Page 1

universiteit gent  | 

Win een duo-ticket voor OdeGand by Night Prijsvraag zie pag. 32

p Pg Anita Harrewyn over het gerecht p Nieuw honoursprogramma p Campus van de UGent in Zuid-Korea 27ste jaargang | nr. 5 | nr. 224 | afgiftekantoor Gent X | periodiek tijdschrift | verschijnt tweemaandelijks | P409859 | afzendadres: Onderbergen 1, 9000 Gent

mei 2013


info@historic-hotels-ghent.com

LISBETH IMBO

77 charming rooms with private bathroom Trendy lounge / Bar Patio Fitness and sauna Breakfast room with panoramic vieuw 2 meeting rooms with daylight Medieval Cellar Free wireless internet Ancient pier: can be reached by boat Central location

49 comfortable rooms with private bathroom Trendy lounge / Bar Patio Fitness and sauna Cosy breakfast room 15 private parking places 1 meeting room with daylight Free wireless internet Central location

DECEMBER

JUNI

46 elegant rooms with private bathroom Trendy lounge / Bar Breakfast room with a relax atmosphere Patio 1 meeting room with daylight 4 Business Flats Free wireless internet Central location

www.historic-hotels-ghent.com

ANDRÉ BOUFFIOUX

Licentiaat Germaanse Taal-en Letterkunde

Burgerlijk Electrotechnisch Ingenieur

Radio- en televisiepresentatrice

CEO Siemens

Met Alumni Toptalent nodigt de UGent haar topalumni uit om voor collega-alumni een boeiende voordracht te brengen. Na de uiteenzetting bent u hartelijk welkom op een netwerkreceptie. De voordrachten beginnen om 19.00 uur Locatie: Het Pand, Onderbergen 1, 9000 Gent Meer info en inschrijven op www.UGent.be/alumniactiviteiten Poel 1 - 2 · 9000 Ghent T +32 (0)9 266 06 00 F +32 (0)9 266 06 09

Waaistraat 5 · 9000 Ghent T +32 (0)9 266 10 10 F +32 (0)9 266 10 15

Jan Breydelstraat 35 · 9000 Ghent T +32 (0)9 225 11 50 F +32 (0)9 225 18 50

info@hoteldeflandre.be www.hoteldeflandre.be

info@ghent-river-hotel.be www.ghent-river-hotel.be

info@gravensteen.be www.gravensteen.be


in dit nummer

 1

Farmalumni zoekt leden 5 Conferentie over unieke maritieme studies 6 Het strategisch plan in uitvoering 8 Poëtisch erfgoed, onderzoek waard 12 Alumni-agenda 15 Zitten of bewegen? 20 Het nieuwe honoursprogramma 22 Bekroning voor geschiedkundig werk 24 Chinese dierenartsen leren keizersnede uitvoeren 25 Negenproef met Sonia Labeau 26 Een UGent-campus in Zuid-Korea 30

Edito

Coverbeeld © Jimmy Kosolosky & Wouter Verstichel

Maatschappelijk ingebed Een universiteit staat midden in de maatschappij, zowel in haar aanbod aan opleidingen als in haar output aan onderzoek. Zonder af te willen doen aan de noodzaak van fundamenteel en theoretisch onderzoek hecht de UGent groot belang aan onderzoek dat maatschappelijke oplossingen aanreikt. Deze mei-editie van Universiteit Gent bewijst opnieuw dat we aardig slagen in die opdracht. Zo leidde onderzoek naar hoeveel mensen bewegen – en vooral niet bewegen – tot een concrete aanpak om de publieke gezondheid te verbeteren. Of maakt men wereldwijd gebruik van UGent-knowhow over het varen en manoeuvreren van schepen in ondiepe wateren. En heeft het e-learningsysteem van een UGent-onderzoekster om zieken­huisinfecties tegen te gaan, zijn weg gevonden naar duizenden professionele zorgverleners. Niet alleen onderzoek leidt tot maatschappelijke vooruitgang, ook de vereniging van mensen kan dat doen. Een bijzonder initiatief in dat verband is het nieuwe honoursprogramma, waarin de beste studenten uit verschillende faculteiten samen les volgen over diverse onderwerpen en zo over het muurtje van hun eigen discipline leren te kijken. En in een alumninummer verdient ook de vereniging van ex-studenten onze aandacht. Want door ex-studenten die uitgewaaierd zijn over de maatschappij samen te brengen, verbreden we met zijn allen onze kijk op de wereld en maken we zo samen vooruitgang mogelijk. Dat UGent-alumni hun rol in de maatschappij met verve spelen, bewijst tot slot Anita Harrewyn, procureur-generaal voor Oost- en WestVlaanderen. Zij praat onder meer over de gerechtelijke achterstand en over de pro’s en contra’s van een volksjury, maar ook over haar carrière als vrouw binnen het gerechtelijke apparaat. . Prof. Paul Van Cauwenberge, rector

Procureur-generaal Anita Harrewyn p

3

Een gesprek over studeren aan de UGent, een carrière als vrouw in de gerechtelijke wereld, het imago van de magistratuur, de rol van de volksjury bij assisenprocessen en de gerechtelijke achterstand.

Duizendpoot met ingenieursbrein p

28


 2

Procureur-generaal Anita Harrewyn over gerechtelijke achterstand

Grote ommekeer nog niet voor morgen

Anita Harrewyn, oud-studente rechten van de Universiteit Gent, rijfde de ene carrièreprimeur na de andere binnen. In 1993 werd ze de eerste vrouwelijke advocaat-generaal, in 2008 de eerste vrouwelijke eerste advocaat-generaal en in 2012 de eerste vrouwelijke procureur-generaal van Oost- en West-Vlaanderen. Een impressionante loopbaan. En toch is mevrouw Harrewyn met beide voeten op de grond blijven staan. Een aangenaam gesprek. Auteur: Christine Bonheure | Fotograaf: Nic Vermeulen

ugent


3 Waarom hebt u voor de studie rechten aan de UGent gekozen?

“Omdat ik niet goed genoeg was voor een wetenschappelijke studie (lacht). Mijn ouders waren allebei tandarts en het was wellicht logischer geweest om ook die richting uit te gaan. Maar voor mij telde het maatschappelijk engagement. Ik koos dus voor een studie rechten en daar heb ik tot op vandaag nog geen spijt van gehad.” Was u een studente die geëngageerd op de barricades ging staan?

“Neen, helemaal niet. Het studenten­ leven heb ik een beetje van op afstand bekeken. Ik verplaatste me dagelijks van Oostende naar Gent en terug. Ik studeerde veel, miste nooit een les, bereidde alle lessen voor, kleurde alle cursussen systematisch in en maakte me op die manier zelfs vrij populair. Medestudenten wisten me altijd te vinden als ze notities nodig hadden. Toen al zat dat perfectionisme erin. En ook nu nog zit ik elke dag om zeven uur achter mijn bureau, want er zijn maar zoveel uren in een dag.”

“Inderdaad, die jaren waren een enorm harde confrontatie met de werkelijkheid, maar tegelijk een zeer goede opleiding. Na één jaar stage op het kantoor van meester Willy De Clercq en Fernande Fazzi, werkte ik voor meester Piet Van Eeckhaut en die gooide me er gewoon in, het was zwemmen of verdrinken. Die balie-ervaring heb ik mijn hele leven lang meegedragen. Ik ben er trouwens van overtuigd dat baliewerk een voorbereidende must is voor alle magistraten. Uiteindelijk ben ik met pleiten gestopt omdat ik het vrij moeilijk vond om misdadigers te verdedigen. Voor mij primeerde het maatschappelijk belang.” Sinds 6 maart 2012 bent u de eerste vrouwelijk procureurgeneraal van het gerechtelijk gebied Oost- en WestVlaanderen, een hoge functie en een echte primeur …

“Ik onderbreek u eventjes, ik was wel de eerste in Oost- en WestVlaanderen, maar Anne Thilly in Luik en Christine Deckers in Antwerpen zijn me voorgegaan als vrouw.”

Veel is afhankelijk van hoe je met die voorvallen omgaat en hoe je er als mens op reageert.” Kunt u me uitleggen wat de taak van een procureurgeneraal precies inhoudt?

“Ik draag eigenlijk drie petjes. In de eerste plaats heb ik de leiding over het parket-generaal (het openbaar ministerie (OM) verbonden aan het hof van beroep van Gent, n.v.d.r.) en

het auditoriaat-generaal (het OM verbonden aan het arbeidshof, n.v.d.r.). Beide corpsen samen tellen

op dit ogenblik in totaal 27 magistraten. Zij zetelen o.m. op de correctionele en burgerlijke zittingen van beide hoven. Verder doe ik, als lid van een vijfkoppig college van procureurs-generaal, beleidsmatig werk ten behoeve van het ganse OM. En als derde luik ben ik het hoofd van de parketten en de arbeidsauditoraten van de provincies Oost- en West-Vlaanderen. U merkt het, alles samen een meer dan voltijdse functie (lacht).” Hoe gaat u om met het vrij repressieve imago van

Toch kan je het aantal vrouwen

de staande magistratuur?

Hebben uw universiteitsjaren

in een vergelijkbare hoge

Raakt u dat persoonlijk?

u als mens veranderd?

functie op de vingers van

“Goh, een moeilijke vraag. Je wordt volwassen, ja, maar of dat specifiek met de universiteit te maken heeft? In mijn tijd – ik ben afgestudeerd in 1972 en dat is heel lang geleden – doceerden mensen als professor Delva, professor Limpens en professor Callewaert met heel veel passie en kennis over hun werk, dus je neemt wel wat van hun boodschappen mee. Maar de levenservaringen van daarna hebben veel meer impact gehad.”

één hand tellen. Bent u ooit

“Eigenlijk wel, maar dat is eigen aan de functie. Het OM zet de straf­ vervolging in en vordert de straffen. Het enige wat het grote publiek kent, is een parket, een onderzoeksrechter, de politie, en wat er in de pers komt. De media geven echter een heel vertekend beeld van wat justitie allemaal doet. Het evenwicht tussen het gemakkelijke en het grondige verhaal is volledig zoek, zelfs in de kwaliteitskranten. Krantentitels moeten vandaag de dag vooral goed klinken, want alleen dat doet kranten verkopen. De artikels zijn korter, minder diepgaand, oppervlakkiger en gaan mee met het gemor van het volk. Ik vind dat een gevaarlijke evolutie.”

Verwijst u nu naar uw ervaringen tijdens de zes en een half jaar dat u aan de balie van Gent hebt gepleit?

geconfronteerd geweest met het beruchte ‘glazen plafond’?

“Neen, ik heb nooit negatieve zaken ervaren omdat ik vrouw ben. Volgens mij komt het erop aan hoe je presteert, meer dan of je nu man of vrouw bent. Toen ik in de jaren 70-80 begon, was dat vrouwzijn meer een issue. Waar ik ook terechtkwam, steeds moest ik me bewijzen. Dat liep echter altijd vlot en ik hoorde geregeld zeggen: ‘Ze doet dat toch niet zo slecht hé, voor een vrouw’ (lacht). Nu is dat fel verminderd. Ik ben al bezig vanaf 1978 en heb al heel wat meegemaakt als magistraat.


4 En het volk mort steeds meer.

“Terecht! Want alleen zo kunnen dingen veranderen. Maar het mag niet omslaan naar de verkeerde kant. Het OM moet steeds rekening houden met de maatschappelijke gevoeligheden van bepaalde thema’s. Denk maar aan de ramkraken en de diefstallen met geweld die een zeer zware impact hebben op de maatschappij. Dat vraagt om harde repressie. Maar in andere zaken kan je als OM ook je menselijke kant laten zien en waar dat aangewezen is iets minder zware straffen vorderen of aansturen op een alternatieve bestraffing. Ik houd dat mijn magistraten steeds opnieuw voor: blijf in de eerste plaats menselijk en leg goede nuances. Het OM moet

“Ik vind niet dat het de taak van de burger is om een andere burger te gaan veroordelen.” à charge en à décharge vorderen en een objectief verhaal brengen. Elke magistraat moet steeds voor ogen houden waar de beschuldigde het meest mee geholpen is. Eigenlijk is de eerste rechter de politieman. Gaat het fout in dat eerste stadium, dan loopt het verder ook al eens fout. Als magistraat moet je daar oog voor hebben.” Dikwijls grijpen advocaten details aan om rechtszaken teniet te laten doen en daar smult de pers dan weer van. Kan daar iets tegen gedaan worden?

ugent

“Bepaalde advocaten vinden het inderdaad leuk om justitie – en in het bijzonder het OM – af en toe een loer te draaien. Ik antwoord steeds hetzelfde: ‘Zorg ervoor dat je beter bent dan die advocaat. De procedures zijn er, leef ze correct na.’ De wetten zijn echter zo complex geworden dat interpretatiefouten

vlug gemaakt zijn. Bovendien zijn niet alle wetteksten even duidelijk. Dikwijls worden oudere wetten bijgestuurd en soms opgelapt. Het blijft moeilijk.’ Hoe staat u tegenover een volksjury in een assisenproces?

“Persoonlijk ben ik tegen een volksjury. Ik vind niet dat het de taak is van de burger om een andere burger te gaan veroordelen. Waarmee ik niet wil zeggen dat die mensen het niet goed doen. Maar een proces kost op deze manier enorm veel tijd, geld en mankracht! Voor een gewone rechtbank met alleen professionele rechters zou een dossier op een andere, minder tijdrovende manier opgebouwd worden en zou het proces maar de helft van de tijd in beslag nemen. Daar komt bij dat sommige advocaten een veel groter showgehalte hebben dan andere. Omdat het zo meeslepend is om naar hen te luisteren, slagen ze erin om de volksjury in bepaalde dossiers te bespelen. Laat diezelfde advocaten dezelfde zaak voor een groep magistraten brengen en je krijgt een heel ander proces.” Wat denkt u? Wordt de volksjury ooit afgeschaft?

“Ik denk het niet, want het blijft een gevoelige kwestie. De politiek is er in ieder geval niet klaar voor. Nochtans, als je de kosten en baten afweegt, is een behandeling voor de rechtbank door professionele rechters duidelijk te verkiezen boven een volksjury.” De gerechtelijke wereld kampt met een steeds groter wordende achterstand, niet? Denkt u dat te kunnen oplossen?

