Issuu on Google+

AGENTEN OVER DE INVOERING VAN DE NATIONALE POLITIE

‘ ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’ Een inventarisatie van de ‘Meldkamer’ van de SP, 8 t/m 11 mei 2012

Nine Kooiman, lid van de Tweede Kamer voor de SP Bob Ruers, lid van de Eerste Kamer voor de SP Erik de Vries, medewerker veiligheid voor de Tweede Kamerfractie van de SP Mei 2012


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

‘Politiewerk is leuk maar bij de politie werken niet meer!’ ‘Het gaat allang niet meer over de politie. Het gaat om een bedrijf met managers.’ ‘Reorganiseren heeft mijn inziens geen zin, omdat aan de ene kant de stop uit de roeiboot getrokken wordt om er een ander gat mee te vullen, maar de roeiboot blijft vol lopen.’ ‘Ik zou graag zien dat er eerst meer duidelijk komt, voordat het traject verder gaat. Dit zou zeker moeten gelden voor de Kamerleden. Instemmen met iets vaags is wel vreemd lijkt mij.’ ‘Waar het om gaat is niet direct het feit dat het niet goed is dat er Nationale Politie komt maar eerder de wijze waarop. Wij zijn al aan het voetballen terwijl er nog geen gras ligt en geen lijnen. Sterker nog: de regels zijn niet eens vastgesteld. Straks komen wij erachter dat wij in ons eigen doel hebben geschoten en met 1-0 achterstaan. Stoppen met die wedstrijd dat gelooft echt niemand. Het zal een handtekening van de minister opleveren. Dan is er tenminste nog iets waarover het demissionaire kabinet zich op de borst kan kloppen.’

2


INLEIDING

INLEIDING De SP heeft op 8 mei ruim 3000 agenten de volgende vragen voorgelegd over de nationale politie. 1. Heeft u zicht op de plannen voor de invoering van de Nationale Politie, zoals die op dit moment door uw korps worden gemaakt? 2. Welke positieve veranderingen voor uw werkzaamheden bij de politie kunt u hieruit opmaken? 3. Welke negatieve veranderingen voor uw werkzaamheden bij de politie kunt u hieruit opmaken? 4. Wordt er in uw korps gesproken over het sluiten van politiebureaus of -posten, het verdwijnen van banen of mogelijke andere bezuinigingen?

Dit heeft in vier dagen tijd geresulteerd in 246 reacties: Wat opvalt is dat veel agenten aanvankelijk positief waren over de invoering van één landelijke politie. Dat optimisme is echter verdwenen als sneeuw voor de zon door de grote onduidelijkheid en onzekerheid die heersen in de korpsen. Onduidelijkheid over de precieze gevolgen, omdat zij slecht op de hoogte worden gehouden van de uitwerking van de plannen. En onzekerheid over hun baan: bestaat die straks nog, hoe komt die eruit te zien, en tegen welk salaris? Dit hangt voor vrijwel iedere agent als een schaduw boven de komst van de nationale politie. In de volgende hoofdstukken worden bovenstaande vragen afzonderlijk behandeld. De belangrijkste bevindingen en conclusies zullen weergegeven worden en voorzien van citaten uit de reacties van agenten. Waar ‘hij’ staat kan ook ‘zij’ gelezen worden. Den Haag, 14 mei 2012

3


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

4


INHOUD 1. Heeft u zicht op de plannen voor de invoering van de Nationale Politie, zoals die op dit moment door uw korps worden gemaakt? 2. Welke positieve veranderingen voor uw werkzaamheden bij de politie kunt u hieruit opmaken?

7

11

3. Welke negatieve veranderingen voor uw werkzaamheden 13 bij de politie kunt u hieruit opmaken? 4. Wordt er in uw korps gesproken over het sluiten van politiebureaus of -posten, het verdwijnen van banen of mogelijke andere bezuinigingen?

17

5


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

6


HOOFDSTUK 1

HOOFDSTUK 1 HEEFT U ZICHT OP DE PLANNEN VOOR DE INVOERING VAN DE NATIONALE POLITIE, ZOALS DIE OP DIT MOMENT DOOR UW KORPS WORDEN GEMAAKT? 25% van de agenten geeft aan een (redelijk) goed beeld te hebben, 20% heeft een redelijk of beperkt beeld en 40% heeft geen goed beeld van de plannen. Wat overheerst is dat plannen heel vaak wijzigen, waardoor nooit een goed beeld van de gevolgen kan worden gevormd.

GROTE VERSCHILLEN De verschillen per korps zijn groot: in het ene korps wordt de werkvloer betrokken bij de besluiten, in het andere korps enkel de ondernemingsraad, en weer een ander korps heeft totaal geen inspraak geregeld. Ook zitten er veel verschillen in de manier waarop de werkvloer op de hoogte wordt gehouden van de ontwikkelingen. Sommige korpsen organiseren bijeenkomsten, anderen laten het bij het rondsturen van een nieuwsbrief en het plaatsen van informatie op intranet. ‘Binnen onze regio worden wij redelijk tot goed op de hoogte gehouden. Er is een klankbordgroep opgericht die regelmatig bij elkaar komt (daar maak ik ook deel van uit) Binnen dat overleg worden wij goed op de hoogte gehouden door de kwartiermaker. Alles is heel open en er wordt uitvoerig gesproken over de stand van zaken. Op intranet staan de laatste ontwikkelingen gemeld. Tevens is er de mogelijkheid om een vraag aan de kwartiermaker te stellen, die daar heel duidelijk op in gaat.’ ‘Totaal niet. Er wordt een enkele maal voorlichting gegeven, maar dan op tijden dat het niet in de diensten van de meeste collega’s past.’ ‘Allereerst ben ik redelijk op de hoogte van de plannen omdat ik lid van de ondernemingsraad ben. Echter de plannen worden niet digitaal of op papier uitgereikt omdat men kennelijk bang is dat de stukken verspreid worden en dat mensen (de politiek?) dan kritische vragen kunnen gaan stellen. Iedere keer moeten we om de informatie vragen terwijl de WOR (wet op de ondernemingsraden) duidelijk is dat de informatie gewoon aan de medezeggenschap gegeven moet worden. En niet alleen ter inzage en dan weer innemen. Over het medezeggenschapstraject ben ik in ieder geval niet tevreden. Hebben we het over de gewone medewerker dan is die dus duidelijk NIET op de hoogte.’ ‘Om eerlijk te zijn heb ik daar geen zicht op en om nog eerlijker te zijn, het interesseert mij dan ook helemaal niet meer omdat ik ‘reorganisatie moe’ ben. Dat mag ik natuurlijk niet hardop zeggen.’

