noemen. En zo lichten de overdag zo bleke bergen roodgloeiend op in de avondzon.

Berg | 27


De grillige bergpieken van Le Odles/Geisler in het dal Val di Funes/Villnรถsstal, midden in het natuurpark van de Dolomieten

28


Berg | 29


Mijnbouw Ondergronds

Het leven van de mijnwerkers werd bepaald door donkere mijngangen en het licht van de mijnlamp. Eeuwenlang drongen ze tot diep in de Zuid-Tiroolse bergen door om koper, lood, zink en zilver te delven. In de mijnwerkersdorpen bovengronds ontstond een eigen cultuur. In de Schneebergmijn, de hoogstgelegen mijn van Europa op 2000 meter hoogte, werkten in de bloeitijd maximaal 1000 mijnwerkers. Tegenwoordig kunt u in enkele stilgelegde mijnen de ‘onderwereld’ met helm en voorhoofdslamp veilig ontdekken. De Schneebergmijn in de dalen Val Ridanna/Ridnauntal en Val Passiria/Passeiertal, de zilvermijn bij het dorp Villandro/Villanders in het dal Valle Isarco/ Eisacktal en de mijn bij het dorp Predoi/Prettau in het dal Valle Aurina/Ahrntal zijn voor publiek toegankelijk. Mensen met luchtwegklachten kunnen in de klimaatvriendelijke mijngangen van de voormalige kopermijn bij Predoi opgelucht ademhalen: het hier heersende microklimaat is nagenoeg vrij van allergenen en stof. De dorpsstraat in het dorp Lasa/Laas in het Val Venosta is geplaveid met wit marmer, dat nog steeds bij Lasa wordt gedolven. Het witte kalksteen is het meest weerbestendige gesteente ter wereld. Verschillende monumenten in onder andere New York, Londen, Berlijn en Wenen zijn gemaakt van deze favoriete steensoort van de Habsburgers.

Feiten: » Zuid-Tirools Mijnbouwmuseum [D2+G1], www.museominiere.it » Zilvermijn bij Villandro [D4], www.bergwerk.it » Rondleidingen over het thema marmer in Lasa/Laas [A3], www.marmorplus.it 30

Berglucht maakt hongerig: op grote hoogte nieuwe energie opdoen


Vergezichten Het oneindige landschap

In het dal wordt de blik onweerstaanbaar omhooggetrokken, de bergen in. Daar kunt u de blik vrij tussen hemel en aarde laten zweven. ’s Winters is het uitzicht vanaf Plan de Corones/ Kronplatz, de belangrijkste Zuid-Tiroolse skiberg, op de omringende bergen vrijwel grenzeloos – tot groot genoegen van de skiërs. Vanaf begin december tot medio april kunnen wintersporters tussen 1000 en 3000 meter hoogte skiën, langlaufen, rodelen, sneeuwschoenwandelen, snowboarden of in de arrenslee zitten en genieten van steeds wisselende perspectieven. Op de berg Rotsteinkogel (1465 meter) bij het dorp Verano/ Vöran in het het dal Val d’Adige/Etschtal, tussen de steden Bolzano/Bozen en Merano/Meran in, heeft kunstenaar Franz Messner zijn ‘knottnkino’ ingericht – ‘knott’ is Zuid-Tirools dialect voor rots. De openluchtbioscoop op de rots bestaat uit 40 vast in de grond verankerde stoelen waarop u tot zonsondergang kunt genieten van een schitterend wolkenspel. Het witte doek wordt gevormd door de Ortlesgroep die hoog boven het Val d’Adige tot aan de Dolomieten oprijst en alles overziet.

Feiten: » Zuid-Tirol heeft 30 skigebieden. Dolomiti Superski is met 1200 kilometer piste het grootste samenwerkingsverband op skigebied ter wereld. Bij de bekende skironde Sellaronda [F6] skiet men via vier bergpassen om het Sellamassief heen. ’s Zomers is het een pittige tocht op de fiets. De Ortler-Skiarena is een samenwerkingsverband van in totaal 15 skigebieden. Het skigebied op de Val Senales/Schnalstalergletsjer [B 2/3] bij Merano is vrijwel het hele jaar door geopend. www.suedtirol.info/winter_nl » Elk jaar vinden er wereldbekerwedstrijden alpineskiën plaats op twee pistes in de Dolomieten: de afdaling van de Saslongpiste in Val Gardena, www.saslong.org, en de reuzenslalom op de Gran Risapiste in Alta Badia, www.skiworldcup.it. » In het dal Valle Anterselva/Antholzertal [G2] vindt jaarlijks een wereldbekerwedstrijd biatlon plaats, www.biathlon-antholz.it. Langlaufloipes in Zuid-Tirol vindt u op www.suedtirol.info/winter_nl » In 1805 wordt op de Ortles [A2] de eerste berghut van Tirol gebouwd. Tegenwoordig zijn er 92 bemande hutten, waaronder de spectaculair gelegen Rifugio Bicchiere/Becherhaus (3195 m), Rifugio Cima Libera/ Müllerhütte (3145 m) en Rifugio Payer/Payerhütte (3020 m). Een overzicht van alle hutten vindt u op www.suedtirol.info Berg | 31


Water Kristalhelder

In het begin schiep het water het landschap; de mens was hiertegen machteloos. In Zuid-Tirol slingeren duizenden beken en stroompjes over de berghellingen het dal in. Op elk dorpsplein klatert een fontein, honderden glinsterende bergmeren vangen smeltwater op. Een groot deel van de benodigde energie wordt met behulp van waterkracht opgewekt. Binnen een paar uur komt er zuiver bronwater uit de kraan, zonder toevoeging van hulpstoffen of conserveringsmiddelen. Er zijn 30 erkende mineraalwaterbronnen, waarvan het water sinds mensenheugenis niet alleen wordt gebruikt voor kuurbaden, maar ook in flessen wordt verkocht. De talrijke watervallen verspreiden een ruisende koelte, zoals de Gilfenklamm bij de stad Vipiteno/ Sterzing, de enige marmeren kloof van Europa, de Rheinbachwatervallen in Valli di Tures e Aurina of de waterval van Parcines/Partschins bij Merano, met 97 meter een van de hoogste van Europa. In het Val Venosta loopt het water in rechte banen: de boeren hebben hier uitgekiende irrigatiekanalen aangelegd, zogenoemde waalen. Over de paden langs deze kanalen kunt u heerlijk wandelen.

Feiten: Âť Tips voor wandelingen langs meren, watervallen en waalen vindt u op www.suedtirol.info/wandelen Âť Het meer Lago di Caldaro/Kalterer See [B5] ten zuiden van Bolzano is het warmste zwemmeer van de Alpen. Meer informatie over zwemmeren vindt u op www.suedtirol.info/zwemmen Âť Meer informatie over mineraalwaterbronnen en baden vindt u op www.provincia.bz.it/acqua 32


In goede banen: eeuwenoude waterwegen bevloeien het Val Venosta/Vinschgau en de boomgaarden rond Merano/Meran

Berg | 33


De Duits-Italiaanse cultuur is in Zuid-Tirol een manier van samenleven

34


Hoofdstuk 2 Levensgevoel

Het geluk langs de grens Drie talen en culturen die steeds meer met elkaar verbonden raken, verhalen die op elkaar gaan lijken. In Zuid-Tirol leven Duitsers, Italianen en Ladiniërs naast en met elkaar. De alpiene en mediterrane manier van leven heeft hier een gemeenschappelijke noemer gevonden.

Als Zuid-Tirolers ‘wij’ zeggen, kan het behoorlijk ingewikkeld worden. Zuid-Tirol is een unieke mix van drie culturen die in de loop der geschiedenis zijn samengebracht. Er worden drie officiële talen gesproken. Past dat allemaal bij elkaar? De ZuidTiroolse journalist Claus Gatterer (1924-1984) gaat er in zijn autobiografische roman “Schöne Welt, böse Leut” (Mooie wereld, boze mensen) uitgebreid op in: “Wij – dat waren de mensen uit het dal die bij ‘ons’ hoorden.” In het dorp Sesto/Sexten, dat Gatterer beschrijft, was dat in de jaren 20 van de vorige eeuw iedereen die Duits was: alle Tirolers, maar ook de Ladiniërs en de Italianen die al lang in het dal woonden, onder wie de scharenslijper en de ketellapper. Er was echter ook nog een ander ‘wij’, een officieel ‘wij’ dat een ‘noi’ was – wij, de Italianen, een door de staat opgelegd ‘wij’. Claus Gatterer: “Dat waren wij toen allemaal. Een samenleving in verwarring, een afspiegeling van de toenmalige verwarrende tijd.” De geschiedenis van Zuid-Tirol begint in 1919. In dat jaar werd het gebied ten zuiden van de Brennerpas losgekoppeld van het Oostenrijkse Tirol en toegewezen aan Italië. De nieuwe grens deelde een land dat 500 jaar lang tot Oostenrijk had behoord in tweeën. De Alpenregio was altijd al een grensregio. Voor de Romeinen begon achter Tirol het noorden, voor de Duitse keizers, die zich in Italië lieten kronen, begon achter de Brennerpas het zuiden. Tirol, ook wel het ‘land in de bergen’ genoemd, nam door de twee Alpenpassen eeuwenlang een centrale positie in de Europese machtsverhoudingen in. Kooplieden, pelgrims, vorsten met hun gevolg, avonturiers en soldaten trokken door Tirol, betaalden tolgeld, vonden er onderdak en maakten gebruik van het beloofde vrijgeleide. Europese politici was er veel aan gelegen de gunst van Tirol niet te verspelen. Aan de

andere kant lieten ze bijna geen gelegenheid voorbijgaan om het land te veroveren. In 1271 werd voor het eerst over een land Tirol gesproken. Al in 1330 dongen Wittelsbachers, Habsburgers en Luxemburgers naar de hand van erfgename Margarete von Tirol. De machthebbers deden zelfs concessies: zo kregen de Tirolers de ‘grote vrijheidsbrief’ met daarin de garantie dat bestaande Tiroolse rechten gewaarborgd zouden blijven. De Habsburgers, die Tirol uiteindelijk door erfenis verkregen, ontsloegen de Tirolers zelfs van de verplichting om dienst in het leger te nemen. Daarvoor in de plaats waren de Tirolers alleen verplicht hun gebied tussen Kufstein en Ala – indien nodig – zelf te verdedigen. Tirol was trots op zijn uitzonderingspositie. Elke keer dat een machthebber aan de rechten wilde tornen, trokken de Tirolers de oude oorkonden uit de la. In de regio langs de grens, wat Tirol in taalkundig, cultureel en politiek opzicht steeds was, werd de geringste verandering van vrijheid naar onderdrukking snel geregistreerd en gereclameerd. De Zuid-Tirolers waren niet voorbereid op de gebeurtenissen in de 20e eeuw. Het fascistische beleid van gedwongen italianisering drukte elk streven naar culturele en politieke zelfstandigheid de kop in. Zuid-Tirol heeft lang gestreden voor een autonome status. Nu leven Duitsers, Italianen en Ladiniërs met hun talen en culturen naast en met elkaar. Zoals zo vaak ging de liefde door de maag. De boerinnen testten pasta en minestrone, de Italiaanse huisvrouwen probeerden spek en knoedels uit. Men proefde van elkaars gerechten en ontdekte in de dampende pannen een nieuwe manier van samenleven, een nieuw ‘wij’. Zoekend en tastend gaat men op de ingeslagen weg voort. De regio langs de grens heeft zijn bijzondere positie weer ingenomen.

Levensgevoel | 35


Autonomie Slechte tijden, goede tijden

In 1919 komt Zuid-Tirol bij Italië. Het is de beloning voor de overstap van Italië in 1915 naar het geallieerde kamp. Nadat de fascisten in 1922 aan de macht waren gekomen, werd Zuid-Tirol met harde hand geïtalianiseerd. Alles wat Duits was en Duits klonk werd verboden. In 1939 sloten de dictators Mussolini en Hitler een overeenkomst, ook wel ‘option’ genoemd: de ZuidTirolers werden voor de keus gesteld te emigreren naar het Derde Rijk of in Zuid-Tirol te blijven en af te zien van een eigen culturele identiteit. De nationaalsocialistische propaganda had vrij spel: 85 procent van de Duitstalige Zuid-Tirolers is bereid het land te verlaten. Het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog voorkomt dat er een massale exodus plaatsvindt. Na de Tweede Wereldoorlog wordt vastgelegd dat de grens op de Brennerpas blijft bestaan. Er volgen moeizame onderhandelingen over autonomie die in 1972 met het tweede Autonomiestatuut worden afgesloten. Het duurt nog eens 20 jaar voordat de Zuid-Tiroolse regering volledige wetgevende en uitvoerende bevoegdheden heeft over alle in het statuut vastgelegde domeinen. Tegenwoordig heeft Zuid-Tirol wereldwijd een voorbeeldfunctie op het gebied van autonomie en de rechten van minderheden.

Een aperitiefje drink je samen: ‘Grüß Gott’ en ‘buona sera’

Feiten: » Zuid-Tirol heeft 510.000 inwoners. Er zijn drie officiële talen: voor 70 procent van de bevolking is het Duits de voertaal, 26 procent spreekt Italiaans, 4 procent Ladinisch. Vijf procent van de Zuid-Tiroolse bevolking heeft een andere nationaliteit. » Een uitgebreid overzicht van de Zuid-Tiroolse geschiedenis vindt u op www.suedtirol.info/geschiedenis 36


Spontaan en betrouwbaar Drie oogpunten en een kruispunt

Landschappen vormen mensen – en mensen vormen hun leefomgeving. In Zuid-Tirol gaan stad en platteland naadloos in elkaar over. Nu eens gaat het er alpien direct aan toe, dan weer mediterraan ontspannen. De sfeer is niet in woorden te vatten. In de kiosk liggen Duitse en Italiaanse kranten naast elkaar, men begroet elkaar met ‘Grüß Gott’, terwijl men ‘buon giorno’ had verwacht. Het is een sfeer vol afwisseling met om 10 uur een latte macchiato, een aperitiefje na het werk en een spelletje kaarten aan de stamtafel. Duitsers, Italianen en Ladiniërs – ze hebben allemaal hun eigen verhalen en herinneringen. In de loop der tijd zijn de scheidslijnen minder scherp geworden en gewoonten meer met elkaar verweven. De verhalen beginnen op elkaar te lijken, talen vermengen zich. Ook in de literatuur houdt men zich met dit onderwerp bezig. Joseph Zoderer schreef twee grote romans over Duits-Italiaanse liefdesrelaties die balanceren op de grens van individuele genegenheid en collectieve verbondenheid. Gianni Bianco schreef de eerste roman over Zuid-Tirol vanuit het standpunt van een Italiaan. In 2011 verrasten meteen twee schrijfsters met opmerkelijke romans over in Zuid-Tirol gevoelige onderwerpen: Sabine Gruber en Francesca Melandri.

Levensgevoel | 37


Duits-Italiaanse tafelgesprekken in het dorp Egna/Neumarkt: sport uit de ‘Gazzetta dello Sport’, plaatselijk nieuws uit de ‘Dolomiten’

38


Levensgevoel | 39


De Italiaan Fragment uit ‘Die Walsche’ van Joseph Zoderer, Hanser 1982


Uiteindelijk had ze tegen Silvano “blijf thuis” moeten schreeuwen, tot hij het eindelijk begreep en thuis bleef in het Italiaanse stadsdeel dat door de Duitsers Sjanghai werd genoemd. Ik ben een laf kreng, zei ze steeds opnieuw tegen zichzelf. Een litanie bijna op het ritme van de gemurmelde rozenkransen, waarvan het geluid doordrong uit de aangrenzende kamer waar ze haar vader, de leraar, hadden opgebaard. Ze had Silvano zijn aanwezigheid op de begrafenis van haar vader niet mogen weigeren. Voor hem als zuiderling was dat iets heiligs, iets vanzelfsprekends, een kwestie van respect en hoogachting. Het deed er niet toe dat haar vader de spaghetti die Silvano ooit in de leraarswoning had gekookt aan de wolfshond naast de tafel op de grond had gevoerd of dat hij hem, de Italiaan, gewoon een windbuil had gevonden. Ze had hem niet als zomaar iemand en al helemaal niet als een geliefde persoon behandeld, maar als een vreemdeling die hier in deze wereld, de Duitse, niets te zoeken had en beter buiten bleef. Ze had hem naar buiten gedrongen, of eigenlijk opzij geduwd, hem niet binnengelaten om niet nog meer narigheid te krijgen, stellig ook om te voorkomen dat hij lastiggevallen zou worden. Ze paste zich aan, ze deed hem onrecht, zij die zich

hoegenaamd al lang niet meer interesseerde voor wat anderen zeiden en ondanks de praatjes, ondanks de weerstand van haar vader haar eigen leven leidde. Met Silvano, die nu eenmaal geen Duitser was en ook niet zou worden. En met wie ze, halverwege de dertig, niet was getrouwd. Tijdens de begrafenis van haar vader wilde ze geen gedoe. En zo was ze alleen op de haar tegemoetkomende wolken afgereden om te doen wat gedaan moest worden als er iemand was gestorven. Om met rust gelaten te worden, dus uit angst voor wat anderen zouden zeggen, was ze alleen de bergen ingereden naar dit gat op drieduizend meter boven zeeniveau, zo ver bij eb en vloed vandaan. Naar deze negorij in de bergen waaruit haar vader niet meer weg had kunnen komen, hoewel hij vroeger vaak “weg van hier, de wereld tegemoet” had uitgeroepen. Ze wist maar al te goed dat ze niet naar het paradijs reed. De mensen waren niet veranderd, ze waren alleen vriendelijker geworden in hun gezicht. Zelfs Ploser had zijn oude boerderij, het huis en de stallen, afgebroken en er een pension neergezet.

