Skip to main content

Museumtijdschrift 7 - 2020

Page 1

museumtijdschrift nr 7 • 2020

E D F E I L R O O V E M A SUaRHIaN n a m r e t t

VAN

HEIDE EN VERRE

m, Amsterda seum u Stedelijk M

Nol

flora en fauna door de ogen van de kunstenaar

nr 7 okt-nov 2020 • € 9,95 • verschijnt 8x per jaar Amsterdam

Art nouveau

Het vrouwbeeld van het fin-de-siècle Gorssel

Bob Ross

Allereerste solo van

Bergen, Museum Kranenburgh een tv-fenomeen Haarlem

Wat nou abstract?

Bewust conservatieve schilders uit Haarlem

20.09.2020-28.02.2021 www.coda-apeldoorn.nl/tickets

BP

+ de tentoonstellingsagenda 40 pagina’s gratis bijlage Het meest complete overzicht

19 okt 13 dec


INHOUD-

Beeld omslag: Nola Hatterman ‘Op het terras’ (detail), 1930, olieverf op doek, 100 x 90 cm, Stedelijk Museum Amsterdam

museumtijdschrift.nl nr 7 / okt-nov 2020

26 38 50

73

58 6


44

30 MODERNE KUNST

20 Nola Hatterman

In de ban van zwarte schoonheid emigreerde ze naar Suriname door Edo Dijksterhuis HEDENDAAGSE KUNST

Martijn van Nieuwenhuyzen

MUSEUM - KORT 11-18 30 Museumtijdschrifttips:

de mooiste tentoonstellingen in binnen- en buitenland

71-77 het atelier

MUSEUM & MEER

Sadik Kwaish Alfraji de gevestigde Henk Helmantel de nieuwkomer Eline Brontsema boeken de lezerspagina ‘De bezoeker’, ‘Topstuk’, aanbiedingen en reacties

26 Giuseppe Penone

De Italiaanse beeldhouwer maakt groei­ processen zichtbaar door Arjan Reinders MODERNE KUNST

30 Art-nouveaugodinnen

De vrouwen die de inspiratie vormden voor de nieuwe kunst door Chris Reinewald OUDE KUNST

38 Het middeleeuwse lichaam Open wonden, dikke vachten en veel bloed, maar alles met betekenis door Dorien Tamis INTERVIEW

44 De collectie herzien

‘Crisis? Buitenkans!’ vindt directeur De Pont Van Nieuwenhuyzen door Frits de Coninck MODERNE KUNST

50 ‘Gewoon mooi’

Niet iedereen was bezig met vernieuwing in de vorige eeuw door Adrienne Quarles van Ufford

COLUMNS

36

Oek de Jong Hedendaags historieschilder

57

Op zaal De suppoost

OUDE KUNST

58 Albrecht Altdorfer

Veelzijdige, maar onderbelichte Duitse renaissancemeester door Erik Spaans ERFGOED

35

64 ’Happy little trees’

Museumtijdschrift arrangement Lezing ‘Juwelen in de art nouveau’ + bezoek Allard Pierson

Bob Ross is bovenal een culticoon. Hoort zijn werk in een museum? door Stefan Kuiper

7


‘West-Indisch dansfeest’, ca. 1951, olieverf op doek, 100 x 120 cm, part. coll.

e t t i w De t e h t me t r a h e t r a zw


MODERNEKUNST-

Nola Hatterman portretteerde de Surinaamse gemeenschap in Amsterdam en leidde in Paramaribo generaties kunstenaars op. Maar behalve emancipatoir was ze ook bevoogdend. DOOR EDO DIJKSTERHUIS

Nola Hatterman, 1919 (foto: Jacob Merkelbach)

A

fro-Amerikanen die overdreven keurig praten, poloshirts met bandplooibroeken dragen en andere tekenen van hyperassimilatie vertonen, worden door vrienden en familie beschuldigend of gekscherend ‘Oreo cookie’ genoemd: zwart van buiten, wit van binnen. Nola Hatterman (1899-1984) was een omgekeerd Oreo-koekje. Ze was een witte schilder uit een gegoed Amsterdams milieu, die een zodanige liefde ontwikkelde voor Surinamers, dat die op den duur haar enige onderwerp waren. Haar vrienden stelden: “Nola heeft een negercomplex” – een term die nu niet meer zou kunnen. Later emigreerde ze zelfs naar Suriname, waar ze zich bij speciale gelegenheden een angisa (een creoolse hoofddoek) aanmat, en noemde zichzelf ‘zwart aan de binnenkant’. “Ik denk dat het tot Nola Hatterman heeft geduurd, voor wij de schoonheid van een neger ontdekten”, onderstreepte de Surinaamse dichter R. Dobru (pseudoniem van Robin Raveles) in

