Page 1

Dit is het 75ste nummer van Toondertijd, het kwartaalblad van de MTVC. Om dit heuglijke feit te memoreren is er een speciaal nummer van gemaakt dat draait om het berenmotief in en om slot Bommelstein. Wij hopen dat u hier veel plezier aan beleeft. De redactie

1


uit : De watergeest 2


Inleiding De samenstellers van dit boekje, zwagers, deelden bij hun kennismaking ruim vijfentwintig jaar geleden twee interessen: de dochters uit hetzelfde gezin, en het werk van Marten Toonder, in het bijzonder de verhalen van Tom Poes en heer Bommel. Zij stelden vast dat de woning van heer Ollie, slot Bommelstein, in de literatuur niet nauwkeurig was beschreven. Het plan werd opgevat om zelf zo’n beschrijving te maken, maar de uitvoering er van liet lang op zich wachten. Er kwam van alles tussen: drukke banen, academische promoties, jonge gezinnen, opgroeiende kinderen, werkloosheid, nieuwe drukke banen… maar het idee bleef sluimeren en werd nieuw leven ingeblazen door de verschijning in 2007 van Jenno Witsens Bommel reisgids. In de voetsporen van een heer van stand. De auteurs willen hun onderzoek niet vergelijken met de imposante arbeid van Witsen; wel heeft de Bommel reisgids hen er toe gebracht een oude interesse op te pakken. Opnieuw bleek namelijk, hoe rijk aan inhoud de verhalen van Tom Poes en heer Bommel zijn. Ons project is bescheidener van opzet. Het oorspronkelijke plan, een beschrijving van in- en exterieur van Bommelstein en alles wat daaraan vastzit, bleek te ambitieus. Een ‘afslanking’ van het onderwerp was onvermijdelijk, wilde er nog iets uit komen. Wij besloten ons te beperken tot het ‘berenmotief ’, dat wil zeggen: alle decoratie en opsmuk in en om het slot waarin een beer of berenkop voorkomt. Eerst hadden wij hiervoor de term bommelaria bedacht, maar die werd gauw vervangen door ursalia, een woord uit eigen keuken, afgeleid van het Latijnse ursus (beer). Na inventarisatie van ursalia uit de beschikbare verhalen is voor een indeling in negen rubrieken gekozen, die tegelijk konden dienen als ‘hoofdstukken’. Een tiende rubriek werd toegevoegd voor bijzondere ursalia die weinig of slechts een enkele keer voorkomen. De namen van de rubrieken werden vertaald in potjeslatijn om onze studie meer gewicht te geven. Marten Toonders verhalen van Tom Poes en heer Bommel zijn voor het grootste deel opgenomen in reeksen. Daarnaast zijn er ‘losse’ verhalen die geen deel uitmaken van een reeks en curiosa zoals kalenders, legpuzzels en nieuwjaarskaarten. Twee kleinere reeksen, bedoeld voor jonge lezertjes, verschenen in de weekbladen Donald Duck en Revue. Verwijzingen naar de Donald Duck-reeks zijn gebaseerd op 3


de twintigdelige Panda-uitgave, waarbij steeds het deel en de pagina zijn vermeld (bijv. 7-99, d.i. deel 7, pagina 99). De Revue-reeks, een Panda-uitgave in vier delen, is niet gepagineerd waardoor een nadere aanduiding van het plaatje binnen een verhaal niet goed mogelijk was. De omvangrijkste reeks, die verscheen in dagbladen, duiden wij aan als de hoofdreeks (of dagbladreeks). Zij kent drie ‘subreeksen’ met een eigen nummering van de stroken. De eerste nummering, die loopt van 1 tot 1084, hebben wij voor de duidelijkheid de letter a meegegeven, bijv. a-337, a-1084. De tweede nummering is de langste; zij loopt van 1 tot bijna 10.000. De derde nummering begint steeds met een 0, bijv. 0582, 01594. Binnen een strook zijn de plaatjes nader aangeduid met de letters a, b en c, bijv. a-140c. De hoofdreeks omvat een literair-creatieve periode van meer dan veertig jaar. Wij hebben een overzicht van de hoofdreeks gemaakt met scores van ursalia per verhaal, naar soort én naar aantal. Ook verhalen zonder ursalia zijn vermeld, om de ontwikkeling en frequentie van het berenmotief te laten uitkomen. Er lijken ‘golven’ in te zitten. Soms is een ursalium een tijd uit beeld, om jaren later weer op te duiken. In het algemeen kan worden gesteld, dat het aantal ursalia tegen het einde van de hoofdreeks toeneemt (zie de grafiek op bladzijde 50). In de vroegste verhalen zijn de ursalia plat (tweedimensionaal), later krijgen ze meer diepte (reliëf). Het feit dat een aantal verhalen zich buiten Bommelstein afspeelt leidt er toe dat zij niet of nauwelijks ursalia bevatten, hoogstens aan het einde van het avontuur als Joost een eenvoudige doch voedzame maaltijd opdient. Hoe zijn de ursalia precies geteld? Een voorbeeld. Op een plaatje is een berenkop aan het voeteneinde van heer Ollies ledikant afgebeeld. Het volgende plaatje, nog van dezelfde strook, laat weer die berenkop zien. Volgens de gehanteerde telling worden er ‘twee’ gerekend, hoewel het om dezelfde berenkop gaat. Ook als de berenkop gedeeltelijk is afgebeeld, telt hij mee. Als ursalia in een verhaal buiten Bommelstein terecht komen blijven zij meetellen, bijv. schilderijen en bustes in De zwelbast. Op dezelfde wijze als bij de hoofdreeks zijn overzichten gemaakt van de Donald Duck- en de Revue-reeks, waarbij is aangegeven of een bepaald ursalium in een verhaal voorkomt en hoe vaak.

4


Een van ons kan goed overweg met de computer, waardoor enkele resultaten van het onderzoek grafisch konden worden weergegeven. Drie cirkeldiagrammen, één voor elke reeks, maken het voorkomen van ursalia aanschouwelijk (p. 49). Tevens is op pagina 50 een histogram opgenomen, dat de relatieve bijdragen van ursalia in de verschillende reeksen aangeeft. Het aantal afbeeldingen bij de tekst moest helaas beperkt blijven. In veel gevallen zal de lezer zelf de afbeelding er bij moeten zoeken. Museum ‘De Bommelzolder’ in Zoeterwoude-Weipoort is daarvoor nog steeds het aangewezen adres. Ten slotte: wat is het nut van deze studie? Zij besteedt nauwelijks aandacht aan de inhoud van de verhalen of aan de prachtige, karakteristieke Toondertaal. Zij is bijna uitsluitend gericht op de plaatjes. Maar zij toont aan met hoe veel toewijding, zorgvuldigheid en liefde voor het detail Marten Toonder en zijn tekenaars te werk gingen. Hulde! Maar er is meer. Onze inventarisatie en analyse van ursalia maakt veel duidelijk over het zelfbeeld van heer Ollie. Slot Bommelstein is niet zijn ‘stamslot’, zo weten wij uit De Drakenburcht. Hij heeft het verworven door bemiddeling van woningbureau ‘Het gouden sleuteltje’ te Rommeldam. Ollie wil het kasteel een persoonlijk cachet geven door het aanbrengen van ursalia. ‘Dat familiewapen bevalt mij ook niet. Ik zal een ander ontwerpen. Wat denk je bijvoorbeeld van een dansende beer van goud op een veld van azuur?’ vraagt heer Bommel aan Tom Poes (a-121). Op het laatste plaatje van De Drakenburcht is te zien dat er verschillende ursalia zijn aangebracht (a-140c). Ollie heeft een goede inborst, maar is een dikdoener. De wanden van Bommelstein worden volgehangen met schilderijen, van hemzelf en van ‘voorouders’ met een indrukwekkende snor of in historische kledij; er verschijnen borstbeelden en andere ornamenten waarin zijn beeltenis terugkeert. Zo probeert hij zijn niet-adellijke afkomst te verhullen en een status op te houden die past bij… een ijdele heer van stand! Dr. Jaap Klok Dr. Hugo Klooster

5


1. Schilderijen (picturae) Het schilderij is een versiering op Bommelstein die in vrijwel elk verhaal terugkeert. Het is een gebruikelijke, algemeen voorkomende verfraaiing van het interieur. In het kader van deze studie zijn alleen schilderijen en portretten geregistreerd die als ursalia kunnen worden beschouwd, dus afbeeldingen van heer Ollie zelf of van andere beren: voorouders en familieleden. Schilderijen van andere figuren, landschappen en van slot Bommelstein zelf, die regelmatig voorkomen, zijn buiten beschouwing gelaten. Het is soms moeilijk vast te stellen wie of wat precies is afgebeeld. De lijst is niet steeds duidelijk ingevuld, soms zijn alleen vage contouren zichtbaar. Er zijn ovale en rechthoekige lijsten, van verschillende afmeting en uiteenlopend gedecoreerd. Een afzonderlijke categorie wordt gevormd door portretten in silhouet, meestal in een ovale lijst. Af en toe, zoals in De wezelkennis, is er sprake van portretfoto’s. Deze zijn voor ’t gemak ondergebracht in de rubriek ‘Schilderijen’. Een opvallend voorbeeld van een foto is de afbeelding van heer Ollie en juffrouw Doddel op het nachtkastje in de tekenfilm Als je begrijpt wat ik bedoel. Heer Bommel is blijkbaar vele malen geschilderd en ook op vele manieren: alleen zijn hoofd, hoofd met schouders, tot het middel of ten voeten uit, met of zonder pijp, in ruitjesjas of speciaal gekleed, met een ernstige of vrolijke gelaatsuitdrukking. Wat betreft dit laatste: er lijkt een verband te zijn tussen heer Ollies gelaatsuitdrukking op het doek en de stemming die hij op dat moment in het verhaal heeft. Maar er zijn uitzonderingen… Bezien wij eerst de verhalen buiten de hoofdreeks. Wij wijzen op Heer Bommel ontvangt familie (verschenen in Tom Poes weekblad), waarin het schilderij van Ollies oom Balthazar, met hoge hoed en sigarettenpijp, een bijzondere rol speelt. Over de Donald Duck-reeks valt ook het een en ander te zeggen. Naast allerlei vage portretten (bijv. in De ijzige heinen, De glazenier, De kookpot van mevrouw Liplaf ) zijn er genoeg duidelijke en ook bijzondere. De dief van Dagbad toont een groot schilderij waarop heer Bommel tot borsthoogte is afgebeeld (6-88). Of is het een voorvader? De geportretteerde draagt zeventiende-eeuwse kleding en een geveerde baret. De bombardonder bevat een schilderij van heer Ollies voorvader Johan Sebastiaan Bommel, een musicus. In De krakers is een beer afgebeeld met een zeventiende-eeuwse hoed, in De Mexicaanse hond 6


een beer met snor. Op enkele portretten is heer Ollie vrolijk lachend afgebeeld, zoals in De wonderlijke boedel. In het verhaal heeft hij op dat moment ook een goede bui. Al weer een vrolijk portret in De R.V.B. (‘Rommeldamse Vrijwillige Brandweer’) maar dit maal is er discrepantie met Ollies humeur. Een verband tussen portret en situatie is dus niet steeds aanwezig! Voor wat betreft de Revue-reeks wijzen wij op De tantomaten, dat schilderijen laat zien met een vierkante én een ovale lijst, ook van besnorde voorouders; voorts op De dief met de duizend gezichten (rechthoekig portret) en De dienmachien. Dit laatste verhaal toont weer een rechthoekig portret van een beer met knevel, waarschijnlijk een voorouder: Ollies ‘goede vader’? Het is wellicht interessant op te merken, dat het relatieve aandeel van schilderijen en portretten in de Donald Duck- en Revue-reeks groter is dan in de hoofdreeks (zie de drie cirkeldiagrammen). Als het om absolute aantallen gaat, laat de hoofdreeks de andere reeksen natuurlijk ver achter zich. Maar dat geldt voor alle categorieën ursalia. De tekenfilm Als je begrijpt wat ik bedoel, een bewerking van het verhaal De zwelbast, bevat naast ‘traditionele’ schilderijen nog een aantal bijzondere. Herkenbaar zijn doeken van Hals, Rembrandt en Vermeer, die op humoristische wijze zijn bewerkt: mensen zijn door beren vervangen! Op Rembrandts schilderij ‘De anatomische les van dokter Tulp’ is iedereen een beer, inclusief het lijk. Vermeers doek ‘Het lezende meisje’ laat een berinnetje zien, verdiept in een (liefdes?)brief. Keren wij ons nu tot de hoofdreeks van dagbladpublicaties. Deze bevat een vrijwel ononderbroken stroom van (herkenbare en niet herkenbare) schilderijen en portretten. De schilderijen nemen in aantal toe vanaf strook 7000; dat geldt overigens ook voor andere ursalia. Het eerste verhaal van de hoofdreeks waarin een ‘berenschilderij’ voorkomt is Kaspar de draak (een vierkante lijst, a-319c, fig. 1). Een aparte plaats wordt ingenomen door