Levensgevoel | 41


Ladiniërs é pa mé da dì – ik wil alleen maar zeggen

Behalve Duits en Italiaans wordt er in Zuid-Tirol ook Ladinisch gesproken. Het is de derde officiële taal die door 18.000 mensen in de dalen Val Gardena/Gröden en Val Badia/Gadertal wordt gesproken. Oorspronkelijk sprak men in dit gebied Ladinisch. Toen de Romeinen de alpendalen veroverden, brachten ze het vulgair Latijn mee en verdrongen het Reto-Romaans dat door de toenmalige alpenbewoners werd gesproken. De Germanen drongen het Ladinisch later nog verder terug tot diep in de dalen van de Dolomieten. Hier, in armoede en afzondering, wist de taal te overleven en ontstonden bijzondere sagen en kunstnijverheid. Pas in 1951 werd het Ladinisch in Zuid-Tirol als taalgroep erkend. Tegenwoordig is het een van de kleinste Europese talen. In het Ladinisch Museum in het Val Badia heeft men de Ladinische geschiedenis tot leven gebracht. Volgens de sage over de oorsprong van de Ladinische wereld leefden de Ladiniërs ooit in vrede en harmonie met de alpenmarmotten; generaties Ladiniërs zijn hiermee opgegroeid. Pas sinds kort werkt men aan een gemeenschappelijke schrijftaal. Een voorvechtster hiervan is de uit het Val Gardena afkomstige dichteres Rut Bernardi: “é pa mé da dì”.

Feiten: » De Ladinische Dolomietendalen liggen verdeeld over de drie provincies Zuid-Tirol, Trentino en Belluno. Er worden vijf verschillende Ladinische dialecten gesproken en geschreven: in Zuid-Tirol spreekt men Maréo/ Badiot in het Val Badia [F 3-6] en Gherdeina in het Val Gardena [E4-F6]. In de Dolomietenregio spreken in totaal ca. 30.000 mensen Ladinisch. » Het Ladinisch Museum in het dorp S. Martino in Badia/St. Martin in Thurn [F4] toont een spannend overzicht van de Ladinische geschiedenis en cultuur. www.museumladin.it 42


la ie pa da rì é pa mé da dì la ie da tò y jì n ne sà pa co fé a dì mo a vó te n di o no l cë ne va pa mé a jì do si pe la ne ie pa da rì co ne sà no ëi y no si fi da dì la ie mé da tò y de ne dì no: oh da dì dò Fragment uit ‘Das ist doch zum Lachen’ (Dat is toch lachwekkend) van Rut Bernardi, 2007, uit: ‘Dolomit, ein Gipfelbuch’ (Dolomieten, een topboek), pag. 98

Dat is toch lachwekkend Ik wil alleen maar zeggen je moet het aanvaarden en gaan je weet niet hoe je het jullie nog moet laten zeggen op zekere dag of ook niet gaat het hoofd niet alleen naar de eigen voet Het is niet lachwekkend als u noch uw kind het kan zeggen je moet het nu eenmaal aanvaarden en kunt het niet van de hand wijzen moet het naspreken Levensgevoel | 43


Het dorp Ortisei/St. Ulrich in het dal Val Gardena/GrĂśden, Ladinisch Urtijei, een kruispunt van de drie officiĂŤle Zuid-Tiroolse talen Duits, Italiaans en Ladinisch

44


Levensgevoel | 45


Knoedels en spaghetti Gewoon samenzijn

Knoedels en spaghetti – een passendere omschrijving voor de Zuid-Tiroolse keuken is er niet. Aan de zuidkant van de Alpen zijn de gerechten vaak een unieke mix van alpiene en mediterrane ingrediënten – en anders staan ze wel samen op de menukaart. Boekweit en bergkruiden vinden hier met rozemarijn en Parmezaanse kaas hun weg naar de keuken. Daar vermengen de Zuid-Tiroolse koks alles tot een verfijnd culinair gedicht. Nergens anders in Europa fonkelen zoveel Gault Millau-koksmutsen, Gambero Rosso-vorken en Michelinsterren aan het gastronomische firmament als in Zuid-Tirol. Rijkelijk saus, garnering en tierelantijnen zoekt men hier tevergeefs, de chefs de cuisine concentreren zich op het belangrijkste: verse ingrediënten uit de eigen tuin, ervaring en gevoel voor de Italiaanse, Ladinische en Tiroolse keuken. Aan tafel worden de Zuid-Tiroolse identiteitskwesties dan ook naar hartenlust ‘doorgekauwd’.

De Zuid-Tiroolse keuken is een unieke mix van Italiaanse, Ladinische en Tiroolse ingrediënten

Feiten: » Een keuken vol sterren: jaarlijks verleent de gastronomische gids ‘Guide Michelin’ onderscheidingen aan Zuid-Tiroolse toprestaurants (23 sterren in 2014). » Tips over de Zuid-Tiroolse gastronomie met recepten en wijnsuggesties vindt u op www.suedtirol.info/recepten 46


Hoofdstad Bolzano/Bozen

Zowel Duitse als Italiaanse meesters hebben hun architectonische steentje bijgedragen aan de gotische domkerk in de stad Bolzano/Bozen

De provinciehoofdstad Bolzano is de markantste ontmoetingsplek van Duitse en Italiaanse taal en cultuur. Dit komt ook in de stadsarchitectuur tot uitdrukking. 100 jaar geleden was de brug over de rivier Talvera/Talfer de stadsgrens van Bolzano, een oude handelsstad met laatmiddeleeuwse handwerkersteegjes en de Lauben, de straat waar onder de arcaden winkels zijn gevestigd. De gevels zijn Noord-Europees met zuidelijke accenten, afgekeken van de huizen aan de andere kant van de brug. Vanaf 1922 werd er een nieuw Bolzano gepland van waaruit de fascisten Zuid-Tirol wilden veroveren. De rationalistische architectuur moest symbool staan voor het nieuwe, moderne Italië. Sterarchitecten van het regime, onder wie Marcello Piacentini, ontwierpen op de tekentafel de ‘città nuova’, het Italiaanse Bolzano op de rechteroever van de Talvera. Dit is ook de reden waarom de stad beschikt over een voor Italië unieke, vrijwel ongeschonden collectie fascistische architectuur. Alles is hier Italiaanser dan in de historische binnenstad: de bars, de winkels en de sfeer. In politiek opzicht was het nieuwe stadsplan een diepe belediging. Wie echter onbevooroordeeld kijkt, ziet dat het de historische ontwikkeling van de stad en de provincie een halt heeft toegeroepen en dat het kleine Bolzano een moderne, stedelijke uitstraling heeft gekregen. Het beste uitzicht op de twee gezichten van de stad heeft u vanaf de nieuwbouw van het Museion, het Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst – met op de achtergrond steeds de adembenemende Dolomieten.

Feiten: » De provinciehoofdstad Bolzano [C4] telt 100.000 inwoners. Voor 73 procent van hen is de voertaal Italiaans, 26 procent spreekt Duits, 0,7 procent Ladinisch. 30 procent van de in Zuid-Tirol levende buitenlanders woont in Bolzano. Meer informatie over de geschiedenis, bezienswaardigheden en evenementen vindt u op www.bolzano-bozen.it Levensgevoel | 47


Het kurhaus van de stad Merano/Meran in jugendstil te midden van palmen en gletsjers

48


Hoofdstuk 3 Landschap

Een titanenwerk De natuur heeft dit gebied met geweld vormgegeven. Boeren, wijnbouwers en fruittelers hebben het veranderd in een uniek cultuurlandschap dat, omringd door palmen en gletsjerijs, veel weg heeft van een paradijs op aarde.

Ooit was deze streek verschrikkelijk mooi. Verschrikkelijk, omdat de rotsen vanaf de Brennero/Brennerpas in zuidelijke richting steeds dichter naar de straten toeschoven, er voortdurend gruislawines loskwamen en reizigers er “bijna elk kwartier oog in oog met de dood stonden”, zoals Louise von Göchhausen het in 1788 tijdens haar reis naar het zuiden omschreef. Mooi, omdat diezelfde rotsen een grandioos gevoel opriepen. De schrik overheerste echter gedurende lange tijd. Wie kan daar wonen? Vorst Cosimo III de Medici overleefde ternauwernood een aardverschuiving. Goethe raasde tijdens zijn Italiaanse reis ’s nachts als het ware over de bergen. En erdoor, Italië in. Pas toen hij ten zuiden van de stad Bolzano/Bozen was, noteerde hij: “Alles wat hoger in de bergen probeert te groeien, heeft hier al meer kracht en leven, de zon is warm en men gelooft weer dat er een God bestaat”. De natuur is onder controle, de grond onder de voeten weer begaanbaar. Bijna overal rijst het land omhoog. Het landschap varieert van submediterrane vegetatie in het zuiden tot Arctische toendra in de bergen. Op een uiterst klein gebied komen palmen en gletsjers samen, gaan alpiene ruigheid en lieflijke contouren hand in hand. De Alpen beschermen Zuid-Tirol tegen gure noordenwinden, waardoor het klimaat er milder en het licht glanzender is – wat met 300 zonnige dagen per jaar niet zo moeilijk is. Het zuiden ligt binnen handbereik: langs de rivieren Adige/Etsch en Isarco/Eisack zijn de berghellingen met wijnranken bedekt, die worden geflankeerd door abrikozen-, appel- en perenbomen, cipressen, amandel- en vijgenbomen. Bij het voorjaar horen asperges, bij de herfst gepofte kastanjes. Het Zuid-Tiroolse landschap is een mozaïek vol contrasten. Elk stukje grond is op de natuur veroverd. De geologische en klimatologische verscheidenheid is groot en varieert vaak zelfs

van wijngoed tot wijngoed, van boerderij tot boerderij. Tot op 1000 meter hoogte worden fruit en wijn verbouwd. In de dalen Valle Isarco/Eisacktal en Val Venosta/Vinschgau liggen de noordelijkste wijngaarden van Italië. Hier groeien de wijnstokken midden in een spectaculair berglandschap, blootgesteld aan grote temperatuurverschillen tussen dag en nacht; de hier verbouwde wijnen zijn daarom ook de sprankelendste van heel Italië. Boven de 1000 meter hoogte domineren akkerbouw en veehouderij. ’s Zomers zoeken mens en dier het nog hogerop. Sinds jaar en dag verblijven de stedelingen tijdens warme zomerdagen in het koele middelgebergte. En ook de boeren bewerken hun velden tot aan de alpenweiden. Daar is het gras groener en het leven ongecompliceerder. Verschrikkelijk – of mooi? Rond 1800 ontstaat er in de Europese samenleving een nieuw schoonheidsideaal. De bergen raken in de mode: ze zijn schitterend, de frisse lucht is goed voor het lichaam, de weelderige vegetatie voor de geest. Ook de straten zijn veiliger geworden. Voor Merano/Meran breekt een bloeiperiode aan. De stad met het milde winterklimaat wordt een van de plaatsen “waar de mode wil dat men gezond wordt”. En zo verdwijnen de mesthopen en kippenhokken uit de stad, alleen de bloeiende struiken en planten langs de promenades mogen nog hun geur verspreiden. Voor de kuurgasten zijn wandelen en druiven eten een eerste vereiste, een tijdlang mochten ze de voor de kuur benodigde druiven zelf in de wijngaarden afsnijden. Velen kunnen een lichte huivering bij het zien van het landschap niet onderdrukken, slechts weinigen beklimmen de bergtoppen. Maar plotseling komen er reizigers naar de streek die hier willen blijven en niet naar het zuiden willen doorreizen.

Landschap | 49


Wijn In de wijngaarden

In Zuid-Tirol groeien drie inheemse druivensoorten: Lagrein, Vernatsch en Gewürztraminer. Het zijn de ambassadeurs van de Zuid-Tiroolse wijn en ze doen hun werk goed. Toch zijn het geen dikke vrienden: de Lagrein staat het liefst in warme, rode purpersteen, de Gewürztraminer houdt van leemachtige grond en de Vernatsch geeft de voorkeur aan grind en gruis. Pas sinds de wijnbouwers in de jaren 80 van de vorige eeuw een kwaliteitsoffensief startten, houden ze hier beter rekening mee. Sindsdien is de wijnbouw in Zuid-Tirol net een puzzel: op de hellingen tussen 200 en 1000 meter hoogte veranderen de grond en het klimaat voortdurend. De enige constante zijn de 300 zonnige dagen per jaar. Het resultaat mag er zijn: 20 verschillende druivensoorten die volle, krachtige wijnen opleveren met een alpien accent en mediterrane charme. Ongeveer tweederde van de wijnproductie is afkomstig uit kelders langs de Zuid-Tiroolse Weinstraße. Deze panoramaroute loopt vanuit Bolzano langs de benedenloop van de Adige door het laagland naar het zuiden. Aan weerszijden liggen historische wijndorpjes en moderne wijngoederen. Zuid-Tirol is de oudste wijnstreek in het Duitse taalgebied. De Romeinen leerden hier hoe ze wijn in houten vaten moesten laten rijpen. Later stichtten Duitse kloosters in het zuiden van Tirol hier hun eigen wijnboerderijen. In Zuid-Tirol groeien de druiven ook op onverwachte plekken: de provinciehoofdstad Bolzano is de op twee na grootste wijnbouwgemeente van de provincie.

20 verschillende druivensoorten leveren, dankzij hun optimale ligging, uitstekende wijnen op met een alpien accent en mediterrane charme

50


Feiten: » Zuid-Tirol beschikt over een wijnbouwareaal van 5300 hectare; 98 procent van de wijnen uit dit gebied voldoet aan de eisen van de DOC (Denominazione di Origine Controllata). In Zuid-Tirol groeien 20 druivensoorten (60 procent wit en 40 procent rood), goed voor jaarlijks ca. 340.000 hl wijn – dat is 0,8 procent van de Italiaanse wijnproductie. Zeven producenten maken sekt volgens de klassieke methode, waarbij de wijn in de fles gist; de totale sektproductie bedraagt 250.000 flessen per jaar. 27 Zuid-Tiroolse wijnen zijn onderscheiden met Tre Bicchieri of Drie Glazen, de belangrijkste eretitel die wordt verleend door de prestigieuze Italiaanse wijngids ‘Gambero Rosso – I Vini d’Italia 2014’. Meer informatie over de wijnstreek Zuid-Tirol vindt u op www.altoadigewines.com » In Zuid-Tirol liggen drie wijnkloosters met elk hun eigen specialiteit: klooster Muri-Gries in Bolzano [C4] produceert rode wijn, www.muri-gries.com, de wijnkelders van klooster Abbazia di Novacella/ Neustift bij de stad Bressanone/Brixen [D3] zijn gespecialiseerd in witte wijn, www.kloster-neustift.it, en kloosterkelder Pircher in het dorp Lana [B4] maakt brandewijn, www.pircher.it » De wijnbeurs Bozner Weinkost, www.weinkost.it, is het belangrijkste evenement op wijngebied. Het internationale Merano WineFestival&Gourmet, www.meranowinefestival.com, is een exclusief festival voor wijn en goede smaak. » Zuid-Tiroolse grappa wordt uitsluitend van Zuid-Tiroolse druiven gemaakt. www.suedtirol.info/grappa_nl Landschap | 51


“De rode wijn, licht terroir met een natuurlijke aardse smaak, heeft een mannelijk karakter, enigszins wrang tot zwaar, zoals een sterke mannenhand. Een Kalterer See blijft altijd een jongeman met een vlasbaardje, terwijl een Lagrein wordt geboren als een echte man met haar op zijn borst.” Klaus Platter, oenoloog en voormalig directeur van wijngoed Laimburg, heeft in wijn menselijke eigenschappen ontdekt.

Het etiket op de fles Vernatschwijn ‘Gschleier’ van wijnkelder Girlan is een ontwerp van kunstenaar Paul Flora

52


Terlaner witte wijnsoep ½ l vleesbouillon 4 eierdooiers 50 ml room Ÿ l Terlaner Weissburgunder (Pinot Blanc) Oud witbrood in dobbelsteentjes 1 el boter Kaneel, nootmuskaat, zout Rooster de dobbelsteentjes brood in de boter tot croutons en bestrooi ze met kaneel. Doe de vleesbouillon en de wijn in een pan. Roer de room door de eierdooiers en voeg dit toe aan de soep. Klop zo lang op een laag vuur totdat het mengsel romig is. Breng de soep op smaak met zout, nootmuskaat en kaneel. Doe de soep over in soepkommen en garneer hem met croutons, een snufje kaneel en nootmuskaat.

Landschap | 53


Törggelen Het vijfde jaargetijde

Het is herfst, de druiven zijn geperst. Volgens de sage sluipen twee ‘wijndwergen’ over de berghelling naar beneden om daar jonge wijn te drinken of zelfs te stelen. Ze hebben bijzonder veel zin in een glas jonge wijn en terwijl de dwergen wijn jatten, gaan de mensen ‘törggelen’. De naam van deze ZuidTiroolse traditie komt van het Latijnse woord ‘torculum’, wat wijnpers betekent. In het Zuid-Tiroolse dialect heeft men hiervan ‘torggl’ gemaakt. De traditie van het törggelen komt waarschijnlijk oorspronkelijk uit het dal Valle Isarco/Eisacktal. De wijnboeren mochten hun dieren ’s zomers laten grazen op de alpenweiden van de bergboeren. Als blijk van dank nodigden ze de bergboeren in de herfst uit voor een boerenmaaltijd met jonge wijn. Maar misschien hebben de boeren alleen het binnenhalen van de oogst gevierd of elkaars jonge wijn geproefd. Hoe dan ook, het törggelen begint met een wandeling en eindigt met een gezellig samenzijn in een ‘buschenschank’, waar men bij zoete mostwijn gepofte kastanjes (‘keschtn’) eet. Als hoofdgerecht kwamen vroeger spek en gerookte worstjes op tafel, maar tegenwoordig eet men wat de Zuid-Tiroolse boerenkeuken schaft: gerstesoep, gerookt vlees, eigengemaakte worst, zuurkool en knoedels. En als het er erg gezellig aan toe is gegaan, heeft de boerin altijd wel een paar zoete beignets in huis om de alcohol – naar men zegt – te neutraliseren.

