Skip to main content

BRAFCO_0726_book_NL_ISSUU

Page 1


Br ndstoffen

ECONOMIE

Flexi-jobs voortaan ook in brandstoffendistributie mogelijk

Voor een groeigerichte energie

Studie naar de relevantie van de K-factor

Enquêteresultaten “Brandstoffen van de Toekomst”

SOCIAAL NIEUWS

Nieuwe arbeidsrechtelijke maatregelen

05 EDITO

Flexi-jobs voortaan mogelijk

COLOFON

VU

Johan Mattart, Algemeen Directeur van de Belgische Federatie der brandstoffenhandelaars v.z.w. Léon Lepagestraat 4, 1000 Brussel info@brafco.be www.brafco.be

LAYOUT

Bold & pepper n.v. ‘t Hofveld 6C4 1702 Groot-Bijgaarden 02 325 64 64 www.boldandpepper.be

FOTO’S AdobeStock, Brafco, BtecCH, Daniel Dumont, Full Services, Oilon/Marika Pitkänen

PUBLICITEITSREGIE

Bold & pepper nv rik@boldandpepper.be 0477 30 21 32

De redactie is niet verantwoordelijk voor publireportages.

07 POLITIEK

Pleidooi van Georges-Louis Bouchez (MR)

10 INTERVIEW

Studie relevantie van de K-factor

12 MARKT

VAROPreem versnelt energietransitie

13 FISCALITEIT

• Taxshift vanaf 1 augustus 2026

• Terugvordering niet-verschuldigde Promaz-bijdrage

16 EUROPA

Eurofuel delegatie in Finland

17 VERWARMINGSTECHNIEKEN

BtecCH bouwt aan de competenties van de toekomst

18 TANKSTATIONS

• Uitbreiding Breakpoint Foodstation

• “Digitale foodmarket’’ van Q8

19 LEDEN

Full Services, Thuin

23 DIENSTEN

Vakbekwaamheid, ADR-cursussen…

29 NIEUWS VAN DE BEROEPSVERENIGINGEN

• SKB verkent Rijsel...

• ASYP organiseert seminarie in… Wenen!

30 PERS

De woordvoerders van Brafco staan de pers te woord

31 GRAADDAGEN & ZOEKERTJES

06 STATUTAIRE ALGEMENE

VERGADERING BRAFCO

Brandstoffen van de Toekomst: Enquêteresultaten 2026 25

“Het lot van de producten die we verdedigen ligt in onze handen”

14

24 TRANSPORT

Tarieven kilometerheffing

25 SOCIAAL NIEUWS

• Ecocheques

• Nieuwe arbeidsrechtelijke maatregelen

• Flexi-jobs uitgebreid naar alle sectoren

• “Coach op de werkvloer”

• La Fontaine online

Neem een gratis proefabonnement op de noteringen!

De oliemarkt is voortdurend in beweging. Daarom biedt Brafco haar leden de mogelijkheid om de evolutie van de petroleumprijzen 4 maal per werkdag te ontvangen, via fax of mail. Ook worden ze een dag op voorhand op de hoogte gebracht van alle wijzigingen van de officiële maximumprijzen.

Indien u interesse heeft in deze (betalende) dienst, kan u twee weken GRATIS dit abonnement op proef ontvangen (zonder verdere verplichtingen).

Neem daarvoor contact op met Ann: telefonisch 02/502.42.00 of via mail ann.deknibber@brafco.be

Ook kan u via sms tweemaal per dag geïnformeerd worden omtrent de koersevolutie van de dollar en van de noteringen op de internationale markt van gasolie en diesel.

Interesse? Neem voor een GRATIS proefperiode ook contact op met Ann!

EDITO

Eindelijk:

flexi-jobs voortaan ook in brandstoffendistributie mogelijk

Ter compensatie van de invoering van de verplichte “witte kassa” in de horeca, intussen meer dan een decennium geleden, werd het systeem van de flexi-jobs eind 2015 in België in het leven geroepen. Deze maatregel was voor de betrokken sector hét antwoord om de nood aan flexibiliteit te lenigen. Intussen werd het stelsel van de flexijobs uitgebreid tot enkele andere sectoren, zoals de kleinhandel in levensmiddelen, bakkerijen, warenhuizen, kapperszaken en schoonheidszorgen.

Sinds 1 juli zijn flexi-jobs in principe in alle sectoren toegelaten, behalve wanneer op sectoraal vlak de sociale partners kozen voor een opt-out. Dit is voor onze sector niet het geval: ondernemingen actief in het vervoer en de distributie van brandstoffen kunnen voortaan ook flexi-jobbers inzetten om in drukke periodes bij te springen. De enige voorwaarde is dat de flexi-jobs de reguliere tewerkstelling niet mogen vervangen en er geen beroep mag worden gedaan op flexi-jobbers voor functies waarvoor in de onderneming gelijktijdig economische werkloosheid werd ingeroepen.

sector die elke dag instaat voor de energiebevoorrading van gezinnen, bedrijven en openbare diensten, niet kunnen negeren.

Via het Sociaal Fonds wordt werk gemaakt van de instroom en opleiding van nieuwe chauffeurs. Dankzij de samenwerking met de arbeidsbemiddelingsdiensten in Vlaanderen, Wallonië en Brussel én de opleidingsvoertuigen van het Sociaal Fonds krijgen kandidaat-chauffeurs de kans om in realistische omstandigheden de knepen van het vak te leren. Dat is geen kost, maar een investering in de toekomst van onze sector.

Flexi-jobs dienen om een tijdelijk tekort aan vakbekwaam personeel op te vangen en de continuïteit van een essentiële dienstverlening te garanderen.

De brandstoffendistributiesector is bij uitstek een sector gekenmerkt door zeer drukke en zeer kalme periodes, die vooraf moeilijk te voorspellen zijn. Waar voorheen het seizoen en de temperaturen een belangrijke impact hadden op de drukte in de sector, is dit vandaag steeds meer de verwachte prijsevolutie in hoofde van de consument. Gezien de zeer sterke prijsvolatiliteit van petroleumproducten kan het dus ook in de zomermaanden behoorlijk druk zijn in de sector. Flexi-jobs geven de ondernemingen in de sector meer flexibiliteit om piekmomenten en onverwachte uitval op te vangen. Zo kunnen leveringen tijdig blijven plaatsvinden zonder de werkdruk voor het vaste personeel op te drijven.

Maar flexi-jobs kunnen ook ondernemingen die vruchteloos op zoek zijn naar vakbekwame chauffeurs tijdelijk uit de nood helpen. De zoektocht naar chauffeurs wordt steeds moeilijker. Vacatures blijven vaak langdurig openstaan, geschikte kandidaten zijn schaars en wie zich wil omscholen tot vrachtwagenchauffeur, belandt vaak op een wachtlijst bij de rijscholen en opleidingscentra. De vraag is allang niet meer óf we met een tekort kampen, maar hoe groot dat tekort nog zal worden. Dat is een evolutie die we in een

Ook wie vandaag in onze sector werkt, verdient alle kansen om gemotiveerd aan boord te blijven. Het nieuwe sectorconvenant dat de sector met de Vlaamse regering heeft afgesloten, en dat op 1 juli 2026 in werking trad, zet daarom in op werkbaar werk, competentieontwikkeling en duurzame loopbanen. Want talent aantrekken is belangrijk, talent behouden minstens evenzeer.

Onze sector neemt zijn verantwoordelijkheid. We investeren in opleiding, in instroom en in duurzame tewerkstelling. De invoering van de flexi-jobs biedt daarbij een bijkomende vorm van capaciteit om de huidige krapte op de arbeidsmarkt mee op te vangen, maar vormt slechts een deel van de oplossing. Het structurele tekort aan chauffeurs kan er niet mee worden weggewerkt.

In dat geheel blijft de opleiding van nieuwe chauffeurs via de arbeidsbemiddelingsdiensten, zoals VDAB en FOREM, een cruciale hefboom voor een kwalitatieve instroom in onze sector. De sector betreurt dan ook dat dit opleidingskanaal in Vlaanderen onder druk staat en pleit uitdrukkelijk voor het behoud en de verdere versterking ervan. Het is net deze aanpak die in belangrijke mate bijdraagt tot een duurzame en kwalitatieve instroom in een knelpuntberoep als dat van chauffeur in de brandstoffenhandel.

De overheid dient te blijven investeren in structurele oplossingen. Meer opleidingscapaciteit, kortere wachttijden bij de opleidingsverstrekkers en een vlotte instroom naar knelpuntberoepen zijn geen luxe, maar een absolute noodzaak. Er is nog werk aan de winkel...

JOHAN MATTART ALGEMEEN DIRECTEUR

“Het lot van de producten die we verdedigen ligt in onze handen”

In zijn openingstoespraak tot de Algemene Vergadering had Etienne Rigo, voorzitter van de Federatie, het over een belangrijke stap voor Brafco: de integratie van in4fuels. Die brengt de verdediging van, en de promotie voor vloeibare brandstoffen en motorbrandstoffen onder één dak, in een context waarin de sector af te rekenen krijgt met een steeds strengere regelgeving.

Etienne Rigo, Voorzitter van de Federatie, gaf meer uitleg over het nieuwe systeem voor de ledenbijdragen, dat noodzakelijk is om de belangen van de leden te kunnen blijven verdedigen.

Brafco, die voortaan de enige representatieve federatie voor de brandstoffendistributiesector is, neemt de taken over die voorheen door in4fuels werden vervuld. Na een periode waarin deze missies gedeeltelijk werden gefinancierd door vrijwillige bijdragen van bepaalde leden, stelde het Bestuursorgaan van de Federatie voor om vanaf 2027 een structurele en solidaire financiering in te voeren. Of zoals Etienne Rigo het stelde: Het lot van de producten die we verdedigen ligt enkel en alleen in onze handen, en dat heeft een prijs! De ledenbijdrage van Brafco gaat dus omhoog om ervoor te zorgen dat de informatie- en promotieactiviteiten kunnen worden voortgezet. Het gekozen systeem voorziet in een progressieve bijdrage, meer bijdragen dan de kleinere. Dat opmerkelijke inspanning van onze grotere leden

Het Bestuursorgaan van Brafco (van links naar rechts en van boven naar onder): Tom Lambert (Voorzitter Commissie Vloeibare Brandstoffen), Nico Standaert, Kristof Gabriëls (Voorzitter Commissie Tankstations), Stéphane Bourgeois, Christian Warin (Voorzitter Commissie Sociale Zaken), Charlotte Tahon, Etienne Rigo (Voorzitter van de Federatie), Seyran Akat, Roel Keersmaekers (Ondervoorzitter), Christian Jacquet, Johan Deleu (Voorzitter van de Commissie Invoerders/Erkende Entrepothouders) en Koen Roose.

in en ik ben hun daar dankbaar voor, benadrukte Etienne Rigo. Volgens de voorzitter van de Federatie zal deze gezamenlijke inspanning Brafco in staat stellen de belangen van haar leden beter te behartigen en de energieoplossingen van de toekomst te bevorderen. De Algemene Vergadering keurde de verhoging van de bijdragen voor 2027 goed.

