Ruimte voor mensen

Page 1

April / mei 2015

Ruimte voor mensen De transformatie van gebouwen in het sociaal domein

De bouw van een bewonersinitiatief

In beeld: jong en oud in de multifunctionele accommodatie

Zijn woningcorporaties anno 2015 nog ‘maatschappelijke verbindingsmachines’? Multifunctioneel centrum De Kristal


Voorwoord Gerinkel van glazen. Ruime sortering Belgisch bier. Luid geroes van mensen die praten, lachen of soms een slok te veel op hebben. We zijn hier in een kerk. De voormalige schuilkerk Maria Minor in Utrecht is nu het thuis van biercafé Olivier. Hoe anders is de Broederenkerk in Zutphen. In de 14e-eeuwse kloosterkerk heerst een serene stilte. Bladzijden worden rustig omgeslagen. Maar ook hier zijn het geen misboekjes, maar de strips, romans en studieboeken van de bibliotheek die zich hierin vestigde in het centrum van de stad. In Ommen wonen mensen met een autistische stoornis in voormalige munitiedepots, die daar in een prikkelarme omgeving kunnen verblijven. Brabants kinderdagverblijf Zoete Lieve Gerritje huist in een woonzorgcentrum en hotel, zorg en mbo komen samen in Topaz in Leiden. Dit zijn slechts enkele voorbeelden van de vele vormen van herbestemming en bijzondere combinaties binnen multifunctionele accommodaties (mfa’s). Hoe ontmoeting en samenwerking in zo’n accommodatie eruitzien kunt u bekijken op pagina 7. En dan hebben we het nog niet over burgers die gebouwen en voorzieningen opzetten en overnemen. Zoals bewonersinitiatief De Uitdaging (pagina 13). Een uniek theehuis dat op dit moment verrijst in een stadspark in Leiden-Noord. Ook al zijn ze gemaakt van rotsvaste bakstenen en beton; gebouwen zijn in beweging. Behoeften zijn anders, dus functies en vormen veranderen. Zodat we op manieren kunnen wonen, werken en zorgen die passen bij deze tijd. JSO draagt graag bij aan een nieuw sociaal domein dat staat als een huis. Meer informatie over het onderwerp van dit magazine? Neem dan contact met ons op voor vragen of vrijblijvend advies. Vincent Kokke Marije Zijlstra

2


Inhoud

2

Voorwoord

4

De sociale rol van woningcorporaties

7

De multifunctionele accommodatie in 4 portretten

12

Mi a duh road: ontmoeten in de publieke ruimte

13

De Uitdaging: de bouw van een bewonersinitiatief

16

Kennisbijeenkomst Ombouwen in het sociaal domein

3


‘Als je het welzijn van mensen centraal stelt, volgt de profit vanzelf’ Sociale taak woningcorporaties nog steeds relevant in ‘zonnige voortuin van Rotterdam’

Leefbaarheid is geen kerntaak van woningcorporaties. In ieder geval in de visie van minister Blok. Woningcorporaties, onder meer verenigd in corporatiekoepel Aedes, vinden dit beeld van hun taakopvatting te smal. Zo pleitten elf corporatiebestuurders in november 2014 voor ruimte voor de sociale rol van woningcorporaties middels een manifest. Marc Calon, voorzitter van Aedes, spreekt zelfs van een ‘maatschappelijke verbindingsmachine’, waartoe corporaties zich zouden kunnen ontwikkelen. Is er nog een rol weggelegd voor woningcorporaties in het sociaal domein?

Ook Richard Polder (woningcorporatie HW Wonen) pleit hartstochtelijk voor een sociaal corporatiebeleid. HW Wonen zocht actief contact met regionale zorgpartijen toen de maatregel scheiden van wonen en zorg inging. Onder andere om de gevolgen van dit beleid goed te begeleiden voor ggz-cliënten. Welke transformatie ondergaat jullie maatschappelijk vastgoed de komende jaren? Richard Polder: Het werkgebied van HW Wonen is de Hoeksche Waard, wat wij de ‘zonnige voortuin van Rotterdam’ noemen. De Hoeksche Waard is een anticipeergebied. Dat betekent dat er sprake is van ontgroening en vergrijzing. Het aantal inwoners daalt, maar het aantal huishoudens stijgt. Onze woningvoorraad moet gaan voldoen aan de toekomstige vraag. Dus werken we aan kwaliteitsverbetering van onze bestaande voorraad. Door woningen rollatortoegankelijk te maken bijvoorbeeld. En via duurzaamheidsingrepen.

