Magazine ONDERNEEM

Page 1

PRIJS:

SPECIALE EDITIE!

0,00 / WAARDE: VOL


IN DEZE EDITIE

10

‘Ik profileer me nu óók als biograaf en kroniekschrijver’

12

‘Patronen kan je leren doorbreken’

14

‘Voor mensen die er voor willen knokken maak ik mij graag hard’

‘Stond ik daar met mijn auto, volgeladen met broodjes en sapjes’

16

5 ‘Twee jaar lang heb ik toen alles alleen gedaan’

6

Armoedebeleid als vangnet, vliegwiel en verbinding

8

‘Ik zocht olie om de motor weer te laten draaien’

Education permanente

18

24


INHOUD

04 Voorwoord 05 Hadassa van Arend 06 Gea Veenstra 08 Mattias Gijsbertsen 10

Monique Bakker

12

Dieuwer de Lange

14

Education permanente

16

Roel Kuiper

18

Cato Pater

20 Janneke de Lange 22 Infographics 24 Cor Bultema 26

Erik de Vries

28 Esther Hoffmann 30 Het vuur van de

ondernemer


VOORWOORD Wie zaait, zal oogsten… Een jaar geleden zaten we met ons team om tafel. Met een uitdaging in opdracht van de gemeente Groningen. De uitdaging om in een korte periode van een jaar gezien en gevonden te worden door een “moeilijke” groep ondernemers. Ondernemers die, als er niet wat zou gebeuren, het mogelijk niet zouden redden. Je zou zeggen; die mensen staan toch te trappelen om hulp? Maar ondernemers zijn trots en eigenwijs. Je hoort ze nooit zeggen dat het zakelijk helemaal niet zo lekker loopt. Als het niet goed gaat, heb je het aan je zelf te danken of ben je een slechte ondernemer, is de heersende gedachte. Er rust dus echt een taboe op dit onderwerp! Er zijn toen vele knettergekke en leuke ideeën over tafel gegaan; met als doel het taboe op het onderwerp armoede onder ondernemers te doorbreken. Maar uiteindelijk kwamen we tot de slotsom dat in het leven van elke ondernemer ups en downs zitten. En dat je soms het geluk moet hebben dat er net iemand voor je is als het echt tegenzit.

“We besloten dat StadOogst dat geluk zou zijn”

We besloten dat StadOogst dat geluk zou zijn. Wij zijn er voor ondernemers die niet goed meer weten hoe ze weer gevonden worden door klanten, of die financieel in zwaar weer zitten. Die het nodig hebben om weer te ontdekken waar hun kracht en toegevoegde waarde ligt. Nu zijn we een jaar verder en de eerste oogst is binnen. En wat voor één. Het is een oogst waar wij warm van worden. Wij hopen jij ook!

Klaar Zegers 4


Hadassa van Arend: ‘Bovenal blijf ik toch vooral neigen naar het ondernemen’ Het ondernemen zit bij Hadassa van Arend in het bloed én in de familie. Haar ouders zijn beide ondernemer en Hadassa ziet veelvuldig kansen en mogelijkheden, waardoor ze voelde dat zij zich in loondienst niet volledig kon ontpoppen. Na een eigen hotel en een tekstbureau begon ze samen met haar moeder een winkel, waar ze een half jaar geleden mee besloot te stoppen. Inmiddels beraadt ze zich op nieuwe initiatieven. ‘De winkel bestaat eigenlijk uit twee concepten: de verkoop van leuke spulletjes en daarnaast krijtverf,’ legt Hadassa uit. ‘Ik had de winkel samen met mijn moeder, in een pand aan het Damsterplein. Waar het voor de verbouwing van de parkeerkelder best een florerend terrein was, blijkt het nu toch een moeilijk winkelgebied. Het is meer een weg om in en uit de stad te komen. Voor onze winkel als geheel hebben we dat verkeerd ingeschat.’ Middels de destijds net opgerichte ondernemersvereniging Damsterkwartier kwam Hadassa in contact met Erwin Mulder, die beginnende ondernemers in het betreffende gebied begeleidde. ‘Via hem ben ik vervolgens bij StadOogst terechtgekomen. In ons eerste gesprek kwamen we al snel op het punt dat het voor mij beter was om te stoppen met de winkel. Een gedachte waar ik destijds zelf ook al mee speelde. Het paste gewoon niet echt bij mij. Mijn moeder is met de winkel verder gegaan. Het was ook altijd meer haar droom dan die van mij.’

Momenteel zit Hadassa in een werkervaringstraject bij de Gemeente Groningen en doet ze de communicatie voor i3event. Terwijl ze kijkt of ze binnen de gemeente een plek kan vinden, wil ze het ondernemen ook zeker niet loslaten. ‘Verandermanagement vind ik erg leuk. Samen met iemand anders ben ik nu aan het kijken of we een bepaalde techniek kunnen ontwikkelen om veranderingen in bedrijven te kunnen bewerkstelligen. In mijn eentje ondernemen doe ik eigenlijk niet. Ik geloof heel erg in uitgaan van je eigen kracht, en je hebt nooit op alle gebieden even goede kwaliteiten.’

