Onafhankelijk vakblad voor de agf-handel
38ste jaargang 5 - 2024

















Van Vugt Kruiden breidt uit + 5 hectare teelt in Ridderkerk + 3000 m2 verwerking Teler en specialist verse kruiden, eetbare bloemen en babyleafs

Onafhankelijk vakblad voor de agf-handel
38ste jaargang 5 - 2024
Van Vugt Kruiden breidt uit + 5 hectare teelt in Ridderkerk + 3000 m2 verwerking Teler en specialist verse kruiden, eetbare bloemen en babyleafs
Bij Van Uhm professionals in food processing weten we precies wat er nodig is om een foodproces zo efficiënt mogelijk te laten verlopen. Machines mogen niet stil te komen staan en het productieproces moet op rolletjes verlopen, elke dag weer.
Vlees, vis, kaas, groente, fruit, vegetarische en kant-en-klaar producten: onze professionals weten precies hoe uw foodproces verloopt en voorzien u van de juiste adviezen voor een optimaal productieproces.
Hoogwaardige traysealmachines van Italiaanse oorsprong
Benieuwd naar hoe deze machines uw foodproces kunnen optimaliseren?
Vraag vrijblijvend een persoonlijk advies of een demo aan op www.vanuhm.nl/contact
VARIOVAC
Vakkundig vacuüm- en MAP verpakken
De Bieffel 3, 7622 BM Borne
T 074-2662905
E info@vanuhm.nl
W vanuhm.nl
Morseweg 6, 1131 PK Volendam
T 0299-366199
E info@habuba.nl
Werknemers huisvesten op uw eigen erf of (bedrijfs)locatie?
HomeFlex ontzorgt van pril plan tot overhandiging van de sleutels aan uw medewerkers. Zij voelen zich thuis én gewaardeerd in de comfortabele, duurzame en compleet gemeubileerde woningen op uw terrein.
Ook na realisatie heeft u geen omkijken naar hun huisvesting. HomeFlex verhuurt en beheert de woningen, inclusief regelmatige inspectie en alerte storingsservice. Heeft u de woningen tijdelijk niet nodig? HomeFlex verhuurt ze aan andere ondernemers die enkele weken of maanden woonruimte zoeken voor hun buitenlandse exwerkers.
Werken met HomeFlex is win-win voor werkgever en werknemer. Ontdekken wat we voor uw agrarische bedrijf kunnen betekenen? Bel Willem Weggeman via 06 51049619 of mail naar willem@home ex.nl.
In Zeewolde hebben we in 2023 een locatie voor 64 werknemers opgeleverd op het terrein van Bio Brass
Gerjan Snippe, eigenaar Bio Brass: ‘We willen onze medewerkers een echt thuisgevoel geven.’
Flexibele personeelshuisvesting in compleet ingerichte woningen
Uitstekende beheerservice o.a. 2-wekelijkse inspecties en 24/7 bereikbaarheid
26 “Extreem lastig groeiseizoen laatste jaren eerder regel dan uitzondering”
Cees Geven, Coöperatieve Telersvereniging De Schakel u.a
30 Diepvriesgroentenproducent kijkt naar opkomende markten om afzetgebied te vergroten
34 “Verwerkers zijn zich meer bewust geworden van de behoeften van telers”
Luc de Waele, Ingro
36 Kruidenteler en -droger meet zich andere rol aan in de keten
43 “De diepvries AGF-markt staat voor een positieve ontwikkeling met aanzienlijke groeikansen”
47 “De ‘grootste polisher ter wereld’ biedt ons nieuwe stappen in de groenteverwerkende industrie”
Murre Technologies ontwikkelt MT-polisher voor W. De Boer & Zn.
50 “Long-fresh heeft nog een enorm potentieel op gebied van smaken, variëteiten en gebruiksgemak”
Greenyard over de verwachtingen van het vriesverse en bereide segment
“Het is belangrijk dat zowel telers als klanten begrijpen dat we er voor en door de telers zijn”
David Markowski, The Greenery
94 “AGF-sector moet zich bij personeelswerving aanpassen aan kandidatenmarkt”
Jan Willem Tolhoek, FreshRecruitment
95 “In de komende tien jaar gaan er veel mensen weg uit de AGF en daarmee gaat er ook veel kennis en ervaring verloren”
Taco van der Louw, Up & Up Talent Solutions
97 “Steeds complexere AGF-handel vraagt om hoger opleidingsniveau en salaris”
Johan Grootscholten, Green Career Consult
72
Extra: Vastgoed
81 “Vertical farm-technologie zal meer beschikbaar en dus ook goedkoper worden”
Laura van de Kreeke, Growy
84 “Weegt de plasticbesparing op tegen de grotere hoeveelheden derving?”
Piet van Vugt
86 “Waterteelt is onze grootste tak van sport”
Niek Monden, De Kruidenaer
88 De maaltijdbox als opstap naar een hogere kruidenconsumptie
92 “Onze volgende doelgroep worden broodjeszaken en exporteurs”
Cesar van der Spurt & Yuval Depicker, Micro’s Unilight
72 “Er wordt gestuurd op energieneutraal bouwen”
Maarten Veldman, Triple Group
74 “SNF-norm zorgt voor verandering inrichting woonaccommodaties”
Luuk Hermans, Van Ravels Project Services
76 “Nieuwe Omgevingswet echt uitdagend voor initiatiefnemers”
Aris Bulk, Van Vliet Bouwmanagement
98 “Arbeidsmarkt iets minder krap: werknemers maken weer vaker overstap”
Perrin Aarts, Green People Recruitment
100 Vacaturekrant
38ste jaargang • editie 5 - 2024
Inhoudsopgave
4 “Er zal altijd vraag blijven naar importappelen” Benedikt Mangold, BayWa Global Produce
10 “Eerste Zuid-Afrikaanse grapefruit en citroenen arriveren niet op lege markt” Menno Hogenelst, Dole Europe
11 Paarse zoete aardappelen onderzocht bij behandeling van maagzweren
14 Is duurzaamheid nog een keuze of ontwikkelt het zich tot een inkoopvoorwaarde?
18 “Druivenveredelaar treedt in China op tegen een inbreuk op TikTok”
20 “Weersgrillen kenmerken wispelturig rabarberseizoen” Rob de Rond
22 Rangschikking grootste papajaexporteurs
24 “Met het Spaanse steenfruit wordt het hoogseizoen voor Belgische groothandels afgetrapt” Ellen Sebrechts van Sebrechts Groenten en Fruit
54 Raming meloenen: Marokko meer en Spanje minder
55 Welke Spaanse provincie teelt de meeste wortelen?
56 AGF’ers maken meters bij Marathon Rotterdam
58 “We willen de concurrentie met blokpaprika aankunnen” Markt puntpaprika groeit hard en wil meer
59 Diesel uit kokosnoot in Papoea-NieuwGuinea
60 Colombia: Naast bananen, ook avocado’s, limes en passiefruit
65 Asfalt met mangogeur in Madrid
67 Edeka bouwt eerste 100% recyclebare supermarkt
68 Groentepakkettenidee start van 30 jaar succesvol ondernemen in biologisch
70 Trucje om rijpingsproces van bananen te vertragen
71 Dit uienseizoen kende optimisme en pessimisme, maar hoe het eindigt, blijft spannend
71 Avocado-areaal Brazilië +50% in vier jaar
PietPraat
Industriegroenten mogen zich verheugen in een positieve consumentenperceptie –want betaalbaar en lang houdbaar – al is er nog ruimte om het imago te verbeteren. Tegelijkertijd hebben de telers stijgende kosten en dalende opbrengsten als gevolg van weersomstandigheden en regelgeving. Uitdagingen genoeg dus. Lees er alles over in de special Industriegroenten.
Ook uitgebreide aandacht voor kruiden – een teelt die heel geschikt kan zijn voor automatisering –, vastgoed – het is zaak de beperkte ruimte optimaal te benutten – en HRM – soms een lastig verhaal in de AGFbranche.
Verder een stuk over duurzaamheid in de retail: een keuze of een inkoopvoorwaarde?
We duiken in de groeiende wereld van de puntpaprika’s, kijken hoe het met rabarber staat en in onze socials kun je onder meer lezen hoe het met Thierry Nuttin gaat.
En er valt in deze gevarieerde PRIMEUR nog veel meer te lezen; veel leesplezier!
Pieter Boekhout
Vaste rubrieken
19 Column Jeroen van der Weerd
23 AGF-ster: Lisanne Kruizinga, AGF Direct
52 Nevenactiviteit: Bjorn de Schoenmaeker
66 Geswitcht: Lydia Bottenburg
107 Hoe is het met: Thierry Nuttin
108 Dick Pijpers: Aki of Ackee
109 Geswitcht: Siem Besseling
110 Apps en Gadgets
112 Primeur 25 jaar gelden
Benedikt Mangold, BayWa Global Produce:
“Er zal altijd vraag blijven naar importappelen”
“De appeloogst in Nieuw-Zeeland is momenteel nog in gang en de verwachte kwaliteit ziet er veelbelovend uit,” duidt Benedikt Mangold, CEO van BayWa Global Produce, begin mei de kwaliteit van de overzeese appeloogst. Via de Nieuw-Zeelandse AGF-tak T&G Global voorziet BayWa Global Produce de markt van onder meer merkappelen. “We hebben bijna perfecte omstandigheden gehad in onze teeltgebieden, wat heeft geresulteerd in vruchten met aantrekkelijke kleuring en de beste smaakeigenschappen. Dit seizoen verwachten we een exportvolume van meer dan 4 miljoen TCE’s, (18 kilo) inclusief onze merkappels Jazz™ en Envy™.”
Daarbij geeft Benedikt aan dat een belangrijke focus voor de verkoop van de Nieuw-Zeelandse appelen de Aziatische markt is, waarnaar de eerste leveringen al onderweg zijn. Uiteraard komt een deel van het volume ook naar Europa, waar de CEO vaststelt dat de lagere voor-
raad appelen de vraag naar overzeese appelen kan vergroten. “Continuïteit in beschikbaarheid, vooral van merkappelen, is een cruciale factor voor zowel handelaren als consumenten. Importappelen kunnen helpen om eventuele tekorten als gevolg van verminderde lokale productie aan te vullen.”
STREVEN NAAR STABIELE WAARDEKETENSOndanks de goede vooruitzichten voor het seizoen, ziet Benedikt dat de wereldwijde situatie – op het gebied van politiek, klimaat of economie – voor voortdurende uitdagingen zal blijven zorgen. “Om ook in de toekomst succesvol te kunnen zijn, hebben we binnen onze branche oplossingen nodig om stabiele waarde-
ketens te creëren: van variëteitsontwikkeling tot teelt, marketing en uiteindelijk onze klanten en consumenten.” Daarbij komen aspecten als bijvoorbeeld klimaattolerante rassen of de ontwikkeling van innovatieve teeltmethoden met behulp van sensoriek en robots, in beeld.
Maar ook een nog efficiënter gebruik van hulpbronnen, net als het gebruik van zonnepanelen gecombineerd met de teelt van groenten en fruit (Agri-PV), zijn mogelijkheden, geeft Benedikt aan. “Dergelijke maatregelen zullen in de toekomst bijdragen aan het waarborgen van de aanvoer van hoogwaardige en gezonde voedingsmiddelen voor de groeiende bevolking.”
KLIMAATTOLERANTE APPELEN
Het is de reden dat T&G-dochterbedrijf VentureFruit® betrokken is bij de ontwikkeling en commercialisering van nieuwe rassen. “We investeren in onderzoek en ontwikkeling van toekomstgerichte teelt-, oogst- en post-oogsttechnologieën.” Benedikt geeft aan dat met de lancering van de Tutti™ uit het Hot Climate Partnership de eerste klimaattolerante appel is gepresenteerd.
Ook afgelopen jaar was de klimaatimpact duidelijk merkbaar, vervolgt Benedikt. “Voor BayWa Global Produce was 2023 een uitdagend jaar op verschillende fronten. Vooral de verliezen als gevolg van cycloon Gabrielle hadden impact op ons Nieuw-Zeelandse bedrijf. Gelukkig raakte bij het slechte weer niemand van ons personeel fysiek gewond. Desondanks heeft de cycloon door overvloedige regenval en meegevoerd puin en modder aanzienlijke schade toegebracht aan gebouwen, infrastructuur en boomgaarden.”
GROEIEN VOLGENS PLANNING
Niettemin verwacht Benedikt dat de impact op het volume beperkt zal blijven. “Onze collega’s ter plaatse in Nieuw-Zeeland hebben fantastisch werk gedaan bij het opruimen van de schade veroorzaakt door cycloon Gabrielle. Als gevolg daarvan, en samen met de aanstaande nieuwe aanplant, zullen de exportvolumes zowel voor het standaardassortiment als voor onze merkappelen toenemen en in de komende jaren volgens planning blijven groeien.”
Vooral voor Envy zijn BayWa Global Produce’s verwachtingen hoog gespannen. “Gelukkig bleef ons nieuwgebouwde pakstation in Hawke’s Bay gespaard. Met deze investering in geavanceerde post-oogsttechnologie anticiperen we vooral op de verwachte groei van onze merkappel Envy. De hoge mate van automatisering zorgt voor een hogere productiviteit en ondersteunt tegelijkertijd de geplande exportgroei van appelen uit de regio.”
HERZIENE SUPPLY CHAIN-STRATEGIE
En ook transport is een aspect dat, naast politieke spanningen, geraakt wordt door natuurrampen, constateert Benedikt. Hij stelt ook dat T&G de supply chain-strategie heeft herzien: “Dit proces heeft meerdere maanden geduurd, waarin we ver-
schillende zeevrachtdienstverleners hebben beoordeeld. Onze keuze viel op Kotahi vanwege de geboden flexibiliteit, capaciteit en schaalbaarheid die we op lange termijn nodig hebben in onze supply chain. Kotahi verzendt ongeveer een derde van de in containers geladen Nieuw-Zeelandse exporten. Met onze volumes zullen we de derde belangrijkste klant van Kotahi zijn. Dit geeft ons een sterke positie in de regionale havens en helpt ons waarde toe te voegen voor onszelf en onze producenten, zoals we hebben verankerd in onze supply chain-strategie.”
Ondanks de uitdagingen en de toenemende focus op lokale productie ziet Benedikt zeker geen kleinere rol voor overzeese appelen weggelegd. “Er zal altijd een
“Ik wil de keten openbreken en transparanter maken”
Jorn Poelman van Veggiehouse heeft grootse plannen, zo vertelt hij bij NoMilk2Day
“Naast Hongkong hebben we ons vizier op India om een vestiging op te zetten”
Menno van Breemen van Aartsen vertelt in Elsevier over de internationale groeiplannen.
“Enkele blaadjes spinazie hebben hagelschade, iets minder mooi, maar net zo lekker!”
Albert Heijn geeft het goede voorbeeld.
markt zijn voor hoogwaardig fruit, met name voor hoogwaardige merkappelconcepten zoals bijvoorbeeld Jazz. De voortdurende vraag naar diversiteit, kwaliteit en jaarrond beschikbaarheid, zal ook in de toekomst de vraag naar importappelen veiligstellen. Wereldwijd zullen importfruit en -groenten een belangrijke rol blijven spelen, vooral in regio’s met beperkte of seizoensgebonden productie. We mogen niet vergeten dat andere regio’s in de wereld zich ook ontwikkelen en dus een groeiende vraag hebben naar verse groenten en fruit op de internationale markt,” besluit Benedikt. (MW)
www.baywa-gp.com
David Markowski, The Greenery:
“Het is belangrijk dat zowel telers als klanten begrijpen dat we er voor en door de telers zijn”
In november 2023 werd David Markowski (37) benoemd tot CEO van The Greenery, als opvolger van Steven Martina. Markowski werkt al bijna vijf jaar bij The Greenery in diverse directierollen en was medeverantwoordelijk voor de langetermijnstrategie Focus 2025. Hij heeft onlangs bijna alle verkoopactiviteiten samengebracht in één verkooporganisatie. Een uitgebreid interview met een visionair én een doener die vindt dat duurzaamheid leuk moet zijn, maar soms ook pijn mag doen.
Waarom koos de Raad van Commissarissen jou als CEO? Wat voor persoon ben je?
Eigenlijk zou je dat aan hen moeten vragen. Maar ik denk dat mijn focus op duidelijkheid, directheid en transparantie een rol speelde. Ik heb de visie Focus 2025 mede ontwikkeld en begrijp hoe belangrijk een goede uitvoering is. Ik ken het bedrijf en de sector goed en heb ervaring met het implementeren van dergelijke plannen. Daarnaast ben ik mensgericht, wat waarschijnlijk het vertrouwen van de RvC heeft versterkt. Hoewel ik nooit specifiek de ambitie had om CEO te worden, vind ik het fijn om de eindverantwoordelijkheid te dragen.
Die directheid klinkt niet echt als coöperatietaal...
Klopt, er is een vooroordeel dat coöperatieve taal vaak indirect en traag is. Ik geef de voorkeur aan een directe en snelle aanpak, mits binnen fatsoensnormen. Je kunt beslissingen ook nemen met 70% van de informatie. Wachten op perfec-
tie kost te veel tijd en energie. Ik probeer onze organisatie hierop aan te sturen.
Kun je reflecteren op de jaarcijfers over 2023?
The Greenery heeft met een omzet van € 872 miljoen en een nettoresultaat van € 20,9 miljoen financieel een goed jaar gehad. Strategisch was het uitdagend. De hele versketen kampt met uitdagingen zoals stijgende kosten voor energie en arbeid en een verschuivende machtsbalans naar de vraagzijde. Ook is het steeds moeilijker om consistent kwalitatief product te telen door de wisselende weersomstandigheden. Extra wet- en regelgeving rond duurzaamheid – hoe noodzakelijk ook – heeft druk gezet op onze leden. Financieel was het zoals gezegd een goed jaar, waarbij belangrijk is om te melden dat The Greenery geen winstoogmerk heeft voor de verkoop van de producten van eigen leden. We verdienen op andere activiteiten, zoals bijkoop, import en logistiek. Het positieve resultaat uit deze activiteiten en ook uit onze
deelnemingen dragen bij aan het resultaat voor onze leden. Bovendien hebben we dit jaar voor de vierde keer op rij een winstuitkering van 4,5 miljoen kunnen betalen aan onze leden. Daar zijn we trots op.
Vind je het gezond dat het aandeel van de deelnemingen zo groot is ten opzichte van het handelsresultaat?
Ik ben blij met onze deelnemingen, maar het is belangrijk om dit in perspectief te zien. Doordat ons bedrijf maar voor een klein gedeelte een winstoogmerk, dus resultaatsdoelstelling, heeft, lijkt dat in onbalans. Maar als wij een tomaat verkopen voor een eigen lid, zie je daar geen operationeel resultaat op. Het resultaat komt dus van de overige activiteiten en deelnemingen. Belangrijke nuance is ook dat een klein deel van het resultaat cash dividend is. Zo wordt het resultaat vanuit Euro Pool Systems (EPS) niet uitgekeerd als geld, maar grotendeels als boekresultaat. Het deel van het resultaat dat we
ontvangen, kunnen we investeren in innovaties, digitalisering en personeel.
Lukt het jullie om telers te behouden en aan te trekken?
Telers behouden en aantrekken is altijd uitdagend door consolidatie en diverse redenen voor stoppende bedrijven. We bieden een aantrekkelijke propositie door telers binnen veertien dagen uit te betalen, te investeren in exclusieve rassen en kostenverbeteringen door te voeren. Ik durf ook te zeggen dat onze uitbetaalprijzen zeer concurrerend zijn. Bovendien is winstuitkering vanuit de deelnemingen natuurlijk aantrekkelijk. Telers kunnen ook samen met The Greenery via SIG&F, het voormalige GMO, investeren in onder andere duurzaamheid en automatisering. Bovendien beschikken we over een breed scala aan afzetkanalen en een breed en divers Europees klantenbestand. Dit alles zorgt ervoor dat we telers kunnen behouden én aantrekken.
Wat is jullie motivatie om weer mee te doen met de SIG&F-regeling?
Met de SIG&F-regeling kunnen we investeren in duurzame en technologische verbeteringen bij onze telers. Dit versterkt zowel onze producentenorganisatie als onze marktpositie. We willen de subsidie gebruiken om kansen te benutten op het gebied van duurzaamheid, energiebesparing, robotisering, marktontwikkeling, schaalvergroting, rasontwikkeling en gewasbescherming.
Richten jullie je ook op buitenlandse telers? Hoewel onze focus op Nederlandse teelt ligt, staan we open voor samenwerking met buitenlandse telers, vooral voor exclusieve rassen zoals het aardbeienras Inspire. We streven naar een gebalanceerde benadering die zowel lokale als internationale kansen benut.
Hoe reageren jullie op de groeiende marktmacht van de retail?
The Greenery wil toegevoegde waarde leveren aan haar klanten. Dit is primair het beschikbaar hebben en het leveren van kwalitatief goede groenten en fruit met daarnaast – op de wensen van de klant afgestemd – dienstenpakket. Dat varieert van logistieke dienstverlening, verpakken, keur, categorie ondersteuning en marketing en dit alles tegen zo laag mogelijk kosten. Hierdoor blijven we relevant voor klanten en streven we naar intensieve samenwerking.
De inkoopbundeling van de Europese retail is toegenomen. Je zult, om deze verhoudingen weer in evenwicht te brengen, zeker moeten consolideren. Dat kan door schakels er tussenuit halen door ze te passeren of te integreren of je moet verticaal consolideren. We zien deze trend en voeren breed en actief gesprekken met partijen die passen bij ons en onze telers.
Consolidatie aan de aanbodzijde zal plaatsvinden en als vertegenwoordiger van de bron hebben wij altijd een positie.
Hoe hard was het gelag dat Jumbo een streep zette door het ingerichte inkoopmodel The Greenhouse?
We hebben altijd het einddoel voor ogen gehouden dat we goede afzetmogelijkheden wilden houden voor onze telers en een mooie, positieve relatie wilden houden met één van de grote Nederlandse retailers. We zijn een Nederlandse afzetcoöperatie met Nederlands product en dat wil je ook voor een groot deel in de Nederlandse schappen hebben. We hebben ons daarom er niet van afgehouden om de positieve kansen die er lagen en liggen te benutten. Dit heeft geresulteerd in een meerjarige samenwerking in een andere vorm, waar we trots op zijn.
Waarom namen jullie afscheid van het DC in Breda en buitenlandse vestigingen?
In het geval van Breda hadden we te maken met een operationeel goed draaiende faciliteit voor aardbeien, asperges en rabarber. Maar door de trend van af tuin verlading werden de volumes onvoldoende om operationeel goed te kunnen draaien. We hebben de activiteiten daarom naar Barendrecht overgeheveld, waar we ook een prachtige locatie hebben. Nu hebben we nog steeds regie over de keten, maar wel op een operationeel kostentechnische rendabele manier.
Wat betreft onze buitenlandse vestigingen, zoals in Italië, Frankrijk en Spanje, was het belangrijk om kritisch te kijken naar onze activiteiten en markten. In Frankrijk hadden we nog een contract voor twee jaar, maar de strategische waarde was beperkt. In Spanje opereerden we onder een lokale merknaam met lokaal product en een lokaal team, en daarmee geen focus op het kernproduct van The Greenery. Vanuit onze Focus 2025-strategie hebben we ons gericht op de markten waar we het meeste toegevoegde waarde kunnen bieden, zoals Nederland, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Frankrijk en Italië. We blijven klanten in deze landen bedienen vanuit een gecentraliseerd commercieel team.
Door de organisatie te vereenvoudigen en te stroomlijnen, hebben we ervoor gezorgd dat we vanuit één productvoorraad en één commerciële strategie onze klanten kunnen bedienen. Onze dochterondernemingen, zoals JH Wagenaar en E. van den Berg, blijven gespecialiseerd in respectievelijk stapelproducten en de Zwitserse markt en rapporteren aan commercieel directeur Willem-Jan Boelema. We hebben ook besloten om onze overzeese activiteiten van The Greenery Overseas en Blue Sky Cargo te beëindigen, omdat deze niet meer pasten binnen onze strategie. Dit geeft ons meer focus op onze mensen en middelen, waardoor
we effectiever kunnen opereren binnen de gedefinieerde markten.
Waarom is jullie aandeel in de Duitse markt relatief beperkt?
We streven er continu naar het beste rendement voor onze telers te realiseren. Hiervoor bedienen we een breed klantenpakket in Europa. De Duitse markt is groot en om op deze markt succesvol te zijn, moet je een groot deel van je productstroom daarheen sturen. Wij geloven dat we een beter rendement kunnen realiseren door onze producten over meerdere markten te verdelen.
Hoe belangrijk zijn nieuwe en online retailers voor jullie afzet?
Nieuwe en online retailers zijn een essentieel onderdeel van onze strategie. Samenwerkingen met bedrijven zoals
HelloFresh helpen ons innovatief te blijven en ons productaanbod te diversifieren. HelloFresh deelt onze visie op seizoensgebonden en lokale producten, wat ons helpt om een bredere markt te bereiken en geografisch mee te groeien met hun expansie. Dit soort partnerschappen stelt ons in staat om de versketen op een andere manier te benaderen en onze
producten aan te bieden aan een breder publiek.
Hoe zag de recente reorganisatie eruit? Onze keten is voortdurend in verandering. Dit betekent dat wij – net als veel andere organisaties - mee moeten blijven bewegen met deze veranderingen. Dat zal ook de komende jaren zo blijven. We richten ons toekomstig op maximale waardecreatie voor onze leden, waarbij we streven naar de hoogste uitbetaalprijs. Om dit doel te bereiken hebben we onlangs onze verkooporganisatie aangepast. Met één verkoopteam en een duidelijke opdracht zetten we onze telers nadrukkelijk centraal in onze organisatie en met een aangepaste werkwijze zorgen we voor meer efficiëntie en daarmee lagere kosten. Daarnaast gaan we werken vanuit een S&OP aanpak waarmee we een betere match op vraag en aanbod realiseren. Investeren in digitalisering en datagedreven werken betekent dat we minder mensen nodig hebben om tot besluiten te komen. Deze aanpassingen hebben ervoor gezorgd dat een aantal functies zijn komen te vervallen. Dit was een noodzakelijke stap, hoewel het niet altijd leuk is. Soms hebben mensen ook
zelf aangegeven liever niet mee te gaan in de transformatie die we hebben ingezet.
Hoe belangrijk is duurzaamheid voor jullie?
Duurzaamheid is voor ons en onze leden cruciaal en we hebben grote stappen gezet. We hebben een duidelijke visie ontwikkeld en werken binnen FVO aan een gezamenlijke duurzaamheidsagenda. Dit zorgt ervoor dat we effectiever kunnen investeren en niet concurreren op duurzaamheid, maar samenwerken. Er is echter nog steeds een gebrek aan een uniform Europees duurzaamheidsbeleid, wat leidt tot verschillende rapportagewensen van retailers in verschillende landen. Dit zorgt voor een administratieve last, maar we zijn vastbesloten om hierdoorheen te werken en onze duurzaamheidsdoelen te bereiken.
Hoe ziet de toekomst van de Nederlandse glastuinbouw eruit?
De Nederlandse glasteelt is een van de meest efficiënte sectoren die we hebben en speelt een grote rol in de mondiale voedselvoorziening. Ondanks sommige populistische visies geloof ik dat de glastuinbouw in Nederland zal blij-
ven bestaan door onze productiviteit en infrastructuur. Innovatie blijft essentieel en we blijven investeren in duurzame technologieën en methoden om aan de groeiende vraag naar efficiënte en milieuvriendelijke teelt te voldoen.
Wat is de rol van importproducten binnen The Greenery?
Onze exotendivisie blijft een belangrijk onderdeel van onze organisatie. Wat je wel ziet is dat we bij de importproducten risico-/rendementskeuzes maken. Onze primaire activiteit is eigen teeltproduct vermarkten en we vinden dat we daarom niet enorme risico’s kunnen nemen op importproducten. We hebben gekozen voor een afgeslankt portfolio waarbij we met collega’s die echte experts zijn binnen hun vakgebied – denk aan Elena Rogojnikova, Wilfred Heijstek en Sjaak van der Meij – een gezonde en winstgevende business kunnen runnen en die houden we ook zeker aan.
Hoe staat The Greenery Logistics ervoor?
Om antwoord te geven, is het belangrijk wat context te geven. De kortste route, direct van het land naar de klant is de meest logische aanpak. Producten zoals vollegrondsproducten en hardfruit van Nederlandse bodem raken onze loods bijna niet meer. We hebben onze logistieke infrastructuur hierop aangepast. We hebben strategische beslissingen genomen, zoals de sluiting van ons distributiecentrum in Breda en het verhogen van de efficiëntie in Barendrecht. In het RDC verwerken we ook steeds meer import volumes van derde partijen. Dit zijn seizoensgebonden stromen. Hierdoor blijft flexibiliteit essentieel voor onze logistieke operatie. De andere logistieke activiteiten zoals de versdistributie van Hol-
lander, de Fustloods en Dijco zijn stabiel en lopen goed door.
Wat is de status van de pilot met containervervoer over water?
We hebben besloten niet meer deel te nemen aan de pilot met containervervoer over water omdat onze importstromen beperkt zijn. Hoewel containervervoer over water voordelen kan bieden, moet je een duidelijke visie en voldoende volume
de retail storen me, gezien de uitdagingen die we hebben doorgemaakt. Zeker als ik zie waar wij als The Greenery met onze telers het afgelopen half jaar doorheen zijn gegaan, dan denk ik: ‘Kunnen we ook het échte gesprek met elkaar voeren?’ Daarnaast vind ik duurzaamheid interessant en geloof ik in minder praten en meer doen. Waarbij we moeten accepteren dat het een ontwikkelproces is. Dat vind ik zo mooi aan FVO. Gezamen-
Prijsverlagingen in de retail storen me, gezien de uitdagingen die we hebben doorgemaakt
hebben om het rendabel te maken. Voor ons was de omvang niet groot genoeg om door te gaan met de pilot.
Hoe spelen AI, robotisering en digitalisering een rol binnen The Greenery?
Digitalisering en AI zijn essentieel voor ketenefficiëntie. We gebruiken AI onder andere voor planningsmodellen en prijsvoorspellingen en robots voor repeterende taken. In de toekomst zullen we hier dan ook steeds meer op inzetten. We hebben intern en extern experts die ons helpen bij het ontwikkelen en implementeren van deze technologieën.
Waar wil je je persoonlijk hard voor maken?
Onze missie is om groenten en fruit bereikbaar te maken voor iedereen. Ik vind dat we als keten hier nog meer stappen in kunnen zetten. Prijsverlagingen in
lijk investeren we in dezelfde duurzaamheidsagenda. Dat zorgt ervoor dat je er niet op concurreert, maar dat je samenwerkt. En dat mag soms een beetje pijn doen.
Ondanks de uitdagingen vind ik het een mooie puzzel om met collega’s en telers – van ervaren mensen tot jonge talenten – dagelijks mee bezig te zijn. We hebben veel interactie met onze telers en zetten dit voort op onze bijeenkomsten. ‘De teler op 1’ is een actieve keuze die we uitspreken. Het is belangrijk dat zowel telers als klanten begrijpen dat we er voor en door de telers zijn. (IH/MW)
www.thegreenery.com
Knoflookadem is een echt probleem voor knoflookliefhebbers, vooral Grieken. Wetenschappers hebben ontdekt dat Grieken ook een eigen effectieve remedie hebben. De onderzoekers kwamen erachter dat het eten van volle melk yoghurt de beste manier is om van knoflookadem af te komen. Het eiwit in yoghurt neutraliseert de geur en werkt de zwavelverbindingen die het veroorzaken tegen. De studie toonde aan dat Griekse yoghurt, vanwege zijn hogere eiwitgehalte, het meest effectief is.
Menno Hogenelst, Dole Europe:
“Eerste Zuid-Afrikaanse grapefruit en citroenen arriveren niet op lege markt”
“We zijn net begonnen met de eerste Zuid-Afrikaanse grapefruit en ze zijn kwalitatief goed ontvangen,” zegt Menno Hogenelst van Dole Europe half mei. Hij ziet dat waar gebruikelijk de Zuid-Afrikaanse grapefruit op een lege markt begint, dit nu niet het geval is. “Er is nog product van Europese en Turkse origine in de markt.”
Daarnaast stelt Menno vast dat de grapefruit vooral onder jongeren aan populariteit inboet waardoor de consumptie van grapefruit al langere tijd daalt. “Grapefruit is de laatste jaren een uitdagende markt geweest. Er is wel een doelgroep voor grapefruit, met name in Oost-Europa en in Frankrijk is de grapefruitconsumptie op peil gebleven. Al horen we van onze Franse collega’s dat ook daar in de supermarkten de consumptie stagneert.”
De prijzen staan daardoor ook wat onder druk, ziet Menno. “Normaal zijn de maand mei en het staartje van het seizoen in september de tijden waarop de prijzen voor de Zuid-Afrikaanse grapefruit het best zijn. “En dan hebben we nog het geluk dat het aanbod wat minder is, omdat in
Zuid-Afrika de prijzen voor de verwerking en sap erg goed zijn. Dus categorie II of grapefruit in impopulaire maten, worden niet naar Europa geëxporteerd.”
WAKEN VOOR OVERAANBOD
Menno ziet dat de markt voor grapefruit erbij gebaat is als die niet overvoerd wordt met product. “Een te groot volume op de Europese markt is een marktbedreiging. Vorig jaar hebben we gezien dat als Zuid-Afrika het aanbod een beetje onder controle kan houden, de Europese markt een gezonde markt voor grapefruit is. Maar het is wel een markt die gevoelig is voor overaanbod, waardoor de prijzen kunnen wisselen en dat is voor telers in Zuid-Afrika en importeurs in Europa een risico. Een risico, wat met alle geste-
gen kosten, steeds moeilijker te compenseren is.”
De eerste Zuid-Afrikaanse citroenen zijn half mei onderweg naar Dole, geeft Menno aan. Hij verwacht eenzelfde soort marktontwikkeling als bij de grapefruit. “De citroenen arriveren op een markt die niet helemaal leeg is; er is nu nog best wat Spaans product op de markt, al zijn er altijd klanten die direct naar de nieuwe Zuid-Afrikaanse oogst willen overschakelen. In het begin van het seizoen zal het Zuid-Afrikaanse citroenenaanbod wat lager zijn, waardoor ik gezonde prijzen verwacht.”
VOLDOENDE VOLUME VERWACHT
Menno verwacht dat het volume voor alle Zuid-Afrikaans citrus voldoende zal zijn, maar dat het aanbod door de sterke lokale sapmarkt niet gigantisch zal zijn. “Telers zullen het rekensommetje maken of het interessant is om voor de Europese versconsumptie te verpakken.” Een aspect dat ook een rol speelt bij het aanbod is de ziekte Citrus Black Spot in sinaasap-
pel. “Door de klimaatverandering was er vorig jaar op verkeerde momenten in het seizoen veel regen waardoor bepaalde vooroogstbehandelingen niet konden worden uitgevoerd en we veel Citrus Black Spot hebben gezien. Daardoor zijn er boomgaarden die geheel of deels op de Europese zwarte lijst zijn geplaatst voor dit seizoen, waardoor dat volume sowieso niet naar Europa kan komen.”
De Zuid-Afrikaanse Dole-telers voorzien dat de wereldwijde markt voor sinaasappelconcentraat nog wel even sterk zal blijven. Menno geeft aan dat dit komt door problemen met boomziektes op plantages in Brazilië. “Veel van de concentraten, ook bijvoorbeeld voor bedrijven als
Coca-Cola, werden geleverd vanuit Brazilië. Door een vorm van citruskanker is er een grote hoeveelheid Braziliaanse sinaasappelboomgaarden verloren gegaan. De verwerkende partijen hebben de laatste drie jaar op hun reserves ingeteerd en nu die opgebruikt zijn, is er tijd nodig om die reserves weer op het juiste niveau te brengen. Daarom zijn de Zuid-Afrikaanse telers optimistisch dat de sterke sapmarkt op langere termijn aanhoudt.”
OOK MARKT VOOR VERSCONSUMPTIE BEHOUDEN
Toch gaat hij er niet vanuit dat de focus op de sapmarkt veel gevolgen zal hebben voor de aanvoer van Zuid-Afrikaans
citrus op de Europese markt. “Europa is qua volume heel erg belangrijk voor Zuid-Afrika, dat zal niet gelijk wegvallen. Op de langere termijn zullen Zuid-Afrikaanse telers ook de markt van de versconsumptie moeten blijven behouden. In Europa zal er altijd een stevige markt zijn voor onder meer premium citrus en voor citrus in netjes in supermarkten,” besluit Menno. (MW)
Menno.hogenelst@doleeuropebv.com
Onderzoekers van de Tianjin University of Science and Technology in China hebben gekeken naar hoe polysacchariden van paarse zoete aardappelen (PSP) muizen kunnen helpen met maagzweren veroorzaakt door ethanol.
Ze ontdekten dat PSP de zuurgraad en de pepsineactiviteit in de maag, belangrijke factoren bij maagzweren, aanzienlijk verminderden. Ze vonden ook dat PSP de maagzweerindex verlaagde. Verder onderzoek naar hoe PSP werkt, liet zien dat het
de ontstekingsbevorderende cytokines (TNF-α, IL-1β, IL-6) verminderde en de ontstekingsremmende cytokine IL-10 verhoogde, wat suggereert dat het een balancerend effect heeft op het immuunsysteem.
Daarnaast bleek dat PSP het immuunsysteem van het lichaam versterkte door het verhogen van de niveaus van immunoglobulinen IgM en IgG, complementen C3 en C4, de activiteit van peritoneale macrofagen, en de expressie van CD4+/CD8+ lymfocyten in de milt. Het onderzoek verbond deze effecten met de activering van de PI3K/Akt/ Rheb/mTOR signaalroute, wat aangeeft dat PSP een rol speelt bij het verbeteren van cellulaire functies en stressresponsen die essentieel zijn voor de bescherming van het maagslijmvlies.
Dit onderzoek voegt zich bij andere studies die natuurlijke stoffen onderzoeken voor de behandeling van maagzweren, en benadrukt het potentieel van deze stoffen als alternatief voor traditionele medicijnen. De bevindingen dragen bij aan ons begrip van hoe PSP de menselijke gezondheid kan beïnvloeden en markeren een belangrijke vooruitgang in de zoektocht naar nieuwe behandelingen voor maagzweren.
De Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO) meldt dat in 2022 wereldwijd 5.940.149 hectare land werd gebruikt voor de bananenteelt, wat neerkomt op een mondiale productie van 135.112.326.37 ton bananen.
Gebaseerd op cijfers uit 2022 van de FAO. Economische en exportgegevens zijn verstrekt door de Observatory of Economic Complexity (OEC)
Productie 34.528.000 ton
Export $170 miljoen
In 2022 exporteerde India voor 170 miljoen dollar aan bananen. De belangrijkste bestemmingen voor de Indiase bananenexport waren Iran ($43,9 miljoen), Irak ($31,4 miljoen), de Verenigde Arabische Emiraten ($28 miljoen), Oman ($13,7 miljoen) en Koeweit ($12,6 miljoen).
