SAÔNE
CHARMANT BOURGONDISCH

Dat de Bourgogne een enorme schare enthousiaste vaarliefhebbers boeit, komt door de riante kanalen en vooral door de prachtige rivieren. Wij komen deze keer van de Seille, die uitmondt in de Saône. Dat betekent dat we twee rivieren bevaren, elk met een geheel eigen karakter. Door de aantrekkelijke plaatsen onderweg combineert de trip historie, cultuur, natuur en gastronomie. Dat belooft wat!
TEKST EN BEELD PIM VAN DER MAREL

De Seille ontspringt in de Jura en zoekt haar weg over 112 kilometer door het zuidelijke deel van de Bourgogne. In de 18e eeuw is een kleine 40 kilometer gekanaliseerd om de destijds al belangrijke handelsstad Louhans te kunnen bereiken. De rivier is smal en kenmerkt zich door een ongerept landschap met bij vlagen adembenemende uitzichten. Het verval op het gekanaliseerde deel is minder dan tien meter, waarvoor vier sluizen zijn aangelegd. Dat is voor Franse begrippen opvallend weinig. Doordat drie van de vier sluizen niet bemand zijn, heb je er desondanks ! ink wat werk aan. Er is niets geautomatiseerd, dus het is gewoon ouderwets handwerk. Ook de drempel aan het eind van de sluizen vergt aandacht, want daar wil je niet op vast komen te liggen.
LOUHANS
Onze trip begint in Louhans, het stadje met de langste arcadegang van Frankrijk. Door de 157 booggewelven langs de Grande Rue is de wandeling door het centrum een leuke belevenis. Louhans is ook het centrum van het gebied van de Bresse-kip, die internationale faam geniet vanwege het malse en smakelijke vlees. De kip moet aan strenge eisen voldoen en wordt – serieus! – beschermd door een AOCkeurmerk (appellation d’origine contrôlée). Vanzelfsprekend staat de kip ook op ons menu.
We hebben onze boot kunnen afmeren aan een kleine ponton in het stadscentrum, dus alles is op loopafstand. Hoewel de ponton buiten de
haven ligt, verschijnt de volgende morgen toch een doortastende dame van de gemeente. Ze meldt dat ze havengeld komt innen en noteert ijverig een paar kenmerken van de boot. Als we willen betalen klinkt het: “Non, non, pas de carte monsieur, cash s'il vous plaît!” Grinnikend betalen we haar en beginnen monter aan de 40 kilometer bevaarbare rivier.
CHATEAUS
Buiten het stadje worden we stil van de schoonheid die ons als het ware pal in het gezicht spat. Ongerept gebied strekt zich kilometerslang voor ons uit; het blijft maar doorgaan. Het is ronduit fantastisch dat zo’n streek ongemoeid is gebleven. We zien de handtekening van een beverkolonie in de vorm van burchten en vooral veel afgeknaagde boomstammetjes.
Na een paar uur volop natuur zien we in de verte op een heuvel een serieus uitziend kasteel. We varen hier onder het plaatsje Loisy door, dat wordt gedomineerd door – niet al te verwonderlijk – het Château de Loisy. Het kasteel is vaak verwoest en weer opgebouwd. Het wordt al twee eeuwen beheerd door een familie die ook de burgemeester van het dorp levert. De ligging – strategisch en majestueus – valt ons meer op dan het bouwwerk zelf.
VILLAGE DU LIVRE
We varen door richting het dorp Cuisery. De vaarweg blijft een onverminderd fraai uitzicht bieden. We genieten ervan en prijzen ons gelukkig met de weersomstandigheden. Sturend op de !ybridge in een prachtige natuurlijke omgeving voelen we ons de koning te rijk.

