Lespakket stilstaan bij bewegen

Page 1

lespakket januari 2009


Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Handleiding Beste leerkracht, Dit lespakket is bedoeld om in de derde graad van het secundair onderwijs een les te wijden aan het onderwerp ‘sport en ethiek’. We hopen dat het onderwerp zo ter sprake kan komen en dit op een ongedwongen en correcte manier. Thema Sport is een universeel menselijk fenomeen. Overal ter wereld doen mensen aan sport, kijken ze naar sport, lezen ze over sport, enzovoort. Sport geniet wereldwijd van een grote populariteit. Er is niet alleen de massale aandacht van publiek en media voor topsportevenementen zoals een voetbalmatch in eerste klasse of de Olympische Spelen. Ook lichaamsbeweging in de vrije tijd kent een opmars. Sport is echter meer dan ontspanning. Als we verder kijken dan de wedstrijduitslagen ontdekken we dat sport ons voor een aantal vragen en uitdagingen plaatst die ons heel wat kunnen vertellen over de mens. De invloed van sport op de gezondheid, de rol van wetenschap en techniek in de sport, prestatieverbetering, de educatieve rol van sport als oefenterrein voor het echte leven, enzovoort. De implicaties van sport gaan veel verder dan de sportwereld zelf. Belang lespakket Met dit lespakket brengen we jongeren in contact met de aspecten van sport die een bredere maatschappelijke betekenis hebben. We staan stil bij de invloed van sport op het menselijk lichaam, in het bijzonder de gezondheid. We staan stil bij de invloed van wetenschap en techniek op de sport. We werken rond competitie en prestatieverbetering. In het algemeen willen we dat jongeren op een andere manier gaan nadenken over sport. We willen dat ze zich bewust worden van het feit dat sport meer is dan enkel ontspanning. We willen dat ze zich ervan bewust zijn dat de sportwereld banden heeft met de gezondheidszorg, de wetenschap en de technologie. We willen ook dat ze zich ervan bewust zijn dat sport ethische vragen opwerpt. Informatieboekje Het lespakket sluit aan bij het informatieboekje ‘Stilstaan bij bewegen’. Een informatieve brochure in zakformaat die focust op het thema sport. Deze brochure wil het brede publiek laten stilstaan bij beweging en bij de invloed ervan op het menselijk lichaam. Je kan het informatieboekje gratis bestellen. Vanaf 40 exemplaren rekenen we verzendingskosten aan. Bezorg ons je bestelling via info@demaakbaremens.org of via 03/233 70 32. Je kan het informatieboekje ook gratis downloaden via www.demaakbaremens.org De leerlingen kunnen eerst het informatieboekje lezen, geheel of gedeeltelijk, individueel of klassikaal, en nadien de werkbladen van het lespakket invullen. Doelgroep Dit lespakket is het meest geschikt voor de derde graad van het secundair onderwijs.

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Vakoverschrijdende eindtermen en leerplandoelstellingen De inhoud en werkwijze van dit lespakket sluiten aan bij de eindtermen van de derde graad secundair onderwijs voor verschillende vakken: Lichamelijke Opvoeding: de leerlingen leren - reflecteren over beweging - kritisch omgaan met het bewegingsaanbod in hun leefomgeving - het verband leggen tussen bewegen, gezondheid en samenleving - met betrekking tot ‘fitheid’ hun eigen doelen bepalen - het belang inzien van een goede fysieke conditie Natuurwetenschappen: de leerlingen leren - de ethische dimensie van natuurwetenschappen te illustreren - illustreren dat economische en ecologische belangen de ontwikkeling van de natuurwetenschappen kunnen richten, bevorderen of vertragen - kenmerken van een gezonde levenswijze verklaren - een kritisch oordeel formuleren over de wisselwerking tussen biologische en maatschappelijke ontwikkelingen Technologische Opvoeding: de leerlingen leren - effecten van techniek op mens en samenleving illustreren en in historisch perspectief plaatsen - effecten van techniek op menselijke gedragingen, houdingen, waarden en normen illustreren Sport/Topsport: de leerlingen - kunnen de invloed van bewegen op fysieke, mentale en sociale gezondheid duiden en verge- lijken met andere factoren die de gezondheid beïnvloeden - kunnen belangrijke principes van fitheid, voeding en medisch verantwoord sporten toepassen - zijn zich bewust van de gevaren van ongeoorloofd middelengebruik - streven evenwicht na tussen sportprestaties, fysieke conditie en gezondheid - tonen sociaal aanvaardbaar gedrag op vlak van fair play, loyaliteit, regelgeving - leren de invloed van bewegen op de fysieke, mentale, en sociale gezondheid duiden en ver- gelijken met andere factoren, die de gezondheid beïnvloeden - ervaren dat sport verweven is met, en effecten heeft op andere maatschappelijke domeinen Het onderwerp kan ook aan bod komen in levensbeschouwelijke vakken, projectvakken of vakken als filosofie en maatschappijleer. Voor dit lespakket formuleren we een aantal affectieve doelstellingen, gericht op attitudeverandering: - het kritisch denken van de leerlingen aanscherpen (bijvoorbeeld a.d.h.v. prestatieverbetering, gezondheid, ongelijkheid, sport als leerschool) - de leerlingen voelen aan dat er heel wat evidenties zijn in de sport, die niet altijd correct zijn - de leerlingen zien in dat de implicaties van sport veel verder reiken dan de sportwereld alleen We formuleren ook enkele cognitieve doelstellingen: - de leerlingen weten dat sport het lichaam en de gezondheid op verschillende manieren beïnvloedt - de leerlingen weten dat techniek en wetenschap een belangrijke rol spelen binnen de sportwereld - de leerlingen weten dat sport ethische vragen oproept - aan de hand van sport als casus doen de leerlingen kennis op over gezondheid, wetenschap en techniek Delen lespakket Het lespakket bestaat uit 11 delen. Je kan de verschillende delen naar keuze combineren, afhankelijk van het lesdoel, het niveau van de leerlingen en de beschikbare lestijd. Je bepaalt ook zelf de volgorde.

