Brains to Build magazine

Page 1

BRAINS TO

BUILDING

MAGAZINE OVER HUISVESTINGSADVIES EN PROJECTMANAGEMENT

11

BRAINS TO BUILD sleepte samen met de verschillende projectteams in vier jaar tijd drie grote prijzen in de wacht en droeg bij om twee prestigieuze duurzaamheidslabels te behalen. ROC van Twente in Hengelo, winnaar Gulden Feniks 2011 categorie Transformatie. Concernlocatie Politieacademie in Apeldoorn, winnaar Gulden Feniks 2011 categorie Renovatie en Hergebruik. TransPort Schiphol, winnaar Nationale Bouwprijs 2011 en het eerste BREAAM en LEED gecertificeerde kantoorgebouw in Nederland.


V O O RW O O RD

Denken, durven, doen! In september 2007 heb ik Brains to Build B.V. opgericht. Na zes jaar bij een architectenbureau te hebben gewerkt en zestien jaar bij PRC vond ik het tijd om voor mezelf te beginnen. En dat is gelukt! In mijn laatste jaren bij PRC was ik als verantwoordelijk projectmanager betrokken bij twee grote projecten: het ROC van Twente in Hengelo en de Politieacademie te Apeldoorn. Na mijn vertrek heb ik beide opdrachten kunnen helpen voltooien, ook al was ik toen al van start gegaan als zelfstandig ondernemer. Voor het ROC van Twente werd ik in de laatste fase ingehuurd door mijn voormalige werkgever. Het project bij de Politieacademie heb ik afgerond onder de vlag van mijn eigen bedrijf Brains to Build. De projecten ROC van Twente en de Politieacademie zijn zeer succesvol. Ze zijn allebei binnen het budget gerealiseerd, de gebruikers zijn meer dan tevreden én beide projecten zijn bekroond met de Gulden Feniks 2011. Het ROC kreeg de prijs in de categorie Transformatie, de Politieacademie in de categorie Renovatie. Ook het project TransPort te SchipholOost, waarvoor ik zowel het projectmanagement als de directievoering deed, viel in 2011 in de prijzen. TransPort was niet alleen het eerste BREEAM-NL gecertificeerde gebouw in Nederland, maar ook het eerste LEED Platinum gebouw in Nederland. Het kantoorgebouw won verder de Nationale Bouwprijs 2011 in de categorie duurzaam integraal ontwerpen. Drie grote prijzen en twee prestigieuze duurzaamheidslabels in vier jaar Brains to Build. Dat is toch wel uniek. Het is tevens een mooie aanleiding om deze projecten eens goed te belichten in één magazine. Het laat zien waar Brains to Build voor staat en wat we aankunnen.

Ik laat me inspireren door eenvoud en kracht. Door de logische dingen te doen, samen te werken, van elkaar te leren en elkaar te stimuleren. Zo komen goede projecten tot stand. Ik word enthousiast als ik met mensen samen aan complexe, niet alledaagse projecten kan werken. Denken, durven, doen, is mijn motto. Dat is door de jaren gevormd door mijn opvoeding, opleidingen, vorige banen en zeker ook door mijn hobby’s. Rugby draait om doorzettingsvermogen, vasthoudendheid, incasseren maar ook uitdelen, samenspel en het spel ‘lezen’. Van roeien en schaatsen leerde ik de technische kant en de eeuwige zoektocht naar verbetering. De wereld verandert snel. Vandaag lijkt in niets meer op gisteren. De toekomst van Europa en de euro is onzeker. Wie had dat vijf jaar geleden kunnen denken? Maar er is ook ruimte voor groei en positieve verandering. Denk aan het steeds breder gedragen inzicht dat we in de bouw duurzamer moeten worden. Niet alleen op energiegebied, maar ook in de keuze voor locaties en door functies met

Colofon

Druk: Drukkerij Stampij - Amersfoort Tekst: Veronique van der Waal - Hoevelaken Vormgeving: Sensum - Almere

Brains to Building is een uitgave van Brains to Build B.V. Brains to Building gaat over huisvestingsadvies en projectmanagement in de bouw en is bestemd voor opdrachtgevers, projectontwikkelaars, overheids- en semi overheidsinstellingen, architecten, woningcoörporaties en verwante organisaties.

2

Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of overgenomen in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, of enige andere manier, zonder voorgaande toestemming van Brains to Build B.V.


I NH O U D S O P GAV E

Inhoudsopgave

elkaar te combineren. Hergebruik en herontwikkeling zijn momenteel ‘hot items’. Brains to Build loopt op dit gebied voor de muziek uit. Bij het project Saxion Hogeschool in 1998, waarbij ik als projectmanager was betrokken, was dit één van de speerpunten. En het concept van toen functioneert nog steeds goed. Duurzaamheid in optima forma. Ook het ROC van Twente en de Politieacademie zijn voorbeelden van geslaagde herontwikkelingen. Een oude ijzergieterij werd verbouwd tot een school en een Klein Seminarie herbergt nu het landelijke politieonderwijs. In beide projecten zijn ook veel duurzaamheidsaspecten verwerkt, met name op energie- en milieugebied. Kantoorgebouw TransPort spant wat dat betreft de kroon. Dit gebouw behoort tot de absolute duurzaamheidstop. Laat u inspireren door dit magazine en alle geweldig mooie projecten van Brains to Build. Onze aanpak en oplossingen zijn ‘out of de box’, gedurfd, maar altijd realistisch. Matthijs Bakker

Voorwoord Door Matthijs Bakker

2

TransPort op Schiphol Het duurzaamste kantoorgebouw van Nederland

4

Dubbelinterview Josja van der Veer (VU) en André van den Berg (SRE)

6

Certificering Een zegen voor projectmanagement

10

Politieacademie Apeldoorn Succesvolle renovatie van de concernlocatie

12

Column Door Stefan van Uffelen DGBC

17

ROC van Twente Van oude gieterij naar moderne school

18

Nieuwe projecten NAP of Amsterdam, Kortegracht 14 en Triport

20

Saxion Hogeschool Enschede Een gebouw om het onderwijs

22

Contact

Postbus 961 3800 AZ Amersfoort E info@brainstobuild.com M 06 127 62 480 www.brainstobuild.com brainstobuild

3


T RA NS P O RT

Projectteam

Opdrachtgever Schiphol Real Estate Bouwmanagement en directie Brains to Build B.V, Amersfoort Architect Architectenbureau Paul de Ruiter bv, Amsterdam Installatieadviseur Deerns raadgevende ingenieurs bv, Rijswijk Adviseur constructie ABT Adviesbureau voor Bouwtechniek bv, Velp Adviseur duurzaamheid BenR adviseurs voor duurzaamheid BV, Amersfoort

11

“Binnen heel korte tijd een ontwerp maken en een gebouw realiseren dat ook nog eens voldoet aan de allerhoogste, in Nederland nog nooit gerealiseerde, normen van duurzaamheid. Dat was de grote uitdaging van het project TransPort van Schiphol Real Estate. Een uitdaging die heel veel energie gaf. Energie die hard nodig was om een dergelijke prestatie te bereiken. Voor dit project moesten veel zaken voor het eerst worden uitgevonden en hebben alle betrokkenen een hoop geleerd over de technische kant én de proceskant van duurzaamheid. Ik ben trots op het eindresultaat. We hebben samen datgene bereikt waar we op hoopten en waarvoor we met zijn allen keihard hebben gewerkt.” Matthijs Bakker, projectleider.

4


T RA NS P O RT

TransPort, het hoofdkantoor van Transavia en Martinair op Schiphol, is het allereerste kantoorgebouw in Nederland met een BREEAM-NL Nieuwbouw ‘Very Good’ certificaat. Het prestigieuze duurzaamheidskeurmerk werd op 16 juni 2010 uitgereikt door de Dutch Green Building Council. TransPort, een project van Schiphol Real Estate, sleepte later dat jaar tevens het Amerikaanse LEED Platinum certificaat in de wacht. Daarmee voldoet TransPort aan de hoogst mogelijke eisen van duurzaam bouwen. Het innovatieve ontwerp wordt gekenmerkt door een optimale communicatieve uitstraling en interactie van het gebouw met zijn omgeving.

