Page 1

IK D L E B DUB IT EX R! E M NUM

APROPOS 263 December 2012 De laatste Apropos Nog één keer dit onvolprezen personeelsblad op uw deurmat Waarom dat leest u in dit nummer Wat onbegrip en wrevel en weemoed Maar ja het is niet anders Dus nog één keer maar dan ook dubbeldik Ademloos lezen een bijzonder project, geruchtmakende interviews Kennismaken met een bizarre hobby

de laatste keer en dan

Je licht opsteken over de organisatieontwikkeling Voor is het mooi geweest Apropos groet alle lezers en wenst ze het beste… Nog één keer.


Exit Apropos Het Groningen Managementteam (GMT) heeft besloten de verschillende personeelsbladen van de diensten op te heffen en vier keer per jaar met een magazine voor het hele concern te komen. Dit is dan ook een gedenkwaardig moment. U heeft het laatste nummer van Apropos in handen. Bij de laatste Apropos passen dankwoorden. Aan de lange rij correspondenten die door de jaren heen een bijdrage aan Apropos leverden, vaak tussen de bedrijven door. Aan de vaste columnisten die ons een spiegel voorhielden. Aan de lezers die ons hartverwarmende reacties hebben gezonden, zie ook elders in dit nummer. Aan alle mensen die bereid waren door Apropos geïnterviewd te worden. Aan de mensen van Groninger Ontwerpers, Multimediagroup en Businesspost. En aan de onuitgesproken, maar onmiskenbare steun van de directie, die het ons al die jaren mogelijk heeft gemaakt in alle vrijheid een personeelsblad uit te geven. Onnodig te zeggen dat we als redactie het GMT-besluit respecteren. We zien uit naar het eerste nummer van het nieuwe concernblad. Benieuwd of de makers Apropos snel naar de vergetelheid zullen helpen. Als bescheiden aanmoediging in dit slotnummer alvast een katern: de Maarten, zie pagina 22 en 23. Bedankt voor uw steun en bemoediging door de jaren heen, uw enthousiasme en uw bijdragen in vele vormen. Zonder lezers was Apropos nooit wat geworden.

! ? g e w atisch ropos

A p ig en ondemocr Smer

pag (zie ook

22 en 2

3)

De redactie: Alfred Kazemier, Johan de Boer en Mans Schuurman

Op de voorpagina >

Het hoofdgemaal in het Stadspark als een van de twee locaties in de stad van waaruit het afvalwater richting de zuiveringsinstallatie in Garmerwolde wordt gepompt. modern meldingssysteem storingen scheelt zo’n binnen 400 keer uitrukken per jaar. voor De liefdeEen voor Apropos blijkt ongekend.van Honderden mails kwamen waarin de loftuitingen ons personeelsblad van het computerscherm afspatten. Een selectie daarvan vind u op de volgende Verderopterug. in dit Een nummer een eerste aflevering van een - waarschijnlijk lange - serie: achterkant pagina’s collega liet als blijvend eerbetoon aan zijn ‘lijf’blad het logo van deDe Apropos op devan de krant, waarin we op zoek gaan naar wat er achter een opvallende kop in de krant schuilt. rug plaatsen.

IK BELD DUB IT EX R! E M NUM

24e jaargang, december 2012

APROPOS 263 December 2012 De laatste Apropos Nog één keer dit onvolprezen personeelsblad op uw deurmat Waarom dat leest u in dit nummer Wat onbegrip en wrevel en weemoed Maar ja het is niet anders Dus nog één keer maar dan ook dubbeldik Ademloos lezen een bijzonder project, geruchtmakende interviews Kennismaken met een bizarre hobby

de laatste keer en dan

is het mooi geweest Apropos

groet

Je licht opsteken over de organisatieontwikkeling Voor één keer.

alle lezers en wenst ze het beste… Nog

Apropos was een uitgave voor (oud-) personeel in het fysiek-ruimtelijke domein van de gemeente Groningen en verscheen 11 keer per jaar REDACTIE Mans Schuurman Johan de Boer Alfred Kazemier CORRESPONDENTEN Ingrid Bolhuis Erwin Tollenaar Anneke Miedema Mirjam van der Feen Mark Ronda Froukje Bouma Jan Koops van ‘t Jagt Jeroen Berends Anne Helbig Gilbert Sewnandan Petra Maaskant Janet Stoker Ingrid Pieters ONTWERP EN OPMAAK Groninger Ontwerpers DRUKWERK EN AFWERKING Zodiak Groep Groningen REDACTIE-ADRES Ged. Zuiderdiep 98 9711 HL Groningen (kamer 325) Email: apropos@groningen.nl


Vertigo Het was guur in het Noorderplantsoen. Een stevige noordwester blies de laatste herfstbladeren van de monumentale kastanjes. Zijn hondjes leegden hun door de kou getergde darmkanalen sneller dan gebruikelijk. Met een routineuze handomdraai verdwenen de dampende boosdoeners in de daarvoor bestemde plastic zakjes. Het was in het begin even wennen geweest, maar intussen was hij behoorlijk trots op deze plichtsgetrouwe bijdrage aan een schone, hele en veilige stad. Alle beetjes helpen, nietwaar? In een gestrekte draf togen de viervoeters terug naar huis. Bij de houtkachel, in de mand of lekker knus bij de baas op de bank, alles beter dan dit. Alles beter dan dit… Dat was dit jaar vaak door zijn hoofd geschoten. Hij werkte al veertig jaar voor de ambtelijke top – doorgaans met veel plezier – maar 2012 was voor hem zonder meer een tropenjaar. Nieuwe bazen, geen dienst meer maar één gemeente en op de valreep een nieuw college. Hoeveel verandering kan een mens verdragen? In zijn zak trilde een vuistdikke Blackberry. Het was een oudje… met een versleten balletje als muis, gehuld in een vetlederen hoes. Hij had het apparaat vervloekt in het begin, maar was er na een gewenningsperiode zeer aan gehecht geraakt. Altijd op de hoogte, waar je ook

bent. Bestuurlijke dienstverlening pur sang! Op het display knipperden drie witte letters in kapitalen: GMT…

discussie. Hij was de uitnodiging eigenlijk alweer vergeten. Het agendapunt was al twee keer verplaatst. Maar nu was het dan toch echt zo ver.

Shit, ook dat nog. Het was donderdag! Hij had zich de hele dag verheugd op een heerlijk lui avondje thuis. De dvd-box, 20 filmklassiekers geselecteerd door Paul Verhoeven, wachtte in kakelvers cellofaan. Klaar om uit te pakken; wat zou het worden? Lawrence of Arabia of toch North by Northwest. Vertigo leek ’m ook wel wat. Klassieke thriller van Alfred Hitchcock met superieur acteerwerk van Kim Novak en een grijzende James Stewart. In plaats daarvan gooide hij de bakken van de hondjes vol en greep hij zijn tas maar weer van de kapstok. Als hij snel doorliep, was hij maar tien minuten te laat. Op de agenda van het GMT stond een voorstel van de Bestuursdienst om de personeelsbladen af te schaffen en te vervangen door een nieuw concernblad. Dat kon er ook nog wel bij! De inkt van het jubileumnummer was nog niet droog of het was gedaan met de pret. Meer dan 250 nummers bij het oud vuil. Bloed, zweet en tranen maar geweldig om te doen. Wat was hij boos geworden. En verdrietig. Na zijn mailtje aan Bert had het GMT hem uitgenodigd om als langstzittende hoofdredacteur van een ‘dienstblad’ een tegengeluid te laten horen in deze onzalige

Hijgend de Grote Markt op. Op de stoep van het Stadhuis zochten zijn ogen naar de karakteristieke fiets van Bert. Maar de vertrouwde oud-grijze tweewieler stond niet op zijn gebruikelijke plek, onder het oorlogsmonument. Het zou toch niet waar zijn… op het ultieme beslismoment stond hij er ook nog alléén voor? Waar was Bert als je hem nodig had? Hij drukte aarzelend op de bel en niet veel later vloog de zware voordeur met een klap open. Schoorvoetend liep hij naar de kapstok. Geen bode te bekennen om hem te vertellen waar hij moest zijn. Zo moest Jacques Tichelaar zich ook gevoeld hebben. Verloren in het Stadhuis… Ook een prachtige film, Lost in Transition. Met een eenzame Bill Murray in Tokyo. Daar zwaaide een deur open en stormde een tanige, energieke zestiger naar buiten. Voor hij er erg in had greep de gemeentesecretaris hem stevig bij zijn schouder. Met zijn andere hand trok hij hem de vergaderzaal in. Rondom een grote ronde tafel zat het voltallige GMT. Zonder Bert. ‘Mans kom binnen! We zitten middenin het agendapunt over de personeelsbladen.’ Waar was Bert in godsnaam? Hij wachtte gespannen af wat komen ging. ‘Eigenlijk zijn we er wel uit, maar we hebben nog één vraag…’ Hij voelde angstzweet druppelen in zijn bilnaad. Wat doe ik hier? Het duizelde hem. Hij was niet in staat een woord uit te brengen. Net als James Stewart op de kerktoren van San Juan Bautista, dacht hij. Aan de grond genageld door draaiduizeligheid. Niet in staat tot handelen. Vertigo. ‘Mans, we vragen het je gewoon op de man af. We zoeken nog een hoofdredacteur voor ons nieuwe concernblad. En we dachten allemaal aan jou…’.

Verbinden doe je vanuit het hart. Groningen is een stad om van te houden, net als Apropos. Han Vriens A P R P O S

3

2 6 3


Karin Dekker. Ruim tien jaar wethouder in deze stad, waarvan zes en een half jaar wethouder verkeer. En dus veel te maken met en vaak te vinden op het Zuiderdiep. Met een geheel eigen stijl. Onenigheid over de begroting, die nauw samenhing met de komst van de tram, zorgde na de nodige chaos voor haar vroegtijdig vertrek: zij nam ontslag. Samen met twee collegawethouders. Met haar een gesprek over het hete hangijzer tram, over het Door Anneke Miedema

college van B&W, over haar portefeuille verkeer en een terugblik op deze woelige periode.

H Hoe gaat het met je? Naar omstandigheden wel. Al is dit niet het afscheid dat ik me had gewenst. Ik was… ik kan het goede woord nog steeds niet vinden… een mix van verbaasd en aangeslagen. Dat het zo heeft moeten gaan. Waarom geen andere route gekozen? Ik ben met name geraakt door de manier waarop. Dat de SP- en de D66-wethouder achter onze rug een persconferentie hielden, is bepaald niet collegiaal. Ik had er een lief ding voor overgehad als het anders was gegaan. Het is ook zo slecht voor het aanzien van het openbaar bestuur! Wanneer dacht je ‘ik kap ermee’? Het college vergaderde na die bewuste persconferentie door. Ik moest naar een begrafenis, dus ik móest weg. Dat gaf mij de nodige afstand en een totaal andere mindset. Toen ik terugkwam werd er gesproken over een mogelijk interpellatiedebat met de raad. Toen dacht

Het is me niet gelukt om de kramp op te heffen ik: dit college is gestrand, laten we dat onder ogen zien. Aan deze chaos werk ik niet meer mee. Ik stap op.

