Issuu on Google+

ZOEKTOCHT NAAR CHINESE VRIJWILLIGER filem’on: dé brusselse filmgids voor kids En ook: Mode Parcours, Mark Lanegan en Caroline Strubbe.

24 10 13

Vlaams-Brusselse partijen zoeken oplossing voor federale verkiezingen LEES P.4

© SASKIA VANDERSTICHELE

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

TWEE VLIEGEN IN ÉÉN KLAP

Twee weken terug berichtte BDW over het boekje ‘Belgian Solutions’, typische trucjes uit Belgenland, en deze foto kan probleemloos mee in rij. Voor wie met een elektrische wagen rijdt, is een parkeerplaats met laadpaal niet altijd gemakkelijk te vinden. Bij gebrek aan een garage worden hier dan maar het voetpad en de brievenbus gebruikt. Al valt te betwijfelen of deze parkeer- en oplaadmethode wel wettelijk is. JC

Stedenbouw > Brussel-Stad bouwt nog eens 850 woningen

Buurtbewoners hekelen gebrek aan participatie BRUSSEL – Brussel-Stad gaat de volgende zes jaar nog eens 850 woningen bouwen waarvan ongeveer een kwart in Neder-OverHeembeek. Daar en ook elders in de stad komen buurtbewoners in verzet tegen het gebrek aan inspraak.

H 

et nieuwe plan is een vervolg op het 1000-woningenplan van het vorige stadsbestuur. Deze keer willen het Brusselse OCMW en de Grondregie 306 woningen neerzetten in de Vijfhoek, 107 in de Noordwijk en in Haren,

203 in Neder-Over-Heembeek en ook 22 in Evere. Daar beschikt Brussel-Stad namelijk over een garage, vlakbij het kerkhof. Het zijn hoofdzakelijk middenklassewoningen. Ook wordt rekening gehouden met specifieke doelgroepen: grote

gezinnen, studenten, ouderen. Zo komen op de plek van de vroegere kledingzaak Michiels in de Hoogstraat 39 serviceflats. Yvan Mayeur (PS), voorzitter van het Brusselse OCMW, hoopt dat hij zo weinig mogelijk tegengewerkt wordt bij de bouw. “We moeten als openbare dienst zware, tijdrovende en kostelijke procedures volgen, bijvoorbeeld bij de openbare aanbestedingen. Daar komen dan ook

nog eens de eisen van de Commissie voor Monumenten en Landschappen bij. Die drijven de bouwprijs op en maken de exploitatie achteraf duurder. Dit moet veranderen. Anders laat iedereen, ook wij, de prestigieuze gebouwen in de stad verrotten.” Mayeur hoopt met name dat de Commissie niet dwarsligt bij de verbouwing van het bejaardentehuis Pacheco, waar honderd woningen gepland zijn. Ook het overleg met de buurtbewoners bemoeilijkt volgens hem de bouwprojecten. “Het is raar dat we met de buurt overleggen en niet met de mensen voor wie de woningen bestemd zijn, namelijk zij die nu vaak heel slecht gehuisvest zijn.”

Mobiliteitsprobleem Inmiddels is dat buurtverzet al volop aan de gang. In Heembeek, dat er de afgelopen jaren al 450 woningen bij kreeg, loopt een petitie tegen extra woningen zolang niet eerst gezorgd wordt voor scholen, crèches, sportvoorzieningen en een

oplossing voor het mobiliteitsprobleem. “Het heeft geen zin om extra woningen te bouwen als de wijk ze niet verwerkt krijgt,” zegt Benoît Elleboudt van de vzw Groene Wandeling. “We pikken het niet dat alles boven onze hoofden beslist wordt. Overal spreekt men over participatie, behalve in Brussel-Stad.” Ook de buurt van de site Donderberg in Laken, achter de Tuinen van de Bloemist, zet zich schrap. De stad wil er, behalve een grote school, 75 woningen neerzetten.   Bettina Hubo Opinie op p.11: ‘Stop de bouwwoede in Neder-Over-Heembeek’ ADVERTENTIE

betaalt U te veel? Ga dan naar pagina 7

N° 1399 VAN 24 TOT 31 OKTOBER 2013 ¦ WEEK 43: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE


OPMERKELIJK N-VA’er leverde wapens aan Bosnië en Kroatië BRUSSEL – Géza Mezösy, waarnemend voorzitter van de N-VA in Vorst, Sint-Gillis en Ukkel werd in 1998 en 2001 veroordeeld voor illegale wapenhandel. Dat schrijft Koen Hostyn (PVDA) in een nieuw boek dat hij voorbereidt over de N-VA.

Uitgelicht > Eerste spadesteek voor gloednieuw winkelcentrum in januari

Docks op kop, Uplace blijft achter BRUSSEL – Equilis heeft alle vergunningen op zak voor de bouw van een nieuw shoppingcentrum aan het kanaal. De werken gaan na nieuwjaar van start. Het winkelcentrum krijgt een nieuwe naam: Docks Bruxsel.

W 

at een marktstudie zoal kan teweegbrengen. Halverwege de jaren 2000 bleek dat er in het noorden van Brussel een interessante markt voor het rapen lag, waar een shoppingmall het beste antwoord op was. “Voordien,” zegt Carl Mestdagh van de gelijknamige groep, “ging iedereen er al te gemakkelijk van uit dat retailmarkt vooral in het zuiden van Brussel groeikansen had.” Mestdagh zag als een van de eerste de opportuniteit en kocht in 2005 een terrein van vier hectare aan het kanaal, vlak aan de Van Praetbrug. Daar zal tien jaar later een gloednieuwe shoppingmall verrijzen: Docks Bruxsel. Mestdagh neemt daarmee twee andere initiatiefnemers in snelheid: Uplace (in Mache-

len) en Neo (op de Heizel). Het eerste winkelcentrum zit in het slop door een geschorste milieuvergunning. Het tweede staat nog helemaal niet ver.

Kathedraal Mestdagh heeft altijd gezegd dat de drie projecten (Uplace, Neo en Just Under The Sky, nu Dockx Bruxsel) complementair kunnen zijn, maar dat neemt niet weg dat hij met de aankondiging van de start van de bouw een aanzienlijk concurrentieel voordeel doet. Hij krijgt de eerste keuze uit de internationale winkelmerken die zich wat graag in een shoppingmall willen vestigen. Volgens Olivier Weets van Equilis, de vastgoedpoot van groep Mestdagh, hebben zich al meer merken

aangemeld dan Docks Bruxsel kan ontvangen. Eind dit jaar wil hij voor de helft van de winkels een huurcontract hebben afgesloten, zodat tegen eind 2015, wanneer het hele complex klaar moet zijn, alle winkels verhuurd zullen zijn. Docks Bruxsel presenteert zich niet alleen als commerciële onderneming, maar ook als stadsontwikkelingsproject. Architect Luc Deleuze van Art and Build wil zelfs liever niet dat er over een shoppingmall gesproken wordt. Het wordt een nieuwe stadswijk waar de hele stad van kan profiteren, zo zegt hij. Architecturale kenmerken van de oude industriële site worden in het project geïntegreerd. Zo wordt de ‘kathedraal’, de oude toonzaal van de Godin-kachelfabriek, volledig gerenoveerd. Weets: “Die plek is erg in trek bij onze retailklanten. Handelaars houden van authenticiteit.” Dat klinkt ironisch in de wetenschap dat erfgoedverenigingen gevochten hebben voor het behoud

van een heleboel andere historische gebouwen op de site. Een strijd die ze verloren hebben. Het behoud van

Docks Bruxsel krijgt de eerste keuze uit de internationale winkelmerken die zich graag in een shoppingmall willen vestigen de ‘kathedraal’ is het enige wat uit de brand werd gesleept. De effectenstudie van 2010 toonde aan dat mobiliteit een pijnpunt is. Op een drukke week verwacht Docks Bruxsel 155.000 bezoekers,

DE WEEK IN BEELD DOOR SASKIA VANDERSTICHELE © SASKIA VANDERSTICHELE

Mezösy heeft in de jaren 1990 certificaten vervalst. Daarmee konden wapenhandelaars het VN-embargo omzeilen in ex-Joegoslavië. Mezösy ging hiervoor in zee met een Russisch-Oekraïense maffiose organisatie. Die leverde 13.000 ton wapens aan Bosnië en Kroatië. In 1998 werd de organisatie opgerold. Mezösy werd in België bij verstek veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf. Hij zou later opgepakt worden in ZuidAfrika en hier zijn straf uitzitten. Auteur Koen Hostyn stootte op de naam van Belgisch-Hongaarse wapensmokkelaar tijdens de research van Het Vlaanderen van De Wever, een boek dat hij schrijft over het socio-economisch programma van de N-VA. Hostyn is econoom en filosoof en actief bij de studiedienst van de PVDA. Géza Mezösy is vandaag lokaal vertegenwoordiger van de N-VA in Vorst, Sint-Gillis en Ukkel. Hij bevestigt aan Brussel Deze Week dat hij in de jaren 1980 oprichter was van Eastronicom in Grimbergen, dat legaal en illegaal wapens verhandelde in de hele wereld. Hij ontkent niet dat hij veroordeeld is, maar zegt dat die activiteit tot het verleden behoort. “Ik heb een blanco strafregister,” zegt Mezösy die duidelijk verveeld zit met de onthulling van de PVDA. “Schrijf dit niet, of ik schakel mijn vrienden bij het parket in,” dreigt hij. Auteur Hostyn vindt het niet zo vreemd dat mensen met een crimineel verleden bij de N-VA terechtkomen. “De N-VA is in volle groei. Om de vele mandaten in te vullen zet Bart De Wever de deuren wagenwijd open. Daarbij komen heel wat postjes in handen van opportunisten en louche figuren.” N-VA Brussel was niet bereikbaar voor commentaar. Steven Van Garsse

BDW 1399 PAGINA 2 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

BDW en AGENDA gratis elke week * in je brievenbus? Mail abo@bdw.be of bel 02-226.45.45 Brussel Deze Week *GRATIS BINNEN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST

Op het cultureel stadsfestival Brusselse Sporen vindt er een heuse uitwisseling plaats tussen street artists uit Hasselt en Brussel. Deze mural in het Brusselse Zuidstation werd gemaakt door de Hasseltse graffitikunstenaars van Hertkore Crew.


WEEKOVERZICHT

BDW 1399 PAGINA 3 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

© SASKIA VANDERSTICHELE

DONDERDAG 17 OKTOBER VOORZITTER BECI trapt tegen achterwerk. Thierry Willemarck, de voorzitter van de Brusselse werkgeversorganisatie Beci, zegt in een interview met L’Echo dat de ouders van kinderen die spijbelen hun kinderbijslag moet worden afgenomen. Willemarck ontwaart vooral ‘laksheid’ bij “jongeren van Maghrebijnse origine, die uit een andere cultuur en omgeving komen waar men best wel eens een trap tegen het achterwerk kan gebruiken.” De patroonsbons oogst met die uitspraak veel kritiek. Talloze Franstalige Brusselse ministers en politici vinden de woorden van Willemarck ongehoord. Willemarck blijft bij zijn standpunt, maar laat wel weten dat hij misschien “te brutaal” is geweest. just under the sky wordt docks bruxsel. Alle vergunningen zijn klaar voor de bouw van het winkelcentrum Just Under The Sky, dat van naam verandert en Docks Bruxsel wordt. Dat kondigt ontwikkelaar Equilis aan op een persconferentie. Als alles goed gaat zal het winkelcentrum het eerste zijn in de winkelgigantenwedloop met Uplace en Neo.

De voormalige Godinsite aan het kanaal. Hier moet tegen eind 2015 een nieuw shoppingcentrum verrijzen.

waarvan 70 procent met de wagen komt. Of de nu al drukke Van Praetbrug die verkeersbewegingen zal kunnen slikken, moet nog blijken. Equilis legt een nieuwe rotonde aan op het viaduct. Docks Bruxsel is gelukkig goed ontsloten voor het openbaar vervoer. Er lopen twee sneltrams langs (lijn 3 en 7) en het ligt vlakbij het station van Schaarbeek. Er komt ook een grote fietsenstalling, en douches voor het personeel dat met de fiets naar het werk wil komen. Over welke merken al toegezegd hebben, houdt Docks Bruxsel de lip-

“ “

pen stijf op elkaar. Bedoeling is om met een gedifferentieerde prijzenpolitiek ook kleinere zelfstandige winkels de kans te geven.

Financiering Winkels en horeca zullen 41.000 vierkante meter innemen. Dat wordt aangevuld met 15.000 vierkante meter andere activiteiten waaronder een zaal van 1.500 mensen voor concerten en events. Equilis maakt zich sterk dat de financiering rond is. De investering van 210 miljoen wordt voor één vijfde door de groep zelf opgehoest, een

vijfde door partners. De rest moet van de bank komen. De rentabiliteit van Dockxs Bruxsel zal moeten blijken. Een dag na de persconferentie verscheen een bericht in Le Soir: bestaande shoppingcentra in Brussel zoals City 2 kampen met een sterk dalend aantal bezoekers. Een nieuw shoppingcentrum riskeert hen nog meer pijn te doen en doet opnieuw de vraag rijzen of de markt wel voldoende groot is voor al die nieuwe shoppingcentra in het noorden van Brussel. Steven Van Garsse

Het is evident dat we dat dit zo snel mogelijk in Brussel moeten invoeren.” Koen Schoors, professor Economie aan de Universiteit Gent, ziet alleen maar voordelen aan een stadstol voor wagens (in De Morgen).

huytebroeck krijgt rekening van europa. Het Europees Hof van Justitie veroordeelt België tot een boete van 10 miljoen euro. België heeft volgens Europa in de jaren 1990 te lang getreuzeld met infrastructuur te bouwen die het afvalwater van grote steden zuivert. Omdat waterzuivering een gewestmaterie is, moeten de drie gewesten de rekening delen. Brussels minister van Leefmilieu Evelyne Huytebroeck (Ecolo) vindt de Europese sanctie overdreven. “Een boete krijgen na zoveel inspanningen om ons water te zuiveren is niet verantwoord in tijden van crisis,” zegt ze in La Libre Belgique. De veroordeling geldt als voorbeeld voor andere prangende dossiers waarin ons land een slechte beurt maakt, zoals luchtvervuiling.

ZATERDAG 19 OKTOBER etterbeek maakt jacht op bomen. Het gemeentebestuur van Etterbeek hakt een vijftiental bomen om op de werf van het nieuwe gemeentehuis. Heel wat buurtbewoners vinden dat niet volgens afspraak en tekenen protest aan. De CDH-oppositie maakt er een zaak van op de gemeenteraad. Volgens burgemeester Vincent De Wolf (MR) was het omhakken conform de plannen. Hij benadrukt dat er ook bomen blijven staan en nieuwe aangeplant worden op de site. Het nieuwe gemeentehuis en de aanpalende appartementen moeten tegen het einde van dit decennium klaar zijn. honderden afghanen betogen. Ongeveer 350 Afghanen demonstreren voor het kabinet van premier Elio Di Rupo (PS). Zij eisen een verblijfsvergunning om te kunnen werken in België. Een eis die naar alle waarschijnlijkheid niet ingewilligd zal worden. Volgens het Comissariaat-Generaal voor de Vluchtelingen zijn heel wat zones in Afghanistan niet onveilig. durant niet duurzaam. Ecolo-boegbeeld Isabelle Durant wordt tijdens de Europese verkiezingen van volgend jaar geen lijsttrekker. Tijdens een stemming over het lijsttrekkerschap kreeg collega-Europarlementslid Philippe Lamberts meer stemmen dan Durant. Lamberts is volgens vele Ecolo-leden beter op de hoogte van monetair-economische dossiers en zou gezien de financieel-economische crisis een betere keuze zijn. Durant laat prompt weten dat ze ook geen lijsttrekker voor de federale of Brusselse parlementsverkiezingen wil zijn.

MAANDAG 21 OKTOBER

Geen denken aan dat Brussel de vuilnisbak wordt van de andere gewesten.” Staatssecretaris Rachid Madrane (PS) verzet zich tegen een biogasfabriek die GDF Suez in de haven wil bouwen en waar organisch afval verwerkt zal worden. Minister Evelyne Huytebroeck (Ecolo) is wél voorstander (in La Libre).

BRUSSELS AIRPORT OPENT AANWERVINGSBUREAU. De directie van Brussels Airport opent tezamen met werkgeversorganisatie Voka, de Vlaamse arbeidsdienst VDAB en transportmaatschappij De Lijn een aanwervingsbureau op de luchthaven. Dat bureau moet informatie geven over alle jobs, vormingstrajecten en mobiliteitskeuzes in de luchthavenregio. Er zijn 262 bedrijven actief in de regio, goed voor een huidig aantal van 20.000 tewerkgestelden. Arnaud Feist, de directeur van de luchthaven, stelt dat er de komende tien jaar nog eens 10.000 jobs kunnen bijkomen.

DINSDAG 22 OKTOBER

HET WOORD

Fietsherstelzuil

Stel: u neemt de fiets, maar onderweg blijkt er iets los te hangen. Gesakker alom. Hoe repareer je immers een fiets als je pech hebt? Antwoord: met een fietsherstelzuil. Op drie plaatsen in Sint-Gillis – het Moricharplein, de Savoiestraat en de Demeurlaan – heeft het gemeentebestuur op initiatief van schepen Willem Stevens (SP.A) en het fietsatelier Papa Douala zulke fietsherstelzuilen gezet. Ze zijn voorzien van gereedschap en een fietspomp. U moet gewoon het kader vastklemmen en u hoeft zich zelfs niet meer te bukken. Na een jaar wordt het project geëvalueerd. Werkt het, dan betekent het natuurlijk dat er door omstandigheden heel wat aan de fiets te repareren valt in Brussel. Maar dat is dan een ander probleem.  CD

MIVB ZOEKT M/V. In 2013 wierf de vervoersmaatschappij al 684 nieuwe mensen aan, waaronder 438 arbeiders, 127 technici en 221 chauffeurs. Tegen het einde van het jaar wordt verwacht dat de MIVB meer dan 700 nieuwe personeelsleden in dienst zal genomen hebben, want er staan nog 85 vacatures open. De aanwervingsgolf is vooral een gevolg van het hoge aantal pensioneringen. Die tendens blijft duren tot na 2016.  Samengesteld door Christophe Degreef

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF


BDW 1399 PAGINA 4 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

lo-Groen-lijst wordt. Dat gold als een succesformule bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen, maar voor de federale verkiezingen geeft dergelijk kartel geen zicht op een nationaal lijstnummer. “En dan staan we tussen de lijsten Banaan,” zegt Van den Brandt.

Geen afspraken

Is Steven Vanackere (CD&V) de laatste verkozene Vlaamse Brusselaar in de Kamer?