Kaspar de draak fig. 1

7


De meester-schilder fig. 2 het verhaal De meester-schilder dat een complete galerij portretten van voorouders bevat, een wand vol schilderijen die bovendien meermalen is afgebeeld (bijv. a-914a, fig. 2). Het aantal ‘berenschilderijen’ in dit verhaal is hierdoor uitzonderlijk groot (‘legio’ in het overzicht). Het portret van voorouder Grompel Grislie komt zelfs tot leven (a-934a). De watergeest bevat een schilderij met een bijzondere lijst: rechthoekig met daarin een ovaal (80a). In De talisman (94a) hangt ook iets bijzonders aan de wand: het portret van een beer die lijkt op Thijs IJs, de hoofdfiguur uit een serie verhalen van Marten Toonder die aan de Bommelsaga voorafging. Kwetal de breinbaas toont op de stroken 876a en c (fig. 14) een schilderij in Picasso-stijl. Eh… dinges (1211 e.v.) verhaalt van Ollies zelfportret dat zo goed is geslaagd dat de maker versuft raakt. Als Terpen Tijn het doek heeft vernietigd, leeft Ollie weer op. Een gegeven dat in de verte doet denken aan The picture of Dorian Gray van Oscar Wilde; of is dit inderdaad te ver gezocht? De eerste strook van De Atlantiër (2750c) bevat een schilderij van Ollies ‘goede vader’ als jonge man (beer), gekleed naar de mode van 1920, compleet met strooien hoed. De goede vader is als ‘beer op leeftijd’ met een voorname keizerbaard geportretteerd in een minder bekend verhaal, De wachtlijsten (uitg. Pfizer). In Het losgetrilde inzicht vervaardigt Terpen Tijn een schilderijtje van heer Ollie dat vele malen is afgebeeld. Het laatste verhaal van de hoofdreeks, Het einde van eindeloos, toont een portret van heer Ollie ten voeten uit (01681a, fig. 3). 8

Het einde van eindeloos fig. 3


2. Heraldiek (heraldica) Wapenschilden en wat daarmee verband houdt, zoals schildhouders, harnassen, lansen, helmen en vluchten, horen vanzelfsprekend bij het interieur van een kasteel. Heraldiek verwijst naar de adellijke afkomst van de bewoners, en hoewel kan worden betwijfeld of heer Ollie blauw bloed heeft, Bommelstein hangt er vol mee. Ook in de onmiddellijke omgeving van het slot treffen wij wapenschildjes aan, uitgevoerd in steen. In deze rubriek zijn alleen heraldica met berenmotief opgenomen, slechts een deel van totaal. De meeste wapenschilden dragen niet het bijzondere kenmerk waarnaar wij op zoek zijn, het ursalium. De schilden zijn op verschillende wijze ingevuld, met horizontale, verticale en schuine velden, gebalkt of gekeperd. Er is niet één wapen dat steeds terugkeert. Soms is de invulling niet duidelijk en zijn slechts contouren aangegeven. De schildjes, waarvan de vorm kan verschillen, zijn bevestigd aan de wand of aan pilasters (zie ook ‘Berenkop kapiteel’), heel soms aan een meubel. Het vroege verhaal De watergeest (niet De watergeest uit de hoofdreeks) bevat twee uitbundige heraldica. Op één tekening is boven de schouw, aan het rookkanaal, een wapenschild bevestigd met daarboven een strenge berenkop en een grote vlucht van wel vier meter (zie de illustratie op pagina 2). Het schild zelf is ook curieus: het voert de pijp van heer Ollie! Een ander curiosum in dit verhaal is een tekening waarop heer Bommel fier is afgebeeld, steunend op een zwaard met de punt naar beneden. Achter hem een zuiltje met harnas, daarachter weer twee gekruiste hellebaarden. De helm is gekroond met een miniatuur-borstbeeld van Ollie, dat weer een pluim en een vlucht draagt. Een unicum! Het verhaal De zeldzame zaadkorrels, opgenomen in de bundel Tom Poes vertellingen, bevat een tekening waarop een wapenschild met berenkop in reliëf en als schildhouder een beeldje van heer Ollie zelf. Een ‘los’ plaatje uit oktober 1945 beeldt heer Bommel af als Don Quichot, vechtend tegen de windmolens van de ‘Eereraad’. Ollie houdt een schild dat verticaal is gedeeld, met in het midden een berenkop (uit het gedenkboekje Marten Toonder; zie literatuurlijst). Wij vonden één voorbeeld van een spreuk bij een ‘berenwapen’: in het verhaal De Hollebosser knol (in Tom Poes weekblad) is een verticaal gedeeld schild met een berenkop in ’t midden, 9


waaronder de spreuk ‘pecunia non olet’. Hetzelfde verhaal bevat nog een ongedeeld schild met berenkop aan het tuinhek, met een leeuw als schildhouder. Het eerste verhaal uit de Donald Duck-reeks met heraldiek is De wonderlijke boedel. Een schild (of medaillon) met berenkop hangt boven de haard aan het rookkanaal. De zonderlinge weldoener De zonderlinge weldoener fig. 4 laat een prachtig schild zien, ook boven de haard, verticaal gedeeld in twee velden van azuur en zilver, de berenkop in het midden (4-120, fig. 4). In De bombardonder ligt een schild met berenkop op de rommelzolder. De woelwater toont op het laatste plaatje een schild met berenkop, boven de haard. Het schild is weer verticaal in twee velden gedeeld, de berenkop in het midden. De velden zijn nu goud en oranje. In de Revue-reeks vonden wij twee heraldica met berenmotief. In De tantomaten hangt een schild met grote berenkop aan een pilaar; De zwarte vleer bevat een schuin gedeeld schild boven de haard, kleuren azuur en keel, met een berenkop in het midden. Richten wij ons nu op de (grotendeels ongekleurde) hoofdreeks. Overzien wij het geheel, dan vallen er nu en dan forse ‘gaten’ (dat wil zeggen een lange reeks verhalen waarin bedoeld motief niet voorkomt). Het vermaarde laatste plaatje van De Drakenburcht (a-140c, fig. 5) toont een wapenschild aan de rugleuning van een eetstoel: twee velden, verticaal gedeeld, met in het midden een berenkop. Dit wapen is niet gerubriceerd als ‘Berenkop stoel’ omdat het daarbij gaat om berenkopjes van houtsnijwerk, geplaatst boven aan de rugleuning. Na De Drakenburcht duurt het tot strook 1051c, tot De volvetters, voordat wij weer een ‘echt’ schild met berenmotief tegenkomen. Het is opnieuw van het type van De Drakenburcht en De woelwater: twee velden, verticaal gedeeld, 10

De Drakenburcht fig. 5


met een berenkop in het midden. Als wij denken eindelijk het ‘vaste’ wapen van heer Bommel te hebben gevonden, komen wij al gauw een variant tegen. In De partenspeler (1493a) is een schild boven de haard aangebracht met een berenkop in het midden, maar de deling van de velden is schuin. In Vriend Vijand (1730a) is de oude verticale deling met berenkop weer terug. De pruikenmaker (2048a) laat een geschuinbalkt schild zien, met de berenkop er boven. Na De pruikenmaker is er weer een lacune of ‘schildloos tijdperk’ tot De kiekvogel (3576a). Een paar verhalen verder, in De feunix, komen wij een schildje tegen dat buiten het kasteel is geplaatst, aan een zuil bij het tuinhek (3705a). Het is uitgehakt in steen. Later in dit verhaal is (binnen) een wapenschild zichtbaar met drie velden, geschuind; het middelste veld is het breedst en beladen met een berenkop. Vanaf De feunix ontmoeten wij vaker heraldica buiten het slot. De Hachelbouten toont op strook 3991 een zuiltje naast de ingang van Bommelstein, dat een schildje met berenkop draagt. Iets dergelijks zien wij in De labberdaan (5452c), De krookfilm (7658c, 7659a) en heel bijzonder in De kon gruwer, waar een zuiltje naast het tuinhek is versierd met een barokschildje met berenkop, uitgevoerd in steen (7258b). Het schild zelf heeft haast de vorm van een klokhuis, met steeltje. Het derde plaatje van dezelfde strook, waar Tom Poes voor het eerst Constantijntje ontmoet, is fraai gecomponeerd (7258c, fig. 6). Het lemland toont een eigenaardig wapenschild (binnen) waarop naast een (enigszins uitstekende) berenkop een soort cilinder of bus is afgebeeld; een honingpot? De tekening (4177b) toont zo weinig details dat dit niet precies is vast te stellen. Om het wapen is een lint gedrapeerd, met wapenspreuk? Helaas is ook dit niet zeker. De bovenbazen bevat twee maal een structuurloos schild, hangend aan een pilaar, beladen met een berenkop die in reliëf lijkt te zijn aangebracht (5025a, b). Een laatste opleving van heraldica met berenmotief zien wij in De minionen. Dit verhaal laat op de stroken 0692c en 0693a (binnen) een schild met berenkop zien, met een Bommelbeeldje als schildhouder. Eerder is een dergelijk ensemble getekend in het vroege verhaal De zeldzame zaadkorrels. Het keert

De kon gruwer fig. 6

11


dus weer terug aan het einde van de hoofdreeks! De minionen bevat nog iets bijzonders. Strook 0696b laat een schildje zien met berenkop boven de garage van de Oude Schicht. Een unicum dat hier bij de heraldiek is ondergebracht en niet in de eerste plaats bij ‘Berenkop portaal’ omdat de berenkop in een schild is geplaatst. Merkwaardigerwijs is het na De minionen gedaan met de berenheraldiek. In de laatste verhalen van de hoofdreeks keert het ornament niet terug. Opmerkelijk, omdat de hoofdreeks naar het einde toe juist meer ursalia bevat.