‘In mijn ideale wereld staan loondienst en het werken als zelfstandige naast elkaar,’ ‘In mijn ideale wereld staan loondienst en het werken als zelfstandige naast elkaar,’ zo besluit Hadassa. ‘Dan heb je wat stabiliteit, maar kun je ook aan je dromen werken. Hoewel ik bovenal toch vooral blijf neigen naar de kant van het ondernemen.’

5


6


Gea Veenstra: ‘Twee jaar lang heb ik toen alles alleen gedaan’ ‘In 2009 had ik na hard buffelen mijn eigen makelaardij net goed op de rit staan toen, boem, de crisis toesloeg. Als klein kantoortje was ik gelijk aan de beurt.’ Hoewel het voor haar een pittige tijd was, vertelt Gea Veenstra er vol energie over. Als dynamisch persoon liep ze vast in het bankwezen, waar ze jarenlang had gewerkt. Ze vertrok voor een half jaar naar Australië en kwam bij terugkomst terecht in de makelaardij. Toen ze als donderslag bij heldere hemel eruit werd gezet, besloot ze haar eigen weg te kiezen. ‘In het makelaarskantoor waar ik werkte, ging het eigenlijk heel goed. Plots werd ik ontslagen, ik weet nog steeds niet waarom. Daar heb ik een heel vervelende nasmaak aan overgehouden.’ Gea was destijds bezig met het laatste deel van haar studie makelaardij. ‘Maar ik was er echt even klaar mee. Ik dacht: als ik mijn diploma niet haal, ga ik wel apen voeren in de dierentuin.’ Zo ver kwam het niet. Ze haalde haar diploma en begon haar eigen makelaardij. Met hard werken en veel netwerken kreeg ze de zaak draaiende, maar de crisis legde de makelaardij vervolgens grotendeels stil. ‘Toen stond ik op een kruispunt,’ legt Gea uit. ‘Op deze weg doorgaan en zo depressief worden als een garnaal, of kijken naar andere opties en kansen.’ Ze koos voor het laatste. Samen met een kennis begon ze naast haar makelaardij een winkel in tweedehands dameskleding. ‘Maar mijn compagnon stapte er na een jaar uit.

Twee jaar lang heb ik toen alles alleen gedaan. Ik kwam in die periode van heel weinig rond, had minder dan een uitkering en werkte keihard.’

‘In het makelaarskantoor waar ik werkte, ging het eigenlijk heel goed. Plots werd ik ontslagen, ik weet nog steeds niet waarom’ Via de gemeente Groningen kwam Gea in contact met StadOogst en die hielden haar een spiegel voor. Ze is zich toen meer gaan focussen op de makelaardij. ‘Een vriendin wilde mij wel helpen met de winkel. Zij is echt een topverkoper en net als ik heel dynamisch. Dat bracht mij weer nieuwe energie. De makelaardij trok ook weer aan en ik kon mij daar op richten. De winkelomzet is omhoog geschoten en de omzet van mijn makelaardij is ten opzichte van vorig jaar in begin november al verdubbeld. Door de focus en hernieuwde energie ben ik nu uit de overlevingsmodus.’

www.2keerleuk.nl

7


8


Mattias Gijsbertsen Armoedebeleid als vangnet, vliegwiel en verbinding Het armoedebeleid heeft binnen de gemeente Groningen een aardige vlucht genomen. Waar het eerst een klein programma was, voornamelijk gericht op inkomensondersteuning, is het inmiddels veel meer dan dat. Met de drie V’s: Vangnet, Vliegwiel en Verbinding als uitgangspunten, heeft het beleid een enorme verbreding gekregen.

Met verbinding noemt Gijsbertsen al één van de drie V’s die centraal staan in het armoedebeleid. ‘Dat gaat dus over het samenwerken met andere partijen op dit gebied. Het vangnet behelst de traditionele kant, waarvan we het belang niet mogen onderschatten. En vliegwiel staat voor het weer in beweging zetten van mensen. Dat is eigenlijk ook waar StadOogst goed inpast.’

‘Ons armoedebeleid is volwassener geworden,’ begint wethouder Mattias Gijsbertsen zijn verhaal. ‘Natuurlijk is het belangrijk dat mensen uit de uitkering raken, vanuit maatschappelijk en financieel belang. Maar problemen binnen andere beleidsterreinen waarop de gemeente actief is, vinden vaak hun oorsprong in de armoede. Wanneer je dus niet met armoede bezig gaat, blijf je tegen die problemen vechten. Met armoedebeleid pak je de kern daarvan aan.’

‘Ons armoedebeleid is volwassener geworden’

‘Daarnaast is de wijze waarop de sociale zekerheid nu georganiseerd is nogal conservatief,’ gaat Gijsbertsen verder. ‘Het gaat uit van mensen met uitkeringen en volle banen. Alles wat daartussen valt, en dus ook het ondernemerschap, is ingewikkeld. Daarom hebben we onze blik breder getrokken. We willen verbinding maken met de stad. Met partijen in de stad die weten welke mensen waar in de problemen zitten. Door die verbinding kunnen mensen zo vroeg mogelijk weer verder geholpen worden.’

