Museum Plantin-Moretus | Komt een Italiaan naar de Nederlanden. Bijlage bij Gazet van Antwerpen

Page 1

Expo

‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’ Duik in de bestseller van de Lage Landen in de 16de eeuw

tot 6 maart 2022 Museum Plantin-Moretus Vrijdagmarkt 22, 2000 Antwerpen www.museumplantinmoretus.be


Komt een Italiaan naar de Nederlanden WELKOM IN HET ANTWERPEN VAN DE JAREN 1500

Lodovico Guicciardini’s Beschrijving van de hele Nederlanden verscheen in 1567 en teleporteert de lezer letterlijk terug naar het leven en de maatschappij van de zestiende eeuw. In 2021 is het 500 jaar geleden dat deze welbespraakte Italiaan geboren werd. Reden te meer voor het Museum Plantin-Moretus om vanaf 3 december een expo te organiseren rond zijn befaamde boek. Curator Kris Geysen geeft haar visie op deze bijzondere wintertentoonstelling.

D

e Italiaanse expat Lodovico Guicciardini kwam als handelaar in de zestiende eeuw naar Antwerpen. Hier begon hij te schrijven aan een van de meest unieke naslagwerken uit die periode: de Beschrijving van de hele Nederlanden. In dit boek beleef je als het ware de jaren 1500 in gedetailleerde beschrijvingen van de dorpen, steden en gewoonten van toen. Museum Plantin-Moretus opent daarom vanaf 3 december de tentoonstelling ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’. In deze expo waant iedere bezoeker zich Antwerpenaar in 16de eeuwse setting via meeslepende audio-verhalen, breugeliaanse prenten en extracten uit het befaamde boek van Guicciardini.

“De expo bestaat uit originele citaten, tot leven gebracht in de vele prenten en tekeningen, en een meeslepende audiobeleving.” Kris Geysen, curator expo ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’

HOE BOUWDEN JULLIE DEZE TENTOONSTELLING OP? “Tentoonstellingen over boeken maken blijft een uitdaging, want je kan in de vitrine bijvoorbeeld maar twee pagina’s tonen. Bovendien zijn de teksten vaak in moeilijk leesbare lettertypes gedrukt: daarmee lok je niet veel bezoekers. We kozen dus voor een sterk visuele aanpak, waarbij we de woorden van Guicciardini tot leven brengen dankzij vele prenten, zoals levendige gravures, houtsneden en etsen uit de zestiende eeuw. Deze zijn het plaatje bij een praatje. Daarnaast voegden we ook enkele verrassende objecten toe, zoals een vermeende wervel van de reus Antigoon. Eén van de blikvangers is bovendien een indrukwekkend groot plan van Antwerpen van wel 265 cm

breed. Deze zogenaamde kaart van Virgilius Bononiensis werd minutieus gerestaureerd: het is een echt pronkstuk. Geloof me, deze tentoonstelling is een meeslepende ervaring. Je wandelt in één langgerekte tocht doorheen het Antwerpen en de Nederlanden van de zestiende eeuw. Veel afgebeelde prenten zijn trouwens gebaseerd op ontwerpen van de grote Pieter Bruegel de Oude, met zijn typische gedetailleerde situatieschetsen. Voor wie het boek echt wil doorbladeren is er ten slotte ook een facsimile (replica, red.) uit 1979. Een prachtige, ingekleurde versie van het originele boek kan je enkel in vitrine aanschouwen.”

WAT ZIJ N JOU W FAVORIETE BREUGELIAANSE PRENTEN VAN DEZE EX PO? “Twee springen er zeker voor Antwerpenaren echt uit. Bijvoorbeeld ‘Het ijsvermaak aan de Sint-Jorispoort’ uit ca. 1558 is een echt kijkplaatje vol anekdotes. Gewoon ‘mensen kijken’, zoals Bruegel het zo graag doet: schrikschoenen en schaatsen, een sleetje van kaaksbeenderen, vallen met de billen bloot, door het ijs zakken, avances onder de brug, enzovoort. Het opschrift is ook vrij dubbel te interpreteren: ‘De slibberachtigheyt van ‘s menschen leven’.” “Mijn tweede must-see is ‘De kermis van Hoboken’. Het is uitbundig breugeliaans, zoals we hem kennen: een kermis met allerlei feestelijkheden en spellen. In het midden een paard en wagen, links een rondedans, rechtsvoor een wedstrijdje boogschieten. Op de achtergrond een roomse processie met onderaan de prent een veelzeggend, tweeregelig onderschrift in het Nederlands: ‘Die boeren verblijen hun in sulken feesten/ te dansen springhen en dronckendrincken als beesten’.”

“Het boek was 100 jaar lang een bestseller met talloze herdrukken. Plantijn brengt het boek op de markt met tientallen afbeeldingen van de besproken steden: die waren zeer populair.” Kris Geysen, curator expo ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’

Antverpia, Virgilius Bononiensis - Gillis Coppens van Diest, 1565

MAAR DAAR BLIJFT HET N IET BIJ. J U LLIE MAAKTEN DE EX PO NOG MEER ALS EEN BELEV ING, KLOPT? “De expo heeft nog meer te bieden dan enkel citaten en prenten,” benadrukt Kris. “We dompelen de bezoekers onder in het leven van 500 jaar geleden via een tiental audioverhalen. Jeroen Olyslaegers maakte deze prachtige verhalen, waarin hij in dialoog gaat met ‘Lowijs Guicciardijn’, de Vlaamse naam van Lodovico Guicciardini. In korte uiteenzettingen hoor je de verteller luidop nadenken en spreken tot ‘Lowijs’. Het voert de luisteraar bijna letterlijk tot in de getoonde prenten: een extra, meeslepend element in de expo dus.” IJsvermaak aan de Sint - Jorispoort, Pieter Bruegel I

De kermis van Hoboken, Pieter Bruegel I

K

ris Geysen is als assistentconservator oude drukken bij het Museum Plantin-Moretus dagelijks in de weer met de bewaring en registratie van oud drukwerk. Daarnaast verzorgt ze de vaste presentatie in het museum en zet ze haar schouders onder projecten die oude drukwerken publiek toegankelijk maken. “In het Museum Plantin-Moretus bezitten we nu ongeveer 85 procent van alle werken die ooit door Christoffel Plantijn en zijn opvolgers gedrukt werden,” vertelt Kris. “Het doel is om alle werken uiteindelijk terug naar hun huis te brengen. Sommige van onze werken zijn zo uniek dat we er een volledige tentoonstelling aan kunnen wijden.”