3. Buste binnen (imago ursi intra muros) Het borstbeeld van heer Ollie is een decoratie van het interieur van Bommelstein die wij al in de vroegste verhalen tegenkomen en die vooral in de hoofdreeks aanwezig is, bijna even vaak als schilderijen. Het overzicht van deze reeks toont voor wat betreft deze rubriek geen grote hiaten. De buste van heer Ollie kent vele varianten in gelaatsuitdrukking: streng, neutraal, vrolijk. Ook de positionering is verschillend: op een zuiltje (sokkel), een piëdestal, op een bureau, een tafel, een (laden) kast, de schoorsteenmantel, aan de trapleuning of op een console aan de wand. In het vroege verhaal De watergeest (niet uit een reeks) zien wij heer Bommel op een kussen, temidden van een verzameling wapens, de handen voor de ogen, en boven hem uit, op een hoge zuil (deel van een schrijfbureau?) een streng, ja boos kijkende buste (fig. 7). Het afscheidsfeest, een verhaal uit de bundel Tom Poes vertellingen, laat zien hoe de ondeugende Wammes Waggel 12

De watergeest fig. 7


een hoed op het borstbeeld van heer Ollie zet. ‘Op dat moment viel heer Ollies borstbeeld met een dreunende slag op de grond…’ Het voorkomen van bustes in de verhalen uit Donald Duck De reuzenvogel fig. 8 is niet gelijkmatig. Na een goed begin is er een flink hiaat tussen De ijzige heinen en De H-H-handschoenen. Ook de laatste twaalf verhalen hebben geen ‘bustes binnen’. In het lange verhaal Het klerenkoffertje, dat een aantal malen wisselt van decor en deels in het oude Rome speelt, is meteen iets bijzonders aan de hand. Heer Bommel vervult de rol van caesar; er is een buste met lauwerkrans van hem gemaakt, die op de balustrade van een galerij staat. Natuurlijk valt ook deze imago aan stukken! Mogen wij de buste meetellen? Slot Bommelstein is ver te zoeken in plaats en tijd… In andere verhalen uit Donald Duck staan de bustes meestal op een zuiltje. In De H-H-handschoenen (13-91) is een buste op een kast geplaatst, in De krakers en De tegendeler op de schoorsteenmantel. De Revue-reeks bevat, als wij goed hebben opgelet, slechts één ‘buste binnen’, in De spiegelant, waar bedoeld ornament ook nog naar de rommelzolder is verbannen. Het eerste verhaal uit de hoofdreeks met een borstbeeld is De reuzenvogel. De buste is geplaatst op een zuiltje en er is iets eigenaardigs mee: zij draagt een helm, die door Tom Poes wordt geopend (a-185b, c, fig. 8). In De reuzenvogel is het borstbeeld dus niet slechts decoratie, het speelt ook een rol in het verhaal. Kaspar de draak laat een buste zien die is beschadigd (a-319b). Ook in De meester-schilder wordt niet zachtzinnig met bustes omgesprongen: zij worden van de trap gegooid (a-942b, c, a-943a, b). De geheimzinnige sleutel neemt bij onze inventarisatie een bijzondere plaats in. Hier is geen borstbeeld getekend, het wordt alleen vermeld als onderdeel van de inventaris van Bommelstein, die bij opbod wordt verkocht: ‘een marmeren borstbeeld, voorstellende de voormalige heer Bommel van Bommelstein’ (strook 274). Bul Super 13


biedt er een stuiver voor! In De kniphoed is ook iets merkwaardigs aan de hand, niet alleen omdat slot Bommelstein er als miniatuur in voorkomt, maar ook omdat heer Ollies borstbeeld, verpakt in een krat, zacht en eetbaar is geworden (2612a, c). In De zwelbast wordt weer flink met bustes De zwelbast fig. 9 gesmeten nadat Zwelg ze uit het kasteel heeft geroofd (3247c, 3248a, c, 3249a, fig. 9). ‘Het lelijke kopje van de een of andere cententeller’, zegt Zwelg. Heer Ollie is ontstemd: ‘het is een portretbuste, die ik voor mijn verjaardag heb laten maken. Dat ben ik zelf!’ Een mooie tekening vinden wij in De toornviolen (4137c), waar heer Bommel trots naast zijn buste staat, die op een zuiltje (of tafeltje?) met draperie is geplaatst. De borstbeelden moeten het weer ontgelden als De grauwe razer vernielingen aanricht op Bommelstein; de kop wordt van de sokkel gescheiden (4788). De vrezelijke krakken toont iets dergelijks; dit maal is het heer Ollies kleine beschermeling Knot (of Flut?) die bustes omver stoot en van de trap gooit (7792-7798). Een bijzonder borstbeeld is te zien in De ombrenger (7314a). Het is ongetwijfeld een berenkop, maar met lang haar. Een berin? Of een voorvader uit de zeventiende eeuw? De uitvalsels, een verhaal met talrijke ursalia, laat op veel plaatjes een borstbeeld van heer Ollie zien dat naar de rommelzolder is verhuisd (0116, 0122 vv.). Een Bommelding toont hetzelfde (?) borstbeeld op zolder (01336a). Het laatste verhaal van de hoofdreeks, Het einde van eindeloos, heeft drie afbeeldingen van bustes: op een zuiltje (01681a, 01686b) en bij het laatste (eenvoudige doch voedzame) avondmaal (01767a) op een console aan een pilaar.

14

De betoverde prinses fig. 10


4. Buste buiten (imago ursi extra muros) Borstbeelden die in de tuin, aan het hek of de ommuring van Bommelstein zijn geplaatst, verschijnen veel later dan borstbeelden in het interieur. Als wij Het losgetrilde inzicht fig. 11 goed hebben opgelet komen zij alleen voor in de hoofdreeks, met één uitzondering, in De woelwater van de Donald Duck-reeks (17-70). In de hoofdreeks neemt hun aantal slechts na een lange aanloop toe. Voor het eerst komen wij de ‘buste buiten’ tegen in De betoverde prinses, waar een fraai borstbeeld in de tuin staat, dat aandacht krijgt van heer Bommel (772b, fig. 10). Dan valt er weer een ‘gat’ tot De wraakgier, waar een borstbeeld op een zuil naast de voordeur is geplaatst, in een soort portiek, in elk geval extra muros (2941c). Ook de tekenfilm Als je begrijpt wat ik bedoel toont een borstbeeld buiten naast de voordeur. Een paar verhalen na De wraakgier, in Het stenenbeen-probleem, komen wij een buste tegen op een zuiltje in de tuin (3207a). Dan is er weer een fors hiaat tot Het losgetrilde inzicht, waar een buste op de tuinmuur is geplaatst (7579a, fig. 11). Na dit verhaal neemt het aantal ‘buitenbustes’ snel toe; het ornament krijgt duidelijk meer aandacht van Toonders tekenaars. In De uitvalsels, een verhaal dat bijzonder rijk is aan ursalia, wordt een buste aan het tuinhek vaak afgebeeld, zelfs in het donker (0197c). De spalt bevat een tekening (01250a, fig. 12) waarop twee zuilen met borstbeelden aan de tuinmuur te zien zijn; heer Ollie heeft er kennelijk meer laten plaatsen! Het laatste verhaal van de hoofdreeks, Het einde van eindeloos, heeft twee plaatjes waarop een buste op een zuiltje aan de tuinmuur is te zien (01720c, 01721a). Vermeld moet nog worden dat op een aantal schutbladen van heer Bommels Volledige werken (uitgeverij Panda) een buste in de tuin van Bommelstein is afgebeeld.

De spalt fig. 12

15


5. Berenkop schouw (caput ursi foci) De haard (stookplaats) is een plek op Bommelstein waar heer Ollie vaak is afgebeeld, in een gemakkelijke stoel met een glaasje port, in gedachten verzonken, lezend of converserend met zijn gasten. De haard is voorzien van een houten (of stenen) ombouw, de schouw of schoorsteenmantel, die meer dan eens is verfraaid met ursalia. Soms staat er een borstbeeld op de richel; zie hiervoor de rubriek ‘Buste binnen’. Boven de schouw vinden wij ook wel ursalia, hoger bevestigd aan het rookkanaal, meestal wapenschilden met berenkoppen, die geïnventariseerd zijn in de rubriek ‘Heraldiek’. In De laarzenreuzen, een verhaal dat niet bij een reeks hoort, zijn behalve een centraal geplaatst wapenschild aan het rookkanaal twee berenkopjes zichtbaar, frontaal bevestigd aan beide zijden van de schoorsteenmantel. In dit geval gaat het om ursalia die wij onderbrengen in de rubriek ‘Berenkop schouw’. De Donald Duck- en de Revue-reeks bevatten bedoeld ornament niet. In de hoofdreeks komen wij het voor het eerst tegen in De reuzenvogel, een verhaal dat in het algemeen rijk is aan ursalia. De stroken a-179b (fig. 13) en a-182b laten berenkoppen zien die aan weerszijden van de schouw zijn aangebracht. Een variant vinden wij in De meester-schilder (a-913a), met één kop in het midden. Gaan wij verder langs de hoofdreeks, dan zien wij het ornament terug in twee opeenvolgende verhalen, De betoverde prinses en Kwetal de breinbaas. Strook 863 van De betoverde prinses toont twee maal de linkerhelft van de schouw, waaraan een berenkop. Wij veronderstellen dat de (niet zichtbare) rechterhelft ook zo’n berenkop 16

De reuzenvogel fig. 13


draagt, gelet op de symmetrie. Voor Kwetal de breinbaas geldt merkwaardigerwijs hetzelfde. Ook in dit verhaal is twee maal de linkerhelft van de schouw getekend, waaraan een berenkop is bevestigd (876c, fig. 14). In De gebroeders Weeromstuit Kwetal de breinbaas fig. 14 is weer één berenkop aangebracht in het midden van de schoorsteenmantel (1676a; 1679b, vaag; 1680a, vaag), wat wij voor het eerst zagen in De meester-schilder. Na De gebroeders Weeromstuit verdwijnt het ornament ‘berenkop schouw’ voor lange tijd uit de hoofdreeks. Juist als men denkt dat het niet meer terugkeert, duikt het weer op in De ombrenger (7314b). In De Hopsa’s is een berenkopje opzij van de schouw zichtbaar (8097a). Het laatste gedeelte van de hoofdreeks (vanaf de derde nummering) bevat, zoals wij eerder opmerkten, in het algemeen veel ursalia. Het ornament aan de schoorsteenmantel verschijnt ook weer, in De spalt, waar op drie stroken (01247c, 01299b, 01300c, fig. 15) een berenkop in het midden van de schouw is aangebracht. In het daarop volgende verhaal, Een Bommelding, is de berenkop in het midden maar liefst vijf maal afgebeeld (01343c, 01344a, 01352a, b, 01353a). De enkele, centraal geplaatste berenkop lijkt de dubbele berenkop aan weerszijden te hebben verdrongen. Deze indruk wordt bevestigd als wij bedoeld ornament voor de laatste maal tegenkomen in De zelfkant, waar een berenkop in ’t midden van de schouw is afgebeeld (01438b).