Na een statistisch overzicht van de belangrijkste markttrends inzake de niet-netgebonden energieën voor verwarming en mobiliteit gaf Algemeen Directeur Johan Mattart een overzicht van de belangrijkste dossiers die Brafco het afgelopen jaar behandelde. Hij kwam ook terug op de recente energiecrisis, die de markt danig heeft verstoord en de broosheid van de bevoorradingsketen aan het licht bracht. Volgens hem heeft deze periode de druk op de prijsvormingsmechanismen, die toch al erg gevoelig waren voor internationale schommelingen, nog verder vergroot. Hij toonde aan hoe de K-factor, die in de Programmaovereenkomst is opgenomen om zeer sterke prijsstijgingen op de internationale markten slechts beperkt door te rekenen in de maximumprijzen van petroleumproducten in België, in maart jl. zeer nadelige gevolgen heeft gehad. Wanneer die factor de drempel van 1,2 overschrijdt, leidt dat tot een neerwaartse, kunstmatige aanpassing van de CIF-prijzen, die als basis dienen voor de berekening van de maximumprijzen. Het resultaat is dan ook dat die maximumprijzen niet marktconform

Johan Mattart, Algemeen Directeur, lichtte de belangrijkste thema’s voor de sector toe en gaf een overzicht van hetgeen de Federatie doet om de uitdagingen op het vlak van energie en regelgeving het hoofd te bieden.

daling van de marges van de verdelers, tot zelfs 18 cent per liter in het geval van bij diesel, aldus Johan Mattart. Zo kwamen de verdelers in een erg lastig parket te zitten, waarbij ze de keuze hadden zich aan de officiële maximumprijs te houden, en dus met verlies verkopen, of bestellingen te weigeren, wat de bevoorrading van de klant in gevaar bracht. Die crisis toonde aan dat de K-factor contraproductief werkt en best zo snel mogelijk afgeschaft wordt. De Algemeen Directeur van Brafco gaf ook aan dat hij deze kwestie heeft aangekaart tijdens een hoorzitting voor de Commissie Energie, Leefmilieu en Klimaat van het federale parlement.

De aanwezigen op de Algemene Vergadering keurden vervolgens de balans en resultatenrekeningen voor het boekjaar 2025 unaniem goed, alsook het budget 2026 en het rooster voor de ledenbijdragen 2027. Daarnaast werd kwijting verleend aan de bestuurders en aan de commissarissen en werden de heren Jan Dauw en Alphonse Lambaerts benoemd tot commissaris voor de rekeningen voor het boekjaar 2026. Er was geen verkiezing van bestuurders voorzien vermits het Bestuursorgaan in 2024 werd aangesteld voor een periode

Pleidooi van Georges-Louis Bouchez (MR) voor een groeigerichte energie

Georges-Louis Bouchez, voorzitter van de MR (Mouvement Réformateur), werd uitgenodigd om het statutair gedeelte van de Algemene Vergadering van de Federatie af te sluiten. Hij hield een interessante toespraak over energie, de industrie en het Europese concurrentievermogen.

Voor een publiek van leden van Brafco en een dertigtal vertegenwoordigers van andere federaties, overheidsinstanties en ministerkabinetten benadrukte Georges-Louis Bouchez dat energie de kern vormt van de moderne industriële beschaving. Volgens hem hebben de recente crisissen een feit aan het licht gebracht dat al te lang werd genegeerd: het is onmogelijk om een hoge levensstandaard te handhaven zonder voldoende en betaalbare energie.

De voorzitter van de MR is van mening dat de Europese Unie een strategische fout heeft gemaakt door te denken dat de energietransitie versneld zou worden door de kosten van fossiele brandstoffen te verhogen. Er werd gedacht: als fossiele brandstoffen duur worden, zullen mensen overstappen op elektriciteit, zei hij, waarbij hij de negatieve economische gevolgen benadrukte. Volgens hem heeft deze aanpak bijgedragen aan de deïndustrialisering van Europa en aan de achterstand die Europa heeft

opgelopen ten opzichte van de Verenigde Staten en China in sleutelsectoren zoals de automobielsector en de sector van de artificiële intelligentie.

Georges-Louis Bouchez had ook kritiek op een ideologische ontsporing van het klimaatbeleid en kaartte een al te doorgedreven starheid aan: Ecologie is een nieuwe religie geworden. Het beleid moet gestuurd blijven worden door evenwicht, niet door dogma’s. Hij pleitte voor een energietransitie waarbij klimaat, industrie en soevereiniteit in balans zijn.

CONCURRENTIEVERMOGEN EN ENERGIEVEILIGHEID

In het laatste deel van zijn toespraak riep hij op tot een verlaging van de energiebelastingen om de groei te stimuleren. De enige oplossing is om de groei weer op gang te brengen, benadrukte hij. Ook waarschuwde hij voor de Europese regeldrift en pleitte voor bevoorradingsveiligheid via internatio-

nale partnerschappen en het behoud van de fossiele brandstoffen in de energiemix.

Ondanks zijn kritische vaststellingen sloot GeorgesLouis Bouchez af met een optimistische noot: De technologische oplossingen zijn er en de mens is er altijd in geslaagd om moeilijkheden te overwinnen. Dat potentieel mag niet worden beknot door buitensporige politieke ingrepen; het beleid moet strikte technologische neutraliteit in acht nemen en zich beperken tot het vaststellen van doelstellingen en een zo licht mogelijk kader. Volgens de voorzitter van de MR gaat het erom de energietransitie, economische groei en industriële soevereiniteit met elkaar te verzoenen. De oplossingen moeten ook gepaard gaan met een vermindering van de wettelijke beperkingen, besloot hij. De herziening van de fameuze K-factor voor het vaststellen van de officiële maximumprijzen aan de pomp is een debat dat nog gaande is en waaraan u naar mijn mening veel zal kunnen bijdragen…

DERTIG JAAR TEN DIENSTE VAN DE SECTOR

Al dertig jaar lang is Etienne Rigo een van de meest geëngageerde én gerespecteerde gezichten van de Federatie. Als ondernemer en gedreven door zijn gevoel voor dienstbaarheid aan de leden heeft hij altijd de voorkeur gegeven aan dialoog, het zoeken naar consensus en een evenwichtige verdediging van de belangen van de sector en het algemene belang – in de overtuiging dat beide onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Georges-Louis Bouchez had alle lof voor dit engagement en overhandigde Etienne Rigo de onderscheiding van Officier in de Leopoldsorde. Bij die gelegenheid drong de heer Rigo er op zijn beurt op aan dat Brafco bij de besprekingen over de Programmaovereenkomst wordt betrokken, omdat hij van mening is dat de laatste schakel in de distributieketen vertegenwoordigd moet zijn. Georges-Louis Bouchez benadrukte het belang van de Programmaovereenkomst in het licht van de schommelingen van de energieprijzen maar beloofde wel dit verzoek door te geven aan de betrokken ministers.

Georges-Louis Bouchez herhaalde dat groei en welzijn onlosmakelijk verbonden zijn met het energievraagstuk.

Intensief netwerken in een gezellige omgeving

Na afloop van de Algemene Vergadering organiseerde de Federatie zoals ieder jaar een receptie en lunch in Salons Waerboom in Groot-Bijgaarden. Hierop waren, naast de leden, ook vertegenwoordigers van de politieke en administratieve overheden en van de partnerfederaties uitgenodigd. Geheel volgens de traditie vormde dit de ideale gelegenheid om de professionele banden aan te halen in een ontspannen sfeer die uitnodigde tot informele gesprekken.

“De FOD Economie bestudeert de relevantie van de K-factor in het kader van de evaluatie van de Programmaovereenkomst”

Tussen stijgende energiekosten, sociale maatregelen om de koopkracht te beschermen, energietransitie en hervorming van de arbeidsmarkt licht David Clarinval, viceeersteminister en minister van Werk, Economie en Landbouw, de acties toe die de regering onderneemt om deze uitdagingen aan te pakken.

Brandstoffen : Zonder vooruit te lopen op een snelle ontspanning op de internationale energiemarkten naar aanleiding van het MoU (Memorandum of Understanding) dat half juni door de Verenigde Staten en Iran werd ondertekend, heeft het conflict in het MiddenOosten geleid tot een sterke stijging van de energiekosten voor burgers en bedrijven. Hoe beïnvloedt dat uw beleid?

David Clarinval: Iedere crisis verloopt volgens een gelijkaardig stramien. Na de stijging van de energieprijzen na de COVID-19-pandemie en het begin van het conflict in Oekraïne, zorgde de oorlog in het Midden-Oosten opnieuw voor een verhoging van de energiekosten, die gevolgen had voor het transport, materialen en de gehele productieketen. Consumenten maken zich zorgen en consumeren minder, wat de groei afremt. Voor bedrijven wegen deze hogere kosten op hun concurrentiekracht. Daarom hebben we gerichte maatregelen ingevoerd om de koopkracht van werknemers en kwetsbare groepen te beschermen.

In deze onzekere context is het mijn prioriteit om onze bedrijven te ondersteunen, de burgers te beschermen en de veerkracht van onze economie ten opzichte van toekomstige schokken te versterken.

Als minister van Economie heb ik de FOD Economie opgedragen een monitoringssysteem op te zetten via een gecentraliseerd platform, om gegevens te verzamelen bij de federaties en snel sectoren in moeilijkheden te identificeren. Het doel is om de gevolgen sector per sector nauwkeurig te meten, zodat we gerichte antwoorden kunnen bieden en ons concurrentievermogen vrijwaren.

Net als tijdens de crisis van 2022 was het mechanisme van de K-factor binnen de Programmaovereenkomst een grote hindernis voor de economische leefbaarheid van de distributiesector, doordat de sterke prijsstijgingen van petroleumproducten op de internationale markten niet volledig naar de eindconsument kunnen worden doorgerekend. Dat gaat ten koste van de laatste schakel in de distributieketen, die zich vaak gedwongen zag om producten aan te kopen tegen een prijs die hoger lag dan de toegestane verkoopprijs. Begrijpt u de vraag van Brafco om die K-factor af te schaffen?

De K-factor is een oud mechanisme. Begin maart hebben we de impact ervan tijdelijk verminderd voor gasolie verwarming en gasolie diesel voor verwarmings-, landbouw- en/of industriële en commerciële doeleinden. De FOD Economie voert momenteel een studie uit naar de relevantie en doeltreffendheid ervan. De conclusies, die eind augustus worden verwacht, moeten het mogelijk maken om dit systeem, op basis van een diepgaande analyse, eventueel aan te passen.

Blijft de Programmaovereenkomst behouden?

De Programmaovereenkomst blijft momenteel een belangrijk middel om de prijzen en de bevoorradingszekerheid stabiel te houden. De conclusies van de lopende analyse, die zullen worden aangevuld met een consultatieronde bij de belanghebbenden, zullen duidelijk maken in welke mate dit mechanisme behouden, aangepast of hervormd moet worden.

Wat vindt u van ons voorstel om de officiële maximumprijzen te vervangen door een systeem met referentieprijzen?

Het is zeker een interessante piste die we kunnen analyseren na de evaluatie van de K-factor om de prijzen van producten op de Belgische markt beter te laten aansluiten bij de internationale prijzen en tegelijk de consument te beschermen.

Er wordt momenteel gepraat over de modaliteiten van een structurele financiering voor Promaz, het fonds voor de sanering van door lekkende mazouttanks vervuilde bodems. De drie gewesten en de IBC (Interregionale Bodemsaneringscommissie) hebben al hun akkoord gegeven om de bijdrage te verhogen naar € 10 per 1.000 liter mazout, omdat de huidige € 2 ontoereikend is om de saneringskosten te dekken. Waarom geeft ook de federale regering haar toestemming niet?

De huidige financiële middelen van Bofas, het fonds voor de bodemsanering van tankstations, die werden overgedragen aan Promaz, maken het mogelijk om de bijdrage op € 2/m³ te houden. De verhoging naar € 10/m³ zal worden overwogen wanneer de prijsschommelingen minder groot zijn.

Een nieuwe aanvraag, ingediend door de Interregionale Bodemsaneringscommissie met nieuwe elementen om de bijdrage te verhogen, wordt momenteel door mijn diensten onderzocht.

Wij blijven waakzaam zodat we indien nodig snel kunnen optreden.

