D E
K U N S T
VA N
Niets is zo intrigerend als de menselijke figuur. In dit boek wordt de veelzijdigheid hiervan in beeld gebracht. Met verschillende tekentechnieken en -materialen toont auteur Giovanni Civardi stap voor stap hoe de basis van een figuur – in alle mogelijke houdingen – getekend moet worden. Vervolgens worden de instructies om de accenten aan te brengen in beeld gebracht. De schetsen en beschrijvingen zorgen ervoor dat je in een paar stappen een figuur naar wens op papier kunt zetten. Een waardevol naslagwerk dat een bijdrage levert aan de technische ontwikkeling van elke tekenaar, of deze nu amateur of professional is. Kijk voor meer informatie op www.defonteintirion.nl
9 789043 914314 www.kosmosuitgevers.nl
NUR 476 Kosmos Uitgevers Utrecht/Antwerpen
G I O VA N N I C I VA R D I G E Z I C H T E N E N F I G U R E N T E K E N E N
GEZICHTEN EN FIGUREN TEKENEN
D E
K U N S T
VA N
GEZICHTEN EN FIGUREN TEKENEN
Giovanni Civardi
DE KUNST VAN
Gezichten en figuren tekenen GIOVANNI CIVARDI
INHOUD Inleiding
3
Materiaal en technieken
4
Een aantal praktische overwegingen
6
1
Gezichten: iconografisch repertoire
1
Figuren: iconografisch repertoire
1
Standbeelden tekenen: de beeldhouwwerken van Musée Rodin in Parijs
8 26 46
November 2007
Giovanni Gugliemo Civardi werd in 1947 in Milaan geboren. Na zich aanvankelijk te hebben gericht op illustraties en beeldhouwkunst houdt hij zich al vele jaren bezig met anatomie voor kunstenaars en geeft hij cursussen model-tekenen. De perceptie van een vaste vorm is slechts een kwestie van ervaring John Ruskin
In de schets worden de bewegingen van de figuren levendiger alleen al door het aangeven van de algehele houding… De volledige vrijheid van een weergave die noodzakelijkerwijs summier is heeft het essentiële vastgelegd Auguste Rodin
Verandering van spijs doet eten Vincent Van Gogh
De tekeningen van gezichten en figuren in dit boek zijn van modellen die hebben ingestemd of achteraf op de hoogte zijn gesteld; elke eventuele gelijkenis met andere personen berust op toeval.
Dit boek is gepubliceerd door Kosmos Uitgevers Postbus 13288 3507 LG Utrecht www.kosmosuitgevers.nl Omslagontwerp: De ontwerpunie, Danny Dijkstra Zetwerk omslag Nederlandse editie: Prezns Zetwerk Nederlandse editie: De ZrIJ, Utrecht Vertaling (vanuit het Italiaans): Aniek Njiokiktjien/Vitataal, Feerwerd ISBN 978 90 4391 431 4 NUR 476 4e druk, 2019 Voor het eerst gepubliceerd in Italië in 2009 door Il Castello srl, Via Milano, 73/75, 20010 Cornaredo (MI) Oorspronkelijke titel: Schizzi di volti e di figure © 2009 Il Castello srl, Milaan © 2011-2017 voor de Nederlandse taal: Kosmos Uitgevers Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No part of this book may be reproduced in any form by print, photocopy, microfilm or any other means without prior written permission from the publisher.