TransPort,

het eerste BREEAM en LEED gecertificeerde kantoorgebouw in Nederland

Duurzaamheidsaspecten

• Gezond binnenklimaat • Zoveel mogelijk daglicht in de verblijfsruimten. • Hoog (thermisch) comfort; verlichting, ventilatie en verwarming zijn per ruimte/ werkplek te regelen. • Optimale, op CO2-gehalte gestuurde ventilatie. • Zeer lage emissie van schadelijke stoffen in de gebruikte bouw- en afwerkingsmaterialen. • Tot 2012 wordt het gebouw geëvalueerd en gebruikers ondervraagd om alle installaties optimaal af te stemmen.

Energie

• 43% CO2-reductie en energiebesparing. • 460 zonnepanelen voorzien in 10% van het totale elektriciteitsverbruik van het gebouw en in 5% van het totale energieverbruik. Alle overige stroom is 100% groen. • Energiezuinige liften (door optimaal tegengewicht en LED-verlichting met aanwezigheidsdetectie). • Energie-efficiënte verlichting met daglichtregeling in de gevelzone. • Buitenverlichting met tijd- en schemerschakelaars en energiezuinige lampen.

Bereikbaarheid

• Grote fietsenstalling, douches, kleedkamers en lockers stimuleren het fietsvervoer. • Gereserveerde parkeerplaatsen voor energiezuinige auto’s en carpoolers.

Water

• 50% minder totaal waterverbruik ten opzichte van een normaal kantoorgebouw. • Grijswatercircuit voor toiletspoeling, waterloze urinoirs, alle kranen en douches hebben waterbesparende armaturen. • Watermeters monitoren het waterverbruik om het drinkwatergebruik te beperken. • De beplanting op en rond het pand is zodanig gekozen dat besproeiing niet nodig is.

Ecologie

• Speciale maatregelen moesten de schade aan flora en fauna tijden de bouw beperken. Na de oplevering is getracht om zoveel mogelijk inheemse plant- en diersoorten te behouden en te stimuleren.

Vervuiling

• Toepassing van duurzame, weinig vervuilende koudemiddelen. • Verwarmingssystemen hebben een NOx-reductie van 50% (minimale luchtverontreiniging). • Efficiënte filters minimaliseren vervuiling door afstromend regenwater.

Bouwmaterialen

• 95% van het gebruikte hout in het gebouw is FSC gecertificeerd. • Tijdens de bouw is het afval geminimaliseerd. Het resterende afval werd gescheiden afgevoerd en voor 95% gerecycled. • De gebruikte bouwmaterialen zijn zoveel mogelijk van gerecycled of herbruikbaar materiaal en hebben een lage milieu-impact. 5


I NT ERV I EW

Hoe gaan grote vastgoedeigenaars in en rond Amsterdam om met vastgoed? Heeft de crisis gevolgen voor hen en wat is hun visie op actuele thema’s als leegstand en duurzaamheid? Josja van der Veer, directeur van Facilitaire Campus Organisatie VU, en André van den Berg, directeur van Schiphol Real Estate, in tweegesprek over de overeenkomsten en verschillen tussen hun organisaties.

Gebiedsontwikkelaars

introvert, het maakt weinig verbinding met zijn omgeving. Ons streven is een gemengde stadscampus van de 21ste eeuw, vergelijkbaar met die van New York University. Dus geen afgesloten universiteitsterrein, nee, we willen écht de verbinding maken met de stad. Het moet een levendige plek worden waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en langdurig willen verblijven. Nu stromen de mensen tegen vijven het gebied uit, maar wij willen ze in de toekomst vasthouden.” Dat betekent volgens Josja dat de verblijfskwaliteit van de openbare ruimte omhoog moet. “In de planontwikkelingskaart, die inmiddels is goedgekeurd door de gemeente, hebben we veel aandacht besteed aan de hoofdinfrastructuur en het creëren van verbindingen bínnen het gebied. Ook de functiemenging van werken, onderwijs, wonen, winkels, horeca en cultuur heeft onze aandacht. We maken echt een nieuw stuk stad.”

Verbinding maken met de stad

Een prettig verblijfsklimaat creëren

Josja van der Veer en André van den Berg lopen beiden al een poosje mee in de vastgoedwereld en zijn hierdoor geen vreemden voor elkaar. Zeker niet sinds recentelijk een afvaardiging van de Facilitaire Campus Organisatie VU op bezoek ging bij TransPort. Dit in 2010 in gebruik genomen duurzame hoofdkantoor van transavia.com en Martinair op Schiphol, is ontwikkeld in opdracht van Schiphol Real Estate. Dit is de business area van Schiphol Group, die verantwoordelijk is voor ontwikkeling, beheer, exploitatie en beleggingen van vastgoed op en rondom luchthavens in binnen- en buitenland. Op de volgens Josja ‘superleuke middag’ wisselden de twee directeuren ervaringen uit en kwamen zij eens te meer tot de conclusie: “We hebben veel met elkaar gemeenschappelijk”.

Eén van die overeenkomsten tussen de VU vastgoedtak en Schiphol Real Estate is de focus op gebiedsontwikkeling. “We zitten op een bijzondere plek en we realiseren ons dat we daar meer mee kunnen doen dan nu gebeurt”, zegt Josja. “We zijn ooit begonnen met 12 duizend studenten. Inmiddels zitten we op bijna 25 duizend studenten met hetzelfde vastgoed. Het gebied wordt veel intensiever gebruikt. Daarbij is het vastgoed verouderd en 6

“We

“Grappig, een aantal punten die Josja noemt speelt ook voor ons”, haakt André aan. “Schiphol Real Estate is geïncorporeerd in Schiphol Group. Waar jullie faciliteren aan het ziekenhuis en de universiteit verzorgen wij al het vastgoed dat voorkomt uit het feit dat de luchthaven er is. Qua vastgoedvolume zijn de VU en Schiphol Real Estate aan elkaar gewaagd en ook wij zijn een gebiedsontwikkelaar die op een bepaalde manier zijn eigen


I NT ERV I EW

‘city’ creëert. Het nadeel ten opzichte van de VU, die vastzit aan de stad, is dat wij op een plek zitten zonder natuurlijke aantakking of inbedding in de stad. We moeten daarom een eigen ‘city’ creëren, een moeilijke maar uitdagende opgave.” Veel bedrijven willen of zijn genoodzaakt om in de omgeving van Schiphol te zitten, denk aan logistieke afhandelaren. In het World Trade Center Schiphol Airport zitten bovendien bedrijven waarvoor een goede infrastructuur cruciaal is. Om dit soort partijen te accommoderen, moet je veel meer doen dan alleen bedrijfsruimte aanbieden, stelt André. “Je moet ervoor zorgen dat mensen hier willen zijn, werken en verblijven. Onze uitdaging is dus dezelfde als die van de VU: hoe maak je een wereld die na vijf uur ’s middags ook nog leuk en dynamisch is? Ons voordeel is dat dat de luchthaven een 24-uurs bedrijf is, waardoor er altijd sprake is van dynamiek. Nadelen zijn er ook. Wij hebben bijvoorbeeld geen woonfunctie. Verder is Schiphol een groot gebied, dat is opgebouwd uit solitaire gebouwen. De omgeving is vrij infrastructureel en zakelijk. Het is onze opgave om met al deze uitgangspunten toch een prettig verblijfsklimaat te creëren.”