TOPWERK U IT COLLECT IE Eén van die unieke stukken is Guicciardini’s lijvige Beschrijving van de hele Nederlanden. “We zijn het unaniem eens: dit boek is echt een van de topwerken uit onze collectie. Eigenlijk was Willem Silvius de eerste uitgever van dit werk, maar zijn drukkersprivilege liep

© Victoriano Moreno

af, waarna Plantijn het in 1581 overnam. Hij breidde het boek uit met tientallen prachtige gravures van de besproken steden: dat maakte het werk extra aantrekkelijk. De rest is geschiedenis: het boek was honderd jaar lang een bestseller en werd wel zestig keer uitgegeven met talloze herdrukken en een resem vertalingen”, aldus Kris.

WAT MAAKT DE EX PO ON MISBAAR? “De inhoud van deze Beschrijving van de hele Nederlanden biedt boeiende inzichten voor iedereen. Met de expo willen we dan ook aan het grote publiek de kans geven om door de ogen van Guicciardini het leven in Antwerpen en de Lage Landen te ontdekken. Met een team vrijwilligers vertaalden we de teksten eerst naar het modern Nederlands. Dit vertaalwerk kan je nu trouwens ook online lezen, via de website van het museum.” “Het boek gaat dan wel over alle steden, dorpen en alledaagse gebruiken van de hele

Nederlanden, toch kan je er niet omheen dat Guicciardini’s liefde voor Antwerpen er gewoon vanaf spat. Guicciardini houdt ons echt een spiegel voor: als inwijkeling ziet hij namelijk dingen die inwoners niet meer zouden opvallen. We kozen in de expo voor vijf afgelijnde thema’s. Eerst introduceren we Lodovico Guicciardini en zijn intrede in de Nederlanden, in Antwerpen dus. Daarna tonen we zijn uitgebreide beschrijving van de stad Antwerpen, de haven en de vele gebouwen, straten, vlieten en vesten. De bezoeker ziet vervolgens ook Antwerpen als handelsstad, met de kooplieden, de beurs, de vele winkels en beroepen. Verder tonen we wat de inwoners in de Nederlanden aten en dronken, met uiteraard ook aandacht voor landbouw en veeteelt. Zonder werk op het veld kwam er immers geen eten op de plank. Tot slot focussen we op de volksaard die Guicciardini beschreef: de zeden en gewoonten, de positie van vrouwen en vreemdelingen in de stad, de neiging om stevig te feesten. Guicciardini vermeldt ook de zwaarmoedigheid die mensen meer naar het bier doet grijpen dan gezond voor hen is.”

HOE LIETEN J U LLIE HET MODERNE ANT WER PEN DOORSIJ PELEN IN DE TENTOONSTELLING? “Het museum laat ook hedendaagse stemmen horen bij de expo. Guicciardini bekijkt de Nederlanden en de lokale gewoontes vanuit zijn blik als zestiende-eeuwse Italiaan die terechtkomt in een voor hem nieuwe, andere maatschappij. We laten de bezoekers in de expo zichzelf de vraag stellen: herken ik mij in de beschrijving? Onze collega Malika Ahali organiseerde workshops en gesprekken tijdens de voorbereiding op de expo. Ze deed dit met zowel nieuwkomers en oudkomers, als met Antwerpenaren die hier al hun hele leven wonen. Malika wou weten hoe zij in de eenentwintigste eeuw de Nederlanden en de gewoonten van de inwoners ervaren. Al deze indrukken verwerkten we onder meer in de bezoekersgids.”

“Deze hedendaagse stemmen dienen als spiegel uit de 21ste eeuw, op thema’s waar Guicciardini als Italiaan veel aandacht aan besteedde.” Malika Ahali, projectmedewerker expo

IS ER OOK EEN ONLINE LU IK? “Guicciardini schrijft in het begin van zijn boek: ‘Dankzij deze beschrijving kan je door de Nederlanden reizen uit je zetel te komen’. Het museum maakte naar analogie een heuse online tour: Dwars door de Nederlanden. Deze tocht loopt langs alle dorpen en steden die Guicciardini beschreef, en werd aangevuld met prenten van deze locaties, afkomstig uit de rijke collectie van het Prentenkabinet. Tot slot is er nog een extra aanvulling op de expo, via tien online kortverhalen van Mohamed Ouaamari. Hij liet Guicciardini verrijzen in het moderne Antwerpen, doorliep zo met hem een inburgeringsproces en beschrijft hoe de man het contrast tussen het ‘oude’ en het ‘nieuwe’ Antwerpen ervaart. Ook hier houden we de stad een spiegel voor, met enkele frappante vergelijkingen.”

De expo ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’ opent op 3 december 2021 en loopt tot 6 maart 2022. Museum Plantin-Moretus, Vrijdagmarkt 22 – 2000 Antwerpen. Tickets en info vind je op www.museumplantinmoretus.be


Komt een Italiaan naar de Nederlanden WELKOM IN HET ANTWERPEN VAN DE JAREN 1500

Lodovico Guicciardini’s Beschrijving van de hele Nederlanden verscheen in 1567 en teleporteert de lezer letterlijk terug naar het leven en de maatschappij van de zestiende eeuw. In 2021 is het 500 jaar geleden dat deze welbespraakte Italiaan geboren werd. Reden te meer voor het Museum Plantin-Moretus om vanaf 3 december een expo te organiseren rond zijn befaamde boek. Curator Kris Geysen geeft haar visie op deze bijzondere wintertentoonstelling.

D

e Italiaanse expat Lodovico Guicciardini kwam als handelaar in de zestiende eeuw naar Antwerpen. Hier begon hij te schrijven aan een van de meest unieke naslagwerken uit die periode: de Beschrijving van de hele Nederlanden. In dit boek beleef je als het ware de jaren 1500 in gedetailleerde beschrijvingen van de dorpen, steden en gewoonten van toen. Museum Plantin-Moretus opent daarom vanaf 3 december de tentoonstelling ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’. In deze expo waant iedere bezoeker zich Antwerpenaar in 16de eeuwse setting via meeslepende audio-verhalen, breugeliaanse prenten en extracten uit het befaamde boek van Guicciardini.