Brafco staat achter de energietransitie en pleit er in dat kader voor dat koolstofarme en koolstofneutrale vloeibare brandstoffen zoals HVO de plaats in de energiemix krijgen die ze verdienen. Waarom wordt HVO niet fiscaal vrijgesteld om het product aantrekkelijker te maken en de invoering ervan als alternatief voor diesel te stimuleren, in plaats van oudere dieselvoertuigen te verbieden in lage-emissiezones (LEZ)?

De LEZ zijn een regionale bevoegdheid; daar kan ik me dus niet in mengen. Persoonlijk ben ik voorstander van alternatieve brandstoffen en ik

ben ervan overtuigd dat die een deel zijn van de oplossing, vooral in sectoren waarin elektrificatie moeilijk is. Waterstof bijvoorbeeld is ideaal voor het goederentransport. Er zijn gewoon fiscale maatregelen nodig om deze alternatieven aantrekkelijk te maken. De minister van Energie is volop bezig met dit dossier.

De sector werkt aan de commercialisering van een hernieuwbare vloeibare brandstof (een mengsel van mazout en biocomponenten). Deze biobrandstof zou de puur fossiele stookolie kunnen vervangen, want wij zijn van mening zijn dat niet alle woningen om technische of financiële redenen met een warmtepomp kunnen worden uitgerust. Wat is uw standpunt hierover?

Ik sta volledig achter deze alternatieven. Bioliquids maken deel uit van de oplossingen om de verwarming te decarboniseren en zouden dan ook meer aangemoedigd moeten worden. Warmtepompen verbruiken overigens veel stroom. We moeten ons afvragen of we nog wel genoeg capaciteit hebben voor “alles elektrisch”.

Onze sector heeft nood aan arbeidskrachten die snel en flexibel kunnen worden ingezet om de acute tekorten aan chauffeurs op te vangen en de continuïteit van de activiteiten te waarborgen. Kan u toelichten welke hervormingen u heeft doorgevoerd om de arbeidsmarkt te verbeteren?

We hebben de arbeidsmarkt hervormd om ze moderner en flexibeler te maken en de werknemers te beschermen. Enkele van deze hervormingen zijn:

• Beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd om mensen te stimuleren opnieuw een job te zoeken.

• Verlaging van de sociale bijdragen met één miljard euro over drie jaar, om de concurrentiekracht van de bedrijven te verbeteren zonder de koopkracht van werknemers aan te tasten.

• Meer flexibiliteit voor nachtwerk en verhoging van het aantal vrijwillige overuren (240 p 360 uur).

• Herinvoering van een vereenvoudigde proefperiode voor de eerste zes maanden van een arbeidscontract.

• Beperking van de opzegtermijnen tot 52 weken.

• Een re-integratieplan voor langdurig zieken.

• Tot slot de uitbreiding van flexi-jobs naar alle sectoren, ook de uwe, om de aanwerving van nieuwe werkkrachten te vergemakkelijken en werknemers de mogelijkheid te bieden hun inkomen aan te vullen.

(N.v.d.r. Toen dit interview plaatsvond, bevond het wetsontwerp zich in de laatste fase van de besprekingen binnen de regering. De wet werd kort daarna, op 18 juni goedgekeurd, waardoor de inzet van flexi-jobbers in de brandstoffendistributiesector sinds 1 juli is toegestaan.)

Waaruit bestaan de gerichte verwarmingsmaatregelen voor kwetsbare groepen waarnaar u eerder al verwees?

Het gaat om een herfinanciering van het Sociaal Verwarmingsfonds en het Gasen Elektriciteitsfonds voor een bedrag van telkens 7,5 miljoen euro. De praktische modaliteiten moeten nog worden vastgelegd in een koninklijk besluit.

Het regeerakkoord voorziet in een budgetneutrale hervorming van het sociaal energietarief en de tussenkomsten van het Sociaal Verwarmingsfonds richting een transparantere, inkomensgebaseerde, vermogensgebaseerde en technologieneutrale forfaitaire tussenkomst. Houdt dat een fusie van beide fondsen in?

Nee, maar het sociaal elektriciteitstarief wordt wel herzien. Zo willen we de steunmaatregelen beter verdelen zodat de steun terechtkomt bij wie ze echt nodig heeft.

Staat energie door de crisis in het Midden-Oosten nu opnieuw bovenaan het prioriteitenlijstje?

Energie is een van de essentiële pijlers van onze strategische soevereiniteit. Door de stijgende energieprijzen en de bedreiging van de energiezekerheid op lange termijn moet Europa nu handelen om zijn energievoorziening veilig te stellen. Keuzes uit het verleden hebben ons in een industriële afhankelijkheid gestort en blootgesteld aan hoge energiekosten. Het is nu zaak om snel met dit model te breken en massaal te investeren in onze industrie, op basis van betaalbare energie en sterke partnerschappen.

Als minister van Economie is de herindustrialisering van onze strategische sectoren, zoals koolstofarme energie, grondstoffen, digitalisering, defensie en chemie, essentieel voor onze soevereiniteit.

David Clarinval, vice-eersteminister en minister van Werk, Economie en Landbouw.

VAROPreem versnelt energietransitie in Europa

Tijdens het klantenevent dat VAROPreem op 12 juni jl. organiseerde in het prachtige

Afrikapaleis in Tervuren, werd niet allen stilgestaan bij de toegevoegde waarde van de fusie tussen VARO en het Zweedse energie-en oliebedrijf Preem, maar werden ook de inspanningen op het vlak van hernieuwbare energie in de verf gezet.

In zijn welkomstwoord bedankte Olivier Vanbiervliet (Country President Belgium) de verdelers van ganser harte voor de samenwerking. Hij verwees hierbij naar de moeilijke economische periode door de crisis in het Midden-Oosten, de sterke prijsschommelingen, de druk op de marges en de bevoorradingsonzekerheid. Hij riep ook op tot voorzichtigheid, ondanks een mogelijk herstel.

Door de fusie tussen VARO en Preem begin dit jaar is er een nieuwe toonaangevende speler in de energiesector op het toneel verschenen. Magnus Heimburg (Deputy Chief Executive Officer and EVP Markets & Customers) wees er op dat de twee bedrijven voorheen ongeveer even groot waren, met vergelijkbare raffinaderijen en klantenbestanden in Europa en de Scandinavische landen. Door de fusie kunnen complementaire competenties, zoals commerciële flexibiliteit, risicobeheer en toegang tot de Europese markten, worden gebundeld.

De nieuwe groep telt ca. 4000 werknemers, 5 raffinaderijen, toegang tot meer dan 120 terminals en ruim 50.000 B2B-klanten in 33 landen. Het is de tweede grootste Europese producent van hernieuwbare brandstoffen en de derde grootste onafhankelijke raffinaderij in Europa. Deze consolidatie is bedoeld om meer lokale en gediversifieerde productiecapaciteiten veilig te stellen en tegelijkertijd de kwetsbaarheid voor externe invloeden te verminderen, benadrukte Magnus Heimburg. VAROPreem beschikt nu over een aanzienlijke capaciteit op het gebied van conventionele brandstoffen, hernieuwbare energie en biogas, en heeft via dochteronderneming Elexon belangrijke activa in de sector van de elektrische mobiliteit.

Aansluitend deelde Victor Guijs (Booklead Distillates Trading) inzichten over het conflict in het Midden-Oosten en het strategische belang van de

Straat van Hormuz. Daarbij lichtte hij toe welke mogelijke impact de situatie kan hebben op prijzen en de beschikbaarheid van brandstoffen, en hoe VAROPreem zich inzet om de gevolgen hiervan voor onder meer de Belgische markt zoveel mogelijk te beperken.

Naast het waarborgen van een betrouwbare brandstofvoorziening op korte termijn blijft VAROPreem ook investeren in oplossingen die bijdragen aan de energietransitie op lange termijn. De investeringen van VAROPreem in HVO100 illustreren de strategie van de groep wat betreft hernieuwbare energieën. Bas van Oosterhout (VP Customer Value Proposition) plaatste HVO100 in een mondiale context die wordt gekenmerkt door een sterke groei van biobrandstoffen. De Europese dynamiek wordt gedragen door de nationale beleidslijnen die voortvloeien uit de RED-richtlijn, waarbij de ambitieniveaus per land verschillen. Dat leidt tot heterogene, maar over het algemeen groeiende markten, volgens hem. In dat kader lijkt HVO100 een belangrijke hefboom te zijn voor de decarbonisatie, met name in het wegvervoer en de logistiek – de grootste verbruikers – aangezien dit product zonder technische aanpassingen in bestaande dieselmotoren kan worden gebruikt.

Hij stelde dat de drijfveren van klanten niet alleen technisch van aard, maar vooral klimaatgerelateerd zijn, met een duidelijk doel om hun koolstofvoetafdruk te verkleinen, en wees op de strengere eisen inzake traceerbaarheid, certificering en keuze van grondstoffen (feedstock). Die zijn essentieel geworden om de emissiereducties aan te tonen in de ESG-rapportering (het gestructureerde proces waarbij een bedrijf zijn prestaties op het vlak van milieu, maatschappij en bestuur beoordeelt en rapporteert om de transparantie en strategische besluitvorming te versterken). VAROPreem is in staat om HVO100 op grote schaal te verdelen via meer dan 25 terminals in Europa, mét een volledig interne kwaliteitscontrole.

Noord-Amerika

Azië-Pacific

Latijns-Amerika

Overige

Taxshift: vanaf 1 augustus 2026 accijnsverhoging op gasolie en aardgas en accijnsdaling op elektriciteit voor niet zakelijk verbruik

Zoals aangekondigd in het federaal regeerakkoord, en vertaald in de meerjarenbegroting die in november 2025 werd goedgekeurd, wordt op 1 augustus e.k. een taxshift doorgevoerd. Bedoeling is de lasten op elektriciteit te verminderen en deze op fossiele brandstoffen te verhogen.

Concreet worden op 1 augustus de accijnstarieven op gasolie H0/H7 en op gasolie diesel voor verwarmingsdoeleinden (momenteel €17,2564/m³ voor beide varianten) en deze op gasolie voor industriële en commerciële toepassingen (momenteel €22,8845/m³) opgetrokken tot €23/m³, om vervolgens jaarlijks, tot 2029, met €1/m³ te worden verhoogd. Daarnaast worden

ook de accijnzen op aardgas vanaf 1 augustus verhoogd, waarna ze begin 2027, 2028 en 2029 verder worden opgetrokken.

Deze accijnsverhogingen gaan gepaard met een daling van de accijnstarieven op elektriciteit voor niet zakelijk gebruik (zie tabel).

Ook de accijnzen op benzine en diesel worden verhoogd, doch eenmalig. Deze verhoging bedraagt iets meer dan €4,25/m³ en wordt van kracht op 1 januari 2027.

Voor propaangas en steenkool is er geen accijnsverhoging voorzien.

Verhoging accijnzen op ongelode benzine (EUR/1.000 l)

Verhoging accijnzen op diesel en gasolie (EUR/1.000 l)

Indust. en comm. toep. 22,8845

Verwarming 17,2564

Verhoging accijnzen op aardgas voor niet-zakelijk gebruik (EUR/MWh)

tot 12 MWh

Vanaf 12 MWh

Verlaging accijnzen op elektriciteit voor niet-zakelijk gebruik (EUR/MWh)

Van 0 tot 20 MWh 49,4061

Van 20 tot 50 MWh 47,3861

Van 50 tot 25.000 MWh 46,7061

Vanaf 25.000 MWh 38,2061

Procedure voor terugvordering niet-verschuldigde

Promaz- bijdrage nog niet voor morgen

Sinds 1 januari jl. is een bijdrage van €2/m³ gasolie en gasolie diesel verschuldigd voor de financiering van Promaz, het Fonds voor bodemsanering van lekkende stookolietanks. Deze bijdrage wordt, net zoals de bijdrage van €1,6/m³ voor het Sociaal Verwarmingsfonds (SVF) door de erkend entrepothouder aangerekend aan de wederverkoper, en dit op het totale volume rode gasolie (H0/H7 en gasolie diesel) dat deze laatste bij hem aankoopt.