“De huidige achterstand heeft met uiteenlopende factoren te maken die elkaar versterken. Zo hebben

we een achterstand op het gebied van informatica, maar door de beperkte financiële middelen kunnen we bijvoorbeeld niet iedereen zomaar een nieuwe performantere computer bezorgen en zijn de verschillende informaticasystemen nog altijd niet even compatibel. Om vooruit te kunnen, hebben we modern materiaal nodig dat werkt. Een van de topprioriteiten in mijn beleidsplan is de bewaking van de doorlooptijden en het oplossen van de gerechtelijke achterstand. Partijen in een rechtszaak moeten immers zo snel mogelijk weten wat hun lot is. Maar het blijkt een immense taak om dat in de praktijk om te zetten. Sinds ik hier bezig ben, zijn al vijf magistraten van het parket-generaal overgestapt naar een andere functie. Dat belemmert de continuïteit en maakt het heel moeilijk om alles tijdig op te volgen en binnen redelijke termijnen af te werken. We moeten dus prioriteiten stellen en ons noodgedwongen toespitsen op onze kerntaken – dat zijn voor een groot deel de zittingen. De zes magistraten van de correctionele kamers zijn bijna voltijds met correctioneel werk bezig. Dus momenteel is er voor hen heel weinig ruimte om iets anders te doen, bijvoorbeeld op beleidsmatig vlak.” Er ligt nog veel werk op de plank, niet? Ik wens u veel succes in de komende vier jaar.

“Dank u. Af en toe vraag ik me af wat ik eigenlijk gerealiseerd heb in één jaar tijd. Maar zoals ik al zei, verschillende factoren spelen een rol en beïnvloeden elkaar. Je mag de moed nooit laten zakken, want zodra je dat doet, gebeurt er helemaal niets meer. De echt grote ommekeer zal niet lukken, want de hele keten moet volgen, niet? Maar ik ben al blij met elk plasje in de zee.” 


Farmalumni op zoek naar leden

 5

Organisatorische duizendpoten ook welkom Farmalumni is de kersverse alumnivereniging van de faculteit Farmaceutische Wetenschappen van de UGent. Volgens de initiatiefnemers komt die er geen moment te vroeg. Het hoofddoel? Farmaceutici en de faculteit zelf een extra mogelijkheid bieden om een professioneel netwerk uit te bouwen. Auteur: Christine Bonheure | Fotograaf: Nic Vermeulen V.l.n.r.: Sofie De Sutter, Huybrecht T’jollyn en Bart Geers

De centrale alumniwerking is al jaren vragende partij om zo veel mogelijk alumniverenigingen op te starten. Door een speling van het lot werd Tom Coenye voor twee jaar aangeduid als vertegenwoordiger in de centrale alumniraad. Op zich een hele prestatie, vermits de faculteit op dat ogenblik zelf geen alumnivereniging had. Omdat die situatie niet kon blijven duren, gingen de professoren Stefaan De Smedt, Tom Coenye en Serge Van Calenbergh aan tafel zitten, samen met Huybrecht T’jollyn, Lies De Bock, Bart Geers en Sofie De Sutter. Met Farmalumni wilden ze vooral een vereniging vormen van en voor alumni uit uiteenlopende richtingen. Beginnen van nul “Zo’n vereniging opstarten is helemaal niet eenvoudig”, zegt Huybrecht T’jollyn. “Op dit ogenblik willen we vooral leden ronselen, maar dat is moeilijk omdat we

geen werkbare databank hebben. De centrale databank op punt zetten is op zich al een immens werk.” Tom Coenye: “Een goede alumnivereniging opzetten en een omvangrijk netwerk uitbouwen kost tijd. Je kan niet in één jaar een achterstand inlopen.” Op de vraag waarom het zo lang heeft geduurd voor de faculteit Farmaceutische Wetenschappen een alumnivereniging had, antwoordt Tom Coenye: “In de eerste plaats is onze faculteit nog vrij jong. Maar ook en vooral bestaan er al veel netwerkmogelijkheden en permanente vormingen voor officina-apothekers.” Decaan Stefaan De Smedt: “Officina-apothekers beschikken inderdaad over een uitgebreid netwerk. Maar via Farmalumni willen

we bv. ook de apothekers bereiken die in bedrijven werken en elkaar minder ontmoeten. We willen benefits creëren voor de alumni en voor de faculteit zelf. Via de professionele netwerken die op die manier ontstaan, zullen we gemakkelijker de juiste mensen vinden om advies te geven on the field.” Eerstkomend evenement Huybrecht T’jollyn: “Op 16 oktober 2013 komt Brecht Ingelbeen spreken (zie alumni-agenda). Hij studeerde zes jaar geleden af en werkt nu als apotheker bij Artsen Zonder Grenzen. Hij is actief in verschillende oorlogsgebieden en heeft een belangrijk aandeel in de logistieke organisatie op het vlak van geneesmiddelen.” 

Oproep Het organisatorisch basiscomité doet een oproep aan mensen die zich willen inzetten om van Farmalumni een succes te maken. Ze mikken daarbij vooral op 30’ers en 40’ers uit alle mogelijke geledingen. Geïnteresseerd? Contacteer Sébastien De Clercq via farmalumni@gmail.com.


6

Van de Schelde tot Panama Conferentie over unieke maritieme studies Wereldwijd kijkt de scheepvaartindus­trie naar de UGent. Want hier wordt uniek onderzoek gevoerd: hoe kan je schepen veilig laten varen in ondiep en beperkt water, zoals havens, dokken en sluizen? Die kennis wordt in eigen land toegepast – in de Vlaamse havens bijvoorbeeld – maar ook verder van huis, tot in het Panamakanaal. Auteur: Stefanie Van den Broeck | Fotograaf: Nic Vermeulen

ugent

Burgerlijk ingenieurs die zich willen specialiseren in maritieme techniek, kunnen in Vlaanderen enkel bij de UGent terecht. Dat is historisch gegroeid, vertelt professor Marc Vantorre. “In de jaren zeventig is er een deal gesloten met de KU Leuven: zij zouden zich focussen op mijnbouw, wij op scheepsbouw. Intussen studeren er elk jaar een achttal studenten af in onze richting maritieme techniek. Zij zijn gespecialiseerd in de constructie van schepen en hun technische werking. Sommigen komen op scheepswerven terecht, anderen bij rederijen en baggermaatschappijen. Nog anderen gaan bij de overheid aan de slag: bv. om

schepen te controleren die onder Belgische vlag varen.” Maar er wordt in de faculteit natuurlijk ook onderzoek gevoerd, vooral in opdracht van de Vlaamse overheid. Daarvoor werkt de UGent nauw samen met het Waterbouwkundig Laboratorium (WL) in Antwerpen waaraan professor Katrien Eloot, gastdocent aan de UGent, verbonden is. “Ons laboratorium is een afdeling van het Departement Mobiliteit en Openbare Werken van de Vlaamse overheid en is opgericht in de jaren dertig. Toen draaide het onderzoek om waterbouw: hoe ontwerp je dammen, sluizen en stuwen, hoe diep


Info p Vakgroep Civiele Techniek p Prof. Marc Vantorre Tel. 09 264 55 55 – 0478 34 99 71 Marc.Vantorre@UGent.be p Prof. Katrien Eloot Tel. 09 264 55 57 – 03 224 69 62 – 0477 58 12 73 Katrien.Eloot@UGent.be Katrien.Eloot@mow.vlaanderen.be

je rivieren uit? Vooral de uitdieping van de Schelde was een heikele kwestie. Dat is het eigenlijk tot op vandaag,” vertelt professor Eloot. “Maar in de jaren tachtig kwam er een nieuw onderzoeksdomein bij,” vertelt professor Vantorre. “Toen begon de wereldwijde trend van simulatoren waarmee je een scheepsreis virtueel kunt nabootsen. Dat is handig voor de opleiding van kapiteins en loodsen, maar ook voor het onderzoek. Ook in het WL werden er simulatoren gebouwd. Daarnaast werkt de UGent mee aan het onderzoek op de sleeptank, een grote bak water van tachtig op zeven meter, waarin een scheepsmodel door het water beweegt met behulp van een sleepwagen. Daarbij meten we welke krachten op het model inwerken. Het unieke aan onze sleeptank is dat hij volautomatisch 24 uur op 24 werkt. We kunnen dus heel veel meetgegevens verzamelen. En mocht het misgaan, dan stuurt de tank ons automatisch een sms’je (lacht).” Onderste uit de kan Maritiem onderzoek focust wereldwijd op de omstandigheden waarvoor schepen zijn gebouwd: varen in volle zee. Maar Vlaanderen telt veel ondiepe wateren zoals kanalen, sluizen en gebaggerde toegangsgeulen. Ons kenniscentrum ‘Varen in ondiep en beperkt water’ voert vooral onderzoek naar het scheepsgedrag in die vaarwegen. “Daar zijn speciale onderzoekstechnieken voor nodig”, legt professor

 7 Vantorre uit. “Als een schip bv. moet draaien in ondiep water, dan gebeurt dat veel logger en moet de bemanning beter anticiperen. Ook de aanwezigheid van andere schepen zorgt voor extra uitdagingen. Net als de nabijheid van oevers, kades en de beperkte ruimte tussen de kiel van het schip en de bodem. Je kan dat oplossen door veel te baggeren en alles dieper en breder te maken. Maar dat kost ontzettend veel geld.” Door onze unieke expertise krijgen we ook internationale vragen, vertelt professor Eloot. “Zo hebben we een nieuwe toegangsgeul ontworpen voor een haven in het Afrikaanse Togo in opdracht van Terminal Investment Limited. Deze internationale terminal operator wilde er grote schepen binnenbrengen met zo weinig mogelijk baggerwerk. Door internationaal te werken breiden we onze expertise uit en brengen meteen ook geld in het laatje.” Nieuwe sluizen in Panama Het is een trend die niet te negeren valt: de containerschepen worden alsmaar groter. Professor Vantorre: “Nu komen er schepen van vierhonderd meter naar Antwerpen en Zeebrugge en daar heeft het kenniscentrum iets mee te maken.” “Die ‘groei’ van schepen lijkt voor­ lopig niet te stoppen en dus moeten onze havens hun best doen om concurrentieel te blijven. De haven verbreden is geen optie en daarom moeten we voortdurend op zoek naar andere oplossingen.”

Om de twee jaar organiseert het kenniscentrum een conferentie. Dit jaar vindt die plaats in Gent en gaat ze over sluizen. Er zullen enkele spectaculaire onderzoeken worden voorgesteld, aldus professor Eloot. “In het Panamakanaal, dat in 2014 honderd jaar in gebruik zal zijn, bouwt ACP (het staatsbedrijf dat het Panamakanaal exploiteert, n.v.d.r.) nieuwe sluizen. Zo kunnen er over twee jaar schepen varen met een capaciteit dubbel zo groot als vandaag. Bij de bouw van zo’n sluis komt heel wat kijken. De menging van zoet en zout water zorgt er immers voor dat twee verschillende stromingen inwerken op de schepen. Op de conferentie stellen we onze proeven daarrond voor.”

“Er gebeurt ook onderzoek voor projecten dichterbij,” zegt Eloot. “De Westsluis in Terneuzen is veertig meter breed en door houten beschermingen aan de zijkant blijft maar 38 meter over. De sluis is ontworpen voor schepen van maximaal 34 meter breed: zo is er voldoende marge. Maar het staalbedrijf ArcelorMittal, dat aan het kanaal gevestigd is in de haven van Gent, vroeg aan de Vlaamse en Nederlandse overheid of het niet mogelijk was om er schepen van 37 meter breed door te krijgen. Dan is er dus maar één meter marge: geen sinecure! Samen met de overheden en de loodswezens in Vlaanderen en Nederland hebben we deze vraag onderzocht. Met de nodige trots kunnen we stellen dat we een adequaat antwoord hebben kunnen bieden.”

“Third International Conference on Ship Behaviour in Shallow and Confined Water” over schepen in sluizen, van 3 tot 5 juni 2013 in Het Pand. Meer info en registratie: www.lockeffects.UGent.be


De UGent: ‘a creative community for a changing world’  8

Het strategisch plan in uitvoering Om een open deur in te trappen: de wereld verandert razendsnel. Dat heeft voor de UGent gevolgen: we worden permanent geconfronteerd met nieuwe uitdagingen, maar die bieden ook nieuwe kansen. We kunnen immers inspelen op de noden op het vlak van onderwijs, onderzoek en wetenschappelijke dienstverlening. Maar hoe? Daarvoor is het strategisch plan uitgewerkt, geconcretiseerd in twaalf strategische projecten. Auteur: Wim Trommelmans | Illustraties: Jimmy Kosolosky & Wouter Verstichel

ugent

Blended Learning De UGent wil leervormen uitvouwen die tegemoet komen aan de actuele onderwijsuitdagingen. Van de lesgevers wordt verwacht dat ze hoogstaand onderwijs blijven aanbieden met de nadruk op interactiviteit met een steeds groeiend aantal actief lerende studenten. Met ‘blended learning’ wordt bedoeld: een geïntegreerde combinatie van traditionele onderwijstechnieken en online-benaderingen. Zo zal een deel van de initiële kennisverwerving via ICT-ondersteuning verlopen en kunnen de vrijgekomen begeleidingsuren worden ingezet voor kennisverwerking en toepassing, ondersteund door de elektronische leeromgeving. ‘Blended learning’ wordt voor zes pilootcursussen geconcretiseerd. Daarbij wordt gebruik gemaakt van de beschikbare tools en de expertise van het projectteam. De opgebouwde kennis zal aan alle lesgevers worden doorgegeven.


9

Technologieplatformen voor onderzoek De UGent werkt tegen medio 2014 een plan uit om technologieplatformen op te richten. Uitgangs­ gedachte daarbij is het ondersteunen van wetenschappelijk onderzoek via een concentratie van gelijkaardige infrastructuur of via het breed ter beschikking stellen van unieke expertise en infrastructuur. Die platformen met geclusterde en gedeelde wetenschappelijke en technische kennis en ondersteuning komen de hele onderzoeksgemeenschap aan de UGent ten goede.