VEEL WIJZIGINGEN Vrijwel iedereen geeft aan dat de plannen veel veranderen. In sommige korpsen wordt gesproken van ‘dagkoersen’. Informatie van gisteren op het intranet is vandaag alweer achterhaald. Hierdoor ontstaat veel onduidelijkheid en onzekerheid.

7


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

‘Wel worden de plannen vaak bijgesteld en lijkt het ook regelmatig te veranderen. Dus duidelijk nog omkeerbaar zoals over sluiting van bureaus en de samenstelling en invulling van de robuuste basisteams.’ ‘Door de steeds wisselende “plannen” is nauwelijks meer bij te houden wat er nu daadwerkelijk gebeurt, waar het gebeurt en vooral hoe de “doelen” bereikt gaan worden.’ ‘Daar alles nog niet helder is kan ik met nog geen zinnig woord spreken over positieve of negatieve veranderingen. Beredenerend ga ik er vanuit dat de veranderingen ingegeven zijn uit oogpunt van bezuiniging en niet uit oogpunt van verbetering(en).’

INHOUD De verstrekte informatie is vaak heel beperkt van inhoud. Op hoofdlijnen wordt uitgelegd wat de bedoeling is van de nationale politie en wat dit gaat betekenen voor het korps. De uitwerking daarvan blijft onduidelijk. ‘Er is slechts éénmaal een bijeenkomst geweest en daarin werd aangegeven dat er nog niet veel te vertellen was…’ ‘In de plannen gaat het alleen over waar welk poppetjes komen. Ze zeggen niets over de werking en juist hier gaat het om. De werking gaat echt een probleem geven. We hebben te weinig mensen om het werk te doen.’

TRANSPARANTIE Binnen veel korpsen leeft onder agenten het gevoel dat de leiding niet het achterste van haar tong laat zien. Dit omdat veel informatie gevoelig zou liggen: bekendmaking zou leiden tot onrust op de werkvloer. Enkele agenten geven aan dat zij verwachten dat de plannen pas echt duidelijk worden als de Eerste Kamer ingestemd heeft met de wet. Tot die tijd worden de kaken op elkaar gehouden, omdat bekendmaking van de plannen de behandeling in de Eerste Kamer zou kunnen frustreren. ‘In de organisatie wordt slechts geringe en oppervlakkige informatie verstrekt over de op hand zijnde wijzigingen. Men zegt steeds dat er nog niets vaststaat terwijl uit andere interne bronnen blijkt dat men veel verder is dan men wil / mag vertellen.’ ‘Wij (werkvloer) hebben totaal geen zicht op de plannen. Hetgeen ons wordt verteld, als het al wordt verteld, is in hele grove lijnen, onder toevoeging dat inhoudelijk nog niets bekend is c.q. dat men nog niet zover is. Ik heb het idee dat men de plannen pas openbaar maakt naar werkvloer als deze al onomkeerbaar zijn.’ ‘Zoals al gesteld rust voor een groot deel embargo op de inrichtingsplannen.’

INSPRAAK Men mist vaak de mogelijkheid om echt mee te kunnen denken met de plannen. Er is sprake van een zogenaamde ‘top-down’ benadering: de leiding maakt plannen, de werkvloer mag er kennis van nemen. Als er wel meegedacht mag worden, blijkt soms dat hier vervolgens niets mee gebeurd. De leiding zet haar eigen plannen door. Of krijgt vanuit het ministerie te horen dat het zo niet mag. ‘Er heerst onduidelijkheid over de plannen die worden gemaakt. Deze zijn tot nu veelal top-down. Er worden m.i. onomkeerbare plannen gemaakt en ook uitgevoerd.’ ‘Nauwelijks, alles wordt achter gesloten deuren besproken in de hogere regionen. Ik weet dat de regio Midden-Nederland gaat komen maar hoe mijn korps hierin gestalte gaat krijgen is onbekend.‘ ‘Men doet of je medezeggenschap hebt. Men vertelt wat, maar zegt niets. Op concrete vragen worden geen antwoorden gegeven. Alles is in de “ontwikkelfase”. Leidinggevenden moeten af en toe de “stand van zaken” doorgeven. Vaak weten ze zelf niet waarover ze praten.’ ‘Ik heb meegewerkt aan de inrichtingsplannen. In eerste instantie leek het er op dat er meegedacht kon worden over de inrichting. Uiteindelijk bleek het een soort bezuinigingsronde waarin de eenheid door een rietje in de gewenste blauwdruk werd geperst. Verder leeft het verhaal totaal niet bij de collega’s, er wordt met diep wantrouwen naar gekeken.’

8


HOOFDSTUK 1

‘Gezien de informatie die ik krijg vanuit de centrale ondernemingsraad i.o. worden niet veel ondernemingsraden meegenomen in de ontwikkeling van de NP.’

LEIDING Men proeft ook veel onrust, onzekerheid en onduidelijkheid onder de leidinggevenden. Met de nieuwe structuur en robuuste basisteams zullen veel functies van leidinggevenden gaan verdwijnen. Agenten zien dat zij soms bezig zijn hun positie binnen de politie veilig te stellen, i.p.v. dat zij bezig zijn de nationale politie goed op te zetten. ‘Wel zie je dat de baasjes de baantjes al aan het verdelen zijn.’ ‘Ik heb in zoverre zicht op de invoering van de Nationale Politie zo die in ons korps worden gemaakt, dat leidinggevenden druk bezig zijn met hun eigen positie in dit gebeuren.’

