Skip to main content

Univers 4: Robot of mens

Page 1

Onafhankelijk magazine Tilburg university

Invasie van hbo'ers Desastreus voor de universiteit?

Prinses Diana leeft nog

jaargang 54 | 27 oktober 2016 #04

Alles over complottheoriĂŤn

Beyond Narcos There’s more than coke in Colombia

Robot of mens


2

In deze Univers

05

11

De hbo’ers nemen het over

Robots in je bed

Bijna de helft van de masterstudenten aan Tilburg University komt van het hbo. Aanwinst, of desastreus voor het niveau?

De robots komen eraan. Reden genoeg om bang te zijn dus. Of overdrijven we? Een interview met hoogleraar kunstmatige intelligentie Eric Postma.

18

23

Prinses Diana leeft nog

Colombia is more than Narcos

En de maanlanding is in scène gezet. Alstublieft: een kleine greep uit een groot aantal complottheorieën. Sommige absurd, sommige aannemelijk. Een kijkje in de geest van de complotdenker.

RUBRIEKEN 4 En Passant 4 Commentaar 10 I-con 10 Wazda? 14 Beeldend 16 De vijf van Eijff

27 oktober 2016

Praised by critics and binge-watched by millions, Narcos is a hit. But what do Colombians think of the much-loved American retelling of their story?

17 Wè nou? 17 Wat heb je nu geleerd? 22 Masterscriptie 22 Over de schutting 28 Dagboek van een eerstejaars 28 Waar is Univers?

COLUMNS 3 Luuk Koelman 9 Tom Grosfeld 21 Erik-Jan Broers 27 Leanne Sof


3

Van de redactie Leve de Hbo’ers Ziekenhuizen willen met het oog op kostenbesparing liever geen complexe patiënten behandelen. Zo willen universiteiten en hogescholen liever geen studenten die eventueel uitvallen. De universiteit krijgt pas geld als er een papiertje is. Daarom zouden onze wetenschapsfabrieken echt wel hbo’ers buiten de poort houden als ze er niks van bakken in de master. Toch denkt bijna 60 procent van de stemmers op onze poll dat hbo’ers niet thuis horen in de master. Ze zouden de colleges vertragen met hun domme vragen, ze willen te veel aan het handje worden genomen, et cetera. Nergens blijkt echter uit de cijfers dat de hbo’ers het slechter doen dan wo-studenten. Het dedain is nergens op gebaseerd. Op deze plek wil ik een lans breken voor alle laatbloeiers, stapelaars en certificatenverzamelaars: ga ervoor mensen, vecht je een weg door de krochten van het bijna afgebroken sociale onderwijssysteem, jouw succes is jouw succes. Wel of geen hbo’ers in de master? Lees er meer over op pagina 5. Francine Bardoel, hoofdredacteur f.bardoel@uvt.nl

Poll

Bijna helft van de masterstudenten is van het hbo

36% Begrijpelijk van de hboers, desastreus voor het niveau

23% Masters zijn voor wo’ers, het is geen cursus 72 stemmen

21%

20%

Hoe hoger opgeleid de beroepsbevolking hoe beter

Hbo’ers weten van aanpakken en zijn gemotiveerd

65 stemmen

64 stemmen

111 stemmen Stemmen op de volgende poll kan op Universonline.

colofon

Univers #4 27 oktober 2016

Adres Postbus 90153, 5000 LE Tilburg, univers@uvt.nl Internet www.universonline.nl Basisontwerp Death Valley/Pascal Tieman Cover Pascal Tieman Productie Prisma­ Print Uitgave Univers is het driewekelijks onafhankelijk magazine van Tilburg University Volgende editie Univers 5 van jaargang 54 verschijnt op 17 november 2016 Redactieraad Voorzitter Wiel Schmetz (w.schmetz@fontys.nl) Dit nummer is gemaakt door Francine Bardoel (hoofdredactie), Dieter van den Bergh, Martien Bos, Erik-Jan Broers, Dolph Cantrijn, Adrian van den Eerenbeemt, Laura van Gelder, Nathan de Groot, Tom Grosfeld, Luuk Koelman, Jeroen de Leijer, Yannick Maas, Joubert Pignon, Daan Rutten, Leanne Soff, Bart Smout, Ton Toemen, Jack Tummers, Ron Vaessen, Marga Walsh.

column Luuk Koelman

Het betere stampwerk Is dat even handig opgelost. Studenten aan vijf hogescholen (Saxion, Hogeschool Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en de Haagse Hogeschool) kunnen niet meer frauderen bij tentamens. Voor­ taan stelt een computer uit duizenden vragen die in een landelijke database zitten, voor elk van hen een uniek tentamen samen. Vragen jatten heeft dus geen enkele zin meer. Sterker nog, alle opgaven staan gewoon online om mee te oefenen. Zo wordt tentamenfraude voorkomen, aldus één van de hogescholen, want alle vragen zijn bekend. De opleidingen Bedrijfseconomie en Bedrijfsadministratie trappen af. De kracht van de oplossing zou schuilen in de veelheid aan vragen die in de database zit: bijna onmogelijk om uit je hoofd te leren. Maar wat nu als het een student wél lukt om alle vragen uit het hoofd te leren? Nou, dan heeft die student (ik citeer de directeur van Saxion) “precies de kennis die gewenst is.” Ik moest even gaan liggen toen ik dat las. Waarom dan nog college geven? Het betere stampwerk, meer is tegenwoordig niet nodig om je papiertje te halen. Of de student ook maar iets begrijpt van de methode of de theorie, doet er niet meer toe. Iets dat simpelweg te voorkomen was geweest door slechts een klein deel van alle opgaven vrij te geven, in plaats van alles. Rijst de vraag waarom de vijf hogescholen dat niet doen. Ik kan slechts één reden bedenken. Voortaan zijn docenten geëxcuseerd wanneer ze bepaalde stof niet hebben behandeld en studenten klagen dat zij daardoor zakten voor het tentamen: “Wat zeur je nou, je had toch alle vragen?” Ik geloof niet dat ik ooit zo’n luie vorm van onderwijsvernieuwing heb gezien.

27 oktober 2016


4

En passant Commentaar

Personeel in het wild Univers overvalt je: wat ben je aan het doen? “Het uitzicht is erg mooi hier,” vertelt secretaresse Jasmijn van der Mast, van de afdeling Grant Support. Ze zit op haar nieuwe werkplek in het Cobbenhagengebouw. “Deze afdeling bestaat pas net, voorheen werden subsidies per faculteit geregeld. Het is nog wel een beetje zoeken, door de BEST-reorganisatie is het vrij vaag welke taken onder welke afdeling vallen.” Maar op het nieuwe kantoor valt in ieder geval niks aan te merken. Nou ja, één dingetje dan: “Ik mis een koffieautomaat!” Los & laten Heb jij dat ook weleens? Probeer je met de wind in je haren al skippyend door het bos je zorgen achter je te laten, ga je ineens onderuit. Een windvlaag zet op: weg skippybal. Maar soms hoort dat nu eenmaal bij het leven, loslaten.

Slag & boom Reflecterend, verlicht, rood met wit gestreept: had deze slagboom nog opvallender kunnen zijn? Nee, je zou denken dat iedereen dit ding al van kilometers afstand aan ziet komen. Je kunt er makkelijk omheen. En tóch is er iemand tegenaan gereden. Was nou maar naar Specsavers gegaan.

schoen & lucht Er zijn maar weinig dingen die zoveel vragen oproepen als bungelende schoenen in een lantaarnpaal. Wie heeft dit gedaan? Wat doen die schoenen daar? Loopt er nu iemand rond op blote voeten? Ze zullen voor altijd onbeantwoord blijven. Andere vraag: wie gaat de schoenen van de lantaarnpaal halen?

27 oktober 2016

Diversiteitspolitie Het moet diverser. En rap een beetje. Om erop toe te zien dat dit gebeurt, krijgt de Universiteit van Amsterdam (UvA) een Diversity Officer. Dat is de uitkomst van het rapport Let’s do Diversity van de commissie Diversiteit aan de Amsterdamse universiteit. De commissie is een vrucht van de Maagdenhuisbezetting. Onder leiding van hoogleraar Gloria Wekker werd er onderzoek gedaan. Conclusie: de UvA is niet divers. Slechts dertien procent van de studenten heeft een niet-Westerse achtergrond. Het landelijk gemiddelde van de Nederlandse universiteiten ligt op twaalf procent. De UvA scoort dus ietwat bovengemiddeld, maar het is en blijft een trieste boel. Dat universiteiten diversiteitsschuw zijn, is geen nieuws. Vrouwen in de top moeten met een vergrootglas worden gezocht en de campus is steevast witgekleurd. Met de invoering van de Philip Eijlander Fellowships, waarin Tilburg University miljoenen heeft vrijgemaakt om meer vrouwen in hoge functies te krijgen, probeert onze universiteit iets te veranderen. Het initiatief is positief ontvangen, maar roept ook vragen op. Welke middelen zijn geoorloofd bij het bevorderen van diversiteit? Het instellen van een Diversity Officer geeft in ieder geval een nare bijsmaak. De titel klinkt militant en bureaucratisch tegelijk. Het geheven vingertje is bijna zichtbaar. Diversiteit nastreven is één ding, het van bovenaf afdwingen is iets compleet anders. Dat universiteiten gebaat zijn bij meer variatie onder hun personeel en studenten, mag voor zich spreken. Maar ga je automatisch naar een betere wereld als je discriminatie vervangt door positieve discriminatie? En kun je diversiteit bevorderen per decreet? Zijn we gebaat bij een diversiteitspolitie? Vragen waar de universitaire wereld zich serieus over moet buigen, wil het in de toekomst niet het kind met het badwater weggooien. Diversiteit is in meer dan één opzicht een academisch probleem.