INLEIDING Menselijke vormen tekenen is een bijzondere, rijke ervaring, maar is niet zo eenvoudig. Vooral het tekenen van gezichten en van het hele lichaam wordt door velen als lastig ervaren. Meestal wordt een model getekend door een naakt te bestuderen, met de anatomische structuur en de uiterlijke kenmerken van een levend model. Als er geen naaktmodel beschikbaar is, kunt u de modellen tekenen die zich overal om u heen bevinden, op straat of in openbare gelegenheden. Allemaal verschillende mensen dus, met hun eigen houdingen en gezichtsuitdrukkingen. Een oud advies is: nulla dies sine linea, oftewel geen dag zonder lijn: maak dus in het dagelijks leven vele snelle tekeningen, schetsen dus, van mensen die hun dagelijkse bezigheden beoefenen. Schetsen kunnen op verschillende manieren worden geïnterpreteerd en voor diverse doeleinden worden gebruikt. Ze worden veelal beschouwd als een persoonlijke weergave in karakteristieke lijnen van beelden uit de realiteit. Een schets kan echter ook een grafische aantekening zijn van een kunstzinnig experiment; de kern van een ontwerp, een verzameling visuele informatie als basis voor de uiteindelijke versie; een voorstudie voor een gecompliceerd kunstwerk; of een studie van een
vorm die met een onderwerp te maken heeft dat in zijn geheel wordt bestudeerd of waarvan de afzonderlijke details worden onderzocht. Een schetsboek wordt daardoor een waardevol instrument en een onuitputtelijke bron van informatie en herinneringen. Het is meestal niet bedoeld om aan anderen te laten zien, want het is heel intiem en persoonlijk, en juist daardoor kunt u zich er vrij en spontaan in uiten. Het is belangrijk voor de technische ontwikkeling om onbekende mensen vrijelijk in willekeurige houdingen en omstandigheden in schetsen te kunnen vastleggen. Door geregeld schetsen te maken kunt u uw observatievermogen en interpretatie verfijnen: u leert er scherper door te kijken en sneller essentiële beslissingen te nemen, want de vaardigheid om mensen te tekenen – in een eindeloze variatie van gezichten, figuren, gebaren, houdingen, bewegingen, enz. – ontstaat vooral door aandachtig te kijken, naast de onmisbare kennis van anatomie en proporties, in een persoonlijke esthetische interpretatie.
3
MATERIAAL EN TECHNIEKEN Ondergrond Een schets is in de eerste plaats een visuele aantekening en kan dan ook op elk willekeurig papier of ander glad oppervlak worden gemaakt, zeker wanneer het gaat om het snel vastleggen van een interessante omgeving of persoon. Veel kunstenaars hebben schetsen gemaakt op papieren servetten, kassabonnen, bladzijden van een krant of boek of verpakkingsmateriaal, en zelfs op de muren van hun atelier of op de achterkant van bestaande schilderijen. Toch is het natuurlijk handiger om – als het niet om onverwachte buitenkansjes en ‘noodgevallen’ gaat – een iets geschiktere ondergrond te gebruiken, zoals een notitieblokje met wit papier van kleine (circa 9 x 14 cm) of gemiddelde (circa 13 x 21 cm) afmetingen, of een gewoon schetsboek. U kunt ook zelf een schetsblok maken in de afmetingen en kwaliteit die het best aansluiten bij uw wensen, door gewoon wat vellen papier te vouwen, aan elkaar te naaien en er tot slot een hard kaft omheen te doen (een hard kaft is onmisbaar als u het boekje met één hand vasthoudt). Schetsblokjes uit de winkel hebben het voordeel dat ze een zakformaat hebben; ze kunnen dus gemakkelijk worden meegenomen. Bovendien zijn er diverse soorten schetsblokken, gemaakt van papier van verschillend gewicht, verschillende kleuren en kwaliteit: licht papier is geschikt voor schetsen met potlood, iets zwaarder papier voor tekeningen met pen en kleurpotloden en nog zwaarder papier voor ‘natte’ technieken (aquarel, inkt, enz.), hoewel een teveel aan water dik papier desondanks kan laten bobbelen. Het is verstandig om tussen twee gebruikte bladzijden een dun papiertje te leggen, zodat de tekeningen niet gaan vlekken, vooral als u zacht grafiet hebt gebruikt. U kunt dit trucje ook toepassen tijdens het maken van de schets, zodat het papier wordt beschermd tegen uw hand die eroverheen beweegt. Tekenmaterialen Een schets wordt snel gemaakt en heeft een ongedwongenheid, vrijheid en bondigheid in zich die niet altijd terug te vinden zijn in de uitgewerkte of voltooide tekening. Om beide toch zo veel mogelijk op elkaar af te stemmen is het handig om eenvoudige, gemakkelijk hanteerbare tekenmaterialen te gebruiken die passen bij of overeenkomen met de stijl en techniek van het uiteindelijke werk. Potlood. U kunt gewone potloden gebruiken, waarbij het grafiet in een houten omhulsel zit, of grafietstaafjes in een potloodhouder of heel dunne vulpotloden (met een diameter van 0,5 tot 0,7 mm; die zijn zeer dun en dus ook kwetsbaar, maar hoeven niet steeds geslepen te worden).