9


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

10


HOOFDSTUK 2

HOOFDSTUK 2 WELKE POSITIEVE VERANDERINGEN VOOR UW WERKZAAMHEDEN BIJ DE POLITIE KUNT U HIERUIT OPMAKEN? Slechts 25% van de agenten geeft aan dat hij positieve effecten ziet of verwacht. Net zo’n groot deel geeft aan geen enkele positieve verandering te zien. De rest van de agenten geeft aan hier geen antwoord op te kunnen geven, omdat ze het niet weten, of omdat de plannen hiervoor nog te vaag zijn. Waar agenten positieve veranderingen zien, wordt soms tegelijk de vrees uitgesproken dat dit enkel op papier is. De praktijk zou wel eens weerbarstiger kunnen zijn.

EENDUIDIGHEID EN DUIDELIJKHEID Wat in het ene korps geldt, geldt straks ook in het andere korps. De verschillen tussen de ‘eilandjes’ van korpsen verdwijnen. Dit is duidelijker naar zowel de burger, als het personeel. ‘Het positieve van een nationale politie vind ik dat wet en regelgeving nu overal hetzelfde behandeld en geïnterpreteerd moet en gaat worden. Het gebeurde nog wel eens dat in andere regio’s er anders gehandeld werd.’ ‘Duidelijkheid in de diverse afdelingen en de verantwoordelijkheden. Er komt een snellere, duidelijkere beslislijn in het toewijzen van onderzoeken. Er zal ook minder geschoven gaan en kunnen gaan worden tussen de verantwoordelijke / initiatiefnemer van een onderzoek.’ ‘Mogelijk een keer inderdaad één politie en niet ieder weer voor zich. Een nationaal korps met afspraken en regelingen. Hoewel ik bang ben dat alle goede regelingen die individuele ondernemingsraden hebben afgesproken gewoon komen te vervallen.’ ‘Positief is dat het beleid in heel het land hetzelfde wordt. Hierbij denk ik aan beoordelingssystemen, organisatiestructuur, doorstroommodellen en arbeidsvoorwaarden.’ ‘Wat ik als groot voordeel met de komst van de nationale politie zie is dat de leiding van de 25 koninkrijkjes, zoals deze er in de vroegere politieorganisatie waren, niet langer de gelegenheid krijgen om los van de rest van het land hun eigen koers te varen.’

ICT / BVH / INFORMATIEVOORZIENING In de huidige manier van werken blijft de informatiewisseling tussen de korpsen achter. Dat was ook een van de belangrijkste redenen om alsnog te kiezen voor de nationale politie. Doordat straks iedereen op dezelfde manier moet werken, mag verwacht worden dat de informatiewisseling beter zal worden. Zeker als straks door iedereen met dezelfde programma’s werkt en BVH verbetert, dan wel vervangen is.

11


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

‘Vooralsnog zie ik voordelen in het gegeven dat de verschillende korpsen uiteindelijk met dezelfde automatiseringsprogramma’s gaan werken, zodat uitwisseling van info op termijn beter moet gaan.’ ‘Tot voor kort waren de informatie afdelingen van de korpsen alleen op kantoortijden geopend. Gelukkig komt hier nu verandering in.’

INKOOP / CENTRALE VOORZIENINGEN Doordat niet elk korps meer haar eigen voorzieningen als een salarisadministratie hoeft te onderhouden, kan het efficiënter en goedkoper. Ook het inkopen kan beter en goedkoper, doordat men grotere aantallen kan afnemen wat de prijs drukt. Hiervoor hoeven korpsen geen eigen inkoopafdelingen meer overeind te houden. Wel wordt soms de angst uitgesproken dat hierdoor de bureaucratie toe zal nemen, omdat de uitvoering van deze handelingen verder van de werkvloer plaatsvindt. ‘Dat er een efficiëntere manier van werken kan ontstaan omdat het wiel nu niet meer per korps wordt uitgevonden.’ ‘Gezamenlijk inkopen of “delen” kan veel geld opleveren.’ ‘Het landelijk regelen niet te ver laten doorschieten. Het moet bijv. mogelijk blijven bij de buurman een lampje voor de auto of een bloemetje voor een receptie te kunnen bestellen.’ ‘Op sommige vlakken goedkoper inkopen. Betere afstemming. Denk hierbij aan het voertuigenpark.’

ARBEIDSOMSTANDIGHEDEN Het doel is om weer meer te gaan vertrouwen in de professionaliteit, de kennis en kunde van personeel. Hierdoor wordt het werk weer leuker, ook omdat daarmee de bureaucratie af moet nemen. Daarnaast ontstaan er door de robuuste eenheden kansen om je breder met het politiewerk bezig te houden. ‘Dat er ruimte geboden wordt om de professionaliteit terug te geven aan de werknemer zodat er een lerende organisatie ontstaat.’ ‘Positief is dat alle capaciteit wordt samengevoegd en als er een goede sturing komt kan dit meer slagkracht gaan betekenen. Ander positief iets is dat er meer verscheidenheid in werk kan ontstaan.’ ‘Het gegeven dat er robuuste teams gaan komen waarin alle belangrijke processen aanwezig zullen zijn maakt het voor een politiemedewerker interessanter. Met deze processen bedoel ik Handhaving, Noodhulp en Opsporing. Er ontstaat m.i. een situatie waarbij een politiemedewerker veelzijdiger werkzaam kan zijn en ingezet kan worden.’