4


‘De woningcorporatie als maatschappelijke verbindingsmachine’ We investeren in de bouw van nog twee zorggebouwen. Maar met deze aanvulling op de bestaande zorggebouwen is het aanbod voor de doelgroep die zorg nodig heeft nog niet voldoende voor de toekomst. Helaas wordt daar vanuit de Tweede Kamer verkeerd op gestuurd, met de bezuiniging richting zorgpartijen. De vraag naar zorgappartementen is veel hoger dan op basis van regelgeving gerealiseerd kan worden. Hoe en met wie werken jullie samen in de transformatie? Wij werken samen in het Pact van de Waard. Hierbij zijn diverse organisaties betrokken op het gebied van wonen, welzijn, zorg en gemeenten. Aan het Pact zijn het aanjaagteam Hoeksche Waard en de kerngroep Wonen, Welzijn, Zorg gekoppeld. Die pakken enerzijds initiatieven op en jagen die aan, en proberen anderzijds de ambities vanuit het Pact van de Waard te realiseren. Het Pact is een samenwerking tussen organisaties met als doel een antwoord te vinden op de (begeleiding van) krimp. In de Hoeksche Waard ontstaan op die manier initiatieven vanuit het maatschappelijk middenveld. Er is een enorme drive bij partijen om het gebied vitaal te houden.

‘De omslag van het zorgen voor de mens naar het zorgen voor vastgoed heeft ertoe geleid dat de burger uit beeld is’ Als extra samenwerkingspartner zouden de zorgkantoren nog welkom zijn. De geldstromen vanuit deze zorgkantoren kunnen mijns inziens door een intensievere samenwerking tussen wonen, welzijn, zorg en gemeenten innovatiever en efficiënter worden besteed.

Hoe betrekken jullie bewoners? HW Wonen, Welzijn Stichting Hoeksche Waard en Zorgwaard zijn gestart met de oprichting van gebiedsondernemingen. Een gebiedsonderneming is een locatie waar de systeemwereld de leefwereld ontmoet. Dus waar professionals en bewoners elkaar ontmoeten en samenwerken om het woon- en leefgebied zo vitaal mogelijk te houden. Op deze locatie werken we nauw samen en pakken vragen gezamenlijk op.

‘Een veranderende samenleving betekent niet alleen dat de bewoners zelfredzaam moeten worden, maar ook dat organisaties moeten inspelen op deze ontwikkeling van zelfredzaamheid’ De eerste gebiedsonderneming is gestart als informatiepunt WWZ in ’s Gravendeel. Bewoners weten de weg daar naartoe inmiddels goed te vinden en vragen worden integraal opgepakt. Wat we doen is het verbinden van de verschillende sectoren. Een veranderende samenleving betekent niet alleen dat de bewoners zelfredzaam moeten worden, maar ook dat betrokken organisaties moeten inspelen op deze ontwikkeling van zelfredzaamheid. Welke rol zien jullie voor woningcorporaties weggelegd in het sociaal domein? Corporaties moeten een keuze maken. Veel meer de kant van de huurder kiezen en samen zorgen voor goed wonen. Daarbij denk ik aan een citaat uit het boek van Wouter Beekers ‘Het bewoonbare land’: De actieve burgers en gemeenschappen die de corporaties ooit droegen, zijn buiten de volkshuisvestingsbeweging komen te staan. De uitdaging van vandaag ligt in de activering van de burger: niet door corporaties of de samenleving opnieuw uit te vinden, maar door hen weer aan elkaar te verbinden. Zo houden we ons land bewoonbaar; dat kunnen we niet met stenen alleen.