4
De hardheid van grafiet is verdeeld in een schaal die begint bij de hardste soort (9H) en eindigt bij de zachtste soort (9B), met ertussenin gemiddelde hardheden van bijvoorbeeld HB en B. Zacht grafiet maakt de lijnen breed en ‘rond’, geschikt voor vluchtige tekeningen op papier van tamelijk groot formaat (bijvoorbeeld vellen van minstens 20 x 30 cm). Met gemiddeld hard en hard grafiet kunnen veel duidelijkere en meer gedetailleerde tekeningen worden gemaakt (terwijl ze toch nog snel en schetsmatig worden uitgevoerd), ook van redelijk klein formaat. Staafjes grafiet. Deze staafjes bestaan volledig uit grafiet en zijn zo dik (diameter tussen circa 5 en 15 mm) dat ze direct in de hand kunnen worden gehouden of in een daarvoor bestemd metalen houdertje kunnen worden gedaan. Ze zijn doorgaans van zachte of zeer zachte grafietpasta (van B tot 9B bijvoorbeeld) en kunnen daarom alleen op tamelijk grote oppervlakken worden gebruikt. Er kunnen ook grote schaduwpartijen mee worden getekend met weinig krachtige lijnen. Houtskool. Dit is een heel verfijnd en zacht materiaal, met name houtskool van verkoolde takjes hout. Er kunnen zowel heel scherpe lijnen als juist heel vage tonen mee worden gemaakt, maar vanwege de brosse consistentie is houtskool niet zo geschikt voor het maken van kleine schetsen in een schetsblokje. Daarvoor kunt u beter een staafje geperste houtskool gebruiken, dat een veel dichtere lijn oplevert en vergelijkbare eigenschappen heeft als een zacht staafje grafiet. Kleurpotloden. Deze hebben dezelfde eigenschappen als gewone potloden: ze zijn makkelijk hanteerbaar en maken scherpe en zachte lijnen. Omdat ze in werkelijk alle kleuren worden gemaakt, kunt u ingewikkelde onderwerpen er snel en precies mee vastleggen, bijvoorbeeld portretten of felgekleurde kleding van mensen. Pennen en inkt. Ook deze materialen worden veel gebruikt en zijn heel geschikt voor snelle schetsen. Vergeleken bij potloden zijn ze wel iets lastiger te hanteren, want ze maken onuitwisbare lijnen. Ze vereisen dus een bepaalde durf en veel trefzekerheid bij het zetten van lijnen, zodat het geen warrige of gevlekte schets wordt. Als u portretten tekent, kunt u beter niet eerst een lichte potloodlijn tekenen, met pen overtrekken en dan de potloodlijn uitgummen, omdat een portret spontaan en vloeiend moet zijn (of lijken), zonder te veel ‘correcties’. De klassieke kroontjespen met (zwarte of gekleurde OostIndische) inkt is weliswaar heel veelzijdig, maar toch niet geschikt voor spontane schetsen, vooral niet van figuren en portretten in de openlucht, om meerdere redenen: a) de inkt op een pen is na enkele lijnen op, waardoor u niet snel kunt schetsen; b) het metalen puntje van de pen kan in het papier van het notitieblokje blijven steken (want dat
