Kale Koen Het is eerste kerstdag en Dirk is vandaag bij Kolletje. Ze hebben hun aller mooiste kleren aan en rennen telkens naar de voordeur als er wordt aangebeld. Eerst komen opa Snor en oma Orselia aan. Ze zijn ook heel mooi aangekleed. ‘Opa, oma, kom mee!’ zegt Kolletje. ‘Ik moet jullie wat laten zien.’ Opa en oma krijgen amper de tijd om Kolletjes papa en mama te begroeten. Ze worden door Kolletje en Dirk naar de keuken getrokken, want ze moeten in de oven kijken. ‘Kijk,’ zegt Kolletje, ‘daar ligt Kale Koen. Het is een soort grote kip, zegt mama.’ Opa en oma hurken voor de oven. ‘Geen haan?’ vraagt opa Snor. Daar moeten Kolletje en Dirk om lachen. ‘Nee, het is geen haan,’ zegt Kolletje. ‘Ook geen grote haan?’ vraagt opa nog maar eens. Kolletje en Dirk schudden hun hoofd. 25
Kolletje en Dirk - Koning Winter valt in het water BI def.indd 25
10-09-15 17:07
0
0
‘Hij heet Kale Koen en het is een kip,’ zegt Dirk. ‘Het is me wat,’ zegt opa Snor verbaasd. ‘Omdat er zoveel mensen komen eten, hebben papa en mama een grote kip gekocht,’ legt Kolletje uit. ‘Waarom heet hij Kale Koen?’ vraagt oma. ‘Omdat hij helemaal kaal is, natuurlijk,’ antwoordt Kolletje. ‘Snap dat dan, oma,’ zegt de moeder van Kolletje. Ook opa Kees en oma Katharina worden naar de keuken gebracht en moeten naar Kale Koen kijken, die steeds bruiner wordt. Tante Laetitia en meneer De Jong, die tegelijk aankomen, moeten meteen mee om naar de grote vogel te kijken. Doerak steekt zijn neus in de lucht. Hij ruikt de lekkere geur van gebraden vlees. ‘Hij heet Kale Koen,’ zegt Kolletje weer. ‘O,’ zegt meneer De Jong. Hij kijkt een beetje geschrokken. ‘Wat een groot beest.’ ‘Ik heb er nog nooit een klaargemaakt,’ zegt mama. ‘Dan hoop ik maar dat Kale Koen goed gaar wordt,’ zegt tante Laetitia. Ze giechelt.
26
Kolletje en Dirk - Koning Winter valt in het water BI def.indd 26
10-09-15 17:07
Dirk trekt zijn neus op. ‘Ik weet niet of ik Kale Koen wel lust.’ O, denkt Kolletje, daar kan ik wel voor zorgen. Ze knijpt haar ogen stijf dicht, denkt aan Dirk die Kale Koen lekker .’ vindt en zegt dan: ‘
Katharina Orselia Laetitia
Meneer De Jong kijkt heel verbaasd als hij de huiskamer in loopt en ziet dat zijn kunstkerstboom niet in de kamer staat. Papa vertelt dat de boom te oud was en dat alle naalden eraf vielen. Meneer De Jong snapt het wel. ‘Net als bij oude mannen zoals ik. Alle haren zijn van mijn hoofd gevallen.’ ‘Maar uw kerstballen hangen wel in de boom,’ zegt papa. Ze gaan met z’n allen bij de grote kerstboom staan en bewonderen de kleurige versieringen. Daarna gaan ze zitten en meneer De Jong krijgt, omdat hij de oudste is, de mooiste stoel. ‘Dus eerst hebt u wel haar gehad?’ vraagt Kolletje aan meneer De Jong. ‘Als baby was ik kaal,’ zegt meneer De Jong. ‘Later groeide er toch een aardig bosje op. Maar wanneer het te lang werd, moest ik naar de kapper.’ 27
Kolletje en Dirk - Koning Winter valt in het water BI def.indd 27
10-09-15 17:07
0
0
‘Ja, natuurlijk,’ zegt Kolletje. ‘Het was geen leuke kapper,’ gaat meneer De Jong verder. ‘Ik ging er niet graag heen. Het was een strenge man met een harde stem. In de kapperszaak zaten vaak oude mannen en daar ging ik dan op een stoeltje bij zitten. Je moest goed in de gaten houden wanneer je aan de beurt was, anders werd je zomaar overgeslagen en moest je nog langer wachten. Binnen rookten die mannen vaak sigaren, en als ik naar de kapper geweest was, stonk ik naar de rook. De kapper kende ook maar één model. Dat was model bloempot. Hij schoor bijna mijn hele hoofd kaal, alleen hier bovenop bleef nog een klein perkje staan.’ Opa Snor en opa Kees lachen. ‘Bij mij ging het vroeger ook zo,’ zegt opa Kees. ‘Als je klaar was,’ vertelt meneer De Jong verder, ‘kwam de kapper met een grote spuitfles met een geelkleurig parfum erin en dat spoot hij dan op mijn hoofd. Dat prikte op mijn geschoren huid. Ik vond het helemaal niet leuk, want ik kwam bijna kaal de kapperszaak uit. Dan scholden de kinderen uit de straat me uit voor kale… Koen.’ 28
Kolletje en Dirk - Koning Winter valt in het water BI def.indd 28
10-09-15 17:07
Iedereen kijkt meneer De Jong met grote ogen aan. ‘Ja, want zo heet ik: Koen de Jong. Daarom schrok ik ook toen Kolletje vertelde dat we Kale Koen gingen eten.’ Daar moeten ze allemaal om lachen. Maar Kolletje vindt het toch wel een beetje zielig voor meneer De Jong. Om zes uur gaan ze met z’n allen aan tafel en papa snijdt de kalkoen aan. Meneer De Jong mag als eerste proeven.
Allemaal kijken ze hem gespannen aan. Hij kauwt even en dan zegt hij: ‘Deze oude kale Koen vindt deze jonge Kale Koen heerlijk!’ Dirk vindt het ook zo lekker dat hij nog meer wil. En natuurlijk wordt Doerak niet vergeten!
29
Kolletje en Dirk - Koning Winter valt in het water BI def.indd 29
10-09-15 17:07