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


· Inleidende oefening: Wat is sport Onder de noemer sport brengen we heel uiteenlopende activiteiten samen. Deze oefening helpt de leerlingen beter te begrijpen wat het begrip sport inhoudt. · Test je kennis Een kennistest over verschillende aspecten van sport. Leerlingen toetsen hun algemene kennis over sport. Alle antwoorden zijn terug te vinden in de brochure. · Hoeveelheid lichaamsbeweging Om onze gezondheid op peil te houden hebben we een bepaalde hoeveelheid lichaams- beweging nodig. Via deze oefening ontdekken de leerlingen of ze zelf voldoende bewegen en waarom een groot aantal mensen de aanbevolen hoeveelheid niet haalt. · Kruiswoordraadsel Een kruiswoordraadsel opgebouwd uit interessante weetjes over sport. Alle antwoorden zijn terug te vinden in de brochure. · Gezondheidseffecten Lichaamsbeweging heeft een positieve invloed op onze gezondheid en ons welzijn. Deze oefening leert welke lichamelijke effecten er optreden en welke gezondheidsvoordelen hieruit volgen. · Wereldrecords Topsport is de barometer van het menselijk vermogen. Hebben we onze grenzen bereikt of kunnen we ons nog aanzienlijk verbeteren? De leerlingen krijgen meer inzicht in de grenzen van het menselijk prestatievermogen aan de hand van de evolutie van de wereldrecords. · Gedachte-experiment doping Van alle pogingen om de prestaties te verbeteren is het gebruik van doping het meest omstreden. Dit gedachte-experiment laat de leerlingen stilstaan bij het al dan niet verbieden van doping. · Begrijpend lezen Gendoping, ingrijpen op het niveau van de genen met het oog op prestatieverbetering, roept heel wat ethische vragen op. De tekst zet aan tot nadenken over de verschillende ethische kwesties die hierbij komen kijken. · Wetenschap en techniek Wetenschap en techniek spelen een belangrijke rol in de sport en dat op verschillende vlak- ken. De nieuwe mogelijkheden plaatsen ons ook voor nieuwe ethische vraagstukken. Dat ondervinden de leerlingen bij deze oefening. · Innovaties in de sport Voor topsporters kunnen technologische innovaties interessante nieuwigheden opleveren met het oog op betere prestaties. Deze oefening laat leerlingen stilstaan bij enkele opvallen- de technieken. · Stellingen Leerlingen geven aan of ze akkoord gaan of niet met een aantal stellingen. Het doel van deze oefening is de leerlingen op een kritische manier te laten nadenken over verschillende aspecten van de sport. De antwoorden op de vragen uit het lespakket vind je achterin. Veel succes! De Maakbare Mens vzw Januari 2009

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Wat is sport? 1.

Waaraan denk jij bij het woord sport. Noteer 5 voorbeelden van sporten. ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... .........................................................................................................................................................

2.

Klasgesprek

A. Welk antwoord komt het meeste voor? ...................................................................................... .................................................................................................................................................... B. Zijn er antwoorden die slechts een keer voorkomen? ................................................................ .................................................................................................................................................... C. Zijn alle antwoorden van de anderen voor jou sport? ................................................................ Geef voorbeelden van activiteiten die door sommigen, maar niet door iedereen, als sport worden beschouwd: ................................................................................................................... .................................................................................................................................................... D. Denk aan de hand van de gegeven voorbeelden na over onderstaande vragen. Noteer je be- denkingen en bespreek met de klas.

Is de term sport enkel van toepassing op fysieke activiteiten? ........................................... ............................................................................................................................................. ............................................................................................................................................. ............................................................................................................................................. Is er sport zonder competitie? Moet er altijd een winnaar en verliezer zijn? ....................... ............................................................................................................................................. ............................................................................................................................................. ............................................................................................................................................. Zijn enkel de disciplines die op het programma van de Olympische Spelen staan sport? .............................................................................................................................................. .............................................................................................................................................. .............................................................................................................................................. Heeft elke sport spelregels? ................................................................................................ .............................................................................................................................................. .............................................................................................................................................. ..............................................................................................................................................

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Test je kennis Hoe goed is jouw algemene kennis over sport? Doe de test en ontdek het. Omcirkel waar of niet waar. Bekijk nadien de juiste antwoorden en bereken je score.

1.

Als een middel op de dopinglijst staat, betekent dit dat het de sportprestaties bevordert.

waar

2.

Als een middel op de dopinglijst staat, betekent dit dat het schadelijk is voor de gezondheid.

waar

3.

De samenstelling van je spieren is genetisch bepaald.

waar

4.

Mensen met ‘sportieve genen’ hoeven weinig lichaamsbeweging te doen om in vorm te blijven.

waar

5.

Een sportgenentest kan een hulpmiddel zijn bij het opstellen van een trainingsschema.

waar

6.

Er zijn momenteel al atleten die gebruik maken van gendoping.

waar

7.

Mensen met een depressie worden soms geholpen aan de hand van sportbeoefening, bijvoor- beeld via hardlooptraining.

waar

8.

De effecten van een training verschillen naargelang de persoon die traint.

waar

9.

Er bestaat een duidelijke definitie van wat sport is.

waar

10.

Sporten heeft altijd een positieve invloed op de morele ontwikkeling van een kind.

waar

niet waar

niet waar

niet waar

niet waar

niet waar

niet waar

niet waar

niet waar

niet waar

niet waar

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Antwoorden

1.

niet waar Het Wada (Wereld Anti Doping Agentschap) hanteert een lijst van verboden middelen en methoden. Om op de lijst terecht te komen moet een product voldoen aan twee van drie criteria: (mogelijk) prestatiebevorderend werken, (mogelijk) schadelijk zijn voor de gezondheid of in strijd zijn met ‘the spirit of sports’. Een middel hoeft dus niet prestatiebevorderend te zijn om op de dopinglijst te komen. Er staan bijvoorbeeld een heleboel maskerende middelen op de lijst, ze werken zelf niet prestatiebevorderend, maar maskeren wel de aanwezigheid van een dopingmiddel. Van heel wat producten op de lijst vermoedt men enkel dat ze prestatiebevorderend werken, maar dat is niet aangetoond.

2.

niet waar Cafeïne is een voorbeeld van een middel dat niet schadelijk is voor de gezondheid, dat goed is ingeburgerd in het dagelijks leven en prestatiebevorderend werkt. Cafeïne heeft nog op de dopinglijst gestaan, maar werd na verloop van tijd geschrapt.

3.

waar Ieder van ons wordt geboren met ongeveer 20.000 genen. Een aantal daarvan hebben invloed op onze sportiviteit. We kunnen een onderscheid maken tussen sporten waarvoor een inspanning nodig is van lange duur, zoals triatlon of wielrennen, en sporten waarvoor een korte krachtinspanning nodig is, zoals sprinten of gewichtheffen. Het kunnen volhouden van een lange inspanning wordt bepaald door een heleboel lichamelijke factoren zoals de samenstelling van je spieren. Welke spieren bij jou de overhand hebben, wordt in de eerste plaats bepaald door je genen. Daarnaast natuurlijk ook door omgevingsfactoren zoals training.

4.

niet waar Je zal weinig hebben aan ‘sportieve genen’ als je er niets mee doet. Wie met heel wat sportieve aanleg ter wereld komt, maar nooit een voet verzet, zal bij een wedstrijdje waarschijnlijk verliezen van iemand die met minder gunstige ‘sportgenen’ ter wereld kwam, maar een heel sportief leven leidt.