Feiten: » Kastanjes en törggelen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Sinds de middeleeuwen zijn kastanjebomen beschermd. Ze konden zelfs worden geërfd en vormden voor de boeren vaak een oudedagsvoorziening. Op het Kastanjepad bij het dorp Lana [B4] tussen Bolzano en Merano en langs de Keschtnweg [D 3/4], de kastanjeroute door het Valle Isarco, komen wandelaars van alles over kastanjes te weet. Meer informatie over törggelen vindt u op www.suedtirol.info/toerggelen_nl » Een buschenschank is een boerencafé in een wijnbouwgebied. Er worden boerengerechten en eigen wijnen geserveerd. www.rodehaan.it/nl 54


‘Keschtn’, gepofte tamme kastanjes, zijn net als zoete most onlosmakelijk met het ‘törggelen’ verbonden

Landschap | 55


80 cultuurlandschappen uit de hele wereld en een museum in een kasteel: de tuinen van kasteel Castel/Schloss Trauttmansdorff

56


Tuinen en kuren Promenades en de Tappeiner

De lucht in Merano is ideaal voor ziekelijke hooggeboren lieden: niet te warm en niet te koud. De arts die hiervoor de eerste wetenschappelijke bewijzen vond, was lijfarts en handelde dus in het belang van zijn patiënte. Na vorstin Schwarzenberg kwam ook keizerin Sissi van Oostenrijk in Merano op krachten. Sindsdien viel de stad in de smaak van heel wat kurende tijdgenoten, onder wie Schnitzler, Rilke en Kafka. Rond 1900 stond Merano bekend als internationaal adellijk kuuroord. Op het bleekveld waar vroeger de inwoonsters van Merano hun linnen bleekten, werd de nu beroemde kuurpromenade aangelegd. Er is een promenade voor de zomer en een voor de winter. Over de hellingen van de Küchelberg boven de stad slingert de Tappeinerweg. ‘De Tappeiner’, zoals de inwoners van Merano hem kortweg noemen, is een van de langste promenades van Europa. Ook in Bolzano werden dergelijke wandelpaden aangelegd. De kuurgasten kregen frisse lucht voorgeschreven en dus wandelden ze aan de voet van de gletsjers onder bloeiende wintermagnolia’s, palmen, cactussen en olijfbomen, dronken zure wei in Merano of aten tot wel drie kilo speciale kuurdruiven per dag. Tot op de dag van vandaag is Merano een samenspel van lucht, landschap en architectuur gebleven. In de botanische tuinen van kasteel Trauttmansdorff gedijen plantensoorten uit de hele wereld. Het nostalgische Sissi-pad loopt vanaf het kasteel naar het nieuwe thermencomplex Terme Merano/ Therme Meran in de stad. Met een beetje fantasie waant u zich terug in de belle époque.

Feiten: » Meer informatie over de promenades in Merano [C3] vindt u op www.merano.eu » De tuinen van Trauttmansdorff op de hellingen rondom het gelijknamige kasteel werden in 2005 uitgeroepen tot de mooiste tuinen van Italië. In het kasteel is ook het Zuid-Tiroolse toerismemuseum Touriseum gehuisvest. www.trauttmansdorff.it, www.touriseum.it » De Terme Merano zijn ontworpen door de Zuid-Tiroolse topontwerper Matteo Thun. Bij wellnessbehandelingen wordt gebruik gemaakt van Zuid-Tiroolse natuurproducten, zoals druiven, hooi en wei. Sinds kort hebben de thermen een eigen cosmeticalijn op basis van Zuid-Tiroolse appels. Meer informatie vindt u op www.termemerano.it » Het park en labyrint bij wijngoed Kränzel in het dorp Cermes/Tscherms [B4] bij Merano zijn zeer geschikt voor momenten van stilte en zelfreflectie. Het middelpunt is het doolhof met spalieren die zijn gemaakt van tien druivenranken. www.labyrinth.bz Landschap | 57


Appels Goudappeltjes

In het midden van Zuid-Tirol liggen de fruitboomgaarden. Langs de Adige, van het dorp Salurno/Salurn in het zuiden tot aan het Val Venosta in het westen, in het Valle Isarco en rond de stad Bressanone/Brixen staan 40 miljoen appelbomen. De boomgaarden langs de Adige vormen het grootste aaneengesloten teeltgebied van Europa. Zuid-Tiroolse appels hebben een stevige ‘bite’ en zijn lekker sappig. De 300 warme zonnige dagen per jaar geven de appels hun onmiskenbare zoete smaak en kleur, de koude nachten zorgen voor een fris aroma en stevig, knapperig vruchtvlees. Op de Zuid-Tiroolse hellingen tussen 200 en 1000 meter hoogte worden 16 appelsoorten geteeld, waarvan Golden Delicious, Gala, Red Delicious en Braeburn de bekendste zijn. Toch baart het ideale klimaat de boeren soms ook zorgen. Als in het voorjaar de dalen en hellingen in een bloesemzee veranderen, genieten fietsers en wandelaars van de zachtroze bloesempracht met besneeuwde bergtoppen op de achtergrond. Juist in die tijd zijn de fruittelers extra op hun hoede. Als het ’s nachts dreigt te gaan vriezen, worden de bloesems uit voorzorg beregend. De fijne regendruppels omhullen de tere bloesems met een beschermend laagje ijs. Onder invloed van de warme zonnestralen ontdooien ze in de loop van de volgende dag onbeschadigd. Deze aanpak werpt zijn vruchten af: jaarlijks wordt tussen half augustus en eind oktober 900.000 ton appels geoogst. Dat betekent dat één op de tien Europese appels afkomstig is uit Zuid-Tirol. Ongeveer de helft van de oogst wordt geëxporteerd. Daarmee zet de provincie een eeuwenoude traditie voort: al in de 16e eeuw brachten koeriers de alpien-mediterrane appels naar het Oostenrijkse en Russische hof.

Feiten: » Meer informatie over de fruitteelt en appelsoorten alsmede over excursies door de appelteeltgebieden vindt u op www.suedtirol.info/appels » De Terme Merano [C3] hebben een eigen cosmeticalijn op basis van Zuid-Tiroolse appels. www.termemerano.it 58

Zuid-Tirol telt 16 soorten appels en 40 miljoen appelbomen. Eén op de tien Europese appels is afkomstig uit Zuid-Tirol


Waalen De boer als ingenieur

Het Val Venosta is net als Sicilië bijzonder droog: er valt slechts 500 millimeter regen per jaar. Logisch dat het water meteen na Onze Lieve Heer op de tweede plaats kwam en dat in droge tijden de ‘waalers’, de bewakers van de waalen, belangrijker waren dan de pastoor. In de middeleeuwen begonnen de boeren met de aanleg van zogenoemde waalen, irrigatiekanalen waardoorheen het water uit de bergbeken naar het dal en de velden werd geleid. Deze ingenieuze boerenmeesterwerken liepen kilometerslang over de steppeachtige hellingen van de Sonnenberg. In het voorjaar gingen de waalers bij de boeren langs voor een praatje over het weer en de waalen die gerepareerd moesten worden. Er was exact geregeld wie wanneer hoeveel water mocht aftappen. De schaapherder mocht zijn schapen net zolang drenken, totdat hij zijn krokant gebakken brood had opgegeten. Dit systeem werkte. Het koren van de Sonnenberg was in trek en werd vroeger 1:1 geruild tegen de gelijknamige wijn van de Kalterer See. Tegenwoordig zijn nog maar weinig waalen in bedrijf. In plaats van korenvelden liggen hier nu uitgestrekte appelplantages die met behulp van de modernste irrigatiemethoden worden bevloeid. Langs de mooie oude waalwegen, de paden langs de waalen, controleren nu wandelaars de waterstand.

Feiten: » Waalwegen in het Val Venosta [A/B 1-3] vindt u op www.venosta.net » Het Zuid-Tiroolse Sculpturenpad, een landschapskunstproject in Lana [B4] tussen Bolzano en Merano, is een van de mooiste wandelpaden van Zuid-Tirol. Het loopt onder andere langs de Brandis Waalweg. www.lana-art.it » Het streekmuseum Vintschger Museum in het dorp Sluderno/Schluderns [B2] wijdt een deel van zijn tentoonstelling aan het water. www.altavenosta-vacanze.it Landschap | 59


95.000 koeien, schapen en geiten vieren vakantie op de alm, boven de boomgrens

60


Almen Even ertussenuit

Als de boeren vroeg in de zomer het hooi binnenhalen en de wintervoorraad aanleggen, vieren schapen, geiten, kalveren en veel koeien vakantie op de alm. Boven de boomgrens is het gras niet alleen groener, maar ook gezonder. Drie maanden lang trekken herders, kaasmakers en melkers zich met het vee terug op de alm en leiden daar een eenvoudig leven. De herder hoedt het vee, het melken doen ze – indien nodig – samen, de kaasmaker verwerkt de melk en kookt: ‘schmarrn’ (stukjes pannenkoek), knoedels, ‘melchermuas’ (een boerenspecialiteit uit het Val Venosta) of spek met verse almkaas en ‘schüttelbrot’, een krokant plat brood waarvan het deeg wordt geschud. Ook hongerige wandelaars worden hierop onthaald. Sinds er mensen in de bergen wonen, worden de alpenweiden geëxploiteerd. Afhankelijk van de streek zijn de almen het eigendom van een boer of van de boerengemeenschap. De schapentrek in het dal Val Senales/Schnalstal is een jaarlijks terugkerende, spectaculaire gebeurtenis. Al eeuwenlang trekken ongeveer 3000 schapen over de 3000 meter hoge Hochjochferner-gletsjer naar de zomerweiden in het Oostenrijkse dal Venter Tal. De zware tocht over sneeuwvelden, rots- en gletsjerspleten duurt twee dagen. De veilige terugkeer naar het dal is in de herfst overal aanleiding voor een feestje: voorop loopt de koe, de leidster van de kudde, met een krans om haar hals. De kalveren zijn de enigen die een taxi naar het dal krijgen. Hier worden de kluiten boter en de kazen onder de boeren verdeeld, de herders en kaasmakers krijgen hun ‘berggeld’ en boven de staldeur komt de krans van de leidster te hangen.

Feiten: » De Zuid-Tiroolse almen liggen boven de boomgrens. 95.000 dieren brengen hier elk jaar de zomermaanden door. Ze beschermen het landschap tegen erosie en verwildering en zorgen ervoor dat het gebied voor recreatie toegankelijk blijft. Tussen begin september en begin oktober keert het vee van de alm terug naar het dal. Wandelingen over de almen vindt u op www.suedtirol.info » Zuid-Tirol telt 80.000 melkkoeien. Hun melk wordt verwerkt tot boter, kaas en yoghurt. Meer informatie vindt u op www.suedtirol.info/melk » De ‘Almencard’ in het gebied Gitschberg-Jochtal [D/E 2-3] geeft recht op gratis deelname aan wandelingen met een gids naar 30 almen, het gebruik van drie kabelbanen en de deelname aan diverse evenementen. www.malghe.it Landschap | 61


Badcultuur Een bad in het hooi

Tegen elk pijntje is wel een kruid gewassen – dat is een oude boerenwijsheid. Pijnlijke plekken werden met hooipakkingen behandeld en wie het zich kon veroorloven, sliep op een hooimatras en niet als de knechten op stro. Pas ongeveer een eeuw geleden werd op de alm het hooibad ontdekt: ’s avonds legden de hooiers zich na gedane arbeid moe in het verse hooi. Tot hun verbazing werden ze de volgende ochtend verkwikt wakker. Onder invloed van warmte komen namelijk cumarine (een geurstof), vitaminen, looistoffen en etherische oliën vrij. Deze verlichten reumatische klachten en spierpijn, stimuleren de doorbloeding en versterken het immuunsysteem. Vroeger kon men alleen in de zomer van de weldadige werking van hooi profiteren, maar tegenwoordig zijn hooibaden het hele jaar door mogelijk. Het hooi wordt verwarmd en vochtig gemaakt. Al in de middeleeuwen namen de Tiroolse boeren tijd voor een ‘badl’, dat vroeger een echt waterbad was. Ook dienstboden hadden recht op een jaarlijkse ‘badvakantie’. Het dal Val d’Ultimo/Ultental had negen baden en was hierdoor wijd en zijd bekend. De latere Duitse rijkskanselier Von Bismarck werd hier verliefd op een meisje. Het was serieus en misschien had het tot een huwelijk kunnen komen, ware het niet dat Bismarck zeer protestants en de vader van de bruid bijzonder katholiek was …

Feiten: » De geneeskrachtige kruiden voor de hooibaden komen van onbemeste alpenweiden. De belangrijkste zijn vrouwenmantel, bijvoet, bergkamille, keukenkruid, arnica, gentiaan, primula, zeepkruid en planten uit de hanenvoetfamilie, zoals boterbloem. Boerderijen en hotels die hooi- en waterbaden aanbieden, vindt u op www.rodehaan.it/nl en op www.suedtirol.info/wellness_nl 62


100 jaar geleden werd het hooibad ontdekt, een heilzaam middel van moeder natuur

Landschap | 63


Alpinist Reinhold Messner, de eerste mens die alle 14 bergtoppen van 8000 meter en hoger heeft beklommen en daardoor wereldberoemd werd

64


Hoofdstuk 4 Aan de top

Eenzame hoogte In Zuid-Tirol lopen alle wegen omhoog, de bergen in. Ook in de hoofden van de mensen. Ze hebben het tot kunst verheven het hoofd boven water te houden. Sommige Zuid-Tirolers zijn unieke persoonlijkheden, anderen doen er niet voor onder.

Laten we beginnen met de helden, of liever gezegd met de oorspronkelijke Zuid-Tirolers. De stedelingen hielden zichzelf vroeger voor ‘hoftirolers’ en lieten zich vermaken door de grappen en jodelliederen van de plattelandsbewoners. Ook het beroep van ‘Zuid-Tiroler’ of ‘Zuid-Tirolerin’ was niet ongebruikelijk. Deze mensen waren misschien wel origineel, beroemd zijn ze nooit geworden. Ze waren arm, maar vindingrijk en maakten van hun afkomst hun beroep. Juist daardoor raakten ze bekend. De huidige oorspronkelijke Zuid-Tirolers verkopen zichzelf niet voor een appel en een ei. Toch zijn ook zij door hun afkomst bekend en beroemd geworden, door hun bergen en hun geschiedenis, hun scherpzinnigheid en hun koppigheid. Reinhold Messner en Ötzi – ze zijn allebei uniek. Een van de beste bergbeklimmers van de eeuw heeft, zonder het te weten, gletsjermummie Ötzi al ontmoet nog voordat deze op de Similaungletsjer werd gevonden. Messner is een van de scherpste critici van Zuid-Tirol, maar ook een overtuigde ZuidTiroler. Ötzi kwam daarentegen slechts 92,56 meter te kort om Oostenrijker te zijn. Ötzi en Messner zijn door één element nauw met elkaar verbonden: de in Zuid-Tirol alomtegenwoordige bergen. Luis Trenker, de regisseur met een passie voor bergen, bracht ze in de jaren 30 van de vorige eeuw in de bioscoop tot leven. Tot op de dag van vandaag fungeren zijn films, waarin bergen de hoofdrol spelen, als norm voor alle films in dit genre. In de natuur schrijven bergen de regels voor, de mens heeft zich slechts te schikken. Haflingers werden vroeger door het leger en de bergbewoners als lastdier en vervoermiddel gebruikt. Inmiddels kan men bergen ook bedwingen, dat bewijzen de op eenzame hoogte tegen de rotswand geplakte berghutten en de in onherbergzaam terrein aangelegde kabelbanen. Tegelijkertijd is de natuur in Zuid-Tirol de drijvende kracht: de duurzame energiebronnen zon, bos en water zijn hier volop voorhanden. Momenteel voorziet groene stroom in 40 procent van de Zuid-Tiroolse energiebehoefte.

Dit leidt onherroepelijk tot een zekere tegenstrijdigheid: voor 90 procent van de skipistes wordt gebruik gemaakt van kunstsneeuw. De Zuid-Tirolers zijn niet alleen toonaangevend bij de ontwikkeling van sneeuwkanonnen. Ze weten net zo gewiekst te verkopen dat kunstsneeuw in Zuid-Tirol uit zuiver water bestaat: chef-kok Martin Mairhofer maakt in het dal Val Pusteria/ Pustertal sorbets op basis van zuivere kunstsneeuw. Rest ons nog de blik vanaf de bergen naar het dal. Wie het in de middeleeuwen in Tirol voor het zeggen had, was een machtig man. Vele heren keken vanuit hun hoge burchten omlaag en oordeelden wie hun land mocht passeren en wie niet. Nergens anders in Europa liggen zo veel burchten als hier, in Zuid-Tirol. Toen de handel en politiek andere wegen insloegen, bleven de Tirolers weer onder elkaar, afgesneden van de geldstromen en met de neiging zuinig te zijn op hun verworvenheden. Zo bleven de romaanse fresco’s in het dal Val Venosta/Vinschgau behouden, omdat er geen geld meer was om de kerken opnieuw te beschilderen. De Zuid-Tiroolse natuur heeft nog enige records in petto: de Dolomieten, de 2000 jaar oude lariksen in het dal Val d’Ultimo/ Ultental, de steppevegetatie op de Sonnenberg in het Val Venosta en de 350 jaar oude wijnstok in het dorp Prissiano/Prissian bovenin het dal Val d’Adige/Etschtal, die nog wijndruiven oplevert. Het toppunt van roem is weggelegd voor berggeiten zonder hoogtevrees, onder wie Ötzi en Reinhold Messner. Architect en ontwerper Matteo Thun past zijn ontwerpen perfect aan het landschap aan. De Kastelruther Spatzen zijn met 15 miljoen verkochte platen en cd’s de succesvolste volksmuziekgroep in het Duitse taalgebied. En de uit het dal Val Gardena/Gröden afkomstige Giorgio Moroder, Oscarwinnaar en neef van Louis Trenker, heeft de discomuziek vernieuwd. Tegenwoordig woont hij in Los Angeles – maar hij is en blijft natuurlijk ‘made in Zuid-Tirol’.