21


Sierlijke lijnen, bloemrijke patronen en vrouwelijk schoon kenmerken de internationale art nouveau. Wie waren die zwierige feeën van de ‘nieuwe kunst’ eigenlijk? DOOR CHRIS REINEWALD

Paul Börner, ‘Ontwaken’, ca. 1911, porselein, goudluster, 27 x 19 x 21 cm, Badisches Landesmuseum, Karlsruhe

30


Alphonse Mucha, paneel uit de serie ‘Bloemen’, 1898, kleurenlithografie op zijde, 101 x 42 cm, Badisches Landes­ museum, Karlsruhe

MODERNEKUNST-

n 1900 was het duidelijk welke kant het op moest met de wereld: vooruit. Tenminste, dat was de grote gedachte achter de Wereldtentoonstelling in Parijs in dat jaar. Met hun sociaal-wetenschappelijkmaatschappelijke theorieën hadden Darwin, Marx en Freud het negentiende-eeuwse mensbeeld danig aan het wankelen gebracht. Angst en onrust beheersten de eeuwwisseling. Maar op de grote expositie in Parijs vierde men de technologische verworvenheden van de voorbije eeuw, om daarmee de acceptatie van de nieuwe tijd te bespoedigen. Zo’n vijftig miljoen internationale bezoekers vergaapten zich aan de laatste innovaties. Bovendien waren er allerhande symbolische, zwierige siervoorwerpen in een nieuwe stijl te zien, ‘art nouveau’ genoemd. Sinds 1895 dreef galeriehouder Siegfried Bing onder die naam al een kunstnijverheidswinkel in Parijs met luxe, exotische objecten. In Duitstalige en Scandinavische landen heette de nieuwe stijl jugendstil, naar het invloedrijke Münchense kunsten literatuurtijdschrift Jugend, jeugd. Door het hoge bezoekersaantal van de Wereldtentoonstelling verspreidde de nieuwe kunst zich als een olievlek over Europa en de Verenigde Staten. Het Allard Pierson, waarin het vroegere archeologiemuseum en de bijzondere collecties van de Universiteit van Amsterdam zijn samengebracht, wijdt een uitgebreide tentoonstelling aan de art nouveau en neemt daarbij de fascinatie voor vrouwelijk schoon onder de loep. Als godinnen, nimfen, byzantijnse iconen of moderne danseressen; de vrouw nam in de kunst van het fin-de-siècle alle mogelijke gedaanten aan. Dit roept de vraag op: welke mensen gingen er schuil achter die fantasievolle voorstellingen?

31


Zaaloverzicht met ‘Kinderspielplatz’ (1999) van Rosemarie Trockel, ‘Bolivian Coal Line’ (1992) van Richard Long en ‘Zonder titel’ (1996-2006) van Michel François, in ‘De route wordt opnieuw berekend’ (foto: Peter Cox)

E I T C E L L O C DE K R E W ALS G N I R E O V T I U IN 44


INTERVIEW-

De coronacrisis biedt musea een gouden kans om de eigen collectie onder de loep te nemen. De Pontdirecteur Martijn van Nieuwenhuyzen wil vertrouwde, modernistische iconen zorgvuldig verweven met andere blikken en stemmen. DOOR FRITS DE CONINCK e wisseling van de wacht was voorzien. Vorig jaar nam directeur Hendrik Driessen van De Pont Museum in Tilburg afscheid, na dertig jaar een collectie te hebben opgebouwd en het museum internationaal op de kaart te hebben gezet. Een nieuwe directeur dus, Martijn van Nieuwenhuyzen, voorheen conservator bij het Stedelijk Museum Amsterdam. Hij ziet het als zijn opdracht om de collectie uit te bouwen, maar ook om met diezelfde collectie andere wegen in te slaan. En, zorgvuldig gedoseerd, actuele maatschappelijke thema’s het museum binnen te laten vloeien. Want er gebeurt nogal wat, dat ook het museum niet onberoerd laat. Het scherper wordende

bewustzijn van racisme en slavernijverleden dwingt musea met andere ogen naar zichzelf te kijken, zoals musea ook worden bevraagd op de hoeveelheid werk van vrouwelijke kunstenaars in de collectie. En dan komt er nog de coronacrisis bij, waardoor de wereld er ineens anders uitziet.