Productie 11.776.800 ton
Export $23,4 miljoen
China exporteerde in 2022 voor $23,4 miljoen aan bananen. Het merendeel van de door China geëxporteerde bananen werd verscheept naar Hong Kong ($16 miljoen), Macau ($2,05 miljoen), de Verenigde Staten ($1,77 miljoen), Mongolië ($1,55 miljoen) en Nigeria ($1,21 miljoen).
Bananen zijn diep verankerd in het Indiase eetpatroon en de Indiase cultuur en er is een schat aan verschillende variëteiten verkrijgbaar. Bananen zijn zo belangrijk voor het Indiase leven dat bijna alle bananen in eigen land worden geconsumeerd. Slechts ongeveer één
Productie 9.245.427 ton
Export $8,83 miljoen
In 2022 exporteerde Indonesië voor 8,83 miljoen dollar aan bananen. De meeste van deze bananen werden verzonden naar Maleisië ($3,3 miljoen), Singapore ($1,97 miljoen), China ($1,61 miljoen), Japan ($1,48 miljoen) en Oman ($379 miljoen).
Productie 6.854.222 ton Export $39,9 miljoen
Brazilië exporteerde in 2022 voor $39,9 miljoen aan bananen. De belangrijkste bestemmingen van Braziliaanse bananen waren Argentinië ($18,8 miljoen), Uruguay ($14,7 miljoen), het Verenigd Koninkrijk ($2,11 miljoen), Slowakije ($1,35 miljoen) en Duitsland ($1,12 miljoen).
Productie 8.019.203 ton Export $23,3 duizend
De meeste Nigeriaanse bananen worden niet geëxporteerd. In 2022 exporteerde het West-Afrikaanse land slechts voor 25,3 duizend dollar aan bananen. Van de bananen die het land uit werden gestuurd, werden de meeste geëxporteerd naar Groot-Brittannië ($11,1k), Canada ($8,75k), Georgië ($2,33k), Niger ($1,46k) en de Bahama’s ($981).
Productie 6.078.788 ton Export $3,68 miljard
Ecuador is de zesde grootste bananenproducent ter wereld, maar wel de grootste exporteur van het fruit. Ecuador exporteerde in 2022 voor 3,68 miljard dollar aan bananen.
De belangrijkste bestemmingen voor Ecuadoraanse bananen waren Rusland ($780 miljoen), de Verenigde Staten ($561 miljoen), Nederland ($263 miljoen), Turkije ($174 miljoen) en Argentinië ($155 miljoen).
Productie 5.899.704,79 ton
Export $1,41 miljard
In 2022 exporteerde de Filipijnen voor 1,41 miljard dollar aan bananen. De meeste van deze bananen werden geëxporteerd naar Japan ($653 miljoen), China ($406 miljoen), Zuid-Korea ($197 miljoen), Saoedi-Arabië ($22,9 miljoen) en Hong Kong ($21,2 miljoen).
Productie 4.589.099 ton
Export $6,78 miljoen
In 2022 exporteerde Angola voor 6,78 miljoen dollar aan bananen. Het grootste deel van deze Angolese bananenexport ging naar Portugal ($6,22 miljoen), terwijl veel kleinere hoeveelheden naar de Republiek Congo ($457k), Frankrijk ($35,5k), Panama ($25,2k) en de Democratische Republiek Congo gingen. ($14,8k).
Bananen bevatten prebiotica die de spijsvertering bevorderen en bevatten een hoog gehalte aan polyfenolen en fytosterolen, plantaardige stoffen die de algehele gezondheid ondersteunen
Volgens de International Fresh Produce Association is de banaan het populairste fruit in de VS. De gemiddelde Amerikaan eet jaarlijks 27 kilo bananen. Ter vergelijking: een gemiddelde Amerikaan eet ongeveer 15 kilo appels per jaar.
Productie 4.762.666,77 ton
Export $1,12 miljard
Guatemala exporteerde in 2022 voor 1,12 miljard dollar aan bananen, waarvan het overgrote deel naar de Verenigde Staten werd verscheept. De VS importeert meer bananen uit Guatemala dan enig ander land, met een jaarlijkse waarde van $1,01 miljard. Andere, veel kleinere bestemmingen voor de Guatemalteekse bananenexport zijn Canada ($19,5 miljoen), het Verenigd Koninkrijk ($12,7 miljoen), Polen ($12,2 miljoen) en Nederland ($9,68 miljoen).
Productie 3.500.800,33 ton
Export $1,02 miljoen
Tanzania exporteerde in 2022 voor $1,02 miljoen aan bananen. De belangrijkste bestemmingen voor de Tanzaniaanse bananenexport waren Zambia ($486k), Malawi ($371k), Duitsland ($46,5k), Kenia ($41,3k) en Burundi ($33,7k).
Er zijn meer dan 1.000 verschillende soorten bananen
De banaan is een supergezonde vrucht
(bron: Healthline)
Bananen bevatten weinig calorieën en geen cholesterol, natrium of vet
Eén banaan bevat 26% van de aanbevolen dagelijkse waarde (ADH) van vitamine B6, 12% van de ADH van vitamine C, 8% van de ADH van magnesium en 7% van de ADH van kalium
het zich tot een inkoopvoorwaarde?
De totale omzet van voeding in supermarkten groeide in 2023 met 9,5%. De omzet van voedselproducten met onafhankelijk keurmerk groeide met 22%, wat dus aanzienlijk hoger is. Onafhankelijke keurmerken bieden consumenten duurzame opties, maar wat zeker bij On the Way to PlanetProof speelt, is dat het keurmerk soms voor supermarkten ook een inkoopvoorwaarde is en niet zichtbaar voor de consument. Is duurzaamheid nog een keuze? En wie betaalt?
Hoewel het Beter Leven Keurmerk met afstand het grootste keurmerk is, valt op dat in AGF forse stappen zijn gemaakt. Uit de laatste cijfers van de Monitor Keurmerken Retail van onderzoeksbureau Circana blijkt dat het omzetaandeel AGF met keurmerk On the Way to Planet Proof aanzienlijk meer is gegroeid dan het gemiddelde van 22% (zie tabellen Omzetaandeel keurmerken), vooral dankzij aardappelen. Ook groenten steeg flink. Daarnaast zette de groei van Biologisch EU door, waarbij vooral de groei in fruit opvalt. In deze cijfers van Circana zijn alle supermarkten meegenomen behalve de Aldi en Lidl. Aangezien beide formules aangeven dat On the Way to PlanetProof een inkoopvoorwaarde is voor Nederlands product, zal het omzetaandeel keurmerken nog een stuk hoger liggen. Omzetcijfers van keurmerken in andere afzetkanalen dan supermarkten,
zoals horeca, catering markten en speciaalzaken, zijn nauwelijks beschikbaar.
EMOTIONELE MEERWAARDE
Volgens ketenmanager Maurits Steverink (True Food Projects) en coördinator van de MKR 2023 tonen de jaar-opjaar groeicijfers van keurmerken aan dat verduurzaming van het voedselsysteem gedreven wordt door de wens van de consument. De markt vraagt en supermarkten spelen hier volgens Steverink steeds meer op in. Hoe bekender het keurmerk, hoe makkelijker je dit kunt vertalen naar een hogere prijs die de consument bereid is te betalen. “Het is essentieel dat een keurmerk bekendheid verwerft en emotionele waarde krijgt om een loyale consumentenbasis op te bouwen en de meerprijs te rechtvaardigen. Momenteel wordt er hard gewerkt aan het vergroten van de bekendheid van het On the Way to
PlanetProof-keurmerk, vooral in de zuivelsector door bedrijven als FrieslandCampina, maar ook bij HAK. We zien ook dat dit keurmerk steeds breder wordt omarmd in het assortiment van verschillende winkelketens,” legt Steverink uit.
Ook van overheidswege is er aandacht voor duurzaamheidinspanningen van supermarkten. Het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselveiligheid lanceerde begin maart het Dashboard Duurzaamheid Supermarkten dat moet leiden tot meer transparantie. Op het dashboard wordt het aandeel zichtbaar gemaakt van onder andere Biologisch EU, On the Way to Planet Proof, Fairtrade en Rainforest Alliance (inclusief UTZ Certified), de topkeurmerken die relevant zijn voor de AGF-sector. De inspanningen van Albert Heijn, Aldi, Jumbo, Lidl en Plus tot en met 2022 zijn inmiddels in kaart gebracht (zie Tabel Dashboard Keurmerken).
Door de enorme afzetmarkt van voedsel, zijn supermarkten een spil in de duurzaamheidstransitie. Er wordt van ze verwacht hieraan een bijdrage te leveren en ze doen dat ook. Volgens Steverink zijn retailmerken inmiddels een stuk verder met verduurzaming dan A-mer-
Percentage On-pack keurmerken van voedselomzet
Het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft een dashboard ontwikkeld dat gericht op de duurzaamheid van de voedingsmiddelen die door supermarkten in Nederland worden verkocht. Op dit moment biedt dit dashboard informatie over vijf Nederlandse supermarktketens: Albert Heijn, Aldi, Jumbo, Lidl en PLUS. Keurkerken zijn een van de indicatoren van het dashboard. Gemeten is het aandeel producten waarbij het keurmerk wel zichtbaar is op de verpakking in 2022.
Noot: Albert Heijn biedt een groot aandeel van voedselproducten met het eigen bedrijfslogo Beter Voor Natuur & Boer (10,3% van de omzet van voedsel in 2022).
Percentage On-pack keurmerken van voedselomzet
Supermarkt AH
% A-merk % huismerk
Noot: Albert Heijn biedt een groot aandeel van voedselproducten met het eigen bedrijfslogo
ken. “Gekeken naar de hele foodomzet bij supermarkten, bedraagt de A-merkomzet 51% en die van huismerken 49%. Gekeken naar de omzet binnen onafhankelijke keurmerken, is de A-merkomzet 28% en die van huismerken 72%.” Ook voor A-merken is duurzaamheid prioriteit, maar deze werken eerder met eigen standaarden op het gebied van duurzaamheid. Steverink noemt McCain als voorbeeld. De aardappelverwerker zegt toe te werken naar een volledig regeneratieve aardappelteelt in 2030. “Regeneratief is een nieuwe maar nog ongedefinieerde term, waar nog helemaal geen criteria aan zijn opgehangen. Dit kan dus ook een modieuze manier zijn om je merk
Biologisch EU Fairtrade On the Way to PlanetProof Rainforest Alliance (inclusief UTZ Certified)
Supermarkt Aldi
TRANSPARANTIE
Supermarkten zijn ook schakel in de keten en kunnen zich voor Chain of Custody van On the way to PlanetProof laten certificeren. Aldi, Dirk, Jumbo en Lidl hebben inmiddels het PlanetProof certificaat voor AGF-producten. Elk supermarktfiliaal moet een toegewijde medewer-
te laden door greenwashing. Albert Heijn werkt ook met eigen criteria in hun Beter Voor Boer en Natuur-programma’s, maar werkt toe naar een status als onafhankelijk keurmerk. Gelukkig zijn retailers over het algemeen lekker no-nonsense en zien we dat de meeste formules in het geval van hun huismerken kiezen voor een onafhankelijk keurmerk, wat transparant is en door de consument meegenomen wordt,” ligt Steverink toe. “Wat vaak nog wordt onderschat is dat een onafhankelijk keurmerk de hele toeleveringsketen borgt, dus van de grond tot aan de verpakking met het keurmerk erop waar de consument zijn hand naar moet uitsteken voor een meerprijs. Met een onafhankelijk keurmerk is van elke tussenschakel die verwerkt of handelt, de in- en output geborgd en zit in de verpakking voor de consument ook werkelijk het product dat met extra eisen is geteeld, dus waar voor je geld. Wanneer merken met eigen standaarden werken is de keten heel vaak niet geborgd.”
Omzet aandeel Biologisch EU keurmerk inclusief online
Omzet aandeel OPP-keurmerk supermarkten inclusief online
ker hebben die ervoor zorgt dat aan alle eisen wordt voldaan, en het hoofdkantoor wordt twee keer per jaar gecontroleerd door een onafhankelijke certificeringsinstelling. Stefanie de Kool, Manager Plantaardige Productie van Stichting Milieukeur (SMK) en eigenaar van het keurmerk, verduidelijkt: “Aan certificatie gaat een grondig proces vooraf, waarbij de betrouwbaarheid van het gecertificeerde product door de hele keten wordt gewaarborgd. Dit houdt in dat bij onverpakte producten de hele keten, van teelt tot schap, PlanetProof gecertificeerd moet zijn. Door deze ketencontrole kunnen gecertificeerde winkels naast verpakt product ook onverpakte producten met het keurmerk verkopen. Voor verpakte producten geldt de verplichting voor ketencertificatie niet, aangezien na verpakking vermenging van gecertifi-
ceerde en ongecertificeerde producten niet mogelijk is.”
VERWAARDING
Volgens SMK hebben de meeste Nederlandse supermarkten PlanetProof als inkoopvereiste voor groente en fruit dat in Nederland en sommige Europese landen is geproduceerd. Aldi en Lidl rapporteren vrij nauwkeurig over het aandeel PLANETPROOF en het aandeel Nederlands product dat ze verkopen, Jumbo en Dirk doen dat in termen van “het meeste van het AGF komt van Nederlandse bodem en is grotendeels PlanetProof gecertificeerd.”Chain of custody certificatie biedt gecertificeerde supermarkten flexibiliteit in de keus om per product al dan niet verpakt te verkopen, het garandeert niet dat al het AGF-product in de supermarkt een keurmerk heeft. De gecertificeerde supermarkten hebben
immers ook de vrijheid te kiezen om producten zonder keurmerk uit het buitenland in te kopen. Richting consument kan dat voor onduidelijkheid zorgen, zeker wanneer de supermarkt niet actief, communiceert welke producten een keurmerk hebben. Dat maakt het verwaarden van het keurmerk een grotere uitdaging.
Supermarkten en ketenpartijen zijn niet echt transparant over het vergoeden van de extra investeringen die telers doen om te kunnen voldoen aan het keurmerk, terwijl ze dit als inkoopeis stellen. SMK zinde daarom op een vergoedingsregeling die telers meer duidelijkheid zou moeten geven. Deze werd begin mei toegestaan door de Autoriteit Consument en Markt (ACM). “Voor veel producenten is het niet duidelijk of, en zo ja in hoeverre, zij worden gecompenseerd voor de productie
onder het PlanetProof keurmerk. Dit initiatief neemt die onzekerheid weg en de transparantie draagt bij aan de maatschappelijke en politiek breed gedragen behoefte aan een beter verdienmodel voor duurzame boeren,” licht de Kool toe. “Dit hebben de partijen destijds in het Landbouwakkoord proberen vast te leggen, maar toen dat niet doorging, hebben we zelf een regeling ontwikkeld in samenwerking met o.a. de retail en producenten en aan de ACM akkoord gevraagd voor dit initiatief.”
ACM concludeerde begin mei dat niet waarschijnlijk is dat de duurzaamheidsvergoeding de concurrentie beperkt: “Invoering van deze duurzaamheidsvergoeding is daarom volgens de concurrentieregels toegestaan. De vergoeding heeft een duidelijk duurzaamheidsdoel. Bovendien is het niet aannemelijk dat door de vergoeding de consumentenprijs merkbaar zal stijgen. De teler en de supermarkten blijven vrij om hun eigen prijs te bepalen. Bovendien beslaat de vergoeding slechts een klein deel van de prijs.”
PlanetProof is daarmee het tweede keurmerk dat via een premie de primaire sector tegemoetkomt. Fairtrade hanteert al een vaste, niet onderhandelbare premie. Deze wordt betaald aan de coöperatie waar de boer lid van is of aan het premiecomité op plantages. De leden beslissen gezamenlijk hoe de premie besteed wordt. Om telers en boeren meer zekerheid te bieden, hanteert Fairtrade minimumprijzen per productsoort. Deze minimumprijs dient als vangnet als de wereldmarktprijs laag is en is gebaseerd op de kosten van duurzame productie. PLUS bracht onlangs cijfers naar bui-
ten over de Fairtrade premie die zij hebben uitbetaald voor Fairtrade bananen en tomaten. Om precies te zijn bedraagt de door PLUS afgedragen premie voor 12.736.155 kg bananen 651.632 euro en voor 503.802 kg tomaten 202.805 euro.
‘GEDRAAG JE ALS A-MERK’
Overigens pleit Steverink ervoor dat de Nederlandse AGF-sector zich niet als lijdend voorwerp opstelt in de duurzaamheidstransitie en het voldoen aan onafhankelijke keurmerken, die zichtbaar voor de consument worden omarmd. “De duurzaamheidstrend verdwijnt niet en dwingt ondernemers om keuzes te maken. Gok je op de wereldmarkt met een handelsoriëntatie of wil je een rol spelen als partners in een keten met retail en samenwerken om beter te presteren in de markt,” zegt Steverink. “Het is belangrijk om te erkennen dat onderhandelen een normaal onderdeel is van zakendoen, ook binnen ketensamenwerking. Waar ik me wel eens over kan verbazen is dat je soms klaagverhalen leest over retailers die bij-
voorbeeld niet genoeg voor uien willen betalen. Maar als je als leverancier liever uien aan Senegal dan aan de retail levert, omdat je voor de beste prijs gaat, moet je niet piepen als een retailer scherp met je onderhandelt als je met overschotten zit en de uien in Nederland kwijt wilt. Dat is nu eenmaal de aard van het spel, je oogst wat je zaait. Het is aan leveranciers om hiermee om te gaan en hun positie te versterken. Een keurmerk kan daarin een rol spelen. Duurzaamheid is een duidelijke trend die alleen maar sterker wordt. Het biedt een kans om actief deel te nemen aan de markt als ketenspeler en je samen als ketenspelers je als een A-merk moet gedragen,” besluit hij. (ML)
s.dekool@smk.nl maurits@truefood.nl
Chunk, een bosmarmot met een liefde voor sappige tomaten, werd ontdekt door moestuinier Jeff Permar. Chunk’s brutale capriolen, vastgelegd door een camera die Jeff installeerde, gingen viraal. Ondanks pogingen van Jeff om zijn tuin te beschermen, bleef Chunk terugkomen voor zijn favoriete lekkernijen. Uiteindelijk kreeg Chunk vrije toegang tot de tuin, waar hij zich tegoed doet aan tomaten en wortels. Zijn smakkende en morsende eetgewoonten, samen met zijn charme, bezorgen hem honderdduizenden social media volgers. En Chunk is niet langer alleen - zijn vriendinnetje Nibbles vergezelt hem nu voor de camera.
“Druivenveredelaar
Sun World International, een wereldwijd opererend bedrijf dat fruitrassen ontwikkelt en in licentie geeft, heeft in China frauduleuze activiteiten op het populaire sociale mediaplatform TikTok kunnen stilleggen.
Onlangs werd Sun World zich bewust van onbevoegde individuen die probeerden het bedrijf op TikTok te vertegenwoordigen. Ze beweerden ten onrechte dat ze verbonden waren met Sun World en technische ondersteuning boden voor Autumncrisp®, een veel gevraagd gepatenteerd groen pitloos druivenras dat ontwikkeld is door en eigendom is van Sun World.
Het juridische team van Sun World ondernam snel actie door een klacht in te dienen bij TikTok om de frauduleuze content aan te pakken. Het
sociale mediaplatform verwijderde meteen de misleidende advertenties.
Sun World benadrukt dat elke partij die Sun World-druiven wil telen, die onder gerenommeerde consumentenmerken worden vermarkt zoals Ruby Rush (Tm), Autumncrisp, Midnight Beauty®, Sable Seedless®, Adora Seedless® en Scarlotta Seedless® een geldige licentie van Sun World moet verkrijgen. Het bedrijf blijft onverminderd zijn intellectuele-eigendomsrechten beschermen en de integriteit van zijn rassen en merken waarborgen.
Michael Stimson, vicevoorzitter Intellectueel Eigendom bij Sun World: "Sun World hanteert een nultolerantiebeleid tegen inbreuken. We ondernemen juridische stappen tegen elke entiteit die pro-
beert ons intellectueel eigendom onrechtmatig te exploiteren," verklaart Stimson.
Ook andere veredelaars ondernemen juridische stappen om hun gepatenteerde
soorten en handelsmerken te beschermen. Het onderstreept het belang van het behouden van intellectuele-eigendomsrechten in de AGF-sector.
“In moeilijke tijden is het fijn om begeleid te worden.”
- Yann Jacques, Glastuinbouwondernemer bij Les Serres du Val
Ondanks twee zware stormen behoudt het glastuinbouwbedrijf Les Serres du Val in Frankrijk zijn bedrijfscontinuïteit dankzij de steun van Hagelunie. “Hagelunie reageerde snel door reparatieteams te mobiliseren,” vertelt Yann Jacques, glastuinbouwondernemer bij Les Serres Du Val. Dankzij bezoeken op locatie en een snelle schadeafhandeling werd de impact beperkt. “In moeilijke tijden is het fijn om begeleid te worden” voegt Yann toe. Met succes heeft Yann zijn bedrijf hersteld, waardoor ze snel weer nieuwe komkommers konden planten.
Lees het verhaal van Yann Jacques
klantbehoeften, waaronder dus ‘gemak’. Deze analyses lieten zien dat de klantbehoefte aan ‘gemak’ enorm doelgroepgerelateerd is. Een goed voorbeeld vormt de klantbehoefte aan verse kant-en-klaarmaaltijden. De twee kaartbeelden laten de enorme verschillen zien.
Gemak is een trend in de supermarktsector die aan invloed wint. Consumenten hebben een groeiende behoefte aan gemaksassortiment en formules spelen daar steeds sterker op in. Spar is op het gebied van gemak een echte voorloper en profileert zich op een innovatieve manier de afgelopen jaren nadrukkelijk als gemakswinkel met een groeiend accent op foodservice. Goede voorbeelden daarvan zijn de introductie enkele jaren geleden van The Tosti Club binnen het Spar-concept en meer recenter de Foodclub. Dit concept met verse maaltijden wordt de komende maanden verder uitgerold.
Jumbo heeft de afgelopen jaren dankzij de overname van La Place flink aan de weg getimmerd met foodservice (zoals belegde broodjes in de winkel) en sinds kort laat ook Albert Heijn zien dat gemak een categorie is waar nog een wereld te winnen is. Prijs is ondergeschikt aan de klantbehoefte aan gemak, snel en gezond. Belangrijk voordeel is dat het margeprofiel van ‘gemak’ erg aantrekkelijk is.
Bureau van der Weerd heeft aan de hand van het Whize-doelgroepsegmentatiemodel analyses gemaakt van verschillende
Doelgroepen met een grote behoefte aan verse kant-en-klaarmaaltijden zijn zeer sterk vertegenwoordigd in de binnenstad van Amsterdam (index ver boven de 100), terwijl deze klantbehoefte op het platteland van Friesland en Groningen juist enorm beperkt is (index ver beneden de 100). De klantbehoefte aan ‘gemak’ is vooral aanwezig in stedelijke gebieden. Niet alleen in de vier grote steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht, maar ook in Groningen, Eindhoven of Haarlem. In steden met veel studenten zie je vaak een grote klantbehoefte aan verse kant-en-klaarmaaltijden.
Interessant is dat studenten (of meer Generatie Z in het algemeen) makkelijk meer besteden aan gemak. Bestedingen aan ‘food & beverage’ liggen onder deze doelgroep doorgaans ook hoger dan het landelijk gemiddelde. Paradoxaal genoeg ligt het gemiddeld besteedbaar inkomen van deze doelgroep juist weer aanzienlijk lager; ofwel deze doelgroep geeft graag geld uit aan ‘convenience’ en heeft een sterke ‘out of home’ oriëntatie wat betreft eten en drinken (veel onderweg, frequent horecabezoek).
Inzicht in de geografie van de klantbehoefte aan ‘gemak’ helpt formules en ondernemers om te bepalen of het vergroten van gemaksassortiment in hun marktgebied daadwerkelijk gaat leiden tot meer omzet en verbetering van het margeprofiel. Heeft het zin om een uitgebreide lijn aan verse kant-en-klaarmaaltijden uit te rollen of kan ik mij beter richten op een meer biologisch assortiment in mijn winkel? Relevante vragen die onderbouwd beantwoord moeten worden om te zorgen dat investeringen terug kunnen worden verdiend.
Jeroen van der Weerd Supermarkt geograaf
www.bureauvanderweerd.nl
Uitdagingen voor De Rond Agro:
“Weersgrillen kenmerken wispelturig rabarberseizoen”
De grillen van de markt zijn bij nicheproducten vaak nog net iets zichtbaarder dan bij commodities. Rabarber is zo’n nicheproduct, dat in Nederland misschien iets minder gekend is, maar wel geliefd is in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk. Toch kan een pallet meer of minder al snel voor grote veranderingen zorgen. Die wispelturigheid blijkt dit jaar grote uitdagingen op te leveren, zo stelt Rob de Rond van De Rond Agro. “Weersgrillen kenmerken dit rabarberseizoen. Je bent uiteraard altijd afhankelijk van de natuur, maar als er zo veel gebeurt als dit jaar, kun je toch wel spreken van een enerverende teelt. Momenteel is er een schreeuwend tekort en zijn de prijzen voor natuurrabarber hoger dan ik ooit heb gezien,” aldus de ervaren teler uit het Brabantse Hoeven.
De Rond Agro
Gors 127
In Hoeven baat Rob, samen met zijn ouders en broer Rick, de Rond Agro uit, waarbij hij naast rabarber ook bloemkool, paksoi en vollegrondsradijs op zo’n 90 hectare teelt. Deze worden grotendeels vermarkt via The Greenery en inmiddels is de overgang van de geforceerde rabarber naar het zomerseizoen van de buitenteelt vanaf midden maart ingezet. Het familiebedrijf volgt een strakke teeltplanning om de rabarber 11 maanden per jaar aan te bieden. “Al vroeg in het jaar was er eigenlijk al wat onrust,” legt Rob uit. “De week voor Pasen was er een explosie aan rabarber. Zowel geforceerd als tunnel, maar ook de eerste natuurra-
4741 TC Hoeven
T: +31(0)6 12924345
E: rob@derondagro.nl www.derondagro.nl
barber onder folie kwamen op de markt, waardoor we wel kunnen stellen dat het seizoen niet zo best startte. Dramatisch wil ik het niet noemen, maar toch zeker zeer uitdagend. Er was veel aanbod en lage prijzen. Wij moesten met de geforceerde teelt, wat normaliter op een stuk hoger prijsniveau ligt, concurreren met de buitenteelt. Dat zijn natuurlijk twee totaal verschillende producten, waardoor er eigenlijk niet mee te concurreren valt, maar het was wel wat de klok sloeg.”
Dit hield, zo stelt de teler, aan totdat hij zelf met de buitenteelt begon rond midden maart. “Op dat moment merkte je dat er links en rechts toch wat muziek in de markt begon te komen. Althans, dat bleek van korte duur, want vervolgens kregen wij, en met ons heel rabarbertelend Nederland, een portie hagel op ons dak. Zoiets hadden we eigenlijk nog nooit meegemaakt. Dat we elkaar als collega’s in de nacht appjes sturen om te vragen hoe hard ze geraakt zijn en wat de schade was. Het bleek dat er op alles dat buiten stond wel een bepaalde mate van hagelschade was te vinden. Het heeft echt fors toegeslagen. In die mate dat wij ook gewoon een hoeveelheid weg hebben moeten gooien. Overigens hebben we ook wat percelen met zichtbare schade moeten laten staan. Puur en alleen omdat het anders echt te gek werd. Je wilt namelijk niet zonder product komen te zitten, dus we moesten wel werken met product dat misschien minder dan perfect was. Dit geldt overigens voor heel Nederland, zeker toen we erna ook nog een paar dagen pittige nachtvorst om de oren kregen. Temperaturen van -2 en -3 graden Celsius helpen ook wel mee in de misère.”
AANSLUITING OP HERGROEI
Het gevolg is dat er opeens fors minder volume is en men aan het kijken is hoe ze het seizoen door kunnen gaan lopen. “Je hoort dat iedereen nu aan het wachten is op de hergroei van de rabarber. Normaal gesproken komt de buitenteelt namelijk pas in juni in zomerrust, maar omdat de rabarber door de warme winter en voorjaar al in februari is gaan groeien, zijn ze nu een maand eerder in zomerrust gegaan. Het is daarom nog maar afwachten of ze nog gaan groeien en of de markt na de zomerrust nog zit te wachten op de rabarber. Bovendien willen we ook doorlopend blijven oogsten tot de hergroei er is, waardoor we uitermate voorzichtig moeten zijn met het plukken.”
“Deze omstandigheden zien we overigens niet alleen in Nederland,” zo gaat Rob verder. “Het is de situatie door heel
Europa, in Duitsland, Frankrijk, Zwitserland, België. Ze zijn er allemaal zeer vroeg bij met plukken of zijn al zo goed als klaar. Ik sprak met collega’s die verwachten nog één of twee weken de vaste klanten te kunnen bedienen, maar dan is het op. Wij zelf hopen nog drie tot vier weken normaal onze rabarber te kunnen leveren. Het is een heel apart jaar, omdat je ze eerst amper aan de straatstenen kwijt kon, maar nu worden ze uit je handen geplukt voor ze in de doos zitten.”
VAN GEFORCEERD
“Daarom is het voor ons nu zaak onze vaste programma’s en afnemers te beleveren en daarnaast plukken we alleen wat we aankunnen. We gaan niet extreem veel oogsten, want dan kunnen we over tien dagen klaar zijn. Alleen, we willen graag aansluiting vinden op de hergroei. Daarin kiezen we liever voor continuïteit. Op dit moment (red. ten tijden van het interview halverwege mei) werken we met prijzen die ik nog nooit gezien heb voor natuurrabarber. Je verkoopt natuur voor de prijzen van geforceerde rabarber. Het slaat eigenlijk nergens op. Je zou alles dus kunnen verkopen, maar ik wil niet dat we ons laten leegslurpen als de markt even heet is, zoals nu.”
Normaliter worden hoge prijzen voor de teler uiteraard gewaardeerd, maar Rob ziet toch liever een stabiele markt dan de wispelturigheid die in deze tijden heerst. “Het is te. Wij halen de kilo’s per hectare ook niet. Ik zeg dan toch altijd: ‘Liever je kilo’s halen voor een gemiddelde prijs dan een hoge prijs, maar uiteindelijk niet meer kunnen leveren’. Het is namelijk te kortzichtig. Wij werken graag met langdurige relaties, waarbij we alles goed aan
de gang houden en iedereen tevreden is. Wij hebben onszelf daarom ook bepaalde standaarden opgelegd over wat we willen/durven verkopen en wat niet. En zelfs dan moet je dit jaar nog wel eens rabarber verkopen met wat schade. Toch moet ik zeggen dat de klanten tot op heden het puntje hagelschade wel hebben geaccepteerd. Dat heeft ook te maken met dat de situatie heel Nederland betreft en niet enkel ons. Het hoort er nu eenmaal bij, maar soms voelt het alsof je een occasion verkoopt voor de meerprijs van een nieuw automodel.”
Kijkend naar de zomer is het voor de teler dus afwachten op de komst van de hergroei. “We verwachten dat dit ergens midden/eind juni zal zijn. Dan denk ik dat er wel iets komt, maar het blijft ook afwachten wat het gaat zijn. Als je naar afgelopen weekend kijkt, zie je dat je zit met 25 graden en een soort ‘schrale-föhn oostenwind’, zoals ik het maar zal noemen, waar rabarber ook niet beter van gaat groeien. Als dat aanhoudt, hebben ze er onder te lijden. Het is eigenlijk het verhaal sinds april. Net als dat ze extreem vroeg aan het groeien waren, lijken ze ook extreem vroeg weer op zijn retour aan het gaan. Als teler weet je soms niet meer wat je kan verwachten. Een maand geleden vroeg ik me echt af waar alle rabarber heen moest. Alles groeide goed, maar niemand had het nodig. Toen viel er wat hagel en sindsdien vliegt het over de toonbank. Ik had het zeker niet aan zien komen, maar zo snel kan het gaan in de rabarber en dit jaar bewijst dat maar weer eens.” (JF)
rob@derondagro.nl
In 2023 waren Mexico en Brazilië de grootste exporteurs van papaja's in de wereld. Daarna komen Guatemala, de Verenigde Staten en Nederland. Mexico exporteerde voor €115,5 mln aan papaja's. Dat was 1,4% minder dan in 2022, zo blijkt uit gegevens verstrekt door het Mexicaanse ministerie van Economie.
De Mexicaanse export laat de voorbije jaren een groeipatroon zien, van €91,9 mln in 2020 naar €107,8 mln in 2021 en €117,1 mln in 2022. De papaja, die een ovale of langwerpige vorm heeft met een schil die, afhankelijk van de rijpheid, groen, geel of oranje van kleur is, wordt niet alleen gewaardeerd om zijn smaak, maar ook om de helende werking voor het darmstelsel. Bovendien is het fruit rijk aan vitamine A en C.
Ook Brazilië, met een export ter waarde van €49,5 mln, Guatemala met €20,5 mln, de Verenigde Staten met €18,7 mln en Nederland met €14 mln, zijn belangrijke exporteurs van deze tropische fruitsoort. Papaja's groeien enkel aan de stam van de plant en kunnen op verschillende manieren worden geconsumeerd: vers, in sappen, smoothies, fruitsalades, jams, pasta's en ingeblikt in siroop of als ingrediënt in diverse recepten.
Het vruchtvlees van papaja's heeft een ongewoon hoge pH, die varieert tussen 5,5 en 6,0 wanneer de vrucht rijp is. Het is een bron van carotenoïden, inclusief bètacaroteen. De wereldwijde export bedroeg in 2022 €301 mln, volgens statistieken van de Wereldhandelsorganisatie (WTO).
Droog- en bewaartechniek
Machinebesturing
Procesautomatisering
Papaja heeft vele gezondheidsvoordelen. Het helpt bij het elimineren van cholesterol, bestrijdt darmparasieten, vermindert menstruatiepijnen en kan worden gebruikt als een kalmerend middel. Zelfs de zaden van de papaja hebben een medicinale waarde. Oorspronkelijk
afkomstig uit Mexico, wordt de papaja nu geteeld in de meeste warme klimaten van de wereld. Het is een van de weinige vruchten die zelfs onrijp geconsumeerd kunnen worden, zolang het maar gekookt is.
De overstap naar een vegetarisch dieet heeft aanzienlijke effecten op je darmen, wat te merken is aan het aantal extra scheten dat geproduceerd wordt. Manon Wouters, een voedingsexpert, legt uit dat dit komt door met name extra groentevezels. Het is een normale reactie, omdat die vezels de darmactiviteit stimuleren. Ze adviseert om voldoende water te drinken, aangezien vezels vocht opnemen. Het mag dan vies ruiken, de scheetlucht is niet ongezond, zegt de expert. Het inademen van andermans winden kan zelfs gezondheidsvoordelen hebben vanwege stoffen zoals waterstofsulfide, die het risico op verschillende ziekten kunnen verminderen.
Lisanne Kruizinga, AGF Direct:
“Een beetje hectiek vind ik leuk, het brengt actie in de tent”
De AGF-sector wordt nog altijd gedomineerd door mannen; vrouwen zijn veel minder sterk vertegenwoordigd. Reden genoeg om AGF-vrouwen eens te vragen hoe zij dat ervaren. Deze maand is het de beurt aan Lisanne Kruizinga van AGF Direct.
Vanuit
het West-Friese Zwaagdijk opereert AGF Direct met een compacte, flexibele organisatie die afgelopen januari werd uitgebreid met Lisanne, die al ruim 12 jaar ervaring heeft in kwaliteitszorg en -borging. Een vakgebied waar ze al snel leerde haar mannetje te staan. Assertiviteit en standvastigheid zijn essentiële eigenschappen voor professionals in de kwaliteitszorg, maar om werkelijk iets te bereiken, is goede communicatie essentieel, weet Lisanne. “Het gaat vaak over het aankaarten van zaken die anders moeten. Of dat lukt, valt of staat allemaal bij de manier waarop je dat doet. Toen ik net begon, had ik wel eens de neiging om als een soort politieagent overal op te letten, maar ik kreeg al heel snel door dat die instelling niet erg effectief is,” vertelt Lisanne.
KWALITEIT IS DE TOEKOMST
Je bekommeren om het voldoen aan bepaalde criteria wordt wel eens als een last gezien, vooral omdat het extra administratie of handelingen vergt. “Mijn ervaring is: kwaliteit, daar hou je van of
je vindt het afschuwelijk. Gelukkig vind ik kwaliteitszorg juist heel erg leuk,” vertelt Lisanne. “Het kan een uitdaging zijn om iedereen enthousiast te krijgen. Ik ben ervan overtuigd dat het vinden van oplossingen een gezamenlijk proces is, waarbij openheid voor verschillende perspectieven essentieel is. Dit proces begint met respect en het gelijkwaardig behandelen van elkaar. Om de kwaliteit te verbeteren, is het belangrijk om gezamenlijk naar specifieke doelen toe te werken, zoals het verminderen van klachten, het verbeteren van productkwaliteit, optimalisatie van bedrijfsprocessen of het verkrijgen van certificeringen. Uiteindelijk streven we niet alleen naar kwaliteit, maar naar een duurzame toekomst voor het bedrijf.”
DICHTBIJ DE TELERS
Lisanne is sinds januari werkzaam bij AGF Direct. De AGF-sector was Lisanne niet helemaal onbekend. Tijdens haar opleiding Voeding & Diëtiek liep ze stage bij Hessing en daarna was haar eerste baan bij Van der Plas Sprouts. Daarna
werkte ze bij diverse andere werkgevers in een meer industriële omgeving, waar onder meer tapashapjes en kaas- en boterproducten werden gemaakt. Juist het werken met producten van het land maakte dat ze zin had om weer in de AGF-sector te werken. “Het werken met leveranciers van producten zoals tomatenblokjes, roomkaas en schaaldieren is natuurlijk heel anders dan rechtstreeks werken met telers. Hoewel de kwaliteitseisen en certificeringen anders zijn, zijn er ook veel raakvlakken. Wat erbij komt zijn productkeuringen, wat ik erg interessant vind.”
Dat de AGF als een mannenwereld wordt gezien, is voor Lisanne totaal geen issue. Lisanne: “‘Go with the flow’ zou ik zeggen, houd je niet vast aan vooroordelen, maar ga gewoon zelf ervaren hoe het is. Ik ben gewoon in een heel leuk team terechtgekomen, de sfeer hier is fijn.” Wat wel een grote overgang was, is de schaalgrootte van de bedrijven. “Ik werkte in een bedrijf met meer dan 100 medewerkers. Bij AGF Direct zijn we met zijn achten. Het is interessant om te zien hoe de dynamiek werkt en om van alles wat te leren. Er zijn ook zaken bij die misschien minder relevant zijn voor mijn eigen werkzaamheden, maar dat vind ik juist leuk. Bij een groter bedrijf is het meer afgebakend, in een klein bedrijf raak je meer betrokken.”