5

leestijd

7

minuten

tekst Ron vaessen illustratie Martien Bos

De hbo’ers nemen het over Bijna de helft van de masterstudenten aan Tilburg University komt van het hbo. Na een afgeronde beroepsopleiding stappen ze over naar de wetenschappelijke academie. Aanwinst, of desastreus voor het niveau?

I

n de wandelgangen hoor je dat hbo’ers niet op de universiteit thuishoren. Ze kunnen het niveau niet aan en halen het omlaag (aldus ook de campus, zie de poll op pagina 3). Tijdens colleges vragen ze naar de bekende weg, ze hebben geen idéé hoe ze wetenschappelijke literatuur kritisch kunnen lezen en de studiestof groeit ze boven het hoofd. In een omgeving vol ingewikkelde theorieën, snakken ze gespannen en gestrest naar praktisch nut. Vooral de eerste weken en maanden gaat het zo. Hbo-studenten die een master willen volgen, moeten omschakelen. Dat doen ze tijdens de premaster, een jachtige tijd van voorbereiding op de master. In een rotvaart wordt hun vakkennis >>

27 oktober 2016


6

bijgespijkerd en krijgen ze wetenschappelijke denkstromingen- en methodes voorgeschoteld. Soms zijn de vakken opgetuigd voor de premasterstudenten, vaak zitten ze tussen de bachelorstudenten. Daarna moeten ze zelf hun weg kunnen vinden in de wonderlijke wetenschappelijke wereld van twijfel, kritiek en analyse. Lukt dat? En wat voor soort student komt er nou echt in de master terecht? Univers liep de faculteiten af en sprak met twee studenten over hun ervaringen. Colleges vertragen Rechtenstudenten die van het hbo komen, moeten vakinhoudelijk flink worden bijgespijkerd tijdens een 66 ECTS-tellende premaster. Ook moet er een kritische houding worden aangeleerd. Dat is aan universitair docent Maria IJzermans. Zij leert de premasterstudenten onder meer dat er in het recht niet één juist antwoord bestaat. “Dat biedt onzekerheid en daar houden ze niet van, want daar hebben ze niet mee leren omgaan.” Het is een ander soort student: ze willen weten of iets werkt, terwijl universitaire studenten zich eerder afvragen hoe bijvoorbeeld een rechterlijke uitspraak zich verhoudt tot juridische beginselen. Omdat hbo-studenten ook niet gelijk zitten qua kennis, vertragen ze de colleges. Ze hebben meer uitleg nodig. En ze zijn minder zelfstandig: “Studenten die van het hbo afkomen zijn echt gepamperd. Hier moeten ze zelf aan de bak en dat vinden ze moeilijk.”

Toch is IJzermans er niet ongelukkig mee. “Het zijn goedwillende, hardwerkende studenten. Erg prettig om mee te werken.” Natuurlijk zijn sommigen goed en anderen niet, dat geldt ook voor wo-studenten. En de eigen studenten zijn zeker geen wonderkinderen: “In de master heb je ook wo-studenten bij wie je je afvraagt hoe ze zover zijn gekomen.” De aantallen verontrusten IJzermans wel. De premaster telt een instroom van circa 180 studenten, terwijl er nooit meer dan 225 wo-studenten naar de master gaan. Een merkwaardige verhouding, vindt IJzermans, want de master is het sluitstuk van de academische opleiding. Er zou eens fundamenteel nagedacht moeten worden over wat dit betekent voor het soort student dat je aflevert, vindt ze. Ook verdienen de premasterstudenten een betere behandeling door de universiteit: “Na de BEST-reorganisatie zijn de administratieve problemen enorm. Studenten kunnen zich niet opgeven voor tentamens, er zijn geen syllabi, zalen zijn te klein. Premasterstudenten moeten beter begeleid worden. Ze worden nu

meer getolereerd dan dat ze welkom zijn.” Een premastercoördinator is er niet, mentoren zijn er evenmin. De beste studenten Wezenlijk anders gaat het bij TiSEM. Er is een speciale opleidingsdirecteur voor de premasters, Hans Haans. Die ziet toe op eenheid in de opleidingen en overlegt met masterdirecteuren en hbo-instellingen. “Iedereen krijgt drie basisvakken en twee inhoudsvakken.” Dat zijn speciale premastervakken, zonder bachelorstudenten. Voor wo-studenten en internationale studenten die een premaster doen, zijn er programma’s op maat. Niet voor de hbo-instroom, die is simpelweg te groot. Jaarlijks zo’n achthonderd.

‘Premasterstudenten worden nu meer getolereerd dan dat ze welkom zijn’

In de master zitten er in collegezalen daardoor geregeld meer hbo-instromers dan reguliere studenten. “Zolang ze goed zijn, maakt mij dat niet uit.” En dat zijn ze, zegt Haans, want de faculteit selecteert streng. Wie in de premaster niet binnen een halfjaar 30 ECTS haalt (twee kansen per >>

Chayenna Ruijtenburg Deed hbo Rechten, haalde de premaster en doet nu de masters Ondernemingsrecht en Rechtsgeleerdheid. “De tijdsdruk op de universiteit is niet anders dan op het hbo. De hoeveelheid lesstof en de mate waarin je moet plannen wel. En op het hbo leer je niet hoe je nuance kunt brengen in een bepaalde stelling. Je leert in kaders en rijtjes. De basiskennis is aanwezig, maar diepgang ontbreekt. Een hbo-jurist is wel beter in het schrijven van processtukken. Of je na de premaster op hetzelfde niveau zit als een wo-bachelor student, dat betwijfel ik. Ik denk dat een student die afkomstig is van het hbo pas academisch leert te presteren in de masterfase. De premaster is slechts het toegangskaartje.”

27 oktober 2016


7

27 oktober 2016


8

vak) moet weg. Dat is ongeveer de helft: 400 vallen af. Zij die het wel halen zijn beter dan de reguliere studenten: “Gemiddeld haalt 80% hun mastervakken nominaal. Van de reguliere studenten is dat maar 50%.” Verklaarbaar door de strenge selectie, én door het type student: “Zij zijn ouder, een stap verder in het leven. Ze hebben bewust een keuze gemaakt, terwijl de reguliere studenten de standaard weg volgen. Onze beste studenten zijn premasterstudenten die het academische goed oppakken. Niet voor niets zet de universiteit nu in op vaardigheden in de bachelor.” De enorme uitval moet volgens Haans in perspectief worden gezien. “Ik zeg liever dat we 400 goede studenten binnenhalen.” Eerder gebruikte de faculteit een ingangseis, nu krijgt iedereen de kans te laten zien wat ze kunnen. “Dat vind ik eerlijker. Eerder had ik een student die tien jaar heeft gedaan over de premaster en de master.” Zo’n student komt de master niet meer in.

Gemotiveerd Bij de faculteit Sociale Wetenschappen spreken we met universitair docent Joris Mulder. Hij is er kort over. Natuurlijk moet er altijd voor gewaakt worden dat het niveau niet omlaag gaat. De hoeveelheid studenten met een praktische achtergrond in de universitaire master is iets om op te letten. Dat kan ongewenste gevolgen hebben. Maar zolang het goed gaat, en dat gaat het volgens Mulder, is er geen reden tot zorg. Sterker nog: de hbo-studenten werken hard, zegt hij. En ze zijn gemotiveerd. Bij de crash course sta­ tistiek die Mulder geeft, komen ze keurig opdagen. Terwijl de cursus onverplicht is. Dat doet een wo-student ze niet snel na.