Aan de top | 65


Ötzi De man uit het ijs

Hij ‘leeft’ onder extreme omstandigheden, achter acht centimeter dik pantserglas, bij een temperatuur van -6 C° en 98 procent luchtvochtigheid. Een perfecte nabootsing van de omstandigheden waaronder Ötzi, tot zijn ontdekking in 1991 door het Duitse echtpaar Simon, in een rotskom op de Schnalstalergletsjer lag. Nu ligt hij in een speciale vitrine in het ZuidTiroolse Archeologisch Museum. Pas nadat men het lijk in het laboratorium had onderzocht, werd duidelijk hoe sensationeel de vondst was: de in het ijs gevonden man was 5300 jaar oud en daarmee de oudste bekende gevriesdroogde mummie ter wereld. Hij lag al 600 jaar in het ijs toen Cheops in Egypte zijn piramide liet bouwen. Tegenwoordig weet men dat hij op de vlucht was, de bergen in, waar hij de weg wist. Maar het mocht hem niet baten: hij werd vermoord. Voor wetenschappers is Ötzi een permanent onderzoeksobject van wie veel wordt verwacht. Zo hoopt men dat het onderzoek van Ötzi’s DNA leidt tot nieuwe inzichten op het gebied van antropologie, erfelijkheidsleer en geneeskunde, waardoor nieuwe therapieën voor bijvoorbeeld Parkinson of onvruchtbaarheid kunnen worden ontwikkeld. Bij operaties worden inmiddels instrumenten van titaan en precisieapparaten gebruikt, die speciaal voor het onderzoek van Ötzi waren ontwikkeld. In het interactieve ArcheoParc Schnals in het dal Val Senales/Schnalstal bij de stad Merano/Meran brengt men Ötzi op een heel andere manier tot leven: hier kunt u van heel dichtbij zien en ervaren hoe Ötzi leefde.

Feiten: » De mummie, de originele bij hem gevonden voorwerpen – bijl, berenvelmuts, kleding, pijl en boog – en een levensgrote reconstructie van Ötzi zijn te zien in het Zuid-Tiroolse Archeologisch Museum in de stad Bolzano/Bozen [C4]. www.iceman.it » Meer informatie over het interactieve ArcheoParc Schnals [B2] vindt u op www.archeoparc.it » Het Eurac-instituut voor Mummies en de IJsman in Bolzano coördineert en documenteert alle onderzoeksprojecten in overleg met het Archeologisch Museum. Een fotoreportage over Ötzi vanuit 12 verschillende hoeken, inclusief een zoom- en 3D-functie, is te zien op www.eurac.edu 66

De vondst van Ötzi was sensationeel. De oudste bekende gevriesdroogde mummie ter wereld wordt in de stad Bolzano/Bozen onderzocht en bewonderd


Haflingers Blond heeft de voorkeur

Haflingers zijn het multi-inzetbare Zuid-Tiroolse paardenras: ze zien er goed uit, zijn robuust en lief. Kortom, een stressbestendig recreatiepaard voor het hele gezin. De eerste Haflinger heette ‘249 Folie’ en werd in 1874 in het Val Venosta geboren als zoon van een arabier hengst en een Galicische boerenmerrie. Het Oostenrijkse leger en het ministerie van Akkerbouw richtten in die tijd overal paardenfokkerijen op. Er was veel vraag naar sterke lastdieren en oorlogspaarden voor het alpiene terrein. Josef Folie, paardenfokker uit het Val Venosta, ging er met de opdracht vandoor. Zijn goudkleurige vos, ‘gespierd met de uitstraling van een arabier’, voldeed helemaal aan de voorstellingen van het Oostenrijkse leger. De nieuwe kleine paarden waren vooral in trek bij boeren en handelaars die rond de Monzoccolo/Tschögglberg en in het bij Merano gelegen dorp Avalengo/Hafling woonden – vandaar de naam. Op de rug van Haflingers brachten de boeren kuurgasten uit Merano de bergen in. Fokkers uit het dal Val Sarentino/Sarntal wisten later de kenmerkende blonde manen te fokken. Norbert Rier, bandleader van de Kastelruther Spatzen en de misschien wel prominentste Haflingerfokker uit Zuid-Tirol, staat bekend om zijn voorkeur voor deze blondines.

Feiten: » Informatie over ruiterboerderijen en maneges in Zuid-Tirol vindt u op www.suedtirol.info/paardrijden » Meer informatie over Haflingers vindt u op de website van de ZuidTiroolse Haflinger Fokvereniging. www.haflinger.eu » De traditionele boerengalopwedstrijd met Haflingers vindt plaats op de paardenrenbaan bij Merano [C3]. De renbaan is een van de mooiste in Europa en gespecialiseerd in steeplechases. www.meranomaia.it Aan de top | 67


Hotel en kerk aan de voet van de verlichte berg Monte Santa Croce/Heiligkreuzkofel in het dal Val Badia/Gadertal

68


Aan de top | 69


Burchten Het wapengekletter van de ridders

In de middeleeuwen werd er behoorlijk strijd geleverd om Tirol, de Alpenregio die noord en zuid met elkaar verbindt. Keizers en pausen dongen naar de gunst van bondgenoten, de lokale adel deed niets liever dan elkaar de loef afsteken. Men bouwde de ene burcht en het ene kasteel na het andere, vaak op een vooruitstekende rotspunt, maar soms ook lieflijk verscholen tussen de wijngaarden. Tegenwoordig is in verschillende burchten en kastelen een museum, hotel of restaurant gevestigd. Zuid-Tirol telt 450 burchten, kastelen en landgoederen – nergens anders in Europa is de concentratie zo hoog. De oudste en grootste burcht is kasteel Castel Firmiano/Schloss Sigmundskron ten zuiden van Bolzano, waarvan in 945 voor het eerst melding werd gemaakt. De politieke macht was geconcentreerd op kasteel Castel Tirolo/Schloss Tirol bij Merano, het stamslot van de graven van Tirol. De Tiroolse standen verklaarden in de 15e eeuw dat ze alleen eer bewezen aan de bezitter van dit slot. Tegenwoordig is hierin het Zuid-Tiroolse streekmuseum gehuisvest. De burcht Castel Coira/Churburg in het dorp Sluderno/ Schluderns (Val Venosta) is een echt juweeltje. Tijdens de verbouwing in de 16e eeuw werden veel renaissance-elementen aangebracht. Daarnaast heeft het kasteel een indrukwekkende particuliere wapenkamer. De fresco’s in de burchten Castel Roncolo/Schloss Runkelstein bij Bolzano en Castel Rodengo/ Burg Rodenegg bij de stad Bressanone/Brixen geven een beeld van het ridderleven en de hoofse cultuur.

Feiten: » Van de in totaal 450 burchten en kastelen zijn er 150 voor bezichtiging toegankelijk; 80 kastelen zijn bewoond. De gemeente met de meeste burchten is Appiano/Eppan [B4] met 13.000 inwoners en 180 burchten en landgoederen. » Adressen van burchten, kastelen, kasteelhotels en -restaurants vindt u op www.suedtirol.info/kastelen 70


Kasteelsfeer rond de stad Merano/Meran. Castel Monteleone/Schloss Lebenberg, gelegen op een heuvel boven het dorp Cermes/Tscherms, werd gebouwd in de 13e eeuw

Aan de top | 71


Romaanse fresco’s De hemel op aarde

Het raadsel van de fresco’s in de kleine kerk St. Prokulus in het dorp Naturno/Naturns is nog steeds niet opgelost

Feiten: » Het project ‘Trappen naar de hemel’ heeft een route ontwikkeld langs de belangrijkste romaanse cultuurschatten in Zuid-Tirol, het Zwitserse kanton Graubünden en de Italiaanse provincie Trentino. www.stairwaystoheaven.it » Van kwast tot steen: de domkerk in Bressanone [D3] met de kruisgang en verschillende kapellen is het grootste middeleeuwse kerkcomplex van Zuid-Tirol. De romaanse kloosterkerk in het dorp San Candido/Innichen [H3] verkeert nog in vrijwel originele staat. www.innichen.info De portalen van de grote zaal en de kapel van Castel Tirolo bij Merano [C3] zijn een bijzonder voorbeeld van romaanse steenhouwkunst in het Alpengebied. www.casteltirolo.it 72

Men schrijft het jaar 1200: overal lopen pelgrims rond, iedereen is op zoek naar God. In kerken en kloosters worden hemel en hel in sprekende kleuren op de muren geschilderd. Nergens anders in Europa zijn zoveel romaanse muurschilderingen in zo’n goede kwaliteit behouden gebleven als in het Val Venosta. De onbetwiste koploper is klooster Marienberg bij het dorp Malles/Mals. De fresco’s in de kloostercrypte fungeerden als voorbeeld voor verschillende muurschilderingen in de omgeving: in klooster St. Johann in Müstair/Zwitserland, in de kapel van burcht Castel d’Appiano/Burg Hocheppan bij Bolzano en in het kleine St.-Jacobskerkje in het dorp Kastelaz in het laagland. Over artistieke vrijheid sprak toentertijd niemand. De kerk bepaalde de inhoud, de opdrachtgevers het motief en de schilders gingen aan de slag. Sommige opdrachtgevers waren modebewust, zoals blijkt uit het fresco in de kapel van burcht Castel d’Appiano: Ulrich III von Eppan was een overtuigde kruisvaarder die van zijn tochten de laatste Byzantijnse dessins mee naar huis nam. Byzantium was in die tijd toonaangevend op het gebied van de schilderkunst, ook voor westerse schilders. Byzantijnse invloeden zijn eveneens zichtbaar in de Jacobskapel bij het stadje Glorenza/Glurns in het Val Venosta en in de geheimzinnige St.-Prokulusfresco’s in het dorp Naturno/ Naturns bij Merano.


Kabelbanen Op weg naar de top

Het leek bijna onmogelijk Zwitserland nog in te halen. Het land had de bergen immers al met alle mogelijke bergtreinen veroverd. Totdat op 29 juni 1908, een maand voor de opening van de lift naar de Zwitserse berg Wetterhorn, in Bolzano de eerste personenkabelbaan ter wereld in bedrijf werd genomen: die naar het dorp Colle/Kohlern op de gelijknamige berg. Het baanbrekende project was uit pure noodzaak ontstaan. Financier Josef Staffler bouwde in Colle boven Bolzano een hotel en wachtte op gasten. Er zou geen weg aangelegd worden en een kabelspoorweg kon Staffler zich niet veroorloven. En zo bleef de weg door de lucht over. De grondlegger van de ZuidTiroolse kabelbanen is echter Luis Zuegg. De fabrikant plande in 1912 de bouw van een kabelbaan naar de berg Monte San Vigilio/Vigiljoch bij het dorp Lana. Tijdens de Eerste Wereldoorlog bouwde hij kabelbanen ter bevoorrading van soldaten, onder andere naar de Passo dello Stelvio/Stilfser Joch. Toen er materiaaltekort dreigde, trok hij de draagkabel strakker en vroeg voor het nieuwe systeem patent aan. Het BleichertZuegg-systeem is tot op de dag van vandaag in gebruik. Tot 1940 bouwden Zuegg en de firma Bleichert 35 kabelbanen in Europa, de Verenigde Staten en Zuid-Afrika. Tegenwoordig zijn er in Zuid-Tirol 377 kabelbanen en liften in bedrijf. Het ZuidTiroolse bedrijf Leitner is wereldwijd betrokken bij de ontwikkeling van nieuwe kabelbaanconstructies.

Feiten:

De eerste kabelbaan ter wereld zweefde in 1908 van de stad Bolzano/Bozen naar het dorp Colle/Kohlern op de gelijknamige berg

» De kabelbaan van Bolzano naar Colle [C5] is nog steeds in gebruik. In het bergstation staat een oorspronkelijke gondel tentoongesteld. Alle kabelbanen van Bolzano naar het middelgebergte vindt u op www.bolzano-bozen.it » Op de website van het Curatorium voor Technische Cultuurgoederen Zuid-Tirol vindt u informatie over Zuid-Tiroolse kabelbaanpioniers, www.tecneum.eu » De Mendelbahn [B5] is de enige nog functionerende historische kabelspoorweg in Zuid-Tirol. Het in 1903 gebouwde kabelspoor is een van de steilste van Europa. Meer informatie vindt u op www.eppan.travel/en/highlights/sights Aan de top | 73


Matteo Thun De volmaakte vormgever

Luxe is eenvoud. Matteo Thun, de in Bolzano geboren en getogen architect en ontwerper, heeft alle mogelijke vormen uitgeprobeerd. Samen met Ettore Sottsass richtte hij de Memphisgroep op, een designstroming die in de jaren 80 van de vorige eeuw opzien baarde met bizarre vormen. Hij was Creative Director bij Swatch, werd in 2004 opgenomen in de New Yorkse Hall of Fame en is een van de belangrijkste ontwerpers en architecten ter wereld. Nu bindt Matteo Thun de strijd aan met overtollige zaken. In architectonisch opzicht betekent dit, dat hij bouwt in overeenstemming met de natuur. Zijn projecten in de Alpen onderstrepen dit principe. Thun gaat op zoek naar de ziel van een plaats, vraagt hoe groot een huis ten opzichte van zijn omgeving mag zijn, kijkt bij het antwoord naar bomen en rotswanden. Er zijn in Zuid-Tirol drie hotelprojecten van zijn hand: het Vigilius Mountain Resort bij Lana in het dal Val d’Adige heeft de vorm van een liggende boom; de Pergola Residence bij Merano ligt harmonieus in een wijngaard verscholen. In de Terme Merano/Therme Meran liet Thun hout en steen zo behandelen, dat het oppervlak eruit ziet alsof het water er al eeuwenlang langs schuurt. Voor Thun is luxe de kunst van het weglaten, vanzelfsprekend zonder het gevoel van luxe aan te tasten.

Feiten: » Alles over het leven en werk van Matteo Thun vindt u op www.matteothun.com » Vigilius Mountain Resort [B3], www.vigilius.it » Pergola Residence [B3], www.pergola-residence.it » Matteo Thun ontwierp het interieur van de Terme Merano en het aangrenzende hotel Terme Merano [C3]. www.hoteltermemerano.it » Bezienswaardig is de ‘kijker’ van Matteo Thun, een spectaculair uitzichtplatform in de tuinen van kasteel Trauttmansdorff boven Merano [C3]. www.trauttmansdorff.it 74


De Pergola Residence bij het dorp Lagundo/Algund, ontworpen door Matteo Thun. Luxe is de kunst van het weglaten

Aan de top | 75


Het gebouw van buitensportmerk Salewa (ontwerp: Cino Zucchi Architetti, Milaan) is onderscheiden met de KlimaHaus Award 2012

Feiten: » Algemene informatie over duurzaam energiebeleid in Zuid-Tirol, www.suedtirol.info/sustainability » KlimaHaus-certificeringssysteem voor energie-efficiënt bouwen, www.klimahaus.it » Biomassacentrale in Dobbiaco, www.fti.bz » Enertour-rondleiding, www.enertour.it 76


Natuurlijk groen Energie-efficiëntie & duurzame energie

In de toekomst komt de stroom in Zuid-Tirol steeds vaker uit de natuur. Geen wonder, want de duurzame energiebronnen zon, bos en water zijn hier volop voorhanden. De 300 dagen zon per jaar vormen een fantastisch potentieel voor zonne-energie in de Alpen. Het bos, dat 42 procent van het oppervlak van ZuidTirol bedekt, is een belangrijke leverancier van biomassa en hout. Daarnaast leveren de talloze beken in de omringende bergen energie aan de 963 waterkrachtcentrales, die samen bijna twee keer zoveel stroom produceren als er in Zuid-Tirol wordt verbruikt. Het overschot wordt dan ook geëxporteerd. Momenteel voorziet groene stroom in 40 procent van de ZuidTiroolse energiebehoefte, meer dan in andere Alpenregio's. En de provincie Zuid-Tirol is nog ambitieuzer in haar doelstellingen voor duurzaam energieverbruik: in 2020 moet 75 procent van de energiebehoefte voor elektriciteit, warmte en vervoer worden opgewekt uit duurzame energiebronnen; in 2050 moet dat zelfs meer dan 90 procent zijn. Een ander belangrijk onderdeel van het energiebeleid is gericht op het besparen van energie, bijvoorbeeld door energie-efficiënt te bouwen, bestaande gebouwen grondig te renoveren en bewust om te gaan met natuurlijke hulpbronnen. Groen, groen en nog eens groen: drie projecten geven ZuidTirol een duurzamer aanzien. KlimaHaus is een in Zuid-Tirol ontwikkeld certificeringssysteem voor energie-efficiënt en comfortabel bouwen en renoveren. Het systeem wordt inmiddels in heel Italië met succes toegepast. De KlimaHaus Award, die sinds 10 jaar wordt uitgereikt, ging in 2012 onder meer naar het buitensportmerk Salewa uit Bolzano/Bozen en naar boerderij Uridl-Hof in het dal Val Gardena/Gröden. Van een enkel gebouw naar een heel dorp: de gemeente Dobbiaco/Toblach in het dal Val Pusteria/Pustertal voorziet haar 3300 inwoners uitsluitend van groene stroom, die wordt geleverd door een waterkrachtcentrale, een biomassacentrale, zonnepanelen en zonnecollectoren. Een tentoonstelling in de biomassacentrale van de gemeente laat zien hoe uit biomassa stroom wordt opgewekt. Onder de naam Enertour worden rondleidingen aangeboden langs alle prestigeobjecten op het gebied van innovatief wonen en duurzame energie. Een 'hoogspannende' aangelegenheid, dat spreekt voor zich!

Aan de top | 77


Boerderij in het dal Valli di Tures e Aurina/Tauferer Ahrntal. 65 procent van de Zuid-Tiroolse boerderijen ligt op meer dan 1500 meter hoogte

78


Hoofdstuk 5 Traditie

De kunst van het bewaren Sinds mensenheugenis gaat men in het dal met de tijd mee, terwijl het leven hoog in de bergen zijn gewone gang gaat. De kennis over de natuur en alledaagse gebruiken zit in de hoofden van de mensen – klaar om te worden opgeroepen.