Maatschappelijke valorisatie van onderzoek De UGent wil inspelen op actuele uitdagingen door haar wetenschappelijke expertise op een proactieve wijze ter beschikking te stellen van de maatschappij. Dit project wil daarvoor een raamwerk ontwikkelen. De UGent heeft hierbij als doel haar onderzoek niet enkel economisch te valoriseren maar ook een maatschappelijke impact te bewerkstelligen op lokaal, regionaal en internationaal niveau. Binnen de instelling zullen activiteiten onder deze noemer worden gestimuleerd, ondersteund en gewaardeerd.

Community Service Learning Het doel van het project is om ‘community service learning’ (CSL) aan de UGent te introduceren, te stimuleren en zichtbaar te maken. CSL is een ervaringsgerichte onderwijsvorm waarbij het stimuleren van maatschappelijk engagement van studenten centraal staat en gekoppeld wordt aan het ver­ werven van academische leerinhouden en kritische reflectie. Binnen de projectscope zal volgens het CSL-principe een universiteitsbreed keuzeopleidingsonderdeel ‘Coaching en diversiteit’ ontwikkeld worden. In dit opleidingsonderdeel gaan studenten een maatschappelijk engagement aan door medestudenten uit kansengroepen te begeleiden. Daarnaast zullen goede praktijkvoorbeelden van CSL aan de UGent in de kijker worden geplaatst en zal een tool ontwikkeld worden om bestaande opleidingsonderdelen aan te passen naar het CSL-principe.

Waardering voor medewerkers, studenten, alumni en verenigingen Dit project beoogt studenten, studentenverenigingen, alumni, personeelsleden die excelleren door hun sociaal engagement of door andere uitzonderlijke prestaties erkenning te geven.


Meer info p

 10

www.UGent.be/strategisch-plan

Visie en beleid rond de oriëntering van de instroom De UGent wil de instromende studenten correct informeren en helpen in het maken van een studiekeuze die overeenstemt met hun talent en ambitie. Dit project beoogt de ontwikkeling van een universiteitsbreed afgetoetste nota over het in- en doorstroombeleid van de UGent en de realisatie van een studievoortgangsmonitor. De monitor zal op een gebruiksvriendelijke en efficiënte manier een continue analyse en rapportage van de studievoortgang van individuele en cohorten studenten mogelijk maken. In concreto zal de studievoortgangsmonitor objectief en vergelijkbaar cijfermateriaal genereren m.b.t. het slagen/falen, de afgelegde studietrajecten en de reële studieduur van studenten. Dit cijfermateriaal zal richtinggevend zijn voor de ontwikkeling van evidence based oriënteringsinstrumenten voor studiekiezers en hun studiekeuzebegeleiders binnen het secundair onderwijs.

Postdoctoraal loopbaanbeleid en loopbaanbegeleiding In 2013 en 2014 werkt de UGent een beleid uit dat erop gericht is om postdoctorale onderzoekers beter te begeleiden in hun loopbaanontwikkeling en carrièreperspectieven. Dit beleid omvat een visie op talentgerichte en competentiegerichte ondersteuning met het oog op een volgende carrièrestap: de doorstroming naar het ZAP-kader aan de UGent, aan andere binnen- of buitenlandse universiteiten of een succesvolle transitie naar de arbeidsmarkt, met valorisatie van de postdoctorale ervaring.

ugent

Anders werken Door de invoering van ‘anders werken’ wil de UGent tegemoet komen aan bestaande en toekomstige uitdagingen. Anders werken is een totaalconcept met veranderingen op drie terreinen: een HR-beleid aangepast aan plaats- en tijdonafhankelijk werken, een activiteitsgebaseerd werkplekkenbeleid en een IT-beleid. In dit project wordt nagegaan wat de impact is van het anders werken op de UGent en worden zowel de randvoorwaarden en kritische factoren als de meerwaarde en positieve effecten in kaart gebracht. Deze oefening moet leiden tot een geïnformeerd beslissingsmoment over de implementatie van het anders werken.

Duurzaamheidsplan De UGent wil zich positioneren als kenniscentrum inzake duurzaamheid. Er zal een visie worden ontwikkeld over de invulling die de UGent wil geven aan dit concept, gevolgd door een strategie voor de inbedding van de aangenomen principes van duurzaamheid in de werking van de organisatie. De daartoe noodzakelijke wijzigingen in systemen en struc­ turen zullen worden voorgesteld.

Onderzoek met hoog potentieel Tegen begin 2014 werkt de UGent een oplossing uit voor de ondersteuning van onderzoek met hoog potentieel dat omwille van zijn risicovol karakter niet via de bestaande kanalen ondersteund kan worden. Deze ondersteuning mikt op onderzoekshypothesen die niet in de lijn liggen van de hoofdstroom binnen het betrokken onderzoeksdomein. Naast het financieringsmechanisme zullen ook criteria worden uitgewerkt voor de beoordeling en opvolging van dergelijke projecten.


Proactieve thematische dienstverlening In dit project maakt de UGent een shortlist op van belangrijke maatschappelijke uitdagingen waar ze proactief haar expertise ter beschikking wil stellen. Ze organiseert hiertoe een ruime ‘survey’ bij verschillende actoren binnen de UGent. Voor een vijftal thema’s worden multidisciplinaire visiegroepen opgericht die UGent-expertise rond die thema’s bundelen in rapporten en/of visieteksten. De resultaten worden via verschillende kanalen gecommuniceerd naar de stakeholders en het brede publiek. Daarnaast zal onderzocht worden hoe UGent-content die kan bijdragen aan het maatschappelijk debat (rapporten van de visiegroepen, opiniestukken, blogs, ...) kan ontsloten worden via de UGent-portaalsite. Ten slotte zullen we nagaan hoe deze dienstverlening op lange termijn kan worden voortgezet, met dezelfde en andere thema’s.

Facultaire verankering van het diversiteitsbeleid Er zal een conceptueel model uitgewerkt worden om het diversiteitsbeleid structureel te verankeren in de faculteiten. Dit impliceert dat in de faculteiten onder meer bijzondere aandacht zal gaan naar informatie, opleiding en de uitbouw van processen en beleidsmaatregelen die erop gericht zijn om het streven naar diversiteit – hierin ook begrepen de aandacht voor de genderproblematiek – concreet vorm te geven. Enerzijds is het de doelstelling om de diversiteitsexpertise in de faculteiten te verhogen, anderzijds wil het project waardering en erkenning geven aan faculteiten die al inspanningen leveren op het vlak van diversiteit. Op basis van het uitgetekende model zullen een aantal pilootfaculteiten starten met de implementatie.

Jouw carrière ligt in jouw handen. Ga jij ook voor het winnende team? Deloitte Accountancy verstrekt een brede waaier van accountancy en controlling diensten aan zowel internationale als kmo-klanten, alsook fiscale, juridische, M&A en business control diensten aan familiale ondernemingen. Wij zijn steeds op zoek naar ervaren en enthousiaste medewerkers, waaronder: • Accountants (Brugge, Brussel, Gent, Kortrijk, Roeselare) • Tax consultants (Antwerpen, Brussel, Gent, Kortrijk, Roeselare) • Estate planning - Private Governance consultants (Gent, Kortrijk, Roeselare) • Consultants Business Controlling & IT (Gent, Kortrijk)

Wil je meer gedetailleerde informatie over deze vacatures en andere opportuniteiten? Contacteer Muriel Colson: mcolson@deloitte.com of 02 600 60 49 Of bezoek mycareer.deloitte.com/be en solliciteer online.

In een filmpje worden de twaalf strategische projecten aanschouwelijk (en humoristisch) gebald voorgesteld: http://www.UGent.be/nl/ actueel/nieuws/filmpje-strategisch-plan.htm.

© 2013 Deloitte Accountancy


12

Poëzie is van onschatbare en eeuwige waarde Over de restauratie en conservatie van poëtisch erfgoed Het gaat niet goed met de poëzie. Dichtbundels raken niet meer verkocht en niemand lijkt nog om lyrische schrijfsels te malen. Althans, dat is wat de kranten ons vertellen. Maar dat is doemdenken volgens Yves T’Sjoen, professor Nederlandstalige poëzie, en Thomas Langerak, professor in en uitmuntend vertaler van Russische poëzie. Auteur: Christine Bonheure | Fotograaf: Nic Vermeulen

Begrijpen we het goed dat u zich bezighoudt met de restauratie van literaire teksten?

ugent

Yves T’Sjoen: “Inderdaad, ik wil het poëtisch erfgoed restaureren en conserveren. Als editiewetenschapper houd ik me bezig met de vraag hoe een gedicht geworden is tot wat het is. Daarnaast maak ik wetenschappelijk onderbouwde edities van gedrukte en gebundelde poëzie. Zo hebben we onder meer,

in samenwerking met LannooAtlas, een reeks verzorgd van de volledige dichtwerken van Jos De Haes, Ben Cami, Hugues Pernath en Paul Snoek. De reeks is helaas gestopt na vier boekdelen. Bij het vijfde wou de uitgeverij enkel nog een digitale editie verzorgen, maar daar ben ik niet op ingegaan. Poëzie moet je in een boek kunnen lezen, vind ik. Daarnaast werkte ik onder andere mee aan edities van de poëzie van Karel van de Woestijne (onder redactie van professor Musschoot), het verzameld werk van Richard Minne en de gedichten van Eddy van Vliet. Verder ben ik

betrokken bij de redactie van de reeks Oerboek van de Nederlandstalige literatuur. Voor de volgende jaren staan enkele prachtige editieprojecten op stapel waarvoor aan de UGent een onderzoeksgroep wordt opgericht.” Thomas Langerak: “Ik heb me beziggehouden met de restauratie van een gedicht van de Russische dichter Osip Mandelstam. In 1938 werd hij gearresteerd en het is dankzij zijn vrouw dat zijn werk grotendeels is overgeleverd. Ze nam alles mee wat ze kon vinden aan teksten en leerde zelfs hele stukken uit het hoofd. Nog steeds


Info p Vakgroep Letterkunde p Prof. Yves T’Sjoen (rechts) Tel. 09 264 40 66 Yves.TSjoen@UGent.be Vakgroep Talen en Culturen p Prof. Thomas Langerak (links) Tel. 09 264 38 47 Thomas.Langerak@UGent.be

duiken er teksten van zijn hand op, onder meer in een archief in Amsterdam. Voor een bloemlezing uit de poëzie van Mandelstam vertaalde ons vertalerscollectief in totaal acht gedichten.”

 13 Thomas Langerak: “Je vertaalt uiteraard in de eerste plaats woorden en zinnen. Maar bij Mandelstam moet je soms echt naar de betekenis zoeken omdat zijn poëzie heel duister is. Nu vertalen we een levende dichter en dat is gemakkelijker. Heb ik vragen, dan bel of skype ik hem en vraag ik hem direct: ‘Wat bedoel je daar nu mee?’.”

“Het is onze plicht om vergeten en minder vergeten dichters te herontdekken.” het tijdschrift van Jozef Deleu, is de laatste drie jaar telkens aan een vrouwelijke dichter uitgereikt. Er is geen echte verklaring voor, maar je zag in de jaren tachtig een groeiende aanwezigheid van vrouwelijke auteurs in het proza.”

Is Russische poëzie te vergelijken met de Nederlandse, qua

Professor T’Sjoen, vertaalt u

Welk vertalerscollectief

inhoud, stijl, woordenschat?

ook poëzie?

bedoelt u?

Thomas Langerak: “De dichters waar ik van houd zijn tamelijk hermetisch. En dat soort poëzie heb je hier ook wel. In Revolver hebben we zeven vertaalde gedichten laten verschijnen van de dichter Bakhyt Kenzheev. Hij gebruikt soms een anapest als versvoet en dat veroorzaakt een bepaald ritme – tadadám, tadadám, tadadám, … Dat maakt het vertalen een stukje moeilijker, maar ook heel interessant. De zinnetjes in het Nederlands moeten die dreun ook volgen. We komen soms tot heel interessante vondsten.”

Yves T’Sjoen: “Neen, maar ik heb wel een groot respect voor de vertalers. Ik denk hierbij spontaan ook aan Hugo Claus die veel gedichten vertaald heeft, iets waarvan weinig mensen op de hoogte zijn. In de Claus-studies gaat de meeste aandacht immers uit naar de vertalingen van zijn werk in andere talen. Binnenkort spitsen we ons tijdens een Claus-namiddag toe op een gedicht van Borges – El Tango – dat Claus op een heel scheppende en spitse wijze vertaald heeft. We willen vooral wijzen op de zeer geschakeerde vertaalpraktijk van Claus. Hij verzorgde letterlijke naast zeer creatieve vertalingen. Je zou die toe-eigeningen kunnen noemen, hertalingen, zelfs annexaties van anderstalige teksten. Zo heeft hij vier gedichten van Hart Crane vertaald, die hij opnam in zijn bundel Almanak. Dat deed hij wel vaker: een van zijn ‘hertalingen’ stilzwijgend een plaats geven in zijn eigen dichtbundels. Ik heb de gedichten naast elkaar gelegd en heb gemerkt dat hij die sterk gereduceerd heeft, bijna tot scherven. Dat is trouwens de naam van de afdeling in de bundel Almanak waar de gedichten staan. Op een identieke manier is hij ook met Borges omgegaan, die hij wellicht heeft ontdekt via het Frans.”

Thomas Langerak: “Dat is een groep van mijzelf en zeven oudstudenten die zich samen aan de vertaling van Russische poëzie zet. Gedichten die niet berijmd of metrisch zijn, bereiden we met zijn tweeën voor. Daarna zitten we samen om het resultaat te bespreken. Moeilijker gedichten vertalen we meteen in de groep. Wat zo prettig is aan het vertalerscollectief is dat je een gedicht bekijkt met een aantal individuen.” Wanneer bent u tevreden over een vertaling?

Thomas Langerak: “We proberen steeds zo dicht mogelijk bij de tekst te blijven. Russische poëzie is dikwijls metrisch en gebonden aan een bepaald soort rijm. Dat levert een puzzel op. Altijd schieten er nog enkele complexe woorden over en dan springen we daar samen op. Met zijn achten weet je immers meer dan alleen. Iemand suggereert iets, dat wordt dan in de groep verbeterd en samen zoeken we naar het beste woord. Hier rond deze tafel, twee keer in de maand.” U blijft dicht bij de oorspronke­ lijke tekst, zegt u. Maar poëzie interpreteer je toch ook?