Poeh. Ja nou. Er was ook veel verwarring daarna. Sommigen vonden dat ik had moeten blijven. Maar voor mij was het wezen van het collegiaal bestuur aangetast. Ik kon niet verder. De weken daarna waren niet fijn in het college. Voor niemand niet. De sfeer was om te snijden. De afwikkeling van de tram verliep ook uiterst moeizaam.

Van vind je ervan dat de tram niet doorgaat? Onverstandig. Met oog op de bereikbaarheid van de stad. En financieel onverstandig: de co-financiering en de plankosten worden weggegooid. En de tram is niet alleen een vervoermiddel. Als de rails er liggen, dan is dat voor heel en heel lang. Dat verander je niet zo maar, zoals een buslijn. Dat verhoogt de economische aantrekkelijkheid van plekken langs de tramroute en werkt sociaal structurerend. Maar - de tram is een

Te gek voor woorden! Apropos staat voor identiteit, collegialiteit, samenwerken en verbinden. Daarvoor krijgen we een grijze muis terug. Jammer! Harry Poelman

4


middel, geen doel op zich. Als ze morgen een alternatief vinden dat net zo goed werkt, ik zou het prachtig vinden

Je blijft er vrij kalm onder.. Tja, zo werkt de politiek. Het is niet persoonlijk bedoeld. Maar.. we waren er wel heel dichtbij! No hard feelings? Nee, niet omzien in wrok. Daar bereik je niets mee. Maar feit is wel: er zat niet echt een klik in dit college. Dat bleek al vrij snel eigenlijk. Elk onderwerp dat iets groter was: we kwamen er niet goed uit. Compromis op compromis op compromis. Weinig over de inhoud. Dat was wel erg jammer. Had je dingen anders moeten doen? Waar we erg veel last van hadden was de economische crisis. Die zette alles

Zes en een half jaar verkeer. Geweldig. Dat ga ik het meeste missen. De grote projecten als Zuidelijke Ringweg, Stationsgebied en tram deden Frank (de Vries, red) en ik samen. Want verkeer moet passen in de ruimtelijke ontwikkeling van de stad. Frank en ik hadden vaak een wisseling van rol. Dan zei ik: ‘dat kan zo toch helemaal niet, dat ziet er niet uit zo’ en dan bromde Frank: ‘ja, ja, maar er moet wel een beetje gereden worden in deze stad’. goed, wij hebben het ook laten gebeuren.

Goed bediend door de dienst? De dienst bestaat uit superloyale en deskundige mensen. Professioneel met passie voor de stad. Als ik met medewerkers om de tafel zat om over projecten te praten: dat waren echt cadeautjes! Maar wat ik gemist heb bij de dienst is de integrale aansturing. Het hing van de kracht van een individuele medewerker af of een project omhoog

gestoten werd. Op directieniveau wordt te weinig aangestuurd. De kindjes van de directeuren kregen veel aandacht, dat wel.

En nu afkicken. Ja, bij de dienst weg, hè. Dat ga ik erg missen, hoor. Ik had dan wel een beetje een haat-liefde verhouding met het Zuiderdiep, maar daar gebeurt wel wat belangrijk is voor de stad. Dat zal ook wel raar worden als de dienst, alle diensten worden opgeheven. Concernsturing? Voor. Programmasturing? Voor. Maar deze structuren zijn een hulpmiddel. Mensen moeten daar zelf een vorm aan geven. En je wilt toch ergens bij horen, lijkt me.

Zoals? Neem zoiets als de Floriade. Dat stond behoorlijk onder tijdsdruk, dat weet ik. Maar daar moest en kon alles voor wijken. En er bleven behoorlijk wat andere dingen liggen. Dan keken wij elkaar aan in het college: ‘kan dat zo maar, wordt dat niet opgevangen elders in de dienst’. Maar

En dan verdwijnt de Apropos ook nog. Ver-schrik-kelijk! Waarom? Al moet ik wel wat terughoudend zijn, want ik heb de personeelsbladen misschien zelf wel wegbezuinigd. Ik las hem altijd van voor naar achteren. Lekker geschreven, leuke rubrieken. Tja. Kunnen jullie niet illegaal doorgaan of zoiets?

staat zogenaamd onder het bewind van een onafhankelijke redactie maar is natuurlijk een van de meest gepolitiseerde, linkse personeelsbladen ten noorden van Havana. Dat de Pravda van het Zuiderdiep moest sneuvelen in de slipstream van de PvdA-top is dan ook volstrekt logisch.

De meesten van hen zitten er natuurlijk al veel te lang, zijn gericht op zelfbeschadiging en slagen er feilloos in etterende wonden open te houden. In zo’n sfeer hebben wij van Rechtsom de afgelopen jaren spitsroeden moeten lopen om ons onafhankelijke liberale geluid te kunnen laten horen. We deden het graag maar het werd ons nooit gemakkelijk gemaakt. Integendeel.

‘Met medewerkers om tafel over projecten: Dat waren echt cadeautjes!’ op scherp. Vorig jaar kwamen er grote afboekingen op Meerstad en iedereen schoot in een kramp. Collegeleden, raadsleden, ze zaten er als verstijfd bij. Zij durfden en wilden niet meer bewegen. Ik heb ze er niet van kunnen overtuigen dat ze juist nu moesten blijven bewegen, anticiperen, doorgaan. Dat we extra gingen sparen voor meer weerstand. Dat het bij de dynamiek van een grote stad hoort dat je grote tegenvallers krijgt. Het is me niet gelukt om die kramp op te heffen.

Gepolitiseerd Het is een stormachtige herfst. Eerst viel het college en sneuvelde de tram en in één moeite door besloot het GMT te stoppen met de Apropos. Op advies van Jacques Tichelaar maakte ons daadkrachtige concernmanagement een einde aan een roemrucht en spraakmakend personeelsblad. Dat werd tijd ook! De Apropos

Wat ga je nu doen? Mij rustig bezinnen op de toekomst. Met behulp van een bureau nadenken over wat ik kan, over wat ik wil. Ik schat dat ik daar zo’n twee maanden voor nodig heb. En dan solliciteren.

Wij van Rechtsom vochten jarenlang tegen de bierkaai. Binnen de Apropos-kliek is al sinds mensenheugenis sprake van een sfeer van intimidatie, verdeel en heers, roddel en achterklap. Het is een klassiek aangestuurde redactie waarbinnen de onderlinge waardering onthutsend zwak is. Het rommelt al jaren. Redacteuren staan te weinig open voor externe kritiek, leggen voortdurend de schuld bij anderen en hebben een houding van ‘met ons is niets aan de hand, maar…’

We zijn dan ook blij dat het GMT een einde heeft gemaakt aan deze spreekbuis van de linkse gemeentelijke kerk. Het is lovenswaardig dat er een nieuw gedepolitiseerd concernblad komt met ongekleurde informatie waar alle medewerkers emotioneel neutraal van kunnen genieten. De Apropos verdwijnt, maar Rechtsom zal blijven bestaan! Waar u straks ook moge werken, op ons kunt u rekenen.

Elke maand een nieuwe en frisse editie op de mat. Informatief over de laatste ontwikkelingen binnen de organisatie (en niet alleen RO/EZ) en altijd met een lach. Erwin Kloen A P R P O S

5

2 6 3


Door Mans Schuurman

H Hoe bereidde jij je altijd voor? Ik bereidde me altijd voor, maar dat waren geen dikke studies. Een beetje afhankelijk van wie ik interviewde zorgde ik dat ik dingen had gelezen uit de krant of op internet. En ik ging mensen uithoren die de geïnterviewden een beetje kennen of ik vroeg aan collega’s wat ze wilden weten. En zorgen dat er de juiste gezonde spanning ontstond. Dus ik laadde me altijd op van te voren. Maar dat moet je niet overdrijven. Het is de tamelijk onschuldige Apropos en niet de Volkskrant.

Het is de Volkskrant niet Na 71 interviews met mensen die ertoe doen in het Groningse, en in deze Apropos nog met twee afzwaaiende wethouders, de hoogste tijd voor een interview met het fenomeen zelf. Anneke Miedema blikt terug op de leukste, de openhartigste, maar ook de meest gesloten en teleurstellende gesprekken die ze in de afgelopen 13 jaar voor Apropos mocht voeren.

Hebben wij, met een college dat participatie zo hoog in het vaandel heeft, geen beroep- en bezwaarmogelijkheden?

Judith Wilke

6


Tegen welke interviews zag je het meeste op? (na enig nadenken) In de loop der jaren begon ik steeds meer op te zien tegen de interviews met directeuren. Omdat die meestal zo weinig zeggen. Ze zeggen wel een hoop, maar tegelijk ook niks. En als ze dan écht wat zeiden werd dat achteraf weer afgezwakt. Blijkbaar mocht er niemand voor het hoofd worden gestoten. En die met afdelingshoofden vond ik vaak vervelend omdat die verzanden in obligate teksten over hun afdeling zoals ‘een fantastisch team, geweldige mensen...’. Veel te voorspelbaar. Echt ontluisterend vond ik het interview met Joke Cuperus, in 2003 de nieuwe directeur Stadsbeheer. Waarschijnlijk het meest nietszeggende interview.

was, dan vroeg ik van te voren of daarover te praten viel. Nou, praten vaak wel, maar opschrijven niet. Zo had wethouder Frank de Vries in het interview elders in deze Apropos geen behoefte om ‘t hier nog eens over het ‘gelazer en gedonder in het college’ te hebben. Maar als een gesprek eenmaal lekker loopt lukt het soms toch om er in het kader van het interview over te beginnen. Dan vond ik of liever gezegd hoorde ik een haakje, om het zo maar te zeggen. Dat betekent dus heel goed luisteren. En dat is soms lastig want je moet tegelijkertijd schrijven. Hadden ze later spijt van hun uitspraken, tja, dan ging het eruit. Zij hadden het laatste woord..

‘Hadden ze later spijt van hun uitspraken, tja, dan ging het er uit’ Hebben er ooit mensen bedankt voor de eer? Nee, ik geloof van niet. Heb ook nooit het gevoel gehad dat ze ‘t afraffelden, of zich er met een Jantje van Leiden afmaakten. Ik (en dus de Apropos) voelde me altijd serieus genomen. Mijn stekelige manier van vragenstellen als ‘Oh ja joh’ of ‘Meen je dat nou’ viel ook eigenlijk wel goed… Maar de basis is natuurlijk interesse in degene die je interviewt. Kreeg je veel commentaar na publicatie van het interview? Niet vaak, nee. Het meeste nog op het interview met Mark Boumans (gedeputeerde), dat werd als een leuk en open gesprek gewaardeerd. Bijvoorbeeld zijn uitspraak dat hij ooit nog eens burgemeester van Groningen zou willen worden. Een keer waren er echt boze reacties, dat was na het interview met Henk Tieben (interim-afdelingshoofd P&O, red). Henk had bepaald geen blad voor de mond genomen en gaf zijn ongezouten mening over de toen lopende reorganisatie. Onze algemeen directeur en wethouder waren duidelijk not amused over zijn uitspraken. De een was boos op Henk en de ander vroeg zich vertwijfeld af hoe ik zo’n interview ooit had kunnen doen.