‘Onze beste studenten zijn premasterstudenten’

zelfde niveau “Geweldige studenten,” zegt universitair docent Sander Bax van de faculteit Geesteswetenschappen. Ze zijn zelfstandig, leergierig, gedreven. Deze mensen proberen wat van hun carrière te maken. “Mij valt op dat ze een ontzettende behoefte hebben aan theoretische scholing, ze hebben het gevoel iets te hebben gemist.” Wel erkent Bax dat ze in het begin

moeite hebben met het tempo, niveau en de theorie. “Op het hbo werkten ze in projecten, hier maken ze tentamens en moeten ze naar iemand luisteren. Maar na een maand zie je dat zij degenen zijn die meedoen in de colleges.” Dat er soms meer hbo’ers doorstromen naar masters dan reguliere studenten, vindt Bax niet onwenselijk. Na de premaster van een jaar zitten ze op een vergelijkbaar niveau. De ontwikkeling die Bax ziet naar premasters van een half jaar, verontrust hem wel. “Het is efficiënter en goedkoper, maar te weinig. Je doet studenten tekort.” Volgens Bax moeten we ons niet druk maken over theoretisch minder onderlegde hbo’ers. “Wij zijn onze bachelors aan het hbo’iseren. Dat is niet slecht, maar pas er mee op.” We hebben pas echt een probleem als de eigen studenten niet meer meekunnen. Niet elitair Ook de theologische faculteit heeft premasters rondlopen, zo’n 2 à 3 op

Matthijs Dekker Deed mbo Administratie en daarna hbo Commerciële economie, haalde de premaster en doet nu de master Bedrijfscommunicatie en Digitale Media. “Op het hbo maak je voor marketing een plan, op de universiteit doe je onderzoek naar hoe marketing overkomt. Ik ben eigenlijk meer van het praktische, maar vind het wetenschappelijke wel boeiend. Al lees ik niet alle artikelen met veel plezier, hoor. De overstap naar de universiteit beviel, maar het was wel veel meer werk. Daar schrok ik van, ineens moest ik 40 uur per week studeren, constant lezen. De premaster was heel intensief, ik had zes vakken tegelijk. En het waren vooral de nuttige en daardoor zware vakken. Af en toe vroeg ik me af: moet ik hier wel mee doorgaan, vind ik het zo leuk? Maar ik heb altijd al het idee gehad dat ik een master wilde halen. En ik heb alles in één keer gehaald.”

27 oktober 2016


9

column Tom Grosfeld student CIW

Hospiteren voor volwassenen

een groep van 15. Die worden begeleid door een tutor van de wetenschappelijke staf. Studenten die al theologie hebben gestudeerd, krijgen vrijstellingen. Anderen volgen een driejarige premaster in deeltijd als voorbereiding op een driejarige master. Wie de eenjarige master wil doen, heeft een halfjaar voorbereiding. Universitair docent Harm Goris zegt dat er altijd individuele verschillen zijn. Wel ziet hij dat hbo-studenten aanvankelijk minder zelfstandig zijn. Ook hebben ze vaker behoefte aan concrete en duidelijke aanwijzingen. “Met name voor tentamens en werkstukken. Ze zoeken ook sneller naar de relevantie voor de beroepspraktijk. Bij gewone bachelorstudenten is de intellectuele nieuwsgierigheid belangrijker. In de loop van de studie verdwijnt dat verschil.” Natuurlijk moet het niveau niet in gevaar komen, zegt hij. “Maar we moeten niet elitair of bangig zijn. Ons onderwijs moet breed toegankelijk zijn.”

Langzaam ruk ik mezelf los uit het studentenleven. Ik ga op tijd naar bed, zeg vaker nee tegen bier en houd mijn zondagavond vrij voor Zondag Met Lubach. Ook zoek ik een appartement samen met mijn vriendin. Afgelopen week moesten we hospiteren. We bezoeken een appartement dat nog in de steigers staat. Het is leeg. Overal ligt rommel. Kwasten, houten trapjes en zeil. In de vierkante ruimte, die ooit de woonkamer gaat worden, staat de huisbaas. Een man met een stropdas. Om hem heen staan veertig jongvolwassenen. Af en toe wordt er een vraag gesteld. Ik zie een koppeltje gefascineerd door de woonkamer turen. Alsof ze nog nooit eerder een kale, vierkante ruimte van 20m² gezien hebben. De jongen tikt het meisje aan. “We kunnen de bank hier plaatsen, schat. En dat schilderij dat we van mijn moeder hebben gehad met kerst, hangen we dan daar op, boven de eettafel.” Het meisje zucht. Ik zie haar denken: “Flikker toch op met je afschuwelijke kutschilderij, man.” Maar ze slikt het in. Het fragiele hartje van haar schoonmoeder zou breken als het schilderij geen plekje in hun nieuwe woning krijgt. Misschien op de wc, denkt ze. Zo snel kan het gaan. Een aantal jaar geleden bracht ik de meeste dwaze versie van mezelf naar hospiteeravonden. Als een losgeslagen tiener stond ik daar anekdotes over seks en drank te verkondigen aan een groepje volstrekte onbekenden. Nu probeer ik zo normaal mogelijk te doen. Geïnteresseerd kijk ik de armoedige tuin in. “Hier zouden we een kleine barbecue voor een beperkt aantal vrienden kunnen geven. Zonder geluidsoverlast, natuurlijk.” De huisbaas knikt tevreden. Ik zoek contact met mijn vriendin. “We gaan. Lubach begint over 10 minuten.”

27 oktober 2016


10

I-con

Wazda

Term: Notebooken Vindplaats: Studentenkeuken (Dank, Jan-Willem!) naam Marlou op den Kamp opleiding Bachelor Organisatiewetenschappen leeftijd 19 jaar Wat voor superkracht wil je hebben? “Ik wil graag alle talen spreken, telt dat? Ik heb zelf namelijk niet zo’n talenknobbel. Meer een talendeuk.” Met wie ga je liever op date: Poetin of Trump? “Oh jeeh... Nou, dan maar Poetin. Die kan me tenminste Russisch leren.” Welk liedje zing jij het liefst onder de douche? “Jungle, van Broederliefde.” Wat zou jij bij wet willen verbieden? “Een computer langer dan een half uur locken in de UB. Echt zó irritant.” Als je één dag man zou zijn, wat zou je dan gaan doen? “Naar de sportschool gaan. En dan zonder shirt mezelf optrekken aan zo’n rek.” Als je nog maar één ding kan eten voor de rest van je leven, wat zou je kiezen? “Ananas, zonder twijfel.” Wat doe je als je een horrorclown ziet? “Ohhh verschrikkelijk! Ik zou waarschijnlijk heel hard wegrennen.” Wat is je favoriete college-herinnering? “Vorig jaar met carnaval ben ik aangeschoten in een piratenpak naar een verplicht werkcollege gegaan. Ik heb de tijd van mijn leven gehad!” Wat vind je van mensen die klappen als het vliegtuig landt? “Op zich wel lekker enthousiast, maar het blijft natuurlijk een beetje raar.”

Managementtaal, turbo-Tilburgs of professorengepruttel. In de rubriek Wàzdà? duidt ex-campusdichter Nathan de Groot maandelijks een bijzondere term die gebruikt wordt op de universiteit. a) het updaten van een bepaald soort laptop (HP) b) een notitie maken in een klein schrift c) een noodvakantie naar de zon boeken d) een date waarbij een standaardfilm bekeken wordt Het werkwoord notebooken is net zoals de brainstorm, blackboard en benchmark het Nederlands taalgebied binnengeslopen. Met name op de campus nestelen deze termen stevig. We kijken niet meer op van agile feedback bij een workshop supply chain management. Anyway. Vooral laptops van het merk HP moeten tot frustratie van menig student telkens geüpdate worden. Het zou tot conversaties kunnen leiden die eindigen met: mijn computer is weer aan het notebooken geslagen, dus laten we eerst koffie drinken. Stiekem notebooken kan ook betekenen dat je snel een krabbel maakt in een schriftje. Dat is de analoge knoop in je zakdoek in een digitale wereld. Het schriftje gaat in de binnenzak overal mee naartoe. Een notebooking kan ook een foutieve en onlogische samenstelling zijn van een vakantie die uit pure wanhoop geboekt wordt. Vaak weinig zorgvuldig en met de nodige risico’s. Zul je net zien dat de reis naar de Filistijnen gaat. Nee, dan misschien toch liever echt notebooken. Het goede antwoord is: Netflix en chill. De film The Notebook van Nick Cassavetes komt uit 2004 en is een klassieker voor prille geliefden. Een romantische film bekijken studenten typisch op de derde date. Wil je weten hoe serieus de scharrel van je huisgenoot is? Vraag dan zo achteloos mogelijk of er al genotebookt is en je weet genoeg. Ook een nieuw woord of rare term gespot? Stuur hem naar univers@uvt.nl

27 oktober 2016


11

leestijd

4

minuten

Tekst bart smout fotografie ton toemen

Robots in je bed

De robots komen eraan. Ze pikken je baan in en willen bij je in bed kruipen. Reden genoeg om bang te zijn dus. Of overdrijven we? Volgens hoogleraar kunstmatige intelligentie Eric Postma zijn mensen nog altijd enger dan robots.