LEIDINGGEVENDEN Door de grotere eenheden zijn er straks minder leidinggevenden nodig. Dat wordt door velen als een probleem gezien: teveel bazen, teveel beleidsmakers, en te weinig uitvoerend personeel. De nationale politie moet dat probleem aanpakken. Men is wel bang dat deze leidinggevenden op een of andere manier wel weer een positie voor zichzelf weten te vinden, waardoor het ‘waterhoofd’ van de politie niet zal verdwijnen. ‘Zoals het zich laat aanzien komen er meer uitvoerders en minder leidinggevenden. Echter dat moet ik eerst nog zien. De leidinggevenden die straks uitvoerder zijn zie ik echt nog niet uitvoerende werkzaamheden doen. ‘Wellicht wordt er eindelijk iets gedaan aan de overschot aan leidinggevenden, maar zoals altijd worden de leidinggevenden bij reorganisaties uit de wind gehouden. Zij zullen wel weer een symbolische functie krijgen, commissaris gevonden vliegtuigen of iets dergelijks.’

12


HOOFDSTUK 3

HOOFDSTUK 3 WELKE NEGATIEVE VERANDERINGEN VOOR UW WERKZAAMHEDEN BIJ DE POLITIE KUNT U HIERUIT OPMAKEN? Ruim 60% van de agenten geeft aan negatieve veranderingen te zien of te verwachten door de komst van de nationale politie. Enkele agenten die in het vorige hoofdstuk positieve kanten benoemden, geven aan ook negatieve kanten te zien. De rest van de respondenten kunnen geen antwoord geven op deze vraag, omdat ze het niet weten, of omdat er nog onvoldoende duidelijk is over de gevolgen van de invoering in hun korps.

ONZEKERHEID EN ONRUST Bijna alle agenten noemen onzekerheid over hun toekomst en onrust op de werkvloer hierover als negatief punt. Ze weten niet waar ze aan toe zijn en krijgen geen antwoord op vragen. Vooral de onzekerheid over hun eigen baan, functie en beloning drukt op het functioneren. Dit trekt een zware wissel op de uitvoering van werkzaamheden en het werkplezier. ‘Onzekerheid, maar waar heb je nog zekerheid...’ ‘De negatieve veranderingen zie ik dat momenteel voor bijna niemand op de werkvloer duidelijk is hoe zijn werkzaamheden er straks uit gaan zien. Kortom de werksfeer is niet optimaal doordat personeel niet weet waar het aan toe is (dit heeft ook te maken met de cao).’ ‘Vorige week hebben wij (ongeveer 20 fte. in de salarisschaal 10) te horen gekregen dat onze functie niet in de NP terug komt. Dit heeft veel onrust veroorzaakt. Het lijkt hierbij of de korpsen op de feiten vooruitlopen. Terwijl het nieuwe functiehuis nog niet gematcht is, worden personeelsleden gewaarschuwd.’

REISTIJD Door het ontstaan van de robuuste teams zien veel agenten hun huidige werkplek verdwijnen. Dat betekent dat zij straks of andere werkzaamheden uit moeten voeren, of overgeplaatst worden naar een andere standplaats. De uitspraak van de minister dat 1,5 uur reistijd van en naar je werk acceptabel is, zet veel kwaad bloed. Voor velen heeft dit grote impact op het privéleven. ‘Verandering van werkplaats; nu nog 5 minuten op de fiets en straks met een auto op en neer rijden. Kost mij dan extra tijd, aanschaf auto; benzinekosten en veel werkvreugde.’ ‘De negatieve veranderingen zijn, dat er collega’s vermoedelijk moeten verhuizen naar andere regio’s omdat ze overtallig zijn op het bureau / unit alwaar ze nu werkzaam zijn.’ ‘Men spreekt erover dat 1,5 uur reistijd woon- werkverkeer acceptabel is. Meer reistijd tegen minder kostenvergoeding.’

13


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

‘Het feit dat iemand die al 35 jaar vastgeroest zit moet verkassen, kan wel eens hard aan komen. Dit zijn zaken die zeker gaan voorkomen.’

SCHAALVERGROTING Met de komst van 10 i.p.v. 25 korpsen wordt alles op een hoger schaalniveau georganiseerd. Dit heeft gevolgen voor de agenten op de werkvloer. De afstand tot ondersteunende dienstverlening neemt toe. Ook de afstand tussen leidinggevenden, beleidsmakers en werkvloer wordt groter. De angst is dat er hierdoor nog minder gevoel is van wat er op de werkvloer speelt. Ook is men bang, ondanks het feit dat de wet dit niet tot bedoeling heeft, dat het wijkgericht werken en de lokale prioriteiten zullen lijden onder de komst van de nationale politie. ‘De schaalvergroting doet afbreuk aan de betrokkenheid van de mensen. Zonder betrokken politiemensen volgt geen goed product.’ ‘Enschede nu bestaande uit 5 wijkbureaus terug gaat naar een groot team. Het wijkgericht werken, waarvoor wij jaren geleden gekozen hebben, gaat waarschijnlijk hiermee ter ziele.’ ‘Ik word meer een nummer. Leidinggevenden hebben het al druk maar krijgen zo veel minder tijd voor persoonlijke begeleiding, coaching, etc.’ ‘De ondersteunende afdelingen worden te ver van de basis geplaatst en daarmee logger. De afdelingen worden te groot (robuuste basiseenheden) die meer werk moeten doen met minder mensen. Centralisering van (specialistische) diensten zorgt voor een (nog) grotere afstand van de burger.’