Je ging heikele onderwerpen niet uit de weg.... Klopt. Hoewel ik niet per se kritisch ben om het kritisch zijn. Als er iets heikels

Wat was je leukste interview? Oei. Dat weet ik niet. Ik kijk over ‘t algemeen met een goed gevoel terug op de gesprekken met de wethouders. Karin Dekker, Frank De Vries en ook Jannie Visscher gaven me het gevoel dat ik met iets bij hen wegging. Wellicht omdat ze Apropos kenden en leuk vonden. En mij als interviewer misschien ook wel… Bij de wethouders was ik meer beducht voor de woordvoerders. Die hadden nog wel eens de neiging om dingen te veranderen. Wethouder Schroor zei over het lopende reorganisatieproces binnen het concern dat hem dat soms stress opleverde. Stress werd vervangen door ‘erg druk’. Tjonge, denk ik dan, als het woord stress al niet meer mag. Dat vind ik teleurstellend, dat uitspraken worden afgezwakt waardoor het verhaal afvlakt. Meestal probeerde ik dat te voorkomen door in de tekst al relativeringen aan te brengen. Ik gebruik dan tussen haakjes (lacht) of (denkt na) of ik gebruik ‘..ehhh.. Maar mensen deinzen soms terug als ze hun uitspraken zwart op wit zien, zo werkt dat. Wat leuke interviews betreft: het interview met Jurjen van der Meer vond ik ook een topper. Iemand die durft, niet alleen maar kritisch is, maar stevig en genuanceerd.

Snoeien Wanneer de hovenier zijn (fruit)bomen snoeit, kijkt hij kritisch door de kruinen heen. Hij beoordeelt de levensvatbaarheid en de kwaliteit van de takken. Hij pakt de snoeischaar en de zaag en hij snoeit het oude, zieke en misschien wel dode hout. Zodat de energie van de boom niet gebruikt wordt voor moeizaam instandhouden en overleven, maar de levensvatbare takken volgend jaar des te meer vrucht zullen dragen. Zo niet de overheid. Die verwijdert het jonge talent, bezuinigt op kwaliteit en zaken als een personeelsblad, dat nog voor een beetje werkplezier zorgde zo nu en dan. In de opvatting van een ecoloog is een dergelijk beheer desastreus voor de populatie: uitsterven dreigt! Wout Veldstra

Keulen en Roeland van der Schaaf niet meer kan interviewen voor Apropos. Het zal voor het nieuwe concernblad nog niet meevallen met iets te komen wat de mensen aanspreekt. Ik ben bang dat ze de boodschapper gaan worden van het college en het GMT. Dat was het mooie van Apropos, een onafhankelijk blad waar de directie niets over te zeggen had. Met een positief kritisch geluid, nooit erop uit om slechts te pesten of af te kraken. En als ze me voor het concernblad vragen een interview te doen dan zal het er sterk van afhangen hoe ik op pad word gestuurd of ik het ga doen.

En nu een zwart gat? Kijk, ‘t moest er altijd even tussendoor, ondanks de drukte van alledag. Maar het was erg leuk om te doen. En jammer dat ik de nieuwe wethouders Joost van

Ik las altijd graag over collega’s en waar ze mee bezig waren. Het verhaal van de mens achter het werk! A P R P O S

7

Rita Overbeek

2 6 3


Van de Buren

8


Ook Tourspelwinnaars uit de boeken Het zat er natuurlijk aan te komen. Lance Armstrong viel van zijn voetstuk en met hem nog een paar van die EPO-slikkers. Het hele zaakje stonk behoorlijk. Maar hoe zat dat nu met al die Tourspelwinnaars..? Ook aan het Zuiderdiep moet de onderste steen maar eens boven.

Postma, Oskar Strijker, Jaap Spanjer en Roelf Hummel. Tja, Paanakker zat in het organiserend comité. Op voorhand zat deze charlatan natuurlijk al gewoon fout. Ritselwerk met Jean Cimétiere, reken maar. Behoeft geen nader onderzoek. Types als Ebbink (teveel foute internationale contacten), Van Deelen (hoezo eerlijk delen?), Spanjer (spanjer, spanjaard, nou dan weet u het wel: cero, cero, cero, puhh!) en Hummel (arme neef van Kenny, logisch hè?) zijn met de kennis van nu de losers van toen. Bah, zo ga je toch niet met je collega’s om. En dan hebben we nog Oskar Strijker, glorieus winnaar zonder het zelf te weten. Ronald van Delden, de nummer twee van 2003, had stiekem twee lijstjes ingevuld. Waarvan één op naam van Oscar en laat die nu net winnen. Ronald deed nog pogingen om zelf de eer op te strijken (!) maar ja, tweede is tweede en eerste eerste, logisch toch. De UCI van het Zuiderdiep, een vage niet nader te benoemen club wielerfanaten, heeft geoordeeld dat deze winnaars uit de lijst van 20 jaar Tourspel geschrapt worden. Maar ja, wat blijft dan over. Al die nummers twee, drie en vier uit die jaren lijken evenveel boter op hun EPObolletje te hebben. Wat te zeggen van types als Harry Poelman (jarenlang in de organisatie), Jan Kerkhof zelf (wat is er eigenlijk gebeurd met al dat inschrijfgeld…?), Laurens Huis in ’t Veld (sjoemelt ook altijd met zijn beleidsvisies) en Mans Schuurman (hij zegt dat-ie jarenlang een externe adviseur had om in 2008, net als later die gladjanussen Alfred Kazemier en Jelle Dijkstra, eindelijk langs slinkse wegen de boel te kunnen flessen als winnaar, pfff!).

Duidelijk geen winners-type. Maar toch, heeft Niek een punt? Apropos rook al die jaren – natuurlijk – ook al nattigheid maar stelde andere prioriteiten. Nu de Armstrong-bende definitief het loodje heeft gelegd, zijn wij op de valreep verplicht ook hier de onderste steen boven te krijgen. Hoe zit het met onze Zuiderdiep-helden die die naam wellicht niet verdienen? Lees mee en huiver.

Door Johan de Boer

H Het begon eigenlijk met een opmerking van Niek Verdonk aan de lunchtafel. Dat al die Tourspelwinnaars, zoals hij al jaren riep, ook niet te vertrouwen waren. Zelf is Verdonk te goeder trouw, zoveel is zeker. Immers, door de jaren heen heeft-ie nooit in de top tien van dit spel mogen figureren.

Het Dossier Foute Tourspelwinnaars Armstrong was winnaar tussen 1999 en 2005. De UCI heeft hem die laureaten afgenomen. Daarom richtte ons diepgravend onderzoek zich gemakshalve – zo zijn we ook wel weer – op diezelfde jaren. Winnaars waren toen achtereenvolgens John Ebbink, Hans Paanakker, Erik van Deelen, Harmen

Niet best allemaal, één collega was slechts te goeder trouw. Wie anders dan Cor van der Klaauw. Mister Fiets himself. Eerlijk tot op het bot werd hij in 2005 dapper vijfde. Hij vond het geweldig om mee te doen, erg leuk! Eigenlijk, zo vinden wij, moet hij – bescheiden als hij is – voor de jaren 1999 tot en met 2005 gewoon als een soort Zoetemelk tot eeuwige tweede worden uitgeroepen. En Niek - dank voor al je research - is het ermee eens. De Cimétieres en co zagen deze zomer met elkaar de bui al hangen natuurlijk en schreven geen Tourspel meer uit. Te linke soep. Volgend jaar weer geen Tourspel. Het is echt mooi geweest. En Alfred Kazemier, stop die bokaal dus maar waar de zon nooit schijnt, zo zeggen ze dat in het land van Armstrong.

Op naar het Algemeen Wereldtijdschrift voor Financiën, Handel, Nijverheid, Kunsten en Wetenschappen. A P R P O S

9

Jan ter Beek

2 6 3


Jaaroverzicht 2012 Hieronder een aantal opvallende gebeurtenissen nog eens op een rijtje.

Door Mirjam van der Feen

januari

april

juli

oktober

180 collega’s verhuisden naar een nieuwe werkplek. Dat betekende lange dagen voor de mensen van FZ en voor de verhuizers van UTS Hoek. De verhuizing werd aangrepen om meteen pc’s van de verhuizende medewerkers te vervangen. Veel werk ondertussen aan de RegioTram.

Na een tocht van zeventig kilometer vanuit hun winterlocatie in het Drentse Bargerveen kwamen de schapen van de stadskudde op Goede Vrijdag aan in de stad. Ze konden nog niet met de tram worden vervoerd omdat daar nog hard aan gerekend werd.

Voor het eerst een Tour zonder Tourspel van Jan Kerkhof, immers geen opvolger. Kort na de start van de Tour werd een stilteplek ingericht. Hier konden collega’s hun emoties van zich afschrijven. Een groot gemis, geen gele uitslagenlijsten meer. Maar des te meer tijd voor veeleisende projecten als RegioTram en Floriade.

De tentoonstelling Eetbare Stad opende in de hal aan het Zuiderdiep: een expositie met foto’s van groene initiatieven die overal in de stad opduiken: buurtmoestuinen, gezamenlijke kruidentuinen en wijkboomgaarden. Leuke tentoonstelling. ‘Groningen Bereikbaar’ gaat als project hard aan de slag.

mei

februari

Wethouder Visscher verricht de starthandeling van een deelproject in Waterslag 2, waarin de gemeente een nieuwe rioolpersleiding van 4 kilometer door de noordelijke stadswijken aanlegt. De leiding zorgt voor rechtstreekse afvoer naar de rioolwaterzuivering in Garmerwolde. Het blijft voor velen hard werken aan de RegioTram, terwijl de Floriade ook veel aandacht opeist.

Op vrijdag 11 mei was Simon Huigen de 55.000ste bezoeker van het Informatiecentrum op de Grote Markt. Van wethouder Schroor kreeg hij bloemen en een cinema/ dinerbon. Het Informatiecentrum ging in november 2011 open en zit nu al ruim boven de 120.000 bezoekers. Nog steeds veel werk overigens voor RegioTram en Floriade.

november augustus

Zeventien jongeren uit Taiwan, Turkije, Marokko en Korea hielpen bij het onderhoud van het stadsgroen. Ze deden dat als deelnemer aan een internationaal natuurwerkkamp: werken aan een groene wereld. Finishing touch aan topprojecten.

Op 6 en 7 november werden in Martiniplaza de Promotiedagen voor het Bedrijfsleven gehouden. Healthy Ageing, Fairtrade, duurzame energie en de bedrijventerreinen in Stad waren enkele van de onderwerpen die de gemeente onder de aandacht bracht.

juni

maart

Aan de noordkant van het Damsterdiep werden elf knotlinden geplant. De bomen stonden vroeger aan de Zuiderkruislaan en moesten wijken voor nieuwbouw. De afgelopen jaren stonden ze in opslag aan de Gdanskweg. Het Damsterplein wordt best mooi zo.