R

obots halen steeds vaker de krant. ‘Bijna 300.000 studenten opgeleid voor werk dat verdwijnt,’ waarschuwt het Financieele Dagblad. Waarom dat werk verdwijnt? Robots nemen het over. En dat zal in de toekomst al-

leen maar erger worden. De constante berichtgeving over robots die banen inpikken verleidde minister Asscher van Sociale Zaken tot het luiden van de noodklok. Asscher: “Als robots laaggeschoold en routinematig werk gaan overnemen moeten we onze jeugd opleiden voor het andere werk. Niet trainen op routine,

maar op het onverwachte. Niet op feiten, maar op creatief analyseren en nieuwe wegen zoeken. En uiteraard op een goede omgang met een geautomatiseerde wereld.” Niet alleen op de arbeidsmarkt komt de robot eraan. Nog even en seks met robots is de >>

27 oktober 2016


12

normaalste zaak van de wereld. Als het aan het Amerikaanse bedrijf True Companion ligt, ziet seksrobot Roxxxy over een half jaar het levenslicht. Ze weegt 55 kilo, is 1,70 meter lang en staat overal voor open. Voor 6000 euro kun je haar aanschaffen. Reden voor de University of London om in december een internationaal te congres te organiseren waar wetenschappers zich massaal buigen over de vraag of we dat wel moeten willen, seks met robots. Ook in de zorg moet de robot een helpende hand gaan bieden. Studenten van Tilburg University die meedoen aan de Robot Challenge buigen zich momenteel over robots in de zorgsector. Samen met bedrijven en instellingen proberen ze robothulp in de zorg te versnellen. “Ja, de robot is gearriveerd,” lacht Eric Postma, hoogleraar kunstmatige intelligentie aan Tilburg University. “Je kunt er inderdaad niet meer omheen.” Postma is expert op het gebied van waarneming en cognitie bij computers en robots. Vanuit zijn kantoor in het gebouw van de faculteit Geesteswetenschappen leest hij dagelijks de nieuwsberichten over robots die de wereld overnemen. Toch is er geen spoor van paniek op zijn gezicht te bekennen. Moeten we ons voorbereiden op een stroom aan menselijke robots? “De robot is een hype. Maar zo’n vaart zal het niet lopen. De belangrijkste ontwikkeling vindt nu plaats op het gebied van deep learning en waarneming. Kort gezegd komt dat hierop neer. Als je Google naar paardenplaatjes laat zoeken, vindt de computer die op basis van het trefwoord ‘paard’. Maar nieuwe technologieën stellen computers in staat om een paard ook echt als paard te herkennen. Niet op basis van een trefwoord, maar op basis van uiterlijke ken-

Eric Postma (1961) is hoogleraar kunstmatige intelligentie aan het Tilburg Center for Cognition and Communication (TiCC). In 1994 haalde hij zijn PhD aan de Universiteit van Maastricht. Naast de ontwikkeling van modellen en theoretische kaders, heeft hij zich altijd gericht op toegepast onderzoek. Postma lanceerde bijvoorbeeld een digitale analysemethode waarmee vervalste schilderijen herkend kunnen worden. In 2008 behaalden Postma en zijn onderzoeksteam de tweede plaats in de jaarlijkse “Academische Jaarprijs”. Door de jaren heen is Postma zich in zijn onderzoek vooral blijven richten op de menselijke waarneming, cognitie, en de modellering daarvan met AI-technieken. Postma publiceerde in tal van wetenschappelijke toptijdschriften.

27 oktober 2016

merken en de interpretatie daarvan. Dat is een enorme stap vooruit en zal leiden tot slimmere robots.”

maar nogmaals, dat is een totaal ander soort intuïtie dan de menselijke. Het is en blijft een geprogrammeerde variant.”

Gaan de robots daardoor ook meer op mensen lijken? “Wat betekent dat eigenlijk, robots die op mensen lijken? Computers groeien niet op als mensen. Een mens ontwikkelt zich van baby naar kind naar volwassene en doet onderweg allerlei ervaringen op. Een computer kan dat niet. Dit noemen we ‘embodiment’. Een mens doet veel ervaringen en kennis op via zijn lichaam. Brein en lijf zijn onafscheidelijk. Robots zijn alleen brein. Hoewel een computer als het gaat om logisch denken dus zeker slimmer is dan een mens, is het een fundamenteel ander iets. Een robot die de wereld begrijpt zoals de mens die begrijpt, daar zijn we nog lang niet. En ik betwijfel het of we daar überhaupt ooit komen.”

Gaan we in de nabije toekomst seks met robots hebben? Of is de seksrobot veel te onpersoonlijk voor mensen? “Als jij zin hebt, kun je nu al seks met een robot hebben. Dat is het probleem niet. Naarmate robots qua uiterlijk steeds meer op mensen gaan lijken, zal seks tussen robot en mens vaker voorkomen. Maar echt een relatie onderhouden met een robot? Nee, dat zie ik niet snel gebeuren.”

Voorlopig nemen robots de wereld dus niet over? “We hoeven niet te waken voor robots die de wereld overnemen. Waar we vooral voor moeten waken, is dat we teveel vertrouwen in robots stellen. Computers begrijpen geen context. Daar zijn mensen voor nodig. Dit stelt ons nu al voor ethische problemen. Stel dat je robots nu terroristen laat opsporen, dan eindig je met gevangenissen vol mannen met baarden. Robots kunnen ons assisteren, maar ze kunnen geen belangrijke keuzes voor ons maken. We moeten trouwens niet alleen waken voor teveel vertrouwen in computers, we moeten ook zorgen dat de macht van computers niet teveel gecentraliseerd wordt. Kijk eens naar een bedrijf als Google, dat alles van ons weet, terwijl wij amper iets van hen weten. Dat is niet goed. Technologie moet gedemocratiseerd worden. Het moet controleerbaar zijn. Dit soort problemen zijn veel urgenter dan die apocalyptische verhalen over robots die het systeem omver werpen.” En toch: uw collega Jaap van den Herik heeft voorspeld dat we binnenkort intuïtie kunnen programmeren bij robots. Komen we daarmee niet dichter in de buurt bij computers die menselijke beslissingen kunnen maken? “Het computerprogramma AlphaGo van Google DeepMind heeft al een soort van intuïtie. Deze computer, gemaakt om het bordspel Go te spelen, leert van vorige ervaringen en bouwt zo een soort handelingsgevoel op. Een ervaren menselijke Go-speler maakt soms keuzes op basis van gevoel en de AlphaGo doet soms iets wat daar op lijkt. Je kunt dat intuïtie noemen,

En andersom: gaan mensen meer op robots lijken? “Je bedoelt dat we naar een hybride vorm toegaan, waarbij mens en computer steeds meer samenvallen? Tsja. Op papier is het mogelijk om delen van de menselijke hersens door chips

‘Technologie moet gedemocratiseerd worden, het moet controleerbaar zijn’ te vervangen. Maar of dat in de realiteit ook mogelijk is, blijft de vraag. Een mens denkt nou eenmaal niet in enen en nullen. Ik denk wel dat in de toekomst mensen met bijvoorbeeld een hersenbeschadiging baat kunnen hebben bij geïmplanteerde computers. Maar voorlopig zal de samenwerking tussen mensen en computer vooral buitenlichamelijk plaatsvinden. Denk aan Google Glass. Dat soort technologieën gaan denk ik vaak gebruikt worden.” Voorlopig dus geen Terminators in het echt? “Het is veel te vroeg om te spreken over autonome technologie, of over samensmeltingen van mens en robot. Op dit moment leren we via robots vooral beter begrijpen wat het betekent om mens te zijn. Laten we niet vergeten dat robots vooral heel handig en behulpzaam zijn, zolang wij ze maar goed bedienen. Robots zelf zijn niet gevaarlijk. Het ligt er maar aan wat je ermee doet en waar je ze voor inzet. Mensen zijn nog altijd veel gevaarlijker dan robots.”


13

27 oktober 2016


14

Beeldend

De baas zijn

foto Ton Toemen

Leiders hebben volgers nodig. Van een beetje Argentijnse tango komt weinig terecht als je dat principe niet aanhoudt. Daarom moesten de voetjes van de vloer aan het eind van de ‘Who’s afraid of Art’ studiemiddag. Het thema: ‘Leiderschap in Organisaties’. Na een lezing van dr. Renée de Reuver konden de deelnemers zelf ervaren hoe het voelt om de ander te leiden of te volgen tijdens een Argentijnse tango.

27 oktober 2016


15

27 oktober 2016


16

de vijf VAN EIJFF

Een Europese Alexander Hamilton moet ons redden De beroemde Amerikaanse econoom Joseph Stiglitz (73) kwam onlangs met een geruchtmakende stelling in zijn boek De euro: onze gemeenschappelijke munt kan maar beter worden afgeschaft. Hoe beoordeelt onze tophoogleraar financiële economie Sylvester Eijffinger dit plan? Stiglitz deed veel stof opwaaien. U schuwt ferme uitspraken ook niet. Kunt u hem volgen? “Ik vind hem een heel intelligente man, een onafhankelijk denker, maar hij is soms te tegendraads. Dat was ook zijn probleem als chief economist van de World Bank.”