is doorgaans niet van de beste kwaliteit) en ook ongewenste vlekken veroorzaken. Een rietpen of bamboepen levert soortgelijke problemen op. Andere soorten pennen, zoals een balpen, een vulpen of pen om technisch te tekenen, zijn geschikter. Penseel en inkt. In plaats van met een kroontjespen (of soortgelijke pennen) inkt op papier te zetten kunt u ook een penseel gebruiken van natuurlijk of synthetisch haar. Daarmee kunt u nadat u het in de (Oost-Indische) inkt hebt gedoopt en met een lapje of keukenpapier hebt afgeveegd op papier zowel heel zachte, vloeiende en dikke lijnen maken als grote vlakken met donkere en ‘dichte’ of juist lichte en ‘open’ schaduwpartijen. Deze techniek staat bekend als drybrush. Om daar goede resultaten mee te behalen moet het papier van het schetsblokje zwaar genoeg en enigszins ruw zijn, en de dikte van het penseel moet passen bij de schets die u wilt maken. Het penseel moet na afloop goed met water worden schoongespoeld. Aquarelverf en aangelengde inkt. Deze tekenmaterialen worden niet veel gebruikt voor snelle schetsen, omdat ze zich niet goed lenen voor spontane en onverwachte tekeningen. Ze vereisen namelijk een minimale maar toch ingewikkelde uitrusting, die niet makkelijk hanteerbaar is als zowel de tekenaar als het onderwerp zich in een openbare ruimte en in vluchtige poses bevindt. Er kunnen hoogstens grote vlakken mee worden opgevuld in kleur (met aquarelverf) of in één kleur of met zwart (met aangelengde inkt) worden gemaakt. Deze kleuren en tinten kunnen ook later worden toegevoegd en uitgewerkt, wanneer de potloodtekening klaar is en er tijd en gelegenheid zijn om haar uit te werken en te verrijken; u moet dan wel opletten dat u de tekening niet te ‘zwaar’ maakt, waardoor de fris-heid verdwijnt.
Andere materialen kunnen worden gebruikt om ervaring op te doen en te experimenteren met nieuwe effecten, maar het zijn niet de makkelijkste materialen om het type schets te maken waarover we het nu hebben. Om te ‘tekenen’ kunt u bijvoorbeeld ook olie- of acrylverf gebruiken, op gekleurd papier of tekenkarton. En het is tegenwoordig zelfs mogelijk om met een pen of een vinger op een computer of iPad te tekenen... Extra materiaal. De mogelijkheden zijn beperkt. Potlood en papier zijn genoeg om een snelle schets van figuren in de openlucht te maken. Toch kan het handig zijn om een gum te hebben (niet zozeer om foute lijnen uit te gummen, maar om overbodige lijnen of potloodvlekken van het papier te vegen) en een metalen knijper om de bladzijden van het notitieboekje tijdens het tekenen vast te zetten. Opmerking. Alle tekeningen die in dit boek zijn afgebeeld, komen uit de vele schetsboekjes die ik in de afgelopen drie tot vier jaar op verschillende plekken heb gemaakt. Sommige hebben kleine afmetingen (9 x 14 cm), andere zijn groter (11 x 21 cm). Ik heb uitsluitend een vulpotlood met grafiet HB gebruikt, een gemiddeld harde gradatie die ik heel veelzijdig vind. Het drukken van deze tekeningen bleek ingewikkeld, want ze zijn heel gevarieerd, met veel uiterst dunne en zachte, bijna vluchtige lijnen tot dichtere en donkerdere lijnen. Dat verklaart de betrekkelijke ongelijksoortigheid van toon, die ik bewust heb willen respecteren omdat die goed zowel de vrijheid en de beperkingen als de variaties kan weergeven die zo typerend zijn voor schetsen.