Het archeologisch onderzoek langs de oostelijke ringweg in Beijum-Zuid naar de restanten van Zorgwijk leverde een bijzondere vondst op. Er werd een vrijwel intacte eeuwenoude regenton gevonden. Andere vondsten: 17deeeuws aardewerk en een stuk muur van misschien wel de borgbrug. Ook de andere projecten zoals RegioTram en Floriade gingen onverdroten door.

10

december september Verkiezingen betekent topdrukte voor André Tervoort en zijn collega’s van Stads-beheer. Ze moeten in twee dagen maar liefst 135 stemlokalen inrichten. Met stembussen, bewegwijzering, vloerkleden en eventueel nog stoelen en tafels. Floriademensen balen van niet doorgaan project. Ook RegioTrammers zitten bij de pakken neer.

Vanaf maandag 10 december stoppen de treinen van Arriva én NS op het nieuwe station Groningen Europapark. Wethouder Joost van Keulen opende het nieuwe station. De opening werd omlijst door feestelijke fanfare en een heuse flash-mob. Groningen wordt steeds beter bereikbaar!


Nieuwe mogelijkheden voor locatie Zuiderdiep 98 De kussens worden opgeschud, u weet er alles van. De diensten worden opgeheven, de aansturing is centraal vanuit het GMT, de PIOFACH komt eraan, de (nu nog 3600) medewerkers worden anders bij elkaar gezet, om van het Nieuwe Werken nog maar niet te spreken. Jelle Dijkstra werkt in stilte aan een strategisch huisvestingsplan maar kan hier nog niets over zeggen. Dus gingen we zelf op onderzoek uit.

werden standaard, zo hangend over de railing, en voor het productiewerk had je vervolgens de cel-achtige kantoorkamers. Perfect voor de ambtenaar rond de eeuwwisseling. Maar de tijden veranderen snel. Men onderzoekt momenteel verschillende scenario’s hoe het gemeentelijk personeel in het kader van de lopende reorganisatie zo doelmatig mogelijk gehuisvest kan worden. Heel kort door de bocht, wie komt straks waar te zitten? Hebben we genoeg gebouwen of moeten we hier en daar ook panden afstoten. Het courante gebouwencomplex van RO/EZ aan het Zuiderdiep zou er in die exercitie nadrukkelijk bij kunnen zitten, net zoals de nieuwbouw van SoZaWe op het Europapark of de diverse locaties van OCSW of de DIA. Er kunnen straks dus mogelijk HVDmensen aan het Zuiderdiep komen te zitten. Maar er zijn ook andere opties mogelijk. We krimpen fors als organisatie en dat betekent dat we in totaal minder ruimte nodig hebben. En reken daar het toekomstige Nieuwe Werken (thuis inloggen, ’s avonds of in het weekend werken zonder vaste werkplek, …) nog maar even bij. Twee, drie gebouwen minder zou zo maar kunnen.

145

Door Johan de Boer

O Ooit, eind jaren tachtig van de vorige eeuw, lagen de eerste tekeningen van de veelbelovende jonge architect Jurjen van der Meer op tafel voor een mooi pand aan het Zuiderdiep. Bedoeld als uitbreiding van Openbare Werken en S&V, die samen nét eerder de trotse naam Ruimtelijke Ordening hadden gekregen. Het was direct een pareltje waar tout Groningen

trots op kon zijn. Zo mooi en elegant als de voorkant, zo functioneel was ook de binnenkant. Een prachtige vide die dienst deed als dorpsplein. Korte overleglijntjes

Voor de locatie Zuiderdiep zijn naar verluidt al een paar ontwerpsessies gehouden met de collega’s van Stadsontwerp. Nadenken over wat hier ook zou kunnen. En out of the box waren de resultaten zeker… Wat te zeggen van een nieuw stadsplein recht tegenover de Folkingestraat. Onder dat plein vier lagen Met niemand ruzie archiefruimte voor ons stedelijk geweten Een dubbelinterview met twee kersverse staco’s het hele gemeentelijke DIV-archief - is en anbesteden is passant ‘Aeeen praktische sub-mogelijkheid. igenlijk heel saai’ Keesgeopperd: Muller legt nog eens Wat ook is de boel dik de praktijk uit verkopen - dure grond, goed ‘Naam van niks’ Reacties op vastgoed de afsluitende onderhouden - en verbouwen OO-bijeenkomst van 27 november jl. tot jongerenhuisvesting. De corporaties zouden al staan te dringen nu bouwjong in de verdrukking zit. Ook de variant ouderenhuisvesting kan zo beschouwd in de top vijf. EZ-mensen schijnen ondertussen al mensen van De Bijenkorf en Pathé over de vloer te hebben gehad om de boel over te nemen. Verder zijn een hip duurzaamheidscentrum, een vijfsterrenhotel, een dierentuin-maar-dananders, gestapelde stadstuinen en zelfs een inpandige (direct het hele R U I M T E L I J Ktippelzone E ORDENING EN ECONOMISCHE ZAKEN Nieuwstad-probleem opgelost!) als opties genoemd. Hoe dan ook, de verhuisdozen kunnen alvast worden besteld bij Henk Baalmans. Maximaal drie per persoon.

Het is een goede zaak dat dit onzinblad in deze tijd van bezuiniging verdwijnt. Ook het concernmagazine is totaal onnodig en wordt niet gelezen. Henk Rodenhuis A P R P O S

11

2 6 3


Ontspannen leunt Frank de Vries achterover in de lounge van De Prinsenhof aan het Martinikerkhof. Hij kijkt uit naar zijn afscheid in de Suikerfabriek. En hij heeft wel zin in een terugblik. Op zijn wethouderschap, op de dienst. Op de hoogtepunten en de teleurstellingen. Hij wil niet teveel woorden kwijt aan de turbulentie in het college, die leidde tot zijn voortijdig vertrek samen met twee collega-wethouders. En ook niet aan de afrekening binnen zijn eigen partij, kort daarna. Door Anneke Miedema

J

Ik heb leren kijken naar de stad

Je hebt je afscheid echt een motto meegegeven hè? Ja, Stad in Beweging. Als metafoor voor de veranderende samenleving. En de stad in haar reactie op de crisis. Ik wilde het ook zo graag in het zeefgebouw op het terrein van de Suikerunie. Ook zo’n mooi symbool voor verandering. Er zijn vier korte sprekers, die mijn hele portefeuille beslaan. Als ik terugkijk, tjonge, er is zo ontzettend veel gebeurd.. Vertel. Mijn eerste vergadering als fractievoorzitter in 2003 ging meteen over de go-no go voor de Euroborg. Die kwam er. En er kwamen 6000 woningen. Dat is nu haast niet meer voor te stellen. 6000! Ik herinner me nog een aantal van 1370 in één jaar. En het inwonertal is gestegen in de afgelopen jaren. De Euroborg dus, La Liberté verrees en de beslissing viel voor het Groninger Forum. Trots? Ja. Ik had bij de provincie de bijnaam Frank de Bouwer. Dat is mooi toch? Het stedelijk leven is weer populair, ook voor gezinnen.

Het enige clubblad dat ik altijd geheel lees. Altijd goed in de juiste trends waarnemen en de juiste toon treffen. Wouter van Bolhuis

12


We denken wel dat we het alleen kunnen, maar dat is niet zo. En dat moeten we leren in het stadhuis: we zijn niet zo relevant. Kijk naar de NLA: er zijn tal van projecten waar de overheid zich niet mee bemoeit. En zo moet het ook. Omgaan met een veranderende samenleving betekent dat je moet leren van dingen af te blijven.

De kwaliteit van leven is hoog, de stad is aantrekkelijk. En dat is niet mijn verdienste, dat komt door de inzet van vorige wethouders, van ambtenaren, van corporaties. Bij het opruimen van mijn kamer vond ik een VROM-rapport uit 2009. Over de stijging van de leefbaarheid in steden. In Groningen spectaculair! En die gestegen leefbaarheid levert een betere samenleving op. Alleen, Groningers herkennen dat niet. Die blijven soms wat mopperig, wat somber. Over somber gesproken, ben jij somber geworden van de afgelopen weken? Nee. Ik ben bewust niet thuis gaan zitten, maar ben overal heen gegaan. Mijn gezicht laten zien. Het college is gevallen over de tram. Tja. Er zijn colleges om minder

Zuidelijke Ringweg twijfelt niemand aan de noodzaak: die komt er. De vraag daar is: hóe komt ie er dan. Dat had ik voor de tram ook gewild: niet ja of nee, maar hoe. Misschien wat kleiner, misschien niet door de Oosterstraat, die discussies had ik willen voeren.

Grootste kick? Niet zozeer één ding. Wat ik een kick vond was dat ik letterlijk dingen in beweging kon krijgen. Ergens een schop tegenaan geven en hop, dan lukt het! Waar we nu zitten bijvoorbeeld, De Prinsenhof: vanuit mijn monumenten portefeuille met minister Plasterk gebeld die toen cultuurhistorie en restauratie onder zijn hoede had: heb je nog wat geld? En kijk hoe mooi het is geworden. En mijn

‘Het had een kick dat ik letterlijk dingen in beweging kon krijgen’ gevallen. Dat is het probleem niet. Wat ik niet snap is de persoonlijke afrekening binnen mijn partij. Ik voel me helemaal geen regent. En natuurlijk is dat kwetsend. Het ging niet meer over de inhoud, het ging niet meer over de stad. Kennelijk lopen er binnen de PvdA heel wat gefrustreerde konijnen rond die hun ongenoegen kwijt moesten. Jammer van de tram? Het tragische van de tramdiscussie is dat die teveel is beland in een polarisatie van hij komt er wel/hij komt er niet. Bij de

andere portefeuille-onderdeel sport: initiatieven in het Kardinge-gebied, het trainingsveld voor de FC. Het aanjagen van de woningbouw-productie, terrassen aan het water, enzovoort. Je kunt de beslissende stap zetten.

Terugkijkend op de samenwerking met de dienst? Het is voor een bestuurder fantastisch om met professionals te werken die ergens voor gaan. Goeie discussies gevoerd. En dat koester ik ook. Maar… ik was van het stadhuis hè. En niet van de dienst. Ik heb leren kijken naar de stad. Met de kritische blik van leg je niet neer bij een 6+ als het beter kan. En dat betaalt zich uit in leefbaarheid. Eigenlijk houdt RO zich bezig met fysiek welzijnsbeleid. En daar worden de inwoners van de stad gelukkiger van. Dát heeft RO mij geleerd. Wat ga je nu doen? Om me heen kijken. Wat mij wel wat lijkt is om te werken op het snijvlak van openbaar bestuur, ruimtelijke ordening en de veranderende samenleving. Ik wil een paar jaar weg uit het politieke domein. Want dit gaat je niet in je kouwe kleren zitten. De Apropos houdt op te bestaan.. Ja heel erg jammer. Bezuinigingen zeker. De Apropos nam toch een aparte plek in. En als er nu zo’n blad voor de hele gemeente moet komen: ik zou het concern willen adviseren om te werken aan een Apropos voor het hele concern. Want wat is er nu aan een blad gevuld met jaknikkers?