Economische recessie Van aanbod naar vraag gestuurd

Door de afgenomen marktvraag zien zowel Josja als André de vastgoedmarkt fundamenteel veranderen. “Vastgoed was voorheen aanbod gestuurd. Door de financiële crisis, het nieuwe werken en een nieuw bewustzijn bij bedrijven wordt vastgoed anders gewaardeerd. De

hebben veel met elkaar gemeenschappelijk” prijs-/kwaliteitverhouding moet beter. De vastgoedbranche moet op al die beetje van Schiphol zijn, zoals de VU ook een gemeenschap op zich is.” ontwikkelingen inspelen door écht te leren luisteren naar de vraag.” André Schiphol Real Estate wil volgens André serieus inhoud geven aan het begrip geeft een voorbeeld. “Naast een kantorenportefeuille hebben wij tevens flexibiliteit. “Als je als ondernemer begint met vier werknemers weet je een vrij grote logistieke portefeuille. Onder de ‘eerste linie’ vastgoed vallen niet hoe je er over tien jaar bijzit. Je kan niet meer bestaan, nog altijd even bedrijven die gespecialiseerd zijn in het afhandelen van luchtvracht. Dit groot zijn of honderd man in dienst hebben. Wij hebben de gebouwen en was een wereld van grote bedrijfshallen, lange huurcontracten, en volop de mogelijkheden om gedurende zo’n hele cyclus met een bedrijf mee te groei. Maar na de val van Lehman Brothers in 2008 nam de luchtvracht groeien. Een Schiphol zonder huurcontracten, dat is onze toekomstdroom. Het zou de intrinsieke wil van de klant moeten zijn om binnen enkele weken exponentieel af en stonden deze bij ons te blijven. Een huurcontract is belangrijk voor bedrijven bij ons op de stoep. ‘Leuk, zo’n huurcontract, de huurder en de taxatie, maar het is een volstrekt maar geen vliegtuigen, geen geld, geen huur.’ Je kunt “Als je echt iets wilt bereiken verouderde benadering. We praten daarom nu met dan tegen die bedrijven zeggen ‘U moet betalen of lever met vastgoed zal je aan de taxateurs over andersoortige contracten, zoekend de sleutel maar in’, maar daar hebben we niet voor kant van de klant moeten naar een verantwoorde bedrijfsvoering. De klant gekozen. We voelen ons een partner van onze huurders beginnen” centraal zetten is een compleet andere manier van en zijn daarom samen met hen op zoek gegaan naar denken.” oplossingen. Bedrijven gingen naar kleinere locaties, betaalden een tijdje geen of minder huur tegen de commitment om langer te blijven. Met maatwerk zijn al deze bedrijven gered. Toen de economie Huisvesting als hefboom voor verandering een jaar geleden weer aantrok, waren ze er allemaal nog en was ook de Ook de VU bevindt zich volgens Josja in een volatiele markt. “Onderwijsbenodigde capaciteit in één keer terug. De herstelfase duurde mede door collega Hogeschool Inholland kreeg te maken met 30 procent minder dit maatwerk veel korter. Dat is het bewijs dat een handtekening onder een studenten. Zij zijn hier slim mee omgegaan door een vleugel van één van huurcontract niks zegt. Het is veel meer waard dat wij hier allemaal een hun onderwijsgebouwen separaat te verhuren. Zo kijken wij ook naar ons 7


I NT ERV I EW

“Qua vastgoedvolume zijn we aan elkaar gewaagd en ook wij creëren onze eigen wereld”

8


I NT ERV I EW

vastgoed.” Josja legt uit: “We hebben bewust niet één gebouw per faculteit om in groei en krimp flexibel te kunnen zijn. Ook zoeken we samenwerking met de markt. In het kader van de opleiding life science proberen we bijvoorbeeld de hele levenscyclus binnen de campus te organiseren. Dat lijkt wel een beetje op de aanpak van Schiphol Real Estate.” Josja beschouwt het als een groot voordeel dat vastgoedeigenaars als de VU en Schiphol Real Estate de gehele keten beheersen. “Het gaat steeds meer om complete huisvestingsoplossingen. Dus niet alleen om de hardware van gebouwen, maar ook om de software van dienstverlening en het nieuwe werken. Door een andere manier van werken te introduceren, besparen wij 30 procent in ruimtegebruik. Dat gaat om forse bedragen als je weet dat 80 procent van onze beheerskosten vierkante meter gebonden zijn. Minder meters voor eigen gebruik, betekent een forse besparing in het vervolgtraject. Door op die manier heel dicht op de huid van je klant te zitten, is huisvesting een hefboom voor verandering waardoor de klant zijn bedrijfsvoering kan verbeteren. Dat is mijns inziens de sleutel van komende ontwikkelingen. Als je echt iets wilt bereiken met vastgoed zal je aan de kant van de klant moeten beginnen.”

andere kleur moet geven, maar beleggers moeten eerst écht de pijn voelen om ermee te willen stoppen. Ik geloof wel dat er een fundamentele verandering plaatsvindt richting meer samenwerking, duurzame relaties en lange termijnexploitatie.” André knikt instemmend: “Ik denk inderdaad dat er een enorme shake-out zal plaatsvinden van gebouwen en omgevingen waar de boel niet op orde is naar plekken waar het wel lukt. Nieuwbouw moet nog steeds kunnen, mits goed doordacht, maar de tijd dat een projectontwikkelaar zomaar een kansloos kantoorgebouw in Zaltbommel-West kan neerzetten, is echt voorbij. Dat vind ik echt een kwaliteit die partijen zoals de VU en Schiphol kunnen bieden in deze discussie. We hebben allebei veel aaneengesloten grond en zijn gehouden aan de plek. Dat dwingt ons tot kwaliteit. Wij kunnen niet een gebouw neerzetten en dan wegrennen. Als je zelf opdraait voor de gevolgen, sta je er heel anders in dan wanneer je een Duitse belegger bent zonder enige binding met de regio. Er is een te grote discrepantie ontstaan tussen eigenaren van vastgoed en puur de financiële asset. Het is noodzakelijk om weer een koppeling te maken tussen publieke en private belangen.”

Volgens Josja levert deze benadering interessante discussies op. “In Amsterdam is dit jaar de uniforme jaarkalender ingevoerd. Dat betekent Morele plicht en voorbeeldfunctie dat alle opleidingen gelijk lopen, waardoor Investeren in duurzaamheid doen zowel de studenten gemakkelijker kunnen overstappen VU als Schiphol Real Estate omdat zij oprecht van de ene naar de andere studie. Het gevolg vinden dat zij verantwoordelijk moeten is dat tentamens allemaal in dezelfde periode omgaan met grondstoffen en energie. “Het is plaatsvinden. Dat legt een enorme druk op ons een algehele verantwoordelijkheid om onze vastgoed, maar vanwege die twee, drie weken aarde door te geven aan volgende generaties. durende piek ga je natuurlijk niet extra bouwen. En als het technisch mogelijk is, vind ik het Alternatieven zijn schaars en duur, zodat je eveneens je plicht om er alles uit te halen”, gedwongen wordt tot creatieve oplossingen. vindt André. “Duurzaam bouwen is niet per Kunnen we misschien digitaal tentamineren se duurder, waarom zouden we het dan of de zondag of vrijdagavond meepakken? Het niet doen? Bovendien voelen wij als private zorgt ervoor dat we efficiënter omgaan met de onderneming met publieke aandeelhouders “De tijd dat een projectontwikkelaar ruimte.” de drang om voorop te lopen. Schiphol is het een kansloos kantoorgebouw Hoewel studenten in de eerste plaats kiezen ‘air mainport’ van Nederland. Naar ons wordt in Zaltbommel-West kan voor de kwaliteit van het onderwijs, spelen de gekeken. Wij hebben, overigens net als de VU, neerzetten, is echt voorbij” kwaliteit van de omgeving en voorzieningen een voorbeeldfunctie. Transavia.com wilde volgens Josja een steeds grotere rol. “De een duurzaam pand. Het oude pand dwong ons concurrentie neemt toe, ook internationaal. tot herontwikkeling en een mooie slag op het Daarom hebben we de handen ineen geslagen met de UvA om studenten gebied van duurzaamheid en het creëren van waarde voor de omgeving. vast te houden in deze regio. We zullen diversiteit moeten bieden op allerlei Deze compleet andere manier van denken kan alleen als je over grotere gebieden. Er moet hier doorlopend van alles te doen zijn.” gebieden en gebouwconcentraties beschikt. Dat maakt dat partijen zoals de VU en wij veel meer kansen hebben om onze eigen werelden te maken en op langere termijn te denken.”