5
GEZICHTEN: ICONOGRAFISCH REPERTOIRE Bij het tekenen of schetsen van hoofden of gezichten van onbekende mensen moet u de ‘gereserveerdheid’ van het onvrijwillige model respecteren. U hoeft natuurlijk geen voltooid portret te maken, het gaat slechts om een studie van de structuur of gezichtsuitdrukking. Toch zal de tekening als ze goed is uitgevoerd gelijken, en dat kan het model vervelend vinden als de tekening bijvoorbeeld aan anderen wordt getoond of zelfs tentoongesteld, dus moet u wel uw bedoelingen aan de persoon kenbaar maken en om toestemming vragen. In de meeste gevallen moet u rekening houden met de snelle bewegingen van het hoofd en de vele gezichtsuitdrukkingen en bedenken dat de schets op elk moment en in elk stadium kan worden onderbroken. Probeer dan ook situaties te kiezen waarbij het aannemelijk is dat het model ten
8
minste een paar minuten relatief stil zit (in restaurants, wachtkamers, parken, enz.). Probeer meteen de belangrijkste trekken te tekenen en ze in uw ‘visuele geheugen’ op te slaan, zodat u ze later, wanneer het model weg is, nog kunt afmaken. Teken als u er de tijd en gelegenheid voor hebt het hoofd vanuit verschillende gezichtspunten en analyseer er ook wat details van. Ik heb deze persoon met oosterse trekken tijdens een bezoek aan een expositie getekend terwijl hij in gedachten een beeld bekeek. Bij re-enactment, het naspelen van historische gebeurtenissen, zijn tal van verklede figuranten in bijvoorbeeld oude militaire uniformen te vinden. Vaak willen ze ook wel model staan voor tekenaars en fotografen (zie ook blz. 31 en 32).
9
Het gezicht van een verpleegkundige. Ze was zo aandachtig aan het werk dat ze bijna niet leek te bewegen, als een soort standbeeld. Daardoor kon ik haar gezicht en de interessantste details in alle rust bestuderen. Kinderen zijn
10
daarentegen juist ontzettend beweeglijk en kunnen alleen heel snel en globaal worden geschetst, waardoor u veel uit uw hoofd moet werken. Een foto kan dan nuttig lijken, maar het gebruik ervan zou de spontaniteit van een tekening ‘in het veld’ afzwakken (zie blz. 20).
FIGUREN: ICONOGRAFISCH REPERTOIRE Vergeleken met het schetsen van gezichten is het schetsen van figuren paradoxaal genoeg zowel moeilijker als eenvoudiger. De moeilijkheid schuilt in de complexiteit van de structuur van de hele figuur (die vrijwel altijd door kleding wordt verhuld) en in de beweeglijkheid; de eenvoud zit in het feit dat de houding gemakkelijk is af te lezen en dat de interessante elementen (niet alleen het gezicht, maar ook de romp, de ledematen, de plooien van de kleding, enz.) verspreid zijn, waardoor de afzonderlijke details minder uitgediept hoeven te worden. Veel lichaamshoudingen die geschikt lijken om te schetsen zijn te snel voorbij om ze direct te kunnen tekenen, ook met weinig lijnen. In plaats van gebruik te maken van een foto moet u nog beter observeren en een beroep doen op uw geheugen (zie bijvoorbeeld blz. 28, 29, 34 en 43). Door veel te oefenen zult u sneller en doeltreffender leren schet-
26
sen. Sommige houdingen worden lang genoeg volgehouden om een uitgewerkte schets te maken, misschien zelfs wel vanuit verschillende gezichtspunten (zie bijvoorbeeld blz. 31, 37 en 38). In andere gevallen poseert iemand vrijwillig en kan er dus relatief rustig worden getekend en kan er van een snelle schets worden overgegaan op een uitgebreidere studie (zie bijvoorbeeld blz. 33, 35 en 36). De schetsen die in dit hoofdstuk zijn afgebeeld, zijn op verschillende momenten, in verschillende omstandigheden en op verschillende plekken gemaakt (op straat, in het museum, op het strand, enz.), aspecten waarvan ik hoop dat ze uit de tekeningen zelf duidelijk worden. Ik heb ze door elkaar heen en zonder commentaar gegroepeerd om u een idee te geven van het grote aantal verschillende situaties en de resulterende tekeningen.