5


Woningcorporatie HW Wonen in actie voor de Voedselbank op de vrijwilligersdag

‘Kom uit die kantoren en zorg voor een nieuwe ontmoeting’ Woningcorporaties, of woningbouwverenigingen, ontstonden honderd jaar geleden om arbeiders betere woonruimte te geven. Dus de leefomstandigheden te verbeteren. In de afgelopen jaren is er door corporaties veel gepresteerd op dat gebied. De kwaliteit van de woningvoorraad is goed. De omslag van het zorgen voor de mens

naar het zorgen voor het vastgoed heeft ertoe geleid dat de burger uit beeld is. Dat illustreert ook bovenstaand citaat. Kortom: de rol van corporaties is om sectoren aan elkaar te verbinden. Wonen, welzijn, werk en zorg, gemeenten en bewoners moeten samen de dienstverlening verzorgen aan de bewoners van een gebied. Dichter bij de klant; daar ligt de omslag. Dus kom uit die kantoren en zorg voor een nieuwe ontmoeting. Stel het welzijn van mensen centraal. Daarna volgt de ‘profit’ vanzelf.

JSO is betrokken bij verschillende projecten rondom het scheiden van wonen en zorg in de Hoeksche Waard. Neem contact op voor meer informatie over dit onderwerp.

6




Samen in de MFA

Wijkorganisatie, opbouwwerk, gezondheidscentrum, bibliotheek, ziekenhuis, apotheek en seniorenappartementen. Deze en andere voorzieningen komen samen in multifunctionele accommodatie De Kristal in Rotterdam. Hoe ervaren medewerkers, bezoekers en bewoners de ontmoeting en samenwerking in het gebouw?

7




‘De Kristal is een geweldig mooi gebouw. Mensen lopen in en uit zonder voor een bepaalde activiteit of organisatie te komen. Zo komen ze er toch mee in aanraking. Je hoeft dan niet veel moeite te doen om te vertellen waar de verschillende organisaties voor zijn. In het begin is het wel wennen. Iedereen wil zijn eigen stekje verdedigen. Als mensen voor het eerst komen zeggen ze soms dat het rommelig is. Mensen denken in patronen. Ze verwachten een bejaardencentrum en dan lopen er ineens jongeren met skateboards rond. Maar na verloop van tijd gaan ze het gebouw waarderen. Vooral als ze merken dat het vaker open is, er veel dingen gebeuren en zo ook eens van een ander walletje mee kunnen snoepen.’

Tineke van den Berg (60) Sociaal-cultureel werker Stichting Buurtwerk Alexander 8


Abdullah Kutlu (30) Restaurantmanager

‘Ik vind het bijzonder dat alles onder een dak zit. De drempels zijn lager. We kennen elkaar. Als we even gebruik willen maken van een computer dan krijgen we een inlogcode met wachtwoord. En als andere organisaties wat van ons nodig hebben kunnen ze bij ons terecht. Huiselijk is het hier. Er is een bepaalde harmonie. Als bezoekers komen voelen ze dat ook aan. Op zondag zijn er jongeren die hier graag rondhangen. Een paar ouderen vroegen mij of ik ze weg wilde sturen. Ik vond een andere oplossing. De jongeren kunnen terecht bij het koffiehuis. Ik hou ze dan een beetje in de gaten. Daar kunnen ze lekker zitten. Kaarten, chips eten, hun drankjes drinken. Maar wel alles netjes houden en om acht uur weg.’

9


‘Er is van alles in dit gebouw. Je kan er eten, je kan naar de bibliotheek. En ik moet vaak bij de dokter zijn. Ik ben hartstikke blij dat ik zo dicht bij de specialisten zit. En de fysio. We hebben er hier heel veel van de zorg rondlopen. Die ken je allemaal en die zeg je gedag. Die zijn leuk, die meisjes van de zorg. Ook hebben we een theekransje. En bij die mevrouw daar ga ik twee keer in de week een kopje koffie drinken. Als ik soep maak kom ik die haar altijd even brengen. Ze vindt kaassoep erg lekker. Je maakt het met twee pakjes smeerkaas. Een preitje snijden, kippenbouillon en water erbij. Meer is ‘t niet.’