De spalt fig. 15 17


legpuzzel Het feestmaal fig. 16

6. Berenkop kapiteel (caput ursi columnae) De berenkop boven aan een zuil is een ornament dat sporadisch voorkomt, maar toch te vaak om het onder te brengen bij ‘Ursalia diversa’. Bijzonder fraai is het kapiteel in de Tom Poes legpuzzel Het feestmaal: een krans van berenkoppen om een pilaar (fig. 16). Een andere pilaar met zo’n zelfde kapiteel is nog juist zichtbaar (uiterst links). Een kapiteel met een enkele berenkop in het verhaaltje Paddestoelen (Tom Poes weekblad, 2e jaargang no. 14). In de Donald Duck-reeks komen wij het ornament met één (zichtbare) kop twee maal tegen (De bombardonder, 16-65, De doe-het-zelver, 16-70), en verder alleen in de hoofdreeks. De Drakenburcht, het verhaal waarin heer Ollie slot Bommelstein verwerft en het interieur een persoonlijk cachet geeft, toont op de laatste tekening een kapiteel met een enkele berenkop (a-140c, fig. 5). Opmerkelijk is het kapiteel in De laatste markies van Carabas: het bestaat uit drie koppen (a-337a, fig. 17). Een dergelijk meerkoppig kapiteel zagen wij in de legpuzzel Het feestmaal. Na De laatste markies van Carabas gaat het in 18

De laatste markies van Carabas fig. 17


de hoofdreeks alleen nog om éénkoppige kapitelen. De betoverde prinses bevat een berenkop op een schildje aan een pilaar (796c), eigenlijk een hybride (met heraldiek). Na Mom Bakkesz verdwijnt het ornament voor lange tijd uit de hoofdreeks, om pas weer op te De wezelkennis fig. 18 duiken in De wezelkennis (4357c). En dat is niet eens zeker: de berenkop, geplaatst boven aan een zuil, is voorzien van een pijp waarin een kaars is gezet (fig. 18). Een armatuur! (zie ‘Ursalia diversa’) Of is het toch een kapiteel? Het ornament is immers aangebracht boven aan een zuil… Toonders fantasie laat zich niet steeds in hokjes stoppen. Pas in De trullenhoedster (5845a) zien wij weer een kapiteel met berenkop waarover weinig twijfel bestaat. Het ornament komt in latere verhalen nog vijf keer voor (zie het overzicht), het laatst in De vergelder (01565c), zonder noemenswaardig van vorm te veranderen.

7. Berenkop stoel (caput ursi sedis) Een origineel en sierlijk ornament in het interieur van Bommelstein is de berenkop, aangebracht aan de rugleuning van een stoel. Het gaat steeds om houtsnijwerk. Er zijn varianten: een enkel kopje in het midden, of twee, aan beide hoeken van de rugleuning. Meestal steken de kopjes boven de stoel uit. Wij komen dit ornament tegen in de drie reeksen en ook daarbuiten. Een verjaardagskalender (geen verhaal, uitg. Concordia) toont een berenkop in het midden van de rugleuning;

Heer Bommel’s weddenschap fig. 19

19


op beide hoeken staat een valk. De toverfluit, een verhaal dat niet bij een reeks is hoort, laat een berenkop in het midden zien, breed glimlachend. Fraaie stoelkopjes ook in het verhaal Heer Bommel’s weddenschap (fig. 19).

De zieke hertog fig. 20 Dan de stoel-ursalia uit de Donald Duck-reeks. In de twintigdelige Panda-uitgave van deze reeks is op de schutbladen van elk deel een dinerscène afgebeeld, waarbij aan heer Ollies eetstoel een berenkop is aangebracht. Deze dinerscène maakt echter geen deel uit van een verhaal. Het uitzonderlijk lange verhaal Het klerenkoffertje, dat in verschillende tijden speelt, toont op het laatste plaatje een eetstoel met berenkop. Van alle (enkele, in het midden geplaatste) stoelkopjes uit de Donald Duck-reeks noemen wij nog het kopje uit De glazenier, dat schuin van achteren is getekend (12-56). De Revue-reeks bevat het ornament één maal, op de valreep in Tom Poes neemt afscheid (één kopje in het midden). In de hoofdreeks duiken de stoelkopjes voor het eerst op in De zieke hertog: twee grote koppen, waarvan één nauwelijks zichtbaar, die ver uitsteken (a-253a, c, fig. 20). Het ornament keert direct terug in het volgende verhaal Het monster-ei, nu als een enkel kopje aan heer Ollies stoel in de bibliotheek (a-296a, fig 26). Bijzonder is dat stoel en ornament van achteren zijn getekend. Het verhaal dat daarop volgt, Kaspar de draak, toont berenkopjes aan eetstoelen (a-336c). Wij komen het ornament weer tegen in De meester-schilder, waar een berenkopje aan de leunstoel is afgebeeld (a-913a, b). Vanaf de tweede nummering (zie ‘Inleiding’) verdwijnt het ornament een tijdlang uit de hoofdreeks, om pas terug te keren in De zwarte zwadderneel (3168b; van achteren getekend, fig. 21). In De dankputters (3691a) is heer Ollies zetel behalve met een berenkop ook met ander houtsnijwerk versierd. Het kopje steekt niet duidelijk uit, maar is in de rugleuning opgenomen. Eerder was zoiets te zien in De zwelbast (3262a), later ook in 20

De zwarte zwadderneel fig. 21


de De wezelkennis, een verhaal rijk aan ursalia (4367c, 4368a). Na dit verhaal is er weer een lacune in de hoofdreeks tot De kwade inblazingen (6231b), tenzij we een problematisch ornament in De vuursalamander (5376a) meerekenen. Wat is er te zien? Een ronde versiering van houtsnijwerk aan de armleuning van een stoel in Ollies slaapvertrek, met twee uitstekende ‘oortjes’. Wij komen er niet uit, ook omdat wij er schuin van achteren tegenaan kijken. Berenkoppen aan de armleuning komen nergens anders voor; het zou hier gaan om een unicum. Vanaf De pijpleider (7228a, b) en het volgende verhaal, De kon gruwer (7250c, 7251a, 7252b, 7254a, 7302c) keert de ‘berenkop stoel’ weer regelmatig terug, steeds aan de rugleuning, en zonder grote hiaten. De grijze kunsten (8711b) toont weer een berenkopje van achteren. Het laatste verhaal waarin een stoelkopje voorkomt is Het Bommel-verschiet (01676b). De hoofdreeks overziend concluderen wij dat het dubbele kopje aan de rugleuning al in een vroeg stadium wordt vervangen door een enkel kopje dat in het midden is geplaatst. Ook gaat het in de latere verhalen steeds om een eetstoel, behalve in De toekomer (0367a), waar het kopje aan een gemakkelijke stoel is bevestigd.

8. Berenkop ledikant (caput ursi lecti) Heer Bommel slaapt doorgaans in een groot hemelbed, dat rijk is aan ornamenten. In deze rubriek beperken wij ons tot de berenfiguur (meestal berenkop), geschilderd of van houtsnijwerk, die aan het hoofd- of aan het voeteneinde is aangebracht, of aan de hemel zelf. Soms gaat het niet om het bed van heer Ollie maar om een logeerbed. Buiten de hoofdreeks is het ornament vooral te vinden in de Donald Duckreeks. In De wrokwerker is een berenkop aan het voeteneinde van heer Ollies ledikant zichtbaar. Een heel bijzonder berenkopje in De jonge schicht, met gesloten ogen en vleugeltjes, aan het

De jonge schicht fig. 22

21


voeteneinde van een logeerbed (fig. 22); in hetzelfde verhaal ook een slapend kopje aan het hoofdeinde. De tik van Joost bevat de fraaiste schildering: aan het voeteneinde zweeft heer Ollie als een engeltje tussen de wolken, de ogen toe (14-67, fig. 23). In de Revue-reeks komt het ornament alleen voor in De blaasgeest, waar een (wakend) berenkopje aan het voeteneinde van heer Ollies bed is afgebeeld. De reuzenvogel (niet De reuzenvogel uit de hoofdreeks) bevat een tekening van een ledikant met een grote berenkop aan het hoofdeinde. Niet heer Ollie, maar Tom Poes ligt in het bed. Het verhaal De Hollebosser knol toont een slapend kopje aan het voeteneinde (fig. 24).

De tik van Joost fig. 23 In de hoofdreeks gaat het steeds om houtsnijwerk. Het eerste verhaal uit deze reeks met een berenkop aan het bed is De volvetters (aan het voeteneinde; 1023c, fig. 25). In De geheimzinnige gaper is iets merkwaardigs aan de hand. Door toedoen van Hocus Pas, die op Bommelstein een apotheek heeft ingericht, worden veel ursalia vervangen door lelijke gapertjes, ook aan het logeerbed waarin Tom Poes slaapt (1451). Geen berenmotief dus! De Bommelkuur laat weer een (slapende) berenkop aan het voeteneinde van Ollies ledikant zien (1960a). In Het stenenbeen-probleem moet heer Bommel het bed houden, waardoor zijn ledikant, met berenkop boven aan het hoofdeinde, meermalen is afgebeeld (3172b, 3175a, 22

De Hollebosser knol fig. 24


3176b). Het lemland bevat een berenkop aan het voeteneinde, die merkwaardigerwijs naar binnen, naar het hoofdeinde is gericht (4193a). Een berenkop aan de hemel van het bed, voorzien van vleugeltjes De volvetters fig. 25 (zeer zeldzaam), vinden wij in De bovenbazen (5019a). Een andere berenkop aan de hemel (zonder vleugels) in de vakantie-aankondiging in de NRC van 21 juli 1967 (zie de Pandauitgave, deel 25, p. 164). Het gaat hier om een unieke combinatie van een berenkop aan de hemel en een kop aan het voeteneinde. Na De liefdadiger (hoofdeinde; 5219b) zien wij het ornament weer terug in De heldendaden (6120a) en het daarop volgende verhaal, De kwade inblazingen (6180a), in beide gevallen aan het voeteneinde. In De kon gruwer is de berenkop opnieuw aan het voeteneinde aangebracht, soms slechts gedeeltelijk zichtbaar (7229a, 7245b, 7246a, 7249b). Ook in de latere verhalen (zie het overzicht) zit de berenkop steeds aan het voeteneinde. Het laatste verhaal waarin deze aardige versiering voorkomt is Het spijtlijden (0845a, b). De film Als je begrijpt wat ik bedoel laat heer Ollies ledikant zien, versierd met een berenkop… aan het hoofdeinde!

9. Berenkop portaal (caput ursi portae) In deze rubriek zijn niet alleen opgenomen berenkoppen boven een poort of deur (aan de bovendorpel), maar ook die aan grote meubels zoals (boeken)kasten; ‘deuren en kasten’ (portae et armaria). Ornamenten aan stoelen en aan heer Ollies ledikant hebben een eigen rubriek. Buiten de drie reeksen is een fraaie caput ursi portae te zien op het november-decemberblad (in kerstsfeer) van een jaarkalender in museum ‘De Bommelzolder’ (fig. 30). Een boekenlegger (uitg. 23


onbekend) in de vorm van een boekenkast, waarvoor heer Ollie op een ladder balanceert, heeft boven aan de kast een berenkop (collectie ‘De Bommelzolder’). Bekijken wij eerst de Donald Duck-reeks. Deze is in twintig delen uitgegeven door uitgeverij Panda (zie de literatuurlijst). Het eerste deel toont op de kaft een berenkop met lauwerkrans boven een poort. De tekening verwijst naar het verhaal Het klerenkoffertje, dat gedeeltelijk in het oude Rome speelt (en niet op Bommelstein!). In het verhaal zelf komt het ornament niet voor. In De wonderlijke boedel zien wij op één pagina twee berenkoppen, een boven een binnendeur en een boven de buitendeur. De laatste kop, aan de buitenzijde, is opgenomen in een fries. Het eerste plaatje van Dokter Galzalver toont ook een berenkop boven de buitendeur, aan de buitenzijde. Dat de buitendeur ook aan de binnenzijde een berenkop kan dragen, blijkt in het verhaal De rappe ratsers. In De R.V.B. (‘Rommeldamse Vrijwillige Brandweer’) lijkt op het eerste gezicht de toegang tot de keuken van Joost verfraaid met een berenkop (18-20). Bij nadere beschouwing gaat het om een ‘gewone’ kamerdeur: de keukendeur scharniert anders! De jonge schicht laat een berenkopje zien aan de stijl van een boekenkast die slechts gedeeltelijk is afgebeeld. Het is aannemelijk dat ook op de andere, niet zichtbare stijl een berenkopje is aangebracht. In De tereheer zien wij een berenkop boven aan de linnenkast. In de Revue-reeks treffen wij ‘berenkop portaal’ slechts aan in twee verhalen: De tantomaten en De pruikenmaker. De tekenfilm Als je begrijpt wat ik bedoel toont één berenkop boven een deur. Bekijken wij nu de hoofdreeks; die begint hoopgevend. In Het monsterei (a-296a, fig. 26) zien wij heer Bommel en Tom Poes in de bibliotheek. De stijlen van twee toegangsdeuren zijn verfraaid met berenkoppen aan beide zijden (drie koppen zijn zichtbaar), wat wij in latere verhalen niet meer tegenkomen. De volgende strook (a-297) toont de gehele 24