Vermits echter de Promaz-bijdrage – net zoals de bijdrage voor het SVF – niet verschuldigd is op de volumes rode gasolie die met vrijstelling van accijns geleverd worden voor landbouw, tuinbouw, bosbouw en zoetwatervisteelt, noch op de volumes gasolie die aan het accijnstarief voor industriële en commerciële doeleinden geleverd worden aan de klant, dient in een procedure te worden voorzien voor de terugbetaling

van de niet-verschuldigde Promaz-bijdrage aan de handelaar.

In principe zou de bestaande procedure voor de terugbetaling van de niet verschuldigde SVFbijdrage ook toegepast kunnen worden voor de niet verschuldigde Promaz-bijdrage.

Ondanks herhaaldelijk aandringen van de Federatie is dit echter nog steeds niet mogelijk. Aan de basis hiervan ligt het feit dat het contract tussen Promaz en de overheid over de inning van de Promaz-bijdrage nog steeds niet ondertekend werd langs overheidszijde, omdat ... niet duidelijk is welke instantie in deze bevoegd is! Het gevolg is dat Fapetro, dat normalerwijze de inning van de Promaz-bijdragen zou uitvoeren, nog niet van start is kunnen gaan om bij de erkend entrepothouders de Promaz-bijdragen op te vragen. En vermits de inning van die bijdrage nog

niet heeft kunnen plaatsvinden, wordt vanuit de Administratie ook geen omzendbrief m.b.t. de te volgen procedure voor recuperatie van de niet-verschuldigde Promaz-bijdrage verspreid. Van een patstelling gesproken...

En met de gelijkschakeling van het accijnstarief op gasolie voor verwarmingsdoeleinden en deze voor industriële en commerciële toepassingen, voorzien op 1 augustus, zal de lang verwachte procedure ook recuperatie van de Promaz-bijdrage op gasolie voor industriële en commerciële doeleinden ook nog moeten worden aangepast voor leveringen die na die datum plaatsvinden. Hoe die procedure er zal moeten uitzien, is voor ieder nog een zeer groot vraagteken.

Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Johan Mattart

Brandstoffen van de Toekomst

Enquêteresultaten 2026

Uit de recente enquête “Brandstoffen van de Toekomst”, uitgevoerd door in4fuels bij 2.180 Belgische mazoutgebruikers, blijkt een duidelijke en onderbouwde conclusie: een ruime meerderheid overweegt koolstofarme vloeibare brandstoffen te gebruiken, zolang ze daarbij hun bestaande verwarmingsinstallatie kunnen behouden en de overstap betaalbaar blijft. De bereidheid is dus groot, de bekendheid echter nog laag.

De resultaten leveren onze sector concrete handvatten op voor communicatie, sensibilisering en beleidsbeïnvloeding.

Bereidheid is groot – en neemt toe bij zekerheid over compatibiliteit. 64% van de respondenten geeft aan bereid te zijn koolstofarme vloeibare brandstoffen te kiezen indien deze morgen beschikbaar zouden zijn via hun verdeler. Wanneer aan die respondenten expliciet wordt bevestigd dat deze brandstoffen volledig compatibel zijn met hun bestaande mazoutinstallatie – zonder aanpassingen of extra kosten – stijgt die bereidheid tot 71%.

Dit is een belangrijk signaal. Onzekerheid over de compatibiliteit met de bestaande verwarmingsketel vormt vandaag nog een drempel. Een duidelijke, onderbouwde communicatie over drop-in compatibiliteit heeft dus een rechtstreekse impact op de adoptiebereidheid.

Wat de timing betreft: 75% van de respondenten geeft aan nog vóór 2030 te willen overstappen op koolstofarme alternatieven. 42% wil dit zelfs doen van zodra de brandstof beschikbaar is. Dit wijst op een reële en urgente consumentenvraag waarop we als sector nu reeds kunnen anticiperen.

Indien die schonere koolstofarme vloeibare brandstof morgen leverbaar zou zijn door jouw verdeler, zou je er dan voor kiezen?

SINGLE-CHOICE - 5 PUNTSCHAAL

Als je weet dat je met je bestaande mazoutinstallatie kan blijven verwarmen, hoeveel mag die koolstofarme brandstof dan meer kosten dan mazout?

% van alle respondenten na skip-logica in voorbije vragen (n= 2.058)

Prijs en betrouwbaarheid blijven doorslaggevend.

De enquête bevestigt wat de sector intuïtief aanvoelt: kostprijs en betrouwbaarheid zijn de belangrijkste factoren bij de keuze van een verwarmingssysteem. (Nvdr: noteer dat de enquête werd uitgevoerd tijdens een periode met sterk gestegen mazoutprijzen.) Klimaatoverwegingen en overheidspremies scoren aanzienlijk lager in de prioriteitenrangschikking van de respondenten.

Concreet geeft 39% aan dat hun keuze voor koolstofarme brandstoffen afhangt van het prijsverschil ten opzichte van conventionele mazout. Tegelijkertijd toont de bevraging aan dat 82% van de respondenten bereid is maximaal 10% meer te betalen indien de schonere brandstof beschikbaar en geschikt is voor hun installatie.

De betalingsbereidheid is dus realistisch aanwezig, maar de prijsgevoeligheid is groot en vraagt om transparante communicatie over de werkelijke meerkost.

Opvallend is ook dat respondenten die koolstofarme brandstoffen zouden weigeren omwille van de prijs, de meerkost systematisch hoger inschatten dan zij die er positief tegenover staan. Dit prijsperceptieverschil biedt een concrete communicatiekans: gerichte informatie over de reële kostprijs kan een deel van de twijfelaars over de streep trekken.

Mazoutgebruikers verduurzamen actief – maar willen hun verwarmingssysteem behouden.

De Belgische mazoutgebruiker is geen passieve consument. Bijna de helft van de respondenten past zijn gedrag aan: minder uren of kamers verwarmen (48,2%) en de thermostaat verlagen (46,4%) zijn de meest voorkomende stappen. Een kleinere groep combineert de bestaande mazoutketel al met een zonneboiler (7,5%) of warmtepomp (8,0%).

Een opsteker is de gehechtheid aan vloeibare brandstoffen: 71% van de respondenten geeft aan zeker bij vloeibare brandstoffen te willen blijven indien deze een geloofwaardige oplossing bieden voor CO2-reductie. Dit is geen conservatisme, maar een pragmatische keuze: gebruikers willen verduurzamen zonder hun bestaande infrastructuur te moeten opgeven.

Bekendheid van koolstofarme brandstoffen blijft laag. Een eveneens belangrijke bevinding is de lage bekendheid van koolstofarme vloeibare brandstoffen. 57% van de respondenten kent geen enkel hernieuwbaar alternatief. E-fuels zijn het meest gekend met 33,4%, gevolgd door HVO (17,6%). FAME en R33 zijn nagenoeg onbekend bij het grote publiek. De respondenten die er wel mee vertrouwd zijn geven aan

de nieuwe brandstoffen het vaakst te kennen via de media (51%) en de sectornieuwsbrief Fuel4You (47,4%). De mazoutverdeler wordt als kennisbron door slechts 14% vermeld, wat duidt op een onderbenut maar waardevol contactmoment.

Dit stelt de sector voor een duidelijke uitdaging om verder te investeren in communicatie. De bereidheid is er, maar de kennis ontbreekt nog. In4fuels neemt die informatierol op via haar website, blogartikels en nieuwsbrieven.

Een stem richting beleidsmakers

In4fuels zal de resultaten van deze enquête actief inzetten in haar dialoog met beleidsmakers. De cijfers zijn eenduidig: Belgische mazoutgebruikers zijn bereid bij te dragen aan de energietransitie, op voorwaarde dat haalbare en betaalbare oplossingen effectief beschikbaar worden gesteld.

Deze bevindingen versterken het pleidooi voor technologieneutraliteit in verwarmingskeuzes en voor een realistische energiediversificatie. De consument is er klaar voor. Het is nu aan de sector en de overheid om de randvoorwaarden te creëren.

Over de enquête

De enquête ‘Brandstoffen van de Toekomst’ werd online uitgevoerd door in4fuels. Het veldwerk liep van 9 april tot 15 mei 2026. De rekrutering gebeurde voornamelijk via de nieuwsbrief van in4fuels. 2.180 respondenten vulden de enquête volledig in. Een uitgebreide presentatie van de resultaten per vraag is beschikbaar voor leden op eenvoudige aanvraag bij Filip Lannoy via mail: filip.lannoy@brafco.be of telefonisch: 0476/34.30.93.

In4fuels kan via haar nieuwsbrief ‘Fuel4You’ helpen bij het verstrekken van informatie naar uw klanten. We bieden formules aan waarbij u als verdeler maandelijks een gepersonaliseerde nieuwsbrief naar uw klanten kan sturen. Meer info op www.in4fuels.be/nl/ fuel4you-programma of contacteer Filip Lannoy (contactgegevens hierboven).

Eurofuel delegatie op bezoek in Finland, voorloper in de energietransitie

Vertegenwoordigers uit België, Duitsland, Oostenrijk, Frankrijk en Zwitserland kwamen in april van dit jaar bijeen in Helsinki om Europese richtlijnen, hernieuwbare energiebronnen en de rol van vloeibare brandstoffen in het toekomstige energiesysteem te bespreken.

Brafco vertegenwoordigde België tijdens de vergaderingen van het technisch comité, het PR-comité en de raad van bestuur van Eurofuel. Eurofuel behartigt de belangen van de sector bij Europese instellingen en pleit voor een sectorvisie waarin koolstofarme en hernieuwbare vloeibare brandstoffen de CO2-uitstoot aanzienlijk zullen terugdringen.

Een belangrijk aandachtspunt is hoe emissies kunnen worden verminderd zonder de bestaande infrastructuur en functionerende verwarmingssystemen te moeten veranderen. Volgens Eurofuel moeten regelgevende beslissingen rekening houden met emissies, energie-efficientie, bevoorradingszekerheid en de specifieke kenmerken van bestaande gebouwen. Een belangrijk thema van de bijeenkomst was hernieuwbare vloeibare brandstoffen. Binnen Eurofuel wordt Finland beschouwd als een pionier in het gebruik van hernieuwbare vloeibare brandstoffen. HVO wordt er al op grote schaal gebruikt, terwijl andere landen nog proefprojecten uitvoeren of marktmodellen testen. Juist deze praktische ervaring maakte Finland bijzonder interessant voor de Eurofuel-bijeenkomst.

Bezoek aan de productiesite van Oilon/Lahti. Op deze foto zien we Johan Mattart, algemeen directeur van Brafco (6e van links), Moritz Bellingen, voorzitter van Eurofuel (4e van rechts) en Guido Saenen, technisch adviseur bij Brafco (1e van rechts).

In dit kader presenteerde Teemu Sarjovaara, hoofd productmanagement bij Neste, de huidige ontwikkelingen op het gebied van koolstofarme brandstoffen zoals HVO. Volgens Neste groeit de vraag naar hernieuwbare vloeibare energie in heel Europa aanzienlijk. Deze groei is met name sterk in de transportsector en voor vliegtuigbrandstoffen, maar ook in toenemende mate in de verwarmingsmarkt.

De Eurofuel delegatie kreeg er inzicht in oplossingen voor gebouwen, industrie en energievoorziening. Nieuwe brandertechnologieën en hybride energieoplossingen werden er gepresenteerd. Het bezoek aan Finland liet ook zien dat de transformatie van de verwarmingsmarkt niet alleen op politiek niveau plaatsvindt, maar ook in productontwikkeling, de industrie en praktische toepassingen. De bijeenkomst maakt het belang duidelijk van Europese samenwerking op het gebied van hernieuwbare vloeibare brandstoffen.