Duurzaamheid

Vaste locatie dwingt tot kwaliteit

André en Josja zijn het erover eens dat de vastgoedsector door de economische malaise in een identiteitscrisis is terechtgekomen. Het model van ‘hit & run’ nadert zijn uiterste houdbaarheidsdatum. “Langzaam dringt het besef door dat huisvesting een enorme kostenpost is op de bedrijfsvoering en dat daar heel slim bespaard kan worden”, zegt Josja. “Het dwingt iedereen tot herbezinning. Investeren in vastgoed vraagt om kennis, commitment, partnerschap, leiderschap en keuzes maken. Het gaat om locatie, de kwaliteit van een gebouw, samenhang en de meerwaarde van de omgeving. Ik denk dat er bepaalde gebieden zijn die je echt een

Kijkend naar de gehele keten signaleert Josja dat financiers en beleggers tegenwoordig om duurzaamheid vragen. “De effecten op lange termijn zijn natuurlijk lagere energiekosten en waarde-creatie, maar ook de imagokant speelt mee. Bedrijven vinden het belangrijk voor hun uitstraling om in een duurzaam gebouw te zitten. Duurzaamheid past enorm bij de huidige tijd om iets terug te geven aan de samenleving. Onze studenten komen bijvoorbeeld ook met allerlei biologische en fairtrade-initiatieven. Dat omarmen wij, het hoort bij ons curriculum. Vandaar dat ik er ook van overtuigd ben dat duurzaamheid een structurele verandering is. Dat we hart hebben voor het lange termijn functioneren van een gebied.” 9


V isie

Certificering:

een zegen voor projectmanagement Door Matthijs Bakker

Veel partijen zijn serieus bezig met duurzaamheid in relatie tot gebiedsontwikkeling, bouw en vastgoed. Zij zijn zich doordrongen van het feit dat duurzaamheid geen hype of modeverschijnsel is, maar een maatschappelijke verantwoordelijkheid van iedereen. Door in het ontwerpproces al na te denken over het duurzaam maken van een gebouw, kan een grote bijdrage worden geleverd aan de ontwikkeling van een duurzame samenleving. Brains to Build doet dit al jaren. Niet omdat het ‘mode’ is, maar vanuit de overtuiging dat duurzaamheid de enige juiste weg is naar de toekomst.

10


I NT ERV I EW

Duurzaamheidslabels

Voor een integrale aanpak van duurzaamheid zijn op dit moment twee labels het meest gangbaar. Allereerst is dat BREEAM-NL van de Dutch Green Building Council. Dit van oorsprong Engelse label is helemaal op de Nederlandse situatie toegespitst. Het tweede label is LEED van de Amerikaanse Green Building Council, dat ook in Nederland wordt toegepast. Beide labels leiden via verschillende wegen naar hetzelfde doel. Je kunt niet zeggen dat het ene label beter is dan het andere. Wel anders. De programma’s gaan allebei uit van een integrale aanpak, waarbij duurzaamheid wordt getoetst op vele fronten. Het begint allemaal met de keuze van de locatie. Maar ook de gezondheid en het welbevinden van mensen komt aan de orde, net als energie, transport, materiaalgebruik, afval, vervuiling, management, etc.

zijn om deze ambitie te helpen verwezenlijken. De input, werkwijze en gegevens van uitvoerende partijen zijn onontbeerlijk voor het behalen van de benodigde credits. De vraagspecificatie moet dus al bij de aanbesteding volledig zijn, ongeacht of het om een traditionele aanbesteding gaat of om een geïntegreerd contract. Bij een bouwteam, een aanbesteding op een VO of DO of in het geval van een geïntegreerd contract is het dus niet zo dat de opdrachtgever ‘er vanaf’ is. De opdrachtgever zal nog steeds zelf ook zaken moeten aanleveren en, nog belangrijker, volkomen gecommitteerd moeten zijn. De opdrachtgever zal van hoog tot laag overtuigd moeten zijn van het nut en de noodzaak om te zorgen dat het label er komt. Opdrachtgever en opdrachtnemer (adviserend of uitvoerend) trekken gedurende het traject daarom bij voorkeur intensief met elkaar op.

Voorbeeldprojecten

Communicatie en vastlegging

Brains to Build heeft ervaring met beide duurzaamheidslabels. Zo behaalde het gebouw TransPort, een ontwikkeling van Schiphol Real Estate, in 2010 als eerste kantoorgebouw in Nederland de niveaus LEED Platinum en BREEAM-NL Very Good. Bij de aanbesteding van een nieuw kantoorgebouw voor UPC in Leeuwarden, ontwikkeld door Triodos Real Estate Development, was het de uitdaging om zelfs nog een label hoger te scoren. Dit gebouw werd aanbesteed op een Definitief Ontwerp (DO) en had als streefdoel BREEAM-NL Excellent. Brains to Build werd gevraagd om de BREEAM-voorwaarden zodanig in de aanbestedingsstukken en de opdrachten aan de uitvoerende partijen te verwerken, dat het een ‘normale’ besteksvoorwaarde werd. De uitvoerende partijen kregen de verplichting om bepaalde zaken conform BREEAM-NL uit te voeren. Zij moesten er in naam van de opdrachtgever voor zorgen dat aan alle duurzaamheidseisen werd voldaan. Voor de herontwikkeling van het kantorencomplex Triport op Schiphol is eveneens het doel om het BREEAM-NL label Very Good te behalen.

Projectmanagement

Zijn er nieuwe, voortschrijdende inzichten als het gaat om het certificeren van een project? Eigenlijk niet. In die zin is er niets nieuws onder de zon. Voor het behalen van een duurzaamheidscertificaat zal je écht moeten doen wat je bij projectmanagement eigenlijk altijd moet doen. Dat is allereerst goed nadenken over wat je precies wilt bereiken. Waarom wil je als bedrijf een duurzaamheidslabel behalen, hoe wil je dat doen en wat heb je ervoor over? Wanneer de doelstelling te vaag is en niet wordt gedragen door de directie en het projectteam, wordt het moeilijk om een optimaal resultaat te behalen en ambities waar te maken. Een ‘quick scan’ van ideeën en ontwerp kan snel inzicht geven in het project en de haalbaarheid ervan. Vervolgens is het zaak om een aantal credits vast te leggen en hier gedurende het project op te focussen. Alles draait om keuzes maken en het verankeren van het proces en de beoogde doelstellingen.

Aanbesteding

Het certificeren van duurzaamheid begint eigenlijk al bij de aanbesteding van de adviseurs. Zij moeten weten dat de opdrachtgever bepaalde ambities heeft, zodat zij die werkzaamheden kunnen aanbieden die nodig

In het ontwerpstadium is er voldoende tijd om zaken goed af te stemmen en te onderzoeken. Een goede samenwerking en communicatie tussen partijen die zijn betrokken bij het ontwerpproces, is van het grootste belang. Vastleggen waarom bepaalde (ontwerp)beslissingen zijn genomen, is daarbij noodzakelijk. Vaak staat het de betrokkenen in een later stadium niet meer zo helder voor de geest waarom in eerste instantie bepaalde keuzes zijn gemaakt. Dan wordt vaak gekozen voor een op dat moment voor de hand liggende optie, terwijl de oorspronkelijke keuze in dienst stond van de certificering en dus gehandhaafd had moeten blijven. Uitvoerende partijen zullen zich dus strikt moeten houden aan wat er in de contracten is vastgelegd. Ook hier geldt in sterke mate: eerst denken, (vastleggen) en dan pas doen. Tijdsdruk, onverschilligheid, het niet goed vastleggen van wijzigingen of wijzigen zonder de impact hiervan na te gaan, zijn reële bedreigingen voor het verkrijgen van een label. Een beoogd certificaat kan in één middag volledig om zeep worden geholpen. Bijvoorbeeld als een kitter één tube kit tekort komt, in zijn auto stapt en bij de eerste de beste bouwmarkt snel een nieuwe tube koopt. Als deze niet aan de eisen voldoet, is het label verder weg dan ooit.