BEWEEGLIJKHEID

Hoe reageert een museum voor hedendaagse kunst op deze ontwikkelingen? Martijn van Nieuwenhuyzen koos voor een beweging vooruit en bedacht een presentatie onder de metaforische titel ‘De route wordt opnieuw berekend’. Voor het museum betekent dit met een frisse blik kijken en andere combinaties bedenken, zodat het bestaande nieuwe betekenissen kan prijsgeven. Hij wil ook nieuwe aankopen toevoegen die de collectie een andere kant op

45


WAT NOU ABSTRACT?

Herman Moerkerk, ‘Marktgezicht’, 1928, olieverf op doek, 160 x 130 cm, Het Noordbrabants Museum, ’s-Hertogenbosch


MODERNEKUNST-

Musea tonen vaak vooral vernieuwers. Maar de meeste kunstenaars, ook in de twintigste eeuw, waren vaklui die ’gewoon mooi’ werk maakten. Het Frans Hals Museum eert deze bewust conservatieven. DOOR ADRIENNE QUARLES VAN UFFORD

A

Kees Verwey, ‘Stilleven met lamp’, 1956, olieverf op doek, 182 x 182 cm, Frans Hals Museum, Haarlem

ls ‘een oorvijg voor de goede smaak’, zo werd het optreden van Theo van Doesburg in 1923 gezien. En dat sloeg niet op zijn activiteiten als kunstenaar van De Stijl, waar de meesten zijn naam tegenwoordig van kennen. Nee, het ging helemaal niet om zijn moderne abstracte schilderijen, die hij net als Piet Mondriaan en Bart van der Leck opbouwde uit geometrische vormen in primaire kleuren. De kritiek was gericht tegen een reeks rare, ontwrichtende avonden die Theo van Doesburg en zijn latere vrouw Nelly van Moorsel organiseerden. Dat deden ze samen met de Duitse kunstenaar Kurt Schwitters en de HongaarsNederlandse Vilmos Huszár. In de krant werden de voorstellingen aangekondigd als ‘Groote Dada-Avond’. Ze bestonden uit absurdistische voordrachten, met dierengeluiden en cijfergedichten, aangevuld met muziekstukken als Huwelijksmars voor

51


VOLGEND NUMMER Kunst als verzet, glas-in-lood en het nieuwe naakt

Ceramic Reflections in Contemporary Art

Pieter Brueghel

Marc Chagall

Lisa Brice

Pieter Brueghel de Jonge, ‘Kruisdraging’ (detail), 1605

Marc Chagall, ramen in de kathedraal van Saint-Etienne (detail), Metz, 1963-64

Lisa Brice, ‘After Embah’ (detail), 2018

Museumtijdschrift nummer 8 ligt op 1 december in de winkel

Meer lezen? Kijk op www.museumtijdschrift.nl voor actuele informatie, tips, recensies en interviews William Cobbing Nathalie Djurberg & Hans Berg Leiko Ikemura Klara Kristalova Kris Lemsalu Sharon van Overmeiren Liliana Porter Mariken Wessels Geng Xue

Museumtijdschrift verschijnt 8x per jaar

(om de 6 weken en tijdens zomer en winter om de 8 weken)

Een prachtig welkomstcadeau voor nieuwe abonnees Erwin Olaf Vincent Rijnbende Thijs Rinsema Margaretha Roosenboom Wout Schram Jan Sluijters Gustave de Smet Léon de Smet Willem Steelink jr. Charley Toorop Walter Vaes Floris Verster Kees Verwey Piet van Wijngaerdt Rik Wouters

Stilleven Het Nederlandse en Belgische stilleven vanaf 1870

Peter Alma Erik Andriesse Chris Beekman Else Berg Jan Beutener Henri de Braekeleer Jean Brusselmans James Ensor Jacoba van Heemskerck Vilmos Huszár Raoul Hynkes Isaac Israels Dick Ket Pyke Koch Herman Kruyder Bart van der Leck Les Deux Garçons Lou Loeber Jacobus van Looy Reinier Lucassen Jan Mankes Piet Meiners

Stilleven Het Nederlandse en Belgische stilleven vanaf 1870

Abstracte kunst heeft vaak concrete wortels. Ervaringen in de echte wereld, stelt kunsthistoricus Pepe Karmel, liggen bijna altijd ten grondslag aan abstracte uitingen.