Grootste frustratie? Heb ik niet. Zo zit ik niet in elkaar. Maar wat mij, wat ons niet gelukt is, is dat we de grote verandering in Groningen niet op z’n plek gezet hebben. Ook in relatie tot de tram: het wegcijferen van de stad. Wij zijn onderdeel van een veel groter geheel.

De noodzaak van een menselijke maat. Apropos slaagde er jarenlang in om op een vrolijke, gedreven manier te laten zien wat je directe collega’s beweegt om voor de stad te werken. Kees van der Helm

A P R P O S

13

2 6 3


Door Jan Koops van ‘t Jagt

W Wout Veldstra: ‘Ik moet onwillekeurig denken aan het kennismakingsgesprek dat ik met Ypke Gietema had toen ik stadsecoloog werd. Hij vroeg me toen wat we met de Milieudienst moesten. Mijn antwoord: Milieubeheer naar RO/EZ en Reiniging samen met Openbare Werken. (lachend) Het heeft dus nog even geduurd, maar alle goede dingen gaan langzaam hè. Als je in de samenwerking dingen wilt bereiken moet je elkaar letterlijk opzoeken. Door schotjes in de organisatie weg te halen en door ook letterlijk bij elkaar op bezoek te gaan. Want die fysieke afstand blijft anders een probleem.’ Peter Kunst (MD): ‘Het oude Stadsbeheer en de Reiniging hebben het in de huidige vorm nog heel lang volgehouden in Groningen. Een prestatie die te danken is aan het succesvolle dienstenmodel. Landelijk gezien zitten we daarmee qua organisatieontwikkeling al een aantal jaren stevig in het ‘rechter rijtje’.  Voor ons ligt de komende jaren een mooie uitdaging als integrale beheerorganisatie. Landelijk zijn er veel voorbeelden waar we van kunnen leren en natuurlijk hebben we zelf ook genoeg ideeën. We gaan dus weer meedoen voor de prijzen.’

Stadsbeheer is dood, leve Stadsbeheer! Op 1 januari 2013 gaat de nieuwe organisatie van Stadsbeheer van start. Daarmee is een eind gekomen aan een tijdperk. Een tijdperk waarin Stadsbeheer deel uitmaakte van de ‘autofabriek’ die RO/EZ heette, een tijdperk ook waarin Stadsbeheer en Milieudienst elk hun eigen ding deden in de openbare ruimte. Natuurlijk waar mogelijk in samenwerking, maar toch… Het nieuwe jaar begint voor veel mensen van Stadsbeheer, Milieudienst en iederz dan ook anders dan in de afgelopen decennia het geval was. Een nieuw Stadsbeheer met 800 medewerkers, integraal verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Missie: ‘Samen zorgen voor een prettige en duurzame leefomgeving’. Apropos ging bellen met een aantal collega’s om eens te horen wat ze daarvan vinden: wat raken we kwijt? Wat krijgen we terug? En natuurlijk spraken we niet alleen collega’s van RO/EZ.

Jan Pestoor: ‘Dat we het beheer van de stad in één organisatie onderbrengen is een goede zaak. Er is alleen nog wel veel onduidelijk over hoe de zaken in de nieuwe organisatie gaan lopen. Daar moet straks in de praktijk nog het nodige voor gebeuren. Als we wat meer tijd hadden genomen voor de uitwerking van de plannen, hadden we dat misschien kunnen voorkomen.’ Henk Langeveld: ‘Het lijkt erop dat Stadsbeheer iets verder weg komt (in de organisatie) van IGG en RO/EZ. De organisatie wijzigt dus, maar de mensen blijven gelukkig. Voor de bomen en het groen is het belangrijk dat die mensen elkaar blijven informeren en goed met elkaar blijven afstemmen. Onder en boven

de grond wordt het immers steeds voller met allerlei voorzieningen (kabels &leidingen, ondergrondse containers, funderingen). Dan is het belangrijk dat we

de groeiplaatsen van bomen goed in beeld houden. Elkaar regelmatig opzoeken - en niet alleen via de mail - is dan nodig voor het overeind houden van onze bomen. Aan

Apropos is een van de weinige tijdschriften die ik altijd lees. En ik weet dat het door raadsleden ook goed gelezen wordt.

Roeland van der Schaaf

14


Margriet Seip heb ik daarom al gevraagd om een flexplek bij het nieuwe Stadsbeheer.’ Roelf Hummel: ‘De groep mensen die ik mag aansturen wordt in de nieuwe organisatie de helft groter, dus dat wordt wel een uitdaging. Verder is het zaak dat we de huisvesting goed gaan regelen. Vooral voor onze machines en materiaalopslag hebben we nogal wat ruimte nodig. Die ruimte is er nog niet aan de Duinkerkenstraat, dus dat wordt de eerste tijd nog improviseren.’ Jan van de Bospoort: ‘Een goeie zaak dat het beheer nu in één hand komt. Voorheen moest je voor heel en schoon toch bij verschillende clubs langs met een ontwerp. En dan kon het ook nog wel gebeuren dat je tegenstrijdige adviezen kreeg. Met één beheerorganisatie kunnen we straks slimmer en efficiënter afstemmen. Maar dan moeten we natuurlijk wel oppassen dat zo’n grote organisatie niet wordt opgedeeld in allerlei specialistische onderdelen, waardoor je

toch nog bij zes verschillende mensen langs moet.’ Sjoerd Wagenaar: ‘De titel is leuk, maar kan ook een verkeerd beeld oproepen. Alsof het oude niet goed was. Uit alle onderzoeken over de kwaliteit van de openbare ruimte komt naar voren dat we qua onderhoud en beheer, zelfs in tijd van krapte, goed scoren. Kortom Stadsbeheer was al niet dood, het nieuwe Stadsbeheer kan op papier alleen maar beter worden. Het gevaar zit ‘m in het verschil tussen papier en werkelijkheid. We moeten wel zorgen dat die nieuwe vakdirectie blijft werken. We zullen nog heel veel zaken moeten regelen voordat de machine soepel loopt.’ Pieter Kwant (iederz) vindt het een goede ontwikkeling en verwacht dat er in de nieuwe organisatie meer onderlinge afstemming zal zijn. ‘Ook zullen we ons meer gezamenlijk verantwoordelijk voelen voor het beheer in de hele stad.’ Mans Schuurman: ‘Na zoveel jaren

investeren in samenwerking tussen Zuiderdiep en Gotenburgweg zal het wel vreemd zijn dat er nu zoiets als een scheiding gaat komen. Zo voelt het toch. Natuurlijk zullen de verschillende werkrelaties blijven. Toch zal het elkaar opzoeken wellicht iets minder vanzelf gaan. Daar moeten we met elkaar op letten. Met sommige collega’s had je natuurlijk meer contact als met andere, maar ik kijk er in het algemeen met plezier op terug. Collegialiteit en solidariteit staan bij velen hoog in het vaandel. Ik heb er alle vertrouwen in dat de stadsbeheerders snel hun draai gaan vinden. Wat mij betreft: Stadsbeheer Forever!’ Peter Homan: ‘Ik zie vooral kansen voor de nieuwe organisatie. Doordat de schotjes weggaan, wordt ook de bereidheid groter om samen problemen op te lossen. (lachend) Misschien raken we dan zelfs die veelkleurige prullenbakken kwijt. Op dit moment heb je de grijze van de Milieudienst, de groene van Stadsbeheer, de blauwe van OCSW en de rode die door bewoners worden geleegd. Dat moet in een integrale organisatie toch anders kunnen. Verder denk ik dat het belangrijk is dat we ook oog hebben voor de onzekerheden die zo’n reorganisatie met zich meebrengt. Daar hebben de teamleiders de komende tijd een belangrijke rol in.’

WORD NU APROPOS-TIENTJESLID ! De Apropos – Je Maintiendrai - gaat door met het berichten over ons aller wel en wee. Onregelmatig, stiekem met de stencilmachine (of zo) en wie weet met hulp van leuke koeriersters… Draag ook jij de Apropos een warm hart

toe? Zo word je vriend van de Nieuwe Apropos: Kom nog dit jaar langs bij de redactie en doneer € 10 * ! Je krijgt geen ontvangstbevestiging. Als tientjeslid voor 2013 krijg je vanaf januari naast al het nieuws ook gratis toegang tot de vele

Ja natuurlijk, ik word Apropos-tientjeslid Naam: Afdeling: m/v: Eenverdiener/tweeverdiener (Geheim)advies:

A P R P O S

15

extra Apropos-activiteiten die (wellicht) gaan plaatsvinden, leuk! (*de meer draagkrachtigen, dus boven schaal 7, mogen méér geven natuurlijk, ook voor ons komt de winter er aan per slot van rekening)

2 6 3


Zij gingen ook heen in 2012: Rudi van Dantzig (78), balletdanser en choreograaf

Doeschka Meijsing (64), schrijfster

Gerlando Alberti (88), Italiaans maffiabaas

Whitney Houston (48), Amerikaans zangeres

Gerrit Ybema (66), politicus

Colin Ireland (57), Brits seriemoordenaar

Włodzimierz Smolarek (54), Pools voetballer

Ruud van Hemert (73), filmregisseur

Dik Bruynesteyn (84), striptekenaar en cartoonist

Gerard van Westerloo (69), journalist

Piet Ekel (90), acteur

Renze de Vries (81), voorzitter FC Groningen

Sakhr al-Taifi (..), Afghaans Al-Qaidaleider

Heinz Eckner (87), Duits acteur en komiek

Alexander Curly (65), zanger

Piet Römer (83), acteur

Rodney King (47), Amerikaans taxichauffeur en misdaadslachtoffer Gerrit Komrij (68), schrijver en dichter

Theresia Vreugdenhil (82), modeontwerpster

Bernd Meier (40), Duits voetbaldoelman

Edith Mastenbroek (37), politica

Wisse Dekker (88), topman Philips

Kyle Bennett (33), Amerikaans fietscrosser

Nanne Tepper (50), auteur

Kerkhof Een herfstdag tegen Allerzielen, het was niet anders dan het was de zon, de bladeren die vielen, het hek, de zerken en het gras. Ik had een tijdje rondgezworven voor ik haar graf gevonden had, want er wordt toch nog meer gestorven dan je zou denken in zo’n stad. En half beschaamd en half bewogen - je ziet jezelf een beetje staan heb ik verwonderd overwogen hoe vreemd de dingen altijd gaan, hoe onverbiddelijk de liefde verband houdt met verdriet en rouw, en of ik als zij nu nog leefde nog zoveel om haar geven zou. En nimmer was het dichter bij me en nimmer verder van mij af, het denken over de geheimen de gruwelijke van het graf. Jean Pierre Rawie

Ferdinand Alexander Porsche (76), Duits auto-ontwerper Rutger Kopland (77), schrijver en dichter

Sibbele (46), zanger

Alfons Dölle (65), jurist

Neil Armstrong (82), Amerikaans astronaut

Tante Elsa (95), Curaçaose vroedvrouw

Hetty Blok (92), actrice en cabaretiere

Louis Leroy (87), landschapsarchitect

Volgens Gerrit Komrij een gedicht van ‘een terminale citeerbaarheid’ Hannie Lips (88), omroepster

Sylvia Kristel (60), actrice Larry ‘JR’ Hagman (81), Amerikaans acteur

Jeroen Willems (50), acteur

Oscar Niemeijer, (104), architect

Dave Brubeck, (91), musicus

Apropos (24), bekroond personeelsblad

Ik zie het alternatief niet echt als een alternatief waarmee ik als medewerker op een zelfde kwalitatieve en verrassende wijze geïnformeerd blijf.