Deze bijzonder lichte, bijna vluchtige lijnen zijn gemaakt door het papier nauwelijks met het grafiet te raken, maar ze geven toch doeltreffend en eenvoudig de belangrijkste
onderdelen van het tafereel weer, na minder dan twee minuten schetsen.
27
STANDBEELDEN TEKENEN: DE BEELDHOUWWERKEN VAN MUSÉE RODIN IN PARIJS Ik heb al een aantal van de redenen genoemd (zie blz. 6) om beeldhouwwerken te gaan tekenen voordat u levende modellen gaat schetsen: het spreekt voor zich dat de onbeweeglijkheid van het ‘model’ voor rust, aandacht en gemak tijdens het werken zorgt. Een schets naar het leven brengt meer risico’s met zich mee (hij wordt bijvoorbeeld onderbroken, u kunt hem niet afmaken of hij mislukt) dan een weloverwogen en langere studie van een onbeweeglijk onderwerp. En dat is de situatie bij uitstek die u moet blijven oefenen. Zo leert u aandachtig en bliksemsnel te observeren, beter te begrijpen wat u ziet, snel en trefzeker te schetsen en een compositie te maken.
Ik (en met mij veel andere kunstenaars) heb het Musée Rodin in Parijs gekozen uit esthetische voorkeur en omdat ik mijn vaardigheden daar wilde verbeteren. De standbeelden van deze grote kunstenaar bieden namelijk unieke, fascinerende mogelijkheden voor een analyse van zowel de anatomie, de compositie en de verhoudingen, als de verdeling van de vlakken. Bovendien zijn de beelden in het museum goed geplaatst en belicht (sommige staan buiten, in de aangrenzende tuin) en ze kunnen in alle rust bestudeerd worden, van verschillende afstanden en vanuit diverse gezichtspunten. Het tekenen van sculpturen is bijzonder nuttig om zowel technische beheersing te verkrijgen als om uw esthetische en kritische gevoel te verfijnen.
De bronstijd brons, 181 cm (1876)
46
Torso van een jonge vrouw – brons, 99 cm (1909)
Johannes de Doper
Iris, bodin van de goden – brons, 82 cm (1891)
47
D E
K U N S T
VA N
Niets is zo intrigerend als de menselijke figuur. In dit boek wordt de veelzijdigheid hiervan in beeld gebracht. Met verschillende tekentechnieken en -materialen toont auteur Giovanni Civardi stap voor stap hoe de basis van een figuur – in alle mogelijke houdingen – getekend moet worden. Vervolgens worden de instructies om de accenten aan te brengen in beeld gebracht. De schetsen en beschrijvingen zorgen ervoor dat je in een paar stappen een figuur naar wens op papier kunt zetten. Een waardevol naslagwerk dat een bijdrage levert aan de technische ontwikkeling van elke tekenaar, of deze nu amateur of professional is. Kijk voor meer informatie op www.defonteintirion.nl
9 789043 914314 www.kosmosuitgevers.nl
NUR 476 Kosmos Uitgevers Utrecht/Antwerpen
G I O VA N N I C I VA R D I G E Z I C H T E N E N F I G U R E N T E K E N E N
GEZICHTEN EN FIGUREN TEKENEN
D E
K U N S T
VA N
GEZICHTEN EN FIGUREN TEKENEN
Giovanni Civardi