Skip to main content

Univers 7: Meer docenten en andere wensen

Page 1

Onafhankelijk magazine Tilburg university

jaargang 55 | 18 januari 2018 #07

Meer docenten en andere wensen

Liefde

Gaat niet samen met politiek

Robots

Vervangen de mens

Ghost town A walk in haunted Tilburg


2

In deze Univers

08

11

Wantrouw de liefde

Tien beste wensen

Liefde kan in de politiek slecht zijn, meent hoogleraar Wim Dubbink. De huidige tijd heeft mensen nodig die de gevaren van politieke liefde beter inschatten.

Welke wensen heeft Univers voor Tilburg University in 2018? De redactie stak de koppen bijeen en kwam met een verlanglijstje.

17

23

De overbodige mens

Haunted walk through Tilburg

Technologie helpt ons vooruit, maar kan ons ook platwalsen. Zijn mensen nog nodig als computers en robots alles beter kunnen?

OVERIGE ARTIKELEN 6 Campusgedicht 7 Maand geen alcohol 25 Rethink the f-word RUBRIEKEN 3 Van de redactie 3 De Pluim

18 januari 2018

Tilburg is teeming with ghosts. Univers descended into the depths of the city’s darkest secrets by taking a spine-chilling ghost tour.

4 Op de hoogte 5 En passant 5 Commentaar 10 Op de man af 10 Wè nou? 14 Beeldend 16 De vijf van Eijff 21 Waar is Univers?

22 Bij de buren 22 Masterscriptie COLUMNS 3 Tom Grosfeld 13 Luuk Koelman 21 Henk Strikkers 27 Leanne Soff


3

Van de redactie Bedrijf De nieuwjaarstoespraak van collegevoorzitter Koen Becking ging over groei: 14,5 duizend studenten, groter marktaandeel, betere cijfers, meer gebouwen. Meer, meer, meer. “Are we a company, nowadays?” vraagt een docent naast me. Daar lijkt het wel op, tijdens deze nieuwjaarspeech. Het enige dat we missen zijn de winstcijfers 2017. Twee jaar geleden hadden we het nog over Bildung en T-shaped people. Mensen met diepgang en kennis, die een maatschappelijk voorbeeld konden zijn. “Gewillig naar de slachtbank, wetenschappers laten zich tot een bedrijf reduceren”, zegt een wetenschapper naast me na de nieuwjaarstoespraak 2018. Anderen zien dat door het bedrijfsmatige denken de kloof tussen wetenschap en maatschappij gedicht wordt. Tijd voor een discussie?

Francine Bardoel, hoofdredacteur f.bardoel@uvt.nl

De pluim Prijzen, prijsjes, benoemingen, subsidies, schouderklopjes en veren in de reet, het academische wereldje zit er vol mee. Univers licht er de mooiste uit. Een beetje universiteit heeft haar eigen encyclopedie. Dus verzamelde Pieter Siebers meer dan tweehonderdvijftig lemma’s en bundelde die in een compact boekje: de Kleine Encyclopedie, Tilburg University 1927-2017, uitgebracht ter gelegenheid van het negentigjarig bestaan van de universiteit. Een encyclopedie als een Zwitsers zakmes: klein, maar alles wat je nodig hebt, vind je erin terug. Een prestatie van formaat, vooral als je bedenkt dat dit kleinood in een half jaar tot stand kwam. Puik werk dus van Pieter Siebers. Die man verdient niet alleen een pluim, maar in een volgende encyclopedie ook een eigen lemma.

colofon

Univers #7 18 januari 2018

Adres Postbus 90153, 5000 LE Tilburg, univers@uvt.nl Internet www.universonline.nl Basisontwerp Death Valley/Pascal Tieman Cover Jeroen de Leijer Productie PrismaPrint Uitgave Univers is het driewekelijks onafhankelijk magazine van Tilburg University Volgende editie Univers 8 van jaargang 55 verschijnt op 8 februari 2018 Redactieraad Voorzitter Wiel Schmetz (w.schmetz@fontys.nl) Dit nummer is gemaakt door Francine Bardoel (hoofdredactie), Martien Bos, Lotte Claassen, Hanna van Dun, Adrian van den Eerenbeemt, Laura van Gelder, Tom Grosfeld, Luuk Koelman, Jeroen de Leijer, Elise van Rossum, Daan Rutten, Bart Smout, Leanne Soff, Henk Strikkers, Jack Tummers, Ron Vaessen, Marga Walsh.

column Tom Grosfeld

Zeggenschap De studentenmedezeggenschap richt zich steeds minder op inhoud. Het moet vooral leuk en behapbaar zijn voor de gemiddelde student, die zich meer interesseert voor Red Bull in de drankautomaat dan het nieuwe onderwijsprofiel. Het gebrek aan inhoud begint bij het begin: de samenstelling van de kandidatenlijst. Idealiter hebben de fracties van iedere vereniging (studie, sport, studenten) één student. Dat levert het grootste netwerk, dus de meeste stemmen op tijdens de verkiezing. Je bent dus interessant voor Front en SAM als je veel mensen kent. Dat zorgt voor tenenkrommende situaties. Stel je het volgende voor: twee gedreven, capabele studenten met hart voor de medezeggenschap solliciteren voor een plaats op de lijst bij Front. Die zien meteen: “Ze zitten allebei bij Magister JFT. Dus hebben ze ongeveer hetzelfde netwerk. Dat levert ons te weinig stemmen op. We zetten één van de twee hoog op de lijst, de ander vervangen we door een student van Vidar. Die is weliswaar minder capabel, maar levert meer stemmen op.” En zo is een plekje in de universiteitsraad weggelegd voor iedereen: ook voor studenten die een tussenjaar willen en niets hebben met medezeggenschap, of voor incapabele studenten met slechts een breed netwerk, waar ze alleen tijdens de verkiezingen wat aan hebben. Voor die tactiek boeten de studentenfracties nu: het belangrijkste studentenonderwerp van de afgelopen jaren, de besteding van de studievoorschotmiddelen, glipte uit hun handen. De wil om dit te veranderen ontbreekt vanuit de student, maar ook vanuit de universiteit. Die heeft er geen baat bij om kritische, goed ingelezen studenten in de raad te hebben. Het is veel makkelijker om te werken met studenten die zich laten paaien en zich druk maken over een zwembad op de campus.

18 januari 2018


4

Op de hoogte daan rutten kijkt terug

H

Qubus? et jaar begon waarmee het vorige eindigde: gissen naar de kubus.

Grote consternatie bij de medewerkers in de dagen vlak voor Kerstmis. Keurig had iedereen digitaal een kerstpakket besteld. Een kubusachtig kunstwerkje werd in het vooruitzicht gesteld. Het was niet de inhoud die te raden liet: tenzij je koos voor het verrassingspakket, wist je al dat-ie gevuld was met lekkers en een kek bijzettafeltje. Raadsel­achtig was iets anders: vrijwel niemand had het langverwachte pakket ontvangen op kerstavond! Tjonge jonge, een extern bedrijf was ingeschakeld om de pakketten thuis te laten bezorgen, omdat de verbouwing van het Koopmansgebouw betekende dat er te weinig plek was om ze als gebruikelijk uit te delen. Resultaat van dit experiment: geen kerstpakket voor kerst. De postdiensten konden de hoeveelheid niet aan, zo luidde de officiële verklaring. Maar laten we ophouden met miepen, let bygones be bygones. Het is 2018! Het nieuwe

18 januari 2018

jaar werd ingeluid met de nieuwjaarsborrel op 8 januari in het fonkelnieuwe Onderwijs- en Zelfstudiecentrum. Dat is pas helemaal af in de zomer (en ‘fully operational’ in september), maar medewerkers en studenten kregen alvast een sneak peak. Ze mochten alvast een kijkje nemen in de plaza van het state of the art-gebouw waarin ruimte moet komen voor honderden studentenwerkplekken, een ‘technology lab’ en voor innovatieve onderwijs- en toetsvormen, zoals digitaal toetsen. Collegevoorzitter Koen Becking greep de gelegenheid aan om de nieuwe naam van het gebouw te onthullen: the Cube. Een échte kubus is het gebouw strikt genomen natuurlijk niet, want de wanden vormen geen zes vierkanten (of het moet onder de grond wel heel diep gaan). Waarom het dan toch zo is genoemd, blijft wat hem betreft een raadsel waar we zelf een oplossing voor mogen bedenken. Becking zei dat hij hoopt dat we de verbeelding laten werken, dan komt het gebouw pas écht tot leven. Een broertje van de Black Box? Een verwijzing naar de hoekigheid ervan, of naar de geometrie van Plato? Of de multidimensionale

blik op de wereld van onze universiteit? Romantisch, die verbeelding, maar docent Paula Mommersteeg (TSH) kwam wel meteen met een niet onbelangrijke praktische vraag op onze Facebook-site. Want is het Cube met c gespeld, zoals ‘t heurt? Dan botst dat met het C-gebouw dat al bestaat. Of wordt het kubus op z’n Nederlands, met een K? Ook die letter is in gebruik met het gebouw Koopmans. Of doen we het op z’n hipsters met een Q, wat misschien wel past bij het urban-industriële c.q. intellectuele sfeertje van het gebouw: Qube? We vroegen het nog even na bij Koen Becking. Die meldde dat het toch echt gewoon met een C is, alleen is het niet de bedoeling om een afkorting te gebruiken. De Cube zal er pas echt uitspringen zodra het gedateerde Prisma-gebouw ernaast gesloopt is (om plaats te maken voor een Food Court), maar daarvoor moeten de economen er eerst uit, die moeten wachten tot de renovatie van hun eigen Koopmans gereed is. Dat die operatie spoedig vlotjes verloopt, lijkt ons een mooie wens voor het nieuwe jaar.