De verwachting is dat de groep zelfstandigen die in eigen inkomen moet voorzien de komende jaren blijft groeien. In de steden zit bijna 15% van die groep onder het bijstandsniveau. De verbrede aandacht is volgens Gijsbertsen dan ook niet van tijdelijke aard. ‘Ook voor ons is het nog zoeken hoe we dit op een slimme manier aan kunnen pakken,’ zo legt hij uit. ‘Maar de desbetreffende groep heeft wel structureel onze aandacht. En het werkt ook twee kanten op. Voor onze projecten binnen het armoedebeleid hebben we juist ook ondernemers nodig die hun collega-ondernemers weer uit de moeilijkheden trekken.’

Mattias Gijsbertsen Wethouder Gemeente Groningen 9


10


Monique Bakker: ‘Stond ik daar met mijn auto, volgeladen met broodjes en sapjes’ Twaalf jaar lang werkte Monique Bakker bij een dienstverlenend bedrijf, toen ze besloot om als zelfstandige verder te gaan. De materialen die ze in loondienst ontwikkelde voor loopbaanbegeleiding, veranderden in lesmateriaal voor kinderen over sociaal emotionele vaardigheden en talentontwikkeling. Een impulsieve actie bracht haar vervolgens bij een andere passie waarbinnen ze nu als ondernemer actief is: koken. ‘Na mijn periode in loondienst had ik als zelfstandige een vliegende start,’ blikt Monique terug. ‘Ik had veel contacten met educatieve uitgeverijen en hoefde eigenlijk nooit na te denken over of ik nog voldoende opdrachten kreeg. Het was er allemaal gewoon. Totdat de opdrachten minder werden en de werkstroom wat droogviel. Ik vroeg me af waar ik allemaal mee bezig was. Dat was een stroeve en moeizame periode.’ Een vraag of er iemand was die een lunch wilde maken voor vijftig personen, bleek voor Monique het begin van een nieuw hoofdstuk. Ze stak haar hand op en ging aan de slag. ‘Ik heb toen best om mezelf moeten lachen,’ erkent ze. ‘Stond ik daar met mijn auto, volgeladen met broodjes en sapjes. Iedereen was heel erg enthousiast. Toen ben ik op zoek gegaan naar wat goed bij mij past, heb mezelf veel nieuws aangeleerd en eigenlijk

kwamen er vanzelf nieuwe opdrachten binnen. In het bedrijfsverzamelpand waar ik zit, zette ik destijds mensen weleens een creatie van mij onder hun neus om te laten proeven. Mensen moeten het toch ervaren.’ Ondanks dat ze voelde dat het klopte wat ze deed, besefte Monique goed dat ze nog een slag moest maken om haar idee levensvatbaar te krijgen. ‘Ik ben gewoon begonnen en het werd positief ontvangen. Maar aan het concept moest handen en voeten gegeven worden, zodat ik mezelf beter kan profileren bij mijn klanten. Daarvoor ben ik bij StadOogst terecht gekomen.’ Haar huis en keuken bieden mogelijkheden om haar ambities waar te maken. ‘Momenteel ben ik aan het kijken of ik workshops kan organiseren en of een vergaderlocatie met huiskamerrestaurantvoorziening een mogelijkheid is.’ Ook haar link met het onderwijs blijft wat Monique betreft behouden. ‘Ik zou graag een kinderkookboek willen maken. Onlangs heb ik met groepjes kinderen op de school van mijn dochter staan bakken. Dat ga ik binnenkort weer doen. De kinderen leren dan direct over gewichten, hoeveelheden en smaken.’

info@monique-bakker.nl 11


12


Dieuwer de Lange: ‘Ik zocht olie om de motor weer te laten draaien’ Kan je dit voor ons maken? Met deze vraag, die ze in haar periode aan de Kunstacademie Minerva kreeg, startte voor Dieuwer de Lange het ondernemerschap. Inmiddels mag ze zich al een kwart eeuw ontwerper noemen en is ze tevens eigenares van Bed & Office 050. ‘Mijn opleiding had ik nog niet afgerond, toen ik al een grote opdracht voor een huisstijl kreeg,’ vertelt Dieuwer. Ik kon er niet van slapen, maar ik heb het wel gedaan. Er volgden meer opdrachten en het liep als een trein, tot de crisis toesloeg.’ Naast grafisch ontwerpen runt Dieuwer sinds maart van dit jaar Bed & Office 050. ‘Vroeger leek het mij al geweldig om een klein hotel te beginnen. Anderen zeiden: dat moet je niet doen joh, zo leuk is dat helemaal niet. Toch bleef ik daar enthousiaste ideeën over hebben. Om mijn inkomen op te kunnen schroeven heb ik de ontwerpstudio laten verbouwen. Het is nu een vrijstaand stijlvol minihotel met het persoonlijke van een Bed & Breakfast. Een nieuw concept. En juist erg leuk!’ Dat ze boven alles ontwerper wilde blijven, was voor Dieuwer de reden om bij StadOogst aan te kloppen. ‘Ik kon hun hulp goed gebruiken om mijn twee zaken te combineren en daarmee voldoende inkomen te genereren.’