Voor de Zuid-Tirolers is ‘heimat’, het land waar ze geboren en getogen zijn, een belangrijk woord dat vaak in een gesprek opduikt. In het Zuid-Tirools noemen ze het ‘hoamat’ en ze bedoelen daarmee een dak boven hun hoofd en vaste grond onder hun voeten. De Zuid-Tiroolse heimat is klein, vaak een overgeërfd stukje land ter grootte van een zakdoek, waar lang niet altijd alles in orde is. Met ‘s’hoamatl’ bedoelen de boeren niet alleen huis en haard, maar vooral een gevoel, het gevoel hier en nergens anders thuis te zijn. Slechts weinigen verlaten hun boerderij. Het percentage verlaten boerderijen is hier kleiner dan in de meeste andere Europese streken. De boeren krijgen niets cadeau. 65 procent van de boerderijen ligt boven de 1500 meter hoogte. De hellingen zijn zo steil dat de kippen er volgens de overleveringen stijgijzers dragen, de kinderen vastgebonden worden zodat ze de helling niet afrollen en de na een regenbui omlaag gegleden aarde weer de berg op wordt geschoven. Veel boeren wonen alleen. Wegen, elektriciteit en satelliet-tv hebben inmiddels hun weg naar boven gevonden, maar de vrouwen blijven beneden in het dal. Slechts weinigen dromen van een carrière als boerin. Veel boeren runnen de boerderij naast hun andere werkzaamheden. Het werk in de stal wordt door de boerin gedaan, als er tenminste één is, en anders doet de boer het zelf naast zijn baan in de fabriek of bij de skilift. De vakantie gaat op aan de hooioogst. Vrijwillige helpers uit de stad, die het werk op de bergboerderij een mooie levenservaring vinden, kunnen het gemis van een eigen gezin nauwelijks compenseren. Velen gaan onder de last gebukt. In de bergen gaat de tijd net zo snel voorbij als in het dal, maar toch heeft het begrip tijd er een andere lading: het platgetreden pad naar de schuur, vaders stem die in de oren klinkt, de trouwfoto van de grootouders in de boerenkamer. Men is

het aan de voorvaderen, die zich op dezelfde plaats hebben afgebeuld, gewoon verplicht om te blijven. Beneden in het dal ging het leven verder, steeds met de blik vooruit, terwijl het leven boven in de bergen in een kringetje leek rond te draaien. Elk jaar weer waren er de processies en de kritieke dagen voor het weer, ging het vee ’s zomers naar de alm en kwam het in de herfst weer terug. En natuurlijk ging men ’s zondags naar de kerk, want dat doorbrak de eenzaamheid en monotonie. Niemand wilde deze data van de kalender schrappen. De fascistische dictator Mussolini probeerde het toch: vanaf 1923 verbood hij alles wat Tirools was en leek. In 1939 wilde hij, samen met nazileider Hitler, de Zuid-Tirolers naar het Derde Rijk laten emigreren. Waarschijnlijk ontdekten de Zuid-Tirolers toen hoe belangrijk ze hun ‘hoamatl’, hun traditie, dialect en geloof vonden. Ook na 1945 was de situatie onzeker. Zo is de tijd in Zuid-Tirol een poosje stil blijven staan. De lange arm van de staat reikte niet tot de bergboerderijen, de herinnering aan de doorstane zware tijd heeft veel tradities en gebruiken voor de vergetelheid behoed. Feesten worden nog gevierd zoals vroeger, op de vereniging wordt kant geklost, bij de muziekkapel op de trompet geblazen en in het dorp is nog steeds een winkel van Sinkel. Altijd hebben de Zuid-Tirolers bewaard, uit armoede, uit respect, maar ook om zich van anderen te onderscheiden. Bewaren is in Zuid-Tirol zelfs wettelijk geregeld: sinds 1850 staan historische gebouwen onder monumentenzorg. Boerderijen worden meestal gesloten overgeërfd, als eenheid van gebouwen en grondstukken. Vaak is de zoon de erfgenaam, pas sinds 2001 mogen ook vrouwen erven. Hoe dan ook, ‘s’hoamatl’ moet behouden blijven.

Traditie | 79


Boerinnen De boodschap van de boerinnen

Bovenaan staat de boerderij, dan komt de boer. Vroeger was de boerin de vrouw van de boer, verantwoordelijk voor de keuken en de tuin. Nu werkt ze zelf actief mee aan het overleven van de boerderij. Op tweederde van de boerderijen zorgen vakantieappartementen en het boerderijcafé voor de broodnodige neveninkomsten, slechts weinig boerderijen zijn volledig zelfvoorzienend. En toch, vinden de boerinnen, valt er nog van alles te doen. Ze hoeven geen etiket te lezen om te weten van welke wol hun vilten pantoffels zijn gemaakt. Ze halen de peterselie vers uit de tuin en veel boerinnen bakken weer zelf brood volgens een oeroud recept. Enige tijd geleden hebben de Zuid-Tiroolse boerinnen hun zelfvertrouwen opgevijzeld en hun werk via een website wereldkundig gemaakt. Onder het motto ‘met boerinnen leren – groeien – leven’ brengen de vrouwen de boerencultuur onder de aandacht. Tijdens rondleidingen op de boerderij, proeverijen van eigengemaakte producten, kook- en handwerkcursussen geven de boerinnen hun eeuwenoude waardevolle kennis door. De boerderij als plaats om te leren is een veelbelovend toekomstproject en tegelijkertijd een reis terug in de tijd, naar het begin van het leven. De ondernemende boerin, bron van eeuwenoude kennis

Feiten: » De website ‘Met boerinnen leren – groeien – leven’ vindt u op www.lernen-wachsen-leben.sbb.it » Zuid-Tirol telt 20.200 boerderijen, waarvan 80 procent als familiebedrijf wordt gerund; de helft van de boerderijen is kleiner dan vijf hectare. Er zijn 12.500 ‘gesloten boerderijen’ die alleen als eenheid worden overgeërfd en waarvan een gezin van vier personen moet kunnen leven. De vereniging Verein Freiwillige Arbeitseinsätze (VFA) biedt hulp aan boeren op www.bergbauernhilfe.it » 1600 boerderijen bieden vakantie op de boerderij en kennismaking met het boerenleven aan. Adressen vindt u op www.rodehaan.it/nl 80


Oude gebruiken Sporen uit het verleden

In de bergen is tijd relatief. Als de boeren een praatje maken over het weer, betekent dit niet dat ze verder niets weten te zeggen. Als ze met maskers op door het dorp lopen, betekent dit evenmin dat er een steekje los zit. Op de boerenkalender staan naast de christelijke feestdagen ook tradities uit een grijs verleden. Het best bewaard gebleven zijn de gebruiken uit de kerst- en carnavalsperiode. Tot op de dag van vandaag ‘rookt’ men op Driekoningen: dan loopt het gezin met een gloeiend hete pan met wierook biddend door het huis en over het erf om zo boze geesten te verdrijven en de zegen af te smeken. In het dal Val Sarentino/Sarntal trekken sinds de 16e eeuw in de adventtijd ‘klöckler’ van deur tot deur – ‘klöckeln’ is dialect voor kloppen. Ze zijn vermomd, maken veel lawaai en delen goede wensen uit. Op de avond van Sint Nicolaas, 6 december, is het in het dorp Stelvio/Stilfs in het dal Val Venosta/Vinschgau tijd voor het ‘klosn’: de optocht van ‘Santa Klos’ wordt begeleid door gemaskerde jongens met bellen en kettingen. Demonen afschrikken, de vruchtbaarheid stimuleren – het wilde gedoe is eigenlijk een mannenaangelegenheid. Zo trouwt ‘egetmann’ Hansl in het dorp Termeno/Tramin in het laagland sinds 1591 eens in de twee jaar tijdens de carnavalsoptocht met een man in vrouwenkleren. Aan de beroemde optocht doen 700 mannen uit Termeno mee. Ook de traditie in het Val Venosta om op de eerste zondag in de vastentijd met schijven te slaan is al eeuwenoud. Men steekt gloeiende houten schijven op hazelroedes en slingert deze bij het vallen van de avondschemering zo ver mogelijk weg. Overigens kunnen niet alleen koren en geld, maar ook bruiden worden weggeslingerd. Groeien en gedijen – het zijn rituelen die duidelijk maken dat de wereld doordraait.

Feiten: » In het Museum voor Volkskunde in het dorp Teodone/Dietenheim bij de stad Brunico/Bruneck [F2] brengen historische boerenhuizen en werkplaatsen het dagelijks leven uit lang vervlogen tijden tot leven. Landgoed Mair am Hof is gewijd aan volkskunst en volksgeloof. www.volkskundemuseum.it » Meer informatie over oude gebruiken en tradities vindt u op www.suedtirol.info/tradities Traditie | 81


Tradities Rood lint, groen lint

In Zuid-Tirol zet de blaasmuziek de toon. De 211 muziekkapellen treden op tijdens kerkelijke feesten en volksfeesten. Er zijn 10.000 mannen en vrouwen lid van een kapel; meer dan de helft van hen is jonger dan 30 jaar. De 13.000 inwoners tellende gemeente Appiano/Eppan in de streek Überetsch spant met 4 kapellen de kroon. Muziekkapel Welsberg in het dal Val Pusteria/Pustertal is zelfs geen mannendomein meer: ruim de helft van de leden is vrouw. Tijdens optredens dragen de muzikanten klederdracht. De gevarieerdheid aan Zuid-Tiroolse klederdrachten is tot ver over de provinciegrenzen beroemd, elke plaats is herkenbaar aan zijn eigen, meestal met de hand gemaakte dracht. Vooral volksdansgroepen, schuttersverenigingen en muziekkapellen houden de klederdracht in ere. Vroeger was het eenvoudig: je zag meteen of het een feest- of werkdag was, of iemand in de rouw was, single of getrouwd. Nog steeds betekent een rood lint om de hoed van een man uit het Val Sarentino dat hij vrij is. Zit er een groen lint om de hoed, dan is hij al bezet. Alleen: wie weet dat vandaag de dag nog precies? Dan zijn de muzikale klanken ondubbelzinniger. Op het repertoire van de kapellen staan zowel pittige marsen, walsen als hedendaagse composities. Daarvoor wordt elke week trouw gerepeteerd. Traditioneel presenteren de kapellen het resultaat tijdens het eerste concert van het voorjaar in het dorp. Vanaf dat moment gaat er bijna geen zondag meer voorbij zonder concert – de toegang is altijd gratis.

Feiten: » Alle 211 muziekkapellen zijn aangesloten bij de Vereniging van Zuid-Tiroolse Muziekkapellen. Meer informatie over de kapellen en concerten vindt u op www.vsm.bz.it 82


Blaasmuziek in klederdracht. 10.000 mannen en vrouwen spelen in een Zuid-Tiroolse muziekkapel

Traditie | 83


Vier Zuid-Tirolers met elk vijf speelkaarten spelen een spelletje ‘watten’

84


Een spelletje ‘watten’ is een kwestie van een beetje bluffen en een portie geluk

Traditie | 85


Geraniums De brand in de erker

Elk jaar opnieuw zetten geraniums de gevels van boerderijen en huizen in een rode gloed. In Zuid-Tirol horen geraniums bij het huis, net zoals het wijwaterkruikje bij de boerenkamer. De Zuid-Tirolers noemen hun geraniums poëtisch ‘brennende liab’, brandende liefde. De vuurrode bloemen hangen over de vurenhouten balken. Zo ook in juni 1939, toen Hitler en Mussolini besloten dat de Zuid-Tirolers naar Duitsland moesten emigreren. Wie wilde blijven, moest met hart en ziel Italiaan worden. De Zuid-Tirolers werden voor de keus gesteld: gaan of blijven. Het dilemma dreef families uit elkaar en – nadat de keus was gemaakt – ook de fronten. Ertussenin bloeiden de geraniums, het symbool van de ‘heimat’ dat door beide partijen als propagandamiddel werd gebruikt. Hans Egarter, een ‘thuisblijver’, spreekt in een gedicht zijn trouw aan zijn geboortestreek uit door het symbool van de brandende liefde te gebruiken. De nazipropaganda rukt daarentegen de laatste geranium van de erker. Volgens het gedicht was “de trouw aan Duitsland sterker” en inderdaad koos 85 procent van de Zuid-Tiroolse bevolking voor emigratie naar Duitsland. 75.000 mensen, een derde van de bevolking, verlieten het land; meer dan 20.000 van hen keerden na 1945 terug. Slechts langzaam heelt de tijd deze wonden in de Zuid-Tiroolse samenleving. Toch is er ééntje die de woelige tijden onbeschadigd heeft doorstaan: de brandende liefde kleurt net als voorheen de erkers rood. ‘Brennende liab’: in Zuid-Tirol horen geraniums bij het huis, net zoals het wijwaterkruikje bij de boerenkamer

86


Dialect In goed Zuid-Tirools

Aui of auchn, augn of ai? In Zuid-Tirol spreken de burgers en boeren ruim 40 dialecten, die allemaal teruggaan tot Zuid-Beierse dialecten. Jongeren schrijven hun sms’jes in dialect om zo hun gevoel van verbondenheid met de streek tot uitdrukking te brengen. In de 20e eeuw is het Zuid-Tirools steeds meer vermengd geraakt met Italiaanse begrippen, zodat de dialecten nu een bonte mengeling van Duitse, Oostenrijkse en Italiaanse woorden zijn.

Feiten: Âť Op www.oschpele.ritten.org kunt u Zuid-Tirools, nee Sidtiroulerisch leren. Traditie | 87


Kunstnijverheid ‘Fingerspitzengefühl’

De vaardige vingers zijn in Zuid-Tirol uit pure noodzaak ontstaan. In 1893 sloot de kopermijn in het dorp Predoi/Prettau in het dal Valle Aurina/Ahrntal, waardoor 60 mannen werkloos raakten. De vrouwen moesten de kost verdienen – met kantklossen, zo had de pastoor bedacht. Tot laat in de nacht zaten de vrouwen gebogen over hun ‘klöppelpinggele’, hun kantkloskussen. Vaak werd het kant tegen levensmiddelen geruild. Tegenwoordig zijn 39 vrouwen en 2 mannen lid van kantklosvereniging Klöppelschule Prettau; kinderen volgen zomercursussen om het klossen te leren. Bij het kantklossen worden linnen draden op het kussen gespeld. Door de – vaak honderden – klosjes die aan het uiteinde van de draden hangen te draaien en te kruisen, ontstaat een patroon. Ook de inwoners van het dal Val Gardena/Gröden namen de draden van hun leven in zekere zin in eigen hand toen ze in de 17e eeuw met houtsnijkunst begonnen. Het leven in het afgelegen dal was hard, de winters waren lang. Het hele gezin hielp mee bij het snijden van heiligenbeelden en speelgoedfiguurtjes. In de loop der eeuwen verlieten miljoenen uit hout gesneden figuren het dal, de verkoop organiseerden de dalbewoners zelf. Sinds 1994 zijn veel kunsthandwerkers uit het Val Gardena lid van Unika, een vereniging die in het dorp Ortisei/St. Ulrich een eigen galerieruimte heeft. Hier wordt jaarlijks in september een beeldhouwkunsttentoonstelling georganiseerd.

Feiten: » Zuid-Tirol telt 13.000 handwerkbedrijven, waartoe ook de kunsthandwerkers behoren. Meer informatie over kunsthandwerk vindt u op www.werkstaetten.it » De huizen waar kantklossers wonen zijn herkenbaar aan het vignet van de Ahrntaler Kulturmeile, een culturele route door het Valle Aurina [F/G 1-2]. www.ahrntal.it » Bij de vereniging Unika hebben zich beeldhouwers, vergulders en ornamenteurs aangesloten. Meer informatie over houtsnijkunst uit het Val Gardena [E 4-6] vindt u op www.unika.org » Het Museum Gherdëina in Ortisei/St. Ulrich heeft de grootste verzameling speelgoed uit het Val Gardena. De collectie omvat vrijwel alle speelgoed dat tussen 1700 en 1940 in huisnijverheid is vervaardigd. www.museumgherdeina.it 88


Levensechte houtsnijkunst in het dal Val Gardena/Grรถden

Traditie | 89


Het land van de

holes

Ze komen allang niet meer om bergen te beklimmen: in het dal Val Passiria/ Passeiertal pauzeren vakantiegangers in het clubhuis in plaats van in de almhut. Achter de bergidylle sluimert een koude oorlog met als inzet het golfspel. Een Zuid-Tirools verhaal in negen tees door Lukas Kapeller

1.

Een golfer staat in het bos, heel stil en zwijgend. Op de achtergrond rinkelen een paar koebellen, maar dr. Meier hoort ze niet. Met zijn iPod op zak, de luidsprekertjes in zijn oor en de club in zijn handen wipt hij een mandje met golfballen op het gras. En weer rolt de bal ernaast. Rondom het witte vlaggetje ligt inmiddels ruim een dozijn ballen. “Maakt niet uit, ik oefen nog”, zegt hij. Dr. Meier, orthopeed uit het Duitse Bremen, vader, handicap 16, is voor een week naar Zuid-Tirol gekomen. Niet zoals vroeger om te wandelen, bergen te beklimmen of motor te rijden, maar om te golfen. “Op die golfbanen hier”, zegt hij, “gaat het steeds bergop en bergaf. Dat is meer iets voor klimgeiten.” Toch is hij, als het weer meezit, op de golfbaan te vinden. Zit het weer tegen, dan is hij er ook.

90


2.