5.

waar Een genentest kan helpen bij het bepalen of je sportief bent aangelegd. Een positief testresultaat geeft echter geen sluitende garantie op sportief slagen. Er spelen immers nog andere factoren mee, zoals training, dieet, motivatie en toegang tot financiële middelen. Een sportieve genentest kan men ook aanwenden om specifieke trainingsprogramma’s op te stellen voor sporters, zodat ze het maximale rendement uit hun inspanningen kunnen halen of zich niet overbelasten.

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


6.

niet waar Gendoping is een hot item in de media, maar het zal wellicht nog enkele jaren duren vooraleer we op het sportveld genetisch gemanipuleerde atleten aantreffen. We mogen niet vergeten dat gentherapie nog steeds geen routine is. Er is nog veel onderzoek nodig om de behandeling veiliger en effectiever te maken. Daarom lijkt het niet waarschijnlijk dat de Olympische Spelen in Peking al bevolkt werden door atleten die hun prestaties verbeterden met genetische doping. Velen denken echter dat gendoping niet tegen te houden is als we denken aan de toekomst van sportbeoefening op topniveau.

7.

waar De gunstige effecten van lichaamsbeweging op de mentale gezondheid worden steeds meer erkend en toegepast in de geneeskunde. Zo wordt aan mensen met een depressie naast medicatie en psychotherapie soms ook hardlooptherapie voorgeschreven. Deze aanpak levert zeer goede resultaten. De erkenning van het belang van beweging voor een goede geestelijke gezondheid zal in de toekomst ongetwijfeld nog sterk toenemen.

8.

waar We weten hoe het lichaam reageert op fysieke activiteit, toch zijn de effecten niet bij iedereen precies dezelfde. Voor evenveel spiermassa moet de ene twintig uren trainen en de andere maar vijf. Informatie die we krijgen over hoe we nu het best in actie schieten, moeten we dus naar waarde zien te schatten. De mogelijkheden en draagkracht van elk lichaam zijn anders. Niet elke sport of bewegingsintensiteit is geschikt voor iedereen, een verkeerde keuze kan leiden tot overbelasting en blessures.

9.

niet waar De vraag wat sport is, wordt door verschillende personen en op verschillende momenten anders beantwoord. Wat door de ene als sport wordt beschouwd, is dat voor de andere niet. Denken we maar aan ballet, biljart, dans, yoga, enzovoort. Mensen brengen een heleboel uiteenlopende zaken samen onder de noemer sport. Sport is af en toe eens zwemmen, elke zaterdag naar de tennisclub gaan, meedoen aan een basketbalwedstrijd, de wereldbeker voetbal spelen en meedoen aan de Olympische Spelen. Tussen topsport aan de ene kant en ontspannende lichaamsbeweging aan de andere kant bevinden zich vele tinten grijs.

10. niet waar Van sport wordt gedacht dat het ons waarden als fair play, respect, samenwerken en het respecteren van regels bijbrengt. Ook het waardig aanvaarden van verlies en het nederig zijn in de overwinning worden aangehaald. In het algemeen is er geen reden om aan te nemen dat sport zulke waarden helpt te ontwikkelen bij jongeren. Integendeel, elementen als rivaliteit, agressie, vals spelen en het vernederen van tegenstanders zijn helaas vaak terug te vinden bij sportbeoefening, op alle niveaus. Soms wordt dit gedrag zelfs aangemoedigd en beloond, ook door trainers en ouders, of is het vooral bij ploegsporten zelfs inherent aan de sport. Sport kan een positieve rol spelen bij de ontwikkeling van kinderen en jongeren, maar dat is niet noodzakelijk het geval.

Mijn score: ‌.. /10 Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Hoeveelheid lichaamsbeweging Voor een gezonde levensstijl wordt naast een gevarieerde en evenwichtige voeding, ook voldoende beweging gepromoot door de overheid, media en medische wereld. We worden aangemoedigd om de trap te nemen, te starten met lopen, ons aan te sluiten bij een sportclub, enzovoort. Ook de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) heeft zich verdiept in het belang van lichaamsbeweging. De WGO stelde een aantal richtlijnen op over hoeveel lichaamsbeweging we nodig hebben om onze gezondheid op peil te houden. Bekijk de richtlijnen van de WGO en los onderstaande vragen op. Richtlijnen Wereldgezondheidsorganisatie: Jongeren (5 tot 18 jaar): 60 minuten per dag lichaamsbeweging, van matige of hoge intensiteit* en met voldoende variatie (niet altijd dezelfde vorm van lichaamsbeweging). Volwassenen (18 tot 65 jaar): 30 minuten lichaamsbeweging van matige intensiteit*, 5 dagen per week OF 20 minuten lichaamsbeweging van hoge intensiteit*, 3 dagen per week EN een tiental spierversterkende oefeningen, minstens 2x per week. Ouderen (ouder dan 65 jaar) Dezelfde richtlijnen als voor volwassen, maar aangepast aan de mogelijkheden, aangevuld met lenigheidsoefeningen en evenwichtsoefeningen. * Wat betekent matige en hoge intensiteit? - voorbeelden van lichaamsbeweging met matige intensiteit zijn stevig doorwandelen, dansen, huisdieren uitlaten, tuinieren, verven, ... - voorbeelden van lichaamsbeweging met hoge intensiteit zijn hardlopen, fietsen aan een stevig tempo, zwemmen, aerobics, competitiesporten zoals voetbal, volleybal, basketbal, tennis, …

1.

Schrijf op welke fysieke activiteiten jij vorige week hebt gedaan en bekijk of je de aan- bevolen hoeveelheid haalt. Maandag: ……………………………………………………………………………………... Dinsdag: ………………………………………………………………………………....…..... Woensdag: …………………………………………………………………………………..... Donderdag: ………………………………………………………………………………...…. Vrijdag: ………………………………………………………………………………………… Zaterdag: …………………………………………………………………………………...…. Zondag: ………………………………………………………………………………………...

Ik behaal de aanbevolen hoeveelheid:

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’

ja

nee


2.

Er zijn heel wat mensen die de aanbevolen hoeveelheid lichaamsbeweging niet halen. Hieronder lees je de meest genoemde redenen daarvoor. Bedenk voor elke reden een geschikte oplossing.

1.

Tijdsgebrek oplossing: ....................................................................................................................................... ........................................................................................................................................................ ........................................................................................................................................................

2.

Gebrek aan motivatie oplossing: ....................................................................................................................................... ........................................................................................................................................................ ........................................................................................................................................................

3.

Geen of onvoldoende begeleiding oplossing: ....................................................................................................................................... ........................................................................................................................................................ ........................................................................................................................................................

