Voor de allereerste keer komt Voka Mechelen-Kempen met een economisch plan voor de regio. Een toekomstplan. Met een horizon tot 2040. Wat je hier in handen hebt is ‘onze’ supernota. En die kan – op volle snelheid – veel geld opleveren. 8,8 miljard euro, om precies te zijn. En 10.000 jobs in de regio. De naam van ons plan? ROADMAP2040.
Eigen stoef, maar in ROADMAP2040 staan heel wat primeurs. Voor het eerst hebben we de economische groei voor de regio berekend, tot 2040. Voor het eerst is er gekeken naar de impact van AI en de vergrijzing op de jobs in onze regio. En hebben we – ook voor het eerst – de meerwaarde becijferd van één bedrijventerrein en wat één hectare industriegrond aan meerwaarde en jobs kan opleveren voor de regio.
Veel primeurs. Maar ook belangrijk: géén moonshots. We hebben géén plan gemaakt dat is gebouwd op dromen en verre ambities. We hebben gekeken naar wat er vandaag in de regio is. Om daarop voort te bouwen. ROADMAP2040 kán uitgevoerd worden. Zo zien we vier grote en nieuwe economieën die je enkel in de regio Mechelen-Kempen terugvindt en ons een strategisch voordeel kunnen en zullen opleveren. Op die economieën plaatsen we boosters.
Eén conclusie uit ROADMAP2040 geven we al mee: we hebben goud in handen. En dat moet nu echt gaan blinken. Want als we nu niets doen, valt de turbo stil. In de periode 2011-2021 is de regio MechelenKempen de ‘Turbo van Vlaanderen’ geworden. Het bruto binnenlands product is in die periode met 50% gestegen. Geen enkele regio heeft die groeicijfers kunnen voorleggen. Alleen volgt nu een dikke, vette ‘maar’, want met onze nieuwe analyses zien we voor het eerst dat de sterke groei de komende jaren wordt afgeremd. En dat maakt dit regioplan meteen urgent.
“WE HEBBEN IN DEZE REGIO GOUD IN HANDEN. DAT MOET NU ECHT GAAN BLINKEN.”
We moéten nu ageren. Niet uit alarmisme, wel uit realisme. Minstens even helder is de conclusie: de groeivertraging die we zien is geen noodlot. Ze is het gevolg van keuzes. En dus kunnen andere keuzes het verschil maken.
We gaan niét toekijken hoe de groei elk jaar wegzakt. ROADMAP2040 komt met concrete voorstellen en acties die we nu meteen opstarten. We leggen de ‘pivotal assets’ bloot die ons vertellen waarom grote bedrijven als Johnson & Johnson, Pfizer, Soudal, Campine of Nyrstar en zoveel sterke kmo’s precies in deze regio zitten. Zo’n pivotal asset gaat naar de kern van ons concurrentieel voordeel en toont heel goed aan waarom het ene bedrijf sterker presteert dan het andere. Het toont hoe we topbedrijven in de regio kunnen verankeren en hoe we nieuwe bedrijven én mensen kunnen aantrekken.
Want dat zal meer dan ooit nodig zijn. ‘Raise the bar’ moet het motto zijn. De lat kán hoger. Op heel wat vlakken. Daar zal Voka Mechelen-Kempen vol de schouders onder zetten. Met één duidelijke ambitie: uitgroeien tot de ‘Nieuwe Turbo van Vlaanderen’.
Tot slot: what’s in it for you? Wat betekent ROADMAP2040 voor jouw bedrijf? In dit plan vind je 150 adviezen en unieke inzichten waar je zelf mee aan de slag kan. Om je eigen business te versterken. En om zelf mee te werken aan de ‘Nieuwe Turbo van Vlaanderen’.
Tom Laveren
Gedelegeerd Bestuurder Voka Mechelen-Kempen
ONZE ECONOMIE IN 2040
ROADMAP2040 maakt een ongeziene
diepteanalyse van de economie in de regio Mechelen-Kempen richting 2040.
Per sector brengen we de belangrijkste tendensen en evoluties voor de komende vijftien jaar in kaart. Welke sectoren zullen boomen? Waar is eerder een booster nodig? En als er in de regio nog één hectare grond vrijkomt: naar welke sector moet die dan gaan? Welke sectoren bieden de meeste jobzekerheid, toegevoegde waarde en toekomst?
TEGEN 2040 REALISEERT DE REGIO NAAR VERWACHTING € 32,6 MILJARD
We nemen je mee.
30,9 48,9 61,2 81,5
Evolutie van het BBP van Mechelen & Turnhout, 2023-2040 (in mld €)
Is de James Webb-telescoop je bekend? Het is de krachtigste telescoop ooit, die ons toelaat diep in de ruimte te kijken. Wel, Voka Mechelen-Kempen heeft nu een variant die in de toekomst kan kijken. Tot 2040. Dankzij een stevig onderbouwde economische analyse, op een schaal die deze regio nog niet eerder zag, krijgen we een scherp beeld van het groeipad van de economie in MechelenKempen richting 2040.
Al sinds 2011 kent de economie in deze regio een serieuze boost. Voor ROADMAP2040 werd een diepteanalyse gemaakt van de periode 2014–2023. In die jaren groeide de regio uit tot de ‘Turbo van Vlaanderen’ — dé motor van economische vooruitgang. Met een gemiddelde jaarlijkse groei van 5,2% deed Mechelen-Kempen het dubbel zo goed als de rest van Vlaanderen.
Dit regioplan kijkt vooral vooruit. En dan zien we meteen een duidelijke breuklijn. Vanaf nu tot in 2040 halveert het groeitempo bijna. Het zakt van 5,2% naar 3,2% tussen 2023 en 2030. En naar 2,9% tussen 2030 en 2040. Simpel samengevat: we rijden niet langer voorop, maar belanden middenin het peloton.
Er is nog groei. We slagen erin om het bruto binnenlands product te laten stijgen van 48,9 miljard in 2023 naar 81,5 miljard euro in 2040. Een stijging van 32,6 miljard. Maar het gaat een pak minder snel dan voordien. In deze analyse is rekening gehouden met onder meer de inflatie, AI, de vergrijzing, beperkte beschikbare ruimte, interne en externe migratie en het stopzetten van de werkloosheidsuitkering. Samen leiden deze factoren tot een stijging van het bruto binnenlands product tot 81,5 miljard euro in 2040.
"VANAF NU TOT IN 2040 HALVEERT HET GROEITEMPO BIJNA. HET ZAKT VAN 5,2% IN 2023 NAAR 2,9% IN 2040"
REGIO MECHELEN-KEMPEN IS DE GROOTSTE INDUSTRIEREGIO
VAN VLAANDEREN
Heel kort: dit is onze startpositie, dit is waar we vandaag staan. Van hieruit is onze analyse vertrokken. Je krijgt meteen een beeld van welke sectoren erg aanwezig zijn en welke wat minder. Wat meteen opvalt: die grote blok ‘industrie’.
De industriesector is in de regio Mechelen-Kempen goed voor 31,1% van de bruto toegevoegde waarde. Als we met z’n allen 100 euro aan producten en diensten maken en verkopen in onze regio, komt 31,1 euro daarvan uit de industrie. Dat is ongezien. Ook in absolute cijfers is de industrie in onze regio de grootste. In de regio Kempen is het aandeel zelfs 41%, in de regio Mechelen 19%. Dat is in beide arrondissementen hoger dan in Vlaanderen (17%). En hoger dan in de VS (18,5%). Geen wonder dus dat Donald Trump zoveel moeite doet om industriebedrijven naar de VS te trekken. Want die industrie genereert veel toegevoegde waarde.
De regio Kempen is zelfs – in verhouding met de totale markt en in procenten – meer geïndustrialiseerd dan India (24,5%), Duitsland (27,2%) en zelfs China (36,5%). De industrie heeft er ook voor gezorgd dat de regio MechelenKempen is uitgegroeid tot de sterkste groeiregio van Vlaanderen. Het is de turbo die het écht doet vooruitgaan. We zien in deze studie heel sterk het belang van grote bedrijven: die tillen de hele economie op.
Een voorbeeld: één job extra in de industrie, levert er drie op in de dienstverlening. Die industrie moeten we dus verstevigen. In het volgende deel bekijken we de groei per sector in detail. Van 2014 tot en met 2040.
HET AANDEEL INDUSTRIE IS MET 31,1% VEEL GROTER IN ONZE REGIO DAN ELDERS, WAT VOOR EEN TURBO-EFFECT ZORGDE
GROEI PER SECTOR
INDUSTRIE
In geen enkele andere regio heeft de industrie zo’n groot aandeel in het bruto binnenlands product als in de regio Mechelen-Kempen. Vandaag is dat aandeel 31,1%. Dat komt overeen met een bruto binnenlands product (BBP) van 15,3 miljard euro. De groei zet zich de komende jaren weliswaar door, maar het tempo zal halveren. Van 5,9% in de periode 2014-2023 naar 2,2% tussen 2023 en 2040.
Onder meer hoge energieprijzen, hoge loonkosten, vergunningsprocedures die investeringen bemoeilijken en toenemende milieunormeringen drukken op de groei. In deze ROADMAP2040 vind je verderop een uitgewerkte groeistrategie, specifiek voor de industrie. Met die strategie willen we een booster op deze sector zetten, zodat de groei niet afzwakt.
De sterke aanwezigheid van de industrie maakt onze regio ook kwetsbaar. We zijn afhankelijk van een aantal grote spelers, vaak met een beslissingscentrum in het buitenland.
OPDELING INDUSTRIE
AANDEEL
FARMACEUTISCHE INDUSTRIE 54%
BOUW- EN INDUSTRIËLE MATERIALEN 12%
DRANKEN & VOEDINGSWAREN 10%
CHEMIE 8%
NUTSVOORZIENINGEN 3%
TRANSPORTMIDDELEN 3%
ANDERE 10%
BESCHRIJVING
Vervaardiging van farmaceutische producten
Vervaardiging van bouwen industriële materialen
Vervaardiging van voedingswaren, dranken en tabaksproducten
Vervaardiging van grondstoffen en andere chemische productieactiviteiten
Productie en distributie van gas, elektriciteit, stoom en water
Vervaardiging van zware en lichte transportmiddelen
Vervaardiging van machines, apparatuur, kleding, afval, medisch en ander type materiaal
STIMULEREN VAN LOKALE BIOTECH- EN FARMACEUTISCHE CLUSTERS ROND KENNISINSTELLINGEN EN INCUBATOREN
GROEIDIMENSIE SECTOR OPPORTUNITEIT WAAROM
MARKTEN Biotech Farma
High-value hubs De regio heeft sterke troeven, zoals hoogopgeleide profielen, een goede infrastructuur en internationale nabijheid. Ze kan zich positioneren als een Europees centrum voor contractonderzoek en -productie, vooral in groeidomeinen zoals celtherapie, mRNAtechnologie en geavanceerde therapieën.
De uitdaging ligt in snelle klinische productie zonder grote kapitaalinvesteringen en in de strategische keuze voor contractonderzoeks- en productiebedrijven.
Startups
Spin-offs
Mechelen en Turnhout huisvesten al een concentratie van biotech- en farmaceutische bedrijven. Bijkomende lokale hubs (in samenwerking met onder meer KU Leuven, Thomas More en imec), zoals de innovatiecampus van Geel, kunnen innovatie verder versnellen door een structurele koppeling tussen biotech/farma en spin-offs en start-ups.
UITDAGING BESCHRIJVING
CONCENTRATIERISICO Grote afhankelijkheid binnen de regio van de prestaties en beleidsbeslissingen van twee grote bedrijven (Johnson & Johnson en Pfizer). Verankering van deze spelers en blijvende investeringen in O&O, productie, personeel en infrastructuur zijn cruciaal.
NEAR- & RESHORING API’S Strategische autonomie binnen Europa vraagt om meer lokale productie van actieve farmaceutische ingrediënten (API’s).
STRUCTUREEL TEKORT AAN HOOGOPGELEIDE PROFIELEN
TECHNOLOGIE
REGELGEVING
De Vlaamse farmaceutische sector kampt met een structureel tekort aan hoogopgeleide profielen, vooral in R&D, productie, data- en juridische functies. Dit beperkt de groei- en innovatiecapaciteit en wordt versterkt door een beperkte instroom van afgestudeerden, een mismatch in vaardigheden en moeizame toegang tot internationaal talent.
Verder onderzoeken, uitbouwen en implementeren van onder andere data-integratie, artificiële intelligentie en virtuele proefopstellingen (zoals digital twins en remote monitoring) biedt kansen om de concurrentiekracht te verhogen.
Snellere goedkeuringen en testomgevingen, net als lobbywerk voor regulatory sandboxes of versnelde procedures (zoals Fast Trackgoedkeuringen), laten bedrijven sneller opschalen.
“ROADMAP2040 ONDERSTREEPT HET STRATEGISCH
BELANG VAN DE FARMACEUTISCHE
INDUSTRIE VOOR ONZE
REGIO. HET JUISTE
TALENTBELEID EN EEN COMPETITIEF
REGELGEVEND KADER
ZIJN CRUCIALE
HEFBOMEN OM ONZE
HUIDIGE POSITIE IN INNOVATIE EN HOOGWAARDIGE
PRODUCTIE VERDER TE VERSTERKEN.”
HANDEL & LOGISTIEK
De op een na grootste sector in onze regio vandaag is ‘handel en logistiek’. Ook de horeca behoort tot deze cluster. Alles samen vertegenwoordigt de cluster een bruto binnenlands product (BBP) van 8 miljard euro. Of een aandeel van 16,3% in het totale bbp van de regio Mechelen-Kempen. Maar dat aandeel daalt richting 2040 naar 12,8%. In de ‘handel en logistiek’ zijn vooral handen nodig om het werk te doen.
De digitalisering zet zich in onze regio minder sterk door dan in andere sectoren. Net die handen zijn een probleem. Het groeitempo van de werkbevolking neemt de komende vijftien jaar af. En de arbeidskrapte zal er extra voelbaar zijn. Omdat in deze sector vooral handen en mensen nodig zijn, zorgen de hoge loonkosten ook voor een verlaagd groeitempo. In de logistieke sector zijn er zeker ook kansen.
Omdat we nog meer inzetten op recyclage – ook voor nieuwe economieën – komen er nieuwe vervoersstromen bij en is er meer transport nodig.
OPDELING HANDEL & LOGISTIEK
AANDEEL
GROOTHANDEL 46%
BESCHRIJVING
Groothandel in verschillende materialen en goederen voor bedrijven en consumenten
Goederenvervoer, personenvervoer en opslag van goederen
Handel en onderhoud in auto’s en motorvoertuigen DETAILHANDEL
Kleinhandel in materialen en goederen voor consumenten
OPPORTUNITEITEN LIGGEN VOORNAMELIJK IN DE VERDERE CONSOLIDATIE, OMARMEN VAN INNOVATIE EN AANPAK VAN HET PERSONEELSTEKORT
GROEIDIMENSIE SECTOR OPPORTUNITEIT WAAROM
MARKTEN Groothandel Digitalisering (e-commerce)
Toegevoegde waarde
Transport & opslag Energietransitie
Digitalisering en B2B e-commerce bieden groothandels nieuwe kansen om efficiënter te werken en klantgerichter te opereren. Door te investeren in technologie, data en service kunnen zij hun concurrentiepositie aanzienlijk versterken.
Groothandelaars kunnen zich strategisch positioneren als essentiële schakel in de waardeketen door het aanbieden van toegevoegde diensten zoals productbundeling, technische ondersteuning en aftersales. Dit verhoogt hun relevantie in een veranderend marktkanaal.
De energietransitie en verduurzaming binnen de gehele waardeketen bieden transport- en opslagbedrijven unieke kansen om zich te onderscheiden als partner voor andere bedrijven in de keten.
Handel in motorvoertuigen
Tweedehandsmarkt
De tweedehandsautomarkt blijft meer kopers aantrekken, ook de vraag naar tweedehands elektrische auto’s is sterk. Belgische consumenten blijven terughoudend voor grote investeringen, vooral tijdens de overgang naar alternatieve aandrijvingen.
Omnichannel De traditionele markt verandert, waarbij auto’s steeds vaker worden aangeschaft via alternatieve kanalen in plaats van uitsluitend via fysieke winkels.
Detailhandel Omnichannel Hoewel consumenten nog vaak fysiek winkelen, neemt digitalisering toe. Detailhandels kunnen data gebruiken om klantervaringen te verbeteren (bv. Colruyt met Collect&Go). Kleinere handelaars kunnen producten aanbieden via digitale marktplaatsen zoals Bol.com.
UITDAGING BESCHRIJVING
ARBEID Het personeelstekort vormt een belangrijke uitdaging. Beleidsmatig kunnen soepelere arbeidsmigratie en aantrekkelijkere positionering van knelpuntberoepen helpen. Bedrijven kunnen zelf inzetten op gerichte bijscholing.
KLANTBELEVING Consumenten zoeken meer dan alleen producten; ze zoeken een totale ervaring die hen aan het merk bindt. Dit geldt zowel voor fysieke winkels als voor onlinekanalen.
ACCOMMODATIE & HORECA
Eet- en drinkgelegenheden en plaatsen waar je kan overnachten en/of verblijven
BOUW
Met een bruto binnenlands product (BBP) van 2,9 miljard euro (2023) is de bouwsector al jaren sterk vertegenwoordigd in de regio Mechelen-Kempen. De groei van de voorbije jaren is een gevolg van hoge inflatie van bouwmaterialen, maar ook van investeringen in de sterk verouderde publieke infrastructuur zoals wegen, bruggen en gebouwen.
Een gebrek aan direct beschikbare ruimte zal wel een rem zetten op een verdere groei: 5%, zoals in de jaren voorheen, gaan we richting 2040 niet meer halen. De groei zal vooral zitten in de renovatie van huizen en gebouwen. Er zijn meer alleenstaanden in de maatschappij en die hebben (kleinere) woningen en appartementen nodig.
Nog positief zijn de nieuwe bouwtechnieken. Die zorgen ervoor dat een aannemer een huis of gebouw sneller kan opleveren.
OPDELING BOUW
AANDEEL BESCHRIJVING
AFWERKEN VAN GEBOUWEN 37%
ONTWIKKELEN VAN GEBOUWEN 29%
CIVIELTECHNISCHE WERKEN 14%
OVERIGE BOUWACTIVITEITEN 13%
VOORBEREIDING BOUWWERKEN 7%
Afwerken van gebouwen via onder meer elektrische installaties, loodgieterswerk en andere technische installaties
Volledige bouw van verschillende types gebouwen, voornamelijk gericht op casco
Bouwactiviteiten gericht op publieke infrastructuur
Andere gespecialiseerde bouwactiviteiten
Afbraak en voorbereiding van bouwwerken
OPPORTUNITEITEN LIGGEN VOORNAMELIJK IN DE VERDERE CONSOLIDATIE, OMARMEN VAN INNOVATIE EN AANPAK VAN HET PERSONEELSTEKORT
GROEIDIMENSIE SECTOR OPPORTUNITEIT WAAROM
MARKTEN Afwerken gebouwen
UITDAGING
INNOVATIE
Ontwikkelen gebouwen
Energietransitie Zeer gefragmenteerde markt met meer dan 3.000 partijen waarbij consolidatie kan zorgen voor een toename in schaalvoordelen en bruto toegevoegde waarde. Vervolgens zorgt de energieconsumptie en energietransitie voor een hoge nood aan technische installaties en geïntegreerde energiesystemen om de energie zo efficiënt mogelijk in te zetten.
Consolidatie Door de beperkte ruimte en bouwgrond in Mechelen-Kempen zal de groei voornamelijk zitten in het renovatiesegment. Daarnaast zorgt de demografische ontwikkeling voor een grotere nood aan eenouderwoningen en biedt dit opportuniteiten voor projectontwikkelaars.
Duurzaam bouwen en nieuwe bouwtechnieken
Civieltechnische werken
De toenemende tendens naar modulair bouwen met ecologische en gestandaardiseerde materialen biedt kansen. Tenslotte versterken aankopen en gebruik van lokale bouwmaterialen de toegevoegde waarde van de industriële sector.
Defensie In de regio liggen een heel aantal legerkazernes. Die gaan grondig vernieuwd worden met budgetten vanuit Defensie. Hier ligt voor de bouwsector een grote opportuniteit.
Oude infrastructuur Veel Vlaamse regio’s, waaronder Mechelen-Kempen, kampen met een sterk verouderde publieke infrastructuur die in de nabije toekomst vervangen of onderhouden moet worden.
Nieuwe vaardigheden
Het ontwikkelen van tender skills voor publieke aanbestedingen kan de winstkansen van lokale bedrijven doen stijgen. Daarnaast blijft lobbyen voor belangrijke transformaties, zoals de E313-verbreding, essentieel voor meer lokaal werk.
BESCHRIJVING
Nieuwe bouwtechnieken, producten en technologie gebruiken in lijn met markttrends: meer gestandaardiseerde producten, modulair bouwen, meer ecologische materialen, building information modelling tools en gebruik van AI om innovatie te stimuleren.
ARBEID De bouwsector kent een groot personeelstekort, wat recent nog versterkt werd door de beperking op arbeidsmigratie. Inzetten op automatisatie, toename in leertrajecten, nieuwe vaardigheden en verbeterde samenwerking met onder meer de VDAB zijn mogelijke oplossingen.
REGELGEVING Ondanks de vele wetten binnen de bouwsector, ontbreekt een algemeen overkoepelende visie en uniforme regelgeving om deze sector toekomstbestendig te maken.
BBP GROEI %
“EEN MEERDIMENSIONALE AANPAK ZAL EEN
NAAR
ZORG & ONDERWIJS
De zorg- en onderwijssector kunnen het groeitempo wél voortzetten. De sector gaat zo sterk groeien dat hij tegen 2040 de op een na grootste economie wordt in de regio Mechelen-Kempen.
Alleen de industrie is groter. Met een ouder wordende bevolking stijgt de vraag naar zorg (ziekenhuizen, rusthuizen en woonzorgcentra) aanzienlijk richting 2040. Net als in de handel en horeca is de zorg een sector waar handen en dus mensen nodig zijn. Dit wordt de grootste uitdaging voor de verdere groei.
Met het inschakelen van AI en een doorgevoerde digitalisering kan de zorg het tekort aan mensen drukken. Zo zullen hulpverleners efficiënter kunnen werken en meer patiënten kunnen helpen binnen dezelfde tijdspanne. De nadruk zal ook meer verschuiven naar preventie.
OPDELING ZORG & ONDERWIJS
AANDEEL
PERSOONLIJKE MEDISCHE ZORG 47%
MEDISCHE INSTELLINGEN
MEDISCHE INSTELLINGEN ZONDER HUISVESTING 12%
ONDERWIJS 12%
ANDEREN 4%
BESCHRIJVING
Toepassen van medische zorg in praktijk of ziekenhuizen
Verpleeginstellingen of instellingen voor mensen met een beperking of psychiatrische problemen
Maatschappelijke dienstverlening voor mensen met en zonder beperking
Onderwijsinstellingen vanaf kleuteronderwijs tot hoger onderwijs
Sociale verzekeringen (bv. mutualiteiten) en algemene overheidsdiensten
DE GROOTSTE OPPORTUNITEIT LIGT IN HET VERHOGEN VAN EFFICIËNTIE, OM ZO HET EFFECT VAN ARBEIDSTEKORTEN IN DE SECTOR DEELS OP TE VANGEN
GROEIDIMENSIE SECTOR OPPORTUNITEIT WAAROM
MARKTEN Gezondheidszorg Preventiezorg Preventie wordt steeds belangrijker: enerzijds stijgt de vraag door een groeiend gezondheidsbewustzijn, anderzijds is het noodzakelijk om overbelasting van het zorgsysteem te voorkomen door ziekte te vermijden in plaats van te behandelen.