BEZOEK AAN OILON

IN LAHTI

Een ander onderdeel van het programma was een bezoek aan het Finse verwarmingstechnologiebedrijf Oilon in Lahti. Doel was meer te weten te komen over de activiteiten van het bedrijf op het gebied van verbrandingstechnologie en emissiearme energieoplossingen. Tijdens het bezoek maakten de leden van Eurofuel kennis met de onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten van het bedrijf, waaronder het werk op het gebied van schone verbrandingstechnologieën en toepassingen voor hernieuwbare brandstoffen. Er werd bijzondere aandacht besteed aan geavanceerde brandertechnologieën die zowel op conventionele als op hernieuwbare brandstoffen kunnen werken.

Werkbijeenkomst over HVO (v.l.n.r.):Teemu Sarjovaara, hoofd productmanagement Neste (Finland), Arto Hannula, Algemeen Directeur Heating Energy Association (Finland) en Federica Miano, Secretaris-Generaal Eurofuel (EU)
© Oilon/Marika Pitkänen

BtecCH bouwt aan de competenties van de toekomst

De jaarlijkse Algemene Vergadering van BtecCH op 2 juni jongstleden was een uitgelezen moment om de balans op te maken van de belangrijkste uitdagingen voor de sector en de strategische prioriteiten voor de toekomst.

In zijn openingstoespraak blikte Werner Neuville, General Manager BtecCH, terug op de belangrijkste gebeurtenissen van 2025 en ging hij dieper in op de projecten van BtecCH, waaronder kennisontwikkeling, opleiding, het versterken van de expertise binnen de sector en het nieuwe Experience Center. In het Experience Center, dat op 28 april door BtecCH, GO!4TECH en Syntra Brussel in Anderlecht werd geopend, staan praktijkgerichte opleidingen en technische innovatie rond duurzame energieoplossingen centraal. Het werd opgericht om de energietransitie concreet te ondersteunen door onderwijs, sector en professionals samen te brengen. In een realistische leeromgeving werken de deelnemers met reële installaties, waaronder warmtepompen en hybride systemen. Praktijkoefeningen, bijscholing en certificering staan centraal om de technische competenties te ontwikkelen die de markt vandaag nodig heeft.

Na afloop van het statutaire gedeelte van de vergadering hield Raf De Boeck (RTC Vlaanderen) een toespraak over de rol van de Regionale Technologische Centra (RTC) als ondersteuning voor technische, architecturale en beroepsscholen, ongeacht het onderwijsnet. De RTC’s zijn georganiseerd op provinciaal niveau en ondersteunen

zo’n honderd scholen in de regio. De belangrijkste doestelling is om innovatie in het onderwijs te bevorderen door de technologische ontwikkelingen in de industrie dichter bij de leerpraktijk te brengen. De RTC’s worden voornamelijk gefinancierd door de Vlaamse regering, met aanvullende steun van bedrijven, sectorfondsen en lokale overheden. Ze werken transversaal voor alle onderwijsnetten en leggen zich toe op arbeidsmarktgerichte opleidingen.

Isabelle Sobotka (Leefmilieu Brussel) gaf op haar beurt een presentatie over de Alliantie Renolution, een Brussels initiatief dat zich toelegt op de duurzame renovatie van het Brusselse gebouwenbestand. Dat bestaat grotendeels uit oude, energieverslindende panden, die vaak slecht geïsoleerd zijn (dat geldt voor 30 % van de daken in Brussel). In het Brussels Gewest is 75 % van de bewoners huurder, 55 % zijn woningen in mede-eigendom en 27 % van de huishoudens bevindt zich in een situatie van energiearmoede. De renovatielast rust vaak op de schouders van de eigenaars, terwijl de huurders de kosten ervan dragen. Onder de verantwoordelijkheid van een gewestelijke interministeriële stuurgroep en een gezamenlijk strategisch publiek-privaat comité wordt de Alliantie Renolution aangestuurd

door een operationele eenheid bestaande uit Leefmilieu Brussel, de gewestelijke overheidsdienst verantwoordelijk voor milieu en energie, Urban.brussels, verantwoordelijk voor stedenbouw en erfgoed, en Constructiv, de paritaire organisatie van de bouwsector. Het project steunt op twee pijlers: een sterk politiek engagement (via mandaten aan de administraties) en een samenwerking tussen verschillende actoren rond een gemeenschappelijke visie. Voor een goede werking van het project werden tal van thematische werkgroepen opgericht. De dynamiek van de Alliantie zal worden voortgezet, met een blijvende ambitie om de betrokken actoren te begeleiden en te ondersteunen, in het bijzonder de meest kwetsbare huishoudens.

Aansluitend vond een rondetafelgesprek plaats over het belang van samenwerking, kennisdeling en opleiding binnen de sector van installateurs van verwarmingsketels en warmtepompen. De diversiteit van de standpunten leidde tot verrijkende gesprekken en zal in de toekomst bijdragen tot een beter imago van de sector. De discussies maakten duidelijk dat door nauw samen te werken en kennis te delen de sector in staat zal zijn de uitdagingen aan te gaan en de kansen van morgen te grijpen.

Rondetafelgesprek met experts onder leiding van Werner Neuville, General Manager BtecCH (v.l.n.r.): Werner Neuville, Pieter Vielfont (GO!4TECH), Christophe Danlois (Leefmilieu Brussel), Raf De Boeck (RTC), Kris De Wit (Gas.be), Wouter Vaesen (Bouwunie) en Koen Muziek (CVO Brussel).

Breakpoint opent in Waregem zijn derde Foodstation met zijn STUT-concept

Na Antwerpen en Diegem breidt Breakpoint Foodstation nu uit naar Waregem. De nieuwe locatie, vlak bij de op- en afritten van de E17, combineert mobiliteit en food in een trendy totaalconcept.

Breakpoint Foodstation Waregem is veel meer dan gewoon maar een tank- of laadstation. Bezoekers vinden er een 7/7 geopende shop met ruime openingsuren en een gevarieerd aanbod aan foodconcepten, van ontbijt tot avondgerechten. Daarnaast zijn er tank- en snellaadfaciliteiten voor zowel wagens als trucks – alles op één locatie.

Het concept STUT met smakelijke en verse lunchgerechten bestaat dit jaar tien jaar en kiest voor een nieuwe thuis in Breakpoint Foodstation Waregem. Klanten mogen blijven rekenen op dezelfde STUT’jes, service en kwaliteit, maar nu in een moderner kader met meer zitplaatsen, een aangenaam terras, ruimere openingsuren en een ‘grab & go’-aanbod dat tegenwoordig erg in trek is bij al wie snel maar wel gezond wil lunchen.

Met de opening van ons derde Breakpoint Foodstation in Waregem zetten we opnieuw een belangrijke stap in de uitbouw van onze Energy Hubs: unieke plaatsen waar mobiliteit, energie en kwalitatieve foodbeleving samenkomen, vertelt Xavier Dewulf, CEO van G&V Energy Group.

Q8 opent in Luik zijn eerste ‘digitale foodmarket’ van

België

Q8 opent zijn allereerste ‘digitale foodmarket’ in het tankstation van Luik-Grétry. Klanten kunnen er via een bestelkiosk ter plaatse of online een uitgebreid aanbod aan vers bereide gerechten bestellen.

Met deze digitale foodmarket zet Q8 een nieuwe stap in zijn evolutie naar een duurzame mobiliteitsspeler met een breed shop- en foodserviceaanbod. De stations worden daar ook op afgestemd, met extra consumptie- en eetmogelijkheden.

Het Q8-station van Luik-Grétry werd uitgerust met een nieuwe slimme keuken van amper 4,5 m². Daar bereiden we premiumversies van populaire gerechten, zoals taco’s, crunchy chicken en ‘loaded crinkles’, krokante potato wedges met verschillende toppings, vertelt Sarah Pillen, Shop & Dealer Performance Manager bij Q8. De keuken is verbonden met een digitaal platform waarop klanten de gerechten kunnen bestellen, zowel via een digitale bestelkiosk in het station als online via bestelplatformen zoals Just Eat Takeaway.com, Uber Eats of Deliveroo. Alles wordt per fietskoerier aan huis, op kantoor of ergens onderweg geleverd.

De keuken is verbonden met een digitaal platform waarop de klanten kunnen bestellen.

Q8 verwacht dat dit uitgebreide aanbod de consument op meerdere momenten van de dag zal aantrekken. Bij Q8 in Denemarken is het concept al een groot succes. Daar zijn bij de locaties met een smart kitchen de inkomsten uit de foodservice in de loop van de eerste zes maanden verviervoudigd, aldus Sarah Pillen.

Waregem is nog maar net geopend en de bouw van een vierde en vijfde Foodstation langs de E17 in Marke zit al in de eindfase. Beide highway-locaties openen begin juli 2026 de deuren.

FULL SERVICES, THUIN

Groeien met behoud van het familiale karakter

In de sector van de energieverdeling heeft Full Services zich ontwikkeld tot een toonaangevende speler in Henegouwen en daarbuiten, met één duidelijke ambitie: een toegankelijke en kwalitatieve dienstverlening bieden die grote spelers niet altijd kunnen garanderen.

Het familiebedrijf uit Thuin werd vijfentwintig jaar geleden opgericht door Jean Fadel, na een loopbaan bij petroleummaatschappijen zoals SECA en Q8. In het begin hield Full Services zich voornamelijk bezig met handel. De bestellingen werden intern verwerkt, terwijl de leveringen werden uitbesteed aan andere verdelers. Vervolgens gooide het bedrijf het roer om met de opstart van logistieke activiteiten op het bedrijventerrein van Thuin. Door geleidelijk te investeren in eigen transportmiddelen en met de komst van de eerste tankwagen in 2008 kon Full Services zijn eigen dienstverlening uitbouwen. Grote bedrijven slaagden er niet in de service te bieden die wij voor ogen hadden, vertelt huidig CEO Jean Fadel (64).

Vandaag is de generatiewissel volop aan de gang. Jean Fadel bereidt stap voor stap de overdracht aan zijn kinderen voor. Isabelle (33), afgestudeerd in Human Resources, leidt de HRafdeling, terwijl Thomas (39), bio-ingenieur en afgestudeerd in bedrijfsmanagement, verantwoordelijk is voor de commerciële activiteiten, de marketing en de ontwikkeling van de bedrijfstakken pellets en houtenergie.

EEN OMVATTEND AANBOD

De historische kernactiviteit van Full Services blijft de verdeling van petroleumproducten, waaronder huisbrandolie, diesel voor wegtransport, professionele gasolie, benzine en AdBlue. Ongeveer 80% van het klantenbestand bestaat uit bedrijven, industriële ondernemingen, transportbedrijven en tankstations; de overige 20% zijn particuliere klanten.

Onder impuls van Thomas heeft Full Services zich sterk toegelegd op de pelletsector. Sinds 2018 levert het bedrijf pellets in bulk met een blaaswagen en sinds 2023 ook pellets op paletten. Het

Jean Fadel, oprichter van Full Services, samen met zijn kinderen Isabelle en Thomas, aan wie hij binnenkort de leiding van het bedrijf overdraagt.

bedrijf is exclusief verdeler van Badger Pellets in een uitgestrekte regio die het westen van België en het noorden van Frankrijk omvat. Het aanbod wordt aangevuld met de verkoop van brandhout, steenkool, houtskool, zout voor waterverzachters en een drive-in voor brandstoffen. Daarnaast beschikt Full Services over twee tankstations in eigen beheer in Thuin en Tamines.