© TIM DIRVEN/IMAGEDESK

Politiek > Vlaams-Brusselse partijen zoeken oplossing voor federale verkiezingen

Zoektocht naar de Chinese vrijwilliger BRUSSEL – De Vlaams-Brusselse partijen zoeken uit hoe ze alsnog aan de federale verkiezingen kunnen deelnemen. Alle opties lijken gedoemd om ­­te mislukken. Alleen Groen heeft mogelijk zicht op een zetel in de Kamer na mei 2014.

O 

pen VLD-politica Annemie Neyts (69) mag van geluk spreken dat ze niet meer aan de verkiezingen deelneemt in mei 2014. Jaren geleden deed ze de opgemerkte uitspraak dat als het kiesarrondissement Brussel-HalleVilvoorde (BHV) gesplitst zou worden, ze als de wiederweerga naar de Rand zou verhuizen. Dat was in tempore non suspecto. Vandaag is BHV gesplitst en breken de Vlaamse partijen zich het hoofd over hoe ze zich in Brussel aan de kiezer zullen presenteren. Er zijn ongeveer 40.000 kiezers nodig voor de eerste zetel, en er zijn amper 55.000 Vlaamse stemmen. Open VLD stuurde Annemie Neyts het veld in om met Didier Reynders (MR) te onderhandelen over een eventuele plaats op de MR-lijst. Reynders is lijsttrekker voor de Ka-

merverkiezingen. Neyts ving bot. Het verklaart wellicht waarom minister Guy Vanhengel (Open VLD) enkele weken geleden in La Libre zei dat zijn partij alleen naar de kiezer zal trekken. “Met MR naar de kiezer trekken was sowieso niet eenvoudig,” zegt een Open-VLD’er. “We zouden dan voor de gewestverkiezingen campagne voeren met Open VLD, en voor de Kamer met MR. Leg dat maar eens uit aan de kiezer.” Tegen een Vlaamse eenheidslijst in Brussel had Vanhengel zich in het verleden al uitgesproken. De lijsttrekker zou dan een mandaat kunnen versieren met de stemmen van de andere kartelpartners. Volgens Vanhengel is een dergelijke formule niet werkbaar. Vanhengel is momenteel op zoek naar een lijsttrekker voor een Open VLD-lijst, maar

die is niet gemakkelijk te vinden. Dat is logisch: welke politicus wil campagne voeren en daar nadien op afgerekend worden met een open en bloot kiesresultaat als hij of zij geen zicht heeft op een mandaat als volksvertegenwoordiger?

Win-win Wie wel de tweetalige piste bewandelt, is Groen. Elke Van den Brandt (Groen) en Arnaud Pinxteren (Ecolo) bevestigen dat beide partijen in een vergevorderd stadium zitten van een samenwerking voor de federale verkiezingen. De bedoeling is een winwinsituatie te creëren. Ecolo heeft nu twee Brusselse parlementsleden in de Kamer, maar is niet zeker dat het, na de splitsing van BHV, die tweede kan behouden. Groen kan daarbij helpen. Met wat geluk haalt Groen dan een derde zetel binnen op die lijst. “Daarmee zou Groen terug een Brusselse vertegenwoordiger hebben in de Kamer,” zegt Elke Van den Brandt. “Die hadden we in 2007, maar we zijn die in 2010 kwijtgespeeld aan Leuven door het spel van de apparentering.”

Dus, als het lukt, wordt het een Ecolo-lijst met een vertegenwoordiging van Groen. Verwarrend voor de kiezer? “We gaan ervan uit dat onze kiezers intelligente mensen zijn.” zegt Van den Brandt, “en voor verschillende assemblees een andere stem kunnen uitbrengen.” Bij de SP.A is er nog geen duidelijk afgetekend plan. Een samenwerking met de PS lijkt er niet in te zitten “Waarom zouden we ook,” zegt een vooraanstaand PS’er. “Het zijn de Vlamingen die de splitsing van BHV gewild hebben. Dat moeten ze nu niet aan de klaagmuur staan. Als het aan mij ligt, halen de Vlamingen geen enkele zetel in Brussel.” En hij voegt er nog snel aan toe, als om zich te excuseren: “Ik ben wel voorstander van tweetalige lijsten, maar dan voor het Brussels parlement (dat is vandaag wettelijk onmogelijk, svg.).” Parlementslid Jef Van Damme (SP.A) zegt dat er inderdaad nog geen afspraken zijn over een tweetalige lijstvorming. “Ik ben voor samenwerking met de PS, maar zie daar ook direct de moeilijkheden van in. Als we een niet-verkiesbare plaats krijgen, dan geven we onze stemmen aan een partij die niet de onze is. Waarom zouden we dat in hemelsnaam doen?” Het moet ook gezegd dat de verhoudingen tussen PS en SP.A vandaag niet al te best zijn (zie artikel hiernaast).

Aftasten

EEN PS’ER:

“Als het aan mij ligt, halen de Vlamingen geen enkele zetel in Brussel!”

Net zoals Open VLD gelooft Groen niet in een Vlaamse eenheidslijst. Het Vlaams Belang had daar vorige week toe opgeroepen. “Waarom zouden we?” zegt Van den Brandt. “We willen niet naar de kiezer trekken met een thema als ‘taal’, maar willen werken rond een inhoudelijk project. En dan zijn we bij Ecolo aan het juiste adres.” De kans lijkt klein dat het een Eco-

En dan is er nog CD&V. Brussels minister Brigitte Grouwels zei op tvbrussel dat een Vlaamse eenheidslijst niet uit te sluiten valt en dat er aftastende gesprekken zijn. Met wie zei ze er niet bij, alleen dat er niet veel gegadigden zijn. Ook bij N-VA klinkt het dat er voorzichtig gepraat wordt over een Vlaams kartel. “Maar daar openlijk toe oproepen, zoals het Vlaams Belang doet, leidt bij voorbaat tot een mislukking. Het Vlaams Belang heeft zich alleen in de kijker willen werken.” Brussels Senator Karl Vanlouwe (N-VA) vindt dat de traditionele partijen niet veel redenen hebben om te klagen. “Als Steven Vanackere (het enige Vlaams-Brussels kamerlid, svg) betreurt dat de Vlaamse Brusselaars niet langer zicht hebben op een zetel in het federaal parlement, dan had zijn partij het wetsvoorstel over de splitsing zonder garanties voor de Vlaamse Brusselaars niet moeten meestemmen.” De N-VA heeft in 2012 een amendement ingediend dat via apparentering en de neutralisering van de kiesdrempel het mogelijk moest maken om toch een Brusselse Vlaming in de Kamer te hijsen, maar dat voorstel werd door de meerderheidspartijen en de groenen weggestemd.  Steven Van Garsse


© DIETER TELEMANS/ IMAGEDESK

© BART DEWAELE/IMAGEDESK

BDW 1399 PAGINA 5 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

Brussels parlementslid Fouad Ahidar (SP.A) en Brussels minister-president Rudi Vervoort (PS).

Het pleidooi van Ahidar voor de afschaffing van de gewestbelasting kon op weinig bijval rekenen bij zijn collega’s. Zeker niet bij Ecolo. Ahi-

dar: “Minister Vanhengel, op 27 september 2007 kondigde u in de pers aan dat u de gewestbelasting wilde afschaffen. Terecht, de belasting is asociaal en antistedelijk. Omdat ik vijf kinderen heb, betaal ik als parlementslid geen gewestbelasting terwijl ik 5.000 euro per maand verdien. Mijn buurvrouw is alleenstaand, verdient 1.300 euro netto in de GB en moet wel 89 euro betalen. Hier klopt iets niet.” Terwijl staatssecretaris voor Netheid Rachid Madrane (PS) het voordeel van de twijfel krijgt van Ahidar (Madrane is er net als Vervoort maar op het einde van de rit bijgekomen, dv) krijgt minister van Financiën Guy Vanhengel (Open VLD) een pluim van De Wolf voor het afschaffen van de successierechten onder partners voor de gezinswoning. Al eist De Wolf het vaderschap hiervan op voor zijn eigen partij. Niemand kan er echter naast kijkend dat de Brusselse regering erin geslaagd is om een begroting in evenwicht in te dienen. Een prestatie waarop de ministers Vervoort en Vanhengel trots zijn. Paul De Ridder (N-VA) nuanceert: “De minister-president is terecht trots op de begroting in evenwicht. Voor de Brusselse regering is dat een unicum. Maar is de af bouw van de tekorten echter niet in grote mate te danken aan de bijkomende financiering van Brussel en aan de solidariteitsbijdrage?” Met de openingszitting van het Brussels parlement lijken de wittebroodsweken van Vervoort voorbij. Over zeven maanden zijn er verkiezingen.  Danny Vileyn

2010 waren dat er maar 11.500. Dat blijkt uit cijfers die Brussels parlementslid Bianca Debaets (CD&V) heeft opgevraagd. “Sinds 2008 is de wachtlijst zelfs met bijna 67 procent aangegroeid,” zegt Debaets. Ze voegt er wel aan toe dat niet iedereen in aanmerking komt. Sommigen verdienen te veel, anderen kunnen zo’n woning niet betalen, of hebben al iets anders gekocht. Dat de Citydev-woningen zo in trek zijn heeft zeker met de financiële crisis te maken en met de

dure Brusselse vastgoedmarkt. De cijfers tonen volgens Debaets tegelijk aan dat de woningen een goed instrument zijn om een nieuw middenklassepubliek naar Brussel te brengen: 30 procent van de kandidaat-kopers woont immers buiten Brussel (20 procent in Vlaanderen, en 10 in Wallonië). In weerwil van wat soms gedacht wordt is er bij niet-Brusselaars wél degelijk interesse om in Brussel te komen wonen, aldus Debaets.  Steven Van Garsse

Beleidsverklaring > SP.A snoeihard voor regering met PS

Wittebroodsweken Vervoort voorbij BRUSSEL – De hevigste kritiek op de beleidsverklaring van minister-president Rudi Vervoort (PS) kwam van Fouad Ahidar van de SP.A, de grootste Vlaamse oppositiepartij. Vincent De Wolf van de MR, de grootste Franstalige oppositiepartij, was snoeihard voor de olijfboomcoalitie (PS-CDH-Ecolo), maar mild voor Vervoort. Dat de beleidsverklaring besproken werd op de Werelddag van Verzet tegen Armoede maakte de woorden van Ahidar nog pijnlijker voor de olijfboom. PS in de meerderheid, SP.A op de oppositiebanken. Comfortabel is het niet.

D 

e bespreking van de beleidsverklaring werd wat Vervoort wou vermijden: een evaluatie van de voorbije vier jaren van de regering waarvan hij (Vervoort) vorige week woensdag nog maar 162 dagen de leiding had. Brigitte De Pauw, fractievoorzitter van CD&V, zei het zelfs letterlijk: “Nu het einde van de legislatuur nadert, kunnen we de balans van het regeringswerk opmaken en vooruitblikken om de toekomst voor te bereiden.” En die balans is volgens oppositiepartijen SP.A en de MR allerminst positief. Ze poneren allebei dat de voorbije vier jaren verloren jaren zijn maar ook dat Rudi Vervoort een

sterke communicator is. De manier waarop Vervoort de beleidsverklaring bracht, illustreerde nogmaals die kwaliteit. Als beleidsverklaring aan het begin van een legislatuur zou de beleidsverklaring zelfs ijzersterk zijn. Maar de replieken gingen over het verleden, niet over de toekomst. Fouad Ahidar tot Vervoort: “U bent aan boord gestapt van een schip dat al vier jaar stilligt. Waarom zouden we u geloven als de voorbije vier jaren verloren jaren waren?” Vooral de cijfers over werkloosheid en armoede moeten de PS als socialistische partij pijn doen. Ahidar: “Brussel telt 111.000 werkzoekenden tegenover 92.000 in 2008.

Dat zijn er 20.000 meer en dan nog spreken we niet over de steuntrekkers. Bijna één op de drie Brusselaars moet rondkomen met een inkomen onder de armoedegrens.” Terwijl Vervoort met milde humor reageerde op de tussenkomst van De Wolf kon hij zich moeilijk beheersen toen Ahidar aan de beurt was. Begrijpelijk: de verontwaardiging van Ahidar klonk even overtuigend als het voluntarisme van Vervoort. Al liet Ahidar zich af en toe gaan in het vuur van zijn betoog, zoals hij ‘s anderendaags ruiterlijk toegaf aan Vervoort. Het hardst was Ahidar voor minister van Leefmilieu Evelyne Huytebroeck (Ecolo) die hij verwijt een

Groeiende wachtlijsten voor betaalbaar appartement BRUSSEL – Citydev (ex-Gomb) bouwt tweehonderd betaalbare woningen per jaar. Daarmee komt het nooit tegemoet aan de enorme vraag. Vandaag wachten meer dan 15.000 mensen op zo’n woning. Vorige week is de beheersovereenkomst afgesloten tussen Citydev

en de Brusselse regering. Daarin worden afspraken gemaakt over de dotatie – 2 miljoen euro voor economische expansie en 2,4 miljoen euro voor stadsvernieuwing en wat Citydev me dat geld de komende jaren moet verwezenlijken: betaalbare woningen bouwen en bedrijven aantrekken.

Citydev verbindt zich ertoe om jaarlijks tweehonderd koopwoningen op de markt te brengen waarvan de aankoopprijs tot 30 procent onder de marktprijs ligt. Dat aantal woningen staat in schril contrast met de wachtlijst. Er staan maar liefst 15.564 mensen te wachten op een woning van Citydev. In

Vincent De Wolf eist vaderschap afschaffing successie­­– rechten op

bobobeleid – passiefwoningen – te voeren en afwezig te blijven op de voorstelling van het armoederapport: “Minister Brigitte Grouwels heeft zich tenminste nog laten zien.”

Gewestbelasting


BDW 1399 PAGINA 6 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

Natuurbeheer > EU-geld moet Zoniënwoud verlijmen na 30 jaar versnippering

Gewesten vinden elkaar in boombrug en ecosluis BRUSSEL - De federalisering, die het Zoniënwoud verdeelde over drie gewesten, heeft na drie decennia haar tol geëist. “Zonder bijkomende verbindingstunnels en -bruggen dreigt het dierenbestand uit te sterven door degeneratie,” stelt het Brussels Gewest droog. Met bijna 3,5 miljoen of de helft van de totaalkost van het Ozonproject (Life +) helpt de EU om ‘s lands grootste bos her en der te ‘ontsnipperen’. Brussel komt ervan af met 300.000 euro.

H 

et bijna 4.400 hectare openbaar Zoniënwoud ligt voor 56 procent in Vlaanderen, voor 38 procent in Brussel en voor 6 procent in het Waalse Gewest. Hinderlijke weginfrastructuur, de Ring (R0) en E411 op kop, hebben het bos tot een lappendeken verknipt. Dieren geraken slechts op risico van aanrijding of zelfs helemaal niet meer aan de ‘overkant’, daar waar hun ruimere habitat lonkt. Een tijd lang dode reeën verzamelen, leidde tot inzicht in de ‘dodelijke oversteekplaatsen’. De enige oplossing bleek: verbindingen en doorgangen maken. Maar ook de gewestbevoegdheden zijn versnipperd. Of in politieke termen gesteld: wie betaalt wat, waar, wanneer, voor wie en waarom? Na een Intentieverklaring van de drie gewestministers voor Leefmilieu in 2008, volgde een gezamenlijke Structuurvisie. In 2012 werden de voornemens geconcretiseerd door de oprichting van twee overlegstructuren (tussen de administraties en de kabinetten) en heel wat inspraakorganen (met stakeholders, met gemeenten en provincies, met Monumenten en Landschappen, met Wegen en Verkeer, en dies meer). Die gaan in de toekomst meer van zich laten horen, met de bedoeling om ooit tot één grote overlegstructuur te komen die ondersteuning biedt aan het Zoniënwoud. Het eerste daadwerkelijke gevolg van het gewestenoverleg en de Structuurvisie werd eerder deze maand met jachthoorns gepresenteerd. In aanwezigheid van EUpresident Herman Van Rompuy en de bevoegde gewestoverheden werd het startschot gegeven van de financiering van het Life+-project Ontsnippering Zoniënwoud (Ozon), dat 6.716.040 euro kost. De helft van het geld schuift Europa toe, de rest komt (hoofdzakelijk) van Vlaanderen: het Agentschap Wegen en Verkeer (AWV), het Agentschap voor Natuur en Bos en het Departement Leefmilieu, Natuur en Bos. Verder leggen het Brusselse Gewest (Brussels Leefmilieu) en de gemeenten Hoeilaart en Overijse wat bij. Het Département de la Nature et Forêts (Waalse Gewest) doet pro forma mee, want het geniet onrechtstreeks van de infrastructuurverbeteringen. Het project Ozon beoogt in vier jaar

tijd tien infrastructuren te bouwen binnen de regionale bosgebieden. Concreet gaat het om de inrichting van ‘doorgangen’ over en onder de drukke Ring (R0), de E411, de Terhulpsesteenweg en andere wegen. Op plan is dat één Ring-ecoduct, mo-

gelijk een tweede over de Terhulpsesteenweg (haalbaarheidsstudie nog bezig), vier boombruggen, drie ecotunnels (buizen van anderhalve meter onder de Ring door geboord) en verschillende ecosluizen. Dieren visualiseren dit als volgt: reeën, ever-

zwijnen, marters en reptielen zien ondergrondse, natuurlijk-verwilderd uitziende wegels (ecotunnels), steenmarters, wezels en rode eekhoorntjes ontdekken klimvriendelijke passerellen met touwenvlechtwerk (boombruggen) en zo goed als alle flora en fauna, tot reptielen toe, krijgt een eigen ‘faunastrada’ in een 65 meter brede luchtbrug met stobbenwal (ecoduct). Dat is een dierengeleidende overbrugging van de Ring (zoals er al één kwam over Spoorlijn 161 Brussel-Namen) met dode boomtakken en -wortels waar

uitnodigende zwammen en insecten op gaan tieren. Alles opdat de fauna binnen de helft van het Zoniënwoud (2000 ha.) makkelijker en veiliger kan migreren.