Wie in Zuid-Tirol een golfbaan wil aanleggen, heeft een verziende blik nodig. En dat is hier niet zo eenvoudig. Hoge bergen, nauwe dalen en dicht met wijngaarden begroeide hellingen: er is altijd wel ergens een berghelling die het zicht op de horizon ontneemt. Golfen in Zuid-Tirol is net als een formule 1-wedstrijd in Monte Carlo een nauwe aangelegenheid. Als er al een golfbaan wordt aangelegd, dan eentje voor klimgeiten. Percelen zijn schaars en duur. “Voor een behoorlijke 18-holes golfbaan heb ik 60 tot 80 ha grond nodig”, aldus Hannes Schnitzer van de vereniging Golf in Zuid-Tirol, die reclame maakt voor elke golfbaan die groot genoeg is om golftoeristen naar Zuid-Tirol te lokken. En dat zijn alleen die banen die 9 of 18 holes hebben. Zuid-Tirol en golfen passen op het eerste gezicht ook helemaal niet bij elkaar. En evenmin op het tweede: Zuid-Tirol, het zuidelijke deel van het ooit verenigde en heilige land Tirol, kent geen grootgrondbezit. Elke boer die 5 ha weide heeft, wordt er al als grootgrondbezitter gezien. “Wie een golfbaan aanlegt, moet met een hele rij boeren onderhandelen”, zegt Schnitzer, “en die moet je allemaal op één lijn zien te krijgen.”

4.

Veeboeren hebben het zwaar in Zuid-Tirol. Dit in tegenstelling tot fruitboeren, die 10 procent van de Europese appeloogst voor hun rekening nemen. De gouden appeltjes zijn ook de reden waarom het tussen boeren en golfbaanexploitanten niet botert. “Het is niet rendabel om in het dal een golfbaan aan te leggen”, aldus Schnitzer. Want een fruitboer met 50 ha appelboomgaard verdient hieraan meer dan een golfbaan ooit zal opbrengen. Voor investeerders blijft er dus niet veel anders over dan zoveel mogelijk boeren een aanbod te doen. De grootste kans hebben ze op hooggelegen plateaus waar vee wordt gehouden. Behalve de banen bij het dorp Lana en in het Val Passiria liggen de zeven grootste golfbanen op hellingen tot 1700 m hoogte. Wat wederom de milieubeschermers alarmeert.

3.

Ook om de Passeier-golfbaan, waarop dr. Meier zijn chipslag verbetert, werd verbeten strijd geleverd. De krant Dolomiten sprak halverwege de jaren 90 zelfs over de ‘Passeirer Golfoorlog’. Ondanks het verzet van veel boeren en inwoners kwam de golfbaan er toch. Zelfs een pastoor schijnt tijdens een preek vanaf de kansel tegen de golfbaan tekeer te zijn gegaan. “Zes jaar heeft het geduurd, bijna net zo lang als de Tweede Wereldoorlog. Gelukkig waren er dit keer geen doden te betreuren, maar in plaats daarvan waren er des te meer mensen beledigd”, zo vatte exploitant Karl Pichler bij de opening in 1996 de strijd om zijn golfbaan samen. Tegenwoordig ligt de baan er vredig en groen bij, de 18 holes strekken zich uit over een lengte van 6 km van S. Martino/St. Martin naar S. Leonardo/St. Leonhard. Volgens Georg Blaas “waren het zware tijden”. Hij is een van de zeven boeren die hun grond voor de komende 30 jaar hebben verpacht. Als tegenprestatie is hij nu secretaris in het clubhuis, de andere boeren werken als greenkeeper. “We hebben van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat keihard gewerkt, maar geen droog brood verdiend”, aldus Blaas. “Nu krijg ik voor die grond een goede pachtsom.”

Traditie | 91


5.

“Op de enige stukken grond die we nog kunnen beschermen, worden golfbanen gebouwd”, klaagt Andreas Riedl, directeur van de overkoepelende Zuid-Tiroolse vereniging voor natuur- en milieubescherming. We hebben er niets op tegen dat er in de dalen wordt gegolfd, benadrukt Riedl, omdat “een golfbaan in vergelijking met de appelteelt altijd nog ecologisch is”. Maar juist daar worden er vanwege de appels geen banen aangelegd. Daar komt bij dat golf volgens golfpromotor Schnitzer “de enige sport in Zuid-Tirol is die door niemand wordt gesubsidieerd. Het zijn louter particuliere investeringen.” De golflobby baant zich desondanks een weg naar meer holes. Er zijn genoeg plannen voor nieuwe banen: bij de dorpen Braies/ Prags, Montiggl en Settequerce/Siebeneich bij Bolzano zouden binnenkort de eerste ballen geslagen kunnen worden. “Projecten duiken op en verdwijnen weer. Als de politieke constellatie tussen burgemeester en provincie gunstig lijkt, worden ze uit de la gehaald”, aldus milieubeschermer Riedl.

6.

Georg Blaas heeft er geen probleem mee. Toen de Passeier-golfbaan in 1996 werd geopend, verruilde hij de stalgeur voor bonte poloshirts. “Als boer had ik het ook naar m’n zin”, zegt hij, “maar nu hoef ik niet meer ’s ochtends om vijf uur op te staan en achter de koeienstaarten langs te kruipen.” Tegenwoordig kan hij goed van de golfbaan leven, net als de andere dorpsbewoners van S. Leonardo. Op één na: Franz Berger , een kleine boer uit het Val Passiria, verzet zich nog steeds tegen het golfimperium, ondanks uitstekende aanbiedingen om zijn grond te verkopen. “Frans is nu eenmaal met hart en ziel veeboer”, zegt zijn vrouw, “dat zijn de anderen niet.”

92


7.

De gasten moeten om Bergers zeven ha grote weide heen spelen. Als de golfers dan na de 18e hole moegespeeld naar de parkeerplaats lopen, nemen ze de kortere weg dwars over zijn weide. Eigenlijk had de exploitant al jaren geleden beloofd hier een hek neer te zetten, maar daarop wacht hij nog steeds. “Je bent alleen maar een kleine, lastige boer”, zegt Berger. Afgelopen voorjaar werd er dan eindelijk een net gespannen, “maar daar zit altijd wel ergens een gat in waar ze doorheen kunnen kruipen”. Hij ergert zich het meest aan golfballen die op zijn weide terecht komen. “Dan lopen de golfers over onze weide en de ballen die ze niet vinden, belanden in het voer”, zegt hij. “Die moeten we er dan in de stal uithalen.” In de herfst willen de exploitanten een golfhotel met ongeveer 100 bedden bouwen. “Ze bouwen direct op onze mesthoop, die zou ik dan moeten verplaatsen”, zegt Berger met een grijns. Inmiddels ziet de boer er de humor van in: “Het is volslagen zinloos het met hen aan de stok te krijgen.”

8.

Wie vanuit het clubhuis naar buiten kijkt, werpt tegelijkertijd een blik op het verleden: steile, met dichte bossen begroeide rotshellingen die het lange dal vanuit het westen en oosten insnoeren, ertussenin een paar verstrooid liggende bergboerderijen, omringd door kleine sappig groene weiden. Het is historische grond. Op een paar golfslagen afstand van het clubhuis staat Gasthof Sandwirt, het geboortehuis van Andreas Hofer. Het museum direct naast het pension is gewijd aan het leven van de vrijheidsstrijder. In het gastenboek staat: “Moge het Tirol verder goed gaan en de tradities bewaren.”

9.

Dr. Meier heeft inmiddels genoeg van het chippen en oefent nu de afslag. Ritmisch slaat hij de ballen in de bewolkte alpenlucht. De boerderij, waar Franz Berger elke week golfballen uit de voedertrog vist, is dr. Meier niet opgevallen. “Stond bij het spelen niet in de weg”, zegt hij.

Traditie | 93


Knoedels en spek Armeluiseten

Feiten: » Knoedel is een verkleinwoord van het Middelhoogduitse ‘knode’, wat knoop betekent. Er zijn in Zuid-Tirol 36 hartige en zoete knoedelrecepten in omloop. Het oudste fresco waarop knoedels zijn afgebeeld, is dat van de knoedels etende maagd in de kapel van burcht Castel d’Appiano/Burg Hocheppan [B4] bij de stad Bolzano/Bozen, www.hocheppan.com » Elk jaar worden er in Zuid-Tirol 2,5 miljoen stuks merkspek geproduceerd. Het Zuid-Tiroolse boerenspek is daarentegen een nicheproduct; het is verkrijgbaar in 28 winkels en op www.gutesaussuedtirol.com Alles over de productie en verkoop vindt u op www.speck.it » Het boerencafé is traditie geworden: op 180 dagen per jaar openen de boeren hun kelders en boerenkamers voor bezoekers, die hier kunnen genieten van wijn, streekproducten en -gerechten. Adressen vindt u op www.rodehaan.it/nl 94

Over het ontstaan van knoedels doet een wonderlijk verhaal de ronde. Toch schijnt het echt zo te zijn gegaan: hongerige voetknechten overvallen een boerderij, maar de boerin heeft niets ‘fatsoenlijks’ te eten. Natuurlijk heeft ze toch nog wat in huis: hard brood, uien, eieren, buikspek en meel. De boerin snijdt alles klein, mengt het door elkaar, voegt kruiden uit de tuin en zout toe, maakt er ballen van en doet deze in kokend zout water. De soldaten eten hun buik rond en vertrekken tevreden, de boerin heeft waarschijnlijk nog vaak knoedels gekookt en het recept braaf overgeleverd. Knoedels kookt men overigens het beste op gevoel, door te voelen of ze goed zijn, niet te nat en niet te droog. Bij spek is het verhaal juist omgekeerd: er ontstaat in Zuid-Tirol een tekort aan varkensvlees, zodat het moet worden geïmporteerd. Echt Zuid-Tirools buikspek is inmiddels een zeldzaamheid. Het wordt gemaakt van vlees van varkens die zijn geboren op Zuid-Tiroolse boerderijen en nietgenetisch gemodificeerd voer krijgen. 14 mestbedrijven houden zich aan dit principe en leveren vlees voor de productie van Zuid-Tirools buikspek. Elk jaar worden er circa 700 varkens geslacht. Traditioneel worden varkens zo volledig mogelijk tot spek verwerkt en worden behalve de poten ook de huid, schouders, ribben en buik gebruikt. Rond 1200 verschijnen de eerste vermeldingen over spek in handelsregisters en slagersverordeningen. In die tijd bewaarden de mensen in het noorden het vlees door het te roken, in het zuiden werd het gepekeld. De Zuid-Tirolers rookten en pekelden dat het een lieve lust was en zo ontstond er een rauwe ham die mediterrane met alpiene smaak combineerde. Het geheim: weinig zout, weinig koude rook en veel frisse lucht. Bovendien maakt het ook nog uit hoe het spek wordt gesneden: in dunne of dikke plakken dan wel in dobbelsteentjes. Vroeger kwam men dankzij het spek de harde winter door, nu is het een vast bestanddeel van een ‘marende’, een vieruurtje.


Zuid-Tirools spek is milder dan gerookte ham uit noordelijkere regionen en krachtiger van smaak dan Italiaanse rauwe ham

Traditie | 95


Tijd voor verandering. Kunstenaars demonstreren in 1980 in de MuseumstraĂ&#x;e in de stad Bolzano/Bozen

96


Hoofdstuk 6 Verandering

Een frisse wind door Zuid-Tirol Lange tijd blijven de Zuid-Tirolers onder elkaar. Cultuur, traditie en bewaren staan hoog in het vaandel. Plotseling schuiven alle puzzelstukjes in elkaar: Zuid-Tirol besluit zichzelf en de omgeving met andere ogen te bekijken en modern te worden.

“We zijn werkelijk een behoorlijk verkrampte generatie. Achteruit kijken we nooit & vooruit vinden we eng.” n.c.kaser, 1978 Duitsers en Italianen leven op twee verschillende planeten. Decennialang doet de Zuid-Tiroolse politiek haar best om de talen en culturen uit elkaar te houden. De Duitse en Ladinische identiteit wordt beschermd tegen alles wat een bedreiging zou kunnen vormen. Scholen en verenigingen zijn scherp naar taalgroep gescheiden, niet eens een briesje mag de oude gebruiken en tradities beroeren. De banden beginnen te knellen. In de jaren 70 van de vorige eeuw willen studenten, linkse alternatievelingen en kunstenaars de banden losser maken. Ze zetten vraagtekens bij de oude manier van samenleven in Zuid-Tirol. Terwijl de Zuid-Tiroolse regering de status quo wil handhaven, proberen andersdenkenden plaats te maken voor de realiteit: Duitsers, Italianen, vrienden, geliefden en ouders van kinderen die niet meer weten of ze Italiaans of Duits zijn. Ze ontdekken dat ze zich met hetzelfde bezighouden, hetzelfde denken en beginnen de eerste smalle bruggen te bouwen. Enkele toneelspelers spreken zich uit voor de standaardtaal en verbannen het dialect naar de coulissen. De Italiaanse regisseur Marco Bernardi ensceneert voor het eerst stukken in twee talen, terwijl auteurs en kunstenaars aansluiting bij Italië en het Duitstalige buitenland zoeken. De auteur Norbert C. Kaser wordt het boegbeeld van deze beweging. Tegelijkertijd eist de linksalternatieve Alexander Langer, een van de belangrijkste Europese denkers, maar een schrikbeeld in Zuid-Tirol: “Hoe meer we met elkaar te maken hebben, des te beter kennen en begrijpen we elkaar en des te meer voelen we ons saamhorig.” Sinds 1989 waait er een frisse wind door het officiële Zuid-

Tirol. Oude politici treden af. De onderhandelingen met Italië over het Zuid-Tiroolse Autonomiestatuut zijn bijna afgerond. Nadat ze de rechten van de Duitse minderheid in Zuid-Tirol hebben veiliggesteld, beginnen de nieuwe politici zich van de knellende banden te bevrijden. Ze lanceren een opleidings- en cultureel offensief dat van Zuid-Tirol een streek maakt met een open karakter en een zelfbewuste identiteit. Sindsdien is het thema cultuur in Zuid-Tirol springlevend. Alle grote culturele instellingen zijn na 1989 ontstaan, voor het eerst zien steden zichzelf als culturele centra. De cultuur- en denkomslag zorgt ervoor dat de taalgroepen naar elkaar toe groeien. Duitse en Italiaanse historici bestuderen samen de Zuid-Tiroolse geschiedenis. Er ontwaakt een regionaal zelfbewustzijn, men discussieert over hedendaagse cultuurvormen en hun waarde voor de samenleving. Cultuur krijgt een nieuwe dimensie: cultuur wordt een missie. Zuid-Tirol is een bouwput, een experiment waarvan niemand weet hoe het afloopt. De Zuid-Tirolers beginnen plezier te krijgen in deze nieuwe manier van samenleven, maar ze hebben tijd nodig. Sinds jaar en dag onderzoekt Joseph Zoderer in zijn romans de Duits-Italiaanse relatie. Niemand beschrijft beter hoe gecompliceerd de verhoudingen ondanks alle liefde zijn: “Hij voelde zich omringd door een land waartoe hij door de Duitse taal vanaf zijn geboorte leek te horen, terwijl het voor Mara een land moest zijn dat hij bij wijze van spreke aan haar afstond. Ja, ze moest denken dat het haar eigen land was, hoewel ze een halve Italiaanse was.” Joseph Zoderer, Der Schmerz der Gewöhnung (De pijn van de gewenning), 2002

Verandering | 97


De steden Stadsschetsen

Zuid-Tiroolse steden zijn overzichtelijk, rustig, kijken uit op de bergen en gaan naadloos over in het platteland. Toch ontstaat juist hier rond 1970 een protestbeweging, omdat in de steden de vreemde en de vertrouwde wereld sterker op elkaar botsen dan elders. De uit de stad Brunico/Bruneck afkomstige auteur Norbert C. Kaser spreekt zich in de stad Bressanone/Brixen uit voor een nieuwe Zuid-Tiroolse literatuur, in de steden Merano/ Meran, Bressanone/Brixen en Brunico gaan toneelspelers de confrontatie aan. Er worden nieuwe uitgeverijen en kranten opgericht, in de steden Merano en Bolzano/Bozen provoceren kunstenaars en studenten. Het ‘oproer’ werkt. De steden veranderen van toon, ze willen nu stad zijn met een eigen cultuur, een eigen geschiedenis en uitstraling. De provinciehoofdstad Bolzano wordt culturele hoofdstad. Binnen 20 jaar krijgt Bolzano een onderzoeksinstituut, een universiteit, een stadstheater, een concertzaal die eindelijk voldoet aan de hoge muzikale eisen van de stad, een museum voor hedendaagse kunst, een megabioscoop en – als klap op de vuurpijl – een permanent kindertheater. In Brunico komt er een nieuw raadhuis op een modern stadsplein. Merano blaast de thermen nieuw leven in met een mediterrane ‘piazza’. Er is veel veranderd sinds Norbert C. Kaser in 1975 zijn beroemde ‘stadsschetsen’ schreef. Alleen in het stadje Glorenza/Glurns heeft de stadsmuur de nieuwe tijdgeest weten te weerstaan: achter de muren is alles nog net zo als vroeger.