Wat is het grootste verschil tussen de Russische en Nederlandstalige poëzie?

Thomas Langerak: “De Russische gedichten rijmen en zijn metrisch. De Nederlandstalige poëzie is hier intussen al grotendeels van afgestapt.” Yves T’Sjoen: “Dat is althans de tendens, maar we kunnen uiteraard niet veralgemenen, want iedereen heeft zijn eigen stijl en techniek.” Thomas Langerak: “Opvallend is wel het grote aantal vrouwelijke dichters…” Yves T’Sjoen: “… Ja, ook in het Nederlandse taalgebied. De debuutprijs van Het Liegend Konijn,


14 Kwam Claus daarvoor uit, dat hij andermans gedichten vertaalde, maar die gewoon tussen zijn eigen gedichten plaatste?

Yves T’Sjoen: “Claus was daar zeer enigmatisch over, hij motiveerde bijna nooit waar hij die teksten vandaan had. Dat deed hij evenmin in de reeks Dichterbij in Knack en Elsevier. Anderzijds vertaalde hij ook veel uit de klassieke oudheid. Hij zette die teksten op een speelse, creatieve manier naar zijn hand. Een beetje te vergelijken met de vertalingen van de gedichten van Mandelstam waar professor Langerak over sprak, en waarbij zoveel mogelijk rekening wordt gehouden met het ritme.” Heeft Lannoo de tekstedities van Nederlandstalige dichters stopgezet om budgettaire redenen? Omdat poëzie niet meer verkocht raakt?

Yves T‘Sjoen: “Moeilijke vraag, ik heb daar geen onderzoek naar gedaan maar ik vang uiteraard wel wat op. Vorige week vertelden uitgevers me nog dat het helemaal niet zo slecht gaat met de poëzie: de mediaaandacht is goed, het aantal prijzen swingt de pan uit, de verkoopcijfers vallen al bij al mee. Doemdenken is dus nergens voor nodig.” Wat doen jullie als de uitgevers

Yves T’Sjoen: “Vanuit wetenschappelijk oogpunt tellen tekstedities niet volwaardig mee. Kijk, je hebt al drie tekstedities van deze omvang nodig (toont een dik boek) om een ‘B1’ te halen, wat nog niet eens het hoogste cijfer is. Daarvoor hoef je het dus niet te doen. Als wetenschapper vind ik het echter heel belangrijk dat onderzoekers zich blijven buigen over tekstedities, ook al wordt dat onvoldoende gevaloriseerd. Ik heb in Gent een klein expertiseteam samengesteld en samen publiceerden we edities met werk van Jan de Roek en Albert Bontridder – een Vlaamse Vijftiger – bij ASP uit Brussel. De editie Marcel Wauters in hetzelfde fonds is momenteel in productie. Het lukt nog steeds om de nodige centen en uitgevers te vinden, maar helaas wordt dat steeds moeilijker. Als uitgevers met productiesteun van het Vlaams Fonds voor de Letteren geen break-even kunnen draaien, dan weigeren ze pertinent.” Thomas Langerak: “Voor de vertaling van Russische gedichten krijg je als wetenschapper helemaal geen punten, maar het vertaalwerk heeft mij wel geïnspireerd tot artikelen over de vertaalde gedichten. Andersom hebben we ook al gedichten vertaald waarover ik eerder wetenschappelijke artikelen had gepubliceerd.”

niet meer mee willen?

Beiden (in koor): “Dan zoeken we gewoon een andere uitgever.” Thomas Langerak: “We zijn nu bezig niet zo moeilijke gedichten te vertalen van Chersonski, een dichter uit Odessa. We hebben daarvoor diverse uitgevers benaderd en er uiteindelijk één gevonden, maar die betaalt bijna niets.” Voelen jullie ook de

ugent

publicatiedruk, onder meer belangrijk voor promotie?

kader van de oeuvreregeling van het Vlaams Fonds niet langer bestaat.” Thomas Langerak: “En dat het nochtans anders kan, bewijzen Rusland, Duitsland, Nederland.” Yves T’Sjoen: “Ik werk af en toe samen met collega’s van het Nederlandse Huygens Instituut en maak gebruik van hun expertise, o.m. bij onderzoek naar het debuut van Willem Kloos en de constructie van een innovatieve webeditie voor poëzie.” Hebben alle Vlaamse universiteiten met zo’n moeilijke financiering te maken?

Yves T’Sjoen: “Ik vrees van wel. In Vlaanderen ben ik ongeveer de enige die als wetenschapper bezig is met tekstedities van Vlaamse literatuur. Naast de poëzie zijn er prozauitgaven van onder anderen Cyriel Buysse, Ivo Michiels – literaire kritieken – en Herman Teirlinck. Het is nochtans belangrijk om teksten van minder belangrijke dichters te reconstrueren en hen weer onder de aandacht te brengen. Zij hebben recht op een soort ‘herontdekking’. We blijven dus aan de kar duwen.” Staat er een overkoepelende samenwerking op het programma om de mondiale literaire beïnvloeding te bestuderen?

Wat is het grootste pijnpunt op het vlak van wetenschappelijk onderzoek van poëzie?

Yves T’Sjoen: “Het blijft vechten tegen de financiële bierkaai. In samenwerking met de Universiteit Antwerpen werken we bijvoorbeeld al jaren aan een leeseditie van het werk van Louis Paul Boon, in totaal zo’n 24 delen. Op dit ogenblik wordt de persoon die het project coördineert niet meer betaald omdat de subsidie in het

Thomas Langerak: “Ik heb de invloed van Mandelstam op de Vlaamse literatuur bestudeerd.” Yves T’Sjoen: “En dat leverde heel interessante inzichten op. Maar, ik geef toe, het transnationale komt nog veel te weinig aan bod en dat is jammer. Het is een illusie om te denken dat de Nederlandse literatuur alleen Vlaams of Nederlands is. Schrijvers leven en lezen in een internationale context. De moeite waard om uit te spitten.” 


15

Alumni-agenda Activiteiten voor alle alumni van de UGent Alumni Toptalent: Lisbeth Imbo*, radio-en televisie­ presentatrice André Bouffioux**, CEO Siemens

12 juni* en 11 december** 2013 om 19 uur Het Pand, Onderbergen 1, Gent • Inschrijven: via www.UGent.be/alumniactiviteiten • Prijs: 10 euro p.p., over te schrijven op: IBAN BE93 3900 9659 3867 (BIC: BBRUBEBB).

De universiteit nodigt haar topalumni uit om een lezing te geven. Achteraf heeft u uitgebreid de mogelijkheid om andere alumni te ontmoeten en te netwerken bij een drankje en een hapje.

Faculteit Letteren en Wijsbegeerte De Bond van Gentse Germanisten Jaarlijkse Bijeenkomst van de Bond van Gentse Germanisten

30 november 2013 om 15 uur KANTL, Koningsstraat 8, Gent • Info: www.bgg.UGent.be/jaarvergaderingen.html • Inschrijven: bggredactie@yahoo.co.uk, vóór 22 november 2013 • Prijs: Gratis namiddagprogramma. Voor het etentje moet apart worden betaald.

Bijeenkomst voor alle leden van BGG en reünies voor de afstudeerjaren 1963, 1973, 1988 en 2003 (ook niet-leden). Afgestudeerden in de Taal- en letterkunde die nog geen lid zijn maar kennis willen maken met de vereniging, mogen zich eveneens aanmelden. Twee sprekers verlenen hun medewerking en we vieren twee emeriti. Na de receptie volgt een etentje, waarvoor je apart moet inschrijven.

Faculteit Rechtsgeleerdheid Alumnivereniging Crimilumni Bezoek aan de gevangenis van Brugge

25 mei 2013, van 10 uur tot 12 uur Legeweg 200, Sint-Andries • Info: www.crimilumni.be • Inschrijven: crimilumni@UGent.be • Gratis • Voor Crimilumni-leden en partners. • Max. 25 leden.

Whisky Tasting en diner (optioneel)

8 juni 2013 Whisky Tasting van 17 uur tot 19.30 uur The Glengarry, Sint-Baafsplein 32, Gent Diner vanaf 19.30 uur Stadsrestaurant, Emile Braunplein 40, Gent • Info: www.crimilumni.be • Inschrijven: crimilumni@UGent.be, vóór 26 mei. Vermeld of je deelneemt aan de Whisky Tasting, het diner of beide en vermeld het aantal deelnemers (leden en niet-leden). • Prijs Whisky Tasting: 15 euro voor leden, 20 euro voor niet-leden. Het diner wordt ter plaatse afgerekend. • Voor Crimilumni-leden en partners, en niet-leden

Heb je altijd al eens een van de grootste gevangenissen van België van binnenuit willen zien of ben je geïnteresseerd in het zogenaamde ‘nieuwe type’ gevangenis? Dan is dit je kans! Alle deelnemers moeten in het bezit zijn van een geldige identiteitskaart en dienen de metaaldetectie te passeren. Tijdens het bezoek zijn gsm’s en fotoapparatuur verboden. Ben je een rechtgeaarde whiskyliefhebber of wil je ook whisky leren proeven? Dan is deze whisky tasting van Crimilumni iets voor jou. In de Schotse pub ‘The Glengarry’ kan je gedurende 2,5 uur verschillende whisky’s proeven terwijl je professionele uitleg krijgt. ‘The Glengarry’ heeft een collectie van meer dan 1.350 whisky’s, waardoor je ongetwijfeld enkele unieke whisky’s te proeven krijgt. Je hoeft bovendien niet bang te zijn voor een kater, want achteraf is er de mogelijkheid om samen met andere afgestudeerde criminologen te dineren in het Belfort Stadsrestaurant onder de nieuwe Stadshal (niet inbegrepen in de prijs).

Faculteit Wetenschappen ChemicAlumni Openingsactiviteit ChemicAlumni

15 juni 2013 om 14 uur Het Pand, Onderbergen 1, Gent • Info en inschrijven: www.chemicalumni.be • Voor alle alumni Scheikunde, Chemie, Biochemie en Biotechnologie

Tijdens de eerste activiteit van ChemicAlumni paren we het wetenschappelijke (lezing door professor Wout Boerjan) aan het sociale. Tijdens de receptie kunnen de ChemicAlumni elkaar terugzien en mogelijk verwaterde vriendschapsbanden weer aanhalen.


16 Faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen Vereniging der Geneesheren, Oud-Studenten der Universiteit te Gent Farmacotherapeutisch bijblijven voor artsen en apothekers

18 september en 18 december 2013, 20.30 uur UZGent, auditorium E, De Pintelaan 185, Gent

Symposium ‘Pijnplatform UZGent’

19 september 2013 om 18 uur UZGent, auditorium E, De Pintelaan 185, Gent

Een voorstelling van het pijnplatform UZGent voor alle geïnteresseerden, zonder inschrijving.

Symposium ‘Geschiedenis en evolutie van de farmacologie en farmacotherapie’

25 september 2013 om 20.30 uur UZGent, auditorium E, De Pintelaan 185, Gent

Gecontroleerde studies en ‘Evidence Based Medicine’. Het ontstaan van farmaceutische zorg. Het onderwijs in de farmacologie en de farmacotherapie.

State of the Art lezingen van professoren emeriti

27 september 2013 om 17 uur UZGent, auditorium C, De Pintelaan 185, Gent

• N. Fraeyman, over biochemische farmacologie. • L. Crevits, over neurologie • J. Plum, over immunologisch onderzoek • M. Piette, over forensische geneeskunde

Symposium ‘Van manuscript tot wetenschappelijk artikel’

2 oktober 2013 om 18 uur UZGent, auditorium C, De Pintelaan 185, Gent

Medisch-wetenschappelijke tijdschriften, impact­ factoren, ranking. De ethiek van het publiceren, auteurschap en bijdragen. Praktische richtlijnen bij de redactie van een manuscript. Het reviewproces.

Avondcolloquia 2013 voor de practicus ‘Update inwendige geneeskunde van de huisartsenpraktijk’

Telkens op woensdag om 20.30 uur UZGent, auditorium E, De Pintelaan 185, Gent

Interviews

• Inschrijven: alumni.geneesheren@UGent.be • Prijs: 5 euro per colloquium voor alumni-leden; gratis voor artsen-in-opleiding en studenten geneeskunde; niet-leden: 15 euro

• Prijs: gratis voor alumni-leden, artsen-in-opleiding en studenten geneeskunde; niet-leden: 15 euro

• Geen inschrijving, voor iedereen toegankelijk • In het kader van de Master-na-Master opleiding

• Prijs: gratis voor alumni-leden, artsen-in-opleiding en studenten geneeskunde; niet-leden: 15 euro per colloquium Telkens op woensdag om 20.30 uur UZGent, auditorium E, De Pintelaan 185, Gent • Prijs: gratis voor alumni-leden, artsen-in-opleiding en studenten geneeskunde; niet-leden: 15 euro

Lezingen in het kader van de Jonckheere Stichting

Navormingscyclus over nieuwe geneesmiddelen en actuele onderwerpen in de farmacotherapie.

Telkens op vrijdag om 17.30 uur Heymans Stichting Blok B, eerste verdieping Farmacologie, UZGent, De Pintelaan 185, Gent • Geen inschrijving, voor iedereen toegankelijk

• 16 oktober: De aanpak van kortademigheid • 23 oktober: Hypertensie • 13 november: Nierfalen, diagnostiek en follow-up • 20 november: Anemie • 4 december: Onverklaarde beelden • 11 december: Schildklierpathologie • 6 november – M. Bogaert & L. Van Bortel: Farmaco­ therapie: ontwikkeling van onderzoeksmethoden, stand van zaken, toekomstperspectief • 27 november – F. Van Mol, directeur Dienst Gezondheidszorg Gevangenissen, over gezondheidszorg bij gedetineerden • 25 oktober – P. Nefors: Dokters en verplegers in het Auffanglager Breendonk • 29 november – B. De Turck: De geschiedenis van de anesthesie • 13 december – P. De Clercq: In het spoor van Kekulé in Gent

Alumni Bewegings- en Sportwetenschappen (AlumniHilo) Volleybaltornooi met barbecue – 7e editie

ugent

7 juni 2013 om 18.30 uur – GUSB, Watersportlaan 3, Gent • Info en inschrijven: www.alumnihilo.be. Inschrijven voor het volleybaltornooi gebeurt per ploeg door de ploegverantwoordelijke. Elke speler schrijft afzonderlijk zijn inschrijvingsgeld over op: 068-8911124-52, met vermelding van ‘deelname volleybaltornooi’ + ‘naam ploeg’. Inschrijven kan tot en met 3 juni 2013.

