SP 1981 10(1)

Page 16

hein

cannegieter • In gesprek met

Aroold Collenteur winnaar Tom Verschoorbokaal :

"Graag zou ik nieuwe ideeën over het springen ontwikkelen" De enige verrassing bij de prijsuitreiking van de Nationale Kampioenschappen is ieder jaar weer de naam van de nieuwe trotse bezitter van de Tom Verschoorbokaal. Was het sommige voorgaande jaren een moeilijke keus voor de initiatiefnemers van de prijs, dit jaar was er nauwelijks een diepgravende discussie nadat alle NKP-deelnemers onder de 25 jaar op een rij waren gezet, niet alleen wat betreft hun sportieve prestaties, maar ook wat betreft mentaliteit, inzet en activiteiten buiten de wedstrijdsport. Dit omdat de in 1974 verongelukte pionier van het springen in ons land, Tom Verschoor, zich ook op alle gebieden van het springen bewoog en anderen daartoe stimuleerde. Er was er dit jaar één die duidelijk boven alle andere goede, jongere, enthousiaste springers uitstak: Arnold Collenteur, 22 jaar oud, springend sinds juli 1976, nu ruim 700 sprongen, rigger, instructeur, veel bezig met beginnende relatiefspringers. lid van het nationale viermansteam relatiefspringen van 1979 en 1981. Dat laatste team (van '81) werd nationaal team op de NKP waar het met grote overmacht won. Behalve springen, studeert Arnold rechten aan de Rijksuniversiteit van Utrecht, alwaar hij het vierde jaar ingaat en binnen afzienbare tijd zijn kandidaats hoopt te halen. De laatste tijd beweegt Arnold zich ook op publicistisch terrein, helaas niet in ons Nederlandse springblad, maar in het Belgische. Wellicht dus bij wijze van oefening!

Het begin Arnolds ouderlijk huis staat in Deventer. Toen hij op de lagere school zat, was hij in de weekeinden al veel op Teuge te vinden. Veel deed hij aan modelbouwen als hij de leeftijd had wilde hij gaan zweefvliegen. Maar toen de leeftijd dáár was, werd het springen. Dat sprak hem toch nog meer aan. Arnold: "Allang voor ik mocht springen, was ik er niet bij weg te slaan. Ik had alles gelezen, foto's bekeken, chutes gevouwen tot PC's toe. Kok zwaaide toen nog de scepter op Teuge en

16

als hij mij in de gaten kreeg, gaf hij me enorm op m'n donder. Ik was het vouwslaafje en genoot er van. Jan Molenkamp nam me vaak in bescherming tegen Kok. Toen ik dan eindelijk een opleiding mocht volgen, wist ik vrijwel alles al. Toch was de eerste sprong heel anders dan ik me al die jaren bij het zien van zoveel sprongen had voorgesteld. Enerzijds was het een soort droomtoestand. Erg mooi weer, blauwe lucht, groen beneden. De hoogte viel me enorm tegen, zo van boven naar beneden gezien. Van de grond af leek het altijd zo hoog, maar eenmaal zelf boven leek het zo laag. Bij de afsprong heb ik niets gezien. Ik keek weer toen de chute open was en ik voelde dat het goed zat. De landing viel me ook tegen. Veel harder zag het er uit dan als je een landing van enige afstand ziet. Ik schrok flink van de snelheid. Maar het ging goed. Tot nu toe heb ik geen enkele ernstige blessure opgelopen als een gebroken been ofzo."

Dat eerste jaar sprong Arnold weinig. Lange wachttijden bij de LZE (een Cessna 172) en Arnold kon alleen op zondagen springen. Op zaterdagen werkte hij bij de Hema om zijn springgeld te verdienen, eerst van z'n opleiding, later van zijn springbonnen. Zo maakte hij zijn eerste jaar slechts 23 sprongen. In 1977 kwam hij van school (gymnasium a) en ging hij in de riggershop van Hans Ponsioen werken, de enige full time riggershop in die tijd. Hij verdiende geld en werd "spelenderwijs" opgeleid tot rigger. Dat tweede jaar maakte hij zo'n 100 sprongen. Tot hij in september 1978 in Utrecht ging studeren. Inmiddels was hij de voor velen moeilijke periode in het springen door: de 3 en 5 sekonden vrije val. Hij deed er een half jaar over voor hij zijn 5 sekonden had. Telkens trok hij te vroeg. Maar uiteindelijk was hij er door en kon Henk Verbeek de sprong aftekenen. Daarna ging alles van een leien dakje.

Relatiefspringen Zijn eerste relatiefsprong was zijn 73ste. Met Ton Pohlrnan, nu de rigger van het Nationaal Centrum op Teuge. En sindsdien is hij aan het relatiefspringen verslingerd. Veel sprong hij met Jan Beurner, nu ook in het OutofMoney-team,datons land in oktober in Zephyrhills gaat verdedigen. Jan maakte in diezelfde tijd als Arnold zijn eerste relatiefsprong. Dat was met mij. Arnold en Jan vonden het verder voor een groot deel zelf uit. Arnold: "We wilden gericht trainen, het sa-


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Issuu converts static files into: digital portfolios, online yearbooks, online catalogs, digital photo albums and more. Sign up and create your flipbook.