‘Stiglitz is intelligent, maar soms te tegendraads’

Wat denkt u van zijn recente stelling over de euro? “Daar ben ik het dus niet mee eens. Kijk, wat hij ziet gebeuren in Europa, dat klopt. Er heerst een vertrouwenscrisis. Om de Europese economie weer stabiel te maken, moeten de zuidelijke lidstaten als Frankrijk, Italië, Spanje en Griekenland hervormingen doorvoeren. Tegelijkertijd moeten de rijke landen als Duitsland en Nederland investeren en schulden kwijtschelden. Dat gebeurt niet, iedereen wacht op elkaar. Daardoor blijft het sukkelen. Tot zover ben ik het met

27 oktober 2016

Stiglitz eens. Zijn pessimistische oplossing is echter om terug te gaan naar de situatie voor de euro: iedereen z’n eigen munt en zijn eigen begrotingsbeleid. Daar ben ik op tegen.” Toch wordt dat vaker gezegd: de economie van het noorden is incompatibel met die van het zuiden, opsplitsen is het beste voor iedereen. Waarom bent u daar tegen? “Voordat de euro er was, werd er ook gesproken van een unie met daarin alleen noordelijke landen als Duitsland, Finland en Nederland. Dat kon toen niet, omdat Frankrijk onmogelijk kon worden gepasseerd vanwege z’n historische statuur, al was het misschien geen gek idee. Maar nu, zoveel jaar na de eenwording, zijn de economieën zodanig met elkaar vervlochten, dat het miljarden kost om ze uit elkaar te trekken. Het zou grote gevolgen hebben in de economie en de politiek. En dat is onnodig.”

Wat is dan de oplossing? “Een weeffout bij het optuigen van de Economische en Monetaire Unie is geweest dat het nooit een begrotingsunie is geworden. De enige echte regel is het tekort niet boven de drie procent te laten uitkomen, verder ligt de macht bij de lidstaten. Daardoor is er geen centraal instituut dat coördineert en knopen doorhakt. We hebben eigenlijk een Alexander Hamilton nodig. Deze Amerikaan wist in de achttiende eeuw de federale staten zover te krijgen om de autonomie over de begroting uit handen te geven in ruil voor kwijtschelding van de schulden. De man kreeg terecht een standbeeld voor de US Treasury Department.” En wie zou die persoon kunnen zijn? “Geen persoon, eerder een politieke instelling met de beslissingsbevoegdheid over het Europese begrotingsbeleid, vergelijkbaar met die van de ECB over het monetaire beleid.”


17

Wè nou?

Wat heb je nu geleerd? college Webcare locatie CZ006

tilburgse reacties op Het nieuws

Veel hbo’ers besluiten om een (pre)master te volgen aan Tilburg University. Verstandige keuze? Of vinden we dat een schoenmaker beter bij zijn leest kan blijven? “Ik vind het goed dat hbo’ers aan de universiteit gaan studeren. Op deze manier worden ze breder georiënteerd in hun vakgebied, door een combinatie van praktische en theoretische vaardigheden. Als ze die twee kunnen combineren, heb je denk ik een goede basis voor de arbeidsmarkt.” Sjoerd van der Heijden, 20, econometrie “Ik vind het een goede zaak als hbo’ers een bepaald gemiddelde moeten behalen als voorwaarde om hier te studeren. Anders komt Jan en alleman hierheen, wat me niet de bedoeling lijkt. Dus ik vind het een goede keuze, zolang er maar gefilterd wordt.” Teun Verdijk, 19, Technische bedrijfskunde

“Ik denk dat hbo’ers die aan de universiteit komen studeren erg gedreven zijn. Het is nooit weg om door te studeren, alleen is het jammer dat het nog drukker wordt op de universiteit. Het zal door de toestroom van Hbo’ers niet gemakkelijk worden om een plekje in de UB te bemachtigen, maar ik gedoog ze wel. Meestal.” Max van der Meulen, 18, Organisatiewetenschappen “Ik koester alleen maar positieve gevoelens voor hbo’ers die onze mooie universiteit komen versterken. Hoe meer zielen, hoe meer vreugd! Als de overstap vanuit de universiteit maar goed geregeld is. Dan kan ik het alleen maar toejuichen.” Jacco Tiggelman, 24, Data Science

Docent?

Sarah van der Land

Kon je wakker blijven? Met moeite.

Hoe zaten de studenten erbij?

Met frisse tegenzin. Hoewel een mastervak is, begint het college met het oplezen van een namenlijst. Fysieke aanwezigheid is verplicht, maar mentaal zijn veel studenten ergens anders. Echt ongelijk kan ik ze niet geven. Naast mij hoor ik een student zuchten en klagen over het feit dat alle colleges hetzelfde zijn. De middelbare school-vibe is compleet wanneer het ‘huiswerk’ besproken wordt. Voor elk college moeten er vragen over artikelen beantwoord worden. Het college zelf bestaat uit het bespreken van deze artikelen. Eerst in duo’s, daarna in viertallen. Als klap op de vuurpijl moeten er daarna heuse mindmaps van deze literatuur gemaakt worden. Na tien minuten zucht ik nog harder dan de rest.

Had de docent er zin in?

Soort van. Eigenlijk komt er in dit college weinig doceren aan te pas. Na een korte intro moeten de studenten hun eigen opdrachten bespreken. Daar wordt vrijwel het hele college over klantenservice op het web mee gevuld. De docent loopt wat rond. Van der Land beantwoordt hier en daar een vraag en doet af en toe een aanvulling tijdens het bespreken. Ze doet het met goede bedoelingen en probeert de studenten enthousiast te begeleiden.

Wat heb je nu geleerd?

Dat webcare in de praktijk een stuk spannender kan zijn dan in de collegezaal.

27 oktober 2016


18

leestijd

6

minuten

Tekst tom grosfeld portretfoto Jack Tummers fotografie nasa

Osama Bin Laden leeft nog en prinses Diana is vermoord door MI6

V

De maanlanding is in scène gezet, Osama Bin Laden huppelt nog altijd vrolijk rond en Pim Fortuyn is door de Nederlandse overheid vermoord. Alstublieft: een kleine greep uit een groot aantal complottheorieën. Soms absurd, soms aannemelijk. Wat drijft de complotdenker?

roeger werden complotdenkers weggezet als verwarde individuen. De theorieën kregen nauwelijks aandacht en het was moeilijk om mensen te vinden met hetzelfde gedachtegoed. Langzaam ontstond er meer aandacht voor complotdenkers en door de komst van internet konden zij met elkaar in contact komen. Het gevolg was een grote achterban die ideeën over alternatieve theorieën plaatste op het internet en later op social media. De afgelopen jaren hebben complottheorieën het grote publiek bereikt. BNN maakte een documentaire over het moordcomplot rondom

27 oktober 2016

Pim Fortuyn en het thema komt geregeld terug in populaire films, series en boeken. Denk aan The Matrix, X-files en The Da Vinci Code en de talloze verhalen rondom 9/11, John F. Kennedy en Illuminati. Complottheorieën worden een stuk serieuzer genomen dan voorheen, al heerst er nog steeds minachting. Alternatieve verklaringen voor bepaalde gebeurtenissen worden nog regelmatig afgedaan als ongeloofwaardige, uit de duim gezogen theorieën. Onzekerheid Maar wat is nu eigenlijk de reden dat mensen geloven in complottheorieën? In eerste instantie zorgt het er voor dat mensen het idee hebben heftige gebeurtenissen te kunnen

verklaren. Deze verklarende functie helpt mensen die in onzekerheid leven of weinig controle ervaren in hun dagelijkse leven, zegt Mark Brandt, universitair docent Sociale psychologie aan Tilburg University. “Het geeft ze controle over een situatie en helpt deze te begrijpen.” Ook draagt het bij aan een versimpeling van de werkelijkheid, meent Jan-Willem van Prooijen, universitair hoofddocent Sociale- en organisatiepsychologie, werkzaam aan de Vrije Universiteit Amsterdam. “Het is een methode die er voor zorgt dat mensen een complexe situatie kunnen begrijpen. Mensen hebben de fundamentele neiging om zaken te verklaren en te begrijpen. Met name in bedreigende situaties.”


19

Voorbeelden van zo’n situatie zijn bijvoorbeeld de Amerikaanse presidentsverkiezingen, waar een grote machtspositie op het spel staat, of de aanslagen in Parijs, waar de veiligheid direct in gevaar komt. “Een complottheorie kan antwoord geven op wie het gedaan heeft en wat erachter zit,” zegt Van Prooijen. Weerlegbaarheid Een complottheorie is vaak moeilijk te weerleggen. Dit komt doordat die geboren wordt uit emotie. Neem 9/11 als voorbeeld. Er heerst angst, woede en het wereldbeeld staat op z’n kop. Vervolgens wordt er gerationaliseerd.

‘Met name in bedreigende situaties heeft men de neiging om zaken te verklaren en begrijpen’ Mensen gaan op zoek naar informatie die hun vermoeden moet bevestigen: een complot. Door de selectieve zoektocht naar bewijs kunnen de bewijsstukken erg gedetailleerd zijn. Zo wordt de theorie dichtgetimmerd om angst en woede een plekje te geven. Ze hebben overal een antwoord op, wat voor een aannemelijke theorie zorgt die een expert moeilijk kan weerleggen. Als een expert zich daarover uitlaat, kan de complotdenker weer makkelijk zeggen: ‘die zit ook in het complot, die liegt, die heeft daar belangen bij et cetera’, meent Van Prooijen.