Truus Dekker (73) Bewoner zelfstandige seniorenwoning Stichting Humanitas 10


Justin Eerhart (19) Student Albeda College, evenementenopleiding

‘Als je binnenkomt is het rustig, de mensen zijn vrolijk. Voor jongeren is hier ook een plek om te zitten en te werken. Of om gewoon rond te hangen. Voor de ouderen zijn er spelletjes. Er is dus van alles te doen. Samen is het echt een geheel. Vorig jaar heb ik met mijn klas pannenkoeken gebakken met de ouderen. Je ziet dat ze het leuk vinden als je helpt. En ze ervaren weer iets anders dan ze normaal op een dag doen. Dat vind ik leuk om te zien. De ouderen hebben van alles te vertellen over de Tweede Wereldoorlog. Ze weten heel veel. Ik vind het wel gaaf om die verhalen te horen.’

11


Mi a duh road: ontmoeten in de publieke ruimte Column Marjan Möhle

Als je jongeren vraagt wat zij zouden willen veranderen in hun dorp of stad dan hebben zij altijd behoefte aan meer voorzieningen. Uitgaansgelegenheden, winkels, bioscopen, een tropisch zwembad. En dat allemaal het liefst op loopafstand. En gratis! Maar achter dit wensenlijstje schuilt een diepere behoefte. Jongeren willen vooral graag een plek waar zij andere jongeren kunnen ontmoeten. Het liefst ergens ‘waar het mag’. Want, misschien wist u het niet, jongeren mógen elkaar niet overal ontmoeten. Waar jongeren elkaar in de openbare ruimte ontmoeten, ontmoeten zij ook al snel klagende buurtbewoners. Niet alleen bij jongeren is er behoefte aan ontmoeting. Veel gemeenten zien een toename van eenzaamheid bij hun bewoners. Terwijl tegelijkertijd het belang van een goed sociaal netwerk steeds groter wordt. Dus worden er in elke buurt ontmoetingsplekken ingericht. Maar waar moet zo’n ontmoetingsplek eigenlijk aan voldoen? Door een recent bezoek aan een vriendin in Jamaica stond ik stil bij het idee van een ontmoetingsplek. Letterlijk, want mijn goed ingeburgerde vriendin stond om de paar minuten stil om in plat Patois een praatje te maken met een van haar dorpsgenoten. Hierbij maakten zij geen gebruik van een ontmoetingsruimte. Iedereen stond, zat of hing eigenlijk gewoon langs ‘duh road’. Er is in Jamaica waarschijnlijk geen beleid nodig gericht op het creëren van ontmoetingsplekken. Die zijn er gewoon overal. Nu voorziet het klimaat daar natuurlijk ook in de randvoorwaarden. Er is geen beschutting nodig tegen kou, regen en wind.

Daarnaast draagt een werkloosheidspercentage van ruim 14% hier ook aan bij. Mensen hebben gewoon meer tijd om even te blijven hangen. Met de huidige klimaatverandering en de helaas nog steeds hoge werkloosheid in veel wijken hier in Nederland voldoen we al in zekere mate aan deze voorwaarden. Maar de laatste voorwaarde voor ontmoeten is dat je elkaar ook echt ‘tegenkomt’. Hiervoor is het elkaar ontmoeten langs de weg een mooie metafoor. De drempel om ergens naar binnen te lopen voor zomaar ‘een ontmoeting’ is best hoog. Ontmoeting gebeurt juist daar waar je eigenlijk op weg bent naar iets anders en je door iets of iemand wordt tegengehouden. Een goede ontmoetingsruimte is een ruimte waar je makkelijk even langs of binnen loopt. Maar waar iets of iemand je soms ook in de weg zit, waardoor je gedwongen wordt even bij elkaar stil te staan. Wat betekent dit voor de inrichting van een ontmoetingsruimte? De ontmoetingsruimte moet zich op een kruispunt bevinden tussen voorzieningen waar mensen sowieso al naartoe gaan. Bijvoorbeeld winkels, bushaltes, station, apotheek of huisarts. In deze ontmoetingsruimte gebeurt iets waardoor mensen letterlijk even stilstaan. Bijvoorbeeld omdat iemand wat aan je vraagt of omdat je een bepaalde handeling moet verrichten. En tenslotte kunnen de ruimte en middelen in de ontmoetingsruimte beperkt zijn, wat de kans op ‘botsen’ vergroot. Als je even een stoel moet lenen of de thermoskan met koffie bij wilt laten vullen is het nodig om toch even contact te maken. En zo begint ontmoeting. Marjan Möhle