5

En passant Commentaar

Personeel in het wild Univers overvalt je: wat ben je aan het doen? Het is muisstil in gebouw A begin 2018. De ramen kijken uit op een verlaten campus. Een eenzame Tanja Collin is het voorlopig studie­ advies van de eerstejaars aan het voorbereiden. Als functioneel beheerder en key user voor Osiris, groepeert ze studenten in aanloop naar hun BSA. Als voornemen heeft ze meer sporten en focussen op haar functie als key user, want dat vindt Tanja toch het leukst.

Leggen & Laten Meer studenten op een universiteit in Nederland kan maar één ding betekenen: meer fietsen. Zo ook op Tilburg University. Ondanks de vele fietsenstallingen kunnen sommige studenten hun fiets niet kwijt. Neem een voorbeeld aan je tweewieler: leg je erbij neer. Bel & Cel Nieuwe aanwinst van de bibliotheek: een heuse telefooncel. Voor verbinding heb je je eigen toestel nodig. Maar mocht je behoefte hebben aan een plek zonder luistervinken, is this the place to be. Al is dat voor sommigen even wennen.

Vies & Vuil Na oud en nieuw was de ’asbak’ gevuld met een schone schep zand. Eén dag later en hij is alweer gevuld met uitgedrukte peuken, lege koffiebekers en blikjes energie. En dat terwijl er amper studenten op de campus zijn.

Donut universiteit Een universiteit die economen voortbrengt, kan soms zelf een lesje economie gebruiken. De momenteel razend populaire Britse econome Kate Raworth trekt wereldwijd volle zalen met haar ‘donut-economie.’ Een theorie waar ook universiteitsbestuurders iets van kunnen leren. De donut-economie vertegenwoordigt een nieuw economisch model, waarbij groei geen doel op zich mag zijn. In plaats daarvan moet groei binnen de grenzen van de donut plaatsvinden. Stelt u zich de versnapering even voor. Het gat in het midden van de donut, de ‘binnengrens’, staat voor het sociale minimum. De buitenste grens staat voor de ecologische omgeving. De economie moet binnen deze grenzen groeien. Tuimelt ze in het gat van de donut, dan kunnen de minimale voorwaarden voor een menselijk leven niet langer worden gegarandeerd. En reikt de donut over haar buitenste grens, dan leidt dat tot ecologische uitputting. Ook geen pretje. Leggen we de donut nu over de universiteit, dan tekenen de problemen waar de academische wereld mee worstelt zich haarscherp af. Universiteiten (en overheden) die groei tot het ultieme principe verheffen, hebben de neiging om de minima te vergeten. Hoe groot en prestigieus een universiteit ook mag zijn, onderwijs moet altijd toegankelijk en betaalbaar blijven voor alle leden van de maatschappij. Tegelijkertijd leidt ook bij universiteiten een ongebreidelde groei tot ‘ecologische uitputting.’ Docenten en wetenschappers raken overwerkt, de kwantiteit van publicaties wordt belangrijker dan de kwaliteit, studenten worden cijferjagers. Gevolg: het wetenschappelijke klimaat wordt instabiel. Tijdens de nieuwjaarsborrel op Tilburg University werd de groeiambitie van de universiteit vol trots gepresenteerd. Prima, want een academie zonder groei of ambities, leidt een stervend bestaan. Laat de groei alleen een circulaire vorm hebben. Het wordt hoog tijd voor de donut-universiteit.

18 januari 2018


6

Campusdichter

Tekst Lotte Claassen illustratie Hanna van Dun

Lotte Claassen is de campusdichter van Tilburg University. Dit is het laatste gedicht van haar hand dat in Univers verschijnt. Tijdens de campusdichterverkiezing op donderdag 25 januari (Tilbury 2, deuren open om 17.00 uur) wordt bekend wie haar zal opvolgen.

18 januari 2018


7

reading time

3

minutes

Tekst Laura van gelder fotografie Engin Akyurt

Een maand geen alcohol, wat doet dat met je? Brak van de kerstborrels en oudejaarsfeestjes doen steeds meer mensen mee aan ‘Dry January’ of IkPas. Maar wat zijn eigenlijk de effecten van zo’n alcoholloze maand? De Tilburgse wetenschapper Rob Bovens onderzocht het.

H

et is een uit Engeland overgewaaide trend: een maand niet drinken om te herstellen van de decemberkater en het nieuwe jaar gezond te beginnen. In ons eigen land kennen we sinds enkele jaren de populaire actie IkPas. IkPas start niet op de eerste dag van het nieuwe jaar maar op 10 februari, direct na een andere feestperiode waarin een aanleiding snel gevonden is: carnaval. Vorig jaar deden bijna elfduizend mensen mee aan IkPas. Dat is een verdubbeling ten opzichte van het jaar ervoor. De zelfverkozen drooglegging is dus duidelijk een trend. Maar heeft het ook zin om een maand niet drinken? Rob Bovens, als onderzoeker verbonden aan Tranzo, volgde duizenden IkPas-deelnemers om de effecten van een alcoholpauze in kaart te brengen. Quick wins De positieve effecten van een alcoholloze

maand zijn snel voelbaar. Bovens noemt deze effecten ‘quick wins’. Deelnemers rapporteerden al na een paar weken dat ze beter sliepen (40 procent), zich fitter voelden (65 procent) en afvielen (20 procent). En nog een voordeel: bijna 40 procent van de deelnemers gaf aan geld te besparen. Jojo-effect Bovens onderzocht ook de langetermijneffecten van een maand niet drinken. Heeft het zin om een tijdje te stoppen met drinken als je daarna toch weer aan de zuip gaat? Ga je er niet alleen maar méér van drinken, zoals na een streng dieet? “Dat is duidelijk niet het geval”, zegt Bovens. “Veel mensen zijn bang voor een jojo-effect, maar dat hebben we niet gevonden. Wat dat betreft lijkt alcohol de uitzondering op de regel.” Van een tijdelijke alcoholpauze ga je op de langere termijn juist minder drinken, blijkt

uit Bovens’ onderzoek. Zes maanden na de onthoudingsmaand dronk 70 procent van de deelnemers minder alcohol dan vóór hun deelname aan de IkPas-actie. Het gemiddelde aantal drankjes per week was aanzienlijk gedaald: van 14,2 naar 9,8 glazen. Een ‘droge’ maand lijkt dus een goede manier om ongezonde drinkgewoonten te doorbreken. Volgens Bovens is dat de grootste winst van een maand niet drinken. “Mensen worden zich meer bewust van hun drinkpatronen.” Gezellig Mensen doen om verschillende redenen mee aan IkPas. “Sommige deelnemers zien het als een persoonlijke uitdaging, anderen willen afvallen of een sportieve prestatie leveren”, zegt Bovens. “Er zijn allerlei argumenten te bedenken. Zat mensen vinden dat ze te veel drinken en willen er iets aan doen. Juist het gevoel dat heel veel mensen stoppen, dat je het samen doet, maakt het makkelijker vol te houden. Dat is één van de succesfactoren van de actie.” Uit Bovens’ onderzoek blijkt dat het wel degelijk zin heeft om een maand geen alcohol te drinken. Je slaapt beter, je voelt je fitter, je valt af, je bespaart geld en je ontwikkelt gezondere drinkpatronen. En net als samen drinken, kan samen stoppen best gezellig zijn.

18 januari 2018


8

Opinie

leestijd

5

minuten

Tekst Wim Dubbink fotografie Gage Skidmore

Liefde kan in de politiek slecht zijn

I

We leven in tijden van toenemende polarisatie. Dat komt door de liefde. Die leidt er toe dat we extra lang en tegen beter weten in, blijven volharden in gunstige beoordelingen van een persoon. Volgens Wim Dubbink, hoogleraar Ethiek van Bedrijf en Organisatie aan Tilburg University, wordt het tijd dat we de liefde eens wat minder hoog aanslaan.

k heb weinig op met de inhoud en de stijl van politiek bedrij­ ven van president Trump. Ik ervaar een afstand zo groot, dat ik me oprecht verbaas over de grote hoeveelheid mensen die Trump nog steeds steunt. Wanneer er weer iets krankzinnigs gebeurt denk ik: this is it! Nu zal zelfs de grootste Trump-fan tot inzicht komen en zich van hem afkeren. Trump is ontegenzeggelijk de meest onpopulaire president van de Verenigde Staten, zeker als we kijken naar goedkeuringsstatistieken voor het eerste jaar. Toch steunen volgens de Gallup-statistieken gemiddeld nog steeds zo’n 37 procent van de Amerikanen Trump. En zelfs in zijn darkest hour – toen de speciale aanklager Mueller de eerste campagnemedewerkers dagvaardde en Trump daarbovenop de weduwe van een gevallen militair belachelijk maakte – zakte de populariteitsteller niet onder de 33 procent. Ik vind dit ontzettend moeilijk te begrijpen. Hoe denken deze aanhangers in vredesnaam? Er zullen natuurlijk ook mensen zijn met dezelfde ervaring als het gaat om het begrijpen van al mijn opinies en denkbeelden. Zij zullen mogelijk niet kunnen begrijpen waarom ik zo ontzettend veel moeite heb acties te veroordelen van dierenrechten-activisten, hoewel sommige van deze acties diep onfatsoenlijk zijn en soms ook zelfs onrechtmatig. Te denken valt bijvoorbeeld aan het loslaten van marters. Dat betekent voor de betrokken boeren een ramp en pakt zelfs voor de marters slecht uit. Het antwoord is liefde Het antwoord is denk ik liefde. Politiek zou over de rationele afweging van handelingen en argumenten moeten gaan. Maar politieke liefde speelt in de hedendaagse politiek een steeds grotere rol. Dat heeft tamelijk desastreuze gevolgen voor het maken van gezonde politieke afwegingen. Men zegt weleens ‘liefde maakt blind’. Zo wil ik het probleem van de toenemende rol van de liefde in de politiek, niet duiden. Enerzijds maakt liefde niet echt blind. Anderzijds is het juist de vraag hoe liefde het gezichtsvermogen aantast. Filosofen die het