E-Health De inzet van digitale technologieën, zoals teleconsultaties en digitale monitoring, zal voor zorgverleners toenemen. Hierdoor kunnen zij efficiënter werken en een groter aantal patiënten bedienen binnen dezelfde tijdspanne, zonder een fysieke afspraak te moeten inplannen.
Onderwijs EdTech Educatieve technologie biedt kansen om de productiviteit in het onderwijs te verhogen. Door bijvoorbeeld digitale leerplatformen, adaptieve leertools of hybride lesvormen in te zetten, kunnen leerkrachten efficiënter werken en meer leerlingen begeleiden.
UITDAGING BESCHRIJVING
INFRASTRUCTUURINVESTERINGEN
De komende jaren zal er ook geïnvesteerd moeten worden in schoolinfrastructuur, aangezien een groot aandeel van de gebouwen verouderd is en niet meer voldoet aan hedendaagse normen (bv. energie).
ARBEID Zowel in de zorg als in het onderwijs is er sprake van een structureel arbeidstekort. Er liggen kansen om het personeelsaanbod te vergroten: in de zorgsector bijvoorbeeld door drempels in de instroom weg te nemen, zoals een versoepeling of herziening van het toelatingssysteem voor geneeskunde en verpleegkunde. In het onderwijs kan extra winst worden gezocht via een verhoogde arbeidsflexibiliteit, alternatieve instroomtrajecten en andere maatregelen die het beroep aantrekkelijker maken, zoals werkdrukverlaging, loopbaanondersteuning en een beter statuut voor zij-instromers.
BBP GROEI %
PROFESSIONELE DIENSTVERLENING
Hoe sterker je industrie groeit, hoe groter de professionele dienstverlening wordt. Maar omgekeerd geldt die regel ook. Omdat de industrie de komende vijftien jaar minder hard groeit, zal ook de vraag naar bijvoorbeeld consultants, uitzendkantoren en R&D minder hard groeien.
Het groeitempo halveert zelfs. Toch liggen er kansen. Bedrijven zullen dienstverleners nodig hebben om onder meer digitalisering en AI te implementeren in hun bedrijf. Ook de uitzendsector ziet kansen in de flexi-jobs die nu naar alle sectoren worden uitgerold.
OPDELING PROFESSIONELE DIENSTVERLENING
ONDERZOEK EN ONTWIKKELING 18%
VERHUUR EN LEASING 15%
Activiteiten over professioneel advies voor bedrijven
Activiteiten over onderzoek en ontwikkeling in natuur-, maatschappij- en geesteswetenschappen
Verhuur en lease van vervoermiddelen, machines en gebruiksgoederen zonder bedienend personeel
Activiteiten over arbeidsbemiddeling en uitzenden van arbeidskrachten OVERIGE 33%
Overige omvat de kleinere segmenten van de sector (bv. reis- en reclamebureaus)
OPPORTUNITEITEN LIGGEN VOORAL IN VERDUURZAMING VAN BEDRIJVEN EN INNOVATIE
GROEIDIMENSIE SECTOR OPPORTUNITEIT WAAROM
MARKTEN Activiteiten hoofdkantoor en consulting
Onderzoek en ontwikkeling
Digitalisering en AI-adoptie
De snelle opmars van digitalisering en AI creëert een sterke vraag bij zowel publieke als private organisaties naar ondersteuning bij de implementatie en integratie ervan, wat een aanzienlijke groeikans biedt voor de consultingsector.
Arbeidstekort De arbeidstekorten in andere sectoren creëren een opportuniteit voor de consultingsector om tijdelijke personeelsnoden binnen bedrijven op te vangen via consultants, uitzendkrachten of bedienden.
Innovatiehub Ecosystemen van bedrijven actief in de farmaceutische industrie bieden opportuniteiten voor O&O en samenwerkingen met grote farmaceutische spelers,zoals Pfizer en Janssen Pharmaceutica.
Gunstige omgeving Vlaanderen is een gunstige omgeving voor innovatie, met mogelijkheden om internationale investeringen aan te trekken dankzij subsidies en fiscale voordelen, een trend die zich de laatste jaren heeft doorgezet.
Verhuur en leasing ‘As a service’-model In Mechelen-Kempen vormt het ‘as a service’model een relevante groeikans, waarbij klanten zich kunnen ontzorgen door aspecten zoals onderhoud en transport door een externe partij te laten uitvoeren.
Kwetsbare groepen Opportuniteiten voor de uitzendsector liggen in de (her)integratie van kwetsbare groepen, zoals langdurig zieken, door hen een passende positie op de arbeidsmarkt te bieden.
UITDAGING
BESCHRIJVING
VERDUURZAMING Verduurzaming biedt kansen voor de consulting-, O&O- en verhuur- en leasesector. Voor consulting en O&O leidt expertise op het gebied van duurzaamheid tot een toename van opdrachten. In de verhuur- en leasesector ontstaat een toenemende vraag door het milieuvriendelijke karakter.
ARBEIDSFLEXIBILISERING Vormen van flexibele contracten of flexibel werken zorgen in de uitzendsector voor extra opportuniteiten. Uitzendbureaus kunnen een bredere pool aantrekken om in te zetten als uitzendkrachten.
BBP GROEI %
EXPLOITATIE VAN ONROERENDE GOEDEREN
Een van de sterkste groeieconomieën in de regio MechelenKempen richting 2040 is de exploitatie en handel in onroerende goederen. 2040 is ook een belangrijke datum voor deze sector, want dan wordt de betonstop of bouwshift van kracht. Dan mag je in principe geen nieuwe grond meer aansnijden en voert de overheid een stop in op de verdere ontwikkeling.
Je kan dus verwachten dat de komende jaren een versnelling volgt om toch nog zoveel mogelijk te realiseren. Ook het toenemend aantal singles en kleinere huishoudens zorgt voor een boost aan nieuwe woongelegenheden.
DE VOORNAAMSTE KANSEN SITUEREN ZICH IN HET ONTWIKKELEN VAN EEN GUNSTIG EN AANTREKKELIJK PROFESSIONEEL KLIMAAT.
UITDAGING BESCHRIJVING
VERDUURZAMING STIMULEREN Door verdere verduurzaming te stimuleren (met name de minder energieverslindende gebouwen), kunnen huurprijzen voor deze gebouwen blijven doorstijgen vanaf 2028.
PROFESSIONEEL KLIMAAT Het creëren van een aantrekkelijke regio op professioneel vlak, door bijvoorbeeld interessante bedrijven aan te trekken, te investeren in goede lokale infrastructuur, in te zetten op onderzoek en ontwikkeling, de levenskwaliteit in de regio te promoten en andere relevante initiatieven te nemen.
REGELGEVING Versoepelen van de vergunningsprocedures, zodat huizen en appartementen sneller gebouwd kunnen worden. Volume-prijsafwegingen en de impact van bepaalde woongelegenheden moeten mee in rekening genomen worden bij de eventuele bouw van nieuwe woongelegenheden.
“WE
GAAN VOOR EEN VERSTERKTE
MET VOKA MECHELENKEMPEN EN DE BEDRIJVEN. ONZE ONDERZOEKERS
EN STUDENTEN KUNNEN CONCREET WERKEN OP NIEUWE ECONOMIEËN UIT ROADMAP2040”
PROF. DR. BERT LAUWERS
ACADEMISCH BEHEERDER KU LEUVEN
TELECOMMUNICATIE
INFORMATIETECHNOLOGIE
Deze sector wordt al een tijd gedomineerd door één speler in de regio: Telenet. Voor het overige zie je eerder een gefragmenteerd landschap met meer dan 2.000 bedrijven, actief in ICT. Meer dan 1.000 bedrijven kwamen erbij in de laatste acht jaar.
De ICT-sector is bijzonder productief en heeft de hoogste toegevoegde waarde per vierkante meter in onze economie. Voordeel is ook dat ICT-bedrijven niet veel ruimte nodig hebben en makkelijk in de hoogte kunnen bouwen. De beginnende krapte op de energiemarkt kan wel een rem zetten op de groei. Net als de doorgedreven regulering, waar Voka Mechelen-Kempen sterk op hamert om die regeldruk te verminderen.
OPDELING ICT
AANDEEL BESCHRIJVING
Alle activiteiten en technologieën die het mogelijk maken om informatie op afstand over te brengen
Alle activiteiten gerelateerd aan softwareontwikkeling, IT-consulting en andere IT-dienstverlenende activiteiten
UITGEVERIJEN 4% Uitgeverijen van software en van boeken en tijdschriften
TECHNOLOGIE, MEDIA EN TELECOM 1%
Activiteiten gerelateerd aan televisie, radio en muziek
DE REGIO MECHELEN-KEMPEN IS DE AFGELOPEN JAREN STERK GEGROEID IN DE ICT-SECTOR, MET NAME DOOR EEN VERDERE PROFESSIONALISERING EN UITBREIDING VAN BESTAANDE IT-BEDRIJVEN EN EEN TOENAME AAN NIEUWE BEDRIJVEN DIE MEESURFEN OP DE DIGITALISERINGSTREND.
UITDAGING BESCHRIJVING
BEDRIJFSPROCESSEN De meer mature bedrijven in de regio voeren voornamelijk activiteiten uit zoals IT-consulting, IT-outsourcing, outsourcing van bedrijfsprocessen en de implementatie van bedrijfssoftware. De minder mature bedrijven en recentere bedrijven focussen eerder op de ontwikkeling van nieuwe technologieën en de integratie ervan in bestaande bedrijfsprocessen.
CONCURRENTIE
De verwachting is dat meer volwassen bedrijven gestaag blijven groeien, zij het met een beperkte marktgroei. Deze markten zijn vrij concurrerend en verzadigd, maar kennen een stabiele vraag. Ze worden vaak gekenmerkt door aantrekkelijke omzetmodellen waarbij een groot deel van de omzet verzekerd is.
NIEUWE TECHNOLOGIEËN
Bedrijven die inzetten op het integreren en introduceren van nieuwe technologieën in huidige en nieuwe bedrijfsprocessen zullen vermoedelijk harder groeien, omdat ze essentieel zijn in de verdere digitale transformatie. Deze segmenten worden gekenmerkt door technologische innovatie, een toenemende vraag, schaalbaarheid, flexibiliteit, veiligheid en de nood aan datagedreven besluitvorming.
SCHAALVOORDEEL
De markt is ontzettend gefragmenteerd, maar heeft het potentieel om verder te consolideren en schaalvoordelen te realiseren. Consolidatie in de markt kan de groei in bruto toegevoegde waarde versnellen door enerzijds schaalvoordelen en efficiëntiewinsten en anderzijds minder competitie en een hogere prijszetting.
FINANCIËLE DIENSTVERLENING
Tot deze sector behoren de leasingmaatschappijen, verzekeraars en pensioenfondsen. De markt is erg divers, met zo’n 2.200 kleinere bedrijven en holdings. Toch is er één speler met een opvallend grote voetafdruk: BMW Financial Services neemt maar liefst 47% voor zijn rekening.
Het bruto binnenlands product (BBP) van deze sector blijft met 1,2 miljard euro echter beperkt. De private leasing van nieuwe en tweedehandsvoertuigen en andere assets (zoals zonnepanelen en elektrische fietsen) zijn in opmars. De snel veranderende technologische omgeving vereist continue innovatie en investeringen om compliant en veilig te blijven.
FINANCIËLE DIENSTVERLENING
ONDERSTEUNENDE ACTIVITEITEN IN DE VERZEKERINGEN
AANDEEL BESCHRIJVING
83% Financiële dienstverlening exclusief verzekeringen en pensioenfondsen (verlenen van leningen, holdingbedrijven, etc.)
17%
Alle activiteiten gerelateerd aan de ondersteuning van verzekeringen en pensioenfondsen
VERZEKERINGEN < 1% Uitvoeren van verzekeringsactiviteiten, herverzekeringsactiviteiten en pensioenfondsen, exclusief verplichte sociale verzekeringen
UITDAGING BESCHRIJVING
Beleid Pleiten voor fiscale stabiliteit en behoud van aantrekkelijke fiscale regimes voor holdings, leasingconstructies of kmo-financiering.
Arbeid Talentmarketing: de regio promoten als aantrekkelijke werkplek voor jong financieel talent (bv. lagere woonkosten dan elders, sterke connectiviteit).
Opleidingen op maat stimuleren voor bijvoorbeeld compliance officers of ESG-adviseurs.
Andere Kennishubs waar innovatieve fintech- en insurtechstart-ups gemakkelijk toegang vinden tot coaching, netwerking en financiering en zo sneller kunnen schalen.
Business ecosystemen faciliteren met bijvoorbeeld clusters van leasingbedrijven, IT-bedrijven en professionele dienstverleningsbedrijven.
BBP GROEI %
LANDBOUW
De regio Mechelen-Kempen is de op één na grootste landbouwregio binnen Vlaanderen. Alleen in WestVlaanderen is het aandeel groter. Maar de landbouw kende wel de sterkste groei in de voorbije tien jaar.
De eenjarige gewassen blijven het belangrijkste segment. Ze vertegenwoordigen 44% van de toegevoegde waarde in de sector. Die is wel sterk afhankelijk van het grote aandeel van BelOrta. De impact van het extremere klimaat maakt het de komende jaren echter moeilijker voor de landbouw. Het heeft een impact op zowel volumes als op prijzen. Ook het stikstofdossier drukt op de groei.
Verder zijn er elk jaar minder landbouwers die de stiel voortzetten. De sector zet wel vol in op innovatie. En dat zie je terug in een hogere productiviteit per medewerker. Omdat er minder landbouwers zullen zijn, komt er ook landbouwgrond vrij. Hier liggen kansen voor de industrie.
OPDELING LANDBOUW
AANDEEL
BESCHRIJVING
LANDBOUW 96% Teelt van gewassen, veeteelt, jacht en diensten in verband met deze activiteiten
BOSBOUW 4% Bosbouw en exploitatie van bossen (incl. verzamelen van wild groeiende producten)
VISSERIJ
< 1% Visserij en aquatuur (NGBO’s) om waterkwaliteit en -kwantiteit te verbeteren
De regio Kempen kent een sterke aanwezigheid in de varkenshouderij. De laatste jaren is echter een duidelijke consumptieverschuiving merkbaar richting kippenvlees. Dat vertaalt zich ook in de veestapelstatistieken: het aantal varkens daalde met 15% in Mechelen en met 1% in Turnhout, terwijl het aantal vleeskippen toenam met respectievelijk 15% en 5%. En die trend zal zich doorzetten.
GLASTUINBOUW
De glastuinbouw van groenten en fruit draagt significant bij aan de toegevoegde waarde. Op basis van recente ontwikkelingen wordt voornamelijk een verdere groei van de fruitteelt onder glas verwacht, de groei in de groenteteelt onder glas blijft beperkter. Die groei in de fruitteelt is onder meer te danken aan een toenemende vraag naar zacht fruit, zoals blauwe bessen en aardbeien. Ook de toename aan nieuwe teelttechnieken (zoals vertical farming en hydroponics) zal zorgen voor een toename in volume voor beide segmenten.
RUNDVEE
Het aandeel rundvee in de regio is relatief beperkt ten opzichte van de varkens- en pluimveesector. Binnen het rundvleessegment wordt voornamelijk groei verwacht in de melkveehouderij, alhoewel deze ook beperkt wordt door de toename aan plantaardige zuivel.
PEULVRUCHTEN
Peulvruchten zijn flink in opmars omdat ze gezien worden als goede en volwaardige vleesvervangers, maar ze hebben nog steeds een erg laag aandeel in de totale akkerbouw — wat mogelijkheden biedt voor de regio.
Het aandeel akkerbouw is in de regio relatief beperkt in vergelijking met andere delen van België. In de Kempen is de bodem zanderig en warm, wat zorgt voor moeizaam bewerkbare akkergronden. De toename aan precisielandbouw zou de volumehoeveelheden in de akkerbouw nog wel kunnen verhogen. Ook verandert de bestemming van de akkerbouwgronden: enerzijds voor bodemverbetering, anderzijds om te voldoen aan de vraag van consumenten. Tenslotte ligt een aanzienlijk deel van de landbouwgronden braak, die kunnen benut worden voor innovatieve landbouwactiviteiten.
AKKERBOUW
“DUURZAAM WERKEN IS NIET MAKKELIJK, MAAR WEL NOODZAKELIJK. HET IS EEN MORELE PLICHT.”
PHILIPPE
APPELTANS CEO BELORTA
ONZE ARBEIDS MARKT IN 2040
ROADMAP2040 maakt een ongeziene diepteanalyse van de arbeidsmarkt tegen 2040. Per sector gaan we in op tendensen en evoluties voor de komende vijftien jaar. In welke sector zijn de meeste mensen nodig? En waar zwakt de vraag wat af? Wat is de impact van AI en de vergrijzing? En neemt de productiviteit per medewerker nog wel toe?
We nemen je mee.
INDUSTRIE
KRAPTE OP ARBEIDSMARKT NEEMT VOOR DEZE SECTOR TOE
65.400
Beschikbare arbeidskrachten
68.500
Vraag naar arbeidskrachten
BESCHIKBARE
ARBEIDSKRACHTEN
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
VRAAG NAAR
ARBEIDSKRACHTEN
ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT
Tekort van 3.100
63.300
Beschikbare arbeidskrachten
66.700 Vraag naar arbeidskrachten
ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT
Tekort van 3.400
Het arbeidsaanbod zal met 3% (2.100 mensen) afnemen over de periode 2023–2040, omwille van een kleinere nood aan personeel in de sector (behalve de farmaceutische industrie). Door automatisering en digitalisering is er een groeiende vraag naar technische en digitale vaardigheden, die ook in andere sectoren zeer gewild zijn.
Het onevenwicht in de arbeidsmarkt in de industrie zal naar verwachting toenemen van ongeveer 3.100 vacatures in 2023 naar zo’n 3.400 vacatures in 2040. Voornaamste vacatures hebben betrekking op vaktechnisch en IT-personeel.
In de farmaceutische industrie zal de vraag naar arbeid naar verwachting licht stijgen, terwijl in andere sectoren, zoals chemie, papier, kleding en textiel, juist een daling wordt voorzien. Toch zal de totale vraag binnen de industrie voor arbeidskrachten, net als het aanbod, naar verwachting licht afnemen, voornamelijk door de inzet van nieuwe technologieën en automatisering.
DIGITALISERING & AUTOMATISERING (INDUSTRIE 4.0)
AUTOMATISERING EN STRENGERE REGELGEVING ZORGEN VOOR EEN VERSCHUIVING VAN DE VRAAG NAAR ANDERE PROFIELEN
Meer dan 70% van de industriële bedrijven verwacht dat AI, robotisering, Internet of Things en digital twins grote transformaties binnen hun werking zullen veroorzaken. In steeds meer productielijnen nemen robots en collaboratieve robots (cobots) routinematige en fysiek zware taken over. Door deze verschuiving en het efficiënter werken kunnen arbeidskrachten worden bespaard. Industrie 4.0 bevordert ook inshoring van productie binnen de EU, wat positieve effecten kan hebben.
REGELGEVEND KADER
STRATEGISCHE LIGGING EN FARMACEUTISCHE CLUSTER
Bedrijven in de maakindustrie worden geconfronteerd met een steeds strenger regelgevend kader. Strengere milieunormen en CO₂-reductieverplichtingen dwingen investeringen in duurzame productietechnieken. Veiligheids- en kwaliteitscontroles worden strenger. In combinatie met automatisatie verschuift de vraag van klassieke productiearbeid naar meer kennisintensieve functies.
Mechelen-Kempen ligt vlak bij Brussel en Antwerpen en is goed bereikbaar voor Duitsland en Nederland. De regio profiteert van de nabijheid van de haven van Antwerpen en Brussels Airport. Tegelijk vormt de regio een belangrijke farmaceutische cluster, wat aantrekkelijk is voor internationale spelers om zich hier te vestigen. Ook de aanwezigheid van het Albertkanaal is een grote troef.
De stijgende kosten in de industrie zijn grotendeels toe te schrijven aan inflatie en hoge energieprijzen. De industrie is sterk afhankelijk van energie. Daarnaast telt de sector veel hoogopgeleide werknemers met hoge loonkosten. Door indexering en inflatie blijven deze kosten toenemen.
HOGE KOSTEN
134,5
149,5
152,2
172,6
211,5
210,4
214,1
Een groot deel van de werknemers gaat de komende jaren met pensioen, terwijl de instroom van jong talent beperkt blijft. Dat verhoogt de druk op de industrie om te innoveren en automatiseren. € 240,7
(*)CAGR: jaarlijks samengesteld groeipercentage (IN €000)
Stijgende energieprijzen, hogere loonkosten en duurdere grondstoffen zetten de marges onder zware druk, terwijl automatisatie en nieuwe technologieën de druk verlichten.
317,6 BTW per sector
Bruto Toegevoegde Waarde per werkzame persoon
“BEDRIJVEN IN ONZE SECTOR MOETEN OVER HUN SCHADUW DURVEN STAPPEN. EN NADENKEN OVER VALUE SHARING. IEDEREEN IN DE KETEN MOET
MEEPROFITEREN
VAN DE GROEI.”
INGE HOFKENS
COO MULTIMETAL RECYCLING AURUBIS
HANDEL & LOGISTIEK
KRAPTE OP ARBEIDSMARKT NEEMT VOOR DEZE SECTOR AF
75.200
Beschikbare arbeidskrachten
83.000
Vraag naar arbeidskrachten
ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT
Tekort van 7.800
82.000
Beschikbare arbeidskrachten
85.900 Vraag naar arbeidskrachten
ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT
Tekort van 3.900
BESCHIKBARE ARBEIDSKRACHTEN
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
VRAAG NAAR
ARBEIDSKRACHTEN
De beschikbaarheid van arbeidskrachten in de horeca en handel in België zal naar verwachting verder blijven toenemen, maar ook blijven kampen met een structureel personeelstekort. Het is een sector met een minder sterk imago omwille van de arbeidsvoorwaarden en de werkuren, waardoor instroom vaak beperkt is. Handel en horeca worden vaak getypeerd door flexi-jobs. Dit type job is toegankelijk en gebruiksvriendelijk geworden de afgelopen jaren, wat helpt om de arbeidskrapte deels op te vangen.
Het onevenwicht in de arbeidsmarkt zal ongeveer 3.900 bedragen tegen 2040, tegenover zo’n 7.800 in 2023. Jobs in deze markt blijven moeilijk in te vullen door de mindere arbeidsomstandigheden.
De vraag naar arbeidskrachten zal naar verwachting stijgen gedurende de periode 2023–2040 tot respectievelijk 85.900 arbeidskrachten. De technologische impact zal de economische groei enigszins compenseren, met name in de handel, waar automatisatie en digitalisering een groot deel van de arbeid op zich nemen. Ook subsectoren zoals toerisme en horeca zullen digitalisering verder omarmen. Doel is productiever personeel, bijvoorbeeld door multifunctionele rollen of geautomatiseerde processen.
VERWACHTINGEN HANDEL & LOGISTIEK:
PRODUCTIVITEITSSTIJGING
BEVINDINGEN
Veel bedrijven in de sector kampen met een structureel personeelstekort, waardoor een noodzaak ontstaat voor automatisatie en nieuwe technologieën.