De église NotreDame van Cuisery dateert uit 1568

Na de nodige slingers in de rivier bereiken we Cuisery, één van de vier Franse boekendorpen. Hier hebben zeventien boekhandelaren en aanverwante vakmensen hun domicilie gekozen en trekken ze boekenliefhebbers uit de wijde omgeving. Maandelijks verandert het dorpsplein in een boekenzee. Natuurlijk lopen we erheen en bezoeken we ook het middeleeuwse kerkje en de restanten van een verdedigingstoren. Daarna schepen we weer in en genieten verder van opnieuw een prachtig, kilometerslang stuk rivier.
Uiteindelijk bereiken we La Truchère, waar de Seille samenvloeit met de Saône. Er is een kleine haven voor tien boten en een restaurant met lokale faam op een drijvend ponton. We meren er ‘mediterraan’ af, met de achtersteven tegen de steiger. ’s Avonds stellen we vast dat het restaurant zijn faam verdient. De volgende morgen winnen we met een bescheiden fooi de vriendelijkheid van de sluiswachter op de laatste sluis voor de Saône. We worden voorzien van alle denkbare tips…
We varen het brede water van de Saône op, die om die reden op dit stuk de ‘Grande Saône’ wordt genoemd. De rivier ontspringt in de
Vogezen, stroomt naar Lyon en mondt daar uit in de Rhône. Ruim 480 kilometer lang, waarvan zo’n 365 kilometer bevaarbaar. In de rivier liggen over de hele lengte maar 22 sluizen, en dat is voor Franse begrippen ongekend weinig. Daarom wordt de Saône alom gezien als één van de aantrekkelijkste rivieren van Frankrijk. In de zomer is de stroming beperkt. Al voor het begin van onze jaartelling viel dat ook Julius Caesar op: “De Saône stroomt zo langzaam, dat je niet kunt zien welke kant hij op stroomt.”
TOURNUS
We varen noordwaarts en merken al snel dat we nu op een volwassen rivier varen. De


De onbetwiste blikvanger van Tournus is de Abdij St-Philibert
plaatsen Le Villars en het grotere Tournus passeren de revue, met als hoogtepunt de Abdij St-Philibert, een monument dat toonaangevend is in de architectuur van de Bourgogne.
Op onze beoogde ligplaats zitten Franse hengelaars die niet van plan zijn voor zo’n stel Hollanders te wijken. We besluiten tot omkoping met bier, en dat doet wonderen. Voor de ets is het te steil, dus gaan we te voet naar de abdij, waar de crypte indruk op ons maakt door haar ouderdom. We dwalen er een tijdje rond en gaan dan terug. De afdaling naar de kade loopt natuurlijk heerlijk…
CHALON-SUR-SAÔNE
We varen door op een breed en duidelijk betond deel van de rivier. Telkens weer vallen ons de


COMITÉ RÉGIONAL DU TOURISME DE BOURGOGNEFRANCHE-COMTÉ
Het regionale toerisme van de Bourgogne valt onder dit comité. In de regio zijn talloze boten te huur, in alle soorten en maten. Op de kanalen en rivieren in dit deel van Frankrijk kun je wekenlang met een boot uit de voeten. De kanalen waren vroeger geschikt om te ‘jagen’ en hebben dus een jaagpad. Daar zijn op grote schaal fraaie fietspaden van gemaakt. Het gebied leent zich ook uitstekend om te wandelen en paard te rijden. Als je dan óók nog liefhebber bent van wijn en cultuur, mag de streek helemaal bovenaan je wensenlijst.
Meer info: bourgondie-toerisme.com
geglazuurde daken van de kerktorens op; je ziet ze overal, en ze zien er heel aantrekkelijk uit. Onderweg is bij het plaatsje Marnay een prehistorische nederzetting opgegraven. De archeologen vonden er de roue d’Ouroux: een 3000 jaar oude voorloper van de ets. Er is vanaf het water niets van te zien, maar er ligt wel een fraaie gîte naast.
We varen door naar Chalon, waar bij het Viaduc de Dombes de stad zich in haar volle breedte voor ons ontvouwt. We vinden onze Port de Plaisance gemakkelijk achter het Île St.-Laurent, een prachtig eiland in de rivier. Een aimabele Française van de Capitainerie staat ons al op de steiger op te wachten. Ze vertelt honderduit over haar stad en overlaadt ons met tips, wat een superontvangst!
Chalon, de grootste stad van het departement Saône-et-Loire, is een cultureel paradijs: romaanse bruggen, vakwerkhuizen, de kathedraal Saint-Vincent en een museum gewijd aan Nicéphore Niépce, de uitvinder van de