18 januari 2018

fenomeen liefde bestuderen, wijzen erop dat liefde – in het bijzonder voor personen – ertoe leidt dat we de geliefde als geheel beoordelen, als totaliteit. Precies daarom staan we met de mond vol tanden als de geliefde vraagt: ‘Waarom houd je van me?’ We worden dan gedwongen individuele eigenschappen te benoemen in een situatie waarin de liefde juist het totaal betreft en niet een individuele eigenschap. Blijven volharden in gunstige beoordelingen Als gevolg van deze totaliteitservaring is de beoordeling van personen waarvan we niet houden anders dan de beoordeling van mensen die we liefhebben. Bij iemand waarmee je geen sterke emotionele relatie ervaart, is het mogelijk een handeling als zodanig te interpreteren. De handeling was goed, slecht, mooi, lelijk, fatsoenlijk of onfatsoenlijk. Vervolgens leidt de beoordeling van de daad tot een beoordeling van de persoon die de handeling deed (in zoverre dat nodig en mogelijk is). Bij mensen waarmee je een liefdesrelatie onderhoudt, ontstaat een merkwaardige breuk tussen de daad en de persoon. Daad en persoon worden op een heel specifieke manier gescheiden. Hierdoor zeggen afzonderlijke daden soms niets meer over de persoon en soms juist alles. Wanneer iemand waarvan we houden, iets doet dat niet kan, dan zeggen we: ja, dat deed hij wel, maar dat was hem niet echt. De daad was atypisch, out of

Wim Dubbink (1963) is hoogleraar aan het departement filosofie van Tilburg University en aan het Tilburg Sustainability Center. Zijn onderzoek richt zich op de filosofische aspecten van de bedrijfsethiek. Thema’s waarop hij zich momenteel richt zijn integriteit en organisatie, maatschappelijk verantwoord ondernemen, de relatie tussen ethisch handelen en de grenzen van de markt en excuusgedrag.


9

character. Hij was zichzelf niet. Wanneer die persoon dan goede dingen doet, dan zeggen we: kijk, dit is hem nu echt! Wat deze typische karakteristiek van de liefde extra problematisch maakt, is dat ons denken over liefde ervan uitgaat dat we juist onze liefde tonen als iemand iets fout doet. Stel iemand zegt: “Ik hou van je zolang je alleen maar goede dingen doet en dingen die me bevallen.” Dan zijn we geneigd te denken: die liefde is niet oprecht. Het is liefde die afhankelijk is van resultaten. Echte liefde evalueert niet op die manier. Ze is en dat wordt pas echt bewezen wanneer dingen slecht gaan. Liefde leidt er dus toe dat we extra lang en tegen beter weten in, blijven volharden in gunstige beoordelingen van een persoon. Niet meer in staat tot democratische politiek We leven in tijden van toenemende polarisatie. Dit is eigenlijk niks anders dan zeggen dat politiek meer en meer wordt beleefd in termen van de sterke banden die bij liefde horen. Vanuit de democratie en het rationele proces dat daarbij hoort, leven we daarmee in steeds gevaarlijker tijden. Partijen trekken zich terug op hun liefde en zijn vanwege de liefde niet echt meer in staat democratische politiek te voeren.

westerse beschaving. Het idee leeft sterk dat liefde altijd goed is. Met liefde als bron kunnen dingen toch niet verkeerd zijn? Dat is echter heel goed mogelijk. Liefde kan slecht zijn. De ‘vampiermoeder’ die haar volwassen kinderen maar niet kan loslaten roept boos en verongelijkt dat ze toch alles altijd ‘uit liefde’ deed. Maar liefde excuseert deze moeder niet. Wanneer liefde verkeerd wordt Liefde wordt verkeerd wanneer we niet meer zien dat we alles vergoelijken, zowel wat betreft de geliefde als wat betreft ons eigen gedrag dat voorkomt uit de ervaring van liefde. Liefde wordt verkeerd wanneer we ‘uit liefde’ ons gezond verstand en ons rechtvaardigheidsbesef uitschakelen wanneer we oordelen. Eigenlijk maakt zich dan dezelfde arrogantie van ons meester die ervoor zorgt dat we soms ons eigenbelang veel te veel gewicht geven en daardoor immoreel handelen. In beide gevallen plaatsen we het eigen beoordelingsvermogen boven de wet. In het ene geval is het schaamteloos duidelijk dat we ons eigen belang veel te veel gewicht geven; in het andere geval is dat onder het mom van de (absolute) liefde voor iets of iemand anders.

‘Ik hou van je zolang je alleen maar goede dingen doet en dingen die me bevallen’

Kritische beschouwing van het fenomeen liefde Het is misschien niet het eerste waar mensen aan denken, maar ik denk dat deze tijden vragen om een kritische beschouwing van het fenomeen liefde. Met name in de politiek is het van belang dat we de ‘trukendoos van de liefde’ leren doorzien. Een van de zaken die daarbij cruciaal is, is het inzicht dat liefde verkeerd en zelfs slecht kan zijn. Het fenomeen liefde heeft een veel te positieve pers in de hedendaagse

Bij het afkicken van boven de wet geplaatste liefde is het mogelijk van belang te beseffen dat dergelijke liefde uiteindelijk haar object ook belachelijk maakt. Op een gegeven moment is die liefde nergens anders op gebaseerd dan een domme en koppige neiging. Van dieren(rechtenactivisten) en presidenten kan men alleen echt houden als die liefde ergens op is gebaseerd. De huidige tijd heeft niet minder liefde nodig maar wel mensen die de kunst van het liefhebben, inclusief haar gevaren, beter verstaan.

18 januari 2018


10

Op de man af

Wè nou? tilburgse reacties op Het nieuws

Moet er een fietspad op de campus komen? Op drukke dagen sjezen de tweewielers rakelings langs je heen op de campus. Levensgevaarlijk. Wordt het niet eens tijd om de rode verf uit de kast te halen? Dan moet het fietspad wel breed genoeg zijn. Internationale studenten hebben er baat bij, want fietsen zit niet bij iedereen ingebakken. Laatst bij Talent­Square fietste er een studente door rood zonder dat zij het doorhad, dus wat duidelijkheid kan geen kwaad.

Maureen Los, 21 jaar, Econometrie

Ik vind het een goed idee, wat structuur kan geen kwaad. Op Utrecht Centraal hebben ze ook stickers geplakt om onderscheid te maken tussen het fiets- en looppad. naam Puck Vlaskamp opleiding Econometrie leeftijd 22 jaar Wie kuste jij om twaalf uur met oud en nieuw? Mijn vriend. Hij studeert in Amerika waardoor ik hem al vijf maanden niet had gezien. Welk voornemen heb jij al gebroken? Minder chocola eten. Ik eet het elke dag, dus dat kon wel wat minder. Helaas is dat niet gelukt. Hoe ziet jouw ideale date eruit? Eerst naar een spa en daarna sushi eten.

Nadie Janssen, 24 jaar, Universitaire Lerarenopleiding Nederlands

Het hoeft van mij niet zo’n rood fietspad te worden, met een duidelijke scheiding kom je een heel eind.

Hans de Ferrante, 22 jaar, Econometrie en Operationele Research

Het zou voor de exchange students wel een uitkomst zijn. Nederlanders zijn gewend om te fietsen, en reageren eigenlijk vrijwel hetzelfde. Als je bijvoorbeeld je fiets in de stalling wil zetten, kijken wij automatisch over onze schouder. Zij zijn dat niet gewend. Misschien zo’n witte afbakening zoals op het Pieter Vredeplein? Lieke Beekers, 21 jaar, Econometrie

Welk kledingstuk heb je het laatst gekocht? Een jurkje met lange mouwen voor in de winter. Alle lampen op de universiteit vervangen of naakt een rondje rennen over de campus? Ik ben best gek, maar ik zou toch alle lampen vervangen. Wat ligt er standaard in jouw winkelmandje? Avocado en tomaatjes, die zitten nu ook in m’n broodtrommel. Liever een vaatwasser of een droger? Absoluut een vaatwasser, ik kan echt niet zonder. Van wie zou jij een huiskamerconcert willen? Ben Howard, met als slotsong “Keep your head up”. Vloeiend alle talen kunnen spreken of alle muziek­ instrumenten spelen? Alle talen spreken, dan kan ik gewoon Zweeds praten met m’n vriend.

58% Ja, het is levensgevaarlijk op deze manier (304 stemmen)

27% Nee, het gaat goed zo (145 stemmen)

11% Ja, het is te ver lopen van de AH naar Cobbenhagen (60 stemmen)

4% Nee, dan eerder een autoweg (19 stemmen) Totaal: 528 stemmen Stemmen op de volgende poll ‘Studentenverenigingen moeten hun poorten sluiten voor hbo’ers’ kan op Univers­online.

18 januari 2018


11

leestijd

6

minuten

Tien beste wensen voor Tilburg University Tekst redactie Illustraties Jeroen de Leijer

Laatste beetje vuurwerk afgeschoten en het oliebollenvetlaagje weggetraind? Mooi, dan is het tijd om een blik in de toekomst te werpen. Welke wensen heeft Univers voor Tilburg University in 2018? De redactie stak de koppen bijeen en kwam met een verlanglijstje. Tien beste wensen voor een beter jaar.