Bij AGF Direct is Lisanne verantwoordelijk voor kwaliteit & voedselveiligheid. “Ik ga me onder andere bezighouden met het professionaliseren van het kwaliteitssysteem, audits, en certificeringen van On the way to Plant Proof, GlobalG.A.P., IFS Broker en SKAL, en natuurlijk met de keuringen van product.” Lisanne is in de rustige periode van het jaar begonnen om zich alles eigen te kunnen maken voor dat het Nederlandse seizoen losbarst en verheugt zich al op de komende meer hectische maanden. “Ik ben eigenlijk niets anders gewend. Als je werkzaam bent in een food productie-omgeving moet je ook snel kunnen schakelen en initiatief tonen. Een beetje hectiek vind ik leuk, het brengt actie in de tent,” besluit Lisanne. (ML)
lisanne@agfdirect.nl
Citrus en druiven maken bij groothandels plaats voor steenfruit en ananasaardbei
“Met het Spaanse steenfruit wordt het hoogseizoen voor Belgische groothandels afgetrapt”
Het is momenteel het piekmoment voor de Belgische groothandels. Citrus en druiven hebben enkele maanden de boventoon gevoerd, maar nu de omslag naar het zomerseizoen wordt gemaakt, lijkt de consument meer en meer te opteren voor alternatieven. “De winterproducten is iedereen wel beu gegeten, dus wanneer alles midden mei ter beschikking komt, is de omslag naar het zomerseizoen officieel ingezet,” vertelt Ellen Sebrechts van Sebrechts Groenten en Fruit.
“De mooiste tijd van het jaar voor ons.”
Zo beschrijft de onderneemster van de familiegroothandel uit Antwerpen de periode richting de zomer. “Zeker dit jaar zie je toch dat het voorjaar voor velen wat minder was dan ze verwacht hadden. Het zonnetje blijft toch een absolute trigger voor de verkoop. Dat is iets wat we jaar in, jaar uit zien. Als er zon is, trekken mensen naar de markt of gaan op restaurant, wat een groot deel van onze klanten betreft. De zon hield zich echter in de maanden maart/april opvallend verborgen, waardoor ik toch hoop dat het lekkere weer dat we vanaf begin mei hebben ervaren, nu doortrekt tot eind juni. Dat kunnen we toch wel gebruiken om goed door te werken.”
“Het is overigens niet zo dat het moeizaam is geweest, allerminst,” vervolgt Ellen.
“Alleen rond de periode van eind april/ begin mei merk je dat de sfeer omslaat. Het zonnetje komt en de feestdagen volgen elkaar op. Dat zijn voor ons de goede verkoopmomenten. Dit jaar hadden we nog wel de pech dat bijvoorbeeld Moederdag tegelijk viel met een lang weekend door Hemelvaart. Als er dan ook nog goede temperaturen zijn, gaan velen eropuit, wat de verkoop een beetje liet stokken. Deze feestdagen heb je liever verspreid, maar met de feestmarkten en jaarmarkten in aanloop naar pinkstermaandag zagen we toch de vraag wel weer mooi opkomen.”
Het is voor de groothandel dan ook de aftrap voor het hoogseizoen. “Tot eind juni blijft altijd wel een piekmoment. Daarna is het soms wat op en af door de vakanties en bouwverlof van augustus,
maar vanaf eind april pakken de mensen het moment aan om de barbecue van stal te halen. De groenten voor bij de feesten vliegen over de toonbank en al het Belgische aanbod komt op de markt. Zo komen midden mei de Belgische groenten en fruit, zoals boontjes, kasgroenten en al het zachtfruit in groten getale van de telers. Dan zie je dat consumenten ook sneller voor Belgisch product kiezen. Zelfs als het maal 2 in prijs gaat, want lokaal wordt steeds populairder voor de producten die we hier voorhanden hebben.”
STEENFRUIT IN PLAATS VAN DRUIVEN EN CITRUS
Dit geldt overigens, zo stelt Ellen, niet voor elk product. “Lokaal is hier in België zeer geliefd, maar uiteindelijk kijkt men ook altijd uit naar het zomerseizoen voor het geïmporteerde zomerfruit. Het is midden mei de tijd van de Franse en Spaanse kersen, steenfruit en meloenen. Daar wordt altijd met smart op gewacht en dit jaar is dat ook allemaal van zeer goede kwaliteit. Het is nog niet echt warm geweest in Frankrijk en Spanje, dus het fruit heeft optimaal kunnen groeien. Bovendien komen de kiwi’s, zij het dit jaar wat later, rond deze periode aan. Het is echt een omschakelmoment.”
“Gedurende de wintermaanden hebben het citrus en de druiven namelijk de boventoon gevoerd, maar deze ziet men niet meer als nieuw of verrassend. In april zie je dan al dat iedereen aan het wachten is op iets nieuws, maar dan is het er nog niet. Als dan in mei alles in één keer beschikbaar is, volgt er een massale omschakeling. Het is niet dat de clementines en witte druiven verdwijnen, maar het wordt allemaal wat minder en de alternatieven liggen voorhanden. Het is echt het moment dat je kan spreken van het losbarsten van het zomerseizoen. Al de winterproducten zijn beu gegeten en de winkeliers gooien ook hun toonbank om. Dit staat rond Pasen vol met asperges en sinaasappelen, maar maken dan plaats voor steenfruit. Ook voor ons is het de tijd om hiermee naar buiten te treden. Het nieuwe fruit is er. Keuze is er voldoende, mooie kwaliteit. Tijd voor een mooie, kleurige en aantrekkelijke zomerkraam,” lacht Ellen.
HORECA GRIJPT NAAR BELGISCH
PRODUCT
Ook voor horecagroothandel Square Melon uit het Vlaamse Zelzate is het hoogtijseizoen aangebroken. “Alleen zie je bij ons dat niet het Spaanse steenfruit de omschakeling heeft ingezet, maar vooral het Belgische assortiment wat op de markt is gekomen,” zo vertelt Pasquino De Vuyst van Square Melon, maar ook groothandel De Vuyst, waar zijn vader Theo nog altijd de helpende hand biedt. “Een groothandel in kleine producten,” zo omschrijft hij Square Melon. Groothandel De Vuyst, opgericht door de familie De Vuyst, specialiseert zich voornamelijk op de belevering van andere groothandels.
Eén van die horecagroothandels was ooit Van Landschoot, maar in 2017 werd besloten tot een overname, om het later om te dopen tot Square Melon. Daarmee blijft hij zich tot de dag van vandaag richten op de horecabelevering rond Gent,
waarin ze zich met name willen onderscheiden met het aanbieden van nicheproducten. “Het zorgt ervoor dat bij ons de Belgische asperges nog altijd de hardlopers zijn, maar ook groene asperges uit Frankrijk, de cantharellen uit Bulgarije en speciale aardbeienrassen uit België, zoals de ananasaardbei, en tomatenrassen uit Frankrijk. Dat zijn de producten waarmee de horeca de zomer inluidt.”
En dat was, zo stelt Pasquino, ook wel nodig. “De april- en meimaand zijn normaal gesproken onze beste maanden van het jaar, maar vooralsnog heeft het weer ons een beetje parten gespeeld. Asperges en aardbeien zijn het moment dat wij kunnen uitpakken richting de horeca, maar vooral in de aardbeien waren de grote volumes er nog lang niet. Vorig jaar hadden we deze begin april al, maar nu pas sinds midden mei. Bovendien zie je dat het toch wat minder vlot verkoopt als de zon er nog niet is. In de asperges kunnen we dan weer zeggen dat het voor ons wel beter is gelopen dan andere jaren, omdat er weinig product op de markt was. Dat is enerzijds nadelig voor sommigen, maar wij hadden genoeg om met de mooie prijzen die er daardoor waren te kunnen werken. Bovendien zie je normaal in mei een dipje in de verkoop, omdat elke teler ze ook zelf aan gaat bieden. Dit jaar hebben we dat nog niet ervaren, omdat we ook horen dat het voor telers niet evident is om de velden op te kunnen, dus blijven ze langer bij ons.”
GEEN FEESTDAGENPIEK
Bij de horecagroothandel kijken ze dan ook toch uit naar een mooie zomer. Dit blijft ook voor Square Melon altijd een piekmoment in het jaar, hoewel Pasquino ziet dat de feestdagendrukte wel wat meer begint af te vlakken. “Als het zonnetje zich laat zien, gaat iedereen genieten, maar de feestdagen zijn minder heftige verkoopperiodes dan vroeger. Je ziet toch dat restaurants hun deuren wat meer
gesloten houden vanwege de personeelstekorten, waardoor een drukke periode zich voor ons ook meer uitspreidt. Wij ervaren dezelfde personeelsproblemen, dus zullen ook sneller op dat soort momenten mensen vrij geven. Daartegenover staat echter dat we ook niet echt meer rustige periodes in het jaar zien. Normaliter is van januari tot maart onze dip, maar de laatste jaren is dit eigenlijk omgeslagen. Grote steden, en in ons geval Gent, zijn hun terrassen steeds meer gaan inrichten op toeristen in de koudere maanden met bijvoorbeeld heaters etc. Het maakt het ook in de traditioneel ‘mindere’ maanden niet zo rustig meer,” lacht Pasquino. “Maar dat is niet erg.”
“Toch blijft april altijd wel het startschot voor de grote drukte. Dat verandert niet,” zo gaat hij verder. “Zeker nu de zon er is, zien we hier dat veel mensen gaan trouwen, communies of bedrijfsfeesten organiseren en de restaurants doen de deuren wat sneller open. Dat blijft een mooie tijd van het jaar. En waar dat voor groothandels die leveren aan speciaalzaken en retail gepaard gaat met de Spaanse nectarines en kersen, is dat bij ons voornamelijk met de Belgische specialiteiten. Alles komt op de markt, dus naast de bovengenoemde nicheproducten, zien we dat horeca graag grijpt naar Belgisch zachtfruit, groenten en specialiteiten.” En daarbij stelt ook Pasquino: “Tijd voor een mooie en drukke zomer.” (JF)
info@sebrechtsfruit.be info@squaremelon.be
Lastige groeiseizoenen in beeld
Twintig jaar terug werd Coöperatieve Telersvereniging De Schakel
Coöperatieve Telersvereniging De Schakel U.A.
Coöperatieve Telersvereniging De Schakel U.A. is een krachtenbundeling van ruim 500 professionele groentetelers
te groep telers van De Schakel in voornamelijk Nederland, België en Duitsland. Inmiddels telt de telersvereniging zo’n 400 leden, die samen zo’n 8.000 hectare vertegenwoordigen. “We hebben een redelijk vaste groep telers aan ons gebonden en het ledenaantal vertoont door de jaren heen een stijgende lijn,” vertelt directeur Cees Geven. De telers bevinden zich zowel in Nederland, België (voornamelijk Wallonië) als in de Duitse deelstaten Nordrhein-Westfalen als Nedersaksen. Zeker door de klimaatextremen van de afgelopen jaren zoeken we nadrukkelijk naar uitbreiding en dat is met de beschikbare grond geen sinecure. Wel zijn we in Nederland nadrukkelijk steeds meer aan het uitbreiden in het zuidwesten, midden en noordoosten van het land.”
SINDS 2018 ÉÉN NORMAAL GROEISEIZOEN
De klimaatextremen zijn al genoemd en daarmee is een grote uitdaging aangesneden. “De opbrengstfluctuaties nemen toe. Feitelijk hebben we sinds 2018 één relatief normaal jaar gehad qua weer, dat was in 2021. Vier van de zes jaren is het extreem droog geweest en vorig jaar is
alles weggespoeld. De groenten die onze leden in de open lucht telen zijn sterk aan deze weersextremen onderhevig. Dit jaar begint alweer zeer bijzonder met een zaaiseizoen dat bij een aantal producten gigantisch achter is gebleven. Dat heeft vervolgens ook weer impact op de andere producten en de verwerkingsprogramma’s met de fabrieken.”
De productgroepen waarin De Schakel haar teelten contracteert zijn onder meer peulvruchten, zoals erwten, kapucijners, tuinbonen, stamslabonen, haricot verts en flageolets. Bladgewassen, zoals spinazie, snijbiet en prei. Koolsoorten en ondergrondse gewassen zoals boerenkool, rode kool, waspeen, a-peen, imperators, winterpeen, schorseneren en rode
Together we cut your product to perfection
biet. Daarnaast heeft de telersvereniging de recente jaren teelten opgezet voor edamame-soja, pompoenen, raapsteel en sugarsnaps.
De edamame-soja zijn jonge, groene sojabonen, die worden geoogst voordat de peulen volledig rijp zijn. De bonen worden tegenwoordig veelal als hippe snack gegeten. Het ‘zusje’ van de Edamame-soja is de droog-geoogste soja die ook veel wordt gebruikt als basis voor producten als tofu, sojamelk, vleesvervangers en gefermenteerde voedingsmiddelen zoals miso, tempeh en natto. “Wij telen deze edamame-soja nu een jaar of zeven, zowel voor de conserven- als diepvriesindustrie. We zien deze producten als een grote kans om de eiwittransitie te maken naar een meer plantaardig dieet. De overheid propageert dit ook, maar het is voor
ons wel belangrijk dat dit ook wordt gefaciliteerd, anders moeten we het op kostprijs afleggen tegen continenten als Afrika en Azië,” waarschuwt Cees.
En juist de overheid heeft de telersvereniging de komende jaren hard nodig. “Zeker op het gebied van het beperkte middelenpakket dat onze telers voor hun kiezen krijgen. Onkruidbestrijding wordt in de praktijk meer en meer ondersteund met mechanische - of thermische - technieken, maar tegen ziekten en plagen zijn er niet veel alternatieven,” aldus Cees. “Als vereniging doen we er alles aan om de teelt te verduurzamen, ook met duurzame maatregelen met betrekking tot water en de bodem. De beschikbaarheid van water en nutriënten is opbrengst- en kwaliteitsbepalend. Daarom moeten we op zoek naar technische oplossingen in de sector. Ook wij willen over 15 jaar nog
Wij draaien op wat u doordraait! Altijd een bestemming voor iedere partij.
- Handel in groente- en fruit
- Aan- en verkoop van wortelen, kool en koolblad, etc.
- Wij zijn geïnteresseerd in de aankoop van ‘afgekeurde’ partijen!
bestaan. Sinds 2004 zijn we GMO (tegenwoordig SIG&F) erkend. Deze regeling heeft tot doel de afzetpositie van de individuele teler te versterken door de collectieve afzet via telersverenigingen te bevorderen. Deze Europese erkenning is een belangrijke stok achter de deur. Elke vijf jaar moet een nieuw strategisch plan worden ingediend.”
BIO-AREAAL
Het gros van de groenten van De Schakel vindt zijn weg richting de diepvries en conserven. De conservenmarkt heeft volgens Cees een stabiel aandeel. “Het aandeel biologische groenten ligt bij ons rond de 15%. Dat is 18 tot 20% geweest, maar bio-markten voor vele producten maken al enkele jaren pas op de plaats, wellicht vanwege inflatie bij het koperspubliek.” Gevraagd naar de concurrentie, antwoordt de directeur dat die de laatste jaren meer ligt aan de zijde van de telers, dan bij de fabriek. “Door de weersextremen verkeerden we de afgelopen jaren in een vraagmarkt. Onder invloed van de hoge graanprijzen en de hoge prijzen voor andere vrije producten troffen we de concurrentie eerder bij de teler aan de keukentafel, dan bij de verwerkers. Voor veel van onze leden-telers beheren we maar een stukje van het bouwplan. De rest wordt ingeruimd voor teelten voor de versmarkt zoals, uien, suikerbieten en aardappelen. Daarom zijn ook de contractprijzen voor onze teelten in de recente jaren flink gestegen. In de toekomst verwacht ik dat we meer telers nodig hebben om de vraag vanuit de verwerking te vertalen naar de teelt.” (IH)
c.geven@tvdeschakel.nl
Tevens transport van losgestort product met 70 eigen auto’s GMP kwaliteitsnorm
J. Monsma Agritrading B.V. | Attesweg 15 | 9077 PL Vrouwenparochie | inkoop@agritrading.frl | 06 10651228
WARMTE EN KOUDE ZONDER GAS
Een duurzame oplossing, ontworpen met kennis van uw proces en product
Productieproces zonder gas
• Maximale productkwaliteit
• Fors minder energieverbruik, -kosten en CO-uitstoot
• Continu en betrouwbaar proces
• Restwarmte benutten en opwaarderen tot wel 80 graden en hoger, incl. stoom
• SDE++ mogelijk
koudetechniek.nl
Bij Maasoever uit Waspik vielen voorheen alle productieactiviteiten onder Maasoever en de commerciële activiteiten onder Food Team Processing. De open dag op zaterdag 6 april was het startschot om alle activiteiten onder de naam ‘Maasoever’ te centraliseren. “Samen met onze ketenleveranciers telen, oogsten en verwerken wij onze veelal biologische groenten tot échte specialiteiten. Wij verkopen onze verse diepvriesgroenten wereldwijd aan klanten uit verschillende sectoren, van retail tot voedingsmiddelenindustrie. Onze expertise ligt ketenbreed, van het zaad tot het eindproduct. Dit resulteert in unieke diepvrieseindproducten die precies aansluiten bij de specifieke behoeften van de klant,” vertelt sales manager Paul Kemner.
Gevraagd naar de belangrijkste trends noemt Paul de toenemende vraag naar gemaksvoeding, ofwel convenience. “Hiervan heeft de diepvriesgroentenmarkt kunnen profiteren, omdat alle producten een snelle en gemakkelijke maaltijdoplossing hebben. Veel van onze producten worden uiterlijk 12 uur na de oogst verwerkt, geblancheerd en inge-
vroren. Hierdoor behoudt het zijn smaak, kleur en vitamines en geeft een kortere bewerkingstijd voor consumenten. Door te kiezen voor diepvriesgroenten ben je minder afhankelijk van het seizoen. In economisch moeilijke tijden kunnen consumenten mogelijk meer geneigd zijn om naar betaalbare opties te zoeken waardoor diepvriesgroenten aantrekkelijker
worden vanwege hun langere houdbaarheid en lagere prijs per portie in vergelijking met versproduct. Gezondheid en duurzaamheid zou ook een goede overweging zijn.”
SCHOMMELINGEN IN AANBOD EN PRIJZEN
“Wel wordt het steeds ingewikkelder om de continuïteit van je grondstoffen te kunnen waarborgen. Door nieuwe technologieën in zaai- en oogsttechnieken proberen we de continuïteit van de grondstoffen te garanderen. Voor nu zal de consument nog niet direct iets mer-
ken van deze ontwikkeling, al valt dit op termijn niet uit te sluiten. Door een toenemende vraag en een kleinere beschikbaarheid zien wij op bepaalde grondstoffen extra druk in volumes komen. Deze afhankelijkheid kan leiden tot schommelingen in aanbod en prijzen, evenals tot kwetsbaarheid door extreme weersomstandigheden. Wij proberen dit met onze ketenleveranciers zo goed mogelijk te organiseren. Erg belangrijk is een transparante, directe communicatie tussen alle partijen. De afgelopen jaren heeft de markt van diepvriesgroenten een gestage groei doorgemaakt, en deze trend lijkt zich voort te zetten. Gedreven door de vraag naar gemak, gezondheid, kwaliteit en duurzaamheid. Wij zullen ons blijven innoveren om aan deze behoeften van de consument te kunnen voldoen en om een competitief voordeel te behouden in deze dynamische markt,” vervolgt Paul.
Naast de beschikbaarheid van grondstoffen vormt het invullen van de arbeid een uitdaging. “Onze sector is nog arbeidsintensief en vereist vaak veel handenarbeid, en we weten dat dit op dit moment erg schaars is. Daarbij wordt de AGF-sector geconfronteerd met strikte regel-
geving en normen met betrekking tot voedselveiligheid, traceerbaarheid, milieubescherming en arbeidsvoorwaarden. De verandering in wet- en regelgeving kan erg complex zijn en vraagt voortdurend om flexibel en innovatief te zijn. Technologische ontwikkeling in onze sector zijn erg belangrijk voor de continuïteit in beschikbaarheid.”
NIEUWE CONSUMENTENSEGMENTEN BEREIKEN
De perceptie van de consument rond diepvriesgroenten is volgens Paul positief, met waardering voor het gemak. “Tegelijkertijd kan het imago van diepvriesgroenten nog sterk verbeterd worden door een juiste voorlichting naar de consument. Kiezen voor diepvriesgroen-
Maasoever B.V. is een snelgroeiend en innoverend bedrijf, gespecialiseerd in koel- en vriesopslag, loonverwerking van (met name biologische) groenten en het verpakken van diepvriesgroenten. Met ruime ervaring in deze gebieden, werkt Maasoever B.V. continu met u aan oplossingen op maat. Duurzaamheid en kwaliteit staan daarbij hoog in het vaandel.
Contactgegevens
Maasoever BV
Industrieweg 3 5165 NH Waspik
T. +31 (0)416 317120 www.maasoever.com
ten is een verantwoorde, duurzame en zeker gezonde keuze.” Kansen liggen er volgens hem dan ook nog te over. “Wij als diepvriesgroentenproducent kijken erg naar opkomende markten. Door ons te richten op deze markten kunnen wij ons afzetgebied uitbreiden en nieuwe consumentensegmenten bereiken.”
“Gezondheid en duurzaamheid zijn voor ons erg belangrijk. Zo telen wij onze grondstoffen binnen een straal van 150 kilometer van de productielocatie in Waspik. Daarmee kunnen we wel spreken van regionale producten. En we richten ons steeds meer op biologische alternatieven. Inmiddels is maar liefst 60% van
ons volume biologisch. Met name vanuit de retail in Noord-Amerika is er een enorme behoefte aan biologische diepvriesgroenten. Daarbij zoeken wij juist niet zo zeer naar de commodity’s, maar juist naar het specialistische werk op maat. Voorbeelden hiervan zijn wortelen met een bepaalde snit, een afwijkende maat, boon of IQF-gevroren bladgroenten. Dit zijn individueel ingevroren groenten. Juist in specialiteiten zijn wij heel sterk. Door te investeren in innovatieve verpakkingen, denk aan gebruiksvriendelijke verpakkingen, portieverpakkingen voor onderweg en milieuvriendelijke verpakkingsmaterialen, maken wij de producten aantrekkelijker voor de consument.” (IH)
p.kemner@maasoever.com
Handelsweg 2 | 1619 BJ Andijk
T.: +31 22 85 91 222 | M.: +31 612 443 639 info@hortica.nl | www.hortica.nl
“Verwerkers zijn zich meer bewust geworden van de behoeften van telers”
Voor het tweede jaar op rij zijn verwerkers bereid om dieper in de buidel te tasten voor industriegroenten. “Verwerkers zijn zich meer bewust geworden van de behoeften van telers en zijn bereid hen te compenseren voor de stijgende kosten. We hebben degelijke prijzen kunnen afspreken, wat noodzakelijk is om telers gemotiveerd te houden,” meldt de key accountmanager bij Ingro, die in januari contracten heeft afgesloten met diverse afnemers.
Logischerwijs zijn de prijzen voor de arbeidsintensieve teelten het meest gestegen. “De prijzen voor spruiten zijn met 25% gestegen en ook de prijs voor bloemkool is omhooggegaan,” aldus De Waele. De prijzen voor bonen zijn gelijkgebleven wortelen en prei zijn ook gestegen, wat broodnodig was.
Terugkijkend op het seizoen 2023-2024 spreekt De Waele van een uiterst moeizaam jaar, vooral voor wortelen en spruiten. Door de overvloedige regenval in het najaar konden telers moeilijk het veld op om te oogsten, wat leidde tot oogstverliezen. Het komende seizoen zal, net als vorig jaar, vermoedelijk ook door hevige
regenval worden getekend. Onvoorspelbare weersomstandigheden in het voorjaar van 2023 bemoeilijkten het zaaien en planten, wat vervolgens leidde tot logistieke uitdagingen bij de oogst en verwerking in de zomer. Het natte voorjaar van 2024 heeft de planning van telers en verwerkingsbedrijven al in de war gestuurd. Opnieuw dreigt er daardoor een situatie waarbij gewassen kort na elkaar of gelijktijdig oogstrijp zijn en verwerkers onvoldoende capaciteit hebben om deze pieken te verwerken. Want als de bonencampagne net is begonnen en ook de bloemkool en wortelen zijn oogstrijp, blijven die laatste gewassen op het veld staan met het risico op oogstverlies. “Telers willen oogsten wanneer het gewas optimaal is en het de meeste kilo’s opbrengt, voordat
het wegkwijnt op het veld. Die dynamiek is een extra uitdaging voor individuele telers,” benadrukt De Waele.
Naast de dubbele uitdaging door extremere weersomstandigheden worden telers geconfronteerd met Europese regelgeving die steeds strenger wordt, wat leidt tot het niet meer erkennen van bepaalde gewasbeschermingsproducten. De Waele: “Het wegvallen van deze producten betekent dat de opbrengsten dalen en de kosten stijgen. Het kan zelfs betekenen dat bepaalde producten niet meer teelbaar zijn, zoals spinazie. Door het wegvallen van producten groeit er meer onkruid dan spinazie op het veld.”
Tot slot is het vinden en behouden van arbeidskrachten steeds moeilijker en duurder. “Het is niet eenvoudig om geschikte mensen te vinden, zelfs als je een passend salaris biedt. Lang niet iedereen staat te springen om onder alle weersomstandigheden op het veld te werken. Het werk kan zwaar en veeleisend zijn, waardoor arbeiders eerder het relatieve comfort van fabriekswerk verkiezen.”
Dit alles zet de winstmarges van individuele telers onder druk en vooral arbeidsintensieve teelten lijden extra. “In de loop der jaren is het aantal spruiten-, bloemkool- en preitelers aanzienlijk afgenomen, vooral vanwege de zware arbeidsbelasting. Sommige telers zijn overgestapt naar minder arbeidsintensieve gewassen, terwijl anderen simpelweg niet meer kunnen concurreren, mede door het gebrek aan beschikbare arbeidskrachten en de hoge kosten daarvan. Telers zitten nu op een punt waarop ze geen verdere groei kunnen realiseren. Als er nu nog telers afhaken, met name in de spruitenteelt, dan kan dat niet door anderen worden gecompenseerd,” vervolgt De Waele.
Om deze uitdagingen het hoofd te bieden, is samenwerking tussen telers essentieel. Door gezamenlijk te plannen en te anticiperen op toekomstige ontwikkelingen, kunnen ze samen streven naar een duurzame en winstgevende toekomst voor de groenteteeltsector. “We hebben niet alleen als doel om prijzen te stabiliseren, maar zien het ook als taak van Ingro om telersgroepen, zoals preitelers en bloemkooltelers, op één lijn te brengen en hen te laten denken in termen van eenheid. Eenmaal de teeltseizoenen van start zijn gegaan, komen we samen om ideeën uit te wisselen.” Dat ook verwerkers meer rekening houden met de behoeften van telers is winst. Belangen van teelt en ver-
werking komen zo meer in balans. Het gewicht daarvan is vooral ingedaald bij de Belgische verwerkers in de regio Roeselare. Hier bevindt zich een concentratie aan verwerkers die baat hebben bij korte lijnen. “Om de sector draaiende te houden, is het behoud van industriegroenteteelt essentieel. Alle fabrieken in de diepvriesindustrie liggen binnen een straal van 20 km. Het doel is om deze groenten lokaal te houden in plaats van ze diepgevroren te transporteren van elders en ze hier alleen in zakken te steken,” besluit De Waele. (ML)
luc.dewaele@ingrocv.be
Met een focus op kwaliteit, klant en resultaat heeft VNK Herbs de afgelopen vijf jaar een kleine metamorfose ondergaan. “Op basis van heel veel onderzoek en samenwerking met ketenpartners leveren wij nu steeds meer producten met toegevoegde waarde,” stelt Chiel de Bruijne, sinds 2021 betrokken als leidinggevende bij dit bedrijf uit Biddinghuizen, dat gespecialiseerd is in het telen en drogen van bladkruiden en kruidenwortels made in Holland.
Wat de kwaliteit betreft, heeft Chiel het over zowel de producten – aromatische kruiden voor de levensmiddelenindustrie en geneeskrachtige kruiden voor de farmaceutische industrie – als de dienstverlening. “Door de kwaliteit centraal te stellen kunnen we ons ook meer in een seller's market dan in een buyer's market begeven. Ook al waren we voorheen al bekend als een leverancier van premiumproducten, als je die constant kunt leveren, heb je meer recht van spreken en is het ook iets makkelijker om nieuwe markten te ontdekken.”
Klanten worden actief opgezocht bij VNK Herbs. “Bovendien proberen we ons in te leven in wat de klanten willen, zodat we hun behoeften kunnen meenemen in onze productieprocessen en in de aanvoerketens naar onze contracttelers toe.” Naast die kwaliteits- en klantgerichtheid staan ook de resultaten centraal in de bedrijfsvisie die vijf jaar geleden werd opgesteld. “Omdat we enkel met kruiden van Nederlandse teelt werken, hebben we natuurlijk een andere concurrentiepositie dan gelijkaardige bedrijven in goedkopere teeltlanden. Kostenbeheersing is nood-
zakelijk en dat kan via meer automatisering en energie-efficiëntie,” legt Chiel uit.
LAGE MICROBIOLOGISCHE STAAT
Door de investering in een warmteterugwinningsinstallatie is een reductie van 20% op het gasverbruik gerealiseerd. “Peterselie wordt gedroogd bij hoge temperaturen. Helaas zijn warmtepompen nog niet in staat om een goed rendement te leveren bij dergelijke hoge temperaturen. We blijven evenwel onderzoek doen op dit gebied, want energietransitie is een belangrijk punt voor ons. Ook de drooglijn zelf is geoptimaliseerd waardoor we veel meer grip hebben op de kwaliteit van het product. We kunnen nu peterselie leveren met meer kleur, meer geur en een lagere microbiologische staat, dus met minder bacteriën.”
In het segment van de aromatische kruiden, met name peterselie, is VNK Herbs ondertussen marktleider in sommige landen in Oost-Azië, precies omwille van
een residuvrij product met buitengewoon goede kwaliteit. “Klanten in bijvoorbeeld Zuid-Korea hebben wat over voor gezonde en duurzaam geteelde producten. Op dit vlak zijn we onze con-collega’s voor.”
Naast peterselie is valeriaan het belangrijkste product in het assortiment van VNK Herbs. Het behoort tot de catego-
rie geneeskrachtige kruiden, waarvan de wortels worden gedroogd omwille van de actieve stof valereenzuur. “De afgelopen jaren hebben we ontzettend veel onderzoek gedaan naar de kwaliteit van onze producten, niet alleen via de selectie en de vermeerdering van de eigen zaadlijn, maar ook met investeringen in meetapparatuur, in dit geval hogedrukvloeistofchromatografie (HPLC). De actieve component in de wortels van onze valeriaan is hoger dan bij de concurrenten en tijdens de oogst en de verwerking kunnen we de valereenzuurgehaltes met behulp van de meetapparatuur voortdurend blijven monitoren. We kunnen nu aan onze klanten een product aanbieden met precieze cijfers over de actieve stoffen. Vroeger konden we dat niet.”
MEERWAARDE MET
HALFFABRICATEN
Daarnaast heeft VNK Herbs verschillende proeven lopen om de wortels te extrahe-
ren. “Onze klanten zijn vaak bedrijven die ons product extraheren en het poeder dan doorverkopen aan producenten van capsules, die je in de retail vindt. Nu extraheren we in samenwerking met een aantal Nederlandse bedrijven de wortels ook zelf, wat ons bovendien toelaat om beter te voorspellen wat onze producten doen in de keten. In die zin maken we ook een stap in die keten en krijgen we een andere rol. Ook in het peterseliesegment hebben we de afgelopen vijf jaar deze stap gemaakt naar meer toegevoegde waarde dankzij een eindproduct met een betere kleur, geur en lagere microbiologische staat,” legt Chiel uit.
Ook in het aanbod van Echinacea streeft VNK Herbs ernaar meerwaarde te bieden aan de klant. “We passen onze teelt en productieprocessen aan om een product te kunnen leveren dat de specificaties heeft waar onze klanten, die het kruid extraheren, op zoek naar zijn. Zo hebben
1800 AE ALKMAAR/Holland
Postbus 220 | Kennemerstraatweg 83
Tel.: 072 - 5 122 122
info@vdbosch.nl | www.vdbosch.nl
“Als je constant kwaliteit kunt leveren, heb je meer recht van spreken”
Chiel de Bruijne
we een klant die het extract gebruikt als een sterk bindmiddel in zalven. We zijn in staat om de kwaliteit te selecteren die aansluit bij wat de klant precies wil.”
EEN HOLLANDS VLAGGETJE
Tot slot keren we nog even terug naar peterselie, waarvoor Chiel een primeur bovenhaalt: “Vanaf volgend jaar gaan we aan een Nederlandse klant gedroogde peterselie leveren die in de retail verkocht zal worden met een Hollands vlag-
getje erop. Daar zijn we echt trots op, want de Nederlandse markt koopt traditioneel zijn kruiden in vanuit Oost-Europa. Hiermee wordt ontegenzeggelijk de footprint van dit product verkleind.”
VNK Herbs betrekt de kruiden van Nederlandse contracttelers. “Onze peterselie vind je op de kleigronden in Flevoland, West-Brabant en vanaf dit jaar ook in Groningen. De wortelgewassen worden dan weer geteeld in de zandgronden in Dren-
Machinebouw - Engineering - Constructie
Wij zijn uw partner voor engineering, ontwikkeling en installatie van machines op maat.
Scan hier de QR-code en bekijk op onze website de video of vraag direct een offerte aan!
info@bloedmachinery.nl
085-0049680
Wadenoijen
the, Overijssel, Groningen en Limburg. Van eind juni tot en met oktober drogen we peterselie, 24 uur per dag. Het pas geoogste product wordt in vier uur tijd gedroogd en verwerkt. Vanaf 1 november tot 1 april is het dan de beurt aan de wortelgewassen, ook 24/7. Onze drooglijnen worden dus optimaal benut met allemaal kruiden made in Holland,” besluit Chiel trots. (PB/PDC)
cdebruijne@vnk-herbs.nl
RVS Kistenwasser
• Volledig rvs, stand alone en te bedienen door 1 persoon.
• Gemakkelijke bediening via een 10” touchscreen.
• Keuze uit diverse programma’s op basis van de mate van vervuiling.
• Efficiënte afvoer van vuil via de continu werkende zeefband.
• Door recirculatie van het waswater +/- 5 liter waterverbruik per minuut.
• Binnen en buiten reiniging en totale rotatie van de kist.
• Kortste programma met een duur van slechts 60 seconden per kist.
• Geschikt voor houten en kunststof bakken van de volgende formaten: 1000x1200x750, 1140x1140x590 voor afwijkende maten graag contact opnemen.
“Hoe minder heftruckbewegingen, hoe meer rust en overzicht”
In het Zeeuwse dorp ’s-Gravenpolder is de hoofdvestiging van TOP The Onion Group gevestigd. TOP is een familiebedrijf dat wordt geleid door de familie Murre. De teelt vindt plaats vanuit teeltbedrijven over heel de wereld. Voor de verwerking in Nederland wordt vooral gebruik gemaakt van uien geteeld op Nederlandse en Franse bodem. De uien worden in Zeeland verder verwerkt tot verpakte consumptie-uien, sjalotten, plantuien, gebakken uien en geschilde uien. Samen met partners bouwt TOP aan de toekomst. En samen met VHM wordt gewerkt aan het verbeteren van de kistenlogisitiek.
De ambitie
Directeur Benny Murre: “Onze strategie was gericht op schaalgrootte en ketenbeheersing om aan de wensen van klanten wereldwijd te kunnen voldoen. Maar groeien betekende ook dat we steeds afhankelijker werden van heftruckchauffeurs. In 2018 stapten we voor onze uien over van bulk naar kistenopslag. Nu hebben we zo’n 45.000 kisten staan en elke week gaan er zeker 4.000 vol en leeg. Dat zijn heel wat heftruckuren en -kilometers, gezien de grote afstanden hier. Bovendien kosten heftrucks veel geld, zijn chauffeurs steeds lastiger te vinden en zijn menselijke fouten niet te voorkomen. De noodzaak om onze kistenlogistiek te professionaliseren was geboren! Daar hebben we destijds de specialisten van VHM voor uitgenodigd.”
“De VHM-machines groeien gewoon met ons bedrijf mee.”
Benny Murre, directeur TOP The Onion Group
De uitdaging
“Met slimme kistenlogistiek willen wij onze bedrijfsprocessen zo veel mogelijk automatiseren en efficiënter maken. Dat heeft veel voordelen. Automatiseren betekent allereerst dat we minder heftruckchauffeurs nodig hebben. Zeker in het oogstseizoen is het vinden van voldoende goede chauffeurs écht een uitdaging. Door het gebruik van VHM-
machines hebben we minder chauffeurs en heftrucks nodig, wat leidt tot een hogere productiviteit en minder kosten. Dat is natuurlijk allemaal winst!”
De oplossing
“De oplossing voor efficiënter werken bestaat niet alleen uit oranje VHM-machines. Ook de mensen van VHM zijn innovatief en denken met ons mee. Niet alleen over hoe ze hun machines kunnen plaatsen, maar veel breder. Daar hebben we écht iets aan. Ze zijn in staat om voorbij de processen van de VHM-machines te kijken. Dat leidt tot serieuze verbeteringen, vaak ook op lange termijn.
We hebben alle ontvangstposities in ’s-Gravenpolder voorzien van een VHM-kistenvuller zodat de vrachtwagens die los geladen hebben, snel gelost kunnen worden. Daarmee hebben we het aantal heftruckbewegingen aanzienlijk kunnen reduceren. Dat zorgt voor extra overzicht en rust in ons bedrijf. Omdat de machines modulair zijn, kunnen we ze afhankelijk van de tijd van het jaar op verschillende plaatsen inzetten. In Noord-Frankijk hebben we een opslag–locatie waar elk jaar 15.000 kisten worden gevuld met de VHM-machines.
Begin 2023 hebben we een nieuwe aanvoer- en verpakkingslijn in gebruik genomen met toevoerbunkers, doseerbunkers, weegunits en een kistendraai shuttle van VHM. Zo krijgen we ons gewenste volume afgewogen aangeleverd bij de verpakkingsmachines. Als we op een later moment deze installatie verder
willen automatiseren qua kistenaan- en afvoer, kan dit er zo bij worden gezet. Dat vind ik het fijne aan de VHM-machines. Ze groeien gewoon met ons bedrijf mee.”
Onze verwerkingsapparatuur biedt een snelle en efficiënte verwerking van aardappelproducten, waaronder friet, aardappelpartjes en nog veel meer bijproducten. In samenwerking met onze experts en strategische partners leveren we complete, kant-en-klare oplossingen - van aardappel tot verzending.
Ongeëvenaarde frituurcontrole en -prestaties
We bieden een breed scala aan verwarmingsopties, zodat u kunt kiezen uit aardgas, olie, stoom, thermische vloeistof, elektrische verwarming, Kleenheat® en Greenheat. Onze friteuses bieden optimale productverwerking, gelijkmatige olieverwarming en -stroomregeling, efficiënte verwijdering van fijne deeltjes, snelle olieverversing en Clean-in-Place voorzieningen. Dit alles zorgt voor producten van hoge kwaliteit met een langere houdbaarheid.
Heat and Control friteuses bieden een nauwkeurige regeling van de oliestroom voor gelijkmatig koken, zelfs in de grootste friteuses. Volledige controle over de zone-stromen en een minimaal olievolume verbeteren de operationele efficiëntie en
oliekwaliteit. Dankzij de betrouwbaarheid, minimale tussenkomst van de operator en zeer effectieve Clean-in-Place (CIP)-systemen blijven uw bedrijfskosten onder controle, terwijl de productie wordt gemaximaliseerd.