Minderheidsgroepen Zowel mensen met linkse als rechtse opvattingen geloven in complottheorieën. Dit hangt samen met rechts-populisme aan de rechterkant en radicaal-socialisme aan de linkerkant. Ieder individu in de samenleving kan geloven in complottheorieën. Het is niet mogelijk om te zeggen: “Jij hebt deze set karaktereigenschappen, dus jij zal er wel of niet in geloven”, zegt Van Prooijen. “Wel blijkt dat hoe hoger mensen opgeleid zijn, hoe minder waarschijnlijk het is dat ze geloven in complottheorieën. Het leeft vooral onder groepen die in de maatschappij achtergesteld zijn en kampen met serieuze problemen, zoals discriminatie. Die problemen proberen ze toe te schrijven aan een complot. Veel van deze mensen ervaren een diepgeworteld wantrouwen in autoriteiten. Dit hangt nauw samen met machteloosheid. Media en politiek lijken gesloten en oppermachtige bolwerken waar de gewone burger niet langer zeggenschap over heeft. Daarnaast is er weinig transparantie. Een

sterke voedingsbodem voor het wantrouwen en dus voor het geloven in complottheorieën.” Groei Door eerdere complottheorieën, die waar bleken te zijn, is het toch aannemelijk dat dit soort theorieën soms hout snijden. Het Watergateschandaal begon als een complottheorie maar leidde uiteindelijk tot het aftreden van >>

Mark Brandt

27 oktober 2016


20

Trainen voor de Apollo maanmissies

president Nixon. Zo ook met de geruchten rondom de onmenselijke praktijken van de CIA, die uiteindelijk aan het licht zijn gekomen. Jaron Harambam, promovendus Sociologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, stelt op basis van zijn onderzoek dat er vier grote ontwikkelingen zijn die bijdragen aan de groei van het geloof in complottheorieën. “Dat zijn democratisering, globalisering, mediatisering en secularisering. Deze culturele veranderingen hebben allen het idee van de waarheid op losse schroeven gezet, waardoor complottheorieën aannemelijker zijn geworden.” “Door de democratisering van kennis zijn we als maatschappij steeds hoger opgeleid en hebben we geleerd kritisch te kijken naar bepaalde zaken. Niet alles aannemen, maar zelf nadenken. Ook zien mensen meer van de wereld en reizen we naar verschillende landen en culturen. We kijken anders naar de wereld en daarom ontstaat er ruimte voor deze theorieën. Door de mediatisering van onze cultuur zijn feit en fictie steeds moeilijker van elkaar te onderscheiden. De gepresenteerde werkelijkheid kan eenvoudig gemanipuleerd worden, dus je kan bij het zien van een foto of video niet zomaar aannemen dat het echt is. Het kan evengoed nep zijn, je weet het gewoon niet. Als laatste zorgt secularisatie ervoor dat religieuze waarheden ontmanteld worden. Door deze factoren heeft zich een groeiend wantrouwen onder de bevolking genesteld. Dit uit zich richting maatschappelijke instituties, zoals de wetenschap, media en politiek. Complotdenkers beargumenteren dat onze instituties zijn gecorrumpeerd door

27 oktober 2016

bureaucratie, politieke spelletjes en verstrengeling met het bedrijfsleven. Hierdoor vinden zij dat hun waarheden niet te vertrouwen zijn.” Harambam zegt dat deze mensen zichzelf zien als een betrokken groep mensen, die kritisch kijkt. “Ze hebben het beste voor met onze samenleving en willen misstanden aan de kaart brengen. Opa en oma geloofden alles nog, deze generatie niet meer.”

‘Het Watergateschandaal begon ook als complottheorie’ Kritisch denken Het kritisch denken is een gegeven dat steeds terugkomt als het om complottheorieën gaat. Mensen die geloven in complottheorieën zijn niet blij met het label ‘complotdenkers’ of ‘complottheorieën’ en zien zichzelf als mensen die kritisch nadenken over bepaalde gebeurtenissen. Door kritisch te denken en niet alles wat je hoort klakkeloos over te nemen, kunnen complottheorieën ontstaan. Een goede zaak, vindt Van Prooijen. “Maar je moet ook kritisch naar je eigen theorieën kunnen kijken. Veel complotdenkers vinden vooral zichzelf kritische denkers, maar het is vaak heel erg onkritisch. Sommigen omarmen bizarre theorieën. Kritisch denken betekent

niet alles slikken wat autoriteiten zeggen, maar ook kritisch naar je eigen ideeën kijken. Dat gebeurt niet altijd.” Geloof in meerdere theorieën Opvallend is het gegeven dat mensen die één complottheorie geloven, vaak ook meerdere theorieën voor waar aannemen. Het lijkt erop dat je óf nergens in gelooft, óf juist openstaat voor een hele rits aan complottheorieën. Mark Brandt wijdt dit aan het feit dat veel complotdenkers geloven in een kleine groep mensen met enorm veel macht. Deze groep, bekend als bijvoorbeeld de Illuminati, zou de touwtjes strak in handen hebben en bepalen wat er in de wereld gebeurt. “Als je daar eenmaal in gelooft, geloof je eigenlijk ook de meeste andere complottheorieën. Je kunt er namelijk alles mee verklaren. Een theorie maakt een voorspelling, die komt niet uit. De complotdenkers gaan dan uitleggen waarom het niet uitkwam en er komt een nieuwe voorspelling. Gevolgd door een nieuw verhaal, nog meer verklaringen met nieuwe verhalen en nieuwe inzichten. Dan wordt er iets gevonden dat de theorie compleet onderuit haalt. De complotdenkers komen weer met een rationalisatie waardoor alles ineens toch weer klopt en zo gaat het maar door. Er is altijd wel iets te vinden wat de theorie weer aannemelijk maakt, als je gelooft in deze kleine groep mensen die alle macht heeft.” Tegengestelde theorieën Brandt benoemt misschien wel het meest interessante en bijzondere gegeven omtrent mensen die in complottheorieën geloven. “Complotdenkers geloven vaak in meerdere


21

theorieën voor dezelfde gebeurtenis, terwijl die elkaar duidelijk tegenspreken. Ze geloven bijvoorbeeld dat prinses Diana vermoord is door MI6, of door een businesspartner, én dat ze nog leeft. Hetzelfde geldt voor Bin Laden. Amerikanen geloven dat hij nog leeft en dat hij al dood was voordat de Amerikanen er waren. Dat is tricky. Het gaat er om dat wat de autoriteiten beweren, in ieder geval niet waar is.”

‘Complotdenkers geloven vaak in meerdere theorieën’ Complotdenkers zetten zich vooral af tegen de autoriteiten. Het verhaal van de overheid, of de media, moet gecounterd worden. De theorieën hoeven niet per se te kloppen en mogen elkaar zelfs tegenspreken, zolang het ‘mainstream’ verhaal maar weerlegd wordt. Het bizarre is dat, in tegenstelling tot wat Van Prooijen zegt, het volgens Brandt vaak ook om universiteitsstudenten gaat. Het zijn slimme mensen, zegt hij. “Het geloof dat er iets is, dat er iets niet klopt aan het verhaal dat ‘ze’ aan ons vertellen, dat zorgt ervoor dat deze groep zich met elkaar verbonden voelt. Er moet iets anders zijn aan het verhaal, wat dat precies is, maakt niet zoveel uit, zolang het maar duidelijk wordt dat de overheid ons voorliegt,” besluit Brandt.

column Erik-Jan Broers

docent rechtenfaculteit

Vallende bladeren Ik zat laatst met een aantal van mijn eerstejaarsstudenten wat na te praten in ons grand café. Het was een mooie herfstdag en we kregen het over zelfdoding. Dat had niets te maken met het Bindend Studie Advies dat eerstejaars krijgen, en ook niet met het vallen der bladeren, maar met een artikel dat ik juist had geschreven over de diverse manieren waarop in vroeger tijd werd aangekeken tegen het verschijnsel van suïcide. Tsja, je moet ergens over praten. De oude Romeinen, merkte ik op, geloofden dat de ziel van een gestorvene zou reïncarneren in een nieuw lichaam. Maar zij waren van mening dat iemand die zichzelf van het leven had beroofd hiervoor niet in aanmerking kwam. Die moest ten eeuwigen dage blijven ronddolen in de onderwereld. Dit kun je lezen bij de dichter Vergilius, die zijn held Aeneas in het rijk der doden laat afdalen, waar hij gesprekken voert met overledenen die in afwachting zijn om te worden gereïncarneerd. Reïncarnatie is dus niet een oosters concept, wat veel mensen lijken te geloven, maar een concept dat hier in het westen ook bekend was, besloot ik. Het was even stil. Toen zei een meisje dat zij ervan overtuigd was dat zij in een vorig leven een prinses was geweest. Een jongen was dezelfde mening toegedaan. Een andere jongen zou vroeger een kruisvaarder zijn geweest, en weer een andere jongen zou een nijlpaard zijn geweest. Die laatste zal het eerste jaar wel niet halen. Toen keken ze mij aan. En u mijnheer, vroeg het meisje dat vroeger een prinses was geweest, bent u vroeger ook iets geweest? Ja, antwoordde ik, jong en gelukkig. Het zullen toch die vallende bladeren zijn geweest.

27 oktober 2016


22

Over de schutting wat gebeurt er ondertussen op de andere universiteiten?