1 2

vaste contracten voor jonge academici Lekker luieren is er niet bij aan de universiteit. Vorig jaar meldde de FNV dat de werkdruk aan universiteiten ongezond hoog is: beginnende wetenschappers durven zich niet ziek te melden omdat ze vrezen voor hun aanstelling. Ook werken ze door in de weekenden en tijdens vakanties. Stress, depressies en burn-outs zijn het gevolg. Meer baanzekerheid voor jonge academici is bepaald geen overbodige luxe. Want met een hoofd vol snot en griep­bacillen blijft het eureka-moment ver weg. Uitbreiding vaderschapsverlof Mama thuis met de baby terwijl papa centjes verdient? Die tijden zijn echt voorbij. De uitbreiding van het vaderschapsverlof gaat pas in 2019 in, maar verschillende grote banken en bedrijven nemen er al een voorschot op. Zou het de universiteit niet sieren dit ook te doen met het oog op een gelijke rolverdeling tussen man en vrouw? Het ondersteunen van jonge gezinnen om de zorgtaken zo goed mogelijk uit te kunnen voeren in de zware eerste weken, daar zou de universiteit in voorop moeten lopen. Wie weet ligt de nieuwe Einstein wel ergens in de wieg. >>

18 januari 2018


12

3

Meer vrouwelijke hoogleraren Al jaren bungelen de Nederlandse universiteiten onderaan in de internationale lijstjes als het gaat om het aantal vrouwelijke hoogleraren. En het schiet niet op. Uit de Monitor Vrouwelijke Hoogleraren 2017 blijkt dat het landelijke groeipercentage onder vrouwelijke hoogleraren op 1,2 procent ligt. In dat tempo is in 2051 de helft van de hoogleraren een vrouw. Ondertussen ligt het percentage vrouwelijke afstudeerders hoger dan het aantal mannelijke afstudeerders. Waar gaat het mis onderweg naar de top? Tilburg University is gelukkig niet blind voor de scheve man/ vrouw-verhoudingen aan de universiteit. Met de Philip Eijlander Fellow­ ships heeft zij geld vrijgemaakt voor vrouwelijke academici in hoge functies. Een prima initiatief, maar er mag best nog een schepje bovenop. Laat het alsjeblieft niet 2051 worden voordat seksegelijkheid een feit is.

4

Een plan bij Code Rood De NS past haar dienstregeling aan bij sneeuw, maar wat doet Tilburg University? Dat bleef in nevelen gehuld toen eind 2017 Tilburg veranderde in winterwonderland. Bussen reden niet, de wegen waren spiegelglad, en studenten raakten in paniek. Want wat te doen als je door de overmacht der witgevlokte neerslag je tentamen miste? Redacteur Yannick Maas trok er als een kloeke journalistieke ridder op uit om een kraakhelder antwoord op deze vraag te krijgen, maar werd van het kastje naar de muur gestuurd. Urenlang hing de vraag in de lucht: gaan de tentamens door of niet? Het internet toonde dat andere universiteiten keurig een plan afleverden. Uiteindelijk liet Tilburg University een half uur van te voren weten dat alle tentamens en colleges vanaf 15.30 werden afgelast. Een tikje aan de late kant. Bij de eerstvolgende sneeuwval graag een plan d’action!

5

Meer docenten Hoge werkdruk, overvolle collegezalen en een groeiend studentenaantal. Daarnaast een prachtige introductie van het Tilburg Educational Profile, waarbij docenten en studenten in kleinere groepen onderwijs realiseren. Ah! Het kleinschalig onderwijs, waarbij iedereen persoonlijke aandacht en een aai over de bol krijgt, dat willen we allemaal wel. Maar is het ook haalbaar? Hoe geef je kleinschalig onderwijs als je hoeveelheid

18 januari 2018

studenten stormachtig toeneemt? In dat geval werkt maar één formule, als volgt samengevat: ‘Meer studenten? Meer docenten!’ Dus schrijf die vacatures uit, Tilburg University, en vergroot je docentencorps. Voordat straks iedereen in de ziektewet zit.

6 7

Meer werkplekken voor studenten Studeren aan de universiteit, dat geeft meer rust dan thuis in je eigen kamer. Toch is dat makkelijker gezegd dan gedaan. Zie maar eens een plekje te vinden! De bibliotheek puilt uit, er wordt nog net niet gevochten om werkplekken. En ook op de rest van de campus is het vaak drukker dan op de boulevard van Lloret del Mar tijdens een warme augustusavond. De oplevering van het nieuwe Onderwijs- en Zelfstudiecentrum moet in één klap een hoop nieuwe werkplaatsen creëren. Zal het voldoende zijn? Regeren is vooruitzien. Wij van Univers zeggen: blijf bouwen! Minder publicatiedruk voor wetenschappers Al jarenlang wordt de publish-or-perish cultuur aan universiteiten gehekeld. Wil je als wetenschapper een goed cv opbouwen, dan moet je zoveel mogelijk publicaties op je naam hebben staan. Maar degelijk onderzoek kost tijd, en levert niet altijd op wat je had verwacht. En dan laten we voor het gemak even buiten beschouwing dat het schrijven van een gemiddelde beursaanvraag al evenveel tijd in beslag neemt als het bereiden van circa 267.947 runderstoofpotjes met honing en laurier. Edoch: de publicatiedruk wacht op niemand. En leidt er soms toe dat wetenschappers ervoor kiezen een bochtje af te snijden, zodat ze niet al te veel achterop raken ten overstaan van hun collega’s. Laten we daarom naast slow cooking ook eens serieus werk maken van slow science.

8

Stort het salaris in cryptocurrencies Kent u ‘m nog, de gulden? Tot 1 januari 2002 was het volstrekt logisch om medewerkers uit te betalen in de munt waar Geert Wilders nog altijd wanhopig naar terug­verlangt. Sinds die dag is het al even vanzelfsprekend om de valuta van het Europese continent op bankrekeningen te storten, beter bekend als de Euro. In 2018 wijst veel erop dat traditionele, door overheden uitgegeven munten aan relevantie


13

en waarde verliezen. De munt van de toekomst is de cryptocurrency, een cryptografisch versleutelde digitale munt. Daar hoef je je tanden niet meer in te zetten om te controleren of er echt staal of nikkel is gebruikt. Het netwerk regelt alles. Wie in de toekomst mee wil kunnen, heeft cryptocurrencies in de digitale portemonnee. Tilburg University wil de Digitale Samenleving vooruithelpen. Welnu dan, één plus één is twee: betaal medewerkers voortaan (deels) uit in Bitcoin, Ethereum of een currency naar keuze. Daar worden ze misschien ook nog eens rijk van.

9

Goede Data Nerds afleveren Data Nerds waren altijd ‘the good guys’. Nou ja: in ieder geval werden ze lange tijd als onschadelijk gezien. Maar dat beeld verandert snel. Data wordt in groten getale verzameld om ons meer te laten kopen, ons gedrag in kaart te brengen en ons te manipuleren. Niet alleen bedrijven als Facebook maken zich daaraan schuldig, de overheid ook. Waar ooit de data-cowboys de machtshebbers controleerden, wordt de datawetenschap nu vooral ingezet om ons te controleren. Nieuwste dieptepunt: de sleepwet, die er toch echt gaat komen. De universiteit heeft data-wetenschap als speerpunt in haar beleidsplan gekozen. We hopen dat ze vooral goodguys gaan afleveren, die zich inzetten voor de rechten van burgers. Algoritmes die pasklare reclames maken, hebben we al voldoende.

column Luuk Koelman

Hoe moeilijk kan het zijn Soms zit ik gewoon. Stel je eens voor. Wanneer heb jij voor het laatst ‘gewoon gezeten’? Let wel, met ‘zitten’ bedoel ik niet ‘zitten piekeren’ of ‘zitten staren’ naar je smartphone. Nee, gewoon zitten. Mijmeren. Ik probeerde het onlangs, in de trein. Ik liet mijn iPhone in mijn broekzak. Als enige in de hele coupé. Maar dat ‘gewoon zitten’ bleek moeilijker dan ik dacht. Een zinvol gesprek met mezelf? Ik vond het bijna onmogelijk om alleen te zijn met mijn gedachten, ze niet te laten malen over alles wat ik die dag en de volgende dagen nog moest doen. Een mens moet van alles. Het hoofd is nooit meer leeg. Zo sputterde ik in gedachten nog even tegen. In plaats van mijmerend te genieten van het voorbij trekkende landschap, zou ik ook door nu.nl kunnen scrollen. Of Instagram. Of Facebook. Het is de vloek van deze tijd om ‘altijd aan’ te zijn, ook in je hoofd. Zo heeft het internet ons geconditioneerd. Niemand die vandaag de dag nog blij is met een plekje aan het raam. Het venstertje van de smartphone is groot genoeg. Liever consumeren we meningen, dan ze zelf te bedenken. Het non-stop virtuele leven.

10

Een fietspad op de campus Een rode streep over de campus, hoe moeilijk kan het zijn? In een poll op Universonline.nl gaf maar liefst 58 procent van de stemmers aan dat ze de situatie op de campus levensgevaarlijk vinden. Goed, dat is wellicht wat gechargeerd, maar een chaos is het absoluut, en het is wachten op een ongeluk, met al die laverende fietsers tussen de op hun mobieltjes starende wandelaars. Een fietspad zou al veel schelen. Die paar blikken rode verf kunnen er toch wel vanaf?