12


De bouw van een bewonersinitiatief Begin januari van dit jaar gaan de eerste palen de grond in. In februari volgen de muren en het dak. In mei krijgt de keuken gestalte. De bouw van bewonersinitiatief De Uitdaging gaat in volle vaart vooruit. Eens een gewaagd plan op de tekentafel. Nu een concreet, driepotig gebouw in het Leidse stadspark ‘De Tuin van Noord’, dat op 15 juni 2015 haar deuren opent voor de buurt. Bestemming: een paviljoen met horeca, een buurtmuseum, speluitleen en vergaderfaciliteiten. Volledig voor en door bewoners. “De ontwikkelingen volgen elkaar in rap tempo op”, zegt Marlieke Dam, secretaris van het stichtingsbestuur van De Uitdaging. “Waren we eerst een jaar bezig met de voorbereidingen en vooral veel aan het vergaderen, nu gaat het razendsnel. De Stichting de Leidse Uitdaging is opgericht. En op de plaats waar eerst een grasveld was, zijn nu de contouren van ons bewonersinitiatief zichtbaar.” Een duurzaam gebouw in aanbouw, ontworpen door buurtbewoner en architect Arie Bergsma. “Naast de bouw zijn we nu druk

bezig met de uitwerking van het horecaconcept, het communicatieplan en de invulling van de buurtmuseumfunctie en de speluitleen. Tegelijk overleggen we met de gemeente over de nieuwe inrichting van het park waarin het theehuis gelegen is.” Het park is gelegen tussen flats

‘Eens een gewaagd plan op de tekentafel, nu een driepotig gebouw in een Leids stadspark’

en volkstuinen. Waar buurtbewoners van verschillende ach tergronden doorheen fietsen en wandelen, hun hond uitlaten of met de kinderen spelen. Spannende momenten Spannende momenten waren er volop in de ontwikkeling van dit bewonersinitiatief. “We hadden met verschillende afdelingen van de gemeente te maken. Wat betreft de renovatie van het park, de geplande speeltuin, de bouw- en horecavergunning die moest rondkomen, de aanleg van nutsvoorzieningen, een financiële administratie die we

Stadspark Tuin van Leiden-Noord

13


moesten voeren, en verzekeringen die we af moesten sluiten. De communicatie verliep niet altijd even makkelijk. We moesten vaak opnieuw ons concept uitleggen.” “Ook zochten we partners voor het onderhoud van het groen, de invulling van het horecaconcept en de aanleg van de moestuin. En we maakten afspraken met de medegebruikers van het park. Niet iedereen was gewend aan het concept van een bewonersinitiatief. Verder is het binnen ons bestuur soms zoeken naar overeenstemming, want iedereen heeft een andere achtergrond en andere expertise. Daarnaast blijft het natuurlijk vrijwilligerswerk. We zijn beperkt in onze tijd, want de meeste van ons combineren De Uitdaging met een baan en een gezin.”

Bewoners binden De belangrijkste uitdaging voor de komende periode? “Dat wordt om meer mensen aan ons te binden. We bestaan nu uit een bestuur van zes personen en twee actieve ‘gewone’ vrijwilligers. Straks is de bedoeling dat echt alles met en door buurtbewoners wordt gedaan.” Daarom organiseerden ze in februari een kennismakingsfeest voor de buurt. Zo’n 120 buurtbewoners kwamen langs voor een hapje en een drankje. 80 van hen droegen al een steentje bij door mee te denken voor een geschikte naam voor het initiatief. ‘Theehuis Tuin van Noord’ kwam als beste uit de bus. Een herkenbare aanduiding voor de ontmoetingsfunctie en plek. “En tegelijk zegt de naam zoveel meer”, meent Marlieke. “Het moet echt een huis voor de buurt worden!”