AlumniHilo Gent organiseert voor de zevende keer een volleybaltornooi met BBQ. Voor alle afgestudeerde HILO-ers en hun partners, en voor alle masterstudenten die in het academie­­jaar 2012-2013 afstuderen en hun partners. Al zes jaar lang zijn het tornooi en de BBQ een groot succes. Wees snel want er kunnen slechts 24 ploegen inschrijven voor het tornooi.


17 Gentse Alumni Logopedie en Audiologie (GALA) Multidimensionale aspecten van stem en gehoor

18 oktober 2013 om 9 uur Het Pand, Onderbergen 1, Gent • Info en inschrijven: www.logopedie.UGent.be of www.gala.UGent.be • Prijs: 90 euro, voor studenten en alumni GALA: 50 euro • Voor professionals en studenten logopedie en audiologie, NKO-artsen, revalidatie-artsen, akoestici en andere technici geïnteresseerd in de akoestische aspecten van spraakproductie en -verstaan.

Het symposium van de opleiding Logo­pedische en Audiologische Wetenschappen focust dit jaar op het effect van zaalakoestiek op spraakproductie en -verstaan. Op het voormiddagprogramma staat o.m. een voor­ dracht van prof. Paul Carding, internationaal expert in stempathologie. Vanuit zijn expertise zal hij het hebben over de multidimensionale aspecten van stem. ’s Namiddags komen de logopedische en audio­logische aspecten van zaalakoestiek afzonderlijk aan bod. Het definitieve programma wordt bekendgemaakt via de websites.

Alumni Revalidatiewetenschappen en Kinesitherapie (REVAKI) Startactiviteit REVAKI – Reünie jubileumjaren

1 juni 2013 om 19 uur Het Pand, Onderbergen 1, Gent • Info en inschrijven: www.alumnirevaki.UGent.be, vóór 15 mei 2013 • Prijs: 30 euro voor alumni, 40 euro voor partners • Voor alumni die afstudeerden in de jaren 2012, 2008, 2003, 1998, 1993 en 1988 en voor REVAKI-personeelsleden

AlumniRevaki is de recent opgerichte vereniging voor afgestudeerden van de opleidingen Moreki en Revaki van de faculteit Geneeskunde en Gezondheidsweten­schappen van de UGent. De vereniging wil de banden tussen ex-studiegenoten aanhalen d.m.v. ontspannende activiteiten, bijscholing en informatieverstrekking. Wij organiseren ook jaarlijks een reünie voor de jubileumjaren: d.w.z. voor de alumni die 1, 5, 10, 15, 20 en 25 jaar geleden zijn afgestudeerd. Voor deze eerste editie voorzien we een walking dinner.

Faculteit Ingenieurswetenschappen en Architectuur Alumnivereniging van Ingenieurs afgestudeerd aan de Universiteit Gent (AIG) Jozef Plateauprijs

30 mei 2013 om 17 uur Kouter 3, Wortegem-Petegem • Info en inschrijven: www.mijn-aig.be vóór 23 mei 2013 • Gratis • Voor al wie geïnteresseerd is in wetenschappelijke onderwerpen in de ruimste zin van het woord

Brand in de Rabottorens

29 mei 2013 – Faculteit Letteren en Wijsbegeerte, Blandijnberg 2, Gent • Info en inschrijven: www.mijn-aig.be vóór 22 mei 2013 • Gratis

Higgs-update

5 juni 2013 om 20 uur Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent • Info en inschrijven: www.mijn-aig.be vóór 5 juni 2013 • Prijs: 5 euro voor leden en familie, 20 euro voor niet-leden.

Viering erelidmaatschap AIG prof. ir. Daniël Vandepitte

20 juni 2013 om 20 uur Feestzaal Van Caneghem, Oude Gaversesteenweg 2, Merelbeke

Bezoek RWZI Antwerpen Zuid

22 juni 2013 om 9.45 uur RWZI Antwerpen Zuid, Kielsbroek 5, Antwerpen

• Info en inschrijven: www.mijn-aig.be vóór 13 juni 2013 • Prijs: 6 euro voor leden, 15 euro voor niet-leden

• Info en inschrijven: www.mijn-aig.be vóór 15 juni 2013 • Prijs: 5 euro voor leden en familie, 20 euro voor niet-leden

Elk jaar bekroont de Jozef Plateauprijs een afstudeerwerk of monografie met specifieke focus op het mens- en milieuvriendelijke aspect van techniek. De presentatie van de scripties vindt plaats in de gebouwen van Willy Naessens. Tijdens de jurering is er een bedrijfsfilm en een toespraak door onze gastheer. Daarna volgt een receptie en de bekendmaking van de laureaat. In het af te breken appartementsblok de ‘Rabot­torens’ werd in functie van wetenschappelijk onderzoek vrijwillig brand gesticht. Prof. Bart Merci van de onderzoeksgroep “Fire Safety Engineering” brengt het verhaal van de voorbereiding, het verloop en de metingen. Een uniek verhaal over een uniek project. Naar aanleiding van de recente ontdekking van het Higgsdeeltje brengt prof. Dirk Ryckbosch een update over de stand van zaken in de elementaire fysica. Het aantal deelnemers is beperkt tot 60.

Omwille van zijn bijzondere prestaties als professor én als ingenieur (o.a. ontwerper van de bruggen over de Ringvaart) én als rector, verleent AIG het erelidmaatschap aan prof. Vandepitte. Ook voor deze feestelijke viering is het aantal deelnemers beperkt tot 60. 2012 betekende een belangrijke mijlpaal voor aansluiting van huishoudelijk afvalwater op het rioleringsnetwerk. Dit bezoek aan een moderne waterzuiveringsinstallatie biedt ons een unieke blik achter de schermen en geeft meer inzicht over de nieuwste evoluties in het domein. Het aantal deelnemers is beperkt tot 40.


18 Reünie AIG

18 oktober 2013 Salons Mantovani, Doorn 1, Oudenaarde

Feestelijke reünie voor de promotiejaren eindigend op 3 en 8.

• Info en inschrijven: www.mijn-aig.be vóór 11 oktober 2013

Brandpreventie en -bestrijding vroeger en nu

7 november 2013 – Aalst

Anno 2050: Hongersnood in Europa

13 november 2013 Geuzenhuis, Kantienberg 9, Gent

• Info en inschrijven: www.mijn-aig.be vóór 30 oktober 2013

• Info en inschrijven: www.mijn-aig.be vóór 7 november 2013 • Prijs: 5 euro voor leden en familie, 20 euro voor niet-leden

Update@Campus

November 2013 • Info en inschrijven: www.mijn-aig.be

Lezing door prof. Bart Merci en bedrijfsbezoek aan Somati en aan het nationaal brandweermuseum.

Voordracht door Jacques van Outryve, landbouw­ journalist en lesgever aan de KATHO Sint-Lieven over de voedselvoorziening in Europa en hoe die te vrijwaren. Hij staat o.m. stil bij de belangrijke vraag wat er moet veranderen in het hoofd van de consument en in de maatschappij. Update@Campus brengt afgestudeerde ingenieurs samen om extra skills en kennis op te doen die nuttig zijn voor hun carrière.

Faculteit Economie en Bedrijfskunde Voseko Workshop: Meditatie en visualisatie in de verwezenlijking van ambities

10 juni 2013 om 19 uur Faculteit Economie en Bedrijfskunde, Auditorium V, Tweekerkenstraat 2, Gent • Info en inschrijven: www.voseko.be • Prijs: 15 euro, incl. broodjes en drank. Inschrijving pas geldig na betaling op BE36 5503 8312 0081 met vermelding ‘Naam + workshop meditatie & visualisatie’ • Voor alumni van de faculteit Economie en Bedrijfskunde

Veel mensen kunnen hun levenswerk geen vorm geven omdat ze niet weten hoe ze de vaardigheden die ze daarvoor nodig hebben, kunnen ontwikkelen. Het vermogen om te creëren – de verwezenlijking van hoop, fantasieën, dromen en visioenen – is een belangrijke vaardigheid om jezelf kracht bij te zetten en meer te betekenen voor de wereld om je heen. Tijdens deze avondsessie geeft trainer Ingeborg Sergaent duiding over de kracht van meditatie en visualisatie.

Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen Gentse Alumni Psychologen Innovation game: Ontdek de wetenschap rond creativiteit en innovatie

September 2013

GAP Afstudeerfuif en GAP Café

20 september 2013 vanaf 20 uur Cocteau Gent, Jan Palfijnstraat 17, Gent

• Info en inschrijven: www.gap-online.UGent.be • Meer info over VIGOR: www.vigorinnovation.com

• Info en inschrijven: www.gap-online.UGent.be vóór 19 september 2013

Opleiding DSM-5

Oktober 2013 • Info en inschrijven via www.gap-online.UGent.be

Wat vertellen onze dromen?

ugent

28 november 2013 • Info en inschrijven: www.gap-online.UGent.be

De VIGOR Innovation Research Group doet onderzoek naar creativiteit en streeft naar de vertaling van wetenschappelijke resultaten naar de praktijk. Via het innovation game zal je leren om deze kennis te integreren op je werk en daarbuiten. De derde Gap fuif bouwt verder op het succesvolle concept van een informele ontmoeting tussen alumni, gevolgd door een verwelkoming van de laatstejaars om 22 uur. Zij hebben die dag immers hun plechtige proclamatie. Met de GAP afstudeerfuif sluiten we dus feestelijk aan op het GAP-café. De DSM (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders) wordt door tal van dokters, psychiaters, en psychologen gebruikt om klinische diagnoses te stellen. In oktober organiseert GAP een opleiding rond de nieuwe DSM-5, die uitkomt in mei 2013. Er is ruimte voor discussie en reflectie over het gebruik en de implicaties van de DSM. Prof. Draaisma (Universiteit Groningen) is expert in hoe mensen vergeten en auteur van verschillende boeken daarover: ‘Waarom het leven sneller gaat als je ouder wordt’, ‘De heimweefabriek’ en ‘Vergeetboek’. Hij komt spreken over de psychologie van dromen, niet vanuit Freudiaans perspectief, maar vanuit de cognitieve psychologie.


Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen Verbond Afgestudeerde Bio-ingenieurs Voordracht ‘Over zinnenprikkelende oesters en verslavende chocolade: fabels en feiten over voeding’ – Dr. ir. Eric De Maerteleire

9 oktober 2013 om 19.30 uur Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen, Coupure Links 653, Gent

Reünieavond

23 november 2013 Salons Mantovani, Doorn 1, Oudenaarde

• Info: www.vbig.be • Inschrijven via www.vbig.be, vóór 8 oktober 2013 • Prijs: 3 euro voor leden Verbond, KVIV, AIG, studenten en familie; 5 euro voor niet-leden

• Info en inschrijven: www.vbig.be, vóór 15 november 2013 • Voor alle alumni van de faculteit Bio-Ingenieurs­ wetenschappen en familie

Verbondsquiz

December 2013 Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen, Coupure Links 653, Gent • Info en inschrijven: www.vbig.be

 19 Over voeding doen de vreemdste verhalen de ronde. Op basis van zijn jarenlange ervaring schreef Eric De Maerteleire daarom een boek, waarin de meest gestelde vragen over de relatie tussen voeding en gezondheid worden behandeld. De schrijver verzoent wetenschappelijke kennis met grote begrijpelijkheid. Een tachtigtal vragen komen aan bod, met een hoge actualiteitswaarde. De jaarlijkse reünieavond van het “Verbond” vindt dit jaar plaats in Oudenaarde. Voor het namiddagprogramma verwijzen we naar de website. Het avondprogramma begint met een uitgebreide wandelreceptie, gevolgd door warme feestmaaltijd. Er is een vegetarisch menu voorzien. De wereldberoemde Verbondsquiz zal naar goede gewoonte bestaan uit een aaneenschakeling van moeilijke, gemakkelijke, grappige en rare vragen. Zowel doorgewinterde als gelegenheidsploegen komen daarbij aan hun trekken.

Faculteit Farmaceutische Wetenschappen Farmalumni Startactiviteit Farmalumni

16 oktober 2013 Het Pand, Onderbergen 1, Gent • Info en inschrijven via farmalumni@gmail.com • Voor alle alumni van de faculteit Farmaceutische Wetenschappen

Tijdens deze startactiviteit komt Brecht Ingelbeen spreken. Hij studeerde zes jaar geleden af aan de faculteit Farmaceutische Wetenschappen en komt vertellen over zijn ervaringen als apotheker bij Artsen Zonder Grenzen.

Faculteit Politieke en Sociale Wetenschappen Oud-studentenvereniging Politieke Wetenschappen OSPW-diner

29 november 2013 om 19 uur Vooruit, Sint-Pietersnieuwstraat 23, Gent • Info en inschrijven: www.psw.UGent.be/ospw • Prijs: 15 euro

Etentje voor alle leden van de Oud-Studentenvereniging Politieke Wetenschappen, in de Vooruit. De ideale setting voor een gezellig etentje en een boeiende lezing.

De UGent-alumnidatabank www.UGent.be/ alumnidatabank

Wilt u als oud-student op de hoogte blijven over de UGent? Wilt u uitgenodigd worden voor alumniactiviteiten? Wilt u oude vriendschappen nieuw leven inblazen? Bent u benieuwd naar het carrièrepad van vroegere medestudenten? Wacht dan niet langer om te registreren op de UGent-alumnidatabank en krijg de mogelijkheid om via dit netwerk medestudenten op te zoeken en relevante informatie terug te vinden. Als alumnus van de UGent kan u uw eigen infofiche online beheren, updaten en afschermen zoals u het zelf wenst. Log meteen in en ontdek zelf de mogelijkheden op www.UGent.be/alumnidatabank.