4.

Gevoel van schaamte of incompetentie oplossing: ....................................................................................................................................... ........................................................................................................................................................ ........................................................................................................................................................

5.

Te duur oplossing: ....................................................................................................................................... ........................................................................................................................................................ ........................................................................................................................................................

6.

Beperkte toegang tot faciliteiten, bijvoorbeeld geen sportzaal in de buurt oplossing: ....................................................................................................................................... ........................................................................................................................................................ ........................................................................................................................................................

7.

Onwetendheid over de voordelen van lichaamsbeweging oplossing: ....................................................................................................................................... ........................................................................................................................................................ ........................................................................................................................................................

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Kruiswoordraadsel Los onderstaand kruiswoordraadsel op. Als je alle juiste antwoorden invult, verschijnt er een nieuw woord. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12.

Organisatie opgericht in 1999. Ze publiceert een dopinglijst en voert dopingcontroles uit. Regelmatige beoefening van sport verkleint de kans op deze groep van aandoeningen die de belangrijkste doodsoorzaak van Belgen vormt. Hormoon waarvan de concentratie toeneemt door beweging. Het geeft een goed gevoel en verklaart de zogenaamde ‘runner’s high’. Vorm van doping waarbij men aan de erfelijke eigenschappen van de atleet sleutelt, in een poging om zijn prestaties te verbeteren. Principe van rechtvaardigheid en eerlijkheid in sport en spelsituaties. Ongeschreven gedrags- regels tegenover andere spelers, publiek en scheidsrechter. Naam voor een stoornis in het lichaamsbeeld van mensen. De personen die hieraan lijden willen kost wat kost een groter, sterker en breder lichaam. Een vorm van body dysmorphic disorder. Gevolg van overbelasting of van een ongeluk tijdens het sporten. Populair dopingproduct in de jaren tachtig. Werkt oppeppend op korte termijn, maar is eerder uitputtend op iets langere termijn, doordat het de slaap en eetlust ondermijnt. Figuur, dier of vlag die een sportploeg vertegenwoordigt op affiches, tijdens wedstrijden, ... Wat sport spannend maakt en zorgt voor de uitdaging en samenhorigheid en waardoor mensen soms ook te ver gaan en onsportief gedrag vertonen. Wat een sporter doet om beter te worden, oefenen. Hoeveel stappen we per dag moeten zetten volgens een recente campagne ter promotie van lichaamsbeweging.

_

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Gezondheidseffecten Lichaamsbeweging heeft een positieve invloed op het welzijn en de gezondheid. Hieronder vind je verschillende lichamelijke effecten van lichaamsbeweging. Duid op de tekening de plaats aan waar ze optreden. (Zet de letter op de juiste plaats in de tekening) Bekijk daarna de gezondheidseffecten en verbind ze met de lichamelijke effecten. Schrijf op de stippellijn het nummer van het gezondheidsvoordeel dat eruit volgt. A. B. C. D. E. F. G. H. I. J.

hersenen - de hoeveelheid endorfine stijgt ……. longinhoud - groter volume ……. hart - groter slagvolume/daling hartslag in rust ……. hart - bloeddruk daalt ……. darmen - bevordering van de spijsvertering ……. hart, spieren - stress daalt ……. milt - aanmaak van afweerstoffen ……. bloed - insuline wordt werkzamer ……. lichaam - vetpercentage daalt ……. beenderen - botdensiteit stijgt …….

1. beschermt tegen osteoporose 2. beschermt tegen depressieve klachten, verhoogt zelfvertrouwen 3. beschermt tegen darmkanker 4. verhoogde aanvoer van zuurstof 5. betere doorbloeding organen, meer energie 6. beschermt tegen hart- en vaatziekten 7. kans op obesitas en hart- en vaatziekten daalt 8. bescherming tegen hart- en vaatziekten, kanker, depressie, ... 9. beschermt tegen diabetes 10. betere weerstand tegen infecties Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Wereldrecords In topsport wordt duidelijk tot welke uitzonderlijke prestaties de mens in staat is. Vooral bij atletiek vertaalt zich dat in wereldrecords. 1.

Onderstaande tabel geeft de evolutie van de wereldrecords van het hoogspringen bij de mannen weer. Bekijk de grafiek en teken hem verder in de lijn van de verwachtingen. Los daarna de vragen op.

Hoe hoog voorspel je dat de mens zal springen in 2150? ……………………………………….................. Vind je deze voorspelling realistisch? ……...…………….……………………………………....................... Waarom wel of waarom niet? …………………………………………………………………..………………… …………………………………………………………………………...…….................................................... Hoe komt het denk je dat vanaf 1960 een opvallende stijging te zien is? ……………………………………………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………………………………………… …………………………………....................................................................................................................

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


2.

Hieronder zie je een tabel met de evolutie van de wereldrecords op de 100 meter sprint bij de mannen en bij de vrouwen. Bekijk de grafieken en teken ze verder volgens de lijn van de verwachtingen. Los daarna de vragen op.

Als beide grafieken dezelfde lijn blijven volgen zullen ze elkaar kruisen, dat wil zeggen dat de vrouwen de mannen zouden inhalen. Vind je deze voorspelling realistisch? ………………………………………… Waarom wel of waarom niet? ………………………………………………………………............................. ………………………………………………………………………………………………….............................. Wat kunnen de redenen zijn waarom de wereldrecords van de vrouwen veel sneller evolueerden dan die van de mannen? ……………………………………………………………………………………………………………………… ………………………………………………………………………………………………………………………. ……………………………………………………………………………………………………………………… ………………………………………………………………………………………………………………………. Hoe zou de plotse daling in de jaren negentig te verklaren kunnen zijn? ……………………………………………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………………………………………….

3.

De grenzen van het menselijk kunnen

Denk je dat de mens zijn grenzen stilaan heeft bereikt? ………………………………………...................... ................................................................................................................................................................... Op welke manieren kunnen we onze grenzen nog meer verleggen? ……………………………………………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………………………………………… ……………………………………………………………………………………………………………………….