Bruto Toegevoegde Waarde
werkzame persoon
Sinds 2020 vindt er al een versnelde introductie van digitalisering plaats. Deze trend zal zich blijven doorzetten om het nijpende arbeidstekort terug te dringen.
AUTOMATISERING EN DIGITALISERING
DIGITALISERING EN AUTOMATISERING SPELEN EEN BELANGRIJKE ROL, MAAR DE VRAAG NAAR EEN GEPERSONALISEERDE ERVARING BLIJFT BELANGRIJK
WETGEVING
Digitalisering en automatisering beïnvloeden de arbeidsvraag in handel, transport en horeca aanzienlijk. Routinetaken verdwijnen vaak door automatisering, maar tegelijkertijd ontstaat er meer vraag naar werknemers met de juiste digitale vaardigheden.
In de kleinhandel zorgt technologie - zoals zelfscankassa’s en online platforms - voor minder kassamedewerkers. De groothandel kent momenteel een lage adoptiegraad van digitalisering. Dat biedt kansen op differentiatie, bijvoorbeeld via digitale platformen voor b2b-klanten.
In transport verminderen robots en software de behoefte aan magazijnpersoneel, terwijl de groei van e-commerce juist meer chauffeurs en planners vraagt. In de horeca vervangen digitale bestel- en betaalmogelijkheden een deel van het bedienend personeel.
Veel bedrijven maken gebruik van flexibele arbeidskrachten om snel in te spelen op piekmomenten, seizoensdrukte en een moeilijk voorspelbare vraag.
Flexi-jobs zijn populair in de horeca, maar ook in andere sectoren, zoals retail, transport en onderwijs. In de horeca en detailhandel, waar de drukte per dag of per seizoen sterk kan wisselen, zijn flexi-jobbers essentieel om personeelskosten beheersbaar te houden én voldoende bezetting te garanderen.
In 2024 werkten 229.423 Belgen als flexi-jobber, een stijging van 19,1% ten opzichte van 2023.
De regio biedt plaats aan enkele grote multinationals die bijvoorbeeld een distributiecentrum hebben in de regio Kempen (bv. Nike). Sinds 2024 heeft ons land echter nieuwe fiscale regels voor multinationals. De vorige federale regering-De Croo voerde de minimumbelasting voor multinationals in. Dit kan gevolgen hebben voor de aantrekkelijkheid van België als vestigingsland.
Bovendien zijn een aantal specifieke Belgische fiscale voordelen voor grote multinationale bedrijven door Europa van tafel geveegd. Een voor bedrijven positieve verandering is de hervorming van de werkloosheidsreglementering, die de volledige uitkeringen beperkt in tijd. Zo zullen meer werklozen de weg terugvinden naar de arbeidsmarkt. En al zeker naar de handel en horeca, waar een beperkte opleiding gevraagd wordt.
CONSUMENTENGEDRAG
Er zijn twee belangrijke trends in het consumentengedrag binnen de sector. Ten eerste bestellen consumenten steeds vaker online, wat de vraag naar arbeidskrachten in magazijnen en transport verhoogt. En ten tweede hechten klanten die fysiek winkelen steeds meer waarde aan een aangename winkelervaring. Dit kan de vraag naar arbeid zowel doen toenemen als afnemen: extra service en persoonlijke begeleiding kunnen de beleving verbeteren, terwijl technologische toepassingen — zoals zelfscankassa’s — wachttijden verminderen en de ervaring versterken zonder extra personeel.
TOENAME AAN FLEXI-JOBBERS
BOUW
24.600
Beschikbare arbeidskrachten
OP ARBEIDSMARKT NEEMT VOOR DEZE SECTOR AF
27.800
Vraag naar arbeidskrachten
BESCHIKBARE
ARBEIDSKRACHTEN
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
Tekort van 3.200
24.400
Beschikbare arbeidskrachten
26.700
Vraag naar arbeidskrachten
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
Tekort van 2.300
ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT
VRAAG NAAR
ARBEIDSKRACHTEN
De bouwsector kampt met vergrijzing: een relatief hoog aandeel van de arbeidskrachten is vijftig jaar of ouder. Nieuwe immigratiewetgeving zal de instroom van arbeidsmigranten beperken en leidt mogelijk tot strengere controles, wat de instroom vertraagt. Het aantal instromers via bouwopleidingen neemt opnieuw toe, mede dankzij inspanningen van sectororganisaties om negatieve stereotypen te doorbreken.
Het arbeidstekort wordt verwacht iets kleiner te worden (van zo’n 3.200 openstaande vacatures in 2023 naar ongeveer 2.300 in 2040). Veel vacatures blijven openstaan door het hoge aantal knelpuntberoepen in de sector (mismatch tussen vraag en aanbod).
De bouwnijverheid groeit traditioneel mee met de economische groei, wat leidt tot een aanzienlijke vraag naar arbeid. De technologische vooruitgang in de sector zal de vraag naar arbeid afremmen. De bouwshift leidt niet tot een lagere algemene vraag naar arbeidskrachten, maar tot een verschuiving van nieuwbouw naar renovatiewerken. Nieuwe bouwtechnieken, zoals prefab en modulaire bouwmethoden, verminderen de behoefte aan manueel kapitaal aanzienlijk.
KRAPTE
ROBOTISERING
DIGITALISERING
Robotisering in de bouw omvat het inzetten van machines en systemen om taken uit te voeren die voorheen door mensen werden gedaan, met als doel productiviteit, efficiëntie, veiligheid en duurzaamheid te verbeteren (bijvoorbeeld 3D-betonprinters). Volgens recente studies zou een bouwwerk voor 50% volledig door robots kunnen worden uitgevoerd en voor 45% door robots en mensen samen (bijvoorbeeld via exoskeletten). Enkel de laatste 5% zou nog bestaan uit volledig fysieke arbeid.
BIM is een manier van samenwerken in de bouw- en infrastructuursector waarbij met behulp van digitale technologie informatie over bouwwerken wordt beheerd en uitgewisseld. BIM gaat niet enkel over gegevensbeheer, maar is ook een samenwerkingsplatform waaraan alle betrokken partners in het bouwproces kunnen bijdragen. De invoering van BIM vermindert de nood aan manuele coördinatie op de werf, omdat conflicten en vergissingen digitaal worden opgelost. Dit leidt tot minder herwerken, minder vertragingen en een lagere vraag naar arbeidskrachten op de werf.
INDUSTRIALISATIE
ARBEIDSMARKT
Er is een verschuiving van arbeid op locatie (de werf) naar bouwen op externe locaties (ateliers). Onderdelen van gebouwen zoals muren, badkamers of volledige kamers worden vooraf geproduceerd in een gecontroleerde industriële omgeving en vervolgens op de werf gemonteerd. Hierdoor verschuift de arbeidsvraag van fysieke arbeid in open lucht naar meer technisch georganiseerd werk in industriële omstandigheden. Standaardisatie leidt bovendien tot een lagere vraag naar arbeiders.
De bouwsector wordt traditioneel geassocieerd met manuele en fysieke arbeid op de werf. De voorbije jaren is echter een duidelijke verschuiving merkbaar richting meer kennisintensieve functies. In bepaalde omstandigheden, bijvoorbeeld in kleinschalige ondernemingen, kunnen oudere arbeiders met veel expertise en kennis een meer ondersteunende rol als bediende opnemen, waardoor zij langer actief kunnen blijven.
ZORG & ONDERWIJS
KRAPTE OP ARBEIDSMARKT NEEMT VOOR DEZE SECTOR AF
89.900
2023 2040
Beschikbare arbeidskrachten
101.700
Vraag naar arbeidskrachten
BESCHIKBARE
ARBEIDSKRACHTEN
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
Tekort van 11.800
103.800
Beschikbare arbeidskrachten
112.900
Vraag naar arbeidskrachten
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
Tekort van 9.100
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
VRAAG NAAR
ARBEIDSKRACHTEN
Enkele deelsectoren van de publieke diensten kennen een vergrijzend personeelsbestand (bv. de zorgsector). Dit effect wordt versterkt door een toenemend aandeel werknemers dat met pensioen gaat en hierdoor voor uitstroom zorgt. Daarnaast zal de recente verstrenging van de pensioenvoorwaarden zorgen voor een tragere uitstroom, maar potentieel ook een lagere instroom. Ten slotte is er sprake van een reële crisis: door de lage instroom in onderwijs en zorg wordt de druk hoog en stappen medewerkers op of zijn ze niet beschikbaar door langdurige ziekte.
Er wordt een structureel tekort verwacht op de arbeidsmarkt waarin het onevenwicht slechts beperkt zal verkleinen. Zij-instromers en hogere migratie zijn onvoldoende om de toenemende vergrijzing, concurrentie met de private sector en het gebrek aan carrièremogelijkheden tegen te gaan.
Door demografische veranderingen en evoluerende behoeften neemt de vraag naar zorg, onderwijs en sociale voorzieningen toe, wat de druk op deze sectoren vergroot en bijgevolg ook de vraag naar arbeidskrachten doet toenemen. De grootste vraag naar arbeid zal komen uit de zorg en maatschappelijke dienstverlening door de verouderende bevolking. Veel overheidsdiensten en onderwijsinstellingen werken met verouderde technologie, wat ruimte geeft voor een sterke transformatie.
DIGITALISERING EN HET FLEXIBEL INZETTEN VAN PERSONEEL HELPEN DEELS HET ARBEIDSTEKORT OP TE VANGEN
DIGITALISERING
OPLEIDING
Digitalisering transformeert zowel de zorg als het onderwijs ingrijpend. In de zorgsector leidt de opkomst van eHealth-toepassingen, zoals het consulteren van een arts via apps (bijvoorbeeld Doktr), ertoe dat artsen meer patiënten kunnen behandelen in minder tijd, wat de efficiëntie verhoogt. Ook in het onderwijs versnelt digitalisering het gebruik van afstandsonderwijs en digitale leermiddelen, een trend die door COVID-19 is versterkt. Hierdoor kunnen leerkrachten een groter aantal leerlingen bereiken en kunnen bepaalde taken deels door technologie worden overgenomen, wat de vraag naar personeel kan verlichten.
Er is steeds meer aandacht voor gepersonaliseerde trajecten voor leerlingen (opleidingsprogramma’s, zorgtrajecten enz.). Technologie kan dit maatwerk gedeeltelijk ondersteunen via digitale leermiddelen, maar er zal een hogere vraag blijven naar leerkrachten en ondersteunend personeel. Daarnaast volgen volwassenen steeds vaker opleidingen in het kader van levenslang leren. De complexe en snel veranderende maatschappij zorgt ervoor dat ook volwassenen zich continu moeten bijscholen om mee te blijven met nieuwe theorieën en technologieën.
ARBEIDSMARKT
OVERHEIDSFINANCIËN
In de zorg en het onderwijs zal meer worden ingezet op flexibel inzetbaar personeel om de krapte op de arbeidsmarkt te beperken. Nieuwe opleidingen voor verpleegkundigen zijn meer generalistisch en spelen in op deze trend. Werknemers moeten vlot kunnen doorstromen naar hogere functies en eenvoudig inzetbaar zijn op andere of meerdere afdelingen. Ook in het onderwijs worden leerkrachten steeds vaker bijgeschoold en ingezet op meerdere competenties om personeelstekorten op te vangen. Voka blijft lobbyen voor deregulering op alle niveaus.
Het begrotingstekort in België bedroeg in 2023 ongeveer 4% van het bbp, wat hoger is dan de EU-limiet van 3%. Dit tekort wordt veroorzaakt door stijgende uitgaven, onder andere door de vergrijzing van de bevolking, hogere rentelasten en indexeringen van lonen en uitkeringen. Als reactie op het tekort hebben beleidsmakers beslist te besparen op bepaalde overheidsuitgaven, zoals personeelskosten van leerkrachten en ambtenaren (onder meer via pensioenmaatregelen). Dit kan een negatieve impact hebben op de evolutie van het aantal personeelsleden in de publieke sector.
STRUCTUREEL PERSONEELSTEKORT
DIGITALISERING
BESCHRIJVING
Veel organisaties in de sector kampen met een structureel personeelstekort, waardoor een nood aan automatisatie en nieuwe technologieën ontstaat.
Sinds 2020 vindt er al een versnelde introductie van digitalisering plaats. Deze trend zal zich blijven doorzetten om het nijpende arbeidstekort terug te dringen.
“WIJ
LATEN WERKZOEKENDEN ZICHZELF
HERONTDEKKEN VIA ZINGEVING IN EEN
MAATSCHAPPELIJK
RELEVANTE INDUSTRIËLE SECTOR.”
KOEN VAN PETEGHEM CEO PAUWELS TRANSFORMERS
PROFESSIONELE DIENSTVERLENING
85.800
KRAPTE OP ARBEIDSMARKT NEEMT VOOR DEZE SECTOR AF
97.700
Beschikbare arbeidskrachten
92.100
Vraag naar arbeidskrachten
100.200 Vraag naar arbeidskrachten 2023
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
Tekort van 6.300
BESCHIKBARE ARBEIDSKRACHTEN
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
VRAAG NAAR
ARBEIDSKRACHTEN
Beschikbare arbeidskrachten
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
Tekort van 2.500
Er wordt een toename aan kennisprofielen en dus arbeidskrachten verwacht door een absolute en relatieve toename in hoogopgeleiden. Advies- en marketingbureaus vinden gemakkelijk de weg naar starters aangezien ze vaak gezien worden als een leerschool. Afhankelijk van de deelsector is er ook een verhoogde gemiddelde leeftijd, bijvoorbeeld in boekhouding, en verhoogde uitstroom in consulting door concurrentie met andere sectoren, wat een gemengde impact heeft op het arbeidsaanbod.
Een tekort aan specialistische kennis op de arbeidsmarkt zorgt voor sterke concurrentie om talent, wat werving en behoud bemoeilijkt. Dankzij de technologische impact en voldoende instroom zwakt het onevenwicht af van ongeveer 6.300 naar zo’n 2.500.
De additionele groei en bijbehorend de vraag naar extra arbeidskrachten wordt meegedreven door de vraag naar specifieke expertise, bijvoorbeeld op het gebied van digitale transformatie, AI en ESG-compliance. De technologische impact is relatief laag aangezien de opkomst van AI en andere technologieën de vraag naar arbeid verhoogt voor enkele deelsectoren, zoals advisering over digitale transformaties.
VERWACHTINGEN PROFESSIONELE DIENSTVERLENING:
LICHTE PRODUCTIVITEITSSTIJGING
61,7
63,3
€ 59,1 € 64,5
€ 62,9
€ 69,3
€ 70,2
€ 79,7
95,8
Bruto Toegevoegde Waarde per werkzame persoon
DIGITALISERING EN TECHNOLOGISCHE TRANSFORMATIE
BEDRIJVEN WORDEN IN TOENEMENDE MATE GECONFRONTEERD MET COMPLEXE UITDAGINGEN EN SCHAKELEN EXTERNE EXPERTISE IN
De opmars van digitale technologieën – van cloud computing tot AI en procesautomatisering – heeft een grote impact op de sector. Enerzijds stijgt de vraag van klanten naar adviserende diensten om hen te ondersteunen bij het verhogen van de productiviteit door digitalisering en technologische transformatie, wat de vraag naar profielen met expertise en kennis verhoogt binnen de sector. Anderzijds worden er nieuwe tools opgezet binnen organisaties, zoals AI, wat repetitieve taken in de sector zal overnemen, wat op termijn bepaalde functies zal rationaliseren.
VIRTUEEL PERSONEELSBESTAND
TOENAME VAN
COMPLEXITEIT
OP VLAK VAN
REGELGEVING
TOENAME VAN HET CONCURRENTIELANDSCHAP
De sector leent zich uitstekend voor virtueel werk, omdat veel van de diensten kennisintensief en digitaal uitvoerbaar zijn. Dit zorgt ervoor dat bedrijven niet langer beperkt zijn tot lokale markten en expertise kunnen gebruiken over de hele wereld, bijvoorbeeld iemand met veel kennis over een bepaalde wetgeving. Ook in R&D zorgt virtueel werken voor de mogelijkheid om wereldwijd samen te werken aan onderzoeksprojecten. De verminderde verplaatsingsnood en verhoogde efficiëntie zorgen ervoor dat minder profielen nodig zijn, terwijl expertise sneller inzetbaar is.
Organisaties worden geconfronteerd met steeds strengere en complexere wet- en regelgeving, zoals GDPR en ESG. Dit zorgt voor een groeiende vraag naar personeel binnen de sector om alle klanten vlot te kunnen bedienen. Ook in andere sectoren die professionele dienstverlening omvatten, zoals de R&D-sector, waar regelgeving zoals GDPR een belangrijke rol speelt, zal er nood zijn aan extra personeel om dit op te volgen.
De sector wordt steeds competitiever door de opkomst van kleine, gespecialiseerde spelers, zoals gespecialiseerde consultancybedrijven die zich richten op nichemarkten of specifieke expertisegebieden, bijvoorbeeld ESG-compliance. Ook in de verhuur- en leasemarkt zijn er steeds meer spelers die een formule aanbieden om niet enkel producten te kopen, maar ook te huren. Omdat meer bedrijven zich hierop storten, zien we een toename in de vraag naar profielen met kennis en expertise.
BEVINDINGEN
In 2020 nam de productiviteit sterk af door uitstel van projecten tijdens COVID-19. Na de pandemie herstelde en steeg de productiviteit door inzet van nieuwe technologieën.
ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT Geen tekort ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT Tekort van 100 1.400
VERDERE DIGITALISERING VAN DE SECTOR VANGT TOENEMENDE VRAAG IN HET ONTZORGEN VAN EIGENAARS OP, OP VLAK VAN VERKOOP EN VERHUUR
GROEI VAN VASTGOED ALS INVESTERINGSCATEGORIE
VERNIEUWDE DIENSTVERLENING
Technologische vooruitgang heeft het koop- en verkoopproces in de vastgoedsector ingrijpend getransformeerd. Vastgoedmakelaars zetten in toenemende mate digitale tools en platformen in om woningen te presenteren, virtuele rondleidingen te organiseren en transacties efficiënter online af te handelen. Deze shift vraagt minder arbeidskrachten, maar meer werknemers met digitale competenties.
Strengere regelgeving rond energieprestaties en renovatieverplichtingen verhoogt de werklast. Hierdoor groeit de vraag naar personeel met kennis van energiebeheer, duurzaam vastgoed en subsidies. Ook de vraag naar functies zoals ESG-verantwoordelijken en databeheerders stijgt, door de focus op transparantie voor huurders en investeerders.
Werkgevers signaleren een moeilijke integratie van schoolverlaters in hun bedrijven. De problemen situeren zich bij de start van de professionele loopbaan. Werkgevers schatten minstens zes maanden intensieve begeleiding nodig te hebben om nieuwe werknemers aan te laten sluiten op de schoolpraktijk. Voor kleine ondernemingen betekent dit een significante investering.
Steeds meer particulieren zien de financiële voordelen van verhuur en verkoop, wat zorgt voor toenemende concurrentie en druk op winstmarges van vastgoedbedrijven. Tegelijk erkennen veel particulieren de rol van vastgoedbedrijven in het beheren van het vastgoed.
Het klassieke beeld van de syndicus als klusjesman is achterhaald. Door de toegenomen complexiteit en het grotere aantal gebouwen per syndicus, evolueert de functie naar een multidisciplinaire dienstverlening uitgevoerd door een team.
“AI MOET EEN TOPIC ZIJN IN ELKE BOARDROOM. NU IS HET NOG TE VEEL EEN IT-TOPIC.”
PIETER JANSSENS CEO iO BELGIUM
KRAPTE OP ARBEIDSMARKT NEEMT VOOR DEZE SECTOR AF
10.800
Beschikbare arbeidskrachten
12.100
Vraag naar arbeidskrachten
13.600
Beschikbare arbeidskrachten
14.400
Vraag naar arbeidskrachten 2023
ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT
Tekort van 1.300
ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT
Tekort van 800
BESCHIKBARE ARBEIDSKRACHTEN
ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT
VRAAG NAAR ARBEIDSKRACHTEN
Tussen 2023 en 2040 zal het totale aanbod beschikbare arbeidskrachten in de ICT-sector toenemen, voornamelijk door de relatief lage gemiddelde leeftijd van werknemers en de stijgende instroom van studenten in informatica en gerelateerde opleidingen.
ICT-profielen zijn in alle sectoren sterk gevraagd, waardoor de ICT-sector zelf moeite heeft om openstaande vacatures ingevuld te krijgen. Dit leidt tot een verwacht tekort van ongeveer 800 vacatures tegen 2040.
De vraag naar arbeidskrachten in de ICT-sector zal tussen 2023 en 2040 gestaag blijven toenemen, vooral in de IT-sector zelf. De telecomsector groeit minder sterk en zal naar verwachting licht krimpen.
OPKOMST VAN AI
AI NEEMT ROUTINETAKEN OVER, TERWIJL DE VRAAG NAAR PROFESSIONALS DIE AI-TOEPASSINGEN ONTWIKKELEN EN IMPLEMENTEREN JUIST ZAL TOENEMEN.
GROEI VAN CLOUD COMPUTING EN CYBERSECURITY
INZETBAARHEID PERSONEEL IN DE TELECOMSECTOR
CONCURRENTIE EN DRUK OP MARGES
Bruto Toegevoegde Waarde per werkzame persoon
De opkomst van AI automatiseert veel routinetaken in de ICT-sector, zoals softwarecoding en data-analyse, waardoor de vraag naar standaardprofielen daalt. Tegelijk stijgt de vraag naar professionals die AI-oplossingen ontwikkelen, implementeren en beheren. De Belgische AI-sector wordt verwacht sterk te groeien, wat zich vertaalt in een hoge vraag naar arbeidskrachten en nieuwe bedrijven.
Door de groei van dataverkeer en kritieke netwerken neemt het risico op cyberaanvallen toe. Hierdoor stijgt de vraag naar experts in cybersecurity, netwerkbeveiliging en monitoring. Er zijn al veel openstaande vacatures en de vraag zal verder toenemen.
Telecombedrijven zetten sterk in op herscholing en bijscholing via interne programma’s. Medewerkers kunnen nieuwe vaardigheden ontwikkelen en intern van functie veranderen, wat helpt om vacatures efficiënter in te vullen ondanks een dalende personeelsvraag.
Sterke concurrentie en druk op marges in de telecomsector leiden tot kostenverlagingen en automatisering. Dit resulteert in efficiëntiewinsten maar ook in een afname of stabilisatie van de vraag naar personeel.
BEVINDINGEN
COVID-19 heeft de productiviteit in de ICT-sector verhoogd door digitalisering en remote werken. De vraag naar digitale oplossingen nam sterk toe, waardoor hetzelfde aantal werknemers meer waarde leverde.
Technologische vooruitgang en digitalisering blijven de productiviteit verder verhogen.
FINANCIËLE DIENST—
VERLENING
KRAPTE OP ARBEIDSMARKT NEEMT VOOR DEZE SECTOR AF
3.000
2023 2040
Beschikbare arbeidskrachten 2.900
Beschikbare arbeidskrachten
3.300
Vraag naar arbeidskrachten 2.900 Vraag naar arbeidskrachten
BESCHIKBARE ARBEIDSKRACHTEN
ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT
VRAAG NAAR
ARBEIDSKRACHTEN
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
Tekort van 300
ONEVENWICHT ARBEIDSMARKT
Geen tekort
In de komende jaren zal de uitstroom in de financiële sector groter zijn dan de instroom, onder meer door de vergrijzing en de algemeen lagere vraag naar arbeid. De instroom van sterk aantrekkelijke bedrijven en de centralisatie van activiteiten zorgen ervoor dat lokale bedrijven aantrekkelijk blijven voor afgestudeerden.