STRAK GEREGELDE LOGISTIEKE PROCESSEN

Een van de bijzonderheden van Full Services is de keuze om een eigen merk uit te bouwen. Behalve voor de activiteiten rond Badger Pellets werkt het bedrijf hoofdzakelijk in eigen naam. Daardoor behoudt het een grote vrijheid in zijn bevoorrading en commerciële strategie. Full Services beschikt voor de levering van petroleumproducten

over negen tankwagens, vier tankaanhangwagens en een tankoplegger, en verder over twee blaaswagens voor de levering van pellets in bulk en een voertuig voor de levering van pellets op paletten. Ons succes is gebaseerd op de nauwkeurigheid van onze processen en op de efficiëntie van onze ondersteunende diensten – aankoop, orderbeheer, dispatching, boekhouding, human ressources enz. – die op groepsniveau zijn georganiseerd en ten dienste staan van al onze bedrijven, benadrukt Thomas Fadel.

Daarnaast heeft Full Services ook samenwerkingsverbanden opgezet met andere verdelers in heel België. We zijn bovendien voortdurend op zoek naar nieuwe lokale partners om onze industriële klanten overal optimaal te kunnen bedienen, vervolgt Thomas.

DIGITALE TOOLS

Hoewel Full Services veel belang blijft hechten aan persoonlijk contact, investeert het bedrijf sterk in digitale tools om zijn dienstverlening aan de klant verder te verbeteren. Via de website kunnen klanten vandaag producten bekijken, prijzen aanvragen, online bestellingen plaatsen en veilig betalen. De online bestelmogelijkheid, die eind 2023 werd gelanceerd, kent een groeiend succes, vooral bij particulieren die het waarderen ook buiten de kantooruren bestellingen te kunnen plaatsen.

Het bedrijf ontwikkelde daarnaast verschillende innovatieve tools. Geconnecteerde sondes op bepaalde opslagtanks maken het mogelijk de voorraad op afstand te volgen, voorraadonderbrekingen te voorkomen en leveringsrondes efficiënter te plannen. Een verbruikssimulator helpt klanten hun behoeften beter in te schatten en het risico op een lege tank te beperken.

Ook communicatie krijgt veel aandacht. Naast de eigen website is Full Services actief op Facebook, Instagram en LinkedIn. Het bedrijf verstuurt regelmatig nieuwsbrieven, neemt deel aan vakbeurzen, ondersteunt tal van lokale initiatieven en organiseert ieder jaar opendeurdagen waarbij klanten een blik achter de schermen kunnen werpen. De meest recente editie, op 30 mei, trok zo'n 300 klanten.

PRAGMATISCHE AANPAK

Full Services pleit voor een pragmatische aanpak van de energietransitie. Er werden al verschillende investeringen gerealiseerd: in zonnepanelen, de modernisering van de gebouwen, de

digitalisering van de leveringsrondes en de verbetering van de energie-efficiëntie van de infrastructuur. Het doel is om de ecologische voetafdruk te verkleinen zonder in te boeten op de dienstverlening.

Het bedrijf volgt ook de evolutie van de biobrandstoffen, HVO, synthetische brandstoffen, waterstof en andere opkomende technologieën op de voet. Volgens Thomas Fadel vormen pellets vandaag al een steekhoudende oplossing in veel situaties: Zaagsel is uitgegroeid tot een essentiële en ruim beschikbare grondstof voor de productie van pellets, die een volwaardig alternatief vormen voor verwarming op fossiele brandstoffen.

Full Services levert aan heel wat werven.
Als exclusief verdeler van Badger Pellets levert Full Services pellets zowel in bulk met een blaaswagen als op paletten.

INTEGRATIE VAN AI

Net als veel andere kmo's staat ook Full Services voor verschillende grote uitdagingen: de schommelende energieprijzen, complexe regelgeving, hoge investeringskosten, de moeilijke zoektocht naar chauffeurs en de snelle technologische evolutie. We hebben onlangs onze volledige IT-infrastructuur gereorganiseerd zodat we op het gewenste moment artificiële intelligentie kunnen integreren. We moeten immers mee met de tijd en competitief blijven ten opzichte van operatoren die fuseren, argumenteert Thomas. Maar ondanks die uitdagingen blijven er veel redenen tot tevredenheid: de trouw van klanten die vaak al meerdere generaties bij ons zijn, snel kunnen optreden bij noodgevallen en de trots om een familiebedrijf verder uit te bouwen zijn stuk voor stuk belangrijke drijfveren.

Betrouwbare energie, op het juiste moment

Voor Full Services zal de toekomst van verwarming en mobiliteit niet afhangen van één enkele technologie. Het bedrijf gelooft in een energiemix die koolstofarme vloeibare brandstoffen, elektriciteit, biomassa en hybride oplossingen combineert. Maar los van de technologische evoluties wil Full Services vooral behouden wat het bedrijf sinds zijn oprichting karakteriseert: de nabijheid tot zijn klanten. Of zoals Thomas het samenvat: Technologieën kunnen veranderen, maar onze prioriteit blijft dezelfde: betrouwbare energie leveren op het juiste moment, met een menselijke, snelle en professionele service. Onze ambitie is om verder te groeien zonder ons familiale karakter, onze lokale verankering en onze nabijheid tot de klanten te verliezen.

De drive-in van Full Services is voornamelijk bestemd voor de verkoop van pellets, brandhout en zout voor waterverzachters.

Nieuwe tarieven op 1 juli 2026

Sinds woensdag 1 juli gelden nieuwe tarieven voor de kilometerheffing. Het Vlaams Gewest voert een nieuwe parameter CO2-emissieklasse in.

• Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest: de tarieven worden aangepast aan de index.

• Voor Vlaanderen: een toeslag voor CO2uitstoot wordt op de tarieven toegepast volgens de CO2-emissieklasse van het voertuig.

• Voor Wallonië (SOFICO): een aanpassing van de tarieven overeenkomstig de beslissing van de raad van bestuur van SOFICO van 28 november 2025, goedgekeurd op 2 april 2026 door de Waalse Regering.

TOESLAG VOOR DE CO2-UITSTOOT

De nieuwe parameter CO2-emissieklasse die in Vlaanderen op 1 juli 2026 werd ingevoerd, volgt uit de Europese verplichting (die al van kracht is in verschillende Europese landen, met name Duitsland, Oostenrijk en Denemarken). Ze heeft tot doel de vergroening van het wagenpark verder te stimuleren.

Hoe minder koolstofdioxide (CO2) het voertuig uitstoot, hoe beter dit is voor het milieu, en hoe lager het verschuldigde tarief is. Er zijn 5 CO2 -emissieklassen: klasse 1 is het minst milieuvriendelijk en klasse 5 het meest.

*Brussels binnenstedelijk gebied = alle wegen die geen autosnelwegen zijn. ©Viapass ed. 01.07.2026 1

3

4

Alle gebruikers moeten hun CO2-emissieklasse als nieuwe parameter registreren.

HOE MOET DE CO2-EMISSIEKLASSE VAN EEN VOERTUIG WORDEN BEPAALD?

• In het algemeen krijgen voertuigen die vóór 1 juli 2019 voor het eerst werden ingeschreven automatisch CO2-emissieklasse 1 toegewezen. Vandaag heeft 93% van de voertuigen CO2-emissieklasse 1.

• CO2-emissieklasse 5 is exclusief voorbehouden voor voertuigen met nuluitstoot (ZEV).

• Via de calculator op de website van Viapass en met behulp van het inschrijvingsbewijs, het klantinformatiedossier (Customer Information

File, CIF) en het certificaat van gelijkvormigheid (Certificate of Conformity, CoC).

WELKE PROCEDURE MOET WORDEN GEVOLGD ZODRA DE KLASSE IS VASTGESTELD?

• De gebruiker moet de parameters van zijn OBU aanpassen.

• Viapass heeft niet de mogelijkheid om deze parameters voor de gebruiker te wijzigen; de gebruiker moet hiervoor contact opnemen met zijn dienstverlener.

• De procedure om de parameters aan te passen kan verschillen van dienstverlener tot dienstverlener, hetzij via een klantenplatform, hetzij door contact op te nemen met de dienstverlener.

• Via de CO2-emissieklassecalculator op de website van Viapass kan de gebruiker een document ontvangen met een overzicht van de verstrekte informatie en de daaruit voortvloeiende CO2-klasse. Dat document kan worden overhandigd aan de dienstverlener om de OBU-instellingen bij te werken. Indien een bewijs moet worden geleverd, moet de gebruiker de aanvullende vereiste documenten aan de dienstverlener bezorgen.

Tarieven kilometerheffing 2026 (in €/km)

Vakbekwaamheid (code 95)

Chauffeurs met een rijbewijs C of CE moeten om de 5 jaar 5 erkende opleidingen van ten minste 7 uur (samen 35 kredieturen) hebben gevolgd om hun rijbewijs te verlengen.

Ukan bij Brafco terecht voor deze cursussen “vakbekwaamheid”. Brafco werkt hiervoor samen met erkende externe opleidingspartners. Deelnemers aan de opleidingsmodules ontvangen een getuigschrift van nascholing en 7 kredietpunten.

Sinds de inwerkingtreding van het KB van 10 januari 2013 moeten de betrokken chauffeurs ten minste één module volgen in elk van de volgende 3 categorieën:

I. Nascholing in rationeel rijden (dit zijn o.m. cursussen stuwing- en ladingzekering, economisch rijden…)

II. Toepassing van de voorschriften (dit zijn o.m. cursussen ADR, rij- en rusttijden, vervoerdocumenten, tachograaf…)

III. Gezondheid, verkeers- en milieuveiligheid, dienstverlening (dit zijn o.a. cursussen ongevalsaangifte, EHBO, conflictbeheer, communicatie, agressiviteit…)

Het KB preciseert dat minstens één van de modules moet handelen over defensief en zuinig (economisch) rijden, die ten minste 3 uur praktisch rijonderricht bevat.

De prijzen verschillen naargelang de opleidingsmodule. In de prijs zijn inbegrepen: syllabus, drank- en koffiepauze en een broodjeslunch. De opleidingen komen in aanmerking voor een subsidie van 50% door de Vlaamse overheid via de kmo-portefeuille.

ADR-cursussen

Brafco organiseert zelf ADR-cursussen en werkt ook samen met erkende externe opleidingspartners.

U kan bij ons terecht voor initiële en bijscholingsopleidingen voor zowel colli, tank als vloeibare brandstoffen.

De volgende ADR-bijscholingscursus “Vloeibare brandstoffen” zal doorgaan in Jabbeke, op 23 en 30 januari 2027. Deze cursus “Vloeibare brandstoffen” kan ook als initiële ADR-opleiding gevolgd worden door chauffeurs die nog geen ADR-getuigschrift hebben of waarvan het getuigschrift vervallen is. Voor deze personen is een bijkomende praktijkopleiding van 4 uur voorzien, die zal doorgaan op een nog later te bepalen datum.

U kan uzelf of een medewerker inschrijven voor een ADR-opleiding via https://www.brafco.be/nl/opleidingen.

Sinds 1 januari 2024 is het ADR-examen niet langer schriftelijk maar digitaal in Vlaanderen

Sinds 1 januari 2024 verlopen de ADR-examens in Vlaanderen digitaal (op computer) en kunnen chauffeurs zelf kiezen wanneer ze hun examen afleggen. Ze kunnen daarvoor terecht bij een van de 16 erkende examencentra van GOCA Vlaanderen. Het examen kan van maandag t.e.m. vrijdag plaatsvinden (en dus niet meer op zaterdag) tijdens een vooraf te reserveren tijdsslot. Het is belangrijk dat kandidaten zich op voorhand inschrijven om aan het examen deel te nemen.

Aan het examen zelf verandert er niets. Het blijft een openboekexamen dat per categorie 90 minuten duurt. Examinandi die dit wensen kunnen nog steeds het examen schriftelijk afleggen, doch dit kan enkel op zaterdag in de kantoren van het ITLB. Geïnteresseerden dienen dit vooraf te melden bij de instantie waar zij de opleiding volgen.