De Heat and Control friteuse zorgt voor een probleemloze productie met hoge capaciteit en nauwkeurig oliebeheer voor een gelijkmatige bereiding en consistente kwaliteit. Onze friteuses zijn naadloos geïntegreerd in onze verwerkingslijnen en hebben een indrukwekkende verwerkingscapaciteit van meer dan 35 ton eindproduct per uur.
Onze friet- en aardappelproductsystemen zijn de werkpaarden van de industrie. Via opties zoals meerzonige en tweetraps continue friteusesystemen zijn fabrikanten verzekerd van product-uniformiteit.
Met een gespecialiseerde tweefasen-opstelling, op maat gemaakt voor de productie van friet met een laagje beslag, maar ook geschikt voor friet zonder beslag, heeft dit type friteuse een uniek ontwerp dat de productiecapaciteit maximaliseert, met een minimaal vloeroppervlak.
Oliesnelheidscontrole en flexibiliteit verminderen schade aan uw product, en verminderen coatingproblemen. De gecontroleerde oliestroom door meerdere AccuFlow™ inlaten zorgt ervoor dat elke friet een consistente baktijd krijgt.
De olie-inlaat leidt de fijne deeltjes uit de friteuse om de olieen productkwaliteit te behouden. Een terugloop aan de buitenzijde vermindert het olievolume, waardoor de omlooptijd van de olie verder verbetert. De fijne deeltjes worden efficiënt verwijderd via meerdere uitlaten, waardoor de olievervuiling tot een minimum wordt beperkt. Het ontwerp van dit systeem omvat een oliespoelsysteem met lekbak en volledige Cleanin-Place (CIP), wat zorgt voor optimale hygiëne en minder ophoping van fijne deeltjes in beide fases.
Fase 2: Voltooiing van het bakproces
Nu het beslag stevig is aangedrukt, worden de frieten definitief gebakken in de tweede fase van de friteuse. Meerdere zones met olie-inlaten en -uitlaten zorgen voor een consistente gemiddelde kooktemperatuur, lage Delta T, door zich snel aan te passen aan veranderingen in de productlading. De oliestroom dringt door in het product voor een gelijkmatige garing. Frituren in meerdere fasen is een geweldige optie voor verwerkers die de bereidingsomstandigheden willen aanpassen voor verschillende soorten gecoate en ongecoate friet, met een minimale belasting van de friteuse.
Nauwkeurige frituurcontrole voor kwaliteitsproducten
Het unieke doorlopende friteuse-ontwerp van Heat and Control geeft u volledige controle over de productkwaliteit. AccuFlow™ olie-inlaten bieden een gelijke oliestroom van de ene kant naar de andere kant voor gelijkmatig bakken in alle sorteringen. Meerdere olie-inlaten en -uitlaten maken het mogelijk om de oliesnelheid, het olievolume en de temperatuurdaling aan te passen aan specifieke producten, terwijl fijne deeltjes efficiënt worden verwijderd.
Continue oliecirculatie tussen de friteuse, het filter en de warmtewisselaar zorgt voor een nauwkeurige temperatuurregeling en snelle aanpassing aan veranderingen in de productbelasting. Het lage olievolume en de snelle omloopsnelheid zorgen voor verse producten met een langere houdbaarheid.
Gemakkelijk schoonmaken
CIP-spuitmonden in de kap en de uitlaat reinigen alle gebieden boven het olietraject. Gemotoriseerde elementen tillen de kap en transportbanden eenvoudig op, voor volledige toegang voor reiniging en onderhoud. Onze friteuse is voorzien van slimme ontwerp-elementen, die de ophoping van fijne deeltjes vanaf het begin minimaliseren, om de totale reinigingstijd te verkorten en de reiniging te vergemakkelijken.
Heat and Control is opgericht in 1950 en is een privébedrijf met een wereldwijd team dat een uitgebreide kennisbank heeft opgebouwd en een schat aan ervaring en expertise heeft ontwikkeld. De toegang tot productie- en technische ondersteuning door een netwerk van ingenieurs, voedingsmiddelentechnici, buitendiensttechnici, vakmensen en ondersteuningsteams geeft fabrikanten van voedingsmiddelen het vertrouwen om hun productiedoelen te bereiken.
Elf productiefaciliteiten, 10 testcentra, meer dan 30 kantoren wereldwijd
Testen, ontwerp, engineering, productie, installatie, inbedrijfstelling, gebruikerstraining, reserveonderdelen en service na verkoop
Bringing together leading brands in processing, inspection and packaging equipment for the vegetable industries. Our solutions set the standard for yield, efficiency, and safety across a wide range of industries. Whatever your product needs, we can meet it with precision and passion.
Produce Storage I Peeling, Grading, Washing I Electroporation
Value-added Processing I Product Handling I Inspection
Find out more:
LOOKING BACK. PRESSING FORWARD. ALWAYS INNOVATING.
Ruben Bringsken, VIGEF:
“De diepvries AGF-markt staat voor een positieve ontwikkeling met aanzienlijke groeikansen”
Industriële AGF-verwerkers hebben afgelopen jaar kunnen profiteren van het feit dat consumenten op zoek gingen naar goedkopere opties voor verse producten. Uit gegevens van Circana en GfK blijkt dat downtrading de meest opvallende trend was in 2023. Consumenten zijn meer vriesverse producten gaan kopen, vooral jonge alleenstaanden en tweeverdieners.
“De diepvries AGF-markt staat voor een positieve ontwikkeling met aanzienlijke groeikansen, vooral in de segmenten biologische producten, gemaksvoedsel en speciale gemengde fruitproducten voor onder andere shakes,” ziet ook de voorzitter van branchevereniging VIGEF Ruben Bringsken. De diepvriessector heeft echter een mondiale afzetmarkt. De sterkste groei is zichtbaar in de Verenigde Staten en Azië-Pacific regio’s. Diepvriesproducten bieden voordelen voor consumenten, maar verse
producten en conserven blijven sterke concurrenten vanwege hun perceptie van versheid en gemak. De hoge energiebehoefte voor opslag en transport van diepvriesproducten kan een belemmering vormen, vooral in regio’s met hoge energiekosten of beperkte toegang tot betrouwbare koeling.”
De voorzitter benadrukt dat innovatie, duurzaamheid en logistieke efficiëntie cruciale factoren zijn voor toekomstige successen. Hierin kan ook samengewerkt
worden met reststromen in de versmarkt. “Het opwaarderen van reststromen kan waardevolle producten opleveren. Voorbeelden zijn het gebruik van overgebleven groenten en fruit voor sappen, smoothies, sauzen of purees die kunnen worden verkocht als diepvries- of conservenproducten.”
Terugkijkend op het afgelopen seizoen, door de vele regenval en het wegvallen van diverse gewasbeschermingsmiddelen, was de teelt niet altijd eenvoudig, wat weer leidde tot uitdagingen voor verwerkers. Ruben: “Onze campagnebedrijven hebben er natuurlijk last van als er door een nat voorjaar pas laat gezaaid kan worden. De capaciteit om groenten te verwerken is beperkt en niet zomaar op te schalen. Veel van onze producten worden binnen enkele uren, vaak lokaal,
geoogst en verwerkt, zodat de voedingswaarden optimaal behouden blijven.”
Op het gebied van teeltzaken werkt VIGEF veel samen met en binnen Stichting Teelt Overleg Groenten (TOG), waar telers en verwerkers van industriegroenten samenwerken in de teelt van verschillende gewassen, maar ook samen (publiek-private) projecten opzetten om onderzoek te kunnen doen. VIGEF lobbyt, samen met andere ketenpartijen, bij de overheid en Europese instellingen voor realistische en werkbare regelgeving met betrekking tot gewasbeschermingsmiddelen. “Door klimaatverandering in combinatie met wet- en regelgeving, die vaak geen rekening houdt met de praktijk, zien wij dat het steeds lastiger wordt voor de telers om de benodigde teelt te doen van een aantal gewassen, zowel in volume als kwaliteit. Vanuit VIGEF willen wij ons hard blijven maken om zowel de teelt als de verwerking van peulvruchten en groenten in Nederland te behouden,” aldus Ruben.
PARALELLEN
De uitdagingen waar de industrie AGF-sector mee te maken heeft, vertoont veel paralellen met die van de verse AGF-sector. Het gaat om teelt, energie, arbeid en de mondiale dynamiek waarin deze sector hun positie moet behouden. Ruben: “Onze uitdagingen zitten zowel aan de zijde van de teelt als aan de kant van de uitdagingen die door de voedselindustrie in de breedte worden ervaren. Voor onze leden is het belangrijk om ont-
wikkelingen in de teelt van groenten en fruit te ondersteunen om de productie van groenten en fruit die onze leden verwerken, mogelijk te maken. We zien daar uiteraard de extreme weersomstandigheden, zowel hele natte als droge perioden. Tegelijk zien we ook dat het verbeteren van bodem- en waterkwaliteit en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen onze aandacht vragen. Duurzaamheid in de landbouw is voor onze leden dus essentieel.” Een ander uitdaging is arbeid, zowel in de teelt als in de verwerking. “De sector kampt vaak met een tekort aan goede arbeidskrachten op alle niveaus, maar vooral seizoensarbeiders die onmisbaar zijn in de piekperiodes.”
Voor de verwerkers is het energievraagstuk ook een enorme uitdaging geworden, niet alleen wordt het duurder, maar ook de leveringszekerheid is niet gegarandeerd. “Energie is niet langer een gegeven, met de uitdagingen die netcongestie meebrengt voor onze leden. Energiebesparing en het zoeken naar verschillende combinaties van energiebronnen is daarom heel belangrijk. Daarnaast zijn onze leden ook gericht op het efficiënt gebruik van water, omdat we daarvan al zien dat in de toekomst ook tekorten kunnen ontstaan. Verder is natuurlijk voedselveiligheid altijd van groot belang en willen we dat regeldruk voor bedrijven hun concurrentiekracht niet beperkt. Onze leden zijn actief op een dynamische markt en hebben dagelijks te maken met de verhoudingen in de keten, zowel up- als downstream,” aldus Ruben.
Een volgende uitdaging betreft de positie van Nederlandse verwerkers in de geglobaliseerde markt. Deze staat door toenemende concurrentie met name vanuit Oost-Europa onder druk. Ruben: “Wij zien hier zeker geen ‘level playing field’ in Europa. Lokale producenten moeten concurreren met goedkopere importproducten. Er zijn grote verschillen in wet- en regelgeving binnen Europa op verschillende terreinen van zowel de teelt als de verwerking van de producten. Strenge eisen op gebied van duurzaamheid, maar ook voedselveiligheid en traceerbaarheid betekenen dat bedrijven voortdurend moeten investeren in naleving en kwaliteitsborging. Het voldoen aan verschillende certificeringen en standaarden wordt tegelijkertijd steeds complexer en wij ervaren dat zelfs de certificerende instanties niet de capaciteit, zowel inhoudelijk als ook de mankracht, hebben om de audits op tijd te doen.”
VIGEF bundelt daarom de krachten en zoekt bewust naar samenwerking in de branche. Dat kan omdat ook ACM steeds meer samenwerking op het gebied van verduurzaming toestaat. Ruben: “We zijn op dit moment met onze commissie duurzaamheid, samen met RVO, bezig om een aantal webinars te organiseren. Daarin richten we ons op het delen van kennis van verduurzaming op processen die voor onze leden pre-competitief zijn, zoals het gebruik van restwarmte in processen en het omgaan met netcongestie.” Daarnaast werkt VIGEF op Europees
niveau samen binnen PROFEL, de Europese koepelorganisatie voor de groente- en fruitverwerkende industrie. “Veel wetgeving is ook voor ons Europees, en de EFSA is een belangrijke partij voor ons als het gaat om voedselveiligheid bijvoorbeeld.”
Afgelopen jaar werd VIGEF lid van BO Akkerbouw. “Daar werken we bijvoorbeeld samen aan een plan van aanpak voor het achtste actieprogramma nitraatrichtlijn. Verschillende akkerbouwpartijen brengen hun belangen daar samen, om proactief een stap te kunnen zetten om te zorgen voor verbeteringen in de landbouwpraktijk,” vertelt Ruben.
MARKTONTWIKKELING
Aan de afzetkant spannen lidbedrijven van VIGEF zich in op het gebied van marktontwikkeling en promotie in de keten, in verschillende samenstellingen, om marketingcampagnes op te zetten om consumenten te stimuleren om peulvruchten, groenten en fruit te consumeren. Ruben: “Samenwerken aan marketingcampagnes om de voordelen van zowel verse, diepvries- als conservenproducten te
benadrukken kan consumenten bewust maken van de mogelijkheden en hen helpen betere keuzes te maken. Zo dragen we niet alleen bij aan de gezondheid van consumenten, maar ook aan een positief imago voor de producten van onze leden.”
VOEDINGSWAARDE GELIJK AAN VERS
Gezondheid en prijzen spelen een grote rol in het consumentenbewustzijn en zijn
VIGEF ondersteunt actief de teelt van groente en fruit
cruciale factoren die de strategieën van de VIGEF beïnvloeden. VIGEF heeft als missie het de consument zo gemakkelijk en lekker mogelijk te maken om groenten en fruit op het bord te serveren. Door te focussen op productontwikkeling, consumenteneducatie, efficiëntieverbeteringen, duurzame praktijken en innovatie, helpt VIGEF de sector om in te spelen op de veranderende consumenteneisen en
economische omstandigheden. “Hierdoor kunnen we bijdragen aan het aanbieden van gezonde, betaalbare verwerkte en bewerkte AGF-producten die aansluiten bij de wensen en behoeften van de moderne consument,” zegt Ruben. “Onze producten spelen een belangrijke rol in
een gezond voedingspatroon: vers verwerkte groenten in pot, blik, kartonnen pak of uit de diepvries zijn seizoensproducten die mensen op een gemakkelijke, gezonde en gevarieerde manier kunnen helpen om aan de 250 gram groenten per dag te komen. Het aantal voedingsstof-
fen is volgens het voedingscentrum gelijk voor vers en groenten uit conserven, pot, pak of de diepvries.”
De invoering van het 0% btw-tarief op groenten en fruit sluit hierbij aan. “Dat zou wat ons betreft snel ingevoerd mogen worden. Aan groenten uit conserven, pot of diepvries worden – in tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht – geen conserveringsmiddelen toegevoegd en het overgrote deel van onze groenten bevat geen toegevoegde suiker. Daarnaast zijn de zoutgehaltes sinds 2012 met 30% verlaagd. VIGEF pleit er daarom voor om geen onderscheid te maken en ook vers verwerkte groenten en fruit in conserven, pot of uit de diepvries toe te voegen aan het nul-tarief. Dit zijn producten waar geen suiker aan is toegevoegd, en slechts in enkele gevallen een minimale hoeveelheid zout. Zo bevat zomergroenten in blik of glas gemiddeld slechts 0,3% zout. Door de maatregel zo breed mogelijk in te voeren, wordt de consumptie van zoveel mogelijk groenten en fruit gestimuleerd.” (ML)
info@vigef.nl
A.N.Boekel B.V. Berrie 1 1724 BB Oudkarspel
SPECIALIST IN: Winterpeen
Rode Bieten
Wassen van groenten
Tel: +31-(0)226 700 500 www.boekelwaarland.nl
Handel in groenten Gangbaar en BIO
Verwerking van wortelen en rode bieten. Het rooien van wortelen, rode bieten en pioenstekken behoort ook tot de mogelijkheden. Met ons zelfontwikkelt spoelsysteem kunnen wij diverse gewassen spoelen. Neem contact op voor de mogelijkheden.
Oudijk 26 - 1617 KR Westwoud - Holland - Tel. 06-12438991 info@deboerwestwoud.nl - www.deboerwestwoud.nl
Murre Technologies ontwikkelt MT-polisher voor W. De Boer & Zn.
“De ‘grootste polisher ter wereld’ biedt ons nieuwe stappen in de groenteverwerkende industrie”
Het werd als ‘de grootste peen polisher ter wereld’ naar buiten gebracht, maar eigenlijk was de grootte niet het onderdeel van de nieuwe MT Polisher waarmee de markt bestormd moest worden, maar juist zijn innovatieve vormgeving. Na de beëindiging van het partnership met Haith besloot Murre Technologies dat het, om door te groeien in de groenteverwerkende industrie, een nieuwe eigen polisher op de markt moest brengen. “Deze polisher is vanuit twee speerpunten ontwikkeld. Enerzijds de wens vanuit W. De Boer & Zn. om de grootste te realiseren, maar veel belangrijker was de wens om alle aandrijfcomponenten in een droge omgeving te laten functioneren. Met de realisatie denk ik dat we iets revolutionairs hebben ontwikkeld,” zo vertellen Roy Haerkens en Huibert-Jan Zweemer van de machinefabrikant.
Het verhaal van de peen polisher vindt zijn oorsprong in de samenwerking tussen wortelverwerker Willem de Boer, van het gelijknamige familiebedrijf, en Murre Technologies. “Je kunt het eigenlijk zien als twee wegen die zich langzaam maar zeker samenvoegden,” steekt Roy van wal. “Wij hadden een dealerschap voor machines voor de groenteverwerkende industrie, maar deze eindigde zo’n twee jaar geleden. Met het wegvallen van deze samenwerking hadden we geen eigen polisher meer in ons gamma. Destijds stelden we onszelf de vraag:
‘Als we verder willen in de groentemarkt moeten we wel eerst met een eigen polisher komen’. Tegelijkertijd kwam Willem, waar we al jaren een zeer goede relatie mee hebben, naar ons toe met de vraag of het niet mogelijk was om een grotere en langere peen polisher te ontwikkelen. Het was een droom van Willem en wij waren al naar deze stap aan het kijken, waardoor het balletje snel ging rollen.”
“Vervolgens zijn in de Irish Pub in Berlijn tijdens de Fruit Logistica de eerste ideeen op een bierviltje gezet en we hebben
niet meer achterom gekeken,” vult Huibert-Jan aan. “Willem had in grote lijnen wel een idee wat hij met de polisher wilde en wij besloten aan de technische kant te gaan nadenken wat de mogelijkheden waren. Zo vul je elkaar aan, waardoor het organische groeide tot het project wat we nu gerealiseerd hebben. Uiteraard hebben we overigens Willem wel meegenomen in het hele proces. Zo zijn we diverse keren op bezoek geweest en zijn hij en zijn neef Rick ook hier in het pand gekomen om door te nemen waar we op dat moment stonden. Het mooie van het hele verhaal is dat normaliter het technische deel lastig is voor de klant, maar vanuit de neven De Boer waren er bijna geen vragen en we konden al snel door in het proces. Het was een hele soepele samenwerking, die van start tot realisatie ongeveer een jaar heeft geduurd.”
“Hier ligt deels aan ten grondslag dat wij al ervaring meebrachten uit de verschillende sectoren waar we actief in zijn,” legt Roy uit. Murre Technologies is in 1987 opgericht in het Zeeuwse Goes, waar men van origine voornamelijk actief was in de aardappelverwerkende industrie. In de loop der jaren verschoof de focus steeds meer naar (zilver)uien, champignons
etc., waarna ook seafood erbij is gekomen. Inmiddels is het bedrijf actief in de groenten-, fruit-, aardappelen, schelp- en schaaldieren-, easyfarm- (mosselzaadinvang) en zeewiersector. “Hierin kijken we ook naar nieuwe markten die aansluiten op ons assortiment. Zo hebben we recent bijvoorbeeld de zeewiersector als nieuwe doelgroep in ons klantenbestand gevoegd. Dit overlapt met de groenten- en seafoodindustrie, waardoor het voor ons een mooie aanvulling is. Al die sectoren zorgen er ook voor dat we een hele bak ervaring in huis hebben, waarmee we de kennis binnen de verschillende industrieën kunnen toepassen op elkaar.”
En dit is ook precies wat de nieuwe MT Polisher, die naast wortelen ook geschikt is voor alle andere knolgewassen, onderscheidt op de markt, zo stellen de heren. “We hebben eigenlijk vanuit twee speerpunten gewerkt. Enerzijds was dit de realisatie van één grote polisher. Dat het de grootste peen polisher ter wereld werd, was een droom van Willem, maar wij wilden ons voornamelijk richten op de ontwikkeling van één grote polisher, die ook in kleiner formaat geplaatst kan worden,”
vervolgt Roy. “Wat je nu veel ziet op de markt is dat men twee kleine polishers naast of achter elkaar plaatst om een grotere capaciteit te realiseren. Een grote polisher op één lijn was er nog niet voorhanden. Met deze realisatie denken we nu in te kunnen spelen op de vraag vanuit de markt naar één machine met een grotere capaciteit tot 35 ton per uur.”
DROGE AANDRIJFCOMPARTIMENTEN
“Anderzijds was dit het minimaliseren van het onderhoud. Hierbij komt de ervaring vanuit de schelp- en schaaldierensector om de hoek kijken, waar de omstandigheden nog wat zwaarder zijn dan we in de groenteverwerkende industrie gewend zijn. Voor ons was het daarom van groot belang om te zorgen dat alle aandrijfcomponenten in een droge omgeving functioneren. Als er continu stromend water over de riemen etc. van de machine komt, gaan er onderdelen kapot. Dat wilden we uitbannen en ik denk dat we daar zeker in zijn geslaagd.”
“Bovendien was het, dat als er nog onderhoud gepleegd diende te worden de machine zeer onderhoudsvriendelijk
moest zijn. Dit zie je terug in de materiaalkeuzes, maar ook de mogelijkheid tot het eenvoudig demonteren van onderdelen. De sectionaaldeuren geven makkelijk toegang tot de borstels en riemen en de motoren zijn opgesteld op een verdiepingsvloer, wat makkelijk bereikbaar is door het verwijderen van de deksel bij het loopbordes aan de bovenkant. Zo is voor elk bedrijf snel onderhoud te realiseren.”
Murre blijkt in haar opzet geslaagd, want de ‘grootste peen polisher ter wereld’ draait inmiddels al een aantal maanden naar tevredenheid bij W. De Boer & Zn. “We staan altijd in contact met ze,” gaat Huibert-Jan verder. “Maar vooralsnog horen we weinig tot geen problemen. Dat komt deels, omdat we in goede samenwerking met Willem en Rick hebben gewerkt, maar ook door de manier waarop we het project hebben aangevlogen. We hebben het breed getrokken over alle afdelingen binnen Murre, van sales tot service en van directie tot de tekenaars. Ik denk dat dit zich heeft uitbetaald.”
“Het is ook de manier waarop we service naar onze klanten willen bieden. We zijn ingericht op projectmatig werken. We kijken naar wat er bij de wensen van een klant past en vullen dit in. Hierbij gaan we ook niet het wiel opnieuw uitvinden. Als er een geschikte machine bestaat van toeleveranciers of derden, zullen we deze gebruiken voor een lijn. Dan leveren we een turnkey solution. Dat projectmatig werken is wat ons ligt en wat ons in verschillende sectoren al een wereldwijd klantenbestand heeft gebracht.”
Deze kant willen ze naar verloop van tijd dan ook op met hun nieuwe polisher. “We zijn lang beperkt gebleven tot de Bene-
Hogere output
Grotere nauwkeurigheid
Maximale procesbetrouwbaarheid
lux in de groenteverwerkende industrie. We zijn echter in andere sectoren al wereldwijd actief, waarbij we bovendien ook een verkoopkantoor in Canada hebben. Met de polisher was en is het doel om hier eerst alles optimaal op orde te hebben. Je moet jezelf niet voorbij willen lopen. Voorlopig staat de MT-polisher alleen nog bij Willem de Boer, maar langzaam maar zeker zullen we zeker naar volgende plaatsingen gaan kijken. Of dit nu de Benelux of verder is.”
Multipond weegsystemen houden vanaf nu een waakzaam oog op de productie met het 3D ARGUS camera systeem: voor een automatische, intelligente aansturing van de product flow.
Multipond staat voor betrouwbare precisieweging, kwaliteit, innovatie en tailor-made solutions.
Multipond hee patent op dit systeem
“We hebben er de faciliteiten voor. Met ruim 3000 vierkante meter aan werkplaats hebben we alles in eigen huis, waarmee we alle kanten op kunnen. Hierin onderscheiden we ons met service. Het is ook de reden dat we ooit afgestapt zijn van de fritesindustrie. Dit werd meer en meer een vechtmarkt, waar de relatie met de klant niet meer bij hoort. Daar herkennen wij ons niet in. We willen klantrelaties waar we mee verder kunnen bouwen. Het is kwaliteit boven kwantiteit. Uiteraard komt hier ook een prijskaartje bij
kijken. Daar moet je eerlijk in zijn, maar het zorgt er wel voor dat je voor elk probleem klaar moet staan om samen te kijken naar oplossingen. Met de MT-polisher bij De Boer & Zn. hebben we een eerste hernieuwde stap gezet in de groenteverwerkende industrie, maar er zullen er nog velen volgen,” zo besluiten de heren. (JF)
rh@murre.nl
Greenyard over de verwachtingen van het vriesverse en bereide segment:
“Long-fresh heeft nog een enorm potentieel op gebied van smaken, variëteiten en gebruiksgemak”
“Ondanks uitdagende seizoenen en de hyperinflatie van de laatste jaren, is Greenyard erin geslaagd om haar vriesverse volumes te laten stijgen,” laat de wereldwijde leverancier van verse, diepgevroren en bereide groenten en fruit weten over haar vriesverssegment.
“Greenyard zet in op verschillende verkoopkanalen (retail, foodservice en industrie) op een globale schaal. Deze strategie in combinatie met onze nauwe contacten in verschillende Europese teeltgebieden is cruciaal voor onze leidende marktpositie vandaag en in de toekomst.”
“We bemerken een sterke stijging in de fruitcategorie en in convenienceproducten zoals onze soepen en gezonde maaltijden.” Greenyard ziet dat het gebruiksgemak en de hoge productkwaliteit de verkoop omhoogduwen.
“Samen met retailers zetten we heel sterk in op deze gezonde innovaties om nieuwe
consumenten aan te spreken met lekkere en voedzame pure-plant producten, voor ieder moment van de dag.”
PRIJSBEWUST EN MINDER BEWERKT
Greenyard stelt vast dat de consument meer prijsbewust koopt en gezondere en minder bewerkte voeding wil eten.
“Greenyard’s long-fresh aanbod tikt deze zaken aan. Naast de interessante prijs, zijn deze producten ook perfect portioneerbaar en sluiten ze ook nog eens aan bij het toenemende bewustzijn rond voedselverspilling.”
“Consumenten weten dat het belangrijk is om voldoende groenten en fruit te eten en liefst zo min mogelijk bewerkt, maar toch gebruiksvriendelijk bij de bereiding ervan.” Het is de reden dat Greenyard de consument als uitgangspunt neemt. “We werken van mond-naar-grond, in plaats van andersom. Onze Gigi ijsjes, plantaardige spreads met wereldse smaken, soepen en sauzen zijn daarvan enkele mooie voorbeelden in ons long-fresh assortiment. En uiteraard: het is lekker. Dat blijft
de belangrijkste drijfveer om voeding te kopen voor de consument,” zegt Cedric Pauwels, Group Communication & Public Affairs Director.
Pure-plant heeft de wind in de zeilen, constateert de vriesversproducent. “De Europese ambities in de Green Deal vertalen zich in een race op de eiwitshift met sterke ambities vanuit de retail. Greenyard zit in een leidende positie om onze klanten te helpen om daar vol op te kunnen inzetten en zo onze gedeelde doelstellingen te behalen.”
Daarnaast ziet de Groep dat consumenten steeds meer weg bewegen van ultra-processed foods. “We moeten met z’n allen meer groenten en fruit eten. Er is een nood voor de planeet én voor onze gezondheid. En tegelijk zijn consumenten op zoek naar lekkere, gezonde en gemakkelijke oplossingen om dat in te vullen. Die oplossingen bieden wij aan,” zegt Cedric.
Om die oplossingen te bieden, stelt Greenyard zich ten doel de consument elke dag te helpen om gezonde keuzes te maken voor zichzelf en de planeet. “Daarom geloven we sterk in het potentieel van “healthy snacking” en zien hier veel ruimte voor gezonde proposities gebaseerd op makkelijk te consumeren porties groenten en fruit, die bovendien minimaal bewerkt zijn. Wat wij pure-plant noemen. Met onze knowhow in productinnovatie geloven we sterk dat we deze pure-plant ijscategorie nog sterker kunnen uitbouwen,” zegt Kobe Vanhaecke, Divisional
Kansen ziet het concern ook bij de Prepared-afdeling, waar op productniveau nog meer richting biologische producten zal worden geëvolueerd en waar stelselmatig lagere zoutgehaltes worden ingesteld. “En ook daar is innovatie cruciaal. We kunnen voor de hele dag door, op verschillende consumptiemomenten, lekkere pure-plant eetervaringen ontwikkelen,” zegt Yves Daniëls - Marketing & Communicatie Manager bij Greenyard Prepared.
ZOEKEN NAAR OPLOSSINGEN
Waar de afzet van vriesverse producten stijgt, zorgt de aanvoer van AGF
soms voor uitdagingen. “Droogte, overstromingen en onvoorspelbare weerspatronen hebben impact op oogsten en bijgevolg ook op de productie. Ook geopolitieke veranderingen zorgen voor impact in de logistieke keten. Daarnaast is er de strengere regelgeving op het vlak van landbouw enerzijds en verpakkingen anderzijds.” Greenyard zoekt de oplossing in een nauwe samenwerking met zowel klanten als telers. “Samen zijn we continu op zoek naar oplossingen, zoals: teeltplanning, slimme onkruiddetectie, groene energie op onze productiesites en duurzamere vormen van verpakking,” aldus Kobe.
Het leidt ertoe dat Greenyard verwacht dat zowel vriesvers als bereide groenten en fruit een belangrijke rol blijven spelen in de voedingsindustrie. “Er is nog een enorm potentieel op gebied van smaken, variëteiten en gebruiksgemak. Consumenten zijn meer en meer op zoek naar onbewerkte voeding en daarin ligt het belang van groenten en fruit in zijn vormen. Vers, vriesvers en geconserveerd. Daarnaast moet dat gezonde aanbod ook aantrekkelijk en betaalbaar blijven voor consumenten,” besluit Cedric. (MW)
www.greenyard.group/nl
Bjorn de Schoenmaeker:
“Bij groeiend volume is winstgevendheid in de AGF-handel niet altijd gegarandeerd”
Hoewel er een enorme vraag is naar professionals met expertise in AGF, koos Bjorn de Schoenmaeker ervoor om deze professionals op te leiden, in plaats van zelf te gaan voor een goed betaalde positie in de AGF-sector. Als bijverdienste heeft hij een AGF-webshop met thuisbezorging, en wanneer zijn agenda het toelaat, biedt hij ook graag adviesdiensten aan als freelancer.
Het
jongleren met al deze taken past bij zijn karakter. “Ik ben een ambitieus persoon. Hoewel ik een perfectionistisch kantje heb, beschouw ik dit eerder als een voordeel dan een nadeel. Ik ben gestructureerd en wil dit ook overbrengen op de mensen om me heen,” zo vertelt Bjorn.
FOCUS OP ONDERWIJS
In de eerste plaats staat zijn lesgeven. “Ik concentreer me voornamelijk op het lesgeven in de derde graad, waar ik studenten onderwijs geef over teeltprincipes, technieken en de praktijk van groenteteelt.” Ondanks verleidelijke aanbiedingen voor goedbetaalde banen, kiest hij voor het onderwijs vanwege de impact die hij kan hebben op jonge mensen. “Ze realiseren zich vaak niet hoe cruciaal de jaren op de middelbare school zijn voor hun toekomst. Het constante contact met een jeugdig publiek en hen begeleiden in hun ontwikkeling, is heel waardevol. Bovendien is het belangrijk voor de tuinbouwsector; deze staat voor vele uitdagingen en we moeten jongeren enthousi-
ast maken om deel uit te maken van deze fantastische branche.”
BRUGGEN SLAAN
Bjorn werkt 28 uur als leerkracht op de Provinciale Scholen voor Tuinbouw en Techniek in Mechelen (PTS). Hiervan geeft hij 15 uur daadwerkelijk les, en 14 uur is hij teeltleider glasgroenten. Deze
loopbaan had hij niet van tevoren gepland. “Ik ben altijd actief geweest in de groenteen fruitsector, van kwaliteitscontroleur tot keurmeester, commercieel medewerker en inkoper. Als Covid-19 er niet was geweest, zou mijn carrière waarschijnlijk een andere wending hebben genomen. In die periode kwam ik in contact met mijn oude school. Voor mij voelde het als thuiskomen.” Bjorns netwerk in de AGF-sector komt daarbij goed van pas. “Mijn doel is om leerlingen vertrouwd te maken met de hele keten, van zaadje tot schap. We willen ook een brug slaan tussen bedrijven en onze school, zodat er een goede samenwerking ontstaat.”
Sinds 2012 is Bjorn actief als zelfstandig handelaar in de AGF-sector met Vegefruit, waarbij hij groenten en fruit aan huis en op locatie levert aan particulieren, bedrijven en scholen. “Ik wilde mijn eigen weg gaan en mijn eigen keuzes kunnen maken, zodat ik er zelf verantwoordelijk voor ben.” Vegefruit begon met één klant en is nu uitgebreid naar scholen, kinderdagverblijven, bedrijven, sportkampen en particulieren. In de loop der jaren heeft hij een netwerk van vertrouwde leveranciers en loyale klanten opgebouwd, met vier routes binnen een straal van 20 kilometer rond Mechelen. Bjorn is gestart met een duidelijke visie, die hij consequent volgt. “Kwaliteit staat voorop, hoewel ik niet pretendeer dat ik alles perfect kan leveren. Groenten en fruit zijn bijzonder, eigenlijk onvoorspel-
baar... Uiteindelijk moeten alle partijen hun rekeningen kunnen betalen en winst maken. Daarom lever ik alleen lokaal. Zodra ik meer dan 20 kilometer moet rijden voor levering, moet ik ook meer kosten in rekening brengen.”
Hoewel klanten altijd prijsbewust zijn, ziet hij dat zijn visie de juiste is. “We leven van klanttevredenheid, die voornamelijk wordt verspreid via mond-tot-mondreclame, zowel lokaal als digitaal. Tussen 80 en 90 procent van onze klanten zijn
bedrijven, en zij zijn zeer loyaal. Particuliere klanten vertegenwoordigen 10 tot 20 procent, maar zijn geen betrouwbare indicator voor succes. Ze neigen naar goedkopere opties, en op de manier waarop wij momenteel werken, kunnen we niet concurreren met supermarkten en lokale buurtsupers. Als we dit als hoofdactiviteit beschouwen, moeten we meer volume draaien. Het uitgroeien tot een groothandel voor horeca zie ik niet als de toekomst, omdat er in deze regio voldoende aanbod is. Het openen van een winkel wordt overwogen, maar dat brengt financiële en operationele uitdagingen met zich mee. Weegt dat op tegen extra investeringen in werk en infrastructuur? In de AGF-handel moet je eerlijk zijn en beseffen dat zelfs bij toenemende volumes, winstgevendheid niet gegarandeerd is.” (ML)
info@vegefruit.be
De box voor het zware werk:
Groots qua inhoud, 1400 liter
Hygiënisch en voedselveilig
Geschikt voor extreme temperaturen -40˚C tot 60˚C
Makkelijk te reinigen
Stapeling tot 8 hoog en 8000 kg totaal Ook beschikbaar in een gesloten versie
Dolav Benelux BV Oostwijk 13 | 5406 XT Uden
T. +31 40 235 0255
Bezoek ons op www.dolav.nl
voor meer informatie over de Alto of andere verpakkingsoplossingen.
De jaarlijks terugkerende aanplantvoorspellingen voor de meloenen in Frankrijk, Spanje en Marokko zijn op donderdag 25 april op medFEL gepresenteerd. Hoewel is bevestigd dat het aantal arealen in Frankrijk zich dit jaar hebben gestabiliseerd, is er in Spanje sprake van een verdere daling. In Marokko is het aantal arealen daarentegen licht gestegen. De Association Interprofessionnelle du Melon (AIM), de Interprofessionele Meloenvereniging brengt verslag uit over het 2024-seizoen en de uitdagingen waar de meloensector mee te maken heeft.
De gepresenteerde gegevens kunnen vooral voor Frankrijk nog veranderen, omdat de aanplant nog niet is voltooid en ook de weersomstandigheden nog kunnen omslaan.
FRANKRIJK: STABILISATIE VAN HET
AANTAL AREALEN BEVESTIGD
Voor het tweede jaar op rij heeft het aantal arealen in Frankrijk zich met een totaal van 10.650 hectare gestabiliseerd (een lichte stijging van 150 hectare). Ondanks dat geeft de AIM aan dat dit nog niet veel zegt. "De stabilisatie van het aantal arealen zegt geenszins iets concreets over het verdere verloop van het 2024-seizoen. Het 2024-seizoen zal er niet beter of slechter door verlopen dan
dat van 2023. We hebben immers ook gezien dat het verloop van het 2022- en 2023-seizoen ten aanzien van de grootte van de opbrengst en de afzet totaal van elkaar verschilden," zegt Myriam Martineau.
Hoewel het planten in maart is bemoeilijkt, is dit vanaf april normaal doorgegaan, merkt een vertegenwoordiger van de AIM op, wijzend op het probleem rondom overtollig regenwater in alle regio's, behalve in die van Pyrénées-Orientales, Aude en Hérault. De verwachtingen rondom de oogst en de eventuele teeltpieken zullen afhangen van de vruchtzetting en de weersomstandigheden in mei en juni. Zoals Jérôme Jausseran echter ook aan-
geeft zitten er tussen de vruchtzetting en de oogst vijf weken, dus het is nog wat vroeg om te weten of er eventueel sprake zal zijn van vertragingen. Duidelijk is wel dat, als de weersvoorspellingen voor volgende week uitkomen, we in het zuidoosten niet op schema zullen liggen."
MAROKKO: LICHTE OPWAARTSE TREND
De verwachting voor Marokko voor dit jaar is dat het aantal hectare uit zal komen op 1.450, een matige stijging van 90 hectare, een lichte opwaartse trend. Hieronder volgt meer gedetailleerde informatie per teeltgebied:
Het aantal arealen in Kenitra is met 120 hectare stabiel, het aantal arealen in Marrakech is met 90 hectare groter geworden tot een totaal van 920 hectare, het aantal arealen in Agadir is met 140 hectare ook stabiel en in Dakhla 40 hectare groter geworden tot een totaal van 270 hectare.
Hoewel het aantal arealen licht is toegenomen, zijn de opbrengsten in alle teeltgebieden vrij klein: maximaal tussen de 15 en 18 ton per hectare. Dit alles heeft geleid tot een algehele daling van het ton-
nage, zo stelt de AIM. 70% van de Marokkaanse meloenen is al geoogst: "De grote piek is voorbij. Er is nog 30% over voor Marrakech en heel Kenitra," vertelt de AIM.
SPANJE: DERDE OPEENVOLGENDE
JAAR SPRAKE VAN DALING
Volgens de AIM is de erosie in Spanje nog altijd gaande. Concreet betekent dit dat
het land in drie jaar tijd 40% van de arealen heeft verloren. Dit jaar wordt het totaal aantal arealen geraamd op 2750 hectare (een afname van 380 hectare).