Feiten: » De acht Zuid-Tiroolse steden zijn: Bolzano/Bozen [C4], Merano/Meran [C3], Bressanone/Brixen [D3], Brunico/Bruneck [F2], Vipiteno/Sterzing [D2], Chiusa/Klausen [D4], Glorenza/Glurns [A2] en sinds 1985 Laives/ Leifers [C5]. Meer informatie over de verschillende steden vindt u op www.suedtirol.info » Een overzicht van de belangrijkste culturele evenementen vindt u op www.suedtirol.info/evenementen 98


In de oude bisschopsstad Bressanone/Brixen begint het nieuwe tijdperk in de Zuid-Tiroolse literatuur

Verandering | 99


Architectuur Warme blikken daken

Tiroolse daken zijn steil, terwijl de fascisten vlakke daken bouwden. Punt uit. Daarmee werd tot 1980 elke discussie over architectuur in de kiem gesmoord. De Zuid-Tirolers bouwden vlijtig ‘boerenhuizen’, hoewel ze geen boeren meer waren. Othmar Barth was toentertijd een van de weinige Zuid-Tiroolse architecten die soms Bauhaus-ideeën verwerkte. Hij is hét voorbeeld voor jonge architecten die in Zuid-Tirol een hedendaagse bouwstijl met regionale elementen introduceren: ze gaan behoedzaam om met historische gebouwen, gebruiken lokale materialen en betrekken het omringende landschap in hun ontwerpen. De kerken en opdrachtgevers uit het dal Val Venosta/Vinschgau waren de eersten die moedig nieuwe wegen insloegen, de rest van Zuid-Tirol volgde later. Recente grote bouwwerken van Zuid-Tiroolse architecten zijn het raadhuis in Brunico in het dal Val Pusteria/Pustertal, het hotel Vigilius Mountain Resort bij het dorp Lana in het dal Val d’Adige/ Etschtal en de nieuwe kerk van Saltusio/Saltaus in het dal Val Passiria/Passeiertal. Er bestaat veel belangstelling voor projecten die hedendaagse architectuur zelfbewust verbinden met oude gebouwen, zoals de innovatieve wijnkelders in de streek Überetsch, enkele streekmusea, de aanbouw van de parochiekerk in Laives ten zuiden van Bolzano en kasteel Castel Firmiano/Schloss Sigmundskron bij Bolzano. Het stationscomplex langs de spoorlijn van de nieuw leven ingeblazen Vinschger Bahn is uniek: industriële dinosauriërs worden gevoerd met de modernste techniek.

Feiten: » Rond 1920 doet de moderne architectuur eerste pogingen om in ZuidTirol voet aan de grond te krijgen. In het dorp Bagno Tre Chiese/Bad Dreikirchen [D4], met uitzicht op het dal Valle Isarco/Eisacktal, bouwen de Tiroler Lois Welzenbacher en de Zuid-Tiroolse schilder Hubert Lanzinger in alpiene Bauhaus-stijl. www.briol.it In Bolzano [C4] bouwen architecten vanaf 1934 stadswijken in fascistisch-rationalistische stijl. » Het Kunsthuis Meran [C3] www.kunstmeranoarte.org, en de Stichting Architectuur Zuid-Tirol in Bolzano/Bozen, www.kultura.bz.it, [C4] organiseren regelmatig tentoonstellingen over hedendaagse architectuur in Zuid-Tirol. » Eens in de twee jaar reikt de Stichting Architectuur Zuid-Tirol de Zuid-Tiroolse Architectuurprijs uit voor een in Zuid-Tirol gerealiseerd bouwwerk van voorbeeldige kwaliteit. www.kultura.bz.it 100


Het nieuwe raadhuis in de stad Brunico/Bruneck is een goed voorbeeld van hedendaagse architectuur met een regionaal karakter

Verandering | 101


Hedendaagse kunst Kunstconcept

In 1979 bezetten jongeren een oud fabrieksterrein in Bolzano. Ze eisen een jongerencentrum voor alle drie de talen en culturen. De stad laat het gebouw ontruimen, omdat er een parkeerplaats was gepland. Maar dat niet alleen: in 2008 wordt hier het nieuwe Museion, Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst, geopend. Het is een open gebouw dat volop gespreksstof oplevert. De door de Berlijnse architecten Krüger, Schuberth, Vandreike (KSV) ontworpen glazen kubus staat precies op het punt waar de rivier Talvera/Talfer de scheidslijn vormt tussen het oude, ‘Duitse’ deel van Bolzano en de in de jaren 30 ontworpen ‘Italiaanse’ wijk. Het is een ideale locatie die animeert tot een gedachtewisseling over hedendaagse kunst. Zowel het Duitstalige als het Italiaanstalige deel van de bevolking heeft op dit punt geen last van koudwatervrees. Het Museion werd in 1985 als particuliere vereniging opgericht. In hetzelfde jaar ontstond de Galerie Museum in Bolzano, in 2001 kwam ‘kunst meran’ erbij en in 2003 de designgalerie Lungomare in Bolzano. In 2008 slaat de politiek een nieuwe richting in: Zuid-Tirol organiseert Manifesta 7, de Europese Biënnale voor hedendaagse kunst. Er is geen weg terug meer. De twee Museion-bruggen over de Talvera zijn een permanente verbinding geworden tussen de tijd en de culturen.

Feiten: » Museion [C4]: het accent van de collectie en het tentoonstellingsprogramma ligt op de kunst vanaf 1960. Het museum is tot ver over de provinciegrenzen bekend door de focus op het thema ‘taal in de kunst’. www.museion.it » Galerie Museum [C4]: de Vereniging ArGe Kunst toont met name experimentele en interdisciplinaire kunst. www.argekunst.it » kunst meran [C3]: het culturele initiatief onder de Lauben van Merano is een platform voor nationale en internationale hedendaagse kunst en architectuur. www.kunstmeranoarte.org » Lungomare [C4]: de designgalerie onderzoekt cultuur en vormgeving aan de hand van de relatie tussen ontwerp, architectuur, stadsplanning en kunst. www.lungomare.org 102

De glazen nieuwbouw van het Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst. Het Museion wil met kunst een brug slaan tussen de verschillende bevolkingsgroepen


Musea Zuid-Tirol in de vitrine

Het begon met de man uit het ijs. Ötzi kwam tevoorschijn en plotseling had Zuid-Tirol behoefte aan een Archeologisch Museum; in 1998 verhuisde de mummie hierheen. Zuid-Tirol begon na te denken over de andere schatten die tot dat moment ter conservatie naar het Ferdinandeum in het Oostenrijkse Innsbruck waren gestuurd, maar die men nu zelf wilde behouden en tentoonstellen. Het merendeel van de 80 Zuid-Tiroolse musea is na 1989 ontstaan. Negen streekmusea houden zich uitgebreid bezig met de Zuid-Tiroolse geschiedenis, geografie, volkskunde en economie. Het Farmaciemuseum in Bressanone, het Schrijfmachinemuseum in het dorp Parcines/Partschins bij Merano en het Vrouwenmuseum in Merano zijn ontstaan op basis van particuliere verzamelingen. De musea hebben het historische bewustzijn van de Zuid-Tirolers veranderd en gezorgd voor een nieuwe, meer wetenschappelijke kijk op zaken die voorheen door een emotionele bril werden bekeken. Ook het MuseumPasseier in het Val Passiria bewaart een nuchtere afstand tot vrijheidsstrijder Andreas Hofer – voor de één een held in de strijd van de Tirolers tegen Napoleons goddeloze Fransozen, voor de ander een speelbal der machten die de tekenen des tijds foutief inschatte – en zet de herinnering aan hem zorgvuldig recht. Goede Tirolers, boze vijanden – zo eenvoudig wordt de strijd uit 1809 niet meer beslecht.

Feiten: » Meer informatie over Zuid-Tiroolse streekmusea vindt u op www.musei-altoadige.it » Een overzicht van alle Zuid-Tiroolse musea vindt u op www.provinz.bz.it/museenfuehrer » museumobil Card – het combiticket biedt toegang tot alle musea en onbeperkt gebruik van het openbaar vervoer. www.museumobilcard.info Verandering | 103


Messner Mountain Museum Topmuseum

Reinhold Messner zoekt het liefst de grenzen op. Hij was de eerste mens die alle 14 bergen van 8000 meter of hoger wist te beklimmen, trok te voet door ijs- en zandwoestijnen met een uitrusting die steeds kleiner werd, zodat uiteindelijk alleen hijzelf, zijn emoties en de natuur over zouden blijven. Bij alles wat hij zegt en doet is Messner een mens van extremen. En wat hij zegt, dat doet hij. Momenteel beklimt hij – zoals hij zelf zegt – zijn ‘15e achtduizender’: een museumensemble waarin bergen, hun verovering en de cultuur van de bergvolkeren centraal staan. Inmiddels heeft Reinhold Messner in Zuid-Tirol en de naburige provincie Belluno vier bergmusea opgericht, elk gewijd aan een ander thema: rots, ijs, religie, kunst en cultuur. Een vijfde museum over bergvolkeren is in 2011 geopend op kasteel Castello di Brunico/Schloss Bruneck. Het middelpunt van de Messner Mountain Musea is MMM Firmian op Castel Firmiano ten zuiden van Bolzano. Alle museumstukken – kunstwerken, souvenirs, relikwieën – zijn afkomstig uit Messners particuliere bezit. Messner heeft zijn doel bijna bereikt. Werkelijk? “Op de top van de berg keer je om”, zei Messner ooit. En dus gaan we ervan uit dat hij weer op weg zal gaan, op zoek naar een volgende berg.

Feiten: » Alle vijf de bergmusea vindt u op www.messner-mountain-museum.it

Literatuurtips: » Reinhold Messner, Gobi, Uitgeverij Byblos b.v., 2006 » Reinhold Messner, Leven langs de afgrond, Tirion Uitgevers 2005 » Reinhold Messner, Annapurna, Tirion Uitgevers, 2000 104


De berg als cultuurgoed. Het museum in kasteel Castel Firmiano/Schloss Sigmundskron is de spil van Reinhold Messners bergmusea

Verandering | 105


106


Zuid-Tirol informatie

Wat u over Zuid-Tirol moet weten Een rondreis in 60 seconden

Oppervlakte

Grootste bergweide

7400 km², waarvan slechts 3% bewoond is; 80% van het oppervlak is bergachtig terrein.

Alpe di Siusi/Seiser Alm (52 km² = 8000 voetbalvelden)

Klimaat

Adige/Etsch (153 km), Isarco/Eisack (95,5 km), Rienza/Rienz (80,9 km)

In Zuid-Tirol schijnt de zon gemiddeld 300 dagen per jaar. De vegetatie is zeer veelsoortig en varieert van palmen en wijngaarden tot loofen naaldbossen. Het hooggebergte is deels met gletsjers bedekt.

Aantal inwoners 510.000

Steden Bolzano/Bozen (hoofdstad), Merano/Meran, Bressanone/Brixen, Brunico/Bruneck, Vipiteno/Sterzing, Laives/Leifers, Chiusa/Klausen,­­ Glorenza/Glurns

Landstalen Duits (70%), Italiaans (26%), Ladinisch (4%)

Geschiedenis Aan het einde van de Eerste Wereldoorlog wordt Zuid-Tirol door de winnaars van de oorlog toegewezen aan het geallieerde Italië. Tot dan behoorde de regio meer dan vijf eeuwen lang bij Oostenrijk. De jaren die volgen dragen het stempel van Mussolini’s italianiseringspolitiek, de pogingen tot aansluiting bij Duitsland, de bomaanslagen in de jaren 60, talloze protestacties en een harde politieke strijd met de regering in Rome. In 1972 wordt het tweede autonomiestatuut van kracht dat tot doel heeft de Zuid-Tirolers meer bescherming te bieden; 20 jaar later is volledige autonomie een feit. Ondertussen geldt Zuid-Tirol als voorbeeld voor een autonome samenleving met diverse etnische minderheden.

Hoogste berg Ortles/Ortler, Val Venosta/Vinschgau (3905 m)

Dolomieten Het karakteristieke gesteente van de bleke bergen bestaat uit versteende algen- en koraalriffen. In 2009 zijn de Dolomieten opgenomen in de UNESCO-lijst van Werelderfgoederen.

Dolomiti Superski Met 1200 km piste is Dolomiti Superski het grootste netwerk op skigebied ter wereld. Bij de bekende Sellaronda skiet men via vier bergpassen in de Dolomieten om het Sellamassief heen.

Grootste meer

Belangrijkste rivieren Natuurparken Sciliar-Catinaccio/Schlern-Rosengarten, Gruppo di Tessa/Texelgruppe, Puez-Odle/Puez-Geisler, Fanes-Senes-Braies/Prags, Monte Corno/ Trudner Horn, Dolomiti di Sesto/Sextner Dolomiten, Vedrette di Ries-Aurina/Rieserferner-Ahrn, Parco nazionale dello Stelvio/Nationalpark Stilfser Joch www.provinz.bz.it/parchi.naturali

Kunst Klooster Marienberg, het kerkje van St. Prokulus, kasteel Castel d’Appiano/Burg Hocheppan – nergens anders in Europa zijn zoveel romaanse fresco’s behouden gebleven als in Zuid-Tirol.

Onderwijs In de steden Bolzano/Bozen, Bressanone/Brixen en Brunico/Bruneck kunnen jongeren sinds 1998 studeren aan de eerste drietalige universiteit van Europa. Er wordt onderwezen, geëxamineerd en gediscussieerd in het Duits, Italiaans en Engels.

Kwaliteitsproducten Appels Zuid-Tirol is Europa’s grootste aaneengesloten appelteeltgebied. De meer dan een dozijn soorten zijn door de optimale klimatologische omstandigheden aantoonbaar langer houdbaar en hebben een betere smaak dan de appels uit andere regio’s. Wijn De Zuid-Tiroolse wijnproductie bestaat voor 60% uit witte en voor 40% uit rode wijn. Ongeveer 5% van de bekroonde Italiaanse wijnen is afkomstig uit Zuid-Tirol, een van de kleinste wijnbouwgebieden van Italië. Melk In Zuid-Tirol zijn evenveel bergboerderijen als hotels. De melkproducten van de boerderijen zijn gegarandeerd gentechnologievrij. Spek Spek ontstond eeuwen geleden vanuit de noodzaak om vlees langer houdbaar te maken. Tot op de dag van vandaag produceert bijna iedere boer in Zuid-Tirol zijn eigen spek.

Lago di Caldaro/Kalterer See (1,47 km², warmste zwemwater in de Alpen)

Zuid-Tirol informatie | 107


Waar Zuid-Tirol het mooist is De vakantieregio’s

Val Venosta/Vinschgau

Bolzano en omgeving

Met zijn hoogte van 3905 m is de Ortles, de hoogste berg van Zuid-Tirol, samen met de kerktoren in het meer Lago di Resia/ Reschensee één van de symbolen van de regio Val Venosta. In het brede dal wordt het landschap bepaald door appelboomgaarden en wijngaarden, in hoger gelegen gebieden worden vooral abrikozen, bessen en groenten verbouwd. Eeuwenoude waalwegen, bergpaden en mountainbikeroutes slingeren door een afwisselend cultuurlandschap dat bezaaid is met Romeinse kerkjes, middeleeuwse kastelen en kloosters. De inwoners van Val Venosta zelf hebben de reputatie bijzonder creatief en vindingrijk te zijn. Niet voor niets zijn de meeste Zuid-Tiroolse kunstenaars en architecten afkomstig uit het westelijke deel van de provincie.

In de nieuwe woonplaats van Ötzi de ijsmummie botsen twee culturen op elkaar en versmelten met de levensstijl van de circa 100.000 inwoners. Het landschap rondom de provinciehoofdstad wordt gekenmerkt door oude wijndorpjes en wijngaarden, en daar komen nog eens meer dan 200 burchten, kastelen en ruïnes bij. Hoge plateaus, bergdorpen en dalen die zich op een hoogte van soms wel 1550 m bevinden, zijn aantrekkelijk door de aangename koelte in de zomer. Het zuidelijke deel van Zuid-Tirol is de meest mediterrane regio van de provincie; dankzij het milde klimaat is het Lago di Caldaro/Kalterer See het warmste meer in de Alpen.

Informatie Val Venosta: Area Vacanze Val Venosta Via Capuccini, 10 I-39028 Silandro/Schlanders Tel. +39 0473 620 480 info@venosta.net

Informatie Bolzano en omgeving: Area Vacanze Bolzano, Vigneti e Dolomiti/Südtirols Süden Via Pillhof, 1 I-39057 Frangarto/Frangart Tel. +39 0471 633 488 info@stradadelvino.info www.stradadelvino.info

www.venosta.net

Val d’Ega/Eggental Merano/Meran en omgeving Palmen en olijfbomen in het dal, sneeuw en ijs op de omringende bergtoppen: zo ziet het landschap eruit rond het charmante kuuroord Merano, waarover keiz­erin Sissi al dolenthousiast raakte. De stad zelf is al even contrastrijk: keizerlijk-koninklijke architectuur op de ene oever van de rivier de Passirio, moderne vormgeving op de andere. De dorpen in de omgeving zien uit op appelboom­­­gaarden en wijngaarden en bieden met hun promenades en waalwegen eindeloze wandelmogelijkheden.­Een volkomen andere wereld – die van het hooggebergte – komt u tegen in afgelegen zijdalen als Val d’Ultimo/ Ultental of Val Passiria/Passeiertal. Oude boerderijen sieren het land­ schap en geven het een bijzonder, authentiek karakter.

Informatie Merano en omgeving: Area Vacanze Merano e dintorni/Meraner Land Via delle Palade, 95 I-39012 Merano/Meran Tel. +39 0473 200 443 info@meranodintorni.com www.meranodintorni.com

108

In het spoor van dwergenkoning Laurin en de waternimf van het Lago di Carezza/Karersee slingeren meer dan 530 km aan bewegwijzerde wandelpaden door de bergmassieven Catinaccio en Latemar. Daarmee is dit het dichtste wandelpadennetwerk in Zuid-Tirol. Het uitgangspunt voor wandelingen en klimexpedities zijn de kleine bergdorpjes met hun karakteristieke centrum, omzoomd door gehuchten en oude boerderijen. Zuid-Tirols belangrijkste bedevaartsoort, klooster Maria Weißenstein in San Pietro/Petersberg, wordt tot op de dag van vandaag bewoond door paters van de Servietenorde.

Informatie Val d’Ega: Area Vacanze Val d’Ega Via Dolomiti, 4 I-39056 Nova Levante/Welschnofen Tel. +39 0471 619 500 info@valdega.com www.valdega.com


Alpe di Siusi/Seiser Alm

Ladinische dalen

365 bergweiden, berghutten en herdershutten, verspreid over een ­oppervlak van 8000 voetbalvelden: de Alpe di Siusi is het grootste bergweidegebied van Europa en een reusachtige openluchtarena voor jong en oud. Ook de dorpen Castelrotto/Kastelruth, Siusi/Seis en Fiè/Völs, gelegen op slechts 30 autominuten afstand van Bolzano en Bressanone, ontlenen hun karakter aan het overwegend boerencultuurlandschap. Inderdaad wonen er ook nu nog twee keer zoveel boeren als hotelhouders. De sterke verbondenheid van de autochtone bevolking met de eigen geboortestreek komt niet alleen tot uitdrukking in het dagelijks leven, maar ook in tal van traditionele manifestaties.