Oversteekinfrastructuur Brussel heeft veel baat bij het project, en moet in verhouding (5 procent op het totaal) weinig in de zak tasten, gezien het Vlaamse Agentschap voor Wegen en Verkeer (AWV) de grote weginfrastructuren bekostigt. In het Brusselse stuk Zoniënwoud zijn er verschillende ingrepen. De tunnel van de Tamboerdreef naar de Wolvendreef wordt vervangen door een klein viaduct. Gelijktijdig worden er natuurlijke elementen en extra daglicht aangebracht in de tunnel, zodat dieren er gretiger gebruik van kunnen maken. Ook gaan op verschillende plaatsen dode takken gestrooid worden (vorm van stobbenwal) om reptielen, insecten en kleine vogels aan te moedigen om de tunnels te gebruiken. Dat wordt ook het geval voor de ecotunnel die de E411 kruist in het verlengde van de Prinsendreef, Een derde tunnel, die in het Vlaams Gewest ligt, ondergaat eenzelfde optimalisatie. Het nieuwe ecoduct komt tussen de Voormalige Renbaan van Groenendaal en Hoeilaart (op Vlaamse bodem), en zal vergelijkbaar zijn met het ecoduct over Spoorlijn 161 (GEN-uitbreiding). Patrick Huvenne, bio-ingenieur en regiobeheerder Groenendaal bij het Vlaamse Agentschap Natuur en Bos (ANB) vat het zo samen: “Eigenlijk beperkt de inzet van Brussel zich tot het plaatsen van afsluitingen om

Vanaf 10.000 wagens per dag valt een weg bijna niet over te steken door dieren; de Terhulpse­steenweg slikte er 16.000 per dag in 2006

dieren te begeleiden, richting oversteekinfrastructuur bij de wegen die het AWV voor zijn rekening neemt. Belangrijk is wel dat we gezamenlijk de onthaalzones in het Zoniënwoud herdacht hebben, wat uitgevoerd wordt in dit Ozon-project. De recreatieve zones zullen verplaatst worden, zodat alle oversteekzones voor dieren er rustiger bij komen te liggen. Recreanten (zoals joggers, ruiters en jeugdbewegingen) zullen rond het ecoduct weggehouden worden. Een aantal wandel- en fietsroutes zullen in die zin worden verlegd. Verder bundelen we de parkeerzones – we komen van een tijd waarin er dertig waren – tot enkele waar het onthaal geoptimalisserd wordt met infoborden, toiletten en grotere sociale controle.” De gewesten krijgen vier jaar van Europa om Ozon te realiseren: er zijn strenge tussendoorse controles op uitvoering en uitgaven. Life+-project Ozon. Boven: een voormalige wandeltunnel werd getransformeerd in een dierentunnel. Onder: een nieuwe boombrug.

© BART DEWAELE



Jean-Marie Binst


© SASKIA VANDERSTICHELE

BDW 1399 PAGINA 7 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

P-PRAAT Het Mädchen kliedert. De verkeerspalen op de Kleine Ring blauw en geel verven omdat het past in de stadsmarketing van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest... Dat is zelfs te goedkoop om van een kiescampagne te kunnen spreken. Nee, vervoersminister Brigitte Grouwels (CD&V) heeft waarschijnlijk iets goed te maken. We herinneren u nog aan de eerdere kleurcampagne van de Brusselse taxi’s. Die waren eerst mangogeel-zwart, maar dat was te Vlaams in het hoofd van sommige collega’s van Grouwels, en dus werden ze, euhm, zwart-geel. Het is te zeggen zwart, met accenten van geel en met het woord ‘taxi’ in het geel op het taxibordje bovenaan. Die zaken liggen gevoelig in deze wereldstad, ziet u. Maar dus: city marketing. Het is een klein wonder dat de Brusselse taxi’s niet citytaxi.brussels.be zijn gaan heten naar analogie met citydev, de nieuwe naam van de Gomb, citytax.i.brussels of cit.y.taxi.brussels.be, want tegenwoordig moeten woorden zo verkort en verkapt worden omdat men meent dat burgers net zo weinig te zeggen moeten hebben als reclamejongens. We hadden gedacht om erover te zwijgen, maar omdat het toch de bedoeling is dat ze in de media kwamen, zullen we er maar over spreken. Wie heeft er enig idee wat defensieminister Pieter De Crem (CD&V) bij zijn Anderlechtse collega Walter Vandenbossche in Kuregem kwam doen? Niemand? Goed. Ziet u, we hebben erover gesproken. En nu gaan we er maar over zwijgen.

Werk/Mobiliteit > Liesbeth Driesen over tien jaar Cyclo

‘Of we zullen fietsen, of we zullen stilstaan’ BRUSSEL – Cyclo begon tien jaar geleden bescheiden met een fietsatelier aan de Vlaamsesteenweg. Vandaag is de organisatie in heel Brussel actief en stelt ze veertig mensen tewerk. Cyclo is van oorsprong een Vlaams initiatief, ooit nog gesubsidieerd door het Stedenfonds. Het heeft een dubbel doel: oude fietsen herstellen én opleiding en werkervaring verschaffen aan laaggeschoolden. “Het Stedenfonds legde een accent in de stad waarbij werk en mobiliteit in één project verzameld werden. Dat was achteraf gezien toch erg knap,” zegt coördinatrice Liesbeth Driesen. “We hebben op die manier een echte fietseconomie in het leven geroepen.” Vandaag is Cyclo op en top Brussels. En de werking is aanzienlijk verruimd. Cyclo baat vier fietspunten uit aan de grote NMBS-stations, is verantwoordelijk voor het depot van gevonden fietsen, onderhoudt Bluebikes, beheert fietsboxen en is expert in fietsparkings.

CHIEN ÉCRASÉ VERF – We raken niet uitgepraat over verf. Blijkbaar heerst er momenteel een grootse verfcampagne in deze stad. Op het Luxemburgplein, bijvoorbeeld. Daar was men begin deze week het woordje ‘taxi’ op de grond aan het spuiten, tezamen met de gele blokjes die een taxistandplaats moeten markeren. Dat leert ons twee dingen: enerzijds dat er ergens in dit gewest een hangar van Mobiel Brussel is waar ijzeren platen liggen met het woord ‘taxi’ in uitgesneden, en anderzijds dat het weeral die vermaledijde eurocraten zijn die voor sleet zorgen in de stad.

Over het probleem van fietsparkings is volgens Driesen het laatste woord nog niet gezegd. Driesen: “Ofwel zullen we fietsen in Brussel, ofwel zullen we stilstaan. Al die fietsen moeten een plaats krijgen. Daar moet over nagedacht worden. Kijk maar naar Gent en Leuven. Brussel heeft nu een parkeerbeleidsplan. Daarin zit een luik fietsparkeren, maar daar horen we weinig over.” Verder wil Cyclo volop inzetten op de ontwikkeling van een fietscultuur in Brussel. “En dat is meer dan die van de Mamils (de Middle Aged Men in Lycra). We moeten vooral de jongeren in de wijken op de fiets krijgen. Dat begint aardig te lukken. Kijk maar naar het succes van onze Wheelingwedstrijd op de autoloze zondag waarbij gastjes met hun fiets zo lang mogelijk op hun achterwiel moesten rijden.” Steven Van Garsse

PLAT – Sommige dingen zou uw commentator niet schrijven. Maar gelukkig zijn er nog moedige studenten die het opnemen voor het vrije woord. Zo de redactie van De Moeial, het studentenblad van de VUB. Daar staat letterlijk in het editoriaal: “Maggie De Block is overigens niet de enige Open VLD’er die gepaaid word (sic) door onze alma mater. De VUB streelt eveneens het ego van Brussels minister Guy Vanhengel. Op de academische opening kreeg hij een half uur spreektijd om zijn, eerder platte, visie op Brussel te komen verhalen. De minister kwam orakelen over de Brusselse begroting in evenwicht, een verdienste die de toehoorder natuurlijk op de mouw van zijn partij diende te spelden. Met zijn half uur was Guy Vanhengel het langst aan het woord van alle sprekers op de academische opening.”

Tien jaar Cyclo. Feest op 25 oktober om 21u30 Koolmijnenkaai 30. Gratis.

TJA – Arme VLD’ers. Het wil maar niet opschieten met die geëngageerde Brusselse journalisten die vol liefde over hun stad (en hun politici) schrijven.

ADVERTENTIE

Betaalt u te veel? Door in groep aan te kopen kunnen we scherpe prijzen bedingen voor energie, verzekeringen, dubbele beglazing, fietsen of andere aankopen. Dit is goed voor alle consumenten en vooral ook voor kwetsbare Brusselaars zoals senioren of gezinnen met een laag inkomen. Aan welke groepsaankopen zou u willen deelnemen?

Payez-vous de trop? En achetant en groupe, nous pouvons négocier de meilleurs prix pour l’énergie, les assurances, le double vitrage, les vélos ou d’autres achats. Cette méthode est profitable à tous les consommateurs et surtout aux Bruxellois vulnérables comme les seniors ou les ménages à faibles revenus. Quel groupement d’achat vous intéresse? Geef uw mening: Donnez votre avis:

www.samensterker.be

KaRel SteSSeNS SAMEN STERKER BRUSSEL / BRUXELLES


BDW 1399 PAGINA 8 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

Wie de extreme klim naar de top van de Monte Rosa kan overleven, kan als ‘getrainde Brusselaar’ met een huppelpasje de tegenslagen op het levenspad aan. Boven v.l.n.r.: Anas, Brahim, Annemarie en Malick.

© IVAN PUT/DE CHINEZEN

Deze week in de Brussels Boxing Academy > Binnenkort met docureeks op Canvas

‘Enkel de natuur is sterker dan ik’ BRUSSEL – Met tien jongeren vertrokken ze, de 4.634 meter hoge Monte Rosa op. Heel de Brussels Boxing Academy (BBA) leefde ernaartoe. Met een Ardeense trekking, de 20 kilometer van Brussel en zweterige afvaltrainingen. Ze kregen allemaal een smartphone mee, maanden vooraf. Goed voor zelfopnames uit hun private, Brusselse straat- en clubleven. Verknipt tot een intimistisch-rakende documentairereeks is ‘Naar de top’ vanaf maandag op Canvas te zien.

‘B 

onsoir! Dag meneer!”, met een spontane beleefde ­groet geven tientallen jonge­­ren die druppelsgewijs de Brussels Boxing Academy (BBA) binnensijpelen me een hand. De sfeer is familiaal en stelt me direct op mijn gemak in kleuterschool De Kleurdoos, vroeger de Kunsthumaniora van de Kogelstraat. Daar gebruikt de club de grote kleuterturnzaal. Beginnende boksers zijn lichtgewicht-zeebonken met een gevoelig hart maar mentaal sterk, zal blijken. Die avond worden in avant-première twee afleveringen van de vierdelige serue Naar de top

vertoond, middenin hun habitat den Duvelshoek, op een steenworp van de vijf sociale blokken van de Papenvest. Een documentaire van productiehuis De Chinezen voor Canvas. Waarin de filmers en gefilmden Brusselse jongeren van gespierd vlees en bloed zijn. Uit de Chicagowijk, Anneessens, Kuregem, oudMolenbeek en soms van iets verderop. Ze hebben zichzelf en hun familie en vrienden gefilmd: thuis, op de metro, op school en tijdens stap-, loop- en klimtrainingen buiten de boksclub. Gewoon met een smartphone in de hand. Tachtig uur aan opnames werden verknipt tot

twee uur documentaire, waarvan de hele voorbereiding naar de negendaagse bergklim driekwart van de documentaires uitmaakt. Het geeft een intimistisch, hoopgevend beeld van de sportende Brusselse jeugd die tussen vele stadsschimmen leeft. Ja, je hoort ze zuchten over het verwerken van ouderlijke echtscheiding, over een kennis die steelt omdat hij geld nodig heeft. En neen, de Afghaan Romal (17) die in een Ukkels asielcentrum een bed kreeg, en zijn moeder sterk mist, leeft niet minder op hoop. Hij zweert bij persoonlijke inspanningen om iets te bereiken in dit leven. Daarvoor zit

hij in BBA op een goed adres. Trainer Tom Flachet (40), het lichtbaken van de club, is met zijn zwart peutertje omnipresent. Hij maakt met andere trainers sinds 2004 de BBA tot een formidabel instituut. Eerder al werd de sportwerking gekoppeld aan wijkprojecten die het sociale engagement als eerstelijnsdoel stellen. Met theaterprojecten als Mohammed Ali, A sleeping Elephant (KVS) en de film Champions zette hij unbelievers aan het gapen. En ditmaal bleek de uithoudingstraining voor Naar de top, een extra levensles op zich.

Sneeuwruggen “Ik dacht nooit dat er iets deftigs viel te filmen met zo’n iPod Touch,” lacht Brahim die zich rot amuseerde met opnames tijdens twee oefentrekkingen, maar die uiteindelijk de selectie van de Monte Rosa-beklimming niet haalde. De rietslanke Anas, amper zestien jaar maar un dur uit de Koor-

straat in hartje oud-Molenbeek, en bekend als le Fabuleux, heeft de klim wel afgemaakt. Hij liep eerst op karakter de 20 kilometer van Brussel uit. “Wat denk je, dat ik tien jaar ben of zo,” gooit hij tussen zijn maten naar mij, waarmee hij duidelijk zijn territorium bepaalt. Wat tussen zijn oren speelde toen hij de kracht moest opbrengen om die sneeuwberg te trotseren, wil ik van hem weten. “De top, de top, de top! Dat dat was alles waar ik naar keek,” herinnert hij zich als een spookbeeld dat overmand moest worden. “Ik dacht niet aan mezelf, enkel aan dat doel.” Malick (24), een Senegalees uit de nabije Ribaucourtstraat die elektromechanica bijstudeert en les volgt in het Huis van het Nederlands, is al vier jaar lid van de club: “De echtscheiding van mijn ouders is zwaar, maar het went. De clubzaal is nu mijn thuis,” lacht hij breed. “Enkel de school en de club geven structuur aan mijn leven. Op straat in Brussel kan je het wel schudden. Daar werken de relaties niet.” Terwijl iemand anders in de film het Vlaamse medium gebruikt om “A toutes les filles: je suis ouvert à toutes les propositions,” mee te geven. Zo zie ja maar, hoe jongeren zich een eigen plaats zoeken in een laisser faire-stad. En dan zien we een wolk van een Duitse deerne, langharig blond en vlot met iedereen: Annemarie (26). Eigenlijk niet vreemd in een stad met 163 nationaliteiten, maar wel in een boksclub vol kleuren. “Ik werk sinds een jaar als journaliste voor de Russische mediagroep Interfax in het Europees parlement en de Commissie. Daar en ‘s avonds kom ik enkel EU-volk tegen dat altijd hetzelfde praatje onderhoudt over politiek. De BBA weerspiegelt het echte, warme stadsleven. Ik boks er tegen illegalen en een CEO van een bank: een interessante mix, en echte broers voor mij. En ik beken, die kou op de top was niet te doen, maar het contact was zo eerlijk en menselijk.” De jongeren glunderen nog van zelfvertrouwen na de Alpenreus Monte Rosa uitgedaagd te hebben. De perfect tweetalige Elias (21) die elektromechanica studeert in Aalst, filmde zijn Hollands-Marokkaanse moeder en Brussels-Marokkaanse vader met hun grote kroost: “Maar één keertje, als kind, zag ik een woestijn in Marokko, anders kwam ik de stad niet uit. Die Zwitserse berggezichten toen ik omkeek, die watervallen, sneeuwruggen, het kampvuur, het tentje op de helling. Man, dat ken je toch enkel van prentjes van AS-Adventure. Maar nu was het echt. Dat afzien gaf een goed gevoel, aan ieder van ons, al ging ik er op een bepaald moment fysiek onderuit. En dan dat besef: enkel de natuur is sterker dan ik! Je weet dan dat je veel meer kan dan je lijf. Dit ging om grenzen verleggen en overschouwen wat je bereikt hebt. Daar ging Naar de top over.” Kijken vanaf 28 oktober, een sterke jongerengeneratie in Brussel geeft hoop.   Jean-Marie Binst Naar de top, vanaf maandag 28/10 vier opeenvolgende avonden op Canvas om 22u30 (duur 25 min.)


© IVAN PUT

BDW 1399 PAGINA 9 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

Anderlecht > Burgemeester Eric Tomas (PS) over nieuwe De Rinck

‘Niet aan de gevel raken’ De Vlaamse Gemeenschapscommissie plant op het Dapperheidsplein een nieuw gebouw voor GC De Rinck. Burgemeester Tomas doet moeilijk over de gevel. Gemeenschapscentrum De Rinck zit vandaag deels in een beschermd gebouw. Het café zit in een huis met een typische klokgevel. Dat gebouw is niet beschermd, en heeft ook niet veel historische waarde. Het is een reconstructie uit de jaren 1960. De VGC wil het huis afbreken en er een moderner gebouw neerzetten. Dat zou de toegang worden tot het nieuwe achterliggende gemeenschapscentrum. De VGC trekt daar 6,5 miljoen euro voor uit.

De overlegcommissie heeft in juli een positief advies afgeleverd over de bouwaanvraag, maar onder voorbehoud: de klokgevel mag niet afgebroken worden. Dat brengt de bouwplannen danig in de war. De VGC wacht nu op de definitieve vergunning van het Brussels Gewest. Die zou er eind oktober moeten zijn. Als de bouwplannen niet kunnen doorgaan overweegt de VGC andere opties. Het gemeenschapsonderwijs plant een school aan de Academie van Anderlecht. De VGC zou er een gemeenschapscentrum aan kunnen toevoegen. Nadeel is wel dat het hele project dan van nul af aan moet herbeginnen.  Steven Van Garsse

De sfeer – niet de geur – van de duivenmelkers tilt café Quiévrain tot ‘belevingserfgoed’ op.

Sint-Agatha-Berchem > Quiévrain-uitbaatster stopt na 31 jaar

Overname tweede oudste café zo goed als zeker

Sint-Agatha-Berchem > OCMW koopt Café de la Paix

Nergens in een Berchemse herberg is de historische anekdotiek zo levend als in het art-decocafé Quiévrain, Kasterlindestraat 52, tegenover het oude kerkhof.

Spoedopvang boven oudste dorpscafé

“Het voorbije jaar zagen we de opvang van vrouwen die met hun kinderen uit hun woonst werden gezet groeien tot een echt urgentiefenomeen,” zegt OCMW-voorzitter Culot. “Eerst keek het OCMW richting gemeente (cel Huisvesting), die over transitwoningen beschikt, maar die zaten snel vol.” De transitwoningen worden in reserve gehouden voor mensen die onverwacht te kampen krijgen met een brand, een overstroming of andere rampspoed. Zij vinden daar een tijdelijk onderkomen. Mensen die uit hun huis worden gezet, moeten bijgevolg eerder bij het OCMW aankloppen. Omdat het OCMW over geen urgentiewoningen beschikt, is beslist om een huis voor die doeleinden aan te kopen en in te richten. Het oog van het OCMW viel op het oudste café van Berchem dat nog actief was, Café de la Paix in de Soldatenstraat. De caféuitbaatster, Aline De Mol, die de zaak die haar ouders in 1931 openden had voortgezet, sloot in januari de deur wegens hospitalisatie en werd vorige week begraven. Op ruim tachtig jaar tijd heeft het café-interieur amper transformaties ondergaan; een elektronische kassa heeft er nooit gestaan. “De schattingscommissie gaf het hele pand een waarde van 280.000 euro; het OCMW kocht het voor iets minder,” wil Culot kwijt. “Het is de bedoeling dat we boven het café twee appartementen inrichten voor telkens een vijftal personen. De kamers moeten combineerbaar zijn voor elke dringende nood, misschien zelfs met een speciale indeling voor samenwoonst.” Dat het vooroorlogse café nog historische nostalgie opwekt bij oudere burgers, wordt niet van tafel geveegd. De benedenverdieping zal met respect voor het verleden worden heringericht

© TONY VERZELE

Het aantal mensen dat uit hun huis wordt gezet begint ongewone proporties aan te nemen in de gemeente. “In de maand juni alleen al telden we vier gevallen, vooral alleenstaande vrouwen met kinderen,” stelt OCMW-voorzitter Jean-François Culot (LBR). Om de nood aan dringend onderdak te ledigen heeft het OCMW het Café de la Paix aangekocht. Daar komen ‘urgentiewoningen’ in.