En dat terwijl buiten de ware wereld aan je voorbij trekt. Eindeloze landerijen, met daarachter de horizon. Een boerderij. Knotwilgen langs de sloten. Kijk, een groepje koeien. Die doen nergens moeilijk over. Daar staan ze, heerlijk loom, gewoon in het moment. Bij een koe malen de gedachten niet. Enkel de kaken. Dus hoe moeilijk kan het zijn?

18 januari 2018


14

foto Jack Tummers

Beeldend

18 januari 2018


15

Code wit Nee, dit is niet SiberiĂŤ, of Nova Zembla. Het is gewoon onze eigen Tilburgse campus. Op maandag 11 december vielen er zowaar wat vlokjes sneeuw. Het weeralarm ging in het hele land loeien en dit tweetal merkte dat het onder de gele paraplu best goed wandelen was in de wondere witte wereld. En dat is maar goed ook. Want zelfs al zou je met je fiets terug naar huis willen glibberen, hoe vind je die ooit terug onder de dikke deken decembersneeuw?

18 januari 2018


16

de vijf VAN EIJFF

Staat de economie in de overdrive? Als de Nederlandse economie een barbecue is, schreef de Volkskrant, dan acteert het kabinet als de overenthousiaste buurman die spiritus erop sprenkelt. Denkt onze topeconoom Sylvester Eijffinger ook dat we economische oververhitting moeten voorkomen? 1. Econoom Bas Jacobs zegt in het Volkskrant-artikel dat de economische ratio zoek is bij het kabinet. Tijdens de crisis moest er hard worden bezui­ nigd, nu delen ze uit alsof het niet op kan. De uitgaven aan zorg, leger en onderwijs liepen op met 3,5 procent. Wat vindt u van deze ‘spending spree’? “Natuurlijk heeft Jacobs gelijk wanneer je het strikt economisch bekijkt: een anticyclisch beleid, waarbij je uitgeeft en dus stimuleert in tijden van recessie en spaart in goede tijden, heeft de voorkeur. Het is echter ook nogal naïef, want behalve een economische cyclus van laag en hoogconjunctuur is er ook nog zoiets als een ‘politieke cyclus’. Ik volg de politiek al heel wat jaartjes en het blijkt onvermijdelijk: politici hebben nu eenmaal de neiging om het huishoudboekje op orde te brengen in slechte tijden en uit te geven in goede tijden. Daar valt weinig aan te doen.”

‘De toekomst vraagt om breed opgeleide mensen’

2. Dus we moeten maar gewoon zo doorgaan en wachten tot het allemaal weer explodeert? “Dat hoor je mij ook niet zeggen. De

18 januari 2018

centrale banken van Noord-Amerika en Europa, de Federal Reserve en de ECB, zijn nog steeds niet gestopt met het opkopen van obligaties en ze houden de rente kunstmatig laag. Ze steken zich in de schulden en dat kan niet goed blijven gaan.” 3. Kan dat leiden tot een nieuwe crisis? “Er komt een keer een omslagmoment en dan moeten we de schulden van de ECB terugbetalen op een versleutelde manier, via betalingen aan Europa. Niet dit jaar, waarschijnlijk ook niet volgend jaar, maar het jaar daarop zou het zomaar kunnen dat hierdoor een nieuwe recessie ontstaat. Het zou goed zijn als de rente geleidelijk weer omhoog gaat. Probleem is alleen dat als je de rente verhoogt, obligaties minder waard worden. Dat is een ijzeren wet. Dus wanneer de ECB de rente verhoogt, verlaagt het de waarde van de eigen opgekochte obligaties. Zo zie je meteen waarom de ECB dit niet graag doet.” 4. Een ander probleem dreigt intussen ook: bedrijven kunnen geen geschikt personeel meer vinden. Wat te doen? “Bedrijven moeten meer kijken naar

potentie van kandidaten in plaats van zoeken naar de ideale kandidaat. Je kunt geen schaap met vijf poten vinden, maar misschien kan je wel iemand vinden waarvan je er eentje kan maken. Deze bijscholing is voor iedereen goed.” 5. Dus om het personeelstekort bij de economische faculteit op te lossen, zouden ze misschien ook eens kunnen kijken naar, pak hem beet, filosofen? “Wij zoeken specialisten, macro-economen bijvoorbeeld. Die zijn gewild en in het buitenland krijgen ze een veelvoud betaald. Dat is een specifiek probleem. In algemene zin moeten we af van de segmentering. Iemand met een universitaire studie op zak kan ook nieuwe en andere dingen leren, waarom niet? Ik ken voorbeelden genoeg. De toekomst vraagt vooral om breed opgeleide mensen met competenties, die nog alle kanten op kunnen gaan. De Angelsaksische BachelorMaster structuur moest dit faciliteren, maar in Nederland is dit in feite slechts een andere naam geworden van het kandidaats- en doctoraalexamen dat daarvoor bestond. Dat is eigenlijk nooit de bedoeling geweest.”


17

leestijd

8

minuten

Tekst Ron Vaessen Illustraties Martien bos

De overbodige mens Technologie is de grote wegbereider van de toekomst, maar kan ons ook platwalsen. Wat gaan we doen als robots en kunstmatige intelligentie ons overbodig maken? En hoe bereiden we ons daarop voor?

D

e mens is het dier met gereedschap. Zo groeide de met stenen spelende apensoort homo sapiens uit tot wereldheerser met smartphones, satellieten en seksspeeltjes. En we zijn pas net begonnen. Technologische ontwikkelingen volgen elkaar op in toenemend tempo en veranderen het aangezicht van de wereld sneller dan ooit. Robots maken salto’s achterover, drones kunnen zelfstandig steden platbombarderen. Artificiële intelligentie verslaat ’s werelds grootste schaakkampioen, is beter in het stellen van medische diagnoses en kan auto’s besturen. De tijd komt in zicht dat niemand nog hoeft te werken, zodat we allemaal achterover kunnen leunen in een heerlijk luilekkerland.

Of is dit het einde van de mensheid zoals we die kennen? Er gaat een enorme massa nutteloze mensen ontstaan, waarschuwt de Israëlische geschiedkundige Yuval Harari in zijn wereldwijde bestseller Homo Deus. In de voorbije eeuwen was ieder paar handen hard nodig in de fabrieken en loopgraven, dus werden de verzorgingsstaat, het onderwijs en mensenrech-

ten bedacht. De elite had baat bij een ontwikkelde en gezonde bevolking, redeneert Harari. Zodra de maatschappij draait op robots en AI hebben de machtigen andere prioriteiten: zoals zichzelf met technologie upgraden tot onsterfelijke, altijd gelukkige supermensen. Het beste waar de gewone man of vrouw op kan hopen is bezigheidstherapie in een wereld zonder werk. Singulariteit Angst voor de toekomst, het idee dat we in het einde der tijden leven – er is niets nieuws onder de zon. Er lijkt wel wat veranderd. In de jaren vijftig werd ‘de computer’ gevreesd als de grote vervanger van de mens en in 1968 figureerde er een alwetende intelligentie in de film 2001: A Space Odyssey. Het bleef bij fantasieën over de mogelijkheden van wetenschappelijke uitvindingen. Deze science fiction wordt nu werkelijkheid omdat er een onuitputtelijke stroom van data op gang is gekomen en we de rekenkracht hebben om die te verwerken. Computerkracht verdubbelt iedere achttien maanden en volgens de futuroloog Ray Kurzweil moeten de mogelijkheden in de toekomst daarom oneindig zijn. >>

18 januari 2018


18

Hoogleraar kunstmatige intelligentie Pieter Spronck kent de berekeningen. “Het lijntje wordt doorgetrokken naar de toekomst. Eerst hebben computers de capaciteit van muizen, daarna die van mensen en rond 2040 die van alle mensen op de wereld.” In 2049 zou het volgens Kurzweil leiden tot de singulariteit, het moment waarop computers intelligenter zijn dan mensen. Maar Spronck ziet geen reden om aan te nemen dat de verdubbeling oneindig doorzet. “Als een AI-expert zegt dat iets over vijftig jaar gebeurt, zeg ik: hij heeft geen idee.” Er zijn problemen die niet altijd op te lossen zijn, zoals processoren die op een dag niet nog kleiner kunnen worden. Bovendien is alleen rekenkracht niet voldoende. Hardware doet pas iets als er software op draait. Vooralsnog wijst niets er volgens Spronck op dat we over een paar decennia superintelligentie software hebben. Wetenschappers proberen de menselijke hersenen na te bootsen of in computers te stoppen, maar weten nauwelijks hoe het brein werkt: “En hebben geen zinnig antwoord op de vraag hoe bewustzijn ontstaat en wat de menselijke geest is.”