cadeau bij een jaarabonnemen t

PEPE K ARMEL is kunsthistoricus, kunstcriticus en tentoonstellingsmaker. Hij verkreeg zijn PhD aan het Institute of Fine Arts in New York en is als docent verbonden aan de faculteit Kunstgeschiedenis van de New York University. Als kunstrecensent publiceerde hij in de New York Times en het tijdschrift Art in America. Als curator werkte hij voor het Museum of Modern Art, New York, mee aan tentoonstellingen over Robert Morris (1989), Pablo Picasso (1997 en 2004), Jackson Pollock (1998) en over abstracte kunst (2012). In 2003 verscheen zijn boek Picasso and the Invention of Cubism.

ABSTRACTE KUNST. EEN WERELDGESCHIEDENIS is een gedurfde nieuwe verkenning van de oorsprong en evolutie van een invloedrijke kunststroming. Voor het eerst wordt er dieper ingegaan op de oorsprong van het abstracte. Dit boek gaat over mannelijke én vrouwelijke kunstenaars, uit alle windstreken van de wereld en altijd wordt hun werk besproken in relatie tot sociale, politieke en culturele veranderingen.

cadeau bij een tweejarig abonnemen t

Niet chronologisch, maar thematisch en gecategoriseerd op onderwerp gaan we de geschiedenis tegemoet. Karmel focust op het onderwerp, en toont hoe de kunstenaars zich uiten via hun abstracte beeldtaal. Lichamen en landschappen, kosmologieën en kalligrafie, architectuur en patronen. Van de pioniers tot de protegés van het genre – Kazimir Malevich, Hilma af Klint, Wassily Kadinsky, Ibrahim El-Salahi, Carlos Cruz-Diez, Bridget Riely, Anni Albers, Sean Scully, Julie Methretu en Wu Guanzhong, om er maar een paar te noemen. Ook is er veel ruimte voor Nederlandse kunstenaars, vaak meesters van het abstracte – denk bijvoorbeeld aan Piet Mondriaan, die zelf meende al vóór Jan van Eyck abstractie in Nederlandse werken te herkennen, en Theo van Doesburg. Dit handboek voor de abstracte kunst toont een nieuwe manier van kijken. Naar een breder, meer inclusief universum van kunstenaars en de werken die zich met weerhaken in de kunstgeschiedenis hebben vastgezet.

WWW.WBOOKS.COM

10 okt 2020 | 5 sep 2021 Keramiekmuseum Princessehof Leeuwarden princessehof.nl

Stilleven - Het Nederlandse en Belgische stilleven vanaf 1870

Abstracte Kunst - Een wereldgeschiedenis

Kunstenaars als Floris Verster, James Ensor, Jan Sluijters en Pyke Koch kiezen vol overtuiging voor het stilleven. Tot op de dag van vandaag is het stilleven populair. Nederlands bekendste fotograaf Erwin Olaf maakt bijvoorbeeld prachtige bloemstillevens. In Stilleven staat de betekenis van dit genre in de moderne en hedendaagse kunst centraal.

Abstracte kunst heeft vaak concrete wortels. Ervaringen in de echte wereld, stelt kunsthistoricus Pepe Karmel, liggen bijna altijd ten grondslag aan abstracte uitingen. Dit boek is een gedurfde nieuwe verkenning van de oorsprong en evolutie van een invloedrijke kunststroming. Voor het eerst wordt er dieper ingegaan op de oorsprong van het abstracte. Abstracte kunst gaat over mannelijke én vrouwelijke kunstenaars, uit alle windstreken, en altijd wordt hun werk besproken in relatie tot sociale, politieke en culturele veranderingen.

128 pagina’s, gebonden, 23 x 28 cm, ISBN 9789462583474

€ 24,95 Mede mogelijk gemaakt door

Partners

344 pagina’s, gebonden, 24 x 30,8 cm, ISBN 9789462583993

€ 49,95

OOK VERKRIJGBAAR IN DE BOEKHANDEL, BESTEL OP WWW.WBOOKS.COM OF BEL 038 - 467 34 00 (GRATIS VERZENDING BINNEN NEDERLAND) Klara Kristalova, View of the exhibition Camouflage, 2017 at Perrotin Paris (France). Courtesy of the artist and Perrotin, Paris

Foto Claire Dorn

Ontwerp UNA designers


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Museumtijdschrift 7 - 2020 by WBOOKS - Issuu