Het monster-ei fig. 26


boekenkast, waar in het midden een (platte) houten berenkop is aangebracht. Een rijke oogst in dit vroege verhaal! Echter: wij moeten het er mee doen tot Solfertje, waar het ornament pas weer opduikt. Afgebeeld is een houten, gesloten deurkast met aan de fries een berenmotief (640a, fig. 27). Mom Bakkesz Solfertje fig. 27 laat een kleine berenkop boven een deur zien (klein afgebeeld; 1365b). De schoonschijners toont een berenkopje boven de hoofdingang van Bommelstein (1671a). Een fraaie berenkop boven de deur, omgeven door ander houtsnijwerk, vinden wij in De kiekvogel (3519a). Een berenkop op een klein schildje is te zien in De gezichtenhandel (4265b), eigenlijk een tussenvorm van ‘portaal’ en ‘heraldiek’. Iets dergelijks in De vuursalamander (5420a). Een mooie afbeelding is het eerste plaatje van strook 5244 uit Het monster Trotteldrom, waar een trot balanceert op een kandelaar naast een wanordelijke stapel boeken. In de rechter bovenhoek is nog juist een berenkop boven de (buiten)deur zichtbaar, als topstuk van een rijk gedecoreerde tympaan. Professor Prlwytzkofsky komt juist binnen en licht zijn hoed (fig. 28). Na De vuursalamander valt er een ‘gat’ en verdwijnt ‘berenkop portaal’ enige tijd uit de hoofdreeks tot Het losgetrilde inzicht (7585b, slecht zichtbaar). Daarna is het ornament redelijk constant aanwezig tot het einde van de reeks (zie het overzicht). Wij noemen nog een paar verhalen. De kaligaar (8219a) bevat weer een berenkop boven aan de boekenkast. Een bijzondere variant komen wij tegen in De zonnige kijk (8599c), waar een berenkop is ingemetseld boven een poort in de tuinmuur. In latere verhalen als De wadem en Heer Bommel maakt volledig is een berenkopje aangebracht aan het dressoir. In het laatste verhaal van de hoofdreeks, Het einde van eindeloos, vinden wij de poort in de tuinmuur terug, versierd met een berenkop (01692c).

Het monster Trotteldrom fig. 28

25


10. Ursalia diversa Deze ‘restrubriek’ inventariseert ursalia (berenmotieven) en problematica die zeer weinig of slechts één keer voorkomen, en niet kunnen worden ondergebracht bij andere rubrieken. Het berenmotief kan op allerlei voorwerpen of in een verschillend decor worden aangetroffen, meestal binnen, maar ook buiten slot Bommelstein. Er zijn heel bijzondere voorbeelden: armaturen, (inkt)potten, beeldjes, deurkloppers, serviesgoed, fonteinen. Ursalia diversa zijn een bewijs van de speelse verbeelding van Marten Toonder en zijn medewerkers. De hierna vermelde voorbeelden zijn alfabetisch gerangschikt en voorzien van vindplaats en een korte karakteristiek. Ursalia diversa worden aangetroffen in de Donald Duck-reeks en de hoofdreeks, één maal slechts in de Revue-reeks. Ook buiten de reeksen komen u.d.’s voor. Bijzonder is de tekening op de kaft van De curieuze wereld van heer Bommel en Tom Poes. Niet alleen heer Bommel, maar ook Tom Poes is daarop in ‘speelgoedvorm’ afgebeeld. Wij noemen voorts het vroege verhaal De watergeest (niet te verwarren met De watergeest uit de hoofdreeks). Ook de tekenfilm Als je begrijpt wat ik bedoel bevat een aantal u.d.’s. De hoofdreeks begint veelbelovend met tal van ursalia diversa. Vanaf de tweede nummering (zie het overzicht) wordt het ineens minder. Tot De kaligaar zijn er eigenlijk maar drie verhalen waarin ze voorkomen: De kniphoed, Het mengeldier en De wezelkennis (het u.d. in De hupbloemerij is twijfelachtig). De derde nummering is weer rijker aan ursalia diversa. Armaturen (kaarsenhouders). Een Tom Poes legpuzzel, Het feestmaal, heeft aan de wand een berenkopje met pijp; een armatuur die wij verder alleen in de hoofdreeks vinden. In De Drakenburcht, het eerste verhaal waarin Bommelstein voorkomt, is aan de wand een kaarsenhouder zichtbaar: een berenkop met pijp, waarin een kaars (a-140c, fig. 5). De reuzenvogel (rijk aan ursalia diversa!) en De laatste markies van Carabas bevatten een dergelijk ornament (resp. a-178b; a-337a, a-338a, fig. 17). Kaarsenhouders lijken daarna in onbruik te raken, wellicht als gevolg van de introductie van elektrisch licht op Bommelstein. Toch zijn er nog voorbeelden te vinden. In het latere verhaal De wezelkennis is een kaarsenarmatuur afgebeeld, dat als 26


een soort kapiteel aan een zuil is bevestigd (4357c; zie ook de rubriek ‘Berenkop kapiteel’). Op strook 4359a van dit verhaal is iets bijzonders te zien: het beeld van een beer die een kandelaar met twee kaarsen vasthoudt. Is hier nog sprake van een armatuur? De De uitvalsels fig. 29 uitvalsels (een verhaal met veel ursalia) toont een Bommelbeeldje op een zuil, in een fiere houding met schild en speer; de speer is tegelijk kandelaar (0161b, fig. 29). Een opmerkelijk ursalium! De Unistand bevat ook een kandelaar vastgehouden door een berenfiguur; de kandelaar komt terecht op heer Ollies hoofd (0504b, c). Arrenslee. Een berenkop aan een arrenslee op een nieuwjaarskaart (uitg. De Muinck, Amsterdam). Badkraan. In De dienmachien (Revue-reeks) heeft het ligbad van heer Ollie een kraan in de vorm van een dierenkop. Het is niet zeker of het om een berenkop gaat, het kan ook een hondenkop zijn. Dit enige voorbeeld van ursalia diversa in de Revue-reeks is dus ook nog twijfelachtig. Badkuip. Het bad van heer Ollie is een ouderwetse kuip op vier poten; berenpoten? Of is dit te ver gezocht? Oordeelt u zelf, bijv. De hupbloemerij, strook 6288a. Pootjes aan het bad of aan meubels, die in zeer veel verhalen voorkomen, zijn niet verder geïnventariseerd; het kunnen ook leeuwenpoten zijn, wat bij meubels gebruikelijk is. Ballon. In de film Als je begrijpt wat ik bedoel hangen er ballonnen in de vorm van een berenkop aan een lijn, tussen de lampionnen. Beelden (behalve borstbeelden). Op de legpuzzel Het feestmaal is een Bommelbeeldje geplaatst in een nis in de eetzaal (uiterst rechts; fig. 16). Het november-decemberblad van een jaarkalender (aanwezig op De Bommelzolder, fig. 30) toont een Bommelbeeldje boven op een kast. In De schat-scherven, een verhaal uit de Donald Duckreeks, zien wij een beeld van heer Ollie als caesar, met lauwerkrans,

27


jaarkalender fig. 30 een arm geheven, de andere steunend op een zuil (14-108). Mogen wij dit ursalium meerekenen? Het verhaal speelt in het oude Rome en niet op Bommelstein! De reuzenvogel bevat een Bommelbeeldje op een voetstuk (a-179a); de houding, met een hand in de cape ter hoogte van de maagstreek, doet denken aan Napoleon. Een dergelijk beeldje, met een arm geheven en de andere in de zij, komen wij tegen in De kniphoed (2580b, 2581c, fig. 31). Deze houding doet weer denken aan Mussolini; een indruk die wordt versterkt door de (slecht leesbare) tekst op de sokkel die als ‘il duce’ kan worden gelezen. Een groot beeld van een beer die een kandelaar vasthoudt, zien we op strook 4359a van De wezelkennis. In Bombom de Geweldige wordt een standbeeld van heer Bommel onthuld op de vismarkt in Rommeldam 28

De kniphoed fig. 31


(5802)… dus niet op Bommelstein! Een maat kleiner is een beeldje met triomfantelijke houding in De kaligaar (8218a). Een beeldje op een piëdestal, met schild en speer, is te vinden in De uitvalsels (0161b). De speer dient tegelijk als kaarsenhouder (zie ook ‘Armaturen’). In Heer Bommel maakt volledig houwt heer Ollie een levensgroot granieten beeld van zichzelf. Het beeld verplaatst zich op wonderlijke wijze, maar blijft buiten slot Bommelstein; uiteindelijk slaat heer Ollie het stuk. De watergeest fig. 32 Bloempot/plantenpot. Een prachtig klein ursalium treffen wij aan in het vroege verhaal De watergeest: een plantenpot met een berenkopje dat een ring in de mond houdt. Burgemeester Dickerdack loopt juist voorbij. Het is aannemelijk dat aan de andere kant van de pot ook zo’n kopje zit; de oortjes zijn net zichtbaar (fig. 32). De uitgave in boekvorm van De achtgever (Niemeijer, Groningen) heeft op de omslagtekening een bloempot met berenkoppen. In De vergelder (01565a) zien wij een plantenpot in de tuin van Bommelstein, versierd met een krans van berenkopjes. Een berenkop aan een pot (vaas) in De wrokwerker, een verhaal uit de Donald Duck-reeks (7-94). De dierenkop aan een plantenpot in De brombollen, ook uit de Donald Duck-reeks, is geen ursalium; het gaat hier om een hondenkop met een ring in de bek. Boekensteun. Een beer in peinzende houding (‘le penseur’) als boekensteun in het tijdschrift De Bommelbode (1e jaargang no. 10). In Tom Poes weekblad (2e jaargang no. 14) een zittende Ollie met dezelfde functie. Een berenkopje als boekensteun in De bombardonder, een verhaal uit de Donald Duck-reeks (16-23). Console. De zonnige kijk (8655c, fig. 33) bevat een console met berenkop en twee dragende armen, waarop een vaas.