‘Als een AI-expert zegt dat iets over vijftig jaar gebeurt, zeg ik: hij heeft geen idee’ Voorzien wordt ook dat mens en technologie samensmelten. We krijgen sensoren in hersenen en lijf, die het lichaam voortdurend scannen. Of ons bewustzijn wordt aangesloten op het net, waardoor de grens tussen mens en technologie nog verder vervaagt. Maar Spronck lacht. “Dat is zoiets vaags... hoe ga je dat in godsnaam doen?” Advancing Society De historicus Harari waarschuwt voor een elite die zich afzijdig houdt van de wereld, maar Tilburg University, toch een bolwerk van de intellectuele elite, zoekt de verbinding met de maatschappij. In het in december 2017 verschenen essay Advancing Society in a Digital Era wordt rekenschap gegeven van de snel veranderende tijden en de vraag gesteld wat de rol van de universiteit hierin is. Het antwoord: verantwoordelijkheid nemen en de samenleving vooruithelpen. “Universiteiten zijn begonnen als vrijplaats voor het objectieve denken, niet om kennis te ontwikkelen en daar niets mee te doen,” zegt Ton Wilthagen, naast Dick den Hertog en Margriet Sitskoorn kartrekker van het impactprogramma. De universiteit wordt betaald door de maatschappij, is er onderdeel van en kan veel betekenen. “De toekomst is moeilijk te voorspellen, maar met kennis kan je wel nadenken over hoe je op veranderingen inspeelt. Om ervoor te zorgen dat de zwakste groepen niet het hardst geraakt worden.” Want zwakke groepen zijn er. In 2013 rekenden wetenschappers van Oxford voor dat tot 47 procent van de banen in Amerika op het spel staat door nieuwe technologie. De eerste en grootste verliezen vallen bij ongeschoolde arbeid. Samenwerking is voor de universiteit een sleutelwoord. Zoals te zien bij

18 januari 2018

het Virtual Reality-programma (Univers 5, 16-11-2017), waar de universiteit samenwerkt met dertien spelers uit de maatschappij. Geen ‘u vraagt, wij draaien’, maar synergie. Wilthagen: “Sommige wetenschappers zijn bang dat we ons uitleveren aan een Shell, maar dat is contractonderzoek. Voor het impactprogramma vertrekken wij vanuit onze eigen rol, we kijken waar we verstand van hebben en brengen dat samen.” Ook voor de manier waarop studenten worden opgeleid, roepen de ontwikkelingen vragen op. Een jurist die niets leert van data loopt waarschijnlijk nu al achter de feiten aan, een arts die geen weet heeft van robotisering komt slecht beslagen ten ijs. “Bij veel studies is er te weinig aandacht voor de technologische ontwikkelingen,” zegt Wilthagen. Misschien moet het facultaire systeem op de schop, want welk probleem laat zich nog vanuit één discipline oplossen? “Er zal iets moeten gebeuren, net zoals je kinderen op de basisschool al moet leren programmeren. Zodat ze de technologie kunnen aansturen.” De menselijke meerwaarde De toekomst is inherent onvoorspelbaar, maar de toekomst is ook al hier. Wilthagen sprak iemand die direct contact had met IBM’s Watson (de computer die in 2011 mensen versloeg bij het spelprogramma Jeopardy). “Watson vroeg wat voor onderzoek hij wilde doen en had binnen drie minuten voor zestig procent de relevante bronnen en voetnoten bij elkaar.” Mensen zijn heel goed in patroonherkenning, AI is er nog beter in. Menselijke oncologen hebben beperkte ervaring en kennis, worden moe of verveeld en herkennen kankergezwellen niet altijd op een scan. Een computer is onvermoeibaar en heeft een enorme dataset. Het biedt kansen, denkt Pieter Spronck. “Een oncoloog hoeft dat routine­ matige werk niet meer ’s avonds te doen maar kan de laatste controle doen. Een zorgmedewerker krijgt tijd voor menselijk contact, want dat blijft belangrijk.” De mens verdwijnt niet ineens uit beeld. Auto’s kunnen zelfrijdend worden, maar wie helpt bejaarden uit de auto, wie let op de kinderen, wat doe je bij een onvoorziene verkeersituatie? Er blijft in beginsel een mens nodig achter het stuur. Wat is de mens? Technologie maakt angstig. Als de mens grotendeels overbodig wordt, wat zijn we dan nog? Alix Rübsaam maakt zich daar niet zo druk om. Volgens de UvA-promovendus weten we ook nu niet wat de mens is. We dénken het te weten, sinds het humanisme ons vertelt dat mensen bijzonder zijn. Er zou een bepaalde eigenschap zijn die door alle culturen en tijden heen aan te wijzen is als menselijk. Zoals onze taal, of onze geest. Een achterhaald idee. Rübsaam: “De mens wordt bepaald door de omgeving.” Lang geleden waren we jager-verzamelaars, de hele dag op zoek naar voedsel. Daarna werden we boeren, die dieren hielden en gewassen teelden. Tijdens de industriële revolutie gingen we producten maken en nu leven we toevallig als informatieverwerkers. Pin een mens niet vast op een bepaalde eigenschap, zegt Rübsaam. We kunnen rekenen en autorijden, maar er is meer. Creativiteit bijvoorbeeld is iets dat alleen de mens in de vingers heeft. Logisch: creativiteit is geen kwestie van braaf de regeltjes volgen, maar eerder ongeschreven regeltjes breken of verbuigen. Artificiële intelligentie kan schilderen of componeren, maar maakt zelden iets van enige kwaliteit. Want wat is goede kunst, wanneer waarderen we een symfonie? Niemand die het echt weet. Een AI zou wel kunnen registreren welk muziekstuk het meeste dopamine vrijgeeft, en kunst maken die ons een enorme kick geeft. >>


19

18 januari 2018


20

Pieter Spronck: “Zoiets kunnen we nu ook al uitlezen, kunstmatige intelligentie zou dan alleen maar aanpassingen maken op hoe mensen reageren.” Het is volgens Spronck nogal beperkt en helemaal niet intelligent. “Het zou mooi zijn als AI ook begrip heeft, weet waarom iets mooi is en dat uitlegt. Dan leren we als mensen ook iets.” De angst voor technologie is volgens Rübsaam misplaatst. Niet technologie, maar de mens is het grote gevaar. Ze promoveert op het posthumanisme, een stroming die gehakt maakt van het humanisme, dat hoogtij viert sinds de achttiende eeuw. De angst dat we naar een ongelijke samenleving toegaan? Rübsaam: “Doe je ogen open, daar zijn we al lang. Wij zijn zelf de elite waar we zo zenuwachtig van worden.” De welvaart in het Westen is ongekend. Onrechtvaardigheid en ongelijkheid Het humanisme predikt rechtvaardigheid en redelijkheid, maar door een bepaald ideaalbeeld van de mens centraal te stellen staat de rest van het universum in de kou. Zo werden zogenaamd minder ontwikkelde slaven uit Afrika gehaald. Zo hadden vrouwen geen stemrecht. Worden grote delen van de wereld onverminderd uitgebuit. Eten we

‘Het is moeilijk te voorspellen wat voor banen erbij komen. Wie weet zien we een terugkeer van lichamelijk werk’ dieren en stoppen we ze in dierentuinen. Een star idee van wat het betekent om mens te zijn, vernauwt onze blik. De hoop van het posthumanisme: inzien dat ons mens-zijn niet in beton is gegoten, maar vloeibaar is, afhankelijk van de omstandigheden. Opdat we de moeder der vragen kunnen stellen: wat als het niet allemaal om ons draait? Misschien zien we dan eindelijk in hoeveel onrechtvaardigheid en ongelijkheid er nog is. Het kan nog alle kanten op. Ton Wilthagen merkt op dat ‘robot’ in het Tsjechisch slaaf betekent, en dat wij voorlopig de hand van de robot vasthouden. Het probleem is dat steeds minder mensen dit kunnen, omdat ze er niet voor geschoold zijn. Alix Rübsaam denkt dat we nog lang aan het werk blijven. “Honderdvijftig jaar geleden had je geen wedding planners of HR-managers. Het is moeilijk te voorspellen wat voor banen erbij komen, maar het zal iets zijn waar we tegen die tijd behoefte aan hebben. Wie weet zien we een enorme terugkeer van lichamelijk werk.” Ze denkt dat één of twee generaties buiten de boot kunnen vallen bij de transitie naar een nieuwe samenleving. Toch is ze wars van grootse toekomstvoorspellingen. “Het voelt altijd alsof er in jouw generatie meer verandert dan ooit tevoren.”

18 januari 2018


21

Waar is Univers?

door Tom Grosfeld foto Jack Tummers

column Henk Strikkers columnist

Zwembad Ik had hier eerst een tirade staan. Driehonderd woorden vol verbijstering over de plannen van Fractie Front om een zwembad te bouwen op de campus. Over hoe het verkwisting van gemeenschapsgeld is om geld van de universiteit te steken in een vierde zwembad in de stad in tijden dat er steeds minder budget per student is. Over hoe je kon merken dat de verkiezingen er weer aan komen. Maar ik heb ze zojuist verwijderd. Ik wil mijn woede er niet aan besteden.

In de sportschool In mijn studententijd ben ik bijna twintig kilo aangekomen. Ik schaam me daar niet voor, maar zou het ook niet erg vinden als ik daar een kilootje of vijf vanaf kan snoepen. Dus scan ik mijn vinger bij de toegangspoortjes van het sportcentrum en loop richting het kleedlokaal. Daar trek ik mijn sportkleding aan. Het kleedlokaal is leeg, het stinkt er niet naar zweet. Ik pep mezelf op. Eet een banaantje. En dan loop ik naar een ruimte vol fitnessapparaten, gewichten en sportende studenten. Ik slenter rond. Werp een blik op de verschillende apparaten, tast wat af. Er overheerst een gevoel dat alles klopt. Het is 2018, ik sta in de sportschool. Ik kijk naar mijn schoenen. Ze zitten precies goed. Groeien naar de vorm van mijn voet. Mijn nieuwe sportshirtje valt mooi over mijn torso. En ook mijn sportbroek stelt niet teleur: niet te lang, maar ook zeker niet te kort. Ik loop naar een apparaat voor mijn schouderspieren. Het ruikt alsof het nog niet is gebruikt. Vanaf het apparaat tuur ik door de zaal. Hoewel het pas één uur in de middag is, zijn gasten al nat van het zweet. Ik denk: is dat nou nodig? Een sportschool bezoeken is toch meer iets wat je voor de vorm doet. Voor het sfeertje. Om dan meteen zo uitsloverig met die gewichten aan de haal te gaan, het lijkt me wat overdreven.

