februari 2016 – nummer 1067 – jaargang 93
Ouderlingen blad voor Pastoraat en Gemeenteopbouw
Thema: Pasen vieren
RICHARD VISSINGA
Pasen valt vroeg dit jaar, net als de voorbereidingstijd van veertig dagen op dit grote feest. Meer nog dan de adventstijd zijn deze weken de eeuwen door beleefd als een intense periode van voorbereiding, die gekenmerkt werd en wordt door boetedoening, inkeer en vasten. Al vroeg in haar bestaan werden door de kerk deze zes weken gebruikt voor een gedegen inleiding in de geheimen van het christelijk geloof. Deze catecheseperiode vond haar hoogtepunt in de viering van de Paasnacht, waarin de overgang van donker naar licht en van dood naar leven in de opstanding van Jezus centraal stond. Er was (en is) geen beter moment denkbaar om gedoopt te worden dan deze Paasnacht. De doop is immers geen vertederend ritueel van dankbaarheid en behoefte aan bescherming, maar niet minder dan de uitdrukking van het verbonden zijn met Jezus op leven en dood. De apostel Paulus benadrukt in Romeinen 6 dat ‘wij die gedoopt zijn in Christus Jezus in zijn dood gedoopt zijn... Als wij delen in zijn doop, zullen wij ook delen in zijn opstanding’ (vers 3 en 5). Daarom werden de geloofsleerlingen in deze nacht van dood en opstanding van onze Heer gedoopt. En af en toe gebeurt dat in onze tijd opnieuw, dopen en gedoopt worden in de Paasnacht. Wie dat meemaakte weet hoe indrukwekkend dat kan zijn. Het themanummer van deze maand verschijnt niet
Ouderlingen blad voor Pastoraat en Gemeenteopbouw
redactioneel
lang voordat de veertigdagentijd begint. Pasen vieren - wat betekent dat? Aan de ene kant is het een feest van grote vreugde en uitbundigheid. Vanouds begroeten de gelovigen elkaar niet met een ‘goede morgen’, maar met de roep: de Heer is waarlijk opgestaan. Tegelijk is het een feest van grote verlegenheid. Want we roepen dat in een wereld en een leven, waarin wij door de dood zijn omgeven. Zoveel mensen leven in de schaduw van de dood. Daarin passen geen triomfantelijke woorden over de dood die verslagen is. Hoe kan de boodschap van de Heer die is opgewekt uit de dood, van de Gekruisigde die als de Levende verschenen is aan zijn vriendinnen en leerlingen, mensen raken, die steeds weer aan den lijve ervaren dat de dood het voor het zeggen heeft? In dit themanummer cirkelen we om een diep geheim. Vanuit verschillende invalshoeken proberen leden van de redactie van het Ouderlingenblad een toegang te vinden tot het geheim, dat de Heer leeft en dat hij tot op de dag van vandaag mensen aanspreekt, bemoedigt, oproept en inspireert. De bijdragen nodigen uit tot persoonlijke bezinning en tot een eigen antwoord op de vraag: en wat betekent Pasen voor mij? Ze kunnen uiteraard ook gebruikt worden bij de opening of sluiting van een bijeenkomst of een groepsgesprek. De veertigdagentijd is daar bij uitstek geschikt voor.
2
2 redactioneel 26 boeken
in dit nummer
32 prikbord
6
22 10
4 Pasen vieren Uit een paaspreek van Johannes Chrysostomus. Ter inleiding – RICHARD VISSINGA
6 Het lege graf Het rationele denken en het geloof in de opstanding – RICHARD VISSINGA
10 Ontmoeting met de Levende 22 Het nieuwe leven In het ochtendgloren bij haar Over opgewekt en opstandig naam geroepen ontdekt Maria een leven – ERICA HOEBE-DE WAARD nieuwe weg – NELLEKE BOONSTRA 27 Het nut van de opstanding ‘Wat heb je eraan?’, die vraag 14 ‘Vrede zij u’ houdt de Heidelbergse Catechis Handelen in de geest van de mus bezig– ROELOF DE WIT Opgestane – Jaap de Lange 18 En toch …?! Eerst zien en dan geloven? Maar wat is ‘zien’? – MATHILDE DE GRAAFF
volgend nummer Het lied in het pastoraat Betekenis en mogelijkheden van een lied
Bijbelwoorden nu De betekenis van een bijbelwoord voor nu
Geloven is een kunst Over de verbinding tussen kunst en geloven
Jeugd en jongeren Mogelijkheden van kerkelijk werk met jongeren
Bezieling en verbinding Thema van de Landelijke Pastorale Dag op 16 april a.s.
Taizé Geloven en leven, verbinden en bezielen
Waarderend pastoraat Pastoraat dat met vertrouwen naar mensen omziet
3
Februari 2016 – nummer 1067– Jaargang 93
Ter inleiding op dit themanummer, dat vlak voor de Veertigdagentijd verschijnt, is het goed een bijzondere preek te lezen. Het is een paaspreek van Johannes Chrysostomos.