Het onevenwicht op de arbeidsmarkt zal beperkt blijven, doordat de vraag naar personeel afneemt. De openstaande vacatures hebben vaak betrekking op moeilijk invulbare of nichefuncties.
De vraag naar arbeidskrachten zal – net zoals in voorgaande jaren – stelselmatig afnemen tot ongeveer 2.900 arbeidskrachten in 2040. De technologische impact en digitalisering zullen bijdragen aan een afname van de vraag naar arbeid. De uitdaging zal liggen in het aannemen van specifieke profielen, die verschillen per type financiële instelling.
VERWACHTINGEN FINANCIËLE DIENSTVERLENING:
PRODUCTIVITEITSSTIJGING DANKZIJ AI
€ 121,6
€ 153,6
€ 201,8
€ 226,6
€ 281,1
€ 423,6 € 357 € 342
557,7
Bruto Toegevoegde Waarde per werkzame persoon
HELFT MINDER FYSIEKE BANKKANTOREN
Het aantal fysieke bankkantoren in België is de voorbije jaren sterk gedaald, voornamelijk door de digitalisering van financiële diensten en veranderend klantgedrag. Zo waren er in 2014 nog 6.800 bankkantoren, in 2023 nog maar 3.200. Dit heeft een grote impact gehad op het personeelsbestand.
De impact van de digitalisering op het aantal verzekeringskantoren is ook significant, maar minder in vergelijking met de banken.
DIGITALISERING EN AUTOMATISERING
TRADITIONELE BEDRIJVEN IN DE FINANCIËLE SECTOR WORDEN GECONFRONTEERD MET VERHOOGDE DRUK OM TE TRANSFORMEREN
De financiële sector ondergaat een diepgaande transformatie onder invloed van digitalisering en automatisering. Steeds meer processen worden gedigitaliseerd, van klantinteractie tot interne administratie. Technologieën zoals RPA, AI en machine learning maken het mogelijk om repetitieve en regelgedreven taken efficiënter, sneller en foutloos uit te voeren. Hierdoor verdwijnen steeds meer traditionele functies, vooral in de backoffice en administratieve afdelingen.
WAR FOR TALENT
SHIFT NAAR
TECHNOLOGIEBEDRIJF
Ondanks dat de vraag naar arbeidskrachten zal afnemen, is er een grote concurrentie voor talent met andere sectoren. Ook zal het belangrijk zijn om de mensen in de sector tevreden te houden en te investeren in werknemers. In België blijven financiële professionals gemiddeld slechts enkele jaren in hun functie, wat een dynamisch maar uitdagend landschap creëert voor werkgevers. Dit relatief hoge verloop zet organisaties constant onder druk om kritieke functies in te vullen.
Traditionele banken en verzekeraars zullen de komende jaren sterk moeten transformeren onder druk van opkomende fintech-, techfin- en grote technologiebedrijven (zoals Google en Apple) die steeds vaker financiële diensten aanbieden. Om concurrerend te blijven wordt verwacht dat banken en verzekeraars zich steeds meer zullen ontwikkelen tot technologiebedrijven. Deze transformatie zorgt voor een behoefte aan meer profielen met digitale vaardigheden.
CONSOLIDATIE
De consolidatie in de Belgische financiële sector heeft de afgelopen jaren onder meer geleid tot een daling van de werkgelegenheid. Sinds het begin van de jaren 2000 is er sprake van een afname van het aantal banen in deze sector, onder andere als gevolg van opeenvolgende fusies en overnames. De trend van consolidatie wordt verwacht door te zetten, maar in een gematigd tempo. Banken en verzekeraars blijven efficiënter werken door fusies, overnames en samenwerking, vooral om kosten te drukken en te investeren in digitalisering. De aanwezigheid van private equity zorgt bovendien voor verdere professionalisering in de markt.
LANDBOUW
7.200
KRAPTE OP ARBEIDSMARKT NEEMT VOOR DEZE SECTOR TOE
2023 2040
Beschikbare arbeidskrachten
7.900
Vraag naar arbeidskrachten
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
Tekort van 700
6.500
Beschikbare arbeidskrachten
7.500
Vraag naar arbeidskrachten
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
Tekort van 1.000
BESCHIKBARE
ARBEIDSKRACHTEN
ONEVENWICHT
ARBEIDSMARKT
VRAAG NAAR
ARBEIDSKRACHTEN
De toenemende vergrijzing in de sector leidt tot een versnelde uitstroom van arbeidskrachten, terwijl het beperkte aantal opvolgers binnen familiale bedrijven resulteert in een lage mate van intergenerationele opvolging. Internationale migratie verzacht de negatieve effecten, doordat de sector voor vele migranten relatief toegankelijk is. Er is een lichte heropleving te zien in de instroom voor landbouwgerichte opleidingen, wat de instroom positief beïnvloedt.
Het arbeidstekort wordt verwacht groter te worden van ongeveer 700 openstaande vacatures in 2023 tot zo’n 1.000 uitstaande vacatures in 2040. De impact van automatisering wordt verwacht snel te evolueren, maar compenseert het tempo van de hoge uitstroom niet volledig.
De vraag naar arbeid in de sector wordt enerzijds aangedreven door additionele sectoren (ook recreatie genoemd), en anderzijds beïnvloed door de technologische evolutie die de arbeidsstructuur wijzigt. Hoewel sectorale groei de vraag doet toenemen, wordt de toename afgevlakt door technologische vooruitgang, waardoor traditionele manuele arbeid wordt geautomatiseerd. Consolidatie in de sector en toenemende innovatie zal de vraag naar meer hoogopgeleide profielen doen toenemen.
DE BRUTO TOEGEVOEGDE WAARDE PER WERKNEMER IS TOEGENOMEN, MET ONDERSTEUNENDE ACTIVITEITEN ALS MEEST PRODUCTIEVE SEGMENT.
Totaal
De bruto toegevoegde waarde per werknemer in de sector in Mechelen-Kempen steeg van 53.900 euro in 2014 naar 101.700 euro in 2023. Tussen 2014 en 2021 was er een geleidelijke groei van gemiddeld 4% per jaar in toegevoegde waarde per werknemer. Vanaf 2021 versnelde de groei aanzienlijk, met een gemiddelde jaarlijkse stijging van 21%, wat een duidelijke verbetering in productiviteit per werknemer aantoont. Het gaat hier om btw in lopende prijzen en wordt dus niet gefilterd op inflatie.
Segment
In 2023 zijn de ondersteunende activiteiten het segment met de hoogste bruto toegevoegde waarde per werknemer binnen de landbouwsector. Dit aandeel ligt opvallend hoog, grotendeels dankzij de aanwezigheid van enkele belangrijke spelers binnen dit segment. Het is ook het segment dat het meest is gegroeid op vlak van arbeidsproductiviteit.
Bruto Toegevoegde Waarde per werkzame persoon
BTW per
DIGITALISERING
TRADITIONELE SECTOREN MET VEEL HANDARBEID, ZOALS LANDBOUW, ZULLEN MINDER ARBEIDSKRACHTEN NODIG HEBBEN DOOR AUTOMATISERING
Door de oprukkende automatisering (ook in de vorm van AI) zal de arbeidsmarkt fundamenteel veranderen. In heel wat sectoren komen er jobs bij, maar in de landbouw, als een van de traditionele sectoren met veel handenarbeid, gaan er jobs verloren. De jongere generatie aan boeren is steeds hoger opgeleid en staat meer open voor technologische innovaties zoals melkrobots, GPS-bestuurde machines en precisielandbouw.
OPLEIDING
INNOVATIE
TECHNOLOGIE
Digitalisering en robotisering leiden tot minder jobs in de sector, maar er is wel vraag naar andere profielen in de sector. Er zal een afnemende nood zijn aan manuele (seizoens-)arbeid, er zal een hogere nood zijn aan (hoger) opgeleide profielen voor taken m.b.t. planning, het interpreteren van data etc.
Schaalvergroting zet zich systematisch door in de landbouwsector. Bedrijven worden groter en investeren meer in automatisering om al het werk rond te krijgen.
De opmars van agrotechnologie – zoals drones, sensoren en AI-systemen – biedt grote voordelen, maar vergroot ook de digitale kloof in de sector. Technologieën zijn vaak duur en complex, waardoor ze vooral toegankelijk zijn voor grote bedrijven en jongere, digitaal vaardige boeren. Kleinere landbouwbedrijven en oudere generaties lopen het risico achter te blijven, door een gebrek aan middelen, opleiding of digitale infrastructuur.
“ER IS ZOVEEL OPERATIONELE EXPERTISE EN ERVARING IN DE STREEK, ONDER ANDERE OP HET VLAK VAN NUCLEAIRE KENNIS. ALS WE DIE KUNNEN SAMENBRENGEN MOET ER ONGETWIJFELD IETS HEEL GROOTS
ROAD MAP 2040
Het vorige hoofdstuk geeft goed aan hoe elke sector de komende vijftien jaar zal evolueren. Maar je zag hoe het groeitempo zal vertragen, richting 2040. Voka Mechelen-Kempen blijft niet aan de zijlijn toekijken hoe die groei afzwakt. Daarom pakken we uit met onze ‘supernota’: eentje die op volle snelheid 8,8 miljard extra kan en eigenlijk ook moet opbrengen.
Met ROADMAP2040 tonen we in detail op welke sectoren we boosters gaan zetten. Het gaat over bestaande economieën, maar ook over nieuwe. De inzichten zijn voortgekomen uit onderzoek, analyses en gesprekken met 250 ondernemers uit de regio. Van grote bedrijven tot kleine én sterke kmo’s.
Belangrijk is dat we met ROADMAP2040 de ‘pivotal assets’ willen blootleggen. Die ‘pivotal assets’ gaan naar de kern van de concurrentiële voordelen van onze bedrijven en onze regio. Zo’n asset kan aan de ene kant een moeilijk te vergunnen sector zijn – zoals de nucleaire sector – maar het kan ook de aanwezigheid van een cluster zijn — zoals de farmasector.
Door die ‘pivotal assets’ te kennen, is Voka MechelenKempen erin geslaagd om héél gericht boosters te plaatsen op die sterke assets. Het resultaat is een boosterplan. En dat ziet er zo uit.
Het boosterplan van Voka Mechelen-Kempen is volledig becijferd. Tegen 2040 is het op volle kracht en kan het 8,8 miljard euro opbrengen. Ook de impact op de jobmarkt zal voelbaar zijn. Bij een volledige realisatie van alle opgesomde boosters, zijn bijkomend 9.609 (met start- en scale-ups zelfs 10.000) nieuwe banen mogelijk.
3,2 MILJARD
4,8 MILJARD
8,8 MILJARD
ZET E EN TURBO OP NIEUW E ECONO MIEËN
BOOSTER 1: ZET EEN TURBO OP NIEUWE ECONOMIEËN
ONTWIKKEL EEN SMALL MODULAR REACTOR (SMR)
Tegen 2034 moet LEANDREA — het eerste demonstratiemodel van een gloednieuwe Small Modular Reactor (SMR) op de SCK CEN-site in Mol — operationeel zijn.
Dit nieuwe type reactor moet straks de energieprijzen gaan drukken en onze eigen energievoorziening verzekeren. Onze regio is leading op SMR-vlak.
BOOST VOOR DE REGIO: +36 MILJOEN EURO
In dit dossier zit onze regio in de driver’s seat. SMR-projecten in Europa staan nog in de kinderschoenen. De meeste initiatieven bevinden zich momenteel nog in de onderzoeksfase. Maar de ingenieurs van het SCK CEN in Mol en hun partners van het EAGLES-300 consortium geven wél de internationale toon aan in de ontwikkeling van geavanceerde SMR’s. En ook niet onbelangrijk: Mol is — door de jarenlange expertise op nucleair vlak — de aangewezen locatie voor deze moeilijk te vergunnen projecten. Tegen 2034 moet LEANDREA — de eerste door het SCK CEN en zijn consortiumpartners gebouwde SMR — operationeel zijn.
Voka Mechelen-Kempen liet voor ROADMAP2040 al een berekening maken van de impact van één volledig werkende SMR. Die zal tussen 150 en 190 miljoen euro genereren per jaar. In onze analyse houden we rekening met een baseloadprijs tussen 65 en 85 euro per megawattuur.
Tijdens de bouwfase is er ook al een toegevoegde waarde, omdat het bouwen van een SMR werkgelegenheid met zich meebrengt. Die wordt becijferd op 23 miljoen euro per jaar. En als de SMR volledig operationeel is, kan dit oplopen tot 36 miljoen euro bruto toegevoegde waarde. We komen tot dat bedrag door rekening te houden met personeel om de SMR te laten draaien. Maar er zal ook onderhoud nodig zijn en de SMR brengt ook nieuwe dienstverlening met zich mee.
In ons model zou één SMR 50 tot 100 nieuwe jobs opleveren. Dit is nog zonder de indirecte effecten via aannemers, onderhoudsbedrijven en dienstverleners. Voka MechelenKempen is na deze analyse nog meer overtuigd van de win voor onze regio. De investeringen voor een SMR zijn niet min. De bouw van een SMR kost 1 miljard euro, gespreid over tien jaar. Toch zal het onze regio enorme maatschappelijke en technologische voordelen bieden.
Een SMR produceert stabiele, koolstofarme energie met een kleiner ruimtebeslag dan hernieuwbare alternatieven. Geavanceerde SMR’s, zoals LEANDREA die straks in Mol verrijst, produceren bovendien minder hoogradioactief afval dan een klassieke kerncentrale én kunnen verbruikte splijtstof recycleren. De nieuw te bouwen SMR versterkt de bestaande nucleaire expertise in de regio en stimuleert met innovatieprojecten de internationale samenwerking en kennisopbouw binnen het lokale technologische ecosysteem. De aanwezigheid van nucleaire infrastructuur zorgt ervoor dat je nieuwe opleidingen en onderzoekstrajecten snel kan opstarten, wat de regio aantrekkelijk maakt voor jong technisch talent.
De Vlaamse Regering heeft eind 2025 het startschot gegeven voor een concreet stappenplan om tot een werkende SMR te komen. Alle expertise is bij elkaar gebracht en ook Voka is betrokken. Nog een argument om vol voor die SMR te kiezen: je krijgt meer grip op je eigen energievoorziening.
Door de geopolitieke spanningen is de nood om zelfvoorzienend te zijn heel urgent. Daar past de ontwikkeling van de SMR helemaal in. Transport van energie is ook duur. Een troef van een SMR is nabijheid, om die prijs te drukken. SMR’s op grotere schaal kunnen ook een rol van betekenis spelen om de energiekrapte op te vangen. Ook in onze regio kunnen we op termijn te maken krijgen met capaciteitsproblemen op het energienet. Voka MechelenKempen vraagt hier voldoende investeringen. We willen een scenario zoals in Nederland in 2025 vermijden, waar 14.000 bedrijven op een netaansluiting moesten wachten.
De vraag naar elektriciteit zal de komende 25 jaar naar verwachting verdubbelen in België. Om die groei op te vangen, moet de ruggengraat van het hoogspanningsnet versterkt worden. Tien jaar geleden is beslist om ons systeem op alle assen te versterken.
Netbeheerder Elia heeft de hoogspanningslijn tussen Zandhoven en Kinrooi al vernieuwd. Over een afstand van 92 kilometer, ook door onze regio. De verbinding maakt deel uit van de belangrijkste elektriciteitslijn van ons land. Door die ingreep kan de lijn drie keer meer elektriciteit vervoeren.
De vernieuwde hoogspanningslijn maakt deel uit van de zogenaamde ‘ruggengraat’ van het Belgisch elektriciteitsnetwerk. Dat is een verbinding die dwars door Vlaanderen loopt en 380kV aan elektriciteit aan kan. De verbinding is ook belangrijk voor de connectie met Nederland.
Al vergund in onze regio
Sterke nucleaire kennis & expertise
Directe koppeling mogelijk met farmabedrijven
Voka Mechelen-Kempen heeft nog meer investeringsprojecten goed in kaart. In onze regio zien we, net als in andere industriële of landbouwintensieve gebieden, dat de congestie vaak ontstaat bij de grote knooppunten.
Bij de zogenaamde transformatorstations (TS) wil lokale groene stroom vaak het net op en dat zorgt voor opstoppingen. Zeker op volgende locaties moeten investeringen plaatsvinden:
NIEUWE HOOGSPANNINGSLIJN
Vernieuwde masten Hoogspanningsstation
Kempen E34 (Wind): de zone van Vorselaar tot Retie heeft zo veel potentieel voor windmolens dat Fluvius en Elia samen hebben besloten om een speciale, grote aansluiting (een 36kV-hub) te bouwen op de site van Poederlee om de meeste van deze projecten te kunnen aansluiten.
De transformatorstations in Hoogstraten en Rijkevorsel behoren tot de plekken in Vlaanderen die al de hoogste injectiebelasting ervaren. Station Hoogstraten (met maar één transformator) zit bijvoorbeeld op een injectiebelasting van 61% van wat het nominaal mag ontvangen. Met een te hoge belasting loop je het risico dat nieuwe stroomproducenten (zoals windof zonneparken) hun vermogen moeten afregelen (moduleren).
In Ravels investering voor een tweede transformator door Elia uitgesteld. Dit betekent dat nieuwe decentrale productieprojecten in dit gebied een almaar groter risico lopen op modulatie.
Sint-Katelijne-Waver is een tuinbouwgemeente. De beschikbare capaciteit voor het aansluiten van nieuwe decentrale productie (zoals warmtekrachtkoppeling of WKK’s) is er beperkt en zit vooral aan de randen van het gebied.
(AFNAME)
Ook bij een normale afname zijn er uitdagingen bij de stations. Hoewel de transformatoren in Muizen (Mechelen) recent zijn vervangen door zwaardere exemplaren, is de capaciteit tijdens een incident (wanneer één transformator uitvalt) nog steeds beperkt. Er moet met extra transformatoren worden gewerkt.
(70KV)
Naast de problemen op de koppelpunten met transformatoren, is de gehele regio Noorderkempen kwetsbaar voor capaciteitstekorten op het hogerliggende net. Op het 70kV-net kan congestie ontstaan als de decentrale productie verder groeit. Dit zal gebeuren bij gebrek aan tijdige investeringen in het hogerliggende net, zoals een opwaardering naar 150kV.
De vraag naar elektriciteit zal de komende 25 jaar naar verwachting verdubbelen in België. Om die groei op te vangen, wordt de ruggengraat van het hoogspanningsnet aangepakt.
moet onder meer netcongestie helpen voorkomen en zorgt voor een betere bevoorrading van steden en industriële zones. Ook de stroomuitwisseling met Nederland verloopt nu vlotter, wat op termijn de stroomprijs mee moet drukken door een betere aansluiting op het Europees netwerk.
Netbeheerder Elia is in januari 2026 ook gestart met de versterking van de hele zware hoogspanningslijn tussen Hoei en Maaseik (380 kV).
De kabels gaan over een afstand van 103 kilometer en vormen ook een essentiële verbinding met Nederland.
Zandhoven
Kinrooi
“DE UITDAGINGEN VOOR DE INDUSTRIE ZIJN GROOT. WETENSCHAP EN INNOVATIE BIEDEN OPLOSSINGEN.
DOORGEDREVEN
SAMENWERKING TUSSEN DE INDUSTRIE EN KENNISINSTELLINGEN IS DE SLEUTEL OM VANUIT CLEANTECH DE COMPETITIVITEIT EN STRATEGISCHE ONAFHANKELIJKHEID TEGEN 2040 TE GARANDEREN.”
BOOSTER 1: ZET EEN TURBO OP NIEUWE ECONOMIEËN
ONTWIKKEL NIEUWE CLUSTER ISOTOPEN
In de intro van ROADMAP2040 stond het al: je zal in dit regioplan géén moonshots vinden. We hebben géén plan gemaakt dat is gebouwd op dromen en verre ambities. We hebben gekeken naar wat er vandaag in de regio is, om vervolgens op die sectoren een booster te kunnen plaatsen.
BOOST VOOR DE REGIO: +151 MILJOEN EURO
Een goed voorbeeld zijn de medische radio-isotopen. Ook hier is onze regio al leading. Voor de productie van medische radio-isotopen moet je bij SCK CEN in Mol zijn. Daar staat de BR2-reactor. Onze regio beschikt daarmee over 1 van de 6 reactoren wereldwijd (!) die isotopen maakt voor bestraling in de nucleaire geneeskunde. De markt groeit sterk en de vraag is structureel.
Medische isotopen zijn radioactieve stoffen die in de nucleaire geneeskunde worden gebruikt voor het opsporen (diagnose) en voor de behandeling (bestraling) van vooral kankers. Vandaag neemt de BR2reactor 25% van de wereldwijde productie van radio-isotopen voor bestraling voor zijn rekening én zelfs ongeveer 75% van de wereldwijde productie van radio-isotopen voor de opsporing van kankers. De BR2reactor is al meer dan 60 jaar oud, maar nog altijd een van de krachtigste onderzoeksreactoren ter wereld. Hij blijft alvast tot 2036 in gebruik, mogelijk nog langer.
SCK CEN is niet enkel een sleutelspeler in de productie van medische radio-isotopen, maar verricht eveneens baanbrekend preklinisch onderzoek naar
radioligandtherapie. Bij radioligandtherapie brengt een dragermolecule een radioactief isotoop rechtstreeks naar de tumor en/of uitzaaiingen. Vervolgens worden de kankercellen met grote precisie aangevallen, terwijl het gezonde weefsel eromheen grotendeels gespaard blijft. Voor de patiënt betekent dit minder neveneffecten en meer levenskwaliteit.
Wereldwijd lopen vandaag zo’n 200 klinische studies in radioligandtherapie. Een aantal daarvan zit al in de laatste fase. We verwachten dan ook dat die therapieën binnenkort hun intrede doen in de praktijk. De vraag naar medische radio-isotopen zal dus sterk stijgen en de productiecapaciteit moet volgen. Met zijn BR2-reactor en CFRinstallatie zet SCK CEN zijn schouders onder de productie ervan.
Op vraag van Voka MechelenKempen is nu berekend wat die nieuwe technologie rond medische isotopen kan ‘opleveren’ voor onze regio. Tegen 2040 kan er bijkomend 150 miljoen euro aan toegevoegde waarde worden gegenereerd. De chemische verwerking zou 250 extra arbeidsplaatsen kunnen opleveren in de directe regio.
Voka Mechelen-Kempen is overtuigd van de toekomst van deze sector. Volgens analisten van de investeringsbank Morgan Stanley kan de markt voor radiofarmaca – het geneeskundig gebruik van radioactieve stoffen – al tegen 2032 groeien tot 39 miljard dollar. Het regende al miljardendeals van farmareuzen die biotechbedrijven met experimentele actinium225-behandelingen opslokken. Actinium-225 is zowat de nieuwe chouchou in de nucleaire geneeskunde. Artsen kunnen er met ongeziene precisie kankercellen mee uitschakelen, zonder de omliggende cellen te beschadigen.
PanTera, een samenwerking van het Waalse IBA en SCK CEN, wil tegen 2028 op commerciële schaal actinium-225 produceren in Mol. Ons land kan als een van de weinige rekenen op een grote voorraad van de grondstof waarmee je die radioisotopen produceert. Die grondstof ligt namelijk sinds de jaren 70 gestockeerd bij SCK CEN.