Na zaaien komt oogsten

Het heeft kortom heel wat voeten in de aarde om een certificaat te verkrijgen, maar na zaaien komt oogsten. Er komt een dag dat iedereen de eervolle plaquette aan de muur van je kantoor kan bewonderen. Toch is dat niet waar je het voor zou moeten doen. Een duurzaamheidslabel levert een bewezen duurzaam gebouw op met een minimale impact op mens en milieu. De milieuprestaties zijn meetbaar en op niveau te vergelijken met andere gebouwen. Het is bovendien een uitgelezen kans om een gebouw te maken dat volledig voldoet aan de verwachtingen. De ene opdrachtgever zal kiezen voor duurzaamheid vanuit overtuiging, een ander uit (deels) commercieel oogpunt. Het is immers bewezen dat gebouwen met een label een hogere huuropbrengst genereren. Hoe het ook zij: het behalen van een duurzaamheidslabel gaat over mentaliteit en overtuiging. Als die ontbreken, kan je er maar beter niet aan beginnen. Je moet het echt willen, eerst denken, dan doen en je aan de afspraken houden. Dat maakt duurzaamheidslabels tot een zegen voor projectmanagement.

11


POLITIEACADEMIE

Renovatie Concernlocatie Politieacademie:

“Dit is gebouwd voor de toekomst”

De Concernlocatie van de Politieacademie werd op 6 september 2010 feestelijk heropend door Hare Majesteit Koningin Beatrix. Hiermee werd een periode van tien jaar ‘strategisch huisvestingsplan’ afgesloten. Tot groot genoegen van Ad van Baal, voorzitter van het College van Bestuur van de Politieacademie, valt de locatie sindsdien herhaaldelijk in de prijzen. “Het is een bevestiging dat wij hier in alle opzichten een topprestatie hebben geleverd.” 12


POLITIEACADEMIE

Fotografie: Thea van den Heuvel

Waarom is destijds voor renovatie en nieuwbouw gekozen?

“Ruim tien jaar geleden heeft een afweging plaatsgevonden over de hoofdlocatie van de Politieacademie en een aantal dependances, die allemaal hun eigen onderhoud en investeringen vroegen. De vraag was: wat gaan we doen? Er waren drie opties. De eerste optie was nieuwbouw in Apeldoorn, waarbij we voor lief zouden nemen dat een aantal locaties, waaronder de concernlocatie, zou worden opgeheven. De tweede mogelijkheid was om de bestaande locaties te gebruiken en die op kleiner niveau samen te voegen. De derde optie was om de bestaande hoofdlocatie van de Politieacademie, het seminarie, opnieuw in te richten door deels te renoveren en deels bij te bouwen. Dit was zeker niet de gemakkelijkste, maar financieel wel de meest voor de hand liggende keuze. Daarom is toen nadrukkelijk gekozen voor de combinatie van renoveren en bijbouwen.”

Hoe pak je als organisatie een dergelijk complex en langdurig proces aan?

“Het heeft ons heel wat hoofdbrekens gekost om het proces goed te doordenken en er een weloverwogen besluit over te nemen. Die besluiten zijn steeds herhaald en bevestigd, omdat naarmate je lang bezig bent met een project duidelijker wordt wat de consequenties zijn. Wat betekent renoveren nou precies, wat moet er allemaal plaatsvinden en wat niet? Je stuit ook altijd op tegenvallers in het traject. Met name met renoveren breek je immers dingen weg en kun je plotseling voor verrassingen komen te staan. Je zal dan keuzes moeten maken.”

Welke keuzes hadden de meeste impact?

“Eén van de meest relevante keuzes die wij hebben gemaakt, betrof de ondergrondse parkeergarage en de bibliotheek. Deze vielen zo duur uit, dat in goed overleg met de architect en de projectleider is besloten om de bibliotheek naar boven te brengen. We wilden de ruimte in het atrium alleen liever niet kwijt. Daarop werd besloten om de mediatheek dan in het atrium op een tussenverdieping te plaatsen. Dat was echt een geweldige vondst! Het meest spraakmakende moment was echter toen men tot de conclusie kwam dat we de binnentuineffectief zouden

moeten benutten door deze bij de academie te betrekken. Oftewel, overkappen. Omdat we een enorme afstand moesten overbruggen, ontstond het idee om het dak als het ware naar boven te trekken. Deze beweging heeft een mooie, symbolische waarde gekregen. Door de kathedrale verhoging van het atrium kreeg het seminarie, met zijn gesloten karakter, plotseling contact met de buitenwereld. Via de 28 meter hoge bogen kijk je zo naar buiten. Waar de seminaristen hun voldoening en motivatie haalden uit de beslotenheid van het rooms-katholieke geloof en het seminarie, combineert de Politieacademie dit met het over haar grenzen heenkijken naar de buitenwereld. Wij maken deel uit van de samenleving.”

De in zichzelf gekeerde seminaristen en de op de buitenwereldgerichte Politieacademie. Hoe kan deze tegenstelling worden samengebracht in een gebouw?

“Het heeft ons zeer markante dingen opgeleverd. De breviergangen bijvoorbeeld, de gangen waar de geestelijken eens met hun boeken liepen, bieden nu plaats aan werkplekken. Om flexwerkplekken te maken op de gangen die uitkijken op het atrium is beslist niet voor de hand liggend, maar het blijkt ontzettend goed te werken. Je hoort het geroezemoes van beneden, maar dat is niet storend. De akoestiek in het gebouw is zodanig dat je nergens last van elkaar hebt. Verder zit je er samen met collega’s, maar zit je tegelijkertijd ook afgezonderd. Het zijn werkplekken waar je je even kunt terugtrekken om rustig met je eigen werk bezig te zijn en daar goede oplossingen voor te vinden. In de traditie van vroeger is het dus een plek van reflectie gebleven. Dat spreekt mij persoonlijk erg aan.”

Hoe leidend was het onderwijs in het hele renovatie- en bouwproces?

“De onderwijsrelatie, oftewel de relatie tussen docenten en studenten, is bepalend voor de manier waarop een gebouw wordt gebruikt. Afhankelijk van de leersituatie is er behoefte aan klaslokalen, een praktijkruimte of individuele leerplekken. Wij hebben ervoor gekozen om ons onderwijs te intensiveren en grotendeels interactief te maken middels een e-learning lab. Technologische hulpmiddelen maken het 13


POLITIEACADEMIE

“Meteen bij binnenkomst word je gepakt door de sfeer van het gebouw. Het is jammer dat de meeste huidige bezoekers niet weten hoe het vóór de restauratie was. Toen moest je echt door de ‘verkeerde’ verbouwingen heen kijken om de kwaliteit van het gebouw te kunnen zien. Nu wordt je écht gepakt door het gebouw. De uitstraling en sfeer zijn geweldig. Het gerestaureerde, oude bakstenen seminarie vormt zowel een contrast als een geweldige eenheid met de strakke staal- en glasarchitectuur. Het doel van het project is ook meer dan geslaagd. De samenwerking tussen de mensen in het gebouw is sterk verbeterd. Men komt elkaar nu tegen in het atrium, maar ook op de open kantoorverdiepingen en in de gangen. Het binnenshuis mailen is met 25 procent afgenomen! Het was geweldig om aan dit project te werken. Er zijn namelijk niet zo heel veel Rijksmonumenten van ruim 30.000 m2 waar de projectmanager van begin (de haalbaarheidsanalyse) tot eind (de nazorg) alles mag doen.” Matthijs Bakker, projectleider.