Het voorafgaande is een zorgwekkende neerwaartse trend voor de regio Murcia/ Alicante, die in vier jaar 50% van de arealen heeft verloren (2000 hectare dit jaar, met een afname van 200 hectare dit sei-
Spanje oogst jaarlijks gemiddeld 414.000 ton wortelen. Andalusië is het gewest met de groot- ste teelt, gevolgd door Castilla y León, de Valenciaanse Gemeenschap en Castilla-La Mancha. Op provincieniveau steekt Cádiz er met kop en schouders bovenuit met een oogst van 185.200 ton geteeld op ruim 3.000 hectare.
In Andalusië zijn de verpakkingsbedrijven ook teler, vooral in tijden van hoge prijzen. Meer dan 80% van de productie wordt vers geconsumeerd, de rest gaat naar de industrie voor verwerking in verschillende vormen zoals diepgevroren producten, conserven, gedroogde producten en babyvoeding. Ongeveer 20% van de oogst wordt geëxporteerd.
zoen). Volgens de AIM is deze daling 'multifactorieel': een grote druk op het land, een beperkte toegang tot water, strengere milieunormen, vooral in kustgebieden en een sterke stijging van de teeltkosten. "De meloenensector in Marokko en Spanje bevindt zich op een keerpunt," voegt Myriam Martineau toe, verwijzend naar het gebrek aan water en het verbod op aanplanten in Marokko.
Een jonge Indiase teler uit Kerala breekt met het stereotype beeld van de arme boer door zijn luxe Audi A4 sedan te gebruiken om groenten langs de weg te verkopen. De ongebruikelijke scène werd gedeeld via een Instagram-video, waarin hij zijn eigen geteelde bladgroenten verkoopt naast zijn glimmende auto. Zijn succesverhaal, dat meer dan tien jaar aan telerservaring en afzet omvat, toont zijn inzet voor directe verkoop aan consumenten, waardoor hij tussenpersonen omzeilt en winst maximaliseert. Een teken van veranderende trends in de agrarische sector?
De Marathon Rotterdam behoort tot de top 10 grootste marathons van Europa. Zowel de absolute wereldtop als duizenden lopers uit binnen- en buitenland finishen in het marathonweekend op de beroemde Coolsingel. Tijdens de afgelopen 43ste marathon in april waren ook weer veel AGF’ers van de partij, zowel als sponsor als deelnemer. Dit jaar namen deelnemers en teams van The Greenery, Origin Fruit Group, Meeder Group en Argos Packaging & Protection deel aan de marathon. Bovendien pelden vrijwilligers van Fyffes voor het 12e jaar op rij zo’n 30.000 bananen, die zij uitdeelden aan de lopers. Barbara Calkhoven zocht sponsoren voor onderzoek naar een zeldzame hart- en vaataandoening, coronair spasme.
Markt puntpaprika groeit hard en wil meer:
“We willen de concurrentie
De teelt van puntpaprika’s groeit hard in Nederland. De puntige vruchtgroente is geen nicheproduct meer. De ambitie om nog verder te groeien is er ook, al zijn hiervoor nog wel uitdagingen om te tackelen.
Met die uitdagingen zijn diverse partijen in de sector ook hard bezig, waaronder Harvest House. De afzetorganisatie zag de laatste jaren het areaal bij hun telers flink stijgen. En daarmee ook de volumes om te vermarkten. “We zitten vol in de programma’s,” zegt Ivo Fiers namens de coöperatie. Hij is er als verkoopmanager onder meer verantwoordelijk voor de verkoop van de puntpaprika’s. Begin mei constateert hij dat de start van het seizoen goed is geweest, ‘ondanks een flinke uitbreiding van het areaal.’ De vier puntpaprikatelers van Harvest House, Rainbow Growers Group, Kwekerij Van Onselen, Frestia en Villa Paprika, hebben inmiddels 42 hectare staan. “Het areaal is dit seizoen met twintig procent uitgebreid.” In heel Nederland schat hij dat er 130 à 140 hectare staat. “Een verdubbeling ten opzichte van vijf jaar geleden.”
Bij Harvest House hebben ze de ambitie om elk jaar te groeien in puntpapri-
ka. “Ook na een iets minder jaar zullen we niet zomaar van die koers afstappen.” Op termijn ziet men bij de coöperatie in Maasdijk kansen om ook een stukje van het areaal van de blokpaprika in te ruilen voor puntpaprika. Bij één van de telers van Harvest House, Powergrow in De Kwakel dat onderdeel is van Rainbow Growers Group, is dat dit jaar ook gebeurd. De volledige 12 hectare is daar in twee stappen de afgelopen jaren omgeschakeld naar puntpaprika.
MIX VERSTERKT ROOD
De grootste groei ziet Ivo in rood bij puntpaprika. “Daarin zit negentig procent, maar ook in geel en oranje zijn we verdubbeld. Er is steeds meer vraag naar de puntpaprikamix die wij aanbieden. In 2023 zagen we hier een dermate sterke vraag in dat we voor de mix flink hebben bijgeschakeld. Daarmee zijn we klaar voor de komende jaren.” Steeds meer supermarkten bieden de puntpaprika-
mix ook aan, ziet hij. “Maar zat ook nog niet.” Ivo deelt een opmerkelijke observatie vanuit de supermarkt. “Wij zien bij sommige klanten dat als je de puntpaprikamix naast de reguliere rode puntpaprika in het schap legt, je ook meer rode puntpaprika’s gaat verkopen.”
De groei die Harvest House in puntpaprika heeft gerealiseerd, is gerealiseerd met bestaande puntpaprikatelers. “Het is geen teelt die je er zomaar bijdoet. Afgelopen jaar heeft een Harvest House-teler de teelt van puntpaprika geprobeerd, maar hij kon naast zijn bestaande teelten de puntpaprika niet optimaal integreren. Vandaar dat hij er dit jaar niet mee doorgegaan is.”
Bijna de helft van de puntpaprika’s die de telers van Harvest House telen, gaan naar Nederlandse supermarktketens, maar er is zeker ook afzet buiten Nederland. “We hebben de rest van Noordwest-Europa absoluut nodig om het met de afzet voor elkaar te krijgen, zeker nu met de uitbreiding in areaal,” geeft Ivo aan. Concurrentie is er, zeker op de Duitse markt, vanuit Zuid-Europa en Noord-Afrika. Zij voeren veel Capia-puntpaprika’s aan. “Het winterseizoen daar loopt eind maart/begin april af, maar niet veel later start ook de zomerteelt daar weer op. Bovendien heb je teelten in Oost-Europa, in landen als Hongarije en Polen. Daardoor is er het hele jaar wel wat concurrentie vanuit het buitenland, alleen niet in het hele vroege voorjaar voor een korte periode.”
Wat Ivo betreft is dat importproduct, de Capia-puntpaprika, overigens wel echt een ander product. “Wij vinden zelf dat we de lekkerste hebben,” lacht hij. “Met continu rasontwikkeling is het voor ons en de Nederlandse telers zaak om ons te onderscheiden op smaak en daarmee aan het langste eind te trekken.” Ook dit jaar staan er bij de telers die bij de grootste vruchtgroentecoöperatie van Nederland zijn aangesloten weer nieuwe proeven met nieuwe rassen. “Rijk Zwaan en Enza Zaden ontwikkelen hun rassen voortdurend door. Dat resulteert weer in verbe-
terde versies van de puntpaprika zoals we die nu kennen.”
Om de Nederlandse puntpaprika onderscheidend in het schap te krijgen, is ‘al best wel wat geprobeerd’, geeft de verkoopmanager aan. “Het kan met verpakkingen, maar de trend is toch vooral dat er minder verpakkingen gebruikt worden. Daarom kijken we voortdurend ook naar hoe we los van de verpakkingen ons kunnen onderscheiden. Dat kan bijvoorbeeld met schappromoties in samenwerking met de retailers. Ook veredelingsbedrijven zijn er druk mee bezig.” Met de groei die er in de markt zit en de groei die er nog aan zit te komen, realiseert men zich wel dat goed communiceren een belangrijk punt blijft.
De periode Pasen-Pinksteren is de periode van de promo-acties in de supermarkten. “We zitten nu volop in de promo’s,” geeft Ivo aan. “Eigenlijk zijn we elke week wel promo’s aan het plannen. Over het algemeen kan je veel doen in deze tijd van het jaar. Zodra het vakantietijd wordt
in de zomer, is dat weer wat minder. Dan proberen we juist proactief te handelen om toch de grotere volumes goed kwijt te raken.” Zover is het begin mei nog niet. “De supermarkten in heel Europa willen dan graag verse groenten hebben en ook de puntpaprika is dan regelmatig in de actie.” En dat komt goed uit. “We verkopen steeds vaker volumeverpakkingen met 500 gram of 4 stuks.”
NAAST BLOKPAPRIKA
Dat Harvest House ook serieuze volumes met blokpaprika’s vermarkt, komt goed van pas. De combinatie maken met verkoop van blokpaprika en puntpaprika gebeurt regelmatig. “Vier kilo puntpaprika in alle kleuren verkopen naast vijf kilo blokpaprika’s komt steeds vaker voor.” Net als daghandel, ook dat komt er steeds meer bij kijken. “We leveren dan dagelijks puntpaprika’s in diverse verpakkingen aan de exporteurs met afzet op de groothandelsmarkten en productspecialisten.”
Gevraagd naar de grootste uitdaging die de puntpaprikamarkt nog moet zien te tackelen voor verdere groei, noemt Ivo de
In Papoea-Nieuw-Guinea, op het eiland Karkar, worden kokospalmen gebruikt voor een doel dat verdergaat dan hun traditionele exportwaarde. Het witte vruchtvlees van de kokosnoot, bekend als kopra, wordt verwerkt tot olie, die vervolgens wordt omgezet in biodiesel. Deze hernieuwbare energiebron voorziet essentiele diensten op het eiland van energie. De Kulili plantage,
met een areaal van ongeveer 980 ha, staat centraal in dit initiatief en produceert jaarlijks 600.000 liter biobrandstof op basis van kokosnoot.Het biodieselproject ging in 2007 van start op Kulili met als doel een duurzaam brandstofalternatief te creëren. Het project is in de loop der jaren uitgebreid en de directeur, Derek Middleton, is op zoek naar verdere investeringen om de
in het supermarktschap
kostprijs. “De smaak zit goed: veel mensen die ik spreek kopen liever een puntpaprika, omdat die lekkerder is. Maar willen we echt de concurrentie met de blokpaprika aan kunnen gaan, dan moeten de rassen nog wel productiever worden en moet de kostprijs omlaag. Nu mag een blokpaprika nog zo’n dertig tot veertig cent minder kosten dan een puntpaprika als het over de kostprijs gaat. Dat gat in kostprijs moet kleiner, zodat een kilo puntpaprika’s qua productie om en nabij de kostprijs voor een kilo blokpaprika’s uitkomt. Als dat lukt, dan kunnen we ook echt iets van het areaal van blokpaprika in gaan ruilen voor puntpaprika. En moeten retailers in het schap ruimte gaan maken voor puntpaprika ten koste van blokpaprika. Anders blijf je altijd het duurdere broertje of zusje van de blokpaprika, ook al is de puntpaprika geen specialty meer.” Kortom, doorpakken en innoveren dus en daar is de markt getuige de recente ontwikkelingen ook volop mee bezig. (TT)
fiers@harvesthouse.nl
Foto’s Harvest House
productie te verhogen. De brandstof wordt in heel Karkar voor verschillende doeleinden gebruikt, wat een verschuiving naar hernieuwbare energiebronnen binnen de lokale gemeenschap laat zien.
Columbia: Export groenten en fruit
Colombia is, als het om groenten en fruit gaat, vooral bekend als grote exporteur van bananen. Wereldwijd gezien behoort Colombia met een jaarlijkse export van rond de 2 miljoen ton bananen tot de top-5.
Minder
bekend is dat Colombia inmiddels ook tot de top-5 exportlanden van avocado’s behoort. Ook behoort Colombia inmiddels tot de grotere exporteurs van limes. Verder is het Zuid-Amerikaanse land een belangrijke leverancier van passiefruit. Daarnaast worden er kleinere hoeveelheden uitgevoerd van sinaasappelen, mango’s en watermeloenen.
In totaal exporteert Colombia jaarlijks voor een bedrag van een kleine 1,5 miljard dollar aan verse groenten en fruit. Dat is in de orde van grootte als bijvoorbeeld de export van Polen en Griekenland.
VEEL NAAR EU
De EU is de belangrijkste afnemer van Colombiaanse groenten en fruit. Van de totale bananenexport gaat de laatste jaren ongeveer twee derde naar de EU. Van de avocado’s gaat zelfs drie-
Columbia: Export groenten en fruit (in tonnen)
Columbia: Export groenten en fruit naar Nederland (in tonnen)
kwart naar de EU. De limes gaan overwegend naar de Verenigde Staten. Passiefruit gaat weer vooral naar de EU en dan met name naar Nederland.
Bijna 90% van de Colombiaanse productie van bananen (2,5 miljoen ton) is bestemd voor export. Bakbanaan is eveneens een groot product in Colombia (ook 2,5 miljoen ton), maar daarvan wordt een klein deel uitgevoerd. In Colombia worden meer dan een miljoen ton avocado’s geoogst. Hiervan is ruim 10% bestemd voor export. Andere grote producten van Colombia zijn: ananas, tomaten, sinaasappelen, uien, tropisch fruit en mango’s.
Groeiers in het Colombiaanse groenten- en fruitassortiment wat de productie betreft zijn: avocado’s, tomaten, sinaasappelen, mandarijnen, pompoen, aardbeien en peren.
IN 2023 SCHERPE DALING EXPORT BANANEN
In het afgelopen jaar bleef de Colombiaanse bananenexport flink achter bij de jaren ervoor. Door slechte weersomstandigheden kon er ‘maar’ 1,7 miljoen ton worden uitgevoerd tegen ruim 2 miljoen ton in de beide voorgaande jaren. Naar alle belangrijke afnemers werd minder uitgevoerd. Bij de afzonderlijke landen is de Verenigde Staten de grootste afnemer, gevolgd door België, het Verenigd Koninkrijk, Italië, Duitsland en Nederland. In de afgelopen jaren is vooral de export naar
België flink afgenomen. In 2015 ging het nog om 465.000 ton, terwijl dat in 2023 nog maar 287.000 ton was.
Cijfers van Eurostat over de daadwerkelijk in de EU geregistreerde import van bananen geven voor Colombia in de afgelopen jaren een redelijk stabiel beeld met een import van ca. 1,2 miljoen ton. In Italië worden de meeste geregistreerd, nl. in 2023 bijna 270.000 ton, gevolgd door België met 243.000 ton en Duitsland met 241.000 ton.
SNELLE GROEI EXPORT
AVOCADO’S
De Colombiaanse export van avocado’s is snel gegroeid. Van 5.500 ton in 2015 via 77.000 ton in 2020 werd er vorig jaar al 115.000 ton uitgevoerd. Daarmee is Columbia in 2023 na Mexico met 1 miljoen ton, Peru met 600.000 ton en Spanje met 140.000 ton de vierde exporteur en is Chili en Kenia gepasseerd. Nederland exporteert wel 433.000 ton, maar dat is uitsluitend re-export.
Nederland is veruit de belangrijkste bestemming van Colombiaanse avocado’s. Volgens de Colombiaanse exportstatistiek zou het om 54.000 ton gaan. Volgens Eurostat registreerde in 2023 zelfs een import van Colombiaanse avocado’s ter grootte van 69.000 ton. In 2023 was Spanje de tweede afnemer en de Verenigde Staten de derde. De export naar de Verenigde Staten is vorig jaar flink gekrompen. In 2023 kon er 13.000 ton naar de Verenigde Staten worden uitgevoerd tegen nog 18.000 ton in 2022. Het Verenigd Koninkrijk was met 12.500 ton de vierde afnemer van Colombiaanse avocado’s.
PASSIEFRUIT VOORAL
NAAR NEDERLAND
Columbia is een belangrijke leverancier van exoten en dan met name passiefruit. In het afgelopen jaar is de export na een snelle groei daarvoor gestabiliseerd op ruim 25.000 ton. In 2015 was dat Columbia:
Columbia: Export bakbanaan (in tonnen)
Export citroenen/limes (in tonnen)
Meer dan 100.000 sinaasappelen werden gedoneerd voor het Griffith’s Spring Fest, waar 67 gigantische citrussculpturen worden gebouwd. Op het evenement bouwen vrijwilligers aan sculpturen, waaronder een koalabeer, gitaar, glijbaan en een Toyota FJ Cruiser die tevens dienen als kinderspeeltoestellen.
nog 13.000 ton en in 2020 18.000 ton.
Voor het overgrote deel, in het afgelopen jaar 15.500 ton, gaat het om passiefruit en dan met name de paarse soort. Verder ging het om 8.550 ton physalis. Bij de andere exoten ging het om maximaal enkele 100den tonnen.
Ruim 70% van de export van Colombiaanse exoten ging naar Nederland, nl. bijna 18.000 ton. Daarop volgden de Verenigde Staten en Canada met respectievelijk 1.500 en 1.200 ton.
LIMES VOORAL NAAR DE VERENIGDE STATEN
Ook de Colombiaanse export van limes groeit snel. Van 6.400 ton in 2015 naar 70.000 ton in het afgelopen jaar. Meer dan twee derde van de export is gericht op de Verenigde Staten en verder gaan ze vooral naar de EU met Nederland als belangrijkste afnemer. In het afgelopen jaar is er volgens Eurostat in Nederland ruim 7.000 ton limes uit Columbia ingevoerd. Dat zou wel minder geweest zijn dan 2022.
De export van sinaasappelen is met rond de 10.000 ton van bescheiden omvang. Frankrijk is de belangrijkste afnemer. De export van Colombiaanse mango’s groeit, maar met 3.100 ton gaat het om een bescheiden hoeveelheid. Canada is de belangrijkste afnemer.
De export van ananas is in 2023 flink veel kleiner geweest dan daarvoor. In 2019 werd er 9.000 ton uitgevoerd. Vorig jaar maar 1.000 ton. Die daling is geheel toe te schrijven aan het wegvallen van de EU-markt. De export van overige producten als watermeloenen, uien, papaja’s, appelen en blauwe bessen is van nog bescheidener omvang.
Jan Kees Boon Fruit and Vegetable Facts www.fruitandvegetablefacts.com fruitvegfacts@gmail.com EU27: Import bananen en bakbanaan uit Columbia )in tonnen)
De gemeente Madrid heeft Operatie Asfalt 2024 in het leven geroepen, een project dat met een investering van € 16,4 mln het wegdek van 323 straten, goed voor een oppervlakte van 930.000 m² gaat vernieuwen. Het doel is het comfort en de veiligheid voor gebruikers te verbeteren, alsook de geluidsoverlast van het verkeer en de luchtverontreiniging in te perken.
Daarbij is een pilotproject gelanceerd die het gebruik van geurende asfalten in verschillende straten omvat. Voor de verschillende geuren
Nederland: Import exoten (in tonnen)
CNcode 08109020: Tamarinde, cashew apples, lychees, jackfruit, sapodillo plums, passiefruit,
EU27 en Nederland: Import groenten en fruit uit Columbia in 2023 naar wijze van transport (in tonnen)
worden additieven gebruikt zonder de technische kenmerken van het asfalt te beïnvloeden. Zo is er in de Calle Jazmín voor mangogeur gekozen.
Het doel van deze pilot is om de applicatietechniek van het geurende asfalt te perfectioneren en te kijken hoe lang de geur aanhoudt onder ver-
schillende omstandigheden zoals het verkeer, koude en warmte, en de blootstelling aan water. Deze innovatie, die geen extra kosten voor de gemeente vertegenwoordigt, wordt ontwikkeld door Padecasa, in samenwerking met de Universiteit Alfonso X el Sabio en Kao Chemicals Global.
Met drie klikken koop je een spannend en aanlokkelijk pilletje dat een speciale ervaring belooft. De enige drempel is het bevestigen dat je boven de 18 jaar bent. Innemen kan catastrofale gevolgen hebben. Verdrietig genoeg is dit de reden dat Lydia Bottenburg tegenwoordig strijdt voor een wereld waarin dat niet meer kan.
Lydia werkte ruim elf jaar in de AGF-sector, van 2008 tot 2019, en bouwde in die tijd (mee) aan de marketingstrategie voor Special Fruit. “We hebben hard gewerkt aan de branding van het bedrijf, zoals het moderniseren van het logo en de website, wat echt nodig was.” Het flink aan de weg timmeren hielp bij de groei die Special Fruit in die jaren doormaakte. “We verhuisden naar een nieuw kantoor met een groter magazijn en verpakkingsfaciliteiten.” Na een jaar ziektewet door borstkanker kwam Lydia terug. “Haar stoel” werd door een ander bezet, maar ze kon zich gaan rich-
ten op verpakkingen, wat ze ook leuk en uitdagend werk vond.
Het afscheid van de AGF-sector in 2019 kwam onverwacht. Door een reorganisatie bij Special Fruit stond Lydia plots op straat. Terugkijkend kan ze het beredeneren, maar emotioneel was het zwaar. Lydia: “Special Fruit is een familiebedrijf en ik kreeg te maken met overbezetting toen de jongste zoon voor de marketingtak koos. Bovendien werd de markt steeds uitdagender door supermarkten die de prijzen bepaalden en leveranciers die moesten volgen. Het ontslag kwam totaal onverwacht. Vooral omdat het een familiebedrijf is en we zoveel hadden gedeeld. Er zijn gelukkig wel mooie vriendschappen overgebleven uit die tijd.”
dagend, vooral met betrekking tot ecologische aspecten en de harde zakelijke wereld. Ik ben altijd ‘een groene’ geweest, was toen 50 jaar en dacht dat als ik ooit van carrière wilde veranderen, het nu moest gebeuren. Ik wist dat ik absoluut met mensen wilde werken. Er waren niet veel opties, uiteindelijk besloot ik om te solliciteren bij het gevangeniswezen. Ik kon daar met mensen werken, en door ambtenaar te worden, kreeg ik werkzekerheid.”
PITTIGE NIEUWE JOB
De gebeurtenis zorgde voor een drastische wending in Lydia’s carrière. “Ik wist niet wat ik moest doen, maar ik wist dat ik niet nog een keer door zo’n situatie wilde gaan. De AGF-sector is erg interessant, maar ook uit-
Toegelaten worden was een pittig proces. “Communicatieve vaardigheden en een stevige persoonlijkheid, waarbij je heel duidelijk moet zijn: ‘ja is ja’ en ‘nee is nee’ zijn onontbeerlijk in dit beroep. Om aan deze eisen te kunnen voldoen, word je grondig onderzocht en getest, zowel met psychologische testen als door middel van gesprekken. Daar moet je laten zien dat je een diepgaand begrip van menselijke interactie en communicatievaardigheden hebt, wat ik met mijn achtergrond en levenservaring gelukkig kon.”
Lydia kon fulltime aan de slag als Penitentiair bewakingsassistent. “Een totaal
“Dit boek is mijn neerslag van alles wat er na het ongeluk in de daaropvolgende twee jaar is gebeurd. Gaande van het hartverscheurende nieuws op die ene bewuste nacht over het moment dat ik mijn kind moest begraven tot het besef nooit meer écht te kunnen genieten van het leven.
Met dit boek hoop ik, samen met Mathias, anderen te waarschuwen voor het gevaar van ‘research chemicals’ die in toegankelijke webshops worden aangeboden. Het laat de verwoestende impact zien van deze ogenschijnlijk onschuldige pillen, die vaak worden gebruikt voor ontspanning of om te slapen.”
‘Aan het einde van de regenboog’ door Lydia Bottenburg is online te koop of te bestellen in elke boekwinkel.
andere wereld, maar vanaf het begin boeiend en prettig. Het was een verademing om niet alleen maar bezig te zijn met cijfers en targets, maar echt iets te kunnen betekenen voor mensen. Je mag dat niet al te rooskleurig zien. Wat je kunt doen is een druppel op een gloeiende plaat. Die mannen kunnen niets zelf bepalen. Met kleine dingen kun je veel betekenen: een complimentje geven, probleempjes oplossen, hele kleine successen vieren… Als je de klik kunt maken, is het een ongelofelijk boeiende job die voldoening geeft.” Als werknemer is het ook een pittige job. “Het gevangeniswezen is strikt hiërarchisch. Voor elke stap die je zet, is een regel. Ik kwam uit een andere bubbel, een van: ‘dit is je budget, dat zijn je doelstellingen en val ons niet te veel lastig, want we zijn druk’. Dat was een enorme overgang. In mijn nieuwe job ben ik flink gestruikeld. Ik heb moeten leren om dingen niet zelfstandig op te lossen, maar steeds toestemming te vragen. Dat blijft wel een beetje wringen, maar ik heb het kunnen accepteren.”
ONGELUK
Dan gebeurt er in 2021 iets dat niet te accepteren is. Haar zoon Mathias verongelukte toen hij met zijn hond op de snelweg liep. “Een triest ongeluk, wat
nooit had mogen gebeuren. Daar zijn geen woorden voor. Ik wist me geen raad met al mijn gevoelens, misschien vanuit een soort beroepsmisvorming, ben ik toch gaan schrijven, dagboekgewijs. Het hielp me te kaderen.” Stap voor stap kwam Lydia erachter waardoor het ongeluk kon gebeuren. “Mathias had in een online shop een designerdrug besteld en genomen en raakte alle besef van zijn omgeving kwijt. Hij ging ’s nachts wandelen met zijn hond en kwam midden op de snelweg terecht, waar hij werd aangereden. Dat was fout van hem, maar hij is ook slachtoffer. Hij kreeg de kans om het te doen. Die designerdrugs, ook research chemicals genoemd, omzeilen de opiumwet en zijn daardoor via online drugshops heel gemakkelijk te koop. Het is enorm frustrerend dat het liberale Nederland daar geen stokje voor steekt.”
Haar dagboek werd een boek met de titel ‘Aan het einde van de regenboog’, dat in november 2023 werd uitgegeven. “Ik voelde een sterke drang om anderen te waarschuwen en heb het zo mooi mogelijk opgeschreven. Alle pers die ik kon bedenken heb ik aangeschreven tot tv aan toe. Anderen waarschuwen helpt me in mijn verdriet, het helpt me om niet het gevoel te hebben dat zijn dood hele-
De Duitse supermarktketen Edeka is in de stad Brunswick begonnen met de bouw van de eerste volledig recyclebare supermarkt van het land. Dit baanbrekende project maakt gebruik van Triqbriq houttechnologie, waardoor alle gebruikte materialen kunnen worden hergebruikt of gerecycled. Voor de bouw van deze vestiging, die naar verwachting in het voorjaar van 2025 zal worden geopend, worden houtblokken gebruikt die bekend staan als Briq. Ze worden gestapeld en verbonden met beukenhouten deuvels, waardoor kunstmatige bevestigingsmaterialen overbodig zijn. Zowel de binnen- als buitenmuren zijn bijgevolg volledig demontabel zijn, wat het bouwproces versnelt omdat droogtijden niet nodig zijn. Het ontwerp omvat ook een volledig hou-
maal zinloos is, dat ik nog iets voor hem kan doen, dat blijf ik doen door lezingen te geven en mijn boek zoveel mogelijk te promoten. Ik heb ook besloten om me kandidaat te stellen voor het Vlaams Parlement, met als focus de problematiek rond gevangenissen en het verhaal van mijn kind.”
VECHTEN
Alle (werk)ervaringen sterken haar om volksvertegenwoordiger te worden. “Mijn jarenlange ervaring in de zakelijke markt, het werken in de gevangenis met een moeilijke doelgroep, als moeder die rouwt, het naar buiten brengen van het verhaal van mijn zoon, ik voel dat alles op zijn plaats valt en dat ik nu iets kan betekenen voor anderen, zelfs in mijn moeilijkste tijden. Maar ik ben dankbaar voor alles wat ik heb, mijn dochter, mijn man, mijn baan en mijn betrokkenheid bij de politiek. Ik geef niet snel op. Het leven gaat door, hoe moeilijk het soms ook is. En ik blijf vechten voor wat juist is.” (ML)
Lydia.bottenburg@gmail.com
ten dak, waarbij gekozen wordt voor meerlaagse houten panelen in plaats van de traditionele trapeziumvormige stalen platen. "De houtconstructie met dit systeem biedt ons een milieuvriendelijk alternatief, want de CO²-uitstoot is tot 50% lager in vergelijking met conventionele bouwmethoden", zegt Ben Balon, projectdirecteur bij Edeka. De supermarkt zal ook worden uitgerust met zonnepanelen en met technologie om het energieverbruik te optimaliseren. Foto: TRIQBRIQ AG
Groentemannen worden vaak als enigszins eigenwijs bestempeld en in dat straatje past ook Cécile Brugman. Ze gaat haar eigen weg en kwam 30 jaar gelden al met ideeën en vernieuwende services. Wat begon als klein consumenteninitiatief met lokale groentepakketten in 1994 groeide zodoende uit tot een bloeiende biologische supermarkt en speciaalzaak met bezorgservice.
“Toen
ik in 1994 in Gouda kwam wonen bleek dat er nergens lokale biologische producten beschikbaar waren. Dat motiveerde me om een manier te vinden dat te veranderen. Ik ontdekte op zes kilometer afstand in Zevenhuizen Tuinderij Natuurluck, een kleinschalig biologisch-dynamisch vollegrondsgroenteteeltbedrijf. Samen ontwikkelden we het idee om via groentepakketten lokale afzet te genereren,” vertelt ze.
NIEUWE AFZETMETHODE
Via een krantenartikel werden geïnteresseerde consumenten opgeroepen te reageren. In die tijd stond de interesse in biologische en lokale groenten nog in de kinderschoenen. Dat bericht leidde tot een onverwachte stroom van telefoontjes. “Het was echt overweldigend, dit alles was nog voor het tijdperk van mobiele telefoons, dus mijn huistelefoon stond twee dagen lang roodgloeiend,” herinnert Céline zich. De bio-sector geloofde destijds wel in het idee om consumenten en teler via abonnemen-
ten te verbinden. Het had diverse voordelen. Céline: “Door het samenstellen van wekelijkse groentepakketten rechtstreeks vanuit de tuin, konden we niet alleen zekerheid bieden aan de tuinders, maar konden zij ook hun teelt beter plannen, wetende dat er een gegarandeerde afzet was. Ons doel was om een gevarieerd assortiment groenten aan te bieden, geschikt voor zowel salades als kookgerechten, waardoor we zowel consumenten tevreden konden stellen als tuinders een stabiele markt konden bieden. Dit initiatief begon in 1994 met 160 huishoudens, een veelbelovende start voor ons abonnementensysteem.”
Het initiatief kwam van de grond met hulp van vrijwilligers die de pakketten samenstelden en hun schuurtjes ter beschikking stelden op dagen dat de groentepakketten verdeeld werden. De distributie werd uitbesteed aan een dagactiviteitencentrum van de GGZ. “Dit was een mooie samenwerking. Hierdoor konden we het abonnement betaalbaar hou-
den. We hanteerden een vaste prijs en als organisator kon ik de inkoopprijs van de groenten afstemmen op de kosten van transport van het dagactiviteitencentrum naar de depots, en ook rekening houden met een klein deel administratiekosten en mijn eigen loonkosten. Hoewel het voornamelijk een werk van liefde was en ik het meer als vrijwilligerswerk zag, is het toch belangrijk om ergens te beginnen.” De bio-wereld was nog klein. Ook pionier en groothandel in bio versproducten Odin (die overigens dit jaar hun 40e jubileumjaar viert), kon toendertijd de groentepakketten aanvullen met biologische groente voor meer varieteit. Uiteindelijk heeft Odin het abonnentsysteem overgenomen en uitgerold over heel Nederland. Het systeem blijkt robuust, ook het abonnementsysteem bestaat dertig jaar. De consument is nog steeds geïnteresseerd en in vrijwel alle biologische winkels en enkele groentewinkels in Nederland kun je een abonnement naar keuze (klein, middel of groot) afsluiten. Groentepakketten zijn een solide basis waarop de bio-sector verder kan bouwen. Céline: “Consumenten voelen zich betrokken en hebben het gevoel dat ze bijdragen aan het ondersteunen van lokale telers en hun bedrijfsvoering, waardoor zij zekerheid krijgen.” Ondanks dat ik dagelijks een groot aanbod AGF heb, kiest een trouw deel van onze klanten al die jaren al voor het vaste groenteof fruitabonnement van Odin.
DE STAP NAAR EEN WINKEL
Odin profiteerde van het succes in Gouda met groentepakketten, Céline profiteerde van de samenwerking met Odin en later ook biologische groothandel Udea, omdat ze meer producten kon gaan uitleveren, zoals biobrood en kruidenierswaren. In 1998 opende Céline haar eerste fysieke winkel Gaia Natuurvoeding. Vernieuwend in die tijd was dat ze vanuit de abonnementen ook het gemak van een bezorgdienst had, waarbij het vervoer geleidelijk werd overgenomen door een meer flexibele lokale transporteur die milieuvriendelijk te werk gaat. In de winkel bleef ze wel ruimte bieden voor loopbaanbegeleiding en dagbesteding voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
Na tien jaar verhuisde de winkel onder de formule Natuurwinkel naar een groter pand aan de overkant van de straat. In 2021 kwam het besluit om zelfstandig verder te gaan als Biowinkel Gouda. “Ik had ondertussen zoveel eigen expertise en contacten en zo kon ik me nog meer focussen op lokaal product, dat is voor mij altijd de kern van mijn onderneming gebleven.” Ze nam deze stap in een uitzonderlijke periode, coronatijd. Behalve de zichtbaar complete metamorfose naar een nieuwe uitstraling, waarbij het grootste deel van de oude inrichting werd hergebruikt, werd er een aantal belangrijke milieubesparende investeringen gedaan zoals volledige ledverlichting, energiezuinige airco en verwarming. Ook is er geen gasvoorziening meer nodig.
VAN DONKER- NAAR LICHTGROEN
Céline heeft het publiek in haar winkel flink zien veranderen. Waren het in de beginjaren vooral zogenaamde donkergroene consumenten, is er nu een veel bredere klantenkring. Céline: “Gelukkig is de perceptie van biologische producten niet langer beperkt tot een ‘geitenwollensokkenimago’, zoals dat misschien 30 jaar geleden het geval was. Er is duidelijk een verschuiving in bewustzijn merkbaar, wat natuurlijk positief is, vooral omdat het noodzakelijk is. We zijn ons allemaal bewust van het feit dat als we blijven omgaan met de aarde zoals we nu doen, het probleem alleen maar groter wordt. Biologische landbouw richt zich meer op zorg voor de toekomstige generaties, wat voor veel consumenten een belangrijke motivatie kan zijn om voor biologische producten te kiezen. Ook spelen andere motivaties een rol, van zorg voor de eigen gezondheid tot dierenwelzijn en milieuoverwegingen. Het is bemoedigend om te zien dat consumenten steeds meer besef-
De ‘prijzige’ tassenactie werd het gesprek van de dag en bracht veel goodwill en vrolijkheid
fen dat hun koopgedrag invloed heeft, en daarom zie je een verschuiving in attitudes.”
Ook na 30 jaar bio-aanbod in Gouda zijn er nog genoeg consumenten te vinden die Biowinkel Gouda nog niet kennen. Die kunnen best een zetje in de rug gebruiken, bedacht Céline. In 2022 verblijdde Biowinkel Gouda 1000 adressen met een waardebon voor een kennismakingstas vol biologische producten, met o.a. ook vers brood en groenten. De vouchers ter waarde van 25 euro kostten de ontvanger slechts 2,50 euro. Aan die prijzige actie hielpen gelukkig veel leveranciers flink mee.
“Eigenlijk was het één keer mijn nek uitsteken met zo’n stuntactie. Iedereen begrijpt dat dit geen reële prijs is en stunten past niet bij een eerlijke prijs, omdat wij in de bio-branche ook zorg wil dragen voor een gezond inkomen voor de teler. Maar deze actie was zo opvallend! Zelfs om de uitnodiging kon je niet heen, want bij de voucher zat alvast een gratis blikje olijfolie. We hebben de adressen geselecteerd op jonge wijken en nieuwbouw in Gouda. De actie werd het gesprek van de dag en bracht veel goodwill en vrolijkheid. ‘Dat blijft hangen’ was onze wens. Bovendien zijn zij hierdoor in elk geval bij ons over de drempel gekomen. Met een kleine terugkomactie (extra kortingsbon in de tas) hebben we diverse mensen opnieuw in de winkel gezien. Bedenk dat
adverteren ook geld kost en deze extra toegankelijke campagne (ook nog eens in coronatijd) bracht extra reuring op de vloer.
Céline wees de potentiële klanten ook meteen op de website en brengservice. Een online winkel zal ze echter niet ontwikkelen. “Ik geloof echt in de toekomst van een fysieke winkel. Alleen daar vind je het plezier van zelf winkelen, het kunnen uitkiezen van producten en de persoonlijke benadering,” zegt ze.
Biowinkel Gouda is inmiddels een familiebedrijf. Dochters Vera en Willemijn staan al ruim 12 jaar met net zoveel enthousiasme op de winkelvloer als Céline zelf. Ze zien de toekomst vol vertrouwen tegemoet. “Onze klanten zijn erg betrokken en trouw. Veel hebben de groei en alle ontwikkelingen meegemaakt. Kwaliteit is onze allerbelangrijkste succesfactor. Dat je ervoor zorgt dat je winkel en de producten goed van kwaliteit en vers zijn. Je ziet wel dat onder invloed van inflatie mensen een bewustere keuze maken in wat ze kopen. Ze blijven gelukkig voor biologisch kiezen. Ik zie nog steeds een mooie gestage groei en ontwikkeling.” (ML)
info@biowinkelgouda.nl
Maandelijks melden we AGF-switchers die de overstap hebben gemaakt naar een ander AGF-bedrijf. Heb je een switch van jezelf of namens je bedrijf te melden? Geef ze door aan marjet@agfprimeur.nl
Geswitcht mei 2024 Van
Harrij Schmeitz
Fresh Upstream
Lynette Verweel De Groot en Slot
Stijn Sleutjes
Ruben Claes
Ron Jongejan
Perry Dijkhuizen
Vogelaar Vredehof
New Green
D Exotic&Fruit Company; ADR fruit company
The Greenery
Hugo A-Tjak Purple Pride
Rini Ligtenbeerg
Looye Kwekers
Wessel van Doesburg Lidl
Stefan Klapwijk MitroFresh
Liewe Haanstra Lucanet
Wilma van den Oever
GroentenFruit Huis
Niels Bontje Cornelis Vrolijk Seafood
Theo Egbers Flower Direct
Dave van Kempen de Groot fresh group
Harro van Dam Nuts2
Niels Borgers
Compagnie fruitière
Marco Retel Selecta
Op TikTok en Instagram is een truc opgedoken die belooft het rijpingsproces van bananen te vertragen. De methode, die wetenschappelijk bewezen zou zijn, voorkomt dat de schil donker wordt en het vruchtvlees snel zacht wordt.
De focus ligt op het beperken van de blootstelling aan ethyleengas, de verantwoordelijke voor het versnellen van de rijping van het fruit. Aangezien ethyleen voornamelijk wordt vrijgegeven door de steel van het fruit, bestaat
de methode uit het inpakken of bedekken van de steel met een stuk aluminiumfolie of plasticfolie, om zo een barrière te creeren die de verspreiding van het gas tegenhoudt. Deze eenvoudige stap kan de houdbaarheid van de bananen met 3 tot 5 dagen verlengen, afhankelijk van hun initiële rijpheidsgraad.