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Gedachte-experiment doping Lees onderstaande tekst, beantwoord de vragen en bespreek in de klas. Veronderstel dat er een pil bestaat die volledig is samengesteld uit natuurlijke ingrediënten komende van kruiden die enkel en alleen worden gevonden in Taiwan. Het middel wordt in Taiwan met succes geproduceerd, maar de Westerse medische wetenschap kent het niet. Dit medicijn wordt reeds 3000 jaar gebruikt zonder schadelijke effecten. Nieuwe toepassingen hebben aangetoond dat het gebruik ervan in een sportcontext onverwachte en opmerkelijke prestatieverbeteringen teweegbrengt. Mogen atleten deze pil gebruiken?

ja

nee

Zo nee, om welke redenen niet? ................................................................................................................................................................... ................................................................................................................................................................... ................................................................................................................................................................... ................................................................................................................................................................... Zo ja, waarom is deze pil aanvaardbaar en andere dopingmiddelen niet? ……………………………………………………………………………………………………………………… ………………………………………………………………………………………………………………………. ................................................................................................................................................................... ................................................................................................................................................................... Veronderstel dat deze pil op de dopinglijst staat maar niet detecteerbaar blijkt. Zou jij deze pil als sporter gebruiken? ................................................................................................................................................................... ................................................................................................................................................................... ................................................................................................................................................................... ................................................................................................................................................................... Veronderstel dat de pil wordt toegelaten, maar extreem duur is. Hoe zou je er dan tegenover staan? ................................................................................................................................................................... ................................................................................................................................................................... ................................................................................................................................................................... ...................................................................................................................................................................

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Begrijpend lezen Lees onderstaande tekst en beantwoord de vragen. Is iedere sporter straks een Superman? De nieuwste vorm van doping, gendoping, dreigt het aanzien van de sport drastisch te veranderen. Voorgoed. Is iedere sporter straks een Superman? In een grijs verleden, op de Olympische Winterspelen van Innsbruck in 1964, won de Finse langlaufer Eero Mäntyranta de 15 en 30 kilometer met zo’n enorme overmacht, dat hij nog lang de verdenking van dopinggebruik moest aanhoren. Pas jaren later bleek dat Mäntyranta inderdaad iets in zijn bloed had, maar met doping had dat niets te maken. Door een genetische mutatie maakte de Fin veel meer rode bloedcellen aan dan zijn tegenstanders. Hij kon daardoor 25 tot 50 procent meer zuurstof vervoeren en had dus al een enorme voorsprong voordat het startschot was gevallen. Tot voor kort waren je erfelijke eigenschappen het enige waar je als sporter niet aan kon sleutelen; je had het maar te doen met het lichaam waarin je was geboren. Mensen met een uitzonderlijke erfelijke aanleg zoals Mäntyranta hadden geluk, de rest van het deelnemersveld had pech. Tegenwoordig is dat door alle ontdekkingen rond gentherapie allemaal veranderd. Gentherapie als heelmiddel Niet alleen is het menselijk genoom – het complete overzicht van de erfelijke eigenschappen – in kaart gebracht, wetenschappers ontdekten ook een aantal manieren om erfelijke eigenschappen te isoleren en deze te verhuizen van het ene organisme naar het andere. De ontwikkelingen zijn razendsnel gegaan. Ooit was de genetisch bewerkte stier Herman nog voorpaginanieuws, begin dit jaar overleed hij op 13-jarige leeftijd in betrekkelijke stilte. In de tussentijd is gentherapie een serieuze behandelmethode voor zieke mensen geworden. Meer dan drieduizend mensen zijn er al (experimenteel) mee behandeld. Vooral met kanker, auto-immuunziekten en aangeboren afwijkingen hopen artsen via gentherapie successen te boeken. Epo In de sportwereld worden de ontwikkelingen rond gentherapie op de voet gevolgd. Want binnen afzienbare tijd kan iedere sporter die de goede (of liever foute) wetenschappers om zich heen verzamelt zijn erfelijke eigenschappen laten veranderen om beter te presteren. Hij kan er bijvoorbeeld voor kiezen om zich te laten ombouwen tot een soort kopie van Eero Mäntyranta. Dat is relatief eenvoudig: hij laat een bewerkt virus – de vector – extra genen voor de aanmaak van het hormoon Epo (erytropoëtine) afleveren in zijn lichaamscellen, waardoor hij meer rode bloedcellen gaat aanmaken. Het resultaat is een drastisch toegenomen uithoudingsvermogen. Dat klinkt misschien makkelijker dan het is. Recent kreeg het onderzoek naar gentherapie om meer Epo te maken een grote tegenslag te verwerken toen bleek dat behandelde apen aanvankelijk wel meer Epo gingen aanmaken, maar vervolgens antistoffen ontwikkelden tegen het hormoon, zodat het tegengestelde van het verlangde effect werd bereikt: een ernstige vorm van bloedarmoede. Krachtratten Toch lijken de mogelijkheden van gendoping nog steeds bijna onbeperkt. Eén van de belangrijkste experts op dit gebied, prof. Lee Sweeney van de Universiteit van Pennsylvania, gaf een prachtige demonstratie van de enorme prestatievergroting die gentherapie kan veroorzaken. Sweeney bracht bij een aantal ratten in één pootje de groeifactor IGF-1 in, en zette hen op een 8 weken durend trainingsprogramma. De krachttoename in de behandelde pootjes was bijna twee keer zo groot als in de onbehandelde pootjes. Bij ratten die niet hoefden te trainen, leidde de behandeling tot een krachttoename van 15 procent. Sweeney werkt nu aan een methode om de ingebrachte genen ‘aan’ en ‘uit’ te zetten.