“De expo bestaat uit originele citaten, tot leven gebracht in de vele prenten en tekeningen, en een meeslepende audiobeleving.” Kris Geysen, curator expo ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’

HOE BOUWDEN JULLIE DEZE TENTOONSTELLING OP? “Tentoonstellingen over boeken maken blijft een uitdaging, want je kan in de vitrine bijvoorbeeld maar twee pagina’s tonen. Bovendien zijn de teksten vaak in moeilijk leesbare lettertypes gedrukt: daarmee lok je niet veel bezoekers. We kozen dus voor een sterk visuele aanpak, waarbij we de woorden van Guicciardini tot leven brengen dankzij vele prenten, zoals levendige gravures, houtsneden en etsen uit de zestiende eeuw. Deze zijn het plaatje bij een praatje. Daarnaast voegden we ook enkele verrassende objecten toe, zoals een vermeende wervel van de reus Antigoon. Eén van de blikvangers is bovendien een indrukwekkend groot plan van Antwerpen van wel 265 cm

breed. Deze zogenaamde kaart van Virgilius Bononiensis werd minutieus gerestaureerd: het is een echt pronkstuk. Geloof me, deze tentoonstelling is een meeslepende ervaring. Je wandelt in één langgerekte tocht doorheen het Antwerpen en de Nederlanden van de zestiende eeuw. Veel afgebeelde prenten zijn trouwens gebaseerd op ontwerpen van de grote Pieter Bruegel de Oude, met zijn typische gedetailleerde situatieschetsen. Voor wie het boek echt wil doorbladeren is er ten slotte ook een facsimile (replica, red.) uit 1979. Een prachtige, ingekleurde versie van het originele boek kan je enkel in vitrine aanschouwen.”

WAT ZIJ N JOU W FAVORIETE BREUGELIAANSE PRENTEN VAN DEZE EX PO? “Twee springen er zeker voor Antwerpenaren echt uit. Bijvoorbeeld ‘Het ijsvermaak aan de Sint-Jorispoort’ uit ca. 1558 is een echt kijkplaatje vol anekdotes. Gewoon ‘mensen kijken’, zoals Bruegel het zo graag doet: schrikschoenen en schaatsen, een sleetje van kaaksbeenderen, vallen met de billen bloot, door het ijs zakken, avances onder de brug, enzovoort. Het opschrift is ook vrij dubbel te interpreteren: ‘De slibberachtigheyt van ‘s menschen leven’.” “Mijn tweede must-see is ‘De kermis van Hoboken’. Het is uitbundig breugeliaans, zoals we hem kennen: een kermis met allerlei feestelijkheden en spellen. In het midden een paard en wagen, links een rondedans, rechtsvoor een wedstrijdje boogschieten. Op de achtergrond een roomse processie met onderaan de prent een veelzeggend, tweeregelig onderschrift in het Nederlands: ‘Die boeren verblijen hun in sulken feesten/ te dansen springhen en dronckendrincken als beesten’.”

“Het boek was 100 jaar lang een bestseller met talloze herdrukken. Plantijn brengt het boek op de markt met tientallen afbeeldingen van de besproken steden: die waren zeer populair.” Kris Geysen, curator expo ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’

Antverpia, Virgilius Bononiensis - Gillis Coppens van Diest, 1565

MAAR DAAR BLIJFT HET N IET BIJ. J U LLIE MAAKTEN DE EX PO NOG MEER ALS EEN BELEV ING, KLOPT? “De expo heeft nog meer te bieden dan enkel citaten en prenten,” benadrukt Kris. “We dompelen de bezoekers onder in het leven van 500 jaar geleden via een tiental audioverhalen. Jeroen Olyslaegers maakte deze prachtige verhalen, waarin hij in dialoog gaat met ‘Lowijs Guicciardijn’, de Vlaamse naam van Lodovico Guicciardini. In korte uiteenzettingen hoor je de verteller luidop nadenken en spreken tot ‘Lowijs’. Het voert de luisteraar bijna letterlijk tot in de getoonde prenten: een extra, meeslepend element in de expo dus.” IJsvermaak aan de Sint - Jorispoort, Pieter Bruegel I

De kermis van Hoboken, Pieter Bruegel I

K

ris Geysen is als assistentconservator oude drukken bij het Museum Plantin-Moretus dagelijks in de weer met de bewaring en registratie van oud drukwerk. Daarnaast verzorgt ze de vaste presentatie in het museum en zet ze haar schouders onder projecten die oude drukwerken publiek toegankelijk maken. “In het Museum Plantin-Moretus bezitten we nu ongeveer 85 procent van alle werken die ooit door Christoffel Plantijn en zijn opvolgers gedrukt werden,” vertelt Kris. “Het doel is om alle werken uiteindelijk terug naar hun huis te brengen. Sommige van onze werken zijn zo uniek dat we er een volledige tentoonstelling aan kunnen wijden.”

TOPWERK U IT COLLECT IE Eén van die unieke stukken is Guicciardini’s lijvige Beschrijving van de hele Nederlanden. “We zijn het unaniem eens: dit boek is echt een van de topwerken uit onze collectie. Eigenlijk was Willem Silvius de eerste uitgever van dit werk, maar zijn drukkersprivilege liep

© Victoriano Moreno

af, waarna Plantijn het in 1581 overnam. Hij breidde het boek uit met tientallen prachtige gravures van de besproken steden: dat maakte het werk extra aantrekkelijk. De rest is geschiedenis: het boek was honderd jaar lang een bestseller en werd wel zestig keer uitgegeven met talloze herdrukken en een resem vertalingen”, aldus Kris.