Een andere strategie om de aanwezigheid van ethyleen te verminderen is de bananen van elkaar en van ander ethyleenproducerend fruit, zoals appelen,
Naar
Growers United
Wiskerke Onions
Sligro Food Group
Proefcentrum Fruitteelt
Jaguar TFC
Staay Food Group
Olympic Fruit
Valstar
OTC Organics
Cool Control
Best Fresh Group
Kramer Food Family
Koornstra & Co
Horeca Groothandel Tilburg
ByBlue
The Paper Trader Platform
Abb Growers & MiFood
avocado's, kiwi's, peren en tomaten, te bewaren. Het wordt ook aanbevolen om de bananen bij een temperatuur van 12 tot 13 graden te bewaren, hoewel het belangrijk is om te overwegen dat kou hun smaak en textuur kan veranderen.
13mei Met een tergend slakkengangetje wordt de achterstand op het voorgaande seizoen ingelopen. Met zo’n 925.000 ton export tot en met week 16 bedraagt het verschil nog 10 procent. Gemiddeld werd dus een kleine 22.000 ton Hollandse uien per week uitgevoerd.
Geen gering volume, maar te weinig om met een lege markt te eindigen. Weliswaar zijn schot en tarra gretige afnemers, zeker nu de temperaturen flink in de lift zitten, maar toch komen er ook steeds weer goede uien voor de dag. Daar moet de handel wel steeds dieper voor in de buidel tasten sinds half mei. Op juni is al 18 cent betaald voor uitstekende kwaliteit. De meeste handelaren die extreem dure uien hadden vastgelegd voor de periode maart tot mei hebben hun wonden inmiddels gelikt en moeten soms alweer de boer op.
De voorraden bij de handel zijn dun en de export lijkt langer dan verwacht structureel boven de 15.000 ton te blijven, wat aanzienlijk hoger is dan vorig seizoen. De bestemming blijft hoofdzakelijk Europa, hoewel tot april landen als Brazilië en Israël ook een duit in het zakje deden met respectievelijk 13.500 en 26.500 ton. Toch zomaar 40.000 ton wat tussen neus en lippen van de markt is. Kortom, de magische grens van een miljoen ton export Hollandse uien zal in mei nog gepasseerd worden, zo is de verwachting.
Mogelijk krijgt dit seizoen ook nog enkele weken respijt voordat er volop nieuwe oogst beschikbaar komt. Door de natte weersomstandigheden ging een groot deel van de zaaiuien pas half mei de grond in en zelfs plantuien werden in mei nog geplant. Ook import-uien zijn er niet in overvloed. Wellicht zijn de boeren die winteruien hebben straks spekkoper.
Brazilië, momenteel de op zes na grootste teler van avocado's ter wereld, heeft een aanzienlijke toename van 50% in areaal gezien van 2016 tot 2020, zo meldt het Braziliaanse Instituut voor Geografie en Statistiek (IBGE). Deze areaaluitbreiding, van 10,9 duizend ha naar 16,4 duizend ha, maakt deel uit van een bredere trend van de toenemende teelt van avocado's om te voldoen aan de vraag op zowel de internationale als de binnenlandse markt. Vooral de vraag van de binnenlandse markt is opmerkelijk, met een stijgende consumptie.
De zuidoostelijke regio, met 83,2% van de nationale teelt, is de belangrijkste producent van avocado's in Brazilië, met São Paulo en Minas Gerais als belangrijkste teeltgebieden. Toch blijven de uitbreidingsinspanningen niet beperkt tot deze gebieden, want andere staten zoals Ceará zien ook vooruitgang in de avocadoteelt.
Volgens Maria Cecilia Whately, president-directeur van de Braziliaanse Avocado Associatie, vereist de focus op exportmarkten een hoge kwaliteit en certificering van het fruit. Ze benadrukt het belang van marketingen communicatiestrategieen in deze sector, waarbij ze wijst op het niet-commodity karakter van avocado's en de noodzaak van zorgvuldige teeltpraktijken om aan de markteisen te voldoen.
De beurzen lijken half mei een bodem te hebben gevonden bij 10 cent. Dat is ver onder de kostprijs. Voor de betere kwaliteit wordt wel tot 6 cent meer betaald en op termijn wordt zelfs tot bijna het dubbele gevraagd, waardoor een teler met een flinke opbrengst dan misschien nog quitte speelt qua kosten. De andere kant van de medaille is dat deze telers een paar weken geleden nog tot 40 cent konden beuren. Het kan verkeren in de uienmarkt.
Wat de markt de komende weken nog zal doen, is onzeker. Weliswaar stabiliseren de prijzen op een laag concurrerend niveau, maar de vraag is of dat nog voldoende extra afzet zal genereren in de laatste weken van het seizoen. Het is ook mogelijk dat het seizoen als een nachtkaarsje uitdooft en die 18 cent op juni het maximale blijft voor dit bijzondere seizoen. Wie weet…
Al onze bedden SNF goedgekeurd
De SNF norm van 360 ltr wordt in de maat 45x50x180 cm gemakkelijk gehaald met 400 ltr inhoud.
Sinds jaar en dag zijn de huisvestings artikelen van ‘stapelbed.com’ een begrip in de telers en kwekers wereld. Wij hebben de handel in locker en garderobe kasten van onze ‘stapelbed. com’ afgesplitst om logistieke redenen. De kasten hebben een nieuw uiterlijk gekregen. Van een kantoor uiterlijk zijn we over gegaan naar een wat meer huiselijke uitstraling met een nog gemakkelijker en simpeler systeem om de kasten te monteren.
Tevens hebben wij een grotere kast in de aanbieding met twee deuren in de maat 60x50x180 cm met 540 ltr inhoud.
Belangrijke mededeling:
NIEUWE NAAM NIEUWE VERTROUWDEKLEUREN KWALITEIT
Vanwege de omstandigheden in de Rode Zee kunnen wij geen palletkorting meer aanbieden.
Verder zijn de sloten verbeterd en hebben wij gekozen voor een afsluitsysteem d.m.v. een hangslotje. Dit omdat de ervaring heeft geleerd dat sleutels zoek raken of afbreken in het slot, dan kan je of bij bestellen of uitboren en het gehele slot vernieuwen.
De kasten zijn van 0.8 mm koudgewalst plaatstaal gemaakt en afgewerkt met een witte gemoffelde krasbestendige verf. De deuren zijn met een houtmotief afgewerkt wat de huiselijkheid en gezelligheid ten goede komt.
WWW . SNFLOCKERS . NL
Storage New Furniture - Nederland | Industrieweg 30B 2382 NW Zoeterwoude Tel: +31(0)6 558 030 00 Tel: +31(0)71 523 01 84 | info@snflockers.nl
“Er wordt gestuurd op energieneutraal bouwen”
“Ondanks alle uitdagingen gebeurt er nog heel veel in logistiek Nederland; er wordt veel gebouwd,” geeft Maarten Veldman van Triple Group – dat zich bezighoudt met het adviseren en ondersteunen van de horti-keten onder andere op het vlak van gebiedsontwikkeling – de stand van zaken rondom bouwprojecten weer. “Vorig jaar is er na de energiecrisis en de problemen met grondstoffen een dip geweest. Het is wat lastiger om projecten los te krijgen en de veranderende regelgeving heeft impact, waardoor er wat minder werk is dan een aantal jaren terug, maar eigenlijk valt het me op dit moment mee. Er worden nog steeds volop projecten gerealiseerd.”
Door die veranderende regelgeving ziet Maarten wel vertraging in projecten ontstaan. “Het duurt wellicht wat langer om projecten van de grond te krijgen en vorm te geven, maar de toenemende behoefte van de consument leidt ertoe dat het noodzakelijk is om nieuwe distributiecentra, verpakkingslocaties en transporthubs te realiseren. Ik verwacht wel dat dit wel door zal blijven gaan.”
ENERGIEVOORZIENING
Wel is het daarbij nodig heel goed te kijken naar de energievoorziening, constateert Maarten. Want het verkrijgen van een aansluiting op het net is een factor die op veel locaties voor problemen zorgt en ontwikkeling vertraagt of zelfs tegenhoudt. “Dat is een serieus probleem en het wordt voor de korte en middellange termijn alleen maar erger.”
Over het algemeen leiden de problemen met elektriciteitsaansluitingen tot een
toenemend gebruik van zonne- en windenergie en batterijen, merkt Maarten op. En hij ziet dat er bij projecten goed wordt nagedacht over de opzet van een gebouw; duurzaamheid moet daarbij de hoofdrol spelen. “Zodat het materiaalgebruik ervoor zorgt dat bedrijven zo zuinig mogelijk met energie kunnen omgaan. Ook wordt er heel goed nagedacht over de integratie van verschillende disciplines qua installaties waarbij de restwarmte of -koude van een installatie wordt gebruikt als voeding voor een andere. Het doel daarbij is om procesinstallaties zo optimaal mogelijk en zo energiezuinig mogelijk te laten draaien. Momenteel wordt er heel erg gestuurd op zo energieneutraal mogelijk bouwen.”
Deze ontwikkelingen vinden plaats op niveau van het individuele bouwproject, maar Maarten ziet ook steeds vaker dat
bedrijven de samenwerking zoeken als het om energie gaat. “Bijvoorbeeld bedrijven op een bedrijventerrein waar de beschikbaarheid van energie onder druk staat, komen met elkaar tot goede oplossingen voor gezamenlijke energie-inkoop en -gebruik. Een mooi voorbeeld is de samenwerking op Bedrijventerrein Honderdland, maar ook bij Schiphol. Daardoor kan de gezamenlijke energiebehoefte naar beneden gebracht worden.”
Maarten geeft aan dat dergelijke oplossingen voortkomen uit noodzaak en ondernemersgeest als reactie op de situatie, maar tegelijkertijd zorgen voor besparingen. “Dat levert direct een besparing op voor de ondernemer, omdat een kleinere stroomaansluiting nodig is. Indirect levert het een besparing op, omdat het net minder zwaar belast wordt.” Daarbij ziet hij dat ondernemers bereid zijn te investeren in duurzame oplossingen. “Het besef dat we met zijn allen duurzamer met de aarde moeten omgaan dan voorheen, wordt steeds breder gedragen. Zo worden bedrijven deels gedwongen, maar zijn zij ook steeds meer bereid om te investeren in duurzamere oplossingen. Na de koplopers die intrinsiek gemotiveerd zijn om te verduurzamen, zien we nu steeds meer volgers die de effecten zien en snappen dat het belangrijk is. Uiteraard helpen subsidies daarbij.”
NIEUWE MATERIALEN
“Het is trouwens niet alleen de beschikbare ruimte op het net die voor problemen zorgt, maar ook de doorlooptijden bij de energiemaatschappijen dragen
niet bij aan een snelle elektriciteitsaansluiting,” merkt Maarten op. Daarnaast ziet hij dat de beschikbaarheid van grondstoffen onder druk staat. “Onder meer grondstoffen voor beton en isolatiemateriaal worden steeds schaarser, evenals staal. Dat zorgt ervoor dat de prijzen van deze grondstoffen stijgen, maar ook dat er creatiever mee wordt omgegaan. Slopen is niet meer afbreken en weggooien, maar demonteren en hergebruiken. Dat is groeiende en dat zal nog verder toenemen.” Ook leidt het tot het gebruik van steeds meer nieuwe materialen die duurzaam zijn ontwikkeld en hernieuwd kunnen worden. “Nu worden materialen als bijvoorbeeld stro of leem nog op kleine schaal toegepast, maar dat zou over 5 of 10 jaar gemeengoed kunnen zijn.”
Een andere grote uitdaging waar de vastgoedsector tegenaan loopt is de beschikbaarheid van ruimte. Het zorgt ervoor dat er steeds meer wordt ontwikkeld op zogenaamde brownfields – bestaande locaties. “Die worden heringericht om te voorkomen dat nieuwe stukken grond moeten worden bebouwd. Over het algemeen zijn dat verouderde locaties die hiermee een duurzame invulling krijgen. En er geldt al een bestemmingsplan, dus het is bekend aan welke voor-
waarden de locatie moet voldoen. Bij nieuwe ontwikkelingen moet dat vaak nog vastgesteld worden. Daarnaast is er de zekerheid van een stroomaansluiting.”
DOORDACHT GRONDGEBRUIK
Daarbij ziet Maarten dat een grotere efficiëntie in het benutten van de beschikbare grond nodig is, waardoor er minder vierkante meters nodig zijn. “We moeten beter doordacht omgaan met grondgebruik en efficient de schaarse ruimte benutten. Dat vraagt voor logistiek om meerlaags bouwen en het combineren van functies. Dat gebeurt in Nederland nog te weinig. Gelukkig zijn er wel enkele voorbeelden zoals het mede door ons ontwikkelde Bedrijventerrein Honderdland, maar dit moet naar de toekomst toe echt de standaard worden.”
Ook voorziet Maarten dat de beschikbare ruimte een andere invulling gaat krijgen. “Bijvoorbeeld in de glastuinbouw zie je een beweging naar andere locaties. Deels is dat naar de periferie van Nederland, maar steeds meer over de landsgrenzen heen. Door schaalgrootte zien we glastuinbouwbedrijven gedeeltelijk of geheel naar het buitenland vertrekken. Naar locaties waar je aaneengesloten kassencomplexen van
vele hectares kunt realiseren, tegen veel lagere kosten en met een hogere beschikbaarheid aan betaalbaar personeel. Dat is veel efficiënter om te produceren. Ik verwacht wel dat Nederland koploper blijft in kennis en innovatie, maar het productieareaal zal minder worden. Die ruimte zal ingevuld worden
op een duurzame manier in een combinatie van klimaatvoorzieningen, groene invulling, wonen en bedrijventerreinen. Mogelijk efficiënt gecombineerd in meerlaags grondgebruik,” besluit Maarten. (MW)
m.veldman@triple-group.nl
Dé partner in innovatie, verduurzaming en automatisering voor de foodindustrie. Integrale aanpak
RBK Food Automa�sering
ERP
MES & MOMS
OEE
WMS
PLC/Scada
RBK Food Projects
Logis�ek
Architectuur
Electrotechniek
Werktuigbouw
Koudetecniek
Luuk Hermans, Van Ravels Project Services:
“SNF-norm zorgt voor verandering inrichting woonaccommodaties”
“Met de SNF-norm zijn er veel dingen veranderd,” geeft Luuk Hermans, van Van Ravels Project Services, de ontwikkeling in het inrichten van projecten aan. Van Ravels richt zich op het inrichten van slaap- en woonaccommodaties, onder meer in de AGF-branche. “Veel van onze agrarische klanten maken veranderingen in de inrichting van hun accommodaties, omdat ze de SNS-norm willen hanteren.”
Luuk ziet dat de beschikbare ruimte daarbij vaak een uitdaging vormt. “Sommige ondernemers hebben beperkte ruimte voor huisvesting van werknemers, de huizenmarkt is krap waardoor men het moet doen met de ruimte die er is. De normering is in het leven geroepen juist om ervoor te zorgen dat ook onder die omstandigheden de huisvesting goed wordt geregeld.”
Wat is de SNF-norm?
HUISVESTING STEEDS VAKER IN EIGEN BEHEER
Waar de toenemende arbeidsmigratie ervoor zorgt dat ondernemers de huisvesting steeds vaker in eigen beheer regelen, leidt dat er steeds vaker toe dat Van Ravels, samen met andere partners de gehele uitvoering van een huisvestingsproject op zich neemt. “Dat loopt bijvoorbeeld van het informeren over vergunningen, het kijken naar woonunits tot
Stichting Normering Flexwonen (SNF) komt voort uit de Nationale Verklaring Tijdelijke huisvesting arbeidsmigranten, ondertekend in 2012 door onder andere de NBBU. Het komt erop neer dat huisvesting aan bepaalde eisen moet voldoen. Uitzendbureaus die NBBU-lid zijn, worden jaarlijks gecontroleerd of zij voldoen aan deze norm. De SNF-norm bestaat
aan het leveren van de gehele inrichting van het project; het compleet ontzorgen van de teler.”
Luuk ziet dat er bij de inrichting van een project een focus is op gemak, comfort en duurzaamheid. “Voor het gemak van onze klanten hebben we voor stalen bedden gekozen die makkelijk in elkaar te zetten zijn. Voor het comfort werken we met degelijke matrassen. De materialen die we gebruiken zijn eenvoudig en goed te reinigen, zodat ze lang meegaan. En het zorgt er tegelijkertijd voor dat het roulerende personeelsbestand eenvoudig over schone huisvesting kan beschikken dat aan alle hygiënische normen voldoet.” (MW)
info@vanravelsprojectservices.nl
uit de onderdelen ruimte en privacy, sanitair, veiligheid en hygiëne, voorzieningen, informatievoorziening, brandveiligheid, toezicht en beheer.
NBBU – de brancheorganisatie van professionele intermediairs op de arbeidsmarkt – geeft aan dat Nederland in 2022 984.169 arbeids-
migranten telde. “Net iets minder dan de helft werkte als uitzendkracht, de rest had een direct dienstverband.” Meer dan een derde van de arbeidsmigranten werken tussen juni 2022 en juni 2023 in de logistiek (37 procent), gevolgd door tuinbouw (21 procent) en voedingsindustrie (18 procent).
aan de toekomst met twee BREEAM gecertificeerde logistieke ontwikkelingen. Vooruitstrevende ondernemers in de AGFsector vinden hier letterlijk én figuurlijk de ruimte met kwalitatief goede bedrijfsruimte, een snelle bereikbaarheid op duurzame bedrijventerreinen en een 24/7 service.
Aris
Bulk, Van Vliet Bouwmanagement:
“Nieuwe Omgevingswet echt uitdagend voor initiatiefnemers”
Uitdagingen zijn er legio als je als AGF-bedrijf wilt gaan bouwen: de congestie op het stroomnet, klimaatperikelen of het vinden van gekwalificeerd personeel. “Daarbij komen nog de uitdagingen van de nieuwe Omgevingswet, de Wet kwaliteitsborging (Wkb) en de bijbehorende aanpassing van het Burgerlijk Wetboek (BW) die per 1 januari 2024 in werking traden,” aldus Aris Bulk van adviesbureau Van Vliet Bouwmanagement.
“Vergunningverlening is één van de belangrijkste elementen van het bouwproces. Het was al een hele toer om dat onder de voormalige wetgeving
binnen de daarvoor gestelde tijd voor elkaar te krijgen, maar binnen de nieuwe wet wordt dat zo mogelijk nog ingewikkelder. De wet is voor alle partijen
nieuw, marktpartijen en ambtenaren zijn nog zoekende in de brij van regelgeving die door zowel de overheid als de markt nog niet echt begrepen wordt en er is nog geen jurisprudentie. Voor opdrachtgevers is dit zo complex dat ze vaak door de bomen het bos niet meer zien. De nieuwe Omgevingswet is echt uitdagend voor initiatiefnemers en gaat, indien niet goed ingezet, voor veel vertraging zorgen in het bouwproces.”
MINDER DWINGEND
Aris ziet dat waar voorheen de wet een gemeente een leveringsplicht binnen een
Onder de nieuwe Omgevingswet, die op 1 januari 2024 in werking trad, kan op twee manieren van het omgevingsplan worden afgeweken: met een omgevingsvergunning buitenplanse omgevingsplanactiviteit; BOPA, of met de gewijzigde vaststelling van een omgevingsplan.
Vooral doordat gemeenten de mogelijkheid hebben om zelf te besluiten op welke buitenplanse activiteiten de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing is, voorziet Aris problemen. “Onder de oude wetgeving wist je in principe welke procedure van toepassing was. Er was een reguliere (8 + mogelijk 6 weken verlenging) en een uit-
gebreide (26 + mogelijk 6 weken verlenging) procedure. Niemand zat op de tijdrovende uitgebreide procedure te wachten, maar je wist wel waar je aan toe was. In principe vallen de nieuwe OPA- (binnenplanse omgevingsplanactiviteit) en BOPA-procedures onder de reguliere termijn en de gewijzigde vaststelling van het omgevingsplan onder de uitgebreide termijn. Voor wat betreft BOPA kan iedere gemeente besluiten welke plannen daaronder vallen. Zo kan het voorkomen dat twee naburige gemeenten tot een heel verschillend beleid komen. Dat wordt erg ondoorzichtig.”
afgebakende termijn oplegde voor een aanvraag binnen het bestemmingsplan, dit nu veel minder dwingend is geworden. “In het verleden werd een vergunning van rechtswege afgegeven, als een vergunning in de voorgeschreven termijn door een gemeente niet werd afgegeven. In de nieuwe situatie wordt aan deze verplichting geen consequentie meer verbonden. Op het moment dat de gemeente de vergunning niet binnen 14 weken (de voorgeschreven 8 weken plus een mogelijke verlenging van 6 weken) afgeeft, kun je wel de gang naar de rechter maken om een besluit af te dwingen, maar dat kan de verhouding met de gemeente verstoren.”
Hoewel Aris vindt dat subjectieve elementen in de Omgevingswet zeker deels verantwoordelijk zijn voor de nieuwe uitdagingen, ziet hij ook dat er deels
onmacht in het spel is. “Doordat tegen het advies van veel marktpartijen en de Eerste Kamer deze wet op 1 januari 2024 jl. is ingevoerd, is er weinig tijd geweest voor gemeenten om zich de materie eigen te maken. Daardoor is de vergunningaanvrager nog meer overgeleverd aan het ambtelijk apparaat, waarvan we weten dat het volledig overbelast is doordat ook daar de bemensing van de verschillende functies een enorm probleem is, met name op de toetsing van bouwprojecten.”
Ondanks alle uitdagingen ziet Aris dat ondernemers vooral inventief blijven, bijvoorbeeld waar het gaat om het overbruggen van de wachttijd voor een elektriciteitsaansluiting. Onafhankelijkheid van het net is één van die oplossingen. “We zijn nu bezig met projecten waar pas in 2025 en in 2028 weer voldoende stroom-
capaciteit beschikbaar zal zijn. Een hele mooie oplossing is dan als je helemaal los kan komen van het net. Er zijn in België voorbeelden van food gerelateerde bedrijven die volledig off-grid draaien.”
Aris geeft aan dat daarvoor wel grote investeringen nodig zijn en een combinatie van zonnepanelen, windenergie en accu’s. “Zodra je een koelinstallatie hebt, ben je zo’n energieslurper, dat het niet meevalt om alleen uit zon voldoende energie te genereren. Daar heb je zowel batterijen als ook windenergie voor nodig.” Een andere oplossing is dat er steeds vaker accu’s in combinatie met reeds aanwezige zonnepanelen te huur worden aangeboden om de wachttijd tot er een aansluiting beschikbaar komt, te overbruggen. “Het brengt wel allemaal kosten met zich mee die een aanzienlijke aanslag doen op het budget. Maar als je
Om de beschikbare grond optimaal te benutten, wordt vaker de hoogte in gebouwd, geeft Van Vliet Bouwmanagement aan
die investering niet doet, kun je op dit moment niets doen en moet je echt wachten tot je in bijvoorbeeld 2028 kunt inschrijven voor een aansluiting.”
Niettegenstaande alle tegenwind, ziet Aris niet dat AGF-ondernemers stoppen of naar het buitenland vertrekken. Wel ziet hij dat als vestiging of uitbreiding in de gewenste regio heel veel problemen oplevert, wordt gekeken naar een andere regio. Alhoewel ook dat vaak niet heel veel mogelijkheden met zich meebrengt, omdat de beschikbare grond beperkt is. Op termijn verwacht Aris dat dit nog meer onder druk komt te staan, doordat door de klimaatveranderingen en de daaruit volgende wateroverlast minder gebieden geschikt zullen zijn voor bebouwing.
Een andere mogelijkheid om te overwegen is inbreiding; een alternatief dat steeds meer onder de aandacht komt.
“Als er geen uitbreiding meer mogelijk is, kun je met inbreiding op een bestaande locatie soms een behoorlijke slag slaan. Het gaat erom de grond optimaal te benutten en omdat de ruimte schaars is, zie je steeds vaker dat er in de hoogte wordt gebouwd. Dan wordt bijvoorbeeld de opslag op de begane grond gerealiseerd en de productie op de verdieping, of andersom. Hoewel het soms even wennen is, is er techniek genoeg om te zorgen voor de benodigde capaciteit en snelheid. Als er in de omgeving geen grond gekocht kan worden, is het overwegen van inbreiding zeker een optie.” (MW)
a.bulk@vvb.nl
Laura van de Kreeke, Growy:
“Vertical farm-technologie zal meer beschikbaar en dus ook goedkoper worden”
Is het nu in Singapore, Koeweit, Amsterdam of elders, Growy ziet overal kansen om het eigen vertical farm-concept voor de teelt van sla, kruiden en microgroenten gestaag uit te bouwen.
“Met drie nieuwe teeltlocaties per jaar willen we over een vijftal jaar zo’n twintig vertical farms operationeel hebben in verschillende delen van de wereld,” stelt Laura van de Kreeke ambitieus.
“Met Nederland als testcase, want hier is veel kennis en kunde aanwezig.” >>
“Nederland biedt uitstekende mogelijkheden voor de ontwikkeling van vertical farming”
Laura van de Kreeke
Onderhet merk Chef’s Farm worden al een paar jaar microgreens aan horecaklanten in Nederland geleverd. “Vijftig soorten in totaal,”zegt Laura. “Ze worden geteeld in onze vertical farm in Amsterdam. Restauranthouders bestellen via de app en de dag erna, uiterlijk in dezelfde week, worden de producten aan huis geleverd door onze chauffeurs. Enkel Friesland en Groningen liggen nog niet op onze route, in alle andere provincies zijn er klanten. Er is zeker concurrentie van een aantal grote merken, maar de afzet loopt vlot. We zitten zelfs altijd op volle capaciteit.”
NIEUWE GROOTSCHALIGE
TEELTLOCATIE
Om meer horecaklanten van dienst te kunnen zijn en om vanaf de maand mei in
zee te kunnen gaan met een grote Nederlandse retailer voor een constant aanbod van kruiden en sla voor de slamixen, is een bijkomende grootschalige teeltlocatie in gebruik genomen. “In het slasegment kunnen we 20 soorten aanbieden. Het is de retailer die bepaalt welke soorten worden geteeld voor de mixen, zoals bijvoorbeeld een standaardsla met wat mosterdblad of radijsblad erdoorheen.”
Alles gebeurt automatisch bij Growy, van zaaien tot en met verpakken. Er is nog één operator werkzaam in de vertical farm en één in het pakstation. Ondanks de hoge initiële investering zorgt deze beperkte behoefte aan handen ervoor dat de teelt concurrerend is. “Eigenlijk concurreren we met Italië. Daar komt het gros van de sla in de slamixen die je in de Nederland-
se schappen vindt vandaan. De ontwikkelingskosten zijn natuurlijk hoog geweest, maar toch hebben we ze enigszins kunnen drukken door zelf alles te ontwikkelen, tot de software toe. We kunnen niet onder de prijs van Italië, maar we zitten er ook niet ver boven. Maar onze productie heeft enkele duidelijke voordelen: de gewassen zijn niet behandeld met gewasbeschermingsmiddelen, waardoor je ze niet hoeft te wassen, ze hebben een iets hogere kwaliteit en ze zijn van lokale teelt, wat ook een echt vers product betekent.”
SINGAPORE EN KOEWEIT
In Singapore en Koeweit heeft Growy vertical farms overgenomen van een bedrijf dat er voorheen enkel sla teelde. “Maar als je alleen sla teelt, is het moeilijk winst-
gevend te zijn. Ook in die landen bieden wij nu microgreens aan onder ons merk Chef’s Farm en de operatie is rendabel, in Singapore met twee operators, in Koeweit, waar we voorlopig inzetten op iets minder automatisering en ervoor gekozen hebben de bestaande arbeidskrachten te behouden, met tien mensen. Toch is het de bedoeling om op termijn ook daar onze technologie volledig te implementeren.”
In landen met barre weersomstandigheden of weinig ruimte, maar met een grote vraag naar voedsel, bieden vertical farms een oplossing voor lokale voedselproductie. “Onze farm in Amsterdam zal nooit kunnen genieten van een grote markt, Nederland is met zijn kas- en vollegrondsteelt veel te goed in voedselproductie. Hier zijn vertical farms eigenlijk niet nodig, maar Nederland biedt als land wel uitstekende mogelijkheden om de vertical farms te ontwikkelen, gezien de ruime aanwezigheid van kennis en kunde in tuinbouw en technologie.”
In Singapore en Koeweit, waar de levensstandaard hoog ligt en de lokale voedsel-
productie miniem is, is wel volop ruimte op de markt voor groenten en fruit van hoogtechnologische binnenteelt. “Nu bieden we nog bladgroenten, kruiden en microgreens aan, maar hopelijk kunnen we binnen een paar jaar ook tomaten en aardbeien leveren. Lokaal geteelde producten zijn doorgaans immers van betere kwaliteit dan importproducten.”
“DE KOSTEN ZULLEN DALEN”
Gezien de redelijk hoge energieprijzen in Singapore, ongeveer vergelijkbaar met die in Nederland, is de kostprijs per eenheid product in vertical farming aanzienlijk hoger dan in Koeweit, waar energie ontzettend goedkoop is. “Maar ik denk dat binnen nu en een paar jaar de technologie zelf veel meer beschikbaar komt en ook dus ook goedkoper wordt. Als dat gebeurt, willen we uiteindelijk ook doorgaan met projecten in armere landen, zoals in Afrika en Azië. Als de kosten kunnen dalen, zal er ook daar een markt zijn voor deze producten,” zegt Laura stellig.
Om dit allemaal waar te maken, blijft Growy op zoek naar investeerders. “Voor het bouwen van nieuwe vertical farms
hebben we natuurlijk kapitaal nodig. We garanderen een goede return on investment,” besluit Laura. (PB/PDC)
laura@growy.nl
Ook bij commercieel gebruik 10 jaar garantie op fabricage en materiaal fouten!!
Matras maat 90 x 200 cm. Deze bedden zijn als enkelbed, stapelbed of als ruim tweepersoons bed te gebruiken. Super gemakkelijk in 30 seconden in elkaar te zetten! Tevens verkopen wij tafels, stoelen, beddengoed en geheel afwasbareen bedwants resistente matrassen en kussens.
Piet van Vugt:
“Weegt de plasticbesparing op tegen de grotere hoeveelheden derving?”
‘Tijd voor uitbreiding én modernisering,’ dachten ze onlangs bij Van Vugt Kruiden in Ridderkerk. De redenen? Een duurzaamheidsslag maken en meegroeien met de toenemende vraag naar gezonde kruiden en babyleafs. En dus werd vorig jaar vijf hectare bijgekocht voor teelt onder glas en wordt binnenkort 3.000 m2 toegevoegd aan de verwerkingsruimte. Piet en schoonzoon Thomas lichten de keuze toe.
“De voorbije jaren hebben we best onze handen vol gehad met het bijhouden van de groei die onze retail- en
horecaklanten doormaken. We liepen tegen onze productielimiet aan, zowel in de teelt als in de verwerking,” steekt Tho-
mas van wal. “In het kruidensegment zal vooral de teelt van basilicum, dille, koriander, selderij en platte- en krulpeterselie worden opgeschaald. Die laatste drie referenties bieden we overigens samen met bieslook en kervel het hele jaar door volledig Hollands aan.”
PRODUCTIECAPACITEIT NEEMT MET DE HELFT TOE
“Ook van de opmars van babyleafs is het einde nog niet in zicht,” vult Piet aan. “En als onze klanten de bestellingen opdrij-
ven, dan is het onze taak om ervoor te zorgen dat elke order elke dag piekfijn wordt ingevuld. Dat kan alleen maar als we de verwerkingsruimte voorzien van een aantal extra productielijnen en van een nieuwe waslijn, naast meer ruimte voor koelopslag. De grootste groei in productiecapaciteit doet zich precies in de babyleafsafdeling voor, namelijk met 50%,” licht Piet toe. In totaal voorziet de uitbreiding bij Van Vugt Kruiden in 30% meer beschikbare ruimte.
In het babyleafssegment zijn rucola en mesclune de toppers, aangevuld met babyspinazie en veldsla. “Daaromheen doen we natuurlijk nog heel veel specifieke mixen, zoals bistro mixen en voor de Duitse markt ook wildkräuter mixen. We telen daarvoor onder meer mizuna, tatsoi en rode paksoi,” zegt Thomas.
BESTELLINGEN BABYLEAFS OP DAGELIJKSE BASIS
De toegenomen vraag naar babyleafs die bij Van Vugt Kruiden wordt neergelegd, heeft deels te maken met het gemak dat klanten ondervinden als ze bestellingen op dagelijkse basis kunnen doen. “Het product vanuit Italië hierheen rijden neemt natuurlijk tijd in beslag. En dat betekent vaak een week vooruit plannen. Er zijn klanten die dat niet willen, ze verkiezen op dagbasis te bestellen. Dat kan bij ons, net zoals ze dat voor de kruiden doen,” vult Thomas aan.
In de winter wordt evenwel een deel van de kruiden en de babyleafs bij contracttelers in Italië, Spanje en Frankrijk betrokken. “Omdat we onze klanten jaarrond van dienst willen zijn, halen we in de koude maanden de babyleafs en de krui-
den, die we niet zelf in Nederland kunnen telen, in bulk uit het zuiden binnen. Het verpakken gebeurt in Ridderkerk en als we overschot hebben, dan verkopen we het op de vrije markt,” legt Piet uit.
DUURZAAMHEID IS GEEN KEUZE, MAAR STANDAARD
Naast de toegenomen vraag is ook het duurzaamheidsaspect een drijvende factor achter de veranderingen die momenteel bij Van Vugt Kruiden plaatsvinden. Het is het favoriete werkterrein van Thomas. “Van elke stap die we in de keten zetten,” aldus de schoonzoon van Piet, “vragen we ons af of die duurzaam is, van het zaaien tot het oogsten en van het ontwerp van een verpakking tot het transport. Alleen al het feit dat we zoveel mogelijk Hollands product proberen te leveren, is hier al een bewijs van. En we geven onze klanten niet meer de keuze tussen producten die wel of niet PlanetProof zijn, die wel of niet in een recyclebaar schaaltje zitten. Er is maar één keuze: de duurzame optie.”
Zo heeft de productielocatie van Van Vugt Kruiden ook geen gasaansluiting meer, is nagenoeg het volledige machinepark elektrisch, wordt in de teelt een minimum aan gewasbeschermingsmiddelen toegepast en wordt volop ingezet op het hergebruik van water.
DE STRIJD TEGEN DERVING
En wat verpakkingen betreft, zijn Piet en Thomas – enigszins tegen de markttrend in – niet geheel overtuigd van de duurzaamheidswinst van ‘zakjes’ in plaats van ‘bakjes’ voor de kruiden in de retail. “De reden is eenvoudig,” legt Piet uit, “de derving lijkt groter te zijn bij kruiden in
een zakje, zowel in het schap als bij de consument thuis. Uiteraard ontkennen we de flinke plasticbesparing niet, maar weegt die op tegen de grotere hoeveelheden derving? Alleen de tijd zal leren of ze het in de toekomst voor elkaar krijgen in het schap met de zakjes.”
Voor de horeca, een sector die AGF-leveranciers meer vrijheid laat qua verpakkingskeuze, heeft Van Vugt Kruiden dan ook een nieuwe hersluitbare schaal ontwikkeld. “We zien klanten effectief teruggaan van een zakje naar de schaal, want die biedt meer gemak in de keuken en, zoals gezegd, minder derving,” weet Thomas.
Van Vugt Kruiden belooft zijn klanten een assortiment producten dat jaarrond beschikbaar is, dat elke dag “tot het laatste bakje” geleverd kan worden en dat bovendien een duurzaamheidstoets ondergaat. “Maar er is nog iets wat ons typeert,” zegt Thomas afsluitend, “en dat is de prijs. Klanten komen bij ons niet voor verrassingen te staan. We werken slechts met twee prijzen: een winterprijs en een zomerprijs. We maken duidelijke afspraken en daar houden we ons gewoon aan.” (PB/PDC)
info@vanvugtkruiden.nl
monden
Niek Monden, De Kruidenaer:
“Waterteelt
Eén kruid, basilicum, kan al jaarrond uit eigen teelt worden geleverd, maar het doel is om dit tegen 2028 voor vier kruiden voor elkaar te krijgen. Niek Monden van De Kruidenaer heeft een goede reden voor dit ambitieuze plan: “De Nederlandse consument lijkt steeds meer producten van lokale teelt boven import te verkiezen. De opties om hier invulling aan te geven, zijn we nog aan het verkennen. Maar we zijn vastbesloten om daarin te slagen.”
Met teelt in de open lucht en in koude en warme kassen proberen Christ en Jacqueline Monden samen met hun drie kinderen Luc, Niek en Marijn kruiden zoals dille, koriander, krulpeterselie en munt, maar ook dragon, citroentijm en lavas – in totaal zo’n twintig referenties –zoveel maanden als mogelijk op de markt
aan te bieden. “In de winter importeren we product uit Marokko, Spanje en Italië om onze klanten ononderbroken van product te kunnen voorzien,” stelt Niek. “Ook kervel, die jaarrond geniet van een constante vraag, kunnen we met een combinatie van buitenteelt en binnenteelt in de koude kas vrijwel het hele jaar door
leveren. Enkel van half december tot half januari zitten we nog met een gat.”
KWALITEITSARGUMENT
Naast de wens van de klant haalt de teler het kwaliteitsargument aan om volop in te zetten op een continu aanbod van lokaal geteelde producten. “Kruiden uit het buitenland zijn enkele dagen onderweg en dat zorgt voor een spanningsveld wat kwaliteit betreft. Daarom is het interessant het eigen seizoen zo lang mogelijk op te rekken. Kenia, traditioneel een grote leverancier van kruiden, heeft dan weer het nadeel dat het product moet worden ingevlogen. Zowel de consument als de retail wil steeds meer af van het invliegen van AGF. Het is ook de reden dat
niet meer het Oost-Afrikaanse land, maar Marokko nu onze grootste concurrent is in het winterseizoen.”
Niek vertelt dat er half april weer leven in de brouwerij is gekomen, nou ja, in de kassen en op de velden. “We zijn toen begonnen met de aanplant van veel kruiden. Het zaaien had al eerder plaatsgevonden. Ook dit jaar houden we vast aan ons basisassortiment, waartoe ondertussen ook enkele specialties behoren. Het topkruid is natuurlijk basilicum, dat we jaarrond kunnen aanbieden. Het is ook het enige kruid dat we ‘s winters in de belichte warme kas telen. De vraag is hoog en neemt nog steeds toe, onder meer door de populariteit van pesto.”
HOGE VRAAG NAAR MUNT IN DE ZOMER
De meeste kruiden bij De Kruidenaer zijn eenjarige planten. Munt, bieslook en rozemarijn zijn de uitzonderingen. “Munt telen we deels in tunnels, om een vroege oogst te kunnen hebben, en deels buiten. In de zomer, wanneer de vraag het hoogst is, oogsten we de munt vooral uit de open teelt. Vanwege de risicospreiding is het goed om zowel bedekte als onbedekte teelt te hebben. Rozemarijn is dan weer
een sterke plant die het vele jaren uithoudt. Die vind je bij ons in de koude kas.”