14


POLITIEACADEMIE

mogelijk om op afstand te leren. Dat betekent dat studenten via het open leercentrum opdrachten kunnen maken en dat mensen niet per se altijd op de locatie hoeven te zijn om te werken of studeren. Met 625 werkplekken kunnen we dan ook prima uit de voeten voor 1100 tot 1200 mensen op de meest drukke dagen. Veel mensen waren overigens al gewend aan de open kantoren en het nieuwe werken. Voordat het hier op 6 september 2010 full swing in gang werd gezet, was het gemeengoed op de locaties in Amsterdam, Rotterdam, Eindhoven en Drachten.”

Welke aspecten hebben de grootste hoofdbrekens opgeleverd?

“De constructie van het atrium met de daaraan gekoppelde brandveiligheidseisen was een echte hersenkraker. Verder zijn we zeer vasthoudend omgegaan met wat ik noem de ‘verprutsing’. Onder het mom van modernisering was er in het verleden heel veel verprutst aan het gebouw, tegenwoordig een Rijksmonument. De prachtige tegelplateaus aan de muren waren volledig witgeschilderd en overal waren verlaagde plafonds gemaakt. Die hebben we er gelijk allemaal uitgehaald. We zijn zoveel mogelijk teruggegaan naar de oude staat en hebben daar zorgvuldig dingen aan toegevoegd. Hout en steen vormden de basis van de locatie. Waar we deze materialen niet konden gebruiken, hebben we consequent gekozen voor staal en glas. Dat heeft geresulteerd in een enorm open karakter, terwijl het concept ‘an sich’ nog steeds goed overeind staat. Echt hoofdbreken bij zo’n groot project als dit is natuurlijk altijd het budget. Overschrijdingen compenseren met onderschrijdingen, prioriteiten stellen. Maar dat is eigenlijk een luxeprobleem.”

De politie en het onderwijs ontkomen niet aan ingrijpende bezuinigingen de komende jaren. Kun je zeggen dat de verbouwing op het juiste moment heeft plaatsgevonden?

“Ook wij moeten een grote bezuinigingsslag maken. We gaan ons onderwijs intensiveren met behoud van kwaliteit. Oftewel, docenten en studenten zullen harder moeten werken, want de opleidingsperiode wordt korter en intensiever. Door de hoge kwalificering van onze docenten en studenten is dit gelukkig goed te doen. De samenleving en ons werk stellen hoge eisen aan onze professionaliteit. Het beroep vereist dat er heel veel gedaan wordt aan kennis, vaardigheden en vorming. Vooral vorming moet gebeuren in omgeving die veilig is en een bepaalde uitstraling heeft. Kies je dan voor een nieuwe torenflat met leslokalen? Of valt de keuze op een gebouw waarvan afstraalt dat het met zorg voor de historie en de toekomst gerenoveerd en gebruikt wordt voor opleiding? Je doet recht aan de beroepsgroep door voor dit soort professionele opleidingen een passend gebouw te vinden. Dat hoeft niet per se duurder te zijn, wel functioneel. Ongeacht het economisch tij zal dat altijd één van de belangrijkste overwegingen zijn. Dat geldt ook voor de nieuwe situatie als de Politieacademie binnen de Nationale Politie haar eigenstandige positie behoudt in het belang van iedereen in het korps.”

Afmetingen locatie

Grootste lengte gebouw Grootste breedte gebouw Hoofdentree tot verste ruimte Terreinoppervlakte Oppervlakte gebouw voor verbouwing Oppervlakte gebouw na verbouwing

202,75 m 144,30 m 325 m 16 ha 18.000 m² 33.000 m²

Zijn alle wensen van de gebruikers van de concernlocatie vervuld?

“Je kunt het nooit iedereen naar de zin maken, maar de wensen en eisen van de ingestelde project- en stuurgroep zijn volgens mij wel allemaal in vervulling gegaan. Iedereen heeft gekregen wat hij nodig heeft. We hebben schietbanen, simulatieruimten en grote computerlokalen voor de virtuele academie. De recherche heeft verder de beschikking gekregen over drie huizen en een praktijkruimte, waarin zij alles wat er op een plaats delict gebeurt kan nabouwen en naspelen. Desnoods een aantal dagen achter elkaar om de vermoeidheidsfactor van de rechercheurs in de praktijk te toetsen. Kortom, iedereen kan doen wat hij moet doen en het nieuwe werken bevalt de meesten ook erg goed.”

Hoe zou u het projectteam willen kenmerken dat gedurende tien jaar met elkaar heeft samengewerkt?

“Het gebouw is tot stand gekomen door ongelooflijk goed overleg tussen de gebruiker, de projectleider, de uitvoerder en de architect. Dit team heeft de hele periode nauw samengewerkt en kende elkaar door en door. Zij konden daardoor tot het gaatje gaan in de discussies om alle argumenten boven tafel te krijgen en op basis daarvan telkens een goede afweging te maken. Kenmerkend voor een 15


P O L I T I EA CA D E MI E

Projectteam Opdrachtgever Politieacademie

16

Projectmanagement

Brains to Build BV, Amersfoort

Architect

Atelier PRO architekten bv, Den Haag

Projectarchitecten

Leon Thier en Hans Kalkhoven (nu Studio Leon Thier m.m.v. Martijn de Visser en Wessel Reinders

Projectleiders

Roderik van Doorn en Wessel Reinders

Landschapsarchitect

Buro van den Eerenbeemt, ‘s Hertogenbosch Reuvers Buro voor Groene Ruimtes, Aalden

Interieurarchitect

Atelier PRO architekten bv, Den Haag

Ontwerp installaties

Deerns, Rijswijk

Adviseur constructies

Corsmit Raadgevende Ingenieurs, Rijswijk

Ontwerp keukens

Grontmij Technical Management, Amersfoort


CO L U MN

De concernlocatie van de Politieacademie won in 2010 de Architectuurprijs Apeldoorn, jury- én publieksprijs, en sleepte in 2011 de Gulden Fenix in de categorie renovatie en hergebruik in de wacht. Trots?

“Uiteraard. Met een project als dit maak je een keuze, waar je vervolgens jarenlang door geobsedeerd bent. Je wilt dan nog weleens vergeten dat je eigenlijk een keuze maakt voor iemand anders. Wij zijn immers allemaal voorbijgangers. We maken een aantal jaren deel uit van de Politieacademie en gaan daarna onze eigen weg. De gemeente Apeldoorn of eigenlijk heel Nederland mag hopelijk nog vele jaren genieten van dit prachtige gebouw. We namen dit jaar voor het eerst deel aan de open monumentendag en mochten gelijk 4.000 mensen verwelkomen die stuk voor stuk heel enthousiast waren over het gebouw. Je doet het dus niet alleen voor jezelf, maar ter wille van de organisatie, de gebruikers én de omgeving. Het bouwteam heeft zich goed gerealiseerd dat dit gebouw zeker vijftig jaar mee moet. Het is dan ook gebouwd voor de toekomst en een prachtig visitekaartje voor de gemeente Apeldoorn. Dat mensen met verstand van architectuur de concernlocatie van de Politieacademie hebben aangedragen voor verschillende prijzen is dan al heel mooi. Toen we ook daadwerkelijk in de prijzen vielen, waren we natuurlijk dolenthousiast. Het is een bevestiging dat wij hier in alle opzichten een topprestatie hebben geleverd. Iedereen die er een steentje aan heeft bijgedragen, mag daar trots op zijn.”