Afspelen

Deze video laat zien hoe de planvorming rond De Uitdaging tot stand kwam.

14


De Uitdaging toen en nu In ons online magazine ‘Kracht in de wijk’ van januari 2014 publiceerden we een eerste artikel over De Uitdaging. Een bewonersinitiatief dat toen nog in de kinderschoenen stond en nu gestalte krijgt. De Uitdaging is een multifunctionele ontmoetingsruimte in een park in LeidenNoord met de ambitie een verbindend en zelfvoorzienend centrum voor de wijk te worden. Daarvoor wil De Uitdaging ook mensen met afstand tot de arbeidsmarkt betrekken bij de horecavoorziening. In de voorbereidende periode van het project adviseerde JSO op verzoek van de bewoners over welke rechtsvorm het beste aansluit op de doelen en ambities van de Uitdaging. Op basis van dit advies kreeg de stichting vorm. Ook riep De Uitdaging de hulp van JSO in om een aanpak te ontwikkelen voor een gedragen ontwerp voor de inrichting en het gebruik van het multifunctioneel theehuis. Daartoe werd een opbouwwerker geschoold in de methodiek Placemaking. Placemaking is erop gericht om de gebruikers van een ruimte actief te betrekken bij de ontwikkeling van hun leefomgeving en dus bij uitstek geschikt voor dit project.

15


Sociaal herbestemmen: bouwsector en sociaal domein slaan handen ineen

De bouwwereld en het sociaal domein blijken meer met elkaar gemeen te hebben dan gedacht. Beiden zitten financieel in zwaar weer en verleggen hun focus van aanbod naar vraag op maat. Gerben van Dijk van De BouwCampus deed op de JSO-bijeenkomst ‘Ombouwen in het sociaal domein’ uit de doeken wat de twee sectoren aan elkaar kunnen hebben. “Laten we het niet over vastgoed hebben, maar over de mensen die erin zitten,” opent Gerben van Dijk zijn presentatie. Hij is procesmanager bij De BouwCampus, een grote netwerkorganisatie in de bouwwereld, en is van mening dat de sector meer oog moet hebben voor de bewoners en gebruikers van hetgeen er gebouwd wordt. Wie zijn ze, wat willen ze en wat hebben ze daarvoor nodig? Hij schetst een beeld van bouwbedrijven, woningcorporaties en projectontwikkelaars, die er samen met de overheid volledig op gericht waren zo snel mogelijk zoveel mogelijk te bouwen. Voor wie, dat deed er niet toe. De klant kocht of huurde het toch wel. Iedereen had tenslotte een dak boven zijn hoofd nodig, en als het niet beviel kon hij een paar jaar later weer verhuizen.

massa-aanbod worden losgelaten en in plaats daarvan vraaggericht en op maat gaan werken. Men moet zich afvragen waar burgers écht op zitten te wachten en mensen bovendien zelf aan de knoppen zetten. Bestemmingsvrij ‘Vraaggericht’ en ‘op maat’ zijn termen die ook in de transitie van het sociaal domein centraal staan. De twee sectoren hebben dan ook meer met elkaar gemeen dan op het eerste gezicht gedacht: bij allebei is er flink minder geld te besteden in een snel veranderende markt, wat vraagt om een radicaal andere manier van denken.

‘Vernieuwing komt meestal van buiten je eigen vertrouwde omgeving’

Zowel bouwbedrijven en projectontwikkelaars als gemeenten en zorg- en welzijnsorganisaties moeten zich tegenwoordig faciliterend opstellen, volgens Van Dijk. “Kijk waar behoefte aan is en betrek de cliënt of eindgebruiker bij het proces. Of liever nog: laat hem zelf het voortouw nemen.”