In twee dalen wordt de derde landstaal van Zuid-Tirol, het Ladinisch, ook vandaag de dag nog volop gesproken: in het Val Gardena/Gröden en in Alta Badia/Gadertal. De twee dalen, die zijn verbonden door de bergpas Passo Gardena/Grödnerjoch, behoren tot de bekendste regio’s van de Dolomieten. Ze zijn zeer populair, vooral vanwege hun indrukwekkende berglandschappen die het toneel zijn van talloze sagen en legenden. De inwoners staan bekend als traditiebewust en vlijtig; ze verdienen hun brood voornamelijk in de hotelbranche en de gastronomie. De houtsnijkunst van de inwoners van het Val Gardena mag niet onvermeld blijven, evenmin als de creatieve kookkunst, die niet alleen in de bekroonde restaurants van Alta Badia zijn intrede heeft gedaan. Het Ladinische Museum in San Martino/ St. Martin in Thurn vertelt alles over de geschiedenis en de volksaard van de Ladiniërs.

Informatie Alpe di Siusi: Area Vacanze Alpe di Siusi Via del Paese, 15 I-39050 Fiè allo Sciliar/Völs am Schlern Tel. +39 0471 709 600 info@alpedisiusi.info www.alpedisiusi.info

Valle Isarco/Eisacktal Het dal ten zuiden van de Brennerpas heeft zijn naam te danken aan de rivier Isarco/Eisack. Al in de middeleeuwen was het een pleisterplaats voor koningen, handelaren en kooplieden op hun vermoeiende reis naar het zuiden. Uit deze tijd stammen de drie stadjes Bressanone/Brixen, Vipiteno/Sterzing en Chiusa/Klausen met hun elegante winkels, cultuurschatten en cafés. Op de steile hellingen in het dal groeien vooral appels, druiven en tamme kastanjes. De kastanjes worden gegeten tijdens het ‘törggelen’-seizoen – een oude traditie die zijn oorsprong vindt in het Valle Isarco. In hooggelegen zijdalen liggen verscholen dorpjes te midden van vrijwel ongerepte natuur, omringd door bergen en gletsjers.

Informatie Ladinische dalen: Area Vacanze Val Gardena Via Dursan, 80c I-39047 S. Cristina/St. Christina Tel. +39 0471 777 777 info@valgardena.it www.valgardena.it Area Vacanze Alta Badia Col Alt, 36 I-39033 Corvara Tel. +39 0471 836 176 info@altabadia.org www.altabadia.org

Informatie Valle Isarco: Area Vacanze Valle Isarco Bastioni Maggiori, 26a I-39042 Bressanone/Brixen Tel. +39 0472 802 232 info@valleisarco.info www.valleisarco.info

Zuid-Tirol informatie | 109


Val Pusteria/Pustertal

Valli di Tures e Aurina/Tauferer Ahrntal

In het oosten van Zuid-Tirol ligt het groene dal Val Pusteria, dat zich uitstrekt tot in het Oostenrijkse Oost-Tirol. Talloze dorpjes omzomen het dal met als middelpunt het levendige stadje Brunico/Bruneck. Ze worden omgeven door uitgestrekte velden, bossen en weiden die doorlopen tot in de afgelegen zijdalen. De rivier Rienza/Rienz deelt het gebied landschappelijk gezien in tweeĂŤn, met de dicht beboste centrale Alpenkam in het noorden en de kale Dolomieten in het zuiden. Het wandelgebied bevat karakteristieke, gemakkelijk bereikbare bergmeertjes zoals het Lago di Braies/Pragser Wildsee en markante toppen zoals de Tre Cime di Lavaredo/Drei Zinnen. Even lieflijk als het landschap is het dialect van de autochtone bevolking, dat hen bijzonder geliefd en charmant maakt.

Het dal Valli di Tures e Aurina ligt aan de zonkant van de Zillertaler Alpen en is daarmee de noordelijkste vakantieregio van Zuid-Tirol. Ongeveer 80 bergtoppen van 3000 m en hoger omsluiten een vrijwel ongerept natuurlandschap dat is gelardeerd met almen, bergmeertjes, watervallen en natuurpark Vedrette di Ries-Aurina. Even oorspronkelijk als het cultuurlandschap zijn ook de mensen die hier wonen: zich bewust van oude tradities, maar tegelijk openstaand voor nieuwe ontwikkelingen. Dit blijkt onder meer uit het veelzijdige aanbod aan extreme sporten zoals ijsklimmen en rafting. Ook het dialect is nergens anders zo karakteristiek en markant.

Informatie Val Pusteria: Area Vacanze Kronplatz/ Plan de Corones Via Michael Pacher, 11a I-39031 Brunico/Bruneck Tel. +39 0474 555 447 info@plandecorones.com www.plandecorones.com Area Vacanze Alta Pusteria/Hochpustertal Via Dolomiti, 29 I-39034 Dobbiaco/Toblach Tel. +39 0474 913 156 info@altapusteria.info www.altapusteria.info

110

Informatie Valli di Tures e Aurina: Area Vacanze Valli di Tures e Aurina Via Aurina, 95 I-39030 Cadipietra/Steinhaus Tel. +39 0474 652 081 info@tures-aurina.com www.tures-aurina.com


Wat Zuid-Tirol uniek maakt Een keuze aan vakantietips

Dolomieten

Traditie en verandering

De bizarre toppen van de Dolomieten behoren tot de markantste berglandschappen ter wereld. Vanaf karakteristieke bergen, waaronder de Catinaccio/Rosengarten, de Le Odles/Geislerspitzen of de Tre Cime di Lavaredo/Drei Zinnen, kunt u genieten van een uitzicht dat zelfs met vaste grond onder de voeten adembenemend is. ’s Winters kunt u op de ski’s een tocht rondom het Sellamassief maken: met slechts één skipas doorkruist u vier wereldberoemde skigebieden in de Dolomieten. In juni 2009 heeft de UNESCO de Dolomieten uitgeroepen tot werelderfgoed.

De Zuid-Tirolers hebben gevoel voor hun tradities: ze zijn in touw voor de dorpsfeesten, lopen mee op de maat van de muziek en assisteren op bergboerderijen. Tegelijkertijd waait er een frisse, vernieuwende wind door de streek, zoals blijkt uit de hedendaagse architectuur van onder andere het Museion, het Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst in Bolzano/Bozen.

Burchten en kastelen Tirol heeft in de 13e eeuw zijn naam ontleend aan kasteel Castel Tirolo/Schloss Tirol. Sindsdien is de Tiroolse geschiedenis nauw met die van het kasteel verbonden. Zuid-Tirol telt bijna 800 burchten, kastelen, landgoederen, vestingen en ruïnes – nergens anders in Europa is de concentratie zo hoog. In veel hiervan is tegenwoordig een museum, tentoonstelling, hotel of restaurant gevestigd.

Historische kernen en coole winkels Elke stad in Zuid-Tirol heeft een eigen sfeer met een wirwar van steegjes, pittoreske arcadebogen, oude muren en levendige winkelstraten. De best behouden gebleven stadsmuur van de Alpen staat in Glorenza/Glurns, het kleinste stadje van Zuid-Tirol met 890 inwoners. Na een middagje struinen door elegante boetiekjes en gezellige winkeltjes kunt u zich op de ‘piazza’ heerlijk ontspannen bij een cappuccino met apfelstrudel.

Ötzi, de man uit het ijs De 5300 jaar oude gletsjermummie werd in 1991 in het dal Val Senales/Schnalstal gevonden en kan tegenwoordig in het Archeologisch Museum in de stad Bolzano/Bozen worden bezichtigd. Daar trekt hij jaarlijks, mede dankzij de bij hem gevonden originele voorwerpen, 250.000 bezoekers. In het ArcheoParc in het Val Senales bij de stad Merano/Meran maakt u een reis terug in de tijd waarin Ötzi leefde.

Natuurlijk ontspannen Alpine wellness in de vorm van een kruidenstoombad, alpendensauna en hooibad is populair. Wellness made in Zuid-Tirol brengt lichaam en ziel na een vermoeiende dag weer in vorm voor een nieuwe dag vol activiteiten.

Alpe di Siusi/Seiser Alm

Kasteel Trauttmansdorff Een indrukwekkende botanische tuin, een park met alpine en exotische planten en bomen, water- en terrastuinen en de eerste palmen ten zuiden van de Alpen. Van april tot november kunt u hier genieten van de rust en de geur van verse bloemen.

Smakelijk genieten Of u nu eet in een traditionele almhut of in een elegant exclusief restaurant: de Zuid-Tiroolse keuken is een heerlijke mix van stevige Tiroolse bergkost en subtiel Italiaans raffinement. Een verrukkelijke combinatie van knoedels en spaghetti.

Taalkundige rijkdom Voor 70% van de Zuid-Tiroolse bevolking is de voertaal Duits, Italiaans wordt vooral in Bolzano, Merano en de streek Überetsch gesproken. Het verschil tussen de Duitse en Italiaanse cultuur komt het duidelijkst naar voren tijdens een wandeling door Bolzano. De oudste taal van Zuid-Tirol is het meer dan 1000 jaar oude Ladinisch, dat vandaag de dag nog door ca. 18.000 mensen in de dalen Val Gardena/Gröden en Val Badia/Gadertal wordt gesproken.

Heerlijke wijnen In diepe, donkere kelders liggen de uitstekende Zuid-Tiroolse wijnen opgeslagen, die elk jaar weer de nodige onderscheidingen in de wacht slepen. Langs de Zuid-Tiroolse ‘Weinstraße’ liggen pittoreske wijngaarden, in historische wijnboerderijen en moderne vinotheken kunt u genieten van een goed glas wijn. Tijdens het ‘törggelen’ in de herfst presenteren de boeren hun jonge wijn.

MMM – Messner Mountain Museum Reinhold Messner heeft vijf bergmusea opgericht, elk gewijd aan een ander thema: rots, ijs, religie, cultuur en bergvolkeren. Het middelpunt van de Messner Mountain Musea is MMM Firmian op Castel Firmiano/Schloss Sigmundskron bij Bolzano. Een spectaculair parcours maakt de confrontatie tussen mens en berg aanschouwelijk.

Vanaf de grootste alpenweide van Europa heeft u een indrukwekkend uitzicht op de markante toppen van de Dolomieten. Zowel ’s zomers als ’s winters is de Alpe di Siusi een ideaal recreatiegebied voor gezinnen en actievelingen, die vervolgens in één van de gezellige almhutten op adem kunnen komen. Zuid-Tirol informatie | 111


Hoe, wat, waar

Südtirol Map – Standard

Heenreis

Vakantieregio’s Valli di Tures e Aurina/ Tauferer Ahrntal Valle Isarco/ Eisacktal

5 München 4 Plan de Corones/ Kronplatz

2 Rosenheim 15.indd 1

12/18/11 4:46 PM

bo

de

ns

ee

5 Salzburg 4

d

Val Venosta/ Vinschgau

2 Bregenz

Alta Pusteria/ Hochpustertal

Merano e dintorni/ Meraner Land Val Gardena/ Gröden Alpe di Siusi/ Seiser Alm

Bolzano Vigneti e Dolomiti

5 Zürich 4 5 Innsbruck 4

a

/

2 Vaduz

Südtirols Süden

2 Vipiteno/Sterzing

2 Chur 2

ch

2 Brunico/Bruneck Glorenza/Glurns 2 Bressanone/Brixen 2 Merano/Meran iti d o l o m 2 Cortina

Alta Badia

Val d’Ega/ Eggental

Spittal an der Drau 2

5 Bolzano/Bozen 4

2 Trento

i

2 Udine

rd ga

go

di

5 Bergamo 4 5 Brescia 4 la

5 Milano 4

0 km

50

» Val Venosta: www.venosta.net » Merano e dintorni: www.meranodintorni.com

a

2 Lugano

5 Verona 4

5 Treviso 4

» Bolzano, Vigneti e Dolomiti: www.stradadelvino.info

4 Venezia 5

» Val d’Ega: www.valdega.com » Alpe di Siusi: www.alpedisiusi.info » Val Gardena: www.valgardena.it

Uitvoerige informatie en praktische tips voor uw reis naar Zuid-Tirol

» Alta Badia: www.altabadia.org

per auto, trein, bus en vliegtuig, informatie over lowbudgettransfers

» Plan de Corones: www.plandecorones.com

van de nabijgelegen luchthavens Bergamo, Verona, Venetië,

» Alta Pusteria: www.altapusteria.info

Treviso en Innsbruck naar Zuid-Tirol alsmede routeplanners, treinen ­busdienstregelingen vindt u op www.suedtirol.info/reisroute

d 1

Informatie en boekingen Voor vragen over accommodaties, boekingen, vrijetijdsactiviteiten, evenementen: Südtirol Information Piazza della Parrocchia, 11 I-39100 Bolzano/Bozen Tel. +39 0471 999 999 info@suedtirol.info www.suedtirol.info

112

» Valle Isarco: www.valleisarco.info » Valli 1/4/12 2:32di PMTures

e Aurina: www.tures-aurina.com


Accommodatie

Autoverhuur

Uitgebreide databank met accommodaties in Zuid-Tirol en online

Hertz – Bolzano

boekingsmogelijkheid: www.suedtirol.info

Tel. +39 0471 254 266 www.hertz.it

Vakantiespecialisten: » Vakantie op de boerderij: www.rodehaan.it/nl

Avis – Bolzano, Bressanone/Brixen, Merano/Meran

» Belvita Alpine Wellness Hotels: www.belvita.it

Tel. +39 0471 212 560

» Familiehotels: www.familienhotels.com

www.avisautonoleggio.it

» Hotels voor actieve vakantiegangers: www.vitalpina.info » Fietshotels: www.bikehotels.it

Maggiore – Bolzano

» Rolstoelvriendelijke hotels: www.hotel.bz.it

Tel. +39 0471 971 531

» Campings: www.campingsouthtyrol.com

www.maggiore.it

» Goed en voordelig: www.southtyrolbudget.com » Particuliere accommodaties: www.dolcedormire.org » Jeugdherbergen: www.ostello.bz » Idyllische plekjes: www.idyllicplaces.com

Vrije dagen » 1 januari: Nieuwjaar » 6 januari: Driekoningen » maart/april: eerste en tweede paasdag

Weer

» 25 april: Dag van de bevrijding van het fascisme

Weersverwachting, het weer in de bergen, pollensituatie:

» 1 mei: Dag van de Arbeid » mei/juni: eerste en tweede pinksterdag

Meteorologische dienst Zuid-Tirol

» 2 juni: Dag van de republiek

www.suedtirol.info/weer

» 15 augustus: Maria-Hemelvaart (Ferragosto) » 1 november: Allerheiligen » 8 december: Maria-Onbevlekte-Ontvangenis » 25/26 december: Kerstmis

Openbaar vervoer » Openbaar vervoer: www.sii.bz.it » Trein tussen Bolzano en Malles/Mals: www.vinschgerbahn.it » Mobilcard – één ticket voor al het openbaar vervoer van het

Alarmnummers

Zuid-Tiroolse OV-net: www.mobilcard.info

Ambulance, dienstdoende arts, bergreddingsdienst: 118 Carabinieri (gendarmerie): 112 Politie: 113

Zuid-Tirol informatie | 113


Boekentips

Wandelgids Zuid-Tirol

ANWB Extra Dolomieten Zuid-Tirol

Georg Weindl Deltas 2005

Reinhard Kuntzke ANWB Uitgeverij Boeken 2006

Mijn Reisgids Noord-Italie

ANWB Goud Dolomieten Gardameer

De 99 favoriete plekken van Herman Cole Herman Cole Lannoo 2007

M.A. Mandos & Roswitha E. van Maarle ANWB Uitgeverij Boeken 2006

Trotter – Noordoost Italie

Wereldwijzer Zuid-Tirol en de Dolomieten

Lannoo 2006

Paul de Waard Uitgeverij Elmar 2007

100 x Noord-Italië

Dolomieten

Herman Cole Lannoo 2009

M. Mandos Reisgids Europa – ANWB Actief 2009

Merian live – Zuid-Tirol F. Kaiser Centrale Uitgeverij Deltas 2006

SÜDTIROL MARKETING DESIGN: inQuadro Sas, Bolzano/Bozen TEKST: Gabriele Crepaz FOTOGRAFIE: Clemens Zahn, Thomas Grüner, Toni Stocker/Alpinschule Ortler, Helmuth Rier, Alessandro Trovati, Frieder Blickle, Max Lautenschläger, Andree Kaiser, Stefano Scatà, Freddy Planinschek, Dolomiti Superski, toeristische organisaties Zuid-Tirol, Kamer van Koophandel en Industrie Bolzano/Bozen, 100 jaar kabelbaan Colle/Kohlern, Curatorium voor Technische Cultuurgoederen, Alexander Langer Archiv, suedtirolfoto.com/Othmar Seehauser, Udo Bernhart, Marion Gelmini, Alex Filz, Archeologisch Museum, Othmar Prenner, ‘Karl auf der Mauer’, Museion Media Façade 2011 DRUK: ATHESIADRUCK Srl, Bolzano/Bozen

114


Zuid-Tirol informatie | 115


Pakkend – dat is een omschrijving die bij Zuid-Tirol past. De streek bestaat uit sterk materiaal met een stevige structuur. Rotsen geven het gebied vorm, steensoorten zoals porfier, marmer, graniet en dolomiet domineren het afwisselende landschap en de vegetatie. Met blote handen hebben de bewoners hun akkers bewerkt, rekening houdend met het feit dat met de steensoort ook de kleuren en planten veranderen. Natuur en cultuur gaan hand in hand, tradities en oude gebruiken staan hoog in het vaandel. Als het gaat om vernieuwingen, weten de Zuid-Tirolers eveneens van aanpakken.

Zuid-Tirol brochure met panoramakaart  
Zuid-Tirol brochure met panoramakaart