Deze ontwikkelingen kunnen nog een verdere boost geven aan onder meer de sterke farmasector in onze regio.
Er is nood aan een nieuwe grote recyclagefaciliteit in de regio. Dat zegt Voka Mechelen-Kempen in dit regioplan. Bedrijven als Umicore, Aurubis en Campine zijn al wereldtop in het recycleren van kritieke grondstoffen, Nyrstar in het produceren en valoriseren van die grondstoffen.
BOOST
VOOR DE REGIO: +86 MILJOEN EURO
Die rol willen we als regio versterken. Onze regio als ‘life savior’. Zo is Umicore, met onder meer een vestiging in Olen, een van de Europese voorlopers in de recyclage van batterijen voor elektrische auto’s en de verwerking tot nieuwe batterijmaterialen. Uit de batterijen haalt het nikkel, kobalt en lithium: de materialen voor nieuwe kathodes, die goed zijn voor de helft van de kostprijs van de batterij van elektrische auto’s. Umicore zet nog een volgende stap en voert onderzoeken – in een nieuwe demonstratiefabriek in Olen – om het rijbereik van elektrische wagens te vergroten en de oplaadsnelheid van batterijen te verbeteren. Ze werken daarvoor samen met het ZuidKoreaanse HS Hyosung Advanced Materials. De fabriek moet tegen eind 2026 operationeel zijn.
Ook Campine in Beerse is booming. Het verwerkt elk jaar 90.000 ton afgedankte loodzuurbatterijen tot nieuwe batterijgrondstoffen en is daarmee de grootste speler in Europa. Bij de verwerking haalt het bedrijf lood en het gegeerde antimoonmetaal uit de batterijen. Antimoonmetaal wordt verwerkt tot antimoontrioxide, een brandvertrager in autodashboards,
isolatiepanelen, kledij en elektrische kabels. Het metaal wordt nu ook in militaire toepassingen gebruikt. Nyrstar haalt naast zink heel wat andere metalen uit hun grondstoffen. Het potentieel is nog veel groter dan vandaag. Met de juiste investeringsmix zou Nyrstar in deze regio 26% van de Europese germaniumvraag kunnen produceren.
Aurubis in Olen opende in 2024 al een nieuwe recyclage-installatie. Die moet kostbare metalen, zoals koper en nikkel, terugwinnen uit verontreinigd water dat vrijkomt tijdens de metaalproductie op de site.
Het zijn maar enkele voorbeelden die illustreren welke strategische positie onze regio inneemt. En die positie willen we verder versterken. Daarom heeft Voka Mechelen-Kempen het scenario laten doorrekenen van een nieuwe, grote recyclagefaciliteit voor de ‘Critical Raw Materials’ — de kritieke grondstoffen. De nieuwe Europese grondstoffenwet wil dat we 15% van de strategische en kritieke grondstoffen recycleren. En dat we tegen 2030 ook 10% van de grondstoffen op de speciale lijst met kritische grondstoffen ontginnen
binnen de eigen grenzen. Vandaag is dat maar 3%. Doelstellingen die we vooral in deze regio kunnen waarmaken.
Wat zegt de analyse van Voka? Een nieuwe site in onze regio kan een blijvende toegevoegde waarde creëren van 86 miljoen euro, tegen 2040. Afhankelijk van de grootte van de site en de aard van het gerecycleerde materiaal, kunnen er ook 620 jobs bijkomen.
Grote spelers in de sector geven aan dat schaalvergroting een must is. Voka Mechelen-Kempen zal ook verder inzetten op lobbywerk rond vergunningen en regelgeving voor (afval)water, die nu door de sector als grote struikelblokken worden gezien. Op het vlak van vergunningen zijn recent doorbraken geboekt. Dat kan je verderop in ROADMAP2040 lezen. Maar we kijken ook naar de bedrijven zelf. Een begrip als ‘profit sharing’ is hier belangrijk. Bedrijven moeten ook bereid zijn om kennis te delen. Bijvoorbeeld over hoe je een economisch schaalbaar en rendabel model kan opzetten. Daarvoor wil Voka bijkomende initiatieven opstarten. Om dit overleg te faciliteren.
ONZE REGIO NEEMT EEN STRATEGISCHE POSITIE IN OP HET VLAK VAN RECYCLING.
Locatie: vier wereldspelers op vlak van recycling 100% in regio
context voor meer strategische onafhankelijkheid én relevantie
Nabijheid Albertkanaal
Geopolitieke
BOOSTER 1: ZET EEN TURBO OP NIEUWE ECONOMIEËN
INVESTEER IN DEFENSIETECHNOLOGIE
De geplande verhoging van het defensiebudget kan de regio
Mechelen-Kempen jaarlijks 100 miljoen euro extra opleveren.
Dat heeft Voka Mechelen-Kempen berekend op basis van de investeringscijfers van defensie.
BOOST VOOR DE REGIO: +100 MILJOEN EURO
Ons land heeft beslist om tegen 2029 2% van het bruto binnenlands product aan defensie te besteden. Momenteel gaat 1,3% naar defensie. Tegen 2034 moet dat aandeel oplopen tot 2,5%.
Vandaag gaat 35% van de huidige investeringen daadwerkelijk naar lokale bedrijven. Dat is goed voor 100 miljoen euro per jaar. De overige 65% gaat naar internationale spelers. Dat is ergens logisch, want die grote spelers leveren afgewerkte producten.
Sinds 2025 brengt Voka MechelenKempen zo’n 65 bedrijven uit de regio in contact met de defensietop om de mogelijkheden te bekijken binnen de sector.
Bevoegd minister van Defensie Theo Francken heeft al aan Voka laten weten dat hij in de regio gaat investeren. Vooral dan in de aanwezige legerkazernes. De minister doet hiervoor een oproep aan onder meer de bouwsector. Maar ook aan de transportsector en logistiek. Hier liggen kansen. Er wordt gekeken naar de militaire domeinen in onder meer Geel, Arendonk, Berlaar en Ravels. De precieze investeringsbudgetten waren nog niet beslist bij het drukken van ROADMAP2040
Voka wil ook verder kijken dan de pure defensiesector. Er zijn bredere investeringen in infrastructuur en digitalisering die al gelinkt zijn aan defensie. De federale regering wil er op termijn 1,5% van het bruto binnenlands product in steken. Het kan de regio 700 miljoen euro opleveren. Maar de regio moet er dan wel alles aan doen om gezamenlijk de middelen naar hier te halen.
DE GEPLANDE VERHOGING
VAN HET DEFENSIEBUDGET
KAN DE REGIO JAARLIJKS
100 MILJOEN EURO EXTRA OPLEVEREN.
PIVOTAL ASSETS VAN ONZE REGIO
Vier legerkazernes met veel logistieke ruimte
Ligging regio Mechelen-Kempen als doorsteek naar Oost-Europa, vlakbij haven van Antwerpen en aan Albertkanaal
DNA van de regio: 31% industrie
Expertise op vlak van dronetechnologie
BOOSTER 1: ZET EEN TURBO OP NIEUWE ECONOMIEËN
VOL GAAN VOOR ACTIEPLAN ENTERTAINMENT & SCALE-UPS
Mechelen-Kempen ligt vlak tegen Flanders Entertainment Valley. Die ‘valley’ ligt in de Rupelstreek en wil uitgroeien tot de Europese hotspot op het vlak van de entertainmenttechnologie. De Vlaamse regering heeft die sector uitgeroepen tot speerpuntcluster. Met de naam ENT.A of Entertainment Associatie.
BOOST VOOR DE REGIO: +18 MILJOEN EURO
De cluster verenigt zo’n honderd bedrijven, kennisinstellingen en organisaties uit de media-, cultuur- en eventsector en de gamingindustrie. Voka Mechelen-Kempen zal meewerken aan het actieplan voor de entertainmentsector dat voor de regio een boost van 18 miljoen euro kan betekenen. Maar we gaan vooral dit vliegwiel gebruiken om meer start-ups en scale-ups te laten groeien. Vooral voor de stad Mechelen is er potentieel.
MECHELEN AAN ZET
Cijfers van de scale-up monitor van VLAIO (2025) geven een goed beeld van hoe Mechelen ervoor staat.
Zo is Mechelen, de grootste stad in onze regio, een hotspot met veel potentieel. Maar de stad presteert wel nog onder het gemiddelde van de Vlaamse steden die in het onderzoek zijn opgenomen. Het aandeel HighGrowth Firms (HGF) blijft relatief beperkt met een index van 0,429. Scoor je als stad lager dan 1, dan zit je
onder het Vlaams gemiddelde. Dat wil zeggen dat snelgroeiende bedrijven nog geen grote kritische massa vormen. Ook het absolute aantal scale-ups ligt met 0,326 duidelijk onder de norm, wat wijst op een kleiner scale-upvolume in vergelijking met grotere stedelijke ecosystemen.
De conversiegraad van start-ups naar scale-ups bedraagt 0,862. Dat betekent dat de schaalvergroting van jonge bedrijven in Mechelen minder sterk verloopt dan gemiddeld in
andere steden. Meer inzetten op de gespecialiseerde ondersteuning die Voka Mechelen-Kempen aanbiedt kan helpen. Een betere toegang tot groeikapitaal ook.
De scale-up monitor is duidelijk: Mechelen kan een belangrijke rol spelen als groeipool. Zeker door de ligging in de as Antwerpen–Brussel en de aanwezigheid van een groeiend ondernemersnetwerk.
BOOSTER 1: ZET EEN TURBO OP NIEUWE
AANBEVELINGEN VOOR
EEN STERKERE SCALEUPSTRATEGIE IN MECHELEN.
Voka Mechelen-Kempen praat al met de stad Mechelen en kennisinstellingen zoals Thomas More over een versterkte infrastructuur en zichtbare plek voor starters.
Om de conversiegraad structureel te verhogen, moet Mechelen eerst sterk inzetten om uit te groeien tot een start-upstad, om dan een volgende stap te zetten en door te groeien naar een doorgroeihub. Maar daar heb je sterke fundamenten voor nodig. Een herkenbare landmark in de eigen regio – naar het voorbeeld van het Wintercircus in Gent of Station F in Parijs – kan een aantrekkingspool zijn. Dat Mechelen erin slaagt om veel jonge gezinnen aan te trekken is een goede zaak. Om een echte startupcommunity uit te bouwen, heb je als stad minstens 100.000 inwoners nodig. Met bijna 90.000 inwoners is Mechelen dus op de goede weg. Verderop in ROADMAP2040 lees je dat de regio Mechelen-Kempen er de komende jaren in slaagt om meer mensen aan te trekken vanuit verschillende delen van ons land.
Op dit moment komen er jaarlijks - via interne migratie binnen België2.100 mensen bij om hier in de regio Mechelen-Kempen te komen wonen en werken. Dat aantal zal stijgen naar jaarlijks 3.800. Op die manier vergroot je de kans op een ‘creative class’: een groep mensen die vooral economische waarde creëert via kennis, creativiteit en innovatie. Je mikt dan onder meer op onderzoekers, wetenschappers, ingenieurs en ondernemers.
NIEUWE KANSEN VOOR ENTERTAINMENTSECTOR
In Mechelen en Willebroek komen er extra opportuniteiten. In de Rupelstreek wordt hard gewerkt om een Europese hotspot voor een nieuwe economie rond entertainment uit te bouwen. De Vlaamse Regering heeft de Rupelstreek uitgekozen voor een uniek tewerkstellings- en innovatieproject rond entertainmenttechnologie. Net als Mechelen zelf, is het in 2026 een van de blikvangers van het samenlevings- en innovatieproject Flanders Technology & Innovation (FTI). Bedoeling is om er innovatieplekken te bouwen die kunnen uitgroeien tot dé Europese hotspot voor onderzoek, innovatie en creatie op vlak van entertainmenttechnologie.
Met het Lab of Tomorrow in Boom is er al een concreet project gerealiseerd. Maar iets verderop wil de Rupelstreek nog eens 2,5 tot 4,5 hectare vrijmaken voor de Entertainment Tech Campus De Klamp. Ook in Boom. Het project wordt een mix van wonen en werken. Bedoeling is dat er zo’n vijftig bedrijven komen met een focus op de entertainmentsector. Er zal eveneens plaats zijn voor labo’s en testomgevingen. Ook Mechelse ondernemers kunnen er een plekje krijgen.
Maar er is meer. De ambitienota van de Vlaamse Regering is duidelijk. Zo wil de regering de toegevoegde waarde van de entertainmentsector tegen 2035 met een derde verhogen. Voor de regio Mechelen-Kempen zou dat een stijging van 55 miljoen euro naar 73 miljoen euro betekenen. Dat is 18 miljoen euro erbij in 10 jaar tijd. Voka Mechelen-Kempen zal dit plan vanuit de eigen werking en met het netwerk ondersteunen. De investeringen moeten zeker ook naar infrastructuur gaan. Waar zoveel mogelijk start- en scale-ups gebruik van kunnen maken.
WAT DOET VOKA ZELF?
Voka Mechelen-Kempen werkt nu al aan de groei van start- en scaleups. Onder meer via Bryo StartUp en de Voka Tech ScaleUp. Maar we willen de samenwerking met de stad Mechelen nog versterken en mee een verdere aanpak uitwerken. Onder meer door de uitbouw van communities voor de ‘creative class’.
Ontwikkel een expliciete Mechelse scale-upstrategie
Maak van doorgroeien een expliciet beleidsdoel, met duidelijke KPI’s. En kijk ook naar infrastructuur die door alle start- en scale-upbedrijven kan worden gebruikt.
Versterk toegang tot groeikapitaal
Werk samen met Vlaanderen, private fondsen en grote bedrijven aan een scale-upfonds of co-investeringsvehikel, gericht op kapitaalrondes vanaf Series A.
Werk verder op gespecialiseerde scale-upprogramma’s
Vanuit Voka Mechelen-Kempen zijn er al uitgewerkte scale-upprogramma’s. Hier kan op verder gewerkt worden. Cijfers tonen al aan dat die begeleiding er mee voor zorgt dat beginnende en groeiende bedrijven de uitdagingen –die gepaard gaan met groei – beter overwinnen.
Veranker scale-ups lokaal
Voorzie betaalbare groeiruimte, flexibele kantoor- en labinfrastructuur en sterke verbindingen met Thomas More, KU Leuven en nabijgelegen industrieclusters. Hier kan onder andere gekeken worden naar industriegronden, zoals op Mechelen-Noord. We moeten ook kijken naar mogelijke synergieën van campussen in de buurt van Mechelen. Zoals Campus De Nayer, dat verder kan inzetten op STEM en Techniek. En Thomas More Campus Lier, die een focus op innovatie in de zorg kan uitbouwen, net als Thomas More Campus Geel.
Positioneer Mechelen als complementair, niet als concurrerend
Sluit strategisch aan bij Gent, Antwerpen en de Rupelstreek en profileer Mechelen als een brug tussen technologie, industrie en diensten.
BOOSTER 1: ZET EEN TURBO OP NIEUWE ECONOMIEËN
Met ROADMAP2040 wil Voka Mechelen-Kempen nog een stap verder gaan. Met Thomas More en KU Leuven lopen de gesprekken al om tot een betere afstemming te komen tussen studierichtingen en de vraag vanuit de bedrijven. Zo komt er een versterkte samenwerking met KU Leuven, zodat onderzoekers en studenten concreet kunnen werken op nieuwe economieën en technologieën uit ROADMAP2040
VOKAVERSE
Digitaal aanwezig zijn met je bedrijf is belangrijker dan ooit. En daar zet Voka Mechelen-Kempen vol op in met de Vokaverse. Dit project werd volledig in huis ontwikkeld en brengt bedrijven en creators samen rond toekomstgerichte virtuele toepassingen. Die aanpak is niet onopgemerkt gebleven. Met de Vokaverse heeft de Voka-Kamer de tweede plaats behaald op een wereldwijd event van de ‘International
Chamber of Commerce’ (ICC), de federatie van meer dan 12.000 Kamers van Koophandel wereldwijd.
Wat doen we concreet? We begeleiden bedrijven vanaf de verkenning van een eerste idee tot de definitieve uitvoering. Geen hype, geen gimmicks, maar concrete begeleiding, matchmaking en realisatie. Zo maken we virtuele aanwezigheid tastbaar, relevant en toegankelijk en zorgen we ervoor dat innovatie een logisch gevolg is van hoe bedrijven werken. Ook experimenteren we zelf met virtuele aanwezigheid, onder meer via een eerste omgeving in Roblox. Verder blijven we bijkomende platformen en toepassingen verkennen om onze leden ook vanuit onze eigen ervaring te begeleiden.
Belangrijk is dat virtuele aanwezigheid niet gelijkstaat aan één platform. Roblox, Minecraft, Fortnite of Spatial? Het succes zit niet in het platform, maar in de juiste toepassing,
het juiste verhaal en de juiste doelgroep. Net daar botsen veel bedrijven op drempels.
Er is onzekerheid over kosten en impact en de risico’s voor het merk. En er is een gebrek aan kennis en richting.
Voka Mechelen-Kempen zal bedrijven helpen met keuzes maken. Want door die virtuele aanwezigheid kan je als bedrijf efficiënter samenwerken op afstand, sneller tot beslissingen komen, kosten besparen en duurzamer werken. Maar het kan ook hulp bieden bij training, opleiding, employer branding en klantenengagement. Virtuele aanwezigheid is geen doel op zich, maar een strategische keuze die moet vertrekken vanuit duidelijke bedrijfsdoelstellingen. Daar gaan we voor.
MET BIJNA 90.000 INWONERS KAN MECHELEN EEN START-UP-COMMUNITY WORDEN.
PIVOTAL ASSETS VAN ONZE REGIO
Ligging stad Mechelen met jaarlijks 1.000 nieuwe starters
Nabijheid Thomas More/KU Leuven
Starterswerking Voka
ONTWIK KEL EEN GR OEIPLAN V OOR DE INDUST RIE
BOOSTER
ONTWIKKEL EEN GROEIPLAN VOOR DE INDUSTRIE
Een groeistrategie voor de industrie, voor de regio MechelenKempen. Dat is de tweede grote booster die ROADMAP2040 op tafel legt. De cijfers tonen duidelijk waarom. Op dit moment maakt de industrie als sector 31,1% uit van het bruto binnenlands product. Geen enkele andere regio in Vlaanderen scoort zo hoog. Maar er is een actieplan nodig.
BOOST VOOR DE REGIO: +278 MILJOEN EURO
Vanuit de Vlaamse regering zijn er al bijkomende middelen goedgekeurd die naar de industrie en onze regio kunnen vloeien. Dat totaalbedrag kan voor onze regio oplopen tot 278 miljoen euro.
1. VERHOOG DE MIDDELEN
VOOR ONDERZOEK & ONTWIKKELING & INNOVATIE
Vandaag bedragen de Vlaamse middelen die naar Onderzoek en Ontwikkeling (O&O) gaan 3,52% van het bruto binnenlands product. Daarmee staan we op de tweede plaats in Europa wanneer we Vlaanderen als regio vergelijken met andere landen. Enkel Zweden doet beter.
Het beeld wordt genuanceerder als we Vlaanderen niet met landen, maar met regio’s vergelijken. Onze O&O-ontwikkelingsintensiteit ligt beduidend lager dan de Europese koplopers uit vooral Duitsland (door de auto-industrie) en Scandinavië, die richting 5% gaan of al hoger uitkomen. Achter de globale O&O-cijfers schuilt een opvallend verschil in de manier waarop Onderzoek & Ontwikkeling gefinancierd wordt.
In Vlaanderen komt 77,05% van de O&O-uitgaven uit private middelen; het overheidsaandeel bedraagt amper 22,95%, zo staat beschreven in de Voka Paper ‘Drie wegen naar Productiviteitsgroei’.
Omgerekend naar het bruto binnenlands product betekent dit dat bedrijven instaan voor 2,71% van het bbp, terwijl de publieke sector goed is voor 0,81%. Bedrijven staan hiermee op de 14de plaats van de 241 Europese regio’s, de publieke overheidsuitgaven maar op de 40ste plaats.
Het aandeel van de private sector in de Vlaamse O&O-financiering ligt daarmee aanzienlijk hoger dan in onze buurlanden. Vlaanderen blinkt dus uit in privaat gefinancierde en uitgevoerde innovatie, terwijl de overheid –ondanks eerdere budgettaire opstappen – achterblijft op haar eigen 1%-norm.
Als deze trend zich doorzet, kan Vlaanderen in de komende jaren zijn achterstand op het vlak van publieke O&O wegwerken. Het zogenaamde ‘centenboekje’ van de Vlaamse regering voor 2024-2029 voorziet belangrijke opstappen voor Onderzoek & Ontwikkeling & Innovatie (O&O&I). Op kruissnelheid kan het een verhoging van 220 miljoen euro betekenen. BOOSTER
ROADMAP2040 vraagt om die 1%-norm te realiseren. Daarvoor is een opstap nodig van 916 miljoen tot zelfs 1 miljard euro. We moeten dan alles op alles zetten om een kwart van die middelen (onze regio is goed voor 25% van de industriesector) naar onze bedrijven te halen, goed voor 278 miljoen euro. Dat is niet onhaalbaar. Concreet plant de Vlaamse regering tegen 2029 een bijkomende recurrente verhoging van 150 miljoen euro – aangevuld met eenmalige investeringen die oplopen tot 100 miljoen euro – om de in het Vlaams regeerakkoord gestelde ambitie van een O&O-intensiteit van 5% waar te maken.
O&O-INTENSITEIT
(% VAN BPP)
3,1
1,6 1,6 3,6 1,4 3,3 1,3 3,5 1,4 1,7 1,8
Hongarije
Italië
Litouwen
2. VERANKER HET
VOORDEEL VOOR NACHTEN PLOEGENARBEID
Bedrijven die werken met een systeem van nacht- en ploegenarbeid kunnen vrijstelling krijgen op de bedrijfsvoorheffing. Het is een noodzakelijke ingreep om de industrie in onze regio concurrentieel te houden. Daarom vraagt Voka Mechelen-Kempen om dit te verankeren. Het is een van de pivotal assets om grote bedrijven hier te houden. Zeker omdat Vlaanderen de hoogste loonkosten van Europa heeft.
Het voordeel voor nacht- en ploegenarbeid kost de overheid 2,1 miljard euro. Voor Voka MechelenKempen maakt de maatregel een essentieel deel uit van het groeiplan voor de industrie.
3. VERZEKER TRANSMISSIENETTARIEVEN
Het is nog altijd wachten op de energienorm. Sinds begin 2025 zijn de transmissienettarieven voor industriële bedrijven meer dan verdubbeld en schoten ook de distributienettarieven fors de hoogte in. Al meer dan een jaar wachten bedrijven op de uitvoering van de - in het regeerakkoord aangekondigdeenergienorm.
Voka vraagt aan de federale regering om het voorziene budget van 944 miljoen euro in de komende drie jaar volledig te benutten. Dat kan door de accijnzen voor ondernemingen verder te laten zakken tot op het Europese minimum van 0,5 eur per MWh. De tariefmaatregel waarmee de transmissienettarieven kunnen dalen, is een federale bevoegdheid. De CREG moet deze zo snel mogelijk invoeren, als het kan met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026.