Maar sinds enige tijd maakt de bouwwereld noodgedwongen een transitie door. De vraag neemt af, traditionele financiers trekken zich terug en miljoenen vierkante meters staan leeg. Wil de sector overeind blijven dan moet de focus op

En áls mensen dan zelf het voortouw nemen, moet hen zo weinig mogelijk in de weg gelegd worden. “Dat betekent minder en vooral minder ingewikkelde regelgeving. Maak leegstaand vastgoed bijvoorbeeld bestemmingsvrij, zodat mensen er makkelijk iets nieuws mee kunnen doen.

16


En sta open voor kleinere, eventueel tijdelijke projecten in plaats van grote planmatige blauwdrukken, die jaren voorbereiding vragen en koste wat kost gerealiseerd moeten worden. Stel je als gemeente flexibel op en wees marktmeester in plaats van marktpartij.” Kruisbestuiving Aangezien beide sectoren voor dezelfde uitdaging staan denkt Van Dijk dat de ‘harde’ bouwwereld en het ‘zachte’ sociaal domein veel aan elkaar kunnen hebben. Hij pleit voor kruisbestuiving: “Kijk bij elkaar in de keuken. ‘Besmet’ elkaar met nieuwe inzichten en manieren. Vernieuwing komt meestal van buiten je eigen vertrouwde omgeving.” En werk vervolgens samen. Het sociaal domein zoekt op dit moment geschikte plekken voor nieuwe vormen van zorg en welzijn, en kan zo de bouw helpen herbestemmen. “Maak samen plekken waar mensen graag wonen, werken, zorgen of recreëren. Waar mensen elkaar ontmoeten. Daar zijn

al voorbeelden van, zoals een jeugdzorgorganisatie die samen met een creatief begeleidingscentrum nieuw onderdak vindt in een oud kerkgebouw in Eindhoven. En leegstaande kantoren blijken prima te kunnen functioneren als woonzorggebouwen.”

‘Denk groot, maar begin klein’

Tot slot heeft Van Dijk nog een belangrijke boodschap: “Denk groot, maar begin klein. Zet niet meteen in op het oplossen van grote maatschappelijke vraagstukken, maar start met individuele ondernemers in kleine, lokale projecten. Bouw het van daaruit stapje voor stapje uit. Zo hou je ook beter grip op de kosten.”

Houd de agenda op de website van JSO in de gaten voor de volgende gratis kennisbijeenkomst.

17


Wat kan JSO voor u betekenen? • JSO begeleidt gemeenten en samenwerkingspartners bij het ontwikkelen en vormgeven van inclusief beleid en samenhang van wonen, welzijn en zorg. Van visievorming en beleidsontwikkeling tot een concreet plan van aanpak. Voor een optimale samenwerking in de keten van wonen, welzijn en zorg, waarin de burger zelf een actieve rol vervult. • JSO heeft jarenlange ervaring in het bevorderen van burgerparticipatie en sociale cohesie. We zetten deze ervaring in om leefomgevingen te (re)vitaliseren, samen met gemeenten, woningcorporaties, ontwikkelaars en/of eigenaars en gebruikers. • JSO brengt bewonersinitiatieven en kansen in kaart. We begeleiden bij het formuleren van een heldere, gedragen visie en beleid op burgerparticipatie. • Ruimtelijke keuzes hebben effect op de sociale kwaliteit. Daarom is het noodzakelijk ook op beleidsterreinen buiten het sociaal domein rekening te houden met de maatschappelijke gevolgen. JSO draagt hier met regionale en sectoroverstijgende expertise aan bij, met integrale analyses en beleidsversterkende sociale interventies.

Colofon Redactie Femke Noordink Tekst Marijn Klok, Femke Noordink Vormgeving Barry Smits, Monique Dessing Fotografie Jaco Taal (Wasgoed Online), HW Wonen, Niels Huizinga, De Uitdaging, Issa Shaker

inspireert en verbindt Nieuwe Gouwe Westzijde 1, 2802 AN Gouda, Postbus 540, 2800 AM Gouda T 0182 547 888 - E info@jso.nl - www.jso.nl


Millions discover their favorite reads on issuu every month.

Give your content the digital home it deserves. Get it to any device in seconds.