De zonnige kijk fig. 33

29


Dekje. Het korte verhaal De spilbig, dat niet in een reeks is opgenomen, wordt aangekondigd in ‘De spaarpost’ van juli 1949. Tom Poes leidt een varken met een dekje waarop een berenkop (zie heer Bommels Volledige werken, De geest in de fles fig. 34 Panda-uitgave, deel 7). Deurklopper. Een deurklopper in de vorm van een berenkop met pijp in het verhaal Het nachtmerrie-slot. Een zelfde klopper in De reuzenvogel (a-176b). De gekleurde versie van deze tekening hebben wij gekozen als afbeelding op het omslag van ons boekje. Een ander type klopper komen wij tegen in De geest in de fles, waar de berenkop een ring in de mond houdt (fig. 34). Duikelaar. De kaft van De curieuze wereld van heer Bommel en Tom Poes is voorzien van een tekening met kinderspeelgoed en curiosa à la Bommel. Opvallend is een duikelaartje met berenkop boven op de kast. Flessenstop. Het gouden boek, een verhaal uit de Donald Duck-reeks, speelt gedeeltelijk in het oude Egypte. Een dienaar van de farao draagt aan een hengel een fles, die is voorzien van een sluiting met berenkopje (12-120). Een wonderlijk ursalium, dat we eigenlijk niet mogen meerekenen omdat het verhaal niet op Bommelstein speelt. Hetzelfde geldt voor de sfinx (z. ald.). Fontein. Het verhaaltje Heer Bommel neemt zwemles, opgenomen in De Bommelschat, laat een fontein zien in de tuin van Bommelstein met een berenkop als sproeier, waaronder heer Ollie verkoeling zoekt. De kop is in reliëf aangebracht op een soort vaas (fig. 35). Strook 4358a van De wezelkennis bevat een berenkop die als fonteintje, met waterbekken, in het interieur aan de wand is bevestigd. Het spijtlijden toont weer de vijver in de tuin van Bommelstein, met een berenkop als waterspuwer, 30

Heer Bommel neemt zwemles fig. 35


dit maal een ‘losse’ kop omringd met een krans van kleine kopjes (0783a, fig. 36). De film Als je begrijpt wat ik bedoel bevat een dergelijke fontein met een krans van kleine kopjes, groter in aantal. Het ontsollen heeft een berenkop als waterspuwer aan de rand van de vijver, die een aantal Het spijtlijden fig. 36 malen is afgebeeld (01082c, 01083a, 01083b, fig. 37). Dit maal geen krans van kleine kopjes. Haardplaat. De film Tom Puss in dreamland (1949), bedoeld als reclame voor Philips radio’s, toont heer Ollie vioolspelend; voor hem op de grond een bronzen haardplaat (?) met berenkop en versierde rand (uit: De curieuze wereld van heer Bommel en Tom Poes). Inktpot. In De wezelkennis (4359c, 4360a, c) staat op een dressoir een potje in de vorm van een berenkop waaruit een veer steekt. Een inktpot? Hoewel… het meubel ziet er niet uit als een secretaire. Het kan ook een berin zijn met een struisvogelveer op haar hoedje. Kapstok. Zijn de heren Klok en Klooster inmiddels zo geobsedeerd door ursalia, dat zij aan de haken van een kapstok berenkopjes menen te zien? Paranoia? Oordeelt u zelf: De meester-schilder, strook a-923b. Klok. Een van de auteurs van dit boekje is vanzelfsprekend in zijn nopjes met een berenkop aan een klok (staand horloge) op een nieuwjaarskaart (uitg. De Muinck, Amsterdam). Monogram. Een monogram, zoals ‘OBB’ in Als je begrijpt wat ik bedoel (aan de wand en aan het voeteneinde van Ollies ledikant) heeft te maken met heer Bommels dikdoenerij maar is geen echt ursalium. Ook in de Donald Duck-reeks komen wij een enkele maal een monogram tegen. In de hoofdreeks bijv. De dropslaven (3898b, de letter ‘B’), Het einde van eindeloos (‘OBB’ boven de tuinpoort). Piano. Zijn het berenkopjes aan de piano van het orkest in de tekenfilm Als je begrijpt wat ik bedoel? Waarschijnlijk niet.

Het ontsollen fig. 37

31


De zanggroep die optreedt op het feest van heer Bommel heeft de piano zelf meegenomen; in de strips is nergens een piano in het interieur van Bommelstein te zien. De berenkopjes zijn gezichtsbedrog. Pijpenhouder. Een fraai pijpenrek met berenkop in het korte verhaal Heer Bommel zoekt warmte (verschenen in Ons Vrije Nederland; fig. 38). De wonderlijke boedel uit de Donald Duck-reeks toont Heer Bommel zoekt warmte fig. 38 twee maal een kleine pijpenhouder met een berenkopje (3-21, 3-23). Het kan ook een houder voor een lucifersdoosje zijn. Problematisch is de pijpenhouder in De pijpleider (7228a); gaat het hier om een berenkopje of niet? Schaakstuk. In Het betoverde schaakspel uit de Donald Duck-reeks zijn heer Bommel en Tom Poes afgebeeld als schaakstukken. Een bezwaar om het Ollie-schaakstuk tot de ursalia te rekenen is dat het leeft en dus niet als ornament kan worden beschouwd. Bovendien bevindt het schaakbord zich buiten slot Bommelstein. Servies. De tekenfilm Als je begrijpt wat ik bedoel toont een servies (borden) met berenmotief: een jonge Ollie in matrozenpak. Sfinx. In Het gouden boek, een verhaal uit de Donald Duck-reeks, is een sfinx met berenkop afgebeeld. De sfinx is verder verfraaid met een klein berenkopje (12-117). Of wij dit ursalium mogen meetellen is de vraag; de sfinx bevindt zich in Egypte en dus op flinke afstand van slot Bommelstein. Speelgoedbeer. De kafttekening van De curieuze wereld van heer Bommel en Tom Poes laat een speelgoed-Ollie zien in ruitjesjas. Een knuffel (uit heer Ollies jeugd?) zit voor een ladenkast in de film Als je begrijpt wat ik bedoel. In Het 32

De atoomtrillingen fig. 39


mengeldier vindt heer Ollie in de kelder van Bommelstein zijn kinderspeelgoed, waaronder een teddybeer, die vele malen is afgebeeld (bijv. 2984c).

Als je begrijpt wat ik bedoel fig. 40

Spiegel. Een spiegel met twee prachtige berenkoppen in De atoomtrillingen (fig. 39). De spalt (01274a) bevat een spiegel met een enkel berenkopje.

Staf van Joost. Als de gasten arriveren, stampt Joost met zijn staf op de grond en roept hun namen af. Aan de staf zit een knop in de vorm van een berenkop. In de tekenfilm Als je begrijpt wat ik bedoel (fig. 40). Tabakspot. Een tabakspot met een krans van berenkopjes is afgebeeld in De uitvalsels (0104b). Telefoon. Welk een kostelijk ursalium: een klein berenkopje op een schildje aan de antieke telefoon (met zwengel) van heer Ollie. Heeft eigenlijk ook met heraldiek te maken. Uit het boekje Tom Poes, een uitgave van Quaker Oats Graanproducten (fig. 41). Een andere telefoon met berenmotief in De namaker, een verhaal uit de Donald Duck-reeks. Dit maal gaat het om een moderner toestel (9-26).

fig. 41 Vensterbank. Een venster in een toren van slot Bommelstein wordt aan de buitenkant gestut door een berenfiguur: een kop met torso en twee geheven, dragende armen. Joost kijkt juist door het venster. Aangetroffen in De trouwe vierwielers uit de Donald Duck-reeks (15-173, fig. 42).

De trouwe vierwielers fig. 42

33


Weerhaan. De omslagtekening van Tom Poes weekblad (2e jaargang no. 19) bevat wel het meest curieuze ursalium dat wij tegenkwamen: een weerhaan met berenkop en hanenstaart op een toren van Bommelstein (fig. 43). Hoe moeten wij deze kruising noemen; een ‘beerhaan’?

Tom Poes weekblad fig. 43 34


35


In de greep van Bommel Jaap Klok: Heer Ollie maakte reeds vroeg indruk op mij. Met name de krantenstrips wekten al op jonge leeftijd mijn interesse. De ‘heer van stand’ die altijd oog had voor de zwakkeren en telkens ten strijde trok tegen het kwaad kon direct op mijn sympathie rekenen. Dat hij door onhandigheid en goedgelovigheid dikwijls in deerniswekkende omstandigheden verzeild raakte, versterkte mijn medeleven met deze edele heer, die graag met zijn familiestamboom koketteert.

Mijn vader was stadsarchivaris in Brielle. Thuis werd ons de liefde voor oude dingen met de paplepel ingegeven. Mijn vader had een kennis die op een landhuis woonde dat ‘De Oliphant’ heette en in de voormalige buurtschap Nieuwe Sluis bij Heenvliet stond. De oprukkende industrie in het gebied rond Rozenburg vormde een bedreiging voor deze monumentale woning. De keuze was: afbreken of verplaatsen. In 1970 besloot de gemeente Rotterdam het huis te kopen van de toenmalige eigenaar Mr. H.G. van Everdingen. Hij stelde als voorwaarde dat het bewaard zou blijven, hetzij op de oude plek, hetzij door verplaatsing naar een andere locatie. Zo werd in onze ogen iets waardevols voor de toekomst behouden. In 1973 werd definitief besloten ‘De Oliphant’ te verplaatsen naar het Zuiderpark in Rotterdam. In 1975 werd met de afbraak begonnen. Die geschiedde vrijwel steen voor steen. Vanaf oktober 1977 staat het fraaie landhuis in zijn oude glorie te prijken op een nieuwe plek aan de Kromme Zandweg. Als kind ben ik met mijn vader in dit landhuis geweest. Het had een op- of herenkamer en er was een slanke toren aan gebouwd. Deze toren gaf het landhuis de karakteristieke aanblik van een kasteeltje. Bij ‘De Oliphant’ was de herenkamer alleen bereikbaar via de toren. Voor mij was er direct een associatie met Bommelstein. De bouwtrant van deze oorspronkelijke ridderhofstede suggereerde dat de bezitter -net als heer Bommel- afstamde van een oud en edel geslacht. De pretenties van de bouwheer kwamen ook tot uitdrukking in de gevelsteen: een gotische spitsboog boven de toreningang, waarop een olifant met een burcht op de rug. Mr. Van Everdingen verliet het landhuis en daarbij werden vele persoonlijke spullen van de hand gedaan. Zo verhuisden grote 36


dozen met boeken naar mijn ouderlijk huis. In de dozen bevonden zich ettelijke oude Bommeledities die bij mij de Bommelkoorts nog eens aanwakkerden. In die tijd studeerde ik in Leiden en van mijn magere toelage legde ik steeds wat opzij om de nieuwe pocketuitgaven met Bommelstrips te kunnen aanschaffen. Het was dan ook niet verwonderlijk, dat ik bij een Bommellezing door Henk Mondria op de sociëteit van Catena op de voorste rij zat. Aan die seance heb ik een gesigneerde Bommelbibliografie overgehouden, die mij inzicht gaf in de waarde van oude Bommel- en Tom Poes-uitgaven. Met het klimmen der jaren ontmoet je soms mensen, die met dezelfde gekte behept zijn. Zo deel ik met mijn zwager Hugo de interesse voor het werk van Marten Toonder. We hebben inmiddels het schenken van Bommeldassen en -sokken achter ons gelaten en onlangs werd, onder het genot van een goed glas Belgisch bier, een oude wens afgestoft, de wens om een verhandeling de schrijven over Bommelstein. Dat was het begin van een gretige zoektocht naar ursalia, die zo rijk in de verhalen aanwezig bleken te zijn. Het resultaat moge de lezer bekoren! Hugo Klooster: Hoe ben ik in de greep geraakt van Bommel? Ik was een jaar of zeven, acht toen mijn tante elke vrijdagmiddag bij ons thuis kwam voorlezen. Zij vertelde mij en mijn broertjes over het muizenechtpaar Keesje en Kaatje, over Kuifje en Haddock en… over Tom Poes en heer Bommel. Ik herinner mij de verhalen De partenspeler en De wenswerkster. De uitdrukking ‘het is hier niet pluis’ is mij bijgebleven. Later, ik was een jaar of twaalf, zag ik elke ochtend op vaders ontbijttafel De Volkskrant liggen, opengeslagen bij Bommel. Vader ging pas naar zijn praktijk als hij de nieuwe aflevering had gelezen. Zo raakte ik bekend met Het kukel, De wilde wagen, De bovenbazen, verhalen die ik uitknipte en in een schrift plakte. In moeders keuken zocht ik oude kranten om eerdere verhalen op te sporen. De oudste aflevering die ik vond, kwam uit Het huilen van Urgje.