Tot in de jaren 1980 – toen Brussel nog duivenkoten mocht hebben – bleef het een legendarische verzamelplaats van prijsduivenmelkers. Vandaar ook de treinstationsnaam Quiévrain, waar ‘onze duiven’ gelost werden. Uitbaatster Madeleine Thirry, die geen eigenares is, stopt er echter mee na nieuwjaar. “Ik heb hier 31 jaar goed geboerd, nadat mijn man het van een collega-transporteur overnam,” zegt ze, “maar de koning is hier nooit gepaseerd, zo een vedette was ik niet.” Toch heeft het café als ‘belevingserfgoed’ alle char-

me om stamgasten te blijven bekoren. “Mijn huurcontract zit erop in januari. Wat Brouwerij Alken-Maes van plan is horen we wel, ik ga nu ook eens profiteren van het leven.” Lars Vervoort, woordvoerder van Alken Maes in Mechelen, weet het wel. “We hebben de ambitie om het café open te houden. Er hebben zich al kandidaat-uitbaters gemeld. De brouwerij gelooft er alleszins in dat het café een rendabele toekomst kan hebben op langere termijn.” De intentieverklaring haalt de druk van de onzekerheid bij café- en bierliefhebbers in het ruimere Brussel en de Rand. “Of het café zal blijven, heb ik hiermee nog niet gezegd,” remt Vervoort. “Alles zal afhangen van de commerciële afspraken.”  Jean-Marie Binst

ADVERTENTIE

Café de la Paix wordt een ontmoetingsruimte met boven urgentiewoningen voor mensen die uit hun huis worden gezet. tot polyvalente ontmoetingsruimte. “Het café zal kunnen gebruikt worden voor wijkvergaderingen, studiebegeleiding van adolescenten, vrijetijdsactiviteiten van senioren en dies meer,” belooft Culot. “Met het behoud van de bar en achtertoogkast, en de stijl van de jaren 1930 en 1940, tonen we respect voor wat nog rest aan ‘authentieke waarde’.”

Sociale kruidenierszaak Vermits de koopakte pas in september werd ondertekend is de verbouwing nog niet voor meteen. Waar families of alleenstaanden die uit hun huis worden gezet zo lang terecht kunnen, blijft dus een heikele vraag. “Het zal moeilijk blijven om binnen de 24 uur een urgentiewoonst aan te bieden, de verblijfmogelijkheden worden uitermate zeldzaam,” stelt Culot. “De nood in Berchem blijkt trouwens geen alleenstaand fenomeen, ook elders in Brussel is de vraag naar urgentiewoningen hoog voor dergelijke gevallen. Gelukkig is de jaarlijkse periode van uitzettingsverbod aangetreden; van 15 oktober tot 15 maart verbiedt de wet om iemand zo maar op straat te zetten. Dat helpt ons de winter te overbruggen.” Binnen enkele weken gaat ook de nieuwe Sociale Kruidenierszaak open in de gemeente. Die heeft het OCMW ingericht achter het voormalige Albert Laurentziekenhuis in de Broekweg, net naast het historische hoevetje Pie Konijn. Daar kunnen mensen die het in de gemeente moeilijk hebben alvast goedkopere voedingswaren en elementaire huishoudartikelen vinden.  Jean-Marie Binst

BRUSSELS LIGHT FESTIVAL WWW.BRUSSELSLIGHTFESTIVAL.BE LOCATION : CANAL SAINCTELETTE


ADVERTENTIE

Het vinden van oplossingen begint bij ons Contact Centre.

Zoekt u de snelste manier om op uw bestemming te geraken ? Hebt u een vraag over uw abonnement of uw MOBIB-kaart ? Bent u iets vergeten op tram, bus of metro ? Wilt u ons iets laten weten ? De Customer Care van de MIVB, een enthousiaste ploeg die voor u klaarstaat! 070 23 2000 (0,30 â‚Ź/min) Ma-Vr : 7u-19u / Za : 8u-16u www.mivb.be - rubriek Contact Op onze Facebook-pagina: MIVB Officieel

www.mivb.be


BDW 1399 PAGINA 11 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

“Hoewel de betrokken schepen en de voorzitter van de OCWM-raad in alle toonaarden ontkenden dat er plannen waren voor woonuitbreiding in de Trassersweg, moesten we vaststellen dat er een verkavelingsaanvraag werd aangebracht,” zegt Jean Pierre Hollevoet.

© HELEEN RODIERS

Neder-Over-Heembeek > Heembekenaar luidt de alarmbel

Stop de bouwwoede in Neder-Over-Heembeek NEDER-OVER-HEEMBEEK – Als geboren en getogen Heembeekse burger stel ik vast dat Neder-Over-Heembeek op een stiefmoederlijke en minachtende wijze wordt behandeld, zegt Jean Pierre Hollevoet. Hij vraagt zich af wanneer de politieke instanties de grieven van de Heembekenaars ernstig nemen.

BDWOPINIE Sinds een aantal jaar wordt NederOver-Heembeek geteisterd door een ongebreidelde bouwwoede van de stad Brussel, al dan niet in samenwerking met het OCMW van Brussel. Om bepaalde doelstellingen te bereiken zijn alle middelen goed. Men is zelf niet vies om halve waarheden te vertellen, luchtballonnetjes op te laten of zelfs gebruik te maken van desinformatie om bewoners tegen elkaar op te zetten. Als inwoner van de stad Brussel en van de Trassersweg zou ik meer inspraak en respect verwachten vanwege het stadsbestuur.

Zo is er de verkavelingsaanvraag van de Kraatveldstraat-Trassersweg in Heembeek. De betrokken schepen Geoffroy Coomans de Brachène en dhr. Mahieu, voorzitter van de OCWM-raad, ontkenden in alle toonaarden dat er plannen waren voor woonuitbreiding in de Trassersweg. Toch moesten we met z’n allen vaststellen dat er een verkavelingsaanvraag werd aangebracht in de Trassersweg. Wij vielen uit de lucht. Als we dan het dossier concreet bestuderen, stellen we volgende zaken vast. Ten eerste, de bestaande verkavelingsvergunning werd niet gerespecteerd. Die hield in dat het OCMW geen grond mocht opkopen zolang er geen wegenis aanwezig was. Het OCMW kocht perceel 1H3, terwijl er geen wegenis aanwezig is. Een

ning vereist. Is dit om de aangelanden  monddood  te maken en geen beroepsmogelijkheden te geven? Ik stel tevens vast dat de rooilijn aangepast werd waardoor het perceel Trassersweg 446 geen uitgang meer heeft naar de openbare weg  zoals in de bestaande verkavelingaanvraag van 1969 voorzien was. Daardoor worden bestaande rechten ontnomen. Tot slot kan ik uit de verkavelingsplannen opmaken dat de inplanting van de nieuwe woningen weinig rekening houdt met de privacy van de huidige bewoners. Ik vind dit gebrek aan respect schrijnend. Het is onbegrijpelijk dat een stad als Brussel steeds meer open ruimte inneemt, terwijl de stad , blijkbaar enkel in theorie, een hoge leefkwaliteit en een groen karakter nastreeft. U moet weten dat dit namelijk niet het enige project van de stad in NederOver-Heembeek is. Er zijn nog vijf andere projecten die in ontwikkeling zijn, allemaal in Heembeek. Ik lijst ze even op voor u: Pieter en Pauwel (36 woningen/appartementen), Kraatveld/ Kruisberg (43 woningen/appartementen), Ransbeek – Meudon (42 woningen/appartementen), Beizeghem (8 woningen/ appartementen), Groenweg ( 39 woningen/appartementen). En dan zijn er nog geruchten dat er plannen zijn om nóg eens 350 woningen in te planten. Vandaag zijn er reeds vijf afgewerkte sociale projecten (site Militair Hospitaal, site Kruisberg, site Kraatveldstraat en site Heembeekstraat/Beyseghemstraat), in het kader van het 1000-woningenplan van de stad Brussel. Vele van deze pas voltooide woongelegenheden zijn nog steeds niet verhuurd.

Vuilnisbak van Brussel

JEAN PIERRE HOLLEVOET:

“De inplanting van de nieuwe woningen houdt weinig rekening met de privacy van de huidige bewoners. Ik vind dit gebrek aan respect schrijnend”

overtreding van de wet, lijkt ons. Ten tweede treedt het OCMW-Brussel, de verkavelingsaanvrager, op als eigenaar van een stuk grond die moet zorgen voor de ontsluiting van de verkaveling.  Het OCMW heeft hier geen volmacht voor en stelt zich dus bedrieglijk als eigenaar op. Dat is valsheid in geschrifte.

1000-woningenplan Een derde vaststelling op basis van

het dossier is dat het  perceel dat ondertussen onder zachte dwang eigendom is geworden van het OCMW-Brussel, buiten de  nieuwe verkavelingsaanvraag wordt gehouden. Er wordt verwezen naar de bestaande verkavelingvergunning van 1969.  Ik stel vast dat  de inplanting van de woningen gewijzigd  werd en de voorschriften aangepast werden, wat een aanpassing van de oorspronkelijke verkavelingvergun-

Natuurlijk moet een stad voorzien in woongelegenheid voor de minder kansrijke bewoners. Het is alleen schrijnend om te zien hoe de stad Brussel het beetje groen dat Heembeek nog rest volledig opoffert aan sociale projecten en er steeds maar nieuwe inplant. En dan houdt de stad geen rekening met de komst van duizenden nieuwe inwoners. Er zijn onvoldoende scholen en kinderopvang. De capaciteit van het openbaar vervoer (buslijnen 53 en 47) is niet voorzien op dergelijke toestroom van gebruikers. Er zijn geen supermarkten voorzien. Ook sociale en administratieve voorzieningen en zelfs de politiediensten van Heembeek zijn niet voorbereid op duizenden extra mensen. Onvoorstelbaar, in de hoofdstad van Europa. Ik stel als geboren en getogen Heembeekse burger vast dat NederOver-Heembeek op een stiefmoederlijke en minachtende wijze wordt behandeld. Of zoals Hans Bonte, burgemeester van Vilvoorde, recent zei op het debat van Brussel Deze Week: “Heembeek is de vuilnisbak van Brussel.” Natuurlijk is deze problematiek aangekaart bij de politieke instanties. Het is afwachten of ze onze grieven ernstig nemen. Veel hoop koesteren we helaas niet. Jean Pierre Hollevoet, Neder-Over-Heembeek


BDW 1399 PAGINA 12 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

Waarom iedere gewezen senaatsvoorzitter, kamervoorzitter en premier recht heeft op een staatsieportret is een vreemd privilege, en eigenlijk een anachronisme. Nog een geluk dat in het parlementsgebouw overschot aan ruimte is om dat toenemend aantal ‘memorabilia’ te kunnen plaatsen. Het probleem is echter de bedenkelijke artistieke kwaliteit van dat soort schilderijen en bustes. Men zou paal en perk moeten stellen aan dit gebruik, want niemand heeft daar iets aan, uitgezonderd de aangezochte portretschilders en beeldhouwers. Met het voorziene budget kan eerder de aankoop worden overwogen van waardevolle kunstwerken van levende Belgische kunstenaars, zoals dat gebeurt in de gebouwen van het Vlaams parlement. Een andere mogelijkheid zou zijn om opdracht te geven de staatsieportretten te laten uitvoeren door eigentijdse kunstenaars, naar analogie met wat Luc Tuymans deed met het staatsieportret van de toenmalige aftredende Nederlandse koningin. Zoniet lijkt een portrettengalerij uitgevoerd door toonaangevende fotografen realistischer en voldoende om onze beleidsmensen te vereeuwigen.  Jonas Wille, Oudergem

Saneringsplan Ocharme, onze burgemeester en discipelen moeten noodgedwongen werken met een saneringsplan. Want ze zien de bodem van de gemeentekas, omdat er onvoldoende inkomsten zijn. Als men nu eens begon met de reglementen toe te passen, en de boetes voor te schrijven en te innen waar ze zouden verplicht moeten worden, zoals overal. Enkele voorbeelden: soms tijdens de dag en bijna elke avond laten valsspelers voor 50 euro een balletje vallen in een geïmproviseerd mini-casino in de Aarschotstraat. Er is altijd een winnaar, ja, maar dan iemand van hun eigen ploeg. Zo wordt de wet op kansspelen overtreden. Dag en nacht zijn er veel wildplassers, tegen deuren, muren en parkeerautomaten. Wat betreft sluikstorten zijn er vaste dagen voor vuilnisophaling, maar een paar uur later staat er weer vanalles en nog wat. En geef de mensen eens ongelijk: op de meest onverwachte dagen en uren wordt dit toch zonder probleem weer opgehaald. Discriminatie voor degenen die wel de regeltjes volgen. Parkeren van mini-autobussen en dergelijke in de straten, wat nochtans ook verboden is. Zit daar maar eens, als bejaarde gehandicapte of zo, urenlang tegenaan te kijken. Buitenlandse auto’s verzamelen parkeerboetes, maar hoeven wellicht niet te betalen. Ook zijn er veel mensen die dubbelparkeren. Of denk aan de honden die overal hun gevoeg doen. En zo kan ik nog wel enkele voorbeelden bedenken. Wij domme Belgische wijkbewoners moeten horen, zien, en vooral zwijgen. Want anders...

Bombardement Etterbeek Op de dag van het bombardement van Etterbeek (BDW 1392, p.10-11) bevond ik mij ook in de tunnel van de Lambermont. Ik was toen 19 jaar en kwam te voet van mijn werk, gelegen tussen het Luxemburgstation en de spoorwegovergang aan de Belliardstraat. Ik woonde toen tijdelijk in de R. Vandeveldestraat, dichtbij de Haachtsesteenweg. Onze echte woonst was gelegen tussen de oude vlieghaven (Evere) en de stelplaats van de NMBS in Schaarbeek. Het was daar niet meer uit te houden. Ik was te voet van mijn werk gekomen met tussenpauzes in een of andere deur. Maar aan de Lambermontlaan brak de hel los. Ik bevond mij in de tunnel toen het appartementsgebouw rechtover het hospitaal instortte. Hoe ik uit de tunnel gekomen ben en na hoeveel tijd weet ik niet meer. Toen mijn moeder mij zag thuiskomen, was het grote paniek: ik was onherkenbaar door stof en plaaster. Ik heb psychologisch geleden tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Geen Rand zonder stad Brussel en zijn Vlaamse Rand, het is een historisch beladen en stormachtige relatie. Dat is het minste wat men kan stellen. Dit werd nog maar eens duidelijk naar aanleiding van het randdebat dat Brussel Deze Week organiseerde in Muntpunt. Een lofzang op onze stad had ik van de heren burgemeesters niet meteen verwacht maar op zijn minst een genuanceerde visie op de verhouding tussen Brussel en de Rand. Daar kwam echter niets van in huis. Het debat beperkte zich tot “het probleem Brussel”. Geen woord over de economische wisselwerking, de culturele dynamiek, de vele tewerkstellingskansen die Brussel biedt enz. Dat een goede samenwerking over gewestgrenzen heen ongetwijfeld ook vele voordelen oplevert, zag men makkelijkheidshalve ook over het hoofd. De hoofdstedelijke gemeenschap? Weg ermee, zo klonk het op het podium. Laat ons wel wezen: dit is géén creatie van nog eens een nieuwe instelling, een soort ‘GrootBrussel’. Op geen enkele manier wordt er aan de grenzen van Brussel geraakt. Zo’n hoofdstedelijke gemeenschap heeft immers géén rechtspersoonlijkheid en is dus ook géén nieuw bestuurniveau. Het biedt wel een antwoord op de noodzakelijke samenwerking tussen Brussel en zijn hinterland. De voelbare nood aan intergewestelijke samenwerking tussen Brussel en het ommeland van Vlaams- en Waals-Brabant wordt algemeen erkend, gelet op de eigen bevoegdheden inzake ruimtelijke ordening, mobiliteit, tewerkstelling, huisvesting, etcetera. Méér Vlaanderen in Brussel, méér Brussel in Vlaanderen. Brussel en de Vlaamse Rand vormen immers een onafscheidelijke Siamese tweeling. Geen Rand zonder stad, geen stad zonder Rand.   Bianca Debaets (CD&V), Brussels parlementslid

alisme, René Magritte, heeft lang in Jette gewoond en gewerkt. Misschien was het Magritte die de bedenker van dit gekke plan inspireerde. Deze lijn 60 doet reeds het bestaande treinstation van Jette aan. En de NMBS wil de nieuwe halte bouwen op zo’n 400 meter van het bestaande station van Jette. Dat is al te gek. Temeer omdat op de voorgestelde plek geen kat woont. Tenzij we de eenden van het Koning Boudewijnpark meetellen. Niemand zit te wachten op een spookstation. Het huidige station van Jette wordt nu grondig gerenoveerd en dat is positief. Dit station biedt al overstapmogelijkheden tussen trein, tram, bus, (huur)fiets en (deel)auto en moeten we verder uitbouwen als intermodaal knooppunt met hogere treinfrequenties. Momenteel is de grootste lacune hier een verantwoordelijkheid van de MIVB. In afwachting van de realisatie van tramlijn 9 moet de MIVB zo snel mogelijk een snellere busverbinding realiseren tussen het station van Jette en het UZ Brussel, de grootste en beste werkgever in de ruime omgeving. Waar wel nood is aan een extra GEN-halte is verderop langs de Negen Provinciënlaan in Ganshoren. Daar woont veel volk in sociale woontorens en in nieuwbouwappartementen en eengezinswoningen. Maar net op die interessante plek voorziet de NMBS geen GEN-halte. Surrealistisch? Ik vind van wel. En met mij de gemeenteraden van Jette en Ganshoren, die allebei een motie goedkeurden tijdens de zitting van respectievelijk 25 en 26 september 2013. In die moties kantten beide gemeenten zich tegen de bouw van een extra GEN-halte aan de Tentoonstellingslaan in Jette en voor de inplanting van een GEN-halte langs de Negen Provinciënlaan in Ganshoren. Op lokaal vlak is iedereen het eens. Nu moet het Brussels gewest zijn coördinerende opdracht vervullen. Ondanks mijn liefde voor surrealistische kunstwerken, mijnheer de Minister-President, roep ik u en uw regering op af te zien van de bouw van een extra GEN-halte aan de Tentoonstellingslaan in Jette en tegelijk de inplanting van een GEN-halte langs de Negen Provinciënlaan in Ganshoren te bepleiten bij de NMBS.  Hannes De Geest, Voorzitter SP.A Jette-Ganshoren

Lukaku en Kompany Lukaku en Kompany zijn twee ‘producten’ van het Brussels Nederlandstalig onderwijs. Deze positieve noot mag niet vergeten worden. Zij spreken dan ook een hoogstaand Algemeen Nederlands en geen verkavelingsvlaams. Voorwaar een tweede positieve noot.   Guido Ghekiere, Brussel

Het mysterieuze gebouw © JO VOETS

naam en adres bekend bij de redactie

Vijf jeugdjaren waren direct voorbij. Ik werkte ook bij de NMBS en dagelijks werd ik geconfronteerd met alle bombardementen en de slachtoffers die ze gemaakt hadden.   Bertha De Keye, Evere

© BART DEWAELE

Staatsieportretten

© SIPHO, CEGESOMA

BRIEVEN VAN LEZERS   lezersbrieven@bdw.be

Surrealisme op het spoor Mijnheer de Minister-President, Ik moet u niet vertellen dat het surrealistisch trage tempo waarmee de NMBS het Gewestelijk Express Net (GEN) ontwikkelt alle verbeelding tart. Het stemt me dan ook hoopvol dat u op 4 oktober 2013 aankondigde dat u 80 procent van het GEN wil realiseren tegen 2018. Zeer goed, maar dan wel graag met GEN-haltes op de juiste plek. De NMBS en uw regering voorziet de bouw van een extra GEN-halte ‘Ganshoren Expo’ langs spoorlijn 60 aan de Tentoonstellingslaan in Jette. Toeval of niet, de bekendste vertegenwoordiger van het surre-

In de krant van twee weken geleden (BDW 1397, p.15) vraagt CD zich af welke dienst er huisde in het gebouw op de hoek van de Jonkersstraat en het Leuvenseplein dat nu wordt afgebroken. Tot tien jaar geleden zat daar onder meer de Nationale Dienst voor de Afzet van Land- en Tuinbouwproducten, afgekort “den Afzet”. Ik passeerde daar tussen 1985 en 2000 dagelijks; na 2000 weet ik niet wat ervan geworden is.  Lieven Dejager, Brugge

SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.