WAT MAAKT DE EX PO ON MISBAAR? “De inhoud van deze Beschrijving van de hele Nederlanden biedt boeiende inzichten voor iedereen. Met de expo willen we dan ook aan het grote publiek de kans geven om door de ogen van Guicciardini het leven in Antwerpen en de Lage Landen te ontdekken. Met een team vrijwilligers vertaalden we de teksten eerst naar het modern Nederlands. Dit vertaalwerk kan je nu trouwens ook online lezen, via de website van het museum.” “Het boek gaat dan wel over alle steden, dorpen en alledaagse gebruiken van de hele

Nederlanden, toch kan je er niet omheen dat Guicciardini’s liefde voor Antwerpen er gewoon vanaf spat. Guicciardini houdt ons echt een spiegel voor: als inwijkeling ziet hij namelijk dingen die inwoners niet meer zouden opvallen. We kozen in de expo voor vijf afgelijnde thema’s. Eerst introduceren we Lodovico Guicciardini en zijn intrede in de Nederlanden, in Antwerpen dus. Daarna tonen we zijn uitgebreide beschrijving van de stad Antwerpen, de haven en de vele gebouwen, straten, vlieten en vesten. De bezoeker ziet vervolgens ook Antwerpen als handelsstad, met de kooplieden, de beurs, de vele winkels en beroepen. Verder tonen we wat de inwoners in de Nederlanden aten en dronken, met uiteraard ook aandacht voor landbouw en veeteelt. Zonder werk op het veld kwam er immers geen eten op de plank. Tot slot focussen we op de volksaard die Guicciardini beschreef: de zeden en gewoonten, de positie van vrouwen en vreemdelingen in de stad, de neiging om stevig te feesten. Guicciardini vermeldt ook de zwaarmoedigheid die mensen meer naar het bier doet grijpen dan gezond voor hen is.”

HOE LIETEN J U LLIE HET MODERNE ANT WER PEN DOORSIJ PELEN IN DE TENTOONSTELLING? “Het museum laat ook hedendaagse stemmen horen bij de expo. Guicciardini bekijkt de Nederlanden en de lokale gewoontes vanuit zijn blik als zestiende-eeuwse Italiaan die terechtkomt in een voor hem nieuwe, andere maatschappij. We laten de bezoekers in de expo zichzelf de vraag stellen: herken ik mij in de beschrijving? Onze collega Malika Ahali organiseerde workshops en gesprekken tijdens de voorbereiding op de expo. Ze deed dit met zowel nieuwkomers en oudkomers, als met Antwerpenaren die hier al hun hele leven wonen. Malika wou weten hoe zij in de eenentwintigste eeuw de Nederlanden en de gewoonten van de inwoners ervaren. Al deze indrukken verwerkten we onder meer in de bezoekersgids.”

“Deze hedendaagse stemmen dienen als spiegel uit de 21ste eeuw, op thema’s waar Guicciardini als Italiaan veel aandacht aan besteedde.” Malika Ahali, projectmedewerker expo

IS ER OOK EEN ONLINE LU IK? “Guicciardini schrijft in het begin van zijn boek: ‘Dankzij deze beschrijving kan je door de Nederlanden reizen uit je zetel te komen’. Het museum maakte naar analogie een heuse online tour: Dwars door de Nederlanden. Deze tocht loopt langs alle dorpen en steden die Guicciardini beschreef, en werd aangevuld met prenten van deze locaties, afkomstig uit de rijke collectie van het Prentenkabinet. Tot slot is er nog een extra aanvulling op de expo, via tien online kortverhalen van Mohamed Ouaamari. Hij liet Guicciardini verrijzen in het moderne Antwerpen, doorliep zo met hem een inburgeringsproces en beschrijft hoe de man het contrast tussen het ‘oude’ en het ‘nieuwe’ Antwerpen ervaart. Ook hier houden we de stad een spiegel voor, met enkele frappante vergelijkingen.”

De expo ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’ opent op 3 december 2021 en loopt tot 6 maart 2022. Museum Plantin-Moretus, Vrijdagmarkt 22 – 2000 Antwerpen. Tickets en info vind je op www.museumplantinmoretus.be


Verrijzen in het moderne Antwerpen HOE EEN STAD (NIET) VERANDERT NA VIERHONDERD JAAR

METAMORFOSE De verhalen vertellen ook hoe het uitzicht van Antwerpen veranderde op 400 jaar tijd. “Guicciardini beschrijft zijn ontsteltenis: alles is van steen! Overal is de weg verhard en staan er auto’s stil in rijen. Het groen is verdwenen: zelfs op het Laar is er geen gras of boom meer over. De hele stad is enorm gegroeid en er is overal elektriciteit en licht! Daarnaast zijn onze vanzelfsprekendheden voor hem een echte schok. Zo is er een georganiseerde eenheid als bewapende stadswacht: de politie. En er zijn treinen, een justitiepaleis en zelfs afvalscheiding, waar men zich vroeger niets van aantrok. Tot slot blijkt ook de Nederlandse taal onvergelijkbaar geëvolueerd. Guicciardini herkent de klanken nog wel, maar begrijpt er niets van. Zo toon ik opnieuw aan hoe moeilijk anderstalige nieuwkomers het hier hebben.”

Beschrijvinghe van alle de Nederlanden, Lodovico Guicciardini

De expo krijgt een online verlengstuk via 10 kortverhalen onder de noemer: De wedergeboorte van Guicciardini. Auteur Mohamed Ouaamari liet Guicciardini verrijzen in het Antwerpen van nu. Hij houdt de stad zo een spiegel voor, net zoals de Italiaanse expat dat 400 jaar geleden zelf deed met zijn boek. We spraken met Ouaamari over enkele contrasterende verschillen en vanzelfsprekende tradities van de havenstad.

M

ohamed Ouaamari is vooral bekend als columnist bij De Morgen en bracht in 2020 zijn eerste boek Groetjes uit Vlaanderen uit. Als ervaringsdeskundige met Marokkaanse roots weet hij als geen ander hoe het voelt om op te groeien in een stad vol diversiteit. “Ik las het boek van Guicciardini en probeerde me in te beelden hoe zijn eerste indrukken moeten geweest zijn. Door hem in mijn verhalen mee te nemen langs tien iconische plaatsen in de stad, laat ik hem reflecteren over heden en verleden. Hij had dit allemaal al eens meegemaakt, vier eeuwen geleden. Laten we hem dan maar eens droppen in het Antwerpen van nu, dacht ik.”

VALLEN EN OPSTAAN Niet onbelangrijk: Ouaamari laat Guicciardini terugkomen zonder verblijfsvergunning. “Hij start echt vanaf nul: zonder verblijfsdocumenten, geld of onderdak. Guicciardini beschreef vroeger zelf hoe men burger kon worden door simpelweg trouw te zweren aan de vierschaar. Met de huidige bureaucratie is alles heel frustrerend voor hem: hoe bewijst hij in godsnaam dat hij de enige echte Lodovico Guicciardini is? Hij zit in geen enkel gemeentebestand en krijgt geen erkenning voor zijn bestaan.” “Ik laat hem dus inburgeren via de moeilijkste weg: hij moet echt overleven in de stad. Dat houdt onrechtstreeks ook in dat hij werk moet zoeken op een clandestiene manier, want contracten bestaan niet in de wereld van sanspapiers. Via deze verhalen toon ik dat het leven van die ‘gelukszoekers’ niet allemaal rozengeur en maneschijn is. We zitten ineens al bij het eerste grote verschil: Antwerpenaren sloten vroeger – volgens Guicciardini – heel snel en vaak vriendschappen met inwijkelingen en ‘vreemden’. Laat dat nu net hetgene zijn wat zo veel meningsverschillen veroorzaakt.”