Wat mij al vroeg fascineerde was de nummering van de stroken die ik verder terug wilde volgen. Ik wilde het geheel overzien en de samenhang ontdekken. Met de Donald Duck-verhalen maakte ik kennis in het gezin van mijn tante en oom; mijn neven hadden het vrolijke weekblad steeds in huis. 37


In mijn vroege middelbare-schooljaren werd ik bestormd door vele nieuwe interessen die de greep van Bommel deden verslappen. Maar tegen het einde van mijn schooltijd kwam de Bommelliefde terug door de bekende pocketedities van De Bezige Bij. Toen werd mij duidelijk dat het lezen van meer verhalen achtereen leidt tot te veel van het goede. Elke dag een strook, zoals de afleveringen in de dagbladen, was eigenlijk de juiste dosering; een goede fles port moet je ook niet in een keer soldaat maken (‘elken dag een glaasje’). In een kwade bui heb ik de Bezige Bij-pockets met die onmogelijk kleine plaatjes aan een broer cadeau gedaan. Nog een reden om de boel af te danken was dat in sommige verhalen de nummering was weggeretoucheerd; voor de liefhebber een doodzonde! Mijn belangstelling voor Bommel bleef latent aanwezig en de kennismaking met mijn (aanstaande) zwager gaf een nieuwe impuls. Maar plannen om samen iets over ‘Bommelstein’ te schrijven bleven lang in een la liggen. Door de serie Het beste van Bommel die na de eeuwwisseling begon te verschijnen, ging ik mij weer verhalen aanschaffen. Het Bommellexicon van Pim Oosterheert was weer een bewijs van Toonders groot denkraam. De Bommel reisgids van Jenno Witsen gaf tenslotte de doorslag: ‘zwager Jaap, het is de hoogste tijd om wat aan Bommelstein te doen’.

Met dank aan… Een woord van dank aan hen die hebben meegewerkt aan de totstandkoming van dit boekje: Henk Arens en Arnoud Alderlieste van de Marten Toonder Verzamelaars Club, Willem Feltkamp van de Toonder Compagnie, Pim Oosterheert van De Bommelzolder, Hans Matla van uitgeverij Panda, de sigaren- en stripwinkelier op de hoek en de medewerkers van de Koninklijke Bibliotheek, afdeling bijzondere collecties. 38


Literatuurlijst • Heer Bommel: volledige werken: de dagbladpublikaties. 40 delen, 1990-2002. Den Haag: Panda. (‘ hoofdreeks’) • Heer Bommel: volledige werken: de weekbladpublikaties: Revue. 4 delen, 1995. Den Haag: Panda. (‘Revue-reeks’) • Marten Toonder, 02-05-1912 – 27-07-2005. Gezamenlijke uitgave van de Marten Toonder Verzamelaars Club en De Bommelzolder. (gedenkboekje, 2005) • Marten Toonders Avonturen van Tom Poes. 20 delen, 2001-2008. Den Haag: Panda. (‘Donald Duck-reeks’) • Hans Matla, Bommelkatalogus 1989: officiële cumulatieve bibliografie van het verhalend werk van Marten Toonder. 1988. Den Haag: Panda. • Henk R. Mondria, Bommelbibliografie. 3e druk 1974. Den Haag: Panda. • Pim Oosterheert, Bommellexicon. 2005. Soest: Ton Paauw. • Rob van Santbrink (samenst.), De curieuze wereld van heer Bommel en Tom Poes. 1988. Amsterdam: Loeb. • Paul Verhaak, Bommelstein en omgeving. Ca. 2008. (aanwezig op De Bommelzolder, Zoeterwoude)

Verhalen buiten de drie reeksen die op ursalia zijn nagezien: De atoomtrillingen De Bommelschat (waarin ‘Heer Bommel neemt zwemles’) De digitaaldrank De geest in de fles De goede gedachte De Hollebosser knol De jaarlijkse check-up De laarzenreuzen De maanraket De oude ruïne De reuzenvogel De ruitenjassenvracht De schat op het eiland De spilbig De toverfluit

De vliegende kalief De wachtlijsten De watergeest De wensvervuller De wiekschieters De wondersleutel Dieper leven Heer Bommel ontvangt familie Heer Bommel zoekt warmte Heer Bommel’s weddenschap Het lunapark Het monster van de holle weg Het nachtmerrie-slot Tom Poes (uitg. Quaker Oats) Tom Poes en M’Baby Tom Poes vertellingen. 39


Overzichten

De Drakenburcht Het verdwijneiland De reuzenvogel De rare uitvinding Het eiland van Grim, Gram en Grom De zieke hertog Het monster-ei Kaspar de draak De laatste markies van Carabas Het land van de blikken mannen De betoverde spiegel De bergmensen Het geheim van het noorderlicht De Bommelschat De schat op de zeebodem Tom Poes ontmoet een oude bekende De Superfilmonderneming De meester-schilder De Chinese waaier De wonderdokter De watergeest De talisman De nieuwe ijstijd Het monster van Loch Ness De geheimzinnige sleutel De grootgroeiers De zeeslang Heer Bommel stuit de vooruitgang De Pierrace Het vibreerputje Solfertje Horror de Ademloze De betoverde prinses

40

1

1

2

3

1 1

1

2 1 2

4 2

1

legio

5

2 3 1

1

1

2

1

1 1 2

1 1

2

1

totaal

ursalia diversa

berenkop portaal

berenkop ledikant

1 2

1

berenkop stoel

berenkop kapiteel

berenkop schouw

buste buiten

buste binnen

heraldiek

Titel hoofdreeks

schilderij

Tabel I: Lijst van titels uit de hoofdreeks met het aantal ursalia per categorie

3 0 7 0 0 3 5 4 3 0 0 1 0 0 0 0 0 9 0 0 2 4 1 0 1 0 0 1 0 0 3 0 4


Kwetal de breinbaas Het lijmteem De volvetters Het wegwerk Eh... dinges De Partij van de Blijheid Mom Bakkesz De kneep van Knipmenis De geheimzinnige gaper De partenspeler Het wroegwezen De schoonschijners De gebroeders Weeromstuit Vriend Vijand De wenswerkster Heer Bommel en zijn iksel Het kunsthars-hart De Bommelkuur De klokker De pruikenmaker De spiegelaar Heer Bommel gaat vereeuwen De A-prillers De waarzegger De doffe doffer De knollengaard Het slaagsysteem De daadsteller De kniphoed De klonters De muzenis De AtlantiĂŤr De giegelgak

2

2 1

3

1

1

1 2

1

2

2 1

4

1 2

1 2

1

1

1 2 1 3 1 1

1 6 1

2 1

totaal

ursalia diversa

berenkop portaal

berenkop ledikant

berenkop stoel

berenkop kapiteel

berenkop schouw

buste buiten

buste binnen

heraldiek

schilderij

Titel hoofdreeks

4 0 3 0 4 0 3 0 0 4 0 1 4 1 0 2 0 1 1 3 0 0 1 0 2 1 1 0 11 1 2 1 0 41


De wraakgier Het mengeldier De spliterwt De achtgever De zwarte zwadderneel Het stenenbeen-probleem De zwelbast Heer Bommel gaat het overdoen De argwaners De kwanten De beunhaas De kiekvogel De dankputters De feunix De windhandel De nozellarven De dropslaven De herenopstand De Hachelbouten De Bommellegende De toornviolen Det lemland De plamoen (gezichtenhandel) Het ontstoffen De wezelkennis Het boze oog De niks De Pikkin-ring Het huilen van Urgje De tijwisselaar De grauwe razer Het kukel De wilde wagen De bovenbazen

42

2 2

1

3 6

1

2 1

3

6

1

1 2

1

1 1

2

1

1

1

2

1

1 2

1

1 6

1 1 1 5

1 1

1

1

2

5

2

1 4 2

1

1

totaal

ursalia diversa

berenkop portaal

berenkop ledikant

1

1 1

berenkop stoel

berenkop kapiteel

berenkop schouw

buste buiten

buste binnen

heraldiek

schilderij

Titel hoofdreeks

3 9 0 1 2 7 9 0 0 1 0 4 1 4 1 2 0 1 2 0 3 2 2 2 19 0 0 3 0 0 4 0 1 3


De grootdoener De liefdadiger Het monster Trotteldrom De killers De vuursalamander De labberdaan De pasmunt De wisselschat De grote Barribal Het nieuwe denken Bombom de Geweldige De trullenhoedster Het booroog De maanblaffers De sloven Heer Bommel en zijn heldendaden De kwade inblazingen De hupbloemerij De bevrijding van Sollidee De Viridiaandinges De tuttelwurm De verdwenen heer De astromanen Het platmaken De onbetaalbare reis De mob-beweging De blijdschapper De slijtmijt De erfpachter De waarde-ring De pijpleider De kon gruwer De ombrenger De kwinkslagen

2

2

2

3 2 2 3

1

4

1 1

1 1

2 5

4

1

1 3 2 1

1

1

1

4

1

totaal

ursalia diversa

1 1 1

1

1

1 1 3 3 1 5 2 1

berenkop portaal

berenkop ledikant

1

1

2

berenkop stoel

1

2 1

berenkop kapiteel

berenkop schouw

buste buiten

buste binnen

heraldiek

schilderij

Titel hoofdreeks

0 5 1 6 4 6 4 0 0 0 2 1 2 0 3 1 3 1 0 0 0 0 1 0 0 0 1 2 3 6 3 17 5 5 43


De loodhervormer Het verdwijnpunt Het losgetrilde inzicht De Krookfilm De transmieter De Vrezelijke Krakken De pronen De doorluchtigheid De Hopsa’s Het spook van Bommelstein De kaligaar De opvoedering De wind der verandering De weetmuts Het Griffoen-ei Het vergeetboekje De zonnige kijk De grijze kunsten De Grote Onthaler De gekikkerde vorst De denktank De uitvalsels De geweldige wiswassen De toekomer De andere wereld De Unistand De wadem De minionen Het spijtlijden Heer Bommel maakt volledig De aamnaak Het ontsollen De antiloog De spalt

44

1

1

14 2 2 1 1 2

1 1

1 2

1 5 1

1

2

1 1

1

1 1

1

3 1 1 3

1

1 2 3 4 1

2 2

1

1 5

5

1

1 1

1 1 1

1 1

2

1 2 5 2 3 4

1

2

1

1 1 1 2 2 1 2

2

3

1 1 2 1 4

3

1

2

1 1

1 1 1 2 2

2 2 1

1 4 1 2 2

1

2

2 1 1 3

2

1

totaal

ursalia diversa

berenkop portaal

berenkop ledikant

3 1

8

3

berenkop stoel

berenkop kapiteel

berenkop schouw

buste buiten

buste binnen

heraldiek

schilderij

Titel hoofdreeks

5 2 16 7 2 10 2 5 3 6 2 0 0 3 0 8 6 6 1 2 4 16 3 8 6 5 4 4 5 7 9 11 9 17


112 47

23

totaal

2

128 29

ursalia diversa

3

2

berenkop portaal

5 1

berenkop ledikant

2 2

berenkop stoel

berenkop schouw

1 8 1

2 1 1

berenkop kapiteel

buste buiten

heraldiek

buste binnen

Een Bommelding De zelfkant De vergelder Het Bommel-verschiet Het einde van eindeloos totaal

schilderij

Titel hoofdreeks

1 1

1 1

12

53

2 24

2

42

1 34

11 12 7 1 9 504

De toverleerling Het klerenkoffertje De toverparaplu De brombollen Het geheim van het Nevelmoeras De wonderlijke boedel De globetrottersclub De wa’s dat De ijzige heinen De zonderlinge weldoener Het toverboekje De zwarte sluiper De dolende heer De boemel naar Doezel De beker van Onk Het weerkristal