BDW 1399 PAGINA 13 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

BRIEVEN VAN LEZERS   lezersbrieven@bdw.be

BDWOPINIE © INFORMATIQUE

Stuitende arrogantie door Danny Vileyn

Fietsterreur Beste Hildegard Vandromme, U vraagt zich in een lezersbrief (BDW 1396, p.17) af wat dat is met die fietsers die op het voetpad rijden. Uit uw misprijzen maak ik op dat u nooit of zelden in Brussel fietst, anders zou u deze vraag niet stellen. Ik mag zelfs hopen dat u geen automobilist bent, want in dat geval bent u misschien deel van de oorzaken die fietsers soms op het voetpad doen rijden. Want wat zijn, naar mijn ervaring, de oorzaken van dit gedrag? U haalt het voorbeeld aan van de weg tussen het Koninklijk Paleis en het Warandepark. Ik beken schuld, ik heb daar ook al eens op het voetpad gereden. De enige reden was dat ik wilde voorkomen dat mijn fiets op dat korte stukje uit elkaar zou vallen van het over de kasseien daveren. Want elke fietser die daar komt, weet dat dit geen gewone kasseien zijn, maar dat ze in de Hel van Roubaix niet zouden misstaan. Ik heb er niet echt een idee van wat daar de oorzaak van is, maar dat de kasseien langzaam uit elkaar komen te staan door het eeuwige autoverkeer dat erover rijdt, lijkt me een goede gok. Sommige kasseibanen in Brussel en daarbuiten lijken eerder geschikt voor mountainbikes, maar zeker niet voor eenvoudige stadsfietsen. Over de Loksumstraat dan: daar is gedeeltelijk een fietspad, maar het stuk vanaf de Koloniënstraat, bestaat gewoon uit vier rijstroken voor auto’s. Als fietser moet je daar, zeker tijdens de spitsuren, wel een beetje gek zijn om de verkeersregels te volgen en in dit geval op de baan te blijven. Je loopt er meer risico door een auto omver gereden te worden, dan op de gemiddelde snelweg. Laat me van de gelegenheid gebruik maken om nog een paar plekken te noemen waar je als fietser, voor je eigen veiligheid en gezondheid, beter op het voetpad fietst dan er de regels te volgen. Bijvoorbeeld het verlengde van de Loksumstraat, de as ArenbergstraatSchildknaapstraat-Bisschopsstraat. Als je daar weg van het centrum rijdt, heb je, als je de regels wil volgen, maar één keuze: netjes achter een auto blijven die zijn uitlaatgassen in je gezicht spuwt. De rijstrook is er immers te smal om de auto in te halen, de geschilderde fietsjes op de baan zijn een lachertje. Dus wat doe je als fietser: je wringt je rijwiel tussen de ‘paaltjes’ door die moeten voorkomen dat er al te veel auto’s gebruik maken van de rustigere zijrijstrook die enkel bedoeld is voor stadsinwaarts rijdende bussen (en fietsers). Een andere optie is het voetpad, al wil ik dat daar afraden, want daar hinder je als fietser écht de voetgan-

gers omdat het er vrij druk is. Of wie in de piekuren langs de Troonstraat, de Waverse- of de Gentsesteenweg fietst, heeft allicht – net als ik – heroïsche verhalen over openklappende autodeuren, voetgangers die zonder uitkijken oversteken, voetballende kinderen... Of misschien heeft het op sommige plaatsen wel te maken met de erg povere kwaliteit van de fietspaden. Ik noemde al de goed bedoelde geschilderde fietsjes op straat, maar tot nu toe staat wat mij betreft de Ninoofsesteenweg met stip op 1 met een rotslecht fietspad dat vaak als parkeerplaats dient. Toegegeven: het kruispunt Huidevettersstraat-BrigittinestraatSpiegelstraat-Rogier Van der Weydenstraat is ook een avontuur voor fietsers, met al die verdwenen kasseien aan de ene kant en te hoog opgeduwde kasseien aan de andere kant. Sven Nys zou er zich rot amuseren... Maar, mevrouw Vandromme, misschien moet ik niet tegen u ‘strijden’. Want als u voetganger bent, moeten we samen strijden tegen de heerschappij van Koning Auto, moeten we samen streven naar een doordacht mobiliteitsbeleid voor Brussel onder de voogdij van het gewest en niet van de gemeenten, een beleid dat voetgangers, fietsers en openbaar vervoer (in die volgorde) voor laat op de auto. Dan moeten we niet elkaar bestrijden, want de enige die daarbij wint is... Koning Auto. Echter, als u automobilist bent die liefst voor de winkel in het centrum van de stad parkeert, dan kan ik u en uw collega-automobilisten alleen maar vragen uw rijgedrag aan te passen en rekening te houden met de fietsers, voetgangers, trams en bussen. Om niet, zoals ik op een week tijd meemaakte en zag, te parkeren op fietspaden, busstroken, parkings voor mensen met een handicap. Om niet achteruit te rijden in een éénrichtingsstraat en zo jezelf te doen geloven dat je regels nièt overtreedt. Om niet te parkeren aan het begin van een fietspad, op de hoek van een straat... Misschien, ooit, komen automobilisten zelf tot het inzicht en nemen ze het openbaar vervoer of de fiets wanneer ze de auto niet echt nodig hebben. Op dit moment hoop ik dat het gewest durft ingrijpen en dit soort zaken onmogelijk maakt voor automobilisten. Wat dat betreft is het nieuwe fietspad aan de Poincarélaan een hoopvolle eerste aanzet, maar ook niet meer dan dat. Nu nog hopen dat de automobilisten inzien dat dit geen extra parkeerplaats of laad- en loskade is. Oh ja, mevrouw Vandromme, ik nodig u uit om de straten die u in uw brief vermeld, zelf eens te fietsen. Ik wil u daar met plezier in begeleiden.   Lieven Muyldermans Sint-Jans-Molenbeek

Moet de bankensector zich plots aanpassen aan mobiliteitsproblemen? Dat vraagt Thomas Van Rompuy zich af op brusselnieuws.be. Van Rompuy is woordvoerder van bankenfederatie Febelfin. De reactie van de bankiers getuigt eens te meer van een stuitende arrogantie. De impliciete boodschap luidt: wij, banken, hoeven ons niet aan te passen. Die houding was er al voor de crisis. De rekening is toch voor een ander. Banken kopen massaal bedrijfswagens aan om hun personeel zoet te houden na een inlevering van loon, zo bleek vorig weekend. Dat ze compensaties zoeken voor opgelegde loonderving is normaal. De gewone bankbediende is tenslotte niet verantwoordelijk voor de financiële crisis die de bankiers veroorzaakt hebben. Maar dat er onmiddellijk naar de gemakkelijkste oplossing gegrepen wordt – schuif een auto onder hun kont – getuigt anno 2013 niet van veel verantwoordelijkheidszin. De bankiers zouden moeten weten hoeveel schade de files aan de economie aanrichten. De kost van de files in Brussel alleen wordt geraamd op een half miljard euro jaarlijks. Brussel is de Europese filehoofdstad. Het mobiliteitsdenken is al lang geen monopolie meer van geitenwollen sokken en andere groene doemdenkers. Zowel Beci, Voka als de automobielsector zelf pleiten voor een kordate aanpak. Maar dat hebben de bankiers niet door. Of het kan hen niets schelen. De bank BNP Paribas Fortis rolt binnenkort 6.250 wagens uit, Belfius gaat er 1.500 bestellen. De bestelling van BNP Paribas Fortis is erg, die van Belfius is erger. Belfius is een honderd procent staatsbank. En toch is dit geen anti-autopleidooi. De ruimtelijke ordening in dit land zijnde wat ze is, zal een aantal pendelaars (en Brusselaars) de auto blijven nodig hebben. In het beste geval tot aan het station of de overstapparking. Maar er zijn gewoon te veel auto’s. Wie echt niet zonder auto kan, is daar het slachtoffer van. Tenzij u de mening deelt van Brussels parlementslid Jacqueline Rousseau. Volgens het MRparlementslid nemen de files in Brussel gewoon toe omdat het aantal fietsers gestegen is. In de Franstalige pers was ze de risee van de week. En toch is het begrijpelijk dat mensen de auto verkiezen zolang bijvoorbeeld het voorstadsnet er niet is. De nieuwe spoorbaas Jo Cornu kan wonderen verrichten door de mobiliteitsknoop in en rond Brussel te ontwarren: voer versneld het Gewestelijk Expressnet in en laat comfortabele treinen op tijd rijden. Een ontoereikend openbaar vervoer mag geen excuus meer zijn om in de auto te springen.

WAUTER MANNAERT


BDW 1399 PAGINA 14 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013 © VLAAMSE CLUB

VADROUILLE

90 JAAR VLAAMSE CLUB BRUSSEL – De vzw Vlaamse Club voor Kunst, Wetenschappen en Letteren heeft vorige vrijdag haar negentigste verjaardag herdacht met een Academische Zitting in het Brusselse parlementsgebouw in aanwezigheid van Brusselse ministers Brigitte Grouwels (CD&V) en Guy Vanhengel (Open VLD) en minister van Staat Hugo Weckx.

DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

© PRIVÉ-VERZAMELING

Bij vorige jubilea of feestelijkheden kwam de koning of waren er prinsen (sinterklaasfeest), en minstens nog de burgemeester. Nu waren er amper honderd stoelen bezet. De viering was dan ook getekend door vergrijzing; enkele decennia terug telde de club nog 400 getrouwen. “De jongste 25 jaar hebben we geen jongere doelgroep meer bereikt. Nu nog de kloof van generaties overbruggen wordt een uitdaging,” zuchtte Eduard Celens, ere-voorzitter en emeritus-professor Ballistiek, bij het slot van zijn geschiedkundig overzicht.

Expositie

Bénàres, olie op paneel.

© PRIVÉ-VERZAMELING

Het elitaire, flamingante genootschap werd in 1923 aangestuurd door een selecte groep ‘bezorgden om de Vlaamse ontvoogding’, waaronder August Vermeylen, Herman Teirlinck, Ernest Claes, Julius Hoste en Frans Van Cauwelaert (foto). De band tussen Vlaanderen en Brussel aanhalen en de Vlaamse intellectuele achterstand in het verfranste Brussel inhalen stonden hoog in het vaandel. Die doelen zijn inmiddels maatschappelijk bereikt. Op negentig jaar tijd verhuisde de club twaalf keer van vergaderlokaal, een eigen (t) huis richtte het nooit op, alhoewel de eerste wekelijkse, nu veertiendaagse lezingen de beste sprekers bij de katheder haalde. Ook de literaire evenementen scoorden hoog. Een tentoonstelling 90 jaar Clubleven in het Archief en Museum van het Vlaams Leven te Brussel groepeert nog tot 15 november portretten van voorzitters (1923-1976) en van illustere leden, van de hand van Luc De Decker, eresenator Lydia De Pauw-Deveen en Pieter-Willy De Muylder.  JMB

Europalia > Jean Robie trok op z’n 60ste naar Azië

Een bloemenschilder trekt naar India

ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

✆ 0800-15045

alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

SINT-JOOST-TEN-NODE – Met schilderijen van Jean Robie (1821-1910), een ketje uit de Marollen, zoon van een smid, die op z’n zestigste naar India trok, neemt het Charliermuseum deel aan Europalia. Charlier is erin geslaagd om de oriëntalistische ambiance van weleer op te roepen.

I

ndiareizigers weten het: India, dat was voor de Fransen Pondicherry en voor de Portugezen was dat Goa. En voor de Belgen? Waren die dan in meer dan in Congo geïnteresseerd? Tijdens de eerste helft van de negentiende eeuw waren er inderdaad weinig

rechtstreekse uitwisselingen tussen België en India. Maar toch was de belangstelling bij ons niet onbestaande: de Oostendse Compagnie, opgericht in 1722, boekte zoveel succes in de theehandel dat ze negen jaar later al werd opgeheven onder druk van Groot-Brittannië.

Eind negentiende eeuw was de situatie gekeerd, in 1885 werd een rechtstreekse vaarroute tussen Antwerpen en Bombay ingesteld. De Belgische kroonprins Leopold, de latere Leopold II, trok van 7 november 1864 tot 22 februari 1865 naar India, geen diplomatiektoeristisch uitstapje, maar een studiereis. Leopold was op zoek naar een kolonie en wou inspiratie opdoen. Nog in de negentiende eeuw richtten mannelijke en vrouwelijke religieuze ordes missieposten op in Ceylon en in India. Pater Lievens, pater Goethals en pater Lafont nemen in de Belgische en Indische geschie-


BDW 1399 PAGINA 15 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

© NAAM FOTOGRAAF

van stillevens. Robie groeide op in de Marollen, werd jong wees en kon het niet vinden met zijn stiefmoeder. Robie ging al op zijn twaalfde naar de academie, leerde voortdurend bij en zag veel zwarte sneeuw. Zijn deelname aan het Salon van Brussel in 1843 werd meteen een groot succes. Het was het begin van een gestage klim op de sociale ladder. Robie begon zijn specialiteiten meer en meer af te bakenen: planten, bloemen, vruchten. Veel heeft hij te danken zijn levenslange vriendschap met Théodore Fourmois (1814-1871). Fourmois behoorde tot de school van Tervuren die een frisse wind door de schilderkunst liet waaien. Zegt Kathleen de Fays van de Stichting Jean

“Jean Robie kweekte zelf zijn groenten. Hij had thuis een prachtig Indisch museum.”

Robie: “Robie woonde in Brussel (Sint-Gilis, dv), aan de Steenweg op Charleroi 149, in een riante woning met tuin en moestuin. Hij kweekte zelf zijn groenten. Hij had thuis een prachtig Indisch museum. J.B. Robie stierf vredig op 89 jaar en weigerde eerbewijzen of een praalgraf. Hij vroeg om gecremeerd te worden op Père Lachaise in Parijs.” Jean Robie, die heel zijn leven vrijgezel is gebleven, trakteerde zichzelf op een reis naar Ceylon en India voor zijn 60ste verjaardag. Een aantal werken hebben de tijgerjacht als thema. Deze jachtpartijen op de rug van een olifant duurden twee weken. Ze waren voor Robie, van bescheiden komaf, een onvergetelijke ervaring. Hij schrijft: “Wat mij het meest verwonderde op deze expeditie, is dat ik erbij was, ik, een zo vreedzaam wezen.” En over de wending in zijn schilderkunst: “De bloemenschilder is zowaar een olifantenschilder geworden.” De zalen van de benedenverdieping van het Charliermuseum evoceren de Indiareis (met onder andere mooie foto’s) en de Oriëntaalse periode. Op de bovenverdieping hangen er stillevens en een heel mooi zeegezicht van Oostende. Danny Vileyn

Inspecteur, olie op paneel.

denis een plaats in als specialist eigendomsrecht, botanicus en wetenschapper. Verder lezen we als toelichting bij de expo: “De religieus geïnspireerde graaf Henry Legrelle (1865-1934), telg uit een vrome Antwerpse bankiersfamilie, vertrok op 12 oktober 1888 met de boot vanuit Marseille voor een wereldreis. Zijn eerste halte was India waar hij tot november 1889 verbleef. Hij leefde dicht bij de Indiase bevolking, leerde hun taal en begeleidde de missionarissen bij hun dagtaken. Zijn reisboek is geen lofrede op de levensstijl van de maharajahs, de Oosterse kunst en haar architectuur maar een sociaal-bewogen relaas met veel aandacht voor de problematiek van het missiewerk en de menselijke el-

© PRIVÉ-VERZAMELING

lende waarmee hij geconfronteerd werd.”