GROOTTE De fysieke grootte van de korpsen brengt ook nadelen met zich mee. Het werkgebied wordt groter, de afstanden langer voor zowel agenten zelf als de inwoners van een gebied. Doordat de robuuste basisteams grote teams worden, spreekt men de vrees uit dat het onpersoonlijker wordt. Je kent je collega’s minder goed, terwijl je daar in geval van nood wel vol op moet kunnen vertrouwen. ‘We hadden gebieden met een grootte van 60.000 tot 100.000 inwoners, nu meer als het dubbele. En dat allemaal vanuit een centraal punt. Veel reizen = nutteloze tijd.’ ‘Dat ons bewakingsgebied enorm wordt en niet te behappen.’ ‘Verder zal de zorg voor je naaste collega verminderen. In een groep van 200 mensen ken je niet alle collega’s en zul je regelmatig dienst hebben met een collega die je niet kent.’ ‘Het wij-gevoel verdwijnt. Het werk wordt veel afstandelijker en individueler.’ ‘Alles wordt groter, lijntjes worden steeds minder kort. Je kan op je vingers natellen dat het ellende wordt. Politiewerk is maatwerk, geen productiewerk.’

BUREAUCRATIE Door de grotere afstand t.o.v. de ondersteunende diensten straks in de nieuwe korpsen wordt gevreesd dat de bureaucratie verder toeneemt. Er wordt nu al veel gewerkt in protocollen bij bijvoorbeeld het aanvragen van ondersteuning of materiaal. Dit wordt erger door de schaalvergroting. Ook de controledrift en informatiebehoefte van leidinggevend personeel zal volgens agenten toenemen. ‘De bureaucratie neemt nu al ernstige vormen aan, vooral op facilitair gebied.’ ‘Centrale aansturing leidt tot een nog grotere verantwoordingscyclus en zal de bureaucratie doen toenemen.’ ‘Korte lijnen verdwijnen. Nu een kort telefoontje met bijv. de meldkamer, technische recherche of personeelszaken. Straks ben je een nummer, geen korte lijntjes maar alles met aanvraagformulieren of onbekende medewerkers.’

14


HOOFDSTUK 3

AFSTAND BURGER De politie zou in de haarvaten van de samenleving moeten zitten. Volgens veel agenten zal de fysieke afstand van de korpsen ook merkbaar zijn in de afstand t.o.v. de burger. Dat is een slechte ontwikkeling, omdat agenten nu al zien dat het vertrouwen in de politie afneemt, net als de aangiftebereidheid. Als mensen straks verder moeten reizen om aangifte te doen, of openingstijden verkort worden, zal dat niet helpen om die aangiftebereidheid te verbeteren. Aangiftebalies in gemeentehuizen zouden een oplossing kunnen bieden, maar zijn nog steeds een surrogaat van echte politieposten waar mensen met wat voor vragen of problemen ook binnen kunnen lopen en meteen te woord worden gestaan. Dat dreigt te verdwijnen, doordat de robuuste teams in veel korpsen ook vanuit centrale plaatsen gaan werken. Posten in wijken en dorpen gaan dus verdwijnen. ‘De Nationale Politie heeft het over wijkgericht werken en het belang van de wijkagent in de wijk. Op deze manier (sluiting lokale posten) haal je de wijkagent juist uit de wijk en daarnaast wordt in de praktijk de 80/20 regeling in zijn geheel niet gehaald. Met 50/50 mag de wijkagent zijn handen dichtknijpen. Kortom de politie gaat centraal werken en komt verder van de burger af. Terwijl wij er voor de burger zijn. Ik zie als wijkagent deze ontwikkelingen met pijn in mijn hart op ons afkomen.’ ‘Negatieve verandering is dat men in het geruchten circuit vertelt dat er inderdaad bureaus dicht gaan of dat de openingstijden korter worden.’ ‘Evident is dat door de schaalvergroting van de uitvoerende eenheden (basisteams) de politie naar mijn mening nog verder op afstand van de burger komt te staan. Ook zullen er voor mijn gevoel minder bureaus zijn.’ ‘De burgers zullen minder snel geholpen gaan worden. Er komen minder medewerkers in blauw terug. Er komen minder rechercheurs terug in de districten. Het aantal zaken waar nu geen tijd voor is al behoorlijk groot. Dit zal straks alleen maar oplopen. Allerhande ideeën om de burger sneller te helpen vallen en staan met de mankracht die je als organisatie ter beschikking wilt stellen.’ ‘De ‘coleur locale’ verdwijnt volledig welke wel nodig is om het politievak efficiënt en met oog voor de burger uit te kunnen oefenen.’ ‘Ik was er dag- en nacht voor de inwoners van deze gemeente. Ik kende al mijn pappenheimers. Het resultaat was er dan ook naar. Nu gaat men “papieren” wijkagenten plaatsen. Woont bijvoorbeeld in Nijmegen en is verantwoordelijk voor een wijk in Veghel. Ik voorspel u dat dit niet gaat werken.’

BEZUINIGINGEN Veel agenten zien de invoer van de nationale politie toch vooral als een bezuinigingsoperatie. Feitelijk is dit ook zo: op de langere termijn komt er 230 miljoen euro minder beschikbaar voor de politie. Zij zien deze bezuiniging op alle vlakken terugkomen: materiaal, gebouwen, (ondersteunend) personeel, etc. ‘Vanuit de informatieafdeling kunnen we straks veel minder ondersteuning en expertise verwachten omdat daar veel te veel op bezuinigd gaat worden.’ ‘Het is al duidelijk dat op de toekomstige robuuste basiseenheid waar ik kom te werken wijkagenten moeten verdwijnen om zo ook een bezuinigingsopgave in te vullen.’