Aan de Vlaamse regering vraagt Voka invulling te geven aan het Clean Industrial State Aid Framework (CISAF) nu de Raad van State geoordeeld heeft dat het Europese staatssteunkader geen federale maar een gewestelijke bevoegdheid is.
De transmissienettarieven zijn essentieel om de industriebedrijven in de regio concurrentieel te houden.
4. TREK VLAAMSBELGISCH AANDEEL
ETS1-MIDDELEN OP
Een studie in opdracht van Voka heeft uitgewezen dat de industrie in Vlaanderen elk jaar tussen de 450 en 750 miljoen euro aan ETS1-middelen misloopt. Dat zijn middelen die Europees worden opgehaald bij de verkoop van emissierechten aan de industrie. De Europese Unie legt vast hoeveel CO2 deelnemende sectoren samen maximaal mogen uitstoten. Eén emissierecht is dan het recht om 1 ton CO2 uit te stoten. Bedrijven die minder uitstoten kunnen rechten verkopen.
Volgens de meest recente berekeningen gaat 298 miljoen euro aan ETS1-middelen naar Vlaanderen. Maar in de periode 2013-2023 vloeide maar één derde ervan terug naar de Vlaamse industrie. De rest wordt versnipperd ingezet in klimaatprojecten buiten de industrie. Dat moét beter.
Het aandeel van Belgische emissies binnen de EU bedroeg in 2024 zo’n 3,4%, maar België krijgt maar 2,6% van de ETS1-veilingopbrengsten. Dat heeft te maken met ons relatief grote aandeel zware industrie ten opzichte van de elektriciteitssector binnen ETS. Bovendien had België bij de berekening van de ETSverdeelsleutel in 2005, in tegenstelling
tot andere Europese lidstaten, geen vervuilende kolencentrales meer. Een heronderhandeling van het Belgische ETS-aandeel kan 134 miljoen euro extra aan ETS1-inkomsten betekenen.
Maar ook Vlaanderen moet een groter deel van de Belgische ETS1middelen krijgen. De Vlaamse industrie vertegenwoordigt 76% van de Belgische ETS-emissies, maar krijgt amper 53% van de middelen. Dat moet 206 miljoen opleveren. Verder moet er ingezet worden op contracts for difference (bijpascontracten).
5. INDUSTRIEEL DEMONSTRATIEFONDS
Het Vlaamse steuninstrumentarium is doorheen de jaren uitgegroeid tot een uitgebreid aanbod aan maatregelen en programma’s. Maar om de valorisatiekloof écht te dichten, dringt zich een actualisering van dit instrumentarium op. Er moeten lacunes worden opgevuld, de coherentie moet beter en de uitwisseling tussen kennisinstellingen en het bedrijfsleven kan nog intenser.
In totaal gaat er bijna 3 miljard euro naar innovatiesteun. Ruim 2,3 miljard euro is rechtstreeks gelinkt aan instrumenten voor Onderzoek & Ontwikkeling & Innovatie. We hebben nu vooral nood aan een Vlaams Industrieel Demonstratiefonds. Dat moet inzetten op demonstratieprojecten die al in hun laatste fases zitten, voor ze de commerciële markt op gaan.
De focus moet liggen op innovatieprojecten, op innovatieve decarbonisatie en op het slim inspelen op Europese prioriteiten en middelen. Een budget van op termijn 250 miljoen euro is noodzakelijk.
“DE INTERNATIONALE CONCURRENTIE IS SCHERP. ALS REGIO
HOUDEN WE ONZE
FARMASECTOR EN
MAAKINDUSTRIE STERK
DOOR EEN ECOSYSTEEM
TE BOUWEN WAARIN TALENT, INNOVATIE EN EEN AANTREKKELIJK INVESTERINGSKLIMAAT
SAMENKOMEN. ROADMAP
2040 VERSTERKT NET
DIE HEFBOMEN, EN
DAT IS NOODZAKELIJK
OM COMPETITIEF TE BLIJVEN.” LUC
TREK BUITENL ANDSE INVESTE RINGEN AAN
BOOSTER 3: TREK BUITENLANDSE INVESTERINGEN AAN
TREK BUITENLANDSE INVESTERINGEN AAN
ROADMAP2040 is al volop in uitvoering. Kort voor de lancering van dit plan is een samenwerkingsovereenkomst ondertekend tussen de regio Mechelen-Kempen en Brainport-Metropoolregio Eindhoven. Het economisch potentieel van de samenwerking kanop volle kracht - tussen 1,2 en 3,9 miljard euro liggen.
BOOST VOOR DE REGIO: +3,9 MILJARD EURO
ASML is het hoogst gewaardeerde techbedrijf van heel Europa. Het ligt in Nederland, op nog geen half uur rijden van Turnhout in de BrainportMetropoolregio Eindhoven. Met het project ‘Beethoven’ plant ASML tegen 2030 een uitbreiding van zes campussen en een extra tewerkstelling van 20.000 mensen. Bij de toeleveranciers zouden er 50.000 extra mensen nodig zijn. Die enorme groei zal niet binnen de Nederlandse grenzen blijven en dus moet regio Mechelen-Kempen zijn kans grijpen. We hebben immers heel wat troeven in handen.
Dit is geen toekomstplan meer.
In de loop van 2026 werkt de Taskforce (met onder meer Voka
Mechelen-Kempen) aan een nieuwe samenwerkingsovereenkomst van twee jaar tussen de regio NoordBrabant, Mechelen-Kempen en Limburg. Er wordt gekeken naar economieën die elkaar kunnen versterken of aanvullen. Want het moet een win-win zijn voor alle regio’s.
De regio Mechelen-Kempen heeft heel wat troeven, zoals de nabijheid, de sterke aanwezigheid van industrie en een sterke focus op onderzoek, ontwikkeling en innovatie.
ROADMAP2040 is de allereerste studie die het effect heeft berekend van een ASML-plant die in onze regio wordt gebouwd. We hebben in de regio nog vier strategische sites van meer dan tien hectare. De gronden
waar nu de Open Manufacturing Campus (OMC) in Turnhout (15 hectare) is gevestigd, de ex-Van Hool-site in Lier (42 hectare), drie terreinen in Arendonk (potentieel van 40 hectare) en de gronden waar de Innovatiecampus in Geel (18 hectare) is ingekleurd. Drie scenario’s zijn uitgewerkt.
SCENARIO 1
De terreinen waar nu de Open Manufacturing Campus (OMC) in Turnhout ligt hebben een historische link met ASML. Signify, het vroegere Philips, is er momenteel gevestigd.
ROADMAP2040 wijst uit dat de toegevoegde waarde van een fysieke plant op een terrein van 15 hectare
kan oplopen tot 3,9 miljard euro tegen 2040. Zo’n site kan 8.635 hoogwaardige jobs in de regio creëren. In het scenario dat ASML zich op de oude Van Hool-site of op de terreinen in Arendonk zou vestigen, kan de toegevoegde waarde zelfs oplopen tot 10,9 miljard euro, terwijl er tot 25.000 jobs kunnen bijkomen.
De aanwezigheid van ASML kan ook zeker de innovatiekracht en kennisuitwisseling in de regio versterken. Nieuwe samenwerkingen tussen bedrijven en onderzoekscentra zouden ontstaan, met zogeheten spillover effecten naar andere sectoren,
zoals de hightech- en maakindustrie, energieproductie, farma en recycling. Vooral in kwantumtechnologie kunnen nieuwe toepassingen sneller worden ontwikkeld dankzij de technologische capaciteit die ASML met zich meebrengt. De regio kan hierdoor evolueren tot een bredere ‘Techvalley’. De strategische ligging van onze regio op de as EindhovenLeuven-Aken vormt een extra troef. We liggen midden in die hightechzone. Dit moeten we maximaal benutten. Gezien de uitbreidingen die in Eindhoven nog gaan gebeuren, is dit scenario minder waarschijnlijk.
SCENARIO 2
Toeleveranciers vestigen zich op sites
In dit scenario komt ASML niet zelf naar de regio, maar kunnen toeleveranciers zich vestigen op de genoemde locaties.
Hiervoor hebben we gekeken naar de locatie in Turnhout, van 15 hectare. In dit geval kan de toegevoegde waarde tegen 2040 oplopen tot 1,2 miljard euro. Ook kan de site tegen 2040 werkgelegenheid scheppen voor 8.635 mensen, vooral voor hoogopgeleide profielen.
TOEGEVOEGDE WAARDE (IN € MLN)
SCENARIO 3
Hightechcampus
In dit scenario ontstaat een hightechcampus, gericht op de maakindustrie. De focus van de bedrijven ligt op meerwaarde creëren voor de regio. Dit scenario kan innovatie versnellen door gedeelde infrastructuur zoals labs, testzones en datacenters aan te bieden en nauwe samenwerking met kennisinstellingen te stimuleren.
Ook biedt de campus groeikansen voor opschalende ondernemingen en versterkt ze de concurrentiekracht van de industrie. Succes hangt af van een duidelijke en onderscheidende positionering en technologie (USP), een sterke infrastructuur en betere toegang tot risicokapitaal.
De toegevoegde waarde van zo’n hightechcampus kan oplopen tot 451 miljoen euro tegen 2040 en zou goed zijn voor 1.250 hoogwaardige jobs.
ACTIVE ER DE GRO NDEN LANGS HET ALBERT KANAAL
BOOSTER
ACTIVEER DE GRONDEN LANGS HET ALBERTKANAAL
Er ligt een potentieel van 4,2 miljard euro aan gronden langs het Albertkanaal die dringend moeten worden ingezet voor industrie en bedrijven. Dat is de vierde booster van ROADMAP2040.
Onze Voka-Kamer bracht na een uitgebreide analyse 1.100 strategisch gelegen percelen aan het Albertkanaal in kaart. Een kwart daarvan is gewoon weiland.
BOOST VOOR DE REGIO: +4,2 MILJARD EURO
Tegen 2027 is de vandaag beschikbare ruimte voor bedrijven volledig opgebruikt in de regio Mechelen-Kempen. De studie – die Voka liet uitvoeren door de studiebureaus Rebel/Antea – deed al veel stof opwaaien en zette onze VokaKamer ertoe aan om er nog dieper in te duiken.
De studie bracht voor het eerst de vraag naar bedrijventerreinen voor de komende 25 jaar in kaart. Al in 2040 blijkt de vraag tien keer groter te zijn dan het huidige aanbod. Als de regio wil blijven groeien, is er werk aan de winkel. We pleiten daarom voor een uitstel van de bouwshift van 2040 naar 2050.
Op pagina 162 gaan we er dieper op in. In dit stuk bespreken we vooral de booster. Hoe kunnen we de economie via ruimtelijke ordening verder versterken?
BOOSTER 4: ACTIVEER DE GRONDEN LANGS HET ALBERTKANAAL
3D-VOORSTELLING GROBBENDONK
69,16 hectare
Uit ROADMAP2040 komen straffe cijfers. Zo zijn er 1.100 strategisch gelegen gronden in kaart gebracht, die vlak aan het Albertkanaal liggen. We bekijken ze hier in detail.
Alle gronden opgeteld spreken we over 542 hectare. De gronden worden op dit moment benut, maar is hun huidige functie wel de meest aangewezen? Moet een koe vlak aan het Albertkanaal grazen of kan daar beter een bedrijf met watergebonden activiteiten gevestigd zijn? En op welke andere locatie zou die koe eventueel wel kunnen grazen?
Zulke vragen zijn urgent omdat er tegen 2040 een bouwshift aankomt.
Erna mag je in principe geen nieuwe grond meer aansnijden. De ruimtestudie van Voka toont aan dat de direct beschikbare grond tegen 2027 simpelweg op is.
Uit de analyse van Voka MechelenKempen blijkt dat van de 1.100 percelen langs het Albertkanaal 25% puur grasland is. Zeker deze gronden komen in het vizier. ROADMAP2040 liet de gronden in de regio valoriseren: wat is de gemiddelde toegevoegde waarde van één vierkante meter per sector? Daaruit blijkt dat weilanden en velden met éénjarige gewassen de laagste toegevoegde waarde hebben, namelijk gemiddeld 25 euro per vierkante meter.
BOOSTER 4: ACTIVEER DE GRONDEN LANGS HET ALBERTKANAAL
3D-VOORSTELLING HERENTALS
37,17 hectare
Dit maakt de discussie over de allocatie van die gronden nog veel dwingender. Zeker als je het vergelijkt met de waarde van industriegrond. Dan spreek je al snel over een gemiddelde van 3.120 euro per vierkante meter, met een piek tot 8.907 euro. In de eerste plaats wordt vooral gekeken naar bedrijven die watergebonden activiteiten doen.
3D-VOORSTELLING
OLEN
109,49 hectare
BOOSTER 4: ACTIVEER DE GRONDEN LANGS HET ALBERTKANAAL
3D-VOORSTELLING
GEEL
43,89 hectare
Voka Mechelen-Kempen pleit ervoor om de discussie over deze gronden snel aan te vatten. We laten op dit moment een gigantisch potentieel liggen. Een compensatie en planologische ruil dringen zich op. En dat in de eerste plaats voor het aandeel van 25% grasland (135 hectare) met een toegevoegde waarde van 4,2 miljard euro.
De overige gronden zijn akkerbouw (41%), bos (21%) en bebouwing (7,5%).
Hier zal een planologische ruil minder voor de hand liggen. Maar gezien de krapte van de beschikbare ruimte, mogen we dat niet per definitie uitsluiten.
Voka Mechelen-Kempen wil vooral dat er stappen worden gezet. We willen snel overleg opstarten met De Vlaamse Waterweg. Als een bedrijf dat aan een waterweg ligt nood heeft aan een eigen overslaginstallatie, dan kan het instappen in het
BEREKENING VAN DE TOEGEVOEGDE WAARDE VAN 1 VIERKANTE METER (PER SECTOR, IN EURO)
3D-VOORSTELLING
MEERHOUT
282,61 hectare
kaaimurenprogramma. Het gaat om een Publiek Private Samenwerking waarbij De Vlaamse Waterweg 80% van de infrastructuur financiert en het bedrijf 20%. De onderneming moet wel zelf instaan voor de uitrusting van de kade en voor de laad- en losinstallaties. Bovendien moet het bedrijf zich engageren om gedurende tien jaar een vooraf vastgelegde hoeveelheid goederen over het water te transporteren.
ROAD MAP 2040 ACTIE PLANNEN
De focus is duidelijk richting 2040. Met een boosterplan, dat de regio Mechelen-Kempen echt een garantie geeft op een sterke toekomst.
We versnellen nieuwe economieën die hier thuishoren. We versterken de industrie als ruggengraat van de regio. We trekken gerichter buitenlandse investeringen aan. En we activeren ruimte langs het Albertkanaal waar vandaag potentieel verloren gaat.
Maar keuzes alleen volstaan niet. Er zijn ook randvoorwaarden. En die moeten we invullen. Meer mensen aan het werk.
Geblokkeerde gronden die weer beschikbaar worden. Een elektriciteitsnet dat meekan. Europese middelen die naar hier komen. Infrastructuur die beter rendeert. Dat zijn geen losse maatregelen, maar noodzakelijke voorwaarden om de keuzes te laten werken. Op de volgende pagina’s vind je een uitgewerkt actieplan.
ER 33.800 EXTRA WERKKR ACHTEN
ACTIEPLAN 1: ACTIVEER 33.800 EXTRA WERKKRACHTEN
In januari 2026 heeft Voka MechelenKempen uitgepakt met een 10.000 banenplan. Die komen voort uit de nieuwe economieën die je in ROADMAP2040 kan terugvinden. Het zijn banen die een grote toekomst hebben in de regio.
Maar er zijn nog meer mensen nodig. Om ook de ‘gewone’ groei van onze totale economie te realiseren. Voor de eerste keer is becijferd hoe groot de nood is. Zo zijn er 23.800 mensen extra nodig, tegen 2040. Als we dat combineren met het 10.000 banenplan van onze Voka-Kamer, geeft dat een totaal van 33.800 nieuwe jobs en mensen.
We weten ook in welke sectoren we die mensen nodig hebben. ROADMAP2040 maakte een diepteanalyse van de arbeidsmarkt. Van 2023 tot 2040 zal de bevolking toenemen met 85.200 mensen. Belangrijk: het gaat hier over alle leeftijden, niet enkel over de beroepsbevolking.
Er is echter géén natuurlijke aangroei meer van onze bevolking. Sinds 2020 zijn er meer sterfgevallen dan geboortes. Het natuurlijke bevolkingsaantal krimpt. Zelfs met 1.000 mensen per jaar vanaf 2040.
We zijn dus afhankelijk van zowel interne als externe migratie: interne migratie gaat over mensen die vanuit België in de regio Mechelen-Kempen komen wonen. Externe migratie gaat over mensen buiten België. Tegen 2040 zitten we – volgens de analyses - aan een interne migratie van zo’n 3.800 mensen. Sinds 2021 heeft de regio een groter ‘aanzuigeffect’.
REGIO MECHELEN-KEMPEN HEEFT EEN GROOT AANZUIGEFFECT OP MENSEN.
Hogere woningprijzen en beperkte beschikbaarheid van woningen drukken mensen weg uit grootsteden
Beschikbare bouwgrond vind je vooral in de regio Kempen
De strategische ligging van Mechelen en de regio Kempen tussen grootsteden, gecombineerd met filemoeheid en een afbouw van uitgaande pendel
De sterke economische groei in Mechelen-Kempen vertaalt zich in een hoge jobcreatie en dus meer mensen die dichter bij hun werk willen wonen
ACTIEPLAN 1: ACTIVEER 33.800 EXTRA WERKKRACHTEN
DE INTERNE MIGRATIE NEEMT TOE TEGEN 2040, DE EXTERNE MIGRATIE EN HET NATUURLIJK SALD0 NEMEN AF.
ACTIEPLAN 1: ACTIVEER 33.800 EXTRA WERKKRACHTEN
Externe migratie gaat over mensen die van buiten België naar onze regio komen. Tegen 2040 gaat het om 1.600 mensen die jaarlijks via externe migratie naar onze regio komen. Het aantal neemt af door een strenger migratiebeleid, wat zeker ook voor onze regio een probleem gaat worden.
Met 23.800 mensen extra erbij evolueert de tewerkstellingsgraad naar 83%. Tegen 2029 wordt de federale en Vlaamse doelstelling
EXTRA MENSEN NODIG OM DE GROEI TE REALISEREN
gehaald van 80%. Maar dan zijn er nog heel wat inspanningen en activeringsacties nodig. En we mogen niet stoppen aan 80%. We moéten de taart voor ons allemaal groter maken, het is de enige manier om ons welvaartsniveau te behouden.
Krik je de tewerkstellingsgraad op van 78% naar 83%, dan creëer je 4,8 miljard euro extra aan toegevoegde waarde. Slagen we daar niet in, dan blijft het bruto binnenlands product
23.800 EXTRA INSTROOM NODIG nog zonder het 10.000 banenplan van Voka
steken op 76,7 miljard euro, in plaats van 81,5 miljard euro. “So what?”, denk je misschien. Maar dit is het verschil tussen meer en minder belastingen. Als we de taart niet groter maken, blijven we jaarlijks met een bijzonder moeilijke begrotingsopmaak zitten. Zowel op federaal, Vlaams als lokaal niveau. Ook zorgt een grotere taart voor meer investeringen die onze welvaart op peil houden.
ACTIEPLAN 1
NAAR EEN TEWERKSTELLINGSGRAAD VAN 83%
Om 33.800 mensen extra aan de slag te krijgen – nodig om de normale groei én ROADMAP2040 te realiseren – is er een actieplan op maat nodig. Want je hebt verschillende ‘doelgroepen’ die je moet activeren.
In de regio Mechelen-Kempen ziet de beroepsbevolking er als volgt uit: op 100 mensen werken er 79 van,
volgens de meest recente data van het Steunpunt Werk en de Vlaamse Arbeidsrekening. Voor de heel alerte lezer: elders in dit onderzoek hanteren we een tewerkstellingsgraad van 78% voor de regio. Dat cijfer houdt rekening met een gewogen gemiddelde van alle 39 gemeenten samen.
ACTIEPLAN 1
ACTIEPLAN VOOR NIETBEROEPSACTIEVEN
Laten we eerst focussen op de ‘gewone’ groei en de 23.800 mensen die daarvoor extra nodig zijn. Voor deze groep wordt sterk gekeken naar de niet-beroepsactieven. Binnen die groep zijn de langdurig zieken (mensen die langer dan een jaar arbeidsongeschikt zijn) het sterkst vertegenwoordigd. Voor onze regio gaat het om 30.000 mensen.
Daarvan moeten we een groot deel terug naar de arbeidsmarkt krijgen. De federale regering heeft hiervoor een plan uitgewerkt. Zo komt er een hercontrole van 218.000 langdurig zieken, in heel België. Voor de regio Mechelen-Kempen zal het gaan om zo’n 13.000 mensen. Bij gerichte steekproeven van het RIZIV – bij 1.840 langdurig zieken over heel
België – bleek al eerder dat een kwart van de gecontroleerde mensen onterecht een uitkering krijgt tot aan hun pensioen. Nu volgen er dus grootschaligere controles.
CATEGORIE
BESPARING VIA VERPLICHTING OM 1 KEER PER JAAR ATTEST ARBEIDS-
Het terugdringen van het aantal langdurig zieken in België moet op termijn 1,9 miljard euro besparen, vooral door uitkeringen die niet meer worden gegeven. Maar de aandacht gaat ook naar het terugdringen van het aantal langdurig zieken.
Bedrijven worden ook langer financieel verantwoordelijk gesteld voor de langdurig zieken. Maar die – vooral financiële – aanpak is volgens Voka Mechelen-Kempen niet de juiste. Na de eerste maand gewaarborgd loon is de werkgever
ook de vier volgende maanden verantwoordelijk voor 30% van de ziekteuitkering. Voka gelooft sterker in een re-integratietraject, te bespreken met de arbeidsgeneesheer en de medewerker.
ACTIEPLAN 1
ACTIEPLAN VOOR WIE WERKT
Wie in de regio aan het werk is, moeten we ondersteunen. Voka MechelenKempen heeft zelf al jaren een hele werking rond levenslang leren. Maar we kijken ook kritisch naar de middelen die de Vlaamse overheid besteedt aan diverse opleidingsinitiatieven. Los van het leerplichtonderwijs. Denk aan het volwassenenonderwijs of het deeltijds kunstonderwijs, VDAB of opleidingen die in de hobbysfeer zitten. Tegelijk wordt het mes gezet in opleidingsinstrumenten die rechtstreeks inspelen op arbeidsmarktbehoeften.
De Vlaamse overheid besteedt meer dan 1,3 miljard euro per jaar aan diverse opleidingsinitiatieven. Maar ze slaagt er niet echt in – door de enorme versnippering aan instrumenten en beleidsplannen – om de publieke middelen in te zetten waar ze het beste zouden renderen voor de arbeidsmarkt. Het beleid moet er mee voor zorgen dat werknemers zich doorheen hun loopbaan permanent bij- en omscholen om te kunnen beantwoorden aan de wijzigende vragen van een economie in volle transitie.
Vlaanderen mist een regiekamer die richting geeft aan het opleidingsbeleid en die samenwerking tussen actoren structureel verankert. Het vormingslandschap is versnipperd, complex en onvoldoende afgestemd op de noden van ondernemingen en werknemers. De focus ligt nog te vaak op participatie (onder meer de Europese 60%-doelstelling),
terwijl inhoudelijke relevantie, skills-ontwikkeling en effectiviteit onderbelicht blijven. Nog heel wat opleidingscapaciteit – aanwezig bij ondernemingen, sectoren, private opleidingsverstrekkers en het hoger onderwijs – blijft onbenut. Met de juiste hefbomen en via samenwerking zou die beter ingezet kunnen worden.