Pascale Kaiser

16


Het lelijkste gebouw – want het vaakst genoemd in de G-spot rubriek - vinden we de badkamer van Abe Bonnema zaliger gedachtenis. U kent het als het voormalige KPN-gebouw op de hoek van de Friesestraatweg/Hoendiep. Treurig dat dat door de Welstand is gekomen.

De G-spot De lelijkste plek in Stad…

Een kleine honderd collega’s zijn door de jaren heen in uw lijfblad op zoek gegaan naar de mooiste en lelijkste plek in Stad. In een exit-nummer is natuurlijk alleen de lelijkste G-spot interessant. Een ietwat grimmige rondgang langs uw eigen keuze, die tegelijkertijd duidelijk maakt dat er – gelukkig maar - nog veel werk aan de winkel is. Door Johan de Boer

En wij aan het Zuiderdiep ons altijd maar laten aanleunen dat de stad er zo mooi bij ligt. Al die glimmende gele steentjes, ecologisch verantwoorde bermen, fraaie eigentijdse bouwwerken van top-ontwerpers, een keurig onderhouden laat-middeleeuwse binnenstad. Mooi hoor! Bussenvol adorerende connaisseurs kwamen (lang geleden) langs. Ja, Groningen is fan-tas-tisch! Echt een aanradertje, om met de reisrubriek van de Volkskrant te spreken (al is de stad wel érg ver weg, veel verder dan zeg Krakow of het makkelijk met het vliegtuig te bereiken Timboektoe).

Ter zake De stad Groningen telt onthutsend veel lelijke plekken. Bernard Kromme heeft ze voor deze rubriek allemaal mooi op de foto gezet. Vaak gaat het om afzichtelijke ge-

bouwen. Nog vaker om kennelijk onbestemde openbare ruimte of zelfs hele wijken waar het slecht toeven is. Althans volgens u, waarde lezers. In een tijd dat er bijkans nergens nog gebouwd wordt, ligt hier de ultieme uitdaging voor stadsontwikkelaars: doe wat aan al die lelijke plekken! Een kleine rondgang ter illustratie. Eerst maar eens wat gebouwen waar we ooit trots op waren. Wat zegt u van de betonnen Euroborg (ooit van binnen een onneembare groene veste) of van het Hunzehuys (alleen die y al!). Of van de ringwegkant van Martiniplaza. Of van de lelijke opvolger van de Westerkerk aan de destijds o zo mooie Kraneweg. Echt, de looks van Groningen vallen oprecht tegen. Nog een paar dan maar. De Kolenmuur, ooit door de Rijksbouwmeester bestempeld als hoogst interessant object. De hoog adviserende man is inmiddels uit functie. De Prefectenhof, de veel te mooie naam voor de DIA (en wat lag er een mooi bonbonnière-ontwerp van een veel betere architect). Het Stadsbalkon dat het zicht op het veel monumentalere Hoofdstation vergalt. Het weinig verfijnde Pathé, het somber stemmende winkelcentrum Lewenborg, de lelijke woonboten in de diepenring…

Maar we zijn nog niet klaar. We moeten het nog even hebben over al die lelijke straten en pleinen in de stad. Meestal de verantwoordelijkheid van ervoor doorgeleerd hebbende heren en dames stedenbouwers. Voor de voordehandliggende lelijke bedrijventerrein-plekken als Gideonweg en Ulgersmaweg hebben we nog enig begrip. Maar voor de benepen ruimtelijke kwaliteit van uitdagende locaties als het al decennia lang verpauperende Oosterhamriktracé, de vol verwachting kwijnende P+R Zaanstraat, de achterkant van V&D, de platgekapte Concourslaan, niet echt. Dat had, samen met lelijke wijken als tout Vinkhuizen en De Meeuwen, beter gekund en gemoeten. Zeker wanneer je als lokale overheid het adagium koestert ‘waarom makkelijk als het ook moeilijk kan’. Althans, dat vindt u, waarde lezer. Met stip bovenaan als lelijkste plek in de hele stad Groningen staat – tadatadaaaaa!!! - het Boterdiep. Sinds de hoopgevende demping begin 20ste eeuw moet deze noordoostelijke entree van Stad, langs de ooit stinkend lelijke Gasfabriek en het nooit klaar komende Ciboga, nog steeds wachten op een verdiende renaissance. We waren er bijna, maar nu gaat de RegioTram – midden over het tegelijkertijd van gevel tot gevel te upgraden Boterdiep – ook niet door. Daar wordt het dus nog decennialang sappelen. Gelukkig zijn er veel ergere dingen, zoals achterbuurten in Sao Paolo, de nieuwe Keiserlei in Antwerpen of het altijd gezellige Raadhuisplein van Haren. Toch?

Echt onzinnig beleid. Kern is dat het vak stadsontwikkeling ingewisseld wordt voor een vaag en abstract proces van verbinding met het concern. Henk Zuidhof A P R P O S

17

2 6 3


‘Ik gun collega’s meer buiten spelen’ Vakdirecteur beleid & ontwerp Arie Moerman werkt al 37 jaar in de Door Ingrid Pieters

bouwwereld, vanaf ’86 als directeur bij diverse corporaties. Maar nu hij sinds twee maanden gemeenteambtenaar is, heeft hij het gevoel weer opnieuw te

E

beginnen. ‘Ik drijf niet op routine, maar ik heb wel inzicht in hoe een stad functioneert en wat daarin belangrijk is.’

‘Een belangrijke werkmotivatie is voor mij de onderlinge sfeer en die ervaar ik als heel prettig. Er lopen hier veel hele gewone, buitengemeen toegankelijke en openhartige collega’s rond. Wat wel opvalt is dat ze zijn gericht op procedures. Dat is ook het grote verschil tussen werken bij een bedrijf en bij het openbaar bestuur. Ik vind dat nog wel wennen, mijn gezonde verstand zegt: dat los je zo en zo op. Maar dan liggen er stapels beleidsregels waar je rekening mee moet houden. Om niet in de verlamming te schieten moet je op zoek naar ruimte, de ruimte binnen de regels.’ Biking Management by biking around, dat doet Arie vaak. ‘Als ik iets op mijn bureau krijg, bijvoorbeeld het verlichtingsniveau in een wijk is niet goed, dan fiets ik door die wijk om te kijken of het klopt of ik het ook zo beleef. Het is een heerlijk overzichtelijke stad, dus daar kan ik tijd voor maken, ik doe het vaak op weg naar huis. Ik gun dat collega’s ook: meer buiten spelen. Om te zien hoe een plek er uitziet, om de effecten te zien van wat je bedenkt. Intern ga ik ook, als ik een afspraak heb, naar iemand toe, ik vraag ze niet bij mij. Om de omgeving te zien waar iemand werkt, om de sfeer te proeven.’

Natuurlijk gaat er niemand dood. Ook zonder gaan we gewoon door maar misschien toch anders. Omdat er iets dood is gegaan of veel minder aandacht krijgt.

Klaas van Nierop

18


Bevalt het om met Esseline op de kamer te zitten? Lachend: ‘Ze is er niet zoveel.’

belangrijk onderdeel. Over deze nieuwe manier van stadsontwikkelen zijn we nu aan het praten. Het is een spannende tijd.’

Eind jaren 80 van ‘De Gouden Eeuw’. Apropos wordt gelanceerd. Eenvoudig, maar met veel ambitie.

Het valt wel op dat jullie bij elkaar zitten. ‘Er is best een grote overlap tussen de projecten van Esseline en het beleid van mij. Door met elkaar op de kamer te zitten, hoor je elkaar. In deze parafencultuur is het handig dat je het daardoor ook makkelijk van elkaar overneemt.’

Over spannende tijd gesproken, hoe ziet onze toekomst er uit? ‘De roep om een kleiner ambtenarenapparaat blijft. De raad heeft ook aangegeven minder ambtelijke kosten te willen. Het moet efficiënter met minder personeel. We doen geen domme dingen,

Mendini schetst een nieuw Groninger Museum. Met het plan ‘Ruimte voor Ruimte’ wordt de binnenstad heringericht en worden de eerste contouren verkend voor grootschalige stadsuitleg: Hoornse Meer, De Held en heel vaag Groningen-Oost dat pas decennia later Meerstad gaat heten.

‘Het begrip ‘dienst’ verdwijnt, maar het vak niet’ Hoe moet het nou met je verder als de diensten worden opgeheven? ‘Het begrip ‘dienst’ verdwijnt, maar het vak niet. De grote vraag is, wat is over twee jaar stadsontwikkeling. Je hebt altijd professionals nodig, maar er zal een nieuw soort stadsontwikkelen ontstaan. Daarvoor moeten we andere werkvormen bedenken. Wat jij als professional ziet is niet het eindplaatje. Je zult mee moeten bewegen met de opvattingen van anderen, zoals van bewoners, van de raadscommissie. Ik heb lang aan tai chi gedaan, daarbij is het meegaan in de beweging van de ander een

maar het levert niet genoeg op. Maar het is niet alleen een somber perspectief. De wettelijke handhavingstaken blijven, het bedienen van burgers ook.’ De jongeren binnen de gemeente, blijven die ook? ’Eigenlijk vindt iedereen dat we jonge mensen kansen moeten geven. Maar hoe betaal je dat? Over vijf jaar gaan veel collega’s met pensioen, maar dat duurt nog te lang. Ik heb er wel ideeën over, gedachten vanuit solidariteit en win-win. Dat gaan we binnenkort uitwerken.’