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Gendopingverbod Het werk van Lee Sweeney kreeg wereldwijd veel belangstelling. Begin dit jaar verklaarde hij dat zijn mailbox voor de helft volzat met mails van atleten en trainers, en dat er wekelijks tientallen telefoontjes binnenkwamen van atleten die zich beschikbaar wilden stellen als menselijk proefkonijn voor zijn onderzoek naar IGF-1. Het Internationaal Olympisch Comité wist niet hoe snel het een verbod moest uitvaardigen tegen het rommelen met de erfelijke eigenschappen van sporters en definieerde genetische doping als ‘Het niettherapeutisch gebruik van genen, genetische bouwstenen en/of cellen die de mogelijkheid hebben de sportprestaties te verbeteren.’ Gendoping werd op de internationale dopinglijst geplaatst. Dubbelgespierd? Er zijn al meer dan honderd genen bekend die gebruikt kunnen worden voor prestatieverbetering. In de veehouderij kent men bijvoorbeeld koeienrassen zoals de Belgian Blue en Piedmontese, die er dankzij een natuurlijke mutatie uitzien alsof ze aan bodybuilding doen. Met de ontwikkelingen op het gebied van gentherapie is dit ook voor mensen haalbaar geworden. Andere ‘interessante’ genen coderen het hormoon Epo, dat zorgt dat je bloed meer zuurstof kan vervoeren. En het is ook mogelijk je lichaam meer pijnstillende endorfinen te laten produceren, zodat je langer kunt doorgaan met een prestatie. En er is ook de insuline-achtige groeifactor (IGF-1), ook wel het ‘Schwarzenegger-gen’, dat spieren laat groeien. Gentherapie is betrekkelijk veilig gebleken; van de ruim 3.000 patiënten die ermee werden behandeld, overleden er slechts drie aan de gevolgen van gentherapie. Maar stiekem geknutsel in achteraf-laboratoria kan rampzalige gevolgen hebben. Olivier de Hon, beleidsmedewerker van het Nederlands Centrum voor Dopingvraagstukken, verwacht dat onder amateursporters de grootste klappen zullen vallen in de vorm van medische problemen. ‘Ook bij de huidige methoden van doping zijn de gezondheidsproblemen het grootst in het niet-georganiseerde circuit.’ En genetische doping brengt nieuwe potentiële gevaren met zich mee. ‘De voornaamste bijwerkingen komen van de eiwitten zelf. IGF-1 bevordert bijvoorbeeld de ontwikkeling van kanker.’ Verder kunnen gebruikers ‘doodziek’ worden van vervuilde DNA-preparaten, en is er een minieme kans dat er een nieuw, gevaarlijk virus ontstaat. Het grootste risico is dat gewoon nog onduidelijk is wat precies de gevolgen zijn van genetische doping; bij dierproeven zijn ook volslagen onverwacht grote tegenslagen opgetreden. Zo doe je dat Genmanipulatie is behoorlijk hightech. Versimpeld komt het erop neer dat je de genen in je celkernen kunt zien als de software waar je lichaam op draait. Al je lichamelijke eigenschappen zijn erin beschreven. Zo is er bijvoorbeeld een stukje DNA waarin staat beschreven hoe het hormoon Epo wordt opgebouwd. Dit DNA wordt ingebouwd in een virus dat zich niet buiten het laboratorium kan vermenigvuldigen, en vervolgens geïnjecteerd in het spierweefsel. Zodra dit virus de informatie in je cellen heeft afgeleverd, starten die aan de productie van extra Epo, waardoor je prestaties worden vergroot. Maar de medaille heeft ook een keerzijde: doordat de stroperigheid van je bloed toeneemt, krijg je een grotere kans op verstoppingen in de vorm van hartklachten of een herseninfarct. Er zijn ook minder drastische methoden van gentherapie. Zo zijn er experimenten gedaan waarbij spiercellen buiten het lichaam worden blootgesteld aan een bewerkt virus zodat ze extra Epo maken, waarna ze onderhuids worden teruggeplaatst als een soort Epo-fabriekje. Dat ook weer kan worden verwijderd. Het is niet zozeer de vraag of genetische doping gaat opduiken, maar eerder wanneer en waar. Velen wijzen naar de voormalige Sovjet-Unie, waar veel wetenschappers zonder fondsen zitten, maar wel beschikken over de kennis die nodig is voor het toepassen van genetische doping. En ook in andere landen staan malafide wetenschappers in de startblokken. Een lid van het World Anti Doping Agency verklaarde onlangs dat het niet moeilijk is om een genlab in te richten: ‘Ze zouden niet wetenschappelijk verantwoord werken of voldoen aan veiligheidsvoorwaarden, maar het kan wel worden gedaan zonder veel geld of denkkracht.’ Bron: http://www.menshealth.nl, Gezondheid

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Vragen bij de tekst 1.

Hoe definieert het Internationaal Olympisch Comité ‘gendo ping’? ................................................ ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... .........................................................................................................................................................

2.

Wat zijn de gevaren van gendoping? ............................................................................................. ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... .........................................................................................................................................................

3.

Wat zijn de mogelijke voordelen van gendoping? .......................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... .........................................................................................................................................................

4.

Denk je dat gendoping snel een realiteit zal zijn? .......................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... .........................................................................................................................................................

5.

Vind je gendoping een bedreiging voor de (top)sport? Waarom wel of waarom niet? ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... .........................................................................................................................................................

6.

Hoe moeten we omgaan met atleten met een uitzonderlijke genetische aanleg? Moeten we ze diskwalificeren of moeten we andere atleten toelaten om via gendoping op gelijke hoogte te ko- men? Wat als het verschil tussen aangeboren en aangemaakt niet meer valt aan te tonen? ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... .........................................................................................................................................................

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Wetenschap en techniek De Zuid-Afrikaanse 400m-loper Oscar Pistorius (zie foto) is geamputeerd aan beide benen en loopt met protheses van koolstof. Hij wilde deelnemen aan de Olympische Spelen in Peking, maar er werd gevreesd dat zijn protheses hem oneerlijk voordeel zouden kunnen opleveren. Uiteindelijk achtte men dit voordeel niet voldoende bewezen en mocht hij deelnemen aan de preselecties. Daar haalde hij de Olympische limiet echter niet waardoor hij niet kon meedoen aan de Olympische Spelen. Hij nam nadien wel deel aan de Paralympics en behaalde er goud op de 100 meter en de 400 meter.

Beantwoord volgende vragen en bespreek met je klasgenoten. 1.

Wat was volgens jou de juiste beslissing: toelaten tot de Olympische Spelen of niet? Waarom wel of waarom niet? ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... .........................................................................................................................................................

2.

Hebben atleten met een handicap het recht om zich te meten met hun collega’s zonder handicap? ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... ......................................................................................................................................................... .........................................................................................................................................................

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Innovaties in de sport A. B.

Zoek de onderstaande wetenschappelijke en technische innovaties op: in welke sport worden ze toegepast en welk voordeel leveren ze een atleet op? Ga na welke innovaties toegelaten zijn en welke niet. Omcirkel toegelaten of verboden. Vind je de toelating of het verbod rechtvaardig?

1.

LZR racer - sport: ............................................................................................................................................ - voordeel: ...................................................................................................................................... - toegelaten of verboden

2.

Dolphin Kick - sport: ………………………………………………………………………………………….................. - voordeel: ……………………………………………………………………………………................... - toegelaten of verboden

3.

Oortje - sport: ………………………………………………………………………………………….................. - voordeel: ……………………………………………………………………………………................... - toegelaten of verboden

4.

Olieschaatsen - sport: ………………………………………………………………………………………….................. - voordeel: ……………………………………………………………………………………................... - toegelaten of verboden

5.

Fosbury Flop - sport: ………………………………………………………………………………………….................. - voordeel: ……………………………………………………………………………………................... - toegelaten of verboden

6.

Epo - sport: ………………………………………………………………………………………….................. - voordeel: ……………………………………………………………………………………................... - toegelaten of verboden

7.

Trilplaat - sport: ………………………………………………………………………………………….................. - voordeel: ……………………………………………………………………………………................... - toegelaten of verboden

8.

Hartslagmeter - sport: ………………………………………………………………………………………….................. - voordeel: ……………………………………………………………………………………................... - toegelaten of verboden

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Stellingen Lees de stellingen. Omcirkel telkens ‘akkoord’ of ‘niet akkoord’. Nadien volgt een klasgesprek. 1.

Sport is gezond

Ik ga akkoord

2.

Sport zonder doping kan niet

Ik ga akkoord

3.