Haar deelname aan StadOogst en de goede resultaten van Bed & Office 050 brachten Dieuwer nieuw zelfvertrouwen als ondernemer. ‘Ik ben enthousiast, levendig, en wat ik aanpak gebeurt ook. Maar er is olie nodig om de motor soepel te laten draaien. Die olie zit er nu weer volop in. Mede daardoor doe ik nog meer: met een groep van zes mensen en een uitgever maken we lees- en lesmateriaal voor kinderen voor wie lezen moeilijk is. Jules Plus heten we. Onlangs zijn we een samenwerking aangegaan met Biblionet en Vluchtelingenwerk Nederland.’

‘Vroeger leek het mij al geweldig om een klein hotel te beginnen’ Dat Dieuwer vol nieuwe energie zit, blijkt ook uit haar toekomstplannen. ‘Eigenlijk zou ik de zaken nog best wat willen uitbouwen,’ onthult ze. ‘Met nog een Bed & Breakfast bijvoorbeeld. Kort geleden wilden mijn buren hun oude stadsbus kwijt. Ik merkte dat ik daar graag iets mee wilde doen. Bed & Bus 050... en zo verder! Dan gaat mijn fantasie direct met mij aan de loop.’

www.bedandoffice.nl 13



Education permanente bepaalt financiële draagkracht van zelfstandigen Natuurlijk weten we al langer dat het aantal tijdelijke contracten toeneemt in Nederland. Maar we waanden ons in de comfortabele positie dat nog altijd de grote meerderheid van de mensen werkzaam is op een vast contract voor onbepaalde tijd. Aan die droom is sinds dit najaar een einde gekomen. Dat aantal is voor het eerst onder de grens van vijf miljoen gezakt. De flexibilisering van de arbeidsmarkt zet dus gestaag door. Dat heeft gevolgen voor ons allemaal; werkenden, werkgevers en overheid. De focus verschuift namelijk langzaam van baanzekerheid naar werkzekerheid. Werkzekerheid houdt in dat er op grond van capaciteiten en vaardigheden altijd werk te vinden valt. Dat betekent wel dat persoonlijke ontwikkeling en blijven leren extreem belangrijk worden. En de verantwoordelijkheid van elk individu. Ook voor ondernemers dus. Want hoewel er nu vooral aandacht is voor de groei, dus de kwantiteit van de zzp’ers, speelt de kwaliteit straks een veel grotere rol voor een goed functionerende flexibele arbeidsmarkt. Het is begrijpelijk dat er zorgen zijn over het draagvermogen van ons sociale zekerheidsstelsel. De aandacht gaat nu vooral uit naar het ontbreken van financiële zekerheden zoals een pensioen en een arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen. Ons zekerheidsstelsel zal zich moeten aanpassen aan de nieuwe werkelijkheid, waarin de grote groep flexibele arbeidskrachten alleen maar groter wordt.

Maar die aandacht kan maar beter zo snel mogelijk verschuiven naar de echte oplossing van dit probleem: de toekomstige professionele kwaliteit van de zelfstandigen. Scholing, opleiding, training en coaching zijn binnen deze groep helemaal geen vanzelfsprekendheid. De zelfstandige heeft het of te druk, en geen tijd om te investeren in zijn professionele ontwikkeling. Of de tijd is er wel, maar dan is het geld er niet. Scholingsfondsen zijn slechts zeer beperkt toegankelijk voor de flexibele arbeidskracht. Zzp’ers zijn daarmee vooral zelf verantwoordelijk voor hun groei en ontwikkeling. Dit heeft direct gevolgen voor de inzetbaarheid én de verdiencapaciteit van de zelfstandige. Met de sterke groei van deze groep ondernemers in het vooruitzicht, zou het goed zijn dat er gekeken gaat worden hoe dit deel van onze beroepsbevolking zichzelf goed staande kan houden. ‘Education permanente’ dus, ook voor de zelfstandige. In het belang van het financiële draagvermogen van zowel onze samenleving als de zelfstandige zelf. Wellicht is het geen gek idee om mogelijkheden hiertoe te verkennen. Want wij zijn ervan overtuigd dat investeren in professionaliteit en kwaliteit van de zelfstandige het probleem van financiële draagkracht grotendeels zal oplossen.

Onderneem ‘t 15


16


Roel Kuiper: ‘Ik profileer me nu óók als biograaf en kroniekschrijver’ Zijn passie voor taal heeft Roel Kuiper naar het vak van tekstschrijver gebracht, een professie waarin hij nu al meer dan een kwart eeuw in zelfstandigheid gedijt. Taal was echter niet zijn eerste liefde: na zijn vwo begint hij aan een studie geschiedenis, een richting waarin hij zijn propedeuse behaalt. ‘Verhalen over vroeger, speuren in het verleden: prachtig vind ik dat’, verklaart Roel zijn aanvankelijke voorkeur. ‘Ik zie geschiedenis als een vorm van schatgraven, een trektocht over onbekende wegen, vol opwindende ontdekkingen. Toch ben ik na een jaar overgestapt op communicatiekunde. Mijn interesse voor taal in de meest brede zin van het woord, was daarvoor de belangrijkste drijfveer.’ Als Roel zijn bul binnenheeft, gaat hij aan de slag als tekstschrijver bij een reclamebureau. ‘Vakinhoudelijk was dat een fantastische baan’, vertelt hij, ‘maar na een paar jaar had ik het wel gezien, vooral omdat ik teveel beknot werd in mijn creatieve vrijheid. Mijn concepten waren goed, vond ik, maar ik kreeg weinig ruimte om ermee de boer op te gaan. Voor mij bleek dat uiteindelijk de trigger om voor mezelf te beginnen.’ Als zelfstandig tekstschrijver weet Roel in korte tijd een uitgebreide klantenkring op te bouwen en financieel gaat het hem voor de wind. ‘Ik heb altijd heel diverse opdrachtgevers gehad, maar mijn grootste klanten kwamen uit de zorgsector en de bouwnijverheid.