Hommage…

Mijn moeder kan aanspraak maken op een halve dag thuiszorg. Waaar ze natuurlijk geen gebruik van maakt, immers belasting en steun is er voor de zwaksten in de samenleving. We leven in ongekende welvaart. Nu, je kon het zien aankomen, struikelt ons college. Te veel, en te ambitieuze plannen betekenen een torenhoge kapitaallast. Er is geen ontkomen aan, er moet gesneden worden. Westpoort, Meerstad, Suikerunie, Forum, ze zijn al gekocht en/of aanbesteed. Een geld retour bonnetje is niet beschikbaar. De tram moet daarom sneuvelen. Jammer van die ambitieuze aanpak, jammer vooral ook van de miljoenen die er - veel te lang - zijn ingestoken. Maar helaas. Mijn moeder, inmiddels ruim in de negentig en nog altijd zelfstandig, maakt na lang aandringen van mij eindelijk gebruik van thuiszorg. Twee uur per week is haar gegund. Nee, daar is vanaf 1 januari een half uur op gekort. Omdat ze zich (stoer...) heeft laten ontvallen dat ze eventueel zelf de was nog wel kan doen. En Apropos? Dat verschijnt nog altijd als een full-color glossy magazine op de mat. Onbestaanbaar en naar mijn mening beschamend in het perspectief, waarin mijn moeder gekort wordt op thuiszorg. In tijden van voorspoed past een mooi en zorgvuldig personeelsblad. Als het tegen zit, moeten ambities worden bijgesteld en zaken anders aangepakt. Zo ook de uitwisseling van personeelsinformatie. Jammer, maar helaas.

Lief van ze. Uit kringen rond het VDB kwam het warme initiatief om toch een blijvende herinnering aan de Apropos te creëren. Een soort stilteplek maar dan net

een tikje anders. Zodat we er met ons allen dagelijks aan herinnerd worden dat… nou ja u begrijpt het wel. Daar waar de keizers en wethouders decennialang de toekomst van de stad bedisselden (329, de oude kamer van Arie Wink), dat bolwerk van eigengereidheid heet vanaf 1 januari 2013 de APROPOS-zaal. Op voorhand krijgen de daar te nemen besluiten een kwaliteitsimpuls van jewelste.

Let wel, bezuinigingen houden ons ook scherp, en brengen ons tot de kern. De dingen die er echt toe doen. Zoals zorg voor de zwaksten. Een nieuw concernmagazine? Prima, mits ik mij daar niet voor hoef te schamen wanneer het mijn moeder onder ogen komt. Eenvoudig, eigentijds, en altijd met veel ambitie! Jan van de Bospoort

Als er toch een gemeentelijk blad moet komen maak er dan een gecombineerd blad van met een vaste rubriek Apropos. Henk Tiggelaar A P R P O S

19

2 6 3


Vijftig tinten rood

Door Jeroen Berends

In de vorige aflevering van deze toprubriek kondigde ik aan het schoeisel van vrouwelijke collega’s in vijftig tinten rood eens onder de loep te nemen. Dat was bedoeld voor het novembernummer. In de tijdschriftenwereld is dat geen hoogtepunt van het jaar, dus wat pikanterie met blote benen en rood lakleer, keertje geen grijstinten, leek mij wel wat. Terugkijkend hadden de baarden en snorren van oktober hier beter gepast. In het kader van movember: de mannelijke variant van de pink ribbon. Groei een snor en support gezondheidsproblemen van mannen, zoals overbeharing, kaalheid, zweetvoeten, homofilie en prostatitis. In het laatste nummer van 2012 wilde ik dan nog een keer flink uitpakken met een echte hotshot: mijzelf. Kon ik meteen aankondigen dat ik nu wel een keertje klaar was met Na Vijven. Je moet op je piek stoppen, hield ik mezelf voor. Het werd tijd voor iets nieuws. Voor 2013 had ik van de redactie al carte blanche gekregen voor een reeks gloednieuwe Apropos-rubrieken. De onderhandelingen waren pittig. Je moet je huid duur verkopen, sms’te Sylvia Witteman nog. Mans S. kwam uiteindelijk met een financieel zeer aantrekkelijk take- it-or-leave-it aanbod ‘I couldn’t refuse’. Wat was de bedoeling? Een van mijn geplande rubrieken had alles te maken met transparantie. Na het Nieuwe

Werken volgt immers de Nieuwe Openheid bij RO/EZ (ik bedoel gemeente Groningen). Dat betekent dat we onszelf als ambtenaar meer moeten blootgeven. Daarop doordenkend bedacht ik ‘Niets om het Lijf’, geënt op Anybody, het succesnummer van de Viva. Kreeg meteen een ‘go’ van de redactie. Het plan: een collega gaat anoniem naakt op de foto (zonder hoofd) en praat daarna over zijn of haar lichaam. Blij met: platte buik, minder blij met kalknagels, etcetera. De eerste testshoots waren al gemaakt, drie niet bij naam te noemen collegae full frontal gekiekt. Erg verrassend soms. De grootte van de neus, handen en voeten zeggen inderdaad niets. Mijn tweede rubriek speelde leentjebuur bij nog een ander tijdschrift, Beau Monde’s maandelijkse make-over, waarbij een bekende Nederlander transformeert naar een nog bekender buitenlands exemplaar. Het ‘lookalike met Leco’-gevoel. Tot en met april 2013 had ik de kandidaten al ingeboekt. Een besnorde Cor van der Veen als Farrokh Bulsara a.k.a. Freddy Mercury. Wit hemdje en opplak-borsthaar wilde Elzo D. wel uitlenen. Verder Jasper Grotenhuis als Peter Rehwinkel, Anneke Miedema als Wouke van Scherrenburg (ga toch koken mens) en een brilloze Jaap Valkema sprekend als Novak Djokovic (Djokofiets) of besnord en, afhankelijk van de politieke situatie, als Bashar al-Assad. Alfred Kazemier mocht als redactielid (belangenverstrengeling) helaas niet meedoen. Vanwege zijn gelijkenis met Koen Wauters wilde hij als frontman van Clouseau graag een ode aan Anne (Jaspers, Helbig, Makkink, Krijn Piersema, Geert van der Tuin?) brengen. ‘Anne als ik jou zie ben ik niet meer bij te sturen. Anne die momenten zouden eeuwig moeten blijven duren.’ Het voorstel mijzelf als de vriendelijke, barmhartige, aantrekkelijke massamoordenaar Dexter te portretteren vond de redactie eveneens niet kunnen. Voorlopige werktitel: ‘Transformers’. Dan lagen er nog wat vagere plannen om meer human interest in de Apropos te brengen, zoals diepte-interviews met

20

toekomstige pensionado’s. Hans Olenroth, Ada de Jager, Niek Verdonk, Jozef van Genk en Jan ter Beek waren al gecontracteerd voor ‘De Grote Uittocht’. We wilden met ze terugkijken - toen geluk nog heel gewoon was - en vooral vooruit kijken. Voorlopige werktitel: ‘PIZzed off!”, waarbij PIZ staat voor Pensioen In Zicht. Een ander plannetje, getiteld ‘Ik Zie Een Ster’ confronteerde collega’s met hun beroemde familie. Hoe is het om de schoonzus van Arjen Robben te zijn, of de oom van Katja Schuurman? Wat antwoordde Anneke Defesche op de wens van zoonlief Egbert Jan Weber ‘Moeder, ik wil bij de revue’? We zullen de antwoorden op de hier geformuleerde vragen nooit te weten komen. Ook de andere plannetjes voor 2013 zijn geannuleerd, de naaktfoto’s versnipperd, de make-over afspraken gecanceld. Het liep allemaal heel anders dan gepland. De wereld is veranderd nu de hoge heren besloten de Apropos op te heffen. De koek is op. ‘t Was fijn, bedankt, tot ziens.

Omdat ik een portret van mijzelf toch wat pedant vond in het kader van het allerlaatste nummer, wil ik - beloofd is beloofd - terugkomen op de rode schoentjes. Inderdaad, het is opvallend hoe veel dames hier op rood schoeisel paraderen. Waarom? Een Engels gezegde luidt: Red shoes, no knickers. Dus Judy Garland op robijnrode muiltjes in The Wizard of Oz en Juliette Binoche (niet Brioche!) in Chocolat droegen geen ondergoed? Het draait dus weer om sex! Klopt: de rode damespump oefent een onweerstaanbare aantrekkingskracht uit op mannen. Hoor ze gillen als de Zalando bezorger weer iets roods bezorgt! Dat kan historisch ingegeven zijn: rood als kostbare kleur, alleen bedoeld voor de rijken. Of politiek: rode stad Groningen, PvdA bolwerk? Logischer is de associatie met liefde, passie, vuur en hartstocht. Dat weet Christian Louboutin (te duur voor RO/EZdames) ook, die kleurt de zolen van zijn ontwerpen rood. Sex sells.


Kerstpuzzel Heerlijk. Onder de kerstboom met een dikke Apropos. Wat wil een mens nog meer… Daar hoort natuurlijk een gezellige puzzel bij. Een beetje RO/EZ-er vult ‘m zo in. Achter elke vraag staat hoeveel letters het antwoord bevat. Voor de juiste inzenders van het verticale woord ligt bij de redactie een versnapering klaar. Ja hoor eens, dure prijzen kunnen niet meer na 1 januari.

1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. 14.

Wat is volgens u allen de lelijkste plek in Stad? (9) Welke wethouder stond pal voor het Groninger Museum in de Zwaaikom? (4, 7) Wie was de sfinx van het Zuiderdiep? (4,4) Klein eigenwijs clubje, vroeger Bestuursdienst. (11) Welke architect ontwierp de flats aan De Brink? (3,8) Wat is de ijdele naam van een voormalig gemeentelijk personeelsblad? (11) Onder dit vakgebied is veel gebouwd in Groningen. (12) Welke stad triomfeerde landelijk als leukste stad, fietsstad, beste binnenstad en beste dienst? (9) Hoe heet de RO/EZ-zeilclub? (12) Wie was de eerste vrouwelijke directeur van Openbare Werken? (3,8) Welke subafdeling doet in vastgoed voor vierwielers? (13) Wat krijgt Almere wel en Groningen niet? (8) Welke Apropos-correspondent heeft het ooit tot wethouder geschopt? (7,3,3,6) Welk ambtelijk zangkoor heeft nooit een prijs gekregen maar wel veel applaus? (10)

Alles netjes ingevuld? Nog even twee accents aigus (streepjes méé) plaatsen en u weet waar we naar toe gaan!

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14

Een gemeentebreed personeelsblad? Die waren eerder ook al geen succes omdat 80% gaat over zaken op afstand. Henk Slagter A P R P O S

21

2 6 3


Samenwerken onder één paraplu Wijkgericht werken

Door Gilbert Sewnandan

De laatste tijd zien we Eric Mooij, stadsdeelcoördinator Groningen Zuid, regelmatig bij OCSW aan de Europaweg. En loopt Chris Niemeijer, gebiedsmanager Oude Wijken, vaker binnen bij RO/EZ aan het Zuiderdiep. Ontluikende liefde? Spannende transfer? Spotlight en Apropos gingen op zoek naar het verhaal erachter. We treffen Chris en Eric op een herfstachtige dag aan de Europaweg. Heel symbolisch voor de samenwerking tussen afdeling Wijkzaken en afdeling Stadsdeelcoördinatie staan ze onder één paraplu. ‘Eigenlijk werken we natuurlijk ook onder één paraplu. We werken voor dezelfde gemeente en dezelfde Stadjers’ aldus de heren. De ambitie voor een meer wijkgerichte benadering blijkt onder meer uit de aanstelling van Wilma Kloosterman, kwartiermaker voor de herinrichting van het wijkgericht werken en door nieuwbakken GMT-lid Lenie Kootstra. ‘En nu dragen wij deze benadering alvast uit: in de wijken én in de gemeentelijke organisatie’.