Winnen is belangrijker dan deelnemen

Ik ga akkoord

4.

Wetenschap en techniek zijn onmisbaar in de sport

Ik ga akkoord

5.

De grenzen van het menselijk prestatievermogen zijn bereikt

Ik ga akkoord

6.

Ongelijkheid in de sport is nodig

Ik ga akkoord

7.

Sport is goed voor de morele ontwikkeling

Ik ga akkoord

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’

Ik ga niet akkoord

Ik ga niet akkoord

Ik ga niet akkoord

Ik ga niet akkoord

Ik ga niet akkoord

Ik ga niet akkoord

Ik ga niet akkoord


Stellingen: argumenten Hieronder lees je enkele argumenten voor en tegen bij elke stelling. Bespreek in de klas en ga na of deze argumenten invloed hebben op je oorspronkelijke antwoord. 1. Sport is gezond Akkoord: - lichaamsbeweging kan het risico op bepaalde aandoeningen verminderen: hart- en vaatziek ten, type 2 diabetes, beroertes, borstkanker en darmkanker - lichaamsbeweging heeft een positieve invloed op bloeddruk, osteoporose, rugpijn, lichaams- gewicht, mentale gezondheid en welbevinden - sport wordt gebruikt als onderdeel bij de behandeling van bepaalde aandoeningen, bijvoor- beeld depressie Niet akkoord: - bij bepaalde sporten zoals vechtsporten of voetbal is het onvermijdelijk dat men eens een blessure oploopt - overbelasting kan leiden tot blessures - van jongs af aan beĂŻnvloedt intensief sporten de ontwikkeling van het lichaam - lange tijd intensief sporten kan zorgen voor slijtage - sporters staan soms onder enorme druk wat voor stress zorgt 2. Sport zonder doping kan niet Akkoord: - zonder doping zijn de wedstrijden vandaag te zwaar en te belastend - het is begrijpelijk dat sporters naar doping grijpen, het is immers een makkelijke manier om beter te worden - sporters staan teveel onder druk van trainers, sponsors en media - veel sporters nemen doping omdat ze denken dat anderen doping nemen Niet akkoord: - de wedstrijden moeten menselijker worden zodat doping niet nodig is - met een goed beleid en strenge straffen kan men het dopingprobleem wel wegwerken - er mag met sport geen geld te verdienen zijn - dit zou de wedstrijd oneerlijk maken voor de atleten die verkiezen om geen doping te gebrui- ken 3. Winnen is belangrijker dan deelnemen Akkoord: - winnen is het doel in alle sporten - als winnen niet belangrijk is, dan is sport niet meer leuk en spannend Niet akkoord: - voor topsporters is winnen belangrijk, maar voor recreatieve sporters is deelnemen belangrij- ker - sport kan ook leuk zijn zonder dat er een winnaar moet zijn 4. Wetenschap en techniek zijn onmisbaar in de sport Akkoord: - doordat alle sporters zoveel trainen, kan men enkel met de hulp van wetenschap en techniek nog het verschil maken - wetenschap en techniek zijn nodig om de veiligheid en gezondheid van sporters te bescher- men - medische wetenschap is nodig om blessures te voorkomen en te genezen - zonder wetenschap en techniek zou men de huidige records niet kunnen evenaren

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Niet akkoord: - er wordt vaak teveel verwacht van allerlei nieuwigheden, maar gewoon veel trainen is vol- doende om het goed te doen - wetenschappelijke toepassingen zijn gericht op en getest door topsporters, terwijl ook het grote publiek zich vaak onnodig met de snufjes uitrust - het menselijke kunnen moet het verschil maken, niet de technologie 5.

De grenzen van het menselijk prestatievermogen zijn bereikt Akkoord: - sommige records worden nog gebroken, maar dat kan niet blijven duren - records worden enkel nog met honderdsten van seconden of millimeters gebroken - iemand zonder gespecialiseerde kledij of materiaal kan de records onmogelijk evenaren - verbeteringen kunnen enkel nog door doping of gendoping Niet akkoord: - er wordt altijd wel een nieuw hulpmiddel gevonden waardoor men nog iets verder kan gaan - door nog meer en nog efficiënter te trainen zijn verbeteringen zeker mogelijk - het is altijd mogelijk dat er iemand wordt geboren met uitzonderlijke talenten - de mens is altijd in staat zich te verbeteren, ook al is het zeer miniem

6. Ongelijkheid in de sport is nodig Akkoord: - beter zijn dan de andere is het doel in sport, anders is er geen winnaar en verliezer Niet akkoord: - er moeten zoveel mogelijk inspanningen worden geleverd en investeringen gebeuren om ge- lijke kansen te creëren - dat is net de reden waarom er binnen elke sporttak verschillende categorieën bestaan: mannen / vrouwen, zwaargewichten / pluimgewichten, … - ongelijkheid is niet nodig, maar onvermijdelijk (aanleg, financiën, geboorteplaats, …) 7. Sport is goed voor de morele ontwikkeling Akkoord: - sport leert ons eerlijk te winnen en waardig te verliezen - sport brengt ons waarden bij als fair play, respect, samenwerken en het respecteren van regels Niet akkoord: - sport is doordrongen met elementen als rivaliteit, agressie, vals spelen en het vernederen van van tegenstanders - ongepast gedrag wordt aangemoedigd door voorbeeldfiguren (bijvoorbeeld de brullende vader langs de zijlijn of de trainer die aanzet tot oneerlijk spel) - het gevoel van eigenwaarde kan erg dalen (bijvoorbeeld door nooit gekozen te worden om in een team te zitten)

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Oplossingen Wat is sport Het doel van deze oefening is de leerlingen laten nadenken over het concept sport zodat ze begrijpen dat we onder deze noemer heel wat uiteenlopende activiteiten samenbrengen. Tussen topsport aan de ene kant en ontspannende lichaamsbeweging aan de andere kant ligt een hele waaier aan activiteiten. Het is belangrijk dat we niet alles over dezelfde kam scheren als we iets willen vertellen over de sportende mens, de invloed van biotechnologische ontwikkelingen en de relatie tussen sport en gezondheid. Deze oefening zorgt ervoor dat leerlingen een beter begrip hebben van wat sport is. De meeste leerlingen zullen bekende sporten aanhalen zoals voetbal, wielrennen, ... Misschien zijn er ook een aantal voorbeelden waarbij sommige leerlingen vraagtekens plaatsen. Zoniet, introduceer dan zelf voorbeelden als joggen, yoga, biljart, autorally, ballet, kite-surfen, … Bespreek met de leerlingen wanneer iets sport is of niet. Gebruik deze vragen als leidraad: - Is de term sport enkel van toepassing op fysieke activiteiten? - Is er sport zonder competitie? Moet er altijd een winnaar en verliezer zijn? - Heeft elke sport spelregels? - Zijn enkel de disciplines die op het programma van de Olympische Spelen staan sport? Besluit: Wat door de ene als sport wordt beschouwd, is dat voor de andere niet. De vraag wat sport is, wordt door verschillende personen op verschillende momenten anders beantwoord.