Basilicum, de topper onder de kruiden, wordt in Etten-Leur op water geteeld. “Waterteelt is onze grootste tak van sport,” vult Luc aan, die de voordelen van een – paradoxaal genoeg – laag waterverbruik en beperkte toepassing van gewasbeschermingsmiddelen aanhaalt. “Er is zoals gezegd eveneens buitenteelt, maar ook daar proberen we te moderniseren. Dit jaar zal het onkruid er machinaal gewied worden. Het vermindert onze afhankelijkheid van arbeiders die buiten op het land werken, die vandaag de dag steeds moeilijker te vinden zijn. Een deel van onze producten lenen zich uitstekend voor verdere automatisering in de teelt.”
BELICHTE TEELT UITDAGEND DOOR NETCONGESTIE
Naast een tekort aan arbeidskrachten is ook de overbelasting op het elektriciteitsnet een uitdaging voor De Kruidenaer. “De netcongestie is voor ons een behoorlijk groot probleem, omdat wij ‘s winters veel belichten. Om het gasverbruik te verminderen duwt het beleid ons in de richting van elektrificatie, maar de overbelasting van het net maakt dit verhaal lastig.”
Kruiden uit andere landen zijn enkele dagen onderweg en dat zorgt voor een spanningsveld wat kwaliteit betreft
Nadat via langdurige relaties een sterke positie is opgebouwd op de retailmarkt, kondigt Niek ten slotte trots aan dat in mei gestart wordt met een grote klant in de foodservice. “En voor die klant komt ook een exclusief merk van ons uit, al mag ik het op dit moment nog niet delen. Wat ik wel nog kwijt kan, is dat we bij die nieuwe operatie hebben gekozen voor duurzame kartonnen verpakkingen,” besluit Niek. (PB/PDC)
info@kruidenaer.nl
Waar in de Scandinavische landen het aandeel kruiden in pot nog driekwart uitmaakt van het totale kruidenaanbod, moet die categorie het in Nederland en het VK afleggen tegen het gesneden product. “Dat heeft vooral met de gemaksfactor te maken,” stelt Marco de Jager, managing director van Vitacress Real. “De gesneden versie leveren we ook steeds vaker voor de verspakketten die thuis worden bezorgd of bij de retail in het schap liggen, ook een product dat tot het conveniencesegment behoort.”
Vitacress Real, een joint-venture tussen
Gipmans Groep en het Britse Vitacress – oorspronkelijk een teler van waterkers – teelt, verpakt en vermarkt verse kruiden en andere natuurlijke smaakmakers zoals citroengras, zeekraal en verse knoflook. De verpakkingslocatie staat in Venlo, een uitstekende uitvalsbasis als een van de Europese hotspots voor de AGF-sector.
TOTAALASSORTIMENT VERSE
KRUIDEN: POT EN GESNEDEN
Vitacress Real benadert de kruidencategorie vanuit een totaalvisie en heeft daarom naast gesneden kruiden ook potkruiden in het assortiment. “Kruidenmarkten zijn vaak ontstaan uit pot, wat eigenlijk alles te maken heeft met de houdbaarheid. Met de wortels in de grond behoudt het kruid zijn voeding, wat handig is
voor de retail om het product langer in het schap te kunnen houden als de vraag even stokt. Maar ondertussen houden vele soorten gesneden kruiden het in de koelketen ook tien dagen uit. In de ongekoelde keten mag je rekenen op zo’n vijf à zes dagen. Het voordeel van de gesneden kruiden is natuurlijk dat je de plant niet hoeft te verzorgen en dat het product gewoon in de koelkast kan, waardoor je er geen speciale plaats voor hoeft te voorzien.”
Toch is er volgens Marco in Nederland, het VK en ook Duitsland, een land dat enorme stappen maakt in de conveniencetrend, nog steeds een plek voor kruiden in pot, omdat er altijd wel consumenten zijn die waarde hechten aan het sieraspect en de voorraadfunctie vanwege de langere houdbaarheid. “Het kruid dat het best tot zijn recht komt in pot is
basilicum, niet alleen omwille van de langere houdbaarheid van dit delicate kruid, maar ook omdat het boven de tien graden moet worden bewaard en dus niet in de koelkast kan. In de Nederlandse retail wordt meer dan de helft van de basilicum, een heel toegankelijk product qua smaak en ook populair omdat het gelinkt wordt aan Italiaanse gerechten, in pot verkocht.”
In het gesneden assortiment in de retail zijn munt, peterselie en koriander de toppers, gevolgd door basilicum en selderij. In maaltijdboxen zijn basilicum en koriander de meest voorgeschreven kruiden in de recepten.
ZOMER- EN WINTERTEELT
In Nederland teelt Vitacress Real van mei tot en met oktober nagenoeg alle kruiden buiten. “En waar we basilicum vroeger uit Sicilië en Spanje haalden, verkiezen we die teelt nu in de kas dicht bij huis, want voor dit gevoelige product zijn er toch vaak kwaliteitsissues tijdens het transport. In de winter halen we de krui-
den die we in de zomer hier in de vollegrond telen wel uit Italië en Spanje, waar ze ook in de vollegrond groeien en deels onder tunnel, dit om de risico’s te spreiden, want ook daar hebben ze eens om de zoveel jaren te maken met een koudefront. Zo verzekeren we ons van jaarronde Europese beschikbaarheid.”
Omdat de winter in Zuid-Europa toch frisser is dan de zomer in Nederland, worden daar andere rassen geteeld. “Het moeten rassen zijn die iets harder groeien op die lagere temperaturen. Vanuit het zuiden komen de kruiden hier al gesneden toe, in kratjes van 5 kilo. Wij doen dan nog een stukje sorteren en uiteindelijk verpakken.”
Om de klappen van klimaatverandering op te vangen, doet Vitacress Real aan geografische risicospreiding, ook buiten het Middellandse Zeegebied. “Waar we vroeger in West-Europa met twee dominante regio’s werkten, hebben we nu bewust vijf
streken geselecteerd, met telkens ongeveer 500 km afstand tussen de verschillende gebieden: Nederland, Noord-Duitsland, West-Duitsland, Zuid-Duitsland en Frankrijk. Onweer, zoals we hier vorig jaar eind juli hebben gehad, is vaak plaatselijk en zo proberen we in die brede linie altijd wel een plek te hebben waar goede kwaliteit kan worden geoogst.” Door de klimaatverandering kan volgens Marco de zomerteelt in deze vijf gebieden iets vroeger beginnen en ook iets langer doorgaan. “Zeker Frankrijk kan in april al munt leveren, terwijl die oogst vroeger pas in mei van start ging.”
SAMENWERKING MET ANDERE TELERS OP PROGRAMMABASIS
Bijna 90% van de kruiden die Vitacress Real op de markt brengt, is van eigen teelt of van telers met wie het bedrijf langdurige afspraken heeft. Daarmee kan het de partners continuïteit bieden, maar ook afdwingen dat ze voldoen aan eisen op het gebied van kwaliteit en milieuzorg. De overige 10% wordt bijgekocht op de
vrije markt, wanneer de eigen productie op een bepaald moment niet voldoende voorhanden is.
“Vaak zijn onze partners slatelers. De combinatie met de kruidenteelt is nuttig voor de gewasrotatie, zodat de grond niet uitgeput raakt. Bovendien laten kruiden altijd wat groenmateriaal achter, wat gezien kan worden als een bodembemester, en zijn meerdere oogsten mogelijk. Kruidenteelt biedt dus meerdere voordelen, maar vergt ook een zeker specialisme. Als je als slateler denkt om kruiden gewoon er even bij te doen, dan kun je je verslikken. Meerdere telers hebben het geprobeerd, maar zijn even vlug weer weggegaan,” legt Marco uit.
MACHINALE OOGST IS MOGELIJK, MAAR ER ZIJN BEPERKINGEN
Een aantal kruidensoorten kunnen volgens de managing director net zoals babyleaf machinaal geoogst worden. “Bepaalde peterselierassen lenen zich daar goed toe, op voorwaarde dat de bedden mooi egaal zijn. Toch liggen bij machinaal geoogst product niet alle steeltjes aan de ene kant en de blaadjes aan de andere kant in de verpakking, wat voor sommige retailers evenwel een eis is. Dus afhankelijk van het product, de teelt en de klant kunnen we machines inzetten in de oogst, wat vanuit arbeidsoogpunt natuurlijk een besparing inhoudt.”
GROEIPOTENTIEEL
De consumptie van kruiden verschilt van land tot land, niet alleen in volume, maar ook qua soorten. “In het Middellandse Zeegebied vormen kruiden een wezenlijk bestanddeel van de keuken. Toch zijn kruiden ook in West-Europa in opmars door de populariteit van exotische gerechten. Wie Italiaans kookt, voegt een
“Als je als slateler denkt om kruiden gewoon er even bij te doen, dan kun je je verslikken”
blaadje basilicum toe, wie voor Aziatisch kiest, denkt aan koriander. In Nederland hebben we ook helemaal de muntthee omarmd, Duitsland is dan weer iets traditioneler. Daar wordt nog vaak peterselie voor de soep in het winkelmandje gelegd.”
Kruiden zijn volgens Marco evenwel een categorie waarin nog veel groei mogelijk is. “Ongeveer 50% van de huishoudens koopt één keer kruiden per jaar, terwijl champignons en andere minder courante groenten ver boven de 80% uitkomen. En de consumenten die wel iets vaker kruiden in het winkelmandje leggen, doen dat gemiddeld eens in de twee maanden, terwijl vele groenten wekelijks of tweewekelijks geconsumeerd worden. Zowel de cijfers van de marktpenetratie als de frequentie van de aankopen wijzen dus op de mogelijkheid om verdere groei te realiseren.”
MAALTIJDBOXEN ALS OPSTAP NAAR HOGERE CONSUMPTIE
In die zin kan de populariteit van de verspakketten de categorie een duwtje in de rug geven. “In de coronaperiode namen de abonnementen op maaltijdboxen van thuisbezorgers een vlucht. Nu hebben de supermarkten dat segment eigenlijk een beetje overgenomen. Bepaalde retailers hebben een behoorlijke range aan maal-
Marco de Jager
tijdpakketten. Het begon met een basisassortiment, waaronder lasagne, nu is het mogelijk tot vijftig verschillende verspakketten te vinden. En precies kruiden kunnen die twist geven om dat smaakpalet heel breed te maken.”
In iets minder dan de helft van de gerechten bij de marktleider in thuisbezorging van maaltijdboxen in Nederland zitten volgens Marco kruiden. “Ook wij voorzien leveranciers van verspakketten, vooral door onze ervaring met kruiden in de ongekoelde keten, want houdbaarheid is in dit segment een belangrijke factor. En omdat we ook geautomatiseerd zijn in het portioneren van verpakkingen, kunnen we gemakkelijk de echt kleine porties van tussen de 5 en 20 gram leveren. En onze grotere ambitie is om via de verspakketten de marktpenetratie van kruiden te vergroten, want wie het eenmaal heeft geproefd in de maaltijdboxen, zal ook in de winkel vlugger een portie voorgesneden koriander of basilicum in pot in het winkelwagentje leggen,” besluit Marco. (PB/PDC)
info@vitacressreal.com
Cesar van der Spurt & Yuval Depicker, Micro’s Unilight:
“Onze volgende doelgroep worden broodjeszaken en exporteurs”
Teelt op potgrond in plaats van hydroponie, kasverwarming op basis van stookolie, geen hightech en twee jonge kerels die de schoolbanken lieten voor wat ze waren. Op die manier cressen telen moet én economische zelfmoord zijn én ecologisch het rampscenario benaderen. Niets is minder waar, zo blijkt. Ziehier het verfrissende verhaal van de “down to earth”-aanpak van Micro’s Unilight – en dat mogen we gezien het gebruik van potaarde ook letterlijk nemen – met bovendien een sociaal project als slotakkoord.
We schrijven 2021. Cesar van der Spurt was net 20 jaar geworden en had geen zin meer in verder studeren. Hij nam zijn koffers, ging even uitwaaien in Egypte en kwam terug met het idee om microgreens te telen: jonge groenteplantjes boordevol gezonde stoffen en toch nauwelijks op ons bord te vinden.
‘Daar moet wel een markt voor zijn,’ dacht Cesar, ‘en zo kan ik de mensen ook helpen gezonder te eten.’
VAN ZEECONTAINER NAAR KAS
Hij kocht een zeecontainer, zette hem in de tuin en bouwde hem om tot een vertical farm, ergens in het Gentse. Samen met
Yuval Depicker ging hij aan de slag, met als doel de particuliere markt te voorzien van cressen. “Maar het product was onbekend. We kwamen van een behoorlijk kale reis terug en dus verlegden we de focus naar de professionele markt met voornamelijk levende cressen: op natuurlijke manier en vanuit biologisch zaden geteelde microgroenten die met de wortels in de aarde rechtstreeks aan restaurants werden geleverd.”
Ondertussen is de krappe container ingeruild voor een ruime kas en wordt het product gesneden geleverd, niet meer rechtstreeks aan de restaurants, maar op wekelijkse basis aan een vijftiental grote horecaleveranciers in Vlaanderen en het zuiden van Nederland. “Voor een pro-
ductie van 30 kilo per week in de container betaalden we €500 per maand aan elektriciteit, nu is de factuur nauwelijks €50 hoger en oogsten we het tienvoudige. Zonlicht is bij nader order nog altijd gratis en ook met een rolcontainersysteem, dat we uit Nederland hebben gehaald, kunnen we een hogere efficiëntie behalen. Voor verdere automatisering – denk aan robotisering – moeten we nog investeerders vinden, onder meer om ook ons aanbod in de retailmarkt te versterken,” legt Cesar uit.
VOLLEDIG RESIDUVRIJE TEELT
In de winter ligt de teelt niet stil. Er wordt een beroep gedaan op HPS-belichting en verwarmingsbuizen die onder de rolcontainers liggen. “We verwarmen op stookolie. Omdat we de kas huren, heeft het immers niet veel zin om fors te investeren in duurzame warmtekrachtkoppeling. Hoe dan ook, we stoken enkel om ‘s nachts de vorst buiten te houden en om overdag een temperatuur te bereiken van 11-12 graden. Onze gewassen hebben niet meer nodig, de lagere groeisnelheid nemen we er gewoon bij. En ook de HPS-belichting geeft wat stralingswarmte af. Op deze manier bekomen we een energiearme teelt waardoor financiele risico’s in de winter binnen de perken blijven.”
En al is de teelt niet biologisch gecertificeerd – daarvoor zouden de wortels in de vollegrond moeten zitten –, er wordt geen enkel gewasbeschermingsmiddel gebruikt. “Naast de inherente gezonde eigenschappen van cressen, vind je
op onze producten dus ook geen residuen. Dit communiceren we graag aan de klanten en de consument, evenals het feit dat de voedingswaarde van microgreens die op potgrond en onder zonlicht zijn geteeld, hoger is dan die van het product uit hydrocultuur. En niet alleen de voedingswaarde is hoger, ook de smaak is voller en dieper,” weet Cesar.
Aan de professionele markt levert Micro’s acht cressenmixen en ook een single serie in verpakkingen van 25 tot 1000 gram, afhankelijk van het product. Aan de retail, met name een dertigtal supermarkten in de buurt van Gent, worden twee soorten mengelingen geleverd. “Microgreens is nog een vrij onbekend product, dus voor de particuliere markt houden we het voorlopig eenvoudig en duidelijk voor de consument.”
NIET MEER ALS NODIG IS Momenteel hebben Cesar en Yuval een vijftiental cressen in het assortiment. “Daar houden we het voorlopig bij. Om in staat te zijn een consistent aanbod te leveren, heeft het niet veel zin om de zaken onnodig ingewikkeld te maken. Bovendien is onze focus op mixen uniek. Driekwart van onze aanvoer naar de horecaleveranciers bestaat uit innovatieve mengelingen. Een ander kenmerk van ons aanbod is prijstechnisch van aard: we kunnen een stuk goedkoper zijn dan andere aanbieders van cressen door te focussen op optimalisatie van het oogstgewicht. Wie verpakkingen aanbiedt met één enkele soort, bijvoorbeeld enkel capucien of amaranth, mikt eerder op het
hogere segment door een fijn product te leveren dat een sterk decoratieve waarde op het bord beoogt. Onze cressenmixen houden eerder het midden tussen een alternatief voor sla en die decoratieve functie.”
En met dat prijstechnische voordeel komt ondertussen ook de afzet richting broodjeszaken in het vizier. “We kunnen twee mixen aanbieden met een prijs die niet ver boven die van gewone sla ligt. In plaats van te concurreren met gevestigde cressentelers, zien we onze mengelingen bij verdere automatisering eerder de concurrentie aangaan met conventionele bladgroente. Een ontwikkeling waardoor een volledige nieuwe markt kan ontstaan. Ook exporteurs mogen bij ons aankloppen, ons product hoeft niet enkel in Vlaanderen en Zuid-Nederland te blijven,” aldus Cesar.
En dan is er nog dat sociale tintje, want het cressenbedrijf wil volgens de inrichter niet enkel winst maken. “Gezond voedsel is als een medicijn voor het lichaam, al vinden we dat in zorginstellingen, waar het precies de bedoeling is dat lichamelijk verzwakte mensen aansterken, de voedingswaarde van het eten vaak ondermaats is. Voor iedere twintig verkochte bakjes in de retail doneren we er ééntje aan zorginstellingen,” besluit Cesar. (PB/PDC)
cesar@unilight.co
www.micros-unilight.com
De lokale boerderijwinkel Kelowna Fruit-N-Veggies in de Okanagan Valley (USA) bedacht een wel heel originele manier om van hun overtollige en overrijpe watermeloenen af te komen: de watermeloen-smash. Voor 2 euro mochten klanten met behulp van een knuppel de onverkoopbare watermeloenen een zo hard mogelijke mep verkopen.
“AGF-sector
zich
personeelswerving
“De AGF-sector moet openstaan voor het jaar 2024. De arbeidsmarkt is een kandidatenmarkt geworden en de kandidaten kunnen uitkiezen. Daar moet de sector zich op aanpassen,” duidt Jan Willem Tolhoek van FreshRecruitment, dat zich richt op het vervullen van vacatures op bachelor- en masterniveau in de agrofoodbranche, de arbeidsmarkt.
Waar het zo’n 20 jaar geleden volstond om een advertentie te plaatsen en vervolgens de reacties – vaak minstens 50 per brief of later email – af te wachten, ziet Jan Willem dat deze situatie compleet is veranderd. “Het grote verschil is dat kandidaten nu benaderd worden en vaak meerdere keren per week.”
GOEDE
De recruiter ziet dat, zeker voor de jeugd, een andere benadering nodig is. “Vaak wordt in de AGF-sector gezegd dat de jeugd zich niet wil aanpassen, maar waarschijnlijk moet de werkgever zich dan aanpassen. En als de werkgever dat niet doet, krijg je afdelingen met veel te veel 50-plussers, die niet de toekomst hebben. Dus, benader mensen op een andere manier en zorg voor een goede mix van werknemers.”
Aanpassen is dus de boodschap, maar hoe doe je dat? Jan Willem geeft bijvoorbeeld aan dat meer het gesprek kan worden aangegaan in plaats van een directieve aanpak. Zo stelt hij vast dat veel mensen 32 uur willen werken, maar dit
in de AGF-branche lastig bespreekbaar is. “32 uur verdeeld over vijf dagen kan ook. Het maatwerk moet wat meer besproken worden, want per functie verschilt wat belangrijk is.”
DRIE MAANDEN REIZEN
En ook bijvoorbeeld de wens om een reis van drie maanden naar bijvoorbeeld Australië te maken, moet voor de recruiter bespreekbaar zijn. “Zeker is het lastig als een werknemer met een belangrijke commerciële functie ineens drie maanden wil gaan reizen. Dan kun je wel zeggen: dat gebeurt niet, maar als een werknemer dat echt wil, gaat dat wringen. Dus je kunt er maar beter voor openstaan: in overleg kun je heel veel bereiken, dan krijg je veel meer gemotiveerde mensen.”
Ook op het gebied van communicatie is veel veranderd. “Tegenwoordig communiceert de jeugd anders en dat wordt vaak negatief uitgelegd: ze kunnen niet communiceren. Met alle relatief nieuwe middelen als het internet en whatsapp wordt er inderdaad veel minder gesproken en meer digitaal gecommuniceerd.
Daar moet je je ook op aanpassen als je gaat zoeken naar mensen.”
PERSONEEL BEHOUDEN
Overigens geeft Jan Willem aan dat bij personeelsbeleid niet alleen moet worden ingezet op het werven van personeel. “Werknemers zoeken is één ding, mensen behouden is veel belangrijker. Bij heel veel bedrijven schort het daaraan.” Hij ziet dat drukte een vaak aangehaald argument is om weinig aandacht aan het personeel te besteden. “Deel je tijd beter in, zodat er ook tijd is om regelmatig met je personeel te spreken. Dat hoeft niet zwaar te zijn, soms kan een kwartiertje met een bakje koffie al voldoende zijn om even te bespreken hoe het gaat. Want als er kleine dingen spelen, die niet uitgesproken kunnen worden en je krijgt als werknemer drie keer per week een aanbod voor een andere baan, dan is het een kleine stap om elders eens te gaan praten. Dus haal de barrières weg.”
Echter de belangrijkste conclusie van Jan Willem is toch wel dat er voor het vinden van de juiste match tussen werkgever en werknemer geen handboek is. “Het is per persoon verschillend. Ik denk dat werkgevers veel meer moeten luisteren naar wat de behoefte is. Je hebt te maken met een team, maar binnen een team mogen er best uitzonderingen zijn. Dat valt echt wel uit te leggen.”
TUNNELVISIE
“Daar hebben veel bedrijven een probleem: het is een beetje vastgeroest en dat leidt tot een tunnelvisie. Personeel is maatwerk; het zijn mensen en die willen ook als zodanig behandeld worden. Het is belangrijk om een goede mix te vinden in wat belangrijk is voor de kandidaat en voor het bedrijf. Geef bijvoorbeeld de jeugd een goed persoonlijk ontwikkelplan op korte termijn. Focus niet direct op vijf jaar, maar kijk eens naar één, twee, drie jaar. En dat moet je continu aanpassen; want wat er over drie jaar gebeurt is ver weg voor de jeugd.”
Maatwerk is dus nodig voor een gemotiveerde werknemer, concludeert Jan Willem. Een belangrijk aspect van zijn werk
als recruiter is uit te zoeken wat een kandidaat motiveert, geeft hij aan. Salaris speelt daarbij uiteraard een rol, maar mag voor Jan Willem niet de hoofdrol spelen. “Je kunt wel denken ‘Pietje’ doet het goed bij bedrijf X; laten we hem benaderen en we leggen er 1.000 euro bovenop, dan komt hij voor ons werken, maar dat wil helemaal niet zeggen dat hij slaagt.”
PERSOONLIJKE MOTIVATIE
“Het gaat om motivatie en dat is dus niet alleen geld. Als iemand alleen voor het salaris van baan verandert, vind ik dat persoonlijk een matige motivatie. Het moet erom gaan jezelf te ontwikkelen, de vraag is dus wat de persoonlijke motivatie is.”
Daarbij ziet Jan Willem dat voor een recruiter kennis van zowel de branche als van de kandidaat belangrijk is. “Het gaat erom je te verdiepen in zowel de opdrachtgever als de kandidaten. Je moet echt laten weten dat je snapt wie je benadert en waarom. Het gaat erom dat je kunt communiceren met de juiste groep mensen.” Dat Jan Willem en zijn collega’s allemaal minstens 20 jaar ervaring hebben in de AGF-sector helpt daarbij. “Wij kennen de sector en kunnen de bedrijven waarmee we werken ook de spiegel voorhouden om de cirkel van moeizame werving te doorbreken.” (MW)
janwillem@freshrecruitment.com
Taco van der Louw, Up & Up Talent Solutions over de uitdagingen waar de AGF-sector voor staat:
“In de komende tien jaar gaan er veel mensen weg uit de AGF en daarmee gaat er ook veel kennis en ervaring verloren”
“Ik denk elke keer dat de arbeidsmarkt gaat veranderen, maar wij krijgen nog steeds goede opdrachten binnen en kunnen ook nog steeds goede mensen vinden. De ontwikkeling van de arbeidsmarkt is erg afhankelijk van de economie en van wat er in de wereld gebeurt. Er zit altijd beweging in, maar een overvloed aan kandidaten, zie ik niet zo snel gebeuren,” geeft Taco van der Louw van Up & Up Talent Solutions – met een focus op recruitment voor de AGF-sector – de stand van de arbeidsmarkt weer.
Dat wil overigens niet zeggen dat het invullen van vacatures eenvoudig is. Zeker niet in de AGF-sector, die niet voldoende meebeweegt met wat er op HRM-gebied gebeurt, merkt Taco op. Hij ziet dat vooral commerciële en logistieke vacatures lastig in te vullen zijn. Wat daarbij ook niet helpt zijn de salarissen. Daarvan stelt de recruiter vast dat die in de AGF-sector al redelijk hoog zijn en als iemand de overstap naar een nieuwe functie binnen de sector maakt, die persoon zeker niet aan de slag gaat voor een lager salaris.
MEER DAN EEN POPPETJE
“Het wervende bedrijf moet dan mee in het salaris van de kandidaat en zal er een kleine plus bovenop doen. Het is niet per se zo dat er heel veel extra gevraagd wordt, maar hoe meer personeelswisselingen er zijn in de markt, hoe meer het salaris stijgt. Daar zit natuurlijk ook een grens aan, want het is niet direct zo dat de marges in de AGF-sector op dat gebied veel ruimte bieden. Het is ook afhankelijk van het bedrijf, sommige handelsbedrijven hebben het momenteel zwaar, en die kunnen niet dat salaris betalen. Maar bedrijven die makkelijker een hoger sala-
ris kunnen bieden, trekken wel makkelijker goede kandidaten aan.”
Toch ziet Taco salaris niet als het speerpunt bij de invulling van een vacature, niet voor het bedrijf, maar ook niet voor de kandidaat. “Het gaat er niet om wat iemand kost, maar het gaat er voornamelijk om wat iemand meebrengt of gaat opleveren.” Een proces dat vooral vraagt om veel energie en begeleiding. “Het gaat niet alleen om het zoeken naar een poppetje, maar past die persoon ook bij de organisatie en binnen de verwachtingen?” Juist daar zou recruitment voor de AGF-sector, die door de dagelijkse drukte, weinig tijd heeft om zich met personeel bezig te houden, volgens Taco van toegevoegde waarde kunnen zijn. “We brengen in beeld wat de verwachtingen van een bedrijf precies zijn en proberen daar de juiste persoon bij te vinden. Daarmee worden personeelswisselingen voorkomen.”
Wat daarbij ook helpt is een netwerk, geeft Taco aan. “Wij zoeken erg de samenwerking met andere recruiters op en hebben wereldwijd partnerships, waardoor we altijd mensen kunnen vinden.” Want recruitment gaat inmiddels over de landsgrenzen heen, ziet de recruiter. “Zo kan bijvoorbeeld een van origine Engelse recruiter heel veel Nederlandse kandidaten in zijn portfolio hebben, die ik
niet in beeld heb. Op die manier kunnen we kandidaten uitwisselen. Het bedrijf dat een vacature wil invullen is daarmee geholpen, de kandidaat is geholpen en wij als recruiters zijn daarmee geholpen. Zo kunnen we snel vacatures invullen.”
Ook het meer meebewegen met de huidige arbeidsmarkt gaat de AGF-sector helpen, verwacht Taco. Daarbij kijkt hij naar de uitersten: zowel de ouderen als de jongeren. “Geef de 50-plussers nog een kans. Heel veel mensen moeten tot hun 67e en misschien nog wel langer doorwerken, dus houd hun expertise en ervaring binnen boord.” En om de jongere generatie voor de AGF-sector te interesseren, ziet Taco dat het belangrijk is om goed te luisteren en mee te bewegen met de markt. “Dat houdt bijvoorbeeld in dat je serieus kijkt naar thuiswerken. De technologie is zover dat dit ook in AGF-sector toepasbaar is. Jonge mensen vinden woon-werkverkeer zonde van de tijd. Wil je werknemers aantrekken die niet in de buurt van het bedrijf wonen, zul je ervoor moeten zorgen dat mensen flexibel kunnen werken. In zulke processen zul je mee moeten bewegen.”
STEEDS MEER OP DE RETAIL GERICHT
Want dat het nodig is om nieuwe mensen aan te trekken in de AGF-sector, is voor Taco wel duidelijk. Hoewel hij verwacht dat een aantal AGF-bedrijven in slecht weer terecht zal komen, waardoor
er kandidaten voor andere spelers in de sector vrijkomen, ziet hij ook dat de handel richting retail wordt geconcentreerd. “Daardoor is er behoefte aan een andere categorie medewerkers. Vooral de handel zonder eigen teelt, waar door de klimaatsveranderingen dan te veel en vervolgens te weinig product beschikbaar is, gaat het moeilijk krijgen, omdat supermarkten vanwege de continuïteit eerder kiezen voor handelsbedrijven met eigen teelt.”
“De AGF-sector is steeds meer gericht op de supermarkt als afnemer. Dan heb je mensen nodig die op hbo-niveau zijn opgeleid op het gebied van bijvoorbeeld schappenplannen of category-management.” Taco stelt vast dat een dergelijke opleiding er nu niet is, maar wel hard nodig zou zijn. “Ik vind dat de AGF-wereld wakker moet worden. We hebben straks echt een probleem. In de komende tien jaar gaan er veel mensen weg uit de sector en daarmee gaat er ook veel kennis en ervaring verloren. Wie gaat dat uiteindelijk invullen? Daarvoor zijn goed opgeleide werknemers nodig en nu is maar een handjevol jonge mensen die daar mee bezig is. Daar zal echt veel meer in geïnvesteerd moeten worden.” (MW)
taco@up-up-go.com
“Steeds complexere AGF-handel vraagt om hoger opleidingsniveau en salaris”
“In de AGF-handel zie je weinig start-ups, die veel creatiever zijn in het belonen buiten salarissen en bonussen om. Met bijvoorbeeld reisjes, een inhouse sportfaciliteiten of sport challenges kun je mensen binden. Dat zie je in de AGF-handel nagenoeg niet, maar voor jonge mensen is dat een belangrijk aspect,” geeft Johan Grootscholten van Green Career Consult – dat zich richt op recruitment en loopbaancoaching in de sectoren Agri, Horticulture & food –mogelijkheden weer om meer jonge mensen aan te trekken.
Een aspect waarvan de recruiter vaststelt dat het belangrijk is. “Door de coronaperiode, toen er weinig mensen vertrokken of wisselden van baan, is de gemiddelde leeftijd van werknemers in de AGF-sector met twee tot drie jaar gestegen.” En dat heeft gevolgen voor het op peil houden van het personeelsbestand. “Het is noodzakelijk om jonge werknemers aan te trekken, omdat de vergrijzing in de AGF-sector behoorlijk is. Om het personeelsbestand op peil te houden, niet eens uit te breiden, heb je nieuwe aanwas nodig.”
Overigens ziet Johan dat alleen een focus op het werven van jonge mensen in deze tijden van krapte op de arbeidsmarkt, niet voldoende is. “Zo’n tien jaar geleden, hoefde je 50-plussers niet aan wervende bedrijven voor te stellen. Nu is de krapte zodanig dat er heel anders naar deze kandidaatgroep wordt gekeken: als ze goe-
de ervaring en energie meebrengen en op een gezonde manier nog willen bewegen in een organisatie, dan nemen bedrijven 50-plussers graag aan.”
ONTWIKKELPLAN
Ook belangrijk voor werknemers aan het begin van hun carrière is het bieden van een ontwikkelplan, geeft Johan aan. “Denk bij het werven van jong personeel na over waar de betreffende persoon over bijvoorbeeld drie jaar in het bedrijf zou moeten staan. Dat hoeft niet per se op het gebied van salaris te zijn, maar kan ook een nieuw project inhouden. Als hierover wordt nagedacht, wordt dat gewaardeerd. Jonge mensen hebben een bepaald ambitieniveau en willen na zo’n drie jaar graag een stap maken. Als daar niet bij wordt stilgestaan, kijken starters al snel weer verder.” Al ziet de recruiter ook dat dit in de vaak relatief platte AGF-organisaties niet altijd voor de hand ligt. “Daar-
door zijn ontwikkeltrajecten in de AGF soms wat lastiger dan in grotere organisaties of corporates.”
Johan stelt vast dat de AGF-wereld steeds complexer wordt, wat hij als een uitdaging bestempelt. “Achter de AGF-handel is er bij retail veel consolidatie. Daardoor worden de vraagstukken van klanten op bijvoorbeeld het gebied van condities of het leveren van een totaalpakket steeds complexer. De consequentie daarvan is dat het opleidingsniveau en denkvermogen van werknemers ook op een hoger niveau moet liggen om die complexe vraagstukken te kunnen oplossen en om volwaardig sparringpartner te zijn en blijven.”
WEINIG AANDACHT VOOR OPLEIDING Hij ziet dat de AGF-handel op dit gebied nog vrij veel vasthoudt aan traditie en te weinig aandacht heeft voor opleiding. “Er wordt al gauw gezegd: ‘ga het gewoon maar doen’. Bijvoorbeeld de veredelingssector is veel meer gericht op het testen van het niveau van medewerkers om vervolgens te kijken waar er mogelijkheden voor groei zijn.”
Een ander aspect waarop de toenemende complexiteit zijn invloed laat gelden is het salaris, merkt Johan op. “Het salaris in de AGF-sector stijgt serieus, want ook hier geldt: naarmate de klanten complexer worden, moet je daar meer senioriteit tegenoverstellen en dan is stijging van het salaris onvermijdelijk. En daar wordt ook niet op beknibbeld. Omdat de marges flinterdun zijn, moet er dan op andere facetten van de bedrijfsvoering worden bespaard, zoals ICT, logistiek of marketing.”
Dat neemt overigens niet weg dat de salarissen in de AGF-sector wat lager liggen dan in bijvoorbeeld de farma-, food- of automotive-sector, geeft Johan aan. Dat zorgt ervoor dat salesfuncties – waarvoor medewerkers ook gemakkelijk elders terechtkunnen – in de AGF-sector moeilijk in te vullen zijn. Maar ook logistieke AGF-functies zijn uitdagend, geeft de recruiter aan. “Het logistieke proces is
bijna een ICT-proces geworden, waardoor dergelijke functies niet zo makkelijk in te vullen zijn. Er zijn niet heel veel mensen beschikbaar die dat zomaar kunnen oppakken. De processen in de AGF-sector, waar rekening moet worden gehouden met onder meer houdbaarheid, zijn complex.”
Maar voor het invullen van welke functie dan ook, is het belangrijk om een goed netwerk van kandidaten te hebben, merkt Johan op. Het is de reden dat Green Career Consult daar veel in investeert. Zo worden loopbaangesprekken met kandidaten gevoerd en assessments gedaan. Op basis daarvan wordt bepaald wat passend is. En dat hoeft helemaal niet de vacature te zijn waarvoor de kandidaat binnenkwam, geeft de recruiter aan. “Op basis van expertise en competenties
koppelen we kandidaten aan een passende vacature of een bedrijfscultuur.”
BEDRIJFSCULTUUR
Zeker het laatste aspect wordt vaak onderschat, geeft Johan aan. “Op het moment dat iemand goed bij de bedrijfscultuur past, is dat al een halve plaatsing. Het is niet vanzelfsprekend dat iedereen bij dezelfde bedrijfscultuur past. Zo vinden sommige kandidaten het bijvoorbeeld prima om in het diepe gegooid te worden en al doende te leren en anderen varen wel bij een cultuur waar goede begeleiding is.”
Juist vanwege de verschillen in bedrijfscultuur is het voor kandidaten belangrijk om goed in beeld te brengen wat bij hen past. “Als jongeren soms wel vier of vijf aanbiedingen ontvangen, gaan we
Perrin Aarts, Green People Recruitment:
samenzitten om de voor- en nadelen in kaart te brengen. Bedrijfscultuur is daarvan ook een onderdeel, want als je niet bij een bedrijfscultuur past, ga je, ondanks dat de functie je past, binnen de kortste keren met tegenzin naar het bedrijf.”
KANDIDATENPOOL
Overigens ziet Johan dat de werkwijze met loopbaangesprekken het in beeld brengen van competenties zijn vruchten afwerpt. “Kandidaten waarderen het dat er de tijd voor hen wordt genomen en als ze na zo’n 4 tot 5 jaar aan een nieuwe baan toe zijn, komen ze terug naar ons of ze bevelen andere kandidaten aan. Zo breiden we ons netwerk uit. Heel belangrijk, want de kandidatenpool is ons kapitaal.” (MW)
Johan@greencareerconsult.nl
“Arbeidsmarkt iets minder krap: werknemers maken weer vaker overstap”
“Op dit moment is de arbeidsmarkt krap, maar lijkt iets minder krap te worden. Werknemers zijn weer vaker bereid om een overstap te maken,” geeft Perrin Aarts van Green People Recruitment – dat zich richt op het verbinden van talent met bedrijven in de agro- en foodsector – de stand van zaken op de arbeidsmarkt weer. “Maar als werknemers overstappen worden daar wel harde voorwaarden aan gesteld.”
Perrin Aarts
Dat houdt onder meer in dat er flink over het salaris wordt onderhandeld, ziet Perrin. “De overstap wordt pas gemaakt als er een forse salarisverhoging in het vat zit. De salarissen stijgen sowieso op basis van de cao’s en waar functies daarbuiten vallen, wordt er vaak stevig over de beloning onderhandeld.” Salaris blijft toch een pijnpuntje in de AGF-sector, constateert de recruitment consultant. “De marges spelen mee. Producten als bijvoorbeeld brood, vlees, zuivel of bewerkte groenten hebben een wat hogere toegevoegde waarde, waar hogere marges op gemaakt kunnen worden. Daardoor kunnen die sectoren het personeel beter wat beter belonen. Dat is iets voor de AGF-sector om over na te denken.”
Een andere voorwaarde die vaak wordt gesteld is de mogelijkheid tot hybride werken – deels op kantoor en deels thuiswerken –, merkt Perrin op. “Dat is een blijvertje geworden na corona en dat zie je in de arbeidsvoorwaarden terug. “Grotere bedrijven hebben hier wel een beleid voor, maar werkgevers bieden het niet altijd zelf aan, terwijl vrijwel alle kandidaten ernaar vragen.” Hij ziet dat waar het mogelijk is – niet alle functies lenen
zich ervoor – werkgevers er wel vaak in meegaan, met de kanttekening dat er pas na de inwerkperiode deels, meestal twee dagen bij een fulltimebaan, thuisgewerkt kan worden.
Daarnaast stelt Perrin vast dat niet voor alle commerciële posities een leaseauto standaard is, – terwijl dit door de kandidaat wel wordt verwacht en ook een breekpunt is – en in maar heel weinig vacatures gesproken wordt over de ontwikkelingsmogelijkheden. “Juist voor starters tussen de 20 en 30 jaar is dit een belangrijk aspect, want zij willen hun carrièrepad vervolgen en daarvoor de nodige opleidingen doen. Het is een gemiste kans als de werkgever voor die leeftijdsgroep niet nadenkt over een mogelijk opleidingstraject en het bijbehorende budget. Door dat als werkgever aan te bieden, zou je sommige kandidaten over de streep kunnen trekken.”