Masterscriptie

#Vieze scheet blijft De groene koe laat nog even op zich wachten. Het is de Wageningse promovenda Geronda Klop niet gelukt om met additieven in het voer de methaan­productie van koeien te verlagen. Dat meldt het Wageningse universiteitsblad Resource. Het onderzoek van Klop was onderdeel van het onderzoeksprogramma Emissiearm Veevoer. Zij hoopte met toevoegingen aan het voer van nitraat en het omega-3 vetzuur DHA de broeikasgasproductie te verminderen, terwijl de melkproductie gelijk bleef. Helaas. Voorlopig dus geen milieubewuste koeienscheten.

#Niets boven Groningen De beste toiletten van Nederland vind je in Groningen, meldt HanzeMag, het hogeschoolblad van de Hanzehogeschool Groningen. Acht studenten Bedrijfskunde daar hadden het ambitieuze plan om 1600 openbare toiletten in tien studentsteden te beoordelen. Hun top drie is geheel Gronings. De potten zijn daar schoner, de spiegels blinkender en de geur citroentjesfrisser dan waar ook. Het onderzoek heeft een hoog WC-eend-gehalte. Er zit bijvoorbeeld geen enkel Tilburgs höske tussen de ongeveer 100 (waarvan de helft in Groningen) die daadwerkelijk beoordeeld worden.

#Op papier een goed idee Als studente Commerciële economie bij Avans weet jonge onderneemster Susan Bontsema natuurlijk als geen ander waar jongeren vandaag de dag behoefte aan hebben: een papieren schoolagenda! “Door iets op te schrijven haal je onrust uit je hoofd”, vertelt Bontsema hogeschoolblad Punt. En je kunt er veel mee, zegt ze: “Lijstjes bijhouden, reflecteren op hoe je week was en natuurlijk gewoon huiswerk en opschrijven.” Een eerste opdrachtgever heeft ze al, haar eigen opleiding. Ze hoopt het uit te breiden naar andere scholen en verwacht binnen vijf jaar internationaal te gaan.

#Onveilige condooms als hebbeding Ophef in Lancaster, volgens The National Student deelde nachtclub Kasbah daar tijdens de introductieweek onveilige condooms uit. De club zelf ziet geen probleem: “Er staat duidelijk op: Not recommended for use. Studenten kunnen toch lezen?” De woordvoerder van de nachtclub legt later uit dat de rubbertjes best wel veilig zijn. Maar dat staat er niet op, omdat ze niet willen dat die gebruikt worden. “Het is een hebbedingetje dat studenten kunnen bewaren, ter herinnering aan hun studententijd.”

Turen op de telefoon We kunnen geen gesprek meer voeren zonder continu op onze telefoons te kijken. Loes van de Pol (Bedrijfscommunicatie en Digitale Media) onderzocht of dat slecht is voor onze relaties en gesprekken. Telefoongebruik tijdens gesprekken noemen experts phubben, een combinatie van phone en snubbing. Het lijkt slecht te zijn voor gesprekken en de onderliggende relaties. Daarvoor zijn tenminste twee verklaringen. De eerste: we overschrijden verbale en non-verbale interactienormen. We kijken op onze telefoons terwijl de ander dat niet had verwacht. De tweede: phubbing kan voor de gesprekpartner aanvoelen als sociale afwijzing. Plausibele verklaringen, maar niet daadwerkelijk onderzocht. Dat deed Van de Pol wel. Ze vond het belangrijk inzicht te verkrijgen in de mechanismen achter dit fenomeen. Als de onverwachte overtreding van conversatienormen het probleem is, kan dat zich vanzelf oplossen. Normen veranderen immers met de tijd. Maar als het een probleem is omdat het aanvoelt als sociale afwijzing, zal het altijd vervelende gevoelens opwekken. Ook is het interessant te weten of phubbing het meeste pijn doet als beide verklaringen een rol spelen. Dan zou het gevoel van sociale afwijzing minder kunnen worden door bijvoorbeeld aan te kondigen dat je een berichtje verwacht. Tijdens het onderzoek werd een groep deelnemers uitgesproken grof geconfronteerd met phubbing, een andere groep niet. Ook werd onderzocht of er een verschil is tussen het wel of niet aankondigen van telefoongebruik. Wat blijkt? Phubbing wekt meestal géén sociale afwijzing op, maar je wordt wel als minder beleefd beschouwd en het is niet goed voor het gesprek. En leer je iemand net kennen, dan wordt een eventuele relatie met jou direct als minder goed gezien. Aankondigen dat je je telefoon gaat gebruiken lijkt je gedrag niet acceptabeler te maken. Toch is het een goed idee. Als de ander normaal gesproken niet veel op zijn of haar telefoon kijkt, speelt sociale afwijzing wél een rol. Bij onaangekondigd telefoongebruik is de afwijzing dan het grootst. Cijfer 8,5

27 oktober 2016


23

reading time

7

minutes

‘Colombia is more than Narcos’ text Laura van gelder

Praised by critics and binge-watched by millions, Narcos is a hit. The Netflix drama chronicles the life of Colombian drug lord Pablo Escobar, and the era of ‘narcoterrorismo’ he came to personify. But what do Colombians think of the much-loved American retelling of their history?

M

ore than two decades after he was shot dead by police on a Medellín rooftop, Pablo Escobar’s grave is still visited by dozens of people every day. Most of the visitors are tourists who want to get a glimpse of the notorious drug lord’s final resting place. For those interested, it is also possible to make a stop at the Monaco building, where Escobar lived with his family, his self-designed prison, the house where he spent

his last days, and the site where he was killed. Some ‘Pablo tours’ even include a meeting with his brother and former chief accountant, Robert Escobar. On the streets of Medellín, home to Escobar and his cartel, drug dealers cleverly market their product as ‘coca de Pablo’. Other entrepreneurs exploit make-your-own-cocaine-farms, where tourists can take a cocaine cooking class. It seems that Colombia has witnessed a shift from ‘narcoterrorismo’ to ‘narcoturismo’. And, once

again, it all revolves around one man: Pablo Escobar. FASCINATION WITH VIOLENCE Professor of legal philosophy Hans Lindahl was born and raised in Cali. He moved to Bogotá to study law, where he subsequently worked as a lawyer for six years. “In my time, Escobar was already running his cocaine business”, he recalls. “But the drug war really erupted after 1985, when I left Colombia to do a PhD in philosophy at Leuven University.” >>

27 oktober 2016


24

From a sociological perspective, professor Lindahl thinks the world’s fascination with Pablo Escobar is an interesting phenomenon. “Apparently, people have a great fascination for the drug-related violence of the ‘80s and ‘90s. Why is the Western world so intrigued by this part of Colombia’s history? And what does this say about Western culture itself? These are interesting questions”, he says. “A television show like Narcos offers the possibility to experience some of that violence from a sheltered environment. But I can assure you that for the people who were living in Colombia during that period, the drug war wasn’t enjoyable at all. So we absolutely shouldn’t romanticize it.” ‘CONSUMING’ COUNTRIES “For people in the Netherlands, it’s not as visible how disrupting the drug war has been for Colombia”, professor Lindahl explains. “People are unaware of how extensive the street violence was, and how the drug war paralyzed the judicial system. With drug lords threatening to kill judges and their entire families, it’s difficult to proceed with legal action.” At the height of his power, Escobar’s cartel controlled 80% of the global cocaine trade. “But it’s a misperception that Colombia grew rich from drug profits”, professor Lindahl says. While Colombian society suffered tremendously from the cocaine trade, developed economies like the

‘Why is the Western world so intrigued by the drugrelated violence in Colombia?’

United States profited: “In Colombia, only few people profited from the drug trade. In drug trafficking, the big money is made in consuming countries, not in producing countries. While only a fragment of the drugs’ street value remained in Colombia, the drug trade had a tremendously disrupting impact on

27 oktober 2016

Hans Lindahl Foto Dolph Cantrijn

Colombian society.” ONE SIDE OF THE STORY Professor Lindahl hasn’t seen Narcos, since he doesn’t watch any television - or even own one. Ivan Mahecha (38), a PhD student in professor Lindahl’s department, did give Narcos a chance. But he stopped watching after only a


25

few episodes: “It was hard for me to watch. Not because of the content of the series, but because of its aesthetic aspects. Most of the main actors aren’t Colombians. Pablo Escobar is portrayed by a Brazilian actor, whose accent sounded completely fake to me”, Ivan explains. “I didn’t feel connected to the characters, to the story, to any of it.” “As a Colombian, it’s strange to see your history told by Americans”, Ivan says. “I think Narcos distorts historical events, and it also tells a very one-sided story. It tells the ‘success story’ of a man who built a billion dollar cocaine business. It doesn’t show the suffering of the people he victimized along the way. That’s what bothers me most about Narcos.”

but a lot of people were afraid things would only get worse.” Most Narcos fans fail to apprehend the profound violence Ivan was exposed to as a child. “When I tell people I’m from Colombia, they often say ‘Ah, Escobar!’, or

they’ll joke about cocaine. Of course that’s annoying”, he says. “I think it hurts Colombia to be known as a drug nation. Colombia is more than Pablo Escobar. But on the other hand, it is part of our history, so we have to make peace with these kinds >>

‘Back then, there were mixed feelings about Escobars death’