“Via elk kortverhaal sleep ik de lezer iets dieper mee in wat er zich echt afspeelt in Antwerpen: inclusief de groezelige kantjes en het harde straatleven.” Mohamed Ouaamari, auteur en columnist

OP CAFÉ MET GU ICCIARDIN I Het eerste van de tien kortverhalen speelt zich meteen af op café. “We kunnen er niet omheen: de ziel van een Vlaming raak je het snelst als je een pint gaat drinken. De oude lijfspreuk van Guicciardini was bovendien ‘In niets teveel’, wat sloeg op de drankzucht en de uitspattingen van de Vlamingen. Ik drink dan wel geen alcohol, maar toch beginnen de verhalen met een typisch tooggesprek tussen Guicciardini en mezelf. Daarin vertelt hij me over zijn eerste dagen in het moderne Antwerpen. Hij heeft – net zoals in de zestiende eeuw – moeite om vanaf nul te starten en zich in te burgeren in de maatschappij.”

VAN BREDERODEST R AAT TOT ANT WER PEN-NOORD Door Guicciardini te laten zwerven in de stad, geeft Ouaamari ook een beeld van de moderne stad Antwerpen. “Ik link zijn ‘nieuwe’ levensloop aan bepaalde locaties in de stad. Uiteraard denkt iedereen bij Antwerpen aan Brabo en het Centraal Station: daar laat ik hem dan ook passeren. Maar ik laat ook de ruwe kantjes zien: plekken die in schril contrast staan tegenover het idyllische plaatje. Zo laat ik Guicciardini eerst rondhangen met de daklozen, die hem een houvast bieden tijdens zijn woelige eerste dagen. Zijn enige sociale netwerk zijn op die moment anderen die ook in de miserie zitten. Mensen ontfermen zich over hem tijdens mijn verhalen, dat is niet veranderd ten opzichte van vroeger. Toen bevond zijn netwerk zich echter in de hoogste rangen van de maatschappij, met de drukkers en de kooplieden.” “Nu moet hij zich terug opwerken, via onder meer een viswinkel in Borgerhout. Vroeger was er de vismarkt, nu komen de gekoelde vissen toe uit in vrachtwagens uit Frankrijk. In groezelige winkeltjes stellen ze hier nu mensen zonder papieren tewerk: een extreem zware job die je niet met Antwerpen associeert. Op deze manier laat ik Guicciardini zich terug ‘inburgeren’ en beschrijf ik plaatsen zoals de Joodse buurt, het inburgeringscentrum Atlas, de Meir, de Seefhoek, Brederodestraat en natuurlijk ook de Onze-LieveVrouwekathedraal, waar hij begraven ligt. Zo komen we tot het meest tragische van Guicciardini’s leven. De man die een van de belangrijkste historische werken over de Nederlanden schreef stierf nederig, eenzaam en arm.”

RESEARCHVERSLAAFD “Het leukste aan dit project was om me in te leven in de tijdsgeest. Ik las onder meer Wildevrouw van Jeroen Olyslaegers en Michael Pye’s Antwerpen: De Gloriejaren. Verder bezorgde het Museum Plantin-Moretus me heel wat naslagwerken. Door al deze literatuur kreeg ik echt een andere blik op de stad. Of ik er meer ben van beginnen te houden? Zeker weten! Je leert echt hoe de straten en wijken gegroeid zijn en hoe de stad tot leven kwam. Ik kon letterlijk niet stoppen met bijlezen! Net omdat we nog maar zo weinig weten van hoe deze stad zich ontwikkelde, is deze expo een enorme meerwaarde. Antwerpenaren komen in deze tentoonstelling echt te weten wat hun achtergrond is,” besluit Ouaamari.

De Wedergeboorte van Guicciardini: lees de 10 kortverhalen op de website van het Museum Plantin-Moretus: www.museumplantinmoretus.be of via de online kanalen van Mohamed Ouaamari: mohamedouaamari groetjesuitvlaanderen


Verrijzen in het moderne Antwerpen HOE EEN STAD (NIET) VERANDERT NA VIERHONDERD JAAR

METAMORFOSE De verhalen vertellen ook hoe het uitzicht van Antwerpen veranderde op 400 jaar tijd. “Guicciardini beschrijft zijn ontsteltenis: alles is van steen! Overal is de weg verhard en staan er auto’s stil in rijen. Het groen is verdwenen: zelfs op het Laar is er geen gras of boom meer over. De hele stad is enorm gegroeid en er is overal elektriciteit en licht! Daarnaast zijn onze vanzelfsprekendheden voor hem een echte schok. Zo is er een georganiseerde eenheid als bewapende stadswacht: de politie. En er zijn treinen, een justitiepaleis en zelfs afvalscheiding, waar men zich vroeger niets van aantrok. Tot slot blijkt ook de Nederlandse taal onvergelijkbaar geëvolueerd. Guicciardini herkent de klanken nog wel, maar begrijpt er niets van. Zo toon ik opnieuw aan hoe moeilijk anderstalige nieuwkomers het hier hebben.”

Beschrijvinghe van alle de Nederlanden, Lodovico Guicciardini

De expo krijgt een online verlengstuk via 10 kortverhalen onder de noemer: De wedergeboorte van Guicciardini. Auteur Mohamed Ouaamari liet Guicciardini verrijzen in het Antwerpen van nu. Hij houdt de stad zo een spiegel voor, net zoals de Italiaanse expat dat 400 jaar geleden zelf deed met zijn boek. We spraken met Ouaamari over enkele contrasterende verschillen en vanzelfsprekende tradities van de havenstad.