FUNCTIES KWALITEITSAFDELING LASTIG IN TE VULLEN
Waar wel opleidingen worden aangeboden is voor medewerkers van de kwaliteitsafdeling. Perrin ziet doordat er tijdens de opleiding specifieke kennis is opgedaan, kwaliteitsmedewerkers vaak loyaler zijn en minder geneigd om van baan te wisselen. Hij vindt het dan ook één van de moeilijkst in te vullen vacatures in de AGF-sector. Net als de func-
tie van planner. “Dat is een uitdaging, want in deze functie wordt er veel flexibiliteit gevraagd voor zo nodig werken in avonden en weekenden, waardoor we daar vaak jonge mensen plaatsen zonder gezinssituatie. Functies op het bedrijfsbureau zijn echte spilfuncties, waarbij hybride werken ook lastiger is.”
Eén van de factoren die het verloop van de arbeidsmarkt beïnvloedt is de vergrijzing, merkt Perrin op. Een ander aspect dat een rol speelt bij de ontwikkeling van de arbeidsmarkt, is de toenemende politieke focus op arbeidsmigratie waardoor hij op dat vlak een krapte verwacht. Verdere automatisering, waardoor en minder personeel nodig is, zou een oplossing kunnen zijn voor AGF-bedrijven, voorziet de recruitment consultant. “Daarvoor zijn wel veel specialisten nodig, die een bedrijf zelf zou kunnen opleiden. Zelf opleiden is belangrijk voor AGF-bedrijven om de continuïteit van de werknemers te waarborgen, maar ook om te zorgen dat werknemers zich verbonden blijven voelen aan een bedrijf en zich daar kunnen ontwikkelen.”
De recruitment consultant ziet niet vaak dat buitenlandse kenniswerkers emplooi vinden in de AGF-sector. De taal blijkt toch een struikelblok. “De Nederlandse taal is vaak een vereiste. Daardoor is
het niet makkelijk om bijvoorbeeld veelgevraagde functies op de kwaliteitsafdeling – waar de taal belangrijk is voor de wet- en regelgeving die erbij komt kijken –in te vullen met buitenlandse kenniswerkers. Het komt wel beperkt voor in bedrijven die ook in het land van herkomst van de betreffende medewerker actief zijn.”
Toch is Perrin positief over de arbeidsmarkt, ook voor AGF-bedrijven. “Er liggen nog voldoende kansen.” Zo ziet hij bijvoorbeeld mogelijkheden in betere communicatie om de juiste mensen binnen de AGF-sector aan te trekken. “Het standaard in het voorwaardenpakket opnemen van aspecten als hybride werken of opleidingsbudget, biedt kansen. Het is belangrijk om tijdens gesprekken duidelijk te zijn over hoeveel ruimte er is voor dergelijke voorwaarden.” Daarnaast ziet hij het investeren in stagiaires als een goede manier om starters aan een bedrijf te binden. “Als ik studenten spreek, hoor ik regelmatig dat ze na het afronden van hun opleiding graag hun carrière beginnen bij een van de bedrijven waar ze eerder stageliepen.” (MW)
paarts@greenpeoplerecruimtent.com
De krapte op de arbeidsmarkt is nog altijd ongekend hoog. Werkzoekenden hebben de banen voor het uitkiezen. Ken je iemand of ben je zelf op zoek naar een nieuwe baan of uitdaging? Deze vacaturekrant biedt een overzicht van vacatures in de AGF-sector. Bedrijven zijn op zoek naar verkooptalenten, kwaliteitsadviseurs, inkopers, voormannen en -vrouwen, technici en specialisten. Dus bekijk alle vacatures op de volgende pagina’s om te zien of er interessante banen tussen zitten.
Jouw baan
De missie van Wageningen University & Research is ‘To explore the potential of nature to improve the quality of life’. Binnen Wageningen University & Research bundelen Wageningen University en gespecialiseerde onderzoeksinstituten van Stichting Wageningen Research hun krachten om bij te dragen aan de oplossing van belangrijke vragen in het domein van gezonde voeding en leefomgeving. Met ongeveer 30 vestigingen, 7.600 medewerkers (6.700 fte) en 13.100 studenten en ruim 150.000 Leven Lang Leren-deelnemers behoort Wageningen University & Research wereldwijd tot de aansprekende kennisinstellingen binnen haar domein. De integrale benadering van de vraagstukken en de samenwerking tussen verschillende disciplines vormen het hart van de unieke Wageningen aanpak.
MEER INFORMATIE?
Neem contact op met Rob Pret Hoofd Technische Dienst T. 0317485703. Mail rob.pret@wur.nl.
SOLLICITEREN
Dat kan direct via de sollicitatiebutton bij de vacature op www.wur.nl zodat wij persoonlijke gegevens kunnen verwerken met jouw toestemming.
Als elektrotechnicus ben je bezig met het aan- sluiten, inregelen en optimaliseren van elektrotechnische installaties.
In de kassen van ons proefbedrijf locatie Bleiswijk van Wageningen University & Research (Business Unit Glastuinbouw & Bloembollen) ga jij voor een optimale technische dienstverlening. Hiermee ontzorg jij de onderzoekers op technisch gebied bij uitvoering van de diverse onderzoeken. In deze veelzijdige rol heb je veel ruimte voor eigen initiatief en ben je nauw betrokken bij innovaties en ontwikkelingen in een internationale werkomgeving.
Jouw taken en verantwoordelijkheden als elektrotechnicus zijn:
• Installeren en inregelen van proefopstellingen zoals belichting en klimaatsystemen in en rond de kasafdelingen.
• Kalibreren en justeren van diversen sensoren.
• Preventief en correctief onderhoud verrichten;
• Analyseren en verhelpen van storingen;
• Bereidheid tot het draaien van week en consignatiediensten.
Het team
Als technicus elektrotechniek voor ons dynamische onderzoeksinstituut maak je deel uit van een enthousiast en ervaren team. Samen met 5 collega’s ben je verantwoordelijk voor het technische beheer van de onderzoeksfaciliteiten zoals kassen en gebouwen, labs en onderzoeksinstrumentaria van locatie Bleiswijk.
Jouw kwaliteiten
Jij bent zelfstandig, klantgericht, proactief en initiatiefrijk in het verlenen van jouw service.
Daarnaast werk jij kwaliteitsgericht zodat collega’s op jouw werk kunnen bouwen en vertrouwen.
Ook beschik jij over:
• technische opleiding, diploma op minimaal MBO+ (meet en regeltechniek/elektrotechniek);
• affiniteit met installatie- en klimaatregel techniek;
• affiniteit met de glastuinbouw.
• data- & tekstverwerking en schriftelijke rapportage;
• rijbewijs B;
• kennis van klimaatregelingen is een pré.
De Steenenburchweg in ‘s-Gravenzande is onze productielocatie voor jonge groenteplanten en incidenteel ook voor bloeiende planten voor Ornamentals. Op 10,5 hectare kweken we jonge groenteplanten voor tomaten, komkommers, paprika’s, aubergines en courgettes op, van zaaien tot afleveren. Voor alle specifieke processen hebben we specialisten in huis: enten, telen, techniek, logistiek en energie. Je hoeft daarom als bedrijfsleider niet in detail overal verstand van te hebben, maar je bent wel eindverantwoordelijk voor de bedrijfsvoering.
Je hebt dus meerdere rollen. Je bent sparring partner bij investeringen op jouw locatie. Je bent degene die inkomsten en uitgaven voor de locatie monitort. Je let erop dat we continu produceren conform de strenge GSPP-hygiënemaatregelen. Ook ben je verantwoordelijk voor het hele personeelsbeleid, van het aannemen van medewerkers tot en met het houden van functionerings- en beoordelingsgesprekken.
Als bedrijfsleider ben je daarmee min of meer ondernemer op je ‘eigen’ bedrijf. Een flink bedrijf: de normale bezetting van zo’n 40 medewerkers kan in het piekseizoen oplopen naar 120. Op heel veel facetten van de bedrijfsvoering kun je je eigen stempel drukken. Een brede kijk op zaken is daarom meegenomen, al realiseren we ons dat je moet groeien in je rol en je goed wilt worden begeleid. We rekenen er wel op dat je van nature een echte people manager bent. En dat je flexibel schakelt van de ene taak naar de andere vraag.
Wie zoeken wij?
• Je werkt en denkt minimaal op hbo-niveau en je bent al een paar jaar actief in een vergelijkbare functie.
• Je hebt een actuele en globale kennis van alle operationele processen: substraat, telen, financiën en personeelszaken. Automatisering, logistieke prosessen, techniek, verbetering van de gehele bedrijfsvoering moet altijd je doel zijn.
• Je vindt het geen probleem om buiten werktijd gebeld te worden (bij problemen of calamiteiten).
• Je gaat praktisch te werk, je bent resultaatgericht en presteren onder druk gaat je goed af.
Wat kun je van ons verwachten?
De teelt verzorgen van diverse gewassen en per gewas verschillende rassen; dat is pas next level telen! Met zoveel verschillende groente- en sierplanten en expertise in huis blijft jouw baan als teeltspecialist uitdagend. Voorzie jij telers over de hele wereld van de beste planten?
Dankzij jouw toewijding krijgen onze klanten het allerbeste uitgangsmateriaal, waardoor de schappen van de supermarkten en tuincentra in heel Europa en daarbuiten stralen met “onze” groenten en sierplanten!
Als Teeltspecialist bewaak jij met een scherp oog de ontwikkeling van de planten en signaleer je afwijkingen ten opzichte van de kwaliteitseisen. Jij bent het gezicht van jouw teeltafdeling. Zo zal het ook echt voelen, want we geven je alle vrijheid die nodig is om ervoor te zorgen dat er planten van topkwaliteit geleverd kunnen worden.
Voor jouw teelt expertise zijn er natuurlijk banen genoeg. Dit is waarom je kiest voor Beekenkamp!
• Er zijn verschillende gewassen waar jij mee aan de slag kan gaan; ga jij voor groenten, bladgewassen of sierplanten? Later toe aan iets anders? Opties genoeg!
• Met jouw collega’s kun je altijd sparren en blijf je up-todate over de laatste ontwikkelingen.
• Samen met de afdeling onderzoek en onze gewasbeschermingsspecialist zorg jij voor de continue verbetering van de plantkwaliteit en de toegepaste teelttechnieken. Innoveren is hierbij een must.
• Jij zorgt voor de optimale groeiomstandigheden voor de plant, wij voor die van jou!
Wie zoeken wij?
• Je hebt mbo- of hbo-niveau en ervaring met teelt;
• Je hebt geen bezwaar tegen het draaien van een weekenddienst (1x per 4 weken) en woont maximaal 30 minuten van jouw werklocatie (’s-Gravenzande of Maasdijk);
• Je bent in het bezit van een geldige spuitlicentie of bent bereid deze op korte termijn te behalen;
• Je spreekt Nederlands en gaat makkelijk met mensen om.
Bij Beekenkamp Plants maken we de wereld iedere dag een stukje groener, motiveren we onze werknemers om het beste uit zichzelf te halen en bieden we je de kans om bij één van de topbedrijven te werken als het aankomt op teelt.
Ook al zijn we een internationaal toonaangevend bedrijf: je merkt bij ons nog echt die cultuur van een Westlands familiebedrijf. Prima sfeer, plezierige collega’s en een enthousiaste personeelsvereniging. Jouw inzet waarderen we met een goed salaris en moderne arbeidsvoorwaarden. Zoals aantrekkelijke opleidingsfaciliteiten als je verder wilt komen.
Reageer op onze vacatures door te mailen naar werkenbij@beekenkamp.nl
SCAN HIER VOOR ONZE VACATURES
Bedrijfsprofiel:
Vortus bv is al 42 jaar een begrip in de Internationale glastuinbouw. Met een groep van 9 consultants voorzien wij onze klanten van kennis op het allerhoogste niveau.
Functie omschrijving:
Om de gezonde groei van het bedrijf te kunnen continueren zijn wij per direct op zoek naar een teelttechnisch consultant. Geen enkele dag is hetzelfde. Het ontwikkelen van kennisniveau is erg belangrijk.
Functie eisen:
- Minimaal HBO werk – en/of denk niveau
(Has of vergelijkbaar of door ervaring opgedaan)
- Kennis van de internationale tuinbouwsector
- Goede communicatieve en sociale vaardigheden
- Kennis van de Engelse taal zowel mondeling als in geschrift
- Zelfstandig kunnen werken
- Geen 9 tot 5 mentaliteit
- Je beschikt over het rijbewijs B
- Bereid om te reizen
Arbeidsvoorwaarden:
Vortus bv biedt een fulltime baan in een prettige, dynamische werkomgeving met ruime mogelijkheden voor ontwikkeling en een marktconform salaris.
Geïnteresseerd? Stuur dan je CV met motivatie naar Vortus bv, ABC Westland 206 –kantoor 1, 2685 DC Poeldijk of mail naar: b.lobker@vortus.eu
Voor vragen kun je terecht bij Barend Löbker, 06-53330605
Wij zijn op zoek naar een nieuwe, ervaren collega, die onze nieuwe afdeling vorm gaat geven in samenspraak met onze Operationeel Directeur.
Leidinggevende afdeling verpakken bio product (fulltime) De Lier – Zuid-Holland
In deze functie ben je verantwoordelijk voor de aansturing van uitzendkrachten op de werkvloer. Je geeft medewerkers instructies, lost mogelijke problemen met diverse verpakkingsmachines op en zorgt voor een efficiënte opstart en/ of afsluiting van jouw dienst. Daarnaast zorg je dat diverse administratieve zaken goed georganiseerd zijn, denk daarbij aan het bestellen van fust en het controleren en bijhouden van voorraden. Om dit goed te organiseren heb je regelmatig overleg met collega’s, bijvoorbeeld over de kwaliteit, voedselveiligheid en planning. Kortom, jij zorgt ervoor dat je de uitzendkrachten op goede wijze aanstuurt, zodat de Operationeel Directeur zich kan focussen op andere taken.
Wat kunnen wij jou bieden?
• Prima (marktconform) salaris;
• Ook secundaire arbeidsvoorwaarden zijn goed geregeld;
- goede pensioenregeling;
- uitbetaling van overuren;
- personeelsuitjes;
- gezellige werksfeer in een gedreven en enthousiast team;
- interessant en afwisselend werk, geen dag is hetzelfde;
- mogelijke werkdagen: maandag t/m zondag;
- uitzicht op een vast dienstverband, kansen om door te groeien.
Wat zijn onze wensen?
• Je hebt MBO werk- en denkniveau;
• Je hebt minimaal vijf jaar ervaring in een leidinggevende functie;
• Ervaring in de AGF sector is een pré;
• Je bent graag de hele dag bezig en je pakt allerlei werkzaamheden op;
• Je bent communicatief sterk;
• Je werkt zelfstandig, denkt logisch na en je organiseert het werk op een praktische en efficiënte manier;
• Je vindt het leuk om te werken met verse producten en de uitdaging/hectiek die daghandel met zich meebrengt;
• Je beheerst de Nederlandse en Engelse taal, kennis van Pools/Bulgaars is een pré.
Word jij onze nieuwe collega? Reageer! Solliciteer via www.rainbowkleinpak.nl/werken-bij/ of stuur jouw motivatie met CV naar Corine Blok: corine@rainbowkleinpak.nl | Tel. 0174 - 524109
Green Farm is een NRC-erkende coöperatie met meer dan 125 telers uit België, Nederland en Frankrijk. We bundelen onze producten om onze verkooppositie te versterken en leveren hoogwaardige vollegrondsgroenten, zoals wortelen, kolen en prei. Door samen te werken, bieden we bewerkte en verpakte groenten aan, wat tastbare voordelen oplevert voor zowel klanten als telers.
Vanwege onze groei en uitbreiding zoeken we een gemotiveerde
Jouw belangrijkste taken omvatten:
• Het bezoeken van de velden en het opvolgen van de ontwikkelingen en kwaliteit van de gewassen.
• Het verstrekken van advies aan telers over teeltmethoden, bemesting en gewasbescherming.
• Het bijsturen waar nodig d.m.v. staalnamen en analyses en data aanleveren om het groeiproces te verbeteren.
• Het onderhouden van relaties met leveranciers en het vernieuwen van contracten.
• Het implementeren van duurzame landbouwprocessen.
Herken jij jezelf in onderstaand pro el?
• Naast jouw interesse en a niteit voor de landbouw- en voedingssector, heb je een eerste ervaring opgedaan en/of behaalde je een relevant diploma.
• Naast Nederlands spreek je ook een aardig mondje Frans.
• Je neemt ownership, bent hands-on en communicatief.
• Je werkt zelfstandig maar oreert even goed in team.
• Je omarmt een exibele werkmentaliteit.
Wat we jou bieden:
• Een functie met veel verantwoordelijkheid en vrijheid, waarin je zelf het verschil maakt.
• Een contract onbepaalde duur met een mooi salarispakket, aangevuld met extralegale voordelen (zoals een bedrijfswagen, groepsverzekering, ecocheques en maaltijdcheques).
• Je maakt deel uit van een team enthousiaste, hardwerkende en loyale collega’s, met een passie voor de sector.
www.greenfarm.be/vacatures/
We zijn momenteel in Hedel op zoek naar kandidaten voor de volgende functies:
• Trader Franstalig
Rijsenhout (N-H)
www.royalvanzanten.nl/werkenbij
• Ripening Officers
• Commerciële Talenten/uitblinkers
• Ripe & Sort Officer Exoten
Als je geïnteresseerd bent, vragen hebt of graag het functieprofiel wilt ontvangen, stuur dan een e-mail naar vacatures@team-everestfresh.nl of neem contact op met de afdeling HR 073-5998867
Van Zanten Breeding is een innovatief en internationaal opererend veredelingsbedrijf in de dynamische wereld van bloemen en planten. Met een sterke thuisbasis in Nederland, klanten op alle continenten en productielocaties in Nederland, Oeganda, Zuid-Afrika en Colombia zijn we dagelijks bezig met het veredelen, vermeerderen en vermarkten van mooie, inspirerende en duurzame variëteiten. Daarbij staat passie en plezier in het werk voorop!
Waarom FreshRecruitment?
Experts met ruime ervaring in AGF en Food Ze weten wat er speelt
Deskundig en betrokken
100% garantie op kwaliteit
Met experts die ook internationaal werken
IK ZOEK EEN
ADVERTENTIEVERKOPER
Heb jij verkooptalent en werk je graag zelfstandig? Wij zoeken een verkoper (in opleiding), die niet bang is om de telefoon te pakken en wildvreemde mensen te bellen. Je verkoopt geen gebakken lucht, maar advertenties voor www.FreshPlaza.com.
Scan de QR voor de volledige vacature
IK ZOEK EEN
ABONNEMENTENVERKOPER
Fresh Publishers schrijft voor de AGF-handel, tuinbouw-, biologische sector en interieurbranche. Dagelijks versturen we nieuwsbrieven per mail in zeven talen naar meer dan 400.000 abonnees wereldwijd. Daarnaast hebben we nog verschillende branchespecifieke uitgaven in print.
Voor diverse publicaties zijn we op zoek naar redacteuren. Dankzij ons nauwe contact met de sector, zijn we toonaangevend. Daar investeren we veel in. We laten ons gezicht regelmatig bij bedrijven en op evenementen zien.
Scan de QR voor de volledige vacature
Heb jij verkooptalent en werk je graag zelfstandig? Wij zoeken een junior verkoper (in opleiding), die niet bang is om de telefoon te pakken en wildvreemde mensen te bellen. Je verkoopt geen gebakken lucht, maar een abonnement op het prachtige vakblad PRIMEUR.
Scan de QR voor de volledige vacature
Thierry Nuttin, oud-directeur Europees Centrum Brussel:
“De mooiste tijd van mijn carrière was toen we veel met treinen werkten”
De cirkel lijkt rond te zijn voor Thierry Nuttin. Terugkijkend op zijn werkzame leven, was de mooiste tijd in zijn carrière de jaren ’80, toen ze in de AGF-sector veel met treinen werkten. In 1993 zwaaide hij als transportcommissionair de laatste trein uit, maar tegenwoordig heeft hij een adviserende rol bij het verbinden van de Haven van Brussel met het Europese spoorwegnet. Thierry ziet een nieuwe toekomst voor het vervoer per spoor van groenten en fruit. “Ik ben daar echt een voorstander van. Het aantal vrachtwagens op de weg en de bijbehorende milieuproblematiek is zorgelijk,” vertelt de voormalige directeur van het Europees Centrum voor fruit en groenten (ECFG).
Thierry begon zijn loopbaan als transportcommissionair, een wereld die hij betrad in de jaren ’80. Gedurende zo’n vijftien jaar zorgde hij voor importproducten en regelde hij het transport van groenten en vanuit de zonovergoten Zuid-Europese landen naar het hart van Europa. Thierry: “Onze klanten waren voornamelijk invoerders, vooral in het centrum van Brussel, waar destijds nog geen Europees Centrum was. Het station waar Tour & Taxis nu is, was vroeger een spoorwegstation. De omstandigheden waren moeilijk, met veel vertragingen en problemen met het laden van pallets.” In die begindagen was het spoorwegnet nog de levensader voor het transport naar Brussel. Verbeteringen in de infrastructuur en vrachtwagens maakten vervoer via de weg steeds aantrekkelijker. “In de vroege jaren waren er niet zoveel vrachtwagens. Maar met de komst van koelwagens werd het vervoer efficiënter en sneller, en bovendien verbeterde dit de houdbaarheid van producten. Er kwam meer concurrentie op de markt, prijzen daalden, vervoer werd goedkoper. In de jaren ’90 werden vrachtwagens het belangrijkste vervoermiddel voor AGF en verminderde het spoorwegvervoer bijna tot nul.”
Begin jaren ’90 was er nog een belangrijke ontwikkeling die veel impact had op het werk van Thierry. Toen in 1993 alle Europese binnengrenzen wegvielen, was er geen behoefte meer aan experts die alle douaneformaliteiten snel konden afhandelen. “Het was positief nieuws voor alle invoerders, maar onze inkomsten verminderden, omdat we alleen nog
werk hadden aan import van buiten de Europese Unie, wat veel minder volume was,” blikt Thierry terug.
NIEUWE ROLLEN
In 1997 werd hij gevraagd om directeur van het Europees Centrum voor fruit en groenten te worden. “In deze rol was ik voornamelijk gericht op het financieel en administratief management van ECFG. Een van de voordelen van mijn ervaring en netwerk in de sector uit het verleden was de bestaande relatie met talrijke bedrijven en individuen. Mijn oude klanten werden ook nieuwe klanten in mijn nieuwe rol, wat de samenwerking versterkte.” Thierry was 22 jaar lang directeur van het ECFG, dat enkele significante veranderingen onderging, zoals de nieuwbouw van faciliteiten en het consolideren van bedrijven binnen het ECFG. “Ondanks deze veranderingen bleef het algehele volume dat werd verhandeld, grotendeels onveranderd,” vertelt Thierry.
Vanuit zijn rol binnen het ECFG was Thierry al nauw betrokken bij de logistieke ontwikkelingen en ambities van Brussel en is hij dat nog steeds. Na zijn pensioen bleef hij ere-vicevoorzitter van de Brusselse Havengemeenschap en bleef hij voorzitter van de Commissie Veiligheid-Milieu waarvoor hij de vergaderingen organiseert.
VOLLE AGENDA
Regelmatig wordt een beroep gedaan op zijn expertise over het vervoer per spoor. Het is al jarenlang de ambitie om in Brussel een multimodaal logistiek platform
te creëren en weg-, spoor- en waterwegen aan elkaar te verbinden. Thierry: “De haven heeft dit jaar een nieuwe spoorverbinding gemaakt, bijna klaar voor gebruik. Dit maakt het vervoer van AGF-producten over het spoor mogelijk. Soms word ik nog gevraagd om advies te geven over dergelijke projecten.”
Thierry is ook na zijn pensioen een druk bezet man gebleven. Hij is actief betrokken bij onderwijs als penningmeester van een school en lid van een Rotary Club. “Muziek is ook een grote passie van me. Ik heb diverse zangcursussen gevolgd en zing in verschillende koren. Daarnaast ben ik als oprichter en bestuurslid betrokken bij een muziekvereniging voor jongeren. Mijn agenda is altijd behoorlijk gevuld, zelfs zo dat ik afspraken met mijn kinderen moet vastleggen om regelmatig mijn 9 kleinkinderen te kunnen zien,” lacht Thierry tot besluit. (ML)
Thierry.nuttin@gmail.com
Ivoorkust en Ghana worden genoemd als de plaats van herkomst van de Ackee. Slaven uit Afrika namen de zaden van de Ackee mee naar Noord- en Zuid-Amerika, waar de vruchten nu worden gekweekt. De ackeeboom, Blighia sapida, afkomstig uit West-Afrika, is nu verspreid over tropische en subtropische gebieden en behoort tot dezelfde familie als de Lychee en Longan. De naam Ackee is afgeleid van de West-Afrikaanse ‘Akye fufo’, ook bekend als ‘Kaka’ of ‘Finzan’ in delen van West-Afrika.
Het geslacht Blighia werd in 1793 vernoemd naar kapitein Bligh van de Bounty, die slaven van West-Afrika naar Jamaica bracht, waar de Ackee diende als voeding voor de slaven. Vanuit Jamaica verspreidde de Ackee zich naar Noord- en Zuid-Amerika en het Caribisch gebied.
NL: Ackee, Aki, Akie
EN: Akee, Akee apple, Vegetable brain
DE: Akipflaume
FR: Akée
ES: Seso vegetal, Huevo vegetal
Port: Castanha de Africa
Het eetbare vruchtvlees, genaamd arillus of arill, is het enige deel van de vrucht dat gegeten kan worden en heeft een sappige textuur. Rijpe vruchten splijten open, waardoor het vruchtvlees zichtbaar wordt. In dit vruchtvlees zit een grote, bruine pit ter grootte van een knikker. Het vruchtvlees is lichtgeel tot scharlakenrood van kleur en heeft een zachte, sappige textuur. Het wordt vaak beschreven als romig.
Ackee wordt beschouwd als een delicatesse, vooral in West-Afrika en Jamaica, waar het wordt verwerkt in hartige gerechten, salades, soepen en zelfs desserts. Het vruchtvlees heeft een milde nootachtige smaak en wordt vaak gestoofd met gezouten vis. Er zijn maar liefst achtenveertig cultivars van Ackee, gegroepeerd in ‘boter- of kaas-types’, afhankelijk van hun kleur en geschiktheid voor verwerking.
In 2011 werd vastgesteld dat naarmate de vrucht rijpt, de giftigheid afneemt tot een niveau dat veilig is voor consumptie. Onrijpe of overrijpe vruchten kunnen echter nog steeds giftig zijn en veroorzaken de ‘Jamaican-ziekte’, ook bekend als ‘Sapberry-toxines’. De geconserveerde
Ackee, beschikbaar in conserven of diepvries, is veilig om te eten. Ackee heeft twee oogstseizoenen, tussen januari en maart en juni tot augustus, met beperkte aanvoer uit West-Afrika, Brazilië, Jamaica en Suriname.
Voedingswaarde per 100 gram vers product:
Riboflavine Vit B2
Vit B3
© Dick pijpersw ww.allesovergroentenenfruit.nl
Siem Besseling:
Om de pensioengerechtigde leeftijd te bereiken, waren nog een aantal jaren te overbruggen, maar om dat deels via de ziektewet te doen, daar had Siem Besseling (59) helemaal geen zin in. Ook niet om nog een mooi 25-jarig jubileum te kunnen vieren, want na 22 jaar werkzaam te zijn geweest bij MJ Pronk, was hij al heel ver gevorderd. Hij koos ervoor om zijn gezondheid prioriteit te geven en stopte afgelopen jaar met werken. “Als het lijkt alsof iemand aan beide kanten van je hoofd een zak chips aan het leegeten is, terwijl jij gewoon je werk wilt doen, dan gaat het gewoon niet meer,” vertelt Siem.
Gelukkig had hij de vrijheid om te kunnen stoppen; terugkomen op zijn beslissing wil hij niet. Zijn gezondheid en kwaliteit van leven zijn flink verbeterd. “In coronatijd kreeg ik een aangezichtsverlamming, waarvan ik gelukkig nagenoeg herstelde. Afgelopen jaar kreeg ik last van oorsuizen. Eerst 10%, toen 40%, het werd 70%, en in september waren er dagen bij van 100%,” vertelt Siem. In oktober dacht hij aan het ‘kikker in de pan’-syndroom. Siem: “Een kikker die in een pan met water wordt gezet die langzaam wordt verwarmd, merkt niet op dat het water steeds warmer wordt; uiteindelijk wordt hij gekookt. Mijn situatie leek daar sterk op, ik had niet door dat ik aan het einde van een werkdag steeds vermoeider was.” Siem en zijn oud-colle-
ga’s opereren op het scherpst van de snede in de daghandel. “Vergelijk het met die mannen op de beursvloer. Je bent continu aan het schakelen om scherp te zijn op elke cent die je kunt verdienen. Doordat ik niet meer goed kon horen en aan dat spel mee kon doen, putte me dat steeds verder uit. Toen ik dat besefte, wist ik dat ik moest stoppen.“
Siem is de zoon van een fruitteler, maar sloeg een andere weg in. “Het bedrijf was te klein om er met twee gezinnen van te kunnen eten. In drukke tijden moest ik meehelpen, maar als het rustig was, zocht ik werk bij een tuincentrum in de buurt.” Op die plek leerde hij een belangrijke vaardigheid voor ‘het spel van het
leven”, zoals Siem dat uitdrukt. “In de boomgaard werk je veel alleen, maar daar leerde ik omgaan met mensen. Dat vond ik superleuk. De klanten, veelal Amsterdammers, konden goed onderhandelen, hoor, ze wilden overal korting op. Dat ging op een directe, maar heel joviale manier. Zo kreeg ik er ook handigheid in het spelletje mee te spelen, zodanig dat uiteindelijk iedereen tevreden was met de deal.” Dat spelletje kon hij later toepassen op de veiling waar hij ging werken en later, toen veilingen werden samengevoegd en Siems functie kwam te vervallen, als commercieel medewerker bij MJ Pronk. Ook in het vele vrijwilligerswerk komt die vaardigheid van pas. Siem is al 22 jaar als bestuurslid, voor het grootste deel in de rol van voorzitter, verbonden aan de plaatselijke handbalvereniging S.V. Westfriezen. Eén van de eerste taken was de positiviteit op te krikken binnen deze tak. Siem: “Dit leidde tot een verdubbeling van het ledenaantal. En toen dat lukte, volgden er sponsors die de club langdurig een warm hart toedragen.”
ENTHOUSIASMEREN EN ACTIVEREN
Siem is ook mede aanjager van het Zwaagse carnaval, waar hij zorgt voor het vastleggen van deelnemers in beeld en leutige filmpjes. Eigenlijk is Siem overal wel te vinden waar Zwaagers samen zijn, op de kermis en tijdens Koningsdag. “Het sociale vind ik heel leuk. Samen met een groep vrijwilligers uit het dorp verzorgen we hand- en spandiensten met deze activiteiten. Door creatief bezig te zijn met fotoen filmmateriaal promoten we die evenementen en proberen zo ook de jeugd een beetje te enthousiasmeren en activeren.” Binnen de familiaire sfeer zijn er ook nog voldoende ‘werkzaamheden’, voor de drie dochters en de kleinkinderen, en moeder die weduwe is en “waarbij de vergetelheid zich meester maakt. Ik hoef dat nu allemaal niet meer in de avonduurtjes te doen, heb ik genoeg te doen en geniet er meer van. Ik heb nog geen seconde spijt gehad van mijn beslissing. Het oorsuizen is grotendeels verdwenen, dat is de grootste winst,” besluit Siem. (ML)
Siem.gerrie@quicknet.nl
MyHealthMagz!
Het gezondheids- en levensstijlplatform van MyHealthMagz! biedt artikelen die focussen op gezondheidsinformatie en handige tips. Op de bijbehorende Facebookpagina staan heel veel kleurrijke volledig plantaardige gerechten, zowel voor lunch, diner als dips en preps.
Privégesprek
Nu je overal met iedereen kan communiceren komen er oplossingen om je gesprekken toch privé te houden. Silent Mask is een mondmasker dat stemgeluid van de gebruiker opvangt en voorkomt dat het buiten het masker hoorbaar is. In het masker zit een microfoon die het stemgeluid via Bluetooth naar de smartphone van de gebruiker stuurt. Het inkomende geluid van de gesprekspartner is hoorbaar via de koptelefoon of oordopjes. Ook handig om gamers in je huiskamer het zwijgen op te leggen.
Letsel aan handen en vingers is een veelvoorkomend arbeidsongeval. De Duitse Startip Digity ontwikkelde daarom het exoskelet Artus dat vingers beschermt en de productiviteit verhoogt. Het exoskelet is specifiek ontwikkeld voor vingers en duim en weegt tussen de 6 tot 12 gram per stuk. Artus zorgt voor normale bewegingsvrijheid, maar voorkomt dat vingers of duim te ver doorstrekken. Het harde oppervlak beschermt tegen snijwonden en blauwe plekken. De vingertoppen zijn beschermd met een dunne laag schuimmateriaal dat voldoende gevoeligheid geeft.
Heb je je vakantieplannen nog niet vastgelegd en ben je een liefhebber van avontuur? Dan is de Be Triton misschien wel iets om te overwegen. Dit elektrische amfibische recreatievoertuig combineert accommodatie voor twee personen, varen en fietsen allemaal in één voertuig. Dat maakt het omfietsen voor een brug verleden tijd; met de e-boot vaar je gemakkelijk naar de overkant. Na een lange dag fietsen hoef je ook niet op zoek te gaan naar een camping of hotel, je kunt de Be Triton ombouwen tot een tent om de nacht door te brengen. Na de vakantie kun je de Be Triton trouwens ook in het dagelijks leven blijven gebruiken voor woon-werkverkeer, om de kinderen naar school te brengen, of voor het doen van boodschappen.
Tijdelijke bereikbaarheid
Wanneer je iets wilt uitproberen of downloaden en daarvoor een mailadres moet achterlaten, kun je gebruikmaken van tijdelijke mailadressen. De gratis tool AnonAddy laat je snel zulke tijdelijke mailadressen aanmaken. De mailadressen zijn eigenlijk ‘forwarders’, die mails kunnen doorsturen naar je reguliere inbox. Krijg je teveel spam binnen op het aangemaakte adres? Dan zet je de forwarder met een paar klikken uit. En weg is de spam.
Delete die tweet(s)
Heb je er geen zin in dat je berichten op X, Facebook en andere platformen nog tot in het einde der dagen door iedereen kunnen worden teruggevonden, dan is een tool die automatisch je oude posts verwijdert geen overbodige luxe. Redact is momenteel een van de weinige die ook echt werkt. Uitproberen? Surf naar redact.dev om hem te downloaden (voor Windows, Mac, iOS en Android).
Stocard
Iedere keer hopeloos op zoek naar de juiste klantenkaart als de verkoper erom vraagt? Een overvolle portemonnee door alle pasjes van verschillende winkels? Stocard biedt de oplossing. In de app sla je gratis al je klantenkaarten digitaal op. Met de scanner maak je eenmalig een foto van je klantenkaart en voeg je hem binnen een paar seconde toe. Vanaf dat moment heb je ze altijd bij de hand. In de winkel pak je je smartphone erbij en laat je je scherm scannen voor een snellere transactie. Vanaf nu is het gedoe met pasjes verleden tijd.
De zakmeloen van koningin Anne is een vrucht met een lange geschiedenis. Toen deze vrucht zich verspreidde vanuit het Midden-Oosten en Noord-Afrika naar de Nieuwe Wereld kreeg deze de naam ‘zakmeloen van koningin Anne’. Deze vrucht dankt zijn meest voorkomende naam aan zijn meest opvallende eigenschap: zijn onweerstaanbare geur. Hoewel het niet precies bekend is welke koningin Anne haar naam heeft verbonden aan deze meloen (waarschijnlijk koningin Anne van Engeland), hebben mensen deze vruchten al eeuwenlang bij zich vanwege hun geur. In het 9e-eeuwse Iran werden ze zelfs ‘dastanbouya’ genoemd, wat zich vertaalt naar ‘handparfum’. Ze worden al generaties lang gebruikt om huizen te verfrissen. De meloentjes zijn ook eetbaar, maar schijnen niet heel lekker te zijn.
AGF-PRIMEUR bv
Stevinweg 2, 4691 SM Tholen
Tel +31 (0)166 - 69 82 00 info@agfprimeur.nl • www.agfprimeur.nl
Uitgever en hoofdredacteur: Pieter Boekhout
Redactie:
Marjet Lubbers-Bruijnse, Martine van der Wekken, Izak Heijboer, Thijmen Tiersma, Liesbeth Stikkelman, Jannick Flach, Peter De Craemer
Illustrator: Sandor Paulus
Advertenties & abonnementen:
Andries Gunter, T. +31 (0)166 698232 - andries@agfprimeur.nl
Vormgeving:
Viola van den Hoven, Martijn van Nijnatten
Drukkerij:
Senefelder Misset, Doetinchem
Jaarabonnement
€ 79,95 in Nederland en België
€ 90,- in andere landen automatisch doorlopend tot schriftelijke opzegging tot 2 maanden voor de vervaldatum. Losse exemplaren € 7,50 ex. verzendkosten
Copyright Het is niet toegestaan om, zonder voorafgaande toestemming van AGF-Primeur, door AGF-Primeur gepubliceerde artikelen, onderzoeken of gedeelten daarvan over te nemen, te (doen) publiceren of anderszins openbaar te maken of te verveelvoudigen.
Privacy AGF-Primeur legt uw klantgegevens vast voor de uitvoering van de (abonnements)overeenkomst, of wanneer u in het kader van dienstverlening contact heeft met AGF-Primeur. De gegevens worden tevens gebruikt om u te informeren over producten en diensten van AGF-Primeur en zorgvuldig geselecteerde derden.
Disclaimer
Alle (redactionele) informatie, waaronder begrepen adviezen, ideeën en meningen, is op zorgvuldige wijze en naar beste weten samengesteld. De inhoud en inkleding van advertenties is bepaald door of namens adverteerders en wordt door AGF-Primeur niet beoordeeld op de juistheid, volledigheid en rechtmatigheid daarvan. AGF-Primeur en auteurs zijn niet aansprakelijk voor schade in verband met gebruik van (redactionele) informatie en de inhoud en vormgeving van advertenties.
Ondanks de vele zorg die aan deze uitgave is besteed, kunnen er fouten voorkomen. Onze excuses hiervoor. Wij willen allen hartelijk danken die aan het tot stand komen van deze uitgave heeft meegewerkt. In het bijzonder danken wij God die kracht en wijsheid geeft.
DiversaCut 2110A®
Met afvoerband voor batch processing en gecontroleerde afvoer.
TranSlicer
Met precisie grote hoeveelheden schijfjes snijden in combinatie met hoogwaardige hygiëne.
Commerciële voedselverwerking van versgesneden salades, bladgroenten, selderij, prei, wortelen, komkommers en fruit.
Het ontwerpconcept omvat hoogwaardige hygiëne om de reinigingstijden aanzienlijk te verkorten. HMI-optie is verkrijgbaar.
Nr. 1 Best verkopende leverancier van industriële snijmachines ter wereld.
De wereldleider in Voedsel Snijtechnologie
Neem contact met ons op voor een gratis demonstratie met uw product. URSCHEL B.V. | nl.urschel.com