Oriëntaalse kunst Een voorloper onder de schilders die naar het oosten trokken was marineschilder FransBalthasar Solvyns (1760-1824) van wie de etnografische studie vandaag nog altijd een bron is voor de kennis van de Hindoes. Hij was goed ingeburgerd in de Britse gemeenschap van Calcutta, schilderde hun decors en organiseerde hun militaire overwinningsfeesten. Op muzikaal vlak beïnvloedden de gamelanorkesten onder andere Claude Debussy (18621918). En in de literatuur kreeg India vorm in de boeken van Victor Hugo (1802-1885), Rudyard Kipling (1865-1936) en Edouard

Douwes Dekker, alias Multatuli (1820-1887). Terwijl deze laatste op een onverwarmde zolderkamer aan de Brusselse Arenbergstraat aan zijn Max Havelaar schreef lieten de Vlaamse, sociaal bewogen schrijvers India links liggen terwijl er toch een sterke Belgische aanwezigheid - de missieordes - was in India. Aan Franstalige kant was dat niet het geval: Maurice Maeterlinck (1869-1941) en Max Elskamp (1862-1949) verwerkten wel Indiase invloeden in hun oeuvre. Het Oriëntaals luik van het oeuvre van ‘l’amant des roses’ Jean Robie - zowel literair als picturaal - moet tegen deze achtergrond gelezen en bekeken worden. Maar eigenlijk was Robie in de eerste plaats een vernieuwende schilder

‘Jean Robie. Schilder, schrijver en zijn reizen naar India’ loopt tot 03/01 in het Charliermuseum, Kunstlaan 16, 1210 Brussel. Het museum is open van maandag tot en met donderdag van 12 uur tot 17 uur en op vrijdag van 10 uur tot 13 uur. Op woensdag 23/10 en vrijdag 15/11 is de expo open tot 20u. Op donderdag 21/11 op de Nocturnes van de Brusselse Musea is de expo open van 17u tot 22u. Er vinden ook twee concerten plaats: op woensdag 6/11 om 12u30 treedt het duo Manuel Hermia (bansuri, sopraan, saxofoon) en Purbayan Chatterjee (sitar) op. Op donderdag 5/12 om 12u30 is het de beurt aan Fabian Beghin (bansurifluit, harmonium, percussie) en Bernard Flament (schrijver van het verhaal, verteller, percussie) met Le Bansuri d’Ali. Er zijn ook rondleidingen voor individuele bezoekers (02/220.28.19 of info@charliermuseum.be). Meer info : www.charliermuseum.be


BDW 1399 PAGINA 16 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

Natuur > Neuzen naar de grond in het Scheutbos

Laat u niet foppen door zwammen

© JPAUL WOUTERS

“Oktober is het hoogseizoen van de paddenstoelen, als het voldoende regent en niet vriest,” weet Roosmarijn Steeman van Natuurpunt Studie. Van 2002 tot 2009 inventariseerde Steeman paddenstoelen in Vlaams-Brabant, eerst voor de atlas Paddenstoelen in de regio Leuven (1981-2004) en daarna voor de atlas Paddenstoelen in Vlaams-Brabant en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (1980-2009). In het Zoniënwoud en de bossen van het Brussels Gewest werden meer dan 900 paddenstoelsoorten waargenomen. In het Scheutbos alleen al zouden er 90 soorten paddenstoelen groeien, als we de aankondiging in

© JIMMY DESMET

SINT-JANS-MOLENBEEK - Tijdens een paddenstoelenwandeling in het Scheutbos op zondag 27 oktober neemt Roosmarijn Steeman van Natuurpunt u mee naar de wereld van de fungi. Daarin passeren de opruimers en de boombegeleiders, de giftige en de eetbare paddenstoelen, het elfenschermpje, de satansboleet en de fopzwam.

Natuur.blad mogen geloven. Steeman heeft het voor ons nog eens nagekeken: “Eind november 2009 vond ik in het Scheutbos 89 soorten, na een hele dag onderzoek. Zo laat in het seizoen was dat uitzonderlijk, want meestal begint de diversiteit aan soorten vanaf november toch wat af te nemen. Omdat de wandeling op 27 oktober voor een breed publiek is en ik elke soort voldoende aandacht wil schenken, is de kans groot dat we maar een dertigtal soorten zullen zien. Ik zal vertellen hoe je de soort kunt herkennen, iets over de rol van elke soort in de natuur – je hebt opruimers, boombegeleiders en parasieten - en iets over de eetbaarheid, als het relevant is, zoals bij de heel giftige of smakelijke soorten.”

Magie “In Vlaanderen en Brussel is het

De zalmzwam (boven), opruimer van dood hout, en gewone zwavelkop, een giftige paddenstoelsoort. ADVERTENTIE

plukken van paddenstoelen in natuurgebieden en parken verboden, maar ook overbetreding is nefast voor de meeste boombegeleidende paddenstoelen. Wandelaars blijven best zo veel mogelijk op de paden. Ook honden verrijken de bodem met hun uitwerpselen en urine, en het zijn juist de paddenstoelen van voedselarme bodems die het meest bedreigd zijn.” In het Scheutbos is vooral dood hout dat blijft liggen nuttig voor de paddenstoelen. Speciale soorten die hier al werden waargenomen zijn de zalmzwam, die dood hout opruimt, de witsteelstropharia, die dode grasresten opruimt, de bleke wilgengordijnzwam, een wilgenboombegeleider, en schermpjeseikhaas, een parasiet op de eik. Maar zo snel als ze uit de grond schieten, zoals alleen paddenstoelen dat kunnen, verdwijnen ze weer. Steeman zal tijdens de wandeling uitleggen hoe dat komt: “Het heeft lang geduurd voordat de wetenschap dit fenomeen kon verklaren. Het is dan ook niet zo vreemd dat paddenstoelen met hekserij en magie werden geassocieerd, getuige daarvan namen als elfenschermpje, satansboleet, heksenboter en judasoor.”   An Devroe

Zondag 27 oktober van 10u tot 12u30, afspraak aan de chalet van de parkwachters in de Scheutbosstraat, inschrijven is niet nodig.


© LIEVE BLANCQUART

BDW 1399 PAGINA 17 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

Jazz > Dertiende editie Boogie Woogie Festival

Zonder setlist het podium op BRUSSEL – De Brusselse pianist Renaud Patigny organiseert voor de dertiende keer zijn internationaal gerenommeerde boogie woogie festival. En net als bij de vorige edities slaagt hij er opnieuw in om topnamen uit het wereldje op de affiche te plaatsen.

Praat

Een kindeke geboren (maal 364.501) achteraf

Gelezen: Birth Day, van Lieve Blancquaert en Marjorie Blomme, Lannoo, 368 blz, 34,99 euro. Met bijhorende tentoonstelling in het ING Cultuurcentrum, Koningsplein 6, Brussel, tot 5 januari en televisiereeks op maandag om 20.40 op een, www.birth-day.be

Het is een cijfer waar u weinig mee kan, maar elke dag worden er wereldwijd 364.501 kinderen geboren, dat zijn er bijna vijf per seconde en wellicht ook behoorlijk wat te veel. Sinds enkele weken is er een nieuw televisieprogramma op de buis dat over geboortes gaat. In Birth Day gaat fotografe en televisiemaakster Lieve Blancquaert (1963) negen afleveringen lang in negen erg verschillende landen ter wereld kijken hoe kinderen daar ter wereld komen. Bij die televisiereeks hoort ook een tentoonstelling met foto’s van Blancquaert en een dik boek waarin een ruime selectie (350) beelden de verhalen illustreren die Blancquaert optekende bij haar kraambezoeken in liefst veertien landen. De keuze viel op plekken die de eventuele extremen van deze allermenselijkste gebeurtenis in de verf zouden kunnen zetten – van China over India en Siberië tot Congo. Het laatste hoofdstuk van het boek, tevens de laatste aflevering op (6 januari) van de televisiereeks, toont de situatie in Brussel. Het moge duidelijk zijn dat dit grootscheepse project dus niet zomaar over zenuwachtige papa’s en puffende mama’s gaat. Dat in de kraamkamer een maatschappij wordt weerspiegeld, wordt alvast in het boek ruim geïllustreerd. Dit boek over geboortes gaat ook over de landen in kwestie. Voorts blijkt ten overvloede dat baren en geboren worden in vele gevallen echt geen pretje is: slecht uitgevoerde abortussen, hemeltergend bijgeloof, grove discriminatie, genderstereotiepe opvoedingsmodellen, Filippijnse nanny’s die door rijke Koeweiti’s worden afgesnauwd, tienerzwangerschapen in de Amerikaanse Bible Belt... En als er al eens geen sprake is van overbevolking, zoals bij de Inuït, dan blijkt alcoholisme en kindermisbruik een probleem. Gelukkig klinken er af en toe ook positieve geluiden zoals van de moedermelkbrigade in Brazilië, of van de joodse vroedvrouwen die met de glimlach Arabische baby’s ter wereld helpen. In het hoofdstuk over de sloppenwijken van Naïrobi in Kenia, die Blancquaert de hel noemt, waar kinderen al te vaak als sym-

bool voor sociale status of mannelijkheid en vruchtbaarheid dienen, en waar het fanatieke christelijke geloof het gebruik van voorbehoedsmiddelen niet echt aangemoedigd, komt ook professor Marleen Temmerman gynaecoloog en hoofd van het Departement voor Reproductieve Gezond­heid en Onderzoek van de Wereldgezondheidsorganisatie – aan het woord: “Overbevolking is een epidemie. Moest er dezelfde paniek rond ontstaan als wereldwijd is gebeurd rond hiv/aids, dan pas zullen we het onder controle krijgen.” In haar voorwoord bij het boek raakte Temmerman al een van de belangrijkste diepere oorzaken van het probleem aan: “Als vrouwen dezelfde rechten zouden hebben als mannen en meer te zeggen zouden hebben, dan leefden we in een betere wereld.” Het hoofdstuk over Brussel begint ook al niet opbeurend met een quote van een moeder zonder papieren die zelf geen toekomst heeft voor het kind dat ze vlak na de geboorte nog aan de borst drukt: “Vrijdagochtend om negen uur zal ik mijn kind weggeven.” Blancqaert zoekt opnieuw niet de comfortabelste plekjes op: het gaat niet naar Ukkel, maar naar Sint­-Pieter waar vroedvrouwen Linda Doeraene en Martine Vanderkam al vijftien jaar lang kansarme vrouwen bijstaan voor, tijdens en na de geboorte met hun project Aquarelle. Zij vernemen de verhalen over mishandeling, het zwangere leven op straat, en veertienvoudige zwangerschappen veelal via gebarentaal of een tolk, en zien de situatie niet verbeteren: “Het probleem groeit elke dag. Per jaar worden in dit ziekenhuis ongeveer 3.250 kinderen geboren. Bijna tachtig procent daarvan heeft buitenlandse grootouders. Tien procent heeft absoluut geen rechten, geen papieren, geen verzekering.” Blancquaert gaat ook mee op ‘huisbezoek’ met Sofie en Jamila van Kind en Gezin en is zo getuige van verhalen van verkrachting en afdreiging in het Gesuklooster, depressie in het Klein Kasteeltje, besnijdenissen, uithuwelijkingen, huisjesmelkerij, mannen die zwangere vrouwen dumpen. Blancquaert “schaamt zich diep” voor haar land en vraag zich af “wanneer de bom er zal barsten.” Een constante op de foto’s vanuit de hele wereld is het vrolijke, veelkleurige textiel dat kraambedden bedekt, kinderen inbakert, kraamkamers verwarmt. Maar onder dat textiel zitten al te vaak koude vloeren, ijzeren bedden, en erboven liggen al te vaak vrouwen wier waardigheid al te zeer op de proef wordt gesteld. Michaël Bellon

Zonder boogie woogie zou de muziekgeschiedenis er heel anders uitgezien hebben. Daarmee werd eind negentiende – begin twintigste eeuw de basis gelegd voor wat later zou uitgroeien tot rock-‘n-roll. En toch wordt boogie woogie slechts als een voetnoot beschouwd en bijna zo goed als doodgezwegen in de (gespecialiseerde) media. Aan hippe en kleurrijke vogels ontbreekt het nochtans niet. Te beginnen met Renaud Patigny zelf, altijd uitgedost ‘sur son 31’ en bovenal een echte showman die Jerry Lee Lewis moeiteloos het nakijken geeft. Een ander nog flamboyanter personage is Fabrice Eulry, een regelmatige gast op dit festival. Eenzelfde gedrevenheid en smetloze kledingstijl als Patigny maar nog net een trapje hoger. Deze keer geen Pierre-Alain Volondat zoals een paar jaar geleden, wel nog een resem andere toppers waaronder de achtentwintigjarige Chris Conz, een van de meest belovende sterren uit de jonge generatie. Stephanie Trick

bewijst op haar beurt dat boogie woogie niet zuiver een mannenaangelegenheid is. Deze pittige juffrouw werd in 2011 door het toonaangevende Hot Club de France binnengehaald als beste nieuw talent. Verder nog JeanPaul Amouroux en Philippe Lejeune. Nieuw dit jaar is dat organisator Patigny aan alle artiesten vroeg om het podium op te stappen zonder setlist. Het accent wordt gelegd op improvisatie, wat tegenwoordig niet meer courant is in boogie woogie terwijl het zo ooit allemaal begon. Boogie woogie is een welbepaalde muziekstijl met spelregels die niet zo simpel zijn als het allemaal lijkt. Toch kan je er fantastisch op dansen als je de juiste pasjes kent. Ter illustratie nodigt Patigny telkens een bekend showkoppel uit het internationaal circuit uit. Niet verwonderlijk dus dat het publiek tijdens het laatste concert van de avond meestal in de zijgangen en voor het podium mee staat te swingen. Georges Tonla Briquet   Brussels Boogie Woogie Festival 2013, 25 en 26/10, 20u30, W:Halll, Charles Thielemanslaan 93, 1150 Sint-Pieters-Woluwe

ADVERTENTIE

STEM OP JE FAVORIETE BRUSSELSE 3 op FMBRUSSEL.BE EN WIN 1 jaar gratis concerten in AB en BOTANIQUE VRIJDAG 1 november van 12u tot 18u MET chantal de smedt


BDW 1399 PAGINA 18 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

Gastronomie > Biologische en natuurwijnen zitten in de lift

We heffen het glas op de natuur

V 

heidspein in Elsene biedt, naast de vaste waarden, ook enkele biologische, biodynamische en natuurlijke wijnen aan. Gezondheid en milieu doen het goed, en een wijnassortiment zonder biologisch verbouwde wijnen gaat haast niet meer.

Wat drinken we? De gemeenschappelijke noemer van biologische, biodynamische en natuurlijke wijnen is een biologische behandeling van de wijngaard, en een organische teelt van de druiven. De latere behandeling van de druivenmost kan naargelang de drie wijnsoorten echter danig verschillen. Biologisch gecertificeerde boeren moeten zich wat betreft gehanteerde technieken en toegevoegde chemische stoffen, aan strikte Europese regels houden. Het gebruik van sulfiet bijvoorbeeld werd aan banden gelegd. Sulfiet (beter bekend als de boosdoener na een avondje wijn drinken, met hoofdpijn, misselijkheid en soms allergische reacties tot gevolg, cv.) is evenwel een

© ALAIN REYNAUD

eel alcohol, een wrange tanninesmaak, doordringende houtaccenten, en een bom sulfiet. De traditionele wijnen krijgen het zwaar te verduren. “Mensen zijn het beu om steeds dezelfde zware wijnen te drinken,” zegt JeanFrançois Basin, een van de pioniers van biologische en natuurwijnen in Brussel. “Respect voor de natuur is cruciaal in het wijnvak.” Basin opende in 1999 zijn wijnimporteurszaak Basin & Marot in Elsene, en ruilde doorheen de jaren zijn assortiment van klassieke wijnen in voor de biologische soort. En hij is niet de enige in de hoofdstad. De trend, overgewaaid vanuit Parijs, heeft hier ondertussen een stevige voet aan wal gezet. Restaurants zoals Chez Max in Elsene en La Buvette in Sint-Gillis kiezen bewust voor wijnen van jonge, natuurlijke wijnmakers. Ook de wijnwinkels en wijnbars in Brussel breiden hun biologisch en natuurlijk gamma uit. Bij Chez Simone kan je kiezen uit een veertigtal natuurwijnen. Oeno tk aan het Drievuldig-

© VINCENT

BRUSSEL – Moeder Natuur is aan een heuse opmars bezig in ons dagelijks leven: we eten biologisch verbouwde groenten, vertrouwen op de zon voor energie, en rijden op water. Ook wat alcohol betreft willen we het gezonder. In het Brusselse straatbeeld duiken dan ook steeds meer biologische, biodynamische, en natuurlijke wijnen op.

De consument wil graag eens wat wijn met een eerlijke en natuurlievende smaak.

Cinema > Financiering geraakt niet rond

Grouwels wil geld bioscoopboot terug Liggen gewestminister Grouwels, bevoegd voor de Haven van Brussel, en Claude Diouri, die een bioscoopboot wil ontwikkelen, op ramkoers? Volgens haar woordvoerder bekijkt Grouwels alle juridische opties om de 50.000 euro subsidie die eerder in de boot geïnvesteerd werd, te recupereren. Diouri, uitbater van cinemazalen Styx en Actor’s Studio, kondigt al sinds 2006 Actor’s Boat, een boot met drie filmzalen, aan. Maar tussen droom en verwezenlijking staan veel obstakels. Doordat de financiering niet rond raakt en de werken

© STEVEN VANDENBERGH

BRUSSEL – Brussels havenminister Brigitte Grouwels (CD&V) onderzoekt hoe ze de 50.000 euro subsidie voor de drijvende bioscoop van privé-initiatiefnemer Claude Diouri kan terugvorderen. eindeloos aanslepen, sloot de Haven van Brussel geen nieuwe vergunning af met Actor’s Boat.

Evenementenboot Nu blijkt dat minister Grouwels de administratie gevraagd heeft om de 50.000 euro ‘belastinggeld’ terug te vorderen. “Wij hebben sympathie voor het privé-initiatief, maar er moet voldaan worden aan de voorwaarden,” zegt haar woordvoerder. Gevraagd naar een reactie roept Diouri door de telefoon dat hij ‘niet op de hoogte is’ van de terugvordering en voorlopig geen commentaar geeft.

De bioscoopboot in wording, augustus 2012.

Recent verstuurde de minister nog een persbericht waarin stond dat ze een evenementenboot, met bijvoorbeeld sport- en horecafaciliteiten, voor de haven van Brussel zoekt. Ligplaats: het Becodok, waar ook de bioscoopboot zou komen. “De twee boten staan los van elkaar,” vertelt haar woordvoerder. “De bioscoopboot zou aan de andere kant van het kanaal komen.” Hoe dan ook past de komst van een evenementenboot, die het hele jaar open zou zijn, in de opwaardering van de Kanaalzone. Eind dit jaar wordt de privésector bevraagd, een timing voor de evenementenboot is onbekend. Steven Vandenbergh


“Geef een kind altijd maar medicijnen, en het zal ziek worden. Zo werkt het ook met planten. Chemisch werken is enkel nodig als je met een wispelturig klimaat te maken hebt” wijn, vindt zijn wortels in de biologisch-dynamische landbouw, een geesteskind van Rudolf Steiner. Biodynamische wijnboeren geloven dat de kosmos invloed heeft op de groei van de gewassen, en werken met speciale preparaten. Koehoorns, gevuld met koemest, worden in de akkers ingegraven, en na verloop van tijd als een soep over de wijnstokken gegoten. Mooie traditie, of een theatrale hang naar spiritualiteit? “Biodynamische wijnen verkopen inderdaad moeilijker, omdat er geen duidelijke regels aan verbonden zijn,” geeft organisator van de Brusselse wijnbeurs Megavino, Alain Bloeykens, aan. “Een wijnboer die zijn druiven bij volle maan laat plukken door jonge naakte vrouwen, is allesbehalve serieus bezig.” De derde en laatste wijnsoort is de natuurlijke wijn. Natuurjongens gaan uit van een spontane totstandkoming van het alcoholische drui-

vensap en weren industriële processen en inmenging van de wijnmaker. “Bedoeling is de authenticiteit en natuurlijke aroma’s van de wijn te vrijwaren,” verklaart Basin. “De wijnboer moet extreem hygiënisch te werk gaan in de kelder, omdat er amper manipulatie aan te pas komt. Natuurwijnen moeten koel bewaard worden, en vaak binnen het jaar opgedronken worden.”