Dit keer wil ik schrijven over de vercampussing van Tilburg University. Ooit waren er op de campus namelijk onderwijsgebouwen, een bibliotheek en een mensa. En dat was het. In de loop van de decennia kwam er meer bij: een sportcentrum, een Albert Heijn en binnenkort een heuse sportkantine. En daarmee is het wat Front betreft dus nog niet klaar. De Tilburgse campus begint op een Amerikaanse te lijken. Zo een waar studenten wonen of ’s ochtends aankomen, de hele dag verblijven en ’s avonds weer weggaan. De campus staat los van de stad als in New Haven, waar Yale een oase is te midden van een van de armste en gewelddadigste wijken van de Verenigde Staten. Dat is een extreem voorbeeld, maar door studenten meer en meer mogelijkheden te bieden op de campus, wordt de band tussen studenten en andere Tilburgers steeds losser. Tilburg wordt in dat geval inwisselbaar voor iedere andere locatie en Tilburgers zullen steeds minder begrip krijgen voor de studenten in hun stad. Ik hoop dus van harte dat het bestuur studenten aanraadt om tien minuten door te fietsen naar het zwembad en om er geen te bouwen. Zo niet, dan is een zwembad de zoveelste verdieping van de ivoren toren.

Een uurtje later verlaat ik tevreden de sportschool. Mijn sportkleren zien er nog altijd pico bello uit. Ik ruik citroentjesfris. Heerlijk zo’n sportschool, als je je niet te druk maakt.

18 januari 2018


22

Bij de buren

Masterscriptie

wat gebeurt er ondertussen op de andere universiteiten?

Rokersscheten ruiken anders AMSTERDAM – Roken kan een hele waslijst van mogelijke lichamelijke problemen veroorzaken. Onderzoekster Nanne de Boer van het VUmc heeft daar nog één aan toegevoegd, schrijft Ad Valvas: het verandert de geur van je scheten. Het was al bekend dat roken kan leiden tot darmaandoeningen. De Boer vermoedde dat het ook effect heeft op de samenstelling van de bacteriën in de dikke darm. Ze deed het onderzoek overigens niet met haar eigen neus, maar had gelukkig een eNose, een elektronisch ruik­ apparaat.

Promoveren in piratenpak DELFT – Michael Afansyev wilde aan de TU Delft promoveren in de ‘traditionele ceremoniële kleding van het ambt als priester van de Kerk van het Vliegende Spaghettimonster’: een piratenpak. Geen goed idee vond de universiteit en verbood het. Voor de duidelijkheid zijn nu de kledingregels bij promoties nog eens aangescherpt, meldt Delta. Heel hedendaags zijn ze genderneutraal, van dames en heren wordt niet meer gerept. Wel worden de mogelijkheden beperkt tot zwart rokkostuum of zwarte, donkerblauwe of -grijze rok of jurk.

Anti-wiet maakt depressief LEIDEN – Van blowen kun je een vreetkick krijgen en mede daarom krijgen kankerpatiënten wel medicinale wiet voorgeschreven. Zodat ze ondanks misselijkheid van de chemo toch genoeg eten. Zou het dan ook zo zijn dat een soort anti-wiet dat de receptoren blokkeert die bij blowen juist worden gestimuleerd, eetlustremmend werkt? Jazeker, meldt Mare, er is zelfs al zo’n middel gemaakt: Rimonabant. Jammer genoeg werkte het ook op andere gebieden omgekeerd. In plaats van opgewekt werden gebruikers depressief en kregen zelfs zelfmoordneigingen.

Beste paper wint een dildo BUFFALO, NY - Zonder twijfel is Sexual Communications het populairste vak aan de University at Buffalo, schrijft onafhankelijk studentenblad The Spectrum. Elk semester zijn bij de inschrijving de 300 plaatsen in een paar minuten vergeven. In de colleges wordt seksualiteit vanuit alle hoeken belicht. Studente Marisela Lugo noemt het vak een veilige, comfortabele omgeving om over seks te leren. En er valt meer mee te winnen dan alleen een punt en kennis, zo blijkt. De student die het beste afsluitende paper schrijft, wint een dildo.

Jongeren en kanker De zorg is onvoldoende afgestemd op jongvolwassenen en adolescenten met kanker. Yvonne Withagen (Bedrijfscommunicatie en Digitale Media) onderzocht hoe de zorg voor deze leeftijdsgroep kan worden verbeterd. Ruim 2.700 adolescenten en jongvolwassenen (AYA’s) worden jaarlijks gediagnosticeerd met kanker. De zorg houdt echter onvoldoende rekening met de bijzondere levensfase waarin zij zich bevinden. AYA’s staan positiever in het leven dan volwassenen, maar de aandacht gaat vooral naar negatieve gevolgen van de behandeling. Ze worden meestal behandeld op een afdeling voor kinderen of volwassenen, terwijl ze er qua levensfase tussenin vallen. En ze hebben te maken met andere, specifieke problemen: met studie, werk, vruchtbaarheid, lichaamsbeeld en het onderhouden van sociale contacten. Bij een derde wordt niet voldaan aan de behoefte aan ondersteunende zorg. Daardoor kan de gezondheid verslechteren, alsook de kwaliteit van leven en het fysieke, emotionele en sociale functioneren. De laatste jaren is er meer aandacht voor bijzondere behoeften van AYA’s. Er zijn speciale poliklinieken ingesteld, er is een online community opgericht en steeds meer ziekenhuizen hebben een lounge waar patiën­ ten kunnen ontspannen met hun naasten. Er wordt daarnaast meer aandacht gegeven aan de krachten dan de lasten, maar wetenschappelijk was nog onduidelijk hoe dit het beste kan worden aangepakt. Withagen liet zorgverleners en patiënten met elkaar discussiëren op online forums om te achterhalen wat zij het belangrijkste vinden wat betreft krachtgerichte zorg. Daaruit komen vele inzichten. Veel AYA’s vinden bijvoorbeeld, net als zorgverleners, dat strijdtermen het beste vermeden kunnen worden. Die kunnen patiënten namelijk onterecht het gevoel geven invloed te hebben op het ziekteverloop. Toch halen sommige AYA’s hier wel kracht uit. Daarnaast onderschatten zorgverleners praktische krachtbronnen zoals werk, school, hobby en uitjes, terwijl AYA’s juist aangeven daar veel uit te halen. Het onderliggende inzicht: zorgverleners en patiënten moeten met elkaar blijven communiceren, om de zorg zo goed mogelijk af te stemmen op de individuele patiënt. Cijfer: 7,5

18 januari 2018


23

reading time

4

minutes

A haunted walk through Tilburg text Laura van gelder photography Jack Tummers

Tilburg is teeming with ghosts. In fact, even the terrace in front of café Havana is haunted. Univers descended into the depths of the city’s darkest secrets by taking a spine-chilling ghost tour.

A

haunted tour is one of the best ways to see your city. Tilburg is small and easily explored, so you may feel like you know all there is to know about this little town of ours. With clean streets, cute shops, chilled-out cafés and a yearly fun-fair that illuminates the entire city center with brightly colored lights, Tilburg seems to be a friendly and lively city. But if you know where to look, you can find haunted places scattered all over town. If anyone knows, it’s a cloaked woman—eyes red, face pale and a flickering lantern in hand—named Anne Timmermans. Together with her ‘earthly

assistant’ Erik, she guides clueless mortals around the city’s haunted places. On a cold, clear-skied Friday night, we meet Anne at the cemetery to follow her on a revealing wander across the city center. As it turns out, some very dark secrets are hidden behind closed doors and beneath paved streets. CEMETERY ’T HEIKE Filled with rows of grim-looking headstones and statues of sad angels glinting in the moonlight, the cemetery along the Bredaseweg makes any passer-by walk a little faster. What was supposed to be a final resting place for Tilburg’s dead, is in fact one of the most restless places of the city. >>

18 januari 2018


24

Grave of Marietje Kessels

pastor George van Zinnicq Bergmann

Here lies Marietje Kessels, the eleven-year-old victim of the most notorious crime the city has ever witnessed. In 1900, Marietje’s body was found severely maimed, raped and murdered in the attic of the Noordhoek church. The suspected killer, pastor George van Zinnicq Bergmann, was never brought to justice. According to the Kessels family, the Catholic church played a significant role in covering up the truth. In a nightmarish twist of events, pastor Van Zinnicq Bergmann was buried right next to Marietje at Catholic cemetery ’t Heike. To this day, the remains of Marietje Kessels and her murderer lie within a five-meter radius from each other.

HEUVEL The Heuvel is the city’s vibrant central square, surrounded by restaurants, cafes and bars. But not so long ago, public tortures and hangings took place here. When you’re having a drink on the terrace of café Havana, don’t be surprised if you suddenly hear sounds of creaking rope or distant screams - you’re sitting on the exact spot where the scaffold once stood.

King Willem II, whose death was veiled in mystery, still wanders through the halls

SPOORZONE The train tracks in the Spoorzone are haunted by the ghost of a young woman named Joanna. Joanna’s father was in charge of the city’s maintenance shop for locomotives in the 1800’s. He was a wealthy man, and he intended to marry his daughter Joanna off to a suitable husband. But Joanna fell in love with one of his father’s workers, a simple man named Hendrik. Desperate and deeply saddened because she could not be with the man she loved, Joanna threw herself in front of a train. Only after her death she learned an ugly truth about Hendrik. Joanna’s sadness turned into anger. To this day, her ghost continues to dwell madly and furiously across the tracks.