Opstaan!

 20

Meer bewegen alleen volstaat niet Werknemers, werkgevers, senioren, kleuters en aankomende pubers: professor Ilse De Bourdeaudhuij onderzocht hun zitgedrag. Maar eenvoudige bijsturingen om dat te verbeteren botsen vaak op weerstand. “Mensen willen hun keuzevrijheid behouden.” Auteur: Raoul De Groote | Fotograaf: Nic Vermeulen

ugent

Vijftien jaar geleden maakte professor Ilse De Bourdeaudhuij een doctoraat over gezondheidspsychologie in de faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen. Daarna stapte ze over naar de vakgroep Bewegings- en Sportwetenschappen in de faculteit Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen, en sinds begin 2000 heeft zij een aantal projecten opgezet om mensen tot meer beweging aan te zetten. “We focusten niet alleen op sport, maar ook op andere vormen van bewegen zoals wandelen of fietsen. Er waren heel wat vragen die we moesten beantwoorden. Hoe meten we? Wat beïnvloedt beweging? Welke interventies zijn er mogelijk? En kunnen we ze implementeren in Vlaanderen? Van die projecten is bij het brede publiek het meest bekende wellicht het 10.000-stappenproject.”

Meer bewegen is één, minder zitten is twee. “Vroeger dachten we dat mensen die veel bewogen ook minder zaten. Maar we merkten dat sommigen heel wat bewegen en toch zeer veel zitten. En anderen weinig bewegen en toch weinig zitten. We hebben vastgesteld dat wie voldoende beweegt maar ook veel zit een risico blijft lopen op chronische aandoeningen als harten vaatziekten, diabetes of het metabool syndroom. Dat nieuwe inzicht is vooral ontstaan door onderzoek naar de impact van dagelijks vele uren tv-kijken op de gezondheid van mensen tientallen jaren later.” Tv-kijken is een duidelijke indicator voor een minder goede gezondheid. “Tv-kijken is natuurlijk maar één vorm van sedentair gedrag. Er zijn ook studies gedaan naar zitten op het werk. Het oudste onderzoek vergeleek tramconducteurs en tramchauffeurs: de chauffeurs liepen meer gezondheidsrisico dan conducteurs. Dat bewees dat bewegen gezond is én tegelijk dat zitten ongezond is. De fysiologie van het lichaam is in beide situaties anders.” Met collega’s uit Nederland, Australië, de VS en Engeland diepte professor De Bourdeaudhuij een en ander verder uit. “We keken of we bij lagereschoolkinderen iets konden doen aan het zitten: de totale zittijd verminderen of het zitten

onderbreken door bewegingstussen­ doortjes in de les. Dat werd redelijk aanvaard in de scholen, maar de ouders bleken het moeilijker te hebben met het systeem waardoor onze interventie buiten de klas weinig impact had.” Staan aan je bureau Een andere studie liep in bedrijven. “Resultaten hebben we nog niet echt – de laatste metingen zijn pas binnen – maar we hebben geprobeerd het zitten te verminderen of te onderbreken door bijvoorbeeld printers of vuilnisbakjes centraal te plaatsen waardoor mensen vaker moeten opstaan.” Hoewel dergelijke ingrepen de gezondheid ten goede komen, bleek het niet evident om iedereen daarvan te overtuigen. “Staande vergaderingen bijvoorbeeld, daar was heel veel weerstand tegen. Eén bedrijf heeft het zelfs niet willen invoeren. Hetzelfde met staan tijdens de pauzes. Onze belangrijkste conclusie is dat bedrijven er nog niet klaar voor zijn om iets aan sedentair gedrag te doen. In Australië is men daar al verschillende jaren mee bezig – zij zijn de pioniers – en daar is men zich veel meer bewust van de noodzaak. Standing desks worden daar vaak gebruikt. Dat zijn bureaus of systemen om op je bureau te zetten die je toelaten om een deel van de dag rechtstaand aan je computer te werken. Men kan die ook hier vinden maar ze zijn redelijk duur.”


Info p

 21

Ilse De Bourdeaudhuij Vakgroep Bewegings- en Sportwetenschappen Tel. 09 264 63 11 Ilse.DeBourdeaudhuij@UGent.be

“Het grootste probleem bij bedrijven is dat de werknemers eigenlijk niet willen dat hen bepaalde zaken worden opgelegd. Printers of vuilnisbakken centraal plaatsen vinden ze snel een aanval op hun vrije keuze. Bedrijfsleiders zijn wel geneigd om die dingen op te leggen terwijl de werknemers daar niet op zitten te wachten. Alleen als de werknemers zelf die kleine veranderingen kunnen bepalen, doen ze mee. Bovendien denken ze dat hun collega’s hen belachelijk zullen vinden. Dat ervaren wij hier ook wel eens: als wij op de dienst een meeting hebben, gaat een van ons soms na een half uurtje tegen de muur staan en dan zie je anderen – die daar niet zo mee bezig zijn – wel eens raar opkijken.” Reclame als trigger De Bourdeaudhuij gaat nu een studie opstarten bij senioren die in een programma voor hart­ revalidatie zitten. Hierin wordt aan

meer bewegen ook minder zitten toegevoegd. “Senioren zitten heel veel. Door bijvoorbeeld de afstandsbediening buiten handbereik te houden of door hen te doen rechtstaan tijdens de reclame, kunnen we dat doorbreken. We spreiden de onderbrekingen over een hele avond: uitkleden en pyjama aandoen, tanden poetsen, pilletjes nemen. Het reclameblok wordt de concrete trigger voor beweging.” Ook kinderen leven vaak te sedentair. “We hebben gemeten dat 11- tot 12-jarigen tussen de 7,5 en 9,5 uur per dag echt volledig zitten. Bij jongens zijn er weinig gevolgen voor hun gewicht als ze veel zitten én veel bewegen. Maar bij meisjes ligt het anders: meisjes die veel bewegen én veel zitten, hebben een hogere body mass index. Vermoedelijk is dit verschil te verklaren doordat jongens – als ze bewegen – dat meer en intenser doen. In scholen lukt het om het zitten te onder-

breken, maar het blijkt moeilijk om dat naar thuis door te trekken.” “We zien op Europees vlak grote verschillen in het sedentair gedrag van kleuters die een tv in hun slaapkamer hebben: van 6% bij de Duitsers tot 69% bij de Bulgaren. Bij ons in Vlaanderen hebben 15% van de kleuters een eigen tv in hun slaapkamer. Er is nog heel weinig onderzoek naar het effect van interventies om zittend gedrag te doorbreken en naar hoe vaak je zoiets moet doen. Internationaal wordt momenteel aangenomen dat een korte onderbreking wenselijk is, gewoon even rechtop gaan staan na een half uur zitten, maar hard bewijs is daar nog niet voor. Er lopen heel wat studies die deze optimale duur zullen bepalen en vooral aantonen hoe mensen van alle leeftijden het best gemotiveerd kunnen worden om minder te zitten of het zitten meer te onderbreken.”


22

“Nood aan een extra uitdaging” Nieuw honoursprogramma voor de beste studenten Vijftig topstudenten krijgen volgend academiejaar de kans om deel te nemen aan het eerste verbredende honoursprogramma van de UGent. “We willen uitmuntende studenten ondersteunen door hen extra uitda­ gingen aan te bieden. Ook dat is immers gelijkekansenonderwijs,” zegt programmadirecteur Michel Tanret. Auteur: Katrien Depoorter | Fotograaf: Nic Vermeulen

Honoursprogramma’s bieden zeer goede studenten bijkomende vormingsmogelijkheden aan omdat zij meer dan de universitaire opleiding nodig hebben om hun honger naar kennis te stillen. Elke universiteit vult het concept op een eigen manier in. Bij ons zetten emeritus-professoren Michel Tanret en Fred Brackx, doctor Debora Van Durme en directeur Onderwijsaangelegenheden Kristiaan Versluys hun schouders onder het project. Programmadirecteur Michel Tanret: “Onze universiteit werkt al jaren aan gelijke kansen, maar de topstudenten zijn we wat uit het oog

verloren. Het honoursprogramma brengt daar verandering in. Omdat er al een aantal verdiepende facultaire programma’s bestonden, hebben wij er bewust voor gekozen om universiteitsbreed te werken. Studenten uit verschillende faculteiten zullen samen les volgen over uiteenlopende onderwerpen en op die manier over de muren van hun eigen discipline heen kunnen kijken.” Hiermee bijt de Universiteit Gent in ons land de spits af, want geen enkele andere universiteit biedt een gestructureerd verbredend programma aan.

Van links naar rechts: Michel Tanret, Debora Van Durme, Fred(dy) Brackx en Kristiaan Versluys

ugent


23 Motivatiebrief en interview Het honoursprogramma start vanaf de tweede bachelor. Omdat interactie heel belangrijk is en het de bedoeling is dat de studenten elkaar goed leren kennen, worden er maximaal 50 mensen toegelaten. Debora Van Durme: “De selectie gebeurt door ons vier. We zoeken getalenteerde, communicatief vaardige en creatieve studenten met een open vizier die in staat zijn om gefundeerd met elkaar te discussiëren. Een eerste selectie gebeurt op het einde van de eerste bachelor op basis van de resultaten in eerste zittijd. We mikken op de studenten die tot de beste 10% van hun richting behoren. Wie zich kandidaat wil stellen, moet ons via de website een brief schrijven met een toelichting van de motivatie. Is die brief overtuigend, dan nodigen we de student uit voor een gesprek. Na die ronde bepalen we wie kan deelnemen. We zullen erover waken dat er mensen van elke faculteit aanwezig zijn en dat er een evenwichtige man-vrouwverhouding is.” Enthousiaste sprekers Het honoursprogramma van de UGent is gemodelleerd op dat van de Universiteit van Utrecht. Het duurt twee jaar en is opgedeeld in vier modules met telkens een ander centraal thema. Binnen elke module zijn de colleges nog eens gegroepeerd rond deelthema’s. De lessen vinden plaats op dinsdagavond met telkens een andere spreker. Michel Tanret: “Ook de screening van de gastdocenten is in groep gebeurd. We hebben alle vier een verschillende achtergrond en dat helpt ons om weloverwogen keuzes te maken. We hebben gezorgd voor een goeie mix van jonge en oude, mannelijke en vrouwelijke, nationale en inter­nationale docenten. De geselecteerde sprekers zijn stuk voor stuk topacademici die echt iets te

Breaking Frontiers Een honoursprogramma waarin onderzoek centraal staat Voor studenten uit de faculteiten Diergeneeskunde, Farmaceutische Wetenschappen en Geneeskunde en Gezondheidswetenschappen bestaat al langer een honoursprogramma: ‘Breaking Frontiers’. Het biedt verbreding en verdieping in wetenschappelijk onderzoek aan. Het programma mikt eveneens op excellente studenten (de beste 20% uit elke richting) en is bedoeld voor een beperkte groep. In tegenstelling tot het algemene honoursprogramma volgen de studenten een aantal verplichte lessen. Daarnaast is er ook een groot aandeel zelfstudie voorzien. Verder is er een specifiek programma met projectgerelateerd labowerk en schrijven de deelnemers een wetenschappelijke paper. De studenten worden hierbij intensief begeleid door een tutor. De introductieles vond plaats op 23 april 2013 en werd bijgewoond door 23 geselecteerde studenten.

Meer info: Lieve.Germonprez@UGent.be

vertellen hebben en dat bovendien op een zeer geestdriftige manier doen. Het eerste thema is ‘Wat is wetenschap?’ en het is onze emeritus professor Etienne Vermeersch die de spits zal afbijten.” Het honoursprogramma is meer dan een reeks vrijblijvende lezingen. Aanwezigheid en een actieve deelname aan de discussies is verplicht. De studenten krijgen vooraf literatuur mee. Debora Van Durme: “Op die manier kunnen ze degelijk voorbereid de dialoog met hun medestudenten en docent aangaan. Iemand die nooit aan het woord komt, zullen we aansporen om actiever deel te nemen. We willen er echt over waken dat iedereen uit zijn schulp komt.” Daarnaast moeten de studenten per semester twee werkstukken maken waarin ze een deelthema verder uitdiepen door er bijvoorbeeld een opiniestuk over te schrijven. Vriendschappen Wie het volledige programma succesvol afrondt, krijgt naast een certificaat ook een aanbevelingsbrief van de rector. Niet zomaar een standaarddocument, maar een persoonlijke brief met een paragraaf

over de troeven van de bewuste student. Naast het feit dat je hiermee kunt uitpakken op je cv, heeft een deelname aan het honoursprogramma nog tal van andere voordelen. Niet alleen verruimen studenten hun kennis aanzienlijk en krijgen ze een bredere kijk op wetenschap en maatschappij, ze leren ook mensen uit andere disciplines kennen en krijgen er een uitgebreid netwerk door. Debora Van Durme: “Na elk college bieden we de studenten een hapje en drankje aan waarbij ze kunnen nakaarten. Studenten die deelnemen aan het honoursprogramma in Utrecht vertelden ons dat er hechte vriendschappen kunnen ontstaan. Daar hebben de studenten zelfs spontaan een studiereis georganiseerd.” Nog enkele maanden en dan is het zover. Michel Tanret: “We zien het enthousiasme onder de studenten stilaan toenemen, al zal rekrutering van onze kant zeker nog nodig zijn. Eens de bal aan het rollen is, zal mond-tot-mondreclame wellicht volstaan. We zijn er zeker van dat het honoursprogramma een succes zal worden.”