Niet nieuw, wel trendy Een biologische teelt van de druiven, en het geloof in de helende werking van de kosmos, zijn geen nieuwe fenomenen in de wijnwereld. Pierre Speyer, een Brusselaar met twintig jaar ervaring als wijnmaker in de zuidwestelijke Madiranstreek in Frankrijk, kan ervan meespreken. “Geef een kind altijd maar medicijnen, en het zal ziek worden. Zo werkt het ook met planten. Chemisch werken is enkel nodig als je met een wispelturig klimaat te maken hebt.” Speyer sproeit met koper en brandnetel, en plukt de druiven met de hand. Ondanks deze werkwijze dragen zijn wijnen niet het officiële biologische label. “Ik hoef dat allemaal niet. Biologisch werken is normaal. Het zou omgekeerd moeten zijn: boeren die chemisch werken zouden dat op hun etiquette moeten vermelden, niet de bioboeren.” Zeker is wel dat we onze smaakpappillen al graag eens drenken in dit soort wijnen. Alain Bloeykens merkt een heuse opkomst van de wijnen. “Tien jaar geleden hadden we misschien één biologische exposant op de beurs, nu vormen ze al tien procent van het aanbod. De consument interesseert zich meer in het verhaal achter de wijn. Een persoonlijke en eerlijke aanpak doet het goed.” Aan de noeste arbeid van deze ‘nieuwe’ wijnen is wel een iets duurder prijskaartje verbonden. Maar kom, wat natuur in het glas is uiteindelijk onbetaalbaar. Céline Vincent

ADVERTENTIE

Sociale Verhuurkantoren (SVK)

Verhuur uw woning zonder risico en zonder zorgen

a Gegarandeerde huur elke maand a Verzekerd verhuurbeheer a

Onderhoud van uw woning

© NICK TR

natuurlijke uitkomst van de alcoholische vergisting van de druiven; wijn zonder sulfiet bestaat dus niet. “Wijn leeft en beweegt. Om latere hergisting en oxidatie in de wijnfles tegen te gaan, en de wijn dus te stabiliseren, voegen boeren vaak sulfiet toe,” verklaart Basin. De tweede categorie, biodynamische

ACHE T

BDW 1399 PAGINA 19 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

a Hulp bij renovatie a Fiscale voordelen

www.fedsvk.be 02 412 72 44

Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT

Amla Al een jaar of wat staat er een blik in de keukenkast. ‘Amla in sugar syrup’ staat erop en wat verder de uitleg ‘goosberry’. Het komt uit Pakistan. Goosberry is Engels voor stekelbes, kruisbes. Ik kocht het blikje omdat ik nog nooit van kruisbessen in blik had gehoord en dat wel eens wou proberen. Maar met de wetenschappelijk naam erbij wist ik spoedig dat er iets niet klopte. De botanische naam van de kruisbes is Ribes uva-crispa, uit de familie van de Grossulariaceae – in die naam hoor je het Franse groseille doorklinken. Maar hier stond Phyllanthus emblica op geschreven. Ik ben het gaan opzoeken: het blijkt een boom te zijn uit de familie van de Wolfsmelk (Euphorbiacea). Een boom die in Europa onbekend is, maar in Azië een bijna goddelijke status heeft. De Amlaboom komt vermoedelijk uit India en wordt tot 18 meter hoog, met stokkige takken en kleine blaadjes op fijne twijgen. Heel lang geleden al verspreidden de mensen de boom verder over het continent. Piepkleine bloempjes geven vruchten die bijna steelloos aan de boom hangen. Het zijn ronde groen tot witte (heel soms rode) ballen, met de vorm van groene pruimen, maar dan harder. De vrucht bestaat uit een zestal partjes die op de vruchthuid lijntjes vormen, wat dus inderdaad een beetje aan kruisbessen doet denken. O, en de vrucht blijkt ook behoorlijk zuur. Zo zuur zelfs dat alle bereidingen die ik ermee vind de vruchten eerst in suiker laten trekken. Of ze worden, zoals hier, ingelegd in siroop. Er bestaan wel 700 soorten binnen het geslacht Phyllanthus en enkele worden in Azië gebruikt. Ook in de Stille Zuidzee zouden ze voorkomen, maar ik heb er daar nooit van gehoord. Toch heeft een verwante soort P. acidus, de volksnaam ‘Tahitiaanse kruisbes’ meegekregen. De amla heeft vele namen. In het Engels spreekt men van emblic of ook malacca tree. Naar het schijnt zou het schiereiland en de stad Malakka (en dus het huidige land Maleisië) zijn naam halen van deze vrucht. In het

Maleis heet de amla trouwens melaka! In het Hindoegeloof worden de boom en de vruchten geassocieerd met Vishnu. Het is een heilige boom waarvan de vruchten, maar ook de bladeren en de schors worden gebruikt in de geneeskunde. Men wendt ze aan in de bestrijding van ongeveer alle kwalen en ze zouden het leven verlengen. Daar is iets van aan. Amla is – vers – een uitstekende dorstlesser, schrijft men. Amla is een superfruit. Het vruchtvlees bevat naargelang de bron tussen 600 en 1.800 milligram Vitamine C in 100 gram sap. Dat is enorm. De amla was het fruit met het hoogst bekende vitamine C-gehalte ter wereld, tot men er één ontdekte met nog meer ascorbinezuur, de Malpighia glabra of WestIndische kers (acerola). Maar er is meer aan de hand, het vitaminegehalte in de amla mag dan erg variëren, het wordt beschermd door de aanwezigheid van andere stoffen in het sap, zoals tannines, flavonoïden en galzuren. Iedereen weet dat vitamine C erg gevoelig is aan warmte en oxidatie. Welaan, een glas vers amlasap in de koelkast had na 45 dagen slechts 14 procent van zijn vitaminegehalte verloren. Naast voeding en geneeskunde wordt met amla verder ook shampoo en inkt gemaakt, naast tal van geneesmiddelen zoals poeders en pasta’s die voor alles dienen, van ontstekingsremmer tot cholesterolverlager. Ik hoop dat het waar is. Al die stoffen zorgen ervoor dat de vrucht soms ook bitter smaakt. In Azië laten ze de vruchten daarom weken in een zoutoplossing, vervolgens in suikerstroop en ten slotte kookt men ze en verpakt ze in blik. Dat is het uiteindelijke resultaat dat ik hier kocht in Kuregem. De ingemaakte amla is bedoeld als snoepje. Ik draaide het blikje open en trof een aantal amlaballen aan van verschillende grootte, badend in een plas lelijke maar heldere siroop. Ik spoelde enkele vruchten af onder de kraan. Uit de stroop kwam de vruchthuid te voorschijn. Pokdalig als de maan, en glanzend doorschijnend zoals je dat wel meer ziet bij geconfijt fruit. Mooi is anders. De beet van dit snoepje was vreemd. Men verwacht pruim, maar het is eerder geconfijte peer. De zure smaak waar iedereen het in de literatuur over heeft, is zo goed als ver-

“Uit de stroop kwam de vruchthuid te voorschijn. Pokdalig als de maan, en glanzend doorschijnend zoals je dat wel meer ziet bij geconfijt fruit. Mooi is anders” dwenen. Ik vergelijk de toepassing ervan met die van ander geconfijt fruit: op een ijsje of een koekje, zoals de engelwortel uit de tijd van onze grootmoeders. Wanneer men op de vruchten drukt, springen ze open in partjes, dus dat kan nog een mooi resultaat geven. Binnenin zit een zeskantige zaaddoos, niet te groot, er is nog weinig afval aan. Behalve wat betreft de samenstelling van dit fruit, was ik niet echt onder de indruk van de inhoud van het blikje, maar ik ben dan ook niet opgegroeid met amla. Het is eerder iets voor nostalgische Aziaten en gezondheidsfreaks, denk ik. Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet


BDW 1399 PAGINA 20 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

Wanda Henny: “Ik ben opgegroeid in een intellectueel milieu in Parijs. Mijn ouders waren linkse denkers, maar tegelijkertijd waren ze heel bourgeois.”

© MARC GYSENS

Wanda Henny: dilettant, sociaal geëngageerd

‘Verliefd op Afrika, thuis in Brussel’ UKKEL – “Ik combineer een comfortabel leventje binnen de kleine burgerij met sociaal engagement. In mijn job als psychotherapeute tracht ik mensen te helpen die in onze harde maatschappij uit de boot dreigen te vallen. In mijn vrije tijd kan ik me bewegen binnen verschillende milieus. Op nog geen twee uur ben ik in Parijs, waar mijn dochters leven, mijn kleinkind.” Wanda Henny heeft haar bestemming gevonden in Brussel.

W 

anda is dochter van een Poolse oorlogsheld en een Franse moeder. Die oorlogsheld, dat is Stanislaw Likiernik. Zijn standbeeld in Warschau spreekt boekdelen. “Mijn vader leefde in comfortabele omstandigheden, tot de Nazi’s Polen kwamen binnenvallen. Vijftien was hij. De bezetting was een snelcursus in volwassen worden. Bezetting waartegen hij, ondanks zijn jeugdige leeftijd, met leeuwenmoed heeft gevochten. Mijn vader heeft munitietreinen tot ontploffing

gebracht, joden helpen ontsnappen uit het getto van Warschau, van vlakbij de directeur van de gevangenis van Pawiak doodgeschoten.” “Na de oorlog is hij gevlucht om niet onder de knoet van Stalin terecht te komen. Het weerstandsnet, waarin hij actief was geweest, hing af van Londen. Het was voor de communisten voldoende om hem te bestempelen als fascist en om hem als dusdanig te behandelen. Maar hij is hen voor geweest.” “De oorlog, de gevolgen ervan en de verhalen

erover hebben een belangrijke rol gespeeld in mijn jeugd. Wat vader daar en toen heeft ervaren, heeft hem getekend. Negentig is hij nu, de ouderdom begint hem in te halen, maar nog steeds is hij bij de zaak. Hij schrijft nog veel, over het linkse gedachtengoed, hij kan nog altijd op het juiste moment verontwaardigd zijn.” “Ik ben opgegroeid in een intellectueel milieu in Parijs. Mijn ouders waren linkse denkers, maar tegelijkertijd waren ze heel bourgeois. Mijn opvoeding was redelijk streng, vader en moeder vonden het belangrijk dat ik de dingen deed, die bij ‘het milieu’ hoorden. Samen musea bezoeken, op de juiste manier een paard leren bestijgen, tennis spelen... Maar ik was een rebel. Studeren interesseerde me niet. Eigenlijk interesseerde niets me. Vandaar ook dat ik na mijn middelbare school gekozen heb voor de inspanning minimum minimorum, de

universitaire studierichting die me het makkelijkste leek. En dat was Engels.” “Ik deed maar wat, tot ik de man heb ontmoet die mijn echtgenoot zou worden. Een Amerikaan, geboren in Engeland, begaan met landbouwontwikkeling in de derde wereld. Meer bepaald, een centrum voor jonge landbouwers in het noorden van Kameroen, vlakbij Tsjaad. Afrika was een coup de foudre. Daar en toen ben ik voor altijd verliefd geworden op het zwarte continent. Al was het oorlogstijd, al heb ik meer dan eens een verloren kogel door de brousse horen fluiten. De puurheid en schoonheid van de natuur, de kleuren, de woeste energie van het continent, het deed mijn bloed sneller stromen. Het heeft me veel geleerd over het leven, wijsheid bijgebracht. Zo verliefd was ik op Afrika, dat ik angst had die liefde te verliezen, moest ik naar een ander continent verhuizen. Maar het werd wel


BDW 1399 PAGINA 21 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

“Brussel stond in mijn verbeelding voor frieten, Frans met een zwaar accent, Kuifje. Niet bepaald waar ik naar op zoek was”

3 VRAGEN AAN HERMAN MENNEKENS

fessioneel leven opgebouwd, na bijkomende studies. Als verantwoordelijke en psychotherapeute in een centrum van familiale planning aan de Slachthuislaan.” “Sociaal werk, hard werk. Zeker psychologisch, omdat ik geconfronteerd word met mensen die enorm in de put zitten. Mensen die dreigen definitief de dieperik in te gaan door hun financiële situatie. Breekbaar in een maatschappij die heden ten dage onverbiddelijk is. Maar tegelijkertijd is het ongemeen boeiend werk. Mensen van de meest uiteenlopende etniciteit krijgen we over de vloer. Met één noemer: op zoek naar hulp. Sans-papiers, politieke vluchtelingen, ontheemden, kunstenaars... Misschien niet rijk aan geld, wel cultureel rijk. Mensen van wie ik op mijn beurt kan leren. Mooi om voor te vechten. Waarbij ik meteen moet zeggen dat de sociale en gezondheidszorg in België, vergeleken met die in Frankrijk bijvoorbeeld, of in Engeland, allerminst slecht scoort.”

© WIM BEDDEGENOODTS

mijn lot. Omdat mijn man getroffen werd door een chronische leverbesmetting – veroorzaakt door een amoebe – die hem dwong Afrika, dat tien jaar lang zijn leven was geweest, achter zich te laten.” Na Afrika volgde Amerika, de States. “Mijn man ging er voor een Master of Business Administration. Eerst Phoenix, vervolgens San Francisco. Een heel ander leven was het plots. De kennismaking met de Amerikaanse pio-

Herman Mennekens, samen met Kurt Deswert samensteller-dichter van Vers uit Brussel.

Kosmopolitisch

niersgeest, de zalige onwetendheid van mensen van wie de meesten zelfs niet wisten waar Parijs op de landkaart lag: verfrissend. Mijlenver weg van het intellectuele milieu van mijn jeugd. Alles leek er mogelijk.”

Eindhoven Na de kennismaking met het land van Uncle Sam, volgde de eerste kennismaking met Brussel. “België, Brussel waar wij Fransen graag grapjes over maken. Brussel stond in mijn verbeelding voor frieten, Frans met een zwaar accent, Kuifje. Niet bepaald waar ik naar op zoek was. Ik had twee dochtertjes, we woonden in de burgerlijke wijk in de buurt van de ULB, in mijn ogen was het er doods. Maar toen we kort daarop naar Eindhoven zijn verhuisd – waar mijn man een job had gevonden bij Philips – zijn de schellen van mijn ogen gevallen. Daar was het pas doods. Je hebt er enkele musea, maar voor de rest is het enkel Philips, Volvo... De lange leegte. Mijn enige ‘ontspanning’ waren de bridgeavonden met Franse expats. De meest bizarre ervaring van mijn leven was het, de ontheemding veel groter dan in Afrika. Al van bij de eerste dag was het raak. De ruiten van onze woning waren vuil, ik ging aan de slag met een spuitbus, waarop mijn buurvrouw aanbelde. Met krantenpapier en een bus ammoniak in de hand: ‘u moet zuiniger zijn!’” Vijf jaar heeft het geduurd, dan kwam de ‘bevrijding’. “Mijn man kreeg een voorstel van Sony Brussel. Het was als terugkeren naar huis. Komen en blijven. Onze twee dochters zijn nu volwassen en leven in Frankrijk, in Parijs. Mijn kleinkind, een schat in mijn leven, eveneens. Maar ik heb niet de minste zin om Brussel achter mij te laten. Ik heb hier een pro-

‘Hoe meer Nederlandse letteren, hoe meer vreugd’

“Voor het geld doe ik het niet, want het loon is niet om over naar huis te schrijven. Maar ik vind het mooi dat ik toegang heb tot een werk dat sociaal relevant is. Dat nuttig is. Een engagement, dat niet belet dat ik ervan houd om toegang te hebben tot luxe, het geraffineerde. Eens oppervlakkig te mogen zijn, dilettant. De boog kan niet altijd gespannen zijn.” “Ik hou ook van Brussel. Kosmopolitisch, verdraagzaam voor vreemdelingen, nieuwkomers. Veel meer dan Parijs. Minder koud, veel meer relax. Musea, bioscopen, interessante boekhandels, het is allemaal bij de hand. Een comfortabele, geruststellende gedachte. Weten dat het kan als de behoefte er is. Een stad vol charmes is het. Een stad waarvan de architectuur allerminst conform mooi is, maar tegelijkertijd schatten herbergt. Dat gebrek aan uniformiteit, zeker binnen het mooie, bevalt me. Het is een wereld op zich waarbinnen ik graag beweeg, flaneer, ontdek. Wandelen, zien, mijn zorgen vergeten, de stad voelen, observeren. En wanneer ik er genoeg van heb, dan neem ik de tram, de bus, of de taxi naar huis. Naar het comfort van de vier muren.” “En dan is er nog België, de Belgen met hun heerlijke zelfspot. België dat net als Brussel rijk is aan tegenstellingen. Aan de ene zijde de opulentie van Vlaanderen met mooie steden als Antwerpen, Gent en Leuven, aan de andere Wallonië met zijn natuurlijke rijkdom, zijn eigenzinnigheid. Met een eigen humor, levenslust. Voor mij is dit een land dat nooit uit elkaar mag gescheurd worden. Wat het discours van de dag ook moge zijn.” 

cadans bij Kurt Deswert. Wie heeft u verrast? Mennekens: “Ik was vooral verrast toen we van vrienden, collega’s, de buurvrouw te horen kregen dat ze gedichten schreven terwijl ze daar eerder nog met geen woord over gerept hadden. Voor velen is poëzie nochtans iets wezenlijks, en het was ontroerend te ontdekken hoe mensen zich kwetsbaar hebben opgesteld.”

Sloop Brussel binnen? Mennekens: “De veelheid van talen, de pracht en de lelijkheid, het internationale en de haast dorpse kleinschaligheid, Brussel heeft genoeg complexen en schone afwijkingen om een dichterziel te voeden. Uiteraard is Brussel binnengeslopen, al was dat niet per se onze opzet. De gedichten moesten enkel in het Nederlands geschreven zijn door hele of halve Brusselaars. De minibiografietjes leggen evenveel banden met Brussel bloot als er dichters opgenomen zijn. Samen met de zwart-witfoto’s van Raf Van Overstraeten leverde dat een dichtbundel op die ook voor mensen van buiten Brussel erg genietbaar zal zijn.”