Logische samenwerking Dat beide afdelingen intensiever gaan samenwerken vinden Eric en Chris logisch. OCSW en RO/EZ werkten al op veel terreinen samen. Maar nu richten ze zich op de collega’s in de beleidsafdelingen bij de verschillende diensten. Chris: ‘Het doel is om bij beleidsmensen het wijkgericht denken en werken tussen de oren te krijgen.’ Dat willen ze van onderop doen maar óók via bestuurders en leidinggevenden. ‘We praten met bestuurders en beleidsambtenaren, halen en brengen informatie en maken daarbij gebruik van onze netwerken in de wijk’.

22

Waarom is het effectiever om meer wijkgericht te gaan werken? ‘Neem bijvoorbeeld de ontwikkeling van gebiedsvisies voor Noordwest en Herepoort/Rivierenbuurt. Samen met de wijk hebben we alle belanghebbenden in kaart gebracht. Dan zie je dat veel beleidsterreinen door elkaar lopen in een wijk. En dat de belangen verschillend en soms tegengesteld zijn. Je wilt wel economische bedrijvigheid in je wijk maar geen parkeerproblemen of onveilige situaties. Of je wilt wél de horeca ondersteunen in wijkaccommodaties maar wilt géén drankmisbruik stimuleren of oneerlijke concurrentie met cafés aangaan. Als je écht wijkgericht wilt werken, snijd je dwars door organisatiestructuren heen’ zegt Eric.

De wijken in Eric is ook letterlijk in de wijk te vinden. ‘We praten niet alleen met de traditionele bewonersorganisaties maar zoeken wijkbewoners ook op bij de Stips, de informatiepunten in de wijk. Vroeger zaten we alleen met bewonersorganisaties om de tafel.’ Maar de functie en rol van deze organisaties is veranderd: veel wijkbewoners verenigen zich rond bepaalde thema’s en niet door in een buurtorganisatie te gaan zitten. Eric: ‘We willen de opvattingen en ideeën van wijkbewoners graag zo vroeg mogelijk in het proces van beleidsvorming betrekken. Naar voren halen dus.’ Chris vult aan: ‘Dat wij gezamenlijk optrekken maakt het voor de wijkagent, de maatschappelijk werker en andere wijkprofessionals ook duidelijker. We willen als gemeente met één mond spreken. Hoe de reacties zijn? De eerste geluiden uit de wijk zijn erg positief!’ lacht Eric. Ben je op zoek naar Chris of Eric? Je kunt ze vaak vinden bij OCSW in de kamer van Lenie Kootstra (2.25), de kamer van Chris (3.17) of op een van de flexplekken bij Stadsdeelcoördinatie (oudbouw).


Sabine Bodingius en

Anne Makkink, beiden

stedenbouwkundig ontwerper

bij Stadsontwerp, vertrekken ook

omdat hun tijdelijke aanstelling

eindigt op 31 december.

Bataaf van Groos, senioradviseur

bedrijfsbureau van het IGG was al

voor een groot deel met FPU maar

werkte nog wel 1 dag per week.

Per 1 januari a.s. is hij volledig

met FPU.

november in tijdelijke dienst

gekomen bij de afdeling Beleid en

Programmering. Ze is de nieuwe

trainee beleidsmedewerker.

afloopt op 31 december.

Saskia Zwiers (24) is op 5

omdat haar tijdelijke aanstelling

1 januari met FPU.

Programmering, verlaat de dienst

‘De positie van jongeren is vrij beroerd binnen RO/EZ. De organisatie is behoorlijk vergrijsd. De jongeren die er werken hebben veelal een tijdelijk contract. Door de bezuinigingen worden veel van die tijdelijke contracten niet verlengd. Er wordt niet gekeken naar kwaliteit, maar wie het makkelijkst weg te bezuinigen is. Een gemiste kans!’, aldus Jurri.

accountmanager bij BWT gaat per

Vanwaar deze actie?

Henk Tiggelaar, bouw-

Op de eerste verdieping van het hoofdgebouw Zuiderdiep heeft enige tijd een groot bord gestaan met de silhouetten van alle jongeren die afgelopen jaar zijn vertrokken of die binnenkort vertrekken bij de dienst. Een initiatief van Stadjes, het jongerennetwerk van ROEZ. Een gesprek met drie van hen: Hanneke Schrijver, beleidsmedewerker bij Beleid en Programmering, 26 jaar en per 1 januari eindigt haar contract; Jurri Koops, 30 jaar, assistent-projectleider en vertrekt, mede door onzekere toekomst bij RO/EZ, naar fietsfabrikant Gazelle; en Marten Pothof, 29 jaar, heeft een vaste baan als beleidsadviseur bij de afdeling Economische Zaken!

beleidsmedewerker bij Beleid en

Door Erwin Tollenaar

Hanneke Schrijver, junior

Exit jongeren

Wat kan er beter?

‘Daarom zijn we uiteraard ook enthousiast over de recente motie van de raad, om te kijken of er niet weer een trainee-programma kan worden opgezet binnen de gemeente. Daarmee kan je jongeren binden aan de organisatie’, zegt Jurri. ‘En dat is ook nodig, want over vijf jaar gaan er behoorlijk wat mensen met pensioen. Dat gat moet worden gevuld, en als dat tijdig gebeurt kunnen de ouderen hun ervaring overdragen aan de jongeren’, geeft Hanneke aan.

Hoe zijn de reacties? ‘Meestal positief. Er zijn meerdere oudere collega’s die aangeven wel wat tijd te willen inleveren om ons meer ruimte te bieden. Maar niet iedereen kan dat daadwerkelijk doen, bijvoorbeeld om financiële redenen. Uiteraard zijn er ook wel kritische geluiden. Bijvoorbeeld mensen die ons vragen of jong zijn per definitie een talent is. En dat is natuurlijk niet zo. Het gaat om de kwaliteit van de medewerker, niet om de leeftijd. Maar wel zijn jongeren vaak wat vernieuwender, dynamischer en creatiever. Dat kan een meerwaarde zijn voor de organisatie’, aldus Marten.

23

PERSONALIA

Marten: ‘Allereerst dat we een eerlijk verhaal krijgen. Veel van ons worden tot het laatst aan het lijntje gehouden en krijgen een paar weken vantevoren te horen dat er geen verlenging mogelijk is. Dat kan niet, vinden wij. Maar belangrijker vinden we het dat er meer jongeren aan de organisatie worden gebonden. Maarten Ruys constateert het zelf ook, Groningen is de jongste stad van Nederland, met een van de oudste ambtelijke organisaties. Dat is toch bijzonder’.

DECEMBER 2012

Hanneke: ‘Als jongeren zouden we bijvoorbeeld via de OR ook graag inbreng leveren over dit onderwerp. Maar de regel is dat je minimaal een jaar bij de dienst moet werken, én een vaste aanstelling moet hebben, voordat je in de OR kan. Daar komt dus vrijwel geen jongere voor in aanmerking en dus is het moeilijk om je stem te laten horen. Dus dan maar langs deze weg!’


Dan maar ons vizier op het decembernummer van Apropos in 2002. In dat nummer een soort dubbelinterview met twee tegelijk vertrekkende directeuren, Ine Scholten als directeur Openbare Werken en Selie Weistra als directeur Dienstverlening en Control. De verleiding is te groot om niet even te vermelden dat u in dit nummer twee interviews vindt met tegelijk vertrekkende wethouders.

En over die vermeende arrogantie van RO/EZ. Ine Scholten: Ik vind het heel logisch dat zo’n grote dienst er een mening op nahoudt. Overigens heb ik me nog nooit arrogant gevoeld. Soms zijn we wel eigengereid, maar we willen ook steeds meer en we luisteren vaak slecht. Dat haantjesgedrag is er zeker. Ikzelf ga overigens niet voor de macht. Daar kick ik niet op. Maar het is een illusie te denken dat die vermeende arrogantie gaandeweg is verdwenen. Het hoort bij het product. Er is veel geld (toen wel, red.) en we kunnen het vaak zonder andere diensten af. Selie Weistra: De individuele medewerker van hoog tot laag is zeker niet arrogant. Ik zie het trouwens meer als de keerzijde van eigenzinnigheid, dat zal en moet ook wel zo blijven. Dat is op zich ook niets negatiefs. Het heeft er veel meer mee te maken dat je het als dienst nooit alle burgers naar de zin kunt maken. En als je echt iets wilt bereiken dan moet je soms ook tegen de stroom in durven gaan.

Maar goed, twee afzwaaiende vrouwen dus. Ine Scholten keek terug op een mooie periode van sterk verbeterde interne samenwerking tussen de afdelingen en het geluk om goede nieuwe mensen om zich heen te vergaren en zag als kroon op het werk de spiksplinternieuwe en comfortabele nieuwbouw aan de

Alle schrijvers van Apropos hopen dat zij het u de afgelopen jaren wél naar de zin hebben kunnen maken. Wij wensen u goede feestdagen en een voorspoedig en gezond 2013. En vanwege de omstandigheden ook alvast maar het beste voor de jaren daarna!

Maar ja, Apropos lag er vorige maand niet, dus mist u de aanstekelijke opmerkingen van Cor over de mogelijke komst van de tram, waarvan de aanleg in 2005 zou starten.

24

Allerlaatste lichting

Als Apropos vorige maand gewoon was uitgekomen had u in deze rubriek gelezen dat correspondent Roeland van der Schaaf destijds nog een artikel heeft geschreven onder de titel ‘De tram: alleen maar een mooie droom?’ De tram moest dé blikvanger worden van het Stadsgewestelijk Openbaar Vervoer (STOV). Dat STOV was al jarenlang ‘een diep gewenst paradepaardje van de Groningse politiek’ en vormde een verzameling van verschillende maatregelen die de kwaliteit van het openbaar vervoer in de stad drastisch moesten verhogen. Collega Cor van der Klaauw ging er in dat artikel eens enthousiast voor zitten.

Gotenburgweg. Uitgesproken trots was ze op de ontwikkeling van het BORG als mooi hulpmiddel in het overleg met de bewoners en de raad over het onderhoudsniveau van de stad en de binnen de organisatie gezette stappen op weg naar beheerbewust werken. Selie Weistra bleek ingenomen met de voelbaar sterke betrokkenheid van de medewerkers en de herkenbaarheid van het product van de dienst. Ook de ontwikkeling van het resultaatgericht werken met afdelings- en jaarplannen, de verbetering van het grondexploitatieproces, de budgetteringssystematiek, het personeelsinformatiesysteem, de systematiek van kwartaalrapportages en de bereikte overeenstemming over één nieuwe financiële afdeling waren voor haar evenzovele hoogtepunten.

Dienst Ruimtelijke Ordening en Economische Zaken, Postbus 7081, 9701 JB Groningen.

Door Mans Schuurman

Apropos allerlaatse nummer  

Apropos allerlaatse nummer

Read more
Read more
Similar to
Popular now
Just for you