ADR-veiligheidsadviseur

NIEUW: tussenkomst in

de kosten van de initiële ADR-opleiding van nieuwe chauffeurs !

Werkgevers die ressorteren onder het Paritair Comité 127 kunnen onder bepaalde voorwaarden aanspraak maken op een forfaitaire tussenkomst van € 500 van het Sociaal Fonds voor de kosten van de initiële ADR-opleiding (en bijhorend examen) van “nieuwe” werknemers. (Zie www.brafco.be e Nieuws e Sociale zaken).

GE ZOC H T VOO R E XPOR T:

Tankwagens en tankopleggers voor LPG, diesel, benzine, olie, bitumen, chemische stoffen, levensmiddelen, cement en bulkopleggers. Aankoop trekkers en ander rollend materieel.

Materiaal te koop of een overname?

BEL VANDAAG!!!

G SM +32 (0)475-60 12 43

E - mai l : detrucks@telenet.be

w w w t a n kwagens. c o m

Zoekt u een externe ADR-veiligheidsadviseur? Neem contact op met de Federatie!

Maak voor de opleidingen vakbekwaamheid

en ADR gebruik van de kmo-portefeuille!

Hoeveel steun u krijgt, is afhankelijk van de grootte van uw onderneming. De steun is beperkt tot een bepaald maximumbedrag dat u jaarlijks kan opnemen. U kan vrij kiezen of u dat bedrag inzet voor advies of opleiding of voor een combinatie van beide. De kosten die in aanmerking komen voor subsidie via de kmo-portefeuille zijn altijd exclusief btw

Kleine ondernemingen Steun 30%, maximaal 7.500 euro Middelgrote ondernemingen Steun 20%, maximaal 7.500 euro

Voor een overzicht van de aangeboden opleidingen kan u best contact opnemen met Naziha Boulben. Tel.: 02/213.14.12, naziha.boulben@brafco.be. U geeft aan waar u en/of uw chauffeur(s) een opleiding wenst/wensen te volgen en u ontvangt een overzicht van de mogelijkheden! i

www.brafco. be

Met de dealer locator vinden consumenten die op zoek zijn naar een handelaar nu ook de naam van uw bedrijf in alle gemeentes waar u levert.

HOE WERKT HET?

Ga naar “Ledenportaal”  “Mijn account”  “Vestigingen”  “Vestiging bewerken”  “Selecteren” (om een postcode toe te voegen).

U kan individuele postcodes toevoegen en/of postcodebereiken selecteren door op “bereik” te klikken. Klik elke keer op “Item toevoegen” en helemaal aan het einde op “Opslaan”.

Zie ook de verklarende nota “Postcodes aanpassen voor vestigingen” in de rubriek “Documenten” op de website.

Gewoon even de gegevens in uw account aanvullen!

BRAFCO

Arbeiders in de sector hebben recht op ecocheques in juli

Werkgevers die ressorteren onder het Paritair Comité voor de Handel in Brandstoffen (PC 127) zijn verplicht om in de loop van de maand juli ecocheques toe te kennen aan hun arbeiders.

Voor de berekening van het recht op ecocheques wordt rekening gehouden met de referteperiode van 1 juli 2025 tot en met 30 juni 2026. Werknemers die gedurende deze ganse periode voltijds in dienst waren, kunnen aanspraak maken op het maximumbedrag van 250 euro

Arbeiders die deeltijds werken of die in de loop van de referteperiode in of uit dienst zijn getreden, hebben recht op een gedeelte van dit bedrag:

• Vanaf 4/5de tewerkstelling: € 250

• Vanaf 3/5de tewerkstelling: € 200

• Vanaf 1/2de tewerkstelling: € 150

• Minder dan 1/2de tewerkstelling: € 100

• Onvolledige tewerkstelling: € 20 per volledige maand tewerkstelling

De ecocheques moeten in de loop van de maand juli ter beschikking worden gesteld en blijven 24 maanden geldig vanaf de datum van uitgifte. De toekenning kan enkel elektronisch gebeuren (geen papieren cheques meer).

WAARVOOR KUNNEN ECOCHEQUES WORDEN GEBRUIKT?

Ecocheques kunnen als betaalmiddel worden ingezet voor de aankoop van een brede waaier aan producten en diensten met een ecologische meerwaarde.

Met ecocheques kunnen arbeiders goederen en diensten van ecologische aard aankopen. Deze worden opgesomd in een officiële lijst

De officiële lijst omvat onder meer:

• Ecologische producten en diensten

• Duurzame mobiliteit en vrije tijd

• Hergebruik, recyclage en afvalpreventie

• Korte keten

Meer informatie en de volledige lijst van toegelaten producten en diensten is te vinden op de volgende website: https://werk.belgie.be/nl/ themas/verloning/ecocheques.

Als lid van Brafco ontvangt u het vakblad Brandstoffen. Wenst u een of meer bijkomende abonnementen voor uzelf of voor uw medewerkers? Dat kan, tegen een zeer interessante prijs:

Ter herinnering: niet-leden betalen 95 euro (excl. btw) voor een abonnement. Interesse?

Nieuwe arbeidsrechtelijke maatregelen vanaf 1 juni 2026

Op 1 juni 2026 werden verschillende maatregelen uit het federale regeerakkoord gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Voor werkgevers in het Paritair Comité voor de Handel in Brandstoffen (PC 127) zijn vooral de volgende wijzigingen van belang…

NACHTARBEID

Nachtarbeid blijft gedefinieerd als arbeid gepresteerd tussen 20 en 6 uur, maar het algemeen verbod op nachtarbeid wordt opgeheven. Voor 14 sectoren (waaronder de sector van de brandstoffenhandel en -distributie) geldt er een afwijkende definitie van nachtarbeid. Voor nieuwe werknemers (die vanaf 1 juni 2026 in dienst treden) kunnen eventuele nachtpremies worden beperkt voor prestaties tussen 23u en 6u. Voor werknemers die vóór 1 juni 2026 in dienst traden blijven de bestaande nachtpremies gelden voor prestaties tussen 20 en 6 uur. Daarnaast worden de procedures voor de invoering van nachtarbeid vereenvoudigd.

VRIJWILLIGE OVERUREN

Sinds 1 april 2026 geldt een nieuw structureel stelsel van vrijwillige overuren. Werknemers kunnen voortaan tot 360 vrijwillige overuren per kalenderjaar presteren, zonder motief en zonder verplichte inhaalrust. Deze uren tellen bovendien niet mee voor de interne grens van de arbeidsduur.

Van deze 360 uren zijn er 240 waarvoor geen overloon, RSZ-bijdragen of personenbelasting verschuldigd zijn.

Het schriftelijk akkoord tussen werkgever en werknemer wordt voortaan voor één jaar gesloten en wordt, behoudens opzegging, automatisch verlengd.

Voor deeltijdse werknemers gelden bijkomende voorwaarden: vrijwillige overuren zijn enkel mogelijk bij een tijdelijke vermeerdering van werk en wanneer de werknemer reeds minstens drie jaar deeltijds werkt.

BEPERKING VAN DE OPZEGTERMIJN

Voor arbeidsovereenkomsten die starten vanaf 1 juni 2026 wordt de maximale opzegtermijn bij ontslag door de werkgever begrensd op 52 weken. Deze plafonnering geldt enkel voor nieuwe arbeidsovereenkomsten; voor bestaande contracten blijven de huidige regels van toepassing. Voor arbeidsovereenkomsten die na 1 augustus 2026 aanvangen, bedraagt de opzegtermijn gedurende de eerste zes maand van de arbeidsovereenkomst één week. Dit, zowel bij ontslag door de werkgever als bij een ontslag door de werknemer. De opzegtermijn vangt aan de maandag nadat het ontslag betekend werd.

Meer informatie over deze maatregelen vindt u op de website van de FOD WASO via: https://werk.belgie.be/nl/news/modernisering-vanhet-arbeidsrecht-vanaf-1-juni-2026-nieuwe-maatregelen-dieuitvoering-geven

Voor de concrete toepassing binnen uw onderneming kunt u eveneens terecht bij uw sociaal secretariaat.

Werknemers kunnen voortaan tot 360 vrijwillige overuren per kalenderjaar presteren, zonder motief en zonder verplichte inhaalrust.

Flexi-jobs uitgebreid naar alle sectoren Wat betekent dit voor u?

De federale wetgever heeft de uitbreiding van het systeem van flexi-jobs naar alle sectoren goedgekeurd. Sinds 1 juli 2026 kunnen in principe alle ondernemingen flexi-jobwerknemers inzetten.

Voor de brandstoffendistributiesector betekent dit dat flexi-jobs ook toegestaan worden, maar steeds binnen het wettelijk kader én de collectieve arbeidsovereenkomst (cao) van het Paritair Comité 127.

SECTORALE CAO BLIJFT BEPALEND

De sectorale cao bepaalt de concrete spelregels voor de inzet van flexi-jobbers in de sector. Daarbij gelden onder meer volgende principes:

• flexi-jobbers mogen enkel aanvullend worden ingezet (niet ter vervanging van vaste werknemers);

• geen inzet van flexi-jobbers voor functies waarvoor gelijktijdig economische werkloosheid wordt ingeroepen;

• behoud van het bestaande personeelsbestand;

• uitsluiting van flexi-jobbers van sectorale sociale voordelen via het Sociaal Fonds.

Aspect Werknemers

Toelatingsvoorwaarde Minstens 4/5 tewerkstelling bij een andere werkgever

Gepensioneerden

Volledig gepensioneerd

Fiscale vrijstelling Tot €18.000 per jaar Geen standaard inkomensplafond zoals actieve werknemers

Sectorale voordelen Uitgesloten

Deze bepalingen blijven essentieel in de sectorale toepassing.

BELANGRIJK VERSCHIL: WERKNEMERS VS. GEPENSIONEERDEN

De wetgeving maakt een duidelijk onderscheid tussen flexi-jobbers die minstens 4/5 werken en gepensioneerden. Dit heeft gevolgen voor

Uitgesloten

de toelatingsvoorwaarden en de fiscale behandeling.

NIEUWE REGELS EN PRAKTISCHE CONTROLE

Werknemers kunnen hun statuut en hun recht op een flexi-job eenvoudig nagaan via MyCareer (mycareer.be). Deze officiële toepassing laat op basis van de sociale zekerheidsgegevens zien of iemand voldoet aan de voorwaarden om als flexi-jobber aan de slag te gaan.

BELANGRIJK OM TE WETEN

De sectorale collectieve arbeidsovereenkomst trad op 1 juli 2026 in werking, gelijktijdig met de nieuwe federale regeling.

Voor de concrete toepassing van de flexi-jobregeling binnen de onderneming kunnen werkgevers steeds beroep doen op hun sociaal secretariaat voor advies en administratieve ondersteuning.

Werknemers kunnen hun statuut en hun recht op een flexi-job eenvoudig nagaan via MyCareer (mycareer.be).

Schrijf uw chauffeurs in voor de gratis opleiding ‘Coach op de werkvloer’!

Het belang van opleidingen blijft toenemen. Ervaren werknemers spelen een belangrijke rol in het doorgeven van praktijkkennis aan nieuwe collega’s. Tijdens de gratis opleiding ‘Coach op de werkvloer’ leert een ervaren chauffeur de nodige vaardigheden om nieuwe medewerkers op te leiden op de werkvloer.

WAT LEERT EEN WERKNEMER TIJDENS DE OPLEIDING?

• Feedback geven en krijgen op een constructieve manier

• (Nieuwe) collega’s helpen met hun ontwikkeling

• De verschillende rollen binnen een team identificeren

• Drijfveren van motivatie herkennen

• Dynamieken en conflicten binnen een team herkennen

PRAKTISCHE INFORMATIE

De opleiding ‘Coach op de werkvloer’ is geschikt voor ervaren werknemers of zaakvoerders die nieuwe collega’s opleiden. De opleiding vindt plaats op dinsdag 22 september 2026 in het Nederlands en op vrijdag 18 september 2026 in het Frans, telkens van 8u30 tot 16u in Brussel.