Imagine dat energie gratis en duurzaam is. Lagere kosten voor alle huishoudens en geen CO2-uitstoot door de bebouwde omgeving. Het kan morgen een feit zijn. De eerste 2500 kWh per jaar is gratis per huishouden, daarna wordt elektriciteit vier keer zo duur. Heb je geen vermogen, dan ga je besparen om onder de 2500 te blijven. Heb je wel geld en een groot verbruik, dan kunnen duurzame oplossingen uit. Over twee jaar kan de benchmark omlaag naar 2000 kWh en elke twee jaar zakken we verder tot we op nul uitkomen in 2020. Dan kan iedereen daarop anticiperen. Imagine dat arbeid goedkoper is en materialen duurder. Wij zouden dan veel meer hergebruiken, waardoor er minder afval is. Er is minder werkloosheid en de lokale industrie is concurrerend ten opzichte van import uit lage lonen landen. Deze toekomst kan ook morgen gerealiseerd worden. Door de BTW op arbeid te verlagen en de omzetbelasting op materialen juist te verhogen. Imagine dat duurzame panden meer waard zijn dan niet duurzame panden. Het is dan juist lucratief om panden te verbeteren. Dit kan morgen de realiteit zijn. Door OZBdifferentiatie toe te passen en de overdrachtsbelasting groen te maken.

Imagine

project als dit is dat in heel veel situaties naar compromissen wordt gezocht. Als projectleider is Matthijs Bakker op dit gebied rucksichtslos. Hij zal alleen akkoord gaan met een alternatief als hij er zelf volledig achter staat en nooit een besluit nemen puur vanwege het compromis. Soms betekent dit dat je net zo lang moet zoeken totdat er een oplossing is gevonden waar we het allemaal met elkaar over eens kunnen zijn. Dat vereist aan de ene kant een goed gevoel voor de gebruiker en diens eisen en wensen in relatie tot het budget, en aan de andere kant oog voor de mogelijkheden die de aannemer heeft. In Bouwcombinatie Dura Vermeer/Draisma heeft Matthijs een fantastische aannemer getroffen, die de ervaring had om compromissen op geweldige manier in te vullen. Het meesterlijke van Matthijs is dat hij ogenschijnlijk geen moment verslapt, ook al duurt een project tien jaar. Als projectleider moet je verder een olifantshuid hebben en af en toe het conflictmodel durven te hanteren. ‘A little local war’ op zijn tijd is noodzakelijk om niet te verzuipen in de problematiek. Natuurlijk altijd met respect en met daarna weer tijd voor een grapje.”

Imagine dat wij blij zijn met een volwassen vastgoedmarkt. Wij hebben de grootste bouwopgaaf sinds de Tweede Wereldoorlog. Vrijwel alle bestaande gebouwen voldoen niet aan de wensen van de eindgebruiker. De crisis zit investeren in de weg. Verder is er nog innovatie nodig, zowel in de keten, financieel als technisch om tot de versnelling te komen. Duurzaamheid moet verder meer gekoppeld worden aan gezondheid en comfort, het moet een lifestyle worden. De toekomst is concreet geworden. Mede door het meetbaar en verhandelbaar maken van duurzaamheid. Een voorbeeld daarvan is de BREEAM-NL certificering. Deze is vorig jaar van start gegaan met de certificering van het Transportgebouw van Schiphol Real Estate. Dit gebouw, gehuurd door Martinair en Transavia heeft een BREEAM-NL Very Good (drie sterren) score gehaald voor het ontwerp en een LEED platinum oplevercertificaat. Daarna zijn veel panden gevolgd, waaronder het pand van UPC in Leeuwarden. Inmiddels is meer dan 1,5 miljoen vierkante meter commercieel vastgoed aangemeld voor het BREEAM-NL Nieuwbouw keurmerk. Duurzaamheid is geen niche meer, het is in de mainstream gekomen. De transformatie is gestart.

Opleidingsaanbod Apeldoorn School voor Politiekunde School voor Hogere Politiekunde School voor Handhaving School voor Recherche School voor Politie Leiderschap

Ir. Stefan van Uffelen directeur Dutch Green Building Council

17


RO C VA N T W ENT E

Samenwerking

Henk Leever, Hoofd FZ, H&I bij ROC van Twente: “Projectleider Matthijs Bakker is een prima meedenker, die zijn opdrachtgever uitdaagt om tot een goed resultaat te komen. Dankzij zijn ruime kennis en ervaring zijn we bij de realisatie van onze nieuwe huisvesting niet in gemene valkuilen gevallen en is dit een project geworden waar alle betrokkenen met plezier op kunnen terugkijken.”

Special features

De enorme hal is open, met behoud van de lange zichtlijnen en de sfeer van weleer. De historische elementen zijn bewaard gebleven en gecombineerd met de nieuwe vleugels. Deze staan op de plaats van de constructief en cultuurhistorisch minder belangrijke, oude zijbeuken. Hierdoor is de oorspronkelijke structuur herkenbaar gebleven. De ziel van de voormalige gieterij is alom aanwezig en wordt versterkt door onder andere de grote gietijzeren kolommen bij de entree.

De Gieterij Het project

De voormalige gieterij van Stork vormt het hart van het huidige ROC van Twente in Hengelo. Het was een ambitieus plan om in centrum van het Overijsselse Hengelo ruim 55.000 m2 te ontwikkelen voor onderwijs en daarbij een deel van het industrieel erfgoed te bewaren. Ondanks de stevige uitdaging werd het project een groot succes. Het opvallende gebouw, gelegen nabij het centrum, biedt onderdak aan het Community College: een menging van onderwijs en bedrijven. Gezien de vele nominaties en prijzen is het project eveneens geslaagd in zijn opzet. Ook is de verbouwing van De Gieterij binnen het budget gerealiseerd. Kijk voor meer informatie, projectdetails en foto’s op http://hartvanzuid.rocvantwente.nl/.

18


RO C VA N T W ENT E

“Dit was een intensief, tien jaar durend project waarbij nieuwbouw werd geïntegreerd in een oude fabriekshal. Een dynamische opdracht in een dynamische omgeving. Er waren namelijk grote wijzigingen binnen de opdrachtgeversorganisatie, waaronder een fusie. De onderlinge samenwerking en de samenwerking met de opdrachtgever waren voortreffelijk. Het feit dat we met zijn allen werkten aan zo’n oud, industrieel gebouw en dat aan het ‘omtoveren’ waren tot een heel moderne school, zorgde voor een voelbare ‘drive & spirit’ in het ontwerpteam. Moeilijke momenten werden ervaren als mooie uitdagingen. Dat enorme enthousiasme heeft zeker bijgedragen aan het geweldige eindresultaat.” Matthijs Bakker, projectleider.

ROC van Twente in Hengelo De beloning

De Gieterij won de prijs BNA Gebouw van het Jaar 2009 Regio Oost, uitgeloofd door de algemene Nederlandse beroepsvereniging van architecten. Op 7 juni 2011 sleepte het ROC van Twente in Hengelo de Gulden Feniks in de categorie Transformatie in de wacht. “De oude Gieterijhal van Stork is op een voorbeeldwaardige wijze ingepast in het nieuwe ROC van Twente”, aldus de jury. “Wij prijzen het lef waarmee het ROC het heeft aangedurfd om van dit industrieel erfgoed het hart van haar opleidingen te maken.” Door deze transformatie is belangrijk erfgoed zinvol hergebruikt, heeft de school een uniek karakter gekregen en is het gebied aan het spoor versterkt op weg naar een nieuw leven. De vestiging van het grote ROC op deze plaats heeft een sterke uitstraling op herontwikkeling van het gehele gebied. Dit is geen compromis naar het verleden maar een heldere kijk op de toekomst, een vorm van hergebruik die aanmoediging verdient omdat zonder een dergelijk modern hergebruik deze industriële hallen weinig overlevingskansen hebben.”