Meer info p www.UGent.be/honoursprogramma


24

UGent-professor Steven Vanderputten schrijft geschiedenis Baanbrekend historisch onderzoek doen door niet enkel het verleden, maar vooral ook interpretaties van dat verleden centraal te stellen. Voor die aanpak kreeg professor Steven Vanderputten (vakgroep Geschiedenis) vorig jaar de Friedrich Wilhelm Bessel-award van de Duitse Alexander von Humboldt Stichting. “Dat was niet alleen een mooie bekroning van mijn carrière tot dusver, maar heeft ook deuren voor me geopend en een pak interessante contacten opgeleverd”, blikt hij terug. Auteur: Stéphanie Poelman | Foto: UGent

ugent

De Friedrich Wilhelm Besselaward wordt jaarlijks uitgereikt aan 25 kandidaten uit alle wetenschapsdomeinen. De prijswinnaars zijn internationaal gerenommeerde onderzoekers die minder dan 18 jaar geleden hun doctoraat behaalden en reeds een baanbrekende impact hadden op hun vakgebied. De stichting bekroont dus het toekomstige kruim van de wetenschap. Dat die eer UGentprofessor Steven Vanderputten te beurt viel, is om meer dan één reden bijzonder: er waren maar twee genomineerden uit de menswetenschappen, hij was de enige Belg van de laureaten en hij was de jongste die de prijs in ontvangst mocht nemen. “In de geschiedwetenschap is baanbrekend onderzoek moeilijk definieerbaar in termen van nieuwe ontdekkingen: slechts zelden komt er een wereldschokkend nieuw feit boven water. Waar het om gaat, is orde scheppen in de chaotische massa feiten en verhalen uit het verleden. Fundamenteel hierbij is

het inzicht dat iedere poging om structuur in dat verleden te brengen neerkomt op een vorm van manipulatie en simplificatie. Beide zijn onvermijdelijk, en niet per se goed of slecht: middeleeuwers deden het, onderzoekers van nu ook. Ze zien patronen in de ontwikkeling van het menselijke gedrag, van instellingen en volkeren, van socio-economische verhoudingen en van mentaliteiten en geloofsovertuigingen. In mijn onderzoek naar de Westerse centrale middeleeuwen (ruwweg de periode tussen 900 en 1200) staat die problematiek van het ‘verhalen vertellen’ centraal. Voor mijn laatste boek over kloosterhervormingen besteedde ik net zo veel aandacht aan negentiende- en twintigsteeeuwse constructies van het verleden als aan ‘authentieke’ getuigenissen uit de middel­eeuwen. Zo overstijgt mijn onderzoek mijn specifieke vakgebied.” Die invalshoek – en de manier waarop Vanderputten ze heeft toegepast op zijn onderzoeksdomein – bracht de Duitse professor

Gert Melville ertoe om hem voor te dragen voor de Friedrich Wilhelm Bessel-award. “Mijn dossier is zowel door gerenommeerde historici als door een panel van topwetenschappers uit alle vakgebieden beoordeeld. Dat maakt de erkenning uiteraard alleen maar groter.” Aan de award was niet alleen een geldelijke prijs verbonden maar ook de uitnodiging om intensief samen te werken met professor Melville aan de Technische Universität van Dresden. Die samenwerking zorgt volgens Steven Vanderputten voor een nieuwe dynamiek in zijn vakgebied. “Zo nodigen we topwetenschappers uit op workshops en symposia. Door onze samenwerking kunnen we ontwikkelingen in ons vakgebied aanzienlijk versnellen,” besluit professor Vanderputten.

Info p Vakgroep Geschiedenis Prof. Steven Vanderputten Tel. 09 331 02 19 Steven.Vanderputten@UGent.be

Prof. dr. Helmut Schwarz (links), president van de Humboldt-Stiftung, overhandigt de prijs aan Steven Vanderputten (rechts).


25

“Onze runderen kunnen helpen in de wereldvoedselproblematiek” Chinese dierenartsen leren keizersnede uitvoeren aan UGent Belgisch witblauwras

Het Belgische witblauw-runderras staat bekend om zijn uitstekende vleesproductie. Het mag dus niet verbazen dat ook China geïnteresseerd is om ermee te kweken. Alleen heeft dit ras één nadeel: bij de geboorte is er heel vaak een keizersnede nodig. Dus kreeg de UGent onlangs drie Chinese dierenartsen over de vloer, om dat proces in de vingers te krijgen. Auteur: Stefanie Van den Broeck

Ons Belgische witblauwras is wereldwijd bekend omdat het hypergespierd is, vertelt Dirk Lips, gastprofessor aan de UGent. “Als het geslacht wordt, hou je veel meer spieren en minder organen over dan bij doorsnee runderen. Dat is uiteraard interessant om bij te dragen aan de wereldvoedselproblematiek. Bepaalde landbouwoppervlakte is niet geschikt voor akkerbouw, dus zijn de plaatselijke boeren aangewezen op veeteelt. En door lokale rassen wereldwijd te kruisen met ‘onze’ witblauw, kunnen we de vleesproductie de hoogte injagen.” Maar elke medaille heeft een keerzijde. Bij het witblauwras schuilt die vooral in het ‘verlossingsprobleem’, legt professor Lips uit. “De kalveren zijn zo gespierd dat ze niet meer door het bekken van hun moeder kunnen tijdens de bevalling. Vandaar dat ze meestal geboren worden met een keizersnede. De Gentse faculteit Diergeneeskunde behoort tot de instellingen met de meeste expertise ter wereld. In ons land is het dan ook erg interessant voor boeren om met keizersnedes te werken: zo hebben ze geen

risico op kalversterfte en verliezen ze minder kostbare tijd.” Genetisch onderzoek Het wordt natuurlijk een ander verhaal op pakweg het Argentijnse platteland: dan is er meestal geen veearts in de buurt. Daarom voeren Belgische wetenschappers al jaren genetisch onderzoek: hoe kunnen we ons bekende runderras aanpassen zodat het wél natuurlijk kan kalven? “Als we daarvoor een oplossing vinden, zal de internationale interesse nog toenemen. Er is bijvoorbeeld al belangstelling vanuit landen als Uruguay en Polen,” aldus professor Lips. “Maar China is het enige land waarmee er al concrete plannen zijn. De provincie Oost-Vlaanderen heeft een bevoorrechte relatie met de Chinese provincie Hebei en na jarenlange onderhandelingen is de ‘deal’ bijna rond: binnenkort kunnen we sperma en embryo’s van het witblauwras naar daar exporteren.”

De Chinezen zullen het ras kruisen met plaatselijke rassen – wat de kans op een natuurlijke verlossing vergroot – en het ook zuiver

© Shutterstock

gebruiken. “Ook die zuivere rasdieren zullen uit bloedlijnen komen die (veel) meer natuurlijk kalven dan gemiddeld. Maar om risico’s te vermijden, is het toch belangrijk dat de plaatselijke dierenartsen leren hoe ze een keizersnede moeten uitvoeren. Tussen haakjes: ook bij andere runderrassen is zo’n keizersnede soms noodzakelijk, dus die kennis is sowieso een pluspunt. Voorlopig zijn er al drie Chinese dierenartsen naar de UGent gekomen om zich daarin te specialiseren, en in de nabije toekomst zullen er mensen van bij ons naar daar trekken, om aan grotere groepen les te geven.” 

Info p Professor Dirk Lips Vakgroep Heelkunde en Anesthesie van de Huisdieren Tel. 09 264 75 03 Dirk.Lips@UGent.be


Mijn droom? Alle zieken­huisinfecties de wereld uit  26

Negenproef met Sonia Labeau

Sonia Labeau is een tevreden en fiere vrouw. Sinds 21 maart jl. mag deze master in de Verpleeg- en Vroedkunde en lector aan de HoGent zich doctor noemen. Maar die titel is bijzaak voor haar. Dat ze haar onderzoek naar preventie van infectieziektes in ziekenhuizen tot een goed einde heeft kunnen brengen, is wat telt. Nu nog een vervolgonderzoek weten te versieren... Auteur: Françoise Opsomer | Fotograaf: Nic Vermeulen

U heeft onderzocht hoe infectie­ ziektes in ziekenhuizen kunnen worden tegengegaan, klopt dat?

ugent

“Die stelling verdient een beetje nuancering. Ik heb onderzocht in welke mate ziekenhuismedewerkers op de hoogte zijn van de richtlijnen die ze moeten volgen om vaak voorkomende infectieziektes

in het ziekenhuis tegen te gaan. Frappant is dat tot 70% van die infecties zouden kunnen worden vermeden als alle zorgverleners de bestaande richtlijnen zouden naleven. Vrij vertaald wil dat zeggen dat de procedures op dit ogenblik waarschijnlijk niet voldoende gevolgd worden.”

Hoe ging u te werk voor uw onderzoek?

“Om te beginnen hebben we kennisvragenlijsten opgesteld over de preventie van drie van de vier meest voorkomende infectieziektes – die van de longen bij patiën­ ten die kunstmatig beademd worden, van postoperatieve


27

Info p Hogeschool Gent – Faculteit Mens en welzijn Dr. Sonia Labeau Tel. 09 321 21 38 Sonia.Labeau@UGent.be Sonia.Labeau@HoGent.be

wonden en van de bloedstroom door centraalveneuze katheters. Die vragenlijsten hebben we verspreid naar een Europese groep verpleegkundigen op intensieve zorgen. De reactie was enorm: maar liefst 3.405 zorgverleners uit 22 Europese landen hebben de tijd genomen om de vragen te beantwoorden. De resultaten bleken echter heel slecht. Geen enkel land haalde een gemiddelde van 50%. Alle hens aan dek dus om iets te doen ter preventie van ziekenhuisinfecties, want we spelen op dit ogenblik met mensenlevens.” En daar heb je met je doctoraat iets aan gedaan?

“Dat klopt. Ik heb een e-learning­ module opgesteld – volledig vanuit het niets – waarmee iedereen thuis aan de slag kon op momenten waarop het hen uitkwam en ik heb vervolgens de effectiviteit van deze cursus getest. Onze steekproef omvatte 3.587 vrijwillige studenten van 79 nationaliteiten. Eén derde reed de rit volledig uit. Het werken met de educatieve module omvatte vier stappen. Na een eerste keer inloggen kregen de studenten een pretest om te kijken hoe het zat met hun basiskennis. De mediane score bedroeg hier 52%. Vervolgens kregen ze acht weken de tijd om de cursus in te studeren en werden ze opnieuw getest. Hier liep de mediane score op tot 80%. Daarna werd de toegang tot de e-learningomgeving twaalf weken lang afgesloten, waarna opnieuw een test volgde. Op die manier wilden we nagaan

“We spelen op dit ogenblik met mensenlevens.” hoeveel er van de stof was blijven hangen. Ook die scores waren – met 74% – meer dan behoorlijk. We kunnen dus spreken van een groot succes!” Waren de gebruikers te spreken over de kwaliteit van de onlinecursus?

“Ja, dat merken we aan de vele reacties. De tevredenheid geldt zowel voor het gebruiksgemak en de overzichtelijkheid als de inhoud op zich. We hebben de cursus ontwikkeld in het Nederlands en het Engels en vervolgens vertaald naar het Spaans, Portugees en Turks. Op een bepaald moment werd ik overstelpt met vragen van instellingen, ziekenhuizen en scholen of ze de cursus mochten gebruiken. De mond-tot-mond-reclame deed duidelijk zijn werk. De cursus staat nog altijd online en nog steeds mailen mensen me met positieve respons. De grote interesse duidt alvast op de noodzaak van een extra opleiding. Persoonlijk zou ik graag in een vervolgonderzoek kunnen meten of een betere kennis van de richtlijnen daadwerkelijk leidt tot minder infecties.” Waarom heb je eigenlijk voor dit onderwerp gekozen?

“Ik kende de praktijk vanuit mijn jaren als verpleegkundige. Ik heb eerst een master in de Verpleegen Vroedkunde gevolgd aan de UGent. Mijn masterproef ging over de kennis van verpleegkundigen op de dienst intensieve zorgen over de preventie van longontstekingen bij kunstmatig beademde patiënten. Meteen daarna kwam hier in de HoGent een vacature vrij als

assistent en kon ik daardoor verder aan de slag. Dat gaf me de kans om wetenschappelijk onderzoek te verrichten dat ook relevant was voor het onderwijs.” Vond u het doctoraat – toch zes jaar lang – lastig om door te komen?

“Het traject was inderdaad soms eenzaam, hoewel ik samenwerkte met een team dat me onder meer hielp bij het verzamelen van data. Maar in feite staat of valt alles met je promotoren. Als zij je blijven ondersteunen en motiveren, resulteert die toch wel stresserende periode in een enorme professionele verrijking.” Hoe ziet uw toekomst eruit?

“Op dit moment ben ik weer lector. Ik mag nog steeds een deel van mijn tijd wijden aan onderzoek, maar moet daarvoor wel zelf op zoek naar de nodige fondsen. Gelukkig word ik daarbij geholpen door een dienst van de HoGent. Het is mijn intentie om uit te zoeken of we bijvoorbeeld fondsen kunnen vinden bij de overheid, want hoe meer infecties er vermeden worden, hoe lager het kostenplaatje voor de ziekteverzekering. In functie van hun accreditering, die voorlopig nog op vrijwillige basis gebeurt, moeten ziekenhuizen trouwens kunnen bewijzen dat ze investeren in de opleiding van hun personeel op het vlak van preventie. Mijn e-learningmodule past wonderwel in dit plaatje. Hoe dan ook hoop ik vurig dat ik daarin slaag want het onderzoek is te belangrijk om stop te zetten. Het ultieme doel is toch het garanderen van een betere zorg voor de patiënt.”

In ieder nummer bekijken we in de Negenproef het werk en de toekomstplannen van een doctorandus/a.


28

Nog zo jong en toch al zo’n gevarieerd leven achter de rug: een werf leiden, meubels maken, doctoreren. UGent’er Nathan Van Den Bossche deed het allemaal. Hij combineert academische kennis met een stevige portie realiteitszin, en dat is op zich al een gesprek waard. Auteur: Stefanie Van den Broeck | Fotograaf: Nic Vermeulen

Waarom meubelmaker?