RICHARD VISSINGA Drs. R.S.E. Vissinga is als predikant verbonden aan de Protestantse Gemeente Enschede. Hij is lid van de redactie van Ouderlingenblad
P
asen vieren Chrysostomos leefde van 345 tot 407, was afkomstig uit Antiochië, een havenstad op de grens van het Syrische en Turkse rijk. Zijn mooie naam, Jan met de Gouden Mond, heeft hij te danken aan zijn boeiende wijze van spreken en preken. Hij heeft veel betekend voor de liturgie van de kerk. De kerken met de byzantijnse ritus volgen nog steeds de liturgie zoals die door hem is ontwikkeld. Pasen is hét grote feest van de kerk, bron van intense vreugde. Dat ontdekken we in de volgende preek, die gelezen wordt tegen het einde van de nachtdienst van Pasen. ‘Laat ieder die vroom is en Godminnend nu genieten van dit schone, stralende feest. Laat alle trouwe dienaren vol blijdschap binnengaan in de vreugde van hun Heer. Wie zich heeft afgetobd in vasten, laat hij nu komen om de tienling in ontvangst te nemen. Heeft hij vanaf het eerste uur gearbeid, laat hij nu het loon ontvangen dat hem toekomt. Is hij eerst na het derde uur aangevangen, ook hij viere feest vol dankbaarheid. Zo iemand na het zesde uur gekomen is, laat hij niet aarzelen; want ook hij zal geen schade lijden. Ook als hij gewacht heeft tot het negende uur, laat hem zonder vrees nadertreden. Ja zelfs, als hij eerst te elfder uur gekomen is, laat hij niet bang zijn vanwege zijn traagheid;
Ouderlingen blad voor Pastoraat en Gemeenteopbouw
4
want de Heer is edelmoedig, en Hij aanvaardt de laatste zo goed als de eerste. Zowel aan de arbeider van het elfde als aan die van het eerste uur verschaft Hij rust. Aan de laatste toont Hij barmhartigheid; de eerste omringt Hij met zijn zorgen. Aan de één geeft Hij wat hem toekomt; aan de ander schenkt Hij hetzelfde om niet. Hij aanvaardt de werken, maar ook de goede wil neemt Hij in liefde aan. Hij beloont de daad, en prijst het voornemen. Gaat daarom allen binnen in de vreugde van onze Heer. Of gij tot de eersten of tot de laatsten behoort, uw loon ligt gereed. Rijken en armen, weest één in uw blijdschap. Of gij nauwgezet of traag zijt geweest, viert samen deze feestdag. Of gij gevast hebt of niet, verheug u vandaag. De tafel buigt door van de spijzen; komt er allen van genieten. Het gemeste kalf is toebereid; niemand hoeft hongerig heen te gaan. Verzadigt u allen aan het feestmaal van het geloof; verzadigt u allen aan deze overvloed van zijn goedheid. Laat niemand nog klagen over zijn armoede; want verschenen is het rijk, waaraan ieder zonder onderscheid deel heeft. Laat niemand jammeren over zijn zonden; want uit het graf is vergeving opgebloeid. Laat niemand nog vrees hebben voor de dood; want de dood van de Verlosser heeft ons vrijgemaakt. Toen de dood Hem in zijn macht dacht te hebben, heeft Hij de dood teniet gedaan. Toen Hij neerdaalde in de onderwereld, heeft Hij die van al zijn kracht beroofd. De onderwereld is vol bitterheid, nu hij van zijn vlees geproefd heeft.
Zoals Jesaja in zijn voorspelling heeft uitgeroepen: Hades (de koning van de onderwereld) is ontzet, toen hij daaronder met U samentrof; Hij is ontzet, omdat zijn macht hem is ontnomen. Hij is ontzet, omdat hij bedrogen is. Hij is ontzet, omdat hij nu zelf ter dood is gebracht. Hij is ontzet, omdat hij vermorzeld is. Hij is ontzet, omdat hij van nu af in boeien ligt. Want hij maakte zich meester van een lichaam, en stond voor God. Hij maakte zich meester van de aarde, en bevond zich tegenover de hemel. Hij greep wat hij zag, en kwam ten val door wat hij niet had gezien. Waar, o dood, is uw prikkel? Waar, o onderwereld, is uw overwinning? Want Christus is opgestaan, en gij zijt neergestort. Want Christus is opgestaan, en de duivels zijn gevallen. Want Christus is opgestaan, en de engelen jubelen van vreugde. Want Christus is opgestaan, en oppermachtig heerst nu het leven. Want Christus is opgestaan, en geen dode blijft achter in het graf. Christus immers, opgestaan uit de doden, is de eersteling van de ontslapenen geworden. Hem is de heerlijkheid en de macht in de eeuwen der eeuwen. Amen’
Pasen, bron van intense vreugde
5
Februari 2016 – nummer 1067– Jaargang 93