VERLIES KENNIS EN ERVARING Door het oprichten van de robuuste basisteams verdwijnen veel specialismen binnen de politie. Hierdoor gaat ook veel kennis en ervaring verloren. Kennis en ervaring die soms erg specifiek is, en waar jarenlang in geïnvesteerd is. Dit betekent een verlies voor de kwaliteit van het brede politiewerk. ‘Vernietiging van kennis en kunde op het gebied van opsporing door opheffing van de Regionale Recherche Eenheden.’ ‘Wij behandelen met name bankfraude zaken (creditcardfraude, bankpasfraude, vals geld, oplichtingen enz.). Daarbij werken we nauw samen met de banken. Door de jarenlange opgebouwde ervaring werkt dit zowel voor de banken als

15


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

voor ons erg prettig. Omdat we onder de bovenregionale recherche vallen houden we op te bestaan. Alles wat onder de bovenregionale recherche valt wordt namelijk opgeheven. Echter hebben deze zaken bij de korpsen een dusdanige lage prioriteit dat er in veel gevallen geen opvolging van zaken meer zal zijn omdat er keuzes moeten worden gemaakt.’ ‘Er verdwijnen afdelingen, met name de taakaccent houders en specialisatie zoals milieu, horeca ondersteuning, wet wapens en munitie toezicht, wet particuliere beveiliging, groene wetten, 1% motorbendes, vreemdelingendienst, enz. Dit alles behoort op te gaan in de robuuste basiseenheid. Echter die collega’s moeten dan meedraaien in de noodhulp want daar ligt de prioriteit. Dit alles leidt tot vernietiging van kennis en netwerken.’

16


HOOFDSTUK 4

HOOFDSTUK 4 WORDT ER IN UW KORPS GESPROKEN OVER HET SLUITEN VAN POLITIEBUREAUS OF –POSTEN, HET VERDWIJNEN VAN BANEN OF MOGELIJKE ANDERE BEZUINIGINGEN? 45% van de agenten denkt dat er politiebureaus en posten gaan sluiten, of de kans daarop erg groot is. Slechts 10% geeft aan dat hier zeker geen sprake van is. De rest heeft hier onvoldoende zicht op, of weet te vertellen dat dit vermoedelijk pas na goedkeuring van de wet zal worden uitgewerkt en medegedeeld. 25% van de respondenten denkt daarnaast dat er vrijwel zeker banen gaan verdwijnen, met name in de ondersteunende en leidinggevende functies. 10% zegt dat dit zeker niet het geval is. Ook hier geeft de rest aan dat er onvoldoende zicht is op deze ontwikkeling, of dat dit pas in een later stadium duidelijk zal worden. Overige bezuinigingen die genoemd worden zijn met name materieel: voertuigen, onderhoud, etc.

SLUITEN BUREAUS EN POSTEN Omdat er gewerkt gaat worden met robuuste basisteams, wordt in veel korpsen gekeken waar deze centraal gehuisvest kunnen worden. Dat zou betekenen dat hierdoor kleinere bureaus en posten zullen verdwijnen. Ook de rechercheeenheden zullen toegevoegd worden aan die robuuste basisteams. ‘Er wordt in ons korps gesproken over het sluiten van nog meer bureaus, en verdwijnen van banen en inderdaad het bezuinigingen van andere belangrijke dingen. Ook zijn er veel banen, vooral op administratief gebied, welke gaan verdwijnen.’ ‘De bezoekersaantallen worden gemeten t.b.v. sluiten van bureau´s. Er is in het geheel geen nulmeting. Ook is het over een zeer korte termijn gemeten. Waardeloos dus.’ ‘Er komt een hele nieuwe inrichting wat betreft de Basiseenheden. Er komen er minder. De Recherche-eenheden worden ook opnieuw ingericht door de herindeling.’ ‘Ook in onze regio worden bureaus afgestoten en gesloten. Ook is de afdeling gegevensbeheer al aangezegd dat deze wordt opgeheven. De collega’s moeten zich oriënteren op een andere functie. Ook is het niet uitgesloten dat banen verdwijnen. Momenteel worden geen vacatures ingevuld. Bezuinigingen staan voorop.’ ‘In mijn regio zijn al 10 bureau gesloten. De keuze was of personeel eruit of bureaus sluiten.’ ‘Er zal snel worden geroepen dat de capaciteit niet beantwoord aan het openhouden van bureaus. Oftewel men heeft de scenario’s al klaar liggen op basis waarvan ieder kan worden overtuigd dat het gezien de capaciteitsproblemen noodzakelijk is om bureaus te sluiten. Ook termen als efficiency en effectief werken komen dan weer uit de managementboeken gevallen. Wat heeft de burger hier aan?’

17


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

‘Bovenstaande ontwikkeling van deze robuuste basisteams zal tot logisch gevolg hebben dat er politiebureaus in dorpen en kleine steden zullen worden gesloten.’ ‘Daar wordt al volop over nagedacht en volgens mij zijn er ook al plannen gepresenteerd in de regionale colleges. Door het sluiten van bureaus zal de wijkzorg van de basispolitie (nog) verder van de burgers komen te staan. Nu al worden de sluitingstijden doorgevoerd (alleen ’s morgens open / ‘s middags gesloten).’ ‘Het sluiten van bureaus wordt hevig ontkend, maar ik kan me haast niet voorstellen dat bureaus niet gesloten gaan worden. We gaan naar schaalvergroting en dat gaat ten koste van bureaus.’ ‘Ik weet dat diverse kleine bureaus dicht zijn gegaan en dat het aantal beschikbare hulpofficieren nu een hele regio en soms nog meer moeten bestrijken om voorgeleidingen te doen waardoor er langere reistijd is en de verdachten niet ten spoedigste worden voorgeleid terwijl dit een recht is van de verdachten.‘ ‘Meerdere bureaus zullen worden samengevoegd. Dit leidt tot grotere eenheden, waar men voornamelijk in cijfertjes en nummers gaat denken. Men zal nog minder aan de mens achter de agent gaan denken.’ ‘Volgens het voorlopige inrichtingsplan zag ik dat er fors wat formatieplaatsen verdwijnen en er worden twee politieposten gesloten.‘ ‘Diverse wijkteambureaus worden gesloten en / of samengevoegd.’ ‘Gelukkig blijven vooralsnog alle politiebureaus open. Echter we hebben al vele postbureaus en kleinere bureaus de afgelopen jaren gesloten.’ ‘In mijn werkomgeving zijn er vrij concrete plannen om naar een groot bureau in een straal van circa 20 km. te gaan. Diverse stadjes/dorpen van inwonertallen tot 14.000 inwoners zullen dan geen politiebureau meer hebben. Een aanrijdtijd van 15 minuten bij prio 1 meldingen lijkt me heel vaak in het geheel NIET haalbaar.’ ‘3 van de 5 bureaus zullen vermoedelijk gaan sluiten. De rechercheteams gaan centraal, op mijn afdeling verdwijnen fte’s, terwijl het nu al krap is…’ ‘Absoluut, de namen van deze posten worden ook openlijk genoemd.’