Het huidige Vlaamse opleidingsbeleid wat vertimmeren zal niet volstaan. Er is nood aan de opbouw van een nieuw en toekomstbestendig huis: een echte Talentstrategie. Als Voka doen we concrete voorstellen, die ook in de Voka Paper ‘Leren om te Groeien’ staan geformuleerd.
DE TALENTSTRATEGIE:
1. Regie en samenwerking: een duidelijke regiekamer moet de talentstrategie uitrollen en de samenwerking tussen alle betrokken partijen bevorderen. Het huidige opleidingslandschap is versnipperd en onvoldoende afgestemd op de behoeften van de arbeidsmarkt. Bovendien ontbreekt het aan richting op de meest acute en toekomstgerichte skills.
2. Efficiënt gebruik van middelen: de beschikbare 1,3 miljard euro aan publieke opleidingsmiddelen moet doelgericht worden ingezet. De huidige versnippering leidt tot onnodige kosten en inefficiëntie.
Vereenvoudig het publieke aanbod, vermijd dubbelfinanciering en zet in op meer vraaggerichtheid, zo speel je beter in op de noden van de arbeidsmarkt.
3. Ondersteuning voor ondernemingen: heel wat opleidingen vinden plaats op de werkvloer. Werkgevers moeten beter ondersteund worden in hun verschillende rollen als opleider. Dit omvat het verbeteren van de toegankelijkheid van opleidingsinstrumenten en het verminderen van administratieve complexiteit. Vlaanderen kan de fiscale autonomie inzetten om ondernemingen te stimuleren in hun opleidingsinspanningen.
4. Co-creatie en inclusiviteit: samenwerking tussen publieke en private opleidingsinitiatieven is essentieel. Alle betrokken partijen – waaronder hoger onderwijs, private opleidingsverstrekkers, sectoren en uiteraard ondernemingen zelf – kunnen een actieve rol spelen in de talentstrategie. Een ambitieuze visie nodigt uit om daaraan bij te dragen.
ACTIEPLAN 1
ACTIEPLAN VOOR ONDERWIJS
Met onze Talentstrategie maken we ook een directe link met het onderwijs. Want uit een analyse van de onderwijsstatistieken van de Vlaamse overheid blijkt dat er in onze regio een bijsturing nodig is van de opleidingen in het hoger onderwijs en aan de universiteitscampussen. In de regio Mechelen-Kempen volgden in 2023-2024 16.316 studenten hoger onderwijs. Nog eens 221 mensen wilden een creditbewijs behalen, een attest dat verklaart dat je de competenties voor één bepaald opleidingsonderdeel hebt verworven. Dat brengt het totaal op 16.540.
De top tien van meest populaire studierichtingen is veelzeggend. Met opvallend, op nummer vier de studierichting interieurvormgeving.
Een creatieve opleiding waar de nood vanuit de bedrijven veel minder groot is. Ook voor de richting bedrijfsmanagement - veruit de populairste studierichting - moet naar de invulling worden gekeken. Nog opvallend: de aantrekking naar zorg- en onderwijsrichtingen.
Dat is goed gezien de groter wordende vraag, richting 2040. Maar het zijn wel jobs die een minder grote toegevoegde waarde hebben, vanuit een economisch perspectief bekeken.
De vaststelling is heel duidelijk dat het onderwijs zich focust op de vraag. Maar wel de vraag vanuit de studenten - wat zij graag studeren - en veel minder op de vraag vanuit de bedrijven. Waar heeft de economie straks nood aan?
Een pivotal asset die we moeten terughalen zijn de opleidingen voor metsers en schrijnwerkers. Die waren jarenlang een referentie tot ver buiten de regio. Ook opvallend: 1 op de 3 studierichtingen (29 van de 86) telt minder dan 50 studenten.
Een clustering van richtingen en een sterkere focus op groeiende sectoren in de regio dringt zich op. Verder daalt het aantal studenten in STEM-richtingen sinds 2021, een tendens die we ook in de rest van Vlaanderen zien.
Ook in het secundair onderwijs daalt het aandeel van STEM: 35,5% is het laagste percentage in tien jaar. Nochtans wil de Vlaamse overheid naar meer dan 40% tegen 2030.
2,56%
Bedrijfsmanagement
Verpleegkunde
Secundair onderwijs
Interieurvormgeving
Lager onderwijs
Agro- en biotechnologie
International Business Management
Orthopedagogische begeleiding
Media en entertainment business
Elektromechanica
ELK SCHOOLJAAR VERANDEREN
IN VLAANDEREN 18.000 JONGEREN VAN RICHTING. OMDAT DE EERSTE KEUZE GEEN MATCH BLIJKT TE ZIJN.
SCHOOLJAAR STEMAANDEEL (IN %)
2014-2015 37,18
2015-2016 37,69
2016-2017 38,15
2017-2018 38,54
2018-2019 38,61
2019-2020 38,48
2020-2021 38,59
2021-2022 37,95
2022-2023 37,5
2023-2024 36,44
2024-2025 35,5
2030-2031 40,25*
*streefcijfer
De dalende cijfers zijn niet enkel een onderwijsvraagstuk, maar ook een maatschappelijke en economische uitdaging. Zonder voldoende technisch en wetenschappelijk talent verliest onze economie zijn slagkracht. De regio MechelenKempen wordt sterk aangevoerd door industrie. En daar hebben ze volop nood aan STEM-profielen. Met het Talentcenter wil Voka MechelenKempen een grotere rol opnemen om de mismatch tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt weg te werken.
Op 15 mei 2023 werd het eerste Talentcenter van Vlaanderen geopend in Technopolis in Mechelen.
Intussen heeft elke provincie in Vlaanderen er één of meerdere.
De Talentcenters zijn een initiatief van Voka, met steun van de Vlaamse overheid, en in Limburg ook met steun van de provincie en de Europese Unie.
De Talentcenters hebben een sterke focus: één op de vijf leerlingen uit het tweede middelbaar zit niet in de juiste studierichting: er is geen directe match met de interesses en vaardigheden van de leerling. Elk schooljaar veranderen in Vlaanderen 18.000 jongeren van richting in het secundair onderwijs, omdat de initieel gekozen richting niet de juiste bleek. Om het aantal overstappers terug te dringen, wil het Talentcenter een betere studiekeuze adviseren.
Er zijn intussen al zeven Talencenters over heel Vlaanderen geopend. In de eerste twee werkingsjaren werden in totaal al meer dan 15.500 leerlingen uit 366 scholen geholpen bij het maken van een studiekeuze in het secundair onderwijs. Voor de regio MechelenKempen gaat het elk jaar om zo’n 2.000 leerlingen.
Ze spelen onder andere een VR-spel dat het ruimtelijk inzicht test en nemen ook deel aan motorische tests en cognitieve taal- en rekentesten. Na afloop krijgen de leerlingen een persoonlijk talentenrapport, met vrijblijvend een lijst van de studierichtingen die aansluiten bij hun interesses en talenten. En ze krijgen een blik op de jobs die ze later zouden kunnen doen. Ouders zijn vaak niet voldoende op de hoogte van het scala aan studiemogelijkheden in hun regio.
Van de 15.500 leerlingen in de zeven Talentcenters volgt de helft les in een school uit het vrije net, een derde is afkomstig uit het GO! en de overige leerlingen komen uit het OVSG of uit provinciale scholen. Meer dan 50% van de jongeren zit in het zesde leerjaar van de lagere school. De anderen komen uit het eerste en tweede middelbaar, zowel uit de A-stroom als de B-stroom.
Op een krappe arbeidsmarkt wil Voka geen enkel talent verloren laten gaan. Vandaar de Talentcenters. Voka heeft er als eerste in geïnvesteerd.
Het Talentcenter en het talentenrapport zijn wetenschappelijk onderbouwd door academici van de UGent. Via uitgebreid onderzoek wordt het wetenschappelijk karakter van het Talentcenter gegarandeerd. Op een objectieve manier wordt er inzicht gegeven in de eigen talenten en interesses. De focus gaat dan ook veel breder dan STEM-richtingen.
TALENTCENTER PRO
Voka Mechelen-Kempen onderzoekt om nog een stap verder te gaan met een Talentcenter PRO. Het betreft nog geen concreet project, wel al een concreet voorstel. Zo’n Talentcenter PRO kan zich richten op ongediplomeerde schoolverlaters, werkzoekenden en inactieven. Die worden geëvalueerd via praktische tests en objectieve screeningssoftware. Kandidaten ontvangen een gepersonaliseerd rapport met aanbevelingen voor opleidingen of modules om hun vaardigheden te verbeteren en knelpuntjobs in te vullen.
De screenings kunnen plaatsvinden bij de VDAB of een ander overheidscentrum.
MEER
GEEF 509 HE CTARE GEBLOKKEERDE GROND VRIJ
Als een van de sterkste groeiregio’s van Vlaanderen is de grond in Mechelen-Kempen erg vruchtbaar. Maar de druk op de gronden is hoog. In 2027 zal de direct beschikbare ruimte voor bedrijven volledig op zijn in de regio. Dat toont een studie voor ROADMAP2040 aan.
Dankzij die studie krijgen we voor het eerst zicht op de toekomstige vraag naar bedrijventerreinen. In 2040 zal de vraag al 10 keer groter zijn dan het huidige aanbod. Als de regio wil blijven groeien is er werk aan de winkel. Voka pleit daarom voor een uitstel van de bouwshift van 2040 naar 2050.
GEMEENTE ACTIEF AANBOD ONBEBOUWDE INDUSTRIEGROND (HECTARE)
Zuid-West-Vlaanderen
Vlaamse Ardennen
Oost-Brabant
Denderregio
Waasland
In de tabel hier links is het duidelijk: in 27 van de 39 gemeenten in de regio Mechelen-Kempen is er vandaag géén onmiddellijk beschikbare zogeheten paarse grond meer, die bedoeld is voor bedrijven en industrie. Alleen nog in Geel, Willebroek en Sint-Katelijne-Waver is er meer dan 5 hectare beschikbaar. De cijfers reflecteren de huidige situatie. Een aantal steden en gemeenten hebben nog plannen om ruimte vrij te maken.
Halle-Vilvoorde
Voor de allereerste keer heeft Voka
Mechelen-Kempen de ruimtebehoefte van bedrijven voor de komende 25 jaar (tot 2050) in beeld kunnen brengen.
Voor 2040 is er in het arrondissement Turnhout nood aan 454 hectare, tegen 2050 zelfs 742 hectare. In het arrondissement Mechelen is dat respectievelijk 241 en 394 hectare.
Opgeteld voor beide regio’s is er tegen 2040 een tekort van 695 hectare. Dat is ruim tien keer meer dan het huidige
en onmiddellijke aanbod van rond de 50 tot 60 hectare (zie grafiek hierboven). Gelukkig zijn er ook nog andere gronden, maar die zijn niet onmiddellijk beschikbaar.
Daar moeten provincie en steden en gemeenten wel snel werk van maken. Want tegen 2027 is het directe aanbod volledig op.
Hoe groot de nood is, blijkt uit de cijfers. Zo is er elk jaar (tot 2050) vraag naar bijna 45 hectare bijkomende ‘paarse’ grond: 28,5 hectare in het arrondissement Turnhout en 15 hectare in het arrondissement Mechelen.
De regio Mechelen-Kempen heeft nog een theoretisch aanbod van 1.153 hectare aan onbenutte bedrijfsterreinen. Die zouden in principe de toekomstige vraag aan gronden kunnen opvangen. Maar in de praktijk stuiten die gronden op heel wat beperkingen. Zo zijn ze te watergevoelig, niet goed ontsloten of hebben ze momenteel een andere functie.
Als we met een realistische bril kijken, dan is er een potentieel aanbod van 793 hectare in de hele regio Mechelen-Kempen, 429 hectare kan binnen de vijf jaar beschikbaar zijn. Maar dat is het meest positieve scenario. Dan moeten alle beleidsniveaus meewerken.
Bekijk zeker ook onze voorstellen rond het activeren van de gronden langs het Albertkanaal (pagina 132). Daar liggen 1.100 percelen op een heel strategische plek. Zo’n 135 hectare is puur weiland. Dit zou al een deel van de ruimtebehoefte voor bedrijven kunnen invullen. Uiteraard moet er voor die weilanden een degelijke compensatie worden voorzien.
Vlaanderen koos ervoor om de bouwshift al in 2040 te laten ingaan, terwijl de Europese Unie 2050 vooropstelt. Voka vraagt om de bouwshift alsnog met tien jaar uit te stellen. We hoeven niet strenger te zijn dan wat Europa vraagt. De bouwshift houdt in dat er geen netto ruimtebeslag meer bijkomt. Het zal met andere woorden onmogelijk worden om vanaf dan nieuwe bedrijventerreinen te creëren. Daarom moeten we nu al inzetten op meer ruimte om te ondernemen.
VOKA VRAAGT OM DE BOUWSHIFT ALSNOG MET TIEN JAAR UIT TE STELLEN.
Maar er is zeker hoop. Zo is er in 1 jaar tijd, in de regio Mechelen-Kempen, 56 hectare grond vrijgemaakt. Het gaat om grond die bedoeld is voor bedrijven maar nog niet klaar was. Omdat die grond watergevoelig was, slecht ontsloten of tijdelijk een andere invulling kreeg. De cijfers tonen aan dat er toch wat beweegt op het terrein. Voka Mechelen-Kempen is dan ook twee jaar lang intensief in gesprek geweest met 152 politici. Dat zullen we blijven doen.
OVERZICHT TOTALE INDUSTRIEGROND REGIO MECHELEN-KEMPEN OPPERVLAKTE (HECTARE)
OPTIMALISEER VERGUNNINGSPROCEDURE
Vlottere vergunningsprocedures kunnen de regio
Mechelen-Kempen 138 miljoen euro extra opleveren.
Dat blijkt uit nieuwe berekeningen die Voka
Mechelen-Kempen heeft laten uitvoeren voor ROADMAP2040.
Al dit jaar kan er sprake zijn van winst.
ECONOMISCHE IMPACT OP BBP (MILJOEN EURO)
Traag en complex. Zo omschrijft een groot deel van de ondernemers in onze regio de procedures om een omgevingsvergunning aan te vragen. Die obstakels hebben een negatieve impact op onze economie. En vooral op het investeringsklimaat.
Uit recente bevragingen blijkt dat 81% van de bouwbedrijven een directe daling in activiteit ervaart als gevolg van lange wachttijden. Heel veel bedrijven ondervinden hinder: het gebrek aan transparantie en juridische duidelijkheid zorgt voor meer onzekerheid en houdt investeringen tegen.
Voor de eerste keer heeft Voka Mechelen-Kempen die impact laten becijferen. Als de procedures korter en makkelijker worden, kan dat een investeringsimpuls van 138 miljoen euro in onze regio opleveren.
Die groei komt voort uit drie belangrijke effecten: Meer rechtszekerheid, waardoor ondernemers sneller beslissingen durven nemen.
Minder beroepsmogelijkheden resulteren in minder administratiekosten. Door een kortere doorlooptijd kunnen bedrijven sneller omzet draaien en toegevoegde waarde creëren.
De huidige doorlooptijd voor een omgevingsvergunning bedraagt in het meest ideale scenario ongeveer 170 dagen. Maar bij bezwaar of beroep kan dat oplopen tot meer dan een jaar. Bij grote en complexe dossiers loopt de termijn nog verder op. Deze vertragingen hebben een directe impact op zowel investeerders als overheden: projecten komen niet van de grond, economische return blijft uit en de regio mist kansen om haar industriële en economische structuur te versterken.
Het is dan ook duidelijk dat het versnellen en vereenvoudigen van vergunningsprocedures geen luxe is, maar een strategische noodzaak. Onze Voka-Kamer is hierover al in gesprek met de 39 lokale besturen in de regio Mechelen-Kempen.
Zo voeren we al gesprekken op het niveau van de ambtenaren Ruimtelijke Ordening om ook de bezorgdheden en obstakels mee te geven waar ondernemers tegenaan lopen. Voka zal die gesprekken de komende jaren voortzetten.
Het plan om tot 138 miljoen euro winst te komen ligt er al. Dat is het rapport van de gemengde expertencommissie. Voka heeft hierin een sterke adviserende stem gehad. De commissie heeft 45 adviezen klaar die ingaan op vier thema’s.
Vlaams minister-president Matthias Diependaele en bevoegd minister Jo Brouns maken zich sterk om snel met concrete resultaten te komen.
ADVIEZEN EXPERTENCOMMISSIE
DEZE ADVIEZEN ZIJN MAAR EEN KLEINE GREEP UIT DE 45 ADVIESPUNTEN.
Meer rechtszekerheid vóór de aanvraag: initiatiefnemers moeten vóór het indienen van een aanvraag precies weten wat verplicht is en wat niet. De commissie pleit daarom voor sterker vooroverleg en voor een duidelijk onderscheid tussen bindende regels en niet-bindend beleid (soft law). Zo kunnen initiatiefnemers zich beter voorbereiden, is de verplichte samenstelling helder en vermijden we onnodige vertragingen.
Meer rechtszekerheid tijdens de procedure: een goede aanvraag verdient een even goede behandeling. Vandaag ontbreekt veel voorspelbaarheid in de procedures. Het advies stelt voor om de vergunningsprocedures te hervormen: sneller schakelen waar het kan, maar tegelijk voldoende flexibiliteit behouden voor complexere dossiers. Dat betekent onder meer extra transparantie in termijnen, verantwoordelijkheden en de rol van adviesinstanties.
Meer rechtszekerheid ná de procedure: de vernietiging van een vergunning mag niet langer de regel zijn, het moet de uitzondering worden. Niet iedere derde belanghebbende kan zomaar nog een vernietiging vragen. Zij moeten niet alleen aantonen dat ze rechtstreeks benadeeld zijn, maar ook dat ze hun argumenten op het juiste moment hebben aangebracht. Doen ze dat niet, dan hebben ze geen toegang tot een beroep. En waar toch iets is fout gegaan, moet die fout zo snel mogelijk worden rechtgezet zonder nieuwe lange procedures.
Goede regelgeving leidt tot rechtszekerheid: ten slotte gaat de expertencommissie ook in op de regelgeving die weegt op de vergunningverlening. Ze adviseert om meer projecten vrij te stellen van een vergunning, te werken aan een goede en flexibele ruimtelijke planning en ze stelt zich ook vragen bij onwerkbare instrumenten zoals de Hemelwaterverordening, de verkavelingsvergunningsplicht, de VEN-toets en de soortentoets.
DE CRISIS VAN DE TOEKOMST?
Op het vlak van vergunningen loert er een nieuwe stilstand om de hoek. De Europese Kaderrichtlijn
Water verplicht Vlaanderen om tegen 2027 een goede toestand van alle waterlopen te bereiken. Deze verplichting wordt vertaald in de stroomgebiedbeheerplannen en leidt tot almaar strengere kwaliteits - en kwantiteitseisen.
Bedrijven hebben al veel geïnvesteerd in het terugdringen van hun lozingsvracht, maar bijkomende inspanningen zullen nodig blijven. Door het Weser- arrest mag geen enkele bijkomende achteruitgang (naast een vooruitgangsverplichting) van de waterkwaliteit optreden.
Vlaanderen past dit toe via het Wezer- stappenplan dat bepaalt of een lozing achteruitgang veroorzaakt en of er bijkomende maatregelen of investeringen vereist zijn.
Het Vlaamse Waterarrest versterkt dit kader verder: vergunningverleners moeten aantonen dat nieuwe projecten verenigbaar zijn met de Kader Richtlijn Water (KRW)-doelstellingen. Hierdoor wordt vergunningverlening juridischer en strenger getoetst. Kort na het Waterarrest werd ook de BBT+ -tool ingevoerd. Die verplicht de overheid om bovenop de klassieke BBT- normen systematisch te motiveren of strengere voorwaarden nodig zijn. BBT staat voor Best Beschikbare Technieken. Dit kan leiden tot bijkomende verplichtingen, zelfs voor bedrijven die vandaag al aan BBT voldoen. Samen zorgen KRW, het Weser- arrest, het Vlaamse Waterarrest en de BBT+ -tool ervoor dat vergunningen complexer worden en sneller vertragen.
Voka blijft dit nauw opvolgen en is betrokken bij de evaluatie van de betrokken instrumenten.
“MET
ONZE VIRTUELE BATTERIJ EN DE TERUGWINNING VAN KRITIEKE
GRONDSTOFFEN KUNNEN WE EEN SLEUTELROL SPELEN. DAARVOOR ZIJN ENERGIEKOSTEN
EN GERICHTE TRANSITIEONDERSTEUNING ABSOLUUT DOORSLAGGEVEND.”
STEVEN VAELEN
GENERAL MANAGER NYRSTAR BELGIUM
BALEN/PELT
VERSTERK HET ELEKTRICI TEITSNETWERK OM VERDUB BELING
VRAAG OP TE VANGEN
De vraag naar elektriciteit zal de komende 25 jaar naar verwachting verdubbelen in België. Om die groei op te vangen, moet de ruggengraat van het hoogspanningsnet versterkt worden. Nu al geraken zo’n 200 bedrijven in Vlaanderen niet aangesloten op het stroomnet, omdat het al overvol is. Toch zijn er op het energienet in de regio Mechelen-Kempen nog mogelijkheden. Voka Mechelen-Kempen pleit er in ieder geval voor om projecten met een economische en maatschappelijke meerwaarde voorrang te geven.
File op het stroomnet: in Nederland kennen ze het al langer. 14.000 bedrijven staan er op een wachtlijst. De situatie in Vlaanderen en in de regio Mechelen-Kempen is anders. Maar omdat er ook bij ons almaar meer datacenters, elektrische voertuigen en warmtepompen bijkomen en de elektrificatie van de industrie versnelt, geraken ook onze stroomnetten voller.
Sinds maart 2025 is het aantal aanvragen voor een elektriciteitsaansluiting vanuit bedrijven bij Elia en Fluvius sterk gestegen. Ten opzichte van vijf jaar geleden ontvangt Fluvius vier keer meer aanvragen, Elia zelfs zes keer meer. Op het hoogspanningsnet zien ze momenteel een vertienvoudiging
van het aantal studieaanvragen voor batterijen. Voor datacenters is er de afgelopen jaren voor 70 TWh (Terawattuur) aan studieaanvragen ingediend, terwijl het totale elektriciteitsverbruik in België ongeveer 80 TWh bedraagt.
Elia verwacht dat veel van deze aanvragen niet zullen uitmonden in concrete projecten, maar ze verlengen de wachtrij waardoor de doorlooptijd voor meer mature projecten aanzienlijk toeneemt.
Op dit moment passen onze netbeheerders Elia en Fluvius het principe toe waar ze wettelijk toe verplicht zijn. First come, first served: wie eerst een aanvraag doet, krijgt een aansluiting. Ook als die capaciteit
niet volledig gebruikt wordt of pas in een later stadium zal worden gebruikt of helemaal niet zal worden gebruikt. Voka wil van dat principe af.
Want we moeten snel schakelen. We hebben zeker nog een voordeel ten opzichte van Nederland, maar er moeten nu keuzes worden gemaakt. Zo moet er sterker worden gekeken naar projecten die klaar zijn om effectief aangesloten te worden. Ook de economische en maatschappelijke impact van een project moet in overweging worden genomen. Werkgelegenheid en toegevoegde waarde: dat zullen criteria moeten worden.