Dat bleek economisch gezien een te eenzijdige portefeuille: toen de crisis om zich heen greep, vielen daar de grootste klappen. Bovendien had ik mijn acquisitionele activiteiten teveel laten versloffen. Het gevolg was dat ik nagenoeg zonder inkomsten kwam te zitten.’

‘Zelden ben ik zo blij geweest: geschiedenis en taal kon ik in één opdracht laten samensmelten’ Wanneer hij op het toppunt van zijn persoonlijke bedrijfsrecessie bivakkeert, doet zich een onverwachte kans voor. ‘Een bevriende CEO van een familiebedrijf vroeg mij zijn familiehistorie op te tekenen. Zelden ben ik zo blij geweest: geschiedenis en taal kon ik in één opdracht laten samensmelten.’ Na de succesvolle afronding van het project blijkt het ongunstige economische tij helaas nog niet gekeerd. ‘Ik heb me toen opgegeven voor een training van StadOogst. Dat heeft me twee belangrijke dingen opgeleverd: ik heb de acquisitie weer serieus opgepakt, en ik zet mezelf nu breder in de markt: ik profileer me nu óók heel nadrukkelijk als biograaf en kroniekschrijver.’

www.opschrift.com

17


18


Cato Pater:

‘Patronen kan je leren doorbreken’

Mensen inspireren om weer in hun kracht te komen. Dat is waar Cato Pater elke dag vol energie voor wakker wordt. Als loopbaan- en talentontwikkelaar begeleidt Cato mensen in het proces om hun talenten te ontdekken, ontwikkelen en in te kunnen zetten en zichzelf waar te maken. ‘In het verleden heb ik vijftien jaar gewerkt als therapeut in de geestelijke gezondheidszorg,’ zo begint Cato haar uitleg over hoe ze in het vak terecht is gekomen. ‘Wat ik daar voor de lol ook altijd deed, was mensen aan baantjes en werk helpen. Dat was niet mijn eigenlijke werk, maar ik vond het wel erg leuk om te doen. En als tiende kind in een gezin met elf kinderen heb ik echt geleerd om mijn plek te vinden en in te nemen. Later werd dit versterkt door het ondernemerschap. Dat is voor mij echt de manier geweest om mijzelf in de wereld te zetten. Ik merkte dat ik daar veel anderen mee kon helpen.’ Via klanten hoorde Cato dat Onderneem ’t ook mensen begeleidt die hun talenten op een betere wijze konden inzetten. ‘We delen een passie. Onderneem ’t richt zich in mijn ogen meer op de technische kant:

het ontwikkelen van ondernemersvaardigheden. Mijn specialisatie ligt in het begeleiden van de binnenkant, dus de bewustwording en persoonlijke ontwikkeling. Gezamenlijk leidt dat in mijn ogen tot authenticiteit.’

‘We delen een passie’ ‘Wat we nu samen doen, is ondernemers heel bewust maken van hun eigen waarde en daarbij behorende vaardigheden,’ vervolgt Cato. ‘Dit is extra belangrijk bij mensen met bijvoorbeeld faalangst, een laag zelfbeeld of onzekerheid bij het binnenhalen van nieuwe opdrachten. Wanneer dat een patroon is, denk ik dat de samenwerking mensen naar een hoger niveau kan tillen. Als je niets doet aan de binnenkant, verandert er ook niets structureel aan de buitenkant. Mensen leren kijken naar de oorsprong van een probleem is al het grootste deel van de oplossing. Die oorsprong heeft vaak niets meer te maken met situaties uit het hier en nu. Patronen kan je leren doorbreken.’