“Ik werk heel graag met mijn handen. Als ik – door omstandigheden – geen universitaire studies had kunnen volgen, was ik misschien metser of schrijnwerker geworden. Het geeft me voldoening om zelf een bed of kast in hout te maken. En dat praktische diploma was ook handig toen ik mijn eigen woning bouwde: daar is geen aannemer aan te pas gekomen, ik heb bijna alles zelf kunnen doen!” En waarom ingenieur-architect?

ugent

“Ik had in het middelbaar een richting met acht uur wiskunde gevolgd en het leek dus logisch dat ik de wetenschappelijke weg zou opgaan. Maar burgerlijk ingenieur vond ik toch iets te theoretisch en weinig creatief. Bruggen en wegen spreken zelden tot de verbeelding. Doe mij maar gebouwen. Na mijn studies heb ik eerst een jaar bij een studiebureau gewerkt, waar ik werfcontroles deed. Daarna kon ik als assistent bouwtechniek beginnen aan de UGent, maar in dat vakgebied is er geen professor met ervaring in wetenschappelijk onderzoek. Waarover ik precies

Duizendpoot met Of kortom: een doctoraat kon maken, is dus lang onduidelijk gebleven. Ik ben toen vrij toevallig op een laboratorium gestoten, dat verscholen zat in de catacomben van het Technicum. (lacht) Daar kon ik meewerken aan proeven en vooral veel projecten uitwerken voor de industrie. Zo kreeg ik een erg praktische insteek die de focus van mijn doctoraat verder bepaald heeft.” Kan je kort uitleggen waarover jouw doctoraat gaat?

“Wie een huis wil bouwen, krijgt al snel te maken met strenge richtlijnen en voorschriften. Dat de ramen water- en luchtdicht moeten zijn, is een logische vereiste. Maar hoe test en optimaliseer je dat, zonder onmogelijke eisen te stellen? Hoe hard regent het eigenlijk in België en hoeveel wind is er op dat moment? Daar kwam veel

statistiek bij kijken en ik merkte al snel dat de bestaande test­ methodes weinig te maken hebben met de realiteit. De eisen voor gewone woningen zijn vaak totaal onrealistisch. Een raam moet bijvoorbeeld 5 minuten waterdicht zijn tot 300 Pascal, terwijl er de komende vijftig jaar maximaal 100 Pascal zal voorkomen gedurende 5 minuten. Vandaag worden er ramen ontwikkeld die je bij wijze van spreken in een duikboot zou kunnen installeren. De link met de realiteit is totaal verdwenen. Daarom heb ik op basis van experimenten en numerieke modellen een nieuwe theorie rond waterdichtheid ontworpen en toegepast. Zo ontdekte ik waar een architect vooral op moet letten en wat er zoal kan misgaan.” Wordt dat onderzoek nu ook in de praktijk gebracht?


Info p Dr. Ir. Arch. Nathan Van Den Bossche Vakgroep Architectuur en Stedenbouw Tel. 09 264 39 27 Nathan.VanDenBossche@UGent.be

 29

Ik kan me voorstellen dat de afgelopen jaren best zwaar waren?

ingenieursbrein handige Einstein “Dat is toch de bedoeling. Het afgelopen halfjaar heb ik een dertigtal lezingen gegeven aan architecten, aannemers en fabrikanten uit de bouwsector, om de resultaten te verspreiden. En een aantal van mijn bevindingen worden nu ook opgenomen in een breed voorstel om de Europese normen aan te passen.”

het onderzoek zijn er heel groot, ze kunnen werken met ongelofelijke testopstellingen. Maar de knowhow is veel beperkter dan hier. Veel grote ambities, maar de output is eerder bedroevend. Ik heb er eens te meer beseft dat we hier in Vlaanderen – met beperkte middelen – echt op hoog niveau werken.”

Ondertussen werkte je ook

En hoe is het land zelf je

drie maanden in Canada:

bevallen?

hoe was dat?

“Ook dat zorgde voor een cultuurshock, maar dan in de positieve zin. De mensen zijn er heel gastvrij. Doordat ze zelf zo vaak verhuizen, staan ze erg open voor andere ‘nieuwkomers’. Doordat ik er zo hard heb gewerkt, heb ik helaas niet zoveel van het land gezien. Al is mijn vrouw nadien wel enkele weken op bezoek gekomen en hebben we samen rondgereisd: de natuur is fantastisch!”

“Ik ontmoette op een conferentie een Canadese onderzoeker die een van de weinige experten is op het gebied van waterdichtheid. Hij nodigde me meteen uit om enkele maanden naar Canada te komen. Dat was een heel fijne periode, omdat ik me fulltime op mijn onderzoek kon storten. Al werd ik er wel geconfronteerd met een cultuurshock: de budgetten voor

“Eerlijk gezegd wel. Al heb ik dat voor een groot deel aan mezelf te danken. Ik kan moeilijk nee zeggen. Daarnaast had ik ook een zware onderwijsopdracht: ik gaf soms oefeningen voor zeven vakken. Uiteraard loop ik mooi binnen de lijntjes van de academische ratrace, door voldoende te publiceren. Maar het contact met de studenten, het gevoel dat je hen iets bijleert: dat geeft me veel meer voldoening dan al die wetenschappelijke publicaties. Maar vooral het afgelopen jaar – waarin ik mijn doctoraat afwerkte – was wel zwaar: ik heb acht maanden lang gewerkt zonder één dag vakantie, 80 uur per week.”

“De eisen voor woningen zijn soms onrealistisch: alsof je in een duikboot zou gaan wonen” Hoe ziet een duizendpoot als jij je toekomst?

“Mijn doctoraat is afgewerkt, maar buiten die extra titel voor mijn naam verandert er eigenlijk weinig. Ik ben verantwoordelijk voor enkele onderzoeksprojecten rond houtskeletbouw, renovatie, vacuümisolatie, raamprofielen en groendaken. Voorlopig hoop ik dus verder te kunnen gaan in het onderzoek, maar als dat niet meteen lukt, vertrek ik naar de industrie. Werken aan interessante en uitdagende projecten met fijne collega’s: dat kan volgens mij zowel binnen als buiten de academische wereld. Maar toch, studenten enthousiast maken voor je vakgebied en bedrijven helpen in hun zoektocht naar energiezuinige oplossingen: daar kunnen weinig jobs aan tippen ...”


30

Universiteit Gent houdt kick-off meeting op nieuwe campus in Zuid-Korea

In Songdo vond op 8 en 9 april 2013 een tweedaags symposium plaats van de UGent, een initiatief ter voorbereiding van de opening van ‘Ghent University Global Campus’ in Zuid-Korea. Daarmee is de UGent de eerste Europese universiteit op de Songdo Global University Campus in de Incheon Free Economic Zone (IFEZ).

ugent

Op het tweedaags symposium en netwerkevent verzamelden een UGent-delegatie, en wetenschappers en vertegenwoordigers van onderwijsinstellingen in Zuid-Korea voor een volgende concrete stap naar de start van de opleidingen die de UGent vanaf 2014 in Zuid-Korea zal verzorgen. De opleidingen situeren zich binnen de domeinen Voedingstechnologie, Milieu­technologie en Moleculaire biotechnologie. Met Ghent University Global Campus in Zuid-Korea krijgt de UGent een voet aan de grond in Noord-Oost-Azië. Bovendien biedt de campus nieuwe wegen voor studenten­uitwisseling en bijkomende job­kansen voor UGent-alumni en -personeel.


31

Kort p UGent Memorie brengt boek

over geschiedenis stad en universiteit p UGent gastvrouw voor

U4 Academic Leadership Van 13 tot 15 maart 2013 vond aan de UGent de derde sessie plaats van het U4-programma ‘Leading Universities in a Global Context’ met als thema ‘Creating Transparency and Accountability at European Universities’. Deze unieke

opleidingscyclus richt zich op senior managers van de vier partnerinstellingen en is gebaseerd op peer learning. De managers kregen de kans om hun deskundigheid in universitair leiderschap te versterken. De vierde sessie vindt plaats in Göttingen in het najaar. Meer info vind je op www.U4network.eu.

De website www.UGentMemorie.be brengt al geruime tijd de relatie tussen de UGent en de stad in beeld. Dat virtuele geheugen is nu ook uit in boekvorm: Gent. Een geschiedenis van universiteit en stad (1817-1940). Historicus Ruben Mantels vertelt over

de geschiedenis van de universiteitsgebouwen en hun rol in het stedelijk landschap. Via biografieën van professoren waaiert hij uit naar de stadspolitiek, het orangisme en ‘Gand français’. Hij besteedt aandacht aan de universitaire expansie en de strijd om de vernederlandsing en hoe die de relatie tussen stad en universiteit beïnvloedde. Ook vandaag vervult de universiteit een belangrijke rol in het stadsleven, als eerbiedwaardige dame van bijna tweehonderd jaar oud.

De ING-voordeelbon: mooi meegenomen ! Als medewerker van de UGent geniet u bij ons van tal van voordelen die u het leven makkelijker maken. Ontdek ze nu op ing.be/privilegio (login: “UGent” en paswoord: “UGent”). Indien u nog vragen heeft over het Privilegioaanbod en de vele voordelen ervan, kunt u ook terecht op het nummer 02 464 60 01. Bent u geïnteresseerd? Knip deze bon uit en leg deze voor in elk Belgisch ING-kantoor samen met uw UGent-badge of het document dat bevestigt dat u een UGent-werknemer bent. Onze adviseurs staan steeds voor u klaar. ING België nv – Bank – Vennootschapszetel: Marnixlaan 24, B-1000 Brussel – RPR Brussel – Btw: BE 0403.200.393 – BIC: BBRUBEBB – IBAN: BE45 3109 1560 2789. Verantwoordelijke uitgever: Inge Ampe – Sint-Michielswarande 60, B-1040 Brussel – 706005N – 02/13 © Editing Team & Graphic Studio – Marketing ING Belgium.


32

Agenda p GUSO en Ottowa Youth

Orchestra eenmalig samen Capitole, 12 maart 2013. Het Gents Universitair Symfonisch Orkest (GUSO) verbroedert met het Ottowa Youth Orchestra naar aanleiding van het tweehonderdjarig bestaan van de Treaty of Ghent. Samen verzorgen ze een prachtige uitvoering van een selectie uit het repertoire van Rossini, Bizet en Tchaikovsky.

p Greenbridgefaciliteiten

voor AUGent’ers Met Greenbridge beschikt de UGent op de campus Oostende over een innovatiehub voor duurzame-­ energiebedrijven. Sinds kort is er ook een seminarieruimte en een demonstratiehal voor innovatieve technologieën m.b.t. duurzame en hernieuwbare energie. Personeel van de Associatie Universiteit Gent dat met deze technologieën wil kennismaken, kan bij Greenbridge terecht. Hetzelfde geldt voor wie wil deelnemen aan een eco-teambuildingsactiviteit of een seminarie of studiedag(en) ‘aan zee’ wil organiseren. Voor AUGent’ers stelt Greenbridge zijn faciliteiten ter beschikking aan verminderde prijs. Meer informatie vind je op www.UGent.be/nl/werken/ organisatie/activiteiten.

Universiteit Gent geeft 12 duo-tickets weg voor OdeGand by Night Mail voor 30 juni het antwoord op volgende vraag: Wie is de curator van OdeGand by Night? 1  Bent Van Looy   2  John Roan   3  Frederik Sioen naar magazine@UGent.be en geniet van een unieke avond!

Colofon redactie

realisatie

Verantwoordelijke uitgever Paul Van Cauwenberge, rector UGent Coördinatie Isabel Paeme, Leentje van Remortel, Stephanie Lenoir Hoofdredacteur Françoise Opsomer | Medewerkers-redacteurs Christine Bonheure, Raoul De Groote,

Katrien Depoorter, Stéphanie Poelman, Wim Trommelmans, Stefanie Van den Broeck Fotografie Nic Vermeulen, Shutterstock Vormgeving Hanneke De Wachter Redactieadres Afdeling Communicatie UGent, Onderbergen 1, 9000 Gent, communicatie@UGent.be advertenties

Verantwoordelijke publiciteitsregie Sophie El Ayadi, Tel. 09 268 28 15, fax 09 268 19 18, pub@magelaan.be

MAGELAAN cvba, Blekersdijk 14, 9000 Gent Tel. 09 224 40 65, fax 09 224 19 18 info@magelaan.be • www.magelaan.be


info@historic-hotels-ghent.com

LISBETH IMBO

77 charming rooms with private bathroom Trendy lounge / Bar Patio Fitness and sauna Breakfast room with panoramic vieuw 2 meeting rooms with daylight Medieval Cellar Free wireless internet Ancient pier: can be reached by boat Central location

49 comfortable rooms with private bathroom Trendy lounge / Bar Patio Fitness and sauna Cosy breakfast room 15 private parking places 1 meeting room with daylight Free wireless internet Central location

DECEMBER

JUNI

46 elegant rooms with private bathroom Trendy lounge / Bar Breakfast room with a relax atmosphere Patio 1 meeting room with daylight 4 Business Flats Free wireless internet Central location

www.historic-hotels-ghent.com

ANDRÉ BOUFFIOUX

Licentiaat Germaanse Taal-en Letterkunde

Burgerlijk Electrotechnisch Ingenieur

Radio- en televisiepresentatrice

CEO Siemens

Met Alumni Toptalent nodigt de UGent haar topalumni uit om voor collega-alumni een boeiende voordracht te brengen. Na de uiteenzetting bent u hartelijk welkom op een netwerkreceptie. De voordrachten beginnen om 19.00 uur Locatie: Het Pand, Onderbergen 1, 9000 Gent Meer info en inschrijven op www.UGent.be/alumniactiviteiten Poel 1 - 2 · 9000 Ghent T +32 (0)9 266 06 00 F +32 (0)9 266 06 09

Waaistraat 5 · 9000 Ghent T +32 (0)9 266 10 10 F +32 (0)9 266 10 15

Jan Breydelstraat 35 · 9000 Ghent T +32 (0)9 225 11 50 F +32 (0)9 225 18 50

info@hoteldeflandre.be www.hoteldeflandre.be

info@ghent-river-hotel.be www.ghent-river-hotel.be

info@gravensteen.be www.gravensteen.be


universiteit gent  | 

Win een duo-ticket voor OdeGand by Night Prijsvraag zie pag. 32

p Pg Anita Harrewyn over het gerecht p Nieuw honoursprogramma p Campus van de UGent in Zuid-Korea 27ste jaargang | nr. 5 | nr. 224 | afgiftekantoor Gent X | periodiek tijdschrift | verschijnt tweemaandelijks | P409859 | afzendadres: Onderbergen 1, 9000 Gent

mei 2013

Universiteit Gent - mei 2013 (i.o.v. Magelaan)  
Advertisement