M

ohamed Ouaamari is vooral bekend als columnist bij De Morgen en bracht in 2020 zijn eerste boek Groetjes uit Vlaanderen uit. Als ervaringsdeskundige met Marokkaanse roots weet hij als geen ander hoe het voelt om op te groeien in een stad vol diversiteit. “Ik las het boek van Guicciardini en probeerde me in te beelden hoe zijn eerste indrukken moeten geweest zijn. Door hem in mijn verhalen mee te nemen langs tien iconische plaatsen in de stad, laat ik hem reflecteren over heden en verleden. Hij had dit allemaal al eens meegemaakt, vier eeuwen geleden. Laten we hem dan maar eens droppen in het Antwerpen van nu, dacht ik.”

VALLEN EN OPSTAAN Niet onbelangrijk: Ouaamari laat Guicciardini terugkomen zonder verblijfsvergunning. “Hij start echt vanaf nul: zonder verblijfsdocumenten, geld of onderdak. Guicciardini beschreef vroeger zelf hoe men burger kon worden door simpelweg trouw te zweren aan de vierschaar. Met de huidige bureaucratie is alles heel frustrerend voor hem: hoe bewijst hij in godsnaam dat hij de enige echte Lodovico Guicciardini is? Hij zit in geen enkel gemeentebestand en krijgt geen erkenning voor zijn bestaan.” “Ik laat hem dus inburgeren via de moeilijkste weg: hij moet echt overleven in de stad. Dat houdt onrechtstreeks ook in dat hij werk moet zoeken op een clandestiene manier, want contracten bestaan niet in de wereld van sanspapiers. Via deze verhalen toon ik dat het leven van die ‘gelukszoekers’ niet allemaal rozengeur en maneschijn is. We zitten ineens al bij het eerste grote verschil: Antwerpenaren sloten vroeger – volgens Guicciardini – heel snel en vaak vriendschappen met inwijkelingen en ‘vreemden’. Laat dat nu net hetgene zijn wat zo veel meningsverschillen veroorzaakt.”

“Via elk kortverhaal sleep ik de lezer iets dieper mee in wat er zich echt afspeelt in Antwerpen: inclusief de groezelige kantjes en het harde straatleven.” Mohamed Ouaamari, auteur en columnist

OP CAFÉ MET GU ICCIARDIN I Het eerste van de tien kortverhalen speelt zich meteen af op café. “We kunnen er niet omheen: de ziel van een Vlaming raak je het snelst als je een pint gaat drinken. De oude lijfspreuk van Guicciardini was bovendien ‘In niets teveel’, wat sloeg op de drankzucht en de uitspattingen van de Vlamingen. Ik drink dan wel geen alcohol, maar toch beginnen de verhalen met een typisch tooggesprek tussen Guicciardini en mezelf. Daarin vertelt hij me over zijn eerste dagen in het moderne Antwerpen. Hij heeft – net zoals in de zestiende eeuw – moeite om vanaf nul te starten en zich in te burgeren in de maatschappij.”

VAN BREDERODEST R AAT TOT ANT WER PEN-NOORD Door Guicciardini te laten zwerven in de stad, geeft Ouaamari ook een beeld van de moderne stad Antwerpen. “Ik link zijn ‘nieuwe’ levensloop aan bepaalde locaties in de stad. Uiteraard denkt iedereen bij Antwerpen aan Brabo en het Centraal Station: daar laat ik hem dan ook passeren. Maar ik laat ook de ruwe kantjes zien: plekken die in schril contrast staan tegenover het idyllische plaatje. Zo laat ik Guicciardini eerst rondhangen met de daklozen, die hem een houvast bieden tijdens zijn woelige eerste dagen. Zijn enige sociale netwerk zijn op die moment anderen die ook in de miserie zitten. Mensen ontfermen zich over hem tijdens mijn verhalen, dat is niet veranderd ten opzichte van vroeger. Toen bevond zijn netwerk zich echter in de hoogste rangen van de maatschappij, met de drukkers en de kooplieden.” “Nu moet hij zich terug opwerken, via onder meer een viswinkel in Borgerhout. Vroeger was er de vismarkt, nu komen de gekoelde vissen toe uit in vrachtwagens uit Frankrijk. In groezelige winkeltjes stellen ze hier nu mensen zonder papieren tewerk: een extreem zware job die je niet met Antwerpen associeert. Op deze manier laat ik Guicciardini zich terug ‘inburgeren’ en beschrijf ik plaatsen zoals de Joodse buurt, het inburgeringscentrum Atlas, de Meir, de Seefhoek, Brederodestraat en natuurlijk ook de Onze-LieveVrouwekathedraal, waar hij begraven ligt. Zo komen we tot het meest tragische van Guicciardini’s leven. De man die een van de belangrijkste historische werken over de Nederlanden schreef stierf nederig, eenzaam en arm.”

RESEARCHVERSLAAFD “Het leukste aan dit project was om me in te leven in de tijdsgeest. Ik las onder meer Wildevrouw van Jeroen Olyslaegers en Michael Pye’s Antwerpen: De Gloriejaren. Verder bezorgde het Museum Plantin-Moretus me heel wat naslagwerken. Door al deze literatuur kreeg ik echt een andere blik op de stad. Of ik er meer ben van beginnen te houden? Zeker weten! Je leert echt hoe de straten en wijken gegroeid zijn en hoe de stad tot leven kwam. Ik kon letterlijk niet stoppen met bijlezen! Net omdat we nog maar zo weinig weten van hoe deze stad zich ontwikkelde, is deze expo een enorme meerwaarde. Antwerpenaren komen in deze tentoonstelling echt te weten wat hun achtergrond is,” besluit Ouaamari.

De Wedergeboorte van Guicciardini: lees de 10 kortverhalen op de website van het Museum Plantin-Moretus: www.museumplantinmoretus.be of via de online kanalen van Mohamed Ouaamari: mohamedouaamari groetjesuitvlaanderen


Landschap met kerktorentje op de achtergrond en vissers op de voorgrond, Claes Jansz. Visscher II

Hoe maak je een tentoonstelling over het zestiendeeeuwse leven in Antwerpen echter en levendiger? Voor de expo ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’ deed het Museum Plantin-Moretus een beroep op de welbespraakte auteur Jeroen Olyslaegers. Met zijn laatste roman Wildevrouw in het achterhoofd, maakte hij een reeks audioverhalen die de bezoekers van de expo gaandeweg onderdompelen in het leven van Lodovico Guicciardini. “Deze audiogids laat je mijmeren over hoe deze Italiaanse expat zich moet gevoeld hebben in het Antwerpen van toen.”