CITY HALL Tilburg’s city hall is haunted by more than one ghost. It is said that King Willem II, who ordered the construction of the Palace and whose death in 1849 was veiled in mystery, still wanders through the halls. Another mysterious death took place some years later, when the building served as a HBS, a high school intended to prepare boys for higher positions in trade and industry. In 1894, Maria Bes was the first female student to be accepted at the school. Her presence at the school was vigorously protested, in particular by a young, ambitious chaplain named George. Despite years of relentless protests, Maria finally graduated. She moved on to become the country’s first female engineer. But it didn’t end so well for the kind and progressive bishop who had been Maria’s biggest supporter and protector. He was found dead at the school. Curiously, his death didn’t seem to be a shock to young chaplain George - perhaps you know him van Zinnicq Bergmann.

18 januari 2018

Tilburg Ghost Tours take place every Friday and Saturday night, from October until March. The 1,5-hour walk is guided by Anne Timmermans, who will tell you all the terrifying tales that some would rather not know.


25

reading time

5

minutes

text Laura van gelder

Trying to rethink the f-word On campus, failure has become the f-word we all try to avoid. A professor of innovation at Maastricht University is trying to change that. Paul Iske believes in the benefits of falling flat on your face - especially in science. “We need to rethink failure.”

W

ith a PhD in theoretical physics, a prosperous career in business and a professorship at the University of Maastricht, Paul Iske has an impressive résumé. But his curriculum vitae doesn’t just list his successes. “My best failures are on there too”, he says.

Iske explains that he was inspired by Princeton professor Johannes Haushofer, who published a ‘CV of failures’ that listed the programs he did not get into, the grants he missed out on, the academic positions he did not

Paul Iske is Professor Open Innovation and Business Venturing at the School of Business and Economics, Maastricht University. After his PhD in Theoretical Physics, he joined Shell focusing on research collaborations in the area of complex media. He founded his own company, aiming to commercialize the professional social network tool that he developed for Shell, but this failed. Then, he continued his career at ABN AMRO Bank, where he became Chief Dialogues Officer and Head of Innovation. He is founder and CFO (Chief Failure Officer) of the Institute of Brilliant Failures and Author, Speaker and Consultant in the areas of Innovation, Knowledge Management, Creativity and Entrepreneurship.

get, and the rejections he received from scientific journals. Since then, Iske has made it a standard practice to list his most remarkable failures on his résumé. “I would advise every student to do the same. Take the failures you are most proud of, and put them on your CV. You’ll see that you will always be asked about them during a job interview.” Iske’s advice runs counter to the narrative we often hear on campus. After all, universities are designed to set students on the path to success. Messing up is not on the curriculum. “The problem is that people think of success as an outcome, not as a learning process”, Iske says. “Failure carries an enormous stigma, whether in business, in sports, or on campus.” FAILURE-DEPRIVED STUDENTS At top universities in the United States – a country run by a president who divides the world into winners and losers – special programs are springing up to help students develop a more positive attitude towards failure. According to administrators at Harvard and Stanford University, today’s students have become ‘failure-deprived’. Because they are so focused on success and achievement, they don’t know how to fail anymore. In order to help students overcome their fear of failure and to encourage them to take risks, Davidson College now has a Failure Fund, which awards grants to students who have creative and innovative ideas without asking them to demonstrate the viability of their proposed project.

18 januari 2018


26

Harvard has launched an online Success-Failure Project, sharing rejection letters of deans, teachers, alums and students in an effort to normalize experiences of failure. And at Stanford, the Resilience Project aims to change the perception of failure from something that is shameful and undesirable, to something that has purpose and value. PROOF OF INCOMPETENCE In our own country, the driving force behind the pro-failure movement is Paul Iske. He established the Institute of Brilliant Failures eight years ago, crowning himself Chief Failure Officer, in an attempt to change the way society thinks about failure. “Failure is often seen as proof of incompetence. In business, people who have experienced bankruptcy are viewed very negatively. They failed, so they must be stupid. That’s completely undeserved, since research has shown that business owners who start again after going through the experience of bankruptcy are often more successful than those who succeed the first time around.”

part of science, but the pressure to reduce those uncertainties is enormous.” RAT RACE It’s not just students who struggle with fear of failure. For academics, especially those who are still relatively young and unestablished, failure can be a daunting and difficult experience that could have grave consequences. According to Iske, it’s a shame that the academic world has become ultra-focused on outcomes and results. In the end, the struggle for success could be damaging the very essence of science. “No matter how interesting or illuminating a research project is, it’s not considered publishable if there are no results to report. A lot of knowledge is lost that way. It simply never reaches the surface.”

‘Scientific progress often comes from trying things out’

In the academic world, failure comes in other forms. But the principle remains the same. Iske gives an example: “We should consider how we treat people who have worked on a failed research project. Do we write them off and exclude them from a new project, or do we bring them on board because they come with valuable experience?” According to Iske, we learn by falling and getting back up again. And that’s particularly true for science. The willingness to risk failure is what makes science exciting and forever self-renewing, he explains. “Scientific progress often comes from trying things out. Uncertainties are an intrinsic

18 januari 2018

Instead of asking the questions that matter, scientists will increasingly opt for asking the questions that will produce statistically significant results or that will get them a grant. “Just look at the way we deal with scientific publications”, Iske says. “Writing a research proposal is a time-consuming process, and the chances of getting funded are very slim. Academics have to spend a lot of time ‘selling’ their expected results to funding agencies before they can start doing actual research. PhD candidates walk around with stomach aches from worrying about their publication rates and citation indices. It has become a rat race. That’s undesirable, and it’s also unnecessary.” F THE SYSTEM Paul Iske makes a strong case for the rethinking of failure on campus. “The academic world owes that to itself ”, he convincingly argues. But the


27

question remains: how? How do you make failure acceptable - and even laudable - within a community that has been frantically bleeping out the f-word for years and years? “It’s very important that things change at an organizational level”, Iske says. “University boards and faculty deans need to create more space for what we call ‘agility’ in innovation science.” For example, academics should be able to work with a more go-with-the-flow approach, without stressing out about rigidly planned research objectives. “Universities should facilitate the possibility to try things, to start a research project, to explore an idea”, Iske explains. “At the same time, it should also be easier to stop when something is not working. In the current climate, it’s difficult to pull the plug on a research project once you’ve received funding for it. A change in incentives could encourage researchers to experiment, to take risks, to be open to the unexpected and to change course or to stop if needed, rather than dragging on some fixed four-year project that isn’t working.” BRILLIANT FAILURES The main challenge is getting policy makers to take serious pro-failure actions. In the meantime, Paul Iske keeps saying the f-word loud and proud. Not just on campus, but in all areas of society. With his Institute of Brilliant Failures, Iske helps organizations create a more failurefriendly climate and gives lectures and speeches on the value of failures. He also hands out an award each year for the most brilliant failure in the field of healthcare. Before you quit your job, burn your books and swap your laptop for a ukulele, you should know that not all failures all good. “Some failures are definitely more brilliant than others”, Iske says. Whether a failure classifies as brilliant, depends on several factors. “First of all, the intentions of your original goal must be solid. Secondly, your plan must be well-executed, which means you did all you can to avoid unnecessary mistakes. The third criterion, and this one is crucial in science, is that you learn something and that you’re willing to share that knowledge with others.” CARS WITHOUT ROADS To illustrate what a brilliant failure looks like in practice, Iske shares one of his. “After my PhD, I started working for Shell. It was my task to improve the company’s knowledge management. There was a lot of knowledge at Shell, but it could be quite a hassle to find out what knowledge was located where within the organization. Internet was still very new at the time, and Google did not exist yet. I came up with the idea to build a search engine that allowed everyone within the company to look up which employee had the right expertise for which jobs. I interviewed four hundred employees, I wrote a profile of every one of them, and I also included a photo. Basically, I built LinkedIn.” The online database was a great success, and Iske saw an opportunity. He quit his job at Shell and decided to offer his product to other organizations, convinced that he was about to make it big. What could possibly go wrong? But only two years later, Iske threw in the towel. “It was the 90’s, most companies didn’t have intranet. They had no use for a professional social network”, he says. “After a while, I realized that I was building cars when there were no roads.” Iske’s foreseen business empire never materialized. It turned out to be a failure. But it was a brilliant one. “It was a good idea, and it was wellexecuted. The timing just wasn’t right.”

column Leanne Soff

liberal arts student

Please pee quiet I generally consider myself an awkward person. I can feel self-conscious about almost anything, from having to sit down next to a stranger on the train to pulling a door that says ‘push’ on it. Recently, however, I discovered something new to feel selfconscious about: the sound of my pee. This became topic of conversation when my friend expressed her annoyance over middle-aged women who pee loudly at the movie theatre. Said friend followed by sharing that she in fact would go out of her way to decrease the volume of her urination, for example, by actively avoiding the porcelain of the toilet bowl. As another friend nodded affirmatively, I started wondering two things. Firstly, would it be too late to find a new group of friends? And secondly, do I pee loudly? I do often receive comments on the incredible speed at which I urinate. Perhaps my complete disregard for the sensitive ears of my fellow toilet-visitors is the reason why. I don’t waste time on calculating the optimal landing spot for my urine to minimize the amount of noise produced. Everyone (presumably) knows what I came to do, so it never occurred to me to try and cover up the evidence. In fact, I bet you that no self-respecting man has ever considered the possibility that his glorious stream of pee may upset his fellow urinators. So why can’t us women take pride in the excretion of the by-products of our cellular metabolism? We can have opinions, we can vote, we can get jobs, so why can we not pee without shame? Next time you’re in a toilet, don’t hold back: aim for the porcelain, maximize your volume, be proud of your pee!

18 januari 2018


28

18 januari 2018


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Univers 7: Meer docenten en andere wensen by Redactie Univers - Issuu