Het ontwerpteam Opdrachtgever

ROC van Twente

Projectmanagement

PRC Bouwcentrum

Projectmanager

Matthijs Bakker

Architect

IAA architecten te Enschede, in samenwerking met Architectenbureau Fritz te Bussum voor de restauratie

Installatieadviseur

Deerns raadgevende ingenieurs bv te Rijswijk

Constructeur

ABT Adviesbureau voor Bouwtechniek bv te Velp 19


NI EU W E P RO JECT EN

Network Access Point of Amsterdam Terremark, een dochteronderneming van Verizon, weet als geen ander grootzakelijke ICT op wereldwijde schaal te transformeren en beveiligen. Hiertoe levert de firma geavanceerde infrastructuur en managed servicediensten, die bedrijven en overheidsinstellingen in alle delen van de wereld helpen te voldoen aan de strikte eisen op het gebied van schaalomvang, beveiliging en betrouwbaarheid. Met een

wereldwijd netwerk van datacenters en een uitgebreid aanbod van beveiligingsoplossingen helpt Terremark haar klanten om het potentieel van cloud computing te realiseren. Hiervoor heeft ze in Nederland, bij Schiphol een voormalig pand van Martinair verbouwd tot een modern data center, NAP (Network Access Point) of Amsterdam genoemd. Dit is een

bijzonder uitgebreid geconnecteerd data center waar onder andere de AMS-IX, het grootste internetknooppunt van Europa, zal worden gehuisvest. Het is de bedoeling om op termijn naast het bestaande pand nog eens ca.10.000 bvo data center te realiseren. Brains to Build is betrokken bij de aanloop van dit prestigieuze project. www.napofamsterdam.nl

Verbouwing Kortegracht 14 in Amersfoort Het adres Kortegracht 14 in Amersfoort behoort toe aan een grachtenpand middenin de binnenstad met een historie van minstens honderd jaar. Brains to Build realiseert hier een woonhuis met kantoor. De extra uitdaging van dit project zit in het toepassen van alle reële duurzaamheidsoplossingen. Vanaf medio 2012 zal het kantoor in gebruik genomen worden door Brains to Build. Tussen 1910 en nu is het pand verschillende malen verbouwd. Ook heeft nummer 14 diverse functies gehad, waaronder die van woonhuis, deel van een bankgebouw, bibliotheek en winkel. Bij de laatste bestemmingen heeft er ook (kamer)bewoning plaatsgevonden op de eerste verdieping, zoals dat aan het begin van de twintigste eeuw ook het geval was. Kortegracht 14 wordt nu weer gesplitst van het bankgebouw (nr. 16) en verbouwd naar de functies die bijna alle panden in de binnenstad hadden: wonen en werken. Opdrachtgever en projectleider Matthijs Bakker over dit 20

project: “Complexe huisvestingsvraagstukken zijn mijn grote uitdagingen, maar mijn eigen huisvestingsvraagstuk zou misschien nog wel eens de grootste uitdaging kunnen zijn.”


NI EU W E P RO JECT EN

Herontwikkeling van kantorencomplex Triport Kantorencomplex Triport op Schiphol werd in 1995 en 1996 gebouwd. Het pand heeft een bruto vloeroppervlak van circa 36.000 m2, dat alle jaren intensief is benut. Nu transavia.com is verhuist naar TransPort en ook de marechaussee en enkele andere huurders vertrekken, zal er voor het eerst leegstand komen in het complex. Schiphol Real Estate (SRE) heeft daarop besloten het gebouw te revitaliseren. Brains to Build is door SRE gevraagd om het projectmanagement voor de herontwikkeling van Triport te verzorgen. Paradepaardje van Schiphol Centrum

Schiphol Centrum zal de komende jaren veranderen in een dynamisch gebied met ‘state of the art’-gebouwen. Als paradepaardje van het gebied krijgt het grote kantorencomplex Triport als eerste een nieuw gezicht. De plannen zijn ambitieus. Het is de bedoeling dat Triport het ‘stadhuis’ wordt van Schiphol Centrum en een plek waar elke huurder en bezoeker zich thuis voelt. Nieuwe voorzieningen voor huurders, bezoekers

én de omgeving moeten de levendigheid en aantrekkingskracht van het gebouw vergroten. Triport zal daarnaast worden verduurzaamd. De eerste werkzaamheden starten medio mei 2012 in Triport 3. Daarna komen Triport 1 en 2 aan bod.

Duurzaam, aantrekkelijk en opvallend De herontwikkeling houdt onder meer in dat alle installaties onder de loep worden genomen en indien nodig worden aangepast aan de laatste

standaarden. De facelift van het Triport complex zal zeker niet onopgemerkt blijven. Materialen zoals hout en glas en groentinten moeten Triport een vriendelijkere uitstraling geven. De verschillende gebouwen zullen met een passage aan elkaar worden verbonden en ook de entrees worden verbeterd. Bovendien zal Triport 2, op de plek van het bedrijfsrestaurant, een atrium krijgen, waarin diverse voorzieningen een plek krijgen. 21


SAXION HOGESCHOOL

“Het gebouw voldoet nog s

22


SAXION HOGESCHOOL

steeds helemaal”

Wim Boomkamp is voorzitter van het College van Bestuur van Saxion Hogescholen. Als directeur Dienst Onderwijszaken en directeur van de Faculteit Sociale Agogische Opleidingen was hij elf jaar geleden betrokken bij de ontwikkeling van een stadscampus in hartje Enschede. “We wilden een kennisintensief gebied creëren middenin de stad.” Wie de Saxion Hogeschool Enschede bezoekt, stapt binnen in een fris, transparant en flexibel gebouw. Het pand ademt een prettige, toegankelijke atmosfeer waardoor studenten, medewerkers en bezoekers er graag vertoeven. De verschillende gebouwdelen hebben hun eigen geur en kleur, zijn snel bereikbaar en worden verbonden door pleinen, waardoor ze samen één geheel vormen. De verkeersstromen zijn optimaal geregeld en de ligging is ideaal: middenin het centrum van Enschede, op loopafstand van het station.

Dynamische, vooruitstrevende school

Het is moeilijk voor te stellen dat de situatie iets meer dan een decennium geleden een stuk minder florissant was. “De hogeschool was gevestigd in een oud ziekenhuis, waar een klein stukje bij aan was gebouwd”, zegt Wim. “Halverwege de jaren negentig werden twee nieuwbouwblokken gerealiseerd, maar dat bracht ons niet veel verder. We zaten nog altijd op zeven locaties in Enschede en het hoofdgebouw was sfeerloos en weinig flexibel. Het paste niet bij wat wij wilden zijn: een dynamische, vooruitstrevende school.”

Flexibel studielandschap

De hogeschool deed een pas op de plaats om zich te bezinnen op de vraag: hoe nu verder? Wim: “Het onderwijs werd in die tijd steeds meer maatwerk en daar paste een flexibel studielandschap bij, met ruimte voor zelfstudie, projectgroepen én groepsleren. Ons gebouw – groot, statisch, star en onpersoonlijk – paste totaal niet in dit plaatje. We besloten toen om de boel om te draaien en onze nieuwe onderwijsvisie centraal te zetten. Oftewel, een gebouw om het onderwijs te bouwen in plaats van het onderwijs in een gebouw te brengen. Dat was bijzonder vooruitstrevend voor die tijd.”

Multidisciplinair team

Wim en zijn collega’s lieten zich inspireren door moderne onderwijsgebouwen in Salzburg, Eichstatt en Marne la Vallee. Een intensieve samenwerking binnen een zichzelf versterkend multidisciplinair team bracht Wim vervolgens waar hij van droomde. “Een aantrekkelijke, transparante en gezellige stadscampus met een fantastisch studielandschap, dat voldoet aan de wensen van al onze leerlingen. Het blijkt mogelijk om toekomstbestendig te bouwen. Het gebouw voldoet namelijk nog steeds helemaal aan onze wensen.”

23


Postbus 961 3800 AZ Amersfoort M 06 127 62 480 E info@brainstobuild.com