SY NT HESE VAN HONDERDEN WERKEN Olyslaegers was niet aan zijn proefstuk toe: hij maakte voordien al een audiogids voor het Museum Mayer van den Bergh, waar hij ook enkele lezingen deed over de Dulle Griet. “Enkele maanden na de lancering van Wildevrouw begonnen de gesprekken met het Museum Plantin-Moretus voor een audiogids. Ze bezorgden me daarop een lijvige longlist van werken. Het doel was om deze te distilleren tot een tiental audioverhalen van in totaal ongeveer dertig minuten. Er moest immers een mooie spreiding zijn voor de bezoekers: je wil niet dat iedereen op dezelfde plaats samentroept. Samen met mijn researcher Stef (Franck, zijn vaste sparringpartner sinds het schrijven van Wildevrouw, red.) kwam ik tot een meer ingetogen longlist van negentien werken, die we verder filterden tot tien aparte

WAN DELEN D DOOR DE RENAISSANCE Olyslaegers bouwt zijn tocht stelselmatig op doorheen de expo. “Zoals je al kon raden: het zijn niet de klassieke, begeleidende audioverhalen. Ik geef eerder een mening of laat de bezoeker linken leggen tussen de werken. Bij het grote stadsplan van Antwerpen van Virgilius Bononiensis praat ik bijvoorbeeld over de plaats van Guicciardini in de stad en over hoe de man er woonde, als een soort van minibiografie. De oude gedachte van zo’n stadsplan is om orde aan te tonen: het bezweert de chaos van een stad. Daarop projecteer ik dan de chaos van Guicciardini’s leven. Op deze manier vertel ik verhalen over Bruegel, corruptie, de handel in Antwerpen, het maatschappelijke aspect, enzovoort. Op het einde reflecteer ik over wat we zijn en wat ouderdom betekent: een terugblik op het leven.”

MET GESPITSTE OREN DOORHEEN DE TENTOONSTELLING

verhalen. In hun geheel scheppen ze het mentale frame van de zestiende eeuw, ondersteund door achtergrondgeluiden zoals kerkklokken, een marktplein en het volkse geroezemoes.”

De drinkers, Nicolaes de Bruyn

“Via deze audioverhalen trekken we de bezoekers nog meer in de renaissancesfeer en laten we hen het leven van Guicciardini in vraag stellen.”

LEVENSVERHAAL VAN GU ICCIARDIN I Tijdens de research en verwerking van de longlist raakten Stef en Jeroen gaandeweg gebeten door het leven van Guicciardini. “Die man had echt een woelig leven: hij zat in de gevangenis, had bewogen banden met verschillende instanties in de stad en stierf uiteindelijk als eenzaat. Daarom werd de audiogids eerder een mijmering: niet enkel over de getoonde werken op de expo of over het zestiende-eeuwse Antwerpen, maar ook over de positie van Guicciardini en zijn manier van (over)leven, wat zijn successen waren, wat zijn ondergang in de hand werkte,…” “De tentoonstelling is visueel ingesteld: gericht op het aanschouwen van de waanzinnige details in de prenten. Het is een echte tijdreis geworden! Om de bezoeker mee te slepen in het leven van de Italiaanse auteur, ga ik in deze audiogids het gesprek aan met ‘Lowijs Guicciardijn’ (de Vlaamse naam van Guicciardini, red.). Ik spreek hem letterlijk aan: dat geeft een subjectieve twist aan de tentoonstelling. Lowijs is getuige en deelnemer, als bij een vertelsessie rond een knetterend haardvuur. De bezoeker loopt ondertussen rond en voelt zich ook aangesproken. Ik ben hier de man die meekijkt over de schouder en door middel van de nodige subjectiviteit ook de luisteraar doet nadenken.”

Jeroen Olyslaegers, auteur

INTENSIEF T R AJECT Wanneer Olyslaegers terugkijkt op de productie van deze audioverhalen, reageert hij overtuigd: “In de wereld van de verbeelding raken we door deze verhalen een diepere, emotionele laag bij de luisteraar. Bovendien werk ik heel graag samen met musea. Voor mij is het niet zomaar een opdracht: het is iets dat beide partijen samenbrengt. Je leert zoveel bij en wisselt kennis uit. Achteraf bekeken ben ik misschien wel al jaren bezig met deze audioverhalen. Ze zijn in feite de postproductie van Wildevrouw. Al de research van dat boek gaat verder in de realisatie van deze audiogids: ik kreeg echt de kans om de wereld van Wildevrouw te verlengen via de expo.”

Allegorie van de handel, Jost Amman

D

at Jeroen Olyslaegers gebeten is door de gouden eeuw van Antwerpen, staat buiten kijf. In zijn succesvolle laatste roman Wildevrouw neemt hij de lezer mee naar de zestiende-eeuwse stad, niet geheel toevallig ook de periode van Lodovico Guicciardini. “Ik ben steeds geïntrigeerd geweest door het werk van Pieter Bruegel de Oude, en bij uitstek zijn ‘Dulle Griet’. Dat werk was nogal prominent aanwezig in de bibliotheek van mijn ouders, waardoor ik al van jongs af geboeid ben in het maatschappelijke leven van de zestiende eeuw.”

In gesprek met een minzame Italiaan


Landschap met kerktorentje op de achtergrond en vissers op de voorgrond, Claes Jansz. Visscher II

Hoe maak je een tentoonstelling over het zestiendeeeuwse leven in Antwerpen echter en levendiger? Voor de expo ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’ deed het Museum Plantin-Moretus een beroep op de welbespraakte auteur Jeroen Olyslaegers. Met zijn laatste roman Wildevrouw in het achterhoofd, maakte hij een reeks audioverhalen die de bezoekers van de expo gaandeweg onderdompelen in het leven van Lodovico Guicciardini. “Deze audiogids laat je mijmeren over hoe deze Italiaanse expat zich moet gevoeld hebben in het Antwerpen van toen.”