• Inschrijven is gratis en kan tot twee weken voor de opleiding plaatsvindt. Bij annulatie minder dan 5 werkdagen voor de opleiding, zien wij ons wel genoodzaakt om de totale kost per deelnemer aan te rekenen.

• Meer informatie en het inschrijvingsformulier vindt u op de website van het Sociaal Fonds via fonds127.be/nl/kalender

De opleiding ‘Coach op de werkvloer’ is geschikt voor ervaren werknemers of zaakvoerders die nieuwe collega’s opleiden.

Compensatiedagen en sociale voordelen eenvoudig online raadpleegbaar

Werknemers die ressorteren onder het PC 127 kunnen hun compensatiedagen eenvoudig online raadplegen via het digitale platform La Fontaine online.

HOE WERKT HET?

Werknemers hebben automatisch toegang tot het platform door elektronisch in te loggen met een ID-reader of via ITSME. Dankzij een handleiding kunnen zij het digitaal platform vlot gebruiken.

Op het platform vinden zij onder meer informatie over uitbetaalde compensatiedagen, eindejaarspremies, syndicale premies en andere sociale voordelen. Daarnaast kunnen ze via een handige uitbetalingskalender op elk moment nagaan wanneer hun opgenomen compensatiedagen worden uitbetaald.

HEEFT U ALS WERKGEVER NOG GEEN TOEGANG

TOT ‘LA FONTAINE ONLINE’?

Om als werkgever toegang te krijgen tot het platform, vult u het aanvraagformulier in met hierop uw rijkregisternummer of dat van een medewerker. Het Sociaal Fonds verwerkt deze gegevens en stuurt u hiervan een bevestiging.

https://fonds127.be/nl/het-fonds/la-fontaine-online

SKB verkent Rijsel ...

In de vroege ochtend van zaterdag 18 april was het voor een select gezelschap van West- en Oost-Vlaamse brandstoffenhandelaars verzamelen geblazen in Brugge en Kortrijk, waar een autocar hen naar Rijsel (Lille), de hoofdstad van Frans-Vlaanderen en van de regio Hauts-de-France, zou brengen.

Bij aankomst werden de deelnemers verwend met een stevig ontbijt in het imposante hotel Couvent des Minimes, een voormalig klooster uit de 17e eeuw. Ondanks het minder goede weer werden heel wat kilometers afgestapt, dit onder begeleiding van twee gidsen

die de deelnemers hun kennis over ‘de meest Vlaamse van alle Franse steden, en de meest Franse van alle Vlaamse steden’ overbrachten. De stad is inderdaad een prachtige combinatie van Vlaamse en Franse geschiedenis en bouwstijlen.

Om de talrijke bezienswaardigheden van de geboortestad van generaal de Gaulle (naar wie het centrale plein is genoemd) te bezichtigen, had het weekend een dagje langer mogen duren.

Na een afsluitend etentje in een typisch Siciliaans restaurant keerde het gezelschap tevreden en voldaan terug huiswaarts. Iedereen was het er over eens dat SKB-voorzitter Koen Roose en zijn “ad hoc assistenten”, Katrien Verstraete en Jan Dauw, de uitstap tot in de puntjes hadden voorbereid. “Dit smaakt naar meer” ... was dan ook van veel gezichten af te lezen.

ASYP organiseert seminarie in … Wenen !

Na Toscane vorig jaar, was Wenen de reisbestemming voor het elfde symposium op buitenlandse bodem dat de Antwerpse beroepsvereniging ASYP begin mei organiseerde.

In de vroege ochtend van 1 mei hadden voorzitter Fons Lambaerts en secretaris Tom Hofmans verzamelen geblazen in de luchthaven van Zaventem. Enkele uren later landde de zesentwintig leden tellende ASYPdelegatie in Wenen, de hoofdstad van Oostenrijk en hét culturele centrum van het land.

Op het seminarie kwamen zeer uiteenlopende zaken aan bod. Gespreksonderwerp 1 was – hoeft het te verbazen? – de blokkade van de Straat van Hormuz en de impact hiervan op de petroleumprijzen. Verder werd ruim aandacht besteed aan de energiemaatregelen in het Fit-for-55 pakket van de Europese Commissie en de door de federale regering beoogde taxshift, die na verschillende malen te zijn uitgesteld, op 1 augustus e.k. wordt doorgevoerd.

Daarnaast werd ook tijd vrijgemaakt voor een flinke dosis cultuur. Zo werd een bezoek gebracht

aan het Hofburgpaleis. Daarna ging het richting Spaanse Rijschool, waar een ochtendtraining met de wereldberoemde witte Lipizzaner paarden werd bijgewoond. Verder werd een bezoek gebracht aan het Spittelberg District, het imposante paleizencomplex Belvedere, en de Gasometer. Een avondconcert, uitgevoerd door topmusici in

een van de mooiste concertzalen ter wereld, vormde voor de deelnemers een onvergetelijke culturele ervaring.

Het driedaagse symposium was dan ook voor zowel de organisatoren als de deelnemers op alle vlakken andermaal een voltreffer.

De leden van ASYP verenigd in Wenen voor hun elfde symposium, in het teken van de energie-uitdagingen en culturele ontdekkingen.
Handelaars uit Oost- en West-Vlaanderen die gewonnen zijn voor de historische en culturele rijkdom van de Vlaamse hoofdstad van de regio Hauts-de-France.

De woordvoerders van Brafco staan de pers te woord

De afgelopen maanden deelden de woordvoerders van Brafco in verschillende media hun expertise om de gevolgen uit te leggen van de geopolitieke spanningen op de prijzen van (motor)brandstoffen. Hun analyses gaven meer inzicht in de marktmechanismen en de uitdagingen waarmee zowel professionals als consumenten worden geconfronteerd.

HET LAATSTE NIEUWS- 19 MEI 2026

Komen de brandstofprijzen van voor de crisis nog terug? Dat is volgens Johan Mattart niet uitgesloten: “Vorig jaar lag de prijs ook gemiddeld lager dan de recordprijzen van daarvoor. Zodra het conflict is opgelost, is het aannemelijk dat we opnieuw naar het normale prijsniveau gaan van voor 28 februari, toen de VS de aanval op Iran inzette. Bij een oplossing zullen de prijzen aan de pomp pijlsnel dalen, veel sneller dan dat ze de voorbije maanden stegen.”

LA LIBRE- 20 MEI 2026

De Brent-koers lijkt zich de afgelopen dagen te stabiliseren rond de $ 110, hetzij $ 40 meer dan vóór de crisis. Moeten we vrezen dat dit record binnenkort gaat sneuvelen? “Ik heb geen glazen bol, maar net als sinds het begin van de crisis is de Straat van Hormuz (n.v.d.r.: door Iran afgesloten sinds de eerste Amerikaanse aanvallen) het belangrijkste knelpunt”, aldus Vincent Orts. De situatie ter plaatse is nog steeds zeer gespannen. Er was weliswaar een lichte daling van de Brent-koers omdat de betrekkingen tussen China en de VS leken te zijn verbeterd met het bezoek van de Amerikaanse president aan Peking, maar deze betrekkingen blijven fragiel.”

RTL TVI - 30 MEI 2026

Volgens Sofico, de beheerder van de Waalse snelwegen en gewestwegen, is het aantal dagelijks afgelegde kilometers op de Waalse wegen tussen maart en april met 7,1 % gedaald. Ondanks deze ogenschijnlijke afname van het autogebruik tonen de cijfers van de FOD Economie een omgekeerde evolutie wat betreft de brandstofverkoop. In april 2026 werd in België 40,9 miljoen liter meer brandstof verbruikt dan in dezelfde periode vorig jaar. Die stijging is niet te verklaren door een toename van het Belgische verkeer, maar door een bekend fenomeen in de grensregio’s: het tanktoerisme. Emmanuel Cécille legt uit: “De benzineprijzen in België zijn minder gestegen dan in onze buurlanden zoals Frankrijk, Duitsland of Nederland. Daardoor kwamen automobilisten uit die landen in België tanken.” Die aantrekkingskracht is met name te verklaren door het systeem van de Programmaovereenkomst. Door dit mechanisme worden prijsstijgingen sterker gereguleerd dan elders, waardoor Belgische tankstations voor de consument interessanter zijn dan die in onze buurlanden.

L’AVENIR – 18 JUNI 2026

Zou de prijs van een vat Brent weer in de buurt van de $ 71 komen, zoals vóór de oorlog? Er is echter een groot minpunt: de transportkosten. “De risicopremies van de bevrachters spelen ook een rol bij de prijs per vat”, legt Vincent Orts uit. “Zolang de Straat van Hormuz gesloten was, was die premie vrij hoog. Nu kunnen we hopen dat de situatie weer normaal wordt en dat het vertrouwen in de maritieme veiligheid terugkeert. Hoe dan ook vermindert de heropening van de Straat van Hormuz de onzekerheid voor de transporteurs en zo komt ook de verzekeringsmarkt weer tot bedaren, wat zal leiden tot een verlaging van de risicopremie.”

MOBILITY ENERGY - JUNI 2026

“Deze crisis is erger dan die van 2022”, legt Johan Mattart uit. “Toen Rusland Oekraïne binnenviel, werd de K-factor een zestal dagen geactiveerd. In maart van dit jaar, bij het begin van het conflict in het Midden-Oosten, bleef die 18 opeenvolgende dagen geactiveerd. Dat heeft tot veel moeilijkheden geleid, want als de K-Factor boven de drempel van 1,2 gaat, worden de CIF-prijzen, die de basis vormen waarop de maximumprijzen worden berekend, kunstmatig verlaagd. Zo bedroeg de K-factor op 11 maart 1,3847, wat leidde tot een neerwaartse aanpassing van de CIF-prijs met 13,30%. Hierdoor werd (voor diesel) 18,40 euro per kubieke meter distributiemarge opgeofferd. Het gevolg was dat de aankoopprijs voor de pomphouder hoger was dan de maximumprijs waartegen hij het product mocht verkopen.”

Johan Mattart in Mobility Energy.
Emmanuel Cécille in een interview voor RTL-TVI.
Vincent Orts bij de RTBF.

Om zoekertjes te laten verschijnen in de volgende editie van Brandstoffen (september-oktober 2026), kan u het formulier gebruiken dat u vindt op pagina 46 van onze uitgave van september-oktober 2025.

Graaddagen

Wij helpen jouw klanten met het betalen van hun energierekening

→ ONTDEK ONZE WEBSITE

mét simulatiemodule, brandstofprijzen en getuigenissen.

Meer info: www.verwarmingsfonds.be

→ FOLDERS

Bestel jouw exemplaren via onze website.

P.S.: Vergeet niet om ook de syndici van appartementsgebouwen te informeren.

We hebben allemaal recht op een warme thuis, toch? ZOEKERTJES

Vergelijking van de laatste drie mobiele jaren met de norm* (graaddagen 15/15, station Ukkel)

* De norm is het gemiddelde van de graaddagen berekend in Ukkel tussen 1833 en 1979

Maand Normaal jaar Jaar 2023/2024 Jaar

STATISTIEKEN

Contacteer ons voor meer info:

▶ Verkoop nieuwe & tweedehandse ADR voertuigen

▶ Aankoop en overname van uw ADR tankwagen voor internationale export

▶ 25 jaar ervaring in aankoopadvies en technische ondersteuning

Bezoek onze showparking

Kanaalstraat 8, 3560 Lummen

Jean-François Riche

+32 (0)475 61 83 22

jfr@tvw-fueltrucks.com www.tvw-fueltrucks.com

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
BRAFCO_0726_book_NL_ISSUU by vincentorts - Issuu