ALTERNATIEVEN VOOR SLUITING Niet alleen is er sprake van het sluiten van bureaus en posten door de komst van robuuste teams, ook wordt er bezuinigd door openingstijden te beperken. Hierdoor hoeft minder personeel ingezet te worden. Dit gaat wel ten koste van de service naar de burger. In sommige plaatsen wordt verder gekeken of er werkplekken kunnen worden geopend in een gemeentehuis of buurthuis, zodat er toch op locatie aangifte gedaan kan worden, of anderszins contact gezocht kan worden met de politie. Ook de mogelijkheid om digitaal aangifte te doen wordt aangedragen als reden om posten te kunnen sluiten. ‘Beperking in openingstijden als gevolg van minder districten.‘ ‘Er is in ieder geval sprake van sluiting van 1 politiepost en sluiten van aangiftebalies door het inzetten van tele-service (aangifte per computer).’ Gemeenten / regio’s waar bureaus en posten gaan sluiten Een opsomming van de meldingen die we hebben gekregen over (mogelijke) sluitingen van bureaus en posten. ‘Het lijkt er wel op dat men in Enschede de afdelingsbureaus wil gaan sluiten. De BPZ (geüniformeerde politie, dus de diender op straat, wijkagent) zal vanuit 1 (hoofd)bureau gaan acteren.’ ‘En of! In Amsterdam worden de helft van de politiebureaus gesloten en komt er een district minder door samenvoeging van twee districten! Ik zou bijna denken dat ze al gesloten zijn. Qua verdwijnen van banen is dat inherent aan

18


HOOFDSTUK 4

sluiting van politiebureaus omdat daardoor alle functies dubbel bezet zijn, zoals administratie, planning, wijkteamchef, plaatsvervangend wijkteamchef etc.!’ ‘Het politiebureau Oisterwijk is verkocht en wordt gesloten.’ ‘In de stad Haarlem zijn nu 3 basisteam. Deze worden allen opgeheven en gaan op in één robuust basisteam met een sterkte van +/- 220 fte’s. Het is de bedoeling om dat nieuwe basis in één gebouw te huisvesten. Dus mogelijk sluiting van de andere bureaus.’ ‘Vooruitlopend op de komst van de Nationale Politie heeft de regio Hollands Midden 17 teams teruggebracht naar 12 teams. Ergo: er zijn al 5 bureaus opgeheven / gesloten, hiermee is de politie weer verder van de burger af en gelijkertijd onbereikbaarder geworden.’ ‘In Haarlem, Zandvoort en Heemstede zijn momenteel 5 posten en deze gaan terug naar 2. Verder gaan afdelingen samen en worden tijdelijke contracten niet verlengd.’ ‘Ook in Twente heeft men ver gevorderde plannen om bureaus en posten te gaan sluiten. In plaats daarvan komen er loketfuncties in bijv. gemeentehuizen. Bij ons in het cluster wordt gesproken over het sluiten van bureau Borne. Bureau Hengelo Noord en de Hof van Twente. Vrijwel alles komt in het hoofdbureau in Hengelo. Tenminste, dit wordt gezegd. Gemakshalve trekken ze ook Haaksbergen bij ons cluster aan wat volgens mij ook zal duiden op een sluiting van bureau Haaksbergen.’ ‘Alle bureaus binnen ons district Bollen Noord zijn reeds gesloten na 21.00 uur tot 09.00 uur. Voorts zijn er van de 8 bureaus er reeds 5 gesloten en verkocht.’ ‘Nijmegen had 5 teams en het worden er 3 waarschijnlijk in 2 of 3 bureaus. In het buitengebied worden kleine bureaus gesloten.’ ‘In het Eindhovense hadden wij tot voor kort 7 bureaus, op dit moment zijn dat er nog maar 3 en volgend jaar is dat terug gebracht naar twee bureaus. In Helmond had men 3 bureaus en dat is er nog maar 1.’ ‘In de regio Zaanstreek – Waterland zijn talloze wijkbureaus gesloten.’ ‘In de hele regio NO Gelderland wil men naar 6 “robuuste” teams. Staat nergens op papier, maar wordt door districtchef wel verkondigd.’

VERDWIJNEN BANEN Agenten geven aan dat hierover niets op papier staat en dat dit ook angstvallig wordt ontkend. De verhalen hierover worden vooral verteld in de wandelgangen. Toch vrezen veel agenten dat dit onvermijdelijk is, gezien de bezuinigingsopgave waar de korpsen voor staan. Vooral agenten waarvan de functie straks niet meer bestaat, vrezen voor hun baan. ‘Op werkvloer heerst het gevoel dat men in eerste instantie geen verlies van baan krijgt. Men moet eventueel daarna gaan zoeken vnaar een andere functie, maar als deze er op langere termijn niet blijkt te zijn, zal men toch uiteindelijk, vrijwillig of onvrijwillig, zijn baan verliezen. Maar in theorie is dat dan niet ten tijde de reorganisatie gebeurd.’ ‘Het is ons bekend dat er landelijk 3500 arbeidsplaatsen aan de basis worden geschrapt (2500 ATH en 1000 executief).’ ‘Binnen ons korps wordt gesproken over het sluiten van secretariaten van wijkbureaus, het ontslaan van surveillanten en andere werknemers onder schaal 5 niveau. Er zijn inmiddels al werknemers ontslagen, dan wel elders onder gebracht. Als alles nog zou zitten in de fase van plannen maken, dan zijn die plannen inmiddels al volop ten uitvoer gelegd binnen ons korps of is men daar mee bezig. Al met al zijn de mensen aan de basis momenteel het richtpunt voor wat betreft de door te voeren bezuinigingen en dit kan nooit de bedoeling zijn volgens mij.’ ‘Voorts zijn de geluiden dat Amsterdam-Amstelland ongeveer 1000 mensen aan sterkte inboet (administratief/ executief).’