ELIA EN FLUVIUS BENADRUKKEN DAT EEN STRUCTURELE AANPAK VAN CONGESTIE ALTIJD EEN SAMENWERKING IS TUSSEN NETBEHEERDERS, OVERHEID, REGULATOREN EN INDUSTRIE EN EEN COMBINATIE IS VAN DRIE SPOREN:
Investeren: fors blijven investeren in de uitbreiding en versterking van het net en in innovatie.
Flexibiliteit: flexibele aansluitingen en marktmechanismen inzetten om meer capaciteit vrij te maken en pieken op te vangen.
Maatschappelijke keuzes: duidelijke beleidskeuzes en prioriteiten zijn nodig om de beschikbare capaciteit toe te wijzen aan projecten die het meeste bijdragen aan de Vlaamse en maatschappelijke doelstellingen.
De netbeheerders versnellen hun investeringen, met een investeringspiek in de komende jaren. Tegen 2030 zal Elia de investering in Vlaanderen (excl. offshore) verdrievoudigd hebben. Sinds de goedkeuring van het investeringsplan in 2022 zijn 34 projecten gerealiseerd en de volgende drie jaar zijn er nog 68 gepland. Op een tijdshorizon van tien jaar zullen meer dan 200 projecten zijn afgerond.
Fluvius voorziet jaarlijks 400 miljoen extra, boven op de al voorziene 700 miljoen, om het distributienet proactief te versterken. Dit gebeurt met het oog op de versnelde elektrificatie van de industrie, die leidt tot hogere piekbelastingen.
Omdat zulke investeringen tijd vragen, blijven de netbeheerders inzetten op flexibele aansluitingen. Dit biedt bedrijven een tijdelijke oplossing om toch al toegang te krijgen tot het net en het werd goedgekeurd in het Vlaams Parlement. Op termijn kan een flexibele aansluiting ook als permanente oplossing dienen, waar dat maatschappelijk wenselijk is.
Voka Mechelen-Kempen bracht de investeringsprojecten voor het elektriciteitsnet goed in kaart. Voordeel is dat we de SMR in onze regio kunnen zetten. Omdat je zo de kosten van energietransport en -distributie kan drukken. Een overzicht van de projecten kan je terugvinden op pagina’s 92 en 93.
ZET DE REGIO OP DE EUROPE SE STEUNK AART
Vandaag staan 25 gemeenten in Vlaanderen op de Europese steunkaart. Als je als bedrijf in zo’n gemeente gevestigd bent, kun je via Europa investerings- en opleidingssteun aanvragen. Wat opvalt: geen enkele van die gemeenten ligt in de regio Mechelen-Kempen. Dat is zorgwekkend. Voka is daarom al bezig om onze regio op de Europese kaart te krijgen. Het verschil is snel te zien. De regio Limburg staat voor een groot deel op die Europese steunkaart.
Hierdoor kunnen grote bedrijven wél steun aanvragen. Dat heeft de voorbije jaren meer dan 4.000 extra arbeidsplaatsen opgeleverd.
De regio rond de ‘ontwrichte zone’ Turnhout heeft vóór 2022 wél op die Europese steunkaart gestaan. En bedrijven hebben daar ook gebruik van gemaakt. Maar de gemeenten in onze regio zijn van de kaart gehaald omdat bepaalde criteria niet werden behaald. Zo wordt er onder meer
gekeken naar het bruto binnenlands product per inwoner. En dat lag te hoog in onze regio.
Het effect van de maatregel is duidelijk: meer dan 4.000 jobs via deze steun in de provincie Limburg. En amper 62 extra arbeidsplaatsen in de steunzone rond Turnhout. Dat wil Voka Mechelen-Kempen anders zien. En het is nu het moment.
EXTRA ARBEIDSPLAATSEN DOOR ONTWRICHTE ZONE
AANTAL DOSSIERS ONTWRICHTE ZONE
In 2028 herziet de Europese Commissie de Europese steunkaart in het kader van de vernieuwde Richtlijnen Regionale Steun (RRS). De huidige steunkaart loopt af op 31 december 2027. Tegen dan moet de Vlaamse regering een nieuw voorstel indienen bij de Europese Commissie, met een selectie van gemeenten die in aanmerking komen voor regionale steun in de volgende beleidsperiode. De beslissingen die nu worden voorbereid, zullen het investeringsklimaat in Vlaanderen – en dus ook in Mechelen-Kempen – voor jaren bepalen.
Waarom deze steunkaart essentieel is voor Mechelen-Kempen? Het is geen louter administratief instrument. De kaart bepaalt dat grotere bedrijven recht hebben op financiële ondersteuning voor investeringen en opleidingen. Voor regio’s met een sterke industrialisatie, zoals Mechelen-Kempen, is die steun vaak doorslaggevend. Zeker voor bedrijven die willen investeren én uitbreiden.
Europa hanteert duidelijke criteria bij de afbakening van steungebieden. Daarbij wordt onder meer gekeken naar:
het aantal werkzoekenden de beschikbaarheid van bedrijventerreinen de bruto toegevoegde waarde per inwoner
Als sterke groeiregio scoort Mechelen-Kempen vaak ‘te goed’ op deze criteria. Maar de regio heeft in 2024 en 2025 ook klappen gekregen. In die jaren hebben we het hoogste aantal faillissementen in twintig jaar gekend. Net als het hoogste aantal verloren gegane jobs. Beide jaren opgeteld gaat het om 6.000 banen.
Zeker in de bredere regio rond Lier –door het faillissement van Van Hool – is er een grote economische impact geweest. Voka Mechelen-Kempen is daarom al aan het werk gegaan om gemeenten en burgemeesters te verenigen. Om minstens een deel van de regio op die steunkaart te krijgen. Dat proces zetten we voort.
Voor Voka Mechelen-Kempen is het ook essentieel dat de ontwrichte zones blijven bestaan. Die zijn nu verankerd tot en met 31 oktober 2030. Een bedrijf in zo’n speciale zone moet twee jaar lang minder bedrijfsvoorheffing doorstorten. Het voordeel komt neer op een loonkostenverlaging van vier tot
een doeltreffende maatregel om de loonkosten naar beneden te halen. Als bedrijf moet je daar wel een concrete investering tegenover zetten. En de jobs moeten in de regio blijven. Een verzekering en verankering van deze steunmaatregel is ook een must voor Voka.
AANTAL VERLOREN JOBS IN REGIO MECHELEN-KEMPEN
VERHOOG H ET RENDEMENT VAN WEGENWERKEN OM DE FILEZWAAR TE AAN
TE PAKKEN
In amper tien jaar tijd steeg de filelengte op de E313 richting Antwerpen op een gewone werkdag met 10%. Die loopt nu op tot gemiddeld 12,34 kilometer. Een aanpak van die E313 dringt zich op. Maar Voka pleit ook voor een beter investeringsmanagement van grote infrastructuurwerken. Om de impact van investeringen te vergroten.
De filecijfers komen van het Vlaams Verkeerscentrum. Ze monitoren de filelengte op maand- en jaarbasis op de belangrijkste snelwegen en knooppunten. Volgens de meest recente cijfers loopt de filelengte op de E313 op een gewone werkdag richting Antwerpen op tot 12,34 kilometer. Tien jaar geleden was de filelengte 11 kilometer. Een toename van 10%.
Om een nog completer beeld te krijgen onderzoekt het Vlaams Verkeerscentrum ook de filezwaarte. Die indicator capteert vooral de hinder van een file, door niet alleen te kijken naar de lengte maar ook de duurtijd. Voor de E313 richting Antwerpen komt die neer op 54,27 kilometeruren. Dat wil zeggen dat er elke werkdag gemiddeld 54,27 kilometer file was, gedurende 1 uur lang. Tien jaar geleden was dat ‘slechts’ gemiddeld 38,84 kilometer, gedurende 1 uur.
De filecijfers vragen sowieso een aanpak van de E313. Voka Mechelen-Kempen pleit nog altijd voor een volledige verbreding van de E313 naar twee keer drie rijstroken. En ook voor de invoering van een slimme kilometerheffing voor alle weggebruikers die zoveel mogelijk in de plaats komt van de bestaande mobiliteitsbelastingen.
De files worden langer. En er is een aanpak nodig. Toch moeten we ze ook in een internationale context bekijken. Vrachtwagens kunnen op enkele uren tijd tot in de Antwerpse haven geraken. In grote internationale steden is het vaak ondenkbaar dat de lading op dezelfde dag op een vrachtschip geraakt. Dat blijft een troef, ook al voelen de files in eigen land als een handicap.
ROADMAP2040 kijkt daarom verder. Vlaanderen moet vooral gaan voor een groter rendement van investeringen in infrastructuur. Vlaanderen investeert weliswaar meer in infrastructuur, maar het reguliere onderhoud hinkt achterop. Er is een structurele omslag ingezet naar een professioneel assetmanagement, maar er zijn dringend extra middelen nodig om risico’s en economische schade te vermijden.
Voor de analyse - die ook in de Voka Paper ‘Infrastructuur als motor van Groei’ beschreven staat - hebben we sterk gefocust op de investeringen in de Vlaamse vervoersinfrastructuur en meer bepaald het hoofdwegennet, het hoofdvaarwegennet (kanalen, sluizen) en bruggen, tunnels en viaducten.
In 2023 bedroegen de overheidsinvesteringen in vervoersinfrastructuur gemiddeld 0,9% van het bbp in de EU, een niveau dat ook door België werd gehaald. Onze buurlanden bleven lichtjes onder dat gemiddelde, terwijl de Oost-Europese lidstaten duidelijk meer hebben geïnvesteerd.
Ongeveer één derde van de publieke investeringen in 2023 bestond uit vervoersinfrastructuur.
Nederland investeerde de voorbije vijftien jaar het meest in vervoersinfrastructuur in de brede zin, met een piek rond 2012, maar kent sindsdien een dalende trend. Duitsland en Frankrijk investeerden stabiel tot licht dalend.
De totale investeringen in vervoersinfrastructuur in België bedragen 5,4 miljard euro in 2023, vrij gespreid over de verschillende beleidsniveaus. Met 55%, goed voor ongeveer 3 miljard euro, nemen de gemeenschappen en gewesten het merendeel voor hun rekening. De lokale besturen en de federale overheid zijn beide goed voor iets meer dan een vijfde (dus elk ongeveer 1,1 miljard euro) van de vervoersinvesteringen.
Vanuit Voka Mechelen-Kempen vragen we om vooral te kijken naar de economische impact van publieke investeringen. Uit een analyse van 114 landen tussen 1970 en 2013 blijkt dat een investering van 1% van het bruto binnenlands product amper 0,3% extra output oplevert in landen met een zwak investeringsbeheer. In landen met een goed investeringsbeheer ligt dat effect aanzienlijk hoger. Het verbeteren van het investeringsbeheer kan zelfs leiden tot efficiëntiewinsten tot 30% van de totale investeringsuitgaven. Eenmalige efficiëntieverbeteringen hebben bovendien een blijvend effect op de output.
Om publieke investeringen beter te laten renderen, is een gerichte en doordachte aanpak nodig.
Dat betekent: vooruitkijken, projecten goed vergelijken en duidelijke keuzes maken. Vlaanderen heeft daarin al belangrijke stappen gezet, vooral binnen Mobiliteit en Openbare Werken, met instrumenten zoals de Asset Wijzer en het Geïntegreerd Investeringsplan (GIP). Ook de geplande oprichting van een investeringscel toont de ambitie om investeringen professioneler aan te pakken.
Vlaanderen zal nog verder moeten gaan en toewerken naar één duidelijke investeringsstrategie op lange termijn, die is ingebed in een meerjarig kader.
Zo verhoogt de output van investeringen in infrastructuur in de regio Mechelen-Kempen. 0,4 0,5 0,7 0,7 0,7 0,7 0,7 0,8 0,8 0,8 0,9
AANDEEL VERVOERSINVESTERINGEN (%)
Gemeenschappen en gewesten
55,42
22,75 Lagere overheid
21,83
WAT VOKA GAAT DOEN
Met ROADMAP2040 is ons werk niet af, het begint eigenlijk pas. Wat gaat Voka de komende dagen, weken en maanden concreet doen? In 50 punten. De lijst vind je op de volgende pagina.
En net zoals we meer dan 250 ondernemers hebben betrokken bij dit toekomstplan, gaan we ook in deze nieuwe fase een brede groep van ondernemers én beleidmakers meenemen. Wat gaat Voka Mechelen-Kempen zelf doen?
1. STRUCTURELE RAPPORTERING EN ACTUALISERING ROADMAP2040
2. AANDUIDING POLITIEKE EN ADMINISTRATIEVE TREKKERS PER ACTIELIJN
3. WEGEN MET ROADMAP2040 OP FEDERALE, VLAAMSE, PROVINCIALE EN LOKALE ECONOMISCHE BELEIDSPLANNEN
TOM LAVEREN Gedelegeerd Bestuurder Voka Mechelen-Kempen
TOM WILLEMEN Willemen
SAM DAEMS Taxandria
KARINE VAN DER SLUIS Montivation
CARMEN BOSCHMANS Adviseur Nationale Bank, tijdelijk gedetacheerd Kabinet De Wever
MARTINE VANSWEEVELT ING België
TOM AELBRECHT Johnson & Johnson Innovative Medicine
CARL DESMET Optical Infinity
MARIJN BUIJS Chansaars
RONNY VAN BROEKHOVEN AGC Glass Europe
MARINA DE GROOF DGI
KOEN VAN DEN BRANDE Enko
DAVID HUYBRECHTS BCTN Meerhout
PAUL VANGHEEL Fluvius
LUC VAN STEENWINKEL Pfizer Manufacturing Belgium
CARLO VAN TICHELEN Phobos & Actor
PATRICK VERLINDEN Van Dessel Insurance Brokers
PAT VAN ROEY VanRoey Automation
ESMERALDA PELEMAN Peleman Industries
KURT GEENS Groep Verelst
DOMINIC DE GRUYTER PFL
BEN OOMS Ooms Woonrealisaties
HELEN VAN UFFEL SD WORX
PETER JANSSEN Biscuiterie Thijs
PHILIP BORREMANS 11 advice & management
JEAN LUC SCHUERMANS Schuermans Advocaten
BERT LAUWERS KU Leuven
TIM WECKHUYSEN Cabli
NAAM BEDRIJF
HILDE DEGOES Mensura
WIM VAN LAER Belgoprocess
LUC FEYAERTS LFT Consulting
INGE HOFKENS Aurubis
HANS VAN DE WATER Aurubis
INGE NEVEN VITO
STEVEN VAELEN Nyrstar
JEAN VAN DAEL Kaneka
PIETER JANSSENS iO
STIJN VAN EYKEN DAF
ARVIN WILLEMSE PostNL België
BERT GEERINCKX Reynaers Aluminium
JOS DEWAEL ODTH
KEVIN PITTOORS Primato
GOELE VERMEEREN Master Interior
GEERT DEFIEUW Umicore
SIMON DE MERODE Historalia
INGE VERVOTTE Emmaüs
RONNY VAN DONINCK Groep Van Roey
DENNIS RENDERS Hermans Heftrucks
RON VERMETTEN Vermetten Wegenbouw
MIRANDA VERKOOIJEN Verkooijen Veem
HANS VAN DIJCK Védécar – Carrosserie Van Dijck
PAUL VAN DE MIEROP Den Berk Délice
BENNY VAN LAERHOVEN WA Customs
INGE WOESTENBORGHS Woestenborghs Bouwbedrijf
PATRICK DE BIE 3D Cadworks
SVEN VANDENAMEELE BNP Paribas Fortis
SOPHIE VANDEWALLE Service in Real Estate
NAAM BEDRIJF
MARLEEN GEENS Gebroeders Geens
DIRK GEENEN Q-Lite
FEMKE VAN GINKEL Colonie 7
FREDERICK JONCKHEERE Kerkstoel
KENNETH DECKERS Yellowwood
STIJN DIRKEN SD Schrijnwerkerij
WIM DEWINDT Maatwerk Kaliber
FILIP DUWAERTS Ardent advocaten
GINO DIERCKX Emds Belgium
JOERI BENEENS Beneens Bouw en Interieur
DOMINIK VERRYDT 3-IT
EVERT DELANOYE Ecowell
JAN BERGMANS Advocatenkantoor Jan Bergmans
JAN BEUMER Pfizer Belgium
RUDI CLEYMANS Aaawesome
NIKI DE SCHEPPER Nektari
MARTINE HIEL Hutchison Ports Belgium NV
BART KEPPENS BOXAR architecten
DANNY PACCHIOTTI Assupartners
ANKE VERHAEGEN Notaris Anke Verhaegen
INES VERHAEGEN Architect Ines Verhaegen BVBA
CYNTHIA DE PAUW Eutraco
IGOR VAN ASSCHE Link2Europe
BJÖRN HERCKENRATH GLS
KOEN VAN DEN BRANDE ENKO
PAT VAN ROEY VanRoey Automation
PHILIPPE HUYBRECHTS Carfil & Life Science Equipment
MARC HENDRICKX Bestuurslid
PETER BRUGHMANS Intersolution
NAAM BEDRIJF
BART BOECKX Vanhout.pro
JURGEN JANSSENS ECJ Automation
THOMAS VERSCHUEREN Frako
LIEN NOYENS Jan Noyens
MICHAL TEUNKENS Avery Dennison
GUNTER ROEFS Gr Technics
INGRID NYS Noa Trainings
BIEKE BUYENS Corsendonk Hotels
JAN MERTENS Contineo.be
DAVE WAGEMANS De Backer Haarden
CARL DE RYCK Elektro Dermo
NADINE DUSSART Din Consulting
JELLE LAEREMANS Laeremans Geert
JEROEN NAGELS Cosmade Belgium
KRISTIEN VERCAMMEN Clem Vercammen
VEERLE VRINDTS KBC Bank Heist-op-den-Berg
KARL VERBIST Vink
STEVE VAN DER AUWERA Van Der Auwera – Invatral
DIRK DE GROOF Adviesbureau Dirk De Groof
GREGORY HENDERYCKX Pauwels Advocaten
JEF VAN DEN BRANDEN De Ondernemersfabriek
YVES JONCKERS SIDEC
KOEN MERTENS Alg. Ond. L. Mertens
DIRK MARIS Dirk Maris nv Graszodenservice
SIMONNE COSEMANS Nordex
JORIS VAN HEES Zilos
DIRK SPOOREN Orakel
DIRK GHEYS Transport Gheys
FERNAND VANHEES Vanhees Metalen
NAAM BEDRIJF
JOKE FEYEN Hout Feyen
KATRIEN DE VOCHT KDV - Language & More
IBN DELAET SCR Sibelco
KOEN MICHIELS AGC Glass Europe
LUC VAN LEUVEN Artem
JO SCHOETERS Baroue
RIK OEYEN Fja-Oeyen
GEERT MINNEN Huis voor de Ondernemer
SOFIE PAPEN Van Loy en Cie Algemene Restauratiewerken
HUGO GEUENS Sopraco
JOAN DE BOECK Thomas More
YVES PEETERS Energief
ROEL WOUTERS Van Havermaet
PHILIPPE SWOLFS Van Moer nv
STEFAAN VAN THIELEN Voorzitter Industrie Mechelen-Noord
BART APERS Crowe Spark
PETER VAN LOOY Continental Automotive Benelux
ALEXANDER LAQUIERE Willemen Groep
NAIL KURUM Sisera’s en Creation Company (Tivoli)
WIM VAN DEN BERGE Skillflex People
JO OP DE BEECK BelOrta
ROB VAN DEN BROECK Aaqua
GERRIT VAN RIET KBC
PETER CELIS Eureco Software Solutions
LUC FIERENS KBC
INGE NUYENS Dox
DIETER CEULEMANS Digital Bakery
THIERRY CALLAERTS ST Boringen
YVES MAES Stijlbeton
NAAM BEDRIJF
DAVE COOLS SD Worx
LEO DEPRINCE Van Mossel
ANN CONINX Voka Mechelen-Kempen
GUY BEYENS Voka Mechelen-Kempen
PEGGY VERHEYDEN Voka Mechelen-Kempen
WENDY VAN VLASSELAER Voka Mechelen-Kempen
KRISTEL WOUTERS Voka Mechelen-Kempen
FREDERIQUE VAN HOUT Voka Mechelen-Kempen
KRISTEL GOFFIN Voka Mechelen-Kempen
FIENTJE MOERMAN Voka Mechelen-Kempen
ARNE VANLAER Voka Mechelen-Kempen
GITTE BOSMANS Voka Mechelen-Kempen
ELIEN VINGERHOETS Voka Mechelen-Kempen
ANOUK HUYSMANS Voka Mechelen-Kempen
TOM MEEUS Voka Mechelen-Kempen
KATLEEN CRAUWELS Voka Mechelen-Kempen
DONAAT DIERYCK Voka Mechelen-Kempen
HANNELORE CANDRIES Voka Mechelen-Kempen
LEEN VERMEERSCH Voka Mechelen-Kempen
SAARTJE VAN GULIK Voka Mechelen-Kempen
BIEKE MERTENS Voka Mechelen-Kempen
EMIEL DE SMET Voka Mechelen-Kempen
ANITA BAEYENS Voka Mechelen-Kempen
GUIDO EVENS Voka Mechelen-Kempen
EVI HEYLEN Voka Mechelen-Kempen
EVELINE LEYS Voka Mechelen-Kempen
WIM NOBELS Voka Mechelen-Kempen
BIRGITT VAN BECKHOVEN Voka Mechelen-Kempen
DEBRA DESWARTE Voka Mechelen-Kempen
EVELIEN KEMLAND Voka Mechelen-Kempen
WARD PARIDAENS Voka Mechelen-Kempen
MEREL VERWAEST Voka Mechelen-Kempen
KAAT ROELS Voka Mechelen-Kempen
HERVÉE CLAYES Voka Mechelen-Kempen
BANU ONAN Voka Mechelen-Kempen
INGVILD DE WOLF Voka Mechelen-Kempen
KIM KERKHOFS Voka Mechelen-Kempen
KATRIJN VERREZEN Voka Mechelen-Kempen
GREET SNYKERS Voka Mechelen-Kempen
RUTH DAELEMANS Voka Mechelen-Kempen
SOFIE VAN AUDENHOVE Voka Mechelen-Kempen
MYRIAM HEEREMANS Voka Mechelen-Kempen
WIM BRILLOUET Voka Mechelen-Kempen
ANISSA FADIS Voka Mechelen-Kempen
ROEL DOCKX Voka Mechelen-Kempen
BRENDA BOONS Voka Mechelen-Kempen
COLOFON
Voka Mechelen-Kempen
Auteur: Wim Brillouet
Projectleiders: Tom Laveren, Wim Brillouet
Desk research: KPMG & Voka
Eindredactie: Kristel Goffin, Wim Brillouet, Saartje Van Gulik, Myriam Heeremans
Branding: com&co
Vormgeving: com&co
Fotografie: Joren De Weerdt, Brett Geraerts, Tom Meeus, Toonnistarks, Pexels, Unsplash, iStock
Druk: Buroform
Verantwoordelijke Uitgever: Tom Laveren
Eerste druk april 2026
Zetel Geel
Kleinhoefstraat 9, 2440 Geel
Zetel Mechelen
Antonia Wolversstraat 1, 2800 Mechelen
Alle rechten voorbehouden. Niets in deze uitgave mag worden vermenigvuldigd – op enige manier – zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.