If you want to watch an Escobar-themed series, Ivan recommends the Colombian series El patrón del mal. “It’s more accurate, and the story doesn’t just revolve around Escobar and his cartel”, he explains. “It also focuses on the lives of his victims, which I think is missing in Narcos. The politicians, journalists and judges who stood up to Escobar and paid for it with their lives, they are the real heroes. Their stories should also be told.” WAR MEMORIES Born in 1978, Ivan grew up in the era of ‘narcoterrorismo’. “My childhood memories are war memories”, he says. “When I visited my grandmother in my home town Pacho, she would tell me how many people were killed that week. I remember the attack on the Palace of Justice, politicians and journalists being murdered, the bombing of the DAS building only a few kilometers from where I lived. Growing up in an environment like that, you live in a constant state of terror.” Ivan also remembers Pablo Escobar being killed by Colombian police forces. “That was huge news in Colombia. They were showing pictures of him, dead, on the television” he recalls. “Back then, there were mixed feelings about his death. Some people were really happy, because they believed his death meant the end of the drug war. Others were sad, because they viewed Escobar as a kind of Robin Hood. But in my experience, most people were worried. We all knew everything would change now that Escobar was gone,

Ivan Mahecha

27 oktober 2016


26

of representations. We can’t control the way our history is interpreted by others. But we can try to change the stereotype.” ‘COCA DE PABLO’ Ivan thinks people who visit Colombia to try some ‘coca de Pablo’ or go on tours in dangerous neighbourhoods are being dangerously naïve. “They don’t think about the consequences”, he says. “In the historical centre of Bogotá, a guide can take you to the most dangerous places of the

city. You drive through a gang-controlled neighbourhood with a protection group, and you get to see all sorts of tragedies: forced prostitution, dead people lying on the streets, kidnapped people.” Apparently, taking risks and visiting dangerous places is a motivation for some thrill-seekers to visit Colombia. “I think it’s a really bad thing that people take pleasure in visiting neighbourhoods where a lot of people are suffering. And

I also think it’s very naïve”, Ivan says. “A few months ago, a Dutch guy who went on such a tour actually got kidnapped after he had an argument about money with the guys who control the neighbourhood. He eventually escaped, jumping from roof to roof while being chased by the guys who kidnapped him, until he could reach police outside of the gang’s territory. There’s a video of his escape on YouTube.” ‘THEY’RE GLORIFYING A KILLER’ Laura Quinones (20), who studies Eco­no­ mics at Tilburg University, has only seen some fragments of Narcos. To say she doesn’t like the show, would be putting it mildly. “In Tilburg, literally everybody watches it. Both Dutch students and internationals. Personally, I think Narcos sucks. It’s well-produced, but it hurts Colombia’s image. And I can’t stand the fake Colombian accents. To me, that makes the show seem really unrealistic”, she says. She doesn’t understand pop culture’s obsession with Pablo Escobar. “There are so many movies, series and books about his life. Not just in Europe and the United States, but in Colombia as well. I don’t see the point.”

‘I think Narcos sucks. To me the show is totally unrealistic’ Laura Quinones

27 oktober 2016

“I always get so mad when people are watching Narcos. I tell people to stop watching it all the time”, Laura says.


27

column Leanne Soff

liberal arts student

Public Toilets She is bothered by the fact that Pablo Escobar is being turned into a cult hero. “It’s ignorant that people visit his grave and worship him like he’s some kind of God. This isn’t just some cool movie. It actually happened. This man killed thousands of people. I think foreigners can’t even imagine how bad it was.” MORE THAN COKE AND VIOLENCE Like Ivan, Laura often gets the same unpleasant response when she tells people she’s from Colombia. “People immediately start talking about cocaine”, she says. Professor Lindahl thinks it’s unfortunate that in the perception of many people, that’s Colombia – and that’s all it is. “But Colombia is so much more”, professor Lindahl says. “Colombia has beaches on both oceans, it has jungles, valleys, the Andes mountains, Caribbean islands, and more than two thousand bird species. Colombia also has a tremendously rich cultural and artistic heritage, with a vast body of literature and music. If people are drawn to Colombia because of its drugs-and-violence image, I think that’s terrible. But it’s also an incredibly beautiful country with a very rich and diverse culture, so, yes, I can understand completely why people would travel to Colombia.” “And if you do, I hope you make the effort to meet Colombians”, professor Lindahl adds. “It’s true that there is a lot of poverty and there is a realistic chance of getting mugged, but at the same time, Colombian people are incredibly generous.”

As the days are becoming darker and colder, I start thinking back to the days when in winters my parents, my two older brothers and I would squish ourselves into a car to drive to snowy wonderlands. There was something relaxing about the gentle swaying of the car and the light snoring of one brother on each side. But then slowly this feeling would creep upon me. I’d try to ignore it for a while, but it would keep making its way back, growing stronger every time, until suddenly I’d burst out: “Mum! I have to pee!” My mother would reply with a deep sigh and a flicker of regret of ever having children in her eyes. After finding our way to the nearest rest stop and pushing one of my brothers out of the car, my mum would take me by the hand to expose ourselves to the biggest horror in human existence: public restrooms. The smell of old urine and feces, the toilet paper scattered all over the floor, unidentified liquids everywhere and that terribly cold, metal bowl that you had to squat over (because god forbid you touch the bowl. Never touch the bowl). With modern day technology, why do such horrors even exist still? Fear not: as always, Japan has the answer. While the rest of the world is keeping busy with silly things like refugees and wars, Japan is focusing on the really important problems. The Japanese are introducing the crème de la crème of the public toilets: sensors to see which stalls are free, monitors to check which toilet allows for changing babies and twice as many toilets for women as for men (Finally! Justice!). Why all this, you ask? To win the Japan Toilet Award. That’s right, Japan has an award for the best toilet. Who cares about the Nobel Prize when you can win the Toilet Award!? If only every country could be as great as Japan.

27 oktober 2016


28

Waar is Univers?

door Yannick Maas fotografie Ton Toemen

dagboek van een eerstejaars

M

ijn leven flitst aan me voorbij, in willekeurige volgorde, sommige fragmenten zijn echt gebeurd, andere zie ik voor het eerst. Ik lig in bed met mijn vriend, hij ligt naast me met zijn rug naar me toe, hij is op bezoek. Twee uur geleden wreef ik met mijn hand over zijn onderbroek. Hij pakte mijn hand, legde hem op zijn buik en zei: ‘Ik wil slapen.’ Twee uur later zie ik nog steeds fragmenten, de meeste zijn nu nieuw, ik heb nog niet veel meegemaakt. Af en toe snurkt mijn vriend, daar schrikt hij dan wakker van en vraagt me steeds: ‘Slaap je al?’ Ik antwoord dan steeds naar waarheid: ‘Nee.’ Ik sta op uit bed en kleed me aan. Hij vraagt of ik weg ga. ‘Ja,’ zeg ik, ‘even wandelen.’ Hij vraagt of hij een lichtje moet aandoen. Ik zeg dat dat niet hoeft. Ik voel dat ik mijn trui en mijn onderbroek achterstevoren heb aangetrokken, maar wat maakt het uit. Het is donker, niemand ziet me. Ik zoen hem op zijn mond, loop de slaapkamer uit, de gang door, open de voordeur, sta op de stoep en trek de voordeur zo zacht mogelijk dicht. Er is niemand op straat. Ik loop over de weg waar normaal auto’s rijden naar het Wilhelminapark en ga tegen een boom zitten. Ondertussen flitsen de fragmenten door. Ze volgen elkaar nu zo snel op dat ik niet de tijd krijg ze goed te bekijken. Na drie uur zijn de fragmenten op en val ik tegen de boom aan in slaap.

27 oktober 2016

In de bibliotheek, kamer L121 Niets is erger dan verhuizen, zeker als je het eigenlijk niet wil. En mensen die verhuizen, veranderen tijdelijk in mensen van het ergste soort. In plaats van concreet te vragen om hulp weten ze je altijd op slinkse wijze in de val te lokken, waardoor je er eigenlijk niet meer onderuit kunt. Al deze nare toestanden zijn ons bespaard gebleven dankzij de uitstekende verhuisdienst van de universiteit. Feit blijft wel dat Univers voortaan op een andere locatie te vinden is. Waar wij eerst in alle rust aan de rand van de campus onze stukjes typten, doen wij dat voortaan in het bibliotheekgebouw. Ons panorama-

zicht op het grasveld hebben wij ingeruild voor een uitzicht op flyerende studenten en roestige fietsen. De kwaliteitskoffie van Remco in het Cobbenhagengebouw heeft plaatsgemaakt voor pleur uit een automaat. Hoewel we het uitzicht op struikelende Pokémonjagers zullen missen, is het niet alleen maar kommer en kwel. We hebben tegenwoordig een printer op loopafstand en het James-Bond gevoel wanneer je een pasje gebruikt om de deur te openen is ook wat waard. Zwaai voor de zekerheid voortaan als je langsloopt, dan voelen we ons snel thuis.

Siena here we come! Het I*ESN bestuur vertrekt naar Italië, voor een bezoek aan hun ‘buddy section’ ESN Siena.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook