Mooi
en toekomstbestendig
KBS De Heeswijk, Montfoort – De Meeuw
Mooi en toekomstbestendig is het thema van deze Schooldomein. Maar gaat dat wel samen? Is de wens toekomstbestendig te bouwen niet een beperking voor fraaie architectuur? Of is schoonheid juist een voorwaarde voor toekomstbestendig bouwen? Hoe denken onze experts erover?
Dickie Gunning
DICKIE GUNNING 1. De vraag is of mooi relevant is. De mooiheid of de schoonheid van een gebouw hebben naar mijn mening geen enkele
20
SCHOOLDOMEIN
maart 2017
relatie met de toekomstbestendigheid van een gebouw. Dit nog even los van het feit dat ‘schoonheid’ een relatief begrip is. Belangrijker is de vraag wat een toekomstbestendig gebouw is. Een toekomstbestendig gebouw is een gebouw dat nu en in de toekomst een waardevolle functie kan vervullen voor onderwijs, maar ook voor andere maatschappelijk-culturele doeleinden. Deze vooruitziende blik op de toekomst van het (onderwijs)gebouw vraagt om twee aandachtspunten: · Het gebouw heeft een structuur waarin veranderingen in het gebruik eenvoudig, met minimale aanpassingen, kunnen worden vertaald naar veranderingen in het gebouw. Dit vraagt om een robuuste draagstructuur. · Het gebouw heeft een duidelijk herkenbare identiteit. Dat hoeft niet per se een gebouw te zijn dat iedereen mooi vindt,
zolang het gebouw maar ‘smoel’ heeft. Het moet herkenbaar zijn in een buurt, de mensen in de stad kennen het door zijn kenmerkende signatuur. Schoolbesturen hebben soms grootse plannen met de bouw van een hippe, trendy school met als achterliggende gedachte dat een gebouw met een ultramoderne uitstraling extra leerlingen zou trekken. We zien dat schoolbesturen sommige van deze gebouwen na 15 jaar al willen laten vervangen, simpelweg omdat hun gebouw dan al hopeloos gedateerd is. 2. Toekomstgerichte gebouwen moeten vooral op een goede plek staan, waardoor er nu en in de toekomst voldoende gebruikers zullen zijn. In het hart van een buurt, op een goed ontsloten en zichtbare plek. Aanpasbaarheid is goed bedoeld en zeker ook noodzakelijk, maar er wordt vaak te ge-