19


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

VERDWIJNEN BANEN BIJ DE ONDERSTEUNING In veel korpsen wordt bezuinigd op de ondersteunende functies. Deels omdat taken gecentraliseerd worden en er dus minder mensen nodig zijn. Daarnaast omdat de korpsen moeten bezuinigen door de komst van de nationale politie en dit niet ten koste mag gaan van executief (uitvoerend) personeel, ofwel ‘blauw op straat’. Daar vallen de ondersteunende functies niet onder. Toch heeft dit gevolgen voor het uitvoerend personeel. Die moeten de taken van het ondersteunend personeel over gaan nemen. Hierdoor is het effect toch dat er minder blauw op straat zal zijn. ‘Afdelingen verdwijnen (bedrijfbureaus) en P&O wordt mogelijk gecentraliseerd op een andere locatie, ook wordt er gesproken over het terugbrengen van P&O personeel met 30%, maar niet formeel…’ ‘Verplaatsing van functies naar andere afdelingen, inleveren van sterkte. (soms 30%) Veranderen van functies waardoor deze plotseling executief worden in plaats van administratief. Dit is het kunstmatig op peil houden van executieve mensen terwijl er bezuinigd gaat worden (secretaresses / administratieve krachten gaan van ondersteuning naar executief).’ ‘Personeel met contracten voor bepaalde tijd (bijvoorbeeld de medewerkers Publieksopvang op de bureaus) krijgen niet of zeer moeizaam hun contract verlengd.’ ‘Vrijwel al het administratieve personeel op de werkvloer wordt geschrapt. Wie het werk gaat doen is onbekend. Zelfs de dienstleiding die deze maatregel moet doorvoeren geeft aan dat dit niet kan. Het moet toch vanuit den Haag.’ ‘Zeker binnen de ondersteuning gaan er rake klappen vallen en dat werkt door tot de agent op straat. Het feit dat er aan het bureau geen of nauwelijks ondersteuning wordt georganiseerd noopt agenten het werk binnen het bureau zelf te doen, de ‘adjudant van de krijtjes’ wordt weer geboren.’ ‘Binnen de ondersteuning, met name op huishoudelijke, facilitaire en ICT-taken moeten er bij de politie 2400 banen verdwijnen.’

VERDWIJNEN BANEN LEIDINGGEVENDEN Vanwege de nieuwe structuur van de nationale politie zullen er minder leidinggevenden nodig zijn. Voor hen is de kans op het verdwijnen van hun baan dus groot. Agenten geven aan hier wel vrede mee te hebben. Zij zien wel dat leidinggevenden daarom bezig zijn voor zichzelf een positie te verwerven. Zij vrezen dat hierdoor uiteindelijk het ‘waterhoofd’ in stand blijft. ‘Wat ontslagen bij het personeel betreft, voorzie ik een vermindering van het aantal leidinggevenden (wat ik niet zo’n probleem vindt. Hebben we alleen maar last en geen gemak van en werken op straat doen ze niet.)’ ‘Reorganiseer van onder naar boven i.p.v. van boven naar beneden. Ik denk dat er dan erg veel hogere functies “overblijven”.’ ‘De teamchefs vallen bij bosjes neer, ook hun positie is onduidelijk, de meesten zijn voor zichzelf bezig.’

OVERIGE BEZUINIGINGEN Hier worden vooral vaak bezuinigingen op de voertuigen en onderhoud genoemd. ‘Er wordt vooral op het wagenpark bezuinigd. We moeten steeds meer voertuigen inleveren.’ ‘Er wordt overal op bezuinigd. Bedrijfskantine´s verdwijnen, op auto´s en materiaal wordt flink bezuinigd en er verdwijnen wijkteams onder het mom van robuuste basisteams maar in de praktijk zal het altijd minder blauw op straat inhouden, minder contact met de burgers en ondernemers in je wijkteamgebied.’ ‘Op alle terreinen wordt bezuinigd; mijn afdeling van de verkeerspolitie had een paar jaar geleden nog 10 surveillanceauto’s, nu zijn er nog 4. Sommige wagens hebben 270.000 kilometer gereden, de vulling komt uit de stoelen, lichte blikschade wordt niet meer gerepareerd.’

20


HOOFDSTUK 4

LFNP (LANDELIJK FUNCTIEHUIS NEDERLANDSE POLITIE) Tot slot noemen een aantal agenten de ontwikkelingen in dit dossier in één adem met de komst van de nationale politie. ‘Vele collega’s (en ik ook) worden gewoon ontdaan van onze specialisaties (want dat waren toch maar taakaccenten en/of neven werkzaamheden) zodat je gewoon lager kan worden ingeschaald.’ ‘Het krankzinnige is dat de functiematches nog niet bekend zijn maar dat de opbouw in de inrichtingsplannen kennelijk al vaststaat…’ ‘Ik heb geen idee wat dit voor mij gaat betekenen. Wij hebben in het kader van de vorming van de Nationale Politie wel te maken met het daarbij behorende Landelijke Functiehuis (LFNP). Hierin staan alle toekomstige functies beschreven. Vooruitlopend hierop heeft iedere medewerker bij de politie een besluit uitgangspositie gekregen waarmee hij/zij de fase van matchen met dit LFNP ingaat.’

21


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

22


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

23


‘ONZEKERHEID. MAAR WAAR HEB JE TEGENWOORDIG NOG ZEKERHEID...’

24

WWW.SP.NL


Agenten over de invoering van de nationale politie - Mei 2012