SY NT HESE VAN HONDERDEN WERKEN Olyslaegers was niet aan zijn proefstuk toe: hij maakte voordien al een audiogids voor het Museum Mayer van den Bergh, waar hij ook enkele lezingen deed over de Dulle Griet. “Enkele maanden na de lancering van Wildevrouw begonnen de gesprekken met het Museum Plantin-Moretus voor een audiogids. Ze bezorgden me daarop een lijvige longlist van werken. Het doel was om deze te distilleren tot een tiental audioverhalen van in totaal ongeveer dertig minuten. Er moest immers een mooie spreiding zijn voor de bezoekers: je wil niet dat iedereen op dezelfde plaats samentroept. Samen met mijn researcher Stef (Franck, zijn vaste sparringpartner sinds het schrijven van Wildevrouw, red.) kwam ik tot een meer ingetogen longlist van negentien werken, die we verder filterden tot tien aparte

WAN DELEN D DOOR DE RENAISSANCE Olyslaegers bouwt zijn tocht stelselmatig op doorheen de expo. “Zoals je al kon raden: het zijn niet de klassieke, begeleidende audioverhalen. Ik geef eerder een mening of laat de bezoeker linken leggen tussen de werken. Bij het grote stadsplan van Antwerpen van Virgilius Bononiensis praat ik bijvoorbeeld over de plaats van Guicciardini in de stad en over hoe de man er woonde, als een soort van minibiografie. De oude gedachte van zo’n stadsplan is om orde aan te tonen: het bezweert de chaos van een stad. Daarop projecteer ik dan de chaos van Guicciardini’s leven. Op deze manier vertel ik verhalen over Bruegel, corruptie, de handel in Antwerpen, het maatschappelijke aspect, enzovoort. Op het einde reflecteer ik over wat we zijn en wat ouderdom betekent: een terugblik op het leven.”

MET GESPITSTE OREN DOORHEEN DE TENTOONSTELLING

verhalen. In hun geheel scheppen ze het mentale frame van de zestiende eeuw, ondersteund door achtergrondgeluiden zoals kerkklokken, een marktplein en het volkse geroezemoes.”

De drinkers, Nicolaes de Bruyn

“Via deze audioverhalen trekken we de bezoekers nog meer in de renaissancesfeer en laten we hen het leven van Guicciardini in vraag stellen.”

LEVENSVERHAAL VAN GU ICCIARDIN I Tijdens de research en verwerking van de longlist raakten Stef en Jeroen gaandeweg gebeten door het leven van Guicciardini. “Die man had echt een woelig leven: hij zat in de gevangenis, had bewogen banden met verschillende instanties in de stad en stierf uiteindelijk als eenzaat. Daarom werd de audiogids eerder een mijmering: niet enkel over de getoonde werken op de expo of over het zestiende-eeuwse Antwerpen, maar ook over de positie van Guicciardini en zijn manier van (over)leven, wat zijn successen waren, wat zijn ondergang in de hand werkte,…” “De tentoonstelling is visueel ingesteld: gericht op het aanschouwen van de waanzinnige details in de prenten. Het is een echte tijdreis geworden! Om de bezoeker mee te slepen in het leven van de Italiaanse auteur, ga ik in deze audiogids het gesprek aan met ‘Lowijs Guicciardijn’ (de Vlaamse naam van Guicciardini, red.). Ik spreek hem letterlijk aan: dat geeft een subjectieve twist aan de tentoonstelling. Lowijs is getuige en deelnemer, als bij een vertelsessie rond een knetterend haardvuur. De bezoeker loopt ondertussen rond en voelt zich ook aangesproken. Ik ben hier de man die meekijkt over de schouder en door middel van de nodige subjectiviteit ook de luisteraar doet nadenken.”

Jeroen Olyslaegers, auteur

INTENSIEF T R AJECT Wanneer Olyslaegers terugkijkt op de productie van deze audioverhalen, reageert hij overtuigd: “In de wereld van de verbeelding raken we door deze verhalen een diepere, emotionele laag bij de luisteraar. Bovendien werk ik heel graag samen met musea. Voor mij is het niet zomaar een opdracht: het is iets dat beide partijen samenbrengt. Je leert zoveel bij en wisselt kennis uit. Achteraf bekeken ben ik misschien wel al jaren bezig met deze audioverhalen. Ze zijn in feite de postproductie van Wildevrouw. Al de research van dat boek gaat verder in de realisatie van deze audiogids: ik kreeg echt de kans om de wereld van Wildevrouw te verlengen via de expo.”

Allegorie van de handel, Jost Amman

D

at Jeroen Olyslaegers gebeten is door de gouden eeuw van Antwerpen, staat buiten kijf. In zijn succesvolle laatste roman Wildevrouw neemt hij de lezer mee naar de zestiende-eeuwse stad, niet geheel toevallig ook de periode van Lodovico Guicciardini. “Ik ben steeds geïntrigeerd geweest door het werk van Pieter Bruegel de Oude, en bij uitstek zijn ‘Dulle Griet’. Dat werk was nogal prominent aanwezig in de bibliotheek van mijn ouders, waardoor ik al van jongs af geboeid ben in het maatschappelijke leven van de zestiende eeuw.”

In gesprek met een minzame Italiaan


Komt een Italiaan naar de Nederlanden Expo in het Museum Plantin-Moretus Vrijdagmarkt 22 - 2000 Antwerpen

EXTRA BIJ DE EXPO Bezoek de expo met de curator of een ervaren gids Kom naar een van de vier lezingen, met onder meer Jeroen Olyslaegers en Mohamed Ouaamari Ontdek Antwerpen door de ogen van Guicciardini met een stadswandeling Ga op online roadtrip Dwars door de Nederlanden. Volg Guicciardini op zijn reis door de Nederlanden in de zestiende eeuw. Ontdek wat hij schreef over jouw dorp of studentenstad. Lees de volledige Beschrijving van de Nederlanden in een moderne vertaling. Een team vrijwilligers heeft de oud-Nederlandse teksten vertaald naar het Nederlands van nu.

“Guicciardini’s boek is uniek in zijn soort. Nooit eerder beschreef iemand zo minutieus onze dorpen, steden en gewoontes.” Kris Geysen, curator expo ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’

Waag je aan de lectuur van de oude Nederlandse versie uit 1612 Beschrijvinghe van alle de Nederlanden door Lowijs Guicciardijn. Dit is de vertaling van Cornelis Kiliaan, uitgegeven in Amsterdam in 1612. Ontdek het allemaal op www.museumplantinmoretus.be

Bijlage bij Gazet van Antwerpen over de expo ‘Komt een Italiaan naar de Nederlanden’, van 3/12/21 tot 6/3/22 bij museum Plantin-Moretus, Vrijdagmarkt 22 – 2000 Antwerpen www.museumplantinmoretus.be

V.U.: Museum Plantin-Moretus, Iris Kockelbergh, Vrijdagmarkt 22, 2000 Antwerpen.