www.bureaucato.nl

19


20


‘Het getuigt van professionaliteit als je naar de geest van de wet kunt kijken en niet alleen naar de letter’ Janneke de Lange signaleert al een poosje dat de beleving rondom ondernemen geleidelijk aan het veranderen is. ‘Armoede onder ondernemers is eigenlijk van alle tijden. Maar van oudsher is het zo dat de ondernemer altijd succes moet uitstralen. Het past dus niet bij de status van een ondernemer om bij de gemeente om hulp te vragen. De Bbz is als vangnet geen sexy regeling. Daarom kloppen ondernemers ook soms te laat aan en is de enige oplossing die ons nog rest bedrijfsbeëindiging.’ De reden dat de gemeente zich nu sterk maakt voor de bestrijding van armoede onder ondernemers is dat er simpelweg steeds meer over naar buiten komt. Niet alleen groeit de groep zzp’ers die niet gericht is op heel veel geld verdienen, maar meer op het maatschappelijk vlak van betekenis wil zijn. Ook de groep zzp’ers die noodgedwongen voor zichzelf moet beginnen groeit. Ondernemen als noodsprong dus. Daar maakt zij zich wel zorgen over. Deze mensen beginnen vaak onvoorbereid en dan valt het toch tegen. De grootste wens van Janneke is de realisatie van een ondernemershuis dat openstaat voor alle ondernemers, van klein tot groot. In dat huis vind je als ondernemer alles wat je nodig hebt, van vergunningen tot advies. Publieke en private partijen werken daar samen ten behoeve van alle ondernemers in de stad Groningen.

Kleine bedrijven zouden daar gevestigd kunnen zijn en elkaar versterken.

De reden dat de gemeente zich nu sterk maakt voor de bestrijding van armoede onder ondernemers is dat er simpelweg steeds meer over naar buiten komt. Wat er verder zou moeten verbeteren is dat de wetgeving meer mee moet gaan met de veranderingen in de huidige samenleving. ‘Wij kunnen onze burgers meer op maat bedienen als we afkomen van het onderscheid loondienst en werk. Er is namelijk wel werk, maar dat is niet altijd te vatten in een baan. Met tijdelijke opdrachten zou je mensen ook heel goed verder kunnen helpen maar zij worden nu sterk beperkt door de starre wet- en regelgeving.’ Toch ziet zij op dat vlak ook een kentering komen. En tot die tijd kun je ook veel bereiken voor mensen door naar de geest van de wet te kijken en niet alleen naar de letter. Dat getuigt ook van professionaliteit.

Janneke de Lange Hoofd Afdeling Zelfstandigen, gemeente Groningen

21


Infographics zzp'ers in Nederland: 906.000

LANDELIJK

daarvan onder de armoedegrens: 135.900

Leeftijd van zzp'ers in NL

Opleidingsniveau van zzp'ers in NL

jaar

opleidingsniveau

aantal

aantal

15 - 25 25 - 35 35 - 45 45 - 55 55 - 65 65 - 75

29.000 135.000 201.000 282.000 191.000 68.000

laag middelbaar hoog onbekend

155.000 352.000 390.000 9.000

totaal

906.000

totaal

906.000

Feiten over zelfstandigen: • 69% van de ondernemers is volledig afhankelijk van inkomen uit eigen bedrijf. • 12% van de zelfstandigen onder de armoedegrens. • 25% van hen heeft geen financiële buffer om inkomstenderving op te vangen. • 52% is afhankelijk van slechts één opdrachtgever

• Van de startende ondernemers die hun bedrijf beëindigen heeft 10% een problematische schuld. • In de laatste 3 jaren heeft slechts 40% van de ondernemers de omzet van hun bedrijf zien stijgen. • Een kwart van de ondernemers heeft geen financiële buffer om inkomstenderving in de toekomst op te vangen. • 53% van de ondernemers heeft geen arbeidsongeschiktheidsverzekering en overweegt ook niet om er een in de toekomst af te sluiten.


zzp'ers in Groningen: 10.545

daarvan onder de armoedegrens: 1.687

Branche

Herkomst uit wijken

15%

Retail

4%

Design

35%

Alternatieve therapie

15%

Advies

8%

Webdesign

4%

Persoonlijke Dienstverlening

12%

Trainingsacteur

8%

Schrijver

3,8%

Klein Martijn

15,9%

Oosterpark

23%

Beijum

3,8%

Rivierenbuurt

30%

Centrum

3,8%

Schildersbuurt

15,9%

De Wijert

3,8%

Ulgersmaborg

Verdeling

Wanneer gestart 38

! 12 10

Man 65%

8

Vrouw 35%

6 4 2 0

1995

1998

2000

2001

2004

2007

2010

2012

2013

Ondernemers begeleid door StadOogst: Hebben hun propositie helder

Staan in hun kracht

Zijn weer actief in netwerken

Weten welk probleem zij oplossen

Zijn uit hun sociale isolement

www.stadoogst.nl


24


Cor Bultema:

‘Voor mensen die er voor willen knokken maak ik mij graag hard’ Cor Bultema van Aaabee voelt zich betrokken bij het werk dat StadOogst doet, zowel via zijn accountantskantoor als op persoonlijk vlak. Daarbij denkt hij vooral in kansen. Voor de ondernemers binnen StadOogst, voor Onderneem ’t en ook voor zijn eigen kantoor. ‘Wij hebben echt niet alleen maar de kippen met de gouden eieren als klanten,’ begint Cor zijn uitleg wanneer hem naar zijn betrokkenheid gevraagd wordt. ‘In ons klantenbestand zitten ook mensen die te weinig werk en geld hebben. Mensen die onder het bestaansminimum leven. Dat is een groep waar wij ons sociaal betrokken bij voelen en die we willen helpen waar we kunnen. Zij kunnen ons niet direct betalen, maar we laten ze niet zomaar vallen.’ Volgens Cor hebben juist die mensen behoefte aan iemand de ze tegengas geeft of ze aan het denken zet. ‘Het meest gemakkelijke is om met mensen mee te praten. Maar juist de mensen die het moeilijk hebben, zien het zelf niet meer altijd op een realistische of juiste wijze. Ze hebben een tunnelvisie gekregen en komen er zelf niet meer uit. In die situaties hebben zij meer aan iemand die ze de andere kant van de medaille laat zien.’