3

1 1 1 1

1

1

1 1

1

1

2

2

totaal

ursalia diversa

berenkop portaal

berenkop ledikant

berenkop stoel

berenkop kapiteel

berenkop schouw

buste buiten

buste binnen

heraldiek

Titel Donald Duck-reeks

schilderij

Tabel II: Lijst van titels uit de Donald Duck-reeks met het aantal ursalia per categorie

0 5 0 0 0 7 0 0 2 1 0 1 1 0 0 0

45


De dief van Dagbad De boemerang De grifgulders De koene speurder De wrokwerker De trillings Dokter Galzalver De jonge schicht De tereheer De namaker De nachtmerrie De kleine knappkop De reis naar de Schemerbergen De meesterhand Het monster van de Hop-vallei De knopenmaker De ijsdame De zonnebril Het teken aan de wand De glazenier De aagjes Het gouden boek De Waggelgedachten De H-H-handschoenen De tik van Joost De schat-scherven De jakkerjekker De wispen De weerbrouwers De trouwe vierwielers De bombardonder De doe-het-zelver De krakers

46

1

2

1 1 1

1

4 1

1

1

1 1 1 1

2

1

1 1 1

2

2 1

1

1

1

3

1

1

2

2

1

1 1

1 1

3

1 1

totaal

ursalia diversa

berenkop portaal

berenkop ledikant

berenkop stoel

berenkop kapiteel

berenkop schouw

buste buiten

buste binnen

heraldiek

schilderij

Titel Donald Duck-reeks

1 1 1 0 4 1 1 5 1 3 2 0 0 0 0 1 1 0 1 3 0 2 0 1 1 1 0 0 4 1 7 1 7


De tegendeler De paspoort De woelwater De rappe ratsers De jacht op de Joost-formule De R.V.B. De versneller De kookpot van mevrouw Liplaf De kleine groene mannetjes Het betoverde schaakspel Het land van Om De knokenpijp De blaasgeest De ijzervreters Het geheimzinnige boegbeeld De trollebol De schat op het eiland De Mexicaanse hond De wonderschoenen Het ding X 13 totaal

3 4

2 1

1 1 5

5

1

1 1

1 1

2

2 1 36

6

19

1

0

2

10

8

9

9

totaal

ursalia diversa

berenkop portaal

berenkop ledikant

berenkop stoel

berenkop kapiteel

berenkop schouw

buste buiten

buste binnen

heraldiek

schilderij

Titel Donald Duck-reeks

5 0 2 10 0 2 2 6 0 0 0 0 0 2 0 0 0 2 1 0

100

47


De tovertuin De zieke hertog Het monster-ei Het eiland van Grim, Gram en Grom Het geheim van het noorderlicht De blikken mannen De spiegelant De Bommelbende De tantomaten De Chinese waaier De lommer-kommer De bliksem-olie De dief met de duizend gezichten De wraakvallei De dienmachien Heer Bommel doet een kuur De stamboom De pruikenmaker De blaasgeest De knokenpijp Het oog van Loensjek De sappeljuwelen De zwarte vleer Tom Poes neemt afscheid totaal

48

1 4

1

2

1 1

1

3 1 7

1 2

1

0

0

0

1 1

3

1

3

1

totaal

ursalia diversa

berenkop portaal

berenkop ledikant

berenkop stoel

berenkop kapiteel

berenkop schouw

buste buiten

buste binnen

heraldiek

Titel Revue-reeks

schilderij

Tabel III: Lijst van titels uit de Revue-reeks met het aantal ursalia per categorie

0 0 0 0 0 0 1 0 7 0 0 0 1 0 2 0 0 1 3 0 0 1 1 1 18


Categorieën ursalia uit de hoofdreeks

Categorieën ursalia uit de Donald Duck-reeks

Categorieën ursalia uit de Revue-reeks

49


Histogram lopend gemiddelde :

Lapsang HD:Users:Edje:Desktop:Ursalia:Bommelstein-grafieken-v1-090719-JK.doc

50

blad 2 van 2


Strooknummers hoofdreeks Schilderijen: a-319c, a-547c, a-914a, a-914b, a-916a, a-926a, a-927b, a-934a, a-995b, a-995c, 66b, 80a, 94a, 97b, 145c, 164b, 452c, 635c, 640a, 876a, 876c, 1211c, 1212a, 1213b, 2050b, 2092c, 2353a, 2353b, 2400c, 2568a, 2569c, 2580b, 2653c, 2750c, 3110a, 3247c, 3398a, 3753a, 3776a, 3982c, 4136a, 4136b, 4352c, 4357c, 4358a, 4359a, 4359c, 4360a, 4360b, 4360c, 4367b, 4590a, 4590c, 5158b, 5234c, 5330b, 5354a, 5502a, 5939a, 6098a, 6098b, 6658b, 6942a, 6970a, 7023a, 7026a, 7030a, 7084a, 7115b, 7147c, 7228a, 7232a, 7247a, 7247c, 7249b, 7254a, 7311a, 7312b, 7399c, 7456b, 7574a, 7581a, 7581b, 7582b, 7582c, 7584a, 7584c, 7585a, 7585b, 7585c, 7586a, 7624c, 7625a, 7625c, 7708a, 7711a, 7734a, 7849a, 7870a, 7938a, 8143b, 8171c, 8172c, 8427b, 8428c, 8450a, 8510a, 8598c, 8693c, 8711b, 8711c, 8869a, 08a, 0124a, 0227a, 0227b, 0369b, 0414a, 0424b, 0582a, 0582c, 0883a, 0958c, 0994a, 01076c, 01077b, 01079a, 01210a, 01211c, 01230b, 01238a, 01301a, 01344c, 01355a, 01456a, 01590a, 01681a, 01686b Heraldiek: a-140c, 1051c, 1493a, 1494a, 1730a, 2048a, 3527a, 3576a, 3705a, 3718b, 3991a, 4177b, 5025a, 5025b, 5451a, 5452c, 5463a, 5969a, 7258b, 7258c, 7347a, 7471a, 7658c, 7659a, 8516a, 0692c, 0693a, 0696b Buste binnen: a-185b, a-185c, a-319b, a-914a, a-942b, a-942c, a-943a, a-943b, 113c, 1089a, 1217a, 1886c, 1887a, 2569b, 2580b, 2580c, 2612a, 2612c, 2613a, 2719a, 2959a, 2960a, 2984a, 3008c, 3172b, 3174a, 3176b, 3247c, 3248a, 3248c, 3249a, 3594a, 3702a, 4137c, 4352b, 4357c, 4358a, 4359a, 4366a, 4767a, 4788a, 4788b, 4788c, 4951c, 5158b, 5219c, 5330b, 5348c, 5370a, 5402a, 5426c, 5487b, 5488a, 5502a, 5502b, 5558b, 5793a, 5793b, 6098a, 6206b, 6970a, 7084a, 7084c, 7116a, 7314a, 7523c, 7708a, 7792c, 7793a, 7793c, 7794c, 7795c, 7796a, 7798b, 7798c, 8510a, 8529a, 8693c, 026c, 0116c, 0122a, 0123a, 0158a, 0158b, 0443a, 0530c, 0733b, 0864c, 01042a, 01042b, 01076b, 01248a, 01285c, 01287a, 01301a, 01336a, 01452a, 01452c, 01453c, 01454b, 01455a, 01455b, 01456c, 01459c, 01563a, 01681a, 01686b, 01767a Buste buiten: 772b, 2941c, 3207a, 7579a, 7709a, 7710a, 7979c, 7980a, 8004a, 8004c, 8005a, 8153c, 8531a, 8531c, 8597a, 8598a, 0162a, 0162b, 0163a, 0174a, 0197c, 0334c, 0426c, 0551a, 0770a, 0881a, 0882b, 0978a, 01007a, 01024a, 01024c, 01025a, 01059b, 01142a, 01151c, 01162c, 01223c, 01249c, 01250a, 01274c, 01340b, 01350b, 01480a, 01480b, 01720c, 01721a Berenkop schouw: a-179b, a-182b, a-253a, a-913a, 863a, 863b, 876a, 876c, 1676a, 1679b, 1680a, 1681a, 7314b, 8097a, 01247c, 01299b, 01300c, 01343c, 01344a, 01352a, 01352b, 01353a, 01438b Berenkop kapiteel: a-140c, a-337a, 796c, 1365b, 1367b, 4357c, 5845a, 7263c, 8671a, 0161b, 01274a, 01565c Berenkop stoel: a-253a, a-253c, a-296a, a-336c, a-913a, a-913b, 3168a, 3168b, 3262a, 3691a, 3832b, 3891a, 3980c, 4283a, 4367c, 4368a, 5376a, 6231b, 7228a, 7228b, 7250c, 7251a, 7252b, 7254a, 7302c, 7469a, 7469b, 7500b, 7567b, 7848a, 8097a, 8129a, 8544a, 8592a, 8711b, 8841c, 8879a, 08a, 08c, 0142c, 0207a, 0367a, 0486a, 0819b, 01143b, 01143c, 01238a, 01238b, 01299b, 01356c, 01589a, 01676b 51


Berenkop ledikant: 1023c, 1960a, 3172b, 3175a, 3176b, 4193a, 5019a, 5219b, 6120a, 6180a, 7229a, 7245b, 7246a, 7249b, 7391a, 7393b, 7399c, 7402c, 7734a, 8180c, 0418c, 0421a, 0845a, 0845b Berenkop portaal: a-296a, a-297b, 640a, 1365b, 1507a, 1524a, 1671a, 2003b, 2243a, 2494a, 2695b, 3005b, 3266c, 3519a, 4265b, 4584b, 5244a, 5348a, 5420a, 7585b, 8183a, 8219a, 8599c, 8723b, 0315b, 0411a, 0411c, 0412a, 0414a, 0500a, 0602a, 0677a, 0852a, 0950a, 01299b, 01333a, 01563a, 01564c, 01692c, 01766c Ursalia diversa: a-140c, a-176b, a-178b, a-179a, a-337a, a-338a, a-923b, 2580b, 2581c, 2984c, 2985a, 2990c, 2991a, 2996b, 4357c, 4358a, 4359a, 4360a, 4360c, 6287a, 8218a, 8655c, 0104b, 0161b, 0504b, 0504c, 0783a, 01082c, 01083a, 01083b, 01274a, 01565a

Plaatjes Donald Duck-reeks (deel Panda-uitgave en paginanummer) Schilderijen: 3-19, 4-51, 5-52, 5-100, 6-88, 7-98, 7-100, 9-20, 11-39, 12-27, 12-56, 16-27, 16-29, 16-83, 16-85, 16-130, 16-141, 16-142, 17-128, 17-132, 17-133, 17-136, 18-19, 18-56, 18-103, 18-104, 18-119, 18-127, 18-133, 19-141, 20-48, 20-54, 20-104 Heraldiek: 3-9, 4-120, 8-20, 15-118, 15-121, 16-9, 17-113 Buste binnen: 1-137, 3-20, 4-85, 13-91, 15-132, 16-9, 16-85, 16-131, 16-132, 17-129, 17-133, 17-134, 17-136, 18-55 Buste buiten: 17-70 Berenkop schouw: nihil Berenkop kapiteel: 16-65, 16-70 Berenkop stoel: 1-220, 6-150, 7-52, 9-17, 11-90, 11-178, 12-56, 16-124, 16-125 Berenkop ledikant: 7-99, 8-94, 8-101, 9-61, 9-62, 14-67 Berenkop portaal: 3-10, 8-47, 8-85, 8-126, 15-129, 17-132, 18-20 Ursalia diversa: 2-87, 3-21, 3-23, 7-94, 9-26, 12-117, 12-120, 14-108, 15-173, 16-23

52

Clubblad nr. 75  

Clubblad nr. 75

Clubblad nr. 75  

Clubblad nr. 75

Advertisement