Kruiswoordraadsel 1. WADA 2. HART- EN VAATZIEKTEN 3. ENDORFINE 4. GENDOPING 5. FAIR PLAY 6. ADONISCOMPLEX 7. BLESSURE 8. AMFETAMINE 9. MASCOTTE 10. COMPETITIE 11. TRAINEN 12. TIENDUIZEND Woord: WERELDRECORD

Lichaamsbeweging doet je goed A2 - B4 - C5 - D6 - E3 - F8 - G10 - H9 - I7 - J1

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


Wereldrecords 1.

Hoogspringen Hoe komt het denk je dat vanaf 1960 een opvallende stijging te zien is? Rond deze periode werden de records bij heel wat sporten aanzienlijk scherpgesteld. De stijgende lijn van de records kan worden verklaard door verschillende factoren waaronder verbeteringen aan het materiaal, het toenemende trainingsvolume, betere trainingsmethoden en het gebruik van al dan niet verboden middelen. Specifiek voor het hoogspringen zijn de verbeterde springtechnieken zoals de schaarsprong, de rolsprong en natuurlijk de fosburyflop.

2.

100 meter mannen en vrouwen Wat kunnen de redenen zijn waarom de wereldrecords van de vrouwen veel sneller evolueerden dan die van de mannen? Topsport is lange tijd een mannenzaak geweest, vrouwen zijn pas later op topniveau gaan sporten. Zij beschikten onmiddellijk over betere infrastructuur en kennis over training en techniek omdat werd voortgebouwd op de ervaring bij de mannen. Dat maakte grotere sprongen vooruit mogelijk. Hoe zou de plotse daling in de jaren negentig te verklaren kunnen zijn? Records voor sporten waarbij spiermassa belangrijk is, werden misschien niet toevallig gevestigd in de topjaren van het gebruik van anabole steroïden. Nu wordt er streng gecontroleerd op het gebruik van anabole steroïden en andere dopingmiddelen. Een andere mogelijkheid is dat we de grenzen van het prestatievermogen bereiken en dat er dus niet veel verbetering meer mogelijk is.

3.

De grenzen van het menselijk kunnen Denk je dat de mens zijn grenzen stilaan heeft bereikt? Sinds de jaren negentig komt er een einde aan de evolutie en zien we dat heel wat records min of meer op hetzelfde niveau blijven. Dit suggereert dat we de grenzen van het menselijk prestatievermogen naderen. Op welke manieren kunnen we onze grenzen nog meer verleggen? De grenzen van het menselijk vermogen, zonder hulpmiddelen, alsof we naakt en met een minimum aan training aan de startstreep zouden verschijnen, zijn al lang geleden bereikt en overschreden. Vandaag maken vooral beter materiaal en betere trainingsmethoden het nog mogelijk om records te breken. Sportief succes is ondenkbaar geworden zonder de hulp van wetenschap en techniek, ze helpen ons de fysieke grenzen van het menselijk lichaam te verleggen.

Wetenschap en techniek 1.

de LZR racer - sport: zwemmen - voordeel: dit waterafstotend zwempak, ontwikkeld door ruimtevaartorganisatie NASA, laat je sneller vooruitkomen in het water (mits een aangepaste zwemtechniek) - toegelaten of verboden: toegelaten

2.

Dolphin Kick - sport: zwemmen - voordeel: een onderwatertechniek waarbij men een aantal krachtige beenslagen geeft, hier- door maakt men gebruik van de geringere weerstand van het water en de extra kracht van de beenslag en gaat men sneller vooruit - toegelaten of verboden: verboden, wegens publieksonvriendelijk en gevaarlijk (risico op zuur stoftekort), later toegelaten tot op 15 meter na de start of het keerpunt.

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


3.

Oortje - sport: voornamelijk gebruikt in het wielrennen - voordeel: dankzij dit in of op het oor gedragen luidsprekertje staan de atleten in contact met de trainer of ploegleiding, daardoor zijn de sporters beter geïnformeerd en beter in staat tactische beslissingen te nemen - toegelaten of verboden: toegelaten, hoewel er discussie rond bestaat

4.

Olieschaatsen - sport: schaatsen - voordeel: de ijzers van de schaats hebben een klein reservoir met olie, door kleine gaatjes druppelt er olie op de ijzers, zodat er minder wrijving is tussen de schaats en het ijs en er sneller kan geschaatst worden - toegelaten of verboden: verboden, het zou schadelijk kunnen zijn voor het milieu

5.

Fosbury Flop - sport: hoogspringen - voordeel: men gaat eerst met het hoofd over de lat en dan pas met het lichaam, daardoor gaat de hoogspringer relatief makkelijk over de lat, terwijl het zwaartepunt van het lichaam er onderdoor gaat - toegelaten of verboden: toegelaten

6.

Epo - sport: duursporten, zoals wielrennen, triatlon, marathon, … - voordeel: dit dopingproduct zorgt voor een betere zuurstoftoevoer en vergroot het uithoudingsvermogen - toegelaten of verboden: verboden

7.

Trilplaat - sport: fitness, trainingen van allerlei sporten - voordeel: de trillingen van de trilplaat brengen het lichaam uit balans waarop het lichaam in een reflex de spieren aanspant, het gevolg is een krachttoename - toegelaten of verboden: toegelaten

8.

Hartslagmeter - sport: trainingen van alle sporten - voordeel: aan de hand van de hartslag kan men bepalen of men de weerstand van het lichaam traint of het uithoudingsvermogen, de hartslagmeter maakt dus efficiëntere training mogelijk - toegelaten of verboden: toegelaten

Stellingen Bij de stellingen vindt u enkele argumenten voor en tegen die kunnen aangehaald worden tijdens het klasgesprek. Deze argumenten kan u gebruiken om de discussie te leiden. Of u kan ze uitdelen aan de leerlingen en ze zelf de argumenten laten beoordelen.

Lespakket ‘stilstaan bij bewegen’


De Maakbare Mens vzw Lange Leemstraat 57 2018 Antwerpen 03/233 70 32 www.demaakbaremens.org info@demaakbaremens.org Wettelijk depot D/2008/4923/03

V.U. Johan Braeckman, Massemsesteenweg 21, 9230 Wetteren | Lay-out Nikki Juten

Dit lespakket werd samengesteld door De Maakbare Mens vzw, met de steun van de Vlaamse Minister van Cultuur, Jeugd, Sport en Brussel