Een ondernemer kwam voor hulp via StadOogst bij Cor terecht. Door betalingsachterstanden zag hij door de bomen het bos niet meer. ‘Maar het is wel een ondernemer die in staat is een redelijk inkomen te verdienen,’ vertelt Cor. ‘Dat is ook een voorwaarde om hem te kunnen helpen. Mensen die er voor willen knokken om aan hun verplichtingen te voldoen, daar maak ik mij graag hard voor. En wanneer je het verhaal uitlegt bij de belastingdienst en goed communiceert over een oplossing, dan is er vaak wel wat mogelijk. Gewoon puur door eerlijk en open te zijn. Wanneer dat dan lukt, is dat wel heel mooi.’ Volgens Cor kan het echter nog mooier worden. Als er meer ondernemers naar hem toekomen die vast zitten in hun administratie, hoopt hij nog een winsituatie te creëren. ‘In dat geval kan ik iemand met een administratieve achtergrond die bijvoorbeeld langdurig werkloos is in dienst nemen. Dan wordt de ondernemer geholpen, een werkloos persoon krijgt een baan en de belastingdienst bespaart geld omdat het relatief dure apparaat van herinneringen en aanmaningen niet hoeft te worden doorlopen.’

www.aaabee.nl 25


26


Erik de Vries:

‘Momenteel is het zo druk, dat ik niet toekom aan mijn eigen website’ Na vijf jaar als copywriter bij een reclamebureau te hebben gewerkt, vond Erik de Vries het tijd voor een nieuwe uitdaging. Samen met een andere copywriter, die hij via zijn voormalige werkgever kende, ging hij freelancen. Tijdens de crisis kreeg Erik te maken met tegenslagen en financiële problemen. Na een zware periode heeft hij inmiddels de wind weer in de zeilen. ‘In de beginperiode hadden we ontzettend veel werk en maakten we gigantische omzetten,’ vertelt Erik. ‘We praten dan over 1985. Anderhalf jaar later kocht ik mijn collega uit en ging ik alleen verder. Dat vond ik heerlijk: je kunt het werk helemaal op je eigen manier doen en krijgt persoonlijk de credits.’ Erik kreeg continu nieuwe opdrachten, tot rond 2005 de meeste opdrachten via het internet werden verdeeld. ‘Ik had een goede regionale positie opgebouwd, maar dat was opeens niet meer belangrijk. Het gevolg was dat mijn verdiensten terugliepen. Niet lang daarna kwam mijn scheiding daar nog overheen en stond mijn wereld op z’n kop.’ Terwijl Erik zijn leven weer op de rit probeerde te krijgen, teerde hij een tijd lang in op zijn vermogen. ‘Het leven als alleenstaande vader bleek best duur

en mijn omzet liep terug. In 2009 stond mijn omzet bijna stil en raakte mijn geld op. Vanaf dat punt heb ik financieel flinke achterstanden opgelopen. Toen ik bij StadOogst terecht kwam, was ik nog steeds bezig mijzelf hieraan te ontworstelen. StadOogst heeft mij geholpen de situatie weer helder te krijgen en bracht mij in contact met Cor Bultema van Aaabee Accountants. Dat klikte meteen en sindsdien zit er weer structuur in mijn financiële beleid.’ Nadat hij in 2010 zijn focus verlegde naar het bouwen van websites in WordPress, is zijn bedrijf weer helemaal tot leven gekomen. ‘Momenteel is het zo druk, dat ik niet toekom aan acquisitie en mijn eigen website,’ laat Erik weten. Door de trainingen van StadOogst heb ik ook een paar nieuwe ideeën gekregen voor mijn eigen positionering. Ik zie nu duidelijker dat het bouwen van websites met mijn marketing- en communicatieachtergrond een gouden combinatie is voor mijn klanten. En ik vind het ook erg leuk en dankbaar werk om andere ondernemers aan websites en marketing te helpen waarmee zij omzet en klanten binnenhalen.’

www.wpwebbouw.nl 27


28


Esther Hoffmann:

‘Ze voelden als gesloten deuren die mij klein en ingetogen hielden’ Na jaren als logopediste in loondienst te hebben gewerkt, merkte Esther Hoffmann dat die wijze voor haar niet werkte. Ze wilde het op haar manier doen en besloot een eigen praktijk te openen. Uiteindelijk voelde ze zich ook daar niet helemaal gelukkig en na tien jaar verkocht ze de praktijk. Esther ging op zoek naar wie ze was en wat ze kon, om van daaruit te gaan ondernemen. ‘Ik wilde een ander stuk in mezelf aanboren.’ Het bracht haar bij lichtwerk met holistische energetische therapie, counseling en coaching: werk op etherisch niveau. ‘Dat is alles wat te maken heeft met je intuïtie of gevoelens. Als jij voelt dat er iets in je lichaam niet lekker zit, dan praten we over het etherische,’ verduidelijkt Esther. ‘Daarmee heb ik gevonden waar ik naar zocht: iets dat ik zo leuk vind, dat ik er alles voor over heb om het te laten bloeien als een bloem.’ Vervolgens moest ze er nog mee naar buiten treden. Dat was voor Esther niet gemakkelijk, zeker niet omdat ze eerst nog een strijd met zichzelf moest winnen. ‘Wat mijn boodschap is en wat ik kan, was voor mijzelf in eerste instantie ook nog niet duidelijk. Dat had vooral te maken met het jezelf durven toestaan om te geloven in wat je kan, en ook met de mogelijke beeldvorming van de buitenwereld.

Ik zat niet te wachten op dat mensen bij mij een Jomanda-gevoel krijgen. Dit vormden belemmeringen voor mij en voelden als gesloten deuren die mij klein en ingetogen hielden. Die heb ik zelf open moeten zetten. En gelukkig kreeg ik van cliënten terug dat het voor hen ook echt effect had gehad.’ Met hulp van StadOogst vertaalde Esther haar dienst en geloof naar communicatie richting de buitenwereld. ‘Ik zocht mensen die mij konden helpen met het helder krijgen van mijn waardepropositie. Daardoor kan ik duidelijker communiceren naar mijn doelgroepen en klanten. Ook ben ik bezig evenementen te initiëren. Ik durf nu met een kraampje op een beurs te gaan staan en mezelf te laten zien. De mens bezit een onwijs groot potentieel, maar beperkingen zoals opvoeding, regels, aannames en andermans overtuigingen zorgen voor angst en zelfkleinering. Het is aan ons om die beperkingen van ons af te schudden en te geloven en te groeien in ons potentieel. Daar wil ik mensen mee helpen.’

www.estherhoffmann.nl

29


Het vuur van de ondernemer, daar gaat het om! Bij aanvang van het project StadOogst wisten wij echt niet welke ondernemers we tegen zouden komen en welke problemen ze precies zouden hebben. We konden het vanuit onze ervaring natuurlijk wel ongeveer inschatten. Maar er is altijd de onzekerheid of ondernemers ook het vertrouwen in je hebben om met hun zorgen bij je aan te kloppen. Want welke ondernemer durft te zeggen dat het niet goed gaat met de zaak? Gelukkig hebben er wel ondernemers bij ons aangeklopt. Ieder met zijn of haar eigen probleem. Maar bij allemaal was de passie voor het ondernemen tot het stadium van waakvlammetje gedaald. Als je niet meer weet hoe je aan je klanten moet komen of als het je tegen zit aan de financiële kant door belastingaanslagen die je niet meer had zien aankomen, dan heb je vooral iemand nodig die naar jou als mens én ondernemer kijkt. Die oog heeft voor de persoon zelf en de waarde van de te leveren diensten of producten voor de klant. Daar zit onze kracht. Hoe mooi is het dat iedere ondernemer z’n eigenwijze ik mee brengt en daardoor ook in staat is om geleidelijk aan terug te halen waarom hij ooit is gaan ondernemen. Weer de passie te voelen over de waarde van zijn diensten en producten.

30

Dat hij weer helder krijgt en de focus terugbrengt naar datgene waar het ooit mee begonnen is. Dan ontstaat de energie om er weer echt tegen aan te gaan. We hebben daar zo onze eigen methodiek voor ontwikkeld. Eén die vooral geënt is op inspiratie maar waarbij we ook al onze kennis over en jarenlange ervaring met het ondernemerschap inzetten. Wij geloven in het ontwikkelen van ondernemerschap. Om het talent wat de ondernemer in zich heeft te laten bloeien. Hier ligt onze passie en ons vuurtje laait op bij het zien van de ondernemers die weer in staat zijn om hun zaak te laten bloeien en zo in hun inkomen te voorzien.

Henriëtte Veenstra


COLOFON Dit magazine is een uitgave van Onderneem ‘t ONDERNEEM is een magazine over actuele thema’s die betrekking hebben op ondernemerschap dat tweemaal per jaar uit komt. Dit exemplaar betreft een eenmalige speciale editie dat volledig in het teken staat van StadOogst, een project dat door Onderneem ‘t wordt uitgevoerd in opdracht van de gemeente Groningen. Voor vragen of opmerkingen kun je mailen naar info@ikonderneemhet.nl. Ook wanneer je dit magazine wilt blijven ontvangen, kun je via dit e-mailadres contact opnemen. Redactie: Klaar Zegers, Henriëtte Veenstra, Jasper de Vries & Tom Kikkert. Fotografie: Pagina 8: Jeroen van Kooten Pagina 16: Sylvia Germes fotografie Pagina 18: www.penris.com Vormgeving: Joost Drijver, Degelijk Design.

Contact: e-mail: info@ikonderneemhet.nl

Copyright Onderneem ‘t Niets uit dit magazine mag zonder uitdrukkelijke toestemming van Onderneem ‘t gedupliceerd of overgenomen worden.

telefoon: 050 – 711 52 85.