fotogra e. We maken een rondje door de stad en weten dan al dat we er eigenlijk een extra dag voor hadden moeten uittrekken. De Rue de Strasbourg op het Île St.-Laurent is de lokale ‘avenue culinaire’, vol aantrekkelijke restaurants en dicht bij de haven. Terug op de boot mijmeren we na over het stadscentrum: vol historie, kunst en Bourgondische !air.
Ook vanaf het water domineert de kathedraal de stad
De volgende morgen starten we met een uitgebreide blik op de Pont de Bourgogne, een 350 meter lange, moderne, slanke, dubbele tuibrug. De elegante vorm van de brug maakt het een fotogeniek gevaarte. Kort daarna takt aan de rand van Chalon het Canal du Centre af: ruim 60 sluizen en 100 kilometer vanaf hier, en je zit op de Loire!
PONT BOUCICAUT
Marguerite Guérin is een bescheiden boerendochter uit Verjux die het in de 19e eeuw in Parijs tot gefortuneerde zakenvrouw schopt. Als Madame Boucicaut doneert ze haar vermogen aan goede doelen en vergeet daarbij haar geboortedorp niet: ze financiert er het gemeentehuis, de school en een stenen brug tussen Verjux en het tegenoverliggende Gergy. De brug wordt vernietigd in 1944 en later vervangen door een stalen exemplaar, maar de stenen pijlers zijn als herinnering teruggeplaatst.

Wij varen door en maken ons op voor een fantastische vaardag over een ongerept stuk van de Saône. Een enkele keer passeren we een dorpje, maar meestal voelen we ons alleen in de

natuur. Bij de plaats Gergy kijken we met meer dan gemiddelde belangstelling naar de Pont Boucicaut. Daarna varen we verder tot we het punt bereiken waar de Doubs in de Saône uitmondt. Hier gaan we stuurboord uit de Doubs op en varen een paar honderd meter naar het plaatsje Verdun-sur-le-Doubs.
VERDUN-SUR-LE-DOUBS EN SEURRE
De haven heeft een twintigtal ligplaatsen en een levendig marktplein: zo’n plek vol sfeer en traditie. Restanten van verdedigingswerken en een opvallend fraaie boogbrug geven de plaats een ronduit pittoresk karakter. Op een eilandje
zou een kasteel moeten liggen, maar we vinden alleen een dichtgespijkerd oud pand. De havenmeester blijkt ook kroegbaas en kokkin te zijn, dus hebben we een gemakkelijke avond. De volgende morgen is er markt, met kraampjes pal boven onze boot. Onze angst voor gillende varkens en dergelijke geluiden wordt gelukkig niet bewaarheid.
Seurre is het laatste stadje dat we onderweg aandoen. Via een kilometerslang traject door de natuur naderen we de haven, waar de lokale VVV-dame dienstdoet als havenmeester. Ze tipt ons over de Église St. Martin, die vanaf het

De opvallende fraaie boogbrug geeft de plaats een ronduit pittoresk karakter


water al te zien is. De attractie van Seurre is vooral de stilte en rust. Dat had wat ons betreft best een dagje langer mogen duren.
SLOT
Na de laatste sluis van deze trip volgt de Déviation de Seurre, een stuk kanaal dat een bochtig en ondiep stuk Saône afsnijdt. De damwanden tegen de oever zijn na alle natuurlijke rivieroevers een soort koude douche. Na het

LE BOAT
Het stadsaanzicht van St-Jean-de-Losne maakt ook ons eindpunt een genoegen
kanaal mogen we nog een dag genieten van de fantastische rivier. We zijn inmiddels door en door verwend en komen aan in St-Jean-deLosne, onze eindbestemming.
Bij wijze van uitsmijter worden we daar nog maar eens getrakteerd op een prachtig stadsgezicht. We mijmeren na en constateren dat we in één klap absolute Saône-liefhebbers zijn geworden! ◼
We hebben de trip gemaakt met een nieuwe ‘Horizon 3 Plus’ van bootverhuurmaatschappij Le Boat. De Horizons maken deel uit van hun premiumvloot en zijn van alle gemakken voorzien, waaronder modern aangestuurde boeg- en hekschroeven. De maatschappij heeft vertrekbases in heel Europa en in Canada, en is de grootste aanbieder op dit gebied. Je kunt dus ook heel Frankrijk ‘doen’, want in alle Franse regio’s heeft het bedrijf bases. Het botenaanbod is gevarieerd, zodat er – ongeacht de grootte van het gezelschap en het beschikbare budget – altijd wel een aantrekkelijke vaarvakantie te vinden is. De boten vereisen geen vaarbewijs. Voordat je vertrekt word je opvallend uitgebreid geïnformeerd, inclusief voldoende instructie zodat je op je gemak aan de reis begint. De vakanties kun je desgewenst geheel zelf uitstippelen. Het ‘kapiteinsboek’ dat je meekrijgt, maakt het voor iedereen goed te doen.
Meer info: leboat.nl