Hoe brengt poëzie mensen samen, zoals u zegt in uw voorwoord? Mennekens: “Wie met taal bezig is, is sowieso met communicatie bezig, en daaraan kan in onze kleine grootstad nog flink gewerkt worden. Ook was er grote belangstelling bij de voorstelling van de bundels in Passa Porta en nu in het Literair Salon van Muntpunt. Dichters een publiek geven, gekoppeld aan een fijne receptie naar goede Willemsfondstraditie, het bracht oud en jong samen, hoogopgeleiden en werkvolk, occasionele en semiprofessionele dichters, mensen uit alle hoeken van het gewest.” An Devroe

Wij vonden de bandes écrites van Dennis Mariën een aangename verrassing, net als de dribbelende

Karel Van der Auwera

De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet © MARC GYSENS

Souvenirs die Wanda Henny meebracht van reizen en die belangrijk voor haar zijn: een halsketting uit Polen, armbanden uit Afrika en een Tanagra uit Egypte.

BRUSSEL – Na de bundel Nederlandstalige gedichten uit onze hoofdstad die het Willemsfonds vorig jaar uitgaf, bleef er nog veel goesting ongepubliceerd voor Een kwestie van Splinters, een tweede editie van Vers uit Brussel. Als het van de samenstellers-dichters Herman Mennekens en Kurt Deswert (beiden Open VLD) afhangt: “Hoe meer Nederlandse letteren, hoe meer vreugd!”

Verkrijgbaar in Standaard Boekhandel, Passa Porta of bij het Willemsfonds via hans.vanrompaey@willemsfonds.be, 02-218.44.88

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 15 euro per jaar; IBAN: BE07424552982266, BIC: KREDBEBB van Brussel Deze Week vzw. Buiten België 25 euro per jaar. OPLAGE 70.490 exemplaren. PROMOTIE EN DISTRIBUTIE Ute Otten, Paul De Weerdt, Maurice Droogh. ADVERTISING MANAGER Rika Braeckman: 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. MARKETING MANAGER Frederik Welslau. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne. COÖRDINATIE Kim Verthé. EIND­REDACTIE Ken Lambeets (eindredactie@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst, Christophe Degreef, Bettina Hubo, Patrick Jordens, Steven Van Garsse, Danny Vileyn. BRUSSELNIEUWS Kris Hendrickx (nieuwsmanager), Sandra Schreurs (projectcoördinator), Jelle Couder, Goele de Cort, Eric Vancoppenolle, Laurent Vermeersch. REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele, Gerd Hendrickx. MEDEWERKERS Michaël Bellon, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Karolien Merchiers, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, Freddi Smekens, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt. FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh. VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie. Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.

ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1399 PAGINA 22 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

Gymnastiek > Coach Dirk Van Meldert positief ondanks mislukt WK, maar...

‘Ik heb een klap geïncasseerd’ SCHAARBEEK – De Belgische mannen­ ploeg is de mist ingegaan op het wereldkampioenschap gymnastiek in Antwerpen. De hoge ambitie om twee finaleplaatsen te behalen werd niet waar­ gemaakt. Hoofdcoach Dirk Van Meldert (47) is een drijvende kracht in de evolutie van gymnastiek in Vlaanderen en België, maar liep door deze mislukking toch wel een stevige ontgoocheling op.

‘O 

ns wereldkampioenschap is mislukt,” stelt Van Meldert. “Het had heel mooi kunnen zijn, maar verschillende elementen hebben er anders over beslist. In sport moet je presteren als het erop aankomt en daar zijn we niet in geslaagd. Ik verstop niet dat het pijn doet. Onze doelstelling was om zowel een toestelfinale als een allroundfinale te halen. We legden onszelf hoge ambities op, want vergis je niet: het is allesbehalve simpel om een finale te halen. Het is de eerste keer dat we geen enkele van onze ambities kunnen waarmaken.” De hoofdcoach van onze mannenploeg weet waarover hij praat: hij heeft de evolutie van de gymnastieksport in België aan den lijve ondervonden. De sport beheerste zijn leven al tijdens zijn jeugd, toen hij op een nationaal niveau presteerde. Maar dat was een tijd waarin men volgens Van Meldert niet goed wist waar men mee bezig was. “In gymnastiek was verzuiling zeer aanwezig. Ik werd Belgisch kampioen, maar wist ik veel dat het bij de katholieke bond was (lacht). Na mijn studies Lichamelijke Opvoeding aan de KU Leuven ben ik er nog wetenschappelijk medewerker en praktijkassistent geweest. In die periode begon ik ook met het geven van trainingen. Op dat moment leek het onmogelijk om professioneel trainer te worden. In België was op dat moment geen structuur.” “Je moest dus zeer gedreven en zeer fanatiek zijn. Het was eigenlijk een systeem dat nage-

noeg onhoudbaar was: naast mijn voltijdse job gaf ik wekelijks nog 25 tot 30 uur training. Ik moest constant hollen, mijn drijfveer was om nog beter aan gymnastiek te doen dan wat er al was.”

In 1996 ging Van Meldert aan de slag bij de toenmalige Vlaamse Turnliga, als adjunct van de directeur. Op clubniveau beleefde hij bewogen tijden, nadat hij wangedragingen van een trainer aan de kaak had gesteld. Uiteindelijk

© MARC GYSENS

viel alles op zijn plaats en speelde hij samen met zijn clubs een rol in het opheffen van de verzuiling binnen de gymnastiek. Ook op professioneel vlak speelde Van Meldert een steeds belangrijkere rol.

Cercle Royal de L’Oxer

© MARC GYSENS

de  CLUB

Dirk Van Meldert: “Als team is ons doel om bij de mondiale top twintig te geraken. Dat kan zeker, maar dan mag je geen fouten maken.”

Royale paardenliefhebbers BRUSSEL – Paardensport beoefenen in een grootstad als Brussel is geen evidentie. Dat deert de Cercle Royal de L’Oxer niet. Deze traditierijke club zet zich al decennialang in om ketjes de liefde voor het paard bij te brengen. “De club is in 1946 opgericht met als voornaamste doel het aantrekken van Brusselse jongeren om paardensport te beoefenen,” vertelt voorzitter Jean-Jacques Rousseau (53). “Op dat moment was er nog geen manege in Brussel. De clubleden wilden vriendschap creëren via het paard

en die intentie is er vandaag nog altijd.” De club sprong gezwind over de oxers (een hindernis in de paardensport, red.) die het voor de benen kreeg geworpen. Om mensen de liefde voor het paard over te brengen, organiseerden ze allerhande activiteiten. Een thuisbasis vonden ze in de manege van het Ter Kamerenbos. “Daar is een piste aangelegd waarop we onze activiteiten kunnen organiseren. Sinds jaar en dag organiseren we jaarlijks bijvoorbeeld een obstakel- en dressuurconcours. Vandaag de dag is dat misschien niet zo uitzonderlijk meer omdat er veel clubs zijn, maar tijdens de beginjaren van onze club was dat wel zo. Wij

Cercle Royal de l’Oxer: paardensport in een manege bij Ter Kamerenbos.


BDW 1399 PAGINA 23 - DONDERDAG 24 OKTOBER 2013

Een echt Belgisch koppel De liefde bracht Dirk Van Meldert naar Brussel: hij woont sinds 2005 in Schaarbeek met zijn partner Sylvie Ronse, die directrice is van de Franstalige gymnastiekfederatie. Een echt Belgisch koppel, dus. De kennis van regionale gevoeligheden komt Van Meldert goed van pas in zijn rol van nationaal hoofdcoach. “Het is raar dat je een nationale ploeg hebt zonder nationale broodheer. Wij zijn structureel gesubsidieerd door BLOSO en Topsport Vlaanderen. Zij zijn geïnteresseerd in wat Vlaamse sporters doen, in Franstalig België vind je dezelfde situatie. Er is dus altijd wat achterdocht dat ik vooral Vlaamse gymnasten ga bevoordelen. Maar ik ontkracht dat. Daarom heb ik het teamresultaat als hoofddoel gemaakt. We hebben er dus alle belang bij om het beste team op te stellen, zonder te kijken naar iets als taal.” TS

“Ik verliet de Vlaamse Turnbond omdat ik de opportuniteit kreeg om in Oudergem een nationaal centrum voor achttienplussers mee op te zetten. Dat bleek niet zo gemakkelijk omdat er geen nationale structuur is. Iets meer dan een jaar later werden de topsportscholen opgericht en toen ik de kans kreeg om daar aan mee te werken, heb ik niet getwijfeld. De gymnastiekfederatie is op die mogelijkheid gesprongen en heeft de topsportschool in Gent goed uitgebouwd. De trainingsomstandigheden werden steeds beter en de groep turners groeide. Ik ben hoofdcoach geworden op de topsportschool.”

En nu bij de senioren “We zijn ondertussen een topsportcentrum waarbinnen een piramidestructuur is uitgewerkt. Op negen lagere scholen in Vlaanderen kunnen jonge atleten een beloftestatuut krijgen, waarmee ze maximaal drie ochtenden per week kunnen gaan trainen. Verder wordt het topsportstatuut ook aangeboden op drie middenscholen en voor de hogere gra-

waren een van de eerste clubs in Brussel.” “We organiseren nog steeds promenades, maar die vinden noodgedwongen buiten de hoofdstad plaats. Vroeger werd op de Grote Markt verzameld en trokken we door de straten van het centrum. Maar dat is vandaag ondenkbaar. Sinds 1952 organiseren we ook de Sint-Hubertusviering, waarop jaarlijks honderden cavaliers afkomen.”

Luikse en Gentse professoren U leest het: l’Oxer is een club met traditie. Zelfs Manneken Pis heeft een uniform van de club. En die tradities worden in ere gehouden, zoals hun jaarlijkse hoogstaande conferenties. “Tijdens de maand februari houden we elke maandag een conferentie. Die draaien allemaal rond het paard, ook sport komt er ruimschoots aan bod. Onder meer professoren van de Luikse en Gentse universiteiten zakken dan naar hier af. Je kunt zeggen dat

den komen de beste atleten samen in Gent.” Met deze structuur, die in Wallonië ook op poten wordt gezet in Bergen, maakt ons land een inhaalbeweging. Het mannenturnen groeit wereldwijd en we kunnen niet achterblijven. Een continue doorstroming is een vereiste indien we nog een rol van betekenis willen spelen. Hoge ambities moeten onze turners naar topprestaties duwen. “Staan we nu al ver? Nee. Maar we hebben wel een paar uitstekende resultaten behaald. Denk maar aan de finaleplaats van Jimmy Verbaeys op de afgelopen Olympische Spelen. Bij de junioren halen we knappe resultaten, ons doel is

“Ondanks het mindere tornooi hebben toch twee atleten een top twaalf en een top zestien gehaald” dat ook bij de seniors te doen. Als team is ons doel bij de mondiale top twintig te geraken. Dat kan zeker, maar dan mag je geen fouten maken. We trainen veel op stabiliteit en die weg moeten we verder inslaan. Als dat lukt, gaat ons verhaal verder.” “Als dat niet met mij is, dan is het met iemand anders. Dat zien we wel. We hadden de lat voor het wereldkampioenschap hoog gelegd, maar het was wel haalbaar volgens mij. En ondanks het mindere tornooi hebben twee atleten toch een top twaalf en een top zestien gehaald. Een paar jaar geleden hadden we dat niet voor mogelijk gehouden. Maar dat neemt niet weg dat het WK is mislukt.” Naast het geven van trainingen in het topsportcentrum van Gent bezielt Van Meldert ook de structuur van het turnen. Een gigantisch werk dat ondanks het mindere WK zijn vruchten wel afwerpt. Hij draait de bladzijde nu om en beseft dat hoge ambities met vallen en opstaan worden verwezenlijkt. “De afgelopen jaren hebben we steeds aanzienlijke ambities gesteld. Het is de eerste keer dat we geen enkele ambitie hebben kunnen waarmaken. Maar het geloof in onze gymnasten is er zeker nog altijd. Voor het eerst hebben we een echt team bij de senioren, waarin verschillende gymnasten een kans maken op de prijzen. Tijdens het WK heb ik een klap geïncasseerd, maar we hebben zeker nog iets te vertellen met deze jongens.”

David Steegen Brice Adnan Januzaj, nog geen twee jaar geleden een schuchtere leerling van L’Athenée de Jette aan de avenue Levis Mirepoix, heeft de voetbalharten van heel Europa veroverd. Verschillende federaties vechten om hem in te lijven. Hij kan op achttienjarige leeftijd, kiezen uit zes landen om voor te voetballen. Kosovo, Servië, Kroatië, Turkije, Engeland en België. De rijzige achttienjarige middenvelder is in Brussel geboren. Hij leerde voetballen bij FC Brussels en RSC Anderlecht. Een leger Britse journalisten zakte de voorbije weken af naar Noord-Brussel om de roots van de Belgo-Albanees te onderzoeken. Ze klopten aan bij zijn school, zijn familieleden, zijn voormalige trainers bij paars-wit, de collega’s van zijn vader bij Opel Mabille aan de Gentsesteenweg, namen beelden en foto’s van de Basiliek, het landmark van de wijk uit zijn kindertijd, ze liepen het Elisabethpark plat waar zijn vader, voor de verhuis naar Engeland, bijna dagelijks ging joggen. We kunnen het ons nauwelijks voorstellen. Twee seizoenen geleden voetbalde hij nog in Neerpede voor een handvol vaders en moeders en vele scouts, vandaag zien we hem levensecht voetballen in een nokvol Old Trafford met 76.000 toeschouwers, alsof hij nooit iets anders gedaan heeft. Toegegeven, we hadden twijfels. Geen enkele Belgische voetballer heeft het hem voorgedaan. De gigantische stap overbruggen van de jeugd van een Belgische eersteklasser naar de absolute Europese top. Jongens als Jan Vertonghen en Toby Alderweireld hebben het eerst in een kleinere competitie gemaakt en dan pas in het buitenland. Beiden werden door Ajax Amsterdam opgeleid, braken in Nederland door om dan hun geluk met succes te beproeven in de Premier League.

MEER SPORT DE HELE WEEK ROND OP

www.brusselnieuws.be/steegen

David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

Belgen zijn hot BRUSSEL – De Sportassociatie van het Centrum voor Traumatologie en Reva­ lidatie (ASCTR) surft mee op de sterke golf van het Belgische paratafeltennis.

Tim Schoonjans

het centrum van de Belgische paardenwereld zich dan even in Brussel bevindt. Het zorgt ook voor de nodige publiciteit voor onze club.” L’Oxer heeft geen eigen manege, maar kan in de manege van het Ter Kamerenbos wel terecht voor haar activiteiten. Ze zijn dus eerder organisatoren. Dat remt hen zeker niet af. “Paardrijlessen worden bijvoorbeeld door de manege zelf georganiseerd, maar regelmatig helpen wij daarbij. Voor leerlingen van sommige Brusselse scholen zorgen we ook voor buitenschoolse lessen. Zo kunnen de kinderen met de paarden rijden en de smaak te pakken krijgen. Het blijft ons doel om jongeren aan het paardrijden te krijgen.” “Een uur les is niet goedkoop, dat is waar. Maar de kinderen kunnen wel urenlang rondlopen op de manege, de paarden verzorgen, etc. Het is een hele namiddag plezier. Het is het dus zeker waard.” L”Oxer heeft geen ambities op het vlak van

Het is vooral de verdienste van Adnan Januzaj. Talentvol, bescheiden en intelligent. Om het op die leeftijd en op dat niveau te maken moet je uitzonderlijk zijn. Ook de stabiele omgeving en de jeugdopleiding van RSC Anderlecht en FC Brussels hebben hun steentje bijgedragen. Er zijn ook andere verhalen. Vorige vrijdag in Bergen. RAEC Mons staat eenzaam laatste met twee schamele punten. Het Charles Tondreaustadion is wat bizar en heeft iets troosteloos. De helft van het stadion is mooi afgewerkt, de andere helft stamt uit lang vervlogen tijden en mag niet meer gebruikt worden voor de toeschouwers. De bouwvallige tribune tegenover de hoofdtribune is exclusief voorbehouden voor camera’s en televisiecommentatoren. We krijgen het wedstrijdblad in handen. Nummer 39 van L’Albert. Brice Ntambwe. De talentvolle Brusselse verdedigende middenvelder zette zijn eerste voetbalstappen bij Ritterklub Jette en werd al snel getransfereerd naar FC Brussels waar hij gescout werd door Birmingham City. Hij vertrok op zestienjarige leeftijd naar Engeland. De sterke voetballer kon er een school- en voetbalopleiding volgen maar kon zich jammer genoeg niet doorzetten tot het eerste elftal. Ntambwe haalde wel alle Belgische nationale jeugdelftallen, van de U16 tot de U21. Vandaag voetbalt hij op twintigjarige leeftijd voor de hekkensluiter van de Jupiler League. Adnan en Brice, twee Brusselaars met een vergelijkbare achtergrond. Twee verschillende verhalen.

sport op hoog niveau. De paardensport leren ontdekken en die liefde onderhouden, daar gaan zij voor. Ze roeien met de riemen die ze hebben, al zouden er toch wat meer jonge paardrijders mogen aansluiten. “We zijn teruggezakt van 120 naar 60 leden. Ach ja, de tijden veranderen. Ik blijf ervan overtuigd dat het een goede levensschool is voor jongeren: ze zijn verantwoordelijk voor het paard en besteden hun tijd op een nuttige manier.” “Een voordeel dat wij hebben is dat we bereikbaar zijn via tram en bus, en zowel het Ter Kamerenbos als het Zoniënwoud zijn vlakbij. De meeste maneges zijn nogal afgelegen. Al onze voorzitters hebben paardensport in Brussel verdedigd, en dat zal ik ook blijven doen.”   Tim Schoonjans

Meer info op www.royalloxer.be

ASCTR organiseert op zondag 10 november haar nationaal criterium. De club heeft haar thuisbasis op de Heizelvlakte en opent de Albert Tricot-zaal voor de tafeltennissers. De competitie voor spelers die zittend spelen begint om tien, wie staand speelt moet vanaf elf uur aan de bak. Zestien tafels staan ter beschikking van het Belgische deelnemersveld. Deze competitie is een mooie gelegenheid om een discipline te bewonderen waarin de Belgen schitteren. Begin deze maand werden onze landgenoten Marc Ledoux en Mathieu Loicq samen namelijk Europees kampioen paratafeltennis in het Italiaanse Lignano. Loicq had eerder al een bronzen medaille behaald. De succesverhalen die onder meer onze Rode Duivels, Yellow Tigers, Red Panthers en Red Lions schrijven, krijgen dus een vervolg in de sporten voor mensen met een handicap. Belgische sporters blijven TS verbazen!


BDW - editie 1399